VOC English

Dutch East India Company records, translated and anchored to the scan.

Inventory 3846

Ceylon · 938 pages · 271 segments · open at the Nationaal Archief ↗

NL-HaNA_1.04.02_3846_0748 view scan ↗

English

1729 Resumption and approval of the Tuticorin resolutions, containing the appointment of commissioners for the inspection of the Madura pearl banks and the granted authorization for the purchase of paper. Malabar writing addressed by the Paravas there to the Right Honorable Governor, containing a complaint regarding the instruction in the Reformed religion given there to the Paravas, and the decision to let this matter rest. Read and approved a Tuticorin resolution of October 20 last, whereby the servants decided: 1. To appoint the Fiscal van Spall and the Ensign van den Drieten as commissioners for the inspection of the Madura pearl banks, and 2. In the absence of stock in the Company's stores, to purchase from private individuals one ream of small format paper at two and a half pagodas, for the use of the secretariat there. Received from Tuticorin: The Tuticorin servants, alongside their letter of October 27, have forwarded a Malabar writing addressed to the Governor, which the Paravas there delivered to be sent hither. In this, they make known that their ancestors, having converted from heathenism to the Roman Catholic faith and having embraced this faith as the true saving faith, all the Paravas from that time onward have had one and the same faith. That the Chief, 17 November 1789 1725 the Honorable Mekern, detained a Lutheran missionary who had recently arrived there on his way to Palamcottah, and, having a Proponent come from Colombo, causes the heathens residing in those lands and other inhabitants to be instructed in the Reformed religion, thus daily drawing the poor and simple people of their nation into the Reformed religion by enticing them thereto with money and clothing. Because of this, discord has arisen among their nation, both with regard to doctrine and with regard to their caste. That at the beginning of this occurrence, their headmen gave notice thereof to the Honorable Chief, but his Honor gave orders that no one should be hindered in embracing this doctrine, but that on the contrary the rulers should protect them in that respect; just as his Honor also had a notice published in the name of the Honorable Company, wherefore their headmen submitted thereto. That they have tolerated the conversion of many of their nation to the aforementioned religion without hindering it; but as this new religion is now growing, they went to their headmen and brought this to their knowledge, but the latter did not make this properly known to the Honorable Chief. That furthermore, the heathens have taken up their residence there, performing devilish offerings, ceremonies, and sorceries in places where Christians live. That before they had the ceremonial pot, or so-called Madukudam, carried from Keelakarai to Melur, they took the drillmaster of the sepoys along to Melur, paid him many honors, and thereby drew him to their side. That while they came at night into their street carrying the stand upon which the sacrificial pot is to be placed, 17 November 1789 1726 1727 some of their people went to look at it, whereupon they fetched the drillmaster and some sepoys, who stabbed and slashed many of their people. That having brought these wounded to the Honorable Chief and given notice of the incident, his Honor, without even looking at the wounded, had them taken away again, withholding from them the justice that was due to them. For which reason, as well as because no settlement was made regarding their previous request concerning religion, many of them gathered together; and because soldiers and sepoys were sent against them, each of them went to their home. Requesting that their people who have turned to the Reformed religion may be returned to them, and that order may be established so that their religion is restored. That they also made this request in writing to the Honorable Chief and the Council, requesting that in case this could not be granted by the Honorable Chief, 17 November 1789 1728 their petition might be forwarded to the Governor. The servants, in forwarding this writing, have detailed the matter circumstantially, namely: that when the native preacher arrived there, he was, as it were, overrun by a multitude of Paravas who gladly heard him, but that others who were more wedded to the prejudices of their religion looked upon this with envious eyes and insulted their fellow countrymen because of it. That the servants of the Roman Catholic Church went so far as to forcibly drag away the Paravas who went to hear the native preacher and threatened them severely. That to counter this, the servants had a notice published whereby, for the instruction of the simple, it was made known that in matters of religion everyone could follow his conscience, and that no one was to be hindered therein. That since then, several have had themselves instructed by the native preacher, so that their number now stands at about fifty, half men 17 November 1789 and

Dutch transcription

1729 Resumtie en approbatie van den tutako: dese inhouden de benoeming van gecommitt: paarlbanken en verleende qualificatie tot den inkoop van poppier. mallab: geschrift door de parriessen aldaar aan de Wel Ed: Gestr: Achtb: Heer gouverneur gerigt inhoudende klagte over 't informeeren laaten van de gereborm: „ riatse. Entink, en deese zaak daar bij te laaten. geleeten en geapprobeerd eene tutukorijatche tot de visitatie der Maeues resolutie van den 20: oktober VZ: waar bij de bedienden beslooten hebben: 1: om den fiscaal van Spall en den vaandrig van den Drieten te benoemen tot gecommitteerdens bij de visitatie der Madureetche Paarlban„ ken en 2 om van Particulieren, mits ontstentenis. bij den komp=e, inte koopen een riem kleen formaat papier tegen twee en een halve pa„ gooden, ten dienste van de sekretarij aldaar van Jutukor ontf: De Tutukorijnsche bedienden hebben nevens brief van den 27: oktober overgesonden een mallabaars geschrift, aan den heer gouverneur religie aldaar aan deppar gerigt 't welk de parruassen aldaar hebben overgegeeven om het herwaarts overtezen„ den, waar bij ze tekennen geeven, dat hunne uijt het heidendom tot 't voorouders „geloof rooms „ overgegaan zynde, en dit geloof als het waare zalig makend geloop om„ helft hebbende, alle de parrnatsen van die tijd af een geloop gehad hebben. Dat het opperhoofd: Den 17: November 1789 D E. 1725 D' E. Mekern en lutherschen messionaris die on„ langs aldaar aangekoomen was om na Paleam„ kotte te gaan, aangehouden en een Proponent van kolombo laatende koomen, de heedenen die hun verblijf in die landen hebben en andere in„ woonders in den herformoen godsdienst laat onderrigten, brengende dus de arme en ornosele luijden van hunne natie dagelijks in de gereformeerde religie door hun daar toe aante„ lokken met geld en kleederen, waar door onder hunne natie een twee spaed ontstaan is, zoo ten opzigte der leere, als ten opzigte van hun geslagt. Dat bij den aanvang van deese van gebeurtenis hunne hoofden daar aan 't E. opperhoofd kennis gegeeven hebben, dog deet= zijn E ordre gegeeven heeft, dat niemand belet zoude worden in de omheesing dee„ „ser leere, maar dat integendeel de ge„ bieders haar in dien opzigte moesten beschermen, gelijk zijn E. ook uijt naam van DE. komp=e een advertissement Den 17: November 1789:. liet vervolg. die hoofd „ 1726 vervolg. liet at publiceeren, waarom hunne Hoofden zig daaraan onderworpen hebben. Dat ze het overgaan van veelen hunner natie tot voorschree„ „ve religie zig hebben laaten gevallen zonder zulks tans te beletten, dog wijl deese nieuwe religie aan„ groeit hebben ze hun vervoegd bij hunne Hoof„ „den en hun zulks ter kennisse gebragt, maar dat deezen zulks niet na behooren aan het E„ opperhoofd hebben te kennen gegeeven. Dat buijten des de herdenen hun verblyf aldaar genoomen hebben; doende duyveltche offerhan„ „den, Ceromonien en toverijen op plaatsen daar Christenen woonen. Dat ze voor en al eer ze de Ceremonipot of zogenaamde Maddoekoedam van Kielaer na Meloer liet draagen, de drilmoester der Lipalis na Meloer mede genoomen, hem veele eere beweezen en daar door aan hunne zijde getrokken hebben. Dat terwijl ze in den nagt dragende de stelling daar de opfer pot op gesteld moet worden in hun straat Den 17: November 1789. kwamen 1727 kwamen, eenige hunner deselve zijn gaan le„ zien, waar op ze de driemeester en eenige ruas„ Lipalus gehaald hebben, die veelen hunner volkeren gestooken en gekapt hebben. Dat ze„ deeze gekwetsten by het E: opperhoofd gebragt ge en van 't geval kennis gegeeven hebbende, zijn E: en zonder die gekwetsten eens tetien hun weder heeft laaten wegbrengen, hun het recht onthou„ dende dat hun toeqaam. waarom zowel als om dat 'er geen afdoening nopens hun voorig versoek aangaande de religie ge„ schied is, veelen hunner zig tezaamen vervoegd hebben, en wyl er soldaaten en Li„ pahis op hun gezonden werden, heeft zig elk hunner na hun woon begeeven. ver„ zoekende dat hun volk, dat zig tot de gere„ formeerde religie begeeven heeft, hun weder gegeeven en ordre gesteld mag worden, dat hun religie overgebragt word; Dat ze dit verzoek ook schriftelik aan 't E: opperhoofd en den raad gedaan hebben en daar bij verzogt, dat ingevalle zulks door het E: Den 17 November 1789 opperhoofd vervolg. 1728 dat de bed:s daar nopens omstandig bedeelen. opperhoofd niet konde worden toegestaan, hun smeekschrift aan den heer gouverneur mag worden overgezonden De bedienden hebben bij 't overzenden van dit ge„ schrift de zaak omstandig bedeeld, namelyk dat toen de land prediker daar kwam, hij van een weiigte van parruassen, die hem gaarne hoorden, als overloopen, wierd, maar dat anderen die meer verkleerd waaren aan de voor oordee„ „len van hunnen godsdienst, dit met nijdige oogen aanzaagen en hunne lands genooten daar over beschiupten. Dat de bedienden van de roomsche kerk zo vergingen, dat ze de par„ „ruas, die de landspredeker gingen horen, feite„ „lijk woghaalden en swaar bedreigden. Dat om dit tegentegaan, de bedienden een bilzet lieten publiceeren, waar bij tot onderrigting van eenvoudigen wierd bekend gemaakt, dat in 't stuk van godsdienst elk een zijn ge„ weeten koude volgen, en daarin door nie„ mant mogt verhindert worden . Dat zedert verscheidene door den land prediker zig hebben laaten onderwijzen, dat hun getal taris is tot op omtrent vijftig, half mannen Den 17. November 1789 en

NL-HaNA_1.04.02_3846_0753 view scan ↗

English

The 17th of November 1789. and half women, of whom nine individuals have been admitted as members. That the Parruas, who viewed this with displeasure, began to gather in mobs on the 16th of August and to present various objections to the fact that some of their caste had become Reformed. That the officials represented to the five headmen, who came to give notice thereof, and through them to the common people, the groundlessness, unreasonableness, and impropriety of their grievance. That at nightfall, the mobbed crowd came before the house of the chief Pattangatijn, committing various acts of violence and even laying their hands upon their headmen, who were assembled there. That they thereupon immediately sent an officer with a detachment of soldiers, upon whose arrival the Parruas were scattered and took flight. That on the following day they assembled anew, but after a detachment was sent out again, they took flight into the woods, of whom five were nevertheless captured and, as a deterrent to others, sent in chains to the island, while several other apprehended persons were released with a verbal reprimand; that herewith this affair came to an end, the dispersed Parruas returned to their houses, and on the following day all went to their work. That since then about forty Parraassen have delivered to the officials a Malabar paper and a letter for the Governor, with a request to send them to Colombo if the officials could not settle the matters to their satisfaction, which they promised them. That in the meantime, Predikant Meijer had been occupied the entire day on the preceding Friday examining the new converts, when several Parruassen were admitted as members, which seems to have brought the Parruassen to the extreme, for on the following Sunday the greatest part of them departed from there, the headmen and a few others alone excepted, having severely mistreated and held in custody some Reformed Parruas whom they took with them from there and met on the road. That in another time they would find no difficulty in this, but that the impending shank diving and the inspection of the pearl banks placed them in great embarrassment. That because the Nabob currently has just as much interest in this as the Company, the officials had given notice of what had occurred to Mr. Vruchanam and the native ruler, requesting the orders of this government as soon as possible, and if the request of the Parruas could not be granted, that half a company of Malays might be sent to them at the first opportunity, in order to be able to subdue the rebellious people and bring them to their duty. Furthermore, the officials, to clarify the complaint that appears in the aforementioned petition of the Parruas concerning a dispute with the heathens, reported that before the Honorable Company was established on the Madura coast, Tutukorijn was entirely inhabited by Parruas, and that the heathens then lived at Meloer; that the latter had since from time to time settled within Tutukorijn, and finally all moved from Meloer to Tutukorijn. That already since time immemorial the heathens have laid out sacrificial places and built small temples outside the northern village, and from time to time expanded the public ceremonies of their religion more and more, and had finally brought it so far that they also managed to introduce a ceremony to carry a small pot of suri with great state from the middle of the northern village to the temple of Meloer. That this matter had long been an apple of discord between the heathens and the Parruas, who maintained that such idolatries could not be tolerated in a Christian land. That under the administration of the Honorable Ordinary Member of Council van Angelbeek, this important matter was pushed very far by the Parruas, and His Honour had then ordered that, because the heathens had now already been in possession for a long time, they should continue to practice their ceremony, but that it should not be allowed to take place before nine o'clock in the evening. That under the administration of the present chief, this matter has repeatedly been an object of complaint, and His Honour has always ordered that the arrangement of the Honorable Mr. van Angelbeek should remain in force, but that the Parruas nevertheless continuously resisted it, so that the officials have repeatedly been compelled to post a guard of Sepoys to prevent the heathens from being hindered in their ceremony. That in the spring this ceremony took place, without the knowledge of the officials, at eleven o'clock in the evening, when some Parruas had the audacity to disrupt the ceremony

Dutch transcription

1729 Den 17: November 1789. en half vrouwen, waar van negen stuks tot le„ de maaten zijn aangenoomen. Dat de parruas„ die dit ongaarne zagen, op den 16: augustus begonden zaamen te rotten en verscheiden be„ swaaren voor te stellen, dat eenige van hunne kotta gereformeerd waaren geworden. Dat de bedienden aan de vijff groote hoofden, die daar van kwamen kennis geeven, en door hun aan het volk hebben voorgesteld de ongegrondheid, onrede„ lijkheid en onbetemelijkheid van hunne beswaar„ nis. Dat met het vallen van den avond, de tezaamen gerotte menigte voor het huijs van den hoofd pattangatijn kwam, plegende verscheidene buldadigheeden, en zelfs hunne handen slaande aan hunne hoofden, die al„ daar vergadert waaren. Dat ze toen ten eersten een officier met een detachement mili„ teuren zouden, op welker aankomst de par„ ruas verstrooijd wierden en de vlugt naamen Dat ze des ander daags op nieuw versameld hebben, dog daar op weder een kommando uytgezonden zynde, hebben ze de vlugt genoomen na vervolg. 1730 vervolg. na de botschen, waar van egter vyf opgevat en tot afschrik van anderen in de ketting na het eiland gezonden zijn, terwijl verscheide andere opgebragte perzoonen met een mondelinge. reprimende zijn lotgelaten, dat hiermede dit geval een einde genoomen, de verstrooijde par„ „ruas na hunne huijszen terug gekeerd en des anderen daags alle aan hun werk gegaan zijn, Dat zedert ongevaar veertig Parraas„ „sen aan de bedienden aangebroden hebben een mallabaarsch papier en een brief voor den heer gouverneur, met verzoek om die na kolombo te senden, indien de bedienden de zaaken tot hun genoegen niet konden afdoen, het welk ze Een beloofden: Dat intusschen de Predikant Meijer des vrijdags tevooren den geheelen dag bezig geweest is de nieuwe bekeerlingen te Examineeren, wanneer verscheide parruassen tot ledemaaten zijn aangenoomen, 't welk de parruassen tot het uijtterste schijnt te hebben gebragt, want dat ze op den daar op volgenden Zondag voor het grootste gedeelte van daar ver= „trokken zijn, de groote hoofden en eenige wijnige Den 17: November 1789 anderen 1731 bediendens miet de ke:s tot opheldering van de klagte bij 't voorm: geschrift van de parriassen over een verschil met de heidenen nog bedaeld. anderen alseen uijtgezondert, hebbende eenige gereformeerde parruas, die ze van daar hebben meede genoomen en op de weg ontmoet, zeer mishandeld en bij zig in verzekering gehou„ den. Dat ze in een ander teid geen swarigheid daarin zouden vinden, maar dat de op handen zynde sjankoos duijkerij en de visitatie van de paarlbanken hun in groote verlegentheid bragte. Dat wijl de Nabab daar bij tans even zoo veel belang heeft als de komp=e, zij bedien„ verzoek van de Jutikos. , den van 't voorgevallene aan den Heer vrucha„ „nam en den landregent kennis hadden gegeeven. verzoekende om de beveelen deeter regeering zoo spoedig moogelijk, en indien in 't verzoek van de parruas niet mogte worden bewilligd, dat hun dan bij eerste gelegentheid een halve komp: maleijers mogt worden gezonden, om in staat te weezen om het oproerig volk te kunnen temmen en tot hun pligt te brengen. Heb„ bende wijders de bedienden, tot opheldering van de klagte, die voorkomt bij het voormeld request van de parruas over een verschil met de heidenen, nog Den 17: November 1789: bedeeld - 1732 vervolg: bedeeld, dat voor dat DE. Comp: op de Ma„„ dureetche kust gezeeten wat Tutukorijn geheel en al bewoond wierd door parruas, en dat de heidenen toen woonden op Meloer, Dat de laaste zedert van tyd tot tijd zig binnen Tutukorijn ter woon neder getet hadden en eindelijk alle van Meloer na Tutukorijn verhuijst zijn. Dat reets zedert onheuge„ lyke tijden de heidenen offer plaatzen hebben aangelegd en tempetjes gebouwd buijten het noorden dorp en van tijd tot tijd de opentlijke plegtigheeden van hunnen godsdienst meer en meer uijtgebreed en eindelijk zo vergebragt hadden, dat ze ook eene plegtigheid wisten inte„ voeren, om een potje met surie met groote state„ „likheid uijt het midden van het noorderdorp naar den tempel van Meloer tebrengen. Dat dit stuk lang een twistappel geweest is tus, „schen de heidenen en de Barruas, die meerder dat zulke afgoderijen in een Christen land niet konden gedoogd worden. Dat onder het bestier van den Edelen Heer Raad ordinair van Angelbeek dit wigtig stuk door de Den 17: November 1789. parruas 1733. vervolg. parrras zeer ver gepausseerd is en zijn Edele toen had bevoolen, dat wijl de heidenen nu reets lange in de Potsessie waaren geweest, zij hunne plegtigheid zouden blijven oeffenen, maar dat het niet zoude moogen geschieden voor des avonds ten negen uuren. Dat onder het bestier van 't tegenwoordig opperhoofd deeze zaak meermaals een voorwerp van klagte geweest is en zijn E altoos bevoolen heeft dat de schikking van den Edelen heer van Angelbeek zoude moeten blijven stand houden, maar dat de parruas des niet temin bij aanhoudentheid daar tegen zig hebben verzet, zoo dat de bedienden te meermaalen genoodzaakt zijn geweest om een wagt van Lipalus te stellen om voorte koomen dat de heidenen in hunne plegtigheid niet gehunderd wierden. Dat in 't voorJaar= deeze plegtigheid geschiede, zonder ken„ nis van de bedienden, des avonds om elf uuken, wanneer eenige parruas de stou„ „tigheid hadden, om de plegtigheid te Den 17: November 1789 stooren M

NL-HaNA_1.04.02_3846_0758 view scan ↗

English

734. 173 continuation. to disturb and to smash the pot of surie to pieces, whereupon the Parruas and heathens came to blows with one another and were separated by the sipahi guard, which was called for help; however, the Parruas nevertheless did not cease throwing stones, which was forcibly stopped by the sipahis. That on this occasion a Parrua was slightly wounded, although of little consequence. That the next day all the chiefs of the Parruas, great and small, came with a great clamor to complain about the heathens and about the sipahis, but especially about the drillmaster who had led them. That the servants investigated the matter as far as could be done in the presence of the chiefs and heard all the sipahis man for man, who declared that they had found the heathens and Parruas engaged in combat and had separated them from one another, and that they had thereby prevented a complete bloodbath, which would certainly have followed had they not rushed to their aid. The 17th November 1789. 1735. whereupon. rushed to their aid; that thereupon the chiefs began to calm down a little; that since then the Mannigaar of Meloer, taking up the cause of the heathens, has complained about it, and that the head Manigaar had received orders from the Land Regent to investigate the matter, and that two deputies had also been there to speak with the Honorable Chief about this matter, and that they declared to be very satisfied with the manner in which the matter has been settled. deliberation and resolution. Whereupon having been deliberated and taken into consideration that what was done by the Tutukorijn servants regarding the Parruas must be regarded as having proceeded from a kind of zeal which, whatever one may call it, deserves some indulgence among most people and especially among the common man; it is accordingly approved and agreed to take the mildest course in this matter and to write to the Tutukorijn servants to have the Parruas notified The 17th November 1789 notified 1736 continuation. notified that this government has received their letter and has ordered the servants to make known to them in the name of this government: That it is the custom of the Dutch Church to teach the Reformed doctrine with open doors, without otherwise seeking to force it upon anyone, or employing other means and ways for the propagation thereof than this simple and public proclamation of God's word. That just as this government seeks to persuade no one to embrace the Reformed religion through other or unusual means and ways, and also has no intention of doing so, it likewise may neither hinder nor obstruct anyone who, through such a simple public proclamation of our doctrine as it is taught in our church, is moved to embrace the same; yet also even those who The 17th November 1789 this 1737 do this of their own accord nevertheless remain in complete freedom either to persevere in this their free choice that was made, or to return to their former persuasion. That it is left to everyone's free choice to act herein as they see fit and to follow the promptings of their conscience, and that if there are accordingly those among the Parruas who have left the Roman religion and might now be inclined to embrace it anew, they have complete freedom to do so on the part of this government. That by this government no one is treated favorably or unfavorably on account of religion; that it considers it just that everyone follow herein the promptings of their own conscience; and that this government demands nothing else from its inhabitants The 17th November 1789 than continuation. than 1738 The 17th November 1789. Further resolution to send half a company of Malays to Tutukorijn with certain qualifications. Report concerning Trinkonomale Final finding of the ship 't Slot ten Hooghe. than that they behave as quiet, pious, and faithful subjects. That this government regards what occurred as a step taken solely out of misunderstanding; that it has therefore ordered the servants to conduct no further investigation into it; and hereby admonishing everyone to peace, trusts that everyone will return home and resume their trade and business as befits good and faithful subjects. Furthermore, it is agreed, in accordance with the servants' request, to send half a company of easterners to Tutukorijn, and to write to the servants at the same time that this government can hardly imagine that they will be needed there, and if that is not the case, they must be sent back at the earliest opportunity. Insertion of the delivered cargo list from Trinkonomale of the pink Is received from Trinkonomale alongside the servants' letter of the 14th October last.

