VOC English

Dutch East India Company records, translated and anchored to the scan.

Inventory 3784

Coromandel · 1,354 pages · 191 segments · open at the Nationaal Archief ↗

NL-HaNA_1.04.02_3784_0871 view scan ↗

English

621. The 19th of June 1787. Referral by the Governor of the claim of Salder to the Council of Justice. with the improvement of times and increase of men, they will attempt to work in with redoubled zeal. Whereas the Governor has already notified the Bookkeeper Salder by a letter of the 16th of May 1786, when he bothered His Honour in private with his claims against the deceased Chief Administrator Mossel, that he knew no other way to direct him than to address himself to the Council of Justice, in case he believed that this claim was lawful: thus it has been agreed, also to mention in the reply that it was not expected that he would have addressed himself to this Council through the channel of a Company letter with that same demand; which he indeed calls just, but regarding which it is not deemed necessary to give an explanation, because it has been approved to refer him, with this matter which is completely outside the concern of the Political Council, and with the return of all his papers, to the ordinary Judge as competent to judge thereon, further instructing the Chief to refrain in the future from accepting papers of that nature in order to send them to this Council for decision, as one does not intend to meddle therewith, since they belong to the department of Justice. Regarding the 11½ lb of sealing wax sent along with the Chief's letter of the 7th of December, it is agreed to note in the outgoing letter that they have indeed been received here, but not the ½ lb mentioned therewith, unless he meant thereby the half pound that the Governor requested and received for his private use, further instructing that this has been mixed with that of the Company; and must thus be paid privately. 623. The 19th of June 1787. And in the meantime, it has also been agreed to order the Chief to state upon which requisition or instruction from here those 12 lb were supplied, since one can only find a requisition here for 10 lb of sealing wax requested for the service of the secretariat, dated ult. March 1786, which were sent along with the Chief's letter of the 5th of April following; considering one cannot assume that the last 12 lb would have to serve in reduction of the requisition for Ceylon of 100 lb, because he, the Chief, immediately after the presentation of the aforementioned 11½ lb, communicates that 625. The 19th of June 1787. that the 100 lb for Ceylon were being prepared. And it has further been agreed to instruct him to send the aforementioned sealing wax hither as soon as it will be ready; expressing the hope that it will be of better quality than the aforementioned 11½ lb were, for those were only kept because one was in want of sealing wax; as it did not at all resemble the sealing wax that one was accustomed to obtain from Sadras before the war, since it produced a brown instead of a bright red impression. The requested invoice of pan. 1500, and the two memoranda concerning the vermilion sent thither, having already been sent from here to Sadras, it has been agreed to note in reply to the Chief's letter of the 20th of January that it is stated far too laconically that one has the honour to present these accompanying three memoranda; without at the same time distinctly indicating how much each amounts to, whether they are papers of debit or credit, or what matter they treat of. And as this same laconism also occurs in his letter of the 13th of February (for therewith expense and leakage accounts are sent 627. The 19th of June 1787. without mentioning what they amount to, as ought to have been done, and has always been customary here) it has likewise been approved to recommend to him to prevent these errors in the future by making a distinct mention in his letters of the papers that are sent: namely, what papers they actually are, and how much they amount to. The presented request of the Bookkeeper Salder to be allowed to make a short excursion hither has been agreed to be rejected, because he cannot be spared at Sadras, and moreover can appoint proxies

Dutch transcription

621. Den 19. Junij 1787. overwijzing door de Heer Gesagh van de pretentie van salder sel aan den Raad van Justitie dat hij dierwegens Corp: wegen aan dezen Raade zouder vervoegd hebben; bij verbetering van tijden en vermeerdering van menschen, met verdubbelden ijver zullen tragten in te werken. Daar den Heer Gezaghebber den Boekhouder Salder, reeds bij een brief op de beedel van dE Mol„ van den 16. Mai 1786, wanneer hij zijn Agtbaare met zijne pretensien op den overleedenen Hoofd administrateur Mos„ sel, in het particulier lastig viel, heeft aangeschreeven, dat hij hem geen anderen weg wist aan te wijzen, dan zig te addresseeren aan den Raad Justitie, bij aldien hij vermeende, dat die pretentie wettig was: zoo dus heeft men niet vewagt is verstaan, bij de rescriptie almeede aan te haalen, dat men dus niet ver„ van wagt fo 2 agt Den 19 Juni 17377. te rug te zenden en hon aan den gewooner geg ter over te wijzen last aan het opperhoufd om voor oner ten desonse an te zinden „wagt had, dat hij zig door het Canaal van een Comp: brief aan deezen Raade zoude vervoegd hebben, met die eige vordering; die hij wel Jucst noemd, dog waar over men niet nodig oordeelt besluit en alle zijn papirete expliceeren, uit hoofde men goedge„ vonden heeft, hem almeede met deezze zaak, die glad buiten de be„ moeijens van het Politicque is, mit te rug zending van alle zijne papieren, over te wijzen aan den ge„ woonen Regter, als bevoegd om daar over te oordeelen, onder aanschrijving toenr diergelijke papiragant wijders aan het opperhoofd, om in den aanstaande na te laaten, papieren van dien aart te accepteeren, om ze den zen 40 Justitie behooren, van 11. ½. lb lak van den Heer Gezaghebber gewaagd is, deezen Raade ter dicisie toe te zenden, avant men niet van meening is, om zig wijl 2. tot het depaterat den 29 daarmeede te bemoeijen, wijl ze tot het departement der Iustitie behooren. Met relatie tot de 11. ½: notitie van den ontfangst eb lack nevens des opperhoofels brief van den 7. December overgezonden, is verstaan overge bij den afgaande brief te noteeren, dat die alhier wel ontfangen zijn, maar niet nar mut het daer bij romste het daar bij vermelde ½ lb , ten waare hij, daarmede verstont, het half. pond„ dat den Heer Gezaghebber, voor zijn dat partiuken te dinstie bij zonder gebruijk gevraagd en ontfangen heeft, met aanschrijving wijders, dat dit met dat van de Compagnie mits ½ lb, gemeent heeft; en dus particulier moet betaald Den 19. Juni 17137. 623. Jan den 19: Juni 177. op welker eijsch die 12 lb gezonden zijn, bereeds overgezonden zijn, ten waare dezelve dienen moeste in mindering van de betaald worden. bestlut het gen upste mag En is ondertusschen, almeeds verstaan het opperhoofd te gelasten op te geeven, op welken eisch of aanschrijving van hier, die 12 lb zijn voldaan, nadien alzoo di g'eijschte to de, men hier maar een Eisje vinden kan van 10. lb lak ten dienste der secretarij ge„ vraagd, gedateerd uld:o Maart 1786, die nevens 'T opperhoofds brief van den 5. April daar aan zijn overgezonden; ge„ merkt men niet veronderstellen kan, dat de laaste 12: lb; zouden moeten vereyschte voo der percuiloo, dienen in mindering van den Eisch voor Ceilon van 100 lb, uit hoofde hij opper„ hoofd, na de aanbieding der voorsz: 11. 7½ lb, immediaat Communiceerd, dat 625. den 19. Juni 1787 100 lb voor Ceilen herwaards dog dat men koot dat de„ zelve beter zoude zijn als de gezondene 41½ lb van de gevraagde factuur en twee memorien, dat de 100 lb voor Ceilon wierden aan„ gemaakt. „voorts En 'is „ verstaan hem aan te schrijven, om het last aan denzelven om de voorschreeve lak, herwaarts te zenden, zoo dra het zal klaar zijn; onder betuiging, dat men hoopt, dat het van beter deugd zal zijn, dan de voorsz: 11½ lb ge„ weest zijn, want die alleen maar zijn aangehouden, om dat men om lak ver„ legen was; want het geheel niet geleek, na het lak, dat men voor den oorlog gewoon was van Sadras te krijgen, dewijl het een bruin, in steede van een helder rood afdrukzel uit leverde. De verzogte factuur van pan: 1500, gedaan zen drij van deens„ den 19. Junij 17877 renangue popent de aanbeding van drie menorien zonder te geeeten over wat zaaken de zelve kandelen tet gen er plaats haden bij en enkost - an scharkagie oesk: en de twee Memorien, wegens de derwaarts gezonde vermiljoen, rieds van hier na sadras gezonden wesende, is verstaan in antwoord op 't opperhoofds brief van den 20„ Ianuarij te noteeren, dat het al te laconicq gezegd is, dat men de eere heeft deeze nevensgaande drie memorien aan te bieden; zonder teffens distincte„ lijk aan te wijzen, hoe veel ieders bedraagen is, of het papieren van aan„ reekening dan wel te goede brenging zijn, of, over welke zaak die hande„ len. En dewijl dit eige laconismus ook plaats vind, bij zijne brief van den 13. februarij (:want daar bij; onkost- en schenkasie reekeningen overgezonden worden 627. den 19. Juni 1787. papieren beter bij de brieven te erkiongen salder om een springtogtje worden, zooder dat vaar wane dies bedraagen gesproken word, zoo als had behooren te geschieden, en hier altoos gebruijkelijk ge„ werst is:/ is almaede goedgevonden hem te ouemandatien en dirgelijke recommandeeren, om deeze abuisen in het vervolg voor te komen, door een distincte aanhaling te doen bij zijne brieven, van de papieren die overgezonden worden: namentlijk, wat papieren het eigentlijk zijn, en hoe veel ze bedraagen Het voorgedraagen verzoek van den het mnzunt ven de bukh Boekhouder Salder om een springtogtje trumsk, te doen, van de haan getuenken na herwaarts te moogen doen, is ver„ staan van de hand te weijzen, uit hoofden hij op sadras niet kan worden gemist, en daar en boven gemagtigden benoemen

NL-HaNA_1.04.02_3784_0878 view scan ↗

English

the 19th of June 1787. can appoint a representative and give the title of Gentlemen to the bookkeeper, in order to pursue his case against the late Chief Administrator Mossel before the Council of Justice here. Lastly, it is resolved, for guidance and with reference to assistants, to note that it is something unusual to see scribes or clerks (:which in the service are words of the same meaning, for bookkeepers or assistants who perform writing duties:/ indeed even servants of much higher rank, qualified as Gentlemen in Company papers, with a recommendation to moderate this henceforth. Continuation of 629. the 19th of June 1787 letters and trade papers from February 1786 to January 1787. to the bookkeeper Schliephaken, Then, reading having been taken of the letters from Palicol, from the month of August 1786 to the 12th of February of this year, and their enclosures: it was, after examination of all the transmitted expense accounts from the month of February 1786 inclusive to January 1787 inclusive, approved and resolved to pass all of the same for write-off, having been found to be well prepared, except for two items, concerning which it was approved to write the following to the employees: That in the expense account of the month of February, the Bookkeeper Schliephaken is entered for 5 months of house rent at 3 pagodas per month, or for the months except for 2 items; to wit. September 8 here for the said January drew 4 pagodas house rent, to cause to be paid back into the treasury in the specifications from March to August are set down September 1785 to January 1786 inclusive. That the said Schliephaken here, as appears by issued warrant on the petty cash, drew 4 pagodas for house rent for the said month of January, and order that the entered 3 pagodas thus overcharged at Palicol must be reimbursed by him into the treasury. That it was likewise discovered in the specifications from March to August that there was calculated, on account of agio, 8 per cent on an issue of 16 pagodas: pagodas: —. 19. per month guilders 1. 6. — which, correctly calculated, thus per month too little entered: pagodas —. 11. 57. the 19th of June 1787. where 631 the 19th of June 1787 over-issue of cloves whereby the treasury has benefited in six months with pagodas 2. 2. 2, with orders to the chiefs to redress those errors in the aforesaid expense accounts, as shall also be done here; The gift account of the financial year 1785/6 having also been found well prepared after examination, although the purchase amount thereof is 28 guilders or 26:8:8 guilders more than that of the year 1785: it was approved and resolved to pass the same likewise for write-off, since this excess was caused by a lack of nutmegs, under instruction however to the chiefs that, should this shortage again be the cause forcing them again to issue cloves alone, the year 1786 the 19th of June 1787: was found well satisfaction over the greater disbursements made but with which recommendation, to manage it in such a manner that the excess no longer occurs; while in the meantime it is resolved to note for their information that all the transmitted status accounts of the aforesaid financial year 1785/6 were found to be well prepared; Furthermore, it is resolved to express the special satisfaction of the Government for the latest farming out of the Company's domains there for the financial year 1786/7, as these yielded 4410 guilders or 607:10 guilders more than the previous year, with a recommendation to the chiefs to always be attentive to this increase, and to the reduction of all expenses that are not necessary. Furthermore, 633. the 19th of June 1787. to make to the diaconate Furthermore, it is resolved not only to fully approve the requisitions made by them of dubs in February and August 1786 from Paggernaikpoeram, each time up to 45000 pieces, since this was done due to a lack of money, but also to authorize the employees, if necessary, to make use thereof again, provided they limit their requisitions to such sums as shall be necessary for the household. Furthermore, it is resolved to note for the information of the chiefs that the small bill of exchange transmitted in favor of the Diaconate poor, amounting to 10 Pagodas, has been paid to the church council here from the Company's 277 cash returned seal and dastak chop, in the books satisfactory answer of the chiefs regarding the merchants of Palicol the Cash Treasury. While to the employee's question, regarding the silver letter seal and dastak chop which were returned to them by the English Resident at Madepalum, it is resolved to answer that both of those seals must be entered into the books as cash, in order to remain so accounted for henceforth. However much the chiefs, in their letter of the 12th of January, satisfy the requisition of this Government by missive of the 30th of April 1786, namely: to report to Her at the earliest whether the settlements of the preceding the 19th of June 1787. merchants

Dutch transcription

den 19. Juni 1787. ooramdandate en gentren den be„ naaming van Heeren aan boekh: benoemen kan, om zijn zaak Contra den overleedenen Hoofd administrateur Mos„ „sel, voor den Raad van Iustitie alhier voort te zetten. Laastelijk is verstaan ter onderigting en Assistente te gewages, aan te merken, dat het iets ongewoon is, om scribenten of Pennisten (:dat in den dienst woorden van eenerlij betekenis zijn, voor Boekhouders of Assistenten die schrijfdiensten doen:/ Ja Zeelfs Dienaaren van veel hoogervang, bij Compagnies papieren als Heeren te zien qualificeeren, met recommandatie om dit voortaan te menageeren. Vervolgen van 629. den 19 Abir 717 brieven en negotie papieren van febr: 1786. tot Jan: 1787. aan de boekhouder schliep„ Vervolgens bectuura genomen zijnde van de genomene locturs van diense Palicolsche brieven van de van Palicol, maand Augustus 1786. tot den 12 februari deezes Jaars, en der zelver bijlaagen: zoo is na examinatie van alle de overgezonde onkostreekeningen van de maand februarij 1786: af, tot Ianuarij 1707: inclusive, goed gevonden passering den akastesk: en verstaan, alle dezelve, als wel ingerigt bevonden zijnde; ter afschijving te passee„ ven, behalven twee posten, waar omtrent goed gevonden is de Bedienden het vol„ gende aan te schrijven;: Dat bij de onkostreekening van de maand de gjsbogt 5 e hijtse februarij den Boekhouder Schliephaken opgebragt is voor 5 maanden huijs huur â 3. pagorden ter maand, of voor de maanden haken, d„ behalven 2. posten; te weeten. Sepotenter 8 wren alhier oor de gedond Jan„ 4: pos. huijshuur getrokken heeft, weder in Cassa te doen tel„ antslickte orener bij de speci„ ficatien van Maart tot aus„ de berakendegeren e e pede steld zijn September 1785 tot Ianuarij 1786. in clusive. Dat gemelde schliephaken hier blijkens verstrek ordonnantie op de klijne Cas 4. - pagooden aan, huijshuwr getrokken heeft, voor de gemelde maand Ianuarij, en last de oppebrgte 3 p:Cs dat dius „ te veel op Palicol opge„ bragte 3. pagoden weder door hem in Cassa moeten werden gerembourseerd, Dat men desgelijks bij de specifica„ tien van Maart tot Augustus heeft ontdekt, dat daar bij op reekening van opgeld, berekend was voor 8 p„r C=to op eene verstrekking van 16 pagslisheuw pag: —. 19. smaands ƒ 1. 6. — dat wel bereekend. dus er 'smaandelijks te min ge„ - - - - - Pas — 11. 57. den 19. Juni 1737. waar la - 631 Den 19 Junij 1737 overtrekkin van Nageulen„ waar door de kas in ses maanden bevoordeeld is met p:a/o 2. 2:. 2, mt last aan de opper, tot met meken hoofden om die abuisen bij de voorschreeve onkostreekeningen te redresseeren, gelijk ook hier geschieden zal; De schenkasie rekening van het Boekjaar peslaening en sedertige nekt 178 7/6. na examinatie meede wel ingerigt be„ vonden zijnde, schoon dier ƒ 28 —: in 0f ƒ 26:8:8: uitkoops meerder bedraagd als die van a:o 1780: zoo is goed gevonden en verstaan dezelve almeede ter afschijving te passeeren, uit hoofde deeze meerderheid door gebrek aan Nooten veroorzaakt is, onder aanschrijving egter sn mnt ant neemmenante bijde aan de opperhoofden om zoo dit gebrok we„ der de oorzaak weezen mogt, die hem noodzaakte om weder alleen Nagulen te verstrek„ ken o 1706 den 19. Jani 1787: te wal bevonden lijk oemnoegen over de meerdere gedaane versag„ ngen nts dondeen dat e dog met welk recommandatie, ken, het zodanig te dirigeerin„ dat de meer„ derheid niet meer voorkomt; onstihenet en setentiense a e erijl intusschen verstaan is tot hun ma„ rigt te noteeren, dat alle de overgezonde staat rekeningen van het voorschreeve Boek Jaar 178 5/6. wel ingerigt bevonden zijn; Vervolgens is verstaan het bijzonder genoe„ gen der Regeering te betuigen voor de Iongste verpagting van 's Comp:s Domaijnen aldaar voor het Boek Jaar 1786/7 wijl die ƒ 4410: dan avel ƒ 607: 10. meerder geven„ deerd hebben, als het voorige Jaar, met recommandatie aan de opperhoofden, om op dias vermeerdering, en het verminderen van alle ongelden welke niet noodig zijn, altoos attent te weezen. Voorts 633, Junij 1787. den 19. maaken aan de diacaij Voorts is niet alleen verstaan volkomen te approbeeren, de door hun gedaane eis„ scher van dabboesen in februarij en Augus„ tus 1786. van Paggernaikpoeram, tel„ ken rijs tot 45000. –. stuks, wijl het uit gebrek aan geld geschied is, maar de eustete on den van geluijk te Bedienden ook te qualificeeren om des noods daar van weder gebruijk te maa„ ken, mits Hunne eisschen bepaalende doij mit wat mits„ op zoodanige somma als voor de huijs„ houding zullen noodig zijn Vervolgens is verstaan tot narigt der notite van de notaande missel opperhoofden te noteeren, dat het over„ gezonde wisseltje ten faveure van de Diaconij armen, groot Pag: 10-, aan den kerkerraad alhier voldaan is uit Comps 277 Geld „ rug ontfangene Zegel en pastek sjap, bij de boeken voldoen de antwoord der opperhe nogens de porstestign ven Pa„ de Cap Geld Cassa tast en het van de Ruigste Terwijl op der bediende vraag, opzigtelijk e tepemen, zan ged„„n tot het zilver brieve zegel, en das tok sjap„ die weder aan hun te rug gegeeven zijn, door den Engelschen Resident te Ma„ depalum, verstaan is te antwoorden dat beide die Zegels bij de boeken moeten ingenomen worden zoud geld, om daar bij zoodanig te blijven voor't loopen. Hoe zeer ook door de opperhoofden licolse Marchiandaut op bij hunnen brief van den 12. Ianuarij voldaan word aan het requisit dee„ zer Regeering bij missive van den 30:e April 1786, om naamentlijk: aan Haar ten eersten op te geeven, of de afrekeningen van de te voorenstaande den 19. Juni 1787. koox

NL-HaNA_1.04.02_3784_0885 view scan ↗

English

the 19th of June 1787. the linens delivered during the war, to have satisfied on [illegible], merchants were actually drawn up and closed before the surrender of Palicol, and whether those merchants then truly had to claim from the Company the sum of M: D: Pagodas 3926: 15. 1/2 stated by them in a note on account of more delivered and accepted linens than received cash; it is nevertheless understood to testify the particular displeasure of the Government over their precipitate conduct in this matter, with the further remark that it by no means befitted them, without awaiting further orders from here, to have the Company's debit to four of the mentioned merchants at Jaggernaickpoeram satisfied with merchandise, and further restating that this rashness is all the more conspicuous because the chiefs, by the very letter with which the papers were transmitted that were required from here in order to decide on that payment, notified that it had already taken place; Then, upon resumption of the books and settlements of July 1781, it having sufficiently appeared to this Council that those merchants were in credit for the aforementioned sum for linens delivered before the capture of the factory in that month; the 19th of June 1787. it is understood to allow that payment made and the prematurity of the chiefs to pass as a done deed, provided they carefully guard against this in the future, for otherwise such conduct will not always be passed over so easily. Since the manner in which the two other merchants, Mamedie Enkattingam and Tolla Malaija, settled their accounts does not appear from the Palicol papers of 1781, nor can it appear, because it occurred with the English after the loss of the factory, it is understood to write to and order the chiefs to give detailed information to this Council how that settlement took place, so that the necessary orders can then be given for the handling of this entry in the books. The five merchants stated by them to be insolvent having been excluded from trade solely upon the earnest request of the chiefs, it is understood to express in the outgoing letter the hope of the Government that they will take all possible care to keep the Company free from damage, adding that in the opinion of this Council no more suitable means can be employed for this than to encourage the new merchants to take over their debt. And it shall therefore be emphatically recommended to them to pursue this measure as soon as the collection flourishes again; with further expression of the hope of the Government that they will then also, according to their assurance, see to the settlement of the debts of the washers. The transmitted estimates of a new packing hall, linen warehouse, and washers' warehouse, amounting together to Pagodas 18768: 19:—, which were received here with the plans drawn up thereof, having appeared somewhat too high to this Council in comparison with the estimates sent from Bimilipatnam of the expenses that would need to be incurred there for the construction of a linen and a trade warehouse, as well as for the repair of the Mint and the washers' warehouses, for which no more than 4000 Rupees was mentioned; it is, after deliberation, approved and understood to postpone the final decision hereon until the Honorable Head Administrator, who is hereby requested and commissioned thereto, shall have served this Council with his considerations concerning the same. It having been stated by the chiefs in their letter of the 18th of January that the collection which for some years had been made to the northward, both by private persons and also for the account of the French and English Companies, has been without track or rule, it is indeed understood to admit and believe this, being a known matter; but at the same time to remark in reply that this Council also presumes that the losses which must absolutely fall upon such imprudent purchases will have deterred them from this for the future; and that it is therefore also trusted that at Palicol one might still contract on the old footing, if one only provides them thereto with sufficient cash,

