VOC English

Dutch East India Company records, translated and anchored to the scan.

Inventory 3811

Japan · 1,210 pages · 256 segments · open at the Nationaal Archief ↗

NL-HaNA_1.04.02_3811_1027 view scan ↗

English

Nangazackij, in the year 1788. Had the Japanese gowns unpadded, etc. Notice that the feudal lord of Satsuma would visit this evening. However, I was disappointed again, for the young son came alone with a numerous retinue. First, this day. Continuation of the 22nd: Had the Company's silk Japanese gowns unpadded and packed up. At 12 o'clock, the interpreters came to inform me that the feudal lord of Satsuma would come to visit me in secret this evening. Whereupon I had everything prepared, as far as the short time permitted, to receive that prince properly. However, I was again disappointed in this, for at half past seven the young son came alone with a numerous retinue of prominent servants of that feudal lord, bringing news that His Highness was again, to his great regret, prevented from his intention by an unexpected and sudden impediment. Easily gathering that there must be a particular reason for this, I called the Dutch interpreter of the feudal lord, who had also come along, aside, and questioned him about the true cause of these unexpected impediments and obstacles that had arisen in the way, which had now twice deprived me of the pleasure of seeing the feudal lord at my place. He told me that His Highness was not permitted to come to me openly, as was done last year with the Chief Romberg, and that the Governor had very strict watch and guard kept over it; that it would nevertheless have succeeded in secret this evening, without anyone knowing, had the two interpreters I have with me not ruined it through their collective carelessness or ignorance. For, having told it to our chief banjoost at half past six, the latter had immediately informed the Governor of it, Reviewed in Japan at the Factory, April. D. V. Brink. Continuation of the 22nd: which had come to the ears of the feudal lord just as he stood ready to step into the norimon, and thus he had to abandon this intention of his. He added that His Highness took this extremely ill and was utterly embittered and enraged about it, and would lodge his complaint about the interpreters and chief banjoost with the Governor currently in Nangazackij, who had formerly been a servant of the said feudal lord and is currently still his friend or client. I thereupon immediately wrote a letter to that feudal lord, in which I expressed my regret that I was once again frustrated in my expectation and hope, and could not have the honor of seeing His Highness at my place and getting to know him personally, complaining at the same time about the severity and strictness with which we were treated, watched, and guarded, of which what happened this evening was a vivid proof. I requested his powerful help and assistance, if possible, to procure a little more freedom for the Dutch and a little more profit for the Company in its trade, which is currently languishing so pitiably and fallen into decline. Furthermore, I earnestly solicited favorable recommendations to the Governor in Nangazackij and recommended the Company's interests and myself to His Highness's high favors and protection, and gave this letter to the First Secretary to be delivered. The son having brought me some Japanese curiosities as presents, both for himself and in the name of his father, Nangazackij, in the year 1788: Had the Governor petitioned for the delivery of an organ for the feudal lord of Satsuma. Continuation of the 22nd: I gave him various Dutch valuables in return as counter-presents, and subsequently entertained this young gentleman and his retinue in the best possible manner with a collation, banquet, confectionery, preserves, fine wines, and liqueurs. When he left at half past ten, very satisfied and cheerful, I gave him the entire table of food, pastries, etc., to take home, which is considered here to be a great courtesy and exceptional politeness. After this, I reprimanded both interpreters as they deserved for their extreme carelessness and foolishness. The under-interpreter Enosin, who until now has always been one of the business agents of this feudal lord in Nangazackij, will certainly lose that commission because of this. Wednesday, the 23rd. Last night there was fire in five different places, but all were of no consequence and quickly extinguished. Sent the interpreters to the Governor to request permission in my name to deliver here in Yedo a fine, large upright barrel organ, which I presented to the feudal lord of Satsuma, representing that if it first had to go back to Deshima to be sent from there to Satsuma, it could easily be damaged and become defective by this long transport. Thursday, the 24th. Last night, fire in two places. In the afternoon, the interpreters came to me in the name of the Governor.

Dutch transcription

Nangazackij D' Anno 1788. Liek de Japponnen Ontwatten &=a Verwittiging dat de lands heer van satsuma van avond zou koomen bezoeken Echter wierd ik weeder te leur gesteld, want het zoontjekwam alleen met een talrijk gevolg Eersten dies heeden vervolg van den 22: Liet Comp„s zijde Iaponnen Ontwatten en inpakken Om 12 uuren kwaamen mij de Tolken verwittigen dat de Landsheer van Patsuma mij deezen Avond in stilte zou koomen bezoeken, Weshalven ik alles, zoo veel de korte tijd permitteerde gereed deed maaken, om dien Vorst behoorlijk te Recipieeren, Echter werd ik alweeder in deesen te leur gesteld Wantom ½ agt kwam het zoontje alleen met een talrijk gevolg van voornaame Bediendens van dien Lands heer tijding meede Brengende, dat zijn Hoogheijd weeder tot zijn groot Regret door een Onverwagt en schielijk opgekoomen beletsel in zijn voorneemen verhinderd was. Ligt kunnende nagaan dat hier een bijzondere reeden voor moest weesen, riep ik de Hollandsche Tolk van den Lands heer die ook meede gekoomen was, apart, en Onderhield hem Over de waare Oorsaak van deeze Onverwagte beletzelen en in de weggekoomene hinder paalen, die mij nu tot tweemaalen toe van het genoegen beroofd hadden, om den Lands heer bij mij te zien, die mij verhaalde, dat het zijn Hoogheijd niet gepermitteerd wierd, Om Opentlijk bij mij te koomen gelijk voorleeden Jaar bij het opperhoofd Romberg, en dat de Gouverneur daar zeer naauwkeurig Oppassen, en wagt houden liet, dat het nu echter deesen avond in stilte zoude gelukt zijn, zonder dat het iemand Wist, indien het de twee Tolken die ik bij mij hebbe, niet door hunne Compe Invoor„ „tigtigheijd of onkunde Verijdelt hadden, Want deese het Om ½ zeeven aan Onzen opperbanJoost gesegd hebbende had die er met aller spoed aande Gouverneur kennis van gegeeven zo i zoo dene eerde s den Brand mij gte 9 ding Liet 1 69. Nagezien door Iapan ten Comptoire April D V Brink vervolg van den 22: gegieven, het geen de Landshier, zoo als hij gereed stond Om in de Norimond te stappen, ter Ooren gekoomen was, in dus van dit zijn Oogmerk had moeten afzien Wij voegde er bij dat zijn Hoogheijd dit ten hoogsten kwalijk nam, en daar Over ten uijtersten verbitterd en vertoornd wal en Over de tolken en Opperbanjoost zijn beklug zou doen aan de in Nangazackij zijnde Gouverneur, die Wel eer een bediende van gem Lands heer geweest, en thans nog zijnv riend of Elient is schreef daar op directeen Brief aan dien Lands heer, Waar bij ik mijn Leedweesen betuijgde, dat ik alweeder in mijn ver„ „wagting, en hoope gefrustreerd was, en de Eere niet mogt hebben Om zijn Hoogheijd bij mij te zien, en personeel te leeren kennen, klaagende teffens Over de strengheijd en naauwkeu„ „righeijd, Waar meede min Ons behandelde, bewaakte en bewaarde, Waar van het diezen Avond voorgevallene een Leevendig bewijs was, Versogt zijn Vermoogende hulp en bijstand om des moogelijk de hollanders wat meerder Vrijheid en de Comp„s wat meerder voordeel in haare thans zoo der„ „lijk aan 't kwijnen en in verval geraakt zijnde handel te besorgen. — Wijders solliciteerde ik zeer om favorabele aanschrijvingen aan de Gouverneur in Nangazaekij en Recommandeerde Comp„s belangens en mij zelven, en zijn Hoogheijds hooge gunsten protexie, en gaf deeze brief aan de Eerste Secretaris ter besorging Over. De Zoor mij zoo voor zig zelfs, als uijt naam van zijn Vader eenige Japanse aardigheeden tot geschenk meede gebrakt hebbende Gaf. . Liet de van En Lands Bangazachij d' Anno 1788: Liet de gouverneur tot d' afgave van Een Orgel van Solsuma Landsheer versoeken Vervolg van den 22: Pas ik den zelven diverse Hollandsche kostbaarheeden tot Contra Presenten terug, en Onthaalde vervolgens deezen Iongen Heer met zijn gevolg op de best mogelijke Wijse op een Collation, Banket, Suijker goed, Confituueren, fijne Wijnen en Likeuren en gaf hem toen hij om half elf zeer voldaan, en Vrolijk heenen ging, de geheele tafel met Eeten, gebak &„a meede na Huijs het geen alhier voor een groote beleefde en bijzondere Welleevend=heijd gereekend Word. Waar na ik de beijde Tolken na merite Over hunne Verre„ „gaande Onvoorsigtig-en=eenvoudigheijd doorhaalde De Ondertolk Enosin, die tot hier toe althoos een der zaak besorgers van deezen Lands heer in Nangazakkij geweest is, Verliest hier door voorseeker die Commissie Woensdag „ 23. Deezen nagt op Vijf Differente plaatsen Brand geweest dog alle van geen belangen schielijk geblust. Sond de tolken na de Gouverneur om uijt mijn naam permissie te versoeken, om een fraaijen groot staande Draaij Orgel, dat ik aan de Landsheer van Patsuma Present gedaan heb, alhier in Tedo te moogen afgeeven, Onder voorhouding dat het zelve, indien het eerst weeder meede na Decima moest om van daar na Tatsuma versonden te worden, door dit verre transport Lig„ „telijk bedorven en Defect raaken konde Donderdag „ 24 Gepasseerde Nagt op twee plaatsen Brand Des middags k waamen mij de tolken uyjt naam van de Gouverneur d was K was d af. 71.

NL-HaNA_1.04.02_3811_1030 view scan ↗

English

Japan at the Factory April Continued from the 24th. The Governor notified me that His Honour could not grant the request I made yesterday, since granting permission for the release of goods that the Dutch take along on the court journey did not belong to his department, but depended on the Governor residing in Nangazackij. I informed the Lord of the Land of this pretext and answer by letter and requested him to confer with the Governor in Nangazackij about it and issue the necessary notification. After that, I agreed with the Chief Banjoost to undertake the return journey from here the day after tomorrow. And I heard from the interpreters that a rumour was circulating that the Great Judge of Miaco had cut open his belly over a secret displeasure of the Dairie. In the evening at half past eight, a fierce fire broke out only 10 streets away from us, which, however, was already extinguished at a quarter to ten. Furthermore, this evening I entertained the Lord of the Land of Tamba to a supper, gave him several dishes of pastry to take along, and he returned home very pleased at one o'clock at night. Friday, 25. During the night there was no fire other than the one mentioned yesterday evening. I had the remaining silk fabrics packed and everything made ready in order to be able to undertake the return journey tomorrow, and further received a multitude of farewell visits from various gentlemen of this city. The Lord of the Land of Satsuma, as well as several other Lords of the Land whom I had pleased during my stay here with a large number of written reports and descriptions of many matters, also sent their envoys to wish me a safe and prosperous return journey, for which I had them thanked most heartily with an appropriate counter-compliment for their kindness. Nangazackij, in the year 1788. Saturday, 26. This night there were fires in four places. At 9 o'clock, the envoys of the Governor of Nangazackij residing here came to wish me a happy and pleasant return journey; after which we left this capital at half past nine and continued our journey until Wednesday, 30: When we arrived in Josiwara, and had to tarry there on account of the high water in the river Foesikawa until Friday the 2nd of May: When, the river being navigable, we continued the journey again as far as Mia, where on Wednesday, 7: We had to lie still the entire day, because the strong wind made the crossing from here to Quana impossible. Thursday, 8: The weather and wind being favourable today, we resumed our journey again, and arrived on Sunday, 11: Without any noteworthy events or encounters, in the afternoon at three o'clock at the temple situated outside Miaco designated for our stay, where from a pavilion in the garden of that temple situated against a mountain, we could clearly view the entire city and the destruction caused therein by the flames, the remaining fireproof warehouses, and the newly built houses and huts, of which there were already an unbelievably large number. It is incomprehensible, on the one hand, how such a tremendously large city could have burned down almost completely, and on the other hand, how one could have rebuilt so many houses in such a short time, and erected such an infinite number of huts, for from afar it appears to the eye like a newly built city. Expressing my surprise and reflections concerning this rebuilding, so contrary to what had been related to us during the journey up regarding a prohibition in that respect, they informed me that for fear that most of the inhabitants would move to the surrounding cities and villages and settle there permanently, as a large number had already done, this order had indeed soon been somewhat mitigated again, and now only the buying and selling of woodwork was prohibited until the Dairie's Palace shall be rebuilt again; but on the other hand, to encourage the residents, it is permitted to use woodwork that one receives as presents from elsewhere, from the neighbouring places from one's friends, under which denomination of gifts...

Dutch transcription

Japan ten Comptoire April die liet weeten hier in niet kon bewilligen gerugt dat de Grootregter van Miaco zig den buijk had open gesneeden de Lands heer van Tamba op een Soupe Onthaald. — Nage zien door Dd Brink Vervolg van den 24. Gouverneur bedeelen, dat zijn Ed: in mijn gisteren gedaan Versoek niet kon bewilligen, aangezien het verleenen van permissie tot de afgaave van goederen die de hollanders op de hofreijse meede neemen, niet van zijn deportement was, maar van de in Nangazackij zijnde Gouverneur dependeerde - van welk Pretext en antwoord ik den Landsheer, bij een Brief kennis gaf en versogt den Gouverneur in Nangazackij daar Over- te Onderhouden, en de noodige aanschrijving te doen stemde daar na met de OpperbanJoost om op Overmorgen, de te rug reijse van hier te Onderneemen. — En hoorde van de Tolken= dat er een gerugt liep, dat de Grootregter van Miac Om een verlaaten misnoegen van den Dairie, zig den Buijk had open gesneeden Des avonds om half neegen Ontstonder een heerige Brand Maar 10. Straaten ver van Ons af, die echter quart Voor in tien reeds geblust Was. — Voorts deezen Avond de Landsheer van Samba Op een Poupe Onthaalde, die ik verscheijde Schootels gebak meede gaf, en des Nagts ten Een Uur zeer vergenoegd Vervolg na Huijs Keerde Vrijdag daarwij „ 25 Van de Nagt geen Brand buijten de gisteren avond vermelde liet de Restant zijde stoffen Liet de Restant zijde stoffen in pakken, en alles geredmaaken inpakken Om morgen de te rug reijse te kunnen aanvaarden, en afscheijds Visites van diverse Ontfing voorts een meenigte afscheijds Visites van diverse zittede Ontfangen Heeren deezer stad. — Ook lieten mij de Landsheer van voort en Patsúma, beneevens Verscheijde andere Landsheeren, aan Welke ƒ Nangazackij d' Anno 1788. Om een Verlaaten Tedo en Koomen moesten voort en koomen Vervolg van den 25. Welke ik geduurende mijn verblijf alhier, door een groot aantal Schriftelijke opgaaven en Beschrijvingen Veeler zaaken plaisier gedaan heb, door hunne gezanten een behouden en voorspoedige te rug reijse toewenschen die ik met een gepast Contra Compliment voor haar Vriende„ „lijkheijd op het Partelijkst liet bedanken Saturdag „ 26. Deezen nagt op Vier plaatzen Brand- Om9 Uuren kwaamen de gezanten van de alhier Resideerende Gouverneur van Nangazackij mij een gelukkige en aange„ „naame te rug reijse toewenschen; Waar na wij om half tien deese Hoofdstad verlieten en Onze reijse Vervorderden tot Woensdag in Josiwara, daar vertoeven, 30: Wanneer wij in Josiwara arriveerden, en aldaar Om het hooge Waater in de Rivier Foesikawa Vertoe„ „ven moesten tot Vrijdag den 2:e Als toen de Rivier bevaarbaar zijnde, vervolgde wij Weeder Meij Vervolgde wij de reijs tot Mia de reijs tot in Mia, daar wij 2 Woensdag daar wij moesten stilliggen, 7: Den geheelen dag moesten stil leggen, Om dat de harde Wind den Overtogt van hier na Quana Onmoogelijk maakte Donderdag zetterde Onze Rueijse wederom„ 8: Weer en Windheeden gunstig zijnde, Bettede Wij Onse ruijse Weederom Voort, en Kwaamen Zondag „ 11: Zonder eenige noteerens waardige voorvallen of Ontmoetingen des r an rm ise meede de w kennis aa doe Tolken de te Over welk issie tot Versoek needen Brand Voor ogd ermelde aaken se 73. Meij, Iapan ten Comptoire D dBrink alwaar de stad door de vlammen verwoeste &„a duijdelijk konde beschouwen Vervolg van den 11. Des nademiddags om drie uuren in de voor Ons verblijf bestemde i Mcastimatmn elbuijten Tempel buijten Miaco, daar wij van een speelhuijs indethuijn dier Tempel teegen een berg geleegen, de geheelen staden de duarin door de Vlammen Veroorsaakte verwoestingde Overgebleevene Brandvrije pakhuijsen en de nieuw opgebouwde huijsen en hutten die al Ongelooflijk veele waaren/ duijdelijk konde beschouwen. — Onbegrijpelijk is het aan de eene kant, hoe zoo een Ontseggelijkke groote stad bij kans geheel heeft kunnen afbranden, en aande andere kant, hoe dat min in zulk een korten tijd alzoo„ veele huijsen heeft kunnen herbouwen, en zulk een Oneijndig getal hutten Oprigten, Want het vertoond zig van Verre voor het Dog als een nieuw gebouwde stad. Over dit herbouwen zoo strijdig met het geen Wij in de Opreijze Omtrend een Verbod dien aangaande verhaald was, mijne Verwondering en be„ „denkingen te kennen gevende, berigte men mij, dat uijt reese„ dat de meeste inwoonders na de Omleggende steeden en Dorpen verhuijsen, en zig met der Woon weeder zetten zoude. gelijk een groot aantal reeds gedaan had, deeze Order Wel ras weeder een Weijnig gemaatigd was geworden, en nu alleenlijk het koopen en verkoopen van houtwerken tot tijd en Wijle dat s Dairies Paleijd Weeder Opgebouwd zal zijn, verbooden, dog daar en teegen tot aanmoediging der Ingeseetenen toegestaan is, houtwerken te verbruijken, die men van elders, Uijt de nabuurige plaatsen van zijn Vrienden present Krijgt, Onder Welke benaaming geschenken de Grootreij Van Nage zien door 74. Jev te willen 3

NL-HaNA_1.04.02_3811_1033 view scan ↗

English

Nangazackij, the Year 1788. Continuation of the 11th of the present month. Anyone who now has more money, can obtain timber from outside and build. This morning along the entire road that we had passed, I also saw a considerable quantity of prepared and unprepared timber being dragged and brought here. Furthermore, I was told that the number of people who perished in this terrible fire was estimated at circa one thousand souls. I also heard that the rumor circulating in Iedo concerning the belly-slitting of the Grand Judge was false, and that this gentleman was in good health. Afterwards received a letter from Desima, reporting that all was well. In the evening at half past ten, the Chief Interpreter Mathuijsero, whom I had sent ahead this morning to the Grand Judge and both Governors of this city to announce my arrival and to inquire when it would suit Their Honors to accept the gifts, returned to report to me that those gentlemen congratulated me on my arrival here, but begged to be excused from receiving me, as they, living in very small temples, could not receive me properly, and for that reason requested that the gifts be sent to them the day after tomorrow by the interpreters. Monday the 12th. Today received word that the Dairie has mostly recovered from his childhood illness. His Holiness takes up his residence here close to us in the neighborhood, only three large temples away from us, and his servants live everywhere in other temples around us. Tuesday the 13th. Sent the Chief Interpreter this morning to the Grand Judge and Governors to present the Company's gifts to them in my name; he returned in the afternoon at three o'clock with the message that the said gentlemen had kindly accepted the same and expressed their great thanks. Wednesday the 14th. Wrote a letter to Desima in the forenoon and in the afternoon received the envoys of the Grand Judge and Governors, who thanked me once more for the gifts sent, congratulated me on my accomplishments at Court, and wished me a further prosperous return journey; entertained these envoys with sweet beverages and preserves, and conveyed my thanks to their masters for their courtesy and attentiveness. Thursday the 15th. Agreed with the Chief Banjost to depart from here tomorrow morning, and sent the Chief Interpreter to the Grand Judge and Governors to take leave of those gentlemen in my name, and to wish them a pleasant stay and continued good health. Friday the 16th. Set out on our journey at ten o'clock and left this city, after having first viewed the most remarkable temples and on that occasion also having seen many of the Dairie's women and servants. Arrived at half past five in Foesimie, from where we departed again with vessels at half past seven, and Saturday the 17th. Arrived in Osacca at seven o'clock in the morning. Sent the Chief Interpreter Mathuijsero to the Governors to announce my arrival to them and to inquire when it would be convenient for Their Honors to accept the gifts; upon his return, he congratulated me on my arrival in the name of those gentlemen and communicated that Their Honors would await me on the 24th of this month at 12 o'clock noon. Sunday the 18th. Viewed some temples, the copper refinery, and the small comedy. Monday the 19th. And today the temples near Sacaij and the large comedy. Tuesday the 20th. Proceeded at noon at the appointed hour to the residences of the Governors to offer the Company's gifts, which these gentlemen accepted very kindly and with expressions of gratitude, and entertained us in the most pleasant manner with Japanese food, even being led into the garden at one of their homes to view his Fox Temple, riding track, and horses, which latter were ridden in our presence in order to show us the Japanese handling and manner of riding.