Dutch transcription

734. 173 vervolg. stooren en het potje met surie aan stukken te slaan, waar op de parricas en heidenen aan malkanderen raakten en door de sipahise wagt, die tot hulp geroepen wierd, gescheiden is, dog dat de Barruas egter niet ophielden met steenen tewerpen, het welk hun door de lipa„ lis feitelijk bezet wierd. Dat bij deeze ge„ legentheid een Parrua een weinig gekwetst is „ schoon van weinig aanbelang. Dat des anderendaags alle hoofden der parrias grooten en kleenen met een grooten ofhef zijn koomen klagen over de heidenen en over de sipahis, maar inzonderheid over den drilmeester, die hun had aangevoerd; Dat de bedienden de zaak, zoo veel het geschieden konde, in tegenwoordigheid van de hoofden on„ derzogt en alle De sipalus man voor man ge„ hoord hebben, die verklaarde, dat ze de heidenen en parruas handgemeen gevon„ den en van den anderen gescheiden hadden, en dat ze daar door hadden voorgekoomen een geheel bloedbad, 't welk voor zeker zoude gevolgd zin, indien ze niet tot hulp waaren Den 17: November 1789. toegeschooten 1735: blaorop. toegeschooten, dat hier op de hoofden een wijnig begonden te bedaaren dat zedert de Mannigaar van Meloer de zaak der heidenen zig aantrek„ kende daar voer heeft geklaagd, en dat de oppermanigaar last gekreegen had van den Landregent om de zaak te onderzoeken, en dat ook twee gedeputeerden aldaar waa„ „ren geweest, om over deese zaak niet het E: opperhoofd te spreeken, en dat ze ver„ klaard hebben zeer voldaan teweeten over de wijze, op welke de zaak is afgedaan. deliberatie en destid waar over gedelibereerd en in aanmerking genoomen zynde, dat het bedeelde door de Tutukorijssche bedienden nopens de parru„ assen, moet worden aangemerkt, als voort„ gekoomen uijt een zoort van ijver, die hoe men te ook noemen mag, by de meeste menschen en inzonderheid bij den gemeenen man eenige inschikkelijkheid verdiend, is dienvolgende goedgevonden en verstaan om in deesen den zagsten weg inteslaan en de Tutukorynsche bedienden aanteschrijven, om de parruatsen te laaten Den 17: November 1789 aanzeggen schooten 1736 vervolg. aanzeggen dat deese regeering hunnen brief ontfangen en de bedienden gelast heeft aan hiun uijt naam deezer regeering te laaten bekend maaken. Dat het de gewoonte der Nederlandsche Kerk is de gereformeerde leere te doen leer en met open deure, zonder dat ze voor het overige die aan iemand zoekt op te dringen, of ter uijtbreiding daar van, te werk stellen an„ dere middelen en weegen als deese eenvoudi„ „ge en openbaare verkondiging van gods woord. Dat gelyk deeze regeering nie„ mand tot het aanneemen der gereformeer„ de religie zoekt over te haalen door andere of ongewoone middelen en weegen, en dat ook met voornemens is te doen, ze ook niemand die door zulk een eenvoudige openbaare verkondiging onser leere zoo als ze in onse kerke geleerd word, word bewoogen om dezelve aanteneemen, daar in verhinderen nog hinderlijk zijn mag, dog dat ook zelfs zulde, die Den 17: November 1789 dit 1737 dit uijt eige beweeging doen, des niet te „min in de volkomentte vrijheid staan, om in deese hunne gedaane vrije verkie„ „sing te blijven volkarden, dan wel weder tot hunne voorige gezintheid overte gaan. Dat het aan een elks vrije keuze staat om hier in na goedvinden te handelen en de beweegingen van zijn gemoet te volgen, en dat zoo 'er mits dien onder de parruas„ „sen zulke zijn, die de roomte religie hebben verlaaten en nu mogte geneigt zijn die wederom op nieuw te omhelsen, ze daar toe van weegen deese regeering de volkoomentte vrijheid hebben. Dat by deese regeering niemand ter zaa„ ke van de godsdienst gunstig nog onr„ gunstig word behandelt, dat ze het billijk agte dat een elk hier in de be„ weeginge van zijn eige gemoed volga en dat deese regeering van derzelver in„ „ gezeetenen niets anders vordert, dan Den 17: November 1789 dat vervolg. en 1738 Den 17. November 1789. verder besluit om een halve Comp: malaijers na Tutukorijn tezenden met zeker omstandiging. Betoigne over Trinkonomale Timaals bevinding der schip t slotten Hoog. dat ze zig als stelle, vroom en getrouwe on„ derdaanen gedraagen Dat by deeze Regeering het voorgevallene aan„ „siet als een stap gedaan alleen uijt mis verstand; dat ze daarom de bedienden bevoolen heeft om daarop geen verdere onderzoek tedoen; en hier meede een elk tot rutt vermaanende, vrtrouwd dat een elk wederom ten zijnent zal keeren en hervatten zijn neering en bedrijf zoo„ als dat goede en getrouwe onderdaanen betaamd voorts is verstaan volgens der bedienden verzoek aan halve komp:s ootterlingen na Tutukorijn te zenden, en de bedienden daar bij aanteschryven, dat deeze regeering zig nauwelijks kan verbeelden, dat ze daar noodig zal zijn, en wanneer dat niet is, ze met de eerste gelegentheid moet worden terug gesonden Jnsertie van gen pinkno„ Is van Trinkonomale nevens der bedienden iitgeleverde lading van't brief van den 14: oktober Jongstleeden ontvangen

NL-HaNA_1.04.02_3846_0763 view scan ↗

English

1739 The 17th November 1789 lb Received the findings inserted below of the Colombo cargo delivered there from the ship 'T slot ter hooge, which was examined by the first inspector Berghuijs: Findings of that which was brought from Colombo by the ship 'T slot ter Hooge and delivered here, namely: More Less Accounted for. — lb 4061 - —— P=s 2 Ceylon Coffee Beans according to bill of lading - - - - - - - - lb 1907 ditto report - - - - - - - - lb 4061. On this, according to regulations, may be validated for the benefit of the officers lb 19¾. percent 1: Dutch Iron in bars according to bill of lading - — — — - - ditto report - - - - - - - lb 1987. On this the officers may be credited on account of — ¾: percent - - - - - Arrack Api according to bill of lading – – – — - k 19400 ditto report - – – - - k 19400. — Hereon may according to regulations be credited to the benefit of the officers 5: percent - - R: 970: — Bench vices. according to bill of lading - - - - - - - - 2 ditto report - - - - - - - - 1. — To the charge of the officers - - - - - - - - 1. Trinkonomale the 10 October Anno 1789: was signed: D= Hartig Agrees signed A: P: Leder in the margin: signed: Examined and nothing to remark W A: Berghuijs. And 30½ 1740. Resolution thereon concerning the female elephants perished at Trinkonomale. And after deliberation it was approved and agreed to have the 19¾ lb of Ceylon coffee beans, 30½ lb of Dutch iron in bars, and 970 jugs of arrack api mentioned therein credited to Batavia, in order to be credited, with the pleasure of the Honorable High Indian Government, to the officers of that vessel, on account of the percentages allowed by regulation. Furthermore, to also have the unaccounted-for bench vice charged to that capital, to be reimbursed to the Company by the said officers. Report of the two The Trinkoudmaale servants have, with a letter of 28 October last, sent over two reports of a Judicial Commission, who inspected two Company female elephants that perished on 19 September and 9 October, both 3¾ kobidos tall. Resolution thereon: And after deliberation it was approved and agreed to authorize the trade servants here to write off the said elephants in the books. The 17th November 1789. 1741. On the request of the burgher Geertsz: to deposit money into the Company's Treasury at ¾ percent interest monthly. The said servants, having submitted with their aforementioned letter of 28 October the request of the burgher there, Matthijs Alken Geerltz, to be allowed to deposit approximately 10 to 12000 rupees into the Company's treasury, at the interest of three-quarters percent monthly; Resolution thereon: After deliberation it was approved and agreed to authorize the servants to accept from the said burgher Geerttz into the Company's treasury the ten to twelve thousand rupees offered by him, but at the interest of one-half percent monthly; but whereas much money is nevertheless needed at Trinconomale for making the daily provisions, and one does not always have the opportunity to send the same thither, it is also agreed to authorize the Honorable Lieutenant Colonel van Driberg by a separate letter, The 17th November 1789 1742. On the shortage of money in the consignment sent with the bark De Jonge Willem Arnold and the ship 't Slot ter hooge from here to Trinkonomale and recounted by the money counters of Colombo. in case the said Geertsz does not wish to lend the aforementioned offered money to the Company for that interest of one-half percent, and Trinconomale needs this money to cover the daily expenses, then to accept the same at the interest of three-quarters percent monthly, provided that this sum shall be paid off again as quickly as can be done. There were received from Trinkonomale, alongside the servants' letter of 31 October last, two reports of Judicial members, who had the Colombo money counters recount the copper money brought thither with the bark De Jonge Willem Arnold and the ship Slot Ter Hooge in well-conditioned The 17. November 1889. whole and half bags, 1743. Resolution thereon whereby a shortage was found of rixdollars 43: 31: —, namely on rixdollars 25000: brought with the bark De Jonge Willem Arnold rixdollars 37: 14:, and on rixdollars 3000: brought with the ship 'T Slot ter Hooge rixdollars 6: 12. —. And after deliberation, considering that this deficit does not amount to a quarter percent, it was approved and agreed to authorize the Trade servants here to write off the aforementioned shortage found of rixdollars 43: 31. - in the books, and to order the Trinkoudmaale servants henceforth to allow no provisions whatsoever to be made to the money counters who come over there to count out the money being brought, and to state in a separate specification how much successively has been provided there to money counters, The 17th November 1789 whether 1744. Petition of the sworn clerk at Trinkonomale Fedder requesting to be allowed to marry the deserted wife of the carpenter Leideman. whether they came over from Colombo or from Jaffna, either in cash or in rice, since primo October 1788. Read a petition received from Trinkonomale alongside the servants' letter of the 3rd of this month, from the sworn clerk there, Jacobus Gerardus Diderik Fedder, containing a request to be allowed to marry Johanna Henrietta Bakker, deserted wife of the carpenter Jacob Luideman, who at the beginning of the year 1782, with the surrender of Trinconomale to the English, was taken away as a prisoner of war to Madras, went over there into English service and departed for Bengal, and of whom not the least news has since been heard. Resolution thereon: And after deliberation it was approved and agreed The 17th November 1789

Dutch transcription

1739 Den 17: November 1789 lb ontfangen de hier onder geinsereerde Bevinding der aldaar uijt geleverde kolombosche laading van het schip 'T slot ter hooge, welk door den eersten visitateur Berghuijs is g'examineerd: Bevinding van het geene dat per het schip 'T slot ter Hooge van kolombo is aangebragt en alhier uijtgeleeverd, teweeten. heerder minder P'antwoord. —l0 4061- —— P=s 2 Coffi Boonen Ceilonsche Hier op mag volgens reglement gevalideerd noor„ prC=to ten voordeele van de overheeden lb 19¾. den 1: Yzer Holl=s Aan staaven volgens Cognossement - — — — - - Hier op mag de overheeden goed gedaan wer„ „den wegens — ¾: PrC=o - - - - - Arrak Apij volgens rognossement – – – — - k 19400 _=o rapport - Heer op mag volgens reglement ten voordeele van de overheeden goedgedaan worden 5: Bankschroeven. volgens kognotsement Do rapport - - Ten laste van de overheeden - - - - - - - - Trinkonomale den 10 october A=o 1789: /:onderstond. / was getekend:/ D= Hartig Akkordeert /geteekend A: P: Leder /:in margine:/ /:geteekend:/ g'Examineerd en niets aan te merken W A: Berghuijs. volgens nognossement - - - - - - - - lb 1907 _o — rapport - - - - - - - „ 4061. – – – - - „ 19400. — _o rapport - - - - - - - - „ 1987. -- - - „ 1. — PrC=to - - R: 970: — En 30½ - - 1. 1740. Besloit daar op te Trinkonomale gekre„ „peerde wijlje Eliphanten. En is na deliberaatsie goedgevonden en verstaan de daar bij vermelde 19¾. lb: koffi boonen Ceilonse, 30½ lb yzer hollands aan staa„ „ven en 970: kannen arrek apij na Bata„ via te laaten ten goede brengen, om met be„ lieven van de Edele Hooge Jndiasche Regee„ „ring aan de overheeden van dien Bodem te„ worden goedgedaan, wegens de bij reglement toegestaane procentos. voorts om de minder= verantwoorde bankschroef meede na die hoofdplaats te laaten aanreekenen, om door gemelde overheeden aan DE komp: teworden vergoed. Rapport van de twee De Trinkoudmaalsche bedienden hebben bij brief van den 28: oktober Joeeden overge„ „zonden twee rapporten van eene Justitieele Commissie, die bezigtigd hebben twee op den 19: september en 9: oktober gekrepeerde komp=s wytzes Elephanten, beide hoog 3¾: kobidos. defleuit daarp: En is naa deliberatie goedgevonden en verstaan de Negotie bedienden alhier te qualificee„ „ren om gemelde Elephanten by de boeken Den 17: November 1789. afteschrij= 1741. van 't verzoek van den burger Geertsz: om geld in 'sComp:s Cassa tetellen teges ¾. p:r C:o intrest maands. afteschrijven vorbrig den bedienden Gemelde bedienden bij voorsz hunnen brief van den 28=e oktober voorgedraagen hebbenden het verzoek van den burger aldaar Matthijs Alken geerltz, om Circa 10: â 12000: roppijen in sComp=s kas te moogen tellen, tegen den intrest van drie kwart procento 'smaands bestliedt daar p: Js naa deliberatie goedgevonden en ver„ staan de bedienden te qualificeeren om. van gemelden burger geerttz in sComp=s kas temoogen accepteeren de door hem aangeboodene tien â twaalff duij„ zend ropijen, dog teegen den uiterest van een half pro Cento smaands; maar wijl nochtans op Trinconomale veel geld noodig is tot het doen der dagelijk„ sche verstrekkingen, en men altoos geen gelegendheid heeft om het zelve na derwaarts te zenden, is teffens ver„ staan den E. luijtenant Collonel van Driberg by een apparte brief Den 17: November te bij 1742. „vonrere geld in de partij met de Park de Jonge lieve arnold en't schip 't slotterhooge van hier na Trinkonomale ge„ zonden en door de geldtel„ „lets van kolombo nageleld. te qualificeeren, om ingevalle gemelde geertsz het voormeld aangebooden geld voor dien intrest van een half Procento aan de kompe niet wil leenen, en Trincouo„ male dit geld noodig heeft tot het doen rond staan der dagelijksche uijtgaa„ vens, als dan het zelve te accepteeren tee „gens den intrest van drie kwart pro„ Cents smaands, mits dat van deeze som wederom zoo spoedig het geschieden kan worde afgelegd. rappnrt mait ten enke zijn van Trinkonomale nevens der bedienden brief van den 31: oktober Jongst„ leeden ontvangen twee rapporten van Justitieele leeden, die door de kolombo„ sche geld tellers hebben laaten natellen het koper geld aldaar niet de bark de jonge willen Arnold en het schip slot Ter Hooge in welgekondi„ Den 17. November 1889. tioneerde 1 1743. bestlut kaarp tioneerde heele en halve armen aangebragt, waar bij bevonden is eene minderheid van rd=s 43: 31:—. , als op rd=s 25000: met de bark de Jonge willem Arnold aange bragt rd=s 37: 14:, en op rd=s 3000: niet het schip 'T slot ter Hooge aange„ bragt rd=s 6: 12. —. En is na de liberatie uijt aanmerking dat deeze tekort kooming geen quart PrC=t bedraagt, goed gevonden en verstaan de Pr Negotie bedienden alhier te qualificeeren, om voormelde minder bevondene rd=s 43: 31. - by de boeken afteschryven, en de Trin„ houdmaalsche bedienden te gelasten, om voortaan aan de geldtellers, die aldaar overkoomen om het aangebragt wordend geld uyttetellen, geene verstrekkingen hoe genaamd te laaten doen, en bij een aparte aantooning optegeeven, hoe veel successive aldaar aan geldtellers, Den 17: November 1789 het 1744. Request van de gezw: „klerk te pinkonomale fesder verzoekende te derecate huisvrouw van het zij van kolombo of van Jaffena overgekoomen is verstrekt, het zij in kontant of aan ryst, zedert primo 2ber 1788. geleezen een van Trinkonomale, nevens moogen trouwen met ieder bediend en brief van den 3: deezer, den timmerman Leideman ontfangen request van den gezwoore klerk aldaar Jacobus Gerardus Diderik Fedder, houdende, verzoek om te moogen trouwen met Johanna Henrietta Bakker verlaate huijsvrouw van den timmerman Jacob Luideman, die in het begin van Ao 1782 met het overgaan van Trinco„ nomale aan de Engelschen, als krijgtge„ ge vangen is meede gevoerd naar Madras, aldaar in Engelschen dienst overgegaan en naar Bengale vertrokken en van wien zedert geen de minste tyding vernoomen is. besluswarop: En is na deliberatie goedgevonden en Den 17: November 1789 verstaen

NL-HaNA_1.04.02_3846_0769 view scan ↗

English

1745. Business concerning Battikaloa. Insertion of a finding of calculated wastage on various goods, meaning that the aforementioned Johanna Henrietta Bakker is to be referred to the Council of Justice at Trinkonomale, in order to proceed according to customary style by edict against the aforementioned her husband Jacob Luideman toward the dissolution of the marriage, and when she has obtained such, then to grant the request of the sworn clerk Fedder to be permitted to marry her. Read an inserted finding of calculated wastage, provided at Battikoloa, on various goods issued at Battikaloa during the recently passed book-year 1788/9. Finding of such wastage as has occurred in the book-year 1788/9 at this place in the warehouses, etc. The 17th of November 1789. 1746. The 17th of November 1789. Have arisen upon the forwarded and issued lots as is stated in detail here below, which one and all are submitted under the favorable pleasure of the Right Honorable, Valiant, Highly Esteemed, High-Born Lord, Willem Jacob van de Graaff, Ordinary Councillor of the Netherlands Indies, Governor and Director of the Island of Ceylon with its dependencies, together with the Council, in order to obtain his Honor's Valiant, Highly Esteemed, High-Honored disposition regarding one and all for write-off against the trade balances, namely: Paddy or Nelie On a forwarded and issued parcel within the year measuring Par 21539 23/6. According to the regulations, 2 per cent may be credited on this, being Pars 430 23/30. Coconut oil On a forwarded and issued parcel, both of this year and over-year, measuring Koun 964. According to the regulations, 5 per cent may be credited on this, being Koun 48 1/5. Raw wax from Batticaloa On an issued parcel within the year measuring lb 80 15/8. According to the regulations, 2 per cent may be credited on this, being lb 1 96/160. Copper 1747. Japanese copper in bars, On a parcel sold within the year measuring lb 549. According to the regulations, 1/8 per cent may be validated on this, being lb 11/16. Dutch nails in general: On an issued over-year parcel measuring lb 260. The regulation allows 1 1/2 per cent on this, being lb 3 9/10. On an issued parcel within the year measuring lb 1636. According to the regulations, 1 per cent may be credited on this, being lb 16 9/25. Pewter On a sold parcel, both of this year and over-year, measuring lb 394. According to the regulations, 1/8 per cent may be credited on this, being lb 8/16. Ceylon coffee beans On a sold over-year parcel measuring lb 3096. According to the regulations, 2 per cent may be credited on this, being lb 61 23/25. Dutch iron in bars On an issued over-year parcel measuring lb 709 1/4. According to the regulations, 1/8 per cent may be validated on this, being lb 14/16. On an issued over-year parcel measuring lb 2512 1/8. According to the regulations, 1/8 per cent may be credited on this, being lb 3 2/16. Salt On an issued over-year parcel measuring Par 150. According to the regulations, 3 per cent may be credited on this, being Par 4 1/2. Coir yarn in general On an issued parcel within the year measuring lb 6014. According to the regulations, 1 1/2 per cent may be credited on this, being lb 90 21/100. Roof tiles On a consumed parcel measuring P:s 6924. The regulation allows 5 per cent on this. Hollow. Bricks On a consumed parcel measuring P:s 2200. According to the regulations, 2 1/2 per cent may be credited on this, being P:s 55. Cornice stones On a consumed parcel measuring P:s 112. According to the regulations, 2 1/2 per cent may be credited on this, being P:s 2 4/5. The 17th of November 1789. 1748. Hollow tiles On a consumed parcel measuring P:s 1753. The regulation allows 5 per cent on this, being P:s 87 13/20. Flat tiles On a consumed parcel measuring P:s 8700. According to the regulations, 5 per cent may be credited on this, being P:s 435. Battikaloa, the last day of August 1789. /was signed/ J. P. Wambeek /in the margin/ Examined and found correct /signed/ W. A. Berghuijs And after deliberation, taking into account that the same was found by the examiner to be in accordance with the regulations, it was approved and agreed to grant authorization for its write-off. Thus done and resolved in the Castle of Colombo on the day, month, and year aforesaid. /was signed/ W. J. van de Graaff, D. T. Fretz, J. Reintous, A. Samlant, and J. A. Vollenhoove. The 17th of November 1789. Resolution.

Dutch transcription

1745. Besoigne over Battikaloa pnsertie van aen berending s van derelekende per lagie op diverse goederen te verstaan voormelde Johanna Hen„ rietta Bakker overtewijzen aan den Raad van Justitie te Trinkonomale, om by Edikte na style tegen voor„ melde haar man Jacob Luideman te procedeeren tot dissolutie van het huwelijk, en wanneer te zulks ver„ kreegen heeft, dan te akkordeeren het verzoek van den geswoore klerk Fedder om met haar te moogen trouwen geleesen eene hier onder g'intereerde Battikoloa verstrekt Bevinding van bereekende spillagie, op diversche te Mattikaloa ver„ strekte goederen, geduurende het Jongst gepasseerd boekjaeir 178 /9 9. Bevinding van zodaanige spollagie, als er in het boekjaar 178/9: ter deeser. plaatse in de Pakhuijsen & roe Den 17: November 1789. zijn na no s 746 17 Den 17. November 1784 zijn koomen optewerpen op de ver„ zondere en verstrekte partyen als hier onder breed voerig vermeld staad„ welk een en ander onder gunstige welbehaagen van den wel Edelen gestr. groot Achtb Hoog geb: Heer, Willem Jacob van de Graaff, raad ordineir van Nederlands In„ dien, gouverneur en Directeur van 't Eiland Ceilon met dies onderhoorigheeden benevens den Raad opgedraagen werd, om op 't een en ander zyn wel Edelens gestr: groot Achtb hoog g'Eeerde dispositie ter afschrijvinge by de Negotie restanten te moogen Erlangen, Namentlyk Ladij of Nelie op een verzondene en verstrekte binnen Jaarige Par 21539 23/6. Parthij groot - - - - - - - - - volgens reglement mag hier op goedge„ Pegp:s 130 2/ „daan worden 2: prC: — Olij van klappus op een versondene en verstrekte zo over als binnen jaarige partij groot - - - - - - - keeun 964 — Hier op mag volgens reglement goed gedaan Koun 48 — werden wegens 5: p=rC=to wax ruw Katti Caloase op een verstrekte binnen Jaarige partij groot- volgens reglement mag hier op goed gedaan worden 2 PrC=to „ 96 koper — - ——„— lb 80 15/8 1747 Koper Jappans aan staanen, op een verkogte binnen jaarige parthij groot lb 549. — – volgens reglement mag hier op gevalideert worden — 1/8. PrC=to spijkers hollands in't: op een verstrekte overjaarige partij groot lb 260. – – 'T reglement vermag hier op 1½ pr C=to - - - - - lb op een verstrekte binnen jaarige partij groot lb 1636 - - Hier op mag volgens reglement goedgedaan worden 1 prC=to - - - - - - - - - - - ---„ op een verkogte zo over als binnen Jaarige partij groot lb 394. - - piauter volgens reglement mag hier op goedgedaan Coffi boonen Ceilonte op een verkogte overjaarige partij groot - - - Hier op mag volgens reglement goed gedaan ijzer hollands aan staaven op een verstrekte overjaarige parthij groot - - lb: 709 ¼. Hier op mag volgens reglement gevalideert werden 2: prCo - - - - - - worden — 1/8. prC=to - - - - - - - - op een verttiekte overjaarige partij groot - - lb 2512 16. zout volgens reglement mag hierop goedgedaa„ werden 3 Pr Co Cayerdraat in 't op een verstrekte binnen jaarige partij groot- Heer op mag volgens reglement goed gedaan Dakpannen op een verbruijkte partij groot - - Het reglement vermag hier op 5. Ricto 6. Metzelsteenen op een verbruijkte partij groot - - - - - volgens reglement mag hier op goedgedaan worden 2½ p=r C=to - - - - - - - werden 2. prC=to - - - - - - - - Lijststeenen op een verbruijkte partij groot - - - - - - P:s 2200 - Hierop mag volgens reglement goedge„ daan werden 2½ pr C=to - - - - - - - P:r 150 6: 60 14. Prs 6924: lb 3096 — 8 112 — 16:¼ — l 20 3 ¾. Den 17: November 1789 Holle. -- - - - - „ – – - lb — 1/16. lb — /16 -.- - werden 1½ prC=to - - - - - - - - - - 6 — - — — - - -- P 55 P 1748 Holle Pannen op een verbruijkte partij groot - - - - - - P: 1753 — Het reglement verwag hier op 5: P=rC=to - - — B 87. Flacke Pannen op een verbruijkte partij groot - - - - P„s 8700 - Hier op mag volgens reglement goedge„ r„l 135:— daan werden 5: P=rC=to - - - - - - -- Battikaloa Adij ult=o Augustus 1789 /:was geteekend/ J P wambeek (:in Margine g'Examineerd en wel bevonden /:geteekend / W A: Merghuijs En is naa deliberatie, uijt aanmerking dat dezelve door den visitateur met het regla„ ment accordeerende bevonden is goed gevonden en verstaan, tot derzelver afschrijving qua lifikatie te verleenen. Aldus gedaan ende geresolveert in het kasteel kolombo ten dage, maand en jaare voortz /:was geteekend/ W: J. van de graaff, D: T: Fretz, J: Reintous, A: Samlant en J. A: vollenhoove Den 17: November 1789 Resolutie De de