Dutch transcription

635. den 19. Juni 177. den oorlog geleverde lijwaaten, op Pagg: te laaten voldon, kooplieden werkelijk voor de overgave van Palicol opgemaakt en afgeslooten ge„ weest zijn, en of die Marchiandaurs toen waarlijk van de Compagnie te pra„ ten deesen hadden, de door hun bij een Notitie opgegeven Som van M: D: Pa„ gooden 3926: 15. ½. wegens meerder gele„ wegens de die haa voor „verde en geaccopteerde lijwaaten als ontfange Contanten; is egter verstaan het bij zonder misnoegen der Regeering te be„bestluit egter om het miss„ norger te betuigen aan de vanr banigheid der opperh= dierwig„ tuigen over hun voorbaarig gedrag in dee„ an zen, onder verdive remarquie, dat het hun geenzins betaamde, om zonder en zaden raden orde dan tekeie nadere ordre van hier af te wagten, het debet van de Compagnie aan vier der ge„ metde kooplieden op Laggernaik p=m te wat daarentend og sterken in dri p Cantarange pa 9 26. 18: 1/3 te gomt sthaeden te laaten voldoen met koopmanschappen, en herzegging verder, dat deeze voor„ baarigheid nog te sterken in het oog valt, wijl zij opperhoofden, bij die zelfde brief, waar bij de papieren over„ gezonden zijn, die van hier gerequireerd waren, om over die afbetaaling te dis„ porcesen, bedeele, dat ze reeds ge„ schied was; dde gegt dat de kegt Dan bij resumptie der Boeken en aff„ rekeningen van Iuli 1781: aan deezen Raade voldoende gebleeken wer„ zende, dat die kooplieden bovenge„ melde somme te vooren stonden; we„ gens geleeverde Lijwaaten voor het inneemen van het Comptoir in die maand; den 19. Juni 1787. Zoo valt den 19 Junij 1737 als een gedaane Zaak c ommandatier sche papieren hoedanig ne„ verewend hebben. lies van dat Comptoir is ge„„ stantig getegeeven, zoo is verstaan, die gedaane afbetaaling, beslut den af betaaling die gedaane afbetaaling, en der opperhoofden prematuriteit, als een gedaane zaak te pas„ seeren, mits zij zig daar voor in het perigene volg zorgvuldig wagter, want men anders, zoodanig een gedrag niet altoos zoo ge„ makkelijk zal passeeren. Dewijl de wijze, op welke de twee andere verblijking bij de Palicol„ kooplieden Mamedie Enkattingam, van geen 2 kopel. hebe geek en Tolla Malaija, hunne reekeningen verevend hebben, bij de Palicolsche pa„ pieren van 1781 niet blijkt, en ook niet wijl dezelve na het voo„ kan blijken, wijl die na het verlies van schid met de Engelschen het Comptoir geschied is, met de Engel„ schen: zoo is verstaan de opperhoofden tastigten en de zelev a„ aan te schrijven, en te gelasten om aan deeze Raade omstandig op te geeven, zijnde te passeeren, hoe 5„ 3 637. den 19. Juni 1787. secludering uit den handel van 5 onvermogende Cooplieden aldaar schade zal gehouden wor„ door het aminaeren der niouwe Coopl: in hunne schuld over te buwen hoedanig die verevening is in zijn werk ge„ gaan, ten einde men daar na de noodige ordre geven kan ter verhandeling van deeze post, bij de boeken. Alleen op der opperhoofden ernstig verzoek uit den handel gesecludeerd zijnde de vijff kooplieden, door hun als onvermogend opgegeeven: Zoo is verstaan bij den hoo agter dat den Cop: buen fgaanden brief te betuigen, de hoope der Regering, dat zij alle mogelijke zorg zullen draagen, om de Comp=e buijten schaade te houden, onder Eij„ voeging dat daar toe, na de ge„ dagte van deezen Raade geen ge„ schikter middel kan in het werk ge„ steld worden, dan de nieuwe koop„ lieden en waaron, den sy 4 639. den 19 Junij 1757. dat de opperhoofden voor de schulden der wasschen van een pakzaal, lijwaat lieden te animeeren, om hunne schuld over. te neemen. En zal hun derhalven met nadruk worden orconmandatie en dit middel Ed „gerecommandeert, dit middel te entameeren, zo dra den inzaam weer in fleur komt; onder verdere betuiging van de hoope der Re„ betuiging dat mn koot geering, dat zij dan ook, volgens haare ver„moede zager zouden, zeekering zorgen zullen voor de verevening der schulden van de wasschers De overgezonde Calculatien van een nieuwe de orgezondene Calastatien en was schirs pakkhier, pakzaal, Lijwaat- en wasschers- Pakhuijs te zaamen bedraagende pag: 18768: 19:—: welke met de daar van geformeerde plaas alhier ontfangen zijn, deezer Raade wat zij wat te koon amge ko„ te entaxeeren, hoog voorgekomen zijnde, bij vergelijking te„ Jt gen 4 mer ven den 19. Juni 1787. in vergelijking van die van Bemilip hoe veel men van daan gewragt diliberatie en besluit de did„ positie hier op uit te stel„ teur van zijne Consideratien zal gedient hebben dle negotie ze dut eenige Jaaren zngten spoor of regul is ge„ gen de van Bimilipatnam overgezonde Cal„ culatien van de ongelden die daar zou„ den dienen gedaan te werden, tot op„ bouwing van een Lijwaat en een negotie pakhuijs, mitsgaders voor het herstellen van de Munt, en de wasschers pakhuijsen, want daar voor niet meer gewaagt zijn, als 4000. Ropijen: zoo is na deliberatie goed gevon„ den en verstaan, het finaal besluit hier op zoo lang uit te stellen, tot den E: tot dat denbe vande mijsten Hoofd administrateur, die daar toe bij deezen verzogt en gecommitteerd word, deezen Raade zal hebben gediend, van zijne Consideratien over dezelve.. te knngese der den bete dat Door de opperhoofden bij haaren brief van den 18 Ianuarij gezegt zijnde, dat de heeft lem schied den 19. Juni 1787. voet zoude kunnen Con trac„ teeren, zoo men van genoeg„ zaare Contanten var ziet, den inzaam die sedert eenige Iaaren om de woord gedaan was, zoo door particuliere, als ook voor rekening van de franschen en En„ gelsche Compagnie, zonder spoor of regul geweest is, zoo is wel verstaan, dit naargen dinrons als een bekende zaak weezende, toe te staan en te geloven; dog daar bij teffens bij rescriptie te gemarqueeren, dat deezen Raade meede verondersteld, dat de verliesen welke tog absolut vallen moeten op zulke onvoorzigtige inkoopen, hun daar van voor het vervolg wel zal hebben af„ geschrikt; En dat men derhalven ook zoyn dat gem e by danders vertrouwd, dat men op Palicol nog wel op den ouden voet zou kunnen Con„ tracteeren, zoo men hun daar toe maar, van 641.

NL-HaNA_1.04.02_3784_0892 view scan ↗

English

to allow six peons at Palicol above the agreed 10 pieces. January were taken into service. could provide enough cash. Out of conviction of the validity of the servants' request for more peons than the agreed 10 pieces, with which Palicol certainly can no longer manage, it is agreed to grant the chiefs' request to take six more into service, provided that among these six are included the three who were taken into service by them in the month of January upon the approval of this Council, and thus to allow Palicol 16 peons. Four the 19 June 1787. 643. The 19 June 1787. Jaggernaikpoeram letters, page 4 for a house in performing the trade work, order to the chiefs to observe the order given for the service. After having read the Jaggernaikpoeram letters from the month of June 1786 to the 28 February last, and their annexes, it is agreed after examination to approve and thus to pass for discharge the sent expense accounts of the months of June and July, along with the balance sheets and cash accounts of the same period, since upon examination all of them were found to be well arranged, with the exception, however, of the four pagodas entered therein for the hiring of a house to carry out the trade work; regarding which the chiefs will be written to observe henceforth what was ordered concerning this from here by letter of the 30 September 1786. Approval of the expense accounts. Rejected the four pagodas entered by them. the 19 June 1787. to fully observe the same respects, and with what chief care to attend to it. Whereas the giving of gifts to native dignitaries is sometimes very necessary for the interest of the Company, it is agreed to regard as well done and to approve the gifting of the regent of Pittapoer, Ramasendrapatnam and Cotta, on the occasion that they paid a visit to the chiefs at Jaggernaikpoeram; on the grounds that this is not only an old custom, which the native values greatly, but was also necessary to secure for the Company a peaceful collection and trade in their lands. Otherwise, it is agreed to persist in what has been written about this from here in previous letters, namely: to observe the utmost economy in this as well. Gifts given to native dignitaries approved. 643. the 19 June 1787. their attention to be directed to the increase of the lease of the year. Due to a lack of a flagpole, the chiefs must make do with the old one. From the chiefs' letter of the 1 September anno passato, this Council having learned with pleasure that the lease of Jaggernaikpoeram for A:o 1786/7 amounted to N: N: p a ƒ 800: or 75 pagodas more than the year before: it is therefore agreed to express the Government's pleasure thereat, with a recommendation to the servants to direct their attention to this as well. Since there is no flagpole at hand here, it is agreed to also write to the Jaggernaikpoeram chiefs that they must make do there with the present one until such timber is provided from Batavia. Recommendation made on the increase in income. the 19 June 1787. the non-further shipment of packs than 16 pieces during the 2 February yet one must console oneself with that due to a lack of vessels. With regard to the sent linen packs in anno passato, it is agreed to mention in the outgoing letter that it would certainly have been more agreeable to this Council if more linen packs had been received here from Jaggernaikpoeram in anno passato than the 16 pieces sent hither with the private sloop Fortuna; but since this was caused by a lack of vessels, one had to console oneself with that, the more so as this Council has hopes of being able to provide for this for this year. 647. the 19 June 1787. and regarding their diligence in promoting the collection and sales, with regard to the complete delivery of the merchant goods that were in hand in July. Since the chiefs do everything in their power to promote the sales and collection, it is agreed to give well-deserved praise to their commendable zeal, while expressing that this Council sincerely wishes that the Mazulipatnam and Jaggernaikpoeram merchants, who in anno passato accepted for delivery of linens all the merchandise that was on hand there in the month of July, will cooperate on their part by a complete delivery of sound cloths. Resolution to praise the chiefs, in which expression of this Council, and with regard to the acceptance of all the sound cloths, and that about Jagg: one had not been able to provide of cash what was nevertheless hoped. However painful it has been to this Council that, due to a lack of cash, mace, and nutmegs, Jaggernaikpoeram could not be as well provided with funds from here as would have been necessary to support the chiefs' good prospects, it is nevertheless agreed to note in the outgoing letter that however deficiently the demands from here have been fulfilled, this Council nevertheless lives in the hope that the copper and spelter recently sent to Jaggernaikpoeram with a native vessel, as well as the cloves that will shortly be sent thither the 19 June 1787.

Dutch transcription

te stanigore og 6: pier te Calicol booen de geacco„ derde 10. stuks„ Janr: in dienst genorem zijn van genoegzaame Contanten kon voorzien„ Uijt overtuiging van de gegrondheid van der Bedienden verzoek om meerder Sions, dan de geaccordeerde 10-. Stuks, waarmeede het zekerlijk thans op Pa„ licol niet meer kan gesteld worden, is verstaan te accordeeren in der opper„ hoofden verzoek, om daar en boven nog dog aden wat gutl agers die zes in dienst te moogen neemen, mits onder deeze ses begreepen worden, de 3. die door hun op approbatie van dee„ zen Raade in dienst genomen zijn in de maand Ianuarij, en dus aan Peilicol toe te staan 16: pions. - Vier den 19. uni 1787. E 9 643. Den 19. Juni 1787. raikp: briuen, vvan Juij sulx pag: 4. voor een huijs in het na„ gotie brerk te geruigten, last aan de openh: om de ordre dienst gegeeven te obser„ Dier pa lectuure genoomen zijnde van de genomem lacturde Iage„ Iaggernaikpoeramsche brieven van de maand Iuni 1786. tot den 28. februarij Jongstleeden, en derzelver bijlaagen, zoo is na examinatie verstaan te appro„aprobatie der nkostrekeningen beeren, en dus ter affschrijving te passeeren de overgezonde onkostrekeningen van de maan„ den Iuni en Iuli, nevens de staat - en Cassa= „rekeningen van evengemelde tijd, wijl bij oxa„ „minatie alle dezelve wel ingerigt bevon„ den zijn, met uitzondering egter van de ggegt de gegebragte hun van daar bij opgebragte 4. pagooden voor het 1 in huuren van een huijs tot verrigting van het negotie werk; waaromtrent de opper„ hoofden zal worden aangeschreeven, voor„ taan te observeeren, het geen daar om„ trint veera den 19 Junij 1737. aan gans gem: pegten. en mu't welken herfde hunn alaende te behartigen. trent van hier gelast geworden is, bij brief van den 30. September 1786. prelte degdan gesdet wijt het door van geschenken aan in land„ sche grooten, zomtijds zeer noodzaake„ lijk is voor het belang der Maatschappij is verstaan voor wel gedaan aan te zien en te approbeeren het beschenken van de regentin van Pittapoer, Ramasendra„ patnam en Cotta, bij gelegentheid dat ze op Paggemaikpoeram aan de opperhoofden een visite bragten; uit hoofde dit niet alleen een oude gewoonte is, waar op den inlander zeer gesteld is, maar ook noodzaakelijk was, om de Comp: een weed„ zaamen inzaam en handel in hunne lan„ geomenate iftr inde magn den te procureeren. Anders is verstaan te 643. den 19. Junij 1787. der pagt dan sjaars bermaa meerde hunne attentie te ves„ mits gebrok aan een vlagge„ mast moeten de opperhoofden met het oude zien te behelpen, te persisteeren bij het geen daar over van hier geschreeven is bij voorige brieven; om naam„ lijk: hier in almeede de meeste menagie te behartigen Uit der opperhoofden brief van den 1. Sep„, geragen on de oenden in kaften tember anno passata, door deezen Raade met genoegen venomen, zijnde, dat de Pagt van Jaggemaikpoeram voor A.:o 1746 /7. bedraa„ gen heeft N: N: p a ƒ 800: of 75 pagooden weer„ der 's Jaars te vooren: zoo is verstaan daar gecommandatie en daar gpal„ „als over het welbehagen der Regeering te be„ tuigen, met recommandatie aan de Bedien„ den, om daar op almeede hunne attentie te vestigen. /tigen/ Dewijl hier geen vlaggemast aan handen is, is verstaan de Iaggemaikpoe„ van den 29: Juni 1717. de onverderen zanding van pakken dan 16. stuks Duride der 2. fe„ zijn dog oner onoet zig daar inne getroosben, mits gebrek aan vartuigen, wamsche opperhoofden almeede aan te schrijven, dat men het daar, zoo lang met de pre„ senten moet zien te stellen, tot men hier van zoodanig een hout zal worden voor„ zien, van Batavia. Ten aansien van de overgezonde lijwaat„ gering aangenaamen geweest pakken in anno passato is verstaan bij den afgaanden brief aan te haalen, dat het dezen Raade zekerlijk wij aange„ naamen zou geweest zijn, zoo men alhier in anno passato meerder lijwaat pakken van Iaggemaikpoeram had mogen ont„ vangen, dan de 16. stuks met de par„ ticuliere sloep fortuna herwaarts over„ gezonden; dan wijl dit door gebrek aan vaartuigen veroorzaakt was, men zig dat 647. den 19. Juni 1737 en, nop:s haaren vlijt ter bevor„ andering van den inzaam en ver„ ten aanzien der Compleete vol„ Coopman sD: die in Iuliaan handen waaren, dat gemit wel moest getroosten, te meer, daar deezer Raade hoope heeft van daar in te zullen kunnen voorzien voor dit Jaar Dewijl de opperhoofden alles aanwenden besluit de opehoofden te lau„ wat in hun vermogen is tot bevordering van den vertier en inzaam, is verstaan kunnen prijdelijken ijver den wel verdien en lof te geeven, onder betuiging dat deezen Raade inden welke betugin andeses van Harten wenscht, dat de Mazulipat,„onnig en deeken, namschen - en Iaggernaik poeram sche= 10 kooplieden, welke in anno passato op leve„ rantie van lijwaaten geaccepteerd hebben in den acceptatie van alle den alle de koopmanschappen, die in de maand Iuli aldaar aan handen waren, hier toe van haare zijde zullen meede werken, door een Compleete leverantie van deugd„ 2aer tie ledwerzen, ve dat over Jagg: niet hadt, kunnen voor zel„ van Janssen wat men egter geehoopt„ zaame doeken. Hoe smertelyk het deezen Raade ook gevallen heeft, dat zij door gebrek aan Contanten, foeli en nooten, Iaggemaik poe„ van niet zoo wel van hier heeft kun„ nen worden voorzien, van fondzen, als 'er noodig zouden geweest zijn, om der opper„ hoofden goede voor uit zigten te onderstu„ nen, is egter verstaan bij den afgaanden brief te noteeren, dat hoe gebrekkig ook de Eisschen van hier voldaan zijn, deezen Raade even wel leefd in de hoope, dat het koper en spiauter, onlangs na Iaggemaikpoeram gezon„ den met een inlandisch vaartuig, mits„ gaders de nagulen, die eerstdaags der„ den 19. Juni 1737 waal

NL-HaNA_1.04.02_3784_0899 view scan ↗

English

The 19th June 1787. will be sent thither, will to some extent suffice to enable the chiefs to satisfy the goods collected on credit by the Mazulipatnam merchants, amounting according to their latest advices of the 21st January already to 15782 guilders; apart from what was still to be brought in within a few days. Since the sales and collection at the aforesaid office are beginning to get underway, 10 peons and 4 bale-packers are, as the chiefs remark, not enough to be able to perform the necessary services there, and therefore it has also been approved and understood to set their number at 24: for however much the holding of superfluous servants at the expense of the Company has been disapproved by the Noble High Indian Government, Their Excellencies nevertheless do not desire that one should lack the necessary personnel; The bleachers' warehouses both at Iaggernaikpoeram and Gollepalem having been broken down to the ground by the English since the surrender of that place to them, it has, out of consideration of the necessity that new ones be built there, been approved and understood to order the chiefs to transmit from there at the earliest two accurate plans, arranged according to the foot-measure, together with two distinct estimates of the expenses that would need to be incurred for the building of two new bleachers' warehouses at Iaggernaikpoeram and Gollepalem aforesaid, in order that this Council may finally decide upon the matter. Further, it has been understood to write to the chiefs that the test weights sent successively from here to Iaggernaikpoeram are expected back by the first opportunity at sea. And meanwhile has approved the non-payment of the remaining freight money for the transport of 37500 lb of Japanese bar copper, sent thither in anno passato per a private native dhoni, under further instruction to credit this head office for that amount by memorandum, in order to be able to deliberate further on that and on the shortage of copper on the aforesaid delivery when occasion arises. It having been considered by this Council with great moderation that the chiefs did not deliberately intend to insult it by the inappropriate expressions appearing in their letter of the 28th February regarding the remarks made from here concerning the estimate sent hither for the repair of the Gurab; it has thus been understood to limit oneself for this time to a serious warning to be more cautious in the writing of their letters henceforth, adding further that they might otherwise well compel this Government to draw up a rescription that would be very unpleasant to them; considering that no one but they themselves are the cause of the serious remarks of this assembly; on account of which those expenses would never have been so conspicuous that no direct orders for the repair would have been given thereon, as has since been done by the Lord Governor by letter of the 6th April, had the chiefs given such elucidation to this Council with the aforesaid estimate as was subsequently done by them in the letter of the 28th February of this year. Since the raging hurricane and high flood which raged on the 20th of the past month of May at Iaggernaikpoeram and its environs, as appears from the chiefs' preliminary advices of the 20th and 30th of the aforesaid month, gives this Council reason to fear that the Gurab, which was driven inland in that general calamity wherein all vessels that were at Coringa were lost, will be in a completely irreparable state: it has thus been understood to cease all further actions regarding this vessel until the report shall have been received from the commissioners who apparently will be sent thither for that purpose by the chiefs. And having herewith entered into deliberation over the Bimilipatnam letters from the month of May 1786 to the 24th March last, and over the trade papers received therewith: it has after examination been understood to pass for write-off the expense accounts of the

Dutch transcription

den 19e. Junij 177 Credit geleverde en gog te ons en baalbijders op 24. stx te stellen. „waarts zullen gezonden worden, wel eenigzins- agens de voldarings den op zullen toerijken, om de opperhoofden in staat te uen Giunaoten, stelten van te kunnen voldoen, de door de Mazulipatnamsche kooplieden op Credit ingezamelde goederen, bedraagende volgens haare Jongste advisen van den 21. Ianuari ƒ al pas 15782; buijten het geen binnen weijnig dagen nog stond aangebragt te worden Daar den vertier en inzaam ten voorsz: beslut en het getal der pi„ Comptoire begind aan de gang te geraaken, zijn, zoo als de opperhoofden gemarqueeren, 10 - pions, en 4. baalbinders niet genoeg, om de noodige diensten aldaar te kunnen verrig„ ten, en derhalven is almeede goedgevonden en verstaan, hun getal op 24: te stellen: wart 649. den 19. Juni 1717. tien ven te zenden ht het„ bouren van 2. was schat pakhuijsen want hoe zeer ook door de Edele Hooge Indiasche Regeering geimprobeerd is, het houden van overtollige dienaaren ter lasten van de Compagnie, begeeven Hoog„ dezelve egter niet, dat men de nood„ zaakelijke misse; tot 2: pbans e seleede De wasschens pakhuijzen zoo op Sagger„ naikparam als Gollepalium, zidet de overgave van die plaats aan de En„ gelschen, door hin tot aan de grond toe afgebrooken zijnde, is uit Consideratie, der noodzaakelijkheid, dat daar nieuwe worden aangeband, goed gevondlen en ver staan de opperhoofden te gelasten, en daar van ten eersten over te zenden, twee accurate plans, na de voetmaat wige„ rigt den 19. Juni 177. „proof gerigten te rug te zenden, taalde restant wagt penn: voor het overvoeren van 3750 lb wigt, nevens twee distincte Calculatien van de ongelden, die 'er zouden dienen gedaaen te worden tot het bannen van twee nieuwe was„ scherd pakhuijzen op Iaggernaikpoeram en Gollepalem voornoemd, om daar op door deezen Raade finaal te kunnen worden gedisponeerd. Wijders is verstaan de opperhoofden aan sten en de sucessin geladen te schrijven, dat men de proefgewigten suc„ cessive van hier na Iaggeraikpoe„ van gezonden, te rug verwagt, bij de eerste Zees gelegenheid. En ondertusschen geapprobeerd heeft, de appitatie van de van be„ nonvoldoening der resteerende vragt pern„ ropen ningen, voor den overvoer van 37500 lb Iapansch staaf koper, in arno passato der 651. : - den 19. Juni 1787. per gemoir aan te peekenen ovvrgekomene in onbedagte bela„ voligeng der gpend: opens de falculatie pm de Gjerab„ derwaarts gezonden per een particuliere tot det bedrge binants Thoni, onder gecommandatie verder, om dat bedraagen dit Hoofd Comptoir per Me„ „morie ten goede te brengen, om daar over„ en over het te kort gekomen koper op voorschreeve aanbreng, bij gelegenheid nader te kunnen delibereeren. Door deezen Raade met zeer veel genaakte genorgqner op de goedheid geconsidereerd zijnde, dat de opperhoofden, haar niet niet voordagt hebben willen beledigen, door de onge„ paste uitdrukkingen bij hunnen brief van den 28. februarij voorkomende, op„ zigtelijk tot de remarques van hier gemaakt, over de herwaarts gezonde Calculatie, weegens de vertimmering van den 19. Jan: 1787 waar te schouwer omtrend het schijven hunnen brieven, de von s3: Calouzatie, van de Goerab; zoo is verstaan, zig voor nategten beslutin is har deeze keer te bepaalen, bij een ernstige waarschuwing om voort aan voorzigtiger te zijn in het schrijven van hunne brieven, onder bijvoeging verder, dat zij anders deeze Regeering wel eens zoude kunnen noodzaaken, tot het opstellen van een rescriptie die hun wij onaangenaam zou weezen; gemerkt niemand, dan zij zelve oorzaak zijn van de oonstige remarques deezer vergaderinge; uit onder welke geraque apenrs hoofde die ongelden nimmer zoo sterk zouden in het oog gevallen hebben, dat daar op geene directe ordres ter vertim„ mering zoude gegeven zijn, zoo als sedert door den Heer Gasaghebber gedaan 653. den 19. Juni 1717. Ham in eene irreperabele sloet zoude der zin, gedaan is bij missive van den 6: April, hadden de opperhoofden bij de voorschreeve Calculatie, zoodaanige elucidatie aan deezen Raade gegeven, als door hun naderhand gedaan is, bij brief van den 28. februarij deezes Jaars. overse dat de geral der de Nadien de woedende orcaan en hooge water vloed, die op deen 20 der gepasseerde maand Mai op Iaggernaikpoeram en daar omstrcks gewoed: heeft, blijkens der opper„ hoofden prealabele advisen van den 20. ƒ en 30 den wrasz: maand, dee zen Raade met rede weeze doet, dat de Goerab, welke in die algemeene ramp, waar in alle vaartuigen die te Coringa waren, gebleeven zijn, landwaards ingeslaa„ gen is, in een gansch irreperable staat Zal - 42 655„ den 19e: Juni 1737. en papieren van Bimilip=m en kostreck: etc ter afschrij„ vrigje te passeren, der gevenn: zal hebben ontfongen, dien aangaande te staaken, „zal weezen: zoo is verstaan alle ver„ bestut alle eden betlagens dere besoignes, aangaande dit vaar„ tuig te staaken, tot men het rapport zal ontvangen hebben, van de gecommit, tot dat per het gaypent teerdens die 'er ten dien einde appa„ ventelijk verds na toe zullen ge„ zonden zijn door de opperhoofden. En hiermeede ter deliberatie ge„delibratie over de brieven treeden zijnde over de Bimi„ lipatnamsche brieven van de maand Mai 1786 tot den 24: Maart Jongstleeden, en over de Negotie papi„ ven daarmede ontvangen: Zoo is na Exa„ besluit de onvers gemelde minatie verstaan ter afschrijving te passeeren, de onkost reekeningen van de 42

