VOC English

Dutch East India Company records, translated and anchored to the scan.

Inventory 3833

Coromandel · 1,106 pages · 138 segments · open at the Nationaal Archief ↗

NL-HaNA_1.04.02_3833_0520 view scan ↗

English

the large washermen's tank there, through which proximity he has assumed a right to that tank, to the noticeable hindrance and detriment of the Company's linens, which were constantly washed therein, and this by his people daily descending into the tank to fish, whereby the water was troubled, all described more fully in the letters of the chiefs of the 22nd of August last, whose extract as well as the letters exchanged in that regard by the said Jaggernaik chiefs with the Governor and Council at Mazulipatnam, we take the liberty to enclose herewith in authentic copy for your High Excellencies' honored consideration; Concerning the levying of tolls on that river, we shall take your High Excellencies' most revered order as a guideline, as being unable to withstand force, in the hope that the favorable revolution in the system between the republic and the crown of England may bring about a change for the better in this regard; Meanwhile, we shall take your High Excellencies' remark made with regard to the recovery of Nagapatnam, and the order given alongside it, as a guideline, and consequently, as soon as we might receive the desired news of the return of Nagapatnam, whether from your High Excellencies directly from Batavia, or via Ceylon, and the opportunity thereto shall be in any way suitable, transfer the entire establishment thither, in the same manner as was ordered concerning Padaas by their highest secret missive of the 18th of April of the past year; In continuation of this, we take the liberty further to bring to your High Excellencies' most honored notice that, since there are some rumors running of a hostile incursion by the troops of Tiepoe Sulthan, although one dare not vouch for their authenticity, and we presently find ourselves in a defenseless condition on this coast, even to such an extent that we would not be able to repel an attack of those marauders with success, we, in hope of your High Excellencies' favorable approval, resolved on the 21st of September last in our secret meeting to sound out the English ministry at Madraspatnam, on the grounds that we are presently so closely allied with the crown of England, as appeared from the 6th article of the concluded treaty, although no native troops are mentioned therein, whether that nation, in case of a hostile attack by any such troops, would assist us with their power. And on the other hand, to confer at the same time with the said government concerning the aforementioned current disputes with the English on account of our property of the Jaggernaikpoeram river, and the molestation and vexations being caused to us there by the servants of Mr. Floyer and the Regent Dammana. Then to this end, according to what was recorded in our aforesaid secret resolution of the 21st of September, a copy of which we have the honor to enclose herewith, we resolved to commission the merchant and warehouse master Willem Hendrik van Bijland, and to hand him an instruction for that purpose; a copy of which also accompanies this in deference, with orders to the same to provide a written report on the outcome of his actions in this matter, of which we shall have the honor to make a respectful report to your High Excellencies via Ceylon; We hope that our precautions taken in this matter will succeed happily, in which expectation we humbly beseech your High Excellencies favorably to approve this our conduct, and furthermore to allow that we take the further liberty, after having recommended your High Excellencies and the weighty interests of the Honorable Company to the protection of God Almighty, to subscribe ourselves with due respect and high esteem. Subscribed: High Noble, Great Honorable, Widely Ruling Sir and Well-Born Gentlemen, Your High Excellencies' most humble and obedient servants. Was signed: N:s Tadama, W: H: Graaff van Bijland, I: S: De Raeff, B: Brouwer, F: W: Bloeme, and I: I: Hasz. In margin: Palliacatta in Castle Geldria, the 18th of October 1789. Batavia. To the same as before. §1. Referring most respectfully to our humble, separate letters presented to your High Excellencies by the ship Horsen, we take the liberty of dispatching this one as well, since the general report, due to the non-receipt of the necessary papers from the Northern Offices, cannot yet be properly made, which we hope, however, will follow before long. But the unpleasant occurrences with the merchant and present chief of Jaggernaikpoeram, W: H: van Bijland, have prompted us to bring a brief report thereof under the discerning eye of your High Excellencies. § 3. Proceeding then to this, we have the honor to state that the merchant van Bijland addressed himself in the month of November to the first-signing Authority, making known with some passion that he had reviewed and signed the resolutions sent to him for signature with indignation, as the same contained falsehoods and twisted meanings of what had been resolved; whereupon the first signatory summoned the secretary de Raeff in the presence of van Bijland, and presented to him the accusations of his accuser. §4. De Raeff, angered by this, demanded that this should be proven to him, which van

Dutch transcription

de groote wasscherstang aldaar, door welke na „bijheijd hij zig een regt op dien tank aan gematigd heeft, tot merkelijke hindering en nadeel van 's Comp:s lijwaaten, die daar inne steeds gewasschen wierden, en zulks door het dagelijks in de Tank vallen van zijn volk om te visschen, waar voor het water getroebleerd wierd, alles breeder beschreeven bij der opperhoofden letteren van den 22. aug:s laastleeden, welkers Extract zoo wel, als de dier„ wegens gewisselde brieven door gem: Jaggernaik opperhoofden, met den Gouverneur en Raad te Mazu„ „lipatnam, wij den vrijheid neemen in Copia authenticq tot uwe hoog Edelheeden G'eerde speculatie hier bij te voegen; Concerneerende het heffen der thollen op die revier, zullen wij uw hoog Edelheeden zeer gevenereerde ordre tot Een rigtsnoer. laaten strekken, als tegen geweld niet bestand zynde, in hoope dat de gunstige omwenteling in het Systema tusschen de repieblicq en de kroon van Engeland hier inne eene verandering ten goeden 248: goede mag te weege brengen; Inmiddens zullen wij uwe Hoog Edelhee„ „den gedaane remacque ten aanzien van de te rug erlanging van Nagapatnam, en de ordre ^daar =neevens gegeeven, tot een regtsnoer laaten strekken, en dien volgende zoo dra wij de gewenschte bij„ ding van de te rug gave van Nagapatnam, het zij van uwe Hoog Edelheeden direct van Batavia, of over Ceijlon mogte ontfangen, en de geleegentheid daar toe eenig zints geschikt zal weezen, den geheelen omslag derwaarts overbrengen, inzel„ vervoegen als zulks omtrend Padaas bij hoogst derzelver secreete missive van den 18. April des gepasseerden Iaars geordonneerd is; Ten vervolge deezes, neeme wij de vrijheijd uwe Hoog Edelheeden nog ter zeer g'eerde ken„ nisse te brengen, dat vermits er eenige gerugten loopen van eenen vijandelijken inval van de troepen van Tiepoe Sulthan :/ schoon men voor dies egtheid niet durve instaan:/ en wij ons thans in eene weerloozen toestand ter deezer. kuste be„ „vinden, in zoo verre zelfs dat wij niet in staat zouden zouden weezen eenen aanval dier stropers met succes afteweezen, wij in hoope van uwe Hoog Edelheeden gunstige approbatie op den 21. ' Septem„ „ber L: E: in onze secreete bij een komste beslooten hebben, het Engelsch Ministerij te Madras, „patnam uit hoofde wij thans zoo naauw geali„ eerd zijn met de kroon van Engeland gelijk bleek bij het 6. artukel van het geslooten Tractaat hoe wel daar bij van geene Inlandsche broupen gesprooken word te laaten ondertasten, of die natie in Cas van eene vijandelijke attacque van eenige zulke troepen, ons zoude assisteeren met hunne magt. En ten anderen gem: Regeering teffens te onderhouden over de voormelde loopende ver„ schillen met de Engelschen wegens onze eijgen„ dom van de Iaggernaikpoeramsche revier, en de molesten en veratien ons aldaar aangedaen werdende door de bediendens van M=r floyer en den Regent Dammana dan hier toe hebben wij volgens het aangetee„ kende ter onzer. voorsz: secreete resolutie van 249 van den 21. ' September /:welkers Copia wij de Eere hebben hier nevens te voegen:/ beslooten, den koopman en Pakhuijsmeester Willem Hen„ drik van Bijland te Committeeren, en hem ten dien eijnde een Instructie ter hand te stellen; welkers afschrift deezen almeede in Eerbied verzeld, met last aan den zelven ^den om van ^ uijtslag zijner verrigten in deezen te dienen van rapport inscriptis, waar van wij de Eere zullen hebben uwe Hoog Edelheeden over Ceyjlon eerbiedig verslag te doen; Wij hoopen dat wij in deezen onze gebruijkte voorzorge gelukkig recisseeren zullen. in welke verwagting wij uwe Hoog Edelheeden ootmoedig smeeken, deeze onze behandeling gunstiglijk te approbeeren, en voorts te gedoogen dat wij alverder de vrijheid neeme na uwe Hoog Edelheeden, en de gewigtige belangens der E: Maatschappij in de bescher„ ming van God Almagtig aanbevoolen te hebben, ons met verschuldigde Eerbied en hoog agting te noemen /onderstond Hoog Edele yer oy Edele Groot Agtbare wijd Gebiedende Heere en WelEdele Heeren, uwelhoog Ede„ „lens zeer onderdanige en gehoorzaame dienaaren /:was geteekend:/ N:s Tadama W: H: Graaff van Bijland, I: S: De Raeff B: Brouwer, F: W: Bloeme en I: I: Hasz: /:in margine:/ Palliacatta In 't Casteel Geldria den 18. october 1789. — Batavia Aan als vooren §1. Ons eerbiedigst gedraagende aan onse nedrige, apparto letteren per het schip Horsen Uwe Hoog Edelheedens aangebooden, neemen wij de vrijheid deezen te laaten ook afgaan, alzoo het generaal verslag, door de non ontfangst der no„ „dige Papieren van de Noorder- Comptoiren, nog niet na behooren kan werden gedaan, het O 250 het geen wij egter hoopen dat eerlange zal volgen dan de facheuse gebeurtenessen met den koop„ „man en present opperhoofd van Iaggernaik„ „poeram W: H: van Bijland hebben ons genoopt om een beknopt berigt daar van onder het doorzigtig oog van uw Hoog Edelhee„ „den te brengen. § 3. Daar toe dan overgaande hebben wij de eer. te avanceeren, dat den koopman van Bijland zig in de maand November bij den eerstgeteekende Gezaghebber addresseerde, met eenige drift te ken„ „nen geevende, dat hij de Resolutien, die hem ter teekening waaren toegezonden, met onstig„ „ging had geresumeerd en geteekend, alzo de zelve JV: in heilden valsiteijten en verdraaijde mee„ ninge van het beslooten; waar op den eersten teekenaar de secretaris de Raeff ontbood in„ „presentie van van Bijland, en hem de beschieldigingen van zijne accusateur voor heild. —. §4. De Raeff hier over geergerd begeerde dat hem zulks zoude worden beweezen, het geen van

NL-HaNA_1.04.02_3833_0526 view scan ↗

English

van Bijland said he would do in the meeting, and on that account requested that the undersigned Resident convene a meeting; however, the latter refused van Bijland's urgent request, unless he beforehand provided inspection of the papers to be submitted by him. Section 5. This resulted in his letter of 26 November of the past year, annexed to our Resolution of 10 December under No. 2, and addressed to the Resident and Council, on the merits of which we shall not expound, but humbly refer to the brief answer thereto under No. 3. Section 6. Following this, he sent on 30 November thereafter a paper under an envelope to the first undersigned, dated 25 November, to be seen under No. 4, containing not only the accusation previously made against the secretary De Raeff, but also against the entire Council, as if they were vilifying the orders of the Gentlemen Majores and their High Right Honourables, and had held illegal meetings. Section 7. We answered him briefly on this, and demanded that he satisfactorily prove the accusations against de Raeff as well as against the entire Council; it was also pointed out therein that an error in the superscription of the Resolution is not a falsification. Section 8. As also his arrogance as if the Council, which had been assigned a certain commission for the inspection of the hospital at his instigation, were not permitted to make a report without him, or to make note of it in the resolutions at the first meeting, all more broadly specified under No. 5. Section 9. Under No. 6 we have the honour to humbly present to your High Right Honourables the petition of the former secretary de Raeff addressed to us, containing his complaint about the accusations of van Bijland and his request for an investigation of that accusation, along with punishment or satisfaction upon findings, a copy of which, alongside No. 5, has been sent to the accuser. Section 10. In conclusion of this correspondence, he requested that this matter be referred to your High Right Honourables or to the Ceylon Government for reasons cited therein; wherefore it was deemed proper on 10 December last to confront the Resolutions and Minutes kept in the meeting by the secretary with one another, but no error whatsoever being discovered therein, much less any falsity, we summoned the provisional warehouse master de Raeff into the Council and informed him of our findings, and also granted him his seat as before, which had been denied to him as well as to van Bijland by the Resident. Section 11. In our meeting of the 5th of this month, the undersigned Resident produced a comprehensive document containing a refutation of a paper from the aforementioned van Bijland presented to your High Right Honourables in the month of October by the ship Horsen, entitled Elucidation to the question of your High Right Honourables why no gathering of linen was done at Sadraspatnam, which response, dedicated to your High Right Honourables, we have the honour to have accompany this under the annexes, where alongside are also added 3 parcels sewn in oilcloth and sealed with the Company's seal, being in No. 1 and 2 the accepted and rejected samples sent by van Bijland for our inspection in the month of October 1785 and September 1788, and in No. 3 the accepted musters offered to us for that purpose by the present head Simons, which, as we trust, will convince your High Right Honourables that no partiality has taken place in this matter. Section 12. But of greater weight is that which was perpetrated by him in the month of September, when by the Dewan, contrary to all our privileges, 2 of the Company's bales and 4 chests were seized, as well as the trunks of the Captain of the Company's ship Pas, which were not released until the Nabob, at the instance of the first undersigned, sent an order to the Dewan not only to release the detained Company's bales and chests, as well as the Captain's trunks, but even to cause no impediments whatsoever in the loading of the ship. Section 13. The Nabob also requested that, both from our side and from the Dewan's, after the dispatch of the ship, two to three persons knowledgeable in our privileges should be sent over to have the same examined, and thereupon further make an improved plan to avoid the continuous discrepancies between the Dewan and the first undersigned, whose department alone it is to handle matters concerning the native rulers, according to ancient orders. Section 14. Yet van Bijland, in defiance of this order, did not shrink from bestowing upon the Havildar 4 yards of red cloth, 15 lb pepper, 10 lb cloves, 6 lb nutmegs, 2 lb mace, and 3 phials of rosewater, as your High Right Honourables may be pleased to observe from two secretarial statements.

Dutch transcription

van Bijland zeijde in vergadering te zullen doen en verzogt dier wegens dat den ondergetekende Gezaghebber vergadering zoude beleggen; dog dezelve weijgerden de Instantie van van Bij„ „land, ten zij hij prealabel visie gaf van zijne in te dienene papieren. —. §5. dit had ten gevolge zijn brief van den 26. No„ vember des gepasseerden Jaars, bij onze Reso¬ „lutie van den 10. ' December sub: N:o 2. Gean„ „nexeerd, en aan den gezaghebber en Raad ge„ rigt, over welkers verdiensten wij niet zul„ „len clargeeren, maar ons nedrig gedraagen aan het korte antwoord daar op bij N:o 3. § 6. Hier. op zond, hij op den 30. November daaraan een papier onder ben Couvert aan den eersten teekenaar, gedateerd 25. November, te zien on„ der N:o 4. behelsende niet alleen de voorwaarts gedaane beschuldiging tegen den secretaris De Raeff maar ook den gantschen Raad, als of zij de ordres van de heeren Majores en haar Hoog Edelheedens vilippen dee „den, en onwettige vergaderingen zoude heb„ ben 251 „ben gehouden § 7. Wij hebben hem hier op kortelijk geantwoord, en begeerd dat hij zoo welde accusatien tegen de raeff, als tegen de gantsche Raad satisfac„ „toir zoude bewijzen; ook is daar bij aangetoond; dat een erreur in de supperscriptie der Re„ „solutie geen falliteijd is. § 8. Gelijk meede zijne verwaandheijd als of de raad, welke zeekere Commissie ter visitatie van het hospitaal op zijne instigatie was opgedraagen, zonder hem geen rapport mogt doen, of daar van bij de eerste vergadering in de resolutien aantee„ „kening houden alles breeder gespecificeerd onder N:o 5. —. § 9. Onder N:o 6. hebben wij de eer uw hoog Edelens needrig aan te bieden het request van den geweezen secretaris de Raeff aan ons gerigt, behelsen; de zijn beklag over de beschuldigingen van van Bijland en Instantie tot den onder„ zoek dier Accusatie, mitsgaders bij bevinding straf of satisfactie waar van den beschuldi „ger neevens N:o 5. Copia is toegezonden. -. § 10. heb„ § 10. Tot slot deezer Correspondentie versogt hij die„ en affaire te renvoijeeren aan uw hoog Edelens dan wel aan het Ceijlons Gouvernement om reeden daar bij geciteerd, waarom men goed vond op den 10. december I:o Leeden de Resolutien en Notulen door den secretaris in vergadering gehouden, met Elkander te Confronteeren dog daar bij geen Erreu„ „ran hoegenaamd ontdekt zijnde nog veel minder eenige valsiteijt, hebben wij den p:l pakhuismeester. de Raeff in Raade ontbooden en hem van onze bevinding kennis gegeeven mitsgaders zitplaats als bevoorens toegestaan het welk hem zoo wel als van Bijland door den Gezaghebber was ontzegd.. § 11. In onze vergadering van den 5. deeker producceerde. den ondergeteekende Gezaghebber een am„ „pel geschrift behelzende eene wederlegging van een in de maand October per het schip Horsen uw hoog Edelens aangeboo„ „den papier van gem: van Bijland; zijnde getituleerd Elucieatie op de vraag van haar Hoog Edelens waarom op Sadraspatnam geens. 252. geen Inzaam van Lijwaaten is geschied wel„ „ke reponse, aan uw Hoog Edelens Gedediceerd, wij de eere hebben deezen te laaten verzellen onder de bijlagen, waar neevens ook zijn gevoegd 3. stuks pakjes in wasdoek benaaijd en met Comp:s zee„ „gel verzeegeld zijnde in N:o 1. en 2. de aangenoo„ „mene en afgekeurde Monsters, door van Bijland in de maand october 1785. en September. 1788. ter onzer bezigtiging toegezonden, en in N:o 3. de geaccep„ teerde Haalen door het presente opperhoofd Simons, ons ten dien eijnde aangebooden die zoo wij vertrouwen uw hoog Edelens zullen doen overtuijgen dat geen partialiteijd in deeze heeft plaats gehad. —. § 12. Maar van meer gewigt is het door hem geper„ petreerde in de maand september, wanneer door den daan tegens alle onze priveligien aan, 2. Comp:s Pakken en 4. kisten gearresteerd wierden mitsga„ „ders de Coffers van den Capitain van sComp:s schip Pas, welke niet eerder gehaageerd zijn, dan tot dat den Nabab op de Instantie van den Eersten teekenaar aan den daan ordre Zond om niet alleen de aangehoudene Compte: 6. dee„ s en aan door nd ceerde ging nam geen. Comp:s preteken en kisten, mitsgaders de koffers van den Capitain los te laaten, maar zelfs om geene impedimenten hoe genaamd in de bela„ ding van het schip toe te brengen.. § 13. Ook begierde de Nabab dat men, zoo van de. zijde van ons, als van daan na depeche van het schip zoude overzenden Twee â drie men„ schen, kundig in onze priveligien om dezelve te laaten onderzoeken, en daar op voorts eene verbeeterd plan te maaken ter Eviteering van de geduurige discrapantien, tusschen den Duan en den eerstgeteekende van wiens departement het is, de zaaken, de Inlandsche Regenten betreffende alleen te behandelen volgens een aloude ordren. Dan van Bijland heeft met verwerping deezer D 14. ordre zig niet ontzien den Hauweldaar te beschenken met 4. @a Rood Laaken, 15. lb: pee„ „per, 10. lb: garioffel Nagulen 6. lb: nooten mus schaten 2. lb: Foelij en 3. flesjes Roosewaaster gelijk uw hoog Edelens dit zullen gelieve te ontwaaren uit twee secretarieele verklaringe door.

NL-HaNA_1.04.02_3833_0531 view scan ↗

English

passed by several persons on the 2nd and 3rd of this month, and annexed hereto. § 15. Through these gifts and the friendship solicited thereby, van Bijland managed to arrange that the Company's bales and chests were detained, and that precisely at a time when the Company's ship Horsen was to be loaded. What his actual objective was, we can well guess, though cannot determine with certainty; perhaps to cause the aforementioned ship, had he succeeded by this deed, to depart half-laden, or else to detain the same until the conclusion of this affair, which usually proceeds very slowly according to the custom of the native regents, whereby he would then have brought the first signatory in the first place, and thus also all of us, into a great labyrinth, from which he would have sought to save himself through a pretext. § 16. Now, in order to cultivate more and more this friendship obtained through presents, he sent one of his servants to the Duan, in order to have his goods inspected, which he was sending by a private vessel to Paggernaikpoeram; contrary to our pre-eminent privileges. § 17. And what surpasses everything, upon his departure on commission to Madras, he caused to be made known by the hauweldaar via an ola (a leaf of the palm tree upon which the natives write with an iron pen) that no more than 10 of the Company's bales were lying weighed in the warehouse and that all the rest were private goods: a most improper deed, rather the act of a traitor than of an honest man. § 18. The first undersigned could not at first imagine to what he should attribute this improper conduct of the hauweldaar, until upon a very strict and secret investigation he was informed of the close intercourse of the people of the Duan at the house of van Bijland, the secret conversations that were held there, and the messages that van Bijland had his servants carry; these made him suspect, and the outcome has shown that the suspected person was the very one for whom he was taken by him, as can be seen in the fullest detail in the above-cited attestation. § 19. How harmful a subject of such intriguing principles, of such a restless nature and hateful conduct is for a factory such as this, we deem superfluous to detail at length to Your High Excellencies, and shall leave the decision thereof to the highly enlightened judgment of Your High Excellencies. § 20. In concluding this, we most respectfully request permission to solicit that it may graciously please Your High Excellencies to grant the first undersigned Commander, the Council, and further persons injured by him, van Bijland, in their character and good name, each in his own right, such satisfaction as Your High Excellencies shall find fitting according to the weight of the matters. While in favorable expectation we take the humble liberty, after having commended Your High Excellencies' precious persons and the weighty interests of the Honorable Company to the safe keeping of God Almighty, to call ourselves with deeply indebted respect and esteem (was written below:) High Noble, Right Honorable, Wide-Commanding Lords and Noble Lords, Your High Excellencies' very humble and obedient servants (was signed:) A:o Padama, I: S: De Raeff, B: Brouwer, F: W: Bloeme, and I: I: Hasz: (in the margin:) Palliacatta In the Castle Geldria the 10th of February 1790. Batavia To as before § 1. By the ship Horsen we had the honor to inform Your High Excellencies that we were to send the merchant Willem Hendrik van Bijland, provided with an Instruction, on commission to Madras to the English Ministry, in order to inquire there whether the English would assist us with their force in the event of an unexpected invasion by Tipoe Sulthan, considering the close alliance between the States General and that nation. As well as to bring to a good end, through amicable negotiations, the pending disputes with the English Company regarding our property on the Jaggernaijkpoeram River. § 2. As well as to complain about the molestations and vexations inflicted upon ours by the Regent Dammana and the servants of Mr. Foijer, and further to settle such affairs as are specified more fully in that instruction. § 4. In consequence of this charge entrusted to him, he served at our session of the 22nd of November past a report dated 15th of October, wherein concerning the assistance against Tipoe Sulthan he was able to achieve nothing satisfactory. § 5. And with regard to the remaining points of his commission, he has likewise not succeeded satisfactorily, as can be seen more fully in his report, to which we respectfully refer. In our separate submission of the 10th of February, the duplicate of which accompanied this, we had the honor principally to entertain Your High Excellencies regarding the scandalous conduct of the merchant Willem Hendrik van Bijland, and flattered ourselves that we would engage Your High Excellencies with more pleasant matters in this outgoing General Report. Then discrepancies arose between the said van Bijland and the chiefs of Jaggernaijkpoeram, the merchant Paul Engelbert van Halm, and the junior merchant [illegible] Jacobus van Somneren [illegible] as well as the extreme accusations by the said van Bijland.

Dutch transcription

253 door viea Verscheijden Persoonen op den 2. en 3. e deezer gepasseerd, en hier agter geannexeerd §: 15. Door dis geschenken daar bij gesolliciteerde vriendschap heeft van Bijland weeten uittewerken dat 's Comp:s Pakken en kisten aangehouden wierden, en dat Iuisst op een tijd, dat het Comp: schip Horsen belaaden moest worden, wat eij„ gentlijk zijn doelwit geweest is, kunnen wij wel gissin edog met geen zekerheijd bepaalen; misschin om door deeze daad, zoo het hem ge„ „lukt was, het schip voornoemd half afgeladen te doen vertrekken, dan wel het zelve aan te houden, tot het afdoen deezer affaire dat door gaans volgens de usance der Inlandsche re„ „genten zeer langsaam toegaat, waar door hij dan den eersten teekenaar in de eerste plaats, en zoo ook ons allen in Een groot la„ bijrent zoude hebben gebragt, waar uit hij zelfs door een protext gezogt zoude hebben zig te redden—. D 16. Om nu deezen door presenten verkreegene vriendschap meer en meer te Cultiveeren, zond hij rs de zen inge dor hij iemand zijner bediendens na den Duan, ten eijn„ „de zijne goederen te doen visiteeren, welke hij per Een particulier vaartuig na Paggernaikpoe„ „ram sond:se verzenden; steydig met onze uijtmientende voorregten. § 17. En het geen alles surpasseerd dloet hij bij zijn vertrek in Commissie naar Madras door den Nau„ „weldaar. per Een ola. /: Een blad van de palmeer„ boom daar de Inlanders met Een ijzere pen op schrijven:/ bekend te maaken, dat er niet neera als 10. 'sComp:s Pakken in het pakhuis afgewoogen laagen en dat de overige alle parti„ culiere waare: Een aller vervoegelijkste daad eerder het doen wan Een verrader, dan van Een eerlijk man. —. D 18. Den Eerstgeteekende kon in den beginne Zich met imagineeren, waar aan hij dit verkeerd ge„ „drag van den hauweldaar zoude kunnen altri„ „bueeren dan bij Een allerschrift en secreet onder „zoek wierd hem berigt de Naauwe Conversatie van het volk van den Duan ten huijze van van Bijland de secreete gesprekken die daar gehouden 13 254. gehouden wierde en de boodschappen die van Bijland door zijne bediendens liet doen deeze, hebben hem suspect doen worden, en de uijtkomst heeft geleerd dat den verdagten persoon dezelfde was, waar voor hij bij hem gehoude wierde, gelijk ten weden„ „ste bij den boven geciteerde attestatie kan werden beoogd. § 19. Hoe schadelijk nu een supject van diergelijke Intregante beginzelen, van zulk een onrusti„ „gen aard en hatelyk Conduite voor Een Comptoir als dit is, agter wij overboodig uw Hoog „Edelens in het breede te detailleeren, en zul„ „len de beslissing daar van aan het hoog ver„ ligte oordeel van uw hoog Edelens overlaaten § 20. Tot slot deezes verzoeken wij zeer Eerbiedigte mogen solliciteeren dat het uw Hoog Edelens gunstig behaage den Eerstgeteekende Gezag„ „hebber, den Raad, en verdere door hem van Bijland, in hun Caracter en goede naam gelee„ deerde persoonen, een ieder in het zijne, te doen geworden zoodanige satisfactie, als uw Hoog Edelens na het gewigt der zaaken zullen goedvinden; 2 houden goedvinden te behooren. Terwijl wij in de gunstige verwagting de ootmoe„ „dige vrijheid neemen, na uwe hoog Edelhee„ „den dierbaare persoonen en gewigtige belan„ „gens der E: maatschappij in de veijlige hoede van God Almagtig verbeeden te hebben ons met diep verschuldigden Eerbied en ontzagte noemen /:onderstond:/ Hoog Edele Groot Agtbare wijd gebiedende Heere en welEdele Heeren, uwel hoog Edelheedens zeer onderdanige en gehoorzame dienaaren /:was geteekend:/ A:o Padama, I: S: De Raeff, B: Brouwer, F: W: Bloeme, en I: I: Hasz: /:in margine/ Palliacatta In't Casteel Geldria den 10.' fe„ bruarij 1790-. Batavia Aan als vooren §: 1. Per het schip Horsen hadden wij de eer uw Hoog Edelheeden te berigten dat wij den koopman Willem Hendrik van Bijland voorzien van Eene Instructie in Commissie na 255. na Madras bij het Engelsch Ministerie ston„ den tezenden ten eijnde aldaar te inquireeren of de Engelschen ons bij Een onverhoopte invasie van Pipoe Sulthan met hunne magt zouden adsisteeren, gemerkt de nauwe allian„ tie tusschen de Staaten generaal en die Natie. Als meede om door minnelijke onderhan„ delingen de loopende verschillen met de Engelsche Compagnie weegens onze eijgendom op de Jagger„ naijkpoeramsche Revier tot Een goede eijnde te brengen. — §: 2. Mitsgaders tedoleeren over de molesten, en veratien de onze door den Regent Dammana„ ende bediendens van M:r Foijer aangedaan, en voorts zodanige affaires afte doen als bij die instructie breeder gespecificeerd staan. — §. 4. Ingevolge van deeze hem overgedraagene last, heeft hij ter onzer sessie van den 22:e November p:r Gedient van Rapport gedateerd 15:e october, waar bij hij omtrend de assistentie teegens Tipoe Sulthan. § 3. Sulthan niets voldoenend heeft kunnen uijtwer„ ken. § 5. En met opsigt tot de overige poincten zijner Commissie, is hij almeede niet nagenoegen ge„ slaagd, gelijk zulks bij zijn Rapport breeder te zien is, waaraan wij ons eerbiedig refereeren. — Bij onse submisse aparte van den 10:e febr:, welker duplicaat deezen overzeld hadden wij d'eer uw Hoog Edelheedens voornamentlijk te onderhouden over het ergerlijk gedrag van den koopman Willem Hendrik van Bijland, en vleijden ons dat wij uw Hoog Edelheedens met aangenamer voorwerpen bij dit aftegaane Generaal verslag zouden beezig houden. — Dan ontstaane discrepantien tusschen gem: van Bijland, en de opperhoofden van Iag„ gernaijkpoeram den koopman Paul Engelbert van Halm, en den onderkoopman dolironi„ mus Iacobus van Somneren van vrijene„ mitsg:s de verregaande accusatien door gem: van §6: 57. Bijland.