NL-HaNA_1.04.02_3846_0773 view scan ↗

English

1749 Thursday the 19th of November 1789. Resolution taken in the Council of Ceylon, by means of circular query on the aforesaid date. Absent: Diederich Thomas Fretz and Gerrit Engel Woest. There was reconsidered by circular sending a letter from the Honorable Dessave Fretz of the 16th instant, containing a report that upon the complaints of the renter of the tobacco dues in the Nigombo district—stating that much tobacco had been lost due to rain and high water, and that he could not produce his rent sum of 290 rixdollars—His Honor had all the tobacco gardens surveyed by a native commission. This commission indicated in their report that the tobacco in 41 gardens was entirely lost due to high water, and that from 19 other gardens no more dues could be collected than 62 rixdollars and 12 stuivers. Furthermore, the authorized representative of Nigombo, Boets, who attends to matters there in the absence of the Commander, reported that the renters generally receive two-thirds of their rent sum from this harvest and the remainder from the following harvest, which would therefore amount, from the whole rent of 290 rixdollars per year, to 193 rixdollars and 16 stuivers; from which the aforementioned assessment of 62 rixdollars and 12 stuivers being deducted, the renter would fall short by 131 rixdollars and 4 stuivers. Wherefore the said Honorable Dessave makes the proposal either to grant the renter a reasonable reduction or to 1750 the 19th of November 1789 put up the aforesaid tobacco lease for auction again, to ascertain whether it can be re-leased with less loss. Whereupon, after deliberation, in consideration that the damage to the Nigombo tobacco gardens, having been caused by the high water, could not have been prevented, and that one should therefore reasonably accommodate the renter, it was approved and agreed, rather than granting him a reduction, to have this lease auctioned anew, since the renter has had no profits from it up to now, and accordingly to have the aforesaid rent sum of 290 rixdollars completely written off. Thus done and resolved in the Castle of Colombo, the day, month, and year aforesaid. Signed: W. J. van De Graaff, M. P. Raket, J. P. C. Illenius, J. Reintous, B. L. van Zitter, A. Samland, and J. A. Vollenhove. 1751 Friday the 20th of November 1789. Present: The Right Honorable Governor Willem Jacob van de Graaff The Honorable Dessave Diederich Thomas Fretz The Honorable qualified Chief Administrator Mattheus Petrus Raket The Honorable First Warehouse Master Johannes Reintous The Honorable Fiscal Mr. Johannes Adrianus Vollenhove The Honorable Secretary Johan Philip Christiaan Illenius The Honorable Trade Bookkeeper Abraham Samland The Honorable Colonel Benedictus Lambertus van Zitter Absent due to indisposition: The Honorable Pay Bookkeeper Gerrit Engel Woest Upon the proposal of the Governor, it was approved and agreed to purchase for the Company from the free merchant Sluisken 5,344 pounds of Danish red bar copper at 25 and one-quarter Indian stuivers per pound, being as much as private individuals have offered for it, to be minted into dudus, in order to prevent any disadvantageous use being made of it upon sale by private individuals. And at the same time, upon the proposal of His Honor, it was approved to increase the selling price of the Company's copper, both Japanese and European, to twenty-five Indian stuivers per pound, solely as far as concerns the debit thereof on this island, with the exception, however, of the Japanese copper that is used for the minting of dudus, for which the minters, 1752 the 20th of November 1789 just as has been done hitherto, shall be required to pay no more than ninety-four Indian guilders per hundred pounds. The head of the Ceylon artillery, Major Paravicini di Capelli, having shown by a report that 49 new gun carriages of various calibers have already been manufactured in stock, and that they are still actively engaged in completing the required number to mount such new cannons as are still in stock here unmounted, but that in order to prepare the necessary ironwork for these carriages, four native blacksmiths beyond the ordinary number are needed, His Honor requests permission to hire them at the usual price of three rixdollars and one parra of rice per month each. After deliberation, it was approved and agreed to grant authorization to hire the necessary four native blacksmiths, provided that they are discharged again as soon as all the manufactured gun carriages have been fitted with ironwork. The Honorable Lords Directors of the Chamber of Amsterdam, in their highest marginal apostille on an extract from the letter of this government of the 15th of November 1786, having disapproved the payment of the retained salary of the deceased Sergeant Lambertus Mol granted by resolution of this government of the 24th of August 1786 to his widow,

Dutch transcription

1749 van den pagter opgenomen en de Comminicatie dat de tabaks e„ verlooren gegaan zijn aan pagt inkomen kan om aan den pagter een billijke Js door aondsending gerusumeerd een brief van den E: den E: Dessave raesz: inhouden Dessave Gretz: van den 16. Deser houdende berigt, dat resumptie van een budt van thuinen te Nigom bo op de klagten zijn E:, op de beswaarnis van den pagter der Tabaks ge„ bevonden zijn dat 41. van de perregtigheid in het Nigombosche district, dat er veel door 't hoog water, en reegen Tabak door reegen en hoogwater was verlooren gegaan, en hij zijn pacht schat van rd„s 290. niet konde opbrengen, alle de tabaks tuinen heeft laaten opneemen door een inlandse Commissie, die bij hun rapport heeft aangeweesen, dat de tabak in 41. tunnen ten eene„ wat van de overige tunen maal door hoogwaater was verlooren gegaan, en van nog 19: tuinen niet meer aangeregtigheid konde wor„ den ingevoerd dan rd:s 62. 12. —. en dat de geauthoriseer„ de van Nigombo Boets, die in absentie van den Commandant de zaaken aldaar waarneemt, heeft berigt dat de pagters doorgaans van deesen aegst, twee derde van hun pachtschat inkrijgen ende rest van de volgende oegst, het welk dus van de heele pagt van. . . . . . . . . . . . . . . rd:s 290. in - - - - - „ 193: 16:— het Jaar bedraagd -„ 62. 12 — waar van de taxxatie voormeld, of afgetrokken zijnde, de pagter zoude te kort koomen rd:s 131. 4. — voor stal van den E: Dessave weshalven gem: E: Dessave het voorstel doet, om aan den pagter een billijk afslag toetestaan of om Den E: soldij boekhouder/- Donderdag Den 19. November 1789. ƒ Absent Diederich Thomas Fretz: en Gerrit Engel Woest. Resolutie Genoomen in Rade van Ceilen, bij weege van rondvaage op voorsz: .— — Den E: Dessave. tous, tie - 1750 Den 19 9ber 1789 afslag toetest aan Voorsz: Tabaks pagt nader telaaten op vijlen, ter ervaring, of deselve met minder verlies of nieuw kan worden verpagt deliberatien bestlust daarop waar op gedelibereerd zijnde is uit aanmerking dat de schade aan de Negombose tobaks thunnen als door het hoog water veroorzaakt zijnde niet heeft kunnen worden voorgekomen, en dat men der halven den pagter billijk dient tegemoed te koomen, goed gevonden en verstaan Liever dan om hem afslag te verleenen dese pagt, wijl de pagter tot nog toe geene voordeelen daar van gehad heeft, op nieuw tedoen op„ vijlen, en mitsdien de voorsz: pagtschat van 290: rds geheel telaaten afschrijven: Aldus gedaan ende Geresolveerd in het Casteel Kolombo, ten dage, maand en Jaare voorsz: /:was geteekend:/ W: J: van De Graaff, M: B: Raket, J: P: C: Jllenius, o: Rantous; W: L: van Zitter, A: Iamland en J: A: vollenhove Vrijdag 1751 besluit om van den vrij Coopman schusken, deensche rood staaf kooper inte koopen. pans en Europesche koper teverhoogen. Den E: geligeerd Hoofdadministrateur Mattheus Petrus Raket Den E: Eerste pakhuismeester - - - - Iohannes Reintous Den E: Secretaris. . . . - . - Den E. Negotie boekhouder - - - Abraham Samland Den E: Colonel. Den E: Zoedij boekhouder - - Op de propositie van den Heer Gouverneur is goed„ gevonden en verstaan, om van den vrij koopman sluisken 5344. deensche rood staat kooper, teegens 25:¼ Jndische stuivers Uld: zijnde zooveel als par„ tikulier daar voor hebben gebooden, voor de Comp: intekoopen om tot doedals te worden vermend, tot voorkooming dat daar van, bij verkoop van Partikulieren, geen nadeelig ge„ bruik word gemaakt besluit om de paijs van ja En is terzelver tijd; op de propositie van zijn Edele goedgevonden, ons den verkoops paijs van sComp:s koper, zoowel Japans als Europis che„ te verhoogen, tot vijf entwintig Jndische stuck: 10 tel alleen voor zoo verre betreft het debet daar van te deesen Eijlande, met uijtzon„ dering, nochtans van 't Jappans koper, dat tot 't munten van doedals word ver„ munters, bruikt waar voor de Johan Philip Christiaan Cileniurs Gerrit Engel Hoest. mits indispositie Present Benedictus Lambertus van Litter Absent Den wel Ed: Groot Achtb: Heer Willem Jacob van de Graaff Den E: Dessave - - - - - - Diederich Chomas Guitz: Den E: Js iskaas - - - - _ _ _ _ M:r Johannes Adaianus vollenhove Vrijdag Den 20. November 1789. Zeven d . . 1752 Den 20 9ber 1789 Paravacine, om wier in brij temogen in dienst neemen. besluit daar op Heeren Bewindhebberen ter gedaanen verstrek„ king van de tegoed behou„ Mol, aan deselfs wed: even als tot nog toe is Geschied, niet meer dan vierennegentig indische Guldens voor de honderd ponden zullen behooren tevoldoen. versoek van den E: Majoor Door het hoofd van de Ceilonse arthillerij dE ma„ landse smeeden bij de antheJoor Paravacinie de Cappelle, bij een berigt vertoond zijnde, dat err reeds in voorraad zijn aangemaakt 49. nieuwe affenten van diverse Malikers, en dat men nog werkelijk beezig is met het vol„ maaken van het benoodigde aantal, tot het monteeren sodanig een nieuwe kannonien, als hier nog ongemonteerd in voorraad zijn, dog dat om het nodig beslag voor deese affeiten in gereedheid te brengen, vier inlandse sweede boven het ordinaire getal nodig zijn, zijn E: versoekt te moogen inhuuren; teegens den gewoonen paijs, van drie rd:s en een parra rijst smaands ieder Is na de liberatie goedgevonden en verstaan Quali ficatie te verleenen tot het inhuure van den V„ benodigde vier inlandse smeeden, mits deselve weder worden. afgedankt, zoo daar alle de gemaakte afficiten zullen zijn beslaagen. dis approbatie van da De Edele agtb: Heeren Bewindhebberen ter kamer amsterdam in hoogst derselve marginale als„ dene gagie van dens seg:t Crieptie op een extrakt uit de brief dees ea approbeerd degereeging van den 15. 9ber: 1786: gedispereerd hebbende de bij resolutie deeser regeering van den 24: aug:s 1786. aan de weduwe van Zergeant den overleeden Lambertus 60 6

NL-HaNA_1.04.02_3846_0777 view scan ↗

English

1753 The 20th of November 1789 Decision thereon Right Honorable, highly esteemed Gentlemen Payment to the soldier Lambertus Mol of Vienna, under security of restitution, granted for the entire amount of wages he left credited at his death, noting also that the aforementioned widow is in any case entitled only to half of what her deceased husband left behind, and that by virtue of the community of property, while the other half belongs to his intestate heirs. It was approved and agreed after deliberation to instruct the officials at Jaffnapatnam to have half of the amount of the wages paid to the aforementioned widow returned by her to the Company's treasury, and to have an account given for this to the aforementioned Mol in the pay ledger for the Amsterdam Chamber. Disapproval of the aforementioned provision made to the soldier Lober Likewise, the aforementioned Gentlemen Directors having disapproved, in their marginal rescript on an extract from the letter of this government dated 12 November 1787, the following resolution of 10 May 1787, regarding the payment of 100 florins made to the soldier Hendrik Lober of Breslau, because this amount has already been successively paid off to J. Rop upon presentation of the deed of transfer granted by the said Lober for his benefit. It was approved and agreed after deliberation to cause the aforementioned 100 florins paid out here under security of restitution to the said Lober to be repaid by him to the Company, and furthermore that an extract from the aforementioned rescript be delivered to the pay clerks here to serve for their necessary guidance. 1754 The 20th of November 1789 Decision to give the widow Petanche her husband's credited wages Pursuant to the authorization given by Their Honorable Worships in the aforementioned rescript, it was approved and agreed to have paid to Anna Jacoba Luiken, widow and instituted heir of the military Captain Jan Nicolaas Letanche, under security of restitution, a sum of five hundred sixty-nine florins, nineteen stuivers, and eleven penningen, on account of the credited wages of her aforementioned husband. Decision on the received list regarding the permitted luggage of the officers and non-commissioned officers of the packet boat It was approved and agreed to have a copy of the list received from the Netherlands regarding the permitted luggage of the officers and non-commissioned officers of the packet boats delivered to the fiscal and the equipage master here, with orders to ensure that the regulation established thereby is not violated. Decision on the received lists of the medicines that must be provided to a packet boat It was also approved to have copies of the lists received from the Netherlands of the medicines that must be provided to a packet boat for the outward and homeward voyage delivered to the Honorable Chief Administrator, the searcher, and the apothecary, to serve for their guidance. Decision on the received table regarding the departure days of the packet boats Likewise, it was agreed to have a copy of the table received from the Netherlands, showing the appointed departure days of the packet boats, delivered to the equipage master for his guidance. 1755 The 20th of November 1789 Refusal by the Gentlemen Directors of the provision made of the credited wages of Egberts to his widow Maria Fernando The Honorable Worshipful Gentlemen Directors of the Delft Chamber having refused, by missive of 29 October 1788, the following resolution of 20 July 1787 regarding the payment made to Maria Fernando, widow of the deceased authorized agent at Silauw, Nicolaas Egberts, of the credited wages of her said husband amounting to 140 florins and 8 stuivers, because she is entitled to no more than one half by virtue of the community of estate, unless it appears that the said Egberts left no descendants from any previous marriage and that he instituted his wife as heir. Decision on what to do if the aforementioned requirement cannot be fulfilled It was approved and agreed after deliberation that if the widow Egberts cannot satisfy the aforementioned requirement, she shall be made to repay to the Company half of the aforementioned amount of 140 florins and 8 stuivers received by her. Recommendation from the Gentlemen Seventeen to ensure that no prohibited trade is conducted on the outward-bound ships in such specie as the Company has minted in the Netherlands for its account The Right Honorable, highly esteemed Gentlemen Seventeen having made known by missive of 31 December 1788 that it is suspected by them that prohibited trade is being conducted on the outward-bound ships in such specie as the Company has minted in the Netherlands for its account and subsequently sends to the Indies, and particularly in doits, with orders to pay close attention thereto upon the arrival of ships and to devise efficacious measures to prevent such illicit practices.

Dutch transcription

1753 Den 20: 9ber: 1789 besluit daarop Wel Ed: hoog agtb: Heeren king van den zoldaat besluit daarop Lambertus Mol van verna, onder Cautie de resti„ tuendo, geaccordeerde uitkeering van het geheele mon„ tant der gagie, die hij op zijn afsterven heeft te goed gelaaten, met aanmerking teffens dat de voornoem de weduwe, in allen gevallen alleen geregtigheid is tot de helfte van 't geene haare overleedene man heeft nagelaaten en zulx uit kragte van de ge„ meenschap van goederen, tewijl de weder helft Com„ peteerd aan zijne erfgenaamen abintestato. Is na de liberatie goed gevonden en verstaan, den bedienden te Jaffanapabnam aanteschrijven, om de helft van het bedraagen der gagien, die aan meerm: weduwe is uit betaald, door haar in sComp:s Cas te doen terug tellen, en daar voor aan voorm: Mol een reekening te laaten geeven, bij het soldij groot boek voor de kamer Amsterdam. afkeuring van gem: Nog door wel gemelte Heeren Bewindhebberen, van gedaane verstrek in hoogst derzelver marginaale rescribtie op een extrakt uit den brief deeser regeeding van den 12. 9ber: 1707. afgekeurd zijnde, de volgende resolutiie van den 10. Maij 1787. aan den zoldaat Hendrik Lober van Breslau gedaane uitbetaa„ ling van ƒ 100. , vermits dit bedraagen reeds succes„ sive is afbetaald aan J: Rop, op de vertooning van de acte van Transport door gedagte Lober ten zijne behoeve verleend. Js na de liberatie goedgevonden en verstaan de voorsz: aan gem: Lober alhier onder Cautie de restituends, uitge„ Meerde 100. guldens, door hem weder aan de Comp: te doen terug betaalen en voorts een Extrakt uit li„ Lober e a pprobeerd ad 1754. Den 20 9ber 1789 besluit aan de weduwe geeven haare mans te„ goed behoudene gagie besluit op de ontvangene mitteerde bagagie van ken van de pakek boot sijsten der medicamenten die aan een paket boot Cavel nopens de vertrek uit voorsz: des Chibtie aan de soldij bedienden alhier te laaten afgeeven, om te strekken tot hun nodigt Petanche, te laaten af„ over een Comstiij Hunner Edele Achtbaare gegeeven authorisatie sij voorsz: rescuibtie, is goedgevinden en verstaan, om aan Anna Jacoba Luiken, wedu„ we en geinstitueerde erfgenaame van den Capitain militair Jan Nicolaas Letanche, onder Cautie de restiteende te laaten betaalen een somma van vijf„ en sestig hondert neegen vorveetig guldens, negentien stuiv:s en Elf penningen, wegens de tegoed gemaakte ga„ gee van voorm: haar man. goedgevinden en verstaan van de uit Nederland Lijste wegens de geper„ ontvangene Lijst, wegens de gepermitteerde ba„ de affecieren onder offecie gagie aan de offecieren en onder officieren van de paket boots, Copij te laaten afgeeven aan den fis„ haal, en equipagiemeester alhier, met last om te zor gen, dat de daar bij gemaakte bepaaling niet word overtreeden besluit op de ontvangene ook is goedgevonden, om van de uit Nederland ont„ moeten worden verstrekt van gene lijsten der medicamenten, die aan een paket boot voor de uit en theus rijse moeten worden ver„ strekt, Copijen te laaten afgeeven aan den E: Woofd„ administrateur de visitateur en de apothecaa, om te strekken tot der zelver narigt. besluit op de ontvangene insgelijks is verstaan, aan den Equipagiemeester dagen van de paketboor tot zijn narigt te laaten afgeeven, een afschrift ƒ van de uit Nederland ontvangene tavel, aanwij zende de bepaalde vertrek dagen van de paket boots De . de in 1755 Den 20: 9ber 1789 Bewind hebberen, der gedaane verstrekking van de tegoed behoudene gagie en Egberts Maria aan zijne weduwes besluit wat te doen, indien voorsz: request niet kan 17jnen om te latten dat met ver geen verboden handel gedreeven word, in zodanige speetien, wel in Nederland laaten munte De Edele Achtbaare Heeden Bewindhebberen ter kamer deklenatie van de Heeren Delft, bij missive van den 29. october 1788. , gedeklineerd hebbende, de volgende resolutie van den 20: Julij 1787; aan Fernando, weduwe van den overleeden geaut„ horriseerden te Silauw Nicolaas Egberts, gedaane uit betaaling van de tegoed gemaakte gagie van gem: haaren man, bedraagende ƒ140. 8. —. om dat aan haar niet meer van de eene helft, uit hoofde der gemeenschap des boedels, Competeerd, ten zij het blijke, dat gem: Egberts geen descendentens uit eenig voorig huwelijk heeft nagelaaten, dat beide zijn huisvrouw tot Erfgenaame heeft geinstitueerd. Is na de liberatie goedgevonden en verstaan om in„ gem: weduwe aan het dien de weduwe Egtberts aan het voorsz: re„ qruifit niet kan voldoen, door haar aan de Comp: te doen terug betaalen, de helfte van het voorsz: door haare genotene bedragen van ƒ 140. 8. — De wel Edele Hoog agtbaare Heeren 17=nen bij mis„ recommendatie van de hecressive van den 31. december 1788. , hebbende te de uitkoomende scheepen kennen gegeeven dat bij hoogst deselve word ver„ ke de Comp: voor haar rees: moed, dat met de uitkomende scheepen ver„ booden handel gedraven word, in zodanige spe„ cien, welke de Comp: voor haare reek: in Neder„ land laat munten, en vervolgens naar Jndie versend en wel bijzinder in duiten, met last om daar op naukeurig bij de aankomst van scheepen daar agt te geven, en officacieuse maatreegelen te be„ ongeoorloofde raamen, om diergelijke practijken et hier t voldaan. ont Hoofd r

NL-HaNA_1.04.02_3846_0780 view scan ↗

English

1756 The 20th of November 1789 Resolution thereon Deliberations on the Batavia letters and papers Deliberations on the Batavia letters and papers. Continued. practices in this Government to be compensated. After deliberation, it was approved and understood to earnestly recommend the fiscal here, in Gale, and in Tutucorijn to carefully guard against this, and upon the discovery of such trade in specie, to proceed against the perpetrators as appropriate. Having deliberated on the received missives from the Noble High Indian Government, dated July 28, August 3, September 22, and October 6 of the past year, matters have been disposed of as noted below. Their High Nobles, having ordered in the first-mentioned missive of July 28 to have the Captain on the ship den Arend, Nicolaas Kopper, reimburse the Company for a barrel of tar received by him in excess on Cormandel; it was understood to note that the amount thereof has been charged to Gale for that purpose on the invoice of the 8th of this month: In accordance with Their High Nobles' order in the aforementioned missive, it was approved to have the Master of the Equipage here, Andringa, reimburse the Company at selling price for the equipage goods charged by him to the ship de Liviathan in excess according to the terms of this order, costing at purchase price f655. 4. -; and likewise to have charged to Gale the 1757 The 20th of November 1789 Continued Continued Continued Continued equipage goods charged in excess by the Master of the Equipage, Abo, to the ship de Hoop, costing at purchase price f605. 1. –, to be reimbursed by him to the Company at selling price. And it was also understood to further instruct the Honorable Head Administrator here and the employees at Gale to pay closer attention to the expense accounts, and to take care that greater frugality is practiced therein. Regarding the considerations requested by Their High Nobles in their missive of August 3 concerning the reservations appearing in the Homeland General Missive of December 4, 1788, paragraphs 169 and 170, it was approved and understood to represent to Their High Nobles: 1. That the provision of rice in kind to the sepoys on Ceylon is more advantageous for the Company than slightly increasing their wages in lieu thereof, because this increase would fairly have to be adjusted according to the price for which grain is sold here, which is sometimes very high on this Island compared to what rice usually costs the Company at purchase price. 2. That this government will further consider whether it is more convenient for the Company to allocate a fixed allowance in money to the Company's servants for the rations of wine, butter, olive oil, etc. 3. That the provision of arrack in kind to the military and other servants in this government is more convenient than allocating a fixed allowance in money to them for it, because payment in cash would otherwise have to be made according to the price at which private individuals sell their arrack by the small measure, and 1758 The 20th of November 1789. Continued Continued sell. 4. As regards increasing the board money of the common man, this government for now sees no necessity to extend that further than is presently the case, because the common military men, artillerymen, seafarers, and craftsmen have already for a long time here in Colombo enjoyed 48½ Indian stivers in board money instead of the board money of 28½ stivers stipulated by regulation; and the common military men and artillerymen at Tamponomaale also presently enjoy 48½ stivers in board money according to the provisional allowance by secret resolution of December 22, 1782; and that this government therefore submits that for now it can remain on the present footing in this government, and that whenever in time any change should be necessary therein, it will be proposed further to Their High Nobles. To comply with Their High Nobles' order to provide the considerations of this government on the reservations of the Gentlemen Masters in No. 178 of the aforementioned Homeland letter, regarding whether the entire number of horses used in receiving the Kandyan ambassadors could not be borrowed or hired from private individuals on such occasions; it was approved to report that after the abolition of the dragoon bodyguard of the Governor, the number of horses for the stable here was fixed at 30 head by resolution of May 30, 1771, being merely

Dutch transcription

1756 Den 20. 9ber 1789 besluit daarop Bezoigne over de Bataviasche Brie ven en papieren beszoigne over de Ba„ papieren. Vervolg. praolijken in dit Gouvernement te vergoeden Is na deliberatie goedgevonden en verstaan, de fiscaal alhier, te Gale en Tutucorijn ernstig te recommandeeren om daar teegen zorg valdig te waaken en bij ontdek„ king van diergelijke handel in muntspeetsien, teegen de aanbrengers te procedeeren naar behooren. Gebezoigneerd zijnde over de ontvangene missive taviasche brieven en van de Edele Hooge Jndische Regeering, de datis 28. Julij 3. augustus 22: 7ber: 6: 8ber: J=o leeden is daar op zodanig gedisponeerd, als hier onder word ge noteerd. Door hunne Hoog Edelheeden, bij eerst gem: mis„ zijnde sive van den 28: Julij gelast d om door den Capi„ tein op het schip den Arend, Nicolaas kop„ per; aan de Comp: te laaten vergoeden een vat f„ teer, door hem op Cormandel te veel ontvangen; is verstaan te noteeren dat het bedraagen daar van ten dien eijnde, bij factuur van den 8. deeser na Gale aangereekend is: over een komstig Hunner Hoog Edelheeden onder bij gem: missive is goedgevonden, door den Equipagie meester alhier Andringa aan de Comp: uitkoops te laaten vergoeden, de door hem ten laste van het schip de Liviathan naar luijde deser ordere te veel opgebragte Equipagie goederen, kos„ tende inkoops ƒ655. 4. -. en insgelijks na Gale te laaten aanreekenen, de door den 1757 Den 20: 9ber 1789 vervolg vervolg vervolg vervolg den Equipagiemeester Abo: ten Laste van het schip de Hoop te veel opgebragte equipagie Goederen, kostende inkoops ƒ605. 1. –, om door hem uitkoops aan de Comp teworden vergoed en is teffens verstaan, den E: Hoofd administrant alhier en de bedienden te Gale nader aante beveelen, om op de onkost reest: meer attentie te vestigen, en zoog te droogen dat daar in meer„ der zuinigheid word gebruikt. op de door hunne Hoog Edelheeden, bij missive van den 3. Aug:s gevorderde Consideratien, nopende bedenkingen, die voorkomen bij de Patriasche gene„ raale missive van den 4. December 1788. 5. 169. en 170. is goedgevinden en verstaan, aan hunne Hoog Edelheeden te versoonen. „: Dat de verstrekking van rijft in natura aan de sepaijs op Ceilen voor de Comp: voordeeliger is, dan daar voor hunne gagie eenigsints te verhoogen wijl deese verhooijeng billijken wijs zoude moeten worden geschikt na de paijs, waar voor de graanen hier verkogt word, en die somtijds ten deeser Eilande zeer hoog staat, in vergelijk van het geen de Comp: aan rijst gewoonlijk bij in koopkost. 2: Dat deese regeering nader in overweeging - zal nemen, of er confenenter is voor de Comp:, om een vast geld aan de Comp:s dienaaren toeteleggen voor de randsoenen van wijn, boter, olijven olij ett: 3: Dat de verstuckking van arrak in natira, aan de militairen en verdere dienaaren in dit gouver„ nement convenenten is, dan daar voor een vast geld aan hun toeteleggen, wijl men de betaaling is Contant ander wel zoude dienen tedoen nade prijs, waar voor partitulieren hun„ bij de klijne maat aarak de verkoopen en eere pi„ - ude 1758 Den 20: 9ber 1789. Vervolg vervolg verkoopen 1. Dat aangaat het verhoogen het kostgeld van de gemeene man, deese regeering voor eerst geen nood„ zaakelijkheid ziet om dat verder te extendeeren aan tans plaats heeft wijl de gemeene militairen arthilleristen, zeevaarende, en ambagtslieden, reeds ze„ daat lange hier te Colombo 48:½ indesche stuik: aan htooftgeld genieten; insteede van het bij reglement bepaald kostgeld van 28:½ stux: ende gemeene mi litairen en arthilleristen te Tamponomaale, meede volgens de provisioneele toelooge bij secreete re„ solutie van den 22. December 1782 tans 48:½ stuijvers aan kostgeld genieten, en dat deese reekening derhal„ ve sustitieerd, dat het voor eerst in dit gouverne„ munt kan blijven op den tegenswoordigen voet, en dat wanneer in der tijd daar in eenige verandering moeste nodig zijn, men dat nader aan hunne hoog Edelheeden zal voorstellen onte ser voldoening aan Hunne hoog Edelheeden beveeling om op de bedenkingen der Heeren meesters, bij N: 178. van de gem: Pataiasche brief of het ge„ heel getal van paarden bij het inhaalen van de Mandiasche ambassadeurs gebruikt wordende, bij zodanige geleegendheid niet bij partekuleeren, ter leen bekoomen, of ingehaurd zoude konnen worden te dienen van de Consideraatsien deeser rege„ js goedgevonden te berigten, dat nade afschaffing ring van de daagonder lijfwagt van den Heer Gouver„ neur, het getal der paarden voor de stal alhier bij resolutie van den 30: Maij 1771. bepaard is op 30. stuk: zijnde mare

