Inventory 3846
Ceylon · 938 pages · 271 segments · open at the Nationaal Archief ↗
English
26 August 1789. continuation. of Police and Justice at Trinconomaale Pieter Pietersz, and the bookkeeper Gerardus Frantz, in special consideration of their long years of service, have been pleased to grant the usual salary: it is approved and understood to write off their salary under the last day of this month, and in return to have provided to them, starting from 1 October next, the pension fixed by regulation of fifteen Indian guilders per month. Their High Excellencies having been pleased in § 78 of the aforementioned dispatch to call the Minister David Meijer to Koricondel, if he could be spared here; it is approved and understood to represent to Their High Excellencies that, because of the departure of the Minister Hofman, the Minister Meijer was called to the Low Dutch congregation here, particularly because the churches and native schools, which according to the distribution thereof were entrusted to the care of the former, could not remain unprovided for, and therefore to request Their High Excellencies favorably to permit that Minister Meijer may remain on Ceilon. Their High Excellencies, by dispatch of 20 April last, having required a statement of the supplies provided to the deceased child Nella Naatja: it is approved and understood to require this statement from the Jaffna servants, together with an indication of what has successively been received in deduction of those supplies. Their High Excellencies, alongside an extract from the minutes of what was resolved in the Council of the Indies on 9 October 1788, having sent an extract of a Timor letter of 28 September 1785, with orders henceforth to structure the representation of profits and charges on the same footing as is customary in Timor: it is approved and understood to have this observed here henceforth as much as possible. From the received extract from the minutes of 14 November 1788, and the attached report from Major of Artillery Pilon, indicating what should principally be taken into account when requisitioning gun carriages, it is approved to have copies delivered to the head of the Ceilon artillery, with orders to conform thereto in case it should hereafter be necessary to requisition gun carriages from Batavia. According to Their High Excellencies' recommendation, by extract from the minutes of 11 December 1788, it is approved and understood to order the honorable head administrator here and the servants at the subordinate offices henceforth to have the emptied whole and half arrack leaguers delivered by the dispenser to the cooperage, to be properly received there and accounted for in the service of the Company; likewise, if the quantity of emptied whole and half leaguers and aums amounts to more than is needed in the household, to have them coopered into shooks and sent back to Batavia. In satisfaction of what was required by extract from the minutes of 16 September 1786, it is understood to ask for a report, both from the honorable Head Administrator and the trade servants here, and from the trade servants at Jaffenapatnam, Gale, and Tutukorijn, whether they are capable of providing, for transmission to the Amsterdam Chamber, copies of all the trade books and papers that are annually prepared by them for Batavia, so timely that they can still depart with the ships of the second shipment, and if so, how many more clerks above the permitted number would be needed for that purpose; but if that cannot be done so timely, and that consequently the aforesaid books and papers can only be provided the following year, and thus this copying work is completed at the same time as the current work allows, how many more clerks would then be needed for this purpose. According to Their High Excellencies' repeated order by extract from the minutes of 9 January of this year, it is understood to command the trade servants here, as well as the servants at Gale, Tutukorijn, and Trinconomale, to send over with each of the ships and lesser vessels departing for Batavia three expense accounts, namely one for the general audit, one for the general pay office, and one for the equipment yard; and therewith, according to the models received in the year 1774, to have noted separately and apart from the ship's expenses everything that must be booked to the debit or credit of ship's wages. Their High Excellencies, by extract from the minutes of 20 January of this year, having determined the salute and signal shots, both on water and on land, at one third powder, calculated according to the weight of the caliber: it is approved to order both the head of the artillery and the Master of Equipment here, as well as the servants at the subordinate offices, henceforth to conform thereto. By a further extract from the minutes of the said date, the ship's commanders having been ordered by Their High Excellencies, upon receipt of
Dutch transcription
1202 Den 26: aug=s 1789. vervolg. van Politie en Justitie te Trinconomaale Pieter Pietersz:, en den boekhouder gerardus Frantz, uijt byzondere consideratie van hunne lang paa„ „rige diensten, hebben gelieven te vergunnen 't ge„ „woon gagement: js goedgevonden en verstaan, on der uld=o deeser hunne gagie te laaten afschrijven en daar en teegen van P=mo 2ber aanstaande af, aan hun te laaten verstrekken de by re„ glement bepaalde rust gagie, van vijftien indi„ „sche guldens smaands. Huuwe Hoog Edelh bij §: 78: van voorm: missive„ den Predikant David Meijer hebbende gelie„ „ven te beroepen na koricondel, indien deselve alhier konde worden gemist; Js goedgevonden en verstaan hunne Hoog Edelh: te vertoonen, dat mits 't vertrek van den Predikant Hof„ „man, de predikant Meijer, in de Naderduijtsche gemeente alhier is beroepen inzonderheid om dat de kerken en inlandsche schoolen, die vol„ gens de verdeeling daar van, aan de Zorg van den eerstgenoemden toevertrouwd waa„ „ren, niet onvoorzien konde blijven, en mits dien hoogst dezelven te verzoeken om 1203 Den 26: aug=s 1789. vervolg om gunstig te willen toestaan, dat predikant Meijer op Ceilon mag blijven. Door Hunne Hoog Edelh bij missive van den 20=e April VL:, gevorderd zynde eene opgave van de gedaane verstrekkingen aan 't overleeden wan„ netje Nella Naatja: Js goed gevonden en verstaan deese opgave van de Jaffenasche bedienden te re„ quireeren, nevens eene aanwijzing van 't geen, successive in mindering van die verstrekkingen is ingekoomen. -. Hunne Hoog Edelh:, nevens Extrakt uijt de Notulen van het geresolveerde in Raad van Jnde op den 9: oktober 1788, toegesonden hebben„ „de een Extrakt Timorsche brief van den 28: 7ber 1785:, met last, om voortaan de ver„ tooning der winsten en lasten, interigten op den voet, als te Tunor in praclyk is: Is goedge„ vonden en verstaan, dit voortaan zoo veel 't ge„ schieden kan, alhier tedoen observeeren. van 't ontvangen Extrakt uijt de Notulen van den 14:' geber 1788, en het daar bij gevoegd berigt van den Majoor der artillerij Pilon aanwijzende wat bij Pieter Cor en on e e ge¬ Jaa„ z, ive 1 f„ tsche aa„ „ 1024. vervoeg 't eijsschen van affrigten, principaal in agt diend genoomen te worden, is goedgevonden. Copijen 't laaten afgeeven aan 't hoofd der Ceilonse ar„ tillerij, met last, om zig daar naar te rigten ingevalle 't na deesen mogte noodig zijn, dat affuijten van Batavia worden g'eyscht. volgens Hunner Hoog Edelh aanbeveeling, bij Extrakt uijt de Notulen van den 11: xber 1788:, is goedgevonden en verstaan, den E: hoofd„ administrateur alhier op den bedienden op de subaeterne Cantooren te gelasten, om de leedig gemaakte heele en halve arraks leggens, voor„ taan door den dispentier in de kuijsters win„ „kel te laaten affgeeven, om aldaar behoor „lijk ingenoomen, en ten dienste der Comp:e; verantwoord te worden, zoo meede, om indien de quantiteid der leedig geraakt heede en hal„ „ve leggers en aamen, meerder bedraagd als in de huijshouding noodig zijn, deselve te doen schooven en nia Batavia terug tezenden. Ten voldoening aan 't gerequireerde bij Extrakt uijt de Notulen van den 16: 7ber: 1786:, is Den 26: aug=s 1789 verstaen 1205. Den 26: aug=s 1789 vervolg verstaan, zoo wel van den E: Hoofdadministrateur en de Negotie bedienden alhier, als van de nego„ „tie bedienden te Jaffenapatnam, gale en Tutuko„ „rijn, berigt te vraagen, of zo vermoogende zijn, om ter verzending aan de kamer Amsterdam, te bezorgen afschriften van alle de negotie boeken en papieren, die door hun Jaarlijks voor Bata„ via worden besorgt, zoo tijdig, dat die nog niet de scheepen van de tweede bezending kunnen af„ gaan, en zoo Ja, hioe veel meerder pennisten boven 't gepermitteerd getal, daar toe zouden noodig zijn, dog zoo dat niet zoo tijdig geschieden kan, en dat mits dien voorsz: boeken en papieren, eerst 'sjaars daar aan kunnen wor„ den bezorgt, en dat also dit Copij werk, na maate dat 't loopende werk dat toelaat te gelijk met 't zelve word afge„ daan, hoe veel meerder pennisten als aan hier toe zouden noodig. weesen. volgens Hunner Hoog Edelh: herhaalde order bij Extrakt uyt de Notulen van den 9 Januarij diend ar„ en dat bij ber 1d dig dien hal„ doen 1 brak 1206 Den 26: Januarij 1789: vervolg Januarij deeses Jaars, is verstaan den Negotie bedienden alhier, zoo wel, als de bedienden te galen Tutukorijn en Trinconomale te ordonneeren, om met ieder der na Batavia vertrekkende scheepen en mindere vaartuijgen, drie onkost reekeningen overtezenden, als een voor 't generaal visite, een voor 't generaal zoldij Cantoor en een voor de Equi„ pagie werf; en daar bij, volgens de in A=o 1774: ontvangene modellen, appart, op agesondert van de scheepst onkosten, te doen noteeren, al 't geen ten lasten of voordeele van scheeps zoldijen geboekt moet wor„ den. Hunne Hoog Edelh, bij Extrakt uijt de Notulen van den 20: Januarij deezes jaars, de salut en lein schooten, zoo te water als te land, bepaald hebben„ „de een derde kruijt, gerekend tot de swaarte van 't kaliber Is goedgevonden zoo wel het hoofd van de artillerij en den Equipagiemeester alhier, als de bedienden op de onderhoorig Cantooren te gelatten, om zig voortaan daar na te rigten. Bij een nader Extract uijt de Nitulen van gem: datum, door hunne Hoog Edelh: den scheeps overheeden gelast zijnde, om bij ontvangst van
English
1207. The 26th of August 1789. continuation of linens that have become wet or damp between shipboard and the shore, not to receive them, but to ship them back to the shore directly: It is approved and understood to have copies of this extract delivered to the Honorable Chief Administrator and Master of Equipage here, and also to send them to the servants at Galle, Tutukorijn, and Trinkonomale, with the recommendation to take care that the linens are dispatched in good condition, on pain of compensation. Their High Mightinesses, having by extract from the minutes of the 27th of January of this year renewed the order that at subordinate offices, upon the muster of ships at the capital of governments, directorates, and commanderies, five shots shall be fired, and likewise, that at no places of lesser rank than a commandery shall shots be fired at the muster, but "hurrah" may indeed be shouted three times, with the provision regarding distress shots and shots at vessels that a certificate must be produced for this, granted by the gunner or gunner's mate and the boatswain, and to have this observed in such manner; with regard to the scaling of the guns now and then; likewise with relation to the salute shots, that the ships, being alone in open sea, shall excuse the same, with the order to take the lowest caliber when doing so, and regarding the quantity of gunpowder, to regulate oneself according to the order determining one-third of the weight of the caliber: It is approved and understood to have copies of this extract delivered to the Honorable Chief Administrator, Fiscal, Master of Equipage, and Searcher here; as also to send them to the servants at Jaffanapatnam, Galle, Tutukorijn, and Trinkonomale, with instructions to let what is recommended therein serve as guidance for the future. Their High Mightinesses, having noted by missive of the 2nd of July last, paragraph 2, that whereas the chief at Trinconomale protested against the damage inflicted on the ship the Pallas on account of the frequent use or abuse that the French made of it, a statement could also have been made thereof and charged to the French: It is approved and understood to represent to Their High Mightinesses that, strictly speaking, the French ought to have assumed the costs of the damage inflicted on that vessel, but that they held the mastery at Trinconomale at the time and generally paid little heed even to the most reasonable representations, particularly a party of young officers, and that one therefore must not strictly reckon these things among those injustices which one at times does best to endure for a while in order to avoid greater displeasure. It is understood to take as guidance Their High Mightinesses' recommendation in paragraph 5 of the mentioned missive, not to employ at other places any ships appointed by the very same as return vessels, unless one is certain that they would be able to return in time to sail home at the appointed time. Upon Their High Mightinesses' expressed displeasure in paragraphs 19 and 20 regarding the failure to send the requested cinnamon with the ship Berkhout, it is understood to request a report regarding the cause that made this shipment impracticable at that time from the retired head of the Mahabadde, the Honorable Jamlant; and it is further understood to comply as far as possible in the future with Their High Mightinesses' recommendation to dispatch the cinnamon to Batavia so early that it can arrive there in the early spring. Their High Mightinesses, having asked in paragraph 22 the reason why 4,260 bundles of coir for Batavia were loaded here onto the ship Zeeland, which was sent from here to Cochin, over and above what could well have been stowed in the same: It is approved to report to Their High Mightinesses that the aforementioned coir was requisitioned from Galle for use here, but because the servants sent salted coir, which is not customary to use here, this Government had the same loaded for Batavia onto the ship Zeeland, which was lying in the roadstead here at the same time, the more so because the Master of Equipage Andringa believed he could estimate that this vessel, taking in the mentioned coir, would nevertheless be able to stow what it had to load at Cochin for Batavia. Their High Mightinesses, having in paragraph 24 of the aforementioned missive requested further clarification regarding the discrepancies that appear concerning the wetted linens between the report of the Master of Equipage Abo and the defense of the Captain Lieutenant of the ship Berkhout, Van Bek; it is understood to request a report regarding this from the Galle servants. In paragraph 26 of the aforementioned missive, it having been noted by Their High Mightinesses that an investigation ought to have been made, or ascertained where
Dutch transcription
1207. Den 26. aug=s 1789. vervolg van lijwaaten, die tusschen scheepsboord en de wal, niat of vogtig geworden zijn, dezelve niet te ont„ vangen, maar direkt weder naar de wal af te scheepen: Js goedgevonden en verstaan, Co„ pijen van dit Extrakt te laaten afgeeven aan den E: hoofd administrateur en Equipagiemeester alhier, en ook te zenden aan de bedienden te Geile, Tutukorijn en Trinkonomale, met recommenda„ „tie om zorg te draagen, dat de lijwaaten wel geconditioneerd worden afgezonden, op peene van vergoeding. hunne Hoog Edelh, bij Extrakt uijt de No„ „tulen van den 27: Januarij deeses Jaars, ge„ renoveerd hebbende de order, dat op onderhoo„ „rige Comptoiren, bij 't monsteren der scheepen ter hoofdplaatse van gouvernementen, Di„ rectien en Commandementen, vijf schooten ge„ „daan zullen worden, zoo meede, dat op geen plaatsen, minder dan een Commandement, bij de monttering geschooten, maar wel drie maal hoe zee geroepen mag worden, met besaa„ „ling ten aanzien van hem schooten en schoo„ ten op vaatuijgen, dat daar van zal moeten 70 tee ale gen en Equi„ bben tooren gem: eps st 1208. Den 26: Aug=t 1789. moeten worden geproduceerd een verklaring, door den Constabel of Constabels maat en den bootsman ver „leend, en dit inteliervoegen te doen observeeren; met opzicht tot 't afblaasen der stukken, nu en dan; zomeede niet relatie tot de eer- schooten, dat de scheepen, in volle zee alleen zijnde, deselve zul„ „len moeten Excuseeren, met order, om bij 't doen derzelve, 't minste Caliber te neemen, mitg=s omtrend de hoeveelheid van 't kruijt, zig te reguleeren naar de ordre, bepaalende een derde tot de swaarte van 't Caliber: Js goed„ gevonden en verstaan, Copijen van dit Extrakt 16 te laaten afgeeven aan den E: hoofdadministra„ „teur, fiscaal, Equipagiemeester en visitateur alhier; zoo ook te zenden aan de bedienden te Jaffenapatnam, gale tutukorijn en Trinko„ nomale, niet last, om zig 't daar bij aanbevoo„ lene, te laaten verstrekken tot narigt voor den aanstaande. Hunne Hoog Edelh: bij missive van den 2: Julij Jo: §: 2: aangemerkt hebbende, dat terwijl te Trinco„ nomaals opperhoofd, wegens 't menig vuldig gebruijk of vervolg 1209. Den 26: aug=s 1789. vervolg. of misbruijk 't welk de franschen van 't schip de Pallas gemaakt hebben, geprotesteerd heeft tegen de schade dien bodem toegebragt, daar van ook re„ opgave had konnen zijn gedaan, en de franschen in reekening gebragt: Js goed gevonden en ver„ staan Hunne Hoog Edelh: te vertoonen, dat wel stukt gesprooken, de frantchen, de schaade aan dien bodem toegebragt, ten hunnen laste hadden behooren te neemen, dog dat ze toen t meesterschap te Trinconoinale hadden, en zig veel al weinig stoorden, zelfs aan de redelijkste vertoogen, inzonderheid een par„ „tij jonge officieren, en dat men dus die dingen„ niet regt mag stellen op reek van die onge„ „lijken, die men zomtijds best doet voor een tijd te verdraagen, om grooter ongenoegen te ontgaan. Js verstaan tot narigt te neemen, Hunner Hoog Edelh recommandatie bij 5: g: van gemelde Missive, om geene scheepen, door hoogst dezelve tot retour bodems aange„ legd, op andere plaatsen te emploijeeren, ten waare men versekerd zij, dat ze tijdig genoeg den V Z. Trinco„ gebrui 71 1210 Den 26: aug=s 1789 vervolg genoeg zouden konnen terug zijn, om op den bepaalden teid te konnen thuijs vaaren. op hunner Hoog Edelh: betuijgde ongenoegen bij 1: 19: en z0:, wegens 't niet zenden van de ge„ „vraagde Canneel met 't schip Berkhout, is verstaan, wegens de oorzaak, die deeze versending voor als toen ondoenlijk heeft gemaakt, berigt te vragen van 't afgegaane hoofd der mahabadde, DE. Jamlant; en is voorts verstaan, om aan Hunne Hoog Edelh: aanbeveeling, om de Canneel zoo tijdig na Batavia te verzenden, dat ze in 't vroege voor Jaar aldaar kan zijn, in dan aanstaande na mogelykheid te voldoen. Hunne Hoog Edelh: bij §: 22: reden gevraagd hebbende, waarom in 't schip Zeeland, 't welk van hier na koetsiem was gezonden, alhier 4260: bosschen kaijer voor Batavia zijn ge„ laaden, boven 't ingelaadene in 't zelve nog wel hadde kunnen geborgen wor„ den: Is goedgevonden aan hunne Hoog Edelheeden te berigten, dat men voortz 1211 Den 26: aug=s 1789. —. vervolg voorsz kaijer van gale g'eijscht heeft, tot gebruijk alhier, dog dat wyl de bedienden ge„ zoute kaijer hebben gezonden, die van hier niet gewoon is te gebruijken, deese Regeering dezelve voor Batavia heeft doen laaden in 't schip Zeeland, 't welk ter selver tyd hier op de reeden lag, te meer de Equipagiemeester Andringa meende te kunnen gissen, dat deese „bodem gemelte kaijer inneemenden, des onaange„ zien zoude kunnen bergen, het geen hij te koetsiem voor Batavia laaden moest. Hunne Hoog Edelh: bij §: 24: van voorm: mitsive, nadere opheldering gevraagd hebbende, inpens de verschillen, die wegens de nat gewordene lijwaaten voorkoomen, tusschen 't berigt van den Equipagiemeester Abo en de ver antwoording van den Capitain luytenant van 't schip Berkhout, van bek; is verstaan daar omtrend berigt te vraagen van de gaalte bedienden Bij §: 26: van voortz mitsive, door Hunne Hoog Edelh: aangemerkt zijnde, dat men onderzoek hadde behooren te doen, of nategaan waar t z: l en
English
The 26th of August 1789. Continuation. to what the damage and suffocated condition of the sailcloth, brought here by the ship de Gouverneur Generaal de Klerk, must presumably be attributed: It is resolved to have an extract thereof issued to the Honorable Head Administrator, with the recommendation to investigate in the future, upon the delivery of defective and damaged goods, the presumptive cause thereof. It is approved and resolved to have an extract of paragraph 20 of Their High Noble Lordships' letter dated the 2nd of July last issued to the Honorable Dessave Fretz, and also to send it to the subordinate offices, with orders to procure, pursuant to Their High Noble Lordships' requisition for sending as samples to Batavia, two pieces of each kind of wood found in their districts, each kind branded with a distinct mark, and at the same time to send a complete description thereof, which must contain: 1. The names of the timbers, with an indication of 1213. The 26th of August 1789. Continuation. the mark with which each kind is branded, in order to be distinguished from the other; 2. The length, thickness, and other qualities that each kind generally possesses; 3. The use that is made thereof, both by private individuals and in the Company's service; and 4. Whether they are purchased from private individuals for the benefit of the Company, or delivered under obligation by the inhabitants, or cut from the forests for the Company's own account, and what each piece of every kind costs in one or the other case. And it is further resolved to recommend to the servants to comply with what is ordered herein as quickly as possible, and at the latest before the ultimate of November next. Furthermore, on the remark made by Their High Noble Lordships in the aforementioned paragraph regarding the expensive purchase of various goods and necessities, it has been approved to demonstrate to Them that the reason why 1214. The 26th of August 1789. Continuation. the purchases of items brought in from outside sometimes turn out to be rather expensive arises from the difference that exists between gold and silver specie and copper money, because those who purchase these things, for which copper coin cannot always serve, naturally calculate their prices accordingly upon the sale thereof, and thus one cannot bargain as closely for such things brought in from outside, which must sometimes be purchased for the household due to a lack of stock, as was the case last year with timbers, as could be done if one could pay with silver or gold specie. Their High Noble Lordships having recommended in paragraph 29, on account of the high price of Ceylon arrack, to requisition the required amount thereof from Batavia, and in the future to lease out again for cash, as before, the gardens that are presently leased for the delivery of arrack: It is resolved to reply thereto that, since the inhabitants of Ceylon can generally 1215. The 26th of August 1789. Continuation. sell their arrack at reasonably good prices, and one must follow this market, it turns out to be harmless to the Company to use Batavia arrack for household provisions; this government will henceforth adjust the Ceylon requisitions accordingly to promote the sale of Batavia arrack, and will likewise, as soon as the lease period expires, have the gardens leased for arrack leased out again for cash instead of arrack, reporting at the same time that the Company will suffer no loss thereby, because this arrack, in so far as it is not needed, can always be sold for more than the money that these gardens generally yield. Regarding the remark made by Their High Noble Lordships in paragraph 33 concerning the distinction between jungle cinnamon and garden cinnamon, it is resolved to inform Their High Noble Lordships that this distinction was made as closely as possible regarding the 4181 bales of cinnamon sent with the last three return ships, 1216. The 26th of August 1789. Continuation. and to explain to Them in addition: That the labeling of the bales does not take place bale by bale as soon as the cinnamon is packed, but only some time thereafter, sometimes even on the following day after the bales have been put into double gunnies, and that it would thus hardly be possible to avoid confusion if one had the aforementioned distinctions marked on the packaging. That furthermore it appeared to this government that it might perhaps be convenient that these particulars remain known only to the Company, and that therefore a list has been made of the numbers of the small boards usually placed inside the cinnamon bales, indicating therein which numbers are jungle and which are garden cinnamon. That this government nevertheless must remind Their High Noble Lordships, as was already pointed out in the letter of the 30th of January 1788, that among what is reported as jungle cinnamon peeled in the Company's territory, presumably