Dutch transcription

Bangazachij d' Anno 1788. de Groot regter &=a versogte de geschenken hen door de tolken te willen toezenden Vervolg van den 11. van Present, een ieder die nu meer Geld heeft, hout van buijten bekoomen en Bouwen kan Ook had ik deesen morgen langs de gantsche weg, die wij ge„ „passeerd. waaren, een Considerabele Quantiteijt ge„ „maakte en Ongemaakte houtwerken herwaarts Zien Sleepen en toevoeren Voorts verhaalde men mij, dat het getal der bij deese schrik„ „kelijke Brand Omgekoomene op Circa Duijzend Zielen gereekend Wierd. — Ook hoorde ik dat het in Tedo geloopen hebbende gerugt van het buijksnijden des groot Regters verdagt was, en dien Heer zig in goede Welstand bevond. Ontfing daarna een Brief van Desima, meldende dat alles Wel was. Des Aronds om half Elf, kwam de Oppertolke Mathuijsero die ik deesen morgen voor uijtgezonden had na de Groot Regter en de beijde Gouverneurs deeser stad, Ommijn aan„ „komst bekend te maaken, en te verneemen, wanneer het hun Ed=ns Convenieeren zoude de geschenken te accepteeren mij Rapport brengen, dat die heeren mij met mijn arrive„ „ment alhier filiciteeren dog zig lieten Exccuseeren Om mij Op te wugten, wijl zij in zeer Kleijne Pempels woonende, mij niet behoorlijk konde Recipieeren, en Om die reeden Versogten hem de geschenken Overmorgen door de Tolken te Willen toesenden Maandag „ 12 Heeden narigt Ontfangen dat den Sairie van zijn Kinderziekete meerendeels hersteld is. Zijn heijligheijd houd zijn verblijf hier digt bij ons in de buurt, maar drie groote Timpels van Onsagf en zijn Bediendens woonen Overal in N bestemde de thuijn de duar in bleevene en ena k konde een 75 Meij, Japan ten Comptoire groot Regter en gouverneurs om de geschenken te presenteeren gaan eenige Tempels Nagezien door D dBrink Vervolg van den 12:' in andere Tempels Rondom Ons. Dingsdag zond den oppertolk na de „ 13: Zond deezen morgen de Oppertolk na de Groot Rechter en Gou„ „verneurs, maan dezelve uijt mijn naam Comp„s geschenken te presenteeren, die des nademiddags ten drie uuren terug keerde miet berigt, dat de gemelde Heeren dezelve Vriendelijk geaccep„ „teerd hadden en zeer Lieten bedanken Schreef na Decima, 14„e Schreef des voordemiddags een Brief na Desima en Recipi„ „eerde s' nademiddags de gezanten van de Groot Regter en Gou„ „verneurs, die mij nogmaals voor de gesondene geschenken bedanken, met mijne verrigtingen ten Hoove Hilifiteeren, en een Verdere voorspoedige te rug reijse toewenschen lieten; Ont Eenige tem „haalde deeze gesanten op Soete Dranken en Confituuren en liet haare Heeren Meesters voor derzelve beleefdheijd en attentie mijn Dank betuijgen En Donderdag „ 15 e Stemde met de OpperbanJoost op, om morgen Ochtend van hier presenteer te Vertrekken en zond den Oppertolk bij de grootregter en gouverneurs C„schenk Om uijt mijn naam bij die Heeren afscheijd te naemen, en dezelve een goed Verblijf en aanhoudende Welstand toe te Wenschen Woensdag Vrijdag „ 16: Begaaven Ons Om tien uuren opreijs en Verlieten deeze stad, na alvoorons de merkwaardigste Tempels besigtigd en bij die geleegendheijd Ook veele van des Dairies Vrouwen en bediendens bezigtigd. en Verlieten die plaats. gesien enko ker P Nangazackij, d' Anno 1788. En heeden eurs „schenken Vervolg van den 16. Gezien te hebben, kwaamen Om half Zes in Poesimie van Waar wij om half zeeven Weeder met vaartuijgen vertrokken en Saturdag inkoomen in Pacca „ 17. Des morgens om zeeven Uuren in Sassa arriveerden - Zond de Oppertolk Mathuijsero na de Gouverneurs Om hen mijn Arrivement bekend te maaken en te verneemen Wanneer het hun Ed„s geleegen zoude koomen de geschenken te accepteeren, die mij bij zijn terug komst uijt naam dier Heeren met mijn aankomst geluk wenschte en bedeelde dat haar Ed=ns mij den 24: deezer des middags ten 12 uuren zouden opwagten Zondag 68 Eenige tempels v=o bezigtigd „ 18: „ Eenige Tempels, de koper Raffinaderij en de kleijne Comedie Bezigtigd. Maandag „ 19 En heedende Tempels bij Sascaij en de Groote Comedie Dingsdag presenteeren alhier de ge„ 20: Begaaven ons des middags op het bepaalde Uur na de Wooningen der Gouverneurs ter aanbieding van 'sComp„s geschen„ „ken, Welke deese heeren zeer vriendelijken met dankbetuij„ „ging accepteerden en Ons op de aller beliefste wijse op Japan„ „se kost Onthaalden, wordende zelfs bij een derzelve in de thuijn geleijd, Om zijn Vosse Tempel, rijbaan en Paarden te bezien, welke laatste men, Om ons de Iapanse behande„ „ling en manier van Rijden te toonen, in Onze teegen„ „woordigheijd bereed. Woensdag en Gou„ henken rng R.G eaccep„ keerde ,en Ont¬ enen en hier ezelve ete toe

NL-HaNA_1.04.02_3811_1036 view scan ↗

English

May, Japan at the Factory The Dairis had a request made to write some Dutch maxims. A Councillor of State was dismissed from his office. Arrival in Fiogo. — Examined by Dd Brink Wednesday the 21st. This morning the Under Interpreter Enosin came to me with the host of Miaco, who claimed to have been sent hither expressly to deliver a scroll and a parcel containing some sheets of the best Japanese paper from the Dairi, with a request from His Holiness to write some Dutch maxims on the former, while the latter was to serve as a gift for this trouble of mine. Subsequently determined with the Upperbanjost our departure from here for the day after tomorrow, and sent the Head Interpreter to the gentlemen Governors to wish Their Honors a good stay. Thursday the 22nd. Today both Interpreters came to inform me that they had received news from Yedo that the Ordinary Councillor of State Matsduijra Ciwono Cami Sama was dismissed from his office on the 3rd Sieguats, or the 8th of this month, and for the present no other would be appointed in his place. Friday the 23rd. Left this city in the morning at half past nine, going by vessels as far as Amagazackij, and from here by norimon to Fiogo, where we arrived in the evening at half past nine and had to remain waiting for a favorable wind until Sunday the 25th, when we boarded the large barque in the afternoon at two o'clock, in order to be able to depart with the first favorable wind. Nangazackij, the Year 1788: June, arrived back at DeCima where I found everything in order. — Monday the 26th. The wind being favorable, we set sail at daybreak. Thursday the 29th. In the evening at 7 o'clock, dropped anchor before Simonoseki, where I stepped ashore at half past eight and received a letter from Decima stating that all was well. — Friday the 30th. Crossed over to Dairi by rowing vessels in the afternoon at half past one, and then continued the journey by norimon to Kokura, where we arrived at seven o'clock. — Wrote a letter to Desima to announce my arrival here, and that without legitimate hindrance I was to return to the island on the 5th of June. Saturday the 31st. Set out on the journey again in the morning at six o'clock, and arrived, without any noteworthy occurrences or encounters, Thursday the 5th, in the afternoon at one o'clock, back at the island of Decima, where I found everything in good order, and the keys, etc., were duly handed back to me by the Under Merchant and Trade Bookkeeper Hendrik Andries Ulps, as well as the following daily journal kept by him during my absence, declaring that besides what is contained therein, nothing noteworthy had occurred. Examined by DD Brink June, Japan at the Factory Note of the Under Merchant Ulps Continuation of the 5th. Daily Notes kept by the Provisional Under Merchant and Trade Bookkeeper Hendrik Andries Ulps of the most remarkable occurrences since the 21st of February, when the Chief, the Senior Merchant Johan Fredrik Baron van Reede tot de Parkeler, departed for Yedo, until His Honor's return on the 5th of June 1788. — February Thursday the 21st. After the Honorable Chief, the Right Honorable Lord Johan Fredrik Baron van Reede tot de Parkeler, had yesterday transferred to me the authority over the Honorable Company's servants and effects during His Honor's absence, handing over therewith all keys of the warehouses, trade and secretarial papers, and those of the sealed camphor wood chest, together with a memorandum on how I am to conduct myself; as well as the reports of the Honorable Company's and the Ottonas' repairs, and the demand of the Japanese carpenters amounting to R 239:4:—, also a copy of a petition to the Reporting Burgomasters concerning the Honorable Company's champans—His Honor set out on the journey in the morning at ten o'clock in the company of the sworn clerk Coenraad Jonas and the Chief Surgeon J:n A: Huttzer. I escorted His Honor outside the land gate, where a friendly farewell was taken, and then returned to the Chief's residence, where, according to custom, the muster was conducted by an Upperbanjost. Friday the 22nd. Had the interpreter on duty request the invoices from the Reporters for the four junks arrived from Savo, which were Saturday the 23rd, handed over to me by the Under Reporter Passisero as Nos. 6, 7, 8, 9. I gave him back the demand of the Japanese carpenters for the Honorable Company's repairs, adding that it was much too high and unreasonable, and that I dared not make any offer on it until it conformed to fairness. Summoned the Head Interpreter Monsjero for tomorrow, who Sunday the 24th, appeared towards noon. Having previously been verbally informed by the Honorable Chief that the said Interpreter would lend a helping hand regarding the champans, I asked whether he had already tried to succeed therein; he answered me that because Burgomaster Fannemont's wife is dangerously ill, he has not yet been able to pursue this further; he promised, however, to carry it out as soon as possible. Towards evening three junks were warped into the lower roadstead, and Monday the 25th, one was brought into the stream. In the afternoon the Under Reporter

Dutch transcription

Meij, Iapan ten Comptoire den Dairie liet versoeken eenige hollandsche spreuken te schrijven Een Rijksraad uijt zijn bediening Ontslaagen was koomen in fiogo. — Nagezien door Dd Brink Woensdag den 21. Deezen Morgen kwamde Ondertolk Enosin bij mij met de „nu Hospes van Miaco, die voorgaf expres herwaarts gezonden te zijn ter verbrenging van een Rol en een pakje met eenige Vellen best Japans papier van den Pairie met versoek van zijn heijligheijd Om op het Eerste eenige hollandsche sprinken te schrijven, terwijl het tweede tot een geschenk voor deese mijne moeijte dienen moest. Bepaalde vervolgens met de Opperban Joost Ons vertrek van hier op Overmorgen, en zond den oppertolk na de heeren, Gouverneurs om hun Ed=ne een goed verblijf te Wenschen proviveere en nu in Donderdag Communisatie dat in Jest 22 Needen kwaamen mij de beijde Tolken Communiceeren van Tedo tijding bekoomen te hebben dat de Ordinaire Rijks„ „raad Matsduijra Ciwono Cami Sama den 3 Sieguats of 8„e deezer uijt zijn bediening Ontslaagen was, en Vooreerst en verlaaten geen ander in desselfs plaats zou worden aangesteld:— Vrijdag Verlieten deeze stad, en „ 23. Verlieten des morgens om half tien deese stad, gaande tot Amagazackij met Vaartuijgen, en van hier met de Nori„ „monds na Diogo, daar wij des avonds om half tien aan„ „kwaamen en op een goede Wind moesten Blijven in kom Wagten tot Zondag Begaaven onsinde Barck, 25. Wanneer wij ons des nademiddags om twee Uuren in de groote barck begaaven, Om met de Eerste goede Wind te kunnen Vertrekken 3 Maandag daara Nangazackij, d' Anno 1788: en nu in Kokura Junij, in komen op DeCima terug daar alles in Order vond. — Maandag nnu Onderzeijl den 26: De Wind geinstig zijnde gingen Wij met den dag onderzeijl in lieten Donderdag ariveere in Simonssckeijt 29. Des avonds om 7 uuren het anker vallen voor Simonose kij daar ik om half agt aan land stapten, en een Brief van Decima Ontfing, meldende dat alles wel was. — Vrijdag „30. staaken des nademiddags ten half twee met roaij Vaartuijgen Over na Sairie en vervolgde toen de reijse met de Norimonds na Kokura, daar wij Om zeeven uuren aankwaamen. — Schreef een Brief na Desima ter bedeeling van mijn aankomst alhier en dat zonder wettige verhindering den 5„e Junij Weeder ten Eijlande stond te Retourneeren Saturdag en verlaaten gem plaats „ 31: Begaaven ons des morgens, Om zes uuren Weeder op reijs, en arriveerde, zonder eenige aanteekenings Waardige Voorvallen of Ontmoetingen Donderdag „ 5=e Ses middags om Een uur ten Eijlande Decimaterug, daar ik alles in goede Order vond, en mij door den Onder„ „koopman en Negotie Boekhouder Hendrik Andries Tulps de sleutels &„a Weeder behoorlijk ter hand gesteld Wierden, als meede het Ondervolgend dag verhaal door hem geduurende mijn afweesen gehouden betuijgende buijten het daar in Vervatte ire de den soek henk rst tot an„ 79 Nagezien door Iunij, Japan ten Comptoire Aanteekening van den Onderkoopman Ulps DD Brink Vervolg van den 5„e Vervatte, niets noteerens waardig te zijn Voorgevallen Dagelijkse Aantekeningen gehouden door den Provisioneele Onder„ „koopman en Negotie Boekhouder Hendrik Andries Ulps. van 't merkwaardigst Voorgevallene zeedert den 21„e februarij dat 't opperhooft den opper„ „koopman Iohan Fredrik Baron van Reede tot de Parkeler na Tedo is vertrokken tot zijn Ed: terug komst op den 5„e Iunij 1788. — Februarij Donderdag den 21. Na dat 't E: opperhoofd de Wel Edel Geboore Heer Johan Pre„ „drik Baron van Reede tot de parkeler mij op gisteren het gezag Over sE Compagnies dienaaren en Effecten geduuren „de s Ed: afweesen had opgedraagen, daar bij Overhandigd, alle Sleutels, der pakhuijsen, Negotie en Secretarij Papieren en die der Camphur houte kist verzeeguld, neevens eene Memorie Waarna mij te gedraagen; als ook de Rapporten Van 's E: Comp„s en Ottonaas Reparatie, En den Eijsch van de Iapansche Timmerlieden groot R 239:4: — meede een Copia Versoek schrift aan de Rapporteurs Burgermeesters belangende 's E Comp„s Chiampangs, - Begaff zijn Ed:e zig in Gezelschap van den geswooren Scriba Coenraad Ionas, en den Oppermeester I:n A: Hhuttzer s'morgens te thien uuren op reijs, deed zijn WelEd: uijtgeleijde ot buijten de 80. Bangazachij d' Anno 1788. Vervolg van den 21: de Landpoort, alwaar vriendelijk afscheijd wam, en keerde als doen naar 't opperhoofds wooning terug daar volgens usance de monstering door een opperbunjoost geschiede. Vrijdag „ 22:' Liet door den Wagthebbende Tolk aan de Rapporteurs om de Factuuren der vier uijt Savo gearriveerde Jonken Versoek doen, die mij Saturdag „ 23' door den onder Rapporteur Passisero Overhandigd Wierden als N„o 6, 7, 8, 9, gaff hem den Eijsch der Japansche Timmerlie„ „den voor 's E Comp„s reparatie weeder te rug, met bijvoeging dat die veel te hoog en Onreedelijk was, en daar niets op durfde te bieden, voor en aleer dat dezelve met de billijkheijd Over een kwam, liet op morgen den Oppertolk Monsjero ont„ „bieden, die Zondag „ 24„e Teegens de middag verscheen, vroeg na dat 't Eopperhoofd mij alvoorens mondelings had verwittigd, dat eeven gemelde Tolk, in 't articul der Chiampangs de behulpsaame hand zoude bieden, of hij alreeds had zoeken daar in te slaagen, mij antwoorde, Om dat de Burgermeester Fannemont Huijs„ „vrouw gevaarlijk siek zijnde, zulks nog niet verder heeft kunnen voortzetten; beloofde egter het zelve zoo spoedig moogelijk ter uijtvoer te brengen. Teegens den Avond drie Ionken in de Laag, en Maandag „ 25. Een op stroom gehaald, s' agtermiddags bragt de onder„ Rapporteur 81: a o rin alle en de Lech

NL-HaNA_1.04.02_3811_1040 view scan ↗

English

February Japan at the Factory Examined by PDBrink Continuation of the 25th Reporter the further demand of the Japanese carpenters concerning the Honorable Company's repair to the amount of p/ 200. — — I made known to him that I indeed had authorization from the Honorable Mr. van Reede for that contracting, because the Dutch carpenter here is sickly most of the time, and therefore incapacitated, but to such an unheard of and excessive demand I flatly refused to make any bid, much less strike such an agreement. Whereupon he replied that he would inform the chief reporter and those workmen of my words, in order, if it were possible, to reduce the aforementioned demand. Tuesday 26. I had the Dutch carpenter come to me, and asked him what he thought how much one might be able to pay for that repair if it were consistent with fairness, who told me p 150:—. Rained the entire day. Wednesday 27: The reporters accompanied by the Japanese carpenters came to speak to me further about the Honorable Company's repair, so after much wrangling I agreed on this with one of them named Campees for Z 109:— ordered them to ensure that everything was properly provided for according to the submitted report. Thursday 28th The junk lying in the roadstead was loaded. 29. Friday These days fine weather. March 1. Saturday The Chinese delivered their merchandise. 2. Sunday 3. Monday Tuesday Nangazackij, the Year 1788. Tuesday the 4th: Received today a letter from the Honorable Opperhoofd, the Right Noble-Born Mr. I=n F„n Baron van Reede tot de Parkeler, dated Kokura the 27th of February: mainly containing His Honor's safe arrival the day before in that place, and that he intended to cross over to Simonosekij on the very same date; the court journey bark not yet having arrived there: ordered the under-reporter to inform me when a letter in reply could be sent. Wednesday 5th Nothing happened. Thursday 6th Rainy weather. Friday 7th This night it blew hard from the NW with a little rain. Saturday 8th Nothing occurred. Sunday 9th The last of the four arrived junks was brought into the berth. Monday 10th The chief interpreter Monssero communicated to me that the Mayor Fannemon's wife had passed away yesterday morning, requested him to please help remind the Honorable Mayor at the first favorable opportunity, in the name of the Honorable Opperhoofd, of his good arrangement concerning the sampans. – Which he promised me. Tuesday 83. Japan at the Factory Examined by PdBrink March Tuesday the 11th: the junk lying in the roadstead took in goods again. Wednesday 12: this morning the reporters coming to me, I requested them that the Japanese carpenters might begin as quickly as possible on the Honorable Company's and Ottonas' repair, who answered me that first an accounting and repair master would come to the island to inspect this accurately, and that this was scheduled for tomorrow. — Thursday 13. The aforementioned gentlemen appeared, and after they had surveyed everything, they paid me a visit; entertained them according to ability. — Snowed the entire day. Friday 14: As well as today. Saturday 15th that still continued, it also froze hard this night, sent a letter to the Honorable Opperhoofd, with the necessary distribution, for which until today, according to what the reporters say, there had been no opportunity. Sunday 16: nothing occurred. Monday 17: it blew hard and hailed:— Tuesday 18. the reporters came to tell me that tomorrow the carpenters 84. 85. Nangazackij the Year 1788: Continuation of the 18th carpenters will make a beginning with their undertaken work, ordered them to urge the Ottonas and Casserusses that likewise the repair on their part might have a speedy start. Wednesday 19th the aforementioned carpenters appeared. Thursday 20 Nothing occurred. Friday 21st In the afternoon a Chinese junk arrived in the roadstead. Saturday 22. At night a severe storm from the east, and in between it rained heavily; in the morning the under-reporter came to show me a Japanese letter, dated Osassa the 3rd Niguats, or the 10th of this month, in which it was reported that the beautiful flourishing merchant city of Miaco was almost laid in ashes by a most terrible fire, only a few small houses remaining standing in the suburb; this raging fire had started on the 29th of IJoguats, or the 6th of this month, at four o'clock in the afternoon, and continued until the 1st of Niguats or the [illegible] of this month, twelve o'clock noon; it was not yet known, however, what had caused it. Sunday 23rd The junk that arrived the day before yesterday was unloaded, and was empty by midday. Monday 24: Rainy weather, a junk was hauled into the stream, and Tuesday

Dutch transcription

Februarij Japan ten Comptoire Nage zien door PDBrink Vervolg van den 25„e Rapporteur de nadere Eijsch van de Iapansche Timmerlieden aangaande s E Comp„s Reparatie ter somma van p/ 200. — — gaff hem te kennen dat ik wel Qualificatie van de Heer van Reede dier aanbesteeding hadde, door dat de hier zijnde hollandse Timmerman meesten tijd ziekelijk, en daar door onvermoogend is, Maar op zulk eene ongehoorde en Verregaande Eijsch volstoekt Wijgerde eenig bod te doen, veel minder zulk een afcoord treffen Waar op hij repliceerde den opperrapporteur en die werklieden van mijne gesegdens kennis te geeven, Om waare het moogelijk bovcngemelde Eijsch te Verminderen Dingsdag „ 26. deed ik de hollandse Timmerman bij mij koomen, en Vroeg hem Wat hij dagt hoe veel dat men wel indien't met de billijk„ „heijd Over een kwam voor die Reparatie zoude kunnen betaalen, die mij zeijde p 150:—. de geheelen dag gereegend. Woensdag „ 27: Kwaamen de Rapporteurs Verzeld van de Japansche Timmer„ „lieden mij nader Over 'sE Comp„s reparatie spreeken, zoo hebbe na veele stribbelingen aan een derselve genaamd Campees Zulks veraccordeerd voor Z 109:— gelaste hen te sorgen dat alles na behooren volgens het Opgegeeven Rapport Wierd Voorsien Donderdag „ 28„e Wierd de op de Rheede leggende Jonk gelaaden „ 29. Vrijdag Deeze daagen Mooij Weer Maart „ 1. Saturdag Leeverden de Chineese hunne Coopmanschappen „ 2. Zondag „ 3. Maandag Dingsdag Nangazackij, d' Anno 1788. Dingsdag den 4:' Ontfing heeden een brief van tE opperhoofd de Wel Edel Geboore Heer I=n F„n Baron van Reede tot de Parkeler, gedagteekend Kokura den 27: Jb: voornamentlijk behelsende zijn Ed: goe„ „de aankomst, s' daags te vooren in die plaats, en van gedagten Was, op eeven gemelde Tatum naar Simonosekij Over„ te vaaren; zijnde de Pofreijs barck aldaar nog niet gearriveerd: gelaste aan de Onder Rapporteur, Wanneer een Brief in ant„ „woord konde senden, mij dit te verwittigen Woensdag „ 5„e Niets gepasseerd. Donderdag „ 6:e Reegenagtig Weeder Vrijdag „ 7:e deeze Nagt sterk gewaaijd uijt den N W met een Weijnig Reegen Saturdag „ 8. e Is et niets Voorgevallen Zondag 2 „ 9: Is de Laatste der Vier aangekoomene Tonken in de laag gebragt. Maandag „ 10=e Communiceerde mij den oppertolk Monssero, dat de Bur„ „germeester Fannemons huijsvrouw gisteren morgen was Overleede, versogt hem om nu bij eerst gunstige geleegendheijd, uijt naam van 't E: opperhoofd vriendelijk de Heer Burgermeester„ dies goede schikking Omtrent de Chiampangs te Willen helpen herinneren. – 't Welk hij mij beloofde Dingsdag ede lands oogend is, sch Volstoekl treffen klieden van elijk Vroeg de billijk¬ nen mer pen cha ngsdag 1 83. Japan ten Comptoire Nage zien door PdBrink Maart Dingsdag den 11: heeft deop de rhede leggende Jonke weeder goederen ingenoomen. Woensdag „ 12: deeze morgen de Rapporteurs bij mij koomende Versogt hun„ „lieden dat de Japansche Timmerlieden zoo schielijk mogelijk mogte begonnen aan s E Comp„s en Ottonaas Reparatie, die mij antwoorden, dat voor af een Reeken- en Reparatie meester op het Eijland zoude koomen, om dit naauwkeurig te bezigtigen, en dat zulks op morgen bepaald was. — Donderdag „ 13. Verscheenen booven gem: Heeren, en na dat zij alles hadden Opgenoomen, gaaven zij mij een bezoek; regeleerde haar naar Vermoogen. — De geheelen dag Gesneeuwt Vrijdag „ 14: Ale ook heeden Saturdag „ 15„e dat nog al continueerde, ook heeft het deeze Vagt sterk gevrooren, Zond Een Brieff aan 't E: opperhoofd, met de benoodigde bedeeling, Waar toe tot heeden volgens seggen der Rapporteirs nog geen geleegentheijd geweest was, Zondag „ 16: kiel er niets Voor Maandag „ 17: heeft het sterk gewaaid en gehangeld:— Dingsdag „ 18. kwaamen de Rapportiuers mij bedelen, dat op morgen de Timmerlieden 84. 85. Nangazackij d' Anno 1788: Vervolg van den 18„e Timmerlieden met hun aangenoomen Werk een begin zullen maaken, gelaste hen omde Ottonaas en Casserussen aan te spooren, dat insgelijks de Reparatie van haar kant een spoedige aanvang mogte hebben Woensdag „ 19„ verscheenen eevengemelde Timmerlieden Donderdag „ 20 Niets voorgevallen Vrijdag „ 21„' P'agtermiddags arriveerde een Chineese Jonk ter Rheede Saturdag „ 22. Snagts swaar gestormd uijt den Oosten, en tusschen beijden sterk gereegend; s' morgens kwam den Onder Rapporteur mij een Iapansche Brief Vertoonen, dato Osassa den 3„e Niguats, of den 10„e deezes, Waar ingemeld stond, dat de schoone florerende koopstad Miaco bijkans door een aller verschrikkelijkste Brand in de assche was gelegd, zijn„ „de enkeld eenige klijne Huijsen in de Voorstad blijvenstaan dit woedend vuur was begonnen op den 29„e IJoguats, off den 6 deezer, s'agtermiddags om vier uur, en aangehouden tot den 1„e Niguats of d„o deezer, s' middags Twaalff uuren men wist egter nog niet waar door dezelve Ontstaan Was„ Sondag „ 23„e Wierd de op Eergisteren aangekoomene Jonkgelost, en was teegens den middag Leedig. Maandag „ 24: Reegenagtig Werder, wierd een Ionk op stroom gehaald, en Dingsdag n men. hun„ elijk paratie Reparatie Keurig Was. hadden haar anaar sterk lgens was. met de lieden m

