VOC English

Dutch East India Company records, translated and anchored to the scan.

Inventory 3864

Japan · 1,440 pages · 285 segments · open at the Nationaal Archief ↗

NL-HaNA_1.04.02_3864_0302 view scan ↗

English

20 March dispatch of the Lamponger Kearca Raysa Ajaja with the ship Hoolwerff 6 24 April receipt of Your High Noble's dispatch alongside that of Bantam's prince 7 notification by the king that his received letter will be answered within a few days Assurance from the Commander never to have given reason for mistrust 4 May received dispatch per the cutter De Patriot cruising of the same against the pirates in the Lampong waters Convoy of the king's vessels Instructions given along in accordance with the order of Your High Nobles 10 May postponement of the departure of the cutter De Patriot on account of illness of its commander 8 notification thereof to Your High Nobles 18 ditto Arrival of Captain Martens to take over the cutter De Patriot request to let Captain Martens make the first and, upon recovery of Captain Muller, let him make the second cruise Arrival of the lighter De Herstelder with specie 25 ditto Received answer from the king to Your High Nobles' dispatch, with the forwarding of the same the Commander suspects that the hostilities between him and the prince were caused by covert enemies 3 June answer to Your High Nobles' dispatch 20 upon a speedy recovery, Captain-Lieutenant Muller will be transported on the cutter De Patriot to beneath the Lampong shore 6 ditto Captain-Lieutenant Muller, recovered from his illness, resumes command of the cutter De Patriot; Order to Captain Martens to take the Anyer prahu and return hither Arrival of Captain Martens from the cutter De Patriot departing towards Batavia requests necessary specie Notice regarding the bad condition of the pepper cultivation 12 proposal to Your High Nobles to have a general inspection carried out by a member of the police With the assistance of a military officer Continuation 11 the Commander testifies that Captain Van Claashorst presented all his actions to the king As also that he forbade his officers the duties they owed to their ruler requests that Captain Van der Claashorst may be relieved from here 17 July Receipt of Your High Nobles' dispatch assurance from the Commander of having done everything that could serve the well-being of the pepper cultivation the letter of Your High Nobles delivered by the Commander to that prince presentation of the prince's letter 8 16 23 ditto 13 15 17 July expresses satisfaction to the king regarding the expedition to the uplands 15 To discover to whom the decline of the pepper cultivation is to be attributed Continuation Upon the return of the commission, an accurate report regarding the pepper inspection will be presented to Your High Nobles 16 Attachment of two clerks who previously made the expedition Request to suspend the inspection of the pepper on Lampong expression of thanks from the first undersigned regarding the recall of Captain Van der Claashorst 17 Said Captain granted permission to stay here another month to settle his affairs ditto Receipt of Your High Nobles' dispatch Expresses satisfaction that the prince had informed Your High Nobles that the pepper account was settled in full Assurance that as soon as the king delivers a cargo of pepper, it will be paid directly expresses regret from the Commander for not having been able to settle his private account 38 Offering of 2 bank notes that were not accepted extension granted by the prince to the Commander regarding his debt declaration of having no other outstanding matters with the king than those of the pepper cultivation Information on how to act upon obtaining stranded pepper Communication that the Palembangese had invaded the Lampong Tulang Bawang district distribution by the Palembangese to entice the king's chiefs of Lampong Fight between the same whereby 2 Lampongers were wounded request of the king to Your High Nobles to complain to the Palembang chiefs about this Communication that the pirates have left the Sunda Strait Order to cease the cruise and for the cutter De Patriot to come to Batavia presentation of a letter from the Chevalier presentation of a rice trade proposal by the gentleman Chevalier which is most strongly denied to him departure of the commissioners on the expedition to the uplands Presentation of their copy of instructions Hope of discovering to whom the decline of the pepper cultivation is to be attributed Communication on how the Radja of Trengganu provided himself with flintlocks, powder and lead 21 29 September justification regarding filed complaints of smuggling trade continuation 22 continuation continuation Continuation 24 ditto 7 9 ditto 28 ditto ditto ditto 27 12 ditto ditto 20 79 19 September Continuation 23 Arrival of the bark De Constantia, which will shortly return with a full cargo of pepper the order of Your High Nobles regarding the arrest of Lieutenant Dries will be complied with 24 Order given to all the outer postholders to inquire after him on the passing ships

Dutch transcription

den 20 Maert opzending vanden lampongs kearca raysa ajaja met het schip Hoolwerff 6 „ 24 April ontvangst hunner Hoog Ed„s missive nevens die van bantams vorst - - - kennis geeveng van den koning dat zijnen ontvangen brief binnen korten dagen zal worden beandwoord. - - - — 7 - Verzeekering van den Commandeur Nimmer reeden van mistrouwen 4 Maij ontvangen missive p„rs de kotter de patriot - - - - - - - - bekruysing van deselve op de Leeroover in het Lampongse vaarwater „ — „ Convooij van 's konings vaartuijgen- - - Meedegegeeven Instructie volgens ordre hunner Hoog Ed„s - - - den 10 May tutstel van het vertrek van de totter de Patriot Weg„s ziekte van dies – – – – – – – – - 8 gezagvoerder - - - - - - kennis geeveng daar van hunne HoogEds - - - - - - - . — 18 d„o Aankomst van den Capitain Martens ter overneeming van de kotter de patriot - - - — ƒ versoek om Capitain Martens de eerste en by herstel van Cap:n Muller hem de tweede kruystogt te laten doen Aankomst van de ligter de herstelder met Contanten - - - - - - - den 25 d„o Erlangt andwoord van den koning op hunner hoog Edelh„s Missive met afzending van dezelve - - - ƒ . E den Commandeur wermoede dat de vyandelyk heeden tussen hem enden vorst doorbedekte vijanden hebben plaets gevonden - - - - - - - 3 Junij andwoord op hunner Hoog Ed„s missive - – – – – – – – – – 20 – by een Spoedige herstee zal den Cap„n luytenant Muller op de kotter de pattriof tot onder de lampongse wal werde overgebragt - - - 6 dito Den Cap„n Luytenant Mullen van Zyne ziekte herstelt gaat weder over het gezagtevoeren op de kotter de Patriot; - „ je Ordre om den Cap„n Martens het anjersprauw en weder herwaarts te brengen Arrive vanden Cap„n Martens van de kotter de patrios over bataviawaerds ver„ versoekt ombenodigde Contanten - - Opmerkzaamheyd wegens de slegte gesteldheijd der peeper Culture 12 voordragt aan hunne hoog Ed:s om een generaele visitatie door een Lid van Met adsistentie van een Militair officier - - - - - - - - - Vervolg „ den Commandeur betuigt dat den Cap„n van Claashorst alle Zine 2 verrigtingen den koning heeft voorgedragen - - - ƒ p Zo meede dat hy zyne officiere verboden heeft de pligte die zig verschuldigd waaren aan hunne gebieder- - - - - versoekt dat den Capitain. van der Claashorst van hier Mag werden Verlost 17 Julij Ontvangst hunner Hoog Ed:s misive - – — — — verzeekering van den Commandeur van alle Aan gewent te hebben wat tot wel zyn der preeper talture heeft kunnen strekken — — de brief hunner hoog Edelh„s door den Commandeur aan dien vorst overhandigt aanbieding van Svorsten brieff - - - - - - - - - - - - - --- te hebben gegeeven - - - - - - - – – – - - - - - „ 11 politie te laten doen - - - - - - - - - - - - - - - - – – – – – – - .- „trekt - - - - – – – – – – — — — — — — — — - betuigt 8 16 23 d„o - - - ƒ - - „ „ - _„o 1 - - 13 - 15 den 17 July betuigt genoegen aan den koning wegens de optogt naar de bovenlanden 15 Ter ontdekking aan wien den verval der Peeper Teelt te atribueeren is Vervolg.. . . --- Bij te rug komst der Commissie zal uw Hoog Ed„s een accuraat rapport Wegens de peeper visite werd aan geboden -. 16 -- - - „ ƒ Te voeging van twee schribente die bevorens de optogt hebben gedaan — Versoek om de visitatie der peeper op lampong te surcheeren — 6 dankbetuiging van de Eerstgeteekende wegens het op ontbod van den Cap„n vander Claashorst - - . . . 17 „ - Aan gem: Capitain Vergunt nog een maend hier te mogen vertoeven tot beredde„ „ning ziner zaken - - - d„o Ontvangst hunner hoog Edh„s missive - Betuigt genoegen dat de vorst uw Hoog Edelh„s had bedeelt dat de e peeper reekening ten vollen was vereffent - - - - - -- — - Verzeekering dat zo dra de koning een lading peeper levert die directelyk zal worden voldaen - - - - - „ reg:s --— --- betuigt leetweezen van den Commandeur van zijne particuliere reekq„ niet te hebben kunnen vereffenen - - - - - — . 38 Aanbieding van 2 bankbrieven die niet geaccepteerd zijn - - - - - vergunt uitstel vanden vorst aan den Commandeur wegens zyn debet betuiging van geen andere uytstaende zaken met den koning te hebben dan die der peper Cultuure- - Informa Cie hoedanig te handelen by bekoming van gestranden peeper.. Communicatie dat de palembangers in't lampon g Iolang bauwang district waren in gerukt- - - - g ƒ — - bedeeling der palembangers oms koningshoofden van Lampong Zigte lotken — = - - Gevegt tussen dezelven waardoor 2 lampong der zyngequest - - versoek van den koning van hunne Hoog Ed:s om hier over aan 't palem. bangse hoofden dolleeren - - - - -. Communicatie dat de Zeerovers Straat Sunda hebben verlaten. -. Ordre omde kruystogt testaken ende kotter de patriot Nabatavia te komen - - - - - - - - - - — — aanbieding van een brief van den Chevalier - - aanbieding eener Negotiatie van rijst door de heer Chevalier - - - welke hem op 't sterkste werd ontzegt - - vertrek der Commissianten inde optogt na de bovenlanden — Aanbieding van dies Copia instructie - - - - - - - - Hoope van te zullen ontdekken aan stien het vorval der peperculture is toe te schryven - Communicatie op wat vas den radja van trangano zig van Snaph kruyt en E ƒ 29 Sept:s verandwoording Weg„s aangebragt klagten van 's mothee handel— lood weeste voorsien - - - - - - - - - - - - - - 21 vervolg - - - - - - - - - - - - - - - - - – — vervolg. - - - - vervolg - - - - - - - - - - - - - - - - 22 Vervolg - - - - - - - - - - „ 24 d:o - – – – – – – – – – 7 9 do „ 28 do Go d:o 27 „ 12 d„o d:o „ -. . . – – – – — - - „ - – – – 20 79 - –– „ — Arrive van de barck de Constantia die binnekort met volle lading den 19 Sept Vervolg 23 peper zal reverteer ƒ: aan de ordre uwer hoog Ed:s nopens het in Arrest neemen van den luijte„ — 24. „nant dries zal worden voldoen - - -- - Gegeeven ordre alle de buijten posthouders om op de voor by passeerende Scheepen na hem te informeeren - - - - - - - - - :

NL-HaNA_1.04.02_3864_0305 view scan ↗

English

To His High Excellency The Right Honorable, Highly Respected and Wide-Ruling Lord Master Willem Arnold Alting Governor-General Together with The Honorable and Stern Lords Councillors of the Dutch Indies Right Honorable, Highly Respected and Wide-Ruling Lord And Honorable and Stern Lords When last Sunday evening I had the honor to receive by the overland route Your High Excellencies' honored separate letter of the 9th of this month, the contents of which fully authorize me to purchase the salvaged pepper from a stranded English vessel from the owners at such prices as are paid here for the first sort, yet in proportion to their quality, which shall be determined when inspected and cleaned, and this pursuant to my submissive proposal in a separate letter to His High Excellency the Governor-General dated the 5th of this month, I also have the honor, and find myself dutifully bound, to inform Your High Excellencies further in this matter that this pepper, consisting of a quantity of 61 gunny sacks, was duly delivered to me by the postholder of Anjer, but also that the entire parcel has been damaged by seawater, yet to such an extent that it will apparently be restored to its original condition through the application of the necessary labor, for which work is indeed currently underway. I therefore request permission to withhold both its determined quality and quantity until it has been completely put in order and weighed on the Company scale, while I hope that the same, by virtue of its present condition, can be purchased cheaply, without, however, using the slightest extortion for that purpose, and that these grains can be perfectly employed to be mixed among Bantam pepper, without me, however, deciding upon that for an upcoming shipment, but rather setting it aside separately in straw bags to be offered in that manner to Your High Excellencies. Arrival of the bark Constantia, which will soon return with a full cargo of pepper on 19 September. Continuation. The order of Your High Excellencies regarding the arrest of Lieutenant Dries will be complied with. Order given to all outer postholders to make inquiries after him on ships passing by.

Dutch transcription

gst hunner telheedens ng van dies aan men om dezelve ndere te rus Aan zijn Hoog Edelheid Den Hoog Edele Groot Agtbaren Wijdegebiedende Heere M„r Willem Arnola Alting Gouverneur Generaal Nevens De Wel Edele Gestrenge Heeren Raaden van Nederlands Indie Hoog Edele Groot Agtbaren Wijdegebiedende Heer En Wel Edele Gestrenge Heeren Wanneer ik op gepasseerde zondag avond d'Eer had over den Landweg te ontvangen Uwer Hoog Edelheedens ver Eerde Aparte missive van den 9 dezer en welkers Jnhoud mij ten vollen qualificeerd, om de geborgen peeper, Ugt een op waren gestrand Engels vaartuig uit houden der Eigenaars te mogen Inkoper lcatie tot de tegens zodanige pryzen als voor de Eerste Zoort alhier word bekostigd, dan op der gestran Wel Evenreedig hunnen qualiteit, die bevonden worden zal, wanneer gevisi„ Zal „teerd en gezuyverd ^ zijn, en zulx op myne submisse voorstelling befaparte= brief aan zyn Hoog Edelheid den heere Gouverneur generaal sub dato 5 deezer, za heb ik Eer ook vinde mij daar toe Suld pligtig verbonden, Uw Hoog Edelheedens in deeze al nader te moeten bedeelen, dat deeze peeper tagte quagestaande in een quantiteit van 61 goenij zakken mij door den anjers posthouder behoorlyk zyn aangebragt, dan ook dat de geheele parthij door het zeewater beschadigt is, in zoo verre Nogtans dat apparentelijk dezelve met aanwending van nodige arbeid Wel tot zyn Eersten Situatie zal worden te rug gebragt en waartoe men werkelijk bezig is zo dat ik versoeke„ Zowel zijn bevonden qualiteit als quantiteit te mogen verbergen tot dat hy Compleet in ordre gebragt en op 's Comp„s schaal zal ingewoogen zijn, vondne tewyl ik hoope dat dezelve, uit hoofde hunner presente Situatie, goed geemplois: op zullen kunnen ingekogt worden, zonder nogtans daartoe de minsten knevelarij te zullen gebruijken ook dat die korl en volkomen zullen te Emploijteren zijn om onder Bantamse peper te worden vermengs, zon „der nogtans dat ik by een te doene afscheep daar toe zal resolveeren, maar„ en dan dezelve Separatelijk afleggen in strooij zakken om alzo Uw Hoog Edel„ Patken vorde aange „heedens te worden aangeboden. part. ve ter ƒ vren Arrive van de barck de Constantia die binnenkort met volle lading den 19 Sept Vervolg peper zal reverteer 7- aan de ordre uwer hoog Ed:s nopens het in Arrest neemen van den luijte„ „nant dries zal worden voldoen - Gegeeven ordre alle de buijten posthouders om op de voor by passeerende Scheepen na hem te informeeren - - - - - - - ƒ - - Apart ontvangst hunner Hoog Edelheedens missive de peeper bedeeling van dies titeit en waaraan men bezig is om dezelven te zuyveren vens andere te kun apart in Pakken zullen worden aange Aan zijn Hoog Edelheid Den Hoog Edele Groot Agtbaren Wijdegebiedende Heere MM„r Willem Arnold Alting Gouverneur Generaal Nevens De Wel Edele Gestrenge Heeren Raaden van Nederlands Indie Hoog Edele Groot Agtbaren Wijdgebiedende Heer En Wel Edele Gestrenge Heeren Wanneer ik op gepasseerde zondag avond d'Eer had over den Landweg te ontvangen Uwer Hoog Edelheedens ver Eerde Aparte missive van den 9 dezer en welkers Jnhoud mij ten vollen qualificeerd, om de geborgen peeper, Uyt een op waren gestrand Engels vaartuig uit houden der Eigenaars te mogen Inkoper qualificatie tot den tegens zodanige pryzen als voor de Eerste Zoort alhier word bekostigd, dan En hoop der gestran Wel Evenreedig hunnen qualiteit, die bevonden worden zal, wanneer gevisi„ Za: „teerd en gezuyverd ^ zijn, en zulx op myne submisse voorstelling befaparte= brief aan zyn Hoog Edelheid den heere Gouverneur generaal sub dato 5 deezer, za heb ik VEer ook vinde mij daar toe Suld pligtig verbonden, uw Hoog Edelheedens in deeze al nader te moeten bedeelen, dat deeze peeper aangebragte quagestaande in een quantiteit van 61 goeni zakken mij door den anjers posthouder behoorlyk zyn aangebragt, dan ook dat de geheele parthij door het zeewater beschadigt is, in zoo verre nogtans dat apparentelijk dezelve met aanwending van nodige arbeid Wel tot zijn Eersten Situatie zal worden te rug gebragt en waartoe men werkelijk bezig is zo dat ik versoeke„ Zowel zijn bevonden qualiteit als quantiteit te mogen verbergen tot dat hy Compleet in ordre gebragt en op 's Comp„s schaal zal ingewoogen zijn, netuaatie ondere tewyl ik hoope dat dezelve, uit hoofde hunner presente Situatie, goed nen werden geemploi: op zullen kunnen ingekogt worden, zonder nogtans daartoe de Minsten knevelarij te zullen gebruijken ook dat die korl en volkomen zullen te Employteren zijn om onder Bantamse peper te worden vermengs, Cor „der nogtans dat ik by een te doene afscheep daar toe zal resolveeren, maar„ en die als dan dezelve Peparatelijk afleggen in strooij zakken om alzo uw Hoog Edel„ „heedens te worden aan geboden. eert „boden

NL-HaNA_1.04.02_3864_0308 view scan ↗

English

that the demand has been fulfilled, which is to be attributed to a hindering season. Request to be permitted to fetch cotton yarn. Request of the King to be permitted 144,000 skeins of cotton yarn, as also the Javanese cotton yarn, of which the authorities here were notified. Receipt of their letters. Regarding the settlement of accounts. On the Prince's promise, I had flattered myself with the hope of being able to deliver completely to Your High Nobilities the demanded 30,000 pounds of white pepper that was expected. However, in this matter a greater delay appears to have taken place, whether this is to be attributed to a negligent execution of the King's orders in the Lampongs, or whether in their transport poor order or the present season is hindering, which latter I hope will prove to be the case when the weather declares itself more navigable for those vessels. Nevertheless, the usual contingent and an excess of 50 bahars for the year 1788 is at hand. May I politely request Your High Nobilities that I be given the opportunity to ship both this amount and that stock lying at approximately 750,000 pounds of black pepper. I have the honor to remain, with deep respect and all high esteem, Your High Nobilities' humble and very obedient servant, signed, W: C: Engert. In the margin: Bantam, the 12th of January 1789. To the same as above. Being instructed on behalf of the King to request Your High Nobilities kindly on his behalf, to the end that he, as in previous years, so also in this year, may be permitted the collection on Java of such 144,000 skeins of cotton yarn, as which quantity was favorably granted to him by Your High Nobilities. Duly acquitting myself of this solicitation, I also request that, upon this favorable consent of the administration, the necessary notification may then be given to the Honorable Governor and Council at Semarang. I have the honor to be, with all reverence and high esteem, Your High Nobilities' humble and very obedient servant, signed, W: C: Engert. In the margin: Bantam, the 19th of February 1789. To the same as above. I had the honor yesterday to receive Your High Nobilities' esteemed letter of the 12th of this month, which Your High Nobilities were pleased to direct so that I might fully elucidate to what extent the accusation by the Prince—as if I were refusing to settle both our valued private account and the pepper account and, for the balance owed, either to make a full payment or to grant the owed obligations—corresponds with the truth. Under such terms, I have the honor to state in due reply that it strikes me down to be accused by the Prince of such conduct and presented to Your High Nobilities as a person capable of wishing, as it were, to embezzle his outstanding affairs with me. Never, High Noble Gentlemen, has such a fraudulent thought arisen in me, much less that I would ever have sought to deceive in the most shameful manner a Prince to whom I owe so many obligations and with whom I have associated for six years in the most amicable manner, to the wonder of the general public. It is true that, shortly after the past New Year, he showed indirectly that he was eager to liquidate entirely with me in order to be at peace in life or death. Whereupon, unable to perceive that this arose from any mistrust, I politely sent a request to him to grant me time until the stock of pepper should be transported, at which time I hoped to show him that not only were his domestic debts to the Company completely settled, but also the Spanish dollars 12,000 paid on the state debts for the year 1788; but that I, upon the balance of our private account, would remain indebted to him for approximately 20,000 rixdollars, for which I would offer him my obligation, just as he granted me a similar one for half in the year 1785, when he remained indebted to me for the sum of 38,764 rixdollars and 5 stuivers upon rendering the account. Receiving no further answer to this request and assuming that that time would be patiently awaited, I gradually prepared myself to render the account as soon as the quantity of pepper that will be transported by the ships Leenimph and Hoolwerff should be known to me. However, the incident provoked by the three soldiers in Fort De Diamant causing me to perceive some cooling in his friendship, I immediately took the decision to liquidate with His Highness regarding our private account, and provisionally to deliver my obligations to him for the balance in the sum of 19,208 rixdollars and 17 stuivers against an interest of ¾ percent per month, which was done on the 11th of this month. And since I believe, on account of his lack of money, that it will be more agreeable to him to be accommodated with that cash now, I embrace the