Dutch transcription
Den 26. aug=s 1789. - vervolg waar aan 't beschadigd en verstikt geraaken van 't zeeldoek, niet 't schip de gouverneur generaal de klerk alhier aangebragt, praesumtief moest toegeschreeven worden: Is verstaan daar van Extrakt te laaten afgeeven aan den E: hoofdad„ ministrateur, met recommandatie, om in den aanstaande, bij aanbreng van defecte en be„ duwvene goederen, na de presumtive oorzaak daar van onderzoek te doen. Js goed gevonden en verstaan, van 520: van Hanner Hoog Edelh: missive de dato 2: Julij VZ:, Ex„ trakt te laaten afgeeven aan den E: dessa„ ve Fretz, en ook te zenden na de onderhoori„ „ge kantooren, met last om ingevolge Hun„ ner Hoog Edelh: requisit ter versending tot monsters na Batavia, van elk soort hout, dat in hunne districten valt, twee stux te bezorgen ider zoort niet een bij zonder merk gebrant, en daar van teffens toe te zenden eene volledige beschrij ving, die inhouden moet. 1. De naamen der houtwerken, met aanwijzing van 1213. Den 26: aug=s 1789 vervolg. van 't merk, waarmede elk soort is gebrand, om van den anderen te kunnen worden onder„ scheiden: 2. De leugte, dikte en andere qualiteiten, die elk zoort doorgaans heeft. 3. 'T gebruijk dat daar van, soo door particuliere als in sComp=s dienst, word gemaakt en 4: of ze ten behoeve van de Comp=e, van particulieren ingekogt, of over verpligting door de ingeszee„ „tenen geleverd, dan wel voor 'sComp:s eige ree„ kening uijt de bossen gekapt worden, en wat elk stuk van ieder zoort in 't een of ander geval kost! En is wijders verstaan den bedienden te recom„ mandeeren, om aan 't in deesen aanbevoolene zoo spoedig mogelijk te voldoen, en uijtter„ lijk voor ult=o November aanstaande. — voorts is op de door Hunne Hoog Edelheeden gemaakt aanmerking, bij de voorsz para„ graaff, wegens den duuren inkoop van diverse goederen en benodigd heeden, goedgevonden, aan hoogst deselven te vertoonen, dat de reeden, waaren de van Hammer 2 Ex„ ijkig 1214 Den 26: aug=s 17829. — vervolg de inkoopen van dingen, die van buyten worden aangebragt, zomtijds wat duur vallen, komt van 't verschil, dat 'er is tusschen de goude en zilvere speetien in 't koper geld, wijl zulke, die deese dingen inkoopen, waar toe de kopere munt niet altijd dienen kan, bij verkoop daar van, hier op, gelijk dat zeer natuurlyk is, hunne reekening maaken, en men dus zul„ „ke dingen, die van buijten worden aangebragt, en mits gebrek aan voorraad, zomtijds voor de huijshouding moeten worden ingekogt, gelijk voor„ „leeden jaar de houtwerken, met zoo naauw be„ dingen kan, als zoude kunnen geschieden, zoo men met zilvere of goude spectien konde betaalen Hunne Hoog Edelh: bij §: 29: gerecommandeerd hebben„ „de, wegens de hooge prijs van de Ceilonsche ar„ „rak, de benodigtheid daar van, van Batavia te eysschen, en de tuijnen, die tans voor de leve„ „rantie van arrak zyn verpagt, in 't vervolg weder, gelijk bevoorens, voor contant te ver„ „pagten: js verstaan daarop te rescribeeren, dat wyl de Ceilonsche ingezeetenen hunne arrak, doorgans 1215 Den 26 aug=s 1789 vervolg doorgaans tegens redelijke goede prijsen kunnen verkoopen, en men deeze markt moetende volgen, 't voor de Comp:s onschadelijk uijtkomt, tot de verstrekkingen in de huijhouding, Bataviasche arrak te gebruijken, deese regeering voortaan„ ter bevordering van 't debiet der Bataviasche arrak, de Ceilonsche Eijsschen daar na zal in„ rigten, en dat men insgelijks de tuijnen, die voor arrak verpagt zijn, zoo dra de pagt tijd uijt is, weder insteede van voor arrak, voor kon„ tant zal laaten verpagten, met berigt teffens, dat de Comp: daar bij geen schade zal hebben, wijl deese arrak, voor zoo verre te niet noodig is, altoos voor meer kan worden verkogt, dan bedraagd 't geld, dat deese tuij„ „nen doorgaans doen. Nopens 't aangemerkte door Hunne Hoog Edelh: bij §: 33:, wegens 't distinqueeren van de bosch kanneel en tuijn kanneel, is verstaan Hunne Hoog Edelh: te berigten, dat deeze distinctie, zoo na moogelijk is ge„ schied omtrend de 4181: balen kanneel, die met de drie laatste retour scheepen zin verzonden, en t 1216 Den 26: aug=s 1789 vervolg verzonden, en daar bij hoogst deselven daar omtrend te vertoonen. Dat 't beschrijven der baalen niet geschied baal voor baal, zoo dra de kanneel gepakt is, maar eerst wat daar naa, zelfs zomtijds eerst des anderen daags, na dat de balen in dubbelde gonies gestooken zijn, en dat 't dus niet wel buijten verwarring te houden zoude zijn, zoo men de voorsz distinctien op de eimbalagie deed zetten. Dat 't boven dien deese regeering is voorgekoomen, dat 't mitscien kan konvenent weeten, dat deese bezonderheeden alleen bi de Comp: bekend zijn, en dat daarom een lyst gemaakt is van de nom„ „mers der plankjes, die ordinair in de kan„ „neel baalen worden gelegd, en daar bij aange„ weesen welke nommers zijn bos en welke zijn tuijn kanneel. Dat deese regeering nogtans Hunne Hoog Edelh: moet erinneren, gelyk dat reeds vertoond is bij brieve van den 30: Januarij 1788:, dat onder 't geen voor bos kanneel, geschild in Comp=s gebied, word opgegeeven, vermoedelijk
English
1217. The 26th of August 1789 continuation presumably much cinnamon has been peeled in the gardens or cleared lands, as there is no difference between these other than the mere name, and however closely it is guarded, it is not feasible to prevent the peelers from the adjacent forests from sometimes recording some cinnamon as coming from the gardens or cleared lands. And it is also understood that a copy list will be sent to their High Excellencies of the cinnamon that was dispatched to the Netherlands with the last three return ships, alongside a similar specification of the cinnamon that was sent to Batavia with the ships de Phenecier and Hinloopen. It has been approved to send to their High Excellencies the specifications required by paragraph 36 regarding the planted areca trees since the year 177 2/3, and at the same time to inform their High Excellencies regarding this matter: That it is not possible to provide an accurate accounting of the number of trees planted in each year, because the survey was conducted annually of all planted trees that were in existence at the time of the survey, and not of the 1218. The 26th of August 1789. continuation number planted specifically in the last year, while in the meantime a good portion of the earlier plantings had perished again, and also that the survey in Colombo was always conducted of the Company and private plantations mixed together, until, upon the proposal of the Honorable Disava Fretz, authorization was given to him in the past year to henceforth survey only the Company plantations. That the distinction between the Company plantations and those of private individuals, as is natural, consists in this: that the one was established by the inhabitants for their own needs and the other for the account of the Company. That the activities of private individuals in this matter are of no great importance, and are mainly limited to planting a few saplings here and there in their gardens, which they would not even do themselves, however much anyone can do so on his own land with little effort, if they were not constantly exhorted to do so; and that they deliver the fruits that come from these, in so far 1219. The 26th of August 1789 continuation as they do not consume them themselves, to the Company for the usual payment of three rixdollars per amunam. That the plantations of the Company were established by the inhabitants, upon whom this has been imposed in turns by virtue of their obligations. That consequently the Company plantations in the Galle Korale and the Matara Disavany, as well as the plantations that were formerly laid out in the Colombo Disavany, have cost nothing other than that at Matara a small allowance for maintenance in the amount of 32 florins and 9 stuivers was provided to the commissioners who annually surveyed the trees. That the Company could already long since have enjoyed great benefits from these plantations if that work had been undertaken and pursued with zeal; but that everything people do for nothing and without any reward is generally done reluctantly; and added to this, which is even worse, is that the native headmen under whose supervision 1210. The 26th of August 1789. continuation it is done, and upon whom the land regents must for the greater part rely—since the latter, as has been noted repeatedly by this Government, do not have the time to observe this themselves—generally, with the exception of a few good ones, care little about it, because they think, as is not entirely unreasonable for people of this character, who for the most part have no other motives than to live as easily as possible, that in proportion to how well things succeed, new tasks will be imposed upon them, and therefore generally act only so that there are no excessively great reasons to be dismissed, and to this measure one is all the less inclined because one already knows in advance that those appointed in their place think the very same way. That for this reason the Governor authorized the late Honorable Disava Billing, upon his proposal, to allow the distribution of some rice or paddy to the laborers whom he employed for the expansion of these plantations, and that consequently, since the financial year 1786/7, 825 parras of paddy have been supplied to him, which at purchase cost 326 florins and 14 stuivers. That consequently the profit on the areca from the plantations has thus far been of no consequence, but that nevertheless not all areca yields an equal profit, because the entire sales price of the areca from the Company plantations can be considered almost entirely as profit owing to the small expenses incurred on it, while the profit on the areca from the private gardens varies, because the areca that comes in at Galle, Matara, and from some korales of the Colombo Disavany must be delivered by the inhabitants by virtue of obligation for 12 schellingen per amunam of 26000 nuts, and consequently yields a higher profit than the areca collected in the remaining korales of the Colombo Disavany, because for this, to the
Dutch transcription
1217. Den 26: aug=s 1789 vervolg vermoedelyke veel kanneel is, geschilt inde tuijnen of schoon gemaakt gronden, wyl tusschen deeze geen onderscheid is, dan de enkele naam, en hoe zeer ook daar op word gepast, 't niet doenlyk is te beletten dat de schillers uijt de naast gelegene bosschen, niet somtijds wat kanneel uyt de tuinen, of schoon gemaakte gronden, beschreeven En is teffens verstaan, dat aan hunne Hoog Edelh: zal worden gesonden eene Copij lyst van de Canneel, die met de laatste drie retour scheepen na Nederland is verzonden, nevens eene gelijke aanwyzing van de Canneel, die met de scheepen de Phenecier en Hin„ „loopen na Batavia gezonden is. Js goedgevonden aan hunne Hoog Edelh: toetezende; de bij §: 36: gerequireerde aanwyzingen van de aangeplante arreeks boomen zedert A=o 177 2/3. , en hoogst deselven teffens daar omtrend te infor„ meeren. Dat 't niet mogelyk is eene accuraate aan too„ „ning tedoen, van 't getal der boomen in elk Jaar aanplant, om dat de opneem Jaarlijks is gedaan van alle aangeplante boomen, die bij den opneem in weesen waaren, en niet van 1 t ds net 700 e ge„ Hoog k 1218. Den 26: aug=s 1789. vervolg van 't aangeplante getal in 't laaste Jaar in 't besonder, terwijl er intusschen van de vroegere aan„ plantingen, weer een goede partij waaren uijtge„ „gaan, en dat ook de opneem te Colombo altijd geschied is van 'sComp=s en particuliere plantagien door malkanderen, tot dat op 't voorstel van den E: dessave Fretz, aan denzelven in Ao passato qualificatie is gegeeven, om voortaan alleen de Comp:s plantagien tedoen opneemen. Dat 't onderscheid tusschen de Comp: plantageen en die van particulieren, zoo als dat nahuur„ lijk is, hier in bestaat, dat de eene door de ingeseetenen tot hunne eigen behoeven zijn gedaan en de andere voor reekening van de Comp: Dat de verrigtingen van particulieren in deese van geen groot belang zijn; en zig voornamelijk bepaalen en hier en daar in hunne tuijnen, eenige boompjes aan te planten 't welk te zelfs niet zouden doen, hoe zeer ook een elk in 't zijne dat met kleine moeijte doen kan, zoo ze niet daar toe gestaadig wierden vermaend; en dat ze de vrugten, die hier van koomen, voor Zoo 1219 Den 26: aug=s. 1789 vervolg zoo verre te die niet zelve gebruijken, voor de ge„ „woone betaling van drie rd=s de anmonam, aan de Comp:e leeveren. Dat de plaatagien van de Comp=e zijn gedaan door de ingezeetenen, die uijt hoofde hunner verplig„ tingen, dat beurtelings is opgelegd. Dat mits dien de Comp: plantagien in de gale korle en de matureesche Detsavony, tomeede de plantagien, die voor heenen in de Colombosche det savonij zijn aangelegt, niets anders hebben ge„ „kost, dan dat te mature eene geringe verstrek„ „king van onderhoud, ten bedraage van ƒ 32:9— is gedaan aan de gecommitteerdens, die jaar„ „lijks de boomen hebben opgenoomen Dat de Comp:e van deese plantagien, reeds lan„ „ge groote voordeelen zoude hebben kunnen genieten, zoo dat werk met iever waare aangelatt en door gezet, dog dat alles, wat de menschen om niet en zonder eenig belooning doen, doorgaans schoorvoetende geschied, en dat daar bij komt, 't geen nog slummer is, dat de inlandse hoofden, onder wiens toezigt i 2 aan„ gen den en 1 daan deeze k 1210. Den 26: aug=t 1789. verbolg welzigt 't geschied, en waar op de land regenten dat voor 't grootere gedeelte moeten laaten aan„ koomen, wil deese, zoo als dat door deese Regeering te meermaalen aangemerkt is, geen tijd hebben om dat zelve gaade te slaan; doorgaans, enkelde goe„ „de uijtgesondert, zig daar aan weinig laaten geleegen leggen, vermits ze, denken, zoo als dat ook zoo heel onvermiftig niet is, van menschen van deezen stempel, die meerendeels geen andere drijfveeren hebben, dan om zoo gemakkelijk te leven als dat vallen kan, dat na maate dat de „dingen wel slaagen, hun nieuwe verrigtingen zullen worden opgelegt, en daar om 't doorgaans alleen zoo maaken, dat 'er geen al te groote reedenen zijn om te worden afgezet, en hier toe komt men te minder gaarne, om dat men reeds voor af weet, dat die men in hunne plaats steld, even zoo denken Dat hier om de heer gouverneur, wylen den E: dessave Billing, op zijn voorstel, heeft gequalificeerd, om aan de dienstelingen, die hij tot 't voortzetten deezer plantagien to 1229 Den 26: aug=s 1789. vervolg te werk stelde eenige verstrekking van rijst of nelie temogen doen, en dat hier op, zedert 't boekjaar 178/7:, aan denselven verstrekt zijn 825: parras Nelij, die inkoops kosten ƒ 326: 14. —. Dat mits dien de winst op de arreek van de aan„ plantingen, tot dus verre van geen belang is ge„ weest, dog dat egter alle de arreek geen gelyke winst, wijl de geheele verkoops prijs van de arreek uijt sComp=s plantagien, by na receel als gewonnen kan worden aangemerkt, om de geringe kosten die daar aan gedaan worden, terwyl de winst op de arreek uijt de particu„ „liere tuijnen verschillende is, om dat de arreek, die te gale, Mature en uijt eenige korles van de Colombosche detsavonij inkomt door de ingezeetenen uijt hoofde van verpligting, moet worden geleverd voor 12: schelt de amm=t van 26000. nooten en mits dien meerder winst geeft dan de arreek, die in de overige Corles van de Colombote det savonig word ingezameld, wyl hier voor aan de
English
1222. The 26th of August 1789. continued the owners were paid 3 rd:s for each ammanam of 30000 nuts. On the question posed by Their High Noble Excellencies in § 37 of the aforementioned missive, it has been resolved to inform their High Excellencies that the reduction granted to the Trincomalee areca nut farmer for the financial year 1785/6 amounted to rd:s 76, and that the granted reduction to the same farmer for the financial year 1786/7 amounted to rd:s 531 -. -. Regarding the question posed by Their High Noble Excellencies in § 38 concerning the reason for the lesser delivery of Ceylon Cardamom in the financial year 1787/8, it has been resolved to request a report from the Galle officials; as well as concerning the decrease, indicated in § 40, of the planted sappan trees. It has also been approved to require from the Mannar chief the statement of the condition of the Cotton plantations demanded by Their High Noble Excellencies in § 40. Considering that the Noble High Indian Government does not deem the difference recently discovered here between 1272 The 26th of August 1789. continued between the Colombo and Tuticorin chank gauges free from remark, and thereby assumes that the buyer of the Tuticorin chanks, who gave cause to the aforementioned discovery, cannot have been ignorant of the distinction among the varieties: it has been approved and resolved to order Captain-Lieutenant of the burghery van Cuijlenburg, who bought these chanks from the Company and sold them to an Englishman, to report under oath to this Government: 1. whether the chanks were sold by him to the Englishman who received them here on the condition that they would be delivered according to their different sorts, as one seems to have to assume, because otherwise the regauging here would not have been necessary; 2. if so, into how many different sorts the delivery was agreed to be made, and according to which gauges; 3. against which rates each sort was sold by him, or at least how the prices 1224 The 26th of August 1789. continued of the sorts below the first gauge were calculated relative to the chanks of the first gauge; 4. whether the payment was made according to the regauging that took place here, without taking any regard to the gauging done at Tuticorin, so that on account of the differences found between the gauging done at Tuticorin and the regauging here, he did not in any respect derive any advantage, but received his payment in good faith, solely according to the agreed price of each sort as they were found here upon regauging; the state of the dispute nevertheless remaining as it is at present, without the aforementioned report causing any hindrance to the deliberations of Their High Noble Excellencies on this subject. And an extract of this resolution shall be given to the aforementioned Captain-Lieutenant van Cuijlenburg, with orders to comply therewith within the next eight days after the extract shall have been 1225 The 26th of August 1789. continued handed to him. Their High Noble Excellencies having remarked in § 62 of the aforementioned missive that the minting of doddus should never be permitted to take place at subordinate stations: it has been approved and resolved to inform their High Excellencies that the inconvenience of transporting such a coarse coin as the doddus are, and the inconvenience of having so large a quantity minted in reserve that all the subordinate stations could be provided therewith from here for an entire year during the sailing season, gave cause to have them also minted at Jaffna and Galle, and that for the same reason one was compelled this time likewise to have a quantity of doddus minted at Trincomalee. Their High Noble Excellencies having demanded in § 63 a more accurate report regarding the rupees minted here in the year 1787, as well as 1226 The 26th of August 1789. continued how much their weight amounts to in stuivers: it has been approved to reply thereto that this government is not able to give any further report regarding this than has already successively been provided in letters of the 4th of July 1787, 26th of January, and 24th of April of this year, namely, that from one lb. of silver 50 rupees were minted, that consequently each rupee weighs 1/50 lb., and that the silver is of 10 pence fineness, but that the calculation of the weight in stuivers is entirely unknown to this government and therefore cannot be stated. It has been approved and resolved to send an extract to the officials concerning Their High Noble Excellencies' order in § 64 and 65 to have sufficient security provided by the Tuticorin officials for the compensation of the loss caused to the Company by the incorrect calculation of the coinage species. Their High Noble Excellencies having requested a report in § 72 whether on the minting of 1984 marks of silver destined for Batavia
Dutch transcription
1222. Den 26: aug=s 1789. vervoeg de eigenaars werd betaald 3: rd=s voor elke am„ monam van 30000: nooten. Op hunner hoog Edelh: gedaane vraag bij 137. van voorm missive, is verstaan, hoogst de„ „selven te berigten, dat de afslag, die vergund is aan den Trinkouwmaalschen arreeks pagter van 't boekjaar 178 5/6: heeft bedraagen, rd=s 76. en dat de g'accordeerde afslag aan gelyken pagter van 't boekjaar 178 / bedroeg rd=s 531 -. -. Nopens de door Hunne Hoog Edelh: bij §: 38: gedaane vraag; na de reeden van de mindere leverantie van Ceilouse Cardamon in 't boek„ jaar 178 7/6., is verstaan berigt te vraagen van de gaalsche bedienden; zoo meede wegens de bij §: 40: aangeweesene vermindering, van de aange„ plante sappanboomen ook is goedgevonden van 't Mannaaritch opperhefd te requireeren, de door Hunne Hoog Edelh: bij §: 40: gevorderde opgave, van den toestand der Cattoen plantagien. js uijt aanmerking, dat de Edele Hooge Jndische Regeering, 't onlangs alhier ontdekte verschil tusschen 1272 Den 26: aug=s 1789. vervolg tusschen de Colombosche en Sutukorijnsche Tjankos mallen, niet vrij van opmerking oordeeld, en daar bij ondersteld, dat de kooper van de Tutukorynsche Gankooten, die aanlyding tot de voorsz ontdek„ „king gegeeven hebben, niet onkundig kan zijn geweest, van 't ouderscheid inde zoorten: goedgevonden en verstaan, den Captitain luijtenant van de burgerij van Cuijlenburg, die deese tjan„ „kooten van de Comp:e gekogt en aan een Engelsman vernegotieerd heeft, opteleggen, om onder presenta„ „tie van Eede aan deese Regeering te berigten. 1/ of de Tjankooten aan den Engelschman, die ze hier ontvangen heeft door hem verkogt zijn, op konditie, dat ze zoude geliverd worden na derselver differentie zoorten, gelyk men schijnt te moeten veronderstellen, wijl anders de hermalling hier niet noodig zoude ge„ weest zijn 2. / zoo ja, in hoe veel differente zoorten de leveran„ tie is bedongen te doen, en naar welke mallen. 3: eegens welke strijken elk zoort door hem is verkogt, of ten minsten hoe de prijzen van e 37: horfd 1224 Den 26 aug=s 1789 vervolg van de soorten beneeden de eerste mal zal gerekend; relatief tot de sjankoos en van de eerste mal. 4/ of de betaaling gedaan is na de hermalling die hier is geschied, zonder eenig opzigt te neemen op de malling te Tutukorijn gedaan, zoo dat hij uijt hoofde van de bevondene ver„ „schillen, tusschen de gedaane malling te Tu tukorijn en de hermalling hier, in geene op„ zigt eenig voordeel getrokken heeft, maar ter goeder trouw zijn betaling heeft ontvan„ „gen, alleen na de bedongene prijs van elk zoort, zoo als ze hier bij hermalling bevon„ den zijn. zullende niet te min den staat van 't geschil blyven soo als die tans is, zonder dat 't voortz berigt eenig hinder zal toebrengen aan de deliberatien van Hunne Hoog Edelh: over dit onderwerp. En zal van deese resolutie Extrakt gegeeven worden aan voorsz: Capitain luijtenant van Cuijlenburg, met last, om daar aan te voldoen binnen de eerst koomende agt daagen, na dat hem het Extrakt zal zijn „ 1225 Den 26: augs. 1789 vervolg zijn ter hand gesteld. Hunne Hoog Edelh: bij §:62: van voortz missive aangemerkt hebbende dat men de doedoes miniterij nooijt op onderhoorige Cantooren behoord te laaten geschieden: Js goedgevonden en verstaan hoogst deselven te berigten, dat de ongemakkelykheid van 't transporteeren van een zoo grove munt, als de doedoes zijn, en de ongemakkelijkheid om daar van een zoo groote quantiteid in voorraad te laaten aansslaan, dat alle de onderhoorige Can„ „tooren daarmeede van hier in den vaarbaaren tijd voor een geheel Jaar kunnen worden voorzien, aanlyding gegeeven hebben, om ze ook te Jaffe„ na en gale te doen munten, en dat men om deselfde reeden genoodzaakt is geweest, om dit maal insgelijks te Trinkonomale een par„ „thij doedoes te laaten aanslaan E hunne Hoog Edelh bij §: 63: een naukeu„ riger opgave, nopens de in 't Jaar 1787: al„ hier geslagene ropijen, gevorderd hebbende, als meede d schil 2 1226 Den 26: aug=s 1789. vervolg meede hoe veel t gewigt derzelve in stuyvers be„ draagd: Is goedgevonden daar op te rekhibeeren, dat deese regeering niet in staat is, om daar omtrend eenig verder berigt te geeven, dan reeds successive is gesuppediteerd bij brieven van den 4: Juli 1787:, 26: Januarij en 24: April deeses Jaars, namelijk, dat van een lb: zilven zijn geslaagen 50: ropijen, dat mits dien elk ropi 150: lb: weegt, en dat 't zelver is van 10: penningen, doch dat de berekening van 't gewigt in stuyvers deese regeering geheel onbekend is, en daarom niet opgegeeven kan worden. s goed gevonden en verstaan van Hunner- Hoog Edelh aanschrijvens bij §64: en, 65:, om door de uitukorijnsche bedienden sufffisante Cautie te laaten stellen, voor de vergoeding van 't na„ deel, 't welk de Comp: door de verkeerde berekening der muntspeken is toegebragt Extrakt aan de bedienden toete senden. Hunne Hoog Edelh by S: 72: berigt gevraagd hebbende, of op de vermunting van 1984: marken voor Batavia gedistineerd zilver„ 1
