Inventory 3834
Coromandel · 830 pages · 111 segments · open at the Nationaal Archief ↗
English
Regarding Palliacatta: the Nabob will not permit the relocation of the mint from Madras, because he depends too much on the wishes of the Madras government. It is furthermore understood to respectfully represent that this Council for the present still entertains little hope that any change for the better can be effected in that regard with respect to Palliacatta. That it is just as little believed that, if Sadras should become the Head Office of the Company on this coast, the Nabob could be moved to grant permission to relocate the mint from here thither, as he depends entirely too much on the nods of the Madraspatnam Government to dare proceed to that. 15 September 1788. That, as the aforesaid Government has already shown itself very unfavorable to the Company with regard to the Mint here, it is more than apparent that it will be even more so when an application is made from here to be allowed to strike pagodas at Jaggernaikpoeram, because one would have to apply for that directly to them, as masters of the circars. And that one may therefore wish all the more ardently for the return of Nagapatnam in order to be able to get the Mint running again. And because there appears to be hope for this, it is also understood to request Their High Excellencies in the meantime for positive orders as to which pagodas Their High Excellencies desire shall be struck there, whether according to the alloy of the Madras star pagodas, that is of 19 carats and 2 2/5 grains, as were struck at Nagapatnam before the administration of Governor Haksteen, or pagodas of 18 carats 5 1/2 grains, as have been minted there since His Honor's administration until the surrender of that place. Not only having been approved by Their High Excellencies the interest monies validated here to the Armenian merchant at Madras, Schamier Sulthan, but there having also been transmitted the report of the trade bookkeeper there, speaking of the difference in the calculation of the interest monies at Batavia and here on the capital of the Armenian merchant Schamier Sulthan outstanding with the Honorable Company, concerning which Their High Excellencies require further elucidation from here together with the account of the said merchant: thus it has been approved and resolved in regard to the first matter to answer concurrently, That having caused that report and the calculations made here to be re-examined with all accuracy, it was found that the difference in that calculation between Batavia and here is to be attributed to nothing other than the size of the principal upon which the interest was calculated in both places. That the trade bookkeeper at Batavia calculated interest at 6 percent per annum on a capital of guilders 68661 1/3, amounting to guilders 8156.19.-, or, with the omitted calculation of the agio of 13 3/4 percent, which amounts to 1112.6.-, amounting to guilders 9269.5.-, which, reduced to star pagodas calculated at 90 stuivers the pagoda, come to make star pagodas 2059 7/8. That whereas this Council, on the contrary, for reasons broadly described in their general resolution of 21 October 1787, calculated interest and paid Schamier Sulthan on a capital of star pagodas 35675, which at 6 percent per annum sums to 2140 1/2, or rather more star pagodas 80 2/3, which makes up the difference in the calculation between here and Batavia; adding in continuation that, as the aforementioned reasons which moved this Council to make this higher payment are, as it is hoped, of some weight, it is also trusted that Their High Excellencies will favorably pass the aforementioned higher disbursement, and that they will thus be pleased to give the necessary orders that the lower amount calculated at Batavia be credited back hither, which for two financial years amounts to guilders 1838.6.-, namely: For the year 1785/6 there was credited on the invoice of 28 May 1787 for interest monies from Batavia hither guilders 8156.19.-. Against that, there was paid here to Schamier Sulthan for that year star pagodas 2140 1/2, which reduce to guilders 9632.5.-. Thus too little: guilders 1475.6.-. And for the year 1786/7 there was again credited by invoice of the last of February 1788 from Batavia to Coromandel guilders 8156.19.-. For 13 3/4 percent agio: 1112.6.-. Calculated together: guilders 9269.5.-. But here there was paid to the aforesaid merchant for 12 months' interest star pagodas 2140 1/2, or guilders 9632.5.-. Thus again too little: guilders 363.-.-. Being together for both financial years guilders 1838.6.-.
Dutch transcription
ren. ter aanzier van palliact: dan nabab zal de versplaasing van de mintra Padras niet permitte den. om dat hijte zeen afhangd van de werken van t madrasp: gouverne„ mak ensz; verstaan is almeede met eerbied te scheijnteijnighofpe ten gele teresede vertoonen, dat deezen Raade voor als nog weijnige koope voed, dat daaromtrend 877 eenige verandering ten goede zal kunnen werden bewerkt, ten aanzien van Pal„ liacatta; Dat men even min geloofd, dat zoo sadras werden mogt het Hoofd Comp„ 8 toir van de Comp=e ter deezer kuste, dat den Nabab zal te bewergen zijn, tot het verleenen van permissie ter ver„ plaatsing van de munt van hier na derwaarts, al zoo hij al te zeer af„ hangd van de wenken van het Ma„ draspatnamsche Gouvernement, om daar toe te durven vergaan. den 15 September 1788. Dat 371. den 15 September 1788. zig tot de ment van Pall. —naikp: zoude dan ook van de Eng: moe„ eenig enlanging van nagab. n zoort van pag: men als dan daar zoude Dat doar het voorsz: Gouvernement met het geen ol aets geslekens et opzigt tot de Munt alhier, reeds ge„ toond heeft, de Comp: zeer ongunstig te zijn, het meer dan apparent is, dat zij het nog meerder weezen zal, wanneer het slaan van pag: op Jaggen„ van hier aanzoek gedaan word, en pa„ gooden te mogen slaan op Iaggerraik„ pieram, want men daar toe, direct bij haar, als meesters van den sercars, aan, om dat mestet van de servaars zoek zouden moeten doen. ten verzoeken. En dat men daarom des te vuuriger winsch dierhalven den spordga te winscher mag, nar de te rug gave van Nagapatnam, om de Munt weeder aan de gang te kunnen brengen.. En wijl daar toe hoope schijnt te zijn, tedoene waage aan H: H: Ead: welke„ zoo is almeede verstaan Hunne Hoog Bdel zijn slaan. de gouverneur vak steer gelager. zijnde zijn geweest pprotate t te hdlk vand ffbe„ taalde intrest penn: aan schamier sulthan. . Edelheeden inmiddens te verzoeken om positive ordre wat pagorden Hoogde zel„ ven begeeven, dat daar zullen geslaa„ daa kitalijnde mede e igen worden, of volgens het allooij van de Madrassche sterpagoodin, dat is oal ng : oren ege en van 19 Car: en 2 2/5. grijn: zoo als op Na„ gapatnam geslaagen zijn, voor de Reguring van den Heer Gouverneur Haksteen of pag: van 18. Caraat 5½. gesijen ntdartagaer de lats grijn, gelijk seedert zijn wel Edeles bestier tot op de overgave van die plaats aldaar gemunt zijn. Door Hunre Hoog Edelheeden niet alleen geapprobeerd zijnde de alhier gevalideerde intrest penningen den 15 September 1788. aan 8 373 den 15 September 1788 gotig boek: te betavia weg: differart daar in. begeerde Elucidatie dienw:s door oogst antwoorden. aan den Armenisch koopman te Madras scha„ mier sulthan, waar ook overgezonden wer, werdn o t eigt vin den en zende het berigt van den Negotie boek„ houder aldaar, spreekende van het verschil in de bereekening van de intrest penningen op Batavia en hier van het Capitaal van V2 der Armenisch koopman Schamier Sulthan bij de E: Compagnie uitstaande; waar van P. Hoog dezelve nadere elucidatie van hier met de reekening van gemelden koopman requireeren: Zoo is ten aanzien van het eerste goedgevonden en verstaan geveen„ telijk te antwoorden, Dat men dat berigt, ende bereeken,„ beslut daar op nevenslijk te ningen die hier gemaakt zijn, op nieuw e met alle naauwkurigheid hebben laaten 8: de zelve kelijk is. demonstratie derzelve. laaten nagaan, bevonden heeft, dat het different in die bereekening tusschen en var us dat effeet e on Batavia en hier, norgens anders aan te attribueeren is, als aan de groetheid van de Son, waar op de intressen bereekend zijn, op die beijde plaatsen. Dat den Negotie boekhouden te Batavia, intressen bereekend heeft teegens 6. per„ Cont in het Iaar, op een Capitaal van gd:s 68661 /3. bedraagende du d die ghin„ ƒ 8156. 19. —. of met de verzuijmde breeke„ van ning „ de agio van 13. ¾ percent, „ 1112:6.— welke bedraagd ƒ 9269. 5. —. welke tot sterpagorden tegens 90. ten den 15. September 1788. stuijf 6 — — — oi 375. den 15. September 1788. stuijv de pagord bereekend, gerduceerd zijnde, koomen uit te maaken stu p=a ƒ 2059. 7/6. Dat daar deezen Raade daaren tergen, om goederen breedvorig be„ schrrver, bij derzelver gemeene He„ solutie van den 21. ' october 1787. in„ trest bereikend, en aan schamier sulthan betaald is op een Capi„ taal van st: pag: 356 75: het geen â 6. percent in het Iaar sommeert „ 2140. 2. 7 dan wel meerder stere — — pc=: 80. 2/3. dat het verschil uitmaakt in de Gereeke„ oring tusschen hier en Batavia, onder bij„ voeging ten vervolge, dat daar de voor„ schreeve reedenen, welke deezen Raade hoofde dat H: Ht: zulks glieven hebben bewogen om deeze meerdere betaaling 1 G te approbeeren 6 den 15 September 1788: vn hading betaaling te doen, zoo men hoopt van eenig gewigt zijn, men ook vertrouwd, dat Hunne Hoog Edelheeden gunstig passeeren 8 en mindere berzekering dit hier goede zullen, de voorschreeve maerdere uit be„ taaling, en dat zij dus de noodige beveelen zullen gelieven te geeven, dat weeder na herwaarts ten goede gebragt word de mindere bereekende op Batavia, welke voor twee boek„ Jaaren bedraagt ƒ1838.6. —. te weeten: vor anno 178 5/6. is bij de factuur van den 28. Meij 1787. voor intrest pennin„ gen van Batavia na herwaarts ten ƒ 18156. 19: —. goede gebragt Daar en teegen is alhier aan Schamier sultan voor dat saa die Transporteere dea hee 24 den 15. September 1780. P„r Transport ƒ 8156. 19. Iaar betaald, ster pagorlen 2140. ½. die recluceeren -„9632. 5. Dut te min . . ƒ 1475. 6. En voor A:o 1786/7. is weeder bij factuur van ult=o februarij 17088. van Batavia, Cormandel vervolg. ƒ 8156. 19. —„ ten goeden gebragt - voor 13. 1/11 p=r C. o agib - - - - „ 1112. 6. —. F Bereekende te zaamen - – ƒ 9269. 5. Maar alhier is aan voorsz: koopman von 12 /m: in trest be„ taald ster pag: 2140:½. off - - - - „ 9632. 5. Dus weeder te min - - ƒ 363: —: Dan wel voor de beijde boekjaaren ƒ. 1838. 6. -. Waar 24 - 377.
English
the authentic copy to offer to Shamir Sultan, Their Right Reverences. Whereupon, for further clarification in this matter, it has been resolved to offer to Their Right Reverences, alongside the upcoming provisional report, in place of the required account, an authentic copy of the letter recently received from the repeatedly mentioned Shamir Sultan, which clearly demonstrates that he calculates the 29600 three-figure pagodas negotiated from him at Nagapatnam into Star Pagodas at 30944. 3½, and the 7096 Spanish dollars raised at Trinomalee into Star Pagodas at 4730. 66, or both items combined in Star Pagodas: 35675. —. 15 September 1788. 379. 15 September 1788: to waive all major repairs to this fort: to report further on the condition of this fort: or the sum on which interest was paid here. Under the main section of Fortifications and Buildings, it was remarked by Their Right Reverences that the further description from here served as new proof of the unsuitability of this place as a Chief Factory, and that They accordingly ordered that all repairs of importance be abandoned. Whereupon it has been resolved to rescribe with respect that the disadvantageous description of the situation of this fort, appearing in the letter of this Government dated 27 October the pay books of 178½ are still to be sent, here found. October 1787, completely agrees with the true state and condition of that fortress, which at the present time is of not the least defense, and that for that reason one has, up to this day, managed to avoid carrying out any capital repairs to it, and will likewise manage to avoid them for the future, as well as all needless improvements to the civil buildings. Since the pay books of 178½ have recently been found by the former pay bookkeeper Broerius Brouwer, and have since been written out in fair copy, it has been resolved to offer them with the ship 15 September 1788: 381. 15 September 1788. to overlook the error of the pay bookkeeper Brouwer. and to send the pay books of 1780 at the first opportunity. for the sent gold, silver, and merchandise. Den Arend to Their Right Reverences, accompanied by his submitted accounting, with a respectful petition to Them favorably to overlook the error committed by him in that regard, as well as to give the necessary orders that at the first maritime opportunity there be sent here the pay books of 1779/80, which are actually missed here. Subsequently, it was approved and resolved, under the article of the Demand, to thank Their Right Reverences very respectfully for the gold, the silver, and the merchandise which They how it should proceed regarding the linen trade of the provisional demand. have been so favorable as to supply with the small ship Den Arend, citing furthermore that among these, the relief received therewith of ƒ233849. 8. 8 in gold and silver came particularly in handy here, as that has contributed very much to promoting the procurement of linens for this year, with further respectful petition for an early and complete fulfillment of the provisional Demand of gold, silver, and merchandise for the coming year, amounting to fourteen tons, since otherwise the collection cannot be made early enough 15 September 1788. 383. 15 September 1788. the delivery has served in that manner. fulfillment of the Indian demand will have to take place. the two petitions. and cannot be pursued with that vigor which is indeed required for the promotion of a substantial delivery, the more so because the funds here on hand, for the greatest part, had to serve for the continuation of the delivery for this year. To the recommendation of Their Right Reverences to take particular care for the fulfillment of the Indian Demand, it has been resolved to answer with respect that in the upcoming trading year this will indeed happen again according to the wish of Their Right Reverences, because the funds currently on hand are by far not sufficient cannot entirely dispense with the procurement for the Mother Country. would cause. to the collection. found difference in the content of the demanded gold for the minting of fanams. to satisfy both petitions; yet that the collection solely for the Mother Country cannot well be abandoned until further relief arrives, as had to be done this year, since this would cause general complaints and unwillingness among the merchants, who moreover, without any contracting for the Netherlands, could hardly be moved to accept the delivery for India, as, except for a few articles, it consists only of coarse linens on which they have little or no profit. By Their Right Reverences 15 September 1788.
Dutch transcription
de fluskopia autentig e hoi schaipie sult han Hoogst de Eelven aan tebieden. waar ontrent nog tot meerder op heldering in derze zaak, verstaan is, om neevens het aanstaande provisineel verslag, Hunne Hoog Edelheeden nog aan te„ „ bieden, in plaatsche van de gerequireerde ƒ „ reekening, een Copia authenticq van den Jongst ontvangene brief van meermelden. schamier sulthan; waar bij duijde„ lijk Consteerd, dat hij de van hem op Nagapatnam genegotieerde 29600. drie„ beeldige pagooden bereikend op sterpa„ - 30944. 3½. goeden en de op Trinoonemale geligte 7096. spansche matten op sterve pagoden - Dan wel die beijde posten op ster pagoden 4730. 66. Den 15: September 1788. 35675. —. 379. Den 15 September 1788: da esen enale eparter en belang aan't' bot aftezsonden. stant van dit Vort nader te bedeelen: of de som waar van alhier intrest betaald is. —. Onder het Hoofddeil van Sor„ tificatien en Gebouwen is door Hunne Hoog Edelheeden gecemarqueerd, dat de nadere beschrijving van hier tot een nieuw berijs strekte van de ongeschikt„ heijd deezer plaats tot een Hoofd Comp„ toir, en dat Hoogdezelve daaren ge„ lasten van alle reparatien van be„ lang af te zien:— Waar op verstaan is, met eerbied te ves„ beslut vogs deselven de nadgelige toe„ cribeeren, dat de nadeelige beschijving van de situatie van dit fort, voorkomende bij den brieff deezer Regeering van den 27. october nog te generagerd vorden de solijtote en 1936 es li hier gevonden. october 1787: volkomen over een stemd, met den waarin staat en toestand van die omegsik sa asete en petet vesting, welke in den teegenwoordigen tijd van geen de minste defensie is, en 67 dat men daarom ook, tot heeden toe gemanageerd heeft, het doen van eenige 1 Capitaale reparatien aan het zelve, desgenakent aegus sen en voor het vervolg ook menageeren zal, gelijk meede alle noodeloose 1 melioratien aan de Civile gebouren. Nadlien de Soldijboeken van do 178½ enlangs door den geweesen soldij boek„ houder Broerius Brouwer gevonden, en seedert in het wet geschreven zijn, zoo is verstaan dezelve met het schip Den 15. September 1788: den den. 381. den 15 September 1788. „ werden. Soldij boekk Brouwer te passeeren. en soldijboeken van rso, bij eerste geleegentheid dit heer tekenden. voor 't gezondene goud, zilver en Coop„ „mansz: Den Arend, Hun Hoog Edelheeden aan „ den met den ses H: : : agede te bieden, vergezeld van zijne ingediende verantwoording, met eerbiedige instantie naensde vaartoondig ven de ge aan Hoogdezelve, om het daar omtrend, door hem begrane abuijs gunstig te pas„ seeren, mitsgaders de noodige ordre te wil, derzeekende door hen begen alus len geeven, dat bij de eerste Zeer ge„ legentheid dit hier gezonden worde, de soldij boeken van 17 19/30. die hier eijgentlijk werden gemist. —. Vervolgens is goedgevonden en verstaan, van sheigen an e onder het articul van den Eijsch Nun„ ne Hoog Edelheeden zeer gereventa„ lijk te bedanken, voor het goud het zilver en de koopmanschappen welke Hoogst men omtrent den lijv: hamsel. van den provisioneelen Eijsch. zoude geschieden Hoogst dezelve zoo gunstig hebben ge„ lieven te voldoen met het scheepje den Arend, onder aanhaaling ten ver„ dtorsth sen we te sasgelen volgen, dat daar onder voornaamentlijk, hier wel te pas zijn gekomen, het daarmeede ontfangene ontzit van ƒ233849. 8. 8. aan goud, en silver, want dat zeer veel tot bevor„ onrse enen onslit elenen dering van de lijwaat procure voor dit Jaar gecontribueerd heeft, met eer„ biedige instantie verder, om een vroege en Compleete voldoening van den provisionaelen Eijsch, van goud, 2 zilver en koopmanschappen voor het aan„ rijsater en netaan e og staande Jaar, groot veertien ten„ wijl anders der inzaam niet vroeg genog, den 15 September 1718. en 6 383. den 15 September 1788. den leverantie in ais sada gediend hebben „ning van den in dieaschen eijs zal moeten geschieden. de beijde beteckien. en met die kragt kunnen worden voorgezet, als wel vereijscht word; ter bevordering van eene aanzienlijke leverantie, te meer, daar de „geweest hier aan handen „ zijnde fondsen, voor het entesonuten va 't gonf geselke grootste gedeelte hebben moeten dienen, tot voortzetting der leverantie voor dit Jaar. Op de gecommandatie van Hunne Hoog wonmendete : : : e Edelheedens om in het bijzonder te zorgen voor de voldoening van den Indiaschen Eijsch, is verstaan met eerbied te ont„tgen n aanstande a almeeke woorden, dat dit in het aanstaande handel Jaar wel weeder na de begeerte van Hunne Hoog Edelheeden, zal ge„ schieden, wijl de thans aan handen dee e nten et teij edetij t zijnde fondesen op verre na, niet toerij„ konde tria niet gehee often. Zou verwekken. gen dijn tot den insaam. bevondsenen different in de gehalte van 't g'eijschte goud tot t munten van fa„ Tieinck kende zijn tot voldoening der beijde peti„ 6 van dan egten van deselaer ontetien; dog dat van alleen inzaam pro Patria niet wel kan worden afge„ 1 zien, tot 'er nader ontzet komt, zoo als van dit Jaar heeft moeten ge„ v at ensalgeen leije nek schieden, wijl dit een algemeen klag„ ten, en onwilligheid onder de kooplie„ den verwekken zou, die daar en boven zonder eenige aanbesteeding voor de ok zonden dezelve et te ben Naderland, beswaarlijk zouden zijn te beweegen tot aanneeming der leverancie voor India, alzoo die op weijnig articulen na, alleen bestaet wit groone lijxaaten, waar op de weijnig of geen voordeel hebben. Door Hurre Hoog Edelheeden den 15 September 1788. grr
English
385. 15 September 1788. It having been remarked that, in the provisional requisition sent from here last year, the standard of the gold mentioned for the minting of fanums had been altered and set at 15 carats 5½ grains instead of 15 carats, as had always been the case previously, with orders to this Council to state the reasons for this: it was resolved to make respectfully known to Their High Nobilities that this was an error of the Trade Clerks, who have been severely reproached for it, since in drawing up that document they mistakenly stated gold of 15 carats 5½ grains for the minting of gold fanums instead of gold of 15 carats net, as was stipulated in the plan of the Chief Administrator and has always been requisitioned from Nagapatnam, with a request for forgiveness, as this error was also overlooked here. Upon the declaration of Their High Nobilities under the heading of Domestic Dispatches, stating that They still expect that the transfer of the former administration by the outgoing Secretary of the Orphan Chamber, Brouwer, will be made as soon as possible: 15 September 1788. 387. 15 September 1788. It was resolved to demonstrate with all respect that in the most recently dispatched General Report, Their High Nobilities were reverently informed of the unfortunate condition in which the said Brouwer then found himself; as he was then unable, and still is today, to effect the transfer of his former administration; that he says all his assets are outstanding at Nagapatnam, and principally among the natives, from whom no money or settlement can currently be obtained, even if one takes the path of justice, since they know how to delay matters by using far-fetched exceptions, of which several examples could be cited; and Their High Nobilities are therefore most humbly requested to permit this Council to exercise some further leniency toward him. That his petition for attermination was returned by the President of the Orphan Chamber to the Governor as insufficient, and that His Honour returned the same to Brouwer with orders to prepare another document, 389. 15 September 1788. distinctly setting out the state of his estate so that a fundamental judgment can be made regarding the solvency of his debtors, rather than relying on his aforementioned petition; that he indeed undertook to do so, but has hitherto been unable to accomplish it on account of his sickly condition, or most painful gout, from which he has suffered ever since and remains bedridden today; but that it is nevertheless hoped this will take place in the coming days, in order to present it to Their High Nobilities with the forthcoming General Report, together with the considerations of the Orphan Masters; likewise the balance sheets of the Orphan Chamber and the Poor Fund. And to that end it was also resolved to order the local Consistory, or rather the former Diaconate Cashier at Nagapatnam, Jacobus van Iessel, by extract hereof, to render an account at the earliest opportunity of the Poor Funds that have been under his administration since the loss of Nagapatnam. The reply to the item appearing in the 4th paragraph of Their High Nobilities' esteemed missive of 27 April 1787 having been postponed until now, it was resolved, before proceeding thereto, 15 September 1788. 391. 15 September 1788. to ask pardon that this was not done earlier. While, subsequently with regard to that item, it was deemed fit respectfully to represent: That this Council had promised in its respectful missive of the month of October 1787 to demonstrate convincingly that it is not possible to manage here with only a single company of Company Sepoys; to which, however, the Pulicat garrison had been restricted by Their High Nobilities in the missive of 28 April 1786, to which they now proceed. That for the manning of the Main Guard and other posts, 45 men are on duty here daily; of whom
Dutch transcription
