VOC English

Dutch East India Company records, translated and anchored to the scan.

Inventory 3879

Coromandel · 1,188 pages · 203 segments · open at the Nationaal Archief ↗

NL-HaNA_1.04.02_3879_0815 view scan ↗

English

2019: The 21st of January Anno 1791: Internal obligations thereto annexes Copy of the deed of obligation of the son of the abovementioned van Someren, for the cloths purchased from the debtor and shipped to Batavia in the amount of Rds 975. —: in order to render an account thereof to him Which three deeds and the documents annexed thereto read verbatim as follows No: 223. On this day the 22nd of December Anno 1790. — Appeared before me, Albertus Francois van Holt, Bookkeeper and Sworn Clerk of this Office, the Company's merchant Badjoe Wengadasalam residing here, who acknowledged and declared, as he does hereby, for the security of his arrears at the closing of the final account with the Honorable Company amounting to one thousand six hundred and sixty-four New Nagapatnam pagodas, nineteen and a half fanams; to mortgage and pledge his house at this place, which is occupied by Mr. Hironimus Jacobus van Someren van Vuijenes and cost two thousand five hundred New Nagapatnam pagodas, and promised to deliver for his abovementioned debt in the coming year 1791 sound of The 21st of January Anno 1791. — sound and good cloths, in observance of all of which he, the Appearer, pledges his house, his person, and all his goods, none excepted, under submission to all the Lord's Courts of Law and Judges. Thus done and passed in the Dutch Office of Jaggernaijkpoeram, date as aforesaid, in the presence of the assistants Adrianus Mattheus Da Silva and Christiaan Bernardus Dirksz as witnesses. The minute hereof is duly signed by the Appearer, witnesses, and me, the clerk. Below stood: Which I attest. Signed: A: F: van Holt, Sworn Clerk. I, the undersigned, acknowledge to have transferred my house, standing and situated next to the house of Mr. Vrijmoet, opening at the back onto the riverbank, in full ownership to the Mazulipatnam merchants named Patrjoe Amaija and Batjoe Triwengalam; and that for a sum of two thousand five hundred New Nagapatnam pagodas, whereof I acknowledge to be satisfied and paid to my satisfaction, and the conveyance shall therefore be free and unencumbered as it ought to be by law. —. Jaggernaijkpoeram, the 23rd of April Anno 1772. Was signed: J:s Dumon. Below stood: agrees with the original shown to me, Jaggernaijkpoeram, the 27th of December 1790. Signed: A: F: van Holt, Sworn Clerk. No. 224. On this day the 22nd of December Anno 1790. — Appeared before me, Albertus Francois van Holt, Bookkeeper and Sworn Clerk of this Office, the Company's merchant Badjoe Ballaramaija, residing here, who acknowledged and declared, as he does hereby, for the security of his arrears at the closing of the final account with the Honorable Company, amounting to two thousand one 2021. The 21st of January Anno 1791. one hundred and eighteen New Nagapatnam pagodas, ten and three-eighths fanams, to mortgage and pledge the following articles, namely: The remainders of the cloths belonging to him and now stored in the Company's packhouse, New Nagapatnam Pagodas 130. 8. 1/8. A bond chargeable to Mr. van Bijland dated the 19th of November Anno 1789 old style - - - - - Star Pagodas 1500. –. –. Interest from the 19th of November 1789 to the 19th of December of this year at 1 percent, being 13 months, from which four stipulated months are deducted, for 9 months - - - - - - - 135. –. –. Total Star Pagodas 1635. –. –. calculated in agio at 6 percent - 98. 2. 1/4. Together New Nagapatnam Pagodas 1733. 2. 1/4. A brick house bought from Mr. Topander, the cost of which is - - - - - 500. —. — 2233. 2. 1/4. The value of the entire security - - - - - - - New Nagapatnam Pagodas 2363. 10. 3/8. And promised to deliver for his abovementioned debt in the coming year 1791 sound and good cloths, in observance of all of which he, the Appearer, pledges his person and goods, none excepted, under submission to all the Lord's Courts of Law and Judges. Thus done and passed in the Dutch Office of Jaggernaijkpoeram, date as aforesaid, in the presence of the assistants Adrianus Mattheus da Silva and Christiaan Bernardus Dirksz as witnesses. The minute hereof is duly signed by the Appearer, witnesses, and me, the clerk. Below stood: Which I attest. Signed: A: F: van Holt, Sworn Clerk. No 225. —.

Dutch transcription

2019: Den 21:' Januarij Anno 1791:—: Interlie verbintenissen daar annoxeert Copia verbandschrift van de zoon van opgem: van someren, voor de van van den debiteur gekochte en naer Batavia verzondene Lijwaeten ten bedraegen van Rd:s 975. —: om daer van aan hem reekenschap te doen Welke drie Acten en de daer aan geregte stukken woordelijk aldus Luijden No: 223. OH Heeden Den 22. December A. o 1790. — Compareerde voor mij Albertus francois van Holt Boekhouder en Gesw: schiba deezes Comptoirs, sComp:s koopman Badjoe wengadasalam alhier woonagtig de„ welke bekende en verklaarde gelijk doet bij deesen tot securiteijt van zijn agterstal bij het sluijten der afree„ kening aan D' E: Comp:e groot nieuwe Nagapatnamse pa„ gooden Een duijsend ses hondert en vier en sestig; fa„ nums Neegenthien Een half; te verbinden en te pande te stellen zijn huijs te deezer plaats het welk door den Heer Hironimus Jacobus van Someren van vuijenes bewoond word en Gekost heeft Nieuwe Nagapatnam se pagooden Twee Duijsend, vijff honderd, en beloofd om voor zijne boven gemelde schuld in anno 1791. aanstaande deugd van - Den 21:' Januarij Anno 1791. — drugdzaame en goede Lijwaaten te leviren, in naar ko„ ming van alle het welke hij Comparant met het huijs zijn persoon en alle zijne goederen /:geene uijtgezonderd:/ verbind ten bedwangen van alle s Heeren Hoven Rigt en Regteren Aldus Gedaan en gepasseerd jn 't Nederlands Comptoir Jagger„ naijk p=m dato voorsz: ter presentie van den asistenten Adri„ anus Mattheus Da Silva, en Christiaan Bernardus Dirksz: als getuijgens. De minute deezes is door den Comparant, ge„ tuijgen en mij scriba behoorlijk geteekend, /:ond:/ Twelk getuijgd /:get:/ A: f: van Holk G: screba Ik ondergeschreeven bekenne mijn huijs staande en gelee„ gen nievens 't huijs van de Heer vrijmoet koomende agter uijt aan de revier kant in vollen Eijgendom over gestrans por„ teerd te hebben aan de Mazulipatnamse kooplieden Ge„ naamt patrjoe Amaija, en Batjoe Triwengalam; en dat voor Een somma van Twee duijsend- vijff honderd nieu„ we nagapatnamse pagooden, waar van bekenne tot genoegen voldaan en betaald te zijn zullen overzulx de Transport vrije en whaaren als na regten behoord. —. Jaggernaijkpoeram den 23. April anno 1772. /:was get:/ J:s Dumon, /:onderstond:/ accordeerd met het aan mij vertoond origineel Jaggernaijk p=m den 27. December 1790 /:get:/ A: f van Holt, G: scuiba No. 224. Op heeden Den 22:' December Anno 1790. — Compareerde voor mij Albertus francois van Holt Boekt„ houder en geswooren scriba deezes Comptoirs, 's Comp:s koop„ man Badjoe Ballaramaija, alhier woonagtig, dewelke be„ kende en verklaarde, gelijk doet bij deesen tot sicuriteijt van zijn agterstal bij het sluijtin der afreekening aan D: E: Comp=se groot Nieuwe Nagapatnamse pagooden, twee duijsend, Een 2021. Den 21:' Januarij Anno 1791. Een honderd en agtthien, fanumsien en drie agtste, te ver„ binden en te pande te stellen de ondervolgende articulen; teweeten De Restanten der hem toebehoorende, en nu in 'sComp:s paibh„ huijs geborgene Lijwaaten N: N: Pagooden 130. 8. 1/8. Een obligatie ten laste van den Heer „n Bijland ged:t den 19. Nov: Anno 1789. st: _ - - - - pr/o 1500. –. –. Jntrust van den 19. ' 9ber: 1709. tot den 19: Dic: deesze s Jaars â 1. p:r C:t zijnde 13. maanden, waar van vier bepaalde maanden afgetrokken werden voor g. maanden - - - - - - Teld Ster Pa /o. 1635. - „ 98. 2. ¼. . t - - op geld gereekend 6. p:r Ct Te Zaamen N:o 6 57/6. 1733. 2. ¼ Een steene huijs van den Heer Jopan der gekogt, welkers kostende is - - - - - „ 500. —. — „ 2233. 2. ¼. De waarde van de geheele Caustie - - - - - - - N:o 8%0. 2363. 10. 3/8. Een beloofd om voor zijn boven gemelde schuld in A:o 1791. aan„ staande, deugdzaame en goede Lijwaaten te leveren, in naar„ koming van alle het welke hij Comparant sijn perzoon en goederen, geene uijtgezonderd, verbind ten bedwange van alle sheeren hoven Regt en Regteren Aldus gedaan en gepasseerd in 't Nederlands Comptoir Jag„ gernaijk p=m, dato voorschreeven, ter presentie van de assis„ tinten Adrianus Matthius da Silva, en Christiaan Ber„ nardus Dirksz: als getuijgens, De minute die zes is door den Comparant getuijgens en mij scriba behoorlijk geteekend= /:onderstond:/ 'T welk getuijgd /: geteekend:/ A: f: van Holt G: s Cusber - - - - - - - „ 135. No 225. —.

NL-HaNA_1.04.02_3879_0818 view scan ↗

English

130 The 21st of January Anno 1791. — No. 225. On this day, the 22nd of December Anno 1790. —: Appeared before me, Albertus Francois van Holt, Bookkeeper and Sworn Clerk of this Office, the Company's merchant Mamedie Enketkiotna, residing here, who acknowledged and declared, as he does hereby, as security for his arrears upon the closing of the account with the Honorable Company amounting to three hundred and ninety-nine new Nagapatnam pagodas, eight and one-quarter fanams, to bind and pledge a remainder of sown goods stored in the Company's warehouse to the amount of New Nagapatnam Pagodas 120. 16. 5/8. An amount of 975 Rixdollars, which the bookkeeper Willem van Someren van Vrijenes, according to a bond dated the 18th of October of this year, owes - - - 487. 12. —. Together New Nagapatnam Pagodas 608. 4. 7/8. And promises, for his debt mentioned above, to deliver sound and good linens in the coming Anno 1791; in compliance with all of which, he, the Appearer, binds his person and property, none excepted, subjecting himself to the constraint of all the Lord's Courts, Law, and Judges. Thus done and passed at the Dutch Office Jaggernaijkpoeram, on the date aforesaid, in the presence of the assistants Adrianus Matthias Da Silva and Christiaan Bernardus Dirks, as witnesses. The minute of this has been duly signed by the Appearer, witnesses, and me, the clerk. Below stood: Which I witness, signed: A. F. van Holt, Sworn Clerk. —. I, the undersigned, acknowledge having bound to Mr. Simon Dwijnevelt for Palliacatte various permitted linens to the amount of 975 Rixdollars, which sum belongs to the merchant Mamedie Soeraija, to be sent from Palliacatte aforesaid on the Company's ship Houssen under recognition to Batavia, C No. 9 130 2023. The 21st of January Anno 1791. — to Batavia, to be dispatched to my attorneys, Messrs. George Fredrik Winkelman and Abraham Avitmal, in order to be sold for his, the owner's, account, such that profit and loss shall not concern me but directly him, the owner, as well as the risk of the sea, both of the goods and of the remittances; and since these goods have been handed over to me in commission in good faith, I acknowledge to him, the owner, that I am truly and properly indebted for the aforementioned amount of Rixdollars 975. - say: Nine hundred and seventy-five Rixdollars of forty-eight heavy stivers each, or otherwise the accounting and residue thereof, promising that as soon as the account regarding this sale shall have been received from the aforesaid gentlemen attorneys, I shall hand over to him, the Creditor, and also transfer in kind the remittance which the gentlemen attorneys shall send thereof, and this without any exception whatsoever, under this condition that he, the Creditor, is bound to grant or credit me the customary ten percent on the purchase and sale of the goods, that is on the net remainder here. Submitting myself concerning all things, both in person and property, according to law. Jaggernaijkpoeram, the 18th of October 1790. Was signed: G. W. van Someren van Vrijenes. Below stood: agrees with the original bond shown to me; Jaggernaijkpoeram, 24 December 1790. Signed: A. F. van Holt, Sworn Clerk. — Whereby the Commissioners, under No. 4, for the debts of the providers, transmitted two translations of the security provided by the two suppliers, 3/8. tte ieNa 6 suppliers Dewarpa Camaija and Sjetka Winkaija for their share of the debts, amounting for the former to Pagodas 2317. 1/4 and for the other Pagodas 231. 1.–, for which they bind a bond granted by the former Chief van Halm dated 4th of October 1790, on behalf of the Brahmin Dongerale Boetsjena for chintzes delivered and sent to Batavia, excluding the interest at 1 percent per month, amounting to Madras three-stroke pagodas 2492. 13. 1/2, and a warehouse located at Jaggernaijkpoeram on the riverbank to the value of Madras three-stroke Pagodas 1500. —, as the writings themselves further show the obligation. Translation of a Gentoo obligation granted by the Supplier Dewarppa Kamaija, the contents of which are as follows. —. The Insertion 1025. The 21st of January Anno 1791. — The 20th of December Anno 1790. — Writing that the Supplier Dewaapa Kamaija caused to be written and given to the Gentlemen Commissioners Philip Hendrik Weshusius and Sebastiaan Matthias Schliephaken: I am indebted to the Honorable Company according to the account in the amount of Pagodas 2317. - 3/4, for which I provide as security: A bond to the debit of the Honorable Mr. van Halm - - - Madras Three-stroke Pagodas 2492. 13. 1/2. With 4 percent premium - - - 2816. 2. 1/2. Whereof the half is - - - Pagodas 1408. 1. 1/4. A warehouse here on the riverbank, Madras Three-stroke Pagodas 1500. -. With 4 percent premium . . . . . . . = Pagodas 1694. 17. —: In this, the half is - - - 847. 8. 1/2. Together 2255. 9. 3/4. For which arrears, having provided security, I shall deliver goods. Was signed: in Gentoo characters, Dewaapa Ramaija. Below stood: for the translation according to the interpretation from the Portuguese language by the Company's Brahmin Oederadoe Ramaija. Jaggernaijkpoeram, the twenty-seventh of December Anno One thousand seven hundred and ninety, signed: A. F. van Holt, Sworn Clerk. —. I, the undersigned, acknowledge being indebted to the Brahmin Dougierale Boetjena in the sum of Madras Three-stroke Pagodas two thousand four hundred ninety-two and thirteen and a half fanams, for chintzes delivered to Batavia, of which I promise to pay, six months from today, One thousand Pagodas, and the remaining sum likewise ten months from today, at the interest of One percent per month; binding my person and property according to law. Jaggernaijkpoeram, the 4th of October 1790. Signed: G. E. van Halm. — is

Dutch transcription

130 Den 21:' Januarij Anno 1791. — N„o 225. OP heeden, Den 22:' December A:o 1790. —: Compareerde voor mij Albertus Francois van Holt, Boek„ houder en Getw: scriba deeszes Comptoire, 's Comp:s koopman Mamedie Enketkiotna, alhier woonagtig, de welke bekende en verklaarde, Gelijk doet bij deezen tot securiteijt van zijn agterstal bij het sluijten der afreekening aan D: E: Comp:e groot nieuwe Nagapatnamse pagooden Drie honderd, neegen en neegen„ tig fanumo agt in een quart, te verbinden en te Bande te stel„ len een restant van gezaaijde goederen, die in 's Comp. s pakhuijs geborgen zijn ten bedraagen van Nieuwe Nagerpat:s 8 %. 120. 16: 5/8. Een bedragen van Rijksdalders 975. die den 6: p:r willem van someren van vrijenes volgens ver„ bandschrift van den 18. october deezes Jaars of - - - „ 487. 12. —. Te zaemen N: N: Pagooden 608. 4. 7/8. En beloofd om voor zijn schuld booven vermeld, in A:o 179. aanstaande, drugdzaame in goede Lijwaaten te leeveren, in naar koming van alle het welke, hij Comparant zijne perzoon en goederen, geena uijtgezondert verbind ten bedwange van alle 's Heeren Hoven„ Regt en Regteren Aldus Gedaan en gepasseerd in 't Nederlands Comptoir Jag„ gernaijk poeram, dato voorsz: ter presentie van de assistenten Adrianus Matthias Da Silva en Christiaan Bernardus Dirks, als getuijgens: De minute deezes is door den Comparant, getuijgen in mij scriba behoorlijk geteekend: /: onderstond:/ T welk getuijgd /:get:/ A: f: van Holt 9: scriba. —. Jk ondergeschreeven bekenne, naar Palliakatta verbonden te hebben aan den heer Simon Dwijnevelt, diverse gepermit„ teerde Lijwanten ten bedraagen van Rijxd:s 975. welke som eijgen is aen den koopman Mamedie Soeraija om van Palliacatte voorschreeven met 's Compagnies schip Houssen op recognitie Nae Batavia C No. 9 130 2023. Den 21:' Januarij Anno 1791. — Batavia versonden te werden aan mijne volmagten de Heeren George fredrik winkelman en Abraham avitmal, ten eijnde voor hem eijgenaars Reekening /: zoodanig dat winst en ver„ lies niet mijn maar direct hem Eijgenaar zal aangaan, zoo ook resico der zee, zoo van de goederen als de remiesen:/ verkogt te werden, en dewijl deeze goederen mijn op goed vertrouwen in commissie overhandigd zijn, zoo bekenne ik aan hem eijge„ naar wil in deugdelijk schuldig te weezen voormeld bedraa„ gen van r=o 97. - /:zegge:/ Neegen honderd vijff en seeventig Rijxdaalders van acht en veertig swaare stuijvers ieder, dan wel bewijs reeke„ ning en reliqua van dien, Beloovende zoo daa van voorschrie„ ven heeren volmagten reekening weegens dus verkoop zal inge„ koomen zijn, dat ik hem Crediteur zal overhandigen, en ook Transporteeren in natura de remiesie welke de heeren volmagten, daar van zullen zinden, en de zulx zonder beeni„ ge Exceptie hoegenaamd, onder deeze mits dat hij Crediteur gehouden is, mij daar voor aftestaan ofte goed te doen, de ge„ woonethien percento van uijt en inkoop der goederen dat is op het zuijver resto hier. submitteerende mij omtrend alles zoo in perzoon als goederen als na regten Jaggernaij kp=m den 18:' october 1790. /:was geteekend:/ G: W: van someren van vaijenes /:onderstond:/ accordeerd met het aan mij vertoonde origineele verband schrift; JaggernaijA„ pocram 24. Dec: 1790. /:gest:/ A: f: van Holt G: scriba — Waar bij de Gecommitteerden onder N=o 4 al vor de p. schuldender prouten overzonden twee translaeten van de door de twee 3/8. tte ieNa 6 Leveranciers ciensen zeekerheijd daar evan„ -. Den 21:' Januarij Anno 1791: —: Leveranciers Dewarpa Camaija, en sjetka winkaija opgegeevene zeekerheit voor hun aandeel in de schul„ den, bedraegende van den eersten pr/o 237. /¼ en vaan den anderen per/o. 231. 1.– waar voor zij verbinden een door het geweezen opperhooft van Halm verleende obligatie de dato 4:' octobr 1790, ten behoeve van den Bramine Dongerale Boetsjena voor geleverde Chit„ sen verzonden na der Batavia buijten den intrest tot 1. p„r Cento smaends groot Madrasse drie te pagoo„ den 2492: 13. ½. in een te Jaggernaij kpoekam aen de Rivier kant geleegen Bakkhuijs ter waerde van M: D: b: Pagoodin 1500. — gelijk die geschriften zelve verbintenisse nader aantoonen Translaat eener fintiefs verbintenis verleend door den Leverantier Dewarppe namaija van inhoude als volgd. —. Den Insertio 1025. Den 21. ' Januarij Anno 1791. — Den 20. December Anno 1790. — Geschrifte dat den Leverantiea Dewaapa Kamaija heeft doen schrijven en geeven aan de Heeren Gecommitteerdens Philip Hendrik Weshusius en Sebastiaan Matthias schliephaken Jk ben aan de E: Comp:e volgens afreekening debet p=r/o 2317. -¾ voor welke tot sicuriteijd stelle Een obligatie ten Laste van den wel Edelen Heer - - M: D: C: p a /o. 2492. 13. ½. van Halm - - - - „ 2816. 2. ½. met 4. p„r C„t opgeld .. pr %. 1408. 1. ¼ waar in de helft - - - Een pakhuijs hier aan de Revier kant M: d: 6: pr/o 500. -. met 4. p:r C:t op geld. . . . . . . = pra/o 1694. 17. —: - - - „ 847. 8. ½. „ 2255. 9. ¾. - .. in deeze de helft - voor welke agterstal hebbende securateijd gesteld zal ik goede„ ren leeveren -. /:was geteekend:/ in Jentiefse Carractias Dewaa„ pa Ramaija /:onderstond:/ voor de oversetting volgens ver„ taaling van Portugeese taale door 's Comp:s Braminie oe„ deradoe Ramaija Jaggernaijkpoeram den seven en twintigste December An„ no Een duijsend seven honderd en negentig, /:geteekend:/ A: f: van Holt, G: sCaiba. —. Jk ondergeteekende bekenne schuldig te zijn aan den Bra„ mine Dougierale Boetjena, Een somma van M: D: b: pagooden twee duijsend, vier honderd, twee en negentig, en derthien en een halve fanum, voor geleverde zitten, na Batavia waar van ik belove te voldoen, heeden over zes maanden, Een duijsend Pagooden, en de resteerende somma meede hee„ den overthien maenden, teegens den Jntrest van Een percento smaand; verbindende mijn perzoon en goederen als na regten Jaggernaijk p=m den 4. october 1790. /:geteekend:/ G: E: van Halm — is

NL-HaNA_1.04.02_3879_0822 view scan ↗

English

The 21st January Anno 1791. —. Halm below to the side was written: that is, M: d: b: pagodas 2492. 13. ½. underneath was written: agrees with the original shown to me, Jaggernaijkpoeram the 27th December 1790. signed: A: f: van Holt, Sworn Clerk. The 20th December Writing that the Supplier Tjetke wenketramaija has caused to be written and given to the Gentlemen Commissioners Philip Hendrik Heshusius and Sebastiaan Matthias Schliephaken— I owe to the Honorable Company according to the settlement of account Tebit per/o 31. 15. — for which as security A bond at the charge of the Honorable Mr. van Halm M: d: b: pr/o 2492. 13. ½. with 4 percent agio - - - - . . - - 2816. 2. ½. of which the half- - - - - - - - - - 1408. 1. ¼. A Warehouse here at the river M: d: pra/o 1500. - . .. side. with 4 percent agio. . . . . — ro/o 1694. 17. -. of this the half - - - - - - - - 847. 8. ½. 2255. 9. ¾. Having provided security for which arrears, I shall deliver goods was signed: in Gentoo Characters: Tjelke wenketramaija: underneath was written: for the transcription according to the translation into the Portuguese language by the Company's Brahmin Oederasoe Ramaija; Jaggernaijkpoeram the twenty-seventh, December anno One thousand seven hundred and Ninety signed: A: f: van Holt, Sworn Clerk. Translation of a Gentoo bond granted by the Supplier Tjetka winkitramaija of contents as follows. being 2027. Item of the blanket supplier the original bond being, as the Commissioners reported, deposited in the Company's cash treasury, and for the satisfaction of the debts of the Suppliers of the Blankets, being from the one pagodas 60. 5. 1/8. and from the other pr/o 703. 1 7/8. accepted as sureties the Company's Interpreter Addaballa Appaija for the first-mentioned, and the private merchant Baatsjoe Jagaija for the last-mentioned, both according to Acts No. 5, which also follow here below teen No. 230. Today The 27th February 1790. Appeared before me Albertus Francois van Holt, Bookkeeper and Sworn Clerk here, and the aftermentioned witnesses, the Company's Interpreter Adaballa Appaija, Who acknowledged and declared, as he acknowledges and declares hereby The 21st January Anno 1791: The 21st January Anno 1791. —. that he, the Appearer, places and binds himself as surety for the person of Bandevoordelogia for the sum of Pagodas sixty fanams five and five-eighths, for which he, the Appearer, warrants that the said Supplier, upon the forthcoming Delivery of the tender falling to his share, shall deliver good and sound blankets for the said sum, in compliance with this suretyship, the Appearer binds his person and goods, none excepted, placing all the same under the constraint of all lords, courts, law, and Judges; in case the said Supplier does not settle his arrears in anno 1791 with the Honorable Company. Thus Done and Passed in the Dutch Factory Jaggernaijkpoeram on the date aforesaid in the presence of the Assistants Adrianus Mattheus da Silva and Christiaan Bernardus Dirksz:, here as witnesses. The minute of this is written on a loose stamped paper and properly signed by the Appearer, witnesses, and me, clerk underneath was written: Which Attests: signed: A: f: van Holt, Sworn Clerk. Translation of a Gentoo bond given by the Private merchant Badjoe Jagaija to the Gentlemen Commissioners Philip Hendrik Heshusius and Sebastiaan Matthias Schliephaken of contents as follows: The 24th December Anno 1790. Writing passed by Batjoe Jagaija to the gentlemen Commissioners 2029. The 21st January Anno 1791 good outcome to all that Halm's share in the arrears Commissioners Philip Hendrik Heshusius and Sebastiaan Matthias Schliephaaken— That which the Rajahmundry Suppliers owe to the Honorable Company at the closing of the account to the amount of Pagodas seven hundred and three, fanams One and five-eighths. — If at the forthcoming Demand half of it, after deduction of this debt, the Remainder is given to them, they shall deliver blankets within four months; of this I have provided Two identical writings signed: in Gentoo Characters Badsoe Jagaija underneath was written: for the transcription according to the translation into the Portuguese language by the Company's Brahmin Oederasjoe Ramaija In the Dutch Factory Jaggernaijkpoeram the 27th December 1790. was signed: A: f: van Holt Sworn Clerk The Commissioners wishing good success regarding all the aforesaid bonds within the period of one Year, and adding under No. 6 the Memorandum of account of what the former Chief van Halm to the amount of pagodas 6506. 4. or fl. 29277. 15 — in the aforesaid arrears the commissioners wish a send account of van after and in case of satisfaction found goods at Nagapatnam mortgaged inserted proof thereof The 21st January Anno 1791:— pursuant to the resolution of the 29th October and 24th December Anno [illegible] have to compensate from Van Someren and De Rabatek, with the demonstration that they for the share of Van Someren and De Rabatek, namely of the first amounting to pr/o 425. 3. 61. 2/3. and of the second pa/o 727. 21. 10. 1/3 in accordance with the orders of this Government had required from them direct satisfaction, but that both had professed their inability to pay in Cash, Van Someren has his house and offered, the first his house and garden at Nagapatnam, of which the proof was kept in the Company's Treasury, as the same following annex No. 7 verbatim follows here No. 229 3 Today the 24th December 1790 Have I, Albertus Francois van Holt, Bookkeeper and Sworn

