VOC English

Dutch East India Company records, translated and anchored to the scan.

Inventory 3884

Ceylon · 1,016 pages · 160 segments · open at the Nationaal Archief ↗

NL-HaNA_1.04.02_3884_0802 view scan ↗

English

Complaints, Decision, Rebuttal, Resolution Complaints: That the Lascorijns could not do it and other persons were not left free enough to do so; that when they must mount guard, they are stationed there, while these reliefs and emergency helpers are pressed into these duties; and that when the Lascorijns come off guard, they must still work on their own behalf and with their reliefs and emergency helpers. That all other service-men must likewise continually labor, and that the Headmen who entered into the aforementioned obligations, nor all the other subjects, have any time left; for which reason the established plantations are not completed, whereby the contractors have been dismissed from their offices and condemned to fines in money without taking into consideration the little time that they were able to spend on it. That the other headmen and contractors, finding themselves in the same situation, request that this may be favorably provided for. Decision: Yet not to let this work be abandoned, but to carry it out with another method, by those who were appointed to those offices and also by those who voluntarily offered themselves to lay out plantations for the offices which they requested and also obtained, and for which p椅子nesse money was previously given. The Headmen who were in their offices bound themselves solely on forfeiture of their offices; but regarding those who obtained vacant offices, a fine was stipuated in addition to that, if they did not fulfill their obligation within the specified years. Regarding the first-mentioned Headmen, it certainly comes into consideration that they have already paid pairesse to obtain those offices, and that their subordinate people work in the Company's plantations under main-clemency, where the deeds of obligation for these will be annulled. And it will furthermore be left to themselves to work further in the already partially laid-out plantations, or, in case of their inability, to give notice thereof to the Disaave, in order that His Honor may make the necessary arrangements so that the work already done may not be neglected. While in the second place it is no more than highly equitable that the headmen who bound themselves to lay out plantations in order to obtain offices should still fulfill that obligation; yet, to accommodate them in that respect as well, they are granted another term of just as much time as was determined by deed to complete the undertaken plantations, counting from today; leaving free those who find difficulty in it to resign, in order that they may also still fulfill their obligation within the time of four years. Rebuttal: To see this work properly completed, someone can be employed by force to do it, be it appuhamies, appu, or such decent people who have been dismissed from their services, or by other inhabitants, but only through such persons as are inclined to do so and are paid for it, without anyone among the inhabitants being permitted to be used for it against his will. Resolution: To all those who bound themselves by the said deeds to make plantations, an additional term of four years is granted for the preservation of their respectability, in order to still be able to fulfill their promise within this time. However, this work must be done for their own account and without anyone being used for it against his will. The Illustrious Company reserves the right, after the expiration of the said four years, to strip of their conferred honors all those who do not strive to fulfill their engagement or make no effort therein. Those who have already lost their respectability or office due to the non-fulfillment of their obligation, or who have paid fines, are hereby, in view of what has been written, restored to their respectability, and the stipulated fine shall be refunded to them. And they shall also, like the other contractors, be able to enjoy the especially high favor of the Illustrious Company and be restored to that state in which they bound themselves before entering into the obligation; the laborers, on the other hand, who advance the Company's interests in this regard, shall be rewarded for it.

Dutch transcription

Klagten Beslissing wederlegging Besluijt Dat de Cascorijns niet „doen konden en andere „Dog dit werk niet Dodelijk te zien vol„ genoeg vrij gelaaten wilde aan neemen moeten laaten voeren, worden, maer om de om zulks te doen verrigter met Aan alle de geene wanneer zij in andere maand de iemand door gen die zig bi gem: wagt moeten be„ die bediningen weld daar toe te akters verbonden gesteld wierden en „zetten dat ter emploijeeren, het hebben aan plantingen ook door de geene wijl deese op de z„j appoehamies te doen, word tot die hun zelfs Vrij„ wagten staen appoer of zoodanige behoud van hun „willig aan gebooden hunne beurtwisse fatzoenlijke luijden aanzien nog een hebben tot het aan „laars en noodhul„ die van hunne dien, termijn van vier leggen van planta„ „pers; tot aen deze „sten af gezet zijn Iaaren gegeeven diensten geprest „ gies voor de bedie„ nog door andere om in deese tijd worden, en dat „ningen, die zij ver„ ingezeetenen maar als nog aan haare wanneer de lascorijns „ zogt en ook verkregen wel en alleen door belofte te kunnen van de wagt koomen hebben, en waarvoor zodaanigen die daar voldoen, egter moet zij als dan nog ben bevorens parresse toe genegen zijn dit werk voorhaar „ven dier met van geld gegeeven en daar voo betaald eigen reekening en hunne beurtwisse wierd, De Hoofden zonder dat iemand die in hunne bedie„ der ingezeetenen „laan en noodhul„ „ningen waren; hebben tegen zijn wille „pers, moeten worken, hun alleen verbonden dat toe mag gebruijkt Dat alle overige op verbeurte van hun„ worden, geschieden, dienstelinge ins„ „ne ampten, dog ten Behoudende, de „gelijks geduurig op sigten der geene Doorlugtige komp=n moeten aerbijden die vakante bedie„ zig voor om na en diens nog de „ning verkreeger verloop, van gem: Hoofden, die de hebben, is nog vier Jaaren, alle de voormelde ver¬ een boete daar geene, die hun en „bintenissen hebben en bovenbepald gagement niet aan gegaan nog tragten te volbrengen alle de anderen of daar geen werk onderdaanen, geen van maaken, de tijd over hebben hun toe gelegde om welke reeden honneurs weder de aangelegde af te neemen plantagien Wanneer niet worden Z„ en wederlegging Klagten Besliessing Besluijt met zijn voltoogd zij binnen de bepalte waar door de aannemers Jaaren aan hunne van hunne ampten verbinkenis niet of geziet en in geld voldaen, hadden boeten gekondem„ nopens de eerst „neerd zijn zonder gem: Hoofden, komt in aanwerking te zeeker in aanmer„ „neemen de wijnige „king dat zij reeds tijd die zij daar aan ter erlanging van hebben konnen die ampter ge„ besteeden, „parresseerd hebben Dat de overige hoof„ en dat hun onderheb„ „den en aanneemers „benden volkeren zig in het zelve in s. Kompanias plan„ geval bevindende „tagies werken op verzoeken dat main klementos hier in gunstig „alwaar men van mag voorzien deese de verbintanis worden aktens zal vernitigen en zal het voorts aan hun zelve staam om in de reeds ten deele aangelegde plantagies verder voort te werken dan wet bij dies on ver„ „moegen kennis daar van aan de heer Dissave te geeven ten eijde, zijn Edele daar in de nodige schikking haar kan De geene die reeds wegens het niet volbrengen hunner verbintenis hun aansien of dienst verlooren hebben„ boeterss hebben be„ „taald zijn bij deesen aan gezien het ver„ „schreevene weder in hun aanzien hersteld in de depalte boete zal hun weder uit gekeerd worden en zij zullen ook gelijk de overige aanneemers van de bisondere hooge gunst der Door lugtigen kompenie en hun in die staat terug te stellen Wes in zezig voor het aan gaan der verbinterisse ver„ „bonden de werk„ „zaamen, daar en teegen, in die sComps voordelen in deese behortigen zullen daar voor be lond worden hun vol. eene d den tingen tot n een re nen moet gen nd ompn. - a Beslessing Besluijt Klagten kan maaken op dat het reeds gedaane werk niet verwaar looft wor„ „den, Terwijl in de tweede plaats de hoofden, die ter verkrijging van diensten, hun hebben verdonden om plan„ „tagies aan te leggen niet meer dan hoogst billik is dat zij aan die verbintenis als nog voldoen dog om hun ook daar omtrend. te gemod te koomen, woord aan dezelve nog een anderster„ „mijn gegeeven van even zoo veel„ „tijd als bij akte bepaald is om de aangenoome plantagies te voltooijen en zulks van heeden, of te reekenan met srijn heid laating aan de geene dieswa„ „righeid Wind om daar kunnen Joursseeren ten eijnde meede in der tijd van Vier Jaaren als nog aan hunne verbintenis/ mogen Voldoen wederlegging aan 4

NL-HaNA_1.04.02_3884_0805 view scan ↗

English

Decision, Rebuttal, Complaints to apply for his discharge within the three months, at which time the same will be granted to him and the deed of obligation shall be annulled. Until such time as canals can be dug around the plantations, as requested, the promised arrangement shall also apply to the cattle that enter their crop fields. Furthermore, around the fences of the plantations, proper canals must be made, and the same must be well guarded, in order to be certain that the overseers do not open the fences for their own interest to lure the cattle inside. Complaints Decision Rebuttal Resolution That they lose uncountably many buffaloes and cattle, which they require in the highest degree for the cultivation of their fields and for the transportation of goods such as cotton, salt, and grain, etc. The overseers of the cinnamon gardens deliberately leave them open, whereby the cattle come into the garden and are then shot dead or kept and slaughtered or indeed sold; that the cattle thus captured even die if the owners do not redeem them against cash payment, and that the overseers appropriate for themselves the money from the cattle captured and sold by them according to an order now given. When a cow or buffalo is captured, the owner shall pay one schelling for its redemption to the keeper of the plantation, unless he can prove that the cattle were coupled or provided with a piece of wood bound around the neck, or that the fences of the plantations were defective, in which case those who captured the animal shall be punished for their improper conduct. That the decision regarding this is very good, but to request that some plantations may be permitted, so that it may take place. The overseers shall be ordered in the strictest manner and on pain of losing their service to ensure that the fences around the plantations are maintained in a good state, so that no coupled animals or animals provided with cross-timbers around their necks can intrude. And should it then still happen that a cow or buffalo is captured in a plantation, the owner shall pay one schelling for its redemption to the overseer, unless he can prove that the fences were open or that his beast or beasts were coupled together or provided with a cross-timber. When the owner of an animal captured in the plantation does not come to redeem it within three times twenty-four hours, the same shall be brought to the nearest chief and redeemed for 2 schellings, of which one schelling, as said before, shall be for the overseer of the plantation, and the second schelling given to the one who has provided the maintenance to the beast. Art. 6. 16. Resolution Decision Rebuttal Complaints Resolution However, when the owner does not come to redeem his animal within three days, the same shall be brought to the nearest chief and must be redeemed for 2 schellings, of which one schelling, as said before, shall be for the keepers of the plantations, and the second schelling must be given to the one who has provided maintenance to the said animals; and it is hereby particularly recommended to take care that those animals obtain feed and do not die of hunger on pain of punishment according to the circumstances of the case. It has further not appeared to us that any express order has been given to permit the selling of animals captured in the plantations, and this shall therefore not happen. and who on pain of punishment must take care that the animal obtains feed and does not die of hunger. At this chief's, the animal shall also be held for another three days, and if the owner does not present himself during this time, the said chief shall publish the capture of the animal for another three days by beat of the drum; and if the owner still does not present himself, the animal shall be brought to the Honorable Dessave, who shall confiscate the same for the benefit of the poor. No such captured animal may or shall be sold or alienated without the approval of the Honorable Dessave. Whoever shall make himself guilty of this in the future shall, upon finding thereof, be exemplarily punished, and compensate the animal sevenfold to the owner. Art. 7. Complaints Decision Rebuttal Resolution That their good and fruit-bearing soursop trees are cut down, sawn into planks, and subsequently carried away or burned, whereby the inhabitants have suffered much damage, because they derive most of their livelihood and sustenance from these trees. If any soursop trees have been cut down without the consent of the owner, the same can submit his complaints further to the Lord Dessave, when the same shall be investigated and proper justice done thereon, because such a thing has occurred against the express order of the Lord Dessave. Furthermore, no one shall cut down any soursop trees... That the decision made regarding this is very good, requesting that those who after investigation are found to have enjoyed the profits of soursop trees may compensate the damages that the inhabitants have suffered thereby. No one shall be permitted to have any soursop trees cut down, except with the consent of the owner. The one who cuts down a soursop tree with this consent must, in order to prove this, have the owner give a certificate that he has properly purchased that tree or trees. When the Noble Company needs soursop trees...

Dutch transcription

Besflessing wederlegging Klagten aan te doen om zijn ontslag binnen de drie maandens te konnen vragen als wanneer hem zulks zal geahhordeert en de verbinteniss okte vernittigt worden Dat zij onnoemelijk wanneer er een hoe Dat de besliessing Tot tyd en wijlen men hier omtrent zee veele buffel ankoe, beest of Tuffel„ om de plantagien goed is, Dog dat eenige plantagien „beaster die zij tot gragten zal kunnen „te verzoeken, dat het bearbeijden harer op gevat word zo laaten graven, volden, en tot het trans„ zal den eijgenaar de beloofden schik„ gelijk verzogt „king ook omtrent „porteeren, van goederen voor dies lossing de beester die in word zal ande als kattoen, zout,en een schelling moe„ hunne zaaijvelden opzigters op het graanen, Ete ten ter betaalen aan den oppasser der plan„ „tagie ter zijn hij koomen, mag plats ernstigste en op hoegster nodig peere van verlies hebben verliesen ken aan toenen dat vinden van hen dienst laatende de opzig de beester gekoppeld voorts dat om de thuijne, de poggeer of met een houd om paggers van de plan werden aan Pevolen ters van de kannee „tagien behoorlijke om zorg te draagen Express wopen- den haes gebonden gragten maken dat de paggers, om waar door de beaten voorzien zijn geweest gelegd, en deselve de plantagien in dar wel dat de pag„ wel bewakt worden een goede stat onder dan in de thuijn „gers van de plan„ om verzekert te houden worden, ten koomen, en dan tagies onbequam zijn dat de op eynde er geene gekop„ dood geschooten of gedrangen en aan zijn als wanneer zigters om de pelte, of met d'wars wille van hunne geborden, of welver„ degeene die het houten om den hals eijgen belang niet „kogt worden, dat beest hebben opge„ voorziene beesten de paggers open gevangene, dat ge„ =vat wegens hun kunnen indringen stellen om de kae van gene beastenzelfs onbehoorlyk be„ en mogte het als dan beaster daar binnen krepeeren zoo de „drijf zullen nog gebuuren,„ dat te lokken een koe beest of buffel eijgenaars te niet worden gestroft in een plantagie op tegens contantie be„ gevat word zoo taaling in lossen zaldet en dat de opzigters Zig Dog eigenaer gen Art. 6 16. Besluijt Klagten Beslessing Besluyt zig het geld van de door hun opgevat en verkogte beesten volgens eene thans gegeevene ordre toe eijgener. Dog wanneer den eijge„ „nen, zijn beest binnen drie E„ „maalen niets komt te lossen, zo zal het zelve zij het noeste hoofd moeten gebragt en voor 2 schelln moeten gelost worden, war van dan„ een schilling gelijk hier vooren gezegt is zal zijn voor de op„ „passers der plan„ „tagies, en de tweede schelling zal moeten. gegeeven worden aan de geene die het onderhoud aan gemode beesten heft bezorgt en wierd bij deesen in zonderheid aan gerekomandeert, om te zorgen dat die beesten te weeten krijgen, en niet van korger om komen op paere van stref na bevendeng van zaken het is ons wederlegging eygenaar voor dies inlossing een schellin aan den opzugter moeten betaalen ten zij hij bewijsen kann, dat de paggers open gewest zijn of dat zijn beest of besten aan malken„ „deren gekepspeld dan wel met een dwas houd voorzien gewest zijn, wanneer de eijgenaar, van een in de plantagie op gevangene beest, het zelve niet binnen drie maal vier en twintig uuren komt te lossen zal het zelve by het naaste hoofd gebragt en voor 2 schillingen gebost worden waarvan een schelling gelyk hier voorengezegt zal zijn, voor den op zigter der plan„ „tagien en de tweede schelling gegeeven worden aan den geenen die het onderhoud aan het beest heeft Besliessing wederlegging Klagten ons voorts niet ge„ bleeken, dat er eini„ „ge Expresse ordre gegeeven is, om de beesten die in de plantagien op gevat worden, te moogen verkoopen en dit zal dus ok niet geschieden heeft bezorg en die op peere van Straffe zorgen moet dat het beest wee te weeten krijgt, en mett van honger om komen Bij dit hoofd zal het beest ook nog drie daagen aan gehouden worden en wanneer zig in deese tijd de eygener niet op doet zal het gemelde hoofd geduur„ „rende nog drie daagen bij tamblijnslag „de vangst van het beest publiceeren en wanneer zig aan nog de Ceijgeraar niet op doet zal het beest bij de Ed Dessove gebragt worden, die het zelve ten voodele. van de armen zal Confisqueeren geen dier gelijken op gevangen beest, zal zonder goed vinden van de E: Dessave kunnen nog moogen verkogt of ont„ „vremd worden wie zig Beslugt hier dies hellen en en ƒ Beslissing Besluijt Wederlegging hier aan in den ver„ „volge schuldig makr zal bij bevinding van, dien voorbeal„ „delijk gestraft wor„ „den, en het beest sever Voudig aan den eigenaer vergoeden Dat hunne goede en 310 Indien, er eenige Dat de besliefing Niemand Zal eeni vrugt dragende zoor zoorzaks boomen sonder hier omtrent gedaen ge zoorzaks boomen moogen laaten kappen zieks boomen efgen bewilliging van den zeer goed is, ver„ dan met bewillig„ „kapt, daar van plan„ eijgenaar gekapt zoekende dat de geene die na onder„ging van de eijge„ „ken gezaagd, en zijn, zoo kan denselven zoek bevonden „ maar zijne klagten nader vervolgens weg worden, de voor„ Degeene die met opgeeven, van den gehaald en of ge „deelen, van soorsaks deese bewilliging braet zijn, waar door Heer Dessave als een zorzaks boom boomen gerooter de ingezeetenen veel wanneer deselve kapt zal zig om dit schaade geleeden zal onderzogt en te hebben, de te kunnen aan daar op goed regt schade moogen ver„ hebben, wijl zij toonen een bewijs van deese bogme „goeden die de gedaen worden van den eijgenaar wijl een zulk ge„ ingeseetene daar meest al haar be„ laaten geeven doente tegen de door hebben geleeden „staan, en levens dat hij die boom of uit drukelijke onderhoud moeten boomen, behoorlijk gekagt heeft ordre van den Heer wanneer de Edele Dessave is geschieden Kompanie Zorzaks voorts zal niemand boomen eenige nodig Klagten Aot: 7. 2752 Vinden

NL-HaNA_1.04.02_3884_0809 view scan ↗

English

Decision Rebuttal Resolution Complaints To allow any soursop trees to be cut down only with the consent of the owner, from whom, in evidence thereof and of the receipt of the money for which he sold that tree, a receipt must be taken by the buyer; and if it should happen that the Company needs soursop trees and the same were not to be obtained, and a headman was thus obliged to have a tree cut down, no other tree may be felled than one that yields little or no fruit. needs and the same are not to be obtained voluntarily, headmen who find themselves obliged to have soursop trees cut down shall have such felled as yield little or no fruit, and for the payment of which they must also provide themselves with a proof from the owner. The money that the headmen need for the purchase of soursop trees shall be furnished to them from the Company's treasury; as soon as anyone can prove that a soursop tree was taken from him by force or without payment made for it, this shall be investigated and a fair right and compensation of 10 rixdollars for each tree procured for them. Decision Rebuttal Resolution Complaints yields, and for which payment shall be made to the headman against a receipt, while he can receive the money for that purpose from the Company's treasury. That whereas the lord Disava van Angebeek makes far more journeys into the country than was formerly customary, and also the commissions that were formerly executed by Appuhamies are now performed by European servants, mudaliyars, and mohandirams, and these native headmen continually remain in the korales and pattus, through all of which the provisions and expenses have been far more numerous and heavy, whereby many mayorals have fallen into great poverty, as they must provide each headman with two pehenduns and four adukkus every day. It is the duty of the Disava to travel into the country from time to time to see the country and the inhabitants, and as far as possible to learn to know how things are going in the country and whether the Company's interests and the inhabitants' welfare are being observed. This, however, has taken place more with one Disava than with another, according to whether he has good headmen and the conditions of the country make it necessary. These journeys into the country by the Honorable Disava, however, take place only on rare occasions, when in the future no other provisions must be made to His Honor and his retinue than the Regulation dictates and has been customary of old. For the execution of the commissions in the country, no others than good Appuhamies shall henceforth be employed, unless in extraordinary and weighty matters, as has been customary of old. That the howandirams of the mayorals are more than sufficient to cover these provisions, and to see from the books subsequently what amount the howandirams successively come to; and this, together with some headmen who are sent into the country on commissions, can be no grievance to the mayorals, because they have an ample income from the howandiram, from which they can easily make good those expenses; and if in an isolated case it should happen that they had reason for grievance, they can immediately state their grievance, whereupon they shall receive a fair answer. Furthermore, the supreme Ceylon Government has ordered that all headmen must live in their korales and pattus, and that the mayorals do not need to give provisions to the headmen of the korale or pattu, which was also announced by sannas ola of the 19th of May 1770 by the lord Disava Burnat. It is necessary that the Honorable Disava go into the country, and especially to such places as where his presence is most required. Article 8. Article 8. Rebuttal Resolution Complaints Decision That for the sowing and clearing of the chenas they never before rendered any dues, as for the sowing fields, and that now for 3 to 4 years it has happened that the inhabitants in the beginning of this time gave poorly and little under the name of 1/10 dues, but that the lord Disava now has these dues farmed out on the same footing as from good mud fields. From the chenas the Company is entitled to the ottu dues from the paddy that is sown upon them, just as well as from the sowing fields; and these dues have of old been given in the Galle Korale and the Colombo Disavony, but in this Disavony the same have only been paid to the Company for 5 years, while before that time the headmen had the enjoyment thereof; but seeing that this farming out has caused some dissatisfaction, They request once again that the dues of the chenas may be abolished, because their kings formerly never missed anything of these chenas, nor of the lands that the poor inhabitants clear from jungle and sow with fine grains, The mayorals, lascarins, kuliyars, nindas, and other lower castes shall, from the chenas cultivated by them, henceforth remain exempt from rendering a tenth due on the size of one amunam for each chena; and from the remaining extents of the lands, the one-tenth part shall be measured and received by the commissioners to be sent. Article 9. Article 9. 5750