NL-HaNA_1.04.02_3784_0906 view scan ↗

English

the 19th June 1787. remark concerning the issue of 96½ lb lamp oil as also of 8 lb oil per month for 6 months, charged to the Company the months of May, June and July 1786, alongside the transmitted account of what was issued, both for the needs of the Gurab De Hoop and of the crew assigned thereto; as no errors or excesses were discovered therein; Yet the 96 lb lamp oil issued to the bookkeeper Hookens for the financial year 1785/6, entered in the specification account of the month of August, being not only contrary to custom, but also having taken place without authorization; as also the entries of 8 lb oil per month for the following 6 months: it was resolved to write to the second in command the 19th June 1787. issued 8 pagodas house rent to the same for 16 months, to have him reimburse the Company and because a similar entry on behalf of the surgeon Latouche Besnier also occurs in the expense accounts for the months of November, December, January and February last, it was likewise resolved to act in that respect in the manner aforementioned. According to the resolution of this board of the 4th November 1785, only 2½ pagodas per month having been granted to the said Latouche for house rent: it was resolved to write to Bimilipatnam that the overcharged 8 pagodas, and to order that both these amounts be reimbursed 687. the 19th June 1787 order to the second Dormieux to pay back into cash the entered 1½ pagodas for the peons cleaning the warehouse and under what recommendation, pagodas 8 for 16 months, must also be reimbursed into cash by him. Wherein it was at the same time resolved to order the second Dormieux to immediately make good the 1½ pagodas entered in the specification of the month of February for coolies for keeping the trade warehouse clean, whereas he has already entered an item for that, according to previous custom, under merchandise expenses, with the further notice that this double entry is found very reprehensible, and it is therefore hoped that it will not occur again, as this Council 689. the 19th June 1787. for 2 houses for storing the bales and sorting the linens; entered 6 peons would otherwise find itself obliged to express itself quite severely on the matter. The hiring of two houses, both for storing bales and for sorting and measuring linens, having been necessary, it was resolved to approve the 12 pagodas per month entered there under extraordinary expenses, yet under the remark that one should have requested authorization for this beforehand. It was also resolved to pass for write-off the additional 6 peons entered, on the grounds that it is trusted that their employment will have been strictly necessary. But regarding the entered common bale-binders, it was resolved the 19th June 1787. to pay back into cash for 2 bale-binders and to demand reasons why the head bale-binder and the peons earn higher wages; why rent for 2 houses was entered from August to December to allow only four in the account, with orders to the second to pay the amount entered for the other two back into cash as being contrary to orders. And it was meanwhile also resolved to require from him sufficient reasons why the head bale-binder and the peons must earn higher wages than before the war; for the former then earned only 1¼ pagodas and the others no more than ½ pagoda per month. It was resolved to write to him that this Council wishes to be adequately informed by him why, during several months 661 the 19th June 1787. Pagodas 12 — . . whereas in January one suddenly leaves the same out of the account, although not a single bale of linens has been shipped from there from August until December, one needed at Bimilipatnam, and therefore entered: A house suitable for storing bales at pagodas 6 — — ditto suitable for sorting, measuring, packing and storing linens, 6 — — Thus two houses, Pagodas 12 — — whereas in the month of January one suddenly leaves the latter of those two houses out of the account, although not a single bale of linens has yet been shipped from Bimilipatnam; for one cannot reconcile that a smaller quantity would require a larger storage place than a greater one, especially not since, through the continuous delivery of cloths, the quantity of bales must increase daily. the 19th June 1787. resolved to suspend the final disposition thereon until then; error discovered in the return of November 1786 in the financial year 1785/6. And it was at the same time resolved to suspend the final disposition regarding the entered rent for the aforementioned two houses until that time. Upon inspecting the transmitted return of merchandise for the month of November 1786, it having been discovered that 17 stuivers too much was charged for the Japanese bar copper, it was resolved to likewise order the second to redress that mistake in the ledgers there, just as was done here on the return itself. Although the profits on the sales in 1785/6 at Bimilipatnam were not large,

Dutch transcription

den 19. Iuni 1787. remarque over de meijgen gedaane verstrekking van 96½ lb lamp„ ken.. gelijk meede van 8 lb oli smadande von 6. mraarden, Comp: te lasten oegoden „de maan den Maij Iuni en Iuli 1786. , nevens de overgezonde rekening van het verstrekte, zoo ten behoeven van den Goerab De Hoop„ als van de manschappen daar op beschei„ den; alzoo daar in geene erreuren of ex„ cessen ontdekt zijn; Dog de verstrekte 96 lb lamp olij aan dien aan den Boekh=r Hoo„ den boekhouder Hookens voor het boekJaar 178 7/6. bij de Specificatie reekening van de maand Augustus opgebragt niet alleen strijdig zijnde met het gebruijk, maar ook buijten qualificatie geschied weezende; gelijk meede de opbrengingen van 8. lb. oli 'smaands tasten dezelve goerden aan den voor de volgende 6: maanden: zoo is verstaan den secunde aan te schrijven den 19. Juni 1737. king aan der Chirurgijn La„ strekte 8 pag: huijs huur aan dezelfe voor 16. maan„ door hem, aan de Comp: te laaten vergoe„ dan En wijl een dingelijke opbrengingh ten desielf de daar onstuk„ behoeve van den Chirurgijn Latousch toucha om 4e maanden„ Besnier, meede plaats vind bij de onkostreekeningen van de maanden No„ vember, December, Ianuarij en februarij Jongst„ leeden, is almeede verstaan, daar omtrent invoegen voorschreeve te laaten handelen. Volgens besluit deezer taffel van zoerde de oerdrieng den 4. November 1785. aan gemelde La„dan. tousche, maar 2½ p„r smaands voor huijs huur toegelegt zijnde: zoo is verstaan na Bimilipatnam aan te schrijven, dat de te veel opgebragte f„ 8. en te gelasten, dit een en ander weder 687. den 19: Juni 1787 last aan den secunde Dormeridn om de opgebragte 1:½: paC: voor het schon landers om het pakkij in Cadja tij tellen en onder welke greomandatie, p=a ƒ 8: vvoor 16 maanden, ook weeder door Een in Cassa moet gerombourseerd worden. Waar in teffens verstaan is, den secunde Dormieux te gelasten, inmediaat te vol„ doen de Pag: A. ½: bij de Specificatie van de maand februarij opgebragt voor koelies tot het schoonhouden van het Negotie pakhuijs, waat hij daar voor reeds, na voorige usantie, op onkosten van koopmanschappen heeft opgebragt te pos, onder aanschrijving P J verder, dat men deezen dubbelden opbreng, zeer reprochabel vind, en daarom hoopt, dat die niet meer mag voorkomen, uit hoofdle deezen Raabe 689. den 19. Juni 1787. van 2. kuijzen tot het bergen der pakken en Lorteeren der „bragte 6. piers, Raade zig dan wel verpligt zou vinden om er zig wrij emstigen over uit te laaten Het in huuren van twee huijsen zoo tot gessuring van het in huur het bergen van pakken, als tot sorteeren en meeten van Lijwaaten, noodzaakelijk gewest „voor zijnde, is verstaan te passeeren, de daar „ op onkosten Extra ordinair opgebragte pag: 12. ter maand, dog egter onder aanmerking, dat zyj nde welke aannankingde, lijwaaten; men daar toe wel eerst qualificatie had moogen verzoeken Ook is verstaan ter afschrijving te apobatie van de goerder vge„ passeeren, de meerdere opgebragte 6. pi„ ons, uit hoofden men vertrouwt, dat hunne in dienst niening volstrekt nood zaakelijk zal geweest zijn. Dog van de opge„ bragte Des gemeene Baalbinders is ver„ staan 4 den 19 Jani: 1787. voor 2. baal bindens weder in Cassa te tellen en redinen te vorderen, waaron de Hoofd-baalbinder en de winnen te worden, waaren van Hug„ tot De Cihiur vor 2. klij zer opgebragt is „slaan; maar vier in gekening te valli„ last an het geden opgebragte deeren, met last aan den Secunde om het opgebragten voor de oronige twee als strijdig met de ordre zijnde, weder in Cassa te voldoen. En is in tusschen almeede verstaan van pias tans venden gagien hem te requireeren voldoen de redenen, waarom den Hoofd-Baalbinder, en de Pions, om meerder gage moeten winnen dan voor den oorlog; want de eerste toen maar — ¼. pagord, en de overige niet meer dan —½. pagood ter maand wonnen. weschen edende arng sijdens is verstaan hem aan te schrijven, dat deezen Raade wescht, door hem voldoende onderrigt te moogen worden, waarom men geduurende eenige waarden 661 den 19 Jani 1787. Pa ƒ 12. — . . daar men in Jann: de zelve eens klagt wit de gerk: laat, schon minner een pak lijwaaten om aan dine, ofgeran Augustes af tot December toe, op Bimilipatnam noodig gehad, en dies opgebragt heeft, Een huis voegzaam tot het bergen van pakken â pa/ 6. —. —n d=o voegzaam tot het sorteeren, meeten, af„ pakken en bergen van lijwaaten Dus twee huijsen daar men in de maand Ianuarij, het laar„ te van die twee huijzen eensklaps uit de reekening laat, schoon er nog nim„ mer een pak lijwaaten van Bimilipat nam verzonden is; want men met de pa„ der niet kan over een brengen, dat een „ van daar ver zonder is, mindere quantiteit een groote bergplaats zou nodig hebben, als een meerdere„ voor al niet, daar door den geduurigen aan „ 6. — — — den 19. Junij 1787. besluit de dispositie daar op tot dus lange op te schorten, onteakte abuijs bij het gende„ ondrt van Nav: 1786. —. in het boek ja 174 /6. —. „aanbring vaan doeken den kerantibeit der pak„ ken dagelijks, vermeerderen moet-- En is teffens verstaan tot zoo lange de fi„ naale dispositie op te schoolen over de op„ „ voor de gebragte hun „ voorschreeve twee huijsen. Bij het nazien van het overgezende Rendement van koopmanschappen van de maand November 1786. ontdikt zijnde, dat voor het Iapans staaff koper 17. Stuivers be leasten het zeler tegedessen veel bereekend zijn, zoo is verstaan den secunde almede te gelasten om die fout bij de slaapers aldaar te redres„ seevren, zoo als hier bij het rendement zelve geschied is genige en de behoede mijtens schoon de winsten op den vertien in lb 1788. op Bimilipatram niet groot geweest zijn,

NL-HaNA_1.04.02_3784_0913 view scan ↗

English

The 19th of June 1737. 663. expected in the following financial year, or could be, because that office has not been sufficiently able to be provided with sought-after trading goods, it is nevertheless resolved to mention in the outgoing letter that one has nevertheless seen with some satisfaction from the transmitted general trade statement that the net amount had reached ƒ 27606:1:8, further expressing the hope of this Government that the same, if not in this, will at least make a considerably more respectable showing in the following financial year, on the grounds that it firmly trusts and expects from his zeal and vigilance in the service that his attention will constantly be directed toward making the trade there increase more and more. The 19th of June 1737. Approval of the gift accounts for the last 6 months of 1735/6 and 1736/7. 8 ells of scarlet cloth were charged too much. In the meantime, after examination, it has been resolved to pass for write-off the gift accounts of the last 6 months of the expired financial year 1735/6 and of the first six months of the financial year 1736/7, except for the 8 ells of scarlet cloth charged too much in the first-mentioned account, with further orders to write to the secunde to reimburse the cost thereof to the Company, or to give sufficient reasons why, contrary to former customs, at the signing of the linen contracts, 6 [illegible] instead of 4 ells of red cloth were delivered by him to each merchant. The 19th of June Ao 1737. 665. The memorandum of deficiencies of the first 6 months is sent back to Bimlipatnam; a similar memorandum of the entire financial year is awaited to dispose of it. Furthermore, it is resolved to write to him that, whereas the memorandum of deficiencies of the first six months of the financial year 1735/6 was sent back from here, seeing that it was disposed of as further detailed in the letter thither of the 30th of September last, this Council had expected a similar memorandum for the entire financial year, and not one for the last six months such as was received here, considering that the occurrences of deficiencies and shortages in the first six months must just as well be disposed of as those of the subsequent ones. And therefore order will be given to send it for the entire financial year. The 19th of June 1737. Order to take inventory once a year. Therefore, this memorandum shall also be sent back, with orders to the secunde to send another one in its place for the entire financial year, in order to be able to make proper orders concerning it. It is furthermore also resolved to remark that this Council believes that in its letter of the 30th of September 1736 it had written clearly enough to the Bimlipatnam chiefs to take inventory only once a year, and that it had thus also expected that this order would have been complied with; but the contrary having happened, as one must conclude from the transmitted memorandum The 19th of June 1737. 667. Recommendation to be more attentive in the future; the sample cloths are already sent back. of deficiencies of the first six months of this current financial year, it is resolved to send it back with an expression of displeasure, with a recommendation to exercise somewhat more attentiveness in the future regarding the orders of this Government, as one is loath to see them transgressed. Because the Bimlipatnam sample cloths, which were accurately inspected here on the 18th of December last, were subsequently sent back along with the findings with a private vessel that departed from here for Jaggernaikpuram on the 26th of May, it is resolved, in the hope that the same have already been brought back to Bimlipatnam, to write to the secunde The 19th of June 1737. And to send other samples in place of the rejected ones; what is hoped regarding the delivery of the same. The given reasons regarding the poor collection in anno passato accepted as sufficient. that this Council trusts that hereafter, or according to the accepted samples, the collection at that office will henceforth take place. Furthermore, it is resolved to write to him that other samples are immediately expected in place of the rejected sample cloths, so that they may also be examined by this Council, further adding that one hopes that they will be better of their kind than the first ones, which were of such poor quality that one can hardly understand how they could have been sent by knowledgeable chiefs. The reasons brought forward by the Bimlipatnam 669. The 19th of June 1737. chiefs in their letter of the 10th of September as the cause of the poor collection in anno passato, being considered by this Council as very plausible, especially that which speaks of the general purchasing by private individuals, and above all the French, for according to the advices of the servants they had distributed more than a million Rupees in the country, and thus purchased everything for cash payment that they found on the looms, without looking to quality, width, or length; thus it is resolved to resign oneself to that disadvantageous outcome of the collection, with instructions to the secunde.

Dutch transcription

den 19 Juni 1737. 663. volgende boekjaar verwagt, of konde weezen, wijl dat Comptoir daar toe nit genoegzaam heeft kunnen wor„ der voorzien, van gewilde handeln haaren, is egter verstaan bij den afgaande brief aan te haalen, dat men egter bij het over„ gezonde Generaal vevendlement, nog al omest einig genoegen gezien heeft, dat die zuij„ ver bedraagen. hadden ƒ 27606: 1:8. met be, her vel de zelve beslagen, tuiging verder van de hoope deezer Regee„ ƒ ring, dat dezelve zoo niet in dit, ten ministen in het volgende Boekjaar een mit gendirinrgens in het„ wij aan zienlijker vertooning maaken zul„ len, uit hoofden zij vastelijk vertrouwd en van zijnen ijver en vigulantie in den dienst verwagt, dat zijne attentie, zig steed T Den 19. Junij 1737. approbatie van de schenkagir rerk: van de laaste 6/mn: aan 178. 5/6. — 178 6. laken, werden te vergaden. verdaen. „strels daar hinen zal strekken, dor den ver„ thier aldaar meer en meer te doen toeneemen. Ondertusschen is na examinatie verstaan ter afschrijving te passeeren, de schenkagie reekeningen van de laaste 6. maanden van ordingen de beste Con ven het afgeloopen Boek Jaar 178 5/6. en van de eerste zes maanden van het Boek„ Jaar 178. 6/7. behalven de bij de eerstge„ vrogt de opgebrogt 8 @s she melden rekening te veel opgebragte 8. ellen schaarlaken, onder verdere last het kostende daar var aanschrijving aan den secunde om het kostende daar van aan de Compagnie te vergoeden, of voldoende redenen te geeven, waarom tegens voorige gebruiken, den welgoldende onder te bij het tekenen de Lijwaat Contracten, door Den 19. Juni: Ao 17. 665. van de eerste 6/m: is na Bi„ mits=rs te rug gezonden, men heeft en diergelijke ne„ morie van het gantsche boek„ Jaar te mij anwert, „Jaar ter disposite over te zendel door hem aan elk koopman 6. – in steede van rood laaken zijn afgegeven. C Voorts is verstaan hen aanterschrijven dat, de menorie van onderwigter daar van hier te rugt gezonden is de Memorien van onderrigten, van de eeste Zes maanden van het Boek Jaar 1718 5/6. zinde dat daar op ge„ disponeerd is om verder breeder vermeld bij brief na derwaarts van den 30. September Laastleeden, deezen Raade en diergelijke Memorie verwagt had, van het gantsche Boekjaar, maar niet een van de Laaste zes maanden, zoo als alhier ontfangen is, waar aut on de laasten 6/p: 1 gemerkt er nog zoo wel moet. gedisponeerd worden op de gevalle onderrigten en minder„ heeden in de eerste Zes maanden, als op En zal derhal, last om deselve van het geheele boek„ die van de volgende. 4 den 19 Juni 1737. ansechen to peneem te den„ venr ook de de Memorie almeede te gugj ge„ zonder worden, met last aan den secunda, om in die plaatsche een ander over te zender van het hantsche BockJaar; om er grade ordre op te kunnen disponeeren. den ali ge asten elilk n is rijders nog verstaan te penarquee„ ven, dat deezen Raade vermeent, dat zij bij haaren brief van den 30. Septer„ ber 1786. de Bimilipatnamsche op„ perhoofden verstaan baar genoeg aange„ schreeven heeft om Iaarlijks maar een„ maal opneem te doen, en dat zij dus ook had verwagt, dat aan deeze ordre bligkeng van des tgenel zou voldaan geworden zijn; dan het te„ gendeel gebeurd werzende, gelijk men moet opmaaken, uit de overgezondene Memorie O den 19e. Juni 1747. 667. recommandatie om in 't vervolf„ attesten te weesen; zijn greeds te oug geladen Memorie van onderwigten van de eerste Zes maanden van dit loopende Boekjaar, is venrstadn, die onder betuijging van misnoegen te rug te zenden, met recommandatie om voortaan wat meerder oplettendheid te ge„ bruiker, ontrent de ordre deeze Regeering, alzoo men die, met tegensin ziet overtrenden. Dewijl de Bimilipatnamsche monster „ de wastenk leeden van daar kleeden, welke op den 18. December laast„ loeden alhier naaukeurig bezigtigd, vervolgens nevens dus bevindingd te rug gezonden zijn, met een particulier vaartuig dat op den 26. Maij van hier na Iaggerwankpoeram vertrokken is: zoo is in hoope dat die hooge dat de zulve atfengien weedes op Bimilipatnam zullen gebragt zijn, verstaan den secunde aan te schrij„ zijn 2n 1n den 19. Jani 1757 en in steede van de oitgeschoten andere mansters te zerden, wat men omtrend de den g der„ zilver sehoopt de gegeven Chedenen nopens de slegten in zaam in Ao p=o, voor voldoende aangenaam, „ver dat den zer Raade vertruwt, dat daar na, of na de geaccepteerde monsters voor„ taan ten dien Comptoire inzaam geschieden zal Wijders is verstaan hem aan te schrijven, dat men voor de uitgeschooten monster kleeder ten eersten andere verwagt om meede door deezen Raade g'examineerd te kunnen worden, onder bijvoeging wijders, dat men hoopt, dat die beter in haar zoort zullen zijn, dan de eerste; welke zoo slegt van deugd waaren, dat men naau„ lijks begrijpen kan, hoe ze door kundige opperhoofden hebben kunnen gezonden worden De gredenen door de Bimeli„ pat 669. den 19. Iuny 17387. „patnamsche opehorfden bijgebragt bij haa„ ven brief van den 10. September, als oorzaa„ ka van den slegten inzaam in anro passato, door deezen Raade voor zee aanneemelijk beschouwd zijnde voor al die, welke spreekt van den algemeenen inkoop door particuliere, en voor al franschen, want die volgens der Bedienden advisen meer dan een millioen Ropijen in het land verspreijd hadden, en des alles voor contante betaaling inkogten wat ze op de weef getouwen ge„ W werd vonden, zonder na deugd, breete of lengte te zien, zoo is verstaan zig gekeosting in die naderliger dien nadeeligen uitslag van den inzaam te getroosten, onder aanschrijving aan den Secunde daar ar in Jaar

NL-HaNA_1.04.02_3784_0920 view scan ↗

English

19 June 1787 and hopes for favorable times, although the outlook for this is still very bleak, because that trading post cannot as yet be provided from here with cash or with spices due to our own lack. Seeing that of the Japanese bar copper that was on hand here, as much has been shipped for Bimilipatnam by a private vessel departed for Jaggernaikpoeram in the month of May as the meager stock here permitted, it has accordingly been decided to make mention of this in the outgoing letter, communicating that the spices intended for Bimilipatnam will follow shortly; but that this is all that can as yet be contributed from here toward furthering the collection. Likewise, it has been decided to write to the Secunde that all the aforementioned merchandise will be sent to him from Jaggernaikpoeram with the lighter Rammekens, mentioning at the same time that this Council has designated that vessel to collect the bales of linen lying ready there, at least as many of them as it can carry, and to convey them hither; and that he is therefore ordered to load and dispatch the said boat so early that it can be here by the beginning of the month of September; because the said linens must still be sorted here according to orders. Furthermore, since it is not very likely that all the bales of linen that are in readiness there will be able to be shipped in the said boat, it has also been decided to write to him that it is trusted that he will look out in good time for a second vessel in order to be able to send the remaining cloths hither with it; expressing at the same time the expectation that these will also be sent so timely that they can be shipped to Batavia with this year's expected return ship, where they are in great need of linens. 19 June 1787 Taking the communication concerning the murder committed on a peon at the house of a certain French doctor named Martijn, and the subsequent arrest of the said Martijn and his transfer to Visagapatnam by order of the English government there, as notification, it has been decided to commend the prudent conduct maintained by the Secunde in this matter. It has also been decided to approve the extradition of the soldier Fridel upon the demand obtained from the Visagapatnam government, because he is also held guilty of the said murder, which was committed in a house situated not on the Company's ground, but on foreign soil; for in the opinion of this Council he also ought to be brought to justice before such a judge whose territorial jurisdiction has been defiled by him with murder. Likewise, it has been decided to approve the conduct maintained by him in the case of the private ship captain Both, who, having beaten his slave girl to death, was placed in the custody of the Ameldar by him; and this for the reason that the said Captain Both was never in the service of the Company and, moreover, being a foreigner by birth, did not need to be arrested by them either, even though the act was committed at Bimilipatnam, seeing that this village no longer belongs under the Company, but directly under the Rajas. The notified death of the Chief Vrijmoet having been learned with emotion by this Council from the letter of the Secunde dated 23 February last: it has been decided to take the same as a communication, adding that the Company loses in him an industrious and faithful servant, and the personnel at Bimilipatnam a worthy Chief; and further writing that another Chief will be chosen in his place shortly. Meanwhile, it has also been decided to express satisfaction with the justification of the Secunde regarding the report of affairs having been made so late, because this was caused by the severe hurricane that blew there on the 3rd and 4th of November; for one can well understand that because all the linens that lay on the bleaching ground were thereby soiled and damaged, no earlier report could be made by him before they were rewashed, dried, and bundled, or other cloths were delivered in place of the damaged pieces; for which certainly some time was needed. And it has likewise been decided to express the satisfaction of the Government over the vigilance of the merchants, who, notwithstanding all