Dutch transcription

Den 21:' Januarij Anno 1791. —. Halm /:beneeden ter zijde stond:/ zegge M: d: b: pagooden 2492: 13.½. /:ondersond:/ accordeerd met het aan mij vertoonde origineel Jaggernaijkpoeram den 27. xber 1790. /:geteekend:/ A: f: van Holt, G: sCriba Den 20:' December Geschrifte dat den Leverantier Tjetke wenketramaija heeft doen schrijven en geeven aan de Heeren Gecommit„ tierdens Philip Hendrik Heshusius en Sebastiaan Matthias schliephaken— Jk ben aan de E: Compagnie volgens afreekening Tebrt per/o 31. 15 . — voorwelke tot securiteijt Een obligatie ten laste van den welEdelen Heer van Halm M: d: b: pr/o. 2492. 13. ½. met 4. p:r C:t opgeld - - - - . . - - „ 2816. 2. ½. waar in de helft- - - - - - - - - - „ 1408. 1. ¼. Een Pakhuis hier aand revier M: d: pra/o 1500. - . .. Kant. met 4. p„r C„to opgeld. . . . . — ro/o 1694. 17. -. in deeze de helft - - - - - - - - „. 847. 8. ½. „ 2255. 9. ¾. Voor welke agterstal hebbende securiteijt gesteld, zal ik goederen Leeveren /:was geteekend:/ in Jentiefse Caracters:/ Tjelke wenketramaija:/ onderstond:/ voor de oversetting vol„ gens vertaaling in de Portugeebetaale door 's Compagnies Braminie oe derasoe Ramaija; Jaggernaijk poeham den se„ ven en twintigste, December anno Eenduijsend seven honderd en Negentig /geteekend:/ A: f: van Holt, G. SCribe Translaat eener Jentiefs ver„ leend door den Leverantier Tjetka win„ kitramaija van in houde als volgd. zijnde 2027. Jtem van de deeken lerewan„ zijnde de origineel obligatie gelijk de Gecommit„ teerden berochten in 's Comp:s geld Kassa gedeposi„ turk en voor de voldoening der schulden van de Leveranciers der Deekens, zijnde van den eenen pag: 60. 5. 1/8. en van den anderen pr /o 703.1 7/8. tot borgen aangenoomen 's Comp:s Tholk Adda balla Appaija voor den Eerst gem: en de particuliere koopman Baatsjoe Jagaija voor den laest gem: beiden uijtwijzens Actab N:o 5. die meede hier onder volgen „tien No. 230. OHuijden Den 27 Feb: 1790. Compareerde voor mij Albertus Francois van Holt, Boekhouder en Geswooren schiba alhier, en de natemeldene getuijgens, 's Comp:s thoek Adaballa Appaija, Dewelke bekende en verklaarde, gelijk bekend en verklaard bij Den 21:' Januarij Anno 1791: deezen d Den 21:' Januarij Anno 1791. —. deezen dat hij Comparant zig zelven ten borge steld en verbind voor den persoon van Ban de voor blogia voor de som van Pagooden sistig fanums vijff en vijf agts te voor welke hij Comparant instaat dat gem: Leverancier bij de aanstaande Leverantie ter zijnen deele te vallene aen„ bestoading voor gemeld som goede en deugdzaame diekens te zullen lieveren in naarkoming van dieze borgtogt, verbind den Comparant zijne perszoon en goederen geene uijtgezonderd stellende, alle dezelve ten bedwange van alle shedren hoven Regt en Regteren; ingevalle wilmeld Loverantien zijn agterstal niet en verevend in anno 1791. met de Edele Compagnie. Aldus Gedaan en Gepasseerd Jntt Nederlands Comptoir Jaggernaijkpoeram op dato voorsz: ter presentie van de Assistenten Adrianus Mattheus da Silva, en Christi„ aan Bernardus Dirksz:, alhier als getuijgens. Di mi„ nute dieszes is, op Een Losse Zigul geschreeven en behoorlijk door den Comparant, getuijgens en mij schiba geteekend /: on„ derstond:/ 'T welk Getuijgd: /:geteekend:/ A: f: van Holt, Geswoore scaiba Translaat eener Jentiefse verbin„ tenis door den Particuliere koopman Badjoe Jagaija aen de Heeren Gecom„ mitteerdens Philip Hendrik Hetku„ sius in sibastiaan Matthias Schliep„ haken gegeeven van inhoude als volgd Den 24: December Anno 1790. Geschrifte door Batjoe Jagaija gepasseerd aan de heeren D: Commetteer 2029. Den 21. Januarij Anno 1791 goede uijt slag aan dat alles Walmaandeel in de agterstallen Gecommitteerdens Philip Hendrik Heshusius en sebasti„ aan Matthias Schliephaaken— Het geen de Ragimakindrawaromse Leverantiers bij het sluijten der afreekening aan de E: Compagnie schuldig zijn ten bedraagen van Pagooden sieven honderd en drie, fanums Een en vijf agtste. — zoo Bij de aanstaande Eijsch de helft van dien na aftrek van dit schuld het Restant aan haar gegeeven word zul„ len zij binnen vier maenden deekens Leeveren hier van heb ik Twee Eensluijdende geschriften verziende /: Ge„ teekend:/ in sentief de Carracter Badsoe Jagaija /:ondersond:/ voor de overzetting volgens vertaaling in de Portugeese taale door 's Compagnies Braminie oe deraas joe Ramaija Jn 't Nederlands Comptoir Jaggernaijk poeram den 27. De„ cember 1790. /:was geteekend:/ A: f: van Holt Geswooren scriber Wenschende de Gecommitteerden een goed succes om „ de gecommitt:s wenschen een trent alle de voorsz: verbintenissen binnen de tijd van een Jaer, en voegende onder N:o 6. de Memorie zenden aanrek: van van van aenreekening van het geen het geweeze opper„ hooft van Halm ten bedraegen van pagooden 6506. 4. of to ƒ29277 15 — in de voorsz: agter stoellen - na en biavallet voldtoening gavon„ dend goederen op nagat: verbonden Jnsentie bewijs daar van Den 21: Januarij Anno 1791:— na het besluijt van den 29. october en 24: xeber: A:o hebben van van somenen endo pass=o in cumbeeak te vergoeden, onder vertooning dat ze voor het aandeel van van someren en De Rabatek, te weten van den eerste grot pr /o 425. 3. 61. 2/3. en van den tweeden pa/o 727: 21. 10: 1/3 in gevol„ ge de ondre deesser Regeering van haer directe vol„ doening hadden gerequireerd, dan dat zij beide hun onvermogen hadden betuijgt tot Contante betaeling, van Comeren heeft zin weste en aangebooden den eersten zijn huijs en tuijn te Nagapatnam, waar van het bewijs in sComp:s Cassa waas geborgen, zoo als het zelve na de bij„ lage N:o 7. woordelijk hier volgt No. 229 3 Op huijden den 24e dec. 1790 Heb ik Albertus francois van Holk Boekhouder en Ge„ swooren

NL-HaNA_1.04.02_3879_0827 view scan ↗

English

2031. The 21st of January Anno 1791. I, the sworn clerk at this place, accompanied by the witnesses named below, having been previously summoned, went to and at the dwelling house of the Honorable Gentlemen Philip Hendrik Reshusius and Sibastiaan Matthias Schliephaaken, commissioners for the examination of matters of this factory, where appeared before me and the witnesses Mr. Hironimus Jacobus van Someren van Vrijenes, junior merchant and former second of this factory, who acknowledged and declared hereby to hand over, as security for the debts of the joint merchants, for his share of new Nagapatnam pagodas two thousand five hundred and eighty-four fanams nine casjes sixty-one and one-third: A deed of mortgage dated 9 November Anno 1767 passed at Nagapatnam, of a parcel of land of the village of Cadembadij measuring ninety new Nagapatnam pagodas, from which ground and several gardens drawn thereto since by the appearer, a large garden was laid out and a house was built thereon at a cost of upwards of two thousand six hundred pagodas. A deed of mortgage dated 15 July Anno 1768 likewise passed at Nagapatnam of a house measuring five hundred fifty-three old Nagapatnam pagodas. A deed of mortgage dated 5 June Anno 1771 of a yard and house measuring fifty-two new Nagapatnam pagodas, both houses and yard drawn together making up the large house at Nagapatnam of the appearer, which after such completion came to stand him at three thousand six hundred pagodas. Thus the appearer solemnly affirms that the said houses and garden cost him upwards of six thousand pagodas, for all of which the appearer binds his person and goods, none excepted, under submission to all the Lord's courts, law, and judges, in case the merchants do not settle their arrears. Thus done and passed at the Dutch factory of Jaggernaijkpoeram on the date and at the house aforesaid, in the presence of the assistants Adrianus Mattheus da Silva and Christiaan Bernardus Dirksz as witnesses; the minute hereof is written on unstamped paper and properly signed by the appearer, the witnesses, and me, clerk. Subscribed: Which certifies. Signed: A. F. van Holt, sworn clerk. That as regards the Navaltek, he had assigned on his part, both for his share in the price increases in question amounting to pagodas 251. 4. 1. and in that of the arrears amounting to pagodas 727. 2. 18. 1/3, as appears hereafter, eight payroll certificates deposited in the Company's treasury at Jaggernaijkpoeram, of which the register has already been resumed and inserted above during the proceedings; finally, presenting a remonstrance regarding the debt of the company washers, 2033. showing how these had remained in debt for pagodas 17. 1, and that they had undertaken to earn and discharge that amount in the coming year; which would have already occurred in the past year if those laborers had had sufficient work to find their livelihood therefrom, and that for that reason, and because of the dearness of provisions, several of them had also intended to go seek their livelihood elsewhere, but that the commissioners had nevertheless prevented this by kind words and promises, trusting that those laborers would indeed keep their word and liquidate their debts in 1791. All of which having been deliberated upon, and first of all in relation to the aforesaid arrears, and it being reflected on the one hand that since the last statements mentioned in the resolution of the 29th of October 1790 they were indeed reduced by a considerable amount of pagodas 6519. 10. 5/8, but on the other hand that, apart from an altogether too general reflection on the offered obligations without detailing and specifying them as they are now noted by resolution or mentioning what value and worth they are to be deemed, one has left the matter solely to a ridiculous 2035. The 21st of January Anno 1791. ridiculous wish that everything may turn out well within a year, but what is more, has not even seen fit to show to this assembly through what the aforesaid reduction has arisen, which of the debtors have mainly contributed thereto, and what solid hope therefore remains to be able to be assured of any effect of the promises made in vague terms under obligations by the original debtors, which in their kind ought to have been examined, thoroughly explained, and accompanied by some considerations sufficient for this administration, for lack of which nothing remains for the assembly, in the faint hope that comes for the settlement of that balance to pagodas [illegible], The 21st of January Anno 1791. or is able to choose any other course than that, which according to the order of the Honorable High Indian Government on the aforementioned day of the 29th of October has already been resolved upon and further confirmed on the 24th of December, it is, after consideration of all matters, in accordance with the proposal of the Lord Governor, approved and agreed to let the compensation, as determined on that day from the balance of the debt to be stated, and as amplified by the decree of the 23rd of November, item further affirmed on the 24th of December upon the remonstrance of the former chief of Halm, remain in full force and effect, and for the actual execution of the resolutions, and consequently also the Jaggernaijkpoeram obligations, no longer delay [illegible]

Dutch transcription

2031. Den 21. ' Januarij Anno 1791. — swooren scriba alhier mij met de natemeldene getuijgens na voorgaande ontbod vervoegd aan en ten woonhuijs van D' E: E. Heeren Philip Hendrik Reshusius en Sibastiaan Matthias Schliep„ haaken gecommitteerdens ter onderzoek van zaaken van dit factorije, alwaar voor mij en getuijgens Compareerde den heer Hironimus Jacobus van Someren van Vrijmnes, onder„ koopman en geweesine secunde diezes Comptoirs, Dewelke „gelyk bekent en verklaart bekende en verklaarde „ bij dezen voor zijn aandeel van nieuwe Nagapatnamse pagboden Twee Duijsend vijff honderd en vier en Taggentig fanums neegen Casjes Een en sestig in Een derde, tot seuriteijt der schuldin der Gezaamentlijke kooplieden te hande te stellen Een scheepen kennisse de dato 9. nov: Anno 1767. te Nagapatnam gepasseerd, van Een gedeilte lands van het dorp Cadembadij groot nieuwe Nagapatnamse pagooden Neegenthig, van welk grond en verscheijde thuijnen 't zeedert daar bij door den Comparant getrokken. Een groote thuijn aangelegd en daar in Een Huijs gebond is ten kosten van pagooden twee duijsend ses honderd ruijm Een scheepen kennis de dato 15: ' Julij A:o 1768: meede te Naga„ patnam gepasseerd van Een huijs groot oude Nagapatnamse pagooden vijff honderd drie en vijftig. — Een scheepen kennis gedateerd 5: Junij Anno 1771. van Een Erff in huijs groot Nieuwe Nagapatnamse Pagooden twee en vijf„ lig beijde huijsen en Erff te saamen getrokken het groote „welke huijs te Nagapatnam van den Comparant uijtmaakt welke hem op pagooden Drie duijsend en ses honderd is koo„ men te staan na dus voltoeijing Dus den Comparant ingemoede betuigd dat gemelde huijsen en „ hem ruijm ses duijsend Pagooden kosten, boven alle „thuijn welke den Comparant zijne Perzoon en goederen geene uijtgezon„ 8 verbonden. Den 21. Januarij Anno 1791. —. uijtgezonderd vrbind ten bedwange van alle 's Heeren hoven Regt en Regteren ingevalle de kooplieden hun agter stal niet verevenen Aldus Gedaan en Gepasseerd Jn 't Nederlands Comptoir Jag„ gernaijkpoeram dato en ten huijse voorschreeven ter presentie van den assistenten Adrianus Mattheus da silva en Christi„ aan Bernardus Dirksz:, als getuijgens de minute deezes is geschreeven op Losse Zegul, en behoorlijk door den Comparant, getuijgens; en mij schiba geteekend; /:onderstond:/ T welk Ge„ tuijgd, /:geteekend:/ A: f: van Holt, G: scriba d' Riavallet haft zin gake Dat wat de Navaltek aengaet, deede hadde geassig„ neert op zijne, zoo voor zijn aendeel in de bewuste sprijs verhoogingen bedraegende per/o 251. 4 1. als in dat der Agterstallen, als voorwaerts blijkt pr o. 727. 2. 18. 1/3. -. beloopende, in 's Comp:s Cassa te Jaggernaijkpoeram gedepositeerde agt stuks soldij reekeningen, waer van het Register onder de besoigne hier voor be„ reets geresumeert en geinsideert is geworden; vertog nopens de shuld a ijnde lijk aangaende de wassekers in Compagnie vertoonende wasers 2033. vertoonende hoe deeze waren debet gebleeven pra„o 17 1: in dat zij aengenoomen hadden in het aanstaen„ de Jaer dat bedraegen te verdienen en aftedoen; het welk in het gepasseerde Jaar bereets zoude geschiet zijn, indien die arbeidslieden toerijkend werk hadden gehad, om daer uit haer bestaen te vinden, dat daerom, en om de duurte der Levens middelen ook verscheidene van hun voornee„ mins geweest waren, hun onder houdelders te gaen zoeken doch dat zij gecommitteerden dit echter door goede woorden en beloften hadden verij„ Den 21 Januarij Anno 1791 n woord wel zouden houden, en hunne schulden delt vertrouwende dat die arbeids lieden hun in toet gede e ten talen en ver en missee Den 21:' Januarij Anno 1791.— in 1791. Liquideeren. ongewogden over gen gecomm: Oss wilk een en ander en voor af met relatie tot de voorsz: Agterstallen gedelibereert en aan de eene kant gerefticteerd zijnde, dat die zedert de laeste en ter Resolutie van den 29. october 1790: vermelde opgaven wel waren vermindetsk met een aenzienlijk bedraegen van pro/o. 6519. 10. 5/8. 1 dooh ande andere kant, dat men behalven eene maek al te generale refecte tot di aengebodene verbin„ tenissen zonder die zodanig te dislargeeren en op te geeven, als ze nu bij Resolutie genoteert staen of te melden van welk valeur en waerde die zijn te achten, men het heet alleen laek beusten bij een bespottelijke 2035. Den 21: Januarij Anno 1791:— bespottelijke winsch dat het zich binnen een Jaer alles wel moge schikken, maer wat meer is met eens heeft konnen goedvindin aen deese vergadering te vertoonen waer door de voorsz: vermindering is ontstaen„ welke van de Debiteuren daer toe voornaemelijk heb„ ben gecontribueraet, en welke bondige hoopde ia dus over„ blijft om zich te konnen verzeeken en eenig exfect der door de origineele schuldenaeren in vago gedara„ ne beloften onder verbintenissen die in haer zoort onderzooht, grondig geexpoliceert en bekleed hadden behooren te worden met eenige voor dit Ministerium toereekende Consideratien, bij gebrek van dewelke overblijft, de vergadering geen andere pakthij staet in de plauwe hoop die tot voldoening van die komt 1790 „ ding van 't restant te persio„ teeven Den 21: Januarij Anno 1791:—: of vermag te kiesen, dan die, na de ordre van de Edele Hooge Jndische Regeering ten voormelden dage van 29:' october bereets het geval geweest in besluijt bijde opgelagde vergoeden 24. December nader bevestigt is, zoo is, na over„ weeging van het een en ander, conform de propositie van den Heer Gezaghebber goed gevonden en verstaen, de vergoeding zo als ze van het op te geeven restamt der schuld ten dien dage vast gestelk, en ze berk bij arrest van den 23. November is geampliceert, item den 24:' xeber: op het vertoog van het geweeszen opper„ hoofd van Halm nader gefirmeert, te laeten in volle kracht en waerde, en tot de dadelijke exicu„ tie der besluijten, en gevolgelijk ook de Jaggeandijk„ pochoamsche verbintenissen, geen langer uytstol tig

NL-HaNA_1.04.02_3879_0833 view scan ↗

English

2837. The 21st of January Anno 1791. to grant, except until the end of February next, because the bonds and promises that payment by the debtors will occur in the course of this year mean nothing, and one cannot rely thereon, and therefore the Commissioners shall be ordered to compel the debtors in that interim to the fulfillment of their duties, and remaining in default, to hold their persons and goods bound therefor; to seize that which is pledged and all that can be recovered from them, and, by virtue of the commitment, to sell it publicly to the highest bidder in favor of the one who must account for everything to the Company; The 21st of January Anno 1791. keeping of each debtor's share a vendue roll and distinct list, noting also that the bond of pagodas 2492: 13: 1/2, which is debited to the suspended Chief Administrator van Halm and pledged by Tjokka wenkatramaija and partners, can in no way come into consideration, both because the said van Halm is himself bound for the compensation of the remainder of the general debts, and because, as shown by his written accounting demanded of him by the Governor, the present holders of the bond are, as he says, not his debtors, as his written advice itself shows. To 2039. The 21st of January Anno 1791. To The Right Honorable Sir! Jacob Eilbracht, Senior Merchant and Governor of the Coast of Coromandel, etc. Together with The Council. Right Honorable Sir and Gentlemen! Upon the received copy translation of the bond of the Jagannathpur suppliers of white cloths named Dewaapa kamaija and Tjokka wenkitramaija, I have the honor to elucidate to your Right Honorable that I never have had, nor now have, the least private outstanding accounts with them, but indeed with a Brahmin named Dougirale Boetjena, inhabitant in the province of the Raja of Pittapour. This man delivered chintzes for Batavia to me on credit in the month of December last year through the channel of Batjoe Tirowengalom, which were sent for sale to the Indian capital by the undersigned with the Company's ship Housen. With the expected Coast ship, he hopes to receive the remittances, at which time the bond of M.d.C. pagodas 2492. 13. 1/2 with interest accordingly will be paid. He hopes hereby also to have obeyed the intention of your Right Honorable, The 21st of January Anno 1791. and takes the liberty to name himself with deep respect, (was signed) Right Honorable Sir and Gentlemen, your Right Honorable's humble, submissive, and obedient servant, (was signed) P. E. van Halm (in margin) Palliacatta, the 19th of January 1791. Whereupon it was further approved to send a copy to the Commissioners and to present to them that the right of ownership in the form of a cession by the original owner of the bond does not appear anywhere, which nevertheless is primarily required and also ought to have been demanded from the claim to the debit of the sum of the former Secunde van Someren amounting to Rds. 975. –, in order, when this occurs, also to auction and monetize those bonds, without further meddling in the matter of van Halm and of van Someren, who must account for this to the Company, to whom the said van Halm and van Someren are indebted, the observance of the aforementioned in the Instruction 2041. The 21st of January Anno 1791. for the chiefs in the north, dated 18 and ratified in the Council of Coromandel at Nagappatnam on the 12th of February 1766, namely that for no causes or reasons whatsoever may they enter into any association or engage in private trade with the merchants, directly or indirectly, or receive any monies on loan from them, since the aforementioned transactions evidently reveal the truth of that which was previously glossed over, which possibly furthermore constitutes the reason that the suppliers, as happened at Palicol according to the intention of the said Instruction, were not specially asked whether, outside of the Company's affairs, they had had any dealings with the chiefs, of which The 21st of January Anno 1791. they themselves can feign no ignorance, as the Instruction and the contents therein contain no hidden secret for them; with further orders, because this so useful document or the minute at the secretariat here has a defect, to send an accurate copy hereof hither, whether from the original of Jagannathpur, Palicol, or Bimilipatnam, wherever it may be at hand, in order to be examined, renewed, and if necessary amplified here. And whereas according to the intention and order of the 29th of October aforesaid action was taken with the charging of the aforementioned van Halm's bond in compensation to the amount of ƒ29277: 5: –, in the debiting of the two other shareholders De Ravallik with pagodas

Dutch transcription

2837. Den 21: Januarij Anno 1791. te vergunnen, dan tot ulto Februarij aenstaende, vermits de verbandschriften en beloften dat de betaeling door de debiteuren, in den loop van dit Jaar geschieden zal, niets betrekent, en men zich daer op niet mag verlaeten, en waarom de Gecommit„ teerden zullen worden gelast, de debiteuren in die tusschen tijd tot voldoening van haere plickte te noodzaeken, en in gebreeke blijvende, hunne per„ zoonen en goederen daer voor verbonden te houden; het verbondene en al wast van hen te agterhaelen is, in beslag te neemen en, uijt krachte van de ver„ bintenis, publick aen den meest biedende te verkoo„ pen in faveur van den geen die alles aan de Comp=e maij „ mrting Den 21 Januarij Anno 1791.— moeten verantwoorden; houdende van ieder de biteurd aan deel een vendurol en distincte Lijst onder remar„ que tevins dat de obligatie groot pagooden 2492: 13:½ welke tot laste van den gesuspendeerden Hoofd abmi„ nistrateur van Halm door Tjokka wenkatramaija c: s: is verpand in het minst en geen denmerking kan komen, zoo om dat gemelde van halm zelfs voor de vergoeding van het restant der generaele schulden verbonden is, als om dat, uijtwijzens zijne door den Heer Gezaghebber hem afgevorderde schriftelijke verantwoording, de tegenwoordige houdens der obligatie zoo hij zegt zijne debi„ „„ren niet zijn gelijk zijn schriftelijk adris zolfs uijtwijst Aan - - 2039. Den 21:' Januarij Anno 1791. —. Aan Den wel Edele Agtbaare Heer! Jacob Eilbracht„ opperkoopman en Gesaghebber der Custe Cormandel W: &: A: Beneevens Den Raad. Wel Edele Agtbaare Heer en Heeren! OP de ontvangene Copia Translaat sentiefs ver„ bintenis van de Jaggern: Leveranciers der witte Lij„ waaten in naame Dewaapa kamaija en Tjetka wen„ kitramaija, hebbe ik de Eere aan uwel Edele agtbaare te Ellucideeren, dat ik nooijt geene deminste Particu„ lieve uijtstaande reeken: met hun gehad heb, of nog heb„ be, maar wel met eene Bramine in naame Dougirale Boetjena, inwoonder in de provintie van den Ragia van Pittapour, deeze man heeft aan mij in de maand Jber: anno passato door het Canaal van Batjoe Tirowen„ galom Chitsen voor Batavia op Credit geleeverd, welke met het Comp:s schip Housen na de Jndiasche Hoofd plaats door den ondergeteekende ter verkoop verszonden zijn, met de verwagt wordende Cust schip hooft hij de remieziste ontvangen, wanneer als dan de obligatie groot M: d: C: pag: 2492. 13.: ½. met de intreff nat dien zal wird 31 beteend voldaan Hij hooft hier meede aan de Jntentie van uwel Ed agtb: - De gecommitt:s daar van Copij te senden, en wat tevens voor te houden schuldig zijn aan adpooiatie met de Coopl tueg: de Jnstructien Den 21: Januarij Anno 1791. — te hebbe obedieert, en neemt de vrijheijdt zig met diep ontzag te noeme, /:onderstond:/ wel Edele Agtbaare Heer en Heeren uwel Edele agtb: ootmoedige onderdanige in Gehoorzaame Dienaar„ /:was geteekend:/ P: E: van Halm /:in margine:/ Palliacatta Den 19 Januarij 1791. —. Van het welke alverder is goedgevonden den Ge„ committeerden te zenden Copij, en hen voor te houden dat het recht van eigendom bij forma van afstand door den primitiven Eigenaer van de obligatie, ner„ gins komt te blijken, het welk echter wel voornae„ melijk word vereischt en ook haed behooren te worden gevordert van de actie tot laeste van de zom van den geweezen secunde van Someren groot Rd:s 975. –. om wonneer dit geschiet die obligatien meede op te vei„ len en te gelde te maeken, zonder verdere bemoeije har van welen en van sonerem rise derwegen door de Comp:s aan wien gemelde vaon Halm en van Connaen schuldig zijn te verantwoorden, de oviatuerding van het vororschreevene bij de Jnstunc„ tw 2041 of falicot ook plats hef Den 21:' Januarij Anno 1791. — tie voor de opperhoofden om de noord, de dato 18. en benaemt in Raede van Cormandet te Nagappatnam den 12. fe„ „bruarij 1766. namelijk van om geene oorzacken of in„ „zichten hoe genamt, zich met de kooplieden, direct „ of indirect in eenige associatie ofte het drijven van „particuliere Handel te moogen inlaeten of eenige pin„ „ningen van Hen ter leen te ontvangen, daar de voorsz: transaatien als van zelf ain den dag leggen de waar„ heek van het geen men te vooren verbloemt heeft, dat mogelijk alverder de reeden uijtmaakt, dat de Le„ veranciers, gelijk te Palicol na de intentie van geszigde voor medenstelln dae se Jnstructie gesehert is, niet speciaal zijn afgevraagt of zij buijten Comp:s zaeken, met de opperhoofden ee nege affaires te de mislieven gehad hebben, wacr van over te senden ven te debiteeren zoo als met de Den 21:' Januarij Anno 1791. — van zij zelfs gein ignorantie konnen voorwenden, als zijnde de Jnstruetie en doen bij vervatte onderstood te gelasten Copij den Jnstructie hen geen verborgen hert; met veader bevel om ver„ mits dit zoo nuttig geschrift of de minute ter se„ cretarije alhier en defect heeft, daer van een naukeurige Copij dit hien te zenden, het zij na het origineel van de Jaggernaijk poeramsche Palicol„ sche of Bimilipatnam, waer het aen handen mag zijn, ten eijnde alhier overgezien, gerenoveert en des nodig geampliceat te worden den de onsaende eer bi de boe en nademaal na de intensie en ordre van 29. oeto„ ber voormelt gehandelt is met de aenreekening van voorm: van Halms boutie in de vergoeding ten bedraegen van ƒ29277: 5: —: in hett debiteeren der twee andere paaloepantin De Ravallik met pagoo„ andere portien daak geschied is dens