Dutch transcription

Besliessing Wederlegging Besluijt Klagten Eenige zoorzakes bgom„n moogen laaten kappen dan met de bewilleg „ging van den eijge„ „naar van wien dan ook ten blijke van dien en van den ontvangst der penningen, was voor hij die boom ver „kogt heeft een quitantie door den kooper zal moeten genoomen worden, en wanneer het mogte gebeuren dat de komp:e zoor„ „zaks boomen nodig hebbende en de zelve niet te krijgen waaren en een hoofd duus in de verpligting was, om een befom te laaten koppen zoo zal geen anderen boom moogen geveld worden, dan die weinige of geen Vrugten geeft nordig heeft en de „selve niet vrij wil„ „lig te bekoomen zijn zullende hoofden, die zig verplaert vinden zoo zaks boomen te laaten kappen zoodanige laaten vellen, die weijnig of geen vrugten geven, en voor wel„ „kers bettaaling zij zig meede van een bewijs van den zijn „genaar moeten voorzien, Het geld dat de Hoofden tot het op koopen, van zoor zaks boomen nodig hebben, zal hun uijt sComp„s Kas verstrekt wor„ „den, zoo dra iemand bewijzen kan, dat hem een Zootzaks boom met geweld is afgenoemen of heer ƒ daar g 2 Beslipsing wederlegging Besluijt Klagten H geeft en waar voor aan het Hoofd de betaaling te„ „gens quitantie zal doen, ter wijl hij het geld daar toe uit skomp: Ro5 kan ontvangen Dat aangeziende 5„ glet is de pligt Dat de Hoeandirams Het is noodzakelijk der Maijoraals niet dat den E. Dessave heer Dessave van van den Dessave, om Angebeek, veel meer van tyd tot tijd toerykende zijn in het land rijze in het land te deese verstrekkingen dens om het land en togten in het land gaan, en inzonder dan de inwonders te te doen, en bij de doet, bevoorens zien, en des mogelijk „heid na zoo dani„ „ge plaatsen als boeken te zien is gebruijkelijk was te leeven kennen, en Vervolgens, om welke hoeveel en ook de Romissies die eertijds door war zijne presensie successiev & na te gaan heid de hoeandi„ oppoehamies ver„ het meest vereijscht „rams bedraagen hoe het in het land word, en dit nevens toe gaat en skomp:s nigt wierden nu eenige Hoofden, die voordeelen en der door Europeesche in Kommissies en Jngezeetenen wel het land gezonden Dienaaren modle„ zijn betragt word „aars en Mohandi„ worden, kan de Dit heeft egter „ranis, geschieden Maijoraals tot bij den eenen en deese inlandsche geen beswaarstrek„ Dessave meer Hoofden geduurig „ken, wijl zij een plaats als bij ruijm inkoomen in de korels en pattoes blijven hebben aan hoe„ door welk een, en andiram waar ander de versterk; „king, en guastos veel meerder Art. 8, Art 8. daar voor geene betaaling gedaen, zal dit, onderzogt en hun een billik regt en schaade vergoeding van 10 ws voor ieder boom bezorgt worden den en uit — Klagten Beslipsing wederlegging Besluijt en swaarder zyn ge„ uijt zij die gastos „weest, hier door„ gemakkelijk veele Majoraals konnen goed maa„ in groote aanmoe„ „ken, en indien „de vervallen zijn het in een enkelde wijs ze aan ieder geval mogte ge„ hoofd twee pehien„ „ beuren, dat zij reeden van beswar„ „doens, en vier „nis hadden Adoekkoes alle zoo kunnen zij, daagen moeten dadelijk hun verstrekken beswar opgeeven, als wanneer zij daar op een belijke bescheid zullen be„ „koomen, voorts. heeft de gevenen een „den Ceilonsche Regeering gelast dat alle hoofden in hunne horles en partoes moeten woonen en dat de Majoraals geene verstrekkingen aan de Hoofden van de korle of pattoe behoeven te geeven het welk oak bij sonnas ola van der 19: Den anderen na— maaten dat hij goede hoofden heeft, en de ge„ „steldheeden des lands tot nood zaakelijk maaken Deese lands togten van de E Dessave geschieden egter maar bij enkelde geleegen heeden wanneer aan zijn E. - en desselfs gevolg voortaan geen andere verstrekkingen moeten worden gedaan, dan het Reglement dicteerd en van ouds ge¬ „bruijkelyk is tot het waarneemen der Commissies in het land, zullen voortaan geen andere den goede Appoehamies, ge„ employeerd worden ten zij in buijten gewoone en gewig tige Maij aange Wederlegging Besluyt Klagten Befliessing Maij 1770 door de heer Dessave Burnat aan ge„ keendigt is Dat zij voor het be„ F 108: van de Chenassen zij verzoeken nog„ De Mayoraals las„ „zaayen en kappen, Komt de kompenie „maals dat de geregi„ „Corijns, Korlieer der Chnassen bevoorens van de nelij die er op „tigheiden van de Naijndes en andere nooyt eenige gereg„ gezaagt word even Chenassen mogen af mindere Kastas zo goed ottoe, gereg„ „tigheid hebben, geschaft worden zullen van de door op gebragt gelijk „tigheid toe, als van wijl hunne koonigen hun gecultiveerd de zaaijwelden, en bevorens van deese worden, de Chenassen nu zeedert 3 a. 4: Jaa„ die geregtigheid Chenasser, niets nog voortaan verschoort „ren geschieden is word in de Gale van de gronden, die blijven, van het op dat de Jngezootenen Korle en de Kolom„ de arme ingezeeten brengen, van een tien„ in den beginne van „bose Dessavonie „nen, van bosschagien „ de geregtigheid van ouds gegeeven, deese tijd slegt en. dog in deese Dessavo, zuijveren, en met op de groote van wijnig onder de fijne graanen een ammonam „nie word dezelve naam van 1/10 gereg„ eerst zedert 5 Jaaren bezaaijen nooijt voor ieder China en „tigheid hebben aan de komp: voldaan zal van de overige genoomen hebben moeten missen terwijl voor die tid grootens der gron„ de hoofden, dies ge„ dog dat de heer „den, het een tiende Dessave nu Deese „ not hebben gehad deel door de te maar aan gezien geregtigheid zendene gekommit„ op de zelfde Voet dies verpagting „terders gemeeten als van goede eenig ongenoegen en ontvangen worden modder Velden laat veroorzakt hett verpagten Artt. 9. aangelegenheiden zoo als zulks van ouds gebruijkelijk is gewest en wij Art: 9 5750 H

NL-HaNA_1.04.02_3884_0813 view scan ↗

English

Complaints, Decision, Rebuttal, Resolution also understand that unreasonable tax-farmers can plague the Chenas owners very much, and also moreover the chenas lie widely and broadly scattered, and this therefore also causes much trouble to the tax-farmers, and the Chenas owners cannot be helped so quickly. Thus we shall bring this matter to the notice of the venerable Ceylon Government and make a favorable recommendation in order no longer to have the ottoe right of the Chenas farmed out, but to have it taxed by commissioners and further to have the collection carried out. Complaints, Decision, Rebuttal, Resolution Article 10. Article 10. That previously the Chiefs and Maijonpaals appeared at New Year before the Lord Dessave with a small parresse of butter, fowls, eggs, pumpkins, bunches of bananas, limes, and pomegranates, but that now, without knowing on whose order, and moreover sheep, goats, pigs, cows, of each sort two to three pieces, as much poultry as they could procure alive, and several amonams of rice have had to be delivered, which parresses have been brought under canopies of blue, red, and white linen and other decorations of white glasses, accompanied by playing jamblijntjes and wind music, preceded by dancers. Section 13. Since it has occurred without the order of the Lord Dessave that the customary New Year parresses of foodstuffs have been increased and also the resthouses have been decorated in an extraordinary manner, the respective chiefs have been ordered to abide henceforth by the old custom. That this decision is very equitable, but that, since these burdens were imposed upon the inhabitants without the knowledge of the Honorable Dessave, it should be investigated and compensation made to the inhabitants who have suffered losses thereby by those who are to blame for it, and repaired. No one is obliged to give any unusual New Year parresses, nor to make any unaccustomed decorations on the resthouses for the Honorable Dessave. When such extraordinary things are shown, those who are the cause thereof shall compensate and repair the damages and losses resulting therefrom. Complaints, Decision, Rebuttal, Resolution That when the Lord Dessave traveled to the resthouses, the same were decorated with many sorts of linen and linen arches were made; that moreover many triumphal arches were erected along the road with far more circumstances than are customary even at the arrival of the Lord Governor, whereby the inhabitants have had much loss and trouble. Article 11. Complaints, Decision, Rebuttal, Resolution Article 11. That previously for the performance of ordinary services no more than one cooly ought to be taken from each household, and for the journey to Sitawaka two from each house were taken, but that now, although a family consists of ten or more heirs, who nevertheless have no more land or one amonam of sowing-extent from their parvenies for accomodesan than for one person, yet all the men from a household are pressed, and that if the least is lacking herein the chiefs are punished; that also naindes of good descent in the villages are seized and no naindes for the carrying of [illegible] Section 14. Although from each household only one cooly ought to be taken for ordinary services, it has nevertheless in extraordinary circumstances been customary that more or fewer men were called up, so this will have to remain according to the old custom. However, care shall be taken that the said servants are not employed beyond the aforementioned equity, while the respective chiefs will especially have to take good care that this service is performed equally by everyone and that one is not spared above the other, as also that no naindes are used for carrying. That this matter may be decided as requested in Article 1, and that the Mallapalla lands which they possessed from ancient times may be restored to the coolies, furthermore, that the ruling not to let palanquins be carried any longer by the Naindes is very equitable. Under Article 1 it has already been stated that no one shall be employed in any other services than those to which his birth status obliges him, and that with the specified number of men, as also indicated in the first article. If the Naindes and coolies can point out any concealed Mallapalles belonging to them, their families shall therewith be favored again.

Dutch transcription

Klagten Beslissing wederlegging Besluijt ook begrypen dat on„ redelijke pagtens de Chenas Eijgenaaren seer konnen plagen en ook boven dien de ehnassen wijd en seijd versprijd leg„ „gen, en dit dus ook veel moette aan de pagtens geeft, en de Cenas eijgenaars zoo spoedig niet kon„ „nen geholpen wor„ „den. zoo zullen wij de gevenereer„ de Ceilonsche Re„ geeving deese zaak ten kennis bren„ „gen en gunstig voordraagen om„ de ottoe geregtig„ heid den Che„ nassen niet meer te wil„ „len laaten ver„ pagten maar door gecommit„ teerders te doen ta zelven en nader de inwondering laa„ „ ten eloen. den lase en t n Klagten Beslessing wederlegging Besluijt Art: 10. Art: 10. Dat bevoorens de §. 13. vermits het buij„ Dat de beslissinger Niemant is verpligt Hoofden en Maijon ten order van de deeze zeer billik eenige angewoone Nieu„ paals te Nieuwe haer Dessave ge„ is, dog dat wijl we Jaars paressen, Jaars bij de Heer schied is dat de men buijten weeten nog eenige ongebruij„ Dessave met een gewoone nieuwe, van den E: dessave kelijke vercierin„ geringe paresse Jaars parressen deese last aan de „gen op de Rusthuij„ van Boter, hoen„ van Eet waaren zijn Ingezeeteren op„„sen voor den E: des„ ders, eijeren, pampoe„ vermeedert en ook gelegd heeft die have te doen. „nen piesang trossen; de rust huijzen op onderzogt en aan wanneer diergelijke liemoenen en zaet„ een buijten gewoone de Ingezeetenen, buijten gewoone din„ appels, verscheenen wijze vercierdro vood die hier door na„„gen aangetond wor„ dog dat ze nu zon„ de respective hoof„ deelen geleeden heb„„der zullen die goe der te weten op den aanbe voolen „ ben eene schade „nen die daar van wiens order nog om voortaan bij de vergoeding door oorzak zijn, de daar en boven schaa„ oude usantie te de geenen die er daaruijt voort gekeo„ „pen bokken van „ blijven schuld aan zijn „waene nadeelen en gedaan te worden, schaade vergoeden kers, koeijen van en herstellen. elk zoort twee a drie stuks zoo veel gevogelte als te levendig heb„ „be kunnen mag„ tig worden en ver„ scheide ammonams vuijt hebben moe„ ten leveren wel„ „ke paressen onder verhemeltens van blaau rood en wit linnen en andere vercieving heb van 1 Nelagten Beslissing wederlegging Besluijt van witte glassen Lieu„ onder slaande Jam„ blijnt Jes en blaa„ sent musijek voor. gegaan van dansers ui zijn aangebragt, „ Dat wanneer de heer Dessave zig ke „na de Rust huijsen begeeven heeft deselve meet vee derlij zoort en van Linnen verzeerd en Linnen arkos ge maakt zijn dat daar en boven veele praal boogen op de weg met veel meer omstan„ digheeden, als zelfs bij de komste van den Heere Gouver„ „neur gebruijklijk is, gesteld zijn, waar door de Ingezeete„ „nen veel schaede en moeijte gehaed hebben Art: 11. pligt 4 en Beslissing- wederlegging Besluijt Klagten. frt: 11. Dat bevoovens tot het „ 14 schoon uijt ieder Dat deeze zaak By Art 1. is reets verrigten van geme„ huijsgezin tot ordi„ gelyk bij artikul t gezegt dat niemant „ne diensten niet „naire diensten verzogt is mooge tot Geen andere dien„ meer als een Koelu maar een koelij be„ beslist worden en sten zal geEmploi „hoort genoomen te dlat aan de Koelies „eerd worden, al waar en tot de rijze na vorden zoo is het de Mallapalla lan„ toe hem zijne geboorte situake twee uijt 1317 ieder huijs genoo„den wel van alle de rijen die ze varier staat verpligt men wierden rouwe tijden ook ingebruijk te vooren bezaaten en zulks niet het geweest dat bij weder mogen toege„ bepaald getal mannen dat trans schoor Extra ordinaire gen „ voegd worden voorts als meede bij het een familie uijt tegenheid heeden weer, dat de uijt spraak eerste artekul aan„ tien of meer erf minder mannen „der op geroepen zijn om door de Naindes geduijd is: Indien de Nain des en dus zal dit bij de geen palen kijn bestaat die egter niet oude gewoonte moeten meer te laat en koelies eenige hun meer als voor een perzoon aan Land blijven Echter zal draagen zeer bil„ toe koomende en ver„ duijsterde Mallapal„ of een ammonams, en gezorgd worden „ lik is. „les kunnen aan wij gezaaigj uijt hunne dat gemelde dienste„ „zen, zullen zij er parvenies tot ak„„linge met boven gem hunne familien Komodessan hebben; billikheid geen ploij daarmeede weder bee„ dan nog alle de mannen, eerd worden terwijl gunstigd worden. uijt een huijs gezin de respective hoof„ geprest worden en „den voor al goede dat wanneer hier zorg zullen moeten het minste aan ont„draagen dat die dienst breekt de hoofden egaal door een gestraft worden dat ieder gedaan en ook naindes in de den eenen niet boeven den and enin dorpen van Goede besnaard wor„ afkomst opgevat den zoo meede dat en geene nairdes tot het draagen Art 11 van: en t teeg

NL-HaNA_1.04.02_3884_0817 view scan ↗

English

Complaints, Decision, Rebuttal, Resolution and to be used for carrying palanquins, which was never taken as it is not fitting and has of old been forbidden. Article 12: That they wanted to oblige even all the male persons and families to let themselves be found at Baddegini on 15 April last, provided with their own provisions for a month, inchiacos, axes, sleeping bags, and baskets, with the announcement that those who did not depart for Baddegini would have both legs clapped into irons and be put to labor in that district for life. That experience has taught them that Baddegini is a region where one cannot remain without danger to life; of those who over the past 8 and 9 months were successively sent there by the hundreds regarding the complaints brought against them, whether guilty or innocent, several have died there and on the road coming from there, and after their return home, of fevers and diarrhea. That the fear of death, because they would be forced to go to Baddegini, either voluntarily or according to the order upon failure thereof in chains to remain there for life, led them rather to choose to gather together, by no means with the intention of acting against the Noble Company or the Honorable rulers of the land, but to present their grievances, all the more because they had never suffered such severe punishments, contempt, and damage, and things that were never in custom, requesting a favorable consideration on all of this. Decision: Section 15. It was never the intention of the Honorable, Right Venerable Governor and his Council, nor of the Disava of Matara, to send any human beings, other than condemned evildoers, against their will to any work at Baddegini and the Magampattu. But because that region is so situated that, according to reports, the greatest benefit for this whole Island, and particularly for its inhabitants on this side of it up to Colombo, can be obtained from the paddy cultivation if that land is only assisted by repairing the old dams and carrying out some other necessary work, the Honorable Disava spoke with all the headmen about it; and he asked them whether they, with a good number of people, could voluntarily and out of affection for the Disava and their headmen, arrange to perform some work for a short time in the Magampattu. And because the said headmen agreed to this and later also reported to the Honorable Disava that everyone out of love and respect for their Disava would easily undertake that journey and provide themselves with provisions, the said Honorable Disava trusted that everyone with full willingness would go to that important, useful work; and in that hope his Honor also set out on the journey, after having previously given orders that arrack and some foodstuffs should be delivered to Baddegini alongside 8000 parras of paddy, for the transport of which Mudaliyar Tennekoon received orders and who also made a start therewith, all to serve as provisions for those who would need it, as his Honor could well imagine that taking their own sustenance would be very deficient. But arriving at Dickwella, the said Honorable Disava learned to his greatest astonishment of the displeasure of the people and their unwillingness to go to Baddegini, wherefore his Honor also excused all those who were to go there. Rebuttal: That the instigators in the country are primarily the cause, through the projected expedition to Baddegini and the restoration of some dams there, that although the lands thereabouts could be brought into that state to yield rich paddy harvests, they nevertheless still request to be exempted from that expedition, so as not to be murdered, as they imagine, just as experience has taught. It having already been evident from ancient times, when the kings had the lands of the Magampattu under the Disavany of Mature worked and cultivated, that those who were planted there were also lost because the people perished and died, which was the reason that this place was subsequently abandoned. That if the headmen did not make known to the Honorable Disava the unwillingness and aversion of the inhabitants, and were the cause that they were sent there, this matter should be investigated, and the damage caused by the death of people and the unrest caused thereby to the Company and the inhabitants must be compensated by the headmen. Resolution: It was never the intention of the esteemed supreme Government of this Island to send any inhabitants against their will to Baddegini in the Magampattu, and in the future all inhabitants shall remain exempt from this expedition to Baddegini.

Dutch transcription

Klagten Beslissing wderlegging Besluijt en tot het draagen van van Palenkeins ge„ Palen keins gebruijk „noomen worden azoo du worden het welk van niet betaamt en van tee vooren nooijt is ouds verbooden is. Art: 12 Dat nan hun heeft wy „ §. 15. Nimmer is de in„ Dat de beroerters in Het is nooijt de inten „len verpligten zelvs alle „tentie van den wa Eden het Land hoofd zaake„ „ tie van de ge-eerde de mansperzoonen rgjtt„ len Groot Achtb. Heer „ lijk oorzaak zijn, door opper-Regeering deezes en familie, zig den 15. Gouwerner en dies raad, de geprojekteerde togt Eylands geweest om april passato op Bad„ nog van den Dessave na Baddeginie en eenige Jngezeetenen „ de ginie te laaten vierden van Mature gewast het herstellen van an teegens kunno verkee„ voor zien van hunne om eenige minschse buij„ dan aldaar, dat schoon„ sing na Badde gemi egjgene mond behoeftens ; ten die Gekondemneerde de Landschappen eaar in de Magampattou voor een maand „ Jnchi„ kwaad doenders tegen omstretie in die staat te zenden, en zullen „acos, Bijler, kooij tassen zijne zin tot eenig werk zoude kunnen gebragt in het vervolg alle en manden, met aan„ na Baddagarie en de worden on wijke Nelij inge zeetenen van „kundiging dat de Magampattoe te zenden, oegsten te geeven zij deeze togt na Bad„ geene die niet na maar wijl die landstreek egter als nog verzoe„„ de girie verschoond blyven Baadeginia vertokken, zoo daenig gesitueerd is „ ker van die togt met de beide boenen dat daar in volgens ontslaegen te zijn om in de ketting geklonken berigten een alles Grootst met gelijk zij zigj voor en in dat Landschap vordeel voor dit geheel stellen ver mord te„ leeven lang ten arbyd Eyland en inzondscheijd worden gelijk de zoude gesteld worden voor dies bewoorders aan ondervinding geleerd Dat de ondervinding deeze zijde van het zelve heeft, zijnde reets voor hun geleerd heeft dat tot na Kiolombo kan be„ al oude tijden geblee„ Baddegivie een Land„ haalt worden door de „sen wanneer de koo„ streek is waar men „ Nelii kultite wan„ningen de Landen van niet dan met levens„ „neer dat Land maar de Magampattoe onder gevaar van blyven zijn, wat tehulp komt door de Dessavonij van Pr„ „de van de zeedert de oude dammen te „neme hebben laaten be„ 8 en 9. manden by herstellen en eenigen „ arbeijden en bebouwen houderden wegens de r der nodig werk te zynde die aan plani„ teegen hun ingebragt verrigten zoo heeft „ gen ook toen reets Ant: 12. klagten verloom. 1 rt ne . - de wederlegging BBlagten. Boslissing Besluijt Klugter schuldig de heer Dessave de verlooren gegaan door gezaementlyke hoofden dat de menschen on„ of onschuldig daar daar over onderhouden; gekoomen en gestrorven na toe successive gezondene menschen en hun gewaegd of zij waeren het welk de verscheidene aldaar, met een goede partij reeden is geweest dat en op de weg van volk goedwillig en uijt deeze plaats in het daar koomende en genegentheid voor den vervolg verlaeten is na hunne te huijs, dessave en hunne hoof„ geworden. Dat zoo komst aan koortzen„ den zoude konnen be„de hoofden den Heer en buijkloop geshor„ „zorgen om een kort en Dessave der ingezeete„ tijd in de Magampat„ „ nen ongenegentheid „ toe eenig werk tever„ en teegen zin niet heb„ Dat de vrees voor„ de dood wijl ze ge„rigten en wil gedagte„ ben te kennen gegeeven dwonger zouden worn hoofden zulks aange„en oorzak zijn dat „den na Baddegerie „ noomen en naderhand zij daar na toegezon„ te gaan, het zy vrijwil „ ook aan den heer Ses„ „ den waeren deeze „lig, of volgens de order„ save berigt hebben dat zaak onderzogt en bij verzuina hier van een ieder ligt liefde de schaade door het in de ketting om len en agting voor huune overleiden van Men„ „vens lang daar te Dessave die rijze zoude „ schen en die onlustien blijven zij leever ver„ onder neemen en zig voor daar door veroorzaakte „koosen hadden zig „zien van onderhout zoo aan de Comp=e er de heeft gedagte heer Dessan ingezeetenen door de bij den anderen te vergaderen geens ints vertrouwd dat een ieder hoofden vergoed moet met oogmerk om met volle geneegertheid worden teegen de Edele kom„ tot dat aangeleegen, panie of de heeren nuttig werk zoude Land bestierders te agee„ gaan en in die hoop „pen maar om hunne was zijn Edelen ook veeld beswaeren voor te stellen, op rijs gegaan na al„ tiemeer zij mooijt zulke „ voorens orders gegeven swaare straffen hartzan te hebben dat er ar„ minagting „ rak „ven Mlagten Beslissing Wederlegging Besluijt minagting schaade arrah en eenige din„ en dingen die nooijt „gen tot toespijs te Bad„ in Usantie waeren de ginie bezorgd wierd hadden ondergaan nevens 8000 parras verzoekende op dat Nelie tot welkers alles eene gunstige Transport daar heen Rexfletitie. der modliaer Tinne„ „koon heeft last ge„ „ had die ook daar mee„ „de een begin heeft ge„ „maakt het eenen en an„ „der om te dienen tot verstrekkingen aan de geenen, die zulx nodig zoude hebben wijl zyn Edele wel Konde den Her dat het meede neemen van leevers onderhout seer gebrekkig gaan zoude maar te Diek„ „welle koomende ver„ „nam geelagte heer dessave tot zijn grootste verwondering het mis„ „noegen van het volk en hunne onwilleijheid om na Baddegirie te gaan alwaarom zijn Eedele ook alle de geene daar van Ex„ cuseerde die daar toe

NL-HaNA_1.04.02_3884_0820 view scan ↗

English

Complaints, Decisions, Refutations, Resolutions had inclination to. From this you can now see how the Lord Dissave had no knowledge of your unwillingness to go to Baddegivie, while others would have informed you in time to stay home, just as you are now excused from that expedition by this present decision. Article 13. They request that a new areca registration be carried out in order to determine the mandatory delivery according to it, because there are currently not enough trees to be able to meet the obligation currently imposed on them. Section 16. Concerning the making of a new survey of the areca trees in the gardens by a commission, this would not only take a long time, but would also cause many expenses to the majorals. Therefore, we think that it is better that those headmen who do not have copies of the areca registration of 1769 in their possession should request them. These will then be given to them by the secretariat free of any charge, while they must then provide an extract for each village, garden by garden, so that everyone can see how much areca he must deliver. When those who still believe they have cause for grievance submit the same to the head of the Korles or pattoo man, who must thereafter deliver a general statement to the Lord Dissave, the necessary investigation regarding those gardens will take place and justice will properly be done. However, if you should further request that a general new registration take place, this request will be brought to the attention of the Right Honorable Lord Governor. Article 13. That the decision in this matter is very good, and thus, after the gardens have been inspected and described by a commission, the areca due will be calculated accurately according to the number of trees found, and as in former times accounted for to European servants. Article 13. The new Lord Dissave Raket will have a new areca registration carried out, and following this registration, the mandatory areca will be demanded starting on the first of September next. Until that time, the inhabitants shall remain on the old footing. Furthermore, starting next year it will be permitted to the inhabitants to deliver the areca either to the heads of the Korles or Pattoos, or to European servants, as was customary previously. The receivers of the areca shall be obligated to provide you with a written receipt of the quantity of areca delivered by you, in the trust that by this method of collection you will, for your own welfare, ensure that the mandatory tax is accounted for annually without arrears. Article 14. That for the transport of cinnamon, only the lower castes and no one from the wellala caste may be employed. Section 17. Regarding the complaint that wellalas have also been taken for the carrying of cinnamon from the King's Land, no peoples from other castes may be taken than those who were used for this purpose in former years. Thus, the headmen who also took wellalas for this purpose have acted very wrongly, which is also hereby strictly forbidden. Article 14. That this ruling is very equitable and therefore should also be followed. Article 14. No one other than lower castes shall be employed for the transport of cinnamon under the receipt of maintenementos, which the headmen are hereby ordered to take good care of. Article 15. That the aratchies, kangaans, lascorins, gannidaars, majorals, and other servants may be accommodated according to the regulation, and not as has happened over the past 18 years. Section 18. Regarding the accommodesans which you say are bad for some while others have managed to obtain good accommodesans through such means, further investigation will be made. When... Article 15. It being promised that in this matter a proper investigation will be conducted and the order of Colombo followed, it would be equitable that those who possess more accommodesans than specified must return the excess... Article 15. All accommodesans fields that have been revoked or exchanged for bad fields shall be returned to the owners and exchanged back. All those who have no accommodesans...