NL-HaNA_1.04.02_3833_0537 view scan ↗

English

Bijland against the aforementioned chiefs provides us once again with abundant material to write about. § 8. We shall furnish a brief account of the course of this affair, and state at the outset that van Bijland, having arrived there on 28 December past, appears to have been able to get along reasonably well with the chiefs; at least their letter of 12 January shows not the slightest discord, in which they seek to argue at length the necessity of raising the price of Japanese bar copper and cloves by 12 per cent, which was refused by us, with the remark that such an innovation had arisen precisely with the arrival of the new chief. § 9. But on 12 February following, two letters dated the 3rd ditto were delivered to the first signatory, one from van Bijland and the other from the chiefs, both containing various complaints. § 10. The chiefs accuse van Bijland of having attempted by force to unite the two merchant companies, the Jaggernaikpoeram and the Masulipatnam, against the will of the Masulipatnam merchants. § 11. Van Bijland complains about the failure to effect the transfer, caused by the disorderly and unprecedented conduct of van Halm, and furthermore several points of accusation, all compiled in the memorandum for the commissioners, whom we were obliged to send to Jaggernaikpoeram to investigate all these accusations and complaints, inserted in our secret resolution of 27 February last, which we, along with the letters received from both the chiefs and van Bijland, have accompanied under the appendices. § 12. For the execution of this commission, after taking advice from the merchant and chief of Sadras, Simons, we have appointed the junior merchant and chief of Bimilipatnam, Philippus Henricus Heshusius, and the bookkeeper as well as second of Palicol, Sebastiaan Matthias Schliephaken, as best suited for the purpose, since they cannot be declared biased by van Bijland, given that he himself proposed the second-named Schliephaken for this in his letter of 6 February, and also because they can carry out this commission with fewer expenses than if it were dispatched from here. § 13. But before these our deputies could arrive at Jaggernaikpoeram, van Bijland distinguished himself there with his insolent and slanderous letters, and so-called protests, accompanied by the foulest accusations both against the undersigned commander and all of us, and finally he withdrew all obedience that he owes the first-signed according to his taken oath, and also had men recruited at Daatcherom to give force, as it seems, to these his punishable actions. § 14. For which reason, through the concurrence of all these unprecedented, impermissible, and rebellious writings and deeds, we were brought to the unpleasant necessity of ordering the commissioners, upon receipt of our letter of the 12th of this month, to hasten to Jaggernaikpoeram, and after taking over authority, to arrest the merchant van Bijland immediately, as is noted at length in our resolution of 12 March. § 15. We have also ordered the fiscal of this main settlement, the junior merchant titular Broerius Brouwer, to proceed against him according to the laws and the Articles of War, and likewise to act against his servant Wengadassalam Poele, who recruited men on the orders of his master. § 16. Finally, with regard to this delicate affair, we find ourselves obliged to bring to the very honored notice of Your High Nobilities that a letter reached us from the Regent of the Rajahmundry Circar, dated 1 March last, enclosed in which was another from the inhabitants of Jaggernaikpoeram, dated 26 February, containing a request that the chief van Halm might continue for some time longer, upon which the said Regent further insists in the aforementioned letter, and in both it is urged to present this to Your High Nobilities; as can be seen in our resolution of the 18th of this month. § 17. But the letter of which the aforementioned signatories make mention in theirs, having assigned it in January to the sworn clerk there, Jan Obdam, for delivery, was not received by us; wherefore we summoned him to our meeting and asked for that letter, but he testified to having neither seen nor received such a letter. We transmit both these documents among the appendices for the honored examination of Your High Nobilities, and have ordered the commissioners to investigate among those people what the contents were, and to furnish us with a copy thereof, as well as to seek out the person who had handed that letter to Obdam, so that we may take our measures accordingly in the future. § 18. The first signatory had the honor, in his separate letter of 10 February, to detail at length to Your High Nobilities the actions of the interpreter Mandalam Wengedasselam Naicker, as well as showing how that interpreter was disappointed by the court officials, and that he was dispatched thither a second time on 14 January.

Dutch transcription

256 Bijland teegen genoemde opperhoofden, lieveren ons weeder overvloedige stoffe tot schrijven op § 8. Wij zullen vanden toedragt deezer affaire een kort verslag suppediteeren, en zeggen aanvankelijk dat van Bijland den 28. december passato aldaar gearriveerd zijnde, zig met de opperhoofden nog wel schijnt te hebben kunnen verdraagen; ten minsten hunne brief van den 12: Ianuarij toond geene de minste oneenigheeden aan, waar bij zij in het breede zoeken te betoogen de noodzaakelijkheijd om de prijs van het Iapans„ staafkoper en Nagulen met 12. per bentos te doen overlaagen, hetgeen door ons ontzegd is, met remarque dat zulk eene nieuwig„ heijd met de komst van het nieuw, opper„ hoofd Iuist is opgekomen. — § 9. Haar op den 12. e Februarij daar aan, wierd den Eersten teekenaar twee brieven van den 3. d:o besteld, de Een van van Bijland, en den andere van de opperhoofden, beijde diverse klagten. ƒ twer„ van Eijland. klagten behelsende. - De opperhoofden beschuldigen van Bijland §: 10: dat hij de Twee Geselschappen kooplieden, de Iag„ gernaikpoeramse en Mazulipatnamse met gemeld heeft Toeken te vereenigen, teegen de wil der Mazulipatnamse. — §11. Van Bijland klaagt over het niet doen van transport, veroorzaakt door het slordig en ongehoord gedrag van van Halm, en nog diverse puncten van beschuldigingen alle te zaamen getrocken bij de Memorie voor de Gecommitteerdens, die wij verpligt zijn ge„ weest ter onderzoek van alle dieze beschul„ digingen en klagten na Iaggernaijk poeram tezenden, geinsereerd bij onze secreete Reso„ lutie van den 27. februarij A: b: welke wij nevens de ontvangene brieven &:a zoo van de opperhoofden als van van Bijland deeze onder de bijlaagen laaten accompagneeren. — Tot het uijtvoeren vvan deeze Commissie hebben §. 12. wij. s 257 wij na ingenoomen advias vanden Koopman, en opperhoofd van Sadras Simons, benoemd, den onderkoopman en opperhoofd van Bimili„ patnam Philippus Henricus Heshusius, en den boekhouder mitsgaders Secunde van Palicol Sebastiaan Matthias Schliepha„ ken, als daar toe het best geschikt, tewijl deeze door van Bijland niet kunnen worden partijdig verklaard, alsoo hij den tweede genoemde schliephaken daartoe zelv heeft voorgeslaagen bij zijn brief vanden 6. februarij, mitsg:s om dat zij deeze Commissie met minder ongelden kunnen doen, dan wanneer dezelve van hier Gezonden wierd. — §13. Dan Eer deeze onze gelastigden over Iag„ gernaijkpoeram konden aankoomen, heeft zig van Bijland aldaar zoo gedistingueerd met zijne brutale en lastenlijke brieven, en Hoogenaamde protesten, vergezeld van de vuijlaardigste beschul„ digingen zoo teegen den ondergeteekenden Gezag„ „hebber van #bben wij. „hebber, als ons alle, en eijndelijk heeft hij zig alle obedientie die hij den eerstgeteekende volgens zijne gedaanen bed, schuldig is, onttrokken, mitsg:s volk doen werwen op Daatcherom, om deeze Zijne strafwaardige handelingen /: zooht scheijn, kragt bij te zetten: — Waarom wij door den zaamenloop van alle § 14. deeze ongehoorde, ongepermitteerde, en oproerige geschriften en daden tot de onaangenaame noodzaakelijkheijd zijn gebragt, om de gecom„ mitteerdens te gelasten, om op ontfangst van onsen brief van den 12. deezer, zig na Iagger„ naijkpoeram te spoeden, en na overneeming van het Gezag, den koopman van Bijland direct: te arresteeren, Gelijk sulks in het breede genoteerd staat bij onze Resolutie van den 12. e maart; § 15. Ook hebben wij den Fiscaal deeser Hoofd„ plaatse den onderkoopman tit: Broerins Brouwer Gelast, teegen hem nade wetten en. 258. enden Articul brief te procedeeren, en Zoo meede te ageeren teegen zijnen Dienaar Wengadas„ salam Poele, die volk op ordre van zijn Meester geworven heeft. — §16. Eijndelijk met opsigt tot deeze neetelige affaire vinden wij ons verpligt ter zeer g'eerde kennisse van uw Hoog Edelheedens te moeten brengen, dat bij ons is ingeloopen een brief van den Regent van Ragiemahindra Serkar„ gedatteerd 1.:mo maart J: b: waarin Geslooten was een ander van de Inwoonders van Jagger„ naijkpoeram, gedatteerd 26. februarij Inhou„ dende Een oversoek, dat het opperhoofd van Halm nog eenige tijd mogte blijven Continueeren, waarop door dien Regent nader word aangedrongen bij gem: brieff bij beyde word g'insteerd uw Hoog Edelheedens dit voorte„ draagen; gelijk sulks te zien is, bij onse Resolutie van den 18. deezer. — § 17. Dande brief, waar van voorsz: ingesteekenen inde hunne gewag maaken dezelve aan den geswoore scriba aldaar Jan. ze a ge Ian obdam en Januarij ter bestelling te hebben opge dragen, is bij ons niet ontfangen waarom wij hem in onze overgadering ontbooden, en nadien brief gevraagd hebben dog hij betuijgde zulk een brief niet gezien nog ontfange sehebbe Hij laaten beijde deeze geschriften onder de bijlaa„ gen ter geëerde speculatie van uw Hoog Edel heedens overgaan, en hebben de Gecommitteerdens Gelast, om daarna bij die Lieden onderzoek tedoen, wat den Inhoud was, en ons daar van een afschre te doen geworden; mitsg:s den persoon oper te zoeken wie die brief aan Obdam ter hand hadde gesteld opdat men in het vervolg daarna onze maatre„ gulen zullen kunnen neemen. — § 18. Den Eersten teekenaar had de Eer bij zijne apparte brief van den 10. februarij uw Hoog Edelheeden in het breede te detailleeren de verrigtingen van den Tholk. Mandalam Wenge dasselam Naijker, mitsg:s aangetoond hoedanig die Taalmein door de Hofbe„ diendens wasteleur Gesteld, in dat hij ten tweede maale op den 14. Iaare na derwaards was gedepecheerd. 319.

NL-HaNA_1.04.02_3833_0543 view scan ↗

English

Paragraph 19. Since which time until the date of this document, no writings have arrived from the Nabab or from his Ministers of State; in the meantime, report has successively arrived from the Interpreter that the eldest Son of the Nabab, and the Prime Minister Rama Rauw, supposedly told him that the Nabab had declared he could not provide the letter in which the articles of the privileges are acknowledged. Paragraph 20. To obtain this document, he also addressed himself to the Armenian merchant Ihamier sulthan, who likewise promised to confer with the Nabab about it, but thus far all in vain. Paragraph 21. Access to the Nabab is and remains closed to the Interpreter for the time being, yet the share of the Honorable Company in the Tolls of Palliacatta has been paid since February 1789, although the funds from 1785 until February 1789 remain unpaid, despite having complained about this repeatedly to the Nabab, and His Highness having dispatched strict orders to that effect, from which one must conclude that His Highness's orders are of little value to his servants, otherwise they would respect them better. Paragraph 22. In order not to be too troublesome through repeated writing, this was postponed for some time, but on the 5th of this month the first signatory again sent off a letter to the Nabab, containing an insistence on the frequently cited Document, and had it accompanied by a missive to the eldest Son of the Nabab, to which no answer has yet been received, so this matter has not yet reached any conclusion. Paragraph 23. The chief of Sadraspatnam, the titular merchant Simons, having given notice in his letter dated 6 January of the current year of an unfortunate event at Arriaal Cherie, a Stone Cutters' Village to the South of Sadras and falling under its district; originating from an Erie, or embanked watercourse, situated partly on the land of Ariaalcherij, and partly on that of the adjacent Village Kowetoer falling under the Pagier of the English. Paragraph 24. This water reservoir, having overflowed due to the heavy rains that fell in the months of October and November, the water sought an outlet through the land of Ariaalcherij. Paragraph 26. Our inhabitants took advantage of this and sowed some land; those of Kowetoer came and blocked that breach on our territory. Paragraph 27. As soon as the chief had received a report of this, he had it opened again and placed a guard of Peons there, who returned after three days with a Report that everything was at peace there. Paragraph 28. But shortly thereafter came the Adigaar of Kowetoer with 2 to 3 Peons and 10 to 12 Villagers, dammed the water, impressed 15 Chapps on the dam, and reproached our inhabitants about this, who, caring little for this, cast down the dam and diverted the water over their sown fields again. Paragraph 29. This resulted in 40 to 50 male inhabitants of Kowetoer advancing armed with sticks, who plugged the dike, dragged along a Company's Peon and Two stone cutters. Paragraph 30. The chief immediately armed 6 peons with pikes and cutlasses, and sent them thither under the command of the Head Peon, for the protection of our right and Jurisdiction, in case another attempt should be made on that dike, and furthermore dispatched a letter to the Regent of the Caroengoeli district, complaining of these disorders. Paragraph 31. On 6 January, report reached the chief that our Village was about to be plundered and robbed, and the Inhabitants carried away as prisoners, and as this appeared to him to be of too far-reaching a consequence, he requested us to assist him with a Detachment of Sepoys, which was then immediately detached at 12 o'clock at night to Sadras, and arrived at Sadras on the 11th of that month. Paragraph 32. In the meantime, we have corresponded about this with the English Ministry at Madras, and demonstrated the injustice done to our Villagers by the withholding of the water, for which they annually paid 50 Rupees to the Duan of Coewetoer, regardless of the fact that it is situated partly on our territory; which has met with so much success that the vexations have been suspended, without however settling the matter finally, although the chief had been authorized to do so, and someone from Madras was also requested for that purpose. We commend Your High Right Noblenesses' Highly distinguished persons and interests, together with those of the Honorable Company, to the protection of Heaven, and have the honor to be, with due respect and deep veneration, underneath stood: High Noble, Right Honorable, Far-Ruling Lord, and Right Noble Lords, Your High Noblenesses' very humble and obedient Servants, was signed: N:s Tadama, I: S: de Raeff, B:s Brouwer, F: W: Bloeme and I: I: Hast: in the margin: Palleacatta In Castle Geldria, The 26th of March Anno 1790. Agreed. A Alasz. Secretary. Copy of General Missive to Their High Noblenesses dated 18 October 1789 for Amsterdam Number Register of the papers which are sent per the ship Horsen, and respectfully addressed to His High Nobleness, The High Noble, Right Honorable, Far-Ruling Lord Mr. Willem Arnold Alting, Governor-General, The Right Noble, Right Honorable Lords Councillors of the Netherlands Indies, Etc: Etc: Etc: at Batavia by The Right Noble, Honorable Lord Nicolaas Tadama, Senior Merchant and Governor of this Coast of Coromandel with the Jurisdiction thereof, together with the Council at Palliacatta - Namely 1 original general missive, addressed as mentioned in the heading of this document under today's date. No. 8

Dutch transcription

259 §19. Zeedert welke tijd tot dato deezes, Geen Schrijvens vanden Nabab of van zijne Staats Ministers Gekomen is; Intusschen is er Successive van den Tholk berigt ingeloopen, dat de oudste Zoon vande Nabab, en de Eerste minister Rama Rauw aan hem zoude hebben gezeijd, dat de Nabab betuijgd hadde de brief owaarbij de articuls der prevelegien bekend staan, niet te kunnen Geeven. — § 20. Tot het overkrijgen van dit Papier heeft hij Zig meede bij den Armeenischen koopman Ihamier sulthan geaddresseerd, die ook beloofd heeft den Nabab daar over te zullen onderhouden, dan alles tot nog toe te vergeefs. — § 21. De toegang tot den Nabab is en blijft voor den Tholk als nog geslooten, egter word het aan„ deel der E: Comp:e in de Thollen van Palliacatta Zeedert februarij 1789 betaald, blijvende nogthans de gelden van 1785. tot Februarij 1789. onbetaald, schoon daar over aan den Nabab itera„ tive gedoleerd is, en zijn Hoogheijd daartoe Strikte. strikte ordre heeft afgevaardigt, waar uijt men moet opmaaken, dat zijn Hoogheijds beveelen bij zijne bediendens van weijnig valeur zijn, anderzints zouden zij dezelve beeter respecteeren. — § 22. Om door het herhaald schrijven niet alte lastig te zijn, heeft men, het zelve eenige tijd uijtgesteld, den 5. deezer egter heeft den Eerst geteekende wederom Een brief aan den Nabab laaten afgaan, behelzende instenctie om het dikwerf geciteerde Papier, endezelve doen ver„ zellen van Een missive aan den oudsten Zoon vanden Nabab, waarop nog Geen antwoord is P. . ingeloopen, dus deeze affaire nog Geen beslag erlengd heeft. — § 23. Door het opperhoofd van Sadraspatnam den koopman titulair Simons berigt gegeeven zijnde, bij zijnen brief de dato 6. Ianuarij a: E: van Eene facheuse Gebeurtenis te Arriaal Cherie Een Hteen Houwers Dorp ten Zuijden van Sodras en. 2 8: 260 § 24. en onder dies district Sorteerende, voorgevallen; Oorspronkelijk uijt Eene Erie /: of afgedijkte watering :/ Geleegen gedeeltelijk op de grond van Ariaalcherij, en gedeeltelijk opdien van het daaraan grensend Dorp Kowetoer sorteerende onder het Pagier der Engelsen. — Deeze watervang door de swaare reegens 525. inde maanden october en November Gevallen, overgeloopen zijnde, heeft zig het water eene uijt„ loop gezogt door het land van Ariaalbherij. — §. 26. Hier van hebben onze Inwoonders gebruijk gemaakt, en Eenige grond, bezaaijd, die van kowetoer hebben die breuk of ons territoir koomen stoppen. — § 27. Soodra het opperhoofd hiervan Rapport ont„ fangen hadde, heeft hij het zelve wederom doen openen, en 'er Eene wagt van Pions bij geplaatst, welke na drie dagen terug kwaamen met Een Rapport dat alles aldaar in rust was. — ƒ § 28. Dan kort daar aan kwam den Adigaar van kowetoer met 2. â 3. Pions en 10. â 12. Dorpeling damden het water af, drukten opden dam 15. Sjappen, en Reprocheerden hier over onze in„ woonders, welke zulks weijnig bekreunende den dam afwierpen en het water over haare Zaa velden weeder afleijden. — Dit had ten gevolge dat 40. âb 50. man inwoonder § 29. van kowetoek met stokken gewaapend op kwa men den dijk toestopten eene sComp:s Pion„ en Twee steenhouwers meede Sleepten. — §30. Het opperhoofd wasende direct 6. pions met pieken, en houwers, en zond dezelve onder Com mando van den Hoofd-Pion na derwaards, ter bescherming van ons regt en Jurisdictie, in geval er weeder een tentamen opdien dijk mog werden gedaan, en deed voorts Een brief afgaan aan den Regent van het Caroengoelisch dis trict, doleerende overdeeze disordres. — Op den 6. Ianuarij liep bij het opperhoofd 531. berigt 5 261 berigt in, dat ons Dorp stond geplundert en be„ roofd, mitsgaders de Inwoonders gevangelijk weggevoerd te worden, en dit hem van Een al te verregaande gevolg voorkoomende, verzogt hij ons om hem met Een Commando Sipaijs te adsisteeren hetgeen dan ook direct 'snagts ten 12. uuren na Sadras gedetacheerd wierd, en den 11. dier maand op Sadras gearriveerd is. — §, 32. Intusschen hebben wij hier over met het Engelsch Ministerie te Madras gecornespondeerd, en aan„ getoond het onregt dat onze Dorpelingen aange„ daan wierd, door het ophouden van het water, waarvoor zij Sjaarlijks R/o 50. –. aan den Duan van Coewetoer betaalden ongeagt nog, dat het gedeeltelijk op ons territoir geleegen is, het welk van zoo veel succes is geweest, dat de vexatien zijn gesurcheerd, zonder egter den zaak ten finaalen aftedoen, schoon men het opperhoofd daartoe gequalificeerd had, en van Madras daar toe meede Een perzoon overzogt heeft. — Wij. 6 F N 2. Wij beveelen uw Hoog Edelheedens Hoog aanzienelijke persoonen, en belangens, nevens die van d' Ed: Maatschappij in de bescherming des Hemels, en hebben de eere met schuldig ontsag en diepe veneratie te zijn /:onderstond:/ Hoog Edele Groot Agtbaare wijdgebiedende Heere, en nu wel Edele Heeren „ Hoog Edelheedens zeer onderdanige en gehoorzaeme Dienaaren /:was geteekend:/ N:s Tadama, I: S: de Raeff, B:s Brouwer, F: W: Bloeme en I: I: Hast: /:in margine:/ Palleacatta In„ 't Casteel Geldria Den 26. ' maart A:o 1790. — Accordeerd. AAlasz. N„4 Sec. Copia Gemeene Missive aan H: H: Edelheeden in dato 18. october 1789 voor Amsterdam 262. No Register der papieren dewelke per het schip Horsen verzonden, en Eerbiedig g'addres¬ kond worden Aan zijn Hoog Edelh=ds Den Hoog Edelen Groot Agt„ „baaren wijdgebiedenden Heer Mr: Willem Arnold Alting Gouverneur Generaal, De wel Edele Groot Agt„ „baare Heeren Raaden van Nederlandsch Indie, Eto: Etc: Eta te Batavia door Den wel Edelen Agtb Heer Nicolaas Padama, opperkoopman en gezaghebber deezer Custe Cormandel met den Resorte van dien, nevens den Raad te Palliacatta - Namontlijk 1 origineele gemeene missive, aan als in den hoofde deezes gemeld onder heedigen datum. No. 8

NL-HaNA_1.04.02_3833_0554 view scan ↗

English

f No. 2. Duplicate general letter to as above, dated 14 March last, dispatched via Ceylon. No. 3. A copy letter under the aforementioned date addressed to the Right Honorable Gentlemen Mayors, also dispatched via Ceylon. No. 4. Copy register of the papers sent via Ceylon, dated 14 March last. No. 5. Copy register of the papers departed for the Netherlands on that occasion. No. 6. An original separate missive addressed by the Commander alone to their aforementioned High Mightinesses. No. 7. A closed packet directed by the Commander and the Council to the aforementioned Honorable High Indian Government. No. 8. A letter under flying seal written by as above to the Honorable Great and Venerable Lord President and members of the College of Curators and Scholarchs. 263. No. 9. A packet by the Ceylon Ministers directed to their High Mightinesses and sent here for transmission to Batavia. No. 10. A ditto as above, received subsequently. No. 11. A packet addressed by the Ministry in Bengal to the aforementioned Honorable High Indian Government, and sent hither for transmission. No. 12. A ditto ditto as above. No. 13. Copy resolutions taken in the Council of Coromandel at Paliacatta, from 3 March to 31 August of this year. No. 14. Copy order to, and written certificate from, the officers of the bearer of this, concerning the proper caulking and airing of the sails of that vessel. No. 15. Two original sounding reports of the draft of the ship Horsen upon its arrival and departure from here. No. 16. An extract from the minutes of the resolutions taken in the Council of Coromandel on the 13th of this month, regarding the findings of the delivered cargo of the ship Horsen. No. 17. A copy report of the commissioned Judicial Council Members who, in the presence of the Fiscal, weighed the imported Japan bar copper brought by the aforementioned vessel. No. 18. A petition from the Fiscal and Pay Bookkeeper here, as proxy for the repatriated Junior Merchant Is. Accama, requesting, on account of some missing pay ledger entries of the latter, a favorable recommendation to the Gentlemen Mayors for obtaining his arrears of pay still due from the Honorable Company. No. 19. Copy note of the disbursed 135. 4. 54 tp. to the repatriated minister Johannes Theodorus van de Werth, for rations, emoluments, etc., from the first of August 1784 to the end of August 1787. 264. No. 20. Copy statement of what the estate of the deceased Military Captain Gijsbertus Zegelaar is still to receive from the Honorable Company, dated the last of May of this year. No. 21. Copy cartel concluded between the English East India Company and the Dutch Chartered East India Company, concerning the extradition of each other's deserters. No. 22. Six copies of declarations of nine sailors who deserted from the Ceylon sloop De Liefde with a boat from Trincomalee to Madras, and were surrendered by the English on pardon. No. 23. A bundle with various notes delivered by the Merchant and Warehouse Master, the Honorable Willem Hendrik van Bijland, in the political council meeting as well as separately to the Commander, item extract minutes in which the said notes are inserted. No. 24. Copy balance sheet of the Coromandel Orphan Chamber, dated the last of May 1789 for the last of August 1787. No. 25. Copy balance sheet of the Diaconate Treasury, dated the last of August 1788. No. 26. A petition from the Merchant and Warehouse Master Van Bijland, requesting reimbursement of travel expenses from Sadras to here. 265. No. 27. A ditto from the Merchant Joan Daniel Simons, insisting on payment of his incurred travel expenses to that place. No. 28. A letter under flying seal addressed by the Orphan Masters here to the Honorable Orphan Masters in Batavia. No. 29. A package wrapped in wax cloth inscribed Coromandel Orphan Chamber Books of the year 1787. No. 30. Copy incoming letters from Nagapatnam from the Bookkeeper Is. Schuneman, from 20 February to 23 August last. No. 31. Copy outgoing letters thither, from 14 March to 23 September of this year. No. 32. Copy incoming letters from Portonovo, from 5 October 1788 to 21 August of this year. No. 33. Copy outgoing letters to that residency, from 17 February to 12 September of this year. No. 34. Copy incoming letters from Sadraspatnam, from 5 December 1788 to 11 August 1789. No. 35. Copy outgoing letters thither, from 16 February to 8 August of this year. No. 36. Copy incoming letters from Palicol, from 15 November of the previous year to 2 September of this year 1789. 266. No. 37. Copy outgoing letters to Palicol, from 16 February to 2 May last. No. 38. Copy incoming letters from Jaggenaikpoer, from 10 November 1788 to 30 July of this year. No. 39. Copy outgoing letters thither, from 16 February to 25 September last. No. 40. Copy incoming letters from Bimilipatnam, from 3 November 1788 to 7 August of this year. No. 41. Copy outgoing letters to Bimilipatnam, from 29 March to 24 September last. No. 42. Copy circular letters to the subordinate offices, of 11 and 13 August of this year. No. 43. Copy outgoing letters to the respective outer quarters. No. 44. Copy incoming and outgoing letters from and to the foreign nations. No. 45. A petition from the Merchant and Chief Administrator-Elect Paul Engelbert van Halm, requesting confirmation of that appointment. No. 46. A petition from the Merchant and Chief-Elect of Jaggernaikpoerai Willem Hendrik van Bijland, requesting the approval of their High Mightinesses for that post. No. 47. A petition from the Merchant and interim Chief of Sadras Joan Daniel Simons, soliciting the post of Chief of the outer quarters.