NL-HaNA_1.04.02_3879_0839 view scan ↗

English

2043. foreclosure of the principals, the deficit will be recovered from the chief. The 21st of January Anno 1791. — the 727: 2. 18. 1/3. and Van Someren with Pagodas 2525: 3. 61 7/8. in the Jaggernaijkpoeram books, so it is resolved to have this done here in the Paliacatte Trade Journal, with the aforementioned share of Van Halm, in the hope that, after the foreclosure of the original debtors, it will not be necessary to proceed along the same path of immediate execution against their property, all placed under mortgage, with the warning that from this day forward such will be the consequence, in the event that the goods of the original debtors do not yield what is necessary and demanded for the settlement of the debt, it being not unknown to the said De Ravallet and Van Someren, as well as to Van Halm, that the capital is not enough, but that for the interest at one per cent, pursuant to the order and resolution of their High Excellencies, security must also be given, with a reminder to the Commissioners to bear this in mind and endeavor to comply, while expressing that it is found incomprehensible that they, the Commissioners, did not demand from them, as was done here with Van Halm, a statement and inventory of their properties and possessions under tender of oath, as was written to them by letter of the 29th of October last, to which reference will still be made for good measure. And 2045. to have examined inventory of Linens The 21st of January Anno 1791. And with respect to the accounts themselves and the merchant accounts, the arrangement thereof is further resolved, following the dispatch of the general report, upon receipt of the Jaggernaijkpoeram books, to have them examined by the Trade Transfer Clerk Wouter Pietersz: and to submit a report of his findings, in order that, if there is more to be said about them than at present, to declare themselves in that regard, and in the meantime to insert here the Report found at the back of those Accounts concerning the inventory of Linens of those merchants in the Warehouses, reading as follows: Insertion. To The Honorable Gentlemen, Philip Hendrik Hishusius, Junior Merchant and Chief of Bimilipatnam, and Sebastiaan Matthias Schliephaken, Bookkeeper and Secunde of Palicol, Both Commissioners for the examination of the affairs of this Company. Honorable Gentlemen! Pursuant to your Honors' order, we, the Express Commissioners, repaired to the Company's Warehouse, and there took an inventory of all such Linens as remain on the present date, as is specified below, indicating to which merchants they belong, how many pieces of each sort, their costs separately, and in total; Namely: From the merchant Weem Agastalingam. — 4. –. Pieces Bethilles Allegia - - - - - - - - - 6. 10. 7/8. 8. ½ „ Bethilles Callewapoe - - - - - - - - - „ 15. 15. 7/8. 7. —. „ Roemaals Sistergantij at 1. ¼. Pagodas: - - - - - - - - - „ 21. 10. 1/8. 14. —. „ Roemaals Sistergantij at 1. 7/8. Pagodas: - - - - - - - - - - - - „ 33. 9. 3/8. 1. —. Roemaals Sistergantij at 1. —. Pagodas: - - - - - - - - - - - „ 1. 20. ¾. 8. —. „ Roemaals de Esta at 1. 1/8. Pagodas: - - - - - - - - - - - - „ 19. 2. —. 7. —. „ Roemaals Geruijte at 1. ¼. Pagodas: - - - - - - - - - - - - „ 14. 5. ¼. 3. —. Chelas - - - - - - - - - - - - Pagodas 1. 8. 12. ¾ 10. —. „ Roemaals Geruijte at 1. 7/8. Pagodas: - - - - - - - - - - - „ 16. 11. —. 59. ½. Pieces cost - - - - - - - - Pagodas 249. 5. 7/8. From The merchant Mamedie Enket Kistna 9. ½ Roemaals de Esta - - - - - - - - - - Pagodas 16. 10. 7/8. 14. —. Roemaals Sistergantij at 1. 7/8. - - - - - - - - - - „ 3. 20. 3/8. 6. —. Roemaals Sistergantij at 1. —. - - - - - - - - - - „ 18. 8. ¾. 17. ½ Roemaals de Esta at 1. 7/8 - - - - - - - - - - „ 33. 9. 7/8. 6. —. Roemaals Sistergantij at 1. ¼ Pagodas: - - - - - - - - - - 114. ¼ —. 2. Roemaals at 1. — - - - - - - - - - 29. 1. 4. — Bethilles Allegia - - - - - - - - - - 17. 20. ¼ 50. ½. Pieces Diverse, whereof - - - - - - - - - - 120. 16. 1/8. 50. ½. Pieces Amount together 100. —. Pieces Which Transports with 2047. The 21st of January Anno 1791. Transport - - - - 100. –. Pieces - - - - Pagodas 249. 1. 1/8. From The merchant Batjoe Balla Ramaija 65. ½ Pieces, whereof: 4. —: Pieces Bethilles Allegia - - - - Pagodas 6. 10. 7/8 8. ½. „ Bethilles Callewapoe - - - - - - - - - „ 15. 15. 5/8. 14. —. „ Roemaals Sistergantij at 1. 1/8. Pieces: - - - - - - - „ 33. 9. 3/8. 4. — „ Roemaals Sistergantij at 1. —. „ - - - - - - - - - „ 7. 11. 1/8. 4. —. „ Roemaals de Esta at 1. ¼. „ - - - - - - - - „ 12. 5. 7/8. 7. ½. „ Roemaals de Esta at 1. 1/8. „ - - - - - - - - - - „ 17. 21. ¼. 20. —. „ Roemaals Geruijte at 1. 7/8. „ - - - - - - - - - - - „ 32. 21. 7/8. — ½. „ Roemaals ordinary at 1. —. „ - - - - - - - - - „ —. 12. —. 3. —. „ Chelas - - - - - - - - - - - - - - - - - - - „ 5. 3. ¾. 65. ½. Pieces Amount - - - - - - - - - - - - - - - - - - - „ 130. 8. 1/8. From The merchant Joenoekie Winkat Bagaredij 44. —. Pieces; whereof: 4. –. Pieces Bethilles Allegia - - - - - - - - - - Pagodas 6. 10. 1/8. 4. –. „ Chelas - - - - - - - - - - - - - - - - - - 1. 15. 12. 5. —. „ Roemaals Sistergantij at 1. ¼. Pagodas: - - - - - - „ 15. 7. ¼. 11. —. „ Roemaals Sistergantij at 1. 1/8. „ - - - - - - - „ 33. 9. 3/8. 8. —. „ Roemaals de Esta at 1. 1/8. „ - - - - - - - „ 16. 6. ¼. 8. —. „ Roemaals Geruijte at 1. ¼. „ - - - - - - „ 19. 2. —. 1. —: „ Roemaals Geruijte at 1. 7/8. „ - - - - - - - - - - 3. 20 ¾ 44. –. Pieces Amount - - - - - - - - - - - - - - - - - - - „ 97. 6. ¼. Pieces Diverse Linens amount together - - Pagodas 476. 20. —. The above being our findings, we submit this Report thereof, and subscribe

Dutch transcription

2043. uijtwenning der principaalen, het te kort komen aan de oppirh: sal via„ kaalt woonden Den 21:' Januarij Anno 1791. — den 727: 2. 18. 1/3. en van someren met p a/o 2525:3 61 7/8. bij de Jaggernaijk poeramschi boeken, zoo is verstaen dit alhier bij het Palliaskatsche Negocie Journaal te laeten geschieden, met het voormel de aendeel van van Halm, in hoope dat, na het uitwinnen der origi„ neele Debiteuren, het niet nodig zal zijn, met hunne eigendom, alle leggende onder verband, de zel„ ve weg van parate vxicutie in te slaen, onder waar, onder war schouwing hot schouwing dat van heeden af zulks het gevolg zal zijn, bij aldien de goederen der orgineele de bi„ teuren niet opbrengen het geen tot afdoening van de schuld nodig word en vordeeld, als zynde met d pntressen geveelde De Navallit en van somaaen zoo wel als - nan en Ravallet geen staat en Jnventaris gehondend Den 21:' Januarij Anno 1791. —: als van kalm niet onbekent, dat het kapitail niet genoeg is, maar dat ra voor de intressen tot een p:r Cinto, na de ordre en bequate van hun Hoog Edelheeden, ook zeeker hert moet worden te kroeg waren van van som gegeeven, onder her inneering aen de Gecommitteerden om hier aan te doen denken en te trachten te vol„ doen, met betuijging van als onbegrijpelijk te vin„ den dat zij Gecommitteerden hen die verbintenis niet hebben afgevondert, gelijk hier van van Halm geschiet is, een staet en Jnventaris van hunne eigendommen en bezittingen onder presentatie vaon Erde, zoo als hen is aangeschreeven bij brief van den 29. october laastlieden, waer aan men zich als noch ten overvldede zal gedraigen— En 8 2045. te laaten ex amereeren voor raad Lijwaten Den 21 Januarij Anno 1791 En is met opziekt tot de reekeningen zelve en der koofl rekeningen nader de iaichting van dien verstaen dezelve, na de depiche van het generaal verslagen, bij ont„ vangst der Jaggernaijkpoeramsche boeken door de Negocie overdrager wouter Pietersz: te Laa„ ten examineeren en van dies bevinding van be„ richt dienen om, indien daer op mer als nu te zeg„ gen valt zich derwegen te verklaeren en inmid„ Insentie Rapport van den kaste dels alhier te insireeren het agter die Reekenin„ gen te vinden Rapport van den voorraed van Lij„ waet in die kooplieden in de Pakhuijzen, sui„ bende als volgt din 7 Vars Instertie Aan De E: E: Heeren. Philip Hendrik Hishusius, Onderkoopman, en opperhoofd van Bimilipatnam, en Sebastiaan Matthias Schliephaken Boekhouder en Secunde van Palicol, Beijde Gecommitteerdens ter onderzoek van zaeken van dit Comp„s E: E: Heeren! Jngevolge uw E: E: order, hebben wij Expresse Gecommitteerdens ons vervoegd in sComp:s Pakhuijs, en aldaar opgenoomen, alle zulke Lijwaaten, die onder heedigen datum per res„ tant zijn, zoo als hier onder gespecificeerd word, met aantooning welke kooplieden die toebehooren, hoe veel peesen van ieder zoort, dies kostende afzonderlijk, en in 't geheel; Namentlijk van den koopman weem Agastalingam. — 6. 10. 7/8. 4. –. P:s Bothilles Allegia- 8.½ „ Bithilles Callewaphoe - - - - - - - - - 7. —. „ Roemaals sistergantij de 1.¼. @a: - - - - - - - - - . . . „ 21. 10. 1/8. 14. —. „ Roemaals sestergantij de 1. 7/8. @: - - - - - - - - - - - - „ 33. 9. 3/8. 1. —. Roemaals sistergantij de 1. —. @a: - - - - - - - - - - - „ 1. 20. ¾. 8. —. „ Roemaals de Esta= de 1. 1/8. @: - - - - - - - - - - - - „ 19. 2. —. 7. —. „ Roemaals Geruijte - - - - de 1. ¼. @: - - - - - - - - - - - - „ 14: 5. ¼. „ - - P/ 1. 8. 12. ¾ 10. —. „ Roemaals Geruijte - - - - de 1. /8. lbd: - - - - - - - - - - - „ 16. 11. —. 896 - - - - - - - - „ 15. 15. 7/8. van Den koopman Mamedie En ket kistna 9½ Roemaals de Esta„ 14. -. Roemaals sistergantij de 1. /8:„ 6. - Roemaals sestengantij be1. —. 17 /½ Roemaals de E sto - - - de 1. /8 6. -. Roehoals Fostengantij de 1. 4: Ca: —. 2. Roemaals - - - be 1. — Den 21. Januarij Anno 1791. — - - - - - - - - - -- - - - den 14 50. ½. ps Bedraagen te zaamen 100. —. P=s Die Transpoliteere met - 3. -. Cheleeffen - - - 4. — oithieles allegia- - 50½. p.s Diverse, hier van 59. ½. p s kosten „ - . . .Poo 16. 10. 7/8. 3. 20. 3/8. 18. 8. ¾. 33. 9. 7/8. 114. /4 29. 1. 17. 20. ¼ 12 8% 249. 5. 7/8. 120: 16. /8: 2047: Den 21: Januarij Anno 1791. Transport - - - - 100. –. P:s Van De koopman Batjoe Balla Ramaija „ 65. ½: Peesen, hier onder 4. —: P„s Bithilles Allegia 8. ½. „ Bithilles Callewapkoe - - - - - - - - - „ 14. —. „ Roemaals sistergantij de 1: 1/8: p: - - - - - - - „ 33. 9. 3/8. 4. — „ Roemaals sestergantij de 1. -. „ - - - - - - - - - „ 7. 11. 1/8. 4. —. „ Roemaals de Esta - - - - „ 1. ¼. „ - - - - - - - - „ 12. 5. 7/8. 7. ½. „ Roemaals de Esta - - - „ 1. 1/8. „ - - - - - - - - - - „ 17. 21. ¼. 20. —. „ Roemaals Gjerute - - - - „ 1 7/8. „ - - - - - - - - - - - „ 32. 21. 7/8. — ½. „ Roemaals ordinair - - - „ 1. -. „ - - - - - - - - - „ —. 12. —. 65. ½. Peesen Bedragen- 3. —. „ Chilassen - - - - - - - - - - - - - - - - - - - „ Van Den koopman Joenoekie winkat Bagaredij„ 44. —. Beesen; waar van: 4. –. „ Chelassen - - 5. —. „ Roemaals sistergantij D: 1. ¼. Ca: - - - - - - „ 15. 7. ¼. 11. —. „ Roemaals sestergantij „ 1. 1/8: „ - - - - - - - „ 33. 9. 3/8. 8: —. „ Roemaals de Esta - - - - „ 1. 1/8. „ - - - - - - - „ 8. —. „ Roemaals Geruijte - - - - „ 1.¼. „ - - - - - - 1. —: „ Roemaals Geruijte - - - „ 1. 7/8. „- 44. –. P:s Bedraagen- 4: –. P:s Bithilles Allegia - - - - - - - - - - Pa/o. P:s Diverse Lijwaaten bedragen te zaamen - - 6. 10. 7/8 - - - - - - - - - - - - - „ 5. 3. ¾. 1. 15. 12. 16. 6. ¼. 19. 2. —. „ 97. 6. ¼. P%o 476. 20. —. - - - - „ 130. 8. 1/8. 6. 10. 1/8. 15. 15. 5/8. 3. 20 ¾ - - - - - . Pƒ 249:1:1/8. n p - - - - -- - „ „ - Zijnde het bovenstaande ons bevinding, dienen wij van dien Rapport, en onser 20.16. p: 49 4: 7 schrijven . . . . . . P7/6. -

NL-HaNA_1.04.02_3879_0844 view scan ↗

English

to accept this stock in reduction of those debts on the new demand delivered on the demand of Norgatermur 4 bales The 21st January Anno 1791. write with the greatest respect underneath Honorable Sirs your Honorable humble and obedient servants was signed A: F: van Holt and da Silva in the margin In the Dutch Office Jaggernaijkpoeram the 22nd December 1790. Lower accords: W: Pietersz: [illegible] In which respect Jaggernaijkpoeram will be written to to accept the same so far as they may serve on the demands for 1791 and to make them serve in reduction of those debts; but if they do not suit or if the arrears are not paid within the stipulated time, to sell the same publicly, like all the rest, to convert them into money in reduction of the general debit Still before deciding on the aforesaid proposed conditions of the merchants in respect of the new trade for 1791, attention having been paid to the report of the Commissioners with relation 2049. Concerning which lesser fulfillment the Commissioners The 21st January Anno 1791. relation to the completed collection for 1790 and the answered Home and Indian Extract Demands sent over accordingly, alongside the related appendices, among others the usual demonstration in columns of what was demanded, sent, retained, and sent less on the demands, it appearing according to the ample specification further made with the letter to amount on the Home Demand to . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . Bales 19. and on the Indian _ _ _ _ _ _ - - - - - - - 92. —. or on both . . . . . . . - - Bales 111. — Commissioners refer to the head of the answering of the demands themselves where The 21st January Anno 1791. in addition to which they cite once more the previously mentioned retained, or rather, for the sake of the suppliers, validated by surreptitious inclusion under the last of August 1790 and as of that date, but actually only brought into the books long thereafter, 78 bales, in order to show all the more clearly that both taken together the shortfall amounts to 189 bales, if not more, when one calculates that among the bales last sent per Houssen 245 pieces are to be counted on demands of earlier years, as is convincingly shown by the notice cited in the resolution of 18 November last; so it is understood, after consideration of both matters, 2051 The 21st January Anno 1791. to note and to reply that all this irrefutably shows to have been caused by the discord that arose in the autumn of 1789, and how thereafter, on account of the surrender of the chiefship, the Company's interest was entirely sacrificed and everything was brought into the utmost danger, which continuation is mainly to be attributed to the wrong management of affairs by van Halm, and the display of incompetence by the second van Someren, both in the backlogged trade work and the indiscretion toward an incoming chief and brutality toward the merchants when it came to a point of business because the office continuation The 21st January Anno 1791. had to be held accountable in accounting with them, for which purpose, contrary to the clear prohibition in the instructions, with his prior knowledge and consent, they were coerced by arrest of their persons, which offends liberty, contradicts equity, and does not agree with the orders of the Company, consequently will appear nothing but displeasing and to the utmost degree unjustifiable, and gives very much weight to the complaints of the merchant van Bijland, namely that as appointed chief he was not recognized and that the aforesaid van Halm and van Someren acted according to their own pleasure, to form the accounts to be liquidated, regarding 2053. to leave the new contract to the considerations of the new chiefs The 21st January Anno 1791. Regarding the declarations of the suppliers presented separately to this Council as to how they are inclined toward entering into a contract for the delivery of what was requisitioned on the Home and Indian Demands for this current year 1791, and especially what was shown by those of the sorted goods, complaining about the allocation of coarse and no fine assortments: so, since one cannot make any change in the distribution now, and people who still stand in debt for Pagodas 4367. 7. 5/8, notwithstanding that in good faith interest has still been validated to them, and seeing that they give doubtful security for the satisfaction of their debt, continuation The 21st January Anno 1791. in fact have little ground to complain, on the contrary that on our side there is reason not to pay any regard to it, as little as to their proposition to receive as advance 2/3 in cash and 1/3 in merchandise with some price reduction; after consideration of all this, it is understood to await hereupon the considerations of the new chiefs, and to leave also to them the conditions upon which the merchants of the white cloths Petkiti Ananda Daalwinkite Ribdij and Ralla Kistna have [illegible] this trade

Dutch transcription

deese voorraad in mindering die schulden op den nieuwen Eijsch te accepteeren op de Eijsch ven Norgatermur gelevert 4. palken Den 21:' Januarij Anno 1791. — schrijven met de meeste agting /:onderstond:/ E: E: Heeren uw E: E: onderdanige en gehoor„ zaame dienaaren, /:was geteekend:/ A: f: van Holt, en da Silva, /:in margine:/ Jn het Nederlands Comptoir Jaggernaijkpoeram, den 22. december 1790. /: Lager:/ accordeert:/ W: Pietersz: reg: overd: Ten welken opzichten naer Jaggernaijkpoeram zal worden aingeschreeven om dezelve, voor zoo verde te konnen stukken op de bibschen vor 1791. — die te mogen aanneemen, en te doen dienen in min„ of publicgte daen verkoopen deking die schulden; doch zoo ze niet Convenieren „ Agterstallen op de en dat de „ gestipuleerde tijd niet mochten worden betaelt, dezelve Ian, als al het overige, te gelde te maeken in mindering van den generaelen debit Noch alvoorens te disponeeren over de voorsz: geseropponeerde voor waerden der kooplieden in op zicht tot den nieuwen Handel voor 1791. gelek zijnde op hek berichte der Gecommitteerden mett nelatio 8 2049. Omtrend welke mindere voldoening de Gecom„ Rnden en dirdegecommitt:s Den 21: Januarij Anno 1791. retatie tot den afgeloopen Jnzaam voor 1790. en de derwigen overgezonden beantwoorde Patriasche en Jndiasche Extract Eijsschen neven de daar toe rolative Bijlagen, onder anderen de gewoone Amntoo„ ning in Colommen wat ra is g'eischt, verzonden, overgehouden en op de Eijsschen minder is verzon„ den, komende uitwijzins de bij de brief nader gedae„ ne ampele specifficatie op den Patriaschen Eijsch te beloopen. . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . Patk: 19. en op de Jndische _ _ _ _ _ _ - - - - - - - „ 92. —. of te op beiden. . . . . . . . . - - Pakk: 41. — ook„ m n mitteerden zich komen te refereeren aen het hooffd der beantwoording van de Eijsschen zelve waar boek van geven : an den aadele s toescheft v Den 21:' Januarij Anno 1791. —. waar en boven zij noch eens aenhaelen de hier voor reets gementioneerde overgehouden of liever, om de wille der Leveranciers, bij sub in opreptie onder ult:o Augustus 1790. gevalideerde en als onder dien datum, doch weezenlijk lange daer na eerst in den band gebrachte 78. pakken, om des te duidelijken te doen zien dat beiden te saemen genomen de min„ dere beszorging op 409. pakken uijtkomt zoo niet meed, wanneer men reekent dat onder de laeste per Houssen verzondene pakkin 245. stuks op eisschen van vroeger Jaeren zijn te reekenen, gelijk, dat bij de ter Resolutie van 18. November lastlieden neerde Notisie overtuigend komt te blij„ zoo is na overweging van het een en ander verstaen 9 2051 Den 21 Januarij Anno 1791. — verstaen te nooteeren en te rescribeeren dat dit alles on werder spreekelijk aantoont veroorszaakt te zijn door de ontstaine meenigheit in het nasjaer 1789. en hoe daen na om de overgave van de opperhoofdi 's Comp:s belang ten eenemaal gesacorsiert en alles in het uijttirste gevaer is gebracht gewonden, het welk vervolg voornaemelijk is toe te schrijven aen de virkaade directie van zaeken door van Halm, en de betoo„ ning van onkunde door den secunde van someren, zoo met het agterstallig Negoeie werk, als onbe„ scheidenkeek tegen een Aankomend opperhoofd en buditatateit tegen de kooplaeden toen het op stekk aan sacken aen om dat het kan„ titt vervolg Den 21 Januarij Anno 1791:— toor verantwoord in afreekening met hun gehou„ den moest worden, waar toe tegen het duijdelijk verbot bij de Jnstructie, met sijn voorkennis en toestemming, door arrest op hunne persoonen gebevon„ gen zijn geworden, dat de vrijheijt sekent, de billijk„ heijk tegenspreekt en met de ondres van de Comp:s niert over een stimt, gevolgelijk niet dan onbehaegelijk en ten uittersten onverantwoordelijk zal voorkomen, en zeer veel stevighert geeft aen de klachten, van den koopman van Bijland van namelijk als geeliguest opperhooft, miet gekent en door voorm: van Halm van sorneten na dige wel gevallen gehandelt te zijn, 178 /9 te formeren wijl het vol keningen der te liquideeren Belangende 22 2053. de nieuwr aanbosteding te laaten, aan de Condideratien der nieuwe „ den hoof den Den 21 Januarij Anno 1791. Belangende de onderscheidenlijk aan deezen Raede voorgestelde verklaringen dir Leverancieas„ hoedanig zij geneegen zijn tot het aengaen van een Contract ter Leverancie van het gepertitioneerde op de Patriasche en Jndiasche Eijsschen voor dit loopende Jaer 1791, en vastelijk het vertoonde door die der gezoude goederen, zich beklaegende over de toedeeling van grove en geen fijne soutementen: zoo s nadien men nu in de verdeeling geen verandering marken kan en lieden welke noch per/o 4367. 7. 5/8. raad staen, niet teegenstaende hen, bone fide„ ten dlk nooh intressen zijn gevalrderkk, en der onaengeseen maen sia brijffelacklige zekenherk - 8 132 vervolg Den 21:' Januarij Anno 1791: ter voldoening van haer schuld geeven, in der daad wijnig grond hebben om zich te beklaegen, ter Contrarie dat men van onze zijde reeden heeft daer op geen reflegie te slaen, zoo min als op haere propositie om ter vooruijtverstrekking 2/3. in kontant, en 1/. in koopmanschappen met eenige prijs vermindering te genieten, na overweeging van dit een en ander verstaen hier op aftewrechten de Consi„ beratien van de nieuwe opperhoofden, en aen dezelve ook over te laeten de Conditien waer op, de kooplie den van de witte Lijwaeten Petkiti Ananda Daal„ winkite Ribdij en Ralla kidtina zick heb„ eliyk 3 dit din handel

NL-HaNA_1.04.02_3879_0851 view scan ↗

English

2055. which complaining dismissed merchants have pressed before the commander here. The 21st of January in the year 1791. appointed and by the Commissioners recommended merchants will also come forth with the same complaints as the other suppliers of white linens, who have addressed themselves by letter to the Honorable Worshipful Lord Commander, complaining about their unfortunate fate, namely the injustice under which they have had to suffer, in particular the arrest of their persons during a period of twenty-three days, for the sake of the settlement of accounts in the year 1790, which they had to dispute on account of the mingling of private debts of the former chiefs, which one had wished to validate against them: the translation and insert of their letter of complaint from their aforementioned letter reading as follows. Translation of a Gentoo letter, written to the Honorable Worshipful Lord Jacob Eilbracht, Senior Merchant and Commander of the Coromandel Government, by the merchants of Jaggernaijkpoeram, dated 28 December 1790. After preceding compliments. The gentlemen commissioners here have informed us that their Honors had received orders from the Coromandel Government, not only to ask us how much merchandise and cash we would need, but also to announce that we must deliver the linens according to the old price. We have already, after your Honorable Worship's arrival at Palliacatta, most urgently requested the same to be favorable to us with respect to our affairs. A few days after the Count of Bijland arrived here by order of the Government as chief, his Honor told us that he, as was known, would make every effort to make this factory flourish, and to accommodate the merchants who previously 2057. The 21st of January in the year 1791. had suffered damage. We said nothing against this, but remained very satisfied with the recommendation to look after the benefit of the Honorable Company. Since we were then so willing, the gentlemen here also listened to Tieroewengalam, and caused us much trouble, and besides this, after the commissioners assumed authority, he incited our opponents to submit false letters of complaint; but their Honors being informed of these doings, we remain somewhat freed from troubles. Said Tieroewengalam still does not cease to write through various channels to your Honorable Worship to our disadvantage. On the 6th of December the gentlemen commissioners warned the prominent merchant Binteprolo Winkata Raijloe to proceed to Palliacatta according to the order of the Government. He shall depart from here on the last of this month, and arriving there, make all our affairs known to your Honorable Worship. In the past year we undertook to compensate the damages, and to pay into the treasury the moneys that we owe to the Honorable Company; but we were arrested for 23 days, and since a year we remain without accomplishing anything. Our great good fortune is that your Honorable Worship has arrived at this coast. We pray the same to take it to heart and to support us. We shall, as he will assure you, manage the Company's affairs purely and sincerely. We request you to send him back quickly. Was signed: Binde Prolo Winkata Raijloe, Bolla Prigada Winkatanaadoe, Kala Raijapa, Goedi Mitta Mangaija, Koka Riddij, and Bantaroe Wierusja. Underneath stood: For the translation according to the translation of the interpreter Kopaijen, Palliacatta the 18th of January 1791. Signed: A. M. Dormieux, Sworn Translator. The care of the contracting commended to your Honor if the chief should not appear by mid-February. The commissioners having to worry that, because of this and other confusions that have arisen at Jaggernaijkpoeram, affairs have fallen into a labyrinth, so that the commissioners have reason to regard it as a dreadful situation, and one heartily wishes along with them that the procurement contract can be regulated and concluded with the unfortunately not yet arrived chief, who, having departed from Bengal on the 21st of December, met with adversity at Ganjam on the 6th of this month, 2059. The 21st of January in the year 1791. having had to endure an unfavorable and long voyage, both due to adverse winds and the diversion of the current, and what is more, without a competent navigator, for which reason they had already requested assistance from the Bimlipatnam chiefs; and also because the entering into a contract, if it is to turn out advantageous, ought to be concluded no later than mid-February: it is therefore, after consideration of all these reasons, in conformity with the proposal of the Lord Commander, approved and understood to be able to make known to the commissioners in answer that, if said chiefs unexpectedly should not have arrived by mid-February, What to observe then. The 21st of January in the year 1791. it will then become their duty, strengthened by the opinion of the Council there, to take that path which appears to be the safest and most accountable for entering into the procurement contract; and that in such a case, according to the sentiment of this assembly, those old merchants must be taken into consideration whom the commissioners themselves acknowledge to have been driven out of trade through injustice, as well as those who have addressed themselves to the Lord Commander, to wit: Binde Prolo Winkata Railo, Bolla Bregada Wonkata Narsoe, Kalla Rappaija, Goedi Matta Mangaija, from whom the true number