Dutch transcription

Klagten Beslissingen weiterlegging toe geneegenheid hadden Hier uijt ziet gylieden nu hoe de Heer Dessave geen kennis heeft gehad van uw lieden ongenee„ genheid om naar Bad„ de givie le gaan tenuijl Edele andere een E 5717 en in tydt zoude heb„ doen weeten om te huijs te blijven gelijk Uw leeden ook nu #nij bij deezen Excuseenan an die togt. Art. 13. Art 13. 9: 16. om een neeuwe Dat de beslissing in De nieuwe heer zij verzoeken dat een Nieuwe arreeks beschrij„ op neem van de awelks deeze zeer goed is Dessave Raket zul „ving gedaan worde om boomen in thuijnen te en dus, na dit de eene nieue Arreeks daar na de verpligte laeten doen door eene thuijnen door een kom„ beschryving laeten leveraatie te bepaelen kommissie, zulks „mossie bezigtigt en doen en na deze zoude niet alleen beschreeven zijn de beschrijving zal de wyl erthans geen boomen genog en we„ van lange duwr zijn Arreeks geregtigheid verpligte arreek „zen zijn om de tee„ maar zoude ook aan na het bevonden wor„ met primo zept: „genwoordige op hun te maijoraels veele aende getal boomen aanstaende in ge„ leggende verpligting kosten veroorzaeken, nooge bereekent en „vordert worden en te kunnen voldoen. daarom den ken wij gelijk in vroegere. tot zoo lange zal dat het beeter zy dat tijden aan Europee„de in woonders op hoeften die geene „se Dienaren ver„den ouden voet blij„ velen van de arreeks antword worden, ven zullende het Eenslieden voorts in beschrijving van 1769. den. Beslugt en Klagten Beslissing wederlegging Bisluijt in handen mogten hebben de zelve dienen te vragen, die hun dan van de se„ „kretarij sonder eenig kosten zullen gegeeven worden, terwijl zij dan daar uijt een uittrek„ „zel voor ieder Dorp. tuijn voor tuijn zullen moeten geeven, op dat een iedier kan zien hoe„ „ veel arrek hij leeveren moet als wanner de geene die nog meend ree„ „den van bezwaernis te hebben dezelve aan lit hoofd der Korles of pat„ „ toe Man opgeeven die daar daar na eene generaele opgaave aan de heer Dessave zal moeten bezor„ „ger als wanneer het. nodig onderzoek omtrend die tuijnen zal geschie„ „den en daar op goed regt gedaan worden. Echter in dien Gylie den nader mogte verzoeken dat er een Generaele nieuwe beschrijving mag geschie„ „den, zoo zal deel ver„ zoek onder het oog den aanstaende vrijstaen om den Arrak te lee„ „veren, het zij aan de hoofden dir Corles of Pattoos dan wel aan Europeesche Dienaeren zoo als dat te vooren gebruijkelik was, en zullen de ontvangens van den Arreek verpligt zyn aan uw lieden een schriftelijk bewijs te geeven van din hoeveel heid van de arreek die door uw lieder geleeverd is in vertrou„ wen dat door deeze wijze van invorderen gijlieden tot uwe eijge wel zijn zult zorgen dat de verpleijte taxt zonder agter stal. Jaar. lyks verantwoord word van Teagten Beslssing Wederlegging Besluijt van den wel Edelen Groot Achtbaeren Heer Gouverneer worden ge„ Art: 14. Dat toe het afhaelen §, 17 op de klagte dat Dat deeze uijtspraek Niemant dan Laage van wellales Kasta Land ook wellales ge„ worden. moogen geemploijeerd „ noomen zyn dient dat geene volkeren van de andere kastat moo „gegenoomen worden dan die in vroegere Jaeren daar toe zijn gebruijkt en dus heb„ „ben de hoofden die daar toe ook wella les genoomen hebben zeer qual ik gedaan het welk ook als nu nader verbooden word van Kanneel de Laege tot het afdraegen van zeer billijk is en dus kastas zullen tot het geslagten en niemand Kanneel uijt skonings ook dient opgevolgt te afbrengen van kan Not. 15: Art: 15. Dat de araatjes, kan 310 Nopens de Akko„ Dat beloofd wordende dat Alle akkom odessar vel gaans, Lascorijns gan„ modessans die gijliden in deezen en behoorlijk „ den die ingetrokken „ridaars, ma Joraels en zegt dat van Som„ onderzoek zal gedaan of teegens seegte volden andere bediendens vol„ mige seegt zijn terwijl en de order van Kolombo vervuijld zijn, zullen gens het reglement en andere door sulx goede opgevolgd worden het ook weder aan de eijgenae„ niet gelyk zedert akhomodessans hebben billyk zoude zijn dat de„ ren afgegeeven en teru 18. Jaeren geschied is weten te verkrygen dot geenen die meerder all„ geruijld worden mogen geaccomodeert nader onderzoek ge„ komodessars dan bepaald Alle de geenen die „daan worden, wanner, is bezitten het meerder geene akkomodessan „1 worden. Art 14. „neel onder het genot van mainetementos geemploieerd worden, het welk de hoofden by deeze aanbevoolen word om daar voor weel te Zorgen. worden. booven moeten gijlieden bragt. 11

NL-HaNA_1.04.02_3884_0823 view scan ↗

English

Complaints. Decision. Refutation. Resolution. shall lose the designation of the one and the other and shall be reported to Colombo in order to obtain orders on that matter. they must lose, and all the rest shall be accommodated according to the regulation or else may continue in the enjoyment of the accommodations assigned to them of old. those above the quota will have to lose them again. Which then shall serve for those who possess less than what is according to the regulation. Art. 16. Instead of three months during which maintenance is supplied to 10 Rantjes Lascorijns and the Aratchies and Canganies belonging thereto during the wood hauling, this work lasts a whole year, and the Mohandiram and overseer continuously receive their two pehiendoes and four adookas per day. That the inhabitants, as soon as the trees are felled, must clear them of branches and make the necessary holes therein for dragging them away, and stick ropes through them; furthermore, place rollers beneath them over which they are hauled, clean the roads, procure the necessary float timber, prepare the rafts for transport to Matara, and moreover suffer much punishment and damage from the Headmen, Aratchies, and Lascorijns. That, considering the wood cutting operations of Matara, they may be organized in the same manner as those of Galle. § 19. To the Mohandiram of the wood hauling the Mayorals are not obliged to supply more adookas and pehiendoes than for three months in the year, and that in three turns, each of one month, and this time is also very sufficient to haul the wood works when the Mohandiram takes the full number of Lascorijns as is proper, which is seriously recommended to him, and if it should happen on a single occasion that they had to haul for more days, the reason will be that the Mohandiram did not deploy the full number of Lascorijns, and this shall therefore not result in any disadvantage to the Mayorals regarding provisions beyond the regulation. In order to save the hauling of much float timber, 20 thonies shall be cut, hollowed out, and branded with the Company's mark for the Company, for which the Headmen must have good, thick Angelique and Hora or other trees designated, and with these the wood works can be transported just as is done in the Galle Corle and the Colombo Dessavony; however, the Mayorals remain free, for the transport of wood works from places where no thonies can be used, to make rafts of float timber as has been customary to date, while furthermore all services in the wood hauling must remain on the old footing. That this Decision is very equitable, and therefore the provision cited therein may take place in the future, and the same be supplied by those who hold accommodations for that purpose. To the Mohandiram of the wood hauling the Mayorals need not supply more than the usual pehiendoes and adookas during three months in the year, this time being deemed sufficient for the wood hauling; the Mohandiram shall work with the full number of Lascorijns as is proper, and if more days than the aforementioned three months are taken for the wood hauling, this shall not happen to the disadvantage of the Mayorals regarding provisions above the quota. In order to save the hauling of much float timber, twenty thonies shall be made for the Company, for which the Headmen must have good Angelique and Hora or other trees designated, and with these thonies the wood works can be brought down just as in the Colombo Dessavony and in the Galle Corle. It shall, however, be open to the Mayorals to make rafts of float timber in places where no thonies can be used, as was customary to date, while furthermore all other services in the wood hauling must remain on the old footing. Art. 17. That because some of the inhabitants have lost the title deeds or extracts of their parveny gardens and fields, these possessions are to be resumed for the Honorable Company; they may address themselves to the Dessave, whereupon their complaints will be duly decided before the Reverend Landraad in all fairness, as the Company desires nothing that does not belong to Her Honor. § 20. All those who have lost their deeds or extracts of their parveny lands, and whose possessions are intended to be resumed for the Company, may address themselves to the Dessave, whereupon their complaints will be duly investigated by the Reverend Landraad, before which court an equitable ruling will be made thereon, as the Company desires nothing that does not belong to Her Honor. That this settlement is not sufficient, and that if the Company wishes to return the parveny fields to the inhabitants, they then request that two European commissioners, together with the Thombo, may be sent, to whom they will point out the lost fields and places, and that if they cannot recover these fields because they are enclosed within the plantations, the owners may then obtain other Mallapallas. All those who have lost the deeds or extracts of their parveny lands, and whose possessions are intended to be resumed for the Company, may address themselves to the Dessave, who will have their complaints properly investigated by the Reverend Landraad, by which court an equitable ruling will be made thereon, as the illustrious Company desires nothing that does not belong to Her Honor.

Dutch transcription

Klagten. Beslissing wederlegging Besluijt gylieden de aanwysing moeten missen en alle booven de bepaaling van het een en ander overigen volgens regte„ genieeten zullen de komt te doen en zal „ ment geaccomodeert zelve weder moeten daar van berigt gegevene worden dan wel moo„ missen. Die als dan worden na Kolombo ten„ gen kontinueeren in strekken zullen eynde op dat stuk het genot van de re„ voor de geene die orders te erlangen. „ Commodessan die hun minder dan vol„ van oudt toegevoegd was. Gens het reglement bezitten. Art. 16. Jnsteede van drie § 19. Aan den Mohan„ Dat deeze Beslissing Aan de Mokandiram maanden dat aan. diram van de hout„ zeer billijk is, en dus van de houtsleep be„ 10. Rantjes Lascorijns „ sleep zijn de Majoraels de verstrekking daer hoeven de Majoraels en de daar toe behoo„ niet verpligt meerder, bij aangehaeld in 't niet meerder te ver„ „rende Arraatjes en Adoekas en pehiendoeste vervolg zal kunnen strekken aan de ge„ Kangaane noorden hout„ verstre kkien aan drie plaetsvinden en de woone pehien does en sleep mainctementos maender in het Jaer zelve opgebragt adoekos geduurende verstrekt worden, dit en zulks in drie kee„ worden door de gee„ drie maeden in 't werk een geheele Jaer „nen, ieder van een „nen die daar voor Jaar, zynde deeze duart, en de Mohan„ maand en deeze tijd is accomodessen bezit„ tijd voor den houtsleep toerijkende gesagte „ die ram en op zien der ook zeer voldoende „ ten. mohandiram zal geduurig zijne om de hout werken te met het volle getal twee pekien does en sleijpen wanneer de Lasconijns gelijk be„ vel vier adoekos 'sdaegs Mohandiram het hoord moeten werken volle getal van Las„ ontvangen. Dat de Jngezeetenen „ Oorijns gelijk dat zoo drie de boomen behoord teekens neemt geveld zyn de zelve het welk hem serieus van de takken moe„ aan bevoolen word en „ter Eugveren en daar zoo het ook een en„ in tot den afbreng keld mael mogte en zoo er meerder daagen dan voorsz drie maenden tot den houtseep genomen worden, zal dit niet ten nadeel van de Art: 16: gebeuren Majoraels erug Jan de Mlagten Beslissing wederlegging Besluijt de noodige gaaten gebeuren dat er meerder maaken. en van Vien daegen moesten gesloept daar door steeken, worden dan zal zulks voorts de vollen waer tot reeden hebben dat over zij gesleept wor„ den Mohandiaam het „den daar onder leggen volle getal van LasC:s 9717 heeeft net de weegen schoon „ nietn maeken de nodige geset en zal dit dus dryfhouten bezorgen de niet tot naciel van de floten tot het transport mojoraels ontrend ver„ na Manture klaer mae„ strekkingen boven de „ken en boven dien bepaeling moogen koo„ van de Hoofden, Arraat, mer om het sleepen „jes en Lascorijns veele van veele drijferhouten straf en schaede on, uijt te winnen zullen dergaan. Dat aan „ 20 Thoniet voor de gezien het voortschree„ kompenie gekapt uijt„ vere de houtkapperij gehold en met 'sComp:s merk gebrand worden, van Mature op de zelfde wijze mag waar toe dus de hoof„ ingerigt worden als den goed dikke Ange„ „lieke en Horgas of die van Gale. andere boomen moeten laaten aanwijzen en daar meede kunnende hout werken worden af„ „gebragt, even zo als in de Gale Corle en de Kolombesche Des„ savonij geschied, echter staet het de majoraels vieij om tot transport der houtwerken van plaat„ Majoraels, omtrend ver„ Strekkingen booven de bepaeling moogen koo„ men. Om het Sleepen van veele dryfhouten uijt te winnen zullen twin„ „tig Thonies voor de Kompanie aange„ maakt worden waar„ „toe de hoofden goede angeliekkee en Aorgas of andere boomen moe¬ „ten laeten aan wijzen en met deeze Thonies kuuran de houtwerke gelijke in de Kolom„ „bose Dessavonij en in de Gale Corle worden afgebragt. Het zal egter de majoraels vrij staen om op plaat„ „zen waar geen thonis kunnen gebruijkt voor „den vlotten van drijf„ houten te maeken zoo als tot dato gebruijke¬ „lijk was, terwijl voorts alle diensten bij den houtsceep, op den ouden voet moeten blijven. zen Klagten Beslissing wederlegging Besluijt plaatzen waar geen TThonis Konnen gebruijkt worden als anderzints vlotten van Drijshouten te maeken zo als tot dato gebruykelijk is ter„ wijl voorts alle de ver„ „dere Dienste bij den hout sleep op den ouden voet moeten blijven, Art: 17: Art: 17: Dat wyl eenige der. §. 20 Alle de geene Dat deeze afdoening Alle de geenen die Jnwoonders de bewij„ die hune Brieven of niet toerijkende is, een suurel brieven of Ex„ „sen hunner parvenie extrakter van hunne dat zoo de komp=s de traften van hun ne Thuijnen en velder parvenie Landerijen parvenie velden de „ parvenie landerijen verlooren hebben, men verlooren hebben en ingezeetenen weeder verlooren hebben, en deeze bezittingen voor waar van men de terug wil geeven zy waar van men de de Ed: kompanie wie bezittings voor de komp: als aan verzoeken bezitting voor de komp= wil intrekken, kunnien dat twee Europeese wil intrekken, kun„ hun nader bij den keer gekommentteerdens ne„nen zig bij den heer sessave vervoegen als „vens de Thombo moo„ Dessave vervoegen, die wanneer hunne klagten„ gen gezonden worden hunne klagten na na behooren by den wanneer ze de kwijt behooren bi den Eerw: Eerw: Landraed en na geraatkte volden de Landraed zal laeten alle billykheijd zullen plaatzen zullen aan onderzoeken, bij welke beslist worden weil wijzen en dat zoo ze regtbank een billijke de komp=e niets de„ deeze velden niet uijtspraek daar op „geert wat haar Edele terug kunnen beko„ zal gedaan worden, men als in de plan„ begeevende de door niet toekomt. tagies ingeslooten zijnde lugtige komp=s niets de eijgenaars als dan dat haar Edelen andere Mallapallas niet toekomt. moogen erlangen. te „ in en in trekken.

NL-HaNA_1.04.02_3884_0826 view scan ↗

English

Complaints. Decision. Rebuttal. Resolution: Article 18. Article 18. Complaint: That a large plantation of one and a half miles in length was laid out by 470 people, with the provision of the usual maintenance, upon which two years of labor have already been spent, yet no benefit has been shown. That into these plantations the gardens and fields of the inhabitants who live in the vicinity have been drawn, requesting that the damages brought upon the Honorable Company as well as upon the inhabitants may be investigated and judged. Decision: § 21. No complaints have ever been received by the Lord Dessave that any piece of land has been taken away from anyone and incorporated into the Company's plantations or elsewhere. If this has occurred, however, the interested parties may report further on this, whereupon their lawful rights will be properly investigated. Rebuttal: The inhabitants reiterate that upon the arrival of the commissioners they will point out the fields that were drawn into the plantation. Resolution: The Lord Dessave shall cause an exact investigation to be made as to which lands of the inhabitants were incorporated into the plantations, and to the owners of these lands as much ground shall again be added, so that their entire damage shall be fully compensated. Article 19. Note. Complaint: That 900 heads, under the provision of maintenance and the necessary tools, made a cutting in the Morruakorle, which has brought damage instead of benefit, as due to flooding much corn was washed into the sea and lost. That the inhabitants' request for remission of the rent of the paddy lost from the Company's fields was not taken into consideration, and they were compelled, in order to pay this, to pawn their lands and goods, and that never before, before this cutting was done, was so great a loss in the Pirrewaij pattoe caused by flooding. Decision: § 22. The cutting in the Morruakorle for the provision of water through the stream of Kattoene to Girrewaij pattoe for the sowing of the fields belonging under the resthouses of Mara Radde and Ranne is in every way a very useful work, even though in the last year too much water entered the Girrewaij pattoe because the entire Dessavony suffered the same from extraordinary, heavy, and prolonged rains; in addition to which it must be noted that the water would have drained into the sea sooner at Kahawatta if the streams had been better cleared, and that if the water had drained through the new canal to the Girrewaij pattoe, it would have had its old course into the river of Matara, and then, apparently, little of the paddy crop in the Belligamkorle, Gangabaddepattoe, and the Baijgams would have succeeded, but would have been lost to flooding. Rebuttal: This post has not been answered nor rebutted. Resolution: Upon this, no resolution was made by the mandate. Article 20. Article 19. Complaint: That many parvenie sowing fields have been leased out for the Company, many accomodesan fields altered and the best thereof leased out, and in exchange bad sowing fields, which even in the best rainy season do not flourish, were given out, and that some obligatory services which were customary have been abolished. Decision: § 23. If the inhabitants of the Girrewaij pattoe have reason to complain about the taking away of their parvenie fields, they must report such to the Modliar Sirnekoon, who will then report thereon to the Lord Dessave, whereupon the complaints shall be further investigated and settled, while to the complaints of the accomodesans Article 17 serves as the answer. Rebuttal: That they will point out to the commissioners what was stated regarding the parvenie fields. Resolution: The new Lord Dessave is instructed to cause an investigation to be made by good commissioners into their complaints that many of their parvenie sowing fields have been leased out as accomodesan lands and others exchanged for bad ones, and further that some obligatory services which were customary have been abolished. After this investigation has been completed, equitable justice shall be done to you, and to each shall be allotted what rightfully belongs to him. Article 20. Article 21. Complaint: That in old times, 44 koernies were reckoned for an ammonam of paddy, and in addition 4 koernies for each ammonam overmeasure, to the benefit of the Lord Dessave, delivered into the Tangalle Warehouse; but that now the parrah is leveled to a height of one and a half to two inches above the iron placed upon the parrah, and in addition an overmeasure of a medied is taken. Decision: § 24. The complaint regarding the receipt of paddy in the Tangalle Warehouse shall be investigated with all accuracy and settled in the most equitable manner. Rebuttal: That this is very well, but that they request to know in what manner this will be settled. Resolution: The Vidanas, Mayorals, and the collective inhabitants of the Girrewaij pattoe complain under Article 5 of their general complaint that in old times it was customary that for an ammonam of paddy 44 koernies were reckoned, and in addition 4 koernies for each ammonam overmeasure, delivered into the Tangalle Warehouse to the benefit of the Lord Dessave, but that now the parrah is leveled one and a half to two inches higher than the iron lying on the parrah, and in addition an overmeasure of a mediet is taken. Such improper measurement shall not be permitted in the future.

Dutch transcription

Klagten. Beslissing wederlegging Besluijt: Aro 18 Art 18 Dat er een grooter 121. Nimmer zyn er De Ingezeetenen her„ De Heer Dessave zal plantagee ter lengste klagten bij den Heer haalen Dat zij bij een nazukeurg onder„ van een en half mij„ Dessave ingekoomen, aaen komst den voorts zoek laeten doen wee„ „len door 470 menschen dat van iemand eenig gekommitteerdens de „ke Landerijer van onder verstrekking stuk land is afgenoo„velden zullen aan too „ de Ingezeetenen en van de gewoone ma„„men en in skomp=s „ner, dee bij de plaata„ de plantagien inge„„ „inetemantos aange„ plantages te kolotte„ gie zyn engetrokken „ trokken zyn, en men zal aan de eijgenaaren legd is, waar aanreets of Elders eegetrokken voor deeze landerijen twee Jaeren gearbeyd zoo dit egter gescheed en zoo veel gronden egter nog geen voor„ is dan kunnen de weeder toevoegen, dat deel gebeeken is. Dat belanghebbende hien hun geheeele Iohaede in deeze plantagen nader melden als volkoomen vervoegd de shuijren en velden wanner hun goed den ingezeetenen die regt na behoolyke daar om streeks woor, onder zoek zal gewor„ nen en getrokken zyn, den. teer zoekende dat de nadeelen die door hun aan de Edele Komp=s zo wel als aan de in„ gezee te nen toegebragd is moogen nagegaen en daar over ge„ oordeld worden. Art 19 Nota dat men 900 koppen 4 22 De Doorgaving Deeze post is niet Hier op is bij de onder het genot van in de Morruukorle beantword nog weder Mandaat geen be manktementot en de ter bezorging van wae„ legd, sluijt gevallen. noodige gereedschappen ter door de spruijt van een door graeving en kattoene na Genwaij„ pattoe. de word. Nota Klagten, Beslissing wederlegging Besluijt de Morsuakorde Pirrewaij pattoe ter be„ gemakt is die schaen zaaijing van de vel„ de in Heede van rden gehoorende onder voordeel aangebragt de Rusthuijzen van heeft zijnde door Mara Radde een overstrooming van Ranne is alle zints waeter veel koorn een zeer nuttig werk in zee gespoeld en schoen er ook in het verlooren gevaste. Iorgste Jaar te veel Dat de Ingezatenen waeter in die Jirwags verzoek om kwijt gekoomen is weil de schelding van ele heele Dessavonije door pagt nelie die uijt de Extra ordinaire s Comp=s velden verloon veele en lang duurende „rin is geraakt niet regens det zelfde tot in aanmerking is heeft ondergaan waar gekommen en zig ge„ by nog boven dien noodzakt geweest aantemerken is dat zijn om dit op te bren, het water spoediger „gen hunne Landerijen te Kahaudawe mo„ in goedearen te verpanden, eleze in zee zoude dat nooijt te vooren afgeloopen zijn indien voor dat deeze door „ de spruijten beeter graving gedaan is waeren op geruimd een zoo groot verlies geweest en dat wan„ in de Pirrewaij pattoe neer het water dat door overstrooming door het nieum ka„ veroorzaekt is. „ nael na de Gireri is afgeloopen zijn zal ouden onder„ wel„ van „ n Beslissing Wederlegging Besluijt. Klagten quden loop in de revier van Mauture hadgehad en als dan, apperent wijnig van het nelie gewasch 1710 in de Belligamkorlé, Gangebadde pattoe en de Baijgams te regt gekoomen, maar het zelve door overtrooning zoude verlooren gegaan zijn Art: 20. Art: 19. Dat veele Parvenie 4 23. Indien er de Inge„ dat zij aan gekom„ Aan den nieuwen heer Zaaijvelden voor de zeeteren van de Girre„mitteerdens het opge„dessave is opgedraagen komp=s verpagt zijn. „ waij pattoe reeden heb„ „gevene wegens de om door goede gekom„ veele akkomode san„ ben van klaegen over„ parvenie velden ru„ mitteerdens te laeten,me onderzoeken, alieren velden veranderd en het afneemen hunner „ len aan wijzen klagten, dat veele de beste daar van parvenie velden zoo van Ullieden parvenii verpagt zijn, en daar moeten zy zulks aan Zaaijvelden in akko„ een teegen slegte zaag „ den Moeliaar Sirne„ modessan landen ver„ „velden die zelvs in; koon opgeeven die pagt en andere tegens de beste reegen tigd dan daar van rapport slegte verzuild zijn niet floreeren afge„ zal doen aan den Heer voorts dat eenige ver„ „geven zynd, en dat Vessase als wanneer plegte diensten die eenige verpligte dien „ de klagten naider gebrúijkelijk waeren „sten die gebruijkelijk zullen onderzogt en afgeschaft zijn. Na waeren afgeschaft afgedaan worden, dat dit onderzoek terwijl op de klag„ volbragt is, zal ulieden „ten der akko modes„ een billijke regt geschid „sans het 17 artikel „den aan een eder toe„ toe antword diend: „gedeeld worden wat hem van regts weegen toe kom die me zijn. Klagten Beslissing Wederlegging Besluijt Art: 20: — Art 21. —. De ridaans majo„ Dat in oude tyden voor § 24 De klagte over Dat dit zeer wel is een ammonam Nelie den ontvangst van de dog dat zy verzoeken raals en de gezament„ „lijke Ingezeetenen 44 Koerlies bereekend nelie in het Tangaels te moogen weeten en nog booven dien Pakhuijs zal met alle op welken wijze dit van de Gerwaij„ 4 zoeanies voor elk nauwkeurigheid onder zal afgemaakt wor„ opattoe beswaaren zich by het 5 art: hunnen Amm: overmaet, ten zogt en op de billijk„„den. generale klagt ola voordeele van den „ste wijze afgemaakt dat in oude tijden ge¬ Heer Dessare in het worden. „bruykelijk geweest is, Fangaals Pakhuijs dat voor een amm: re„ geleeverd zyn. maar „lie 44. koern: beree„ dat nu de parra ter kend en nog boven dien hoogte van anderhalf 4 koern voor elk a. twee duim boven amm:s overmaat, ten de gewoone hoogte voordeelen van den Heer afgestreeken en nog Dessare in het Tan„ boven dien een me„ gaals Pakhuijs gele¬ „died overmaat genoo„ „verd, zyn maar dat nu de parra ander half a: Twee duym hoogen dan het op de parra onleggende ijzer afgestreeken en nog boven dien een mediet overmaat genoomen wordt. Zulk eene onbehoor„ „lyke meeting zal in het vervolg niet meer „men. 8 toegelaeten heer gen 00 kn 8