NL-HaNA_1.04.02_3811_1044 view scan ↗

English

March, Japan at the Factory Examined by D Brink Tuesday the 25th. I had a request made to the Governor for banjoosts to inspect the warehouses, to see whether any leakage or damage could arise to the Honourable Company's goods. Towards the evening, I was informed by the duty interpreter Sitsnoskij that my request had been set for tomorrow. 26th, Wednesday. This morning at 10 o'clock an upper banjoost arrived, and after having conducted an inspection of the warehouses, everything was found to be in order. I also received a visit from the Island's Ottona, accompanied by the reporters. On that occasion I asked when the repairs on their part would commence, whereupon I was promised that this would happen within a few days. I also requested from the just-mentioned interpreters the invoice of the junk that arrived on the 21st of this month. They told me that it is permitted once again to bring in the Canton sum, both by us and by the Chinese. Thursday 27th. Daily, heavy work continued on the Honourable Company's repairs. The junks lying in the roadstead also took on goods from the one that arrived last; it was brought down into the hold. Friday 28th. The cross-gazer Kassemon communicated to me that the Honourable Opperhoofd had arrived in Tsassa on the 4th Niguats or 1st of this month. He related to me that a strict order had come from Jedo that not a single resident of Miaco who had lived there before the fire that turned that considerable city into a heap of rubble might remove himself from there, but that they shall be bound to rebuild all their dwellings there once again. 86. Nangazachij, Anno 1788. April Continuation of the 28th. Saturday 29th. Today received the manifest of the Chinese junk No 10. We also continued loading those lying in the stream. Through the upper interpreter Monssero, I again had a request made to the Burgomaster Fannemon regarding the matter of the chiampangs. Sunday 30th. The under-reporter handed me a letter from the Honourable Opperhoofd, dated Tsacca the 15th of this month, informing me of His Honour's arrival there, as well as the fire that had raged in Miaco and its almost total destruction; also that the Great Judge in Miaco had not yet returned from his journey to Jedo, so the gifts there, as well as in Osassa, will be presented on the return journey. 31st, Monday. Nothing happened. 1st, Tuesday. [illegible] 2nd, Wednesday. Dispatched a letter to the Honourable Opperhoofd. In the afternoon a junk departed for the Papenberg. I was also informed that a beginning will be made tomorrow on the Ottona's repairs, which Thursday 3rd. Also took place. The upper interpreter Monssero having the watch today, 87. Japan at the Factory Dd Brink April Examined by Continuation of the 3rd. having the watch, I summoned him to me and spoke with him once again concerning the chiampangs, urging him above all to continue requesting the powerful assistance of Burgomaster Fannemon in this matter. I understood from him that the accountant was principally concerned with this affair, and that Mr. Fannemon had already spoken to his Honour about this several times, but had not yet obtained any elucidation regarding it; he did not doubt, however, that he would succeed in it. One junk was brought into the stream, and Friday 4th. Another one. Saturday 5th. Nothing occurred. Sunday 6th. I was further informed by the reporters concerning the fire that had raged in Miaco, as well as its cause, namely: that a merchant's servant girl, sitting and sleeping by a fire pot, had the sleeves of her cabaia catch fire; upon noticing this, she jumped up in fright and hastily took off the cabaia and threw it from her, whereby the paper sliding doors also caught fire, and consequently the entire house. And as misfortune would have it, 88. Nangazackij, Anno 1788. Continuation of the 6th. would have it that a strong wind was blowing, and because the houses here are for the greatest part covered with wood shingles and the walls paneled with boards, the burning shingles flew to various places due to the fierce wind, whereby the city in less than an hour caught fire in as many as sixty places, and thus being impossible to extinguish, the entire city was very soon in fire and flames, and everyone merely sought a safe refuge to save his life. After which the Ecclesiastical Emperor also had to leave his palace to betake himself to a temple named Simo Gamo; and because the streets were crammed with people where the Dairij had to pass, fully a thousand people were both beaten to death and shot by the soldiers to obtain passage. The fireproof warehouses that were left standing here and there are still closed to this day, as no one comes to open them, thus the owners were apparently also burned. The casualties, both perished by fire and suffocated by smoke, are estimated at ten thousand souls. Monday 7th. In the evening a Chinese junk arrived. Tuesday 8th. Nothing to note. Wednesday 9th. The junk that arrived the day before yesterday was unloaded, and 89.

Dutch transcription

Maart, Japan ten Comptoire Nage zien door D Brink Dingsdag den 25„e Needer een, Liet aan den Gouverneur Versoek doen, Om Banjoosten ter Bezigtiging van de pakhuijsen, off er ook Leccagie dan wel bederff aan s E Comp„s Goederen konde Ont„ „staan. Teegenden avond wierd door den Wagt hebbende tolk Sitsnoskij verwittigd, dat mijn versoek op morgen was bepaald „ 26: Deezen morgen Om 10 uur kwamer een opperban Joost en na gedaan Onderzoek der pakhuijsen alles wel bevonden, ook kreeg een bezoek van 's Eijlands Ottona, door de Rapporteurs Verge„ „zelschapt, Vroeg bij die Occasie wanneer de Reparatie van haar kant een aanvang zoude neemen, zoo wierd mij beloofd, dat zulks binne weijnige daagen geschieden zouden versogt ook aan eeven gem: Tolken de Factuur der op den 21„e dezer aangekoomene Ionk. — zij verhaalen mij dat weeder gepermitteerdis, de Cantonse Sum, zoo wel door ons, als door de Chineese aan te Brengen. Donderdag „ 27: Vierd dagelijks aan s' E Comp„s reparatie sterk Voortgewerkt Ook naamen de op rheede Leigende Ionken Goederen van de Laast aangekoomene Wierd in de Laag gebragt. — Vrijdag „ 28. Communiceerde mij de Dwars Kijker Kassemon, dat 't E. opperhoofd den 4„e Niguats off 1„e deeser in Tsassa was aange„ „koomen, hij verhaalde mij, dat er een sterke Order van sedo was gekoomen, dat gan Enkelde Miacoos Jnyezeetin zig van Woensdag daar 86. Nangazachij d' Anno 1788. April Vervolg van den 28 daar mogte verwijderen, die er voor dat de Brand, die aansienlijke stad, tot een puijnhoop heeft gemaakt, ge„ Woond hebben, maar zullen gehouden zijn, alle haare Woo„ „ningen aldaar weeder op te regten Saturdag „ 29. Ontfing heeden den aanbreng van de Chineese Jonk N„o 10: Ook voermen voort met die er op stroom leggen, te Laaden Liet door den oppertolk Monssero, den Burgermeester Fannemon Over 't articil der Chiampangs weeder versoek doen. Zondag „ 30. Overhandigde den onder Rapporteur mij een Brieff van 't E: opperhoofd; dato Tsacca den 15„e deezer bedeelende mij, werd zijn Wel Ed: aankomst aldaar; als ook de in Miaco gewoed hebbende Brand, en dies bijna totale ver„ „Woesting, meede dat de Groot Regter te Miaco nog van zijne Tedoose Rijse niet te rug gekoomen was, de zoo zullen de geschinken aldaar, als ook te Osassa in de afreijse gepresenteerd werden „ 31: Maandag Iser niets gepasseerd. „ 1e Dingsdag Woensdag 2:e Depecheerde een Brief avan 't Eopperhoofd, s' middags vertrok en een Jonk na de Papenberg. Ook wierd verwit„ „tigd, dat morgen aan sottonas Reparatie een begin zal werden gemaakt, dat Donderdag „ 3. Ook geschiede. Den oppertolke Monssero heeden de Wagt hebbende m h on bend was be en na ook kreeg eurs No se Brengen. t de in daar Verge¬ 87. Iapan ten Comptoire Dd Brink April Vervolg van den Nagezien door 3„e hebbende, zoo ontbood hem bij mij, en Onderhield hem al„ „ Weeder aangaande de Chiampunge, Om dog vooral bij Continuatie den Burgermeester Fannemon dies veel vermogende hulp hier in te Willen versoeken, zoo verstond van hem dat de Reekenmeester deeze zaak Voornamentlijk aanging, en dat de Heer Frannemon reeds zijn Ed. hier Over, een en andermaal had aangesproo„ „ken, edog nog geene illicudatie hier van hadde bekoomen, twijffelde egter niet off soude daar in Wel reuisseeren Een Conk op Stroom, gehaald, en C Vrijdag 4:e Nog Een Saturdag „ 5„e Is er niets Voorgevallen Zondag „ 6: Wierde door de Rapporteurs Weegens de in Miaco ge„ „Woed hebbende Brand nader Onderregt; alsook van dies Oorsaak te weeten, dat een dienstmeijd van een Koopman bij een Vuurtest sittende te slaapen, de Mouwen van haar Cabaaij in Brand geraakt zijnde, zij door het gewaar worden van dit, van schrik op spronk„ en de Cabaaij in haast uijttroken van haar Wierp, Waar door de Papiere schuijven meede in Brandraakten, en zoo vervolgens het geheele huijs En terwijl het ongeluk Wilde Ver Nangazackij d' Anno 1788. Vervolg van den 6.=e Wilde, dat er eene sterke wind Noei, en door dat de huijsen hier het grootste gedeelte met spaanders gedekt en de muuren met planken beschooten, zoo vloogende 't Brandende Spaanders door de heerige Wind op verscheijde plaatzen, waar door dan ook de stadt in minder dan en een Uur, Wel op sestig plaatzen aan 't Brandenraakten ren en dus Onmoogelijk te blusschen, zoo stond van de gantsche stadt wel haats in vuur en Vlam, en een ieder sogt maar een goed heen koomen om zijn leeven te behouden. na dat de Eerstelijke Rijzer zijn Paleijs meede moest r verlaaten, Om zig na een Tempel genaamd Simo Gamo te begeeven en door dat de straaten op gepropt van Men„ „schen, den Dairie aldaar moeste passeeren, zoo zijn er ruijm Duijzend Menschen door de soldaaten zoo wel Dood geslaagen als geschooten, om passagie te krijgen De Brandvrij Pakhuijsen die hier en daar zijnde de staangebleeven, zijn nog tot heeden geslooten, terwijl er niemand komt om dezelve te Oopenen, dus aparantelijk de Eijgenaars meede verbrand, men reekend de daar bij Omgekoomene, zoo wel door 't Vuur, als ook door de Rook verstikte op thien Duijzend Zielen. — Maandag 7. e D'avonds een Chineese Ionk g'arriveerd. Dingsdag „ 8„e Niets te Noteeren Woensdag „ 9„e Wierde de op Eergisteren aangekoomene Jonk gelost, en ang bekoomen, sseeren roo„ Wilde o Een werd 39 89.

NL-HaNA_1.04.02_3811_1048 view scan ↗

English

Checked by D. V. Brink April, Japan at the Office Continuation of the 9th: A loaded [vessel] lying in the stream. Thursday the 10th: Nothing to note except the rapid progress on the repairs for the Honorable Company and the Ottonas. Friday the 11th: Heavy wind, interspersed with rain. Saturday the 12th: The Chief Interpreter Monssero came to inform me that His Imperial Majesty had six thousand taels and three thousand bales of rice distributed among the poor of Miaco. Also that the Lord had granted permission to the inhabitants to rebuild their dwellings before the palace was erected, as timber would otherwise be too expensive; the money lacking for this would also be advanced to them by the Lord, to be repaid, however, after the expiration of three years. I asked the aforementioned interpreter how matters now stood regarding the article of the Honorable Company's sampans, who told me that it was only stalled at the Money Chamber, which had long had the petition of the Honorable Opperhoofd in hand, but that this could not be decided quickly. Whereupon I replied to him that, in my opinion, it had already taken long enough to deliberate on such a matter advantageous to the Japanese, yet he was of the thought that it would succeed within a few days. Sunday Nagasaki in the year 1788. Sunday the 13th: Received the report of the cargo of Junk No. 11, which arrived from Savo on the 7th of this month. Monday the 14th: Nothing happened. Tuesday the 15th: [Nothing happened.] Wednesday the 16th: The junk anchored under the Papenberg put out to sea. Thursday the 17th: Today its manifest was brought to me by the Under-Reporter, being Junk No. 13. Friday the 18th: The Governor sent to ask me for three catties of butter and three bottles of coconut oil, which His Honorable Worship was immediately provided with. Saturday the 19th: Fair weather, nothing to note. Sunday the 20th: A junk was brought into the stream. Monday the 21st: Nothing occurred. Tuesday the 22nd: [Nothing occurred.] Wednesday the 23rd: The newly arrived junk was brought into the roads. Thursday the 24th: Nothing occurred. Friday the 25th: [Nothing occurred.] Saturday the 26th: Heavy wind interspersed with rain. Sunday the 27th: The Under-Reporter came with a newly appointed apprentice named Gisabro to communicate his appointment to me. Monday the 28th: It blew hard and rained. Tuesday the 29th: [Rain and wind.] Wednesday the 30th: The five junks lying in the roads were loaded. Thursday, May the 1st: While it rained heavily in the meantime, I again requested the banjoses to inspect the warehouses. This morning, passing by the Honorable Company's pantry, I noticed that a crossbar had been cut entirely through with a knife or other cutting tool, and an upright bar nearly so, this being the main bar for climbing into the pantry; but the perpetrators were certainly disturbed in their intention to achieve their objective in a single night. And as it is to be suspected that these persons will attempt this again, I have kept it completely quiet for now, in order to keep watch over this in the coming night with the Bookkeeper C. Bernard and the Assistant L. W. Ras, to discover the perpetrators if possible. Friday the 2nd: Nothing occurred during the past night. At nine o'clock the banjoses appeared, inspected the warehouses, but noticed no leakage. The Chief Reporter Kosak told me that the Honorable Opperhoofd had arrived in Edo on the 27th of the second month, or the 3rd of April. Saturday the 3rd: A junk was warped to the Papenberg; requested its invoice from the reporters, which they promised to bring me as soon as possible. Sunday the 4th: The reporters came to inform me that the Honorable Company's repairs were completed, and after confronting this with the report, everything was found to be in order. Monday the 5th: The junk lying under the Papenberg sailed to sea, and another was brought into the stream. After keeping watch at night until now to see if the perpetrators of the attempted break-in into the pantry noted on the first of this month could be discovered, this has nevertheless been in vain; and while I wished today to have the carpenter repair the nearly severed bars, I found on the ground right underneath where the break-in was to have taken place a large Japanese knife. I made all possible investigations and inquiries, but also in vain. In the meantime, I summoned the interpreter on duty, Monssero, whom I...

Dutch transcription

Nage zien door April, Iapan ten Comptoire D V Brink Vervolg van den 9. e Een op Stroom leggende gelaaden Donderdag „ 10. e Niets dan een spoedige voortgang aan sE: Comp„s en Ottonas Reparatie te Noteeren - Vrijdag „ 11„' waare Wind, Ondermengd met reegen Saturdag „ 12:e kwram de Oppertolk Monssero mij bedeelen, dat zijn keijzer„ „lijke Majesteijt onder de Miacoose armelieden Ses Duijsend Thaijlen en drie Duijzend Baalen Rijst hadde laaten Verdeelen, Ook dat den Pairie aan de inwoonderen Vergund hadde om haare Wooningen, voor dat 't Saleijs werd Opgeregt, Weeder te kunnen herbouwen, Wijl het houd an„ „ders te duur zoude zijn, Ook zal haar het hier toe Ontbree„ „kende geld door den Pairie verschooten werden, egter na Verloop van drie Jaaren te Restitueeren. Vroeg bovengem. Tolk hoe het nu met 't articul van 'sE Comp„s Chiampangs geleegen Was, die mij zeijde, dat het nog maar alleen aan de Geldkamer haperde, die 't versoek schrift van 't E. opper„ „ hoofd reeds lange in hande had, maar dat dit niet schielijk konde beslust werden. Waarop hem Repliceerde, dat zulks mijns bedunkens reeds lang genoeg hadde ge„ „duurd, om Over zoo eene voor de Capander voordeelige saak te hebben kunnen raadslaagen, was egter van ge„ „dugten dat 't nu binnen Weijnige dragen oude lukken. Zondag F Nangazackij d' Anno 1788. Zondag den 13„e Ontfing den aanbreng van de op den 7: deezer uijt Savo g'arriveerde Jonk N„o 11: „ 14:e Maandag— Passeerde er Niets „ 15„e Dingsdag Woensdag „ 16. Is de Onder de Papenberg geankerd hebbende Jonk, in Zee gestooken Donderdag „ 17: Dies Vervoer mij heeden door den Onder Rapporteur ge„ „bragt wierd, zijnde de Ionk N„o 13. — Vrijdag „ 18. e Deed d=e Gouverneur mij drie Catt„a Booter en drie Bottels Clappus Olij vraagen, Welk zijn Ed: Agtbaare terstond liet geworden Saturdag „ 19„e Mooij Weer, Niets te noteeren Zondag „ 20„e Iser een Ionk op Stroom gehaald. — „ 21:e Maandag Viel er niets Voor „ 22:' Dingsdag Woensdag „ 23. Is de Iongst g'arriveerde Jonk in de laag gebragt „ 24: Donderdag Iser niets Voorgevallen „ 25„e Vrijdag - - Saturdag re en Keijzer„ n dag G int is kond gen ren at 91. Comptoire DBrink Nagezien door Saturdag den 26: Swaare Wind Ondermengd met Sleegen Zondag „ 27: Kwam den onder Rapporteur met een nieuwe aangestelde Leerling in naame Gisabro myj dies aanstelling Communiceere 28„e Maandag hef 't sterk gewvaaid, en Gereegend „ 29„e Dingsdag Woensdag „ 30: Wierden de Vijf tie Rchedeleggende Tonken gelaaden Donderdag Meij „ 1„e Terwijl 't Tusschen bij den swaar heeft gereegend, zoo liet Weederom Banjoosen versoeken, ter visitteering der Pak„ „huijsen - deeze morgen in 't voorbij gaan van s' E: Comp„s Dispens, ontwaarde, dat een Dwarstralie met een mes off ander snij gereedschap, geheel doorsneeden, en een opstaande dito bij kans; zijnde dit de Hoofdtralie, Om als dan in de Dispens te kunnen klimmen: maar zeekerlijk zijnde Iaaders hier van in haar Voorneemen gestoord, om haar Oogmerk in eenen nagt te hebben kunnen bereijken, en terwijl te vermoeden is, dat dee„ zen supplianten dit wel nader zullen onderneemen, Zoo hebbe zulks als nog gantsch stille gehouden, Om in de aanstaande nagt, met den Boekhouder C„s Bernard en den Adsistend L:d W=m Ras, hier op te passen, om Waare het moogelijk de Laaders te kunnen Ontdekken. April Iapan ten Vrijdag R 92: Nangazackij d' Anno 1788. VVrijdag den 2:e De gepasseerde Nugt niets voorgevallen 22 Om neegen Uur verscheenen de Banjoosen, Visiteerde en de Pakhuijsen, maar geene Liccatie bespeurd. De opperrapporteur Kosak verhaald mij dat 't E opperhoofd den 27„e Niguats off den 3„e April in Tedo was aan„ „gekoomen Saturdag 3e Een Ionk na de Papenberg geboeyseerd, deed aan de Rapporteurs versoek om dies factuur, die zij mij zoo Spoedig moogelijk beloofde te brengen DZondag leever „ 4=e Kwaamen de Rapporteurs mij verwittigen, dat 's E Comp„s Reparatie voltooijt was, en na dit met het Rapport te hebben geconsfronteerd, alles affoord bevonden Maandag kond „ 5„e Is de onder de Papenberg leggende Jonknaar zee gezeijld als ook weeder een op stroom gebragt, Nadat men tot nu toe snagts heeft opgepast, om te zien off men de Daaders van de op den eersten deezer genoteerde begon„ „nene Jnbreuk in de Pispens konden Ontdekken, is is„ dit egter vrugteloos geweest, en terwijl heeden de biskans-e„ doorsneedena tralien door den timmerman weeder Wilde int„ laaten voorsien, zoo vond ik op de grond vlak onder„ alwaar de inbreuk zoude geschied zijn, een groot Japansmes, deed alle moogelijke Onderzoeken na„ „spooring, dog meede vrugteloos, Liet intusschen den Wugt hebbende Tolk Monsseroontbieden, die ik deeze oire ngestelde stelling a bben dee„ men da 93.

NL-HaNA_1.04.02_3811_1052 view scan ↗

English

May Japan at the Factory Examined by P. d. Brink Continuation of the 5th. This matter was made known from the beginning, and he was also shown the found knife, which he took with him to the College to see if any of the Japanese servants who are here daily on the island had any knowledge of it; however, there was likewise no one who recognized it. I also understood from the aforementioned interpreter that regarding the contract concerning the champans, a decision will now soon be made; however, he now seemed to have little confidence as to whether this would be agreed upon. 6th, Tuesday. The head interpreter Kosak related to me that, at the request of the city burgomasters, the Governor has forbidden the ottonas, head, and under-interpreters, both of our island and of the Chinese island, from henceforth having two servants behind them as was previously customary, but only a single slipper-bearer, because the burgomasters, or anyone of their rank, also have only two with them, except on festive or extraordinary compliment days. I was also informed that the honorable Opperhoofd was admitted to an audience with the Emperor and other grandees of the empire on the 9th of Sanquats, or the 14th of April. Wednesday 7th. They began loading the junk that was brought into the stream on the 5th of this month. The Chinese also delivered merchandise. Thursday 8th. I had the Honorable Company's buildings and sloops inspected. Friday 9th. Rained the entire day. Nagasaki, the year 1788. Saturday 10th. Fine weather; three of the junks lying in the roadstead were loaded, and Sunday 11th. Two of them departed for the Papenberg. Monday 12th. Nothing occurred. Tuesday 13th. Another two junks departed for the Papenberg. Wednesday 14th. The one junk still lying in the roadstead was loaded. The interpreter on duty came to inform me that tomorrow a newly arrived imperial accountant would come to inspect the island. Thursday 15th. Who appeared and was received by me to the best of my ability. I was also handed a letter from the honorable Opperhoofd, dated Yedo the 18th of April, informing me that, after having been delayed for one day before the Pijingawa and two days before the Foesikawa due to high water, his Honor had arrived in that capital on the 3rd of April, and on the 9th of Sanquats, or the 14th of April, had obtained an audience at court, as well as that he would take his leave on the 19th thereafter; also, that he was to commence the return journey on the 24th ditto. And as a post was to depart tomorrow, I was still able today to send a letter to his Honor in reply. May Japan at the Factory Examined by P. d. Brink Continuation of the 15th. Friday 16th. The Lord Governor inspected the imperial guards. Received today the invoices of the five departed Chinese junks, Nos. 1, 2, 3, 4, 5. Saturday 17th. Work was still done daily on the repair of the ottona's quarters. A start was also made this morning with the demolition of the gardener's house. In the afternoon, the last junk was towed from the roadstead to the Papenberg. 18th, Sunday. 19th, Monday. Nothing occurred on these days. 20th, Tuesday. 21st, Wednesday. Thursday 22nd. The junks put out to sea from beneath the Papenberg. 23rd, Friday. The Chinese delivered merchandise. 24th, Saturday. Sunday 25th. I was informed by the reporters that two ordinary Councillors of State, namely Mizuno Dewa no Kami Sama and Matsudaira Suo no Kami Sama—the former on the 28th of Sanquats, or the 4th of April, and the latter on the 3rd of Siquats, or the 8th of this month—had been dismissed from their administration. Monday Nagasaki, the year 1788. Monday 26th. Received a letter from the honorable Opperhoofd, stating that his Honor had arrived in Miaco on the 11th of this month, and was to depart for Osacca on the 16th thereafter; and since, according to the reporters, no post would depart again before the arrival of the honorable Opperhoofd, I could send no letter in reply. Tuesday 27th. The invoice for junk No. 6, which departed for the Papenberg on the 17th of this month, was brought to me. 28th, Wednesday. The Chinese merchants delivered merchandise. 29th, Thursday. 30th, Friday. The head interpreter Monshichiro finally came to inform me that regarding the article of the champans, no agreement could be reached on this matter, and that the petition of the honorable Opperhoofd would be returned to his Honor upon his return (telling me now) that the Governor had not been willing to consent to this, but that it might perhaps be possible if someone else came into the government, as the present one does or undertakes almost nothing without first having obtained permission from the Court. 31st, Saturday. Nothing occurred. June, 1st, Sunday.