Dutch transcription

2055. welke klagtende afgesette kopte den hier gezaghebber hebben voor„ gedrangen— Den 21 Januarij Anno 1791. gezette en door de Gecommitteerden gerecomman„ durde kooplieden meede wil uit zullen komen wet dezelve klachten als de overige Leveranciers der witte Lijwaeten, die zich bij missive aen den E: E: Agtb: Heer Gezaghebber geaddresseerdt heb„ binde zich beklaegen over haer ongelukkig tot, de verongelijking namelijk waer onder zij hebben moeten ziochten, in zonder keek het arvesteeken van hunne Perszoonen geduurende een tijd van drie en twintig dagen, om der Afreekening wille in het voor Jaer 1790. , die zij moesten urigeren uijt hoofde der vermenging van particuliere schulden der voormallige operhoofden, welke min hen qriast had 2 Den 21:' Januarij Anno 1791. — had willen valideeren: luijdende de overzetting Jnsiatie van hun klagt schreft van gem: hunne brief aldus. — Translaat eener Jentrefsche brief„ sche brief, geschreeven aan den wil„ Edelen agtbaaren Heer Jacob bilbracht„ Opperkoopman en gezaghebber van het Cormandelsch Gouvernement, door de Coop„ lieden van Jaggernaijkpoeram, gedateerd 28. December 1790. —. Naar voor afgaande Complimenten—. De heeren gecommitteerdens alhier, hebben ons te kenen gegeeven, dat hun E:s ordre van de Coumandelsche Regia„ ring ontvangen hadden, niet alleen om ons te vraagen hoe veil koopmanschappen en Contanten wij zouden noodig hebben, maar ook aante kundigen dat wij de lijwaaten na volgens de oude prijs leeveren moeten Wij hebben bereeds, na uwel Edele agtb: arrivement te pal„ liakatta, Hoogst denzelven verzogt om ten opzigte onder zaaken, ons gunstig te zijn—. Eenige dagen na dat de Heer Graaff van Bijland ter ordre van de Regeering alhier als opperhoofd aangekoomen is gelijk het be„ heeft zijn Ed: ons gezegd dat denzelven ennde, alle pogingen zoude aanwenden om dit el ankoor te doen floueeren, in de malchiandeurs die bevoorens 2057. Den 21. Januarij Anno 1791. bevoorens schaade gelieden hebben te gemoed te koomen wij hebben hier tegen niets gesprooken, maar zeer vergenoegd gehouden met de aanbeveeling om het voordeel van D' E: Maat„ schappij te behartigen Nadien wij toen zoo gewillig geweest zijn, hebben de heeren alhier het ook aen Jieroewingal om geluend, en ons veel mo„ lesten aangedaan, in buijten dien heeft hij na dat de gecom mitteerdens het gezag aangevaard hebben, onse tiegin par„ thijen opgestooken om valsche klagtschriften inte dienen, dog hun E:s onderrigt zijnde van deesze gedoentens, blijven wij eenigzints bevrijd van verdrietelijkheeden Gemelde Tieroewengalam laat nog niet naom door weegen van den een en ander, aan uwel Edele agtb: ten nadeele van ons, te schrijven Den 6. December hebben de heeren gecommitteerdens aan den voornaame koopman Binte prolo winkata raijloe gewaar„ schouwd, om zig volgens de ordre van de Regeering, na Bal„ liakatta te begeeven Wij zal den laasten deezer van hier ver„ trekken, en aldaar arriveerende uwel Ed: agtb: alle onze zaa„ ken te kennen geeven Jn den gepasseerde Jaare hebben wij aangenoomen de schaa„ de te vergoeden, in de gelden die wij aan D' E: Comp:e schuldig zijn in Cassa te tellen; dog wij wierden 23. dagen lang gear„ resteerd, en 't zedert Een Jaar blijven wij zonder niets te onse groot geluk is uwer Ed: agtb te deszene Custe geko verwigten wij lidden Hooggt denzelven het en zal, tery haate neemen te ondersteanen wij zullen gelijk hij u verseekeren zal, s Comp:s saaken zuijver, en opregt ma et ge fme delen uE aanbesteeding aan bevoolen zoo de oppetek: met medio feb: niet op dagen Den 21 Januarij Anno 1791. „delen wij verzoeken ham spoedig terug te zinden /:was„ geteekend:/ D in de Prolo winkata kaijloe, Bolla prigada winkatanaadoe, kala raijapa, goedi mitta mangaija, koka riddij, en Bantaroe wierusja /:onderstond:/ voor de overzitting volgens vertaeling van den tolk kopaijen, Palliacatta den 18. Jan: 1791. /:geteekend:/ A=m Dormieux Gebr: Tramsl.:r De gp commits de sorge der mids dan na demael hier boor, en andere, te Jaggernaijk„ pocham ontstaene Conffusien, de zaeken in en la„ bormt zijn gerackt, dat de gecommitteerdens reeden hebben die te beschouwen als een schroome„ lijke situasie in men nevens haer van heaten winscht dat het aenbesteedings Contract, met de ongelukkiglijk noch niet of gebregde nakeur op den kan worden gereguleert en geslooten dat die bebiendens den 21. xeber bekeets uijt Bengale vertrokken, den 6. deezer te Gansjam 1it 2059. Den 21 Januarij Anno 1791. teegens poe„ vervallen, het tot konnen treffen van een te eoorspole„ dige en lange reis zoo door tegenwind als verleeding van stroom, en wat meer is zonder een derigelijk zee„ kundige, waer om zij bereet afsistincie hadden ver„ zockt van de Bimilippatnamsche opperhoofden, en ook vermits het aengaen van een Contract, zal het voordeelig uitvallen, niet laeter dient te wor„ den geslooten als medio februarij: zoo is na overwee„ ging van alle deeze reedenen, Conform de propo„ e van den Heer Gezaghebber goedgevonden en verstaan de gecommitteerden dit, in ant een te konnen te geeven, hoe perhoofden onverhoop te ten indien gemelde 6 wat dan inacht te neemen Den 21' Januarij Anno 1791: mochten geaureveert zijn, het als dan haere zaek sal worden, om gesterkt met het gevoelen der hel Raads dien wig inteslaen, welke de veiligste en verantwoordelijkste schijns te weezen tot het aengaen van het aenbestiodings Contract, in dat in zoo een geval; na het gevoelen van deesze ver„ gadering in aenmerking moeten komen de oude kooplieden welke zij gecommitteerden zelf enken„ nen door verongelijking uit den handel gebondsh te zijn, item de geen die ziek aan den Heer Ge„ g'addvisseert zaghebber hebben geaderstond te weeten: & inde Piole wo ea kata Railo, Bolla Bregada domkata Narsoe, kalla Rappaija, goedi Malla Mangaija van dan den wicke isse ofte regt getal, ne„ - vinl

NL-HaNA_1.04.02_3879_0857 view scan ↗

English

excluded from trade as instigators of the disputes. The 21st of January Anno 1791:— as well as all others who can agree with these to stand surety for one another or in solidum for each other, and if possible to provide good counter-sureties or back-sureties for the fulfillment of the contract. In contrast, it has been deemed proper to exclude from trade Batijoe Tirewingalam and his entire following, since the suspicion of causing the disputes falls very heavily upon him, with a recommendation to the commissioners to take into account that which was previously noted in the letter of the 10th of December Anno 1790: The 21st of January Anno 1791:— and thus if he settles again at Jaggernaijkpoeram or on the Company's territory, and chooses there Domicilium citandi et executandi, or a fixed residence with certainty of recovery, and then shows himself to be no instigator of trouble, but a promoter of the Company's interest and a peaceful subordinate, upon whom trust may again be placed, in that case consideration may be given to the readmission of him and his people, just as it is not likely, since it appears that he is being made unnecessary, that the commissioners in this case would miss the opportunity to bring the desired project 2063. The 21st of January Anno 1791:— of uniting the Masulipatnam merchants with the Jaggernaijkpoeram merchants to fruition and maturity; so it is, upon the representation of the said Mister Commander that this would be a most desirable matter and very beneficial to general security, understood in conformity with His Honor's proposal, to recommend the execution thereof very seriously to the Commissioners, assuring them that they would thereby highly please this assembly, since every impartial judge, knowing how matters stand, will readily comprehend and agree to it. The 21st of January Anno 1791. For which reason this union is all the more insisted upon, with the further observation that this union is all the more urged because the matter has already formed the special attention and recommendation of the late Mister Willem Blaaukamer, who knew Jaggernaijkpoeram too well to recommend anything for introduction if it were not desirable or feasible, whereas on the contrary the simply stated reason of impossibility signifies so little that one desires that it be accurately investigated, either by the Commissioners or by the expected supervisors, and if possible, according to the earnest desire of this Council, removed out of the way, and otherwise described in all sincerity 2067. The 21st of January Anno 1791. and submitted, so that the one as well as the other shall be ordered to be strictly carried out. With respect to the receipt of the duplicate set of accounts with the merchants, drawn up in the old manner and in that same form as has hitherto been the obscure custom, and by the Commissioners also in the drawing up of the accounts [illegible] The 21st of January Anno 1791. not indicating those particulars which naturally ought to have been included, if it had not pleased the servants to elude the order established for that purpose through the weak pretexts and excuses already refuted herebefore, it is understood not to conceal this dissatisfaction, but to add to it how, thinking to do well, one unexpectedly does poorly, because all the aforesaid less-cared-for goods cannot be accounted for 2069. The 21st of January Anno 1791. as having been on hand by the end of August, the debtors having thus been most improperly credited for them under that date, and therefore to leave that handling of affairs to their responsibility. Subsequently, having been read a petition from the Bookkeeper at Jaggernaijkpoeram Jacobus Doumieux, 60 years of age and having served the Company since Anno 1753, including 23 years as Bookkeeper, requesting, The 21st of January Anno 1791. — since his sickly condition and advanced age do not permit him to serve the Company any longer, to be gratified with a pension and thus discharged from the Company's service; it is, since the regulations do not permit such to persons who are not born in Europe, understood to reject the aforesaid request, and to discharge the petitioner from the Company's service, with referral for maintenance to the diaconate, and a recommendation to the Right Honorable Supreme Indian Government, in case Their High Mightinesses might favorably be pleased to cast a benevolent reflection upon that petition.

Dutch transcription

2061 uijt den handel gesecludeerd als belkamers van de oneenigheeden Den 21. Januarij Anno 1791:— vens alle anderen die zich met dieze konnen schikken om den een voor den ander ofte insolidum voor elkander borg te blijven, en is het mogelijk goede waer of agter borgen te beslorgen voor de vol„ doening van het Contract Waer en tegen is goed gevonden, om uit den Hemr, Irewengalom in sijn aanhang „del te sicludeeren Batijoe Tirewingalam en zijn ganschen ainkang, nademael de suspicie van verwelking der omenigheeden zeer grootelijks op hem valt, met recommandatie aen de gecommit„ tenden ade set stacet kundige dat men noping voormaels en wel insr besherk bij brieve van den 10. December A„o 1790: bemtt gtenr man den per ven de 17 gen secheld aan te beverlen Den 21:' Januarij Anno 1791:—: gemerkt, in acht te neemen en dus zoo hij zich op Jaggianaijk poekam of op 's Comp:s territoir we„ der neerzet, en aldaar verkiest Domicilium citandi et exrcutande, ofte een vast verblijf met zeckerheit van verhael, en dan betoont geen berolkenacr van ongelegentheit, maer een behartiger van 's Comp:s belang en vreedzaem onderhoorige te zijn, waer op men weder vertrou„ win mack vestigen, in dat geval op readmissie van kan en de zijnen reflexie te moogen slaen de meeming en dede eleaen van gelijk het niet waer schrijnelijk is bij het ruie„ worden dat men hem, als onnodig tot den laen meakt dat den gecommittserden als se des togevalt de kans om het qeuiste euse pro„ J sictt 8 2063. Den 21:' Januarij Anno 1791: — fect van vereeniging der Maszulippatnamsche met de Jaggernaijk poeramsche kooplieden tot stand en maturiteijt te brengen, zoo is, op ver„ tooning van wilm=de Heer Gezaghebber dat zulks een ten hoogsten gewenschte en tot algemeen securiteijt zeer nuttige zack zoude zijn, Con„ „form zijn E: E: agtb: propositie verstaen, de bewerkstelliging van dien den Gecommittua„ den zeer serieuselijk aan te beveilen, onder versteekering dat zij deese vergadering daca„ meede ten hoogsten Continteeren zouden wijl ieder onpandig beoorde deelaer weetende toeken geschoopen is, dra be„ hoe het zefffen en toe stemmen zal de te meer word aangedrongen Den 21: Januarij Anno 1791. waarom op deese verunriging van 1791. relatie heeft onder verdere aanmerking dat op deesze vereeniging te meer word aangedron„ gen om dat de zaek bereets de bij zondere attentie en recommandatie heeft uijtgemaekt van wijle den Heer Willem Blaaukamer die Jaggernaijk poe„ ram te wel konde om iets ter introduciering aante„ prijzen zoo het niet winschelijk of reitvoedelijk was, terwijl daer in tegen de eenvoudig opgegeeven reeden van onmogelijkheit zoo weening heeft te beduiden, dat men begeering is die of door Ge„ committeerdens of door de verwacht wordende ap„ perdeof den naukeurig onderzoekt, des mog na het ernstig verlangen dee zid Raads. uij den weggeruimt en anders in alle sinceriteit beschreeven 2 2067. ge in rigting den hoofd ukh„ „ningrigting de Den 21 Januarij Anno 1791. beschreeven en voorgedragen te zien, dat de een zoo wel als de andere bevolen zal wor„ den stifptelijk ter uijtvoer te brengen. Met opzicht tot het ontvangens dubbel ongenagendoi de envirdie stel Reekeningen met de kooplieden, ge„ schiet op den ouden leest en in die zelve form als tot dus verke de duistere usantie geweest, en door de Gecommitteerden ook verdlgke din hete opmaeken van de reekenin„ E gen Coelwaant N:o 11 mnkel zijnde uit teske zies dijk het groot besk mesto bedredende, iam mins gink Den 21: Januarij Anno 1791. niet aenwijzende die bij zonderheeden welke natuuaelijk daer bij haefden moeten koomen, indien het der bedienden niet behagt hadde de daer toe gestelde ordre te eludeeren door de bereets hier voor wederligde flauwe voorwind„ zel uitvluchten, is verstaen, deeze gevoeligheijt niet te ontvrinzen, mach „ met er bij te voegen, hoe men „ te denken wel te doen, onvoorsziens qualijk doek, want dat daer alle de voorsz: minder bezongde goederen niet kunnen gereekend worden 8 2069. Den Boekhouder den nieux vir vorkt hugjt gaen mets uldee„ bom in zuekla Den 21:' Januarij Anno 1791. worden onder ultimo Augustus aen haenden geweest te zijn de debiteuren dus ten uijt„ tersten oneijgen onder dien datum daer voor zijn gekrediteert en over zulks die behandeling van zaeken ter haerer ver„ antwoording te laeten Vervolgens zijnde geleezen een Request van den Boekhouder te Jaggernaijk pocham Jacobus Doumieux oud 60. Jaeken en de Com„ pagnie gedient hebbende zederst A:o 1753. in daar onder 23. Jacken als Boekhouder, verkoikt doende ontligt de biaconijover geneeden Den 21:' Januarij Anno 1791. — doende om vermits zijne ziekelijkij ke toestand en hooge ouderdom niet toelaet de Compagnie langer te dienen, met rust gagie geqratifi„ cietik, en dus danig uit 'sComp:s dienot ontslagen word als eninlander weesende te worden: zoo is, nademael het Reglement zulks niet vergunt aen Persoonen die niet in Euro„ pagebooren, zijn verstaen, het voorsz: ver„ hegt den dienstentslagen, en terzoek van de hand te wijzen, en den suppliant „ ont uijt 's Comp:s dienst te „ slaen, met overwijzing tot onderhoud aen de diaconij, en voordracht aen de Edele hooge Jndische Regeering, om of het Hoog Dezelve gunstiglijk behan een „toe t doene mochte op de dair, instantie een goedgunst Rebloxie te slaen TTieke

NL-HaNA_1.04.02_3879_0865 view scan ↗

English

The chief and second submit a petition to the high government concerning the price increase. Van Haeften shows that, although it is claimed that Sliephaken is liable for his share, the security deposit for the whole amount of pagodas 174. 18. 72½ should not fall to his charge, since his predecessor, the late second Detan, was and should be liable for the paid price increase on the linens collected and dispatched during his time, in case it should please Their Right Excellencies to leave the servants of Coromandel, already so severely afflicted and impoverished by the most disastrous calamities and adversities, burdened with it; the said Sliephaken, however, as well as he, van Haeften, offered to pay their share into the Company's treasury, if this council should not see fit to accept as satisfactory the sureties already provided to the Honorable Company for their administration for that amount as well. January 21, 1791. Reply to Palikol. After this, proceeding to the answering of the letters from the chief of Palikol, the junior merchant Gerrardus van Haeften, dated the 22nd and 27th of the past and the 12th of this month, serving among other things as a cover for a petition from him and his second Sebaestiaen Matthias Sliephaken to the Honorable High Indian Government for a favorable discharge from the immediate security deposit imposed on them regarding the price increase of the linens, concerning which, after a request for a favorable recommendation, January 21, 1791. the aforesaid sureties were rejected, since sureties provided for the respective offices can hardly be held liable for such matters as compensations for poorly managed transactions in the rest of the department, as they only guarantee against one or another detriment to their administration, such as regarding him if something should happen to the main treasury, and regarding the second separately if he should run short in the daily treasury or in the warehouses, in which respects, by virtue of their suretyship, recourse is to be sought against them, but not for a good or bad direction of the Company's trade; the chief van Haeften is to be understood of this and at the same time to be advised that he and the second will do well to deposit that for which security would otherwise have to be provided into the treasury until one comes to learn what Their Right Excellencies January 21, 1791. may please to approve and decide on their petitions, which, according to request, will be presented to them soon, and the petitions with recommendation will be dispatched regarding the main issue. What proofs of the paid price increase have been sent. January 21, 1791. Alongside the aforesaid chief's letter of December 27 of the past year having been received the declaration of the Company's merchants previously requested from here by missive of October 5, whereby they testify that they actually enjoyed the granted 2 percent on the fine, and 5 percent on the coarse linens, and that this augment had arisen solely from the extreme expensiveness of the linens after the recent war, caused by the considerable collection by English, French, and private individuals, which had also caused the complaint of the merchants, namely that they could deliver no linens to the Honorable Company unless a price increase was granted to them, with the result that, after proper representation, such was granted by this administration; adding further to this their declarations under offer of oath that this increase was actually paid to the merchants, these documents being of this content. No. 51. Today, December 27, 1790, appeared before me, Frans Jacob Nurenberg, bookkeeper at this factory and authorized to pass this, present the hereinafter mentioned witnesses, the merchants named Bangaar Enkana, Bangaar Narsaija, Repakka Enkana, Sollassa Narsaija, Gammanie Narsimoetoe, Mainedie Wenkatchimoedoe, Bangaar Narsimoetoe, Pattiaal Wenkallachelam, and Tommelij Pellij Mallaij, who, at the highly esteemed requisition of the Honorable Jacob Eilbracht, senior merchant and governor of the Coromandel government, together with the council at Paliacatta, declared it to be true and truthful that, after the chiefs of this place had ordered the demand for the linens to be fulfilled according to the contents, they, the merchants, immediately said and declared to the chiefs that, on account of the high and increased price and scarcity of the linens, they were incapable and unable to complete the demand, and therefore they had also requested of the chiefs an increase in price, namely 10 percent on the coarse goods and [illegible] on the fine ditto; whereupon finally was conceded a price increase, namely five percent on the coarse linens

Dutch transcription

2071. de opfech=en zinden request aan„ de hooge reguering omtrend de prijs verhooging. ken niet voor 't geheele secundes van Haeften vertoond dat schoon de woond beweerd dat schliep haar aan deel aansprekelijk id Den 21 Januarij 1791. Hier na getreeden zijnde tot de be„ Rescriptie naer Pali„ antwoording der brieven van het opper„ hoofd van Palikol den onderkoopman Ger„ rardus van Haeften, de datis 22. en 27. der gepasseerde en 12. dezer maand, dienende onder anderen ten geleide van een Request van hem en zijn secunde Sebaestiaen Matthias Sliephaken aan de Edele Hooge Indische Regeering ter gunstige vrijspree„ ling van de hun opgelegde dadelijke borgstelling eegens smijs verhooging der Lijwaaten, waar kol. — trent, na verzoek om gunstig voorschrijven, F de Schliephaken hy om va gerekent voor zijn tijd deelen in Castetellen Den 21. Januarij 1791. worden te incumbeeren, de borgstelling voor het geheel bedraegen van pr„o 174. 18. 72½. bij re„ waar ook den overl: sicunde de sampartitie ten zijnen laste gevallen, alzoo zijn antecesseur de overlede Secunde Detan aan„ spreekelijk was en weezen zoude voor de be„ taalde prijs verhooging op de Lijwaaten in de ofpent sijn bermed huin aan zijn tijd in gezameld en verzonden, ingevalle het Hun Hoog Edelheeden behaegen mocht de bereets door de noodschikkelykste ram„ pen en tegenheeden zoo zeer geteifterde en veraamde Dienaaren van Cormandel van de droevigste bewijsen aan handen daarmeede belast te laaten, gemelde schlijk„ raken echter zoowel als hij van Haesten zijn 2073. zoo de borgen voor hun adminis„ tratie daar voor niet geaccepteerd eense gen en waarem Den 21=' Januarij 1791.— aannamen hun aandeel ginter in 's Comp:s Cassor te tellen, in dien deeze vergadering niet goedvinden mochte de bereets bij D E: Comp:s voor hunne Administratie gestelde borgen ook voor dat monlant voor Satisfactoir aanteneemen: zoo is, na „ voorm: bongen werden afgeslaan„ de maal borgen gestelt voor de respective bedieningen qualijk aan te spreken zijn zulke zaeken als vergoedingen voor qualijk bestierde verrichtingen in het overig de partement; als caveerende een voor het een of ander nadeel ders administratie, gelijk van hun indien het eens macht kaperen aan de voor schrijven ofrgesonden worden Den 21e Januarij 1797. de groote Cassa, en van den Secunde apart zoo hij tekort quaeme aan de da„ gelijksche Cassa ofte in de Pakhuisen, in welker op zigten, uit hoofde van hun„ ne borgtogt verhael op hun is te zoeken maar niet voor een goede of quade direc„ tie van 'sComp:s handel verstaen het opperhooft van Haeften dit en tevens voor te houden dat hij en de secunde wel zullen doen, dat geen waar voor anders borg gestelt moeste worden, in en zullende requsten met Cassa te depositeeren tot dat men kome omtrent ten principalen zullen ge te verneemen wat hun Hoog Edelheedens 2075. welke bewijsen van de betaalde prijs verhooging gesonden zijn Den 21: Januarij 1741. lieven goed te vinden en te disponeeren op hunne Requesten, die volgens verzoek, Hoog dezelve ten naasten zullen aangeboden worden. Neven voorsz: Opperhoofds brief van 27. December P:o L: ontvangen zijnde de van hier bij missive van den 5:' 8ber: bevoorens gerequireerde verklaaring van 'sComp:s kooplieden, waar bij zij betuigen ze de geaccordeerde 2. p:r C=to op de fijne, en 5. p:r C=to op de grove Lijwaaten werke„ lijk hebben genoten, en dat tot deese aug„ mentatie eenelijk ontstaan was door de buijten duurte der Lijwaaten na den Iongs log, veroorsaakt door den Cons blen insintie dair denselve Den 21:' Januarij 1741.— blen Inzaam van Engelsche, Fransche en par„ ticulieren, waar door dan ook gecauseerd was de klachte der kooplieden, dat ze namelijk geene Lijwaaten aan d' E. Comp: leveren konden ten waere hun een prijs verhooging toe gevoegd wierdt met dat gevolgt, dat sulx na behoorlijke voordragt door dit Ministerium was geakkordeert gewor„ den; voegende hier noch bij hunne verklaerin„ gen onder presentatie van Eede, dat die verhoo¬ ging werkelijk aan de Kooplieden betaeldis, zijnde die stukken van dezen inhoud. No. 51. Op Heeden den 27e December 1790. Compareerde voor mij Frans Jacob Nurenberg, Boekhr. ten dezen Comptoire en tot 't passeeren deses geauthoriseert prezent de Natemeldene getuigen, e koroplieden gent Bangaar Enkana, Bangaar 2077. Den 21. Januarij 1791. — E Bangaar Narsaija, Repakka Enkana, Sollassa Narsaija, Gammanie Narsie„ moetoe, Maine die Wenkatchimoedoe, Bangaar Narsimoelzoe, Pattiaal Wen„ kallachelam, en Tommelij Pellij Mal„ laij, dewelke ter Hoog g'eerde requisitie, van den welEd: Agtb: Heer Iacob Eil„ „bracht, opperkoopman in Gezaghebber van het Cormandelsch gouvernement, bene„ vens den Raadt te Palleakatta verklaarden waar en waaragtig te zijn dat zij Marchiandeurs nadien de opperhoof„ den deser steede geordonneert hadden den Eisch den lijwaaten volgens den inhoud te presteeren zij Cooplieden Immediate teegens de opperhoofden gesegt en gedeclareert hadden dat zij om de willen van de hooge en gesteijgerde prijs manquement der Lijwaaten onver moo„ gen en buijten staet waaren den Eisch te ompleteeren, dus zij dan ook de opperhoofden ersogt hadden een verhoging van prijs /: te„ weeten:ƒ 10. p:r C:to op de grove goederen en A op de fijne d=tos Waar op dan eindelijk ge cedereert geworden is een verhoging van prijs mentlijk: vijf. p:r C=to op de grove Lijwate