Dutch transcription

ƒ N:o 2. Duplicaat gemeene brief aan als even, de dato 14. Maart laastleeden over Ceijlon afgegaan. Een Copia brief onder evengemelden datum aan de Hoog Edele Hoog Agtbaare Heeren Maijoros gerigt, meede over Ceijlon afgezonden Copia Register der over Ceylon over zondene papieren de dato 14: Maart E:l: Copia Register der bij die gelegentheyd na Nederland afgegaane papier en Een oregineele aparte missive door den Heer gezaghebber alleen aan wel¬ melde Hunne Hoog Pdel„ heeden gesuporscribeerd. Een geslooten pakket door den Heer ge„ zaghebber en den raad aan welm Edele Hooge India„ „sche regeering gerigt. Een brief onder cachet veland door als even„ aan den wel Edelen Groot Aoht Heer president, en leeden van het Collegie van Curatoren en schelarchen beschreeven No. 9 3 4. „ „. 8. S 263. No. 9. „ 10. 12. „ 13. Een packet door de Ceijlansche Mindsterspaan te Haar Hoog Edelheedens gewigt en ter verzeinding na Batavia dit heen gezonden. Een dito als even nader ontvangen „ 11. Een pakkel door het Ministerij in Bengale aan welmelde Edele Hooge India„ „sche regeering geaddresseerd, en ter verzending herwaarts geschikt. Een dito dito als even. Copia Resolutien genomen in Raade van Cormandel te palliacatta, zedert den 3. Maart tot den 31. Aug. s dee zes Jaars. „ 14. Cropia ordonnantie op - en schriftelijke Certificaat van de overheeden van brenger dee zes, wegens het behoorlijk Calfaaten en lugten der zeijlen van dien bodem. „ 15. Twee origineele pijl rapporten van het diep tree„ den van het schip Horsen bij zijn aankomst en vertrek van hier. No. 16 „ N=o 16. Een Extract uijt de Notulen van het geresolveerde in Rtaade van Cormandel op den 13. deezer, nopens de bevinding der uijtgeleverde lading van het schip Horsen. 17 Een Copia rapport van gecommitteerde Justitieele Raadsleeden, die ten overstaan van den fiscaal het aangebragte Ia„ pans staaf koper per evengemel„ den bodem ingewogen hebben, 18. Een request van den fiscaal en soldij boekhouder alhier, als gemagtigde van den gerepatrieerden onder koopman I=s Accama, verzoekende, om wegens eenige vermiste soldij rees van den laastgem een gunstig voorschrijven aan de Heeren Maijores ter obtenu van zijne bij D E: Comp=e nog te vooren staande. soldijen. Copia Notitie van de uijtgereijkte tp. 135. 4. 54. aan den gerepatrieerden predikant Johannes „ 19 264 21. „ 22. Johannes Theodorus van de werth, wegens randcoenen, emolu „menten etc zedert primo Augs 1784. tot ultimo Augustus 1787 N:o 20. Copia aantooning van het geen den boedel van den overleedene Capitain Mili„ „tair Gijsbertus Zegelaar, nog van D E: Compe hebben moet, ged=t ulto Moij deezes Jaars. Copia Cartel tusschen de Engelsche oost Indi„ „sche Compe en de Nederland„ sche geactroijeerde oost Jndische Compe geslooten, raakende de uijtlevering van weder zeijdsche deserteurs. Zes stuks Copias verklaaringen van negen mattroosen dewelke van de Ceij„ „lonse Chialoup de Liefde met een schuijt van Princonomale no 6 No. 23 Een bondel met diverse door den Koopman en pakhuysmeester D E: Willem Hendrik van Bijland in vergadering van politie zoo wel als apart aan den Heer gezag hebben overgegeevene Aa„ „teekeningen item Extract notulen waar bij gem aan¬ teekeningen g'insereerd zijn. Copia staat Reekening van de Cormandelsche weeskamer, gedateerd ult=o Meij 1789. voor ult:o Augs 1787 „ 24. „ 25. Copia staat Reekening van de Diaconij Kassa gedateerd ult=o Augustus 1788. „ 26. Een request van den koopman en pakhuys, meester van Bijland, verzoekende na Madras gedrost, en door de Engelschen op pardon uijtgele„ „verd zijn. om _ 265 No. 27. 30. „ 31 Een dito van den Koopman Joan Daniel Simons, insteerende om vol„ doening zijner gedaane reijs ongelden na derwaats „ 28. Een brief onder cac het voland door wees, meesteren alhier aan de wel„ Edele Heeren weesmeesteren te Batavia geaddresseerd. „ 29. Een pakje in wagdoek beschreeven Corman„ delsche weeskamers boeken d' Ao. 178 77 Copia aankomende brieven van Nagapat „nam van den boekhouder I. s schuneman, zedert den 20 e februarij tot den 23 Aug:s I:o leeden. Copia afgaande brieven na derwaarts zedert om vergoeding der reijsongelden van sadras na herwaarts den N:o 32. Copia Aankomende brieven van Portonovo Ze dent den 5 8ber 1788 tot den 21. Augustus deezes Jaars „ 33 Copia afgaande brieven na die residentie zelt den 17. febr: tot den 12. september Copia aankomende brieven van Sadraspatnam zedert den 5. december 1788 tot den 11. Augs 1789. „ 34: „ 35. Copia afgaande brieven naderwaarts zegt den 16 febr: tot den 8 Aug=s deezes Jaars. „ 36. Copia Aankoomende brieven van palicol ze dert den 15 November Ao po tot den 2. 7ber deezes Jaars 1789. deezes Jaars. den 14. Maart tot den 23 7ber No. 37. 266. 42. Copia afgaande brieven na de respective Copia Ciroulaire brieven na de subalter„ ne Comptoiren van den 11. en 13. Augs. deezes Jaars. 41 Copia afgaande brieven na Bimilipatnam, zedert den 29. Maart, tot den 24. September laastleeden. 40 Copia Aankoomende brieven van Bimelip zedt den 3 November 1788 tot den 7. Augs A=o „ 39. Copia afgaande brieven na derwaarts zedert den 16. febr tot den 25. Septem¬ ber J. o leeden, „ 38. Copia Aankomende brieven van Paggernaikp zedert den 10 November 1788 tot den 30. July deezes Jaars N=o 37. Copia afgaande brieven na Palicol Zed=t dens 16. febr tot den 2. Meij l: C: 43 buijten „ 46. N=o 44. Copia aankomende en afgaande brieven van en na de vreemde Natir 45: Een request van den Koopman en g' eligeerd Hoofdadministrateur Paul Engelbert van Halm imploreerende om de bevesti„ ging va die dienst. Een request van den koopman en g'eli„ geerd opperhoofd van Jagger, „naikpoerai willem Her„ drik van Bijland, ver„ zoekende om approbatie Haarer Hoog Edelheedens in die post Een request van den koopman en procr¬ terim opperhoofd van sadras Ioan Daniel Simons Solli„ citeerende om de dienst van buyten quartieren. Hoofd 47. „

NL-HaNA_1.04.02_3833_0563 view scan ↗

English

267 No. 48. 49. A ditto from the junior merchant, fiscal, and pay bookkeeper Broerius Brouwer, requesting the post of warehouse master at Palliacatta, or the headmanship of Jaggernakpoeram. A petition from the junior merchant and elected warehouse master Jacob Samuel De Raeff, soliciting confirmation in that post and a recommendation to the Gentlemen Majors for obtaining the rank of merchant. 50. A petition from the junior merchant Jacobus Simons Cantervisscher, soliciting employment as Chief Administrator here, or else the headmanship of Jaggernaikpoeram. No. 71. 52. No. 51. A petition from the elected secretary of police and petty cases Johan Joachim Hlasz, seeking a favorable approval of those services and a recommendation to the Gentlemen Majors for obtaining the rank of junior merchant. A petition from the trade transfer agent Wouter Pietersz, requesting a favorable recommendation to the Gentlemen Majors in the Netherlands for obtaining the rank of junior merchant and a means of subsistence. 53. A ditto from the bookkeeper and former collector of the Company's revenues at Nagapatnam, Jacobus van Tessel, soliciting, in the event of any changes in the posting of the Company's servants on this Coast, to be favorably considered. 268 No. 54. A ditto from the bookkeeper and secretary of the Orphan Chamber here, Simon Duijnevelt, requesting as above. 55. A ditto from the elected First Sworn Clerk of Police and Secretary of Justice Jan Obdam, requesting approval of those services. 56. One from the bookkeeper and member of the Court of Justice Jan Willem Luijken, soliciting an appointment in any changes of posting to be made among the servants of this Coast. One from the bookkeeper and translator in the Portuguese language Abraham Dormieux, requesting as above, to be favorably considered. No. 58. 57. into the hands of the Captain. 59. A ditto ditto transcribed Coromandel trade books of the year 1786/7 for Batavia. Copy list of the following trade papers: 60. 2 Invoices of the cargo loaded in the said vessel, annexed to the short invoices, namely: 1. of the homeland and Indian packs. Separate lists of the same. Bill of lading. Expense accounts of the provisions made to the said vessel. Coromandel pay books of the year 1786/7 for the homeland. No. 58. A small box sewn in gunny, transcribed. 561. 63. 1 64. 2 1 7077 269 No. 65. 1 66. 67. vessel; as 1. ditto of Batavia, and 1. ditto Palliacatta, dispatched in triplicate; as 1. ditto for the General Inspection Office alongside a memorandum of supplied necessities; 1 ditto for the Pay Inspection Office; 1. for the Equipment Wharf, annexed 1. memorandum of supplied equipment goods. List of what has been supplied here to and for the benefit of the said vessel. Inventory of that vessel. List of unserviceable goods which are sent by this vessel to Batavia. No. 68. papers. 1. 1. and 69. No. 68. 25 pieces of invoices bound together of the private linen packs, which have been shipped on recognizance in the said ship. 1. Bill of lading of those linen packs. Copy general findings of the brought cash, merchandise, provisions, etc., by the said vessel for this Government, annexed: Copy report of the fiscal and commissioned judicial councilors regarding the findings of the brought nutmegs, alongside: Extract Resolution taken in that regard in the Council of Coromandel, dated 13th of this month. No. 71. 70. 270 73. 1. Provisional Demand of cash, merchandise, provisions, etc. for the coming year 1790, whereto is attached a list or roster of the remaining stock, merchandise, etc. residing on this Coast; also: Catalogue of the required medications for Palliacatta. List or roster of the remaining merchandise etc. resting on this Coast. 74. 36 pieces of various monthly returns. 75. 16 ditto various separate returns. No. 71. 1. Copy Report of the Honorable Fiscal and Commissioned Judicial Councilors regarding the delivered Japanese bar copper. No. 76. 72. 78. Copy general return of the sold gold, silver specie, merchandise, etc. of the whole of Coromandel of the year 1787/8. 1. Original rough return of the sold gold, merchandise, etc. of the whole of Coromandel of the year 1788/9, dispatched in duplicate. 79. 1. Findings or return of the minted silver rupees at Jaggernachpoeram, dispatched in duplicate. 80. Invoice of account dated the ultimate of August 1789. 81. 1. Memorandum of account dated as above. No. 76. 2 pieces of summaries of sold gold, merchandise, etc. at this main settlement of Palliacatta. No. 82. 77. 271 86. No. 82. 1. Copy Register of the Coromandel trade books of the year 1786/7. 2. Registers of the pay books of the year 1786/7. 84. 1 ditto with 45 pay accounts. 85. 1. List of the formal pay accounts being requested. 2. Receipt rolls of two good months advanced to the seafarers assigned to the said vessel, dated 18 August last. Palliacatta, in Castle Geldria, 18 October 1789. /was signed:/ I: I: Hlasz, First Sworn Clerk. Agreed. 83. as above 272 Register of the marginal notes to the letter to Their High Excellencies of 13 October 1789. Arrears. Regret over the remarks made by Their High Excellencies: 21. Regarding the failure to collect the arrears of the previous government: 21. In this regard, more detailed writings were sent with the latest general report from here: 21. What the Chief van Haeften has answered: 22. With regard to the payment to the Palicol merchants for delivered linens before the war: 22. Hope of the said Chief that his defense will be given credence: 23. And what will further appear on that account from the booklets of that factory: 23.

Dutch transcription

267 No. 48. 49: Een dito van den onderkoopman fiscaal en soldij boekhouder Broerius Brouwer verzoekende om de dienst van pakhuijsmeester te palliacatta, of opperhoofdij van JaggernakCoeram Een request van den onder koopman en g'eligeerd pakhuijsmeester Jacob Samuel De Raeff, solliciteerende om de beves„ „tiging in dien dienst en 2 voordragt aan de Heeren Maijores ter obtinu van de qualiteijt van koopman „ 50. Een request van den onderkoopman Jacobus Simons Canterviesszer nisteerende om een emploij Heefd administrateur alhier, dan wel de opperhoofdij van Iaggernaikpoeram No. 71. „ 52. N:o 51. Een request van den g'eligeerden secretaris van politie en Aassen Iohan Joachim Hlasz sweekende om eene gunstige approbatie is die diensten in voordragt aan de Heeren Maijores ter verkrijging van de qualiteijt van onderkoopman Een reqeerst van den Negotie overdragers wouter Pietersz verzoe„ kende om een gunstige voor„ dragt aan de Heeren Maijaret in Nederland ter obtinu van de qualiteijt van onderkoop„ „man en een middel van bestaen„ 53: Een dito van den boekhouder en geweezen ontvanger van 's Comps reveneen te Nagapatnam Iacobus van Tessel, solliciteerende om bij verschansing van 's Comps die„ „naaren ter deezer Custe ten goeden 268 No. 54. Een dito van den boekhouder en secretaris van de weeskamer alhier Simon Duijnevelt verzoekende als even „ 55: Een dito van den g'oligeerden Eerste ge„ sware Clerk van politie en secretaris van Justitie Jan obdam, verzoekende om approbatie v die diensten 56. Een van den boekhouder en lid van Justitie Jan Willem Luijken, solliciteerende om een dienst bij eenige te maakene ver„ „schansingen onder de dienaaren deezer Custe Een van den boekhouder en translateur in de portugeesche taale Abra„ ham Dormieux, verzoe„ kende als even goeden bedagt te worden. No 58 57. die en handen van den 62. Capitain „ 59. Een dito dito beschreeven Cormandelsche 64 Negotie boeken d' Ao 1786/7 voor Batavia Copia Notilie der ondervolgende Negste Corpier 60 2 Factuuren van het gelaadene in gemelden bodem, annex de korte factuuren te weeten 1. van de patriasche, en Jndiasche pakken. afzonderlijke Notities adedem. Crognoiscement On kostreekeningen van de gedaane verstrekkingen aan gemeleen Cormandelsche zoldijboeken d' A. o 178/7 pro patric N:o 58: Een kasje in goenij benaayd, beschreeven bodem „ „ 561. 63 1 64. 2 „ 1 „ „ 7077 269 N=o 65. 1 „ 66. 67 bodem; als 1. do van Batavia, en 1. d:o „ Palliacatta drie dubbeld afgaande; als 1. d=o voor het generaale visite Comptoir nevens een memorie van ver„ „strekte benoodigtheeden: 1 d=o voor 't zoldij visite Comptoir 1. „ voor de Equipagie werf, annex 1. memorie van verstrekte Equipagie goederen Notitie van het geen alhier verstrekt is aan en ten behoeve van gem. bodem Inventaris van dien Keel, Notitie van onbequaame goederen de„ welke per deezen bodem naar Batavia werden verzenden. No. 68 pier . 1. 1. en 69 N:o 68. 25. stuks factuuren bij elkanderen in gebonden van de particuliere lijwaat pakken, welke op recognitie ingemelde schip afgescheept zijn. 1. Cognoiscement van die lijwaat pakken. Copia generaale bevinding van de aan gebragte Contanten, koop„ manschappen, provisien ensz per gem: bodem voor dit Jari„ „vernement annex Copia rapport van den fiscaal en gecommitteerde Justitieele raadslieden wegens de bevin„ ding der aangebragte nooten, benevens. Extract Resolutie diendwegen in Raade van Cormandel genomen gedateerd 13 dee„ Zer No. 71 70. „ 270 73. 1. Provisioneelen Eijsch van Contanten Koopmanschappen provisien Enst voor het aanstaande Jaar 1790., waaragter ge„ „voegd een Notetie of lijst van de te deezer Kuste bevas„ „tende restanten, koopmansz etc: tevens. Cathalogus van de benodigde Medicamenten voor palliacatta Notitie off lijst van de te deezer Custe berustende restant Koopmansz: ensz 74: 36: stuks diverse maandelixe rende„ „menten 75 16 d:o diverse aparte rendementen N. o 71. 1. Copia Rapport van den E: fiscaal en ge„ Committeerde Justitieele raads leeden wegens het uijtgele„ „vende Japans. staaff Koper. No 76 n 72. „ 78. Copia generaale Rendement van het verkogte goud, zilver specien„ Koopmansz ensz van geheel Cormandel d' Ao 178 7/8. 1. origineele ruu rendement van het ver„ kogte goud, koopmansz etc van geheel Cormandel d' Ao 178/9. dubbeld afgaande 79. 1. bevinding of rendement van de ver„ munte zilvere ropias te Jaggernachpoeram, dubbeld afgaande, „ 80 „ Factuur van aanreekening ged.:t ult=o Augs 1789. „ 81. 1. Memorie van aanreekening ged:t als ever N:o 76. 2. stuks sommariums van verkogte goud, Koopmansz etc te deezer hoofd plaatze palliacatsa; No. 82. „ 77: 271 „ 86. N=o 82. 1. Copia Register der Cormandelsche Negotie boe„ Hen. d' A„o 17877. 2. Registers der soldig boeken d' Ao 17897. „ 84. 1. _:o met 45 soldij reekeningen „ 85 1. Notitie van de verzogt werdende formeele soldij reekeningen 2. Quitantie rollen van verstrekte twee goede maanden aan de op gem bodem bescheijdene zeevaarende de dato 18. Augustus laastleeden. Sulliacatta In't Casteel Feldria den 18 octob 1789. /was geteekend:/ I: I: Hasz E: G Klerk. accordeerd Jn b 11 d 12e lrit 173 „ 83 E ever 272 Register der Margina len op de Brief aan Haar Hoog Edelheeden van den 13. october 1789. Agterstallen Leedweesen over het geremarqueerde door Haar 3. 21. Hoog Edelheedens „Nopens de noninpalming der agterstallen van het voorig gouvernement - - - - - - - - - „ 21. Hier omtrent is breeder geschreeven bij het Jongste generaal verslag van hier - - - wat het opperhoofd van Haeften geantwoord Ten aanzien van de afbetaaling aan de pali Colsche kooplieden voor geleverde lijwaaten voor den oorlog- 22. 1 . . . . . „ 21. heeft. . - - - - - - - - - - - - - - - - - - - „ 22. Hoope van gem opperhoofd dat aan zijne ver„ „antwoording geloof zal werden gedefereerd. . - „ 23. En wat die weegens uijt de boekjes van die fac„ torij te meer zal blijken- - - - - zijn - 1 „ 23.

NL-HaNA_1.04.02_3833_0574 view scan ↗

English

Arrears f Declaration of that chief that he was qualified to pay off that claim. - - 27. By the deceased Commander Blaaukamer - - 27. Request of this Council to free Van Haeften from that payment - - And all the papers making up the Honorable Company's loss due to the war will be - - - - - - 104: Reference to § 21. regarding the outstanding debts Bloeme - - - - - - - - - . . Has already been sent over with the list of damages - - 105. Expression of thanks for the approval of the paid bond to the estate of Mossel. . . 106. Requisitions of 1781. - - - - - - - - - - - - 105. Concerning what was delivered by the merchants on the The required statement of the invoice keeper of the previous Government- To be sent over to the Netherlands in a separate bundle Together with the copies to Their High Excellencies 105 10 10 Regarding the arrears, reference is made to § 21: 104 4. payment of that claim was qualified. 27 §. 24. His further demonstration in that regard where And why even more to offer - - - - - - - - e 27 -27 1 — - 27. f 273. Arrears Nagapatnam - - - Regarding the reimbursement of the paid p/ 278. 10. - to the Executors of the Auction - - 108 The reason for this is respectfully demonstrated. 108. The payment occurred by ordinance = . 109. And examined by political members. 109. Thus the legality was fully evident. . . . . 110. Request to favorably approve this payment. 118. having rejected several. - - - - 110. since the English the claims on the Honorable Company Taxes and Reimbursements The army accounts of Simons, Teeke, and Hast § 118. have already been presented to Their High Excellencies via Ceylon 118. 10 § 106. On an English merchant James Amos. And when the transfer of the same took place 1 Reference to the letter of 14 March of the current year regarding the accounting of the main cash at To which the widow had the right, to transfer the same Regarding to transfer - - - - - - - - - - - - - 1 - Taxes and Reimbursements Regarding the travel expenses of the Chief Heshusius § 129. The reason for this is detailed at length. . 129. referred - - - - - - - - - - - - - - - - 130. The travel expenses of the Merchants Simons and Van Bijland have been to Their High Excellencies And to provide this council with the necessary orders Request to favorably pass those expenses 129. Letters and Papers Offer of the duplicate of the letter of 31 March of this year - - - - - - - - 3. of 29 July 1788. - - - - - - - The clerical work has been brought to a fairly level footing Reply to the letter of Their High Excellencies And per the ship Horssen a missive of secret letter of 29 July 1788. Receipt via Ceylon of a general and a 10 March last. - - - - Answer in such a case. . . . . . . . . . . . . . 129. - - - f 1. - - . 2. 3. _ brought - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - 4. 3 274 Letters and Papers Reply to the letter of Their High Excellencies of Received per the ship Horsen - - - - - - - 59. Application made to the English for the missing Company's papers - - - - - - - - - - - 60. 31 March. . . . . . . . . . . . . . . . . . . §. 59. Containing that no other papers were in his possession Than those which were connected to the surrender of Nagapatnam- - 61. Which he nevertheless offered for inspection or copying 61 After the departure of Horsen someone will be sent to Madras for that purpose - - - - - 61. Expression of thanks for the report regarding the dispatch of letters were written to Madras 61. 61. they had given order - – - - - - - - - - 61. Agent Cockraine to the secretary of Receipt of a copy of a letter by the former In reply they stated that they already thereto Colleges .- - Collegia 1788 behaved, regarding the calculation - - - - 30 accompanying a letter from the Orphan Masters Henceforth we will, according to the submitted plan, our error in the bill of exchange of the Orphan Chamber. f 30. 152. 15 Together with the books of that Collegium for the year 1787 Servants Reference to the letter from here of 10 March With regard to the servants who remained in Nagapatnam Expression of thanks for the 12 sailors sent 123. Who are being sent back again. nor writers. - - - - - Expression of thanks for the favorable decision regarding 3 persons - - - - - - One has no superfluous bookkeepers here 123. 138 17 - 5 57 Expression of thanks for the passing of the committed error reference 140. servants. . . . . . . - - - - - 275 Servants Reference to the answered Homeland Extract of 15 May 1784. ... The given order regarding Major Hazelman, Regarding the petition of De Neijs. . . . . . 141. 143. Death of the Head Administrator Stoffenberg 143. The presidencies of Justice and the Orphan Chamber have thereby At the request of the storekeeper Van Bijland, a meeting was held. The Council has requested the Commander to assume the head administration. 144 p 16. And to the secretary the staff as presiding member in the Court of Justice - - - - - - - - - conferred - - - - - - - - - - Acceptance of the same - - - - - - - . The merchant Van Bijland reserved his note in this regard . . . . . . . . . 146. Which, along with several extracts from the minutes, are forwarded among the appendices The presidency of the Orphan Chamber to Van Bijland taken care of. become vacant - - - - - shall serve as instruction - - - - - §. 141. 144. 145. - - - - - - 145. 146. - - - - 3

