VOC English

Dutch East India Company records, translated and anchored to the scan.

Inventory 3829

Bengal · 1,214 pages · 287 segments · open at the Nationaal Archief ↗

NL-HaNA_1.04.02_3829_0225 view scan ↗

English

191 13th March Their High Nobilities having been pleased to demand an accounting from the members of the Council who voted on 26th June 1781 on the project of the former Director I: M: Ross concerning a new introduction, collection, and payment of tolls, both for the Company, its servants, and inhabitants of the village of Chintoura, commonly called Houglij in public papers, I have the honor, as a fellow member of the assembly of that time, most respectfully to present the true reasons that moved me to cast my vote. Firstly, in order to free the Company, its servants, and inhabitants of this colony, in a word all those who are under our flag both here and elsewhere in this country, through the introduction of these arrangements made with Governor General W: Hastings, from vexations and harassment by the Faujdar of Houglij, the toll servants at all the toll houses, and guard posts both by water and by land, which, by detaining our vessels and goods, so very often plagued us that harmful consequences could result, indeed have more than once resulted from it; and thus, conversely, to provide the Company and its subordinates with every convenience and unhindered progress in their trade. Secondly, to avoid some expenses relating to the toll system, and noticeably to increase this item of revenue for the Company, from which for a long time it had profited very little, indeed nothing worth mentioning; and this latter point was the principal aim that was envisaged through 192 through this new arrangement. May I be permitted to cite the intentions in this matter, because they are to be found in the proposition. Firstly, through this arrangement, the gift that one had been accustomed to provide annually to the Faujdar of Houglij and his servants would lapse, and the contingent of the Panjantrase Daroga at Cassembazaar for the free passage and navigation of the fleet to and from Patna was thereby also completely eliminated. Secondly, since all Moorish toll stations would be ordered not to grant any Rowannah /toll receipt/ for goods that had to go to Chintsura, but that these would be drawn up and issued upon arrival here, as the resolution of 29 May 1781 shows, we thereby obtained greater power and authority over our non-Christian inhabitants to make them bear, through a reasonable contribution, some burdens from which they continuously enjoyed benefits, namely to impose upon them a Company toll of 1¼ per cent, just as the Europeans are obliged to pay for the benefit of the Lord of the places under the Company, whose protection they enjoyed as inhabitants and constantly claimed whenever it suited them, without paying more in burdens than the usual ground rents; when one now considers that many Mughal, Moorish, Hindu, and Armenian merchants still reside here, the former of whom still conduct a remarkable trade with the upper country of Persia, this modest tax, in my humble opinion, would have yielded quite a bit, 13th March 193 13 March and it would have closed the door to all frauds and placed the European on an equal footing with them in the matter of tolls. /was signed:/ A: Bogaardt, /:In the margin:/ Houglij in Bengal, the 9th August 1786/. Whereas it has pleased Their High Nobilities to demand an accounting from the members of the Council who voted on 26 June 1781 on the project of the former Director I: M: Ross regarding a new introduction to the collection of tolls, both for the Company and its servants and all inhabitants of the village of Chintourah, I have the honor, having been a fellow member of the assembly at that time, most respectfully to present the true reasons that moved me to cast my vote, namely, that through the introduction of these arrangements made with Governor General Hastings for the collection of tolls, the Company would have been noticeably benefited, since the revenues from this in recent years have been nothing worth mentioning, and that thereby all harassment, both from the English and Moorish toll servants, and especially from the Faujdar at Houglij, would cease at once; and lastly that thereby various expenses relating to the toll system would be avoided, such as the annual gifts to the Faujdar at Houglij and his servants, and that which had to be paid to the Daroga at Cassembazaar for the free passage of the Patna fleets going up and down, since at all Moorish toll have

Dutch transcription

191 13e: Maart Hun Hoog Edelens, het behaagt hebbende verant„ woording, te vorderen, van de rleeden des Raads, die den 26:e Iunij 1781, gestemd hebben, op het project van den geweeze„ „ne Directeur I: M: Ross, betrekkelijk tot een Nieuwe In„ „troductie, Invordering en betaaling der Tollen, zoo voor de Comp:e haaren Dienaaren, en Inwoonders van het Dorp Chintoura, doorgaans, bij Publieke Papieren Houglij ge„ „noemt, zoo heb ik de Eere als een meede Lid der verga„ „dering van die tijd, op het Eerbiedigst te vertoonen de waare reedene die mij tot het geeven mijner stem bewoo„ gen hebben. v=t om door de Introductie deezer met den Gouverneur Generaal W: Hastings gemaakt schikkingen, de Comp:s haare Dienaaren en Inwoonders deezer Collonie, in een woord alle die onder onze vlag zoo hier als elders in deeze Lande, zijn, te bevrijden van vexatien overlast van den Houglyse Fausdaar, de Tol bed:s op alle de Tolhuijsen, en wagt plaatsen zoo te water als te Land, welke door op houding, onzer vaartuig „gen en goederen, ons al heel dikwils zoodanig quelden, dat er schadelyke gevolge uit konde resul„ teeren, Ia meer als eens uit geresulteerd hebben, en dus om in 't teegenstelde de Comp:e en onderhoorige al„ de gemak en onverhinderde voortgang in haare han„ del te bezorgen 2:e om eenige ongelden die tot het Tol weezen betrek„ „king hebben te vermijden, en dit Artikel van in„ komsten voor de Comp. s waar van zij zeedert lang maar zeer wijnig, Ia niet noemens waardig had geprofiteerd merkelijk zelve te doen vermeerderen en dit laatste was het principaalste point dat men door 192. „den voor door deeze nieuwe schikking beoogden. Het zij mij vergunt de bedoelingen in deeze te mogen aanhaalen, om dat dezelve in de propositie te vinde zijn Eerstelijk zou door deeze schikking vervallen de schenk= „gie die mingewoon was geweest te verstrekken Iaarlyks, aan de Houglijse fausdaar, en zijne bed:s en 't Contigent van den panjantrase Derroga te Cassembazaar, voor de vrije Passage en latgatie der vloote na, en van Pat„ „na wierd hier door meede den bodem ingeslaagen Ten tweede, vermits van alle Morsse Tolplaatsen „zoude gelast werden om geene Rowannah / Tol quitan„ „tie:/ voor goederen die na Chintsura moeste, te mogen „verleenen, maar dat die bij aanbreng alhier zoude op„ „gemaakt en afgegeeven werden zoo als bij resolutie van 29 Maij 1781. uitwijst, zoo kreegen wij hier door een meerder magt en vermogen op onze on Christene Ingezee„ „tene om haar door een billyke meede werking te doen draage, eenige lasten, waar van ze gestadigde voordee„ le genooten, namentlijk Haar op te leggen een Comp:s Fol a 1¼ P=r C=o zoodanig als de Europeese verpligt zijn te betaalen ten voordeelen van de Heer der Plaatsen op de Comp:se welkers protextie en bescherming als ingezeetenen ze genoote, en gestaadig als 't in haar kraam te passen komt, reclameerden zonder meer aan lasten te betaalen als de gewoonlijke grond„ =pagten; als men nu consedereert dat er veele Mo„ =golsche, en Moorse, Hijdenase en Armijnse Koop„ lieden, zig als nog hier op houden welke eerste nog een merkwaardige Handel uit de bovenland Persia drijven, zoo zoude deeze geringe belasting na mijn gering oordeel, nog al wat aangebragt hebben 13e: Maart 193 13 Maart en 't zoude de deur voor alle fraudes benoomen en de Euro¬ =peek met haar, in 't stuk der Tollen op een gelyke voet gebragt hebben /was getd:/ A: Bogaardt, /:Terzyde:/ Houglij in Bengale den 9:e Aug:s 1786/. Alzoo het Haar Hoog Edelens behaagt heeft van de Leeden des Raads die den 26 Junij 1781. ge„ stemd hebben verantwoording te vorderen op het Project van den geweezene Directeur I: M: Ross, wee„ „gens een nieuwe introductie tot de invordering der Tol„ „len zoo voor de Comp:e als haare Dienaaren en alle inwoon„ „ders van het Korp Chintourah. zoo heb ik de Eere als een meede Lid der vergade„ „ring ter dier tijd geweest zijnde op het Eerbiedigst te vertoonen, de waare reedenen die mij gemoveert hebben, tot het geever mijner stem, Namelyk, dat door de invoering deezer schik kin„ „gen met den Gouverneur generaal Hastings gemaakt, tot den invordering der Tolle de Comp:s merke „lijk zoude bevoordeeld zijn geworden, daar de inkomsten hier van in de laatste Iaaren, niet noemens waardig zijn, en dat dan hier door op een maal zoude ophouden alle overlast, zoo van de Engelsche als Moorsche Tol bediendens, en wel voornamentlijk van den Fausdaar te Houglij, en laatstelijk dat daar door zoude vermeijd worden verscheijdene ongelden tot het Tol weezen betrekkelijk als de Iaarlykse schenka„ gien aan den Fausdaar te Houglij en zijne bediendens, en het geene aan den Darroga te Cassembazaar moest betaald worde voor de vrije Passage der Patnase op en afkoomende vlooten, vermits aan alle moorse Tol hebben

NL-HaNA_1.04.02_3829_0228 view scan ↗

English

194 13th March toll stations have been given orders not to grant any rowannes (toll receipts) for goods that had to go to Chinsura, but that these would be drawn up upon arrival, as appears from the Resolution of 29 May 1781, so we obtained through this more power and authority over our non-Christian inhabitants, to make them, through an equitable contribution, bear some of the burdens from which they have always enjoyed the benefits, namely by making them pay a Company toll of 1¼ percent, in such manner as the Europeans are obliged, for the benefit of the Company whose protection and safeguard they enjoy, and know well how to claim whenever it suits their purpose; and this small levy would, in my view, given the multitude of Mughal, Armenian, and other native merchants, have amounted to quite a sum, and at the same time all frauds would have been prevented. Was signed: J. W. van Haugwitz. The Merchant, Fiscal, and Village Master, in obedience to the highly respected orders contained in Their Right Honors' dispatch of the date wherein the same charge him with accounting for his assent to the arrangements made by the former Director Mr. Ross with the then English Governor-General Hastings concerning the collection of tolls within our colony, humbly requests to be allowed to suffice by stating that he can declare in good conscience to have given his consent at that time to a matter which he, along with his superior, believed not only would not prejudice the honor and interests or the privileges 195 18 March Report of the commissioners for conducting the collection for the naval school. of the Dutch Company in Bengal, but had in view the prosperity of Chinsura, as I and many of us are to this day still of the opinion, in consideration of the circumstances of the time, which cause the Dutch Company, as well as the French, Danish, etc., in Bengal to depend entirely upon the English power, which lays down the law there; and since the privileges formerly granted by the native government to the Dutch Company nowadays seem, as it were by their nature, to have lapsed as long as that Moorish government does not find itself in a position to maintain the Dutch Company with emphasis against the legislative power of the English nation or Company, which respects Dutch dastaks no further than it sees fit, but on the contrary makes the Dutch Company depend on its arbitrary arrangements without paying any regard to repeated, emphatic remonstrances for the maintenance of prerogatives and privileges formerly lawfully obtained by the Dutch from the native ruler. Below stood: Chinsura, the last of January 1787. Was signed: A. G. Kraijenhoff. Subsequently, the members De Bas and Heijning, who were appointed on 9 August of the past year to collect and receive the contributions for the naval school 196 13 March school in Java, submitted the following report regarding this duty of theirs and its outcome. To the Right Honorable Sir, Mr. Isaac Titsingh, Director and Commander-in-Chief over the Company's Important Trade in Bengal, Bihar, and Orissa, etc., etc., together with The Members of the Honorable Council of Policy. Right Honorable Sir and Respected Councilors, Your Right Honorable and Honors having been pleased, by your honored resolution of 9 August of the past year, to entrust us with the commission to invite the providing of such funds as one would wish to spend here on behalf of the Naval School at Samarang, we therefore have the honor to present to Your Right Honorable and Honors a list of the subscribers, of whom the greatest part have been pleased to make known their names for an immediate deposit as well as for an annual 197 13 March annual contribution, the amount signed for the deposit, etc., amounting to: By the Director: sicca rupees 200, and 50 rupees per year By Mr. Bogaardt: 100, and 30 per year By Mr. Fredriks: 60, and 40 per year By Mr. Haugwitz: 100, and 30 per year By Mr. Kraijenhoff: 50, and 18 per year By Mr. van Citters: 100, and 30 per year By Mr. De Bas: 32, and 18 per year By Mr. Wieman: 50, and 27 per year By Captain Paardekooper: 50, and 18 per year By Dekker van der Miede: 30, and 27 per year By Mr. Hoogendorp: 50, and 18 per year By Mr. van Grieken: 18, and 18 per year By Mr. Blume: 100, and 27 per year By Mr. van den Broeck: 32, and 22½ per year By Mr. Heijning: —, and 27 per year By Mr. van Nierop: —, and 18 per year By Mr. Domburg: —, and 18 per year By Mr. van Midlum: 50, and 22 per year By Mr. de Maffen: —, and 18 per year Together: rupees 1022:—:— Which sum of sicca rupees 1022 we request Your Right Honorable and Honors to count into the Company's treasury and to receive in return a bill of exchange on the Ordinary Councilors Hendrik van Stockum and Adriaan Boesses, while furthermore the collection of the annual contributions will take place on 20 December next, or one year after the date of the subscription, namely:

Dutch transcription

194 13e Maart Tol plaatsen order gegeeven zijn, om geene Rowannes /:Tol quitanties:/ te verleenen voor goederen die na Chin„ sura moeste, maar dat die bij aanbreng zouden op„ gemaakt worden, zoo als bij Resolutie van den 29 Maij 1781. uitwijst, zoo kreegen wij hier door meerder „magt en vermogen op onze onChristene Ingezetene om haar door, eene billijke meede werking te doen draa„ gen eenige lasten; waar van ze altoos de voordeelen ge„ nooten te weeten van haar een Comp:s Tol van 1¼ PrC=o te doen betaalen, zodanig als de Europeese verpligt zijn, ten voordeele vande Comp:e wiens protectie en be„ scherming zij genieten, en wel weeten te reclameeren wanneer het in haare kraam te pas komt en deeze geringe belasting zoude na mijne gedagten door de ¶Inlandsche menigte Mogolse, Armijnse en andere ^ kooplieden, nog al wat besragen hebben, en teevens alle frag „des belet zyn geworden /:was ged:t:/ I Ws van Haugwits. Den Koopman Fiscaal en Dorpmeester in obidientie aan de zeer gerespecteerde beveelen ver„ vat bij H: H: E: missive van dato: daar bij Hoogt dezelve hem opleggen de verantwoording over zij„ „ne toestemming in de schikkingen door den gewee„ „zen Heer Directeur Ross met des toenmaaligen Engelsen Gouverneur generaal Hastings om„ B „trend de inzaameling der Tollen binnen onzen Col„ „lonie verzoekt onderdaniglijk te mogen volstaan met te zeggen dat hij in gemoeden betuiggen kan zijne toestemming op die tijd gegeeven te hebben aan een zaak die hij gemeend heeft met zijn gebieder het honneur en belang of de Previlegien tot van 195 18 Maart Berigt van de gecomm: tot het doen der Collectie voor 't marineschool van de Hollandse Comp:e in Bengale niet alleen niet te benadeelen; maar het welvaaren van Chintsura hebben op het ooge gehad, gelyk ik, en veele onzer tot heeden nog van begrip zijn, in Consideratie de tijds om„ standigheeden die de Hollandse Comp: zoo wel als de Fransche Deensche en zV in Bengale volkoomen doed afhangen van de Engelsche Moogendheid die daar de wet steld, en daar de Privilegien door de Inlandsche Regeering eertijds aan de Hollandsche Comp:e geschonken, teegenwoordig als uit haaren eigenaart schijnen, vervallen te zyn zoo lange die Moorsche regeering zig niet in staat bevind met om de Hollandse Compe bij dezelve nadruk te maintineeren, teegen de wet geevende magt der Engelsche Natie of Comp:, die geen Holland„ sche De stikken verder respecteerd, als haar goed dunkt, maar in teegendeel de Nederlandsche Comp:e doed afhangen van haare willekeurige schikkingen zonder eenig regard te slaan, op herhaalden nadrukkelyke vertoogen tot main„ „tien van voorregten en Previlegien wel Eer door de Hollanders wettig bij den Inlander verkreegen. — /:onderstond:/ Chintsura Ult=o Januarij 1787. /:was getd:/ A: G: Kraijenhoff. Vervolgens wierd door de Leeden De Bas en Heijning, die onder den 9:e Augustus des gepasseerde Iaars benoemd zijn, tot het invorderen en ontfangen van de fournissementen voor het marine School Col„ 196. 13 Maart School te Iava, van deeze hunne verrigting en dies uitslag overgegeeven het volgende berigt. Aan den WelEd: Achtb: Heer! M=r Isaac Titsingh: Directeur en oppergebieder over s Comp:s Importanten Handel en Bengale, Behaaren brixa & &a neevens De Leeden in den Achtbaare Raad van Politie WelEdele Achtbaare Heer en Gerespecteerde Raaden! U welEdele: Achtb: en Ed: bij Desselfs g'Eerd besluit van den 9 Aug:s A=o Pass=o ons heb„ bende gelieven op te draagen de Commissie ter uit noodiging tot het fourneeren van zoodaanige gelden als men alhier zoude willen besteeden ten behoeve van het Marinen School te Samarang, zoo hebben wij de Eere UwelEd:e Achtb: en Ed aan te bieden een Lijst der Inteeke„ naars van dewelke 't geootste gedeelte voor eene onmiddelyke Inleg zoo wel als voor eene Iaarlykse 197 13 Maart Iaarlykse fournissement hunne naamen hebben gelieven bekend te stellen, bedraagende t geteekende voor den Inleg &a Door den Heer Directeur. . . . . . s=r r=o 200 en 50 r:o sjaars „ „ 100 „ 30 „ _o „ „ Bogaardt „ „ 60 „ 40 „ _ - „ Fredriks „ „ 100 „ 30 „ _ - 7 augwitz „ „ 50 „ 18 „ _ „ Kraijenhoff „ „ 100 „ 30 „ — van Citters De Bas . . „ „ 32 „ 18 „ _o „ wieman - - - - „ „ 50 „ 27 „— Captain Paarde koper - - - - „ „ 50 „ 18 „ — Dekker van der Miede „ „ 30 „ 27 „ _o „ Heer Hoogendorp - - - - „ „ 50 „ 18 „ — van Grieken - - - „ „ 18 „ 18 „ — „ „ 100 „ 27 „ _ Blume van den Broeck „ „ 32 „ 22½ „ — - „ „ „ „ 27 „ _ Heijning „ van Nierop - „ „ „ „ 18 „ _ - - „ „ „ „ 18 „ _o Domburg van Midlum - - - „ „ 50 „ 22 „— de Maffen - . . „ „ 18. „ _ Te zaamen r:o 1022: —:— welke som van sr 1022 wij uwelEd:e Achtb: en Ed:s verzoeken in 's Comp:s Cassa te tellen en daar voor te mogen ontfangen eene wissel op de Heeren Raaden ordinair Hendrik van Stockum en Adriaan Boesses, zullende overigens de in vordering der Iaarlykse fournisse„ menten geschieden onder den 20 Decb=r aanstaan„ de ofte een vaar na den datum der inteekening namelijk g „ „ „ „ „ „ „ „ „ „ „ „ „ „ „ „ „ „ „ „ „ „ „ „ „

NL-HaNA_1.04.02_3829_0232 view scan ↗

English

198 13 March Bill of exchange to be granted for the amount collected. The dispatch of Notts Welvaaren postponed until the end of this month. namely of such persons as reside here. We hope hereby also to have complied with the intention of your Right Honorable and Noble Worships, and call ourselves with all singular high esteem and respect, signed: Right Honorable, Noble Worshipful Sir and respected Councilors; lower: Your Right Honorable and Noble Worships' very obedient and humble servants, was signed: 2 Reaal de Bas and I: C: Heijning; in the margin: Houghly, the 13th of March 1787. Resolution to grant them a bill of exchange. After resumption of which, it was resolved to be satisfied therewith and to grant the requested bill of exchange for the remittance of the moneys received. Upon the representation of the Director that one will not be able to be ready, pursuant to the resolution taken under the 23rd of February, to dispatch the ship Rotterdams Welvaaren by the middle of this month, because the Kasimbazar goods on the Indian requisition have not yet been received here, and he, the Director, moreover also looked forward to the conclusion of the commenced negotiations concerning a contracting for the upcoming return shipment, regarding which he hoped to be certain by the end of the month whether the efforts made to that end would succeed and whether one therefore will need to request ships from the High Government for that purpose or not; it was resolved that the said ship 199 13 March Some medications provided for that ship. shall be held back for that long, and its dispatch fixed at the latest for the end of this month. The chief surgeon of the said vessel, C: G: Wilnet, having made a request to the Director for a few necessary medications specified on the following list: Requisition of necessary medicines which are very humbly requested by the undersigned, the chief surgeon on the Honourable Company's ship Rotterdams Welvaaren, for the service of the vessel for its upcoming voyage to the Dutch Capital, namely: E: Z. 3. Radix Ipecacuanha . . . . . . . - ij Radix Jalappae . . . . . . . . . . . . 1 Sarsaparilla . . . . . . . . . . . . Diascordium Fracastorii . . . . . . . . . . . . ij Rob Sambuci . . . . . . . . . . 4 Balsamum Copaivae . . . . . . . . . . . . ƒ Liquor Anodynus Hoffmanni . . . . .. 11 Laudanum Liquidum Sydenhami . . . . . . . . . . . . 7 Spiritus Salis Ammoniaci . . . . iij Emplastrum Diachylon Compositum . . .. . . . -iij de Ranis cum Mercurio 4 . . . . . 11 Unguentum Basilicon . . . . . . . . . . . . hij Terebinthina Veneta . . . . . . . . . . . . „ Viperae Albae [illegible] . . . . . . . . . . . . - Cortex Peruvianus . . . . . . . . . . . . - Sapo Venetus . . . . . . . . . . . . ij [illegible] . . . . . . . . . . . . .ij [illegible] . . . . . . . . . . . . ij [illegible] . . . . . . . . . . . . 11 [illegible] . . . . . . . . . . . . 10 [illegible] . . . . . . . . . . . . iij [illegible] . . . . . . . . . . . . 1 [illegible] . . . . . . . . . . . . ..ij signed: Houghly in Bengal, 12 March 1787. signed: C: G: Wilnet. It was resolved, considering that the eight months for which 200 13th March A pilot discharged from service and a pension granted. he was provided at Batavia according to the ship's catalogue will have expired by the end of this month, to have the same delivered to him. Hereafter was read a petition from the pilot Casper Christiaan Haupt, stating how he, petitioner, having served the Company since the year 1754, is currently subject to an incurable chest ailment, whereby to his further misfortune the weakening of eyesight and other bodily faculties also present themselves, requesting on account thereof that he may be discharged from the service and granted that which the Honorable High Indian Government has benevolently deigned to grant to the pilots here in Bengal; so it was resolved, considering that the petitioner has always acquitted himself with zeal and properly in the service and thus merits the mark of favor that Their High Noble Worships have stipulated for such persons by honored missive of 19 August 1765, to grant him the same and thus allow him to retain his earned wages 201 Another pilot appointed in his place. A boatswain promoted to quartermaster. with the board money. Because through this discharge from the service, the number of present pilots has been reduced to three, which, since one only has that many sloops at hand, may indeed be deemed sufficient, but in which case one will then also always be at a loss in the event of illness of one of them, which is why it was deemed necessary to fill this vacant place again; and the quartermaster Carel Pieterse having been recommended for this by the master of the equipage as a capable subject, it was; on the proposal of the Director, approved and resolved to promote the said Carel Pieterse to pilot, and to grant him the wages of ƒ32 per month, under a bond of three years commencing today. In place of him, Carel Pieterse, it was, likewise upon the recommendation made to that end by the master of the equipage, and on the proposal of the Director, resolved to appoint as quartermaster the eldest boatswain on the sloops, Eelke Toukes; 18 March 202 13 March The comforter of the sick Oostdijk granted passage to Batavia with his wife and child. Another person appointed to perform the church service provisionally. with the granting of the wages of ƒ 20 per month according to the stipulations dictated by the regulations concerning this, and a bond of three years. The comforter of the sick Francois Oostdijk having been given permission by the honored rescription of Their High Noble Worships dated 28 July 1786 to cross over to the Capital, having pursuant thereto made a request to the Director to depart thither with his family aboard Rotterdams Welvaaren, it was resolved to consent thereto and thus to grant him with wife and child the requested passage. As no other comforter of the sick is at hand here to do the customary reading in the church, and the corporal Lambertus Vollenhooven, of whom it is testified that he possesses the necessary capabilities, offered himself for that purpose, it was, on the proposal of the Director, resolved to make use of the same for this provisionally and thus to allow him to perform the customary service in the church