Dutch transcription

Den 19. Jaun: 1757 en koope na gunstigen tijden, mer heeft van hier een quanti„ test Japans staefkoper van Lecunden dat en op gustige lijden blijft hoo„ pen, schoon het voorutzigt daar op nog zeer duijster is, uit hoofde dat Comptoir voor als nog van hier niet kan worden voorzien mog van Contanten nog van Nooter of forlij „dooreige gebrek. Den wijl, van het hier dat Contin ge Jagg: gedrnd, aan handen geweest zijnde staaf kooper Iapans; per een particulier vaartuig in de maard Maij, na Iaggewankpoeram Vertrokken, zoo veel voor Bimilipatnam afgeschript is, als den geringen voorraad alhier heeft toegelaaten, zoo is alwaa„ de verstaan hier van gewag te maaken bij den afgaanden brief, in den Comminicatie dat de Specerijer, voor Bimilipatnam gepropecteerd eerstdaags zullen volgen; dog dat dit het al is, wat van hier voor 671. Den 19e. Jani 1737. de Losboot zoo als de Coopmansz: van Sagge na derwaarts overbrengen, pakk dit heer gezonden voor als nog kan werden toegebragt, tot be„ vordering van den inzaam Desgelijks is verstaan den Secunde aan te schrijven dat alle de voorschreeve koop„ manschappen, hem van Iaggernaikpoeram zullen toegezonden worden met de losboot Rammekens, on der aanhaling teffens, dat deezer Raade, dat vaartuig geprojecteerd waarmeede alle de genede heeft, om de aldaar gereedleggende Lijwaat, moeten udden, pakken, immers zoo veel er van als het zal kunnen laaden aftehaalen, en na herwaards over te brengen; en dat men hem derhalven gelast, om de gemelde boot zoo vroegtijdig te belaaden, en te depecheeren, dat hij in het begin van de maand Sep„ tember hier kan zijn; uit hoofde de ge„ melde Lijwaaten, alhier nog moeten wor„ der e van apparentie dat in de bist alle de pakken zoude vaartuijt van te zien om de Zesden. „der geherzorteerd, volgens de ordre. Dan wijl het niet zeer apparant is, kunnen wader afgeschipdat in de gemelde boot zullen kunnen afgescheept worden, alle de Lywaat pak„ lest en bij tijds na en tweseken die aldaar in gereedheid zijn, is al„ onstant pakken hem tn te mede verstaan hen aanteschrijven, dat men vertrouwd, dat hij bij tijds zal uit„ zien na een tweede vaartuig, om daar„ meede het restant doeken herwaards te kunnen zenden; onder betuiging rijdens, dat men verwagt, dat die almeede zoo tijdig zullen verzonden worden, dat ze met het verwagt wordende Contra schip van dit Iaar, na Batavia kunnen afgescheept worden, waar men zeer om Lijwaaten verlegen is. — den 19: Iuni 177. 673. den 19 Jun: 1757. piar en de gevangen neming van ter doster Marten von bedeeld aan te neemen, approbatie van de overgave van Fridel op de verlane. De gecommuieerden gwoord geplegd aan een de geplegde oer aan een pion, aan het huis van zekere fransche Dooter genaamt Martijn, en de daar op gevolgde ge„ vangneeming van gemelde Martijn, en op zen„ van ding na visagapatnam, op last van de Engelsche Regeering aldaar, voor bedied houdende, is verstaan te prijsen het voor„ zigtig gedrag door den secunde in deezen gehouden Ook is verstaan goed te keuren de overgave van den soldaat Fridel op den Ergelsche de erlangde veclame van het visagapat„ nams Gouvernmeunt, uit hoofde hij mede schuldig gehouden word aan gemelden moord, welke begaan is in een huis niet en waarm, op Compagnies, maar op een vreemde grond staande den 19. Juni 1787. ittem het gehouden gedrag door den secunda, omtrend de dn geslagen meid door Zeckeren Both staande, want hij na de gedagten deezes Raads ook behoord te regtgesteld te worden, voor zoodanig een Regter, welkers grond gebied, door hem met moord bevlekt is, Desgelijks is verstaan te approbeeren, het door hem gehouden gedrag, in het ge„ 1 val van den particulieren scheeps Capi„ tain Both, die zijn slavemeid dood ge„ slaagen hebbende, door hem in bewaring van den Ameldaar gesteld was, en zulks om rieden, dat gemelde Capitain Both nooit in dienst van de Comp„e geweest, en daaren boven een weendeling van geboorte zijnde, ook niet door hen be„ hoefde gearresteerd te worden, schoon het fait op Bimilipatnam gepleegd 673. den 19e Juni 1787. hoofd vrijmoet voor Commu„ ijverig dienaar verliest verantwonrding nopens het is, gemerkt dit dorp niet meer onder de Comp„ pagnie, maar dijekt onder de Radjas behoord. „ Hit bedeel overlijden van het opper, hit overlijden van het opper„ hoofd vrijmoet door deezer Raade met nocatie te noemen, aandoening vernomen zijnde, uit de brief van den secunde gedateerd 23. ' februarij Iongstleden: zoo is verstaan het zelve waar doo de Comp: een voor Communicatie aan teneemen, onder bij voeging, dat de Maatschappij in hem „8 verliest, een ijverig en trouw dienaar; en de bedieden op Bimilipatnam, een braaff opperhoofd, en aanschrijving verder, dat men eerstdaags een ander opperhoofd in zijne plaatsche verkiesen zal. Ondertusschen is almede verstaan ge„ te gunene genogen aan de ƒ noegen te neemen in de verandering van daar den securda, wegens het zoo laat gedaan te laat gedaane verslag van vol den 19. Juni 1787. genoegen over de Complaete vefl„ doekning van lijwaaten door de Cooplieden. „vollendig verslag van zaaken, uit hoofde dit veroorzaakt is door de zwaare or„ caan, die aldaar gewaaid heeft den 3. en 4=e November; want men zier wel kan be„ grijper, dat wijl daar door, alle de lij„ „waater welke op de bleek gelegen heb„ bin, vuijl en bedurven geraakt zijn, er door hem geen eerder verslag heeft kunnen gedaan worden, voor die herwassen, ge„ droogd, en in den band gebragt of andere doeken, voor de bedurven stukken gele„ werd waren; waar toe zeekerlijk al wat tijd behoefde. En is teffens verstaan het genoegen dar Regeering te betuigen over de vigilantie 3 der kooplieden, die niet tegenstaande alle

NL-HaNA_1.04.02_3784_0927 view scan ↗

English

677. The 19 June 1737. to her, in the Company's Cash Office, could not begin to wade there any earlier than after the departure of the Gorab, all these disasters, have taken care that they, through the delivery of sound cloths, have completely compensated for the goods advanced to them, and the paid with the exception of a small amount of C: C: page 12. 14. 8 which had been paid by them into the Company's Cash Office. And because this is according to the order, the Secunde shall likewise be ordered to observe this at all times when closing the accounts in order to prevent arrears. Whereas the collection in anno passato on Bimlipatam, according to the testimony of the Secunde, did not begin any earlier than after the dispatch of the Gorab de Hoop, it was understood, with respect to this justification, to note in the outgoing letter, that one therefore also needs no longer wonder why that small vessel was sent back empty, although one had expected the contrary. And hereby considering this matter settled, it was understood to write to the Secunde and to recommend that he, above all, be mindful of an early collection; with the assurance that care will be taken here that the necessary vessels for its transport are sent thither in good time. Although one completely acquits the Secunde as well as the deceased Chief 679. The 19th June 1737. of self-interested motives in the provision of pay, it was nevertheless understood to remark that they are by no means to be acquitted of not observing the order of this Council appearing in the circular missive of 15 December 1785, and only to provide pay to European servants, which was by no means observed in the provision of the aforementioned pay to the soldiers Pieter de Jong, Pieter Johannes Friedel, and Pieter Hendrik Theodorus; for herein, as the Secunde presumes, lies no excuse that they were placed on the list of subsidies which was handed over to the English, because this ought not to have occurred; with the addition that this Council knows of no reasons why it should not persist in that which has already been written regarding this to Bimlipatam, by letter of 8 January of this year; And the reasons adduced by the Secunde for the disbursement of pay to the Quartermaster Dirk Heerman, Gunner Hendrik Christiaans, and soldier Demetrius 681. The 19 June 1787. Kephala being judged by this Council to be of the same alloy, inasmuch as by refusing maintenance from the English they must have been considered as having tacitly left the service of the Company with the surrender of the fort, although that refusal is attributed by the Secunde to their fear of being transported elsewhere with the other prisoners of war; for which the first two on account of their heavy households, and the last on account of his advanced years, were very apprehensive: so it was understood likewise to write to the Secunde, to reimburse back into the Cash Office all the pay disbursed to them after the re-establishment of Bimlipatam, wrongfully and without qualification from this Council, in view of the inability of those people to do so. Yet, because the impoverished condition in which those people found themselves after the war will have contributed much to this, it was understood to inform Their High Excellencies of this case at the first outgoing letter, with an earnest request to favorably pass for write-off that provision, which the recipients are utterly unable to reimburse; and consequently to discharge the Secunde from the indemnification, because there is no proof that any self-interest had taken place in this. 683. The 19 June 1737. Subsequently, out of consideration of the unfortunate and impoverished condition of the aforementioned three persons, it was approved and understood to regard and hold them as having been re-accepted into the service of the Company on the very day on which Bimlipatam was restored, with further instructions to the Secunde that from that day forward their pay and board money may be credited to them. Regarding the profits achieved on the sale in the month of November, to an amount of ƒ 39370: 14: 8, it was subsequently understood to record the satisfaction of the Government.

Dutch transcription

6.77 677. Den 19 Juni 1737. den haar, in 's Comp:s Cassa, aldaar niet eerder als na het vertrek van de Gorab konnen beginnen waden, alle deze desastris, gezorgd hebben, dat zij door leverancie van deugdzaame doeken, volkomen verwend hebben, de aan hun verstrekte koopman, en het betaalde gestant schappen op en geringheid na van C: C: pag: 12. 14. 8 die door hun in Compagnies Cassa voldaan waren. En wijl dit na de ordre is, zal den lasten dit altes te ob„ Serveren Secunde almede worden gelast, dit al„ tors te observeeren bij het sluijten der rekeningen om agterstallen te prevenieeren. Dewijl den inzaan in anno passato den in Iaam heeft in A: p=o op Ces Piniclipataam, volgens betuiging L van den secunde niet eerder een begin nam als na de depeche van de Goerab de Hoop, zous met opzigt tot deeze verandwoording verstaan, bij den afgaanden brief C 1 Den 19 Juni 1737. recommantie egler, en voor al op een vroeger in zaam verdagt te zijn nopens der afhaal der zelve gemarqu atend de gedlaane verstrekking van Soldijen aldaar, brif aan te haalen, dat men zig dan ook niet meer behoeft te verwonderen, waarom dat kieltje ledig te rug gezonden is, schoon men het tegendeel verwagt hadde. En hiermeede deeze zaak voor afge„ daan houdende, 'is verstaan den secunde aan te schrijven, en te recommandeeren; om voor al op een vroegen inzaam bedagt en noder welke belofte te zijn; ender aanhaling dat vier zorgen zal, dat de nodige vaartui„ gen tot dies vervoer vraagtijdig der„ waarts gezonden worden. Schoon, men der secunde zoo wel, als het overledene opperhoofd volkoomen vrij„ kent 679 679. Den 19e. Juni 1737. tegens de ordre aehandelt. gagir aan 3. Schaaten kent, van eigenbaatige oogmerken in de verstrek„ king van soldijen, is egter verstaan te re„ waarentind, de gen huifdin F 8 marqueeren dat zij geenzints vrij te spreknb beij 8 d 9 ken zijn; van het niet observeeren der ordre van deezen Raade bij circuliere missive aa ƒ van den 15. December 1785. voorkomende, en maar alleen gagie te verstrekken aan Eurpeesche Dieraaren, dat geenzins en agt genoomen is, bij het verstrekken van den het pntrik kin gen de te voorenstaande gage aan de sol„ daaten Pieter de Jong, Pieter Iohannes Friedel, en Pieter Hendrik Theodorus; want hier in gelijk den secunde vermeent, geen ver„ schooning gelegen is, dat zij op de list k Den 19 Jan: 1747. het aangeschreeve bij brief van den d' Janoir iten neopens de gedaane verstrekking daar ner„ 3. andere perzonen; „lijst van subsidien die aan de Engelsche overgegeven is, zijn gesteld geweest, wijl dit niet had behooren geschied te zijn; ponfistering dirwersj bij met bijvoeging dat deeze Raade 80 geen reedenen weet waarom zij niet persisteeren zou bij het geen daar over berieds na Bimilipatnam aange„ schreeven is, bij brief van den 8. Ia„ nuarij deezes Iaars; En door deezen Raade van even veel alloi geoordeeld zijnde, de redenen door den secunde bij gebragt, voor het uit betaalen van gage aan den quartier„ meester Dirk Heerman, Cannonier Hendrik Christiaans, en soldaat Deme„ trius 681. den 19. Juni 1787. ten zijn aangenaikt gedaane verstrekking, door den secunde weder in Cassa trius Kephala, gemerkt zij door het weijgeren van onderhoud aan de Engelschen diegereijnd hooden ndrg ƒ ƒ geconsidererd moesten geworden zijn, als frgen. stillrigend met de overgave van het fort hodonig zij dus geas„ uit den dienst van de Compagnie gegaan te zijn schoon die wijgering door den secunde toegeschreeven word, aan hunne vrees om met de andere krijgtgevangenen ergens anders pa toe vervoerd te worden; waar voor de twee eerste en hunne zwaare huijshouding, en de laaste on zijn hooge Iaaren, zeer bedugt was: zoo is verstaan den se„ last en alle de meijgene einde almeede aan te schrijven, om al de te doen tallen.—. gage aan hun na het getablissement van Bimilipatram; ten wegten, en buiten kend van de Engalsche trat„ qualificetie den 19. Jni 1737. dien lieden, besluit egter hier van aan A: H: Edelh: Kenniss te geenn, en Hoogst der zelver qualifica„ tia ter afschijving te ver„ zoeken, qualificatie van daeze gegeving uitgekeerd, mits het wernigen van weder in Cassa te gen bours seeren, uit hoofde die luijden daar toe onvermogend zijn Dan wijl hier toe, veel gedaan zal hebben, den armoedigen toesland waar en die luijden zig bevonden hebben na den oorlog, is verstaan van dit geval kennis te geven aan Hunne Hoog Edel„ heeden bij het eerste aftegaan schrijven, met instantie om die verstrekking, welk de genieters volstrekt buijten staat zijn te gem bours seever, gunstig ter afschrij„ ving te passeeren; en dienvolgende den secunde van de vergoeding te onthoffen, uit hoofden ter geen berijs is, dat daar bij eenig eige belang zou hebben plaats gehad 683„ Den 19 Juni: 1737. gehad. besluit om dit per zoonen weder zed=t de te rug gave van Bimilip=n in dienst te sten op den verthienr in Nov l. J o Vervolgens is uit Consideratie van den on„ gelukkigen en armoedigen toesland van de voorschreeve drie perzoonen, goedgevonden 8 en verstaan, hun aan te zien, en te houden als weder in den dienst van de Compagnie aangenomen te zijn, op denzelver dag waar 9p 1 op Bimilipatnam te gug gegeeven is, onder verdere aanschrijving aan den Secunde, dat van dien dag af aan hun gage en kost, en hargege van dien dog of; ged te den geld kan worden te goed gedaan. 1 Over de behaalde winsten op den ver„genogen van de behaalde win„ tier in de maand November, tot een be„ draagen van ƒ39370: 14: 8. is vervolgens. verstaan het genoegen den Regeering te neemen letingen 2

NL-HaNA_1.04.02_3784_0934 view scan ↗

English

19 June 1787. To express approval to the secunde for constantly trading goods against the delivery of cloth, as this surpasses all the profits of the previous financial year, with further notice that approval is therefore also given to the delivery of merchandise of 12400 Pagodas to the Bimlipatnam merchants, against the delivery of flowered and plain betilles and Guinea fine bleached Company's old sort, in fulfillment of the demand for this year, and further adding that it is trusted that the prescribed amount will be fully met by them, with so much more cloth as can still be delivered by them, in satisfaction of the trade goods recently sent, whose delivery against the delivery of cloth is also understood to be recommended to the secunde as an object of the greatest importance, and far more profitable than an advance in cash, to be kept always in view. Meanwhile it is also understood to express the particular regret of the government that they have not been able from here to support the advantageous prospects of the secunde to persuade the merchants to accept merchandise for the missing amount of the demand for this year, by sending nutmegs and sufficient copper, on the grounds that there was none of the former, and of the latter not enough on hand to meet half his demand, unless one had wanted to leave Jaggernaikpoeram entirely unprovided, which is in accordance neither with good administration nor with the Company's interest. As much writing material for the service of Bimlipatnam having been shipped in the boat Rammekens as could be spared from the small stock here, it is understood to write to the secunde that it is hoped that the writing work arising there can be performed therewith until that factory can be further supplied from the stock that is shortly expected from Batavia. Meanwhile it is understood to approve, but only on the assumption that an absolute necessity took place in that regard, the payment at once of the 4000 Rupees granted by this Council for constructing a packing- and spice-warehouse, a cloth hall, and a mint, as well as for repairing the bleachfields, although that payment had to be made in dubs against the exchange rate for lack of other money, since the Company still profits from the mint dues thereby. Since it has been seen from the secunde's reports of 23 February not only that the English have already made their residence at Bimlipatnam, and have moved their entire cloth trade from Vizagapatnam thither, but also noticed that they seek to obtain more territory there, relying in everything on the helpful hand of the Rajahs, it is understood to reply in that regard that it is also seen here with regret that the chance of obtaining Bimlipatnam with the villages belonging under it in a perpetual lease for the Company has become far more disadvantageous than it was when he first made an opening regarding this to the Rajah's duan, and that it will therefore be best to abandon it entirely, especially since it was positively assured by him that this alteration of affairs will cause no hindrance to the collection or shipping of the Company, and that the Company's privileges in general will suffer no infringement, provided they are maintained with caution; that it is therefore also understood to recommend to him to observe this carefully. As this Council has not been able to conform to the reasons appearing in the aforementioned missive regarding the increase of servants in the past year, as they cannot outweigh those which it has for a scrupulous observance of the utmost frugality, to the reduction of the expenses of the administration, which makes one here very hesitant to take into service servants who are not deemed necessary for the war: so it is understood to disapprove all monthly wages demanded for additional servants.

Dutch transcription

Den 19. Juni 1737. Coopm: aan de Cooplieden tot N N: p C 2400. overonmantatie aan den secunde om steeds handelin haaren op leverantie van lijveret te onstukken, betuigen, als surpasseerende al de winsten oprotn ganden sgan gen, van het voorige boekjaar, onder aanschrij„ ving wijders dat men daarom ook goed„ En keurd de afgave aan koopmanschappen van N. N. CPag: 12400. –. aan de Bimi„ lipatnamsche kooplieden, op leverantie van gebloemde en effen bethilles en Gui„ neer fijn gebleekt Compagnies oude soort, in voldoening van den Eijsch voor dit Jaar„ en verders bijvoeging, dat men vertrouwt, dat het voorschreeve bedraagen door hun Complaet zal worden voldaan, met nog zoo veel meerder Lijwaaten, als door hun nog zullen kunnen geleverd werden, in voldoening der Iongst gezondene handelscharen, welkers afgave op leverantie van 695„ Den 19. Juni. 177. van hier geen Coopmanschappen hadt kunnen ver zeden, Eijsch van dit Jaar te voldoen, van lijwaaten oik verstaan is den secunde te ge„ commandeeren, als een voorwerp van het meeste belang, en vere profircabel boven een verstrek„ king in Contant, altoos in het oog te houden, Ondertusschen is almeede verstaan het leedwerzen ver dat men bij zondere lestweesen der Regeeringd te be„ tuigen, om dat men de voordeelige voor uit„ zigten van den secunde om de Cooplieden over te haalen, tot het aanvaarden van koop„ manschappen, voor het ontbreekend bedragen in te getbrekende van den 1 aan den Eisch voor dit Iaar van hier niet hebben kunnen Secondeeren, door het zenden van Nooten en genoeg zaam koper, uit hoofden, er van het eerste niets, en van het laatste. en waarom niet zoo veel aan handen was, om zijnen halven eisch te voldoen, ten waar men Jagger H Den 19. Juni 177 gedaane Lingding ven schijf„ voorvallend werk zal kunnen waden verrigt, oprbeter ven de ofgen van 400. rop. s von het extrueeren huijs „ Iaggernaikpoeram in het geheel onvoor„ zien had willen laaten, dat nog met de huishouding, nog met Comps intrest overeenkomt. . In de boot Rammekens, zoo veel tuijs on de bout kanneken schrijftuig ten dienste van Binilipatnam afgescheept zijnde als uit den geringen voorraad alhier heeft kunnen worden gemist: hee dat doemende het zoo is verstaan den secunde aan te schrijven, dat men hoopt, dat daarmede het daar voorvallend schrijfwerk zal kunnen worden verrigt tot men dat Comptoir nader zal kunnen voorzien uit den voorraad die men eerstdaags van Batavia verwagt. Intusschen is verstaan te approbeeren van een pagt en spereijpek, dog alleen waar in veronderstelling, dat 44 687 den 19e: Juni 1787. munt, mitsg=s voor het rapareeren. der blakenij, advesen dat de Eug: verts hunne residentie aldaar hadden gemaakt, en hunne gantsche lijwaat handel van visa gapot„ dat daar omtrend een volstrkte good zakelijkheid heeft plaats gehad :/ de afgave in eens van de„ 4000. Ropijes door deezer Raade toegestaan voor het extrueeren van een pak- in specerij- pak„ huis, een klede zaal, en een munt, mitsgaders ten en klante zol, n n voor het grepareeren der blikerijen, schoon die. afbetaaling door gebrek aan ander geld in dabboeden heeft moeten geschieden te gen de wissel Cours, alzoo de Comp: daar bij nog de munts geregtigheid profiteerd. — Dewijl mer uiet des secunders adviesen blijking dut des secunden van den 23. februarij niet alleen gezien heeft, dat de Engelschen van Bimilipat„ van geeds hunne Residentie genaakt, mitsgaders hunnen gantschen Lijwaat handel van visagapatnam na derwaarts aan, naderw„, opplaats Per Den 19. Juni 1787. waar door men geen kant ziet, om Bimilip=te en dies onder„ te krijgen. —. best aan te zien „verplaats hebben, maar ook ontwaard, dat zij daar meer grond gebied tragten te verkrijgen, steurende in alles op de behulpzaame hand der Radjas: zoo is verstaan daar„ hoongedapen in eenig pigtomtrend te antwoorden, dat men hier uit ook met leedweeser ziet, dat de kans om Binilipatnam met de daar onder be„ hoorende dorper in een altoos duuren de pagt voor de Comp: te verkrijgen, wij nadeliger geworden is, dan ze was, toen hij daar van de eerste opening deed aan des Rad„ last daar van maar het Jas Duar, en dat het derhalven best weezen zal, daar van maar geheel af te zien, voor al wijl door hem vijstellig verzeekerd wad„ dat deeze vermitseling van zaaken geen hinder aan den inzaam of vertien van de Comp:e zal 689. den 19 Juni 1787. recommantie om pep=t in Comp voorregten zogvuldig te wagten, gegevene redenen wegt de J vermeerdering van bediendens besluit alle afgelangde maandgelden aan meerdere Jul dienaaren te disappro„ beeven, zal toebrengen, en dat Compagnies vooregten. in het algemeen genigen in breuk zullen wedervaaren, mits zij met voorzigtigheid werden gehandhaaft; dat hen derhalven almede verstaan is, te recommandeeren, zorgvuldig te betragten. Met de oederen bij den opgemelde missiva nancenfomiening met de voorkomende, wegens de vermeerdering van bediende in annoo passato deezer Raade zig niet hebbende kunnen Conforwmeeren, wijl zij niet kunnen opweegen, die, welke zij heeft voor een sorupuleuse betragting van een alle uitterste zuijnigheid, te vermindering van de ongelder der huijshou„ ding, waar door men hier zeer huijverig is, om bedienden in dienst te neemen die voor den Oorlog niet nodig geordeeld zijn: zoo is ver in Ao p. o . 9

NL-HaNA_1.04.02_3784_0940 view scan ↗

English

The 19th of June 1787. It is understood to disapprove all paid-out monthly wages to more native servants than those mentioned in the Bimilipatnam letter of the 13th of February 1786, and granted by this Council by letters of the 8th of January last, with instructions to the Secunde; that consequently all the wages that may have been paid out to them must be refunded into the Company's treasury by those upon whom it is incumbent. And in order to make a fixed determination in this matter once and for all, and thereby to cut off the opportunity for any arbitrary increase, it has been approved and agreed, upon the submitted preliminary advice of the Honorable Governor, to keep in service at Bimilipatnam henceforth the following native servants, namely: 1 Interpreter, Pagodas 2. —. —. 1 Brahmin or Writer, Pagodas 1: 20: ¼ 1 Chief Peon, Pagodas 1: —. —. 1 Brahmin or Writer under the Secunde, Pagodas —. 18. —. 24 Peons, Pagodas 18. —. —. 2 Sweeper women, Pagodas —. 18. —. 1 Slaggeman, Pagodas 1. —. —. 1 Servant for the Resident, Pagodas 1. —. —. 2 Water carriers at ½ pagoda each, Pagodas 1. —. —. 1 Head bale binder, Pagodas 1. —. —. Amounting the wages of all the same to Pagodas 28: 8: ¼, which monthly can be brought up in the expense account, without more. Then on the other hand, it is again understood to write to the Secunde that henceforth from the said account must be left out the sword polisher and smith, who were brought up in it before the war, as being unnecessary there now, along with four water carriers and as many sweeper women; because then there was a fort and garrison, which is why one also needed three times more water and cleaning than now. This Council having consented by letter of the 8th of January to the inclusion of 4 bale binders, this happened in the trust that they had been there in permanent service before the war, but upon closer investigation the contrary having appeared to the same, it is thus understood to revoke that authorization herewith, with an interdiction to the Secunde against that inclusion for the future, because one knows no reason why they should now be more necessary than before. Upon the communication of the Secunde that the merchants, on the advance payment which was made to them in the month of November, had already delivered in the month of March 2,000 pieces of Guinees, fine, as well as the Company's old sort, and in addition had also promised to settle their remaining arrears within a month, if they were granted permission to do so in linens of the above-mentioned two sorts: it is not only resolved to express the special satisfaction of the Government regarding the aforementioned vigilance of those merchants, but also, in order to accommodate them somewhat, to grant their request by also permitting them to pay their remaining arrears with linens of the above-mentioned two sorts, although one thereby departs from the old order, which dictates: to accept no goods outside of the demands. While furthermore upon the proposal of the Secunde to exceed the demands at the formal public tender, it is understood to answer that however much one has also been unable, due to the circumstances in which one is still languishing here, to contract for the demanded goods for this year, and has even been obliged to excuse the petition for the Netherlands; this Council however would not have dared to let that condescension for the merchants go so far as to exceed the demands at the formal tender, according to his proposal, by at least 50 packs of Guinees fine bleached, and 50 packs of Guinees the Company's old sort, however much this in his opinion might also have promoted the sale of a larger quantity of sloops, considering this would run entirely contrary to the order of the Gentlemen Majors, which one is obliged to observe strictly, with further instructions never more to make any proposals to this Council that conflict so directly with the prescribed order. Lastly, it is also understood to admit into the Company's service as soldiers the persons Christiaan Anderszen of Vegt in West Friesland and Joseph Kerwiedie of Dunkirk, who arrived here at the Mhoover from the interior, at the ordinary wage of twelve guilders per month, under a three-year contract taking effect today. And warehouse master Stoffenberg, also acting in the office of Secretary due to the absence of the junior merchant Brouwer, having given notice after the end of the meeting to the Honorable Governor of the contents of the aforementioned resolutions, it has pleased his Honor to confirm the same.