385. den 15 September 1788. dit eenobuistis cheerd zijn gesemarqueerd zijnde, dat bij den van hier overgezonden provisineelen Eijsch van anro passato het gehalte van het gewaagde goud tot het munten van fanums veranderd, en het zelve gesteld was, op 15 Car:t 5½. grijn, in steede van 15 Caraat, zoo als bevoerens altoos had e plaats gehad, met last aan deezen last ht et in de daar en ste Raade, om daar van de reedenen op te geeven: zoo is verstaan Boogde „ bestlit ongte e t edele e zelve met eerbied te kennen te gee„ ven, dat dit een fout van de Negotie Bediendens geweest is, die daar over waar voor de negotie hd: gefpro„ ernstig gereprocheerd zijn, al zoo die bij het formeeren van dat papier abu„ sivelijk goud van 15 Car=t 5½. grijn, tot Lit geevden. ningen doewer kane zal gedaan woroden. . dor den Afegaane Sec: rouwer.. het slaan van goude fanums gesteld hebben, in plaats van goud van 15 Caraat net: zoo als bij het plan van den Hoofdadministrateur was gesteld, en van Nagapatnam al„ mnt verseken en gntige velken toos g'eijscht is, met verzoek om verschooning, wijl men deeze fout meede heeft over het hoofd gezien. dnen st le et tes boten Op de betuiging van Hunne Hoog Edel„ heeden onder het Hoofddeel van Htuijlelijke Bestellingen, voorkoomen„ da, dat Hoog dezelven als nog ver„ wagten, dat ten eersten en zoo spoe„ dig mogelijk door den afgaanden secre„ taris van de weeskamer Brouwer, Den 15 September 1788. transport ƒ 387. den 15 September 1788 men reeds van zyn onlukkige toestand bedeeld heeft viend om transport te doen. uitstaan. ning van daar transport van zijne gehad hebbende ad„ ministratie zal gedaan worde; is ver„ staan, met alle eerbied te vertoonen, beslut hogtde elen te verouoren a dat bij het Jongst van hier afgezonden Generaal verslag, aan Hoog dezelven reverintelijk kennis gegeeven is, van den ongelukkigen toestand, waar in gemelden Brouwer zig toen bevond; wijl wir sig tsagten met s et be hij toen buijten staat was, en het hee„ den nog is, om transport te doen van zijne gehad hebbende administratie; dat uij alte manie te ege hij zegt, dat al zijn vermoogen uitstaat op Nagapatnam „e wel principaal onder werden in lander waar van thans geen geld of afreekening te krijgen is, schoon men en mar tansgen gerof afraken ook den weg van Justitie inslaat, wijl 1 Z9 57 Den 15 September 1788 dgt ont van dengegelene ekeij zijn request om atterminatie is door den president van de weesk: te rug gegeeven zij het dan werten op den lange baan te schuijven, door het fungieren van verge„ zogte exceptien, dat daar van ver„ scheijdene voorbielden zouden kunnen verszoek on og ange ishlkeschen worden geciteerd, en men dus Hoog de„ zelve onderdanigst verzoekt, deezen Raade toe te staan, om nog eenige inschikkelijkheid met hem te moo„ gen gebruijken. — Dat zijn request om alterminatie door den President van de weeskamer als niet voldoende te rug gegeeven et eden s e orden te kende en is aan den Heer Gezaghebber, dat zijn Agtb: het zelve weeder aan Brouwer had ter hand gesteld, met last om een andere papier te vervair„ digen Winsen 389: den 15 September 1788. Cft daar aan te voldoen geschieden. H: H: Ed: zal werden aangeboden. digen, waar bij distincten verboond word, de en wot latt staat van zijnen boedel om over de solventie van zijne Crediteuren furda„ menteelen te kunnen oordeelen, dan het zijn voorschreeven supplicq, geschie„ den ken; dat hij zulks wel aan„ zij zide peramiterden met voan genoomen, dog tot heeden toe, niet heeft kunnen volvoeren, om de wille van zijner ziekelijken toestand, of aller„ pijrlijkst podegra, waar aan hij seedert gesukkeld heeft, en nog heeden ziek ligt; dog dat men egter hoopt, dat di t hofe egenden welke een dage zal eerstdaags geschieden zal, om het Hunne Hoog Edelheeden aan te kunnen bieden, bij het aanstaande Generaal verslag, met en nevens de Consideratie dutgen ij en sanden en verken van in de staat reek: van de weeskamer en diaroijs assa lastaan den diacon cassier om eerster reek: te doen van de arne gelden. ken zijn geweest.- te vragene Excuis over de nonbeant woording van de 4. I van H: H: Ed: trieff van 2: April 1737. van weesmeesteren; item de staat reeke„ ningen van de weeskamer en Diaconij Cassa, En is ten dien eijnde almeede verstaan, den korkenraad alhier, dan wel den gewee„ sen diaconij Cassier te Nagapatnam Jacobus van Iessel, bij Extract. die„ 8 wolke zeken teverle en gen e des te gelasten om ten eersten reeke„ ning te doen van de Armen gelden, wil„ ke seedert het verlies van Nagapat„ nam onder zijne administratie gewenst zijn. Tot heeden toe uitgesteld zijnde, het beantwoorden van de post, bij de hV. V. van Haare Hoog Edelheeden zier g'er„ 8 de missive van den 27. April 1787. , voor„ koomende, is alvoorens daar toe over te den 15 September 1788: gaan 391. den 15 September 1788. paes te stellen s hebben gaan verstaan, excourt te vraagen, dat dit 8 niet eerder is geschied.. Terwijl vervolgens ten aanzien van die blustdans te antworden post goedgevonden is, revirentelijk te ver„ toonen: Dat deezen Raade bij haa„ ven eerbiedigen van de maand october 1787. beloofd had, vertuigend aar te zullen tomen, dat het hier met geen enkelder dat hier met enkelde Combagnie si„ Comp:s Sipaaijs te stellen is; waar op egter het Palliacatsch Guarnisoen warshopte zulen namister door Hunre Hoog Edelheeden bepaald geworden was bij missive van den 28. 2 April 1786. waar toe zij tans treedig. Dat tot het bezetten van de en den beste ende oee Hoofdwagt en andere posten, hier dage„ lijks dienst doen 45: Man; waar van aan beketten dagelijx
English
to mount guard, are posted at the Main Guard: 1 Ensign, 2 Sergeants, 2 Corporals, and 33 Privates; at the Sea Beach: 1 Corporal, and 6 Privates; or together 45 heads; That it is a constant practice, both here and elsewhere, that a military man in time of peace mounts guard every third day; that when the aforementioned number of 45 persons is taken three times, one absolutely needs here for the manning of the guards and posts 135 heads, or, to within 15 men, the 150 Sepoys currently in service on the primary establishment, among whom is also counted a captain who is exempt from guard duty; that consequently of the required 150 men there remain 14 men, whom one may count for the sick who, taken one month with another, are incapacitated. That this Council firmly trusts that the aforementioned brief demonstration is sufficient proof of the absolute necessity to maintain in service here one and a half Companies of Sepoys, but nevertheless considers it necessary to resolve an objection that might be raised against it, namely whether one could manage here at the Main Guard with fewer men. That to this end one has the honor to inform Their High Excellencies of the posts that are stationed here, being: 2 ditto sentries in front of the Government House, 4 on the 4 Bastions of the fort, 1 in front of the Armory, 1 at the Barrier, 1 at the Council Chamber, 1 at the Powder Magazine, and 1 at the Great Tank; making together 11 Posts; which, calculated at 3 men per post, shows that 33 men are necessary for the daily manning of the Main Guard. Adding further that this assembly sincerely wishes that its aforementioned demonstration will fully satisfy Their High Excellencies, and that the same will thus also agree that here one cannot manage with fewer men than 150; and all the more so because one is sometimes obliged to dispatch an escort of Sepoys for the protection of the Company's peons, who now and then are employed for the conveyance of gold or cash to the southern factories. Upon the objection of this Government appearing in its letter of the 27th of October 1787 against the breaking up of any factory, the following well-founded remark having been made by Their High Excellencies, namely that this objection deserved no further reflection than insofar as, by a thrifty management and economical establishment, the maintenance thereof could be made bearable for the Company; it is understood to reply with respect that the establishment, both here and at the respective factories under the administration of Mr. Blaaukamer, was determined as narrowly as was ever possible; that nevertheless the present Commander has retrenched it even further by discharging the Company's Courier, whereby 9 pagodas per month are saved, and 40 Topasses entered under the native servants, alongside another 6 Moorish servants, and that in consequence no more remain in service than 65 peons, of which not one can be spared without causing disadvantage or delay to the service; that, besides the peons who are absolutely necessary here at the Main Factory for the performance of various duties in the unloading and loading of ships and vessels, in the bringing in or shipment of goods from the warehouses or other administrations, in the sorting and packing of linens in the cloth hall, for keeping supervision over the weaving villages and bleaching grounds, another 30 persons are very much needed here at the Main Factory for dispatching Company's letters to the North and South, and the conveyance of cash by the overland route to our southern factories, or of gold for sale to Madras, which has already had to take place several times this year, and for which quite a few Peons are used, since each Peon, whether he goes to Sadras, Porto Novo, or Nagapatnam, carries no more than a bundle of five hundred Pagodas; with an urgent request at the same time to Their High Excellencies favorably to grant the retention of the 71 Peons currently in service here, since not one of them is used for state or private services. Upon the further recommendation of Their High Excellencies to investigate and decide as soon as possible to what extent the estate, which has remained under arrest, of the deceased Merchant and Chief Administrator Peracicles Mossel
Dutch transcription
te operde wagt trek„ ve tn de ven vershoeden aan de Hoofdwigt geplaatst zijn 1. Vaandrig 2. Sergiants, 2. Corporaals, en 33. Gemeene, Aan het Leestrand 1. Corparaal, en 6. geneene; of te zaamen 45. koppen; wven on den derden dag volgen geen Dat het zoo hier als elders een Constant gebruijk is, dat een Mili„ tair in tijd van vreede, om den der„ den dag op de wagt trekt; dat wan„ neer nu het voorschreeven getal van 45. Perzoonen drie maal genoomen word, men hier tot het bezetten van den 15 September 1788. wagter 25 393. den 15. September 1788. plan die plan die tans in dienst zijn. hoopen dat deeze aantooning tot bewijs zal strekken. sibouis en dienst te houden. wagten en posten, absolut benoodigt o ehesen mnde shap pan heeft 135 koppen of op 15. man na, de thans primo plan in dienst zijnde 150: sipaaijs, waar onder meede gereekend is, een kapitain die wagt wij is; Dat 'er dus van de benoodigde 150. manschap„ pen nog 14. man overschieten, die men deze vorden oeden do de aker ge wil voor de zieker neemen mag, die de eene maand door den anderen im„ potant zijn. Dat deezen Raade wel ver„ trouwd, de voorschreeve korte demenstra„ tie, voldoende is tot bewijs van de volstrekte noodzaakelijkhijd, om onhier en asen halver onpage alhier in dienst te moeten houden a 25 men. den 15 September 1788. vorteligin van e tegeden tin hodanig de posten dagezek uitge„ Zet woorden. Compagnie Sipaaijs, maar een en een halve egter noodig oordeeld, eene teegen bedin„ king die daar op zou kunnen worden gemaakt; naamentlijk of het hier aan de Hoofd wagt met geen minder volk zou te stellen zijn, op te lossen.— 1 Dat men ten dien eijnde, de eere heeft Hunne Hoog Edelheedens kennen te geeven, van de posten die hier worden uit„ gezet; als: 2. d=o schildwagten voor het Gouvernement 4. „ op de 4. Bastiens van het fort 1 „ voor het Gewier 1 „ „ de Bariere de Gest kamer 1 „ „ de kruijt kelder, en „ op de Groote tank; 1 — uitmaakende te zaamen, 11. Posten; dat â 3. man per post geree„ 1 „ „ kird „ 395 den 15. September 1788. en dus wel zulen oestaande anhou„ ding van 28. man. versending van contanten na de comp„ factorijen. kend, aantoond de 33. man noodig zijn, voor de dagelijksche bezitting van de Noofdwagt.g. Onder bijvoeging ten vervolge dat inses an dene teae e deeze vergadering van harten winscht, dat haare voorschreeve demonstratie, Nun„ ne Hoog Edelheeden volkoomen voldan zal; en Hoog dezelve, dus meede zullen toestaan, dat het hier met geen minder volk als 150. man te stellen is; en dat nog te meer, wijl men som tijds verpligt is, een soorte supaijs afte zenden, tot bedekking van 's Comp=s pions, welke nu, en dan de zontijdsok gebruckt, werden hij gebruijkt worden ter overbreng van goud of Contanten, na de Zuijderlijke te toiden. G den 15 September 1788 opbrak van eenig Comptoie. sieg zijde dehele te oe degelijk maaken. Kaomten. deenmage rsf:t de keletig tgen Op de bedenking deezer Regeering voor„ koomende bij haaren brief van den 27. october 1787. teegen de gebraake van eenig Comptoir, door Hunne Hoog Edel„ 6 — heeden gemaakt zijnde, de volgende 8 gegronde remarque, dat naamentlijk die bedenking geen verdere verflig„ een zuijing overlig en neragieuse em, tie meriteerden, als voor zoo over men door een zuijnig overleg en menaqiuusen omslag, het aanhouden daar van voor 1 de Compagnie zou dragelijk maaken; de zelve is bemean zo nogelijkinge, is verstaan met eerbied te antwoorden, dat den onslag, zoo hier als op de respective factorijen onder het bestier van den Heer Blaaukamer zoo naauw maar immers mogelijk was, bepaald ge„ werden P. 397 den 15 September 1788. Vier 40. toepens. mattroosen pions. - worden ik, dat egter den presensten Heer Ge„ zaghebber, die nog merder ingekrompen heeft, hetgen dig meere gevengenes door het afdanken van 's Comp=s Courantier, waar door smaands 9: pagooden gespaard word, en 40. toepasser onder de Inlandse Die„ waaren opgebragt, neevens nog 6. Moerte grins, den tafenten van de oo dat hier door niet meer in dienst geblee„ en mallchaarden en 16 moors= van zijn als 65 Pentie fsche„ piors, waar de el fiens men ten ndest heeft vangen een kan worden gemist, zonder nadeel of vertraaging toe te brengen, aan ƒ den dienst, dat, behalven de pins waar van geen ee kan worden ge„ die hier aan het Hoof Comptoir abso„ lut noodig zijn tot verrigting van diverse diensten bij het lossen en laaden van zonder vertagin aan den dinst„ scheepen mis. waer of tok algebuk vender scheepen en vaartuigen, bij den aanbreng of ƒ ƒ afscheep van goederen uit de pakhuij„ „ sen, of andere administratien, by het sorteeren en afpakken van lijwaaten op de kleede zaal; tot het houden van toezigt op de weefdorpen en bleeke„ 8 rijen, er hier ten Hoofd Comptoiren nog C wel 30. stuks noodig zijn tot ver„ zending van Comp=ts brieven na de Noord en zaijd, en overbrenging van Con„ tanten over den landweg na onze zuij„ delijke factorijen of van goud ten ver„ koop na Madras, dat van dit Jaar al verscheide rijzen heeft noeten geschieden, en waar toe al wij wat den 15 September 1788. Pins 399 den 15. Septembr 1788. verzoek om de aanhouding van de paesent 1. pion sen werder oebruikt te onderzoeken en beslissen. Pions gebruijkt worden, al zoo ieder Pien, het zij hij na Sadras, Portenoo of Na„ gapatnam gaat, niet meer draagd als een bondel van vijf zonberts Pagwer, met instantie teffens aan Hunne Hoog Edelheeden om gunstig toe te staan, de aanhouding der alhier in dianst zijnde 7. ieft gen tate of taticuerding Pions, alzoo daar van geen een tot statie of Particuliere diensten word gebruijkt. — Op de nadere recommandatie van dgt d: : Ed: on den boedel Mossel Hunne Hoog Edelheeden, om zoo spoedig moogelijk te onderzoeken en te beslodsen, in hoe verre de onder awest gebleevene Boedel van den overleedenen koopman en Hoofdadministrateur Peracieles Mossel ƒ
English
the 15th of September 1788. to have done by the Arend. to deliver to the Executor. to supply that estate. Mossel could be judged liable for the discovered deficit in the main cash treasury at Nagapatnam, it was agreed after the departure of the Arend, to conduct a further investigation in that regard, whether it was possible to decide that matter definitively. And in the meantime, it was also agreed, as far as necessary, to have an extract provided from the Homeland General Letter of the 12th of December 1786, to the Executors in the Estate of the aforementioned Chief Administrator Mossel, being the present Secretary Broerius Brouwer, and Bookkeeper Johannes Schuneman, with orders to the same to give this Council all possible elucidation regarding the monies that were transferred by the aforementioned Chief Administrator Mossel to his brother Pieter Mossel in Amsterdam, in order thereby to enable this Council to provide the Gentlemen Directors with the desired elucidation in the upcoming month of January. 401 the 16th of September 1788. in order to inform Their High Excellencies thereof. transferred to Simon, Geeke, and Vasz for answering. In order to comply as much as possible with the honored requisition of Their High Excellencies, appearing in their respected letter of the 17th of April 1787, according to the resolution of this table of the 7th of July past, it was also agreed to testify to Their High Excellencies, concerning the services rendered by him to the Company at Nagapatnam, that this Council has never heard anything of it, but that it might well be true that he served the Governor of Vlissingen well as an interpreter, since he is certainly not an unsuitable man for that, adding furthermore that his service as an interpreter is of such a nature that it concerns nobody else but the Governor, that the latter chooses and dismisses an interpreter without the consent of the Council, and that therefore such the 15th of September 1788. 405. the 15th of September 1788. in the army. an employee always is and remains an indifferent person to the Councilors, who very seldom inquire after him. That they therefore also cannot express themselves on the first part of his three-part request concerning the retention of his office as interpreter, but respectfully conform in that regard to what will be written about it separately by the Governor. While with regard to the second part of his three-part request concerning his maintenance, it was agreed to show Their High Excellencies that in the opinion of the meeting he had received sufficient payment for the maintenance of himself and his people in the army, since only 195 Pagodas per month was charged for that; that moreover his salary as interpreter was paid monthly up to the surrender of Nagapatnam; yet one is respectfully of the opinion that a modest gratuity could be granted to him for the time that he drew no salary from the Company, that is from the day of his arrival from the army at Tranquebar until the restoration of this factory in the year 1785. While with regard to his third request, it was agreed to declare respectfully to Their High Excellencies that the ground upon which it rests appears to this Council not the 15th of September 1788. 407. the 15th of September 1788. to obtain the freedom of the Resident Hasz to leave the army. to be very solid. That one indeed concedes that he did his best for the Resident Hasz to obtain permission from Sultan Tipu to depart from the army; but not that he spent 900 pagodas for that purpose among the court grandees, it appearing to this Council, on the contrary, quite more probable that if that expenditure was made at all, Mandalam made it for his own freedom; considering that Hasz, after the march of Sultan Tipu, had to remain in the rear army of General Saidu Sahib, whereas Mandalam immediately obtained permission to depart for Tranquebar, and that one is respectfully of the opinion that this request can be denied, unless Mandalam produces more satisfactory proof thereof than words. Finally, it was also agreed to express the sincere gratitude of this Council to Their High Excellencies for the promised sending of a minister, as soon as the main factory is moved from here; respectfully informing them that in the beginning of this year, a request was made from Ceylon the 15th of September 1788.
Dutch transcription
den 15e. September 1788. van den Arens te laaten doen. de Exeluteur aftegeeven. tremt die boedel te suppediteren. Mossel, aanspreekelijk kinde worden ge„ oordeeld, voor de bevende minderheijd op de groote geld Cassa te Nagapatnam, is vor se minrterheit van de poten verstaan na het vertruk van den Arend, 6 daar omtrend een nader onderzoek te doen, beslut eit onderezok ut veret of het mogelijk was die zaak ten 1 firaale te beslissen. en intusschen de nodige extracten aan En is intusschen almeede verstaan om voor zoo per het noodig is Extract te laaten afgeven, uit den Patriaschen Generaalen 1 Missive van den 121 December 1786, aan de Executeurs in den Boedel van gemelden Hoofd administrateur Mossel, zijnde den presenten Secretaris Broe„ reus Brouwer, en Boekhulder Johan„ mngetrhalt m de nodige licidatie om„ pens schuneman, met last aan dezelven om cas. 401 den 16„ September 1788. ten zeijnde H: H: d: daar van kennisse tegeeden. aan Simon, geeke, en Vasz: ter beantw„ overgedragen. om deezen Raade alle mogelijke elucidatie te geoven, met opsigt tot de gelden die door gemelden Hoofdadministrateur Mos„ 8 sel overgemaakt zijn aan zijn broeder Pieter Mossel in Amsterdam, ten eijnde deezer Raade daar door in staat te stellen om daar van aan den Heeren Majors, de begeerde elucidatie te kunnen gerven in de maand Januarij aanstaande. Om aan het g'eerd requisit van Hun, de aquister van Mandalam Lijs de Hoog Edelheeden, varkomende bij Hoog derzelver gerespecteerde missive van den 17. ' April 1787. zoo veel mooge„ lijk te kunnen voldoen, volgens be„ sluijt deezer taffel van den 7. Iulij 3 p. C E vervolgn door hem op e Nagaplaan aan de Compag„ nie bewerzen, almeede verstaan is, aan Hunne Hoog Edelheeden te betuigen, dat deezer Raade daar van graede noorit eets gehourd heeft, maar dat het egter wel waar kan zijn, dat hij den Heer Gouverneur van vlissingen wil gedierd heeft als tholk, alzoo hij daar toe zeekerlijk geen ongeschikt man is, onder bijvoeging ten vervolge, dat zijnen dienst als tolk, van zoodanig een aard is, dat ze nimand anders, als den Heer Gouverneur be„ treft, dat denze een tholk kiest en afzet, zonder toestemming van den Raad, en dat daarom zoodanig den 15 September 1788 een „ 405. den 15 September 1788. in t' legen. een bedienden altoos is er blijft een or„ verschillig perzoon, voor de Raadslieden die zij zier velden na hem informea„ ren.. Dat deeze zig daarom ook niet uit„ . laaten kunnen over het eerste lid van zijn doerleedig verzoek betreffende, het 6 behoud van zijn ampt, als tholk, maar zig daar omtrend reverentelijk gedraagen, „ „ aan het geene daarover appart zal geschreeven worden, door den Heer Ge„ Dag hebben Terwijl ten aanzien van het tweede oogtoerzigte van zijn onderhoud lid van zijn drie leedig verzoek, verstaan hij is Hunne Hoog Edelheeden te vertooren, dat hij na de gedagten der der vergadering betaaling genoeg G Rad hoeft, voor onderhout van hem in zijn volk in6 den 15 September 1788. na P:r H: 1. Edt: te bedeelen. douceur te kunnen toeleggen. schijnd, niet vast te zijn. in het leeger, alzoo daar voor maar maan„ delijks in reekening gebragt zijn Pag: 195—. dat boven dien zijne tractement als tolk en zin get de veager ver net tot op de overgave van Nagapatnaen maan„ delijks betaald is; dog dat men egter sustenu eotarogin hen nog engang met eerbied van gevoelen is, dat aan her een gering douceur kan werden toe„ gelegt, voor den tijd dat hij geen tracte„ ment van de Comp: getrokken heeft, dat is van den dag van zijne aankomst mit het longen op Franquebaar tot Ao de herstelling van dit Comptoir an 1785. desondetinde bi compen Terwijl met op sigt tot zijne derde instantie verstaan is; aan Hunne Hoog Edelheeden met eerbied te ver„ klaaren dat den grond waar op dezel„ ve rust, deezen Raade voorkomt, niet 26 8 26 407. den 15 September 1788. ten verkrijging van de vrijheijd van den desittent Wust: uit te legaen. hebben. hen is. niet zeer vast te zijn. Dat men wel toestaan, dat hij zijn bast gedaan heeft voor den Resident Hasz, om van Sultan Tipoe vrijheid te erlangen, van uit het leeger te moogen vertrekken; maar niet dat wartelijn an ud hij daar toe onder de Hofsgrooten, zou hebben gespandeerd 900 pagooden, dat wat intiendel daar vangeble het daaren teegen deezen Raade wel probabiler voorkomt, dat zoo die spin„ datie al geschidd is, Mandalam ze gedaan heeft, voor zijne rijge vrijheid; ge„ J WS 1 merkt Hasz:, na den optogt van sul„ „ tan Tipoe blijven moest, in het agter„ gelaaten leeger van den Generaal Sai„ doe saib; daar Mandalam aanstinds permssie worden ont zegal. ten varerbij anders voldoende be„ wijst. teerde zending van een Predikant. en onder welke te kennen gave no„ pens 't' aanweezen alhier, van den predikant Meijia. permissie verkreeg om na Tranquebar te morgens vertrekken, en dat men des get dotvesant: Joudehen komnen eerbied van gevoelen is, dat dit ver„ zoek kan worden ontzegt, ten zij Mandalam, daar van voldoen der be„ wijzer, dan woorden producienden. dankbehurijng vor de gepromis Eijndelijk is nog verstaan, de opregte dank zegginge deezes Raads aan Hunne Hoog Edelheedens te be„ tuigen, voor de gepromitteerde zending van een predikant, zoo dra het Hoofd„ Comptoir van hier verplaatset zal zijn„ onder eerbiedige te kennen gave, aan Hoogst dezelven; dat men in het be„ gen van dit Iaar, van Ceilon heeft. den 15 September 17881. vear zogt „
English
409. the 15th of September 1788. service performed. to return. requested, to send the Reverend David Meijer for the administration of the Holy Seals of the Covenant, and that this request having been granted by the Government of Ceylon, the aforementioned Reverend Meijer arrived here in the middle of May; and since, with extraordinary diligence, special edification, and to the uncommon uplifting of the Congregation, has performed the holy ministerial work until today. But now in the coming days, to the regret of the congregation who would gladly have wished to keep him here, he is to depart again for Ceylon on the sloop de Herstelling. Thus done and resolved in Castle Geldria at Palliacatta, date as above. /:was signed:/ As before. Wednesday Receipt of a general and a secret letter from Their Right Worshipfuls. Wednesday the 17th of September 1788. In the morning at nine o'clock. Council of Policy Present The Right Honorable Lord Commander Nicolaas Tadama, The Merchant and Head Administrator Martinus Stoffenberg, The Merchant and designated Chief of Sadras Joan Daniel Simons, The Junior Merchant and Invoice Keeper Fredrik Willem Bloeme, and The Junior Merchant and Secretary Jacob Samuel De Raeff, Excused The Junior Merchant, Fiscal, and Pay Bookkeeper Broerius Brouwer, and The Junior Merchant and Mintmaster Pieter Willem Tecke, Both on account of indisposition. Initially, it was agreed to record that 411. the 17th of September 1788. Promotion of the Lord Commander Tadama, Item of the Merchant Stoffenberg to Head Administrator, and the Merchant Van Bijland to Warehouse Master, etc. that yesterday was received here, and opened and read today in Council, Their High Mightinesses' honored general letter dated the 27th of May, and the secret one of the 1st of July of this year, accompanied by such appendices as are noted on the Register sent thereof; the first containing the communication of Their favorable promotion of the Lord Nicolaas Tadama to Commander of this Government with its dependencies; of the titular Merchant Martinus Stoffenberg to Head Administrator; of the titular Merchant Willem Hendrik van Bijland to Warehouse Master, Trade and Toll Bookkeeper; Secretary De Raeff. Provisional appointment of the Merchant Simons as Chief of Sadras. likewise of the Secretary Broerius Brouwer to Fiscal; and of the Junior Merchant Jacob Samuel De Raeff to Secretary. And seeing that the titular Merchant Joan Daniel Simons cannot as yet enjoy the post of Chief of Palliacatta assigned to him, as the dismantling of this place has been provisionally suspended, it has been approved and agreed to let him proceed to Sadras after the departure of the ship den Arend to replace the Chief Van Bijland, 413. the 17th of September 1788. of the meeting. and thus to administer that chiefdom until further disposition from Their High Mightinesses. Furthermore, it was agreed to record that, at the direction of the Lord Commander, the following seating arrangement at the table of this Council has taken place, namely: The Head Administrator Stoffenberg, on the right side of the Lord Commander. The Merchant Simons, on the left side below the Head Administrator. The Fiscal Broerius Brouwer, next to the Head Administrator, below the Merchant Simons. The Invoice Keeper Fredrik Willem Bloeme, on the left side of the Merchant Simons, below the Fiscal Brouwer. The Mintmaster Pieter Willem Tecke, on the right side of the Fiscal Brouwer. Subsequently, the Secretary Jacob Samuel de Raeff, who arrived here, was admitted to the assembly upon the oath taken by him as Secretary and member of the Council of Policy at Padang, and was assigned a seat by the Lord Commander at the end 415. the 17th of September 1788. of the table below the Mintmaster Tecke, of which it is likewise understood this note shall be kept. Thus done and resolved in Castle Geldria at Palliacatta, date as above. /:was signed:/ N: Tadama, M: Stoffenberg, J: D: Simons, F: W: Bloeme, and J: S: de Raeff. /½ Excepted:/ B: Brouwer, and P: W: Tecke. Thursday Production of an Extract of the resolution of the 3rd of April of the past year by the Pay Bookkeeper Simons. Thursday the 25th of September 1788. Before noon at 10 o'clock. Council of Policy Absent The Junior Merchant and Mintmaster Pieter Willem Tecke, On account of indisposition. The Pay Bookkeeper Joan Daniel Simons having produced an Extract from the Minutes of what was resolved in the Council of India on the 3rd of April of the past year, accompanied by a Report from the Senior Merchants of Castle Batavia, the Honorable Beijnen and Mom, to 417. the 25th of September 1788. delivered cargoes of the ship de Vlingelandt the Right Honorable Lord Director Adriaan Moens, to which was annexed an order granted by His Right Honorable Lord Director to the Chief of the General Pay Office, together with a pay statement of the said Chief, the Honorable Sinkelaar, tending to charge the officers of the ship De Both in the usual proportions for the 162 7/8 lb. of cloves and 30 7/8 lb. of nutmegs delivered short at Jaggernaikpoeram above the permitted leakage, instead of 83 3/4 and 25 lb. of nuts for which they were debited on account, and since by said Extract Minutes cargo
