VOC English

Dutch East India Company records, translated and anchored to the scan.

Inventory 3877

Coromandel · 1,160 pages · 164 segments · open at the Nationaal Archief ↗

NL-HaNA_1.04.02_3877_0801 view scan ↗

English

arrangement made for security and the state of the diaconate, standing not in the form of an account as was once done, but in kind, just as was already ordered by Your High Excellencies by respected letters of 28 April 1786. Regarding the state of the diaconate, it was deliberated at the meeting of 21 January concerning the specification received then of the debtors, who they are, and how matters stand with the one and the other. And although the deacons assured that the capital is well placed, and no more than three desperate debtors appeared for the sum of Pag. 290, yet with most showing their delinquency in the payment of interest and a lack of secure sureties, we did, under date of 21 January aforesaid, authorize them to write off the said Pag. 290, since no recovery was to be found thereon and, after inquiry, it was not their fault that those funds remained unpaid; but with regard to all the others, item by item, it was indicated how to act in that respect, thus which funds they ought to demand and collect, and which could continue to run with the debtors, provided they pay the interest and furnish sureties in place of those who have died or become insolvent. Also, on account of the state of affairs and administration of the poor-fund capital, it was recommended to the said diaconate to observe and put into effect those arrangements which we framed with regard to the orphanage chamber and communicated in extract to the church council for that purpose. We have the honor to enclose herewith the statement of accounts submitted today by the diaconate under the last of August 1790, upon which, since matters are still in the very same state, nothing else was found to be done than to recommend to the church council the execution of the resolution of 21 January aforesaid, issued in extract to the diaconate, with the warning that in case of further negligence they will see and experience otherwise that everything will be left to their account and responsibility; otherwise, concerning the aforesaid bodies, there is nothing more to report than the appointment of two other elders in place of those who, according to the address inserted by the resolution of the 12th of this month, have retired. In the Council of Policy, the Head Administrator van Halm was received and introduced as such on 27 October, and a seat was likewise granted to the Commandant of the garrison, Winckelmans, partly because according to the orders it is attached to his post, and partly because the times are so conditioned that the assembly may need the military advice. At present, two chairs are vacant, one of the Head Administrator and the other of the Fiscal, for reasons that will appear under the title of Servants. Of the Council of Justice, according to the decree of 27 October last, after taking the oath, the presidency was entrusted to the Head Administrator Paul Engelbert van Halm, and after the change that occurred in that respect on 14 January last, the Warehouse Keeper De Raeff presides again. Regarding the proceeding demanded by the Officer of Justice according to a separate resolution passed on 12 March of this year, but not yet commenced upon the arrival of the first undersigned, even a month thereafter, against the suspended Jaggenaikpoeram chief van Bijland and his servant Wengadaselam Poele, an accountability having been demanded from the officer of justice according to the resolution of 29 October, a report in writing was submitted thereupon on 10 December following by Broenius Brouwer, then Fiscal, which was inserted by a separate resolution of that date and consequently incorporated, with all the documents relating thereto, into the separate report of the commission of the first undersigned in respect of his investigation into what transpired with the said van Bijland in the past year. To end a correspondence of the Council of Justice with the subordinate stations which appeared to the first undersigned to be very improper and contrary to the Company's orders, and to place it within its proper bounds and limits, and also to ward off the harassments of the Policy with matters belonging to Justice, on 29 October and 31 December of the past year, as well as on 12 February of this year, such arrangements were made by us as we believe are consistent with the nature of the matters, and consequently so defined that everyone is recognized in what is his, and whoever desires justice is shown what course he then has to take. And to promote and facilitate that as much as possible for the ignorant community, on 14 January last it was agreed to the request made by the Council of Justice by an address upon the minutes that the sworn clerk at the secretariat, Hendrik

Dutch transcription

806 gemaekte schikking tet se ƒ 357. kerheijd en 13: van de diakonij staat, staende niet bij forme van aareekening ge„ lijk eens is geschiet, maar in Natura, zo als dat door u Hoog Edelh. al geordonneert is bij gerespecteerde Letteren van den 28. April 1786. - Omtrent den staet der Diaconijis ter vergaedering van 21. Ianuarij gedeli„ bereert over de toen ingekomen Aantooning van de Debiteuren wie ze zijn, en hoe het met den een en anderen is gelegen. En alhoewel zij Diaconen verzeekerden dat het kapitael wel geplaatst is, en er geene, dan maar drie disperaete Debi„ teuren ter Somme van Pag. 290. zich op deeden, van de meesten niet te min ver„ toonende haere agterlijkheit in het betaelen van Interessen en ontstentenis van secuure Borgen, hebben wij, dub 21. Ianuarij voormt hen wel gequalificeert tot de afschrijving der gem. 290. Pag. aangezien daar op geen verhaal ult:o aug:o 1790 — verhael meer te vinden en, na informatie, het hunne schuld niet is dat die penningen onvoldaan zijn gebleven; doch ten aanzien van alle de overigen, post voor post, aange wezen hoedanig daar omtrent te hande len dus welke Penn. zij behoorden op te eisschen en inte vorderen en welke kond blijven voort lopen bij de Debiteuren, mits de Interessen betaelende en Borgen stellende in steede van overleedene ofte onvermogent gewordene. §358. Ook is gem. Diakonij, wegens de maneaanste ance van zaeken en Administratie van hat Armen kapitael gerecommandeert in acht te neemen en intrein te brengen die schikkingen welke wij ten aanzien van de weeskamer beraemt en de kerke raad, ten dien fine in Extrakt gecomma niceert hebben. aanbod de acoij staat reto § 359. Wij hebben de eere hier neven te voege de op 887 wat de kerken raad gerecomman„ duerd is, an egamstelling van 2. ondertuig, eeden van Politie geintroduceerd, d'op heeden, door de Diaconij, in geleeverde staat reekening onder ult:o Aug. s 1790. , waar op, vermits de zaeken noch zijn in het zelve weesen, niet anders is te doen gevonden dan de kerken raad te re„ commandeeren de executie van het aan de Diakonij in Extract afgegeven besluijt van 21. Ianuarij voormelt, onder waar„ schouwing van bij verdere nalaetigheidt andert te zien en ondervinden dat alles voor haere Reek. en verantwoording zal worden gelaeten: vallende overigens aangaande de voorsz: collegien niet meer te berichten, dan het aanstellen van twee andere ouderlin„ gen insteede van die, uitwijsens het bij Reso„ lutie van den 12. deser geinsereert adres zijn afgegaen: ommaan Waling wenkalman as 3360 In de Raed van Politie is de Hoofd Administrateur van Halm op den 27. 8ber. als zodanig gerecipreert en geintroduceert en oege vacant, schap van Justitie, gedemandeerd, dog niet gecntr„ 362. meerde procedure teijen van Bijland, en zijn dienaar„ en tevens sessie verleent aan den comman„ dant van het Garnisoen winckelmans waarom den Commandant winkel„ eensdeelt om dat het nade ordae aan zijnen Charge verknocht is, en ten anderen om dat de tijden zoo gestelt zijn dat de vergaedering het militair advies komt Hoofd Aomminsteg iscals stolen kan te begroodigen- Tans zijn en twee stoelen ra„ cant de eene van Hooft Administrateur en de anderen van den Fiscaal om reeden„ als bij den titul van Dienaaen zal blijken. verandering in't president §364. van de Raed van Iustitie is, volgens arrest van den 27. 8ber: laest leede na het afleggen van den Eed, het preci„ dum opgedragen aan den Hoofd Administr Paul Engelbert van Halm en na de derwegen op den 14. Ianuarij I:o Leeden ontstaene verandering zit de Pakhuis„ meester De Raeff weeder voor. van zeekere volgens appart besluit „gepasseerden van den 12. Maart deser „ Jaars het offici Fiscael mans, 888 gediende verantwoording des ween van de fitcaal, is geinsereert apparte resolto dic: zaeken, Fiscaal gedemandeerde, en bij aankomst vanden Eerstgetekenden, zelfs een maand daar na, nog niet geentameerde procedure tegens het Iaggernaikpoerams opperhooft buiten functie van Bijland en zijn dienaar wengadaselam Poele, volgens besluit van 29. october den officier van Justitie verant„ woording afgevordert zijnde, is daar op, den 10. Dec. daar aan, door Broenius Brouwer„ toen fiscael, gedient van bericht in scriptis dat bij aparte Resolutie van dien datum is geinsereert en gevolgelijk met alle de daer toe betrekkelijke stukken geincorporeert bij het appart verslag van des Eerst geteken„ dens commissie in opzigt van Desselfs on„ versoek na het geen met gem: van Bijland geexteert is in A:o pass. o schikking in ustituee 363. Om te sluiten eene den Eerst gestekenden zeer oneige en met 's Comp. s ordres strijdig voorgekomen correspondentie van de Raed van man„ 3 teurs„ van Iustitie met de subalterne opperhoof„ dijen en om die te stellen binnen haer Juist merk en pael, item om afteweeren de vermoeijelijkheeden van de Politie met affaires behoorende tot de Iustitie, zijn den 29. 8ber. Item en 31. Dec. des gepasseerden Jaars den 12. febr. deses Iaars, door ons zoodanige schikkingen gemaakt, als wij vermeenen met de eigenschap der zaeken over eenkomp tig en gevolgelijk zodanig bepaalt zijn, dat een ieder in het zijne erkent, en den geen die Recht begeert, aangetoont wort wat weg hij dan heeft inteslaen. aanstelling van 2. follici„ 1364: Rin dat voor de onkundige gemeente zoo veel mogelijk te bevorderen en te facilitee„ ren, is den 14. Januarij tLeeden gecondessendeart in het door de Raad van Iustitie bij een Notulaia Addues gedaan verzoek, dat voor haar als solliciteurs mochten postuleeren den geswooren klerk ter secretar Hendrik

NL-HaNA_1.04.02_3877_0807 view scan ↗

English

889 Hendrik Richart and the Assistant Simon Jan De Bruin on the same footing as that previously in use at Nagapatnam, to which end it was furthermore undertaken by the first undersigned to provide them, for the instruction of the Council, with the Instruction noted in the Resolution, which was sent in 1773 on behalf of the Company to the Court of Justice as a guideline concerning the manner of proceeding in Bengal. §365. As the correspondence with the ministers of the outer offices since last March until today is routinely sent along with this as a fixed annex, we politely request the liberty to be allowed to refer respectfully thereto. §366. Concerning Native affairs, none other occur to be described further or cited herein, than that which was noted and described above in the Answer to the Extract from the Fatherland of 9 November 1789, paragraph 280, and repeated here somewhat earlier at paragraph 279, but in greater detail by Resolution of 20 November last. And likewise concerning that which belongs to the title of Foreign Nations, nothing other than that according to the tenor of the aforementioned Extract from the Fatherland, paragraph 291, noted as a permanent order in our Resolution of 28 September last and also registered with the aforementioned response. §368. With regard to Private shipping and Trade, we likewise find nothing else to remark upon, than to offer our thanks for the communication of the various concessions granted by Your Right Honourables' letters dated 27 April and 18 May of last year to private individuals, both for the transport of money and goods for trade, 890 concerning which it would nevertheless be desirable if those merchants could be directed to another course than towards Coromandel, which, besides this, is sufficiently shaken and tormented to the detriment and ruin of the Company's so very languishing trade, without needing the encroachment of its own subordinates. All servants who, according to paragraph 91 and others of the often-mentioned Rescription of April and Your Right Honourables' further letters dated 11 May 1790, have had the fortune of being benefited, promoted, or favored in any other way, offer their most humble thanks for this in advance. In particular the members De Raeff and Hasz, who took the oath of purgation in the session of 27 October last for the lawful acquisition of their offices, the former as Storekeeper and the latter as Cashier and Secretary of Policy. §370. This was also done on the day of the assumption of office, namely the 25th of that month, by the first undersigned, to whom only a transfer of the existing balances after the inventory under the ultimate of August and after deduction and addition of what had to be added to the account up to the above-mentioned date, thus of no previously outstanding or trailing accounts, consequently no clear transfer of the government was made, as shown by the annotation kept thereof for his discharge in the said Resolution and that of today. On this General Transfer there is also recorded a chest with jewels and silverwork belonging to the estate of the late Mint Master Geeke, which, as shown by the address inserted into the resolution of 21 January, are pledged to the Company, 891 and of which a closer inventory was made by specially appointed judicial commissioners and reported on today. We have resolved to have the silverwork sold shortly by the sequestrator, but regarding the jewels, which are worth nothing here, we request Your Right Honourables' authorization to be allowed to send them to Batavia at the risk of the creditors in general, for the purpose as stated in the first-mentioned Resolution. §372. It is on this occasion that the first undersigned, if he might have in any way satisfied Your Right Honourables in the execution of your respected orders, and has at the same time afforded Your High Mightinesses satisfaction by laying the foundations for regular management and the course of affairs on the coast of Coromandel, in contrast to the confusion in which he found it, to encourage zeal to further erect the begun building and (should he succeed) to complete it quickly, with the greatest humility beseeches Your Right Honourables to favor him with the rank and salary of Governor and Director, pursuant to the qualification therefor from the Honorable, Highly Esteemed Gentlemen Principals, in the very respected letter of promotion dated 8 January 1788, paragraph 17. §373. And if it not be deemed too much favor at once by Your Right Honourables, the first undersigned requests at the same time a gracious reflection on the demonstration made earlier of the impossibility of being able to reside in the Government House, and that since his arrival here, the house rent may be validated to him which he must pay monthly up to thirty Pagodas.

Dutch transcription

889 Hendrik Richart en den Assistent tie -. word aan bij lage gerefereerd, Hoofd deel voorkomt, Simon Ian De Bruin op dien voet als dat bevoorens te Nagapatnam in gebruik e dane afgave aanhar van instun geweest is, waar toe al verder door den Eers„ getekenden is aangenoomen om, tot onderrig„ ting van den Raad, haar te voorzien van de ter Resolutie genoteerde Instructie welke wegens de manier van Procedeeren in Bengale aan het Collegie van Iustitie tot een rigt snoer in 1773. Comp. e wegens is toegezonden. omtends Comrs ponsanten §365. De correspondentie met de Ministers van de buiten kantooren zee„ dert Maart pass.o tot heeden na gewoonte als vaste bijldege neven deze overgaande, verzoeken we vuijheit ons daar aan met Respect temogen gedragen. waar te vindeg e waten dit 36: Inlandsche zaeken komen 'er geene andere voor in deze verder te beschrijven, ofte aantehaelen, dan het geen hier voor bij het Antwoord op het Patriasch Extract van waar de positive ordre in §347. deser opsigt genoterd en geregsteerd dankzegging voorde gegeevene com„ minicatie in den 39 van 9„ November 1789. Paâ. 280. en in deze wat vader bij par 279: herhaelt, doch miet meer Extensie genoteert en be„ schreven staet bij Resolutie van den 20. Nov. laestleden. En zo mede van het geen tot den titul van vreemde Natien behoort, niet anders dan dat na luit van het voorm. Patriasch Extract par. 291. , als een permanente ordre ter onser Resolutie van 28. 7ber. laestleeden genoteert en meede bij de voorm: beantwoording geregistreerd is, §368. Met op zigt tot de Particuliere vaart en Handel vinden we ook niets anders aantemerken, voor de communicatie van dle, bij Hoog Eed Derzelver latteren de datis 27. April en 18.' Meij Ao pass. o toegestaene onderscheidene concessien aan Particulieren zoo tot den overvoer van gelt als goederen tot Negotie waar 890 bouws namen, waarom, onkzegging voorde bovode die 369. naaren hed van pourge gedaan hebben, en ded dat de Mandelan en ande waar omtrent het nogtans te wenschen waar dat die Handelaars een andere Cours konden worden aangeweezen als naar Corman„ del, dat, buiten des, genoeg geschokt en ge„ foltert word tot nadeel en afbreuk van 's Comp:s zo zeer quijnenden Handel, zonder dat ze onderkruijping nodig heeft van eige onderhorigen Alle Dienaren Welke volgens Par. 91. en andere der Riscriptie van April meermelt en u Hoog Edelh: nader Letteren de dato 11. Mei 1790. , het geluk is te beurt gevallen van bevoordeelt, bevordert of op eenige andere wijse begunstigt tezijn, leggen daar voor af hunne onderdanigste dankbetuiging. ezondertenj voor de ae stas daar in zonderheid de Leede De Raeff en Hasz: welke voor de wettige verkrijging hunnen diensten, de eerste van Pakhuismeester ende andere als kassier en secretaris van Politie ter sessie van den 27. 8ber. I:o Leeden dan daan verbondene Suwele en Silver § 374 werken van Gieke op 't Generaal trans„ kort bekend gestad„ den Eed van purge hebben gepresteert — ook den bustgetekenden, §370: Ook is dit, ten dage van het aanvaart getach, of den 25: van die maand, geschiet door den Eerstgetekenden aan wien, en kel hoedanig aan hem is tras pontgen„ van de in weesen zijn de Restanten na den opneem, onder ult. o augustus en na aftrek en bijvoeging van het geen er tot boven gem: datum in reekening bij moest komen dus van geen te vooren of agteren staende Rekeningen, gevolgelijk geen Lequide Transport van het gouvernement is gedaen, uitwijsens de daar van ter zijner decharge bij gedagte Resolutie en die van heeden gehou„ den annotatie den Op dit Generaele Transport staan ook bekent een koffer met Juweelen en zilverwerken behoorende tot den boedel van wijlen den Munt meester Geeke dien uitwijsens addres geinsereert, der resolutie van 21. Ianuarij aan de Comp. zijn nea„ 891 koopen den om daar te verkoopen, en waarom, liteijt en gatie van Gouverneur & dliectuur, verbonden, en waar van door Expresse Iustitieele gecommitteerden een nader opneem gedaan en heeden van bericht ge„ is besloten de zelvurwerken is teren dient is Wij hebben beslooten de zilver„ werken eerstdaegs door den sequester te laeten verkoopen, dogh nopens de gem putakte de Juweel te noge op ven Juweelen die hier niets waardig zijn, verzoeken we u Hoog Edelheeden quali„ ficatie om ze tot resico der crediteuren in het gemeen na Batavia te mogen zenden, ten fine als bij eerst gemelde Resolutie. den besgatik: versoet gu„ §372. Hot is, te deser occagie dat de Eerstgete„ kende, indien hij u Hoog Edelheeden, eenig„ zints moeht hebben voldaan, in de uit„ voering van haere gerespekteerde bevelen, en Hoog Deselve tevens genoegen hebben toegebracht, met het leggen van Hunda„ menten tot een Reguliere Huishouding en loop van zaeken ter kuste Kormandel„ en 5 waarom, en tegen overstelling van de confusie waar in bij het bevonden heeft, ter aenmoediging aan van iever om het begonnen Gebou verder op te trekken en /: mocht het hem gelukken:) spoedig te voltooijen; met de meeste onderdaa„ nigheit u Hoog Edelheeden smeekt om hem te begunstigen met de qualiteit en gagie van Gouverneur en Directeur, ingevolge de daar toe leggende qualificatie van de wel Edele Hoog Agtb: Heeren Principaelen, bij de zeer geres„ pekteerde promotie brief de dato 8. Ianuarij 1788. paa. 17. iten 30 paij uit hurs saam 73. En indien het u Hoog Edelh: met te veel faveur te gelijk gevengt zij, verzoekt de eerst„ getekende tevens eene guatieuse reflexie op de hier voor gedaan vertooning van onmooge„ lijkheit om het Gouvernement te konnen bewoonen en dat hem, zeedert zijn komst alhier mag worden gevalideert de Huis„ huur die hij 'smaands tot dertig Pagoden stood van moet versoek meg verd

NL-HaNA_1.04.02_3877_0813 view scan ↗

English

Of the income of the servants. Request that the 5 percent on the turnover may only be divided between the Chief Commander and the Chief Administrator, who must pay. Section 374. Regarding the income serving here as a means of subsistence, drawn up by the first signatory and the majority of the qualified servants according to the circular order of Your High Excellencies dated 31 July 1789, consisting of the attached 13 items on the Register of Annexes with the lists designated by each person's name, we take the liberty to assure regarding the same that, beyond what is stated therein, there is no other income; and that with respect to the plan which Your High Excellencies were pleased to order by esteemed missive of 28 April 1786 to form a proportional means of subsistence, that regulation has remained neglected until now; and why the first signatory, on the foundation of the grievance demonstrated by the late former Commander Blaaukamer and approved by Your High Excellencies, believes that the 5 percent on the turnover rightfully belongs to no one more than to the Governor and Second, both in the first place having the direction and burden of trade, without anyone else contributing anything thereto except occasionally helping to deliberate and vote when a different arrangement must be made than what the regulations prescribe: wherefore we request that, as far as the 5 percent on the sales here at the main office is concerned, it also may only be divided between the Chief Commander and Chief Administrator, at two-thirds and one-third each. Request for restoration of the douceur of 5 and 3 percent on the collection. Section 375. We also humbly take the liberty regarding the douceur or the 5 and 3 percent on the collection after the sale, to request a restoration of this shaken privilege, which regarding the collection for India has been annulled, at least in such manner that the offices which show, or are found to have given, the required satisfaction with trade and to have brought to the Company the fixed advance of 50 percent through a sound provision of returns, may be so fortunate as to enjoy it and not stand equal with others who do not deserve it. Then, regarding the distribution thereof, the question could also respectfully be asked here, who has the primary and foremost care over a good and proper direction of trade! And judged impartially, no one will dispute that with the Chief Commander. Therefore it seems equitable that, suppose there are 25000 guilders to be divided for what has been collected at the main office, this should take place as follows: The Governor, one half: 12500 guilders The Second, one fourth: 6125 guilders And the remaining one fourth among the following: The Fiscal, at 1/16: 1562 guilders 10 stuivers The Warehouse Keeper, 1/16: 1562 guilders 10 stuivers The Invoice Master, 1/16: 1562 guilders 10 stuivers The Cashier & Secretary, 1/16: 1562 guilders 10 stuivers Which is: 6125 guilders Total as above: 25000 guilders For unpackers, a douceur is requested. Section 376. The unpackers, who can complete the work here when employed for it, namely the four qualified bookkeepers transferring the trade, the checker and both ordinary commissioners, and at the subordinate factories the writer together with the clerk or clerks, since they sign for the unpacking and must compensate for any shortfall, could, if it pleased Your High Excellencies, be granted a douceur in proportion to what the Right Honorable and Highly Esteemed Gentlemen Principals were pleased to determine in Bengal by highly respected general missive dated 17 October 1754; and one could, as more writing is involved here than at the other offices, fix a certain sum in proportion to the amounts and to what four enjoy here, for one or two who are employed for that purpose at the offices; thus leaving the division of the douceur on the collection of the offices in the same manner as was previously regulated and followed until now. Van Halm, Van Someren, Brouer suspended. Section 377. In the resolution of 27 October of the past year, it is noted that the Chief Administrator Paul Engelbert van Halm on that day took the oath of purgation, and by the resolution of 14 January 1791 it becomes apparent why he, together with his Second of Jaggernaikpoeram, out of function, Heronimus Jacobus van Someren van Vrijenes, has been suspended from office, rank, and pay, until Your High Excellencies' esteemed further approval; which on the 5th previously, on account of the ex officio deficit owed to the Orphan Chamber, also happened to the Fiscal and Pay Bookkeeper Broenius Brouer. The first signatory has taken upon himself the work of the Chief Administrator's department, but the co-administration of the large money vault has been assigned to the Warehouse Keeper De Raeff in the council by handing over the counter-key, as was already briefly mentioned earlier. Resignation of the dispenser Schuneman is accepted. Section 378. Upon the representation made to us by petition on 27 October by the eligible Dispenser and Mint Master Johannes Schuneman, stating how he, on account of his weak bodily condition and advanced age,

Dutch transcription

697 892 an inkomst der dienaar„ zijn, versoek dat de 5. prC:o op den Htier enkel meg verdeed worden onder de Hoofd Gebiederen Hood Adminstrateur moet betaelen. aanbod van 13. stux pogane § 374. Van de Inkomsten welke alhier dienen tot een middel van bestaen, door den Eerstge„ tekenden en het meeste getal der gequali„ ficeerden, na de circulaire ordre van u Hoog Edelh. , de dato 31. Iulij 1789. zijnde ingericht de hier nevens leggende 13. stuks, op het Register der Bijlaegen met ieders versekering dertergen ander inkomsten naam gedestingeerde Lijsten, nemen we de vaijheit ten aanzien van de zelve te verzeekeren, dat er, buiten het daar bij vermelde, geen andere inkomsten zijn, en dat, wat betreft het plan dat uHtoog„ Edelheden bij g'eerde missive van den 28. April 1786. hebben gelieven te gelasten dat tot een geproportioneert middel van geformeert, die bestaan zoude worden regulatie, tot nu toe agterwegen is ge„ bleven; en waarom de berstegetekende, op fundament van de door wijlen den Heer Geweezen veel diu van 5ie . prC: onden izaam, Geweezen Gezachhebber Blaaukamer betoonde en door u Hoog Edelheden geacco eerde beswaaanis, vermeent dat de 5. p op den vertier niemant rechtmaetiger toekomt dan den gouverneur en secunde beiden in de Eerste plaats hebbende de directie en moeite over den Handel, zonder dat iemant anders daar toe iets contribueert, dan somwijl te helpen delibereeren en voteeren, wanneer het eens anders moet worden geschikt, als den bepaelingen inhouden: weshalve wij ver„ zoeken, dat wat de 5. p. r C. t op de verkoop hier ten hooft kantoore aangaat, ook alleen mag worden gedeelt tusschen den Hooftgebieder en Hoofd Administrateur tot twee en een derde ieder ook versoek om harstelling van 't dou„ 375: Ook neemen we ten aanzien van het Douceur ofte de 5. en 3. p r C. t op den in„ zaam na den verkoop, ootmoedig de vaijheit 893 hier van, vrijheit te verzoeken eene herstelling van dit wankelbaer gemaakt en wat den inzaam voor In die aangaat vernie„ tigt privelegie, ten minste in dien voege dat de kantooren welke toonen, of be„ vonden worden met den Handel het ver„ eisch te genoegen gegeven en de Comp; door een deugdzame bezorging van Retouren, de bepaalde advancen van 50. p.rC:t toegebragt te hebben zo gelukkig mogen zijn, daar van te Louisseeren en niet gelijk te staen, met anderen, die het niet verdienen. Dan pvaarsten veset neps esdein wat de verdeeling derwegen aangaat, zoude hier ook eerbiedig de vraege konnen worden gedaen, wie de eerste en voornaamste zorg heeft over een goede en behoorlijke Directie des Handels ! en onpartijdig ge„ oordeelt zal niemant dat den Hooftge„ bieder betwisten. oversulx schijnt billijk te zijn dat, stelle er zijn ƒ25000. te verdeelen voor er derlijk douceur versagt, voor het ingezamelde op het Hoofd kantoor, zulks geschiet als volgt. De Gouverneur de Heeft - - - - - ƒ 12500. –. „. secunde een vierde - - - - - „. 6125. -. En het overige een vierde onder de volgende de Fiscaal tot - - - - - ƒ/.6. ƒ 1562. 10. —. „. Pakhuism.r . . . ƒ/16. „. 1562. 10. -. „. Factuurh. r „. . . ƒ 16. - „ 1562. 10. -. „. kassier & sec.„ts . . . ƒ16 - . „ „ 1562. 10. -. s „ 6125. -. komt als vooren - - - - - ƒ25000. –. vor afpakkens word afdon §376. DDe afpakkers, welke alhier het werk afkonnen wanneer daar toe worden genomen, bij beuate, de vier gequalificeerde Boekhouders de Negocie overdragen, de Naackenaar en beiden de ordinaire gecommitteerden, en op de onderhoorige factorijen, de scaiba nevende pennist of Pennisten, zouden vermits zij voor de afpakking teekenen en het tekort komende moeten vergoeden, indien het u 1941 894 van Walm, van Someren, 377 prouwer geduspoendeerd u Hoog Edelheeden behaegde, een deuceua kon„ nen worden toegevoegt na rato van het geen de wel Ed. Hoog Agtbare Heeren Principaalen hebben gelieven te bepaelen in Bengale bij Hoog Gerespecteerde generaele missive de dato 17. october 1754. en men zou zulks, daar „over het alhier „ meer schrijven gaat als op de ander kantooren, na rato van het bedraegen en het geen vier alhier genieten, een tantum konnen stellen voor een of twee, welke op de kantooren daar toe vaceeren; blijvende dus de verdeeling van het Douceua op den inzaem van de kantooren, in zelven voege, als het te vooren gereguleert en tot nu agtervolgt is. Bij het besluit van 27. 8 ber. A. o pass:o staat genoteert dat de Hoofd Administratder Paul Engelbert van Halm, ten dien dage, heeft afgelegt den Eed van purge, en bij Resolutie van 14. Januarij 1791. komt te blijken schap word en aangenoomen, ontslag van den dispencier §378. schuneman, blijken waarom hij, nevens dies secunde van Iaggernaik poeram buit en functie Heronimus Jacobus ransomeren van vrijenes is geduspendeert van ampt, qualiteit en gatie, tot u Hoog Edelheeden g'eerde nader goed vin„ den, dat den 5. bevoorens, wegens het exoffici tekort komende aan de weeskamer ook is geschiet met den Fiscaal en soldij boekhouder Broenius Brouer. Het weak van des hoefanij het Mrpsadminstratur Hoofd Administrateurs departement heeft de Eerstgetekende op zich genomen, dogh de meede Administratie van de grote geldkamer is den Pakhuismeester De Raeff met ter hand stelling van de contra sleutel in vergaede„ ring opgedraegen, gelijk reeds voorwaards kortelijk is aangehaelt geworden. Op het den 27. 8ber. , aan ons bij Request ge„ daan vertoog door den geeligeerden Disponcier en Muntmeester Johannes Schuneman, hoe hij, mits zijn debele Lichaems toestand en hooge