Dutch transcription

198 13 Maart wissel voor het bedraa„ =ge van het gecollecteerde te verleenen De depeche van Notts welv: tot Ult=o deezer verschooven namelijk van zoodaanige Persoonen als alhier resideeren wij verhoopen hier meede aan de Intentie van uwelEd:e Achtb: en Ed:s volcaan te hebben en noemen ons met alle Eenige Hoog agting en Eerbied /:ondersd:/ wel Ed:e Achtb: Heer en gerespecteerde Raaden /:lager:/ UwelEd:e Achtb:r en Ed:e Zeer gehoorsaame en onderdaanige Dienaaren /:was gped:/ 2 Reaal de Bas en I: C: Heijning /:ter zijde:/ Houglij den 13:' Maart 1787. besluitom hen een Na resumtie van het welke verstaan is, daar meede genoegen te neemen en de verzogte wis„ „sel ter overmaaking van de ontvangene gel„ „den te verleenen. Op de vertooning van den Heer Directeur dat men niet gereed zal kunnen zijn, om navol„ „gens het genoomen besluit onder den 23: feb=ij met medio deezer het schip Rotterdams welvaaren te verzenden alzoo de Cassembazaarse goederen op den Indischen Eisch hier nog niet zijn ontfangen en Hij Directeur buijten des ook nog te gemoed zag het einde der begonne onderhandelingen omtrend een aanbesteeding voor het aanstaande retour waar omtrend hoopte in het einde der maand zeeker te zijn ofde daar toe aangewende pogin„ „gen zouden slaagen en of men dus de Hooge Regee„ „ring om scheepen ten dien einde zal behoeven te verzoeken ofte niet, is, verstaan het gedagte dat Schip 199 13 Maart dat schip verstrekt schip dus lange aan te houden en dies depeche uiter„ „lijk op ult=o deezer maand te bepaalen.— Eenige Midicamenten voor Den oppermeester van gedagte Bodom C: G: wil met aan den Heer Directeur verzoek ge„ „daan hebbende om eenige weinige benodigde Medicamenten gespecificeerd op het volgende Lijstje Eisch van benoodigde Medicijnen welke door den ondergeteekende den oppermee„ ster op S: E: Comp:s schip Rotterdams wel„ vaaren zeer ootmoedig verzogt worden ten dienst van Bodem voor zijn aan„ staande reise naar Nederlands Hoofd„ plaats visz: E: Z. 3. Radisspecaevanha . .-sallappo saln parell diacor duim fracastorie Rol Sambue bals Capaijve Lequirer onod hofmanie Land anum Lequed Sidenam Spiritus Salis ammonious. . . . Emplastrum dquchilum Comp. . .. . de ranis Commere 4 anquent Bajelnun Antrebontima venent vive S=t Zeime /:onders=/ Houglij in Bengale den 12 Maart 1787. C: G: Wilnet. — /get:/ zoo is aangezien de Acht maanden, waar voor - - - - rebespian rum. . . . . . . - ij nieren deele is. . . . . . . . . . . . 1 . . . . . - - . vide. . . . . . . . . . . Coster perees. . . . . . . . . . ij Sapo venent. . . . . . . . . . 4 . .ƒ . . . .. 11 7. iij . . -iij . . . . . 11 hij . „ . - . - . - ij .ij ij 11 10 iij 1 ..ij . - . .. . - .. .. . . .. .- .. 200 13e: Maart Een Loots uit dienst ontslagen en Rust gagie toegestaan hij, te Batavia, volgens de Catalogus van het schip voorzien is met het einde deezer maand geex„ =pineerd zijn, verstaan dezelve aan hem te laa„ ten afgeeven. Hier na geleezen zijnde een request van den Loots Casper Christiaan Haupt te ken„ nen geevende hoe hij Suppt. Zeedert Ao 1754. de Comp:e gediend hebbende, thans aan een ongeneeslijke Borstkwaal onderheevig is, waar bij tot zijn verder ongelukde verzwak„ king van gezigt en andere Lichaams krag„ „ten zig meede op doen, verzoekende uit hoof„ de van dien, dat hij van den dienst ontstaa„ „gen en hem toegelegd mag werden, 't geen de Edele Hooge Indische Regeering aan de Loot„ sen hier in Bengale goed gunstig hebben ge„ lieven toe te staan, zoo is verstaan, aange„ „zien de supp=t zig altoos met iever en na behooren gekweeten heeft in den dienst en dus meriteerd het gunst bewijs dat Haar Hoog Edelheeden bij geEerde Missive van 19 Augs: 1765 voor zoodaanige Persoonen hebben bepaald, verstaan hem zulx te accordeeren en hem dus zijn winnende gage 201 Een ander Loots in zijn plaats aangesteld Een Bootsman tot quartierm=r bevordert Gage met het kostgeld te laaten behouden. Daar door dit ontslag uit den dienst, het getal der aanweezige Lootsen tot drie verminderd is, dat uit hoofde men maar zoo veel sloepen aan„ handen heeft, wel als toereikende kan geoor„ deeld werden, maar in welk geval men dan ook bij ziehte van een derzelve altoos ver„ „leegen zal zijn, waarom het nodig geagt wierd deeze opene Plaats weeder te vervullen en daar toe als een bekwaam subject door den Equipagiemeester aangepreezen zijnde, den quartiermeester Carel Pieterse, zoo is; op Propositie van den Heer Directeur, goed„ „gevonden en verstaan gedagte Carel Pie„ „terse te bevorderen tot Loots, en hem toe te leggen de Gage van ƒ32 ter maand, on„ „der een verband van drie Iaaren heeden aanvang neemende. In steede van hem Carel Pieterse is, al meede op de daartoe gedaane voordragt van den Equipagiemeester, en op voorstel van den Heer Directeur, Verstaan, tot guar„ „tiermeester te benoemen den oudsten Boots„ „man op de Chialoupen, Eelke Toukes; onder laa 18 Maart 202 13 Maart Den krankbezoeken oostdijk met zyn vrouw en kind passage naar Batavia verleend Een ander Persoon tot het waarneemen van aangesteld. — onder toelegging der Gage van ƒ 20. ter maand na de bepaalingen die het Reglement derwee„ „gens dicteerd, en een verband van drie Iaaren Den Krankbezoeker Francois Oostdijk bij de geEerde rescriptie van Haar Hoog Edel„ 76 heeden in dato 28 Iulij 1786. verlofgegeeven zijnde om naar de Hoofdplaats over te koo„ „men, ingevolge van dien verzoek gedaan hebbende bij den Heer Directeur om nee„ „vens zijn familie met Rotterdams „welvaaren derwaards te vertrekken, zoo is verstaan daar in te bewilligen en hem dus met vrouw en kind, die verzogte Passagie te verleenen. wijl geen ander krankbezoeker hier de kerkdienst P r aan handen is, om de gewoone voorleezing in de kerk te doen, en den Corporaal Lam„ bertus Vollenhooven, van wien het ge„ „tuigen is gegeeven werd dat hij de noodige bekwaamheeden bezit zig daar toe aan„ „bood, zoo is, op propositie van den Heer Directeur; verstaan van den zelve hier toe bij provisie gebruik te maaken en hem dus de gewoone dienst in de kerk

NL-HaNA_1.04.02_3829_0237 view scan ↗

English

to let the church be attended to, as well as to grant for this, just as took place in Ao 1757, the customary emoluments which the former comforter of the sick enjoyed. It was also resolved, upon the proposal of the Lord Director, to take into service as sailors three native children by name Charles Brandou, aged 15 years, Johannes Backman, aged 16 years, and Marinus Junior, aged 18 years, and to grant them the wage of f 9 per month under an engagement of five years. The general resolutions of this year up to 12 Febij inclusive having been resumed, it was agreed to record the same. Out of consideration that an opportunity might arise for a contracting of European returns for this year, in which case one ought to be informed with certainty as to what Cassembazaar would contribute thereto, the Secunde there having been written to under date of the 20th of the past month of Febij by order of the Lord Director, to state as quickly as possible and at the latest within 8 days after the receipt of the letter whether the merchants were willing to undertake to deliver the required quantities of silk, Mochta, and silk fabrics on credit and bond, with orders to make this statement on such firm grounds that one could securely rely upon it, and with the warning that in case the promise was not fulfilled, the responsibility and the lack of the promised goods would remain for the account of him, the Secunde, without any excuses or pretexts being accepted afterwards; all of which circumspection he, the Director, declared he had judged necessary to use and put into practice in order, if it should come to the point of being able to proceed to a contracting, to be certain of what would be delivered for the return from that office, so as not to suffer such disappointment again as in the previous year. And hereupon, it being answered by letter of the 5th of this month by the said Secunde, that he had summoned the merchants and presented the above to them, against which they had so much to object that in the first two to three conferences he despaired of gaining anything from them; that the so explicitly demanded assurance was repugnant to them and they had asked whether there was ever an example of such a demanded positive promise under the Company's papers, and whether in the most favorable times, when money was on hand to make early advance disbursements, any calculation on the prices of the silk and the taking of samples could ever be made earlier than late in March, or even April; that a merchant could not possibly declare himself on the spur of the moment or in eight days regarding so important a contract, even if there were no other considerations than regarding the abundance or scarcity of the Pattenie, to make his calculation accordingly; and finally, after more other objections and presented difficulties, that they had declared it impossible for them to serve the Company without certainty of payment, for which they had now looked in vain for the already completed trade of 1785 and 1786 and had received little or nothing; that they nevertheless wished to do everything in their power if one would accommodate them with fairness and promise in writing that upon the arrival of the ships, either directly from cash, or from the proceeds of the merchandise being brought in, at least half of the old debt would be paid off, and that furthermore, in proportion to what shall be paid at Houghly on the principal of a new contract, whether in this or in the coming year, the same shall also take place in like manner at Cassembazaar; that after this given assurance they were ready to provide as much silk, Mochta, silk fabrics, and also some linens as would be necessary for the cargo of two ships; which answers and objections His Honorable Esteemed considered could not be regarded as anything other than frivolous evasions and pretexts, with which one would later seek to cover oneself again, and that in reply thereto, while pointing out the unnecessarily used circumlocution in this matter, the Secunde ought to be written to that we could by no means enter into such a written commitment as the merchants desired, but that upon the arrival of the ships all the merchandise being received therewith would immediately be sold at public auction and that the previous bonds and those to be granted later would be accepted in payment for it, with orders to present this to the merchants, and if they should be inclined thereto, to make the necessary efforts and bring about the contracting for this year and to furnish this assembly with the necessary elucidation thereof; thus, after consideration of all this, it was approved and resolved to concur therewith.

Dutch transcription

208 drie Inlandse kinde„ „deren in dienst genomen Eenige resoluties geresi„ Pointen van rescriptie naar Kassembarzaar. tot het doen van een er tot retour voor dit den bezorgd kerk te laaten waarneemen mitsgaders daar voor eeven als in A=o 1757/ heeft plaats gehad toe te leggen de gewoone Emolumenten welke de ge„ weezene krankbezoeker genooten heeft. ~ ook is nog op Propositie van de Heer Direc „teur verstaan als Mattroosen in dienst te nee„ „men drie Inlandse kinderen in naamen Char„ „les Brandou oud 15 Iaaren, Iohannes Backman, oud 16 Jaaren en Marinus Junior oud 18 vaaren en hen toe te leggen de gagie van ƒ 9 ter maand onder een verband van vijf Iaaren De gemeene Resolutien van dit Iaar tot 12 febij inclusive geresumeerd zijnde, is ver„ staan zulx aan te teekenen. — uit overweeging dat er zig geleegenheid zou„ „de kunnen opdoen tot een aanbesteeding ordre na dat Comptoir van Europise retouren voor dit Iaar, in wel„ opgave oferiets en wat ke geval omen in het zeekere diende onder„ „ Iaar van daar kan wor„rigt te zijn, wat Cassembazaar daar toe zoude Contribueeren, onder den 20: der Iongst verweekene maand febij ter ordre van den Heer Directeur den Secunde aldaar aange„ schreeven zijnde, om zoo spoedig mogelijk en meerd 204 13 Maart secunde dien aangaan en uijterlijk binnen 8 daagen na den ontvangst der brief op te geeven of de kooplieden de gerequi„ „reerde quantiteiten, zijde, Mochta en zijde Htof„ „fen aanneemen wilden te leeveren op Crediet en obligatie, met last om deeze opgaane te doen op zulke zeekere gronden dat men zig daar op gerustelijk konde verlaaten en voorhouding dat ingevalle aan de belofte niet werd voldaan, de verantwoording en het gemis der toegezegde goederen voor Reek: van hem secunde blijven, zonder dat er naderhand eenige Excusen of Pretexten zouden aangenoomen werden, alle welke omzigtigheid hij Directeur verklaarde nodig geoordeeld te hebben, te moeten ge„ bruiken en in 't werk te stellen, om, indien tot het er toe koomen mogte van ^ een aanbe„ steeding te kunnen overgaan, zeeker te weezen van het geene tot het retour, van dat Comptoir, geleeverd zoude worden, om niet weeder diergelyke te leurstelling te ondergaan als in 't voorige Iaar, En hier zwaarigheid dieden op bij brief van den 5 deezer door gedagte Seum„ de heeft gemaakt, de geantwoord werdende, dat hij de Kooplieden ontbooden 205 ontbooden en het bovenstaande voorgehouden had, waar teegen zij zoo veel hadden in te brengen dat hij in de Eerste 2 à drie Conferentien wan hoop„ „te iets op haar te zullen winnen, dat de zoo bepaal„ „delijk gevorderde verzeekering hen teegen stond en zij gevraagd hadden of er wel ooit een voor„ „beeld, was, van zoo een gevraagde positive belofte bij 's Comp:s papieren en of er in de gunstigste tij„ „den wanneer er geld aan handen was ge„ „weest om vroegtijdig vooruit verstrekkingen te doen wel ooit eerder dan laat in Maart, zelfs wel April eenig facit op de Prijsen der zijde en het neemen van Monsters heeft, kunnen gemaakt worden; dat een koop„ „man zig onmogelijk op stel en sprong of in agt daagen over zoo een aangeleegen Contract kon verklaaren al waare het ook dat 'er geene andere bedenkingen vie„ „len, als omtrend de opulentie of schaarsheid van de Pattenie om daar na zijn reek: te andere maaken; en eindelijk na meer ^ inwendin„ „gen en voorgestelde zwaarigheeden, dat zij verklaard hadden, het hen onmogelijk te zijn de Comp:e te dienen zonder zeekerheid 13e: Maart van 206 „D=r dien aangaande van betaaling waar na zij nu voor de reets volbragte handel van 1785. en 1786. vrugte„ „loos uitgezien en wijnig of niets genooten hadden, dat zij des niet te min alles wat in haar vermoogen was willen doen, indien men hen naar billijkheid wilde te gemoed koo„ „men; en schriftelijk belooven dat zij bij de aan„ komst der scheepen het zij uitd' Contanten di„ rect, dan wel uit het provenue der aangebragt werdende koopmanschappen ten minsten de helft van de oude schuld zou werden afbe„ taald en dat verder na rato van het geen te Houglij zal werden betaald op het Capitaal van een nieuwe aanbesteeding, het zij, in dit of in het aanstaande Iaar, zulx ook in zelver voegen zal plaats hebben te Cassem„ „bazaar dat zij na de deeze gegeevene ver„ zeekering, gereed waaren tot de bezor„ „ging van zoo veel zijde, Mochta, zijde stoffen en ook eenige Lijnwaaten, als tot de Lading van twee scheepen nodig zoude gevoele van de M1= zijn; welk antwoorden bedenkingen zijn E: E: Achtb: vermeende dat niet anders aangemerkt konde werden als frivoole 13 Maart uit„ 207 13 Maart die te beantwoorden waar meede zig de uitvlugten en voorwendzels, waar meede men zig naderhand weeder zoude tragten te dekken en dat in beantwoording daar van onder aan„ „tooning van de onnodig gebruikten omslag in deezen, den secunde behoorde aangeschreeven te werden, dat wij geenzints konde treeden een propositie hordanig tot het aangaan van zoo een schriftelijke verbintenis als de kooplieden begeerden, maar dat men bij de komst der scheepen al de daar meede ontfangen werdende koop„ „manschappen ter stond bij publieke ven„ dutie zouden verkoopen en daar voor in betaaling aanneenen de voorvaarige en nader te verleenene obligaties, met bevel om dit de kooplieden voor te houden en indien zij daar toe mogten inclineeren de noodige pogingen aan te wenden en de aanbesteeding voor dit Iaar tot stand te bren„ „gen en deeze vergadering daar van de nodi„ „ge elicidatie te doen toe koomen, zoo is, na overweeging van het een en ander, goedge„ vergadering Conforeer vonden en verstaan, zig daar meede te Conformeeren. Bij

NL-HaNA_1.04.02_3829_0242 view scan ↗

English

208. receipt of the transfer of that office and the settlement with merchants noted. With that letter having also been dispatched by the Secunde the transfer of the office according to which he took over the same, item the settlement with the merchants, it was resolved to make a record thereof. below stood: Done Houghly in Bengal, date as above. was signed: I: Titsingh, A: Bogaardt, J=b Fredriks, I: W: S: van Haugwitz, A:G: Kraijenhoff, Iacob Eilbracht, & Reaal De Bas, Fwieman Rd and Sec: I: C: Heijning. the 13th March. 209. Remark and considerations of the Lord Director concerning the contracting of the upcoming return cargo. Friday the 23 March Anno 1787. In the morning, all present: Was produced by the Lord Director and subsequently read a writing drawn up by His Right Honourable, containing His remarks and reflections on the necessity to make contracting for the needed goods for an upcoming return cargo, to that end showing the probability that the Lords Masters, upon the arrival of the ships Hinloopen and the Constantia, will have proceeded to the decision to send a ship or ships hither in the past year to give trade its regular course again, that with the prospect thereof there is every reason, from the moneyless state of these regions presented with so much urgency, also to aim for the dispatch of a substantial fund, that in order to be able properly to satisfy the demand made, it was necessary to make the needed arrangements in time, because if one remains in a state of inactivity in the spring until 210. motives that move his Honour to proceed on the spring footing. until one was informed with certainty regarding the relief to be received, the time for manufacturing the needed goods has often expired, and one can thus be deprived of the opportunity to comply with the desire of the Lords Masters; that His Right Honourable therefore, to attain that objective, betook himself during the month of January to the most suitable places, without however any probability of a good outcome presenting itself, that in February with the English packet the Intelligence he received private advice how in December a ship was to be dispatched for Amsterdam, and that of all the offices upon Calcutta there was not one that had received unfavorable news regarding the assignations, from which it can be deduced that all have been honored with payment, that this had made him, the Lord Director, reconsider anew the absolute necessity of leaving no means untried to make timely provision for obtaining return cargoes, that having consequently taken into consideration how it may be possible that, on account of the known circumstances of the Company in Europe, one might be disappointed in the expectation of the supply of a substantial fund, and would thus be forced to take recourse again to the same manner of contracting as in recent years, 23rd March 211. demonstration of that method against the making of contracts for cash. measures already put into effect to begin the new trade. had formed a true and undisguised calculation and reasoned comparison, to what extent the dispatch of bullion silver was to be preferred over our negotiations here, and what disadvantage the latter gave in comparison with the former, both burdened with such charges as had to be calculated with fairness and without bias for one or the other plan, that it appearing from that calculation that the negotiation here is less harmful than one would superficially imagine, he, the Director, summoned the merchants residing in this colony, both Company's and private, and had negotiated with them about a contracting, and had therein finally succeeded with respect to such aurungs as are specified therewith, on conditions that His Right Honourable therewith also presents in detail, that they have undertaken this engagement of their own free will and without any persuasion, as they will further declare in the meeting at the conclusion of the contract; 212. conclusion of the contract. that His Right Honourable was of the opinion, if one did not wish directly to abandon a shipment for this year, that use had to be made immediately of those means that are at hand, experience in the two most recent years having taught how the merchants made the late conclusion of the contract into a pretext to cover their slow delivery, and that if they receive the bonds early in hand, they can begin the work all the sooner; that for this reason he, the Lord Director, found himself obliged to propose to the meeting to conclude the contract with the merchants who bound themselves to the aforesaid aurungs and immediately to grant the necessary bonds for the amount of each one's share, communicating in conclusion of all this that there is prospect of bringing to completion within a few days also the contracting of the coarse linens and those of Jaggernaatpoer, intending to exert the required efforts also with regard to the remaining three aurungs Daadpoer, Chandercona and half Santipoer, in the hope shortly 23rd March the

Dutch transcription

2 208. ontfangst van het transport van dat Comptoir en de afreek: Bij die brief door den secunde ook afgezon„ der koopl= genoteerd den zijnde het transport van 't Comptoir waar na hij het zelve heeft overgenoomen item de afreekening met de kooplieden zoo is verstaan daar van aanteekening te houden /:onderstond:/ Actum Houglij in Bengale datum ut Supra /:was getd:/ I: Titsingh, A: Bogaardt, J=b Fredriks, I: W: S: van Haugwitz, A:G: Kraijen„ „hoff, Iacob Eilbracht, & Reaal De Bas, Fwieman Rd en Sec: I: C: Heijning. da 13e: Maart 209 aanmerking en Con„ sideratien van den Heer D=s nopens de Aanbs=z van 't aanst=de retour Vrijdag den 23 Maart A=o 1787/. 'S morgens alle Present: Wierd door den Heer Directeur gepro„ duceerd vervolgens geleezen een door zyn E:E: Achtb: ingerigt geschrift, houdende Dessels Aanmerkingen en bedenkingen over de noodzaakelykheid om voor een aanstaande Retour, aanbesteeding van het noodige te doen, ten dien einde vertoonende de waarschylykheid die en is dat de Heeren Meesters bij aankomst der scheepen Hinloopen en de Con„ stantia tot het besluit zullen overgegaan zijn om in 't verloopen Iaar, schip of scheepen her„ waards te zenden om den Handel weeder Zijn gereegelden loop te geeven, dat er met het uit„ „zigt daar op alle grond is, uit de met zoo veel om„ pressement voorgedraagen geldeloozen staat deezer gewesten ook op het aanzenden van een aanzienlijk fonds te beoogen, dat om aan den geda„ ne Eisch na behooren te kunnen voldoen het noodzaakelijk was, daar toe in tijds de noodige schikkingen te beraamen, wijl men in het voor Iaar in een staat van werkeloosheid blijvende tot 210 beweegen dezelve te „gen voet. — tot dat men in het zeekere wegens het te ontvan„ gene secours was onderrigt, de tijd tot aanmaa„ „king van het benoodigde veel al verstreeken, en „men dus verstooken kan zijn van de geleegenheid om aan de begeerte der Heeren Meesterste vol„ doen; dat zijn E:E: Achtb:e daar om tot bereiking van dat oogmerk zig geduurende de maand Iani =arij op de bekwaamste Plaatsen heeft vervoegd, zonder dat zig egter eenige waarschijnlijkheid op een goeden uitslag op deed, dat in febt met het Motiven die zijn Achtb: Engelsch Paket the Intelligence particulier doen op den voorjaari=narigt ontving hoe in Decb=r voor Amsterdam een schip stond te werden verzonden, en dat van alle de Comptoiren op kalkatta er geen een was het welk ongunstige tijding weegens de As„ signaties had ontvangen, waar uit is op te maa„ „ken dat alle met betaaling zyn gehonoreerd, dat dit hem Heer Directeur op nieuw had doen over weegen de volstrekte noodzaakelykheid van geen middelen onbeproeft te moeten laaten om tijdig voor het erlangen van retouren te maaken, dat dienvolgende in bedenking genoomen heb„ „bende, hoe het moogelijk zijn kan, dat men, uit hoofde van de bekende omstanden der Maat„ 23e Maart schappi D 23:e Maart vandie Mettrodsteegens het doen van aanbestg pro Contant den nieuwe handel in't werk gesteld schappij in Europa, in de verwagting op den aanvoer van een aanzienlijk fonds, wierd te leur gesteld, en dus genoodzaakt zou zijn, weeder toevlugt te neemen tot dezelve wijze van aanbesteedingen als in de Iongste Iaaren, een waare en onbewinpelde bereekening en beredeneerde vergelyking vertooning had gefoormeert, in hoe verre het uitzen„ „den van Bhaar zilver boven onze negotiatien alhier te prefereeren was, en welk nadeel de laatste in vergelijking met het eerste gaf, beide met zoodaanige lasten bezwaard, als met billijk„ „heid en zonder vooringenoomenheid voor het een of ander plan moest bereekend worden, dat uit die bereekening blijkende dat de negotiatie al„ hier min schaadelijk is als men zig opper„ vlakkig zou voorstellen, Hij Directeur de koop„ lieden in deeze Collonie woonagtig, zoo als 's Comp:s „ Particulieren ontbood en met hen over een aanbesteeding gehandeld had, en daar in Maatreegelen bereets tot eindelijk ten opzigte van zoodaanige Arrengs als daar bij gespesificeerd zijn geslaagd was, op voorwaarden die zijn E: E: Achtb: daar bij meede omstandig komt voor te stellen, dat zij deeze aan„ neeming uit eige vrije wil en zonder eenige Persuatie gedaan hebben gelyk zij nader bij het sluijten 211 — 212 sluiten van het Contract in vergadering zullen declareeren; dat zijn E: E: Achtb: vermeende wil„ „de men niet direct van een verzending voor dit Iaar afzien, dat terstond van die Middelen welke aan handen zijn gebruik moest werden gemaakt, hebbende de ondervinding in de twee Iongste Iaaren geleerd hoe de kooplieden het laatsluiten van het Contract tot een voorwend„ zel maakten om haare traage leverantie te dekken, en dat zij de obligaties vroeg in handen krijgende te eerder met het werk te kunnen beginnen; dat om deeze reeden hij Heer Directeur zig verpligt vond, de vergadering te moeten voor„ „draagen met de kooplieden die zij tot de voorzeg„ „de Arrengs verbonden het Contract te sluiten en voor het bedraagen van ieders aandeel terstond de noodige obligaties te verleenen, ten besluit van dit alles nog Communiceerende dat 'er uit „zigt is om binnen weinig daagen de aanbestee„ „ding der groove Lijnwaaten en die van Iagger „naatpoer meede tot stand te brengen, zullende omtrend de resteerende drie Arrengs Daadpoer Chandercona en half Santipoer meede de ver¬ eischte poogingen aanwenden, in hoope eerlang 23e Maart het die