Dutch transcription

Agterstallen ƒ Betuijging van dat opperhoofd, dat hij tot de Door den overleedene gezaghebber Blaaukamer - - „ 27. verzoek deezes raads om hem van Haeften van dies betaaling te libereeren- - En men zal alle de papieren maakende het ver„ lies van D E: „ Comp e door den oorlog - - - - - - „ 104: Referte aan § 21. nopens de uijtstaande schulden Bloeme - - - - - - - - - . . Is reeds met de schade lijst overgezonden - - „ 105. Dankbetuijging voor de passiering van de be„ „taalde obligatie aan de boedel van Mossel. . . 106. Eijschen van 1781. - - - - - - - - - - - - „ 105. wegens het geleverde door de kooplieden op de „ de gerequireerde opgave van den factuuur houder van het voorig Gouvernement- Na nederland in een apparte bondel overzenden„ Mitsgaders de Copijen Haar Hoog Edelheeden „ 105 – – – – – – „ 10 10 Nopens de agterstallen word aan §21: gerefereerd „ 104 4. afbetaaling dier pretentie gequalificeerd was. „ 27 §. 24. zijn verdere demonstratie dienaangaande waar En waarom te meer aan bieden - - - - - - - - e „ - „ -- „ „ 27 -„27 1 — - 27. ƒ 273. Agterstallen Nagapatnam - - - Nopens het rembernssement van de afbetaalde p/ 278. 10. - aan de Executeurs van de Veijl - - „ 108 word de reeden daar van eerbiedig aangetoond. „ 108. De betaaling is op een ordonnantie geschieit = . „ 109. En door politicque leeden g'examineerd. „ 109. dus wettigheijd is volkomen gebleeken. . . . . „ 110. verzoek om deeze betaaling gunstig te passeeren. „ 118. aan verscheijde afgeweezen hebben. - - - - „ 110. vermits de Engelschen de pretentien op D E: Comp=e Belastingen en vergoedingen De leger reekeningen van Simons, Teeke en Hast S. 118. zijn reets over Ceijlon Haar Hoog Edelheeden aan gebouden „ 118. „ 10 § 106. Op een Engelsch Koopman James Amos. Een wanneer de overschrijving derzelve geschied is„1 Referte aan de brief van den 14 Maart C:C: ne„ „pensi de verantwoording van de groote Cas te Waar toe de weduwe regt hadt, om dezelve over Nopens te schrijven - - - - - - - - - - - - - 1 - Belastingen en Vergoedingen Nopens de reijsen gelden van het opperh: Heshusius S. 129. wordt de reeden daar van breedvoerig gedetailleerd. . „ 129. gerenvoijeerd - - - - - - - - - - - - - - - - „ 130. e reijsongelden van de Kooplieden Simons en van Bijland, zijn aan Haar Hoog Edelheeden En deezen raade te voorzien met de nodige ondres verzoek om die ongelden gunstig te passeeren „ 129. Drieven en Papieren Aanbod van het duplicaat van de brief van 31. Maart deezes Jaars - - - - - - - - „ 3. van den 29. Julij 1788. - - - - - - - Het schrijfwerk is genoegzaam op een effen voet Beantwoording des briefs van H: Hoog Edelh: En per het schip Horssen een missive van den secreete brieff van den 29 July 1788. Ontvangst over beijlen van een gemeene en een den 10. Maart laastleeden. - - - - Antwoord in zulken gevalle. . . . . . . . . . . . . . „ 129. - - - ƒ 1. - - . „ 2. „ 3. _ gebragt - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - „ 4. 3 274 Drieven en Papieren Antwoord op de brief van Haar Hoog Edelh: van Per het schip Horsen ontvangen - - - - - - - „ 59. gedaane aanzoek bij de Engelschen om de man„ queerende Comp:s papieren - - - - - - - - - - - „ 60. den 31. Maart. . . . . . . . . . . . . . . . . . . §. 59. Behelzende dat geen andere papieren onder hem Dan die welke Connexie hadden met de overgave van Nagapatnam- - 61. „ Die hij egter ter visie ofte afcopieering aanbood„ 61 Men zal na het vertrek van Horsen iemand ten dien eijnde na Madras zenden - - - - - „ 61. Dankbetuijging vaon het berigt nopens de ver„ „zending van brieven waren Madras geschreeven „ 61. „ 61. ordre hadden gegeeven - – - - - - - - - - „ 61. Agent Cockraine aan den secretaris van Ontvangst van een Copij brief door den geweezen In antwoord hebben zij bedeeld dat ze reets daar toe Collegien .- - „ Collegien 1788 gedraagen, nopens de bereekening - - - - „ 30 verzelling van een brief van weesmeesteren Men zal voorlaan na het overgezondene plan ons abuijs in de wissel van de weeskamer. . ƒ 30. „ 152. „ 15 Nevens de boeken van dat Collegie d' A=o 178/7 Dienaaren Presente aan de brief van hier van den 10. Maart Ten aanzien van de te Nagapatnam verbleevene Dankbetuijging voor de gezondene 12. mattroozen „ 123. Die weder te rug gezonden worden. nog pennissen . - - - - - Tankbetuijging voor de favorable dispositie ten aanzien van 3. perzoonen - - - - - - Men heeft hier geen overtollige boekhouders „ 123. „ 138 „ 17 - 5 57 Vankbetuijging voor de passeering van het begaan _e referte „ 140. dienaaren. . . . . . . - - - - - 275 Dienaaren Referte aan het beantwoord patriasche Extract van den 15: Meij 1784. ... De gegeevene last wegens Den Maijoor Hazelman, Nopens het request van De Neijs. . . . . . „ 141. „143. Overleijding van den Hoof administrateur Stoffenberg „ 143. De presidiums van Justitie en weeskamer zijn daar Op verzoek van den pakhuismeester van By „ land is vergadering gehouden. Den Raad heeft den Heer gezaghebber het waar„ „ 144 p 16. En aan den secretaris de staeff als voorzittend lid „ 145 in de Justitie - - - - - - - - - opgedraagen - - - - - - - - - - Accepteering der zelve - - - - - - - . den koopman van Bijland gereserveerde zijne aanteekening dierwegens . . . . . . . . . „ 146. welke nevens verscheijde Extracten uyt de notulen onder de bijlaagen overgaan Het presidium van de weeskamer aan van Bijland „neemen van de hoofdadministratie verzogt. door vacant gewerden - - - - - zal tot inarigt dienen - - - - - §. 141. „ 144. 145. - - - - - - „ 145. 146. „ - - - - „ 3

NL-HaNA_1.04.02_3833_0580 view scan ↗

English

Servants To be replaced by the storekeeper In whose place the Secunde De Raeff as storekeeper And as secretary and cashier the First Sworn Clerk In place of him the scribe of Jaggernaikpoer And as scribe the assistant Van Holt under promotion to bookkeeper approval whose petitions are now submitted request for their confirmation, and recommendation of De Raeff and Hasz to the Lords Majors for the ranks of merchant and junior merchant All in hope of Their High Nobles' favorable Jan Obdam Van Bijland Provisional appointment of the chief of Jaggernaikpoer the merchant Van Halm as chief administrator § 148 and this at his express request § 146 § 147 § 148 148 § 148 The resolutions now run until the ultimate of August Due to the illness of the Honorable Governor His Honor testified not to be able to attend to the chief administration master Hast 276. Servants § 150. f. 40. Submission of various other petitions request to take a favorable decision thereon § 151. Gratuities Etc Promise of Their High Nobles concerning the distribution of the gratuity Upon the recovery of Nagapatnam Reply that since the re-establishment of this coast use has been made of the gratuity 40. And this upon qualification of Their High Nobles by secret missive of 26 July 1784. Namely 5 percent on the sale, and 3 percent on the collection As well as 5 percent on the linens that in the Netherlands yield 70 percent profit 1 The Right Honorable and highly esteemed Gentlemen Falck and Van de Graaff have proposed that distribution In their Honors' secret missive of 19 May 1784 to Their High Nobles. 40 § 40. request 5 37 to remain continued request not only to be allowed to retain that gratuity But also that from now on should be credited the 3 percent on the Indian linens As well as to recommend to the Lords Majors for the representation of the disasters and misery that Topander During their imprisonment under the Nawab Hyder until the last war became known § 51. their suffered loss Their High Nobles to grant to them Which is a trifle, in comparison with what has been decided upon the qualification of Ali cum suis have endured receipt of the 5 percent Gratuities Etc 8: § 51. Demands. Asking excuse for the disorderly arrangement of the provisional demand of 1788 § 120. The trade officials have been reproached for that 7. regret 4. 42 277 Demands § 121. Regret that this Coast is not provided with more popular spices request for excuse on account of the large demand made thereof why this actually occurred regret over the receipt here of a large quantity of cloves Of which a large remainder still exists Submission of the provisional demand request for its fulfillment Fortifications and Buildings. Longing for the recovery of Nagapatnam § 5. due to the unsuitability of Palliacatta for a chief office The order of Their High Nobles concerning the building materials will be demanded from Ceylon § 5. non-presumption that the Nawab would have disputed the right of the mint here trusted and 6. 122. 122. 139. 121. 121. 139. confidence that there would be no obstacles encountered in that regard whereby the mint has also been completed Which comes in very handy for the storage of Company bales Concerning the fortifications, this has already been served in the general report Thanks expressed for the approval of the expenses incurred for the new mint § 32 Item for the warehouses, mint- and bleaching packhouses at Bimilipatnam as well as for various buildings at Palicol As also for the remaining carpentry and repairs at the subordinate offices Promise to be made that henceforth one will not proceed thereto except in case of necessity § 3 Capital repairs will henceforth be managed frugally Thanks expressed for the approval of various carpentry works and repairs And under which to give assurance regarding this 6. Fortifications and Buildings Geld matters 3 6. 6. 278. Money matters. Demonstration of the advantage in the sale of gold 28 Instead of in coining. § 28. Evidence by the return that in the sale Insertion of an account of 13 sold bars of Gold 3 7/8 percent was gained Thanks expressed for the report sent over from The interest moneys to Shamier Sulthan will be paid according to the order. § 111. To the trade officials the necessary has been ordered 112. the Assayer Regarding the calculation of the profits in the returns with asking excuse for the error committed. § 112. And one has sent off an improved return via Ceylon as well as the return of the sold gold quarter rupees Thanks expressed for the sent culled Silver 28. 27. 58: § 112. 112. § 113 § 114 the Money matters gold the headpieces not having been received, they have been charged to Captain Pas § 114. request for orders how to act therewith Found difference in the fineness of 7 bars of Garrison or Military Reference to the letter from here of 27 October 1787 in regard to the military affairs. No: 52. regret that the demonstration of the sepoys § 132. has not been able to carry away The pleasure of Their High Nobles § 132. Which nevertheless alongside the peons are necessary § 132. Which nevertheless alongside the peons are necessary § 132. Certifications The validation to the estate of the deceased Huijsedijke

Dutch transcription

Dienaaren Om vervangen te worden door den pakhuijsmeester In wions plaatse den seco De Raeff tot pakhuijse En als secretaris en Cassuer den Eerste gesw. Clercq In steede van hem den scriba van Jaggernaik p=r En als smiba den Assistent van Holt onder be„ „vordering tot boekhouder- approbatie - - - - - - - welkers requesten tans aangeboden worden - - - „ verzoeke om haare bevestiging, en voordragt van de Raefs en Hasz aan de Heeren Maijores tot de qualiteijten van koopman en onder koopman - - - „1 Alles in hoope van Haar Hoog Edelheedens gunstige Jan Obdam - . . . . . . . . van Bijland . - . . . . . . Provisioneele aanstelling van het opperh: van Jaggern: den koopman van Halm tot hoofdadministraleur „ 148. n zulks op zijn Expresse verzoek- § 146. „ 147 „ 148 148 - -„ „ 148 „ E De resolutien gaan tans tot ult=o Augs af Mots ziekt van den Heer gezaghebber- - Betuijgde zijn Ed de hoofdadministratie niet te Kunnen waarneemen. . . . . . . . . - „meester - - - - - - - - - - - - - - - Hast - - - _ _ _ _ _ _ _ _ _ - - - - _ _ _ - „ „ 3 „ „ - 276. Dienaaren E § 150. ƒ. „ 40. Aanbed van deverse andere requesten verzoek om daar op een favorable dispositie te neemen „ 151. Vouceuren Etc Promesse Haarer Hoog Edelh: omtrend de verdeeling vant het deuceur Bij de te reugkrijging van Nagapatnam Repliceering dat men zedert de restablissearing deezer custe van het douceur gebruijk maakt „ 40. En zulks op qualificatie van Haar Hoog Edelheeden bij secreete missive van den 26 Julij 1784. Te weeten 5 prC=to op den verthier, en 3. prC=o op den Jnzaam Milogs 5. pr C=to op de lijwaaten die in Nederland 70 prC=to winst opwerpen 1 De wel Ed hoot Agtb Heeren Falok en van de Graaff hebben die verdeeling geproponeerd Bij hun Eds secreete missive van den 19 Meij 1784. aan Haar Hoog Edelheeden. 40 „ § 40. verzoek 5 37 „ blijven continueeren verzoek om dat douceur niet alleen te mogen Maar ook dit heen ten goede gebragt worden de 3. pr Cos op de indiasc he lijwaaten Mitsg.:s aan de Heeren Maijores voortedragen ter voordraging van de rampen en elende die Topander Geduurende hunne gevankenisse bij den Niabab Haij„ tot dat den laasten oorlog bekend wierd „ 51. haare geleeden verlies Haar Hoog Edel heeden aan haar toeteleggen Het geen een geringheyd is, moorgelijking van wat men beslooten heeft op de qualificatie van der Ali C: S: hebben uijtgestaan obtenut van de 5 prC=to Douceuren Et „ 8: „ 51. Eysschen. De vraagene Excuus over de slordige inrigting van den provisioneelen Eysch van 1788 S. 120. De negotie bediendens zyn daar over gereprocheerd „ 7. leedweezen „ 4. 42 „ „ - 277 Eysschen 3. 121. Leedweezen over dat deeze Custe met geen meerder ge„ „wilde specerijen is voorzien verzoek om excuus wegens den gedaanen grooten eijsch daar van waarom zulks eygentlyk geschied is leedweezen over den ontvangst alhier van een groot quantiteijt nagulen Daar en nog een groot restant van is Aanbad van den provisioneelen Eysch verzoek om dies voldoening Fortificatien en Gebouwen. Verlanging na de terug krijging van Nagap=m I. 5. mits de ongeschiktheijd van palliacatta voor een hoofd Comptoir De ordre Haaren Hoog Edelhs nopens de bouw materiaelen zullen van Ceijlon g'eijscht worden - - - - - - „ 5. sonvermoeding dat den Nabab het regt der munt al hier zoude belwist hebben-- „ „ „ 122. „ 122. „ 139. 121. „ 121. vertrout en ge „ 6. - „ 139. „ „ vertrouwen dat daaromtrend geene obstaaulen zoude waar door dan ook de munt valtooijt is Die zeer wel te passe komt ter berging van Compo pakken Omtrend de fortificatien is bereets bij het gene„ „raal verslag gedient Dankbetuijging voor de passeering van het bekos„ ontmoet hebben- „ruijzen te bimilipatnam - - - - - „tien op de onderhoorige Comptoiren Te doene belafte dat men voortaan daar toe niet zonder treeden zal dan bij noodzaakelijkheijd - - - „3 Capitale reparatien zullen voortaan gemenageerd worden - - - - Dank betuijging voor de passeering van diverse tim„ „meratie en reparatien En onderwelke te doene verzeekering dierwegens„ 6. B Fortificatien en Gebouwen „tigde voor de nieuwe munt - - - - - - „ 32 Jtem voor de pakhuijzen munt- en bleekpak„ zo meede voor diverse gebouwen te palicol Gelijk ook voor de overige timmeragien en repara„ Geldzaaken - - — „ 3 „ 6. „ 6. „ „ „ -- 278. Geld zaaken. Aantooning van het verdeel bij den verhorp van goudt 28 Insteede van bij vermunting. - - - - - - - - - - - „ 28. Blijking bij het rendement dat bij den verkoop Insertie van een reekening van verkogte 13: staaven Zoud - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - _ 37/8. pr C. o gewannen is - - - - - - - - - - - Dankbetuijging voor het overgezondene berigt van De intrest penningen aan 'shamier sulthan zullen na de ordre voldaan worden. „ 111. Aan de Negotie bediendens is het nodige aan be„ 112. den Essaijeur . . . . . . . - - Nobens de bereekening der winsten bij de rendementen - - - - bij vraagen Excuus over het begaan abuijs. „ 112. En men heeft een verbeterde rendement over Ceijlon afgezonden - - - - io meede het rendement van de verkogte goude quart ropias - - - - - - - - - Dankbetuijging voor het gezondene uytschot Zilver - - - - - volen - - - 28. „ 27. 58: „ 112. 112. „ 113 „ 114 de „ - „ — 1 „ - Geld zaaken goud - - - - - - - - - dezelve den Capn Pas ten laste gebragt . A 114. „de kopstukken niet ontvangen zijnde, zijn verzoek om ordre hoedanig daarmeede te handelen„ Bevondene different in het gehalte van 7: staaven Guarnisoen off Militairen Referte aan de brief van hier van den 27 8ber 1787 ten aanzien van het militair weezen. . . N: 52. leedweezen over dat de demonstratie der sipaais „ 132. heeft mogen wegdraagen- Het genoegen Haarer Hoog Edelheeden niet „ 132. Die egter nevens de pions noodzaakelijk zijn „ 132. Die egter nevens de pions noodzaakelijk zijn „ 132. Bestertingen De valideering aan den boedel van den overleedene HuijseDijke E: - 5 . - „

NL-HaNA_1.04.02_3833_0587 view scan ↗

English

249 Domestic Orders Estate of Blaaukamer of 10063 Pagodas - - - - Section 43. Is grounded on Their High Excellencies' qualification Thus did the deceased request that disposition in his testament. - Why the executors also have requested an assignment thereof from Their High Excellencies - - - - - - - - - - - - Section 43. Request made by those Executors for the payment of the half, or else the whole amount here. - - - - - - - - - - - Section 44. Non-consent therein - - - - - - Section 44. Regret over the displeasure of Their High Excellencies concerning the settled account of the minister van de Werth - - - - - Section 44. What his Reverence has demonstrated at Batavia with regard to his received rations, etc. - - - - - - - - - - - - Section 45. This payment was made the more on the favorable concession of Their High Excellencies to the Ceylon government - - - - - - - - Section 43. And why - - - - - - Section 46. That since the war they had received no subsistence from the English - - - - - - - - - Section 46. To pay out to all Company servants their rations and allowances - Section 48. The minister van de Werth is at Nagapatnam Why his Reverence remained at Nagapatnam until 1787 - Section 50. Because he had obtained permission to be able to repatriate - Section 47. The advance made by his Reverence in the service of church and school - - - - - - - Section 47. Is attributed to the high cost of living in 1782 and 1783. As also upon his declaration that he had acted in all things in good faith. Expression of thanks regarding the approved disposition concerning the house at Jaggernaikpoeram - Section 50. The restitution of the charitable gift to his Reverence's company And why the more. Domestic Orders 280 Domestic Orders Has already been recommended to the Chiefs of Jaggernaikpoeram. Section 50. With regard to the Orphan Chamber funds - - - - Section 124. For the accountability of the former Secretary Brouwer. Has already been written about in detail via Ceylon - - Section 124. Request to make a favorable decision thereon. - - - - - - - - - - - - Section 124. The financial statements of the Deaconry Funds from 1781 to 1787 - - - - - - - - - - Section 125. Have been sent off via Ceylon. - - Section 125. Now goes that of 1788. - - - - Section 125. Together with the books and financial statements of the Orphan Chamber of 1786/7 and 1787/8. - - - Section 125. Expression of thanks for the approval of the delivery of 4000 Pagodas to the Orphan Chamber - - - - - Section 127. How that debt was settled - - - - Section 127. The estate of Zeegelaar still has to claim 1472. 10. 26 Pagodas from the Honorable Company - - - Section 127. Demonstration of the legality of that claim Section 128. The instructional papers for the Fiscal will be requested from Ceylon - - - - - - - - - - Section 131. Domestic Orders The number of peons cannot be reduced Section 133. With regard to the estate of the deceased Chief Administrator Mossel - Section 53. And the funds remitted to his brother at Amsterdam - Section 53. What is necessary has already been communicated via Ceylon - Section 53. To the question regarding the annual decrease of Japanese bar copper - - - - - Section 135. A specific answer is given - - - - - - - - Section 136. The interest on the borrowed capital of Schamier Sultan - - - - - - - - - Section 137. Will be paid annually according to the order Section 137. To apologize for the neglected notification Of the case that occurred in 1785 with the Nawab concerning the dispatched bales from the Armenian merchant at Madras Native Affairs 281 Native Affairs From the Armenian merchant at Madras Schamier Sulthan - - - - - Section 53. The deceased Mr. Blaaukamer handled that matter alone And was of the opinion that those bales had to be considered as Company goods - - Section 53. Which was understood differently by the Havildar - - - - - - - - - Section 53. And thus claimed [illegible] for all private linens - Section 53. Why he also did not want to pay the share of the Honorable Company - - - - - - - Section 53. One therefore had to allow him to deduct the toll for Schamier Sulthan's bales - - Section 54. Although correspondence was held with the Nawab on that account - - - - - - - Section 54. Who constantly protected his Havildar - Section 54. That matter is so far at an end - - Section 54. And the Company's share in the toll has been paid since March to July of this year - - Section 54. The remainder is still in arrears. Section 55. And why - - - - - - - - Section 55. Those bales were weighed in the Company's warehouse according to orders - - - - - - Section 56. And shipped off - - - - - Section 56. Which gave cause to that difference - - - - - - - - - - - - Section 56. Request to pass this affair favorably - - - - - - - Section 56. The number of peons cannot be reduced Section 133. Native Affairs Entries and Write-Offs Report for the approval of the travel allowances of two persons - - - - Section 34. As also for the passing of 22 7/8 lb of nutmegs found short - - - - - - - Section 35. Better care will henceforth be taken regarding the camphor tubs - - - - - Section 36. To ask for an excuse regarding the neglect in reporting the salaries of three persons at Bimilipatnam Section 37. Which is now being done. Section 37.

Dutch transcription

249 Huijsselijke Bestellingen E. Blaaukamer van p/o 10063 - - - - 5 43. Is gegrond op Haar Hoog Edelheedens qualificatie Dus heeft den overleedene bij zijn testament die dispositie verzogt. - waarom dan ook de executeurs om een assig 9. „ natie daar van, van Haar Hoog Edelheeden „ Gedaan verzoek dier Executieurs om de vol„ doening van de helfte, dan wl het geheel Non toestemming daar inne - - - - - - „ 44. Ladweezen over het misnoegen Haarer Hoog Edelh. wegens de afbetaalde reekening van den predikant van de werth - - - - - „ 25. wat zijn Eever ten aanzien van zijn genoe„ tene randsoen Etc te Batavia gedemon„ Deeze betaaling is te meer geschied op de gunstige Concessie Haaren Hoog Edelheeden- aan de Ceijlonsche regeering - - - - - - - - „ 43. bedraagen alhier. . - - - - - - - - - - - „ 44. En waarom - - - - - - verzogt hebben - - - - - - - - - - - - „ 43. „streerd heeft - - - - - - - - - - - - „ 45. - - . . „ 44. „ 43. 46. om . Zedert den oorlag dat zij geen onderhoud van de Engelschen getrokken hadden - - uijt te keeren - - - - - - - - - moogen repalrieeren - - - - - - - verbleeven - - - - - - - - - - - - - - - „ 47: verbleeven is - - - - - - - - - - - - Het verschot door zijn Eerw ten dienste van kerk en school gedaan - - - - - - - „ word aan den duurentijd in 1782. en 1783. Gelijk ook op zijn verklaaring dat in alles ter goeder trouw hadde gehandelt. Dankbetuijging nopens de geapprobeerde dispo¬ sitie omtrend het huijs te Jaggernaik pr De restitutie van de liefde geft aan het was„ s. Eers gezelschap - - - - - En waarom te meer. toegeschreeven - - - - - - - waarom zijn Eere tot 1787 te Nagapatnam om dat hij permissie geobtineerd hadt; te De predikant van de werth is op Naga p=m Ten alle Comp„e dienaaren haare randooen en Effen Huijselijke Destellingen N. 46. 46 48 50. „ 7. — „ 17. „ „ „ „ - - „ 5. 5 280 Be stellingen Huijselyke Is reeds de opperhoofden van Jaggernaikpoeram aanbevolen. . . . . . . - - - - - - - - N. 50. Ten aanzien van de weeskamers gelden - - - - „ 124. ter verantwoording van den geweezen secretaris Brouwer . . . . . . . Is reets over Ceijlon breedvoerig geschreeven - - „ 124. verzoek om een gunstige dispositie daarop te - - - - - „ 124. neemen. . . - - - - - - - - - - - - - - „ 124. De staat reek van de diaconys Nassa van 1781. „ 125. tot 1787 - - - - - - - - - - zijn over Ceijlon afgegaan. tans gaat die van 1788. - - - - nevens de boeken en staat reekeningen van de weeskamer van 178 6/7. en 1787/8. - - - „ 125. Dank betuijging voor de passeering van de afgave van. p/o 4000 aan de weeskamer - - - - - „ 127. Hoedanig die schuld vereffend is - - - - „ 127. De boedel van zeegelaar heeft nog p/ 1472. 10. 26. van D E. Compe te pretendeeren - - - „ 127. Aantooning van de wettigheijd dier pretentie „ 128. De instructive papieren voor den fiscaal zullen van Ceijlon verzogt worden - - - - - - - - - - „ 131. het - - „ 125. „ 125. Huysselijke Bestellingen administrateur Mossel - „ En de gelden aan zijnen broeder te Amsterdam overgemaakt - - - - - - - - - - - - - - - „ Is reets het nodige over Ceijlon bedeeld - - - - - „ op de vrage nopens het Jaarlijks vermiont Den intrest: op het geleend Capitaal van word specificq geantwoord - - - - - - - - „ 136. wordende Japans staaf Koper - - - - - „ 135. sChamier sultan. - . . - - - - - - - - - „ 137. zal Jaarlijks na de ordre voldaan worden „ 137. Te magene Excus over de verzuijmde kennisse geeving - - - - - - - - van het in 1785. g'exteerd geval met den Nab„ wegens de ver zondene pakken. - - - Inlandsche kaaken. 13 Het getal der pions is niet te redisceeren D 133. Ten aan zien van den boedel van den overl: Hoofd F. 53. van -„ 53. 281 Inlandsche Zaaken § 53. van den Armeenisch koopman te Madras schamier sulthan - - - - - Den overleedene Heer Blaaukamer heeft die zaak alleen behandelt ƒ En was van sustenu dat die pakken als Comps moesten werden geconsidireerd - - „ 53. Het geen door den Haweldaar anders begreepen wierd - - - - - - - - - - „ 53. En dus voor alle particuliere lijwaaten tot - pretendeerde- - - - - - - waarom hij ook het aandeel van D E. Comp=e niet betaalen wilde - - - - - - - men heeft hem dus moeten toestaan om de thol voor 'shamier sulthans pakken - - „ 54. aftetrekken - - - - - - - - schoon dierweegens met den Nabab gecorres„ pondeerd wierd - - - - - - - 54. „ wijen zin haweldaar steeds protogeerde „ 54. Die zaak is voor zoo verre ten eijnde - - „ 54. En 'sComps aandeel in de thol is zedert Maart tot Julij- diezes Jaars voldaan - - -„ 53. „ 53. - - - - - - - - „ 53. 5 54. het - Het manqueerende blijft nog ten agteren. . . R 55. die pakken zijn volgens ordre in 'sComps En waarom - - - - - - - - Het geen oorzaak tot dat vorschil gegeeven verzoek om deeze affaire gunstiglijk te Het getal der pians is niet te reduceeren „ 133. pakhuijs gewoogen - - - - - - - En afgescheept - - - - - passeeren - - - - - - - heeft - - - - - - - - - - - - - - - - - - „ 56. Ian rafforte voor de approbatie der reijsen gelden van twee perzoonen - - - - zo werde voor de passeering van 22 7/8 lb te kort bevondene nooten - - - - - - - te vragene excuus over het verzuijm ter op„ gave der gagien van drie perzoonen te bimilip: „ 37. Het geen tans geschied. omtrend de Camphur balies zal voortaan beter zorg gedraagen worden - - - - - „ 36. In en Afschrijvingen. — — K 34. - -- „ 35. - - - „ 56. „ 56. 55. Inlandsche zaaken Inzaam ƒ „ 37 „ „ 56. „ — 6.