English
The 26th of August 1789. Continuation and whether any charges fell upon 51 lb of purchased silver, and of what alloy and weight, calculated in stuijvers, the rupees minted from it were, it is approved and understood to order the first visitateur Berghuys to satisfy this requirement. Upon Their High Excellencies' declaration in section 76 of being unable to take satisfaction in the restitution made of 2000 pagodas to the retired first resident at Mannapaar Kounman for the improvement of the lodge there, it is approved to inform Their High Excellencies that this restitution took place pursuant to the condition under which he took the restoration of these buildings upon himself according to the resolution of the 14th of June 1785, which was further confirmed by the resolution of the 31st of May 1787, and because junior merchant Augier, who replaced him as first resident of Mannapaar and excused himself from reimbursing these 2000 pagodas on grounds of his insolvency, could not be obliged thereto, since he, having been sent out expressly to be employed at a linen-producing office, was placed in that post. And it is nonetheless understood to write to the officials at Tutukorijn to inform the aforementioned junior merchant Augier of Their High Excellencies' aforesaid letter, as well as that, although no condition was made in that regard at his appointment as would have been done had that post been given to another, this government nevertheless judges it reasonable that he also acquiesce in this matter to the same conditions that others would have had to accept, and consequently expects him to do so. Their High Excellencies having ordered in section 78 that no more than one year's interest be allowed to Captain de Bellon on the moneys admitted by him, because he could and ought at least to have rendered an accounting within that time, it is approved and understood to have the said Bellon restitute to the Company the interest that was provided to him for more than one year. Their High Excellencies having expressed in section 79 their utmost surprise that, whereas so many Company ships were successively sent to Koetsiem, a foreign vessel additionally had to be employed to transport saltpeter on freight, together with orders to write to the Koetsiem ministers that, if in such case they should have to proceed with such shipments, the transport directly to Gale be stipulated, it is approved and understood to report to Their High Excellencies that the ship De Leirathan, which was sent to Koetsiem in the latter part of the year 1787, brought from there 812000 lb of pepper and 1977 bags of saltpeter, and that with the ship De Negotie, which arrived from Koetsiem at Gale in December 1787, the ministers sent 236 lasts of rice and 500 bags of saltpeter, but that after the departure of these ships, 1049 bags of saltpeter having further been purchased at Koetsiem, which needed to be here in good time to serve as dunnage for the return ships, the ministers employed for this transport the French snow Notre Dame de Tous les Biens at the freight rate of half a rupee per bag; and it is likewise understood, in accordance with Their High Excellencies' recommendation, to request the gentlemen ministers, if they must send the homebound returns in the coming season by private vessels, to stipulate the transport thereof directly to Gale. Their High Excellencies having asked in section 83 for the reason why this government allowed the equipagiemeester at Gale to satisfy the matter by reimbursing the purchase price of the sails rendered unusable by white ants during his administration, after it had previously been deemed necessary to have that reimbursement made at sales value, it is approved to report to Their High Excellencies that this was done upon the representation of the Gale officials, and upon the further declaration of the said equipagiemeester that these sails had become damaged despite all his precautions, and that this resolution was taken the sooner because it appeared that the white ants had actually gotten onto some scaffolding, and it was consequently to be attributed more to an unforeseen accident than to any neglect. It is understood to order the honorable head administrator, pursuant to Their High Excellencies' recommendation, henceforth to note the percentage of profit in a separate column when requisitioning gold and silver. Their High Excellencies having requested in section 94 further information regarding the conduct of the head of the artillery here, Kulm, upon the discovery of the theft committed in the powder magazine at the Gale gate, it is approved and understood to request further report in that regard from the said Kulm. It is understood to the officials at Tutukorijn, while sending an extract from Their High Excellencies [illegible]
Dutch transcription
1227 Den 26: aug=s 1789. vervolg en op 51: lb ingekogte zilver, eenige ongelden zijn gevallen, en van wat gehalte en gewigt, gerekent in stuijvers, de daar van geslagene ro„ pijon zin geweest Js goedgevonden en verstaan den eersten visitateur Berghuys aan te be„ veelen, om aan dit requisit te voldoen. op Hunne Hoog Edelh: betuijging bij 1: 76, van geen genoegen te kunnen neemen in de gedaan„ „ne restitutie van 2000: pagooden aan den afge„ gaanen eersten resident te Mannapaar koun„ „man, voor de verbetering van de logie aldaar: is goedgevonden hunne Hoog Edelh te informeeren, dat deeze restitutie is geschied ingevolge de Conditie, waar op hij de herstel„ „ling deeser gebouwen heeft op zig genoomen volgens resolutie van den 14: Junij 1785. -. die nog nader bekragtigd is by resolutie van den 31: Maij 1787:, en om dat men den onderkoopman Augier, die hem als eersten resident van Mannapaar heeft: vervangen, en zig uijt hoofde van zijn onvermoogen, van 't vergoeden van deeze be„ beeren, ds 4: Jaars gen weegt, vers rom ha vraagd 84: zver„ 1228 vervolg deese 2000: pagooden heeft verschoond, daar toe niet konde verpligten, wijl hy, als Expres uijtgezonden om op een lijwaat gee„ vend Cantoor teworden g'emploijeert, in dien post gesteld is. — En is niet te min verstaan den bedienden te Tutukorijn aan te schrijven, om den voorm onderkoopman Augier van Hunne Hoog Edel voorsz aanschrijvens te informeeren, zoo ook dat schoon bij zijne aanstelling derwegens geen beding is gemaakt, zoo als zoude zijn geschied indien die post aan een ander gegeeven was, deese regeering 't nogtans reedelijk oordeeld, dat hij dezelfde Conditien, die andere zouden hebben moeten ingaan, zig ook in deesen laat welgevallen, en mits dien van hem verwagt dat hij dat doen zal. Hunne Hoog Edelh bij § 78 gelast hebbende, aan den Capitain de Bellon, op de door hem gead„ mitteerde gelden, niet meer dan een Jaar m„ trest te valideeren, om dat hij ten minsten in dien tyd, verantwoording had kunnen en be„ hooren Den 26: aug=t 1789 1229 Den 26: aug=s 1789: vervolg hooren te doen: is goedgevonden en verstaan; door gemelde Bellon aan de Comp: te doen restituee„ „ren de interesten, die aan hem meer dan voor een Jaar zijn verstrekt. Door Hunne Hoog Edelh bij §: 79. –, hoogst derzel„ ver verwondering betuijgd zijnde, dat daar succes„ sive zoo veel Compeines scheepen na koetsiem zijn gezonden, men daar en boven nog een vreemde bo„ den heeft moeten emploijeeren, tot 't vervoeren van salpeter op vragt, met last teffens, om de koetseemsche ministers aan te schrijven, dat indien ze Casu quo tot zulke overzendingen zouden moeten overgaan, 't transport direct naar gale werde bedongen: Js goedgevonden en ver„ „staan Hunne Hoog Edelh te berigten, dat 't schip de Leirathan, 't welk in 't laatst van A=o 1787: na koetsien gezonden is, van daar heeft aangebragt 812000: lb: peper en 1977: zak„ „ken salpeter, en dat de ministers met 't schip de Negotie 't welk in December 1787: van koetsiem te gale is aangekoomen, ge„ zouden hebben 236. lasten rijst en 500: zakken zalpeter, dog dat na 't vertrek van deese scheepen t we aan 1236 Den 26. augt 1789 scheepen, nog 1049 zakken salpeter te koet„ „liem zinde ingekagt, die hier tijdig moesten weesen, om te dienen tot onderlaag voor de retourscheepen, de Ministers tot dus overvoer hebben g'emploijeerd de fransche sniaan Notre dame de tout les biens, tegens de vragt van eene halve ropij de zak; en is teffens verstaan, om overeenkomstig hunner Hoog Edelh: aanbe„ veeling, de Heeren ministers te verzoeken, om indien ze de retoeren pro patria, in dan aanstaande met particuliere vaartuijgen moeten zenden, 't transport daar van direkt na gale te bedingen. Hunne Hoog Edelh: by S: 83: reeden gevraagt hebbende, waarom deese regeering, den Equipa„ „giemeester te gale heeft laaten volstaan, met de vergoeding inkoops, van de onder zijne ad„ ministratie door de witte mieren onbruijk, „baar gemaakte zeilen, na dat men voor af hadde nodig g'oordeeld, die vergoedieng uijt koops te laaten doen: Js goedgevonden hunne Hoog Edelh te berigten, dat zulx is geschied op den voordragt der gaalsche bedienden, vervolg 1231 Den 26: aug=s 1789. vervolg bedienden, en op de nadere betuijging van gemelde Equipagiemeester dat deeze zijlen, in weerwil van alle zyne voorzorgen, beschadigd waaren geraakt, en dat men daar toe te eerder heeft gerezolveerd, om dat 't gebleken is, dat de witte meeren werke„ „lijk aan eenige stellingen zijn geweest, en 't mits dien meer aan een onvoorzien ongeluk, dan aan eenige verwaarloosing was toeteschrijven. Js verstaan den E: hoofdadministrateur aan te bevee„ „len, om ingevolge Hunier Hoog Edelheeden recom„ mandatie, voortaan bij den eijsch van goud en zilver, in een aparte Colom, de winst in percen„ tot te noteeren: Hunner Hoog Edelh bij §: q4: nadere informaa„ „tie gevraagd hebbende, van 't gedrag van 't hoofd der artillery alhier kulm bij de ontdekking van de begaane diefstal in de kruijt kelder aan de gaalsche poort: js goed„ „gevonden en verstaan, derwegens nader berigt te vraagen van gemelde kuln. I: verstaan den bedienden te Tutukorijn, onder toesending van Extrakt uijt Hunner Hoog Edelh vr tre van n t gd g ti 1 met
English
1232 The 26th of August 1789 continuation Honorable, repeatedly mentioned letter, paragraphs 110 and 10, to recommend that they conduct themselves henceforth in accordance with Their Most Honorable recommendation made therein, namely, in the event that such violent treatments as have recently been practiced should again be committed by the native government, and that the right is entirely on the Company's side, to address themselves to the agent of the Nabab with whom the last contract was concluded, and to insist on satisfaction and justice, together with sufficient security for the future; and to conduct themselves prudently in all respects, and carefully avoid on their part all occasion for any disputes, primarily because the native ruler accuses the Company's servants in that regard. In compliance with Their High Honorables' request in paragraph 115, it has been resolved to ask Gale for a specific account of the expenses incurred for the excavation in Morruacorte, as well as a statement of the utility and advantage that is to accrue to the Company from that excavation. On 1233. The 26th of August 1789. continuation To Their High Honorables' question posed in paragraph 118, it has been resolved to inform Their Most Honors that the five cannecappels who were appointed upon the abolition of the land's cannecappel at Baticaloa have been granted a salary of 10 schellingen per month. In compliance with Their Most Honors' question in paragraph 119, it has been resolved to report to Their High Honorables that the fief and private real estate of the deceased wannia of Kararitté and Nadene have been confiscated for the Company, because he had no surviving brothers, who alone, according to the custom of the land, can inherit such properties. On paragraph 120, it was approved to inform Their High Honorables that the medals for the native chiefs who have distinguished themselves in the cultivation of cinnamon have not yet been manufactured, and that consequently the weight and costs thereof cannot be stated, but that the large gold one, with the chain, will most likely cost between 50 and 60 pagodas, 1234 The 26th of August 1789. continuation and the small ones and the silver-gilt ones proportionally. Their High Honorables having noted in paragraph 126 that if the former land surveyor Schoorman and cartographer Bokus could no longer serve, they should have been nominated for a pension according to the orders, and that Their Most Honors still expect such, it was approved and resolved to make this ordered nomination when the occasion arises. It has been resolved to have a copy delivered to the Honorable Head Administrator here of the received extract from the resolutions of the Council of the Indies on the 24th of April of this year, containing dispositions on the gunpowder accounts of the various ships and vessels, and likewise to send copies thereof to the servants at the subordinate offices, to serve for their guidance in the future. It was also approved to have a copy of the extract from the minutes 1235 The 26th of August 1789. minutes of the 16th of June 1789, containing orders to henceforth have the tare on the sugar canassers made no higher than 35 and no lower than 30 lb, as well as to have the ship officers, upon receipt of sugar, set aside two canassers to determine the tare, and, according to the tare of the same, have the loaded quantity accounted for, delivered to the Honorable Head Administrator and visitor here, and also to send it to the subordinate offices, with orders to guide themselves thereby henceforth. Likewise, it has been resolved to have a copy of the extract from the minutes of the 19th of June 1789, in which it is recommended upon renewal to have the pay books inspected each time to see whether the orders against unlimited payouts of monthly wages to those whose accounts are burdened due to monthly debentures and assignments have been properly observed, delivered to the pay and inspection office here, and also to send it to Jaffanapatnam and Gale, with orders to strictly comply with it in the future. Thus done and resolved in the Castle of Colombo on the day, month, and year aforesaid. (was signed) W. J. van de Graaff, P.r Sluysken, M. P. Raket, D. T. Fretz, J.b Reintous, B. L. van Zitter and A. Samlant. Wednesday 1236. 1237. Wednesday the 2nd of September 1789. Present The Right Honorable Lord Governor Willem Jacob van de Graaff The Honorable elected Head Administrator Mattheus Petrus Raket The Honorable First Warehouse Master Johannes Reintous The Honorable Secretary Benedictus Lambertus van Zitter The Honorable Trade Bookkeeper Abraham Samlant The Honorable Fiscal Master Johannes Adrianus Vollenhoven Absent The Honorable elected Commander of Gale Peter Sluysken, the Honorable Dissave Diederich Thomas Fretz, the Honorable titular Lieutenant Colonel Joan Philip Christiaan Tilenius, the Honorable Pay Bookkeeper Gerrit Engel Holst; the first and last engaged in the Council of Justice, the second occupied in the Company's service, and the third and fourth due to indisposition. Opened and read were the papers that were brought yesterday from Batavia by the ship 't Zaanstroom, consisting of an original letter from the Honorable High Indian Government of the 10th of July last, along with two packages from the fatherland received therewith, of which one contained various papers according to an Amsterdam register of the 15th of July 1788, and the other a copy letter from the Lords Directors.
Dutch transcription
1232 Den 26: aug=s 1789 vervolg Edelh meerm: missive §: 110 en 10: , te recomman„ „deeren, om zig voortaan te gedraagen, naar hoogst derselver daar bi gedaane aanbeveeling, namelijk, om ingevalle door den inlandsche regeering zulke violente behandelingen, als on„ langs is g'Exteerd, weder mogte worden gepleegd en dat 't regt volkoomen aan sComp=s zijde is, zich aan den agent van den Nabab, met wien 't laatste Contrakt geslooten is, te addresseeren, en op voldoening en regt te insteeren, mitsg=s genoeg„ zaame zekerheid voor 't vervolg; en om zig in allen opzigte voorsigtig te gedraagen, en alle aanlijding tot eenige verschillen, van Hunne kant zorgvuldig te vermijden, voornuwelijk; om dat de landregent 'sComp=s bediendens daar omtrend beschuldigd Ter voldoening aan Hunne Hoog Edelh: re„ quitit bij §: 115: is verstaan van gale te vraa„ „gen eene specificqtie reekening van de gedaa„ „ne ongelden aan de doorgraving in Morrua„ corte als meede een opgave van 't nut en voordeel, 't welk uijt die daargra„ „ving voor de Comp=e staat te proflueeren. op 1233. Den 26: aug=s 1789. vervolg Op Hunner Hoog Edelh: gedaane vraag bij §. 118:, is verstaan aan hoogst deselven te bedeelen, dat aan de vijff kannekappels, die bij de afschaffing van dan lands kannekappel te Baticaloa, zijn aan„ gesteld, eene belolding is toegelegd van 10: schellingen Lmaands. Ter voldoening aan hoogst derselver vraag bij § 119. —; is verstaan aan Hunne Hoog Edelh: te be„ rigten, dat de leen en eigene vaste goederen, van den overleeden wannia van kararitté en Nade„ „ne, voor de Comp: zijn ingetrokken, om dat hy geene broeders in leeven had, die alleen volgens slands gebruijk, dier gelyke goederen kunnen erven. op 5: 120: is goedgevonden aan Hunne Hoog Edelh: te berigten, dat de medaljes voor de inlandsche hoofden, welke in de aanplanting van kan„ veel hebben uijtgemunt, nog niet vervaar„ digd zijn, en dat men mits dien 't gewigt en kostende daar van niet kan opgeeven, dog dat de groote goude, met de ketting, naast denkelijk op tusschen de 50. en 60 pa¬ „gooden Comman„ naa eeling legd is, t 4 e k; daar 1234 Den 26: aug=s 1789. vervoeg „gooden zullen te staan koomen, en de klijne en de zilvere vergulde na rato. Hunne Hoog Edelh bij 1: 126: aangemerkt hebbende dat indien de voorige land nieter schoorman en kaartemaker Bokus, geen langer dienst konde doen, deselven volgens de ordres hadden moeten worden voorgedraagen, ter gagieering, en dat hoogst deselven zulx als nog verwag„ ten Is goedgevonden en verstaan, deese g'ordon„ neerde voordragt bij gelegentheid te doen. Js verstaan van 't ontvangen Extrakt uijt de Notulen van 't geresolveerde in raade van Indie op den 24: April deeses jaars, houdende dispotitien op de kruyt reekeningen van de versche scheepen en vaartuijgen, in Copia te laaten afgeeven aan den E: Hoofd administra„ „teur alhier, en daar van insgelijks Copijen te zenden aan den bedienden op de onder„ horige kantooren, om te strekken tot hun narigt voor den aanstaande. ook is goedgevonden van 't Extrakt uijt de Notulen 1235 Den 26: aug=s 1789. Notulen van den 16 Junij 1789. , houdende last om voortaan de larra op de zuijker Ca„ „nassers niet hooger dan 35, en met min„ „der dan 30: lb: te laaten maaken, mitsg=s de scheeps overheeden; bij ontvangst van zuij„ „ker, twee Canassers tot 't maaken der tarra te laaten afzonderen, en, volgens de tarra derzelve, de ingelaaden quantiteid te doen verantwoorden, Copij te laaten afgeeven aan den E: Hoofd administrateur en vititateur alhier, en ook te zenden aan de onderhoorige Cantooren, met latt om zig voortaan daar naar terigten Copyj van 't Extrakt Jnsgelijks is verstaan, uijt de Notulen van den 19: Junij 1789:, waar bij bij renovatie word aanbevoolen, om de zoldij boeken telkens te laaten na„ „zien, of de ordres tegens de ongelimiteerde afbetaalingen van maandgelden, aan die naa„ „ren, welkers reekeningen, wegens maandee„ dullen en transporten, betwaard zijn, behoorlijk zijn in agt genoomen, te laaten afgeeven, aan 't zoldij bbende t en g vervolg Den 26: aug=s 1789 Zoldij en visite Cantoor alhier, en ook te zonde„ na Jaffenapanam en gale; met latt om daar aan in den aanstaande stiptelyk te voldoen. Aldus gedaan ende geresolveerd in het Casteel kolombo ten daage maand en Jaare vorstz /:was geteekend:/ W: J: van de Graaff, P:r sluijtken, M: P: Raket, D: F: Fretz, J=b Reintous, M: L: van Zitter en A: Samlant woensdag 1236. D 1237. Woensdag den 2: september 1789. geopend en geleesen de zaamnstroom van Ma„ Den wel Edelen groot achtb: Heer Gouverneur Willem Jacob van de graaff Den E g'Eligeerd Hoofdadministrateur Mattheus Petrus Raket Den E: Eerste Pakhuijsmeester --- Johannes Remtous Den E: sekretaris - - - - - - - - - - Benedictus Lambertus van Zitter Absent Den Heer o' E liggerd gaals kommandeur Peter Sluijsken. Den 8. Dessave. . . . - - - - - - Diederich Thomas Firetz Den E: tit: luijtenant hollonel. Joan Philip Christiaan Tilenius 2 Den E Zoldij Maekhouder - - - - gerrit Engel Holst M=r Johannes Adrianus Vollenhove„ de eerste en laaste in den raad van Justitie, de tweede in sComp=s dinkt geoccupeerd, en de derde en vierde mits indispotitie Den 8 Negotie boekhouder - - Abraham Camlant zijn geopsend en geleeten de papieren die met 't passeeren met 't schip schip 't aantroom op gisteren van Batavia zijn tavia aangebragt aangebragt, bestaande in een origineele missive van de Edele Hooge Jndische Regeering van den 10: Julij JLeeden, nevens twee daarmeede ont„ vangen vaderlandsche Pakketten, waar van het eene heeft ingehouden diverse papieren vol„ „gens een Amsterdamsche register van den 15. Julij 1788: en 't ander een kopij brief van heeren Bewind„ Present hebberen eel voortz Den E: fiscaal. - - -- -
English
1240 The 2nd of December 1789. Decision thereon: Decision on the proposal of the Honorable, Grand, and Right Venerable Governor to have the Aripo and Mannar pearl banks inspected. Appointed. the one and the other treated according to order and no other excesses have been committed therein, except only that one Louis Claude Ravan of Galle, muleteer, 14 years old, was taken into Company service on the 25th of March 1788 as a drummer at 9 guilders a month without notifying in the ledger whether that recruitment into service occurred there locally or here, it is approved and agreed to keep a record thereof and to recommend the officials of Galle to henceforth have this observed by the pay clerks there. Upon the proposal of the Right Honorable Governor, it is approved and agreed to have the Mannar and Aripo pearl banks inspected as soon as the monsoon permits, and accordingly to appoint as commissioners for the inspection thereof: the Chief of Mannar, van Ranzouw, and the military lieutenant stationed there, Bruger, assisted by the extraordinary gunner and surveyor at Jaffna, Hopker, 1241 The 2nd of September 1789. Communication from the Honorable, Grand, and Right Venerable Governor that his honor will have a statement of his income drawn up. Hopker and the chief pilot van Rotsum; and since the inspection of the pearl banks of Kalpitiya and Chilaw could not properly take place last year, it is also approved to resume that work this year and to appoint as commissioners thereto the Chiefs of Kalpitiya and Chilaw, van de Graaff and Ebell. The Lords Masters having demanded, by their general missive written to the Honorable High Government of the Indies under date of 4 December 1788, paragraph 221, a statement of the incomes and emoluments of the servants, with the addition of the resolutions by which they were respectively granted to them, on penalty that whoever shall have neglected to fulfill that statement exactly shall for the future remain deprived of the unstated incomes and emoluments, it was communicated by the Governor to the assembly that His Honor would have such a statement made of the 1242 The 2nd of December 1789. Decision to order all other subordinate servants in this government to make such statements. of the income and the emoluments of a Governor of Ceylon, of which it is agreed to keep this record. And for the further fulfillment of the aforementioned order, it is furthermore approved and agreed to order all the subordinate servants in this government, insofar as in the view of this assembly they fall within the terms of this order, to make the statement requested by the said Right Venerable Lords, each for his own part, within as short a time as possible, and at least within two months after this resolution shall have been communicated to them; namely: The Lord Commander at Jaffnapatnam. The Lord Commander at Galle. The Honorable Chief Administrator at Colombo. The Honorable Dissavas at Colombo, Jaffnapatnam, and Matara. The Chiefs at Tuticorin, Trincomalee, Mannar, Batticaloa, Kalpitiya, and Puttalam. The 1243 The 2nd of September 1789. What is recommended to them and to be kept in mind. The trade bookkeepers and transfer clerks of Colombo, Jaffna, Galle, and Tuticorin. The pay bookkeepers and transfer clerks of Colombo, Jaffna, and Galle. The warehouse keepers and provisioners at Colombo and Galle. The fiscals at Colombo, Jaffna, Galle, Tuticorin, and Trincomalee. The shahbandars at Colombo and Galle. The Captain Country Regent of the Vanni. The administrators at Jaffna, Galle, Tuticorin, and Trincomalee. The commandants at Negombo and Matara. The master builders at Colombo, Jaffna, and Trincomalee. The cashiers at Colombo, Jaffna, Galle, Tuticorin, and Trincomalee. The resident at Chilaw. The thombo keeper at Jaffnapatnam. The overseer of the Galle Korale. The residents at Manapad, Punnaikayal, Kayalpattinam, Kilakarai, [illegible], and Point Pedro. And because it is plainly evident that the Honorable and Right Venerable Ministers have issued this order with a favorable intention toward 1244 The 2nd of December 1789. What is declared for their information. in regard to the Company's servants, it is further agreed that all the aforementioned servants shall be recommended, as they are recommended by this, to keep this in mind when making the aforementioned statements, as well as to make known in these statements not only all such gratuities as were expressly granted by resolution or letters, but also everything else that has been enjoyed according to ancient custom, insofar as it is still enjoyed to this day. Finally, it is agreed to declare by this for the information of each of the aforementioned servants that this government reserves the right, once the aforementioned statements shall have been submitted, to provisionally and until further order from Their High Honors pay out in cash the reported amounts to each of the reporting persons for all such items as shall be stated therein, and in return to withdraw these items for the Company, if such is deemed convenient for the service of Their Honors. And of this resolution, here in Colombo, shall be