Dutch transcription

Den 19 Juni 1787 door vergoeden. bepaaling te maaken verstaan te dis approberen, alle uit gelangde maandgelden aan meerder inlandsche Die„ naaren als die bij Bimilipatnamsche missive van den 13. februarij 1786: genoemd, en door 1 deezen Raade bij letteren van den 8 Ianuarij en dezelve weder in Cassa t Jongstleden geaccordeerd zijn, onder aan„ schrijving aan den Secunde; dat dien„ volgende ook al de gage, die aan hun mogt weezen afgelangd, weder in Comp= 8 Cassa moet worden vergoed, door die het incambeerd. besluit daarmntand en vaste en om hier in op eens een vaste bepaa„ ling te maaken, en daar door de gelegent„ heid te coupeeren, aan alle eigendunkelijke vermeerdering, is op ingekomene preadries van den Heer Gezaghebber, goedgevonden en ver„ stag 691. den 19. Juni 1787. staan, om voortaan op Bimilipatnam de vol„ waar in de zelve bestaan gende inlandsche bediendens in dienst te houden; als: S. Tolk 2. Bramine of Schrijver & Hoofdpion 1. Braminie of Schrijver onder den Secande „ —. 18. —. 24. Piens - 2: vleegsters - - - - 1. Slaggeman 'T Dienaar voor het opperhoofd - — — „ 1. —. —. 2. waterhaalders â — ½. pag: ieder. - - - „ 1. —. -. 1. Hoofdbaal binder - - - - - - - „ 1. —. —. dezelve dat maandelijks bij de onkostreekening kan die gmandelijks bij de akestank kan worden opgebragt, zonder mer„ worden opgebragt; zonder meer. -. Dan daar en tegen is weder verstaan der interdictie en in het vervolg de Swaardvarger en Smit uit secunde aan te schrijven, dat voortaan de reek te laaten: –„ 1: 20:¼ - „ 1: — „ - - - - „ 18. —. —. -„ 1. —. —. Pag: 2. —. —. - -- „ 1. 18 —. „ Bedragende de gage van alle d Pag: 28: 8: ¼. va — -- - - Den 19 Jani 1737 iten niu waterhaalden en zoo verl vergster intrekking den gequalifi„ catie te opbrengingen van 4. baal binders, van gemelde rekening moeten worden afge„ laaten, de Zwaardveger en Smith, die e voor den oorlog bij wierden opgebragt, als daar thans onnoodig zijnde, nevens vier waterhaalers en zoo veel veegsters; aant en toen een fort en garnisoen was, waarom mer er ook wel driemaal meer water en rijniging: als thans behoefde. Door dezen Raade bij brief van den 8 Sa„ nuarij geconsenteerd zijnde in der opbreng van 4. baalbanders, gescheeden dit, in ver„ trouwen, dat die voor den oorlog aldaar in vas ten dienst geweest waaren, dan bij nadere na-vorsching het tegendeel aan dezelve gebleeken zijnde, zoo is verstaan die qua„ lificatie bij deezen weder in te trekken met 693. den 19. Juni 1787. reeds 2000 p=s guires ge„ leverd op de verstrekking in 9ber: gedaan. stal binnen een maan te Verevenen. Regening dieres„ te betuigen, met interdictie aan den secunde van dien op„ beeng voor het vervolg. wwant mer geen rede weet waaren zo nu meer nodig zouden zijn, als van te vooren. Op de Communicatie van den Secunde, de Cooplieden hebben be„ „ dat de kooplieden op de vooruit verstrekking „ November bereeds in de maand welke aan hun gedaan was in de maand„ Maart 2000. Stukken 200 Guinees fijn, als Comp=s oude zoort geleverd, en daar en en belof hun darige agter„ boven nog beloofd hadden, hun overige agter weezen binnen een maand te verevenen, zoo hun vergunt wierd, dat te doen in Lijwaa„ ten van de opgemelde twee soteringen: is beslust het genoegen de niet alleen verstaan over de voorsz: vigilantie van die Marchiandeurs het bij„ zonder genoegen der Regeering te betuigen, maar ook om hun wat te genoet te komen, toe den 19. Juni 17437. en haar te permitteeren im hun agterstallige penn: meede in guineesen te mogen voldoen, verzoek door den sfcunde, om bij de formeele aanbester„ men is als buijten staat ge„ wrst, om der eisch oor dit Jaar aan te besteeden, cruisieren; toe te staan in hun verzoek door hen almeede te permitteeren om hun overig agterstaal ook te 1. moogen voldoen met Lijwaaten van de opge„ melde twee sorteeringen, schoon men daar„ meede afwijke van de oude ordre, welke 8 dicteerd: om geen goederen buiten de eisscher te accepteeren. Terwijl wijders op den voorslag van den ding den eijsch te gxodong, secunde, om bij de formeele aanbesteeding, de Eisschen te excederen, verstaan is te antwoorden, dat hoe zeer men ook door de omstandigheeden, waarin men hier als nog verteert, buijten staat geweest is, en het g'eischte voor dit Iaar aante besteeden, en die voor Nederland te ex„a zelfs verpligt geweest is, de petitie voor Nederland te excuseeren; deezen Raade 695. den 19. Juni 1787. tegens de ordre der Heeren Majores zoude aan„ propositien tegen de erdde Raade egter, die Condescendance voor de kooplieden zoo ver niet zou hebben durver laaten gaens, om volgens zijn voorstel, bij de formeelen aanbesteeding, de eisschen te excederen, ten minsten met 50. pak„ ken Guinees sjn geblerkt, en 50. pakken Guinees Comps oude zoort, hoe zeer dit venrigie dat de verzogte ook na zijne gedagten het debiet van sloopen, een grootere quantiteit na gulen mogt bevor„ dert hebben, gemerkt dit ter eenemaal zou aanlooper tegen de ordre der Heeren Majores, welke men verpligt is, stiptelijk te observer„ ven, onder aanschrijving wijders om nooit last en prort, men eenige te doen meer eenige propositien aan deezen Raade te doen, die met de voorschreeve ordre zo direstelijk strijde. —. Laastelijk den 19. ani 1737. admissie van 2 perzoonen in dienst va zoldaat met ƒ 12, gegevene kennisse aan de heer Gezaghebber van deeze besluiten Aitb„ Laastelijk is nog verstaan, de aan de Mhoo„ ver uit het land alhier aangekomene per„ zoonen van Christiaan Anderszen van vegt in westvriesland en Ioseph Kerwiedie van Duijnkerke in 's Comps dienst te admitteeren voor Soldaaten met de Iuvrna gagie van twaalf guldens ten maand, onder een drie Iaarig verband haeden ingaande. en pakhuijsmeester Stoffenberg, teffens waarnemende het ampt van Secretaris, mits absentie van den ondercoopman Broulwer na het eindigen der vergadering aan den Heer Gezaghebber kennis gegeeven heb„ Confamer ing daarede dor zijn Eende van den inhoud der voorsz: be„ sluijten, heeft het zijn Agtb: behaagd, zij daareede

NL-HaNA_1.04.02_3784_0947 view scan ↗

English

97 91 the 19th of June 1787. to conform thereto; whereof it is understood to keep record. Thus Done and Resolved in Castle Geldria at Palliacatta, date as above. Signed: as before, Except: W: Blaaukamer, J: D: Simons, and B: Brouwer. Thursday the 19th of July 1787. By Circular Query, The Resident at Portonovo, Librecht Cornelis Topander, having given notice by letter of the 15th of this month to the Honorable Commander of the receipt of the proceeds of the elephants sent thither from Jaffanapatnam for sale, being the 19th of July 1787. being an amount of 5918 Rixdollars, or reckoned at 17 schellings the Portonovo pagoda, a sum of 2784 1/16 pagodas, with a request to be permitted to take from this as much as he has already taken up for the service of that residency, and for the reimbursement of which he was often pressed and demanded, with the promise, however, that should this Council see fit to have that amount remitted in the said currency to Jaffanapatnam, he would then bear the loss that might occur in exchange or otherwise, without charging the same to the Company's account. 699. The 19th of July 1787. The Honorable Commander, on account of His Honor's continuous indisposition, having sent the aforementioned missive through the First Sworn Clerk, Johan Joachim Hasz, by way of circular query to the Members of this Council for perusal, asking whether they could conform to the request of Resident Topander and his proposal made hereinbefore: it was approved and understood with unanimous votes to condescend to the request of Resident Topander and to the conditions proposed by him, and consequently to authorize him (until one should be provided with sufficient cash to be able to remit the same to him in order to supply that amount again for remittance to Jaffanapatnam) to retain the aforementioned 2784 5/16 Portonovo Pagodas, with orders also to satisfy from this at the earliest the funds which he has negotiated from private individuals for the service of that Residency, and this solely to prevent the further interest that would accrue thereon. Thus Done and Resolved in Castle Geldria at Palliacatta, date as above. Signed: as before. The 19th of July 1787. 701. Monday the 30th of July 1787. In the forenoon at 10 o'clock. Council of Policy. Absent: The titular merchant and fiscal Joan Daniel Simons, and The Secretary of Policy Broerius Brouwer, both departed to Nagapatnam for the dispatch of business. Yesterday received here and opened today in the meeting, a Home letter packet brought to Tuticorin by the ship De Leviatan, and sent hither from there along with the employees' covering letter of the 14th of this month: it was understood, after reading, to note hereby from it that there was received therewith an Extract General Home Missive written by the Right Honorable, the Honorable Gentlemen Seventeen to Their High Mightinesses at Batavia, being dated the 12th of December 1786, accompanied by an Extract from the Demand for returns for the Year 1787 allotted to Coromandel. The Honorable Commander gave notice on this occasion that, since one has no vessels of any kind at hand here to send a quantity of iron nails and some other necessities to Jaggernaikpoeram before the onset of the northern monsoon, and to bring back from there to this place as many of the bales that may be ready there as possible, His Honor had obtained an opportunity 703. The 30th of July 1787. had obtained an opportunity to enter into a Contract with the owner of the sloop De Fortuna, Johan Fredrik Koning, to transport shortly on freight a quantity of 10800 lb of iron nails and some other small items for 60 old pagodas and at the usual validation of 1/2 per Cent to Jaggernaikpoeram, and to bring back from there hither towards the 1st or at the latest the 15th of September a hundred bales of ordinary size, or as much more or less as the said vessel could carry, and this for the freight of 2 pagodas for each bale of cloth of ordinary size and of 4 pagodas for each bale of blankets that The 30th of July 1787. might be loaded into the said craft due to a lack of other cloth bales. The Council finding this plausible precaution used by the Honorable Commander for the early obtaining of a sufficient quantity of cloth bales to be able to be sent this year to Batavia suitable, it was understood to keep a record thereof, and to insert the aforementioned Contract verbatim herein: I, the undersigned Johan Fredrik Koning, acknowledge hereby to have chartered my sloop Fortuna to the Honorable Company, or the Government of Palliacatta, on the following

Dutch transcription

97„ 91 den 19: Juni 177. „eoen omaen an seat dan Protorn„ van de verkogte bliphanten daarmeede te conformeeren; waar van verstaan is, aanteekening te houden Aldus Gedaan en Dear, resteerd Int Casteel Peldria te Palliacatta dato voorsz /was geteeken:/ als vooren /: Excepto:/ W: Blaaukamer, J: D: Simons, en B. Brouwer Donderdag den 19. Iuli 1787. Bij Rondvrage, Den Resident te Portonovo Librecht Cornelis Iopander, bij brief van den 15:' dee„ zer aan den Heer Gezaghebber kennisse ge„ geeven hebbende, van den ontfangst van het provenu der van Iaffanapatnam ter verkoop na dirwaarts gezondene Elipharten, zijnde - den 19. Juli 1787. net welte beijt tesfens zijnde een montant van Rijxd=s 5918, of te„ gens 17. schellingen de portonorosche pagood gereekend, eene somma van pal 2784. 1/16, met ete de onmen elen verzoek om daar uit zoo veel te mogen neemen, als hij ten dienste van die resi„ dentie reets opgenomen heeft, en tot wil„ kers remboursement hij dikwils was aan„ gesproken gevorder, met belofte egter wan„ neer het deezen Raade mogte goed„ vinden om dat bedragen in gemelde munt Iaffanapatnam te laaten over„ na maaken, hij als dan de schaade die bij verwisseling als anderzints mogten komen te vallen, dragen zoude, zonder dezelve de Comp: in reekening te brengen. Den 699. Den 19. Juli 17887. daan made tanformeren benden Den Heer Gezaghebber mits zijn Agtb: gesdaen woge ande leen o aanhoudende onpasselijkheid, voorschreeve missive door den Eerste Gesworen Clerk Johan Joachim Hasz: bij wege van vordwage bij de Leeden deezes Raads ter tectuura gezonden hebbende, met af„ wage of dezelven zig met het ver„ zoek van den Resident Top ander, en zijne gedaane voorstel hier voren gemeld, Conformeeren konden: zo is met bestulken daar toe te qualifi„ unarime stemmen goedgevonden en vorstaan in het verzoek van den Resident Top ander, en op de door hem voorgestelde voorwaarden te Condescerdeeren, en dienvolgende hem /: tot dat men van genoegzaame Contanten zoude aenn werzen dog ande welke guls weezen voorzien, om hem dezelve te kunnen doen toekomen, ten eijnde dat bedragen wede„ te doen suppleeren, ter vermaaking na Iassa„ napatnam:/ te qualificeeren, tot het aan„ houden der voormelde 2784. 5/7. Potonorosch Pog:, met last teffens om daar uit ter eersten te voldoen, de gelden die hij ten dien„ ste van die Residentie van particu„ lieven genegotieerd heeft, en zulks eene, lijk ter prevenieering der verdere intressen, die daar op zouden komen te beloo„ pen. Aldus Gedaan en Ge arresteerd In't Casteel Geldria te Palliacat„ ta dato voorsz /:was geteekend:/ als vooren. Den 19. Juli 1787. Maandag 701. ontfangst van en Patrias brifipakket ven Tuitucoij Extract gem: Patriasche mis„ sive aan N: H: Ed: geschreven, Maandag den 30. ' Iuli 1737. D voormiddags te 10. uuren - Vergadering van Politie Absent Den koopman tit: en fiscaal Ioan Daniel Simons, en Den Secretaris van Politie Broerius Brouwer, beide ter verrigting van affaires na Nagapatnam vertrokken. Disteren alhier ontvangen en op heden in ver„ gadering geopend zijnde, Een Patrias brief pak„ ket, met het schip De Leviatan op Pu„ tucorijn aangebragt, en van daar nevens der Bedienden geleide letteren van den 14. deezer herwaarts gezonden: zoo is, na lectuura ver„waameerde aangebragtis een staan daar uit bij deezen te noteeren, dat daarmeede ontvanger is, een Extract Generaale Patriasche Missive door de Hoog Edele Hoog Hoog Agtb Den 30. Juli 1787. verzeld van den Eijsch van getouwn: an 1787 gegevene kennisse door den Heer Gezag hebber, dat men mitsge„ van geen Coopman dz: tkan nat zin ticulig sloepje te huuren, Agtb: Heeren Zeventien, geschreven aan Hunne Hoog Edelhedens te Batavia, zijnde gedateerd den 12. December 1786, ver„ sels van een Extract uit den Eijsch van re„ touren voor den Iaare 1787. Chormandel toegedeeld. Den Heer Gezaghebber gaf bij deze brk aan vartungen Jasg: occasie kennis, dat dewijl men hier geen vaartuigen hoe genaamd aan handen heeft, om voor de doorbrake der Noorder mou„ son een quantiteit nagulen en eenige andere benodigtheeden na Iaggernaik poeram te zenden, en van daar weder dit heen te doen overbrengen zoo veele van de pakken, die aldaar in geredheid mogen geskrigen gelijenthed ie mn pen zijn, als mogelijk is, zijn Agtb: gelegent„ 45 heid 8 d 703. Den 30. Juli 1787. heid gekregen hadt, om met de rheeder van het Chialoupje de Fortuna, Iohan Fre„ drik koning een Contract aan te gaan, om en anderwerlke voorwaden, eerstdaags op vragt een quantiteit van 10800 lb nagule en eenige an der klijnighee„ dens voor 60. oude pag: en op de gewoone valida„ tie van ½. p„r Cento na Iaggermaik poer am over te voeren, en van daar weder tegens der 1. of uitterlijk den 15. ' September een hon„ dert pakken van de ordinaire groote, of 2oo veel mier of minder als hit gem: vaartuig laaden konde, dit hier over te brengen, den zulks voor de wragt van 2. p„a voor elk pak lijwaaten van de ordinaire groote„ en van 4 pag: voor ieder pak Combaarsen, die Den 30. Juli. den Raad. Iasatie van het dirrigers aange„ Sareerien- gaane Cntract. -. „die door gebrek aan andere lijwaat pak„ ken in gen: kieltje mogten worden afge„ laaden. enconinig daarende den Den Raad zig met dieze plausi„ ble gebruijkte voorzorge, door den Heer Gezaghebber, ter vroegtijdige erlanging vroeg 5 1 5 van een genoegzaame quantiteit lijwaat„ pakken, om deezen Jaare na Batavia ƒ te kunnen worden verzonden, gepast. vindende, zo wierd verstaan daar van aanteekening te houden, en het voorm: Contract in deezen woordelijk te in„ Ik ondergeteekende Johan Fredrik Koning, bekenne bij deezen verhuurd te hebben mijne on„ derhebbende sloep Fortuna, aan d' E: Comp=e, of het Gouvernement van Palliacatta; op de volgende

NL-HaNA_1.04.02_3784_0955 view scan ↗

English

705. the 30. July 1787. following conditions; First, I bind myself hereby to collect from here with my aforementioned vessel within a few days 10800 lb: spices, and some small items, to bring them over to Iaggernaikpoeran, provided that I am paid for freight for this old Pag: 60. that is old Pagodas sixty; and I in addition enjoy the customary allowance of 2. per Cent on the spices; while on the other hand I bind myself to make good any shortage: Secondly: the Lord Director promises on the other hand to have unloaded into the said sloop at Iaggernaikpoeram before the 1. or at the latest before the 15. September One hundred sacks of Linens of the ordinary size, or as much more or less as the said vessel can load to be brought over hither by the said sloop, for the freight of 2. pagodas for each Bale of linens of the ordinary size, and of 4. pagodas, for each Bale of Combaarsen, which for lack of other Linen bales, might be shipped in the said small vessel; And thirdly: if it should unexpectedly happen that The 30. July 1787: that the Iaggernaikpoeran chiefs were unable before the 15. September to load the said vessel for lack of Linen Bales, and it thus had to return empty, the Lord Director promises hereby to indemnify the owner or charterer of the vessel, by payment of 200: pagodas, or the freight of 100. - Bales. he being further permitted to depart after the 15. September with his vessel from Iaggernaikpoeran to this place with the Bales that he has aboard without objection from anyone. - And of this are made two identical copies, of which one will be kept by the Lord Director of this coast and One by the Honorable Koning aforementioned.—. Thus Contracted in the Government at Palliacatta the 23.' June Anno 1787. /:was signed:/ W: Blaaukamer and I: F: Koning Thus Done and Resolved in Castle Geldria at Palliacatta date as above /:was signed:/ as before /:except:/ I: D: Simons, and B: Brouwer. Sunday 707. Batavia letter packet received per the Valck; to the Lord Director alone. Sunday the 12.' August 1787. In the forenoon after the Sermon Council of Policy Absent The titular Merchant and Fiscal Joan Daniel Simons, and the Secretary Broërius Brouwer, both departed to Nagapatnam for the performance of affairs. With the ship de Valck, arrived yesterday in this roadstead from Batavia, being received, and today opened and read in the meeting, Their High Noble Indulgences' venture letters of the 17. April and 22 May of this Year, accompanied by a secret letter packet, addressed to the Lord Director alone, and such annexes as are mentioned on the sent lists: it is resolved to keep this record of its receipt. Thus Done and Resolved: In Castle Geldria at Palliacatta date as above: /:was signed:/ as before /:Except:/ J: D: Simons, and B: Brouwer. Monday the 12.' August 1787. 709. receipt of Their High Noble Indulgences' letter of the 15. June etc. Monday the 20. August 1787. In the morning at 8 o'clock Council of Policy Absent The Merchant and Fiscal Joan Daniel Simons, and the Secretary: Broërius Brouwer, both departed to Nagapatnam for the performance of affairs; Yesterday evening having arrived here in the roadstead from Batavia, the sloop de Herstelling projected by Their High Noble Indulgences for this coast: it is approved and resolved hereby to note, that there with is also received Their High Noble Indulgences' original letter of the 15 June, and duplicate letters of the 17: April and 22. May last. the 20. August 1787. dispatch from Ceylon of a certain 3rd bill of exchange drawn by the clergyman on the merchant Bollenhagen of Batavia and returned unpaid. By the Ceylon ministers along with their Honorable letter of the 21. April of this Year, having been sent hither, a third bill of exchange totaling Rds 5067. 6. drawn by the Clergyman Johannes Theodorus van der Werth in favor of the burgher Johannes Franchel under date of 25. July 1785 on the junior merchant Hollenhagen at Batavia, and which bill of exchange having been received back unpaid owing to the decease of the said Hollenhagen, the Well-mentioned Ceylon Government has requested this Council 711. The 20. August 1787. request to have the payment of the same not made by His Reverence to the first holder of that bill, the English Captain Scott, but to have the money counted into the Company's Treasury, to keep that until further disposition of him Franchel. And since recently the aforementioned Franchel /: as appears from his request presented to the Ceylon Government, of which a copy along with their Honorable letter of the 30. July, which was received here only the day before yesterday :/ has explicitly assigned the amount of the aforementioned bill of exchange to the Company, and by the said Ministers