NL-HaNA_1.04.02_3877_0819 view scan ↗

English

who, advanced in years, did not find himself able to leave Tranquebar where he was staying for the recovery of his health and to assume his post, consequently requesting to be discharged from it, the said service was on the aforesaid date attached to the invoice keeper's office, and the same was consequently provisionally assigned to the twenty-two-year-old invoice keeper Fredrik Willem Bloeme, who in the annexed petition very humbly implores Your High Excellencies for his confirmation, and on which we, in consideration of a fifty-five-year service, most urgently request a favorable fiat. Concerning appointments: In the session of November 9 last, when it was found necessary to dispose of the chief position of Jaggernaikpoeram, and while the examination of the grievances and complaints of and against the elected chief Willem Hendrik count of Bijland, who is arrested in person and property, had yet to begin, and it was taken into consideration by the first signatory among others how prudence did not permit appointing people there who have connections to the confused affairs of this government, especially those of Jaggernaikpoeram, of which the entire coast is rumbling, we on that date addressed ourselves to the Honorable Director and Council in Bengal and made a request for approval of our choice of the junior merchant and translator there, Casparus Leonardus Eilbracht, as provisional chief, and to be pleased to send him there together with another junior merchant who could be spared, as secunde and cashier, just as also, since the Ministers there immediately consented to it, there arrived at the said place alongside the said Eilbracht on January 21 the junior merchant Pieter Emanuel van Hogendorp, to whom the office is thus to be accounted for in such manner as has been written to the commissioners Heshusius and Schliephaeken by virtue of our aforesaid resolution of November 9, the outcome of which we continuously anticipate: the aforesaid elected chiefs having already departed from Bengal on December 21, 1790, but due to contrary winds and because they were unable to place any other navigator there on the sloop Pattena, which was suited for their transport, other than the quartermaster of that vessel, who did not know the way further than Bimilipatnam, they landed there on January 14 last, and, because the wind continued to be contrary, traveled further overland to their residence: The fiscalship we have, for the same reason and because no suitable persons among the servants here presented themselves for it, filled on the aforesaid January 5 with the junior merchant without employment in Bengal Louis Adriaan de Brueijs, who, according to the reply of the Ministers of the 10th of this month, had to seek passage to Coromandel by a private opportunity, departed from Bengal on the 12th thereafter, but who has not yet arrived: the service and the pay office being meanwhile provisionally occupied by the secretary of the orphan chamber Simon Duinevelt, to whom Brouwer, as shown by the note upon arrest of January 21, has accounted for everything belonging to the department of both of the said services. From the aforesaid Jaggernaikpoeram chiefs, as the first signatory has been informed, the petitions for their confirmation have been dispatched from Bengal on behalf of the Company; we add thereto our respectful and most emphatic solicitation for Your High Excellencies' benevolent approval of our aforesaid choice and appointment of persons, made as we are convinced in our conscience for the best of the Company, on whose skill and experience, especially of the chief Eilbracht, one may safely rely, trusting that, if the office of Jaggernaikpoeram is to be brought back into order and tranquility and the affairs there are to be managed with success, one may expect everything good from his zeal and discretion. We also very humbly request a favorable confirmation of the aforesaid De Brueijs as fiscal and pay bookkeeper, and of the assistant Daniel Overbeek, likewise requested from Bengal, who on December 6 last was chosen as secunde of Sadraspatnam out of consideration of the necessity to provide offices where only a chief or resident is stationed, like Sadras and Portonovo, with secundes, since something could easily happen to the first person, whereby the work of his department would not only suffer, but the accounts could easily turn out incorrectly if the office were ever to be accounted for by lesser servants such as clerks. It is for that reason and since the said Overbeek is known to the first signatory as a man of good conduct and discernment so as to be of greater use and service to the Company in time, that we also take the liberty to recommend him with all emphasis to Your High Excellencies' protection; requesting approval of our disposition and at the same time his confirmation, with the recommendation, if it should please Your High Excellencies to oblige us, for his promotion to junior merchant and otherwise such improvement

Dutch transcription

895 gehegt/ tiging versogt, van nieuwe op perh: op Targen en welke, hooge Iaren, zich niet in staat bevond om Frankebaar alwaar hij zich ter herstelling van zijn gezondheid bevond, te verlaaten en zijn post te aenvaerden, mits dien verzoekende die post aan 't facturhouderschap, om daar van te worden ontslagen, is dien dienst ten dage voormelt gehegt aan het Factuur hou„ derschap, en dezelve mits dien provisioneel op„ gedraegen aen den twee en twintig Jaerigen Fac„ tuur houder Fredrik willem Bloeme, die bij het word onder ambod van requst beoer, nevens leggende Request, u Hoog Edelheeden zeer ootmoedig om zijne bevestiging implorceat en waar op wij, uit consideratie van een vijf en vijftig Iaerigen dienst, met het meeste am„ pressement, een gunstig fiat verzoeken. — benoemingen aan komt §379: Ter sessie van 9. November Laastleeden wanneer noodzakelijk is gevonden te dis„ poneeren over de opperhoofdij van Jagger„ naikpoeram, en noch beginnen moest het ondersoek der beswaernissen en klachten van en tegen het, in perzoon en goet gearres„ teert ns 5957. teert geeligeert opperhooft willem Hendrik graaf van Bijland, en door den Eerst geteken„ den onder anderen in consideratie is gegeven hoe de voorzigtigheit niet toeliet daar in te stellen Lieden connexie hebbende tot de verwar„ de zaeken deses gouvernements, inzonderheit die van Iaggernaikpoeram, waar van de gansche kust davert, hebben we, ten dien dage, ons geaddresseert aan den Edelen Heer Directeur en Raad in Bengale en verzoek gedaan om goed„ keuring van onze keuse tot p:l opperhooft van den onderkoopman en Translateur aldaar casparus Leonardus Eilbracht, en om hem met noch een te missen sijnde onderkoopman als secunde en kassier derwaarts tewillen zenden, gelijk ook, vermits de Ministers daar in terstont consenteerde, ter gem. plaatse, ne„ vens hem Eilbracht op den 21. Ianuarij aldaar gearriveert is de onderkoopman Pieter Emanuel van Hogendorp, aan wien dus het kantoor ste 5951 896 gale en waerom, kantoor staat te worden verantwoord in dier voege als uit kragte van voorm. onze Reso„ lutie van den 9. November den Gecommitteerden Heshusius en Schliephaeken is aangeschreven, waar van we geduurig den uitslag te gemoet zien: zijnde de voorm. geeligeerde opperhoof„ den den 21. Decr. 1790. reets uit Bengale ver„ trokken, doch door contracie wind en wijl men aldaar geen andere zeekundige op de, tot hun Transport geschikte sloep Pattena, heeft konnen plaatsen als de quartiermeester van dat vaartuig, die de weg niet verder wist als tot Bimilipatnam, zijn zij den 14. Jan: „Leeden, aldaar aangelant, en, om dat de wind steeds contracie bleef, overland verder naar hunne Residentie voortgereischt: — sten van een fiscael uit Ban„ §380. Het Fiscalaet hebben wij om dezelve reeden en om dat daar toe onder de Dienaa„ ren alhier zich geen convenabele voorwer„ pen op deeden op den 5. Ianuarij voorm. t vervilt ne„ die nog niet gearriveerd is waargenoomen, voordragt tot bevestiging van 381. de Jaijgernaikp=r opperhoofden. vervult met den onderkoopman buiten Emploij in Bengale Louis Adriaan de Brueijs, die volgens antwoort der Ministers van den 10. dezer met een particuliere gelegenheit, passa„ ge naar Kormandel heeft moeten zoeken, den 12. daar aan uit Bengale vertrokken, doch door wien de bediming tans word noch niet gearriveert is: wordende intusschen de bediening en het soldij kantoor prointe„ rum bekleed door den secretaris van de wees„ kamer Simon Duinevelt aan wien Brouwor uitwijzens aanteekening bij arrest van den 21: Ianuarij alles verantwoort heeft wat tot het departement behoort van sten beiden de gemelde Bedieningen. Van de voorm. Iaggernaikpoeramje opperhoofden, zo als de Eerst getekende den is geinformeert, zijn de Requesten om haare bevestiging en de opperhoofden, uit Bengale, Comp: wegen verzonden; wij voegen daar bij onze ende eerbiedige en aller nadrukkelijkste sollicitatie om de se De 897 van Hten van de nieuwe fiscaal 382 De Brueijs, om u Hoog Edelh:s goed gunstige approbatie van voorsz: onze, zoo als wij in gemoede overtuigt zijn, ten beste van de Maatschappeij, gedaene verkiezing en aanstelling van Lieden, op welker kundigheit en ervaaenheit inzonder„ heit van het opperhooft Eilbracht, men zich gerust mag verlaeten, om te vertrouwen dat, zal het kantoor Iaggernaikpoeram wederom in order en Rust gebracht en des de zaeken aldaar met succes bestiert worden, men van zijne iever en beleit alles goets heeft te verwachten. Ook verzoeken wij zeer nedrig om eene gunstige bevestiging van voorm. De Brueijs als Fiscaal en soldijboekhouder en van den en nieuw sadras secunse orbiek meede uit Bengale verzochte Assistent Daniel Overbeek die den 6. Decr. laestleeden is verkooren tot secunde van Sadraspatnam reeden van des lalsten aanstelling. uit overweging der noodzaekelijkheit om kantooren alwaar maar een opperhooft of Resident ploij 10. 196. Koopman, Resident legt, gelyk Ladras en Portonovo, van secundens te voorzien, nademaal de Eerste perzoon ligtelijk iets zoude konnen overkoomen, waar door het werk van zijn niet departement „ alleen lijden, maar de Reek: ligt verkeert uitvallen zoude, wanneer het kantoor eens moest worden verantwoordt door mindere dienaaren gelijk Pennisten. recommandatie in sijn op §. 383. Het is om die reeden en vermits gem. overbeek den Eerstgetekende bekent is voor een man van goed compoatement en doorzicht om met 'en Tijd van meerder nut en dienst voor de Comp. tekonnen zijn, dat we ons be„hoe vrijmoedigen van hem meede met alle na¬ druk te recommandeeren in u Hoog Edelhee„ den protexie; app robatie op onse dispositie en verzek om woodragt desonder en tevens om zijne bevestiging. verzoekende met voordracht, indien het u Hoog Edelh: mocht behagen ons te verplichten, tot ons derkoopman en anders zoodaenig verbeete Cour ring sigt, readm waar

NL-HaNA_1.04.02_3877_0825 view scan ↗

English

196. 898 Section 384. Readmission of an assistant, continuation of salary granted, rank and quality as Your High Nobilities shall see fit. How and why the assistant De Bruyn has not yet arrived. He has not yet been able to find passage to the Coast, so that his arrival here is likely not to be expected until the autumn. On 29 October, as evidenced by the Resolution of that date, Christiaan Bernardus Dirksz, then residing at Jaggernaikpoeram, was readmitted into the Company's service as Assistant at ƒ 20.– per month; to serve as a proficient bookkeeper at the Trade Office, which lacks a clerk. And on 10 November, regarding how and why the assistant De Bruyn, we granted to Simon Jan De Bruyn the request made by petition to enjoy the favor which he proved to us was granted to him by Your High Nobilities by dispatch to the Bengal Ministry dated 2 October 1787, paragraph 105, of which an extract with the petition was inserted into the Resolution; and consequently validated to him from 1 March 1786 until 3 April 1790, during which he was in Batavia for private affairs, the salary of Assistant which he had earned in Bengal, being ƒ 24.– per month, as well as the emoluments or board money as enjoyed by the clerks at Jaggernaikpoeram where he served; the former, or the salary, entered in the books since and up to the aforementioned date, and with further continuation thereof; but the latter, or the board money, paid in cash for the 49 months he was owed, charged to Jaggernaikpoeram and to be settled there under previous years' expenses. However, his request for promotion to Bookkeeper, although his contract has expired, has been deferred until such a position becomes vacant and the fixed establishment allows him to be placed. And why we also, since by the death of one of the Assistants at... 196. Section 383. Recommendation in his regard, and request for nomination as Junior Merchant. Since Sadras and Portonovo are without a Second, the Resident alone might easily meet with an accident, whereby the work of his department would not only suffer, but the accounting might easily turn out wrong if the office should once have to be accounted for by subordinate servants such as clerks. It is for that reason, and because the aforementioned Overbeek is known to the first-signatory as a man of good conduct and discernment, capable in time of being of greater utility and service to the Company, that we take the liberty to recommend him with all emphasis to Your High Nobilities' protection; requesting approval of our arrangement and at the same time his confirmation. Also requesting nomination, if it should please Your High Nobilities to oblige us, to Junior Merchant, or otherwise such improvement of rank and quality as Your High Nobilities shall see fit.

Dutch transcription

196. ba 898 readmissie van een assistent 1384. b hoedanig en waarom den assistent de Bruijn w„ Couvtneeming van Gagie geaccordeerd, ring en qualiteit als u Hoog Edelheeden waarom hij nog niet geariveerde, zullen gelieven goet te vinden. Wij heeft konnen vinden naar de nogh geen aankomst alhier, mogen kust ƒ02. 4702. 12 3759 het Nasiaa is te vearrgten. lijk is uitwijsens Resolutie op als Assistent met ƒ 20. –. omp. dienst gereadmitteert nardus: Dirksz. toen te em; om als een goed Reekenaer antoor, dat een Pennist ont„ doen en den 10. Nov. r hebben Jan De Bruijn geaccordeert gedaan verzoek om te gaudee„ „st die hij ons beweest dat door heeden aan hem was geaccor„ issive aan het Bengaals Minis„ to 2. 8ber. 1787. paa: 105. , waar met het Regt. bij Resolutie is en hem mits dien zedert primo Chri ter van Maart dag op i Z: 196. recommandatie in sijn op § 383. sigt, en verzoek om voordragt koopman, Resident legt, gelyk Sadras en Portonovo, nademaal de van secundens te voo oude konnen Eerste perzoon ligt aak van zijn overkoomen, wa# niet maar de Reek: departement „a fude, wanneer het ligt verkeert verantwoordt Kantoor eens gelijk Pennisten. door minder ^ vermits gem. overbeek Het is or kent is voor een man den Eed kent en doorzicht om meerder nut en dienst konnen zijn, dat we ons be„ van hem meede met alle na¬ Cmmandeeren in u Hoog Edelhee„ sie; app robatie op onse dispositie om zijne bevestiging. verzoekende ordracht, indien het u Hoog Edelh: t behagen ons te verplichten, tot on„ Coopman en anders zoodaenig verbeete„ van ring met vo waar aaro 196. 898 geadmissie van een acstent 1384. Coupneeming van Jagte geaccordeerd, ring en qualiteit als u Hoog Edelheeden waarom hij nog niet gearived, zullen gelieven goet te vinden. Wij heeft nogh geen passage konnen vinden naar de kust, zoo dat zijn aankomst alhier, mogen„ lijk niet dan in het Najaaa is te verwagten. Op den 29. 8ber. is uitwijsens Resolutie van dien datum als Assistent met ƒ 20. –. ter maand in 'scomp. s dienst gereadmitteert Christiaan Bernardus Dirksz. toen te Iaggernaik veram; om als een goed Reekenaer op het Negotie kantoor, dat een Pennist ont„ breekt, dienst te doen en den 10. Nov. r hebben ben, hordanig en waarom den astent de mijn wij aan Simon Ian De Bruijn geaccordeert zijn bij Request gedaan verzoek om te gaudee„ ren van de gunst die hij ons beweest dat door u Hoog Edelheeden aan hem was geaccor„ deert bij missive aan het Bengaals Minis„ terium de dato 2. 8ber. 1787. pan: 105. , waar van Extract met het Reqt. bij Resolutie is g'insereert, en hem mits dien zedert primo Maart v0 om 196. recommandatie in sijn op § 383. Koopman, Resident legt, gelyk Ladras en Portonovo, van secundens te voorzien, nademaal de Eerste perzoon ligtelijk iets zoude konnen overkoomen, waar door het werk van zijn niet departement „ alleen lijden, maar de Reek: ligt verkeert uitvallen zoude, wanneer het na kantoor eens moest worden verantwoordt door mindere dien aaren gelijk Pennisten. Het is om die reeden en vermits gem. overbeek den Eerstgetekende bekent is voor een man van goed comportement en doorzicht om met 'er Tijd van meerder nut en dienst voor de Comp. tekonnen zijn, dat we ons be„hodanig vrijmoedigen van hem meede met alle na„ druk te recommandeeren in u Hoog Edelhee„ den protexie; approbatie op onse dispositie en verzoek om voordragt desonder en tevens om zijne bevestiging. verzoekende met voordracht, indien het u Hoog Edelh: mocht behagen ons te verplichten, tot on„ der koopman en anders zoodaenig verbeete„ ring sigt, Co waaro 196. 898 geadmissie van een astent §384. Couvpneeming van Jag te geaccordeerd, ring en qualiteit als u Hoog Edelheeden waarom hij nog niet geariveerde, zullen gelieven goet te vinden. Wij heeft nogh geen passage konnen vinden naar de kust, zoo dat zijn aankomst alhier, mogen lijk niet dan in het Nasieaa is te verwagten. Op den 29. 8ber. is uitwijsens Resolutie van dien datum als Assistent met ƒ 20. –. ter maand in 'scomp. s dienst gereadmitteert Christiaan Bernardus Dirksz. toen te saggernaikpoeram; om als een goed Reekenaer op het Negotie kantoor, dat een Pennist ont„ breekt, dienst te doen en den 10. Nov. hebben be, hodanigen waarom de asitet et muijn wij aan Simon Ian De Bruijn geaccordeert zijn bij Request gedaan verzoek om te gaudee„ aen van de gunst die hij ons beweest dat door u Hoog Edelheeden aan hem was geaccor„ ceert bij missive aan het Bengaals Minis„ terium de dato 2. 8ber. 1787. pan: 105. , waar van Extract met het Reqt. bij Resolutie is g'insereert, en hem mits dien zedert primo Maart n dat wanneer cretarj mits vacantie, Maart 1786. tot den 3. April 1790. dat hij om Particuliere affaires naar Batavia geweest is, gevalideert de gasie van Assistent welke hij in Bengale had gewonnen zijnde ƒ24. —. termaand, alsmede de Emolumenten ofte het kost gelt gelijk het te zaggernauk alwaar hij dienst gedaan heeft, door de Permisten word genooten; het eerste ofte de gasie bij de Boeken zeedert en tot voorsz. tijd, en met verdere cours neeming van dien; dogh het laaste ofte het kostgeld met be„ taeling uit Cassa voor 49. maenden die hij te goed had, om Iaggernaik poeram aan„ gereekend en aldaar op voorjaerige Lasten zijn bevordering tot boekch: gesuochenrte worden verevent; doch zijn versoek om Boekhouder schoon zijn verband g'expireert is, is geturcheert tot dat als zoodaenig kan vallen en het getal dat bepaalt plaatsing van hem en een ander op't sen stont teworden, en waarom we ook, ver„ mits door het overlijden van een der Assistenten op

NL-HaNA_1.04.02_3877_0831 view scan ↗

English

899 place at Sadras, The decision to reduce the establishment of the Government. paragraph 385 at the secretariat and the dismissal of another for dissolute conduct, two places had to be filled, him and his colleague from the Trade Office being placed there, Admission of a young assistant, as well as, as a supplement to these, on the 10th of November having accepted the aforementioned as young assistant with 16 florins, Dirk Vaijmoet, who before the war had served the Company for nine years as a soldier in the office and possessing a certificate of good conduct and being competent at writing, thus neither being in violation of the regulation, even if the aforementioned Dirksz. is also added to fill another who was sent to Sadras to act and take office in case of a vacancy due to the illness of the scriban, as has already been stated. Conferring of the vacancy of scriban. On the 6th of December aforementioned, we entered into business regarding what was still unsettled with respect to the servants in general and, in particular, regarding what relates to paragraphs 106, 109, and 115 of the aforementioned rescript of April, item paragraphs 35, 55, and 58 of the subsequent rescript of the 17th of August, all aiming to alter whatever might be superfluous, to reduce the establishment, and to bring it to such a footing as was ordered by Your High Excellencies on the 15th of April 1788, and further urged by the Gentlemen Masters at page 273 of their honored general missive of the 9th of November 1789. Paragraph 386. That this was immediately considered by the first signatory upon his arrival is shown by the resolution of the 28th of September. On that day the heads of the respective writing offices were ordered to submit in writing, with the utmost speed, a report regarding the number of scribes serving in each of their offices, their necessity, 900 ability, and competence, citing what work must be carried out with them, and how that differs between former and present times; while in order to see what might be done regarding the reduction of the further establishment, on the said day of the 28th of September, concerning the subordinate offices, the invoice keeper was ordered to prepare a demonstration of the benefits and charges of each office since the war, or the re-establishment of the same, up to the financial year 1789/90 inclusive, indicating in what the benefits and charges consist, and whether the Company, with the rebuilding of the same, has gained or lost, the arrears on the respective deliveries naturally being included therein; finally, which servants, both native and European, are appointed to each factory, and for what purpose each of them is employed according to the specification books. Regarding the expenses at this main office, such as those of the storekeeper, master of the equipment, and others, Your High Excellencies, by honored letter dated the 29th of July 1788, ordered these to be left for the present on the footing as presented from here prior to the 10th of March, although the first signatory will also, in compliance with what was demanded of him by Your High Excellencies' revered resolution dated the 29th of July 1790, turn his thoughts to this after the dispatch of these letters, and take the liberty of submitting them as soon as possible, as well as in relation to the other offices if the required elucidation in that regard is supplied to him, which hitherto, since the books of the two most recent financial years are not yet settled, 901 Reduction among bookkeepers and assistants at the main office. paragraph 388 could not be brought into readiness. Paragraph 387. Meanwhile, with respect to the writing offices, the required reports have come in and were inserted into the resolution of the 18th of November last, distinctly showing the situation regarding the bookkeepers and assistants serving here and what duties they must perform in the offices; furthermore, on that day, according to the decision taken thereon, a list was required from the pay bookkeeper indicating where the qualified and other bookkeepers served, and what regulations were made concerning them in 1785 and since, and what the actual state of all of them is. After the receipt of that list, inserted into the aforementioned resolution of the 6th of December, it being noticed that among the seventeen bookkeepers here at Paleacatte there were ten qualified ones, of whom some, although also drawing the emoluments of a junior merchant, were no longer to be considered as such, but were to be regarded as being obliged, if wishing to remain in the Company's service, to perform their service in the offices, the number of qualified ones was determined as follows: 8 Bookkeepers, namely: 1 as First sworn clerk. 1 for Trade transfers. 1 as Sworn translator and clerk to the Governor or Commander. 2 as Ordinary deputies in the Trade warehouses. 1 as Secretary of the orphan chamber for the time that he is so, but upon a vacancy, that duty to be attached to that of assistant sworn clerk at the secretariat; and 7 Carried forward One 902 7 Carried forward 1 as Assayer, if he is confirmed upon the representation that is to be made regarding the necessity of such a servant. 8 Bookkeepers as above, or only 7 here at Paleacatte, to be replaced by such persons as are above that number and are nothing other than ordinary clerks, of whom the oldest of the present bookkeepers can come into consideration, whose wages, insofar as they are employable in the writing offices, we have had reduced to that of assistant, of whom the number is fixed at: 8 at the secretariat 7 at the Trade Office 4 at the Pay Office; which comes to