Dutch transcription

Meij Japan ten Comptoire Nage zien door PdBrink Vervolg van den E:e deeze zaak van 't begjin aff te kennen gaff, ook vothoonde hem 't gevondene mes, dat hij meede naar 't Collegie nam„ off er ook imand van de hier dagelijks, op het Eijland zijnde Iapansche dienaars hier aan kennis had, egter Was er meede niemand die het kende Ook Verstond van Evengem Tolk, dat, aangaande het Contract Over de Chiampangs, zig nu wel haast zal de„ „Cideeren, egter scheen hij nu swakke moed te hebben of hier in wel zal geaccordeert Werden. „ 6„o den Oppertolk Kosak Verhaalde mij, dat, op Versoek van de stads Burgermeesters, de Gouverneur verbooden heeft, dat de Ottonaas, Opper, en ondertolken, zoo wel van ons, als van het Chineese Eijland, voortaan geen twee Dienaars, zoo als voorheen gebruijkelijk was, moogen agter zig hebben, maar alleen een Enkelde Muijledraager, Om dat de Burgermeesters, off iemand van haar rang, ook maar twee bij zig hebben, uijtge„ „noomen bij feest, off Extra Ordinaire Compliment daagen. Ook wierd mij bedeeld, dat 't E: opperhoogd den 9„e Sanquats off den 14„e April bij den Keijzer, en andere Rijksgrooten het Audientie was geadmitteerd geworden. Woensdag „ 7„ Is men begonnen de op den 5„e deezer op stroom gebragte Ionk te Laaden. Ook Leeverden de Chineesen Coop„ „manschappen Donderdag „ d„e Deede ik 's E Comp„s gebouwen, en op shallenteeren Vrijdag 94: Dingsdag — Nangazackij, d' Anno 1788. — Vrijdag den 9„e Den geheelen dag gereegend Saturdag „ 10=e Mooij Weer, Wierden en drie van de ter rheede leggende Ionken gelaaden, en Zondag „ 11„ Vertrokken ern twee na de Papenberg. Maandag „ 12„ Is er niets voorgevallen Dingsdag „ 13„' Zijner Weeder twee sonkken na de Papenberg Vertrokken Woensdag „ 14„ Wierd de nog eene ter Rheede Leggende Ionkgelaaden. Den wagthebbenden Tolkkwam mij verwittigen, dat op morgen een nieuw aangekomene keijzerlijke Reeken„ gen „meester 't Eijland zoude koomen bezigtigen. Donderdag „ 15„ Welke verscheen en door mij naar Vermoogen gerecipiceerd. Ook wierd mij een Brieff van 't E: opperhoofd Overhan„ „digd, gedagteekend Tedo den 18„e april, meldende mij, zijn Wel Edele, dat, na een dag voor de Pijingawa, en twee dagen voor de Foesikawa door het hooge waater zijnde opgehouden, ge„ den 3„e april in die Hoofdplaats aangekoomen was, en den int„ 9„e Sunquat, off 14„e april Audientie ten Hoove had Erlangd, als ook den 19„e daar aan desselfs afscheijd zoude bekoomen, meede, dat den 24„e dito de terug reijse Weeder stond aan te neemen en Terwijl er op morgen een post stond te vertreken oo ond nog had kond 1 nen at 95. 17. Meij Iapan ten Comptoire Nag zien door DV Brink Vervolg van den 15:e nog heeden en Brisfan ijn WelEd. Geboor in antwoord Vrijdag „ 16: Heeft den Heer Gouverneur de Keijzerlijke Wagten bezigtigd Ontfing heeden de Fastuuren van de Vijf vertrokkene Chineese Ionken N„o 1, 2, 3, 4, 5, Saturdag „ 17:e Wierde nog dagelijks aan S' ottonaas Reparatie gewertst Ook is cte deezen morgen met het afbreeken van de thuij „niers Wooning een begin gemaakt. S' agtermiddags wierd de Laaste Ionk van de rheedena de Papenberg Geboegseerd. „ 18. Zondag - - „ 19„e Maandag- deze daagen is er niets voorgevallen „ 20„' Dingsdag „ 21:e Woensdag - - Donderdag „ 22„e Zijnde Jonken van der onder de papenbergen zee gestooken „ 23. Vrijdag Leverden de Chineesen Koopmanschafpen „ 24„ Saturdag 5 Zondag „ 25„e Wierd mij door de Rapporteurs gecommuniceerd, dat, twee Ordinaire Rijksraaden in naame Misno dewano Cami Samma, en Matsdaijra swono Cami Samma eerst gem: op den 28„e Sanguato off den 4„e April, en laast gem: „den 3. ' Siquat, off den 8„e deezer, uijt haar bewind ontslaagen Waaren Maandag R 96. Nangazackij d' Anno 1788. Maandag den 26„e Ontfing een Brieff van 't E opperhoofd, inhoudende, dat zijn WelEdele den 11„e deezer in Miaco was aangekoomen, en den 16„' daar aan naar Psacca stond te vertrekken, en terwijl er volgens seggen der Rapporteurs, voor de komst van 't E: opperhoofd, geen Post weeder vertrok, zoo ken„ „de geen Brieff in antwoord senden Dingsdag „ 27„ Wierd mij de factuur van de op den 17„e deeser naar de Pa„ „penberg vertrokkene Jonk N=o 6. gebragt. „ 28„' Woensdag hebben de Chineese koopman de esen as geler „ 29„' Donderdag 5 „ 30„ Kwam mij Eijndelijk den oppertolk Monsjero verwittigen, dat aangaande het articul der Chiampangs hier in niet konde geaccordeerd werden, dat het versoek schrift van 't E. opper„ „hoofd zijn Wel Ed: bij desselfs te rug komst weeder zal ter hand gestelt worden /zijde mij nu / als dat de Gouverneur hier in niet had willen toestemmen, maar dat 't mis„ „Chien moogelijk was, indien er een ander aan de Rege„ „ring kwam, terwijl deeze bij na niets doed, off onderneemt, alvoorens permissie van 't Hoff te hebben Erlangd. „ 31„e Saturdag Passeerde niets.— Iunij, „ 1. Zondag Vrijdag Maandag. 0 re zigtigd trokkene ten be iegewerkt nde thuij heede nade vallen ges ans pen twee mi eerst gem laagen a wan andag 9 97 97.

NL-HaNA_1.04.02_3811_1056 view scan ↗

English

June, Japan at the Factory Nangazackij, the Year 1788. Monday the 2nd. Received a letter from the Opperhoofd from Kokura, with notification that His Honour intended to return to the island on the 5th of this month. It rained the entire day. Tuesday the 3rd. Moderate weather. Nothing occurred. Wednesday the 4th. Thursday the 5th. Went to meet the Honourable Opperhoofd to receive him, and after having arrived at his residence, handed over to His Honour all keys and papers in the manner I had received them, together with this daily journal, beyond the contents of which I testify nothing notable has occurred. Was signed: H. A. Ulps. Friday the 6th. The under-interpreter Sisnoskie told me that the Money Chamber up to this day had not yet paid the salary of the past year to the interpreters and other servants, and that it had also not yet paid for the drugs and other wares delivered by the merchants to the Chinese in the past year, as well as the private trade goods delivered by the shopkeepers and the comprador to the Dutch, for which according to custom they had received our Kambang goods; which delay of payment brought the interpreters and servants into great distress and caused the merchants to complain bitterly. Saturday the 7th. Nothing occurred. Sunday the 8th. The entire night and day it rained and blew very hard from the southwest. Today is the Japanese Flag Festival or Pehlon among the Chinese, but according to an old prohibition it may not be played in the bay. In the afternoon receiving a visit from the upper-interpreter Monsuro, this linguist told me that the Governor has placed under house arrest the upper-interpreter Mathuijsero and his son Pakkitsero, and the under-interpreter Enosin, who made the court journey with me, but that he did not yet know for what reason. Probably this will be because in Jedo they foiled the intention of the Lord of Satsuma to come and visit me, about which I have long been aware that the said Prince has lodged his complaint with this Governor. Also, I conversed with him at length about the bad outcome of my proposal regarding the champans, of whose successful result he had given me such firm assurances and fair promises in the name of the Commissioner Fannemon before my departure for Jedo, and now found myself completely disappointed. But in order not to give up this matter yet or abandon it entirely, I made a new proposal, namely, to pay 400 taels this year, and only begin the sugar payment next year, whereby the Money Chamber could claim to suffer not the least disadvantage, since those ten canassers could then be separately demanded and sent here for this purpose. Whereupon he promised to speak with the upper-interpreter Kosak, the oracle of the Interpreters' College, and subsequently with the Commissioner Fannemon. Monday the 9th. According to the statements of most interpreters, the arrest of Marthuijsero, Enosin, and Takkisetsero was due to their having neglected a ceremonial compliment to the Governor, but the trusted ones among them assure me that this is a pretext and a fiction, and that it must be attributed solely to the presumed cause mentioned yesterday. Tuesday the 10th. The upper-interpreter Monsuro came to communicate to me in the name of the Burgomaster Seijjemon that there were presently some prominent servants of the recently dismissed Ordinary Councillor of State Matsdaijra Siwono sami Samma in Nangazackij, who had requested and obtained permission from the Governor to go and view our and the Chinese island, and that His Honour would come along to accompany them.

Dutch transcription

Iunij Iapan ten Comptoire de gagie van A„o p„o aan de tolken &„a nog niet betaald hadden, als ook aan de koop„ „lieden &=a D d Brink Nage zien door Maandag den 2„e Ontfing een Brieff van 't opperhoofd uijt Kokura, met bedeeling, dat zijn WelEd: den 5„e deezer ten Eijlande dagt te Retourneeren. De Geheelen dag gereegend. „ 3:e Dingsdag Morij wee, Iser nits gepasseerd „ 4„ Woensdag Donderdag „ P„r Ting het E. opperhoofd tor recipieering te gemoed, en gaff Verhaald aan zijn WelEdele, na dat op desselfs wooning gekoomen het huijs Gouverneur Waaren, Over, alle Sleutels en Papieren, invoegen, ik die had ontfangen Neevens dit dag verhaal, buijten Welks inhoud ik betuijge niets notabels is voorgevallen /was geteekend:/ H=k A=s ulps. Vrijdag Verhaaldat d' geld kamer „ 6„e Verhaalde mij de ondertolk sisnoskie, dat de Geldkamer nog tot heeden toe de gagie van A„o passato niet betaald hadde, aan de tolken en andere bediendens, En dat zij ook de in A„o pas s=o door de kooplieden aan de Chineesen geleeverde drogerijen, en Onderhiefd Over des andere whaaren, zoo meede de door de Craamlieden en Compra dor Chiam aan de Hollanders geleeverde particuliere negotiegoederen / waar= Voor zij volgens gewoonte onze Cambang goederen ontfangen heeft nog niet voldaan had; welk uijt stel van betaaling de Tolken en bediendens in groote verleegendheijd brugt en de kooplieden bitter deed klaagen. propositie deed daar Saturdag Vermeld. Nangazackij d' Anno 1788. verhaal dat d' hofreijs Tolken koomen het huijs arrest door de Gouverneur is aangesegt en Onderhield den Tolkmonsuro Over de slegte uijtslag der Compra door Chiampang deed daar omtrend een nieuwe propositie als in den text vermeld. — den 7„e Niets voorgevallen Zondag „ 8„o Den gantschen Vagt en dag gereegend en zeer sterk gewaaijd uijt de Z W: Heeden Iapans Vlagge feest of Pelom bij de Chineesen dog mag volgens Oud verbod in de Baaij niet gespeeld Worden Des middags een bezoek ontfangende van den oppertolk Monsuro, Verhaalde mij die Taalsman, dat de Gouverneur aan den oppertolk Mathuijsero en desselfs zoon Pakkitsero en den ondertolk Enosin, die met mij de hofreijse gedaan heb„ „ben, het huijs arrest aangesegd heeft, dog dat hij nog niet Wist om welke reeden; = Waarschijnlijk zal zulks zijn, Om dat zij in sedo het voorneemen van den Landsheer van Patsuma, Om mij te koomen besoeken, verijdelt hebben waar Over mij reeds lang bewust, dat gem vorst zijn beklag gedaan heeft bij deesen Gouverneur. Ook onderhield ik hem breed voerig Over de slegte uijtslag mijner propositie omtrend de Chiampangs, van Welkers goede reussite hij mij voor mijn vertrek na jedo uijtnaam van den Commissaris Fannemon zulke vaste Verseeke„ „ringen en fraaije beloften gedaan hadde, en mij nu ten eenemaale te leur gesteld vond= dog om echter dit stuk nog niet op te geeven of geheel te Laaten Vaaren, deed ik Saturdag een gaff buijten oorgevallen , nog hadde, aan pus s=o a heeft ker e waar 29 Junij Iapan ten Comptoire DVBrink arrest van de hofrijstolken er eenigge „Rijktraad permissie erlangd had Om 't Eyland te bezigtigen Nage zien door Vervolg van den 8„e Een nieuwe propositie, namentlijk, im dit Iaar 400 thaijlen te Betaalen, en aanstaande Jaar eerst met de suijker be„ „taaling een aanvang te laaten neemen, waar bij dus de Geldkamer geen het minste nadeel kon sustineeren te lijden, Wijl die tien Cannassers als dan hier toe apart geeijscht en aangesonden konden worden. - Waarover hij beloofde met den oppertolk Kosak (: het Orakel van 't Tolken Collegie en Vervolgens met den Commissaris Fannemon, te zullen spreeken Maandag d' Oorsaak Omtrend het „ 9„e Volgens opgaaf der meeste Tolken heeft het arrest van Marthuijsero, Enosin en Takkietsero voor reeden, om dat zij een Ceremonie Compliment bij den Gouverneur Versuijmd hebben dog de vertrouwde onder dezelde verseekeren mij dat dit een Voor„ „Wendsel en Verdigtselis, en zulks alleen aan de gisteren als. presumtief vermelde Oorsaak geattribueerd moet worden Dingsdag „ticul hand bedeelingd en ntslagends 10: kwam mij den oppertolk Monsuro uijt naam van den Bur„ „germeester Seijjemon Communiceeren dat er thans eenige voor„ „naame bediendens van den laast ontslaagenen Ordinairen Rijksraad Matsdaijra Siwono sami Samma in Van go „zuckij Waaren, die van den Gouverneur permissie versogten Verkreegen hadden om ons en der Chineesen Eijland te gaanbesigtig en dat zijn Ed: ten gelijde van dezelve meed zoude koomen, og dat zijn 100 Ver 3

NL-HaNA_1.04.02_3811_1059 view scan ↗

English

Nangazachij in the Year 1788: Continuation of the 10th: His Honour, considering that I, having returned so recently from the court journey, would have much business to attend to with the unpacking of my goods, sent to ask me when this would best suit me, as His Honour could easily arrange and postpone it until it was convenient for me; I sent word back to the said Burgomaster, with heartfelt expressions of thanks for his exceptional politeness and attentiveness, that my business was never so pressing that I could not easily spare a few hours to have the honour of attending upon His Honour and his company, and that I left the determination of the day entirely to His Honour's pleasure and approval. Furthermore, I spoke again with the said Interpreter about the matter of the Chiampangs, about which he said he had already spoken yesterday evening with the Commissioner Fannemon, who had anew promised his cooperation in this regard. Yet how little reliance can generally be placed on the promises and reports of the Interpreters is clearly evident: the former from the disappointment regarding this Chiampangs contract, which otherwise should have been settled long before my return from Jedo; the latter from the manifold mendacious and deceptive reports which they gave to the Junior Merchant Ulps concerning the fire of Miaco and the events that took place there, and which appear in his daily notes kept during my absence, which deviate very far from the truth and differ as widely as heaven and earth from what I myself learned on the spot, and are in many respects entirely contradictory. This evening the Under-Interpreter Enosin was released from his house arrest, and today the son of the Upper Interpreter. Thursday the 12th: The Chinese deliver merchandise. In the afternoon the Upper Interpreters Kosaku and Monsuro came to inform me that the Burgomaster Seijzemon would come to the island tomorrow morning at ten o'clock with the company announced the day before yesterday. On this occasion I spoke again with the above-mentioned Interpreters about the matter of the Chiampangs, and requested them to urge the Commissioner Fannemon earnestly to this end on my behalf, as well as to ask His Honour whether he also deemed it necessary for me to submit a new written request about this. And since I flatter myself that the above-mentioned Kosaku, having the greatest interest in the livelihood of his brother, who will derive a great advantage and profit from this contract, will cooperate to this end in all sincerity as much as is in his power, I continue, despite all disappointments, to nurture some hope regarding the successful outcome of this matter, provided I only zealously persist in my continuous urgent solicitations, which matters greatly in this country and among this nation, and may be regarded as the surest, if not the only, means to succeed in anything. Around 8 o'clock, with nightfall, the Court Journey Bark arrived here in the roads. Friday the 13th: The gentlemen mentioned yesterday appeared at the appointed time and were entertained by me to the best of my ability. Also today the Upper Interpreter Mathuijsero was released from his arrest by the Governor. Saturday the 14th: Spoke again with the Upper Interpreter Monsuro about the Chiampangs, that Linguist informing me on behalf of the Commissioner Fannemon that it was not necessary to present a new document about it, as His Honour would present my proposal orally. Sunday the 15th: The Bark unloaded, and the entire Court Journey company, together with the other interpreters, were entertained at my residence according to custom. Monday the 16th: Nothing occurred.

Dutch transcription

Nangazachij d' Anno 1788: handelde weeder over het Ar„ „ticul der Chiampangs &=a Vervolg van den 10 zijn Ed: van gedagten zijnde dat ik zo onlangseest vande ofprijse gereverteerd, veel beesigheeden in omslag zoude: hebben met het d'uijtpakken mijner goederen, mij liet Vraagen, Wanneer mij zulks best Convenieeren zoude, kunnende zijn Ed: het gemakkelijk schikken en uijtstellen tot dat het mij geleegen kwam; Liet dien Burgermeester onder hartelijke dankbetuijging Voor zijn bijsondere beleefdheijd en attentie Weeder antwoorden, dat mijne beesigheeden nimmer zoo pressant waaren, of ik kon ligtelijk eenige uuren uijtbreeken om de Eer te hebben van zijn Ed. met desselfs gezelschap op te wagten, en dat ik de bepaaling derdag volkoomen aan zijn Ed goedvinden en Welbehaagen verliet. Wijders handelde ik weeder met gemelde Taalsman Over het articul van de Chiampangs, Waar Over hij zeijde reeds gisteren avond met de Commissaris Fannemon gesprooken te hebben, die hier toe op nieuw zijn meede werking beloofd had Dan hoe weijnig staat er in 't algemeen op de Beloften en Relaasen der Tolken te maaken is, blijkt duijdelijk, het eerste uijt de te leurstelling Omtrend dit Chiampangs Contract dat anders allang voor mijn terug komst van sido zijn beslag had, moeten erlangen, in het laatste uijt de veel„ „vuldige Leugenagtige en funtive berigten, welke zijn oopens de Brand van miacoen het daar bij voorgevallene aan den Onder„ „koopman Ulps gegeeven hebben, en bij desselfs daagelijksche aanteekeningen in mijn absentie gehouden, voorkoomen, die zeer verre van de Waarheijd afwijkende zijn, en met het gaen ik thaijlen ker be„ dus de te geeijscht de met Collegie zullen zij hebben oor„ een worden Bur„ ijn zijn 101. Iapan ten Comptoire Nage zien door DD Brink 102. Vervolg van den 10:e ik dar omtrend op de plaats zelfs vernoomen hebbe heemels breed te Verschillen, Jaan Veele op sigten geheel Contradictoir. zijn. Deezen avond is den Ondertolk Enosin uijt zijn huijs arest Een Tolkis uijt zijn arrest Ontslagen Ontslaagen Woensdag en nu Weeder Een „ W„t En heeden de zoon van den oppertolk Donderdag d' Chinesen liervon koopmas 12: De Chineesen Leeveren koopmanschappen alf. de opde ver Ses middags kwaamen de oppertolken Kosaken Monsuro mij bedeelen, dat de Burgermeester SeijJemon morgen Ochtend Ookis zijn ten tien uuren met het Ergisteren aangekondigde gezelschap ten Eijlande koomen zoude. — sprak bij deese geleegendheijd weeder met de bovengenoemde Neder of de Tolken, over de zaak der Chiampangs, en versogthen den Com„ wredeneerd „missaris Fannemon uijt mijn naam hier toe ernstig aan te Spooren — als meede zijn Ed: te vraagen of hij ook noodig Oordeelde dat ik hier over weeder op nieuw een schriftelijk ver„ „soek Indiende En dewijl ik mij vlije dat bovengenoemde hosak, als het meeste belang hebbende bij het bestaan van zijn Broeder, die bij dit Contract een groot voordeelen gewin zal hebben, hier toewel met alle welmeenendheijd zoo veel in zijn ver„ „moogen is, zal meede Werken blijve ik, in weerwil van alle te leut sthellingen, Omtrend de goede uijtslag deeser zaak„ Sprak weder opr Champongs Arri nog. Junij 8 Nu de Nangazackij d' Anno 1788. verscheenen Com„ „redeneerd Vervolg van den 12„e nog al eenige hoope voeden, in dien ik mar ieverig persis„ „teere in mijne aanhoudende dringende ollicitaties, daar het in dit land en bij deese Natie veel op aankomt, en als het zeekerste zoo niet het eenigste middel; Om ergens in te slaagen, kan aangemerkt Worden. — Arriveder Hofrijs Barck Pirca 8 uuren met het vallen van den Avond arriveerde de Pofreijs Barck alhier ter Rheede Vrijdag de op den 10: vermelde Heeren „ 13: De gisteren Vermelde Heeren op de gezette tijd Verscheenen en door mij na vermoogen Onthaald. Ook is de oppertolk nu uijt Ook is heeden den oppertolk Mathuijsero door de - Gouverneur uijt zijn Arrest Ontslaagen Saturdag Weder oper Chiampangs ge „ 14„ Weeder met den oppertolk Monsuro Over de Chiampangs geredeneerd, berigtende mij die taalsman uijt naam van den Commissaris Fannemon dat het niet nodig was, daar Over op nieuw een geschrift te presenteeren, Wijl zijn Ed: mijn propositie mondelings zou voordraagen. Sondag Nur de Barck gelost - „ 15 „/ De Barck gelost en het geheele 3 of reijs gezelschap beneffens de verdera tolken volgens gebruijk op mijn Wooning getracteerd. Maandag „ 16„e Niets voorgevallen zijn arrest Ontslaagen nsuro ons zels schap end Dingsdag els radictoir. arrest de aan t 103.