Dutch transcription

705. den 30. Juli 177. volgende Conditien; Eerstelijk verbinde ik mij bij deezen, om met mijn voorschreeve vaartung binnen wijnig dagen van hier af„ te haalen 10800 lb: speceijen, en eenige klijnig„ heden, om die na Iaggernaikpoeran over te bren„ gen, mits mij daar voor aan wagt betaal word oude Pag: 60. zegge oude Pagooden sestig; en ik daar en boven geniete de gewoone validatie van 2. pr C:o op de specerijen; wijl ik mij daar en tegen verbinde de meerdere minuigter te voldoen: Ten tweede: beloofd den Heer Gezaghebber daar en tegen, om voor den 1. of uitterlijk voor den 15. September in de gemelde sloep op Iagger„ paikpoeram te zullen doen aflaaden Een hou„ 9 dert sakken Lijwaaten van de ordinaire Groote, of zoo veel meer of minder als het gemelde vaar„ thuijg laaden kan om door de gemelde sloep herwaarts overgebragt te worden, voor de wagt- van 2. pagoder voor elk Pak lijwaaten van de ordinaire Groote, en van 4. pagoden, voor elk Pak Combaarsen, die door gebrek aan andere Lijwaat pakken, in het gem: kieltje mogten worden afgescheept; En ter derden: zoo het onverhoopt gebeuren mogt dat Den 30. Iuli 1787: dat de Iaggernaikpoeransche opperhoofden buiten staat waaren voor den 15. September, het gemelde vaartuig te belaaden door gebrek aan Lijwaat Pakken, en het zelve dus ledig retournee„ ven moest, beloofd den Heer Gezaghebber bij deezen om den eigenaar of verhuurder van het vaartuig schadeloos te stellen, door beta„ ling van 200: pagoden, of de wagt van 100. - Pakken. wordende hem voorts toegestaan om na den 15. September met zijn vaartuig van Iaggernaikpoerais na herwaarts te mogen ver„ trekken met de Pakken die hij in heeft zon„ der tegen zeggen van iemand. - En zijn hier van Gemaakt twee eensluijdende afschriften, waar van een door den Heer Gezag„ hebber deeze kuste en Een door den E: ko„ ning voornoemd zal worden bewaard.—. Aldus Gecontracteerd in 't Gouvernement te Palliacatta den 23. ' Iunij A. o 1787. /:was geteekend:/ W: Blaaukamer en I: F: Koning Aldus Gedaan en Ge arresteerd in t Casteel Geldria te Sal„ liacatta dato voorsz /:was geteekend:/ als vooren /:excepto :/ I: D: Simons, en B: Brouwer. Sondag 707. batavias brief pakket per de velck entvangen; aan den her gezogh. 6 be allen Sondag den 12. ' Augustus 1787. Svoormiddags na de Predikatie Vergadering van Politie Absent Den koopman tit= en fiscaal Ioan Daniel Simons, en den Seretaris Broevius Brouwer, bide te ge„ wigting van affaires na Nagapatnam vertrokken. Met het op gesteren ter deeze rheede gering en leking van vas gearriveerde schip de valck, van Batavia ontvangen, mitsgaders, heden in vergadering geopend en geleezen zijnde, Haar Hoog Edelhee„ dens geventvreerde brieven van den 17. April en 22 Mai deezes Iaars, verzeld van stover en simite gekket garigt, een secreet brief pakket, aan den Heer gezag te kindieng. „gezaghebber alleen gerigt, en zoodanige bijlaagen als op de daar van overgezonde d stit an ge vonte ken Registers staan vermeld: zoo is verstaen van dies ontvangst deeze aanteekening te honden. Aldus Gedaan en Gearres„ teerd: In't Casteel Gldria te Palliacatta dato voorsz: was geteekend:/ als vooren /:Excepto:/ J: D: Simons, en B: Brouwer, Maandag den 12.' Augustus 1787. 709. ontvangst van N„ N: E: mes„ sive van den 15. Juni Hte„ Maandag den 20. Augustus 1787. Smergens te 8 uuren Vergadering van Politie Absent De koopman en fiscaal Joan Daniel Simons, en Brosener, beide ter Dis Secuetaris: Broerius verrigting van affairs na Nagapatnam vertrokken; S Sisteren avond van Batavia alhier ter amme van de Chialup de Hunne rheede gearriveerd zijnde, dat door Hoog Edelheden voor deeze kust gepro Jectie de sloep de Verstelling: zoo is goedgevonden en verstaan bij deezen „ te noteeren, dat daar meede ontvangen is Haar Hoog Edelhedens origineele mis„ sive van den 15 Iuni, en duplicaat Herstelling brieven den 20. Augustus 1787. gedaan zending van Ceilor van zekere 3=de wissel door den blind on den koopman Bollenhagen. van Batavia en voldaan was te owig antvangen. leden. Door de Ceijlonsche ministers nevens predivant van de nattegeen hunne Ed: brief van den 21. April deezes Jaars, na herwaarts gezonden zijnde, een derde wissel groot Rd„s 5067. 6. door den Predikant Iohannes Theodorus van de werth ten faveuwr van den burger„ Johannes Franchel in dato 25. Iuli 1785 op den ondercoopman Hollen„ hagen te Batavia getrokken, die mits het verlijden van den en welke wissel mits het overlijden van gen: Hollenhagen en betaald te rrug, ontfangen zijnde, heeft Welm: Ceilonsche Regeering deezen Raade „brieven van den 17: April en 22. Maij Jangst„ - - 711. Den 20. Augusti 1757. waar hit geld ie Comp:s Cassa te verzoek en de betaaling daa„ zelve door zijn Exr(: niet te door den Londer Franchel verzoek den Ceilensche Mi„ nisters om de waarde daar en van in 'sConps Cassa te laa„ ten tellen. verzogt, om de betaaling der zelve door zijn Eerwe: niet te doen geschieden aan den laaten door eerste houder die „ wissel, der Engelschen schot, naar het guld in Capitain sComp:s Cassa te tellen, dat wel aante„ houden tot nadere dispositie van hem Franchel. Van dewijl sedert evengemelde Franchel afstaaning die missel het bedragen der voormelde wissel /. blijkens aan d' 6: Comp„ zijn aan de Ceilonsche Rigeering gepresen„ 1 teerd gequest, welkens Copij nevens hun Ed: brief van den 30. Iuli, die eergistteren tallen eijrst alhier ontfanger is :/ uitdrukkelijk aan de Corp: afgestaan heeft, en door gein Ministers

NL-HaNA_1.04.02_3784_0962 view scan ↗

English

resolution and the necessary papers to the minister van de Werth to bring his interests against it, the Ministers having been requested to have the value thereof paid directly into the Company's Treasury here by the Minister van de Werth: it was therefore resolved to provide an extract from the aforementioned Ceylon letter of 30 July to the Minister van de Werth, together with a copy of the petition of the free burger mentioned above, with notice to comply with the contents thereof, or for his Reverence to bring forward his interests against it. Thus Done and Resolved in Castle Geldria at Paliacatta on the date aforesaid: was signed: as before: Except: J. D. Simons and J. C. B. Brouwer, 20 August 1787. 713. Return of the Fiscal Simons from Nagapatnam. Saturday 8 September 1787. In the morning at 10 o'clock. Meeting of the Council of Policy. Absent: The junior merchant and secretary of Policy Broerius Brouwer. The merchant and fiscal Joan Daniel Simons, having returned from Nagapatnam and having appeared in the meeting today, resumed his seat on the chair previously occupied by him: of which it was resolved to make a record herewith. Arrival of the invoice keeper Bloeme and his taking a seat in the Council of Policy. The junior merchant and invoice keeper Fredrik Willem Bloeme, also having arrived from Nagapatnam and today, upon the convocation of the Honorable Director, appearing in the meeting for the first time, took a seat at the direction of his Honor on the left side of this table next to the merchant Simons: of which it was also resolved to take note. When Bloeme and Schureman were ordered to investigate the loss incurred in the transition of Nagapatnam. By resolution of this board of 11 October 1785, the junior merchant and invoice keeper Fredrik Willem Bloeme and the bookkeeper and former adigar of the villages Johannes Schureman were commissioned to investigate how much the Company lost during the surrender of Nagapatnam to the English, with orders to them to that end to continue and balance the Nagapatnam trade books as far as possible, and from these subsequently to draw up as accurately as possible an account of damages for what the Company had lost in the surrender of Nagapatnam: 715. 8 September 1787. Orders to them to that end to balance the trade books. Resolution to demand a written justification from Bloeme in that regard. as until today that commission has not been carried out, it was approved and resolved, upon the proposal of the Honorable Director, to demand a written justification from the junior merchant and invoice keeper Fredrik Willem Bloeme regarding the non-execution of the aforementioned commission. Request made by the minister to repatriate via Ceylon together with his wife, under the necessary letters. It was reported to the meeting by the Honorable Director that the Minister Johannes Theodorus van de Werth made a request to his Honor to be allowed to repatriate with his wife via Ceylon, in accordance with the license obtained from Their High Nobilities, as shown by the honored letter of 26 July 1786: thus it was approved and resolved to grant the aforementioned request of the Minister van de Werth, under favorable letters to the Ceylon ministers to grant passage to Europe to him and his wife on the first sea-going opportunity, with permission for as many permitted chests and other baggage goods as are granted and accorded to a home-bound Minister with his wife by Their High Nobilities the Honorable High Indian Government. No. 77. 8 September 1787. Submission of a note by the minister van de Werth for his board money due, etc. Subsequently, there was submitted for deliberation a note presented by the aforementioned Minister van de Werth of his board money and emoluments due during the period of 37 months, as well as of the wine purchased by him for the administration of the Lord's Holy Supper in the period of 4½ years, and for writing materials for 5 5/8 years, together amounting to Pagodas 1694:16:64, or after deduction of what he has already received there, Pagodas 1355:4:54: it was, as there was nothing to object to regarding the aforementioned account, approved and resolved not only to approve the same, but also to insert and record it herewith, being of the following content: Resolution to approve the same and record it here. Note of board money and emoluments due, etc., of the Reverend Mr. J. T. van de Werth; namely: For board money - - - - - - - - Pagodas 5. 4. 64. House rent - - - - - - - - - - - - - - - - - Pagodas 6. 21. 20. Firewood - - - - - - - - - - - - - - - - - Pagodas 3. 9. 48. Drinking water - - - - - - - - - - - - - - Pagodas — 18 — Spices, 1 lb of 4 sorts - - - - - - - - - Pagodas 1. 12 —. Pepper, 4 lb - - - - - - - - - - - - - - - Pagodas — 15 —. Rice, ¼ last - - - - - - - - - - - - - - - - Pagodas 8. — — Lamp oil, 7 measures - - - - - - - - - Pagodas 1. 2. 40. Olive oil, 1 and a half is 2 cans - - - Pagodas 1. — — Butter, Dutch wax candles, and wine - Pagodas 3. 21. 20. Wages for 2 peons at 1 Pagoda each per month - Pagodas 2: – – Together per month - - - Pagodas 34. 8. 32. or for 37 months: from 1 August 1784 to the last day of August 1787, To be carried forward: Pagodas 1270: 2. 64. 8 September 1787.

Dutch transcription

besluit en de nroodige papieren aan den predicant van de em zijn bem: belangen daar tregen in te brengen, Ministers verzogt zijnde, om de waarde daar van direct door den Predicant van de werth in 's Comp:s Cassa alhier te doen tellen: zoo is verstaan een extract wijts te had te stelln it voorm: Ceilonsche brief van den 30. Iuli aan den Predicant van de werth af te geeven, nevens Copia van het Franchel gequst van den wrijburge„ hier vooren genoemd, met aanzegging van aan den inhoud derzelver te voldoen, of er zijn Eerwaarders belanger tegen in te brengen Aldus Gedaan en Gearresteerd in 't Cas„ teel Geldria te Pabliacatta dato voorsz: /:was geteekend:/ als vooren /: Except: / Jo D: Simons en JC B: Brou„ wer den 20. Augustus 1787. Saturdag 713. vergtering van den fiscaal simens van Naga Saturdag Den 8. September 1787. Smorgers te 10. umen Vergadering van Politie Absert Den onder koopman en secretaris van Politie Broerius Brouwer. Den koopman en fiscaal Joan Daniel Simons, van Nagapatnam gereverteerd, en hee„ den in vergadering verscheenen zijnde, heeft denzelven, wederom plaats genoomen op den stoel zijn verschijning in vergade„ ring bevorens door hen bekleed: waar van ver„ staan is, bij deeze aanteekening te houden. Den onderkoopman en factuur houden Twee arive van den factuurhaude Bloere drik Willem Bloeme almeede van Naga„ patram aan geromimne zit plaats in Raade van politie wanneer aan Bloeme en schune„ man gedemardeerd is, het ver„ hiel bij het overgaan van Nage te dnde zoeken „patnam vergekomen en heeden op de Convocatie van den Heer Tezaghebber voor de eer ste„ mraal in vergadering, verscheenen weezende, heeft op aanwijzing van zijn Agtb: plaats genomen aan de linker zijde deeze tafel naast den koopman Simons: waar van almeede verstaan is notitie te houden. S Bij besluit deezer taffel van der 11. october 1785 aan den ordercoopman en factuurhoude Fredrik Willem Bloe„ me, en den Boekhouder en geweezen Adtigaar den dorper Johannes Schureman gede„ „mandeerd zijnde het onderzoek, hoe veel de Maatschappij wel verlooren heeft bij het overgaan van Nagapatnam aan den den 8. September 1787. E Engel 715. den 8. September 1707. „last aan de zelven on ten dier eijnde de negotie boeken offer te stellen. besluit en dierwegens van bloeme schriftelijke ver„ antwording te vorderen, Engelschen, met last aan dezelve, om te dien ende de Nagapatnamsche Ne„ gotie boeke, voor zoo ver mogelijk was te vervolgen en effen te stellen, en daar uit ver„ volgens zoo naaukeurig mogelijk, een schade rekening te kunnen opmaaken van het geen de Maatschapij vcul verlooen heeft bij de overgave van Nagapatnam: zoo is, wijl nowvoldeering aan die Con„ missie tot heeden toe, aan die Commissie niet val„ daar is, op de propositie van den Heer Ge„ 8 zaghebben goedgevonden en verstaan van den onder coopman er factuur houden Fredrik Wil„ len Bloeme, schriftelijk verantwoording te vorderen, wegens het niet volvoeren der voorschreeve Commissie-. gedaen den 2a k don der predikant om nev=s huijs„ vrouwe ver Ceilon te gepa„ trieven deesen onder de nodige aanschijvens Is door den Heer Gezaghebber ter vergaderinge gerefireerd, dat den Predikant Iohannes Theodorus van de werth, aan zijn Agtb: verzoek gedaan hadt, om ingevolge de verkreege licentie van Hunne Hoog Edelheeden, blijkens geëerd aanschrijven bij missive van den 26. Iulx 1786, met zijn Huijsvrouwe over Ceilon te mogen beslut hus zu ly te arvmn repalieeren: zoo is goedgevonden en verstaan, in het voorschreeven verzoek van den Predi„ kant van de werth te accordieren, onder aan de Ceivonse ministers, favorable aanschrijven aan de Ceilonsche ministers om aan hen en huijsvrouwe passa„ gie na Europa te verleenen bij de eerste Zees gelegend hed, met vergunningen van zoo veel gepermitteerde kisten en andere Den 8. September 1787. bagaga No. 77. Den 8. September 1707. van den predickant van goed hebbende kostgeld bagage goederen meer, als aan een thins vaar„ verd Predicant met zijne Huijsvrouwe, door Hunne Hoog Edelheden de Edele Hooge Indiasche Regeering toegestaan„ geaccordeerd zijn. Vervolgens ter deliberatie overgelegt zijnde overleging van in gotitie een door den Predicant van de werth de werth, nij zijn te 1 eto: voornoemd, overgegeve Notitie van zijn te goedhebberd kostgeld en Emolumenten ge„ duwerde den tijd van 37. maanden, mitsg„ van de door hem ingekogte wijn, ter bedie„ „ning van des Heeren Heijlig Arondmaal in den tijd van 4½. Iaar, en van schrijftuijg hoeveel de zelve bedroegt voor 5 8 Iaaren, te zamen bedragende Paij 1694:16: 64. of pra detractie van het geen 1 boeven. geen hij daar ge, reeds genoten heeft. Pago„ bestlut die gesk te opre, den 1355: 4: 54: Zoo is, uijl op de voorschreeve Reekening niets te renarqueeren gevallen is, goedgevonden en verstaan dezelve niet al„ leen te approbeeren, maar ook bij deezen hn ng :t te ilbgengen te rnfereeren: zijnde van inhoud als volgd. Nolitie van te goed hebbende kostgeld, Ensolumeeten Eesz van den Eerwaarden Heer I: F: van de Werth; te weeten: — Sns p. s 5. 4. 64. „ Huijs huur - - - „branthout - 3. 9. 48. „ drinkwater- . . . . „ — 18 — „ spedigen 1 lb: van 4: zoorten - „ Peeper 4. lb „ Rijst ¼ last „ Lampolij 7. maaten - - „ blijven olij 1. en a zijn 2 kannen - - - - „ 1. — — „ booter Hollands wax kaarsen en wijn — — - „ 3. 21. 20. - - – „ 2: – – „ Gagie aan 2. Pions â p ao 1. ieder - te saamen Smaands - - - dag 34. 8. 32. of C=n 37/on: Sedert P=mo Augustus 1784. tot ult=o -„ 1. 12 —. â kostgeld - - - - – – – „ — 15 —. „ 8. — — — — „ 1. 2. 40. - — — - „ 6. 21. 20. Die Transporteere Png 1270: 264. den 8. September 1787. . - - - — — — — - — - - „ „„ - - — „ Aug„s 1787.

NL-HaNA_1.04.02_3784_0969 view scan ↗

English

719. The 8th of September 1787. Carried forward - - - . Ro f 27. 2 64. Add hereto what was purchased and supplied by His Reverence at Nagapatnam, namely: at wine for Communion at four times a year at 60. p aCso or for 4½ Years - f 270 — —. Paper, quills, and other stationery for church and school for 5 Years — „ 78. 18 —. Total 348. 18 — P f 1694: 16. 64. To which is added the travel expenses incurred by His Reverence from Nagapatnam to here and thither — „ 75. — Total together — „ 423. 18. From which to deduct what was received by His Reverence, as: at cash on a private bill of exchange of the Native Ponwe Poele — f 300. — and 3 lasts of Rice from the ship Noolwerf — „ 39. 12. 10 „ 339. 12. 10. Remainder Ro f 1355. 4. 54. Palliacatta in Castle Geldria the ultimate of August 1787. /:was signed:/ P: J: van de werth. — In compliance with the resolution of this table of the 20th of August last, the Minister Johannes Theodorus van de werth having served a report concerning a certain bill of exchange drawn by him, but remaining unpaid at Batavia in the amount of Rds 5067: 6: it is, because he therein very satisfactorily maintains that the non-payment of the aforesaid bill of exchange is to be attributed to no one other than a certain Captain Schot, /:having been accepted by the Senior Merchant Hollenhagen, yet through the said Capt: Schot was neglected in an irresponsible manner to demand payment thereof on the due date:/ after deliberation, approved and understood, to send the bill of exchange sent over from Ceylon for collection together with a copy of the aforesaid report of the Minister van de werth to Colombo, with a request to the Government there to protect the said van de werth against all prosecution on account of the aforesaid bill of exchange. 721. The 8th of September 1787. By a private sloop on the 3rd of this month, the following merchandise was dispatched to Portonovo, namely: 509½ lb Tawoffel Nails 3750. – lb Japanese bar copper, and 4224 lb Powder sugar, with a letter to the Resident that it would be very agreeable to this Council if he, through a speedy sale of the aforesaid trade goods, were still able, and so early upon the Indian Demand sent to him by circular letter of the 16th of April, to procure some packages of long cloths that they could be dispatched with the ship De Valck to Batavia; thus it is understood to keep note of the aforesaid shipment in these records. By the titular Captain and former Master of Equippage at Nagapatnam Jacob Hartman, and the Captain Lieutenant and former commander of the sloop De Crab, Daniel Strale, having examined pursuant to written ordinance of the Honorable Commander of this coast, in the presence of the Fiscal and two Members of the Council of Justice, the logbook kept by the officers of the ship De Valck on their latest voyage from Batavia to here, 723. The 8th of September 1787. in order to investigate to what the long voyage of that vessel is to be attributed, it is, because it appears from the written report thereof now received that its long voyage was caused solely by variable winds and shifting currents, whereby the officers had been obliged, if they did not wish to make a lost voyage, to cross the Line for the second time, after mature deliberation approved and understood, not only to be satisfied with the aforesaid report, but also to send the same in original to Batavia with the first departing dispatch: It was made known by the Honorable Commander to the meeting that His Honor had given orders to provide the sloop De Herstelling with the necessary provisions for a voyage to the Northern Factories Jaggarnaikpoeram and Bimlipatnam, in order to supply those factories with the merchandise greatly needed there, and to bring back as many returns from both places as should be loaded by the respective heads of the factories, in order to be back here with them at the latest by the 10th of the coming month of October, but to his greatest surprise had learned that experienced persons were of the opinion that this voyage could not be undertaken, because the monsoon (: which this year is as variable as anyone has ever seen :/ seemed to turn very early, as already the wind began to blow in the north and ran mostly north of east and west, and also that the currents likewise ran to the South.

Dutch transcription

719. Den 8. September 1787. Pr Transport - - - . R o ƒ 27. 2 64. voege hier bij het ingekogte, en verstrekte door zijn Eem: te Nagapatnam te weeten: â wijn tot Nagtmaal â viermaal sjaars â 60. p aCso of voor 4½. Jaar Papierer, schagten en andere schrijftingen voor kerk er school van 5. Jaaren— „ 78. 18 —. Tag 348. 18 — waar bij geaddeerd de door zijn Eerw: gedaane rijs ongel„ den van Nagap=m na her -en derwaarts- Telv te saamen— waar van aftrekke de door zijn Eerw: genootene; als: â kontant op een particuliere wissel van den Inlander Por„ we Poele ƒƒ300. — 9n 3. lasten Rijst uit 't schip Noolwerf- „ 39. 12. 10 „ 339. 12. 10. Rest Roƒ 1355. 4. 54. Palliacatta In't Casteel Geldria ult=o Aug„s 1787. /:was geteekend:/ P: J: van de werth. — „ƒ270 — —. In voldoening aan het besluit deezer diening van het berigt van den predicaat van de werth weg„ tafel van den 20. Augustus Iongstleden, zeker door hem getrokkene door den Predikant Iohannes Theodrus van de werth, gedient zijnde van berigt, wegens zeekere door hem getrokken, dog wissel, P ƒ 1694: 16. 64. „ 75. — „ 423. 18. 70 . — ƒ den 8: September 1787. wat daa bij den den zelven be„ reed wordt wissel en Copij van het berigt na Ceulon te zenden, op den voor Batavia en voldaan gebleeven wissel grot Rd„s 5067: 6: zoo is, wijl hij daar bij zeer satisfactoor komt te beweren, dat de norvoldoening der voorschren wissel aan niemand anders te attrcibeeren is, als aan zekere Capitain Schot, /:wart Zo door den adercoopman Hollenhagen geaccepteerd, dog door gemelde Capt: schot op een onverantwoordelijk wijze verzuid genoden is, daar van betaaling te vorderen op den ver„ deliterati e beslut en de valdag :/ nadeliberatie goedgevonden en verstaan, de van Ceilon ter invordering overgezonde Olede wissel nevens een Copia van het voorschreve Berigt van den Predikant van de werth na Colombo te zenden, met verzoek met dat gendek teffen aan de Regeering aldaar, om gemelden van 721. Den 8. September 1737. gedaane zending na Por„ tonoro van diverse Coopman sr: last aan den Resident en door die spoedige verkoop op den Jndiaschen eijsch eenige pakk te bezorgen, de werth tegens alle vervolging uit hoofde van de voorschreeve wissel te dekken. Ter een particuliere sleng op den 3. deeze maand na Portionovo verzonden zijn„ de de volgende koopmanschappen; als. 509½ lb Tawoffel Nagulen 3750. – „ Iapansch staafkoper, en 4224 „ Poeder zuijker, onder aanschrijving aan den Resident dat het deezer Raade zeer aangenaam zou zijn, zoo hij door een spoedige en verkoop van de voorschreeve handelwaaren, nog in staat was, en zoo vroegtijdig op de Indiaschen Eisch, hem bij Ciraulaire brief van den 16 April toegezonden, eenige pak„ ker dang zaane Lijwaaten te bezorgen, dat te kunnen woorden verzoolden; besluit van de voorsz: afscheep notitie te houden. Journaal van het schip de valok op de velok e hatina dat die met het schip De valck na Batavia konder verzonden werden; zoo is verstaan van den voorschreeven afscheep bij deezer aantekening te houden. gedaane exariratie van het Door den Capitain titulain en geweesene Equipagiemeester te Nagapatnam Ia„ cob Hartman, en den Capitain Lie„ tenant en geweesen gezaghebber van de sloep de Crab, Daniel Strale, ingevolge schriftelijke ordonnantie van den Heer Ge zaghebber deezer kuste ten overstaan van den fiscaal, en twee Lieden uit den Raad van Iustitie g'examineert zijnde het Bou„ paal door de overheeden van het schip de valck gehouden op hunne Jongste wijze van Batavia na herwaards Den 8. September 1787. 723„ den 8. September 1787. diening van het papport te zenden. doup de Herstelling van het nodige te voorzien, en na de noorder Comptoir te ter paspeuringe waaraan de lange rijze van dien bodem te attribueeren is, zoo is wijl uit het daar van thans ingekomen schriftelijk Rapport Consteerd, dat zijn lange wrij ze alleen veroor„ zaakt is, door ongestadige winden en verlijsding van stroomen, waar door de overheiden verpligt ge„ weest waren, wilde zij geen verlooren reijze doen, voor de tweedemaal de Linie te suijden, goed bestut daarende gewegn te P. gevonden en verstaan, niet alleen met het voor„ schreeve berigt genoegen te neemen; maar het ook e zelve in rg: va Batavia bij het eerst aftegaan schrijvens in origineel na Batavia te Zerden: neemen Is door den Heer Te zaghebber ter vergade, gegeven last en de Chia„ ging, te kemnen gegeven, dat zijn Ed: last ge„ verstrekken. geven had om de Chialoup De Herstelling van het noodige te voorzien, tot een togt na de 1 den 8. September 177. en weder de gereede petouren hier te brengen orijze miet konde onderneemen, en waaren de Noorde Comptoin Iaggerraik poeram en Bi„ milipatram, om die Comptrien van de aldaar hoog benoodigde koopmanschappen te voorzien, en zoo veel retouren van beijde plaatzen te gug te brengen, als er door de respective hoof„ der van de factorijen zouden worden ingelaaden, om daarmeede uitterlijk den 10. van de aanstaan, de maand october weder hier te kunnen zijn, oominig dat dat kiulje ditot deszelfs grootste susprise vernomen had„ dat des kundige lieden van openie waren, dat die togt niet te onderneemen was, dewijl de mousson (: die dit Iaar zoo variabel is, als nienand inmer heeft gezien :/ Zeer vroeg scheen te zullen kerteren, gelijk alreeds de wird in het woorder begin te waijen, en meest bewoorden het oosten en westen liep, mitsga„ „ders dat de stroomen alneede na het Zuider liepen