Dutch transcription

dat aan den Eisch der de zoude zijn vol het welk aan een hinderlyk Paisoen te attribueeren is versoek om het Con„ heid te mogen versoeken van den „teij cattoene garen gepermitteerd Zoo 0ok het Javase hier van werden verwettigt ontvangst Hun„ Twe tie Nopensbe den rerst Regd vereffening van Lapen Op 'S vorssen toezegging, had ik my moogen vleijen uw Hoog Edelheedens men had verwagt de g'Eischte 30000 ponden Witte peeper, bereets Compleet te konnen aan witte Pepermee„ leden, dan in deezen Schijnt een meerdere vertraging plaats te hebben daan geworden het zij dan dat zulx te attribueeren is aan een Slordige naarkoming derbeveelen van den koning op de Lampongs of wel dat in hun overbreng, slegte ordre dan vel et presente Saisoen hinderlijk is en welk Laatsten ik hoope te zullen bewaardheid vinden, wanneer het weder zig voor die vaartuigen vaarbaarder zal declareeren — My is nogtans het gewone Contingent en aen ea dan 50 Bharen voor A:o 170 aan handen, zoude ik ooor Eedlen Euw Hoog Edel peper by gelegend heedens mogen verzoeken dat mij gelegendheid gegeeven wierd, zo wel dit t bedragen, als dien voorraad Leggende Circum Circa 750'000- Swarte peper te konnen afscheepen Ik hebbe d' Eere met diep respect en alle hoogagting te verblyven /:onderstond/ S: O / Lager/ Uwer Hoog Edelheedens onderdanige, en zeer gehoorzame dienaar /was geteek=d/ W: C: Engert /in Margine/ Bantam den 12 Janny 1789 Aan als Boven van wegens den koning gelast zynde Uw Hoog Edelheedens 't zijner 't weegen voorst om de quante minzaam te versoeken ten einde aan hem, gelijk in vorige Jaren zo Mee„ hem jaarlyks de in dit Jaar Mag gepermitteerd zin den afhaal op Iava van van java te moge odanige 144000 sStrengen Cattoene garens, als welke quantiteit hem door uw Hoog Edelheedens gunstig is toegestaan, my van deeze Jnstantie pligtmatig acquitteerende zo versoeke teffens dat ministerium van dit gunstig Consent, als dan den Wel Ed: gestr Heer Gouverneur en raad te samarang, het daar toe benodigt advis mag worden gegeeven Ik hebbe d' Eere met alle Eerbied en Hoogagting te zijn: /:onderstond/ S: o/ Lager/ Uwer Hoog Edelheedens onderdanige en zeer gehoor„ „zaame dienaar /was geteek„t/ W: C: Engert /in margine/ BBan„ „tam den 19:e Februarij 1789. Aan als S:Haven Ik hadd Eer op gisteren te ontvangen Uw Hoog Edelheedens g'Eerde ner Hoog Ed=s m missive van den 12:e deezer die Hoogst dezelve hebben gelieven in te rigten ten einde van my volledig te worden g'elucideert, in hoe verre de beschuldiging door den vorst, als of ik Weigeragtig Ware zo wel onze gevordeeluerde Particuliere, als de peeper reekening te willen vereffenen en voor hun schuldiging vasaldo, het sy dan een Compleete afbetaling of wel de verschuldigde obli„ „gatien te verleenen, met de Waarheid zoude over Een komen, Jn sul missen termen Scheepen afhalen ƒ „dat 88: nimmer getragt te genaemt te misse„ versogt tut stel met den vorst tot de voor raed van peper zoude zyn vervoert als dan zyn Huis houdelyke Bweld dies ryx schulden zou particuliere ree„ en aanbieding van debet is geschied de Commandeur steld saet om reekg te doen die de Leenimpten voeren aanbieding der obli„ termen heb in deezen d'Eer, tot verschuldigd andwoord te stellen dat het my als ter neder Plaat, door den vorst met een zodanige Handelwijze te worden betigb en uw Hoog Edelheedens voorgesteld als een per zoon, bequaam om zyne met my uitstaande zaken, als te willen verduisteren; Nimmer„ Hoog Edele Heeren is by mej een zodanige fraideleus opgekomen, veel Commandeur d in dat ikooit zoude betragt hebben een vorst aan wien ik zo veele ver„ hebben den vroostt hoopligting hebben, en met wienik, geduurende Ses Jaaren tot verwondering van de generaale gemeente, op de minzaamste Wyze hebbe verkeert, op „de schandelyjkste wyze te willen bedriegen, wel is Waar dat hij even naar het gepasseerde nieuwe Jaar, als van ter zyde getoont heeft begeerig te zin, met mij over het geheel te willen Liquideeren, ten einde by leeven ofrsterven gerust te konnen zijn, en waar op ik als niet konnende bemer„ „ken, zulx uit eenig wantrouwen voorkwam, Hem beleefdelijk heb laten de vereffening van verzoeken daar meede myde tyd te verleenen, tot dat de voorraat peeper zoude zijn vervoert als wanneer ik hoope had hem te zullen aantoonen ƒ dat niet eenlyk zijne Huishoudelijke schuld aan dE Comp: Compleet waare met aantoning d„a s„r effent ook afbetaald de Sp s 12000:- op de ryxschulden voor Ao 1788 Maer k dat ik hem bij het Saldo onzer particuliere Reekening ongevaar meede zijn vereffen trd:s 20000:—„ zoude schuldig blyven, voor het welk ik hem myne Obligatie saldo wegens onse zoude aanbieden even sen in dier voegen als hy my een gelijke verleent, in d:o van5 nopen de helft in den Iaare 1785, wanneer hij mij by het doen van reekening de Somma van Rd:s 38764: 5: ofschuldig blijft — op dit gedaan verzoek geen nader andwoord bekomende, en veronderstellende die tyd geduldig. zoude worden afgewagt zo hebben ik My allengkens instaet gesteld zig alleng kense tot het doen van reekening zo spoedig mij zoude bekend zijn de beide zal zijn de quatitee quantiteit en peper die door de scheepen Leenimph en Hoolwerff hoolwerff zullen ver zullen worden vervoert. — Dan het g'exteerd geval door de drie Soldaten in het Fort de diamant, my eenige verkeeling in zijn vriendschap doende ontwaren, zo ben ik al aanstonds tot het befluijt getreeden met zyn Hoog „heid, ten aanzien van onze particualiere reekening, te Liquideeren en hem voor het Baldo provisioneel te introgeeren mijn obligatien bor roebet ter Somma van Rd:s 19208:17:- tegens den Interest van ¾ percent 'Smaand, het wek op den 11„e deezer is geschiet. — En alzo ik van Wegens zyne geldeloosheid, Vermeenen: Item aangenamer zyn Zal als nu met die Contanten gerievt te worden, zo Amplecteere ik die de Edee„ , d

NL-HaNA_1.04.02_3864_0310 view scan ↗

English

that opportunity which is available to me to collect such an amount, and upon receipt of which I shall not fail to pay out these funds to him immediately. With regard to the Pepper Account, it is still impossible for me to settle it formally, because it is as yet unknown to me how much pepper the two aforementioned ships will carry, and which quantity must determine whether any monies will be due to him, or whether that account will close with a small remaining balance. And as this account in its entirety is of too great a consideration not to provide Your Right Noblenesses with the required disclosure concerning the same, I enclose an extract from my account book as I deem that said liquidation will take place with the prince, in view of the as yet uncertain quantity of pepper being loaded onto the ships. This extract, which has been balanced at different times, will, as I humbly trust, convince Your Right Noblenesses that I have frequently tried to settle accounts with the prince, which has thus far been postponed by him, adding that he was not afraid of my actions. Your Right Noblenesses will find in these closed accounts, under the indication of debit, such capitals transferred to private account of sp:s 43049:8:- and Sp:s 13832:55:—. Yet I hope Your Right Noblenesses will not be pleased to take offense at this act, since both of these parcels had to serve to help secure my guarantee, namely on a general capital of Rds 90038:8:-, but from which latter drawn sp:s 13832:55:— it follows that I remain indebted to the King for rd:s 19208:17. To ensure that I have also taken care to satisfy the Honorable Company's claim, both regarding the prince's household debt and on account of his due payment over two years on the national debts, I also enclose an account current prepared in this regard, alongside which it is demonstrated that from the pepper delivery to the main treasury there has been liquidated Rd:s 42928:40:8, or indeed his entire debit in the trade books, and also sp:s 24,000 on the national debts. I hope, furthermore, that Your Right Noblenesses will be pleased to receive this defense of mine with complete belief, also with confidence that I have acted uprightly in my conduct and in good faith, without the slightest deviation from those honorable principles that allow me to expect a peaceful death; as well that, notwithstanding I must consider myself insulted in my honor by the prince, I shall nevertheless make every effort to reconcile myself again with His Highness and to associate in such a manner that he will certainly have to be convinced that he has allowed himself to be misled by incitement from such persons who, perhaps jealous of our harmonious way of life, have attempted to destroy it through the fire of discord in order to bring advantage to themselves thereby. I have the honor to remain, with all due respect and high esteem, F: O: Your Right Noblenesses' humble and very obedient servant, was signed, W: C: Engert. In the margin: Bantam, the 15th of March 1789. To as above. I have the honor to dutifully answer for myself regarding the complaints and accusation made by the prince to His Right Nobleness, as if I were keeping clandestinely hidden in my house a certain quantity of seven bhaars of pepper belonging in ownership to His Highness; and I find myself, to my very great satisfaction, in a position to be able to elucidate Your Right Noblenesses with truth in this matter, that the said grains, which consist of 8½ bhaars and are stored in one of the upper rooms of the Commandery, are the same that I caused to be salvaged from the English vessel wrecked on the beaches of Waroe and brought to me; and which, after having applied everything possible to the same to make it merchantable, upon the high authorization of Your Right Noblenesses by separate dispatch of the 9th of January past, I purchased at sp:s 9 per bhaar from the owner and present native of Erbese, by name Pelidieng; and I also intend to have them conveyed to Your Right Noblenesses with the ship Hoolwerff, laid down separately in bags. I perceive no reason that presently moves His Highness to consider this pepper as his own, about which contention he has never conferred with me, unless he has been made to believe that he can claim right of salvage upon the same, and thereby presently regards it as his own; all the more it constrains me to continue

Dutch transcription

ondoenlykheid wegs soepecheekg door on doen zullen vervoeren weten of die reekq niet. Aanbieding een uittreksel uit het overgebragte Capita len op particuliere r de liqeidatie der pe de grote Catsa die gelegendheid die mij voor handen is, om een zodanig bedragen by een te krygen en naar Welker bekoming ik niet versuime hem die penningen al aanstonds te zullen toetellen Ten aanzien van de Peper Rekening, is het mij als nog ondoen„ het liquideeren derLyk daar meede formeel te konnen vereffenen, Uythoofde my als de indertugen se nog onbekend is hoe veel peeper de opgenoemde beide scheepen zullen vervoeren en welke quantiteit moet uijtwijsen, of hem Eenige pen„ „ningen zullen toekomen, dan wel of die reekening op een gering „desook om te kunn Testant na Sluiten zal: En alzoo deeze Reekening over „by na sluijten za zijn geheel van te groote Consideratie is om niet van het zelve Uw Hoog Edelheedens de verschuldigde opening te geeven, zoo in Closeere ik een uittreksel uijt min reekening boek zodanig des ik vermeene dat zy gezegt ten aanzien van de als nog on„ „zeekere quantiteit peper die de scheepen in gegeeven word met den vorst te zullen Liquideeren. — Dit Uttrekzel dat differenten, maalen geslooten is, zal zo ik nedrig vertrouwen uw Hoog Edel„ „heedens overtuigen dat ik meenigmaal met den vorst heb tragten te Liquideeren, dan het welk dus Lange door hem verschoven is, ondertoevoeging voor mijnen behandelingen niet beschroomt te zyn uw Hoog Edelheedens zullen by die gesloten Reekeningen in 8 „aanwijzing van debet gesteld vinden zodnige Op particuliere reekening overgebragte „kening en de bet Capitalen van sp:s 43049:8:- en Sp:s 13832:55:—, Dan ik hope niet Uw Hoog Edelheedens over dit bestaan zig zullen gelieven ergeren„ aangezien deezen beide parthijen dienen moesten om my meede aan myn guarand te helpen, en wel op een generaal Capitaal van Rds 90038 -8 dan Uet welke Laatste genooten sp:s ƒ 3832:55:— voor „komt dat ik den Koning rd:s 19208:17. schuldig blyven Ter verzeekering dat ik meede gevicileert hebben om d'E Comp: aan zijn pretentie te doen geraaken, zo ten aanzien van 's vorsten Huishoudelijke Schuld, als Wegens zijne verschuldigde afleg„ „ging in Twee Jaaren op de ryx schulden, zo in Closeeren ik meede een reekg Couvaant wigss weegen geformeerde reekening Courant waar nevens word aan„ peke haltuwes op„ getoond, dat uit de peper Leverantie tot de grote Cas gelequideert zijn Rd:s 42928:40:8 / „1 reekgboek woording volkomen fereersn van de voost aan te laste van de om in huisberge van peper de Commandeur betuygt dezelve te toe gestranden Rd:s 42928: 40:8: ofte wel zijn geheele debet by de Negotie boeken, ook sp:s 24'000 op de rijx Schulden Ik hoope overigens dat Uw Hoog Edelheedens deeze myne verandwoording aan deeze verand ullen gelieven te verleren met een volkomen geloof, ook met een vertrouwen geloof zullen des dat ik in myne Handelwyze opregtelik, en ter goeder Trouwen gehandelt Zonder de minste afwyking van die Eerlijk principes, die my een gerus„ „te dood doen verwagten, zo meede dat niet tegenstaande ik my door den vorst in mijn Eer moet beleedigt agten niet te minik alles zal aanwenden om my met Hoogst denzelven weder te versoenen, en te assopieeren op een wijze dat hy vastelijk zal moeten worden overtuigt, dat hij zig Door opstoking heeft laten verleijden door zodanige, die mogelijk zalours over„ onze Harmonieusse Levenswijze het zelve door het vuur van Twee dragtheb„ „ben tragten den Bodem in te slaan ten einde daar door zig zelven voor„ „deel toe te brengen Ik verEere mij met alle verschuldigde Eerbied En Hoogagting te ver„ „blijven /onderstond:/ F: O: / Lager/ uwer Hoog Edelheedens onderdanige en Zeer gehoorzaame dienaar /was geteekend/ W: C: Engert /in margine/ Bantam den 15 Maart 1789 Aan als 't Boven Ik hebbe d' Eer Mij Schuldpligtig te verandwoorden, nopens de door den vorst„ gedane klagten aan zijn Hoog Edelheid gedane beschuldiging als of ik Claudesten in mijn Huis 16 zyn Hoog Edelheed oude geborgen houden een zeekere quantiteit van Zeeven Bhaaren peeper mandeur wegh zin Hoogheid in Eigendom toebehorende, en vinde, my tot over grote Sati„ „factie in staat uw Hoog Edelheedens in deeze met waarheid te kunnen Eluc„ „deeren dat gem:e korlen die bestaan in 8½ Bharen en geborgen in Een der boven kameren van het Commandement, dezelve zijn, die ik uyt het op de Stranden zijn van het op wav an waroe verongelukte Engels vaartuig heb laten opvisschen en tot mij gees vaartuuig overbrengen, en die na aan dezelve alles te hebben aangewend, wat moogelyk is om Leverbaar te maaken, op Hooge qualificatie Uwer Hoog Edelheedens by aparte missive van den 9 Ianuarij passato door mij, van den Eigenaar en als aan „weezige Erbese Jnlander In name Pelidieng asp:s 9 de Bhaar hebben ingekogt, ook voorneemens ben, die met het Schip Hoolwerff, Separaat in Zakken afgelegd tot uw Hoog Edelheedens te laten overgaan. — Ik bevroede geen reede die zijn Hoogheid als nu moveeren om deeze peeper als zin Eigen te Consideree„ „ren overwelk Sustenue by mij Nimmer heeft laten onderhouden, het zij dan dat hem diets gemaakt is, op dezelve het Strand regt te konnen formee„ „ren, en daar door dezelve thans zyn Eigen te beschouwen, te meer nog Constorineer Mij te vervolg

NL-HaNA_1.04.02_3864_0312 view scan ↗

English

the Commander shows the prince's affair as own interest dispatch of the Lampong Bearia the ship Hoolwerff this accusation to me, as if I would be capable of making myself guilty of such far-reaching malversation, since His Highness himself allowed me not only to have that pepper purified through his usual screens and in his own warehouse, but even had us assisted by his pangawas with the weighing of the same; but even less am I capable of fathoming what offense has brought me such mistrust with the prince, since I have never neglected to look after his interests as my own, nor ever failed in that respect which I presumed to owe to his princely person, and which amiable understanding prompted him in the past year, upon meeting the Captains at Sea van Halm, Kuipvel, and Rysbende, to recommend my person to their intercession upon meeting His Serene Highness the Lord Prince of Orange and Nassau, so that I might once be taken into consideration. I hope not to do wrong by communicating this affection shown to me to Your High Noblenesses as such, from which I pray most earnestly that you may be convinced that I have always looked after the prince's interests as my own, and that in that amicable intercourse I have sought to comply with that intelligence most strongly recommended to me by Your High Noblenesses in my commission, without moreover ever having deviated from that obligation which I truly owe the prince, and which shall never be ungratefully acknowledged by me. This pure assurance emboldens me most humbly to implore Your High Noblenesses' intervention for reconciliation, without which I cannot foresee that the prince's conceived displeasure can be tempered, much less that the previously existing amicable intercourse shall or can be restored to the old footing, wherefore Your High Noblenesses will oblige me for life with this so submissively requested intercession and also bring about a revival in my dejected vital spirits. The assigned order of Your High Noblenesses so that His Highness be informed of his consent to the sending away of the pangawa Si Raksa Djaja who has made himself guilty of disobedience, shall at once be carried out, and communicated that for this dispatch the ship Hoolwerff, currently taking in cargo, is offered, as the Zeenimph has already sailed the day before yesterday. continuation continuation 6 1 1 Z 6 Your High Noblenesses' letter along with the offering of his the king that letter within a few days will be answered the Commander of mistrust received letter the same on the sea robbers and the Lam- pong ves- sels Instruction according to Your High Noblenesses I have the honor to sign myself with all submission and high esteem. Beneath stood: So / was signed: W.C. Engert / in the margin: Bantam, 20 March 1789. To the same as above. Yesterday evening, upon the arrival of a postal messenger, I had the honor to receive a separate letter of Your High Noblenesses dated the 14th of this month, in which you were pleased to order me to hand over the enclosed letter to Bantam's prince at the first opportunity to His Highness. I at once this morning requested the necessary audience for this, which was granted to me immediately, enabling me to fulfill that high command; but as that letter and its enclosures appeared to be of too great an extent to be directly perused and answered by the king, I was requested to give Your High Noblenesses prior notice regarding its receipt, as well as that the same would receive its reply within a few days and be offered to Your High Noblenesses by his own envoy or in another manner. I therefore hope that the expected answer will strengthen Your High Noblenesses to dispose favorably upon my made justification, while I continue to assure that I have never given reason for any mistrust, but that the estrangement taking place must be sought, and in time will also be found, in instigations that have been active against my good name for some time. Meanwhile, I have the honor to remain with all high esteem and due respect. Beneath stood: T: O: / lower: Your High Noblenesses' humble and very obedient servant / was signed: W.C. Engert / in the margin: Bantam, 24 April 1784. To the same as above. Yesterday evening, after the cutter the Patriot had the good fortune to sail onto these roads, I had the honor to find myself favored with Your High Noblenesses' separate letter of the 24th ultimo, containing polite notice regarding the destination of that vessel, in order that through its assistance the roaming pirates in the Sunda Strait may be overcome, and specifically those who make the Lampong crossing unsafe, and have for some time made the delivery of pepper difficult; I have this morning likewise given the ordered notice thereof to Bantam's prince, and alongside this sought to dispose His Highness not only to have this cutter convoyed by his armed cruisers, but above all that the commanders thereof be provided with such instructions as will most correspond with the content of those orders which were given by Your High Noblenesses to Captain-Lieutenant Muller on that cruising voyage to be undertaken; and of which instruction a copy has also been granted to me for further notification. In how far thereto by [illegible]

Dutch transcription

de Commandeur tuygt svorste zake eenen als eigen belang opzending vanden Lamp:s Bearia het schip Hoolderff mij deeze aantyging, als ofik bequaam zoude zyn my aan een zodanige verregaande malversatie schuldig te maaken, alzo zyn Hoogheed my zelve toe„ „gestaan heeft miet Eenlyk die peeper door zyn gewone harpen, en in zijn Eigen pakhuys te laten zuyveren, maar zelfs wy door zyne pangawas heeft laten adsis„ „teeren met het inweegen derzelver; Dan wel minder ben ik bequaam te door gronden, welk misdryff my een zodanig mistrouwen by den vorst te hebben beharti hheeft berotkent, daar ik nimmer verzuimt heb zyne belangen als eigen te behartigen, ook Nimmer gemankeert aan dien Eerbied dien ik veronder stelden zin vorstelijk persoon verschuldigt te zijn, en welke minzame verstandhouding, hem in den gepasseerden Jaare, by ontmoeting van de Heeren Capitains ter Zee van Halm Kuipvel, en Rysbende Aangespoort heeft, myn persoon Hunner intercessie op te dragen by rencontre van zin doorlugtige Hoogheid den Heere prince van Orange en Nassauw, ten einde Eenemaal meede in reflexie te mogen geraaken. — Ik hoope niet te misdoen Uw Hoog Edelheedens deze voor mij, betoonde geneegendheid, als zodanig te communiceeren, uit dewelke ik hoogst dezelve verbidden te willen overtuigt zyn, dat iks vorsten belangen altoos als eigen, hebben behartigt, en dat ik in die Minnelijke verkeering getragt hebben te voldoen aan die Intelli„ „gentie my op het sterkst door Uw Hoog Edelheedens in mijn Commissie aan „bevolen, zonder bovendien immer te zyn afgeweeken van die verpligting die ik in waarheid den vorst Verschuldigd ben, en Nemmer door my ondakkbaar zal Worden Erkent Deeze Zuyvere verzeekering doet my verstouten uw Hoog „ Edelheedens tussenkomst ter reconsiscatie op het nedrigste Imploreeren, buyjten het welk ik niet voorzien kan, dat 's vorsten opgevat misnoegen kan worden getempert, veel min, dat de voorheen gesubsisteerde Minzaame verkee„ „ring op den ouden voet zal of kan worden terug gebragt, over zulx uw Hoog „Edelheedens mij met deeze zoo submis verzogte intercessie Levens Lang zal verpligten ook toebrengen eene opbeuring in mijne ter Nederge„ „slagen Levens geesten — den opgedragen Last uwer Hoog Edelheedens ten einde zyn HoogEeid werde geinformeert van Hoogst deszelfs Consent ter opzending van den aan disobedientis zig schuldig gemaekt rapsie ajaijae met hebbende pangauwa Si Raksa djaja Zaldoos wij nomentelijk worden der uit voer gebragt en Gecommuniceert dat tot deeze opzending Aange„ „boden Word het thans in lading leggend schip Hoolwerff, alzo de Zee„ „nimph bereets op Eergister is gezeilt vervolg vervolg 6 1 1 Z 6 hoog Ed:s missive nevens de van aanbieding van zijn den koning dat brieff binnen za den beandwoord den Commandeurt van mistrouwe ontvangen Missive dezelve op de zee rover en het Lam pongse vaar„ nings vaar„ tuigen Instructie volgs Hoog Edh„s Ik verlere my met alle onderwerping en Hoog agting te Onderschryven sonder stond / So /was get:/ WC Engert /in margine:/ Bantam den 20 Maart 1789 Aan als Boven In den avond van Gister by arrive van Een post boode had ik. d'Eer te ontvan„ ontvangst hunne Een Uwer: Hoog Edelheedens aparte Missive van den 14 dezer, in den Welke Hoogst bantams vorst dezelve my gelieven te gelasten aen by gelegen brieff aan bantams vorst bijerste gelegendheid zyn Hoogheid te inhandigen, — Ik hebbe al aanstonds in deeze morgen daar toe de nodige Audientie Laten verzoeken, die mij directelijk ver„ T vorsten brieff „ gunt Eijnde, in Staat gesteld heeft aan die Hooge Last te voldoen; — dan alzo die brieff en zyne relative vante groote uit gebreidheid zig voor-deeden. om direftelijk door den koning te worden ingezien en beandwoord Zo wierde ik kennis geeving en d„e verzogt Uw Hoog Edelheedens een pracclabele kennis te geven wegens de zee„ zynen ontvangen verontvang, zo meede dat denzelven binnen Weinige dagen zijne rescribtie te kdagen zal wor zoude Erlangen en uw Hoog Edelheedens door een eygen zendeling of wel op andere Wyze worden Aangeboden Ik verhoope over zulx dat het te verwagten andwoord Uw Hoog Edelhee„ den Sal sterken, om op mijne gedaane verandwoording ganstig te komen verseekering van isponeeren, terwyl ik blyven verzeekeren Nimmer reeden tot eenig Mis„ nimmer reede rouwen te hebben gegeeven, maar dat de plaats vindende vermydering te hebben gegeeve noet gezogt, ook in 'er tijd zal worden gevonden, in opstokingen, die 't zee„ „dert eenige tijd tegens mijn goede naam zig werkzaam hebben getoont Intussen verEere ik mij met alle hoogagting en verschuldigde Eerbied te verblyven /onderstond/ T: O: /lager/ Uwer Hoog Edelheedens onder„ „danige en zeer gehoorzame dienaer /was get/ W CEngert / in margine Bantam den 24 April 1784 Aan des Boven Op Gister avond na dat de kotter de Patriot gelukkig deeze rheede heeft mogen pr de kotter de pazeilen, heb ik mij mogen vereert vinde met uwer Hoog Edelheedens aparte missive van den 24 passato Contineerende beleefde kennis gewing wegens dedestinatie van dat vaartuijg, ten einde door zijne huip worden overge„ bekruysing van„ wonnen de omswervende Leerover en Landas Engte en wel bepaaldelijk de zodanige die den Lampongse oversteek onveilig maken, en 't zedert eenige tyd den aanbreng van peeper hebben moeyelijk gemaakt; Ik heb daarvan heeden morgen meede de geordonneerde kennislaten geeven aan Ban„ „tams vorst, en daar nevens betragt zyn HoogEdeed te disponeeren, niet Convoij van Iko„ eenlyk deeze batter door zyne g'armeerde kruijssers: te laten Convoyjeeren, maar voor al dat de Hoofden van dezelven Worden voorzien van zodanige Instructien als het meest zal over een komen met den inhoud dier ordres, dewelke door Uw medegegeeven Hoog Edelheedens den Cap„n Luytenand Muller op die onderteneemen kruijs„ ordre hunne, togt zijn meede gegeeven; en van welke Jnstructie tot diepen aanzegging my meede Copia is mogen geworden. In hoe verre daar aan door m triot water zijn

NL-HaNA_1.04.02_3864_0314 view scan ↗

English

Notice to their High Nobilities of the arrival of Captain Martens to take over the cutter de Patriot. His Highness's notification being deferred, I shall have the honor to inform Your High Nobilities further, as no answer has yet been brought back to me, and I could not delay giving Your High Nobilities immediately the due notice concerning the timely arrival of that vessel. I have the honor to remain with all respect and high esteem, signed below S: O, lower, Your High Nobilities' humble and very obedient servant, was signed W: C: Engert, in the margin Bantam the 4 May 1789. To the same as above. After the cutter de Patriot had stayed here a few days awaiting the departure of two king's cruisers being prepared in order to undertake the crossing jointly, a sad accident occurred whereby Captain-Lieutenant Muller was rendered unable for the present to join that expedition, as he was seized the night before yesterday by convulsions and cramps. Although some improvement has been observed throughout the day, he is by no means out of danger, while the experts state that, if his recovery may be hoped for, his weakness will not permit him to put to sea within the first half month, if not longer. Wherefore I deemed it my duty to give Your High Nobilities the required notice of his situation, while for the rest I have the honor to remain with all high esteem, respectfully, signed below Ta, lower, Your High Nobilities' humble and very obedient servant, was signed WC Engert, in the margin Bantam the 20 Meij 1789. To the same as above. I have the honor to inform Your High Nobilities of the arrival of Captain at Sea Martens, who communicates to me orally that he was sent hither by Your High Nobilities in order to take over the command of the cutter de Patriot, and that from the hands of Captain-Lieutenant Muller lying ill here. In view of the fact that the instructions concerning the pending expedition were transferred in writing to the said Captain Martens, I have given full credence to this statement of his, and the takeover of that vessel is currently underway in order to undertake the crossing to below the Lampong coast as soon as possible. But since the sick Captain-Lieutenant Muller is convalescing beyond all expectation and is expected to be recovered soon, both commanders, under my advice—and which I hope may be granted with a favorable approval by Your High Nobilities—and upon the recovery of Captain Muller, request that Captain Martens be allowed to make the first cruise. First the lighter de Herstelder with cash from the King to their High Nobilities, with the dispatch of the same. A suspicion that hostilities have taken place between him and the prince. The commanders have agreed to let the first cruise be conducted by Captain Martens, until such time as the ailing Captain-Lieutenant Muller shall have sufficiently recovered with me that he will be able to resume command of that vessel with peace of mind. At which time care would be taken that he be transferred to the cutter, and Captain Martens would also be given the opportunity to return suitably to Batavia. Should this arrangement, however, not be agreeable to Your High Nobilities, and should it be Your High Nobilities' intention that Captain Martens complete the cruise entirely, I respectfully request to be informed in this matter as to how far a further arrangement could be made to the satisfaction of Your High Nobilities, in order that both commanders may be given the proper notification thereof. Arrival of the lighter de Herstelder. I also request permission in this letter to report the fortunate arrival yesterday of the lighter de Herstelder, bringing me 4 chests containing a sum of Sp. 15000: — for the pepper trade, and for which assistance I express my humble thanks to Your High Nobilities. For the rest, I have the honor to be with all veneration and high esteem, signed below I O, was signed WC Engert, in the margin: Bantam the 18 May 1789. To the same as above. Obtained an answer to the letter of Your High Nobilities between the commander and the prince, through covert enemies. In order to be relieved of the disadvantageous impression Your High Nobilities might have, as though I could have been capable of insulting a prince, or rather of misleading through sinister tricks someone who has continually deigned to honor and favor me with his tenderest high esteem and unconditional benefactions, I have constantly endeavored to obtain an answer to the letter of Your High Nobilities, which was unexpectedly delivered into my hands this evening. I therefore have the honor to enclose the same, and hope its contents will convince Your High Nobilities that the accusations made did not originate from truth, but from malice, and must be attributed to covert enemies. Also that Your High Nobilities will thereby be enabled, for my justification, not only to vindicate my conduct, but at the same time to deliver a verdict whereby my tarnished name will be placed in a true daylight, and the world will be assured that the subordinate has been shamefully assaulted contrary to the truth, and being guilty of no offense, has been wronged by the burdens laid upon him.