NL-HaNA_1.04.02_3884_0830 view scan ↗

English

Complaints Rebuttal Decision must not be permitted, but the receipt of Nelis must take place with a proper level measure, and a mediet allowance for spillage on each double parra beyond what was determined of old ought not to be levied. Orders shall also be given that the Tangalle parras, coennies, and mediets be brought annually to Matara and properly checked and calibrated against standards; anyone who believes they have been wronged with a false or uncalibrated measure, or with an old measure or one calibrated some years prior, having the right to lodge a complaint directly about this with the Honorable Dessave, who, upon such a complaint, will administer justice according to the findings. Complaints Rebuttal Decision That in ancient times the Mayorals of the Giruwais, the people of the four bittes of the Etbandeneas, and the Chalias were exempt from the dues of the gardens, the tobacco, and the lewaya, and that their cattle were also not seized by the herdsmen; that these privileges are now held only by the Chalias and not the remaining peoples. This item has not been repeated by the inhabitants. Section 25. The delivery of cattle, buffaloes, and calves to authorized gentlemen and to passing commandos shall take place with as much economy as is feasible, and proper payment shall then be made to the owner against receipts, for which purpose the money can be received from the Company treasury by the headmen. Article 21. The supplies of cattle, buffaloes, and calves for authorized gentlemen and passing commandos shall take place with all possible economy; the Honorable Company also wishes to pay properly for these animals, for which purpose the headmen shall receive the money from the Company treasury and satisfy the owners of the said animals against receipts, which they must later show to the Dessave. Complaints Rebuttal Decision Article 22. That the elephant hunt in recent times has not taken place as before, and that this may be remedied; that the Etbandeneas, along with the Giruwais, Vidanes, Mayorals, etc., have had to endure many miseries. That, contrary to custom, the distribution of linen for the held elephant hunt has not taken place and may still be done, and that the Etbandeneas may perform no other duties than those of their obligation, and not be used for establishing plantations and other services as now occurs; that everyone from one family, even if it consists of 10 men, is seized, punished, and used for the aforementioned services. Section 26. Concerning the linen which the subordinates of the hunt masters say is due to them for some held elephant hunts, it serves to state that because no statement of account was provided, although orders to that effect were given by the first undersigned and the present Dessave, this could not be submitted to Colombo; however, the Hunt Master Tennekoon is now further instructed to provide a statement of account for it as soon as possible so that it can be sent to Colombo, whereupon the Most Noble, Right Honorable Lord Governor will give orders to give the Etbandeneas what is due to them. Article 22. That they have made the statements regarding the customary distribution of linen to the Etbandeneas, but the linens have not yet been distributed. Article 23. It shall be examined accurately which distributions of linen for the held elephant hunts have not yet taken place according to ancient custom, and these distributions shall still take place, and in the future shall also be done as has always been customary. Complaints Rebuttal Decision Article 23. That formerly 300 rixdollars annually were paid to the inhabitants belonging to the Gangaboda Pattu, Kandeboda Pattu, Katuwana, Udubokka, and Morawak Korale for the delivery of... Article 24. That concerning the cardamom delivery, the inhabitants of the Morawak Korale, who cannot deliver 10000 lb of cardamom and must pay more for the cardamom than the 4 [illegible] that the Company gives, request a promised fair settlement and a speedy resolution, we shall [illegible] to the Most Noble... The purchase and delivery of cardamom shall in future in all lands belonging under this Dessavony take place on the same footing as by the present Most Noble, Rigorous, Right Honorable Lord Governor Willem Jacob van de Graaff to the inhabitants...

Dutch transcription

Klagten Wederlegging Besluijt toegelaaten worden maar den ontv: van Nelis met een behoorlyk afge„ „streeken moet geschieden ende eene medit spil„ „lagie op ieder dubbelde parra boven het geen van ouds bepaald was niet behoeren opgebragt te worden ook zal order„ gesteld worden dat de Tangaelsche parras; koen„ „nies en medieden, Jaar„ lyks naar Mature ge„ „bragt en behoorlyk tegens slaepers gekonfrons„ „teerd en geeikt worden hebbende een ieder die vermeend met een vulschen of ongeeikte dan wel met eene ouden of eenige Jaeren bevoorens geeck¬ te maat veronge„ „lykt te zyn, het regt. zig daar over direcht by den E: Dessaren te beswaaren, die hem op zulk een klagt een goedregt na bevinding zal toedeelen Beslissing Klagten Beslissing Besluijt. Wederlegging Deze Post is door de in„ § 25 Het leveren van Dat in oude tijden koebeesten buffels en de Majoraals van de kalveren aan gequalifi„ Girrewaijs de volkeren ceerde heeren en aan„ van de vier bitmes kommandoos die van der Erbanderen en Chaliassen bevrijdgen eene na de andere weest zyn van de gee plaats marcheeren zal regtigheeden der Thuys zoo menageus geschieden gt „nen den Tabak en als doenlyk zij en dan de Lewaij en dat hun zal daar voor de betae„ „ne zoebeesten ook niet ling behoorlyk aan den door de veehoeders op eijgenaar tegens quitan„ gevat wierden, Dat deze „ ties moeten geschieden waar voorrechten thans alleen toe het geld uijt Comp: de Chaliassen en de over Kas door de hoofden kan rigen volkeren niet heb, ontvangen worden. Art 22 Art: 21 De leverantien van koe„ „veren voor gequalificeerden Heeren en passeerende Kommandos zal met alle mogelyken zuij„ „nigheid geschieden ook wil de Ed: komp: deeze beesten behoorlyk betaelen waar toe de hoofden het geld uijt s' Comp: kas zullen ont„ „vangen en de Eijgenaarn van ged:te beesten tee„ „gens quitanties die zij aan den Dessaren naderhand zullen moe„ „ten vertoonen voldoen. „gezeetenen niet herhaald. „ beeste buffelsen Kal„ Art: 22. Het zal naukeurig Art: 23 Dat zy de opgares Dat de Elephants 8 26 Nopens de Lywaeten wegens de gewoone ly„ onderzogt worden, welke Jagt de laasten reijzen - die de ondergeschikten niet gelyk te vooren is van Jaagmeesten zeggen, waatst verstrekking verstrekkingen van geschied en daar in moo hun toe te koomen voor aan de Elbandeneas lywaaten voor de ge„ „ge voorzien worden eenige gehoudene Elephents hebben gedaan egter houderen Elephants Jag„ dat de etbandeneas Jagten, dient dat wyl de Lywaeten nog niet„ ten nog niet, volgens „oud gebruijk geschied nevens de Gerwaijsen daar van geenen opgave verstrekt zyn. zyn, en deeze verstrekkin„ riedaans, Majoraals gedaan is, of schoon door „gen zullen als nog ge„ Etc: veele elenden de eerstgeteekende en den „schieden, en ook in dien hebben moeten onder„ presenten hee Dessare vervolgens gelyk altoos gebruykelijk geweest is gaan. Dat na geen daar toe order gegeeven woonts de verstrek, is zoo heeft zulks. gedaan worden. „king van lywaaten ook voor t E afge„ schieden ƒ „ elde er „ben „ ding maar Nota Klagten Beslissing Wederlegging Besluyt ook niet na Kolombo voor de gehoudene Elephants Jagt niet kannen voorgedraegen geschied is en nog mag worden, terwijl echter: worden gedaan en de als nu den Jaegmeester Etbandereas geen Tinnekoon nader gelast anderen dan hun„ „ne verpligting Diem word om daar van ten 8710 „isten eene opgaeven sten verrigten en met tot het aanleg„ te bezorgen ten eijnden „gen van planta„ dezelve na Kolombo kan worden gezonden „gien en anderen dien„ „ste moogen gebruijkt als wanneer den worden gelyk tans Wel Ed: Groot Achtb: geschied; dat allan Heer Gouverneur wel uijt een fammilje order zal stellen al bestaan ze uijt om aan de Eibandenes te geeven wat hun 10 mannen worden toekomt. opgevat gestraft en tot voormelde dien„ „sten gebruijkt. Art: 24. Dat zij aangaande De Inkoop en leveran„ De beswaarnis der Dat eertijds 300 Rd: Inwoonders van de Norrn: de kardamom leve„tie van kardamon s' Jaerlyks aan de „akorle dat zy geen rantie om de beloofden zal in den vervolge Inwoonders van de Bellegam korle 10000 lb kardamom billijke schikking en in alle landen onder Gangebadde pattoe, konnen leeveren, en dat eene spoedige afdoe deeze Dessaronij ge„ hoorende, op de zelve voet kandebadde Pattoe zy meerder voor de „ning verzoeken geschieden als door den kattoene oedoebokken hardamon moeten presenter wel Edelen betaalen dan vier ende Mornuakoe Gestr: Groot Achtb: Heer P ter: die de Komp: Gouverneur Willem Jacob le tot het leeveren van de Graeff geeft zullen wij aan by een, aan den. den Wel Edele van Art: 23 groot Ingezeetenen

NL-HaNA_1.04.02_3884_0833 view scan ↗

English

Decision Complaints Refutation Decision. Regarding the cardamom supplied, it was stated that this delivery has ceased for 30 years, except among the inhabitants of the Morrua Korle, who must produce 10,000 lb annually, in obtaining which they suffer much damage and loss and cannot make this good. Wherefore the said inhabitants of the Morruakorle request that an equitable arrangement may take place in this regard. To the Right Honourable Lord Governor and the Council it will be circumstantially and favourably submitted, as we are informed of the state of the matter, and we can in the meantime give sufficient assurance that regarding that delivery, as well as concerning the price and further grievances, a favourable and reasonable arrangement will be made. To the inhabitants of the Morruakorle a dispatched ola dated 2 June 1790 is favourably determined, namely for each pound that the inhabitants deliver, eight stivers will be stipulated for them, and no higher delivery will be imposed on them than according to the measure in which this product grows well or poorly, and which they can thus in fairness provide. The moneys that remain over from the funds advanced by the Honourable Company for the purchase of cardamom shall be accounted back to the Honourable Company without any agio, and not, as formerly, with 50 percent more than this remaining money amounts to; and to those who have already paid this agio, the same shall be returned from the Company treasury. Complaints Decision The following articles contain such complaints and requests of the inhabitants upon which either no disposition was made by the Commissioners Fretz and Samlant, or which came in after the issuance of their Honours' mandate ola of 28 May. Article 25. That in former times, according to an express determination, the garden dues were collected in proportion to the existing trees; that this collection is still made according to the same old determination, although in many places far fewer trees are to be found than the determination indicates; requesting therefore to make a favourable arrangement in this regard. Article 26. That the majorals, although they must bear many expenses on occurring occasions, nevertheless have had their anciently acquired divels taken away and farmed out; while the profits from the few divels they still possess are not sufficient even to be able to make the supply of bornien borrie and pepper. The complaints that the divels anciently acquired by majorals are farmed out, and that the profits from the divels they presently still possess are not sufficient, shall be properly investigated, and the majorals shall, according to the findings of the matter, be restored to their ancient rights. Article 25. Article 24. In the same manner as determined in article 13 regarding the areca gardens, a new description of the coconut gardens shall also be made, and thereafter the garden dues shall be collected. Continuation of the Mandate Ola of the Commander Pluijsken of 7 July Anno 1790. Article 27. Article 26. Complaints Decision Article 26. In the future, the Company services shall be so arranged that the Sinhalese, on their New Year's Day, receive the same freedom as was customary of old. Article 27. The request of the inhabitants of the Magampattoe to have no European head henceforth, like the Resident Brinkman, but rather to be permitted a Sinhalese head as before; I shall take into further consideration and also gladly grant the same if I find that the general welfare is promoted thereby. That it falls very oppressive and heavy upon them to be under a European head like the Resident Brinkman, having previously always had a Sinhalese head under whom they were able properly to perform their Company services. Article 29. That nowadays extraordinary deliveries of fish are taken for the table of the Dessave, and the fishermen of all seacoasts are forced to this delivery, which is contrary to the ancient customs. For the table of the Honourable Dessave, the delivery of fish, as was customary of old, shall only be made by the fishermen of Mature, Miresse, and Donduren, and no fishermen from other places shall be obliged to these deliveries. That when the Governor and other qualified persons travel in the country, the majorals, besides the ordinary pehindoers and adoekkoes, must supply other small pehindoers besides those beneath, from which they request to be excused in the future. In article 8 it has already been said that to the Dessaves traveling in the country no other supplies need to be made than what the regulation dictates and was customary of old; this likewise takes place when other high and lower qualified persons come into the country, pursuant to which you need not deliver to whomever it may be any extraordinary supplies beyond those due to them. Article 29. Article 28. Article 30. That previously they were always free from Company services on the Sinhalese New Year's Day, but that they now have had to work on that day as well. Article 28. Article 27. Article 31. Article 30.

Dutch transcription

Beslissing Klagten Wederlegging Besluyt. Van kandamom verstrekt Groot Achtb: heer wierd dat deeze leveran„ gouverneurs en den tie zedert 30 Jaeren Raad omstandig en heeft opgehouden uijt gunstig voordraegen „gezondert by de Inwoon„ weil wy van de zaeks „ders van de Morria, gesteldheid onderrigt „ Korle de s' Jaars 10000 zijn en wy kunnen in lb moeten opbrengen, middels genoegsaemen welke te bekoomen zy veel verzeekering geene dat schaede en verlies hebben omtrend die leverantie en dit niet goed kunnen zo wel als nopens maeken. verzoekende dies Prijs en verdere dus gemelde Inwoon, beswaarnis een gunstige „ders van de Monruakorle en redelyke schikking dat hier omtrend eene zal gemaakt worden billyke schikking moo„ „ge plaats vinden. Ingezeeteren van de Morruakorle afgezon„ den ola ged: 2 Junij 1790 gunstelyk bepaald is, Naementlyk voor ieder pond dat de Ingezeeten leeveren zal hun agt stver: bepaald worden en hun zal geen hooge„ leverantie worden op„ „gelegd dan na mate dat dit product wel of kwalijk groeijt, en zij dus met billykheijd konnen bezorgen. De penningen die van het geld, dat door de Ed: Comp: tot den inkoop van kardamom verschoo„ „ten word, overschieten zullen aan de Edele komp: zonder eenige op„ geld te rug verandwoord worden, en niet gelijk eertijds met 50 PCt. meerder dan dit over„ Schietende geld bedraegd, en zal aan de geenen„ die dit opgeld reeds betaald hebben het zelven uijt s'komp: kas terug gegeeven worden er Klagten Besluijt De volgende Antikels behelzen zoo„ daenige klagten en verzoeken der Ingezeetenen waar op of door de heeren Commissarissen Fretz: en Samlant niet gedisponneerd is, of die na het uijtvaardigen van hun wel Edele Man„ „daat ola van den 28. Maij ingekoomen zijn Vert: 25. Dat in vroegere tyden na eene expressen bepaaling de thuijns geregtigheeden ingevorderd wierden, na maate der inwee„ „zen zijnde boomen; Dat in deeze invor„ „dering nog na dezelven oude bepaeling gedaan word, schoon en op veele plaatsen veel minder boomen te vinden zijn dan de pepaaling aanduyd, verzoekende dien halven hier omtrent eene gunstigen Schikking te maeken Art: 26. Dat de Majonaals Schoon zij by voor „vallende geleegendheeden veele kosten moeten draegen egter hunne van ouds verkreegen Diwals afgenoomen en verpligt zyn; terwyl de voordeelen van de wijnige diwels die zy nog bezitten niet toerykende zyn zelvs. de verstrekking van bornien borrie en Peper te kunnen doen De klagten dat de door majoraals van ouds verkreegenen Diewels verpagt worden, en de voordeelen van de diwels die zij thans nog bezitten niet toerykend zyn zal na behooren onderzogt ende majoraals na bevinding van zaeken in hunne oude rechten hersteld worden Art: 25 Art: 24: In gelyken voegen als by artikel 13 omtrend de arreeks thuynen bepaald is, zal ook van de kokus Thuynen eene nieuwen beschreyving gedaan en daar na de thuyns geregtigheeden in„ gevordert worden. Vervolg der Mandaat Ola van den Heer Comman¬ deur Pluijsken van den 7 Julij A:o 1790. Art: 27. Nrt. 26. Klagten Besluijt Art: 26:— In het vervolg zullen de Comparies diensten zoodanig geschikt worden dat de singalee„ zen op hunne nieuwen Jaars dag, gelyke vryheijd krijgen als dat van ouds gebruij„ „kelijk was. Art: 27 Het vertrek der Ingezeetenen van de Ma„ Dat het hun zeer drukkelyk en zwaar valt onder een Europeese Hoofd gelyk gampattoe om voortaan geen Europeesche de Resident Brinkman te staan, heb„ Hoofd, gelyk den Resident Brinkman, maar „bende van ten vooren altijd een singalees wel gelyk te vooren een singalees hoofd te Hoofd gehad waar onder zij hunnen 's Comp: moogen hebben; zal ik nader in overweeging Diensten behoorlyk hebben kunnen ver„neemen en het zelve ook gaarne toestaan in„ „dien ik bevinden dat het algemeen welzyn „rigten. hier door bevordert wordt. Art: 29 Dat tegenswoordig buijten gewoone leven Voor de Tavel van de E: Dessave zal de „ranties van Visch voor de tavel van de heer leverantie van visch, gelyk van ouds ge„ bruykelijk was, alleen door de visschers van Dessave genoomen, en de visschs van alle Mature Miresse en Donduren moeten gedaan zee haarens tot deeze leverantie gedwongen worden, en geene vissers van andere plaat„ word het welk strydig is met de ouden „sen. tot deeze leverantien verpligt worden: gewoonten. Dat wanneer de heer Gouverneur en an„ „dere gequalificeerden Perzoonen in het Land ryzen dat aan de Magoraals buijten de gewoonen Pehindoers en Adoekkoes nog andere klynen pekendoers buijten de onder moeten verstrekken waar van zy verzoe„ ken in den aanstaande verschoond te worden. Bij art: 8 is reeds gezegd dat aan de heer Desjaren in het land rijzenden geene andere verstrekkinge behoeven gedaan te worden dan het reglement dicteerd en van ouds ge„ bruijkelyk was; dit vind ook in gelyker voegen plaats wanneer andere hooge en minderen gequalificeerden perzoonen in het Land koomen behoeven uwlieden ingevolgen van dien aan wien het ook zy geene buyten gewoone verstrekkingen aan die hun Kompe„ „teeren op te brengen. Art: 29 Art 28. Art: 30 Dat zy te vooren altoos op de singa„ leezen nieuwen Jaars dag vrij van s' Comp: diensten geweest zijn dog dat zij nu ook op dien dag hebben moeten werken. Art: 28:— ant: 27 Ent: 31 Art 30:— an„ en als er pagt n ken worden

NL-HaNA_1.04.02_3884_0836 view scan ↗

English

Grievances Decision Article 31 That upon the arrival and stay of the Governor or the Commander from Galle at Mature, the Majoraals are obliged to provide the Pehiandoes to the entourage of the same, which provision was previously and according to ancient custom done by the chiefs; requesting therefore that this may also take place in the future. Article 32 That from ancient times the village riedaans, on the size of one amunam sowing, have enjoyed four koernis of nelij under the name of risdaan wie, which custom has since been abolished; requesting that this may be restored again on the former footing. Article 33 That the Majoraals of the Korles and pattoes and the washermen of Rade badden are taken to press coconut oil for the Company, which in ancient times was only done by the people residing within the Matara Four Gravets; requesting that these ancient customs may be reintroduced. Article 34 The oil pressing for the Honorable Company under the mohandiram and supervision of the four gravets shall henceforth, according to ancient custom, only be done by the people upon whom this obligation rests, and who serve under the said Mohandiram. Article 32 Because the delivery of the riedaens wie in the Giriwais and the other districts of this Disavany does not occur proportionally, an investigation regarding this shall be conducted by the Honorable Disava and Commissioners, assisted by four Mudaliyars, and the ancient customs concerning this shall be re-established. Article 31 The new Disava shall investigate your proposal that the chiefs, upon the arrival of the Governor and the Commander at Mature, may provide the pehiandoes to the entourage of the same as is customary from of old, and His Honor shall determine and establish this provision according to ancient custom. Grievances Decision Article 35 That it has been demanded that the kekkoelans or dry lands must be sown just like the mud lands, which is very detrimental, as these two different soils are each of a distinct nature and thus cannot be treated in one and the same manner; requesting therefore to be allowed to work in this respect according to the nature of the soils following ancient custom. Article 36 That the redaans and Majoraals of the villages have always sown the Mottets and Mallapalle fields situated in the country for hiewelande or sower's share, and after deducting the winnowing, the reaper's wage, and the parvenie share of the Honorable Company, have taken the remainder for themselves; but that currently the chiefs of the korles and pattoes have this work performed for their own benefit; requesting that this may again occur as before and that the Company's share may be accounted for by the vidaans and Majoraals themselves. Article 34 The Mottets and Mallepallas fields shall, according to ancient custom, be sown by the vidaans and Majoraals of the villages to which those fields belong for the hiewelande or sower's share, and after deducting the winnowing, the reaper's wage, and the Company's share or ande, the remainder shall be taken by them. Article 33 Your grievance that you are obliged to sow the kekkoelans or dry lands like the mud lands has already been answered here before in the third article, wherein it is determined that the tilling and sowing of the fields must occur at the most suitable and proper times, which determination then also applies to the kekkoelans according to ancient custom. Grievances Decision Article 36 That when the inhabitants sow their parvenie ande fields, the custom also entails that after deducting the winnowing and the reaper's wage, the remainder was divided into two parts, one part being accounted for to the Company and the second part being enjoyed by them; but that currently at best they only obtain the seed corn from these fields; requesting that this may again be restored on the old footing or that half of the fields may be allotted to them. Article 37 That the renters of the ottoe fields commit much injustice and do not collect the one-tenth tithe as is ordained in the lease conditions; wherefore the inhabitants request that the harvested crop may be divided unthreshed into ten parts, of which one part may be taken by the renter, and the renter must have this threshed at his own expense; but that in case the renter must enjoy his share after the crop has already been threshed, he may then also pay the threshing wage to the owners of the fields. Article 37 The renters of the fields that yield the ottoe tithe to the Honorable Company shall in the future—and this shall be clearly specified in the lease conditions—be permitted to take a portion from the crop that, after being gathered, is divided unthreshed into ten equal parts; whereupon this 1/10 part shall have to be accounted for and delivered to the renter by the sowers in clean grain. But, on the other hand, when the renter assesses the crop too high and it is left to him by the native, the renter shall pay the threshing wage for the entire crop and shall account for and deliver to the sower his 3/10 share. Article 35 The cultivators of the parvenie ande fields shall, according to ancient custom, first draw for themselves from the crop coming therefrom the seed corn, the winnowing, and the reaper's wage, and then dividing the remainder into two parts, account for one part to the Honorable Company.