Dutch transcription
1240 Den 2: xber 1789: besluijt daarop besluijt op de propoti„ gest: groot, achtb: heer pote en Manaarse paare benken te laaten visiteeren benoemd. het een en ander na de order behandeld en geene andere Excessen daar bij begaan zijn, dan all een dat eenen Louis. Claude Ravan van gale muextier oud 14: Jaaren den 25: maart 1788: in 'sComp=s diens is aangenoomen als tamboer met ƒ 9: smaand zonder by het grootboek bekend te stellen of die in dienst aanneeminge aldaar zelve dan wel alhier is geschied, is goedgevonden en verstaan daar van deeze aanteekening te houden en de bedienden van gale te rekommandeeren om voor„ taan dit door de soldij bediendens aldaar te laaten in acht neemen. op de propositie van den Heere gouverneur „tie van den wel Edelen is goed gevonden en verstaan de Manaarsche gouverneur aan de ari en Ariposche paarlbanken zoo dra de mous„ en daar toe gecommitteerden on zal toelaten te laten visiteeren en mits dien tot de visitatie daar van als gekom„ mitteerdens te benoemen. het opperhoofd van Mannaar van Ranzour en den aldaar bescheydenen militair luytenant Bruger, geassisteerd van den Extra ordi „neur vuurwerker en landmeter te Japper Htepker 1241 Den 2: 7ber 1789. Communicatie van den wel Edelen groot Achtb Heer gouverneur dat zijn to een opgave van hoogst en inkoomen te zullen doen vervaardigen Hopker en den opperloots van Rotsum; En wijl de visitaattie van de paarlbanken van kalpeNij en klauw in 't voorleeden jaar niet na behooren heeft kunnen geschieden is meede goed gevonden dat werk dit Jaar te laaten hervallen en daar toe te kommitteeren de op„ perhoofden van kalpettij en silauw van de graaff en Ebell. De Heeren Majores bij hoogst derzelver genie„ raale missive, geschreeven aan de Edele Hooge desselfs Emolumenten Jndische Regeering onder dato 4: december 1788 § 221: g'eijscht hebbende eene opgaave van de inkomsten en Emolumenten der dienaaren, met bijvoeging van de resolutien, waar bij dezelve respectivelijk aan hun zijn toegestaan, op paenen, dat die verzuijmde zal hebben aan die opgaive Exactelijk te voldoen, van de niet opgegeevene inkomsten en Egnolumenten voor 't vervolg zal blyven verstooten, is door den heer gouverneur ter vergadering ge„ communiceerd dat zijn Edele zulk een opgane van en geene alleen ties eur 1242. Den 2: xber 1789. besluit om aan alle dienaaren in dit gou„ vernement aante be opgaves te doen. van 't inkoomen en de emolumenten van een gou„ „verneur van Cuilon zoude doen vervaardigen, waar van verstaan is deese aantekening te houden En is ter verdere voldoening aan voortz order wy„ andere ondergeschiktenders goedgevonden en verstaan, dat aan alle de veelen om zodaanig ondergeschikte dienaaren in dit gouvernement voor zoo verre ze naar 't inzien van deese ver„ gadering vallen in de termaen van deese ordre, aan te beveelen om de door welgemelde haar zae„ „le Hoog Achtb. gevraagde opgrve te doen een elk in het zijne binnen zoo korten tijd als moge„ lyk is, en ten minsten twee maanden na dat deese resolutie aan deselve zal zijn gecommu„ „inceerd; teweeten De Heer kommandeur te Jaffenapatnam. De Heer kommandeur te gale De E. hoofdadministrateur te kalombo De E. dessaves te kolombo, Jaffenapatnam en Mature De opperhoofden te Tutukorijn, Trinco„ nomale, Manaar, Batticaloa, Kal„ ketty en Putulang De 1243 Den 2: 7ber: 1789. wat hun aanbe„ voolen word en 't oog te houden De negotie boekhouders en overdragers van ko„ „lombo, Jaffena, gale en Tutukorijn. De zoldij boekhouders en overdragers van Kolom„ „bo, Jaffena en gale De pakhuijsmeesters en ditpenciers te kolombo en gale„ De fiscaals te kolombo, Jaffena, gale, TutuCa„ rijn en Trinconomale. De sabandaars te kolombo en gale„ De kapitein landregent van de warmij De administrateurs te Jaffena, gale, Tutukorijn en Trinkouoniale De kommandanten te Negombo en Maliture De fabrieks te Kolombo„ Jaffena en Trin Commale De kassiers te Kolombo, Jaffena, gale, uituko„ „rijn en Trinkouomale De resident te silauw De thombohouder te Juffenapatnam. De opziender der gale korle en De residenten te Manappaar, Bonnikail, kaal kommedijn, kilkare, kouts en Pinrto Petro. En wijl het klaar blykelijk zij dat de Edele Hoog Achtb: Heeren Ministeren deese ordre hebben gesteld met een gunsteig voorneemen ten en en aar 1244. Den 2: xber 1789. wat tot hun na„ ten aanzien van sComp=s dienaaren, is wijders ver„ staan, dat alle de hier boven gemelde bedienden zullen worden gerekommandeerd, zoo als ze gere„ kommandacht worden door deesen, om dit in het doen der voorsz opgaves in het oog te houden, als meede om bij deese opgevens bekend te stellen niet alleen alle zulke douceurs als bij resolu„ „tie op brieven Expresselijk zijn toegelegd maar ook al het geen verder volgers oude gebruijken genooten is voor zoo verre dat tot nog toege„ nooten word. —. Eijndelijk is verstaan bij deese tot narigt van rigt verklaard word elk der voorsz bedienden te verklaaren, dat deese regeering het aan zig houd om wanneer de voorsz opgaves zullen zijn ingekoomen, voor alle zulke artikeelen als daar bij zullen worden opgegeeven, bij provisie en tot nader order van hunne Hoog Edelheeden 't opgege„ „vene bedraagen aan een elk der opgeevend te laaten uijtkeeren in geld en deese artikelen daar in teegen voor de komp: intetrekken indien zulks ten dienste van haar Edele word konne„ nent geoordeelt. En zal van deeze resolutie hier toe kolombo worden
English
The 2nd of December 1789. Decision to abolish the office of adjunct fiscal. Business concerning Jaffanapatnam. Extract regarding a Jaffna resolution containing a decision upon a report of the administrator concerning the discovered surpluses and deficits on various brought-in cargoes. An extract shall be given to the Chief Administrator and all other officials whom this concerns, and the necessary notification thereof shall be made to the subordinate outer offices. It has been approved and agreed, pursuant to that which was ordered by their High Noble Honours by separate missive of the 12th of August 1788, to abolish the office of adjunct fiscal here, as it is hereby abolished starting from the first of this month. There was read a Jaffna resolution of the 30th of July last, containing a decision upon a report of the administrator Mooijaart regarding the discovered surpluses and deficits on various brought-in cargoes, regarding goods that had become unserviceable and perished horses, and regarding the calculated spillage on the goods supplied at Manaar; And after examination, it was approved and agreed to approve the aforementioned resolution by this document, yet with this amendment: that to the sailor Andries Bra, after deduction of the 15½ lbs of iron he delivered short, no more than 5¼ lbs of iron may be credited for spillage, because the allowed ¼ percent on the 2767 lbs transported by him is calculated at no more than 20¾ lbs instead of the 25¼ lbs indicated in the aforesaid report; and that of the 9½ lbs of pepper accounted short by the master of the sloop Colombo, Nanning Pietersz, no more may be written off under the 1½ percent allowed by regulation—amounting to no more than 8¼ lbs on the 547 lbs transported by him—he therefore being required to reimburse the company for the remaining shortage of 1¼ lbs. Decision to auction the lease of the absent oeliammers and slaves again in a month. Regarding that which was reported by the Jaffna officials, that the leasing out of the absent oeliammers and slaves ended fruitlessly without any bidders presenting themselves for it, it being observed that this must apparently be attributed to the fact that prior to the leasing, the public was not permitted to inspect the thombos of the servant caste. The 21st of December 1789. 1247. The 2nd of December 1789. Decision on the Jaffna resolution whereby it was proposed to farm out the arrack tavern at Kayts to the burgher Muller, and to grant the collecting of toll on salt to the postholders of the passes. And because this omission has been removed by the order issued by this government by letter of the 30th of August last to allow anyone who desires to see them to inspect the thombos during the 14 days prior to the leasing, it has been approved and agreed to instruct the officials, as is done hereby, to put the said lease up for auction again in a month or two, after it has been published 14 days beforehand that the leasing is shortly to take place, and that everyone who desires to do so may inspect the thombos without paying anything for it. Furthermore, there was read a Jaffna resolution of the 15th of August last, containing the proposal of the officials to lease the arrack tavern at Kayts to the burgher Fredrik Jacob Muller for the period of 5 to 10 years at 90 rixdollars per year, and further to grant the postholders of the passes the collecting of toll on salt, just and on the same footing as was granted to the disabled soldier Paulus Rodrigo; thus, after deliberation, it has been approved. 1248. Continuation. It has been approved and agreed not to consent to the request of the burgher Muller, as it is contrary to the order of the Noble High Indian Government, which commands that the leases be put up for public auction annually; nevertheless, if the officials should find that regarding this minor lease an arrangement could be made at a subsequent auction in favor of the said burgher Muller without damage to the company, they may propose it to this Government; but with respect to the benefit granted to the soldier Rodrigo, to inform the officials that the same was done with respect to this man out of a special consideration and upon the favorable proposal of the officials, and can have no application to the other postholders at the Jaffna passes, and therefore they disapprove the decision of the officials to grant the same right to these postholders as well, with the further order to report to this government how much salt Jaffna actually requires for household consumption in a year. The 2nd of December 1789. Pursuant
Dutch transcription
1245 Den 2 xber 1789. besluijt om den dienst intetrekken Besoigne over Jaffenapatnam retumtie van een Jaffe„ dispositie op een berigt „teur wegens de bevon„ dene meerderheeden en minderheeden op diverse aange„ bragte ladingen. worden Extrakt gegeeven aan de Hoofdadmi„ nistrateur en alle verdere bedienden die dit aangaat en na de onderhoorige buijten kantooren daar van gedaan worden de noodige aanschrijving Is goed gevonden en verstaan om ingevolge het aan„ ven, adjunct fitcare bevolene door hunne Hoog Edelheeden bij appar„ „te missive van den 12: aug=s 1788: den dienst van adjunkt fiscaal alhier inte trekken, zoo als die met primo deeser maand ingetrokken word door deesen. Is geleeten eene Jaffenasche resolutie van den 30=e „nate retol: houldende ulij VL:, houdende dispotitie op een berigt van van den administra„ den administrateur Mooijaart wegens de bevonde„ ne meerderheeden en minderheeden op diverse aan„ gebragte ladingen, wegens onbequaam gevor„ „dene goederen en nedergezakte paarden en weegens de berekende spillagie op de te Manaar verstrek„ „te goederen; En is na Examinatie goedgevonden en verstaan gemelde resolutie mits deesen te approbeeren met deese verandering nogtans, dat aan den mattroos ver„ den 7 gere„ re ken lu„ ellen houden van eer , „ 60 80 1246: besluijt om de ver pagting van de abten„ te oekammers en slaa„ en „ven over een maand we„ mattroos Andries Bra, na aftrek van de door hem minder geleverde 15½: lb: ijzer niet meer voor spillagie zal moogen goed gedaan wor„ „den, dan 5¼. lb. ijzer, wijl de toegestaane ¼ P=r C=to op de door hem overgevoerde 2767: lb: niet meer berekend dan 20¾. lb insteede van de bij voorsz berigt aangeweesene 25¼: lb; En dat van de door den gezaghebber van de sloep kolombo Nanning Pietersz, minder verantwoorde 9½ lb peper„ niet meer zal mogen afgeschreeven worden, aan de bij reglement toegestaane 1½: P=r C=o uijt maakende op de door hem overgevoerde 547: lb: niet meer dan 8¼: lb:, moetende over zulx door hem aan de kompenie vergoed worden, de overi„ „ge minderheid van 1¼ lb: Op het bedeelde door de Jaffenasche bediendens, dat de verpagting van de absente oeliammers slaaven vrugteloos afgeloopen is, zonder dat der te laaten opvellen zich eenige liefhebbers daartoe hebben opgedaan, aangemerkt zijnde: dat dit apparentelijk daar aan moet toegeschreeven worden, dat de gemeente voor de verpagting geen lektu„ „ra heeft gehad van de thombos der dienstelingen Den 21 Xber 1789 1247. Den 2: xber 1789. besluijt op de Jaffe„ voorgedraagen werd om de arraxtapperij op raats aan den bur„ ger Muller overtelaa„ „ten en om 't hebfen van toe aen land de pott„ houder der patsen toetevoegen. Js wijl dit veruijm weggenoomen is, door de gegeevene order deeser regeering bij brieve van den 30: aug=s Jleeden om de thombos, geduu„ „rende 14: daagen voor de verpachting, aan den iegelijk die ze zoude begeeren te zien te verlooren, goedgevonden en verstaan de bediendens te gelatten gelijk geschied door deesen, om gemelde verpach„ „ting over een maand op twee andermaal te doen opveilen, na dat 14: daagen te vooren zal gepubli„ „ceert zijn, dat die verpachting nader staat te geschieden, en dat een ieder die het begeert, lektura van de thombos kan neemen zonder daar voor iets te betaalen. Nog is geleeten een Jaffenatche resolutie van den natie retol: waarbij 15: aug=s JLeeden, houdende der bedienden voor dragt om de arraks tapperij op kaits aan den burger Fredrik Jacob Muller voor den tyd van 5: a 10: Jaaren in pacht tegens 90: rd=s sjaars overtelaaten, en voorts aan de pott„ houders der passen toe tevoegen het heppen van tol aan lond, even en op dien voet als aan den verminkten zoldaat Paulus Ro„ „drige is toegevoegd; zoo is naa deliberatie goedgevonden. wor„ C=to meer oz „ ng 8o0r 51 deus„ immers dat aan telingen 1248 vervolg goed gevonden en verstaan, in 't verzoek van den burger Muller niet te bewilligen wijl 't strijd tegen de order van de Edele Hooge Jndi„ sche Regeering, die beveelt om de pachten Jaar„ lyks publiek te laaten opvijlen; zoo nogthans de bedienden mogten bevinden dat ten opzigte van deese geringe pagt ter begunstiging van gemelden burger Muller, buijten schaade van de kompenie eene schikking bij een nader verpachting kan worden gemaakt om die aan deese Regeering voor tedraagen; doch ten aanzeen van 't beneficie aan den zoldaat Bodrigo toege„ voegd, de bedienden te informeeren, dat 't zelfde ten opzigte van deezen man uyt eene beszon„ „dere konsideratie en op der bedienden favora„ „bel voordragt geschied is, en geen applicatie hebben kan op de verdere posthouders aan de Jaffenasche possen en keuren mits dien af der bedienden besluyt om ook aan deese pott„ houders het zelfde recht toetevoegen, met verdere last om aan deeze regeering optegee„ „ven hoe veel lout Jaffena inde huijshou„ „ding wel in een Jaaar noodig heeft Den 2: xber 1789. Jngevolge
English
1249 The 2nd December 1789. Resolution on the submitted statement regarding the poll tax of the common parruas of Mannar by the Jaffna servants. Pursuant to and in satisfaction of the statement required by this government by letter of the 21st May last, as to how far it will be feasible, without burdening the common parruas of Manaar too much, to increase somewhat their poll tax of sixteen stuijvers a year, which is indeed far too little, or else to employ them in other useful duties beyond the slight services they have performed until now, an extract from the Manaar letter dated 12th June last was forwarded by the Jaffna servants, in which the chief of Manaar declares: that the parruas as well as the moors of Moeselij pattoe contribute annually, according to his view, likewise too little in comparison with the other castes who do far more services for the company than these do; he nevertheless requested, in order to prevent all unpleasant consequences, that this government might see fit to devise the means for this itself; it was after deliberation approved and understood to postpone the decision thereon for the present, as is done hereby, until the country of Mannaar will have somewhat recovered from the misery in which it finds itself due to scarcity of grain. 1250 The 2nd December 1789. Galle. Resolution on the report received from the overseer of the Galle Korle concerning the employment of the Galle thoney and the provisions supplied to its crew. Having received from the Galle servants, by letter of the 24th August last, the report required by this government's letter of the 4th of this month from the overseer of the korle of Galle, concerning the employment of the Galle thoney and the provisions made to its crew; it was after deliberation approved and understood to consider oneself satisfied therewith for this time; but to order the servants henceforth to have the said overseer report, during the navigable season, at the end of each month, on each thoney separately, how the thoneys are conditioned, with how many hands each thoney is manned, and to what use they are employed; that the failure of the vidaan araatje to provide men in time to haul the aforesaid thoney onto the shore is proof that the native headmen are not 1251 The 2nd December 1789. Junior Merchant De Vos obtains a seat in the Political Council at Galle. Trincomalee. Business concerning Trincomalee resolution where a resolution of one month's pay is allowed to the crew of the ship Gouverneur Generaal De Klerk, to make some changes to the lease conditions, and to remit the 5 per cent lease on the export of timber. duly kept to their duty, which must be recommended to the said overseer for the future, with instructions to properly provide therein in case of disobedience, or in cases that necessitate this, to give notice thereof to the Honorable Commander, so that such persons may be corrected according to their merits; and lastly that the vidaan araatje, regarding the neglect charged against him, must be heard by the Honorable Commander and that his Honor should act therein as circumstances require. Upon the request of the Junior Merchant Pieter De Vos, presented by the servants, it was approved and understood to give him a seat in the Political Council at Galle. Trincomalee. Read a Trincomalee resolution of the 15th August last, containing the decision of the servants to grant the crew of the ship Gouverneur Generaal De Klerk one month's pay each instead of two; to make some changes to the lease conditions; and further to remit the five per cent lease on the export of timber, 1252 The 2nd December 1789. Deliberation and resolution thereon. as these revenues do not flow from an actual right but from a gift formerly made voluntarily by way of a perquisite and since enjoyed by the chiefs as a lease; Whereupon, after deliberation, it was approved and understood to ratify the provisions made to the crew of the ship Gouverneur Generaal De Klerk, as well as to make the proposed changes to the lease conditions, consisting herein, besides the rearrangement of some obscure entries appearing therein, that no lease shall be levied on imported Maldivian dried fish, brown sugar, karwaat, salted fish, vinegar, garlic, and coconut oil, and against this, to have a toll of five rixdollars paid per head on slaves arriving from outside, instead of the two rixdollars enjoyed thus far by the farmer, provided that this shall only take effect for this current financial year, and in the coming year, before the leasing
Dutch transcription
1249 Den 2: xber 1789. Besluijt op 't ingediende „dens oner de gevorderde opgave wegens 't hoofd„ rias van Mannar. Jngevolge en ter voldoening van de door deese rogee„ door de jaffenale bedien„ ring gevorderde opgave bij brief van den 21: Maij „geld van de gemene paar„ soLeeden, in hoe verre het doenlijk zal zijn, om zonder de gemeene parruas van Manaar te veel te beswaaren, hun Hoofdgeld van sestien stuijvers sjaars, het geen in der daad heel te wijnig is, eenigzints te vermeerderen, dan wel hun tot andere nuttige verrigtingen, boven de ge „ringe diensten die ze tot nu gedaan te employeeren door de jaffenasche bedienden overgesonden zijnde een Extrakt uijt den Manaarschen brief ged=t 12: Junij VZ: waar bij het opperhoofd van Ran„ sou. verklaard: dat de parruatsen zoo wel als de mooren van Moeselij pattoe sjaars opbrengen, naar zijn insien mede te weiring zyn in vergelyk van de andere kastens de „welken ruijn veel meer diensten dan dee„ „ten aan de kompenie doen; hij nogtans tot voorkominge van alle onaangenaame gevolgen verzogte, dat deese regeering mogte goedvin„ „den de middelen daar toe zelver te beraamen is na deliberatie goedgevonden en verstaan„ de dispositie daar over voor eerst uijtte„ senden van wijl 't Jndi„ en Jaar„ thans opzigte van de nieeden die aan aanzeen toe zelfde J icat aade af „ der tie ra„ toege¬ e„ hou„ lge 1250 Den 2: xber 1789. Botacque over gale besluijt op het inge„ koomen berigt van den opziender der gale korle ploig van de gaalse tome en de verttrekking aan dies Equissagie. „stellen gelijk geschied bij deezen, tot dat het land van Mannaar van de Elende waar het zelve door schaartheid van graven zich in bevind eenig sints zal hersteld hebben. Door de gaalsche bedienden bij brief van den 24. van schuler kopens 'tem„ aug=s Jzeeden overgesonden zijnde, het by brief van den 4: deeser door deezen regeering gevor„ derde berigt van den opziender der korte van schuler, nopens het emploij van de gaalsche tonie, en de gedaane verstrekking aan dies Equipagie; zoo is na deliberatie goedgevon„ „den en verstaan zig daarmede voor ditmaal voldaan te houden; dog de bediendens te gelatten voortaan door gemelde opziener, geduurende de vaarbaare tijd, met 't laatst van elke maand, van elke tonie appart te laate berig„ „ten, hoe de tonies gesteld zijn, met hoe veel koppen elke tonie bemand is, en tot welk ge„ bruijk te g'emploijeert zijn; dat 't niet tij„ dig bezorgen van volk door den vidaan araatje om voorsz tonie op den wal te doen haalen een bewijs is dat de inlandse hoofden niet naar 1251. Den 2 xber 1789 de onderkoopman De vos krygt sessie in den bolitiken raad te gale. Besoigne over Tronkonomaalse retol waar„ „rende van 't schip de gom: generaal de klerk ider een verstrekken, bij de pagt Conditie eenige verande„ ringen temaaken en de uijt P=r C=o pagt op de te ontheffen. naar behooren tot hun plicht worden gehouden het geen gemelde opzziener voor den aanstaande moet worden aanbevoolen, met last, om bij ditobedientsie daarin na behooren te voorsien, dan wel ingevallen die dit nodig maaken daar van kennisse te geeven aan den E: gesaghebber, op dat de sulken naar merite kunnen worden gekorrigeert, en laastelijk dat de vidaan ar„ raatje, over het hem ten laste gelegde ver„ „luijm, door den E: gezaghebber moet worden gehoord en daarin door zijn E: als nog naar bevinding van zaaken worden gehandeld op het door de bedienden voorgedraagen verzoek van den onderkoopman Pieter de vis, is goed„ gevonden en verstaan aan hem sessie te geeven in den Raad van Politie te gale. Trinkonomale. s geleesen eene Trinkonomaalsche resolutie van resumtie van een „bij beslooten is, om de zeevaan„ den 15: aug=s JLeeden houdende der bedienden be„ maand gagie te laaten sluyt om aan de zeevaarende van 't schip de gouverneur generaal de klerk in steede van uijtvoor der houtmerken twee ieder eene maand gatie te verstrekken; om bij de pacht Conditien eenige veranderingen het 2 g land 24. van he de aatje 24 1252. Den 2: xber 1789. deliberatie en besluijt daarop. te maaken; en voorts de vijff Pr C=t aan pacht op den uijtvoer der houtwerken te ontheffen, wijl diese inkomsten niet uijt eene wesendlijke gerechtigheid waar uijt een gifte voortvloeijen bij wijze van paresse bevorens vrijwillig gedaan en zedert als eene pacht door de opperhoofden genooten zijn; Waar op gedelibereerd zijnde is goedgevonden en ver„ staan te approbeeren, de gedaane verttrekking aan de equipagie van 't schip de gouverneur generaal de klerk als meede om de voorgestel„ „de veranderingen bij de pacht kondiettien te maaken hier in bestaande, buijten de verschik„ „king van eenige daar bij voorkomende duiste„ „re posten, om op de ingevoerd wordende mal„ divosche gedroogd de vis, bruijne zuijker, kar„ waat, gezoute visch, azijn, look en kokus olie geene pacht te heffen en daar teegen van de slaaven die van buijten inkoomen insteede van de tot dus verre door de pachter genota„ „ne twee rd=s voor elk hoofd vijff rd=s tol te laaten betaalen, mits dat dit alleen voor dit loptend boekjaar zal mogen stand grijpen, en in het aanstaande Jaar voor dat de verpagting