NL-HaNA_1.04.02_3829_0247 view scan ↗

English

213 23rd March by that paper produced by his Honour. — to have the pleasure of imparting to the assembly the good success thereof with respect to what is needed for a return of two ships, as the one and the other may be seen in more detail in that very paper, which, with the calculation mentioned therein, follows here verbatim. Insertion of the [illegible] In my reflections concerning that which related to the dispatch of the ships Straalen and Schoonderloo with proper cargoes, inserted into the resolution of 30th December last, I declared that with what had then been accomplished, all further prospect for trade for the future had to be suspended, unless a favorable change presented itself, which, however much to be hoped for, was not yet to be expected, but of which, should it occur, I would not fail to make a proper report to the assembly. Gentlemen! 214 Consequently, considering how there was every probability that the Gentlemen Directors, upon the safe arrival in the Netherlands of the ships Hinloopen and Constantia, would proceed to the decision to send a ship or ships hither in the past autumn, in order to give trade its regular course again, and thus to become able to provide the enthusiasts with such linens as they themselves, according to the demand recently received, desire in quality and quantity with each ship, regarding which it must be kept in mind that this demand seems arranged with a realistic prospect for the receipt of the linens, and after a careful estimate of the most sought-after goods, as of some, several sorts previously sent annually excused, the quantity of these arrays notably decreased, in others increased, and in general bringing the entire requirement to a full cargo for each ship; that with the prospect of a ship or ships, from the moneyless state of these regions presented with so much urgency, there is every reason also to aim for the sending of a considerable fund; 23rd March 215 that the obligation to be able properly to satisfy that demand makes it necessary to make the requisite arrangements for it in good time, because if one remains in a state of inactivity in the spring until one is informed with certainty regarding the relief to be received, the time for the manufacturing of what is needed can often have expired, and we are thus deprived of the opportunity to satisfy the desire of the Gentlemen Masters; that this consideration becomes of greater weight, now that according to undoubted reports from Calcutta, a new arrangement regarding the ships and their employment has been devised by the English Company, whereby the prospect of obtaining ships from Europe as early as in other years ceases, because it is found too costly to send them out so early, since they are obliged to remain waiting here uselessly until the returns have come in; for all which reasons I have judged it highest necessary to look out whether an opportunity presented itself for this; during 23 March 216 the month of January I betook myself to the most suitable places to attain that objective, without however any probability of a good outcome presenting itself. On the 11th February, the packet boat Intelligence arrived, having sailed from England in the latter part of August; with the same I received notice that in the month of December a ship was to be sent from the Amsterdam Chamber, without however learning any particulars, much less whether a ship is also to be expected by us from the Zeeland Chamber; of all the counting-houses at Calcutta there was none that had any unfavorable news regarding the assigned bills of exchange, from which it is to be gathered that all will have been honored with payment, since, had there been any misgivings regarding some, one would not have neglected to spread this immediately in the most hateful manner in the newspapers to the prejudice of the Company's credit; this caused me to consider anew how absolutely necessary it was to leave no means untried to take care in good time for the procurement of returns. Taking into consideration the unfavorable situation in which, according to public writings, the Company in the Netherlands finds itself regarding 23rd March 217 its finances; how a body whose welfare is so closely connected to that of the Republic, in a country justly regarded as the treasury of Europe, in order to find the required assistance for the restoration of affairs ruined by a most destructive war, had to take recourse to such unheard-of means as the devising of lotteries; how it thus can be possible that we might find ourselves disappointed in our expectation of the receipt of a considerable fund for trade, whereby, if one wished to become able to dispatch ships, one would be compelled to take recourse again to the same manner of contracting as in the most recent years; I have, in order to form a true and unvarnished demonstration of how far the sending of bar silver was to be preferred over our negotiation here, and what disadvantage the latter gave in comparison with the former, set a ton of gold on both sides as a principal sum, and charged that amount mutually with all such burdens as one must in fairness, without bias toward the one or the other plan, calculate upon it, which demonstration now follows here below for the speculation of the assembly. — 23rd March Calculation of

Dutch transcription

213 23e: Maart dien sijette door zyn Achtb: geproduceerd geschrift. — het genoegen te hebben de vergadering het goed succes derzelve ten opzigte van het be„ 3 6 nodigde voor een retour van twee schee„ pen te kunnen bedeelen, gelijk het een en ander omstandiger te zien is, bij dat geschrift zelve dat met de daar in vermelde bereekening hier onder woor„ Insentie van het ten delijk volgd. Bij mijne bedenkingen omtrend het geen tot de depeche der scheepen Straalen en schoonderloo met behoorlyke La„ „dingen betrekking had, ter resolutie van den 30:e December Iongst Leeden g'in „sereerd, betuigde ik met het geen toen ver„ rigt was alle verdere uitzigt op den handel voor het vervolg te moeten staa„ ken, ten zij zig een gunstige verandering op deed, die hoe zeer te hoopen nog niet te wagten was dog van welke, daar zijn„ de, ik niet in gebreeke zou blyven de vergadering na behooren verslag te doen Mijn Heeren! Ten „ en lang 214 Ten gevolge van dien overweegende hoe 'er alle waarschijnlijkheid was, dat Heeren Bewind„ hebberen bij behoude aankomst in Neder„ land van de scheepen Hinloopen in de Con„ stantia, tot het besluit zoude overgaan, in het verloope na Iaar schip of scheepen herwaards te zenden, om den Handel weeder 6 zijn gereegelde loop te geeven, en dus in staat te geraaken met zoodanige Lijnwaaten als Hoogst de zelve, volgens Iongst ontfan„ „gene Eisch in qualiteit en quantitiet met ieder schip begeeren, de liefhebberen te voor„ zien, waar omtrend in het oog moet wer„ „den gehouden, dat die Eisch met een reel uitzigt op den ontvangst der Lijnwaa„ ten, en na een naauwkeurig overslag van het meest gewilds te scheind ingerigt, als van zommige, verscheide sortementen te vooren Iaarlyks verzonden excuse zeyde, de quantitiet uit deeze Arrengs merkelijk verminderenden, in't anderen vermeerderen, „den, en in het algemeen de geheele benoo„ „digdheid op een volle Lading voor ieder schip brengenden, Dat met het uitzigt op schip of scheepen 'er alle grond is, uit de met zoo veel empressement voorgedragene gelde „loozen staat deezer gewesten, ook op het 23e: Maart aan 215 aanzenden van een aanzienlijk fonds te beoogen Dat de verpligting om na behoove aan die Eisch te kunnen voldoen het nood zaake„ „lijk maakt, daar toe in tijds de nodige schik„ kingen te beraamen, wijl men in het voor„ Iaar in een staad van werkeloosheid, blij„ „vende, tot dat men in het zeekeren weegens het te ontfangen secours was onderugt, de tijd tot aan maaking van het benodig„ de veel al kan verstreeken en wij dus verstooke zijn van de geleegenheid om aan de begeerte der Heeren Meesters te voldoen, dat deeze bedenking van meer„ der gewigt word, nu volgens ontwijffel„ „baare berigten van Calcutta, door de En„ gelsche Compagnie een nieuwe schikking, omtrend de scheepen en derzelver Em„ ploij is beraamd, waar door het uit„ zigt om zoo vroeg tijdig scheepen als in andere Iaaren uit Europa te erlan„ gen op houd, wijl het te kostbaar word bevonden, dezelve zoo vroeg uit te zenden daar zij verpligt zijn hier nutteloos te blyven wagten tot de retouren zijn inge„ koomen, om alle welke reedenen ik het hoogst nodig heb geoordeeld uit te zien of zig hier toe geleegenheid aanbood geduurende 23 Maart de tn 9 216 de maand Ianuarij heb ik mij tot bereiking van dat oogmerk op de bekwaamste plaatsen ver„ „voegd, zonder dat zig egter eenige waarschyn„ lijkheid op een goede uitslag op deed, Den 11:e februarij arriveerde de Packet boot Intelligence in het laatst van Aug:s uit En„ geland gezeild, met dezelve ontving ik na„ „rigt dat in de maand December een schip van 6 de Kamer Amsterdam stond te worden ver„ zonden zonder egter eenige bijzonderheeden te verneemen, veel min of ons van de kamer Zee„ „land meede een schip te wagten is, van alle de Comptoiren op Calcutta was er geen dat eeni„ „ge ongunstige tijding weegens de verleende As„ „signaties had, waar uit is op te maaken, dat alle met betaaling zullen zijn gehonoveert, wijl men niet zou hebben nagelaaten in dien er omtrend zommige bedenkelykheeden plaats vonden, zulx terstond op het aller hatelijkst in de Couranten tot nadeelen van 's Comp:s Crediet spargeeren, dit deed mij op nieuw overweegen, hoe volstrekt noodzaakelijk het was, geene middelen onbeproeft te laaten om tydig voor het erlangen van retouren te waaken In bekenking neemende de ongunstige situatie in welke de Compagnie in Nee„ „derland volgens publoque geschriften omtrend 23e: Maart haar Haar finantie weeze verseerd, hoe een lighaam welks welvaard zoo naauw aan die van de republicq verknegt is, in een land billijk als de schatkamer van Europa beschoud om het benoodigd onderstand te vinden, tot herstel der vervallene zaaken door een aller verderf„ „lijkste oorlog, moest toevlugt neemen tot zulke ongehoorde middelen als zijn het uitdenken van Loterijen, hoe het dus mogelijk zyn kan, dat wij in onze verwagting op den ontvangst van een aanzienlijk fonds voor den handel ons vonden te door gesteld waar door men, wilde men tot het verzenden van scheepen in staat ge„ zaaken, gedronge zou zijn, weeder toevlugt te neemen tot dezelve wijze van aanbesteedingen als in de Iongste Iaaren, heb ik om een waare en on„ bewimpelde vertooning te vormen, in hoe verre het aanzenden van Bhaan Zilver, bove onze Negotiatie alhier te prefereeren was, in welk nadeel de laatste in vergelyking met het eerste gaf aan beide zijde een tonne schats tot een hoofd met som bepaald, en over en weeder dat montant niet alle zoodanige lasten beswaard, als men in billijk„ 76 heid zonder voor ingenoomenheid met het een of an„ „der plan daar op moet bereekenen, welke vertro„ „ning thans tot speculatie der vergadering hier on„ der volgd. — 23e: Maart Bereekening v van 217

NL-HaNA_1.04.02_3829_0252 view scan ↗

English

218 1786. Calculation and demonstration concerning the distinct manner in which trade may be conducted, whether on credit and bonds redeemed by bills of exchange on the Netherlands. On primo October the Company negotiates in Europe a ton of gold, or ƒ100000, which, sent out in December, received here in September 1787, subsequently disbursed on delivery contracts in March 1788, and upon which the delivery takes place in such a manner that half of the goods are shipped in November 1788 and the other half in January 1789, and thus sold at the autumn sale of 1789 and spring sale of 1790, and from the proceeds thereof these monies can be paid off. The interest at 3½ percent, which the Company is assumed to spend in Europe, is calculated on this principal as follows: On half, or ƒ50000, from primo October 1786 to 15 January 1790, being about six weeks after the autumn sale of 1789, which is assumed to be the payment term of that sale and when it is calculated that this half comes in, thus for 3 years 3½ months: ƒ5760. 8. -. On the other half, which proceeds from the spring sale of 1790 and of which the payment term is set at ultimo April of that year, thus for 3 years seven months: ƒ6270. 16. 8. The interest on this ton of gold from the negotiation until it could be repaid would thus amount to: ƒ12031. 8. 8. For the risk of sending out the cash, set 4 percent, thus: ƒ4000. -. -. The charges on the ton of gold to be sent out amount to: ƒ16031. 8. 8. This now being compared with the negotiation, according to this calculation, by sending out cash, there would be gained on a ton of gold: ƒ12187. 10. -. However, because according to the adjacent calculation the Company, from a ton of gold in goods which it receives in Europe, only needs to pay out half directly, or ƒ50000, on the granted bills of exchange, thus retaining the other half at its disposal, which one can assume to be for at least one year, the interest on this ought reasonably also to be credited to the advantage of the negotiation; this would amount for that year at 3½ percent to: ƒ1750. -. -. Deducting from this the above: ƒ1156. 1. 8. Thus it appears that according to this calculation, the money negotiation in Bengal, if it can be put into effect, is to be preferred, and above all charges and in comparison with sending out cash, yields on a ton of gold an advantage of well over half a percent, or in money: ƒ593. 18. 8. Amounts as adjacent: ƒ1156. 1. 8.

Dutch transcription

218 1786. Bereekening en aantooning omtrend de onderscheidene wijze van Handel drij werden, 't zij op Crediet en obligatien die met Assignatien op Nederland afgelost p=mo octb=r Negotieerd de Comp:e in Europa Een Thon schats ofte ƒ100'000„ „die in Decb= uitgezonden, in September 1787, hier ontfangen, vervolgens in Maart 1788. op Leverantie verstrekt en waar op de Levering geschied, zoodaa„ „nig dat de helft der goederen in November 1788, en de weederhelft in Januarij 1789, versonden en dus bij de najaarsche verkooping van 1789 en voorjaarsche verkooping van 1790 verkogt en uit dies provenue die penningen afgelegd kunnen werden. De rente a 3½ P=rC=o welke de Compagnie gesteld werd in Europa te bestee„ „den, reekend men op dit Capitaal als volgd op de helft ofte ƒ50000„-„ zeedert P=mo october 1786. tot 15 Ianuarij 1790. zijnde om„ trend zes weeken na de najaarse verkooping van 1789 't welk gesteld de betaal tijd, dier verkooping te zijn en wanneer men reekend dat dee„ ze helft in komt dus voor 3 Iaaren 3½ maanden - - - - - ƒ5760„ 8„ „ op de weder helft die uit de voorjaarsche verkooping van 1790 profureerd en waar van men de betaal tijd steld op ult=o April van dat Iaar dus voor 3 Iaar Zeeven maanden - - „ 6270„16„ 8 De rente op deeze Thon Schats zoude dus zeedert de Ne„ =gotiatie tot dat weeder afgelegd konde werden, bedraagen - - - - ƒ12031. 8. 8. voor de Risico van de uitzending van 't geld stelle 4 Pr C=o dus - - - - „ 4000. .1 De lasten op de uit te zendene Thon schats bedraagen - - - - ƒ16031. 8. 8 Dit nu vergeleeken met de Negotiatie zoo zoude na deeze bereeking met de uitzending van Contanten, op een Thonschats gewonnen werden wijl egter volgens de neevens staande bereekening, de Maat„ schappi van Een Thon Schats aan goederen die zij in Europa ontfangt maar de helft ofte ƒ50000. op de verleende Assignatien direct behoeft uit te keeren, dus de weder helft ten haarer dispositie behoud, het geen men op zyn allerminst voor een Iaar kan stellen, zoo behoord de rente hier op ook billijk in voordeele der Nego„ tiatie te koomen, deeze zoude voor dat Iaar a 3½ P=rC=o be„ dragen hier van afgetrokken de bovenstaande - - - Zoo blijkt dit navolgens deeze Bereekening, de geld Negotia„ tie in Bengale indien zij werkstelling kan gemaakt werden, te prefereeren is en boven alle Lasten en vergelijking van de uitzending van Contanten, op een Thonschats een voordeel van ruijm Een half P=rC=o geeft ofte in gelde. . . . - - ƒ 593. 18. 8. -„ 1156:1. 8 - - - - ƒ 1750. —. ƒ12187„10:- - - - - ƒ 1156. 1. 8. komt als hier neeven - - o

NL-HaNA_1.04.02_3829_0253 view scan ↗

English

219 ƒ3000. —. ƒ 6187:10. -- „ 4000:—: trade in Bengal for the Company, either with cash sent out for that purpose or redeemed, and which of the two proves to be the most advantageous. Goods to serve for the adjacent sales, of which the contracting was done here in the month of April 1788, and this being done on credit, it is thus calculated that the following interest running thereon and the capital also set at a Ton of gold. On the 1st of April, at the entering into of the contract, bonds for three-quarters of the amount, or ƒ75000:—, are granted at 9 percent, to be exchanged with assignments on the last of October or the last of December 1788. It is calculated that this exchange takes place for two-thirds of those bonds, or half of the general amount of the contracting, to wit: 1st, ƒ25000:—, on the last of October 1788 assignments are granted on the autumn sale; the interest hereon since the 1st of April to that date for 7 months is - - ƒ1312: 10. . 2nd, ƒ25000:—, for which on the last of December 1788 assignments are granted, thus for 9 months.. „1687: 10: So that the interest on this half of the capital amounts to. - The other half of the capital is calculated to have to continue running here at 9 percent interest, to be redeemed from the merchandise to be received as well as otherwise; the time for this cannot well be determined, but there is no doubt that this can take place on the last of December 1789, and the interest is thus calculated up to that time, to wit: ƒ25000. on the bonds, being the remaining 1/3 that have not been exchanged since the granting or 1st of April 1788 to the last of December 1789, is thus for 1 year and 8 months ƒ 3937. 10. . ƒ25000. being the remaining 1/4 of the contracting for which no bonds were granted and of which it is assumed that the interest begins to run on the 1st of January 1789 after the delivery has taken effect and the account with the merchants is closed, for one year - - „ 2250„ thus the interest on this remaining capital amounts to- the lower value of the rupee set at 8 percent making for the granted assignments of ƒ50,000:— „ 4000„—„— the charges on the negotiated Ton of gold amount to Since the sending out of cash has the advantage that one can not only find cheaper markets and negotiate the goods for lower prices than when the contracting is done on credit, but because the interest on our bonds only amounts to 9 percent, and the merchants, in order to send cash to the weaving places, must everywhere pay up to 14 and 15 percent, which has forced us to a price increase on certain aurangs, this disadvantageous difference ought also to be charged to the negotiation; to make a calculation hereon, the contracting of the year 1786 was taken as a basis, which was done on credit and on which the demanded price increases were granted, which would certainly have been saved had there been money in stock to be able to make the necessary advances; the increases amount to the following: Herriapaal and Donnacalli „ „ „ „ „ „ Santipore circa 73„ -„ „ „ „ „ This applied to the entire contracting, which exclusive of the shellac and cotton yarns has totaled S.Rs. 1291486:8, makes approximately 4 percent, or in proportion to the above-mentioned Ton of gold - - - Daadpore the granted increase amounts in money to - - - percent 19765 Hlinchaalse on the coarse goods 7 percent, or on the contracted amount Saggernaatpoer 4½ „ „ „ „ „ „ all that which is charged to the negotiation would thus amount to - - - ƒ17187. 10. December „ 31. 8. 8. 8. 8 6:1. 8- 15 93. 18. 8. 5 „ „ „ „ „ „ 5 „ „ „ „ „ „ SRs. 19416 „ „ 5469. 2. . „ „ 3233. „ „ 7776. 12.. „ „ 7543. .. „ „ 6327„ 2.. out of ƒ13187„ 10 220 23rd March As it appears from the foregoing that the negotiation here is less harmful than one might superficially imagine, I summoned both the Company's and private merchants residing in this colony, and asked them in emphatic terms whether they were inclined and able to take part in a new contracting; after a few days, they submitted their considerations to me in writing; rejecting what was unacceptable, I came to an agreement with them concerning the following points: 1st: That upon the arrival of a ship or ships from Batavia, the merchandise brought therewith shall be sold as soon as possible by public auction, without ceding any articles thereof to anyone or for whatever reason by private contract. 2nd: That for the amount of the goods purchased by them, the Company's bonds, including those of this year, shall be accepted in payment; and concerning the old bonds, accrued interest on the capital in preference to the principal sum, should they insist upon it, shall be accepted in satisfaction of what was purchased, to accommodate their grievances as to how that interest has grown to a considerable sum without interest being credited to them on the same in turn, whereas it is the Company's custom that if the capital is not redeemed after the expiration of a year, a new bond is drawn up for the full sum, both of capital and interest, and interest is again credited on this entire amount, just as they, for the payment of the same, for their advanced

Dutch transcription

219 ƒ3000. —. ƒ 6187:10. -- „ 4000:—: del drijven in Bengale voor de Comp:e 't zij met Contanten die daar toe uitgezonden afgelost worden, en welk van beide het voordeeligste uitkomt. Goederen om voor neevenstaande verkoopingen te dienen, daar van werd alhier de aanbesteeding in de maand April 1788. gedaan en zulx op Crediet geschieden„ de zoo reekene dat daar op loopende volgende Interessen & het Capitaal meede gesteld op een Thon schats. onder P=mo April, bij het aangaan van het Contract werdende obligatien voor het drie quart begragen ofte ƒ75000. 2. verleend teegen 9 P=rC=o om met Assignatien onder ult=o october ofte ult=o Decb=r 1788. uitgewisseld te werden. — Men reekend dat deeze uitwisseling voor twee derde dier obligatien ofte de helft van het generaale bedragen der aanbesteeding geschied te weeten. — 8:e ƒ25000. –, werden onder ult=o October 1788. de Assignatien verleend op de na„ Iaarsene verkooping de rente hier op Zeederd P=mo April tot dien datum voor 7 md=n is - - ƒ1312: 10. . 8: ƒ25000:— „ waar voor onder ult=o Decb=r 1788. Assignatien ver„ leend werden, dus voor 9 Maanden.. „1687: 10: Zoo dat de rente op deeze helft van 't Capitaal bedraagd. - De weeder helft van 't Capitaal reekend men dat hier moet blyven voort loopen tot 9 PrC=o rente, om afgelost te werden uit de ontfange werdende koopmanschap„ =pen als anderzints; de tijd hier toe is niet wel te bepaalen maar het leid geen twijf„ fel dat zulx onder ult=o Decbr 1789 zal kunnen geschieden, en bereekend dus de rente tot dien tijd te weeten. ƒ25000. aan de obligatien zijnde het resteerende /3 die niet uitgewisseld zijn zeed=t de verleening ofte P=mo April 1788. tot Ul1=o Decb=s 1789 is dus voor 't Jaar en r=m ƒ 3937. 10. . ƒ25000. zijnde 't restant ¼ van de aanbesteeding waar voor geen Obli„ gatien verleend zijn en waar van men steld dat de rente begind te loopen met P=mo Januarij 1789 na de Leverantie zijn beslag heeft en de reek: met de kooplieden geslooten werd voor een Iaar - - „ 2250„ dus de rente van dit restant Capitaal bedraagd- de mindere waarde der ropij gesteld op 8 PC=o maakende voor de verleende Assignaties ƒ50'000:—„4900„—„— de Lasten op de genegotieerde Thonschats betoopen vermits de uitzending van Contanten het voordeel heeft dat men niet alleen daar mee„ „de beeter coopsmarkten, en de goederen voor minder prijsen bedingen kan, als wan„ „neer de aanbesteeding op Credit geschied, maar wijl de Interest op onze obligaties alleen 9 PCo beloopt, en de kooplieden om Contanten na de weefplaatsen te zenden alomme tot 14 en 15 P=rC=o moeten betaalen 't geen ons tot een prijs verhooging op zommige Arrengs heeft genoodzaakt, zoo behoord dit nadeelig verschil meede ten laste van de Negotiatie te komen, om hier op een bereekening te maken, werd tot een basis genoomen de aanbesteeding van het Iaar 1786. die op, Crediet gedaan en op welke de gevorderde Prijs verhoogingen is toegestaan die zeeker uitgewoonnen zou zijn, waar er geld in voorvaad geweest om de nodige verstrekkingen te kunnen doen; de verhoogingen bedragen als volgd Herriapaalse en Donnacallit „ „ „ „ „ „ Santipoer Circa 73„ -„ „ „ „ „ Dit geslagen voor de geheele aanbesteeding, die buiten de schellak en Catoene gaarens gesommeert heeft Nr 1291486:8 maakt Circum Circa 4 PC=o of na proportie op de bovenverm: Een Thon Schats - - - Daadpoersen er toegestaane verhooging beloopt gelden - - - PrC=o 19765 Hlinchaalse op de groove goederen 7 P Co ofte op 't aanbesteede bedragen Saggernaatpaerse 4½ „ „ „ „ „ „ al het geen ten lasten van de Negotiatie komt zou dus bedragen - - - ƒ17187. 10. ecb=r „ 31. 8. 8. 8. 8 6:1. 8- 15 93. 18. 8. 5 „ „ „ „ „ „ 5 „ „ „ „ „ „ Sro 19416 „ „ 5469. 2. . „ „ 3233. „ „ 7776. 12.. „ „ 7543. .. „ „ 6327„ 2.. uit ƒ13187„ 10 220 23e. Maart uit het voorenstaande blijkende dat de Negotiatie al„ „hier minder schaadelyk is als men zig oppervlakkig zou voorstellen, heb ik zoo 's Comp:s als particuliere kooplieden in deeze Collonie woonagtig ontbooden, en hen in nadruk„ „kelijke termen afgevraagd, of zij geneegen en in staat waa„ „ren, in een nieuwe aanbesteeding deel te neemen, na eenige dagen, leeverde zij mij hare bedenkingen in geschrift over, het onaanneemelijke verwerpende, ben ik met hen omtrend de volgende pointen overeen gekomen 1:o Dat bij het opdagen van Schip of scheepen van Ba„ „tavia, de daar meede aangebragte Koopmanschappen zoo spoedig mogelijk per publieke vendutie zullen werden verkogt, zonder van dezelve aan iemand of om welke reede ook eenige Artikulen uit de hand af te staan. 2:e Dat voor het montant der door hen gekogte goede„ „ren 's Comp:s obligaties, waar onder die van dit Iaar begreepen, in betaaling worden aangenoomen, en om„ trend de oude obligaties, verloope Interest op het Capitaal in preferentie van de hoofdsom, zoo zij daar op mogten aandringen, in voldoening van het ge„ kogte zal werden geaccepteerd, ter gemoed koo„ „ming aan haare bezwaarnissen, hoe die Interessen tot een merkelyke som aangegroeid zijn zonder dat hen op dezelve weder renten worden goed. gedaan daar 's Comp:s gebruik is, dat het Capitaal na verloop van een Iaar niet afgelost werdende éen nieuwe obligatie voor de volle som, zoo van Capitaal als Interessen word geformeerd, en op dit geheel montant, weder Interessen worden goed gedaan, gelyk zij tot betaaling der zelve voor haare op ge„

