VOC English

Dutch East India Company records, translated and anchored to the scan.

Inventory 3887

Ceylon · 630 pages · 80 segments · open at the Nationaal Archief ↗

NL-HaNA_1.04.02_3887_0354 view scan ↗

English

The maintenance of the stables, with other expenses, has amounted in this year to ƒ 2307. 15. 8. And in anno passato ƒ 1114. 12. 8. Thus in this year, because there have been more elephants, an increase of ƒ 1193. 3. —. The aforementioned 28 sold elephants have yielded ƒ 20639. 10. — In anno passato no elephant was sold. Thus in this year profited ƒ 20639. 10. —. Your Right Honourable Noble Greatness asked us by letter of 26 9ber Anno 1789 what prospects and what conditions there were for the sale of the elephants, and was pleased to order that the elephants sent hither be examined to see if they were all good for trade, and to send a report of that examination to Your Honour at the earliest opportunity. And we, in our humble letter of 10 9ber 1789, promised Your Right Honourable Noble Greatness to do so, communicating at the same time that the elephant merchants who had arrived here to buy elephants had remained here upon the encouragement of the first signatory of this letter, and also that we had hope of selling elephants to those people as well as to the elephant broker Waijtelingen, whenever there might be elephants of such height as we had stated in our letter of 25 7ber 1788; and from the same letter it can be seen that Waijtelingen has agreed to take over elephants from the Company. By our letter of 11 February passato, Your Right Honourable Noble Greatness was informed that the Matura elephants, brought here previously on 27 January, were measured, numbered, and taken over by our vidana, and annexed thereto was sent a copy of the report of the Honourable political members who attended the reception. By the Colombo missive of 25 February last, Your Right Honourable Noble Greatness ordered us to deliberate on what manner the sale of the elephants could take place most advantageously for the Honourable Company, and so that it might serve to encourage the merchants to buy them. That Your Honour might well allow that, according to the proposal of the first signatory of this letter made in a separate letter of 31 January, the merchants be permitted to pick out the elephants they are inclined to buy, provided they take a fair quantity in comparison with the entire lot; but if they were unwilling to proceed to this, and we were to judge that the remaining elephants could not be sold as a result, one would then have to use some discretion with the sale, and furthermore, after the merchants had stated which elephants they wish to buy, we should consider in our meeting to what extent it would serve the Company's interest to make use or no use of this offer. And when in our judgment it might be best to make use of it, that we should then take into consideration what could best be done with the surplus elephants; that in these our deliberations we should also consider whether there was any other or better alternative with the elephants, whether one might not venture to send all the elephants on the Company's account and risk to Portonovo, to have them sold there by the Resident Topander; that even if such a manner of sale might not fully meet expectations the first time, it would probably entice the merchants for the future, and that in the prices that would be obtained for them in Portonovo, one should at this time take into account the difference and the rate of exchange of the coin species, since payment being made there in gold or silver species, the difference at this time would probably amply compensate for the expenses of the transport of the elephants to Portonovo and the risk of the sea; but if the elephants could not be sold except on a footing that would turn out to be too disadvantageous, that we should then immediately report this to Your Right Honourable Noble Greatness, and send Resident Topander a distinct list of all the elephants that were on hand here, with the request to inform us as soon as possible whether the elephants could be sold in Portonovo on a reasonable and profitable footing, and if so, when they should be sent, whether all at once or in parts. Hereupon we informed Your Right Honourable Noble Greatness in our humble letter of 11 March that, since the first signatory of this letter had departed for Manaar to conduct the leasing of the pearl fishery, and the elephant brokers along with other prominent natives had likewise gone thither to attend that leasing, no decision could be taken as recommended by Your Right Honourable Noble Greatness in the aforementioned letter, and that this would be done upon the return of the first signatory of this letter; and that we meanwhile had the honour to present to Your Honour a list of the elephants on hand here, and that we, pursuant to Your Right Honourable Noble Greatness's aforementioned order, would send such a list to Portonovo and correspond with Resident Topander concerning the negotiation of those animals. By our letter of 25 March we sent to Your Right Honourable Noble Greatness a report of the commissioned political members who saw the 12 elephants sent hither from Colombo measured, numbered, and handed over to our vidana; we also presented on that occasion to Your Right Honourable Noble Greatness a copy of our Resolution of the 22nd of that month, wherein was decided the address of the first signatory of this letter concerning the sale of the elephants.

Dutch transcription

't onderhoud der stullen, met 1o andere ongelden in dit Jaar hebben bedra„ „gen - - - - - - - - - - - - ƒ 2307. 15. 8. En in anno passato - „ 1114. 12. 8. Mi. Dus in dit Jaar door dater meerder Eliphanten zijn ge„ weest meerder - - - - - - - ƒ 1193. 3. —. De voorm: 28: verkogte Eliphanten hebben gegoeden - - - - - - - - ƒ20639. 10. — in anno passato is geen Eliphant Verkogt - — een Dus in dit Jaar geproviteerd ƒ 20639. 10„ uwel Ed: Groot Agtb: heeft ons bij brief van den 26. 9ber: Anno 1789: ge„ „vraagd welke apparentie en wat tot den verkoop der Eliphanten, en gelist om de herwaards gezondene Eliphant te laten op neemen op ze alle goed waaren tot den handel, en van dat„ opneemen berigt aan Hooft dezelve te eersten toe te zenden Iman „gezien - -- 3283. 3318. toete zenden en wij hebben bij onzen nedrigen van den 10' 9ber: 1789. uwel Edele Groot Achtb: beloofd zulks te zullen doen, met bedeeling teffens dat de hier aangekoo„ mine Eliphants kooplieden om Eliphanten te koopen, op de aanmodiging van den eerstgetekende dezes „waaren hier gebleeven en ook dat wij hoope ad„ de om Elephanten te verkoopen aan die menschen zoo wel, als aan den Eli„ phants Makelaar Waijtelingen, wan„ neer en Eliphanten mogte zijn van zo„ danige hoogte als wij op gegeven had „de bij onzen brief van den 25: 7ber: 1788. en bij denzelven brief is te zien, dat waijtelingen aangenoomen heeft van de kompenie Eliphanten over tene„ men. Beij onzen brief van den 11. fe„ banarij passato is uwel Edele Groot Achtb: bedeeld dat de Matu„ raele Eliphanten op den 27. Jann: bevoorens bevoorens alhier aangebragt, Isdaar daar „ aan gemeeten, genommert en door onzen vidaan overgenomen waaren, en daarnevens toegezikt het kopia rapport der E politike leeden die den voornaame hebben bij gewoond Bij kolombose missivve van den 25. febr: Jl: heeft uwel Edele Groot agtb: ons gelast om te overleggen, op wat wijze den verkoop der Elifhanten op de voordeeligste wijze voor dE: komp: zoude konnen geschieden, en zo dat 't strekken konde om de koopleeden aan temoedigen tot 't koopen van dezelve. Dat hoogst dezelve wel leiden mog te dat volgens 't voorstel van den Eersten getekende dezes ge„ daan bij eenen apparten brief van den 31. Jann: aan de koop lieden toegestaan wierde om de Eliphamten Ioman gezien an ƒ: 3284. 3318 Elifhanten die zij geneigd zijn te koopen uijtte zoeken, mits nemende een tame„ lijke hoe vielheid in vergelijk van de geheele parthij, doch zoo zij daak te niet willende overgaan, en wij oorder mogte len dat de overige Eliphanten daar door niet zouden konnen verkogt wer„ den, men als dan met de verkoop wat inzien moeste, en voorts na dat de kooplieden zouden opgegeven hebben welke eliphanten zij verlangen te ver „koopen, in onze vergadering moes. ten overweegen, in hoe verset be„ „lang van de komp: aanreed, om van deeze aanbieding gebruijk of geen gebruijk temaaken, en Wanneer 't naar ons oordeel best mogte zijn, om daar van ge„ brujk te maken, dat wij den taffeas in overweging moette nemen wat met n de de overscheitende Eliphlanten best zou den konnen worden gedaan, dat in deeze onze deliberatien wij teffens moesten overweegen, of eragten andere of beteere uijtweg met de Eliphanten was, of men het niet eens zoude konnen wagen om alle de Eliphanten voor sComp:s reekening en reziko tezenden na Portonovo, om dezelve aldaar door den Residend Jopan der telaa„ ten verkoopen, Dat indien zulk een wijze van verkoop de eerste keer ook niet al te volkoomen aan de verwagting mogte voldoen, het vermoedelyk de kooplieden voor den aan„ staande zoude uijtlosken, en dat in de prijzen die er te Por„ tonovo voor zoude wor„ den gemaakt, men ter die„ zer tyd moeste reekenen op 't verschil en de Cours Coman gezien 3285. 3318 Cours der geld spesien, wijl de betaaling daar geschiedende in goude of silvere specien 'te verschil in deeze tijd waar„ „chienlijk ruijm goed maaken zoude de ongelden van 't transport den Eliphanten na Portonovo en de resiko der zee, doch zo indien de Eliphanten net zoude konnen verkogt worden aan op een voet die al te schadelijk zoude uijtkoomen, die wij dan hiet ten nasten aan uwel Edele Groot Agtb: berigten Resident Topander zenden een destinctie lijst van alle de Eliphan„ „ten die hier aan handen waaren met verzoek om ons spoedigten onderrigten of de Eliphanten te Portonovos op een tee„ delijke en voordielige voet konde worden verkogten zoo Ja Ja wanneer ze moesten worden gezonden te zij te gelijk of bij gedeeltens Hier op hebben wij uwel Edele Groot Agtb: bij on„ zen nedrigen van den 11. Maart be„ „deeld, dat vermits de Eerstgetekende dezes na Manaar vertrokken was om de verplagting van de Paarlvisserije te handen en de Eliphants„ Makelaars nevens andere voorname inlanders meede zig na derwaarts h „den begeeven om die verpagting bij te woonen, men geen besluijt neemen konde na het aanbevoolen door uwel Edele Groot Agtb: bij voormelde brief, in dat men zulx doen zoude met de terug komste van de Eerst: „geteekende dezes, en dat wij intuspl de eere hadde Hoogst dezelve aante bie„ den een lijst van de hier aan handen zijnde „gezien Jrman 3286. 3318 zijnde Eliphanten mitsg:s dat wij een zodanige lijst ingevolge uw wel Edele Groot Agtb: voorlz: ordre na Portonovo zenden en weegens de ne golieatie dier beesten met den resident Topander Correspondeeren zoude Bij zijden onzen brief van den 25. maart hebben wij uwel Ed: Groot agtb: toegezonden een Rapport van gekommitteerde politike Leeden die de van kolombo dit heen ge„ zonder 12 Eliphanten hebben zien smeeten, nommeren en aan overgeeven ook onzen vedaan ^ hebben wij bij die okkagie uwel Edele Groot- Achtb: aangebooden kopia onzes Resolutie van den 22 dier maand; maar bij beslooten was, ons 't adres van de eerstgetekende dezes spreekende van 't verkoopen der Eliphanten waarmeede te bie„ den C