Dutch transcription

rutstee van het dies gezag voerdeed kennisgeeving hunne Hoog Ed„s aankomst van den Capitain Mar tenster overmee„ kotter de patriot Zyn Hoogheid zal worden gediffereert zalik deEer hebben uwe Hoog Edelheedens nader te bedeelen alzo mi nog geen andwoord te rug gebragt is, en ik niet geb mogen verwijlen uw Hoog Edelheedens al aanstonds de verschuldigde ken„ „nis te geeven, weegens de getuikige aankomst van dat vaartuijg Ik hebbe d' Eere met alle Eerbied en Hoogagting te verblyven /onderstondt/ S: O /Lager/ Uw Hoog Edelheedens onderdanige en zeer gehoorzaame dienaar /was geteekent/ W: C: Engert /in margine/ Bantam den 4 May 1789 Aan als Boven Nadat de kotter de Patriot alhier eenige dagen vertoeft ter inwagting van twees konings kruyssers die in gereedheid gebragt worden, ten einde gecombineerd de overtogt te onderneemen, zo Exteerd een droevig toeval door vertrek van eel het Welk aen Capitain Luijtenand Muller buyten Staat gesteld is, voor Eerst bte ae at t tot die Expeditie te konnen treeden, alzo denzelven eergister nagt door Consul„ sien en kramptrekkingen overvallen den geheelen dag, of schoon Wel Eenige beterschap bespeurt word geensints buyten gevaar is, terwijl door des kunde„ „gen gesteld word, by aldien zyn herstel zoude mogen verhoopt worden, zyn zwak niet zal gedoogen in den Eersten halve maend, zo niet Langer Zee te konnen kiesen alwaar om ik my verpligt agte uw Hoog Edelhee„ daar van aern„dens van Sijne Situatie de verschuldigde kenniste moeten geeven, terwyl ik overigens de Eer hebben met alle hoogagting, Eerbiediglijk te ver„ „blyven /onderst:d/ Ta /Lager/ Uw Hog Ed„s onderdanigen en zeer gehoor„ Zame dienaar /was get:d/ WC Engert. /in margine/ Bantam den 20 Meij 1789 Aan als Boven Ik heb d' Eer uw Hoog Edelheedens te Jnformeeren, de Aankomst van den Cap„n ter Zee Martens, die mij Mondelyk communiceert door hoogst may van de dezelve te zijn herwaarts gezonden, ten einde het Commando over te neemen p de kotter de patriot, en wel uit handen van den alhier Ziek Leggende Capn Luytenand Muller Ik hebben uit hoofden dat den Instructie betrekkelijk de voorhanden zynde Expeditie opgenoemde Cap„n Martens is overgeschreeven alle geloof gedefereert aan dit zijn voorgeeven, en is Werkelijk beezegaan den overneem van dat vaartuig ten einde zo Spoedig mogelijk de overtogt tot onder de Lampongse wal te onderneemen — Dan alzoo aen zieken Cap:n Luijtenand Mullerbuyten alle verwagting komt te resconvalessee„ „ren en verwagting is Spoedig te zullen hersteld zin, zo zyn die beide gezag voerders, onder mijn advis, en het welk ik hoop door Uw Hoog Edelheedens meteen gunstige toestemming zal mogen verledt over en en bij herstel van die tweede kruijs Eerst de ligter de her„ stelder met Contanten van de koning op hunner hoog met afzending van dezelve evermoede dat de vyandelyk hem en den vorst— aen hebben plaets gevonden versoekomm Cap„ ver Een gekomen om den Eersten Bruistogt door Cap: Martens te laten geschieden martens d' Eerstot tyden Wylen aen ziekelijken Capit: Luijtenant Muller zodanig bij mij Cap„n mullerne al zijn hersteld, dat met gerustheid het Commando op dat vaartuijg Weder zal. „togt te laten toe konnen onderneemen, als Wanneer zorgen zoude dat hij tot de kotter Worden overgebragt, ook aan Cap„n Martens gelegentheid gegeeven dat hij geschikt tot Batavia te rug komen Mogt egter deeze schikking uw Hoog Edelhee„ „dens met aggreeren, en waare Hoogst dezelver Jntentie dat Cap:n Martens de kruijstogt ten Eenemaal volbragt, zo verzoeke ik Eerbiedig in dezze te moge worden g'informeert in hoe verre eene nadere schikking ten genoege Uwer Hoog Edelheedens zoude konnen worden gesteld ten einde de beede gezag voerders daar van het Schuldig narigt worden gegeeven Ik versoeke in deeze meede te mogen melden het gelakkig opkomen op gister Aankomst van van de Ligter de Herstelder my aanbrengende 4 kisten met eene somma van Sp„s 15000: — tot den peeper handel, en voor Welke bystand ik uw Hoog Edel„ „heedens mijn ootmoedige dank betuyge Ik hebbe overigens d' Eere met alle veneratie en hoogagting te zijn /onderstond/ I O / was geteekend/ WC Engert /in margine:/ Bantam den 18 May 1789 Aan als Boven Ten Einde uit het nadeelig denkbeeld Uwer Hoog Edelheedens te mogen geraaken als ofck vermogend waare geweest een vorst te kunnen beleedigen, of veel een door Linkse streeken te mislyden, die mij aanhoudend met Zyne te derste Hoogagtingen onbepaalde Weldaden heeft gelieven te verEeren en begunstigen heb ik steeds gewent om te bemagtigen Erlangt andwoord een andwoord op de missive Uwer Hoog Edelheedens die my in deezen Eden missive avond op het onverwagts ter aanbieding in handigt. wend, Ik hebbe over zulx d'Eer den zelven te incloseeren, en verhoope zyne inhoud Uw Hoog Edelheedens zullen overtuigen dat zyne gedane beschuldigingen niet aan waarheid, maar aanquaad willigheid gesprooten, Uit den Commandeur aan het srugbedekte vijanden moet toegekent worden ook dat Uw Hoog Edel heeden tussen, heedens ter mijner Justificatie door het zelve zaal worden instaat gestelt, door bedekte vijan niet Eenelyk myne gedragingen te konnen regtvaardigen maar teffens Een uitspraak te doen door het welk myn bevlekte naam in een waar dag Ligt gestelt, de Wareld zal verzeekeren moeten dat de tleedere buiten waarheid Schandelyk is aangerand en aan geen vergryping schuldig door den Lasten is verongelijkt geworden feb n ul ƒ k n

NL-HaNA_1.04.02_3864_0316 view scan ↗

English

answer to them upon a speedy recovery, the Captain shall be transferred to shore from the cutter the Patriot To the Honorable, Valiant In such hope, as also in that of continuously remaining favorably protected by Your High Noblenesses, I have the honor to remain with the utmost veneration and all high esteem. /below stood/ In the absence of /Lower/ Your High Noblenesses' humble and obedient servant /:was signed/ W C Engert /in margin/ Bantam, the 25 May A:o 1789 To the Same as Above In humble reply to Your High Noblenesses' honored separate letter of the 27th ultimo, I have the honor to reply that because Captain-Lieutenant Muller, who has been lying sick at my house, although having recovered to the extent from his dreadful experienced condition, still lacks sufficient strength to be able with peace of mind to undertake the Second Cruise with the cutter the Patriot as yet, our chief surgeon is of the opinion that, in order to recover completely, it is absolutely necessary for him to remain here at least until next Saturday, in order to be able then to observe whether the crossing to the cutter, on account of his weak condition, would be advisable and safe to entrust, in which case I shall have him conveyed with a suitable vessel, pursuant to Your High Noblenesses' favorable approval of our devised arrangement, to the Lampong shore to search for the cutter, which crossed thither under the command of Captain Martens on the 23rd of May, in order thereby to resume authority over the same, and to afford Captain Martens the opportunity to return to Batavia with the same vessel. Meanwhile, we hear nothing as to whether any chase has already had to be given by the said Captain Martens to suspect vessels, which I shall nevertheless dutifully communicate to Your High Noblenesses immediately, whenever I obtain any information regarding this. I have the honor to remain respectfully with all high esteem /below stood/ In the absence of /Lower/ Your High Noblenesses' humble and very obedient servant /was signed/ W C Engert /in margin:/ Bantam, the 3rd June 1784 Honorable, Valiant Captain at Sea in command on the cutter the Patriot, currently cruising in Sunda Strait. Pursuant to our agreement and the subsequent communication sent to Their High Noblenesses concerning our arrangement made regarding the cutter in the event that Captain-Lieutenant Muller might recover at my house from his dreadful illness, it has pleased the High Government to state in reply that our plan has had the pleasure of being approved, in a letter received by the undersigned dated the 27th ultimo, an authorized copy of which is enclosed herewith for your conviction and also as a guideline in this matter. It is for this reason that, Captain-Lieutenant Muller being fully recovered from his illness, I afford him the opportunity with the guard proa of Anjer to cross over to the cutter /: although unaware where the same will precisely be found, as we have as yet no report thereof from the coast :/ in order to take over from you once again such command of that vessel as he was compelled by his illness to cede to you, and that in conformity with the highly esteemed pleasure of the High Indian Government. Meanwhile, furthermore, that same guard proa, and specifically upon his further order, the Corporal and Anjer innkeeper Johannes Henricus Coeberg has been instructed by me to let this vessel serve for your transport hither and to let you enjoy therein such convenience as shall be found in it, in order to be able to return from here to the Capital with an ordinary packet boat. I remain further with collective greetings /below stood/ In the absence of /Lower/ Your High Noblenesses' humble and very obedient servant /was signed/ W C Engert /in margin:/ Bantam, the 6 June 1789 To the Same as Above To Their High Noblenesses On the 6th of this month, Captain-Lieutenant Muller having fully recovered from his endured illness, and having passed over in command to the cutter the Patriot pursuant to the respected order of Your High Noblenesses of the 27th ultimo, Captain at Sea Christiaan Martens, who until now was placed in command thereof by the same, returned to us, who returns to Your High Noblenesses on this occasion and under this accompanying letter. An extreme lack of money, as both the large and small Company's cash boxes are entirely empty, even with an advance provision of upwards of 1400 rixdollars, by which inconvenience I am rendered unable to offer Your High Noblenesses an ordinary monthly balance note, makes me take the liberty to enclose herewith a drawn-up extra requisition for the reinforcement of both cash boxes, and I humbly request Your High Noblenesses that its complete or else partial fulfillment may if possible be granted via the lighter De Jonge Jeremias, currently still remaining at Batavia but belonging here, which vessel, we understand, having been repaired of its defects, will return one of these days, so that by obtaining funds we may not only remain in a state to bring the incoming [illegible]

Dutch transcription

andwoord op hun by een spoedige her stel zal den Cap„n op de Kotter de patris Te wal werde over Aan den E Manhaften In Zodanige hoope ook in die van Uw Hoog Edelheedens aanhoudend gunstig te sullen beschermt worden, heb ik d' Eere met uytterste veneratie en alle hoogagting te verblijven. /onderstond/ F: O/Lager/ uw Hoog Edel„ „heedens onderdanige en gehoorzame dienaar /:was getekend/ W C Engert /in margine/ Bantam den 25 May A:o 1789 Aan als Boven In nedrige rescriptie op uwer Hoog Edelheedens verEerde aparte„ „ner Hoog Ed:s m missive van den 27:e pass. o heb ik d'Eer te repliceeren dat uyt hoofden den bi mij Ziek geleegen Cap:n Luijtnt Mulder die wel in Zoverre van Lyne Schromelyke doorgestame omstandigheid is hersteld; aan nogtans de gehoegsame kragte ontbreekt om gerustheid den Tweede Kruystogt met de kotter de patriot als nog te kunnen onderneemen, onze oppermeester van advis is, ten einde volkomen te konnen bekomen hem absolut diensten is, ten minsten tot aanstaande Zaturdag alhier te vertgeven, ten einde als dan te konnen opmerken of hun de overgang op de kotter van wegens zyne Swakke gesteldheid, zoude Aanteraaden en toe te vertrouwen te zijn in welk geval ik hem niet eengeschikt vaartuig, ingevolge de gun„ Luijtent mislen „stige approbatie uwer Hoog Edelheedens op onse beraamd e schitking en tot onder de Camporgeeze, tot onder de Lampongse wal Lallaten overbrengen ter opspewring van de kotter die onder het Commando van Cap:n Martens op den 23e Mey derwaartss overgestoken om daar door het gezag op dezelve weeder overteneemen, en Capn: Martens gelegendheid tegeeven om niet het zelfde vaartuig tot Batavia te konnen te rug keeren, Jntusschen verneemen niets off door genoemde Cap:n Martens bereets eenige Jagt is moeten gemaakt worden op suspecte vaartuigen, datik nogtans ten Hoog Edelheedens al aanstonds schuldpligtig zal bedeelen, Wanneer ik des weegen Eenige informatie bekomen Ik hebbe de Eere met alle hoogagting Eerbiediglijk te verblyven /onderstond/ I: O: /Lager/ Uw Hoog Edelheedens onderdanige en zeer gehoorzame dienaar /was get/ WCEngert /in margine:/ Bantam den 3. e Juny 1784 Per zee in Commando op de thansinstraet Erntfeste Manhafte Sunda kruijsende kotter de Patriot Ingevolge onze over Een komst ende daar op gevolgde bedeeling aan Haare Hoog Edelheedens, nopens onze gemaakte Schikking tot de kotter ingevalle „ den Cap:n Luytenant Muller van Zyn Schromelyjke Ziekte ten myne huisen mogt herstellen, zo behaagt het de Hoogeregeering in andwoord te dienen dat Christiaan Martens Capitn ons Twee gebragt Apart ar te M o 1 3 den Cap:n luytent zyne zakte her gezag te voeren martensRha prauwen we„ der herwaerts van de kotter batavia waerts vertrekt arrive van den versoektombe ons ontwerp het genoegen heeft te konnen behagen in een by den Teekenaar ontfangen missive van den 27 pass„o en welker g'authoriseerd Copyen UE ter overtuijging ook tot rigtsnoer in deeze, by geleegen is, Het is over zulx dat ik den Capt„n luijte„ „nant Muller, met anjers wagtprauw als volkomen van zin Ziekte hersteld gelegendheid geeve, om tot de kotter /: off schoon onbewust werwaart dezelve wallen van panctueelijk te vinden zal zijn alsoo daar van nog geen narigt hebben te desover om het onnen overvaaren ten Einde van UEd Weeder over te neemen een zodanig op de rotter de Commando op dat vaartuig, als waar toe hy door zyne zichte verpligt ge„ „weest is, aan UE te moeten Cedeeren, ende zulx in Conformite van het hooge g'Eerde goedvinden der Hoge Jndiasche regeering - Terwyl alwyders die Zelfde wagtprauw, en wel bepaaldelijk zyne verdere den Corporael en Anjers ordre omden Cap„n Costhouder Iohannes Henricus Coeberg, door my gelast is, dit vaartuijg te anjers wagt Laten dienen tot UEd Transport herw„s en in het zelve te Laten genieten een Zoda„ nig gemak als daar in te vinden zijn zal, ten einde van hier met een gewoone. beurtman tot de Hoofdplaats te konnen te rug keeren Ik blyve voorts Namen zaame groete /onderstond/ I O/Lager Uwer Hoog Edelheedens onderdanige en zeer gehoorzame dienaar /was get/ wC: Engert /in margine:/ Bantam den 6 Junij 1789 Aan als Boven Aan Hunne Hoog Edelheedens Op den 6 dezer den Cap:n Luytend Muller volkomen uyt zyn door gestaane Ziekte hersteld, en ingevolge de geEerbiedigde ordre Uwer Hoog Edelheedens Cap:n martens van de 27 pass„o tot de koster de patriot in Commando zynde overgegaan, zoo de patrist overdeverteerd stot ons, den dus lange door Hoogst dezelve daar op in 't gezag gestelden Capitain ter Zee Christiaan Martens, die by deeze geleegentheid en onder deeze geleyde Letteren tot uw Hoog Edelheedens terugheert Een uijtterste geld gebrek als oo de groote en klyne Comp:s Cassa ten eenemale Leedig zijn, zelfs met een voor tuit verstrekking van ruum rd„s 1400: — door welk ongerieff mij onvermoogend worden Uw Hoog Edelheedens een gewoon maandelyx restant Notitie te konnen aanbieden, doet my de vryheid nodigde Contanneemen deeze te incloseeren een Jngerigt Extra Eyschje tot versterking der beide Catsas, en verzoeke uw Hoog Edelheeden sootmoedige zyne Complete dan Wel eene gedeeltelijke voldoening, is't doenlijk maginge geeven worden in de thans zig op batavia nog onthoudende, dog alhier thuyshooren„ De Ligter de Jonge Ieremias, welk vaartuig mij verneemen, van zyne ge„ „breeken hersteld zynde eerstdaags zal te rug keeren ten einde wy door bekoming van penningen niet eenlijk in staet gesteld blyven, de aangebragt Wordende patriot te brengen Apart teijt

NL-HaNA_1.04.02_3864_0318 view scan ↗

English

Notice of the true state of cultivation. Their High Excellencies: to have a general inspection carried out by a member of the political council, assisted by a military officer. to satisfy the suppliers of pepper, but primarily so that on the first of the coming month the usual departure may take place, wherefore Your High Excellencies will greatly oblige us with this so urgently needed assistance. I have the honour to remain with all respect and high esteem, underneath, P: O: lower, Your High Excellencies' humble and very obedient servant, was signed, WC: Engert, in the margin, Bantam, 16 June. To the same as above. The contents of Your High Excellencies' general rescript dated the 22nd of last month having drawn our attention in every way, especially with regard to the growing neglect of the pepper cultivation, which, if it is not countered by effective means—to which no appropriate exhortation to the sovereign seems to contribute in the least, whether it be that he is misled in this matter by the plantation chiefs, or that all admonitions for improvement, even though continuously promised, are nevertheless not pursued with such zeal as would render unnecessary an unusual expedition for carrying out a general inspection of the pepper gardens—it is ultimately to be feared that this increasing deterioration will become of such a nature that no means whatsoever will be capable, not only of restoring the cultivation to its former prosperity, but not even of holding the least hope for improvement without harsher measures. This consideration having caused the signatories to resolve—yet subject to the much enlightened insight of Your High Excellencies, to propose to the same in the most respectful manner—whether any desired success might not be hoped for in this matter if, within a few days, and precisely at those moments when the season still permits it, the general inspection of these upper lands were to be carried out this time by a member of our political council; and for which expedition, however arduous one must expect such an undertaking to be, the second undersigned readily offers himself, so that, assisted by a military officer, he may not only inspect the defects discovered in the pepper plants, but also ascertain whether serious efforts are being made to replace dead pepper vines with new plantings; also whether in general more districts might be found that could be used for this cultivation, and whether in the kampongs and hamlets more subjects reside who could be constrained to pepper planting; and also primarily to be able to fathom the causes to which, or the persons to whom, this occurring neglect is to be imputed, in order by such an investigation to be enabled to devise those means by which all obstacles may be overcome and countered. Separate. 1789. Continuation. The Commander testifies that Captain van Claashorst has represented all his actions to the King in an offensive manner. the improper conduct of the chiefs, and that finally that cultivation may be brought back to that blessed state in which it formerly presented itself; and this all the more because the annual expedition for such a purpose, by a clerk to be appointed for that task, can never have such an influence on the planter, and much less on the chiefs of the plantations, who are accustomed to those visits, as that with which general improvement can be urged throughout by an extraordinarily decreed commission. If, in this proposal, we should be so fortunate as to merit the attention of Your High Excellencies, we request with all due urgency that it may be honoured with the necessary approval, in order to unhesitatingly confer with the sovereign in this regard, or meet him in person, at which time we, in the name of Your High Excellencies, would admonish him and kindly insist not only upon the granting of the necessary assistance in carrying out a difficult expedition, but primarily that by appointing some envoys, and specifically the foremost knowledgeable grandees of the realm, this commission may be invested with that dignity through which one might hope for a favourable result. And although it is to be foreseen that such an unusual commission will cause surprise to the King, in order to prevent this plan from being brought to his knowledge beforehand in a distorted and most hateful manner, since the first undersigned is informed on good authority that for a considerable time all his actions have been presented to the King by Captain van der Claashorst in the most insulting manner, even to such an extent that His Highness has had to express doubts regarding them; we therefore hope we do not err in humbly presenting this proposal to Your High Excellencies by this separate letter and under our sole signature, so that upon obtaining a favourable approval, His Highness may be conferred with in this regard in a manner that, instead of causing offence, will spur him on to contribute his share, whereby such a commission will not be rendered illusory. And since through such erroneous conduct by Captain van der Claashorst, the first undersigned has been driven to the extreme of having to bring his grievances before the eyes of Your High Excellencies, in order that through an overly long-standing indulgence he might not even once be suspected by Your High Excellencies of neglect of duty, he begs leave in a few words to insert this: that the slightest obedience on the part of van Claashorst toward