Dutch transcription
409. den 15 September 1788. dienst verrigt. staat te relourneeren. verzogt, den Predikant David Meijer ter bediening van de Heijlige Bond Zeegelen, te detuig en e t bats ele dat dit verzoek door de Regeering van Ceilon toegestaan zijnde, voornoemden Predikant Meijer, in het milden van Meij alhier gearriveerd is; en seedert met win mes oudskijtigzijn bij zonder verbiever, en tot ongemeene stig„ tinge der Gemeente het Heijlig dienst werk tot heeden toe heeft verrigt. dog nu eerste„ daags tot leedwerzen der gemeinte deg uisting, weden na ijsle die hem hier gaarne zoude hebben wil„ len houden, weeder na Ceilon staat te vertrekken met de sloep de Herstel„ ling. . Aldus Gedaan en Gearresteerd in 't Cas„ teil Geldria te Palliacatta dato voor 3. /:was geteekend:/ Als vooren. Woensdag ƒ . neceptie van een gemeene en een secreete brief„ van H: W: Edelh:. Doensdag den 17. September 17827. Smorgens ter Neegen uuren. —. Vergadering van Politie Present Den wel Ed: Agtb: Hee G:zaghebber Wicolacas Iadama, Den koopman en Hoofd administrateur Martinus Stoffenberg, Den koopman en Gueligeerd operhoofd van Sadra s=m Joan Daniel Simons, Den onderkoopman en factuur houden Fredrik Willem Bloeme, en De oen kopman en Secritaris Jacob Samuel De Raeff, Domptis Den onder koopman fiscaal en Soldij boekhouder Broerius Brouwer, en Den onderkoopman en Muntmeester Pieter Willem Tecke Beijde mitst indispositie Aanvankelijk is verstaan te noteeren dat O 3 411: den 17. September 1788. promotie van de Heer gezagh: Tada„ item van den koopman Hoffenberg tot hoofd administrateur. „ en den koopman van bijland tot Pakhuism: A: dat gisteren alhier ontfangen, in heeden in Raade 8 gespend en geleezen is, Hun Hoog Edelheeden gevenereerde gemeene missive de dato 27. ' Meij, en secrete van 1: Iuli„ en secreste van 1. Iulij deezes Jaars verge„ zold van zoodanige bijlaagen als op het daar van overgezonden Register zijn ge„ noteerd de helzende de eerste Comminicoa tie schuldende cominantie van van Horgst desselfs gunstige promotie van 1 den Heer Nicolaas Tadama, tot Gezaghebber deezes Gouvernements met dies resorte. van den koopman tituolair Martinus Stoffenberg, tot Hoofd administrateur n van den koopman tit: Willem Hen„ drik ma. seo: de raaff. provpsiones aansteling van den Koopman Simons tot opperh: van Sadras„ drik van Bijland tot Pakhuijsmeester, Negotie en tol boekhouder. zo mede van den fiscaal bouwen en van den Secretaris Broerius Brouwer tot fiscaal; en van den onderkoopman Iacob Samuel De Raaff tot Secretaris, . -. En pacien den koopman tit= Joan Daniel Simons voor eerst nog niet gaudieren kan van de hem opgedraagene post van opperhoofd van Palliacatta, alzoo de opbraake van hier provisioneel opge„ ƒ schord is, zoo is goedgevonden en ver„ staan hem na het vertrek van het schip den Arend na Sadras te laaten over„ gaan om het opperhoogt van Bijland den 17. September 1788 te 1 413. den 17. September 1788. der vergadering. te vervangen, en dus die opperhoofdije zoo lang waar te neemen tot nadere disposi„ tie van Hun Hoog Edelheeden. Voorts is nog verstaan te noteeren, erlasthingde lede in e tek dat op aanwijzing van den Heer Gezag„ hebben de volgende verplaatsing aan de tafel deezes Raads is ge„ schied, als Der Hoogd administrateur Stoffen„ berg, aan de regter zijde van den Heer Gezaghebber. Den koopman Simons, aan de Plinker zijde bereeden der Hoofd administrateur, Den fiscaal Broerius Brouwer naast der Hoofdadministrateur, be„ werden de raaf in den raad. dang gedaan. meeden den koopman Simons. Den factuurhouder Fredrik Willem Bloeme aande slinker zijde van den koopman Simons, bereeden den fis„ caal Brouwer, Den Muntmeester Pieter Willem seeke aan de regter zijde van de fis„ caal Brouwer. isondiging verkel ervolgens wierd in de vergadering geadmit„ teerd den alhier gearriveerden secre„ taris Jacob Samuel de Raeff, op den Eed door hem als secretaris of de ed don hen erons p en lid van Politie te Padang ge„ daan, en door den Heer Gezaghebber plaats aangeweezen aan het eijnde den 17. September de 1 415 den 17. September 1788: der Tafel bereeden den Murtmeester T Gecke, van het welke almeede ver„ vervolg staan is deeze aanteekening te hou„ den. Aldus Gedaan in Gearres„ teerd in 't Casteel Geldria te Pal„ liacatta Dato voorschreeven /:was geteekend:/ N: Padama, M: Stof„ fenberg; I: D: Simons, F: W: Bloeme, en J: S: de Raeff, B: Brouwer, en P: /½ Excepto:/ W: Jecke. Don der bay 8 productie van een Extract bat resolutie van den 3: april a:o p:o door den Soldijbookh: Simons den vn en rasporte rdon Donderdag den 25 September 1788. Toor demiddags ten 10 uuren. Vergadering van Politie Absent Den in der koopman en Mountmuster Pieter Willem Tecke, Mits indispositie Door den soldijhouder Ioan Daniel Si„ mons geproduceerd zijnde een Extract uit de Notulen van het geresolveerde in Raade van India van den 3. April des gepasseerden Jaars, vergezeld van en Rap„ port van den opperkooplieden des Casteels Batavia De E: E: Beijnen en Mom aan de 417. den 25 September 1788. uitgeleverde ladingen van 't schip de vlingelandt de wel Edele Grot Agtb: Heer Directeur Adriaan Moens, waaraan geannixeerd was een ordonnantie door wetw: wel Edelen Groot Agtbaaren Heer Directeur verleend op het opperhoofd over het Generaale sol„ den Crnigteris beneffens een - soldij onem en alefere te ehen - van gem: opperhoofd d' E: Sinkelaar ten„ deerende om de overheeden van het schip De Both in de gewoone proportien te doen belasten wergens de op Jagger„ naikpoeram boven de gepermitteerde spillagie te min uit geleeverde 162 7/8 lb. Nagulen, en 30. 7/8 lb Nooten Musscha„ ƒ ten in steede van 83¾. en 25 lb Nooten, waar voor zij op reekening gedebiteerd Extract zijn, en nadien bij gem: Notuten 8. lading
English
to cause to be charged ƒ 13. 3. 12. ... made ready ... upper and Company's treasury to cause to satisfy request for the Jaggernaikpoeram account: In the minutes it was ordered to have this abusive charge compensated by the chiefs of Iaggernaikpoeram with ƒ 138. 11. Indian money or ƒ 173. 3. 12. pay money; in which aforementioned pay-account Simons, that such might be charged from here thither to be paid in the customary proportions by those servants into the Company's treasury, because Captain Lieutenant Jan Cornelis Muller has passed away, and his credited wages have already been remitted to Europe by his executors: thus it has been approved and agreed, after inspection of the specified papers, the 23rd September 1788. 419. the 25 September 1788. to be. of the Zeerob to depart for Batavia. to charge the chiefs of Jaggeraikparam, to be paid by them in the customary proportions ƒ 138. 11. Indian or ƒ 173. 3. 12. pay money, being the 1/3 part or the share of Captain Lieutenant Jan Cornelis Muller, on account of the shortage that occurred on the cargo of the ship de Both in the year 1785, since they are the cause of this abusive treatment. The Lieutenant at Sea and Commander of the sloop de Zeerob, Cornelis van Aart, having made a request by petition to be discharged from his vessel under his command, condescension therein. insertion of that petition:— and to return to Batavia with the ship Den Arend: Thus it has been approved and agreed to condescend to that request, and to insert that petition herewith. — Right Honorable Sir Nicolaas Sadama Commander of this Coast of Cormandel with its jurisdiction Etc: Etc: Together with the Honorable Stern Council Right Honorable Sir. The Lieutenant at sea, and commander of the sloop de Zeerob, Cornelis van Aart, your Right Honorable obedient servant, takes the respectful liberty most humbly to request of His Excellency to be discharged from his vessel under his command, and to be allowed to return to Batavia with the Honorable Company's ship den Arend. — the 25 September 1788. 421. The 25th September 1788. appointment of another commander on the sloop de Zeerob. who is deemed qualified thereto by Captain Klopper. He has the honor to be with the utmost veneration and high esteem, was signed: Right Honorable Sir and Gentlemen, your Right Honorable most humble obedient servant, was signed: Cornelis van Aart. In the margin: Palliacatta the 19 September 1788. And since by the aforesaid discharge the command of that vessel has become vacant, it has been approved and agreed to fill the same by appointing as Commander of that vessel the Provisional Sub-Lieutenant Joachim Otto Dratzier, who, according to the report of Captain at Sea Nicolaas Klopper, is fully capable thereof; which report it is agreed insertion of the report regarding this from said Captain. to insert hereunder, and to send the original to Batavia; Right Honorable Sir Nicolaas Dadama, Commander over this Coast of Cormandel, and the jurisdiction thereof Etc: Etc: Right Honorable Sir. I have, according to your Right Honorable respective order, examined the provisional Sub-Lieutenant Joachim Otto Dratzier, and found him capable of performing the duty of sub-lieutenant, just as the aforementioned Dratzier has also served as second mate in the merchant shipping; for which I have found him capable; I hope herewith to have complied with the respective order of your Right Honorable. the 25 September 1788. 423. the 25th September 1788. equipment used by Zeerob. to have a specific statement made thereof. I have the honor to subscribe myself with all veneration and high esteem, was undersigned: Right Honorable Sir, your Right Honorable humble Servant, was signed: N. Klopper. In the margin: Palliacatta the 24th September 1788. From a submitted declaration under offer of oath passed at the requisition of the Commander of the Company's sloop De Zeerob, Lieutenant Cornelis van Hart, by the sailors Willem Nelzon, Jan Anthonie de Lelij, and Johan Trabo, it having appeared that diverse equipment goods supplied to that vessel for the voyage hither were used for the rigging of the same: Thus it is resolved to order said commander to make a specific statement thereof, written off: and 80 fathoms of hawser ... it is agreed to have the commander make a specific statement thereof, in order to be able to have those equipment goods written off the inventory of the sloop. Likewise it is also agreed to proceed in such manner with the lost anchor, and 80 fathoms of hawser lost on the occasion of a squall in the Sunda Strait, according to a further declaration of the provisional Sub-Lieutenant Joachim Otto Dratzier, the Boatswain Lourens Teunis Hoolem, the Quartermaster Joseph Levrij, and the Sailor Willem Nelson the 25 September 1788. 425. the 25th September 1788. in sounding, a lead of 30 lbs and 30 fathoms of lead line was lost. to have written off from the Zeerob's inventory a small water chest was broken. granted at the requisition of the Commander under offer of oath. By four aforementioned persons it having also been declared under offer of oath that while using the lead on the 9th of November the lead line happened to break, whereby a lead of 30 lbs and 30 fathoms of lead line was lost, it has thus been approved and agreed to likewise have this written off the inventory of the sloop de Zeerob. From a submitted finding
Dutch transcription
de laaten belasten van ƒ 13. 3. 12. . shilen a lenden voegemaakt. oppere: en omp:s Cassa e aten verdoen verzoek om de sagermraik p:s op rek: Notulen gelast werd, om deeze abusive belasting te doen vergoeden door de op„ perhoofden van Iaggernaikpoeram met ƒ 138. 11. Indias geld of ƒ 173. 3. 12. sol„ dij geld in insteerde gem: soldij zouder Simons, dat zulks van hier na derwaarts mogt werden aangereekend om in de gewoone proportien door die Bediendens in 's Comp=s Cassa te vs detede onde ailitent werden voldaan uit hoofde den Capi„ tair Lieutenand Ian Cornelis Mul„ ler overleeden, en zijne te goed gemaakte gagien bereeds door zijne Executeurs besut at ed gage oode ag na Europa is overgemaakt: zoo is na gesumptie der gespecificeerde pa„ pieren goedgevonden en verstaan, de den 23. September 1788. W 419. den 25 September 1788. zijn. van de Zeerob om na batavia te ver„ trekken. opperhoofden van Jaggeraikparam ten ƒ 8 laste aan te reekenen, om door hun in . - de gewoone proportien te werden voldaan ƒ 138. 11. Jnd: off ƒ173. 3. 12. soldij gild, zijn„ „ de J3. gedeelte of het aandeel van den Capitain Lieutenant Jan Cornelis Muller, weegens het kost gekoomene op de lading van het schip de Both van reden zij daar an orzakt in anno 1785 alzoo zij oorzaak zijn van deeze abussive behandeling Den luijtenant ter Zee en Gezag gedaen pert e doe e ge g hebber van de sloep de Zecrob, Cor„ nelis van Aart, per request verzoek gedaan hebbende om van zijne onder„ hebbende bodemptje ontslagen te werden sol„ zondescendeering in 't zelve. insentie van dat supplicq:— worden, mitsgaders met het schip Den Arend na Batavia te retourneeren: Zoo is goed gevonden en verstaan in dat verzoek te Condestendeeren, en dat sup„ plicq. bij deezen te insereeren. — Wel Edele Agtbaare Heer Nicolaas Sadama Gezaghebber denzer Custe Cormandel met den resorte van dien Ete: Etc: Benevens den Wel Edelen Gestrenge Raade Wel Edele Agtbare Heer. Den luijtenant ter zee, en gezaghebber van de sloep de Zeevol, Cornelis van Aart, uwel Edele Agtbaare en gehourzame dienaar„ neemt de eerbiedige vrijheid Hoogst: de zelve, nedrigst te versoeken, van zijn onder heb„ berde bodemptjes ontslagen te zijn, en met s'E: Compagnies schip den Arend, na Batavia te mogen getourneeren. —. den 25 September 1788. N 421. Den 25. September 1788. aanstelling van seer ander gezagh op de Chikloup de Leerod. wien, daar toe door den Cap: klopper bekwaam geordeel Hij heeft de en met de uitterste verwatie en hoog agting te zijn /:onderstond:/ wil„ Edele Agtb: Heer en Heeren, uwel Ed: Agtb: onderdanigsten schoursaamen dienaar /, was geteekend:/ Cornelis van Aart /. in mar„ gerer/ Palliacatta den 19 September 1788. En vermits door het voorschreeve ontslag het gezag op dat kieltje is koomen te vaceeren zoo is goedgevonden en verstaan het zelve te vervullen door de aanstel„ ling tot Gezoghebber op dat bodemtje . van den Provisioneel sont licuterant Joachin otto Dratzier welke ingevolge het Rapport van den Capittain ter Dee Nicolaas Klopper; daar toe ter vollen in staat is; welk rapport ver„ staan insertie van 't rafport dierw:s van gem: Capitain. staar is; welk raport verstaan w hier onder te insereeren, en in origine na Batavia te zenden; Wel Edele Groot Agtbaar Heer Nicolaas Dadama, Gezaghebber over deeze kuste Cormandel, en de versorte van dien Etc: Etc: Wel Ede le Groot Agtbaar Heer. Hbbe volgens uwel Ed: Groot Agtb: respective ordre, g'examineerd der provisioneel sous Luijtenand Ioachim otto Dratzier, en be„ vonden denzelven in staat te zijn, den dienst als sous luitenant waar te veeren, gelijk ook voorm: Dratzier den dienst als onder„ stuurman ter Coopvaardij heeft gedaan; voor 't welk ik hem in staat hebbe bevonden; Hoope hiermeede voldaan te hebbe, aan de respective ordre van Uwel E: Agtb: den 25 September 1788. Ne bh 1 423. den 25. September 1788. „bruikt teugagien van Ler00. cificque opgaaf daar van te laaten doen. Hebbe de er mij met alle veniatie en „ hoog agting te onderteekend /:onderstond:/ el Edele Groot Agtb: Neer uw EEd. Groot Agtb: onderdanigen Dienaar /:was geteekd/ N. Klopper /. In margine:/ Palliacatta den 24. September 1788. Uit een ingediende verklaaring onder pre, ngelen vallang en dedenk v sentatie van Eede ter requisitie van den Ge„ Zaghebber van 's Comp=s slop De Zeerob, den lieutenand Cornelis van Hart, door de Mattroosen Willem Nel„ zon, Ian Anthonie de Lelij, en Io„ han Trabo gepasseerd, gebleeken zijnde, dat diverse Equipagie goederen dat kieltje voor de reijs na herwaarts meede gegeeven, tot toetuijging van het zelve zijn verbruijkt: Zoo is beslut om doordies gekagti; een spe„ verstaan den afgesh: en 8: vaden vijgertomo„ verstaan den gezaghebber daar van een speciffique opgaaf te laaten doen, om de zelve ijden in ontruste ver om die Equipagie goederen op den inven„ taris van de Chialoup te kunnen laaten afschrijven. . gelik mede en velovent Doodanig is almeede verstaan te laaten handelen met het verloorene Anke, en 80. gaden vijgertouw bij ge„ legentheid van een buij in de straat sunda verlooren volgens een nadere verklaaring van den p=l Sous lieutenant Joachim Otto Dratzier, den Bootsman Lourens Teunis Hoo„ lem den quartiermeester Ioseph Levrij, en den Mattroos Willem den 25 September 1788. Nelsen 425 den 25. September 1788. „'t looten een loot van 30. lb: en 30. va„ den toodlijn verlooren was. tns van de Recerbs te hade afsthe „ kistje water let vwas gestoden. Nelson ter requisitie van den Is„ zaghebber onder presentatie van Eede verleend. . Door vier voorm: perzoonen almeede blijking uit een verklaaring dat hij onder presentatie van Eede verklaard zijnde, dat bij het gebruijken van lood op den 9. Iber de loodlijx was 77. dev koomen te breeken, waar door een lood van 30 lb en 30. vaden loodlijn was verlooren geraakt, zoo is goedgevonden beln s eline e en verstaan dit almeede op den inventa„ ris van de Chialoup de Zeerob te laaten afschrijven. Uit een ingediende be„ontwrang uit en teijnding dat gem vinding
English
It having appeared from the report of the findings of the Sea Lieutenant Ian Cornelis van Aart and the Sub-Lieutenant Joachim Otto Dratzier, that the sloop de Zeerob, due to heavy rolling, had become leaky above water in several places, besides several other defects specified in that document; and whereas that small vessel, without significant repairs, is thus unable to transport linen or other goods subject to spoilage from wetness: it has been approved and resolved to send that sloop to Jaffanapatnam to be repaired there, as well as to have it call at Nagapatnam to convey some merchandise thither, and to insert the said findings into this record. 25 September 1788. Statement of findings concerning the Company's sloop de Zeerob. We the undersigned declare that, through heavy rolling and working in sea, the said vessel has become leaky above water and in several places, which leakage increased to such an extent that pumping had to be done twice per watch. Shortly thereafter, finding our pumps to be foul, we lifted the same, upon which we saw that the sand or ballast had forced its way through the ceiling planks and that the limber holes were clogged with sand; we scooped out as much of the water and sand as was in our power, cleaned the pumps, and put them back in; but in vain, for one was unable to give three strokes to the aforementioned pumps before they were full of sand again; lifted the same again. We therefore resolved, since we could not use any pumps, to make a square hole in the forehatch in order to scoop out the water and sand that came running forward into the hold, as well as by the mainmast and afterhatch; during heavy seas and rolling the leakage was such that every watch from the aforementioned three places caused 60 to 70 buckets of water and sand. Yet in fine weather and smooth water, less. Inspected the sailroom and rice storeroom, finding at that time twelve bags of rice which were completely rotten and suffocated, being compelled to cast the same overboard to clear further stench and filth out of the ship. We the undersigned further declare that the said sloop cannot be repaired of these its defects unless the ballast is first removed, the ceiling planks repaired, and the bilges cleaned; for otherwise, no dry goods which cannot endure any moisture can be entrusted to the said sloop. All the above we testify to be the pure truth, and being required to do so, we are at all times willing to confirm the same with a solemn oath. Was signed: C. van Aart, and Joachim Otto Dratzier. In the margin: Palliacatta the 13th of September 1788. 25 September 1788. It having appeared from a submitted report of the Captain-Lieutenant A. van Hall and Lieutenant Cornelis van Aart that two ropes brought from Jaggernaikpoervam by the sloop de Herstelling and salvaged on the 20th of May 1787 from the wrecked ghurab De Hoop, one being a Dutch rope and the other of coir, are completely rotten and unusable, and likewise that the jack brought from there with that small vessel is wholly unusable; it has, after deliberation, been approved and resolved to send the jack to Batavia, and to deliver the unusable ropes to the master of the equipage to be used for the necessary services, and to insert that report into this record. To the Right Honorable Sir Nicolaas Sadama, Governor of the Coromandel Government with the councils thereof, etc., etc. Right Honorable Sir, The undersigned have the honor to inform your Right Honorable that they proceeded to the beach, and there took up and inspected two ropes, one of which is Dutch, 7 inches thick, and the other a coir rope, together with a jack, which were brought here from Jaggernaikpoervam on the 12th of this month with the Company's sloop De Herstelling. Finding then the Dutch rope to be completely rotten and suffocated, and the yarns snapped in several places, such that the said rope is in no condition to be used on a Company vessel. Finding the coir rope to be only half a rope and to be completely rotten, such that the said rope cannot be employed in any service. The jack is found to be unusable, as the upper and lower retaining collar of the same are missing, the plate is missing, and the teeth are worn away; we therefore condemn the said ropes together with the jack, as the same cannot be of any service. All the above we testify to be the pure truth, and being required to do so, we are at all times willing to confirm the same with a solemn oath. Below stood: Right Honorable Sir, your Right Honorable's humble servants. Was
Dutch transcription
de aque deuwagens. zonden ven re padeering. vinding van den lieutenant ter Zee Ian Cornelis van Aart, en den sous„ ticutinant Joachim Otto Drat zier, gebleeken zijnde, dat de sloep de Zeerob, door het swaar behoven ag ange ander gereien s lingeren op verscheijdene plaatsen boven Water lek geworden was, be„ halven nog eenige andere gebreeken bij dat papier gespecifficeerd, en nadien dat kieltje dus zonder merkelijke reparatie niet in staat is om lijwaa„ ten of andere door natheid bederf on„ derworpene goederen te kunnen ver„ de slit gen chilipan pesite voeren: zoo is goedgevonden en ver„ staan die sloep na Iaffana„ patnam te zenden om aldaar te den 25 September 1788. werden 427. den 25 September 1788. werden gerepareerd, mitsgaders Naga, en daarmeedenige open ae agap patnam te laaten aangieven ter over„ breng van eenige koopmanschappen na derwaarts, en gemelde bevinding in deezen te insereeren: tezenden Staat bevinding van 's Comp:s sloep de Zeerob Zoo verklaare wij ondergeteekende, als dat door 't swaare slingere en werken in zal; ge„ melde boodem boven water, en op verscheijde plaatsen is leck geworden, welke lekkagie zoodanig toegarg nam, tweemaal per wagt moest gepomet werden. . kort daar op bevinde onze pompen onklaar te zijn, ligten dezelve, als doen zier wij 't zand of Ballast door de buijkelling was heen gedrongen, en de vullings verstopt van zoud waaren, schepte als van 't water en zand wit, zoo veel in ons vermoogen was, maakten de pompen schoon en Dette de„ selve weerin; dog te vergeefs, men was niet in staat drie slaagen aan voorm: pompen te doen, of dezelve waaren wee„ zoo der vol zand, ligte weeder tezelve, re„ intertie van gem bevinding. Solveaden - solverden dus vermis wij geen pompen konden gebruijken, een vier kand gat in het voorluijk te maaken, om dus daar door 't water en Zand, dat voor in de El quaam in loopen, uit te scheppen, als mee„ de by de groote mast, en agterluijk, de Re licagie was bij swaare Zee en slingeren zoodanig men ijder wagt wel wit voorm: drie plaatsen 60 â 70. putsen water, en zand doed verorzaaken. Dog bij mooij weer en slegt water minder —. visenteerde de zijlkooij en rijstkamer bevinde als doen twaalf zakken rijst dewelke gans ver„ rot en verstikt waaren, genootzaakt zijnde gem: overboord te setten, om verdere stank en vuijligheid uit het schip te doen verdrijnen, wij ondergeteekende verklaare wijders, als dat gem: slaeg van deeze zijne gebreeken niet kan gerepareerd werden, ten zij eerst de ballast worde uitgenomen, de Buijk„ elling voorsien, en de vuijligste laaten schoen maaken; wan te buijten dat zijn geene drooge waaren, welke geene nathig„ heid konnen veelen, in gemelde sloep ver„ trouwd. Dit booven staande getuigen wij de luij„ den 25. September 1788: van 429 den 25. September 1788: van de goerab de Hoop verast waren= bevonden is. — vere waarheid te zijn, en zulks gerequireerd werdende, ten allen tijde bereijdwillig zijnde, het zelve met solemneele Elda te staa„ ven /:was geteekend:/ C: van Aart, en Ioachim otto Dratzier /: In mar„ gine:/ Palliacatta den 13 September 1788. Uit een ingediende Rapport van den Capin, blijkin uit en geset t te tain Licutenant A: van Hall, en Liustenant Cornelis van Aart, geblev„ ken zijnde, dat twe van Iaggernaikpor„ vam per de sloep de Herstelling aangebragte en van de verongelukte Goe„ nab De Hoop op den 20 Meij 1787 ge„ vordere touwen, zijnde het eene een vaderbands, en het ander van Kaijer, gantsch verrot en en bequaam zijn, ge„ omet in ameant ie bien lijk meste dat de met dat kielje 6. ze pagien aftgeven, om te gebruiken. insertie van dat rapport. kieltje van daar aangebragte dom me kragt beslut de konnehet a atrete ten eenemaal en bequaam is, zoo is na ge„ sumptie goedgevonden en verstaan den donmerkragt na Batavia te zer„ den, in de on bequaame tosuwen aan den en denbquama touwe aanden on Equipagie mee ter aftegeeven om tot de noodige diensten gebruijkt te werden, mitsgaders dat Rapport te inse„ veeren. Del Edele Groot Agtbaar Neer Nicolaas Sadama kzaghebber van 't Crmandels Gouvernement met de resoten van dien Etc: Etc: Del Edele Joort Agtbaar Neer- De ondergeteekende hebbende en uwel Ed: Agtb: te buijten, dat zij den 25 September 1788. zig zonden. dat 231. den 25 September 1788. zig aan zie strand hebben vervogt; ende al„ daar op genoomen en geviseriteerd, twee touwen waar van an de eenen vaderlandsch dik 7. d=m, en de andere een kaijer touw, benevens een danme kragt, wel„ ke zijn laastleeden den 12. deezer met 's Comps sloep De Herstelborg van Jaggemrankpoe„ vam alhier zijn aangebragt.. Bevinde als doen 't vaderlandse touw gans verrot en verstikt te zijn, en op ver„ scheijde plaatsen; de gaarens gesprongen, zoodanig gemelde niet in staat zijnde Comps bodem saar te verbouwen. Deviende t' keijer, maar een half touw te zijn on gansch verrot te weezen; zooda„ nig gemelde in geene dienste kan geem„ ploijeerd werden. Men bevind de ommekragt en bequaam te zijn, alzoo de bovenste en indenste sluijt beugel van gem: affis, de Plaat vermist, en de verschagte geEerste kerden dus bij de gem: touwen, be„ nevens de dommerkragt af, al zoo da„ zelve van geene dienste konnen werken. Dit bevenstaande wij getuigen de suij„ vere waarheid te zijn, en zulks geve„ quireerd werdende ten allen tijde berijdwillig zijnde, 't zelve met solem„ mele Eede te staaven. /:onder stond:/ wel Edele Groot Agtb: Beer, ul„ Ed. Groot Agtb: onderdanigen dienaaren /:wa