Dutch transcription

899 plaats te sadras, Het beslootene tot verminden ƒ385 „ring van den omslag van het Gouver„ nement den op de secretarije en het uit het dienst zetten van van een ander, liederlijk „ gedrag, twee plaetsen vervult moesten worden, hem en colleb, van het Negocie kantoor, aldaar geplaatst, admissie van een Jong adsistent, mitsg.:s tot supplement van deeze, den 10. November meermelt als Iong assistent met ƒ. 16. aangenomen hebben Diak vaijmoet, „die „voor den oorlog de Comp. negen Iaaren als soldaat op het kantoor had gedient en voorzich hebbende het getuigenis van goet begeeving van de varantie soribas Comportement en wet ter per, dus het een en ander niet met overtueeding van de bepaeling, al komt voorm: Dirksz: 'er noch bij tot vervulling van een andere, die naar Sa„ oras is verzonden om mits siehte van de schiba te ageeren en op te treeden bij vacantie gelijk bereets gexteert is. Wij zijn den 6. Dec:r voormelt getreeden in besoigne over het geen noch onafgehandelt was met opzicht tot de Dienaaren in het generaal en en in het bijzonder over het geen betrekking heeft tot de 106. 109. en 115. par. der meerm. Rescriptie van April, item dle 35. , 55. en 58: par„ der volgende Riscriptie van 17. Aug. s, alle daar op uit komende om wat overtollig mogt zijn te veranderen, den omslag te verminderen en het tebrengen op dien voet als het door u Hoog Edelheden is geordonneert den 15. April 1788. en nader aangedrongen door de Heeren Meestorf bij paâ. 273. van Haar WelEd. Hoog Achtbe gevenereerde generaale missive van den 9. November 1789. — § 386. Dat nu hier aan, door den Eerstgetekenden, bij zijn arrivement, terstont gedacht is, toont de Resolutie van 28. zeptember aan. Ten dien dage zijn de Baezen der Respective schrijfkantooren gelast om ten spoedigsten, tedienen van berigt in scriptis nopens het getal der op ieder van hunne kantooren dienst doende scribenten, de benoodigtheid„ be 900 bekwaamheit, en kundigheit van dezelve, met aanhaaling, wat en voor werk met dezelve moet worden verricht, en waar dat al in verschilt met vroegen en de tegenwoordige tijden: terwijl om tezien wat weegens de vermindering van den verderen omslag mog„ te tedoen zijn, ten gem: dage van 28. 7ber. , omtrent de onderhoorige kantooren, de Factuur houder gelast is het vervaardigen eener Aantooning van de voordeelen, en Lasten, van ieder kantoor, zeedert den oorlog, ofte het retablissement van deselve, tot het Boekjaar 17 39/90. inclusive, met aan„ wijsing, waar in de voordeelen, en lasten bestaen„ of de comp. met het weder op rechten van dezelve, gewonnen of verlooren heeft, de ag„ terstallen op de respektive Leverantie, gelijk het van zelfs spreekt, daar onder beqreepen; eindelijk welke bedienden zoo inlandsche als Europeesche, op ieder factorij beschijden zijn, en en waar toe ieder van dezelve, na aanwij„ zing der specificatie Boeken worden geem„ ploijeert, zijnde wat aangaat de ongelden ten dezen Hooft kantoore, als daar zijn die van den Pakhuismeester, Equipagie meester en anderen, door u Hoog Edelh:, bij g'eerde Letteren de dato 29. Iulij 1788. bevolen om die voor eerst te laeten op dien voet als ze den 10. Maert bevoorens van hier vertoont zijn, schoon de Eerstgetekende ook daar over„ in nakoming van het hem gedemandeerde bij u Hoog Edelheeden gevenereert besluijt de dato 29. Iulij 1790. , na de depeche deeser„ de gedachten zal laeten gaan en zich be„ vrijmoedigen, die zoo spoedig mogelijk op te geven, als ook met relatie tot de verdere kantooren zoo daar hem de gerequireerde elucidatie derwegen word gesuppediteerd welke tot nu toe, vermits de Boeken der twee Iongste Boekjaaren noch niet effen zijn, niet 901 diminutie onder boekhou„ 388 „ders e Assistenten op 't hoofd Comptoir, niet in gereetheit heeft konnen gebragt worden. §387. Ondertusschen zijnde, met op zicht tot de schrijfkantooren, gerequireerde berigten ingekoo„ men en geinsereert ter Resolutie van den 18. Nov. r laestleden, distinctelijk aantoonende hoedanig het gestelt is, met de alhier dienst doende Boekhouders en Assistenten en welke bezigheeden zij op de kantooren moeten verrigten, voorts dat ten dien dage, volgens het daar op gevallen besluit is gerequireert een Lijst van den soldij boekhouden aanwij„ zende waar de gequalificeerden en andere Boekh. s dienst deeden, en welke bepaalingen en omtrent dezelve in 1785. en zeedert ge„ maakt zijn, en hoe het met alle dezelve actueel gelegen is. — Na het inkomen van die Lijst geinsereert ter voorm: Rezolutie van 6. December, ont„ waart zijnde dat en onder de zeventien Boekhouders hier op Palleakatta zich be le bevonden tien gequalificeerden, waar van sommige, schoon ook onderkoopmans Emolu„ menten trekkende, niet meer als zoodani„ gen te considereeren maar aantemerken waeren als verpligt te zijn om begeerende in 'scomp. s dienst te blijven op de kantooren haere dienst te presteeren, is het getal der gequalificeerden bepaalt in de volgende:— 8. –. Boekh. s teweeten 1. als Eerste gehr: klerk. 1. „. Negotie overdragen. 1. „ Gasworen Translateur en klerk bij de Gouverneur of gezachhebber. 2. „. ordinaire gecommitteerdens in den Negocie Paphuizen. 1. „. secretaris van de weetkamer voor de tijd dat hij het is, doch bij Facature, die dienst te regten aan die van adjunct gesw: klerk ten secretarij en s 7. Transporteere Een 902. 7: - P„r Transport 1. als Essaijeur hij aldien word bevestigd op de verthooning welke weegens de noodzaekelijkheid van zoo een bediende staan te doen. an 8. Boekhouders als booven of maar 7. hier te Palleakatta om te worden ge„ remplaceerd met zulken als booven dat getal en niet anders zijn dan ordinaire Pennisten, waar van de oudste van de teegenwoordige Baekhou„ ders konnen in aanmerking koomen„ wier gasien, bij zoo verre ze op de — schuijfkantooren emploijabel zijn, we terug hebben laeten schrijven tot die van Assistent, van welke het getal gefixeert is tot 8. ter secretarije 7. op het Negocie Kantoore „ - - „ - soldij kantoor; komt dus 4: voor 6

NL-HaNA_1.04.02_3877_0838 view scan ↗

English

for three offices nineteen, and including the qualified ones, 27 Bookkeepers and Assistants; thus, excluding the aforementioned Johannes Abraham Bronsvelt who is no longer counted here, seven fewer in number than those stated on the List, with which number, and no fewer, the clerical work can just barely be maintained on the footing as reported, and when it is not as heavy as at present, provided the time is divided as specified by Resolution, wherein it was also indicated who are currently the qualified ones and who are the others that must perform the service at the offices, coming to 28 instead of 34 Bookkeepers and Assistants, including one supernumerary Bookkeeper currently needed at Nagapatnam; to which number, through the deduction of salary, among the count of 19, belong former commissioners in the Warehouses Salomon Haatwich Bonte and the Sworn Clerk Hendrik Richart, while all those serving at the various offices are recorded by name in the Resolution, with an indication also that the salary of those who did not deserve it has been reduced and that of others increased, the better to stimulate zeal; and concerning which, in view of their exceedingly meager salary, as already noted in the margin of the extract from the Fatherland cited above, Extract Par. 272, we respectfully request Your High Mightinesses for a favorable reflection upon our opinion that, for a better livelihood, they may be put on an equal footing with what is received by Bookkeepers and Assistants in Bengal. 1389 In addition to the aforementioned regulation, according to the order of 15 April 1788, four from here at Palleakatta and three from the offices to the North and the South shall be sent to Ceilon or given the freedom to resign from the Company's service; regarding whom, especially at Bimilipatnam, as they were useless boarders, the necessary measures have already been taken by resolution of 30 October; there being discharged from the Company's service at Jaggernaikpoeram upon his request made to that end on 31 August of the past year, Pieter Willem van Someren, mentioned earlier under the pay matters, having earned nothing whatsoever, as he has always run about and been listed among the number of the Penmen of Palleakatta, while in the meantime spending his days in idleness and sloth over there with his father, the Secunde van Someren; a nominal roll of those who have been discharged or dismissed from the service being appended hereto, and according to the Resolution of 21 January last, the request for a retirement pension of one Jacobus Dormieux, stationed at Jaggernaikpoeram, was rejected, and he, as a native child, was referred to the Deaconry, unless Your High Mightinesses should be pleased to take pity on him and relieve his destitution by showing him the favor of granting him a pension. §380 Of those destined for Ceilon, the Junior Merchant out of employment Jacobus Simons Cantervisscher, who came here from Ceylon for a brief excursion and remained, enjoying the usual emoluments, until the aforesaid disposition was made, departed for Jaffanapatnam on 21 January last; having served on commission and as a Member of the Council of Justice, but with the remaining Willem Robertus Prins, Hendrik Prins, Jan Rosseau, and Abraham Lixaat, Johannes de Jong, who cannot defray their own expenses for the voyage thither, a suitable opportunity for their conveyance will be awaited, while in the meantime they continue to perform their service at the offices. Whatever objections might now still remain regarding that which, according to the 110th and following paragraphs of the repeatedly mentioned Rescript from Your High Mightinesses dated 27 April 1790, resulted from the notes sent over by the Merchant van Bijland, we declare that, without disruption to the clerical work, for which extra help is already necessary, we cannot arrange it otherwise; the separate report of the first signatory will show that van Bijland reported nothing in this regard that necessitated taking such measures as the 113th and 114th paragraphs of the Rescript prescribe. Indeed, he has so considerably changed his tone in this respect that what was alleged previously must be considered nothing other than passionate and unfounded, without having considered that here in Coromandel, owing to a large established community and numerous households, it has long been the custom to get their sons into the Company's service in order that, being raised in the writing offices, they may be employed there and promoted to Bookkeepers; it being undeniable that among them there are some of illegitimate birth, but of good conduct, whom one can now no more cast out than the others, although certainly in the admission to the Company's service closer attention ought to have been paid to who are of European, who of native parents, or of mixed descent, regarding which also the different ranks in promotions and choice of appointments ought to have been applied. 392 We request that the question of van Bijland regarding the Engineer, whose necessity and competence were brought into suspicion, see Paragraph 115 of the Rescript, may be considered answered by what was noted before.

Dutch transcription

voor drie kantooren negentien en met de gequalificeerden 27. Boekhouders en Assistenten, dus buiten den niet meer meede rekende hier voor gemelte Iohannes Abraham Bronsvelt, zeven in getal minder dan de opgegevene bij de Lijst, met welke en ook niet minder het schrijf„ werk op dien voet als bij de berich„ ten, en wanneer het zoo zwaer niet is als teegenwoordig effen kan worden gehouden, mits de tijdt zodaanig verdeelende als bij Resolu„ tie, waar bij ook is aangeweezen ge„ worden, wie thans de gequalificeer„ dens en wie de anderen zijn, die den dienst op de kantooren moeten waer„ neemen, koomende met een Boek„ houder supernumerair, thans nodig te 983 te Nagapatnam, op 28. , in steede van 34: Boekhouders en Assistenten, tot welke, door terug schrijving van Gasie, onder het getal van 19. Zijnde geweeze gecommitteer„ de in de Pakhuijzen Salomon Haatwich Bonte en de Ge„ swoore klerk Hendrik Richart, terwijl alle welke op de onder„ scheidene kantooren dienst doen nominatum ter Resolu„ tie genoteert staan met aan„ wijzing teevens dat zulken, als het niet verdienden in gasie vermin„ dert en anderen daar enteegen ver„ hoogt zijn, om des te beter de iever op te wekken en waaromtrent wij mits hun aller Sooben tractement, gelijk reets ter zijde, van het voor„ waards geinvereerde Patriasch Extrakt Gxtrakt Par. 272. genoteert staet, u Hoog Edelheeden met Eerbied om eene goetgunstige reflexie verzoe„ ken op ons gevoelen dat ze tot een beter bestaan gelijkstandig moo„ gen worden gesteldt met het geen genooten word door Boekhouders en Assistenten in Bengale 1389 Boven de voorschreeven bepaa„ ling zullen na de ordre van 15. April 1788. naar Ceilon gezonden of tot het quiteeren van 'sComp. s dienst vrijheit gelaeten worden hier van Palleakatta vier en drie van de kantooren om de Noort en de zuit; ten aan„ zien van dewelke, in zonderheit Bimili„ patnam, de zodanige als onnutte kostgangers waren, bij besluit van den 30. 8ber. bereets het noodige is voorzien geworden: zijnde te Saggen„ naikpoeram op zijn daar om gedaan, verzoek op den 31. Aug. s A.o p. o uit 'scomp.:s dienst ontslagen Pieter. 904 Pieter willem van Someren hier voor bij de soldij zaeken vermelt, niets hoe genaamt ver„ dient hebbende wijl hij, altoos heeft geloopen „het en opgebragt is geworden onder „ getal den Pennisten van Palleak. en ondertusschen zijn dagen in luij en leedigheit ginter bij zijn vader den secunde van someren doorgebracht heeft; zijnde van die welke ontslagen of uit dan dienst gedimoveert zijn, een Naam lijsje deeze bijgevoegt en blijkens Resolutie van den 21. Ian: I:o Leeden het verzoek om Rust gasie van eene te Iaggernaikpoeram bescheidene Iacobus Dormieux van de hand, en hij, als een Inlandsch kind aan de Diakonij overgewezen, ten waare u Hoog Edel zich over hem gelieve te erbermen en zijn gebaek te gemoet tekomen met hem de gunst te bewijsen van hem te gasieeren §38@ Van de naar Ceilon gedestineerde is den 21. Ianuarij d=o Leeden, naar Iaffanapatnam ver ongegrondheid van van Bijland §391. aanteekening in opsicht der dienaaren in 1789. vertrokken, de onderkoopman buiten emploij Iacobus sim ons Canteavisscher alhier van cijlon gekomen voor een springtogtje, en met genot van de gewoone Emolumenten verbleeven tot dat de voorsz: dispositie is gevallen; hebbende gefungeert in commissie en als Lid bij de Raad van Iustitie, maar met de noch overige Willem Robeatus Prins Hendrik Prins Jan Rosseau en Abraham Lixaat, Iohannes de Jong. die haere eijge kosten tot de Reis derwaarts niet konnen goet maken, zal een bequaame gelegenheit ter verzending worden waarge„ noomen, blijvende inmiddels op de kantooren hunne dienst presteeren. Welke bedenkingen en nu ook noch mochten overblijven in opzicht van het geen volgens de 110. en volgende paa. der meerm: 905 meerm. Rescriptie van u Hoog Edelheeden de dato 27: April 1790. , is geresulteert uit de overgezondene aanteekeningen van den Koopman van Bijland, wij betuijgen, zon„ der verlet van het schuijfwerk, waar toe reets extra hulp noodig is, het niet an„ „ders te kunnen schikken, zullende de apparte commissie van den Eerst getekenden uitwijsen, dat van Bijland deesen aangaande niets heeft opgegeven waarom men tot zoodanige dispositie heeft behoeven te treeden als de 113. en 114. pan: van de Rescriptie komt voor te schrijven: immers hij is dien aengaande zoo aanmerkelijk verandert van toon, dat het te vooren geallegeende, niet anders dan als passieus en ongefundeert moet worden gehouden, zonder te hebben overwogen, dat het hier te kormandel, mits eene gevestigde groote gemeenten en menigvuldige Huis gezimen, al van lange tijd af, de usantie geweest is, om haar ploij an generaal aan rebolutien haer zoons, in 'sComp:s dienst te krijgen, ten einde op de schrijff kantooren opgequeekt zijnde, aldaar g'emploijeert en tot Boekh. rs bevordert teworden, niet zijnde te ontkennen dat er onder de zodanige zich opdoen van onechte geboorte, doch van goet gedrag die men nu zoo min als de anderen kan verstoo„ ten, schoon men zeeker in de Admissie tot sComp. s dienst, wat naauwer had behooren te letten welke van Europesche en welke van Inlandse ouders, dan wel van gemengde afkomst zijn, waar omtrent ook de on„ derscheidene graeden in de bevorderingen ver„ kiezing, tot bedieningen had behooren plaats te hebben rert ontrende dingoven but 392 Wij verzoeken de vraeg van van Bijland wegens den Ingenieur, zijne in verdenken gebrachte noodsaaklijkheit en kundigheit, vide Pap: 115. van de Riscriptie, voor be„ antwoort temoogen houden, met het aange„ „tekende en da voor

NL-HaNA_1.04.02_3877_0845 view scan ↗

English

signed in the Resolution of 6 December of the past year, likewise concerning all others in general to which his reflections extend, and the first-signed having submitted a separate report, we may conform to what the first-signed is to submit to Your High Excellencies for the confirmation of the sepoys, while with regard to the Assayer, in compliance with the requirement in paragraph 53 of the Rescript of August, it is recorded in the Resolution that citizen Engelbert De vries, who arrived from Ceylon in the year 1790, has been engaged as such with the rank of Bookkeeper in the Company's service out of that necessity which, in this matter, has been abundantly demonstrated by the sale of the gold, and concerning which his forwarded assays, upon testing, will best show whether he possesses the requisite capability according to the certificates produced thereof and inserted in the Resolution of 23 November of the past year, in order to obtain the favor of his confirmation from Your High Excellencies. When and what reduction to make in the garrison. Paragraph 393. The Military Establishment, upon which van Bijland has also seen fit to make remarks without suggesting possible means for alteration and improvement, Your High Excellencies leave, see paragraph 92, on that footing as was prescribed by the honored dispatch of 17 April 1787, declaring in paragraph 95 that you reluctantly consent to the retention of 1½ companies of sepoys and the peons who were stated to be necessary in the year 1789. Paragraph 394. In order in that regard also to give Your High Excellencies evidence of the intention entirely to abolish or partly to reduce whatever can possibly be spared, it was determined in the aforesaid session of 6 December that as soon as the circumstances of the times will permit, or that we can with ease of mind relieve ourselves of the Jaffnapatnam auxiliary troops and other extraordinarily enlisted personnel, to reduce our own garrison, which according to the copy of the brief strength report currently consists of 210 heads, to 125 men on the first plan, namely: 1 Captain Lieutenant, until his decease or transfer; 1 Ensign, ditto; 3 Sergeants, one of whom serves as Adjutant for as long as they are living, but upon their demise no European non-commissioned officers, and of those currently present we shall even send two to Ceylon; 3 Drummers and 3 Fifers; Totaling 11, to which is added 1½ companies of sepoys, each calculated at 72 men, or: 1 Lieutenant; 2 Ensigns; 4 Sergeants, of whom 2 serve as orderlies to the Commander; 6 Corporals and 104 Privates, making together 117 heads, who, mounting guard every third day and distributed as before at 36 men per day with the officer and 1 sergeant, come to compose the following, namely: 1 Officer, 2 Sergeants, including the aforesaid orderlies, 2 Corporals and 25 Privates daily at the Main Guard, and on the beach at the sheds or barns, 1 Corporal and 6 Privates, or together 7 men, comes, as stated, to 36 daily on guard for garrisoning the same posts as was stated in the year 1788 in the October letter, paragraph 122, except for the bastions which are occupied only at night, and when the sentries before the Government House are excused. In comparison with the establishment of the year 1785, this will make a reduction of 34 men, and of the peons 21 have also been discharged as of today, without anything further being devisable at present, regarding which Your High Excellencies may be assured that the first-signed will not fail to investigate and put into practice whatever else is possible toward saving all oppressive expenses as soon as feasible. Of the sepoys 2 discharged. Further retrenchment. Meijkamp and Olijk. Submission of the requests of Paragraph 395. However, much as everything that smacks of more expenses, titles, or ranks conflicts with this, we nevertheless find ourselves obliged to submit to Your High Excellencies the requests of Meijkamp and Olijk from the Hanoverian Regiment, who have obtained their discharge and requested employment with us in order to be allowed to depart for Batavia or Ceylon when the opportunity arises. How the present one is arranged. We hope that the memorandum of the number of servants under today's date, now arranged, may satisfy Your High Excellencies better than the previous one, showing in columns the establishments and the greater or lesser number of each of the various classes, and in the first column, merely for examination, how the establishment was fixed by the secret Memorandum of Retrenchment; in the second, the arrangement of the Ceylon Ministry in the year 1785 approved by Your High Excellencies in 1786; and in the third and last, the latest change following the resolution of 6 December 1790, verbatim as follows:

Dutch transcription

906 tekende ter Resolutie van den 6. Dec. A.o p. o item, nopens alle anderen in het generaal, waar op zijne Reflexien zich uitstrekken, en de eest getekende appart verslag, ons te mogen gedraegen aan het geen de Eerstgetekende u Hoog Edelh: staat te be„ voordmag ten berestigng van den sien rigten, terwijl ten aansien van den Essaijeur, in voldoening aan het gerequireerde bij par. 53. der Rescriptie van Aug. s ter Resolutie staet aangetekent dat de in Ao 1790. van Ceilon aangekoomen Burger Engelbert De vries, als zodanig met de qualiteit van Boekhouder in 'sComp. s dienst is aangenoo„ men, uit die noodsaakelijkheit, als in deeze met den verkoop van het Goud ten overvloede is gebleeken, en waarom„ trend zijne overgaande Essaijen, bij beproe„ ving, best zullen uitwijsen of hij de ver„ eischte bekwaamheit bezit na de daar van vertoonde en ter Resolutie van den 23. Nov.. A:o pass:o geinsereerde getuijgschriften om wanneeren welke diminutie int § 393. guarinsoen te maaken. om de gunst zijner bevestiging van u Hoog Edelheeden te verwerven. Het Militaire weesen, waar op van Bijland al meede heeft goedgevonden aenmerkingen te maeken zonder moge„ lijke middelen op te geven ter veaande„ ringen verbeetering, laaten u Hoog Edelh: vide pau. 92. op dien voet als aangeschre„ ven is bij g'eerde missive van 17. April 1787. verklaarende bij paâ. 95. in het aenhouden van 1½. Comp. s Sipais en de pions welke in Ao 1789. als noodsaa„ kelijk zijn opgegeven, met tegen zin te bewilligen. §394. Om dien aangaande u Hoog Edelheden al meede blijken te geven van de in„ tensie om al wat maar te missen is geheel afteschaffen of ten deele te verminderen, is ter sessie van 6. Dec. r voorm.: bepaalt, dat zoo daa de tijds om„ 907 omstandigheeden het zullen toelaeten, of dat we met gerustheit ons van de Iafua„ patnamsche Hulp troupen en andere Ex„ 6„ tra ordinair aangeworvene Manschap kon„ nen ontlasten, ons eige Garnisoen dat uitwijsens Copia korte sterkte op heeden bestaet uit 210. koppen, te redu„ ceeren tot 125. Man primo plan, te weeten 1. Kapitain Luitenant tot bij aflijvigheit of verplaatsing 1. vaandrig adidem 3. Sergeants, waar van een fungeert als Adjuidans voorso lange ze in weezen zijn doch afster„ vende geene Europeesche onder officiers, van de aanweezigen zullen we zelfs twee naar ceilon verzenden. 3. Tambaers en 3. Phijffers. o 11. waar bij gevoegt 1½. Compagnie sipaijs ieder n 161 ieder gerekent tot 72. Man of te 1. Luitenant 2 vaandrigs 4. Zergeants, waar van 2. als ordonnanties bij den Gezaghebleer 6. Korporaels en 104. Gemeenen, maekende tezaemen. ƒ 117. koppen, die om de derde dag op de wacht trekkende en verdeelt als te vooren â 36. man daegs met het officier en 1. sergeant komen uit te maeken de volgende, als: 1. officier 2. zergeants, daar onder de gem: ordonnaus 2. Korporaals en 25. gemeenen daags aan de Hooftwagt, en aan strant bij de Lootsen of schuuren, 1. Corporaal en 6. gemeenen, ofte tezaamen. 7. man komt als gezegt. 36. daags op de wagt, ter bezetting van dezelve posten 201 908 van de Sien rets 2. afgetankt. verder besuijniging Meijkamp en Olijk „posten als in A:o 1788. bij de october brief par. 122. is opgegeven, excepto de Bastions die, enkel snagts, bezet en wanneer de schild wachten voor het Gouvernement G'excuseert worden. Dit zal in vergelij„ king der bepaeling van A:o 1785. eene vermin„ dering van 34. Man uitmaken, en van de Pions zijn 'er onder heeden ook 21. afgedaakt, zonder dat voorer als noch iets meerder op verekering van denbestgetekenden tot is uit te denken, dan waar omtrent u Hoog Edelh: verzeekert konnen zijn dat de Eerstgeteekende niet na zal laaten het verder mogelijke tot uijt„ winning van alle drukkende kosten zoo daa doenlijk nategaan en in het werk te stellen. vordragt den versoeken van §395: Dan hoe zeer nu ook hier meede strijd alles wat dweemt na meerder ongelden, tutuls of Rangen, vinden we ons echter verplicht om u Hoog Edelh: ties zelve 202, hoe de presente is ingericht. — uit de Han over aansch Regiment die haar Paspoort erlangt, en bij ons, dienst verzocht te hebben om bij gelegenheit naar Batavia of Ceilon temoogen vertrekken. wij hoopen dat de nu in„ gericht Memorie van het getal der Dienaaren onder huidigen datum, u hoog Ed. beeter mag voldoen als de voorige, zijnde in colommen de bepaelingen en het meerder of minder getal van ieder der onderschei„ dene classen daar bij en in de eerste Colom„ enkel tot speculatie, aangetoont, hoe de bepaeling wat bij de secreete Memorie van menagie; bij de tweede de door u Hoog Edelh: in 1786. goed gekeurde schik„ king van het Ceilousche Ministerium in Anno 1785. en bij de derde en laaste de Iongste verandering na het besluijt van den 6. Dec. r 1790. woordelijk luidse als volgd. van Insotie de Hoer

NL-HaNA_1.04.02_3877_0851 view scan ↗

English

202 910 Of the Political Administration. Fixed by the Memorandum of Menagie. Ceylon: Fixed in 1785. According to the present arrangement of 1790. More. Less. 4 clerks, including the commissioners and messenger. 1 Governor, presently only Senior Merchant and Commander: 2. 1. 1. —. — Senior Merchant and Head Administrator, presently merchant: 1. 1. 1. —. 1 elected Fiscal and Pay Bookkeeper, formerly both Junior Merchants: 2. 1. 1. —. 1 Junior Merchant, Warehouse Master, Trade and Customs Bookkeeper, merchants: 1. 1. 1. —. 1 Secretary of the Political Council and Cashier: 1. 1. 1. —. 1 Junior Merchant, Invoice-keeper, provisional Mint Master, and Provisioner: 1. 1. —. —. 8 Bookkeepers; of which: Junior Merchants: 8. 7. 6. 1. —. 1 First Sworn Clerk of the Political Council and Secretary of Justice. 1 Trade Transferrer and General Overseer of the clerical work at the Trade Office. 1 Secretary of the Orphan Chamber. 1 Sworn Translator and clerk to the Commander. 2 Ordinary Commissioners in the Warehouses. 1 General Auditor. 1 Assayer. 18 Assistants; of which: Bookkeepers: 22. 10. 7. —. 3. 8 at the Secretariat, including 1 assistant sworn clerk. 7 at the Trade Office. 3 at the Pay Office. 3 In the Service of Church and School, namely: 5. 4. —. 1. 1 Reader and schoolmaster in the Orphanage. 1 Sexton. 1 Portuguese Reader: 1. —. 1. —. Of Medicine. 1 Chief Surgeon: 1. 1. 1. —. 1 Surgeon: 1. 1. 1. —. — Surgeon and second master: 2. 1. —. 1. 1 Third master: 1. 1. 1. —. 37 Persons Carried forward with: 47. 33. 33. 7. 6. 37 Persons Brought forward with: 47. 33. 33. 7. 6. Of the Militia. Fixed by the Memorandum of Menagie. Ceylon: Fixed in 1785. According to the present arrangement of 1790. More. Less. 1 Captain Lieutenant: 1. 1. 1. —. —. 1 Ensign: 1. 1. 1. —. —. 4 Sergeants, including 1 drillmaster and 1 disabled through old age: 12. 3. 2. 2. —. 1 garrison writer: —. —. 1. 1. —. 1 Adjutant: —. —. 1. 1. —. 1 Fife Major: —. —. 1. 1. —. 3 Fifers: 9. —. 3. 3. —. 3 Drummers: Drum Major: 16. 18. 10. 8. —. 10 Soldiers besides the Sepoys to be mentioned hereafter: soldiers: 357. 3. —. 10. —. Artillerymen. 1 Extraordinary Lieutenant: —. —. 1. 1. —. 1 ditto ditto Fireworker: —. —. 1. 1. —. 1 ditto ditto Engineer: —. —. 1. 1. —. 2 Gunners: 60. —. —. 2. —. 10 Helpers: 6. —. —. 5. —. Of the Seafaring Personnel. — sub Lieutenant on the Sloop de Zeerob: 5. —. —. —. —. 1 Boatswain Equipment Overseer: 1. 1. 1. —. —. 2 Boatswains: —. —. 2. 2. —. 5 Quartermasters: —. —. 5. 5. —. 9 Sailors: —. —. 9. 9. —. Craftsmen. 3 Bookbinders; including 2 journeymen: —. —. 3. 3. —. 1 cooper: —. —. 1. 1. —. 94 Persons Carried forward with: 523. 57. 58. 44. 14. 911 Judicial Servants. 99 Persons Brought forward with: 523. 57. 58. 44. 14. Fixed by the Memorandum of Menagie. Ceylon: Fixed in 1785. According to the present arrangement of 1798. More. Less. At Portonovo. 1 Bookkeeper Resident: 1. 1. 1. —. —. 1 Second ditto: 1. —. 1. 1. —. 1 Penman: 1. 1. 1. —. —. 1 Flag keeper: 1. 1. 1. —. —. 1 Provost: 1. 1. 1. —. —. At Sadraspatnam. 1 Titular Merchant and Chief: 1. 1. 1. —. —. 1 elected Second: 1. 1. 1. —. —. 1 Writer: 1. —. 1. 1. —. 1 Penman: 1. 1. 1. —. —. — Boatswain: —. —. —. —. —. 2 Sergeants belonging to Palliacatta: 2. —. 2. 2. —. At Palicol. 1 Junior Merchant Chief: 1. 1. 1. —. —. 1 Bookkeeper Second: 1. 1. 1. —. —. 1 Penman: 1. 1. 1. —. —. At Jaggernaikpoeram. 1 Merchant Chief, presently Junior Merchant: 1. 1. 1. —. —. 1 Junior Merchant Second: 1. 1. 1. —. —. 1 Writer: 1. —. 1. 1. —. — penmen: —. —. 3. 3. —. 2 clerks: 2. —. 1. 1. —. 1 Surgeon: 1. 1. 1. —. —. 1 Sergeant: —. —. 1. 1. —. 1 Boatswain: —. —. 1. 1. —. At Bimilipatnam. 1 Junior Merchant Chief: 1. 1. 1. —. —. 1 Bookkeeper Second: 1. 1. 1. —. —. 1 Writer: 1. 1. 1. —. —. 1 Assistant: —. —. 1. 1. —. — Clerks: 2. —. —. —. —. 1 Surgeon: 1. 1. 1. —. —. 126 Persons. Carried forward with: 543. 62. 76. 50. 14.