NL-HaNA_1.04.02_3879_0872 view scan ↗

English

The 21st of January 1791. two per cent on the old sort of Guineas, with which the delivery then also commenced, and they merchants had promptly satisfied the Company's demand: the above-mentioned merchants further attest and declare once again unanimously to be true and truthful, that they actually enjoyed and received from the hands of the chiefs of this factory the just-mentioned price increase of 5 per cent on the coarse linens and 2 per cent on the Company's old sort. Concluding herewith, they merchants declared that in this matter they have confessed nothing other than the pure truth, giving as reason of knowledge as in the text, being prepared, if it could be done without their utter ruin, to confirm the same with oaths: but since they had never taken and made an oath, and it was also not the custom among them, they requested to be allowed to remain exempt from it. Thus done, declared, and deposed at the Dutch factory Palikol on the date aforesaid, in the presence of the Assistant C. W. Vaucquet De Ian and the native Mattheus Teixeira as witnesses requested for this purpose. The minute of this is written on a 2079. The 21st of January 1741. stamp of twelve stuivers, and duly signed by the said witnesses and myself. Beneath stood: Which testifies. Was signed: Frans Jacob Nurenberg. No. 50 On this day, the 27th of December 1790. I, Frans Jacob Neurenberg, Bookkeeper here, after prior notice, went with the witnesses to be named hereafter to and at the residence of the Honorable Mr. Gerardus van Haeften, Junior Merchant and Chief at this factory, where before me and the witnesses appeared the just-mentioned Mr. Gerardus van Haeften, who, at the requisition of the Honorable, Respected Mr. Jacob Eelbracht, Senior Merchant and Commander of the Coromandel Government with its dependencies, together with the Council, acknowledged and declared to be true and truthful, That on account of the greatly increasing prices of linens, the merchants had made representations, entailing that if they were not granted a price increase of 5 per cent on the fine and 10 per cent on the coarse linens, they could not make any collection for the Honorable Company; that thereupon the The 21st of January 1791. the chiefs of this factory had submitted the objection and request of the merchants to the Honorable, Respected Government at Palliakatta, as appears from the letters in existence concerning it, whereupon their Honors, being also fully assured that without granting any price increase the linen collection would not succeed, had granted to the merchants 5 per cent on the coarse and 2 per cent on the old sort of Guineas; that subsequently the contracts with the merchants were always concluded and the delivery made according to that price, and the price made known in both contracts was truly paid and is still paid to the merchants. Concluding herewith, the Honorable Mr. deponent declared that this his declaration contains the pure truth, giving as reason of knowledge having himself, alongside the Secunde, concluded the contracts with the merchants and made the disbursements thereon: Furthermore, the Honorable Mr. Deponent remains prepared, whenever such is required, to confirm this his deposition with a solemn oath. Thus done and deposed at the 2081. The 31st of January 1741. the Dutch factory Palikol on the date aforesaid, in the presence of the Assistant C. W. Vancquet De Ian and the native Mattheus Teixeira as witnesses requested for this purpose. The minute of this is written on a stamp of twelve stuivers and duly signed by the Honorable Mr. deponent, the witnesses, and myself. Beneath stood: Which testifies. Signed: Frans Jacob Nurenberg. No. 232 On this day, the 28th of December 1790. Appeared before me, Albertus Francois van Holt, Bookkeeper and Sworn Clerk at this factory, in the presence of the witnesses to be named hereafter, Mr. Sebastiaan Mattheus Schliephaken, Bookkeeper and Secunde of Palikol, currently present here for the execution of the Company's affairs, who, at the requisition of the Honorable, Respected Mr. Jacob Eilbracht, Senior Merchant and Commander of the Coromandel Government, with its dependencies, together with the Council at Palliacatta, acknowledged and declared to be true and truthful, That after the conclusion of the latest war, when he deponent was stationed as bookkeeper at the factory Palikol, due to the great dearness of raw cotton, The 21st of January 1741. raw cotton, and an uncommonly large collection by the English and French Companies, as well as private individuals of those nations, prices rose to such an unprecedented high level that the merchants at that factory declared they could not make any collection for the Honorable Company, unless they were granted a price increase of 5 per cent on the fine and 10 per cent on the coarse assortments. That the chiefs at that time had submitted the representations of the merchants to the Government at Palleakatta, and that their Honors thereupon had granted to those traders an augmentation of 2 per cent on the fine and 5 per cent on the coarse linens. That subsequently the chiefs had actually paid those prices to the merchants, and it was also paid to the traders in the deponent's time as Secunde of that factory. Concluding herewith, the deponent declared this his given testimony to contain the pure truth, giving as reason of knowledge as in the text, furthermore remaining at all times prepared, if required, to confirm the same with an oath. Thus done and executed at the Dutch

Dutch transcription

Den 21. Januarij 1791. — twee p:r C:to op de Guinees oude zoort, waarmede dan ook de leverantie zijn aanvang genoomen, en zij kooplieden 's Comp:s Eisch Prompt voldaan hadden: verder betuijgen ende Clareren boven gem: kooplieden nogmaals unoiniter voor waar en waaragtig te weezen, dat zij zo even gemelde prijs verhoging van 5. p„r C:to op de grove Lij„ waaten en 2. pr C:to op 's Comp:s oude zoort uit de handen van de opperhoofden deeses comptoirs wezent„ lijk genooten en gerecipieerd hadden. — Eindigende hiermede verklaarden zij kooplie„ den in deezen niets anders dan de Zuivere waarheit geconfesseerd te hebben, voor reeden van weetenschap gevende als in den text, be„ reid zijnde, wanneer het zonder haar uit„ terst deelin geschieden konde het zelve met eeden te bevestigen: dog daar zij nooit een Iurament afgelegt en gedaan hadden, en het ook de gewoonte onder haar niet was verzogten van bevrijd te moogen blijven. Aldus gedaan gedeclareerd en gedeposeerd In 'T Nederlands Comptoir Palikol op dato voorsz: ter Prezentie van den Assistent C: W: Vaucquet De Ian, en den Inlander Mattheus Teixeira als getuigen hier toe . de minute deses is geschreven op Een. F 2079. Den 21: Januarij 1741. Een Zegel van twaalf Stuijvers, en behoorlijk door de gemelde getuijgens en mij getekend /:onderstond=/ 'Twelk Getuigt /:was geteekend:/ Frans Jacob Nurenberg. No. 50 Op Huiden Den 27. December 1790. — Heb Ik Frans Jacob Neurenberg Boek houder alhier na voorafgaande ontbot mij met de natenoemene getuigen vervoegt aan en ten woonhuijze van den wel Ed: Heer Gerardus van Haeften, Onderkoopman en opperhooft ten deese Comptoire, alwaar voor mij en Getuijgens Compareerde zo eeven gemelde Heer Gerardus van Haeften de welken ter Requisitie van den WelEd: Agtb: Heer Iacob Eelbracht opper„ koopman en Gezaghebber van het Cormandelsch Gouvernement met den Resorte van dien, Be„ nevens den Raad, bekende en verclaarde waar en waarachtig te weezen, Dat uijt hoofden van de zoo zeer gestijgende prijzen der Lijwaten, de Cooplieden vertoogen gedaan hadden, behelsen„ de, dat indien hun geeve Prijs verhoging van F. Pr Cto C:t op de fijne en 10. p:r C=to op de grove Lijwa„ ten toegestaan wierd zij dan ook geen Inzaam voor dE: Comp: doen konden; dat daar op de. Den 21: Januarij 1791. — de opperhoofden deses Comptoirs het beswaar en begeer„ de der kooplieden, aan de Edele Agtb: Regeering te Palliakatta hadden voorgedragen, blijkens de daar van in weezen zijnde brieven, waar op haar Ed: Agtb:s als mede ten vollen verzekert dat zonder eenige prijs verhoging toete staan den Lijnwaat Inzaam geen schoort hebben zouden, aan de Kooplieden geakkordeerd hadden 5 p:r C=to op de grove en 2. p:r C:to op 't guinees oude zoort dat „ vervolgens altoos na die prijs de Contracten met de kooplieden gesloten ende Leveraantie geschied, mitsgaders de bijde Contrakten bekend gestelde Prijs, waarlijk aan de kooplieden betaald was en nog betaald worden:— Eindigende hier meeden verclaarden den wel Ed: Heer deposant, dat deze zijne verklaring de zuijve„ re waarheid behelst, geevende voor reeden van weetenschap, als zelfs nevens den Secunde de Contracten met de kooplieden sluitende en de verstrekking daar op doende: Blijvende voorts den welEd: Heer Deposant berijd, om dezen zijne depositie, wanneer zul vereischt word met solemneele Ede gestrand Aldus Gedaan en Gedeposeert In het. 2081. Den 31:' Januarij 1741. het Nederlandse Comptoir Palikol op dato voorsz: ter prezentie van den Assistent C: W: vancquet De Ian en den inlander Mat„ theus Teixeira als getuijgen hier toe ver¬ zogt. De minute dezes is gesz: op een zegal van twaalf stuiv. s en behoorlijk door den welEd: heer deposant, getuijgen en mij getekend /: onderstondt:/ 'Twelk getuigt /:getekend:/ Frans Iacob Nurenberg No. 232 Op Heeden Den 28. December 1790. — Compareerde voor mij Albertus Francois van Holt, Boekhouder en Gesw: Scriba ten dezen Comptoire ten bijweesen van de Nate„ meldene getuigen, Den Heer Sebastiaan Mattheus Schliephaken Boekh: en Secun„ de van Palikol, ter verrigting van 's komp:s affaires thans alhier prezzent, dewelke ter Requi„ sitie van den wel Ed: Agtb: Heer Iacob Eilbracht opperkoopman en Gezaghebber van het korman„ delsch Gouvernement, met den Resorte van dan nevens den Raad tot Palliacatta, be„ de en verklaarde waar en waarachtig te weezen Dat na het eindigen vanden Iongsten oor„ log, toen hij deposant als boekhouder ten komptoire Palikol bescheiden Lag, door groote duurte in het Capok ken Den 21. Januarij 1741. — Capok in ongemeen groten Inzaam der Engelsche en fransche Comp, Item particuliere van die Natiën, tot zulk een onvoorbeeldig Hoogen prijs steegen dat de kooplieden ter dier factorije verklaarden geenen Inzaam voor dE: Comp: kon„ den doen, ten zy haar eene prijs verhooging van 5. p:r C:to op de fijne en 10. p:r C:to op de grove afsortemen„ ten toegevoegt wierdt Dat de opperhoofden toen ter tijdt de Represen„ tatien der kooplieden de Regering te Palleakatta hadden voorgedraagen en dat Haar Edele Agtb:e daar op aan die Handelaars hadden toegevoegd eene augmentatie van 2. percento op de fijne en 5. p:r C:to op de grove Lijwaaten. Dat vervolgens de opperhoofden die pyzen werkelijk aan de kooplieden betaald hadden en ook in des deposants tijd als secunde dien factorij aan de Handelaars voldaan was. — Eindigende hier mede verklaarde den de„ posant deeze zijne gegevene getuijgenisse de suij vere waarheit te behelsen voor reeden van weetenschap geevende als in den text, blijvende voorts ten allen tijde bereid zulx des gerequireerd werden„ de met Eede gestand te doen. Aldus gedaan en gepasseerd In het t Neder

NL-HaNA_1.04.02_3879_0877 view scan ↗

English

2083. The 21st of January 1791. Dutch Factory Iaggernaikpoeram, date as aforesaid, in the presence of the assistants Adrianus Mattheus De Silva and Christian Bernardus Dirksz as witnesses, who have duly signed the minute hereof, it being written on a loose stamped paper, alongside the appearer and me, the sworn clerk. Below stood: Which I witness; signed: A. F. van Holt, Sworn Clerk. Thus, although these proofs are not drawn up in accordance with the tenor of the requirement concerning this matter, it is nevertheless understood, in consideration of how to manifest that the price increase was truly paid to the merchants, to leave them as they are, merely with the observation that the declarations of the Chief van Haeften and the Secunde Schliephaken as witnesses in their own cause are superfluous and also not regular; but indeed that both should explain and justify themselves concerning the necessity of the price increase. In regard to the information demanded from here on the 4th of November last with respect to the outstanding debts of the merchants running inside the factory there to an amount of pagodas 1238. 22. 3/4, it being shown by the aforementioned letter of the 27th of December that the same were written off there in the books by order of this Government per missive of the 2nd of July 1788, because those people were utterly unable to pay: it is understood to report this at the earliest opportunity to the Noble High Indian Government and to request Their High disposition thereon. 2085. To write that the books and papers of 1789 are expected soon. The 21st of January 1791. Concerning the assurance given by the aforesaid Chief van Haeften that he will, as far as lies in his power, endeavor with all zeal to comply with the circular order of the 12th of November regarding the dispatch of the monthly papers, cash books, and accounts thereof, likewise that which was recommended concerning the closing of the trade books, which would already have been dispatched had his indisposition not hindered him so much, as well as the absence of the Secunde Schliephaken, requesting therefore forgiveness: it is, since these reasons are acceptable, understood to be satisfied therewith for so far, with written notice nevertheless that one will await the fulfillment of his promise of double attention in the future, and as an effect thereof, expects shortly the trade books of 1789/90, for the advancement whereof the necessary instructions for the information of the Secunde Schliephaken will at the same time be written to Iaggernaikpoeram, furthermore expecting the effect of the promise, namely the speedy dispatch of the cash accounts of this financial year as they must be arranged, in order not to incur the fines imposed thereon; as will also be notified of the penalty imposed for default concerning the ordained account-current book and the timely dispatch thereof, with orders to notify this to Iaggernaikpoeram and to have it communicated from there by letter to Bimilipatnam, to the end that the one as well as the other may know that this is based on the approval of the Noble High Indian Government and that they together take this for information and observance. Regarding the procurement of this account-current in due time by the Palikol Chief van Haeften, fulfillment of the order in that regard being promised by the aforementioned letter of the 27th of December, and that because there is little or no trade in merchandise at that factory, but contracts were always made for Nagapatnam three-figure pagodas, although in the last two years attempts had been made to test the same there also by bartering merchandise with the suppliers of the chintzes, the Chief could determine nothing with any certainty concerning the sale thereof by public auction; although it is not probable that, if such an auction took place, one would ever obtain for them the rates at which the merchants now accept them and surrender them again at a loss to the inland merchants, who, could they apply to the Honorable Company for those prices and on credit, would certainly not address themselves to the suppliers; yet, in order to have the clearest conviction thereof, it would be best to make a trial with a small parcel, although there is not the least hope of a favorable outcome. With respect to the extract received from here alongside the letter of the 24th of November past, and that which was written concerning the trade by the often-mentioned Chief van Haeften, it being shown that the merchants had not shown themselves unwilling to deliver the cloths for the old prices, as the same have now somewhat decreased because the English and French—the latter little, and the former not at all—are making collections, although they declared that they had to fear that the cloths would climb again to the previous high prices as soon as both those nations begin making collections again; offering at the same time a memorandum of the amount of the delivery for this year at both prices, in distinct columns, amounting to

Dutch transcription

2083. - Den 21: Januarij 1791:— Nederlands Comptoir Iaggernaikpoeram, dato voorsz: ter Presentie van de assistenten Adrianus Mattheus De Silva en Christian Bernardus Dirksz: als getuigen: die de minute deeses zijnde geschreven op Een Los Zegel, nevens den Comparant en mij geswooren Scriba behoor„ lijk hebben getekend /:onderstond :/ 'Twelke geteugd /:getekend:/ A:s f:s van Holt G: Seriba„ Zoo is, of Schoon deeze bewijsen niet zijn in wat aanmerking daar f gemeekt gerigt na den teneur van het requisit der wegen, egter uit aenmerking hoe te komen te manefesteeren dat de prijs verhooging waarlijk aan de kooplieden betaelt is verstaen die te laeten als ze zijn enkel onder aenmerking dat de laringen van het opperhooft van Haeften den Secunde Schliephaken als getuigen in „eige zaak, overtollig en ook niet gereg is. eert zijn, omtrend de bennens sijns loo„ pende schulden vertoog aan 4: l: o te daen Den 21: Januarij 1791. — maer wel dat ze beiden wegens de noodzaekelijk„ zich verklaeren en heit der prijs. verhooging verantwoorden zouden Ten aanzien van de suls 4. November J:o leeden van hier gevorderde informatie, met opziceht tot de aldaar binnen Plijns loopende Schulden der kooplieden tot een bedraegen van px. 1238. 22. ¾. bij voorm:d brief van 27. December vertoond, wordende, dat dezelve op ordre dezer Regeering bij missive van den 2. Iulij 1788. Aldaar bij de boeken over„ geschreven zijn, wijl die lie den geheel onver„ mogend waaren: te voldoen: is verstaan dit ten naasten de Edele Hooge Indische Re„ boraen, en Hoog Derselver dispo„ sitie 2085. aan te schrijven dat de boeken en papieren van 1784 spoedig ver„ wagt werden Den 21: Januarij 1741. — sitie daar op te verzoeken. — Betroffende de gedaene betuiging door voorsz opperhooft van slaefsen, dat hij zoo veel in zijn vermoogen is, met alle iever zal trachten te voldoen, aan de Circulaire ordre van den 12. ' November, omtrent het verzenden den Maandelijksche Pappieren, assa boeken en dies reekeningen, item het aanbevoo„ lene wegens het sluiten der Negocie boe„ ken, welke bereets zouden verzonden zijn, in„ dien zijne onpasselijkheit hem zoo zeer niet hinderd had, gelijk ook niets de afweezig„ van den secunde Schliephaken, verzoekende. mits dien om verschooning: zoo is, nademaal ve deeze 6 pagg: is teschrijven dit Jaar nu de neuwe ondre Den 21: Januarij 1747. deeze reedenen aanneemelijk zijn verstaen daer meede voor zoo verre genoegen te neemen, onder aanschrijven nogtans, dat men de na„ kooming van zijn belofte tot dubbelde attentie in den aanstaande afwachten en als een effect van dien, haast te gemoet zien zal de Negotie det ook aan de scunde, die te boeken van 17 9/90. , waar toe ter voortvaering daer meede tevens het noodige tot narigt van den secunde Schliephaken naar Iaggernaikpoe„ „ten ook de verdere werk: van ram zal worden aangeschreeven, onder ver„ wachting verder van het effect der belofte namelijk de spoedige afzending den Cassa ree„ keningen van dit boekjaar zoo als de en moeten ingericht zijn of niet te- vervallen vSlingelandt te vervallen e de berte 2089. Bimilop: kennisse te geven verwagting van een cenbutie van de Comp:t hem de lewan den deara Den 21e Januarij 1791. E E vervallen in de daar op gestelde boeten, gelijk ook ge„ adverteert zal werden van de gestelde peenaliteit op het verzuim nopens het geordonneerde Reeke„ ning Courant boek en tijdige afzending van dien, met ordre om dit naar Iaggennaiksp: te met ondr hier van na: Jangen beteelen en van daar naar Bimilipatnam te„ laaten overbrieven ten einde de eene zoo wel als de andere weete dat dit zich grond op het goedvinden van de Edele Hooge Indische Re„ ring en zij zich gezamentlijk dit laeten strek„ 3 ken tot naricht en abservantie. — Wegens de bezorging van dit Reekening Cou, tet opperh: heuift wijnig goede op zijn tijd door het Palikols opperheel van slaeften bij doorm: brief„ te- vervolg Den 22 Januarij 1791: 27. December belooft wordende de nakoming der ordre dien aangaande, en dat wijl daer ten kantoore weij„ nig of geen vertier van koopmansz: is maar altoos voor Nagapatnamsche drie beeldige pa„ gooden gecontracteerd wierdt, schoon men in de twee laaste Iaaren getragt hadde daar van aldaar ook een proef te neemen, met het omzetten van koopmansz: aan de Leveranciers der Chitzen, hij opperhooft omtrend den verkoop van dien per publicque vendutie niets met eenig grond konde de termineeren hoe wel het niet waarschijnelijk is, dat, indien er zodanige opveiling plaets had, men voor die immer bedingen zoude de wijzen waar 2089. waar voor de kooplieden die thans neemen en tot hare schade aan de binnenlansche kooplieden weder afstaan, die, konden zij bij DE: Comp: voor die prijzen en op Credit terecht koomen, zich zeeker niet bij de Leveranciers addres„ seeren zouden, dan dat om daar van de klaar„ ste overtuiging te hebben, het beste zoude zijn, met een klijne parthij een proef te neemen, schoon in de minste hoop niet is van een fa„ vorabel reussit. — Met opsigt tot de van hier neven brief wat hetopeh: ontand den den 24 Nov:r pass=o ontvangene Extrac„ Den 28:' Januarij 1791. nieuwen handel met het aangeschrevene der wegen door het de Patriasche- en Indische tusschen, meer Den 21. Januarij 1741. — meermelde opperhooft van Haeften, vertoont wordende dat de kooplieden zich niet ongeneegen. getoont hadden, de Lijwaten voor de oude prijzen te leveren, alzo dezelve thans eenigzints gedaalt zijn, door dien de Engelsche en Fransche, de laesten weinig, en de eerste geheel geen Inzaam doen, schoon zij verklaarden dat ze schroomen moesten, dat de Lijwaaten weder tot de voorige hooge prijzen klimmen zouden, zoo dra die beide hid de daor oe relate hebbende natien weder beginnen inzaam te doen, onder aan„ bieding tevens van een Memorie van het bedraegen der Leverancie voor dit Jaar tegen beide prijzen, in onderscheidene Colommen, beloopendena 13 n memotie aan Ervineuse al 0 de

NL-HaNA_1.04.02_3879_0885 view scan ↗

English

2091. The 21st of January 1741. old unincreased price pagodas 8401. 18. 20. but according to the Memorandum indeed pagodas 21551. 23. 1/4. for which there was on hand the amount of 13 bars of gold, which would initially be sufficient to begin the collection with good success; the said Chief van Haeften therefore requests the approval of this Council concerning the conclusion of the Contract, the said delivery memorandum calculation reading as follows. Memorandum formed by the very esteemed order of the Right Honorable Lord Jacob Eilbracht, Senior Merchant and Governor of the Coromandel Government, with its dependencies, alongside the Council at Palliacatta, by their Honors' very venerated missive of the 24th of November of this year regarding the concluding of Contracts, showing how much the demands both for the Fatherland and the Indian regions amount to at the old prices, likewise increased ditto of 2 or 5 percent, with an indication of the difference on each pack, and the entire demand, namely. The 21st of January 1791. This annual demand comes in total to amount to: The cost of a pack: Increased price. Unincreased price. Difference: On a pack. On the whole. Calculated after the old unincreased price. Calculated after the increased price. For the Fatherland 50 packs Guinees fine bleached 1st sort: Pagodas 145. 1. 1/4. pagodas 145. 1. 1/4. pagodas —. —. —. pagodas —. —. —. pagodas 7252. 14. 1/2. pagodas 7252. 14. 1/2. 25 ditto medium 1st: pagodas 113. 8. —. pagodas 113. 8. —. pagodas —. —. —. pagodas —. —. —. pagodas 2833. 8. —. pagodas 2833. 8. —. 25 ditto bleached company's old 1st sort 2 percent: pagodas 96. 16. 1/4. pagodas 94. 20. 1/4. pagodas 1. 20. —. pagodas 45. 20. —. pagodas 2371. 2. 1/4. pagodas 2416. 22. 1/4. 25 ditto common bleached 1st sort 5 percent: pagodas 74. 13. 3/8. pagodas 71. 3. 1/4. pagodas 3. 10. 1/8. pagodas 85. 13. 1/8. pagodas 1778. 9. 1/4. pagodas 1863. 22. 5/8. 12 ditto ditto raw 1st sort 5 percent: pagodas 71. 20. 3/8. pagodas 68. 10. 1/4. pagodas 3. 10. 1/8. pagodas 41. 1. 1/2. pagodas 821. 3. —. pagodas 862. 4. 1/2. 10 Salempores fine bleached 1st sort: pagodas 133. 3. —. pagodas 133. 3. —. pagodas —. —. —. pagodas —. —. —. pagodas 1331. 6. —. pagodas 1331. 6. —. 7 ditto medium fine bleached 1st sort: pagodas 122. 9. 1/2. pagodas 122. 9. 1/2. pagodas —. —. —. pagodas —. —. —. pagodas 856. 18. 1/2. pagodas 856. 18. 1/2. 38 ditto common bleached 1st sort 5 percent: pagodas 66. 1. 7/8. pagodas 63. —. 1/2. pagodas 3. 1. 3/8. pagodas 116. 4. 1/4. pagodas 2394. 19. —. pagodas 2510. 23. 1/4. For Batavia 10 packs Guinees common bleached 1st sort 5 percent: pagodas 74. 13. 7/8. pagodas 71. 3. 1/4. pagodas 3. 10. 1/8. pagodas 34. 5. 1/4. pagodas 711. 8. 1/2. pagodas 745. 13. 3/4. 1 Salempores common bleached 1st sort 5 percent: pagodas 66. 1. 7/8. pagodas 63. —. 1/2. pagodas 3. 1. 3/8. pagodas 3. 1. 3/8. pagodas 63. —. 1/2. pagodas 66. 1. 7/8. 2 Sailcloth red: pagodas 142. 4. 1/2. pagodas 142. 4. 1/2. pagodas —. —. —. pagodas —. —. —. pagodas 284. 9. —. pagodas 284. 9. —. For Amboina 4 packs Guinees common bleached 3rd sort 5 percent: pagodas 69. 13. 3/8. pagodas 66. 3. 1/4. pagodas 3. 10. 1/8. pagodas 13. 16. 1/2. pagodas 264. 13. —. pagodas 278. 5. 1/2. 2 Sailcloth raw 3rd sort: pagodas 54. 17. 7/8. pagodas 54. 17. 7/8. pagodas —. —. —. pagodas —. —. —. pagodas 109. 10. 1/4. pagodas 109. 10. 1/4. For Banda 2 ditto Guinees bleached company's old 1st sort 2 percent: pagodas 96. 16. 1/4. pagodas 94. 20. —. pagodas 1. 20. —. pagodas 3. 16. —. pagodas 189. 16. 1/2. pagodas 193. 8. 1/2. 1 ditto common raw 1st sort 5 percent: pagodas 71. 20. 3/8. pagodas 68. 10. 1/4. pagodas 3. 10. 1/8. pagodas 3. 10. 1/8. pagodas 68. 10. 1/4. pagodas 71. 20. 3/8. For Ternate 2 packs Dungarees bleached with red headings: pagodas 55. 7. 3/4. pagodas 55. 7. 3/4. pagodas —. —. —. pagodas —. —. —. pagodas 110. 15. 1/2. pagodas 110. 15. 1/2. 1 Guinees common bleached 1st sort 5 percent: pagodas 74. 13. 3/8. pagodas 71. 3. 1/4. pagodas 3. 10. 1/8. pagodas 3. 10. 1/8. pagodas 71. 3. 1/4. pagodas 74. 13. 3/8. Total: pagodas 350. 2. 1/4. pagodas 21161. 21. 1/4. pagodas 21511. 23. 1/4. Deducting the lesser from the greater by: pagodas 350. 2. 1/4. Then comes a difference of pagodas 350. 2. 1/4. Agrees. In the Dutch Office Palicol, the 24th of December anno 1790. Was signed: G. V. Haeften. 2093. The 21st of January 1741. Whereupon having been disposed, it has been resolved to accept the merchants' offer, with the remark that to this Memorandum, which in itself is good, ought to have been added a Memorandum of the state of the finances, considering that the mere statement of 13 unsold bars of gold as being sufficient to begin with good success is too general, and not as it ought to be; and why it has also been approved to send over for instruction the model of a calculation made here of the Bimilipatnam financial matters, with orders to regulate themselves accordingly, and thereby provide a statement of: 1. what was found in arrears on the delivery for 1790; 2. the balance of the cash in specie and in gold; 3. remainders of merchandise, if any; 4. the amount of returns in stock, in order, after addition of the whole and subtraction of what the suppliers have on credit, and from this also the amount of the returns required for this year at the accepted price, to come to see what is surplus, or what is lacking, with authorization, when this is in order, to proceed with the conclusion of the Contract, and in the meantime to devise and prepare what is necessary for it, in the manner as is now being written to Bimilipatnam, from where can also be requested the model sent thither.