English
Request made by Captain Nicolaas Klopper for rations etc. for the ship's crew and to appoint a mate. Signed: A. van Nall Junior, C. van Aart. In margin: Palliacatta, the 21st of September 1788. The captain of the ship Den Arend lying here in the roads, Nicolaas Klopper, having requested by petition that he be provided, for the service of the crew under his command and those who might still be placed on said vessel here, with the necessary rations and other requirements specified in that petition, and also that the sailor Jan Doesburg of Amsterdam might succeed in place of the deceased steward's mate Hendrik Droeder: it is approved and agreed to grant this twofold request and to insert the said petition below. The 25th of September 1788. To the Honorable, Worshipful Nicolaas Sadama, Senior Merchant and Governor of this Coast of Coromandel, with the remainder thereof; together with the Council. Honorable, Worshipful Sir and Sirs. The Captain of the ship Den Arend lying here in the roads, Nicolaas Klopper, your Honors' humble and obedient servant, very submissively requests that the following may be provided to him for the benefit of the aforementioned vessel, namely: The necessary rations of karwaat, both for the crew and for those who have already been placed on said vessel here and are yet to be placed. As much rice as has been supplied to the calkers from the ship's provisions. A new wooden steward's pump. 25 lb of flathead nails, for matting the hold. Furthermore, such other small sundries as he will specifically list in a note to be given to the Master of Equipment here; and Finally, he further urges your Honors to appoint the sailor Jan Doesburg of Amsterdam as steward's mate, in place of the steward's mate Hendrik Droeder of Amsterdam, who died on the aforementioned vessel. Which doing etc. Was signed: N. Klopper. In margin: Palliacatta, the 25th of September 1788. Request made by the Secretary of Police De Raeff to have his travel expenses from Tuticorin to here disbursed from the treasury. By the Junior Merchant and Secretary of Police Jacob Samuel de Raeff, it having been represented in detail that on his journey from Tuticorin to here he inevitably, both through the hiring of a native vessel for his conveyance and otherwise, had to spend a sum of 135 ½ star pagodas, amounting to 101 ½, requesting that the said sum might be paid to him out of the Company's treasury according to custom: it was, after deliberation, approved and agreed to concede to his request, and to have his incurred travel expenses paid to him out of the Company's treasury. Submitted findings on 182 packs of northern linens brought by the Herstelling. Linens suffering from many defects to be assigned to the chiefs, and the Council's displeasure to be conveyed to the second officer Dormieux. From an inspection report of 182 packs of diverse linens brought by the sloop De Herstelling from the factories of Palicol, Jaggernaikpoeram, and Bimilipatnam, it having appeared during the sorting that those from Bimilipatnam generally suffer from many defects, while those of the other factories were for the most part found to be good: it was approved and agreed to send to the respective chiefs an extract from these findings, and to make known to the second officer Dormieux not only the particular displeasure of this Council regarding the poor quality of the linens collected by him, but also to leave to his account and responsibility all damages and losses that it shall appear the Honorable Company will suffer thereon. The 25th of September 1788. Crew of the Zeerob to be granted good months pay, who were sent over here. Meanwhile, the Governor communicated to the meeting that the Master of Equipment Adrianus van Odijk, in the name of the crew of the sloop De Zeerob, had made a request to His Honor that they might be provided with good months' advances; but it being observed that these men had come over without accounts and even without a statement of their earned wages, and it was thus impossible to know whether they have debit balances, nor how much wage each earns, unless one were to accept as valid the statement of the Commander of that vessel, Lieutenant Cornelis van Hart; while it was further noted by His Honor that these men, being very short of money to purchase some refreshments etc. for their return voyage to Batavia, had earned nearly three months' wages since their departure from Batavia, with the proposal to provide them with two months, provided [illegible]
Dutch transcription
gedaan verkoek door den la kloppen om randcoenen et:a voor 't slaeps volk. maat aan te stellen. /:was geteekend:/ A van Nall Jn zon„ C= van Aart /:in margine:/ Pal„ en liacatta den 21. September 1788. Den kapitain van het alhier ter gheede leggende schip den Arend Nico„ laas klopper, bij Request verzoek gedaan hebbende, dat aan hem ten dienste van zijn onderhebbende Equi¬ pagier en de geene, welke alhier nog op gen: bodem zoude werden geplaatst, de noodige randtoenen en andere benoo„ digtheeden bij dat Sulpplicq ge„ specificeerd mogten werden verstrekt ver on den mat: desbig t betkele mitsgaders dat den Mattroos Jan Doesburg van Amsterdam, mogt succedeeren in plaats van Den 25 September 1788. den 433: den 25 September 1788. den overleedene botteliersmaat Aen„ drik Droeder: zoo is goedgevonden en teestenning int een en haeden verstaan, in dat twee ladig ven zoek supplicq hier onder toe te stemmen, en gem: te insereeren: . Aan den wel Edelen Agtb: Heer Nicolaas Sadama opperkoopman en Gezaghebber deezer Custe Cormandel, met der resante van dien; Nevens den Raad Wel Edele Agtbaare Heer en Heeren. Den Capitair van het alhier ter gheede leggende schip den Arend Nicolaas klopper; uwel Edele Agtb: onderda„ nigen en Gehousaamen Dienaar, verzoekt Norgst dezelven zeer ootmoedig, dat hem het volgende ter behoeve van voorm. en insertie van dat requast. bodem 9 den 25. September 1788 „oedaan verzoek door den Bec:j den raaf om zijne reijs ongelden van tutucorijn na herws. boden mogen werden verstrekt nament„ lijk De noodige randcoenen van Carwaat, zoo voor de Equipagie als de geenen die opgen: bodem alhier daar op gods geplaats zijn, en nog zullen geplaatst worden. ƒ 8 Zoo peel Rijst als aan de Calfaters verstrekt is uit der voorraad van het schip Een nieuwe houte botteliers pmp. 25 lb plat koppe spijkers, tot het af„ matten van het rroijm. voorts nog, zooda„ nige andere klijnodien als hij specifice bij een notitie aan den Equipagieeester alhier zal komen te geeven; en Eijndelijk insteerd hij uwel Edele Agtb: alverder, om den Mattroos Ian Doesburg van Amsterdam aan te stel„ ler tot botteliersmaat, in steede van den opgem: bodem overleedene bottelie ve Hendrik Droeder van Amsterdam /:onderstand:/ T welk doende Etc: /was geteekend:/ N=s Klopper /:in Palliacatta den 25e. Margine September 1788. . Door den inderkoopman en secretaris van Pilitie 435. den 25 September 1788. lassa te laaten int keeren. ingediende bevinding van 183. pakk: noordse lijv: per de verstelling aan„ gebragt. Politi= Jacob Samuel de Raeff, in het breede vertoond zijnde, dat hij op zijn reijs van Titucorijn na herwaarts onvermijdelijk, zoo door het inhuuren van een inlands vaartuig tot zijn ver„ voor als anderzints heeft moeten uitgeeven een Somma van 135 ½. besdagend 101½ st: tij Hterve pagorden, verzoekends, dat gem: som aan hem volgens gebruijk uit 's Comp:s kassa mogt werden uit ge„ keerd: zoo is na de liberatie goedge„ bsluijt en at beragen s op V vonden er verstaan in zijn instantie te Conse scerdeeren, en hem zijne gemaakte vrijst kosten wit 'SComph kleeri ge Cassa, te laaten voldoen het een ingekierde bevinding va 6 lijn: aan veele gebreken lasoreeeden aan de opparh: toetekenden. „deekes raads te geeven. van 182. pakken diverse lijwaaten per de sloep de Herstelling van de Comp„ toiren Palicol, Iaggernaik poe„ sen aen int as se helitj van en Binilipatnam aang.bragt bij hy zorteering gebleeken zijnde, dat die van Bimilipatnam doorgans aan veele gebreeken zijn la boreerende, ter„ wijl die der andere Comptoiren meest al dog deadere otigendel dezijde goed bevonden zijn: zoo is goed gevonden in verstaan de opperhoofden respective, belluetendar van een etart Extract uit deeze bevinding te laa„ ten toekoomen, en den securde Dor„ mieux het bijzonder ongenoegen der„ zes Raads weegens de slegte ge„ en den belinde dormieuw ' ongewegen se Edhoid der door hem ingezamelde Lijwaaten niet alleen te kennen te den 25 September 1788 geeven f 437. den 25 September 1788. wordikg te laaten. van de Zeerobom goede maanden. alhier overgezonden zijn. geeven, maar ook voor zijne reekening en verantwoording te laaten, alle den en die lijn, oor zijn reke en verant„ schaade en nadeelen welke zullen blijken dat den E: Maatschappij daar op zal koomen te lijdin. —. Tijdens wierd door den Heer Gezag, geden vnrlot dede usagie hebber de vergadering Communicatie gegeeven, dat den Equipagiemeester Adrianus van odijk, uit naam van de Equipagie„ van de sloep De Zeerob, bij zijn E: deragen dat eslven onde e had verzoek gedaan, dat aan hun goede maanden mogte werden versteekt, dan germarqueerd zijnde, dat die man„ schen zonder reekening en zelf zonder opgaaff van hunne winninde gagie waaren ver den 25 September 1788. voor valable wilde aanneemen. zeer verlegen waden om gela. gie verdiend. en men dis net wilk et tijven overgekoomen, en het dens onmogelijk was, om te weeten, of zij op schuld Reekening loopen, nog hoe veel ga„ ten zij men de opgarer van den gelegie inder is winnende, ten zij men de opgaave van den Gezagh-bber van dat kieltje der Lieutenant Cornelis van Hart vonr valable wilde renaije vonten dat de maken accepteiren; terwijl verder door zijn Ed: aangemerkt wierd, dat die wenschen Zeer om geld verleegen zijnde, om eenige verversching Etc: voor hunne te rug geijze na Batavia in te„ en op de dagjte wel zen maander ga„ koopen, seedert hur vertrek van Batavia bij na 3. maanden ver„ diend hadden, met propositie om hun twee maanden te verstrekken, mits dig nem. 28
English
28 439. the 25. September 1788. to allow wages to be disbursed. to allow to be disbursed to send the sailor recruits back to Batavia. the Lieutenant and Commander Cornelis van Hart, as he has offered, binds himself to be responsible for this disbursement of two months, not only, but also with respect to his statement which he has given regarding the wage of each sailor; thus it is approved and understood to conform with this proposition, and therefore to let the disbursement take effect in the mentioned manner, and notice thereof shall be given by extract to the paymaster. Likewise it was understood to cause such men to return to Batavia shortly on the ship den Arend as have arrived from there at this office, because the said persons all run on a debt account, and it is thus impossible for those people to subsist at this place on that which is allotted to them by the Honorable Company. In like manner it is also understood to send the crew of the sloop de Zeerob back to Batavia with den Arend, except 3 persons who are needed on the said vessel, on the grounds that their settlements have not been received here, and most of them earn no higher wage than 7. or 5. guilders the 25 September 1788. 441. the 25 September 1788. per month, on which they cannot possibly subsist here where everything is equally expensive. Furthermore, it was resolved to fix the sailing day of the ship den Arend on the 15. October next. Finally, there were also laid on the table such sample cloths as were sent hither by the Chief of Sadras, under cover of his letter of the 2. of this month, to be inspected and examined by this Council; to which having proceeded, it was understood to accept and adopt such sample pieces according to which the gathering for the Honorable Company shall henceforth take place there at the office, as have been pronounced good and sound in the finding thereof drawn up in the meeting and inserted below; a copy thereof shall be transmitted to the Chief for his information, along with the dispatch of half of the accepted sample pieces, with orders to send over other samples for examination in place of the rejected ones; the said finding being of the following content. Finding of 9. pieces of sample cloths the 25 September 1788 443. the 25. September 1788. cloths, which were inspected on the 25 September 1788 by the Honorable Nicolaas Tadama, Senior Merchant and Commander of this Coast and its jurisdiction, together with the Messrs. Martinus Stoffenberg, Merchant and Head Administrator, Joan Daniel Simons, Merchant and elected Chief of Sadras, Broerius Brouwer, Junior Merchant, Fiscal, and Paymaster, Fredrik Willem Bloeme, Junior Merchant and Invoice-keeper, and Jacob Samuel de Raeff, Junior Merchant and Secretary of the Council of Policy, and found as appears briefly below, namely: 1 piece Guinea Common raw first sort, accepted for 2nd sort 1/2 piece Guinea Common raw third sort, found good, and accepted as such. 1 piece Common bleached second sort, 1 piece Salempores bleached, 1 piece Percale, all three unacceptable 2 pieces Baftas dark blue, first and second sort, likewise unacceptable 2 pieces Salempores first and second sort, unacceptable 9 pieces of sample cloths in total, as mentioned in the heading. Thus done and inspected in Castle Geldria at Palliacatta, date as above. Was signed: N. Tadama, M. Stoffenberg, J. D. Simons, and B. Brouwer, F. W. Bloeme, and J. S. de Raeff. Thus done and resolved in Castle Geldria at Palliacatta, date as above. Was signed: as above. Friday the 25. September 1788. 445. Friday the 3. October 1788. In the morning at 10 o'clock Meeting of the Council of Policy Absent: The Junior Merchant and Mint Master Pieter Willem Teke, on account of indisposition. After the invocation of the Lord's holy name, the Lord Commander informed the meeting that he had convened the same expressly to devise a fitting answer to the letter written by the Chief of Sadras to this Government on the 30 September last, which was sent around yesterday to the members for reading and was exhibited by His Honor in the meeting; the said letter revolving principally around the refused discharge from the Company's service of the Bookkeeper Matthias Hendrik Salder, in which the Chief did not refrain from using very indecent terms. Thus, after resumption of the said letter, it was understood initially to note that this Council shall not engage with the unusual manner in which the aforesaid letter is framed, in order thereby to prevent all estrangement, but to make known to the Chief the 3. October 1788. the Chief
Dutch transcription
28 439. den 25. September 1788. gagie te laaten verstrekken. woordeljk steld. — te laaten verstrekken teerde maltorzen weder na batavia te zenden. den luijtenant en Gezaghebber Cornelis persposite en haar maardenr van Hart, gelijk hij aangeborden heeft, zig verbinden verantwoordelijk te mitsden gesagt: zig daar vo verent„ zijn voor deeze verstrekking van twee maanden, niet alleen, maar ook ten op zig te zijner opgaave welke hij weegens de gagie van ieder Mattroos gegeeven heeft; zoo is goedgevonden en virstaan zig met deeze propositie te Conformeeren, en belutomte en ont maates rij dus de verstrekking in gemelder voegen gevolg te laaten neemen, en zal hier van bij Extract aan den soldijhouder worden bij tie van Eextrt aende slijkete aftegeeven. kennis gegeeven. Insgelijks wierd verstaan na aanstonde voor dese cust geprosee„ Batavia met het schip den Arend te doen getourneeren, zoodanige man„ schappen en hier niet bestaan kunnen. gelijk meede de manshappen van de Zeerob ex lapsto 3. maa: schappen als van daar vanr dit Comptoir zijn aangekoomen, dewijl gemelde per„ vegsligde e Alse lesen zoonen alle op schuld reekening loo„ pen, en het dus onmogelijk ik, voor die menschen op deeze plaats te kunnen bestaan, van het geene hun bij de E„ Comp: word toegelegd. — Ingelijker voegen is meede verstaan, d de manschappen van de sloep de Zes„ vol met den Arend na Batavia„ te gug te schikken, uitgenoomen 3. pen„ somen die op gem: kieltje benoodigd zijn uitt hoofde men hunne afreeke„ ningen alhier niet ontfangen heeft, en de meeste van hun geen hooge gagie winnen dan 7. of 5. guldens d den 25 September 1788. tr 441. den 25 September 1788. strend ope den 1. 8ber te bepalere. 't opperhoofd van Sadras herw:s gezon„ daar uit te keeken. ter maand, waar van zij hier waar alles eeven duur is, onmogelijk kunnen bestaan. Voorts wierd gearresteerd den zeijl dag beslut de zijldag vij'tship dpen van het schip den Arend te bepaalen op den 15:' october aanstaande Eijndelijk wierd nog ten tafel gelegd, Cempanigte e e e zoodanige minster kleeden als door het opperhoofd van Sadras, ondergeleijde van zijnen brief van den 2. deezer herwaarts zijn overgezonden, om door deezer Raade gevisiteerd en bezigtigd te worden, waar toe dan getreeden wer, „ besluten de duinge sane suken zende: zoo is verstaan zoodanige monsterstukken waar na voortaan den. se te geeven tot narigt. van de afgekaade voerte henden. insentie van dies bevinding. inzaam voor de E: Comp: daar ten Comp„ toire geschieden zal, te accepteeren, en aante neemen, als voor goed en deugdzaam bekend gesteld zijn, bij en van dis bvondingt spakans, de Bevinding daar van in vergadering geformeerd, en hier beneeder geinsereerd, zullende daar van Copia aan het C . opperhoofd tot zijn narigt onder verzen„ ding van de helft den geaccepteerde minsten stukken, werden toegeschikt, met laten enden shubken is tede met last om voor de affgekeurde staalen andere ter examinatie over„ te zenden, zijnde gemelde Bevin„ ding van de volgende inhoud.. Bevinding van 9. p=s Manstr, den 25 September 1788 kleeden 443. den 25. September 1788. kleeden, dwelke op den 25 September 1788. door den wel Edelen Agtbaaren Heer Nicolaas Sadama, opperkoopman in Gezaghebber deeze kuste met dies resorte, nevens de Heeren Martinus Stoffenberg koopman en Hoofd admiri„ strateur Joan Daniel Simons, koop„ maren G'eligeerd opperhoofd van Sa„ dras, Broerius Brouwer, onder koop„ man fiscaal en Soldijhouder, Fredrik willem Bloeme, inder koopman en fac„ tuurhouder, en Jacob Samuel de Raeff, onderkoopman en secretaris van Politie zijn bezigtigd en bevinden zoo als hier onder kort te blijken; Na„ omentlijk 1. p k Guinees Gemein vur eerste Zoort, ge„ accepteerd voor 2de Zout — ½ „ Guinees Gemeen ruw derde zoort, zoor goed, en als zodanig geaccepteerd. 1. —„ Gemeen G: b: tweede Boort alle drie in„ 1 „ Salempoeris gebl- - - acceptabeel parkaal Baftas bruijn blaauw, eerste E almeede en tweede Zout-- „ Salemporis eerste en tweede Ginaccip„ tabel p=k Monsterkleeden te Zaamen zoot als 1 2 „ 2 9 — — als in den Hoofde doeh A gem. Aldus Gedaan en Besigtigd in 't Casteel Gildria te Pallia„ catta /:dato voorsz: /:was geteekend:/ N. Tadama, M: Stoffen„ berg, J: D: Simens, en B: Brouwer, I: W: Bloeme, en I: S: de Raeff. Aldus Gedaan en Gearres„ teerd in 't Casteel Geldria te Palliacatta dato voorsz /:was geteekend:/ Als voorij. Vrijdag den 25: September 1787. 445: bewaaren op een brief van 't sadrasp: Vrijdag den 3. ' october 1788. 'S voormiddags ten 10 duren Vergadering van Politie Absent Den inder koopman en Muntmeester Pieter Willem Tecke Mits in dispositie Na het aanroepen van de s Heeren poropositaren en gepstentert oppenb. Heijlige naam, gaf den Heer Ge„ Zaghebber de vergadering te kennen, denzelver expresselijk geconvoceerd te hebben, in een gepast antwoord te beraamen, op den door het opperhoofd Sadras aan der Ze Begering van geschreven brief van den 30 September Jong ƒ ƒ dan den 180 September Aanst 1 behelzende't gegeigerd ontslag uit 'sComp:s dienst aan den boekh: dienst: boockk: salder. gebruikt. deraat te deantwoorden. om die wergering geschid. Jongst, welke gisteren bij de laeden ter licture vord gezonden zijnde, door zijn Ed. in vergadering wierd g'exhibeerd, roulleerende gemelde brief voor„ „namentlijk over het geweijgerd ontslag uit 's Comps dienst van den Boekhou„ de Matthias Hendrik Sal„ war te pent: den ineene temen der, waar in het opperhoofd zig niet onthien heeft, zier in decente termen den sumpti gebsluet de heer ne te gebruijken, zoo is na resumptie aanvankelijk van gemelde brief verstaan, te no„ teeren, dat deezen Raade zig niet zal mit laaten oer de onge„ woone weijke, waar op voorschreeven brief is ingerigt, om daar door alle . en tfoftent tekemen tegeven waar verrijdering te prevenieeren, maar het Den 3. October 1788. het opper
English
the 3. October 1788. resolution taken to that end. thirdly. calmly to make known to the opperhoofd that they have not disposed favorably upon the request of the Bookkeeper Salder for his discharge, on account of the resolution passed by this table on the 24. September 1787, of which an Extract will be sent to him, in order to let him see that this was no pretense of the Lord Gezaghebber, as he dares to assert, but a resolution of this Council, on which it likewise remains resolved as yet understood to refuse the further requested discharge of the Bookkeeper Salder, the more so because the contrary of his pretense has been experienced. with an autographed letter by Salder. the 3. October 1788 however lame and unfit to perform the Company's service he might also have been reported by the opperhoofd, since one has reason to maintain the contrary, as there has been submitted to the assembly, seen, and read an autographed letter written by the said Bookkeeper Salder to the Lord Gezaghebber, in which not the slightest signs of illness, especially of lameness, are to be found, but indeed proofs that a fine and fluent writer wrote and signed that letter, without the least sign of lameness; in order, however, if anything should be ailing that other man, 449 the 3. October 1788. to give him the opportunity to recover from his illness, it is consequently approved to write to the opperhoofd to send him hither as soon as possible in a palanquin over the overland route, so that he may be medicated here by our Chief Surgeon if he is so inclined, and subsequently to perform his service at the Trade Office, insofar as his weak or lame condition shall then permit, with further order to the aforementioned opperhoofd to provide the necessary funds for that purpose out of the Company's Treasury for making the journey. furthermore, it was approved and resolved, in order to rescue the opperhoofd from his embarrassment regarding the Company's clerical work, to let the Bookkeeper and Secretary of the Orphan Chamber here, Simon Duijnevelt, proceed overland to Sadraspatnam to prepare the Trade Books of that Office and the papers belonging thereto, insofar as they have not yet been drawn up, together with the transfer of the chief administration, since one has no better Bookkeeper at hand here than this one, who before the war for at least twenty years long 451. the 3. October 1788. performed the trade work there for the respective residents of that time, with orders to the opperhoofd to provide him with the necessary papers and to show him all assistance. And so that no delay might be caused therein, it is approved and resolved to attach to the aforementioned Bookkeeper Duijnevelt the Assistant Albertus Francois van Holt to perform the clerical work there, with orders to the opperhoofd to send those two servants back immediately as soon as the work assigned to them shall be finished. Thus Done and Resolved in Castle Geldria at Palliacatte, date as above. Was signed: As before. Monday the 6. October 1788. in the morning at 8: o'clock Meeting of Policy Absent The Junior Merchant and Mint Master Pieter Willem Jeeke, because of indisposition. 453. the 6. October 1788. dated 8. Jan 1788. Two patriarchal mail packets having been received here overland from Ceylon and opened today in Council, containing the first diverse Extracts from the Patriarchal General Missive for this coast, accompanied by the Demand of Return Cargoes for the Year 1789, and the other an original missive written by the High Noble High Mighty Lords Seventeen, dated 8: January 1788, besides such further papers as are noted in the Register, it is, after reading of the one and the other, approved and resolved to keep a record thereof herewith. Request made by the Chief Surgeon of the vessel for some medications and other necessities. Resolution to let one and the other be issued and to insert his request and catalog. The Chief Surgeon of the Company's ship Den Arend lying in the roads here, Johannes Basilius Krans, having made a request by Petition that there might be issued to him for the service of the crew of the aforementioned vessel such medications and other necessities as are made known in the Catalog annexed thereto: it is, after resumption thereof, approved and resolved to condescend to this his instance, as well as that the Petition and Catalog in this matter be inserted. the 6. October 1788.