Dutch transcription

Klagten Besluit Art 31:— Dat by de aankomst en verblijf van den Heer Gouverneur of de heer kommandeur ren Gale te Maturen de Majoraals verpligt worden de Pehiandoes aan hoog derzelve gevolg te verstrekken, welke verstrekking te vooren en volgens oud gebruijk door 6717 verzoekende de hoofden gedaan Dierhalven, dat in den vervolg ook moo„ „ge plaats vinden. Art 32: op de grooten van een ammonam zaeijens vier koernis nelij onder de naam van risdaan wie, genooten hebben, welke gebruijk zedert is afgeschaft verzoe„ =kende dat dit weder op den ouden voet mag hersteld worden. Dat de Majoraals van de Korles en pattoes en de wassers van Rade badden genoomen worden om kokus olie voor de komp: te persen. het welk in ouden tyden alleen door de volkeren binnen de Matersche vier Gravetten woonagtig gedaan wierd, verzoekende dat deze oude Usantien weder mogen ingevoerd worden. Art: 34 Art: 33:— Het olie persen voor de Ed: Comp„e on„ =der den mohandiram en opzigten der vier gravetten zal na volgens oud gebruyk voortaan alleen gedaan worden door de volkeren waar op deeze verpligting legd, en die onder gemelde Mohandiram Porteeren Art: 32:— Art: 31 in de Giriwais ende overige distrikten deezen Dessaronij niet evenreedig geschied„ zoo zal dien aangaande door de E: dessaren en Commissarissen geassisteerd van vier Modliaers onderzoek gedaan en hier omtrend weeder de ouden gewoonten vast gesteld worden. Dat de dorps riedaans van ouden tyden af Dewyl het opbrenger van de riedaenen wis Art: 33 De Nieuwen heer Dessaven zal Ulieden voor„ stel dat de hoofden by aankomst van den Heer Gouverneur en den Leer Com„ =mandeur te maturen de pekindoes aan het gevolg van hoog dezelve moogen verstrek„ „ken als van ouds gebruykelyk zynde, onderzoeken, en zyn Edele zal deeze ver„ stretking na het al oud gebruijk bepaelen en vast stellen. 30 Klagten Besluijt. Art: 35. Dat men begeerd heeft dat de kek„ koelans of drooge gronden bezaaijd moeten worden; even gelijk de modder„ gronden, het welk zeer nadeelig is, alzoo deeze twee verschillende gron„ „den elk van een bijzondere aard zijn, en dus niet op een en dezelve wijze kunnen behandeld worden, verzoe„ „kend dierhalven, hier omtrent na den aard der gronden volgens oud gebruijk te moogen werken. Art: 85. Dat de redaans en Majoraals van de Dorpen, alteid de in het Land gelee„ „gene Mottels en Mallapalle vel„ „den; alteid voor hiewelande of Zaaijers aandeel hebben bezaaijd, en na aftrek van de wannigheid, het Maaijers loon en het parvenie aandeel van de Edele komp: het over„ „schietende hebben na zig genoomen, maar dat teegenwoordig de hoofden der korles en pattoes dit werk tot hun voordeel laaten verrigten, verzoekende dat dit weeder ge„ „lijk te vooren mag geschieden en door de vidaans en Majo„ „raals zelve 'skomp„s aandeel mag verantwoord worden. De Mottets en Mallepallas velden zullen na volgens oude gewoonte door de vidaans en Majoraals van de Dorpen daar die velden onder ge„ hooren voor tie welande off zaaijers aandeel bezaaijd, en na aftrek van de Wannigheid, het Maaijers Loon en 's komp:s aan deel of ande het overige door hun na zig genoomen worden, Art: 34. Art: 33. Ulieder klagte dat ulieden verpligt worden de kekkoelans af drooge gronden gelijk de modder gronden te moeten bezaijen is reeds hier vooren bij het derde Artikel beandwoord, alwaar be„ „paald is, dat het arbeijden en bezaaij„ „en der velder op de geschikte en bekwaar„ ste tijden moet geschieden, welke bepaa„ „ling dan ook omtrent de kekkoelans volgens oud gebruijk Plaats vind Art: 34. Art: 36. 13 e ers der n„ de en Klagten Art: 36. Besluijt Dat wanneer de Jngezeetenen hunne parvenie ande velden bezaeijen, het gebruijk meede brengt dat na aftrek van de wannigheid en het Maaijers zoon, het overschietende, in twee deelen verdeeld, het eene deel aan de komp„e verantwoord en het tweede deel door Hun genooten wierd, maar dat ze teegenwoor„ „dig op zijn best het zaadkoorn alleen van deeze velden bekoomen verzoekende, dat dit weeder op den ouden voet moogen hersteld of hun de helfte der velden toegedeeld worden. Dat de Pagters van de ottoe velden veel onregt pleegen, en de een tiende Gerechtigheid niet zodanig als bij de Pagt konditie geordonneerd is heffen waarom de Jngezeetenen verzoeken dat het ingeorgste ge„ „was ongedorst in tien deelen mag verdeeld daar van een gedeel„ „te door den Pagter na zig genoo„ men worden en de Pagter dit voor zijn eijge Reekenink moet laaten dorschen, dog dat bij aldien de pag„ „ter zijn aandeel moet genieten na dat het gewas reeds gedorscht is, hij als dan ook het dorsch zoon aan de eijgenaaren der velden moo„ „gen voldoen. Art: 37. De Pagters van de velden die ottoe gerechtigheid aan de Ed: komp: opbrengen zullen in den vervolges: en dit zal bij de pagt Conditie duijdelijk gespecificeerd worden/ van het gewas dat, na dat het ingevoegt is, ongedorscht in tien gelijke deelen verdeeld word een gedeelte daar van moogen na zig neemen; wanneer deeze 1/10 gedeelte door de Zaaijers aan den Pagter in zuijver koorn zal moeten ver„ „antwoord en afgegeeven worden. Edog daar en teegen wanneer de pagter het gewas te hoog taxeerd en zulks door den Jnlander aan hem word overgelaaten zal de pagter het Dorschloon voor het geheele ge„ wasch betaalen en aan der zaaijers zijn 3/10 gedeelte verantwoorden en leeveren. Art: 35. De baarbijders der Parvenie ande velden zullen van het daar van koomende gewas„ volgens oud ge„ „bruijk het zaadkoorn de Wan„ „nigheid en het Maaijers zoon voor affproegen na zig trekken, en dan het overschietende in twee deelen verdeelende, het een gedeel„ „te aan de Ed: komp„e verantwoorden, A: vt: 38 Art: 37. Art: 36. ƒ

NL-HaNA_1.04.02_3884_0839 view scan ↗

English

Complaints Resolution Art: 38. That presently according to the order, the inhabitants must first submit their complaints to the village chiefs, from where, provided with proof of how the matter was settled, they can pursue their cases further; yet such proofs are framed in favor of those who are favored by the village chiefs, and that whenever the complainant pursues his case further, one commonly relies on the first settlement and no further investigation is conducted; furthermore, that when the complainant brings his case before the Lord Dessave, if he is not provided with such written proof, it is dismissed out of hand, whereby cases remain unsettled even for several years; requesting therefore that the doors of the courts of justice may be open to everyone and that they be given the required hearing and justice. Art: 37. The order that the inhabitants must submit their complaints to the village chiefs to be settled there, and must obtain a proof from these chiefs showing what ruling was made in order to pursue their complaints further if not satisfied, was only issued under the assumption that this would help complainants obtain speedy justice without being obliged to seek this justice far from their residential villages. Since this method is now not pleasing to you, and you declare to be oppressed by it, you are hereby granted the liberty to submit your complaint cases to the prominent chiefs placed over you, and finding yourselves aggrieved with your ruling, you must demand a proof of settlement from the same, which shall be delivered to you two days after the investigation is concluded; and whether this happens or not, you may address yourselves with or without that proof to the Lord Dessave and the Honorable Landraad, who will hear everyone and dispense equitable justice to them. Art: 39. That upon the relief of the guard posts at Belligam, Gandure, and Tangarle, the arraatjes, kangans, and lascorijns are required to appear before the postholder with some presents of rice, butter, fowls, and fruit, and that these lascorijns are forced by the postholder to perform his private work; requesting therefore that the postholders may have no authority over these guard posts, and that they be forbidden to use them in any services. Art: 38. The lascorijns standing guard at Belligam, Gandure, and Tangale, along with their kangans and arraatjes, are only placed under the postholder insofar as the Company's administration concerning the postal service is concerned. The said postholders are thus strictly forbidden anew from employing the lascorijns on guard for any other work, whether for themselves or for others. Furthermore, no gifts or appearances whatsoever need to be made before these postholders. Art: 40. That the Moors who lease the accomodessan fields of the modliaars, mohandirams, and lascorijns show much disrespect to the inhabitants, and therefore this leasing may in the future no longer be permitted to any Moors. Art: 39. The accomodessan or maintenance villages and lands of the modliaars, mohandirams, arraatjes, kangans, and lascorijns shall henceforth be leased out publicly under the authority of the modliaars and chiefs of the pattuwas under whom the said lascorijns and their minor chiefs belong, and indeed to their best advantage to whomever they please, provided that a Sinhalese shall always retain preference over a Moor if he is willing to pay as much for it as the Moor has offered; yet if the lease is not outbid from the latter and he retains it, he must ensure that he does not trouble the plowers and sowers of the fields with any impertinences, on pain of being exemplarily punished by the Honorable Dessave upon the complaint of the said sowers, according to findings. Art: 40. The modliaars, mohandirams, and arraatjes shall nevertheless keep the accomodessans for their maintenance lands. Art: 41. That to the lascorijns who have some villages and lands

Dutch transcription

Klagzen Besluijt Art: 38. Dat teegenwoordig na volgens de order de Jngezeetenen haere klagte in de eerste plaats bij de Dorps hoofden moeten inbrengen, alwaarse voorzien van een bewijs hoedaanig de zaak afgemaakt is hunne zaaken verder kunnen pousseeren, dog dat diergelij„ „ke bewijzen ingerigt worden ten fa„ „veure van de geene die de Dorps hoofden gunstig zijn en dat wanneer de klaager zijn zaak verder pousseerd men gemeenlijk bij de eerste afdoe„ ning berust en geen verder onderzoek gedaan word. voorts dat, wanneer de klaager zijn zaak bij den Heer Dessave voordraagt dezelve zoo hij niet van een diergelijk schriftelijk bewijs voorzien is, van de hand ge„ „weezen word waar door de zaake zelfs eenige Jaaren onafgedaan blijven, verzoekende dierhalven dat de deuren der regtplaatsen voor een jeder moogen open zijn en Hun het verpligt gehooren regt gegeeven worden. Dat bij het aflossen der Laste:te wragt Posten te Belligam, Gandure en Tangarle de arraatjes, kangans en Laskorijns gehouden zijn voor den posthouder met eenige presenten van Rijst, boter, hoenders en vrug„ „ten te paresseeren, en dat deese Arz: 39. Arl: 37. De onder dat de ingezeeten en hunne klagter bij de Dorps hoofden moeten inbrengen om aldaar afgedaan te wor„ „den en zig bij deeze hoofden een bewijs moeten laaten geeven hoedaanig de uijt„ „spraak geschied is, ten Eijnde, niet voldaan zijnde, hunne klagten verder te pousseeren, is alleen in de ver„ onderstelling gegeeven om hier door de klaegers aan een spoedig regt te helpen zonder dat zij verpligt be„ hoeven te zijn, dit regt verzie van hunne woondorpen te gaan zoeken wijl ulieden nu deeze wijze niet aan staat en Gijlieden betuijgt daar door gedrukt te zijn zoo word ulieden bij deeze vrijheid gegeeven om bij de over ulieden gestelde voornaame hoof„ „den euwe klagt zaaken in te brengen, en met uwe uijtspraak uw beswaard vindende moet geschieden van dezelver een bewijs van afdoening vorderen het welk ulieden twee daegen na gedaan onderzoek zal bezongd worden, en of dit geschied of niet moogen ulieden met of zonder dat bewijs zig bij den Heer Dessave en den Eerw: landraad ad„ „dresseeren die elk een aanhooren en Htem een billijk regt toedeelen zullen. Art: 38. De te Belligam, Gandure en Jangale wagthebbende Lascorijns en hunne kangaens, en avaatjes zijn alleen onder den Posthouder gesteld in zoo verre 's komp„s bestelling, betref„ fende der post dienst, aangaat, Laskorijns gedagten der ter 7. Klagten 9 Besluijt Laskorijns door de Posthouder tot het vererigten van zijn partiku„ „liere werk gedwongen word, verzoekende dierhalven dat de Posthouders geen Gezag overdee„ „ze wagt Posten moogen hebben, en hun verbooden worde de zelve in„ „ 2517 eenige diensten te moogen gebruij„ „ken. Dat de Mooren die de akkomodes„ „sans velden der Modliaars Mo„ „handirams en Laskorijns in pagt hebben veel minagtingen aan de ingezeetenen toe brengen, en daarom deeze verpagting in den vervolge niet meer aan ee„ „nige Mooren moogen toegestaan worden. Art: 40. Art: 39. De akkomodessan of onderhouds- dor„ „pen en landen van de Modliaars, Mohandirams, Arraatjes, kangaars en Lasc„s zullen onder het Gezag van de Modliaars en hoofden der pattoes waar onder gem: Laskorijns en hunne mindere hoofden sorteeren, voortaan pupliek verhuurd worden en wel ten meesten voordeele van dezelven aan wier het hun behaagd, mits dat een singalees altoos de preverentie voor een moor zal behouden indien hij daar„ voor even zo veel wil geeven, als den moorman er voor heeft gebooden; dog in de huur den laesten niet word afge„ dongen en hij die blijft behouden zal hij moeten zorg draagen dat hij de ploeijers en bezaaijers der velden met geene impertenentsies koma te kwel„ „len op peene van daar over op de klagte der gem: bezaijers door den E: Duyssave na bevinding voorbeeldelijk gestraft te zullen worden. Art: 90. zullende nogtans de Modliaars Mohan„ „dirams en araatjes, de akkomo dessans tot hunne onderhouds Landen hebben Dat aan de Lascorijns die eenige Darpen Arz: 41. Gedagten Posthouders is dus op het nieuw ernstig verbooden om de wagt hebbende Lascorijns tot eenig ander werk, het zij voor hun of anderen te moogen emploijeeren. voorts behoeven aan deeze Posthouders hoegenaamd geene geschenken nog Pa„ „ressen gedaan te worden. veel Landen 3

NL-HaNA_1.04.02_3884_0841 view scan ↗

English

Complaints. Decision. much damage is caused by the chiefs and also by the Renters in these Lands, requesting therefore that said fields may be rented out in the presence of the chiefs of the Lascorins and of the Vidanes and Mayorals to the highest bidders, excluding Moors, and that the paddy rent be collected by the Aratchies and Cangaans, and each Lascorin be allotted his share; furthermore, that the Chiefs be prevented from acting arbitrarily with the Accommodessan fields of the Lascorins; Art: 41. Your request that none other than Persons who deserve such on account of their competence and birth may be appointed to offices, and no such Persons who do not possess these qualities, is very reasonable, and therefore a good rule shall also be followed in this matter in the future. The Chiefs shall not, under whatever pretext, be permitted to take over the Lands of the Lascorins on lease, but the said Lascorins themselves shall be free to rent them out publicly and in a proper manner and to receive their share of the rents themselves; and the Modliars, under whom they are assigned, must do them justice whenever they complain that the renters attempt to prejudice them in the payment of each one's share. Art: 42. That formerly the offices were conferred upon the Wellalas according to each person's station, but that at present the offices are conferred upon everyone indiscriminately, even though they are not decent people, and upon favorites of the rulers and Chiefs, which has the consequence that people of good birth must endure the contempt of base People, requesting therefore that in the future the offices may be given to People who are worthy of them. Art: 42. As overseer of the Timber Yard at Mature, in accordance with your request, and as was the case some Years ago, someone from the Wellalas caste shall be appointed over the various workmen of the Complaints. Decision. Art: 43. That the Master Overseer of the carpentry workshop at Mature is of the silversmiths' caste and thus, being of low caste, holds sway over the Wellalas caste, whereby the latter suffer much dishonor, requesting therefore that a good arrangement be made in this regard and that no Wellalas may be placed under People of lower descent. Art: 43. No one, whomever he may be, shall be permitted to assume any mark of distinction that does not belong to him, and thus no one shall be permitted to use Talipots or have himself carried in palanquins if he is not entitled thereto by his station and birth. Art: 44. That no one of the silversmiths' caste has had any right to use Talipots or Palanquins, which however is now done by the Mohandirams of that caste, even before the eyes of respectable Wellalas, requesting that this may be restored to the old footing. Art: 44. You complain that the chiefs impose improper Services upon some inhabitants and that even slaves have been appointed to oversee your work as cangaans or overseers for their Masters; furthermore, that these bondmen have treated some inhabitants with contempt and even with chastisements and blows on the back. This manner of treatment is by no means in accordance with the intention of the Illustrious Company and shall be remedied. Thus, by this Mandate, the chiefs and all those who find themselves in a similar authority are most earnestly ordered to show their subordinates the required Honor and kindness, and to give no precedence whatsoever to their bondmen and slaves over free-born people, much less to permit these Slaves to exercise any authority over them. Art: 45. That while it is reasonable that the Modliars, Mohandirams, Aratchies, Cangaans, and Lascorins must be honored in their qualities, this ought also to be done by superiors to the lesser Inhabitants, and not as at present, where even respectable inhabitants are treated with contempt by the slaves of the chiefs, whom they appoint as overseers over them and who impose improper services upon them. Art: 45. To the planters of cinnamon, areca, and pepper gardens for the Account of the Honorable Company, the customary payment shall henceforth be made, as was customary of old, when the cinnamon, areca, and Pepper from these gardens are delivered, and what is reasonably due to them shall not be withheld. Whoever believes he has any grievance in this regard may immediately address himself to the Honorable Dessave, who will procure him his Money according to equity. Art: 46. That to those who plant the Company's cinnamon, Areca, and Pepper gardens and gather the products, payment is not made for these products as before. Art: 46.

Dutch transcription

Klagten. Besluijt veel schaade word toegebragt door de hoofden en ook door de Pagters in deeze Landen verzoekende dier„ halven dat gedagte velden in tee„ „genwoordigheid van de hoofden der Laskorijns en van de viedaans en Majoraals aan de meest bieden„ „den uijt gezondert aan mooren moogen verpagt en door de avaatjes en kangaens de Pagt nelie inge vorderd, en aan ider der Lassa„ zijn aandeel toegedeeld worden. voorts dat de Hoofden belet wor„ den niet willekeurig met de akkomodessans velden der Last te kunnen handelen; Art: 42. Dat eertijds de bedieningen aan de Wellales na ieders staat wierden opgedraagen dog dat teegenwoor„ dig de bedieningen aan elk en een jeder schoon het geen fatzoen„ „lijke luijden zijn en aan gunsti„ „ger van de gebieders en Hoofden worden opgedraagen, het welk een gevolge heeft, dat menschen van goede geboorte de minagting van slegte Luijden moeten onder gaan, verzoekende dier halven dat in den vervolge de bedie„ „ningen mogen gegeeven worden aan Luijden die ze waardig zijn. Art: 41. Uwlieden verzoeken dat geen andere dan Lieden die weegens hunne bekwaamheeden en geboor„ „te zulks verdienen, in bedie„ „ning gesteld mogen worden, en geene zulke Lieden die deeze eijgenschappen niet hebben, in zeer billijk, en daarom zal hier in ook in den aanstaande een goede regel opgevolgd worden. Landen der Laskorijns onder wat pretext ook, niet in huur moogen overneemen, maar het zal gemelde Laskorijns zelve vrijstaan dezel„ ve pupliek en op behoorlijke wijze te verhuuren en hun aandeel van huurdens zelve te ontvange; en moeten de Modliaars, onder de„ welke zij bescheijden zijn, hun regt doen, wanneer zij hun be„ klaagen dat de huurders hun in de voldoening van elks aan„ „deel kragten te benaadeelen. Avt: 43. Art: 42. klagten Besluijt Dat de Baas te Mature op ziender van de timmerwinkel van het zilversmeeder geslagt en dus van laage kasten zijnde over Wellales geslagt het Giasagaroerd, waar door de laasten veele oneere ondergaan, verzoekende dierhal„ „ven dat hier in een goede schik„ „king gemaakt en geene wellales onder Menschen van minder af„ komst mogen gesteld worden. Art: 44. Dat niemand van het zilver smids geslagt eenig regt gehad heeft om Talpatten nog Palenkeins te moogen gebruijken het welk egter nu door de Mohanderams van dat geslagt zelvs onder het oog van fatzoerlijke Wellales ge„ „schied, verzoekende dat dit weeder op den ouden voet mag gebragt worden. Art 45. Dat wijl het billijk is dat de Modliaars, mohandirams, arraatjes, kangaans en Lasko„ „rijns in hunne kwaliteiten moeten geeard worden dit ook aan de mindere Jngezeetenen Art: 44. Uw lieden beklaagen zig dat de hoofden aan eenige ingezeetenen onbehoorlijke Diensten opleggen en dat zelfs slaaven gesteld zijn om als kangaans of opzig tens„ over uwlieden het werk hunner Art: 43. Niemand wij hij ook zij zal zig eenig een bewijs mogen toeeijge„ „nen dat hem niet toekomt, en dus zal ook niemand zig van Galpatten t moogen bedienen of zig in palenkeins laaten draa„ „gen zoo hy niet door zijn staat en geboorte daar toe gewettigd is: Tot opziender van de Timmerwerf te Mature zal navolgens uw lieder verzoek, en gelijk voor ee„ nige Jaaren, iemand uijt het Wel„ verscheide werke lieden van het „lales geslagt benoemd worden„ Art: 42. Art: 43. door Heeren Klagten Besluijt Art 46. door de meerdere diend te ge„ schieden en niet gelijk thans dat zelfs goede ingezeetenen door de slaeven der hoofden die zij als op„ „zigters over hun stellen en hun„ onbehoorlijke diensten opleggen met minagting behandeld wor„ den. Heeren te laaten verrigten, voorts dat deeze lijfeijgener eenige ingezee„ „tenen met minagting en zelfs met kastijdingen en slaagen op den rug behandeld hebben, deeze weize van behandelen is geen zints met de in„ „tentie: der Doorluchtige Companie over eenstemmende en zal daar in voorzien worden, wordende dus bij deeze Mandaat de hoofden en alle de geene die zig in een diergelijken aanzien bevinden op het ernstigsten aan bevoolen aan hunne ondergeschik„ „ten de verpligte Eere en vriendelijk„ „heid te bewijzen, en geen voorrang hoegenaamd aan hunne lijfeijgenen en slaeven over vrij geboorne menschen te geeven, nog minder, aan deeze Harven toetelaaten eenig gezag over dezelve te mogen eeffenen. Art: 45. Aan de aanplanters van kaneel arreek in peepertuinen, voor Reek: van DE: komp: zal voortaan ge„ „lijk van ouds gebruijkelijk was, wanneer de kaneel, arreek en Pee„ „per uijt deeze thuin geleeverd word, de gewoone betaaling geschieden, en het hun billijk toekoomende niet onthouden worden, Den geenen die hier omtrent eenig bezwaar meend te heb„ „ben, kan zig onmiddelijk bij DE: Dessave vervoegen die hem na billigheid zijn Geld bezorgen zal: Dat aan de geene die 'skomp:s kaneel Arreek en Peeper thuijnen aan„ planten en de produkten in„ zaamelen voor deeze praedukten niet gelijk te vooren betaaling geschied: Art: 46. van is