Dutch transcription

2091. Den 21:' Januarij 1741. — oude onverhoogde prijs pers: 8401. 18. 20. doch volgens de Memorie wel pagoden 21551. 23. ¼. waer toe aldaar aan handen was, het bedraegen van 13. staeven goud, die voor eerst voldoende zoude zijn, om den inzaam met goed gevolgte be„ ginnen; verzoekende dus het gemelde opperhooft en versoekt qualificatie tot van Haeften het goedvinden deses Raads, omtrent het sluiten van het Contract Luidende de gedagte insintie Leverancie memorie bereekening aldus. — Memorie geformeert ter zeer g'eerde order van den wel Ed: Agtb: Heer Iacob Eilbracht, opperkoopm: en Gezaghebber van het Corman„ delse Gouvernement, met den Resorte van dien, Nevens den Raad te Palliacatta at bij haar Ed: Agtb: zeer gevenereerde sive van den 24. Nov=r deses Jaers het sclhijten van Contracte aantoonende hoe veel de Eijsschen zoo pr Patria als de Indiasche gewesten de Den 21. Januarij 1791. — de oude prijzen, Item verhoogde d:os van 2. of 5. p:rC:to komen te importeren, met aanwijsing van het different op ie der pak, en den geheele Eisch, Namentlijk. — e Desen Iaarschen Eisch Het kostende van een Pak. Different komt in 't geheel te bedragen verhoogde onverhoogde op het op een Gerekt: nad' oude Gerekt: na de prijs wis geheel onverhoogd spijl verhoogde prijs pak 50. p=sn Guin:s fijn Gebl: v: Z:t. . . . Pag: 145: 1. T¾ ps 145. 1. ¼. rp —: — : - p„s — — —. p a/s 7252. 14. ½. p„s 252. 14. ½. 25. . „ d:o Midd:l „ 1. „. „ 113. 8. -. „ 113. 8. –. „ —. -. -. „ —. —. -. „ 2833. 8. -. „ 2833. 8. -. 25. . „ d. o –. Gebl: Coms:s oude 1. Zt 2. P„r C:to „ 96. 16. ¼. „ 94. 20. ¼. „ 1. 20. –. „ 45. 20. –. „ 2371. 2. ¼. „ 2416. 22. ¼. 6 25. . „ d. o — gem: gebl:. . . 1. „ 5. . „ „ „ 74. 13. 3/8 „ 71. 3. ¼. „ 3. 10 1/8. „ 85. 13. 1/8. „ 1778. 9¼. „ 1863. 22. 5/8. 12. - „ d:o —. d. o - . Ruw. . . 1. „ 5. „ „ „ 71: 20. 3/8 „ 68. 10. ¼. „ 3. 10. 1/8. „ 41. 1. ½. „ 821. 3. -. „ 862. 4. ½. 10. —. „ Salemp:s fijn gebl:kts. . . 1: „ -. - -. „ 133. 3. -. „ 133. 3. -. „ —. —. –. „ —. —. —. „ 1331. 6. -. „ 1331. 6. -. 7. -. „ d:o —: Mida: fijn gebl: 1. „. . . . . „ 122: 9. ½. „ 122. 9½. „ —. –. – „ —. —. –. „ 856. 18. ½. „ 856. 18. ½. 38. „ d:o —. gem: geblkt. . . . „ 5. „ „ „ 66. 1. 7/8. „. 63. –. ½. „ 3. 1. /8. „ 116. 4. ¼. „ 2394. 19. —. „ 2510. 23. ¼. Voor Batavia 10. P=den Guin:s gem: gebl:t 1. Z:t 5. „ „ „ 74. 13. 7/8. „ 71. 2. ¼. „ 3. 10. 1/8. „ 34. 5. ¼. „ 711. 8. ½. „ 745. 13. ¾. 1. - „ Salemp:s „ „ 1. „ 5. „ „ „ 66. 1. 7/8: „ 63. —. ½. „ 3: 1. 3/8: „ 3. 1. 3/8. „ 63. -. ½. „ 66. 1. 1/8. 2. – „ Zijldoek Rood . - - - - - - - - - - - „ „ 142. 4. ½. „ 142. 4. ½. „ —. –. –. „ —. –. –. „ 284. 9 — „ 284. 9. -. voor Amboina 4. p=sen guin. s gem: gebl: 3. Z:t 5. „ „ „ 69. 13. 3/8. „ 66. 3. ¼. „ 3. 10. 1/8. „ 13. 16. ½. „ 264. 13. –. „ 278. 5. ½. 2. -. „ Zijldoek „ Ruw: 3. „. . . . „ 54. 17. /8. „ 54. 17. /8. „ —. –. –. „ —. —. –. „ 109. 10. ¼. „ 109: 10. ¼. voor Banda d=o Guin:s gebl: dcomps:s oud I=ke Z:t 2. „ „ „ 96. 16. ¼. „ 94. 20. –. „ 1. 20. –. „ 3. 16. –. „ 189. 16. ½. „ 193. 8. ½. 1. . . „ d=o gem: ruw. . . . 1. „ 5 „ „ „ 71. 20. 3/8. „ 68. 10. ¼. „ 3. 10. /8. „ 3. 10. 1/18. „ 68. 10. ¼. „ 71. 20. 3/18. „ 55. 77. ¾. „ 55. 7. ¾. „ —. –. . „ —. –. –. „ 110. 15. ½ „ 116. 15. ½. „ 74. 13. 3/8. „ 71. 3. ¼. „ 3. 10 1/8. „ 3. 10. 7/8. „ 71. 3.¼ „ 74. 13: 8 - - - - R:. 350. 2. ¼. p„ 15 1. 3. /¼. p 8612. 1. ½. Detraheeren het minder van het meerder met - - - - - - - - - : -„ 21511. 23. ¼. - - - P/o 350. 2. ¼. Accordeerd ps„o 350. 2. ¼. Pro Patria voor Ternaten 2. - p=s Dongrijss: gebl: met rode hoofden „ - - 1: – „ Guin:s gem: geblk:t I=a L:t ber A=o 1790. /:was geteekend:/ G V: Hueften. In 't Nederlands Comptoir Palicol Den 24. Decem„ „ 5. Telt Dan komt een different van 2093. genoegen genomen van finandeen manqueram wat die maet aantoonen Den 21. Januarij 1797. Waar op gedisponeert zijnde is verstaen met word met der koopl: aan bod de aanbieding der kooplieden genoegen tenee„ men, onder aanmerking dat bij deze Memorie, aanmerking dat de memorie die op zigh zelf goet is, had behoren gevoegt te zijn, een Memorie van den staet der Tinan„ 1 cien, gemerkt de enkele opgave van 13. onverkogte staven gout, als toereikende om met goet gevolg te beginnen te Algemeen is, en niet zoo als het be„ hoort te zijn: en waarom tevens is goetgevonden tot daar van moseh te sinden en narigt overtezenden het modelletje van eene alhier aakte bereekening van het Bimilipatnam„ sche financie weezen, met last zich daar na te Reguleeren, en mits dien te bezorgen eene Aan„ tooning k/ van het geen op de Leverantie voor 1790 Esch gen prijs 14.½. 8. —. 22.¼ 28: 1/8: 5.½. 1. ½. 2. ¼. te ondek is dan met het Contract sluijten voort te gaan Enbz: tract gesonden werden Den 21:' Januarij 1741: — 1790. ten agteren is bevonden 2. / Het saldo der Cassas in specie en aan gout 3. / Restanten van koopm: zoo die 'en zijn 4: / Het bedragen der Retou„ ren in voorraad om na additie van het geheel en sub„ stractie van het geen de Leveranciers Credit loo„ pen en hier van noch het bedraegender, voor dit Jaar benodigde retouren na de aangenomene prijs, te komen zien wat 'er te over is, of te kort komt, met qualificatie als dat in met qualificatie om wanneer dit in order is, met het sluiten van het Contract voortte gaan, en inmiddels daar toe het nodige te beraemen, en in gereedheijd te brengen, op die wijs als thans naar zal van Binelip=rn model Con Bimilipatnam word aangeschreeven, van waar ook verzogt kan worden, het derwaarts tot Model

NL-HaNA_1.04.02_3879_0889 view scan ↗

English

2095. further reduction of expenses The 24 January 1791. -A model sent of a Copy Contract, since the heavy workload in writing at the secretariat does not allow for preparing that for each one individually, and the offices that are situated so close to one another, such as those to the North, can and must easily give each other light on matters that ought to be treated on a uniform footing. Having been ordered by letter of the 19. November last to Palikol to cease all unnecessary expenditures in the future, and to economize on all charges that can be saved, and in general to give serious thought to that point, and at the earliest to supply his grounded considerations, Difficulty of the chief to [illegible] The 21. January 1791. it now being testified by the chief in his writing of the 27. December in reply thereto, that however much he desires to reduce the already so much curtailed establishment and the expenses arising therefrom, he nevertheless has no or little prospect of doing so, since the Regents, toll collectors, and others living around there will not be persuaded to waive the gifts they have already enjoyed from the Hon. Company for more than 150. Years; that if this were omitted, one would become exposed to endless vexations from the Regents in whose lands the Factory lies, through whose territory all incoming and outgoing goods had to pass, wherefore 2097 how to emphatically recommend this once again The 21. January 1791. they would thus find hundreds of pretexts to obstruct the Company's trade; thus, notwithstanding these reasons, which in themselves are not unacceptable, yet in view of the necessity of leaving nothing untried to economize on charges, and especially the gifts, in a time like the present when all charges are unbearable, and one cannot take the economizing and retrenchment of everything enough to heart, after deliberation of this and further considerations serving the matter, it was resolved to emphatically recommend this point once more to the chief, so that, by such slowness, to do away with the custom what to answer the Masulipatnam government regarding their pretension The 21. January 1791.— one thing or another, on some plausible pretext, may be omitted, and the gifts in general be brought out of custom, considering that what was good 150. Years ago is now exceedingly bad: even that the customary gift to the English, concerning which, as shown by further received writing of the 15. of this month, the chief was admonished to satisfy that which that nation now came to claim for two Years, can be said to be of such a nature that it would not be bad to parry that in the most polite manner, and since they have not asked for it for two Years in succession, to answer provisionally that 2099. received the answered Extract demands of 1790. with Representation of the past in [illegible] The 21. January 1791. a two-year silence makes us think that that matter had been given up, and thus without further orders from our high Superiors, also due to lack of money, must remain suspended, with the further note that if he had sent a copy of the Masulipatnam Government's letter here, one might perhaps even find cause to write to Madras about it and point out how inconvenient it is at present for the Hon. Company to make gifts, with orders therefore to send that letter and his answer according to the aforementioned dictation, and if a prompt rescript follows upon that, also a copy thereof, at the earliest. on the chiefs Beside the aforesaid Palikol letter of 27. December, besides the reply to the Homeland and Indian Demands for 1790, and a representation inserted in the letter of the lesser satisfaction than demanded and remaining packages, Item accounts having been received, the Settlement of Account held with the merchants for that Year under Ultimo August, according to which Lanca Saroen c.s. for 216. 7. 60, and against that various others each on their own and together nine in number for 163. 17. 42 would with deed of non-pretension stand in advance; while by another Deed appears their collective declaration The 21. January 1791. — of having no private affairs to settle or any business 2101. The 21. January 1791. — outstanding with the chiefs, as further appears from that document itself.— Upon special inquiry made to us by the Bookkeeper in the service of the Hon. Company Frans Jacob Nurenberg, and the assistant Christiaan Wilhelmus Vancquet De Tan in the aforementioned service; Namely whether we had any Private affairs to settle with the chief of this Factory outside the Company's matters; we the undersigned Company merchants collectively, and each one individually, declare and Certify in the best and most solemn manner that we have not the least private outstanding Account or money to claim from the chief, the Hon. Gerrardus van Haeften, or any of his Honor's servants, nor any other matters of whatever name and of whatever nature they might be, outstanding; wherefore, as proof thereof, we have executed this document without any the least compulsion or persuasion from [illegible] whoever it might be, Insertion of that document subscribed with our customary signatures done and [illegible] in Dutch

Dutch transcription

2095. verdere deminutie der uijtga„ red=en Den 24 Januarij 1797. -Model gezonden Copia Contract, wijl het volhandig schrijfwerk ter secretarije niet toelaet dat voor ieder in het bijzonder te vervaardigen en de kantooren, welke zoo dicht bij elkander leggen, als die om de Noord, elkander gemakkelijk licht kunnen en moeten geeven van zaeken, die op een eenparige voet behooren te worden behandelt Bij brieve van den 19. November laestleeden swarigh:d van 't opperh: tot naar Palikol gelast zijnde, om alle onnodige uitgaven in het vervolg na te laeten, en te me„ nageeren alle ongelden die bezuinigt kunnen worden, en in het generael over dat poinct serieus de gedachten te laeten gaan, en ten eersten zijne gegronde Consideratien te susspe„ diteeren Den 21:' Januarij 1791. diteeren, thans door het opperhooft bij schrijvens van den 27. December in antwoord van dien betuijd wor„ dende, dat hoe hij ook verlangt de bereets zoo zeer inge„ krompen omslag, en daar uit voortkoomende on„ kosten te verminderen, hij echter daar toe geen of weinig voor uitzicht heeft, wijl de daar om streeks woonende Regenten, tollenaars en andere niet over te haelen zullen zijn afstand te doen van de geschenken die zij bereeds meer dan 150. Jaaren van dE: Comp:e hebben genooten; dat wanneer dit wierdt nagelaeten men geexponeert zouraaken aan oneindi„ ge quellingen van de Regenten in wiers Landen Factorij legt, door welkers termtoir alle ko„ mende en gaande goederen passeeren moesten, waa toe 2097 hoedanig dit ondermaal na„ drukkelijk te recommandeeren Den 21: Januarij 1741. toe zij dus honderden voorwindsels vinden zou„ den om 'sComp:s handel te stremmen; zo is onaangezien deeze op zigh zelve niet onaan„ nemelijke reedenen echter uit aanmerking der noodzaakelijkheit om tot bezuiniging van ongelden, en inzonderheit de geschenken, niets onbezocht te moeten laeten, in een tijd als tegenwoordig dat alle ongelden ondraegelijk zijn, en men zich de bezuiniging en inkrim„ ring van alles niet genoeg ter harte kan lasten ,na overweging van dit en verdere ter materie dienende Consideratien beslooten, en hooft dit poinct andermaal nadruk aante beweelen om, dus langzamenheit, gewoonte te brengen wat de mazulisp=e reguering op hun pritentier daar om te sant„ woorden Den 21e Januarij 1791.— het een of ander, op eenig plansibel pretext; agter de geschenken voor dluit de wegen te laeten, en de geschenken in het generaal uit de gewoonte te brengen, gemerkt. het geen voor 150. Jaeren goet was, nu ten hoogsten quaet is: zelfs dat het gewoone geschenk aan de Engel„ schen, waarom uit wijzen nader ontvangen schrijvens de dato 15. dezer, het opperhooft was aangemaent ter voldoening van het geen die natie voor twee Iaaren nu quam te preten¬ deeren, gezegt kan worden, van dien aent te zijn, dat het niet quaet zou wezen om dat op de polietste wijze afte kaetzen, en daar zij twee Iaeren agter een niet omge„ hebben, bij provisie te antwoorden, dat een 2099. ontvangen de beandewoorde Er„ tract bisschen van 1790. niet Ver„ toog van de afgelooppen in daam Den 27: Januarij 1791. een twee Iaerig stil swijgen ons doet denken dat men die zaak had opgegeven, en dus zonder nadere ordres van onze hooge Gebiederen, ook om gebrek aan gelt, moet uit gestelt blijven, on„ der verdere Notitie indien hij Copij dit heen gezon„ den had vande Mazulipatnams Regerings brief, men mogelijk zelfs aanlijding zoude vinden om daar over eens naer Madras te schrijven en te vertoonen, hoe ongelegen het thans voor DE: Compagnie is om geschen„ ken te doen, met last derhalven om die brief en zijn antwoort na voormelde dictame en zoo daer spoedig rescriptie op volgt, ook kopij daar van, ten Zenden. ersten det „ op de opperhoofden Neven de voorsz: Palikolsche brieff van 27. xber: buiten de beantwoording den Patriasche en Indi„ sche Eisschen voor 1790. - en eene bij de brief gein„ sereerde vertooning van de mindere voldoening dan geeischte en noch overgesleven Pakken, Jtem afreekeningende karftok ontvangen zijnde, de met de kooplieden voor dat Iaar, onder Ultimo Augustus gehoudene Afreekening eeving volgens welke Lanca Saroen C: s: pr/ 216. 7. b0, en daar en tegen diverse anderen ieder op haer zelve en te saemen negen in getal pr 163. 17. 42. zouden mit acte van non pretentie te vooren staen; ter wijl bij een andere Acte Con„ steert hun lieder gezaemenlijke verklaering Den 21:' Januarij 1791. — van met de opperhoofden geene particuliere zaeken te demesleeren ofte eenige affaires m 2101. Den 21:' Januarij 1791. — met hen uijtstaande te hebben, gelijk nader blijkt bij dat geschrift zelve.— Op speciaale afvraage ons door den Boekhouder ten dienste der E: Comp Frans Iacob Nu„ renberg, en den assistent Christiaan wilhelmus vancquet De Tan ten voorm: dienste gedaan; Namentlijk of wij met het opperhooft deses Comptoirs buijten 'scomp. s zae„ ken nog eenige Particuliere affaires te demeslee„ ren hadden; zoo verclaaren en Certificeeren wij ondergesz: Somp:s kooplieden gezamentlijk; en een ijder in het bijzonder, op de beste en plegtigste wijse, nog met het opperhoofd den E: Gerrardus van Haeften, dan wel eenige van zijn E:s bedien„ dens, geen de minste particuliere uitstaande Re„ kening dan wel gelden te pretendeeren, of eenige andere zaeken hoe ook genaemd, en van wat natuur die ook zouden moogen zijn, uitslaande te hebben; wes„ halven wij tot een bewijs daar van, dit geschrift eenige de minste dwang of persuatie van nd vie het ook soude moogen weezen, pas„ Jnsintie van dat geschrift met onze gewoone handtekeningen sub„ gedaan en eert In het Ne„ rlandsch

NL-HaNA_1.04.02_3879_0896 view scan ↗

English

to order a further explanation to be given regarding the deficiency in fulfilling the demands The 21st of January 1791:— Dutch Trading Post Palicol, in the presence of the above-mentioned Bookkeeper Nurenberg, and Assistant van Cquet De Tan, ult:o Aug:o 1790: signed in the Gentoo characters by the merchants hereinbefore mentioned; lower down: in our presence, signed: F: G: Nurenberg and C: W: van Equet De Tan. Which proceedings appearing to have been handled, thus far, according to old custom, it has been approved and agreed, regarding the deficiency in fulfilling the demands—as if this were to be attributed to a lack of cash—to write to the Chief van Haeften to explain this somewhat more closely, demonstrating the provisions made on deliveries and what was received thereon month by month, how the matter would have been resolved 2103. under reproach concerning the reticence and the [illegible] The 21st of January 1791. resolved, if it had not been forgotten to send such current accounts as have been requested since the beginning of trade for each delivery (not for each fiscal year) and shown that they must close with ult:o Zept:r of each year, with orders to show these still, indicating how one is to understand this shortfall in money, and under serious reproach regarding the reticence in that matter, and observing that the delivery cannot be reconciled with what most settlements of the suppliers regarding balances previously showed, which contradicts the others, 17 v The 21st of January 1791.— and which could be traced and demonstrated were it not for the lacking of the books of the latest fiscal year; since this must now remain deferred until after the receipt thereof and the obtaining of the requested elucidation, as it is indisputable that a fulfillment of merely 135 packages on a quantity of 358 pieces that were demanded is too conspicuous not to be curious as to whence that advance delivery by some actually originates, besides the fact that another 9 packages remain lying over, which certainly must have arrived by ult:o August, or otherwise in September or October, and ought to have been [illegible], Such 2105. his offered salary and for his payment such that the Palikol office makes a poor figure in this way, which must be vigorously improved if one is to keep things going there; just as it now, merely in passing, falls to be noted, in the hope that a sufficient reason can be given for so meager a situation, as the aforesaid showing will bring upon itself the greatest displeasure, if not more, of the Honorable High Government of the Indies. — With respect to the remarks made by this Council regarding the Chief's salaries, and what was written concerning this by letter of the 29th of December, to which he, by The 21st of January 1791:— missive The 21st of January 1791. missive of the 12th of this month, gives assurance that no deceitful intention had caused him to offer and request that his share in the compensation imposed on him and the deceased Second De Tan might be placed on the salary accounts, subject to the further pleasure of the Honorable High Government of the Indies upon the report and representation to be made from here, but rather his inability to satisfy so capital a sum, under the further declaration that he had indeed sent the accounts of his earned pay to Europe, yet never with such a malicious design to deceive the Company if it should not please Their High Excellencies to free him from the compensation. That the remitting of his salary accounts would never have taken place if he could have understood in the slightest that the compensation and reparation of a matter would be imposed on him wherein he had acted merely as an intermediary, although he nevertheless painfully experienced the contrary, and wherefore nothing was left for him but to have recourse to the only means remaining to him from the ruinous wars, to offer as security for his share Storm to the Chief's defense regarding his house and effects The 21st of January 1791:— in this compensation, consisting of his house and some other furniture to the value of roughly 2315. —. as appears from the distinct inventory sent over; hoping that the same will be favorably accepted until the disposition of the said Honorable High Government of the Indies is received; he intending meanwhile to debit his account and that of the late Second De Tan on the books for the amount of the compensation; however, that the widow of the aforementioned De Tan, having been summoned for payment or security, had made known her utter inability, whereupon an extract from the aforementioned letter of 29 December 1790 was handed to her, in order to act as she should find most expedient. thereupon debiting the books the widow De Tan was unable to give security 2109. under which observation the Chief's sensitivity over the government's reproach was passed over in this turmoil The 21st of January 1791. — Upon all of which, having maturely deliberated, and this quasi-displeasure not being regarded with indifference but considered as a glaring proof of how quickly the Company's servants are offended when the truth is brought clearly before their eyes, because, whatever the intention of van Haeften may have been in remitting his salary accounts up to ult:o August 1790 to Europe, it was scarcely fitting, after it had been done, to offer his monthly wages as a guarantee, amounting to a compensation of thousands

Dutch transcription

1 te gelasten nader vertoog van de m in voldoening der Eijs„ soken te doen Den 21 Januarij 1797:— derlandsch Comptoir Palicol, ten overstaan van bovengemelde Boekh: Nurenberg, en Assistent van„ Cquet De Tan ult:o Aug:o 1790: /:getekent:/ in het Ientiefs Carakters door de kooplieden hier vooren vermelt /:Lager:/ ten onzen overstaan /:geteekend:/ F: G: Nurenberg en C: W: van„ Equet De Tan. Welke verrichtingen dan voor zoo verre, na ouder uzantie behandelt voorkomende, zoo is, in opzigt van de mindere voldoening der Esschen, als ware dit toeteschrijven aan gebrek aan Con„ tanten, goed gevonden en verstaan het opper hooft van Haeften aan te schrijven, om dit wat naader te Expliceeren, onder aantoo„ ning van de op Leverancie gedaene verstrek„ kingen, en het daar op ontvangene maand voor maand, het werk zich zou hebben op gelost 2103. onder reproche over de agten houdenheid en de din Januarij 171 Den 21. gelost, indien niet vergeeten was het zenden van zulke reekeningen Courant, als men zedert het begin des handels, van ieder Leverancie (:niet van ieder boekjaar:) gevraagt en aangetoont hadt, dat sluiten moeten met ult:o Zept:r ieder Iaar, met ordre om die als noch aenwijzende hoedanig men die te kort koming aen gelt te verstaen hebbe, en onder Serieuse reproche van de agterhou„ denheit derwegen, en aanmerking dat nim„ Leverantie niet over een is te brengen met het geen de meeste afreekeningen der Le„ nciers, wegens saldos te vooren aan wij dere tegenspreekt, sen, dewijl het aan de 17 v Januarij 1791.— Den 21 en het welke nateqaan en zou aantetoonen zijn, . haperde het niet aan de boeken van het Iongste boekjaar; daar dit nu moet uijt gestelt blijven tot na de ontvangst van dien, en het erlangen der gevraagde elucidatie, wijl het ontegenspreekelijk às, dat eene voldoening van maer 135. pakken op een quantiteit van 358. stuks die gevordert zijn, te sterk in het oogloopt om niet benieuwt te zijn waar uijt doch die voor Leverancie door Sommigen herkomstig is, behalven dat er noch 9. pakken overleggen: die zee„ ker laaten zijn binnen gekomen als ult:o Augustus, of anders in September of october dn deane ge 17 hadden behooren her Zulks 2105 sijn aangeboodene soldij en voor zijn beabling zulks het Cantoor Palikol op deze wijs een slegt figuur maakt, dat krachtig dient te verbeteren, zal men het aldaer gaande hou„ den; gelijk nu maer, als een passant, valt aan te merken, in die hoop, dat van eene zoo schraele Situasie voldoende reeden zal konnen worden gegeven, wijl de voorsz: vertooning het hoogste misnoegen van de Edele Hooge Indische Regeering, zoo niet meer, na zich zal sleepen. — Met opzicht tot het geremarcqueerde door soppenh: verantevoor din g nop:s deezen Raede, ten aanzien van 's opperhoofds soldijen, en het aangeschreevene derwegen bij 29' December, door hem bij Den 21:' Januarij 1791:— brieve van me ssive Den 21: Januarij 1791. Missive van den 12. deeser verzeekert wordende, dat geen bedriegelijke intentie hem had doen aenbieden en verzoeken dat zij aandeel in de vergoeding, hem en den overleeden secunde De Tan opgelegd, op Soldij Rek:n mogte worden gestelt, tot het nader welbehagen van de Edele Hooge Indiasche Regering op de van hier te doene voordracht en re„ presentatie, maar wel zijn onvermogen ter voldoening van zoo een Capitaele Som, onder verdere verklaering dat hij de Reekeningen van zijn verdiende gasie wel na Europa had verzonden, doch nimmer met zoo een hartelijk inzicht om de Comp: te bedriegen in=dien het Hun Hoog Edelheeden niet beg ken mochte zoo 2187. beidtams zijn huijsen bedetting Januarij 1791:— Den 21 mochte behaegen hem van de vergoeding te Liberee„ ren. Dat het remitteeren van zijne soldij ree„ keningen nimmer zoude plaats gehad hebben, zoo hij maar in het minst had kunnen begrijpen, dat hem zou worden opgelegt de vergoeding en reparatie van een zaek, waer in hij slegts als middelaar hadt ge„ handelt, schoon hij egter met smerte het tegendeel ondervond, en waarom er voor hem niets overschoot dan zijn toevlugt te neemen tot de eenigste middelen, die hem uit den verdervelijken oorlogen noch waaren overgebleven, aante„ bieden tot secuuriteit voor zijn aandeel Storm aan Ian des weegen bij de boeken de bi„ teeden de wed: de Tan was onvermoo„ gens zekerherds te geven Den 21:' Januarij 1791. E in deeze vergoeding, bestaande in zijn huis, en eenige andere meubilaire goederen ter waarde van pr/o 2315. —. blijkens overgezondene distincte Inven„ taris; verhoopende dat deselve gunstiglijk geaccep„ teert zal worden, tot dat de dispositie van welmelde Edele Hooge Indische Regeering word ontvangen; zullende hij hem en wijlende zullende hij intusschen zijne Rekening en die van den aflijvigen secunde De Tan bij de boeken voor het bedraegen van de vergoeding de biteu„ ren; dan dat de weduwe van even gemelde De Tan om voldoening of zeekerheit aan„ gemaent zijnde, haar volkomen onvermo„ gen te kennen had gegeven, waar op aan Extract was ter hand gesteld uit voormelde brief n 29. haar December 1790, ten einde in n den e acot e 172 handelen 2109. onderwelke aanmerking sopper„ hoofds gevoeligheit over regeerings reproeke in dit gewoel gepassierd werd Den 21:' Januarij 1741. — handelen als zij oirbaarst vinden zoude. Overwelk een en ander rijpelijk gedelibereerd en dit quasie ongenoegen niet met onverschillig„ heit aangezien maar beschouwt zijnde als een eelat : tante blijk hoe schielijk sComp:s dienaaren . geraakt zijn, wanneer hen de waarheit wat duidelijk onder het oog wordt gebracht, dewijl wat ook het in zicht van van Haeften magh geweest zijn, om zijne zoldij Rek=den tot ult=o Augustus 1790. toe naer Europa over te maken, „ het net paste om, terwijl het geschiet was, zijne maandgelden aan te bieden als een waar duizend ma borg vergoeding bedraegende