NL-HaNA_1.04.02_3833_0593 view scan ↗

English

6. 282. Collection 8. 8. Expression of thanks for the satisfaction regarding the collection in anno passato folio 8. The meager collection for 1786/7 is attributed to a lack of money and credit folio 8. Reference in that regard to the letter sent from here via Ceylon folio 11. Expression of thanks for the approved price increase of the linens folio 11. with which one should also continue folio 11. Reason for the collection at Bimilipatnam at the prices of 1781 folio 11. And upon the supply of merchandise folio 11. In anno passato, 248 bales were dispatched from that trading post by the ship den Arend folio 11. Losses suffered by those merchants on the Japanese bar copper folio 11. Desire of those merchants, when entering into the contract for 1788, for an augmentation of the prices folio 12. Similar to what had been granted to the merchants at Jaggernaikpoeram folio 12. without Collection without which they would not have been persuaded to undertake the collection folio 12. Granting of the same subject to the approval of Their High Mightinesses folio 12. Expression of thanks for the acceptance of 16 bales above the demand for 1787. — folio 13. The collection for India will always have preference folio 13. And upon relief from Europe, that for the fatherland will be commenced folio 14. Which is discussed in more detail in the latest general report folio 14. Assurance of a good quantity of linens when one is provided with cash folio 12. Reason why no procurement took place at Sadras, Palicol and Portonovo folio 15. Regret over the poor condition of 56 pieces of chintz blankets folio 15. The storm at Jaggernaikpoeram was the cause of it folio 15. And 283. Collection And the one missing piece has been compensated folio 15. for the reimbursement of the remaining 145 pieces of small and 106 pieces of large blankets folio 16. Expression of thanks for the liberation of the Jaggernaikpoeram chiefs folio 16. Expression of thanks for the report sent over from the linen sorters folio 58. The defects indicated therein will henceforth be corrected folio 58. Joy over the satisfaction regarding the cargo of den Arend in anno passato folio 78. Regret that one had not been able to be provided with cash folio 78. The two ton sent by Horssen does not mean much folio 78. Hope, however, that one will obtain a good relief from the Netherlands. folio 78. This has succeeded, however, to our great satisfaction folio 79. By the receipt of 2 chests of gold and 3 chests of silver via Ceylon folio 79. to the amount of 213,884 guilders 15 stivers 8 penningen folio 79. The largest part thereof is already allocated to Collection to the collection folio 80. Hope that in the coming year a fully laden ship will depart from here folio 81. Request to still excuse a return ship folio 82. loaded onto Horssen folio 83. as well as 2 bales of shirts folio 83. Reason why one had to grant a price increase to the Bimilipatnam merchants folio 84. And 7 bales of ray skins folio 85. A proportional price reduction cannot yet take place folio 85. Reason why folio 85. Request to leave the collection on the present footing folio 85. As also — bales of uniforms folio 85. that were sent off from here in anno passato folio 85. Dispatch of 50 lb of cotton seeds folio 86. Item 7 bales of taffachelass folio 87. Perception from a report of the poor condition of 10 bales folio 88. Demonstration of the number of bales in under 284. Collection Under which to make assurance in that regard folio 89. The merchants suffer important losses on the merchandise folio 90. why one has also proceeded to a price increase folio 91. One would nevertheless have had to proceed to that folio 91. And why folio 91. With a good relief of money, a reduction could be negotiated folio 92. Why no collection took place at Sadras folio 92. Has already been stated herebefore folio 92. Reference to that, and to the report of Van Bijland folio 93. Yet if Sadras were established as a head factory, many affluent natives would move thither folio 93. Contracting here of the demands to private merchants folio 93. And that for the prices paid in anno passato folio 94. Except 2 bales of fine handkerchiefs for the fatherland folio 94. What one of the merchants demonstrated by petition folio 94. Granting to the same of a 15 per cent augmentation folio 94. Trade Trade Books The trade books of 1785/6 have already been sent via Ceylon folio 38. Yet the ledger not folio 38. And why folio 38. Presently those of 1786/7 are being sent over folio 39. Demonstration of the profits and charges of 1785/6 and 1786/7 folio 6[illegible] Hunting and Domains Regarding the toll collection on the Jaggernaikpoeram river folio 102. one will conduct oneself according to the recommendation given folio 102. Expression of thanks for the remission granted to two lessees folio 103. Ships and Vessels Remark of Their High Mightinesses regarding the different statements of the damage suffered to the Company's buildings in the storm of Jaggernaikpoeram folio [illegible] Demonstration in that regard folio 6[illegible]

Dutch transcription

6. 282: Inzaam 8. 8. Iank betuijging over het genoegen ten aanzien van den Jnzaam in Ao p:o - - - - - Den schaalen Jnzaam voor 178 /7 wordt aangebrak ƒ van geld en crediet geattribueerd - - - - - - „ Referte dierwegens aan het schrijven van hier over Ceijlon - - - - Ban kofferte voor de geapprobeerde prijs verhooging der lijwaaten - - - - - - - - - - waarmeede men ook dient te continueeren„ Reeden van den Jnzaam te Bimilipatnam teegens de prijzen van 1781 - - - - - - „ En op verstrekking van koopmanschappen „ In Ao passato zijn per het schip den Arend van dat Comptoir verzonden 248. pakken - - - „ 11. keleedene schade door die marchiandeurs op het Iapansch staaf koper - - - - - - Begeerte dierkooplieden bij het aangaan van het Contract voor 1788. om een augmentatie Gelijk aan de kooplieden te Jaggernaikpoeram was geaccordeerd - - - - der prijzen - - - - - - - - - - - - - - - „ 11 „1 g zonder „ 11. 5. „ 11. : Inzaam zonder dewelke zij niet te beweegen waaren ge„ „weest om den inzaam te doen - - - - - - i. Accordeering derzelve op approbatie van Haar Hoog Edelheeden Dank betruijging voor de acceptatie van 16 pakk: boven den Eijsch voor 1787. — generaal verslag. . . . . . Den inzaam voor Jndia, zal steeds de preferentie begonnen worden - - - - - - - - hebben - - - - - - - - - - „neerde deekens - - - - - saak van geweest De storm te Jaggerndikpoeram is daar de vvr„ leedweezen over de slegte bevinding van 56. p:s gecattoe En bij ontzet uijt Europa met die pro patria Het geen breeder verhandeld is bij het Jongste palicol en portonovo is geschied verzeekering van een goed quantiteyt lijwaaten reeden waarom geen aanbesteeding op sadras„ wanneer men van Contanten voorzien is - „ 12. „ 13. En – – – – – – – – – – „ - 1 „ 12. „ 13. - - „ 14. „ 14. „ 15. 15. „ - 283. Insaam En het een vermiste p. r is vergoed- dank betuijging voor de libereering der Jagger„ „naikpoeramse opperhoofden - - - - - ter vergoeding van de overige 145. p. s kleene, en 106. ps groote deekens - - - - - „ 16. e Pankbetuijging voor het overgezondene berigt van de lijwaat sorteerders - - - - - - - - - - „ 58. De daar bij aangeweezene gebreeken zullen voor„ „taan verbeterd worden verheuging over het genoegen nopens de lading van den Arend in A=o p=o -: - - 78. Leedweezen over dat men niet van Contanten hadt kunnen worden voorzien - - - - - - - „ 78. De twee thon per Horssen gezonden, wil Hoope egter dat men een goed ontzet uijt Neder„ land zal erlangen. - --- 78. Dit is ons egter tot groot genoegen gelukt – - „ 79 Door den ontvangst van 2. kisten goud en 3: kisten zilver over Ceijlon- 79 1 ten bedraagen van ƒ213884. 15. 8. - - - - „ 79. Het grroetste gedeelte daar van is reets geprojecteerd niet veel zeggen - - - - - - - - - „ 78. 58. 16. „ F: 15. tot - „ „ - „ -- :- - Insaam tot den inzaam - - - - - Hoope dat in het aanstaande Jaar een vollaaden versoek om als nog een rethour schip te Excu„ schip van hier zal vertrekken - - „seeren - - - - - - - - - - - Honssen afgelaaden-- mitsgaders 2. pakken hemden Reeden waarom men aan de Bimilif Koop„ „lieden een prijs verhooging heeft moeten toestaan- En 7. pakken reggevellen Een geproportioneerde prijs vermindering kan nog niet geschieden Reeden waarom. verzoek om den Jnzaan op den prezenten voet te laaten - - - - - - Gelijk ook — pakken monteeringen - - „ 85. die in A:o p. o van hier afgestooken zijn... Overzending van 50: lb Capas pitten Jtem 7. pken taffa Chilassen - - - „heijd van 10 pakken - - - Ontwaaring uijt een berigt van den slogte gesteld„ Demonstratie van het getal der pakken in F 80 „ 81. 83. „ 84 „ 85. „. 85. „ 83. 86 87 88 onder - - „ „ 82. „ - - - „ 85. „ „8 284 Inzaam Onder welke te doene verzeekering dierwegens . . ƒ 89. De Kooplieden lyden importante verliezen, op de Koopmansz „gegaan - - - - Men zou des niet te min daar toe hebben moeten overgaan En waarom Bij een goed ontzet van geld zou een vermindering konnen bedongen worden - - - - - - - - - waarom op sadvas geen Inzaam is geschied „ 92. „ 92. Is reets hier vooren gezegd.- Referte daar aan, en aan het rapport van van Bijland „ 93. Dog wanneer sadras tot een hoofd Comptoir wierde „ 91. C zouden zig veele gegoede inlanders na derws begeeven. „ 93. Opdraging alhier van de Eijsschen aan particuliere Hoop„ --„ 93. lieden En zulks voor de prijzen in Ao p=o betaald Excepto 2. pakken neusdoeken fijne pro Patria - - - „ 94. wat eene van de kooplieden bij requeste vertoond heeft „ 94. Accordeering aan den zelven van 15 p=r C=to augmentatie „ 9 „ 94. „ 94. „ 91. „ 91 90. 98 waarom men dan ook tot een prijs verhooging is vuer„ gestigt Negotie 6 -- -. „ - 86 86 Negolia Boeken Dog de hoofdboek niet - - - - - - - - - En waarom Tans gaan die van 1786/7 over 38 38 39 demonstratie der winsten en lasten van 17076. en 178 6/7„ Jagten en Domeinen Omtrend de totheffing op de Iaggernaikp revier - . 102. zal men ons na de gegeevene recommandatie gedraagen „ 102. pagters Dank betuijging- voor het verleende remis aan twee Scheepen en Vaartuijgen Remarque Haaren Hoog Edelh nopens de differente opgaven A. van de geleedene schade aan 'sComps gebouwen in de storm van Jaggeraikp Demonstratie deerwegens de de e De Negotie boeken van 178 7/6. zijn riets over Ceylon ver zonden - - - - - - -- 1 - .. „ 38 4: 38. - „ 103. „ ƒ „ 6

NL-HaNA_1.04.02_3833_0599 view scan ↗

English

285 Ships and vessels The mint was erroneously placed under the Company buildings, section 65. How the same was situated, section 65. Since the convenience of 2 chaloups, section 66. Little use has been made of private vessels, section 66. Care will be taken that no linen packages remain lying at the offices, section 66. Which inconvenience however will make this difficult, section 66. Care will also be taken that no useless remainders stay behind, section 69. For which reason also the dispatch of cloves to Jaggarnaikpoeram and Bimilipatnam has been excused, section 69. Expression of thanks for the approval to construct 2 thonies at Jaffanapatnam, section 70. Which have not yet been completed, section 70. Thanks offered for the decision concerning the smallpox, section 70. Likewise for the appointment of a sub-lieutenant, section 70. And detention of 3 men, section 70. The ship Horssen has been properly calked, section 71. And 2 months' wages to the seafarers, section 71. Ships and Vessels Deserted, section 153. And the gang of Chinese provided, section 71. The chiefs of Trinconomale have demanded those men who were placed on the ship Horssen, section 75. Who, according to the statement of the ship's officers, could not be spared, section 75. Since then, another 6 seafarers from the bark Sencura have been handed over by the English, section 75. Who have also been placed on Horssen, section 75. Also departing per the said vessel are 1 corporal and 2 soldiers, section 76. As well as 8 Hanoverians, section 76. And 4 seafarers who have been taken into service, section 76. One boatswain's mate and 2 sailors from the ship Horssen have been lent to the Armenian merchant Ramier de Sulthan, section 76. Copy of ordinance concerning Christian certificate from the officers of Horssen, section 76. And handed over by the English, section 77. Also the further necessities for that vessel have been unloaded, section 77. Nine sailors from the chaloup De Liefde, through the coolies, section 77. 9 286 Ships and Vessels Private invoices of the crossing packages, section 154. Invoice and bill of lading of the cargo in Horssen, section 154. Sale. Demonstration of the sales price of the cloves, section 18. When the prices of the fine spices were determined, section 18. The cloves are still sold at f4. 18. 7. per lb, section 19. And the fine spices maintain the determined prices, section 19. To express thanks for the approved sale of the worm-eaten nutmegs, section 19. That article is now sold without garbling, section 19. Reason for the difference between the percent on the Japanese bar copper, section 20. Insertion of an ample demonstration thereof, section 20. Reference, section 108. The Sale. Reference to the report of the Head Administrator Stoffenberg regarding the reduction of the price of copper, section 95. On the sale, section 95. Submitted regarding the reduction of the price of cloves, section 95. Insertion of its yield, section 96. The satisfaction with the profits obtained in the previous year has served as an encouragement to this Council, section 97. The profit, section 97. The trade will revive more and more if one were supplied with desired articles, section 95. Demonstration of the profits obtained in 1788/9, section 96. Expression of thanks for the approved sale of powder sugar in 1787, section 97. How much the merchants presently offer for the powder sugar brought per Horssen, section 97. Assurance that one will always negotiate the highest prices, section 97. Spiauter will no longer be requisitioned, section 98. Unless one is assured of a sufficient profit, section 98. Expression of thanks for the approved sale of the same in the previous year, section 98. Likewise, section 98. 287 Sale. Likewise for the sale of arrack, section 99. The arrack brought per Horssen was also sold for 26 percent per leaguer, section 99. Thanks offered regarding the sale of the coffee beans in the previous year, section 100. The pepper and coffee have also been requested this year, section 100. To express thanks for the promised dispatch of a finding, section 101. Regarding the charged price of the leaguers in the previous year, section 101. This year they are again charged high, in comparison with 3 earlier years, section 101. Pay Books The pay books of 1786/7 have already been dispatched via Ceylon, section 119. Those of 1787/8 will also be dispatched via Ceylon, section 119. And the ledgers of 1779 and 1780 have not been received here, section 119. Pay Books Petition from the pay bookkeeper Brouwer regarding the missing pay account of Hocama, section 126. Request to give favorable consideration to it, section 126. 288 Dispatch of the annex and A 1 of the letter of 10 March of the past year. Receipt via Ceylon of a general and a secret letter of 29 July 1788, paragraph 3. And per the ship Horssen a missive of 31 March of this year. Reply to the letter of 29 July 1788. Batavia To His Excellency, The Right Honorable, Highly Esteemed, Widely Ruling Lord Mr. Willem Arnold Alting, Governor General, and The Right Honorable Lords Councillors of the Netherlands Indies, etc., etc., etc. Right Honorable, Highly Esteemed, Widely Ruling Lord, Right Honorable Lords, We respectfully refer to our latest humble letters of 10 March of this year dispatched via Ceylon, and take the liberty of sending a duplicate thereof herewith. Since then we have received, namely on 19 April of this year via Ceylon, Your Excellencies' much-honored general letters of 29 July of the previous year, together with a secret letter of the same date. And at the same time had on 22 June the honor of being favored per the ship Horssen with Your Excellencies' general missive of 31 March last, proceeding to the respectful answering of which, we shall initially begin with the

Dutch transcription

285 Scheepen en vaartuijgen De munt is abusive onder 'sComps gebouwen gesteld s 65. Hoedanig dezelve gesteld was zedert het gerief met 2. Chialoupen- Is wijnig gebruijk gemaakt van particuliere vaar„ getuijgen men zal zorg dragen dat geen lijwaat pakken op de Comptoiren leggen blijven. welk inconvenient dit egter bezwaarlijk zal maaken - - - - ook zal zorgdraagen worden dat geene nuttelooze restanten blijven overleggen waarom ook de verzending van nagulen na Jagger„ „naikpoerans en bimilipatnam g'exouseerd is - - „ Dankbetuijging voor de approbatie ter aanbouw van 2 thonis te Jaffanapatnam Die nog niet geworden zijn. Dan kofferte voor het besluijt nopens de kinder„ „ziekte Jtem voor de aanstelling van een sous luijtenant „ 70. En aanhouding van 3 man - - Het schip Horssen is behoorlijk gecalfaat - - - „ 71. En 2 maanden gagie aan de zeevaarende 69. „ 70. „ 6 66 66. „ 66. 65. „ En 38 8 „ „ „ „ - - - „ 71. „ Scheepen en Vaartuijgen gedrost En de ploeg Chineezen verstrekt De opperhoofden van Trinconomale hebben die manst Die op het schip Horssen geplaatst zijn opgeeijscht Die op de betuijging der scheeps overheeden miet gemist konden worden zedert zyn nog 6 zeevaarende van de bark sen sura door de Engelschen uijtgeleeverd Die meede op Horssen geplaatst zijn. ook gaan per gem bodem over 1. Corporaal in zo meede 8. hanoveraanen En t zeevaarende die in dienst aangenoomen zijn „ 76. Een schieman en 2 mattroosen van het schip 2 soldaaten Horssen zijn aan den Armeensch koopman Ramier de sulthan geleend Copia ordonnantie openas Christelijke Certificaat van de overheeden van Horssen. – „ 76: 75. En door de Engelschen uijtgeleeverd ook is het verdere benoodigde aan dien bodem afgeland Negen maltroozen zijn van de Chialoup De Leefde Door le Culiing „ 153. „ „ „ „ „ „ 77. 77 „ 9 286 Scheepen en Vaartuijgen particuteere factuuren van de overgaande palsem s. 154. factuur en Cognoiscement van het gelaadene in Horssen Verkoop. Aantooning van den verkoops prijs der nagulen A wanneer de prijsen der fijne specerijen bepaald De nagulen worden nog tegens ƒ4. 18. 7. het lb verkogt - - En de fijne specerijen houden de bepaalde prij„ te betuijgene dank voor de geapprobeerde verkoop der vermijtende nooten Dat articul word tans zonder guarbuleering verkogt „ Reeden van het verschil tusschen de prC. os op het Japans staafkooper Jnsertie van een ample aantooning daar van „ 19. „ 18. zijn. . . . . . . zijn - - - - - „ „ „ 108. referte - „ hisg Der Koop. Referte aan het berigt van den Hoofdadministrateur Stoffenberg nopens het verminderen van de ten aanzien van het verminderen der prijs van nagulen overgegeeven - . . . . . . . Het genoegen in de behaalde winsten in Ao p=o Heeft tot aanmoediging deezes raads gestrekt „ 97. Den verthier zal meer en meer opluijken, als men met gewilde articuls voorzien wierd - „ 95. vortooning van de behaalde winsten in 178 8/9. „ 96. Dankbetuijging voor de geapprobeerde verkoop van Poeder Zuijker in 1787 Hoe veel de kooplieden voor de aangebragte poe„ der zuijker per Horssen tans bieden spiauler zal niet meer g'eijscht worden - - „ 98. zander dat men verzeekerd is, van een toerijken„ Dank betuijging voor de g'approbeerde verkoop der„ prijs van het koper - - - op den verkoop. Insertie van dies rendement - - - - - - - „ 96. de winst - - - - - zelve in Ao po - - - - - - - - - - - - - - - - - „ 98. „ 98. „ 95. 20 1. 20. verzeekering dat men steeds de hoogste prijzen zal bedingen-- Item „ „ 97. 97. „ „ 97 ƒ - 287 Verkoop. 1 Item voor den verkoop van arrak 99. de aangebragte arak p r Horssen is meede voor p/o 26. de legger verkogt Dan kofferte wegens den verkoop van de Coffij ber„ „nen in Ao p: o . - - De peeper en Casfij zijn deezen Jaare meede versogt- -- te betuijgene dank voor de gepromitteerde zen¬ ding van een bevinding wegens de aangereekende prijs der leggers in No p„o „ 101. - - - „ 101. Deezen Jaare zijn ze weder hoog aangereekend, in vergelijking van 3. vroegere Jaaren oeken Zoldij De soldij boeken van 178 6/7 zijn reets over Ceijlon afgezonden - - - F. 49 Die van 178 7/8. zullen meede over Ceijlon afge„ „zonden worden - - - - - En de slaapers van 1779 en 1780 zijn hier „ 119 neert ontvangen - 719. „ 101. „ 100. –. - - - - - - „ 100. 99 request teur - - „ - Zoldij Boeken Request van den soldij boekhouder Brouwer wegens de vermiste soldij reek van Hocama D 126. verzoek om daarop een gunstige reflectiv te slaan „ 126. 288 aanbodt van het deissel en A 1. van de brief van den 10. Maart: Al: Batavia Aan zijn Hoog Edelheid Den Hoog Edelen Groot Agtbaaren wijdgebiedende Heer M:r Willem Arnold Alting Gouverneur Generaal, en De wel Edele Heeren Raaden van Nederlands India Ek=m Etc=a Elc=o Hoog Edele Groot Agtbaare wijdgebieden de Heer Wel Edele Heeren Wij gedraagen ons eerbiedig aan onse laaste Nedrige letteren van den ontvangst over Ceijlon van een van den 29 Julij 1788, P. 3. en per het schip Honssen éen missive van den 31. Maart deezes zaan, den 29. Julij 1788. den 10. Maart deezes Iaars over Ceijlon afgezonden en neemen de vrijheid daar van duplicaat hier neevens te laaten afgaen. I. 2. 'T zeedert hebben wij en wel op den gemeene, en een screete brief 19. April deeses Iaars over Ceijlon moogen ontfangen uw Hoog Edelheedens veel geeerde gemeene letteren van den 29. Iulij A:o p o, beneevens eene secree„ „te brig van geleijke dato En hadden teffens op den 22. Junij de No eer met het schip Horssen te moogen werden vereert met uwer Hoog Ede„ „lens gemeene missive van den 31. Maart S=tleeden, tot welkers eerbie„ „dige beantwoording overgaande, soo beantwoording der briep van sullen aenvankelijk beginnen met den E

NL-HaNA_1.04.02_3833_0607 view scan ↗

English

289 sufficiently brought onto a solid footing, longing for the recovery of Nagapatnam, Palliacatta for a main factory in the heading of this first mentioned of the 29th July 1788. the clerical work Section 4. We assure Your Right Excellencies that we have already done our utmost to bring the clerical work onto an even footing, and shall endeavour to bring it to perfection, and to maintain it as such. With regard to what was advanced by us in the reply to the Extract from the Homeland of the 12th December 1786 regarding the unsuitability of Palleacatta for a main factory, and the orders of Your Right Excellencies in Section 2, we have the honour to reply that all our longing is the order concerning the building materials will be requisitioned from Ceylon, to be able to recover Nagapatnam quickly, and as far as the correspondence with the Government of Ceylon concerning the building materials is concerned, we shall carry out that order at the earliest opportunity, as soon as one receives confirmed news of the return of Nagapatnam, for otherwise one would be at a loss with an untimely requisitioning of the same, and one would initially be able to manage there well enough, since many capital residential and warehouses are to be found there, especially on the sea shore. 3. 6. 290 the Nabab having contested the right of coinage here without cause, would have met with no obstacles, wherefore the mint was completed for the storage of bales, Section 5. We could by no means have suspected that the Nabab of the Carnatic, Mahometh Alichan, would have disputed our right of coinage to strike either Pagodas of such fine content as were formerly in use here, or of the fine content of the English Star Pagodas; we were confident that we would never encounter any obstacles in that regard, and thus also proceeded to the construction of a new mint, which, however, currently comes in particularly handy for the storage of the bales of textiles, for which otherwise necessarily one or more other buildings would have been needed. demonstration concerning the selling price of the cloves when the prices of the fine spices were set, Section 7. Regarding our understanding concerning the selling price of the cloves, we most humbly request leave to advance that the pound of cloves until the 30th December 1751 was sold for 100 stuivers Indian money, or Pagodas 1. 1. —. But since the abolition of the douceur of the servants, being 5 percent on the consumption which was paid by the merchants, and 2 percent on the Home returns as well as 5 percent on the Indian returns, with which the textiles were burdened, having been withdrawn, the price of the 291 sold at ƒ 4. 18. 7. per lb, the fixed prices, the cloves are still sold at the same price, and the fine spices at under 135, fine spices was set, namely mace at 130, cloves at 115, nutmegs at 60, and cinnamon at 84 stuivers the lb, calculating according to the current coin of this Coast mace at Pagodas 1. 8½, cloves at Pagodas 1. 2¼, nutmegs at Pagodas —. 15. —, and cinnamon at Pagodas —. 21 per lb, and for which the cloves are still sold. Upon the introduction of Dutch money, the lb of cloves came to 4. 18. 7, as is shown by the yields, so that the price of those fine spices is neither increased nor decreased, but according to the calculation of Pagodas 1. 1440 or ƒ 5. 5. —, or rather ƒ 4. 18. 7 Dutch money were sold. expression of satisfaction with regard to the the meager collection for 1786/7 is attributed to a lack of money and credit, reference in this regard to the letter sent from here via Ceylon, Section 8. We express our very humble thanks to Your Right Excellencies for your supreme satisfaction with the collection of textiles at Jaggernaikparam on credit and the granted interest of 1 percent per month. Section 9. The meagerness of the collection of textiles for the years 1786 and 1787 in proportion to the demands and necessity was solely to be attributed to the lack of money and credit, this being reported in great detail in our respectfully dispatched latest letters via Ceylon, 292 approved price increase with which one must continue reason for the collection at Conilipatnam against the prices of Ceylon, and to which we take the liberty to refer. Section 10. We thank Your Right Excellencies very humbly for the approved price increase of the textiles; we shall have to continue with it as long as one cannot better accommodate the merchants by providing sufficient cash and sought-after merchandise upon delivery of textiles. Section 11. In view of the fact that the Bimilipatnam servants, notwithstanding the lack of money and provision shipped per the ship den Arend 248 bales from that factory suffered damage by those merchants on the Japanese bar copper desire at the entering into of the contract for 1788 for an augmentation of the prices, in merchandise, had succeeded in making a contract against the prices of 1781, we have the honour to bring to Your Right Excellencies' attention that per the ship den Arend in the past year were shipped 248 bales of Bimilipatnam textiles, collected on the demands for the year 1787 and against the prices paid in the year 1781, and that upon provision of merchandise; but whereas those merchants had suffered fully 15 percent damage on the Japanese bar copper and the cloves in the past year, they desired that upon entering into the contract for the year 1788 they also be granted an