Dutch transcription

op merk Laem„ „heijd weg„s de Regte gesteld Culture hunne Hoog Ed: visitatie door een te laten doen van een mili„ wordende peeper Aan de Leveranciers te voldoen, maar Voornamentlijk om op den Eersten van de Aanstaande maand de gewoone vertrekking te konnen Laten gevolg neemen, over zulx uw Hoog Edelheedens ons met deeze zo hoog benodigde bijstand grootelijks zullen verpligten Ik hebbe de Eere met alle Eerbied en Hoogagting te verblyven /onderstond) P: O: /Lager/ uw Hoog Edelheedens onderdanige en zeer gehoorzame dienaar / was geteekend/ WC: Engert /in margine/ Bantam den 16 Juny Aan als Boven Den Inhoud Uwer Hoog Edelheedens generaale riscriptie de dato 22 mijJl ons allesints op merksaam gemaakt hebbende, voornamentlijk ten aanzien, 6 heid dier peper an de meer en meer toenemende verwaarloosing der Peper Teelt, die, Word, denzelve door efficasieuse middelen niet tegen gegaan waartoe geen gepasse adhortatie aan den vorst iets het minsten schynthoete brengen het zy aan dat hy in deeze miszeid word door de Hoofden der plantagien, of wel dat alle aanmaningen tot verbetering of schoon sulx aanhoudend word toegezegt, niet te min met dien ijver niet word behartigt, als waardoor een ongewoone optogt tot het doen van een Generaale Visentatie der peperthuijnen zoude konnen Worden over gekomen, het eindelik te vreesen is, dat die toeneemende verwil„ „dering van zodanige gesteldheid zal worden, dat geene middelen hoe genaamt vermogend zyn zullen, niet eenlyk om den Teelt, tot zyn vorige bloeyte her„ „stellen, maar zelfs niet, om zonder Scherper middelen de Minste verbeetering te konnen Verhoopen, — Deeze overweeging hebbende te kenaars doen be„ sluijten salegter met onderwerping aan het veel verligten doorzigt Uwer Hoog Edelheedens / Hoogst dezelve op de Eerbiedigste Wijze voor te dragen, of voordragt aan in deeze geen gewenscht succes zoude kunnen worden verhoopt; wanneer om een generale binnen weynige dagen, en wel in die ogenblekken dat het Faisoen zulx lid van politie nog gedoogt, de generaale Visentatie deezer bovenlanden dit maal te laten ge„ schieden, door een Lid onser politicque vergadering, en tot welke optogt hoe paenible men ook verwagten moet dat een zodanige zin zal, den tweede getekende Zig be„ „reidvaardig aan bied, ten einde g'adsisteerd met een militair officier met eenlyk met adsistentexeculaer te inspecteeren het gebrekkige dat by den peeper plant word ontetekt, zo meede tair officier nategaan, of men wel Eonstig bezigis, in den afgestorven peper rank door eene nieuwe Aanplant te laten vervangen, ook of er in 't generaal geen Meerdere districten gevonden worden die tot deeze Caltuure zoude te Emploieeren zijn, en of in de Campongsen gehugten geene meerdere Subjecten zeg onthouden die tot den peeper plant zoude kunnen worden geconstringeert, dan ook voornamentlyk om te konnen door gronden waaraan, of wel aan wien deeze plaats vindende verwaarloosing te imputeeren is, om door eene zodanige onderschepping in staat gesteld te worden te konnen beraamen die middelen als door dewelke alle hindernis overwonnen ook tegengegaan, Apart 1789 de de 13 Vervolg den Comman„ deer betuigt de den Cap„n van Claashorst alle gen de koning heeft voor gedsta de Wanhebbelyke gedragingen der Hoofden dan eindelijk die Cultuure worde te rug gebragt tot die gesegende Situatie als waar in dezelve zig voormaals heeft mogen vertoonen, ende zulx te meerder also den Iaarlykse oplogt, tot een zodanig Einde, van een daartoe te benoemen Seribent, nimmerby den plantert, veel min by de hoofden derplantagien, als gewoon aan die visitens van deg invloed zyn kan, als Waarmeede de generaele Verbetering, door Een Extra ordinaire gedecerneerde Commissie, over het geheel kan worden aangedrongen, Zo wanneer wyj in dit voorstel, zo gelukkig waare de opmerking uwer Hoog Edelheedens te verdienen, zo versoeken wyj met allen gepaste aandrang, dat het Zelve met de nodige goed keuring mag worden verEert, ten Eonde Onbeschroomt des wegens den vorst telaten onderhouden, of wel in persoon ontmoeten, en by het Welk wij uit naam Uwer Hoog Edelheedens, hem zoude aanmanen, en vrien„ „delyk insteeren, nat eenlijk het verleenen van dier nodige bystand by het doen eener Moeyelyke optogt, maar voornamentlijk om door het bezetten van eenige gezantschappen, en wel bepaaldelyk in Eersten deskundigen ryxgrooten deeze Commissie die Eerwaardigheid bezetten, als door het Welk men een gunstig gevolg zoude mogen verhoopen En ofschoon te voorsien is dat een zodanige ongewoonen Commissie by den koning verwondering zal te weegbrengen, dat om voor te komen dat hem dit ontwerp niet verkeerdelijk en op de Hlatelijkste Wijze alvoorens derzelver uitvoering Word ter kennis gebragt, alsoo den Eerstgetekende van goederhand onderrigt is dat alle zyne verrigtingen den Kooning door den Capitain zyne verrigten van der Claashorst, t zeedert een geruimen tyd op de beledigenste Wyze zyn voorgedragen, zelfs in zo verre dat zijn Hoogheid des Wegens heeft moeten doeteeren, zo hoopen Wy met te misdoen Uw Hoog Edelheedens dit voorstee by deze aparte brieff en onder onze eenlyke Handteekening submis voor te dragen ten einde by obtenu eener gunstige approbatie zyn Hoogheyd des wegens te onderhouden op eene wijze, die in tegendeel van aanstoot te verwekken, Hoogst dezelve zal moeten aanspooren om het zine te moeten toe brengen, waardoor een zodanige Commissie nietelusoir gemaakt word En alzo door zodanige ervoneuse handelwyjze van den Capitain vander Claashorst, den Eergetekende tot het uytersten gebragt in zijne bezwaren voor het oog uwer Hoog Edelheedens te moeten brengen te einde door een alte lange inlaage toegeevendheid niet zelfs eenmaal byj Uw Hoog Edelheedens van pligt verzuimte worden verdagt zo verbied hy Hoogst dezelve in wynige woorden deeze te mogen insereeren, dat de Minsten Gehoorzaamheid by hem klaarhorst gen

NL-HaNA_1.04.02_3864_0320 view scan ↗

English

his officers to that they are indebted their territory request that the Captain from here may receipt of their Right Honourables dispatch Claashorst is no longer acknowledged, even presumes to forbid his subordinate officers the observance of their duties toward me, and refused the liberty of permitting them to receive such an allowance, which they were accustomed to as a monthly douceur for more than 5 months past; furthermore, that he in public houses and particularly in the inn here, and this within earshot of the common man, openly exposes my conduct in so blameworthy a manner that, unless this is provided for by Your Right Honourables to my great satisfaction, it would ultimately have to happen that all obedience would cease, and everyone be encouraged to desire to remain outside of subordination. It is therefore granted to us to pray of Your Right Honourables benevolence, to the end that all confusion may finally cease, that the said Claashorst may be relieved from here and transferred to the Batavia Garrison, without however desiring any further reprisal, so that thereby not only the lost respect may be regained, but also the King may be brought to see that the existing rupture is solely to be attributed to his cunning talk, and he is the only cause that has so shamefully destroyed our good understanding. We therefore beseech Your Right Honourables to reflect favourably on our petition, and to gratify us with the recall of a person who for a year has openly laboured, had it been possible for him, to cause the first signatory and his family to fall forever into Your Right Honourables disgrace. In this hope we honour ourselves, with all high esteem, respectfully to remain. Underneath stood, P. O. Was signed, W. Congert, and J. V. Bogaart. In the margin, Bantam the 2nd of June 1789. To the same as above. To Their Right Honourables. We have been honoured to receive Your Right Honourables separate dispatch of the 30th ultimo, in dutiful answer to which we have the honour to reply, and specifically the first signatory, that whereas for seven years his applied efforts with the Prince to restore the pepper cultivation from its deep decay through amicable yet serious remonstrances, were it possible, and by God's favour to be blessed therein, have had to fail, whether through intentional deceit arising from carelessness and too great a reliance of the King upon promises of his grandees, or that all established orders in this regard have been disregarded in the most blameworthy manner by the planters themselves; he nevertheless can assure Your Right Honourables in all good conscience, and to which he earnestly requests Your Right Honourables to grant full confidence, that on his part it was never neglected to establish that which he, in quiet and solitary reflection, could devise to be fruitful for the improvement of the cultivation, although he must confess not to have acted further therein than his own discernment permitted, by reason of the particular circumstances that took place in former days, and to which he had no freedom to be able or allowed to entrust the Company's interests. Whereas he now succeeds in harmonizing in full trust with the second signatory, and through which privilege these interests can be mutually deliberated for the Company, this has already given occasion to propose to Your Right Honourables the expedition, so favourably approved by Your Right Honourables, of the second signatory and company to all designated pepper districts of these uplands, in order not only to learn to what adversities the shameful decay of that cultivation is to be attributed, but principally, through such knowledge, to be able quietly to devise such measures by whose execution a complete redress may be hoped for. The letter addressed by Your Right Honourables to the King regarding this matter, politely handed over by the first signatory, has furthermore presented the necessity of such an expedition to His Highness in such a manner that he has become convinced not only that much will depend upon it, but principally that through such an inspection there will be discovered to him the causes that have brought about a crying decay, and which he believes will for a significant part be found in the extreme greed of the chiefs, who, if they do not see fit to withhold payment entirely from the planter, will at least be found guilty of extortion, whereby the planter is discouraged or otherwise obliged to seek his livelihood elsewhere; and which investigation he has most emphatically requested of the second signatory. Furthermore, he immediately resolved to invest this commission with all that dignity which must inspire respect and awe in the outer chiefs, by adding not only the ordinary pengawas, but principally by

Dutch transcription

zyne officieren ver te die zy verschul hunnen gebiede versoek dat den Cap:n van hier mag ontvagst hun„ „nen Hoog Ed:s missive Klaashoost niet meerder gekent is, zelfs zig verstount zyne onderhebbende officie„ boden heeft depligten te interdiceeren het observeeren hunner pligten ten mynen aanzien, en de digt waren aan gewoon aan een maandelyx douceur /'t zeedert langer dan 5 maanden de vryheid Wygert een zodanige koelaag te mogen komen ontvangen, boven des dat hy in publicque Hluyze en wel voornamentlik inde Herberg ae„ „hier, en zulx voor het oor van den Gemeenen Man, opentlyjk myne gedoen„ „tens zo laakbaar ten toonspreyd, dat het Eyndelyk zoude moeten gebeuren worden deeze niet door uw Hoog Edelheedens, tot myner Groote fatisfactie voorzien, dat alle Gehoorzaanheid zoude ophouden, en een ieder Langespoort om te begeeren buijten subordinatie te blijven Het is ons over zulx gegunt van Uw Hoog Edelheedens benevolentie te mogen afbidden, ten einde Eenmaal van der Claas kgs alle verwarring Cesseere, dat gemelde Claashorst van hier mag worden werden verlost verlost en tot het Batavias Guarnisoen overgebragt zonder nogtoons eene meerdere represaille te begeeren, ten einde daar door niet Eenlyk het verloren respect weeder worden gevonden maar ook den koning tot en zien gebragt, dat de plaats vindende scheuring alleen aan zyne aeglistig gesproken is toe te schrijven, en Hyde Eenigste oorzaak is, die onze Jutelli„ gentie zo schandelijk heeft vernietigt, Wij smeeken oversulx uw Hoog Edel„ heedens op onze Beede gunstig te willen reflecteeren, en ons vergenoegen met een op ontbood van een perzoon die in een Jaar lange opentlijk gear„ „beid heeft om waare het Hem mogelijk geweest den Eerstgetekende en vrme Huijsgezin voor altoos inde disgratie uwer Hoog Edelheedens te doen vervallen, Jndeeze Hoope verEere Wij ons met alle Hoogagting Eerbie diglyk te verblyven /onderstond/ P: O / was geteekd/ W: Congert, en J: V: Bogaart /in margine/ Bantam den 2:' Junij 1789 Aan als Boven Aan Hunne Hoog Edelheedens Wy hebben ons mogen verEert vinden met Uw Hoog Edelheedens aparte Missive van den 3opassato in verschuldigd antwoord op den Welke Wyjd' Eer hebben te repliceeren, en wel bestaaldelijk den Eerstgeteekende, dat daar het Sem nu seeven Jaaren heeft moeten mislutken zyn aangewende pogingen by den vorst om Iaare het mogelijk door minnelyke dog Ernstige voorhoudingen de peeper Culture ueyt zyn diep verval te herstellen in Godes Gunstige te mogen gezeegent zin het zy door op zettelijke misleiding die voortgekomen is uyt gverloosheid en een te groot vertrouwen van den koningop toe zegingen van 14 zo mede dat hy 20 heb /4 E H de 00 Apart van den Comman„ aangewent te zyn der peper kunnen sotefken de brief hunner den Commandeur aan den vorst betuigt genoeden weg„s die optogt aan wiel den ver teelt te attribueerd van zyn Ryksgrooten, dan wel dat alle gestelde ordres in deeze op de Zaakbaarste Wyze door den planter zelve zyn inde Wend geslagen, Hy nogtans Uw Hoog Edel„ „heedens in gemoede kan verzeekeren, en aan het welk hij Hoogst dezelve yverige Bedeenige vertrouwen te willen schenken, dat van Zyne zyde Nimmer verseekering verzuymt is het gunt daar te stellen dat hy by een Stille en Eenzame deur van alle s verweeging, heeft kunnen bedenken tot verbetering der Cultuure van vrugt hebben wat tot wele zyn, of Schoon hy moet bekennen, daar in niet verder te hebben geageert Cultuike heef van Sijn eijgen door zigt heeft toegelaaten, uijt Hoofden der particliteiten die in voorgaande dagen hebben plaats gevonden, en aan dewelke Hy geen vrijheid bezeten heeft sComp:s Belangens te konnen ofte mogen aanvertrou„ „wen Daar het hem thans gelukt met den Tweeden ondergeteekende in voe vertrouwen te mogen Harmonieeren en door Welk voorregt deeze belangens voor de Maatschappij Communicatieff konnen worden overwogen Zo heeft zulks bereets aan leiding gegeev en uw Hoog Edelheedens voortestellen dezo gunstig door Hoogst deselve geapprobeerde optogt van den Tweeden Seekenaar C: S: Naar alle peeper gegeeven wijken deezer Bovenlanden ten einde met eenlyk te Ervaren Aan welke teegenheeden het schandelijk verval dier Culture is toetekennen, maar voornamentlijk, om door een zoo„ „danige bewustheid gerustlijk te konnen beraamen, zodanige middelen als door welker bewerk stelling, een volkomen redres kan worden verhoopt, De Desweegen door Uw Hoog Edelheedens in gerigte Brieff aan den Koning Hoog Edlelehs doors door den Eerst geteekende beleefdelijk overhandigten heeft boven det zijn overhandigt Hoogheid die noodzakelijkseid van een zodanige optogt voorgesteld op een Wize dat overtuijgt geworden is, met eenlyk dat daar in veelheid zal aan deen konyn geleegen, maar voornamentlijk dat hem door zodanige visitatie zal naerdee boven worden ontdekt de oorzaken die een Loschreuwend verval hebben veroorzaek ^gevonden en die Hy vermeent voor een merkelyk gedeelten zullen worden, ^ in vergaande inhaaligheid der Hoofden, die zo al niet goed vinden den planter in het geheel ter ontdekkend tiet te voldoen, ten minsten zullen schuldig worden bevonden aanknevelary val der peper door het welk den planter afgeschrikt, dan op een andere Weze verpligt is zijn bestaan te moeten zoeken, en welk, en welk onderzoek hy den Tweede geteekende op het Nadrukkelijkste heeft laten versoeken, overegens heeft hij oogenblekkelijk beslooten deese Commissie metaileen die Eerwaardigheid by te zetten, dien aanzien en uytldren Hoofden schroom moet verwetken door toevoeging met Eenlijk van de gewoone pangawas maar voornamentlijk door e landen 15

NL-HaNA_1.04.02_3864_0322 view scan ↗

English

Upon the return, there will be presented to Your Right Honourables a full report regarding the situation of the pepper gardens. To suspend the occupation of a Raden de Man, a person in whom the King placed much trust and who is accustomed to dealing with Europeans, also by the addition of a numerous retinue of pikemen, while he has undertaken to facilitate this expedition by providing the necessary conveniences, as far as the possibility and the condition of these upper lands, which have never been visited in such a manner, will permit, and for which the necessary orders have already been dispatched. This expedition was to have taken place already on next Monday, but an indisposition that has befallen the Second Draughtsman, which though not alarming nevertheless leaves a lingering weakness, is the cause that the same will have to be postponed until the end of the coming week. A complete instruction serving for this purpose is also being deliberated and drafted, and a copy thereof will dutifully be presented to Your Right Honourables for perusal. At the conclusion of this commission, the Second Draughtsman of the commission proposes to present to Your Right Honourables as accurate a report agreeing with the truth as shall be possible for him, in order that they may not be misled herein by the King’s chiefs through the rejection or withholding of neglected gardens. To this commission have been added two clerks, namely those two clerks who were previously commissioned for the annual pepper inspection. In this expedition, the first undersigned finds himself requested on behalf of His Highness to politely request Your Right Honourables that he be granted permission to view a translation of this expected report, in order to be informed fully and truthfully of how the condition and the defects of the pepper gardens stand, so as to be able to devise such measures from whose contribution a complete recovery may be expected; to which polite request I hope Your Right Honourables will in due time be able to defer. We further request permission to suspend our deliberation concerning a request for a similar inspection of the Lampong Districts, as such cannot take place before the end of the approaching rainy season, and we would first wish to be informed what obstacles will be encountered on this expedition, which we are assured are in no way comparable to those found in the Lampongs. The first undersigned also gratefully acknowledges the recall of Captain Commandant van der Klaashorst, through which relief he hopes to enjoy the satisfaction that has long been missed and which had put him almost out of condition to manage the interests of the Company properly. But whereas he has had the privilege of being an inhabitant of Bantam for 31 years this day, and consequently finds the concerns of his possessions scattered all about, which cannot be gathered and settled in an instant, he has humbly requested the first undersigned to grant him a further stay of one month, in order that he might depart from here without loss. Which reasonable request, in the hope that it will not displease Your Right Honourables, I have readily granted him, while we remain awaiting whom Your Right Honourables will be pleased to favor with this command, so that after the appointment of such a person he may immediately be admitted and placed in that function, whereby Captain Klaashorst will obtain an unhindered opportunity to settle his affairs expeditiously and come over to Your Right Honourables. We remain otherwise with deep respect and all high esteem. Was signed, W. C. Engert and J. van den Bogaard. In the margin, Bantam, 17 July 1789. To the Same as Above To Their Right Honourables I have had the honour to receive Your Right Honourables' separate letter of the 19th ultimo, by which it was a particular pleasure for me to find that the Prince of Bantam, upon his complaints lodged against me regarding the not earlier settling of the pepper account, has subsequently been pleased to inform Your Right Honourables that full satisfaction has now been given by me; wherefore, and upon the King's further request that the matter might be considered settled, Your Right Honourables have favourably pleased to overlook the negligence attributed to me therein. For which proof of kind indulgence I express my deep obligation to Your Right Honourables, with the serious assurance that as long as I shall be permitted to remain here in my post, I shall always liquidate directly with the King as soon as a cargo of pepper has been delivered by him, and that this has already been observed by me several times since that period, through which that pepper account remains settled to this day. Regarding my private account, I must

Dutch transcription

by te rug komst zal uw Hoog Ed „port wegsele pie aangeboden toevoeging van die bevoren so Situtie der Cose te surcheeren Voor bezetting van eene Radeeng de Man, een perzoon op Vien den koning veel vertrouwen stelden die gewoonig met Europeesen te verkeeren ook door toevoeging van een talrijk gevolg pikeniers, terwyl hy bevondes aangenomen heeft, deeze optogt, door toedraging van nodige gerievelijkheeden, zodanig te zullen laten faciliteeren, als de mogelykheyd ook de gesteldheyd deezer boven„ „landen die nimmer op zo eene wijze is bezogt geworden zal komen te per„ „mitteeren en waar toe bereets de nodige aanschryvingen zyn g'expedieerd, deeze optogt zoude bereets op aanstaande maandag plaats vinden dan een aangekomen onpasselykheyd aan den Tweede Teekenaar, dieg Wel niet zorgelyk is nogtans zwakte doet nablyven, is oorzaak dat het zelve tot het Laast van de aanstaande week zal moeten worden Uytgesteld Eene Compleete Jnstructie in deeze dienende word mede beraamdend ontworpen, en zal uw Hoog Edelheedens ten Lecture, in Copia verschuldigd worden aangeboden - By het aflopen deeser Commissie voorsteld Zigden Tweeden Teekenaar der Commissie uw Hoog Edelheedens te zullen aanbieden een zodanig accuraaten een accuraathap, het de Waarheid over een komend Rapport, als hem mogelyk zyn zal, per visite werden ten einde hier in, door afwyzingen ofte rug houdingen van ver„ „waarloos de Thuijnen, door 's Konings hoofden niet te worden Misleid, Zo is deese Commissie toegevoegt Twee Ccribenten en wel de zodanig twee schridente te bevooren tot deen Jaarlijxe peper visite zyn gecommitteerd; Jn optogt hebben deeze vind zig den Eerstgeteekende, uijt naam van zijn Hoog„ „heid, verzogt. Uw Hoog Edelheedens minzaam te moeten ver„ „zoeken, dat hem gegunt worde een Translaat van dit te verwagten Rapport, te mogen inzien, ten einde in zyn geheel, ook naar waarheid te worden onderregt, Hoedanig het mydegesteldheyd ook de Deffecten der peeper Thuynen geleegen is, ten einde meede te konnen beraamen zodanige middelen, als uyt Welker toe draging een Compleet herstelt magen kan worden verwagt, En aan welk minzaam versoek, ik hoope uw Hoog Edelheedens in'er tijd zullen konnen differeeren Wy verzoeken als nog onze bedenking te mogen Surcheeren over Eene versoek omeerigelike visitatie der Lampongse Districten alzo een zodanige niet per oplangsong an na het afloopen der Aannaderende Reegen tid kan plaets hebben en wij alvorens gaarne Wenschte onderrigt te zijn welke obstaculen in deeze optogt zullen worden ontmoet, die men ons verzeekert in het minsten gedeelte met zijn over eentebrengende zodanige die op de Lampongs worden gevonden; Den Eerstgeteekende bedankt ook moedig voor het op ontbood van den Capitain vervolg gedaen H be lekende wegef den Cap„n vander Claeshorst dank betuiging vergunt nog een maend hier te tot bereddening ontvangst hun dat de vorst uw bedeelt dat de vollen was axcef zodra de Koning perlevert die worden voldaen van de Eerstge Capitain Commandant van der Klaashorst, door Welke verlossing hy hoopt het opontbod vanen genoegen te genieten, die lange gemist is, en hem bij nabuyten Staat, heeft gesteld heeft, de belangens der maatschap pij naar waarde te besteeren dan alzo hy deezen dag 31 Jaaren Bantams Jnwoonders heeft mogen zijn, en daar door zine bezittingen beslommering Zigalomme ver„ spreid bevind, dat in geen ogenblik is inte palmen en te redden zo heefd hij den Eerst geteekende Pubmiss konnen versoeken hem nog een maan„ dig verblyff te vergunnen, ten einde Hij schadeloos van hier zoude kon„ „nen opbreeken en welk hellyk verzoek in hoope Uw Hoog Edelheedens aangem: Cap„n niet te zullen mishaagen, ik hem bereidwillig hebbe toegestaan, in mogen vertoeven issen wyafwagtende blyven Wien Hoogst dezelve met dit Commando zyner zaken zullen geliefen te begunstigen ten einde naar benoming van eene Zodanige ae aanstonds in die functie te konnen worden toegelaten ende gesteld waar door Capitain klaas horst onbelemmerd gelegendheid Zal bekomen om zig op een spoedige wijze te konnen redderen en tot Uw Hoog Edelheedens overtekomen Wy verEeven ons overegens met die pe Eerbieden alle Hoogagting te verblyven /onderstond/ P: O /:Was geteek„d/ W CEngert en J: van den Bogaard /in margine/ Bantam den 17:e July 17489 Aan als Boven Aan Hunne Hoog Edelheedens Ik hebbe d'Eer gehad te mogen ontvangen Uw Hoog Edelheedens Aparte ner hoog Edele Missive van den 19 passato by dewelke het my tot een by zonder genoegen ovr mogen voorkomen dat Bantams vorst op zyne tegens my ingebragte klagten, ten aanzien van het niet eerder Vereffenen der Peeper Reekening betuigt genoegen aan uw Hoog Edelheedens naderhad gelieven te bedeelen, dat door aen Hoog Edelh„s haals nu door mij Compleet waare voldaen, overzulx, en over het verder peeperreek, en verzoek des konings dat de zaak daar meede voor afgedaan mogt Wor„ „den gehouden uw Hoog Edelheedens, gunstig de daer intoe geschree„ „ven nalatigheid my gelieven te passeeren, en voor Welk bewys van vriendelyk toegeevendheid ik Hoogst deselve myne diepe ver„ pligting betuigemget Serieuse versekering, dat zo lange het mij zal gegunt zijn alhier in mijn post te mogen verblyven, ik altoos in verzeekering dat dee ze directelijk met den koning zal Liquideeren, zo spoedig door - een lading per hem, een Lading peeper zal zyn geleevert en dat bereets naar die directelyk zal tyd differente malen door my zodanig is geobserveerd, en door het Welk die peeper Reekening tot heede Magisen blyft verEffent Danten aanzien van myn particuliere Reekening, moet ik Apart missive Cent 57