NL-HaNA_1.04.02_3879_0904 view scan ↗

English

The 21st of January 1791: it was added that shame alone could have made him, Van Haeften, see how unacceptable and mocking this request sounded, without it being of any service to him to present it as though he could not imagine the reimbursement of a disposition over the Honorable Company's treasury (as he calls it) merely as an intermediary; since it is now already the second time that Their High Nobles have disapproved of his conduct in this regard and ordered the reimbursement; for which reason now, whether the questionable payment to the merchants was handled poorly, it was his duty, after all, The 21st of January 1791. after all, that this Council cannot be required to cast the orders to the wind, and to leave him free on his claim of being wronged, which could not be justified and consequently would be more than he could ever expect: thus it is resolved, under this admonition and gentle remark, to pass over the said Van Haeften's thoughtlessness, and furthermore to let him suffice with the statement and inventory of his possessions made and sent here, and to declare them bound to the Honorable Company, and [illegible] not to dispose of or alienate them without Rescript to Bimilipatnam on this question, and further decision thereon. In continuation of the business concerning the offices, attention having been paid to the contents of the Bimilipatnam letters from the Second Johannes Marcus Dormieux, dated 16 November and 29 December last, the latter of which was received here from the English private vessel The Trial, which passed on the 6th to Madras; having decided on the trade papers from the months of August, September, and October, there is first examined and resumed the trade papers of the months of August, September, and October last, sent here together with the first-mentioned letter, with the usual marginal notes of the On all these 3 accounts there is nothing to remark. To deliberate according to the pleasure of the Council. The 21st. Honorable Chief Administrator on the contents thereof. And having decided thereon as in the margin, in accordance with the remarks and dispositions as follows. The Decision. Friday, the 21st of January 1791. Remarks on the notes of the trade papers received from the Bimilipatnam office. By the disposition, it is understood: The accompanying papers. 3 specifications or expense accounts of the months of August, September, and October 1790; namely: 1 with - - - - - - ƒ 1771. 7. 8 1 ditto - - - - - „ 584. 9. 8 1 ditto - - - - - „ 562. 7. 8 1 memorandum of carpentry and repairs closed at ƒ 336. 17. 8. 1 memorandum of ordinary and extraordinary gifts for the last six months of the current book year 1790: closed with purchase ƒ 201. 1. 8 and sales ƒ 350. 8. –. Besides these: 3 petty cash statements closed with, as August: 1 19 3/8. ƒ 2528. 4. -. September: 22 1/4. „ 1943. 13. - October: „ 1047. 7 1/2. „ 4712. 18. -. Can pass, as the reason is stated at the foot of this memorandum. But with the recommendation to reduce that account in the future. To pass the specifications or expense accounts, as well as the further expenditure items mentioned in the text, with repetition of the recommendation for economizing and reduction of all expenses as much as possible, to prevent the danger of compensation. The 21st of January 1791. To conform with the Honorable Chief Administrator's remarks; following that, it should be kept for record, and the shortages and deficits mentioned in the respective findings should be passed for write-off; regarding the balances, to refer to the outgoing rescript; the profits to be accounted for under the end of October, and to observe what has been determined regarding the main account by outgoing circular order of reasons. To note in the resolution the good deliveries. The percentage calculated according to the other, so all that remains on this account in Fort Geldria can be transferred to dust and refuse of spices. And with these shortages, act as customary with payments. To make an ordinance on the small cash box until the disbursement is practically possible. On all documents mentioned on the side, there is nothing to remark. 1 yield account of Mr. Tadama of the end of February. 1 yield account of the end of October, closed with an advance of ƒ 20366. 2. 8, besides 1 summary amounting to ƒ 25154. 12. 8. 1 note or balance list of the end of October last. 1 finding or general inventory of the Honorable Company's cash and merchandise. 2 findings of the delivered cargoes: 1 by the boat De Schildpad 1 from the sloop De Zeerob 2 findings of the inventory taken under the end of August last. 1 memorandum of a fourth part of the turnover of trade goods, ƒ 340. –. – or pagodas 75. 13. 3/8. 1 memorandum of shortages as of cloves and nutmegs for the last six months of the book year 1790. Because the percentage for write-off is permitted by the regulation, there is nothing to remark. To place to the credit of the account of 340. Thus done and resolved at the roadstead of Paliacatte, date as above. Signed below: By order, etc. Signed: P. E. van Halm. J. J. Hlaszoon, Secretary. Paliacatta, 4 January 1791. Signed: P. E. van Halm. The 21st of January 1791. Thus it is resolved, as customary, to attach a copy hereof to the outgoing rescript for information and observance. To the letter of 29 December, the aforementioned Dormieux having attached five current accounts with the merchants from 1785/86 to 1789/90, and a specific note as needed to distinguish each supplier and which are distinctly numbered with reference to the account, showing the trouble that the Second and the Chief Bookkeeper had in drawing it up, and whereby this task had been the more difficult at the final settlement because, through the late contracting during those years, it had been customary to

Dutch transcription

Den 21' Januarij 1741: ware bij gevoegt de Schaemte zelfs hem van Haeften zou hebben konnen doen zien hoe onaannemelijk en spotachtig dit verzoek kwam te klinken, zonder dat hem te stade konkomen de re„ presentatie als of hij zich niet konde voorstel„ len, de vergoeding van een dispositie over sComp:s Cassa (:zoo als hij het noemt:) slegts als Middelaer; wijl het nu reets de twee maal is dat Hun Hoog Edelheeden zijn gedrach der wegen hebben gedisapprobeert, en de vergoeden geordonneert; waarom het nu, het zij dat dat de questieuse afbetaeling der kooplieden qualijk andelt, zijn plicht was e mers zoude, im 2111. Den 21 Januarij 1791. mers dat dezen Raede niet is te vergen om de ordres in de windt teslaen, en hem om zijne Sustenu van verongelijking vrij telaeten dat niet te verantwoorden, en gevolgelijk meer zou zijn dan hij ooit kon verwach„ ten: zoo is verstaan, onder deeze vermaaning en zachte aanmerking, gemelde van Haeftens onbedagtsaamheit te passeeren, en hem overi„ gens te laaten volstaan met de gemaakte en dit heen gesondene staat en Inventaris van ne bezittingen, en die te verklaeren van E: Comp: verbonden an en te mogen disponeeren alleperen, d Tien zonder Rescriptie naar Bimilipatnam pieden van aug: fbch: en obir: Januarij 1791: Den 21. op deze queste, en nadere beschikking daar over Tot vervolg der besoigne over de kantooren gelet zijnde op den in houd der Bimilipat„ namsche brieven van den Secunde Iohan„ nes Marcus Dormieux, de datis 16 November en 29. ' Xber: I:o Leeden, welke laaste alhier is ontvangen uit het op den 6. naar Madras gepasseert Engelsch Particulier gedisponeerd op de negotie pa, vaartuig The Trial, word voor af nagegaan, en geresumeert de nevens eerst gemelde brief herwaarts gezondene Negocie papieren van de Maanden Augustus, September en Otober I=o Leeden, met de gewoone marginale aanteekeningen van den 2113. Op alle deze 3. Rek. is niets te zeggen. — Nagoedvinden van den Raad te deliteeren. — delibereeren Den 21. E: Hoofd Administrateur op den inhout van dien. En daar op als in margine, in insentie aanmerking en dispo„ voege als volgt, gedisponeert zijnde. — sitien T Besluijt Aanmerkingen op de Aanteekening van de vrijdag den 21:' Jan: 1791. Bij de dispositie is verstaan. Nevens staande papieren ontvangene Negotie Pappie, ren van 't Comptoir Bimi„ lipatnam. — 3. Specificatien of onk: Reek: van de Maanden Aug:s 7ber: en 8ber: 1790; als: {1: met - - - - - - - ƒ1771. 7. 8: 1. d:o - - - - - -. „ 584. 9: 8. 1. d:o - - - - - „ 562. 7. 8. 1. Memorie van Timmeragie en Reparatie afgeslooten met ƒ 336. 17. 8. 1: Memorie van ord: en Extra ordi„ Kan passeren na dien de re„ den aan de voet van deze naire geschenken voor de laaste Memorie bekent staat. ses maanden van 't loopende Dog met recommandatie om in het vervolg die Re„ boekjaar 1790: afgeslooten met kening te verminderen inkoops ƒ 201. 1. 8. en uijt koops ƒ 350. 8. –. nevens dies. 3. Staat Reekening van de klee„ De specificatien of onkost rekeningen item de verdere Lasposten in den text versmelt te passeeren onder herhae„ ling der Recommanatie tot besuijninging — en ver„ mindering om alle ongelden zo veel mogelijk om te voorste komen het gevaar van Januarij 1791.— goeding. — en Samentrecking Kapsa afgesloten met als 1 19 3/8. ƒ 2528. 4. -. 22. ¼. „ 1943. 13. - 8ber: „ 1047. 7 ½. „ 47. 12. 18. -. Febr: 1. Rendemt Den 21. Januarij 1741. — reek: van de Heer Tadama tot dat de uitkering practi„ 340. te stellen en Credit der zich te Conformeeren met den Op alle ter zijde vermelde 1. Rendement van ulto 8ber: afge„ E: Hoofd administrateurs re„ geschriften valt niets op te sloten met een advans van marques, dient volgen dat ad notain te houden en de onder„ remarqueeren. — ƒ 20366. 2. 8. neevens wigten en minderheeden bij de respective Bevindingen 1. Sommarium groot ƒ25154. 12. 8. vermelt ter afschrijving te pas„ seeren; Nopens de Restanten 1. Notitie of Restant Lijst van zich te refereeren tot de afgaan„ de Rescriptie, de winsten. ult:o 8ber: I:o Leeden. — onder ult:o 8ber: te verantwoorden en in acht te doen neemen het 1. Bevinding of generaale op neem geen wegens de Hooftreekening bij afgaande circulaire ordre van 'sComp: Contanten en koopmanz: van reeden bepaelt is geworden. Bij de Resolutie aan te teekenen 2. Bevindingen van de uitge„ van de goede uit leveringen leverde Ladingen 1. per de bood De schildpadt 1: van De sloep De Zeerob De p:r C„to volgens d' andere berekend 2. Bevindingen of de gedaane ofmeem onder ult:o Aug:s Laast leeden. — 1. Memorie van een vierde part van de omgezette han„ delwharen ƒ 340. —. –. of pr 75. 13. 3/8. — . Memorie van onder so kunnen alle die op dese reek: wigten als van de resteert in 't fort Geldria te g bre te mi„ rede op verlien Palliak dato voorsz: Con„ derst: / ter ordonn: Etc:a /:getek:d, en het stof len overschrijven op gruijs en stoff van specerijen. — Aldus gedaan en gear„ worden laaste ses saan¬ enkruintjes „ Nagu„ permitteert nade gebruike te schrijvinge gepermitteert zijn, En met dese onderwigten als ge„ Dewijl d' pr C=o bij 't Reglement tot af„ taelen handelen. — I: I: Hlasz: Sec: Palliacatta 4. Januarij 1791: /:getek:d/ P: E: van Halm Ordonnantie op de kleene Geldkassa te maaken. — zijnde valt 'er niets op te zeggen zal zijn.— Jaar 17 den van 90. tie Boek Zo 2415. de secunde end den hooft: teek: zen deanto 70 16: tot 179. opmaaken van dien gehad heeft in waar door Den 21 Januarij 1797. Zo is verstaan, â uso, hier van ter naricht en observantie Copia bij de aftegane rescriptie te voegen. Bij de brief van 29: December, door voorm: Dormieux zijnde gevoegt vijf reekeningen Courant met de kooplieden Zedert 178 5/6. tot 17 23/906: en eene specificque No„ titie als, ter onderscheiding van ieder Le„ verancier nodig ware en die met betrecking tot de Reek=t distinct genommert zijn, onder vertoond de mwoitn de hij int„ vertooning dat deeze verrigting bij de uit„ te moeijelijker geweest was om dat door de laete aan bestedingen geduurende gelven Jaaren, in gebruik was geweest, de

NL-HaNA_1.04.02_3879_0910 view scan ↗

English

The 21st of January 1791. — to enter at once under the ultimate of August the linens gradually brought into the band, and that this had placed him under the necessity, in order to demonstrate each particular delivery, to extract the same from the merchants' own accounts, compared with those kept by the Company's Brahmin, and with the books of that office according to the usual manner of proceeding at the closing of the previous settlements; that this was also the cause that it required so much time, with a request therefore for excuse over the late dispatch, and a further declaration that it had at all times been customary there to postpone the closing of the said settlements until the merchants had duly accounted for the amount of the advances made to them during the year, which had particularly taken place in the financial years 1785/6, 1786/7, 1787/8 and 1788/9, because of the difficulty the merchants found in converting the received trade goods into money early for a timely delivery; whereby it had frequently run until the end of the year before the collection could be concluded. That also according to the order of this Government by letter of the 25th of November, and what followed by extract of the Jagannathapuram letter of the 29th of October, the 2 original receipt books kept at Bimilipatnam of advances since 1785/6 up to that of 1789/90, both in cash and in merchandise on delivery of linens to the merchants, accompanied by a booklet of the Gentoo receipts separately granted by them, to confirm their knowledge of the contents of the signed receipts in Dutch; adding hereto his representation that, as the sale there takes place solely by advancement on linens, it had also with each delivery been customary that the chief, together with the second, agreed with the merchants on the quantity of each sort of merchandise that they desired to receive, which were then as usual entered by return as sold, and accounted for in the small cash account as cash advanced to the merchants, or as transferred into the large cash, as had happened with the amounts of the first two advances of 1786, from which (the large or small cash) they were accounted for as advanced according to the tenor of the warrants granted by the chief, and consequently also according to the entire amount of the merchandise, and in such manner also receipted by the merchants, hoping therefore for a favorable indulgence if any difference should appear between the previous custom and that which had recently been determined to have to happen; that whereas they previously had only the old custom as an example, they had followed the same, with the less hesitation because the quantity of the merchandise thus sold, as well as its amounts, were accounted for with the cloths and acknowledged thereof by the merchants, as according to the order in the said extract of the Jagannathapuram letter now further took place by the written declaration and statement of the merchants on which contract and for which year they had accepted those goods instead of cash, which writings, sent under letters C and D, follow below. Translation of a Gentoo declaration submitted by the joint Company merchants here under date of 27 December 1790, to be offered to the Coromandel Government, reading as follows. We have on the contract of anno 1787, for lack of cash, received all the advances in various merchandise from the Company's warehouses conformable to the warrants granted for that purpose on the 24th and 30th of November, as well as the 30th of June and 20th of July 1787. (was signed:) Narsama Commarasoe, Oedatoe Wenkata Wenkataramadoe and Daatcherij Coermanna (underneath was written:) for the translation according to the translation of the Brahmin Bolla Pregada Ramaija, Bimilipatnam the 29th of December 1790. (was signed:) Fredrik Luther, sworn clerk. — Translation of a Gentoo declaration submitted by the joint Company merchants here under date of 27 September 1790, to be offered to the revered Coromandel Government, reading as follows. We have on our entered contract of anno 1790 received all the advances, both in diverse merchandise from the Company's warehouses and cash, as appears from the warrants granted for that purpose; namely: The last of February 1790 in merchandise: Rp: 2000.–. First of April ditto in cash: Rp: 6000.–. ditto ditto ditto in merchandise: Rp: 6000.–. Sum Rp: 14000.–. (was signed:) Narsama Commarasoe, Oedatoe Wenkata Wenkataramadoe, Daatcherij Coermanna (underneath was written:) for the translation according to the translation of the Brahmin Bolla Pregada Ramaija, Bimilipatnam the 29th of December 1790. (was signed:) Fredrik Luther, sworn clerk. As also the deed received under letter E, signed by him, the second, in the presence of witnesses, containing the proof of the payment of the merchants on the price increase granted to them on the

Dutch transcription

Den 21: Januarij 1741. — van de successive in den band gebrackte Lijewaeten met eens onder ult:o Augustus in te neemen, en dat hem zulks in de noodzaakelijkheit had gebracht de tot aantooning van elke bijzondere leverancie, dezelve te trekken uit de eige reke„ ningen der kooplieden, vergeleeken met die door sComp:s Bramine gehouden, en met de„ boeken van dat kantoor volgens de gewone wijze van doen bij het sluiten der voorige afrekeningen; dat daar door ook was ver„ oorsaakt, dat die, zoo veel tijd vereischte, met verzoek derhalven om verschooning over de laete afzending, en verdere verklaring dat het ten allen tijde aldaar gebrunkelijk 2117. t boekjes van den otaestlngen Januarij 1746: Den 21. was geweest het sluiten der gemelde afreeke„ ningen uit te stellen tot dat de kooplieden het bedraegen der aan hen gedaene vooruit verstrek„ kingen, geduurende het Iaar, na vereisch hadden verantwoord, dat zulx ook bij zonder had plaets gehad in de boekjaeren 178 7/6., 178 5/7. , 178 7/8. en 178 8/9. om de moeijelijk„ heit die de kooplieden vonden, de genotene handelwhaeren vroeg ten gelde te maeken, tot eene tijdige Leverancie; waar door het veel al tot het einde van het Jaer was geloopen, eer den Inzaam kon werden afgehandelt. Dat ook volgens ordre dezer volgt bij twe orginele quitan„ Rogeering bij brief van 25: November, en het omtrend de halven den tersten pring dis bookn so lang om gebreijk geweesteo Den 21:' Januarij 1741. — het vervalte bij Extract Iaggernaik poeram„ sche brief van 29:' 8ber:, de te Bimilipatnam berustende 2: Origineele quitantie boekjes van verstrekkingen zedert 178 7/6. tot dat van 17 9/90. Eg in Contant als in koopmanschappen op Severamneie „nemens verklaring den hooft van Lijwaeten aan de kooplieden, verzeld van een boekje der Pentiefsche quitantien door hen afzonderlijk verleend; ter bevestiging hunner kundschap van den inhoud der onderteekende dort verlooning van de manier quitantien in het Nederduitsch; voegende hier bij zijne vertooning dat, daar den vertier aldaar eeniglijk geschied bij verstrekking op rancie lijwaeten, het ook bijelke net kelijk was geweest, dat het opper„ Zeven hooft 2119. Den 21:' Januarij 1791. — hooft, nevens den secunden met de kooplieden eenst over een quamen over de quantiteit van elk zoort van koopmansz:, die ze begeerden te ontvangen, die dan na gewoonte per rendement als vertierd, wierden opge„ bracht, en bij de kleene Kassa Reekening verantwoord als Contanten aan de koop„ lieden verstrekt, of als over gebragt in de groote Cassa gelijk geschiet was met het bedraegen der twee eerste verstrekkingen van 1786, uit welke /: de groote of kleene Cassa:/ n als verstrekt waren verantwoordt na luit van de ordonnantien, door het opperhooft verleend, dien volens ook ingemits naar Den 21 ' Januarij 1791.— naar het gantsche beloop der koopmansz:, en dusdanig meede door de kooplieden ge„ quiteert, mits dien verhoopende op eene guns„ tige inschikkelijkheit bij aldien en onder„ scheit mocht voorkoomen in het voorig ge„ bruik en het geen nu Iongst was vast gestelt, te zullen moeten geschieden; dat daar zij te vooren eenelijk het oud gebruik ten voorbeeld hebbende, het zelve waaren ge„ volgt, met de mindere bedenking om dat de quantiteit der dusdanig vertiende koopmansz zoo wel, als derzelver bedrae„ gen bij de doeken wierden verant daar van door de kooplie„ en den voord 2121. aan mandelsche Reg Januarij 1791 Den 21. den erkend, zoo als volgens de ordre bij gemelde Extract Iaggernaik poeram„ sche brief nu nader geschiede door de schrif„ telijke verklaering en opgave der kooplieden op welk Contract en voor welke Iaer zij die goederen, in steede van Contanten hadden aangenomen, welke geschriften onder L=nas C: en D: overgezonden, hier gedeten vorst een verklaring onder volgen. Translaat eener Ien„ tiefsche verklaering door de Ge„ zamentlijke 'sComp. s kooplieden „ in alhier „ gediend onder dato 27. Dec: 1790, om aan de boden te worden luiten als Wij hebben Den 21:' Januarij 1791:— Contract van A:o 1787. mits onstentenis van Contan„ ten, alle de vooruitverstrekkingen genoten, in diversche koopmansz: uit 'sComp:s pakhuijsen Conform de ordonnantien daar toe verleend op den 24. en 30. 9ber:, mitsg:s 30. Iunij en 20. Julij 1787. /:was getekend:/ Narsama Commarasoe, oedatoe wenkappa wenkatanamadoe en Daatcherij Coermanna /:onderstond:/ voor de oversetting volgens vertaaling van den braminie Bolla Pregada Ramaija Bimilipatnam Den 29:' xber: 1790. /:was getekend:/ Fred=k Luther Gesw: scriba. — Translaat eener Pentiefsche verklaering door de gezamentlijke sComp:s kooplieden alhier inge diend onder dato 27. 7ber: 1730. om aan de gevenereerde Corman„ delsche regering aangeboden te werden, luidende als volgd. Wij hebben op onsen aangegaane Contract van Ao. 1740. alle de voor sen, zo in diverse pak t sComp:s gen 2123. prijs verhooging Den 21: Januarij 1742 pakhuijsen, als Contanten, blijkens de ordonnantien daar toe verleend; Namentlijk: Den Laaste febr: 1790. aan koopmansz: pp: 2000. –. „ Eerste April d:o - „ Contant. . . . . „ 6000: –. „ d.:o - d=o d o - „ koopmansz. - . . „ 6000. –. Somma Rp: 14000. —. /:was getekend:/ Marsama Camara Soe, oedatoe wenkappa wenkataramadoe Daa„ tcherij Coermanna (:onderstond:) voor de oversetting volgens vertaling van den brami„ ne Bolla Pregada Ramaija, Bimilipat„ nam Den 29. xber: 1790. /:was getekend:/ Fredrik Luther Geswr: Scriba. Gelijk meede de onder L=ra E: ontvangene bidaan bewijs van di bitaelde acte door hem Secunde in presentie van getuijgen ondertekend, behelsende het der kooplieden op de aan zy op de

NL-HaNA_1.04.02_3879_0918 view scan ↗

English

Intention thereof The 21st of January 1791. and therefore the increased prices were actually paid to them, all distinctly arranged in conformity with the order, and confirmed with that solemnity which is customary among them, the said act Litera E reading verbatim as follows: I, the undersigned Johannes Marcus Dormieux, Bookkeeper and Secunde here, acknowledge and declare hereby that, in compliance with the highly respected Order of the Illustrious Coromandel Government contained in an extract from their letter dated the 29th of October 1780 written to the chiefs of Iaggernaikpoeram, I have summoned the Company's collective merchants here, in the presence of the bookkeeper Fredrik Luther and [illegible] to ascertain 2125. The 21st of January 1791. whether they have effectively received the value of all the warrants, and whether the increased prices of three percent on fine guinees, five percent on the Company's old assortment of guinees, and ten percent on common coarse and bleached guinees and salempoeris have actually been paid to them, whereupon they unanimously and as if from one mouth, without adding any particularities, declared that they had received the value of all the warrants, as well as the increased prices on the aforesaid linens, in full and to their satisfaction; And since they also made known that taking an oath is unlawful among the distinguished Gentiles, they further confirmed this declaration of theirs by raising their hands, and testifying that it contains the pure truth. Thus done in Bimilipatnam the 28th of October 1790. Below was signed: Johannes Marcus Dormieux and Fredrik Luther. The Secunde's testimony of the necessity of the price increase The 21st of January 1791. Present before us as commissioners, was signed: Pieter Hookens and J: D: Termie. Concerning the necessity of the price increase requested in the year 1788 and granted from here, testifying that with the beginning of that year the collection of linens in that country became so extensive and general, through the extraordinarily large contracts both of the English Company and a multitude of private merchants from various European nations trading here on the Coast, whether in person or by commissions, that it was not only made difficult to obtain linens, but the prices increased, so that common coarse guinees 2127. The 21st of January 1791. common coarse were collected up to Pagodas 150 and 155 per corgie or 300 and 310 ropias per bale, and the other linens pro rata; that this itself placed the English Company under the necessity to proceed to a considerable price increase, and the price which the Company at that time allowed for common coarse guinees amounted to over 260 ropias per bale, which was nearly 40 Ropias less than the last price paid by the foreigners, who carried out the collection with ready money, of which our merchants enjoyed a very small share, and the majority of the advances The 21st of January 1791. made to them were in merchandise, which they had to sell not only on credit, but at a great loss, which placed them in such a disadvantageous position in comparison with the foreign traders that they could no longer attend to the Company's contracts with any prospect of a good result, so that, having the example of a granted price increase in Iaggernaikpoeram and Palikol, they had also made a request for the same terms regarding the prices of the 2129. The 21st of January 1791. linens, since they had to share in the same difficulties with them; that, this having been thus presented, the price increase had followed upon it: it is therefore, seeing that all the aforesaid documents are found to be drawn up according to the intention of the requirement, understood to provisionally accept them with satisfaction, and since the set sent must serve for Batavia, to demand another for the Trade Office here, to be sent entirely hither; and regarding the former and present method of trading for the accounting of the The 21st of January 1791. provisions, to reply that it undergoes no other change in the world than that the recipients of merchandise are debited in the current account book for the amount thereof, and in the journal and ledger by Cash, as received monies in advance on delivery, so that the merchandise itself, with the advances, is accounted for through Cash just as before and each credited in its kind, and the profits are brought to the profit account. Furthermore, that the current account book is truly nothing other than a pro memoria of the effective cash 2131. The 21st of January 1791. and merchandise that were received during the delivery year, although, to prevent all objections on this matter, it must appear from the receipts by Cash what, or how much, was paid out in cash, and how much was discounted through the delivery of merchandise; and furthermore this report, with the addition of the proofs of the paid price increase, will be presented to the Honourable High Indian Government at the earliest opportunity; reminding him meanwhile repeatedly of the previous remarks and recommendations to carefully observe them.