Dutch transcription

202 910 Van de Politie. — 4 scribenten daar onder de gecomm: en boode. 1. Gouverneur, thans maar Opperkoopman en Gezaghebber —. Opperkoopm: en Hoofd Administrateur, thans koopman 1. 1. geeligeer fiscaal en Zoldij boekhouder - - - ondercopl: - . . - - 1. 1.— anders beide 1. Onderkoopm: Pakhuijsm„r Negotie en thol boekh:r kooplieden - - - - - - - - - - - - - 1. — 1. Secretaris van Politie en kassier -- 1. Onderkoopm: factuurh:r p:l Muntm:r en dispencier - - - - - - - - - - - - - - 1. — — 8. Boekhouders; waar van: 1. Eerste Gesw: Clerk van Politie en sec=r van Justitie. t. Negotie Overdrager en generaal baas van 't schrijfwerk op 't Negotie Comptoir- 1. Secretaris van de Weeskamer - - - 1. Getr: transz: en klerk bij den heer Te zaghebber - 2: ord:e gecomm:s in de Pakhuizen - - -- 1. Generaale Narekenaar - - - - - - - - - - - - - - - - - 1. Essaijeur - ondercooplieden 5 1. 1. —. 18. Adsistenten; daar van: 8. ter secretarije daar onder 1: adj: gesw: Clerk 7: Op 'T Negotie Comptoir - - - - 3. „ „ Zoldij _:o - 3. Teweeten: 1. Voorlezer en schoolmeester in 't Weeshuis - - - - - 1. koster 1. Portugeese Voorleeser - - - - - - - - - - 1. - - - - - —. 1. —. 1. Chirurgijn - - Chirurgijn en ondermeester - - - - - - - 1. derdemeester 1 37. Perzoonen Die Transporteere met - - - - - - 47. - - 33. 33. 1. Opperchirurgijn - - - - - - - - - - - - - - Van de Geneeskunde Ten dienste van kerk en School. g. 2. - - - 1. 1. . - . . —. 1. 1. -- - - 1. - 1. —. houders Boek„ van Mena„ van Schikking gie. Ceilon van 1790. Meerder Minder de Memorie in 1785. woordige Bepal bij Bespaald a de tege„ _=o - - - - . .. .„ 2. . . - - - -- 1. 1. — 7 6. - „ 1. — 1. —. 1. 1. — 1. 1. — 8. —. 1. 22. 10. 7. —. 3. „ - - - - 5. 4. —. 1. „ - -- – - – – – – – – - - 2. 2. —. — - - - . . . . . 1. . -. 1. —. 1. 1. 1 - 1. 2. 7. 6. —. - 5. . . . - --- - - - -- - -- . --- 3. Tamboers - - - - - - - - - - - - - - -ten en Van de Militie 1. Capitain Lieutenant - - - - - - - - - - - 1. Vendrig - - - -- 4. Zergiants, waar onder 1. drilmeester en 1. 37: Perzoonen P=r Transport met - - 47. — - 33. 33. 7. 6. invalide door hooge Jaaren - - - - - - - 12. - - - - - 3. 1. guarnisoen schrijver - - - - - - - - - - - - - - - - „ 1. Adjudant - - - - - - 1. Peiper Majoor - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - 3. Peipers - - - - - - - - - - - 9 Jamboer Arthilleristen. 1. Extra Ordinair Lieutenant - - - - - - - 1 d=o d=o Vuurwerker - - - - - -- 10. Soldaaten buiten de Sipais hier natemelden - - - - - - - - - - - - —. 10. — 1. d=o d=o Ingenieur - - - - - - - - - - - - - - - 10. Handlangers - - - - - - - - - - - - - - 2. Cannoniers - - - - - - - - - - - Van de Zeevaard. - „ sous Luijtenant op de Chialoup de Zeerob. - - - - - - - - - - - — 1. Bootsman Equipagie opziender - - - - - - 1. 1. 1. — 5. Quartiermeesters - - - - - - - - - - - 2. Bootslieden - - - - - - - - - - - - - - - 9. Mattroosen - Ambachts Lieden 3. Boekebinders; waar onder 2. gezellen - - - - - - - - - - - - -- 9:4. Perzoonen Die Transporteere met - 523. – – - 57. 58. 357. - - - . . 3. van Mena„ van king van gie. Ceilon 1790. Meerder Minder „de Memorie in 1785 woordige schik„ Bepaald bij Bepaald Na de tegen„ 44. 14. — — – 4. . . . . . . — – – – – – –- - .- 1. 1. 1. -. 1. 1. 1. -. 3. . . . . . soldaa„ 1. 1. 1. 12. 2. 2. 16. 18. 10. 1. 1. . 1. 1. 8. —. —. 2. 5. 9. 3. 1. 60. - - - - . —. 6. - . . . . —. 5. . . . . . —. --- - - -- 1. kuijper - - - - - 7 – – – - – - - de 1. 911 Iustitieele Bediendens. „99. Perzoonen P„r Transport met - - - - - - 523. - - 57. 58. 44. 14. Te Portonovo 1. Boekhouder Resident - - - - - 1. Tweede # 1. Pennist - - – - - - - — — — - - - 1. Vlaggewachter - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - —- 1. Geweldiger - - - - - - - - - - - - - - - - - - - — —. d=o —— Te Sadraspatnam 1. Pit: koopman en opperhoofd - - - - - - - 2. Zergiants te Palliacatta thuis hoorende - - - - - - - - - - -- 1. geeligeerd secunde - - - - - - - - - - - - - 1. Scriba - - - - J - - - - - - - _ _ — Bootsman - – – - - - - - - - - - - - - - - - _ _ - 1: Pennist – – – – – – – – — - - - - - - - - - - - - - - - - Te Palicol. 1. Onderkoopman opperhoofd - - - - - - - - - 1. Boekhouder Secunde - - - - - - - - - - - 1. Pennist - - - - - — — - - - Te Iaggernaikpoeram. 1. koopman opperhoofd, thans Onderkoopman - - - 1. Onderkoopman Secunde - - - - - - - - - - - - - 1. Soriba - - pennisten - - - 2. scribenten - 1. Chirurgijn 1. Zergeant 1. Bootsman Te Bimilipatnam 1. Onderkoopman Opperhoofd - - - - - - - - - 1. Scriba- 1. Boekhouder Secunde - - - - - - - - - - - 1. 1. 126. Perzoonen. Die Transporteere met - - - - - - - 543 — 62„ 76: 50. 14 Scribenten - - - - - - - - - - 1 Adsistent - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - 1. Chirurgijn - - - - - - - - - - - - - - - - _ 1.— 1: „ —ƒ - 1. -. 1. - - - - - 2. - - - - - 1. de Memorie in 1785. woordige van Mena van Schikking gie. Ceilon van 1798. Meerder Minder Bepaald bij Bepaald Na den tegen„ 1. . . . . . . — - . . . . – . . . . - -- .--- + - 1. 1. - - - - 1. 1 1. 1. 2. -. - 1.— 1. —. 1. - 1. 1. - 3. 1. 1. „ - - 2. 1. — – – – – – – – – – – – - – - „ --- – – – – – – – – – – – – – – – 1. – --- – - - - - - – - - - - - 1. 1. 1. 1. — - - - -. 1. 1. 1. 1. - - - - - --- 14.

NL-HaNA_1.04.02_3877_0854 view scan ↗

English

203 —. Lieutenant - - - - : 126. Persons Per Transport with - - - - - - - 542. -. -. 62. 76. 50. 14. At Nagapatnam 1. Supernumerary Bookkeeper as agent. . . now follow the native warriors and servants. Sepoys 127. Persons together - - - - – - – - - - 542. 6. Sergeants - - - - 10. Corporals - - - - 150. Together - - - 3. Ensigns - - - - - 130. Privates — - - 1. Captain - - - - 44. common peons, calculated from primo March - - - - 52. Together - - - - - - 1 Sub-Head Peon - - - - - - - - - - - - - - - 1. — 6. Moorish Peon. . . . . . . . . . . . - - - 12. — 1. Head Peon - - - - - - - - - - _ _ _ _ _ - _ Peons 44. —. 21. 65. 27. 79. - According to the resolution of 6 December 1790, the undermentioned are, as supernumerary or redundant, destined to depart for Ceilon when opportunity arises; namely: 4. from Palliakatta 1. from Portonovo, who has already been discharged from the service 1. from Palicol 1. from Iaggernaikpoeram, since discharged 3. from Bimilipatnam, or together. 10. Persons. - - - - - - - Determined in 1785. here in A:o 1791. -: -. 6. 4. — - - - - - - - - - 10. 6. —. 3. 2. —. - - - - - - - - 130. 104. — —. - - 117. Companies- . - . . . . . - - - - - 2. 62. 14. 77 50. 77. the Memoir of Ménagie Determined by Ceilon in 1785: Determined According to the present Arrangement of 1790. More Less Here 1 4 . . . . . . . . . . . - . . . . . . . . . . . - - 1. 1. 34. 26. 4. 2. 1. 1. 1. 1. 1e leij1 Tlken 6. dit reed ve 1785 912 this general report, and delay therewith [illegible] 398: With this we would, as usual, be at the end of an ordinary general description; but in this one, containing so many extraordinary cases which have caused the prolixity and at the same time ensured that some days will yet pass in the upcoming month before it is ready, and is fully copied with all that pertains to it, we are obliged to set down two more points before we can conclude it. [illegible] 399. The first is a most hateful subject, namely the Minting of the Dubs, a matter which in A:o 1753 was established with a very good purpose, but was not regulated strictly enough, and from which consequently, besides an impropriety in the established value, there has also resulted an arbitrariness, and finally fraud and falsification in the minting and circulating of the same. In order 2. 4. 26. 34. 6. 21. 27. ell [illegible] fruitlessly investigated after the charges § 400 In order to know what expenses actually fall upon the minting and to present your High Mightinesses with a clearer and more distinct elucidation regarding this matter than was done in 1788 in reply to that which appears at Paragraphs 96 and 97 of their High Mightinesses' repeated Rescript of April of the past year, on the day of the committee meeting concerning this, being the 4th of October of the past year, the invoice keeper was demanded to examine the books of Iaggernaikpoeram and to report to the assembly what appears thereof in those books and what charges for the minting of Dubs are brought to the account of the Company in the same. But according to the report submitted by him at the meeting of the 10th of December following, nothing was to be discovered in the books regarding this matter, since one only found noted how many Dubs were, after deduction of the 913 fractional coin the charges of minting without specifying which, delivered from the Mint for the copper delivered for that purpose; so that this provides the first proof of dissimulation. supposed advantages that § 401. It is a too well-known truth that consequently requires no extensive exposition that the Dubs in the North are the most current coin among the public and can even serve as a trade coin if a reasoned order in payments is established, as is done by the foreigners who make their collections and all kinds of payments more with this copper than with other money, and in which one could have followed them long ago, if those whom it directly concerned had been mindful of it and, setting aside their own 204 known regarding exchange rates and depreciation thereof own interest, had made trials and proposals in that regard, rather than letting themselves be swept away by notions of natives, and not only persisting in harmful customs, but undertaking matters that injure their own honor and prejudice the Company, whereas it would be a very essential point if the copper money could be made so current that one would not need to be at a loss as to how to find the necessary disbursements for the collection, and consequently bring a considerable benefit to the Company in the disposal of the copper. With this investigations and findings of [illegible] purpose, after the first undersigned, instructed to investigate the complaints of falsification, was informed by the merchant van Bijland regarding the rate of this fractional currency, various questions were put 204 914 to the servants in the North for information and elucidation, and very extensive answers were also given thereto, without coming to the substance of the matter or anything else, other than adhering to the old ways and maintaining how oppressive the disbursement of that sort of money was for the Company's servants, with the same being paid their wages and board money; whereas nevertheless that harm is only felt by the Company's lower servants, since the former chiefs had indeed known how to compensate themselves, having not only exercised the law-giving power over the common shopkeepers and others to a high degree, but moreover having infringed upon the Company's own sovereignty and authority, by introducing a change into the rate of this money at their own discretion, and most likely not one

Dutch transcription

203 —. Lieutenant - - - - : 126. Perzoonen P=r Transport met - - - - - - - 542. -. -. 62. „ 76. 50. 14. Te Nagapatnam 1. Boekhouder Supernumerair als agent. . . „nu volgen de Inlandse krijgers en bediendens. Sipaijs 127. Perzoonen te zamen - - - - – - – - - - 542. 6. Zergeants - - - - 10. Corporaals - - - - 150. Te Zamen - - - 3. Vendrigs - - - - - 130. Gemeene — - - „ 1. Capitain - - - - 44. gemeene pions, met primo Maart te rekenen - - - - 52. Te zamen - - - - - - 1 Onder Hoofd Sion - - - - - - - - - - - - - - - 1. — 6. Moorsche Pion. . . . . . . . . . . . - - - 12. — 1. Hoofd Pion - - - - - - - - - - _ _ _ _ _ - _ Pions 44. —. 21. 65. 27. 79. - Volgens besluit van den 6. December 1790: zijn de Ondertemeldene, als overtollig of te veel, gedestineert om bij gelegenheit naar Ceilon te Vertrekken; als: 4. van Palliakatta 1. „ Portonovo die reets uit den dienst ontslagen 1: „ Palicol 1. „ Iaggernaikpoeram zeedert ontslagen 3. „ Bimilipatnam, ofte te samen. 10. Perzoonen. - - - - - - - Bepaald in 1785. alhier in A:o 1791. -: -. 6. 4. — - - - - - - - - - 10. 6. —. 3. 2. —. - - - - - - - - 130. 104. — —. - - 117. „ Compagnien- . - . . . . . - - - - - 2. 62. 14. 77 50. 77. de Memo„ in 1785: woordige rie van Mé van Schikking nagie Ceilon van 1790. Meerder Minder Bepaald bij Bepaald Na den tegen„ Hier 1 4 . . . . . . . . . . . - . . . . . . . . . . . - - 1. 1. 34. 26. 4. 2. 1. 1. 1. 1. 1e leij1 Tlken 6. dit reed ve 1785 912 dit Generaal verslag, en tardlance daarmeede glesen denden van gebotendanetieden 398: Hier meede zouden owe, als na gewoonte, ten einde zijn van eene ordinaire generaelen beschrijving; maar in deese, vervattende zoo veele extra ordinaire gevallen die de wijlloo„ pigheit en tevens veroorsaakt hebben dat en noch wel eenige dagen in de aanstaande maand zullen verloopen een ze gereet raakt, en met alles wat 'er toebehoort is afgekopi„ eert, zijn we verplicht noch twee pointen ter needer te stellen eer we ze konnen be„ sluiten. beeijding nop: de zakr den dao 399. Het eerste is een aller hatelijkste onder„ werp ofte de Munterij der Dabboes, een zaak die in A:o 1753. met een zeer goet oog„ merk ingesteld, doch niet bepaelt genoeg ge„ reguleert en waar uit dien volgende buiten eene ongeschiktheit in de gestelde waarde, ook geresulteert is eene willekeurigheit, eindelijk bedrog en valsheit in het slaen en uitventen van dezelve. Om 2. 4. 26. 34. 6. 21. 27. ell bij oenminting vrugtelosondrbek na e ongede ƒ400 Om te weeten wat onkosten 'er eigen„ lijk vallen op de verminting en om u Hoog Edelheeden een klaarder en duijdelij„ ker elilcidatie wegens deese affaire voor oogen testellen als in 1788. geschiet is tot antwoort op het voorkomende bij Par. 96. en 97. van Hoog Derselver meerm Riscriptie van April A:o pass. o, is ten dage der besoigne hier over, ofte den 4. 8ber: P: L:, de factuur houden gedemandeert bij de Boeken van Iaggernaik poenam na te gaan en bij berigt aan de vergaedering op tegeeven wat daer van bij die Boeken voorkomt en welke ongelden er voor de vermunting van Dab„ boes bij dezelve de Compagnie in reekening word gebragt. Maar na zijn, ter bij eenkomst van den 10. December daar aan, gedient Rap„ port was dien aangaande bij de Boeken niets te ontdekken, wijl men alleen genoteerdt vond hoe veel Dabboes en, na aftrek van de 913 B rokiel geden de ongelden der vermunting /:zonden te specificeeren welke:/ voor het ten die fine afgeleverde koper uit de Munt zijn afgelevert geworden; zoo dat dit de eerste blijk van agterhouden„ heit op leevert. - vor onderstuld mitighedin dat § 401. Het is eene te bekende waarheit die gevolgelijk geen breedvoerig vertoog vereischt dat de Dabboes om de Noort de meest courante gelt specie is onder de gemeente en zelffs kan dienen tot een Negocie penning indien er een benedeneerde order in paijs opgesteld word gelijk door de vreemden die meer met dit koper als ander gelt haere inzaemen en allerhande betaelingen doen en waar in men hen al lange zou hebben konnen navolgen, indien de geene welke dat directelijk concerneerde, daar op waaren bedacht geweest en, met ter zijde stelling van eige 204 kende nop: wissel oursen minwaarde derselve eige belang daar omtrent proevan genomen en voorstellen gedaan hadden, lieven dan zich telaeten weg sleepen door conceptien van Inlanders, en bij schaedelijke gewoon„ tens niet alleen te blijven, maer zaeken te onderneemen die haar eige Eer krenken en de Comp:e benadeelen, daar het een zaer essentieel point zou zijn in dien het koper gelt zoo courant kon worden. gemaekt dat men niet verleegen be„ hoefde te zijn, hoe men de nodige ver„ strekkingen tot den inzaem zou kon„ nen vinden, ingevolgelijk tot den vertier van het koper de Comp. e aanmerkelijk onderzoeken bevinding vandenborst gete„ voor deel toebrengen. Met dit oog„ merk is 'er, na dat de Eerstgetekende, gelast na de klagten van vervalsching on„ derzoek tedoen, door den koopman van Bijland was geinformeert wegens de cours van dit brokkelgeld, onderscheidene vragen tot 204 914 tot informatie en elucidatie aan de be„ dienden om de Noort zijn voorgestelt, en dat daer op ook zeer breetvoerig is geant„ woort, zonder met het wezenlijke, der zaeke, ofte iets anders voor den dag te komen, dan te blijven bij het oude en te beweeren hoe daukkent de verstrekking van dat soort van gelt was voor 'sComp. s dienaar met het zelve haere gasie en kostgelt betaelt wordende; daer nogtans die schaeden maar alleen word gevoelt bij 't Compagnies mindere Dienaren, wijl de gewesene opperhoofden zich wel hadden weeten te dommageeren, als de wet geevende, macht over de Gemeente„ winkelaers en andere niet alleen in een hooge qraad geoeffent, maar boven dien zich aan 'sComp. s eige Hoogheit en gezagh ver„ greepen hebbende, met op eige goet dunken„ in de Cours van dit gelt, eene verandering te introduceeren en aller waarschijn lijkst niet men

NL-HaNA_1.04.02_3877_0860 view scan ↗

English

to form a plan with one another that disadvantaged the Company and brought advantage only to them; namely, by supplying to the Mint up to 12 to 14 percent less copper in weight than a bahar of that metal actually yields in dabboes, or by demanding so much more of that specie from the minters as a bahar of copper produces, in which case the dabboes were the same in quantity, but in real weight less, yet not debased or in circulation equivalent to other dabboes calculated according to the exchange rate. At least this is the meaning of the reply from Bimilipatnam recorded in the Resolution of 2 November, and so the Jaggernaikpoeram commissioners also understood it in their apology dated the 12th and minuted in the resolution of 31 December last, where also is inserted a report from the trade administrator to demonstrate that, through the agio on salaries, the Company's servants need lose no more than 71 dabboes instead of 105 pieces, as is actually the case through the aforesaid fraud and the Company's price of the pagoda in comparison with those circulating there, for the servants whose wages and subsistence allowance are paid therewith. This is essentially the state of affairs in brief. The more detailed account, or everything that has been presented in that regard, whether in the Jaggernaikpoeram letter dated 22 April 1790 by the then chiefs Van Halm and Van Someren, and thereafter written by the commissioners Westhusius and Schliephaken, or by the Bimilipatnam second Dormieux for his exoneration, would run much too long to repeat word for word in this document. We therefore very humbly request to be permitted to refer to the said letter, likewise to our Resolutions dated 2 November, 10 and 31 December 1790, as well as 21 January last and today, since everything can be found therein regarding what is mysterious in this matter and the disadvantage suffered by the Company's servants, as stated by the said officials, as well as that the charges for minting amount to 826 dabboes per bahar. Further, order was given to Jaggernaikpoeram regarding the fact that the commissioners Westhusius and Schliephaken have been ordered to demonstrate, by means of a yield of the minted copper in the financial year 1789/90, and to deliver that to the new chiefs of Jaggernaikpoeram for further investigation and assessment, showing them at the same time how these now reported charges were found or where they were previously calculated and accounted for. And whereas the opinion of Your Right Excellencies in paragraph 96 of the frequently mentioned rescript of April 1790 clearly demonstrates how in the year 1788 one ought already to have stated how many more dabboes per pagoda ought to have been supplied to the Company's servants beyond the 168 that they only receive, and whether a profit on the Mint would then still remain for the Company, it was resolved at the aforesaid meeting of 31 December to have a demonstration drawn up, from all the representations submitted from time to time regarding the payment in dabboes and the loss occurring thereby for the servants, as to how it could be arranged, without loss to the Honorable Company, to make good the loss for the said servants. This commission, which was assigned to the trade administrator Wouter Pietersz, has been fulfilled, and the report inserted in the Resolution was submitted at today's meeting, whereby it appears as clear as day that, along with what is evident elsewhere, the loss of the servants must truly be attributed to nothing other than that no distinction was made between the profit the Company ought to make on the copper through minting and that which it enjoys through sale, since in both respects it has always remained on one and the same footing since the year 1753/54, notwithstanding that times have changed vastly since then and that price can no longer be obtained for the copper as when the mint was introduced, and since then it has indeed been reduced at the retail market, but at the Mint it has remained on the same footing as at the introduction, namely per bahar Pagodas 95. 7. 7/8. Carried forward Pagodas 95. 7. 7/8. Reference to the inserted report and the disadvantage of the proposal therein whereby the 105 dabboes come to be lost on one pagoda. On which, at that time, no loss was suffered, for the Madras pagoda could then be exchanged for 190 dabboes, and that amounted to 168 dabboes for the Nagapatnam pagoda, which was calculated against it at 17 1/2 percent. The provision of dabboes is thus not arranged to gain an advantage thereby to the prejudice of the Company's servants, but to make the vent of copper more considerable. But the decline of the price now causes that, besides the 14 1/2 percent on the salary, the servants, with the provision of 168 dabboes, suffer a loss of 38 1/2 percent, which comes to 105 dabboes per pagoda. Whereas, if the provisions were made according to the exchange rate, the quantity of dabboes per bahar decreasing and the price of copper, calculating according to that of the market, or as at present at 80 pagodas the bahar, setting the rate in dabboes at 228 1/4 per pagoda, it would yield for the bahar of copper upon minting 66. 21. — and the Company would retain an advance of 14 7/8 percent or Pagodas 28. 10. 1/2, which, according to the previously calculated gain, makes a difference of pagodas 21. 8. 10 or 76 7/8 percent to the disadvantage. The report itself will reveal the matter more clearly to Your Right Excellencies, and although according to the present conditions of the time, in