NL-HaNA_1.04.02_3811_1062 view scan ↗

English

June Japan at the Factory Tuesday 17th. The audience with the Governor having been announced to me by the Reporting Interpreters for tomorrow morning at 10 o'clock, I ordered them to request permission in my name to go and see the play, which is currently being performed for a short time in Nangazackij, after the audience. In the afternoon, they came to report to me that the Governor had ordered the old books of the College to be checked to see if there was any precedent for this in former times, but that this was not found, and His Honour had for that reason refused my request. In the evening, I again discussed the porcelain samples with the Under-Interpreter Sinbij, who promised me to deliver them to the island shortly, having already received them from Fisen. Wednesday 18th. At the appointed hour, I proceeded with the Under-Merchant Ulpo to the Government Office, where, after waiting a few minutes, I obtained an audience and was congratulated on the prosperous journey and the proceedings at Court. For this kind attention, I had the Governor thanked very heartily, and at the same time recommended the Company's interests for the upcoming trading season to His Honour's powerful protection. In the afternoon at two o'clock, the Chief Interpreter Monsuro came to inform me that shortly after my departure from the Government Office, he had been called to one of the Reporting Burgomasters, who, by order and in the name of the Governor, had instructed him to go directly to me to assure me that His Honour had only refused my request to go and see the play because of a gross error by the Reporting Interpreters, who had addressed the Governor directly and not first the Reporting Burgomasters, which is an ordinary formality customary when making requests. And that I therefore should not regard this as a refusal to give me pleasure, or as a sign of ill-will toward the Dutch, as His Honour assured me that he would permit it within a few days. Which information His Honour expressly had conveyed to me through this Interpreter, because he did not doubt that the Reporting Interpreters, who had already been severely reproached this morning for their blunder, would disguise or conceal the true reason for this refusal, wherefore I should not give credence to the answer they might give me regarding this matter. I had the Governor thanked very humbly for this polite compliment, but added that I was sorry His Honour had not used another means to punish the Interpreters without making me pay for their mistakes or blunders and suffer a refusal in a matter of so little importance. For during the trading season, the Reporting Interpreters might also commit a similar blunder, or mistranslate or misrepresent a request concerning the Company's affairs, and it would be very hard if the refusal or granting of any solicitations I made in my Masters' name were to depend on this. Furthermore, the above-mentioned Interpreter informed me, in the name of the Commissioner Tannemon, that the matter concerning the champans was now on a good footing and there was hope for a good outcome. Thursday 19th. Nothing occurred. Friday 20th. Nothing occurred. Saturday 21st. The whole day it rained heavily and stormed from the southwest, causing the island's fence behind the cow pen to collapse over a length of two ikies. Sunday 22nd. Nothing occurred. Monday 23rd. Nothing occurred. Tuesday 24th. The Interpreters Kosaku and Mathuijseroe came to report to me that my plan concerning the champans would in all probability succeed, but that the Commissioner Tannemon was of the opinion that the formal conclusion of the contract should be deferred.

Dutch transcription

Junij Iapan ten Comptoire „verneur teegens morgen aangeseyd.— Liet permissie versoeken Om de Comedie te gaan bezig„ „tigen dat afgeslaagen is.— Onderhoudenden Tolksinbij Om de Monsters porceleijnen 6 dies antwoord Ook kwam d' tolk Monsievo, uijt naam van den Gouverneur Ed: Agtb: 't bezigtigender Comedie DBrink Nage zien door d'andientie bij den gou„ V„ se audientie bij den Heer Gouverneur mij door de Rapporteurs Tolken teegen morgen voor de middag ten 10 uuren aangesegd zijnde gelaste ik hen uijt mijn naam permissie te versoeken, Omna de Audientie, de Comedie, die er thans voor een korten tijd in Nanga„ „zoekij gespeld word, te gaan bezagtigen; die mij des nademiddags kwaamen rapporteeren, dat de gouverneur in de Oude boeken van het Collegie had laaten nazien of daar ook eenige pempel van Was in voorige tijden, dog dat dit niet gevonden Was en zijn Ed: agtb: om die reeden mijn versoek had afgeslaagen. — Des avonds, weeder den ondertolk Sinbij Over de monsters der Porceleijnen onderhouden, die mij beloofde dezelve binnen kort op het Eyland te besorgen, hebbende die reeds van Pisen„ bekoomen Woensdag en nu de audientierlangd„ 18„e S„ jegaf mij op het bepaalde uur met den onderkoopman Ulpo na het Gouvernement, alwaar ik na eenige Weijnige minuiten Vertoevens Audintie erlangde en met de voorspoedig afgeloopene reijse en Verrigtingen ten Hove gefelifiteerd wierd, voor welke Vriendelijke attentie ik den Gouverneur Zeer Partelijk lied bedanken, en Recommandeerde teffens Comp„s Belangens. „oment beda Teegen den aanstaanden handel tijd in zijn Ed: vermogende Protexie Des nademiddags om twee uuren kwamden oppertold bedeelend' reeden waarom zijn Monsuro mij bedeelen, dat hij kort na mijn vertrek uijt het „staande Liet zijn Ed Gouvernement 104. Dingsdag geweijgerd had. G Nangazackij d' Anno 1788. Liet zijnEd: voor 't bleefe Compli„ gens. „ment bedanken dogt nevens„ „staande er bij voegen Vervolg van den 18„e Gouvernement bij een der Rapporteurs Burgermeesters geroepen was, die hem op order en uyt naam des Gouverneurs gelast had, direct bij mij te gaan om mij te verseekeren dat zijn Ed: agtb: mijn versoek om de Comedie te gaan besigtigen alleenlijk geweijgerd had, Om een groove fout der Rapporteurs Tolken die zig direct bij den Gouverneur, en niet eerst bij de Rapporteurs Burgermeesters ge=addresseerd hadden /. het geen een Ordinaire formaliteijt is, bij het doen van versoeken gebruijkelijk- En ik dit Over zulks niet moest aanmer„ „ken als een Weijgering Om mij plaisier te doen of als een blijk van Ongeneegendheijd voor de Hollanders terwijl zijn Ed: Agtb: mij liet verseekeren dat binnen korte daagen te zullen permitteeren. - Welk narigt zijn Ed: agtb: mij expres door deesen Tolk liet geeven, wijl hij niet twijfelde of de Rapporteurs die dieesen morgen reeds Over hunne begaane misslag ernstig gereprocheerd waaren houden de Waare reeden deeser Weijgering wel Verbloemen of bemantelen, Weshalven ik aan het antwoord dat mij dezelve dien aangaande geeven zouden geen geloofmoest slaan. Liet den Heer Gouverneur voor dit beleefd Compliment zeer needrig bedanken, dog er bij voegen dat het mij leed deed dat zijn Ed: Agtb: geen ander middelgebruijkt had Om de Tolken te bestraffen zonder mij voor hun„ „ne misgreepen of Abuijsen te Laate boeten, en een refus zijnde Omna Nanga¬ middags en van pel van zijn Ed: an Fisen en rs Ulpo ten ne ke nde de porteurs 105. Iunij, Iapan ten Comptoire D d Brink Bedeeling Omtrend de Chiam„ Nage zien door Vervolg van den 18: refus te moeten Ondergaan, ineen zaak van zoo Weijnig belang„ wijl de Rapporteurs in den handeltijd ook weleens een diergelijk en dat abuijs begaan, of een versoek over Comp„s zaaken verkeerd ver„ „hier zoude „taalen of voordraagen konden, en het zeer hard Zouvallen, de Weijgering of in williging om eenige sollicitalies diek uijt mijn Meesters naam deet, hier van te doen dependeeren. — Verder bedeelde mij booven gem: Tolk uijt naam van den Commis„ „saris Tannemon, dat de zaak omtrend de Chiampangs op nu weede een goede voet stond en er zig hoope tot een goede uytslag op deed. „ 19„e Donderdag Niets voorgevallen „ 20„ Vrijdag. - Saturdag Sterk gereigende gestormd„ 21„e Ten geheelen duijsterk gereegend en gestormd uijt den 3:e W:t Waar door de Eijlands pagger agter de Koekraal ter lengte van twee Ikies ingevallen is. „ 23: Zondag „ 23„ Maandag ') Niets Voorgevallen Dingsdag Mousaboo Bedeling Omntrende himpteng 1:„ kwamen mij de Tolken kosaken Mathuijseroe Rapporteen dat mijn plan omtrend de Chiampangs na alle waarschijnlijk „heijd doorgaan zoude, dog dat de Commissaris Fannemon liet mijij van gedagten was, de formeele sluijting van het Contract Om : nevenst Versoekv Om Een paa Permissie „pangs. de 106. erlaangd 1

NL-HaNA_1.04.02_3811_1065 view scan ↗

English

Nagasaki in the Year 1788. would come, now canceled again. For a pair of Canary birds, and had asked me in the name of the Court for the adjacent matter. Continuation of the 24th: the stubbornness of the Money Chamber until the arrival of the ships would have to remain postponed. And that the Servant of the Landlord of Figo on the Island. Furthermore, she communicated to me that the day after tomorrow one of the Reporter Burgomasters, along with a servant of the Landlord of Figo, would come to inspect the Island. Wednesday the 25th: Strong winds from the SW all day. Thursday the 26th: Strong storm from the SW the entire night and day, for which reason the visit announced the day before yesterday has been canceled again and postponed to another occasion or better weather. In the evening, the son of the Chief Reporter Kosak came to inform me in his father's name that the Governor had granted permission for me to go and see the Play whenever it pleased me. Friday the 27th: Nothing to note. Saturday the 28th. Sunday the 29th: This morning the Interpreters Kosak and Monsuro came on behalf of the Governor to request a pair of Canary birds, which I promised to deliver as soon as they procured a pass for them. Also, the Governor, by order and in the name of the Court in Yedo, had me asked whether it was possible to procure for His Majesty the seed and some small plants of saffron trees, along with a description of how they are cultivated, as well as a water dog that could dive underwater for some ikies, to which I replied that neither was possibly to be obtained in Batavia, and the latter not in the entire world. Discourse on the cause of the great shortage of money in the Money Chamber. Subsequently reasoned with these linguists about the cause of the great shortage of money in the Money Chamber, which is currently in a wretched state, which they attributed to the smaller profits on our and the Chinese trade goods, as well as to granting longer credit than usual to the Osaka and Miyako merchants, adding that some relief of money from Osaka was expected daily. Monday the 30th: Today went to the town to see the Play, as well as some Temples and other prominent places. Tuesday the 1st: Speaking with the Under-Interpreter Sesnoskie about the shortage of money in the Money Chamber, he related to me that this was not so much to be attributed to the making of smaller profits on the Dutch and Chinese merchandise, as well as to the consequences of the bad governance of the Governor and the Accountant Posio who were in Nagasaki in the year 1787/85, both clients of the dismissed Councillor of State Tanuma, and that Nagasaki could not exist, or that it would at least look most bitter, if no two ships and ten Chinese junks came to trade this year. Rained and stormed from the SE the entire day, whereby the Island's palisade collapsed in five places. Wednesday the 2nd: The storm still continuing, the Island's palisade collapsed in four more places tonight. Thursday the 3rd: The Chief Interpreters Kosak and Monsuro related to me that the long-expected relief of money from Osaka had finally arrived today. Ordered them to go and inquire with Commissioner Fannemon how matters stood with the Chiampangs affair. Friday the 4th: Tonight it stormed strongly again from the S with heavy squalls of rain, whereby the Island's palisade collapsed again in one place. In the afternoon, I was informed that the old Chief Interpreter Hatsemon, who served as an Interpreter for 57 years and was a Chief Interpreter for 45 years, passed away yesterday evening. Saturday the 5th: Today the Money Chamber, importuned by the unceasing complaints and solicitations of the shopkeepers and suppliers, finally held Motobarai or the general settlement of accounts with the merchants, yet paying each provisionally only half.

Dutch transcription

Bangazachij d' Anno 1788. zoude koomen nu weeder afgesegd. Om Een paar Canarie voogels, en liet mij uijt naam van't Hof Om 't nevenstaande afvraagen Vervolg van den 24 de eijgenzinnigheijd der Geldkamer toe de komst der schepen zoude moeten uijtgesteld blijven. - en dat de Dienaar van den Lands„ Voorts Communiceerde zij mij dat Overmorgen een der Rap„ „heer van Fego op het Eijland „porteurs Burgermeesters met een dienaar van de Landsheer van Fego het Eijland zoude koomen bezigtigen. Woensdag „ 25„e Den geheelen dag sterk gewaaijd uijt den ZW. . Donderdag „ 26. Den gantschen nagt en dag sterk gestormd uijt den ZW, Om welke reeden, de eergisteren aangezeijde visite Weeder afgesegd en tot een ander geleegendheijd of mooijer Weer uijt„ „gesteld is. S' avonds kwamde zoon van den opper Rapporteur Kosak mij uijt zijn Vaders naam bekend maaken, dat de Gouver„ „neur permissie verleend had, Om wanneer het mij behaagde, de Comedie te gaan besigtigen. „ 27„e Vrijdag - niets te Noteeren „ 2d„o Saturdag Zondag Versoek van den Gouverneur „ 24„' Deezen morgen Kwaamende Tolken kosak en Monsuro Uijt naam van de Gouverneur versoeken Om een paar Canarie Voogels, die ik beloofde te zullen afgeeven zoo draa zij er een pas briefje voor besorgen Ook liet mij de Gouverneur op Order en uijtnaam van het 6 Permissie te betegtigende Comedie erlangd. Hooft belang. gelijk ver„ t Commis„ angs op tslag en 3„e W„t porteeren schijnlijk mon Art de - 1 107. Japan ten Comptoire D Brink van het groot geld gebrek in de Geldkamer Weeder Over het geldgebrek in Nagezien door Junij Vervolg van den 29: ' Hoff in Teboa Coraagen, of het mogelijk was zijn Majsteijt het zaad en eenige plantjes van saffraan boomen te besorgen met een beschrijving hoe dezelve aangekweekt word, als meede Een Waterhond die eenige ikies onder waterduijken kon, Waar op antwoorde dat geen van beiden met moogelijkheijd op Batavia te krijgen was en het laaste ook in de geheele waareld niet. — Redeenering over de orsaak Redenaerde Vervolgens met deeze Taalslieden over de Oorsaak van het groote geld gebrek in de geldkamer die thans tot aal liedig is, het welk zij toeschreeven aan het minder Winnen op onse ender Chineesen Negotie goederen, als meede aan het verleenen van lange Crediet aan de Tsakkasche en Miajosche kooplieden, dan na gewoonte, daar bij voegende dat er daage„ „lijks wat Ontset van geld uijt Osassato gemoed gezien word. gelaste bijd Maandag d' Eomedie &=a geweest „ 30„e Heeden ter bezigtiging van de Comedie benevens eenige Pempels en andere voornaame plaatsen na de stad geweest. — Dingsdag „ 1. met den Ondertolk Sesnoskie Over het Geld gebrek in de de Oude off geldkamer spreekende, verhaalde mij die, dat zulks niet zoo„ zeer aan het behaalen van minder Winsten op de holland„ „sche en Chineese koop whaaren, als wel aan de gevolgen der slagte Regeering van de in A„o 178 7/5 in Nangazackij heeft degeld geweest zijnde Gouverneur ende Reekenmeester Posio, de helft beijde Clienten van den afgezetten Rijksraad e Tonomo, te attribueeren was, en dat Nan gazalkij nit be„ E Vervol de geldkamer spreekende antwoord daar op.— 1staan 108 Julij, de Chiampa Nangazackij d' Anno 1788: ordgelaste bij d' Commissaris na de Chiampangs te verneemen de Oude oppertolk Overleeden de helft aande koop lieden odaan Vervolg van den 1: bestaan kon, off het er ten minsten allerbittarst zou uijtzien, indien 'er dit Jaar geen twee scheepen en thien Chineese Jonken ten handel kwaamen Den geheelen dog gereegend en gestormd uijt den Z: O:' waardoor de Eijlands paggers op vijf plaatsen ingestort is. — Woensdag „ 2„e De storm nog aanhoudende is deesen nagt de Eijlands pagger nog op vier plaatsen ingevallen Donderdag „ 3:e Verhaalden mijde opper Tolken Kosak en Monsuro dat het lang verwagte geld ontset uijt sakka eijndelijkheeden gearri„ „veerd was.— Gelaste hen eens bij den Commissaris Fannemon te gaan Vernee„ „men, hoeht met de Chiampangs zaak geschuapen stond. — Vrijdag „ 4„e Deesen nagt weeder sterk gestormd uijt den Z. met zwaare Reegen vlaagen, Waar door de Eijlands pagger weeder op eene plaats is ingevallen Des middags wierd mij berigt dat de Oude oppertolk hatsemon, die 57. Jaaren als Tolk gedient heeft, en 45 Jaaren oppertolk is geweest, Gisteren avond Overleeden was. Saturdag - heeft de geld kamer slegjts „ 5„e Heeden heeft de Geldkamer door de onophoudendlijke klagten en Sollicitaties van de Kraamlieden en leveranciers geimpor„ „tuneerd, eijndelijk Motobaraij of Generaale afreekening met de kooplieden gehouden, deg ecehter an ieder bij provisie sleijts de esteijt gen Een Na sche „ pels in de zoo„ and„ h volg i 10, be„ taan niet 1 -

NL-HaNA_1.04.02_3811_1068 view scan ↗

English

July, Japan at the Factory. At the warehouse the Doorn a piece of the wall fell out. Four junks arrived, having no powdered sugar. Notification from the Commissioner concerning the Chiampang, see adjacent note. Checked by D. V. Brink. Continuation of the [illegible] half of what was due to them was satisfied, and also no wages have yet been paid to the interpreters and servants. Because of the continuous heavy rain and squalls of wind, this afternoon at the warehouse the Toorn a piece of the wall just under the roof fell out, and some tiles were blown away and displaced. Sunday 6th. Again stormy the entire night and day from the southwest, accompanied by heavy rain showers. Monday 7th. It still rained and stormed heavily without interruption from the southwest, in which rough weather, however, four Chinese junks from Ningbo arrived here in the roads. Tuesday 8th. The interpreters told me that the junks that arrived yesterday were, according to the statement of the Chinese, soon to be followed by five others; and that these junks had brought no powdered sugar at all. Wednesday 9th. The weather having calmed down a little this morning, a beginning was made with the unloading of one of the recently arrived junks, which, however, had to be quickly halted because of the heavy rain that came up again. In the evening, the Chief Interpreters Kosaku and Moshuro informed me on behalf of the Commissioner Tannemon that the matter concerning the junk of the Chiampangs was finally to be decided within a few days. Nagasaki, Anno 1788. A piece of the wall of the warehouse the Lelij collapsed and tiles blew off. The request for banjosts to inspect the warehouses was made. Continuation of the 9th: [illegible] Thursday 10th. Tonight another piece of the wall of the warehouse the Doorn fell out. Urged the under-interpreter Siubey once more to procure the samples of the porcelains for me soon. Friday 11th. Nothing occurred; the whole day it rained heavily with thunder and lightning. Saturday 12th. Tonight, because of the rather continuous heavy downpours, a piece collapsed from the wall of the warehouse the Lelij, and some tiles fell from the roof. And in the evening, another portion of plaster from the wall of the aforementioned warehouse fell in, and some tiles were blown off the Doorn. Sunday 13th. The weather having calmed down somewhat today, I had the reporting interpreters request of the Governor to send banjosts to the island tomorrow, in order to inspect the warehouses the Lelij and Toorn, and to check the leaks that were certainly caused by the blowing away and shifting of the tiles and the collapse of the wall. Also, the remainder from the junk mentioned on the 9th of this month was unloaded, together with a second one, both of which became empty towards noon. July, Japan at the Factory. The request for banjosts was granted. Leaks found. Again a portion of plaster collapsed from the Lelij. Checked by D. V. Brink. Continuation of the 13th: In the afternoon the reporting interpreters informed me that, in accordance with my request, banjosts would come tomorrow before noon at 10 o'clock to open the warehouses. In the evening, some planks fell off the outside of the rayskin warehouse. Monday 14th. The inspection of the warehouses was postponed until tomorrow on account of the rough weather. Tuesday 15th. Started early in the morning with the unloading of a Chinese junk, which was stopped again at nine o'clock because of the heavy wind and rain that came up once more. Furthermore, at ten o'clock, notwithstanding the rough weather, a Chief Banjost was on the island to inspect the warehouses, as this could brook no longer delay; and in the Toorn leaks were found in two places, but nothing in the Lelij. In the evening, another portion of plaster from the wall of the warehouse the Lelij collapsed. Wednesday 16th. Nothing occurred. Thursday 17th. The weather having finally calmed down completely today, and thus the rainy monsoon having come to an end, the last two Chinese junks, with one of which they had [illegible] the day before yesterday, were unloaded.