Dutch transcription

289 lon noogzaam op een ossen voet gebragt, verlanging na deterug 5. wij de krijging van Nagapatnam, Palliacatta voor een hoofdCompt=r den in hoofde deeses eerst gem: van den 29e Julij 1788. het schrijfwerk 10 ge, 34. Betuijgen wij uw Hoog Edelheedens, dat wij ons uitterste best reets gedaan l hebben om het schrijfwerk op een Effen voet te brengen, en sullen tragten het selve tot de volkomendheid te krij„ „gen, en het daer op te houden. Ten aensien van het door ons ge„ „avanceerde in het antwoord op het Patriasche Extract van den 12. ' de„ „cember 1786. ten opzigten van de ongeschiktheid van Palleacatta voor een hoofdcomptoir, ende orders uwer met de wijschchsten den Hoog Edeles bij S. 2. hebben wij de eer te repliceeren dat al ons verlangen eij ten 1 gen e e „de ordre nopens de bouwma„ terralen, zullen van Caijlon g'eijscht worden, verlangen is om Nagapatnam schielijk te moogen te rug Erlan„ „gen, en wat de Correspondentie met het Gouvernement Ceilon aanbelangt nopens de bouw materi„ „alen, sullen wij die order ten Eersten nakoomen, zoo dra men verseekerde tijding van de terug gaeve van Na„ „gapatnam sal bekoomen want men andersints door eene vroeg„ Eijsschen derselve daer „tijdige meede verleegen soude weesen, en men het voor eerst aldaar wel soude kunnen stellen, door dien er veele Capitaale woon- en- Pak¬ „huijsen, insonderheid aan het zee strant te vinden zijn. 3. 6. 290 Nabab het regt der munt alhier, zonder betevost hebben, geene abstaculen zoude ont„ moet hebben, waar doen dan ook de memt vollooijd is ten berging van pakken, nonvermaeding dat den H. E. Wij hebben in geenen deelen kunnen vermoeden dat den Nabab van Car„ „natica Mahometh Alichan ons soude hebben betwist het regt van de munt om te moogen slaan het sij Pagooden van die gehalte soo als hier bevoorens in gebruijk ge„ „weest zijn, dan wel van de gehalte den Engelsche ster pagooden, wij zijn vertrouwen dat daar om trenn vertrouwen geweest, daaromtrent nimmer eenige obstaculen te sullen ontmoeten, en dus ook tot den opbouw van een nieuwe munt getreeden, die egter thans bijzonder te passe komt tot berging der lijwaat Pakken, waer toe anders noodsaakelijk een die zien mol te paspestoet of meer andere gebouwen noodig zoude aantooning napens de„ I. J. verkoops prijs der nagulec wanneerde prijzen der fijne speoenijen bepaald zijn, zoude zijn geweest Aangaende ons begrip omtrend den verkoops prijs der nagulen versoeken wij nedrigst te moogen avanceeren dat het pond Nagulen tot den 30. xber 1751. verkogt is voor 100. Stuijvers. indias geld of le p7o 1. 1. — dan 't zeedert de afschoffing van het douceur der Dienaaren zijnde 5. p„r C=t op den verthier het welk door de kooplieden werd betaeld en 2. prcent op de Patria„ „sche mitsgaders 5. P„rCent op de Indiasche Retouren, waermeede de lijwaaten beswaert wierden, Inge„ „trocken sijnde zoo is de prijs der 291 ƒ4. 18. 7. 't lb verslogt, de bepaalde prijzen, der fijne specerijen gesteld, als de foelij op 130. , de Nagulen op 115. , de Nooten op 60. , ende Caneel op 84. stuijvers het lb=o, bereekenende na de gangbaare munt deeser Cust de foelij op po/o 1. 8½. de Nagulen p%o 1. 2¼. de nooten p/o. —. 15. — en de de nagulen worden nog te g:s Caneel op pr/o — 21. '7 lb en waer voor de Nagulen als nog verkogt worden, bij de invoering van het nederlands geld kwam het lb Nagulen op 4. 18. 7. zoo als bij de rendementen komt te blijken, over zulks de en de fepasperenijen honder prijs van die fijne specerijen niet vermeerdert of vermindert, maar 135 na de bereekening van ro/o 1. 1440. of ƒ 5. 5. — dan wel ƒ 4. 18. 7. Nederlands geld d en de dan b betuigeng avan het P. 8. genoegen ten aanzien van den den schraalen inzaam P. G. voor 178 6/7 wordt aangebrek van geld en Crediet geattribueerd, refente dienwegens aan het schrijven van hier over Ceijlon, Wij betuijgen uw Hoog Ed=s seer nedrig dank voor hoogst, derselver genoegen over den Insaam van Lijwaaden te Iaggernaikparam op Crediet ende toegestaene Intrest van 1 prC=t 'smaands. an De schraalheid van den Insaam van Lijwaaden voor A:o 1786. en 1787. na mate der Eijsschen en benoodigtheid, is, eenlijk te altribu„ „eeren geweest aan het gebrek aen gelo en Credrit, zijnde dit seer omstandig vermeld bij onse Jongst e afgegaane eerbiedige letteren over geld verkogt zijn geworden Ceilon en zaam in A=o p„o 3 292 g'approbeerde prijs verhooging waarmeede mendiant te Continuteeren reeden van den inzaam § 11. te Comelip: teg=s de prijzen van Ceilon en waer aan de vrijheid nee„ „men te gedraagen. van 1 tuijgeng von de §10. Wij bedanken uw Hoog Edelheedens seer nedrig voor de geaprobeerde prijs verhooging der lijwaaten, wij sul„ „len daer meede moeten Continueeren soo lange men de kooplieden met beeter zal kunnen tegemoet koomen door het verstrecken van genoegsae„ „me Contanten en gewilde koop„ „manschappen op leverantie van Lijwaaten. Ten aansien dat het de Bimi„ „lipatnamse bediendens, ongeagt het geld gebrek en verstrecking in n selven den lijwaaten t aam en 17881 st 5 Arend ver zonden 248 p=ke van dat Comptoir „geheedene schade door die man Chiandeurs op het Japans staaf begeerte bij het aangaan van het Contract voor 1788, om een aug mentatie der prijzen, en op vorstrekeking van koopmans in koopmanschappen, gelukt was eene aanbesteeding te doen teegen de prijsen van 1781. , hebben de eer uw Hoog Ed=s onder het oog te brengen, in A=o pe zijn por het schip den dat per het schip den Arend in A=o passalo zijn verzonden 248. Takken Bimilipatnamse lijwaaten, ingezamelt op de Eijsschen voor den Iaere 1787 en teegens de prijsen in A„o 1781 betaald, en sulx op verstrec„ „king van koopmanschappen, dan dewijl die marchandeurs op het Ia„ „pans staaff kooper en de Nagulen in A=o passato wel 15 percent schaade geleeden hadden, begeerden zij dat aan haar bij het aangaen van het Contract voor den Jaare 1788. meede een Kooper

NL-HaNA_1.04.02_3833_0615 view scan ↗

English

293 just as was granted to the merchants at Jaggenaikparam, had been grounds to grant them such increases, subject to the approval of Your Right Noblenesses, as were granted to the Jaggernaikpoeram merchants, namely: 3 percent on the fine bleached Guinea linen; 5 percent on the bleached Guinea linen of the Company's oldest sort, and 10 percent on the Guinea linen as well as on the Salempoeris, both coarse and bleached, without which price increase they could not have been induced to make the collection; for which stated reasons one has also resolved on the 11th of June 1788 to allow them, after the example of Jaggernaikparam and subject to Your Right Noblenesses' favorable approval, the aforementioned increase of 3, 5, and 10 percent. Paragraph 12. Also, we express our humble thanks to Your Right Noblenesses for the gracious acceptance of the 16 bales above the demand for 1787 that this Council had accepted from the Bimilipatnam merchants to serve as a supplement to the demand of 1786, under the respectful assurance that an adequate quantity of sound linens will be obtainable, if one were only provided with more of the cash funds required for that purpose. Paragraph 13. The reason why no contracting was done at Sadras, Palicol, and Portonovo, and so little here, Your Right Noblenesses may also please attribute principally to a lack of money and popular merchandise, and moreover the depopulation of the first-mentioned comptoir, from whose environs the weavers have either been dragged off, carried away, or have perished by famine, as treated at large in the latest dispatched report, to which we take the liberty to refer. 294 Paragraph 14. We shall always bear in mind to give preference to the collection for India, as we have observed up to the present, and if we should receive any relief of importance from Europe, we shall also apply ourselves vigorously to the provision of linens for the Fatherland. Paragraph 15. The report concerning the poor condition of the 56 pieces of cotton blankets having been received by us, we express our regret over the poor condition of the same; it was, however, caused by nobody's doing, but is solely to be attributed to the terrible day of the 20th of May 1787. The deficit per the one missing passenger was properly compensated by the packers. 295 Paragraph 16. On the other hand, we express to Your Right Noblenesses our obligation for discharging the Jaggernaikpoeram chiefs from accountability regarding the remaining 145 pieces of small and 106 large blankets, assuring that not the slightest indifference took place in that regard. Paragraph 17. With regard to the sale, we respectfully thank Your Right Noblenesses for the approval of the completed sale of mite-eaten nutmegs; at present the merchants are not so squeamish about that, on account of their popularity, and they are sold without garbling, if they are not too severely mite-eaten. Paragraph 18. The difference between the percentage on the bar copper originates from the higher purchase cost of the same that was brought by the ship the Both in the year 1785, which at purchase cost ƒ 0. 8. 7 1/8 per lb and thus yielded no more than 99 7/8 percent, whereas that sent from here to Bimilipatnam in the year 1786 came to cost at purchase only ƒ 0. 4. 15 7/8 per lb, the price here at Palliacatta in that same year having been ƒ 0. 5. 3 and at Sadras ƒ 0. 5. 4 7/16 through an erroneous entry; by this small profit 296 Paragraph 19. at Bimilipatnam it was caused that in the general rendement, where the profits on the three comptoirs of Palleacatta, Bimilipatnam, and Sadras were averaged together, that mineral on the whole yielded no more than 131 3/16 percent. For Your Right Noblenesses' further elucidation, we enclose herewith an extensive demonstration, from which Your Right Noblenesses will be able to see the purchase and sale prices of the copper brought in the years 1785/6 and 1786/7, which difference in purchase prices we attribute to the distinction of whether the Honorable Company receives that mineral directly from Japan, or whether the same is purchased from the Japanese chiefs.

Dutch transcription

293 „gelijk aan de koopl: te Jaggen gen, maikp:r was geacordeerd, „weegen waren geweest om den avoordeering derzelve op ade approbata van H: H: Od Reeden een soodanige augmentatien mogte werden, vergunt, als aan de Iaggernaikpoe„ 1 „rams kooplieden was geaccordeert te„ „weeten. 3 prC=t op het guinees fijn ge„ „bleekt; 5 prc:t op het guinees gebleekt s Comp. s oudse soort, en 10. prC=t zoo op het guinees, als op de Salempoeris zonder, dew olke zijniet te le gem Ruw, en gebleekt, zonder welke prijs verhooging zij niet te beweegen waaren geweest om den Inzaam te doen, om welke gegeevene reedenen man doen ook op den 11. Iunij 1788. geresolveerd heeft, aan haar na het voorbeeld van Iaggernaikparam en op uwer Hoog Edelheedens gunstige approbatie de vermelde verhooging van 3. 5. en 10. prc=t toete staen. E. S. 12. was een ten inzaam te doen, het t de den 46 tegen van den 2 „ceptatie van 16. pakken boven den Eijsch aan 1787 „verzeekering van een goed quantiteijt lijwaaten matneee §13. reeden waarom geen aanbestee„ ding op sadras, paliaal, en por„ to4000 is geschied Ook: betuijgen wij uw Hoog Edel„ „heedens ootmoedig dank voor de ge„ „neegene acceptatie van de 16. pakken die deezen Raad boven den Eijsch van 1787. om te dienen tot supplement van den Eijsch 1786. van de Bi„ „milipatnamse kooplieden had geaccep„ „teerd onder eerbiedige verzekering mon van Contanten voorzienis, dat en een genoegsaeme quantiteijt deugsaeme lijwaaten sal te krijgen zijn, zoo men maar meer voorsien wierden van de daer toe benoodigde Contanten. Waaromme men geen aanbesteeding op Sadras, Palicol, en Portonoro en soo weijnig alhier, heeft gedaen; gelieve 294 het geen breeder verhandeld is bij het Jongste generaal ver„ zas steeds de preferentie hebbin gelieve uw Hoog Edelheedens almeede toeteschrijven; principaalijk, aan gebrek aen geld en gewilde koopmanschappen, en booven dien de ontvolking van eerst gemelde Comptoir, van waer omstreeks, de weevers, het zij weggesleept, vervoerd of door 2 Hongersnoet sijn omgekoomen, in het breede verhandeld bij n Jongst afgegaen verslag waer aan de 9 vrijheid neemen te refereeren. den inzaam voor snde § 14. Wij sullen althoos in het oog hou„ „den om aen den Insaam voor India de preferentie te goeven, gelijk wij tot reeden toe hebben geobserveerd, en zoo wij eenig ontzet van belang uijl Edel„ ent accep„ g slaag, si digde ing den bij ontlit uijt buopan met de pro patria begonnen worden, vinding van 56. ps ge Calloen een deekens, daan de oorzaak van geweest, uijt Europa mogte erlangen, zoo sullen wij ons ook met kragt toe„ „leggen op de bezorging der Lijwaa„ „ten voor Patria. leedweeken ove de slogte be I. 15. Het berigt weegens de slegte bevin„ „ding van den 56: p:s gecattoeneerde deekens bij ons ontfangen zijnde, zoo betuijgen wij ons leetweezen over de slegte gesteldheid van de„ „zelve, het is egter door niemands de storm te Jaggenmaikperen toedoen veroorsaakt, maar alleen te attribueeren aan den verschrik¬ 1 „kelijken dag van den 20. Meij 1787. het tekort gekoomene p:r het een vermiste pesargeers door de afpakkers behoorlijk vergoed. 3. 16. 295. libereering der Jaggernackpe opper hoofden, bevin¬ ter vergoeding van de overige 145 p=s kleene en 106: groote deekens, geapprobeerde verkoop der vermij„ ten d: moeten, dat articul word tans zonder zuarbuleering verkogt, dankbeteijging var de P. o 16. Daar en leegen betuigen wij uw Hoog Edelheedens onse verpligting voor de libereering der Iaggernaik„ „poeramse opperhoofden voor de verant„ „woording omtrend de overige 145. p=s kleijne en 106: groote deekens, onder ƒ betuijging dat daar omtrent geen de minste onverschilligheid heeft plaats gehad. te betuijgen dank voor §o 17. Ten aanzien van den verkoop bedanken wij uw Hoog Edelheedens eerbiedig voor de approbatie op den gedaa„ „ne verkoop van vermijterde Nooten, thans vallen de kooplieden daar op soo vies niet, om reeden van dien gewildheid, en werden sonder guarbuleering verkogt, soo eerde n sc hen de p=rC=to op het Japans staaff Kooper soo deselve niet alte sterk vermijterd zyn reeden van de peschil lij 18. Het verschil tusschen de pr C=t C=to op het staafkooper heeft zijn oorspronk uijt het meerder inkoops kostende van het selve dat met het schip de Both in den Jaere 1785. is aangebragt het geen inkoops het lb hooft ge„ „kost ƒ —. 8. 7 1/8. en dus niet meer heeft afgeworpen dan 99 7/8 p„ P„ C= Rm daar het van hier na Bimilipatnam gezondene in den Iaere 1786. maar inkoops is koomen te staen op ƒ —. 4. 15 7/8. 't lb zijnde de prijs hier op Palliacatta in dat selve jaer geweest ƒ —. 5. 3. en op Sadras ƒ—. 5. 4. 7/16. door een abusive stelling, door dit geringe voordeel 5 5 296 §19. Rm sertie van een ample aan nong daar van, voordeel op Bimilipatnam is veroorsaakt dat bij het generaal rendement, daer de winsten op de drie Comptoiren Pal„ „leacatta, Bimilipatnam en Sadras zijn door den andere geslaagen dat mine„ „raal in 't geheel, niet meer heeft afgeworpen dan 131 3/16. p:r C=t Tot uwer Hoog Edelheedens meerdere eluci„ „datie laaten wij hier neevens verzeld gaen een ample aantooning, waer uit Hoogst deselve sullen kunnen beoogen de in en uijtkoops prijsen van het aangebragte kooper in de Iaeren 178 5/6. en 178/½. welk verschil der Jnkoops prijsen wij attribueeren aan het onderscheid of D E. Comp:e dat mineraal direct uijt Japan ontfangs dan wel of het selve van de Iapanse opperhoofden werd ingekogt patnam verte zyn het ƒ de de ebragt ge¬ meer aan op prijs t ge er

NL-HaNA_1.04.02_3833_0622 view scan ↗

English

ten Together - - - - - lb 125125 Of which sold. - - - - - - - - - - - - - . . lb 44640. — – cost provided for the daboese mint - - - - - - - - - „ 24480. —. . and written off for validation - - - - - - - - - - - - „ 164. 3/16 - -- Counted. - - lb: 69284 3/16. - -. deduct for excessive write-off - - - - - - - - - - - - - - - - -- 1786 ult.o Aug. remained as balance. - - - - - - - - . . . . lb 55840 7/14 as above. - - - - - lb 125125. —.. with 1786 p=mo Dec: as balance. received - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - lb 55840. ¼. . . brought in - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - „ 33125. — Together - - - - lb 88965. ½ and Of which sold. - - - - - - - - - - - - . . . lb 57600. — to the dabboese mint - - - - - - - - - - - - - - „26640. -. . and for validation - - - - - - - - - - - - - - - - - - - „ 126. — Counted - - - - lb 84366. - - - - - - - - - „ 4599. 7/18 1787 ulto Aug=s past balance - - - as above. . . . lb 88965. 7 General Return of 178 7/6. the sold parcels Bar copper Japanese at Bimilipatnam for - - - - - - - lb 44640 - ƒ18 At Sadraspatnam - – - - - - - - - - - - - - - - - - „ 6470 „ 8„ „ Palliacatta - - - - - - - - - - - - - - - - - - „18024. —„ ƒ 252 Balance - - - - - - - bar copper Japanese at Bimilipatnam in 178 5/6 brought in; as Once. - . . . . . . . . . . . . . . . . . . No 62625. and once again. . . . . . . . . . . . . . . „62500 Together. - - - - lb 69134. ƒ14 At Bimilipatnam - - - - - - - - - - - - - N=o 57600 Together. . lb 77942. — „ Palliacatta - - - - - - - – _ _ _ – - - - - „ 17508. —. 178/ „ Sadraspatnam - - - _ _ _ _ _ - - - - - - „ 2834. — „ 45 the pound 297 625. — at the cost of ƒ26445. 17. or ƒ - - - - - - - - - ƒ— 87 1/8 8 sale percent on the with. . . . ƒ43146. —. —„ 65. 7. -. . . . . . ƒ22811. 19. —. 284 3/16. - - - - - - - . ƒ29256. 9. — - - - - - - - „ 5. 2. — - - - - - - - - ƒ29251. 7. — 366. . . . . . . . . . ƒ20992. 11. 8. 25. —. with. . . . ƒ43146. —. – 65. 7/16 -. . - - - - - - - ƒ22811. 19. — 640. — — purchase cost. . ƒ 10849. 19. - - - - - - - - - - ƒ — 87 1/8 making ƒ 99 7/8 rm 480. –. - - - - - . . „10337. –. 8. - – – – - – – - „— 87 /8. 9. 7/18 with . . . . - „ 1819 7. 8. – – – – – – – – „ — 74 7/8. _o „16700. 3 — „ — - - - - - - — 5 5½. 164. 3/16 - - - - - - - - „ 69. 9. 8. - - - - - - - - „ — 87 7/8. 45 7/14 - - - - - - „ 15894. 13 — with - – – – – „ — 415 7/8 - - - - - - - - - - - „6628. 14. 8. – - - – – – „ — 4 15 7/8. 6. - - - - -. . . . . „ 31. 7. —. - - - - - - -. . „ — 4. 15 7/8 40 71 - . - - - - - - „ 13894 13. – - „ - - - - - - „ — 415 7/8. - - - - - - - - „ 8917. 6. –. - - - - - - „ — 5 6 1/8 the cost sale price percent of one lb of 1. lb. Purchase sale profit parcels 4640. . ƒ 18849. 19. — ƒ37587. 10. 8. ƒ18737. 11. 8. ƒ 99. 3/8 rm ƒ —. 87 7/8. ƒ —16 13 13/16 6470„8„ 1707 5: —„ 5741: 4. 8„ 4034. 19. 8. „ 236 7/8 „ — 5. 4. 7/16. — 17. 12. — 024. —„ 4674. 19. 8. „15176. 18. 8 „ 10501. 19. —„ 224. 3/16. „ — 5. 3 —„ —. 16 13 1/20. ƒ25232. 3. 8. ƒ50505 13. 8. ƒ3273. 10. — making on average - - . ƒ 131. 7/16. 83 134. sold 7600. — ƒ14332. 10. —. ƒ 48500. — 8 ƒ34167. 10. 8. ƒ 238 3/8 ƒ — 4. 15 7/8 ƒ —. 613 7/16. 2834. — „ 747. 16. —„ 2515. 3. 8 „ 1767 7. 8„ 236. 7/8 „ — 5. 4 17/16„ — 17. 12. —. 7508. —. 4541. 1. 8. „ 14742. 8. -. „ 10201. 5. 8„ 224 3/16 „ — 5. 3. —„ —. 16. 15 1/20. 77942. — ƒ19621. 8. 8. ƒ65757 12. — ƒ46136. 3. 8. making on average ƒ 235 3/16. and purchase ƒ14332.10. -. - - - - - - - „— 415 71/8 Making ƒ 238 7/8. Concerning 500 37 25. - —„ 600. — reference to the report of 20. the chief administrator Stoffenberg regarding the reduction of the price of the copper, handed in regarding the reduction of the price of cloves, remarked by the Gentlemen Concerning the reduction of the price of the Japanese bar copper, we take the liberty to refer to the report regarding the reduction of the price of the cloves handed in by the chief administrator Stoffenberg and respectfully sent in original along with our letters of the 14th of March of the past year to Your High Honours, the more so because there is still a reasonable vent for that mineral. past regarding the arrears of the previous Government about the slow progress Section 21. With regard to that remarked by Your High Honour concerning the slow progress regarding the non-collection of the arrears of the aforesaid Government, about this has been broader elucidated in the past general report from here, Halften has answered, progress that takes place in that work, it causes us regret that we cannot well achieve anything therein sooner than after we shall have been placed in possession of Nagapatnam again; as we have had the Honour to report more broadly on this in the answered Homeland Extract of the 12th of December 1786 Section 436 inserted in the latest general report on Ceylon. with the [illegible] of Section 22. We have notified the chiefs of Palicol, by extract of the payment disapproved by Your High Honours of Three-imaged pagodas 3368. 20 7/8 to the merchants on account of linens delivered before the war, regarding the final payment to the Palicol merchants for linens delivered before the war whereby the chief Van Haeften, since the secunde De Tan is deceased, has answered in substance, that if the English Resident at Madapalum Duff, who took possession of Palicol, were still alive, he would provide Your High Honours by his own handwriting with such testimony that it would appear most evident that such representations were actually made to the said conqueror by him, chief, and the late secunde De Tan; as whereof your

Dutch transcription

=ten Tezaamen - - - - - lb 125125 me Waar van verkogt zyn. - - - - - - - - - - - - - . . lb 44640. — – kost tot de daboese munt verstrekt - - - - - - - - - „ 24480. —. . en voor validatie afgeschreeven - - - - - - - - - - - - „ 164. 3/16 - -- Teld. - - lb: 69284 3/16. - -. af voor te hooge afschrijving - - - - - - - - - - - - - - - - -- 1786 ult.o Augs p:r restant gebleeven. - - - - - - - - . . . . lb 55840 7/14 als boven. - - - - - lb 125125. —.. met 1786 p=mo xber: â restant. g: P: - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - lb 55840. ¼. . . aangebracht - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - „ 33125. — Tezaamen - - - - lb 88965. ½ en Van dewelke verkogt zijn. - - - - - - - - - - - - . . . lb 57600. — tot de dabboese munt - - - - - - - - - - - - - - „26640. -. . en voor validatie - - - - - - - - - - - - - - - - - - - „ 126. — Teld - - - - lb 84366. - - - - - - - - - „ 4599. 7/18 1787 ulto Aug=s J.s restant - - - als boven. . . . lb 88965. 7 Generaal Rendement van 178 7/6. de verkoote T parthijen Staafkooper Iapans te Bimilipatnam voor - - - - - - - lb 44640 - ƒ18 Te Sadraspatnam - – - - - - - - - - - - - - - - - - „ 6470 „ 8„ „ Palliacatta - - - - - - - - - - - - - - - - - - „18024. —„ ƒ 252 Rest - - - - - - - 9 staafkoper Iapans te Bimilipatnam an 178 5/6 aangebragt; als Eens. - . . . . . . . . . . . . . . . . . . No 62625. en nog eens. . . . . . . . . . . . . . . „62500 Tezamen. - - - - lb 69134. ƒ14 Te Bimilipatnam - - - - - - - - - - - - - N=o 57600 Tezamen. . lb 77942. — „ Palliacatta - - - - - - - – _ _ _ – - - - - „ 17508. —. 178/ „ Sadraspatnam - - - _ _ _ _ _ - - - - - - „ 2834. — „ 45 't pond 297 625. — ten kosten van ƒ26445. 17. of ƒ - - - - - - - - - ƒ— 87 1/8 8 verkoop prC:o op den met. . . . ƒ43146. —. —„ 65. 7. -. . . . . . ƒ22811. 19. —. 284 3/16. - - - - - - - . ƒ29256. 9. — - - - - - - - „ 5. 2. — - - - - - - - - ƒ29251. 7. — 366. . . . . . . . . . ƒ20992. 11. 8. 25. —. met. . . . ƒ43146. —. – 65. 7/16 -. . - - - - - - - ƒ22811. 19. — 640. — — kostjnkoops. . ƒ 10849. 19. - - - - - - - - - - ƒ — 87 1/8 makende ƒ 99 7/8 rm 480. –. - - - - - . . „10337. –. 8. - – – – - – – - „— 87 /8. 9. 7/18 met . . . . - „ 1819 7. 8. – – – – – – – – „ — 74 7/8. _o „16700. 3 — „ — - - - - - - — 5 5½. 164. 3/16 - - - - - - - - „ 69. 9. 8. - - - - - - - - „ — 87 7/8. 45 7/14 - - - - - - „ 15894. 13 — met - – – – – „ — 415 7/8 - - - - - - - - - - - „6628. 14. 8. – - - – – – „ — 4 15 7/8. 6. - - - - -. . . . . „ 31. 7. —. - - - - - - -. . „ — 4. 15 7/8 40 71 - . - - - - - - „ 13894 13. – - „ - - - - - - „ — 415 7/8. - - - - - - - - „ 8917. 6. –. - - - - - - „ — 5 6 1/8 't kostende verkoops prijs prCento van een lb van 1. lb. Inkoops uijtkoop winst thijen 4640. . ƒ 18849. 19. — ƒ37587. 10. 8. ƒ18737. 11. 8. ƒ 99. 3/8 r=mƒ —. 87 7/8. ƒ —16 13 13/16 6470„8„ 1707 5: —„ 5741: 4. 8„ 4034. 19. 8. „ 236 7/8 „ — 5. 4. 7/16. — 17. 12. — 024. —„ 4674. 19. 8. „15176. 18. 8 „ 10501. 19. —„ 224. 3/16. „ — 5. 3 —„ —. 16 13 1/20. ƒ25232. 3. 8. ƒ50505 13. 8. ƒ3273. 10. — maakende door den anderen - - . ƒ 131. 7/16. 83 134. verkogt 7600. — ƒ14332. 10. —. ƒ 48500. — 8 ƒ34167. 10. 8. ƒ 238 3/8 ƒ — 4. 15 7/8 ƒ —. 613 7/16. 2834. — „ 747. 16. —„ 2515. 3. 8 „ 1767 7. 8„ 236. 7/8 „ — 5. 4 17/16„ — 17. 12. —. 7508. —. 4541. 1. 8. „ 14742. 8. -. „ 10201. 5. 8„ 224 3/16 „ — 5. 3. —„ —. 16. 15 1/20. 77942. — ƒ19621. 8. 8. ƒ65757 12. — ƒ46136. 3. 8. maakende door malkanderen ƒ 235 3/16. en inkoops ƒ14332.10. -. - - - - - - - „— 415 71/8 Makende ƒ 238 7/8. Weegens 500 37 25. - —„ 600. — referte aan het berigt van 20. den hoofdadministrateur stof„ „fen berg nopens het verminderen van de prijs van 't kooper, „ten aan zien van het vir minderen der prijs van Nagu„ len overgegeeven, „marqueerde door H H Colol: h: Weegens het verminderen van de prys van het Japans Htaeffkooper, neemen wij de vryheyd ons te gedraagen aan het berigt ten opzigten van het ver„ „minderen van de prys van de Nagu„ „len door den hoofd administrateur stof„ „fenberg overgegeeven en in origineel neevens onse letteren van den 14e Maart J„o Lieden uw Hoog Ed=s eer„ „biedig afgezonden, te meer om dat in dat mineraal nog al een reede„ „lijke verthier is. leeden zen of het gann § 21. Ten aanzien van het geremarqueerde door uw Hoog Ede omtrend dat Agterstallen van het verrigel 1 2 Gouvernement over den traagen 129 voorgang 6. 6. 298 nopens de nonan palming der Ap„ „terstallen van het voorsg Pouvr„ „nement, hier omtrend is breder ge cloceerd bij het J=o generaal verslag van hier, Halften geantwoord heeft, voorgang die in dat werk plaats heeft, doet het ons leed dat wij daar in niet wel eerder, iets kun„ „nen bewerkstelligen, dan na dat wij weeder in het besit van Nagapat„ „nam zullen sijn gesteld; gelijk wij d'Eer hebben gehad hier van breeder te melden bij het beantwoord Pa„ „triasch Extract van den 12. de„ „cember 1786 §. 436. geinsereert bij het jongst generaal verslag over Ceilon. mat het gperengd van 322. Wij hebben de opperhoofden van Palicol bij extract van de door uw Hoog „ Edelheedens gedisaprobeerde betaa„ „ling van Driebeeldige per/o 3368. 20 7/8. aan s pris m de nopens de afbetaaling aan de palicoadoc he koopl: voorgeleeverde lijks voor den oorlog„ aen de kooplieden weegens voor den oorlog geleeverde lijwaaten kennis gegeeven, waar door het opperhoofd van Haeften, alsoo den secunde De Tan overleeden is, in substantie op geantwoord is, dat zoo den En„ „gelschen Resident te Madapalum Duff die palicol heeft inbesit ge„ „noomen, nog in leeven was, hij uw Hoog Edelheedens door desselfs Eijgenhand schrift zoodanige ge„ „tuigenis soude suppediteeren, dat ten evidensten zoude blijken dat aan gemelde veroveraar door hem opperhoofd en wylen den secunde De Tan, zoodanige vertoogen werke„ „lijk gedaan zijn; als waar van uw