NL-HaNA_1.04.02_3864_0324 view scan ↗

English

from the Commander regarding his private could be settled offer of which was not accepted from the Prince that way other outstanding cultivation information how an acquisition pepper Separate Communication gers had invaded the Lampong district must testify to my very great regret that I have not yet been able to settle the same to the satisfaction of His Highness, as in satisfaction of the balance amounting to rds 19208:17:- he has not been pleased to accept from me two offered Bank Notes to the value of rds 20000, but absolutely continues to insist on being accommodated in this matter with cash. The loss that I would suffer in the exchange of coins, especially in this present year, since the agio has risen to deep in the 20 percent range, and which I have represented to the Prince in the most emphatic manner, has resulted in His Highness gladly granting me some postponement, until in obtaining it I shall have to bear no lesser price. Which obtained delay, I hope may be granted to me by Your High Noblenesses, while I shall nevertheless take care that no prolonged patience will be exercised therein by the Prince, as I am actively engaged in exchanging for cash and which I have already been able to collect to an amount of rds 600, which will be handed over by me to the Prince in deduction. Furthermore, I assure Your High Noblenesses that this esteemed business with its burdens has entirely deprived me of having any further outstanding matters with the King other than those which shall concern the pepper cultivation. Having had no example of how I ought to conduct myself with the purchased eight bahars of pepper sent over to Your High Noblenesses, is the reason I perhaps did not act according to custom, though nevertheless I handled the same in the most secure manner; in order to give no further offense in similar acquisitions, I shall gladly inform myself from the Prince how it is customary to act with such salvaged lots, so that, in such as well as in further occurrences, the reflections of a Prince, which had to be so disadvantageous for me this year, may be prevented. With these dutiful assurances I have the honor to remain with all veneration and high esteem. Below stood: S: O. Was signed: WC Engert. In the margin: Bantam, the 17th of July 1789. To the Same as Above. To the High Noblenesses, Having had the honor this morning, at the request of the King, to meet His Highness, the very same gave me notice that the Palembangers recently again invaded the Lampong Tulang Bawang District, and specifically the Kampong Sou, invaded with a number of 30 persons under the chiefs Khee Bappo, Pakapie Loera Noe, and Poura Jaya, with the intention to seek out the King's chief there, and with promises of being favored by the Sultan, to take him over to Palembang; and as the said chief resisted this and driftily refused that overstepping, a dispute arose on that account, such that he was obliged to call his villagers to assistance, whereby a fight arose which proved fatal for two Lampongese, they having been severely wounded, but which nevertheless had the result that that whole band was put to flight, leaving behind the accompanying krises and pikes, which His Highness hands to me to be offered by me to Your High Noblenesses. Which request is fulfilled with the greatest speed, with humble mention of his further instance, that it may please the same to complain to the Palembang Court in this regard, so that by Your High Noblenesses' such intervention, invasions will for a considerable part be prevented, which in the end will be found most detrimental to the pepper cultivation there. Thus discharging myself hereby of my bounden duty, I have the honor to remain respectfully with all high esteem. Below stood: S: O. Was signed: WC: Engert. In the margin: Bantam, the 18th of July 1789. Honorable, Valiant, Pursuant to Your Honor's mention by letter of the 2nd of this month, I have communicated to the High Government that the pirate has left the Sunda Strait for this season, having apparently [illegible] his cruisers, also sold, in case the cruise should have to continue longer than until the end of this month, in such case to be assisted with more rations as well as with crew; upon this made representation, also pressed request, I receive by a dispatch of the High Government received yesterday the order to write to Your Honor, for the reasons mentioned above, to cease the cruise now, and to return with the cutter to Batavia; of which high order I hereby acquit myself, with the further order to give notice of this also to the King's cruisers, in order that, their post also being relieved, those vessels can now be employed for the collection of pepper. For the rest, after friendly greetings, I remain Your Honor's good friend.

Dutch transcription

van den Comman deur van wegs zyne particuliere ben kunnen vereffene aanbieding van die niet geaccep„ van den vorstaan dier weg andere uytstaen Cultuure Informatie hoe Een bibekoming peeper Apart Communicatie gers in 't lampongs districct waren in gerukt betuigt heet weezen tot myn over groote Leetweesen betuygen dat ik denzelve als nog niet naar het genoegen van zijn Hoogheid, heb kunnen vereffenen, alzo in voldoe„ deekij, niet te heb„ning van het saldo groot rds 19208:17:- van my niet heeft gelieven te accepteeren twee aangeboden Bankbrieven ter waarde van rd s 20000 2 bankbrieven maar ab solut blyft insteeren om in deese met Contanten gerieft te worden Het verlies dat ik by inwisseling van penningen soude komen te lyden, voor al in dit presentsJaar, daar de Agio tot diep inde 20 prC„t is gestee„ „gen en het welk ik den Voorst op het nadrukkelykst heb voorgesteld, heeft voortgebragt, dat zijn Hoogheid mij gaarne eenige uitstel heeft geschonken, tot dat ik in dies bekomengeene mindere prijs zal moeten bekostigen vergunt tutstelen welk vervreegen dil aij, Ik hoope door uw Hoog Edelheedens mij den Comman Rheede zal mogen worden vergant, terwijl ik nogtans zorgen sal dat daar in geen Langspatientie door den vorst zal worden geoef„ „fent, alzo ik werkelijk bezigten tot inwisseling van Contanten en die ik bereets tot een bedragen van rd„s 600s - heb konnen verzamelen dewelke den vorst door mij in mindering zullen worden toegerykt, betuiging van geel wijders verzeekeren ik uw Hoog Edelheedens, dat mi dit g'Esteerde de zaken met Lasten eenemaal benomen heeft, om met den koning meerder uyt dande derpepest aan de zaken te hebben dan de zodanige die de peper Cultuure zul„ „len Conserneeren, Geen voorbeeld hebbende Gehad hoedanig my te moeten gedragen met de ingekogte en tot Uw Hoog Edelheedens over gesonden agt Thaaren peeper is oorzaak ik mogelyk niet naar den gebruik dan nogtans met dezelve op de secuarste Wijze hebbe gehandelt om bij Eoostgelijke bekomingen geen meerder Aanstoot te geeven zal ik danig te hande my gaarne by den Oorst informeeren hoedanig meer gewoon is met zodanige van gestrande parthijen te handelen, ten einde, in zodanige als in Meerdere voor„ „vallen, voorgekomen worde reflectien van een vorst, die in dit Jaar voor mij zo nadeelig hebben moeten zijn; Met deese pligtinge verzekeringen verEere in my met alle ve„ „neratie en Hoogagting te verblijven /onderstond/ S: O / was getee„ „kend/ WC Engert /in margine/ Bantam den 17 Julij 1789 Aan als Boven 2 Aan Dun Hoog Edelheedens Heede morgen, op Verzoek, van den koning, d'Eergehad hebben„ „de, zyn Hoogheid te ontmoeten, gaf hoogst den zelven my narigt dat de palemaan alt onlangs weeder den Salembanger in het Lampong Poulang Pouli bauwangh BBanwang District, en wel bepaaldelijk in de Kampong Sou Waren ingerukt 28 teerd zijn debet 1 2 N 6 6 bedeeling der palem lampong zigte lokken gevegt tussen de 2 lampongder versoek van de koning van Aan den E Manhafte Hermanus Mulder. Capitain Luijten„ ter zee in Com„ mando op de instraet sunda kruijsende Kotterde Patriot Straetsunda de kotter de pa te komen ingerukt met een getal van 30 persoonen onder de Hoofden Khee Bappo pakapie Loera Noe en Poura Jaya, met voorneemen om skonings Hoofd aldaar tot hun te zokken, en met beloften van door de Sulthan begun„ „stigt te zullen worden, tot palembang overtebrengen, ende alzo het bungers omszo gemelde Hooft zig hier Tegens verzette, en diriftelijk die overstap nings hoofden ven afsloeg, zo waare des weegen verschil ontstaan, zodanig dat ver„ „pligt is geworden zyne Campongders tot bystand te moeten roepen, waardoor een gevegt is ontstaan, die wel voor Twee Lampongders Noodlottig is geweest zelven waardoor s zynde zwaar gewond geworden, dan nogtans 't welk tot gevolg zyn gequest heeft gehad dat die gantsche Troep is op de vlugt gedreeven met agter „lesting van bygaande krisen Doembacq, die my zijn Hoogheid in„ handigt om door my uw Hoog Edelheedens te worden Aangebooden Aan Welk versoek is ten spoedigsten voldoed met submisse melding zyner verdere Instantie, dat het hoogst deselve behaagen mogen des Weegens aan het Palembangse Hoff te dolleere, ten einde door hunne Hoog Ed„s sodanige tusschen komst, voor een aanmerkelijke gedeelte Worde tpalembangs voorgekomen,Invaseen, die ten Laatsten voor de peeper Cultuure aldaar nadeeligst zal worden bevonden, My over zulx by deese van myne verschuldigde pligt acquitteerende, zo verEere ik My met alle Hoogagting Eerbiediglyk te verblyven /onderstond/ S: O/ Was geteekend/ WC: Ongert /in margine/ Bantam den 18„ July 1789. Erntfeste Manhafte Ingevolge tiE Melding by brieff van den 2 deezer, heb ik den Hooge Regee„ Communicatie ging gecommuniceert dat den Zeeroover voor dit Caisoen Straet Punda dat de Zee rover verlaten, apparentelyk zyn oprselders heeft geweest, ook vercogt, bij aldien hebben verlaten de Kruystogt langer moest voortduuren, dan dat tot het eijnde van deese maend, in zulk een geval als dan met meerdere randsoenen ook met man„ schap te mogen worden bygestaan; op deese gedaene bedeeling, ook g'in„ „steerd versoek bekome ik by een Missive der Hooge Regeering opgister ontfangen ordre Uliaan te schryven, uyt hoofden boven gemeld als nu de kruys togt vogtgesrakeide netaaken, en met de kotter naar Batavia te rug te keeren, en van welke wriot nabatavia looge ordre ik my in deese komen te acquitteeren, met al verder last, hier van 's konings kruijsers meede kenniste geeven ten Cince van Hunne post meede afgelost, die vaartuygen als nu tot den Afhaal van peeper konnen worden geemploieert, Ik verblyven Overigens naar minsaame groete /onderstond:/ UE goede hoofde dolleeren 6 Apart

NL-HaNA_1.04.02_3864_0326 view scan ↗

English

Your good friend /signed/ WC Engert /in the margin:/ Bantam the 24 July 1789 Offer from Chevalier for negotiation of rest by the strongest. Departure of the Commission on the march to [illegible] of which copy instruction shall discover decay of pepper [illegible] To as above To Their High Excellencies Upon receiving Your High Excellencies' order by honored missive of the 24th of this month, I have the particular satisfaction of being able to present to Your High Excellencies the letter received by me from the French gentleman Chevalier, which is enclosed herewith, and wherein he proposes to me a negotiation in rice, namely to a quantity of 150 to 200 Coyangs. In regard to which proposition, as well as with respect to the further contents of the letter, I can assure Your High Excellencies on my word of honor that I have requested the ordinary Member of Justice, Mr. Paxe, in writing, to refuse such a request to the said Mr. Chevalier on my behalf with a pointed expression that I was not accustomed to letting myself be used as a rice farmer and consequently had no intention of obliging his request. To which declaration I hope Your High Excellencies, to my satisfaction, will deign to grant the deserving credence, and also that no desire for profit held me which could cause me to sin against the sovereign laws of Your High Excellencies. In which assurance I have the honor to remain, with all due respect and high esteem, /below/ I: O: /signed/ WJ Engert /in the margin/ Bantam, the 27 July 1789. From as above To Your High Excellencies The commission appointed for the inspection of the pepper gardens situated to the east having departed today, under such protection of the king's pikemen and necessary men as to make this march as safe as possible, I could not fail to report this immediately to Your High Excellencies, offering the copy of the instruction drawn up for due observance and introduced to the Commissioners for that purpose, which I hope will be found so complete, not only as Your High Excellencies might desire, but primarily that from its compliance it will be discovered to what the deep decay of the pepper cultivation must be attributed, and through which obtained information we hope to be enabled to devise, with happy success, such measures by the implementation of which not only further decay may be avoided, but the cultivation in general may be brought back to its former flourishing state. Separate In order that Your High Excellencies may become aware in what manner the Raja of Terengganu on the Malaccan coast manages to provide himself with flintlocks, as well as powder and lead, I find myself obliged to communicate to Your High Excellencies that the English and Portuguese ships destined for China and currently passing by no longer provide themselves with provisions at Anyer, but only with a little water and firewood, because, as they have declared, all provisions are to be obtained in abundance at Terengganu, which they barter for the said firearms, and in exchange for which they load tin there in noteworthy quantities, which brings them great profit on their voyage to China. The Postholder of Anyer has given me the necessary information regarding this, and in order not to be accused of having been negligent in the observance of a similar duty, I hope to have satisfied Your High Excellencies with this communication, in order that Your High Excellencies may thereby be enabled to devise measures by which not only this disadvantageous illicit trade is prevented, but also the Terengganu Raja's possibility of providing himself with firearms and other equipment, which in our opinion /yet nevertheless with submission to greater insight/ can have nothing other than disadvantageous intentions in view. I have the honor to remain, with all veneration and high esteem, /below/ I O /signed/ WC: Engert /in the margin/ Bantam, the 27 July 1789. To as above To Their High Excellencies I humbly request the liberty to justify myself by this separate arrangement against a complaint received by Your High Excellencies, alleging that I had forgotten my bounden obedience to the laws of Your High Excellencies in such a manner that I had intentionally made myself guilty of conducting illicit trade with the gentlemen Jafferlo and Rontonnay who returned to the French Islands, which justification is ordered from me in a satisfactory manner by Your High Excellencies' missive of the 20th. In order to comply completely with that order, I consider it necessary first to inform Your High Excellencies truthfully that both of those Frenchmen did indeed stay ashore and lodged with me, but by no means did they sail to this roadstead with their ships, since during their stay they lay anchored in the ordinary fairway, and indeed at a distance of 3 miles from this shore and in full view of everyone, directly opposite this office. Upon their arrival, they requested permission from me to provide themselves with needed poultry, as they had little or none in stock, and which request I thought I could safely grant, also [illegible].

Dutch transcription

UE goede veriend /was geteekend/ WC Engert /in Margine:/ Ban„ aanbieding van cheralier ner negotiaitie van rest door de sterkste werd vertrek der Com inde optogt na van dies Copia instructie zullen ontdefken verval der peper de Schryjven Aan als Boven Aan Haar Hoog Edelheedens Op bekomen Cast Uwer Hoog Edelheedens by verEerde Missive van den 24 deeser, heb ik de bysondere Patisfactie Hoogst deselve als nog te konnen een brief vande aanbiedende by my ontfangen Brieff van den Franschen Heer Chivalier die deese geincloseert is, en waar by denzelven my komt voorstellen een Nego„ tiatie in Ryst, en wel tot een quantiteit van 150 a 200 Coyangs, aan ten aanbiedingee aanzien van welke provisitie, ook ten opzigte van den verderen inhoud heer Chevalie der Brieff, ik Uw Hoog Edelheedens op myn Eerlyk Woord verserkeren, kan dat ik ordinair Lid van Justitie de Heer Paxe by myn schryvens hebbe versogt welke hun op't genoemde Heer Chivalier uyt myn naem een zodanig verzoek te ontzegging onder een steekende Expressie dat ik niet gewoon waare my tot Rystboer te Laten gebruiken en oversulx geen intentie hadde hem in zyn gedaan verzoekte believen, aan welke betuiging in Hoop Uw Hoog Edelheedens ter myner Satisfactie het meriteerend Geloof zal geliefen te differeeren ook dat my geen Win zugt behield, die vermogend is, mij teegens de Souveraine Wetten Uwer hoog Edelheid te doen Zodigen In welke verzeekering ik, d' Eere heb met alle verschuldigde Eerbieden Hoogagting te verblyven /onderstond/ I: O: /was geteekend/ WJ Engert /in margine/ Bantam den 27 July 1789 Van als Boven Aan Van Hoog Edelheedens De gedecerneerde Commissie ter visitatie der om de oostgeleegen peeper Thuijnen, missiante heeden mogen afgereischt zynde, onder een zodanige detking van konings pikenierk de bovenlandeen nodige manschap, als deese optogt alle veiligheident mogelik gemakkan besetten, Zo heb ik niet mogen nalaten des Weegens uw Hoog Edelheedens aanbieding al aanstonds te berigten, met aanbieding der Copia Jnstructie die in deese ter schuldige observantie ingerigt ende Heer en Gecommitteerdens tot zoda„ nege einde geintrogeerd is, enden Welke ik hoop zodanig Solleedig zal worden bevonden, niet Eenelyk zo als uw Hoog Edelheedens hebben konne te begeeren, maer voornamentlyk, dat uyt zyne naarkoming zal worden ontdekt waar aen hope van te het diep vervaldes peeper Cultuure moet worden geattribueert en door Welke aan wien het bekome onderrigting wy hopen in staet gesteld te worden om met een gelukkig succes Cultuure is toe zodanig maet regulen te konnen beraamen als door welker bewerkstelling niet alleen meerderen verval gewviteert, maar den teelt in het generael tot zyn vorigen bloeunde Tituatie Worde te ruggebragt Ten eynde Uw Hoog Edelheedens moge bekend worden op Welke Wyze „tam den 24 July 1789 den Apart ontzegt Apart 20 ke radja vant van gans zig van voorsien wegs aangebragte kelhandel den Radje van Peangand op de Malakse kust zig Woet te voorsien van Communicatie aphaenen, ook kruyt en Loot, zo vinde Jk my gehouden uw Hoog Edelheedens op wat wijs den te moeten Communiceeren dat geene den voorChina bestemde en thans passee„ snaph: kruijt Eende Engelsche en Portugeese scheepen Zig langer onder Anjer van verversing en lood wees te voorsien, Maar eenlyk van een wynig water, in Brandhout om de Wille gals zo als zij zig hebbe verklaert, dat alle verversing in overvloed op Trangano te bekomen is, die zy inruijling tegens genoemt schiettuijg, en heedens het welk zij aldaer, in naam waardige quantiteyjt en bekomen Thin inschuyten; dat hem inderzelver reijze veel voordeel in China toebrenge De Anjers Posthouder heeft my hier van de nodige kennis gegeeven, en om mij niet te moeten beschuldigen in een gelijk Joligts betragting, Nalatig te zijn geweest, zo verhoope ik met deeze gedaane bedeeling uw Hoog E„ delheedens te zullen, hebben voldaen, ten einde daer door Hoogst deselve instaet worden gesteld om maatregulen te konnen beramen, door de„ „welke, met Eenlyk die nadeelige mothel handel worde voorgekomen maar ook den Tranganos Radje de mogelikheid om zig van schietgeweer en andere tuijg te konnen voorsien het geen wijns dunkend /:dan nogtans met onderwerping aan meerdere doorzigt / niets anders aan nadeelige voorneemen kan op het oog hebben; Ik hebbe d' Eere, met alle veneratie en Hoogagting te verblijven /onder„ „stond/ I O /was geteekend/ WC: Engert /in margine/ Bantam den 27 Julij 1789 Aan als Boven Aan Hunne Hoog Edelheedens Ik versoeke ootmoedig eene vryheyd, om by deese aparte inregting my„ verandwoording mogen verantwoorden, op beswaar bij uw Hoog Edelheedens ingekomen, als klagten van molek myne verschuldigde gehoorsaamheid aan de Wetten van Hoogst deselve op eene wyze zoude vergeeten, dat ik mij opzettelyk zoude schuldig gemaekt hebben aangedreeven s motkelhandel met de naar de Fransche Eylande te ruggekeerde Heere Jafferlo en Rontonnay, en welke verantwoording my satis„ „factoir Word gecordonneerd by uw Hoog Edelheedens Missive van den om aan die ordre Compleetelyk te voldoen, zo Considereere ik alvorens: Nodig Uw Hoog Edelheedens naar Waarheid te moeten informeeren, dat die beyden Franssche persoonlijk wel aan de wal, ook by my gelogeert hebben dan geen Lints dat dezelve met Hunne scheepen deeze Rheede soude hebben bezeeld alzo dezelve geduurende hun verblyf, geankert geleegen hebben in het or„ „dinaire vaarwater, en Wel op een distantie van 3 mylen uyt deese Wal en ter beschouwing van een ieder, regtsteeks over dit Comptoir, By hun Aankomen, verzogten zy my vryheid, zig van benodigt pluijm vee te mogen voorzien, alzo zodanige wynige ofte geene in voorraet hadde en in welke versoek t ik vermeenden gerustelyk te mogen toestemmen, ook Waerom vervolg Apart Vervolg. 25

NL-HaNA_1.04.02_3864_0328 view scan ↗

English

22 continuation Because I, in wishing through the offer of lodging not only to observe a civil courtesy toward them but also to preserve them from unpleasant encounters which frequently occur in the local tavern, proceeded to offer both of them a room to stay in. If in these shown indulgences I have offended against the wishes of Your Right Nobles, I kindly request that you pardon me this misstep and view it as a civility which I assumed I might safely show to that nation. However, that I should have committed the offence of engaging with those gentlemen in a covert trade in articles which the Honourable Company reserves for itself and which are strictly prohibited by law, is so contrary to my character that I openly call the Bantam community to witness whether they, during my stay of nearly 9 years, could ever have accused me of having made myself guilty of such an offence, as well as the farmer of revenues in his private capacity, or whether in obtaining permitted and required goods from Batavia I have ever failed to pay the customary dues on them. No, Right Noble Gentlemen, the opposition to such practices has repeatedly been the cause of my finding myself embroiled with those who claimed to be allowed to act undisturbed in this, which has had the consequence that my other actions have been exhibited in the most blameworthy manner. Nevertheless, in order not to conceal from Your Right Nobles what I have conducted with Mr. Jaffrelo in the matter of trade, I willingly confess without reservation that I sold him a parcel of approximately 40000 pieces of binding rattans, which I had taken over for a doubtful debt and which I would have had to sell here at a notable loss if this opportunity had not presented itself to me. Otherwise, I was helpful to him in obtaining from the farmer of revenues 6 picols and 64 catties of powdered sugar at 8½ rixdollars for ship's consumption. This is all, Right Noble Gentlemen, in which I, against payment, engaged with Mr. Saffrelo, besides that my wife, on account of promised domestic conveniences, was pleased to make him a present of 8 bags of Bantam rice, to which I added 2 bags of Bantam coffee which were not yet stripped of their husks and had likewise been offered to me for consumption by the native. As regards now the vessel that transported these goods continuation bark de Constantia which shortly with a full cargo of pepper shall return transported, and which was obliged to follow the ship of Mr. Taffrelote until off the post of Anjer, and which I am said to have ordered to let sail out uninspected, upon this I find myself obliged also to elucidate to Your Right Nobles that it is true that I had the fiscal of Cattenburg informed to let the vessel go out unmolested instead of uninspected at that time, for the reason that it had already been detained for two full days by the substitute on suspicion of smuggling without him having inspected it, and I feared that with longer opposition the ship could not be overtaken, as it had already departed beyond the sight of Bantam, and the agreed price for the binding rattans had already been counted out to me. With Mr. Rontonnag I have had nothing to do, except only that I also showed him the courtesy of tolerating him within the Commandery and granting him a night's lodging, although he had arrived here to receive a quantity of Bantam rice that had been promised to him, in which however he did not succeed. This defence of mine is so consistent with the pure truth that I pray down all displeasure of Your Right Nobles if it is found that I am misleading You in this, wherefore I also take the liberty of hoping from You that to this statement the belief so necessary to me may be granted. I also request the liberty to communicate herein that the arrival of the bark de Constantia occurred here on past Sunday, and that I shall let her return as quickly as possible with a full cargo of pepper, the loading of which is slightly delayed because I was duped here in obtaining the crag mats necessary for lining, wherefore I found myself obliged to have them purchased elsewhere, and which have not yet been received by me. I have the honour to remain with due respect and all high esteem, was signed: WC: Engert in the margin: Bantam, the 7 August Anno 1789 To continuation his 23