Dutch transcription

Iulij Iapan ten Comptoire aan't poakhuijs d' Doorn een stuk van de muur uijtge„ „vallen Vier Jonken gearriveerd hebbende geen poeder suijker Liefd Commissaris Omtrend d' Chiampang 't neevenstaande Nage zien door D V Brink Vervolg van dens Eiede helft van het hen Compiteerde voldaan, en ook nog geen 31 dog nog geen gagie aan de tolken &:r Gagie aan de Folken en Bediendens betaalt. Door de aanhoudende Zwaare reegen en stormvlaagen is deezen middag aan het Pakhuijs de Toorn een stuk van de Weedereens van de Door muur digt onder het dak uijtgevallen, en eenige pannen weg gewaaijd en verschooven ransporin porceleijn Zondag „ 6:e Weeder den gantsche nagt en dag gestormd uijt den Z0: verseld met sterke reegen buijen Maandag „ 7: Nog bij aanhoudendheijd sterk gereegend en gestormd uijt d' EW in welk ruuw weer echter vier Chineese Jonken van Japo alhier Een stukj ter Rheede arriveerden pakhuijs Dingsdag „ 8. e Verhaalden mij de tolken dat de gisteren gearriveerde Jonken Volgens opgaf der Chineesen binnen korten nog door vijff andere en pannen stonden gevolgt te worden; dat dit deeze Jonken in 't geheel geen poeder suijker hadden aangebragt Woensdag liet versoek Een begin van die te ossen „ 9 Het Weer deesen morgen een Weijnig bedaard zijnde, Wierder een pakhuijsen begin gemaakt met het Lossen van een der Jongst gearriveerde Ionken, het geen echter omde weeder opgekomene Zwaar reegen schielijk gestrakt moest worden. Des avonds bedeelden mij de Oppertolken Kosak en Monsuro uijt naam van den Commissaris Tannemon dat de zaak omtredt de Ionk Bedeelen aangebragt de 110. Nangazackij d' Anno 1788. vande Doorngevallen porceleijnen Een stuk uijt d' muur van 't „ pakhuijs de Lelij ingestort en pannen van de soomafijwaaijd liet versoek om ban Joosten om de een pakhuijsen te visiteeren omtren de Ionken Lossen Vervolg van den 9„e de Chiampangs eijndelijk binnen korte daagen stond beslust te worden Donderdag Weeder een stuk van d' muur„ 10„e Deezen nagt weeder een stuk van de muur van het Pakhuijs D' Doorn uijtgevallen. spoorde den Ondertolk siubij nog maals aen om mij spoedig de aansporing Omd' monsters Monsters der Porceleijnen te Besorgen Vrijdag „ 11.e Niets Voorgevallen, den geheelen dag sterk geveegend met sonder en Weerligt Saturdag 12„' Deezen nagt is door de nogal aanhoudende 3waare stort Reegens een stuk uijt de muur van het Pakhuijs d' Lelij ingestort, en eenige pannen van het Dak afgevallen En des Avonds weeder een parthij Kalk uijt de muur van bovengemelde Pakhuijs ingevallen en eenige pannen van D' Doorn afgewaagjd. Sondag „ 13„e Het weer heeden wat bedaard zijnde, liet ik door de Rapporteurs Tolken aan de Gouverneur Versoeken, om morgen Dan Joosten ten Eilande te zenden, ten Eijnde de pakhuijsen D'Lelij en Toorn te visiteeren, ende lekkagies, die er zeeker door het wey Waaijen en Verschuijven der pannen en het invallen der muur verorsaakt zijn, na te zien Ook wierd het restant uijt de op den 9„e deser Vermelde Jonk beneffens nog een tweede gelost, die beijde teegen de middag leedig raakten. Des een is van de weg seld :Ve dZW in alhier dre de en turo de 11 Iapan ten Julij, Comptoire t versoek om ban Joosten, is toegestaan Likkagies bevonden Weeder een parthij kalk van d' Lelij ingestort. Nagezien door D V Brink Vervolg van den 13„e Des nademiddags berigten mij de Rapporteurs, dat volgens mijn Versoek morgen voor de middag ten 10 uuren BanJoosten zouden Ein koomen om de pakhuijsen te Oopenen.— Des avonds eenige planken van de buijten kant van het Rogge„ meede geen soo „velle Pakhuijs afgevallen. — aftolan Maandag „brengt om In het ruw werigtgstelen 4„ het visiteeren der pakhuijsen om het ruuw weer tot morgen uijtgesteld. — Dingsdag „ 15„e Des morgens Vroeg met het Lossen van een Chineese Ionk begonnen, dat om neegen uuren om de weeder opgekoomene Zwaare Winden Reegen weeder gestaakt wierd. deeling om Voorts ten tien Uuren in Weerwil van het ruuwe weer Een het volgens roponeerd en nu Verscheenen Opperban Joost op het Eijland geweest om de pakhuijsen te urdwa Visiteeren, Wijl zulks geen langer uijtstel kon gedoogen; Wierdin de Toornop2 plaatsen En Wierd in de Toorn op twee plaatsen Lekkagie bevonden, dog in de Lelij niets. elasted Ras Des avonds weeder een parthij kalk uijt de muur van het Chiampangst Pakhuijs de Lelij ingestort. Woensdag „ 16: Niets Voorgevallen Donderdag 17„' Het weer heeden eijndelijk ten eenemaale bedaard zijnde en : n't Rappo dues de Reegen Mousson een eijnde genoomen hebbende, Wier„ de twe latste Conkengeloost den de twee laatste Chineese Jonken /: met welker een men eer„ dat de defecten „gisteren nevenstaan ebr ne

NL-HaNA_1.04.02_3811_1071 view scan ↗

English

Nangazackij, in the Year 1788. Continuation of the 17th. had already made a beginning yesterday, was unloaded, and toward two o'clock another was towed to the roads. Friday the 18th. According to the statement of the interpreters, the junk that arrived yesterday brought no powder sugar, just as the previous four, but brings news that at its departure from Saco a good quantity of that sweet commodity had arrived from Batavia, and that the cargo of the following four junks will mainly consist thereof. However, owing to the scarcity of that product on Batavia, I can give no credence to the authenticity of this tale. This afternoon the Chief Interpreter Monsuro informed me by a note that the matter regarding the sampans was settled today, and had been permitted in the manner requested and proposed by me. Saturday the 19th. Ordered the reporters to have the sampans lying at Magome delivered to their master Gofe. Furthermore, had appointed commissioners make an inspection of the collapsed walls of the warehouses De Lelie and Doorn, as well as the defects on the roofs of those warehouses, who submitted to me the following written report thereof: Honorable Sir, Johan Fredrik Baron van Reede tot de Parkeler. Today we the undersigned proceeded to the warehouses Doorn and Lelie, and there found the following defects: The Warehouse Doorn: The roof on the north side, an area of 20 tiles, and the wall 1½ ikken to be renewed. On the aforementioned side, a length of two ikken heavily damaged by water infiltration. De Lelie: The wall and the roof on the north side, one ikken square to be renewed, and to be covered with 20 pieces of new tiles, as well as a length of 1½ ikken damaged by water infiltration. On the northwest side, 2 ikken square to be plastered. On the southeast side, 1½ in length and 1 ikken in width to be plastered. Item, the roof on the southeast side another 4 feet to be renewed with lime and loam. With which we subscribe ourselves with all respect, Honorable Sir, Your Honor's most humble servants. Was signed: Hs Klad and Jb Bernard. In the margin stood: Desima, the 19th of July 1788. In the evening, brought a junk into the dock. Sunday the 20th. After long bargaining, the repair of the warehouses Lelie and Doorn was contracted out to the Japanese carpenter Campesi for 50 taels, on condition that he must chip away everything damaged by water infiltration and completely restore everything. And received word from the reporters that the sampans were delivered to Gofe yesterday. Also today, the junk that arrived on the 17th of this month was unloaded, and in the evening one of the previous ones was brought into the dock. Monday the 21st. The Chief Interpreter Kosak related to me that the Money Office likely around the Feast of Lanterns, being circa mid-August, would pay the interpreters and servants about 1/10 or possibly 1/5 of their wages, but that the full payment apparently was not going to take place this year. In the evening, another piece of the island's palisade collapsed. Tuesday the 22nd. These days the Japanese have been busily engaged in repairing and re-erecting the island's palisade. Wednesday the 23rd. Also, one of the Chinese junks lying in the river was brought into the dock. Thursday the 24th. Rained heavily the entire day, whereby the island's palisade collapsed again in two places. Requested from the reporters the invoices of the Chinese junks that arrived on the 7th and 26th of this month. Friday the 25th. This morning the warehouse master reported to me that of

Dutch transcription

Nangazackij, d' Anno 1788. — meede geen poedersuijkek ift aangebragt „brengt omtrend de suijker nevenstaande tijding. deeling omtrend d' Chiampangs it het volgens verzogt in ge„ droponeerde wijse gepermit„ teerd was. — het Chiampangs te laaten afgeeven, Vervolg van den =: 17:e „ gisteren reds een begin gemaakt had:/ gelost, en teegen twee #ijn uuren wierder weeder een ter Rheede geboegseerd; den en ter rheede geboeyseerd Vrijdag 18„e De gisteren gearriveerde Jonk heeft volgens opgaaf der Tolken eeren als de voorige Vier geen poeder suijker aangebragt, dog brengt tijding meede dat er in saco bij desselfs vertrek uijt die plaats, een goede quantiteijt dier Soetigheijd van Batavia was aangekoomen, en dat de Laading der vier volgende Ionken voornamentlijk daar uijt bestaan zal; aan de echtheijd van welk verhaal ik egter Om de schaarsheijd van dat product op Batavia, geen geloof kan slaan Deezen nademiddag bedeelde mij de Oppertolk Monsuro door een briefje, dat de zaak omtrend de Chiampangs heeden zijn beslag gekreegen had, en op de door mij versogte en ge„ „proponeerde Wijse gepermitteerd was. Saturdag elasted' Rapporteur omdet 19=e Gelaste den Rapporteurs om de op Magome leggende Chiampangs aan de haare meester gofe te laaten afgeeven. Voorts door expresse Gecommitteerdens den opneem laaten doen van de ingevallene muuren aan de pakhuijsen S Lelijen Doorn als meede van de Defecten aan de daaken dier pakhuijsen, die mij daar van het ondervolgende schriftelijke rapport indienden. — Wel Edele Achtbaare Heer! Johan Fredrik Bavon van Reede tot de Parkeler Heeden hebben wij Ondergeteekenden een n't Rapport daar Omtrend het de defesten aan de pakhuijsen Ons ge„ gen 9 E pneemen van ier„ en Iulij, Iapan ten Comptoire Nagezien door DD Brink Ons Vervoegt bij het Pakhuijs L Doorn, en Belij, en aldaar de Volgende defecten Bevonden T Pakhuijs & Doorn I dak aan de Noord zij den Omtrek van 20 Pannen en Jonkge en de Muur 1½ Jkie te vernieuwen & nag gebrag aan voorn: zijde d' Lengte van twee skies sterk ingewaaterd D' Lelij rhaal dat De muur, en het dak aan de Noord zij Een Tkie in 't Vier„ „aug„ aan „kant te vernieuwen, en met 20 p„s nieuwe pannen te al 1/ van en zouden beleggen, als meede d' Lengte van 1½ Tkie ingewaaterd, Repureeren Aan de Noordwest zij 2 Tkies in 't Vierkant te Be„ „pleijsteren Aan de 3Oost zij 1½ in de Lengte en in de breedte 1 skie Inpanders te Bepleijsteren Item het dak aan de Z„o d=t zij nog 4 voet met Kalk en Leem te Vernieuwen Waar meede ons met alle achting Onderteekenen /Onderstond:/ WelEdele Achtbaare Heer /:Lager: / uwel Edele Achtb: Needrigste Dienaaren / was geteekend:/ H=s Klad, en J„b Bernard /in margine stond/ Desima den 19„e Julij 1788. Een Jonk na de Laag Des Avonds een Conk in de Laag gebragt. — Zondag dereparatie vandested den 20„e De Reparatie van de Pakhuijsen Relij en Doorn. na Lang Eijlands ook een Jonk Versogt Jonken Nangazackij, d' Anno 1788. Een Jonkgelost en een in de nag gebragt. „aug„ aan d' Htolken &„a /10 of vel 1/5 van hunne gagie betaa„ en zouden Eijlands pagger. — Versogt om de fustuuren van de Jonken Vervolg van den 20„e Lang dingen aan den Japanschen Timmerman Campesi, aan„ „besteed voor thijlen 50: - op voorwaarde dat hij al het inge„ „waterde uijtkappen en alles Compleet herstellen moest. En van de Rapporteurs berigt ontfangen dat de Chiampangs gisteren aan Gofe zijn afgegeeven Ook is heeden de op den 17=e deeser gearriveerde Ionk gelost en s'avonds einder voorige in de laag gebragt. Maandag haas dat de Gelekamer „ 21: Verhaalde mij de oppertolk Kosak dat de Geld kamer den ke„ „lijk teegen het Lampjes feest zijnde Circa medio Augustus aan de tolken en bediendens wel 1/10 of moogelijk wel 1/5: van hunne Gagie betaalen zoude, dog dat de volle betaaling apparent dit Iaar nog niet stond te geschieden. Des avonds weeder een stuk van de Eijlands pagger ingevallen. Japanders repareeren de „ 22„' Dingsdag deeser dagen zijn de Japanders druk beezig geweest met het repareeren en weeder oprigten van de Eijlands ok een sonk indelaag gebragt„ 23„ Woensdag pagger. - ook is een der op stroomleggende Chineese Ionken in de Laaggebragt. Donderdag „ 24„' Den geheelen dag sterk gereegend, Waardoor de Eijlands pag„ „ger weeder op 2 plaatsen ingestort is. _o Versogt de Rapporteurs om de factuuren der op den 7„e en 26=e deeser gearriveerde Chineese Ionken Vrijdag „ 25„e Seesen morgen rapporteerde mij de presmeester dat er van s en d Vier„ erd, k dele 788. de 115

NL-HaNA_1.04.02_3811_1074 view scan ↗

English

July, Japan at the Factory Continuation of the 25th: during the night, directly under the roof of Warehouse De Lelij, a section of the wall 3 kies in length had collapsed again. Saturday the 26th: Today the Money Chamber again held Motobavaij and paid the remaining half to the shopkeepers, suppliers, and merchants, but no wages to the servants or interpreters as yet. Sunday the 27th, Monday the 28th, Tuesday the 29th: During these days, the Japanese were busily engaged in re-erecting the island's palisade. Wednesday the 30th: A Chinese junk was brought into the lower berth before the city. Thursday the 31st: And today one coming from Safao was towed into this roadstead. August Friday the 1st: The entire day fine weather with a fresh southwesterly wind; late in the evening another Chinese junk arrived in the roadstead. Saturday the 2nd: Unloaded the junk that arrived the day before yesterday, and in the afternoon another one arrived in the roadstead. These junks likewise brought no powdered sugar, and according to the account of the sub-reporter Csero, who stated he heard it from one of the Chinese head interpreters who is of his family, the Chinese declare outright that they can or will no longer bring any powdered sugar until the price of the same is raised by the Money Chamber, which account is much more probable than what they trifled with me about on the 18th of the past month regarding the abundant supply of that sweet commodity in Savo. Toward evening, at the ordinary place next to the Chinese island, a signal for ships was made by hoisting a flag, which, however, was soon hauled down again. The entire day a fresh southwesterly wind, but squally weather with rain, thunder, and lightning. Sunday the 3rd: This night a Chinese junk was brought into the lower berth, and this morning one was unloaded. The wind southwesterly and westerly. Monday the 4th: The wind early in the morning east and calm, but thereafter the entire day a fresh westerly and southwesterly wind. Another Chinese junk unloaded. Tuesday the 5th: Today another Chinese junk unloaded. Weather and wind as yesterday. At twelve o'clock at noon, a news bark from Cokkefoerie came rowing in with flags flying, indicating that a signal for ships was seen; but after approaching inside the Temple Point, it turned back, which is a sign of a counter-signal on the mountains, and that one had been mistaken or had misseen. Wednesday the 6th: The wind the entire day north-northeast; in the afternoon severe thunder and rain squalls. In the evening the wind east and southeasterly. A Chinese junk brought into the lower berth. Thursday the 7th: The wind the whole night and early in the morning north, but afterward shifted back to the southwest. At half-past nine, a news bark from Biedeen came blowing in with flags flying, as a sign that something was seen at sea, which was followed shortly thereafter by a second one. Also, at the customary signal place, a flag was hoisted, which, however, was hauled down again at eleven o'clock. In the afternoon, the sub-reporter Cassiesero came to inform me that the above-mentioned vessels had brought a written report to the Governor that two ships and one Chinese junk had been seen by the lookouts. In the evening, further news arrived that by sunset, on account of the misty weather and hazy skies, nothing could be seen at sea. Friday the 8th: The wind the entire night and forenoon north and north-northeast; overcast sky and hazy weather, because of which it was not possible to see anything at sea, and thus no news barks came in either. In the afternoon and in the evening the wind east and southeasterly with drizzle. Saturday the 9th: This night it rained hard and the wind north. Further, the entire day dark weather and hazy skies with north, north-northeast, and east winds, so that the ships, if it is true that they have been seen and are off the coast, are having an uncommonly bad time of it. Toward evening, the sub-reporter Cassissero handed over to me the invoices of the Chinese junks. Sunday the 10th: Today the sub-reporter Cassissero told me that the Chinese junk which the lookouts had seen along with the ships on the 7th of this month had, according to a rumor received, been wrecked near Piivande, but that they had no further news as yet of the ships. The wind the entire night and day variable, but mostly north and east, with overcast skies, and it rained in the forenoon. Monday the 11th: The entire night it rained hard and the wind north. At nine o'clock, the sub-reporter Cassissero came to communicate to me that just now a signal flag had been raised at the ordinary place, which, however, was hauled down again shortly thereafter. Furthermore, the said interpreter informed me that yesterday's reported

Dutch transcription

Iulij, Iapan ten Comptoire Weeder Een stuk van de muur van d' Lelij ingestort d' geld kamer heeft de resteerende helft aand' Kraamlieden & betaalt. — d' Japanders zijndriukbeezig ge„ van d' Eijbands pagger Nage zien door Dd Brink Vervolg van den 25„' de nagt weeder digt onder het dak van 't Pakhuijs D' Lelij Ver Een stuk van de maur ter Lengte van 3 /kies was ingestort. Saturdag 26„ Heeden heeft de Geldkamer weeder Motobavaij gehouden en de resteerende helft aan de Kraamlieden, Leveranciers en koop„ „lieden betaalt, dog nog geen Gagie aan Bediendens of Tolken „ 27„e Sondag raijde sijn deeser dragen zijnde Japanders druk beesig ge„ spoedig ierd. „Weest met het weeder oprigten van de Eij„ „ 29„e Dingsdag I„ lands pagger. — Woensdag Een Jonkindelaagebragt „ 30„e Een Chineese Ionk in de laag voor de stad gebragt. — Donderdag Jonkin en nu en van Capoterhede „ 31„ En heeden een van Safao koomende ter deeser Rheede ^Een 2=o ge geboegseerd. — geboegseerd. Augustus Vrijdag „ 1„o Den geheelen dag mooij weer met een frisse ZW: Wind Nu weeder Een des avonds laat arriveerde Weeder een Chineese Jonk ter Rheede Saturdag Weeder Een gelost in sen weder „ 2. e De Eergisteren gearriveerde Jonk gelost, en des nademiddags g'arriveerd. — Weeder een ter Rheede gearriveerd. n nu Deeze Jonken hebben meede geen Poeder Suijker aangebragt, en hebben meede geen poedersuijker aangebragt, en verhaal daar Volgens Verhal van den onder rapportini Csero / de zegd vulko weaeder tijden Omtrend. — „weest met het oprigtten „ 28„' Maandag og is mis van 116. Nangazackij d' Anno 1788. raijde seijn van scheepen sigge„ spoedig weder mergehaald ierd. Een 2=o gelost. — Vervolg van den 2. van een der Chineese oppertolken, die van zijn familie is, gehoort te hebben /verklaaren de Chineezen rond uijt voortaan„ geen poeder suijker meer te kunnen of willen aanbrengen Voor dat de prijs derselve door de Geldkamer Verhoogd Word, Welk verhaal veel waarschijnlijker is, dan had geene zij mij op den 18„e der gepasseerde maand noopens den ruijmen aanbreng dier soetigheijd in Savo voor gebeuseld hebben Teegen den avond wierd op de Ordinaire plaats naast het Chi„ „neese Eijland seijn van scheepen gedaan, door het opheijssen van een vlag, die echter spoedig weeder neergehaald wierd. — Den geheelen dag frisse ZW: Wind, dog buijig weer, met reegen Donder en Weerligt Zondag „Jonk ind laag gebragt, 3:' Deezen nagt een Chineeze Ionk in de Laag gebragt, en heeden morgen een gelost. De Wind ZW: en W:t Maandag „ 4„e De Wind smorgens Vroeg Oosten stil, dog Vervolgens den geheelen dag frisse W, en ZW, Wind. Weeder een Chineese Jonk gelost. weeder eengelost Dingsdag nnu Weeder Een „ 5„e Heeden Weeder een Chineese Ionk gelost. Weeren Wind als Gisteren Des middags om twaalff uuren kwam een tijding Bark Weeder tijding van scheepen og is misgezien van Cokke foerie Waaijende binnen roeijen dat een Leijn Jo i„ van „ Van Iapan ten Comptoire „ Verhaal daar Omtrend nadere tijding dat met zons Ondergang door 't mistig weer niets in zaetezien was. Dd Brink Augustus Vervolg van den 5:e van schepen is, dan na tot binnen den Tempel hoek genadert te zijn, keerde dezelve te ruijt geen een teeken is van Contra= seijn op de bergen en dat men zig vergist of misgezien betro had. Woensdag „ 6„ De Wind den geheelen dag Nore 11: ded middags z waare Sonder en Heegen Buijen S' avonds de Wind P: en ZO:— Een Chineese Jonk in de Laag gebragt. Donderdag Niuwedersij vanschepen, „o De Wind den gantschen nagt en s' morgens Vroeg N: dog naderhand weeder na het ZW, omgeloopen, Tin half tien koeme anrtijding Bark van Biedeen Twangthuijen von m „de binnen, tot teeken dat iets in zee gezien was, die kort daar aan door een tweede gevolgt wierd. — Ook werd op de gewoone seijn plaats een vlag opgeheesen, die egter Om elf Duuren Weeder neergehaald wierd.— Des middags kwam mij de onderrapporteur Cassie sero bedeelen, dat de bovengemelde vaartuijgen schriftelijk Rapport aande Gouverneur gebragt hadden, dat twee scheepen en een Chineese Ionk door de uijtkijken gezien Waaren. Ver was Des avonds kwam er nadere tijding dat met 's ons ondergang na Om het mistige Weer en deijnsige Lugt niets in zee te zien was. Vrydag Nagezien door 118. Conk n e e Nangazackij d' Anno 1788. en nu weeder Jonk vervallen was. — verhaaldater een seijn vlag was opgeheesen dog kort daar gang na weder neergehaald was en nader bevestiging van de vervallene Jonk. Vrijdag den 8„e De Wind den geheelen nogt en Voordemiddag Nen NoV: betrokken gezien Betrokken en seijnsige Lugt:s Lugt en deijnsig weer, waar door het niet mogelijk was om iets op zee te zien en dus ook geen tijding barken binnen kwaamen. S nademiddags en s' avonds de wind Oost en Zo: met mot Reegen Saturdag „ 9„e Deezen nogt sterk gereegend en de Wind N. Voorts den geheelen dag donker weer en deijnsige lugt met N. N: O: en Ooste Winden, zoo dat de scheepen, indien het waar is, dat dezelve gezien en voorde wal zijn, het ongemeen slegt treffen. — Teegen den avond stelde mij de onderrapporteur Cassissero de Fastuuren der Chineese Ionken ter hand.— Zondag verugt dat bij Bivandeen „ 10=e Heeden Verhaalde mij de Onderrapportenr Passissero dat de Chineese Ionk, die de uijtkijken op den 7„e deezer met de schee„ opengesien hadden, volgens een ingekoomen gerugt bij Pii„ „vande vervallen was, dog dat men van de scheepen nog geen nader berigt had. — De wind den geheelen nagt en dag Variabel, dog meest N: en O. met betrokken luijt, en des voorde middags gereegend. — Maandag „ W:o Den geheelen nagt sterk gereegend en de Wind N. — Om neegen Uuren kream mij de Onderrapporteur Cassissero Communiceeren, dat er zoo eeven op de Ordinaire plaats een Seijn vlag was opgegaan, die echter kort daar na weeder neer gehaalt wierd: Wijders bedeelde mij gemelde Taalsman, dat het gisteren vermelde genaderd van Contra aare dog H tien uijsen Waaijen kort n, n ond dag 3 119.