Dutch transcription

met elkanderen te formeeren een Plan, dat de Comp:e benadeelt en haer alleen voordeel toebragt; met namelijk tot 12. â 14. prC:t koper in gewegt aan de Munt minder te verstrekken als een Baer van dat =metael eigenlijk aan Dabboer uitleevert, of zoo veel meer van die specie van de vermunters te vorderen als een Baer koper produceert, in welk geval de Dabboes in quantiteit het zelve, doch in gewigt reëel minder even wel niet ver„ valscht of in decours gelijkstandig waeren met andere Dabboes na de wissel Coers gereekent, ten minsten dit is de meening van het antwoord van Bimilipatnam genoteert ter Resolutie van den 2. Nov„ en zoo bequeepen de Iaggernaikpaeramse gecommitteerden het ook bij haere apolagie in dato 12. en geverbaliseert bij besluit van 31. December laastleeden, alwaar ook ge 915 ven en resolutien. geinsereert staat een berigt van den Ne„ gocie overdraeger ten betooge dat, door het opgelt van soldijen 'sComp. s Dienaaren niet meer dan 71. Dabbaes insteede van 105. stuks behoeven te verliesen, gelijk door de voorsz. morsseaij en 'sComp. s prijs van de pagoot, in vergelijking van aldaar roulee„ rende, voor de Dienaaren wien gasie en kost„ gelt daer mede betaelt word, eigenlijk het geval is. efortin daten verder aan voren 402 Dit is in het wezenlijk den stael der zaeke in het kort. Het meer omstandige of alles wat derwege, het zij bij Iaggerneukpoeramse brief de dato 22. April 1790. , door de toenma„ lige opperhoofden van Halm en ran someren is vertoond en daar na, door de Gecommit„ teerden Hethusius en Schliephaken, ofte de Bimilipatnams secunde Dormieur tot zijn dechaage is geschreeven, zoude veel te veare uitloopen om het alles in deese ongelden bij vermunting. deese woordelijk te herhaelen. wij versoeken derhalve zeer oodmoedig om dus aan de gem. Brief, item aan onze Resolutie in datis 2. Nov. , 10. en 31. Dec:r 1790. mitsg:s 21. Ianuarij Io Leeden en heeden te moogen gedraegen, nadien daar bij alles is te vinden wat wegens het mijsterieuse in deese en het nadeel dat 'sComp. s dienaren lijden, door gem. bedienden word opgegeeven als meede dat de ongelden bij vermunting te staen komen op 826. Dabboes per Baer„ verder gegeven lastna Cappemaikp:r mop:s dat de gecommitteerden Weshusius en schliephaken gelast zijn te demonstreeren door een Rendement van het vermunte koper en het Boekjaar 17 3/90 en dat, ter „ nader ondersoek en beoordeeling aan den nieuwe opperhoofden van Iaggernaikp: ter hand testellen, hen tevens aan wijsende hoedanig die, nu opgegeven ongelden gevonden of waar die bevoorens bereekent en opge„ „bragt Cmin 916 demonstratie uijt een ingekomen §403. beriskt nop:s de verstrekking van dit geld vaan de dienaaren. bracht zijn. Aan nademaal de meening van u Hoog Edelheeden bij par: 96. der veelmaals gemelte Riscriptie van April 1790. duijdelijk aantoond hoe men in Ao 1788. bereeds had behooren op te„ geeven hoe veel Dabboes en voor een pagood aan 'sComp:s bedienden meer hadden behooren te worden verstrekt als de 168. die zij maer genieten, en ofer dan noch winst op de Mun„ terij voor de Comp. zoude overblijven is ter ver„ gaedering van 31. December voormelt be„ slooten, om uit alle de van tijd tot tijd ingekomen vertooningen wegens de betaeling met Dabboes en daar bij plaats hebbende schaede voor de Dienaaren, te laeten op„ maeken eene demonstratie, hoedanig het zou konnen worden geschikt om, buijten schaede van d' E. Compagnie, het verlies, voor gem: Dienaaren, Daagelijken temaaken. §404 Aan deese commissie, welke den Negocie soeken k vonde ge¬ Negobie overdrager wouten Pietersz: is opge„ draegen, is voldaan en ter vergaedering van heeden ingedient het bij Resolutie geinseltert staande berigt, waar bij het zich zomne klaer voor doet dat, met het geen elders blijkt, de schaede der Dienaaren waarlijk aan niet anders moet worden toegeschreeven„ dat dat men geen distinctie heeft ge„ maekt in de winst die de Comp e op het koper dient te hebben door de vermunting en die zij geniet door den verkoop, wijl 73 het altoos, in beide opzichten, zedert A:o 175¾4. op een en dezelve voet is gebleeven, niet tegens taande de tijd zeedert machtig verandert en voor het koper die prijs, niet meer temaeken is als toen de munt geintroduceert en zedert bij den reatheer, wel vermidert, dogh met bij de Munt, op dezelve voet gebleeven is, als bij de introductie te weeten 917 waar op, in die tijd, geen schaede werd geleeden. want de M. d. b. Pag. kon men toen verwisselen voor 190. Dabboes en dat maekte voor de Nagap. Pag. , die daar tegen wierd benekent tot 17.½. prC: t Dab. 168. uit. De verstrekking van Dabboes is dues niet ingerigt om daar door tot prejuditie van 'sComp. s Dienaaren, voordeel te behaelen, maar om den Debiet van het koper aanzienelijker te maeken. Dan het verval van de prijs maekt nu dat buiten de 14.½. p:r C=to op de soldije de Dienaaren, bij de verstrekking van 168. Dabboes een verlies ondergaan van 38.½. p:r C:to welke weeten P=r Bhaer - - . . P. r/o 95. 7. 7/8. Transporteere bovonst de t Pr Transport P /o 95. 7. /½. referte aa 't geinsereert bericht § 405. en nadeligh: van het voorstel daar bij de 105. Dabbaer op een pagoot koomen uittekoomen maaken. Daar, indien de verstrekkingen geschiede na de wissel kouas, de quantiteit Dab„ boes per Baer vermeenderende en de prijs van het kooper, reke„ nende na die der maakt, ofte gelijk thans tot 80. pag. de Baer, stellende de bepaeling in Dab„ boes tot 228:¼. per pagoot, en voor de Baar kooper bij vermine„ ting zou Proflueeren - . - - - - „ 66. 21. — en de Comp. een advans behouden van 14. 7/8. pr C=to ofte. . . . P. r Co 28. 10. ½. dat na het te vooren bereekende aan— winst, een verschil uitmaakt van pag. 21. 8. 10. ofte 76. 7/8. pr C. o ten nadeelen. Het berigt zelve zal u Hoog Edelh: dezaek klaarden ontvouwen, en alhoewel na de tegenwoordige toestands des tijds, in

NL-HaNA_1.04.02_3877_0867 view scan ↗

English

occurs. in comparison with the number of 30 and more years past, that proposition and calculation in itself, reasoned according to truth and equity, it seems to be too great a disadvantage for the Company to have to lose so much upon minting in comparison with the sale, which, if one can make 80 pag. per Baer for the copper, results in 107 7/8 p:r C:t. Another calculation appearing in the first signatory's separate commission seems to be more solid and tolerable. But since it comes from a side with which the other or the calculations in the North do not at all agree, not even touching upon such an opinion, as if this had to be kept hidden, namely the value of the Dabboes pro rata 5.7. 1/2 7. 3/4. 6. 21. — 10. 1/2. - part. rata of that of the Pagoot or the Rupee, we have, in order to devise everything possible toward determining a peremptory arrangement regarding the payment in the said copper money, and to see whether thereby the truth of what the separate report includes might come to light, namely that the Dabboes throughout the North are everywhere a current trade coin with which one, even in the linen quarters, can manage infinitely better than with the Pagoot or Rupee, which, for payment to common laborers, such as weavers and others, must be exchanged into Dabboes, that for the Company, if it followed the maxim of the foreigners in that regard, it would yield, even in the expenditure of such money, an advance of 125 p.r Cent, according to the resolution of 21 Jan. repeatedly mentioned, on that day, the second Dormieux, then still exercising authority at Bimilipatnam and not inexpert in this matter, was asked to take into consideration whether an acceptable means might be found to fix a set price on the Dabboes in such a proportion with the Rupee that they could circulate in trade as well as in all other expenditures, and whether thus, with a certain lower profit on the copper in minting than in sale, by such a determination the variation of the exchange rate must not lose its force, at least not cause that instability and inconvenience which seems to be the case by calculating too many Dabbaes per Pagoodt or Rupee, regarding which a conclusion must be reached for a medium of the value of the Rupee to that of the Dabboes, and fixed once and for all how many Dabbe, according to the rise and fall of the exchange rate, the Rupee ought to constitute, preferring this because it, throughout the entire North as the standard coin in trade and daily expenditures, has a more stable rate than the Pagoot, besides the fact that this differs from the Nagapatnam or [illegible] Pagoot running in the books, upon which therefore no such certain calculation can be made as upon the Rupee, noting that, if the Dabboes of the Company, as Dormieux had shown, fully equal those of others in weight, and in the currency among the common people are regarded as of better value, being of better copper, then naturally the question arises from what originates the considerable differing weight of the one compared to the other, as appears among others upon reweighing in the government, on the occasion of a formal hearing held on the 8th of January before the first signatory for the examination of the suspended Chief Administrator van Halm on the one hand and his successor out of function, the merchant van Bijland on the other, with Dabboes sent to him by Your High Excellencies for investigation, item, those ordered from Jaggernaikp- and Bimilipatnam, and the sorts specified in the report inserted into the Resolution of 21 January, which report Dormieux was permitted to submit, why among those of the Company's Mint good and bad Dabboes are found, and especially those of Bimilipatnam, absolute necessity of price regulation in this matter. the advantageous supposition therein, if the same are not made too light or counterfeit. However the matter may present itself, it is and remains certain that the Company's interest requires setting one price on copper for minting and another for sale; for, assuming that the former had to decrease to 125 pr C:t in order to make the Tabbaes serve as current coin in trade, how advantageous would it not be, first, by minting the money, to obtain that advance, and then to be able to collect Returns for it, through a coin which, in itself, has already yielded so much profit; thus promoting the sale of copper in that manner and contributing very much to the greater risk on awaiting favorable disposition f. 408 on the one and the other. in the shipment of Gold, which achieves nowhere near that profit, at times yielding only loss, to cause it to cease, and instead of Gold to balance trade with copper, and to let the supplies to the Servants take effect without loss. We shall be very pleased if, out of the multitude of information, at least one case may appear to Your High Excellencies as pleasing, and that Your High Excellencies, penetrating matters infinitely better, will be able to make a disposition in this regard, both for the best and well-being of the Honorable Company and to relieve those who not without reason lament over the loss suffered and to accommodate them in such a way as Your High Excellencies with

Dutch transcription

206 918 voorkomt. in vergelijking van het getal van 30. en meer Jaaren herwaards, die stelling en beree„ kening op zich zelfs, na de waarheit en billijkheit is, beredeneert, schijnt het voor de Comp. een te groot nadeel te zijn van bij de vermunting zoo veel te moeten verliesen in vergelijking van de verkoop, die zoo men 80. pag. per Baer voor het koper kan maeken uitkomst op 107. 7/8„ p:r C:t welk nder berekrning seden 06 Eene andere bereekening bij des Eerst„ getekendes apart Commissie voorko„ mende schijnt solider en draegelijker te zijn. Dan vermits die komt van eene zijde waarmede de andere ofte de berekeningen om de Noort geheel met instemmen, zelfs een zodanig gevoe„ len niet aanroeren als of dit onder staelen en banken moest gezet worden, „namelijk de waarde der Dabboes na rata 5.7. ½ 7. ¾. 6. 21. — 10. ½. - deele. rato van die der Pagoot of de Ropij, heb„ benwe, om al wat mogelijk is uittedenken ter beroeming van een peremptoire schik„ king nopens de betaeling in het gem: koper gelt en om te zien of daar door niet aan den dag wil komen de waarheit van het geen het apparte bericht includeert, namelijk dat de Dabboes om de Noort over al een courante Negotie penning is waermede men, zelfs in de Lijnwaat quartieren, oneindig beter te regt kan raaken als met depagoot of Ropij die, tot betaeling aan gemeene Arbeids lieden, gelijk wevers en anderen, in Dabboes moet verwisseld worden, dat voor de Comp. indien ze de maxiie der vreemden daar omtrent navolgde, zelfs in de uitgave van zulk gelt een advans zou geeven van 125. p. r Cent, uitwijsens besluit van 21. Ian. meermelt, den 919 6 milip=m heb„ gevoenre Contanten daarop en iten dien dage den secunde Dormieux toen te Bimilipatnam nog het gezach roeren„ de, en in dit stuk van zaaken niet on„ bedreeven. in consideratie gegeven, of er geen aanneemelijk middel is uitte„ vinden tot het fixeeren van een vaste oprijs op de Dabboes in zoo een eevenree„ digheid met de Ropij, dat ze kon rouleeren en den Handel zoo wel als in alle andere uit gaven, en of dus met een zeekere mindere winst op het koper bij vermunting als bij verkoop, bepaaling de variatie door zoo eene der wisselcours niet haare kracht moet verliezen, ten minsten die onge„ stadigheit en ongelegenheit niet ver„ oorzaeken, welke het geval schijnt te zijn door te veel Dabbaes per Pagoodt ofte Ropij te reekenen, waar omtrent dient te worden geconcludeert tot een me t medium van de waarde der Ropij tot die den Dabboes en eens voor al gestelt hoe veel Dabbe na maete van het rijsen en daelen der wissel cours, de Ropij dient uit te maeken, prefereerende deeze, om dat die, over de gantsch Noort als de standaert penning in den Handel en dagelijks uitgaven„ een bestendiger cours heeft als de Pagoot, behalven dat dese verschilt met de bij de Boeken loopende Nagapatnamsche of ter Pagoot, waar op dus geen zoo seeker facit is te maeken als op de Ropij, onder aanmerking dat, zoo de Dabboes van de Comp. /: gelijk Dormieux had vertoond:/ die van anderen in gewigt ruim evenaren, en in de Cours onder de gemeenten van beter waarde geacht worden, als van beter koper zijnde, als dan natuurlijk ontstaat de vraag waar uit henkomstig is 2071 920 is het aenmaakelijk verschillend gewigt van de eene met de anderen gelijk onder anderen blijkt bij naweeging in het gouver„ nement, ter gelegenheit van eene op den 8. Ianuarij voor den eerst getekenden gehou„ dene plechtige comparitie ter verhoor van den gesuspendeerde Hoofd Administra„ teur van Halm ter eenre in zijn opvol„ ger buiten functie den koopman van Bijland ter andere zijde, met Dabboes door u Hoog Edelh. hem ter onderzoek toegezonden, item, van Iaggernaikp-. en Bimilipatnam ontbodene, en bij het ter Resolutie van 21. Ianuarij geinsereert berigt gespecificeerde soorten, welk bericht aan Doamieux is toegestaan om op te geeven, waarom 'er onder die van Comp. s Munt, goede en slegte Dabboes worden gevonden, en inzonderheit die van Bimilipatnam, zoo de en tig absolute noodsaakelijkheid t prijd 407. reguleering in deesen. den oordelig voronderstlling daar in zoo deselve niet te ligt gemaakt of vervalscht zijn. Hoe de zaak zich mag voor doen, het is en blijft zeeker dat 's Comp. s belang meede brengt om een puijs testellen op het koper bij vermunting en een andere bij verkoop.- want, genoomen dat het eerste moest afdaelen tot 125. pr C:t om de Tabbaes tekonnen doen dienen tot courante specie in den Handel, hoe voordeelig zoude het niet zijn om, voor eerst door het slaen van het gelt, dat advans te behaa„ len, en dan daar voor Retouren te konnen verzaemelen, door een specie „veel die, op zich zelfs, reets zoo „ winst heeft gegeven; dus den debiet van het koper, op die wijs bevorderen en zeer veel contri„ bueeren zoude, om de meerdere Resico op taen inwagt in „ 921 inwagting van gunstige dispositie ƒ 408: op 't een en ander. in de verzending van Gout, dat lange na die winst niet behaelt somwijl maar verlies afwerpt, te doen ophouden en in steede van Gout met koper den Handel tedoen rond staen, en de verstrekkingen aan de Dienaaen zonder schaede, te kon„ nen laeten gevolg neemen. Wij zullen zeer in onze schik zijn indien uit de menigte van Jnformatiëun, u Hoog Edelheeden ten minste en eene gevallen mag voor koomen na wel en dat u Hoog Edelheeden, de zaeken oneindig beeter penetrerende, hier om„ trent een dispositie zullen konnen neemen zo wel tot best en wel zijn van de E: Maatschappij als om de geene die niet zonder reeden voleeren over de schaede te soulageeren en zooda„ geledene nig te gemoet te komen als u Hoog Edelh: met et de ante „ ae„ e

NL-HaNA_1.04.02_3877_0874 view scan ↗

English

former Gesaghebber Tadama, to De Raeff. reply. will judge to be in accordance with justice and fairness. transfer of the toll book by Tadama. 409. The other or final point in this which still requires citation, is that which was ordered in par. 98 of the aforementioned rescript of 27 April 1790 concerning the toll book and the accounting of the toll. We therefore have to demonstrate in that regard that, according to the note in the resolution of 4 October last, a small book containing the amount of the tolls collected by him from September 1789 until August 1790 was delivered by the outgoing Gesaghebber Tadama to the trade bookkeeper De Raeff, who is also the toll bookkeeper; the tolls now being collected by the aforementioned trade bookkeeper in order to be accounted for every six months to the Company; and under today's date, Pag. 290. 17. 5 has been paid to the Company for the first six months of this financial year. The aforementioned toll book is transmitted under the annexes to this. delivery of the list of deserters. 410. Concerning the deserters, both from the land and the ships etc., during the financial year 1789/90, we have the honor to present a list herewith. Having acted with respect to the deserters who came to us according to the cartel with the English, we shall communicate that in the secret letter. But since it is said never to have been in use here, what was established concerning the summons of missing persons and those absent from the Company's service by extract from the general resolutions of the Castle of Batavia of 20 August 1753, we take the liberty to inquire whether it shall be left at that, or whether that law shall also be enforced here or on the Coast of Coromandel. Conclusion. §411. We conclude with our fervent wish for God's blessing upon the interests of the Honorable Company and your High Noble deliberations and revered persons; having the honor to remain with the most perfect respect. Underneath stood: High Noble, widely ruling Sirs! Your High Nobles' humble and very obedient servants, Was signed: Jacob Eilbracht, J: D: Simons, J: S. De Raeff, J: J: Winkelmans, F. W. Bloeme, and J. J. Wasz. In the margin: Palliacatta, in Castle Geldria, the last day of February, Anno 1791. Agrees Jn. Obhantk clerk No. 7 Register of the papers which are dispatched per the ship Horsen, and respectfully addressed to His High Nobility, the High Noble, most honorable, widely ruling Lord, Mr. Willem Arnold Alting, Governor-General, and the Right Honorable, most honorable Lords, Councilors of the Netherlands Indies, Etc. Etc. Etc., by the Right Honorable Sirs Nicolaas Tadama, Senior Merchant and outgoing, and Jacob Eilbracht, Senior Merchant and incoming Gesaghebbers of this Coast of Coromandel with the jurisdiction thereof, together with the Council at Palliacatta, namely: No. 1. Original general missive to the address as stated at the head of this, under today's date. No. 2. Duplicate general letter to the same as above, dated 26 March last, dispatched via Ceylon. No. 3. Copy register of the papers dispatched therewith. No. 4. Ditto letter to the Right Honorable, most highly esteemed Lords Directors at the Chamber of Amsterdam, dispatched with the packet boat De Expeditie under date of the 7th of this month. No. 5. Ditto ditto on the very same date, and with the said packet boat, to the Honorable, most highly esteemed Lords Directors at the Chamber of Delft. No. 6. A sealed packet containing duplicate missive directed by the outgoing Gesaghebber and the Council to their said High Nobles. No. 7. A sealed packet directed by the outgoing Gesaghebber to their High Nobles. No. 8. A ditto ditto from the incoming Gesaghebber, addressed as before. No. 9. Copy of resolutions taken in the Council of Coromandel at Palliacatta from 11 March to 24 September last. No. 10. An extract minute of what was resolved in the Council of Coromandel on the 15th of this month, regarding the findings on the unloaded cargo of the ship Horsen. Annex: Note of the general findings, with the remarks and marginal decisions thereon. Copy of the report of the judicial commissioners who, in the presence of the Fiscal, weighed and garbled the 27 chests of nutmegs littered with cloves that were delivered. No. 11. Copy of the address of the captain of that vessel, G: P: Gas, directed to this government regarding the shortage upon delivery of his cargo; in which he specially complains about the slow shipment and bad storage places for the goods brought ashore. No. 12. Copy of a secretarial declaration granted at his request on the 4th of this month by his superior and petty officers, regarding the extraordinary leakage of his arrack leaguers. No. 13. Answer of the Warehouse Keeper De Raef to the aforementioned address of Captain Gas regarding the delivery and storage of goods. No. 14. Extract resolution taken in the Council of Coromandel on 28 September last, regarding the supply of requested necessities for the aforementioned Captain Gas on behalf of his vessel for the voyage to Batavia. No. 15.

Dutch transcription

2081 weesen Gesagh:r Tadama, aan de Raeff. antwoord. met de gerechtigheit en billijkheit zullen oordeelen over een komstig te zijn. overgave va 't tol bak doordngen 409. Het andere of laaste point dat in dese noch aanhaeling vereischt, is het geordonneerde bij par. 98. der veelm. t Riscriptie van 27. April 1790. aangaande het Tolboek en de verantwoording van de Tol: wij hebben dan de eene dien aen„ gaande te vertoonen, dat, uitwijsens aantekening ter Resolutie van den 4. 8ber. I oLeeden door den afgegaene Gezackhebber Iadama, aan den Ne„ gocie boekhouder De Raest tevens zijnde Toeboek=houder, is overgelevert een Boekje van het bedraegen der door hem ingezaemelde Tallen, zeedert hoede tolntan wordeningevoroderd en ve„ sept. r 1789. tot Aug.:s 1790.; wordende de Tollen als nu door gem: Negocie Boekh: ingevordert, om alle zes maanden aan de 3 2081 922 aanbod van 't Tolboek. van de Engelsche. voortaan dienen ingedaagt te worden. de comp. te worden verantwoordt; en onder huidigen datum is over de Eerste ses Maanden van dit Boekjaar aan de Comp. voldaan Pag: 290. 17. 5. Het Toeboek voormelt gaat onder de Bij„ laegen deses over stan vende eist den dertuws 140. Van de Deserteurs zoo van land als de scheepen ens3. geduurende het Boekjaar 17 28/90. hebben wij de eere een reporte an secrte brie mo:s voroges Lijst hier nevens aan tebieden. Omtrent de tot ons komende overlopers gehan„ delt zijnde na het cartel met de Engel„ schen zullen wij dat bij de secrete brief vraage of deserteurs hier ma oude ordre bedeelen. Dan vermits men zegt hier nimmer in usantie geweest te zijn het geen wegens de indaging van vermiste en uit 's Comp:s dienst absent geraakte Persoonen is gestatueert bij Extrakt uijt de generaele Resolutien des Kasteels Ba„ en aan T slot. Batavia van den 20. Aug.:s 1753., nemen we de vrijheit te verzoeken of het daar bij gelaeten, dan of die wet ook alhier ofte op kormandel in riguur zal gebracht worden. §411. Wij besluiten met onse vierige wensch van Godes zegen over de belangen van de E: Maatschappij en uwer Hoog Edelh: gewichtige deliberatien en gevenereerde perzoonen; de eere hebbende met het volmaakste Respect te verblijven. /:onderstond:/ Hoog Edele wijdgebiedende Heeren! uwer Hoog Edelheeden on„ derdaenige en zeer gehoorsame dienaaren, /:was geteekend:/ Iacob Eilbracht, I: D: Simons, I: S. De Raeff, I: I: winkelmans, F. W. Bloeme en I. I. Wasz: /: in margine :/ Pal„ „leakatta 824 923 leakatta, dnhet Fort Geldria ultimo Februarij Anno 1791. Accordeerd Jn. Obhantk be Clare No. 7 924 Register der Papieren de welke per het schip Horsen, verzonden, en Eerbiedig g'addresseerd werden Aan zijn Hoog Edelheijd. Den Hoog Edelen groot agtba„ ren wijd gebiedende Heer, M:r Willem Arnold Alting, gouverneur Generaal. en De welEdele groot agtbare Heeren Raaden van Nederlands India Etc: Etc: Etc: door De WelEdele Agtbaare Heeren Nicolaas Tadama, opperkoopman en afgaande, en Jacob Eilbracht opperkoopman en aankomende gesaghebbers deeser Custe Corma„ del met den Resorte van dien Nevens Den Raad te Palliacatta, Namentlijk: N„o 1. Orgineele gemeene missive aan als in den hoofde deses gemeld onder heedi„ „gen gen datum. N:o 2. Dupl=t gemeene Brief aan als even, de dato 26.: te maart I: L: overceijlon afge„ zonden. - „ 3. Copia Register der daar nevens versondene Pa„ pieren. „ 4. _:o Brief aan de welEd: hoog agtb: heeren Bewind. hebberen ter Kamer Am„ sterdam met de Paket Boot de expeditie afgesonden onder dato 7. deeser. — „ 5. _:o _:o op even gemelde Datum, en met ge„ zegde Pacquet Boot aan de Edele hoog agtb: heeren Be„ windhebberen ter kamer Delft: „ 6. Een geslooten Paket met veet duplicaat missive door den heer afgaande gezag„ hebber en den Raad aan wel melde Hun Hoog Edelh: geregt. „ 7. Een geslooten Packet door den heer afgaande gezaghebber aan hoog dezelve gesuperscribeerd. - „ 8. Een d„o dito van den heer aankomende gezaghebber 925 6 annox Aanteekening van de generaale t bevinding, met de aanmerkin„ gen en marginaale Dispositien daar op Copia Rapport van de Justitieele gi„ committ=s, die ten overstaan van de Fiscaal de aangebragte 27. kisten noten met nagulen bestort, hebben gewoogen en geguarbuleerd. „ 11. Copia addres van den Capitain Dier Bodem G: P: Gas, aan deese regeering gericht. weegens de minderh=d bij uijt lee„ gezaghebber beschreven als vooren. N:o 9. Copia Resolutien genomen in raade van corman„ del te Palliacatta van den 11:t maart tot den 24. 7ber J: L: „ 10. Een Extract notul van het geresolveerde in raa„ de van Cormandel, op den 15=e deeser, nop:s de Bevinding der uijt geleeverde lading van het schip Horsen. „vering ber N=o 12. Copia secretarieele verklaaring ter zijner requisitie verleend op den 4. deser door zijne op-en onder officieren, weegens de buijten gemeene Leccagie van sijn arraks leggers. - „ 13: Beantwoording van den Pakhuijsm=r de Raef op voorm=te addres van Cap=n gas weeg=s den aanbreng en bergen van goederen. — „ 14. Extract Resolutie genomen in Raade van Cormandel op den 28. 7ber: J:o L: tot verstrekking versogte be„ nodigd heeden door voorm: Ca„ pitain gas ten behoeve van zijn Bodem voor de Reijze na Batavia. — leevering van zijn Lading; waar bij zig speciaal beklaagd over den traagen afscheep en slegte berg plaatsen voor de aan de wal gebragte goe„ deren. - No: 15.