NL-HaNA_1.04.02_3846_0783 view scan ↗

English

1759 The 20th of November 1789 continuation only just sufficient to serve on solemn occasions, that is the reception of the Candian ambassadors, and of distinguished strangers who arrive here from time to time, as well as at the escort of the Company's Envoy to Kandia, that nevertheless the number of horses will not yet be reduced to 20 head, and that as far as necessary, one shall see to borrow the remainder here if possible, which is not feasible for the entire required number. Pursuant to Their High Excellencies' order to make such a change as shall better agree with the interests of the Company, by abolishing the so-called cash usage of placing borrowed ropes on the expense accounts of the ships and subsequently writing them off, it has been approved and understood: 1. To order the servants at Gale henceforth no longer to debit the ropes used for the mooring of the Company's ships to the ship's expense account, but, as is done here, to have them written off upon destruction in the trade books to the debit of the account of ship expenses. 2. Strongly to recommend to the said servants, as well as to the Master of Equipage here, to be attentive to this and to ensure that, according to standing orders, whenever ropes that have already served for the mooring of a ship are found still capable of further service, these are preserved in the best possible manner, among other things by moistening them now and then with sea water, 1760. The 20th of November 1789 continuation in order to be used again upon occurring occasion. 3. To order the servants at Gale to instruct the incoming Master of Equipage that he must further take into consideration what was written to them by letter from this government dated the 27th of February 1787 regarding the length of the ropes, and whether it could not be done without danger to bring them back to the length of 95 fathoms, as they formerly had. In order to comply with Their High Excellencies' order not to make any provisions to the warships on loan, but to cede everything in ownership and against written acknowledgement of the commanding officers, provided the purchase price thereof is placed on the account of such ship, and with regard to the provisions to warships always to exercise such care that all irregularities, both from the dispenser and all other servants, are prevented, it has been approved and understood to order both the Honorable Chief Administrator here and the servants at Gale, Tutucorijn, and Trincomalee, in the future, when making provisions to warships, to state on the warrants issued for that purpose the purchase cost of the goods supplied to them, and to take receipts each time for this from the Commander of a ship, or the person authorized by him for that purpose, and subsequently, upon the departure of these ships, to exchange these special receipts for 1761 The 20th of November 1789 continuation a general receipt or expense account, which the Commander of a ship must sign himself, with the express warning at the same time that all goods for which the subordinate administrators have not demanded and obtained receipts, if the Commanders of the ships will not admit them on the expense accounts, must be reimbursed to the Company by those who have neglected to demand receipts for them. Upon Their High Excellencies' order to send directly to the Gentlemen Masters the specific statement required by them of the reasons for the repeatedly presumed expenses of the Company's sloops and smaller vessels, it has been approved and understood, pursuant to the resolution of the 7th of July last, to send to the Gentlemen Majors the accompanying papers concerning the comparison of the provisions made to the sloops and smaller vessels during the last five years before the recent English war against the provisions in the first five years after the said war, to demonstrate that all provisions were made according to the regulations, except only in extraordinary cases, which are pointed out in this report. And it is furthermore understood, in order that in the future as much care as possible is taken against all excesses, to determine for the future that the ordinary annual specifications of provisions to the vessels shall be arranged in such a manner that [illegible]

Dutch transcription

1759 Den 20: 9ber 1789 vervolg maar even toerijkende om te kunnen dienen bij plegtige ge„ leegend heeden des is de receptie van de Candiasche am„ bassadeurs, en van aanseenelijke vreemdelinge die hier nu en dan aankoomen, zoo ook bij het uitgeleijde van sComp:s Gezant na kandia, dat niet temin het ge„ tal, der paarden niet nog zal worden verminden tot op 20: stui: en dat men voor zoo verre het noo„ dig zij, de rest hier bij des moegelijk zal zien te leenen, het geen voor het geheel benodigde getal, niet doenlijk is. Jngevolge Hunner Hoog edelheeden ordra, om met afschot„ sing van het zoogenaamd Contant gebruik om de geleende touwen op de onkost reekeningen der schee„ pen te stellen, en deselve vervolgens te vernietige, Een zodanige verandering te maaken des meerder met het belang van de Comp: zal over een„ koomen is goed gevonden en verstaan 1: Den bedienden te Gale te Gelasten, om voortaan de touwen, die tot het vertuije van sComp:s scheepen worden gebruikt, niet meer op de scheeps onkost reekening te doen belasten, maar zoo als dat hier geschied, bij verneetiging te laaten afschrej ven bij de negotie boeken, ten laste van de reeks: ven onkosten van scheepen 2. Gemelde bedienden zoo wel, als de Equipagiemeester alhier, niet nadauk aantebeveelen, om daar op altent te weesen en te zorgen dat volgens de leggende or„ ders wanneer en touwen, die bereeds tot het vertuin van een schip gediend hebben, worden be„ vonden nog verder van dienst te kunnen weesen dese op de best mogelijke wijse doorze onder anderen nu 1760. Den 20. 9ber 1789 vervolg nu en dan met zee water te doen bevogtige, worden bewaard, ten einde bij voorkomende gelegendheid andermaal te kunnen worden gebruikt. 3 Den bedienden te Gale te gelasten, om den aankoomende Equipagiemeester aans aantebeveelen, dat hij nader moet in overweeging neemen, het geen bij brieve deser reegering van den 27. febr: 1787. hun aangeschreeven is nopens de lengte der tauwen, en of het niet zonder gevaar zoude kunnen aangaan om de wedrom le„ brengen op de lengte van 95. vaam zoo als ze eertijds gehad hebben. Om tevoldoen aan Hunner Hoog edelheeden onder om geene verstrekkingen aan slands scheepen terleen te doen maar alles aftestaen en eijgendom en teegens schriftelijke erkentenis van den Commandeerende officieren, mits deselve inkoops prijs op de week: van zodanig schip te stellen, en om en opzigte van de verstrek„ ning aan 'slands scheepen steeds die attentie te ge„ bruiken, dat alle zloodigheeden, zzoo van de dispen„ der dls alle andere dienaaren, geweerd worden, is goedgevonden en verstaan, zoo wel den E: Hoofd administrateur alhier als aan de bedienden te Gale, Tutucorijn en Jainconamaale te gelasten, om in den aan„ staande, bij het doen van verstrekkingen den 'slands scheepen, op de ordonnantie die daar toe worden verleend, tedoen stellen 't inkoops kostende van de goederen, die aan de zelve worden verstrekt, en daar voor telkens resipissen te neemen van de Commandant van een schip, of die door hem daar toe al worden gequalificeerd, en vervolgens bij vertrek deeser scheepen, deese speciaale resipissen te verwisselen tegen 1761 Den 20 9ber 1789 vervolg tegen eene generaale quitantie of onkost reekening, die de Commandant van eek schip zelve moet teekenen, met expresse waarschouwing teffens, dat alle de goe„ deren, waar voor de mindere administrateurs geene al Cepissen hebben gewaagd, en bekoomen, wanneer de Com„ mandanten der scheepen bij de onkost reekeningen de„ seeve niet willen admitteeren, door den geenen aan de Comp: moeten worden vergoed, die verseuimd zullen hebben daar van recipissen te vroogen. op Hunner Hoog edelheeden order, om aan de Heeren Meesters direct te laaten toekoomen, de door hoogst deselve gevarderde specificque opgave der ree„ denen van de telkens vermeende ongelden van 'sComp:s sloepen en mindere vaartuige: is goedge„ vonden om verstaan volgens besluit van den 7. Julij sleeden aan de Heeren majores toetesenden de bij gem: papieren, wegens de vergelijking van de gedaane verstrekkingen aan de sloepen en mindere vaartuigen, geduurende de vijf laaste Jaaren voorden Jongsten engelschen oorlog, teegen de ver„ sterkkingen inde eerste vijf Jaaren na gem: oorlog ter aanwijsing dat alle verstrekkingen gedaan zijn volgens de reglement, ten zij alleen en buiten gewoone gevallen, die hij dit berigt zijn aangeweesen. En is wijders, op dat er bij voord„ duuking zoo viel mogelijk worde gewaaken tegen alle excessen verstaan, voor den aanstaan„ de nog te arresteeren, dat de gewoone Jaar„ lijksche specifikaatsien van verstrekkingen aan de vaartuigen zoodanig zullen worden ingerigt ede dat de heid. nader 241 geene staek, 1 pen„

NL-HaNA_1.04.02_3846_0786 view scan ↗

English

1762 the 20th of November 1789. continuation that also therein be indicated the provisions in the preceding financial year, and the reasons for the greater expenses in the last year, which the same subsequently must be examined here by the visitors, at Jaffanapatnam, Gale, and Tutucorijn by the respective administrators there, and written reports of their findings be submitted. It is further understood that these reports, both here and at the aforesaid three offices, will be reviewed in the council of policy, the necessity of the greater provisions considered, and the necessary decisions taken concerning them, with an order at the same time to the servants at Jaffanapatnam, Gale, and Tutucorijn, that because otherwise no copies of the resolutions of the subordinate offices are sent to the Netherlands and Batavia, an extract of these decisions of theirs be added to each of these specifications that are delivered hither for dispatch to the Netherlands and Batavia. Finally, it is understood to instruct the trade servants, both here and at the aforesaid subordinate offices, that no provisions on account of annual specifications may be allowed in the accounts by them unless it shall appear to them that all this has been observed and complied with. In accordance with Their High Excellencies' recommendation and order of the Lords Principals, it is approved to make known henceforth, both here and at the subordinate offices, the reasons for the dissent of the 1763 The 20th of November 1789 continuation members in the resolution; in compliance with Their High Excellencies' recommendation to elucidate to the Lords Principals what has been done with the 20 bales of coarse cinnamon, which, as unsaleable and unsuitable for the distillation of oil, were sent back hither from Batavia: it is understood that the said Their Right Honorable Excellencies shall be informed that the same was used for the distillation of cinnamon oil, and that there shall be sent to Their Excellencies a report from the apothecary Straadsburg, who distilled this cinnamon, showing how much oil came from it, and how this yields in comparison with the oil that is commonly extracted from the cinnamon that from time to time is used for the distillation of said oil. Likewise it is approved, in accordance with Their High Excellencies' recommendation, to order the trade servants here to provide, for dispatch to the Netherlands, four sets of statements of what has already been expended on the planting of cinnamon, and what further is expended on it annually, and in the same manner to instruct the secretariat servants to dispatch to the Netherlands four sets of copies of the memorandum of the former Chief Administrator Sluisken concerning the planting of cinnamon, the clearing of the forests, and the granting of the lands to the Company's servants, together with the note of the Honorable Disava Willing on that memorandum, and the counter-remarks of the said Mr. Sluisken, 1764 The 20th of November 1789. continuation. and to include therewith in a separate bundle, by way of record, all the papers that were exchanged and came to light concerning the planting of cinnamon and the clearing of the forests, and which were further requested by Their High Excellencies by missive of the 17th of April of this year. It is understood, in accordance with Their High Excellencies' recommendation, to inform the Lords Principals, in compliance with their requisition in paragraph 227 of their missive of the 4th of December 1788, of what quality the gunpowder was found to be, manufactured at the newly constructed mill here, as well as how much the two new gunpowder mills cost, and to send therewith to Their Right Honorable Excellencies an accurate drawing of the said mills. In accordance with Their High Excellencies' order by extract from the minutes of the 26th of June last, it is approved to order the Honorable Chief Administrator here and the servants at the subordinate offices to exercise in drawing up the requisitions that deliberation which one may expect of a prudent management and proper economy, with an order at the same time to the said Honorable Chief Administrator and the commanders at the subordinate offices to examine accurately to that end the requisitions of the lesser administrators, and according to the findings of necessity to moderate and alter the same. It is understood to take for notice Their High Excellencies' recommendation, by extract from the minutes of the 7th of July last, that if the Company, through 1765 The 20th of November 1789. continuation the failure to report in time the malversations of which a Company servant might be guilty, should suffer damage, to have the same reimbursed by the person upon whom that report was incumbent and who had been in default of informing this government thereof as soon as the committed offense had come to his knowledge; and it is at the same time understood not only to inform the servants at the subordinate offices of this order, but also to have copies thereof issued to the Honorable Chief Administrator, the head of the militia, and the head of the artillery, as well as to the servants of the trade, pay, and visitor's offices, and to the Honorable Fiscal, Master of the Equipage, and Builder here, to serve for everyone's information. It is approved to take for notice Their High Excellencies' order, by a further extract from the minutes of the 7th of July, not to be contented, in the theft of firearms from soldiers on debt-watch, with compensation of two principal advance, but in case negligence and default are clearly evident, to make the punishment commensurate with the offense, and to have copies thereof issued not only to the Court of Justice and the head of the militia here, but also to send them to the subordinate offices.

Dutch transcription

1762 den 20 9ber 1789. vervolg dat ook daar bij worden aangeweesen de verstrek„ ningen in 't voorgaande boekjaar, en de riedenen van de meerdere ongelden in het laaste Jaar, dat deselve vervolgens alhier door de visitateuren te Jaffana„ patnam, Gale en Tutucorijn door de respective ad„ minstrateurs aldaar moeste moeten g'examineerd, en van hun bevinding schriftelijk berigten ingediend worden. Nog is verstaan dat deese berigten zoo hier als op de voorsz: drie Cantooren, in de vergadering van politie zulle geresumeerd, de noodzaakelijkheid van de meerdere verstrekkingen overwoogen, en door omtrent de nodige besluiten genoomen worden, met last teffens aan de bedienden te Jatpana Gale en Tutucorijn, om van deese hunne besluiten, wijl anders van de resolutien van de onderhoorige Cantooren geen Copije na Nederland en Batavia worden gesinden, een extrakt te doen volgen bij een ek deeser specifikaatien, die ter versending na Nederland en Batavia herwaards worden besergd. Eindelijk is verstaan de negotie bedienden zoor hier als op de voorsz: onderhoorige kantooren aan te beveelen dat geene verstrekkingen uit hoor„ de van Jaarlijksche specifikatien, door hun zullen mogen, werden in reekening geleeden dan waarbij 't hem zal blijken dat dit alles is in agt ge„ noomen en naargekoomen. over een komstie Hunner Hoog Edelheede recommandatie ende ordere van de Heeren Majores, is goedgevonden. om voortaan zoo hier als op de onderhoorige Can„ tooren, de reedenen van de diversier dea 1763 Den 20 9ber 1789 vervolg der leeden bij de resolutie tedoen bekent stellen: ser voldoening aan Huuner Hoog edelheeden aan beveeling, om de Heijren Majores te elucideeren wat gedaan is, met de 20 baalen grove Canneel, welke als on„ verkoopbaar, en niet dienstig tot het stooten van olij van Batavia herwaards zijn terug gesonden: is verstaan dat aan welgem: Hunne Edele Hoog agtb: zal worden bedeeld, dat deseve is gebruikt tot het stook na kanneel oli en dat aan Hoogst deselve zal worden gesonden een berigt van den appot„ hekar straadsburg, die deese Canneel verstaekt 2 heeft, aanwijsende hoe veel olie dat daarvan gekoomen is, en hoe dit uitkomst, in vergelijk van de olie, die gemeenlijk getrokken word uit„ de kanneel die van tijd tot tijd tot het stooke aan gt. oli word gebruikt. Jnsgelijk is goedgevonden, om volgens wanner Hoog edelheeden aan beveeling, den negotie bedienden o„ alhier te gelasten, om ter versending na Neder„ land, te besorgen vier stellen opgaaven van het reeds bekostigde tot aanplanting van Canneel, en wat jaarlijks verder daartoe bekostigd word, en inzelvervoegen de secretarij bedienden aante lee„id veele, om na nederland te versenden vier stellen afschriften, van de memorie van den Heer geweesen Hoofdadministrateur slusken, wegens het aan„ planten van Canneel, 't schoonmaaken den bossche„ en 't uitgeeven der gronden aan sComp: dienaaren, nevens de nota van den E: Dessave Willing op die Memorie, ende Contaa aan mer„ kingen van gemelde heer sluisken, en van op d. „ datie eede 1764 Den 20 9ber 1789. vervolg. en daar bij in een aparte bondel tevolgen, bij wege van verbaal alle de papieren, die over het aanplanten den Can„ nae; en het schoon maaken der bossche, gewisseld en in het ligt gekoomen zijn, en die nader door hunne Hoog edelheeden bij missive van den 17. April deeses jaars zijn gerequreerd. js verstaan om volgens Hunner Hoog edelheeden aan beveeling, aan de Heere Majores, ter voldoening aan hoogst der zelven requisit bij §. 227. van hoogst der„ zelver missive van den 4. december 1788 te bedielen, van wat deugd bevonden is het kruijt; gemaakt op de alhier nieuw aangelegde moolen, zoo meede hoe veel de twee nieuwe kruit moolen kossen, en daar bij aan hunne wel Edele Hoog agtb: toetesenden, eene nauwkeurige afteekening van gem: moolen volg:s hunner Hoog Edelheede order bij extrakt uit de notul„ van den 26: Junij J=o leeden is goedgevonde den E: Hoofd: administrateur alhier, en den bedienven op de subalterne Cantooren te gelasten, om in 't formeeren den eijschen dat overleg te gebruiken, dat men van eene verstandige di„ „rectie, en eene behoorlijke recommie vast stellen mag„ met decommandatie teffens aan gem: E: Hoofad„ minstrateur, ende gebieders op de onderhoorige Cantooren, om ten dien eijnde de eijschen van de mindere administrateurs nauwkeurig te examineeren, en naar bevinding van de noodzakelijkheid deselve te moderen den, en veranderen: js verstaan tot narigt te neemen wunner Hoog Edele steede aan beveeling, bij extrakt tut de Notulen van den 7. Julij J:o Leeden om, indien de Comp: door met 1765 Den 20: 9ber 1789. vervolg het niet tijdig opgeeven der maeversatien, waar aan zig een Comp: dienaar mogt schuldig maaken, schade komt te leijden deselve te laaten vergoeden door de geene, aan wien die opgave had g'incumbeerd en in het versuim zoude zijn geweest deese regevening daar van te informeeren, zoo ras het gepleegde misdaijf ter zijner kennisse zoude ƒ zijn gekoonen en is teffens verstaan, niet alleen den be„ dienden op de onderhoorige Cantooren van deese order te informeeren, maar ook daar van Copijen te laaten afgeeven aan den E: Hoofdadministrateur, het hoofd van de militie en het hoofd van de arthielleren, zoo mee„ de aan de bedienden van de negotie, zoldij en visite Cantooren, en aan den E: fiscaal, Equipagiemeester en fobriek alhier; om te strekken tot een elks narigt. ps goedgevende tot narigt teneemen Hunner Hoog Edele Heeden onder, bij een nader extrakt uit de No„ tulen van den 7. Julij om bij het steelen van geweeren, van zoldaaten op schultwat staande, zig niet te contenteeren met vergoeding met twee Ca„ petaalen advans, maar ingevalle en agteloosheid en versuim klaar blijkt, de staaf even die„ dig te doen zijn aan de mislag en daar van niet alleen Copijen te laaten afgeeven, aan den Raad van Justitie en het hoofd alhier maar ook te der militie zenden aan de subalterne Cantoo„ den an „ hoe„ n u d„ n dere aar deker„

NL-HaNA_1.04.02_3846_0790 view scan ↗

English

1766 The 20 November 1789. continued to serve for the information of the servants. Likewise, it has been approved to take for guidance the order of Their Right Honoarables by extract from the minutes of 14 July last, to examine with all attention and deliberation the matter of the expense accounts, with the stipulation that it is intended to have all items that are contrary to the regulations or visibly taken too high reimbursed outright by the one whose duty it is to check against them; and it is also understood not only to have copies thereof delivered to the Honorable Head Administrator and the visitateur here, but also to send them to Gale, Tutucorijn, and Trinconomaale for the information of the servants there. Their Right Honorables, having ordered by extract from the minutes of 16 July last that, in the event of indifference or inactivity of the servants to whom any investigation is demanded, the damage that might be caused thereby shall be reimbursed by the one who will not have properly discharged his duty therein, it is understood to take this for guidance, and to send copies of the said extract to the subordinate offices, with orders to the servants to conduct themselves accordingly. Pursuant to the order of Their Right Honorables in section 1 of their missive of 22 September last, 1767 The 20 November 1789. continued it is understood to send once again some young plants of Ceylon and Malabar cardamom to Batavia with a ship that departs in the best of the monsoon, and thus has the prospect of a speedy voyage. And an extract of this shall be given to the Honorable Dessave, with orders to ensure, if possible, that the same are prepared for shipment to Batavia by the end of next January at the latest, in order to be shipped with the vessels departing in February or March. Upon the remark of Their Right Honorables in section 2 of the said missive that the ships are detained and delayed for so long in Ceylon, and that this among other things seems to be caused by employing those vessels for voyages for which sloops were previously used, it has been approved to demonstrate to Their Right Honorables that everything is done here to discharge and load the ships promptly, as will be evident from the successive advices of this administration; that the only employment that has been made of the ships for some years past which delays their dispatch to Batavia are the voyages to Coetsien to fetch grains, since at present one is no longer supplied therewith from Bengal as happened in former times; that one has already pointed out to Their Right Honorables in the dispatched letter 1768 The 20 November 1789. continued of 16 September last that sending ships to Tutucorijn to transship textiles to Gale is no novelty, and that the sending of the ship de Phenecier this year to Mature to fetch a cargo of paddy to Gale was done out of necessity, because the stock of grains at Gale was then very low, but that this too is no novelty, since in earlier years annually one to two and sometimes even three ships have been to Mature and Tangale to bring over paddy, sappanwood, and returns to Kolombo and Gale, an account whereof will simultaneously be sent to Their Right Honorables. And it is nevertheless understood to recommend once more to the servants at Gale, Tutucorijn, and Trinconomaale to use all possible speed and expedition in the dispatch of the ships, and to oblige those upon whom this primarily devolves to do so. It has been approved to have an extract of section 3 of the aforesaid missive of Their Right Honorables, containing a recommendation for a timely fulfillment of their demands, particularly for cinnamon, delivered to the Honorable Head Administrator for his information, and so that he and those to follow may conduct themselves accordingly in the future. Upon the inquiry of Their Right Honorables in section 5, it is understood 1769 The 20 November 1789. to inform them that the sepoys who were sent to Batavia on the ship de Phenecier have indeed been disbursed two months of wages, namely one month here and one month at Gale. It is understood to prohibit the Honorable Head Administrator from henceforth allowing any such disbursements to be made to the ship's boats as were made to the boat of the ship de Pheneciea for the making of straw mattresses and pillows. It has also been approved to order the Honorable Head Administrator to have all the provisions that were disbursed here, both regarding the chief surgeon Klaprogge and regarding the chief surgeon appointed here for the ship Hinloop on account of the shortage found in the medicine chest of that vessel, reported to the servants of the Pay Office, in order to be charged to the deceased account of the late chief surgeon of the said ship, Johannes Samuels. Whereas Their Right Honorables have remarked in section 10 that the order not to retain heavy ropes longer than three years, but to send them to Batavia for replacement upon expiration of that time, was not given for Ceylon, it has been approved and understood to revoke again the orders issued in this regard within this government. Their Right Honorables having approved in section 15 the conditions upon which the management of the horses