NL-HaNA_1.04.02_3811_1078 view scan ↗

English

August at the Factory in Japan. D. D. Brink. Continuation of the 11th. The reported rumor concerning the distressed Chinese junk near Firando was further confirmed, which then towards evening was towed into this roadstead by vessels belonging to the Lord of that place. Tuesday the 12th. The wind through the entire night and forenoon North-North-East, in the afternoon for a few hours South-West, and subsequently North again. Wednesday the 13th. The wind during the night and the entire forenoon North and East, but in the afternoon shifted to the South-West. The junk that arrived the day before yesterday was unloaded, and one of those still lying in the stream was brought to the moorings. Around one o'clock, the interpreters Sisnoskie, Jassisfero, and Paksabro came to inform me of their promotions, the first-named, who is the second-youngest under-interpreter, having been appointed head interpreter in place of Katsemon, who passed away on July 4th; the second, who in the month of December past was promoted to temporary under-interpreter and under-reporter, to effective under-interpreter; and the last-named, being the third provisional under-interpreter, to temporary under-interpreter; Sisnoskie thus skipping over the oldest under-interpreter Sinbij, and Saksabro over two senior provisional under-interpreters. With which advancement I most amiably congratulated these linguists with an appropriate address and an earnest recommendation to look after the Company's interests to the best of their ability. Furthermore, they related to me that the adopted son of the deceased Katsemon, named Dainsero, who went to great trouble and expense to become a temporary under-interpreter, has solely on account of his father's 57 years of service been favored with a meager gift of 200 taels, showing that he must have no good patrons among the Burgomasters or Secretaries. Nagasaki, Anno 1788. Thursday the 14th. During this night it rained heavily and the wind was steadily North and North-North-East until 12 o'clock noon, when it turned again to the South-West. Towards evening, another Chinese junk was brought to the moorings. Friday the 15th. This morning around half past five, a dispatch boat came rowing in with flags flying, and shortly thereafter three signal flags were raised at the ordinary place, as a certain sign that two ships were in sight. At half past ten, the under-interpreter Jassissero came to inform me that the ships were still 35 Japanese miles offshore, and at a quarter past eleven brought a further report that they had approached to within 18 Japanese miles. Furthermore, this linguist informed me that he had today been continued by the Lord Governor in the performance of the duties of reporter, in which otherwise, according to the usual course following the promotions of the day before yesterday, Saksabro, who was promoted to temporary under-interpreter, should have succeeded him; which is arranged thus in order to avoid the frequent changing of reporters, because the head interpreter Mathuijsero is presently also on his deathbed, through whose death new changes are about to occur, and the said Saksabro would thus within a few days have to be replaced as reporter by another once again. At three o'clock, the interpreters Kosak, Monsero, Cesnoskie, Sinbij, and Tassissero came to inform me that the ships were still five Japanese miles offshore, and that the Banjosts would arrive on the island immediately to fetch and accompany the commissioners. At the same time, they notified me in the name of the Governor that if the ships should pass within the Cavalles after six o'clock, they should not be allowed to enter the roadstead, but should be made to anchor under the Papenberg until tomorrow. To which I answered that if the fresh South-West wind blowing for the past hour continued and the ships were no further off than they reported, these five Japanese miles would be quickly sailed off, and before six o'clock they could not only be within the Cavalles but even easily here in the roadstead. And that I could not give such an order to the ships to anchor under the Papenberg, but that they had to govern themselves according to the circumstances of tide and weather, and make use of the opportunity to come inside, the more so because tomorrow is full moon, with which one here mostly gets a change of weather and frequently storms. I then presented to them the numerous examples of coming inside at night, adding that the Governor

Dutch transcription

Augustus Iapan ten Comptoire DD Brink die nu terrheede wierd ge„ „boegseert. — Een Ionk gelost en Een d=o in de laag gebragt. — Promosie der Tolken Nage zien door Vervolg van den 11„e Vermelde geragt Omtrend het vervallen de Chineese Jonk bij Firando nader geconformeerd Was. — die dan ook teegen den Avond door Vaartuijgen van den Lands„ „heer dies plaats ter deeser Rheede geboeyseerd Wierd. — Dingsdag „ 12„e De wind den geheelen nagt en voordemiddag Nien No, ' middags eenige Weijnige uuren ZW, en vervolgens weeder Noord.— Woensdag „ 13. ' De Wind des nagts en geheelen voordemiddag N, en Oost, dog des Nademiddags na het ZW: Omgeloopen: de eergisteren gearriveerde Ionk gelost en een der nog op stroom leggende in de laag gebragt. — Circa een Uuren kwaamen mij de Tolken Sisnoskie, Jassisfero en Paksabro derzelver bevordering Communiceeren, zijnde de eerst genoemde die op een na de Jongste Ondertolk is, in plaats van den op den 4„e Julij Overleedene Katsemon, tot oppertolk aangesteld, en de tweede die in de maand December Jsi tot Temporiel Ondertolk, Ondertolk en Onder Rapporteur bevorderd was, tot effectief ondertolk, en de laast genoemde, zijnde de derde provisio„ „neel Ondertolk, tot Tomporeel ondertolk, springende dus Jes„ „noskie den Oudsten ondertolk sinbij en Saksabro twee Ouder Provisioneel Ondertolk booven het hoofd. Met welk avancement ik die Taalslieden onder een gepaste aanspraak en ernstige Recommandatie Om 's Comp„s be„ „langens na vermoogen te behartigen op het minsaamst geluk Winschte sijnva Voorts 120. „ bedeel als Nangazackij, d' Anno 1788. op stroom Jonk nadelaag gebragt sijn van scheepen 2 scheepen als Rapporteur Continueerd Voorts verhaalden zij mij dat de aangenoomen Zoon van den Overleedenen Katsemon gen: Dainsero die veel moeijte en kos„ „ten gedaan heeft om Temporeel ondertolk te worden, alleenlijk uijt hoofde van zijn vaders 57. Iaarige diensten met een gering geschenk van 200 thaijlen begunstigd is, zoo dat die geen goede Patroonen onder de Burgermeesters of Secretarissen moet hebben, Donderdag den g 1li„j Deezen nagt sterk gereegend en de wind gestadig N. en NO: tot des middags 12 uuren, Wanneer dezelve weeder na het Z W draaijde. — Teegen den Avond Weeder een Chineese Jonk in de laag gebragt.— Vrijdag 15„ Deezen morgen Circa half zes kwam een tijding bark Waaijende binnen Roeijen en kort daaraan gingen er op de Ordinaire plaats drie seijn vlaggen op, tot een verseekerd teeken, dat er twee scheepen in 't gezigt waaren. Om half Elf kwam mij den Ondertolk Passissero Commu„ „niseeren, dat de scheepen nog 35 Japanse Mijlen uijt de Wal Waaren, en bragt ¼ Over Elf nader rapport, dat dezelve tot op 18. Japanse Mijlen genaaderd Waaren bedeeling van Een tolk dat hij Voorts bedeelde mij deese Taalsman, dat hij heeden: door den Heer Gouverneur in de Waarneeming van het Rapporteurs„ „schap gecontinueerd was, waarin hem anders volgens den gewoonen loop na de promotie van eergisteren, de tot Tem„ „poreel Ondertolk bevorderde Caksabro had moeten suscedeeren. het Jonk den Lands„ ierd. Smiddags s1 des Jassisfero zijnde de plaats pertolk mporeel tot provisio„ 8u wee Ouder ses„ gepaste t be„ Voorts 121. Augustus Iapan ten Comptoire D D Brienk d' scheepen zijn nog ' mijluijt de wal bedeeling van d' gouverneur Omtrend de scheepen antwoord daar op Nog zan door Vervolg van den 15:e het Welk due geschikt is, om het meenig vuldig verwisselen van Rapporteurs te vermijden, Wijl de oppertolk Mathuijsero thans ook op sterven leggende, door dies dood weeder nieuwe verschan¬ „singen staan voorte vallen, en gem saksabro dus Binnenkorte daagen alweeder door een ander als Rapporteur zoude moeten ver„ „vangen Worden Om drie uuren kwaamen mijde Tolken Kosak, Monsero, Ces noskie Siubij en Tassissero bedeelen dat de scheepen nog vijf Japanse mijlen uijt de wal waaren, en er zoo aanstonds Ban Joosten ten Eijlande zoude koomen ten afhaal en begeleijding der gecommitteerdens. — Teffens zeijden zij mij uijt naam des Gouverneurs aan om de Scheepen, bij aldien ze na zes uuren binnende Cavalles kwaamen, niet op de Rheede te laaten koomen, maar onder den Papenberg te doen ankeren tot morgen, Waar op antwoorde Dat zoo de thans Zeedert Een uur Waaijende frisse ZW: aanhield en de scheepen niet Verder Waaren dan zij opgaaven, deese Vijf Japanse mijlen schie„ „lijk afgezeijld waaren, en dezelve voor zes uuren niet alleen bin„ „nende avelles maar zelfs gemakkelijk hier op de Rheede konden Weesen. — En dat ik zoodaanige Order om onder den Pa„ „penberg te ankeren aan de scheepen niet kongeeren, maar dat dezelve zig na de Omstandigheeden van tijden Weer moesten reguleeren, en zig van de geleegendheijd Om binnen te koomen bedienen, te meer wijl het morgen volle maan is, waar bij men hier meest verandering van wier en veel tijds storm krijgd. — Hield hen vervolgens de menigvuldige voorbeelden van het bin„ „nen koomen bij nagt voor, daar bij voegende dat de Gouverneur „desch in 122. „ noemn in hun Ner

NL-HaNA_1.04.02_3811_1081 view scan ↗

English

Nagasaki, the Year 1788. Continuation of the 15th: had to take into consideration that the people coming from such a dangerous voyage greatly longed to set foot ashore at the place of their destination, and it would thus be hard on them, if weather and wind were favorable, to leave them lying in sight of the roadstead without being permitted to approach or sail up to it. At half past four, the banjosts having appeared on the island, I sent the junior merchant Hendrik Antonisz Ulps and the clerk Coenraad Jonas on board as commissioners to collect the Company's papers, giving them the usual orders and instructions for the ship's officers, without making any mention of this new order of the Governor. At five o'clock, the under-reporter Passissero handed me the invoice of the latest arrived Chinese junk. At 6 o'clock, the interpreters Kosaken and Monsuro came to report to me that the previous news regarding the distance of the ships was not accurate, as they were, according to a report just received, still five Japanese miles off the coast, so that, since the wind has died down again, there is no possibility of entering this evening. At half past eight, I received word through the under-reporter that the ships were still two Japanese miles off the coast and were drifting there in a calm. However, at ten o'clock the commissioners informed me by a note that the ships were still a good four Dutch miles outside the Cavalles, and also that they had to remain tonight on the island of Kosito, on which account I sent them what was necessary there. August, Japan at the Office Saturday the 16th: Early this morning, the Chinese junk still lying in the current was towed aside and close to the mudbank, in order to make room for the ships. At nine o'clock, the under-reporter Passissero came to inform me that the ships were still at the same distance as yesterday evening, being unable to come up due to the east wind. The wind having shifted to the west toward half past two, they entered shortly after, and at 6 o'clock the ship St. Laurens dropped anchor here in the roadstead. Commissioned the trade bookkeeper Ulps and clerk Jonas, who had just returned from their previous mission, to fetch the warehouse master Chasse and purser Dronsberg. At seven o'clock, the ship Roosenburg also arrived in the roadstead. At nine o'clock, accompanied by all the Council members, I went to receive my successor, and received the report from Captain Jurgens, stating that he had departed from Batavia on the 26th of June in company with the ship St. Laurens, and both vessels had completed the voyage in 51 days, without experiencing any accidents or encountering anything noteworthy; and also that on the vessel under his command he had had eleven deaths during the voyage, and currently still had eleven sick persons. Nagasaki, the Year 1788. Continuation of the 16th: And on the ship St. Laurens six dead and 20 sick, of whom, while sailing up the roadstead, the young sailor Hendrik van der Cist, of The Hague, passed away. Sunday the 17th: Nothing was done on account of the Japanese Festival of Lanterns or Souls. Rained and blew hard from the northeast the entire day, wherefore the ships lowered their topmasts and yards. At noon, the head interpreter Monsuro recounted to me that the head interpreter Mathuijsero, whose death had long been expected, had finally passed away last night. Monday the 18th: Rained and stormed from the south-southeast and south the entire night and day, on account of which nothing could be unloaded again today; and due to which the Chinese junk lying in the roadstead drifted through close by the ship St. Laurens, though fortunately without touching each other. Tuesday the 19th: The weather being fair today, the ship Roosenburg unloaded provisions and private goods. Sent an order on board to deliver the Company's gift birds and animals to the Japanese. In the morning, a meeting was held for the reading of the Company's papers. Wednesday the 20th: Sent the captain of the ship Roosenburg on board to moor the ship.

Dutch transcription

Nangazackij, d' Anno 1788. ade schaepen ter afhaal van Comp„s papieren in hun bedeeling Omtrend; de verheijd der scheepen &a Vervolg van den 15„e in aanmerking moest neemen, dat de lieden, die van zoo een gevaarlijke reijse kwaamen, grootelijks verlangden, Om op de plaats haarer Destinatie voet aanhand te zetten, en het dus hard zou vallen dezelve indien weeren Wind gunstig Was, in het gezigt van de Rheede te laaten leggen, zonder dezelve te moogen naderen of op Zeijlen Om half vijf Banjoosten op het Eijland verscheenen zijnde, roemingder gecommitteerdens Zond ik den onderkoopman H:k A:s Ulps en den Scriba Coenraad Jonas als Gecommitteerdens ter afhaal van 's Comp„s papieren na Boord, hen de gewoone Orders en instructie voor de scheeps Overheeden meede gevende, zonder van deese nieuwe Order des Gouverneurs eenig gewag te maaken Om vijf uuren stelde mij de onder Rapporteur Passissero de fac„ „tuur de laast gearriveerde Chineese Ionk ter hand. Om 6 uuren kwaamen mij de Tolken kosaken Monsuro Rapporteeren, dat de voorige tijding Omtrend de verheijd der scheepen niet egt was, zijnde dezelve volgens zoo eeven ingekoomen berigt thans nog vijf Iapanse mijlen uijt de wal, zoo dat er, wijl de Wind weeder is gaanleggen, geen moogelijkheijd is, om dee„ „zen Avond binnen te koomen Om half neegen kreeg ik door den Onder Rapporteur berigt dat de scheepen nog twee Iapanse mijlen uijt de wal waaren en aldaar in stilte dreeven Dog om tien uuren bedeelden mij de gecommitteerdens door een briefje dat de scheepen nog wel vier hollandsche mijlen buij„ „ten de Cavalles waaren, als meede dat zij deezen nagt op kosito Verblijven n sero Verschan¬ korte nver„ Selroskie mijlen Eijlande eerdens. omde Kwa penberg thans t schie„ bin„ waamen, huij bij ijgd. bin„ men 123. Augustus, Iapan ten Comptoire DV Brink 't Schip St Laurens laat 't anker ter deezer rheede vollen afhaalen arrive van 't schip Rooenburg ging mijn Vervanger resipieeren en ontfing het Relaas van Capiteijn Jurgens.— Nage zien door Saturdag „ 16„' Deezen morgen vVroeg Wierd de nog op stroom leggende Chi„ „neese Ionk op zij en digt aan de modderbank geboegseerd, om plaats voor de scheepen te maaken. Om neegen uuren kwam mij de onder Rapporteur Passissero kennis geeven, dat de scheepen nog op de zelfde hoogte van gisteren Avond waaren, kunnende door de Ooste wind niet opkoomen. De wind teegen half drie na het westen Omgeloopen zijnde, kwaamen dezelve Welhaast binnen, en ten 6 uuren liet het schip S=t Laurens het anker alhier ter rheede vallen Committeerde de zoo eeven van hunne Voorige Commissie te rug gekomene Negotie Boekhouder Ulps en scriba Jonas, Liet den pakhuijsmendispensier Om den Pakhuijsmeester Chasse en Dispencier Dronsberg af te haalen. — Ten zeeven uuren arriveerde het schip Roo„ „senburg meede ter Rheede. Om neegen uuren ging ik van alle Raadsleeden Verseld mijn vervangen Recipieeren, en ontfing het relaas van Captain Jurgens, behelsende dat op den 26„e Junij van Batavia was Vertrokken in gezelschap van het schip S„s Laurens en beijde kielen de reijse in 51 Etmaalen volbragt hadden, zonder zaevap spoeden offiets aanmerkens Waardigs Ontmoet t hebben als meede dat op zijn Onderhebbende bodem geduurende de Reijse Elf Dooden gehad heeft, en zig thans nog Elf zieken Vervolg van den 15„e Verblijven moesten, Weshalven hen aldaar het noodige toesond. bevonden 124. L oor de uet Roos goed Verga van Nangazachij d' Anno 1788. n mattroos Overleeden op In de sterke wind hebbende scheepen stenge en raas ge„ trecken, en wind niet En oppertolk Overleeden iet gelost. goederen &a en van s Comp. s goederen Vervolg van den 16:e bevonden En op het schip S„t. Laurens Zit Dooden en 20 Zieken van welke in het opseijlen der rheede Overleeden is de Jong mattroos Hendrik van der Cist, van Haagen. Zondag „ 17„e Niets verrigt om het Lampjes of Ziele feest der Japanders. Den geheelen dag geveegend en sterk gewaaijd uijt den NO: Waarom de scheepe stengen, en raas gestreeken hebben Des middags verhaalde mij de Oppertolk Monsuro dat de oppertolk Mathuijsero, wiens dood men lang te gemoed gesien had, Eijndelijk deesen nagt Overleeden was. Maandag. oor dereegenenstormiser „ 18„e Den geheelen nagt en dag gereegend, en gestormd uijt den Zo enZ. Waar door heeden weeder niets heeft kunnen ge„ „lost worden:— en waardoor de op de Rheede Leggende Chineese Ionk doordreef digt voor bij het schip S„t Laurens, dog gelukkiglijk zonder elkanderen te Raaken Dingsdag Roosenburg Lost dispensb: 19„' Heeden mooij Weer zijnde, loste het schip Roosenburg Dispens en particulieren goederen zond een Ordonnantie na Boord om Comp„e geschenk Voogels in gediertens aan de Japanders aftegeeven. vergadering gehouden ter Eesteure Des Voor de middags Vergadering gehouden ter lestuure van S Comp„s Papieren Woensdag Roosemburgvertuijd „ 20: zond den Capteijn van het schip Roosenburg na boord ssissero Laurens. Om hetnoodige Chi„ seerd, Om van zijnde liet het llen a nsberg hp Roo„ Verseld van Batavia ensen hadden, moet te hebben de Reijse en onden Jonas te 125

NL-HaNA_1.04.02_3811_1084 view scan ↗

English

August, Japan at the Factory Nangasacki, Anno 1788. Continuation of the 20th. To moor. Further, provision and private goods unloaded from the ship St. Laurens and the gift birds and animals brought by this vessel delivered to the Japanese. Thursday, the 21st. The Captain of the ship St. Laurens sent on board to moor. Roosenburg unloaded private and provision goods, and toward evening the cooper David Roos Rector of Amsterdam died there. Friday, the 22nd. Provision and private goods unloaded from the ship St. Laurens. Saturday, the 23rd. This afternoon, in the presence of an accountant, both Commissioners of Foreigners, and the Burgomaster Karters Samma, the invoices were handed over to the clerks of the Money Chamber, and the contents of Their Honors' honored letters read to them, and also one of the two boxes with the sample of mountain cinnabar delivered. Sunday, the 24th. The last provision and private goods unloaded from the ship St. Laurens. Monday, the 25th. This morning went to the ship Roosenburg to muster, and to have the placards read and posted, after which a start was immediately made with the unloading of crates of manufactures and other trade goods. And on this vessel the quartermaster Carel Naaijtuns of Ghent died. Tuesday, the 26th. The ship Roosenburg unloads cloves, pepper, manufactures, and sappanwood. Wednesday, the 27th. Commissioned the warehouse master Chassé and the trade bookkeeper Ulps with the scribe Jonas to conduct the muster and publish the placards on the ship St. Laurens, after which operation an immediate start was made with the unloading of Company goods. Thursday, the 28th. Nothing accomplished on account of the rainy weather. This afternoon and evening the sailors Jurriaan Hanse of Copenhagen and Arie Josep de Jong of Wilje died on the ship Roosenburg. Friday, the 29th. Sappanwood, cloves, and manufactures unloaded from the ship St. Laurens. Continuation of the 29th. And being unable to agree with the interpreters and banjoosts about the beginning and stopping of work, presented regarding this the following writing to the Reporting Burgomasters: Right Honorable Sirs, Reporting Burgomasters. Because the undersigned Dutch Opperhoofd is informed that the work will not be able to be completed by the appointed day of departure of the ships, he very kindly requests Your Honors that henceforth work may not only be started in the morning at six o'clock, but also be continued until five o'clock in the evening Dutch time, in which case the undersigned does not doubt that everything will be able to be properly accomplished by the appointed time. Not doubting that Your Honors will be willing to grant this request, he has meanwhile the honor to remain with all respect, Right Honorable Sirs, Your Honors' humble servant, was signed, J. F. van Reede tot de Parkeler. In the margin was written: Deshima, the 29th of August 1788. Saturday, the 30th. Cloves, pepper, sugar, sappanwood, and manufactures unloaded from the ship St. Laurens, and also the ducatoons brought ashore and taken to the Money Chamber. Toward evening the Chinese junk still lying in the roads was warped into the lower roadstead. Sunday, the 31st. Today nothing accomplished on account of the Japanese Hassaku, on which occasion the interpreters and clerks, in place of cash, with which they are unprovided due to not receiving their wages, offer promissory notes to the Governor and other Nangasacki dignitaries for their customary gifts. On the ship St. Laurens the sailor Willem Heijns of Elkenhenden died this afternoon. Toward evening I was informed by the interpreters that the Reporting Burgomasters had granted my request made the day before yesterday regarding the beginning and stopping of work, and to that end had given the necessary orders. September, Monday, the 1st. Commissioned the chief surgeon of the ship St. Laurens, J. A. Loth, together with J. A. Stutzer, stationed here, for the unpacking of the manufactures. Sugar and sappanwood unloaded from the ship Roosenburg; furthermore, the ducatoons brought ashore and transported to the Money Chamber.