Dutch transcription
447. den 3. October 1788. „rees: ten dien eijnde genoment. dindierden. opperhoofd bedaardelijk te kennen te geeven, dat zij op het verzoek van den Berkhouder salder om zijn ont„ slag niet farvrabel heeft gedis„ „ poneerd, wil hoofde van het gevalle besluit deezer tafel van den 24. September 1787. —; waar van hem Ex„ onder tevezending van een Getraat tract zal worden toegezonden, om her te doen zien, dat dit geen voorgeeven van den Heer Gezaghebber was, gelijk hij durft renacquieren maar een resolutie van deezen Raade warop 't reffens als nog blijft op welker gonvaneert, als nog verstaan is te refiteeren, het nader verzogte ontslag van den Borkhouder Salder, hoe den 3' october 17388 te meer on dat men 't contratien van zijn voorgeeven ondervonden heeft. mit een eijgenhandig geshai: brief door salben hoe lan en in bekwaam in 's Comp:s dienst te verrigten hij ook door het opperhoofd mogt zijn opgegeeven, dewijl men ver„ dert heeft on het Cortiacie te moogen sustineeren, alzoo ter vergadering is overgelegd, gesien en geleezen een rij„ genhandigen brief door gemelden boek„ houder Salder, aan den Heer Ter„ zaghebber geschreeven, waar in geen de minste blijken van ziekte voor al van lammigheid te vinden zijn, maar wel berijzen, dat een fraaij en vlug schrijver dien brieff geschreven, rein gen de miske lanigheden geteekend heeft; om egter die ^ander man zoo hem het een of magte man„ queeven 449 den 3, october 1788. overkomen laaten verigten. der reijse de nodige penn: te ver„ queeeren, occagie te geeven, om zig te hejstellen van zijne ziekte, is vergelit geten on ken kens te volgens goedgevonden, het opperhoofd aan te schrijven, om hem ter eersten in een Salenquin over den handwig her„ waarts te senden om alhier gemedi„ cineerd te kunnen worden, door onsen opper Chirurgijn zoo hij daar toe ge„ „neegen is, en om vervolgens op het Nve, en zindinst of 't negotie Comp:e te gotie Comptoir zijn dienst te prestee„ ver, voor zoo veel het zijn swakken of larmen toestand als dan zal kunnen toelaaten, met verdere Lasttoppack on hem por't doen ordre aan voornoemde opperhoofd, om daar toe de noodige penningen uit 's Comp=s Cassa te verstrikken. stukken. Alven Msesten insesten e duinevelt na derw:s te laaten vertrek„ offen te stellen. hoofdig Alverder wierd goedgevonden en ver¬ staan om het opperhoofd uit zijne verloe„ gentheid omtrend 's Comp=s schrijfwerk te redder, na Sadraspatnam over den land„ weg te laaten overgaan, den Boekhou„ der en Secretaris van de weeskamer alhier Simon Duijnevelt, en de om de negotie pasie van adm Negotie boekjes van dat Comptoir en de papieren daar toe behoorende voor zoo over die nog niet opgemaakt zijn, in ze nedit tanspot en depen gereedheid te brengen, met en neevens het transport der opperhoofdij, al zoo men hier geen beeter Boekhouder als deeze aanhonder heeft, welke Voor den oorlog ten winste twintig Jaaren den 3: october 1788. lang ken. 1. 451. den 3. octobr 1748. van wol onte voegen. na gedaane werk te rug te zenden. lang het Negotien werk aldaar heeft waargenoomen voor de respective se„ viendens van die tijd, met last aan ogent wal lst at epehen het opperhoofd om hem van de noodige papieren te voorzien, en hem alle adsistentie te bewijzen. de minste En op dat daar in geen vervraaging beluet om dijneves, de as sistent . zoude kunnen werden toegebragt is goedgevonden en verstaan, den Boek„ zouder Duijnevelt vroenoemd, toe„ te voegen, den Assistent Albertus francois van Holt, om het schrijf, injt schiffens alsdaar te vr vluigten. werk aldaar te verrigten, met last — aan het opperhoofd, die twee bedien„ Coppn dens illico te rug te schikken, dat ant pent e haers e zoo dra het hun opgedragens werk zal E ƒ ƒ triash rief paketen. Aldus Gedaan en Gearresteerd in 't Casteel Galdria t Palliacatte dato voorsz: /:was geteekend:/ Als vooren.—. Maandag den 6:' october 1738. morgens ten 8: uuren Vergadering van Politie Absent Den onderkoopman en Muntmeester Pieter willem Jeeke, Mits in dispositie torangtign ijke etene de fisteren wer den landweg van Ceilen zal zijn afgeloopen. 8 den 3. october 1788. alhier t ƒ 453. den 6. october 1788. 11 de dato 8. Jen 1738. alhier ontfangen, en heeden in Haade zijnde twee Patriaschen brief geopend behelzende het eer pakketten, divijse Extracten uit de Patriase Ge„ neraale Missive voor deeze kust, vergezeld van den Eijsch van Bethon, met de ijsh van de houden on ven voor den Jaare 1789, en het ander een origineele missive geschreeven door en een misseve van de Weelen maije de Hoog Edele Hoog Agtbaare Heeren Zeeventhinen, de dato 8: Januarij 1788 neevens zoodanige verdere papieren ten eenige andere pappieren. als bij het Register genoteerd staat, zoo is na lacture van het een, en beslut daar van aantekeng te hou„ den 1 ander, goedgevonden en verstaan daar van bij deezen aanteekening te houden. 78 88. ke, - E opr gedaan, verzoek door den opperk: van den stend om eenige mesidamenten. en ander bendigsheeden. besluiht een en ander te laaten var„ trekken en sijn requesten allaloquste inse„ insereeren. — geied Door den opper Chirurgijn van het alhier ter rheede leggende 's Comp:s schip Een Arend, Johannes Basilius krans bij Request verzoek ge„ C daan zijnde, dat aan hem ten dienste van de Equipagie van voor„ noemden bodem zoodanige medicamen„ —„ ten en andere benoodigtheeden mogte werden verstrekt, als bij de daar beslue en anderte laten vartseken aan geannexeerde Catalogees be„ kind gesteld zijn: zoo is na dies resumptie goedgevinden en verstaan in beeze zijne instantie te Condes„ cendeeren, mitsgaders dat Sup„ plicq en Catalogus in deezen te den 6 ' october 1788. Aan En
English
455 the 6th of October 1788 To the Honorable, Valiant Sir Nicolaas Sadama Senior Merchant and Governor of the Government on this Coast Honorable, Valiant Sir. The undersigned chief surgeon on the Company's ship Den Arend, most humbly requests your Honorable Sir by this document that the medicines indicated in the annexed catalogue may be provided to him for making the voyage to Batavia. While I further venture to take the honor, with due respect and high esteem, to be, Honorable, Valiant Sir, your Honorable Sir's humble and obedient servant, was signed: I: B: Kraus; in the margin: Palliacatta the 30th of September 1788. Catalogue the cargo of the ship. Monday the 20th of October 1788. In the morning at 9 o'clock Meeting of the Council of Policy Absent: The Honorable Broerius Brouwer, and Pieter Willem Sicke, both due to indisposition. The Honorable Governor produced the finding, alongside the reports of the unloaded cargo of the ship Den Arend, appearing from this that the shortfalls in delivery consisted of: 106 9/16 Japanese bar copper 98½ lb 459. the 20th of October 1788 98½ lb pepper, 14 pieces glass distillation flasks 5 funnels 15½ bottles rose water 5 Deck wine 115¾ lb Frisian butter 89 bottles white wine 38½ jugs Dutch vinegar 38½ bundles Javanese rattan And that, on the other hand, according to the agreed validation, less was delivered to the ship's officers by them: ½ bottle Dutch distilled water 108 lb Dutch bacon 54 lb Dutch meat 11 7/18 jugs olive oil, whereupon the 20th of October 1788. to submit for 1788/9 to Their High Nobles. Reading and examining the letter to Their High Nobles by the ship Den Arend. Thereupon it was understood to charge the ship's officers, according to custom, for the shortfall in delivery against their pay accounts, and to credit them, on the other hand, for what was delivered in excess. Subsequently, the provisional demand for the year 1788/9 having been presented and closely examined, it was resolved to humbly present the same to Their High Nobles, with a humble request for a complete fulfillment of the same. Finally, the respectful dispatch to Their High Nobles having been resumed 461. the 20th of October 1788. Ravallet for a vidimus of his pay accounts. and signed, it was resolved to let the Company's vessel Den Arend depart this very day in the hope of a speedy and successful voyage to the Capital. Upon the request made by the repatriating Junior Merchant and Second of Jagannathapuram, George François Jacques de Ravallet, requesting a vidimus of his outstanding pay accounts, it was found, after inspection and collation of those accounts with the original pay books kept here and produced before us by the merchant and pay bookkeeper the 20th of October 1788. in how many pieces they consist. Joan Daniel Simons, and signed by him, that they fully agreed; namely: 11 copies of pay accounts issued pursuant to the authorization granted by this Council dated the 11th of June last, of which the original accounts were deposited in the Company's large cash treasury at Nagapatnam as a surety for his service at that time, and were lost during the capture by the English, being: 1. under the ultimate of August 1767, on which is credited f 576. --. --. 1. under the ultimate of August 1768, on which is credited f 288. --. --. 1. under the ultimate of August 1769, on which is credited f 288. --. --. 1. under the ultimate of August 1770, on which is credited f 390. 12. --. 1. under the ultimate of August 1771, on which is credited f 360. --. --. 5 of the same, which to transport: f 1902. 12. --. 463. the 20th of October 1788. 5 of the same, by transport: f 1902. 12. --. 1 under the 25th of August 1772, on which is credited f 360. --. --. 1 under the ultimate of August 1773, on which is credited f 360. --. --. 1 under the ultimate of August 1774, on which is credited f 360. --. --. 1 under the ultimate of August 1775, on which is credited f 360. --. --. 1 under the ultimate of August 1776, on which is credited f 360. --. --. 1 under the ultimate of August 1777, on which is credited f 360. --. --. Sum: f 4062. 12. --. 2 of the same, original accounts issued according to the resolution as above, of which: 1 closed on the ultimate of August 1778, on which is debited f 136. 2. 8. 1 closed on the ultimate of August 1779, on which is credited f 223. 17. 8. 5 of the same, original accounts closed at Nagapatnam and Palliacatta in Castle Geldria and signed by Joan Daniel Simons, 18 pieces, to transport: f 4206. 9. 8. the register Extract to de Ravallet 18 pieces, by transport: f 4206. 9. 8. Simons, namely: 1 closed on the ultimate of August 1781, on which is credited f 360. --. --. 1 closed on the 15th of August 1785, on which is credited f 1440. --. --. 1 closed on the ultimate of August 1786, on which is credited f 1241. 6. 10. 1 closed on the ultimate of August 1787, on which is credited f 480. --. --. 1 closed on the ultimate of August 1788, on which is credited f 480. --. --. Sum: f 4001. 6. 10. Total sum: f 8287. 16. 2. Which sum of f 8287. 16. 2. was found fully to agree with a register thereof formed by the aforementioned pay bookkeeper Simons. the 20th of October 1788. Whereupon it was understood to instruct the Secretary of this Council, the Junior Merchant Jacob Samuel de Raeff, 465 the 20th of October 1788. to issue an extract to the aforementioned Ravallet, so that it may serve him as a vidimus. Thus done and decreed in Castle Geldria at Palliacatta, dated as above; was signed: As before. Monday of the pepper out of hand. Monday the 27th of October 1788. By circular inquiry. The Governor proposed during this circular inquiry to the members of this Council whether their Honors would agree to the sale of the Company's pepper at 46 star pagodas per bahar of 480 lb, being one pagoda more per bahar than that which was sold in the past year. The Council conforming entirely to this proposal of his Honor, it was consequently approved that a quantity of 4320 lb, being 9 bahars,
Dutch transcription
455 den 6. october 1788 Aan den Wel Edelen Gestrengen Heer Nicolaas Sadama Opperkoopman in Ge zaghebber van 't Gouvernement ter deezer Custe Wel Edele Gestrenge Heer. Ds ondergeteekende opper Chirurgijn in 't Compagnies schip den Arend, ver„ zoekt uwel Edele Gestr: bij deezen gants onderdanig dat hem de Medi„ „camente bij den geannexeerden Catalo„ gem bekend gesteld tot het doen der Reijze nan Batavia moogen ver„ strekt werden. Daar ik overigens mij de ege aanna„ tige met verschuldigde Eerbied en Hoog achting te zijn /:onderstond:/ wel Edele Gestrikeer, uwelEd: Gestr: onderdanige in Gehoorsaame dienaar /:was geteekend:/ I: B: Kraus / in mar„ gen:/ Palliacatta den 30. Septem„ ber 1788. —. Catalogus de lading van 't schip.„ Maandag den 20. ' october 1788. Smorgens ten 9 uuren Vergadering van Politie Dimptis D' E: Broerius Brouwer, en Pieter Willem Sicke Beijde mits indispositie van de konding en utgelie Daar den gebeeden proolceerde der Heer Gezaghebber de bevinding, neevend de rapporten van de uitgeleeverde la„ ƒ ding van 't schip Den Arend, blij„ kende daar uit, dat het te min spielise vorke mintelijne wit gelieverde bestend; als: 106 9/1s staaf koopers Iapans 98½ lb 459. den 20. october 1788 98½ lb. Peeper, 14. p:s Glaaze scheijkolfjes _: tregters 5„ 15½ Bots=s rooze waarter. 5: —: Decq: wijn 115¾ lb Boote Vriesche 89 Bottels witte wijn 38. ½. kannen Azijn Hollands 38½. Bossen Rottings Javase En dat daarin teegen op de geaccer, ten ven ke edeliek derde validatie aan de scheepsver„ heeden door hun minder was uitgelee„ verd —:½. fles gedisteleerd water Hollands 108. lb Spek Hollands 54. „ vleesch _ 11. 7/18. kann: olijen olij waar Den 20. October 1788. voor 178 /9. H: H: ld: aantebieden. Zocken. leeking en bekening van do brief an H: H: Ed: pan t schip den Hend: aspostie n eeden Daar op verstaan wiord, de scheeps over„ heeden na den gebruijken voor het te min uitgeleeverde, bij hunne soldij„ reekening te belasten, en daarin tee„ gen het mierden bij uiet leevering alwaar ten goede te brengen. deslie de opnelhomelesijke Vervolgens den Provisionealen Eijsch voor den Jaar 178 78/9 opengelegd en naau„ keurig nagegaan zijnde, wierd besloo„ ten den zelven Haar Hoog Edel„ F en de voldenig dezelven ver heedens eerbiedig aan te bieden. met ootmoedig verzoek, om eene Com„ pleete voldoening van de zelve Eijndelijk in ze nedrige Massive aan Haar Hoog Edelheeders gere„ sumino 461. den 20 october 1788. Ravalle om een vidimis van zijn soldijen sumoerd en geteekend zijnde besloot min 's Comp=s bodem Den Arend nog heeden dag te laaten vertrek„ ken in hoop van Eene spoedige en gelukkige veijle na de Hoofdplaats Door den repatrieerende onderkoop „ gedaan verzoek door den Eeg: De man in secvende van Iaggernaikpor„ vam George françois Jacques de 8 ƒ Ravallet verzogt zijnde om eene vidimus zijner te goed staande soldij„ te reekeningen, zoo is, na gedaane ve„ bpanienering van zijn solijet G sumptie en Collatie dier reekeningen met de origineele soldij boeken hier berustende, en voor ons geproduceerd door den koopman en soldij berkhou„ 2or den 20. ' october 1788. in hoe veel stuks de zel ven bestaan. der Joan Daniel Simons, en door hem geteekend bevonden, volkoomen te accordeeren; Namentlijk: 11. p:s Copijn soldijven kenirgen afgegeeven ingevolge verleende qualifficatie van E deezer Raade ged:t 11. Junij pass=o, waar van de origineele reekeningen in 's Comp:s griote geld Cassa te Naga„ patnam als een Borgtogt goor zijne toenmaalige dienst gedeponeerd waaren en bij de Capture door de Engelschen ver„ mist zijn geraakt, als 1. onder Ult:o Aug=to 1767. waar op te goed ƒ 576. —. —. 2 _. o 1768. _ „ 288. —. —. 1 „ _o 1769 _o — „ 288 — — _o „ 390. 12 — _o 1770 1 „ 5. d=os die Transporteir - - - ƒ 1902. 12. — _o 1771. _o – „ 360 — — „ „ 463. den 20. October 1788. ƒ1902. 12 — 5: Fitos P:r Transport - - - 1 onser 25 lbo Augs 1772 waar op te gord, 360 — - _o „ 360 — — _o „ 360 — — ƒ4062. 12 —. _„ 1773. _„ 360 — — _o 1774. _o 1775 _o 1776 _o „ 360. — — _o 1777. _o „ 360 — — 2. d=os origineele perk: volgens be„ sluijt ut supra afgegeeven; waar van 1. p r G. slooter u H aug:s 1778. waar op te quaad - ƒ136. 28. 1. d=o geslooten ult:o augs 1779 waar op te goed — - - - „ 223. 17. 8: 5. d=os Origineile Reek, ge„ Nagapatnam & slooten te Palliacatta in 't Casteel Geldria en C geteekend Jan Daniel 18. p s Die Transportern - - ƒ 1236.: 9. 8. Simer - „ 1 „ „ „ „ 1 „ „ 1„ 6 - het register„ van Extrac aan de Cavelleta 18 p:s Pr Transport Simons, Nvamentlijk: 1. p=r gesl: uEd=o aug:s 1781. waar op te goad. - „ - -ƒ 360. -- goed „ 15 lb=o „ 1785 „ „ „ 1440 - - 1. „ 1786 „ „ „ 1241. 6. 10. „ „. „ 1787 „ „ „ 480. - - „ 1788 „ „ „ 480 - - „4001. 6. 10 . 6. 1 ƒ 11287. 16. 18. aoerd kontings hade ed Delke Somme van ƒ 8287. 16. 2. al mes„ de accordeerende wierd bevonden met een door den opgem: soldij Boekhouder Simons daar van geformeerd regis„ ter. blah gen aensente suontien aar op verstaan wierd den secre„ taris van deezen Raad der onder koopman Jacob Samuel de 1 „ 1. „ den 20:' October 1788. ƒ4206. 9. 8. Hoeft _ ven. 465 den 20. October 1788. Raeff te gelasten aan vooren genoemde Extract der„ Ravallet aftegeeven 6 Zes, om ten zijnen Nutta te kunnen dienen als een Ordinus. Aldus Gedaann Gearresteerd Int Casteel Geldria te Palliacatta dato voorsz: /was geteekend:/ Als goorey Maandag ƒ 286. 6. 9. 8. . 6. 10 . N. 0. 10 16. 12. 37. 16 re van de peecker van de hand dekester. Maandag den 27:' october 173. Bij Rondvrage. pepentie t des voeken Den Heer Gezaghebber proponeerde bij deeze omwaag aan de leeden deezes Raads, of haar E:s kinder toe„ stemmen in den verkoop van 's Comp=s peeper tegens sterre pagooden 46. per b'haar van 480 lb, zijnde een pagrod maar per bhaar als die korl in A:o passato verkogt is geworden. —. dsen d sele oe e ee de Raad zig met dit voorstel van zijn Agtb. volkomen Conformee„ pende, wierd mitss dien goedgevon„ den een quartiteijt van 4320 lb: ƒ 9. Chare
English
467. the 27th October 1788. bhars for the aforesaid price of Star Pagodas 46 per bhar to the merchant Annam Boelij to dispose of, and to keep an ongoing record thereof in the journal. Thus done and decreed in Castle Geldria at Paliacatta on the date aforesaid. Was signed: As before. — Tuesday the 18th November 1788. in the morning at nine o'clock. Meeting of the Council of Policy. Absent: The Under Merchant, Fiscal, and Paymaster Broerius Brouwer, and The Under Merchant and Dispensier Pieter Willem Zeeke, Both on account of indisposition. After prayers, the Honorable Commander brought to the table a Ceylon missive dated the 23rd September last, arrived here on the 11th of this month, wherein the ministry gives us notice that from the Netherlands with the ship the Gouverneur Falck was 469. the 18th November 1788. brought a small chest with 17 bars of gold containing 340 marks troy weight or 212 marks 12 ounces, without having received any instructions regarding it, but that they, by its fineness, had presumed that the same were destined for this coast, and subsequently ask our opinion concerning the safest way for transshipping them hither, both in this and in future similar cases. And they give this Council at the same time notice that the ministry, out of necessity, had retained six bars thereof for the minting of fanums, and in future also to do the same. Whereupon it was resolved in answer to write that it was requested that the aforesaid gold might be sent hither with one of our sloops lying at Jaffna for wintering, the Herstelling or the Zeerob. And that it was believed, in future similar cases, the safest way would be with a Company sloop at hand, or else with a small dhoni over Jaffnapatnam, or through the Strait of Mannar, as formerly was customary. — However, 471. the 18th November 1788. submitting our opinion in this to the wiser judgment of the said ministry; and that, in view of our need in the matter of fanums, their Honors should be requested that the used six bars may be replenished from their stock, so as not to fall into any inconvenience through the lack of the same. — Subsequently, was reviewed a return of sold gold, on which a profit had fallen of ƒ 6378. 10. -. One ditto of gold rupees with a loss of 3 3/16 per cent. One ditto of quarter dittoes also with a loss of 3 1/16 per cent. with a loss of ƒ 804. 12. -. Another ditto of 3500 Mexican dollars with a profit of ƒ 23. 18. 8.; and finally a return of sold 150 leagers of arrack, brought by the ship den Arend, with a profit of 28 7/8 per cent; which collective trade papers they respectfully resolved to present to their High Excellencies. Due to the expiration of time and according to the regulations, were promoted to assistants at ƒ 24 per month under a five-year contract, the young assistants Gerrit Willem Cantervisscher, 473. the 18th November 1788. Jan Rousseau, Jan Jacob van Oudersterp, Willem Pietersz., Hendrik Prins, Jan Carel Warner, and Jacob Josephsz.; And taken into service as laborers at ƒ 9 per month the persons of Adriaan de Costa of Nagapatnam, and Hendrik Jacobus Jacobsz. of Nagapatnam. The sailor Jan Anthony of Lisbon, having served as provisional quartermaster here since his arrival, was also promoted from ƒ 13 to ƒ 16 per month as effective quartermaster. Also, upon his request, was appointed as precentor in our church Fredrik Meijkarp, currently schoolmaster of the orphanage here, who formerly served in this office for several years both at Chinsurat and at Nagapatnam with a salary of ƒ 36 per month; having served for 8 years for ƒ 30, this appointment and increase being made solely under this condition, that he shall continue to serve as schoolmaster in addition to it. The secretary of this meeting having subsequently made known the shortage at his office of a sworn assistant to do the secret copying work, it was resolved to promote to sworn clerk with the salary of ƒ 30 per month