NL-HaNA_1.04.02_3784_0975 view scan ↗

English

725. The 8th of September 1787. ran and Straalen to deliver their opinion regarding the service in writing; proposal to postpone the final disposition concerning this voyage until the aforesaid report shall have arrived here. ran; that upon this disagreeable report His Honour had given orders to the outgoing Master of the Equipage Hartman and the Captain-Lieutenant Straalen to deliver their opinion concerning this voyage in writing. However, as this report has not been received to this day, it was resolved and agreed upon the further proposal of His Honour to suspend the final disposition regarding the voyage of the sloop de Herstelling to North Coromandel until the aforesaid report shall have come in, because one will then be able to judge the matter with greater grounds. Note of the draft of the ship de Valck upon its arrival here. Further, from a second report of the appointed boatswains, it was resolved and agreed to note down that the aforementioned ship de Valck, upon its arrival in these roads, drew 16 1/4 feet aft and 15 1/4 feet forward. The 8th of September 1787. The Captain of the Valck gives to understand that his vessel only needs to be caulked etc. Resolution to send the necessary caulkers on board and also some men from the shore to help unload the ship. The Captain of the ship de Valck, which arrived here from Batavia, having made known in a report received this day that his vessel merely needed to be caulked and remedied of some small defects in order to be fully capable of putting to sea, it was not only resolved and agreed to send the necessary caulkers and carpenters on board for this purpose, but also to assist him with some men from the shore during the unloading, because his crew, 727. The 8th of September 1787. both through mortality and illness, is very weakened. Request made for some necessities for the sloop de Herstelling and two good garments for the crew. Resolution to have that small vessel repaired, and to supply the requested garments, but not to supply more of the requested necessities than the Master of the Equipage shall deem necessary. The Captain-Lieutenant of the sloop De Herstelling, Carel Fredrik Kühnel, having likewise in a report now submitted requested the necessary repairs and the supply of necessities for his vessel under command, besides two good garments for the crew: after deliberation it was resolved and agreed to grant the first and third parts of his requests, but of the mentioned necessities for his vessel (which appears somewhat broadly estimated to the Council) not to have more supplied than the Equipage Overseer here shall deem necessary. Proposal to appoint a new Chief of Bimlipatnam. Resolution to choose the junior merchant Westhusius for this purpose under a favourable recommendation to Their Right Noble Honours. Subsequently, it being proposed by the Honourable Governor to appoint another Chief at Bimlipatnam in the place of the deceased junior merchant Dirk Vrijmoet, it was resolved and agreed—not only out of consideration for the esteemed order of Their Right Noble Honours contained in the honoured missive of the 26th of May 1784, namely: to place the junior merchant Westhusius in a suitable employment for him at the first opportunity, but also in consideration of the fact that he has been designated as junior merchant out of employment on this coast since the year 1781—to appoint the said junior merchant Philippus Hendrik Westhusius, subject to the favourable approval of Their Right Noble Honours, 729. The 8th of September 1787. to Chief of Bimlipatnam, under a favourable letter of recommendation to Their Right Noble Honours for confirmation in his aforesaid post. Thus done and decreed in the Castle De Geldria at Paliacatta, on the date aforesaid. Was signed: as above, except: Brouwer. Monday the 24th of September 1787, at 10 o'clock in the morning. Meeting of Policy. Present: The Honourable Governor Willem Blaaukamer, The Senior Merchant provisionally and Head Administrator Nicolaas Padman, The Merchant titular and Fiscal Joan Daniel Simons, The Junior Merchant and Warehouse Master Martinus Stoffenberg, The Junior Merchant and Bookkeeper Fredrik Willem Bloeme, The Junior Merchant and Salt Master Pieter Willem Teeke, and The Junior Merchant provisionally Broerius Brouwer. Report received concerning the impossibility of making the voyage of the Herstelling to the North. After the performance of the ordinary prayer, the Honourable Governor opened this session with a recapitulation of the notice given to the assembly on the 8th of this month, namely that His Honour was then waiting for the report, which on that day had not yet arrived, concerning the possibility of 731. The 24th of September 1787. Reported opinion confirmed therein by the Captain of the Valck, Koster. making the voyage of the sloop De Herstelling to the North, and returning here before the 10th of the coming month of October, and went on to say that the said report having since been handed over, was for greater certainty delivered by His Honour into the hands of the Captain of the ship De Valck, Koster, with a requisition to state his opinion regarding it; who had returned the same with an opinion drawn up and signed by him concerning it, which in all respects agreed with the opinion of the reporting officers; that when this report was at that time sent around to the Members for perusal, they were already then immediately of the opinion that after such a warning from knowledgeable people, the voyage

Dutch transcription

725. den 8. September 17877. man en Straale on hun ge„ voelen dienst in scriptis op te propositie em de fonaale dis„ positie nop 't dise reijle uit„ tot het voorsz: berigt zal het diep treeder van het arrive alhier, liepen; dat zijn Agtb: op dit onaangenaam berigt gegeven last an Hart„ der afgaanden Equipagi meester Hartman, en den Capitain Luitenant Straalen gelast had, om hun gevoelen wegens deeze togt in scriptis op te gevens. Edog wijl dit Rapport tot heeden toe welke pappat nog niet inge„ niet is ingekomen: zoo is op de verdere propo„ sitie van zijn Agtb: goedgevonden en verstaan de finaale dispositie, ontrent de togt van de te stellen. „sloep de Herstetting na Noorder Corman„ „del zoo lang te surcheeren, tot het voor„ schreve berigt zal weezen ingekomen, uit hoofden men dan met meerder grond daar over zal kunnen oordeelen. t men ia werken ingekomen, Voorts is uut een tweede Rapport van gecommitteer, notitie van het gaport van de bootslieden goedgevonden en verstaan bij de schip de valck bij zijn zen te noteeren, dat het voormelde schip de valck geven, Den 8. September 1737. te komen gave dem den Capt: van de valck dat dien faat etc:a te worden, ters na boord ty zenden schip te dhelpen lossens, Valck bij zijn arrivement ter deezer Rhaede diep gegaan heeft agter 16¼4, en voor 15¼. voe„ ten.. Door den Capitain van het van Batavia beden eenelijk biende gevaln alhier gearriveerd schip de valck bij een op heeden ingekomen berigt te kennen gegeeven zijnde, dat zijnen bodem eenelijk dienden gecalfaat en van eenige klijne gebreken ver„ holpen te worden om volkomen in staat te besluit de godige Cabsan zijn zee te kunnen kissen, zoo is niet al„ leer goedgevonden en verstaan daar toe de noodige Calfaaters en timmerlieden na boord te zenden, maar hem ook geduurende de z meede eenige mansz: in het ontlossing, met eenige manschappen van de wal te assisteeren, uit hoofde zijn Equi„ pagie 727 727. den 8. September 1747. swaakt is. . gedaan verzoek om eenige benodigtheeden voor de Chialoup de Herstelling „ het volk besluit om dat kialtje te laa„ ter repareeren, en de gevraagde dog de versogte benotigt her„ „den, door den Equipagiemeester pagie, zoo door sterfte als ziekte, zeer ver„ Door den Capitain Lieutenant van de sloep De Herstelling Carel Fredrik 1 kunel, almeede bij een tans ingedient berigt verzogt geworden zijnde, om de nodige reparatie en verstrekking van benoodigdheeder voor zijn onder hebbend kieltje, nevens twee goeden, ston twe goede gaarden vor maarden voor het volk: zoo is na delibe„ ratie goedgevonden en verstaan in het eerste en goede gaanden te verstrak„ derde lid van zijne instantien te accordeeren, maker van de gewaagde benodigdheeden voor zijn kieltje (: dat den Raad wat ruim genoomen te laaten beond: lag„ meer te voorkomt :/ niet alleen laaten verstrekken, dan Equipagie opziener alhier noodig zal den De volgens 1 ken . oordeelen. propositie om een nieuw opper hoofd van Bimilipatnam te stellen, husius daar toe te verkie„ zen. andereen favorabel voor chrij„ na aan H: t: Edelh. opervolgens door den Heer Gezag hebben gepropo„ neerd zijnde om in plaatsche van den overlee„ deren onderkoopman Dirk Vrijmoet een a„ der opperhoofd te Binilipatnam aan te stel„ besluit den onderkoopmen westen, zoo is niet alleen uit consideratie der gevenerde ordre van Huna Hoog Edel heeden, vervat bij geëerde missive van den 26 Maij 1784. on namentlijk: den onderkoopman Heshusius bij de eerste gelegentheid in een hem Convenabel emplooij te stellen, maar ook dut aanmerking dat hij sedert den Iaam 1781, als onderkoopman buijten enplooij ter de zer keuste beschijden geweest is, goed„ gevonden en verstaan den gemelden onderkoop„ man Philippus Hendrik Neshusius op gunstige approbatie van Hunne den 8. September 1787. Noog 729. Den 8. September 1787. Hoog Edelheeden aan te stelles tot opper„ hoofd van Binilipatram onder een Jasorabel Voorschivens aan Hunne Hoog Edelheeden ti bevestiging, in zijner voorschreven dienst. — Aldus Tedaan en Ge arresteerd In't Casteel De Edria te Pal„ liacatta dato voorschreeven /:was geteekend:/ Als voren/ Excepto:/ Brouwer. Maandag : ingekomen berigt weg„s de onnoge„ lijkheid tot het doen der reijze. van de herstelling na de nood. De Agtbaaren Hen Te zaghebber Willem Blaaukamer 8 Den opperkoopman p=l en Hoofd administrateur Nicolaas Padama, „ koopman tit: en fiscaal Joan Daniel Simons, _:o p„r Pakhuijsmeester Martinus Stoffenberg, „ onderkopras en factur handen Fredrik Willem CBloeme, Do „ Moutmeester Pieter Willim Teeke, en _:o p:l Sioitand Broerius Brouwer, Na het doer van het ordinain gebed openda de Heer Gezaghebber deeze sessie met een herhaaling van de op den 8- deezer aan de vergadering gegeevene kennisse namentlijk dat zijn Agtb: toen wagte na„ op dien dag nog nit ingekomen berigt wegens de mogelijkheid Vergadering van Politie Present Maandag den 24 September 1787: Smorgers te 10: uren - tot 731. den 24. September 1787. gewaagde gevoelen dier n 7/00 der Capt: van de valck Coster, affirmndering daarinne door der Zilver, tot het door der peijse van de Chialoup De Her„ stelling, na de Noord, en vor den 10. ' der aan„ staande maand october hier te gug, en vervolgde te zeggen, dat dat berigt zedert overgele„ verd zijnde, door zijn Agtb: tot meerder zeekerheid was ter hand gesteld aan den Capitain van het schip De valck koster, met gequisitie om zijn gevoelen daar over te zeg„ gen, die het zelve hadde, gerestitueerd met en door hen daar ver gesteld en geteekend advis, het welk in alles met het ge„ voelen der berigters instend; dat dit be„ rigt toenmaals bij de Leeden ter lecture wond gezonden zijnde, men toen al aanstonds van gevoelen was, dat men na zulk een waarschuring van kundige Luijden de togt 37.

NL-HaNA_1.04.02_3784_0982 view scan ↗

English

abandonment of that intended voyage, voyage of the Sloop de Herstelling had to be given up, because according to that paper the voyage to the north is not easily undertaken, it would be too great a risk to expose such a precious cargo, as would serve to be shipped to both Factories, together with the vessel itself, to accident. Although this matter was indeed settled by this, it seemed nevertheless not useless to the Honorable Administrator to mention this once again, solely to give a place to the report in the Resolution; which literally reads as follows the 24th of September 1787. To 733. The 24th September 1787. To the Right Honorable Worshipful Sir Willem Blaaukamer Senior Merchant and Administrator of this Coromandel Coast, with the dependencies thereof Etc: Etc. Right Honorable Worshipful Sir. Upon your Right Honorable Worship's honored order to the humble undersigned of this, to report in writing whether the Sloop De Herstelling could possibly by the 15th of this month undertake the voyage to Iaggernaikpoeram and Bimilipatnam, or only to the first-mentioned Factory, and return here again by the 10th of the coming month of October with a cargo of bales of linen from there; they have the honor in all respect to submit: That first of all the season to sail along this Coast to the North has, within a month, expired for everyone, and it is well known that in this year, contrary to custom, the northern monsoon, as it appears, begins to change very early, whereby the voyage to the North cannot easily be undertaken, and thus makes the same virtually impossible; besides this, the winds appear daily mostly west and east, whereby the currents take their course Southward, and thus make the voyage of a vessel to the north entirely impossible; With this the humble reporting officers trust to have complied with your Right Honorable Worship's honored intention, and so they take the honor to call themselves with deep veneration, /:was below:/ Right Honorable Worshipful Sir, your Right Honorable Worship's humble and Obedient Servants /:was signed:/ Jacob Hartman, and D: Strale /:in original:/ Paliacatta the 8th of September 1787. - /:below:/ the 24th of September 1787 about 735 September 1787: The 24th. to let chief Heshusius depart, man and favorable letters of recommendation to the Ceylon my opinion regarding the contents of this Report having been asked by the Honorable Worshipful Administrator, I declare that I fully agree with the same. /:signed:/ M:s Lou. Koster. Since now, due to the cancellation of the voyage of the Sloop, that of the chief Heshusius also cannot proceed, it is decided to let him depart overland to Bimilipatnam immediately after the rainy season. After this, there was exhibited at the table by the Administrator a petition from the titular Sea Captain and former Master of Equipage Jacob Hartman, to the effect of requesting that, whereas Their High Mightinesses the High Government of the Indies had favorably pleased to permit him to repatriate from here via Ceylon with his daughter to the Netherlands, favorable letters of recommendation might be granted to him to the honored Government of Ceylon for obtaining passage at the first opportunity, and as many permitted chests and baggage as has been granted by Their High Mightinesses to a Sea Captain, together with his daughter. Upon reading of which petition it is decided to condescend to the requests made therein, noting that the said Hartman had passed a double surety for his former administration in accordance with the orders of Their High Mightinesses and also a deed of indemnity, that surety being to the amount of the 24th of September 1787. Rds 4000 737. the 24th of September 1787. reminding of what was written to the Company's servants at Nagapatnam. Rds 4000, and the guarantors being the chief surgeon of the sea castle Meppen, and the Assayer Gronaur. After this, the Members were reminded by the Administrator that, according to the resolution of the 11th of October 1785, the servants of the Honorable Company who were then at Nagapatnam were written to in order to declare their intention whether they were inclined to come over, or that otherwise their wages would be written off as of the last day of October of that year; that some have actually transported themselves hither, and others requested by petition to be allowed to remain at Nagapatnam for a few more months, which was granted to them according to the resolution of the 19th of May of the past year for the reasons known therewith. That

Dutch transcription

afbiening van die te doene togt, 1n sitbir on det buij togt van de Chialoup de Herstelling moest opgeven, dewijl de peijse na de noord vol„ gers dat papier niet ligt zijnde te onder„ geemen, het te veel geresiqueerd zoude zijn, om zulk een precieuse lading, als na de beijde Comptoiren zoude dienen ingeschapt te worden nevens het vaartuig zelfs aan het geval bloot te stellen. Schoon nu deeze zaak hiermeede wel zijn beslag hadde, hadde het den Heer Gezag„ hebbe, egter niet onut gescheeven en hier ande„ maal van te gewaagen, alleen om een plaats aan het berigt in de Resolutie te geven; dat woordelijk dus luijd den 24. September 1787. Aan 733. Den 24 September 1787. Aan den wel Edele Agtbaaren Heer Willem Blaaukamer Opperkoopman en De zaghebber deezer Custe Cormandel, met den resorte van dien Eto: Etc„ Wel Edele Agtbaare Heer. Op uwel Edele Agtbaare deirde ontie aan de nedrige teekenaars deezes, em schriftelijk te be„ rigter of de Chialoup De Herstelling met mogelijkheid teegens den 15. ' deezer maand de geijze na Paggernaikpoeram, en Bi„ milipatnam, dan wel alleen na het eerst„ gemelde Comptoir zoude kunnen onderneemen, en weder tegen den 10. van de aanstaande maand octo„ ber met een laading lijwaat pakken van daar alhier retourneeren; hebben zij de eere in allen eer 1 eerbied te dienen: Dat voor eerst het Iaargetij, en langs deeze Cust na de Noord te vaaren, op een maand na aen ieder verloopen, en het „ wel bekend is, dat in dit Jaar buijten gewoonte de noorder moussen zoo het toe„ schijnt, al zeer vroeg begint te kenteren, waar door de reijze na de Noord niet faciel kan werden ondernomen, en dus dezelve genoeg zaam onmogelijk maakt; buijten dien ver„ tanen zig dagelijks de winden bevoorder het west en het oost, waar door de stroomen haa„ ver loop Zuijdwaarts neemen, en dus de rijze van een vaartuig na de noord volstrekt on„ mogelijk maakt; Diermeede verkoopen de nedrige berigtgeever aan Uwel Ed: Agtb: g'eerde intentie val„ daar te hebben, dus zij de eere aanmatigen, haar met diep veneratie te noemen /: onder„ stond:/ wel Edele Agtb: Heer, uwel Ed: Agtb: onderdanigen en Gehoorzaame Die„ naaren /:was getekend:/ Iacob Hart„ man, en D: Strale /:I: oragine:/ Pa„ liacatta den 8. September 1787. - /:lager/ den 24e September 1787 over 735 September 1787: Den 24. opperhoofd Neshulies te laaten vertrekken, man en favarable voorschrij„ vers oar de Ceilonsche over den inhoud van dit Rappot door den Ed: Agtb: Heer Gezaghebber mijn gevoelen gewraagd zijnde, verklaar ik wij met denzelven volkomen te Confirmeeren. /:getekend:/ M:s Lou„ koster. Daar nu door het staaken van de reijze der staating van de wijse van het Chialoup die van het opperhoofd Heshusius meede geen voortgang kan hebben, zoo is ver„ besluit hem over den landier/ staan hem direct na de regen tijd over den land„ weg na Bimilipatnam te laaten ver„ trekken. Dier pa wierd door den Heer gezaghebber gedaen ver zoek den Haort„ ter tafel g'exhibeerd een request van den Capitain ter Zee titulair en geweezen Equipa„ „giemeester Jacob Hartman, ten„ deerende verzoek dat nademaal Hun Hoog Edelheeden de Hooge India„ sche Regeering hen gunstiglijk hadden Regeering gelieven tCC descienderen wien een dubbelde bagtogt voor tie en een acte van indemniteit na de order gepasenr hoft, „gelieven te prmitteeren om gaan hier aven Ceilom te „gens zijn gentuk na Niederlandmoogen repatrieeren aan hem mogte werden ver„ leend favorabel voorschrijvens aan de geeerde Ceilonse Regeering ter obtenua van passaga bij de eerste gelegentheid, en zoo veel ge„ permitteerde kisten en bagage, als aan een Capitain ter Zee, nevens zijn dogter door Hun Hoog Edelheeden is toege„ staan. besteten dat venzek te Can N Va tectur van welk suplicq verstaan is in de daar bij gedaane instantien te condescendeeren, onder aanteekening dat gem: Hartman een dubbelde zijn gehed hebbende adminstren bogtogt voor zijne gehad hebbende administratie ingevolge de ordre van Haar Hoog Edelheeden en ook een acte van indenniteit hadde gepas„ seerd zijnde die borgtogt ten bedragen van den 24. September 1787. R a 4000 737. den 24. September 1757. hemmering ogst het aange„ schreevene aan 'sComps die„ naaren te Nagap=n. Rd„s 4000, en de borger der opperchirugiens der zes Castels Meppen, en, den Essaijur Gronaur Dier pea uwierder de Leeder door den Heer Pe„ zaghebber herinnerd dat mer volgens besluit van den 11. ' October 1705. de bediedens van de E. Cap: die toer te Nagapatnam waarn, heeft aangeschreven om hunne intertie te declareeren of zij geneegen waren over te komen, of dat anders hunne gagier onder ultimo october van dat Iaar zou„ den werden afgeschreeven, dat sommige werkelijk zornige van haar zijn aakelijk hin vangekoren, zig herwaarts hebben getransporteerd, en andere bij request verzogt om nog eenige maanden te Naga, en eenie hebben verzogt en geed eenige maanden daar te mogen blijven patnam te moge Contimnueres, het gier hem volgens besluit van den 19 meij: A:o p=r was geaccordeed tet gene haa ok gendt ge„ om de daar bij bekende geederen. accrded is, Dat ƒ

NL-HaNA_1.04.02_3784_0988 view scan ↗

English

the arrival, however, of some of the servants from Nagapatnam; the rest would also have come if they had been provided with the wages due to them, which could not have been done; that notwithstanding this concession, some of them nevertheless came over, and that others would have done the same if they had been enabled to depart by being furnished with money on the months of board wages due to them, without which advances it was impossible for them to depart without danger of being arrested for their debts due to a lack of money, which advance, however, owing to the continual scarcity of money, could not have been made without inconvenience, or without negotiating so much more, which would not only have been too burdensome, but even improper; that for this reason, and moreover because of the house rent they would have enjoyed here, in addition to the expenses of their transport, the 24th of September 1787. 739. The 24th of September 1787. to their transport, was the reason why they have not yet come over this year, and having therefore all the sooner deferred the transport until one should be better provided with money, which was deemed necessary to save the Company much expense, whereby a part of them had to remain behind during the entire last bad monsoon. That since then, remaining in that same lack of money, their departure this year had become all the more difficult due to the exorbitant prices that the boatmen at Nagapatnam had demanded for their vessels, having the impudence to ask up to 80 and 90 Pagodas for a double chialeng, while moreover one had always, now less and then more, flattered oneself with the return of Nagapatnam, in which case their remaining there would indeed have had to save the Company much expense. That now Their High Excellencies having been pleased to leave the transport of the arrived servants, and thus also of those who were still to come, to the account of those poor and mostly ruined people, which transport they are utterly unable to afford, their coming over might well be entirely written off, and they would have to be dismissed from the service; that they were nevertheless needed here to complete the fixed number, for which they might perhaps not even suffice, and that one would thus have to take others in their place, who will not be found now that the house rents for the clerks have been withdrawn, and there is essentially no possibility of existence for them. 741. The 24th of September 1787. In order to prevent all such inconveniences as much as possible, or at least to facilitate matters, it was proposed by His Honour to leave those who are at Nagapatnam there until the spring, and then to have the sloop De Herstelling, on its return from Jaffanapatnam, call at Naga to pick them all up, provided that the following be stipulated in this regard: 1. That in the meantime nothing shall be advanced to them on account of wages, board wages, or emoluments; that what they each may enjoy of what is due to them shall be from the cessation of the English subsidies until the last of October 1785, and even this not until the time of their departure, to serve towards easing the expenses of their departure. 2. That those who do not come over then shall have these wages written off under the last-mentioned date; while those who do come over shall be able to enjoy everything due to them after their arrival, if the treasury permits it; provided 3. That they bind themselves to continue serving the Company by entering into a new contract, and not immediately request their discharge after receiving that benefit, even if their term of service should have expired; for that time being as well expired now as then, it would be evident that they were only concerned with receiving those wages etc., which the Honourable Company is not obliged to pay to servants who were indeed permitted to remain there for some time, but only at their own request, which was based on their own particular convenience or interest. His Honour further advanced that he considered himself obliged to make the proposal of these conditions; since it appears to him that there might be those who would easily make a journey hither to receive their money, and then leave the service, to whom the Honourable Company is under no obligation, while others who act in good faith lose nothing by this equitable precaution. These proposals having been reasoned upon at length, it was resolved not only to conform with the proposition of the Governor,