NL-HaNA_1.04.02_3884_0844 view scan ↗

English

Complaints Resolution Article 47. That the Majorals are obliged to provide behindoens and Adoekoos to the cinnamon peelers and their Headmen who enjoy maintenementos, which ought to be abolished. Article 46. Since, as has already been stipulated in Articles 8, 16, 29, and 30, no provisions shall be made to anyone other than those due to him according to his rank and ancient custom, this also applies to the cinnamon peelers and their headmen who receive maintenementos, and the Majorals do not need to provide Addoekos or pehindoens to such chalias. Article 47. The complaints of the Majorals that they must deliver a certain number of skeins of hemp ropes for packing the gifts for the court of Kandy, and that this delivery was formerly made by the fishers and Kinnerayas, with a request that this may be restored to the former footing, shall be investigated by Commissioners and an equitable arrangement shall be made therein. Article 48. The illustrious Company, which gladly wishes to accommodate its good subjects and inhabitants, hereby grants your request that the newly introduced bridge and bazaar or market leases, which did not exist formerly, be revoked, as they are revoked hereby, and such new leases shall no longer occur. Article 49. That besides the old bridge and bazaar leases, some new and oppressive bazaar and bridge leases have been introduced, which they request for God's sake may be abolished again. Article 48. That formerly the fishers and Kinnerayas had to deliver the hemp ropes for packing the gifts for the court of Kandy; yet that this is now imposed upon the Majorals and thus this ancient custom is not observed. Article 49. Complaints Resolution Article 50. That an extraordinary capitation tax is imposed on the Jamblinjerotes and Hinnewas under the Gajanayaka, and that these peoples must perform services that do not correspond with their obligations, requesting that the payment of all capitation taxes may be abolished and that they may only be employed in the performance of their compulsory services. Article 51. That the village naindes are employed for extraordinary services, even for carrying palanquins, from which they request to be excused and to perform their compulsory services while enjoying the accommodessans assigned thereto. Article 52. That although the paddy renters are entitled to no more than three meals of adoekkos, the inhabitants are obliged to provide them with adoekkoes and Pehindoens for as long as they remain in the villages. No more Adoekoes need to be provided to the paddy renters than the lease condition stipulates; if actions contrary to the order are taken in this regard, this must be shown, whereupon equitable justice shall be done according to the findings. Article 51. In Article 1 it has already been stipulated that no one shall perform any services other than those that correspond with his birth, rank, and obligation, and thus the naindes shall also only be employed for the Company's village services and for the customary and innate obligations of old against the enjoyment of Accommodessan in proportion to the mallapollos available for that purpose. Article 49. The request of the Jamblinjeros and Hinnewas, who are subject to the Gajanayaka, to be allowed to have a Vellala as vidane, is hereby granted, and upon the nomination of the Gajanayaka Mudaliyar, a Vellala shall be appointed as vidane over them. The payment of capitation tax by these peoples shall take place on the old footing, and henceforth only such services shall be performed by them as correspond with their birth and ancient custom. Article 50. Article 53. Article 52. Complaints Resolution Article 53. That the provisions of Addoakos and pehindoes to the Reverend ministers may be abolished. Article 52. The compulsory provisions of large and small Pehindoes and Addokkos to the Gentlemen Presidents when they are in the country have long since been abolished, and such provisions therefore do not need to occur in the future either. Article 53. The complaints of the naindos against the Mokkedon of Matara shall be referred to the new Disava for investigation and equitable justice shall be done thereon. Article 54. That the naindes who, under the Mokkedon of the Matara fortress, formerly had to come for service once every three months, are now all pressed and treated improperly and badly by the mokkedon, requesting therefore that the ancient custom may be restored and that they may no longer be placed under this Mokkedon. Article 59. The 53 sections written here above contain the settlement of all submitted complaints insofar as they relate to the inhabitants in general. Aside from and besides these general complaints, which I hereby consider settled as I neither can nor will take any further resolutions regarding them, numerous other complaints from various inhabitants have been submitted which are specifically directed against particular persons. To investigate these special complaints, as well as those appearing here above in Articles 17, 18, 19, 22, 25, 30, 31, and 47, I shall appoint the Honorable Disava Raket and two additional European Commissioners, who shall begin their commission as soon as the Country is at Peace again. Note Here above all complaints of the Inhabitants have been recorded insofar as they concern all of them; their remaining complaints are only specifically against particular Persons and were not settled by the Honorable Commander Sluysken, but on the contrary referred to the Honorable Disava Raket and the Honorable Samlant for further investigation and settlement.

Dutch transcription

Klagten Besluijt Art: 47. Dat men de Magoraals verpligt om aan de kanneel schillers en hunne Hoofden die maionotementos genieten, behindoens en Adoekoos te verstrekken, het welke afge„ „schagt diend te worden. 5517 Art: 46. Wijl gelijk reeds bij artikel 8. 16. 29 en 30 bepaald is aan niemand eeni„ „ge verstrekkingen zullen gedaan worden dan die hem volgens zijn staat en oude Isantie toekoomen, zoo vind dit ook Plaats omtrend de kaneel schillers en hunne hoofden die mainktementos krijgen, en behoeven de Majoraals aan dierge„ lijken sjaliassen geen Addoekos nog pehindoens op te brengen. Art: 47. De klagten der Maxgoraals dat zij Strengen. een zeeker getal „ hennip zijnen tot het embaleeren der Geschenken voor het hoff van Randia leeveren moeten, en dat deeze Leverantie te vooren door de vissers en Kinnerassen gedaan wierd, met verzoek dat dit weeder op den voorigen voet mag gebragt worden, zal door Commissarissen onderzogt en daar in een billijke schikking gemaakt worden. Art: 48. De doorlugtige kompanie die gaarne haare goede onderdaanen en ingezeete„ nen wil te gemoed koomen bewilligd door deeze in uwlieder verzoek, dat de nieuw ingevoerde en eertijds niet geweest zijnde verpagtingen van Bruggen en Bazaars of Markte pagten ingetrokken worden gelijk zij ingetrokken zijn door deesen, en dier„ „gelijke nieuwe verpagtingen niet meer zullen geschieden. Art: 49. Dat er buijten de oude bruggen en ba„ Iaarspagten eenige nieuwe en „ten ingevoerd zijn, die zij om Godes wille verzoeken dat weeder moogen afgeschaft worden. drukkende bazaer en bruggepag„ Art: 48. Dat eertijds de vissers en Kinnerassen de hennip zijnen voor het embaleeren der geschenken voor het hoff van kandia moeste leeveren; dog dat dit tans de Majoaraals is opgelegd en dus dit oud Gebruijk niet word nagekoomen Art: 49. . o7 klagten Besluijt Art: 50. Dat aan de Jamblijnjeroten Hinnewas onder den Gajenaik een buijten gewoone lijfsgeregtigheid opgelegt worden en dat deese volkeren diensten moeten verrigten die met hunne verpligt in„ „gen overeenkoomen, verzoekende dat het opbrengen van alle lijfsge„ „regtigheeden mooge afgeschaft en zij alleen tot het verrigten van hun„ „ne verpligte diensten moogen g'em ploijeerd worden. Art 51. Dat de Dorps naindes tot buijten gewoone Diensten zelfs tot Ballen„ zijn draagen geemploijeerd worden, waar van zij verzoeken verschoond te blijven en hunne verpligte diensten onder het genot van het daar toe staande ak komodessans verrigten. Art: 52. Dat schoon de nelij Pagters niet meer als van drie eetmaalen adoek„ „pligt worden hun zoo lange zij zig in de dorpen bevinden, adoek„ „koes en Pehindoens te verstrekken. kos toekomt de ingezeetenen ven„ Aan de nelij Pagters behoeven geene Adoekoes meer bezorgd te worden dan de Pagt konditie bepaeld, in„ „dien hieromtrend buijten de order gehandeld word, moet dit aangetoont worden, wanneer daarop naar bevinding van zaaken een billijk regt zal ge„ „daan worden. Art: 51. Bij art: 1. is reeds bepaald dat nie„ „mand eenige diensten zal verrrgten dan die met zijne Geboorte, staat en verpligting over een koomen, en dus zullen ook de nandes alleen tot 'skomp dorps diensten en tot de van ouds gewoone en hun aangeboorne verplig„ tingen teegen het genot van Akko„ modissan na maate dat daartoe mal„ „lapollos te vinden zijn, geëmploijeerd worden. Art: 49. Het verzoek der Jamblin jeros en Hien„ „newas die onder den Gajenaik zortee„ „ren om een wellale als vidaan te moogen hebben, word, bij deeze geakkor„ „deert, en zal op de voordragt van den Gajenaik modliaar, een Wellale tot vidaan over hun aangesteld worden. Het opbrengen van lijfsgerechtigheid door deeze volkeren zal op den ouden voet geschieden, en voortaan alleen zodaanige diensten door hun ver„ „rigt worden als met hunne geboor„ te en oude usantie overeenkoomen Art: 50. Art: 63. Art: 52 14. „ e „ gd 6 Klagten Besluijt Dat de verstrekkingen van Addoa„ predikante moogen afgeschaft „kos en pehindoes aan de Eerw: Art: 53. Art: 52. De verpligte verstrekkingen van groote en klijne Pehindoes en Ad„ dokkos aan de Heeren Presidenten, wanneer die zig in het zand bevin„ den, zijn reeds lange afgeschaft, en behoeven dus diergelijke, verstrekkin„ „gen ook in den gevolge niet meer geschieden Art 53. De klagter van de naindos teegen den Mokkedon van Mature zullen aan den nieuwen Dessave ter onderzoek opgedraagen en daar op een billijk regt gedaan word„ Art: 59. De hier voorschreevene 53 afdeelingen helsen de afdoening van alle ingekoo„ „me klagten zo verre die tot de Jngezeetenen in het algemeen betrek„ lijk zijn. Buijten en behalven deeze generae klagten die ik hiermeede voor af„ „gedaan houden als daaromtrent geene verdere besluijten kunnende en zullende neemen, zijn nog mee „nigvuldige andere klagten van verscheidene Jngezeetenen ingebragt die specialijk teegen bijzondere perzoonen gericht zijn. om deeze speciale klagten te onderzoe„ „ken gelijk ook die hier vooren bij arb: 17. 18. 19. 22. 25: 30. 31. en 47 voorkoomer, zal ik den E: Dessave Raket en nog twee Europeesche Commissarissen benoemen die haare Commissie zullen beginnen zodra het Land zig weeder in Rust Nota Hier vooren zijn alle klagten der Jngezeetenen in zo verre hunnen allen aangaat aangeteekend, haere overige klagten zijn alleen speciaal teegen bijzondere Perzoonen en niet door de Heer Commandeur sluijsken af„ „gemaakt maar in teegendeel den Heer Dessave Raket en den heer samlant ter nader onderzoek en afdoening afgedraagen. Dat de naindes die onder de Mak„ „kedon de Matuureesche fortresse van te vooren om de drie maanden eens ten dienste moesten koomen, dog tans alle gepreft worden en door den mokkedon onbehoorlijk en slegt behandeld worden, ver„ „zoekende dierhalven dat het oude gebruijk weeder moogen inge„ voerd en zij niet verder onder deeze Mokkadon mooge staan. Art 54. en worden.

NL-HaNA_1.04.02_3884_0847 view scan ↗

English

and peace is found, and the inhabitants have peacefully returned to their dwellings and to their labor. To this your Dessave and the aforementioned Commissioners you must turn with their complaints and grievances, who shall investigate them accurately and decide according to right and equity, and in case you should find yourselves aggrieved with the ruling of these gentlemen, you shall be free to address yourselves further to me; if there are still any items regarding your general complaints that have not been dealt with herewith and deserve further elucidation, or that have not been dealt with herewith due to forgetfulness on your part or on my side, or if that which has already been dealt with having occurred through misconceptions could tend to the prejudice of one or the other, we shall have these investigated also by the aforementioned Dessave and Commissioners and mediated and arranged for the well-being of the Country and the general good. Art: 55. To the aforementioned special complaints also belong the grievances and accusations against several higher and lower headmen, of which former, four persons have been dismissed from their posts and currently find themselves banished within the fortress at Gale; all these complaints shall also be investigated, either by the aforementioned Dessave and Commissioners or judicially as the nature of the matter requires, and thereupon justice shall be done according to the Company's laws and the guilty shall be punished promptly as examples to others. Several persons have requested of me to be placed or advanced in one or another post, but I have determined, and this serves you solely for information, that no posts shall be filled nor any promotions or favors granted, until everything shall be in rest and peace, and some fair opportunity and vacant places present themselves for this purpose. While I hereby give you the assurance that all appointments and promotions shall be allocated according to merit, to such persons who have the required ability, have given good proofs of their attachment and fidelity to the Honorable Company, and by virtue of their birth and the goodwill shown to me on this occasion toward the promotion of general tranquility have the right to claim such promotion. Art: 57. Everything that appears in your general as well as special complaints having any relation to the former Dessava, and present Colombo Chief Administrator the Honorable van Angelbeek, who currently is no longer under my government, shall be brought to the attention of the esteemed Government of this Island, in order to be able to take such resolutions thereon as the aforementioned Government shall judge proper. Finally and lastly, I commend you to our good and brave subjects of the Illustrious Dutch East India Company, your lawful sovereign and lord of the land, to inhabit your dwellings peacefully, to cultivate your lands, and to perform your obligated services, so as, by doing so, to enjoy the fruits of an ever-blessed labor, and to earn and carry away the high protection of the Illustrious Company and of the Regents placed over you. Art: 58. In the expectation that they will follow my well-meaning advice and submit themselves with the obligated obedience to the arrangements determined hereinbefore by me, a General Pardon is granted by me to all those who have had any connection to the latest rebellion, and this Pardon shall be confirmed by the Right Honorable, Highly Esteemed Willem Jacob van de Graaff, Extraordinary Councilor of the Dutch Indies, Governor and Director of the extensive and everywhere famous Island of Ceylon and further dependent Lands etc., as soon as you shall have given a satisfaction agreeable to me to the contents of this my Mandate, and you shall keep yourselves contented therewith. Thus written and dispatched from Mature the Seventh of July 1790. by /:was signed/ P: Sluijsken. /:below stood/ Agrees. /:signed:/ C: L: B: van Albedijhl secretary. Agrees E Sijbrands No 11 The 5th of July Anno 1790. At Mature in an extraordinary meeting assembled by The Honorable Esteemed Commandeur Peter Sluijsken, The Honorable Dessave of Mature Mattheus Petrus Raket, The Honorable Colombo Trade Bookkeeper Abraham Samlant, The Honorable Galle Equipment Master Lucas Aams, and The Honorable Galle Secretary Carl Ludewig Baron van Albedijhl. The Commandeur declared to the present Gentlemen that he had requested Their Honors to this meeting in order to reflect together upon the present state of affairs in this Disavany and to take into consideration the means that are yet to be tried and further practiced, in order thereby to restore the desired tranquility. That his Honor with all attention and care has examined the complaints and grievances of the discontented inhabitants of this Disavany, received both in writing and orally, as well as those which were presented to the Commissioners of the esteemed Government of Ceylon, the Honorable Dessave Tretz and

Dutch transcription

en vreede bevind, en de Jnwoonders vreedig na hunne woo„ „ningen en hunnen arbeid te rug gekeerd zijn. Aan deeze Ulieder Dessave en ged:e Commissarissen moeten ulieder zig met derzelver klagten en bezwaaren werden, die dezelve „nauwkeurig zullen onderzoeken en na regt en billijkheid beslissen, en in dien ulieden zig met de uijtspraak van dee„ „ze heeren mogten bezwaard vinden zal het uwlieden vrij„ „staan zig nader aan mij te adresseeren, zo er nog eenige Posten aangaande uwlieden generaale klagten zijn, die hier„ bij niet afgehandeld zijn, en de nadere opheldering verdienen of die door vergeetelheid van uw lieden zijnde of van mijn kant hier bij niet zijn verhandeld dan wel het reeds verhan„ „delde door misgissingen geschied zijnde aan een of den ander tot nadeel konde strekken zullen wij door gem: Heer Dessave en kommissarissen meede onder zogt en tot wel zijn van het Land en het algemeen bemiddeld en geschikt worden. Art: 55. Tot de evengem: speciaale klagten behooren ook de be„ „swaaren en beschuldigingen teegens eenige meerder en min„ „dere hoofden van welke eersten, vier perzoonen uijt hunne Diensten ontslaagen zijn en zig tans te Gale binnen de vesting gebannen bevinden, alle deeze klagten zullen meer„ „de of door ged„e heer Dessave en Commissarissen of na vereisch van zaaken Justitieel onder zogt worden en daarop zal na volgens 's komp„s wetten regt gedaan en de schuldigen tot exempels van anderen voorbadelijk gestraft worden Verscheide perzoonen hebben mij verzogt in des een of andere dien„ „sten gesteld of geadvanceerd te worden, dog ik heb mij bepaald, en dit diend ulieden alleen tot narigt, dat geene diensten zullen vervuld nog eenige bevorderingen of gunst bewijzen uijtgedeeld worden, dan na dat alles in rust en vreede Art: 56. zal a Ad„ kin„ af¬ zal zijn, en zig daartoe met billijkheid eenige geleegenheid en vacante plaatsen aanbieden. Terwijl ik ulieden bij dee„ „ze de verzeekering geeve dat alle bedieningen en bevorde„ „ringen na verdiensten zullen toegedeeld worden, aan zooda„ „nigen die de vereischte bekwaamheijd hebben, goede blijken van hunne aankleeving en trouwe aan DE: kompanie hebben gegeeven en dit uijt hoofde van hunne geboorte en de aan mij te geleegenheijd beweezene welmeenenheid tot de bij de 512 bevordering van de algemeenen rust het regt hebben dierge„ „lijke bevordering te moogen verlangen. Ar2: 57. Al het geene bij Ulieden zo generaale als speciaale klagten voorkomt, eenige betrekking. hebbende tot den geweeze Des„ „sava, en teegenwoordigen kolombosche Hoofd administrateur DE: van Angelbeek, die zig tans niet meer onder mijn be„ „stier bevind, zal onder het oog der g'eerde Regeering deezes Eijlandes gebragt worden, om daarop zodaanige besluijten te kunnen neemen als welgemelde Regeering zal oordeelen te behooren. Eijndelijk en ten laasten beveele ik ulieden aan ons goede en braave onderdaanen van de Doorlugtige Neederlandse oost- Indische kompanie ulieden wettige souvrein en landsheer, om vreedig uwe wooningen te bewoonen, uwe landen te ar„ „beiden en uwe verpligte diensten te verrigten, om zoo doende, de vrugten van eene altoos gezeegenden arbeid te genieten, en de hooge bescherming de Doorlugtige kompanie en den over ulieden gestelde Regenten te verdienen en weg te „draagen. In de verwagting dat Sijlieden mijne welmeerenden raad zull Art: 58. op op volgen en zig met de verpligte gehoorzaamheid aan de door mij hier vooren bepaalde schikkingen onderwerpen, is aan alle de geene, die eenige betrekking tot den laasten opstand gehad hebben een Generaal Pardon door mij gegeeven, en dit Pardon zal door den Wel Edelen Gestr: Groot Achtb: Heer Willem Ja„ „cob van de Graaff, Raad otrair van Neederlands Jndia, Gouverneur en Direkteur van het uijtgestrekte al om beroemde Eijland Ceijlon en dus verdere onderhoorige Landen &=a be„ vestigd worden, zo dra gijlieden aan den Jnhoud deezer mijner Mandaat eene mij aangenaame voldoening zult hebben ge„ „geeven, en Ulieden zig daarmeede te vreeden zullen houden. Aldus geschreeven en afgezonden van Mature den Zevenden Julij 1790. door /:was geteekend/ P: Sluijsken. /:onderstond/ Akkordeert. /:getekend:/ C: L: B: van Albedijhl sekret:s Akkoriteert E Sijbrands Wgkeer d zull lt Vactert Nagesien 8550 N:o 11 364 Den 5. ' Julij Anno 1790. — Te Mature in een expresse te zamenkomste gezonden bij Den E: E: Achtbaeren Heer Commandeur Peter Sluijsken, Den E: E: Dessave van Mature Mattheus Petrus Raket, Den E: kolomboschen Negotie Boekhouder Abraham Samlant, Den E: Gaalschen Equipagiemeester Lucas Aams, en Den E: Gaalschen Sekretaris Carl Ludewig Baron van Albedijhb„ De Heer Commandeur verklaerde aan de aan„ weezende Heeren Hun E:s tot deeze te zaamen„ komst verzogt te hebben, om met malkan„ deren de teegenwoordige gesteldheid der Zaa„ ken in deese Dessavonij te overdenken ende middelen in overweeging teneemen, die als nog te beproeven en verder te beoeffenen zijn, om daar door de te wenschene rust te herstellen Dat zijn wel Edele met alle aandagt en zorge de, zoo bij geschrifte als bij monde, ingekoomen na klagten en beswaaren der misnoegde Inge„ zeetenen deeser Dessavonie zoo wel die wel„ ke aan de Heeren Commissarissen der geEerde Cijlonsche Regeering de E: E: Dessave Tretz: Aanteekeningen en

NL-HaNA_1.04.02_3884_0854 view scan ↗

English

and submitted by the present Honorable Trade Bookkeeper Jamlant, as well as those addressed to His Honor himself during His presence here, and had devised and established such arrangements thereupon as were treated in a draft of a general Mandate Ola presented on this occasion by His Honor. That His Honor, prior to drafting this Mandate, had tried all possible means to satisfy the discontented inhabitants in a manner least costly to the Company, but that His Honor had finally been obliged to limit himself to the contents of the aforementioned draft. His Honor kindly requested that the gentlemen present would make their thoughts known upon the reading thereof, in order that if their Honors should find anything that ought to be altered, omitted, or added for the advancement of the interests of the Honorable Company and the well-being of the inhabitants, His Honor might yet have such executed. To leave the gentlemen present ignorant of nothing that had any relation to these matters, His Honor submitted several letters received on this occasion from the Honorable Governor van de Graff, and what His Honor had finally written to the aforementioned Governor. Hereupon the aforementioned correspondence was read one after another, consisting of five letters from the aforementioned Honorable Severe Lord Governor written to the Lord Commander on the 18th two, the 23rd, and the 27th and 28th of the recently passed month of June; and in a letter dated the first of this month written to the aforementioned Lord Governor by the Lord Commander. Having taken their contents for notification, the draft of the frequently mentioned Mandate Ola was read out clause by clause, and the arrangements appearing therein were broadly discussed and, even after ripe deliberation was accomplished, altered in a few places upon resumption by the Lord Commander; the said Mandate Ola, as the discontented could be satisfied by no less costly means, concessions, and provisions than those appearing therein, was approved and the same determined and established as the last and utmost gentle means for the restoration of tranquility. Furthermore, it was resolved to offer the said Mandate Ola as an annex to this record to the Right Honorable Severe Highly Respected Lord Governor and further Council at Kolombo. Hereafter the Lord Commander gave a further extensive account of the conduct maintained for some time by the discontented and rioting inhabitants: That the means employed by His Honor had caused a division among the principal chiefs of the discontented, which had had the consequence that some division had also arisen among the inhabitants; That these chiefs individually had made, and were still making, many applications to His Honor, requesting protection accompanied by the fairest promises; that the brother of the notorious Don Simon Aratje, this brother being one of the principal chiefs and a great adversary of his said brother, had already been to His Honor in person, as had also subsequently the much-rumored Madoegodde Appoe, likewise one of the principal leaders of the gatherings. That Don Simon Araetje himself, who must be regarded as the principal chief of all, had written several letter-olas to His Honor, wherein he among other things requested again to be promoted as Mohanderam and Chief of the Kandebodde Pattoe, the inhabitants of which province seem most attached to him, under the promise that he would exert all his powers to bring about general tranquility speedily. That this Don Simon had promised several times to come in person to His Honor, and that His Honor had already expected him several times when he had sent word that he would come up, but that he nevertheless had not yet appeared, and yesterday evening had once again sent word that he would certainly come the day after tomorrow, it being an auspicious day. That His Honor can as yet form no accurate idea of what had restrained the arrival of the said Don Simon, the more so because according to credible reports brought by several persons, he had already been very close to Mature up to three times, but had each time unexpectedly turned back. That His Honor, for the speedy restoration of tranquility, had issued and dispatched a general Pardon Ola, the contents of which are known to the gentlemen present; That His Honor had granted to the said Don Simon Arraetje the requested post of Mohandiram; and had given protection to his brother and the said Maddoegodde Appoe, the latter of whom currently found himself here at Mature; furthermore, that His Honor had caused to be made known and assured to all the other inhabitants, both through the said Pardon Ola and by means of the Modliaers and other prominent chiefs who are present here, that upon their complaints fair justice would be administered to them and everyone restored to his old privileges. That, notwithstanding these means and notwithstanding that the principal chiefs give the best assurance of a speedy peace, no certain proofs of all these fair-seeming promises nevertheless appear as yet, and the unlawful gatherings in the country still continue in several places and the discontented still act as master almost everywhere, having virtually prevented the Resident Brinkman in the Magampattoe, under the pretext of not being able to take over or guard the Company's goods, from proceeding from there to Tangale.