NL-HaNA_1.04.02_3887_0362 view scan ↗

English

with which the Honorable Members had conformed, to the attention of Your Right Honorable, for the highest honored disposition of the same. Beside our letter of 1 April, we forwarded to Your Right Honorable our resolution of 26 March to sell by repasatie, according to the old custom, as many elephants as they wished to take to the three elephant merchants present here, one of whom has arrived here from the coast since our resolution taken on 22 March. By our letter of 8 April we brought to the knowledge of Your Right Honorable that on the 5th of that month, by drawing lots, as appears from the note forwarded by us, 20 elephants were sold to the three merchants present here for 7038. - ; that the elephant broker Wagtelingen, solely to please those merchants, especially the two who had stayed here a long time, had renounced the 7 elephants, namely 1 tusked, 5 aliasses, and 1 female, which were among the other trade animals and which he had to take according to the offer made by him in the petition sent to Your Right Honorable alongside our letter of 18 August 1788; and that 7 defective animals had remained unsold. Your Right Honorable wrote to us by letter of 17 April that Your Honor had seen from the list sent by us of the Maturese elephants that 18 of them had perished on the road from Puteelang hither and 10 in the Jaffanese stables, with orders to investigate and report to Your Honor what had caused this great mortality; that it had appeared to Your Right Honorable that, with the elephant servants sent from here to Wattekandel to fetch the elephants, a large party of coolies was also usually sent; that in the year 1779, with 128 elephant servants, 175 coolies were sent, and in anno passato, with 160 elephant servants, 200 coolies; that Your Honor could not comprehend why such a large number of coolies was needed for this, since with the elephant servants transferring elephants from Mature to Kolombo or from there to Wattekandel, no coolies were used, but as many panneasse or grasscutters as there were cornax among the troop; that we therefore had to investigate and report to Your Right Honorable not only what service the Jaffanese coolies performed on such journeys, but also how many coolies had been used in earlier years, especially around the year 1760, and whether their number could not be made somewhat smaller in the future. Hereupon, in our letter of 29 April, we informed Your Right Honorable that, upon the questioning of the first undersigned of this letter, the vidana of the elephants, Hendrik Steenkelder, had testified that he had taken over 27 elephants at Puttulang, which had become sick by remaining on the road for four months in the rainy monsoon, and could not make the march due to the tearing of their foot soles, as appears from the report of the transfer to be found at Kalpittij; and that of those elephants, although very much effort was applied for their recovery, 18 nonetheless collapsed on the road and 10 in the Jaffanese stables; with the promise at the same time that we would investigate and report to Your Right Honorable what service the coolies performed who were used at the fetching of elephants from Putulang hither, how many coolies were used in earlier years for that journey, especially around the year 1760, and whether their number could not be reduced. As we accordingly informed Your Right Honorable in our letter of 25 May that the native coolies who were sent with the elephant servants to Wattehandel provided food on the journey, and in case of need fetched water for the elephants even some hours away from the usual resting places, and carried the paddy of the elephant servants; that thus the number of the same, to wit three men for each elephant, could not be reduced; that the trade servants here had testified that they could not furnish the required statement of elephant servants who had departed for Wattehandel, for the reason that the specification book of 1759/60 was damaged by the white ants and was given away a few years ago for making cartridges. By Colombo missive of 13 June, Your Right Honorable wrote that Your Honor had asked of us how many coolies were used in earlier years, and especially around the year 1760, in transporting the elephants from Wattehandel to Jaffana, without specifically directing us to the book year 1759 and 60, with orders still to comply with that from the books of other book years. Alongside our letter of 8 July we forwarded to Your Right Honorable a statement

Dutch transcription

waarmeede de E:s Leeden zig geconfor„ meerd hadden onder 't oog van uwel Edele Groot Achtb: te brengen, ten„ hoogst derselver g'eerde dispositie Nevens onzen brief van den 1. April hebben wij uwel Edele groot Achtb: toegeschikt ons besluit van den 26. maart om aan de drie hier zijnde Eliphants kooplieden waar van eene 't zederd ons genoomen be shuijt van den 22. maart van de kust hier aangekoomen is na de oude gewoonte, bij Repasatie te verkoopen zo veel Eliphanten als ze neemen wilden Bij onsen Brief van den 8' april hebben wij & uwel Edele Groot Achtb: ter kennisse Gebragt dat op den 5. dier maand bij looting blijkens de door ons toegeschikte aanteke„ „ning 20 stuks Eliphanten aan de drie hier zijnde kooplieden voord 7038. - verkogt Waaren Ioman „gezien 3287. 3318 waaren, dat de Eliphants Makelaar wagtelingen eenelijk om die kooplieden inzonderheid de twee die zig hier lang verloeft hadden plaijzier te doen afgezien had, van de 7. Eliphanten als 1. getande 5. aliassen en 1. wijf„ „je, dewelke onder de andere negotie beesten waaren, en die hij had moete„ neemen volgens zijne gedane aanbie„ „ding, bij rekwest bijzijden onsen brief van den 18. aug=so 1788. uwel Ed: Groot Agtb: toegezonden, en dat 7. stux ge„ brekkige beesten onverkogt Geblee„ „ven waaren uwel Ed: Groot agtb: ons bij brief van den 17. april aange= schreeven dat Hoogst dezelve bij de door ons Gezondene lijst van de matee„ „reesche Eliphanten gezien had dat — 18. stuks op de daar van weg van Puteelang na herwaarts en 10 Stuks in de Jaffanase stallengekre„ peert hier gt peert waaren, met last om te onderzoeken, en Hoogst dezelve te berigten, waar door deeze groo„ „te sterfte veroorzaakt was, Dat 't uwel Edele Groot agtb: was geble¬ „ken, dat met de gezonden wordende Eliphants bedienden van hier na wattekandel ten afhal der Elipha„ „ten gewoonlijk ook een groote par„ „thij koelies gezonden wierde dat in 't Jaar 1779:' bij 128. Eli„ „phants bediendens gezonden waaren 175. koelies, en in anno passato bij 160. Eliphants bediende 200 krelijs, dat Hoogst dezel¬ vee niet begrijpen konde waartoe een zoo Groote getal koelijs daarbij nodig was wijl met de van mature na kolombo of Van man „gezien 3288. 33 18 van daar na wattekandel Eliphan„ „ten overbrengende Eliphants bedien„ den Geene koelijs maar zo veel pa„ Weassen of Graskappers als er kornaij onder de troep waaren gebruijkt wierden, dat wij dierhalven moes„ ten onderzoeken en dwel Edele Groot Agtb: berigten niet alleen was dienst de Iaffansche koelies op zulks togten deden, maar ook hoe veel koelies in vroegere Jaaren daarbij waaren gebruijkt inzonder„ heid om streeks 't Jaar 1760, en of hun getal in den aanstaande niet wat klijnder konde werden ge„ noomen Hier op hebben wij bij onzen brief van den 29 april uwel Edele Groot Agtb bereeld dat op de afvrage van den Eersten - getekende dezes de vidaan der Eliphanten Hendrik steenkelder 3 E steenkelder betuijgd had dat hij op puttulang overgenoomen had 27. stuks Eliphanten die door het blijven van vier maanden lang op den weg in de veegen mousson ziek ge„ worden waaren, en door 't tostraken van derserver voetzooten de mansch niet goedmaaken konde blijkend 't op kalpittij te vinden zijnde rap„ over part van de „ opgave, en dat van die Eliphanten schoon seer veel moeijte aangewend waaren tot der„ zelver herstelling; egter 18. Stuks op den weg en 10. stuks in de Jaffanase statten nedergezakt waren met belofte teffens, dat wij zouden onderzoeken en uwel Ed: Groot Agtb: berigte wat dienst de koelies die de bij afhaal van Elipphanten van putu „lang hier na toe hoe veel koelies in vroegere „gezien Irman 3289. 3318 Vroegere Iaaren gebruijkt waaren tot die togt in„ zonderheid omstreeks het Iaar 1760. en of der„ zelver getal niet konde verminderd werden gelijk wij dienvolgende bij onzen brieff van den 25. maij uwel Ed: groot agtb: bedeeld hebben„ dat de hierlandse koelies die met de Eliphants„ bedienden na wattehandel gezonden wier„ „den op de reijze Voedzel en bij gebreekwat er voor de eliphanten wel eenige uuren vervan de ge„ „woone rustplikken bezorgden, en de paddij der Eliphants bedienden droegen dat dus het gtal van dezelve te weeten voor elk eliphant drie man niet konde verminderd worden: Dat de negotie bedienden alhier betuijgd hadden, datze niet konden bezorgen de gerequireerde opgave van Eliphands bedienden die na Watte„ „handel vertrokken waren, om reden 't speci„ „ficatie boek van 17 39/60 door de witte mieren ba„ „schadigt en voor eenige Iaaren tot maken van patronen afgegeven was. Bij kolombose missive van den 13. Iunij heeft uwel Ed: groot agtb: geschreeven, dat hoogst deselve van ons gevraagt had, hoe veel kon„ „lies in vroegere Jaaren en inzonderheid om „streeks 't Iaar 1760. zijn gebruik bij het trans „porteeren der Eliphanten van wattehandel na Iaffana, zonder ons bepaaldelijk overte„ „wijsen tot 't boekjaar 1759. en 60. met last om als nog daar aan te voldoen uijt de boe¬ „ken van andere boekjaaren. Bij zijden onsen brieff van den 8. Julij hebben wij uwel Ed: groot agtb: toegeschikt eene opgave