NL-HaNA_1.04.02_3877_0883 view scan ↗

English

926 No. 15. Copy of warrant to and written certificate from the officers of the said ship Horsen, regarding the proper caulking and airing of the sails of that vessel. 16. Two original sounding reports of the draft of the same, upon arrival and departure from here. 17. Copy of report from the master of equipage Adrianus van Odijk, regarding equipage goods supplied in the past year to the said ship Horsen. Annex 1. Copy of warrant to him, Van Odijk, for the supply of various equipage goods to the said vessel. 1. Copy of receipt note dated 15 September 1789. 1. Ditto of receipt on board of equipage goods dated 3 September 1789. 1. Ditto of further receipt of 10 October 1789. 1. Ditto of a new stocked anchor of 1106 lb dated 7 June 1789. 1. Copy of note from on board accompanying the said anchor dated 1 October 1789. 1. Copy of warrant to him, Van Odijk, for the receipt from on board of an anchor of 575 lb under ultimo August 1789. No. 18. Four original reports of assayed gold and gold rupees, namely: One of 6 July last; One of 26 ditto ditto; One of 21 August past; and One of the 5th of this month. Together with Extract judicial minute of the Council of Justice of this Castle, of the swearing of those 4 reports by the assayer E. de Vries in pleno judicio on the 18th current. 19. Defense and report of the Porto Novo Resident Topander regarding the robbery of that Residency on 3 August last by the robber bands of Tipu Sultan. and ditto 927 bands of Tipu Sultan. Annex An account of what was lost to the Honorable Company in this incident, and A list of the goods salvaged and brought here by him, the Resident. No. 20. Copy of incoming letters from Nagapatnam from 26 March to 29 August last. 21. Ditto dispatched thither from 6 February to 10 September past. 22. Ditto incoming letters from Porto Novo from 15 February to 24 August last. 23. Ditto dispatched thither from 30 March to 13 August past. 24. Ditto incoming letters from Sadraspatnam from 20 March to 16 August last. No. 25. Copy of those dispatched to that factory from 20 March to the 9th of this month. 26. Ditto incoming letters from Palicol from 21 February to 10 September last. 27. Ditto outgoing letters thither from 30 March to 11 August last past. 28. Ditto incoming letters from Jagannathapuram from 18 February to 20 August past. 29. Ditto outgoing letters to that factory from 14 April to the 9th last. 30. Ditto incoming letters from Bimilipatnam from 19 March to 8 September past. 31. Ditto outgoing letters to that factory from 14 April to the 9th last. No. 32. 928 No. 32. Copy of circular letters to the subordinate factories from 14 July to the 5th of this month. 33. Copy of outgoing letters to the respective outer quarters. 34. Extract letter from the bookkeeper P. J. Dormieux dated Nagapatnam the 15th of this month and addressed to the honorable outgoing commander, containing intelligence concerning the war between the English and Tipu Sultan. 35. Two letters under flying seal by the orphan masters here, addressed to the honorable orphan masters at Batavia. 36. A copy petition of Captain Gas addressed to the government here, wherein he requests to be permitted to account for his empty leagers at Batavia. 37. Original extract journal of Captain Lieutenant J. Zoeteman, commander on the packet boat De Expeditie, kept on his voyage from Bengal hither with the honorable incoming commander. No. 38. Extract resolution taken in the Council of Coromandel on 28 September past for the supply of the requested necessities by the said Commander Zoeteman for his voyage to Colombo, with insertion of the petition therefor. 39. Copy of instructions for the said Commander Zoeteman for his voyage from here to Ceylon. 40. A bundle containing copy of articles submitted by the honorable severe commissioners for the inspection of the state of the militia and defense of the possessions of the Honorable Company in India, J. S. Vallant, C. A. Verhuell, and J. F. L. Graevestein, to the honorable outgoing commander Tadama, and answered by his honor in the margin. 929 Commander Tadama, and answered by his honor in the margin. Annex. 1. Original statement of the state of the infantry here, made by the head of the militia, Captain Lieutenant J. J. Winkelmans. 1. Ditto by the head of the artillery, the extraordinary Lieutenant W. J. C. Nieuwer. 1. Ditto of the maritime service by the master of equipage A. van Odijk. 1. Ditto of the hospital by the chief surgeon P. H. Meppen. 1. Answered articles by the said chief surgeon, likewise concerning the state of the hospital. 1. Statement of remaining artillery and ammunition stores here as of the end of August last. 1. Ditto statement of weapon stores. No. 41. Four judicial decrees from the criminal roll of this Castle for forwarding to their Excellencies' honored disposition concerning the delinquents and condemned persons named therein, namely: 1. Of the boy Damon, sentenced to death. 1. Of the Jagannathapuram boat crew Cottenar Sjim Balhoe. 1. Of the deported Sergeant Zimmerman. 1. Of the arrested under-mandor of the ship Horsen, named Koa. 42. Four bundles, each containing their case separately. 43. Copy of petition of the Porto Novo Resident L. C. Topander addressed to the government here, containing a request for nomination to obtain the rank of junior merchant in his said service. 44. Extract minute of the resolution passed in the Council of Coromandel on the 15th of this month, containing a question posed in Council and

Dutch transcription

926 N:o 15. Copia ordannantie op- en schriftelijk Certifi„ caat van de overheeden van gem: schip sorsen, weegens het behoor„ lijk Calfaaten en lugten der zeijlen van dien Bodem. „ 16. Twee orgineels Pijl rapporten van het diep treeden derzelve, bij aankomst en ver„ trek van hier. „17. Copia Berigt van den Equipagie op-ziender Adrianus van odijk, weegens Equipagie goederen a:o p:o aan gemeld schip Horsen verstrekt. annex 1. Copia ordonnantie op hem van odijk ter verstrekking van diverse Equipagie goederen aan gem=de Bodem. 1. Copia ontfang Briefje ged: 15. 7be: 1789. 1. _:o van ontfangst aan Boord van Equi„ pagie goederen de dato 3. 7ber 1789. 1. _:o van nader ontfangst van den 10 8ber 174 1: _:o „ Een nieuw gestokt anker van 1106. lb ged: 7. Junij 1789. 1. Copia 1. _:o Briefje van Boord ten geleijde van gem:e anker ged:t 1. 8ber: 1789. N:o 18: Vier orgineele Rapporten van g'essaijeerd goud en goude Ropias; als: Een van den 6. Julij J:L: Een „ „ 26: _:o _o Een „ „ 21. aug:s passato en Een „ „ s:te deezer. Nevens Extract Justitieele notul van den Raad van Justitie deeses Cas„ teels, van de beEediging dier 4. Rapporten door den Essaij„ eur E: de Vries in Plaeno Judi„ cio op den 18=e Courant. - „ 19. Verantwoord en verslag van den Portonovosen Resident: Topan der weeg=s de beroving dier Besidentie op den 3=e aug:s J= l door de Roof ben„ 1. Copia ordonnantie op hem van odijk ter ontfangst van Boord van Een anker van 575. lb: onder ulto aug:s 1789. „den. en _o 927 den van Tipoe Sulthan. annex Een Reekening van het geene bij dit tot geval voor d'E: Comp: is ver„ looven geraakt en Een Notitie van de gesalveerde en door hem Resident hier meede gebragte goederen. - N=o 20. Copia aankomende Brieven van Nagap=m zedert den 26=den maart tot den 29. aug:s J:o L: „ 21. _:o afgegaane na derwaards van den 6. febr: tot den 10. September passato. „ 22. _:o aankomende Brieven van Portonooo 't zedert den 15: febr: tot den 24. augustus Jongst leeden. — ste „ 23. _:o afgesondene dat hien van den 30=te maart tot den 13. aug=s pas„ sato: „ 24. _:o aankomende Brieven van Sadras„ ste patnam 't zedert den 20=ste maart tot den 16=e augus„ „tus tus Jongstleeden. N:o 25. Copia van de afgezondene na dat Comptoir van den 20=ste maart tot den 9=e deeser. - „ 26. _:o Aankomende Brieven van Palicol van den 21. februarij tot den 10. September. J: L:. — „ 27. _:o afgaande Brieven naderwaards van den 30. maart tot den 11. aug:s Jonst. verweeken „ 28. _:o aankomende Brieven van Jagger„ naikp=m van den 18:en febr: tot den 20. aug=s p=r „ 29. _:o afgaande brieven na dat Comptoir 't zedert den 14. april tot den 9=e Laastleeden. - „ 30. _:o aankomende Brieven van Bimilisp=m van den 19=e maart tot den 8. Jber: passato. — „ 31. _:o afgaande brieven na die factorij van den 14=e april tot den 9. Laast leeden. No 32. 928 N:o 32. Copia Circulaire Brieven na de subalter„ ne Comptoiren van den 14. Ju„ lij tot den 5. deezer. „ 33. Copia afgaande Briven na de Respective Buijten quartieren. - „ 34. Extract Brief van den Boekhouder P: J: Dor„ de mieur ged: nagap=m den 15. de deezer en gerigt aan den heer afgaande gezaghebber behel„ sende narigt, nopens den oorlogtusschen de Engelsche en Tipoe sulthan. - „ 35. Twee Brieven onder cachet voland door wees„ meesteren alhier, aan de wel Edele heeren weesmeesteren te Batavia geaddresseerd. — „ 36. Een Copia Request van Capitain Gas aan de Regeering alhier gerigt, waar bij hij versoekt zijne Leedige Leggers op Batavia te moo„ gen verantwoorden. - „ 37. Orgineel Extract Jurnaal van den Capi„ tain luijtenant. J=s Zoeteman gezaghebber. gezzaghebber op de Pacquet Booth de Expeditie, gehou„ den op zijne Reijze van Ben„ galen dit heen met den heer aankomende gezaghebber N=o 38. Extract Resolutie genomen in raade van Cor„ mandel op den 28. 7ber: p=r tot verstrekking van de verzogte benodigd heeden door gem: gesaghebber Zoeteman voor zijne Reijse na Kolombo, met insereering van Request, daarom „ 39. Copia Jnstructie voor gemelde gezaghebber soeteman voor zijne Reijze van hier na Ceijlon. „ 40. Een Bondel in houdende Copia articulen door de welEdele gestr: heeren commissarissen tot onder zoek van den staat der militie en defincie van de Possessien der E: Comp: in Jndien I: 8. val„ lant, C: A: Verhuul, en I: F: L: graevestein, de heer afgaande gezaghebber 929 gezaghebber Tadama ge„ daan, en door zijn Ed: in mar„ gine beantwoord. - Annex. 1. Orgineele opgave van den staat der Jnfanterij alhier, door het hoofd der militie den Capitain Luijteant I: I: winkelmans gedaan. - T. Dito door het hoofd der Arthil„ lerij den Extra ordin: L:t W: J: C: Nieuwer. 1 Dito van de Zeevaart door den Equipagie op zigter A:s Van obijk 1 dito van het hospitaal door den opperchirurgijn P: H: Meppen. 1. Beantwoorde articulen door gem: opperchirurgijn, meede concerneerende de staat van het hospitaal.- 1. opgave van Restant arthil„ lerij en ammonitie goede„ deren alhier onder ultimo aug:s J: L: 1. Dito 1. opgave van Waapen goederen. N=o 41. Vier Justitieele Besluijten uijt de Crimineele Rolle deeses Casteels ter opzen„ ding tot hun hoog Edelens ge„ eerde dispositie van de daar inne genoemde Delinquanten en gecondemneerdens, als. - 1. van den ter dood verweesene Jongen Damon 1. Van den Jaggernaikpoeramsen Boutskeer Cottenar Sjim balhoe. 1. Van den gedeporteerden zergiant Zimmerman. 1. Van der gearresteerden onder man„ door van het schip horsen, in name Koa. „ 42. Vier Bondels in houdende ieder hunnen Pro„ ces afzonderlijk. - „ 42. Copia Request van den Portonovoschen Resi„ dent. L: C: Topander aan de regeering alhier gerigt: behel„ sen- de verzoek tot voordragt ter obtenu van de qualiteijd van onder koopman op zijn gemelde dienst-. „ 44. Extract notul van het geresolveerde in raade van Cormandel, op den 15. deeser behelsende in Raade gedaane en vraage a

NL-HaNA_1.04.02_3877_0891 view scan ↗

English

930 Separate, outgoing: Inquiry to Captain Gas regarding the equipment goods supplied in the preceding year to the ship Horsen, and his replies thereto. No. 45. Copy Register of the trade papers currently being sent over. 46. 2 Invoices of the loaded linen bales, etc., in the ship Horsen, namely: 1 ditto of the Fatherland, and 1 ditto of the Indian allocations, etc. 47. 2 separate notes, etc., of said bales. 48. 1 Bill of Lading of the aforesaid cargo. 49. 2 Expense accounts of provisions supplied to said ship, namely: 1 ditto for Batavia, and 1 ditto for Palliacatta, outgoing in triplicate, namely: 1 ditto for the Office of the General Inspection, alongside A memorandum of supplied necessities; 1 ditto for the Pay Inspection Office; 1 ditto the Equipment Wharf, annexed: A memorandum of supplied equipment goods. No. 50. No. 50. A note of what was supplied here for the benefit of said vessel. 51. Inventory of said vessel. 52. Invoice of charges. 53. A note of unfit goods which are sent to Batavia via this vessel. 54. Copy general findings of the imported gold, etc.; also merchandise, provisions, etc., by said vessel. annexed: Original Report of the judicial commissioners, before the Fiscal, concerning the findings of the imported 27 chests of nutmegs sprinkled with cloves. Together with: Extract Resolution regarding this taken in the Council of Cormandel on the 15th of this month. 55. Provisional Request for cash, etc., for the upcoming year 1791, annexed behind which: A note or list of the remaining merchandise, etc., held on this Coast; also: Catalogue of the required medicaments. No. 56. 932. 931 No. 56. Note of the remaining merchandise, etc., held on this Coast of Cormandel. 57. 11 pieces of separate returns from Palliacatta, as: 4 pieces copy dittos, namely: 1 ditto of sold 11 pieces beams, dated the last of September 1779. 1 ditto of 31 bars of gold by weight, dated 8 January 1790. 1 ditto of sold 1015 lb rejected indigo, dated 22 January 1790. 1 ditto of Dutch salted bacon and meat, dated as above. 7 pieces original dittos, namely: 1 of sold 10 bars of gold, dated [illegible] 1790. 1 of 200 leagers of arrack, dated the last of July 1790. 1 of 20 bars of gold by weight, dated 4 August ditto. 1 of 1512½ pieces of Batavian gold rupees, dated 4 ditto ditto. 1 of 287 Persian dittos, dated 4 ditto ditto. 1 of 16 bars of gold by weight, dated the last of ditto ditto. 1 of damaged guinea cloths and salempores brown-blue, dated 9 September for the last of August 1790. 58. 27 monthly returns, as: 12 pieces from Palliacatta, namely: 5 copy dittos, among which 1 corrected, of 20 November for the last of August 1789, October, November, and December 1789, and June 1790. 7 original dittos of the last of February, March, March, April, May, June, July, and August 1790, outgoing in duplicate; 2 pieces original dittos from Portonovo of the last of March and May 1789, outgoing in duplicate; 3 dittos from Sadraspatnam, as: 1 copy ditto of the last of November 1789, and dittos of the last of February and June 1790, outgoing in duplicate; 1 copy from Palicol of the last of May 1789; 6 pieces from Jaggernaikpoeram, namely: 2 original dittos, 1 copy of the last of August 1789, 5 dittos duplicate of the last of September and November 1789, February, March, and May 1790; 3 pieces from Bimilipatnam, as: 1 copy of the last of February 1789, and 2 dittos duplicate of the last of February and April 1790. No. 59. A summary of sold merchandise, etc., at the main station Palliacatta in the year 1789/90, outgoing in duplicate. 60. A rough general return of sold gold by weight, etc.; also merchandise, etc., across the whole of Cormandel in the financial year 1789/90, outgoing in duplicate; 61. Two findings or returns of 178 bars of silver bullion minted into rupees at Jaggernaikpoeram, 1 ditto as: 932 1 finding of 90 bars, dated the last of March 1790; 1 ditto ditto 88 ditto, dated the last of July 1790, duplicate. No. 62. A copy Bill of Lading of the private linen bales loaded on recognition into the ship Horsen. 63. 38 pieces of invoices sent together, of the private linen bales that were loaded into said ship. 64. Two copy registers of the Cormandel pay books, as: 1 ditto for the Fatherland, and 1 ditto for Batavia; annexed: Copy note of the pay papers being sent over on this occasion. 65. Two small boxes containing Cormandel pay books, etc., of the year 1787/8, as: 1 for the Fatherland, and 1 ditto Batavia. 66. An original register of 43 pieces pay accounts of persons who are crossing to Batavia with the ship Horsen; alongside 43 pieces original pay accounts. 67. An original register of 13 pieces original pay accounts received from Bengal, annexed: as many pieces of original pay accounts; and No. 68. A note of 4 pieces pay accounts being requested for the crew remaining here with the sloop De Zeerob. A note. 69. An original receipt roll of 2 advance months provided here to the sailors on the ship Horsen. 70. Two answered Fatherland extracts concerning the pays; annexed: An answered pay note from Batavia. 71. A sealed packet containing aforesaid pay papers for Batavia. Palliacatta, in Castle Geldria, 21 October in the year 1790. (was signed:) J: Obdam, E: G: Clercq. Agrees: Jn Oddel Liplar For reading aloud: Jn Luyken

Dutch transcription

930 Appart afgaande vraage aan Capitain gas over de in a=o p=o aan het schip hor sen verstrekte Equipagie goe„ deren, en zijne antwoorden daar op. N:o 45. Copia Register van de thans overgaande ne„ gotie Papieren. „ 46. 2. Factuuren van de gelaadene Lijwaat. Pak„ ken insz: in het schip horsen„ te weeten, 1. dito van de Patriasche, en 1. _:o „ „ Jndiasche vardeelen. &a „ 47. 2. afzonderlijke notitien z: van gemelde Pak: ken. „ 48. 1. Cognoissement van voorsz: laading „ 49. 2. onkost Reekeningen van gedane verstrecken gen aan gemeld schip, te weeten. - 1. dito voor Batavia, en 1. _:o „ Palliacatta, drie dubbeld afgaande, te weeten. 1. dito voor 't Comptoir van de gene„ rale visite, nevens Een memorie van verstrekte benodigd heeden. - 1. dito voor't soldij visite Comp„ toir; 1. d„o de Equipagie werff, annex. Een memorie van verstrekte Equipagie goederen. N=o 50. N=o 50. Een notitie van het geene alhier verstrekt is ten behoeve van gemelde Bodem. „ 51. Jnventaris van gesegde Bodem. „ 52. factuur van aanreekening. „ 53. Een notitie van onbequame goederen welke per deeze Bodem na Batavia versonden werden. „ 54. Copia generaale Bevinding van het aan ge„ bragte goud Etc: Jtem Coopman„ schappen Provisien Ensz: door gemelde Bodem. annex Orgineel Rapport van de Justi„ tieele gecommitteerdens, ten overstaan van den Fiscaal weeg=t de bevinding van de aangebragte 27. kisten noten met nagulen bestort. Benevens Extract Resolutie diend wee„ gen genomen in Raade van Cormandel op den 15. deeser. - „ 55. Provisioneelen Eijsch van Contanten, Ensz: voor het aanstaande Jaar 1791. waar agter gevoegd. Een notitie of Lijst van de ten deezer Custe berustende Restan„ ten Coopmansz: Ensz: teffens Catalogus van de Benodigde me„ medicamenten. - No. 56. 932. 931 N:o 56. Notitie van de te deeser Custe Cormandel berustende Restanten Coopmansz Enst: „ 57. 11. stux Apparte Rendementen van Pall: als 4. stuks Copia ditos, te weeten. 1. ditos van verkogte 11. p=s Balken ged: ult=o 7ber 1779. 1. _: van 31. staven goud bij gewigt ged: 8. Jan: 1790. — 1. d„o van verkogte 1015. lb: uijtschot. Jndigo ged: 22. Jan: 1790: — 1. d„o van spek en vleesch gesouten hollands de dato als even. 7. stuks orgineele ditos, te weeten 1. van verkogte 10. staven goud gd: tut mij1n90 1. „ 200. leggers arrak geEd:s ult=o Julij 1790. 1. „ 20. staven goud bij gewigt geld 4. aug:s _:o 1. „ 1512½. p:s goude ropias Bataviase „ 4. _:o _:o 1. „ 287. —. persiaanse ditol. . . . „ 4. _:o _:o 1. „. 16. –. staven goud bij gew. . . . „ ult=o _:o _:o 1. „ beschadigd guin=s en salem poeris bruijn Blaaw. . . . „. 9. 7ber: voor ult=o aug=s 1790. — „ 58. 27. maandelijkse Rendementen, als: 12. stuks van Palliacatta, te weeten: 5. Copia ditos, waar onder 1. verbee„ terde, van den 20. 9ber: voor ult=o aug:s 1789. Jber: 9ber: en december 1889. en Jun: 1790. — 7. orgineele ditors van ult=o febr: maart maart, april, meij Junij, Julij en aug:=s 1790. dubbeld afgaande; 2. stux orgineele ditos van Portonovo van ult=o maart, en. meij 1789. dub„ beld afgaande. - 3. _:o van Sadraspatnam, als: 1. Copia dito van ult=o 9ber: 1789. en „ ult=o febr: en Junij 1740. —. dubbeld afgaande. — 1. Copia van Palicol van ult:o maij 1789. 6. stux van Jaggernaikpoeram te weeten. 2. org: _:o 1. Copia van ult=o aug=o 1789. — 5. _:o dubbeld van ult=o 7ber:, en. 9ber: 1789. febr: maart en meij 1790. — 3. stux van Bimilipatnam, als: 1. Copia van ultimo febr: 1789. en 2. _:o dubb: van ult=o febr: en april 1790. N=o 59. Een Sommarium van verkogte Coopmansz: Etc: ter hoofdplaatse Pallia catta in a:o 17 3/90. dubbeld tefg: „ 60. Een Ruw generaal Rendement van verkogt. goud bij gewigt Etc: Jtem: coopmansz: Ensz: op geheel cormandel in 't boekjaar 17 89/90. dubbeld afgaande; „ 61. Twee Bevindingen of Rendementen van te Jaggernaikp: vermunte 178. staven baar zilver tot ropias 1. dito als. 932 1. bevindingen van 90. staven ged: ult:o maart 1790. „ Julij 1790. 1. _:o _:o 88. _:o dubbeld. N„o 62. Een Copia Cognoissement van de in 't schip korsen afgeleedene Particuliere lijwaat Pakken op recognitie. „ 63. 38. stux Factuuren bij Elkanderen gesonden, van de Particuliere Lijw: Pak„ ken die in gemeld schip afge„ laaden zijn. „64. wee Copia Registers van de Cormandelse soldij Boeken, als. 1. Dito voor 't Patria en 1. _:o voor Batavia annex Copia notitie van de bij deese ge„ leegendheid overgaande soldij Papieren. - „ 65. Twee kasjes met Cormandelse soldij boeken Etc: de anno 178 7/8. als; 1. voor't Patria, en 1. _:o Batavia. „ 66: Een Oriineel Register van 43. p=s soldij Reekenin„ gen van Persoonen, die met het schip horsen na Batavia overvaaren; nevens 43. stux oriineele soldij reekenin„ gen. „ 67. Een orgineel Register van uyt Bengalen ont „ ontfangene 13. stux origineele soldij reekeningen, annex zoo veel stux orgineele soldij reeke„ ningen- en N:o 68. Een notitie van verzogt werdende 4. p:s soldij Reekeningen, van de hier met de sloeft de zeerob verbleevene mansz Een notitie. „ 69. Een orgineele quitantie rol van hier verstrekte 2. goede maanden aan de zeevaa„ rende op het schip horsen. - „ 70. Twee beantwoorde Patriasche Extracten conser„ neerende de soldijen. annex Een Beantwoorde soldij notitie v=n Batavia. „ 71. Een geslooten Packetje besz: soldij Papieren voor Batavia. — Palliacatta Jn't Casteel Geldria den 21. october anno 1790. /:was geteekend:/ J: obdam E: G: Clercq. Accordeerd Jn Oddel Liplar Voort opleesen. Jn Luyken

NL-HaNA_1.04.02_3877_0899 view scan ↗

English

933 No. 1. List of such books and papers as are today forwarded via Ceylon to His Excellency, the Right Honorable and Venerable Gentleman, Mr. Willem Arnold Alting, on behalf of the State and its General East India Company, Governor-General, together with the Honorable Gentlemen, Councillors of the Netherlands Indies at Batavia, by the Senior Merchant and Governor, Mr. Jacob Eilbracht, together with the Council at Palliacatta, namely: Original General Despatch addressed to and from the parties mentioned in the header hereof, under today's date. Duplicate General Despatch from and to the same, departed via Ceylon under date of the ultimate of January. No. 2. No. 1. Outgoing letters to the same from 6 to 21 January of the current year. Incoming letters from Sadraspatnam from 14 September of the past year to 17 of the current month. Outgoing letters thither from 27 November of the aforesaid current year to 14 of the current month. Incoming letters from the Palicol office from 25 October of the aforesaid past year to 6 of the current month. 16. Incoming letters from Jaggernaijksp: from 7 September of the past year to 22 January of this year, with duplicates received after the dates inserted between the copies. Outgoing letters thither from 27 October of the past year to 12 of the current month. Outgoing letters thither from 4 November of the aforesaid past year to 23 January of this year. 12. 13. 14. 15. 17. No. 935 No. 18. Incoming letters from the office of Bimilipatnam from 13 September of the past year to 26 of the current month. 19. Outgoing thither since 1 November of the past year to 12 of the current month. 20. Circular outgoing letters to the subordinate offices of this Coast from 4 November of the past year to 29 January of this year. 21. Outgoing letters to the respective outer quarters from 27 October 1790 to the ultimate of January last past. 22. Copies of incoming and outgoing letters from and to the foreign nations from 6 February 1790 to 31 January of this year. No. 23. Copy of the Minute Book commencing 18 March of the past year to 22 of the current month. 24. Five extracts concerning the discharge of the former Jaggernaikp: Second de Ravallet of 9½ lb. of gilt-wire on account of underweight in 177¾. 25. Two original memoranda of expenses incurred in the repair of the sloops in the past year in the river Killa at Portonovo, namely: 1. for the sloop de Herstelling, dated 15 February 1790, and 1. for the sloop de Zeerob, dated 21 February 1790. 26. Copies of letters and extracts serving for the justification of the Bimilipatnam chiefs regarding the accident that befell the ship Straalen at that roadstead in the year 1788, commencing 30 October 1788 and 936 No. 27. and ending with 25 October 1790. Copy of a letter from the Jaggernaijkp: chiefs to this government of 10 February 1790, in place of the one not received at the Indian capital upon the general report in March of that year. 28. Five petitions from the chiefs and Seconds of the northern offices tending towards a request for release from the imposed surety on account of the price increase on linens, namely: 1. from the suspended Chief Administrator, the Honorable Paul Engelbert van Halm, former chief of Jaggernaijkpoeran; 1. from the former Seconds there, the Ravallet and van Someren; 1. from the chief of Palicol, Gerrardus van Haeften, and his Second, J. M. Schliephaken; 1. from the Bimilipatnam chief, Philip Hendrik Neshusius, and 1. from the Bimilipatnam Second, Johannes Marcus Dormieux. No. 29. A bundle containing report and annexes concerning arrears of the previous government at Nagapatnam. 30. Copy of a warrant granted by the late Governor of Nagapatnam, van Vlissingen, drawn on the cashier M. Stoffenberg in favor of the testamentary executors of the late Captain-Engineer L. W. G. de Veye, regarding what was owed to the same at his decease for paid coolie wages, dated the ultimate of July 1781, amounting to pagodas 278: 10:—. No. 937 No. 31. A bundle containing annexes belonging to the justification, inserted in the resolution of 24 December of the past year, of the suspended Chief Administrator, the Honorable P. E. van Halm, as former chief of Jaggernaikpoeram, concerning the merchants' arrears at that office; behind which is a statement and inventory of his estate, item a register of 13 pay accounts pledged to the Honorable Company for said debts. 32. Petition of the Palicol chief, Junior Merchant Gerrardus van Haeften, containing a request for release from the Pagodas 368: 20 5/8 imposed upon him for reimbursement on account of credit paid out to the merchants at that office, annexed to the appendices mentioned therein, consisting of four attestations. No. 33. Two plans of the new buildings at Jaggernaijkpoeram, namely: One of the Trade Warehouse, and One of the Mint, the memorandum of the expenses incurred for their construction being found in copy among the trade papers No. 100 hereof. 34. A bundle with seven original pay rolls of Company servants remaining at Nagapatnam in the year 1785, etc. 35. A bundle with extracts, letters, and resolutions belonging to the aforesaid seven pay rolls. No. 938 No. 36. A pay roll of the Company's enrolled servants here who have been questioned regarding what time they enjoyed subsistence from the English, with the relative extracts pertaining thereto. 37. Copy description of Fort Geldria at Palliacatta in the French and Dutch languages, annexed with a plan of the said fort. 38. Copy advice from the Orphan Masters here addressed to the Coromandel Government, containing a request that their Reverences may be paid what is owed by the Honorable Company to the estate of the late Captain Zeegelaar, in deduction of his debt to the chamber.