Dutch transcription
467. den 27. ' october 1788. bhaaren voor de voorschreeve prijs van ster pag: 46. per bhaar aan den koop„ man Annam Boelij van de hand te zetten, en daar vervolg te van bij den zen aanteekening houden. Aldus Gedaan en Gearresteerd in 't Casteel Geldria te Palliacat„ Stag dato voorsz: /:was geteek=d/ Als vooren. — Dingsdag 8 1788. tl E dienig en e Cloasecte brief van den 23. fber: aanbreng uit nederland van 17. staa„ der goud Politie Vergadering van Abbert Den onderterpaar fiberal en Soldijheisen Broerius Brouwer, a Den onderkoopman en Dispencier Pieter Willem Zeeke Beijde mits in dispositie. . Na der gebede bragt den Heer Ge„ zaghebber ter tafel eene Ceijlonse Missive gedateerd den 23. 2ber, Pass=o alhier aangekoomen den 11. des¬ behelvende Commuinicatie van den zer, waar in het ministerij ons ken„ mis geeft, dat ait Nederland met ƒ het schip de Gouverneur Falck Smorgens ten Noegen uuren Dingsdag den 18. November 1788. was 469. den 18: November 1788. sustenue dat dezelve voor deeze kust warer bestemd zending derzelven na herw. houding aldaar van 6. staaven was aangebragt Een kistje met 17. sta„ ven goud inhoudende 340: mq Trois of mg H 212. 12. sonder daar van eenige aanschrijving te hebben ontfangen, dog 8 dat men, en dis gehalte had ver„ ondersteld, dat dezelve voor deeze kust waren bestend, en vraagen vervolgens onze openie over den veijlige wardien mijnshuis oppens de sten weg der over zending herwaarts, zoo in dit, als terkoomende dierge„ lijke gevallen. En geeven deezen Raad teffens en te geene kennse aen an„ kennis, dat het ministerij, mits nood„ saakelijkheijd ses staaven daar ƒ - van tot het munten van fanums nelan hadben aangehouden. —. Waar uwer, en chialouson of asana p: de eenr en in 't vervolg zulks almeese te doen. oud gebruik. versonk gen: ged dat te voer onge waar op beslooten wierd in antwoord „ te gescribeeren dat men verzogt mogt het voorsz: goud herwaarts werden gezonden met een van onze Jafna ter overwintering lag„ op gende sloepen de Harstelling of de Zecrob. . En dat men van gevoelen was, in aanstaande sontgelijke gevallen de veijligsten weg zoude zijn, met een aan handen zijnde Comp„s sloep dan dan wel mes een kuis thonij man wel een kruijt twijt over Iaffanapat„ nam of door het naauw van Ma„ maar, gelijk voormaals gebruijke„ lijk is geweest.—. den 18. November 1788. zenden 301 Egter 471. den 18 November 1788. dier ministerij. den weeder e apleeren. „ verkogte goud. en met een verlies van 3 1/16. p:r C: Ogterin dee ze ons geoom aan het wij zer oordeel van gem: Ministerij willende onderwerking egten an her ordel onderwerpen, en dat men ingezien onze benoodigtheijd in het stuk van fandsner verzok on den gebrut b sta hun Ed=e souden verzoeken, dat de gebruijkte ses staaven uit hunne voorraad mogen werden gesuppleerd en door het genis van de selve in geen ongeleegentheijd te geraaken. —. Vervolgens resumeerde min een van „ resug ptie va en rendement van dement van verkogte goud, waar op een winst gevallen was van ƒ6378. 10. -. Een dito van Gouden Ropijen met een verlies van 3. 3/16. p:rC=to Een dito van quart ditoos almeede een dit van verkogte goude nofij„ met - nog en dito van de moeziste quat nopdijen almeede met den verlijes van ƒ00432. een nadere dito van verkogte: mepie. daaren een winst van ƒ 23. 18. 8.„ 20 /8. p wordinig van ds adistant t apsolut ditos met ƒ 24. met verlies van ƒ 804. 12. -. Nog een dito van pl 3500. Merjicaa„ v nen met een winst van ƒ23. 18. 8. ; en Eijndelijk een Rendement van verkogte P. en verkoopen aack met advans van 150 leggers Arrak, met het schip . : 0 x - x den Arend aangebragt, met een winst van 28. 7/8 pr C=to welke gezamentlijke 1 besluct vndement h: : delk: ante handel papieren men Haar Hoog Edelheedens eerbiedig stind aan te bieden Mits tijds expiratie in volgens het Reglement, wierden verbeterd tot As„ sistentin met ƒ24. per maand onder een vijf Jaarig verband de Iong as„ sistenten Gerrit willem Canter„ den 18 November 1788: visscher bieden. 1 7 ƒ 2 473. den 18 November uarm: met ƒ 16: Jan Rousseau, Jan Jacob van oudersterp, Willem Pietersz. , Her„ brik Prins, Jan Carel Warner, en Jacob Josephsz:; En in dienst genoomen tot hand langer Sadmisserusdint van de handlan met ƒ 9 per maand de perzoonen van Adriaan de Costa van Nagapatnam, en Hendrik Jacobus Jacobsz: van Nagapatnam Der mattroos Jan bevordering van en matthoos tot „als p=l quartiermeester sef=t zijn arrije alhier gefurgeerd hebbende Anthony van Lissabon„ wierd almeede „erfogtieff quartiermeester onder toelegging van als provisionee quartieur: ontaan„ verbeterd van ƒ 13. tot „ ƒ 16. per maand veleging van . Haglief Ook wierd op zijn verzoek tot voor„ aanstillig van ee vorleken. laeder in nze krrk aangestelt Fre„ drik Meijkarp, thans schoolmeester van het weethuijs alhier, welke verts deeze dienst verscheijde Jaaren Zoo aa„ „gens. met ƒ36: p:s maand. schip waareens. voordragt van den adbisters Richant tet geter: eroq„ zoo op Chimilipatnam, als Naga„ patnam heeft waargenoemen met ga„ gie van ƒ 36. per maand; hebbende 8. Jaaren vor ƒ 30. gediert, werdende mit de elint fests tlmaten dee 2e aanstelling en verbertering es„ niglijk gedaan, onder deeze bedinging dat hij het schoolmeesterschap daar bij zal blijven waarneemen. Den secretaris die zer vergadering ver„ volgens te kennen gegeeven hebbende het gebrek op zijn Comptoir van Een beswoore assistent tot het doen an hilin en antisen aatig van het secrerte Copij werk, zoo wierd verstaan tot Geswoore klerk met de grijve van ƒ 30. per maand te be„ den 18. November 1788. notmay
English
475. the 18. November 1788. that regarding the pay account of [illegible] no [illegible] can be made. [illegible] the Assistant Hendrik Richard, as being best suited thereto, in the hope Their High Noble Lordships will be pleased favorably to approve this promotion, the more so because Their High Mightinesses themselves, by highly honored letter of the 28. April 1786, were pleased to grant two Sworn Clerks, and the number of persons was not thereby increased.— Whereas, according to the advice given by the Ceylon Ministers, by missive of the 6. August of this year, in the pay books there no the 18. November 1788. redress can be made regarding the reduction of the 182. 7. 1/4 Porto Novo pagodas received by the Bookkeeper Ioan Joachim Nasz at Tranquebar from the departed Ceylon Agent there, the Junior Merchant Pieter Willem Gieke, because the payment in said city had occurred in Ceylon currency, or the Porto Novo Pagoda calculated at 102. stivers Indian currency, and he was thus debited in the Colombo pay books: so it is, after further deliberation, approved and agreed, the pay account of said 477. the 18 November 1788. Bookkeeper Nasz in the pay books here to have further debited, for that which he was debited less here than on Ceylon, for the aforementioned 182: 7: 1/4 Porto Novo pagodas, which here come to no more pay money than ƒ 1004. 2. 10., whereas according to the Ceylon calculation they indeed come to ƒ 1239. 1. 5., leaving it open to him however to address himself regarding this by petition to Their High Noble Lordships, the Noble High Indian Government at Batavia. Subsequently, being resumed a Note from the Pay Bookkeeper Simons; Note: To the soldier Pieter de Jong of Jaffnapatnam, in the months of September and October of the year 1786, wages having been provided to the amount of ƒ 22. contrary to the repeated order of this Government, that amount ought per Memorandum Bimilipatnam to be debited, in order to be reimbursed immediately into the Company's treasury without contradiction, because it has not been entered into the pay books here, just as has also not occurred with the provisions that were made there in the financial year 1786/7. To the same de Jong to an amount of p ƒ 63. 14. 1/4. To Pieter Johannes Fridel - - - - - - - 52. — 1/4. To Pieter Hendrik Theodorus - - - - - 40. 11. 1/2. or together - - p ƒ 156. 2. 1/4. [illegible] 130. 18. 1/2. Already by Memorandum of the 31. October 1786 charged to Bimilipatnam for reimbursement, yet there in the Trade books it continues to run under previous years' pay, as can be seen in the Trade Journal of that Office of Nos. 1786/7 on page 17, wherefore the undersigned respectfully is of the opinion that not only further orders should be dispatched regarding that, but also for the [illegible] amount of ƒ 25. 7. 1/2. charged by pay Memoranda of ultimate May and August, Besides the last-mentioned [illegible] of 479. the 18. November 1788. ƒ 22 or per ƒ 3. 10. 1/2. into the Company's treasury by whoever is responsible to pay it.— Due to the careless provision made in the financial year 1786/7 at Jaggernaikpoeram to the Sergeant Frans Hendrik Tichelboer to an amount of ƒ 312., whereas his wages for one year only amount to ƒ 288., and notwithstanding what was recommended to the officials by pay Memorandum of the 6. May 1786, and to withhold from him ƒ 529. 5., the same in the pay books of the year 1786/7 has fallen into arrears of ƒ 44: 9: 5., which, with the pleasure of this Government under ultimate August, can be charged thither, to be paid into the Company's treasury, in order to liquidate his deficit, because according to permanent orders no one may remain in arrears /: was written below :/ Palliacatta the 27. October the year 1788. /: was signed :/ J: D: Simons, /: lower :/ Agreed /: signed :/ B: Brouwer. Thereupon it was resolved to send the same, just as it lay, to the Officials of Bimilipatnam, with orders to fulfill its contents punctually.— At the request of the incoming Chief of Sadras, Simons, it was resolved to let the Bookkeeper Salder proceed thither to perform the clerical work. Finally, having deliberated on what day the public presentation of the Lord Commander could most suitably take place, that day was fixed for the 24. of this current month, and herewith this Session came to an end. Thus Done and Resolved in Castle Geldria at Palliacatta the date aforesaid. /signed:/ as above. the 18. November 1788. 481. Wednesday the 19. November 1788. In the morning, at 9 o'clock Meeting of the Council of Policy All present Except The Honorable B: Brouwer and P: W: Teeke, on account of indisposition. After prayers, the Lord Commander informed the members that this meeting was convened to review and deliberate over the letters from the subordinate Offices, and that he had designated the examination of the Trade papers for tomorrow; whereupon, making a beginning with the Office of Portonovo, there were opened a missive dated 23. and 30. June,
Dutch transcription
475. den 18. November 1788. dat omtrend de soldij reek: van vast geen kan gemaakt werden. moemia den Assistent Hendrik Richard, als daartoe het best geschikt zijnde, in hoope Haar Hoog Edelheedens deeze bevorde„ ring gunstig zullen gelieven te uhede a ed Ed affisie approbeeren, te maer, wijl Hoogstde„ zelve bij zeer g'ëerde brief van den 28. April 1786. , twee Geswooren kler„ ken hebben gelieven te accordeeren, en het getal der borsten, daar door niet vermeerderd wierd.— Daares, volgens het geadviseerde betuign den bilnsche mistes door de Ceilonsche Ministers, bij missive van den 6. Augustus deez„ Jaars, bij de soldij boeken aldaar gen den 187. November 1788. omtrend de resuctie van de door hent ontvangene 182.7 1/5. port: pag: te ranque Last aan soldij boekk: om zijn, soldij reek: volg:s de Ceijlonse reductie te be„ geen redres kan gemaakt worden, omtrent de reductie van de door den boek„ Ioan Joachim Nasz: zonder te Tranquabar, van den geweeken Ceilenschen Agent: aldaar, der onder„ koopman Pieter Willem Gicke, genotene 182. 7. /¼. Portenovosche pa„ gooden, uit hoofde de betaaling aan gemelden stadt geschied was in Ceijlons geld, of de Portonwosche Pagood tegen 102. stuijvers India„ sche geld, bereekend, en hij al zoo bij de Colmbosche soldij boeken belast geworden was: zoo is na nadere deliberatie goedgevonden en ver„ staan, de soldij reekening van genatten bade. lasten Sas2 477 den 18 November 1788. met vergunning eepter aan hem Wast„ om zig dienwd:s aan H: H: Ed: teadmisseer„ den. di boek: siemene Hasz: bij de soldybaken alhier nog te laaten debiteeren, voor het geen hij hier minder als op Ceilon be„ last geworden is, voor de voorschreeve 182: 7:Ca Poitenwosche pagooden die hier niet meer soldij geld koomen te bereekenen, als ƒ 1004. 2. 10. daar ze volgens de Ceilensche bereekening wel komen uit te maaken ƒ 1239. 1. 5, met overlaating egter, van zig dier„ weegens bij Requeste te moogen ad„ dresseeren aan Hunne Hoog Edelhee„ den, de Edele Hooge Indiasche Regeering te Batavia - Vervolgens geresumeerd zijnde een ee te e eten e Nota Nota van den Soldij Boekhouder Si„ Nota; Aan den soldaat Pieter de Jong van Ja Wanapatnam in de maanden 2ber: en 8ber dis Jaars 1786. gagie ten bedragen van ƒ 22. tegens het herhaald bevel dee„ zer Regeering verstrekt wezende, dient dat bedragen per Memorie Bimilipatnam ten laste gebragt te werden, om ten eersten zonder teegen spraak in 's Comp:s kassa te gembourseren, wijl het bij de soldij boeken alhier niet ingenomen is, gelijk ook niet geschied is met de verstrekkingen die aldaar in het boekjaar 178 7/6. gedaan zijn. ½ dezelfden de Jong tot een montant van p ƒ 63. 14. ¼. „ Pieter Johannes fridel - - - - - - - „ 52. — ¼. Pieter Hendrik Theodorus - – – - - „ 40. 11:½. of te zaamen - - p ƒ 156. 2. ¼. —„ 130. 18. ½ Bereets bij Memorie van den 3-. 8ber v o ultang: 1786 naar Bimilipatnam ter weeder vergoeding zijn aangereekend, dog aldaar bij de Negotie boeken op voor Jaarige soldijen blijft voort„ lopen, gelijk zulks kan gezien worden bij het Negotie Journaal van dat Comp„ „toir de N=s 176 6/7. op pagira 17. , alwaar„ omme den teekenaar eebiedig van gevoe„ len is, dat niet alleen daar omtrend nader ordre dient g'expecheert te worden, maar ook om het Zed=te herwk bij soldij Memorien van Ult o Meij en aug=so aangreekend bedraa„ ƒ„ 25. 7. ½. Benevens het eastgemelde Commetje van en lijten van en ota van desele mons, in houderde. gen van — — waar van. . . . — den 28 November 1788. N 22 boekh. Simons - - — „ - 479. den 18. November 1788. ƒ 22 of pr ƒ. 3. 10. ½. in 's komp:s Cassa door die geene die het inoupbeert te tellen.— Door de onbezorne in het boekjaar 1786/7 gedaane verstrekking te Jaggernaikpoe„ ram aan den Zergtant Frans Hendrik Tichelboer tot een bedrager van ƒ 312. daar zijn gagie van een Iaar maar bedraagt ƒ 288. en indanks het aanbevolene aan de bediendens bij soldij Memorie van den 6. Meij 1786. en van hen in te houden ƒ 529. 5. is den zelven bij de zoldijboeken van A=o 178 /7. ƒ 44: 9: 5. ten agtoren geraakt, 't welk met het belie„ ven deezen Regeering onder ult=o aug:t J. o Cr derwaarts kan werden aangereekend, om in s Comp=s kassa te telven, ter Eijnde zijne verkoring te liquideeren, wijl volgens per„ marente ordres niemand te kraat blij„ over mag /: onderstond:/ Palliacatta den 27:' october A=o 1788. /:was getee„ kind „ / J: D: Simons, /: lager:/ Aci cordeerd /:geteekend:/ B: Brouwer.. Dier op wierd verstaan het zelve, zoo belut de zelve na binilise te ea als het lag, de Bediendens van Bimilipatnam toe te zenden, met en met welk lastaan die bedendens. aan am agen 1 5 ½. den. verplaatzing van den bookh: salder bepaalde dag t de voorsteling van den der gezaghebben tadama aanschrijven, om aan dies in houd punctueel te voldoen. —. Op verzoek van het aankomend opper„ hoofd van Padras. Simons wierd ver„ staan om tot het waarneemen van het schrijffwerk derwaarts te laaten over„ gaan den Boekhouder Salder.. Eijndelijk gebesoigneerd hebbende op wat dag de publicque voorstelling van den Heer Gezaghebber gevoeglijkst zoude kunnen geschieden, zoo wierd dien dag bepaald op den 24. die zy loopende maand, en aan hier meede deeze Cessie een eijnde- Aldus Gedaan en Gearresteerd in 't Casteel Geldria te Pilliacatta dato voorsz. /geteekend:/ als vooren. den 18. November 1788. woensdag na Sadras. 481. ren van de respective buiten Comp„ brieven van portonovr Doensdag den 19. November 17327. 'Smorgens, ten 9 uuren Vergadering van Politie Alle present Dorptis D' E: B: Brouwer en P: W: Teeke, mits in dispositie Na den geberden gaf den Heer Ee„erogen voo den reven en papie 8 zaghebber de leeden te kennen, dat dieze vergadering beligd was, om te resumee„ ven en besoigneeren over de brieven der buijten Comptoiren, en het Examineeren der Negotie papieren op morgen beslend had waar op een begir maakende met het resumptie van divense ontvangenen Comptoir Portonovo, wierden open„ gezegt, eene missive get=t 23. en 30. Junij, O Hoiden 12
English
cloths from there, for hall coverings. Request by the resident to send 30 [illegible], as he finds the same not rented here, 100 lb gunpowder and some gun flints and musket balls. Resumption of a later received [illegible], accompanying 31 bales from Slinelanden. Receipt of some [illegible] on 2 July and 17 ditto, accompanying some hall coverings and flag cloth; ditto of 31 July and 7, 8, 14, and 20 August, 1, 4, and 25 September, accompanying 51 bales of linens and 2 parcels of hall coverings to the amount of ƒ 26650. 2. 8., at the same time requesting therein to be accommodated again with another 3000 pagodas, but with no trade goods, because the sales there did not proceed as favorably as had been the resident's first expectation; requests to be provided with 100 lb gunpowder, gun flints, and bullets to drive off wild beasts. Furthermore, a letter was summarized from the resident of 5 October. 483. 19 November 1788. 37 packages. Usual monthly [illegible] of letters to answer. The safe arrival here of the linen bales mentioned therein. 5 October, accompanying 31 bales of linens to the amount of ƒ 15725. 4. 8. Another ditto of 10 October, alongside 37 bales of diverse cloths to the amount of ƒ 18374. 10. 8. Together with a later one of 15 October, serving to accompany the usual trade and pay papers of that factory. Concerning the various contents of these letters, it was approved to reply to the resident, in addition to what has already been answered: The receipt of the linens sent at various times and by various vessels, and to inform the resident that the requisition for 3000 pagodas cannot yet be fulfilled; and likewise to give authorization for the deduction of the usual freight of 1 Joijs per bale. That the funds on hand did not permit us to provide the resident as yet with the requested 3000 pagodas, and that for this reason one lived in the expectation that the resident would do everything possible to persuade the merchants to accept the merchandise he has on hand, at least for a large part. As also, that one shall provide the resident with the requested iron and gunpowder. 19 November 1788. 485. 19 November 1788. Trade books and papers of Sadras. Finding nothing further to remark on these letters, the remaining contents were accepted for information. Proceeding then to the successive letters from Sadraspatnam of 23 June, 2 and 4 July, 9 and 20 August, 2, 12, 19, and 30 September, 8, 13, 15, 20 October, and 7, 14, and 15 November, accompanying sample pieces of linens and various trade books and papers from 1 December 1786/7 to the end of August 1788, alongside a requisition of necessities for this factory. Thus, after resumption of these writings, it was approved to reply to the chief, in addition to what has already been answered to his letters: That upon the opening of navigation, this Council will provide his factory with the requested items, in so far as it will be possible. And with regard to the sample pieces sent, to transmit to the chief an extract from our resolution of 25 September last, whereby he will learn how the linens were found after accurate examination; and at the same time, it is understood to write to the said chief and instruct him to charge the amount of all sample pieces sent here to our account. 19 November 1788. 487. 19 November 1788. To express satisfaction over the lease monies there. Consolation over the non-collection of the new capitation tax. Surprise, however, that no revenues have been collected from the sold merchandise. That this meeting takes great pleasure in the efforts made by the chief to increase the lease monies of the villages of Sadras, Oemevij, Meioer, and Calpakum. However, in view of the fact that the chief has not been able to collect the new collection of the poll tax, it was resolved to write that one had to bear this loss, considering the unfortunate condition to which Sadras has been brought by the war; noting, nevertheless, that this Council is surprised that no revenues have been collected from the merchandise sold there, as has always been customary and ought to have occurred. Finding nothing further to remark upon the chief's further advices, the same were noted for information. Thereupon proceeding to the Palicol letters, the following were resumed, namely one of 29 June giving notice of the receipt of 900 lb cloves destined for Jagannathpuram, alongside the [illegible] 19 November 1788.