Dutch transcription

vorkomste egter van eenige der dienaaren van Nag:s do overige zouden meede geko„ men zijn, zoo men haar, hunne te goed hebbende gage hadt ven stikt omet hadde kunnen geschieden„ Dat niet tegenstaande deeze Consessie eenige van die, egter zijn overgekomen, en dat andere het meede zouden gedaan hebben, zoo men hen door het verstrekken van geld op hunne te goed hebberde maanden kostgelden tot hunne opbraake hadde kunnen in staat stellen zonder welke verstrekkingen zij onmogelijk konden opbreeken buijten gevaar van door hun„ het gen mits gebrk aan ged na schulden gearresteerd te worden, welke verstrekking men egter mits de Continueele schaarsheijt aan geld niet zonder ongerief hadde kunnen doen, of zonder zoo veel meerder te negotieeren, dat niet alleen te bezwaarlijk, maar zelfs oreijgen zoude geweest zijn, dat men daarom en om boven dien de huijshuuer die zij hier zouden ge„ nooten hebben, nevens de onkosten van hun den 24 September 1787. transport 739. Den 24. September 1787. tot hanna transport is de vee„ den waaron zij dit Jaar nog niet overgekomen zijn, dE Cap: veel en gelden be„ transport zoo lang te verschuijven tot men purmer van geld zoude voorzien zijn, her det te eerder daar gelaaten hadde, waar door dan een deel hunner de geheele Iongste kwaade moussen hebben moeten overblijven. Dat men zeedert in dat zelve geld gebrek de duur prijzer den vartuijgen zijnde blijven verseeren, hunne opbrake in dit Iaar nog des te beswaarlijke, was geworden door de en orne prijzen, die de iloonders te Naga voor hunne vaartuigen hadden gevordert, heb„ bende de onbeschaandheijt om tot 80 en 90. Tagorden voor een dubbelde chialeng te vragen, terwijl men daar en boven nog altoos dan mins, hu gerblijf aldaar zinde egte en dan meer zig geflatteerd hadde met de Paaren, te rug gave van Nagapatnam in welk geval hun verblijf veel on gelden aan de Comp=e moest den 24 September 1787. het transport der vergek miend dienaaren hebben H: H: Edelh„ nordig moest bespaaren. Dat nu Hun Hoog Edelheedens het tras„ om hun eijgen Ruek: gelaaten, poet van de overgekoomene dienaaren, en dus ook van die welke nog koomen moesten voor die 6 arma, en meest geruineerde lieden hunne eijgen reekening hebbende gelieven te laaten welk transport zij volstrekt niet kunnen be„ kostigen hunne overkomst wel glad afgeschreeven, en zij buijten den dienst dierden gesteld te wo„ hunne omkast is hinegter den; dat men hen hier egter nodig hadde ons het bepaalde getal te accompleteeren, waar toe zij mogelijk zelfs niet zullen toe„ e . . rijken, en dat men dus andere in hunne plaats zoude moeten neemen, die men niet vinden zal nu de huijshuuren voor de schrijvers zijn ingetrokken, en 'er weezentlijk geen mogelijk„ heid van bestaan voor hem is. —. Om B 741 den 24. September 1787. nog aldaar te laaten, Chialoup De Aerstelling dog onder welke stipulatien Om alle welke inconvenientien zoo veel mogelijk propositie in de cinaain voor te koomen, ten minsten te faciliteeren, wierd door zijn Agtbaare gepropneerd om her die te Nagapatram zijn tot in het voorsaar daar te laaten, en dan de Chialoup de Herstel„ en in het oor saar haar pan de ling bij zijn retour van Iaffenapatnam, dit hier te doen kon„ Naga tot hunner aller afhaal te laa„ ten aangieren, mits hier ontrent het volgende te stipuleeren. Dat in tusschen niets aan hen opree„ kening van gagien, kostgelden of enolu„ dan menten zal verstrekt worden, dat het geen zij ieder in het zijne zullen kun„ nen genieten van het hem Competeerende, zeedert der stilstand der Engelsche Subsidien tot den laatste october 1785. en ook dit niet, dan teegen den tijd hunner overkomst om te kunnen die„ nen 1. „nen ter verligting hunner opbraake, 2/ Dat die geene, die dan niet overkoomen hin„ die gagien onder laast gem: datum zullen werden afgeschreeven; terwijl die welke af koomen, al het te goed hebbende na hun arrivement /: zoo de kas het lijd:/ zullen kunnen genieten; mits 3. /. Dat zij zig verbinden im de Comp: door het aangaan van een nieuw verband te blijven dienen, en niet illico na dat genot hun ontslag versoeken, schoon hun tijd out mogte zijn; want die tijd, nu ƒ ƒ E zoo wel geëxpireerd zijnde, als dan, zoo zoude evident blijken dat het hen alleen im het ontfangen van die gagien Etc: te doen waare geweest die de E: Comp: niet verpligt is te be„ taalen aan dienaaren die men wel gelivertieerd heeft daar eenige tijd Den 24. September 1787. te Vervol 743. den 24. September 1787. door den Hen Jo zaij hebber propesitien van zijn Agtb: te Conformeren, te blijven, dog ook maar op hun eijgen ver„ z oek het welk op hun bij zondere gemaak of belang gefun„ deert was. Avanceerende zijn Agtbaare wijders dat zig oeden waarmn die penwartig tot het voorstel deezer pretantien verpligt omgestid zijn. hield; wijl: het hem toeschijnt dat 'er zou„ den kunnen zijn, die een reijsje herwaarts ligt zullen doen om hun geld te ontfan„ gen, en dat uit den dienst te gaan, aan dewelke de E: Comp: niets verpligt is, ter„ wijl andere dierter goeder trouw handeles niets verliesen bij deeze billijke voor„ Zorge Over deeze voorstellen in het breede geraiso „ bestuit zig met de ƒ neerd zijnden: zoo is verstaan zig niet alleen met de propositie van den Heer Gezaghebber te Ca 1

NL-HaNA_1.04.02_3784_0994 view scan ↗

English

and to serve the same as a guideline to conform to, and to convert the same into a resolution, also in order to let it serve as a guiding rule in handling the petitions of the servants relative to this subject. Since both the Sworn Clerk and Bookkeeper and pay-ledger keeper Jacobus Wilhelmus Swart, and the Bookkeeper and Commissioner in the mint Pieter Jacobus Pietersz, having requested some time ago by petition to be discharged from the service of the Honorable Company for some time, with retention of their ranks and suspension of salary, on the pretext that they could not extricate themselves from their troubled affairs by any effective means, and to terminate their salary etc., it was resolved to grant their request for discharge from the service, and to cause both their salaries, board money, and emoluments to cease pursuant to the strictly determined resolution as of ultimo October 1785. 24 September 1787. Likewise it was approved to dispose upon the petition of the boatswain Jan Jacob Beerenstraat, projected to Sadraspatnam, containing a request to be pleased to be discharged from the service of the Honorable Company on account of his sickly condition and advanced age not permitting him to properly attend to the service of his Masters, leaving the writing off of his salary etc. to the discretion of this Council. The Bookkeeper and Sworn Scribe of Sadraspatnam, Francois Rousseau, having submitted a petition to the Governor tending with urgency to be discharged from the service, and the same having been granted to him ipso tempore by His Honour because of the expiration of a long period of time, with orders to the paykeeper to write off his salary under ultimo August last; while His Honour, in his place of scribe, which had remained unfilled since his departure from Sadras, had appointed the Bookkeeper Cornelis van Mispelaar, who had been assigned there as such before the war, upon the oath formerly taken by him as scribe, who has indeed already departed thither with the sloop de Herstelling; it was resolved to accept the same as a communication, and to keep note thereof herewith. 24 September 1787. Likewise, that the sloop de Herstelling, being excused from the northern voyage, departed on the 22nd of this month for Sadraspatnam to provide that factory with some merchandise and necessities that were loaded thither, pursuant to the project formed by the Chief Administrator, which was brought as close into agreement with the successive demands made by the Chief of Bijland as what was sent from Batavia for that factory and the stock here have permitted. The ensign and former overseer of the armory at Nagapatnam, Emanuel Gregoor, having submitted to the Governor an account amounting to fanams 1371: 10: dated Nagapatnam 10 November 1781, arising from diverse armory goods which he manufactured by order of the late Governor van Vlissingen during the siege of that place, but for which, because of the turbulent circumstances of the time, no warrant was made by the Governor, with a request that this small account might be paid to him, testifying on his word of honour that he delivered and paid for the small goods listed therein: it was resolved, in consideration of what was advanced by him and the modest conviction of the truth thereof (considering the man's known integrity), to have the said small sum paid to him here from the Company's petty cash, and to have such written off to the account of charges and expenses of previous years. 24 September 1787. The Resident of Portonovo, Egbrecht Cornelis Topander, having requested by his latest letter of the 13th of this month to be allowed to know at what prices he could and might dispose of the sent merchandise, with the further information that the price of the Batavian sugar, which is very white, was there Porto Novo Pagodas 22:— per bhaar of 480 lb, which

Dutch transcription

en de zalkve tot een gigtsaon te doen dienen Van Pieterz en voor eenige gen te worden. beslut haar uit den dienst te Cessern, inder Uc8o xber 1785. „conformeeren, en deselve in eene resolutie te Conver„ C teeren, waar ook om het zelve te doen dienen tot een gigt sroer in het behandelen den Re„ quester der Dienaaren tot dit suijst ge„ latief ge dan o„n dat den Swraat en Boekheuden en soleij verdrager Iaco„ tij ui't 'sComp:s dienst atslabus wil helmus Swart, en den Boekhouder en gecommitteerde in de gunt Pieter Ia„ cobus Pieters z al ziedert eenige tijd geleeden bij gequest versogt hebbende om voor eenige tijd met behoud hunner qua„ liteiten, en silstant van gagie uit den dienst der E: Comp: ontslager te werden, onder voorgering dat zij zig vaon hunne beslommerde affaires door geen efficacieuse middelen konden antslaen en hurne gagie etc: te ontbinden: zoo is verstaan hun verzoek Den 24. September 1787. om 6 745. September 1787. den 24. ontslagen out 's Cap: dienst van den bootsman Beever„ gedaane versoek dor den Sad: ui't kont dienst, om ontslag uit den dienst toe te staan en hunne beijde gagien, kostgeld en Emolumenten ingevolge het sterks beslootene te doen Cessieren onder ult=o october 1785. — Zoodanig is almeede goedgevonden te disponeeren op het requst van den na Sadraspatnam gipro„ straat, jisteerden bootsman Jan Jacob Beeren„ straat, inhoudende verzoek om uit den dienst der E: Maatschappij te geroogen werden ontslagen, uit hoofde zijne siekelijke toestand en den hooge onderdom hem uiet permitteerdens der dienst 1 1 zijner Meisteren na behooren waar te neemen, laatende de afschrijving zijne gagie E ton aan het goedvinden deezes Raads. Den boekhouder en Geswooren Scriba van Soriba Roussean en atslag Padras acordering in het zelve, van Mispelaar tot Soriba van Sadra, op zijn vovoraals gedatuerd vertok van denzelven nader„ maart Sadraspatnam Francois Rousseau aan den Heer Gezaghebber vergeleverd heb„ bende een request tendeerende instantie en uit den dienst ontslagen te werden, en het zelve hen mits lange tijds expiratie, door zijn Agtbaare ipso ter pore verbeend zijnde met ordre aan der soldij honder om zijne gage afte„ aanstellig von den, berekh:s chijvers onder u Ed: Augustus Iongst; Tewijl zijn Agtbaare in deszelfs plaats van scriba die zedert zijn opkomst van Sadras nog ongevuld was gebleven, benoemd hadde den voor der oorlog aldaar als zoodanig bescheijden gewrest zijnde Boekhouder Cor„ nelis van Mispelaar op den Eed voormaals door hem als scriba gepres„ teerd, welke dan ook bereeds met de Chia„ den 24. September 1787. boup 747. September 1787. den 24. Chialoup de Herstelling Sadra, loup de Herstelling naderwaards ver„ trokken is; zoo is verstaan het zelve besluit daar van notitie voor Communicatie aan te neemen, en daar van bij deezen potitie te houden Gelijk gede dat de Chialoup de Herstel, item van het gelijk ganse „ling van de noorder togt g'excuseerd zijnde, dit Commenschapen de znde, den 22. deezer na Sadraspatnam vertrokken is om dat Comptoir van eenige koopmanschappen en benodigtheeden te voorzien, die der„ waarts gezaden zijn, ingevolge en door den 9 8 1 Hoofd administrateur geformeerd project dat 88 zoo na over een gebragt is met de gedaan successive eijsschen van het opperhoofd van Bijland, als het van Batavia voor dat Comptoir gezondene en de voorraad alhier hebben toegelaaten. terhanden De gew: opzienden de wapenkamer ibbr. van die plaats oargemaakte godvan, waar van geen ordinantie ge„ maekt was, verzoek en de voldoering dar„ zelven ongaen van en grsk dor den en vaandrig, en laast opsiender der wapen„ Gragoor, aan der Een Gezen kamer te Nagapatnam Emanuel Gregoor aan den Heer Gezaghebber over gegev„ ven hebbende eene geekering groot fan„ 1371: 10: gedateerd Nagapatnam den 10. November mij: dinope in de belagen 17181, spreuitende uit diverse wapen goderen, die hij ter ordre van wijlen den Heer Gouverneur van vlissingen geduuerde de beleege„ ving van die plaats aangemaakt heeft, dog waar van wegens de troubelieuse omstandigheeden des tijds door den Heer Gouverneur geen ordonantie gemaakt was, met verzoek, dat dit reekeningje hen mogte werder betaald, betuigende hij op zijn woord van Eer de daar by opge bragte goedertjes geleeverd, en betaald te den 24. September 1787. hebben 1/49. den 24 September 1737 en die afte schijven voor saavige ballen en argelden, Resident en te wieten voor welke pijzen hij de Coopaanschappen C ouijt onkopp„ de prijs der bataviase zuijker Caldaan Cassa te laaten voldoen, hebben: zor is uit aanmerking van het door hem bestuit de zutr ut s Comp„s „geavanceerde, en de moveste vertuiging der waarheid van het zelve /:gemerkt smans bekende Leedig„ „heijd:/ verstaan hem gemet Sommetje alhier uit 's Comp:s kleene geld Cassa te laaten voldoen, en zulks te doen afschrijven op reekening van voorJaarige lasten en ongelden. Door den Resident van Portonovo Leg gedaan ven zak dan den Bataas„ brecht Cornelis Topander bij deszelfs 9 Jongste brief van den 13. dezer verzogt zijnde om te mogen weeten teegen welke prijsen hij de gezondene koopmanschappen zoude kunnen, en moogen van de hand Letter onder verdere bedetig den den zelven van te kenner gave dat de prijs van de Bala„ viase zuijker die heel wit is, aldaar was Port. Pag 22:—. de bhaar van 480. lb: welke

NL-HaNA_1.04.02_3784_1000 view scan ↗

English

the 24th of September 1787. It is resolved to write to the Resident that one is very well pleased with that price, and even authorizes him to dispose of the sugar of the Company for somewhat less in case he should not be able to negotiate that price on account of its not having at times that whiteness which was desired; informing him further that the fixed price of copper is ster pag: 89. 19. 50, and that of nails pag: 525. the bhaar of 480 lbs. A bill of expenses incurred by Captain Lieutenant Daniel Straale for the burial of nine of the crew of the sloop de Crab, who died during his stay at Rangoon, having been presented by him to the Governor, with the urgent request that the amount of the same, being 210 Rupees, might be refunded to him here: it was resolved to dismiss this claim and to refer it to Ceylon in order to submit it there to the Government. Furthermore, the Governor produced a letter written to this Council on the 14th instant by George Isembart, Captain of the Hanoverian troops in the service of His Britannic Majesty, wherein he requests to have information concerning the circumstances of the death of Captain Jurriaan Fredrik Frieke, who commanded the Honorable Company's ship Canaan; regarding which it is resolved to keep this petition on record, and to have the Secretary draft the necessary reply to it. Likewise, it was thought fit to record the communication made by the Governor that by letter of the 12th instant from the Maréchal de Camp and new Commandant General of the French Establishments in the East Indies, Monsieur Conway, his Honour had been notified of his appointment by His Most Christian Majesty to the said post, with assurances of his attachment to the interests of the Honorable Company and the maintenance of the good harmony subsisting between the Court of Versailles and Their High Mightinesses; which letter had been answered by his Honour in a polite manner, and he produced that letter and the reply in Council, both of which shall be deposited in the Secretariat. The Armenian merchant Shamier Sulthan having addressed himself by letter of the 20th instant to the Governor, asking whether there would be any hindrance on the part of the Havildar here if packages were sent from Madras to be transshipped directly from the Challenger into the Honorable Company's ship de Valk; his Honour stated regarding this matter that in this manner several packages were transshipped last year; but that his Honour was informed that the Havildar had made strict inquiries concerning this and had taken secret note of it, possibly with the intention of demanding toll thereon, because the roadstead does not belong to the Honorable Company, but to the lord of the country; and although he had not yet demanded any toll or the like, as he did on the packages in question in 1785, it is nevertheless unpredictable what he will do, while he still persists in refusing to pay the Company's share of the tolls since the re-establishment here, except after deduction of the toll on those packages; regarding which, according to the resolution of the 16th of December 1786, the orders of Their Right Excellencies are awaited, without mentioning any packages transshipped in the roadstead; wherefore one cannot accept the toll under the aforementioned deduction, as that would imply a tacit consent to their claim; the Governor further stating in this regard that, in order to keep the matter alive, he had written to the Nabob and complained again about the non-payment of the Company's share of the tolls by the successive Havildars since the restoration of this head settlement, although it is very apparent that this will be of little avail, because the Nabob has himself given orders for the levying of toll on those packages.

Dutch transcription

den 24. September 1787. besluit ken aan te schrijven dat men met die prijs wel te Wedeurw bedoeling aan den zelven van de geslipende prijsen van het koper en Nagulen ovrgaan door den Capt: luit- strale koner gut versij gedaane begravens s orgelden, welke prijs gecalculeerd teegens de agie van 14. p=r Cinto uitmaakt ster pag: 19. 7. 12. —. Is verstaan hem Resident aan te schrijven, „die Prijs dat men met „ zeer wel te vreede is, en hem zelfs qualificeerd om de zuijker van de Comp: wanneer hij die prijs niet mogte kunnen bedingen uit hoofde de zelve soo tijds die witheijt niet mogte heb„ ben, die onen verlangde voor uits minder af te staan„ hen verder bedeelende, dat dat de gefixeerde prijs van het kooper is, ster pag: 89. 19. 50, en die der nagulen pag: 525. , en die der nagulig pag: 525. de bhaar van 480: lb.. Door den Capitain Licutenant Daniel Straale aan den Heer Gezaghebber ge„ presenteerd zijnde een reekening van ongel„ der door hem gedaan tot begraavenis ser van Neeger der manschappen van de Equipagie„ 751 Den 24 September 1787. te vangen aan g. der man„ schappen van de Chialoup du Crab, na Cailon, zekeren Capt. Isembaart verzoekt en narigt van het overlijden van den Capt: van het schip Canaan Fric„ van de Chialoup de Crab, geduurende zijn verblijff te Rangoen overleeden, met in„ stantie dat hem dezelve groot Rop„s 210. alhier mogte werden gerestitueerd: zoo is arnijsing van dis pretentie verstaan, deeze pretentie van de hand, en over te wijzer na Ceilon om die daar bij de Regeering in te geeven. Voorts produceerde den Heer Gezaghebber productie van ia brief door George Isembartaan der zin Raad gewigt, een brief door den Heer Capitain van de Aanoversche troupes in dienst van zijn Britsche Majesteijd aan dee ze Regeering op den 14.' Courant geschreeven bij welke hij verzoekt on warigt te hebben van de omstandigheeden van het overlijden ken, van den het 's Comp:s schip Canaan gecom„ mardeerd 287 van den 24. September 1787. den sec„t te laaten beort„ worden: —. gegeevene Communicatie donr den Gouverneur van Pendicherij van zijn aanstelling in die Charge„ onder welke betuigeng mandheerd hebbende Capitain Iurriaan Fre„ bstluit, hem het godige den drik Frieke: waar van verstaan is bij deezen petitie te houden, en het noodige daar op door den secretaris te laaten ant„ woorden. Gelijk gi almeede gedvond te miteeren der door den Heer Gezaghebber gedaane Communicatie dat„ „door den marchal de Camp, en Nieuwe Comman„ dant Generaal der franse Atablissementen in oost Indien de Heer Conwaij bij brieff„ ƒ C van den 12. ' deezer aan zijn Agtb: was kennis gegeven van zijne wel Edeles aan„ 18 stelling door zijne Al:lerchristelijkste Majesteit in gen: Charge - onder betuiging van zijn attachement aan het belang van de E: Comp: en de onderhouding van de goede harmonie, die tusschen het Hof van ver„ Saillij 753. den 24. September 1787. door den Heer Gezaghebber, cretarije te laaten berusten, sulthan, of over zonder in de valck zou kunnen zoghe i6 by dat op doeze wijze „ i anno pass=o verscheide pakk: Saillij en Hun Hoog Mogende is subsisteerende; welke brief door zijn Agtbaare op eene be„ gegenen behepijk netond leefde wijze beantwoord was, gelijk dan ook die brief en het antwoord denzelven in Raade beslut die brieven tien seg„ producierde, die men beijde ten secretwrij zal laaten berusten; Den Armenisch koopman Shamier Sul„ gedaan groge den Chanie than sig bij brief van den 20. ' dezer bij der belinmwing enige pakken an scherpen, Heer Gezaghebber geaddesseerd hebbende met de vraage, of er eenige belemmering van den kant van den Haweldhaar alhier zoude zijn, wanneer men van Madras pakken zond em dliort quit da Chialenger in 's Comp:s schip de valck overgescheept te worden? zoo wanderig, door den Heer Gr„ „ wierd door zijn Agtb: omtrent dit Chapiter varer afgeschrijt, geavanceerd dat op deeze wijze diverse pak„ ken delaj arije 7 27 portitie van gerane, mogelijk en in 't tol voor te Koffern. dae in 's Cap: arduil dain te betaalen ken in het voorleeden Iaar waaren overgescheept dat dat zijn Agtb: geinformeerd was, dat de dog dit den wanschen „ Haveldaar daar na sterk geinquireerd, en daar van onder de hand notitie genoomen hadde „mogelijk om en tol van te begeeren, wijl de Rheede niet aan d' E: Comp: maar aan de heer van het sch e dt dit ge el and behoord, en schoon hij wel tot nog toe geen tol, of iets dergelijks gevorderd hadde, gelijk hij van de bewuste pakken in 1785. gedaan heeft, dat het agter niet te voor zeg„ magten als ver blift igingen is, wat hij doen zal; terwijl hij als nog blijft weijgeren om 's Comp:s aandeel in de tol„ len zeedert het petablissement alhier te betaalen, dan na detractie van de tot op die pakken, waar omtrent men volgens besluit van den 16. xber 1786. de ordres van Den 24. September 1787. Nuu 755„ Den 24. September 177. dienst aan den Nabab ge„ doleerd; Hun Hoog Edelheeden is afwagtende, zonder van eenige ter gheede vergscheepte pakken te gewaagen; waarom men dan ook die tot ten onder gem: afkorting, niet kan ontfangen, wijl zulks een stilzwuijgerde toestemming van Hun„ 18 ne vordering zoude insilveeren, zeggende de Heer den hen Gedaghebber hereft Gezaghebber wijders ten deezen opsigte, dat om de zaak leevendig te houden, aan den Nabab geschreeven en weder gedoleerd had, over de ponbetaling van 's Comp:s aandeel in de tollen door de successive Naweldhaars, Zeedat de herstelling van deeze Hoofd„ plaats, schoon het zeer apparent is, dat dit weijnig zal baten, wijl de Nabab tot heff„ fing der tol van die Pakker selfs order heeft heeft

← previousnext →