Dutch transcription

933 No. 1. D: Register van zoodanige Boeken en Papieren als op heeden Aan zijne Hoog Edelheid Den Hoog Edelen Groot Agtbaeren Heer M=r Willem Arnold Alting, Van weegen den staat en Haare algemeene oost Jndische Compag„ nie Gouverneur Generaal nevens De wel Edele Heeren Raaden van Nederlandsch Jndiate Batavia door den opperkoopman en gesaghebber De Heer Jacob Eilbracht nevens Den Raad te Palliacatta over Ceijlon werden versonden Namen lijk. — Origineele Gemeene missive door en aan als, inden hoofde deeses gemeld onderheeding gen datum gericht Duplicaat Gemeene missive van en als even onder ult=o Januarij over Ceijlon afgegaan — No. 2. N=o 1. Afgaande Brieven aan den zelven zedert 6. tot den 21. Ianuarij J:o l: Aankomende brieven van Sadraspatnam zeedert den 14. September a:o p:r tot den 17. deeser „na Afgaande Brieven „ derwaards van 27. 9ber: ad:a C:o tot 14. deeser Aankomende brieven van het Comptoir Palicol zeedert 25. 8ber: d:o p:o tot 6. dee„ ser „ 16. Aankomende Brieven van Jaggernaijksp: zeedert 7. september a:o p:o tot 22 Januarij deezes Jaars ont„ vangene duplicaaten nade da„ tums tusschen de Copij gevoegd Afgaande brieven naderwaards van den 27. 8ber: a:o passato tot 12. deeser Afgaande Brieven naderwaards van den 4. 9ber: d:o p:o tot 23. Januarij deezes Jaars „ 12. 13. „ „ 14. „ 15. 17. N o 935 No. 18. 19. „ 20. Aankomende „ 21. „ 22. Brieven van het Comptoiren Bimilipatnam van den 13. September d=o p:r tot 26. dee„ ter Afgaande naderwaards zeedert Primo No„ vember A=o p:o tot 12. deeser Circulair afgaane brieven na de subal„ terne Comptoire deeser Custe zeedert den 4. November Ad=o passato tot 29. Ianuarij dee„ zes Jaars— Afgegaane Brieven nade respective buijten quartieren 't zeedert den 27. 8ber: 1790. tot ultimo Januarij Jongstleeden. Copia aankomende en afgaande brieven van en na de vreemde Natien 't zeedert den 6: ' februarij 1790 6/8. tot den 31:' Januarij deeses Jaars. N=o 23. Copia Acte Boek beginnende den 18. Maart 24. &b=a p:r tot 22. deeser vijf Extracten belangende ontheffing van den geweesen Iaggernaikp: secunde de Ravallet van 9a½. lb: vergulen weegens minwigt in 177 ¾:— Twee origineele Memorien van gedaan ongelden bij vertimmering der sloepen in d=o p=o in de vevier Killa te Portonovo als 1. van de sloep de Herstelling ge„ dateerd 15. febr: 1790. en 1. van de sloep de Zeerob gedateerd 21. febr: 1790. 26. Copia Brieven en Extracten strekkende ter verantwoording der Bi„ milipatnamsche opperhoof„ den weegens het ongeval het schip Straalen daar ter rheede in den Jaare 1788. overgekomen beginnende met 30. 8ber: 1788. en „ „ 25. „ 936 No: 27. „ 28. en eijndigende met 25. 8ber: 1790 Copia Brieff der Jaggernaijk p=se opperhoof„ den aan deeze regeering van 10. febr: 1790. in steede van de niet ter Indiasche Hoofdplaatse ontvangene bij generaal verslag in maart van dat Jaar vijff stuks Requesten van de opperhoofden en secundens der noorder Comptoiren tendeerende versoek om Onthef„ fing van de opgelegde Cautie wee„ gens Prijs verhooging op lijwaa„ ten, als 1: van den gesuspendeerde Hoofdadmi„ nistrateur D: E: Paul Engelbert van Halmals geweesen opperhoofd van Jaggernaijk poeran 1. „ de Geweesene secundens aldaar de Ravalleten van someren 1. „ het opperhoofd van Palicol Ger„ rardus van Haeften en zijn tweede I: m: Schliephaken. J. van teerd 30. 1. „ de Bimilipatnamsche Secunde Johannes Marcus Dormieur N:o 29. Een Bondel behelsende bericht en Bijlaagen nopens agter stallen van het voorig Gouvernement te Na„ gapatnam. Copia ordonnantie verleend door wijlen de heer Nagapatnams Gouverneur van vlistingen op den kassier M: Stoffenberg in faveur van de testamentaire Execu„ teuren wijlen den Capitain Jn„ geneur L: W: G: de veije weegens het geen deese bij overleeden aan afbetaalde koelij gelden te vooren stond gedateerd ult=o Julij 1781. groot pra/o 278: 10:— 1. van het Bimilipatnams opperhoofd Philip Hendrik Neshusius No. en 937 32. N=o 31. Een Bondel behelsende Bijlaag en gehoo„ rende tot de ter resolutie van 24. December A=o p=o geinsereerde verantwoording van den ge„ suspendeerde Hoofd Admi„ nistrateur D: E: P: E: van Halm als geweesen opperhoofd van Jaggernaik poeram weegens der Kooplieden Agterstallen daar ten Comptoire waaragter staat en Inventaris zijner be„ zitting item Register van 13. stuks soldij Reekeningen voor ge„ melde schulden aan D:E: Comp: verbonden. — Request van het Palicols opperhoofd den onder Koopman Gerrardus van Naesten behelzende versoek tot ontheffing van de hem ter ver„ goeding opgelegde Pag:. 368. 20 5/8. weegens aan de Cooplieden daar ten „ „ 34. „ 35. ten Comptoire uijtgekeerd Cr dit annex daar bij gementie neerde bijlaagen bestaande in vier stux attestatien N:o 33. Twee plans van de nieuwe Gebouwen te Jag gernaijkpoeram als Een van 't Negotie Pakhuijs en Een van 't munt huijs zijnde de memorie van het be„ kostigde tot dies op bouw in Co„ pia te vinden onder de negotie papieren N=o 100. deezes. — Een bondel met seven stuks origineele olda lijsten van in den Jaare 1785. op Nagapatnam verbleevene sComp:s dienaar en Ensz: Een Bondel met Extracten brieven en Re„ solutien Gehoorende tot even gemelde zeeven naam Zoldij lijsten No. 938 37. 38. N=o 36. Een soldij naamlijst van 'sComp:s hier beschrij„ dene dienaaren die afgevraagd zijn zeedert wat tijd onderhoud van de Engelsche genooten heb„ ben met de daar toe reelatieve Extracten Copia Beschrijving van 't fort Geldria te Palliacatta in de franse en Hollandsche taale annex Plan van Gemeld Copia advesse van weesmeester en alhier aan de Cormandelsche Re„ geeving gerigt behelsende versoek dat hun Eerw: mag werden uijtgekeert het geene de boedel wijlen Capitain Zee„ gelaan bij de E: Comp: te vooren staat in mindering van des„ selfs schuld, aan de kamer tie „

NL-HaNA_1.04.02_3877_0908 view scan ↗

English

An Extract letter from the Resident of Porto Novo dated 2 August 1789. 1. Copy note of what is due to the said estate of Zeegelaar from the Honorable Company. 1. Ditto warrant on the cashier of that time, Martinus Stoffelsberg, in favor of the said Zegelaar dated 12 November 1781, for pay of the Sepoys at Nagapatnam amounting to Jan:s 2709: 10. 1. Ditto dated 10 November 1781, defective in the signature of the late Governor of Vlissingen, as it was crossed out, amounting to Pag:s 1106. -. Annex. Chamber. 1. Copy. 939 1 Copy voucher from the former land surveyor Van Bijland for 144 pieces of beams received from the said Captain Zeegelaar, relating to the last-mentioned warrant. And 1. Copy certificate granted by the late Governor of Vlissingen and the former Council of Nagapatnam to the said deceased Captain Zeegelaar, dated 11 December 1781, for Pagodas 652. - No. 39: A Copy Address from the said Orphan Masters of Coromandel to the Government here, dated 17 June of the past year, wherein their Honors request payment by the Honorable Company of the wages due to the deceased messenger Revoles and his two sons, also in settlement of debt to the Chamber. Annex. 1. Extract note of arrears of interest. 6. No. 40. Copy Note of the monthly pay due to the said Revoles and sons from the Honorable Company. 41. Accounts. Nine original statements of the Coromandel Orphan Chamber, being: One ditto of 1780/81. One ditto of 1781/82. One ditto of 1782/83. One ditto of 1783/84. One ditto of 1784/85. One ditto of 1785/86. One ditto of 1787. One ditto of 1788/89, and Ditto of 1789/90. Original Transfer of the said Coromandel Orphan Chamber by the former Cashier Broerius Brouwer to the present Cashier Simon Duynevelt, dated the ultimate of November 1790. Interest moneys. No. And 940 No. 42. Original Account of Brouwer's debt to the Orphan Chamber, balanced as of 15 December 1790. 43. Original Note of arrears of interest from the respective debtors to the said Chamber, as of the ultimate of August 1790. 44. A sealed packet inscribed Coromandel Orphan Chamber Booklets for Batavia. 45. A flying letter directed by the Orphan Masters here to the Right Honorable Gentlemen at Batavia. 46. Two Petitions dedicated to Their High Excellencies, containing a request to be exempted from the compensation imposed on the Petitioners for Brouwer's debt to the Orphan Chamber, namely: Money. 48. One from the Warehouse Master Jacob Samuel De Raeff. Annex. 1. Original address on this matter directed to the Government here. 1 Original brief note from the Merchant Van Bijland, dated 7 September 1789, and 1. Ditto ditto undated. One from the Secretary of Police Johan Joachim Hasz. No. 47. An original statement of account of the Diaconate, closed under the ultimate of August 1790. Thirteen original returns of the annual income of the Company's servants here on the Coast, namely: 1. From the Commander Jacob Eilbracht. As former cashier for their share, namely: 1. From 941 1. From the suspended Chief Administrator Paul Engelbert van Halm as Chief Administrator. 1. From the same as former Chief of Jaggernaikpoeram. 1. From the Warehouse Master Jacob Samuel De Raeff. 1. From the Commandant and Chief of the Military here, Jan Joachim Winkelmans. 1. From the suspended Fiscal Broerius Brouwer. 1. From the Junior Merchant and Secretary of Police Johan Joachim Hasz. 1. From the Chief Surgeon here, Pancratius Haringa Meppen. 1. To the Chief of Sadraspatnam. 57. 57. Appears on the further register of the ultimate of the month 179: under L: G: 58. No. 56. Flying letter for the Right Honorable Gentlemen Commissioners of the said Marine School at Samarang. Copy answered by the Government of the Homeland Extract memorandum of remarks and considerations on the pay books, dated Amsterdam 30 October 1789. A flying letter to the Right Honorable Gentleman President and members of the Board of Curators and Scholarchen. And Copy note of the following trade documents. 60. 1. Original answered Indian Requisition of the year 1790. Annex: Summary and extract dispatch from the Chief of Sadraspatnam written to the Coromandel Government, dated 19 December of the said year. 59. 4. No. 943 No. 61: 5. Copy Answered Indian Requisitions of the year 1790 of the subordinate stations, namely: 1 Ditto of Portonovo, together with summary. 1. Ditto of Sadraspatnam. Annex: Demonstration alongside note of the requested, manufactured, and dispatched freestone stone works. 1. Ditto of Palicol, together with summary. 1. Ditto of Jaggernaikpoeram ditto ditto and general summary of the remaining, collected, dispatched, and remaining bales in the year 1790. 1. Ditto of Bimilipatnam, together with summary. 62. 5. Copy Answered Homeland Requisitions of the year 1790, namely: 1. Of Palliacatta. 1. Of Sadraspatnam. 1. Of Palicol. 1. Of Jaggernaikpoeram. 1. Of Bimilipatnam. No. Honorable. Papers. 1790. Government. Year. 64. 1. Original Note of linens delivered successively by the Bimilipatnam merchants in reduction of the funds received by them upon the requisitions from the years 1786 to 1790. 65. 5. Ditto Accounts of the collective or four companies of Bimilipatnam merchants of 5 years just mentioned, sewn into a single quire. 66. 3. Ditto Accounts of three Bimilipatnam merchants for the financial year 1789/90. 67. 3. Warrant and receipt booklets of Bimilipatnam for cash advanced upon the delivery of linens from the years 1785 to 1790. 68. 3. Original Accounts of Sadraspatnam Merchants of the financial year 1789/90. No. 63 1. Copy provisional answered European Requisition for the year 1791. 1789/90.

Dutch transcription

Een Extract brieff van den Portono„ vosche Resident gedateerd 2. Augustus 1789. 1. Copia notitie van het Geene ge„ melde Zeegelaars boedel bij D: E: Comp: te vooren staat 1. dito ordonnantie op den Cassier des tijds Martinus Stoffen„ berg in faveur van gemelde Zegelaar gedateerd 12. November 1781: van besolding der Lipaaijs te Nagapatnam groot Jan:s 2709: 10 1: dito gedateerd 10. November 1781. defect aan de handteekening van wijlen de heer Gouverneur van vlissingen als zijnde die daan bij door gehaald groot Pag:s 1106. —. annex kamer 1. Copia. 939 1 Copia bewijs van den Geweesen land„ meeter van Bijland van genotene 144. P=s Balken van gem: Capitain Zeegelaar tot laaste gemelde ordonnan„ tie relatie hebbende en 1. Copia Certificaat „ door wijlen den heer Gouverneur van vlissingen ende geweesen Nagapatnamsche Raad aangemelde overleeden Capitain Zeegelaar verleend in dato 11. De„ cember 1781. voor Pagooden 652. - N=o 39: Een Copia Adres van gemelde Cormandels she weesmeesteren aen de Regeering alhier in dato 17. Iunij anno Pas„ sato Gerigt waar bij hun Eer waar„ den uijtkeering van de E: Compag„ nie van de gagien die de overleeden boode Revoles en zijn beijde zoonen te vooren staat meede in afdoe„ ning van schuld aan de Kamer annex 1. Extract notitie van agterstallige Intrest 6 No: 40. 41. Copia Notitie van de maandgeld 16 die gemelde Revoles en soonen by D: E: Comp: te vooren staat „reekeningen Negen stuks origineele staat „ van de Corman delsche weeskamer als. — Een dito van 17 38/81. Een _:o „ 178½. Een _:o „ 178 2/3. Een _:o „ 178¾. Een _:o „ 178 2/5: Een _:o „ 178 3/6. Een _:o „ 1787. Een _:o „ 178/9. en van _:o „ 178 7/90. Orgineel Transport van gemelde Cormandel„ sche weeskamer door den gewee„ sen Kassier Broerius Brouwer aan de presente Kablier Simon Duijnevelt onder ult=o No„ vember 1790. — Intrest penningen No. en 940 No: 42. 43. 44. „ 45. 46. Origineele Reekening van Brouwers schuld aan de weeskamer onder dato 15. December 1790. afgeslooten Origineele Notitie van agterstallige renten vande Respective debiteuren aangemelde kamer onder ult=o augustus 1790. Een geslooten Pakket beschreeven Cormandel„ sche weeskamer Boekjes voor Batavia Een Brief onder Cachet volant door wees„ meesteren alhier aan de wel Ed: Groot Achtb: Heeren te Batavia gerigt Twee Requesten aan Haar Hoog Edelheeden ge„ dediceerd behelsende versoek om vrijgesprooken te wor„ den van de Supplianten opgelegde vergoeding van Brouwers schuld bij de weeskamer als. geld „ „ 48. Een van de Pakhuijsmeester Iacob Samuel De Raeff annex 1. origineel adres deesent weegen aan de Regeering alhier gerigt, 1 Origineel Cartebelletje van den Koopman van Bijland ged: 7 7ber: 1789. en 1. dito dito ongedateerd ben van de secretaris van Politie Iohan Ioachim Hasz: N=o 47. Een origineele staat Reekening van de Dia„ conij afgeslooten onder ult=o aug:s 1790. Dertien stux origineele opgavens van Jaarlijks inkomen van sComp:s dienaaren hier ter kuste als 1. van de Heer Gezaghebber Iacob Eilbracht. — als geweesen kassier voor hun aandeel, als. — 1. van 941 I. van de gesuspendeerde Hoofdad„ ministrateur Paul Engelbert van Halm als Hoofd adminis„ trateur 1. van denselven als geweesen opperhoofd van Iaggerwijk„ poerain 1. van de Pakhuijsmeester Iacob Samuel De Raeff s van den Commandant en Hoofd der militie alhier Ian Joachim winkelmans 1 van den gesuspendeerde fiscaal Broevius Brouwer I. van den onder koopman en secre„ taris van Politie Iohan Io„ achim Hasz: 1. van den opperchirurgijn alhier Pan„ cratius Haringa Meppen 1. van aan het opperhoofd van Sa„ draspatnam 57. 57. komt op het nader register van ult:o maant 179: onder L: G: 58. N:o 56. Brief onder Cachet voland voor de wel Edele groot Agtbaare Heeren Commiss tarissen van gemeld marine Scho Copia door de Regeering beantwoord Patria sche Extract memorie van remanques en Consideratien op de soldij boeken ged: Amster„ dam 30. 8ber: 1789. Een brieff onder Cachet voland aan den wel Ed: groot Agtb: Heer President en leeden van het Collegie van Cura„ toren en Scholarch en Copia notitie van de ondervolgende negotie papieren 60. 1. Origineele beantwoord Jndiasche Eijsch van d: 1798 anser samentrekking en Extract missive van het sadraspatnamsche opper„ hoofd aan de formandelsche Regeering geschreevenen dato 19. Dec: des gem: Jaars te Samarang „ 59. 4 „ No. 943 N=o 61: 5. Copia Beantwoorde Jndiase Eisschen van a:o 1790: der onderhoorige Can„ tooren, Te weeten 1 D:o van Portonovo, nevens samen trekn„ king 1. d:o „ Sadraspatnam annex Aantooning nevens notitie van de g'eijschte aangemaakte en versondene Arduijne steenwer„ ken 1. d:o „ Palicol, nevens samentrekking 1. d:o „ Jaggernaijkp: d:o d:o en genee„ raale samentrekking van de in a:o p:lo overgebleevene in Ed: 1790. Jngesamelde versondene en overblijven leggende fardeelen 1. d:o „ Bimilipatnam nevens samen„ trekking 62. 5. Copia Beantwoorde Patriasche Eisschen d A:o 1790. als 1. van Palliacatta 1. „ Sadraspatnam 1. „ Palicol 1. „ Iaggernaik poeram 1. „ Bimilipatnam No Edele pieren 790. „ geeving ie Jars 64. 1. origineele Notitie van door de Bimilipat„ namse kooplieden successive geleeverde lijwaaten inminde„ ving van de door hun genootene gelden op de Eisschen van A=o 1786. tot 1790. 65. 5. D:o Reekeningen van de gesamentlijke of vier geselschappen Bimilip:se kooplieden van 5. Jaaren even gesegd aan een vastgenaaijde Katern 66. 3. d:o Reekening van drie Bimilip: Cooplieden 89 van het boekjaar 179/90: 67. 3. Ordonnantie en quitantie boekjes van Bimilip=se van verstrekte Con„ tanten opleverantie van lijwaa„ tende a:o 1785. tot 1790. 68. 3. origineelle Reek: van Sadrasp:s Cooplieden 1789 van Ed:o17 N=o 63 1. Copia provisioneele beantwoorde Eunopasche Eisch voor a:o 1791. „ 177/90.

NL-HaNA_1.04.02_3877_0917 view scan ↗

English

944 No. 69. 2 receipt books for the years 1787 to 1790, and 14 loose orders of Jaggernaikpoeram for cash advanced on the delivery of linens. 70. 3 copy memoranda of trade goods received by the Company merchants and suppliers instead of cash, with annexed summaries, namely: 1 from Palliacatta — from Portonovo — from Sadraspatnam, not received — from Palicol 1 from Jaggernaikpoeram — from Bimilipatnam, not received 71. Formal demand for gold, merchandise, provisions, goods for use, etc., for this government and the year 1791, to which is appended a note of the remainders. 72. 6 memoranda of the amount of linens, etc., on the demand of 1791, namely: 1 original for Palliacatta 1 copy for Portonovo 1 copy for Sadraspatnam 1 copy for Palicol 1 copy for Jaggernaikpoeram 1 copy for Bimilipatnam, together with summaries. No. 73. 1 catalogue of medicines for the head office Palliacatta. 74. 1 note of the remainder of merchandise, etc., which remained in the Company's trade warehouse, etc., upon the departure of the formal demand, dispatched in duplicate. 75. 1 memorandum of the remaining merchandise with its cost, dispatched in duplicate, 1 original from Palliacatta. 76. 1 general note of purchases made by the respective administrators in the book-year 1789/90, dispatched in duplicate. 945 No. 77. 1 note of various firearms that were kept in the armory and the garrison, dispatched in duplicate. No. 78. 1 copy inventory of the Company's armory goods under the last of August 1790, dispatched in duplicate. 79. 2 ditto invoices of the cargo loaded in the ship Horsen, annexed short invoices, to wit: 1 of the European goods and 1 of the Indian linen bales, etc. 80. 1 copy separate note on the European invoice. 81. 1 ditto note on the Indian invoice. 82. 1 original bill of lading of the aforesaid invoices. 83. 1 ditto expense account of the costs incurred at Palliacatta for the aforesaid vessel, dated 15 October for the last of August 1790, together with a copy memorandum of required supplies provided, dated 17 October 1790. 84. 1 copy note of the entire provisioning to the aforesaid ship Horsen, dated as just stated. 85. 1 ditto general findings of the gold, silver, merchandise, etc., brought from Batavia for this Government by the aforesaid vessel, dated 1 September for the last of August 1790, together with a copy extract of the resolution taken in the Council of Coromandel on 15 October 1790, and a copy report of the judicial commissioners of 13 September 1790. 86. 1 ditto note of the unserviceable goods shipped off in the ship Horsen, dated 17 October for the last of August 1790. 946 No. 87. 38 invoices of the private linen bales that were shipped off in the ship Horsen, bound together. 88. 1 original bill of lading of the aforesaid linen bales. 89. 10 separate returns from Palliacatta, namely: 7 copies ditto thereof: 1 of 50 bars of gold sold by weight, dated the last of May 1790. 1 piece of 200 leagers of arrack sold, dated the last of June 1790. 1 piece of 20 bars of gold sold by weight, dated 4 August 1790. 1 piece of 1512.5 pieces of Batavian gold rupees sold, dated 4 August 1790. 1 piece of 287 pieces of Persian gold rupees sold, dated 4 August 1790. 1 piece of 16 bars of gold sold by weight, dated the last of August 1790. 1 piece of damaged brown-blue Guineas and Salempores sold, dated 9 September for the last of August 1790. 3 originals dispatched in duplicate, to wit: 1 piece of 6 bars of gold sold by weight, dated 19 October for the last of August 1790. 1 piece of 6 bars of gold sold by weight, dated 30 December 1790. 1 piece of 5 bars of gold sold by weight, dated 17 February 1791. No. 90. 30 monthly returns, namely: 13 from Palliacatta, to wit: 7 copies ditto of the last of February, March, April, May, June, July, and August 1790. 6 originals ditto dispatched in duplicate, namely: 1 ditto of October 1790. 1 ditto of November 1790. 1 ditto of December 1790. 1 ditto of January 1791. 2 ditto of February 1791. 5 from Portonovo, thereof: 2 copies ditto of the last of March and May 1789. 3 originals of April, May, and June 1790, in duplicate. 2 copies from Sadraspatnam of the last of February and June 1790. 1 original from Palicol of the last of August 1790, in duplicate. 6 from Jaggernaikpoeram, namely: 5 copies of the last of September 1789, February, March, and May 1790. 1 original of August 1790, dispatched in duplicate. 3 from Bimilipatnam, namely: 2 copies of the last of February and April 1790. 1 original of October 1790, dispatched in duplicate. 91. 3 findings or returns of Jaggernaikpoeram of 318 bahar of silver minted into rupees, namely: 2 copies thereof: 1 ditto of 90 bars, dated the last of March 1790, and 1 ditto of 88 bars, dated the last of July 1790. 1 original of 140 bars, dated the last of August 1790, dispatched in duplicate. No. 92. 5 summaries or returns dispatched in duplicate, namely: 2 corrected from Palliacatta dated 18 January 1791 for the last of August 1790, namely: 1 ditto of traded Batavian and Persian gold rupees. 1 ditto of converted trade goods. 1 from Jaggernaikpoeram of the last of August 1790. 1 from Sadraspatnam of the last of August 1790. 1 from Bimilipatnam of the last of August 1790. 93. 2 general returns of sales across the whole of Coromandel in the book-year 1789/90, dated 12 January 1791 for the last of August 1790, dispatched in duplicate, namely: 1 ditto of traded gold Batavian and Persian gold rupees, and 1 ditto of sold trade goods. 948 No. 94. 1 invoice of account dated 28 January 1791. 95. 1 memorandum of the value of various gold and silver assays, together with 2 pieces of new Jaggernaikpoeram silver rupees, dated 28 February 1791. 96. 1 formal transfer of the Coromandel government transferred by the Honorable Nicolaas Tadama, departing, to the Honorable Jacob Eilbracht, incoming governor, in the year 1790. 97. 1 copy report of the jewels and silverwork belonging to the estate of the mint master deceased here.