NL-HaNA_1.04.02_3829_0255 view scan ↗

English

227. 23rd March borrowed funds, they are collectively bound to the fulfillment of their contracts during the most recent years. 3rd That if they offer these bonds within the period of ten days after the sale, the same shall be considered as cash funds, and thus 2 per cent of the amount will be deducted at usance. 4th That they shall be obliged to deliver the linens strictly according to the samples, without any pretexts whatsoever being brought against this. 5th That two-thirds of the contracted linens must be delivered in the cloth hall before the end of October. 6th That the bonds shall again be granted without any restriction, and because they are obliged to seek money on them from strangers, one will allow it to be inserted into them that they may be exchanged in the coming month of November for drafts on the Netherlands, just as was also permitted regarding their previous bonds. 7th That no price increase above that which was granted in the previous year shall take place. 8th That the linens must be delivered in an equal proportion of Aul, Dom, and Ceem. 9th That whoever does not promptly fulfill his contract shall be held to pay a fine of 6 per cent on the shortfall delivered, which penalty must not be regarded as inserted here in jest, but will be demanded with all rigor, and finally: 10th That immediately after the signing of their contracts, bonds shall be issued to them for the three-quarters amount, calculated according to the Dom or 222 23rd March medium prices. 11th Upon the occurrence of well-founded complaints concerning vexations that one might encounter in the making of the linens on the part of the English in the weaving places, one shall urge redress with due emphasis to the High Council at Calcutta and support them in this as much as possibly depended on us. 12th If the holders of the bonds do not wish to buy goods by auction, one is not able to determine a fixed time to satisfy their claims; one engages oneself, however, if funds can serve for payment, to give each a share therein according to equal fairness. I have most earnestly represented to them that I absolutely did not wish to enter into any negotiation, except with full certainty that it would be strictly fulfilled by them, since I would rather sit idle and await a favorable change than expose myself anew to such multiple and ceaseless troubles as in the two most recent years; that I left them full freedom to commit themselves or not to a tender, advising them at the same time, if there were the slightest doubt that they could not fulfill the above conditions, even if only in part, that it would be better to refuse it outright, because the one who remained negligent in his delivery and at the appointed time had to expect my greatest displeasure, and during my stay, upon the sending again 23rd March of funds from the Netherlands, would be excluded from all contracts with the Company. All this aforesaid, Gentlemen, I shall once again present to them in the meeting upon the conclusion of their contracts, so that your Honors may bear witness that they bring forward no objections, and thus, if by not fulfilling their promises they shall experience the effect of the threat in the course of time, they have no reason to complain as if I had forced this tender upon them. The weaving places to which they commit themselves are the following: Herriapaal in Denniachallij Bourang Raddaneggen olmara Houglij Hindiaal Malda Behaar the half in Santipoer and Decca and Jugdia thus still remaining: Bierboom and Borduaan Daadpoer and Sawaspoer Iaggernaat poer Chandercona and the half in Santipoer In case news reaches me with the first English ships that funds for trade are to be expected for us, which cannot appear before the end of 224 23rd March August, or in case the Gentlemen Directors, upon our urgent proposal by separate letters of 24th November 1706, were pleased to proceed to appointing a wealthy house in London, with authorization to this Council to draw bills of exchange on the same in the usual form, of which the notification cannot reach us until the end of October, the time has expired to turn the one and the other properly to our advantage; necessity requires, if one does not wish directly to abandon a shipment for this year and bring the work to a final standstill, to make immediate use of those means which are at hand; experience in the two most recent years has taught us how the merchants make the late conclusion of the contract into a pretext to cover their slow deliveries; the earlier they have the bonds in hand, the sooner they can begin the work; remaining presently in a state of inactivity, time passes uselessly. This is the reason, Gentlemen, that I find myself obliged to propose to the meeting to conclude the contract with the merchants who committed themselves to the aforesaid Aurungs, and to grant immediately the necessary bonds for the amount of each share; the influence which the dispatching or not dispatching of returns must necessarily have on the direction of affairs in the Netherlands makes me hesitate to sit idle as long as there is still any prospect of success

Dutch transcription

227. 23e: Maart opgenoomene penningen tot na Kooning haren Contracten in de Iongste Iaaren gezaamentlijk verbonden zijn. 3:e Dat zij deeze obligaties aanbiedenden binnen den tijd van tien daagen na den verkoop, dezelve als Contante penningen zullen werden geconsidereerd, en dus â uso 2 P=rC=o van het montant werden gedetraheerd:— 4: Dat zij zullen verpligt zijn de Lynwaaten ten strik„ ƒ ste na de Monsters te Leeveren; zonder dat eenige pretex„ ten hoegenaamd daar teegen werden ingebragt. — 5:o Dat 2 gedeeltens der gecontracteerde Lynwaaten voor het laast van October in de kleeden zaal moeten geleeverd zijn. 6: Dat de obligaties weeder zonder eenige restrectie zul„ len werden verleend, en wijl zij gehouden zijn daar op bij vreemden geld te zoeken men in de zelven zal laa„ „ten invloeijen, dat ze in de maand November aan„ staande teegen Assignatien op Nederland kunnen wer„ „den uitgewisseld gelijk zulx ook omtrend haare voorige obligatien werd vergund. Dat geen prijs verhooging boven die in het voorige Iaar is ingewilligd zal plaats hebben. — 8:e Dat de Lynwaaten in een egaale proportie van aul, Dom, en Ceem moeten werden geleeverd. 9:e Datowie aan zijn Contract niet prompt voldoet, zal gehouden zijn tot betaaling eener boete van 6 P=rC=o op het te min geleeverde, welke panaliteit niet moet aangemerkt worden als ter leus hier ingevoegd, maar met alle requeus zal worden af„ gevordert, en eindelyk. 10:e Dat hen terstond na de onderteekening haarer Contracten voor het ¾ bedraagen na de Doms of 72 middel„ 222 23e: Maart Middelprijsen bereekent obligaties zullen worden afgegeeven. 11. Bij het voortkoomen van gegronde klagten over vexatien die min met het aanmaaken der Lijn„ waaten van de zeide der Engelsche in de weef„ Plaatsen mogt ontmoeten zal men bij den Hooge Raad te Calcutta met behoorlijke nadruk op redres aan„ dringen en hen hier in zoo veel ondersteunen als van ons met mogelykheid afhangdeE. 12:e Indien de houders der Obligatien geene goederen per vendutie willen koopen, is men niet in staat een vaste tijd te bepaalen om haare pretentien te vol„ „doen, men verbind zig egter zoo er gelden tot afbe„ taaling kunnen dienen aan ieder na eeven ree„ digheid daar in deel te geeven: Ik heb hen op het ernstigst voorgehouden dat ik volstrekt geen onderhandeling wilde aan„ gaan, als met volle zeekerheid dat voor hen daar aan ten strieste wierd voldaan, wijl ik liever stil sitten en een gunstige verandering wilde afwagten dan mij op nieuw aan zoo meenigvuldige en onop„ houdelijk verdrietelijkheeden als in de twee Jongsten Iaaren blood stellen, dat ik haar volkoomen vrijheid lied zig al of niet tot een aanbesteeding te verbinden, hen teffens aanraadende indien erde geringste twijf„ fel was dat zij aan boovenstaande voorwaarde schoon maar ten deele, niet konden voldoen, het beeter zijn zijn zulx direct te wijgeren, wijl dee W geen die in zijn Leverantie en op de bepaalde tijd na„ latig bleef, mijn hoogste ongenoege had te wagten„ en geduurende mijn verblijf bij het weder aan„ =zenden 23e: Maart „zenden van Londsen uit Nederland van alle Contrac„ ten met de Comp:e zou werden uitgeslooten, al dit voo„ e „renstaande Mijne Heeren zal ik: hen bij het sluiten haaren Contracten in vergadering nogmaals voor„ houden, op dat UEd: getuigenis kund draagen, hoe zij geene teegenweerpingen inbrengen, en dus, indien zij, door haare beloften niet na te koomen, ingevolg van tijd de uitwerking der bedrijging zullen on„ dervinden, zij geen reede van klaagen hebben, als had ik hen deeze aanbesteeding opgedrongen. De weefplaatsen tot welken zij zig verbinden zijn de volgende Herriapaal in Denniachallij Bourang Raddaneggen olmara Houglij Hindiaal Malda Behaar de helft in Santipoer en Decca en Jugdia dus nog over blijven Bierboom en Borduaan Daadpoer en Sawaspoer Iaggernaat poer Chandercona en de helft in Santipoer Ingevalle mij met de Eerste Engelsche schee„ =pen teiding geword, dat ons fondsen tot den handel staan te wagten, die niet voor het laast van Augs: 224 23e: Maart Augustus kunnen op daagen, of ingevalle Heeren Bewindhebberen, op onzen pressante voordragt bij aparte Letteren van 24:' Novb=r 1706. tot het aan„ stellen van een vermoogend Huijs in Londen gelief„ „den over te gaan, met qualificatie aan deeze Raade op het zelve wisselbrieven in de gewoone form te trekken, waar van ons de bedeeling niet den in het laast van october kan geworden, is de tijd verstreeken om met het een en ander na behoore zijn voordeel te doen, de noodzaakelykheid vorderd, wil men niet direct van een verzending voor dit Iaar afzien, en het werk finaal doen stil staan, om terstond van die middelen welke aan handen zijn gebruik te maaken, de ondervinding heeft ons in de twee Iongste Iaaren, geleerd, hoe de koop„ ieder het laat sluiten van het Contract tot een voor„ wendzel maaken, om haar traage Leveranties te dekken, hoe vroeger zij de obligaties in handen hebben, te eerder kunnen zij met het werk beginnen, thans in een staat van werkeloos„ heid blijvende loopt de tijd nutteloos voor bij, Dit is de reeden Myne Heeren, dat ik mij ver„ =pligd vind de vergadering te moeten voordraa„ „gen, met de kooplieden die zig tot de voor„ „zegde Arrengs verbonden het Contract te slui„ ten, en voor het bedragen van ieders aandeel terstond de nodige obligaties te verleenen: de in„ „vloed die het al of niet aanzenden van retou„ „ren noodwendig op de directie van Zaaken in Nederland moet hebben, doet mij schroomen stil te sitten zoo lang er nog eenig uitzigt op succes

NL-HaNA_1.04.02_3829_0259 view scan ↗

English

225 23rd March Deliberation on this and success remains, the vexations in the two most recent years met with would certainly deter one, but considering what consequences the stoppage of trade in Europe would have, the interest of the Company must outweigh all unpleasantnesses. As there is a prospect of bringing about within a few days the contracting of the coarse linens and those of Saggernaatpoer as well, I shall furthermore, regarding the three remaining Aurungs, Daadpoer, Chandarcona and half Santipoer, apply my efforts, in the hope of soon having the pleasure of informing the meeting of the good success thereof with regard to what is required for a return cargo of two ships and in fulfillment of the Demand. (signed) the 23rd March 1787. Whereupon, after serious deliberation, the efforts and trouble taken by the Director to provide the Company with the necessary return cargoes, notwithstanding the shortage of money in which one finds oneself and the little prospect there is of being provided therewith from elsewhere, were applauded; and His Honour having realized the necessity, as long as there remains any prospect of a good success, of making every possible effort to keep the trade going, it was unanimously judged 226 judged that the service of the Company required that one should fully conform with the opinion and the proposal of the Director; against which, however, it was remarked by the Merchant Eilbracht, who differed on this point, that all the bonds should not be issued to the merchants immediately and all at once, and that the same ought only to be granted in portions and in installments, in proportion as one learned that they were preparing to fulfill their obligations and were sending funds to the Aurungs, in order thereby to maintain some greater security and to save the Company as much interest as possible; the said Merchant Eilbracht declaring at the same time also to differ in opinion concerning those bonds themselves, which he understood were judged to be of the same force as if granted for negotiated cash funds, and thus could be sold in just the same manner to a second and third person, who, being thereby the lawful holder, would acquire the right to demand payment thereof, 23rd March 227 23rd March whereas he was of the opinion that this could not take place on account of the cause of debt stated therein, namely by virtue of a contract entered into with the bonds that were granted to the merchants, and that no further payment needed to be made on these than in proportion as that contract was fulfilled. To all of which it was remarked by the Director that the granting of the bonds in installments would certainly be preferable in case the merchants were wealthy and capable of sending from their own means the necessary money to the Aurungs for the manufacturing of the goods; but since they are obliged to negotiate them in order to obtain those funds, one is indeed forced to issue them to them, and thereby enable them to fulfill their obligation; that that objective would not be achieved hereby in case one wished to maintain and declare that those bonds would not be payable any further than in proportion as deliveries were made thereon, because 228 because, apart from the fear that such a notion could actually tend to the prejudice and discredit of the Company, they would in that case be of no use whatsoever to the merchants in the undertaking, since no one would entrust them with any money on that basis, as was demonstrated with those granted in the year 1785, in which such was expressly stated, and therefore caused the merchants to be unable to sell or pledge them, from which one experienced what an adverse influence that had on the delivery; and for which reason that clause was omitted in the previous year, concerning which one has at least had no reason to complain, because the merchants thereby obtained money and delivered at least as much as those granted bonds amounted to, so that no loss has been suffered by trusting the same and omitting that clause; and that one has to expect this even less this year, since all those who presently bind themselves to the delivery are inhabitants of our Colony 23rd March 229 and thus in any case subject to our own jurisdiction. For which reasons he, the Director, believed that it should also still be considered that the issue of the amount of 1/4 in bonds, which one considers oneself obliged to pay to every lawful holder without distinction, is subject to no greater danger of loss than if one made the advance payment thereof in cash, as always took place previously when money was at hand; and that with regard to the interest, nothing would or could be gained here either, since, the contracting taking place on credit, the interest would nevertheless always have to be allowed on the three-quarters, or the customary advance, whether one granted bonds or not; that it is also all the same whether the Company negotiates money at 9 percent and makes the customary advance of the 3/4 from it, or allows that 9 percent thereon to the merchants themselves. For all of which reasons His Honour declared that he adhered to his opinion that one 23rd March should the bonds

Dutch transcription

225 23:e Maart Deliberatie over dit een en Succes over blijft, de verdrietelijkheed in de twee Iongste Iaaren Ontmoed zouden om zeeker afschrikken, dog overweegende van welke gevolgen de Stremming van den handel in Europaken zijn, moet het belang der Comp:s alle on„ aangenaamheeden op weegens Daar er uitzigt is om binnen korte dagin de aan„ besteeding der grove Lijnwaaten en die van Saggernaat„ poer meede tot stand te brengen, zal ik verders om„ „trend de drie resteerende Arrings, Daadpoer, Chan„ dercona en half Santipoer mijne poogingen aan„ werden, in hoope eerlang het genoegen te hebben de vergadering het goed succes derzelve ten op„ zigten van het benoodigde voor een retour van twee scheepen en in voldoening aan den Eisch te kunnen bedeelen. /:onders=d) den 23 Maart 1707/. Waar op dan ernstig gedelibereerd, de door den Heer Directeur aangewende pogingen en Moeijte om de Maatschappij niet teegenstaande het geld gebrek waar in men zig bewind, en het wijnig voor uitzigt dat er is van daar meede voorzien te zullen worden, de noodige retouren te bezorgen, geapplaudeerd, en net zijn E: E: Achtb:s ingezien zijnde de noodzaa„ kelijkheid, om zoo lange er maar eenig uitzigt op een goed succes overblijft, al het mogelijke te moeten inspannen om den handel gaande te houden, wierd een parig geoordeeld ander 226 Eilbracht nopens het aande Leverantiers geoordeeld dat den dienst van de Maatschappij vorderde zig volkoomen met het gevoelen en het voorstel van den Heer Directeur te moeten gevoelen van den koopre Conformeeren, dan waar teegen egter door den afgeeven van obligaties Koopman Eilbracht, die hier omtrend ver„ sschilde, wierd aangemerkt dat alle de obligatien aan de Kooplieden niet terstond en op eenmaal behoorde te werden afgegeeven, en dat dezelve maar bij gedeeltens en in termijnen moesten verleend worden, naar maate men vernam dat zij zig gereed maakten aan haare ver„ „bintenissen te voldoen en Gelden naar de Ak„ „rings kwamen te zenden, ten einde daar door eenige meerder zeekerheid te houden ende Comp zoo veel rente uit te spaaren als mogelijk was verklaarende gedagte koopman Eilbracht tee„ „vens ook te verschillen in het gevoelen over die obligaties zelve, welke hij koorde dat men oordeelde van dezelve kragt te zijn als of voor Contant genegotieerde gelden wierd verleend, en dus eeven zoodanig als die konde ver„ „kogt worden, aan den tweede en derde per„ „soon die daar door als dan wettigen houder zijnde, het regt kreeg de betaaling derzelve 23e: Maart 227 23e: Maart hoedanig het zelve door den Heer D=o wederlegt te vorderen, daar hij van begrip was, dat zulx om de daar in vermelde oorzaak van schuld, name„ „lijk uit hoofde van een aangegaan Contract met de verbandschriften die aan de kooplieden wierden verleend, geen plaats kan hebben, en op deeze geen verdere betaaling behoefden te geschieden als na maate dat aan dat Contract voldaan was: op welk een en an„ „der door den Heer Directeur aangemerkt wierd, dat de verleening der obligatien in termijnen, zeeker te prefereeren zoude zijn, ingevalle de Kooplieden vermoogende & waaren van hun eigen, de nodige penningen tot de aan„ maaking der goederen na de Arrengste zenden, dan dat daar zij verpligt zijn, om die te negotieeren, om aan die penningen te ge„ zaaken, men wel genoodzaakt is, hen die af te geeven en daar door in staat te stellen om aan haare verbintenis te voldoen; dat, dat oogmerk hier meede niet zoude bereikt werden, ingevalle men bewee„ ren en verklaaren wilde, dat die obligatien niet verder zouden betaalbaar zijn, als naar maate dat daar op geleeverd wierd, Wijl 228 wijl buiten de vreese dat zoodanig een begrip wer„ „kelijk tot nadeel en disCrediet voor de Comp:e kon„ „de strekken dezelve in dat geval voor hen koop„ lieden van geen nut der wereld in de onder„ „neeming zoude zijn, alzoo niemand hen daar op eenig geld zoude fieeren, gelyk gebleeken is met de in A=o 1785 verleende, waar in zulx uitgedrukt stond, en daar om veroorzaak„ te dat de kooplieden dezelve niet verkopen of verpanden konden, 't geen men onder„ vonden heeft van welk een nadeeligen invloed dat op de Leverantie is geweest, en om welke reeden dan ook in het voorige Iaar die Clausule daar uitgelaaten is, waar over men althans open reeden gehad heeft zig te beklae „gen, wijl de kooplieden hier door geld zijn mag„ „tig geworden en ten minsten zoo veel geleeverd hebben als die verleende verbandschriften be„ „draagen, dus door het fieeren derzelve en het uitlaaten dier Clausule geen schaade geleeden is, en dat men die dit Iaar nog minder daar op te wagten heeft, alzoo alle de geene welke zig thans tot de Leverantie verbinden, Inwoonders van onze Collonie 23e: Maart 239 en dus in allen gevallen onder onze eige regts„ „dwang zijn, bij welke reedenen hij Heer Direc„ „teur vermeende, dat ook nog behoorde geconsi„ „dereerd te worden dat de afgaave voor het ¼ bedraagen aan obligatien die men zig verpligt reekend aan ieder wettigen houder zonder onder scheid te betaalen, aan geen meerder gevaar van schaade onderheevig is, als of men de vooruitverstrekking daar van in Contant deed, gelijk bevoorens wanneer er geldaan handen was, altoos heeft plaats gehad, en dat ten opzigte der rente hier meede ook niets zoude of konde uitgewonnen werden„ wijl de aanbesteeding op Crediet geschie „dende, den interest dog altoos op het drie quart of de gewoone vooruitstrekking zoh de moeten gevalideerd werden, 't zij men obligaties verleende ofte niet, dat het ook om 't erven is, of de Comp:e geld teegen 9 P=rl=o nego„ „tieerd en daar van de gewoone voor uit verstrek„ „king van het 3¼ doed, dan wel die 9 P=r C=o daar op aan de kooplieden zelfs valideerd, om al„ „le welke reedenen zijn E: E: Achtb: verklaarde te blyven bij desselfs gevoelen dat men de 23:e Maart obligatien

NL-HaNA_1.04.02_3829_0264 view scan ↗

English

to issue obligations according to the merchants' desire for the 3¼ amount of the tender, and that without any restriction whatsoever, to be paid to the lawful holder; since this is still the only prospect of serving the Company and securing return cargos for it for this year, which would otherwise be an impossibility. And the other members having also conformed in this with the Director, and merchant Elbracht finally having given his consent as well, it was unanimously approved and resolved, in accordance with the proposal made, to proceed to a tender for two ships, and to conclude the contract with the suppliers on the conditions described above. After this was concluded, the Director produced the translations of the papers received last year from Calcutta, relating to the bark Constantia and pantjalling Het Geduld, seized and returned by the English Captain Robert Geddes, concerning which the Commission dispatched to Calcutta in the year 1785 requested compensation. And upon reconsideration thereof, it appearing that what was offered for it, amounting to Current rupees 13673:1:8, differs too greatly from the sum of Sicca rupees 34408:2 12/5 demanded in that regard on our side to be able to accept it without the special permission of the Noble High Government of the Indies, it was approved and resolved, upon the proposition of His Right Honorable, to first request the decision of the Same thereon. In compliance with the circular order contained in the extract from the minutes of what was resolved in the Council of the Indies on 7 September 1786, and the demand made thereupon under the 2nd of this month to the Master Attendant Fredriks for an accurate statement regarding the vessels that are judged most useful, capable, and advantageous here in this country, a report was delivered by the same, signed by him, the Master Carpenter, and the two senior pilots, which reads as follows. To the Right Honorable Mr. Isaac Titsingh, Director of the Company's trade in Bengal, etc., etc., together with the members of the Honorable Council of Policy. Right Honorable Sir, Honored Councilors. Inquiry being made pursuant to the Batavia Resolution of 7 September 1786 as to what would be the best vessels, among others, for this river, and a brief description having already been sent last year with the requisition for sloops, we refer to that in part with your kind forbearance, and have the honor, in obedience to the orders given to me pursuant to the aforementioned resolution, to report anew at present that vessels are needed here that are called fast-sailing, in order to remain ahead of the ships at a good distance, to locate buoys, beacons, and shoals, so as to give proper signals of them to the ships, as well as suitable for bringing cargos up and down, and to use them on occasion in the open ocean, and to be able to reach their destined ports in a proper time; thus it is requested that they may be built as follows: Length over the stems: 70 to 72 feet. Breadth inside the planking: 21½ to 22 feet. The depth of the hold: 10 feet. The freeboard in the waist: 2½ feet high. Forward in the bow: 3 to 3½ feet. A cellar room deep: 2½ feet. A small scroll or knee or stem, instead of a galleon, a snow's rig. Two masts with fixed topmasts and long mastheads to serve to carry loose topgallant sails, the hull sharp-bottomed fore and aft. Was signed: Hooghly in Bengal, the 14th of March, Anno 1787. Signed: J. Fredriks, M. Groenewoudt, M. Reijkofs kij, and C. C. Haupt. Whereby the pilot sloops in use here are given as such, with as close a description as possible of how the same ought to be built and rigged, it was resolved to respectfully submit the same to the Noble High Government of the Indies, with the added representation that it has come to knowledge that the English are having twelve pilot sloops built in Bombay for this river according to a new model, which are highly praised not only for their extraordinary sailing qualities and the advantage of being able to serve, if necessary, even as packet boats to Europe, and which model has been judged by many years of experience to be the best and most useful, of which, however, no mold could be obtained for dispatch, but it is judged that this can be procured by the Surat ministers. The following report having been received concerning the examination and findings of the sloop Chinsura, recently arrived from Batavia: Report concerning the condition of the chaloup Chinsura. To the Right Honorable Mr. I. Titsingh, Director and Commander of the Company's important trade and interests in the kingdoms of Bengal, Bihar, and Orissa, etc., etc. Right Honorable Sir! The sloop Chinsura, destined hither from Batavia, having arrived here at Hooghly on the 18th of February, we proceeded, pursuant to Your Right Honorable's revered orders, to the said sloop, and having thoroughly examined the same in the presence of Captain Jacob