Dutch transcription

1766 Den 20 9ber 1789. vervolg ken, om te strekken tot der bedienden narigt. Jnsgelijks is goedgevonden tot narigt teneemen Hunner A„ Edelheeden order bij extrakt uit de notulen van den 14: Julij J:o leeden, om met alle attentie en overleg, t poinct der onkost reekeningen nategaan, onder voor„ houding, dat men voornemens is alle posten of die teegen de reglementen staijde, op zigbaar te hoog ge„ noomen zijn uitkoops te laaten vergoeden door den geen, wiers post het is daar teegen te maaken: en is teffens verstaan daar van niet alleen Copijen te laaten afgeeven aan den E: Hoofd administrateur en den visitateur alhier, maar ook tezenden na Gal Tutucorijn en Cainconomaale tot narigt van de bediend aldaar Hunne Hoogedelheeden bij extrakt uit de Notulen van den 16. Julij J=o leeden gelast hebbende, om bij onverschilligheid of in activileit der bediendens, aan welke eenig ondersoek word gedemandeerd, de schaade, die daar door veroorzaakt zoude mogen worden, te laaten vergoeden door den geenen, die zig daar in niet behoorlijk van zijn pligt zal hebben gekweeten is verstaan zulx teneemen tot narigt, en van gem: Extrakt Copijen te zenden na de onderhoorige Cantooren, met last aan de bedienden om zig daar na terigten; Jngevolge Hunner Hoogedelheeden order bij 3: 1. van hoogst der silven missive van den 22. 7ber: J: Leede 1767 Den 20. 9ber 1789. vervolg Jongstleeden, is verstaan nog maals eenige plantjes van Ceilensche en Mallabaarsche Cardainom, na Batavia te versenden, met een schip, dat in het beste van de moussen vertrekt, en dus 't het voor uitzigt van eene spoedige rijse heeft. En zal hier van extrakt worden gegre„ ven aan den E: dessave met last om des doenlijk te zor„ gen dat deselve ter versending na Batavia gereld zijn uiterlijk met ultimo januarij aanstaande ten einde te kunnen worden versonden met de scheepen die in februarij of maart, vertrekken. op hunne hoog Edelheeden aanmerking bij 5: 2: van gem: missive, dat de scheepen op Ceilon zoo lang op en aan„ gehouden worden, en dat dit onder andere scheent veroorzaakt teworden door het emploijeeren van die bodems tot togten, waar toe bevoorens de sloepen zijn gebruikt is goedgevonden aan hunne Hoog edelheeden te vertoonen, dat men hier alles doet om de scheepen spoedig te lassen en Lade, zoo als dat uit de successive adviese deeser regee„ „ring zal Consteeren, dat het eenigst emploij, dat men van de scheepen zedert eenige jaaren her„ waards maakt het welk derzelver depeche na Batavia vertraagt, zijn de logten na koet sien ter afhaal van gaanen wijl men tans daar„ meede van Bengale niet meer word geriefd, gelijk eertijds is geschied; dat men reeds aan hunne Hoog edele Heede bij afgegaane brief tulen 1768 Den 20: 9ber 1789 vervolg brief van den 16. 7ber: j:o Leeden heeft aangeweesen, dat het senden van scheepen na tutucorijn, ter overlaan van lijwaaten na Gale, geene nieuwigjheid is, en dat het zenden van het schip de Phenecier in dit Jaar na mature ter afhaal van eene laading nelij na Gale, Geschied is uit noodzakelijkheid, om dat de voor„ raad van quaamen de Gale toen zeer gering was, dog dat ook dit geene nieuwigheid is, wijl in vroegere Jaaren, Jaarlijks een a: twee en zontijds ook wel drie scheepen, na Mature en Jangale zijn, om nllij haek houtwerken en retoeren na kolombo en hale overtebrengen, waar van gelijk tijdig eene aanwijsing aan H: H: E: zal worden toegesonden. En is niet te min ver„ staan, den bedienden te Gale, Tutucorijn en Juin conniraale nog moaes te recommandeeren, om in de depeche der scheepe alle mogelijke spoed en voortvaarent„ heid te gebruik, en de geene, die zulks voor„ namentlijk in cumbeeren, daar toe tev erpligten. Is goedgevinden van §: 3. vls: voorsz: Hunner Hoog Edelheede missive, houdende recommendatie tot eene tijdige: voldoening van hoogst der zelver eijs„ saken, in het bijzonder van Canneel, exlaakt te laaten afgeeven aan de E: Hoofdadministra„ teur tot der selfs narigt, en om zig en den aan„ staande daar naar berigter. op hunne Hoog Edelheede vraage bij F. 5. is verstaan 2 in 2 aan bod 1769 Den 20 9ber 1789. den E: Hoofd administra„ teur verbooden geen ver„ strekkinge voortaan te doen aan de scheeps schuiten den E: Hoofd administra„ teur aanbevoolen aen het geen Hoek aan de oppermeester klap„ rogge en die van 't schip Hin„ de bevondene minderheid in de medccijr kist van die aan de soldij bedtend ans verstaan aan hoogst dezelven te bedeelen, dat de sipahais, die met het schip de Phenecier na Batavia zijn gesenden, werkelijk twee maanden gagie verstrekt is, namentlijk een maand alhier en een maand te jale s verstaan den E: Hoofdadministrateur te verbieden, om vortaan geene diergelijke verstrekkingen aan de scheeps schuiten te laaten doen, als aan de schuit van het schip de Pheneciea, tot het maaken van buld„ zakken en kussens zijn gedaan. ook is goedgevinden den E: Hoofadministrateur aan te beveelen, om alle de verstrekkingen die hier gedaan zijn, zoo loopen verstaekt is, wegens aan den oppermeester klopoogge, als aan den alhier bodem te laaten opgeeven aangesteeden oppermeester van het schep Hinloop, wegens de bevindene minderheid in de medicein kist van die bodem, te laaten opgeeven aan de bedienden van het zoldij Cantoor, om te worden belast op de dood reekening van de overleedenen oppermeester van gem: schip Johannes Samu„ els. wijl Hunne Hoog Edelheeden dij §. 10: hebben aan gemerkt, dat de order om geen swaare touwen langer aan drie jaaren aantehouden, maar na expiraatie van Vier tijd ter verwisseling na Batavia te zende, niet is gegeeven voor Ceilon is goedgevonden en verstaan, de derw eegens gesteede orders in dit gouvernement weder intetrekken Door Hunne Hoog edelheeden bij 5. 15. geapprobeerd vertolgt van besoigne worde zijnde de Conditien, waar op het bestuur van de paarde an aen 2t ar or die ge E: M „ is en

NL-HaNA_1.04.02_3846_0794 view scan ↗

English

The 20th of November 1789 received letters and entrusted with the horse stud, however, that if the mentioned von Meybrinck does not comply with these conditions, he will not only refund the Rds 500 which will be advanced to him annually during the first three years, but also the profits that the Company during his administration might obtain less than in the stated 15 years, and that he will have to provide proper security for both. It was approved and agreed to send an extract from the mentioned instructions to Jaffanapatnam, ordering the servants to have a copy thereof delivered to the aforementioned von Meybrinck, and not only to have him provide the security ordered by Their High Excellencies, but also to order him to show by report, as soon as possible, what has been accomplished by him thus far, and whether he continually maintains the hope of fulfilling the favorable prospects for the further management of the horse stud mentioned in his reports. It was approved to send to Tutucorijn a copy of the calculation sent here by Their High Excellencies of the bonus of 5 per cent on cost price, granted by the Lords Masters to the Tutucorijn servants on the purchase amount of such linens as were received by the Zeeland chamber in the year 1786 and sold in April 1787 with an advance of 50 per cent, authorizing the servants to pay out the amount thereof to those who are entitled to it. The 20th of November 1789, continued To the difference noted by Their High Excellencies in § 17 regarding the successive statements made from here of the yield of the Manaar chay roots, it was approved to elucidate to Their High Excellencies that the lease of the Manaar chay roots in the financial years 1787 and 1788 actually yielded 50 bales or 24,000 lbs, as was communicated in outgoing letters of the 24th of January 1788 and 26th of January 1789, and that the lease for 1788/1789 amounted to 52 bales; but that in the letter of the 24th of April of this year, the product of the Manaar chay roots for the financial years 1787/1788 and 1788/1789 was estimated at over 35,000 lbs because the lessee, in addition to the fixed lease, which for the financial year 1787/1788 was 52 bales and for the financial year 1788/1789 was 50 bales, also delivered 20 bales in the financial year 1787/1788 and 27 bales in the financial year 1788/1789, for which 20 Rds were paid to him for each bale according to the lease conditions; and that thus the total delivery in the mentioned two financial years amounted to 149 bales or 71,520 lbs, of which the average number amounts to 35,760 lbs. Their High Excellencies having permitted in § 18 that to the Manaar Chief von Ranzow, according to the proposal of this government in the aforementioned letter of the 24th of April, The 20th of November 1789, continued as a reward for his trouble in promoting the root digging, half of the profits which the Company through his doing shall gain on that article more than before may be granted, provided that this bonus is taken not from what according to the respectful proposal of this government the digging yielded more than formerly, and especially before the leasing when the same over the last 5 years on average amounted to barely 21,000 pounds, but from what shall come in above the amount of 24,000 pounds, starting with the financial year 1788/1789; it was approved and agreed to authorize the Jaffna servants to have half of the profit on the Manaar chay roots that came in above 24,000 lbs for the financial year 1788/1789 paid to the aforementioned Chief von Ranzow, and therewith to consider this allowance as terminated, as it was specifically granted to the aforementioned Chief von Ranzow, who has now been transferred to Negombo. Furthermore, it was approved, in response to the question of Their High Excellencies whether by the aforementioned allowance the proposed transfer of the chay roots to the said Chief for Rds 50 the bale of 480 lbs without any deduction and the previously granted gratuity of half a stiver per pound shall lapse, to inform them that the aforementioned transfer of the chay roots at 50 Rds free money per bale did not lapse on account of the aforementioned allowance, The 20th of November 1789, continued but that the gratuity of half a stiver per pound was already withdrawn by resolution of the 16th of June 1788 for as long as the aforementioned transfer of the chay roots at 50 Rds the bale might continue, and that this transfer will now also cease, as it was specifically granted only to the Chief von Ranzow. Agreed, in response to the question posed by Their High Excellencies in § 20, to report to them that the cotton on this island is used for weaving various kinds of linens that are worn in the country itself, both fine and coarse. In accordance with Their High Excellencies' favorable approval in § 21, it was approved to authorize the servants at Jaffanapatnam to distribute the yield of the Manaar cotton plantations according to the arrangement made by resolution of this government of the 23rd of February last, and it was also agreed, in response to the question asked by Their High Excellencies concerning this, to communicate to them that the cotton plantations in the Manaar district are the same ones over which the bookkeeper Driemond at first had supervision for some time, and which have since been placed under the immediate direction of the outgoing Chief von Ranzow, but that, apart from the valleas working on them, nothing is expended on them on the Company's behalf. Upon Their High Excellencies' recommendation in § 23 not to burden Batavia for the time being with bills of exchange

Dutch transcription

Den 20. 9ber 1789 papieren ontvangene brieven en paarde stoeterij opgedraagen, is aan den Luitenant dat egter, zoo gem: von mij brik, onder deese niets von wij brik aan deese Conditien niet komst te vol„ doen, hij niet alleen weeder zal uitkeeren de rd=o rd:s 500. — die hem geduurende de drie eerste Jaaren jaarlijk voorgeschooten zullen worden, maar ook de winsten die de Comp: geduurende zijn bestier minder zoude mogen behaolen; als inde opgege„ vene 15. jaaren, en dat hij voor 't een en andere behoorlijke borgtoijt zal moeten stellen. is goedgevonden en verstaan, extrakt uit gemr: aan„ schrijvens tetende na Jaffanapatnam, met laste aan de bedienden om daar van Copij te laaten opgeeven aan voorm: van mij brik an niet alleen door hem tedoen stellen de door tdunne Hoog edelheeden geordonneerde borgtogt maar ook hem aantebeveelen, om zoo spoedig het geschree„ den Man bij en berigt aan tewijsen, het tot hiertoe door hem verrigte, en of hij bij voorsduuring be„ houd de hoop, op de vervulling der gunstige uit„ zigten, tot verdere bestiering der paarde stoetenij, bij zijne berigten vermeld. Js goedgevonden Copij van de door Hunne Hoog edelheese herw aards gesondene bereekening, van het douceur van prC Cos geld, door de Heeren Meesters aan de 5 prC Tutucorijnse bedienden toegelegd, op het inkoop le„ draagen van zodanige liwaaten als in het jaar 1786. bij de kamer Zeeland ontvangen, en in april 1787. met een advans van 50. p r Cento - 1770 Den 20: 9ber 1789 vervolg p:r Cento verkogt zijn, te zenden na Tutucorijn, met qualifitcatie aan de bedienden, om het bedraagen daar van temoogen dog uit keeren aan de geuen die daar toe geregtig zijn. op het door hunne Hoog edelheeden bij 5: 17. aange„ merkte verschil, in de successive van hier gedaane opgaves van het produkt der manaarsche zaaije „woatelen, is goedgevonden Hunne Hoog Edelheeden te elucideeren, dat de pagt van de manraa„ sche zaaijewortelen, in de boekjaaren 1787/en e 1789: werkelijk 50: baalen of 24000. lb: heeft opgebragt, zoo als dat bedeeld is bij afgegaane brieven van den 34. Januarij 1788 en 26. Januarij 1789. en dat de pagt. voor 178. /3 heeft bedraagen 52. baaren; dog dat men bij brieve van den 24. April deeses Jaars, het product der manaorsche zaaij wertelen van de boekjaaren 178. 1/3 178. 3/8 gephat: heeft op ruim 35000. lb, om dat de pagter boven de pagt fital, die voor 't boekjaar 178: /4 geweest is 52. baalen en voor 't boekjaar 178 7/8n 50: baaren, nog Heeft geleeverd in 't boekjaar 178 3/3 20. baaren, en in 't boekjaar 178 7/8 baaren waar over aan hem volg:s de pagt Conditie betaald zijn 20: rds voor eeke baar en dat dus de geheele leevenantie in gem: twee boekjaaren heeft bedaagen 149: baaren of 71520 lb. waar van 't gemeddeld getal uitmaakt 35760: lb: hunne Hoog edelheeden bij §. 18. toegestaan hebbende dat aan het mannaarsch opperhoofd van Ranzoe, vol„ gens het voorstel deeser regeering bij voorsz: brief t te vol e 44n. te 1772 1772 Den 20: 9ber 1789. vervolg brief van den 24. April, tot een belooning van des selfs moeijte ter beverdering van de zaagerdelverij mag worden afgestaan de helfte den voordeelen, die de Comp: door zijn toedoen meer dan bevoorens op dat articul zal proviteeren, mits dit douceur genoomen worden niet uit het geen volgens het eerbiedig voorastel deeser derge„ „ring de delverij meer opgebragt heeft dan eertijds en „speciaal voor de verpagting toe het zelve de 5. Jongste jaare door malkandere, maar heeft bevragen ruim ponden 21000. maar uit het geen boven bedragen de 24000. ponden zal inkomen, en beginne met het boekjaar 178 3/9 js goed gevonden en verstaan, de Japfanase be„ dienden te qualificeeren, om de helfte van de winst op de manoorsche zaaijewortele, die voor het boekjaar 178 /9 meer zijn ingekoomen den 24000. lb aan voorm: opper„ hoofd van Ransau te laaten betaalen, en daar meede deze toeloog te wouden voor gecesseerd, als bepaaldelijk toe„ gestaan zijnde dan voorm: opperhoofd van Ranzonr, die nieuw verplaast is na Nigombo: vooats is goedgevenren, om op de wage van Hunne Hoog Edele: Heeden, of door de voorsz: toelaage zal vervallen de voorgestelde afstand den zaaijewortelen aan gedagte opperhoofd, voor rd.:s 50. de baar van 480. ld:s zonder eenige korting ende bevoorens daar aan toegelegde gratifikatie van half stuiver perpond, aan hoogst derselve te berigten, dat de voorsz: af„ stand van de Zaaijewortelen tegens 50. rd. s vrij geld de baar voor de voorschr: toelaag niet 1773 Den 20: 9ber 1789. vervolg niet is vervallen, dog dat de gaatitikatie van half sluivers het te, reeds ingetrokken is bij resolutie van den 16. Junij 1788: voor zoo lange de voorsz: afstand van de Zaaijcwaatelen tegens. 50. rd:s de baar mogte voort„ duurend, en dat ook deese afstand nu zal: Cesseeren, als bepaaldelijk alleen aan het opperhoofd van Ranzon ge„ daan zijnde o verstaan op hunner Hoog Edel heeden gedaane vraag bij §. 20. , aan hoogst deselven te berigten, dat het kattoen op dit Eijland word gebruikt, tot het weeren van verscheide soorten van Lijwaaten, die in het land zeene worden gecleeten, zoo fijne als groove. over een komstig Hunner Hoog edelheede gunstige toestemming bij §. 21. is goedgevonden den bedienden te Jaffanapatnam te qualificeeren, tot de ver„ deeling van het product der mannaaasche kattoen plantagien, Conform de schikking bij resolutie deser reegering van den 23. februarij geleeden, en is teffens verstaan op H: H: E: Zer„ weegens gedaane vraag, aan hoogst deselve te bedeelen, dat de Mattoenplantagien in het maineron: sche, deselfde zijn, waar voor de boekhouder Drie„ mond eerst een tijd lang het op zigt gehad heeft, en die zeedert onder de lmmidiaate directie van 't afgaande opperhoofd van Ranson zijn gesteld, dog dat, behalven dat de walleassen daar aan arbeiden, niets Comp:s wegen daar aan verslaett word. op Hunner Hoog Edelheeden recommandatie bij §. 23. om batavia voor eerst niet weder met wissies toe„ die

NL-HaNA_1.04.02_3846_0798 view scan ↗

English

The 20th of November 1789 Continuation burdening bills of exchange: It has been approved to represent to the very same that the drawing of some assignations on Their Right Honorable Excellencies was done in particular because the seafarers have no other way to remit the proceeds from their permitted private trade, while the Company's treasury here gained nothing thereby, because everything was paid in paper, and that to prevent them from becoming an encumbrance at Batavia, it was stipulated in the assignation that the payment there could be made in paper; however, that this will nevertheless no longer be done in the future. Their High Excellencies having ordered in the aforementioned letter to manage as much as possible the drawing of bills of exchange on Malabar, Bengal, and Surat: It is understood henceforth to make no drawings on Bengal and Surat, and if in single cases the assistance of Malabar cannot be dispensed with, to confer beforehand with the gentlemen ministers there on the matter. On Their Honorable Excellencies' statement in paragraph 24, that the very same simply persist in the first given order and a instruction sent hither, relating to the calculation of the coin species on the coast of Madura, and that the very same expect that this would already have been strictly complied with, or that otherwise the damage that might result therefrom will have to be made good by this government: It has been approved and understood to reply, that this government thinks it may flatter itself that the very same, from the explanations provided by resolution of the 14th of September last, and by the outgoing letter of the 16th following thereupon, will have found that the calculation of the coin species, as done by the Madurese servants, not only agrees with the existing orders, but also with the intrinsic and real value thereof, as well as with the current value on the Madurese coast, and on the coast of Coromandel, and that this government, in that confidence, humbly dares to hope that Your High Excellencies will favorably accommodate that this government, by the aforesaid resolution, has decided to postpone, until the very same's further order, the enforcing of the surety imposed by Their High Excellencies on the servants at Tuticorin, the more so as no evidence has appeared to this government that the aforementioned servants have done anything in this matter other than what has been successively prescribed to them by this government, and which also, as far as this government can judge the matter, agrees with the orders received from time to time from Their High Excellencies; And it is furthermore understood humbly to request Their Honorable Excellencies, that if the very same nevertheless should judge that this government errs in this opinion of theirs, then through the very same's goodness it may be pointed out item by item wherein these errors consist, and that also in such a case, for the resolution of the pointed out difficulties, which will arise in the accounting from such a method of calculation as prescribed to this government, if this government otherwise perceives the matters correctly, an instruction may be sent, according to which henceforth the accountings on the Madurese coast will have to be done, and according to which on Ceylon the invoices, both for the fatherland and Batavia, will have to be drawn up. It is understood to request information from the Honorable Chief Administrator regarding the 4325 lb of sulfur that was sent to Batavia with the ship de Phenix, namely from where it was brought; and whether the same was requisitioned from here or not. In accordance with the intention of the Lords Majors and that recommended by Their Right Honorable Excellencies in paragraph 29, it has been approved to send the infected nutmegs, instead of sending them to Batavia as has been done hitherto, henceforth to the Netherlands. To Their High Excellencies' question in paragraph 30, it is understood to inform the very same that the opium, for the use both of the eastern military and of a multitude of other easterners residing on this island, both free and exiles, was requisitioned from Cochin because nothing thereof was brought from Batavia, but that the quantity was taken somewhat amply the better to counter all smuggling trade in the same; and that according to the Cochin accounts, the same was purchased there, the 10 chests at 800 rupees

Dutch transcription

Den 20: 9ber 1789 vervolg wissels te beswaaren: Is goedgevonden aan hoogst deselven te vertoonen, dat het trekken van eenige assignatie op H: Wb. E: inzonderheid geschied is, om dat de schee„ ooder pelingen geen anderen weg hebben, ter vermaaking van het geprofudeerde uit hunne gepermitteerde lasten wijl 'sComp:s geld voorraad alhier daar bij niets ge„ wannen heeft, om dat alles in papier is betaald, en dat ter voorkoming dat zi te Batavia tot geen be„ swaar zouden verstrekken, bij de assignatie bedongen is, dat de uitbetaaling aldaar en papier zoude kunnen gescthieeden; dog dat men het nogtans in den aanstaande niet meer doen, zal. Hunne Hoog edelhheeden bij gem: h: gelast hebbende, om zoo veel mogelijk te menogeeren het trekken van wissels op mallabaar, Bengale en soeratta. Is verstaan voortaan geene trekkingen tedoen op Ben„ gale, en soeratta, en zoo men in enkelde gevallen de assistenttie van mallabaar niet kan ontbeeden de Heeren ministers aldaar daar over voor afte onderhouden. op t8: lb: E: betuiging bij §. 24. , dat hoogst desselven een voudig persisteeren bij de eerst gegeevene order een her„ waards toegesondene aanweijsig, betrekkelijk tot bereekening der munt speetien op de hilst modure, en dat Hoogst deselve verwagten, dat daar aan reets stept zouve zijn voldaan of dat anders het nadeel, dat daar uit mogt aesulteeren, zullen moeten laaten vergoeden door deese degereening ps goedgevenden en ver„ staan terescribeeren, dat deese regeering denkt zig teur oogen 1775 Den 20. 9ber 1789. vervolg temoogen vlijen, dat hoogst dezelven uit de gedaane aanweijsingen bij resolutie van den 14. 7ber: J:o Leeden, en bij afgegaane briet van den 16: daar aan, zullen bevinden hebben, dat de bereekening der munt speetie, zoo als die gedaan is door de madureesche bedienden, niet alleen over een steind met de Leggende orders, maar ook met de intaisique en werkelijke waarde daar van, als meede met de Courante waarde op de madureesche kust, en op de kust van Cormandel, en dat deese regeering en dat vertrouwen, nedrig daasz hoopen, dat UE: H: E: gunstiglijk zullen inschikken, dat deese regeering bij voorsz: resolutie heeft beslooten, om tot Hoogst der zelver nader order uittestellen, 't doen sstellen van de door H: H: E: den bedienden te Jutu„ codijn g'imponeerde boagtogt, te meer aan deese regeering geene blijken zijn voorgekoomen, dat gem: besienden in deesen iets gedaan hebben, dan 't geen hun door deese regee„ king successive is voorageschaaren, en het welk ook, zoo veel deese regeering de zaak na bevordeelen, over„ een stemd met de ven tijd tot tijd ontvangene beveelen van Hunne Hoog edelheeden; En is niet teuren ver„ staan lb: l: E: nedrigst te versoeken, dat zoo hoogt 1 deselve nogtans mogten oordeelen, dat deese Regee„ king in deese haare opii: dwaald, als dan door hoogst eer selver goedheid, stuk wijse mag worden aangeweesen, waarin deese dwaalingen bestaan, en dat ook is zulk een geval, ter oplossing van de aange„ weesene swaarigheeden, die uit sluk eene wijse van reekenen als aan deese regeering is voorgeschrieven in 2 oms en„ 18 beede een. hen , d ver E , 1776 Den 20 9eber 1789. Vervolgen in de aanreekeningen zullen ontstaen, zoo deese rigeering de zaaken anders wel inziet, een voorschrift mag worden gesonden, waar na voortaan zullen moeten worden gedaan de aanreekeninge op de madureesche kust en waar na op Ceilon, de factuuren, zoo voor het vaderland als Batavia, zullen moeten worden opgemaakt. op verstaan van den E: Hoofdadministrateur berigt te vragen, nopens de 4325. lb swavel, die met het schip de Phencier na Batavia is versenden, name„ lijk van waar ze aangebragt is; en of deselve van hier g'eijscht is dan niet—. over een komstig de intentie van de Heeren majores„ en het aan beevalene door H: W. E: bij §: 29. , ps goedge„ vanden de g'infecteerde noten musraat, insteere ¶tezenden na Batavia, voortaan van ze, zoo als dat tot dus verre is geschied ^ te ver„ senden na Nederland. — op Hunne Hoog Edelheeden vroog bij §. 30: is ver staan aan Hooght deselven te berigten, dat men de Ausphioe, tot gebruik zoo van de oostersche mili„ tairen, als van eene meenigte andere oosterlengen, die zig op dit eiland bevenden, zoo vrije als ban„ nelingen, van koetsien heeft g'eijsscht, om dat van Batavia niets daar van aangebragt is, dog dat men de quantitijd wat ruim heeft ge„ noomen, om temeer te kunnen tegen gaan alle smokkelhandel en deselve; en dat volgens koetsiemse aanreekeningen, deselve aldaar inge„ nogt is, de 10: kisten teegens 800: roppijen A ex