NL-HaNA_1.04.02_3887_0368 view scan ↗

English

statement of the elephant servants who were sent to wattekandel in the year 1768 to fetch elephants. By letter of 29 July, your Right Honourable Worships wrote that in the statement of the coolies who were used in transporting the elephants from wattekandel to Iaffena, the intention of your Right Honourable Worships had likewise not been properly met. That your Right Honourable Worships, by letters of 17 April and 13 June, had thus repeatedly requested a statement of the number of coolies that had been used for that purpose in earlier years, and in particular around the year 1760; and that we, in contrast, had sent your Right Honourable Worships a statement of a single year, and that indeed of the year 1768, without at least informing your Right Honourable Worships why this statement could not be made for more and earlier years; with a recommendation to the first undersigned hereof to ensure that the number of coolies for the aforementioned use in the future should be taken as small as could be done without disadvantage to the service. By Colombo letter of 1 May, your Right Honourable Worships wrote that it had been agreeable to your Right Honourable Worships to see from our letter of 8 April that we had found an opportunity to dispose of 20 elephants at the customary sale price, and that although thereby the execution of our decisions taken by secret and common resolutions of 22 March had become unnecessary, your Right Honourable Worships nevertheless considered these decisions to have been suitably taken, and approved the same, with orders to have the 7 elephants that remained unsold because of their defects sold by public auction for whatever they would fetch, or else, should there be no bidders for them, to shoot them dead. By our letter of 13 May, we informed your Right Honourable Worships that the first undersigned hereof on the 9th of that month had sold 6 elephants, and on the 10th following 2 elephants, to the brokers according to the price current, together for 3386 rixdollars, but on the condition that the amount should be paid after six months into the Company's treasury; that this had been the most advantageous way the first undersigned could take to rid the Honourable Company of the remaining defective elephants; and that among the sold elephants one was very sick, and that this sick elephant was sold on the condition that should it collapse within eight days' time, it would be for the account of the Honourable Company, and occurring after that time, it would be for the account of the buyer. Whereupon your Right Honourable Worships, by your esteemed missive of 27 May, wrote that it had been agreeable to your Right Honourable Worships to learn that we had found further opportunity to sell another 8 elephants for 3386 rixdollars, and that your Right Honourable Worships passed the deferral granted to them for the payment of the purchase money. By Colombo letter of 1 May, your Right Honourable Worships wrote that your Right Honourable Worships, regarding the proposed elephant hunt in the wannij, would await the outcome of the regional assembly of which the captain, land-regent of the wannij, the Honourable Nagel, had spoken in his letter of 15 March; and that since we considered that the wannise elephants were the most desired, we were to recommend the said Honourable Nagel to make his utmost effort in order to persuade the wannise chiefs to have captured and delivered annually to the Company, on reasonable terms, as many elephants as they thought necessary for trade; that if this should be found practicable, your Right Honourable Worships would almost abandon sending the elephants from there, and seek another outlet with the elephants that were captured there, because the transport of these beasts to here and all the further expenses incurred therewith, if not exceeding the profit, at least diminished it so significantly that little remained. Besides our letter of 5 June, we transmitted to your Right Honourable Worships a copy of our resolution of the 2nd of that month regarding the elephant hunt in the wannij. By our letter of 10 June, we informed your Right Honourable Worships that on the 8th of that month there arrived here from the Coast the emissary of the Nawab of Kanoer, subordinate to Nizam Malie, named Batochan baboejie, with the intention to buy twenty elephants from the Honourable Company, but that the first undersigned hereof could not assist him with that, because we had no trade animals remaining in stock here; that the said emissary had confidentially told the first undersigned hereof that he would gladly enter into a contract to buy annually twenty to twenty-five elephants from the Honourable Company, provided they had a height of 6 to 7 covidos, but that the first undersigned hereof did not wish to conclude a contract with him, as not being able to do so without authorization from your Right Honourable Worships, and it being uncertain whether so many elephants could be captured. Hereupon your Right Honourable Worships, by letter of 22 June, ordered us to take into further consideration whether it was more advantageous for the Honourable Company that the wannese modliaars delivered the elephants caught there for the prices and on the conditions mentioned in our resolution of 11 May 1789, approved by your Right Honourable Worships' esteemed missive of 19 June thereafter, or whether this should be done according to the proposal of the said modliaars inserted therein.