Dutch transcription

230. ding voor twee Scheepen gevolg te doen neemen den H=r. D=r. produceert eenige papieren raaken„ vergoeding der door Captn. gedotes gewoondene vaartuijgen. obligatien, navolgens de begeerte der kooplieden voor het 3¼ bedraagen der Aanbesteeding behorr„ de af te geeven en dat zonder eenige resbuctie hoe„ genaamd om betaald te werden aan den wettige houder; wijl dit nog het eenigste uitzigt is om de Comp:e van dienst te zijn, en haar voor dit Iaar rethouren te bezorgen, 't geen anderzints een onmogelijkheid zouden weezen, en de overi„ =ge Leeden zig hier in meede met den Heer Di„ „recteur geconformeerd hebbende en door den koopman Elbracht eindelijk meede zyn toe„ stemming gegeeven zijnde, zoo wierd een parig„ besluitom de aambestee„lijk goedgevonden en verstaan om navolgens B de gedaane voorstel, tot een aanbesteeding voor twee scheepen te treeden, en op de voorbeschree„ „vene voorwaarden het Contract met de Leve„ „rantiers te sluiten. — Na het afhandelen hier van wierden de de gevraagde schaa door den Heer Directeur geproduceerd, de Translaaten der in het voorige Iaar van Kal„ Katta ontvangene Papieren, betrekkelijk tot de door den Engelsch Capitain Robert Geddes, genoomene en gerestitueerde Bark de Constan„ „tia en Pantjalling het Geduld, omtrend welke 23 Maart de 231 23 Mart. daar op aan H: H: E: te defe„ reeren Bereigt van de Equipagie meester nopens de zeil deeze revier geschikt zijn de in A=o 1785 naar Kalkatta gedecerneerd ge„ weest zijnde Commissie, schaadeloosstelling ge„ vraagd heeft, en bij resumtie derzelve blykende, dat het geene daar voor aangebooden werd tot Cour=t ropijen 13673:1:8. al te zeer differeerd met de desweegens van onze kant geEischte som van S=a r=o 34408: 2 12/5 om zonder speciaale toestemming van de Edele Hooge Indische Regeering, die te kunnen accepteeren zoo besluit om de disposities op Propositie van zijn E: E: Achtb: goedgevon„ den en verstaan, de dispositie van Hoog De„ zelve hier op voor af te verzoeken. — In voldoening aan de Corculaire ordre vaartuigen die best voor vervat bij Extract uit de Notulen van het geresolveerde in Raade van Indie op den 7:e September 1786 en het daar op onder den 2:e deezer aan den Equipagiemeester Fre„ driks gedemandeerde tot een accurate opga„ „ve omtrend de vaartuijgen die hier te lan„ de het nuttigste bekwaamste en voordee„ ligste werden geoordeeld, door denzelven over gegeeven zijnde, een berigt door hem, den Baas Timmerman ende twee oudste Lootsen geteekend het welk aldus luijd. Aan ee 232. 23 Maart Aan den WelEd: Achtbr: Heer M=r Isaac Titsingh Directeur over 's Comp:s Handel in Bengale &=a &=a Beneevens De Leeden in den Achtbaare Raad van Politie WelEdele Achtbaare Heer 1N G' Eerde Raaden. Volgens Bataviase Besluit van 7:e Septb=r 1786. gevraagd, werdende wat de beste vaartuijgen onder ande„ ren voor deeze Rivier zou en zijn, en voorleeden Iaar reeds een korte beschrijving /: bij den Eysch der sloepen:/ gezonden weezende, zoo refereeren wij onder welduij„ ding daar aan eensdeels, en heb de Eere in obidientie van de ingevolge voornoemd besluit aan mij gegee„ ven beveelen thans op nieuw te berigten, dat men hier vaartuijgen nodig heeft, die men bezijlde noemd om de scheepen op een goede distantie voor uit te blij„ „ven, ten einde om Tonnen Baakens en Droogtens op te zoeken, om door behoorlyke zeijnen aan de scheepen van te kunnen geeven, als meede ge„ schikt om Ladings op en af te brengen, en dezelve bij geleegenheid in de grooten oicaan te gebruiken en haar gedistineerde Haavens op een behoorlyke tijd te kunnen bereiken, zoo verzoeken dezelve moogen 233 23e: Maart besluit om het daar bij voorgestelde plan H: H: E: voor te dragen. — moogen gebouwd werden; als volgt. — Lang over steeven 70 â 72 voet. Breed binnen boordswerk 21½ a 22 voet „Het Holdiep. . . . . . 10. _o Het Boord in de Kuijl - - - 2½ „ hoog 3 „ 3½ „ voor in de boeg Een kelder kamer Diep 2½ „ Een klein Krul of scheg of steeven, in steede van een Galjoen, Een snauws Thuijg Twee Masten met vasten stengen en lange Toppen om te dienen tot losse Bram zijls te voeren, Het Hol van agteren en vooren scherp gebond /:onderstond:/ Houglij in Bengale den 14:e Maart A=o 1787. /:getd:/ I=b Fredriks M=r groenewoudt, M:s Reijkofs kij en C: C: Haupt. — bij het welke als de zoodanige opgegeeven wer„ den de hier in gebruik zijnde Lootssloepen, met een zoo na mogelijke beschrijving hoedaanig de„ zelve behooren gebouwd en getuijgd te zijn, zoo is verstaan, het zelve de Edele Hooge Indische Regeering eerbiediglijk voor te dragen, onder bij gevoegde vertooning, hoe men onderrigt is dat de Engelschen voor deeze Rivier, te Bombaij, twaalf Loots sloepen naar een nieuw Model laaten aanbouwen die niet alleen om hare bijzondere bezeildheid en het voordeel om des benodigd zelfs tot Pake 't Boot 786. 234 23e Maart gelde tot het bouwen van 12 sloepen natie en bevinding van de sloep de Sinsura Boot na Europa te kunnen dienen ten hoogsten werden geroemd en welk Model door een veel„ jaarige ondervinding voor het beste en nuttigste nieuwe Projectder En gekeurd is, waar van men egter geen Malter overzending heeft kunnen magtig werden maar oordeeld dat dit door de Souratse Minis ters kan werden bezorgd. Berigt van de Exaini van de Examinatie en bevinding der Jongst van Batavia gearriveerde sloep de Chin„ „sura, het volgende berigt ingekoomen zijnde Berigt weegens de gesteldheid van de Chialoup de Chinsura Aan den WelEd: Achtb: Heer M=r I: Titsingh Directeur en op„ =pergebieder over 's Comp:s Importanten Handel en belangens in de rijke van Bengale, Behaar en ovixa & & WelEdele Achtbaare Heer! De Sloep de Chinsura van Batavia her„ waards gedistineerd, en hier op den 18 feb=ij op Houglij aangeland, zoo hebben wij ons volgens UwelEd: Achtb: g'Eerde ordres, ons begeeven, na gemelde sloep en dezelve wel geexamineerd te hebben, ten overstaan van den Capitain Jacob

NL-HaNA_1.04.02_3829_0269 view scan ↗

English

235 23 March Insertion of a Judicial Minute Jacob Fredriks, and the Master Carpenter Michiel Groenenoudt and the Pilots named Marten Rijhofskij and Casper Haupt, that the said sloop, according to the testimony of the Commander and the Pilot who brought it in, sailed reasonably well, being also good on its helm when turning and tacking, but that the said sloop required some alterations to install a snow rig on it, to make it 2½ feet lower at the fore and aft, and to lower the cabin. With this we hope to have fulfilled your Honorable and Respected Worships' intention, and so we have the honor to call ourselves with all high esteem, at the bottom: Honorable and Respected Sir, lower down: Your Honorable and Respected Worships' humble and obedient Servants, was signed: M: Reykofskij and C: C: Haupt; in the margin: Chintsura the 24th February 1787; below that: In my presence, signed: Ib Fredriks; lower down: In my presence, signed: Mr Groenewoudt. Thus, considering that the same requires no particular disposition, it has been resolved to keep this note thereof. Having been presented by the Honorable Chief Administrator Boogaardt, as President of Justice, a Judicial Minute of the 21st of this month, in proof of the swearing under oath of the reports of garbling required by the resolution of 16 February, specified therein, being of this content: Wednesday the 21st March Anno 1787. In the morning, Presentibus omnibus. The following was presented by the Honorable Lord President: Extract from the Minutes of what was treated and resolved in the Council of Policy at Houghly, Friday the 16th February Anno 1787. Regarding the re-weighing and garbling of the cloves, nutmegs, and mace brought in Anno Passato with the ships Schoonderloo and Rotterdams Welvaaren, three separate findings having been drawn up by the Honorable Chief Administrator and brought to the table today, it was resolved, after resumption of the same, to write off the deficits of 1292 lb or 4 1/100 Per Cent on the cloves per Schoonderloo 202 lb or 8¾ Per Cent on the cloves per Rotterdams Welvaaren 1099½ lb or 16 9/100 Per Cent on the nutmegs, and 328 lb or 19½ Per Cent on the mace, including the dust, rubbish, and white leaves therein, provided that according to the order, the reports are reviewed and sworn under oath in Pleno Judicio, and the refuse be sent to Batavia à uso in sealed packages. At the bottom: Agrees, signed: Fwieman B den Secretary. And 237 23rd March Account of the Poor Relief Administrators under Ultimo February by [illegible] And after resumption thereof, it was resolved to note here that, in obedience to what was ordained therein, the junior merchants and Members of this Council de Maffe and Bouman, who were commissioned for the garbling, confirmed the validity of their reports, which were also produced in Council, by solemn oath, as appears from the minutes kept at the foot of those papers. At the bottom: In my knowledge, signed: F: van den Broeck, Secretary; lower down: Extracted from the Memorial of the Honorable Council of Justice of this Office; still lower: Collated, Agrees, Houghly in Bengal, datum ut supra, signed: Js van den Broeck, Secretary. Thus it was resolved to consider the intention hereby fulfilled, and to send copies of those sworn reports to the Main Office. The Poor Relief Administrators De Bordieux and Wisschel, rendering an account of their administration since Primo September until Ultimo February last past, by the account following below and the report appended thereto. Account 238. Account and reckoning of the collected Poor Relief funds from Primo last past to Ultimo February 1787, and what thereof again Names For Receipts For six months of maintenance money which has been successively disbursed from the Company's Treasury to the undersigned for the support of the destitute persons, vide monthly warrants from September to February inclusive: Rupees 654: -: - Cash received on account of the rental of the hearse, pall, and mourning draperies at the burial of deceased persons, successively received during the 6 months, to wit: For rent of the hearse: Number 50: Rupees 89. 8. - For the pall: Number 32. - For the mourning draperies: Number 5. - For received interest money from the following persons on funds issued on mortgage, for the period of 6 months or since Primo May until Ultimo October Anno 1786 at 6 Per Cent per year, to wit: A mortgage charged to the sick-visitor F: Oostdijk, amounting to Sicca Rupees 1000, makes for 6 months: Sicca Rupees 30: -: - A ditto charged to Joseph Roselje, amounting to Sicca Rupees 4000: Sicca Rupees 120. -: - Ditto charged to Miss Fallack, amounting to Sicca Rupees 7500: Sicca Rupees 225. -: - makes Sicca Rupees 375. -: - For moneys collected while going around in the village and ditto in the church during the 6 months or since Primo September Anno 1786 until Ultimo February 1787, in various coin species, as follows: 2 gold mohurs: Rupees 32. -: - 61 Sicca rupees: Rupees 61. -: - 12 half Sicca rupees: Rupees 6. -: - 6 Arcot rupees: Rupees 5. 12. - 47 quarter rupees: Rupees 11. 12. - 127 eighth rupees: Rupees 15. 14. - 86 sixteenths: Rupees 5. 6. - 12 fanams: Rupees 1. 5. - 7 dubbeltjes 5 zesthalven 130 copper pice in lead: Rupees 170. 7. - Houghly in Bengal, Ultimo February Anno 1787. Sum Total: Sicca Rupees 1430. 15: - 215. 14. 2

Dutch transcription

235 23 Maar Jnsortie van een Iu„ tiheele Notul Iacob Fredriks, en de Baas Timmerman Michiel Groenenoudt en de Lootsen genaamt Marten Rij hofshij en Casp=r Haupt, dat gemelde sloep volgens getuige, van den Gezagvoerder, en de Lootsman die de zelve heeft binnen gebragt redelijk wel zeijlde, als meede goed op zijn Roer zijnde met wenden en draaijen, Maar dat gemelde sloep eenige ver„ andering van nooden hadden, om daar Een snaauws Tuijg in te zetten, en van agteren en voo„ „ren 2½ voet laager te maaken en de kaamer te laaten zakken aan Hier meede hoope wij u welEd:e Achtb:e instentie volbragt te hebben, zoo hebben wij de Eere ons ons met alle hoog agting te noemen /:onderst:/ welEd: Achtb: Heer /:lager:/ UwelEd: Achtb:e onderdaanige en gehoorsaame Dienaaren /:was get:d:/ M: Reykofskij en C: C: Haupt /: ter /zijde:/ Chintsura den 24:' febij 1787. /:daaronder:/ Ten mijnen overstaan /:getd:/ I:b Fredriks /:lager:/ Ten mijnen overstaan /:geld:/ M=r Groenewoudt zoo is aangezien het zelve geen bijzondere dispositie vereischt, verstaan, daar van deeze aanteekening te houden. Door den E: Hoofd Administrateur Bo„ gaardt als President van Iustitie overgelegd zijnde, een Justitieele Notul van den 21:e dee„ zer, ten bewizen van de bij besluit van 16 feb=ij gerequireerde beeediging der Rapporten van quar„ 236 23 Maart guarbulatie daar bij gespecificeerd, zijnde van deezen inhoud Woensdag den 21:e Maart A=o 1787:/. 's Morgens Presentibus omnibus werd door den E: Heer President over ge„ „legd het volgende Extract uit de Notulen van het gebesoigneerde en geresolveerde in Raade van Politie te Houglij Vrijdag den 16:e Februarij A=o 1787:/ Van de naweeging en guarbulatie der met de scheepen Schoonderloo en Rotterdams welvaaren in A=o Pass=o aangebragte Nagulen Nooten en foelij, door den E: Hoofd Administrateur meede op gemaakt en heeden ter Tafel gekoomen zijnde drie onderscheidene Bevindingen, zoo is na resumtie derzelve verstaan de minder„ heeden van 1292 lb of 41/00 Pr Co op de Nagulen per schoonderloo 202 „ „ 8¾ „ „ „ „ Pr Rotterdams 1099½ „ „ 16 9/100 „ „ „ „ Nooten en welvaaren 328 „ „ 19½ „ „ „ „ foelij het stof gruijs en witte Blaaderen, daar on„ der begreepen, te laaten afschrijven, mits na de ordre, de Rapporten in Plaeno Iuditio gerecol„ „leerd en beeedigd en het uitschot à uso in Verzee„ „gelde susten, naar Batavia gezonden werden /:onders :/ Accordeert /:getd:/ Fwieman B den seek: En op 237 23:e: Maart reek: der Armbezor„ gers onder Ulto Je bij AL=n En na resumtie van dien verstaan alhier te Notee„ ren, dat, in obidientie aan het daar bij geordonneerde, de onderkooplieden en Leeden deezes Raads de Maffe en Bouman die tot de guarbulatie gecommit„ teerd geweest zijn, de deugdelykheid hunner rappor„ ten, die meede in Raade geproduceert wierden, met solemneele Eede hebben bevestigd blijkens de aan de voet dier papieren gehouden Notulen /:ondersd:/ In kennisse van mij /:get=t:/ F: van den Broecksech: /:lager:/ geextraheerd uit het Memoriaal van den Achtb: Raad van Iustitie deezes Comptoirs /:nog lager:/ gecollationeerd Ac„ „cordeert Houglij in Bengale datum ut supra /:get=d I:s van den Broeck sec:t— zoo is verstaan de intentie hier meede voor voldaan te houden en Copijen van die beeedigde Rapporten naar de Hoofd plaats te zenden. — De Armbezorgers De Bordieux en wisschel, Reekenschap doende van hunne Administratie zeedert Primo September tot Ultimo Februarij Iongst Leeden, bij de hier onder volgende Ree„ kening en het daar neeven gevoegde Rapport. — Reekening et 238. reekening en verantwoording van 't ingezaamelde Armen I=o Leeden tot Ult=o februarij 1787. , en het geen daar van weder Namen over zes maanden alumentatie penningen dewelke suc„ cessive ui't 's Comp:s Cassa aan de ongerget:e is afgegeeven tot onderhoud der noodlydende persoonen, vide maandelykse ordonn: van septb:r tot feb=ij inclusive.. . 6 Contanten wegens de verhuurig der Lykwaagen, dood kleed, en Lampers bij de begraavenis van overleedene Persoonen geduurende de 6' Maanden Successive in gepalmt te weeten voor huur van de Lykwaagen N 50. „ „ — 2:: 89. 8. „ _ _ de Lampfors 5 voor ontvangene Intrest penn: van de volgende persoonen op Hijpoteecq afgegeevene gelden voor den tijd van 6 Maanden of zeederd P=mo Maij tot Ult=o octob„r A=o 1786 â 6 P=r C=o in het Iaar te weeten Een Hijpsteecq ten lasten van den krankb=r F: oostdijk groot Pr 1000: maakt voor 6 Maanden. . . . - Rr 30: —. . Een Dito ten lasten van d: k: Ioseph Roselje grootsr 4000 „ „ 120. —. . voor gecollecteerde penn: bij 't Rond gaan in 't Dorp. d=o in de kerk geduurende de 6 m=ten ofte zeedert Primo Septb:r A=o 1786 tot ult=o feb=ij 1787. aan diverse Munt spetien als volgt. — 2 goude Mooren 61 suca ropijen 86 Zestiendens. . . . 12 fanums 7 Dubbeltjes 5 Zeste halve „ „ „ „ „ Mejuff=r Fallack „ „ „ 7500 „ „ 225. -. . 375. -. - 12 halve vicca ropijen - - - - - 130 Koopere pijsos in Loor. 127 agtstens - - - - - _ _o het Doodkleed 47 quartjes - - - - - - - - „ „ 32. .. 6 Arcat. . . . /:onders:/ Houglij in Bengale ult=o Februarij A=o 1787./. /: Somma. . . - S=r r:o 1430. 15:— - - „ „ 11. 12. . . - „ „ 5. 12. - - - - „ „ 6.. - - - „ „ 15. 14. . . .No 32. „ „ 61.. „ 170. 7. R 654:-: Voor Ontfangst „ - . - : - „ „ 215 „ 142 - „ 1. 5. . „ „ - „ „ 5. 6. „

NL-HaNA_1.04.02_3829_0273 view scan ↗

English

239 Money expended within the period of six months or since 1st September by the undersigned Overseers of the Poor For Expenditures over 6 months maintenance as above, pursuant to resolution of 6 December 1784, item according to respected orders of the Right Honorable Lord Director in the month November last, as also by resolution of 5 December 1786, may enjoy their maintenance from the fund of the Poor, as To the widow van der Loots P: Green at sr 15 per month pl 90. To the widow of quartermaster T: Jacobs at 10 per month pl 60. To the 3 young sons of the junior merchant Brake at 12 each per month pl 216. To the daughter of the soldier P: Wylhooven at 10 per month pl 60. To the daughter of the junior merchant Christoffel at 10 per month pl 60. To the daughter of the junior merchant H: Heijtman at 10 per month pl 60. Sicca Rupees 654. To the widow of the fireworker Roothoff for 4 months or 12 per month or from 1st November of the past year to the last of February 1787 Sicca Rupees 48. To the widow of the quartermaster I: B: Hoorn at sr 20 per month or from 1st December last to the last of February of the year 1787 for 3 months Sicca Rupees 60. Disbursed wages to the coachman, sais, grasscutter, and also supplied for fodder for both hearse horses during the above-mentioned 6 months at sr ro 25 per month Sicca Rupees 150. For ropes, straw, medicines for the hearse horses, item for the repairing of the harness 18. 13. For oil, grease and tar for the hearses, as also some repairs 16. 4. For two blankets or horse cloths 3. 6. For the repairing of the horse stable and coach house, both of which had been completely dilapidated by the white ants 33. 7. 221. 14. Paid to the carpenter Ganawaij for repairing the church organ 8. For 3 glass window panes with cutting to fit and setting into the church frames 9. 9. For painting of number boards in the church 2. -. 161. 9. To the visitor of the sick F: Oostdijk according to exhibited account for made clothes, shoes, etc. for the 3 young sons of the junior merchant Brake 38. 10. Loss incurred on the Gold Mohurs etc. 3. 15. The balance to be counted into the Company's treasury 350. 15. - Sum Sicca Rupees 1430. 15. - was signed A: Dubordieux and F: W: Wisschel 240 23 March Mr. Isaac Titsingh Director over the Company's important Trade and interests in the Kingdoms of Bengal, Behaar and Orissa, etc. etc. To the Right Honorable Lord Right Honorable Lord! The undersigned Overseers of the Poor have, in the presence of the Fiscal of this Directorate, the Honorable A: G: Kraijenhoff, opened the Poor Box, and therein, after deduction of that which has been paid by the same as shown by the exhibited current account of today's date, still found to remain the after-mentioned species of money, which have been collected successively since 1st September last to the last of February 1787 or in the period of 6 months; namely 9 pieces gold mohurs 1 half gold mohur 1 gold ducat 4. 2. 105 sicca rupees 105. -. -. 11 arcot or farrukhabad rupees 10. 5. 14 half rupees 7. -. -. 47 quarter rupees 11. 12. 127 eighth rupees 15. 14. 86 sixteenth rupees 5. 6. Sicca Rupees 140. 12. 12 fanams, 7 double and 5 single, amounting to 1. 14. 130 copper pice in sorts 2. 6. -. 8. -. Together estimated at Sicca Rupees 312. 7. We have the honor to be with all high esteem, undersigned Right Honorable Lord, lower, Your Right Honorable's Very obedient servants, signed A: Dubordieux and F: W: Wischel, at the side, Hooghly in Bengal, the last of February 1787, lower, in my presence, signed A: G: Kraijenhoff. 241 23 March New order for the Fiscal and commissioners, item the Master of the Equippage, to observe upon the dispatch of the ships it is understood to make a record thereof hereby. Subsequently it was made known by the Lord Director, as a record has already been kept thereof by resolution of 24 January of this year, that he deems it necessary that at the dispatch of the return ships, not only the Fiscal and commissioners, but also the Master of the Equippage, after the muster has been conducted, shall remain in the roadstead until those ships are out of sight, in order to be on hand in case of any unforeseen accident and to be able to give the necessary orders; proposing therefore to establish this for the future. Thus it is understood to conform thereto and in accordance therewith to order the Fiscal and commissioners, item the Master of the Equippage, thereto hereby, as well as to augment therewith the Instructions issued to them annually. Two securities handed to the Chief Administrator The securities provided for the merchant De Bas and junior merchant Van Grieken, 242 Answers to European and Indian requisitions signed, resumes of some resolutions each to the amount of 3200 rupees, having also been submitted and resumed, it is understood to record this and to hand those writings over to the Honorable Chief Administrator for customary use. Finally, it is also understood to note the signing of the answered European and Indian requisitions, item the resuming of the collective resolutions of 16 and 23 February last. Below stood: Done Hooghly in Bengal, date as above. Was signed: I: Titsingh, A: Bogaardt, I: Fredriks, J: W: S: van Haugwitz, A: G: Krayenhoff, Jacob Elbracht, L: Reaal de Bas, Fk Wieman, Council Secretary, and I: C: Heijning, etc. Wednesday 23 March

Dutch transcription

239 Geld in den tijd van zes Maanden of zeeder P=mo September door de ondergeteekende Armbezorgers is uitgegeeven Voor Uitgaaf over 6 M=r onderhoud als boven, ingevolge besluit van den 6 xber 1784. item volgens gerespecteerde orders van den wel Ed: Achtb: Heer Directeur in de omd„ Novembr I=t Leeden, als meede mits besluit van 5 Decb=r 1786 uit het fonds der Nrmen hun„ nen onderhoud kunnen genieten, als â sr 15 p=s maand p=l 90. Aem de wede: van der Loots P: Green „ „ quart=s T: Iacobs . „ „ „ 10 „ — „ „ 60„. . „ „ 3 Zoontjes van den onderk:n Brake „ „ „ 12 ieder — „ „ 216. . . „ „ Dochter van den sold=t P wylhooven „ „ „ 10. ls — „ „ 60. . . „ „ _o „ „ onder k=mn Christoffel „ „ „ 10 „ —o „ „ 60. . . . „ „ wed: van den vuurwerker Roothoff voor 4 md=n ofte 12 p=r m=d oft van P=mo Noobs A=o Pass=o tot ult=o febrij 1787 Aan de wede: van den quart=r I: B: Hoorn â sr20 p=r m=t ofte van P=mo xber I: L: tot ult=o febrij A=o 1787. voor 3 maand=n uitgeschootene gage, aan de Koetsier, Ceis, grasboer & mitsgaders tot voer aan beide Lykpaarden geduurende de boven gem: 6 m=r verstrect a sr r=o 25 p=r maand - - - - - Rr 150. . . Aan touwen stroo Medicijnen aan de Lyk paarden Item voor het repareeren van 't Tuijg.. . . 18. 13. ƒ „ „ . olij Smeer en Theer v=r de Lijkwaagens zoo meede eenige reparaties„ 16. 4. voor twee Deekens of Paarden kleeden. . . . . . 3. 6. „ voor 't Repareeren van 't paarde stal en waagen huijs wel„ „ 33. 7: 221:14. ke beide door de witte mieren geheel vervallen is geweest. aan de Timmerman Ganawaij voor 't repareeren van 't kerk oogel betaald. . . . 3 p:s glaaze ruiten met 't vaspassnijden en t inzetten in de kerk ran:s 9. 9. 't Schilderen van Sijffer Bortjes in de Kerk . . Aan de krunkbezoeker f: Oostdijk volgens geexhibeerde reekening voor aangemaakte kleederagien, schoenen &=a voor de 3 Zoontjes van den onderk=n Brdhe - - - - - - - 38: 10. verlies gevalle op de Goude Mooren &. . . . . . . . . . 3. 15. 't saldo om in 's Comp:s Cassa geteld te worden „ „ „ „ „ „ H Heijtman „ „ „ 10 „ — „ „ 60. . . „rm 654. .. No 150. . „ „ 48. . . -- 2:-: 161. 9. Somma. - - - P=r r=o 1430: 15:- 7. /. /:was get=d:/ A: Dubordiux en F: w: Wisschel Aan lijk „ „ „ 8. m 350. 15. - 240 23 Maart M=r Isaac Titsingh Directeur over 's Comp:s importanten Handel en belangens in de Bijken van Bengale, behaar en Olifa & & Aan den Welede: Achtbr: Heer WelEdele Achtbaare Heer! Den ondergeteekende Armbezorgers hebben ten over staan van den fiscaal deezer Directie de E: A: G: Kraijenhoft de Armbus geoopend, en daar in na aftrek van het geene door dezelve betaald is geworden blykens de geexhibeerde reekening Courant onderhuijdigen datum nog bevor„ den te resteeren, de na te meldene geldspecier, dewel„ ke zeedert P=mo Septb=r I=t leeden tot Ult=o feb=ri 1787. of te in de tijd van 6 M=nd successive ingezaamelt; Nametlijk 9 P=s gouwe schooven 1 halve Goude — 1 „ Ducaat „ „ 4: 2 105 suca ropijen „ „ 105:-:- 11 „ Ancat _ of fracabaddij . - „ „ 10: 5. 14„ halve 47 „ quartjes 127 „ Agtstens- 86 „ Zestiendens- 12 „ famums 7 dubb= en 5 Zestehalve uitmakende „ „ 1: 14. 130 „ Koopere paijsos in zoort. - - - - „ „ 2: 6:— Te zaamen geschat op Pr=o 312: 7. wij hebben de Eere met alle hoog agting te zijn, ondersz:/ welEd:e Achtb:e Heer /:lager:/ UwelEd. e Achtb: Zeer gehoorsaame Dir„ naaren getd:/ A: Dubordieux en F: w: wischel /:ter zijde:/ Houglij in Bengale ult=o feb=ij 1787. /lager:/ ten mijnen over staan /:get:/ A: G: Kraijenhoff. — „ „ 7:—:— „ „ 11:12. „ „ 15: 14. s N=o 140: 12. - „ „ 5: 6. „ „ 8: —. zoo 16 241 23 Maart Nieuwe ordre voor den fiscaal en gecomm: item cheeren der scheepen te observeeren twee borgtogten den Hoofd Administ: in handigd zoo is verstaan daar van bij deeze aanteeke„ ning te houden Vervolgens wierd door den Heer Directeur Equipagiem=t bij het dep te kennen gegeeveen gelijk daar van reets bij resolutie van den 24 Januarij deezes Jaars meede aanteekening is gehouden het nodig te oordeelen, dat bij de depeche der rethour scheepen, de Fiscaal en gecommitteerdens niet alleen, maar ook den Equipagiemee„ ster na gedaane monstering, op de rheede verblijven, tot dat die scheepen buiten ge„ zigt zijn, ten einde bij eenig onvoorzien toe val bij der hand te weezen en de nodige ordres te kunnen stellen, Proponeerende over zulx, dit voor den aanstaande te sta„ „tueeren, zoo is verstaan zig daar meede te Conformeeren en ingevolge van dien den Fiscaal en gecommitteerdens item Equipagiemeester daar toe bij deezen te ordon„ neeren, mitsgaders de aan hen Iaarlijks af„ gegeeven werdende Instructie daar meede te vermeerderen:— De voor den Koopman de Bas en onderkoopman van Grieken gestelde Borg„ van H 242 Beantw: Eoroposeen Indise Ersch geteekend resumeert Borgtogten ieder tot f3200. ropijen, meede over gelegd en geresumeerd zijnde, is verstaan zulx aan te teekenen en die geschriften â uso de E: Hoofd Administrateur te in„ ƒ handigen. Eindelyk is nog verstaan te noteeren het in eenige resolutie ge„onderteekenen van de beantwoorde Europi„ sche en Indische Eisschen, item het resu„ meeren der gemeene resolutien van 16 en 23 Febij Jongstleeden. /:onderstond:/ Actum Houglij in Bengale datum ut supra /:was geteekend:/ I: Tit„ singh, A: Bogaardt, I: Fredriks: J: W: S. van Hauguitz, A: G: Krayenhoff, Iacob Elbracht, L: Reaal de Bas; F=k wieman Raaden Seck: en I: C: Heijning &c Woensdag 23 Maart