NL-HaNA_1.04.02_3846_0801 view scan ↗

English

1777 The 20th November 1789. in accordance with section 8 pronounced against Michiel to let be executed on him. or ƒ960 each, and the 50 lb for 5¾ rupees or ƒ6.18.- the last, as also that the same was sold here with the customary advances. Upon Their High Excellencies' communication in section 31, that annually with a ship arriving from Europe for Ceylon, 25 barrels of meat and 25 barrels of pork are to be sent for Cochin, and that each time the remainder of the previous consignment should be sent back from Cochin to Colombo to be employed for the victualing of the return ships and sloops or for other provisions: it is approved and understood to take this for notification, and to instruct the Honorable Head Administrator henceforth, in requisitioning pork and meat from Europe, to govern himself accordingly. Upon Their High Excellencies' remark in section 35, that such small places as Batticaloa, Kalpitiya and Mannar would have no need of a Landraad, and that this would again cause an increase of administration and a burden on the native: it is approved to report to Their High Excellencies that at Batticaloa the Landraad has existed for more than 20 years, just as there has been a Landraad at Puttalam and also at Chilaw since that time, and that this government has in this year only restored the Landraads at Kalpitiya and Mannar which had existed there formerly and had gradually fallen into disuse, 1778 The 20th November 1789. Continued. because these colleges are necessary in those places to investigate and settle the very complicated disputes of the natives; but that no greater administrative burden nor costs are caused to the Company thereby, as they have no other salaried servants in session than those who are otherwise necessary and appointed for the service of the Company at each place. Regarding the statement mentioned by Their High Excellencies in section 36, as to what the Company would profit by the employment of hired artisans: it is understood to elucidate to the same that this advantage, as far as their wages are concerned, cannot indeed be of much significance, because the pay of the artisans, except that of the shipwrights, is too low to bargain down much from it; but that, besides this, one can dismiss such hirelings when there is not much to do more easily, or at least with more convenience for a time, than salaried servants, and one may also expect to some degree that these hirelings, knowing that they can be discharged at any moment, will thereby be prompted to greater diligence. It is understood, pursuant to Their High Excellencies' recommendation in section 37, henceforth to have inserted in the outgoing letters to Their High Excellencies the gifts presented, with their amounts, and to that end to order the Trade servants here to draw up annually a specific 1779 The 20th November 1789. Continued. list of the gift account from the respective trade books of this government, and to deliver it to the political secretariat here. Pursuant to Their High Excellencies' order in section 40, it is approved to instruct the servants at Jaffnapatnam not to have title deeds granted for the lands on the border of the Vanni and in the district of Karachchi, which according to the resolution of 3rd February last are given to the inhabitants for free, until after the expiration of the granted three free years, and provided that they are first granted upon payment of the customary duty to the Company. It is understood to inform the servants at Jaffnapatnam that Their High Excellencies in section 41 have not only disapproved the 5 percent on the paddy duty granted by this government by resolution of 3rd February last to the Honorable Disava Schreuder, but have also declined the proposal made to grant him 10 and 20 percent on the paddy duty of the fields that have not been sown for 10 years and that have been newly cultivated; with orders at the same time to the servants to consider the aforementioned allowance of 5 percent as revoked. Since Their High Excellencies in section 53 have denied the proposal made according to the resolution of 9th March last to grant the officers of the infantry and artillery a monthly gratuity and linens at cost price: it is approved that the allowance provisionally granted to the subaltern officers by resolution of 26th May last

Dutch transcription

1777 1717 Den 20: 9ber 17819 ever tt overeenkomstig 1: 8: Michiel uitgesprooken aan hem te laaten executeeren. of ƒ960. ieder, en de 50. lb tegens 5¾ ropijen of ƒ 6. 18. — het le, zoomeede dat deselve hier verkogt is met de gewoone advancen op H: H: E: Comminicatie bij 5: 31. , dat voor toet sein Jaarlijks met een schip, 't welk voor Ceilon uit„ komt, uit Europa staan gesonden te werden 25. vaten vleesch en 25. vaten spek, en dat telkens het res„ tant van de voorigen aanbreng van koetjen na Coloa„ bo zoude terug gesonden worden, om tot het victua„ lieeren der retoor scheepen en sloepen, of tot andere verstrekkingen g'emplooijeerd te worden je goedge„ vonden en verstaan dit teneemen tot narigt, en de E: Hoofd administrateur aan te beveelen, om voortaan„ in het eijschen van spek en vlees uit Europa, zig daar naar terigten.. op: H: tb: E: aanmerking bij §: 35. dat zulke klijne plaatsen, als attikaloa, kalpettij en mairaan, geen landaaad nodig zouden hebben, en dat dit weder een vermeerdering van omslag en een last voor den inlander geeven zoude: is goed gevonden aan W: lb: E: te bedigten, dat te Botakaloa de landraad rade zeedert meer den 20 jaaren bestaat, zoo als er ook zeedert aldien tijd een land raad is geweest te Putulang en ook te silauw, en dat deese regeering in dit Jaar, te kalpettij en Manaar allen heeft hersteed de landaaaden, die daar eertijds geweest en lang zaamer hand en onbruik Regten teegen Mansele is verstaan het vonnis ld: aanbeveeling bij §32. des doods, door den Gaals Vervolg geraakt de worden te , ge„ rtaan r ende i„ , Jan g ge „ alle en 1778 1778 Den 20: 9ber 1789. vervolg genaakt zijn om dat deese Collegien op die plaatsen nood„ zakelijk zijn, tot het onversoeken en beflessen van de zeer ingewikkelde questie van den inlander; dog dat daar door geen meerder omslag, nog kosten aan de Comp: word versoekt, wijl en geen andere besoedigde dienaaren in sessie hebben, dan die buiten des voor den dienst van de Comp: op eeke plaats nodig is a bepaald zijn—. Omtrent de door H: H: E: bij §. 36. gewaagde opgave„ wat de Comp: bij het emplooij van gehuurde ambagts: lieden zoude proviteeren, is verstaan aan Hoogst deselven te elucedeeren, dat dit voordeel zoo veel hun loon aangaat, wel niet van veel belang kan zijn, om dat de bezoeding der ambagtsliede, uitgesondert die van de scheeps timmerleeden, te gering is, om daar van veel te kunnen afdingen, dog dat, behalven dat, wen zulke huurlingen, wanneer en niet veel te doen is makkelijker, of te minsten met meer weg„ zaamheijd, voor een tijd kan afdanken, dan in zoedij staande dienaaren, men ook eeniger maaten ver„ wagten mag, dat deese huurlingen, weetende dat ze alle agenblikke los zijn, daar door meer tot naarstig heid zullen worden genoopt— Js verstaen, om volgens W: H: E: aan beveeling bij §. 37: voortaan bij de afgaande brieven aan l: H: Ed: te laaten insereeren de afgegeevene geschenken met hun bedraagen en ten dien eijnde de Negotie bedienden alhier te gelasten, om Jaarlijks een speciffi„ que 1779 Den 20: 9ber 1789. vervolg que lijfte van de reekening van schinkalje, uit de respective negotie boeken deeses gouvernements te boo„ meeren; en ten secretarij van politie alhier te besoogen. Jngevolge lb: lb: E: last bij 5. AO. , is goed gevinden den bedienden te Jaffanapatnam aante beveelen om van de gronden aan den boord der awannij en in het land„ schap karretje, die volgens resolutie van den 3„e Februarij sleeden aan de ingeseetenen voor niet worden afgegieven, geene eijgendoms brieven te laaten ver„ leenen, dan na verloop van de toegestaane drie vrijejaaren, en mits die eerst bij het opbrengen van de gewoone geregtigheid aan de Compinie Js. verstaan den bedienden te Jaffanapatnam te informeeren dat U: H: E: bij S. 4. niet alleen hebben ged is approbeerd de door deese regeering bij resolutie van den 3=e Februari Leeden. aan den E: Dessave Sahrenden toegevoegde 5. p:r C=o op de nelij geregtigheid, maar ook gedeclineerd de gedaane voordaagt, om aan denzelven 10. en 20. p:rC: toetevoegen, op de nelij geregtigheid der velden, die in 10: Jaaren niet bezaaijd en die op nieuw gecultitteerd zijn; met last teffens aan de bedienden, om de voorsz: toelaage van 5. p:r C:o te houden voor ingetrokken Vermits H: Ed: E: bij V. 53: hebben ontzegd de vol„ gens resolutie van den 9=e Maart 'J Leeden gedaane voor„ vraagt, om aen de offecieren van de infanterij en aatshie leaij een maandelijks douceur en Lijwaaten voor inkoops prijs toeteleggen: is goedgevonden de bij resolutie van den 26=e Meij: JLeeden. daar aan provisioneel aan de subalterne officieren ingewilligde toe laage er aar an de e„ agtb „ at aan „ zoldij 21 dat t 1: de

NL-HaNA_1.04.02_3846_0804 view scan ↗

English

1780 The 20th of November 1789. Continued. to withdraw the allowance, and note here that what they have enjoyed until now shall be refunded to the Company. It was resolved to take note of and communicate to Gale Their High Excellencies' refusal in §. 54 of the gratuity requested by the pay-bookkeeper Martheze; but as the gratuity of 300 rixdollars from the arrack lease of Gale was granted to the fiscal at Gale in lieu of other revenues that were taken from him at the same time, it was approved to represent this to Your High Excellencies and to ask for their further orders as to whether this allowance must nevertheless be withdrawn. Regarding the consideration demanded by Your High Excellencies as to whether the coffee cultivation on Ceylon can within a few years be extended so far as to be able to yield annually one to one and a half million pounds, in accordance with the desire of the Lords Masters: it was approved to reply that this government has the best prospects for the coffee cultivation on this island, and hopes that within a few years there will be enough of it to serve as a profitable bottom cargo for the ships repatriating from here; however, although this work can, so to speak, extend on Ceylon as far as one shall see fit, provided and in proportion as it is kept in hand, it is nevertheless not quite practicable to determine now that within a few years one to one and a half million pounds will be collected annually over and above the requirements of this government, all the more so because various other things are to be carried out on this island with which this work must be dealt with simultaneously. 1781 The 20th of November 1789. Continued. It was resolved to take note of the order that all chief commanders of the offices to the west of India who are relieved directly to the Netherlands must remain for one year at the Cape of Good Hope, and in addition deposit into the Company's treasury the amount of their required security for four years, and to write to Gale that the Honorable outgoing commander Kaaijenhoff, according to Their High Excellencies' special recommendation, must also comply with this order. It was approved to provide a copy to Captain Joanbouer of the report received from Batavia from Major of Artillery Pilon and Fabriek Waijvansz regarding the newly erected gunpowder mill here, and to postpone the elucidations demanded on this account by Your High Excellencies until the arrival of the Commissioners of Their High Mightinesses who are expected daily, in the confidence that it will best accord with Their High Excellencies' intention that the question of how many and what kind of gunpowder mills Ceylon requires be definitively decided on this occasion. Regarding the reports received of unnecessary and excessive sails furnished to the ship the Hof ter Linde, it was resolved to deliver a copy to the Honorable Senior Administrator, with orders to ensure that, in accordance with Their High Excellencies' order by missive of 6 October of this current year, the amount thereof be reimbursed to the Company by the Master Attendant Andringa. To the said Honorable Senior Administrator it was resolved to deliver an extract from Their High Excellencies' aforementioned missive... 1782 The 20th of November 1789. Continued. aforementioned missive, in so far as it concerns the hoop iron and the equipment goods that were excessively charged here to the account of the ship the Phenecier, with orders to ensure that the amount thereof is reimbursed to the Company by whoever is liable. Likewise it was approved to send to Gale an extract from the aforementioned missive, in so far as it concerns the goods that were excessively furnished by the Master Attendant Abo to the ship the Phenecier, with orders to the officials to have the amount thereof reimbursed to the Company by the said Abo. Since Their High Excellencies observe in the oft-mentioned missive that 120 lbs of old lead were charged for the casting of a sounding lead of 60 lbs for the use of the ship the Phenecier, and that this is much too high: it was resolved to order the Honorable Senior Administrator to appoint a special committee on the first occasion that old lead is processed again, in order to be able to determine for the future, from the report of the outcome thereof, the wastage that may be calculated on old lead. Furthermore, it was resolved to have copies delivered of the received form for an outstanding arrears list to the Honorable Senior Administrator and the trade officials here, and also to send copies to Jaffna, Gale, and Tuticorin, with orders to conform strictly to that form in accordance with Their High Excellencies' order by extract from the minutes of 17 July last in preparing the arrears lists, upon forfeiture of a fine in case of any neglect. Thus done and resolved in the Castle of Colombo, on the day, month, and year aforementioned. /was signed:/ W. J. van de Graaff; M. P. Raket, D. J. Fritz, J. Reintous, B. L. van Zitter, A. Sailand, and J. A. Volkertsz. Resolution

Dutch transcription

1780 Den 20: 9ber 1789. vervolg laage intetrekke, en hier aanteekenen, dat het geen ze tot dus verre genooten hebben, weder aan de Comp: zal worden gerestitueerd. Is verstaan tot na rigt teneemen en na Gale te bedeelen H: H: E: ontzegging bij §. 54: van 't door den zoldij boek„ houden Martheze versogte douceur; dog wijl het douceur van 300. rd:s uit de aarar pagt van Gale, aan den fiskaal te Gale is toegelegd, voor andere enkomsten, die hem ter zelven tijd zijn ontnoomen, is goedgevonde dat aan W: W: E: te vertoonen, en hoogst derselver nader order tevraagen, of deese toelroge evenwel moet worden ingetrokken. op de door W: H: E: gevorderde Consideratie, op de Coffij Cultuure op Ceilon, binnen wijnige Jaaren zoo verre kan g'extendeerd worden, om ingevolge de be„ geerte van de Heeren Meesters. kan a: een en en holf- millioen ponden Jaarlijks te kunnen opbrengen: os goed gevonden te antwoorden, dat deese regeering de beste voor uitzigten heerft van de Coffij Culture op dit eiland, en hoopt dat men binnen korte jaaren daar van genoeg zal hebben, om de scheepen die van hier repa„ trieeren, te kunnen strekken tot eene voordeelige onderlaag„ dog dat schoon dit werk zig voorts, om zoo te space„ ken, op Ceilon zoo verre kan uitstrekten, als men zal goedvinden, wanneer en na maate van den, de hand aan word gehouden, 't nogtans niet altedoenlijk is om nu aats te bestemmen, dat er binnen wijnige jaoren Jaar„ lijks een a: een en een halve millioen ponden, bove boven de benodigheid ian dit gouvernement, zullen inkoopen, te meer er verscheide. andere dingen op dit Eijland te verrigte zijn, waarmede dit waak gelijk tijdig moet worden afgedaan 1781 Den 20 9ber 1789 vervolg Is verstaan tot narigt teneemen de order, dat alle hoofd„ gebieders van de Cantooren om de west van Jndien, die direct na Nederland zijn verlost, een Jaar aan de Caap de de Goede Hoop moeten overblijven, en daar en boven in Comp:s Cas tellen de som hunner verpligte borg stelling voor vier Jaaren, en na Gale aanteschrijven, dat de E: afgaande gezaghebber Kaaijenhoff, volgens H: H: E: speciaale aan„ beveeling, meede aan deese order moet voldaan Is goedgevonden het van Batavia ontvangen berigt, van den majoor der arthillcaij Pilon en faboick Waij vansz: nopent de alhier nieuw opgerigte kruitmoolen, in Copia te laaten afgieven aan den Capitain foanbouer ende denweegens door H: W: E: gevorderde Elucidatien, uit„ testellen tot de komste van de dagelijks verwagt wor„ dende Heeren gecommitteerden van Hunne Hoog moogen, den, in vertrouwen, dat het meest met HE: Hd: E: intentie zal strooken, dat de vraage hoe veele en welk slag van Kruit moolen Ceilon nodigheeft, ter deeser geleegendheid vinaal word beslist. De ontvangene berigten van onnodig en teveel verstaekte zijlen aan het schip het Hofterlinde is verstaan in Copia te laaten afgeeven aan de E: Hoofd adminis„ trateur, met last om te zorgen, dat over eenkomstig H: H: E: order bij missive van den 6: occtobeer Jo2: het bedraagen daarvan door de Exuipagiemeester An„ dringa aan de Comp: word vergoed een Aan gem: E: Hoofd administrateur is verstaan extrakt te laaten afgeeven uit H: H: E: voorsz: het bedeelen , en hoogst de goed te e er zijn gte aan 1782 Den 20: 9ber 1789. vervolg voorsz: missive, voor zoo verre betaeft het hoep ijzer en de Equipagie goederen, die hier teveel zijn opgebragt ten laste van het schip de Pheneciar met last omtesorgen, dat het bedragen daar van door dien het incumbeerd aan de Comp: word vergoed. Jnsgelijks is goedgevonden na Gale te zenden een extrakt uit voor„ melte missive, voor zoo verre aangaat de goederen, der door den Equipagiemeester Abo, aan het schip de Phenccier te weet zijn verstrekt, met Last aan de bedienden, om het bedraagen daar van daar gem: Abo aan de Compenie te„ doen vergoeden. wijl H: H: E: bij meerm: missive aanmerken, dat tot het gieten van een dieplood van 60: lb ten behoeve van het schip de Pheneciea, zijn opgebragt 120. lb: oud loot, en dat dit veel te hoog s. js verstaan den E: Hoofd administrateur aantebeveelen, om bij de eerste geleegendheid, dat weder oud loot word verwerkt, daar bij testellen een exprasse Commissie, om uit het rapport van de uitkomste daar van, voor den aanstaande te kunnen be„ stemmen de spillagie, die op oud lood mag worden beree„ Wend. Voorts is verstaan om van het ontvangene formulier van Copijen te laaten afgeeven aan den E: Hoofd„ een restant lijft adminstrateur ende negotie bedienden alhier, en ook Copijen te zenden na Jappawa, Gale en Tutucorijn, met last om overeenkomstig h: Ed: E: order bij extrakt uit de notulen van den 17: Julij J:o Leeden, en het formeeren der restant lijften, zig stipt nae dat formulier te gedraagen, op de verbeuring van eene boete bij eenig verchim. Aldus gedaan ende geresolveerd in het Casteel Colombo, ten dage maand: en Jaare voorsz: /was getekend:/ W„: J: van de Grooff; M: P: Raket, D: J: fritz: , J: Reintous, B: L: van Zitter, A: Sailand en J. A Vollaihope Resolutie

NL-HaNA_1.04.02_3846_0807 view scan ↗

English

1783 Concerning the reply of their High Excellencies to the proposal of this government of 24 April of the past year. The Honorable Disava - The Honorable Pay Bookkeeper Friday 27 November 1789. Absent Diederich Thomas Fretz. Gerrit Engel Holst. Resolution taken in the Council of Ceylon by way of representation. Having deliberated upon the reply of their High Excellencies, made by their very honored missive of 22 September of the past year, section 42, to the proposal of this government made to their said High Excellencies by letter of 24 April, sections 64, 65, and 66, it has been approved and understood to reply humbly to their said High Excellencies: That the proposal made to their High Excellencies by the aforesaid missive of 24 April, section 59, to give off the vacant lands situated on the border of the Vanni in the province of Karachchi to those who might make a request for them, only applies to the lands situated in the Commandement of Jaffnapatnam. That the proposals appearing in sections 64, 65, and 66, concerning the whole island, both for the promotion of paddy cultivation and for the planting of coffee and pepper, are matters that can very well be managed together and simultaneously, because the operations of agriculture leave much time that can be usefully spent on making plantations. That this government, in these general proposals 1784 27 November 1789 continuation to their High Excellencies, and the proposal to grant half of the tithes that henceforth would come in from each district more than in the highest year of the last 15 expired financial years to the land regents and those who are subordinate to them in the administration of agriculture, as well as to be qualified for a similar favorable arrangement as an encouragement in the planting of pepper, coffee, and other useful products, only did not enter into details regarding the distribution because the arrangements in this matter can properly only be made after the land regents, each in their own sphere, shall have been heard concerning the means which they will deem necessary for achieving the good intentions in this matter, which will now be done immediately, and that one will then also easily be able to see which arrangements furthermore may be useful and also feasible, of which a report will be made to their High Excellencies in due time and according to the progress of this work. That under the name of Land Regents on Ceylon, in the first place are understood the Disavas of Colombo, Jaffna, and Matara, and the superintendent of the Galle Korale, as 1785 27 November 1789. deliberated that their High Excellencies have found the aforesaid proposals reasonable has already been humbly shown to their High Excellencies by letter of 31 January 1788, section 63. That nevertheless under this are also understood the chiefs, each in their own sphere, over the lands over which they are placed, and that consequently under this name on Ceylon are never understood the Sinhalese headmen who are placed over lesser districts subordinate to the land regents under the name of mudaliyars, muhandirams, vidanes, etc., etc. Furthermore, having taken into consideration that their High Excellencies have found the aforesaid proposals of this government reasonable, adding that the land regents and those who are employed under them in this department ought to be no less interested than the Lord of the Land, both in what can be done for the improvement of agriculture and in the cultivation of all such useful products as this island can yield, and consequently express being inclined to allow a trial to be made of the aforesaid proposals. In consideration of this, and that one, according to the view of this assembly, seems to be permitted to take this favorable declaration of their said High Excellencies for an agreement to the execution of everything that has been proposed to their High Excellencies on this subject 1786 27 November 1789. continuation by the aforesaid missive of 24 April, sections 64, 65, and 66, it has been approved and understood: 1. That it shall be written by circular that their High Excellencies have favorably consented to the proposals of this government made to their High Excellencies, and of which provisional notice has already been given to the servants, each in their own sphere, by circular missive of 1 May of the past year, and that consequently, from 1 September past, half of the advantages mentioned in this circular letter shall be ceded to the land regents and those who are employed under them in the land administration. 2. That it shall likewise be written by circular that the land regents and the chiefs, each in their own sphere, shall now have to take into further and serious consideration everything that, according to their view, can serve both for the improvement of agriculture and for the promotion of the planting of pepper, coffee, and other useful products, in proportion as the lands subordinate to them can best serve for that purpose, and that they will have to point this out as soon as possible, whereby they will simultaneously have to point out the subordinate servants whom each in their own sphere deems necessary, so that these things may proceed in an orderly manner and one may rely on them being pursued with zeal and continuously. Thus done and resolved in the Castle of Colombo on the day, month, and year aforesaid. Was signed: W. J. van de Graaff, M. P. Raket, J. P. C. Jelchius, J. Reintous, B. L. van Zetter, A. Samlant, and J. A. Vollenhove.