Dutch transcription

22 vervolg Waarom ik als Wielende met de aanbeedieng van inlogeering Neeteenlijk eene burgerlyke beliefdheid observeeren naar hun Meede preserveeren voor onaangenaame ontmoetingen die dik wilsende alhier zynde Herberg voor vallen zo ben ik toegetreeden Hun beeden een kamer tot verblyf te offreeren, Jndien ik in deese betoonde toegeeventheeden mogten hebben misdaan tegens de begeertens Uwer Hoog Edelheedens zo versoeke ik gunstig My deese Mistapte Willen verschonen en Met zelven aan te merken als een Civiliteit die ik veronderstelden aan die Natie geruste„ „lyk te mogen bewizen Dan dat ik my zoude hebben vergreepen, om met die Heeren een bedekten Handel te dryven in Articulen die de E Comp zig reserveert en by de Wetten strengelyk verbooden zyn is zodanig teegenstrydig myn Caracter dat ik de Bantamse Gemeente, opentlyk tot getuygen in neem of dezelve My geduurende myn verblyff van by na 9 Jaaren immer hebben konnen beschuldigen, My aan een zodanige sande te hebben schuldig gemaekt zo meede den pagter in syn particu „lier, of byj het bekomen van gepermitteerde en benodigde goederen van Ba„ tavra immer Verzuimt hebbe van deselve de gewone geregtigheyd op te brengen; neen Hoog Edele Heeren de tegengang van zodanige pratijcquen, is Meer„ maalen oorzaak geweest, dat ik my hebbe gebrouilleert gevonden met zodanige die beweerden in deesen ongestoort te mogen ageeren en het welk ten gevolge heeft gehad dat myne overige verrigtingen op de Laakbaarste wyze zyn ten toon gespryt Om nogtans voor uw Hoog Edelheedens niet te verbergen wat ik met den Heer Jaffrelo, in het Stuk van Negotie hebben verrigt zo bekenne gaarne Zonder agterhouding datik hem hebben verkogt een parthij van ongevaer 40000 p:s bindrottingen, die ik voor een dubieuse schuld had overgenomen ende Welke ik alhier met een merkelyk verlies zoude hebben moeten verkopen by aldien my deese geleegentheid niet was voorgekomen overigens heb ik hem behulpzaem geweest in het bemagtigen by aen pagter, van 6 picols en 64 Catjes poeder Suyker a rd.s 8½, voor scheeps Consumptie, dit is alles Hoog Edele Heeren Waar meede ik my, teegens betaling, met den Heer Saffrelo hebbe ingelaaten, buyten des, dat myn Huijsvrouw Hem, Weegens toegezegde Huishoudelyke gerievelykheeden, Een present heeft gelieven te maken van 8 zakken Bantamse Rijst, en Neevens dewelke is 2 zakken Bantamse Coffij hebbe gevoegt die van Hunne Bolsters nog niet ontdaen en mij meede tot Consumptie door den Jnlande Waaren geoffeert; Wat nu betreft het vaartuijg die deesen goederen heeft vervoert vervolg „ barck de Constantie die binnen kort met volle lading pep zal reverteeren vervoert, en die verpligt is geworden het schip van de Heer Taffrelote Mogte na Zeijlen tot voor de post anjer, en het welk ik zoude geordonneert hebben om ongevisenteerd te laaten uytloopen hier op vinde ik my verpligt Uw Hoog Edelheedens als Meede te moeten elucideeren, dat Wel is Waar ik den fiscaal van Cattenburg, het laten aanzeggen, het vaartuij„ „gen ongemolesteerd /: in Steede van ongevisenteerd (als toen te laten buyten gaan, om de Wille dat het zelve bereets Twee volle dagen door den Substituut, op Suspitie van 'Smothelhandel, was opgehouden zonder Nogtans het zelve te hebben gevisiteert en ik vreese droeg by een Langer teegenkanting dat het schip niet soude konnen agterhaald, alzo het zelve bereets tot buiten het gesigt van Bantamwas verwydert, en mi de verakkordeerde prijs voor de Bindlottingen bereets was toegetelt Met de Heer Rontonnag heb ik Rietsteytstaan gehad, zo niet eenlyk als dat ik hem meede de beleefdheid hebbe beweesen van binnen het Commandement te gedoogen, en een Nagt Logies te vergunnen, of schoon denzelven aangekomen was om alhier een quantiteyt Bantamse Ryst te ontvangen, die hem toegesegt was dog waar in niet gereusseert is, Deese myne verantwoording is zodanig bestaanbaar met de Zuyvere waarheid dat ik alle Ongenoegen uwer Hoog Edelheedens afbidde by aldien bevonden word dat ik Hoogst dezelve in deese misleyde, Waarom ik dan ook vryheid hebbe van Hoogst deselve te mogen verhoopen, dat aan dit voorengestelde het mij zo nodig geloof„ mag worden gediffereerd; Meede Versoekt vrijheid in deese te mogen bedeelen, dat de arrive van de Barcq de Constantia op gepasseerde Zodag alhier is gearriveerd dat ik hem So spoedig mogelyk zal laaten reverteeren met een volle Lading peeper, dan welker ingave een Wynige vertoeft, om de Wille men my alhier gedupeert heeft in het bekomen van die Crag matten, haar benodigt ter afmalling al waar om, ik mij hebbe verstigt gevonden die elders te moeten laten inkopen; en die by mij nog niet ontvangen Ik hebbe d Eere met verschuldigde Eerbied en alle Hoog agting te verblijven, /onderstond/ S: O: / Wwas geteekend/ WC: Engert / in Margine/ Ban„ tam den 7 Augustus Ao 1789 Aan vervolg zijn 23

NL-HaNA_1.04.02_3864_0330 view scan ↗

English

High Mightinesses regarding the the outer postholders upon passing to inform Examined J V: Seijller Ab Booen In order that the high orders of Your High Mightinesses by secret missive of the 15th of this month regarding the taking into custody and conveying to Batavia of the lieutenant and former master of the pilot sloop the Meermin, which departed for Bengal, Jan Gerret Dries, be punctually fulfilled if he should be found either in Company service or as a passenger on any ship or vessel coming from Ceylon, I have the honor to have written to all the postholders of the outer posts to request the masters, upon the arrival of any ship or vessel coming from Ceylon, by my simple warrant, for a passenger and muster roll of their officers, and to convey it directly to me, so that in the event such a name is discovered by me, a further warrant in the name of Your High Mightinesses may be delivered to the captain or master in a sealed envelope, in order that the objective of the same in this matter be secretly fulfilled. I have the honor, with all high esteem, respectfully to remain /signed/ WC Engert / in margin/ Bantam the 19 September 1789 To Agreed K elkermp fulfill To the Appendices to the 2nd volume of Secret Incoming Letters Received 1790. Banda Secret Letters and Resolutions, for the year A:o 1789: Amsterdam Register of such Secret Letters and Papers as have been sent this year from the Government of Banda to the Noble High Indian Government at Batavia, and now depart under this Register in duplicate copy to the Netherlands. Per this Register. N:o 1: Secret Letter from the Honorable Lambertus Janszoon Haga, Governor and Director of this Province, together with the Council, addressed to the aforementioned Their High Mightinesses, dated 4 June of this year, regarding the Aru affairs. 2: Secret Letter from the same, dated 23 September, being a continuation of the first, and regarding several other matters. 3. Separate Letter from the said Governor to the aforementioned Their High Mightinesses, dated 8 August of this year. 4: Separate Missive from the said Honorable Governor to Their High Mightinesses dated 23 September. secret N=o 5: Secret Resolutions taken in the Council of Policy in this Government, from the last sent of 30 June 1788 up to 29 July of this year. in which is inserted: The minute of the conference with the peoples of Great Kei or the so-called Banda Keiese, held here on 6 December of the past year page 15 Memorandum for the Fleet Commander of the Aru Expedition, the Honorable Secunde 's Gravezande, for guidance in his instructions, dated 15 January of this year page 32 Letter from the Secunde and Fleet Commander 's Gravezande dated 23 February 1789 page 49 Conference with the aforementioned Keiese held in their country on 18 February 1789 page 57 Contract concluded with the said peoples on that same day page 65 Report of the Aru Expedition dated 21 May 1789 page 69 Banda in Castle Nassau the 23 September A:o 1789 P: D: M: Vander Aa Secretary Separate Resolutions Taken in the Council of Policy at Banda in Castle Nassau, since the last dispatched from 30 June 1788: Beginning with 4 September following up to 29 July 1789: Copy named Fleet Commander of the Aru Expedition. Thursday the 4 September A:o 1788: in the forenoon at half past eight o'clock Meeting of Policy Present The Honorable Lambertus Janszoon Haga, Governor and Director of this Province. Messrs. Adrianus Anthonij 's Gravezande, Senior Merchant and Secunde Johan Fredrik Steijnhart, Captain and Head of the Military Johannes Hageman, Merchant and Head of Pulau Ai and Rhun Bartholomeus van de Walle, Junior Merchant and Resident of Wayer, as well as provisional Fiscal. Absent: Nicolaas Kloeck, Junior Merchant and Pay Bookkeeper. After concluding the matters mentioned in today's general resolution, the Governor communicated that his Honor was engaged in executing the necessary intention, which was determined in the sessions of 20 and 24 May of this year, to dispatch a stronger fleet to the Aru Islands, in order to take reprisals against the enemies there and, if possible, to restore affairs; and consequently, also considering a principal requirement, namely a capable Fleet Commander for the same, his Honor had encouraged the Senior Merchant and Secunde, the Honorable Adrianus Anthonij 's Gravezande, and hereby proposed him; the more so as the Noble High Indian Government, by separate letter, had given his Honor to consider whether it would not be useful and necessary for the interests in Aru that a capable and suitable Council member accompany the force departing thither, in order to be all the more certain of a good outcome of this expedition; thus, since that consideration must truly lean to this side, and the person of the said Secunde possesses the knowledge of affairs and the demeanor to interact with the natives, it has been approved and agreed to appoint the said Senior Merchant and Secunde, the Honorable Adrianus Anthonij 's Gravezande, upon his offer hereby, as Fleet Commander and Officer in Charge of the expedition to be undertaken to Aru; whereupon the same testified that he will apply all his abilities and spare no effort to meet the expectation for the promotion

Dutch transcription

hoog Eds nopens het de buyten posthou„ by passeerende te informeeren Nagesien J V: Seijller Ab Booen Ten Einde aan de Hooge ordre Uwer Hoog Edelheedens bij secreete missive van den 15 deezer ten aanzien van het laten in arrest neemen, en batavia waarts overbrengen van den Luytenand en geweezen gezaghebber van de aande ordrel twenabengale vertrokken Loots sloep de Meermin Jan Gerret dries punctuee„ vande uiytendlyjk werde voldaen by aldien Dezelve 't see Comp dienst aan wel als dries zal werde passagier op een van Ceijlon komende schip of vaartuig gevonden wierd zoo heb ik de Eer de gezamentlijke posthouderen der buijten posten aange„ „schreeven om by het aandoen van schip of vaartuijg komende van Ceylon dees gezag voerders by myn Simpele ordonnantie versoekt een Naamlyst gegeeven ordre de yner officieren, ook passagiers, en my die dicrectelyk overtebrengen, ten ders omopere voor in de by ontwaring dat een zodanig benaming door my gevonden Werd scheepen na hem den Capitain of gezaghebber in een verreguld addreste laten toekomen een nadere in terigten ordonnantie uit naam uwer Hoog Edelheedens, op dat in Pecretresse aan het oogmerk van Hoogst dezelve in deeze worde voldaen Ik hebbe de Eere met alle hoogagting Eerbiediglyk te verblyven /onderst:d/ 50 /was geteekend/ WC Engert / in Margine/ Bantam den 19 September 1789 Aan Accordteert K elkermp voldoen Ter Bilagen van't 2=e deel der Secreete Ink: Brieven Overgekomen 1790. Bandase Secrete Brieven en Resolutien, voor Veder dt van A:o 1789: Amsterdam Register van zodanige Secrete Brieven en Papieren, als 'er dezen Jare van het Gouvernement Banda, verzon„ „den zijn aan de Edele Hoge In„ „diasche Regeering te Batavia. en tans onder dit Register in Copia Dub„ „belvoudig afgaan, na Nederland. P: Dit Register. N:o 1: Secreete Brieff van den wel Edelen Agtbaren Heer Lam„ „bertus Janszoon Maga Gouverneur en Directeur deeser Provintie, nevens den Raadt, gerigt aan Hoog gemelde Hun Hoog Ede„ „lens, gedateert 4: Iunij deeses Jaars, over de Aroese Zaken. „ 2: Secrete Brieff van en als Even, gedateert 23. september, zijnde een Vervolg van de Eerste, en over meer andere zaken. „ 3. Appart Briefje van welmelde Heere Gouverneur aan Hoog gemelde Hun Hoog Edelens, gedateerd 8: Augustus; de zes Jaars. — „ 4: Appart Missive van gem: Agtbaren Heere Gouverneur aan Hun Hoog Edelens in dato 23: sep„ „tember. seCrete N=o 5: Secrete Resolutien genomen in Rade van Politie ten deesen Gouvernemente, sedert de laatst afgezondene van den 30 Junij 1788; tot den 29: Julij dezes Jaars. — waar bij g'insereert is. de Notul van Conferentie met de volkeren van Groot Keij of de Zogenaemde Bandase Keijeneesen, alhier gehouden op den 6: December A„o passa„ Memorie voor het Vloot Hoofd van de Aroese Expeditie den E: Secunde 'SGravezande, ter narigt in zine Bestellingen, gedateert 15: Januarij h: a pag: 32 Brief van den secunde en Vloot Hoofd 's Gravezande in dato 23: Februarij 1789: . . . . - - pag: 49: Conferentie met de Voorschreven Keijeneezen op hun Land gehouden op den 18: Februarij 1789 _ _ - - - - - pag: 57: Contract met de gemelde volkeren gesloten op dien Zelfden Dag - - - - - - - - - - - - pag: 65: verslag van de Aroese Expeditie gedateerd 21 Maij 1789: . . - - - - - - pag: 69: „to - - - - - - - - - . . – – – pag: 15: Banda Jn 't Casteel Nassauw den 23: September A:o 178 P: D: M: Vander Aa Secretaris Aparte Resolutien Genomen en Rade van Politie te Banda in het Casteel Nas„ fauw, sedert de Laatst afgesonden Iunij 1788: Van den 30: Beginmende met den 4 September daar aan tot den 29 Julij 1789: Copia „noemd tot Vloot- Hoofd van de Aroese Expeditie. Donderdag den 4: September A:o 1788: des voordemiddags ten half Negen uuren Vergadering van Politie Present Den WelEd: Agtb: Heer Lambartus Ianszoon Haga Gouverneur en Directeur deeser Provintie. D' Heeren Adrianus Anthonij 'S Gravezande opperkoopman en Secunde Johan Fredrik Steijnhart Kapitain en Hoofd der Ililitie Johannes Hageman Koopman en Hoofd van P=lo Aij en Rhun Bartholomeus van de Walle onderkoopman en Resident van Waijer Mitsga„ „ders p=m Fiscaal. Absent. Nicolaas Kloeck E onderkoopman en Soldij Boekhouder. den 36: Mpande Sraverander ben Na het afdoen der zaken bij de gemeene Resolutie van hieden ver„ „meld, Communiceerde den Heer Gouverneur dat zijn Ed: in de bezig „heeden was om te volvoeren het noodzakelijk voorneemen, het welke vast gesteld is ter sessien van den 20: en 24: Maij dezes Jaars, tot het afze „den van een sterker Vloot na de Aroese Eijlanden, ten einde aldaar op - op de vijanden represaele te nemen en ware het mogelijk de zaken te herstellen en gevolgelijk ook bedagt zijnde ten aenzien van een princi„ „paal verershte te weten en bequaam Vloot= Hoofd voor dezelven zijn Ed: daar toe g'animeert hadde den opperkoopman en Secunde de E: Adee„ „anils Anthonij 'S Gravezande, en zodanig den zeeven bij deezen voordrog; te meer de Edele Hoge Indiasche Regeering bij appar„ „te Brief, zijn Ed: in Consideratie gegeven hadden of het not voor het zijn .. 2 „belang in Hroe nuttig en noodzakelijk zoude zijn, dat een bequaam en geschikt Raadslid met de na derwaards te vertrecke magt, mede ging, ten einde des te zekerder van een goed: reusit dezer Expiditie te kunnen wezen; zo is nadien die Consideratie wezentlijk na deze zijde moet zijn, en den perzoon van gemelde d sechunde die de ken„ „nissie van zaeken en het voordrigt) om met den Jnlanden te kunnen omgaan, voor zig heeft, goedgevonden en verstaan den zelve opper„ „koopman en skcuende D' E: Adrianus Anthonij SGrave„ „zande op zijn E: aanbieding bij deszen, te benoemen tot Vloot- Voofd en Bdevelhebber van de te onderneeme Expeditie op Aroe: betuij„ „gende denzelve daar op, dat alle zijne vermogens aanwenden en geen last ontzien zal, om aan de verwagting te voldoen ter bevor „dering

NL-HaNA_1.04.02_3864_0345 view scan ↗

English

his Honor's assumption and signing of the secret letter of 30 August, to Their High Mightinesses approbation of the separate resolution of 20 June furtherance of the salutary purposes, of which it was understood this record should be kept. Hereafter, reading was taken of the prepared secret letter to the Honorable High Indian Government dated 30 August last, and after the contents were confirmed, the same was signed, and it was resolved to dispatch it, alongside the common advices. And the separate resolution of this Table dated 30 June of this year was also read and approved. /underneath stood/ Thus done and resolved at Banda at Castle Nassau, date as above. /was signed:/ P:s I=n Haga, A=o A=r 'S Gravezande, I:n F= Steinhart, I:s Hageman, and B=s Van de Walle Wednesday the 24 December Anno 1788 in the forenoon at half past eight o'clock Meeting of Policy Present The Right Honorable Lord Lambertus Janszoon Haga Governor and Director of this Province 4 September 1788. The Gentlemen Advice also 's Gravezande on the lack of vessels for the Aru expedition, and on the necessity to look out for two. The Gentlemen Adrianus Anthonij 'S Gravezande Senior Merchant and Second Johan Fredrik Steinhart Captain and Head of the Militia Johannes Hageman Merchant and Head of P. Ai and Rhun Bartholomeus van de Walle Junior Merchant and Resident of Wayer also provisionally Fiscal. Representation of the Fleet Commander. Proceeding to the separate matters, it was, by the Senior Merchant and Second, the Honorable Adrianus Anthonij 'S Gravezande, as Fleet Commander of the Aru expedition, by written report from the preparations for that expedition, made known and represented in detail: that one had only two capable patjallangs at hand here, as the small sloop De Jonge Jan constantly found employment in sailing back and forth to the South-Western Islands, and had to remain designated for that purpose, as well as to have a vessel at hand in case of emergencies, the same currently still actually being in the South-Western Islands; that the old and worn-out patjallangs, which could no longer be trusted, the Loots laid off, and the sailing and rowing boat expected from Batavia had not appeared /:also no patjallang having been received from the Government of Ternate:/ and one was brought thereby all the more into embarrassment, since at least four good vessels were now required, and it also remained uncertain whether the dispatch of the patjallang De Willem promised by the Lord Governor of Ambon could take place, he represented and submitted for wiser judgment whether it was not most necessary, if that expedition were to proceed, and as the same had to be conducted completely and as it ought to be, or otherwise be left off entirely, to look out for the purchase or chartering of two or at least one capable sloop, for which there was currently at hand the stout, well-built, and completely fitted sloop of the Burgher Ensign Anthonij Bode, measuring circa forty lasts 24 December 1788. for forty-one for as the entire crew would consist of over 600 heads, if one wished to achieve the good purpose, there not only had to be provided good storage space, so as not to expose the men to wind and rain by a continuous stay on the upper deck, since one could not know how one would be able to proceed upon arrival at Aru, and whether one must remain long on the vessels, from which the greatest inconveniences would sometimes result; that, as now, care had to be taken for an adequate and sufficient supply of victuals and everything required for this expedition for the period of six months, in a place devoid of all assistance and where nothing of that nature is to be obtained, if one did not wish to see oneself brought into the greatest embarrassment, the two patjallangs at hand here, even if reinforced with a third from Ambon, would not yet suffice for proper storage space for everything, because the Ambonese cruising orembaais are not suitable to be heavily laden, to take the name of Lonthor into the books. laden, but indeed to be used for the necessary services, whether a landing or otherwise, and without anxiety not more than one month's ration could be issued to each of them at a time; that these reasons moved the representer to request favorable consideration and consent for this, hoping that a good outcome of matters might compensate the expenses made herein, through the subsequent good and desired advantages for the Company as well as for the Burghers and other inhabitants; whereupon this was discussed, and observed that what was represented and proposed by the Fleet Commander, the Honorable 'S Gravezande, resting upon good grounds, must be acknowledged as incontrovertible and accepted as necessary, wherefore it was resolved /:yet nevertheless for the present, in the hope that the dispatched patjallang De Willem from the Government of Ambon will appear:/ to limit oneself to one vessel, the aforementioned sloop of the Burgher Ensign Anthonij Bode, which is offered with 24 December 1788. his

Dutch transcription

3 zijnEd: sumtie en tekening van de se„ „eete Brief van den 36: Augustus, an Hhune Hoog Ed depprobatie der aparte Resol: van den 20: Janij „dering van de Heilzame doeleindens, waer van verstaan wierde deze aanteekening te houden. Hier na wierde lecture genomen van de in gereedheid gebragte Secrete Brief aan de Edele Hoge Indiasche Regeering in dato Edele o 30: Augustus laatstleeden, en na dat den Jnhoud was geconfir„ „meert, is dezelve geleekend; en besloten tot de afzending, nevens de gemeene Advisen. En is ook gelezen en g'approbeerd de apparte Resolutie dezer Tafel van den 30: Iunij deeses Jaars. 1 /onderstond/ Aldus Gedaan en Geresolveert te Banda aan het Casteel Nassauw dato Voorschreeven. /was geteekend:/ P:s I=n Haga, A=o A=r 'S Gravezande, I:n F= Steinhart, I:s Hageman, en B=s Van de Walle Woensdag den 24: December A:o 1788 des Voordemiddags ten half Negen uuren Vergadering van Politie Present Den WelEd: Agtb: Heer Lambertus Janszoon Maga Gouverneur en Directeur deser Provintie den 4: September 1788. D' Heere Adras mede 's gravaskande van het gebrek aan vaertuijgen voor de Aroese Expeditie, op de noodzakelijk„ „heit om na twee omte zien. D' Heeren Adrianus Anthonij 'S Gravezande opperkoopman en Secunde Johan Fredrik Steinhart Kapitain en Hoofd der Militie Johannes Hageman Coopman en Hoofd van P Aij en Rhun: Bartholomeus van de Walle ondercoopman en Resident van Waijer mitsg:s p=rm Fiscaal. vertoning van het Vlots hood elreden zijnde tot de apparte zaken, wierd: door den opperkoop„ „man en Secunde de E: Adrianus Anthonij 'SGrave„ „zande, all Vloot- Hoofd van de Mroese Expeditie, bij een schrif„ „delijk Bderigt uit de Bdestellingen tot die Experditie, in zijn omstom„ „de te kennen gegeeven en vertoond. dat min hier slegt twee bequame Patjallings aanhanden„ hadde, alzo het Chaloupje de Jonge Jan gedurig emploij vonde in het over en wedervaren naar de Zuid wester Eijlan„ „den, en daar toe bepaald dienden te blijven en om bij voor vallen egter een vaartuig aanhanden te hebben, zijnde het zelve taas nog wezentlijk wrezentlijk op de zulid westen betanden. dat de oueder en afgeva„ „ren, en niet meer te vertrouwen geweest zijnde Patgallings de Loots afgelegd, en de van Batavia verwagt zijnde Zijl- en Roeij Boot niet opgedaagd /: ook uit het Gou„ 1 9 „vernement Ternaten geen Patjalling ontfangen :/ on men hier door te meer in ongelegendheid gebragt was, daar men nu ten minsten vier goede Vaartuigen benodigd hadde, en ook in het onzekere bleef of de door den Heer Ambons Gouverneur beloofder toe zending van de Patjalling De Willem zoude kunnen plaats vinden, hij vertoonden dat onder wijzer gevoelen voordroeg, of het niet aller noodzake„ „lijkste wage met die Expiditien voortgang stonden te neemen, en daar dezelve volkomen en zo als het behoorde, gedaan, of an„ „ders: geheel agter wagen diende gelaten te worden, nuit te zien tot . den Inkoop of inhuring van twee of ten minsten Een be„ „qudime Chaloup, en waar toe tans aanhanden, was de hegt wel door timimnerde en van alles voorziene Chaloup van den Burger Vendrig Anthonij Bode, groot Circa Veertig Laste den 24: December 1788. want C cen Veertig wrant daar de gantsche Equipagie uit ruim 600. koppen zou„ „de bestaan, welde men het goede oogmerk zien te berijken, daar voor niet alleen en geeder berg plaats diende bezorgt te vor„ „den, om de manschap niet door een gedurig verblijf op het bo„ ven dik aan mond en Regen-bloot te stellen, alzo men niet weten konde hoedanig te Aroe bij aankomt zal kunnen te werk gegaan worden, en of min lange op de vaartuigen 99 zl meeten blijven, waar uite dan zomtijds de grootste in Conve„ „neenten zouden resulteeren, dat, daar nu, voor een genoegzame en toedijkende voorraad van Levensmiddelen, en alle het geene tot deese Expiditie vereischte voor den tijd van ses maanden, op een plaats van alle adsistentie ontbloot en alwaar van dien aard niet te bekomen is moeste gezongd worden wilde men zig niet in de groot „ste verlegendheid gebragt zien, hier toe de tree aanhanden zijnde Patjallings, schoon met een derde uit Amboina versterkt wor„ „vender nog niet zouden toezeiken tot een behoorlijke bergplaat van aller, wijl de Ambonse Zruis drembrijen, niet geschiket zijn: om afgeladen de naam van Lonthor bij den Boe„ kan in te nemen. afgeladen, maar wel om tit de nodige dienisten het zij een lam„ 8 „ding, dan wel andersints gebruikt te worden, en buiten ongerust„ „heid niet meer dan een maend Randsoen telkens, aan ieder derzelve verstrekt mogte worden! dat deze beweegredenen den vertoonder permoveerden de gun„ „stige Consideratie en toestemminge hier voor te verzoeken, hopende dat een goede uitslag van zaken de kosten in dezen gedaan, doorte daar op ten volgene goede en gewenshte voordeelen, zo voor de Comp, als den Burger en verdere Jngezetenen mogte Een Chaloup nte kepeijen met vergoeden; zo wierd hier over gesproken, en aangemerkt dat het vertoonden en voorgestelde door het Vloot Hoofd DE: SGrave„ „zande op gronde rustende onwedersprelijk erkent en nood„ „zakelijk aengenomen moet worden, mits dien besloten /:dog nogtans voor eerst, in de hope, dat de toegezonde Patjalliang de Willem uit het Gouvernement Amboina opdagen zal zig te bepalen tot Een vaartuig de gemelde Chaloup van den Burger Vendrig Anthonij Bose, die gepresenteert word met den 24. December 1788. zijn wot„ ƒ e ƒ