Dutch transcription

1818 en den aenweezenden E: Negotie Boekhouder Jamlant ingebragt zijn, als die aan zijn wel Edele zelve bij Desselfs aanweezen alhier ge„ rigt waaren, nagegaan en daar op zoodaanige schikkingen beraamd en vastgesteld had, als bij een ter deezer geleegendheid door zijn wel Edele overgelegd worden ontwerp van een algemeene Mandaat ola verhandelt waa„ ven. Dat zijn wel Edele tot het opstellen deezer Mandaat, voor af alle moogelijke middelen beproefd had om de misnoegde inwoonderen door eene, voor de komp: het minst kostbaere wijze te bevreedigen, dog dat zijn wel Edele verpligt geweest wastig eindelyk tot den inhoud van eeven gemelde ontwerp te bepaelen. zijn wel Edele versogt vriendelijk dat de aanweezende Heeren haere gedagten daar over bij het opleezen derselve wilden te kennen geeven, ten ein„ de zoo hun E:s iets mogten vinden dat tot bevordering der belangen van de Ed: Comp:, en het wel zijn der Ingezeetenen diende veranderd, waggelaeten, of bijgevoegd te 2155 te worden, zijn wel Edele als dan zulx als nog konde laaten volbrengen. Om de aanweesende Heeren van niets onkundig te laaten wat eenige betrekking tot deese rae„ ken had, leijde zijn wel Edele eenige van den wel Ed: Heer Gouverneur van de Graff bij deese geleegendheid ontvangene brieven, en het geen zijn wel Edele eindelijk aan wel gem: Heer Gouverneur had geschreeven, over. Hier op wierden na den anderen, gem: Correspon, den tien, geleezen bestaende in vijf brieven van gem: wel Edelen Gestr: Heer Gouverneur den 18. twee, den 23. en 27. en 28. der Iongst gepasseer„ de maand Junij aan den Heer Commandeur geschreeven; en in een brief in dato den eersten deezer aan welgem: Heer Gouverneur door den Heer Commandeur geschreeven. Derselver in„ houden tot naricht genoomen hebbende wierd het ontwerp van meerm: Mandaat ola post voor post opgeleezen, en de daar bij 6 voorkoomende schikkingen uitgebreijd bere„ deneerd en zelfs na volbragte rijpe overwee„ ging op eenige wijnige plaetzen bij de resumtie door door den Heer Commandeur anders geschikt zijnde is ged: Mandaat ola, als zijnde de misnoegden door geene mindere kostbaare middelen, toe gee„ vendheid, en bepaalingen dan die daar bij voor„ koomen, te bevreedigen, goedgekeurd en dezelve als het laetste en uijterste zagte middel ter herstelling van rust aangemerkt en vast gesteld. Voorts is verstaan gedagte Mandaat ola als een bijlage deeser aanteekening den wel Edelen Gestr Groot achtb: Heer Gouverneur en verdere Regeering te kolombo aan tebieden. Hier na deed de Heer Commandeur nog een uitge„ breijd verhael van het zeederd eenige tyd gehou„ de gedrag der misnoegde en zaemen gerotte ingezeetenen: Dat de door zijn wel Ed: in het werk gestelde middelen eene verdeeldheid onder de voornaemste Hoofden der nisnoegde ver„ oorzaekt had, het welk van dat gevolg ge„ weest was, dat ook eenige verdeeldheid bij de ingezeetenen ontstaan was; Dat deese hoof„ den elk in het bijsonder veel aanzoek bij zijn wel Edele hadden gedaan en nog deeze 2156 deeden, en om proteksie; met de schoonste beloften verzeld, verzogten; dat de broeder van den beruchten Don simon aratje, zijn„ de deeze Broeder een der principaalste hoof„ den en een groote teegenstreever van ged:te zijnen Broeder, reeds bij zijn wel Ed: in per„ soon geweest was, gelijk ook naderhand den veel gericht maakende Madoegodde appoe„ meede een der voornaemste aanvoerders van de zaemenrotlengen. Dat Door Simon araetje zelve, die men als het voornaemste Hoofd van allen moet aanmerken, ver scheijde brief olassen aan zijn wel Ed: had geschreeven, waar bij wij onder anderen wee„ der versogt had als Mohanderam en Hoofd van de kandebodde pattoe, van welke pro„ vintie de ingezeetenen hem het meest toe„ gedaen schijnen, te mooge bevorderd worden, onder belofte dat hij alle zijne vermoo„ gens zoude in het werk stellen om de alge„ meene rust spoedig te bewerken. Dat deeze Don Simon verschijde keeren beloofd had, om zelfs in zijn persoon bij zijn wel„ Ed: Ed: te zullen koomen en dat zijn wel Ed: hem reeds verschijde maalen, wanneer hij had laaten weeten van te zullen opkoomen, verwagt had, dog dat hij egter als nog niet verscheenen was, en gisteren avond weeder op het nieuw had laaten weeten van overmorgen, een goede dag zijnde, voor zeeker te zullen koomen. Dat zijn wel Ed: zig als nog geen Juijste voor„ stelling kan maaken, wat de komst van gedagte Don Simon weederhouden had te„ meer wijl Hij volgens geloofwaardige en door verschijde persoonen aangebragte berigten, reeds, tot drie keeren toe heel na bij Mature geweest dog telkens onvoorziens weeder te rug gekeerd was. Dat zijn wel Edele tot de spoedige herstelling van rust een generaale Pardon ola, waar van den inhoud aan de aanweestende Heeren bekend is, had uitgevaerdigd en afgesonden; Dat zijn wel Edele aan gedagte Don Simon Arraetje de versogte Mohandirams plaats had toegestegd; en aan zijnen Broeder en den 2157 den gedagte Maddoegodde appoe, waar van de laatste zig tans hier te Mature bevond, protexie had gegeeven; voorts dat zijn wel Edele aan alle de overige Ingezeetenen zoo door gem: pardon ola als door middel van de Modliaers en andere voornaeme hoofden, die zig hier bevinden, had laaten bekend maken en verzeekeren dat hun op dersel„ ver klagte een billijk Regt zoude toe ge„ deeld en een elk en zijne oude voorregten hersteld worden. Dat, ongeagt deese mid„ delen en ongeagt de voornaemste Hoofden de beste verzeekering van een spoedige rust geeven, egter als nog geen verzeekerde blij ken van alle deese schoonschijnende beloften te voorschijn koomen, en de zaamen rottingen in het land op verschijde plaatsen als nog voorduurd en de misnoegden nog meest overal den Baas speelen, hebbende den Resident Brinkman in de Magampat„ toe, onder pretext van 's komp:s goederen niet te kunnen overneemen of godeslaen genoegsaam belet, zig van daar na Tangale „

NL-HaNA_1.04.02_3884_0860 view scan ↗

English

to proceed to Tangale; and furthermore a letter was intercepted and sent back, which had been dispatched by His Honour to the said Resident. That in view of the contradictory actions of Don Simon Araetje and of another of the foremost of the gathering who accompany him everywhere, and the strange conduct of the principal native chiefs present here, Mudaliyars, Mohandirams, who seem to care very little about the state of affairs, nor show any activity to bring about peace: who, as little as possible and, as it seems, reluctantly approach the person of His Honour and also have no investigation made into the conduct of the discontented, nor, as was indeed proper, give any report of everything that is occurring and of which they are probably very well informed. That in view of all this, His Honour almost comes to the understanding that the discontented, whether the Court of Kandia is hiding behind this or not, have some objectives that have not yet been fathomed and that may not be consistent with the interests of the Honourable Company, even the Porta Mudaliyar of His Honour, Don Balthazar Dias, having also testified this morning that he can no longer form a correct understanding of the matter. That His Honour therefore deems it necessary that all possible haste should be made in settling the matters, the drafted mandate ola sent as soon as possible, and its contents made known in all the provinces of this Dissavany. These proposals of the Lord Commander, namely: the necessity of not losing any more time, were completely in agreement with the opinion of the members present, the more so because according to the intelligence and reports received by the Lord Commander it has seemed on two occasions that the Gale Corle would also be set in motion, and furthermore because, according to the contents of the aforementioned letters of the Right Honourable and Most Respectful Lord Governor, the state of affairs in this Dissavany could have a dangerous influence on the minds of the discontented inhabitants of the Colombo Dissavany and the other inhabitants of the island. And it was deemed necessary to send the said mandate ola as soon as possible, in order to test its effect. Subsequently, the Lord Commander asked the gentlemen present whether their Honours did not think it would be good to have the cleavers taken away from the native Matara chiefs who are in Gale, as it seemed that this is an important matter, which some inhabitants, who may be their enemies and who may perhaps have a great influence on minds, greatly desire. After deliberation on this question, it was unanimously judged proper that the cleavers of the said chiefs residing confined within the fortress in Gale be taken away, with an announcement to conduct themselves quietly and without giving any offense. It having subsequently been taken into consideration that the inhabitants of the Magampattoe complain so much about the Resident Brinkman and have requested to be relieved of him; furthermore, that the departure of this person from the said province would greatly convince the inhabitants that the intention of the expedition to Baddegierie has been abandoned, it was generally approved to recall the said Resident hither for the present and accordingly to dispatch the orders to him by two separate letters, the original by means of the chiefs and the duplicate by means of Lieutenant Bijer at Tangale. Furthermore, it was deemed proper to allow the detachment present in Tangale to remain there for the present, because their return march could easily make a wrong impression and this detachment is, moreover, still provided with provisions for some time. Hereafter, it was observed by the Lord Commander that His Honour has promised the inhabitants by the aforementioned mandate to have all the general complaints of the discontented that had not yet been investigated and settled, as well as all specific complaints that some inhabitants had brought against particular persons, investigated before the Lord Dissave Raket and two commissioners; and His Honour requested this investigation of the Honourable Dissave Raket, furthermore requesting the Honourable Trade Bookkeeper Samlant to assist the said Dissave in this work for as long as His Honour should still remain in Matara; intending, after the return to Gale, to appoint another member from the Council of Galle to this commission. Not only the Honourable Dissave Raket, but also the Honourable Trade Bookkeeper Samlant, testified, the latter for as long as he should stay in Matara, that they would very gladly comply with the desire of the Lord Commander, as the Master's service required it. Finally, the Lord Commander also declared that His Honour now believed he had proposed and put into effect everything that could serve to restore peace to the country, and that after the dispatch of the aforesaid mandate, one will be able to experience whether there is any possibility of obtaining the objective of a desired peace by gentle means; if so, and if the inhabitants return to a peaceful dwelling, His Honour would then send the confirmatory pardon ola from the Right Honourable and Most Respectful Lord Governor, but otherwise not, so as to cause no diminishment to the supreme authority. But that in the opposite case, or if the inhabitants after so much demonstrated

Dutch transcription

Tangale te begeeven; en voorts een Brief aan„ gehouden en terug gesonden, die door zijn wel Ed: aan gedagde Resident afgevaerdigd was. Dat aangesien de teegenstrijdige de maackes van Don Simon Araetje en van de aan andere der voornaemsten van de zoemen„ rotting; die hem overal verzellen, en het vreemd gedrag der hier aanweezige principaele Inlandsche Hoofden, Modli„ aers, Mohanderams, die zig zeer wijnig aan de gesteldheijd der zaeke schijnen te stooven, nog eenige activiteijd tot bewer„ king van rust vertoonen: Die zoo wijnig als moogelijk en gelijk het schijnt, ongaer„ ne den persoon van zijn wel Edele naderen en ook geen ondersoek na het gedrag der misnoegden laeten doen, nog, gelijk wel behoorde, van alles wat voorgaet en waar van zij waerschijnelijk zeer wel onderrigt zijn, eenig berigt geeven. Dat aangezien dit alles zijn wel Edele bij na in het begrip komt dat de misnoegde nog 2158 nog, het zij dat het Hof van kandia hier agter schuijld of niet, eenige oogmerken hebben die als nog niet doorgrond zijn en die moogelijk niet met de Intressen van de Ed: komp: over een koomen, hebbenda zelfs de Porta Modliaar van zijn wel Ede„ le Don Balthazar Dias ook al, heeden morgen betuigd zig geen regt begrip van de zaek meer te kunnen maeken. Dat zijn wel Edele dus nodig oordeeld dat al„ le moogelijke haast in de afdoening van de zaeken dient gemaekt, de ontwor„ pene Mandaet ola ten spoedigsten ver„ sonden en dies inhoud en alle de Provintien deezer Dessavonij bekend gemaakt te worden. Deeze voorstellen van de Heer Comman„ deur, namentlijk: de noodzaekelykheijd om geen meerder tijd te verliesen was vol„ koomen en met de gevoelen der aanwee„ zende leeden overeenstemmende, te meer wijl volgens de bij den Heer Comman„ deur deur ingekoomene narichten en rapporten het tot twee keeren toe gescheenen heeft, dat de Gale Corle ook in beweeging zoude koomen, en voorts wijl volgens den in„ houd der hier vooren gem: brieven van den wel Edelen Gestr: Groot Achtb: Heer Gouverneur de gesteldheid van zoeken in deeze Dessavonie eene gevaerlijken in vloed op de gemoederen der misnoeg„ de Inwoonderen van de kolombose Des„ favonie en de overige inwoonderen des Eijlands zoude kunnen hebben. En is noo„ dig geoordeeld ged:te Mandaet ola ten spoedigster aftezenden, ten einde de uit„ werking derselve te beproeven. Vervolgens vroeg de Heer Commandeur aan de aan„ weezende Heeren of hun E:s niet vermeenden dat het goed zoude zijn om de zig te Gale bevin„ dende Inlandse Matureese Hoofden, hunne Hou„ wers te laaten afneemen, wijl het scheen dat dit een woornaem artikel is, waar na eenige ingezeetenen, die moogelijk hunne vij„ ander zijn en die altemits een groote invloed 2159 op de gemoederen kunnen hebben, zeer ver„ langen Na deliberatie over deeze vraege wierd een pae„ riglijk goedgeoordeeld dat ged:t zig te gale bin„ nen de vesting gebannen bevindende Hoofden 2 hunne Houwers afgenoomen wierd met aan„ kunding stig stel en sonder eenige aanstoot te geeven te gedraegen. vervolgens in overweeging genoomen zijnde dat de ingezeetenen der Magampattoe zoo zeer over den Resident Brinkman zig beklaagen en versogt hebben van den zelven ontslagen teworden. voorts dat het vertrek van deese uit gedagte provintie de ingezeetenen groote„ lijks zoude overtuijgen dat men van het voor„ neemen van de togt na Baddegierie afgesien heeft, zoo is algemeen goedgekeurd om gedag„ den Resident als nog na herwaerds op te ont„ bieden en dienvolgens de orders aan hem door twee afsonderlijke brieven aftevaerdigen, het origineel door middel van de Hoofden en het duplikaet door middel van den luitenant Bijer te Tangale wijders na vij„ loed Wijders is goed geoordeeld om het zig te Tangale be„ vindende detachement voor eerst nog aldaar telaeten verblijven, wijl hun terug marsch lig„ telijk een verkeerden indruk konde maeken en dit Detachement booven dien ook nog van leevens middelen voor eenige tijd voorsien is. Hier na wierd door de Heer Commandeur aange„ merkt dat zijn wel Edele aan de Ingezeerte, nen bij meerm: Mandaat beloofd heeft, alle de generaale klagten der misnoegden die nog niet ondersogt en afgehandeld waeren, gelijk ook alle speciaele klagten, die eenige Ingezee„ tenen tot bijsondere persoonen voorgesteld had„ den, voor den Heer Dessave Raket en twee Com„ missarissen te zullen laaten ondersoeken; en zijn wel Edele vroeg dit ondersoek den E: E: das„ save Raket, op versoekende voorts den E: Negotie Boekhouder Samlant om gem: 8: Dessave in deeze arbeid te willen ondersteu„ nen, zoo lange zijn Ed: zig als nog te Matu„ ve zoude bevinden; zullende na te rug komst op gale nog een Lid uit den Gaelschen Raad tot deese Commissie benoemen; Niet alleen 2160 alleen DE: dessave Rakel, maar ook DE: Negotie Boekhouder Camlant, betuigden, de laatste zoo lange hij te Mature zoude verblijven, zeer gaerne aan het verlangen van den Heer Com„ mandeur, wijl 's meesters Dienst dit vorderde, te zullen voldoen. Eindelijk verklaerde de Heer Commandeur nog, dat zijn wel Edele nu alles meende voorgesteld en werkstellig gemaekt te hebben, wat zoude kunnen strekken om het land weeder in rust te brengen, en dat men na het afvaerdigen van voorsz: Man„ doet zal kunnen ondervinden of er eenige moogelijkheid is om door zagte middelen het oogmerk van een gewenschte rust te verkrij„ gen, zoo Ja, en dat de Ingezeetenen tot eene vreedige inwooning terug keere, zijn wel Edele als dan de bevestigings Pardon ola van den wel Edelen gestr Groot Achtb: heer Gouverneur zoude afsenden, dog anders niet, om geen verklijning aan het opper gezag toetebrengen. Dog dat in het teegenstelde geval, of dat de Ingezeetenen na zoo veele betoonde

NL-HaNA_1.04.02_3884_0866 view scan ↗

English

shown indulgence continue in their outrages and refuse to submit, one would then have to consider other means, both to place Mature in a somewhat necessary state of defense, as well as to maintain the respect of the Company and to punish rebellious subjects. The gentlemen present collectively declared to be of one mind with the Lord Commander, and herewith this meeting was concluded. Thus done and recorded in the fortress of Mature on the day aforesaid. Was signed: P Sluijsken, M: P Raket, A: Samlant, L: Amb, and C: L: Baron van AlbedijEl. Below stood: Agrees. Was signed: J: H: Brechman, sworn clerk. Agrees. Sijbrands, First Clerk Checked. G V: D Linde 12. 2161 The reports that I have successively received from Gale are of such a nature that my presence there begins to become necessary; besides that, I also judge my presence here in Mature no longer of any particular importance, as everything that could in any way restore and confirm peace and tranquility has now been put into operation and accomplished. If now, all that I have attempted in that regard is not yet suitable and sufficient to bring the inhabitants back to their duty by gentle means, and they should start to revolt all over again; then it will certainly be necessary to consider forceful measures and to put them into operation, in order to then completely bring the rebellious to reason through that course; in which case it is likewise necessary that I return to Gale, in order to provide Mature with what is necessary from there and furthermore to take such measures as the circumstances Memorandum for the Honorable Sirs Petrus Mattheus Raket, Senior Merchant and Dessave of Mature, and Abraham Samlant, Merchant and Trade Bookkeeper of Kolombo. circumstances will then make necessary. The assurances and promises that have been given to us by the present and summoned superior and subordinate headmen with their subordinates, that all the inhabitants will finally conduct themselves quietly and peacefully and submit to the contents of my Mandate-ola, which was resumed and approved in our meeting on the 5th of this month and dispatched on the 7th of this month, seem to me, however much reason I have to distrust the suspicious Sinhalese, to deserve some credence. And while I especially trust that Your Honors will further employ the best means to keep the country at peace and gradually urge and encourage the native to perform all required labor again as before, I therefore believe that I can safely depart for Gale, where the service of the Honorable Company calls me back. Your Honors must, after my departure from here, especially keep in view and ensure that all the different matters that appear in the said Mandate-ola are managed and directed, at least for the present, in such a manner as the said 2162 said Mandate indicates, for any deviation from the same could certainly make the native discontented again, and thus have bad consequences. By the said Mandate-ola, of which Your Honors receive a copy herewith, all the complaints of the inhabitants brought forward in these disturbances, as far as the general interest is concerned, have been treated, decided, and concluded. Over and above these decided general complaints, many other complaints have also come in which are directed specifically from some inhabitants against various persons. The documents of all these specific complaints are hereby handed to Your Honors under a proper register, and Your Honors are, pursuant to our agreement in our meeting on the 5th of this month, tasked with investigating these complaints, as well as some items in the frequently mentioned Mandate-ola that still need to be verified, and to settle them with equity as quickly as possible, in order to assure the natives that one cares and watches over their welfare. When I return to Gale, I shall also, as I have promised the inhabitants and we have agreed agreed upon, send one or two of the Council Members here to also support Your Honors in this work as Commissioners. While the Second Warehouse Master De Moor will also remain here, in order to be likewise employed in this work for the speedy conclusion of the same. Your Honors also receive back herewith all such papers as were handed over to me by the Gentlemen Fretz and Samlant, in order to extract what is necessary from them as well, and for the same to subsequently be kept in the secret cabinet at the secretariat. The troops that are currently present in this Dessavony must, even if affairs take no worse turn, remain detached here for the present; until one can subsequently judge with certainty that their stay can no longer be of the least utility, in which case I shall write to Your Honors further to send the said troops back to their garrisons. With these troops, especially now, good military discipline must be maintained to prevent the inhabitants from becoming too discontented over their presence. 1/2

Dutch transcription

betoonde toegeevendheid in hunne baldaedighee„ den voortvaeren; en zig niet onderwerpen willen, men als dan op andere middelen zoude moeten denken, zoo wel om Mature in een eenigzints noodsaekelijke staat van defen„ cie te stellen als ook vin 'skomp: aan zien staende te houden en rebellige onderdaenen te straffen. De gezaementlijke aanweezen de Heeren betuig„ den met den Heer Commandeur van een be„ grip te zijn en hier meede wierd deese be een„ komst geEijndigd. Aldus Gedaan en aangeteekend in het fortresse Mature ten daege voorsz: /: was„ getekend:/ P Sluijsken, M: P Raket„ A: Samlant, L: Amb en C: L: Baron van AlbedijEl /:onderstond:/ Accordeert /:was geteekend:/ J: H: Brechman g' klerk Accordeert Sijbrands Eiklerk Nagezien G V: D Linde 12. 2161 De berichten die Jk successive van Geele bekoomen heb zijn van den aard dat mijne teegenwoor„ „digheijd aldaar noodzaakelijk begind te worden; buijten dien oordeel ik mijn aan weesen hier te Mature ook van geen bij zonder niet meer wijl nu alles in het werk gesteld en volbragt is wat maar eenigzints de rust en vreede konde herstellen en bevestigen, Jndien nu, al het geene ik desweegens beproefd heb nog niet geschikt en toerijkende is om de Jngezeetenen door zag„ „te middelen tot hun pligt te rug te brengen, en zij weeder van vooren af aan mogten be„ „ginnen te revolteeren; dan zal het zeekerlijk noodzaakelijk zijn om aan geweldige midde„ „len te denken en die in het werk te stellen; ten Eijnde, als dan door die weg de opvoerigen volkoomen tot reeden te brengen; in welk geval het al meede noodzakelijk is dat ik na Gale te rug keere, om van daar uijt Ma„ „ture van het noodige te voorzien en voorts zodanige maatreegelen te neemen, als de om„ Pro Memoria voor de wel Edele Heeren Petrus Matthe„ us Raket opperkoopman en Dessave van Mature en Abra„ „ham Camlant koopman en Negotie boekhouder van Kolombo. standigheeden astandigheeden dan zullen noodzaakelijk maaken De verzeekeringen en beloften die ons door de aanweesende en opgedaagde, meerdere en min„ „dere hoofden met haare ondergeschikten zijn gegeeven, dat alle de Jngezeetenen zig eijndelijk stil en vreedig zullen gedraagen en zig aan den Jnhoud van mijne Mandaat-ola die den 5. deeser in onze te zaamen komst geresumeerd en goedgekeurd en den 7. deezer afgezonden is zullen onderwerpen, scheijnen mij hoe zeer ik ook reeden hebden wantrouwenden Cingalees te mistrouwen, eenig geloof te verdienen, En ter„ wijl ik vooral vertrouwe dat uwel Edelens verder de beste middelen zullen beoeffenen om het Land in Rust te houden en lang zaa„ „merhand den Jnlander aanspooren en aan„ „moedigen om zoo als bevoorens weeder allen verpligten Arbeid te verrigten, zoo meen ik gerust na Gale, alwaar de Dienst van de Ed: Comp:e mij te rug roept, te kunnen vertrekken: Uwel Eds dienen na mijn vertrek van hier voor al in het oog te houden en te zorgen dat al„ „le de differente, dingen die bij gemelde Man„ „daat-ola voorkoomen zodanig ten minsten voor eerst, beschikt en bestierd worden, als gedagte 2162 gedagte Mandaat aanwijst, want eenige af„ „wijking van dezelve zoude zeekerlijk den Jnlander weeder kunnen misnoegd maa„ „ken, en dus kwaade gevolgen hebben. Bij gemelde Mandaat-ola, waar van Uwel Ed bij deeze een afschrift ontvangt, zijn alle de in deese onlusten van gebragte klagten der Jngezeetenen zo verre het algemeen aangaat verhandeld beslisd en afgedaan, Buijten en behalven deeze beslisde generaale klagten zijn er nog veele andere klagten ingekoomen die speciaalijk van eenige Jngezeetenen teegen differente perzoonen gerigt zijn. van alle deese speciaale klagten worden uwel Ed de stukken onder een behoorlijke Register bij deeze ter hand gesteld en aan Uwel Ed:s in gevolge onze afspraak in onze zaamen „komst op den 5=' deeser opgedraagen, om deeze klagten gelijk ook eenige posten bij meermelde Mandaat-ola, die nog moeten nagegaan worden, te onderzoeken, en, zoo spoedig maar doenlijk, na billigheijd af„ „te doen ten Eijnde den Jnlanderen te verzee„ „keren dat men voor haare welvaard zorgd en waakzaam is. Jk zal, wanneer ik te Gale te rug koome nog, ge„ lijk ik de Jngezeetenen beloofd heb, en wij over over eengekoomen zijn een of twee der Raads Lee„ „den herwaards zenden om meede als Commis„ „sarissen uwelEd:s in deezen arbeijd te onder„ „steunen. Terwijl de tweede Pakhuijsmeester De Moor ook hier blijven zal om meede, bij dit werk ter spoedige afdoening van het zelve ge„ „emploijeerd te worden. Uweleds ontvangen ook bij deeses te rug alle zodaanige papieren die mij door de heeren Fretz en Samlant overgegeeven zijn, om daar uijt almeede het noodige te neemen, en, dezelve, vervolgens ter secretarij in de secreete kas bewaard te worden. De troupen die zig thans in deeze Dessavo„ „nij bevinden, moeten of schoon de zaaken geen erger keer neemen voor eerst hier nog getedacheerd blijven; tot dat men in den ver„ „volge met zeekerheijd kan oordeelen dat hun verblijf geen de minste nut meer kan hebben, in welk geval ik uweled: nader zal aanschrij„ ven om gedagte troupen na haare Guarnisoen te rug te zenden. Bij deeze troupen diend, voor al nu, een goede krijgstugt onderhouden te worden om voor te koomen, dat de Jngezeete„ „nen over het aanweezen der zelven niet te onvreeden worden. ½