English
1253. 2 September 1789. Resolution upon the proposal of the Governor regarding the lease of Cottiar. lease has occurred, it shall be proposed to this Government whether it is necessary that the changes continue any longer; but concerning the lease on the timber works, not to abolish it, but in that regard, after having first requested a report from the Extraordinary Lieutenant Diederiks, to serve the considerations of the servants to this Government as to whether it could not be viable, without disadvantage to having the necessary timber works for the Company, to lease out the free cutting of wood, even if only in this or that district, in the three provinces subordinate to Trincomalee, on such conditions that this might even serve usefully for the clearing of such lands as are now overgrown with heavy forest. Lastly, upon the proposal of the Honorable Governor, it was approved and resolved to have the post at Cottiar, instead of by an officer, until further orders be commanded by a sergeant as postholder, and to place this post 1254. 2 September 1789. under the Extraordinary Lieutenant Diederiks, who, according to necessity and as the opportunity shall permit, must employ some men from it to distribute them to all such places in the Cottiar, the Tamblegam, and the Cattoekalompattoo districts as he shall deem serviceable to free the inhabitants from the nuisance of the Caffirs and similar rabble, provided that whenever he moves any men, he must give notice thereof to the servants at Trincomalee. Thus done and resolved in the Castle of Colombo on the day, month, and year aforesaid. Signed: W. J. van de Graaff, M. P. Raket, Js. Reintoux, B. L. van Zitter, A. Samlant. Friday. 1255. Resumption and approval of the ordinary and secret resolutions of four preceding meetings of this assembly. Resolution for the purchase of Javanese rice. Present: The Right Honorable Governor Willem Jacob van de Graaff. The Honorable Appointed Commander of Galle, Peter Sluijtken. The Honorable Appointed Chief Administrator, Mattheus Petrus Raket. The Honorable Disava, Diederich Thomas Fretz. The Honorable First Warehouse Master, Johannes Reintoux. The Honorable Secretary, Benedictus Lambertus van Zitter. The Honorable Trade Bookkeeper, Abraham Samlant. The Honorable Pay Bookkeeper, Gerrit Engel Holst. Absent due to indisposition: The Honorable Titular Lieutenant Colonel Joan Philip Christiaan Tilenius. The Honorable Fiscal, Mr. Johannes Adrianus Vollenhove. Friday, 4 September Anno 1789. The ordinary resolutions of 21 and 22 August last, and the secret resolutions of 21 and 23 of the said month, have been resumed and approved; whereof it is understood to keep this record. It was approved and resolved to purchase from the Captain of the ship the Zaansbloem, Roelof Pieter Neberg, twenty lasts of Javanese rice at eighty-five rixdollars per last, to be dispatched to Mannar and sold there to the community for the same price, burdened only with the charges of transport and administration. 1256. 4 September 1789. The First Visitor Berghuijs co-opted to revise the Secret Memorandum of retrenchment. Business concerning Trincomalee. Insertion of two reports regarding destroyed goods. Upon the proposal of the Honorable Governor, it was approved and resolved to co-opt the First Visitor Berghuijs as a fellow committee member, in order to revise the Secret Memorandum of retrenchment together with the committee members appointed for that purpose in the session of 21 August last. Alongside letters from Trincomalee dated 4 March and 29 April last, there being received two reports inserted below from appointed judicial members regarding the destruction of unserviceable weapons, ammunition, and equipment goods. To the Right Honorable Jacques Fabrice van Senden, Merchant and Chief here. Right Honorable Ruling Sir, In compliance with Your Honor's order, we the undersigned judicial members, as expressly appointed commissioners, have proceeded before the armory here, and have seen destroyed there by the master of the same, in the presence of the Fiscal, the 1257. 4 September 1789. subsequent unserviceable goods etc., as the same were remaining under his accountability under date the 16th of this month, to wit: 12 pieces cartridge formers 3 package boxes 1 small box 94 small bullet kegs 18 wheelbarrows 35 English cartridge pouches with black and red covers 5 wooden drum shells 30 native leather sword frogs 43 bayonet scabbards 44 musket slings leather pan covers 11 cutlass scabbards 31 cartridge pouches with straps in total 1 linen crossbelt 1442 white leather sword frogs 878 sword frogs of various sorts 1004 bayonet scabbards 231 leather pan covers 511 cutlass scabbards 506 cartridge pouches with straps in total 684 white crossbelts in total 283 wooden cartridge boxes 21 wooden drum hoops bundles of drum snares 9 ditto twine cords 8 ditto twine lines wooden casing musket slings 2 ditto chests 83 pieces drum skins 43 drumsticks 7 fife cases 7 cartridge pouch straps 1 wooden trumpet 1 whetstone 1 casting ladle tailor's shears punches pincers bench hammers copper drum shells ditto clearing needles ditto pass-throughs chisels boring bits drawknife 20 cartridge pouches with copper casings weighed and handed over for further accountability: 10 lb, 3333 pieces
Dutch transcription
1253. Den 2: 7ber 1789. Betluyt op de propotitie neur over de stoft koetjaar verpagting geschied aan deese regeering worden voorgedraagen of het nodig zij, dat de veranderin„ gen nog langer worden gekontinueert; dog ten belange van de pagt op de houtwerken deselve niet afteschapfen maar daar omtrend, na alvoo„ „rens van den Extra ordinair luijtenant Diede„ riks berigt te hebben gevordert, aan deeze Pro„ „geering van der bedienden konsideraatsien te dienen, of het niet buijten nadeel de noodige hout werken voor de kompenie te hebben, zoude kunnen aangaan, om het vry kappen van hout al was het ook maar in deeze of geene strecken, in de drie onder Trincond„ male sorteerende landschappen te verpagten op zulke kondiessien, dat dit zelfs zoude kunnen tot nut verstrekken tot 't aan„ „leggen van zulke gronden, die nu met zwaar bosch bewatsen zijn. Laatstelyk werd op de propotitie van den Heere van den Heer gouver„ gouverneur goedgevonden en verstaan om de post te koetjaar in steede van door een offi„ cier, tot nader last te laaten kommandeeren door een zergeant als post houder, en deese post acht the ig gedaan hoofden ver„ ing gestel„ N „ te r„ an e 1 te en ke ffen te 1254 Den 2: 7ber: 1789. te stellen onder den Extra ordinairen luijtenant Diederiks die daar van na mate van noodza„ „kelijkheid, en na dat de geleegentheid dat zal kunnen toelaaten, eenig volk zal moeten employeeren om dat te verdeelen op alle zulke plaatsen in het koetjaarsche, het Tample „ gamsche en het kattoekalompattoese, als hij zal dienstig agten ou de ingezeetenen te bevryden van den overlast der kassers en diergelijk gespuis, mits hij telkens als hij eenig volk verplaatst daar van kennes aan de bediendens te Trin„ konoonale zal moeten geeven. Aldus gedaan ende geresolveert in 't kasteel kolombo ten daage maand en Jaare voorsz: /:wat geteekend:/ W: J: van de graaff, M: P: Raket, J=s Reintous, M L: van Zitter„ A: Samlant vrijdag. 1255 retumtie en approbatie gemeene en secreete retol besluijt tot den inkoop van Javase rijst Den wel Edelen groot Achtb: heer gouverneur Willem Jacob van de Graaff. Den Heer g'Eligeerd gaals Commandeur Peter sluijtken Den E: g'Eligeerd Hoofdadministrateur Mattheus Petrus Braket, Den E: Dessave . . . . . . . . . . Diederich Thomas Fretz Den E: Eerste Pakhuysmeester Johannes Reintous Den E: secretaris - - - - - - - - Benedictus Lambertus van Zitter Den E: Negotie Broekhouder Abraham Samkant Absent mits in dispositie. Den E: titulair luijtenant hollonel Joan Philip Christaan Tilenius Den E: fiscaal - - - - M=r Johannes Adrianus vollenhove: Zijn geresumeerd en geapprobeerd de gemeene resolu„ van vier voorgaande zien van den 21: en 22 aug=s JZ:, en de sekreete resolu„ dezer vergadering tien van den 21: en 23: van gemelde maand: waar van verstaan is te houden deese aanteekening Is goed gevonden en verstaan, van den Capitein van 't schip de Zaansbroom Roelof, Pieter Ne„ berg, inte kopen twintig lasten Javatche rijst, tegens vijff en taggentig rijksdaal„ „ders t' last, om na Mannaar verzonden en aldaar aan de gemeente verkogt te worden; Den E: Zoldij Broekhouder - - - Gerrit Engel Holst Present. Vridag den 4=e September Ao 1789. k „ zal van d 17 ter„ „ voor 1256 Den 4: 7ber 1789. den Eersten vititateur de lecreete Meuwrie van menagie te revideeren Betoigne over Drie koudmale Jnsertie van twee rappor„ „de goederen. voor den zelfden prijs, alleen beswaard met de ongelden van 't transport en de administratie Op de propotitie van den heer Gouverneur, is vrerghuijs g'assumeerd om goed gevonden en verstaan, den eersten visi„ tateur Berghuijs te atsumeeren tot een mee„ „de gekommitteerde, om, met de tek sessie 70 van den 21: aug=s Jz: daar toe benoemde gecommitteerden, de sekreete Memorie van menagie te revideeren. Nevens Trinkonomaalsche brieven van den 4:=e ten wegens verkietig „ maart en 29: April VLeeden, ontvangen zinde twee hier onder g'intereerde rapporten van gecommitteerde Justitieele leeden, wegens de vernietiging van onbekwaame wapen armo„ „nitie en equipagie goederen. Wel Edele gebiedende Heer Ter naarkooming van uwe EEd: geb: bevel hebben wij on„ der geteekende Justitieele lieden als Expresse gekommitteerdens ons begeven voor de wassenkamer alhier en aldaar door den baas derselver ten overstaan van den fiscaal, zien vernietigen de Aan den wel Edelen gebiedende Heer Jacques Frebrice van senden koofman en opperhoofd alhier. onder - 1 6 1257 Den 4: 7ber 1789: gewogen en ter nader ondervolgende onbequaame goederen &=ra als deselve onder dato 16: deeser onder zijn verantwoording per restant zijn geweest teweeten. 12. P=s pattroo houtjes 3. „ pakkitten 1 „ _„o kasje 94. „ klijne kogel vaatjes 18 „ kruywaaten 35 „ Engelsche pattroos tatsen met zwarte en rood deksels. 5 „ houte trouwvaten 30 „ Jnlands leere portapees. 43 „ bajouet scheeden 44 „ kardon riemen „ . leere pandeksels. 11: „ houwer scheeden 31: „ pattroon tassen met riemen in't 1 „ linne bandeliers - witte leere portapeos. houte ommeslag kardon riemen. 1442 „ 878 „ portapees inzoorten 1004. „ bajouet scheeden 231. „ leere pandektels 511 „ houwer scheeden pattroon tassen met riemen in't 506 „ witte beendeliers in't 684 „ 283. „ houte pattroon kassen 21. „ houte tromhoepels. „ bosschen tromspanders. 9 - d=o twin snaaren 8. „. 1 „ 2: „ _„o kisten 83: p=s trom vellen trom stokken fluyters pijpen 7 „ pattroon tas riemen 1 „ houte trouweet 1 „ schuijfsteen 1 „ giet leefsel suijder schaar deurslagers. - Nijptang bankhemers kopere trouvaaten. _=o ruijn maalden _ — patser bitels iit boorijzers haalmes pattroon tassen met kopere kassen - 43 7 „ geeven 10: lb: verantwoording afge 3333. P te de 1 ve n 9: 9 _o — tioin lynen 7 „ 1 „ 3 „ 1 „ 2„ 2 „ 32„ 1„ 3. „ 8„ 1 „ 20 „ : baas de s
English
1258 The 4th of September 1789 3333 pieces of gunflints tied in a sack and delivered for shipment to Kolombo. Hoping hereby to have fulfilled our commission, we take the liberty to call ourselves, below stood, Right Honorable Sir, Your Right Honorable's humble and obedient servants, was signed: J. G. Deibert, J. Carstens, in the margin: Trinconomale the February 1789. In compliance with Your Right Honorable's honored order, we, the undersigned judicial officers, proceeded to the Company's ammunition house here, and there, through the lieutenant and head of artillery and equipage, the Honorable Jan Schreuder, in the presence of the Honorable Fiscal Joan George Stubbe, witnessed the destruction of the following unfit ammunition and equipage goods, namely: 5 pieces of gun carriages, namely: 1 piece of 24 lbs 1 piece of 18 lbs ramp 4 wheels, namely: 2 pieces of 18 lbs 1 piece of 18 lbs 3 pieces of 12 lbs 2 pieces of block wheels 1 mortar bed 2 wheels of the limbers 1 grand diable with its wheels 1 axle of the grand diable 20 sponges 137 pieces of round bar shot, etc. 35 pieces of long bar shot, etc. 5 pig's tails 10 steel cannon drills 100 unprimed grenade casings 1 large cross-sail 8 handspikes Ammunition goods. Right Honorable Commanding Sir! To the Right Honorable Commanding Sir Jacques Fabrice van Senden, Merchant and Head here. 8 pieces 2 pieces of 12 lbs 8 pieces 1259 The 4th of September 1789 Business concerning the Batavian letter. Resolution on the notification by the Honorable Gentlemen. 8 pieces of ramrods 177 paper cartridges 1 small chest Equipage Goods. 32 pieces of blocks in various sorts 13 tin hand lanterns 3 whole and half hour-glasses 2 sail plates 30 sail needles 7 gunny needles 12 tar brushes 70 sail and bolt-rope needles 1 coiled hawser 1 line of the jolly-boat 1 yard-sail 1 grapnel of 25 lbs 1 large flag from the Pagoda Hill 1 sail of the dhoney 1 jib of the boat De Suffren 1 large guard lantern 1 small hand lantern from the main guard. From which came off and was handed over to the overseer of the smiths, Barend van Gunster, for further accounting, 1297 lbs of scrap iron; the long bar shot being kept for making canister shot and the round bar shot for shipment to Kolombo. Herewith we have the honor, in the hope of having duly fulfilled our commission, to call ourselves with all respect, below stood: Right Honorable Commanding Sir, Your Right Honorable's obedient servants, was signed: J. G. Deibert and J. Carstens, in the margin: Trincomalee the April 1789, lower: in my presence, signed: J. G. Stubbe. After resumption thereof, it was approved to confirm the destruction carried out. The Honorable High Indian Government having communicated by letter of the 10th of July of the current year concerning the provisioning of the return ships, that they had decided henceforth in Batavia only to have the ships returning via Ceylon provisioned for the voyage to Ceylon, and to have the further supply for the voyage from here to the Netherlands made here: it was resolved to take this as guidance, and to instruct the Honorable Chief Administrator henceforth to have the ships arriving from Batavia to sail home, provisioned here for the voyage to the Netherlands. 1260 The 4th of September 1789 Resolution on the received report from the Honorable Titular Major Reimer on the remarks of the Honorable Major Paravicini regarding the projects for the improvement of the Kolombo fortifications. Furthermore, it was resolved to deliver the report received alongside the aforementioned letter from the Honorable Titular Major Reimer, concerning the remarks of the Honorable Major Paravicini di Capelli and Captain Tornbauer on some projects drafted by the said Honorable Reimer for the improvement of the Kolombo fortifications, into the hands of the aforementioned Honorable Paravicini, so that if His Honor has any remarks to make on it, he may do so. Thus done and resolved in the Castle of Kolombo on the day, month, and year aforesaid, was signed: W. J. van de Graaff, P. Sluijsken, M. B. Baket, D. T. Fretz, J. Reintous, B. L. van Zitter, and A. Camlant. 1261 Resolution taken in the Council of Ceylon, by circular inquiry. Communication from the Galle Commander Kraijenhoff regarding the defects of the ship Spaarne. Tuesday the 8th of December 1789. Absent: The Honorable Dessave Diderig Thomas Fretz The Honorable Titular Lieutenant Colonel Joan Philip Christiaan Tilenius The Honorable Pay Bookkeeper Gerrit Engel Holst. Upon the preliminary information given by the Honorable Galle Commander Kraijenhoff to the Governor, stating that Equipage Master Abo informed His Honor that there is so much to be done on the ship Spaarne that, in the judgment of the Equipage Master and Captain Stoete, it will not be able to depart before the turn of the southwest monsoon, and that even by putting and keeping all the working personnel in Galle to labor on it, it cannot be put in a state within a month's time to continue the voyage to Bengal; His Honor having requested and received regarding this matter the following written advice from Equipage Master Andringa: To
Dutch transcription
1258 Den 4 7ber 1789 3333: P=s vuursteenen en een zak gebonden en afgegeeven ter versen„ „ding naar kolombo. Hiermeede verhopende onse kommissie te hebben volbragt, ge„ bruijken de vrijheid tenoemen /:onderstond / wel Edele Heer, uwelEd: geb: onderdanige en gehoorsaame Dienaaren /:was getekend:/ J: g: Deibert, J=s Carstens /:in margine:/ Trinconoinale den februarij 1789. . Jn naarkooming van uwelEd: geh: g'eerde ordre hebben wij ondergeteekenden Justitieele lieden ons vervoegd voor sComp=s ammonitie huijs alhier, en aldaar door den luijte„ „nant en hoofd der arthilleaij en Equipagie DE: Jan schreu„ der, ten overstaan van den E: fiscaal Joan george stubbe, sien vernietigen de ondervolgende onbeq: ammonitie en Equi„ „pagie goederen; als: 5. P=s affuijten, als. 1. P=s â 24:- lb=s 1: P=s a: 18: lb=s ramp 4. „ wielen; als. 2. p=s â: 18: lb=s 1. „ „ 18: „ 3 „ „ 12: „ 2: P=s blokwielen 1: „ mortier stoel 2. „ wielen van de voorwagens. 1. „ grand diabel met dies wielen as van de grand diabel 1. „ 20 „ wissers 137: „ rond scherpen insz 35 „ - langscherffen _=o 5 „ varkenstaarten 10. „ staale kanon booren ongelabboreerde granaad buijten 100: „ 1. „ groote kruijtzeil handspaaken. Ammonitie goederen. wel Edele gebiedende Heer! Aan den wel Edelen gebiedende Heer Jacques Fabrice van senden, koopman en opperhoofd alhier. 8: P=s 2 „ „ 12 „ 8. „ d Le 1259. Den 4: 7ber 1789. Besoigne over de Bataviasche Brieff Besluijt op 't bedeelde De door H8: H: Edelheeden 8: p=s landstokken 177. „ papiere kardoesen 1. „ klijne kast. Equipagie Goederen. 32. P=s blokken in't 13. „ blikke handlanthaarns heele en halve uurglaaten 3. „ zijl plaaten 2 „ zijl naalden 30 „ goenij naalden 7. „ thier quasten 12 „ zijl en lijknaalden 70 „ 1 „ opgeslagen tros. _=o — lijn } van de gammel. 1„ 1 „ rhaa zijl -- 1 „ visdreg van 25: lb: 1 „ groote vlag van de pagrodsberg zijl van de thonij 1 „ kluijver van de bood de suffren groote wagtlanthaarn klyne handlanthaarn 5 van de hoofd wagt. waar van afgekoomen en aan den opsiender der smeeden Barend van Gunster, ter nader verantwoording overgege„ „ven is, 1297: lb: oud ijzer zijnde de langscharpen tot 't aan maaken van schrooten en de rondscharpen ter versending naar kolombo aangehouden. -- Hier meede hebben wij de Eere, in hoope van onse kommis„ „sie na behooren te hebben volbragt, ons met alle agting tenoemen /:onderstond:/ wel Edele gebiedende Heer uwe wel Edele geb: gehoorsaame Dienaarien /:was getee„ „kend :/ J: G: Debert en J: Carstens /:in margine:/ Trinkoudmale den April 1789. /:lager / ten mijnen overstaan /:geteekend:/ J: G: Stubbe. Js naa resumtie van deselven goedgevonden, de ge„ daane vernitiging te approbeeren. Edele Hoog Jndische Regeering, bij missive van nopens den hebben l Equi¬ chreu„ 1 „ 1 „ 1 „ - 7 1260 Den 4: 7ber 1789. van de retour scheepen Besluijt op 't ontvangen berigt van den E. Siteihaik Majoor Benner op de aanmerkingen van den E: de progakta, tot verde„ teking van kolombote vesting werken. nopens het proviandeeren den 10 Julij JZ:, bedeeld hebbende, dat hoogst desel„ „ve hadde beslooten, de over Ceilon retourneerende scheepen, voortaan te Batavia eenelyk te laaten provianden voor de reise na Ceilon, en de verdere verstrekking voor de reise van hier na Ne„ „derland, alhier te laaten doen: Is goedgevonden dit teneemen tot naricht, en den E: hoofd ad„ ministrateur aan te beveelen, om voortaan de scheepen, die van Batavia aankoomen om thuijs tevaaren, alhier te laaten proviandeeren voor de rijze na Nederland voorts is goedgevonden, om 't nevens voorschr: mis„ sive ontvangen bericht, van den E: tot: Majoor Majoor Parovi Cine ver Reimer, op de aanmerkingen van den E: Majoor Paravicini de Capelli en den Capitain Torn„ „bauer, over eenige door gem E: Reiner gemaakte projecten tot verbetering van de kolombosche ves„ „ting werken, te doen stellen in handen van voorm E: Paravicimi, om zoo zijn E: daar op iets aantemerken heeft, dat te kunnen doen. Aldus gedaan ende geresolveert in 't kasteel kolombo ten daage maand en Jaare voorsz: /:was getekend:/ w: J: van de Graaff, P: sluijsken, M B: Baket, D: T: Fretz: J: Rein„ „tous, B L van Zitter en A Camlant. Resolutie 1261 bedeeling van den heer gaals ch gezaghebber kraijenhoff, nopens de gebreeken aan 't schip spaarne. Dingsdag den 8: xber 1789. Abzent. Den E. detsewve. . . . . . . . . . - - Diderig Thomas Fretz, Den E: tit luijtenant kollonel - Joan Philip Christiaan Tilenius Den E. Zoldij Boekhouder - - - - Gerrit Engel Holst. Op 't door den E: gaalsch gezaghebber kraijen„ hoff, aan den heer gouverneur gedaane voorloo„ „pend onderrigt, dat de Equipagiemeester Abo zijn E: heeft berigt; dat aan het schip spaarne zoo veel te doen is, dat 't zelve, volgend 't oordeel van hem Equipagiemeester en kapitein stoete, niet zal kunnen verstrekken voor 't kenteren van de Z: W: moutson, en dat met al 't werks volk te gale daar aan ten arbeid te stellen en te houden, 't in geen maand tyds kan in staat gesteld worden, om de rijze na Bengale voort tezetten; door zijn Edele daar omtrend gevordert en ingekoomen zijnde 't ondervolgend schriftelijk advies van den Equipagiemeester Andringa Resolutie genoomen in Raade van Ceilon, bij rondvraage. Aan e„ „ or hein op
English