Dutch transcription

opgave van de Eliphants bedienden die in a:o 1768. na wattekandel gezonden waaren om Eli„ „phanten afte haalen. Bij brieff van den 29. Iulij schreeff uwel Ed: groot agtb: dat in de opgave van de koelies die gebruikt waaren bij 't transporteeren der Eliphanten van wattehandel na Iaffena meede niet behoorlijk aan de intentie van hoogst deselve voldaan was. Dat uwel Ed: groot agtb: bij brieven van den 17. april en 13. Iunij dus bij herhaling eene opgave gevraagd had, van 't getal der koelies die in vroegere Jaaren en inzonderheid om streeks 't Jaar 1760. daar toe zijn gebruikt, en dat wij daar en tegen aan uwel Ed: groot agtb: hadden toegezonden eene opgave van een enkeld Iaar in dat nog van A:o 1768. zonder hoogst deselve ten minsten te bede „len, waarom deeze opgave niet meer en en wel van vroegere Jaaren konde geschieden met recommandatie aan den eerst getekende deses om te zorgen dat 't getal der koelies tot voorsch: gebruik in den aanstaande zo klijn genoomen zoude worden als zonder ondienst geschieden konde Bij kolombose brieff van den 1. maij heeft uwel Ed: groot agtb: geschreeven dat het hoogst deselve aangenaam geweest was bij onsen brieff van den 8. april tezienn dat gelegen heid hebben gevonden om 20. stuks Eliphanten tegens den gewoonen verkoops prijs van de hand te zetten en. Iman gezien 3290. 3318 en dat schoon daar door de uijtvoering van onse genomene besluiten bij sekrete en gemeene resolutien van den 22. maart onnodig was ge„ „worden, hoogst dezelve nogtans dese be„ „sluiten als wel gepast genomen, aange„ „merkt had, en dezelve approbeerden met last om de 7. stuks Eliphanten die wegens hun gebreeken en verkogt bleeven, per pu„ „bleke venditie voor 't geldende te laten verko„ „pen, dan wel zo daar toe geen liefhebbers mogte zijn, deselve doodd schieten. Bij dnesen brieff van den 13. maij hebben wij uwel Ed: groot agtb: bedeeld dat de eerst„ „getekende deses op den 9. dier maand 6. stuks en op den 10. daar aan 2. eliphanten aan de maakelaars volgens de prijs sourant tezamen rd:s 3386. verkogt had, dog onder mits, dat 't bedragen zoude betaald worden na ses„ maanden in sComp: kas, dat dit de voor dee„ „ligste weg geweest was die de eerstgete„ „kende had konnen inslaan om d: E: Comp: te ontdoen van de overige gebrekkine Eliphanten en dat onder de Verkogte b. Eliphanten 1, alsa ziek was en dat die Zieke Eliphanten verkogt was niet con„ „ditie dat wanneer deselve binnen agt dagen tijd mogte nederzaken dezelve voor reekening van d: E: Comp: en na dien tijd 't geschiedende voor reekening van den koper zoude zijn. Waar op uwel Edele groot agtb: bij der„ „zelver hoog g'agte missive van den. 1768. groot drie der ena van wel 2 pril e die gave 68. de en din d ƒ den 27. maij aangeschreeven had, dat 't hoogst deselve wel gevallig geweenst was te vernemen, dat we nader gelegen„ „heid hadden gevonden om nog 8. Eli„ „phanten te verkopen, Voor 33 1/86. rd:s, in dat hoogst dezelve passeerde het aan hun gegeven uijtstel tot de beta „ling van de kooppenningen Bij kolombosen brieff van den 1. maij heeft uwel Ed: groot agtb: geschree„ „ven dat hoogst deselve nopens, de geproponeerde Eliphanttrangst in de wannij zouden afwagten den uijtslag van de landsen der Verga„ „dering waar van de kapitein land regent van de wannij d: E: Na„ „gel in zijnen brieff van den 15. maart gesprooken had en dat wijl wij oordeelden dat de wannise Eliphanten den meest gewelste waren wij gemelte 6: Joman gezien 3291. 3318 E: Ragel moesten rekommandeeren om zijn uijtterste devoir aantewenden ten einde de wannise hoofden te persua„ „deeren om Iaarlijks op billijke conditien so veel Eliphanten te doen van genen aan de kompenie leveren als dagten tot den handel te behoeven, dat wanneer dit uijtvoerlijk bevonden wierde, uwel Ed: groot achtb: bij na van 't zenden der Eliphanten van daar, afzien, en met de Eliphan„ „ten die aldaar gevangen wierden eenen anderen uijtweg zoeken zou„ „de wijl het transport deeser bees„ „ten na herwaarts in alle de verdere ongelden die daar meede opgingen zo niet de winst Exedeerde, ten minsten zo merkelijk vermin„ „derde dat er wijnig over„ „schoot. bij zeijden. Bezijden onzen brieff van den 5. Junij hebben wij uwel Ed: groot achtb: toegeschikt kopia onzer resolutie van den 2. dier maan nopens den Eliphants vangst in de wa „wij Bij onsen brieff van den 10. Iunij hebben wij uwel Ed: groot agtb: be„ „deeld dat op den 8: dier maand alhier van de kust aangekomen was de zendeling van den Nabab van Kanoer souteerende onder Nizau Malie ge„ „heeten Batochan baboejie met Voorneemen om twintig Eliphanten van d: E: Comp: te koopen, dog dat de eerstgetekende deses hem daar meede niet helpen konde wijl men hier gee 4 „ne negotie beesten per restand had dat gemelte zendeling disconsivelijk aan de eerstgetekende deses gezegt had, dat hij gaarne een kontraks wilde aangaan om Jaarlijks van d: E: Comp: twintig a: vijf en twinti Eliphanten geztien Irman 3292. 3318 Eliphanten te koopen, mitshoudende de„ „selve de hoogte van 6. a: 7. kobidos dog dat de eerstgetekende dezes geen kom„ „trakt met hem had willen sluiten, als zulks niet hebbende kunnen doen buijten kwalificatie van uwel Ed: groot agtb: en in 't onzeker zijn„ „de of zo veel en Eliphanten zouden kin„ „nen gevangen werden Hier op heeft uwel Ed: groot agtb: bij brief van den 22. Iunij ons ge„ last om nader in overweeging te„ „neemen, of 't voordeeliger voor d: E: was komp: na, dat de wannete modliaars de Eliphanten van genen leverden, Voor de prijsen en op de konditie vermeld bij onse resolutie van den 11. maij 1789. g'approbeerd bij uwel Ed: groot agtb: g'agte missive van den 19. Iunij daar aan dan wel dat dit geschiede volgens den voorstel van gem: modliaars g'insereerd ten

NL-HaNA_1.04.02_3887_0374 view scan ↗

English

inserted in our resolution of 2 June, and that as soon as we had determined this, it was to be communicated to the Honorable Captain Land-Regent Nagel, and at the same time he was to be informed how many elephants we required, not only to fulfill the contract with the envoy of the Nabab of Kanoer, named Bahochan Baboejie, mentioned in our letter of 10 June, but also to sell to other traders if we had any prospect thereof, and that the time would be determined by which these elephants would have to be delivered. That for the catching of these elephants we had to send to the Wannie all the decoy elephants that were available here, as well as those of Manaar if they were not needed there, and if more decoy elephants were required—whereupon we were to correspond with the Honorable Nagel—we would inform Your Right Honorable Worships how many pieces were still needed, so that Your High Honor could send the Colombo decoy elephants and those of Mature to the Wannie. Hereupon, in our letter of 1 July, we wrote to Your Right Honorable Worships that we would have the 5 trade elephants stationed at Manaar brought here to see if they could not be sold to the elephant merchant Babochan Baboesie, and that as soon as that sale had taken place, we would comply with the order of Your Right Honorable Worships contained in the letter of 21 June. In our letter of 29 July, we informed Your Right Honorable Worships that we communicated our further resolution dated 26 of that month concerning the capture of the elephants to the Honorable Nagel, and that we would forward the same to Your Right Honorable Worships as soon as we had received the answer from the said Honorable Nagel. Pursuant to that, we presented to Your Right Honorable Worships, alongside our letter of 2 September, a copy of our resolutions of 26 July containing the decision to have the inhabitants of the Wannie catch and deliver tusked and alias elephants, as much as possible without defects and above 5 cubits high, assigning to them as a reward one-third of the sales price, being for a tusked one above 5 cubits high without defects 293 1/3 rixdollars, and with defects 283 1/3 rixdollars, and for an alias above 5 cubits high also without defects 150 rixdollars, and with defects 140 1/2 rixdollars; the female elephants that they might catch to be retained and used as decoy elephants in the Wannie; the payment of 1/3 of the sales price to take place after the elephants should have been sold; to receive payment from them for the powder and lead at 12 stuivers for 1 lb of powder and 4 1/2 stuivers for 1 lb of lead; the expenses of their heathen temples generally to be borne by them; the captured elephants to be handed over to the vedaan at Moelletiooe or Wedeteltivoe; the ropes that they might use to be returned to them; the Honorable Nagel to be given an extract of this for his information and instructed to hold the equity of the Honorable Company's demand before them, so that by their agreeing to it the Honorable Company might gain an advantage in the sale of the elephants; and to ask them how many elephants they would be able to deliver in a year; an extract of our resolution of 24 August whereby further, because the inhabitants of the Wannie had not been willing to agree to that, it was decided to let the inhabitants of the Wannie catch the elephants they wished to deliver for the prices they had given, the payment to be provided to them after the sale of the elephants by those inhabitants; the captured elephants to be delivered at Moelletiooe or Wedeteltivoe to our vedaan, and there to take back the ropes they might use for binding the elephants; payment by the same for 1 lb of powder 12 stuivers and for 1 lb of lead 4 1/2 stuivers; the expenses of their heathen temples to be borne by them; to requisition upon demand from here the decoy elephants they need for the catching of the elephants, while the same will be placed and cared for here. By Colombo letter of 21 June Your Right Honorable Worships qualified us to conclude with the envoy of the Nabab of Kanoer, Baborhan Baboesie, mentioned in our letter of the 10th of that month, the contract proposed by him to the first signatory to cede to him against cash payment 20 to 25 elephants as close as possible to such sort and size as we had stated, with instructions at the same time that in negotiations like these one had to give and take; the nature thereof had to be made known in the contract so that no disputes might arise over it in time, and that consequently the merchant would be obliged to take the elephants as long as they did not differ too much from the stated sort and size, and that on our side the payment also had to be calculated accordingly; also that we had to determine a time by which he would be obliged annually to come and take delivery of the contracted elephants, under the penalty that if he remained away longer