Dutch transcription

1783 beteugd over het antwoord van hun Hoog edelheeden op 't voorstel van deese regeering 24. april J:o Leeden. Den E: Dessave - Den E: Zoldij boekhouder Gedelibeerd zijnde over het antwoord van Hunne Hoog edelheeden, bij hoogst der zelven zeer g'eerde missive van den 22. gedaan bij brief van den 2ber: J:o Leeden 5. 42. , op het voorstel van deese regeering aan welgem: Hunne Hoog edelheeden gedaan, bij brief van den 24. April §. 64. 65. en 66. ps goedgevonden en verstaan, aan wel gem: Hunne Hoog Edelhheeden needrig te antwoorden. Dat het voorstel aan hoogst deselve, bij voorm: missive van den 21: April §. 59. gedaan, om de leedige gronden geleegen aan de boord der wanneer in het Landschap karetje gaat is aftegeeven aan de genen die er versoek om mogten doen, alleen zijn bestrekting heeft tot de landen, geleegen in het Commandement van Jappa„ napatnam. Dat de voorstelle, voorkomende lij 5. 64. 65. 3 6. be„ treffende het geheel eiland, en ter bevordering van de nelij Cultuure, en tot het aanplanten van toffij en peper, dingen zijn die heel wel tezamen en gelijktijdig kunnen worden besteerd, wijl de verrigtingen van den Landbouw veel tijd overlaat, die tot het doen van aan plantangen nuttig kan worden besteed. Dat deese regeering, bij deese algemeene voorstellen Vrijdag Den 27:e November 1789. Absent Diederich Thomas Fretz: Gerrit Engel Holst. resolutie Genoomen in Raade van Cailon„ bij weege van aondraage aan Zer ten de voor door veel te„ tet n . 1 2 te aar om ule: 1 eering 1 en dase„ M. - 1784 Den 27: 9ber 1789 vervolg aan Munne Hoog Edelheeden, en het voorste ou de helfte van de geregtigheid, die voortaan uit eek Vistrict meer zoude inkoomen dan in het hoogste Jaar van de 15. laatste verstrekene boekjaaren, toeteleg„ gen aan de Landaegenten en die geene, die ter bestie„ „ning van den Landbouw; aan hun ondergeschikt zijn, als meede om tot een diergelijke gunstige schikking te moogen worden gequalificeerd ter aanmoedinging in het aanplanten van peper, kopfij en andere nit„ tige pooducten, alleen daar om in geene specialiteijten no„ pens de verdeeling getreeden is, om dat de schikkin„ gen in deese billijk, eerst zullen kunnen worden - gemaakt na dat de landaagenten, een eek in aan hunnen, zullen zijn gehoord over de middelen, die ze ter bereij„ ning van de goede oogmerken in deese zullen nodig oordeelen, het geen nu ten eersten geschrieden zal, en dat men ook als aan lieft zal kunnen zien welke schik„ kingen voorts van nut en tevens uitvoerlijk kun„ nen zijn, waar van aan Hunne Hoogedelheeden in den tijd en na maate dat men dit werk vor„ dont, zal worden verslag gedaen. Dat onder de naam van Landregenten op Ceilen, in de eerste plaats worden ver„ staan de Dessaves van Colombo, Jabfana, en Mature, en der opsiender van de Gale Corle, zoo als — dat reeds aan 1785 Den 27: 9ber 1789. gedelibereerd over dat 10: H: E: de voorsz: voorstellen hebben billijk gevonden reeds nedrig is vertoond aan Hunne Hoogceeltheeden des bij brief van den 31: Januarij 1788. §. 63. Dat als niet te min ook daar onder worden verstaan de opperhoofden, elk in de kunnen, over de zanden, waar over ze zijn gesteld, en dat mits dien onder deesen naam op Ceilon nimmer verstaan worden de singa„ leese hoofden, die over mindere destrekten aande Landaegenten, ondergeschikt, onder de naam van mobliaars, mohandirams vedaans etc:s etc:a gesteld zijn. Voorts in agting genoomen zijnde, dat H: W. E: de voorsz: voorstelle deeser regeerng hebben belijk ge„ vonden, met bij voeging, dat de Landregenten ende geenen, die aan hun ondergeschiekt in dit de parte ment worden gebruikt, niet minder dan den Heer van den Lande behooren g'interesseerd te zijn, zoo wel in het geene ten verbeetering van den Land„ bouw - geschieden kan, als in aankweeken van alle zodanige nuttige producten, als dit eijland kan voortbrangen en mits dien betuijgen geneijgt te zijn een proef te laaten neemen, van de voorsz: voorstellen aanmerkinge beslut daar van is uit aanmerking van die, en dat men deese gunstige verclaaring van welgem: Hunne Hoog Edelheede, naar het inzien van deese vergadering, scheijnt te moogen neimen voor een gaan concent, tot het uit voeren van alle het geen aan Hunne Hoog edelstbaden op dit onderwerp in„ vor„ er„ de ƒ 1786 Den 27 9bber 1789. vervolg onderwerp, bij voorsz: missive van den 24. april 15. 64. 65. en 66. is voorgesteld, goedgevonden en verstaan. Dat Circulair zal worden aangeschreeven; dat W: W: E: gung„ E stig hebben bewilligt, in de voostellen deeser reekening aan hoogst dezelve gedaan en waar van berads voorloopende aan de bedienden, een elk in der hunner kinnis ge„ geeven is bij Cerculaire missive van den 1. maij j=o Leeden, en dat mits dien van primo 7ber: passoto de helft der voordeelen bij deese Circulaire brief vermeld, aan de Landregenten en die geene, die ondrr hun in het Land bestier emploijeerd zijn, zullen worden afgestaan. 2: Dat insgelijks Circulair zal worden aangeschreeven dat de Land regenten ende opperhoofden, een eek in den hunnen, als nu ander en ernstige overwee„ ging zullen moeten neemen al het geene naar hun in„ zien strakken kan, zoo tot verbeetering van den Landtrouw, als tot bevordering van het aanplanten van peper koffij en andere nuttige producten, na mate dat de landen, aan hun ondergeschikt, daartoe best dienen kunnen, en dat ze dit zoo spoedig ge„ schieden kan, zullen moeten aanwijsen waarbij ze teffens zullen moeten aanwijsen de onderge„ schikte bedienden, die een eek in de hunne nodig acht, op dat deese dingen geregeld geschieden, en men staat maaken kan, dat die niet iver en bij voort duuring worden voortgeset. Aldus gedaan ende geresolveerd in 't Casteel Colom„ d„o ten dage maand en Jaare voorsz: /:was getek:/ W: J: v: De Graaff, M: P Raket:/ J: P: C: Jelehius, J: Reintous, B: L: van Zetter, A: Samlant en J: A: vollenhove.

NL-HaNA_1.04.02_3846_0811 view scan ↗

English

Tuesday 1 December in the year 1789. Resolution taken in the Council of Ceylon, by circular inquiry. The Honourable Disava Diederich Thomas Fretz, Gerrit Engel Woest absent. Resolution for the renewal of the advertisement against night prowlers who stay in the country and commit many robberies and other acts of violence. Considering the frequent thefts that have been committed for some time in the country, and which are often accompanied by woundings and even murder, on the proposal of the Lord Governor, it has been approved and agreed hereby to renew the advertisement enacted in the session of 23 December 1768 and subsequently published, whereby the public was granted liberty to immediately shoot dead all night prowlers who stay in the country and commit many robberies and other acts of violence, whether Sinhalese, Malabar, Javanese, or bandit, when they are caught at night inside enclosed compounds or gardens, or upon breaking into the same, as well as when they are caught at night by the patrols and refuse to stand, but attempt to flee, or also offer resistance against the patrols, servants of the officers of Justice, or guard-holding lascorins who wish to apprehend them, while also offering a premium of ten rixdollars to anyone who captures such highwaymen alive and delivers them. Opinion of the members Reintoux and Vollenhove. Whereas the members Reintoux and Vollenhove are of the opinion that the renewal of the aforesaid advertisement must take place with this addition, that an attempt must first be made to take the prowlers alive, since it has been experienced that such immediate broad authorizations have been abused, for which reason outlawry is also no longer so much in use. Thus done and resolved in the Castle of Colombo, on the day, month, and year aforesaid. Signed: W. J. V. De Graaff, M. P. Raket, J. P. C. Tilenius, J. Reintoux, B. L. van Zitter, A. Samlant, and J. A. Vollenhove. 1 December 1789. Resolution taken in the Council of Ceylon, by circular inquiry. The assistant Cornelis Johannes is made sworn clerk at the Secretariat of Police and promoted to bookkeeper. The Honourable Disava Diederich Thomas Fretz, the Honourable Pay Bookkeeper Gerrit Engel Holst absent. Owing to the decease of the sworn clerk of the Secretariat of Police here, Pieter Johan Muller, it has been approved and agreed upon the proposal of the Lord Governor to appoint the assistant Cornelis Johannes Vos as sworn clerk at the said secretariat, and thereby to promote him to bookkeeper, with the salary of thirty guilders per month. Thus done and resolved in the Castle of Colombo on the day, month, and year aforesaid. Signed: W. J. van De Graaff, M. P. Raket, J. P. C. Tilenius, J. Reintoux, B. L. van Zitter, A. Samlant, and J. A. Vollenhove. Thursday 3 December 1789. Resolution taken in the Council of Ceylon, by circular inquiry. Friday 4 December 1789. Present: The Right Honourable Lord Governor Willem Jacob van de Graaff, the Honourable Chief Administrator Mattheus Petrus Raket, the Honourable Colonel Johan Philip Christiaan Tilenius, the Honourable Trade Bookkeeper, the Honourable Secretary Benedictus Lambertus van Zitter, the Honourable Fiscal Abraham Samlant, the Honourable First Warehouse Master Mr Johannes Adrianus Vollenhove. Absent: The Honourable Disava Diederich Thomas Fretz, the Honourable Pay Bookkeeper Gerrit Engel Holst, and Johannes Reintoux due to indisposition. Opened and read the dispatches from the Honourable Directors of the Presidial Chamber of Amsterdam received with the frigate the Zephir and agreed to take their contents for dutiful information. Opened two mail packets, which were brought to Galle with the Country's frigate the Zephir, and therein were found a dispatch from the Honourable Directors of the Presidial Chamber of Amsterdam dated 5 February of this year, and a dispatch from the Honourable Directors of the Chamber of Amsterdam of the 9th of the said month, and after resumption of the same, it was approved and agreed to take what was written therein for dutiful information. Resumption of the documents regarding the investigation into the complaint of the Lieutenant of the Regiment of Meuron, the Chevalier de La Batut, against the assistant van der Linde. Having been resumed by circulation and now brought to the table, the documents regarding the inquiry conducted concerning the complaint brought by the Lieutenant of the Regiment of Meuron, the Chevalier de La Batut, against the arrested assistant Lambertus van der Linde, on account of a blow dealt by the latter to the said Lieutenant, together with an order of

Dutch transcription

1787 Den E: Dessave Den E: Zoldij boekhouder p advertissement teegend de nagt swervers, die in het besluit ter denoveering van Is uit aanmerking van de veelvuldige diverijen, die zee„ land ophouden en veele roverijen det eenige tijd in het land worden gepleegd, en die dik„ wijls met kwetsen en zelfs worden verseld gaan, op de propositie van den Heer Gouverneur, goed ge„ vonden en verstaan mits deesen te renoveeren 't ter ses„ sie van den 23 December - 1768. gearresteerd, en ver„ volgens gepubliceerd advertissement, waar bij aan de gemeente vrijheid gegeeven is, om alle wach„ sweavers die in het Land zig ophouden en veele roverijen en andere baldadigheeden pleegen, het mag Selav zijn singalees, Mallabaar, Javaan, of bandeet, ten eersten dood te schieten, wanneer ze als nagts binnen beslootene erven of thunnen, dan wel op 't inbreeken van deselven g'attrapeerd worden, als meede wanneer ze snagts door de pattoouilles aangerrapen worden en niet staan willen, maar tragten te ont„ vlugten, of ook teegenstaand mogten beiden teagen de pattroculles, bedienden van de officieren van de Justitie, of wagt hebbende lascorijns, die hen willen apprehendeeren, onder uijt loosing tevens van eene in andere baldadig heeden pleegen Dingsdag Den 1. December Ao 1789. absent Diederich Chomas Faetz: Gerrit Engel Woest Resolutie Genoomen in Raade van Ceilon, bij rondvrage o premie dig Colo s 3 1788 Den 1 December 1789. tous en vollenhove. prenie van thien vds, aan den geenen, die zodanige straat rovers leevendig opvaten leverd. het gevoelen van den Reink ijwile de Leeden Reintous en vollenhove aan gevoelen dat de aenovatie van voorsz: advertissement, moet geschieden met deese bij voeging, dat men eerst poo„ „ging diend te doen, om de zweevers levendig te vatten, wijl men ondervonden heeft dat van dier gelijke ommiddelijke ruime Qualifikatien mis„ bruiken gemaakt zijn, waarom ook het voogel vrij verklaaren niet meer zoor ingebruik is, Aldus Gedaan en de geresolveerd in 't Casteel kolom„ d„o, ten dage maand en Jaare voorsz: /:was geteekend/ W: J: V: De Jaaaft, M. P: Rattelt g: P: C: Jele„ nias, J: Reintous, B: L: van Zitter, A. Samlant en J: A: Vollenhove 1789 Den E: Dessave de assistent Cornelis Johan„ tarije van politie en gevorderd tot boekhouder Mits het overlijden van den geproone klerk ver secretaaij van politie net gde word gesw: ter sevaa alhier Pieter Johan Muller, is op de propositie van den heer Gouverneur goedgevonden en verstaan, den assistent Cornelis Johannes Joe aantestellen tot geswoorde klerk ter gemelde secretarij, en hem mits dien te bevorderen tot boekhouder, met de Gagie van dertig guldens smaands Aldus gedaan ende Geresolveert in het Casteel Colombo ten dage maand en Jaare voorsz: /:was getekend:/ W: I: A: De Graaff, M: P: Raket, J: P: C: Tilenius, J: Rein„ tous, B: L: van Zitter, A: Samlant en J: A: vollenhove Donderdag Den 3. December 1789. Assent Diederich Thomas Cretz: Den 8: Soldijboekhouder - - - Gerrit Engel Holst Resolutie Genoomen in Raade van Ceilon, bij Rendraage C vrijdag a „ op lant M 1790 geopend en geleesen de buxe„ heeren bewindhebberen ter presedcaale Camer am„ sterdam met 't fregat en verstaan dees inhoud neemen. betrekkelijk tot de gedaane van den luitenant van 't regi„ ment van Meuron de Rid der de La factrie, tegen den assistent van der Den wel Ed: Goot agtb: heer Gouverneur D en E: Hoofd administrateur Den E. Colonel - - - Den E: Negotie boekhouder Den E: secretaris Den E: fiscaal - Den E: Dessave Den E: Zoldij boekhouder Den E: Eerste Pakhuismeester - warte vnder stossekie Diederich Thomas Se Wetz: Gerrit Engel Holst en Johannes Reintous mits Jndispositie zijn geopend twee brief pakketten, die met slands fregat de ven van de Edele Hoog agtb: Zephir te Gale zijn aangebragt, en zijn daarin gevonden een missive van den Edele achtb: Heeren Bewind: de zephier ontvangen hebbenen ter presidiale kamer Amsterdam de dato 5. tot schuldig narigt te februarij deeses Jaars, en een missive van de Edele agtbaare Heeren Bewindhebberen ter kamer Amsterdam van den 9. van gem: maand:, en is na resumptie van deselven goed„ gevonden en verstaan het daar bij aangeschreevene te neemen tot schuldig narigt resumptie van de papieren Door rond zending gernsumeerd en tans ter Cavel gebragt zijnde enqueste omtrent de kagte de papieren, betrekkelijk tot de gedaane enqueste, omtrent de klagte door den Luitenant van het regiment van Meuron, de Ridder de La Raitail, gemoveerd, teegen den g'arresteerden assistent Lambertus van der zende, weegens 't toebrengen van een slag door den Laat„ sten aan gem: Luitenant, nevens een appoinctement van Vrijdag Den 4. December 1789. present Willem Jacob van de Graaff, Mattheus Petrus Raket Johan Philip Christiaan Jilenius Benedictus Lambertus van Zittea Abraham Samlant M„r Johannes Adrianus Vollenhove Absent den - - — 2 Linde

NL-HaNA_1.04.02_3846_0815 view scan ↗

English

1791 The 4th of December 1789 Resolution thereon regarding the provisions made to the hired laborers who in the month... maintenance and repair of the fortification works. the Council of Justice of this Castle, whereby the said van der Linde is released from his arrest, with compensation of the costs. After deliberation, it was resolved and agreed to approve the assessment of the Assistant van der Linde, but to render the ruling concerning the costs without effect. Taken into consideration a report inserted below from the master builder Wendrichsz, containing an account of the provisions made to the hired laborers who were employed in the past month of October for the maintenance and repair of the fortification works here. Right Honorable, Highly Venerable, High Ruling Lord, The undersigned has the honor respectfully to show below the number of large coolies as well as grown and small boys who, during the course of the past month of October, worked on the fortification works for the maintenance and repair of the same, together with the monthly wages they received for it, consisting in total of: 25 Large coolies at 2½ rixdollars each, in total rixdollars 62. 24 18 Grown boys at 1½ rixdollars each, in total rixdollars 27. — 16 Small boys at 1¼ rixdollars each, in total rixdollars 20. — Sum: Rixdollars 109. 24 And that sum being deducted from the principal of that month remaining under his accountability: rixdollars 553. 42½, leaving rixdollars 444. 18⅓, which continues to run since the first of this month. While he has the honor to remain with high esteem and respect, was below: Right Honorable, Highly Venerable, High Ruling Lord, your Right Honorable's humble and obedient servant, was signed: E. Hendriksz. In the margin: Colombo, the 18th of November, Anno 1789. To the Right Honorable, Highly Venerable Lord Willem Jacob van De Graaff, Ordinary Councillor of the Dutch Indies, Governor and Director of the island of Ceylon with its dependencies. 1792 The 4th of December 1789. Resolution thereon. And after deliberation, it was resolved and agreed to grant authorization for the writing off of the aforementioned provisions. Authorization to the Master of Equipage for the purchase of long gunnies. It was resolved and agreed to authorize the Master of Equipage Andringa to purchase forty thousand long gunnies for the packing of cinnamon, at twelve Indian pieces each. Resolution on the report of the collected recognition money. The Honorable Trade Bookkeeper Caillant having submitted a report of the collected recognition money for the permitted chests and half-pipes that the crew members of the ship Trinconomale brought out, after resumption of that report it was resolved to insert the same below. To the Right Honorable, Highly Venerable Lord Willem Jacob van De Graaff, Ordinary Councillor of the Dutch Indies, Governor and Director of the island of Ceylon with its dependencies. Right Honorable, Highly Venerable, High Ruling Lord, The list of the recognition chests and half-pipes permitted to the persons below, who sailed out on the ship Trinconomale for the Amsterdam Chamber, for which import into this country five rixdollars must be paid for each chest or half-pipe on behalf of the Honorable Company, having been handed to the undersigned, he did not fail to receive those moneys to the amount of one thousand two hundred and thirty rixdollars, and by order of your Right Honorable to bring them into the Company's treasury. 1793 The 4th of December 1789. From Captain Harmanus Driesman, for 25 chests, 25 pipes, rixdollars 250. — From the Junior Merchant P. J. van Sijlingen, for 20 chests, 1 pipe, rixdollars 105. — From the Chief Mate Frans Verschuur, for 12 chests, 13 pipes, rixdollars 125. — From the Second Mate Arij Smidkam, for 7 chests, 8 pipes, rixdollars 75. — From the Third Mate Paulus Magan, for 7 chests, 8 pipes, rixdollars 75. — From ditto Johannes Christiaansz, for 10 chests, 3 pipes, rixdollars 65. — From ditto F. C. Schorre, for 7 chests, 8 pipes, rixdollars 75. — From the Chief Surgeon Dirk Naijling, for 12 chests, 0 pipes, rixdollars 60. — From ditto Christiaan Behne, for 11 chests, 2 pipes, rixdollars 65. — From the Sergeant J. G. Smit, for 5 chests, 5 pipes, rixdollars 50. — From the Comforter of the Sick Andries Shamerop Vaij, for 7 chests, 2 pipes, rixdollars 45. — From the Boatswain P. D. Louis, for 5 chests, 0 pipes, rixdollars 25. — From the Boatswain's Mate Tobias Schutte, for 3 chests, 0 pipes, rixdollars 15. — From the Gunner Jan van der Horst, for 3 chests, 0 pipes, rixdollars 15. — From the Butler Hendrik Jelghuis, for 3 chests, 0 pipes, rixdollars 15. — From the Under-Surgeon Jacob Alders, for 6 chests, 1 pipe, rixdollars 35. — From ditto C. F. Phle, for 6 chests, 1 pipe, rixdollars 35. — From ditto Cornelis van Mivoorden, for 6 chests, 1 pipe, rixdollars 35. — From ditto Hendrik Hoebers, for 6 chests, 1 pipe, rixdollars 35. — From the Master Carpenter Harm. Barrevoet, for 3 chests, 0 pipes, rixdollars 15. — From the Master Sailmaker Dirk Smit, for 3 chests, 0 pipes, rixdollars 15. — Total: 167 chests and 79 pipes, rixdollars 1230. — With which I subscribe this with great respect, was below: Right Honorable, Highly Venerable Lord, your Right Honorable's very obedient servant, was signed: A. Caillant. In the margin: Colombo, the 20th of November, Anno 1789. Report regarding the inspection of the unfit iron cannons to be found here. Read a report inserted below from the extraordinary Lieutenant of the Artillery Clamart and the ordinary Fireworker Alefs, regarding the inspection of the unfit iron cannons that are to be found here. To the Right Honorable, Highly Venerable Lord Willem Jacob van De Graaff, Ordinary Councillor of the Dutch Indies, and Governor and Director of the island of Ceylon with its dependencies. Right Honorable, Highly Venerable, High Ruling Lord, The undersigned officers of the Artillery have...

Dutch transcription

1791 Den 4. december 1789 besluit daar op wegens de gedaane verstaekkingen aan de heuurlingen, die indemaand houden en repareeren van de den Raad van Justitie deeses Casteels waarbij gem: van der Linde uit zijn arrest word ontslaagen, met Compensatie van de kosten. Js na de Liberatie goedgevonden en verstaan, 't omslag van den Assistent van der Linde te approbeeren, dog de dispositie„ over de Costen te stellen buiten effect „rigt vanden fabrick Wendrtsf:s geausumeerd een hier onder g' insereed berigt van den fobaik 8ber: g'empoijeerd zijn, tot zonder Wendachsz: houdende aanwijsing van de gedaane verstrek kingen aan de huurlingen, die in de maand october J:o Leeden g'emploijeerd zijn, tot het onderhouden en repareeren van de vesting werken alhier wel Edele Groot Agtb: Hoog geb: Heer Den ondergeteekende heefd de eere hieronder Eerbiedig aantetoo„ nen 't getal der gooote koelies soowel als opgeschoote en kleene Jongens, die geduurende den loop van verleede maand october aan de fortifikatie werken, tot t: onderhouden en repareeren der zelve g'arbeijd, zoomeede de maandgelden die zoo daar voor genooten hebben, Bestaande dat een en ander en 25: Groote koelijs - - - . . a: 2½ rd:s id:s sn. rds 62. 24:— 18. opgeschoote Jongens. - - - - „ 1:½ „ „ „ - - „ 27. —. 16. kleine jongens. . . . . . . . . . „ 1. ¼ „. . „. . . „ . . . - „ 20. —. — Somma. . . . Rd:s 109. 24. — En dat die som afgetrokken wesende van 't onder p:l dier maand ten zijner verantwoording gebleve - „ 553. 42:½ rd:s 44. 18:1/3 't zedert p=mo deeser blijft voortloopen: -- Terwijl hij de Eere heeft met hoog agting en ontzag te zijn /:onderstond:/ Wel Ed: Groot agtb: Hoog gebiedende Heer, uwel Ed: Groot agtb: onder„ danigen en gehoorzaame dienaar /:was getekend:/ E Hendriksz: in margine:/ kolombo den 18. 9ber: A:o 1789. — Aan den wel Edelen Groot achtb: Heer Willem Jacob van De Graaff, Raad ordinair van Nederlands Jndia God„ verneur en Directeur van het eiland Ceilon met dies onderhoorigheeden. En 789. s ed e vesting-werken. 6 de ind: aare zijnde ent gt veer erd a . 1792 Den 4: December 1789. besluit daarop Equipagie meester tot den inkoop van Lange goenijs van de ingevorderde aekog„ nietie penning en En is na de liberatie goedgevonden en verstaan, qualifikatie te ver„ leenen ter afschrijving van voorm: verstrekkingen. qualifikatie aan den Is goedgevonden en verstaan, den Equipagiemeester Andringa te quali„ ficeeren, om veertig duisent lange goenijs intekoopen, tot het emba„ leeren van Canneel, teegens twaalf jndische stuk: ieder. besluit op het berigt Door den E: Negotie boekhouder Camlant ovegelagd zijnde een berigt, van de ingevorderde recognitie penningen voor de ge„ permitteerde kassen en pijpen, die de scheepelingen van het schip Trinconomaale hebben uitgebragt. Is na resumptie van dat berigt goed gevonden 't zelve hier onder te insereeren. Aan den wel Edelen Groot Achtbaare Heer Willem Jacob van De Graaff, Raad ordinair van Nederlands Jndia Gouver„ neur en Directeur van het eiland: Ceilon, met dies onderhoorigheeden Wel Edele Groot Achtb: Hoog Geb: Heer De Lijste der aan de onderstaande perzonen, die per het schip Tamconomaale voor de kamer am„ sterdam, zzijn uitgevaaren, gepermitteerde rekognitie kasten en halve pijpen, waar voor hier te lande voor den invoer vijf rd. s voor ieser kas of halve pijp, ten behoeve van dE: Compenie moeten worden betaald, den onder teekenaar ter handgesteld zijnde, heeft hij niet gemankeerd die penningen ten bevraage van rd:s Een duisend twee hondert dertig te ontvangen, en op ordonnantie van uwel Ed: Groot agtb: in' Comp: kassa tebrengen ges. aan 97 1793 Den 4: December 1789. alhier tevindene onbequaame ijzere kanons van kapitain Harmanus Driesman . . . . . voor 25. kassen 25: pijpen rd:s 250. — „ 20. „. „ 1. „ „ 105. —. — „den onderCoopman P: I: van Sijlingen „ „ opperstuurman faans verschuur. . . „ 12. „. „ 13. „ „ 125. —. — „. „ onderstuurman Arij Smidkam. . . . „ 7. –. „ „: 8. „ „ 75: —: — „ „ derdewaak: Paulus Magan 13: z: - „ 7. „ - „ 8: - „ - „ 75. — „ „ do Johannes Caistiaansz:. . . „ 10. „ „ 3: „ . . . „ 65. — — „ 7. „ „ 8. „. . „ 75.— „ „ d F: C: Sahorre - „. „ opperchirurgijn Dirk Naijling. . „ 12: „ „ — „. . - „ 60:–: – „. „ do Christiaan Behne „ 11. „ - „ 2 „ „ 65: —— „. „ sergeant J. G. Smit. . . . . „ 5. „ „ 5. „ „ 50. „ „ krank besoeker Andries Shamerop Vaij „ 7. „ „ 2. „ - „ 45. — „ „ boodsman P: D: Louis . . . „. 5. „ „ — „ „ 25. — „ „ Schieman Tobias Schutte - „ D: „ — „ „ 15. — „ „. konstapel Jan van der Horat. . . . „ 3. „ „ „ „ 15. — „ „ bottelier Hendrik Jelghuis - - - - „ 3 „ - - „ —. „ „ 15. —. „ „ ondermeester Jacob Alders. . „. 6. „ - . „. . 1. „. . „ 35. — „ „ do —. C: F: Phle. . . . „ 6. - „. . „ 1. „„ -. „ 35: —: „ „ do —: Cornelis van vivoorden. „ 6. „. „ 1. „ . . 35. — „ „ do —: Hendrik Hoebers „ 6. „. „ 1: „ - . - „ 35: — „ „ Oppertimmerman Harm: Barrevoet „ „ 3. „ - - „ — „ „ 15. — „ „ opparzijlmaker Dirk Smt. „ 3. „ „. . . „ 15. — i - - - - „ 167. kassen n 79. pij pen 18 1230— waarmede deesen met veel eerbied onderschrijve /:onder„ stond:/ wel Ed: Groot agtb: Heer, uwel Ed: Groot agtb: zeer gehoorsame Dienaar /:was getekend:/ A: Caiilant. /: in margine:/ Molombo. den 20:' November A:o 1789. apport wegens den opneem van Is geleesen een hier onder g'insereerd rapport van den extar ordinaire Luitenant den arthillerij Clamart en de ordinaire vuurwerker Alefs, weegens de opneem van de onbequaame ijzere Namens, die alhier tevinden zijn Aan den avel 28. Groot agtb: Haer willan Jacob van De Grooff„ raad ordinair van nederlands Jndia mitsgader Gouverneur en Directeur van 't eijland Ceilon met die onderhoorigheiden WelEd: Groot agtb: Hoog Gebiedende Heer 34 20: ondergeteekende officieren van de Aathellarij hebben Geld. uit ver„ ale em de ge¬ het sumptie eeren. Heer Gouver lon Heer per pijp, , hij n als. 1n9 a . een