Dutch transcription

944 N=o 69. 2: quitantie boekjes de a:o 1787. tot 1790. en 14. lolse ordonnantie van Jagu„ gernaikpoeram van verstrekte Contanten op leverantie van lijwaaten 78. 3 Copia Memories van door de Comp: kooplieden en leverantiers Jnsteede van Contanten genotene handel„ whaeren. — annex Samentrekkings; als 1: van Palliacatta —. „ Portonovo — „ Sadrasp:, niet ontvangen — „ Paliool 1: „ Iaggernaikpoerain „ Bimilipatnam niet ontrangen + 71. Formeele Eisch van Goud Coopmansz: provi„ sien goederen tot gebruijk Ensz: voor dit governement en den Jaere 1791. waar agter gevoegd is notitie der restanten 72. 6. Memories van het bedraegen der lijwaeten etc: op den Eisch van 1791. als 1. origineele aan „ Portonovo „ Sadraspatnam Palicol „ Iaggernaijkpoeram. Bimilipatnam nevens „ samentreckings N:o 73. 1. Cathalogus der medicamenten voor het hoofd Romptoir Palliacatta 74. 1. Notitie der Restant van de Coopman„ schappen Ensz: welke bij het afgaan van den formee„ len Eisch in 's Comp:s negotie pakhuijs Ete sijn berustende geweest dubbeld afgaande 75. 1. Memorie van de per Restant sijnde Coop„ mansz: met dies kostende dubbelt afgaande 1. origineele van Palliacatta 76. 1. Generaale Notitie van het ingekogte bij de respective administra„ 89 17 39/90 dub„ teurs in 't boekjaar 17 beld afgaande 1. „ 1. Copia 1. „ 1. „ „ 1. „ N 345 N:o 78. 1. Copia opneem van 'sComp:s wapen goederen onder ult=o aug=s 1790. dubbelt afgaande 79. 2. d:o Factuuren van het geladene in 't schip Worsen annex korte factuuren Te weeten 1. van de patriasche en lijwaat Pakken Ensz: Indiasche „ 80. 1. Copia Afsonderlijke notitie op het Patria„ sche factuur Notitie op het Indiasche faci„ d:o tuur 82. 1. origineele Cognossement van evengemelde factuuren 83. 1. d:o onkost reek: van het bekostigde te palliacatta aen voorm: booden gedateerd 15. 8ber: voor ult=o aug:s 1790. neevens Copia Memorie van verstrekt benoodigtheeden ge„ dateerd 17. 8ber: 1790. 81. 1 d:o N=o 77. 1. Notitie van diverse geweeren in de wapenkamer en het guarnisoen berustende geweest dubbeld afgaande No. „ aan voorm: schip Norsen geda teerd als even is gesegd 85. d:o Generaale Bevinding van de pervoor„ melde bodem van Batavia voo dit Gouvernement aangebrag goud zilver Coopmansz: Enst gedateerd 1. September voor ulto aug:s 1790. beneven'd Copia Extract resolutie genoomen in raade 1„ 8 van Cormandel op den 15 8ber 1790. en Copia rapport der Jus„ tieele gecommitteerdens van den 13. September 1790. — 86. 1. d:o Notitie van de in't schip Horsen af„ gescheepte onbequaame goederen gedateerd 17. october voor ult=o augustus 1790. N=o 84. 1. Copia Notitie van de geheele verstrekking No. 946 N=o 47. 38. Factuuren van de particuliere lijwaar„ packen welke in't schip Norsen afgelaaden sijn bij elkanderen ingebonden. — 88. 1. Origineele Cognossement van evengesegde lijwaatpacken 89. 10. Appart Rendementen van Palliacatta als 7. Copia d:o hier van 1. van verkogte v0. staaven goud bij gewigt gedateerd ult„o meij 1790. 1. stuk van verkogte 200 leggers ar„ vakappij gedateerd ult=o Ju„ nij 1790. 1. „ „ verkogte 20. staaven goud 1 bij gewigt gedateerd 4. aug:s 1790. 1. „ „ verkogte 1512.½ p:s ropias goude Bataviase gedateerd 4. aug=s 1790. 1. da 1. stuk van verkogte 287: p=s Ropias goude pertiaanse gedateerd 4. aug:s 1790. 1. „ „ verkogte 16. staven goud bijge„ wigt gedateerd ult=o aug=s 1790: 1. „ „ verkogte beschadigde guinees en Salempoeris bruijn blaauw gedateerd 9. September voor ulto aug:s 1790. 3. origineele dubbeld afgaande te weeten 1. stuk van verkogte 6. staven goud bij gewigt gedateerd 19. october voor ult=o aug:s 1790. 1. „ verkogte 6. staaven goud bij ge„ wigt gedateerd 30. Dec: 1790. 1. „ „ verkogte 5. slaar en goud bij ge„ wigt gedateerd 17. febr: 1791. N=o 90. 30. Maandelijks rendement als 13. van Palliacatta te weeten 7: Copias d:o van ult=o febr: Maart, April, Meij Junij, Julij, en aug=s 1790. 6. origineele ditot dusbeld afgaande als 1. d:o van 8ber: 1798. 1. „ „ 9ber: „ 1. „ „ Dec „ 1. „ „ Ian: 1791. 2: „ „ febr: „ 5. van. 947 No: 5. van Portonovo hier van 2. Copia ditos van ult=o Maart en meij 1789 3. origineele van april Maij en Junij 1790. dubbeld. 2. Copia van Sadraspatnam van ult=o febr: en Junij 1790. 1. origineele van Paelicol van ult=o au„ gustus 1790. dubbeld 6. van Jaggernaijkpoeram; als 5. Copia van ult=o 7ber: 7ber 1789. febr: Maart en maij 1790. 1. origineele van augustus 1790. dubbeld afgaande 3. van Bimilipatnam als 2. Copia van ult=o febr: en april 1790. 1. origineele „ october 1790. dubbeld af„ gaande 91. 3. Bevinding off Rendementen van Jaggernast van vermunte 318. bhaar silver tot ropijen als 2. Copia hier van 1. d:o van 90. staaven ged=t ult„o maart 1790. en 1. „ „ 88. _:o „ „ Julij 1790. 1. Origineele van 140. staaven gedateerd ult=o aug:s 1790. dubbeld afgaande N=o 92. 5. Sommarium off Rendementen dubbeld, afgaande als 2. verbeterde van Palliacatta de dato 18. Jan 1791. v:n ult=o aug=s 1790. als 1. d:o van vernegotieerde goude Bata„ viasche en pertiaanse ropijen „ „ omgesette handelwhaanen 1. van Jaggernaijkpoeram van ult=o aug=o 1790. 1. „ Sadraspatnam van ult=o aug=s 1790. 1. „ Bimilipatnam „ „ „ _:o 93. 2. Generaale Rendementen van het ver„ kogte opgeheele korman„ 891 del in het boekjaar 17 3/90. ge„ dateerd 12. Ian: 1791. voor ult„o aug:s 1790. dubbeld afgaande, als 3. d=o „ 948 1. d:o van vernegotieerde gouden gouderopijen „ en batavias en persiaanse 1. „ „ verkogte handelwhaaren N:o 94. 1. factuur van aanreek: ged=t 38 Januarij 1791. 95. 1 Memorie van de waarde van diverse goud en silvere proefjes nevens 2. p:s nieuwe Jaggernaijkp: silvere vopias gedateerd 28. febr: 1791. 96. 1. Formeel Transport van het korman„ dels gouvernement door den wel Edele agtb: Heer Nicolaas Iadama afgaande aan den wel Ed: Agtb: Heer Iacob Eilbracht aan„ komende gesaghebber de a:o 1790. overgetransporteert 97. 1. Copia Rapport van de Juweelen en silverwerken behoorende tot de nalaatenschap van de alhier overleedene munt meesten

NL-HaNA_1.04.02_3877_0926 view scan ↗

English

99. 1. Copy Register of the Coromandel trade books for the Year 1787/8, together with the annexes belonging thereto, packed in the aforementioned chest. 100. 1. Copy memorandum of Jagger Naijkp: regarding the expenses incurred for the construction of the textile Warehouse etc. 101. 1. Requisition for the Cape of Good Hope for various garden seeds etc., departing in duplicate. 102. 1. Memorandum of what was collected on behalf of the Javanese naval school in Samarang. 103. 1. Return of a gold bar of 100 Rupees from the 500 Gold Persian Rupees melted at Madras, issued here to the Merchants, dated 15 January 1791. No. 98. 1. chest in gunny, wrapped with rope and marked: Coromandel trade books for the Year 1787/8 for Batavia. Master and dispenser, the Honorable Pieter Willem Geeke, dated 14 February 1791, Madras. No. 104. chest with pay Books for the year 1788/9. 105. Copy Register of the aforementioned books. 106. Note of further requested formal pay Accounts. Palliacatta in the fort Geldria, the last of February 1791. I: Obdam, First Clerk. /was signed:/ Agrees: Dn. Obdenn, First Clerk. No. 7 Report of the investigation conducted into the arrears of the former Government at Nagapatnam with its annexes. To the Right Honorable Jacob Eilbracht, Senior Merchant and Governor of this Coromandel Coast with its Dependencies, and Council. Right Honorable Sir and Gentlemen! In dutiful compliance with your Right Honorable and Honors' esteemed orders, contained in the Extract Minute of the resolution in the Council of Coromandel on the 28th of the past month of September, comprising: 1. To ascertain from the books of this Government from 1782/5 onwards whether the Debtors as specified in the separate Ceylon letter dated 30 June 1785 have been entered into the Trade books, either as good or dubious; 2. What has been handled regarding them in the same Trade Books and Secretarial Papers since then; and 3. How the matter currently stands. We have the honor to report in that regard; Namely: That we have found, as debtors of this Government specified in the aforementioned separate Ceylon letter of 30 July 1785, the following; to wit: The Private Supplier Moetoe Chitteappa Poele for . . . Rs 10066. 5: 70 on delivery of Textiles for the Year 1781. The merchant Ramalinga Poele for Pagodas 3628. 5. 36. Ditto Ankan Patavi Rama Naiker, 3814. 6. 6. Ditto Moetoe Waijtilinga Moddaliaar, 2682. 21. 75. Merchant Godawartij Goeru Moerts Chittij, 2123. 2. 15. And the Merchants Namboer Wengetakistna Chittij and Conda Pillij Chittij, 811. 5. 4. Pagodas 13559. 16. 56. Mistress Hazelman, as widow of Henk, Pagodas 4049. 7. 10. The Children of Jan Steens, 518. 12. 35. The two merchants excluded from trade, Donna Wardappa Chittij and Annam Bodlij, under Surety of Messrs. Mossel and Simons, 864. -. -. The Merchant Medhoe Warderatoe Chittij on Textile Contract, 174. 11. 30. All conforming to the Extract annexed hereto under Letter A. Informing ourselves, according to the First Part of the aforementioned esteemed orders, whether these entries had been taken up into the trade Books since 1782/5 until now, and in what manner, we have found that none of them were taken up into the same. Concerning the second Part: Nothing whatsoever has been treated of those entries in the same trade books, but indeed in the Secretarial papers; the following, to wit: In a letter of Their High Mightinesses to this Government dated 17 April 1787, Their High Mightinesses state under Section 20: that they pass over the postponement of the investigation into the arrears and outstanding debts of the former Government, for want of the necessary papers, for the retrieval of which the former Secretary Stoffenberg was sent to Nagapatnam; yet they expected that with this long-delayed matter, the necessary dispatch had already been made, see Letter B. This Government wrote to Their High Mightinesses on 10 March 1788 in reply: That they hoped, before the closing of that letter, to receive from Nagapatnam a distinct report of the arrears of the former Government, and as accurate a statement as possible of the loss that the Company suffered at the surrender of Nagapatnam; that the former adigaar Schuneman at Nagapatnam was already well advanced with that investigation, but that if it unexpectedly could not be dispatched, it would definitely follow in coming October; that the difficulty inherent to that work required not only attention but time, as the principal papers, and among them the great Cash book, were missing, see Letter C. Their High Mightinesses write to this Government again on 15 April 1788 under Section 25: that they could not be at all satisfied that no report had yet been given concerning the arrears and outstanding debts of the former Government, and that matters of that nature were shelved for so long; and all the more so since they were not even informed of what had become of the dispatch of the former Secretary Stoffenberg to Nagapatnam for the necessary papers, and that they expected that a settlement of matters would finally be pursued, see Letter D. On 29 July 1788, Their High Mightinesses write again: that in view of what was advanced regarding the arrears of the former Government and the slow progress taking place in that regard, they referred to the latest rescript, trusting that the requisitions made therein would be answered without delay, see Letter E. On 15 September 1788, it was resolved in the Council of Coromandel to... with respect to the

Dutch transcription

99. 1. Copia Register der Kormandelsche negotie boeken de A:o 178 7/8. neevens daar bij Gehoorende bijlaagen afgepakt in gem: kistje 100. 1. Copia memorie van Jagger naijkp: van het bekostigde tot den opbouw van het lijwaat Pakhuijs etc: 101. 1. Eisch na Cabo de goede van diverse tuin zaaden entz: dubbeld afgaande 102. 1. Memorie van het gecollecteerde ten behoeve van het Javase marine school op Samarang. — 103. 1. Rendement van Een staaf goud van 100. Ropijen van de te N:o 98. 1. kasje in goenij met touw om wonden en be„ schreeven konmandelsche nego„ tie boekende A„o 1787/8. voor Batavia. meester en dispencier De E: Pieter willem Geeke gedateerd 14. febr: 1791. Madras. „ 949 Madras gesmoltene 500. Goude Persiaanse Ropijen hier aan de Kooplieden afge„ geeven, gedateerd 15. Jan: 1791. N=o 104. kasje met soldij Boeken de a:o 1788/9. 105. Copia Register van gemelde boeken 106. Notitie van nader versoekt, werdende formeele zoldije Reeckenin„ gen Palliacatta Jnhet fort Geldria ult:ofebr: 1791. I: obdam E: G: /was geteekend:/ klerk. Accordeert Dn. obdenn E: E Clercq „ as No. 7 Diricht van gedaene onderzoek na de agter„ stallen van het voorig Gouvernement te Nagapat„ nam met dies bij laegen 950 Van Den Wel Edelen Agtb: Heer Jacob Eilbracht Opperkoopman en Gezaghebber deeser Custe Cormandel met den Resorte van dien Nevens Raad. Den Wel Edele Agtbaare Heer. en Heeren! In Schuldpligtige voldoening aan uwel Edele Agtb: en Edelens, geEerde beveele, vervat bij Extract Notul van het geresolveerde in Raade van Cormandel op. ƒ 3 op den 28. der Iongst gepasseerde maand Septembe behelsende 1. Bij de boeken deeses Gouvernement van 178 /5. af nategaan, of de Debiteuren zoo als ze zijn opgegeven bij Ceijlonse apparte missive de dato 30. Junij 1785. 't zij als goed of dubieus by de Negotie boeken zijn ingenomen 2, wat daar van bij deselve /:Negotie Boeken:/ en Secretarieele Papier en 't zedert verhandeld en 3. / Hoe het actue daar meede geleegen is. Hebben de Eere desweegen dienen van Bericht; Namentlijk: Dat wij als debiteuren deeses Gouvernements bi boven gem: ap parte Ceylonse missive van den 30. Julij 1785. opgege ven, gevonden hebben, de volgende; te weeten: Den Particuliere Leverancier Moetoe Chitteappa Poele voor. . . R:s 10066. 5: 70: Op Leverantie van Lywaaten voor A:o 1781 Den koopman Ramalinga Poele voor p„ 3628. 5. 36. _:o Ankan Patavi Rama Naiker „ 3814. 6. 6. „ — :o Moetoe Waijtilinga Modde„ liaar - „ 2682: 21:75. „ Koopman Godawartij Goeru Moerts Chittij n 2123. 2. 15 . En de Cooplieden Namboer wengeta kistna Chittij, en Conda Pillij Chittij„ Pagooden 13559. 16. 56. 811: 5: 4. „ Mejuffw. 951 duwe Henk De Kinderen van Ian Steens De uijt den handel gezette twee koop„ lieden, Donna wardappa Chittij en Annam Bodlij, onder Borgtogt van de Heeren Mossel en Simons „ 864. -. — Den Koopman Medhoe wardera toe Chittij op Lijwaat Contract. . „ 174. 11. 30. — Alles com fonm Extract deesen onder &=ra A: Annex Ons volgens het Eerste Lidt der voorsz: g'eerde beveele informeerende, of deeze posten bij de negotie Boeken 't Zedert 178 2/5. tot nu waa„ ren ingenoomen, en hoedanig; hebben wij bevonden dat bij de deselve daar van geene ingenomen was. — Concerneerende het tweede Lidt: Is bij dezelve negotie boeken van die posten niets hoegenaamt verhandeld. maar wel bij de Secretarieele papieren; het volgende als: Bij missive Hunner Hoog Edelhe„ dens aan deeze Regeering de dato 17. April 1787. Zeggen Hoog dezelve. En Mejuffw Hazelman als we¬ R/o 4049. 7. 10. - „ 518. 12. 35. 5 20 .. §20. dat passeeren het uijtstellen van het on„ der zoek der agterstallen en uijtstaande schulden van het voorig Gouvernement, mits gebrek aan de nodige papieren, tot welkers afhaalden gewe zen Secretaris Stoffenberg na Nagapatnam gesonden is. dog verwagtede dat met deeze zoo lang getraineerde zaak bereeds, de noodige voort„ vaarendheid was gemaakt vide L=ra B. Deeze Regeering Schreef Hoog de Selve in dato 10. Maart 1788. daar op. — Dat hoopten nog voor het sluijten dier brief van Nagapatnam te ontfangen Een distinct bericht van de agter stallen van het voorige Gouvernement, en een zoo vermogelijk accurate opgave van het verlies het geen de Comp:e- geleeden heeft bij de overgave van Nagapatnam; dat den geweesen adigaar Schuneman op Nagapatnam reeds met dat onderdoek sterk gevorderd was, dog dat zoo het onverhoopt niet konde afgaan, dan vast in October aan„ staande volgen zoude dat de moeijelijk aan dat werk vast, niet alleen attentie maar tijd verEijschte, also de principaalste papieren, en daar onder het groote Cassa boek man„ gueerden 952 C. V gueerden, Vide Hun Hoog Edelheedens Schrijven deeze Regeering in dato 15. April 1788. weeder onder § 25. dat in 't geheel geen genoegen konde neemen, dat omtrend de agterstallen, en uijtstaande schulden van het voorig Gouvernement als nog geen berigt gegeven was, en dat zaaken van dien aard zoo lang agter de Bank geschooven wierden; En te meer daar niet eens wierden geinformeerd wat 'er geworden was, van de uitzending van den geweezen Secretaris Stoffenberg na Nagapatnam, om de nodige papieren, en dat verwagtede; dat eijndelijk eens een afdoening van saaken zoude werden betragt vide L=ra D. In dato 29. Iulij 1788. Schrijven Hoog Dezelve weeder. d„a dat in opzigt van het gead„ vanceerde omtrent de agterstallen van het voorig Gouvernement en de trage voort„ gang die daar omtrend plaats had, zig ge„ droegen aan de Iongste rescriptie, in ver„ trouwen, dat aan de daar bij gedaane Requi„ siten sonder uijtstel zoude beantwoord E werden, vide L=ra Op den 15. Septemb: 1788. wierd in Raade van Cormandel beslooten, om ten aansien van de

NL-HaNA_1.04.02_3877_0940 view scan ↗

English

to serve Their High Noble Lordships in rescription to the foregoing orders concerning the arrears and debts of the previous Government; that the investigation thereof, and the formation of a list of damages suffered by the Company with the surrender of Nagapatnam to the English, had been assigned to the adigaan Scheuneman; that he had gone to Nagapatnam for that purpose in 1785, but that whatever effort he had made to trace one thing and another had all been in vain, because among all the papers that had been secured there and since brought over here by the former Secretary Stoffenberg, none or few could be found that could have given him as much light in this matter as he needed. That he missed, among others, the general Cash book, and the trade Books of 1779/1780 and 1780/1781, of which the first were indeed begun but not closed, and the second had not even seen the light; that this had caused him, Scheuneman, almost to doubt a successful outcome of his commission, until the former Secretary Stoffenberg obtained the opportunity to acquire from Mr. Cochrane, English Commissioner, a note of the balances upon which the respective administrations were handed over to the English. That the said Scheuneman had formed from this a calculative statement of what the Company had lost at the surrender of Nagapatnam, and what debts it still had outstanding there, Extract Letter F. By further Extract from the Resolution regarding the outstanding debts amounting to f130395. 16. -. (agrees with the Ceylon handover so far as concerns the advance on the delivery of linens for the year 1781) to assure Their High Lordships that everything possible would be attempted to collect them, with the explanation that this would have been worked on long ago if prudence had not advised postponing serious measures, for the reason that most debtors were inhabitants of Nagapatnam who claimed to have an outstanding account with the Company, and others that they had liquidated their account or debt with the English after the surrender of the city; that the Government therefore judged that such an investigation could not yet take place, but that one had to wait until the Company came into possession of Nagapatnam again, at which time a successful result was not doubted. That to promote this, the Invoice keeper Bloeme had been ordered to report accurately what the merchants of Nagapatnam had delivered against the respective demands for the Netherlands and the Indies in the year 1781, Letter G. Dated 20 October 1788, this Government sends a rescription to Their High Noble Lordships regarding the arrears and outstanding debts of the previous Government, in everything conforming to the decision just extended on 15 December 1788, Letter H. On 26 December of that same year 1788, the Honorable current outgoing Director Tadama gave notice in the meeting that the debt of the Palliacat merchant Donalwardappa Chittij amounting to Rds 864 had, without His Honor's knowledge, been paid by the merchant Simons as guarantor, as evidenced by an autograph receipt of the late Governor van Vlissingen written on the deed of suretyship, which document His Honor produced and which was also inserted into the resolution. Whereupon it was decided to issue an Extract of this Resolution to the said merchant for his discharge, Letter I. By letter of 14 March 1789, this Government gives Their High Noble Lordships notice of this liquidation, Letter K. Their High Noble Lordships write by missive of 31 March 1789 to this Government under paragraph 35, that for the reasons adduced they could accept that no serious measures had yet been taken to collect the debts of the Nagapatnam Government, but that they expected that upon the return of Nagapatnam by the English the required speed would also be made therewith, and that they also continued to await the outcome of the order given to the Invoice keeper Bloeme to report what the merchants of Nagapatnam had delivered against the respective demands for the Netherlands and the Indies respectively, in the year 1781, Letter L. On 8 September 1789, the Honorable outgoing Director produced in the meeting a receipt of the late former Governor van Vlissingen granted to the former Palliacat merchant Meddha Wardarasoe Chittij, dated 15 April 1782, whereby it appeared that that merchant had liquidated with the Honorable Company. An authentic copy was taken of this proof and inserted into the resolution, Letter M. On the 18th of that month, a rescription to Their High Noble Lordships was drafted, and among other things regarding the remarks concerning the arrears of the previous Government, to express to Their High Lordships that to their regret nothing could have been carried into effect therein before one came into possession of Nagapatnam again; as had been reported in detail in the answering homeland Extract of 12 December 1786, page 436, inserted in the separate report on Ceylon, Letter N. By letter of 18 October 1789, this Government sends a rescription to Their High Noble Lordships, conforming to the decision just mentioned, Letter O. By letter of 26 March 1790, paragraph 63, this Government presents to Their High Noble Lordships a Petition of the former Major and Head of the militia at Nagapatnam Hazelman, containing a request to have his salary standing to his credit with the Honorable Company from 1767 to 1781 serve for the satisfaction of a certain ordinance

Dutch transcription

de agterstallen en schulden van het voorige Gouvernement Hun Hoog Edelheeden in rescriptie op vooren staande beveelen te dienen dat het onderzoek daar van, en het formeeren va Een lijst van schade bij D' Comp:e geleeden, met he overgaan van Nagapatnam aan de Engelsh aan den adigaan Scheuneman was opge„ draagen, dat deeze ten dien Eijnde in 1785. na Nagapatnam gegaan was, dog dat wat moei ook gedaan had, om het eenen ander nategaan, alles vrugteloos geweest was, om dat weder om der alle de papieren, die daar geborgen en 't zedert door den geweesen Secretaris Hof„ Eenberg hier overgebragt waaren, geene of weij„ nige te vinden waaren, die hem in deeze zaake zoo veel ligt hadden kunnen geven, als hij no„ dig had. Dat hij onder anderen misse het groote Cassa boek, en de negotie Boeken van 17 23/30. en 178 6/1. Waar van de Eerste wel begonnen maar niet afgeslooten waaren, en de tweede het ligt niet eens gesien hadde dat zulx hem Scheu„ neman bij na aan een goede uijtslag van zijne Commissie had doen twijffelen, tot dat den ge„ weezen Secretaris Stoffenberg geleegenheid kreeg om van de Heer Cochrane Engelsche Commis„ Saris 953 saris te bekomen, een Notitie van de Restanten waarop de Respective Administratien aan de Engelse waaren overgegeven. Dat gemelde Scheuneman daar uijt ge„ formeerd had Calculutive aantooning van het. geene d' Comp:e bijde overgave van Nagapatnam verlooren had, en wat schulden zij daar nog had uijtslaan Extract L=ra F. — Bij nader Extract uyt de Resolutie om met opzigt tot de uijtstaande schulden groot ƒ130395. 16. -. /:Accordeerd met de Ceijlonse overgave voor zoo ver de verstrekking op Leverantie van lywaaten voor A:o 1781: belangd :/ Hoog dezelve te verze„ keren, dat al het mogelijke zoude betragt worden die in te palmen, met vertooning, dat daar, al voor lange werk van zoude gemaakt zijn, zoo de voor„ zegtigheijd niet geraaden had, ernstige maat regu„ len uijt te stellen, om reeden de meeste debiteuren Inwooners van Nagapatnam waaren, die voor„ wende Een uijtstaande Reekening te hebben met de Comp:e, en andere dat ze hun reekening of schuld na 't overgaan van de stad met de Engelsche ge„ liquideerd hadden; dat de Regeering dus Iusti„ neerde dat zodanig ondersoek nog niet geschieden konde, maar daar meede moeste gewagt werden tot de Comp:s weeder in 't besit van Nagapatnam quam, als. - als wanneer niet getwijfeld werd aan eene geluk kige Reusite. dat tot bevordering hier van den Factuur houder Bloeme gelast was, om accurat opte geven wat d' Cooplieden van Nagapatnam geleverd hadden op de respective Eijsschen voor Nederland en India, en den Iaare 1781: L=ra G. In dato 20. 8ber: 1788. doet deeze Regeering nopens de agter stallen en uijtstaande Schulden van het voorig Gouvernement rescriptie aan Hun Hoog Edelens, in alles Conform zoo even geExtendeerd besluijt op den 15. xber 1788. L:ra H. Op den 26. Xber: van dat zelfde Iaar 1788., gaf den Agtb: Heer thans afgaande Gezaghebber Tadama, in vergadering te kennen, dat de schuld van den Palliacats Coopman Donal wardappa Chittij groot R/o 864. buijten zijn Agtb:s weeten door den Koopman Simons als borg voldaan was, blykens eijgenhandige quitan„ tie van wijlen den Gouverneur van Vlis„ singen op de acte van Borgtogt geschreeven, welk document zijn Achtb: produceerde en ook ter resolutie geinsereerd wierd. — Waar op beslooten werd, gemelde Coop„ man tot zijn Decharge Extract dezen Re„ solutie aftegeven L=ra I. — Bij brief van den 14: Maart 1789. geeft deeze 954 deeze Regeering Hun Hoog Edelheedens kennisse van deeze Liquidatie L=ra K. — Hun Hoog Edelens schrijven bij missive van den 31. Maart 1789. aan deeze Regeering onder §35. , dat om de bij gebragte reedenen wel konden passee„ ren, dat ter Inpalming der Schulden van het Na„ gapatnamse Gouvernement nog geene Erns„ tige maatregulen genomen waaren dog dat verwagte dat bij de te rug gave van Nagapatnam door de Engelsche ook de vereischte spoed daar meede soude werden gemaakt, en dat ook bleeven afwagten den uijtslag van de gegeven order aan den Factuur houder Bloeme, om op te geeven wat de Cooplieden van Nagapat„ nam gelevert hadden op de Respective Eijs„ schen voor Nederland en India res„ na pective, in den Iaare 1781. L=ra L: Den 8. September 1789 Produceer„ de den Agtb: afgaande Gezaghebber in vergadering, quitantie van wijlen den geweezen Gouverneur van Vlissingen aan den geweezen Palliacals koopman Meddha Wardarasoe Chittij ver„ leend in dato 15:' April 1782. waar bij bleek dat die Coopman met d'E. Comp: geliquideerd had. van dit bewijs wierd authenticq Copij ge„ nomen. nomen en ter resolutie geinsereerd Lra. M: n Den 18. dier maand wierd rescriptie beraamd aan Haar Hoog Ed s en onder andere nopens het geremarqueerde, omtrent de agterst len van het voorig Gouvernement, om Hoog Deselve te betuijgen, dat tot leedwe¬ zen daar inne niet eerder iets had kunnen werden gewerk stelligd, voor dat men weeder in 't bezit van Nagapatnam geraakte; zoo als breedvoerig gemeld was bij beant„ woord patriaasch Extract van den 12. December 1786. d. 436. geinsereerd bij zonge verslag over Ceijlon L=ra N. Bij brief van den 18. 8ber: 1789. doet deeze Regeering H: H: Ed:s rescriptie, Conform even gemeld besluijt L:ra O. — Bij brief van den 26. Maart 1790. § 63. Bied deeze regeering Hun Hoog Ede„ lens aan, Request van den geweezen Majoor en Hoofd der militie te Na„ gapatnam Hazelman, dat behelst verzoek om zijne bij DE: Comp:e te goeds„ taande gagie 't Zedert 1767. tot 1781. te doen dienen tot voldoening van zeekere ordon„ nantie

← previousnext →