Dutch transcription

g. insereerd bij onze resolutie van den 2. Iuneij en dat zo dra wij dit bepaald had„ „den aan den E: kapitein land regent Na„ „gel moest bedeelen en hem teffens opge„ „ven hoe veel Eliphanten wij nodig hadde niet alleen om aan 't kontrakt met de zendeling van den Nabab van kanoer gekeeten Bahochan baboejie Ver „melt bij onzen brieff van den 10. Iunij te voldoen, maar ook aan andere han „delaars te verkoopen, zo we ij daar toe eenig voor uijtzigt hadden, en dat men daar bij de tijd bepaalen zoude teegens wanneer deze Eliphanten zoude moeten worden geleverd. Dat tot 't vangen van deze Eliphanten mij na de wannee moesten zinden alle de Jaagbeesten die hier aan hadden waren, zo ook die vanr manaar indien ze daar niet nodig mogten zijn en zoer meer Jaagbersten wierden verijsht / wa wij „gezien Irman 3293. 3318 wij met de EE vagel moesten, korrespondeeren:/ uwel Ed: groot agtb: soude berigten hoeweel stuks er nog nodig waaren, op dat Hoogst deselve de kolombose jaagbeeft wat die van Mature na de wannie konde zenen Hier op hebben wij bij onsen briev van den 1:' Julij uwel Edele groot agtb: geschreeven dat wij de op Manaac gesteld staande 5. Negotie E lischan „ten ditheenen zouden laaten brengen om te zien of men deselven aan den Sliphants koopman Babochan baboesie niet zoude konnen ver„ koopen en dat zoo dra die verkooping ge„ „schied was wij voldoen zouden aan de order van uwel Edele groot agtb: vervat bij brief van den 21. Jani. Bij onsen brek van den 29.:' Julij hebben wij uwel Ed: groot agtb: bedeeld dat wij ons nada besluijt gedateerd 26. dier maand over den vingst der Eliphanten aan d E: Nagel bedeeld hebben, en dat wij het zelve aan uwel Edele groot agtb: toeschikken zouden zo dra wij 't andwoord van gemelte E: Na „gel zouden ontfangen hebben. Ingevolge van dien hebben wij neffens onzen briev van den 2. ' Sept: uwel Edele groot agtb: aangeboden kopije onser retolutien van den 26. ' Julij woudende besluijt om door de wannide den C0 had„ t Na„ opge„ de wannise ingeseekenen perlaaten vangen en leeveren ge „tande en alia Eliphanten, so veel mogelik zonder gebreeken boven de 5. kobidos hoog aan he tot een belooning toetwwijsen een deude van de verkoops prijs als voor 't. gelande boven de 5. kobidos Hoog sonder gebreeken rd=s 293½. en met gebreeken rd:s 283 1/3. en voor een alie booven de 5: Kobidos Moog meede zonder ge„ „breeken rd:s 150. —. en met gebreeken rd:s 140½ de wijfjes, Eliphanten die zij mogte vangen tot Jaagbeesten en de wannij telaaten aanhoul en gebruijken de voldoening van 1/3. van de ver„ koops prijs telaaten geschieden na dat de Elip„ „hanten zouden verkogt zijn, voor 't kalit en lood van hen betaaling te ontvangen als voor 1. lb: kruit 12. stx:s en voor 1. lb: lood 4½. stx: de onkosten van Meijne heiden „sche tempels geneaaalijk door hen te„ laaten daaagen, de gevangen werdende Elephanten telaaten over geen aan den vedaan op Moelletiooe of wedeteltivoe, De tou„ „wen die zig gebruijken mogte aan hen terug te geeven den E: Nagel Wier van en Extrakt kennis te geeven en tegelasten om de billijkhijd van den Eijsch den E: komp hen voor te houden op dat zij door dien weg daar toe overgaande dE: kompuenie bij den 1akop den gezien Joman 3294. 3318 der Eliphanten voordeel krijgen mogte; En van hen oftevraagen Hoe veel Eliphanten zij in een Jaar zouden konnen leeveren een Kopiaste onser resolutie van den 24. ' aug:s waar bij nader om dat de wannise in gezee „tenen daar toe niet hadden willen overgaen beslooten is om telaaten door de wannesche ingezeeleven vangen de Eliphanten die zij lee„ „veeren wilde voor de prijsen die zij opge„ „geven hadden, de betaaling aan hen tebesor„ „geen na den verkoop der Eliphanten door die inwoonders de gevangen werdende Elip „tanten op Moeltalivoe of wedelelterde aan onzen vedaan leeveren en aldaar de touwen terug neemen die zij gebruijken mogten tot 't binden der Eliphanten, door de zelven betaal„ voor 1. lb: kruit 12. stx:s en voor 1 lb: loond 4¼: stx:s door werdogn de onkosten van hun „ne Weidersche tem pees rekwireeren Bij verteijsch van hier reraate de jaage baasten die zij noodig hebben tot 't vangen der Elephanten terwijl deselve hier zullen gesteld en opgepast worden. Bij Kolombose briev van den 21:' Junij Heeft uwel Ed: groot agtb: ons gekwalefiseerd 172 Om enge gelik aan he van de de 5. — 293 1/3. een alie der ge„ ad:s 148½ vangen aan houl ver e Kaul dlaste komt weg Koop om met den sendeling van den Nabab van kanoer Baborhan baboesie vermeld bij onsen briev van 10. Oiermaand besluijten 't door hem voor gestelde kontaad aan den eersten geteekende om aan wen teegens kontante betaaling afte staan 20. â 25: bliphant zoo na mogelijk van zoodani„ „gen zoort en groote des wij opgegeven had, met aanschrijving teffens dat men in 'bedingen als dese wat moeste geven en neemen den baar van bij det kontant moest worden; bekend gesteld op dat daar over van geen verschillen ine der tijd mogte ontsdaan en dat mits dien de koopman zoude verpligt zijn de Eliphanten te neemen en zoo verre zij niet allaveel van de opgegevene zoort en groote ver schelden, en dat ook van onze zijde de betaaling daar na moeste worden bereekend ook dat wij daar bij een tijd moeste bepaalen wanneer hij jaarlijks zoude verpligt zijn de gekontrakteerde Eli Overneemen sub„ phanten te koemen hij langer weg blifte pane, dat wanneer Aln Iman „geziend

NL-HaNA_1.04.02_3887_0379 view scan ↗

English

the Honourable Company would be free to sell these elephants to others for that year, and that furthermore a penalty had to be determined, and for this penalty he should properly provide security, unless he were a sufficiently accredited man, so that in our opinion one could rely on his word; but because the said person had made very unreasonable demands, we did not wish to conclude a contract with him, which Your Right Honourable also approved. Your Right Honourable also wrote by letter of 6 July that Your Honour let the matter rest with the accountability of the vidaan of the elephant stone cellar, but that in the future, regarding the elephants being handed over to him for transport to Jaffanapatnam, he should not rely solely on the report of the commissioners, but should speak privately with the Honourable Resident of the place about it and clearly present to him whether all the beasts taken over by him could, in his view, endure the journey or not; and we have ordered the said vidaan, with the delivery of an extract, to observe the ordered instructions in the future. Having hereby concluded our transactions regarding the elephants of the Honourable Company, we take the humble liberty to inform Your Right Honourable at the same time that Your Honour, by esteemed letter of 25 February, wrote hither that a servant of the Nabab named Abdul Kader, who was about to depart from there to Manaar with the envoy of the Nabab, Mamadoe Assul Magamadoe Saijboe, in order to stay at Condatje with this envoy as long as a fishery might last, if one were held, and subsequently that he would come over here with a certain Goela Male Saib, and that one should deal with them just as and on the same footing as occurred in the year 1788; and by another letter of the same date, to have the finest one selected from the three tusked elephants to serve as a present for the Nabab of the Carnatic; further, immediately to report to Your Right Honourable the ornaments needed for that beast on such an occasion, and at the same time to inform what had to be sent from Kolombo for that purpose, with a short estimate of what each would cost; further, that to the said tusked elephant should be added one of the finest alias, which we had to have selected for that purpose; that in addition to this, the female elephant Rabbedie, which was pregnant, should be kept for the Nabab, and if this beast should happen to calve in the meantime, care had to be taken of the calf, as it was to be sent with the mother; that besides the aforementioned three elephants, we also had to have selected, likewise for the Nabab, two of the smallest alias that were here, matching each other as closely as possible in size and build; that this selection had to take place in as quiet a manner as possible, so as not to deter the merchants from the purchase of other elephants. We have taken this for our dutiful guidance, and in our letter of 18 March last written to Your Right Honourable that, pursuant to Your Honour's esteemed order by letter of that month, besides those elephants as a gift to the Nabab of the Carnatic, we would also have delivered to the envoy of His Highness, Mamadoe Assul Magamadoesaiboe, an alia measuring approximately 3 cobidos as a present; and that the elephant broker Waijtelingen had stated that the ornaments he had procured in anno 1788 for the gift elephant for the lord Nabab amounted to R:s 329. 35., and also that 12 covados of red cloth had to be procured from Kolombo. Alongside our letter of 25 March, we sent to Your Right Honourable a list of six elephants that had been selected as a gift for the Nabab of the Carnatic. Your Right Honourable, with the letter of 15 March, sent us a parcel with 12 covados of red cloth to serve for decorating the gift elephants for the Nabab, and in our humble letter of 1 April we informed Your Right Honourable that, according to Your Honour's esteemed order by letter of 16 March, instead of the two small alias, we had caused two of the finest alias, measuring 5 and 5 5/8 cobidos high, to be selected to serve as a gift for the two sons of the Nabab. That we, according to Your Right Honourable's esteemed orders contained in the esteemed dispatch of 16 March, would send along the gift elephants with the servant of the Nabab, Abdoelkader, who arrived here on the 26th of that month, upon his departure, with clear indications as to which elephants were to be delivered to the Nabab and which to his sons; and that we would hand over to the said Abdulkader the alias as a gift for the envoy of the Nabab, Mamadoe Assul Magamadoe Saijboe. By letter of 27 March, Your Right Honourable