NL-HaNA_1.04.02_3829_0277 view scan ↗

English

243. Report of the investigation in the case of Hadjie Meheddie Wednesday 28 March 1787. In the morning, all present. The Committee appointed in December of last year to investigate the complaints brought before the Honorable High Government of the Indies by Hadjie Mohameth Mehendie, reporting on their proceedings thus far by means of a written report that, with its annexes, follows below. To the Right Honorable Mr Isaac Titsingh Director and Commander-in-Chief over the trade and interests of the Dutch East India Company in Bengal, Behaar and Orixa together with the Honorable Members of the Worshipful Council of Policy Right Honorable Gentlemen The undersigned, having been charged by Your Right Honorables and Honors by your honored resolution of 7 December of last year, an extract of which was delivered to them, with the investigation of the complaints made by Hadjie 244. Hadjie Meheddi to Their High Honors the Honorable High Government of the Indies, concerning injustice said to have been done to him by the former Director of Bengal, Mr Johannes Matthias Ross; request permission at present to provide provisional report regarding how far they have advanced with that investigation, a beginning with which was made as soon as the business surrounding the departure of the European ships left them some time. It was then on 3 February of last year that Hadjie Meheddie, having already previously been informed by order of the Honorable Director of the nature of our Committee, appeared before us for the first time. We then made known to him to what end he had been summoned; namely that the Honorable High Government of the Indies at Batavia, deciding upon his petition, had seen fit to order the Council of Houghly to conduct a careful investigation into the nature of the complaints brought by him; that the Honorable Director and Council had commissioned us to that investigation and that he must therefore present his points of grievance to us and thoroughly demonstrate wherein consisted the injustice that he believed had been done to him by Mr Ross. He declared himself to be very sensible of the regard that Their aforementioned High Honors had seen fit to bestow upon his representation and seemed very pleased with the choice of the Council of Houghly regarding the members who constituted the Committee, but before proceeding to any 245. 28 March any further particulars in his case he asked which gentlemen currently acted as attorneys for Mr Ross. This was answered truthfully by naming Messrs van Grieken, Blume and van den Broeck, and the last undersigned, to whom this question appeared somewhat suspicious, inquired into the reasons that could give rise to it, asking him whether he had anything against his person and whether he might be of the opinion that his interests were not safely entrusted to him by virtue of his aforementioned capacity, that in such a case he should speak freely, as one would then submit his objection and endeavor to bring it about that he, the last undersigned, would be discharged from the Committee and another person, who could not fall under that suspicion, be appointed in his place. He thereupon declared, with very great steadfastness as it appeared, but as became evident afterwards, very hypocritically, that he had only asked that question to be informed of the truth without harboring any ideas to the prejudice of the third undersigned, on the contrary that he was generally very pleased and would therefore present his interests with the greatest confidence in the world in our impartiality. This difficulty having thus been cleared out of the way, as we thought, Hadjie Meheddie proceeded to relate to us that having been a peaceful inhabitant 246. of Rinsura 28 March inhabitant for fifty years, he had during that time enjoyed the good fortune of always having been treated with very great distinction by the successive commanders and that he had also always spent his days very contentedly in this Colony, until the time that Mr Ross, by his judgment in the lawsuit initiated against him by Mier Hakomed Sadekihan, had completely deprived him of that contentment, because he was now troubled daily by the creditors of his deceased brother, holding him accountable for his debts on the basis of that verdict; that the injustice done to him by Mr Ross in this matter was most clearly demonstrated and elucidated in a dismissal or acquittal which Mr John Petrie, superintendent of the Dewanie Adalet at Calcutta, had granted him against Mirza Mahomed Sadikchan, one of the creditors of his brother, who, having summoned him before that court of justice, had wanted to compel him by virtue of the aforementioned verdict to pay what his brother owed him, and that he therefore requested to be allowed to refer to the contents of that dismissal, being prepared to supply that paper, along with many other proofs, which place the matter in the clearest light; we expressed to him our pleasure at this readiness to make the task of the investigation so easy for us and assured him that nothing would be more agreeable to us than to procure for him the most complete satisfaction. So

Dutch transcription

243. Rapport van het onder„ zoek in de zaak van Hadjie Meheddie Woensdag den 28 Maart 1787. 'S morgens, alle Present. Le in December It. leeden benoemde Commis¬ sie tot het onderzoek der bij de Edele Hooge Indi„ sche Regeering ingebragte klagten daar Hadjie Mohameth Mehendie, van hunne verrigtin„ gen, tot dus verre Rapport doende bij een schrif„ telijk berigt dat met dies Bijlaagen, hier on„ „der volgd. Aan den EE Achtb: Heer M=r Isaac Fitsingh Directeur en oppergebieder over den Handel en belangen der Neder¬ landsche oost Indische Comp:e in Ben„ =gale, Behaar en orixa E:E: Achtbaare Heeren Heeren De ondergeteekendens door U WEE Achtb:r en Edels bij derzelver geEerd besluit van den 7:e Deeb=r I=t leeden, waar van aan hen Extract is afgegeeven, opgedraagen zijnde, het onderzoek van de door beneevens De Heeren Leeden in den Achtb: Raad van Politie Hadjie 244. Madjie Meheddi aan Hun Hoog Edelheeden de Edele Hooge Indische Regeering gedaane klagten, over onregt dat hem aan zou zyn gedaan door den Heer geweezene Directeur van Bengale Iohannes Mat„ „thias Ross; verzoeken verlof thans dien aangaande provisioneel te mogen dienen van berigt in hoe verret zij gevorderd zijn met dat onderzoek, waar meede, zoo draade beezigheeden bij het vertrek van de Europische scheepen hun eenige tijd overlieten, een aanvang ge„ „maakt is. — Het was dan op den 3:e februarij J=t Leeden dat Hadjie Meheddie, bereets te vooren ter ordre van den Acht„ „baare Heer Directeur van den aard onzer Commis„ =sie onderrigt, voor de eerste maal voor ons Compa„ reerde. - wij maakten hem als doen bekend tot wat einde hij ontbooden was; dat mamentlijk de Edele Hooge Indische Regeering te Batavia, op zyn request disponeerende, had gelieven goed te vinden den Houglyschen Raad te gelasten, nauwkeurig onder„ zoek te doen nadenaard der door hem ingebragte klag„ „ten; dat den Achtb:e Heer Directeur en Raad ons tot dat onderzoek had gecommitteerd en dat hij dus zij„ ne pointen van bezwaar aan ons opgeeven en gron„ dig aantoonen moest waar in het onregt bestond dat hij vermeende door den Heer Ross hem aange„ „daan te zijn. - Hij betuijgde zeer gevoelig te wee„ „zen over het regard dat welm: Hun Hoog Edel„ heeden op zijn vertoog hadden gelieven te slaan en scheen zeer in zijn schik over de Keuse van den Houglysche Raad omtrend de Leeden die de Commissie uitmaakten, dog alvoorens tot eenige 245 28 Maart eenige verdere byzonderheeden in zijn zaak over te gaan vroeg hij welke Heeren thans als gemagtigdens van den Heer Ross ageerden. — dit werd hem na waarheid beantwoord door het opnoemen der Heeren van grieken, Blume en van den Broeck, en den laatsten teekenaar, welke deeze vraag eenigzints suspect voor kwam, informeerde zig na de reedenen die tot dezelve aanleiding konde geeven, hem vraa„ „gende of hij ook iets teegen zijn Persoon had en of hij mogelyk in het gevoele verseerde dat zijne belangen aan hem, uit hoofde van voors: zijne hoedanigheid, niet veilig toevertrouwd waaren, dat, in zoo een geval, hij zig vrijelijk uijten moest, wijl men als dan zijn bezwaar voordraagen en tragten zou te bewerken, dat hij laatsten teekenaar van de Com„ missie ontslaagen en 'er een ander Persoon, die on„ der die verder king niet komen kan, in zijn plaats benoemd werd. Hij betuigde daar op, met zeer veel Cordaatheid zoo als het zig liet aanzien, dog zoo als naderhand gebleeken is, zeer geveins delijk, dat hij die vraag alleen maar gedaan had om van de waarheid onderrigt te weezen sonder eenige idees ten nadeele van den derde teekenaar te voeden, in teegendeel dat hij over het algemeen zeer in zijn schik was en dus zijne belangens met het grootste vertrouwen des werelds op onze billijkheid voordraagen zoude. Deeze zwaarigheid zoo als wijdag ten dan uit de weg geruimd zijnde, ging Hadjie Meheddie voort met ons te verhaalen dat hij zeedert vijftig Iaaren een vreedzaam Inwoonder 246 van Rinsuial 28: Maart Inwoonder ^ geweest zijnde, hij geduurende die tijd het geluk genooten had van altoos met zeer veel distinc„ „tie door de successive gebieders behandeld te zijn en dat hij ook altoos zeer vergenoegd zijne dagen in deeze Col„ „lonie gesleeten had, ter tijd toe dat den Heer Ross, door zijne uitspraak in de teegens hem door Mier Hako„ „med Sadekihan geintameerde Proceduris, hem ten eenemaal van dat genoege beroofd hadde, wijl hij nu dagelyks vermoeyelykt wierd, door de Credi„ „teuren van zijne overleedene Broeder, als hem op fundament van dat vonnis aanspreekelyk hou„ dende voor desselfs schulden; dat het onregt hem door den Heer Ross in deeze zaak aangedaan ten klaarsten werd betoogd en opgehelderd in een dis„ miss of vrijspraak, welke den Heer John Petrie super intendant van de Dewanie Ndalet te kalcatta hem hadde verleend teegens Mirza Ma„ homed Sadikchan, eene der Crediteuren van zijn Broeder, welke hem voor dat geregtshoff gedagvaard hebbende, uit kragte van het voors: vonnis had willen noodzaaken tot betaaling van het geen zijn Broeder hem schuldig was, en dat hij dus verzogt, zig op den inhoud van dat dismiss te mogen beroepen, zijnde hij bereid om dat pa„ =pier, met nog veele andere bewijzen, welke de zaak in het klaarste ligt ten stellen, te suppediteeren; wij betuijgde hem ons genoegen over deeze bereidvaardigheid om ons den taak van het onderzoek zoo makkelyk te maaken en verzee„ kerde hem dat ons niets aangenamen zou zijn dan ons de volleedigste satisfactie te bezorgen Zoo

NL-HaNA_1.04.02_3829_0281 view scan ↗

English

247 28 March as soon as it appeared to us that he was truly wronged; however, because he had informed us that the aforementioned proofs and documents upon which he relied were written in the Persian language, we pointed out to him that we did not understand that language and that we would therefore be able to judge their contents only very defectively if we had to have them interpreted for us by a Munshi or other native servant; that it was thus necessary that he have the same translated into a European language, leaving him the freedom to choose French or English for that purpose, in case it might be too difficult for him to get them translated into Dutch. Against this he had much to object at first, but he subsequently seemed convinced of the fairness of our request and undertook to have the papers translated; and because much time would be required for this, he promised in the meantime to draw up a detailed account of his grievances and to provide us with the same translated as soon as possible. We were therefore not a little surprised when on Monday the 5th of February, the day on which the second meeting was scheduled, we saw Hadjie Meheddi, instead of submitting the promised points of grievance, present a petition addressed to the Honorable Director and Council and to the first two signatories, containing his objections of partiality regarding the third 248 28th March third signatory, because he is one of the attorneys of Mr. Ross, and a request that the same might for that reason be excused from the Commission and another person appointed in his stead, along with such other circumstances as that paper itself shows. We now saw most clearly to what end all that delay had served, which we had marked as superfluous in the previous meeting. We pointed out to him the incompatibility of this paper with his declarations and could not refrain from showing ourselves offended by the notorious untruth appearing in that petition, namely that he was supposed to have made his objections against the third signatory previously. His answer consisted only, according to the general customs prevailing among the natives, of all kinds of weak excuses and pretexts, but he positively affirmed that the aforementioned discrepancy between his petition and that which had happened in the first meeting had to be attributed to an error in the translation, because the text in the original merely indicated that he was now making those objections and not that he had already made them at that time; requesting us furthermore to be pleased to present his petition to the Honorable Director and Council and also to request verbally on his behalf to be excused from appearing before us in person, as his advanced age made it too difficult for him, 249 28 March and he considered that his agent or vakil was well able to give us all the explanations we might desire concerning the papers he would submit. We could not do otherwise than promise him to agree to this twofold request, and it was also with that intention that, having dismissed him, we immediately thereafter waited upon the Honorable Director to report on the matter set down here above. His Honor aforesaid thought fit to postpone a decision on the petition of Hadjie Meheddie until the translation of the dismiss or acquittal, to which Hadjee Mehedde refers, should be received, and ordered the first two signatories to request this of him. He has recently sent this to the first signatory, along with yet another further petition to the Council. We have the honor to present all those papers for the disposal of Your Honors, with the request that you will be pleased to favor us with such orders as we shall have to conduct ourselves by in the future concerning this affair. In particular, the last signatory requests that it may please Your Honors, on the grounds of what has been alleged here before, to relieve him from further assisting in this Commission, since it is very easy to understand that he could not have much warmth for the interests of a man who considers him capable of concealing, at the expense of his own honor and good name, the alleged errors of 250 28th March of Mr. Ross, to whom he acknowledges being genuinely obliged. From what has been set down here above, Your Honors will have perceived that we have not yet made progress with the investigation into this matter and that we are therefore not in a position to judge whether the complaints that Radjie Meheddi has brought concerning committed injustice are based on lawful grounds or not. We merely request permission to offer as our opinion to Your Honors that Hadjie Meheddi appears rather hasty in his accusations against Mr. Ross, since it has appeared to us from the content of the verdict by which he considers himself injured that Mr. Ross, according to custom, had the dispute investigated by members of his own nation and rendered judgment in accordance with their advice. We have the honor to call ourselves with the highest esteem, Honorable, Right Honorable Sir and Esteemed Councilors, Your Honors' humble and very obedient servants, was signed: I: W: S: van Haugwitz, I: C: Heijning, and P: van den Broeck. In the margin: Hooghly the 28 March 1787. Translation of a request in Persian made by Hadjie Meheddi, and presented to Messrs. van Haugwitz and Heijning. On Friday the 22nd of the month of Magh 1193 Bengali last, Mr. the Director Isaac

Dutch transcription

247 28 Maart zoo dra het ons kwam te blyken dat hij weezentlijk verongelijkt was; wijl hij ons egter te kennen had ge„ geeven dat de voors: bewijzen en documenten waar op hij zig beriep in de Persiaansche saal waaren geschreeven, hielden wij hem voor, dat wij die Taal niet verstonden en dat wij dus niet dan zeer gebrekkig over dies inhoud zouden kunnen oor„ deelen, ingevalle wij ons die door een Monsie of ander Inlands bedienden moesten laaten ver„ „tolken; dat het dus nodig was dat hij dezelve lier Translateeren in een Europische Taal, hem vrijheid laatende om daar toe de Fransche of Engelsche te verkiesen, ingeval het hem te moeijelijk mogt vallen die in het Hollands vertaald te krijgen, hier had hij in het eerst veel teegen in te brengen, dog hij scheen ver„ volgens overtuijgd van de billijkheid onzer be„ geerte en nam aan de papieren te zullen laaten vertaalen en wijl daar toe veel tijd zou wor„ „den vereischt, beloofden hij intusschen een gede„ „tailleerd berigt van zijn bezwaaren te zullen opmaaken en ons het zelve ten naasten ver„ taald te zullen bezorgen. — wij waaren dus niet wynig verwonderd wanneer op Maandag den 5:' februarij, de dag waar op de tweede bij eenkomst bepaald was, wij Hadjie Meheddi, in steede van de beloofde pointen van bezwaar, zagen overleggen een request aan den Achtb: Heer Directeur en Raad en de twee eerstgeteekende gerigt, vervattende zijne bedenkingen van Partijdigheid in den derde 248: 28e Maart derden teekenaar om dat hij een der gemagtigdens van den Heer Rossis en een verzoek dat den zelve uit dien hoofde van de Commissie g'excuseert en er een ander Persoon in zyn steede benoemd mogt worde, met zoodanige andere omstandig„ heeden als dat papier zelve aantoond, wij zaak „gen nu ten klaarste tot wat einde aldien omslag, welke wij in de voorige bij eenkomst als overtol„ lig hadde aangemerkt, had onde ten dienen, wij hielden hem voor de onbestaanbaarheid van dit pa„ pier met zijn betuigingen en konden niet afzijn ons zelve gebelgd te toonen over de notoire onwaar„ =heid, bij dat request voorkoomende, dat namelijk bij zijne bedenkingen teegen den derde teekenaar reets te vooren gemaakt zou hebben. zijn antwoord bestond alleen, volgens de algemeene gebruijken bij den Inlander in train, en allerlij flauwe ex„ cusen en pretexten, dog hij affirmeerde positif dat het hier vooren aangehaalde verschil van zijn request met het geen en in de eerste bij een„ komst gebeurd was toe moest worden geschroe„ ven aan een erreur in de vertaaling wijl de texjt in het het origineel eenelijk aanduide dat hij nu die objectien maakten en niet dat hij ze te dier tijd reets gemaakt had, ons overi„ gens verzoekende zijn request aan den Achtb: Heer Directeur en Raad te willen presentee¬ nen en teevens mondelings uit zyn zijn naam te verzoeken om van het Compareeren voor ons in Persoon verschoond te mogen blyven wijl zijn hoogen Iaaren hem de t' moeyelyk t maakte 249 28 Maart maakten en hij oordeelden dat zijn zaak bezorger of wakiel wel in staat was om ons alle op helderingen welke wij zouden kunnen verlangen te geeven, om„ trend de Papieren die hij in leeveren zou. - wij konden niet anders dan hem te belooven in dit twee leedig ver„ „zoek te zullen bewilligen en het was ook met dat oogmerk dat wij hem zijn afscheid gegeeven hebbende, onmiddelijk daar na onze opwagting bij den Achtb: Heer Directeur maakten om van het hier vooren ter neder gestelde verslag te doen, welm: zijn Achtb: vond goed in dispositie op het request van Hadjie Meheddie te surcheeren tot dat de vertaaling van het Dismiss of vryspraak, waar op Hadjee Mehedde Zig beroept zou ingekoomen zijn en gelaste de twee eerste tee„ kenaars om dit van hem te vraagen. Dit heeft hij onlangs aan den eerstgeteekende toegezonden nee„ „vens nog een nader smeekschrift aan den Raad. Wij hebben de Eere alle die Papieren UwelEdele Achtb: en Ed: ter dispositie aan te bieden met ver„ zoek dat dezelve ons gelieven te vereeren met zoodaanige beveelen als waar na wij ons in den aanstaande deeze affaire betreffende zullen hebben te gedraagen, inzonderheid verzoekt den laatste teekenaar dat het uwelEd: Achtb: en Ed:e behaagen mag hem, uit hoofde van het hier voor gealligeerde, van het verder assisteeren bij dee„ ze Commissie te ontslaan, wijl het zeer wel na te gaan is dat hij niet veel hartelijkheid kon hebben voor de belangens van een Man die hem in staat oordeeld om, ten kosten van zijn eige Eer en goede naam, de vermeende misslaagen van 250 28:e Maart van den Heer Ross, aan wien hij erkend weezendlyk verpligt te zijn, te verbergen. uit het hier vooren ter nedergestelde zullen uwEE: Achtb: en Ed:s ontwaard hebben, dat wij met het onder„ zoek in deeze zaak nog niet zijn gevorderd en dat wij dus niet in staat zijn te oordeelen of de klagten die Radjie Meheddi overgepleegd onregt heeft ingebragt al of niet op wettige gronden steunen; eenelyk ver„ zoeken wij verlof uwelEd: Achtb: en Ed:s als ons ge„ voelen te mogen opgeeven dat Hadjie Meheddi in zijne beschuldigingen teegens den Heer Ross vrij wat voorbaarig voorkomt, wijl ons uit den inhoud van het vonnis, waar door hij zig agt beleedigd te zijn, is komen te blijken, dat den Heer Ross na den gebruike het geschil door Leeden van zijn eige Natie heeft laa„ ten onderzoeken en navolgens hun advis uitspraak gedaan heeft. wij hebben de Eere met de meeste hoogagting ins te noemen /:ondersd:/ E: E: Achtb: Heer en g'Eerde Raaden /:lager:/ Uwer EE: Achtb:r en Ed:e heer onder daanige en zeer gehoorsaame Dienaaren /:was get=d:/ I: W: S: van Haugwitz, I: C: Heijning en P= van den Broeck /:ter zijde :/ Houglij den 28 Maart 1787. Translaat verzoek in het Persiaans gedaan door Hadjie Makendi, en gepre„ senteerd aan de Heeren van Haug¬ wittz en Heijning. Op vrijdag den 22 van de maand Maahg 1193 Ben„ gaals Jongstleeden, heeft Myn Heer den Directeur Isaac