NL-HaNA_1.04.02_3833_0627 view scan ↗

English

that in his defense, which your High Noblenesses pleased to mention, the English Resident Duff declared that he had not come to investigate who had any claim to the goods and linens stored in the Company's warehouses and stamped with the Company's mark, but solely to declare the same as good prize in accordance with the customs of war, adding that he would lend no ear to any further representations in this regard. That, since the said Duff has now passed away, he was rendered unable to offer written proof thereof, the chief respectfully trusted that full credence would be given to these stated reasons of his, all the more so since it appeared most clearly from the books of that factory and the accounts kept that the linens which the merchants had delivered to the Honourable Company in good faith and on credit, upon his constant urging, were truly accepted by them on account of the Company, and had thus become their Honours' property. Adding further that it would be an uttermost hardship for the merchants that, having delivered linens to the Honourable Company in good faith, and these having been accepted by the chiefs for the Company's account, they should have to suffer the loss of their value caused by war or any other fatal accident which neither merchants nor chiefs could have foreseen or prevented. The chief advancing further that it would be no less painful and unfortunate for a servant of the Honourable Company to be required to make good the loss of goods through war which he had received in its warehouses on account of his master, and for whose protection he had neither the slightest means at hand nor any to hope for. That the merchants had been no more fortunate in their solicitations to recover what they had to claim from the Honourable Company for surplus linens delivered, for it was repeatedly stated to them by the said Duff that in this matter they had business neither with the English Company nor with him, but that they had to claim their payment from the Dutch Company to which they had delivered their linens; submitting for further consideration the disadvantageous situation in which the chiefs and merchants found themselves at that time, being entirely dependent upon the mercy of their enemies, the English gentlemen, so that making further attempts would merely have been futile, in view of the unsatisfactory results of the solicitations of that nature made to the British. The said Chief van Haeften concluding this defense of his that the payment of that debt was not made on his own authority, but that he had prior consent thereto from the late Commander Blaaukamer; which cited reasons and motives he respectfully believes plead sufficiently for his innocence, wherefore he very humbly requests that we might favorably present these cited matters to your High Noblenesses, as we take the liberty to do herewith, to the end that he, the chief, may be released from the payment imposed upon him, since he in all reverence believes to have done or neglected nothing in this matter for which that, to him in every way ruinous, compensation could be imposed upon him. In accordance with your High Noblenesses' respected order contained at Folio 32, to elucidate to the highest degree wherein lay the greatest advantage for the Honourable Company, whether in the minting or in the sale of the gold, we take the liberty to insert here an account of 13 bars of gold which, upon minting into old Nagapatnam pagodas, would have yielded barely 3 percent, reading as follows: Assay Carat No 1. 14. 4. 6 1/4. 18. 4. -. found here Mark fine 11. 2. 6 3/32. 2. 7. 17 1/2. 14. 7. -. 13. 4. 8 3/4. 17. 11. -. 1. 4. - 18 3/4. 18. 4. -. 7. 14. - 8 3/4. 17. 8. -. 3. ditto ditto ditto 10. 8. 8 1/16. 11. 5. 15. -. 16. 10. -. 8. 12. 3. 12 1/2. 16. 8 1/2. 9. 14. 2. 5. -. 17. 7. -. 4. 3. - 7 1/2. 18. 6. -. 6. 12. 3. 15. -. 16. 8 1/2. 12. found here Mark fine 8. 16. 4 64/64. 3. - -. 16 1/4. 18. -. -. 13. 1. 16 1/4. 16. 10 1/2. 10. 12. 1. -. -. 16. 8 1/2. 11. Mark weight 131. 5. 7 1/2. Mark fine 94. 23. 10 39/50. The Mark fine costs at f 375. comes to in purchase: 1 ounce 13. -. for 13 samples at 2 1/2 bb each makes Mark fine -. 3. 6 1/16. costs: 8. 2. 15 17/16. lost and deducted to bring the gold to 18 Carat 5 1/2. 123. 2. 12 3/16. Shows, lost in crushing according to custom 1/4 Eng: on each mark and 2 1/2 Eng: for a sample, amounting to 13 1/160. Which deducted leaves 123. - 18 1/160. at New Nagapatnam Pagodas 72 1/4 per 1 Mark making: New Pagodas 8895. 6. 7. The charges amount etc. 5 11 1/2 Mas per mille: 102. 6 5/8. Remainder New Pagodas: 8792. 22. 29. at 8 percent rebate to old currency: old Pagodas 8141. 15. 65. at f 4. 10. per pagoda comes to: f 36637. 9. 5. Deducted: f 35573. 13. 1. f 35628. 8. 7. f 54. 15. 6. Thus profit: f 1063. 16. 4. or barely 3 percent.

Dutch transcription

299 hooden van gem: opene dat § 23 aan zijn verantwoording ge„ uw Hoog Edelheedens gelieven te gewaa„ „gen, waar op door de Engelschen Resi„ „dent Duff gedeclareert is, niet ge„ „koomen te zijn, om te ondersoeken wie eenige vorderinge hadde op de goede¬ „ren en lijwaaten, die in 's Comp:s pak„ „huijsen berustende en met Comps merk gestempeld waaren, maar alleen om volgens krijgs gebruik, dezelve voor goede prijs te verklaaren met bijvoeging, dat hij aan geen verdere nadere vertoogen dies aangaande het oorkonde leenen. Dat, dewijl gem: Duff nu over„ loo, zal werden gedefeneerd, „ leeden is, heij buijten staat gesteld was hier van schrijftelijk bewijs te kunnen e„ van die factorij te meer zal bli zyn verdere demonstrate 24. dien aangaande, te kunnen aanbieden, hij opperhoofd eer„ „biedig vertrouwde, dat aan deese sijne gegeeve Reeden volkoomen geloof zoude en wat dierwegs uijt den bekys werden gedefereerd, temeer daar uijt de boekjes van die factorij ende gehou¬ „dene afreekingen ten klaarsten bleek dat de lijwaaten die de koop„ „lieden op sijn geduurige aansporrin„ „ge, ter goeder trouw en op Crediet aan de E: Comp:e geleeverd hadden, werkelijk door hun voor Reek der Maatschappij geaccepteerd, en dits haar Ed=s eijgendom geworden waaren. Met bijvoeging verder dat het een aller hardst geval soude zijn voor de kooplieden, dat sij ter goedertrouw aan ken, 300 vervolg aen de E: Compe lijwaaten geleeverd heb„ „bende, en door de opperhoofden voor 's Comp Reekening geaccepteerd zijnde, zij souden moeten ondergaen het verlies van dies waerde door oorlog of eenig ander fataal toeval veroorsaakt, dat nog kooplieden nog opperhoofden hebben kunnen voorsien of verhoeden. Avanceerende hij opperhoofd al„ §25. „verder, dat het niet minder ge„ „voelig en ongelukkig voor een die„ „naer der E: Compe zoude zyn om te moeten vergoeden het ver„ „lies van Goederen door den oor„ „log, die hij voor Reek van syn meester in desselfs pakhuijsen ontfangen eer„ p„ ro rin n een nader vervolk ontfangen hadde, en tot welkers beveij„ „liging hij het geringste middel aan handen, nog te hoopen heeft Dat de kooplieden niet gelukkiger 126. waaren geweest in haare sollicitatien om te recouvreeren het geene zij van D E. Compe te vorderen hadden voor meerder geleeverde lijwaaten, want dat hun door dikwerff gem: Duff was toegevoegd dat sij dies weegens nog met de Engelsche Compe nog met hem tedoen hadden, maar dat zij haare betaaling van de Hollandse Comp=e waer aan lijwaaden geleeverd hadden, zij haare moesten vorderen, in verdere Consideratie geevende 301 27 §27 beteijging van dat appert dat hij dat de afbetaaling dier pretentie gequalificeerd was, geevende de onvoordeelige situatie, waar in sig opperhoofden en korplieden toen bevonden, als zijnde geheel dependent van de barmhertigheijd haarer vij„ „anden de Heeren Engelschen, dus het doen van verdere pogingen maar nutteloos zoude geweest zijn, ge„ „merkt de onvoldoende gevolgen der gedaane sollicitatien van die natuur„ bij de Britten. F Eijndigende gemelde opperhoofd van Haeften deeze zijne verantwoording, dat de afbetaaling dier schuld niet op eij„ „gen authoriteijt gedaan, maar dat daar toe prealable toestemming van wijlen Blaankamer, verzoek om hem van Haeften van dies betaaling te libereeren en waanom te meer, den Heer gezaghebber wijlen „door den overleedene g zag hebben Blaaukamer gehad heeft, welke reeden en motiven aangehaalde hij eerbiedig vermeend voldoende voor sijn onschult te pleijten, waarom hij seer ootmoedig versoekt dat wij dit geallegu¬ „eerder uw Hoog Edelheedens favorabel mogten voordraagen, gelijk wij de vrijheijd neemen bij deesen te doen, ten eijnde hij opperhoofd van de hem op„ gelegde betaling mag werden geli„ „bereerd, dewijl hij in alle reveren„ „tie vermeent, in deesen niets gedaen 8 „ 302 „antooning van het voordereƒ 28. by den verkoop van goud, en steede van bij vermunting, ensertie van een reek van verkogte 13 slaar en goud, of verzuijmt te hebben, waarom hem, die voor hem allezents riveneu„ „so vergoeding, zoude kunnen werden opgelegd Ingevolge uw Hoog Edelheedens gerespecteerde order vervat bij F. 32. om hoogst deselve te elucideeren waarinne voor de DE. Compe het meeste voordeel geleegen was in de vermunting dan wel in den verkoop van het goud zoo neemen wij de vrijheijd hier te insereeren een Reekening van 13. slaaven die bij vermunting. oude Nagapatnamse pegooden 3 p=r C=o schaars soude gewonnen hebben luijden de„ verte 8 M: t= 131. 5. 7.½. M: ff: 94. 23. 10 39/30. Het Mff: kost â ƒ375. komt ink 1: once 13. –. voor 13 Proefjes á 2½ bb: iede 2. 7 17½ 14. 7. —. „ 13: 4. — 18¾. 18. 4. —. „ 7. 11. 5. 15. — 16. 10. — „ 8. 12. 3. 12. ½. 16 8½. „ 9. 14. 2. 5. —. 17. 7. —. „ 4. 3. — 7½. 18. 6. —. „ 6. 8. 2. 15 17/16. verlooren en afgetrokken om het goud te brenen 123 2. 12. 3/16. Blijkt, bij 't gruijsen verlooren volgens usanti ¼ 2½. Eng: voor een proefje, uijtmaalende 13 1/160. 1. Die afgetrokken blijft 137 123. — 18 1/160. â N: N: Pag: 72¼ per 1. Mark uijtmaakende. de ongelden bedraagen Etc: 5 11½ Maagj —. â of Percento Rabat tot oude paij 14. 4. 6¼. 18. 4. —. „ 2. alhier bevonden M: pp: 11. 2. 6 3/32. 12. 3: 15. —. 16. 8 ½. „ 12. alhier bevonden M: ff 8. 16. 464. 3 — —. 16¼. 18. —. — No 1. 13„ 1. 16 ¼. 16 10 ½. „ 10. 12: 1. — —. 16. 8 ½. „ 11. 13. 4. 8¾. 17. 11. —. „ 1. 14. — 8 ¾ 17. 8. —. „ 3. d„o d„o d„o 10. 8 8 1/16. Essaaij Carraat 303 464. 2½. bb: ieder maakt M: ff: —. 3. 6 1/16. kosten- komt in koops. . . . . . . . . . . . . . . breven op 18 Carr=l 5½. „ antu ¼. Eng: op ieder mark en aaende d. . . . . . . . . . . . . . . . N=o pra/o 8895. 6. 7: 1½ Mag: per mil - - - - - - - „ „ 102. 658. Rest N: Pag: 8792. 22. 29. 6 g ort. -- - oude P%o 8141. 15. 65.- „36637. 9. 5. â ƒ 4. 10. per pagood komt - - - - - - -- Dus winst. . . - ƒ 1063. 16. 4. of pr Cento 3: schars. Afgetrokken - - - - ƒ35573. 13. 1. . . . . . . . . . . - ƒ35628„ 8. 7. - - - - - - - „ 54. 15. 6. §29 ƒ. Deese /32. 8 3/16.

NL-HaNA_1.04.02_3833_0636 view scan ↗

English

showing that upon the sale 3 7/8 percent was gained, rectification of the error committed in the bill of exchange of the Orphan Chamber, These 13 bars having been sold yielded, according to the return that we have the honor to present herewith to Your Right Nobles among the annexes, a net profit of 65 1/8 percent, thus yielding 3 5/8 percent more upon sale than in case of minting. We thank Your Right Nobles very humbly for passing over the error committed here in drawing up the bill of exchange granted by this Orphan Chamber upon that of Batavia, with respectful entreaty to pardon us, for henceforth we shall conduct ourselves in all respects according to the transmitted plan regarding the calculation, for which we also respectfully thank, allowing it to serve us as a fixed basis. Touching the article of fortifications, having served Your Right Nobles in detail in our last general report, we thank Your Right Nobles very humbly for passing the expenses under Carpenterings and Repairs for the sum spent of pr/o 769. 15. 20. for the new mint, as well as for passing the qualification given by us for the construction of two large warehouses alongside the mint and the bleaching warehouses at Bimilipatnam, as also for diverse buildings at Palicol: a new packing hall, two linen warehouses, and a washhouse there. The repair of the Company's bleaching fields severely damaged in the storm of 20 May, and the other carpentry and repairs on the northern factory having been favorably passed by Your Right Nobles, shall not take place except out of unavoidable necessity, and with the utmost frugality possible. With regard to write-offs and entries, we also thank Your Right Nobles very humbly for passing the travel expenses granted by us to the trade bookkeeper and Master of Equipage Stoffenberg and Hartman. As well as for passing the write-off of 2 7/8 lb of nutmegs found short, and in the future we shall have such items handled better according to the order. We shall also ensure with regard to the camphor tubs that more circumspection and attention will be exercised with them. For our omission in not stating the amount of the wages of the following persons, we pray Your Right Nobles very humbly for forgiveness, but take the liberty to report now that Demetrius Rephala received p%o 121 1. -, Hendrik Christiaans 1388. -., and Dirk Heereman 155 15. -. Concerning the trade books, we have the honor to report to Your Right Nobles that those of 1785/6 have already been sent via Ceylon, and to present to the highest authority herewith those of 1786/7, but it grieves us that the general ledgers of 1786/7 are not being sent over now, which is caused by the fact that the transmitted trade books from Jaggernaikpoeram were found so flawed that they had to be sent back with a serious recommendation for greater accuracy, for correction. While we in the meantime take the liberty to let follow below a compendious demonstration or comparison of the charges and expenses, both in the past financial year 1785/6 and in that of 1786/7 incurred at this main station of Palliacatta, according to which they amount in the last financial year to ƒ 111667. 3. -. and in the first-mentioned to ƒ 105203. 13. 8., resulting in an excess of expenses of ƒ 6463. 9. 8. The net profits after deduction of losses are in the latest year ƒ 21785. 17. -, in the past year ƒ 47752. 14. 8., resulting in the lesser profits of ƒ 25966. 17. 8. The revenues amount in the last year to ƒ 1937. 4. 8. and in the first to ƒ 3638. 15. -., thus less revenue ƒ 1701. -. -. The lesser profits and revenues together add up to a lesser advantage in this year of ƒ 27668. 11. -. The lesser advantages added to the greater charges and expenses results in a greater deficit in the latest financial year 1786/7 of ƒ 34132. -. 8. Brought forward: ƒ 25966. 17. 8. and ƒ 6463. 9. 8.

Dutch transcription

blijling bij et an denen s 29. dat bij den verkoop 3 7/8 prC:o ge„ den t lupe e 73 seering van het begaan abuijs in de wissel van de meeskamer, Deese 13 staaven verkogt sijnde hebben volgens rendement, dat wij d' Eer hebben uw Hoog Edelheedens hier neevens onder de bijlaagen aante„ „bieden opgeworpen een suijvere winst van 65 1/8 prC=t dus bij verkoop meer afgeworpen 3 5/8 pr C=t dan in Cas van vermunting Wij bedanken uw Hoog Edelheedens seer needrig voor het passeeren van het alhier begaan abuys bij het opmaaken der wissel verleend door deesen weeskamer op die van Ba¬ „tavia, met eerbiedige instantie ons te excuseeren, want wij voortaan met alle wonnen is, 304 „nen zal voortaan na het overge„ zondere plan ons gedragen, nopens de bereekening atien dote fort : Catin 1s be 31. „als bij het generaal verslag gedient, ring van het bekostigde voor de niuwe munt, en bleek pakhuijzen te bimilip: alle exactitie de het overgezondene plan van beereekening, voor het welk wij meede eerbiedig danken, ons sullen laaten strecken tot een vaste basis Omtrent het articul van Fortificatien bij ons Iongst afge„ „gaan generaal verslag uw Hoog Edel„ gedient hebbende „heedens breedvoerig an kebelunigng vor r pij ƒ 32. Z00 danken wij uw Hoog Edelheedens deselve seer nedrig voor het passeeren bij Timmeratien en Reparatien voor de uijtgegevene som van pr/o 769. 15. 20. voor de nieuwe munt als meede voor het passeeren van de door ons gegeevene qua¬ sten voor de paskchuijen meus de lifficatie tot den opbouder van twee groote de a „ Palicol, tommeragien er repariatien op de overige Comptoiren, tot niet eerder treeden zal dan bij nood zaake lijkheijd dan koffente voorde oftrobar 34 der reijsongelden van nevens gen: twee perzoonen, groote pakhuijsen nevens de munt en de bleek pakhuijsen te Bimilipatnam en aan die van palicol van een nieuuwe „zomeede diverse gebouwen te pakzaal, twee lijwaet pakhuijsen en een wassershuijs, aldaar: gelijk ook vor de overigen B33. Het verbeeteren van 'sComps bleekerijen in den storm van den 20. meij zeer beschadigt, ende overige om de noordse Comptoir door uw Hoog Edelheedens gunstig gepasseerd zijnde timme„ „ringen en Reparatien, sullen niet „belofte dat men voortaan daar geschieden, als om onvermijdelijke noodzaakelijkheijd, en met de meeste zuijnigheijd mogelijk Ten aransien van In en Afschrij¬ vingen 200 m zal w 305 zo meede voor de passerin 35. van 2 5/8 lb de Hort bevondene. nooten, omtrend de Comphum balin 36. zal voortaan beter zorg gedraagen worden „vingen bedanken wij uw Hoog„ „Edelheedens almeede seer nedrig voor het passeeren van het door ons toegestaene Reijs ongelden aan den Ne„ „gotie boekhouder en Equipagiemeester Stoffenberg, en Hartman. Als meede voor het passeeren van de afschrijving van 2 7/8: l te kort bevondene Nooten, en sullen bij vervolg dusdanige posten beeter na de erder laaten behandelen Ook sullen wij ten aansien van de Campheir balies laaten sorgen dat daarmeede meer om zigtigheijd en m n 219 10 te rager pans aeht an e ten opgave den gagien van 3 perzoo„ nen te Similipatnam, het geen tans ges cheed„ de negotie boeken van 17057 P 38 zijn reets ove Ceijlon verzonden, Dan over ons verzuijm in het niet bestent stellen van het bedraa„ „gen der gagie van de navolgende per„ dog „soonen, bidden wij uw Hovg Edel„ „heedens seer nedrig om verschooning wij neemen de vrijheijd thans te melden, dat Demetriús Rephala genooten heeft p%o 121 1. - Hendrik Christiaans „ 1388. —. en Dirk Heereman - „ 155 15. —. & De treckelijk de Negotie Boeken hebben wij de eer uw Hoog Edelheedens te melden, dat die en attentie gebruijkt sal worden. van 147 306 tans gan die van 1708/ over„ dog de hoofdborken miet, en waarom, demon stratie den von dt 39. en lasten van 17076 en 178 6/7. van 178 5/6 reets over Ceijlon ver zonden zijn, en hoogst deselve hier nevens die van 1706/7 aantebieden, dan het doet ons leet dat de hoofd boeken van 1786/7. tans niet meede overgaan 't welk veroorsaakt is, dar het de overgezondene Negotie boeken van Iaggernaikpoeram zoo vicieus zijn bevonden dat men deselve met een Ernstige recommandatie tot meerder Accuratesse, ter verbetering heeft moeten terug zenden. Terwijl wij intusschen de wryheijd neemen hier onder te doen volgen een conpendieuse demonstratie of vergelij„ nong per„ ing o k k tie Hooft Horg die „king der Lasten en ongelden, zo in het gepasseerde boekjaar 1785 5/6. als in dat van 178/7 ter deezer hoofd„ „plaatze palliacatta gevallen, vol„ „gens dewelke bedragen dezelve in het laaste boekjaar ƒ 111667. 3. —. en in 't eerstgem:. . . . . „105203. 13. 8. komt voor de meerde Las¬ ten - - - - - - - - ƒ 6463. 9. 8. De zuijvere winsten na aftrek der verliezen zijn in 't Iongste Iaar - - - - ƒ 21785: 17. —. in t: vergan„ „gen Iaar - - - - „ 47752. 14. 8. komt voor de mindere winsten ƒ25966: 17: 8. Die Transporteere 307 fromesse Haaren Hoog Ed: omtrend de verdeling van het dou renr, De inkomsten monteeren in het laaste Iaar - - - - - ƒ 1937. 4. 8. en in 't eerste . . „3638. 15. —. Dus minder inkomsten „ 1701: —. —. De mindere minsten en inkomsten addeeren te zaamen voor minder voor„ „deal in dit Iaar - - - - - - - - - - - „ 27668. 11. — De mandere voordeelen gevoegd bij de meerdere lasten en ongelden, Zoo komt voor meerder nadeel in het Jongste boekjaar 178 5/7 ƒ34132. —. 8. Uw Hoog Edelheedens § 40 gelieve te zeggen P=r Transpt ƒ 25966 17. 8 ƒ 6463. 9. 8. de 9.