Dutch transcription
doeker van daar„ ter zaal kleeden. verzoek doo den rasiden en 30 s:s zenden wijl dezelve iet verhierd vin den in 100 l: kaunt en eenige sna„ pphan steenen, en ogels resumptie van een naden ontvan gene he, toe geleyjde van van 31. pakk vSlinelanden onntfongst oem enige salk n apn 2„ Julij en 17. d=o; verzellende eenige zaal„ kleeden en vlagge doeken, d o van 31. Julij en 7. Aug= 8, 14 en 20 d=o, 1. 2ber, 4. en 25. den ven 1 pabk: gewate en pol: d=o verzellende 51. pakken lijwaaten, en 2. pakjes zaal kleeden ter be„ draage van ƒ26650. 2. 8. teffens daar inne verzoekende om weederom met nog 3000. pagooden te werden nlen gen mee handelenkan tote gerieft, dog met geene men handel„ waaren, om dat den vertier aldaar niet zoo gewenscht ging, als des residents eerste verwagting was geweest, verzoekt om met 100 lb kruijt, geweersteenen en, kogels te werden voorzien ten verjaa„ ging van het wild gedierte.. Nog gesumeerde men Eenen brief van den den 19. November 178 5: octobr den worden. 483. den 19 November 1788. 37. faadeelen. gewoone, maandelijxe pasienen van brieven te antwoorden. den goeden ontvangst alhier den daar bij vermelde lijn: pakk: 5. october verzellende 31. pakken lij„ waater ten bedraage van ƒ15725. 4. 8. Nog een d.o van den 10. october beneed, en van en oog naeden dit van vens 37: pakken diverse doeken ten bedraage van ƒ 18374. 10. 8. Ben eevens eene latere van den zomede laters ten geleijden van den 15. october dienende ten geleijde van de gewoone Negotie en soldij papieren van dat Comptoir. Over de onderscheijdene inhouden van deeze beslutop de voorm: ondershijdene missives wierd goedgevonden den Resi„ daat behalven het reets beantwoorde te rescribeeren die de sidentd Den ontfangst der op verscheijde tijde en vaartuigen gezondene lijwaaten, en den 1 - en s er van de woagta 1. : e paka: mitsg:s den resident te len dat den eijsch van 3000. ps. nog niet voldaan an worden. bewogen hebben om koopmansz: ts ad„o bfeteen van t eyschte ijker en huir desgudese e oaen e e ij en zelve qualifficatie te geeven tot de afgaane van de gewoone wragt van 1. Joijs per pak: Dat de aanhanden zijnde Jondsen, ons niet toe lieten om den resident als nog met de gevraagde 3000 pag: te kun„ nen voorzien, en dat men om die ree„ den in die verwagting leefde, dat den vrwaging dat den zelven de hooff: oude Resident alles zoude in 't werk stellen, om de kooplieden te bewes„ gen tot het accepteeren van de bij hem aanhanden zijnde koopman„ schappen ten minsten voor een groot ge„ deelte. toe doone hlft na de o te e en Als meede, dat men den resident met het verzigte ij zis en kruijt zal„ den 19 November 1788 de - 485. den 19 November 1788. ven voor gecomm: aangenomen. van Sadras. dlvende negotie boeken en papieren de voorzien. Verder op deeze brieven niets te de overige posten bij sresidents brie„ remarqueeren vindende, nam merden overige in houd voor Communicatie over. —: Vervolgens treidende tot de brieven bebigen ove de sueesies brieven Sadraspatnam van van den 23. Junij, 2en4. Julij, den 9 en 20. aug=s, den 2, 12, 19 en 30. xber:, den t 8 october 13„ 15. , 20: october, en 7. , 14, en 15. 9ber verzellende monster stukken van lijvaaten, tongelijk den monsten sticken en diverse Negotie boeken en papieren 't zeedert p=mo xbr: 1786/7. tot ult:o Aug=s 1788. , beneevens een Eijsch van benodigt, ten ensijsk van benorigheten heeden voor dit Comptoir. . Soo wierd, na resumptie van deeze schriften beslut of dezelven te antworden goed 7 van de vadart zal wragten de voldaan Extract uit de rasbolutie otezenden. met datt om 't bedraaren van alle de om onse Aith: ds heer an ekenen goedgevonden het opperhoofd, behalven het riets op zijne brieven beantwoorde, nog te rescribeeren. —. dat twe e ese s seppen Dat deezer Raad bij het opengaan „van de vaard zijn Comptoir zal voor„ zien van het g'eijschte, in zoo verre zulks maar immers zal mogelijk zijn. V e en osen de men te stetken en ten aanzien van de gezondere mon„ ƒ ster stukken, het opperhoofd toe„ te zenden Extract uit onze resolutie van 25. 2b„ J:o l, waar bij den selver zal otwaaren, hoe de lij„ water na naurkeurige Examinatie zijn bevonden, en teffens verstaan, het gem: opperhoofd aan te schrijven, en te ge„ lasten, im het bedraagen van alle den 19 November 1788. over 31 487. den 19 November 1788. „ mendentig dede angs emn: aldaar: getroosting over de non invordering den nieluwe ollectae van t hoofd geld. verwondening egter dat ee gene inskom„ sten zijn gehelven van de verkogte koop„ mansz: overgezondene minster stukken, bij ma te betuigene gepoegen over de vor morie herwaarts aan te reekenen. —. Dat deze vergadering veel genoe„ gen noemt in de pogingen door het opper„ hoofd aangewend tot vermaerdaring der pogtpenningen der dorpen Sadras, oeme„ vij Meioer, en Calpakum - - Dog ten aanzien dat het opperhoofd 8 niet in staat is geweest de nieuwe Col„ lecte van het opper hoofd geld in te vorde„ ven wierd verstaan te gescribeeren, dat men zig dit verlies wel moest getroosten, ingezien den ingelukkige en ant eeden toestand, daar Padras door den oorlog in gebragt is, met aanmerking nogtans, dat deeze Raad zig egter an . - als na us gebruck. datie aangenoomen. brieven van palieoe egter verwonderd, en geene inkomsten zijn gecheeven van de aldaar verkogte koop, manschappen, zoo als altijd gebruijke„ lijk is geweest, en had behooren te ge„ Schieden. de gepdenlijk ij om eneeren vor het overige op des opperhoofds ver„ dere advijsen niets vindende aan temerken, wierden dezelve als Communicatie ge„ noteerd dee hese van denegetengen Dier op treedende tot de Palicol„ sche brieven, resumeerde men de volgende, als eene van den 29. Iunij kennis ges„ vende van den ontfangst van 900 lb. Garrioffel Nagulen voor Iaggemack„ W poeram geschikt, beneevens het wil den 19 November 1788. ontfangen e
English
testifying to the smaller share in the great field crop. receipt of 7 bars of European gold, simultaneously sending various trade and other papers. A sealed letter dated 2 July, accompanying the muster roll of the servants as of the last of June. A missive of 26 August, and One ditto of 10 October. Having deliberated over the collective contents of which, it was resolved to write to the chiefs, and indeed initially on the content of their letter of 29 June: That we must express our regret that the Company's share in the great field crop of Palicol and 19 November 1788. Contrra that those fields are properly sown. this year has amounted to less; and to recommend them to watch with zeal, by seeing to it and taking care that all those fields are properly sown. Yet since the paddy was sold dearer this year than last, this gave us satisfaction, considering that this somewhat compensated for the smaller yield. That we fully approved the sale of the old paddy, and the retention on the other hand of 20 kandijlen of white paddy from the new crop for the starching of the linens, and that they had to observe this as a permanent order. 19 November 1788. 19 November 1788. gifts in 1787/8. And that we pass for write-off the amount of the gifts made in the financial year 1786/7: with the recommendation, however, especially not to make any gifts of such articles whereby the purchase costs of that account are increased, as happened in that financial year by the gifting of rose and distilled waters to the natives. That we likewise permit the write-off of the gift expenses of the financial year 1787/8 to the amount of ƒ 344. 2. in purchase and ƒ 1182. 19. 8. out of purchase, with the statement that it is pleasing to this Council to be able to see some reduction therein. To fully approve the conduct maintained by the chief against that insolent foreign junketeer, as well as the arresting and sending up to Mongoltour of the Brahmin who played the master in such a way on the Palicol marketplace. Nonetheless under recommendation to use all circumspection in this henceforth, even though in this case he obtained some satisfaction from the Mazulipatnam ministry, 19 November 1788 since at this factory, even before the war, the levying of tolls by the junketeers, and that too on the Company's boundaries, seems to have been permitted through connivance; which one would gladly see countered, yet not in a rigorous manner, in order to prevent all unpleasant consequences. To write to the chiefs that the mistake in the purchase account of August of the past year is by no means a clerical error, and that this Council therefore conforms to the notes of the Chief Administrator, which it was understood would be forwarded to the chiefs, and therewith to order the same to have the 34 koenjangs overcharged, amounting to ƒ 2. 15. -, reimbursed by whom it incumbs. That the calculation by the chiefs of 1 fanur product for each toddy tree per year appears very small indeed; but since the loss that the toddy tappers suffered in the storm of 20 and 21 May last would indeed amount to pag: 135., and thus the Company's share herein would come to circa pag: 50, to permit the chiefs the validation of that small sum to these losers. Likewise to qualify the chiefs 19 November 1788. for the making of 8 pieces of packing stands 16 feet long each, provided they do not come to cost more than 6 poij: each, as was paid in the year 1779, as well as the making of two sorting tables and a wooden measuring rod. As also to approve the delivery to the English of pag: 163. 7/8 on the stipulated gift to the Nabobship of Elloer. Yet with respect to the gold purchased at this factory, to remark that although according to their writing no profit was realized, the chiefs should nonetheless have sent a separate return of it, as had been ordered of them.
Dutch transcription
489. „tuigen over 't minder aandeel in 't groot weld gewaskt. ontfangen van 7. staaven Europers goud, tef„ 8 fens overzendende diverse Negotie en andere papieren. — Een gebiede briefje ged:te 2 Julij, verzel„ linde monster Colle der dienaar en onder ult=o Junij Eene missive van den 26 Augustus, e Een dito van den 10. ' october.. Over welkers gezamentlijke inhoud gede, delilete daer o libereerd zijnde, verstaan wierd, de opperhoofden aan te schrijven, en wel aan„ vankelijk op den inhaid van Hunne brief van den 29. Junij Dat wij ons leetweezen moeten be„bslut lesegen deses as se Comps aandeel in het tuigen, dat sComp groote veld gewas van Palicol en den 19 November 1788. Contrra 6 die velden behorlijk ezaaijd worden. verhoofs er melij en dit haar thelf vr hele d angen den deveeren Contera dit Jaar minder heeft be„ Jand: 12, 13. 28. en dezelve te draagen recommandgti om onge kangen da recommandeeren met ijver te waarken, door toe te zien, en serge te draagen, dat alle die velden behoorlijk werden beraaid—. geregesijt ver de eden Dan tewijl de Nelij dit Jaar duurder is verkogt, als voorleeden, ons zulks genoegen gaf, ingezien dit, den minderen inzaam eenig zints opwoog. appitate van der verkop en na Dat wij ten vollen goedkeurden, den verkoop van de oude Nelij, en de aan„ en de aanhegnding van de kandijle ijen houding daar enteegen van 20. kandijlen witte Nelij van het nieuwe gewas tot het kangien der lijwaaten, en dat zij zulks als eene permanente ordre den 19 November 1788. moesten 491. den 19 November 1788. gen int bekjaar 173 /7. geschenken in 178 1/8. minderheid. moesten in agt neemen. En dat wij ter affschrijving parsseeren het t pasin van de gelaan sheken bedragende der gedaane schenkagien in het boekjaar 1786/7: met recomman„ datie nogtans, em voor al geene geschen,„ deg met welk nmen ken te doen van zoodanige articulen waar door het inkoops kostende van die Reek: vermeerderd word, gelijk in dat ƒ. ƒ boek Jaar geschied is, door het schen„ =ken van Rooze en Gedistileerde waateren aan de Inlanders Dat wij al meede permitteeren de qualificate te avfsh: de gedaane affschrijving van de schenkagie ongelden van het boekJaar 1787/8 ten bedraa„ gen van ƒ 344. 2. in - en ƒ 1182. 19. 8. Uit „ en onder welke betugien nepen dis koops, onder betuiging dat het deezen Raad Hofdak tegen zekoren ontenen gevelelen alle en zijtighid tegbrueken Raad aangenaam is, eenige verminde„ ving daar in te moogen zien. —. aposit an 'tgebouter geregeden Ten vollen goed te keuren het gedrag ƒ door het opperhoofd gehouden, teegens dien brutaalen buijten landschen Jonkenier, als ook he't arresteeren en opzenden na Mongoltour van den Bramin, die op de Palicolsche markt plaats, zoo den Baas heeft ge„ speeld. —. recommandati gten in hitingee Nogtans onder recommandatie om in deeze bij vervolg, alle omzigtigheijd te gebruijken, of schoon hij in dit geval van het Mazulipatnamsche mini„ sterij eenige satis factie erlangt heeft, den 19. November 1788 wijl 493. den 19 November 1788. aug:s A:o p:r is gen zins een schaijffout. er ede E: soreden den men tate dorn vergoeden. wijl op dit Comptoir selfs voor den oor„ log, al oogluikende schijnt toegestaan te zijn, het heffen van tollen door weim„ des Jorkeniers, en dat wel op 's Comps anvianen limiten, 't welk men geerne zoude zien teegen te gaan, egter niet op eene regoureuse weijze, om alle oaange„ naame gevolgen voor te koomen. — De opperhoofden aan te schrijven, dat het bijen abesinde ondrstakt van het abuis in de inkostreck: van Augs= A:o pass:o geenzints een schrijf fout is, en dat deezen Raad zig dienthalven geraing densalven ande ontekin gedzagt aan de aanteekeningen van der Hoofd administrateur, die men verstond de deppert zouden worden toegaeden de opperhoofden te laaten toekomen, en daar bij de zeelve te gelasten, om de ontrasonst vons denkenti t den. deende proteet voor de seij boomen al„ deniaqus diems daar in zoude bedraagen. post aan de valiezen Ttilling te veel gerekende 34. koenjangs ten be„ draagen van ƒ2. 15. - te doen vergoeden door die zulks incumbeerd:—. ging vrkomedin vant gealen Dat het gecalculeerde door de opper„ hoofdens van 1. fanur product voor ijder sierij boom in 't Jaar, en s piëel zeer ge„ ving voorkomt; dog wijl het verlies dat de suriers geleeden hebben in den storm van den 20 en 21. Meij p:o wel zoude bedraagen pag: 135. , en dus 's Comp=s aandeel hierinne Cir„ hor ves 't aandel van d' E omp:s cum Circa wil zoude koomen op pag: 50, de opperhoofden te permittee„ qulisicate agte te palideren van die ven, de validatie van dat somme tie aan deeze verliesert.—. dijs vanee ang de Dde opperhoofden almeede te quali fiver„ den 19 November 1788. ven 6 daar 495 den 19 November 1788. „ggeschenk aan't nababshap van Elloeen treetkafes en een maatstok.. van een rendement van 't verkogte „ven tot het aanmaaken van 8 p=s pak„ stellingen lang 16 voet ijder, mits de„ zelve niet duurden koomen van 6. poij:deg nde welke mits: ijder, zoo als in A=o 1779 betaald is, ge„ lijk ook het aanmaaken van twee Porteer zomede of t aanaaken van 2. sor„ taffels, en Een houte maat stok- Als ook te approberen de af, epoite en eleven it ge gaave aan de Engelsche van pag: 163. 7/8. op het bepaald geschink aan tot Eva„ babschap van Elloer.. Dog ten opzigten van het op dit remarque over de non overzending Comptoir geekogte goud, te granarqueeren, . dat of schoon ter na hun schrijven, geen voordeel opgevallen was, de opper„ hoofden en egter een apart Renbement van hadden moeten over zenden/: zoo glijk haar zulks was aangeschu ven. als E „goud aldaar. x „ ƒ
English
to pay more attention to the orders given to the servants, as was written to them in our letter of 5 May, with a recommendation to pay more attention to the orders of this Council henceforth. To express our satisfaction that the merchants have finally, and notwithstanding the raising of so many difficulties, proceeded to the supply of linens on the demand for India of the year 1787/8, with a price increase of 5 percent on the ordinary guinees and salempores, and 2 percent on the Company's old sort, but that the chiefs would be conferred with regarding the entire delivery as soon as they have sent over the papers of the 19 November 1788. 19 November 1789. The affairs of Palicol having thus far been dealt with, they proceeded to the examination of the letters from Bimilipatnam, and specifically first to that of 3 June current, whereupon it was understood to write to the chiefs: That this Council is willing to consent to the 6 pagodas per month granted by them to the surgeon Smaasen for the supply of medicines to the sick, and the keeping of servants for attendance, but that this allowance should not have commenced earlier than the first of June last, since the said surgeon only arrived there on 14 May. That this Council had therefore seen with displeasure that, according to the expense account of the month of May last, the chiefs had already thought fit to provide the said Smaasen with lamp oil and house rent since the end of August of the past year, and to grant him a sum of 54 pagodas for the purchase of medicines, whereas, as stated, he only arrived there in May of this year, and thus it was also understood that this total amount shall be reimbursed into the Company's treasury by the chiefs, as a penalty for such thoughtless conduct. 19 November 1788. 499. 19 November 1788. Upon the representation of the chiefs in their letter of 13 June regarding the bad condition of the flagpole, it was understood to authorize them to purchase a new one with its topmast and truck, and whatever may be necessary for it, for no higher amount than the calculated 80 pagodas, if it could not be obtained for less. On their letter of 10 August, it was resolved that one would write to the chiefs that this Council finds the postponement of the repayment of the excess subsistence allowance very strange, since the clerk Luther is entitled to no more than 4 reals per month; while the example of the clerk Sleijt cannot be taken into consideration, as two reals more were granted by the Honorable Governor Haksteen by special favor, without setting a precedent; and thus it was understood to order the chiefs to cause the amount of 159 5/8 reals or 23 pagodas, 20 [illegible], together with what has since been received in excess, if such has occurred, to be refunded into the treasury by the said clerk without delay. Upon the promises of the chiefs always to be active with a blazing zeal for the master's interests, it was thought fit to bring to their attention that the linens collected by the secunde alone, and brought here with the sloop De Herstelling, as well as those brought together by both and sent here with the private sloop De Venturosa, bore not the slightest signs of such extraordinary zeal for the Company's interests, as the chiefs will be able to perceive from the findings that will be sent to them; and that, since the Honorable Company is better served by actual deeds than by empty promises, they will be most seriously recommended 501. 19 November 1788. to let this Council experience henceforth, through the collection of more serviceable linens, that the chiefs wish to make their promises and deeds correspond, as it would otherwise be better for the Company's interest to vacate that place than to receive such unserviceable cloths, and that moreover with a price increase of 10 and 5 percent. Upon their statement that it would contribute very much to the improvement of the quality of the linens if they could provide the merchants half in money and half in trade goods, it is to be remarked that since the chiefs from here 19 November 1788.
Dutch transcription
dens om op den bedhiender bevie„ len de lis haadong vat mun attentie te slaan den eish voor Jndia van 178/8: door de Copsl: aldaar n ziels met e pijs verhooging van 5: en 2. p: C: tes spictive: pranen te opperh: over de leverantie als hun was aangeschreeven bij in ze recommandalle aan die bedien brieff van den 5 meij, met recommandatie om op de beveelen van deezen Raad voor„ taan meer attentie te slaan. genoenovn de acestatie gan Ons genoegen te betuigen, dat de koop„ lieden eijndelijk en niet teegenstaande het opperen van zoo verele swaarigheeden, tot de leverantie van lijwaaten op den Eijsch voor India van A=o 178 7/8. zijn wergegaan, met Eene prijs verhooging van 5 p=rC=to op het guinees en salem„ paris gemeen, en 2. p=rC=to o Comp:s oude men zal wa den ontbangt den pen soort, dog dat men de opperhoofden over de gantsche Leverantie zoude or„ derhouden, soo dra dezelve zullen heb„ ben overgezonden de papieren van den den 19 November 1788. afge 1 onderhouden. 8 497. den 19 November 1789. vangne brieven van Fimalip. 6. pr/o 's md:t aan den Chirurgijn aldaar smaaker. dog wan neer dig toladie eenst hadde moeten beginnen„ afgelopen inzaam Dier meede dus verre de zaaken van Pa, besocione over de succsis ont licol zijnde afgehandeld, ging men over ter besrigne over den Bimilipatnam sche brieven, en wel aanvankelijk op die van den 3. Iunij Courintij, waar op verstaan wierd de opperhoofden aan te schrijven. Dat deeze Raad wel wil inwil ligen inwilliging van de toegeligde de aan den Chirurgijne Smaasen door hun toegelegde 6. pag: 'smaands tot verstrekking van midicijnen aan de sieken, en het houden van bediendens tot oppasting, dog dat deeze toelage niet erder aanvang moest genoomen heb„ ben dan met primo Junij laastlieden, wijl 19 koop strekking aan den zalven bij den on„ Jaar aldaar aangekoomen d. besluit die meijgere gedaane ver„ strekkergen. wijl gen: Chirurgijn pasden 14 meij aldaar was aangeland. —. sen e de getenren Dat deezen Raad dus met onstigting had gezien, dat blijkens de onkost„ Reek: van de maand Meij I=o la , de opperhoofden reets hadden kunnen goed„ vinden, gem: smaasen te verstrek„ kan lamp olij en huijshuur; seedert voor ult:o aug:s„ A=o pass=o —. an hen tetelijen 17 4 Eer aan denzelven toe te leggen eene somma van pao 54. tot inkoop van medicijnen, daar bij eesten migj van ap daar hij als gezegt, eerst in Meij van dit Iaar, aldaar aangeland is, en dus wierd terffens verstaan dat dit te saamen bedraagen door de opperhoofden in 's Comp=s zal Cassa „ werden gerembourseerd, tot eene den 19 November 1788. purraliteijt kostreck mij vermeld. vSat inhop 499. den 19 November 1788. wijze. qualificatie na derw:t tot den in„ koop van een vlargemast elc.a. 't meerder verstrekte kostgeld aan peenaliteijd voor zulke in bedagte handel„ Op den der zeekeng der opperhoofden bij brief van den 13: Junij van de slegte ge„ steldheid der vlaggemat, wierd verstaan 1 dezelve te qualifficeeren tot den inkoop van een nieuwe met dies steng en trom„ meer mitstok, en wat daar toe „ noodig mogt zijn, tot geen meer bedraagen, dan de ogts ieleler it menments be gecalouteerde pag. 80. zoo het al niet minder te bekoomen was. - Op Hunne missive van den 10. Augustus de ustelen von de egelij wierd beslooten, dat min de opperhoofden zoude aanschrijven dat deezen Raad zeer vreemd vind, de uitstelling der vonrd dense nade zee voende betaaling van het te veel opgebragte kost aar vlarg da. N7. 8 Seielliand den wijl voombeld van den Scrile blijt niet inaanmeeking han komen. „gem Scriba, weder in Cassa te doen op de betuiging der oppert: wegens hunne ijder in 'smeesters dienst. kostgeld voor den scriba Luther 'smaands niet meer toekomt als 4. Baalen; terwijl het voorbeeld van den soriba Sleijt niet en aanmerking kan koomen, als door eene bij zindere gunst, zonder Consequentie, twee Realen meer door den Edele Heer Gouverneur Haksteen, toegelegd zijnde, beslust mende atvagen den en dus wierd verstaan de opperhoofden te gelasten, het bedragen van Cten l59. 5/8. of pag: 23. 20. 2/5. beneevens het te zee„ derd nog te veel ontfangene, zoo zulks 8 mogt geschied zijn, zonder uitstel door gen: scriba in Cassa te doen restitu„ eeren. Op de beloften de opperhoofden van altoos, met Een blaakende ijver voor 19 November 1788. Tweesters vSlingelandt 501. den 19 November 1788. wierd beslogten haar de successive aangebragte lijw: van daar voorvagen gegeaven hebben. bevinding, daar van. 'smeesters belangen te zullen werk zaam zijn, wierd goed gevonden de zelve onder het oog te brengen, dat de lijwaaten door den 1 secunde alleer ingezameld, en met de slap De Herstelling hin aangebragt, gelijk wisde, die door beijde zijn te saa„ min gebragt, en met het particuliere sloep de ventirosa hier gezonden, geene de minste kenteekenen van zoo eene die geen den winste blijken daar van sonderlinge ijver von 's Comp. s belangen heb„ ben gedraagen, gelijk de opperhoofden sul„ len kunnen entwaaren, wit de bevinding gelijk zulks blijken zal hiet te die men hun zal toe zenden, en dat daar de E: Comp: beter door werkelijke daader dan doo ijdele beloften gedierd word, men hun ten serieuste zal ve„ recomm: dierws commandaeren J: Htieller en waarom te meen geld on half oopmanshe de Gie vero teren Zullen. dan ten en oopmans: heft vor zien commandeeren om voortaan door den In„ zaam van deugdsaamer lijwaaten, der zen Raad te doen ondervinden dat de opper„ hooffden geeene hunne beloften en daar„ den willen doen quadteeren, daar het anders voor 's Comp:s interest beeter zoude zijn, van daar te delogeeren, als zulke ondeugdsaam doeken te ontfangen, en dat nog met een prijs verhooging van 10. in 5 p:r C:to setungin die opahijde dethij Op hunne betuiging, dat het zeer veel zoude Contribeeren tot bevordering der deugd der lijvaaten, als de zelve half geld en half Negotie waaren aan de remanque dat men haar rees van on kooplieden konde verstrekken, aan te merken, dat daar de opperhoofden van den 19. November 1788. hier 32
English
32 503. the 19th of November 1788. acceptance of the demands. having been provided here with as much cash and merchandise as the stock permitted, among which was a sockel of mace and well over a thousand pounds of nutmegs; we therefore trusted that the merchants would not have hesitated for a single moment to accept the demands for this year. And at the same time to inform the chiefs that, with the opening of navigation, they will be further provided with gold and merchandise if only they themselves receive a noteworthy relief from Ceylon or Batavia, and that one will then also look forward to more durable linens than those of this year. reduction of the cloves. found to be unsatisfactory The answer of the chiefs concerning the price reduction of the cloves having been found unsatisfactory by this Council, because Their High Nobilities have not only questioned whether a reduction in price would increase the sales, but whether that increased sale would indeed be so great that the Honorable Company would obtain the same profits from it as are presently derived from the existing sales; it was agreed to instruct the chiefs to answer that question the 19th of November 1788. 505. the 19th of November 1788. concerning the selling price of the cloves an increase of the linens. with the submission of sufficient reasons, for it is not enough merely to say the sales will undoubtedly increase. On their letter of the 7th of September last, it was approved to reply to the chiefs that this Council cannot understand how they can represent both the reduction of the selling price of the cloves and the granted price increase on the linens as strictly necessary for the promotion of sales and collection, while the chiefs from Jaggernaikpoeram advise against all price reduction, whereby this Council must suppose that their merchants are fully satisfied with the granted increase. The remaining contents of those letters, and those of the 29th of September and 7th of October, having been taken over for communication, one proceeded to the dispatches received from Jaggernaikpoeram, and initially to that of the 30th of May, on whose contents the following resolutions were taken. The retiring second De Havallot to be granted that, upon approval from Their High Nobilities, there shall be paid out to him from the Treasury that which is due to him as balance according to the copy of the Cash Book of the ultimate of July 1781 after the sleeper, there remaining and authenticated by the signature of the chief, amounting to the sum of New Pagodas 530. 6. 8; provided he provides security for restitution with reliable guarantors. the 19th of November 1788. 507. the 19th of November 1788. approval of the remittance of the collection for the Marine School To approve fully the transmission of the funds collected for the Java Marine School in order to be sent via this Main Office to the Right Honorable Gentlemen Commissioners at Batavia. Whereas the chiefs portray in very strong colors the astonishment or rather consternation of the Jaggernaikpoeram merchants when the sloop De Herstelling arrived there in the month of May last without nutmegs or mace, adding that the merchants had offered to accept 8 to 9 packs of cloves for one pack of nutmegs, and 11 to 12 ditto cloves for one pack of mace; it was agreed to testify to them in reply that this Council was not informed of such advantageous conditions earlier, for one would not have neglected to send thither the sockel of mace and the small quantity of nutmegs which were brought here with the said sloop from Cassia, considering that the Company's interest requires to supply the most advantageous the 19th of November 1788. 509. the 19th of November 1788. of a sockel of mace and well over 1200 lb market the best, and whereas the chiefs, among other merchandise, have been provided in the beginning of September last with a sockel of mace and well over 1200 lb of nutmegs, to point out to them clearly that this Council expects no less that such advantageous conditions will again be entered into this year by the chiefs, or that, if such cannot take place, one wishes to be informed why the merchants cannot proceed to do so now as well as in the month of May last, since the small quantity of spices, both sold here and sent to the north, cannot have overstocked the market.