Dutch transcription

Augustus Iapan ten Comptoire de Kuijper Overleeden „kamer bediandens opgegeeven Ook het aangeschreevene Nagezien door D dBrink Vervolg van den 20. Om te Vertuigen. - Voorts dispons en particuliere goederen gelost uijt het schip S=t Laurens ende de per deesen Boodem aangebragte geschenk Voogels en gediertens aan de Japanders afgegeeven S:t: Laurens Lost pla Roosen Donderdag en nu Vertuijd „ 21„ Den Capteijn van het schip S=t Laurens ter vertuijing na Boord gesonden Roosenburglostenaldaar Roosenburg Lost Particuliere en Tispens goederen en teegen den Avond is aldaar Overleeden de Kuijper David Roos Aector van Amsterdam Vrijdag S=t Laurens Lost „ 22„' Dispens en Particuliere goederen, Uijt het schip S=t Laurens gelost. Zaturdag d' fastruren aande Geld „ 23' Deezen nade middag ten Overstaan van een Reekenmees„ „ter de Beijde Commissarissen der Vreemdelingen, en den Burgermeester Karters Samma, de factuuren aan de Geldkamer bediendens Opgegeeven, en dezelve het aangeschree„ „vene bij Haar Edelheedens ge=Eerde Brieven voorge„ twee voorgehouden „houden, als meede een der doosjes met het monster der burg end' monster Cinabr af gegeven Berg Cinnaber afgegeeven Zondag S Laurens lost delaast 2 4„e de Laatste dispens en Particuliere goederen uijt S dispoensen par liculien gedeven, het schip I=t Laurens gelost.— en al „mee Maandag 126. in nuwe gemo Bangazackij Anno 1788. in Post. en aldaar Een quartier= „meester Overleeden nu werd op Lt. Laurens„ gemonsterd &a. en Lost twee mattroosenop Roosen, „burg Overleeden woodenburgmonsterd, d 25„e Deezen morgen na het schip Roosenburg geweest Om placcaaten doen voorleesen te monsteren, en de plassaaten te doen voorleesen en affigee„ „ren, Waarna direct een aanvang liet maaken met het Lossen van Manufactuur Kassen en ander Negotie goederen En is op deezen Boodem Overleeden de Quartiermeester Carel Naaijtuns van Gent. Dingsdag „ 26„' Het schip Roosenburg lost Garrioffel nagulen, Peeper, Manufasteuren en Sappanhout. Woensdag 27„' Committeerde den Pakhuijsmeester Chassé en den Negotie Boekhouder Ulps met de Scriba Ionas tot het doen der Monstering en het publiceeren der Plascaaten Op het schip S=t Laurens, na welke verrigting direct Ean begin gemaakt wierd met het Lossen van Comp=s goederen Roosenburg Lost Donderdag „ 28„e Om het Neegen agtige Weer niets verrigt. Deezen middag en avond zijn Op het schip Roosenburg Overleeden, de Mattroosen Jurriaan Hanse van Coppenhagen en Arie Josep de Jong van Wilje Vrijdag „ 29„e Sappanhout, Garrioffel nagulen en Manuffastuuren St. Laurens Lost uijt het schip S=t Laurens gelost. David ngna Maandag oederen Boodem anders ren m s„ dag End 127: Augustus, Iapan ten Comptoire D V Brink met 't werk niet eens komende presenteerde het nevenstaan „de geschrift.— Vervolg van den 29„e En het met de Tolken en Banjoosten niet eens kun„ „nende worden Over 't beginnen en uijtscheijden met werken, Presenteerde in dien aangaande het Volgende geschrift aande Rapporteurs Burgermeesters. VwelEdele Heeren Rapporteurs Burgermeesters Dewijl het Ondergeteekende Hollands Opperhoofd beduit is dat het werte teegens de bepaalde Vertrek dag der scheepen niet klaar zal kunnen koomen, versoekt hij Uw Wel Ed zeer vriendelijk, dat voortaan niet alleen des morgens Om Zes uuren niet werken begonnen; maar ook tot des avonds Vijff uuren hollands mag doorgewerkt worden, en welk geval den Ondergeteekende niet twijffeld off alles zal teegen de bestemde tijd na behooren verrigt kunnen Worden Niet twijffelende of uw Wel Ed: zullen dit Versoek wel Willen inwilligen, heeft hij intusschen de Eer met alle Achting te blijven. - /Onderstond/ Wel Edele Heeren /Lager/ uw Wel Ed: dw Dienaar /was geteekend/ I: F„k van Reede tot de Parkelar /in margine stond/ Desima den 29„e Aug„o 1788. Saturdag S=t Laurens Lost, en „ 30„' Jarrioffel Nagulen, Peeper, Suijker, Jappanhout en Manuffactuuren, uijt het schip S„ Laurens gelost, als meede de Ducutons aande wal, en nade Gelekamer gebragt Teegen Nage zien door 128. Een ma Overl en isin verso toe O Roos N Nangazackij, Anno 1788. Japanse Cassak Een mattroos op Tt Laurens Overleeden en is in 't op den 29„e gedaan versoek omtrend 't werken toegestaan September Ontpakking der Ma„ „nufactuuren Roosenburglost Teegen den avond Wierd de nog ter Rheede Leijgende Chi„ Een Ionkindelaag gebrugjt „neese Ionk in de laag geboeyseerd. Zondag den 31„e Heeden niets verrigt Om de Iapanse Cassak, bij welke gelee„ „gendheijd de Tolken en Bediendens aan de Gouverneur en verdere Nangazakkijsche grooten, in steede van Contan„ „ten, Waar van zij, door het niet Ontfangen hunner gagie, niet voorsien zijn, schuld bewijsen aanbieden voor haare gewone geschenken Op het schip S=t Laurens is deesen middag Overleeden de Mattroos Willem Heijns van Elkenhenden. — Teegen den Avond Wierd mij door de Tolken berigt, dat de Rapporteurs Burgermeesters mijn eergisteren gedaan versoek Ontrend het beginnen en Uijtscheijden met Werken toegestaan en ten dien eijnde daar toe de nodige Orders gesteld hadden Maandag 1„e Committeerde den Oppermeester van het schip S„t Laurens I: A: Loth, beneffens den alhier bescheijdenen J: A: Stutzer ter Ontpakking der Manufastuuren Suijker en Sappanhout gelost uijt het schip Roosenburg voorts de Ducatons aan de walgebragt en na de Geldkamer getrans 191 chrift erken„ sters be heepen WelEd gen om avonds 3 welk de 1788. g A - dugt is 129

NL-HaNA_1.04.02_3811_1088 view scan ↗

English

September, Japan at the Factory D. d. Brink Checked by Continuation of the 1st: transported, and 1100 chests of copper brought to the island. This evening the Lord of Fhiseen arrived in Nangazackij with a numerous retinue. Tuesday, the 2nd: Unpacked the remainder of the manufactured goods; unloaded sugar and sappanwood from the ship Roosenburg, and brought 1000 chests of copper to the island. Instructed the reporting interpreters to investigate whether a piece of wood of the required length and thickness could be obtained in the vicinity of Nangazackij for a main yard for Roosenburg, as that ship's yard, according to a report submitted some days ago by the captain, broke in two on the voyage hither and was found completely rotted on the inside. Today the Lord of Fiseen made a procession in great state to the imperial guards. And towards evening, the chief interpreter Monsuro came to ask me on behalf of the Lord of Satsuma whether I had received the white cows and bulls promised in the past year with the ships; and furthermore to request, Nangazackij Anno 1788. Continuation of the 2nd: Two silver salvers One ditto washbasin with its dish One small gold watch Some loaves of sugar, and Some candied plums. Whereupon I replied that 2 white bulls and two ditto cows stood ready for His Highness and could be collected whenever it pleased His Lordship, and that I would satisfy the remaining requested items as much as possible. Wednesday, the 3rd: Stormed the entire night and day from the southeast, accompanied by squalls of rain, because of which nothing could be done. Received the report from the senior surgeons who had been commissioned to unpack the manufactured goods, containing that in a pack No. 4, six pieces of Patna chintz were missing, and on 5 pieces of cloth, 1 cloth rash, 1 crown wax, and 1 armozine, some minor defects had been found, and also that on three pieces of mirrors the frames were loose and out of plumb. Thursday, the 4th: Today, because of the still persisting storm winds and rain, nothing was done. September, Japan at the Factory D. d. Brink Checked by Friday, the 5th: Unloaded sappanwood and sugar from the ship St. Laurens, contracted for the Company's provisions tubs, and brought 950 chests of copper to the island. In the evening the imperial affairs administrator Kosak came to inform me that the goods sent as presents for the Emperor would again be accepted in payment this year. Took this opportunity to discourse with him at length concerning the long-awaited return gift for the horses sent in the year 1778 to His Majesty the late Emperor, and pointed out to him that the Noble High Indian Government inquired after this annually, and still reasonably expected it. Saturday, the 6th: Unloaded sugar from the ship St. Laurens, and at noon there died the sailor Jacob Laurens from Denmark. Sunday, the 7th: Sorted, inspected, and measured the cloths and further manufactured goods that will serve as presents on the upcoming court journey. Nangazackij Anno 1788. Continuation of the 7th: Furthermore, unloaded sappanwood and sugar from the ship Roosenburg; and on this vessel there died the cook named Jan Fredrik Kielman from Mergenfeld. Monday, the 8th: Unloaded sappanwood and sugar from the ship Roosenburg; and again inspected and measured gift cloths. Tuesday, the 9th: Unloaded sugar and sappanwood from the ship St. Laurens, and again checked and measured gift cloths. In the evening the reporting interpreters brought me word that they had found a tree outside the city from which a main yard for the ship Roosenburg could be cut, but said they could not give me the price thereof today, because the owner had not yet submitted a demand. Wednesday, the 10th: Unloaded sugar and sappanwood from the ship St. Laurens, and again sorted and measured gift goods. Commissioned the bookkeeper Samuel Bernard and the assistant Ian Staave to count and deliver the ducatoons in the Imperial Treasury. And in the afternoon received the demand from the reporting interpreters.

Dutch transcription

September, Iapan ten Comptoire DdBrink Ontpakt gelost inkooper de rapporteur 't nevenstaande vraag uijtnaam van de landshier Fr van Sutsuma Nage zien door Vervolg van den 1: getransporteerd, en 1100, kisjes kooper op het p„r in kooper op 't Eijland gebragt Eijland gebragt „d Desen Avond arriveerde de Landsheer van Fhiseen met een talrijk gevolg in Nangdzackij Dingsdag restant manis asturaen 2„e Het restant der Manufastuuren Ontpakt; Suijker en Sappanhout uijt het schip Roosenburg gelost, en 1000: kisses kooper op het Eijland gebragjt gelaste de Rapporteurs Tolken Ondersoek te doen, of er in den Omtrek van Nangazackij een stuk hout van de vereijschte bengte en dikte te bekoomen was, tot een groote Rhaa voor Roosenburg, zijnde die van dat schip blijkens een voor eenige daagen door den Capteijn ingedien beronden Manu Berigt, op de herwaards reijse midden door gebrooken en van binnen geheel Vermolmd bevonden Heeden heeft de Landsheir van Fiseen met groote staant „sie een touk na de Keijzers wagten gedaan. — En teegen den Avond Kwam mij de Oppertolk Monsuro uijt naam van de Landsheer van Tatsuma vraagen, of ik de in A„o pass„o beloofde witte Koebeesten en bullen met de scheepen bekoomen hadde; en voorts ook versoeken Om gebragt. — antwoord Twee 130 ed fa 6 Nangazackij A„o 1788. bevondene de fectenctC. aan de Manufactuuren Twee Zilvere Schenkborden vervolg van den 2„e Een _o Lampet met dies schootel Een kleen Goud hoorologie Eenige bollen Broodsuijker, en wat geconfijte pruijmen Waar op antwoorde dat 2 witte bullen en twee dito koebeesten Voor zijn Hoogheijd gereedstonden en wanneer het Hoogst derselven behaagde konden afgehaald worden en ik van de Overige gevraagde Articulen zoo vel mogelijk voldoen zoude Woensdag „ 3„e Den geheelen nagt en dag gestormd uijt den 3, O„, verseld, met reegen vlaagen, waar door niets heeft kunnen verigt worden Ontfing het Rapport van de tot het Ontpakken der Manu„ „factuuren gecommitteerd geweest zijnde Opperchirugijns, behelsende dat in een Pak N„o 4. zes p„s Chitzen patnase te kort en aan 5 p„s Laakenen, 1 Laakenras, 1 Croonwas en 1: Armosijn, eenige geringe defesten bevonden hadden, als meede dat aan drie p„s spiegels de Randen Los en uijt het lood Waaren. „ 4„e Heeden om de nog steds aanhoudende storm winden en Reegen niets verrigt. Donderdag antwoord daar op Vrijdag n ker en en hout dien stau Om wee September, Japan ten Comptoire Dd Brink pr „d S:t Laurins Lost, balies anbestud en kooper gebragt kennis geeving vande keijzer, „lijke zaake bezorger S„t Laurens losten en matot geleden Nage zien door Vrijdag den 5„e Sappanhout en suijker uijt het schip P= Laurens gelost Roo Comp„s provisie balies aanbesteed, en 950. kisjes kooper Op het Eijland gebragt. Des Avond Kwam mij de Keijzerlijke Zaake besorger Ko¬ Lost weeder en „sak kannis geeven dat de voor den keijzer in geschenk aangesondene goederen dit Jaar weeder in betaaling zoude Onderhield him als en den text worden aangenoomen, - Nam deese geleegendheijd waar Om hem breedvoerig Over het lang ver wagte Contrapresent en nu st voor de in A„o 1778, aan zijn Majesteijt den Overleeden Keijzer, gesondene Paarden te Onderhouden, en stelde hem voor, dat mnarijt van erlangd de Edele Hooge Indiasche Regeering zig Jaarlijks daarna informeerde, en zulks nog met billijkheijd te gemoed zag„ Zaturdag en 6„ Suijker uijt het schip S=t Laurens gelost, en des mid¬ „dags aldaar Overleeden de mattroos Jacob Laurens van St Denemarken Zondag „ 7„o De Laakenen en verdere Manufustuuren die op de in zijn Dr aanstaande Hofreijse tot geschenken zullen dienen, gesorteerd, besegtigd en gemeeten. A Laaten gesorteerd p„s Voorts 3 S 132. 733. Nangazackij Anno 1788. erlangd dat narigt van 't lasten van de rapporteurs C: St. Laurens Lost „ op de en zijn de Dricatons geteld Vervolg van den 7„e Voorts Sappanhout en suijker gelost uijt het schip Roo„ gelost Roosenburg los, en in kok verleden „senburg; En is op deesen boodem Overleeden de Kok ge„ „naamt Jan Fredrik Kielman van mergen feld. Maandag 8„ Lappanhout en suijker uijt het schip Roosenburg gelost; otwerde en aeken bezigtigd en weeder geschenk laakenen besigtigd en gemeeten Dingsdag 9„e Suijker en Sappanhout uijt het schip S„t Laurens gelost, en Weeder geschenklaakenen nagesien en gemeeten„ Des avonds bragten my de Rapporteurs Tolkennarigt dat zij eeren buijten de stad een Boom gevonden hadden, waar uijt een groote rhaa voor het schip Roosenburg gekapt konde worden, dog zeijden, mij heeden de prijsdaar van niet te kunne Opgeeven, wijlde Eijgenaar nog geen Eijsch ingediend had. en nu se Launren en laden bezijtijt „ 10„e Suijker en Sappanhout uijt het schip S=t Laurens gelost, en weederom geschenk goederen gesorteerd en gemeeten. Committeerde den Boekhouder Samuel Bernard, en den adsistend Ian Staave tot het tellen en afleeveren der Ducatons in de Keijzerlijke Geldkamer En Ontfing der middags van de Rapporteurs Tolken den Woensdag Eijsch. Ere kooper o eko„ nk zoude waar sent zer, daarna edZag. 45 mid¬ ens van ienen Voorts

NL-HaNA_1.04.02_3811_1092 view scan ↗

English

September, Japan at the Factory In continuation of the 10th: Demand for the required piece of wood for a main yard for the ship Roosenburg, amounting to 1800 taels. But this demand appearing to me very exorbitant, and considering moreover: Firstly, that the further unavoidable expenses for manufacturing a yard from that piece of wood, which on account of the illness of the ship's carpenters would have to be performed by Japanese workmen, would also run very high; and secondly, that one would have to employ this wood, being only now freshly felled, without it being able to dry out properly, and thus it ran the risk of warping, whereby the entire yard would then again become unusable and would have to be replaced anew at Batavia; I consulted hereon with Captain Machiel Jurgens, who assured me that he could easily and without any danger undertake the return voyage without a new yard, in the same manner as he had come here, if one could not easily and without great expense provide him here with such a spar, the more so because he now had time enough here to have the topsail used instead of a mainsail and the other altered sails somewhat enlarged, whereby it would then come out to almost the same. Concerning which one and the other I ordered him to provide me with a report in writing. While in the meantime I returned this unreasonable demand to the interpreters. Also, today on the ship St. Laurens the sailor Philip Holthuijsen of Elberfeld died, and on the ship Roosenburg the young sailor Coenraad Hendrik Kippelaar of Hildesheim. Thursday the 11th: Sugar and sappanwood unloaded from the ship Roosenburg; and Company's silk gowns sent to the town for alterations. Furthermore, received the report requested yesterday from Captain Jurgens, as well as another demand from the reporting interpreters for the wood for a main yard, amounting to 1400 taels, which being again still very excessive, I returned and rejected. Friday the 12th: Sappanwood and sugar unloaded from the ship Roosenburg. Rayskins sorted, whereof only six pieces were found good or of the proper sort. And again received from the interpreters another demand for the wood for a main yard, which was now reduced to 900 taels, or half of what was first asked, with the offer to deliver the same for that price roughly hewn on the island, and on which according to their statement nothing more can now be bargained down. At 12 o'clock, held a council meeting. Saturday the 13th: Sugar and sappanwood unloaded from the ship St. Laurens, which however had to be suspended in the forenoon towards ten o'clock on account of the heavy rain showers that came up. In the evening, delivered a pair of canary birds to the Lord Governor at his request. Sunday the 14th: Sappanwood and sugar unloaded from the ship St. Laurens. Monday the 15th: The ship Roosenburg loads 600 chests of copper, after the weights were previously checked by both captains in the presence of Warehouse Master P. P.s Chassé against the tael weight of the Japanese and found to agree. In continuation of the 15th: At noon, the quartermaster Jurgen Reuger of Kikken died on the ship St. Laurens. In the evening, three Chinese junks brought into the stream. Tuesday the 16th: The ship Roosenburg loads copper, which however had to be suspended after weighing and shipping 400 chests on account of the heavy rain and storm squalls that came up. Wednesday the 17th: 750 chests of copper unloaded into the ship Roosenburg. Again three Chinese junks brought into the stream. In the evening, the Chief Interpreter Monjuro related to me that the Governor of Nagasaki was placed under house arrest yesterday by an order from the Court, and that the incoming Governor, who otherwise on account of his mother's death would only have come hither in January, had now departed from Yedo in all haste and was expected here in the beginning of next month. The matter whereby His Honour has brought this displeasure of the Court upon himself is said to be the admission of a Chinese junk without a pass, which according to the laws of the country should have been sent back immediately without trading, and of which His Honour is said to have neglected to give the necessary and prompt notice to the Court.

Dutch transcription

September, Japan ten Comptoire DD Brink ½ Eijs voor't stukout tot een „d Groote Rhaa Consulede met Coptinde oa 134 in Vervolg van den 10„e Eijsch voor het benodigde stuk hout tot een groote haa voor het schip Roosenburg, bedraagende R 1800, dan deese Eijsch diege mij zeer exorbitant voorkomende en daar bij Overweegende, Voor eerst, dat de verdere Onvermijdelijke Inkosten tot het Vervaardigen van een Rhaa uijt dat stuk hout, het gene EenMa mitsziekte van de scheeps timmerlieden door Japansche werklieden zoude moeten verrigt worden, ook nog zeer hoog op stok zouden loopen, en ten anderen dat men dit hout, nu eerst gekapt wrdende, zonder behoorlijk te Rovenburg kunnen uijtdroogen zoude moeten emploijeeren, en dus na de stad gevaarliep van krom te trekken, waar door de geheele Rhaa dan Weeder Onbruijkbaar wierd en op Batavia op nieuw moest verwisseld worden, Consuleerde ik hier Over gelsook met den Capitain Machiel Jurgens, die mij verseekerde gemakkelijk en buijten eenig gevaar, zonder een nieuwe Rhaa, op dezelfde Wijse als hier gekoomen was, de te rug reijse te kunnen Onderneemen, indien men hem hier niet ligtelijk en zonder veel kosten van zodaanig een rond Rosenburg gesorteerd hout voorsien kon, te meer daar hij nu alhier tijd genoeg had om het in steede van een groot zeijl gebruijkte Weeder nadere Marszeijl en de verder veranderde zeijlen wat te laaten, dat hout Vergrooten Nag zien door Mattr 135. Nangazackij A„o 1788. etgeen Een Mattroos Overleeden Rosenburg lost, ende zijde rokken dies nade stad gezonden 't gevooderde berigt er langd rondRosenburg losten Hogevillen „ gesorteerd. — Weeder nader een naaste Eijsch voor laaten dat hout. — Vervolg van den 10„e Vergrooten, waardoor het dan bijna op het zelfde zoude uijtkoomen. — Omtrend welk een en ander ik hem ge„ die gelasthitr van berift tdienen „laste mij schriftelijk te dienen van berigt. Terwijl intusschen deese Onreedelijken Eijschaande Tolken terug gaf„ Ook is heeden op het schip S„t Laurens Ovorleeden de mattroos Philip Holthuijsen van Elbeveld, en op het schip Roo„ „senburg de Jong mattroos Coenraad Hendrik Kippe„ „laar van Hildescheijn Donderdag 11: Suijker en Sappanhout uijt het schip Roosenburg gelost;; en Comp„s zijde Roseken ter vermaaking na de stad gesonden. Voorts het gisteren gerequireerde berigt van den Capteijn Iurgens ontfangen, als meede van de Rapporteurs Tolken een nadere Eijsch voor het hout tot een groote Rhaa Bedraagende p 1400, die alweeder als nog zeer exfessieff zijnde te rug gaf en van de hand Wees. Vrydag 12„e Sappanhout en suijker gelost uijt het schip Roosenburg Roggevellen gesorteerd, waarvan maar zes p„s goed of van het regte soort bevonden Wierden En Weeder van de Tolken een nadereEijschontfangen oor aelook enader Eijde oorthout het Voor Eijsch. nde het zeer men te op re erde te ten Iapan ten Comptoire September, Dd Brink Nagezien door 136. Vervolg van den 12„e het houdt tot een goote than, den nu tot op po 900, of de helft van het eerst gevraagde gereduceerd was, On„ em ops Luur „der aanbieding van het zelve daar voor ruuw gekapt op ter Overlied het Eijland te Leeveren, en waar op volgens hun zeggen thans niets meer kan afgedongen Worden Rootenbur Om 12: Uuren vergadering gehouden. Vergadering Zaturdag „ 13„e Suijker en Sappanhout uijt het schip st Lairens gelase St. Laurens lost dog het geen des voordemiddagjs teegen tien uuren Omde nuwe Op gekoomene Zwaare reegenbuijen gestaakt moest worden d' Gouvern Des avonds aan de Heer Gouverneur op desselfs versoek van on verogt Camarie ogelo af gegeven een paar Canarie voogels afgegeeven Zondag „ 14: appanhout en suijker uijt het schip s„t Laurens gelost St. Laurens Lost Maandag en nu laad roodenburg hooper„ 15„' Het schip Roosenburg laad 600 kisses kooper na dat alsvoorens de gewigten door de beijde Capitains ten Overstaan van de Pakhuijsmeester P: P:s Chasse tee„ „gen het thaijl gewigt der Japanders geconfronteerd en Accoord bevonden waaren 6 Des de ede 137. Nangazackij A„o 1788. nu weeder d' Gouverneur is t arrest versoek aangeseyd. — de Reeden of de Vervolg van den —. 15 Des middags is op het schip sSt Laurens Overleeden 00 On „ enops: Luurens een quartirmeed, de Quartiermeester Jurgen Reuger van Kikken Des Avonds drie Chineese Jonken op stroom gehaalt. apt op te Overleeden Dingsdag Roodenburglad kooper „ 16: Het schip Roosenburg laad kooper, dat eyter na het afweegen en afscheepen van 400 kisjes omde opkoomende Zwaare reegen en storm buijen gestaakt moest worden. Woensdag „ 17„ 750: Kisses kooper in het schip Roosenburg afgelaaden — Weeder drie Chineese Jonken op Stroom gehaalt. Des Avonds verhaalde mij de Oppertolk Monsuro dat de Gouverneur van Nangazackij gisteren door een Order van het Hof het huijs arrest was aangeseyd, en dat de aankoomende Gouverneur die anders om zijn moeders dood eerst in Januarij herwaards zoude zijn gekoomen, nu in allen spoed uijt Tedo was vertrokken en in't beginder Volgende maand alhier verwagt wierd. - de zaak waar door zijn Ed: agtb: zig dit Ongenoegen van 't Hof op den hals gehaald heeft word gesegt te zijn het admitteeren van een Chineese Jonk zonder pas, die Volgens de Landswitten directen zonder handel te drijven te rug had moeten gezonden worden, en waar van zijn E: agtb: versuijmd zoude hebben aan het Hof denodige en spoedige ken„ „nisse zeggen gelost Om de worden. gelost

← previousnext →