NL-HaNA_1.04.02_3833_0644 view scan ↗

English

Patnam, replying that since the re-establishment of this Coast use has been made of the douceur, having deferred the disposition on the proposal of this Council regarding the distribution of the douceur on the turnover and upon the recovery of the day's collection until one might perceive the result of the private reports regarding the retrocession of Nagapatnam, may we reverently take the liberty respectfully to reply to this, that since the re-establishment of the Honourable Company on this Coast we have made use of the douceur so favorably granted by Your High Nobilities in Your High Nobilities' very respected secret missive of 26 July 1784. 303 Your High Nobilities by secret missive of 26 July 1784. turnover, and 3 percent on the collection with 5 percent on the linens that yield 50 percent net profit in the Netherlands, addressed to the Right Honourable Lords Falck and van de Graaff, containing in substance that Your High Nobilities assign as a means of subsistence to the servants on and along this coast: to wit: 5 percent on the turnover, 3 percent on the collection of linens for India which upon examination are found good and satisfactory, as well as 5 percent on the linens that come to yield 50 percent net profit for the Honourable Company in the Netherlands, The Right Honourable Lords Falck and van de Graaff proposed that distribution, in their secret missive of 19 May 1784 to Your High Nobilities. the latter subject to the approval of the High Honourable the Lords Seventeen, as is also the case at Tuticorin and its environs. The said highly honoured missive also deals with the distribution of the granted douceur, as proposed by the highly cited Right Honourable Lords in their secret letter written to Your High Nobilities on 19 May 1784, which still serves this Council as a guideline with respect to the douceurs; wherefore we once again to Your High Nobilities 309 approval request not only to continue this douceur, so that also here may be credited the 3 percent on the Indian linens, as well as to propose to the Lords Majors the obtaining of the 5 percent. The validation to the estate of Mr. Blaaukamer of pagodas 10063, most respectfully implore that this so favorably granted douceur may not only continue, but that there may also be credited hither the 3 percent on the Indian linens which on Batavia are found good and sound, as well as that it may be favorably proposed to the Lords Majors to obtain 5 percent on the linens that have yielded 50 percent net profit for the Honourable Company in the Netherlands. We would not have proceeded to the validation of the expenses incurred to the amount of pagodas 10063 to the estate of the deceased Commander Blaaukamer, were it not that Your High Nobilities in your very honoured missive to the Ceylon Government dated 14 June 1783 had so readily assigned them to the said deceased Commander, and for which reason the deceased also in his last will requested that disposition, on which grounds the executors of the said estate took the humble liberty to address Your High Nobilities by petition is grounded on Your High Nobilities' authorization to the Ceylon Government; thus the deceased requested that disposition in his will; wherefore the executors requested an assignment thereof from Your High Nobilities. 310 Request made by the executors for the payment of half or the entire amount here; non-consent thereto, and to request most submissively to be allowed to remit the aforesaid sum of pagodas 10063 in a bill of exchange on the Honourable Company in the Netherlands, without any discount. However, it having been learned by the aforesaid executors of the estate that Your High Nobilities had declined their request, they requested of us to be allowed to receive half, or indeed the whole of that sum, here out of the treasury, but we have not yet been able to consent thereto, partly on account of the great scarcity of cash, and why. Grief over the displeasure of Your High Nobilities regarding the settlement of the account of the minister van der Werth. and partly because Your High Nobilities have not yet been pleased to decide finally on this matter. It grieves us very much to have incurred the displeasure of Your High Nobilities over paying to the minister van der Werth his submitted account, which mostly contained his credited rations and emoluments since his reverence's departure from Batavia with the ship Hoolwerf in the year 1784 until the year 1787, which would not have happened if 311 demonstrated his received rations etc. at Batavia, this payment was made the more on the favorable concession of Your High Nobilities to pay all Company servants their rations etc. what his reverence on arriving at his reverence had not clearly shown that to him at Batavia by Your High Nobilities had been most favorably granted the enjoyment of his credited rations and emoluments from the year 1781 to the year 1784. One was the more inclined to that disbursement, as Your High Nobilities have been pleased so generously to grant to all European Company servants all rations and emoluments from the war until the re-establishment of the Honourable Company on this Coast, deducting only what

Dutch transcription

Patnam, repliceering dat men zed„e de resta„ 4b lissering deze Custe van het dou„ „ceur gebruijk maakt, de dispositie op de voordragt deeses Raads omtrend de verdeeling van het douceur op den verthier en bij de te reghrijging van dag Jnsaam te hebben uijtgesterd tot dat men het gevolg van de particuliere berigten, omtrend de te rug gaer van Nagapatnam zoude ontwaa„ „ren moogen wij reverentlijk de vrijheijd neemen hier op eer„ „bid te repliceeren dat wij 't zeedert de restablisseering van D E: Compe ter deeser Cust heb¬ „ben gebruijkt gemaakt van het door uw Hoog Edelheedens zoo gunstig toegestaan Douceur bij Hoogst derselver seer gerespec„ teerde 303 H: H: Edelh: bij secrete missive van den 26. Julij 1784. thier, en 3 r E: op den in zoom met g„o 5 prC: on de ijvaten die in Nederland 50 prC=o must peensen, teerde Secreete missive de dato 26. July en zulke opdr gead secate ar 1734 aan de wel Edele Groot Agtb: Hee„ „ren Falck en van de Graeff ge„ „rigt, behelsende in substantie, dat uw Hoog Edelheedens aan de bedien„ „dens op en langst deese cust tot een middel van bestaen toelegger als. tweten : pco pdenen ƒ 41. 5. p=r C=to op den verthier 3 p„r C„to op den Jnsaam van Lijwaaten voor India, die bij Examinatie deugsaem en voldoende bevonden worden mits„ prCt op de Lijwaaten „gaders 5. pr die in Nederland 50. prCt t Suijver PrCt. winst voor D E. Comp=e koomen op te ses van en. tot dat liere r aa¬ den welden E:s Agtb: Heeren § 42. Falck en van de Graaff hebben die verdeeling geproponeerd, bij hunne P:o secreete missive van den 19 Meij 1784 aan H. H. Edelheeden te werpen, dog dit laeste op aprobatie van de Hoog Edele Hoog Agtb Heeren 17=e, gelijk zulx op Tutucorijn en daar omstreeks, meede plaats heeft, Op gemelde Hoog g'Eerde missive handeld meede over de verdeeling van hot geaccordeerde douceur, zoodanig als door hoog geciteerde We E Ed. Groot Achtb: Heeren bij weldelselver se„ „creets brief aen uw Hoog Edelhee„ „dens in dato 19. meij 1784 geschree„ „ven, is geproponeerd, het geen deeser Raade met opzigt tot de douceuren tot een rigt-snoeir, als nog is dienende waarom wij uw Hoog Edelheedens nogmaals 309 batie verzoek om dit douceur niet alleen te blyven Contincienen, omdar ook dit heem ten goede ge„ bragt worden d' 3 prC:t op de in„ diase lijwaaten, mitsgs aan d' Heeren Maijores voer te dragen ten abtenu van de 5 pr C=o de valideering aan den boe„s 43. del van den Heer Blaau kamer van prpo 10063, nogmaals op het Eerbiedigst implo„ „reeren, dat dit zoo gunstig toege„ „staene douceur niet alleen mag blijven Continueeren, maar ook her¬ „waarts mag werden ten goede ge„ „bragt de 3. prC=t op de Indiasche lijwaaden, welke goed en deugsaem bevonden zijn, mits„ op Batavia „gaders de Heeren Magoris gunstig mag werden voorgedraagen 't opte„ „nieeren van 5 p„r C=tos op de lij„ „waater die in Nederland 50 prC=o prC=o suijver winst voor dE. Comp=e heb„ „ben afgeworpen. Wij zouden niet getreeden zijn tot de valideering ren van roet ee„ en de als als 1s gegrond op H: H8: Eb: qualifi„ „catie aan de Ceijlonsche regeering „dus heeft den overl: bij zijn testament die dispositi verzogt waarom dan ovrke de Executeurs om een assignatio daar van, van H: Hb lb verzogt hebben, hebben, valideering der gedane ongelden ten be„ „dragen van p/o 10063: aan den boedel van den overleeden gezaghebber Blaau„ „kamer, waere het met dat uw Hoog Edelheedens bij hoogst derselver seer g'eerde missive aan de Ceijlonse Begeering in dato 14 Junij 1783. den overleedenen Heer gesaghebber voorsz die soo reedl hadden toegelegd, en om welke reeden den overleedene ook bij sijn uijterste wil, die dispositie verzogt heeft, uijt welken hoofden dan ook de Executeurs van voorsz boedel de needrige vrijheijd gebruijkt zig bij requesten aan uw Hoog Edelh=s 2 1/12. 3 6 12 310 gedaan veraek den Pecr § 44 teurs om de voldoening van de holfte „nontoestemmong daarinne, Hoog Edelheedens te addresseeren en onderdanigst te verzoeken oms de voorsz: somma van p/o 10063. in een assig„ ƒ19„ „natie op de E: Comp=e in Nederland te moogen overmaaken, zonder eenig Rabat. Dan, door de voorsz Executeurs dan wel het geheel bedraagen, ac hier, des boedels vernoomen zijnde, dat uw Hoog Edelheedens hun verzoek hadden gedeclineerd, hebben ons ver„ „zogt de helft, dan wel het ge„ „hoel dier somma alhier uijt Cassa te moogen genieten, dog wij hebben daarinne nog niet kunnen toestemmen, eens deels weegens de groote ben 1 ikt en waarom, 145. Eerdiweesen ove het misnoegen Haarer Hoog Edelh: weg:s de Afbe„ van de wertht. schaarsheijd van Contanten, groote anderdeels dewijl uw Hoog Edelheedens affaire nog niet finaal over deeze hebben gelieven te disponeeren. Het gaat ons seer ter herten het shaalde reekt van der predikant misnoegen van uw Hoog Edelheedens te hebben behaald, over het afbetaelen aan den predicant van der werth van sijn ingediende reek: welke mee„ „rendeels bohelsde zijne tegord ge„ „maakte randdoenen en emolumenten zeedert zijn eerwaardens vertrek van Batavia met het schip Hoolwer om in den Jaare 1784 tot den Jaare 1787 het geen niet souden geschied zijn, zoo 311 zijn genotene randcoen ota te ba„ tavia gedemonstreerd heeft, dn 1746. „deeze betaaling is te meer ge„ schied op de gunstige Concessie Haa„ der Hoog Edelh: haare randcamen &c: uijtbekeeren, wat zijn Eind:s ten aan kamn van zoo sijn eerwaarde niet druijdelijk„ hadde aangetoond dat aan hem op Batavia door Haar Hoog Edel„ „heedens hoog gunstig was toe gestaen de genieting van sijne tegoed hebben„ „de randcoenen en Emolumenten van A:o 1781. tot het jaar 1784. Men is tot die verstrekking te meer geneegen geweest, alsoo uw Hoog Edelheedens aan alle Europeese 's Comp=s dienaaren zoo genereus heb„ „ben gelieven te accordeeren alle rand„ om aan alle sComp:s dienaaren '„ Coenen en Emolumenten zeedert den oorlog tot retablisseering der E„ maatschappij ter deeser Custe, aftreckende eenlijk al het ns ael ler th mae„ ge„ ten v van llvng o77 1

NL-HaNA_1.04.02_3833_0652 view scan ↗

English

only the time that they enjoyed maintenance from the English, and since His Reverence has had not the least substance from the English, we have resolved to pay him what is due. And as Your High Nobilities are pleased to remark that His Reverence remained at Nagapatnam without authorization, we find ourselves obliged to bring to Your Highest's knowledge that by letter of 29 October 1785, whereby all servants of the Company were recalled, His Reverence was left the free choice to come up hither or to remain there, on account of the permission obtained by His Reverence from Your High Nobilities to be allowed to repatriate; and that His Reverence did not make use of it earlier must be attributed to His Reverence's devotion to the congregation entrusted to him, which until the year 1787 was still for the most part at Nagapatnam, as well as in compliance with Your High Nobilities' revered order in Your Highest's honored missive of 26 July 1784 to the remaining members of the Political Council, tending to perform the ministry at Nagapatnam until there should be an opportunity to repatriate from there or via Ceylon. While with respect to the disbursements made by His Reverence for the service of church and school, we very respectfully request to be allowed to advance that if one would take into consideration the expensive times and famine which were experienced there during the years 1782 and 83, together with the general lack of all kinds of conveniences of life, added to the declaration of His Reverence that he had acted in everything in good faith, we flatter ourselves with reason that Your High Nobilities will please take a favorable decision in this matter, the more so as no outstanding moneys or affairs of His Reverence have remained behind on this coast. We thank Your High Nobilities very respectfully for approving our disposition concerning the house of the Jaggernaikparam chiefs. We have written to the said chiefs to reimburse the amount of the charity gift given by them to the company of washers at the expense of the Honorable Company, not doubting that this has already taken place. With respect to the resident of Portonovo, Topander, and the clerks Wulick and Herft, we take the liberty to represent to Your High Nobilities in respectful terms the disasters and misery which they suffered during 14 months in the army of the Nabob Hyder Ali Khan, not a civilized but a barbarous enemy; hunger, cold at night and heat by day were their daily miseries with which they had to struggle, and they were even prevented from being allowed to use any refreshments sent to them by the commissioners to relieve their disasters, until the war between the State and the Crown of England became known, when their imprisonment was made more bearable to them; and since we wished to make use of Your High Nobilities' favorably granted authorization only with the greatest consideration, we have resolved, in the hope of Your High Nobilities' Highest favorable approval, to award them the following gratuity, namely: To the resident Topander - p/o 300. — Assistant Wulick - 150. — Herft - 150. — or together - p/o 600. — Which is a small matter, in consideration of their salary and board money and loss and the misery they have suffered. With respect to the improvement of the military establishment in this Government, we refer ourselves most reverently to our humble letters of 27 October 1787, paragraph 63. Regarding the native affairs, may Your High Nobilities please favorably overlook the neglected notification of the incident that occurred in the year 1785 with the Nabob concerning the linen packs sent to Batavia on recognition by the Armenian merchant at Madras, Schamier Sulthan; we have the honor to advance regarding this that the deceased Commander Blaaukamer, who handled this matter alone,

Dutch transcription

onderhoud van d' EngelsC hen getrokken hebben de predikant van de werth 13 op Nagap verbleeven, eenlijk den tijd dat sij onderhoud van „zedert den oorlog, dat zy geen den Engelschen hebben genooten, en dewijl sijn Eerw:s geen de minste substantie van de Engelse heefd gehad, hebben wij beslooten hem het Competeerende uijt te betaalen. En nadien uw Hoog Edelheedens gelieven te remarqueeren dat sijn Eerw ongequalificeerd op Nagapat„ „nam verbleeven is, vinden wij ons verpligt Hoogst deselve ter kennis te moeten brengen, dat men het bij brief van den 29. october 1785, waar bij alle 'sComp:s dienaaren zijn afgeroepen, aen sijn Eerwaardens vrije 18 312 radt, te moogen repartriemen, waarom zijn Eerw tot het Jaar 1787. te Nagapn verbleeven is, vrije keuse heeft gelaaten, herwaarts op te koomen, dan wel aldaar te ver„ om dat hij permissie goblineerd i blijven, uijthoofde van de door sijn Eerw geobtineerde permissie van uw Hoog Edelheedens om te moogen repa„ „trieeren, en dat sijn Eerw daar van niet eerder heeft gebruijk ge„ „maakt, is men verpligt toete„ „schrijven, aan sijn Eerw=s ver„ „kleefdheijd aan de hem toevertrou„ „we gemeente, welke tot den Iaare 1787. grooten deele op Nagapat„ „nam zig nog bevond mitsgaders in voldoening aan uw Hoog Edel„ „heedens gevenereerd bevel bij Horgst derselver g'Eerde missive van den 26=e July van tie ben s s den 348 het verschot door zijn Eerw ten dienste van kerk en schoolisdaan, word aan den duuren tijd in 1702 en 1783 toegesCchreeven, Julij 1784 aan de overgebleevene leeden van den politicquen Raad tendeerende om den predikdienst te Nagapatnam waarteneemen, tot dat 'er van daar dan wel over Ceijlon gelegntheyd: soude sijn om te repatrieeren. Terwijl wij met opzigt tot de ver„ „schotten door zijn Eerw: ten dienste van kerk en school gedaan, seer Eerbiedig versoeken te moogen avan„ „ceeren, dat zoo men de duure tijd en rengersnood welke men 'er geduurende de Jaere 1782. en 83: heeft gehad, mitsgaders het alge„ „meen gebrek van allerleij geruef„ lijk heeden 313 leden „gelyjk ook op zijn verklaaring dat in alles ten goeden trouw had de gehandelt, een favorabel besluijt dusblen gelieven te neemen, en waarom te meer, dank betuijging nopens 49. de geapprobeerde dispositie om„ trend het huijs te Jaggennaitep: „lijkheiden des leevens in consideratie, wilde neemen gevoegd bij de verklaa¬ „ring van zijn Eerw: dat ter goeder trouw in alles hadde gehandelt wij ons met grond vleijen dat uw Hoog Edelheedens een favorabel be„ „sluijt in deese sullen gelieven hoofde dat H H: Ed. hieromtrente neemen, te meer 'er geen uijt „staande gelden, nog saaken van zijn Eern ter deezer kust zijn agtergebleeven. Wij danken uw Hoog Edelheedens seer eerbiedig voor het passeeren onser dispositie over het huijs van het Iaggernaikparamse opperhoofden 1 50 8 rende atnam ste van de restitutie van de lipat 50. gift van het wasschers gezel„ schap. 1s reets der opperh: van Jag„ gemackt aanbevalen, voordraging van de ram § 51. ken en elende die Jopander C: s: hebben uijtgestaan, kenisse bij den Nabab Haij„ der Ali Hebben gemelde opperhoofden aange¬ „schreeven om het montant der door hun opkosten van D E. Comp=e afgegevene lifde gift aan het was„ „schers geselschap te rembourseeren niet twijffelende of zulx is reets geschied Het opzigt tot de resident van Portonevo Topander en de pen¬ „nisten wulick en Horfft, neemen wij de vrijheijd uw Hoog Edelheedens in eerbiedige termen voortedraagen de rampen en Elende die sij ge„ geduurende hunne gevan „duurende 14. maenden in het le„ ger van den Nabab Haijder Alij Chan 14 14 221 tot dat den laasten verlug be„ rand wierd, Chan geen gediviliceerde maar eene baarbaarschen vijand, hebben moeten ondergaan ronger, koude in de nagt en hitte bij den dag waaren hunne dagelijkse elenden, daar zij meede te worstelen hadden, zelfs wierd hem belet eenige verversingen door de ge„ „committeerdens hun toegezonden om hunne Rampen te verligten; te moogen gebruijken, tot dat den oorlog tusschen den staat ende kroon van Engelland bekend wierd, wanneer hunne gevangenis hun dragelijker gemaakt wierd, en dewijl wij van uw Hoog Edelheedens gunstig verleen„ „de qualificatie niet dan met de meeste en gen op de qualificatie van H: H Ed het geen en geringheijd a„„ in vergelijking van raane gebeeden verlees, recerte aan de brief van hier van den 27 8ber 1787: ten aan„ „zien van het militair weezen wat men besloten heeft meeste Consideratie wenschte gebruijk aan slaur bertsleggen, te maaken, zoo hebben wij beslooten in hoope van Hoogst uwer Hoog Edel gunstige goedkeuring het „heedens „o volgende douceur hun toeteleggen, als Aan den resident Topander - . pr/o 300. — Assistent Wulick. . . „ 150. — „ Herft. - „ 150. of te samen - - p/o 600. — 'T welk een geringheijd is, in Consideratie van hun gagie en kostgeld en verlies en de elende die sij geleeden hebben Met op zigt tot de verbeetering van het militaire weesen ten deesen Gouvernemente, gedraagen wij ons surbe reverentelyk „ 315 te vraagime opcius &e A53: de verzuijmde kennisse gee„ verning van het in 175: gforteerd ge„ „val, met den nabob, weg=s de verkondene pakken, van den Armenis Chin koopm: schamer sult han, den overleedene Heer Blaau Namen heeft die zaak alleen seer behandelt, reverentelijk aan onse needrige letteren van den 27. october 1787. § 63. Ten aansien der Inlandse zaaken gelieven uw Hoog Edel„ „heedens gunstig te passeeren de verzuijmde kennis gieving van het in anno 1785. geexteerd geval met den Nabab weegens de op recognitie na Batavia verzondene lijwaat pakken van den Arme„ „nischen koupman te Madras schamier sulthan, wij hebben d'eer hieromtrend te avanceeren dat den overleedenen Heer gezag„ 229„ „hebber Blaaukamer die deese saak 6

NL-HaNA_1.04.02_3833_0660 view scan ↗

English

packages had to be considered as the Company's own. The matter was initially handled solely from the stance that, because those linens were transported on recognitie with the Honorable Company's ship and no tolls were paid thereon at Nagapatnam or Batavia, but were even unloaded and loaded with the Company's vessels, one had to consider the same as the Company's own linens, and thus tolls were unjustly claimed thereon by the Duan here. This was understood entirely differently by the Haweldhar; he claimed that all private linens, wherever they came from or were sent and brought ashore, were subject to the lease; that it was entirely indifferent to him whether the Company at Batavia or Nagapatnam demanded no tolls for them; that, being sovereign in their possessions, they could act as they pleased; that he strictly adhered to the ancient customs, and that he would withhold the Company's share in the leases at this place until such time as the dues were paid to the Nabob, either by private individuals or by the Honorable Company. And in this he kept his word, and this continued until consent was given to the deduction of the claimed toll for the aforementioned linens of Shamier. Although both the late Governor and the present one addressed the Nabob on this matter through various letters, His Highness continually protected his Haweldhar. Thus this matter has now progressed so far that the Duan has paid the Company's rightful share from the month of March to the end of July of this year with a sum of p/o 215. 1. 18. But the shortfall since the re-establishment still remains in arrears, although the Nabob has already issued several orders to that effect, which must be attributed to the continuous changing of Haweldhars, who constantly manage to trip each other up. To the discharge of the late Governor Blaaukamer, we must further remark here that the true origin of this case is to be attributed to the observance of the Company's orders, namely to have all packages, both the Company's and private ones, weighed; for which reason the said packages were disembarked from the vessel that brought them from Madras to be weighed in the Company's warehouse, which is now omitted to manage the toll. It should also be noted that the said deceased never expected that this would become an affair of such an unpleasant consequence, which is why we very humbly urge Your Excellencies to please let this matter pass favorably. The reasons why the servants remaining at Nagapatnam had not come over to Palliacatta were described in detail in our respectful missive of 10 March 1788, to which we take the liberty to refer, in the hope that they will be found satisfactory by Your Excellencies. We thank Your Excellencies very humbly both for the report received from the Assayer regarding the findings upon assaying the two Porto Novo pagodas sent from here, and for a duplicate report from the linen sorters regarding their findings upon examination of the 9 packages of cotton cloths; we shall endeavor to have the defects pointed out therein corrected in the future. Having herewith come to answering Your Excellencies' highly esteemed letter of 31 March, received on 22 June by the ship Horssen, which vessel arrived safely in this roadstead on that day, drawing according to the submitted report 22¼ feet aft and 21¼ feet forward, immediately after obtaining Your Excellencies' order, we applied to the English ministry at Madras by letter of 20 September 1788 to be permitted to obtain several papers of weight that went missing and have been lacking to us since the surrender of Nagapatnam and our other offices. They informed us in reply, by their letter of the 25th thereafter, that they had given orders to investigate whether any papers relating to the affairs of the Dutch Company might be found, of which they would give us notice. Since then, on 21 October thereafter, the Governor and Council of Madras sent an authenticated copy of a letter written by the former agent of Nagapatnam, Basil Cochrane, to the secretary of the Council at Madras, in substance stating that under

Dutch transcription

pakk: als Comp=s moesten worden geconsidineerd. anders begreepen wierd, saak in den beginnen alleen behan„ delt heeft van sustenu was, dat de„ „wijl die lijwaaten op recognitie met S: E: Compe schip vervoert en op Nagapatnam, nog op Batavia daar van geene tollen betaald, maar selfs met sComps vaartuijgen ge„ en was van sistenis dat di „ lost en gelaaden wierden, men de„ „selve als Comp eijgen lijwaaten moeste Considireeren, en dus door den Duan alhier te onregt daar van tot wierd gepretendeert van deese het geen door den haweldaanstelling wierd door den Haweldhar gantsch anders begreepen, hij pre„ „tenteerde dat alle particuliere ly„ „waaten waarse ook meede kwaamen of d /15 1 /15 316 en dus voor alle parti culiere lywaaten tol protendeerde, waarom hij ook het aandeel van D E: Comp:e niet betaalen wilde, en men heeft hem dus moete 54. toestaan om de thal voor 's hamiers bakken aftetrekken, of verzonden en aan de wal gebragt weirn den pagt subject waaren, dat het hem gantsch onverschillig was, of de maat„ „schappij op Batavia of Nagapatnam geen tot daar voor Eijschte, dat sij op haare besittingen souvarain zijnde, konde handelen na wel„ „gevallen, dat hij sig stiptelijk huld aan de oude Costumis, en dat hy Comp=s aandeel in de pagten ter deeser plaatse soude aanhouden tot tijd en wijlen de geregtigheijd aan den Nabab het sij door particuliere, dan wel door DE Comp=e betaald wierd En rieven heefd hij zijn woord 0 aan „schoon dier wegs met den nabab gecorrespondeerd wierd, „mien zijn Hauoldhaar steed „nueerende protugeerde die zaak is voor zoo verre ten eijnde woord gestand gedaan, en sulks heeft gecontinueerd tot men bewilligde in het aftrekken van de gepreten„ „deerde tot voor gem: Lywaat zo sult han „ken van 'Shamier schoon soo wel den overleeden Hoer gesag hebber, als den presenten zig door diverse brieven hier over, by den Heer Nabab hebbende ge„ „addresseerd, zijn Hoogheijd Conti steeds zijne Haavel daar te protegeeren, dus deese saak soo verre thans ten eijnde geloopen is, dat den Duan van de maand maart tot ult=o Julij deeses Jaars 'sComp=s geregtiglijk deel 317 en s Comp=s aandeel es zedent maant tot Julij deezes Jaars voldaan nog ten agteren en waarom. die pakken zyjn volg:s N 56. ordre in s Comt pakchuis gewoogg„ deel met Eene somma van p/o 215. 1. 18. hoeft voldaen het manquerende A: 1/45: Dog het mankeerende zeedert de retablisceering blijft nog agter, schoon den Nabab daer toe reets verscheijde orders heeft afgevaerdigd, het geen men moet attribueeren aan de ge„ duurige verwisseling van Haweld haars die elkanderen steeds den voet weeten te ligten Wij moeten tot de Change van den overleeden Heer gezaghebber Blaau„ „kamer hier nog remarqueeren, dat de waere oorspronk van dit geval is ƒ0. d en afprschap het geen oorzaak tot dat ver„ schil gegeven heeft, verzoek om die ze zaak gunstig te passeeren. is toeteschryven aan de observantie van 's Comp:s orders, namelijk om alle pakken zoo sComp:s als particuliere te doen wee„ „gen, waarom gem pakken uijt het vaartuijg, dat se van Madras ge„ „bragt heeft, ontscheept zijn om in s Comp=s packhuijs gewoogen te worden, het geen thans tot menageering der werd. agtergelaaten, nog staat tol aante merken, dat gem overleedene. verwagt, dat dit een noyt had affaire van sulk een onaange„ „naame nasloep zoude zijn ge „ „worden, waarom wij seer oolma„ „dig insteeren, dat uw Hoog Edel„ heedens, deese saak gunstig gelieven te „ 16 1 2 „ 16 318 te passeeren. van den 10. maart 1788, ten aanzien van de te Naga„ patnam verbleevene dienaaren, dan ke betuijging voor E. ƒ 58 overgezondene berigt van den 15 Japem rsert an de boes van hae 7: De reedenen waerom de op Naga„ „patnam verbleevene Dienaaren niet na palliacatta waaren overge„ „koomen; zijn largo beschreeven bij onse eerbiedige missive van den 10e maart 1788. waer aan de vrijheyd neemen ons te refereeren in horpe deselve bij uw Hoog Edelheedens voldoende sullen bevonden werden. Wy danken uw Hoog Edelheedens soo voor het ontfangene seer nedrig berigt van den Essayjeur weigens der de bevinding bij Escatjeering van der El stem voor dat van de lywaat sorteerdens, de daar byj aangeweeke de poten zullen voortaan verbelerd worden, 359 antwoord op de brief van den 81 Maart per Honsen ontvangen, van hier gezonden twee stux For„ pagooden, als voor een d=o „tonovose berigt van den lijwaat sorteer„ „der, nopens hunne bevinding bij Examinatie van de 9: pak„ „ken gecattoeneerde doekens, wij sullen tragten de daar bij aan„ „geweesene defecten in vervolg te laaten verbeeteren. Heer meede gekoomen sijnde tot de beantwoording van uw Hoog Edel „heedens seer g'eerde letteren van den 31 maart den 22. Junij ontfan „gen met het schip Horssen welk boodem op dien dag behouden op deese 129 Engelsen om de manqueerende Comp Baperen, „ antwoord hebben zij bej 161. deeld, dat ze reets daar toe ordre had den gegeeven deese raede is gekoomen, diep treeden de volgens ingedient rapport agter 22¼ en voor 21¼. voeten. endaon dan dak bij de 160 Dwext na de erlangde ordre van uw Hoog Edelheedens hebben wij het engelsch ministerij te Madras bij brief van den 20: 7ber 1788. aan „soek gedaen om te moogen en„ „langen verscheijde papieren van gewegt die na het overgaan van Nagapatnam en onse overige Comp„ „toiren te soek zijn geraakt, en ons koomen te manqueeren hij hebben in antwoord bij haaren brief k ontvangst van een Copi brief door den agent Cockraene aan den Secr. van Madras gest. brief van den 25 daer aan, ons be¬ „deeld, dat se order hadden gesteld om te ondersoeken of 'er eenige pa„ „pieren relatie hebbende tot de saa„ „ken van de Nederlandsche Comp:e te vinden mogten wasen en waar van sij ons kennis sou¬ „den geeven, zeedert oppde den 21e october daer aan zonden den Gouverneur en raad van Madras een geauthentiseerde Copia van een brieff door den geweesene agent van Nagapatnam Basil 605„ „krane aan den secretaris van den raad te Madras geschreeven, in substantie behelsende, dat onder 5 17 1 1 1 1

← previousnext →