1262. The 8th of September 1789. To the Right Honorable, Highly Esteemed Lord Willem Jacob van de Graaff, Ordinary Councillor of the Dutch Indies, as well as Governor and Director of the Island of Ceylon with its dependencies. Right Honorable, Highly Esteemed, Highborn Lord, In accordance with Your Right Honorable's highly honored orders, I have set my thoughts on the written letter from the Galle Commander, Mr. Krayenhoff, to Your Right Honorable, reporting that the ship Spaarne, due to its numerous defects, would not be ready before the end of the western monsoon to depart for its designated destination, Bengal. Since it is of great importance to the Company that the ship, along with its specie, which is presumably intended for the return cargo, arrives there, the humble undersigned takes the liberty of briefly setting down his thoughts on paper for Your Right Honorable: that in his opinion, subject to the superior and wise judgment of Your Right Honorable, the ship Den Arend, which is designated to go from here to Europe and, to my knowledge, has not the least defect, should with all speed have the European cargo of the ship Spaarne, together with all its equipment, transferred onto it. I strongly flatter myself that if all hands are put to work, it would be able to depart before the end of this month; and if the west winds still blow briskly here, it would then get far enough windward of the Nicobar Islands or onto the Pegu coast, so that if the northeast winds should set in somewhat early, it could easily sail windward of Point Palmyras, and thus could be in Bengal before November. Wherewith I proceed. Lord! 1263 The 8th of September 1789. Deliberation and resolution thereon. Wherewith I hope to have complied with Your Right Honorable's orders. I have the honor to subscribe myself, with all true high esteem and respect, underneath was written Right Honorable, Highly Esteemed, Highborn Lord, Your Right Honorable's very humble and obedient servant, was signed O. Andringa, in the margin Colombo, the 8th of September 1789. Thereupon it was deliberated and taken into consideration that the Gentlemen Ministers in Bengal will be in great need of the silver brought out for that Directorate with the ship Het Spaarne, and that it may consequently have a significant impact on the Company's interests that the same be brought to Bengal as soon as possible; and it has therefore been approved and agreed to write to the officials at Galle: That they must order the Master of Equipment Abo, alongside the captains of the ships Het Spaarne and Den Arend, to take into consideration with one another whether the unloading of the ship Den Arend, and the transshipment into it of the cargo of the ship Spaarne, can take place so quickly that it can significantly advance the prompt transport 1264. continuation transport of the aforesaid silver and the further loading. That, in this case, this work must be started immediately, and that the crews of these ships must then be exchanged with one another, and consequently Captain Stoete, with all his officers and further subordinates, shall transfer to the ship Den Arend in order to depart therewith for Bengal, and Captain Kloppert, on the other hand, with all his officers and further subordinates, shall transfer to the ship Het Spaarne to return home therewith. That if this arrangement does not significantly advance the objective of having the silver promptly in Bengal, so that it is worth the effort to make this arrangement, the said officials must then make all possible haste with the repairs that the ship Het Spaarne requires to undertake the further voyage to Bengal; and that this must likewise take place if, upon receiving the report from the Master of Equipment and the aforementioned captains, they decide to employ the ship The 8th of August 1789. Den 1265 The 8th of September 1789. continuation Den Arend for the transport of the cargo of the ship Spaarne to Bengal. That the officials in both cases are hereby authorized to hire as many extraordinary laborers as are necessary to expedite the prompt voyage of the ship going to Bengal, and the preparation of the return ship, so that it can depart on the appointed sailing date. The elected Galle Commander Sluijsken and the elected Chief Administrator Raket are furthermore of the opinion that the ship departing for Bengal must not be dispatched unless it can leave the bay of Galle before the 25th of this month, and thus can still cross over before the end of this current month. Thus done and resolved in the Castle of Colombo on the day, month, and year aforesaid, was signed W. J. van de Graaff, P. Sluijsken, M. P. Raket, J. Reintous, B. L. van Zitter, A. Samlant, and J. A. Vollenhove. Thursday continuation continuation
Dutch transcription
1262. Den 8: xber. 1789. Aan den wel Edelen groot achtb Heer Willem Jacob van de graaff, raad ordinair van nederlands Jndia mitsg=s gouverneur en direkteur van het Eiland Ceilon met dies onderhoorigheeden. Wel Edele groot Achtb Hoog Geb: Jngevolge uwel Edele groot achtb: Hoog g'eerde or„ „ders heb ik mijn gedagten over den aangeschreevene brief van den gaalschen Commandeur den Heer krayenhoff aan uwel Edele groot achtb: inhoudende als dat het schip spaarne door zijn menigvuldige gebreken voor het einde van de w: mouton niet in geraedheid zoude zijn, om na zijn gedistineerde plaats Bengale te laaten Dewijl de maatschappij veel geleegen legt dat 't schip met desselfs Contante, die denkelijk voor de retour geschikt zijn aldaar arriveerd. zoo gebruijk de nedrige tekenaar, uwel Ed: groot achtb: kort zijn gedagten alhier op 't papier te stellen, dat 't sijnes dunkens onder hooge wijze gevoelens van uwel Ed: groot achtb: is om 't schip den Arend dat van hier na Europa is gedettineerd daar geen de minste gebree„ „ken volgens mijner weeten aan zijn, desselfs met alle spoed de Ewirpische lading van 't schip spaarne met alle desselfs Equipagie op over scheepe. Jk vlat„ „teer mij sterk dat wanneer alle handen aan 't werk werd geslagen. nog voor 't eijnde van deese maand zoude konnen vertrekken, en wanneer de W: winde nog hier stijf door waaije. hij als dan wel zoo ver mede boven de Nequibaritsen off aan de Pegutcha wal zoude geraken, wanneer de N: O: winden wat vroeg quam door te vallen gerust boven de punt Pal„ wernd konde zijlen dus nog voor November in Bengale konde zijn. waarmeede gaean. Heer! 1263 Den 8: 7ber 1789. Deliberatie en be„ sluijt daarop. waarmeede ik verhoope aan uwel Edele groot agtb: orders te zullen hebbe voldaan. Ik heb de eer mij net alle waare Hoog agting en respect mij te teekene /:onderstond/ welEdele groot achtb: Hoog geb: Heer, uwel Ed: groot achtb. zeer onderdaa„ „nige en gehoorzaame Dienaar /:was geteekend / O: An„ „dringa /:inmargine:/ kolombo den 8: 7ber 1789. Is daar op gedelibereerd en in achting genoomen, dat de Heeren Ministers in Bengale om 't zilver, 't welk met het schip 't spaarne voor die directie is uijtgebragt, zeer verlegen zullen zijn, en dat 't mitsdien op de intressen van de Comp:s een merkelijke invloed hebben kan, dat 't zelve hoe eer zoo beter in Bengale word aangebragt: en is derhalven goedgevonden en verstaan, den bedienden te gale aante schrij„ „ven. Dat ze den Equipagiemeester Abo , nevens de Capiteins van de scheepen 't spaarne en den Arend, moetende belasten, om met mal„ kanderen in overweeging te neemen, of 't ont„ lossen van 't schip den Arend, en daar in we„ „derom overscheepen van de laading van 't schip spaarne, zoo spoedig geschieden kan, dat 't merkelijk kan bevorderen de spoedige overbrenging ƒ 1264. vervoeg overbrenging van het voorsz zilver in de ver„ „dere inlaading Dat in dit geval met dit werk aanstonds moet worden begonnen, en dat dan de Equipa„ gies deezer scheepen tegens malkanderen moeten worden verwisseld, en mits dien de kapitein stoete met alle zyne officieren en verdere onder„ hebbende, overgaan op 't schip den Arend, om daarmeede te vertrekken na Bengale, en den ka„ pitain kloppert daar en teegen, met alle zijne officieren en verdere onderhebbende, overgaan op 't schip 't spaarne, om daar meede te repatriee„ ren Dat zoo deeze schikking 't oogmerk, om 't zilver spoedig in Bengale te hebben, niet mer„ „kelijk bevorderen van, dat 't der moeijte waardig zij deese schikking te maaken, zij bedienden dan met de reparatien, die 't schip 't spaarne nodig heeft, om de verdere voortwijze na Ben„ „gale aan te treeden, alle mogelijke spoed moeten doen maaken; en dat dit insgelyks moet geschieden, indien ze, op 't ontvangen be„ rigt van den Equipagiemeester en de voor„ „noemde Capeteins, besluijten, op 't schip Den 8: aug=s 1789. — den 1265 Den 8: xber 1789. vervolg den Arend te employjeeren tot de overbrenging van de laading van 't schip spaarne na Bengale Dat de bedienden in bide gevallen door deesen wor„ „den gequalificeerd, om zoo veel Extra ordinair volk in dienst te neemen, als noodig is om te bevorderen de spoedige rijze van 't schip, dat na Bengale gaat, en 't in staat brengen van 't retour schip, op dat 't op de bepaalde zijldag vertrekken kan. zijnde de heer g'eligeerd gaals Commandeur sluijsken en DE: g'Eligeerd hoofd administrateur Raket, daar bij nog van gevoelen, dat 't schip, 't welk na Bengale ver„ trekt, niet moet worden gedepecheerd, dan wanneer 't zelve voor den 25: deeser de baaij van gale kan verlaaten, en dus voor 't uijt einde van deese loopende maand nog kan oversteeken. Aldus gedaan ende geresolveert in het kasteel- kolombo ten daage maand en Jaare voorsz /:was geteekend /. W: J: van de graaff, P: sluijsken, M: P: Raket, J=s Reintous, B: L: van Zitter, A: samlant en J: A: vollenhove. Donderdag ver ver„
English
1266 Note of the opening of the letter packet brought from the Netherlands by the ship Trinkonomale. The Honorable, highly respected Governor Willem Jacob van de Graaff The Honorable elected Commander Peter Sluijsken The Honorable elected Head Administrator Mattheus Petrus Raket The Honorable Dessave Diederich Thomas Fretz The Honorable First Warehouse Master Johannes Reintous The Honorable Secretary Benedictus Lambertus van Zitter The Honorable Trade Bookkeeper Abraham Samlant The Honorable Fiscal Mr. Johannes Adrianus Vollenhove Absent: The Honorable Lieutenant Colonel Joan Philip Christiaan Tilenius The Honorable Pay Bookkeeper Gerrit Engel Holst Thursday the 10th of September 1789. Present. There were opened in the council the following letter packets brought from the Netherlands by the ship Trinkonomale, namely: A missive from the Gentlemen Directors delegated to secret affairs, dated 13 November 1788. A missive from the Gentlemen Directors of the presiding chamber Amsterdam, dated 19 September 1788. A secret missive from the Gentlemen Directors of the chamber Amsterdam, dated 24 November 1788. A missive from the Gentlemen Seventeen, dated Amsterdam 31 December 1788. Nothing in disposition. 1267 The 10th of September 1789. A missive from the Gentlemen Directors of the chamber Delft, dated 29 October 1788. A missive from the Gentlemen Directors of the chamber Rotterdam, dated 2 December 1788, and A missive from the Gentlemen Directors of the chamber Zeeland, dated 21 August 1788, with the enclosures belonging thereto. Whereof it is understood to keep this note. Thus done and resolved in the Castle of Colombo, on the day, month, and year aforesaid. Was signed: W. J. van de Graaff, P. Sluijsken, M. P. Raket, D. T. Fretz, Js. Reintous, B. L. van Zitter, A. Samlant, J. A. Vollenhove. Resolution 1789 1268 Resumption of a finding of the cargo delivered from the ship 't Slot ter Hooge, both here and at Tuticorin, of which the dispositions are recorded in the margin of each entry. Margin: It has been approved to validate to the ship officers these 1506 lb. of powdered sugar accounted for as deficit, as constituting the ullage of 3 percent allowed by regulation, and consequently to have 1458 1/4 lb. thereof written off here, and to have 47 3/4 lb. charged to Tuticorin to be likewise written off there. The Honorable elected Commander Peter Sluysken The Honorable Dessave Diederich Thomas Fretz The Honorable Pay Bookkeeper Gerrit Engel Holst The finding inserted below having been resumed by circular regarding the Batavian cargo delivered here and at Tuticorin from the ship 't Slot ter Hooge, it has been disposed thereupon as is noted below beside each article. Finding on the delivered cargo of the ship 't Slot ter Hooge coming from Batavia. In the Trade Warehouse Powdered Sugar According to bill of lading and invoice, 122 canassers with 54282 lb. gross and the tare specified below, weighed and received to satisfaction; to wit: 50 canassers weighing gross 21650 lb., of tare 32 lb. each canasser: lb. 20050 40 canassers weighing gross 17554 lb., of tare 33 lb. each canasser: lb. 16234 32 canassers weighing gross 15078 lb., of tare 36 lb. each canasser: lb. 13976 Total net: lb. 50260 Annexed report letter A: delivered here 118 canassers with gross 51231 lb., and having deducted the tare from this, there remains for the net: lb. 47159 Voucher from the administrator Van der Wall, letter B: unloaded at Tuticorin 4 canassers with gross 1665 lb. at 30 lb. tare calculated per canasser, deducted remains for net: lb. 1545 Total delivered net: lb. 48704 This shortage does not differ much from that allowed by regulation, thus to write off this ullage, after deduction of 47 3/4 lb., which regarding the parcel delivered at Tuticorin, together with the quantity retained there, must be charged thither. Surplus: - Deficit: lb. 1506 Percent: 3 - 1 Saturday the 13th of September 1789. Absent. Resolution taken in the Council of Ceylon, by circular inquiry.
Dutch transcription
1266 aanteekening van het openen van het brief paket met 't schep Trin„ „krouomale uijt Nederl: aangebragt Den wel Edelen groot achtb Heer Gouverneur Willem Jacob van de Graaff Den Heer g' Eligeerd geals Commandeur Peter Sluijs ken Den E: g'ligeerd Hoofdadministrateur Mattheus Petrus Raket Den E: Detsave Diederich Thomas Fretz Den E Eerste Pakhuijsmeester - - Johannes Reintous, Den 8: sekretaris - - - - - - - Benedictus Lambertus van Zitter„ Den E: Negotie boekhouder - - - - Abraham samlant, Den E. pikcaal - - - - - - _ _ _ M=r Johannes Adrianus vollenhove Absent Zijn ter vergadering g'opend de volgende brieff Paketten, met 't schip Trinkonomale uijt No„ der land aangebragt, naamelijk: Een missive van de Heeren gecommitteerde Beurin hebberen tot de sekreete zaaken, van den 13: 9ber: 1780 Een missive van de heeren Bewindhebberen ter pretidiaale kamer Amsterdam van den 19: 7ber 1788: Een sekreete missive van de heeren Bewindhebberen ter kaamer Amsterdam van den 24: 9ber 1788: Een missive van de Heeren XVII, ged=t Amsterdam den 31: xber 1788. niets in dispositie. Den E: luijtenant Kollanel - . . Joan Philip Christiaan Tilenius Den E: Zoldij Boekhouder - - - Gerrit Engel Holst Dooderdag den 10: September 1789 Present Eene E 1267. Den 10: 7ber 1789. Eene missive van de Heeren Bewindhebberen ter kamer Delft, van den 29: 8ber 1788. Eene missive van de Heeren Bewindhebberen ter kamer Rotterdam, van den 2: xber 1788. en Eene missive van de Heeren Bewindhebberen ter kamer Zeeland van den 21: aug=s 1788. met de bijlaagen daar toe gehoorende. waar van verstaan is te houden dees aantekening Aldus gedaan ende geresolveert in 't kasteel kolomb, ten daage maand en Jaare voorsz /:was geteekend:/ W: J: van de graaff; P: sluijsken, M: P: Raket, D: F: Frettz, J=s Reintous, B L: van Zitter, A: Samlant, I: A: vollenhove. - Resolutie 789 1268 resumtie van een bevin„ „ding der uijtgeleeverde hier als te Tutukorijn hooge waarvan de dispo„ „sitien in marginee van 54: Is goedgevonden deese minder verantwoorde 1506: lb. poeder zuijker aan de scheepsoverheeden te valideeren, als uytmakende de bij reglement g'accordeerde spillagie van B: P„rC, en mits dien daar van alhier telaaten afschrijven 1458: ¼: lb:, en na Tutu„ koryn telaaten aanreekenen 47¾ lb om insgeliks aldaar afgeschreeven teworden. Den Heer g'Eligeerd gaals Commandeur Peter Sluysken Den E: dessave - - - - - - - - - - Diederich Thomas Fretz Den E: Zoldij Vroekhouder - - - Gerrit Engel Holst. Door rondsending geresumeert zijnde de hier onder lading van het schip zoo g' insereerde Bevinding, van de alhier en te Iuli„ van het schip 't slot ter koryn uytgeleverde Bataviasche laading, van 't elke post geschied is. schip 't slot ter hooge: Js daar op zodaanig gedisponeerd, als hier onder beziden elk articul staat aangeteekend. - Bevinding op de uijtgeleeverde lading van het schip 'T slot ter Hooga komende van Batavia. In 't Negootsie Pakhuijs Poeder Zuijker volgens hognotsement faktuur in 122. kanatsers met 54282: lb: bruto en de hier onder gespecificeerd tarra ten genoegen toegewoogen en ontvangen; teweeten 50: kanassers weeg: bt=a 21650: lb: van C=o 32: lb: ider k. . . lb: 20050. –. „ „ 17554: lb: van 4=a 33 lb: 40. „ 16234: ider t. 32 - - - „ - - „ „ 15078 lb van d=o 36: lb: ider 1: . . . „ 13976 — lb 50210. g'ennexeerd rastort L=ra A alhier geleverd 118 kannassers met 6 b=m 51231: en hier van d=o afgetrokken zijnde zoo -lb 47159 resteerd voor 't Notto - -- Bewijs van den administrateur van der wal„ L=ra B: te Tutukorijn gelegt 4: kanassers met b=to 1665: lb â 30 lb: tarra P=m kanassers gerekent, afgetrokken rest voor Netto - - - „ 1545 „ 40704 — Deese minderheid verschied niet veel van 't geaccordeerde bij reglement, dus deese spillagie afteschrijven, na aftrek van 47¼. lb: welke de te titukorijn geleverde parthij betreffende met de aldaar aangehoudene naar der„ waards moet aangerekend worden. meerder minder PrC=t „ 1506:— Zaturdag den 13: September 1789 Absent Resolutie genoomen in Raade van Ceilon, bij rondvraage. 70 op 6 ho sta gev 3 - 1.
English
The 13th of September 1789 52. It was agreed to validate for the authorities in similar manner: Rice according to invoice 375 kojangs of 300 lbs, making 120000 lbs according to report Letter C delivered in good condition - - 160711 lbs - Net and mixed with lumps and also with good rice - - - - 1789 lbs — 1162500 lbs - This ullage amounts to the 100 lbs that are permitted per kojang by regulation. The wet rice which was found salable and at public auction fetched an amount of 33 3/4 rixdollars, thus barely yielding a profit of 98 per cent, should for the said reason be passed; the captain having certified with his signature at the foot of the spoilage report that the spoilage was caused to the said small quantity by leakage against the ship's side; according to bill of lading and invoice, 20 casks per the ship Het Zee-paard of Amsterdam for Ceylon, brought to Batavia on freight and sent hither with this vessel, all marked as Anker beer, namely: of 3 inches ullage, 2 casks; Roskammer beer, namely: of 5 inches ullage, 1 cask; empty - - - 1 cask; of 15 inches ullage, 1 cask; Hooybergs beer, namely: of 4 inches ullage, [illegible] casks; of 10 inches ullage; of 8 inches ullage, 2 casks; of 12 inches ullage, 1 cask; of 18 inches ullage, 2 casks; empty - - - - - casks; according to Letter D, 14 casks delivered, marked C. B., of which upon arrival worm-holes were found, namely: It was taken into consideration that on beers brought out on freight, hitherto no ullage has been calculated here, nor have the authorities been charged to compensate for what they delivered short beyond the ullage determined by regulation; and it was therefore approved and agreed to have the 14 casks of beer mentioned here adjacent delivered as they arrived to the holders of the same, and to have the 6 casks which the ship's authorities have proven to have delivered at Batavia charged back thither; and it was furthermore agreed to give notice of the condition of the casks delivered here to the Right Honorable High Indian Government, and most respectfully to request instructions as to how one should act in future in similar cases, answering 37500 lbs of rice, also calculating the permitted ullage of 100 lbs per kojang, and consequently to have the same written off the books, as well as the 1789 lbs of rice that became wet and was sold with profit, the [illegible] delivered by them short In the dispensary. act Anker 0 8 the 19 [illegible] the per cent 1. of 13 inches ullage, 2 casks. 7 inches ullage, 2 casks of 5 inches ullage, 2 casks. of 4 inches ullage, [illegible] 6 6 — 1. 8 casks 20 Beer [illegible] 53. 37508 3 1/8. 8 More: Less: Per Cent 4 1269 1270 The 13th of September 1789 act, especially when the holders of beers arriving on freight should complain about the great ullage or emptiness of the casks. Roskammer beer, namely: of 14 1/2 inches ullage, sour, 1 cask; of 14 inches ullage, [illegible], 1 cask; empty. of 19 inches ullage, [illegible], 1 cask; empty - - - - - - - 2 casks; Hooybergs, namely: of 17 1/2 inches ullage, sour, 1 cask; of 9 inches ullage, flat, 1 cask; of 4 1/2 inches ullage, good in taste - 1 cask; 4 casks; 14 thus delivered short: Anker beer: 1 cask; Roskammer ditto: 1 cask; empty - - - - - - - casks; Hooijbergs ditto: 4 casks; The captain has, with respect to the said 6 casks delivered short, submitted a Batavian order Letter E, certifying that 6 casks of Anker beer were discharged there to be received by George Fredrik Winkelmans and Jacobus Prins upon their trusted receipts; thus differing only in the names of the brewery with our findings. But of the one empty cask that was delivered in excess, the captain states at the foot of the report that it originated because the cask was received with an extraordinary ullage, namely of 18 inches. The ship's officers also declare by statement Letter F that the 14 pipes brought hither had lain stowed on board during the voyage on good dunnage, and the greater ullage must have arisen due to the poor condition of these casks, which upon inspection were found to be full of worm-holes. All this the undersigned brings to the knowledge of Your Honorable and Mighty Excellencies in reverence, whether it might most please the same also as remainder of the the to have [illegible] care [illegible] of the [illegible] here sloop resolution [illegible] that as brevity happened there [illegible] further [illegible] aforesaid [illegible] to order [illegible] the 1st delivered hoops goods sides to buy, [illegible] taste, 1 cask; of 4 1/2 inches ullage, good in Anker beer, namely: of [illegible] inches ullage, flat, 1 cask; of 15 inches ullage, sour, 1 cask; of 13 1/2 inches ullage, [illegible], 1 cask; 1 5 for 6 Company the 2 more less Pipes [illegible] goods [illegible] [illegible] to the is also head 2 tin
Dutch transcription
Den 13: 7ber 1789 52. Is verstaan den overheeden in „gelijker voegen te valideeren Rist volgens paktuur 375: kojangs van 300: l: der lb 120000 „ rapport L=ra C: geleverd aan goede - - lb 160711 - „ Netto en met klon„ ten en ook met goede rijst ver„ mengt - - - - „ 1789: — „ 1162500 – Deese spillagie bedraagd de 100 lb:, die voor elk kojang bij reglement vergund zijn. De natte rijst die verkoopbaar is bevonden en bij oftenlyk vendielzien een bedraagen van rd=s 33: ¾: heeft opge„ worpen; dus eene winst van 98: P:r C=t schaars gee„ vende, diend men om gemelde rede te passeeren; hebbende de paptein onder aan den voet van 't zederf rapport door zijne handtekening ver zekerd dat het bederf aan gem: kleine Jurantityd van de lekkasie tegens boord veroorzaakt zin volgens kognotsement faktuur 20: vaaten Pr 't schip het Zee-paard van Amsterdam voor Ceilon op vragt te Batavia aangebragt en met deezen bodem herwaards gezonden alle gemerkt als Anker bier; teweeten: van 3: d=m vaaten 2: Rotkammer bier; als van 5: d=m wan vaaten 1. ledig - - - „ 1: „ 15 „ „ „ 1. Hooybergs bier; als van 4. d=m wan vaaten „ 10 „ „ 8. „ „ „ 2. „ 12. „ „ „ 1. „ 18 „ „ „ 2. leedig - - - - „ - „ volgens L=ra D: geleeverd 14: vaaten gem=t C: B: v: welken bij aan„ breng niet worm gaaten bevonden zijn, teweeten Js in agtirg genoomen, dat op bieren, die op vragt worden, uijtgebragt, tot nog toe alhier geene spil„ „lagie berekend, nog ook den overheeden ter vergoeding op„ „gelegd is, 't geen ze boven de bij reglement bepaalde spil „lagie minder hebben, uijtge„ „leverd; en is derhalven goed„ gevonden en verstaan, om de hier bezijden vermelde 14: vaaten bier, zodaanig als ze zijn aangebragt te laaten afgeeven aan de houdert der zelven, en de 6: vaaten, die de scheeps overheeden hebben beweesen, te Batavia afgegeeven te „hebben; derwaarts te laaten terug reekenen; en is wijders verstaan, van de gesteldheid van de alhier geleverde vaten kennis te geeven aan de Edele hooge Jndische regeering, en kogst der„ „selver onder te verzoeken hoedanig men voor den aan„ staande in diergelijke gevallen zal moeten antwoorde 37500: lb: ryff als meede berekenende de toe„ gestaane spillagie van 100: lb: P=m Kojang, en mitsdien dezelve, zoo wel, als de nat gewordene en niet winst verkogte 1789 lb: ryst, bij de boeken te laaten afschrijven de door hun winder ver„ Jn 't dispens. handelen Anker 0 8 't 19 ng de Ct 1. „ 13 „ „. „ 2. 7. „ „ „ 2 „ 5 „ - „ 2. „ 4 „ - - „ 6 6 — „ „ 1. 8v: 20 Kier P 53. „37508 3 1/8. 8 Meerd: Mind: Pr Cto 4 1269 1270 Den 13: 7ber 1789 handelen, inzonder heid wanneer de hort ders der op vragt uyt koomende bieren, over de groote wannigheid of ledigheid der fusten mogten klagen. Roskammer bier namentlijk van 14½: d=m wan zuur v: 1. „ 14 —. „ „ _o „ 1. leedig. „ 19 — „ „ _=o „ 1. leedig - - - - - - - . „ 2. Hooybergs; als: van 17½. d=m wan zuur, v: 1. „ 9. —. „ „ flaauw „ 1. „ 4½. „ „ goed van Smark - „ 1 4 = „ 14 dus minder gelevert Aeker bier. v 1: roskammer d=o „ 1. leedig - - - - - - „ -„ Hooijbergs d=o „ 4: — — De kaptein heeft, ten opzigte van gemelde minder uijtgeleeverde 6: vaaten, ingediend een Bataviasche ordonnantie L=ra E:, aikteerende van 6: vaaten anker bier, als aldaar ontscheept te zin, om door george fredrik winkelmans en Ja„ cobus Prins op hunne vertroude bewijzen ontvan„ gen teworden; dus verschillende slegts de naamen der brouwerij met onse bevinding. Doch van't een leedige, dat meerder geleverd is. zegd de kaptein aan den voet van 't rapport, herkomstig te zijn, door dat het vat met eene buijten gemeene wannigheid teweeten van 18: d=m ontvangen is. ook betuijgen de scheeps-officieren bij verklaring L=ra F:, dat de alhier aangebragte 14: pijpsen aan boord geduurende de rijze op goede garneerings gestuwd gelegen hadden en de meerdere wannigheid moeste ontstaan zijn wegens de slechte gesteldheid dier fusten, die naar bevinding vol niet woren„ „gaaten bevonden zijn. Het een met 't ander brengt de ondergetek: ter kennisse van uwelEdelen groot achtb: in eerbied, of het hoogst denselven mogte behaagen ook al als res van de de telaaten der ter zorgen „gen als van de alhier Sloe resoluti VZ: dat Zoo Korthe :geschied daar „gen voorts „menzij voorsz deran beveelen leen de „den 1: „verde banden goederen zijden kopen, Rot smaak v:o 1: „ 4½ „ „ goed van Anker bier; als van van d=m wan flaauw v: 1: „ 15 — „ „ Zuuir „ 1. „ 13½ „ „ „ „ 1. „1 5 voor 6 Com de 2 meerder minder Pij J1 goe „ren ten „reeren ter ve is teven hoofd 2: blik