Dutch transcription
32 503. den 19 November 1788. en dum 100 b rooter. de acceptatie van de opeshen. nadie, met goued en doo ons:n del d amn den daar zal versogen hier zijn voorzien met zoo veele Contanten en koopmanschappen als den voorraad maar immers toeliet, daar nog wel onder was Een sockel foelij en guim duijsend ponden Nooten en woat daar onder een zochel bel wij dus vertrouwden, dat de kooplieden geen ogenblik in beraad zouden gestaan heb„ ben, om de Eijsschen voor ii 't Iaar te ac„ waat denzen daare dus vergreden cepteeren. En teffens de opperhoofden te melden te doen belijk enden dat meka dat men hun met het opengaan aan de vaard nader met goud en koopmanschappen zal vorzien als men zelfs, maar 't rden van ailus setean zij van Ceilon of Batavia een Naam„ ende waardig ontzet kreegen, en dat men dan wanneer men dan ook deugdt kannen ook dangdzamer lijwaaten, als die van dit Jaar sal te gemoet zien Het. Tlien keige an mindering der nagalen. nie voldonde bervonden Ceilon of Batavia een naamwaardig ont„ zet krengen, en dat men dan ook deugd„ samer lijwaaten, als die van dit Iaar zal te gemort zien. —. st anten die effeche vor de e en et antwoord der opperhoofden weegens den prijs vermindering der nagulen door deezen Raad niet voldoende zijnde be„ vonden, wijl Haar Hoog Edelheedens niet alleen gewaagd hebben of erve 2 vermindering van prijs den verthier zoude doen toeneemen, maar of dien vermaar„ derde verthie wel zoo groot zoude zijn, . 1 ƒ en de E: Comp: daar op die selve voor„ deelen behaalen zoude, als thans op den stigeadens en de wagn vldoende vertier vallen: zoo wierd verstaan de opperhoofden te gelasten, die vraag den 19 November 1788. onder . beartworden. 505. dert 19 November 1788. nop:s den verkoops prijs der nageelen een verkooging der lijvwaaten. en inzaam bevorderlijk zouden maa onder het suppediteeren van voldoende ves„ denen naeti te beantwoorden, want het gint genoog is, slegts te zeggen „den verthier zal ongetwijffeld toeneemen. Op hunnen brief van den 7. Septer„ en baarde verenerigt etengen ber J:o l=n, wierd goedgevonden de opper„ hoofden te rescribeeren, dat deezer Raad niet begrijpen kan, waaren de„ zelve de vermindering van den verkoops„ prijs der Nagulen en ds geaccordeerde prijs verhooging op de Lijwaarten beijden als volstrekt noodzakelijk op kun„ nen geven, tot bevordering van verthier welke bijde getelen den veker en inzaon, door de Iaggerraikpos„ van de opperhoofden alle prijs vermin„ dering afraaden, waar door deezen Raad vSlingeldand in den d dven de en en retende a 6 daan eterenede oge esie onderstellen moet, dat Hunne kooplieden volkoomen te werden zijn met de ge„ accordeerde ougmstatie de veige nhus den bijels e Den overige inhoud dier brieven, en die van den 29' xber, in 7. october voor Communica„ tie overgenoomen zijnde, zoo ging men ovegning t de besboijne van deJagen over tot de aangekoomene depechis van Jaggernaikpoeram, en wel aanvankelijk ede iuslenterhet of de verken : op die van den 30 Meij op wiens in„ ƒ houd de volgende besluiten wierden genoomen. — gcordering van den bekende de raa Den afgaande secrende De Havallot te accordeeren, dat hem op approbatie 2 ƒ van Haar Hoog Edelheeden wit Cas„ sa uitgekeurd wirde, het geene hem volgens Copia Cassa Cbeck: de ult=o Julij 1701 na den slaaper, aldaar be„ den 19 November 1788. Constende prijs veenenedering afraaken dee door Communicatie an enm Cilken vllijk 507. den 19 November 1788. goedkeuring van de overmaaking van gecollecteerde voor 't maaine School aldaaken lejeg:t de monaanbreng van noor otstende, en door het opperhoofd met zijne handteekening gewettigd, p„r saldo Compe„ teerd, bedraagende porte Nieuwe Po s 530. 6. 8; mits stellende Cautie de restituendo mnt shlend antede s met Secuure borgen. Voor zeer goed te keuren de over zen„ ding van het gecollecteerde voor het Iavas marine school om over dit Hoofd Comptir, aan de wel Edele Gestr: Heeren Commissarissen op Batavia, te werden gezonden. — Daar de opperhoofden met zier ster„ betugd en sliathes den ke Coleuren afschetsen de verwonde„ ving dan wel verslagentheid der Iag„ gernaikpoeramse kooplieden, toen de sloep de Herstelling aldaar in de Ilngel ae maand lieden hoar per de Chialoup de Vinshillin hoedanig ten aangeborden hadden die twee apticeulen aanteneemen tegens na„ deerder daar dan g'incormeed is geweskt dorden hebe en dokel berg maand Mij J=o l=r zonder Nooten of foe„ bij arriveerde, met bijvoeging dat de kooplieden aangeborden hadden, teigens Een pak nooten 8 â 9 pakken Na„ gulen, en teegen een pack foelij 11 â 12. d=o Nagulen te accepteeren- —: zoo wierd bedeweate verdat denae ij verst aan dezelve daar op ons latweezer te betuigen, dat deezen Raad miet eerder geinformeerd is geworden van zulke voordeelige Conditien, want dat men, als waneer van den neadente: Jukgen dan niet zoude nagelaaten hebben derwaarts over te zenden de zokkel fortij, in de geringe quantiteijt nooten welke hier met gem: Chialoup van eeomnpens it en e n Caffia zijn aangebragt, gemerkt dat sComp:s belang vorderd, de voordieligste den 19. November 1788. V: markt kreij ggee hier zijn aangebragt t 509. den 19 November 1788. van seen zookel Voolij en ruijm 1280: lb: deelige donditen met de oofb: a markt, het beste, te voorzien, en Daar de opperhoofden inder Andere koop votening e e mans= waaren in het begin van 2ber J=o l=n zijn voorzien geworden van Een sokkel foelij en ruijn 1200 lb Nooter, dezelve beduijdend onder het oog te veragtig hat ij beliend t el brengen, dat deezen Raad niet minder verwagt, dit Jaar werder door de oper„ hoofden zulke voordeelige Condtitie zullen aangegaan werden, of dat, zoo, zulks ezrmit e eade daar van teke 1 niet kan gesechieden, men onderrigt wil weezen, waarom de kooplieden nu, daar zoo wel niet toe kunnen overgaan als in de 1 1 maand: Meij J:o L=r, want de geringe 1 quantiteit Specerijen, zoo hier verkogt als na de noord gezonden, de markt niet s ingenten den angaan. len
English
Regarding the disposition made with respect to the garden house, it was resolved to write that this Council is willing to agree that the same, provided it is well maintained, shall, upon the death or transfer of the incoming chief, be taken over by him with a deduction of 10 percent until the capital sum of 1200 pagodas shall have been paid off, whereupon the garden must revert once more to the Honorable Company. Since the chiefs have already been ordered by letter of 2 July how the goods lost in the storm were to be written off, it is further to be written to them that it is hoped they will have received this order in good time, so that they will not have needed to wait a single moment for the closing of the books. As also that the loss incurred on the sale of the rotted blankets and other linens must also be written off on that account, as being a loss caused by that storm. The request forwarded by the chiefs to be exempted from the compensation imposed upon them of 150 7/8 lb of cloves above the ordinary allowance, found short at the warehouses on the transfer of 1785/6, was understood to be recommended favorably to Their High Excellencies in the next outgoing letter. 19 November 1788 19 November 1788 19 November 1788 19 November 1788 19 November 1788 But with regard to the compensation imposed upon them for the 86 1/2 lb of cloves, to adhere to the resolution made concerning that matter in the meeting of 25 December last, transmitting an extract thereof. And on the other hand, to exempt the chiefs from the imposed compensation for the 167 cans of arrack, since it has appeared to this Council from the transmitted attestation that this loss was caused by the bursting of the cask. And whereas those ministers testify that the disbursed 1 pagoda 12 fanams were used for the rewriting and binding of their trade books and papers, it was agreed to withdraw that imposed reimbursement for the first six months, trusting that the additional amount disbursed did not last longer than the time one was occupied with that work. Likewise, the payment of 87 Madras pagodas 23 fanams to the Master of Equipage at Coringa for 20 planks purchased there by Captain Abo in the year 1785 on behalf of the ship De Both was approved, since this was done by order of this Council; writing to them, nevertheless, that this amount must continue to be carried on the books until Their High Excellencies' honored disposition regarding it shall have been received. The payment of the gift monies to the Masulipatnam Government to the amount of 217 Madras pagodas was resolved to be approved, as having been customary. On the communication given by the chiefs that they had not only received from Masulipatnam the requested general receipt alongside the ordinary dustucks, but also a dustuck to allow 250 ox-loads of woven goods from the bay to be brought from Mootapillij overland to Jagernaekpoeram, it was resolved to reply to them that, if necessary, they may make use of it again. But that this Council meanwhile awaits from them a further and complete demonstration to substantiate their opinion that the Company would gain more if they had the Ventepallum linens brought overland than by water, for which one to two thonys were used before the war, since their remarks made concerning it are too brief to be able to judge positively thereon. In response to the demonstration of the Secunde by letter of 31 July, to answer that the remarks made in our letter of 2 July regarding the wax candles and the bookkeeper's son
Dutch transcription
mobten het tijn huijste segaen: ti en 1 deve del onderhouderend moet vesvallen. dens de afshenden in de Htom verlooren acordeerin insde gedaen ospositie ten aanzien van het toin huijs aante„ schrijven, dat derEen Raad wel wil god„ vinden, dat het zelve, mits wel on„ derhouden werd, bij overleijden of ver„ plaatsing door het aankomende opper„ hoofd zal moeten werden overgenoomen, met eene afdaaling van 10 prC=o tot dat het 1 Capitaal van pao 1200. zal betaald vrmen taen orden ande e oen zijn, wanneer de thuin weeder aan d E: Comp: moet vervallen. meedts gegevenge last in den Daar men de opperhoofden bereeds bij brief van den 2. Iulij gelast heeft, hoe de verlooren geraakte goederen in den storm moesten afgeschreeven worden, nader hoofeda zide odor ijde oden an te schrijven, dat min hoopt deeze order niet kan bedurven hebben: den 192 November 1788 tijdig vSingelandt ontvangen hebben. J 11. den 19 November 1788. „te deekens etc: moet meede op de rech afgeskh worden ontheffing van eenige specerij en H: tijdig genoeg zal gekoomen zijn, dat zij oi 't het sluijten der boeken geen ogenbleek zullen hebben behoeven te wagten. Als meede dat het verlies ge„ hetvelen bij den e oe e vallen op den verkoop der verrotte deekens en andere lijwaaten meer, ook op die Clerk. moet werden afgeboekt, als een verlies 87 zijnde door die storm veroorzaakt: Het overgezonden gegunst der opper, beslufteaegust dien e e hoofden, om ontheft te moogen werden van de hun opgelegde vergoeding van 150. 7/3. lb Nagulen boven de orcinaire validatie op den verthie van 178 5/6. bij de pak„ huijser te kort gekoomen, wierd verstaan Haar Hoog Edelheedens bij eerst af„ gaande schrijven, onder gunstige voordragt also 7 goed„ ver„ m met order „ W: Ed: aan te beeken. - den vn 8: 18. be ageler onder toekending va 't Extract. snden dan 187 Mari Ma 7 intrekking van de opgelegde be„ taaling van p ro:o 1: 12: — swegens 't in„ winden van nagotie passieren aan te bieden. gelate egtenaant besluit ten aan, Dog ter aanzien van de hun opgelegde vergoeding van de 86. ½. lb 2 vagulen ons te gedraage aan het besluit dien aangaande in vergadering van den 25. 2ber J b, onder toezinding van Extract. ontheffen van de opelegdinvern En daar en teegen de opperhoofden te ont„ heffen van de opgelegde vergoeding der 167. kannen Arrak, wijl het deezen Raad bij onrgezondere attestatie gebleeken is, dat dit verlies is veroorzaakt, door het springen van 't vat.„ En dewijl, die ministers betuigen dat de opgebragte p a / 1. 12. Januas, vicel gebruijkt zijn tot het andermaal afschrijven en in binden van Hunne den 19 November 1789. Negotie vn varem 513. den 19. November 1788 van poro. 87. 23. – aan den Equipagiem: 1785. van hem gesi Last om dit bedraagen tot het inko„ men van s: H: Edv: dispostitie bij de boeken te laaten voortlooken. Negotie boeken en papieren is verstaan die enszule oor de eerste han opgebegde vergeeling voor de Eerste 6/m: ƒ weeder in te trecken, in vertrouwen dat het dig inwelk vertrouwen meerder opgebragte niet langer heefft „ geduurt, dan men beezig is geweest met dat werk. . Ook kounde mer god de afbetaaling gedure van de te seke van M: D: p: ƒ 17. 23. aan den Equipager„ meester te Coringa voor 20. planken door in de slenten den akes Capt: Abo in het Jaar 1785 ten behoeve van het schip De Both aldaar inge„ kogt, wijl zulks op last van deezer en Raad is geschid, met aanschrijving. nogtans, Dat dit bedragen zoo lang bij de boeken zal moeten voortloopen, tot dat men Haar Hoog 1 S: G „ dn loringo. . den 19. November 1788. approbatie van de afbetaaling den schenkagie penn: aan de rug de ontvangene quitantie quitantie en gewoone derstelden tot ' overbrengen van 250 osse drag„ Edelheeden g'eerde dispositie daar over zal ontfangen hebben. De afbetaaling der schenkager penningene aan het Mazulipatnamse Gou„ vernement ten bedragen van M: D: p:a s, 217. , wird verstaan als gebruijkelijk ge„ weest zijnde, te approbeeren. gegeevene Comm: die speik van Op de gegeevene Communicatie der opper„ hoofden, dat zij van Mazuli„ patnamr niet alleen ontfangen hed„ der de verzogte generaale quitan„ tie neevens de geroone Dastokken, maar ook Een dastek om van Moe„ tapillij over den landwig na Jagger„ ten bontagbedeen uit de egots naekpoeran te moogen laaten bren„ gen 250. osse dragten bente goederen wit mat zulip 515. den 19& November 1788. weder gebruck te maaken. Pelucidatie not:s der voordeeligen aanbreng van Giu: overland. twee thonijs gebruikt wierden. ten aanzien van wax karasen boekeben„ der soon. uit de bogt, wierd verstaan hun te art„last nadenws on daran van de edse woorden, dat sij des noods zijnde, daar weeder gebruijk van Kunnen maaken, dog dat deezen Raad intusschen van deg dat neg verwagt een mase Hun inragt een nader en volliedige demenstratie tot staaving van hun gewoelen, dat de Comp: meer uitwinnen zon, wanneer zij de Wentepaluimse lij„ water over land lieten brengen, als mer sen voorden volegn en wizer, waar toe Een à twee Jonijs voor den oorlog gebruijkt wierden, wijl hunne daar over gemaakte bedenking te kortes, om àn Positief over te konnen oordeelen. Op de deminstratie van den Secunda bij nemarie nodenstreds godoamende brief van den 31. Julij te antwoorden, dat de remarqies bij onEen brief van den s 2 Julij g an waxha
English
seeking to be relieved of counting this into the treasury. wage and incurred expenses in the there 2 July, have not only been incurred on those of 24 February, but also on and the marginal disposition on the expense account of the month of February 1786, whereby it was stipulated that henceforth 2 pagodas for night watch, and 5 pagodas per year for bookbinder's wages may be charged, and denial of the request of the that one therefore cannot grant the request of the secunde for relief, to but to order him repeatedly to pay the excess charged pagodas 2. 10. ½ without further objection into the treasury, as well as the overcharged 14 days of coolie wages, and likewise the overcharged coolie pagodas 47. 11. ½, excessively in the memorandum of expenses incurred in the troubles of the 19 November 1788. 517 19 November 1788. provided board money to the carpenter Bleeker likewise cannot take place. storm, without further troubling this Council with so many unnecessary petitions and paperwork. Also that no change can take place in the florins 57. 13. 8. charged to them, or pagodas 12. 19. 15., on account of excessive board money provided to the master carpenter Bleeker, because the chiefs failed to make this notification in time, since it has always been customary that such entries are made every three months, and moreover no pay notices from the Head Office to the outer offices are ever sent, except only for such servants who are to remain stationed there. the settlement of the arrears of the satisfaction that the suppliers of carded goods merchandise It was also resolved to express our satisfaction to the chiefs over the settlement of the arrears of the merchants in April and May last, in the expectation that this shall henceforth again be done according to the order, as Their High Excellencies recommend nothing with greater emphasis than taking care of arrears, to which nothing can give more occasion than to employ such accommodations as the chiefs of the year 1786/7 have done. That the suppliers of the sewn goods now remained satisfied with receiving merchandise in payment, having given satisfaction to this Council, 19 November 1788. 519. 19 November 1788. consequently need not enter into that. the transmission to Batavia of the request of the European servants. pointing out the loss suffered to do so on that footing. given, it was thus resolved to notify the chiefs thereof, yet however with this addition, that however advantageous this may appear, one nevertheless hopes that they shall never again need to enter into such contracts, for these are all too costly for the Company. Also to notify the chiefs that the request of the European servants at that office, sent in the month of October last to Batavia, has been presented to Their High Excellencies with a favorable recommendation, pointing out the great loss which these servants suffer monthly upon receiving their pay in daboeses, yet with the recommendation that they, the chiefs, meanwhile shall have to continue with providing daboeses on the old footing, until the disposition of the High Government shall have arrived. further request made by the On the further request of the secunde De Navallet regarding his lost pay accounts, it was resolved to notify him that copies thereof have been drawn up here, and after collation with the original pay books kept here, have been delivered to his attorneys, and that we have authorized the secretary of this meeting to grant an extract thereof. But that 521. 19 November 1788. pay accounts can give. sent to Batavia. concerning the reduction of their accounts necessities one could not allow any copies of his Batavia account nor of that of this coast of 1779/80 to be delivered, because this pay book has been sent to Batavia, where he should address himself to obtain it. Since the slightest reduction made by this Council in any of their accounts is vigorously contested by the chiefs, and they seem to be very inventive in devising difficulties against all reductions, as appears from the reductions made by us on their calculations of the cost of the necessities there.
Dutch transcription
selhende om ontheffig dien in Cossa te tellen. loom en gevallene vnglden in de Hom aldaar 2. Julij, niet alleen geincurceerd zijn op die van den 24. februarij, maar ook op en De marginaale dispositie op de onkost„ Herk: van de maand febr 1786, waar bij bepaald is, dat voortaan 2 pag: voor warligt, en 5 p=a/. in het Jaar voor boeke„ binders loon kan werden opgebragt, en oontzegging van't, verzoek van den dast men dus in het verzoek van den om securde „ ontheffing, niet kan treeden, maar denzelven bij herhaaling te ge„ laten das bevpragen ij ten meten lasten om de te veel opgebragte „ Pag: 2. 10. ½. zonder verdere teegenspraake in Cassa te voldoen, gelijk meede, de te veel gereekende 14 Jantij Corlij loon, en zo meede de teveel gereekende Coalij„ Paij„ 47. 11. ½, te veel in de memorie van ongelden gevallen in de troubles van den den 19 November 1788. Stan 517 den 19 November 1788. verstrekte kostgeld, aan den tinem bleeken meede geen plaats kan hebben. storm, zonder deezen Raad verder met zoo veel noodige gepetities en schrijf„„ werk het hoofd te breeken. Ook dat 'er geene verandering kan plaats bedeiging n duij dat t secel hebben in de hun aangereekende pr / 57. 13. 8. of pag: 12. 19. 15. weegens te veel verstrek„ te kost geld aan den oppertimmarman Blecker, „wijl de opperhoofden verzuijmt hebben dids aanschrijving in tijds te doen, nadien het altoos gebruijkelijk is gewenst, dat dier„ gelijke aanreekeningen, om de drie maanden geschieden, en 'er boven dier nooijt zoldij en waarom Nititien van het Hoofd Comptoir na de d N09 buijten Comptoiren gezonden werden, dan alleen van zulke Dienaars, die daar moeten bescheijden blijven. - ook 6 _ de verevering daen agtentallen den den d„ na de onder dat ore d: v: Edie: genoegen over dat de leveranciers van gekaarde goedegen Coopmansz: haal den gealesteerd. te estungene geogen adens voan ook wierd verstaan, de opperhoofden ons ge„ noegen te betuigen over de vereevering der agterstallen van de Kooplieden in en da ver veroagt gt des heis April en Meij pass=o, In verwagting dat dit voortaan weeder na de order zal ge„ schuden, alzoo Haar Hoog Edelheedens niets met meerder nadruk wecommandea„ wen, dan zorg voor agterstallen te on zileof de onstige recom: van draagen, waar toe niets geveerder aan leij„ ding kant geeven, dan diergelijke in schik„ kelijk heeden te gebruijken, als de opperhoofden van A:o 17867. gedaan hebben. Dat de leverantiers der gezaaijde goe„ deren zig thans te wreeden hielden met koopwanschappen in betaaling te ontfangen, deezen Raad genoegen hebbende den 19 November 1788. gegeven evnstig 519. Den 19. November 1788. volg daar toe niet behoeve te treeden. de verzending, na bat: van't deprie der Europelsche dienaar. onder„ aantooning van 't verlies dat op dien voet te doen. gegeeven, zoo wierd, versaar de opper hud Jan hosfe oen at eit ea daar kennis van te geeven, dog egter on„ der deeze bijvoeging, dat, hoe vordelijk, dit ook schijne, men evenwel hoopt, dat zij nooijt wier tot sulke Contracta tien het gemalte hesban vor de Comp: zullen behoeven aer te gaan, want dier al te kostebaar voor de Comp: zijn. De opperhoofden almeede kennis te gev, tegeven enis an die el ven dat het request der Europesche die„ naaas op dat Comptoir in de maand october pass=o na Batavia, Haar Hoog Edel„ heedens onder een Gunstige vordragt is aangebooden, met eene aantooning van ze bij het groote verlies die dienaaren maan„ Gelijks leijden bij het ontfangen van Hunne gagie in dabboesen, nogtans met depomm: egteg om dien verstreking oricou s. den 19 November 1788. neerde hebben. vallet om zijn verloorene sldij deek: hier zij afgegever. van seen bedinne te verleenen gecommandatie, dat zij opperhoofden intus„ schen met het verstrekken van dab„ boeder op den ouden vort zulden hab„ to a : d: aar „e zl die: en voor te gaan, tot dat de dispositie der Hoog= Regeering zal zijn ing3„ koomen. nader gedaan verzoek door de ra„ Op het nader verzoek van den secunde De Navallet ter aanzien van zijne de legeson ij gansiteselij verloorene soldij Reekeningen zoo wierd verstaan derzelve aan te schrijven dat de Copijen daar van alhier getrokkon, en na gedaane Conspentatie met de wegin neele soldij boeken al hier berustende, aan zijne gemagtigdens zijn afgegeeven, 810 ƒ om t laten de segnteson dar en dat wij den secretaris, deerzer verge„ Laris dering gequalificeerd hebben om daar No. 76 521. den 19 November 1788. dnt: deek: kan geven. batavia verzonden zijn. omtrend de diminueering hunner reak: benodigheeden van te verleenen een Oridinus. Dan dat en dat meeken gen etij an a . min geene Copijen zijner Bataviase (:Reekening nog die van deeze kust van 177 3/80. konde laaten afgeeven, om op dat de boldijbrkin van 1 gede dit soldij boek na Batavia is gezonden, alwaar hij ter obtinu van dien, oegant hij zig iew:s adesen ven koon sig dient te addresseeren.. Daar de minste de minuatie die door gemaakte zwarigheeden door die bed:s deezen Raad gemaakt werden in eenige Hunner Reekeningen, door de opperhoofden met kragt gedebatteerd werden, en zij zeer inventief schijnen te zijn in 't uijtdenken van swaarigheeden teegens alle verminderingen, blijkende bij het inzondenhie bijde alulaten e ƒ door ons verminderde op hunne Calcu„ 67 latien van het kostende der aldaar bevoschyde F