NL-HaNA_1.04.02_3864_0350 view scan ↗

English

its inventory and appurtenances for sale for Three Thousand Rix-dollars, or for hire without appurtenances, though under its rigging, for six months for One Thousand Rix-dollars under condition of compensation in case of accident, and considering that hiring must turn out more disadvantageous, just as, above the necessities that would have to be furnished thereto, after the expiration of six months the hire money is lost without having anything, and in addition one can sometimes be forced to hire for a second time, and that sloop with its inventory having been inspected in store by express commissioners, the provisional equipage overseer Dijkhuijzen, boatswain of the yard Bering, master journeymen of the ship carpenters and smith shop Fink and Raal, and the Burgher and former ensign of the Marines Kleijn, of which the report has been submitted, in which it was seen that the vessel was hauled onto the beach, inspected, and found to be well built, inside and outside, of spars, in the 24th December 1788. officers and 10 Makijnen for the Fleet in everything appears to be strong and sound, and not even in need of a caulking for the upcoming expedition, while the vessel was subsequently brought into the stream under its rigging and sails, and it has appeared that the same, on the terms of the owner, can serve for the service of the Company, and moreover the goods were also found in accordance with the inventory that was submitted; thus it has been approved and agreed to purchase the said sloop, including its appurtenances according to the inventory, for the Company for Three Thousand Rix-dollars, and to have the same entered into the books under the name of Lonthoir. Furthermore, to take into hire 10 on that very report of the Honorable 'sGravezande, being made known under those same motives that, besides the 40 Makijnen already in service for the equipping of the said vessels, on account of the small number of present European seafarers, there are still needed about 10 able native sailors with one or two chiefs, either as commanders or mates, with a request at the same time, in view of the small supply of provisions and other necessities, for authorization in case one thing or another might be required in order to be provided with everything, to purchase what is necessary upon a further list to be submitted, whenever it might appear that the same could not be spared, all taking place here with deliberation and not unnecessarily, it has thus been approved and agreed to decide upon this latter matter as well, as it cannot be avoided, and with respect to the former, to seek and accept into hire for the time of the expedition, following the examples of the Resolution of the 22nd March 1782: One Lieutenant of the Marines for 15 Rix-dollars One Ensign for 10 ditto with 45 Privates as Marines at 4.2 Rix-dollars each per month, or half a Rix-dollar less than the old Marines, with the enjoyment of the ration, to commence in mid-January or the 1st of February next, to which certainly some the 24th December 1788 noted the arrival of the cruising orembaais and crew from Amboina the promise of the Gentleman Patjallang the Willem will follow. some volunteers will join for board. Subsequently the Governor communicated, from a separate letter written to His Honor by the Governor of Ambon Schilling, at Ceram on the Hook of Haja and dated the 24th of November last, that the Governor of Ambon, upon the request resolved at this meeting on the date of the 20th of May of the past year and subsequently made, had sent hither from His Honor's Hongi Fleet, for the Tidore Expedition, six cruising orembaais with the necessary rowers and ammunition, and also under Adjutant Christiaan Hendrik Lange: 2 Sergeants 2 Corporals, and 40 Private soldiers, besides one Drummer and one Fifer, all with their full arms; and also on the said cruising orembaais, for the manning of the artillery, one Gunner Governor of Ambon that the and 5 assistants, and that when the patjallang the Willem came island to visit Goram. the Amboina natives to be granted their promised board money and ration of European seafarers. came to appear, His Honor would also send that vessel this way as being the best and best-sailing one; as well as how His Honor, despite the determined intention to pay a visit to Goram and to punish as an example to others those of them who should be convicted of murder or robbery, had nevertheless been obliged to abandon it due to the delay of the patjallangs. Furthermore, that His aforementioned Honor, in order to encourage the native Regents and Chiefs of the aforesaid cruising orembaais and their subordinate villagers for the expedition for which they will be employed, had made a promise that, upon their arrival here, they would enjoy the very same board money and ration as the European seafarers, consequently the chiefs of these vessels that of a mate, an eldest that of a quartermaster, and the privates that of a sailor; having also had to make promises to the chiefs, at their request, as they were provided with no cash, of

Dutch transcription

zijn Jnventaris en toebehoren te koop vaor Drie Duijzent Rijxdaulders, of in thuur zonder toebehoren, dog onder zijn Teijg voor ses maanden voor Een Duijzent Rijxd: onder Conditie van vergoeding bij ongeluk, en aangemerkt het inhuren na„ „deeliger uitkoomen moet, gelijk men boven de benodigdhierden gel die daar aan verstrekt zoude moeten worden, na verloop van ses maenden hete huur geld zonder iets te hebben gelijt is, en daar bij zomtijds voor de tweede maal tot het huuren genoodzaakt: kan worden, en die Caloup met zijn Jnvinta„ „ris in voorraad door expresse Gecommitteerdens den p=r Equipagie op zigter Dijkhuijzen, brootsman van de werfs Bering Meesterknegts der scheeps Timmerlieden en Smits winkel Fink en Raal, en den Burger en gewese vendrig der Marijmnan Kleijn, in voorraad gevisiteert zijnde waar van het berigt overgelegd is, bij het welke gezien wierde dat het vaartuig op strand gehaeld, gevisiteert en bevon„ „den is wel bebouwd, van binnen en buijten, van Rondhouten, in den 24. December 1788. oscieren en 10. Makijnen voor de Vloot in alles legt sterke en gaaf te zijne, en voor den aanstaanden Pagt niet eens een kalfating nodig te hebben, terwijl het vaaa„ „telijg: vervolgens op strum- gehaald onder zijn Tuijge en zij len 249 gebragt, en het geblekken is dat het zelven voor den Conditie van den eigenaar, kan voldoen tot den dienst van de Comp:, mits„ „gaders ook de goederen Conform den Jnventaris bevonden zijn die overgelegd weerde; zo is goedgevonden en verstaan, de gemelde Chaloup mede zijn toebehoren nan de Jnventaaris, vor de Comp: in te kopen voor Drie Duijzent Rijxd„s en dezelve met de naam van Lonthoir bij de Boeken te laten inneemen. vonrts in huur te neman tine op Bij dat eigenste Berigt van den E: 'sGravezande, onder die zelfde beweeg reden te kennen gegeven wordende, dat buij„ „ten de riede in dienst zijnde 40: Maijeren tot de Equipageing van de gemelde vaartuijgen, mits het weinig getal der aanhan„ 2 „da, zijnde Eudopeese zeevarende;, nog benodigd zijn axim 10: be„ „quame Jnlandse Mattroosen met een of twee Hoofden het zij g tot tot Gezaghebbers of stuurlieden, met verzoek teffens, aange„ „zien den gearinglen vooraad van Prij visie en andere benoderigdha„ „deen, om qualificatie ingevallen het een of andere mogte ver„ „eicht worden om van aller voorzien te weezen, het benodegde bij een nadere in te diene Notitie Jn te kopen, wanneer mog„ „te blijken dat het zelve niet te ontbeuren was, zullende alles met: overleg en niet nodeloos hier in plaats vinden, zo is goed gevonden en verstaan tot dit laatste almede, als niet zijn ni„ „de te vermerden, te besluiten en ten opzigte van het eerste, voor den tijd van de Pogts in huur te zoeken en aan te neemen, na de voorbeerden bij Resolutie van den 22:' Maart 1782:, Een Liutenant der Marijnan voor - - - - - „ 1: Rijxd„s Een vendrcq voor - - - - - - - - - 10: d=o met 45: Gemeene als Marijnen tegens 4:2 Rijxd„s ieder ter maand of een halve Rijxd„s minder als de oude Marijnan, onder genot van het Raandsoe, om in te gaan met med„ Januarij of P=mo Februarij aanstaande, waar bij zeker zig nog eenige kruis „ den 24 December 1788 „genoteed de aankomst van de kruis orembaijen en manschap uijt mboeraen de toezegging van den Heer Patjgel: de willem wolgen zal. eenige Vrijwilligers zullen voegen voor de kost. vervolgens Communiceerde den Heer Gouverneur, uit een appar„ „te Brief van den Heer Ambons Gouverneur Schilling te Cen„ „ram op de Hoek van Haja en dato 24. November laatstlee„ „den aan zijn Ed: geschreven, dat den Heer Ambons Gouverneur op het bij deze vergadering in dato 20: Maij A:o p=o besloten, en vervolgens gedaan verzoek, van daer uit zijn Ed: Hongij Vloot, voor de Froese Expidetie herwaards gezonden had„ „de Ses kruin ovembaijen met de nodige Roegers en Am„ „munitie, en ook onder den Pdjudant Christiaan Hendrik Lange. 2: Sergeant 2: Corporaals, en 40: Gemeene Militaire, nevens Een Tamboer en een Pijpor alle met hun volle wapenen; en nog op de vermelde kruis orambaija, ter manieering van het geschut Een Cannonier Amons godeverneure dat de en 5: Handlangers, en dat als de Patjalling de Willem quam eland om Gorasm te bezoeken. de Ambonse Jnlanders het hun toegezeijde kostgelden Rand„ „coen van Europese zevarende, toe te delen. quam opdagen zijn Ed: dat vaartuig als het beste en wel be„ zenden„ „zijldste zijnde almede dit hee zoude mitsgaders hoe zijn en das zijn Ed verhindert is Ed: in weerevil van het vastgestelde voornemen om Goram een bezoek te geven ende geene die van hen, welke aan Moote of Roof schuldig daar van te overtuigen zoede zijn, ten exempel van andere te kastijden, daar van egter hadde moeten afzien doore het agterblijven van de Patjallings. voorts dat welmelde zijn Ed: om de Jnlandse Regenten en Hoofden der voorschreve kruis orembaijen en hunne onderge„ „stelde Dorpelingen te ansimeeren tot de Expiditie waar toe dezel„ 1 „ve g'emploijeert zullen worden, toezegginge gedaan hadde van bij hunne aankomst alhier, even en het zelvfde kostgeld en Randsoen te zullen genieten als de Europeese Zeevarende, gevolgelijk de Hoofden dese vaartuigen dat van een stuukman een oudste van een quartiermeester, en de gemeene die van een Mattroos, aan de Hoofden op derzelver verzoek als van geen Contanten voorzien, ook beloften, hebbende moeten doen van

NL-HaNA_1.04.02_3864_0355 view scan ↗

English

the 24th of December 1788. Resolved: The cruising orembaais have been hauled onto the stocks to be refitted and the regents are to be provided with 20 rixdollars each, to be charged to Amboina and reimbursed there. It was thus approved and understood, regarding the receipt of this Amboina relief force for the expedition, to make this record, and also that the Lord Governor has ordered the aforementioned cruising orembaais, as they had already been in the water for a long time before and during the Amboina Hongi Expedition, to be hauled up on dry land at the earliest opportunity to be fitted with new bottom planking, also raised with a plank, and to have the upper works slightly modified, as required for the distant voyage. And furthermore, it having been taken into consideration that the natives on the orembaais, being extremely destitute, cannot do without the necessary support in a foreign place where everything must be bought rather dearly, and besides, no requisite hearty services can be expected of them, since having already been at sea for two months, absent from wife and children, they now have little hope of being home again within eight months; it is therefore resolved to allow the said native regents and common natives to enjoy the board money and rations from Zeevaard, as promised to them as aforesaid, and moreover to assist the regents with 20 rixdollars each on account for restitution; it is however understood, in order to spare the rations for the voyage, to provide the first cash in place of them, and furthermore to allow the soldiers to enjoy their board money, in proportion to the previous command. And finally, the Honorable Secunde 'S Gravezande, upon being asked in this regard, stated that His Honor expected to be ready with the fleet to depart by mid-January next. The Lord Governor further produced a Report dated the 6th of this month, by way of minutes, of a conference held by order of His Honor by the Secunde and Fleet Commander, the Honorable 'S Gravezande, with the chiefs and peoples of the island of Great Kei from the negorijs of Elie and Elat, being the descendants of the old Bandanese of whom mention is made in the Separate Resolution of the 20th of May of the past year, who arrived here with nine vessels and departed a few days ago with the greatest confidence and satisfaction, leaving behind evidence of several virtuous qualities, as appears broadly therein, from which transaction at the same time were perceived the very best promises and assurances of those peoples of loyalty and obedience to the Company; it was approved to make this record thereof for proper purposes, and to insert the aforesaid Report or Minutes of the Conference into this document. To the Right Honorable Lord Lambertus Janszoon Maya, Governor and Director of this Province. Right Honorable Lord, The undersigned Secunde of this Province, with the foreknowledge and consent of Your Right Honor, after having first conferred with Your Honor on the matter, held yesterday evening at the house of the Citizen and Perkenier Jan Marten Pieters, deemed the suitable place for it, a conference with the Keiese currently present here and on the verge of their departure, from the negorijs of Elie and Elat, namely: From the negorij Elie: the anacooda Oemar, anacooda Boediman, anacooda Boijlilie, and anacooda Seroda. From the negorij Elat: the orangkaij Arie, orangkaij Resie, orangkaij Sila, the anacooda Ratoe, anacooda Iacoba, anacooda Booijlilie, anacooda Salambesie, anacooda Masawara, and anacooda Djoemat. Together with a large number of their elders and lesser retinue. At the beginning thereof, by the subscriber as representing the person of Your Right Honor, it was presented to them in a fitting manner: That it could not be unknown to them how their neighbors, the Oudegereesen at Arouw, had in a shameful manner and without any reason broken their treaty with the Honorable Company, and in a most cruel and unheard-of manner had put to death a garrison stationed there that could not withstand their force; that they had given even further rein to their faithless conduct through the acts of violence committed again this year against the Banda citizens and the Company's vessels that appeared there with good intentions; whom they, without any sign having been shown that one intended to hold them accountable for their wickedness,

Dutch transcription

den 24. December 1788. ded: vedagen de kruijsorembaijen zijn op staand gehall, opgelesiden verden verden„ „de wegenten te geeven met 20 van alhier gereeft te zullen worden met 20: Rijxd„s ieder, om Amboina aangereikent en aldaar weder voldaen te worden; zo wierd goed gevonden en verstaan van den ontfangst van dit Aanbons ontzet tot de Expiditie, deze aanteekening te houden teffens dat den Heer Gouverneur de vermelde kruis orembaijen, als reerde lange voor, en in de Hmbonse Hongij it Togt te water geweest zijnde, ten remsten op derog heeft doen 9 halen om van onderen voorzien, ook met een plaanks opgebaerd, en het va„ Cossen boven werk een weinig verandert ten werden, na dat der „ verre Hroese Togt het vordert. En is wijders in Conside„ „ratie, gememen zijnde dat den Jontanders op den orembaijen ten ut„ „terste beheftig, de nodige onderstand in een vreemde pelaats al waar alles vrij diur moet werden gekogt niet kunnen ontbeeren, en bui„ „ten der ook geen vereischte hartelijke diematen van dezelve verwagt ken morden, daarse reeds twee maenden op zoe zijnde afvwezig van vrouw en kinderen, dus nu weinig hope hebben in agt emaanden weder saar. n hiet eerste Contasnten te versteken „ken laten genieten eventedrg de vorge„ te dat vermeend tegen med=e Jann: gereed te kunnen zijn. he weest zijnde beijeneeden de selv conferentie gehouden. „weder thuus te zijn; mits dien besloten de gemelde Jnlandse Rog „ten en gemeene Jnlanders, het kostgeld en Raadoen, van Zeeviaen zo als het hun in volgen, voorsz: is toegezegd, te laten boedeelen; e de Regenten boven dien t aisisteeren met Reijgd: 20: eder te de Randeoernen voor de Pogt te speren aanreekening voor de restitutie: dog is verstaan om de han „coenan, voor de Togt te sparen, het eerste contanten in dies s ende Mitiden e hunen aende te verstrecken, wijders de Mititairen hun kostgeden hand pan te laten genieten, eveniedig het vorig Commanda. en betuin en eot rt hood beteigende eindelijk den E: Secunde 'S Gravezande, op de aj „vrage deswege, dat zij n E: vermeende onder medie Januarij 2 naastkomende met de vloot gereed te zullen zijn om te hun„ „nen vertrecken. med e leaest hie anwekige vordere produceerde den Heer Gouverneur een Rapport in dato 6: de „zern, bij wijzer van Notul, van een ter ordre van zijn Ed:, door den siutande den Vloot Hoofd DE: S' Gravezander gehonden Compaentie met de Hoofdens en volkeren van het Elland Groot keij uit de Negorijen blie en Elet, zijnde de afstaamelingen van de oude 45 2 1 insertie van de Noteil van dee„ oude Bandaneesen waar van bij de Apparte Resolutie van den 20: Maij des gepasseerden Jaars aanhaling voorkomt, dewelke met Negen vaertuijgen alhier opgekomen en voor eenige dagen met het grootste vertrouwen in vergenoegen, agterlatende den blijken van eenige deugdzamen hoedanigheeden ƒ zijn vertrocken, gelijk dit daar bij in het breede voorkomt, uit welke verhandeling teffens ontwaard wierde den aller beste beloften, en verzekeringen van die volkeren tot trouwe en gehoor„ „zaamheid aan de Comp: is goedgevonden daar van tot de ord„ „dige eindens deze aantekening te houden, en het voorschreven Rapport of Notul van Conferentie in deze te insereeren. Aan den Wel Edelen Agtb:e Heer Lambertus Canszoon Maga gouvern neerden birectere deser Geovintie Wel Edelen Agtbaren Heer Den ondergeteekende Secunde deeser Provintie, met voorkennisse en toestemminge van uwel Edele Agtbaare na dat hij met hoogst den 24. December 1788. deselve 1 un ƒ deselve over het een en ander eerst geaboucheerd had op Gisteren avond ten huijsen van den Burger en Perkenier & Jan Marten Pieters, als daar toe de geschikte plaats geoordeelt met de thans alhier aan„ „weesende, en weder op hun vertrek staande keijeneesen van de Negorijen Elie en Plat, als uijt de Negorij Elies de anacooda Oemar „ anacooda Boediman „ anacooda Boijlilie en „ anacooda Seroda uijt de Negorij slad de orangkaij Arie „ orangkaij Resie „ wangkaij Sila de anacorda Ratoe „ anacooda Iacoba „ anacooda - booijlilie „ anacooda Salambesie „ anacooda Masawara en „ anacooda Djoemat. Benevens een groot aantal hunner oudsten en minder gevolg bij wege van Eene Conferentie gehouden. „In aanvang van dien, door den teekenaar als Representeerende de persoon van uwelEdele Agtb: hun lieden op een gepaste wijze is voors„ - 1 ^gehouden Dat hun niet onbewust konde wesen hoe dat hunne nabuuren de ou„ „degereesen te Arouw, op een schendadige wijze- buijten alle reeden hun verbond met d'E: Comp: verbroken, en op eene aller wreedste en onge„ „hoorde wijse eene merlise en tegen hunne magt niet bestaan daar besettelingen hadden om het leven gebragt, dat sij hunne trouwlaose gedoentens nog verder den teudel vierde door de in dit Jaar nog weder gepleegde geweldadigheeden aan de Bandase Burgers, en 'sComp: Vaar„ „tuijgen, tot een goed oogmerk daar verscheenen; die sij sonder dat men eenige blijken getoont, heeft, dat men hun over hunner boosheeden ge„ „lijk

NL-HaNA_1.04.02_3864_0359 view scan ↗

English

17 as they well deserved to be punished, ordered, and with the help of their hired accomplices, the rapacious Gorammers and Cerammers, attempted to overpower, just as they achieved their objective on two burgher vessels. That they, the Keijese, being no strangers to the Aruese affairs and the events of several years, must be convinced, the more so because they are connected to them by marriage, that everything charged against the Company by the Oudjereese are truths, namely, that the notorious Bol Bol was murdered in the year 1773 on orders of the Honorable Company, and that now, four or five years ago, the Oudjereese Orangkaij Tamalolla was abducted. Whereas they, the Oudjereese, already some years prior had chased the said Bol Bol out of Oudjer, and having gone to reside at Samme, not far from Wokkum, he kept himself quiet there, yet through long-lasting intercourse with the inland Alfurs had made himself esteemed and loved, and warned them against the faithless Oudjereese and their designs; That the Oudjereese, embittered by this, denounced him to more than one resident and accused him of crimes, and this matter went so far that the late Governor Pelters took notice of it and investigated it, and the said Bol Bol was found innocent, so they, not achieving their objective at that time, suddenly kept themselves quiet, but after the passage of some time, giving the resident Olewijn every appearance of truth that he, Bol Bol, intended with the help of the inland Alfurs to overpower the Company's garrison, this was at that time credited by that resident, who lacked sufficient insight into affairs and knowledge of the past, and since Bol Bol, through daily and familiar intercourse with that resident and the other Europeans, had not the least bad suspicions, he appeared at the first invitation and was easily deprived of his life; How the sons of Bol Bol, as soon as this was done, were secretly instigated by the Oudjereese to take reprisals, in which one of them also lost his life; That the late Governor Pelter, having described this to His Right Honourable as an act committed in such punishable daylight, had to acquiesce in it. That they, the Keijese, cannot deny this punishable conduct of the Oudjereese, and how they, against their better judgment, seek to blind the eyes of the followers of Bol Bol, who are still at Samme, and wish to pass themselves off as innocent on the occasion of the most inhuman murder of the resident Engelhart, calling out to them, where is Bol Bol, where is Tamallola, though that unfortunate man, much less any of the other garrison members, knew anything of this incident. What role they played regarding Tamallola, their old orangkaij, cannot be unknown to the Keijese: The undersigned thereupon related to the Keijese, among whom were some who had already known him for several years: How in the year 1779, when the subscriber was Secretary of Police, in the month of October with the usual annual reports of the resident at Wokkum, a junk from Oudjer arrived here, of which the anakhoda was an Orang Tua Sabitoe, now the principal head rebel, and that by the said Sabitoe the orangkaijs at Oudjer, Tamalalla and Abdoel, were accused before the late Governor Pelters of colluding with the Cerammers, Gorammers, and Papuans, and that he, Abdoel, was actually on Ceram, and Tamalolla was shortly to arrive at Banda under the pretense of conducting some trade, in order to return from there via Ceram. The late Governor Pelters, being displeased by this, had already resolved within himself to arrest the said Tamalolla upon arrival, and communicated this to the subscriber and gave orders to that effect. Sabitoe having departed again after a short stay, the Orang Caij Tamallola appeared, who addressed himself directly to the subscriber, by whom the matter was investigated according to received orders and found to be the contrary; he, Tamallola, departed unmolested and was presented by the late Governor Pelters with some gifts of linen. Under the administration of the late Governor Seidelman, the said Tamalolla was accused again by the Oudjereese; he was brought over here through the credulity of the Commissioners Clements and Willemsz, placed in Castle Belgica, and died there without a careful investigation; By what devious tricks the Oudjereese drew those of Wattelee to their side, though they had always been their sworn enemies, of which all Aru has knowledge, having hired the Papuans of Notang to abduct some people from the beach, thereafter making the Watteleers believe that if they made an alliance with them, they would ensure that their people returned; How the said Oudjereese in the year 1779 deceived the Commissioner Cassals, who had entrusted to them a Papuan imam or priest captured at Aru, who had arrived there and was seized by the inlanders, they alleging that he had died and the adverse wind had prevented them from giving direct notice to the Commissioner on the 24th of December 1788.