Dutch transcription

3295. 3318 aan DE. kompenie zoude vrgjstaan om dese Eliphan„ „ten voor dat Jaar aan anderen teverkoopen, mits„ „gaders dat daar bij booven dien een penaliteijd moest worden bepaald, en voor dese penaliteijd zoude hij wel behooren zekerheijd testellen, ten zij dat hij een ge„ „noeg g' accrediteerd man was, om 't na onse gedag„ „ten op zijn woord te kunnen laaten aankomen dog wijl gemelte perzoon zeer onredelijk Eijsschen gedaan hadden, hebben wij met hen geen kontrak willen sluijten, het geen ook uwel Edele Groot Agtb: g:' approbeerd. heeft. ook heeft uwel Ed: groot Agtb: bij brief van den. 6. julij geschreeven de Hoogste deselve het liet berusten bij de verandwoording van den vordaan der Eliphanten steenkelder, dog dat hij in den aan staande noo„ „pens de aan hem overgegeven werdende Eliphan„ „ten ter vervoer na Jaffanapatnam niet moeste laaten blijven bij 't rapport van de gekommitteer„ „dens. maar selfs appart 't E: opperhoofd van de plaats daar over spreeken en hem duijdelijk voor¬ stellen of alle de door hem overgenomene beesten naar zijn inzien de rijse zoude konnen goedmaaken of t of niet, en wij hebben gemelte vidaen onder afgaave van Extrakt gelast om 't g' ordonneerde daar bij in den aan staande slipt 't opserveeren Hiermede afgehandelt hebbende onse verrigtingen ontrent, d. oliphanten van DE komp: zoo neemen wij de needrige vrijheid van uw Ed Groot Agtb: teffens te berigten dat Hoogst de„ „zelve bij g' agten brief van den 25. februarij ken„ „waards geschreeven heeft dat Een bediende van den Nabab, genaamd Abdul Kader, die met de gezant van den Nabab Mamadoe Assul Magamadoe Saijboe van daar na Manaar stond tevertrekken om zoo er Een visserij gehouden wierd benevens desen sendeling te Condatje te vertoeven tot zoo lange dezelve mogte duuren, en vervolgens dat hij alhier zou overkoomen met eenen goela male saib, en dat men met desel„ „ve even en op dien voet als is geschied in 't Jaar „ 1788. zou handelen, en bij een ander brief van gem: datum om van de drie getande oliphanten Eene die het fraaijste is telaaten uijtzoeken on te dienen Isman „gezien 3296. 3318 ledienen tot een present voor den Nabab van karnatika, voorts de Cieraden in zulk, een ge„ leegenhijd voor dat beest noodig aan uwel Edele Groot Agtb: aanstond oplegeeven, en teffens te bedeelen wat ten dien eijnde van Kolombo moest worden gezonden, met een korte opgaave wat 't een en ander na gissing kosten, zoude wijders dat bij gem: getande oliphant zoude worden gevoegd een van de fraaijste alias, die wij ten dien eijnde moesten doen uijtzoeken dat hier bij voor den Nabac„ nog moeste worden aangehouden. t. wijfje oliphant Rabbedie dat bezet was en zoo dit beest en tus„ schen mogte koomen tewerpen voor 't Jong also 't dat met de moeder diende versonden tewerden, moeste zorg gedraagen werden dat behalven de voorsz: drie oliphanten wij nog moesten doen uijt„ zoeken insgelijks voor den Nabab, twee ali„ „assen van de klijnste die hier waaren en welke zoo na mogelijk in groote en slag met mal„ kanderen overeenkomende, dat dit uijtzoeken geschieden moeste op eene zoo weijnig gerugt makende wijze als geschieden konde, om de kooplie„ „den koopen den niet afteschrikken van 't Hoosander oliphanten Dit hebben wij tat ons schuldig narigt genoomen, en bij onsen brief van den 18. Maart Jongstleeden uweld: groot Agtb: geschreeven, dat wij ingevolge Hoogst derzelver g. ' eerde last bij brief van den dien„ „maand, behalven die oliphanten tot geschenkt aan den Nabab van karnatica, nog aan den zende„ ling van zijne Hoogheijd Mamadoe Assul Maga„ madoesaiboe een alia hoog min of meer 3 Cobidos tot Een prezend. zoude laaten afgeeven, en dat de oliphants makelaar waijtelingen opgegeven had dat de Ciraaden die hij in anno 1788. voor de ge„ schenkt oliphant voor den heer Nabab bezorgd had bedroeg R:s 329. 35. ook dat 12 Cer: roodlaaken van kolombo dienden besorgd tewerden: Wij hebben uwelEd: Groot Agtb: bezijden onsen brief van den 25 Maart toegeschikt een notitie van ses stux olipanten die tot geschenk voor den Nabab van karnatica uijtgezogt waaren uwel„ „Ed: Groot Agtb: heeft ons neffens: brief van den 15. Maart toegeschikt een pak met 12 Cot. rood laaken Giman gezien 3297. 3318 laaken om tedienen tot 't vercieren van de ge„ „schenk oliephanten voor den Nabab en wij hebben bij onsen nedrigen van den 1. April daar aan uwel Ed: Groot Agtb: bedeeld dat wij volgens Hooft derzelve g.' eerde last bij brieff van den 16 Maart insteede van de twee kleine aliassen hadden laaten uijtzoeken twee van de fraaijste aliassen hoog 5 en 5 5/8. kobidos om tedienen tot geschenk voor de twee zoons van den Nabab- Dat wij de geschenk oliphanten volg=s uwel Ed: groot Agtb: g' eerde ordere vervath bij g' agte missi„ ve van den 16. ' Maart aan den bediende van den Nabab. Abdoelkader die op den 26. diermaand alhier aangekoomen was bij zijn vertrek zoude mede geeven met duijdelijke aanwijzing welke alip„ „hanten aan den Nabab en welke aan desselfs zoons moeste worden besteld, en dat wij aan gem: Abdulkader zouden overgeven de Alias tot geschenk voor den sendeling van den Nabab Mamadoe Assul Magamadoe Saijboe- Bij brief van den 27. ' Maart heeft uwel Ed: Groot anten n C. 7

NL-HaNA_1.04.02_3887_0384 view scan ↗

English

Your Right Honourable Lordships instructed us to deliver the gift elephants, and the elephant for Mamadoe Assul Magamadoe Saijboe, to Shaikh Rama Tulla, and that Abdulkader could be present at the shipping if he wished; furthermore, that on the list we had sent to Your Right Honourable Lordships with our letter of 11 March, the female elephant Rabbedie was not found, and that if this animal happened to have died or for other reasons could not be found, then to provide a fine alia in its place. To this we informed Your Right Honourable Lordships that the elephants for the Nabab and the elephant for Magamadoe Assul Magamadoe Saiboe had been delivered to the said envoy Shaikh Rama Tulla for dispatch; that the envoy Abdoelkader, at his request, would remain here to attend their shipping; and that the elephant Rabbedie had collapsed, and that since among the elephants brought here from Colombo there was a fine and well-formed female 5 5/8 covids high, the first undersigned had delivered it instead of the elephant Rabbedie, the more so because the first undersigned had sold the alia intended as a gift. Your Right Honourable Lordships sent us, along with the letter of 28 March last, a letter and an accompanying small box with presents for the Nabab of Karnatika, and the first undersigned delivered the same to the servant of the Nabab, Abdoelkader, in accordance with our humble letter of 15 April, in such a manner as Your Right Honourable Lordships had ordered him to do, and told him to depart from here with those presents, since Shaikh Rama Tulla would take along the gift elephants, as the same had been handed over to him. However, the said Abdoelkader requested to be allowed to be present at the shipment of the elephants, which the first undersigned also granted him. In a separate letter, the first undersigned submitted to Your Right Honourable Lordships the request of the Nabab’s envoys to be allowed to have some provisions for their servants. Thereupon, Your Lordships were pleased to write here by letter of 23 July to be informed of the number of these sepoys and their expenses. In our letter of 12 August, we brought to Your Right Honourable Lordships' knowledge that the number of the sepoys of the Nabab's envoys consisted of one sergeant, one corporal, and twelve privates, and that they had been provided here for 100 days for their subsistence with rice, etc., amounting to 295 rixdollars and 40 stuivers. In our letter of 10 July, we informed Your Right Honourable Lordships that a gift alia elephant for the Nabab of Karnatika had collapsed while being transported to the island of Karetwoe to be shipped. Extract from the Jaffnapatnam Compendium of the year 1789/90. The horse breeding: According to the instructions written by Your Right Honourable Lordships in the missive of 26 December 1785, we have the honour hereby respectfully to show that the remainder of the horses from anno passato was 213 pieces, namely: Indigenous young stallions: 21 Indigenous breeding stallions: 5 Carried forward: 26, total pieces: 213 Brought forward: 26, pieces: 213 Adult mares: 106 Colt foals: 18 Breeding stallion: 1 Filly foals: 62 Total: 213 In Aokjaard bred and registered: Indigenous young stallions: 19 Indigenous adult mares: 2 Colt foals: 21 Filly foals: 20 Found in excess upon taking inventory: Indigenous breeding stallion: 1 Filly foals: 3 Subtotal: 66 Together: 279 Of which sent to Colombo: 13 Registered colt foals: 19 Registered filly foals: 10 Carried forward: 279 Transferred to the stables here: Young stallions: 4 Died and written off from the books: Indigenous young stallions: 2 Adult mare: 1 Colt foals: 9 Filly foals: 6 Remaining under today's date: namely, Persian breeding stallion: 1 Indigenous young stallions: 21 Indigenous breeding stallions: 6 Adult mares: 107 Colt foals: 22 Filly foals: 61 As remainder: 218 pieces. In the stables here, under the date of primo September anno passato, the remainder of horses was 12 pieces. Sold this year: 2 Remaining under today's date still as remainder: 10 pieces, namely: Persian breeding stallion: 1 Indigenous stallions: 9 In the Wannij, under ultimo August, the remainder was 17 pieces, namely: Breeding stallion: 1 Mares: 11 Foals: 5 Bred this year: 4 pieces, namely: Colt foals: 2 Filly foals: 2 Total: 22 pieces. Of which taken away by the tiger: Filly foal: 1 Died and written off: 11, namely: Colt foals: 4 Filly foals: 5 Mare: 1 Breeding stallion: 1 Remainder: 10 pieces. Received this year: 5 horses, which [illegible]