Dutch transcription

Jndentie daar van Den 21: Januarij 1791. — en oversulx de verhoogde prijsen wezenlijk aan hen betaald waren, alles Conform de ordre dis„ tinct ingerigt, en met die pligtigheit beves„ tigt, die onder hun gebruikelijk is, Luidende die acte L=ra E: woordelijk aldus Ik ondergeschrevene Johannes Mar„ cus Dormieux, Boekhouder en Se„ einde alhier, bekenne en verklaare bij dezen, dat ik in naar koming der zeer gerespecteerde Ordre van de Illustre Cormandelsche regeering vervat bij een Extrakt uit Hoogst derselver Missive de dato 29: October 1780. aan de opper„ hoofden van Iaggernaikp: geschreven De gezamentlijke sComp:s kooplieden lhier in presentie van den boekh: edk Luther en mitsab iba ten overstaan 2125. Den 21. Januarij 1741. of zij de waarde van alle de ordonnantien effectief genoten hebben, en of haer de ver„ hoogde prijzen van drie ten Honderd op 't guinees fijn, vijf ten Hondert op 't guinees sComp: oude sorteering en tien ten hondert op 't guinees en Salempoeris gemeen Ruw en gebleekt, wezendlijk betaelt zijn, waar op zij eenpariglijk en als uijt eeven monde zonder eenige bij zonder heden bij te voegen, verklaarden, dat zij de waarde van alle de ordonnantien; zoo meede de verhoogde prijzen op de voorsz: Lijwaaten ten vollen en na genoegen hebben geno„ ten; En dewijl ze teffens te kennen gaven, dat het eeds weren onder de aanzienlijke Ientieven ongeoorlofd is, hebben ze deze hunne ver„ klaaring nader bevestigt door 't op heffen hunnen handen, en onder betuiging dat de zuijvere waarheid behelsen. Aldus Gedaan in toen Bimilipatnam Den 28. ber 1790. (onderstond getekt/ Ioh hen Dormieux en Fredrik Luther des secundes betuijging van de noodsaakelijkheid der prij verhooging Den 21: Januarij 17947. — ons prezent als gecommitteerdens /:was getekend:/ P=r Hookens en I: D: Termie. — Omtrent de noodsaaklijkheit de in A:o 1788. gevraagde en van hier geaccordeerde prijs ver„ hooging betuigende dat met den aanvang van dat Iaar den Inzaam van Lijwaaten daer ten Lande zoo uit gestrekt en alge„ meen wierdt, door de ongemeene groote aanbesteedingen zo van de Engelsche Comp:s als een menigte van Particulieren uit verscheiden hier ter Custe handel drij„ vende Europesche natien, het zij in per„ zoon dan wel door Commissien, dat het in 't alleen moeijelijk gemaekt wierdt Lijwaeten te bekomen, maar de prijsin„ neerderde, zoo dat het guinees gemeen 2127. Den 21. Januarij 1741. — gemeen Ruw tot op P/o 150. - en 155. per Corgie of 300. en 310. ropias per pak wierden ingesameld, en de andere Lijwaeten pro rato, dat dit self de Engelsche Comp: in de noodzaaklijkheit stelde tot eene merkelijke prijs verhooging te treeden, en de prijs die de Comp. toen ter tijdt op het guinees gemeen ruw toestond, op ruim 260. ropias per pak beliep, dat bij na 40. Ropias min„ der was, dan de laaste prijs door de vreemden betaelt, die den Inzaam leeden met gereedgeld, waar van onze kooplieden een zeer gering aandeel genoo„ ten, en het meeste der voor uit vers kingen Den 21 Januarij 1791 kingen aan hen gedaan wierden in koop„ manschappen, die ze niet alleen op uitstel van tijd, maar met veel verlies moesten verkoopen, welk hen in vergelijking der vreemde handelaars in zoo een nadeelige toestand plaetste, dat ze onmogelijk met eenig vooruit„ zicht van een goed gevolg de aanbesteedingen van de Comp langer konde gade slaan, zulks dat daar zo het voorbeeld hadden van een toegestaane verhooging van prijs te Jag„ gernaikp: en Palikol, ze tevens ver„ zoeke hadden gedaan om gelyk standieg koopl van die kantooren be estel, omtrent de prijzen der zij 2129. wond genoegen genoomen nog een stel van al het geson„ den voor hier te bisschen „elke veranderingen en kel der „„ al: reekening met de miuure in g dig ding ondergaant Den 21:' Januarij 1791. Lijwaaten wijl zij met hun in dezelfde zwal„ righeeden hadden te deelen, dat, dit dus„ danig voorgedraegen, daar op de prijs ver„ hooging van gevolg was geweest: zoo is, nade, met ale voorsz: doumenten maal alle de voorsz: stukken worden bevon„ den ingericht te zijn na de intensie van het requisit, verstaen daar mede bij pro„ visie genoegen te neemen, en vermits het gezonden stel moet dienen voor Batavia, een ander voor het Negotie kantoor alhier te vorderen, om bij ge„ heet herw:s teworden gezonden ens de voorige en tegenwoordige han„ delwijze ter verantwoording van dle Den 21:' Januarij 1791. verstrekkingen te rescribeeren dat die ter wereld anders geene verandering ondergaat dan dat de genieters van koopmansz:, bij het reekening Courant boek worden gedebiteert voor het be„ draegen van dien, en bij het Journaal en groot boek per Cassa, als genotene gelden in vooruit verstrekking op Leverantie, zoo dat de koopmansz: zelve met de advancen, even als tevooren, per Cassa verantwoor„ den en ieder in haar soort gekrediteerd en de voordeelen op de winst reekening gebracht worden. Voorts dat het reeke„ is als een pro Memoria, vlgeand ning Courant boek waerlijk niet anders & Leverancie, effective kontan„ ten 2131. oendangs en oogeng des e ooer draagen Den 21:' Januarij 1791. — ten en koopmanschappen geweest zijn geduurende het Leverancie Iaar genoten schoon tot preventie van alle bedenkingen op dit stuk bij de quitantien per Cassa moet blijken, wat, of hoe veel in kontant is afgegeven, en hoe veel door aflevering van koopmansz: is gedisconteert geworden: en overigens dit verslag met bij voeging het gersche verslagen wijsen der bewijsen van de betaelde prijs ver„ hooging, ten naasten de Edele Hooge Indische Regeering zal worden voor„ gedragen; hem intusschen bij her haeling benommandeken om met kelijk innerende voorgaande aanmerkingen 00g tadagmen to ter over te gede Zwaardg en recommandatien om in op

NL-HaNA_1.04.02_3879_0926 view scan ↗

English

Opinion of the Secunde concerning the project of a public auction of trade goods. The 21st of January 1791. Difficulties regarding the increase of price should not be conceded so quickly, but with appropriate remonstrances and rebuttals, one should constantly endeavor to clear them out of the way. Circular. Upon the consideration requested from the aforementioned Dormieux by dispatch of the 12th of November 1790 from here, concerning the holding of a public auction of the Company's trade goods, it being acknowledged that, if such could be brought into practice over there, this would certainly be the most advantageous and promptest means to promote collection and sale, although the project thereof by van Slinelandt would be found very onerous, in so far as it was permitted to him to judge thereof, according to the present general decline of affairs in the North or at Bimilipatnam, where the domestic commerce extended no further than the district, where the merchant portion of the inhabitants are so limited in their prospects, and by the condition of the country, must be so burdened in their circumstances, that even Visianagaram, which by the seat of the Rajahs was marked as the principal place of the country, both in trading transactions were compelled by necessity to limit one another, by bartering or on credit if the payment had to be made in cash; wherefore in holding an auction it would prove very difficult to stipulate prompt payment, or to sell at once merchandise put up for auction in any quantity, as those merchants are accustomed in the purchase of goods not to venture further than what they, by the needs of the country at that time, can readily dispose of again. That, if the district were situated in such a manner that it could have communication with the lands bordering the Deccan and the Mahratta regions situated to the North, then from such an extensive transit a larger and readier purchase could also be hoped for, and be an assurance of a desired result of the proposed public sale. Whereupon it being deliberated and all the aforementioned difficulties, according to the present state of affairs, appearing not unacceptable; but it being at the same time considered how all good intentions ought to be understood in the best sense, that is to say, toward the execution of the intention as soon as the meeting sees the possibility arise, and that one must apply everything solely to the promotion of the design, once the opportunity may be born to make a trial of a matter of which the solidity is acknowledged, and consequently when the country once comes to peace, as is to be wished after the termination of the present war between the English and Tippoo Sultan, upon which the fate of commerce primarily depends: so it is resolved, with the presentation of these remarks, to encourage the aforementioned Secunde to direct affairs thither and to endeavor to apply everything to turn the market into an extensive and flourishing one. The Secunde offers his house as security for the price increase to be retained at Batavia, so it is unanimously agreed to accept it after valuation. The 21st of January 1791. In answer to the order contained in the letter of the 25th of November last to provide security for the price increase on the linens granted at Bimilipatnam, a request being made by the aforementioned Dormieux to be allowed, for his share, to suffice with the offering of the house which he occupies there at the factory, of which the purchase price is much higher than this amount, as appears from the judicial deed passed thereof at Nagapatnam in 1777, and to be pleased to forward with a favorable recommendation the petition sent over by him to the Honorable High Indian Government: it is resolved to state regarding his request to accept the offering of the aforementioned house in compensation for the aforementioned price increase of the linens instead of the security, provided that the same be beforehand appraised in good conscience by experts and the value thereof be reported to this assembly according to the present precarious state of the times, which has its influence on everything and therefore especially on the value of real estate, and upon the passing of the aforementioned mortgage to present his petition at the earliest opportunity to the said High Indian Government. Memoranda of the new contracting and ditto of finances received. The 21st of January 1791. Furthermore, with the aforementioned Bimilipatnam letter of the 29th of December, having been sent over as an annex under letter F, the required Memorandum of the amounts allocated to that factory in the Demands for Returns for the Fatherland and India in the year 1791, calculated according to the old unincreased and the latest paid prices in two columns, accompanied by a summary of the whole, item under [illegible]

Dutch transcription

des secundis gevoelen nop:s het profect van publicque vendutie van de kandilwaaren Den 21:' Januarij 1791. — Zwaarigheeden tot augmentatie van prijs zoo schie„ lijk niet toete geeven, maar met gepaste remonstratien en wederleggingen, dezelve steeds uit den wegh te zien te ruimen Circulaire bij „ missive van den 12. ' Novem„ Op de van hier bij ber 17go van voorsz: Dormieur gevorderde Conside¬ ratie, nopens het houden van een publicque ven„ dutie van sComp. s handelwhaeven erkent wor„ dende dat, zoo die ginter in gebruik konden wer den gebracht, zulks zekerlijk het voordeeligste en gereedste middel zoude zijn ter bevordering van den Inzaam en verthier, Schoon daar van zou vSlinelandt een 883 het projeet 2133. Den 21 Januarij 1797: zeer beswaarlijk zoude bevonden worden, bij zoo verre het hem geoorlofd was daar over te oordeelen, na het tegenwoordig algemeen verval van zaeken om de Noort ofte te Bimilipatnam, alwaar de binnenlandsche koophandel zigh niet verder strekte dan het district, waar het handel„ dryvende, gedeelte der Ingezeetenen in hunne voor uitzichten zoo bepaeld, en door de gestel„ heid van het land, in hunne omstandigheeden der moeten beswaerd zijn, dat ze zelfte visi„ nagaram, dat door den zeet der Rajahs als voornaamste plaats van het Landschae le noodzaakelijkheit gestelde merkt wierd, beide in handelen in handelingen elkand Den 21 Januarij 1791 elkander te bepaelen, bij vuiling of op uitsel van : tijd zoo de betaeling moest geschieden in contant waarom bij het houden van vendutie het zeer moeije lijk zoude vallen gereede betaeling te bedingen, of opgeveild wordende koopmansz: in eenige kevanti„ „teit, op een mael te verkoopen, alzoo die handelaan gewoon zijn in den inkoop van waeren hen 1 niet verder te geeven Aan ze uit de beno„ digtheit van het Land op dien tijd voor„ zien, weder gereedelijk van de hand kunnen zetten. dat, zoo het destract daer zodanig gelee„ gen was, dat het gemeenschap konde hebben der aan Decangrenzende Lan„ en stond de Noord geleegend sche Maratthij„ 2135. Den 21: Januarij 1790. — sche gewesten, en dan uit zodanig een uitgestrekte vervoer ook ruimen en gereeder inkoop zoude te hoopen en verzeekering zijn van een ge„ wenscht gevolg der voorgestelde openbaere verkorping. — Waer op gedelibereert en alle de voorsz: wat hem hier op voor te houden zwaerigheeden na den presenten toedracht van zaeken, niet onaenneemelijk voorge„ komen doch tevens geconsidereert zijnde hoe alle goede meeningen dienen te worden verstaen in den besten zin dat is te zeggen, tot de uitvoeging van de inte vergaedering zich de mogelijkheit op doot, en min ste mets alleer mag Consptener dering van den visteck allee aan„ te winden Den 21: Januarij 1791: — de gelegenheit eenmael kan gebooren worden, om een proef teneemen van een zaek waar van de soliditeit wordt toegestemt, en gevolge„ lijk als het land eens tot rust komt, gelijk te wenschen is na het eindigen des teegenwoordi„ gen oorlogs tusschen de Engelschen en Tipoe sulthan, waar van het lot des koophan„ met reommandati ot bevoro„dels voornamelijk afhangt: zoo is ver„ staan, onder voorhouding van deese ve„ marques, den voorm: secunden aantemoe„ digen om de zaeken daar heen te derigee„ en te trachten alles aan te wenden, om merkt tot een uitgestrekten en tet 2137 bud de sicunde zijn huijs aan verdoeket voor schap on te Batavia be hoiden, zoo is met een paarig met setande ant hen od ge Den 21. ' Januarij 1791. — In beantwoording der ordre vervat bij brieve tot ente oor de rij erhoging van den 25. ' Novem:r d' p=s tot het stellen van Cautie voor de te Bimilipatnam geaccordeerde verhooging van prijs op de Lijwaeten, door voorm: Dormieux verzoek gedaan wordende om voor zijn aandeel te„ mogen volstaan met de aanbiding van het huijs dat hij daar ten kantoore bewoond, waar van de inkoop, veel hooger is, als dit bedrae„ gen, blijkens scheepenkennisse daar van te Nagapatnam in 1777. gepasseert, en om bedrequst voor t 4 b aen et een gunstige onderschraeging te willen e schikken het door hem overgezondene de Edele Hooge Indish noeg ingenomen; mett het getaxeerd word em omtrend zijn verzoek voor schrij verstote seggen Den 21:' Januarij 1791. — met de aanbieding van het voorsz: huis voor de vergoeding van de voorsz: prijs verhooging der Lijwae„ ten instede van de Cautie genoegen te neemen, mits het zelve, voor af door des kundigen in gemoede worde getaxeert en aen deze ver„ gadering opgegeven de waerde van dien na den tegenwoordigen hach„ gelijken toestand des tijds, die hae„ re invloet op alles dus ook voor melijk heeft op de waarde ren, en ter tenis voorsz: zijn 2139 „ memorien van nieuwe aanbestee„ ding en dito van financien ontvangen Den 21: Januarij 1792 zijn Request ten naasten welmelde Hooge Indische Regeering aan te bieden Noch bij de voorsz: Bimilipat„ namsche brief van 29. December als. bijlage sub L=a F: overgezonden sijnde de gerequireerde Memorie van het bedraegen der dat kantoon toegedeelde in de Eisschen van Retouren Pro„ Patria en India en den Jare 1791. berekent na de oude onverhoogde en Iongst betaalde prijzen in tween Schij „lommen, verzeld van van het geheel item onder een Sommarium

NL-HaNA_1.04.02_3879_0934 view scan ↗

English

January 1791. The 21st. Under Letter G, a demonstration of the state of finances, both in ready money and in merchandise, both reading as follows: Memorandum of the amount of textiles demanded for the year 1791, both Pro Patria and for India; to wit: Old unraised price of each pack / New raised price of each pack / Old unraised price in total / New raised price in total Pro Patria 30 packs Salempuris common bleached, length 38 and width 2¼ covids, the pack of 80 pieces: ps 70. 14. ¾ / ps 77. 8 3/8 / ps 2602. 10. ¼ / ps 2939. 15. ¾. 15 ditto Guinees fine bleached, length 50 and width 1½ covids, the pack of 40 pieces: ps 154. —. — / ps 158. 12. — / ps 2310. —. — / ps 2377. 12. —. 25 ditto Guinees old Company's sort, length 50 and width 1½ covids, the pack of 40 pieces: ps 129. 3. — / ps 135. 9. ¾ / ps 3228. 3. — / ps 3385. 3. ¾. 10 ditto Guinees middle sort of 9 caels, length 50 and width 1½ covids, the pack of 40 pieces: ps 129. 3. — / ps 135. 9. ¾ / ps 1291. 6. — / ps 1354. 1. ½. 80 packs together: ps 9431. 19. ¼ / ps 10056. 12. ¾. For India 17 packs Guinees common bleached, length 50 and width 1½ covids, the pack of 40 pieces: ps 80. 5. ¾ / ps 87. 2 1/8 / ps 1363. 17. ¼ / ps 1495. —. 7/8. 4 ditto Salempuris common bleached, length ditto 38 and width 2¼ covids, the pack of 80 pieces: ps 70. 14. 3/8 / ps 77. 8. 7/8 / ps 282. 9. ½ / ps 309. 10. ½. 2 ditto Guinees bleached Company's old sort, length 50 and width 1½ covids, the pack of 40 pieces: ps 129. 3. — / ps 135. 9. ¾ / ps 258. 6. — / ps 270. 19. ½. 2 ditto Guinees common brown, length 50 and width 1½ covids, the pack of 40 pieces: ps 77. 5. ¼ / ps 84. 2 7/8 / ps 154. 10. ½ / ps 169. 2. ¼. 25 packs together amount to: ps 2058. 19. ¼ / ps 2245. 2. 7/8. In the Dutch Office Bimilipatnam, the 28th of December 1790. Signed: Johannes Marcus Dormieux. Summary of the amount of textiles demanded for the year 1791, both Pro Patria and for India, namely: Old unraised price of each pack / New raised price of each pack / Old unraised price in total / New raised price in total 42 packs Salempuris common bleached, length 38 and width 2¼ covids, the pack of 80 pieces: ps 70. 14. 7/8 / ps 77. 8. 5/8 / ps 2965. 3. ¾ / ps 3249. 2. ¼. 15 ditto Guinees fine bleached, length 50 and width 1½ covids, the pack of 40 pieces: ps 154. —. — / ps 158. 12. — / ps 2310. —. — / ps 2377. 12. —. 27 ditto Guinees old Company's sort, length 50 and width 1½ covids, the pack of 40 pieces: ps 129. 3. — / ps 135. 9. ¾ / ps 3486. 9. — / ps 3655. 23. ¼. 10 ditto Guinees middle sort of 9 caelen, length 50 and width 1½ covids, the pack of 40 pieces: ps 129. 3. — / ps 135. 9. ¾ / ps 1291. 6. — / ps 1354. 1. ½. 17 ditto Guinees common bleached, length 50 and width 1½ covids, the pack of 40 pieces: ps 80. 5. ¾ / ps 87. 2 1/8 / ps 1363. 17. ¼ / ps 1495. —. 7/8. 2 ditto Guinees common brown, length 50 and width 1½ covids, the pack of 40 pieces: ps 77. 5. ¼ / ps 84. 2 7/8 / ps 154. 10. ½ / ps 169. 2. ¼. 113 packs together amount to: ps 11570. 22. ½ / ps 12301. 12. 7/8. The 21st of January 1791. In the Dutch Office Bimilipatnam, the 28th of December 1790. Was signed: Johannes Marcus Dormieux. The Secunde shows that on account of the arrears on the collection no advance needs to be made. The 21st of January 1791. Demonstration of the state of the finances at this office, consisting of both ready money and merchandise, as follows: Cash 6639. 5. — Three-image Madraspatnam pagodas, received around mid-December of this year from Jaggernaikpoeram, which according to the account received from the said office amount to New Nagapatnam currency with four percent agio: ps 7501. 1. ¼. Merchandise 13155. ¼ lb cloves 74445. ¾ lb Japanese bar copper 148488. ½ lb powder sugar In the Dutch Office Bimilipatnam, the 28th of December 1790. Signed: Marcus Dormieux. Then, whereas the Secunde Dormieux in respect of both these memoranda showed that since the amount of the merchants' arrears at the end of August last, together with the further advances made to them in the following month of October, amply equals the total of the respective demands for returns, and consequently no advance will need to be made for the complete provisioning of those demands, the Governor informed the Council that, although the first memorandum was drawn up well and according to the intention of this assembly, and indeed the last two columns alone would have been sufficient, because it was merely to see the general sum, and the detail of each sort in itself only becomes relevant when the contracting memorandum is prepared after the contract; however, the demonstration of the state of the finances suffered from a defect that His Honour had remedied by arranging another demonstration in the manner it ought to be, and which could thus be sent to the Secunde for guidance, the amount of the arrears having been included along with the advances of the month of October, in order to show that on the 29th of December last for the good trade etc. in 1791.

Dutch transcription

golanten den Sece Januarij 1791. Den 21. onder L=ra G. een Aantooning van den staat der finantien, zoo aan gereed geld als koop„ mansz: Luidende beiden als dus. Memorie van het bedragen der voor den Iaare 1791. G'Eischte Lywaaten, So Pro Patria-als voor India; Teweeten. — Oude onver Nieuwe ver„ oude onver Nieuwe hoogde prijs hoogde Prijs hoogde prijs verhoogde Prijs van ider Pak. In het Geheel Pro Patria 30. . pakk. Salempoeris Gemeen gebleekt, Lang 38. en br„t 2¼. Cob. s het pak van 80. p:s pr/ 70. 14. ¾. ps 77. 8 3/8. p„s 602. 10.¼. p„s 2939. 15. ¾. 15. –. d„o Guinees fijn gebl=t lang 50. en br=t 1½. Exs:s het do Guin:s oude sComp=s S:t L:a 50. en br:t 1½. p.s het 10„ – . d„o Gerin:sl Mictdel Snang. Caalen, lang 50: en br:t 1½. C=ts het pak van 8:0. p:s . - „ 129. 3. 88. –. Pakk: te zame pak van 40. p:s. - . . „ 129. 3. –. „ 135. 9. ¾ „ 3228. 3. –. „ 3385. 3. ¾. pak van 40: p:s - - - „ 154. —. —. „ 158. 12. -. „ 2310. –. –. „ 2377. 12: - - . 1. 172 2. 3. ¾. : 1056: 9. —. 2141. door India 17. — Pakk: Guin:s gem: gebleekt Lang 50: en b:t 1½ C: het pak van 40. p:s - - - - - pso 80. 5. /¾ ps 87. 2 1/8. ps 1363. 17. ¼¾ ps 495. —. 7/8. 4. –. d.o Salemp:s gemeen gebleekt l d:o 38. en br:t 2¼. Cob. s het pak van 80. p:s - - „ 70. 14. 3/8. „ 77. 8. 7/8 „ 282. 9. ½. „ 309. 10. ½. 2. –. d. o Guin:r gebl:t 'sComp:s oude zoort lang 50. en b:t 1½. C: het pak van 40. p:s - - - „ 129. 2. -. „ 135. 9. ¾ „ 258. 6. -. „ 270. 19½. 2. –. d. o Guin. s gem: Ruw lg: 50: en br:t 1½. C=s het pak van 40. p. s - - - - „ 77. 5. ¼. „ 84 2 7/8. „ 154. 10. ½. „ 169. 2. ¼. 25. -. Pakken Tezamen bedraegen - - - - - - p/o 20580. 19. ¼. pps 2245. 2. 7/8. In het Nederlands Comptr: Bimilipatnam Den 28. Dec: 1790. (:getekend:) Ioh:s Mark:s Dormieux - Tesamentrikking van het bedraegen der voor den Iaere 1791. g'eijschte lijwaaten; zoo pro Patria als voor India, Namelijk biede onver„ Nieuwe ver„ oude onverhoog„ Nieuwe hoogde prijs hoogdepwrijs de Prijs, verhoogde prijs van Ieder Pak. — In het Geheel 42. – Pakk: Salempoeris Gem: gebl: lang 38. en br:t 2¼. Cob. s 't pak v=n 80. pps. - - - - . p: 70. 14. 7/8. perso 77. 8. 5/8 pe„so 2965. 3. ¾. sp„s 3249. 2. ¼. 15. –. d:o Guin:s fijn gebl: lang: 50: en br: 1½. C: het pak van 40. p=s „ 154. –. –. „ 158. 12. -. „ 2310. 2377. 12. 27. –. d:o Guinees oude sComp:s s:t, lang 50 en br:t 1½. C: het pak van 40. p=s - - - - - „ 129. 3. —. „ 135. 9. ¾. „ 3486. 9. -. „ s 55. 23. ¼. 10. –. d:o Guin:s Middelsoort van 9. Caelen. l=o 50. e b:t 1½ Cd:s het pak van 40. p=s „ 129. 3. –. „ 135. 9¼ „ 1291: 6. –. „ 1354. 1. ½. 17. - d:o Guinees gemeen gebl:t, lang 50. en br:t 1½. ps het pak van 40. p:s 2. -. d:o Guin:s gemeen Ruw, C D 50: en br:t 1½ Het Pak van 40. H: 113. —. Pakken Tewsamen, bedraegen „ 77. 5. ¾ „ 84. 22 7/8. „ 154. 10. ½. „ 163. 21. ¼. „ 87. 2 /8 „ 1363. 1. /¼. 1495. —. 7/8„ P/o 11570. 22. ½ po 1 2301. 12. 7/8. Den 21. Januarij 1791. — Aan 80 In 't Nederlands Comptoir Bimilipatnam Den 28. Dec: 170. (:was geteekend:) Ioh:s Mark:s Dormieur de secunde vertoond dat mits de agterstallen op den inzaam geen verschotbehoeft te geschieden Den 21:' Januarij 1791 Aantooning van de staat der Vinantie ten dezen Comptoire, so in Contanten als koopmansz: bestaende; als volgd. — Contanten 6639. 5: —. Drie beeldige Madraspatnamse pagoden, onder Medio December deses Iaars van Iaggernaik poeram ontvangen, die volgens bekomene aanrek=d van gem: Compt:r uit maken Nieuwe Nagapat„ namsche Munt met vier pr C=to op„ geld - - - - - - - - P/s 7501. 1:¼ „Koopmansz: 13155. ¼. lb: Garioffel Nagulen 74445. ¾. „ Staaf koper Iapans 148488. ½. „ Poeder Zuiker In het Nederlands Comptoir Bimilipatnam Den 28. Dec: 1740. /:getekend:/ P:s Mark:s Dormieux — Dan nadien gelijk de Secunde Dormieux ten opzigten van beiden deze Mandrien vertoonen dat daar het bedraegen en 2143. voorsz memorien Den 21:' Januarij 1792. der agterstallen van de kooplieden onder ult: Augustus laestleden met de nadere verstrek„ king aan hen in de Maend October daar aan gedaan, het beloop der Respective Eis„ schen van retouren ruim komt te evenaa„ ren, dus ook tot Compleete bezorging dier Eisschen geen verschot zal behoeven te geschieden, gaf de Heer Gezaghebber den de hurgesogh tamtoen pbackien Raede te kennen, dat afschoon de Eerste Memorie van wel en na de intentie dezer vergadering was ingerigt, en zelfs de twee agterste Colommen alleen zoude doen s om bij de generaale som genoeg geweest zijn, wijl het enkel te„ 1 te zien en de wyl van ieder Zoort nanci aantooning Den 21 Januarij 1790: — op zich zelve, dan eerst te pas komt, als men de Aenbesteedings Memorie na het contract op maekt, de vertooning van den stuet der Fnantien„ s et hieft g eenaen ene hter laboreerde aen een gebrek dat zijn E: E: Achtb: hadde geremedieert door de inrichting van een anderere vertooning op die wijze als men ze diende te zijn, en dus tot naricht aen. den secunde kan gezonden worden, als zijnde het bedraegen van de Agterstallen met de verstrekking van de maend October daar bij ingetrokken, ten einde te doen zien dat hij den 29: December J=o leeden ter goed handel enz: in in 179

← previousnext →