NL-HaNA_1.04.02_3829_0285 view scan ↗

English

251 28th March Isaac Fitsingh may his life be prolonged sent an order with one of his people to the humble petitioner and Mirza Kazimchan, which contained: that Hadjie Mehendi, having complained by petition to the assembly at Batavia about how Mr. Ross had treated him contrary to law and equity, and an order having been received to investigate that matter at this Place; it is for that reason that we have appointed to the same investigation the Gentlemen Council Members van Haugwitz and Heijningen and our Secretary Mr. van den Broeck, in order to convene at the House of Mr. van Haugwitz, and to make as much haste with the investigation and settlement of this matter as shall be possible; whereby Mirza Kazimchan and Hadjie Mehendie are warned to show themselves always ready and prepared to appear, whenever and as often as the aforementioned Gentlemen shall summon him before them, and to answer uprightly according to the truth to everything that shall be asked of him. That after the lapse of two gherrijs Mr. van Haugwitz sent someone to the petitioner with the order to appear at His Honour's House the following day at 10 o'clock, and pursuant to which command the petitioner also appeared, having found there the three Gentlemen mentioned above, who told him, the petitioner, that an answer having been received to his Arzie sent to Batavia, the order had been given to have this investigated by Their Honours. That he, the petitioner, requested to know who the authorized agent of Mr. Ross was, and received from the Gentlemen the answer that these were the Gentlemen Blume, 252. 28th March Blume and van den Broeck, whereupon he replied as is known to the Gentlemen, namely that it was not customary, and did not agree with the institutions or Canons of law, that, whereas Mr. van den Broeck was the authorized agent of Mr. Ross, and thus in this capacity could speak and answer for the same, he formed one of the commissioners for the investigation of the matter, with the request that instead of Mr. van den Broeck another capable and sensible Person might be appointed, to attend the investigation alongside the two other Gentlemen Members of the assembly, in conformity with the statutes and written laws; also it is as clear as the sun at Midday that Mirza Kazimchan is the Party opposing the Petitioner, so that it does not accord with the customs and the rules of law and justice to summon such a Party thereto; what connection, after all, does this Matter have to Mirza Kazimchan. The petitioner hopes that the two Gentlemen who are appointed and commissioned on behalf of the assembly will be so good as to let him know Their Honours' commands in writing, as he, the petitioner, cannot proceed in this verbally, but is prepared to answer in writing to what shall be asked of him in writing, and thus to submit himself in all things. at the bottom stood translated the 5th of February 1787 was signed Casparus Leonardus Eilbracht Translation 253 Translation of a Persian petition by Hadjie Mahmed Mehendie dedicated to the commissioned Gentlemen van Haugwitz and Heijning and also to the Gentleman Director, and the other Members of the Political Council. Mirza Mahmed Sadekchan, Resident of Morsidabaad, did on the 22nd of the month of May 1782 Christian style, or the 12th of the month Feesh 1171, Bengali, in the time of Mr. Campbell before the Duwanij Adalet, or the court of justice at Calcatta, institute complaints against the petitioner, containing that he showed that he rightfully and properly had to claim from Hadjie Mehendi, resident of Chintsura, an amount of Eighty Thousand Rupees: of which amount a sum of twenty-three Thousand had been delivered and paid to Mier Mahmed Sadekchan, Resident of Medinipoer, and that he could not get paid the remainder, constituting an amount of fifty-seven thousand rupees, but that all sorts of evasions were sought for the payment thereof. — That pursuant to these complaints of the aforementioned Mirza, the aforementioned Gentleman of the court summoned the petitioner, where about two Years were spent in hearing and examining both Parties, when the aforementioned Gentleman, by the dispensation of providence, happened to die, 254. 28th March happened to die, without the complainant having proven anything in the very least. That after the decease of the aforementioned Gentleman the direction and management of the court of justice, and the matters being pleaded before it, was assigned to Mr. Petrie, before whom the aforementioned matter was again pursued and brought forward, without the complainant having proven anything of his instituted complaints there either, but was dismissed as a false accuser; as the petitioner holds in his hands the dismissal of the said Adalet thereof, signed and sealed, and supported by Legal authors, and now takes the liberty to submit alongside this. — That the said Mirza was thereby also condemned to the restitution of all Such legal costs as the Petitioner was forced to incur, as appears from the said dismissal, a Condemnation upon and against the said Mirza resulting from the fact that the same is dependent and a Resident of the said Duwanij Adalet or the Calcatta court of justice, and after investigation made, as said, having proven nothing. And whereas Mr. Ross, the issuer of a false decree, upon the same, by means of force and injustice, in this same matter, caused a sum of twenty-four Thousand seven hundred and seventy-two rupees to be delivered by the petitioner to the said Mier Mahmedsadekchan, under the Judicature and the Jurisdiction of the Dutch Nation

Dutch transcription

251 28e Maart Isaac Fitsingh (: dat zijn leeven verlenge:/ een order afgezonden met iemant van de zijne op den neederigen supp=t en Mirza Kazimchan welke behelfden: dat Hadjie Mehendi aan de vergadering te Bata„ via, bij request geklaagt hebbende hoe de Heer Ross hem teegen regt en billykheid had behandeld, en order was ontvangen geworden om die zaak te onder zoeken te deezer Plaatse; het is daar om dat wij tot het zelve onderzoek hebben benoemd de Heeren Raadsleeden van Haugwitz en Heijningen onzen Secretaris Myn Heer van den Broeck, ten einde ten Huijse van de Heer van Haugwitz bij den anderen te koomen, en met het onderzoek en af„ „doening deezer zaak zoo veel spoed te maaken als mogelijk zal zijn; wordende mits deeze Mirza hazimchan en Hadjie Mehendie gewaarschouwt, om zig altijd gereed en paraat te toonen om te Compareeren, wanneer en zoo dikwijls als welgemelde Heeren hem zullen voor zig ontbieden, en opregt na waarheid te antwoorden op al het geen hem zal gevraagd worden Dat na twee gherrijs verloop de Heer van Haugwitz om iemant heeft afgezonden tot den supp=t met ordre 'daags daar aan ten 10 uuren ten zijn Ed: Huijse te verschijnen en ingevolge van welk bevel de sup=t ook verscheenen is, Aldaar gevonden hebbende de drie Heeren bovengem: welk hem supp=t aan zeiden dat er antwoord op zijn na Batavia gezonden Arzie ontvangen zijnde, de order was gesteld om zulx door hun Ed: te doen onderzoeken. Dat hij supp=t verzogt te moogen weeten wie de ge„ magtigde van de Heer Ross was, en van de Heeren te antwoord bekwam dat zulx waaren de Heeren Blime 252. 28e: Maart Blums en van den Broeck, waar op hij zoodaanig heeft gerepliceert als de Heeren bekend is, namelyk dat het geen gebruik was, en met de institutien ofte Canons des regts niet er een kwam, dat, daar Mijn Heer van den Broeck volmagt van de Heer Ross was, en dus in deeze zijn qualiteit voor den zelven Taal en antwoord konde geeven, een van de gecommitteerdens ter onderzoek van de zaak uitmaakte, met verzoek dat in steede van de Heer van den Broeck een an„ „der bekwaam en verstandig Persoon mogten over„ „den benoemd, om neevens de twee andere Heeren Leeden van de vergadering het onderzoek; Conform de uitstel„ „lingen en beschreevene regten, bij te woonen ook is het zoo klaar als de zon op den Middag dat Moiza Kazimchan de Partij is vanden Supp=t, zoo dat het met de gebruike en de reegelen van regt en geregtigheid niet over een komt om zoo een Partij daar bij te ontbieden, wat betrekking tog heeft deeze Zaak tot Merzakazinchan. De suppliant verhoopt dat de twee Heeren die van weegen de vergadering benoemt, en gecom„ mitteerd zijnt zoo goed zullen weezen om hem in geschriften hun Ed:s beveelen te laaten weeten, kun„ „nende hy suppt by Monde hier niet in voort gaan, maar is bereid schriftelijk te antwoorden op het geen van hem in geschrifte gevraagd zal worden, en zig alzoo in alles te onderwerpen /:onderstond/ getranslateerd den 5:e februarij 1787 /:was geteekend:/ Cas:s Leon:s Eilbracht Translaat 253 Translaat Persiaans verzoek schrift door Hadjie Mahmed Mehen die gedediceert aan de ge„ committeerde Heeren van Haugwitz en Heijning en ook aan den Heer Directeur, en de overige Leeden van den Politicquen Raade Cirza Mahmed Sadekchan Inwoonder van Morsidabaad, heeft op den 22 van de maand Maij 1782 Christen stijl, ofte den 12:e van de maand Feesh 1171, Bengaals, ten tijde van den Heer Campbell voor de Duwanij Adalet, of het geregts„ hoff te Calcatta, klagten geinstitueerd, op en teegens den supp=t, inhoudende dat hij vertoonde van Hadjie Mehendi, inwoonder van Chintsura, wel en deug„ „delijk te Pretendeeren had, Een bedraagen van Tag„ gentig Duijzend Ropijen: van welk bedraagen en Montant van drie en twintig Duijzend, aan Mier MahmedSadekchan, Inwoonder van Medinipoer, afgegeeven en betaald waaren, en dat hij het restant, uitmaakende een bedraagen van zeeven en vijftig duijzend ropijen, niet betaald konde krijgen, maar dat tot de aflegging van dien allerlij uitvlugten gezogt wierden. — Dat ingevolge van deeze klagten van opgem: Mirza, de welmelden Heer van het geregt den suppliant heeft ontbooden, alwaar omtrend twee Iaaren verloopen zijn met het hooren en onderzoeken van beijde Partijen, wanneer op gem: Heer, door de beschikking der voorzienigheid, is 28: Maart koomen 254. 28. Maart koomen te overlijden, zouder dat door den aanklaager iets het allerminste is beweezen geworden. Dat na het overlijden van op gem: Heer de bestiering en beschikking van het geregtshoff, en de zaaken daar voor bepleijt wordende, is opgedraagen geworden aan den Herr Petrie voor wiende zaak voornoemd weeder is vervolgt en voortgebragt, zonder dat den aankla„ =gen iets van zijne g'institueerde klagten ook aldaar beweezen heeft, maar als een valsche actesator is afgeweezen; gelyk de supp=t daar van het dismiss van de gezegde Adale't geteekend en bezeegelt, en van Regtskundigen autheuren ondersteunt, in han„ „den heeft, en thans de vrijheid neemt neevens deeze over te leggen. — Dat gemelde Mirza daar bij ook is gecondem„ neert ter restitutie van alle Zoodaanige geregte „lijke kosten als den Suppt genoodzaakt is geweest te doen, gelyk dat bij de gemelde dismis komt te blij„ ken, een Condemnatie op en teegens genoemde Mirza voortgevloeit uit hoofde dezelve is de„ pendent en een Inwoonder van de gem: Duwanij gerechts Adalet of het Calcat ^ hof, en nagedaan onder „der zoek zoo als gezegt, niets beweezen hebbende En dewijl de Heer Ross den uitgever van een vasch decreet, op het zelve, bij weegen van ge„ weld, en onregt, in deeze zelve zaakaanden gem: Mier Mahmedsadekchan, door den suppt, heeft doen afgeeven een somma van vier en twintig Duijzend zeeven honderd en twee en zeeventig ropijen, onder de Iudica ture en het Regtsdwang van de Hollandsche Natie

NL-HaNA_1.04.02_3829_0289 view scan ↗

English

255 28th March. The Honorable Director shall take the advice of two English jurists regarding this matter. nation, and is therefore obliged to restore the same amount to the petitioner, it is that he, petitioner, who is a subordinate of the Company, trusting that no authority will protect such a tyrant, who aims to ruin and destroy the inhabitants, most humbly requests that due justice may be done to him in this matter so that he may obtain his claim and he may continually pray for the Company's prosperity and flourishing. May the sun of Your Honor's power and esteem shine continuously. Was signed Hadjee Mahmed Mehendi. Below translated from Persian on 7 March 1787, signed Cak:leon: Eilbracht. After resumption of which, it was undertaken by the Honorable Director to ask the opinion of Sir Robert Chambers and Sir William Jones, the First President and the second Member of the Calcutta Court of Justice, concerning the Dismissal or verdict of the Dewani Adalat mentioned therein, in order to know to what extent one could rely on it, until the arrival of which advice His Honorable thought that the commission could be suspended, in order if necessary to resume the investigation in due time, with all of which it was then agreed to conform and to keep this record thereof. 256. 28 March. Proposal of the Honorable Director to ask the merchants in the meeting whether they were inclined to accept the contract. Further objections entered by the merchant Eilbracht against the issuance of bonds. Subsequently, the Honorable Director proposed to summon to the meeting the suppliers and merchants who, according to His Honorable's communication at the last session, showed themselves inclined to provide a portion of the goods required for an upcoming return cargo, to ask them whether they were prepared to commit themselves thereto on the conditions agreed upon with him, the Honorable Director; whereupon the merchant Eilbracht requested, before proceeding to this, to be allowed to read out the following document. The worrying circumstances of the times in which one currently finds oneself with the direction of the Company's trade in Bengal are no small subject of reflection and contemplation, especially because of the indescribable lack of money into which this unhappy country has been plunged through a destructive oppression and the exhaustion of its treasures, requiring serious attention to how one shall manage not to leave the Lords and Masters in embarrassment regarding return cargoes, and how to protect oneself against damage and accountability. Reflections on this have repeatedly caused me to promote the untiring efforts and applied endeavors of the Honorable Director, and I confess that it is more than one could ever have expected in such a fatal period, without any significant relief of funds, despite the known scarcity thereof, to have seen His Honorable succeed in the dispatch of four return ships to the value of over 33 tons of gold. My attention has been no less active regarding the proposition recently made at the meeting by the aforementioned Honorable Director regarding the entering into of a new contract for providing two shiploads of return goods, Pero Patua, for this current year 1787. We have already deliberated and voted on it; as the only one who differed in opinion with the meeting regarding the utility and necessity of concluding it, I have further tested my conditional consent, not only against reason, but against the orders that are in force with respect to this department of the Company's service here in Bengal. The meeting, granting me its esteemed attention to the considerations already presented by me and further arisen, will undoubtedly justify my putting them in writing. To enter into the contract as it was proposed by the Honorable Director, after refuting my reasons why it appeared to me uncertain and even useless, I gave my conditional consent, and particularly on the assurance of His Honorable that the contract of last year was fulfilled, and His Honorable was thereby encouraged to a new conference with people belonging under our jurisdiction, with the exception of such as belong elsewhere and are beyond our reach. The difference between the opinion of the meeting and mine consists in this: that the members together agree with the proposition of the aforementioned Honorable Director, and that in my opinion the bonds should not be granted to the contracting parties directly for the full amount of the accepted delivery, but in proportionate parts by installments; suppose for the first one-third part from the day that the contract was concluded and signed; the second in the month of August upon the arrival of the expected ships, when it is ordinarily decided whether the work of the Company and the aurangs continues; and the last third part in, or at the latest by the end of October, if it then appears that the condition regarding the delivery has been fulfilled, and otherwise according to the exigency of affairs. I understood it thus in order to accommodate the Company regarding the interest, but the meeting finds this unfeasible and adhered to the proposition; but since, with due respect, I cannot agree with that, I request that this may serve as the reason against it. The second point of objection likewise resides in a difference of opinion regarding the validity and value of the bonds, as far as the validity is concerned. 28 March.

Dutch transcription

255 28:e Maart. Den Heer P=r zal dien aangaande het advies van twee Engelse Regtsge¬ leerde inneemen Natie gehoort, en dus verpligt is het zelve bedraagen aan den sup=t weder te restitueeren, zoo is, het dat hij supp=t, die een onderhoorige van de Comp:e is, vertrou„ „wende dat geen overigheid al zulk een geweldenaar zal Pnotegeeren, die het toelegt om de Ingezeetenen te bederven en te ruineeren, op het ootmoedigst ver„ zoekt dat hem in deeze behoorlijk regt mag weeder„ vaaren op dat hem zijn pretentie geworden en hij op den duur Bidden mag voor 's Comp:s welvaart en florisantie De zon van Uwel Ed: vermoogen en aanzien flikkeren: op den duur /:was getd:/ Hadjée Mahmed Mehendi /onders:/ uit het Persiaans vertaald den 7:e Maart 1787 /:getd:/ Cak:leon: Eilbracht Na resumtie van het welke door den Heer Directeur aangenoomen wierd, over het daar in vermelde Dismis ofte uitspraak van de Dewanij Adalet, het gevoelen te vraagen van Sir Robert Chambers en Sir william Jones de Eerste President en de tweede Lid van het Kalkatse geregtshof, ten einde te weeten in hoe verre men zig daar op konde verlaaten, tot het inkoomen van welk Ad„ „vis zijn E: E: Achtb: vermeende dat de Com„ missie konde gesurcheert werden, om des no„ „dig in der tijd het onderzoek te hervatten, met al het welk dan verstaan is, zig te te d udica te 256. 28 Maart voorstel van den Hr D=n om de koopl=n in verga„ dering af te vraagen of zij geneegen waaren de aanbesteeding te aan vaardigen door den koopman„ Eilbracht teegens het afgeeven van„ te Conformeeren en daar van deeze aanteekening te houden Vervolgens stelde den Heer Directeur voor, in vergadering te ontbieden de Leverantiers en kooplieden welke zig volgens zijn EE Achtb: Communicatie ter laaste sessie, geneegen getoond hebben, tot de bezorging van een gedeelte der goederen benoodigd voor een aanstaande re„ thour, om hen afte vraagen of zij bereid waa„ „ren zig op de met hem Heer Directeur over„ eengekoomene voorwaarden daar toe te ver„ nadere bedenkingen vinden; waar op door den koopman Eil„ bracht wierd verzogt, alvoorens hier toe obligaties g'intereerd over te gaan, te moogen voorleezen het voe„ gende geschrift. De zorgelyke omstandigheeden des tijds waar in men zig teegenwoordig bevind met het derigeeren van 's Comp:s Handel in Bengale zijn geen gering voorwerp van be„ spiegeling en overdenking, inzonderheid uit hoofde van het onbeschrijflijk gebrek aan geld, waar onder dit on„ =gelukkig Land, door een vierderfvelyke overheersing en uitputting van dies schatten, is gedompelt, ze vereisschende Serieusse aandagt hoe men het aan zal leggen om de Heeren en Meesters in geen ver„ leegenheid te laaten aan rethouren en hoe zig zelve te behoeden voor schaade en verantwoording is De nagedagten hier over hebben mij meermaals 257 28e Maart de onvermoeide poogingen en geadhibeerde devoiren van den Achtb: Heer Directeur doer bevorderen, en ik be„ „ken dat het meer is dan men immer, in een zoo fa„ tale tijd stip, zou hebben moogen verwagten, van, zonder eenig naamwaardig ontzet van gelden de bekende schaarsheid van dien zijn Edele Achtb: te hebben zien slagen in de verzending van vier retour scheepen ter waarde ruim van 33 Ton Gouds. mijn attentie is niet minder werkzaam geweest omtrent de Iongst door welm: Heer Directeur, ter vergadering gedaane propositie nopens het aangaan van een nieuw Contract ter bezorging van twee scheeps Ladingen met Retour Pero Patua voor dit loopm: de Iaar 1787. we hebben bereets daar over gedelibereerd en gevateerten, als de eenigste die met de verga„ dering, omtrent de nuttigheid en noodzaakelykheid tot het sluiten van dien, in gevollen verschilden, heb be ik mijne conditioneele toestemming nader getoest niet alleen aan de reeden, maar de orders, welke in viguer zijn met betrekking tot dit departement van 's Comp:s dienst hier in Bengale. De vergade„ ring mij haare geEerde attentie vergunnende op de bij mij reets voorgestelde en nader opgekoomene Consideratien, zal ongetwijffeld ir mij billijken het ingeschrift stellen van dezelve. Tot het aangaan van het Contract zoo als het door den Heer Directeur is geproponeert, gaf ik, na het weeder leggen mijner reedenen waarom het mij voor kwam onzeeker en zelfs onnut te zijn, Con„ ditioneel mijne toestemming en wel in zonderheid op de verzeekering van zijn welEd: Achtb:e dat aan 6 258 aan het Contract van voorleeden Iaar voldaan en zijn Edele Achtb:e, daar door, aangemoedigd, is tot een nieuwe Conferentie met Lieden gehoorende onder onze Iurisdictie, dat met uitzondering van zullken als elders thuijs hoorende en buiten ons bereik zijn. Het verschil van het gevoelen der vergadering hier. met het mijne, bestaat daa in, dat de Leeden ge„ zaamentlijk het eens zijn met de Propositie van welmelde Heer Directeur en dat na mijn openie de obligatien aan de Contractanten, niet direct voor het volle bedraagen der aangenoomene Leve„ rantie, maar in geproportioneerde gedeelten bij termijnen, behoorde verleend te worden; stelle voor het eerste 1/3 part van den dag af dat het Con„ tract geslooten en onderteekend werd; het tweede in de maand Aug:s bij arrivemen tder te verwagtene scheepen, wanneer het zig ordinair decideert of het werk van de Comp:e en de Arnangs voort„ gang heeft en het laatste derde partin, of uiter„ lijk met ult=o october, zoo het dan blijkt, dat aan de Conditie nopens de Leverantie voldaan werd en anders na exigentie van zaaken. Ik begreep het zoo, ten einde de Comp:e te gemoet te koomen nopens den Interest dog de vergadering vind dit ondoenlijk, en bleef bij de Propositie; maar vermits ik„ onder gunstig welcuijden, mij daar niet kan bij Voegen, verzoek ik dat dit mag dienen voor reeden daar teegen. Het tweede poinct van bezwaar resideert al meede in een verschillend gevoelen omtrend de kragt en waande der obligatien wat de kragt 28 Maart aangaat 9

NL-HaNA_1.04.02_3829_0293 view scan ↗

English

259 concerns. I maintained that, in my understanding, they serve in lieu of money that would otherwise have to be disbursed for the procurement of linens according to the contract, by virtue of which the bond is granted. Regarding the value, I alleged that if the supplier, who, spending money raised on it either from his own funds or through pawning or selling, on the Company's account in the aurangs and entirely or virtually fulfilling his contract, this bond can be paid to him or the lawful holder, but not before. The meeting, on the contrary, was of the opinion that the bond had to be considered as having been issued in lieu of ready money needed for the procurement of linens which the contractor had undertaken to deliver; that the value thereof therefore implied that he could pawn or sell it in order, for lack of his own ready money, to try to raise the necessary funds on it, and that this having taken place, the Company was bound to pay these pawned or sold bonds to the lawful holder, whether or not the contract, by virtue of which it was granted, is fulfilled; since that remained just as much at the Company's risk as if the value of the bond had been disbursed in ready money from the treasury. Against this, I maintained that it made a very great difference whether the Company traded with its own money, or with that of the supplier or someone else; that in the first case the Director, since making the disbursements was incumbent upon him, 28th March there 260. could arrange it in consultation with the Council in such a manner as prudence and circumstance might require, whether by handing over the full amount at once or in proportionate installments, in proportion to the assurance that it could immediately be employed in the aurangs and was instantly disbursed, which could indeed be verified; and that, in case of suspicion or alarming reports, it would be improper to proceed with any or further disbursements; whereas in the second case, or when a bond is granted, and particularly now that it is known that the merchants must now borrow due to their own insolvency, it is impossible for the Director to verify when the value thereof is spent on the delivery of linens for the Company in the aurangs, unless a report of that sale is immediately made and proof shown; that it would therefore be a very great hardship for the Company to have to pay the bond upon presentation to another who had become the owner or lawful holder thereof, without the actual benefit of the contract by virtue of which, and not for counted ready money, it was granted, under which illicit practices could be concealed. And it was on that ground that I argued that just as if the first or principal holder of the bond were to obtain payment only to the extent that he had fulfilled his contract, a second, third, or further owner and presenter thereof, in like manner or for the same reason, 28th March could pretend to nothing 261 28th March which human foresight cannot prevent could pretend to nothing more than what the Company had enjoyed through the contract and the value of such a bond upon it. The meeting, however, persisted in its opinion. I therefore find myself outvoted, and the Director was of the opinion that it would be an injury to the Company's credit to deliberate on the differing opinion, and thus to determine what is necessary regarding it for the future. But since I dare not take that responsibility upon myself as well, I have deemed it necessary to declare myself in writing upon this, so as not to be held jointly accountable for the disadvantageous consequences which might, unexpectedly, result from this; having all too clearly before my eyes the respected order of the Honourable High Government of the Indies by formal rescript of 15 July 1774, whereby Their High Mightinesses, for a further interpretation of what was written in the letter of 14 July 1770 concerning the loss that the Company might suffer through the advances of money, namely that this is understood in the sense that the Director must make the advance with so much circumspection and foresight that the Company suffers no loss thereby, except in cases which human foresight cannot prevent, were pleased to add, for further precaution, this remarkable clause: that no advances shall be made by the Director on his own authority, and therefore before the contracts with the merchants have been concluded in the full Council of Policy, but all such expenditures must be made with prior

Dutch transcription

259 aangaat. Ik beweerde dat ze, na mijn begrip, dienen in steeden van geld dat anders verstrekt zou moeten worden ter bezorging van Lynwaaten volgens Con„ tract, uit hoofde van het welke de obligatien ver„ leend word. Nopens de waarde allegeerde ik, dat de Leverantien die, het zij van zyn eige, het zij, met verpanding of verkoop daar op genegotieert Geld 9 voor Comp:s reek: in de Ariangs besteedende en 6 aan zijn Contract geheel, of nagenoegen voldoende, deeze obligatie aan hem, ofte den wettigen houder betaald kan worden, dog niet eerder. De vergadering daar en teegen was van begrip dat de obligatie moest worden g'considereert afgegeeven te zijn in steede van Contant Geld dat nodig was ter bezorging van Lyn„ waaten die de Contractant had aangenoomen te leeveren Dat dus de waarde van dien meede bragt dat hij die kon verpanden of verkoopen om, uit gebrek eijge gereed geld, het nodige, daar op te zien te negotig, eeren en dat dit geschied zijnde, de Comp:e gehouden was deeze verpande of verkogte obligatien aan den wettigen houder te voldoen, het zij dat aan het Contract, uit hoofde van het welke ze ver„ leend is, al of niet voldaan word; dewijl dat eeven zeer bleef voor de Comp:e resico als of de waarde van obligatie Contant, uit Cassa ver„ strekt waare Hier teegen werd door mij gesustineert dat het een magtig onderscheid uitmaakten, of de Comp:s met eige geld, of met dat van den Leverantier of iemand anders negotieerde, dat in het eerste geval de Directeur als het doen alz verstrekkingen incumbeerende, het 28e Maart daar H 260. daar omtrend met overleg van den Raad zoodaanig konde schikken, als de voorzigtigheid en omstandig„ heid enanstandighd quam te vorderen, het zij met eens„ klaps het volle bedragen of, in geproportioneerde termij„ „nen, het zelve of te geeven, na maate van verzeeke„ ring dat het in de Arrengs onmiddelijk geemploij= 9 eert kan worden en dadelijk uitgezet wierd, dat wel was na te gaan; en dat, in Cas van mistrouwen of zorgelijke Rapporten, het oneigen zoude zijn met eenige of verdere verstrekkingen voort te gaan; daar in het tweede geval, ofte wanneer er een obli¬ „gatie word verleend, en inzonderheid nu, dat men weet dat de kooplieden nu, uit eige onvermogen moeten vernegotieeren, het, voor den Directeur on„ mogelijk is na te gaan wanneer de waarde van de zelve op Leverantie van Lynwaaten, voor de Comp:e, in de Arrangs besteed word, zoo van die verkoop niet terstond rapport gedaan en bewijs ge= 0 0 toond word; dat het over zulx voor de Comp:s een zeer groote hardigheid zou zijn de obligatie, op ver„ tooning, te moeten betaalen aan een ander die in Eigenaar, of wottigen houder van was geworden zonder effectif genot van het Contract, uit hoofde van dewelke, en niet om Contant toegeteld geld, ze is verleend geworden waar onder ongeoorloofde de= mellus konde verborgen zijn. En het was op dien grond dat ik betoogde, dat zoo men als de eerste of principaale houder der obligatie betaaling erlangen zou, verder als hij voldaan had aan zijn Contract, een tweede, derde of verdere Eigenaar en vertoonen van dewelke, ingelijker voege, of om de zelve oorzaak, 28:e Maart niets F 261 28e Maart ¶ die de menschelyke voorzorg niet beletten niets meer zou kunnen Pretendeeren als het geen de Comp:e door het Contract en de waarde van zoo een obligatie daar op, had genooten. De vergadering egter bleef bij haar gevoelen. Ik vind mij dus overstemt en de Heer Directeur meen„ „de dat 't een krenking van 's Comp:s Crediet zoude zijn, het verschillend gevoelen in deliberatie, en dus, daar omtrent, het noodige vast te stellen voor nu aan den aanstaande. Dan nademaal ik die verantwoording niet meede op mij durf neemen, hebbe ik nodig ge„ oordeelt mij schriftelijk, daarop, te moeten verklaa„ zen, om niet meede aanspreekelyk te zaaken voor de nadeelige gevolgen, welke, onverhoopt hier uit zouden koomen resulteeren; zweevende mij al te wel voor oogen, de gerespecteerde ordre der Edele Hooge Indische Regeering bij formeele Rescriptie van den 15e Julij 1774. waar bij Hun Hoog Edelheeden tot nader interpitratie van het geschreevene bij letteren van 14 Julij 1770. , weegens het nadeel, dat de Comp:s door de geld verstrekkingen mogt lijden dat namelyk zulx begreepen is in dien zin, dat de Directeur de verstrekking moet doen met zoo veel omzigtigheid en voorzorg dat de Comp:e daar bij geen schaade komt te lijden, dan bij geval„ len ¶kom, tot verdere precautie gelieven te voe„ „gen deeze aanmerkelyk perioden Dat er geene voor„ „uitverstrekkingen door den Directeur opdes„ „zelfs krive en dus voor de Contracten met de „kooplieden geslooten zullen zijn in volle Raade van Politie, zullen mogen worden gedaan, maar alle dergelijke uitgaaven geschieden moeten met voor