NL-HaNA_1.04.02_3884_0873 view scan ↗

English

2163 I hope that our concerns will be crowned with the best outcome and will result in the well-being of land and people; while I testify to understanding that if the inhabitants now in the future still do not keep the peace and might gather again, no further compliance can or should be exercised, as I have already exercised all possible compliance, even somewhat under compulsion merely to effect peace. In the first days after my departure, I will expect Your Honor's written reports every morning and evening on the state of affairs in this Dessavony, in order to be able to gather and judge what is necessary from them. If, contrary to all expectation, it should happen that the unrest begins anew and any hostilities are to be feared from the native, I am of the opinion: That the red hill must be occupied in proportion to what the garrison permits. That this Red hill and all the islets situated in the river, which are heavily overgrown with brushwood, must in the meantime be cleared of all brushwood, either by contracting it out, which will cost little or nothing, or by the available servants. That at least 2 pieces of cannon must be brought into the redoubt of Ek, in order to sweep the river on both sides and the plain before Mature. That a small post should be placed at the mouth of the river, as well as behind the cinnamon warehouse, and that all these posts should maintain communication with one another and with the fort itself by means of well-placed sentries. The military in general should be spared as much as possible and practicable, well lodged, and well maintained, though all provisions and other war supplies must still be used sparingly. I would not hope that the road to Gale should be closed immediately, but in this case, the detachment of Belligam must occupy the river of Polwatte and post a guard on the hill of Mirisse. I will then have Goyapane occupied from Gale; and in doing so, communication between Mature and Gale can indeed be kept open by having patrols go back and forth. 2164 Recommending Your Honor to the precious care of the Almighty, I will undertake my journey to Gale early tomorrow morning with all tranquility and confidence in Your Honor's good care and attentiveness. Mature, the 15th of July, Anno 1790. was signed: P. Sluysken. underneath stood agreed. was signed: Jellan Albedyhb, Secretary. Agreed. Sybrands Wegkeerk GV. LLinde Examined L.a F. 2165 To the Dessave of the Three Korles It has been reported to the Right Honorable Lord Governor that some of the mutinous inhabitants of the Mature Dessavony some time ago presumed to go with messages from this mutinous people to the Court. According to these reports, some of them are said not only to be still in Kandia, but even more recently some others have gone there, of whom some have returned again, who had the audacity to assure that they even received a written reply from the court. These reports were made to the Right Honorable Lord Governor with so much certainty that one could not doubt their truth, were it not that thus far not the least notice concerning this has been given by the court to the Right Honorable Lord Governor, as His Honor, if these reports are true, might reasonably expect from the mutual friendship and good understanding with the court, and as has also been done on the Company's side in similar cases by immediately notifying the King thereof. The The Right Honorable Lord Governor relies fully on the goodwill of His Imperial Majesty toward the Illustrious Dutch Company, and consequently thinks he can be entirely certain that, insofar as the reports that the mutineers have had the audacity to apply to the court might be true, His Imperial Majesty will have given no hearing to these disobedient subjects of the Company, and that what the leaders of the mutineers spread about this is fabricated by them solely to mislead the common people and to drag out the unrest. In this uncertainty, the Right Honorable Lord Governor has ordered me to confer with you about this and to request you, as I hereby do, to inform me as soon as possible of what the truth of this matter is. Article 17 of the Peace Treaty of the 14th of February 1766 states in so many words: All rebels who have defected from the Company's land shall immediately be extradited. And if any people sent by the mutinous inhabitants of the Mature Dessavony might actually presently still be at the Court; 2166 I am further ordered by the Right Honorable Lord Governor to demand all such persons by virtue of the aforesaid Treaty and specifically by virtue of the aforementioned 17th article, in order to be surrendered to the Illustrious Dutch Company, as I do hereby. I request that you bring this letter of mine before the eyes of His Imperial Majesty at a favorable hour as soon as possible, and that you please request His Imperial Majesty therein that the aforesaid demanded Company subjects who may currently find themselves at the Court, or who might presume to appear there hereafter, be arrested immediately and sent bound under an adequate guard to Kolombo so that they do not escape. The Illustrious Dutch Company will, in reciprocal cases, always be ready in return

Dutch transcription

2163 Ik hoop dat onze zorgen met de beste uijtkomst zullen bekroond worden, en het wel zijn van land en volk ten gevolge hebben; terwijl ik getuijge van begrip te zijn dat men zoo de ingezeetenen zig nu in den vervol„ „ge nog niet te vreeden houden, en op nieuw mogte zaamen votten, als dan geen inschikke„ lijkheid meer diend of kan gebruijken, terwijl ik reeds alle mogelijke inschikkelijkheid, zelfs eenigzints gedwongen om maar rust te bewerken, beoeffend heb. Jn de eerste daagen na mijn vertrek zal ik alle morgen en avond uwel Eds schriftelijke berig„ „ten van de gesteldheid der zaaken in deeze Dessavonie verwagten, om daar uijt het noodige te konnen opmaaken en beoordelen. Jndien het teegen alle verwagting mogte gebeu„ „ren dat de onlusten weeder op het nieuw beginne en men eenige vijandelijkheeden van den Jnlander te dugten heeft, ben ik van gevoelen. Dat de roode berg, na maate het Guarnisoen dit toelaat moet bezet worden. Dat deeze Roade berg en alle de in de Revier leggende Eijlandjes, die sterk met ruijgtens zijn begroeijd, intuschen, het zij bij aan be„ steeding dat wijnig of niets zal kosten, of door te„ door de aanhanden zijnde dienstelingen, van alle Ruijgtens moeten gezuijverd worden. Dat in der Redoute van Ek ten minsten 2: stukken kannons moeten gebragt wor„ „den, om daarmeede het revier aan Weers„ kanten en de vlakte voor Mature te bestrij„ „ken. Dat aan de mond van de Revier een klijne Post gelijk ook agter het kanneel Pakhuijs gelegjd diend te worden, en dat alle deeze posten door wel geplaatste schildwagten, Communica„ tie met malkanderen en met het fort zelve dienen te hebben. De Militairen dienen in het generaal zo veel moogelijk en best doen„ „lijk, gemenageerd, goed geloogeerd en wel onderhouden te worden Moetende nogtans met alle provisie en andere krijgs behoeften suijnig huijs gehouden worden. Ik wil niet hoopen dat de weg na Gale aan„ „stonds, zoude geslooten worden, dog in dit geval moet het Detachement van Belligam de Revier van Polwvatte bezetten en een Post op de Berg van Mirisse uitstellen; Ik zal als dan van Gale Goijapane laaten bezetten; en dus doende zal de Communicatie tusschen Mature en Gale, door heen en weeder te 2164 te laaten patrouilleren, wel kunnen openge„ „houden worden. Uweled=s in de dierbaare hoede des Allerhoogsten aan beveelende zal ik met alle gerustheid en vertrouwen op uweled:s goede zorger en oplettent hij & mijne reijze na Gale morgen vroeg aanneemen. Mature Den 15: Julij A„o 1790. /:was geteekend:/ P: Sluijsken. /:onderstond akhonderd /: was gteekend:/ Jellan Albedyhb Secs Akkordeerd. Sijbrands Wegkeerk a„ GV: LLinde Nagezien L:a F: 2165 Aan Den Dessaver van De Drie korles Den welEdele Groot Agtb: Heer Gouverneur is aenge„ „diend dat zig eenige uit de muijten de ingezeetenen van de Matersche Dessavonie nu reeds wat gelee„ „den, zoude hebben verstout om met bootschappen van dit muijtend volk tegaan na het Hof„ Na deeze onderrigtingen zouden zommige hunner niet alleen nog in kandia zijn, maer zouden er zelfs nader nog eenige andere onlangs zyn gegaen van de welken zommige weder terug gekeert zijn, die de stoutigheid gehad hebben verzekering dat ze zelfs schriftelijk antwoord van het hof hebben bekoomen. Deze berigten zijn aen de welEdelen Groot agtb: heer Gouverneur met zoo veel verzeekering gedaan dat men aan de waerheid daer van niet zoude moogen, twijffelen waere het niet dat derweegens tot nog toe door het hof geen de minste kennis aan de wel Edele groot agtb: Heer gouverneur gegeven is gelijk zijn Ed: dat, zoo deeze berigten waer zijn van de onderlinge vriendschap en goede verstandkunding met het hof billik zoude mooge verwagten en ook in 's komp:s zijde in zoortgelijke gevallen is gedaan met de na den koning daar van ten eersten te doen kennis geven. Den Den wel Edele groot agtb: Heer Gouverneur volko „men staat maken, de op de welmeenentheid van zijne kijzerlijke Massesteid teegens de voor„ „liechtige Nederlandsche komp: denkt mits dien ook volkoomen zeker te kunnen zijn, dat in zoo verde ook mogten waer zijn de berigten dat de met jtelingen de Houheid gehad hebben zig aan het hoft te vervoegen, zijn kij zealijke majesteed aan deze ongehoorzaeme onderdanen van de komp: geen gehoor zal hebben geeven, en dat het geen de hoofden der muijtelingen daer van uijt strooijen door hen word verdigt alleen om het gemeene volk te mislijden en de on„ „rust tedoen voortsheuren. Jn deze onzekerheid heeft den welEdelen groot agtb: heer gouverneur gelast uw hier over te onderhouden en uE te moeten verzoeken gelijk uE: doe door deeze om mij ten spoedigsten te willen onderrigten wat hier van zi Met 17: artikel van het vreedens Traktaat van den 14: febr: 1766: zegt met zoo veel woorden Alle debbellen uijt 'skomp:s land overgeloo„ „pen zullen ten eersten uijtge„ „leverd worden. En aff 'es somtijds tans nog werkelijk volk ge„ „zonden 2166 „zonden door de muijtende ingezetenen en de Matieaesche Dessavonie, aen het Hof mogte zijn; ben ik door den wel Ed: groot Achtb: heer gouverneur wijders gelast om alle de zulke uijt hoofde van het voorsz: Traktaet en speciael uijt hoofde van het voorm: 17: artikel op te eijsschen, om aan de Doorlugtige Neder, g„ „landsche komp: teworden uijtgeleverd, zoo als, ik doe door deezen Jk verzoek deezen mijne brief bij een goed uur ten spoedigsten tewillen brengen onder het oog van zijne kijzerlijke Majsesteid, en dat uw daer bij aan zijne kijzerlijke Majsesteid gelieve te verzoeken dat de voorsz: op geeischte komp: onderdaanen die zig tee„ „genwoordig aen het Hof mogten bevinden of zig mogten verstouten na deezen nog daer te verschijnen, ten eersten te laaten ar„ „resteeren en dat te gebonden onder eene toe„ rijkende wagt, op dat ze niet ontkoomen, mogen worden gezonden na kolombo. De Doorluchtige Neederlandsche Komp: zal in zoortgelijke gevallen bij weeder keering altoos gereed

NL-HaNA_1.04.02_3884_0880 view scan ↗

English

Checked Thomas Pires be ready to do the same whenever Her Honour should be requested to do so by the Court, as Her Honour has, among other things, recently given proof thereof. I request that you send me your reply to this as soon as it can be done. was signed: D. T. Fretz in the margin: Colombo the 11th of July 1790. Agreed. Sijbrands First Clerk No. 14: 1 2167 Translation of an ola written by the Dissava of the Three Korales to the Lord Dissava of Colombo. After preceding compliments I have received Your Honour's letter and seen from it that some mutineers from the Matara district have had the boldness to address themselves to the Court, and that some of them are still said to be there. From of old it has been a custom that whenever any injustice is done to the natives, they make their complaints to the grandees of the Court. In accordance with that custom, some inhabitants from the Matara district have come to the grandees of the Court and complained that much injustice has been done to them; however, for the sake of the friendship between the King and the Company and also by virtue of of the affection of the King for the Lord Governor, these people, without promising them any assistance, were simply answered that if any injustice has been done to them, they can bring their complaints to the Dutch gentlemen themselves and seek justice there, and with this they were allowed to go; none of these people are here any longer now. Furthermore, it appeared to me from Your Honour's letter that the mutineers had spread rumours that they were relying on the assistance of the Court, but that the Right Honourable Lord Governor believed that they did this solely to cause the rebellion to continue; His Honour has understood the matter very well, and we are pleased to hear that His Honour thinks in that manner. When a close and well-meaning friendship exists on both sides, such evildoers have no opportunity to accomplish anything other than to spread such things, and for that reason one must also, from both sides, not give the slightest credence to such stories. Finally, 2168 Finally, Your Honour's letter says that according to the Peace Treaty, all deserters who are here or who might come here in the future must be extradited. Since this treaty was concluded, many distinguished and common people have fled from the King's country thither who have not been extradited; likewise, the people who went to Colombo on the occasion of some uprising here and complained there, were not apprehended and sent hither. For that reason, we also cannot have the people who come deserting here from there apprehended and extradited. Whether such people come here or not cannot in the least diminish the friendship between the King and the Company, which is so well established in the great affection of His Majesty for the Lord Governor in particular, of which I request that you inform His Honour. was signed: signed by the Dissava of the Three Korales in the margin: for the translation / Colombo the Checked signed 3rd of August 1790 the D. D. Perera Agreed First Clerk Sijbrands Thomas Dias 2169 Sir, The Illustrious Dutch Company has always given to His Imperial Majesty and to the Great Court all possible proofs of its goodwill and friendly sentiments. It has, on its part, with the greatest accuracy and conscientiousness observed and caused to be observed the Peace Treaty of the year 1766 in the fullest sense. From the moment that I assumed the Government, I have on all occasions, as much as depended on me, given to His Imperial Majesty the most striking proofs of my high esteem and friendship; I will also continually do so. To you, Sir, with whom I have the pleasure of being personally acquainted, I have in particular always shown the most speaking proofs of my esteem, friendship, To the Lord First Adigar of the Empire at the Court of His Imperial Majesty of Kandy and and trust, and in return I also consider myself completely convinced of your well-meaning sentiments toward the Illustrious Company, and of your friendship for me in particular. Relying entirely upon this prompts me on this occasion to write you this separate letter, which I request you to view as the greatest proof that I could give you of my friendship and trust. The welfare of the Kandyan Empire and the prosperity of the Dutch Company require that between the Great Court and the Company there exist complete unanimity and absolute trust. Thereby also the happiness and welfare of the subjects on both sides are promoted. Your Honour as well as I, Sir, is completely convinced of this truth. Everything, therefore, that could in any way disturb this mutual unanimity 2170 and trust, or even only in some way weaken it, should be cleared out of the way immediately. It is said that the mutinous inhabitants from the Matara Dissavany have sent some from among them to the Great Court, and the boldness of these people goes so far that they dare to boast that they were given a hearing there. Of the letter which is now being written about this by the Lord Colombo Dissava to the Lord Dissava of the Three Korales, I send you enclosed herein a copy. By virtue of our personal friendship, I do not want to conceal from you that I am exceedingly astonished by that which, according to the aforesaid letter, has been reported to me. In the reports that have been made to me in this regard, several other things have been submitted to me to which I would rather not give any credence,

Dutch transcription

Nagezien Thom„s Pires gereed zijn het zelfde te doen, wanneer haer Edele door het Bloff daer toe vertzogt zoo als haer Edele onder anderen nog onlangs daer van een blijk gegeeven heeft. Jk verzoeke mij hier op zoo spoedig het geschie„ „den kan uw antwoord te laeten toekoomen. /:was getekend:/ D: T: Fretz /:inmargine:/ kolombo den 11: Julij 1790. - Accordeerd. Sijbrands Egklerk N:o 14: 1 2167 Translaat ola door den Na voorafgaande Komplimenten Dessave van de drie korles geschreeven aan den Heer Des„ save van Kolombo. Ik heb uwel Edele brief ontfangen en daar„ uit gezien, dat eenige muitelingen uit het Materesche de Houtheid hebben gehad om zig aan het Hof te addres„ „seeren, en dat eenige daarvan zig nog daer zouden bevinden. van ouds af is het een gebruik geweest, dat wan„ „neer aan de inlanderen eenig onge„ „lijk geschied, te hunne klagten doen aan de Hofsgrooten. Volgens die gewoonte zijn eenige ingezeetenen uit het Materesche bij de Hofsgrooten gekoomen, en geklaagt dat hem veel onregt gedaan is dog om de wille van de vriendschap tusschen den koning en de komp: en ook uit hoofde van van de genegenheid van den koning voor den Heer Gouverneur is aan deeze luiden, zonder hen eenige hulp te beloo„ „ven eenvoudig geantwoond, dat zoo hen eenig ongelijk gedaan is, ze hunne klagten bij de Heeren Hollanders zelve kunnen inbrengen en daar regt zoe„ „ken, en hiermeede heeft men hen laa„ „ten gaan van deeze luiden is tans niemand meer hier Wijders is mij uit uwel Edele brief ge„ bleeken, dat de muitelingen hadden uitgestrooijd dat ze staat maakten op den bijstand van het Hof dog dat de wel Edele Heer Gouverneur geloofde dat ze dit eenelijk deeden om den oproer te doen voortduuren zijn Ede„ „le heeft de zaak heel wel begreepen, en we zijn verheugd te hooren, dat Hoogst Dezelve op die wijze denkt. Wanneer er van weerskanten eene naauwe en welmeenende vriend„ schap plaats heeft, hebben zulke kwaed„ „doenders geene geleegentheid om iets anders uit tevoeren dan om dier gelij„ ke dingen uit te strooijen, en om die reeden moet men ook van weers zijden aan zulke verhaalen geen het minste geloof geeven Eindelijk 2168 „ Eindelijk zegt uw Edele brief, dat vol„ „gens het vreedens Traktaat alle over„ „loopers, die hier zijn, of in het vervolg hier mogten koomen moeten worden uitgeleverd. zeedert dat dit Trak„ „taal geslooten is, zijn veele aanzien„ „lijke en gemeene luiden uit 's konings land na derwaerts gevlugt, die niet zijn uitgeleverd; ook zijn de luiden is die bij geleegentheid dat hier eenige te opstand geweest is na kolombo zijn 1„ gegaan en daer hebben geklaagd, niet opgevat en herwaerts gezonden Om die reeden kunnen we ook de Menschen die van daer hier koomen overloopen, niet laaten opvatten 10 en uitleeveren. Op zulke luiden hier koomen of niet, kan dat in het minst niet doen verminderen de vriendschap tusschen den koning en„ de komp:, die zoo wel gevestigd is in de groote genegentheid van zijne Majesteid voor den Heer Gouverneur in het bezonder, waarvan ik ver„ „zoek aan zyn Edele kennis te geeven. een /onderstond:/ geteekend door den des„ save van de drie korles (inmargine voor de Translaatsie / Kolombo den „ Nage zien /geteekend/ 3' Augustus 1790 den D: D: Penera Accor d Legklerk Sijbrands Thom„s Siaes 2169 Mijn Heer De doorluchtige nederlandschee kompenie heeft aan zijne keijzerlijke majesteid en aan het groote hof steeds gegeven alle mogelijke bewijzen van haere welmeewendheid en vriendelijke gevoelens. Dezelve heeft van leaeren kant met de grootste naaukeurigheid en naauwgezelheid nageko„ men en doen nakoomen het vreedens trak„ „taat van het jaar 1766: in den volsten Zin van het oogenblik af aan dat ik het Gouver„ nement heb aanvaard, heb ik bij alle gelegentlieden, zo veel dat van mij heeft afgehrangen, aan zijne keijzerlijke majes„ „teid gegeven de doorslaantte blijken van mijne hoogagting en vreendschap; ook zal ik dat bij voortduuring doen. Aan nw Mijn heer, met wien ik het genoegen heb personeel te zijn bekend, heb ik het bezonder steeds de spreekenste bewijzen getoond van mijn agting, vreendschap Aan den heer eersten Rijks adigaar aan het Hof van zyne keijzerlijke majesteid van kandia en en vertrouwen, en ik houde mij ook bij we„ der keering volkoomen overtuigd van uw welmeenende gevoelens tegens de Doorlucke „tige kompenie, en van uw vreendschap voor mij in liet bezonden. Hier op volkomen staat maekende, daet mij dit ter deser gelegentheid aan uw schrijven dezen afzonderlijken brief, die ik verzoeke te willen aanzien als de grootste blijk die ik uw zoude kun„ „nen geeven van mijn vriendschap en vertrouwen. het wel zijn van het kandiate rijk en de voor spoed van de nederlandsche kompenie vordert dat 'er tusschen het groote hof en de kompenie zig een volkoomen eensge„ zintheid en onbepaald vertrouwen. Wier daar word ook het geluk en liet wel zijn van de weder zijdse onderdanen gevordert. uw Ed: zo wel als ik mijn heer is van deze waarheid volkomen overtuigt. Alles wat dus deze onderlinge eensge„ „zintheid 2170 zintheid en vertrouwen in eenig opzigt zoude kunnen stooven, of zelfs maar eenigzints verswakken, diend ten eersten te worden uit den weg geruimt. Men zegt dat de muitende ingezetenen uit„ de matureesche dessavonij sommigen uit hun, aan het groote hof hebben gezonden, en de stoutheid van dit volk, gaat zo verre, dat ze zig durven beroemen dat men„ hun daar gehoor heeft. van den brief die tans daar over geschreeven word door den heer kolomboschen dessave aan den heer dessave van de drie korles, zend ik uw in dezen geslooten een afschrift- uit hoofde van onze personeele vriend„ schap wil ik liet voor uw niet ontvenisen, dat ik ten hoogsten verwonderd ben over het geene mij blijkens den voorsz: brief is aangediend. Bij de berigten die mij derwegens zijn gedaan, zijn mij nog verscheijde dingen aangediend, waar aan ik wel liefst geen geloof geeven wil

← previousnext →