NL-HaNA_1.04.02_3846_0818 view scan ↗

English

1794 The 4th of December 1789 By order of the Right Honorable, Valiant, Strict Sir Elias Paravicini di Capelli, Major and Head of the Ceylon Artillery, on the walls of this Castle and further anew all the iron cannons were very carefully and accurately inspected, and it was found that among them 30 pieces, on account of their considerable defects, are entirely unserviceable and unusable. Of this they have the honor to make their dutiful report to Your Right Honorable High Mightinesses, and to let follow below a specific indication of such principal defects as were found on the aforementioned cannons. 27. 1 of 18: completely full of cavities, some pieces out of the muzzle 12. a cavity in the breech and trunnion piece and in the chase. 12. two cavities in the breech piece and one in the chase 9. 10. 12. several cavities in the breech piece and two in the chase 17. 12. with several cavities, entirely rusted out from the inside 24. 12. two cavities in the breech piece, and in the trunnion piece 25. 12 three cavities in the breech piece 1. 8. a cavity in the chase and entirely rusted out from the inside 2. 8. a cavity in the breech piece and entirely rusted out from the inside. 3. 8. with three cavities in the chase 10. thoroughly full of rust scales and the touchhole burnt out. 2. 10. a cavity in the breech and trunnion piece, and thoroughly with rust scales 3. 10. with three cavities in the breech piece, 2 cavities in the trunnion piece 4. 10. with two cavities in the trunnion piece and some cavities in the chase 2. 6. a cavity in the breech piece and some cavities in the chase 3. 6. two cavities in the breech piece 4. 6. a cavity in the breech piece and some further toward the front 6. a cavity in the breech and trunnion piece and some further toward the front 8. 6. a cavity in the breech and trunnion piece and entirely rusted out toward the front 11. 6. a cavity in the breech piece, 3 cavities in the trunnion piece, touchhole burnt out 6. three cavities in the breech piece, two grooves in the trunnion piece 6. a cavity in the breech piece and full of rust scales 13. 6. two cavities in the breech piece and in the chase 14. 24. 6. with several cavities and entirely scaled out 26. 6. with two cavities in the breech, 2 in the trunnion piece and some more in the chase 2. 4. a cavity in the breech piece and some more rusted out further toward the front 10. 4. two cavities in the breech piece, 1 cavity in the trunnion piece, the touchhole completely burnt out 4. cavities in the breech, 3 in the trunnion piece and 3 in the chase. 13 3 full of rust holes inside from front and muzzle down to the breech 9. 11. 3. full of rust holes inside, and the touchhole burnt out. 30 pieces of iron cannons together 7. 9. 1795 The 4th of December 1789. Resolution thereon Inhabitants of the property certificates for slaves, notwithstanding an edict has already been issued. taken. 1 of 18 lb. 6 of 12 These unusable cannons can, with the pleasure of Your Right Honorable High Mightinesses, be sent to the Netherlands as ballast. 4 of 10 3 of 8 11 of 6 3 of 4 2 of 3 Herewith we hope to have completed this commission to the satisfaction of Your Right Honorable High Command, and remain further with all respect and reverence, below stood, Right Honorable High Commanding Lord, Your Right Honorable High Mightinesses' dutiful servants, was signed, I. Claamaat and G. Aleps. In the margin: Colombo, the 14th of October 1789. In the middle: Known to me, signed, De Paravicini. And after deliberation it was approved to send these unusable pieces to the Netherlands for ballast. Reasoning regarding the government being troubled by inhabitants to obtain property certificates for slaves. Taking into consideration that, notwithstanding the repeatedly examined edicts that the inhabitants who are not provided with notarial proofs for their slaves must have them passed within the period determined for that purpose, this government is nevertheless from time to time troubled to grant new property certificates for slaves. Resolution taken in this regard. It was approved and agreed after deliberation to renew the edict enacted in this regard at the session of the 8th of May 1787 by this, and to determine a further term of six months, under penalty that to those who within this term, which shall be counted from the day of the publication of this edict, are not provided with the necessary proofs for their slaves, no property certificates shall be granted, 1796 The 4th of December 1789 from the Colombo warehouse master unless, above the aforesaid established penalties of the edicts, they will have paid twenty-five rixdollars for the benefit of the diaconate poor for a slave or slaves. Insertion of an address Read an address inserted below from the Colombo warehouse master. To the Right Honorable Lord Willem Jacob van De Graaff, Ordinary Councillor of the Netherlands Indies, Governor and Director of the island of Ceylon with its dependencies. Right Honorable High Commanding Lord, The undersigned warehouse masters have the honor respectfully to inform Your Right Honorable High Mightiness by this how many of the consignment of druggets brought with the ship the Gouverneur Falck in September 1788 have successively been sold and sent, and how many of them still remain as balance on the 1st of September of the current year, to wit: 47 pieces of embroidered coats brought, whereof 12 pieces sent to Batavia with the ship Hindeloopen on the 1st of April of this year. 20 pieces sold by the warehouse masters and paid into the treasury 15 pieces remaining 46 pieces of embroidered waistcoats brought, whereof 12 pieces sent to Batavia 29 pieces sold by the warehouse masters and satisfied in cash 5 pieces remaining

Dutch transcription

1794 Den 4: December 1789 uit order van den wel Edelen Mankaften gestrengen heer Elias Para„ vacinine de Capellie majoor en hoofd van de Ceilonse Artha„ lerij, op de walle deeses Casteels en zevoorts van nieuw alle de Eijzere kannens zeer nauwkeurige en extrakt gevisiteerd, en bevonden dat daar onder 30: stukken van weegens der„ zelver aanmerkelijke gebreeken ten eenemaal ondienstien en onbruijkbaar zijn, hier van hebben zij de Eere uwel Ed: Groot agtb: schuldig rapport tedoen, en hier onder te laaten volgen een spe„ ciffique aantoining sodaniger hoofd gebreeken als aan de voorm: kauwens bevonden zijn. 27. 1/18: geheel door met holtens eenige stukken uit de mondig 12. een holte in 't bodem en tappanstuk en in 't langeveld. 12. twee holtens in 't bodemstuk en een in 't langeveld 9. 10. 12. verscheidene holsens in 't bodemstuk en twee in 't langeveld 17. 12. met verscheide holtens van binnen geheel uit geroest 24. 12. twee holtens in 't bodem stuk, en in 't tapper stuk 25. 12 drie holtens in 't bodem stuk 1. 8. een holle in 't langgeveld en van binnen geheel uitgeroest 2. 8. een holte in 't bodemstuk en van binnen geheel uitgeroeft. 3. 8. met drie holtens in 't langeveld „ 10. doorgans vol roest banken en 't zintgat uitgebaand. 2. 10. een holte in 't bodem en tappenstuk, en doorgans met roest banken 3. - 10. met drie holtens in 't bodenstuk, 2. hollens in 't tappen stuk 4: 10. met twee holtens in 't tappenstuk en eenige holtens in 't langeveld 2. 6. een holte in 't bodemstuk en eenige koltens in 't langeveld 3. 6. twee holtens in 't bodemstuk 4. 6. een holte in 't bodemstuk en eenige verdere na vooren 6. een hoete in 't bodem en tappenstuk en eenige verder na vooren 8. 6. een hoete in 't bodem en tappenstuk en na vooren geheel uitgeroeft 11. 6. een holte in 't bodem stuk 3: holtens en 't tappen stuk, zint gat uitgebrand 6. drie hoetens in 't bodemstuk twee groenen in 't tappen stuk 6. een hoete in 't bodemstuk en vol met roesbank 13. 6. twee hoetens in 't bodemstuk en en in 't Langeveede 14. 24. E. met verscheidene holtens en geheele uitgeapest 26 6. met twee holtens in 't bodem 2. in 't lappen stuk en nog eenige in 't langeweed: 2: 4. een holte in 't bodemstuk en nog eenige verder na vooren uitgeroest 10: 4. twee holtens in 't bodemstuk 1. holte in 't lappen stuk 't zentgat geheel uit„ aand 4. holtens in 't bodem 3. in 't tappenstuk en 3. in 't Lang wveld. 13 3 van binnen vol met roest gaten van vooren ende mord tot aan de bodem 9. 11: 3. van binnen vol met abest gaten. in 't zeitgaten uitgebaand. 30 p:s ijszere kanons Jezaamen 7. 9. 1795 Den 4: December 1789. besluit daar op ingesetenen van uit 't de ree„ doms baleven voor slaven niet „ tegenstaande reeds een pla„ caat is gemaneert. noomen. 1. van 18: lb: C: 6. - „ 12. „ „ deese inbequaame kannons konnen met 4. – „ 10. „ believen uwer welEdele groot agtb: tot bal„ 3. —: „ 8. . . „ 11. „ 6. „ Clast naar Nederland versenden worden. 3. . „ 4. „ 2. „ 3. –. „ Hiermede hoopen wij deese Commissie naar genoegen van uwere wel Ed: gooot agtb: Hoog gebiedende te hebben volbaagt, en blijven wijders met alle ontzogt en eerbied /:onderstond:/ wel Ed: Groot agtb: Hoog gebiedende Heer, uwel Ed: Groot agtb: Jaauw schuldige Dienaars /:was getekend:/ I: Claa„ maat en G: Aleps. /:in margine:/ Rolambo den 14. 8ber: 1789: /:in het midden /:mij bekend:/ getekend/. De Paravatini Enis na de liberatie goedgevonden deese onbequaame stukken voor ballast na Nederlant te versenden. rrisonement over dat de In agting genoomen zijnde, dat onaangesien de bij her„ gering lastig vaet, om eijgen „ haaling geexamineerd plakaten, dat de ingeseetenene die van geen notarieele bewijsen voor hunne slaaven zijn voorzien, deselve binnen het daartoe bepaalde termein moeten laaten passeeren, deese al„ gereering nogtans van tijd tot tijd word Lastig geval„ len, om nieuwe eijgendoms bewijsen voor slaaven telaaten verleenen. be sluit vaar omtrent ge: Is na de liberatie goed gevonden en verstaan het des„ weegens ter sessie van den 8. maij 1787. gearres„ teerd plakaat, mits deese, te renoveeren, en een nader termein van ses maanden te bepaalen, subpelne, dat aan die geene die zig binnen dit worden van den dag der pibli„ terman, dat gereekend zal „ worden den de dagede den catie d, den tig en hoof agtb: spe¬ de voorm: ansen geveld d braand langeweld. s al dat . 1796 Den 4: December 1789 van de Colombose pakk„ huismeester catie van dit paccaat, niet voorsien zijn van de nodige bewijsen voor hunne slaven geene eigendoms bewijsen 7 zullen worden verleend, dan naa dat ze, boven de „placogaten voorsz: gestelde „ pienaliteiten nog zullen hebben betaald vijf en twintig vos ten behoeve van de diakonij ar„ men voor eene sloot of slaven inserstie van een addasse geleesen een hier onder g'insereerd Addres vande Colomboschen pakhuis meester. Aan den wel Ed: Groot agtb: Heer willem Jacob van De Graoff, raad ordinair van Nederlands Jndia gouverneur en directeur van het eijband Ceilon met dies onderhoorigheeden wel Ed: Groot agtb: Hoog Geb: Heer De ondergeteekende pakhuismeesters hebben de eere uwel Ed: groot agtb: bij deese Eerbiedigst te berigten, hoe veel van de met het schip de Gouverneur Gssaeck en 7ber: 1788 aangebragte partij Drogutten suxcesive„ lijk zijn verkogt en versonden, en hoe veel daar van nog met p=mo 7ber J:oZ: per restant zijn teweeten: 47. p. s geborduurde ookken aangebagt daar van. 12. p:s met 't schip tsinloopen 1 apail deses jaars na Bataviia versonden. 20. „ door de pakhuis meesters verkogt en en kas betaald 15: „ per restant 46: p:s gebaaduurde vosten aangebragt hier van 12. p:s na Batavia versenden 29. , door de pakheusmeesters verkogt en in soo vold:n 5. „ per restant

NL-HaNA_1.04.02_3846_0821 view scan ↗

English

1797 The 4th December 1789. 75. dozens of coat buttons brought in, of which 66. dozens sold by the warehouse masters and paid in cash 9. remaining 69. dozens of waistcoat buttons brought in; viz. 44. sold by the warehouse masters, and paid in cash 25. remaining 833. 5/8. ells of extra twilled summer cloth brought in, of this 46. pieces sent to Gale 227¾ pieces sent to Batavia ditto 100. – pieces sold at public auction as damaged 85.½ pieces sold by the warehouse masters and paid in cash 373 7/8. pieces remaining 4034. 5/8 ells of plain summer cloth brought in, of which 374. ells sent to Gale 770. ells sent to Batavia ditto 50. ells sold at public auction as damaged 1610. 5/8 ells paid in cash for the warehouse master 1229¾ ells remaining The ship Sainconomaale having again brought in a new and considerable quantity of about 5000. ells of cloth, 13 pieces of embroidered coats, 50 pieces of waistcoats and 24 sets of worked buttons, the aforementioned remainder continues to linger, because the people prefer to buy from the new rather than from the old lot; wherefore we humbly request your Right Honorable Worships that, in order to prevent this old remaining cloth from being damaged by moths on account of lying around for a long time, Your Honors may be pleased to give orders to have the same sold at public auction on occasion, or to make such disposition regarding it as your Right Honorable Worships shall deem best. We also request to be informed whether we may sell the recently brought in cloths according to the price of last year, namely that of the twilled cloth at 2 rixdollars 3.½ and of the plain summer cloth at 1 rixdollar 38:½ the ell; or whether your Right Honorable Worships would be pleased to order otherwise in this matter. We have the honor to subscribe ourselves with all high esteem and respect, underneath stood: Right Honorable and High Commanding Lord, Your Right Honorable Worships' humble and very obedient servants, was signed: G. Reintous and C. S. Wickerman, in margin: Colombo the 24th November anno 1789. [illegible] 1798 The 4th December 1789 Resolution thereupon. Read a petition from the chief surgeon of the ship Heusduijnen, wherein he gives to know that his supply of medicines for the voyage to the Netherlands is not sufficient. And after deliberation it was approved and agreed: 1. To authorize the Honorable Chief Administrator to have the garments, cloths, and buttons remaining from the consignment brought by the ship De Gouverneur Falck put up for sale by public auction in small lots, and thus gradually dispose of them, provided that they are not allowed to go lower than the calculated purchase cost in Netherlands currency, unless there should be found among them some defective pieces, which may be sold for whatever they will fetch; with orders at the same time to report at the end of each month how much of these goods have been sold during the said month and for what prices. 2. To authorize the aforementioned warehouse masters to sell the cloths, garments, and buttons brought in with the ship Sainconomaale at the same advances as were stipulated by resolution of 21 November 1788 for the consignment brought by the ship De Gouverneur Falck; with orders at the same time to report every three months how much thereof has been sold and how much still remains. Read an address from the chief surgeon of the ship Heusduijnen, wherein he gives to know that his supply of medicines is not sufficient for the voyage to the Netherlands, because there came with the said vessel from Batavia hither 77 European seafarers, 120 Sumenappers, and 13 convicts, who during the two and a half months they were on board the ship have suffered from various diseases. 1799 The 4th December 1789. Resolution thereupon. Request of the widow of the exile Panglima Raja Johan, to receive some maintenance from her husband's salary. Resolution thereupon. Petition of Patah Alam, deposed King of Tidore, requesting that his mother, sister, wives, children, and brothers may be summoned hither. And after deliberation it was approved and agreed to have an additional supply of medicines issued to this ship for the voyage to the Netherlands according to the regulations. The exile Panglima Raja Johan, former Emperor of Padang, having died some months ago, and his allowance having consequently been stopped, his widow Sitti Mahaboeba has submitted a petition requesting that something may be granted to her for the maintenance of her daughter begotten by the aforesaid former Emperor, and 8 domestic servants. And in consideration of the reasonableness of this request, it was approved and agreed, subject to the esteemed approval of the Honorable High Indian Government, to grant her six rixdollars in cash and two barras of rice per month, together with salt and pepper in proportion. Further read a petition from Patah Alam, deposed King of Tidore, wherein he requests the recommendation of this government to Their High Mightinesses so that his mother, sister, two brothers, and his wives and children may [illegible]

Dutch transcription

1797 Den 4: December 1789. 75. douceinen roks knopen aangebragt, daar van. 66. douceuren door de pakhuismeesters verkogten in Cas betaald 9. per restant 69. douceinen kamisools knoopen aangebragt; als 44. door de pakhuismeesters verkogt, en in kas betaald 25. per restant 833. 5/8. @: Extra gekroiseerde somen laaken aangebragt, hier van 46. PCa: na Gale versenden 227¾ „ „ „„ Batavia or 100. – „ „ als beschaadigt per venditie verkogt 85.½ „ „ door de pakhuismeesters verkogt en 11 Cas betaald 373 7/8. „. „ per restant 4034. 5/8 @: Effe somer laaken aangebaagt, daar van 374. @: na Gale versonden 770. „ „ Batavia d. 50. „ beschaadigt per vendutie verkogt 1610. 5/8 — „ voor de pakhuismeester in kas betaald 1229¾ —: „ per restant Het schip Sainconomaale alweeder op nieuw een aanzien, lijke quantitijd van de 5000. @: Laaken 13: p:s geborduurde rokken, 50 p:s kamisoolen en 24. garnituure gewerkte knoo„ pen aangebaagt hebbende blijft het voorm: restant voort„ loopen, door die de luiden verkiesen leever van de nieuwe als van de oude partij tekoopen weshalve we uwel Ed: groot agtb: nedrig versoeke, dat Hoogst deselve ter voor„ koming, dat dit oud restant laaken mits het lang blijven leggen, door de motten word beschaadigt des goedvendende wel order stellen om 't zelve bij geleegendheid per ven„ dutie te laaten verkoopen, of daaromtrent zodaanig ge„ lieve te laaten disponeeren, als uwel Ed: Groot agtb: zal oordeelen best tezijn. Gevens versoeken we temoogen weeten, of oer de Jongste aangebragte laakene moogen verkoopen, na de prijs van voorleeden Jaar zin de die van 't gehorisseerde laa„ ken rd:s 2. 3.½ en van 't effe somea laaken 1. 38:½ de C: dan wel, of uwel Ed: Groot agtb: geleefd daaromtrent anders teveelen. we hebben de eere ons met alle hoog agjling en eerbied te onderteekenen /:onderstond:/ wel Ed: Groot agtb: Hoog ge„ biedende Heer uwelldens Groot agtb: onderdanige en zeer gehoorzaame Dienaaren : was getek:/ g. Reintous en C: S wic: kerman /:in maagine:/ kolambo den 24. 9ber: anno 1789. En nodige se etaald aa„ aande India ijband e taka betaald wred. 32 1798 Den 4: December 1789 besluit daarop ter van 't schip Heusduijnen Waar bij hij te kennen geeft kamenten tot de reijse na de is. En is na deliberatie goedgevonden en verstaan 1. Den E: Hoofdadministrateur te qualificeeren, om de kleederen, laakenen, en knoopen die van den aanbreng per het schip de Gouverneur Calck nog per restant zijn bij koote tussen tusschen passingen penningen t per publicque vendentie te laaten opvijlen en ze dus gaande weg van de hand tezetten mits deselve niet lager laatende afloopen, dan tot op het daar aan geree„ kende inkoops kostende aen Nederlands geld ten zij dat daar onder zig eenige defectie stukken mogten bevin„ den, die voor het geldende zullen moogen worden ver„ kogt., met last teffens, om met het einde van alk maand te berigten hoe veel van deese goediren, geduu rende deselve maand verkogt zijn en voorwelde prijsen ond ver 2 voormelde pakhuismeesters te qualificeeren om de met het schip Taincenomaale aangebragte lasten, kleederen en knoopen, niet de zelfs de ad„ vansen temoogen verkoopen, als bij resolutie van den 21: 9ber: 1788. bepaald zijn voor de aangebragte partij met het schip de Gouverneur Falck, met last teffens; om alle deese drie maanden eens te berigten hoe veel daar van verkogt en hoeveel nog perstant is. aldaer van den oppermees. over geleesen een addres van de oppermeester van het „ dat zijn vooraad van med hep Wunsdeuren waar bij hij te kennen geefft, Nederland, niet beerijken dat zijn voorraad van medicamenten niet toe„ rijkende is tot de reijse na nederland, om dat met gene: bodem van 6 6 1799 Den 4 December 1789. besluit daarop den banneling pantima haer man 't besolding tot besluit daarop request van Pater Alam gedestroneerd Koning van Cidor 11: Ed: dat zijne moeder, sus„ ter, vrouwen, kinderen, en bove„ van Batavia herwaards zijn gekoomen 77. Euro„ peesche zeevaarende, 120: Sumanappers en 13. gecon„ danneerdens, die geduurende twee en een halve maand dat ze op het schip zijn geweest, aan differentie ziek tens hebben gelaboreerd En is na de liberatie goedgevonden en verstaan aan dit schip te laaten verstrekken er supplement van medicamenten voor de rijse na Nederland Confaam het reglement. versoek van de weduwe van De banneling Poulima Raja Johan geweesen Keijser van raja Johan, on iets van Padang, nu eenige maande geleeden gestorven, en mits dien inderhoud te moogen westen dien zij tactement ingetrokken zijnde, heeft zijne w duwse sette Mahaboeba bij requeste versoek gedaen dat aan haare eets mag worden toegelegd, tot onderhouden voor haare dagter geteeld bij voorsz: gew: keijser en 8. dienst bodem. En is uit aanmerking van billijkheid van dit ver„ soek, goedgevonden en verstaan, aen haar op de ge eerde goedkeuring van de Edele Hooge indische regeering, toeteleggen ses vd:s Contant en twee barras rijst, smaands nevens zout en peper na roto Nog is geleegen en request van Pater Alam 8 versoekende vordaag, aant: gedetroireerde koning van Cidon, waar bij hij dens mogen opntboden woden versoekt, het voorschrijvens deeser regeering aan Hunne Hoog edelheeden op tot de moe„ vrouwen en kinderen der suster twee en zijne van hem booeders en Z welke M te het bodem

← previousnext →