English
1271 The 13th of September 1789. It is understood that the matter mentioned here alongside regarding the death of the convict Bappa Rochman shall be taken for communication. Letter K: see report Letter K: In the Materials House 6 convicts named Nijo Tjianko, Jan Tjicat, Tjoe Jieuwko, Jan Soeijko or Cang, Thee Kapok Chinese, and Kantong free native, see report Letter T: instead of 7 who are recorded in the copy of the Batavian list Letter Q in the following manner: Nijo Tjianko, Nijo Jinko, Tjoa Tieuwko, Tan Soeijko or Beng, Thee Kapok Chinese, Bappa Rachman, and Kantong free natives, thus 1 named Bappa Rachman, free native, less; of whom the declaration Letter 18 states that the same passed away during the voyage under date 31 July 1789. This serves for the esteemed consideration of Your Right Honourable. From the requirement or from the stores of the ship In the blacksmiths' and coopers' workshops. It has been approved to cause the unserviceable goods mentioned here alongside to be sold publicly, and to have the repairable goods repaired without delay, but to charge the shortfall of 9 whole leaguer hoop bands to the ship's officers for compensation; and it is likewise understood to order the Honourable Chief Administrator henceforth to have not only the cooperage, but also all other goods brought ashore from the ships as requiring repair, repaired without delay and returned on board, in the same manner as that which, with regard to similar goods from the sloops belonging here, was ordered by resolution of 16 May last, with instructions also that, if this cannot sometimes be done due to shortness of time, an indication thereof shall then be made in the survey findings. Furthermore, it being taken into consideration that among the aforesaid unserviceable goods are found, among others, 1 copper megaphone, 2 tin megaphones, and 1 whole leaguer, 1 half leaguer, 6 iron bolt locks; thereof 5 repairable, 1 unserviceable, having been in use for 1½ years 7 iron padlocks; thereof 3 repairable, 4 unserviceable, having been in use for 3 months 1 tackle hook with 2 thimbles, 1 unserviceable, as above 1 copper candlestick, ditto pantry lamp, repairable 1 tin ditto megaphone, 1 unserviceable, having been in use for 3 months 34 whole leaguers, 14 half ditto, 2 wooden buckets, 1 iron hammer, 6 repairable 1 copper lip of a bucket, unserviceable ditto 2 locks of a tool chest, repairable 1 cold chisel, 1 punch, 2 unserviceable, having been in use for 1½ years 13 whole leaguers with 121 hoop bands instead of 130 ditto, thus 9 less; as: 12 pieces repairable, 1 unserviceable, having been in use for 3 months 2 scrapers please also have a report thereof made to the High Indian Government. And meanwhile these 14 pipes can be delivered here to their owners. See report Letter L: paragraph 4. paragraph 5. 3 ditto 1272. The 13th of September 1789. Monday which have been in use no longer than 3 months; and that no reasonable ground can be presumed that, barring some accident, they could have become unserviceable in so short a time: It is approved and understood to order the Honourable Chief Administrator in the future, in similar cases, to inquire into the causes whereby such goods have become unserviceable; and to make an indication thereof in the survey findings, in the same manner as was prescribed by resolution of 7 July regarding the goods in the administrations that happen to become unserviceable in less time than it can reasonably be assumed they might have served. 1 half leaguer, repairable In the Rigging Warehouse 3 fathoms Dutch heavy rope, unserviceable as old rope, being the remainder of the lost ropes mentioned in the sworn declaration, see report Letter M: ditto cable rope It is understood to have this unserviceable cordage, according to the decree of the resolution of 21 June 1782, cut into three equal pieces in the presence of a Judicial Commission, and subsequently to have it employed for such use as it shall be found necessary and suitable. paragraph 6: To credit the expense account with all these goods; of which the unserviceable ones, except for the 121 fathoms of Dutch rope which is still good for ship work, shall be sold publicly for the prevailing price, with the proceeds obtained. Finally, in order that the indications ordered hereabove may be carried out with greater clarity, it is approved and understood to further order the Honourable Chief Administrator hereby to execute the orders given by resolutions of 3 March 1785 and 30 October 1787, namely to have recorded in a separate column in the survey findings whatever the ship's officers might put forward in their defence concerning shortfalls, and to have them sign for it; and if the survey findings cannot be prepared in time to hear the ship's officers on the matter, then to do so successively as the reports of the committee members come in. Colombo, the 12th of September 1789. signed: P: Sluijtken in the margin Recalculated signed: W: A: Berghuijs. Thus done and resolved in the Castle of Colombo on the day, month, and year aforesaid. signed: W: J: van de Graaff, M: C: Raket, J: E: C: Tilenus, J: Reintous, B: L: van Zitter, A: Samlant, J: A: Vollenhove
Dutch transcription
1271 Den 13: 7ber 1789. Is verstaan 't hier be„ zijden verneelde; nopens 't overlijden van den ge„ Condemneerden Bappa Rochman, teneemen voor Communicatie. L=ra K: port vide rap Jn 't Materiaal Huijs 6. stuks: gekondemneerdens genoemd Nijo Tjianko, Jan Tjicat, Tjoe jieuwko, Jan Soeijko of Cang, Thee kapok sineeten en kantong vrije Jnlander vide rapport L=a T: in steede van 7: die bij Copia Bataviasche bijst L=ra q: ver„ „meld staan in volgender voegen Nijo Tjianko, Nijo Jinko Tjoa Tieuwko, Tan soeijko of beng, Thee kapok sineeten Bappa Rachman en kantong vrije inlanders, dus 1: gen=t Bapper Rachman vrij inlander minder: van welken de verklaring L=a 18: zegt dat dezelve onder dato 31 Julij 1789 op de reise overleeden is. -. Dit dient ter g'eerde speculatie van uwel Edelen groot Achtb: uyt de behoefte of uijt den voorraad van 't schip Jn de smits en kuijpers winkels. Is goedgevonden de hier be„ 6 P:s ijzere grendel slooten; daar van - - - - - - - - - - - - - zijden verm: onbekwaame 5 reparabel goederen publicq te laaten ver„ 1. onbeq:, sedert 1½: Jaar in gebruijk geweest kopen, en de reparable goede„ 1. „ ijzere hangslooten; daar van „ren ten eersten telaaten repa„ „reëren, doch de minder gele„ „verde 9 p=s heele leggers hoep„ 3 reparabel. banden, den scheeps overheeden 4. oubeq sedert 3: maanden in gebruijk geweest ter vergoeding op te leggen; en is tevens verstaan den E: 1 „ takel haak met 2 kousen hoofdadministrateur aante„ 1 onbeq: ad jdem beveelen, om voortaan niet al„ leen de vaatwerken, maar ook alle andere goederen, die kopere kandelaar _=o bottelies pemp's reparabel als reparatie vereisschende van de scheepen worden aan do roeper de wal gebragt, ten eersten 1 „ blikke L=o 1 onbeq: sedert 3: m: in gebruijk geweest te laaten repareeren en we„ der terug aan boor be„ heele leggers. zorgen, even en indiervoe„ 34 „ halve d=o „gen als dat, ten aanzien 14 Greparabel. van diergelyke goederen van 2„ houte kitten. de alhier te huishoorende. 1 „ ijzere hamer sloepen, is aanbevoolen bij 1 „ kopere lip van een kit onbeq: _o resolutie van den 16: Maij VZ:, met last teffens, om 2„. slooten van gereetschaps kist, reparabel. zoo dat som tijds mits koubytels 1. „ deurslag 7 onbeq sedert, 1½: Jaar in gebruik geweest kortheid des tijds, niet 13 „ heele leggers met 121: hoepbunden insteede van. geschieden ken, als dan daar van bij de bevindin„ 130 d=o dus 9: minder; als: „gen aanwijzing te doen. 12: p=s repeirabel voorts in achting genoo„ 1 „ onbeq: sedert. 3. /m: in gebruijk geweest „men zijnde, dat onder de voorsz onbeq: goederen, on„ der anderen worden gevou„ „den 1: kopere roeper, 2: blikke roepers en 1 heele Schrafters - - - - - - 2 „ 1 „ 3 „ „ behaagen hier van den Hooge Jndische Regeering meede verslag te laaten doen. En onderwijl konnen deeze 14: pijpsen aan dier Eijgenaars alhier afgegeeven worden. vide rap port L=ra L: legger, 1 halve §4. 55. 3 „ _o 1272. Den 13: 7ber 1789. gebruijk geweest; en dat men geen dragelyke reeden kan onderstellen, dat ze buijten eenig toeval, in dan 3: maanden zijn in zoo korten tid, hadde kunnen onbequaam worden: Is goedgevonden en verstaan den E: hoofdadmi„ instrateur aante beveelen, om in den aanstaande, in diergelijke gevallen, zich te informeeren na de oansaaken, waar door zodaanige goederen onbequaam zijn geworden; en daar van aanwijsing te doen bij de bevinding, even en in diervoegen, als dat bij resolutie van den 7: Julij is voorgeschreeven, nopens de goederen, die in de administratien in een minder tijd, dan men met reeden onderstellen kan dat ze konden gediend hebben, onbequam komen te worden. legger, die niet langer 1. halve ligger, reparabel, In 't Equipagie Pakhuijs Js verstaan dit onbeq: 3. V hollands swaare touw onbeq tot oud touw zynde 't restand van de §6: verlozene truwen die bij b'edigde verk=t verm: _o kabeltouw staan, , vide raport L=a M: touwerk, volgens het 10 De onkost reekening met alle deese goederen te bevoordeelen; gearresteerde bij retol: waar van de onbequaame uijtgenoomen de 121: vaders hollands van den 21: Junij 1782:, touw, dat tot scheepswerk nog goed is, voor het geldende open„ ten overstaan van eene Justitieele Commissie, in drie eguaale stukken te laaten kassen, en vervol„ gens tedoen emploijeeren, tot zodaanig gebruijk, als waartoe het noodig in dienttig zal worden bevonden Eindelijk is goed gevonden en verstaan, op dat de hier vooren aanbevoolene aanwijsingen niet te meerder duijdelykheid van geschieden, den E: hoofdadministrateur door deesen nader aan„ te beveelen, de Executie van de gegeevene orders bij resolutien van den 3: maart 1785: en 30: oktober 1787:, om namelijk bij de bevindingen in eene aparte Colom te laaten bekend stellen, het geen„ de scheeps overheeden bij te kort komingen tot hunne verschoning mogten inbrengen, en hem daar voor te laaten teekenen, en om zoo de bevindingen niet tijdig genoeg kunnen worden in gereedheid gebragt, om de scheepsoverheeden daar op te kunnen hooren, als dan zulks suc„ cessive te doen, naar maate dat de rapporten der gecommitteerdens inkoomen. Kolombo den 12=e September 1789. /:was geteekend:/ P: Sluijtken /:in margine:/ Nagerekend /:geteekend:/ W: A: Berghuijs. Aldus gedaan ende geresolveert in 't kasteel kolombo ten daage maand en Jaare voorsz /:was geteekend:/ W: J: van de graaff, M: C Raket, J E: C Tilenus, J: Reintous B L: van Zitter, A: Samlant J: A: vollenhove lijk verkoopende met de bekoomene waarde. Maandag „ . -.
English
1273. Monday the 14 September 1789. Resumption and approval of ten preceding resolutions of this meeting. Resumption of a certain report from Mr. Sluijtken concerning the coinage species. Present. The Right Honorable Governor Willem Jacob van de Graaff, The Honorable Elected Commander of Galle, Pieter Sluysken, The Honorable Elected Chief Administrator Mattheus Petrus Raket, The Honorable Secretary Benedictus Lambertus van Zitter, The Honorable Lieutenant Colonel Joan Philip Christiaan Tilenius, The Honorable Fiscal Mr. Johannes Adrianus Vollenhove, The Honorable Pay Bookkeeper Gerrit Engel Holst, The Honorable First Warehouse Master Johannes Reintous, The Honorable Trade Bookkeeper Abraham Samlant. Absent due to indisposition: The Honorable Disava Diederich Thomas Fretz. Were resumed and approved the ordinary and secret Resolutions of this meeting of the 26 August, 2, 4, 8, 10, and 13 of this month, alongside the secret Resolutions of the 26 and 31 August, 2, and 4 of this month; of which it is understood this note shall be kept. There was circulated among the Members and is now brought to the table a further report from the outgoing Chief Administrator and Elected Commander of Galle, Mr. Sluysken, submitted 1274 Deliberation and decision thereupon. the 19 March 1789, set down by him in the margin of an Extract letter written from Tuticorin to Colombo on 26 December 1788, and the report received alongside it from the Tuticorin servants dated the 1 December prior, containing, pursuant to and in satisfaction of the order given by Colombo letter of 5 March 1788 written to Tuticorin, their answer to an earlier report of the aforementioned Mr. Sluysken dated 13 February 1788. Whereupon deliberation having taken place, it was approved and resolved by majority of votes to dispose thereof in such manner as is noted in the margin of all such posts that require any clarification or dispositions; and because all these papers, besides that they have already been sent to Their High Mightinesses in Batavia, are also too voluminous to be inserted here in their entirety, it was further approved and resolved to transcribe below only the first lines of these posts: the Honorable Elected Chief Administrator 14 September 1789. Raket The opinion of Mr. Raket Raket being on the contrary of the opinion that the calculations and indications of Mr. Sluysken are founded upon the orders, and that they consequently ought to be followed as such. — Extract letter dated 26 December 1788, written from Tuticorin to Colombo. The resolution of 6 January 1786 is here interpreted by Mr. Sluysken very contrary to the intention thereof. This government, by the aforementioned resolution, only deemed it not necessary for itself to ask the advice of the Commander Raket and the Honorable Disava de Bock in a matter that is very clear in itself, leaving for the rest to Mr. Sluijtken the liberty to ask these advices himself, if he found them necessary. etc. Report of Mr. Sluysken of 19 March 1789. It would have been to be wished, if one etc. The Tuticorin Political Council seems to equate the Company's trade with that of private individuals, and appeals to clouds of witnesses that 102 stuivers were charged by various persons for each pagoda. It is hard to understand how Mr. Sluijtken, who, to the question that the Tuticorin servants ask him here, whether he himself did not pay for the goods which he had made some time ago at Manapad with coin species calculated at 102 stuivers in money the pagoda, and whether His Honor did not experience the same calculation in all other dealings which His Honor had on the Madura coast, acknowledges that he can neither and will not deny or contradict this, could have in good faith convinced himself of his system regarding the calculation of the pagodas. And Mr. Sluijtken is now requested by the Governor to state firmly regarding the appeal of the Tuticorin servants concerning the linens which His Honor had made at Manapad, whereupon Mr. Sluysken declared that these linens I cannot and will not deny it. We hereby present to Your Right Honorable our answer etc.
Dutch transcription
1273. Maandag den 14 Zeptember 1789. resumtie en approba„ tie van tien voorgaan„ „te retol dezer ver„ gadering. -. resumtie van zeker berigt van de heer gluijtken over de muntspetien. Present. Den wel Edelen groot Achtb Heer Gouverneur Willem Jacob van de graaff, Peter Sluytken Den E: g' Eligeerd gaals Commandeur Den E: g'Eligeerd hoofd administrateur Mattheus Petrus Raket, Diederich Thomas Fretz Ableut mits indispositie Den E sekretaris - - - - - - Benedictus Lambertus van Zitter, Den E: luijtenant kollonee Joan Philip Christiaan Tilenius Den E: piscaal - - - - - - M=r Johannes Adrianus Vollenhove Den E. Zoldij Boekhouder - - - Gerrit Engel Holst Den E Dessave - - - - - - - Zijn geresumeerd en geapprobeerd de gemeene „de gemeene en schree Resolutie deeser vergadering van den 26: aug=t 2: 4: 8 10: en 13: deeser, nevens de sekreete Re„ solutien van den 26: en 31: aug=t 2: en 4: deeser; waar van verstaan is te houden deese aan„ „tekening. Js bij DE=s Leeden rond geleeten en tans ter tapel gebragt een nader berigt van den afgaanden Hoofd administrateur een g'Eligeerd gaalsch Commandeur de Heer sluijsken, ingediend Den E. Eerste Pakhuijsmeester Johannes Reintous Den E: Negotie Boekhouder Abraham samlant den te ko konden de doen de de m l op ands er be aan„ hun sec„ 1274 deliberatie en besluijt daarop. den 19: maart 1789:, door hem gesteld in margine van een Extrakt missive van Tutukorijn na Colom„ „bo geschreeven den 26: december 1788:, en 't daaarnevens ontvangen berigt van de Tutuk oryjnsche bedien„ „dens van den 1: December daar te vooren, houdende ingevolge en ter voldoening aan de ordre, gegeeven bij Colombosche missive van den 5: maart 1788: na Tutukorijn geschreeven, derzelver beantwoording op een vroeger berigt van gemelde Heer sluijkken van den 13: februarij 1788. waar op gedelibereerd zijnde, is bij meerderheid van stemmen goedgevonden en verstaan, daar op zo„ daanig te disponeeren, als in margine van alle zulke potten, die eenige opheldering op dispotitien noodig hebben, staat aange„ teekend; en wijl alle deese papieren, be„ „halven dat ze reeds aan Hunne Hoog Edelh: in Costij gezonden zijn, ook te volumnieus zijn om hier in zijn geheel te worden geintereerd, is wyders nog goedgevonden en verstaan, van deeze potten hier onder alleen in te schrijven de eerste reegels: zijnde daar en teegen DE: g'Eligeerd Hoofdadministrateur Den 14. 7ber: 1789 Rakel geld dias o ver tuk die „ken, Thier zo 1275 Den 14: 7ber 17079. het gevoelen van den Heer Reket Raket van gevoelen, dat de bereekeningen en aanwijzingen van den Heer sluijsken zijn gefon „deerd op de orders, en dat ze mits dien zodaan„ „nige behooren teworden opgevolgd. — Extrakt missive de Berigt van den heer sluijs„ dato 26: december „ken van den 19: Maart 1784:, van Tutukorijn na kolombo geschreeven. 1789. De resolutie van den 6. Januarij 1786. , word door Het waare tewenschen geweest, aan men Pra den Heer sluijsken hier zeer tegens de inten„ „tie daar van g'interpreteerd. Deese regee„ „ring heeft bij gemelde resolutie 't alleen voor haar niet nodig geagt, de advresen van den heer Commandeur Raket en DE: Dessave de Bock te vraagen in een zaak, die uijt zig zelfs zeer duijdelijk, is, laatende voor 't overige aan den heer sluijtken de vrijheid, om deese adviesen zelve te vraagen, zoo hij ze noodig vond. -. &ra De Tutuk orynsche Het is qualijk te begrijpen hoe de heer sluijtken, die op de vraage, die de Tutukorijn„ Politique Raad „sche bedienden hem hier doen, op niet hij zelve 't goed, dat hij voor eenigen tijd te Mannapaar schijnt sComp=s handel met die van Par„ heeft laaten aanmaaken; heeft betaald met ticulieren gelyk geld spetien gerekend tegens 102: stuijv=s in„ dias de pagood, en of zijn E: niet in alle ande„ te stellen, en beroept „re handelingen, die zijn Ed: op de Madureesche kust gehad heeft, deselfde berekening heeft zig op wolken van ondervonden, erkent dit niet te kunnen getuijgen, dat door nog te willen ontkennen of tegenspreeken, deese en geene ter goeder trouwe zig zelven heeft kun„ voor ieder pagood „nen overreeden van zijn stelsel nopens de bereekening der pagooden - Een is thans de 102: stuijvers. hier sluijtken door den heer gouverneur verzogt, om zig noptens 't beroep der tu„ gereekend zyn. tuk orijnsche bedienden, wegens de lywaaten Jk kan en wil die zijn E: te manapaar had laaten maa„ „ken, stellig tewillen verklaaren, waar op de het niet ontkennen hier sluisken heeft verklaard, dat deese wij bieden uwel Edele groot Achtb: hier nevens aan onse beant„ woording &=ra pra lywaaten o 79 ine „ ens e n
English
1276 The 14th of September 1789 linens for the Company have been taken over for shipment to Kandy, but that His Honour, besides that, had now and then ordered linens from the Madura Coast, and that they were always paid for by His Honour at 102 stuivers per pagoda; concerning the further appeal that the servants make here, the Governor has caused to be recorded that it is an all too well-known matter that when people make payment on the opposite coast in other coinages than pagodas, the payment is made at 102 stuivers per pagoda. That His Honour has ordered nothing for himself but some trifles for household use, among others, from the Resident of Mannar, Haar Keuneman, which have been settled at 102 stuivers for each pagoda. The Honourable Raket has declared in writing that he could say nothing else than that the pagodas were exchanged here at 102 stuivers. The Honourable Firetz has also declared in writing that His Honour has for many years received linens from the Madura Coast, and has paid for the same mostly with pagodas, but that His Honour also at times (before the gold and silver coinages stood at so high a price against the copper money, as is presently the case) paid bills from his correspondents on the opposite coast, and also received doits and other money for them, and that the pagoda was always calculated at 102 stuivers. That His Honour also occasionally sent good rupees to the Madura Coast, which were accepted at ten pieces for three pagodas, and that His Honour at that time had to pay some percent agio in Ceylon at times in order to obtain good pagodas and rupees. The Honourable Beintous has also declared in writing that His Honour frequently, during his fifteen-year service as cashier at Colombo, remitted the Porto Novo pagoda to Tuticorin at 102 stuivers. Extract dispatch dated 26 December Report from Mr Sluijtken of 19 March 1789 or contradict etc. etc. 1277 The 14th of September 1789 The Honourable Samlant has declared in writing that His Honour has always calculated the pagodas that the friends on the opposite coast charge to him for the opposite-coast linens he happens to receive from there from time to time, each at 102 stuivers, and The Honourable Vollenhove has likewise declared in writing that whenever His Honour received linens from Tuticorin for his private account, the same were always charged to him by his correspondents in pagodas, and that His Honour always entered this charge of pagodas into his account in rixdollars, and calculated the pagoda according to the local exchange rate at seventeen schellings or 102 stuivers. That His Honour, when paying for the aforementioned linens, sent pagodas for them, which he likewise accounted for at 102 stuivers, and that whenever His Honour had sent no pagodas, but trade goods or other coinages to the opposite coast, he often accounted for the same in rixdollars and reduced them again into pagodas according to the local exchange rate, at seventeen schellings or 102 stuivers Indian money. If the Tuticorin servants are not mistaken in their opinion, namely that Mr Sluijtken meant to place himself among their accusers, namely that they had actually issued the guilders higher than 83 pieces for 20 Company's pagodas, and that great profits were obtained by them upon this, His Honour, upon the summons made here by the aforementioned servants to prove that the Dutch guilders were issued higher than accounted for by them, ought to have replied positively, whereas the servants openly declare that they hold as slanderers and calumniators all those who have spread that the Dutch guilders were issued by them higher than 83 pieces for 20 Company's pagodas. Tuticorin report of To the dispatch of the woollen fabrics in your Colombo general ledger of 1784 etc. etc. Report from Mr Sluysken of 19 March 1789 Report from Mr Sluysken of 1 December 1788 In satisfaction of the recommendation of the Right Honourable Highest Respected dispatch of 5 March 1788 etc. etc. Report from Mr Sluysken of 13 February 1788 1278 The 14th of September 1789 This having been put before Mr Sluysken by the Governor in the meeting, His Honour answered thereto that he had not had the intention to accuse the Tuticorin servants that they had issued the guilders higher, but that His Honour had merely submitted to the judgment of the government whether the guilders should not have been issued higher. Whereof it was agreed to keep this note: Furthermore he denies, Mr Sluytken, in the strongest sense, ever having consented to the issuing of 83 guilders for 20 pagodas etc. etc. The Resolution of the 16th of August 1786, by which it was resolved to authorize the Madura servants to withdraw 50000 pieces of the Dutch guilders brought by the ship De Draak for the linen trade, in the hope that they could be issued in such a way that it would approximately accord with the customary Company's pagoda, and thus 83 guilders against Tuticorin report Report from Mr Sluysken of 19 March 1789 Report from Mr Sluytken of 1 December 1788 Report from Mr Sluytken of 13 February 1788
Dutch transcription