Dutch transcription

groot Agtb: ons gelast om de geschenkt olip„ „hanten, en de oliphant voor Mamadoe Assul Magamadoe Saijboe aftegeeven aan schuik Rama Tulla en dat Abdulkader konde prezend weezen bij 't afscheepen indien hij welde voorts dat onder de Lijst die wij neffens onsen brieff van den 11. Maart uwel Ed groot Agtb: hadden toegeschikt niet gevonden waaren 'te wijfje oliphant Rabbedie en dat indien dit beest mog„ te zijn gekrapeert of om andere reeden niet kon„ de werden verzoen=den dan daar voor een fraaije alia in de plaats te geeven hier op hebben wij uwe Edele groot Agtb: bedeelt dat aan gem: sen„ „deling Schaik Rama Tulla ter bestelling afgegeven waaren de Eliphanten voor den Nabab en de oliphant voor Magamadoe Assul Maga madoe saiboe, dat de sendeling Abdoel- kader op zijn verzoek hier blijven zoude om derselven afscheeping. Agtewoonen, Dat de Eliphant Rabbedie erman „gezien 3298. 3318 Rabbedie was neergezaket, en dat wijl onder de van kolombo hier aangebragte oliphanten een fraaij en te„ bezet wijfje hoog 5 /8 kobidos was, de Erste getee„ kende deses dat insteede van de oliphant Rabbe„ „die afgegeven had, temeer om dat de Eerste getee„ „kende deses de tot geschenk bepaalde alia verkogt hade uwel Ed Groot Agtb: heeft ons bezijden brief van den 28. ' Maart jongtsleeden toegeschikt eenen „brief en Een daar toe gehoorende kasje met pre„ „senten voor den Nabab van karnatika, en de Eerste getekende deses heeft dezelve volgens ons needrig schrijven van den 15 April aan den bedien„ den van den Nabab Abdoelkader afgegeven op zoo Eene wijze als 't uwel Ed: groot Agtb: bevoo„ len had te doen, en heen gezegt om van hier met die presenten tevertrekken wijl schaik Rama Tilla de geschenk Eliphanten als zijnde dezelve aan hem overgegeven mede neemen zoude, dog gem: Abdoelkader heeft versogt om te moogen prezend zijn, bij den afscheep der Eliphanten 't geen de Eenst¬ geteekende — Nagezien P Muellers geteekende deses hem ook toegestaan heeft. Bij Eenen apparten brief heeft de Eerstgeteekende deses uwelEd: groot Agtb: het verzoek van de sen„ delingen van den Nabab om Eenige verstrekking ten behoeve van hunne dienaaren temoogen hebben voorgedraagen daar op behaagde t hoogst dezelve bij brief van den 23. ' Julij herwaards te schrijven om hoogst deselve te berigten het getal. dezer Siphai„ sen. en hunne ongelden wij hebben bij onsen brief van den 12 Augs uwel Ed: groot Agtb: ter kennisse gebragt dat dt 't getal der sipais van den Nababse sendelingen bestond in Een sergeant, Een korperal en twaalf gemeene, en dat aan dezelve voor 100 daagen alhier verstrekt waaren tot hun onderhold aan Uijst Et C=a 295 R:s en 40 stuijvers Bij onsen brieff van den 10. Julij hebben wij uwelEd: Groot Agtb: verwilligd dat Een geschenkt alia Cliphan voor den Nabab van karnatikae in 't wegbrengen na 't Eijland karetwoe om afgescheep te werden wans nedergezakt Akkordeerd. Hijbrands Eikeerk Giman gezien 3299. 3318 Extrakt uyt het Jaffr napatnamse Conspendium Van het jaar 17 8/90. De paarden Theeld volgens 't aangeschreevene door Uw Wel Edele Groot Achtb: bij missive van den 26: December 1785, hebben wij de eere hier bij meer„ bied aan te toonen, dat het restant der paar„ den van anno passato is geweest - - - - stuks 213. — Als, inlandse jonge hengsten 21. –. do Jnlandse Spring 5. - . Transporteere. . . - 26: Mtuks 213: — ho o ine gen wans Transport 26. stuk: 213. Volwassene meraijs. . . 106. hengst veulen. . . . . . . . 18. springhengs. . . . . 1. merrij d=o. . . 62. 213. —. Jn Aokjaard verngeheeld en overgeschreven. Jnlands Jonge hengsten . 19. do — volwassene nier rijs hengstveulen Marij do 2 Bij den opneemen meer der bevonden als Jnlandse Springhengst - - 1. meroij veulen. . . . . . 3. Not 66. Tezaamen suij 279 Waarvan na kolombo gezonden - - - - - - - 13 overgesz: hengstveulen — 19 do merrij d=o. . 10 Transporteere stuij Muij 279 Jman „gezien 10 29 3318 na de paarde stal alhier overgebragt Jonge hengste . . . 4. —. verrekt en bij de boeken afgeschreeven Jnlandsche Jonge hengster - - - 2. –. volaassene merrij - -- hengst veulen - - - - - - - Pr Transp:t stux. . Atuij2 79 merrij d=o 9. —. 1—. de „ 6 onder hedigen datum blijven te weeten persiaanse springhengst 1. –. Jnlandsche Jonge hengsten - - 21—. d=o—„ Spring d=o volwasene merrij hengst veulen merrij Veulen - - per restand - - - - - - - - - - - - stukf 218. 6:— 22. —. 107. —. -. - - - - - - 3. stux 218. —. Ter stalle alhier zijn onder dato primo Zeeptember Anno passato per restant hengst„ geweest 3300. paarden - 61— -- 1. 8. —. een Teld stux 12. —. Jn dit jaar verkogt - - – – – „ 2. een blijven onder hedigen Datum nog per restand - - - - - - stux 10. als persiaande springhengt 1—. Jnlandse hengsten - - - - 9. —. Jer de wannij was onder ultume augusto –stux 17. per restand - - - - - - - - - springstengst - - Jn dit jaar aangesteeld- - als hengst veulen --- merrij - - stucx 4. –. do als merrijs. . . . . . . . . . . . . . . 11. —. Venlens. . . . . . . . 5. —. Teld Stuks 22. –. waarvan door de tijger weggenoomen merrij ƒ. 1. veulen - - - - gekrepeert en afgesz: - - - — merrij - - - - 28. als: hengt veulen - - - - - - - 4. —. merrij - do - - - 5. —: 11. —. . 80. Een Rest springhengst - - - - - 3„ de -- „ 5. —. „ Jn dit jaar ontvangen — paarden - - - - - welke Joman „gezien - -- -