NL-HaNA_1.04.02_3829_0296 view scan ↗

English

prior knowledge and consent of the entire Council, or those who might constitute the majority upon voting; in the expectation that, both the Director and every Member of the assembly as well as the Director remaining responsible for their vote, will always properly and as necessary pay regard to the Persons to whom the moneys are paid, or rather to their fortune, Credit, and Reputation, the reality of which can always be well penetrated here in this country. And since it is generally agreed that our subordinates are in decayed circumstances, and their insolvency as well as disreputable qualities have now for two Years been stated in the Company's Papers, it might sometimes appear questionable to Their High Nobilities how or why an unconditional trust is now placed in them if the reasons for it should not distinctly appear from the Resolutions of this assembly. Indeed, I am of the opinion that, since the assembly takes the value of the bond in the same sense as if the money to be negotiated upon it were effectively received from the Company's Treasury, it would be necessary and useful for the Honorable Company to stipulate, in the Contract or in a separate secret article, an adequate precaution against damages that might arise upon an unexpectedly erupting rupture, regarding which the prevailing circumstances of the times in Europe and what has been announced in the Public English Newspapers, under correction, recommend all circumspection, 28th March while I have reason to believe that, as long as the Company's moneys are in the hands of neutral people like the Suppliers, the enemy has no right thereto, for if their property is secure, it naturally follows that whatever is entrusted to them as Merchants must be viewed in an equal light, especially in a Country such as this, where the sovereignty itself is not decided and residence and safety are granted to European Nations by him to whom, though only in name, the supreme rule thereof is attributed until now. I very Respectfully request that these same objections, for my peace of mind, be inserted in the Resolution, and that the difficulty concerning the Bonds may on this occasion be presented to Their High Nobilities for decision. (signed:) delivered in the Council of Policy at Houglij in Bengal, the 28th March 1787. (signed:) Iacob Eilbracht. After which reading, it was stated by His Honor that he did not find those difficulties in the issuance of the Bonds which the merchant Eilbracht placed therein; at least that the danger in that issuance was no greater than in the advance payments of three-quarters of the amount of the Contracting Memorandum, which previously, in times when money was at hand, always took place and was also always honored with Its approval by the Noble High 264. 28th March High Indian Government as being an absolute necessity and without which a contract could never have been accomplished here; that the crediting of Interest was also nothing more than an ancient custom, and moreover, in the opinion of His Honor, very equitable and will certainly also not be disapproved by the said High Government, since Their High Nobilities have in the two most recent Years not only been pleased to approve such, but also in the letter of reply hither of 8 July 1778, as one of the difficulties against the new manner of Contracting introduced by the former Director Ross and the advance of the entire amount made thereupon, were pleased to state that such could have as a consequence that, in a contracting on Credit for which one previously used to calculate the Interest on three-quarters of the amount, the same would also be demanded on the whole; that in the said Letter 265 Letter was also in general approved and commended the advance payment of three-quarters rather than the entire amount; and he, the Lord Director, on account of all this, because the issuance of the bonds is subject to no greater risk than that advance payment of Cash approved by Their High Nobilities, which in this matter ought to serve as an example, justly flatters himself with the favorable approval of our High masters upon our actions in this regard, all the more so since the circumstances for the present are such that one has no choice, and must either proceed with the issuance of the bonds requested by the Merchants, or might leave the Company in Europe deprived of the Bengal Returns, which latter appeared to him, the Lord Director, the most irresponsible of the two as long as there is still some hope left to secure those returns. And after this, each Member having been asked by His Honor, Head for Head, whether they remained persisting in their previously given opinion on that subject at the last meeting, the 28th March which

Dutch transcription

262 „voorkennis en toestemming van den gansche Raad, „of die de meerderheid bij het Noteeren mogten uit„ „maaken; in die verwagting dat, en de Directeur, en ieder Lid van de vergadering zoo wel als de Direc¬ „teur voor hun vctum responsabel blyvende, al„ „toos behoorlyk en het zoo nodig regard zullen slaan op de Persoonen dewelke de penningen wor„ „den gekieert, dan wel op hun vermogen Crediet „en Reputatie waar van het rieele, hier te lande „altoos wel kan worden gepenetreert. , En daar het algemeen word toegestemt, dat onze onderhoorigen in verval van zaaken zijn en hun on„ vermogen zoo wel, als disreputatieuse hoedaanig„ heeden, nu zeedert twee Iaaren bij 's Comp:s Papieren zijn opgegeeven, zoude het Hun Hoog Edelheeden som„ wijl bedenklijk kunnen voorkomen, hoe of waarom en nu een onbepaald vertrouwen op hen gesteld word zoo de reedenen van dien niet distinctelijk mogt koomen te blijken bij de Resolutien deezer vergade„ ring, zelfs ben ik van gedagte dat, vermits de ver„ =gadering de waarde der obligatie neemt in die zel¬ ve zin, als waare het daar op te negotieeren geld effectief uit 's Comp:s Cassa ontvangen, voor de E Maat„ schap pij nodig en van nuet zou zijn, bij het Contract of een separaat gehum artikel eene toereekende precautie te bedingen teegenschaade welke ont„ staan zou konnen bij eene onverwagts uit te bar„ stene ruptuur, waar omtrend de voor koomende omstand en des tijds in Europa, en het aangekondig„ de in de Publieke Engelsche Nieuws papieren onder Correctie, alle omsigtigheid koomen aan te raaden, 28:e Maart terwijl 263 28e Maart Directeur wederlegd worden heb, terwijl ik reeden ^ te gelooven, dat, zoo lang als 's Comp:s penn: zijn in handen van neutrale lieden gelijk de Le„ verantiers, de vijand daar op geen regt heeft, want zijn haar eigendommen zeeker, zoo volgt van zelfs, dat al wat, als Handelaars, hun word aan en toever„ trouwt, in een gelijk ligt moet beschouwd worden voor al in een Land als dit, alwaar de souveraine„ teit Molf niet beslist en de Europasche Natien in„ wooning en veijligheid vergund is door den geen, die„ tot nu toe, schoon ook in naam, de opperheerschappy daar van word toegereekend.—. Ik verzoek zeer Eerbiedig dat dezelve beden„ kingen, ter mijnen gerustheid, bij Resolutie gein„ =sereert en de zwaarigheid weegens de Obligatien Hun Hoog Edelheeden tor deezer geleegenheid, ter decisie mag voorgesteld worden /:onders:/ overgegee„ ven in Raade van Politie te Houglij in Bengale den 28:e Maart 1787 /:getd: Iacob Eilbrach A. — bredanig die door den Heer Na welke leezing, door zijn E:E: Achtbaaren te kennen gegeeven wierd, die zwaarigheeden in het afgeeven der Obligatien niet te vinden =welke den koopman Eelbracht daar in stelde, ten minsten dat het gevaar in die afgaave niet grooter was, als in de vooruitverstrek kingen van het drie quart bedraagen der Aan besteedings Memorie, dat bevoorens, in tijden wanneerer geld aan handen was, al„ toos Plaats had en ook altoos door de Edele Hooge 264. 28e: Maart Hooge Indische Regeering met Haare goedkeu ring verEerd is als zijnde een volstrekte nood„ zaakelykheid en buiten het welke hier nooit een aanbesteeding tot stand gebragt heeft kunnen werden, dat het goed doen van Interest ook niet meer als een al oud ge„ bruik, mitsgaders: naar de openie van zijn E: E: Achtb:e zeer billijk is en door ge¬ dagte Hooge Regeering zeeker meede niet zal gedisapprobeerd worden alzoo Hoog Dezelve zulx in de twee Jongste Iaaren niet alleen hebben gelieven goed te keuren, maar ook bij de rescriptie naar herwaards van 8 Julij 1778, als een de zwaarigheeden teegen de door den geweezene Directeur Ross ingevoerde nieu we manier van Aanbesteeding en daar op gedaane verstrekking van het geheele be„ draagen, gelieven op te geeven dat zulx ten gevolge konde hebben, dat bij een aanbestee„ ding op Crediet waar voor men bevoorens de Interest plagt te bereekenen op het drie quart bedraagen, dezelve meede op het geheel Zoude gevergd werden; dat bij gedagte Missive d 265 teeren by hun voorig advis op dat subjectt Missive ook over het generaal goedgekeurd en aangepreezen werd de vooruitverstrekking van het drie quart boven het geheel bedragen, en hij Heer Directeur uit hoofde van dit een en ander, om dat de afgave der obligatien aan geen meerder risico subject zijn als die door Haar Hoog Edelheeden goedgekeurde vooruitverstrekking van Contanten 't geen in deeze tot een voorbeeld behoord te strekken, zig billijk vleijd met de gunstige approbatie onzer Hooge gebiederen op onze verrigtingen in deezen te meer nog daar de omstandigheeden voor het teegenswoor„ dige zoodanig zijn dat men niet te kiezen heeft, en of overgaan moet tot de afgaave der door de Kooplieden gevraagde obligatien, of de Comp:e in Europa verstooken mogt laa„ ten van de Bengaalsche Rethouren, welk laatste hem Heer Directeur het onverant„ woordelykste van beide voorkwam, zoo lan„ ge er nog eenige hoop over is, die rethouren de overige Leeden persis„ te bemagtigen, En hier na door zijn E: E: Achtb. ieder Lid, Hoofd voor Hoofd, afgevraagd zijnde of bleeven Iersisteeren, bij hem ter laatste vergadering hier in gegeeven advis, het 28e: Maart welk P

NL-HaNA_1.04.02_3829_0300 view scan ↗

English

266 28 March The procurement contract concluded with the merchants, their further request regarding it granted. which was answered in the affirmative, so it was approved and agreed to keep this record of all this, for the discretionary disposal of the aforesaid Noble High Indies Government. After this, pursuant to the proposal of the Lord Director, the aforementioned Natives appeared in the meeting and, the points having been presented to them concerning which agreement had been reached with His Honorable and which are mentioned in the document submitted by Him, the Lord Director, at the last Session, they acknowledged all of them and promised to bind themselves to the delivery according to the tenor thereof, merely requesting that, if necessary, they might suffice with the delivery before the last of October of half instead of the 5/8 part, and that payment of the debentures to the holders might not be refused, even if the person in whose name they were issued had not yet fulfilled their contract; which having been promised to them, they requested, for the confirmation of the contract, according to custom, to be allowed to have betel and 267 28 March Memorandum of the gifts made to the Nawab. and rose water, which was accordingly distributed; and after the conclusion of all of which it was agreed to keep this record thereof. Of the gifts delivered last November to the great Nawab and his retinue, on the occasion of the visit paid to His Excellency, for which the resolution was taken on the 18th of that month, there being produced today the following Memorandum of such gift goods as unavoidably had to be given on the 18th of November last on the occasion of the presence of His Excellency the Lord Great Nawab Mobarek ud Doula at Houghly, and a visit paid to His Excellency by the Right Honorable Lord Director and Some Members of the Council 268 28 March Council, namely: Purchase Sale Together The piece or rate The pieces or purchase sale 68 lb Cloves ƒ —. 7.— ƒ 4. 351 ƒ 23. 16. ƒ 284. 14. — 10 foist [mace] . —. 3. 1. 4. 15. 4. 2. 12. —. 80. 19. 8 17 nutmegs . —. 11. —. 7. 24. 5. 10. —. 71. 9. — 68 Cinnamon . —. 6. —. 5. 3. 3. 20. 8. —. 354. —. 8 100 Pepper . —. 2. 11. —. 8 —. 13. 9. —. 40. —. — 2 pieces Japanese Cabinets of 1½ feet —. 50. 10. —. 75. 15 —. 101. —. —. 151. 10. — 2 Writing desks —. 17. 18. —. 26. 17 —. 35. 16. —. 53. 14. 4 Trays . 15. 19. —. 23. 18. 8. 63. 16. —. 95. 14. — 72 ells Red cloth . 3. 9. —. 4. —. 248. 8. —. 288. —. 141¼ flowered velvet . 6. 17. 8. 6. 17. 8. 971. 2. —. 971. 2. 6 pieces crowned pigeons, purchased . 75. —. —. 75. —. —. 450. —. —. 450. —. 2 mirrors with gilded frames of 2 ells . 585. 4. 8. 877. 16. 8. 1170. 9. —. 1755. 13. — 2 ounces Clove oil . —. 6. 8. —. 15 —. —. 13. —. 1. 10. — 2 Nutmeg oil . 1. 7. —. 2. 1 . 2. 14. —. 4. 2. — 2 Cinnamon oil . 10. 11. 8. 15. 18 —. 21. 3. —. 31. 16. — The amount gifted in Goods totals ƒ 3130. 16 ƒ 4634. 4. In Cash By the vakil, who went to compliment His Excellency upon his arrival, a nazar of 9 gold mohurs at 16 Sicca Rupees each, Sicca Rupees 144. 17 silver Rupees 17. Together 161. By the Lord Director Himself, at the visit paid, a nazar of 25 gold mohurs, as above, 400. Told Sicca Rupees 561. To Sundry of his servants To the Daroga of the Elephants, Rupees 50. To the Daroga of the Horses, Rupees 40. To the Tailor, Rupees 60. To the Chobdars, Harkaras, Peons, Tent-pitchers and other servants together, Rupees 250. Together Rupees 400. To the Master of Requests of the Lord Nawab for himself, Sicca Rupees 100. To his Naib, Rupees 60. To his servants together, Rupees 32. Together Rupees 192. To the servants of the Faujdar in the Fort, Rupees 25. To the Fakirs, Rupees 20. For expenses in sending the Presents to Calcutta, Rupees 15. Told Rupees 1213. ƒ 1516. 5. —. ƒ 1516. 5. Sum ƒ 4617. 1. ƒ 6150. 9. — 269 28 March In the year 1765, on a similar occasion, the expenses were ƒ 24407. 16. 8. And this has now amounted to ƒ 6150. 9. — Thus now less ƒ 18257. 7. 8. The presented nazars amounted then to ƒ 2331. 14. 8 and now to ƒ 701. 9. — Thus less ƒ 1630. 5. 8. For travel allowances was disbursed at that time ƒ 14550. —. — and now nothing, and thereby saved ƒ 14550. —. — The gratuities to the servants amounted then to 2959. 10. — and now to 824. —. — Thus less 2135. 10. — The purchased goods amounted at that time to 3454. 10. — And at present to 1421. 2. — Thus Less 2033. 8. — Goods from the Trade Warehouses at that time 1822. 11. — and now 3213. 2. — Thus more 1390. 11. — The lesser subtracted from the greater 1390. 11. — leaves for the lesser amount gifted as above Told 19647. 18. 8. Of the above amount, each enjoyed for his share Purchase Sale His Excellency the Lord Nawab himself ƒ 4130. 8. — ƒ 5251. 2. — The Daroga of the Elephants . 70. 14. 8 . 166. 8. — The Daroga of the Horses . 58. 4. 8 . 153. 18. — The Tailor . 83. 4. 8 . 178. 18. — The Master of Requests and his Naib . 248. 4. 8 . 343. 18. — Servants of the Faujdar . 31. 3. — . 31. 5. — Fakirs . 25. —. — . 25. —. — Sum ƒ 4617. 1. ƒ 6152. 9. underwritten Houghly in Bengal the last of January 1787. was signed Jacob Eilbracht, invoice master showing that the same amounts to ƒ 4647. 1. purchase and ƒ 6150. 9. sale price, so after resumption thereof, as there is nothing to remark upon it, it was agreed to approve the same.

Dutch transcription

266 28. Maart Het aan besteedings Contract met de koop lieden geslooten hun nader verzoek dien aangaande geaccordeerd welk in het affirmative wierd beantwoord, zoo is goedgevonden en verstaan van dit al„ „les, ter believende dispositie van welmelde Edele Hooge Indische Regeering, deeze aanteekening te houden. — Hier na ingevolge des voorstel van Heer Directeur de voorengemelde Inlanders in vergadering verscheenen en voorgehoude zijnde, de pointen waar omtrend zijn met zijn EE Achtbaare overeengekoomen en die vermeld zijn, in het geschrift door Hem Heer Directeur ter laatsten Sessie in gediend zoo avoueerden zij dezelve alle, en beloofden naar den tereur van dien zig te verbinden tot de Leverantie, eeniglijk verzoekende dat, des noods mogten volstaan met de binnen leevering voor Ult=o October, van de helft in Steede van het 5/8 gedeelte, en dat de betaaling der obli„ „gaties aan de houders niet mogt geweigerd werden, al waar het ook dat den geene op wien de zelve luijdeden, nog niet aan haar Contract voldaan hadden, het welk hen beloofd zijnde, verzogten zij ter bevestiging van het Contract, volgens gewoonte Beetels en 267 28 Maart Heer Memorie van de aan den Nawabgedaane geschenken en Rooze waater te moogen hebben, waar van dien volgende dan ook de uitdeeling geschiede; en na afhandeling van al het welk verstaan werd, daar van deeze annotatie te houden Van de in November Jongst leeden afgegeevene geschenken aan den grooten Nawab en zijn gevolg, ter geleegenheid van de bij zijn Excellentie afgelegde visite, waar toe den 18:e van die maand het besluit genoomen wierd, heeden geproduceerd zijnde de volgende Memorie van zoodaanige Schenkagie goederen, als er op den 18:e November Iongstleeden, onvermij„ delyk hebben moeten werden gedaan bij geleegenheid van het aanweezen van zijn Excellentie den Heer groo„ te Nawab Mobarek ud Doula op Houglij, en eene bij zijn Excellentie door den welEdele Achtbaare Heer Directeur, en Eenige Leeden van den Raad 268. 28 Maart Raad afgelegde visite Namentlijk.— Inkoops uittkoops te zaamen 't P=r of R 't P=s of te Inkoops uitkoops ƒ —„ 7„— ƒ 4„ 351 ƒ 23„ 16. ƒ 284„ 14. — „ —„ 3„1„ 4„ 15. 4„ 2„12. –„ 80„ 19. 8 „-„11„-„ 7„24„ 5„ 10. -„ 71„ 9. - „ —„ 6„ —„ 5„ 3. 3 „ 20„ 8. - „ 354„ —. 8 100 „ Peeper. „ —„ 2„ 11„ —„ 8—„ 13„ 9. —„ 40„ —. — 2. P:s Iapanse Cabinetjes van 1½ voet. . - „ 50„ 10„ —„ 75„ 15 —„ 101„ —„ —„ 151„ 10„ - „ Schryflaadjes. -„ 17„18„—„ 26„17—„ 35„16„ —„ 53„14„ Bandeezen. „ 15„ 19„—„ 23„ 18. 8„ 63„ 16„ —„ 95„ 14„— 72 Elle RroodLaaken. „ 3„ 9„ —„ 4„ —„ 248„ 8. —„ 288„ —. 141¼ „ gebloemd fluweel . .„ 6„17„8„ 6„ 178„ 971„ 2„ -„ 971„2. 6 Ps kroonvogels } ingekogt „ 75„—„—„ 75„——„ 450„—„—„ 450„ —„ 2 „ spiegels met verqulde Lijsten van 2 Elle „ 585„4„8„ 877„16„8„ 1170„9. -„ 1755„13. — 2 once Nagel olij.. „ —„ 6„ 8„ —„ 15—„ —„ 13. —„ 1„ 10.— 2 „ Noten „. „ 1„ 7„ —„ 2„1 „ 2„ 14. —„ 4„ 2. — 2 „ Canneel „. „ „ 10„ 11„ 8„ 15„ 18—„ 21„ 3. —„ 31„ 16„— 'T verschonkene in Goederen bedraagd.. . . . ƒ 3130„ 16 ƒ 4634„4„ Per Cassa 10 „ foelij. 68 „ Cunneel. 17 „ looten. 68 lb Nagalen Door den wackiel, die zijn Excell: bij zijn aankomst is gaan Complimenteeren, Een Nesser van 9 Goude Mooren a s r 16 ieder. . . . . Sar 144. .. 17 zilvere Ropijen.. „ „1722 161„ Door den Heer Directeur Zelfs, bij de gedaane visite Een Nesser van 25 goude Mooven, aan als boven „ - - - „ 400: - Feld N 561„„ Aan Diverse zijner bediendens Aan de Daroga van d' Eliphanten. . . . Rr 50„ „ „ 40„ „ „ kleermaker - - - „ „ 60„ „ „ Sjobdaars, Harcarnas, Pioens, Ten te Zetters en verdere bediendens te zaamen. . „ „ 250. –. „ 400. .. „ „ Requestmeester van den Heer Nawab voor zig zelve. . . . . . . S=a r=o 100. . . . „ zyn Nail . . „ „ 60.. „ „ bediendens te zaamen. - „ „ 32: . . „ 192. .. Aan de bediendens van de Fausdaar in 't Fort voor ongelden bij 't versenden der Presente na Calcatta – – – „ 15: —: „ „ „ „ „ Paarden.. Aan de Fackiers. . . . . . . . . „ 20. „ . . . . . - - - - - - „ 25. .. Teld Rr 1213. - ƒ1516. 5. - „1516. 5„ Somma. . . . ƒ4617. 1. ƒ 6150. 9. — 2 „ 4 „ „ - - . * . * „ „ „ : * .. 269 28 Maart In A=o 1765, is bij dergelijke geleegentheid bekostigd - . ƒ24407. 16. 8. En zulx heeft nu bedraagen Dus thans minder De gepresenteerde Nessers bedroegen toen en thans voor Teer gelden is in die tijd afgegeeven, en nu niets en daar door uitgewonnen De verleringen aan de bediendens beliepen toen 2959, 10. „ Dus minder „ 2135:10.. De opgekogte goederen bedroegen in die tijd „3454:10. En teegenswoordig. . 5 --„1421. 2. . Dus Minder - - - „ 2033. 8. Goederen uit de Negotie Pakh: in die tijd - „ 1822. 11. . Des meerder - - -„ 215„—:— Dus minder - - - - „ 929. —„ 8 - - - - - - „ 3213. 2.. „ 1390. 11. „ en tans Tominste van 't meeste afgetrokken - - „ 1390. 11. . komt voor 't minder verschonkene als booven van het bovenstaande bedraagen heeft een ieder voor zijn aandeel genooten Teld. . . . „19647:18: 8. zijn Excctl: den Heer Nawab zelve. De Daroga van de Eliphanten.. „ „ Paarden. „ kleermaaker. „ Request Meester en zyn Naib. „ Bed=s van de Fausdaar „ Fackiers Inkoops uitkoop ƒ4130. 8. — ƒ5251. 2. — „ 70. 14. 8„ 166. 8- „ 58. 4. 8„ 153. 18.- „ 83. 4. 8„ 178. 18„ — „ 248. 4. 8 „ 34318. - „ 31. 3„ —„ 31. 5. - „ 25:—:—„ 25: —:— Somma - - - - - ƒ4617: 1: ƒ6152: 9: /:onderst=d:/ Houglij in Bengale ult=o Januarij 1787. /: was geteekend:/ Iacob Eilbracht factuur H=r aantoonende dat dezelve bedraagen ƒ4647:1. in - en ƒ 6150:9. uitkoops, zoo is na resumtie van dien, alzoo daar op niets aan te merken valt, verstaan, de „18257. 7. 8. ƒ1630„5„ 8„ „14550„-„„ „ 701„5„„ „ 6150„ 9„—„ „18257„ 7„ 8„ zelve koops en 282„14.— 80„198 71„9. — 354„-.8 40„ -. - 151„10. — 53„14.— 95„14.— 88„ —.— 971„2.— 450„-„- 755„ 13.— 1„ 10. — 4 2. — 31„16„- 634„4„ „ „ „ en nu ? . - . : - . - -

← previousnext →