1276 Den 14. 7ber 1789 lijwaaten voor de Comp: zijn overgenoomen tot versending na kandia, dog dat zijn E: buij„ ten dien, nu en aan lijwaaten van kuste Ma„ „dure hadde laaten komen, en dat ze door zijn E: steeds betaald zijn de pagood met 102: stuijv=s wegens 't verder beroep dat de bedienden hier doen, heeft de heer gouverneur laaten aante„ „kenen, dat 't eene te overbekende zaak zijn, dat wanneer luijden betaaling doen op overwal in andere spetien dan pagooden, de betaaling geschied tegens 102: stuijv=s de pagood. Dat zijn Ed: voor zig zelven niet dan eenige klijnig„ heeden voor huijsgebruijk heeft ontbooden, onder andere, van den Resident van Manna„ Haar-Keuneman, die met 102: stuijv=s. elke pagood verreekend zijn. De E: Raket heeft schriftelyk verklaard, niet anders te kunnen zeggen, dan dat de pa„ gooden alhier tegens 102. stuijv=s zijn ingewis„ De E: Firetz heeft meede schriftelijk ver„ klaard dat zijn E: sedert veele jaaren lij„ waaten van de madureese kust bekoomen, en deselve meest met pagroden betaald heeft, dog dat zijn E: ook zomwijlen (:voor dat de goude en zilvere spetien in zoo hoogen prijs, tegen het koper geld stonden; als thans plaats heeft :/ witsels van desselfs overwalsche Cor„ respondenten betaald, en ook duijten en ander geld voor hun ontvangen heeft, en dat altijd de pagood gerekend is tegens 102 stuijv=s Dat zijn E: ook wel eens goede roffias na de Madureese kust heeft gezonden, die geaccepteerd zijn de tien stux voor drie pa„ gooden, en dat zijn E: te dier tijd zomwijlen, ter bekooming van goede pagooden en ro„ pijen, eenige procentos opgeld op Ceilon heeft moeten betaalen. De E: Beintous heeft meede schriftelijk verklaard, dat zijn E: veel tijds, geduu„ „rende desselfs vijftien jaarigen diens als Colomboschen katsier, de portonovosche Extrakt mitsive de dato 26: december Berigt van den heer sluijtken van den 19 maart 1789. of tegenspreeken P=ra Dra pagood seld. h 2 1277. Den 14: 7ber 1789. Tutuko rijnsche bericht van den Tot het ver„ pagood voor 102: stuijv=s na tutukorijn heeft overgemaakt. De E: samlant heeft schriftelijk verklaard, dat zyn E: de pagooden, die de vrienden op de overwal hem in reek brengen, voor de overweal lijwaaten die hij van tijd tot tijd van daar komt te ontvangen, steeds heeft bere„ „kend elk tegens 102: stuijv=s en De E: vollenhove heeft insgelijks schriftelyk verklaard, dat wanneer zijn E: lijwaaten van uutuk: voor desselfs particuliere reek: heeft ontvangen, deselve hem altijd door zijne Corres„ pondenteer zijn aangereekend in pagooden, en dat zijn E: deese aanreekening van pagooden, altijd bij desselfs reek heeft ingenoomen bij rijksd=s, en de pagood berekend volgens de Cours alhier tegens seven tien schetl- of 102: stuijv=st Dat zijn E: bij betaling van gem: lijwaaten, daar voor pagooden heeft gezonden, die hij intgelijks aangereekend heeft tegens 102: stuijv=s, en dat wanneer zin E: geene pag:; maar negotie goederen of anderen geld spetien na de overwal had gezonden, hij deselve veel tijds in rijksd=s aangerekend en die weder gereduceerd heeft in pagooden volgens den Cours alhier, met seventien schell ofte 102: stuijv=s jnd: geld. Zoo de uitukorijntche bediendens zig in hunne meening met vergissen, dat namentlijk de heer sluijtken zig heeft meenen te stellen onder hunne beschuldi„ „gers, dat ze namentlijk de guldens werkelijk hooger hebben uytgegeeven den 83: stux voor 20: Comp=s pagoo„ „den, en dat daar op bij hun groote win„ tten behaald zijn, hadde zyn Ed: op ƒ Ter voldoening van het aanbe„vaardigen der woolene bij uw beilousche hoofd wel Ed: groot boeken van achtb: hoogst g'eerde missive van den 5: maart 1788: P=re P=ra 178 4 p=ra E=ra Bericht van den heer sluijsken Bericht van den heer sluijsken van den 19: Maart 1: december. 1788 van den 13. febr: de ember 1789. 1788. —. 1278. Den 14. 7ber 1789. de sommatie, die de voorsz bediendens hier doen, om te bewijzen dat de Hol„ landsche guldens hooger zijn uijtge„ „geeven, dat ze door hun zijn verand„ woord, stellig behooren te antwoorden, terneer de bediendens opentlijk verklaa„ ren, voor quaadspreekers en lasteraars, te houden alle de geene, die verbrijd heb„ „ben dat de hollandsche guldens door hun hooger uijtgegeeven zijn, dan 83: stux voor 20: Comp=s pagooden Dit door den heer gouverneur den heer sluijsken ter vergadering voorgehouden zynde, heeft zyn E: daar op g'ant„ woord, de intentie niet geheid te hebben, om de tutukorijnsche bedienen te beschul„ digen, dat ze-de guldens hooger had „den uijtgegeeven, maar dat zijn E: en„ „keld ter beoordeeling aan de regeering heeft gegeeven, of de guldens met hooger hadden moeten zijn uytgegeeven. waarvan verstaan is deeze aanteeke„ „ning te houden: Voorts ontkend hy De Resolutie van den 16: aug=s 1786:, /: de heer sluytken waar bij beslooten is de madureesche in den sterksten Iun bediendens te qualificeeren; om uijt immmer bewilligd de met 't schip de draak aangebrag„ te hebben in 't uijt„ geeven van 83: qul„ te Holland sche guldens, 50000: stuks dens voor 20: pa„ te ligten tot den lijwaat handel, groden P=ra &=ra in hoope dat ze zoo zoude kunnen worden uijtgegeeven, dat 't ten naasten bij akkordeerde met de gewoone sComp=s pagood, en dus 83: guld=s van deu No Tutukorjns Bericht van Bericht van den Heer sluysken van bericht van den den heer sluytken den 19: maart 1789 1. december 1788 van den 13:' febr: 1788 tegens 4o0g vou
English
1279. The 14. December 1789. against 20. pagodas, and the resolution following thereon of the 24. of the same month, whereby it was decided first to have investigated whether the same might not sometimes with more advantage be minted into rupees, and if not, further to authorize the servants to issue the same according to the Dutch value, were both passed unanimously; meanwhile, less depends on that than on the question of whether these resolutions were taken properly and in accordance with the existing orders. Their High Mightinesses have declared, by their most highly honored Missive of the 1. May 1787, that by the aforesaid resolutions the guilders were set at their true value, and have accordingly approved the same. The same valuation of the guilders on which this resolution rests, namely of 20. stivers each Dutch or 24 13/3. stivers Indies, was also adopted as a basis in the report of the present chief administrator, the then trade bookkeeper Mr. Raket and further committee members, mentioned in the resolution of the 25. January 1787. In the same manner, this valuation of the guilders was adopted as a basis in the report of the bookkeeper-general Mr. Domis of the 18. December 1787. Furthermore, this calculation was adopted as a basis in a Memoir received since from Batavia alongside Their High Mightinesses' letter of the 12. August 1788, concerning the calculation, among others, of the Dutch guilders; for as regards the agio of 3. per cent calculated therein, Report of the Tuticorin report of the 1. December 1780. Report of Mr. Sluijsken of the 13. February 1788. Report of Mr. Sluijsken of the 19. March 1789. Report of Mr. Sluijsken of the 13. February 1788. 1280. The 14. December 1789. this must, according to the order established at the introduction of the Dutch money, not be charged onto the coin species, but be settled on the general account, as has been done. Finally, this calculation was further approved and prescribed by Their High Mightinesses' most highly honored missive of the 27. November 1788. While in the meantime Mr. Sluijsken had a note entered into the resolution of the 6. January last, in which he says that he opposed these resolutions, and now further says that he never consented to the issuing of 83. guilders for 20. pagodas, the aforesaid resolutions were read aloud at the meeting by order of the governor, and Mr. Sluijsken was subsequently requested by His Honor to state now more specifically wherein his objections against the aforesaid resolutions consist; he answered thereto that he could not remember that now, and being requested by the governor to then state what objections His Honor has against them at present, Mr. Sluijsken answered thereto firmly, but declared that he had kept notes of everything, and would look them over. Whereupon it was resolved to keep this note. It has already been remarked above that the only thing that matters in this is whether Mr. Sluijsken is well-founded in his opinion. Only in that case would it be of importance if His Honor, at the taking of the resolution of the 16. August 1786, had informed the governor in and outside the meeting, as he says, Report of Mr. Sluijsken of the 19. March 1789. Tuticorin report of the 1. September 1788. Report of Mr. Sluijsken of the 13. February 1788. 1281. The 14. September 1789. of his ideas regarding this. Nonetheless, the governor—as it might seem strange that no notice whatsoever was taken of this at the time of this resolution—reminded Mr. Sluijsken that it was only after His Honor's return from Trincomalee that he spoke about the valuation of the Dutch guilders according to his way of thinking, in a manner that—however clearly he said that it all came down to a wrong concept regarding the actual value of the pagodas—induced him, the governor, in order if possible to remove those wrong concepts, to request the above-mentioned report from Mr. Raket and further committee members, dated the 22. December 1786, being nearly two months after his return from Trincomalee; which conversations also induced him to write to the chief of Tuticorin the letter upon which the servants here rely, and which was followed by what was written by him on this subject in the letter of the 9. March 1787; whereof it was resolved to keep this note; and that Mr. Sluijsken, to what was remarked on this by the governor as aforesaid, answered that he could not well remember this, but that His Honor could not contradict it either. The Governor also reminded Mr. Sluijsken that his proposal to conduct a test to see whether the Dutch guilders on the Madura coast could not be issued at a higher rate was likewise not made before his departure for Trincomalee, but long Report of Mr. Sluijsken of the 19. March 1789. Tuticorin report of the 1. September 1788. Report of Mr. Sluijsken of the 13. February 1788. Report of Mr. Sluijsken of the 13. February 1788. thereafter,
Dutch transcription
1279. Den 14. xber: 1789. teegens 20: pagroden, en de daar aan volgende resolutie van den 24: derselver maand, waar bij beslooten is, om alvoorens te doen onderzoeken, of dezelve somtyds niet net meer avantage zoude kunnen worden vermunt tot ropigen, en zoo neen, de bediendens nader te qualificeeren om deselve uijtte geeven na de Nederlandsche waarde, zijn beide ge„ woomen met algemeene stemmen, intus„ „schen komt 't daar op minder aan, dat op de vraage, of deese resolutien wel en na de leggende orders genoomen zijn. Hunne Hoog Edelh hebben bij hoogst derselver seer: g'eerde Missive van den 1: Maij 1787: verklaard, dat bij de voorsz resolutien de guldens gesteld zijn op dertel„ ver regte waarde, en hebben deselve mits dien geapprobeerd. - Dezelfde evaluatie der guldens, waar op deese resolutie rust, namentlik van 20: stuiv=s elk Nederlands of 24 13/3: stuijv=s Jndias, is ook tot een batis aangenoomen bij 't berigt van den tegenswoordige hood„ administrateur, den toenmaligen Negotie boekhouder DE. Raket en verdere gecom„ mitteerdens, vermeld bij resolutie van den 25: Januarij 1787: Jnzelvervoegen is deese evaluatie der guldens aangenoonen tot een batis bij 't berigt van den boekhouder generaal de Heer Domis van den 18: xber 1787: Nog is deese bereekening tot een batis„ aangenoomen bij een zedert nevens Hanne Hoog Edelh: brief van den 12: aug=s 1788: van Batavia ontvangene Memorie, no„ pens de berekening onder anderen van de hollandsche guldens want wat aan„ „gaat de daar bij bereekende agio Bericht van den Tieturkorgusch hier sluijsken van bericht van den heer sluijsken van den 19. maart 1789. 1. december 1780. den 13: febr: 1788. - Bericht van den vaer„ sluytken 3febr van 1280 Den 14: xber 1789. van 3. Pr C=t, deese moet na de ordre, gesteld bi de invoering van 't Nederlandsche geld, niet op de geld spetien worden beswaart, maar op 't generaal worden verevend, gelijk geschied is. - Eijndelijk is deese bereekening nader goedge„ keurd en voorgeschreeven bij hunne Hoog Edelh: zeer g'eerde missive van den 27: 9ber 1788. wijl intusschen de heer sluijsken ter resolutie van den 6: Januarij JZ:, heeft doen houden een aantekening, waar bij hy zegt, zig tee„ „gens deeze resolutien te hebben verzet, en heer nu nader zegt nimmer te hebben bewilligt in 't uijtgeeven van 83: guldens voor 20: pa„ „gooden, zin ter ordre van den heer gouver„ neur de voorsz resolutien ter vergadering opgeleeten, en is de heer sluijtken door zyn Ed: vervolgens verzogt, om als nu nader bepaaldelijk tewillen opgeeven waar in zijn ofjectien tegens de voorsz resolutien bestaan, die daar op heeft geantwoord zig dat nu niet te kunnen erinneren, en door den heer gouverneur verzogt zynde, om dan tewillen opgeeven welke objectien zijn Edele tens daar tegen heeft, heeft de Heer-sluijtken daar op met stel„ „lig geantwoord maar betuijgd van alles aantekening en gehouden te hebben, en die te zullen nazien. waar van verstaan is deese aanteekening. tehouden. Hier boven is reeds aangemerkt, dat 't er in deesen alleen op aankomt, of de heer sluijsken in zijn oftinie is gefun„ deert. Jn dit geval alleen zoude 't van belang zijn, indien zijn Ed: bij 't neemen van de retol: van den 16: aug=s 1786:, de heer gouverneur in een buijten de vergadering, gelijk hij zegt, hadde kennis gegeeven 19: maart 1789 sluijsken, van den Bericht van den heer febr: 1788. - 1: 7ber 1788. —. ken van den 13: Tatukorijnte Bericht van berigt van den den heer sluijs„ van G 1281. Den 14: 7ber 1789. van zijne denkbeelden hier omtrend Niet temin heeft de heer gouverneur, wijl het niet dat alles zoude kunnen vreemd schijnen, dat bij deese resolutie daar op geen agt altoos geslagen is, de heer: sluijsken doen op„ merken, dat 't eerst na zijn Edele terug komst van Trinkonomale geweest is, dat hy heen over de evaluatie der hollandsche guldens naar zijn manier van denken gesprooken heeft, op eene wyze, die hem hier gouverneur„ hive zeer hij duijdelijk zeg, dat 't alles weerkwam op een verkeerd begrip nopens de werkelijke waarde der pagooden, bewoogen heeft, om waare 't mogelijk die ween begrippen daar overweg„ teneemen, te vraagen 't hier booven gemelde berigt van den heer Raket en verdere gecom„ mitteerdens, ged=t den 22: xber 1786:, zijnde na genoeg twee maanden na desselfs terug komst van Trinkonomale, en welke ge„ sprekken hem tevens bewoogen hebben, aan het opperhoofd van Tutukorijn te schrijven de brief, waar op de bediendens zig hier be„ roepen, en waar op gevolgd is 't door hem op dit onderwerp geschreevene bij brief van den 9: maart 1787:, waar van verstaan is deese aantekening te houden, en dat de heer sluijtken, op 't voorsz door den heer gouvern: hier op aangemerkte, heeft geant woord zich dit niet wel te kunnen erin„ „neren, dog dat zijn E: 't ook niet konde tegenspreeken. Nog heeft de Heer gouverneur den heer sluijtken doen opmerken, dat zijn voortze om een proef te neemen, of de Hollandsche guldens op de Madureesche kust niet hooger zoude kunnen worden uijtgegee„ ven, insgelijks niet gedaan is voor zijn ver„ trek na Trinkouimale maar lang daar Berigt van den heer Tutukorynsch Bericht van den 19. ' maart 1789. 1: 7ber: 1788. _ den 13: febr: 1788. sluijsken, van den bericht van den heer sluysken van na, van sluijten 13: -
English
1282. The 11th of September 1789. afterwards; that His Honour cannot recall whether Mr. Sluijtken spoke about this in the council, but that he remembers very well that Mr. Sluijsken, after his return from Trinkonomale, discussed it with him in private, as far as he recalls, after the adjournment of the council meeting of the 24th of May 1787, in which deliberations were held concerning the above-mentioned letter from the Tutukorijn servants of the 9th of March 1787. Subsequently, the Lord Governor asked Mr. Sluijsken whether he had not on that same occasion said to His Honour: be so good, Sir, and write to your correspondents on the Madura coast to ask whether the guilders in a substantial quantity can be exchanged for Company pagodas at a higher rate than 83 pieces for 10 pagodas, and whether His Honour had not told him some time afterwards that he had received an answer stating that the Dutch guilders could not be spent at a higher rate, to which Mr. Sluijtken replied that this had indeed happened in such a manner, and that His Honour had informed the Lord Governor that nothing could be done with it. Finally, regarding what appears at the end of Mr. Sluijsken's report, namely that he noticed with sorrow that the Lord Governor has not been pleased to take any satisfaction from the beginning in his propositions regarding the coin species, in the Tutukorijn report of Mr. Sluijsken of the 19th of March 1789, report of Mr. Sluijsken of the 1st of September 1788, report of the 13th of February 1788, 1283. The 14th of September 1789. Tutukorijn report of Mr. Sluijsken of the 19th of March 1789, report of Mr. Sluijsken of the 1st of September 1788, of the 13th of February 1788. and further, that it would be painful to him if he were again to experience his displeasure because of it, the Lord Governor made Mr. Sluijsken observe that, although it is true that as soon as the Lord Governor had read the report of Mr. Sluijsken and saw the exorbitant calculation regarding the pagodas appearing therein, he sought to correct him of his errors by making him understand where possible that it does not matter whether a pagoda is divided into 90 parts (if one should otherwise prefer this division) or into more or fewer parts, as long as one agrees on its actual value relative to other coin species, hoping that by examining the matter somewhat more deeply, he would easily have understood that it cannot be acceptable that a piece of money, while at the same time being worth 83 Dutch stivers, should be worth no more than 90 such parts, of which 80 make a ducaton, since these 80 parts of a ducaton together are worth 86 Dutch stivers; that is to say, in other words, that he would easily have understood that 40 ducatons cannot be considered equal to 80 pagodas, and that the Lord Governor had all the more hoped that he would have been able to rectify His Honour's ideas on this point, because Mr. Sluijsken 1284. The 14th of September 1789. Tutukorijn report of Mr. Sluijsken of the 19th of March 1789, of the 1st of September 1788, report of Mr. Sluijsken of the 13th of February 1788. knows from his own experience that if one must, for example, pay 80 pagodas on the Madura coast, and when the payment is made in other species, one must pay for them the value of 102 ducatons, being 102 stivers or 1 3/30 ducatons for each pagoda, but that the Lord Governor for the rest does not know that he has ever addressed Mr. Sluijsken unkindly about this, much less shown him any displeasure, and that since Mr. Sluijtken nevertheless seems to think so, the Lord Governor requested him to be so good as to state wherein, according to his understanding, that unkindness or displeasure consisted; who thereupon answered that His Honour can say nothing other than that the Lord Governor held different opinions concerning the calculation of the money species. After the Lord Governor asked Mr. Sluijsken for further clarification, which is to be discussed below, His Honour was requested to give the assembly leave, which was done, after he had previously requested, regarding some remarks that appear in the justification of the Tutukorijn servants and which His Honour considers to have been improperly stated, that judgment thereon might be left to the Noble Supreme Government of the Indies, but His Honour did not indicate to which parts of the aforementioned justification His Honour was referring; of which it was understood to keep this record. Subsequently
Dutch transcription
1282. Den 11: 7ber 1789. na; dat zyn Ed: zig niet weet te herinne„ „ren, op de heer sluijtken daar over in de vergadering gesprooken heeft, dog dat hij zig zeer wel hemnerd, dat de heer sluijsken hem, na zijn terug komst van Trinkonomale, in t particulier daar over heeft onderhouden„ zoo veel 't hem voorstaat, na 't schijden, van De vergadering van den 24: Maij 1787:, waarin over 't haer boven gem schriven der tutuko„ rijnsche bediendens van den 9: maart 1787: is gedelibereerd. vervolgens heeft de heer gouverneur den heer sluijsken afgevraagt of hij niet ter selver gelegentheid aan zijn Edele heeft gesegt: weest zoo goed myn Heer, en schrijft aan uw korresponden„ ten op de Madureesche kist of de gul„ dens bij een merkelijk partij, hooger kunnen worden verwitseld tegens Comp pagooden, dan 83: stux voor 10: pagoo„ den, en of zijn Edele hem niet eenigen tijd daar na heeft gezegt, dat hij ant„ woord hadde bekoomen, dat de hol„ landsche guldens niet hoger kunnen worden uytgegeeven, en hier op heeft den heer sluijtken geantwoord dat dit zig =welentlyk zodaanig heeft toegedragen, en dat zijn Ed: den heer gouverneur had berigt, dat 'er niets meede te doen Eindelijk heeft de hier gouverneur nopens 't geene aan het Eijnd van 't be„ rigt van den heer sluijsten voorkomt, dat hij namentlijk met leedwee„ „len is gewaar geworden dat hij heer gouverneur in zijne stellingen nopens de munt spetien, van het was. Tutukorijnsch Bericht van den heer stuijsken van bericht van den heer sluijsken van Bericht van den den 19. maart 1789. 1: 7ber 1788. _. den 13: febr: 1788. -. begin Ed Leer 1283. Den 14: 7ber: 1789. — Tutukorjnsch Bericht van den bericht van den heer sluijsken begin aan al geen genoegen heeft gelieven te neemen, en wat verder, dat 't hem zou„ „de gevollig zijn, indien hij wederom desselfs ongunst daar over zoude moeten ondervin„ „den, de heer sluijsken, doen opmerken, dat hij heer gouverneur wel is waar, zoo dra hij 't bericht van den heer sluijsken ge„ „leeden had, en ziende de daarin voorkoo„ „mende buijten spoorige berekening noptens de pagooden, hem van zijne dwwalingen heeft zoeken te regt te brengen, met hem waar het moogelijk te doen begrijpen dat 't er niet opaankomt, of een pa„ good word gedeeld in 90: deelen (:zoo men anders deeze deeling mogte prefereeren:/ dan wel in meer op mindere deelen, als men 't maar eens is noopens derzelver werkelijke waarde, relatief tot andere munt spetien, hoopende dat hij de zaak wat dieper inziende, ligtelyk zoude hebben begreepen, dat 't niet kan aangaan, dat een stuk geld, te ge„ lijker tijd dat 't 83: stuijv=s Nederlands. waard is, niet meer zoude waardig zijn dan 90. zulke deelen, waar van 80: een ducaton maaken, wijl deese 80: deelen van een ducaton tezaamen waard zijn 86: Nederlandsche stuijv=s dat is met andere woorden, dat hij ligtelyk zoude hebben ingesien, dat 40: ducatons niet kunnen g'agt worden gelijk te staan, met, 80: pagooden, en dat hij heer gouverneur temeer hadde gehoopt, dat hy op dit stuk de idees van zijn Edele zoude hebben kunnen rektifi„ ceeren, wijl de Heer sluijsken Berigt van den hier sluijsken van den 19: maart 1: 7ber 1788: van den 13. febr 1789 den nvan 1788. -. 1788. — bij 1284 Den 14: 7ber: 1789. Tutukarijns be„ bij eigen bevinding weet, dat men bij voor„ beeld 80: pagooden op de Madureesche kust moetende voldoen, en wanneer de betaaling geschied in andere spetien, daar voor moet betaalen de waarde van 102: ducatons, zijnde 102: stuijv=s of 1 3/30: ducaton voor elk pagood, dog dat hij hier gouverneur voor 't overige niet weet, dat hij de heer sluijsken hier over immer onsriendelijk heeft toegesproken, veel min hem eenig ongunst zoude hebben beweeten, en dat wijl de heer sluijtken dit nog tans„ schijnt te meenen, de heer gouverneur hem verzogt tewillen opgeeven, waarin naar zijne begrijpen, die onvriendelijk „heid op ongunst heeft bestaan, die daar op heeft geantwoord, dat zijn E: niet anders kan zeggen, dan dat de heer gouverneur, omtrend de bereeke „ning der geld spetien van andere gedagten is geweest. Na dat door den heer gouverneur aan den heer sluijs ken nog een opheldering is ge„ vraagt, waar van hier onder staat te wor„ den gesprooken, is zijn Ed: verzogt de vergadering vrijheid te geeven gelijk is ge„ „schied, na alvoorens, nopens eenige aan„ merkingen, die bij de verantwoording van de tutukorijnsche bedienden voor„ koomen, en zijn E: meend onbehoorlijk te zijn gesteld, te hebben verzogt, dat 't oordeel daar over mogte worden overgelaaten aan de Edele hooge Jndische regeering, dog heeft zijn E: niet aange„ „weezen, op welke gedeeltens van voortz verantwoording zijn E: 't oog heeft: waar van verstaan is deeze aantekening te houden. den 19: maart 1789 1: 7ber: 1788. Berigt van den heer sluijsken, van rigt van den den heer sluijs„ ken van den 13: febr: 1788. Bericht van vervolgens