Dutch transcription

17 lijk sij wel verdient hadden straffen wilde, hebben aangelast, en mert behulp van hunne gehuurde medemakkers de roofsugtige Goram„ „ners en Cerammers getragt te overmeesteren gelijk sij aan twee „burger vaartuijgen hun oogmerk bereikt hebben. Dat Sij keijeneesen als de arouneesen Saken, en de gebeutenissen van eenige Jaren, niet onbekend, overtuigt moeten sijn, te meer, daar Sij door „ het huwelijk aan hun verbonden, dat al het gene wat door de oudjeree„ „sen DE: Comp: word te laste gelagt en waarheeden sijn, namentlijk, dat den berugten Bol Bol in het Jaar 1773: op ordre van d'E: Comp: ing„ vermoord, en nu over vier â: vijf Jaren de oud jereesen orangkaaij Ta„„ „malolla op geligt soude sijn. Daar Sij oud jereesen gemelde Bol Bol reeds eenige Jaren te voor „ren uuit oudjer weejaagte, sig ter woon na Samme niet ver van wokkum begeven hebbende, sig daar stil gehouden heeft dog door een langduurige verkeering met de agterlandse alphoeren sig geagt en bemend gemaakt, deselve tegen de trouwloose oud geree„ „sen en hunne desseijnen gewaarschouwt; Dat den rudjereesen hier door verbittert, bij meer dan een post„ „houder hem aangeklagt, en met misdaden betigd, dese zaek soo verre is gekomen, dat wijlen den Heere Gouverneur Petters /:z:/ daar van kennisse gedragen, ondersoek hier na gedaan, gemelde Boll Boll onschuldig is bevonden, sij dus voor die tijd hun oogmerk niet berijken„ „de, hebben sig eens klaps stil gehouden, dog na verloop van eenorige tijden bij den Posthouder olewijn, met alle schijn van waarheeden op gevende, dat hij Bol Bol voornemens was met behulmns vanit betulp der agter landse alphoeren 'sComp: besettinge te overmeesteren heeft sulks te dier tijd bij dien posthouder als geen genoegsaam doorsigt van Saken, en kennisse van het voorledene hebbende in guissie gevonden, en daar bij Bol Bol- door een dagelijkse en gemeensame omging met dien posthouder en de verdere europeesen en dus geen de den 24. December 1788. minste - „minste kwade vermoedens hebbende, op de eerste nodiging ih versche ook „nen heeft men hem toe gemakkelijk kilamen van het leven beroeve Hoe dat de zoons van den Bol Bol soo daar sulks verrigt wan door de oudgereesen in het heijmelijk aangeset sijn, om repuesait te nemen, gelijk daar bij ook een van hun het leven verlorlen heeft Dat wijlen den heere Gouverneur Pelter, sulks als een gedane E een in dusdanig straf waardig dagligt sijn wel Ed=e Groot Agtb: „schreeven, hier in heeft moeten berusten. Dato sij keijeneesen dit strafwaardig gedrag der oudjereesen niet he „nen ontkennen, en hoe sij tegen hun beter weten aan voor het oog den aanhang van Bol Bol die zig nog te samme bevinden. soeken te verblinden en sig voor onschuldig willen doen door gaan bij gelagen „heid van het aller onmenschelijk vermoorden van den posthouder Engelhart hun toeroepende, waar is Bol Bol, waar is te „mallola, daar dien, ongelukkige veel min een den anderen Poste „lingen van dit voorval iets bekend was. wat Rol sij omtrent Tamallola hun oude orangkaij gespecct hebben kan hun keijeneesen niet onbekent sijn: Den ondergeteekende verhaelde hier op aan de keijeneesen, waar on „der eenige waren, die hem reeds eenige jaren herwaards gekend hadden. Hoe dat in A„o 1779: wanneer den teekenaar Secretaris van Politie was, in de maand october met de gewoone Jaarlijkse Rapport en van den Posthouder te wokkum een Jonk van oudjer alhier is aange„ „komen, waar van anachoda was eenen orangtoua Sabet our thans de voornaamste hoofd rebel, dat door gemelde Subetoe bij wijlen den heere Gouverneur Pelters de drangkaaijs te oudjier Tama„ „lalla en Abdoel aangeklaagt wierden, als te houjsen met de Ce„ „rammers Gorammers en papoesen, dat hij abitoel werkelijk seg . - - 1 19 op Ceram bevond, in Tamalolla eerst daags onder schijn van eenige Negotie te drijven op Banda stond aan te komen, om van daar over Ceram te retourneeren. wijlen den Heere Gouverneur Pelters hier over te onvreden had bij sig reeds een besluijt genomen, om gemelde Tamalolla bij arrive te arresteeren, en sulks den teekenaar mede gedeelt en daar toe ordre gegeven. Sabitoe na een kort verblijft weder vertrokken, daagde de orang „Caij Tamallola op, die seg direct bij den tekenaar addressein„ „de door hem de saak volgens bekomen ordre ondersogt, Contrarie bevonden, hij Tamallola ongemolesteert vertrokken, en door wij„ „len den Edelen Heer Gouverneur Peeters met eenige presen„ „ten van lijwaaten beschonken weerd. onder de Regeering van Wijlen den Heer Gouverneur Seidelman gemelde Tamalolla weder door de oud jereesen beschuldigt sijnde; is deselve door de ligt geloovigheit der Commissianten Clements en Willemsz: na herwaards overgebragt, in het Casteel Belgica geplaatst, en sonder een nauwkeure g'ondersoek aldaar overleden; met wat slinkse, streken de oudjereesen die van wattelee op hun sijde getrokken daar zij altoos hun geslage vijanden geweest zijn, hier van draagt gants Arouw kennis, hebbende de papoese van Notang gehuurt om eenig volk van strand te ligten, daar na de watteleers wijsmakende in dien sij met hun verbond werde maken, sij dan Iongen soude dat hun volk weder te rugkwam hoe gemelde oudgereesen in den Jaare 1779: den Commissiant Cassals bedrogen hebben die aan hun een te Aroe opgevangen papoese Iman of prister, die aldaar aangekomen door de agterlanders op gevat„ en, en bewaringe gegeven heeft sij lieden voorgevende dat deselve over„ „leeden en de sorare wind hun belet had, directe kennisse te geeven aan den den 24. December 1788. . Commissiant 1 on nd

NL-HaNA_1.04.02_3864_0362 view scan ↗

English

commissary, since they themselves even brought that J-man back to the Papuans, and have united with the Papuans since that time. That it will not be unknown to them, the Kei islanders, how the Oudgerezen, who keep neither word nor treaty, had their own orang kaya Abdoel murdered some months ago, certainly out of mistrust and old hatred, with the assistance of those of the negorijs Orcalauw and Wasseer, in order, as it were, to clear their path by this deed, as if they had been incited by this chief of theirs to the abominable act of overwhelming the Company's post; but that this conduct of theirs became conspicuous to their comrades, he Sabetoe and his adherents pretended to know nothing of it, and, in order to give a greater appearance of truth to their villainous enterprise, incited the same to take reprisals, so that then, according to the rumors, with very few having fled, the people of the negorijs of Orialau and Wassier were exterminated by them. That they, the Kei islanders, must indeed admit and see clearly before their eyes how the Honorable Company, notwithstanding the manifold outrages and treacherous conduct by the Ceramers and Gorammers as the principal causes of all these events, still bears this with patience; allowing them to come and go unmolested, in no way hampering their trade, expecting that the conduct observed toward them will one day bring about a change of heart in them, and that its long-provoked patience has come to an end and will make them regret their treacherous conduct, since the Honorable Company indeed lacks no power to chastise them in such a manner that they are forever deprived of the means to raise their heads again; but that this has never been the intention, as one has always wished to take the mildest path until now. That they, the Kei islanders, should examine their own consciences as to what trust they can place in their blood relatives and coreligionists, who not only are unfaithful to the Honorable Company out of an inveterate aversion to a religion that was despised by them, but, contrary to their own laws, overstep the duties that they thereby owe to one another; whether, notwithstanding all the wrong impressions that people have sought to instill in them against the Honorable Company, they do not experience in fact that not the slightest mistrust of harmful suspicions is harbored against them, but that one seeks to repay the assistance shown by them to our people. That for these reasons, and given proofs of complete goodwill toward the Honorable Company, the Lord Governor has seen fit to authorize the undersigned to convene this meeting in his Honor's name, and, in order to remove the slightest hint of reserve or mistrust among them, gives notice: That the Honorable Company, being unable to tolerate any longer such unjust conduct from the faithless Oudgerezen, is obliged to care for the welfare of its colony, to cease its patience that has been provoked for so long, and to punish the wickedness of the Oudgerezen which has mounted to the summit; on the other hand, to come to the aid of the Aruese Alfur who has been so bitterly oppressed, crying for help, remaining faithful to the Honorable Company, and having endured all suffering; that, however, the Honorable Company is accustomed, when sincere repentance and actual proofs of ancient fidelity and goodwill take place, to grant mercy before punishment; but that its authority, and the treacherous murders and violence openly committed against laws and treaties, by no means allow it to let itself be appeased with promises, since it now has the power and the sword in hand to punish their wickedness, the Alfur already longing for the arrival of the Honorable Company at Aru to obtain justice jointly, which naturally the vengeance for so many innocent insults must instill in them. That to this end, no obstacle preventing it, a considerable expedition is to depart for Aru shortly. 24 December 1788

Dutch transcription

Commissiant, daar sij dien J man selfs naar de Papoesen te rug ge„ „bragt, en sedert dier tijd met de papoesen sig vereenigt hebben. Dat het aan hun keijeneesen niet onbekend sal sijn, hoe den geen woord nog verbond houdende oudgerees, nu eenige maenden geleden hun Eijgen orangkaaij Abdoel, seker uijt een waartrouwen en oude haat door behulp van die, van de negorijen orcalauw en wasseer hebben laten vermoorden, om door deese daad als het waar hun pad te suliveren, als of sij door dit hun hoofd tot de verfoeijlijke „daed om sComp: post te overrompelen waren aangeset, dog dat dit hun gedrag, bij hunne mede makkers in het oog geloopen hij Sa„ „betoe en sijn aanharig sig heild nergens van te weten en om dus meer„ „der schijnt van waarheid aan hun snood bedrijf te geven, deselve hebben aangeset om represville te nemen, gelijk dan volgens de gerug„ ten op seer weinige gevlugten, de negorijs volk en van orialau en wassier door hun uijt geroeijt zijn. Dat Sij keijeneesen immers moeten bekennen, en duijdelijk voor oogen sien, hoe dat DE: Comp:, niet tegenstaande de meenigvuldige En„ „veldaaden en ontrouwe handel wijse door de Cerammers en Gorammers als de voornaamste oorsaaken van alle deese gebeurtenisse, sulks nag met gedult verdragen; hun ongemolesteert latende gaen en komen, geen„ „sints en hunne handel strammende, in vervragting sijnde, dat gedragingen, dit men omtrent hun houd, eens een inkeer bij hun te we„ „ge sal brengen, en dat het lang getergd geduldt ten eijnde is, en hun ontrouweloos handelwijse sal doen en beklagen, daar het DE: Comp: im„ „mers aan geen magt ontbreekt, om hun soodanig te kastijde, dat hun voor altijd die middelen benomen worden om het hoofd weder op te beu„ „ren, dog dit noit de intentie nog geweest, daar men altoos de sagt„ „ste weg tot nog toe heeft willen inslaan Dat sij keijlneesen tot haar eijgen boesem eens overgaen, wat ver„ „trouwen sij op haar bloed vrienden en geloofs genooten kunnen stellen, die 21 „die niet alleen DE: Comp: uijt een ingewordelde afkeeren van een Gods dienst die bij hun veragt wierd ongetrouw sijn, maar aan haar selfs tegene„ „strijdig hun wet en de pligten die sij daar door aan den anderen verschul„ „digt sijn te buijten gaan, bij of sij niet tegenstaande allen de verkeerde indruksellen die men hun tegen dE: Comp: heeft soeken in 't prenten, met de daart niet ondervinden dat men geen de minste wantrouwen van nadeelige verdenkingen tegen hun voed, maar hunne betoonde adsistentie aan de onse weder tragt te vergelden. Dat om die reeden, ende gegeven blijken van een volle welmeenentheid voor d' E: Comp: de Heere Gouverneur goed gevonden heeft den on„ „dergeteekende te qualificeeren om uijt zijn welEd: Agtb: naam deese bij eenkomst te beleggen, en om de minste sweem van agter„ „houdentheijd of wantrouwen bij hun weg te nemen kennisse geeft. Dat d'E: Comp: een soo onregtvaardig gedrag van den trouwloosen oudjerees- niet langer kunnende zullen, verpligt is voor de wel„ „vaart haarer Colonie te sorgen, en haar soo lang getergd geduld te staaken, en den andjerasen ten rop geklommen boosheeden te straffen daar en tegen den soo bittar verdrukte en om hulp roepende en DE: Comp: getrouw gebleeven, en alle leed ondergane Arouwse alphoer ter helpe te komen, dat egter dE: Comp: gewoon is, wanneer opregt berouw en dadelijke blijken van oude trouwen wel meenentheid plaets vinde genade voorstrafte verleenen, dog dat haar gesag en het openbaar tegens wetten en verbranden aan gepleegd verader„ „lijke moorden geweeld geensints toelaat, om sig met beloften te „laten paaijen daar sij nu de magt en het swaard in de hand heeft, om hun boosheeden te straffen, den alphoer reeds rijkhalst na de aankomst der E: Comp: te Aroe om gesamentlijk sig het regt te verschaffen, het welk natuurlijk dewraak voor soo veel onschul„ „dige beledigingen hun moet in boesemen. Dat ten dien eijnde geen verhinderinge sulks belettende, binnen korten eene aansiendlijke expiditie naar Arouw staat te ver„ den 24: December 1788 „trekken

NL-HaNA_1.04.02_3864_0364 view scan ↗

English

to depart, in order to restore matters in such a manner as may best and most properly stand with the injured honor and respect of the Honorable Company. That the undersigned, appointed as chief for this purpose, intended to go to Key, and that it might happen that he would need some assistance, whether in provisions or in case of unexpected disasters for personal rescue; he requested to know plainly from them what he might expect from them, who had been treated here by the Honorable Company with all discretion, regarded as friends, and assisted in their reasonable requests; and whether they also had any reasons for complaints that they wished to bring forward, informing them in the name of the Lord Governor that whenever, whether now or in the future, insults were done to them, whether by a servant of the Company or a citizen, they should give notice thereof at the first opportunity, whereupon such justice would be done to them as the nature of the matter shall come to require. After this had been brought forward by the undersigned in the name of your Right Honorable Worships, all the attending orangkayas, nakhodas, elders, and other lesser Keynese declared unanimously and as if from one mouth: that they had from the very beginning completely disapproved of the punishable conduct of the Oudjirese, and that although they had blood relations among them, they were in no way partakers in their crime; that the Oudjirese had made every effort, if it were possible, to persuade them; that the rebel Nuku through his envoys, under pretense of great miraculous deeds which he could perform and claimed to have already carried out, had sought to blind them, just as those of Little Key and some other islanders have fallen into this credulity, but that all alleged appearance of great deeds having no standing upon investigation, they, the Keynese, had paid no heed to all promises and threats, and had let the envoys depart again. That they declare, however, not to be without well-founded fear of the constantly growing power of the Goramese and Ceramese, who extend their seafaring more than ever to distant places, and although they do not bring any help from other islanders, they acquire daily a greater supply of weapons, and thereby make themselves feared, holding it for certain that the Oudjirese, who now sees in hindsight that he will never achieve his intention of making the Aru Alfur bend under his authority, already feels remorse, but having been brought into straits through his engagement with the Goramese, cannot easily draw back now, while they, as in confidence, warned the undersigned to be well on his guard, since the Goramese, having seen this year that his plan succeeds, and having thereby regained his nearly lost credit, would make every effort to strengthen his faction. That they hoped that the Honorable Company would please place belief in their good intentions; that they had given proof thereof when, fully informed of the situation on Aru, upon the arrival of the Banda vessels among them, it having been in their power to do harm, they had on the contrary offered all assistance and kept nothing concealed from them, but gave them knowledge of how matters stood at Aru, notwithstanding the strong solicitations that were made to them, to which they had given no hearing, and thereby had fallen into suspicion with the Goramese, who had threatened them. That they are completely satisfied with the good reception they are granted here by the Lord Governor, and the care to remain free from all harassment that might be done to them by the common people, wherein there always resides an unreasonable notion concerning matters of which they possess no knowledge nor any insight; they, thus content after having sold their cargoes and having bought in what was necessary, intend to depart for their country on 24 December 1788. Promising further unanimously and as with one voice, that as soon as the Company's force destined for the upcoming expedition shall have approached their country, on the outward voyage at Elie and on the return voyage at Elat, the first lying to the east and the last to the west, upon the firing of a signal shot they will immediately proceed on board with a vessel, point out a good anchorage, provide everything necessary, and let them enjoy the freedom ashore, just as if the Honorable Company were the real possessor thereof. That in case any damage or hindrance should be brought to the Honorable Company's vessels or people, whether they unexpectedly had to retire from Aru and take refuge with their people, or that the Oudjirese, reinforced by the Goramese and Ceramese, were so audacious as to do any molestation during their stay at Key, they have cordially and without any hesitation given assurance upon this proposal that in such a case all ties of friends and blood relationship will be set aside by them, and they will help defend the right of the Honorable Company to their last man, hoping that one will banish all disadvantageous thoughts of former times, now that they have the opportunity to show that they take no interest or part in the unworthy deeds of their neighbors; promising to remain faithful to the Honorable Company, to prepare against the return of this expedition as much slappus oil as is ever possible, and to appear here annually in person with as many laden vessels with the products of their country as their condition and own supply shall permit, declaring to be completely at ease regarding a good treatment. The undersigned, having hereupon in the name of your Right Honorable Worships expressed his satisfaction with their full proofs of affection and fidelity to the Honorable Company, under the assurance that he in the upcoming

Dutch transcription

„trekken, om de saken zoodanig als het best met de geschonde seer, en respect van d'E: Comp: zal kunnen en mogen bestaan te herstellen. Dat den ondergeteekende als hoofd hier toe benoemt voornemens was om op 't keij aen te geeren, en dat het soude kunnnen gebeuren daa hij eenige assistentie het zij van levens middelen of bij onverhoop „te disasters lijfh berginge benodigt had, van hun versogt Cordaat te mogen weten, wat hij van hun te verwagten had, die door D'E: Comp: met tille discretie alhier behandelt, als vrienden aangemerkt en in hunne bellijke versoeken g'assisteert waren, en of sij ook eenige redenen van klag„ ten hadden deselve wilde voortbrengen, uijt naam van den Heere Gol„ „verneur hun aanseggende dat wanneer het Sij nu of inder tijd hun beledigingen het sij door 'sComp: Dienaar of burger wierde aangedaan, daar van bij de Eerste gelegentheid soude kennisse geeven wanneer hun soodanig regt soude weder varen als den dand der za„ „ke sal komen te vereijsschen. na dat dit deor den teekenaar uijt naam van uwelEd: Agtb: voortgebragt was.. Verklaarde alle de aanwesende orangkaaijs anacoodas oudstans en verdere mindere keijeneesen eenparig en als uijt eenen monde; dat zij reeds van den beginne of aan volkomen afgekeurd hadden het straef waardig gedaag der oudsereesen, en dat schoon sij onder hier na bloed ver„ „waarten hadden in hunne misdrij van geensints deel genooten waren; dat de oudjereesen alles aangewend hadden, ware het mogelijk om hun over te halen, dat den rebel Noekoe door sijne gesantens onder voorgevende groote wonderdaden die hij konde bedrijven en reeds uijt gevoerd soch„ „de hebben, hun heeft soeken te verblinden, gelijk die van kleene keij en eenige andere Eijlanders in dit ligt geloof vervallen zijn, dog dat al„ „les opgegeven schijn van groote daden bij ondersoek geen standhoudende Sij keijeneesen alle beloften en dreijgementen niet g'agt hebben; de gesan„ „ten weder hebben laten vertrekken. Dat Sij betuigen egter niet sonder gequonde vrees te zijn voor de steeds 23 stoeds aan groeijende magt der Gorammers en Cerammers, die hunne vaart meer daar ooit naar verre plaatsen uijtbreiden, en schoon sij alle geen hulpe van andere Eijlanders aan brengen dagelijks meer voorraad van waepenen op doen, en en sig daar door gevreest maken, sig versekert houdende dat den redjerees die nu van agteren siet, dat hij sijn intentie nooit sal berijken om den arousen alphoer onder sijn gesag te doen buk„ „kan reeds berouw heeft dog door zijn ingagement met den 9o„e „rammers in het naauw gebragt zijnde na niet wel kan te rug treeden, terwijl sij den ondergeteekende als in het vertrouwen waar„ „schouwde, om wel op zijn hoede te weesen, terwijl den Goram„ „mer dit Jaar gesien hebbende dat sijn voornemen gelukt, en daar door het bijna verloren Credit herwonnen, alles soude insparning om zijn partij sterk te maken. 1 Dat zij hoopte dat dE: Comp: geloofd zoude gelieven te staan aan hunne wel welmeenentheid, dat zij daar van blijken gegeeven hadden, toen zij van de gesteldheid op Arouw ten vollen onderregt de Bandase vaartuigen bij hun aankomende, het in hun mogt geweest sijnde om kraad te doen in tegendeel alle assistentie geboden, en niets voor hun verborgen gehouden maar hun kennis„ „se gegeven hoedanig het te Arou gesteld was, niet tegen„ „staande de sterke aansoekingen die men hun gedaan heeft waar aan Sij geen gehoort gegeven; en daar door in verdenking gekomen sijn bij de Gorammers die hun bedrijgt hebben Dat sij volkomen Content sijn, over het goede enhaal dat sij door den Heere Gouverneur alhier werden aangedaan, en de sorge van bevrijd te blijven van alle overlast, die sij door het gemeen soude mogen worden aengedaen, waar bij altoos een onberedeneerd begrip plaat vind, omtrent saaken, waar van sij geen kennisse dragen nog eenig door sigt hebben, sij dus vergenoegt na hunne ladingen verkogt, en het be„ „nodigde weder ingekogt te hebben naar hun land staan den 24: December 1788. te . - te vertrekken Belovende sij verder een parig en als met eene stemme, dat soo daa sComp: magt tot de aanstaande Expeditie bestemt, bij hun land sal genadert zijn, in de heer reise op Elie en in de te rug reise opblad, leg„ „gende het eerste om de oost en het laaste om de west, bij het doen van een seijn schoot dierect met een vaartuigd na boord sullen begeven, en goede anker plaets aanwijsen van al het noodige voorsien, ende vrijheid aanland doen genieten, even of 26: Comp: daar reëel besitter van was. Dat ingeval dE: Comp: haar vaartuigen of volk eenige schade of hen „der mogte worden toegebragt, het zij dat dezelve in verhoopt sig van arou moesten retireeren, en bij hun lieden toe vlugt nemen, dan wel dat den oudjirees met den Gorammer en Cerammer gesterkt, soo vermetel was, om gedeuurende hun verblijft te klij eenige mo„ „lest aan te doen, sij op deesen voorstel Corcaal, sonder eenige bedenking versekert hebben dat door heen alle banden van vriend en bloed verwant„ „schap en dusdanig geval sullen ter Peider gestelt werden, en het regt van d'E Comp: tot hun laasten man helpen verdedigen, hopende dat men alle nadeelige gedagten van voorige tijden sal verbannen, nu sij gele„ „gentheid hebben om te toonen, dat sij geen belang of deel neemen, en de onwaardige bedrijven hunner nabuuren, waar 'dE: Comp: getrouw aanneemende om tegen de terrug keering deeser Expeditie soo veel slap„ „pus olij te sullen in gereedheid brengen, als maar immers mogelijk is, en Jaarlijks in persoon met soo veel vaartuigen afgeladen, met hun lands producten alhier te sullen verschijnen, soo veel hun gesteld „heid en eijge voorraad sal permitteeren, betuijgende over een goede be„ „handelinge volkomen gerust te zijn. Den ondergeteekende hier op uijt naam van uwelEd: Agtb: desselfs ge„ „moegen betuijgt hebbende, over hunne volle blijken van toegenegentheid en trouwe aan dE. Comp: onder versekeringe dat hij in de aanstaan„ Sijn. 1 6 5 2 ver

← previousnext →