NL-HaNA_1.04.02_3887_0391 view scan ↗

English

3301. 3318 which the Captain Landregent of the Wannij, the Honorable Nagel, had sent hither under date of August 1 of this year in order to be forwarded to the island of Delft. The supplies provided to the debit of the horse stud farm amount in this year to ƒ9382. 5. — In the past year the same amounted to „ 2975. 8. 8 thus more in this year ƒ 6406. 16. 8. The profits of this year are - -- - -ƒ 891. —. and those of the past year - - - - „ 19. 15. 13. thus less in this year - - - - - ƒ 1024. 13. —. The Lieutenant Johan Frederik von Mijbrink, on account of his proceedings on the islands of Delft and the Two Brothers, has presented such a report to us as is to be found among the annexes, of this No. 3, to which we respectfully refer; Sijbrands First Clerk August Agreed. Isman seen 3318 Examined Woutersz: Iman seen 3302. 3318. Extract from the Jaffanapatnam Compendium of the Year 178 9/90: Manaar, Caridivo, and Seven Places chaya roots 8842: lbs namely 4929. lbs Manaar 3913. „ Seven Places in addition to this, there has been received successively during this year: 28976: lbs to wit: — 4800: lbs Manaar 5459. „ Caredivo 18717. „ Seven Places, which with the former make a quantity of 37818: lbs together of which have been consumed and wasted 10038. 4/5 lbs various, as: 6939:¼ lbs Manaar, to wit: 1025. lbs for dyeing the Company's linens 5288: „ sold and 126¼ „ wasted 3299. ¾. „ Karedivo, as: 1440: lbs sent to Kolombo 1025. „ for dyeing the Company's linens 786. „ sold 48 ¾ „ wasted 299. 1/5 lbs 299: 1/5 lbs Seven Places; as: 294. lbs sold 5. 4/5. „ wasted 279: [illegible] lbs remains still, namely: 3289.¾ lbs Manaar 2159: ¼ „ Karedivo 22330: 1/5 „ Seven Places Your Right Honorable has ordered us by letter of November 20 past to have the chaya roots sold on average for 8 stuivers Indian money per lb, to notify the painters, weavers, and dyers so that if they have any reasonable objection to bring against it, they may then address themselves therewith to Your Right Honorable, and furthermore to inform Your Right Honorable, and at the same time to send a sample of each sort thereof if the chaya roots here could not be sold for 8 stuivers the lb. Thereupon Jman seen 3303. 3318. Thereupon we informed Your Right Honorable by letter of December 3 following, that the chaya roots would be sold for the stipulated price, that the weavers, dyers, and painters had been notified of what was written by Your Honor, and that we would inform Your Right Honorable and at the same time send a sample of each sort of the chaya roots, if the same could not be sold here. By the aforesaid letter Your Right Honorable has pleased to approve our resolution of December 15 prior, to warn the public by advertisement that no one should dare to buy any chaya roots outside of the Company from the diggers or anyone else, to buy, under penalty that the intercepted chaya roots shall be confiscated and divided, one third for the poor, one third for the informant, and one third for the one who shall make the seizure, and that the violators of this order shall, in addition, forfeit five times the value of the intercepted chaya roots, for the benefit of the informant and the diaconate poor of Kolombo; that in case of inability to pay this fivefold value, whoever might be found, notwithstanding this prohibition, to have purchased chaya roots from the diggers or anyone else outside of the Company, shall be physically punished according to the findings of the case; and we have had such an advertisement published and posted here. Your Right Isman seen 3304. 3318 Your Right Honorable has pleased by letter of December 9 past to write to us that Your Honor concurred in the offer of the Honorable Administrator Mooijaart to deliver just as many chaya roots annually to the Company as the lease amount of the book-year 178 3/9 amounted to, and also to account to the Company for all that the diggers might deliver over and above that, and that Your Right Honorable trusted that the said Administrator would employ and encourage them by all possible means to increase the quantity more and more, since that would not only serve for the benefit of the Company, but also of him, the Administrator himself, and also of the diggers. It pleased Your Right Honorable to write to us by letter of March 27 that Your Honor persisted in accepting the justification of the Administrator Mooijaart mentioned in our resolution of December 14, regarding the low price for which the chaya roots were sold here in former years; that Your Honor, however, could not refrain from further remarking that, notwithstanding the arrangement to which he appealed, he ought well to have known that it was in any case his duty to sell the Company's goods as dearly as could be done; that Your Right Honorable counted upon him letting this remark serve him Isman seen for his instruction in the future; that Your Honor meanwhile repeated the order given that the chaya roots here, as well as in Manaar, must be parted with for no less than 8 Indian stuivers the lb, and insofar as we saw no chance of that, to inform Your Honor; that if this price increase of the chaya roots might have been the cause that thirty weavers had relocated, according to the statement of the Administrator Mooijaart in his justification, it was in the first place to be attributed to him; upon which we, by our letter of April 21, to Your Right Honorable, under submission of an address from the Administrator Mooijaart regarding what was written concerning the relocated 30.

Dutch transcription

3301. 3318 welke den kapitein Landregend van de wannij dE: Nagel onder dato 1. aug=o deses Jaars herwaards gezonden had om na 't Eijland Delft overte zenden De gedaane verstrekking ten laste van de paarde stoeterij bedraegd in dit ƒ9382. 5. — Anno pasato bedraagen deselve „ 2975. 8. 8 den dus in dit jaar meerder ƒ 6406. 16. 8 Jaar - - - - - - De winsten van dit Jaar zijn - -- - -ƒ 891. —. en die van anno padato - - - - „ 19. 15. 13. dus in dit Jaar minder- - - - - ƒ 1024. 13. —. De Luitenand Johan Frederik von Mijbrink heeft weegens zijne verrigtinge „gebaarders op de Eijlanden Delft en de twee gpbraedge een zodanig berigt aan ons gepresenteerd als tevinden is onder de bijlagen, deses N=o 3. waaraan wij ons eerbiedig gedragen; Sijbrands Segklerk gusto -— een Akkordeerd. Isman gezien 3318 Nagezien Woutersz: Iman gezien 3302. 3318. Extract uit de Jaffanapat„ nams Compenduim van Anno 178 9/90: Manaarsche, Caridivosche en seven„ plaatse zaaij ewortelen 8842: lb:s namentlijk 4929. lb: manaarse 3913. „ seven plaatse daarbij heeft men successivelijk geduurende dit jaar ontvangen. 28976: lb:s teweeten. — 4800: lb Manaarse 5459. „ Caredivose 18717. „ sevenplaatse die met de eerste uijtmaa„ kende een Quantitijd van 37818: lb tezaamen waar van verbruijkt en verspild zijn 10038. 4/5 lb: diverse als 6939:¼ lb Manaarse teweeten. 1025. lb tot verwen van 'sComp:s Lijwaaten 5288: „ verkogt en 126¼ „ verspild 3299. ¾. „ karedivose als 1440: lb na kolombo gesonden 1025. „ tot verwen van 'sComp:s Lijwaaten 786. „ verkogt 48 ¾ „ verspilt 299. 1/5 lb 299: 1/5 b:s zeven plaatse; als 294. lb: verkogt 5. 4/5. „ verspilt 279: / lb:s Resteerd nag, Namentlijk 3289.¾ lb manaarse 2159: ¼ „ karedivose 22330: 1/5 „ zaeven plaatse uwelEdele Groot agtb: heeft org bij brief van den 20: november Passalo gelast om de zaaijewortelen door den anderen telaaten ver„ koopen voor 8. stuix: indias geld '4ll:, de schilders, wevers en verwers aantekundi gen om zoo ze er teegen een billijken versoek intebrengen hadden, zig als den aan uwelEd: Groot agtb: daarmede te addresseeren, en voorts uwel Ed: Grit agtb: te bedeelen, en teffens van elk zoort derselve tesenden den monster wanneer de Lagenortelen alhier voor 8. stux: 't lb:s niet mogten verkogt werden Daar Jman „gezien 3303. 3318. Daar op hebben we uwelEd: Groot agtb: bij brief van den 3: December daar aan bedeeld, dat men de Zaaijewwortelen voor den bepaalden paijs zouden verkoopen, dat de wevers ver„ weas en schilders van het aangeschree„ vene door Hoogst deselve aangekuu„ digt waare, en dat we uwel Ed: Groot agtb: zouden bedeelen en teffens van elk zoort der Paaijewertelen een mons„ ten toeschikken, wanneer dezelve hier niet mogten verkagt worden. Wij voorsz: brieff heeft uwelEd: Groot agtb: gelieven te approbeeren ons besluijt van den 15. xber: bevoorens om de gemeen„ te bij advertissement te verwettigen dat niemand zoude mogen onderstaen, om buijten de: komp: van deselvers of iemand anders. eenige zaaijewortelen te koopen di: den te koopen, op peene dat de agterhaald wordende zaaijewortelen, zoude worden gekonfisteert en ver„ deeld, een derde voor den aamen, een derde voor den aanbrenger en een derde voor de geene die de Colange doen zoude, en dat de over„ treeders van Dese ordre, boven dien zouden verbeuren de vijff dubbelde waarde van de agterhaald wordende zaaijewertelen, ten be„ hoeve van den aanbrengen ende diaconij aamen van kolombo, dat bij onvermoogen dese vijff dubbelde waarde te kunnen betoa„ len, den geenen die mogte bevonden werden niet tegenstaande dit verbod zaaijemoteten van de deevers of iemand anders buijten dE: Comp: te hebben gekogt, aan den lijve zoude gestaaft werden na bevinding van zaaken, en wij hebben een zodanig advertissement hier laaten publiceeren en affigeeren. uwelEdele Isman „gezien 3304. 3318 uwelEdele Groot Agtbaare heeft ons blij briev van den 9: december passato gelieven aanteschrijven dat hoogst deselve berauste„ de in de aanbieding van den E: administra„ teur Mooijaart om even zoveel Zaaijewortelen jaarlijks aan dE: Comp: te leeveren, als de pagt: schat van 't boekjaar 178 3/9. bedroeg, en om ook aan dE: Comp: te verantwoorden al 't geen de delvers daar en boven mogten leeveren, en dat uweeEd: Grot Agtb: ver„ troulwde dat gem: Administrateur, de„ zelvens door alle mogelijke middelen zoude aanstellen en aanmoedigen, om de kwan„ titijd hoe langs hoe meer te vergrooten, wijl dat niet alleen zoude strekken ten voordeele van de Comp:, maarook nde oven. van hem administrateur selve en ook van de Vel„ vers. 'T behaagde uweeld: Gruot agtb ons zig brief van den 27: maart aanteschrijven dat Hoog= deselve blieff berusten in de verantwoording van den administrateur Mooijaart vermed bij onse resolutie van den 14: december, we„ gens den laagen ppaijs waar voor de Zaaijewoateten in vroegene gaaren alhier verkogt waare, dat Hoogt deselve nog„ tans niet kende verbij gaan nader aan„ temerke, dat hij niet teegenstaande de schikking waarop hij zig beriep, wel hadde behooren teweeten, dat 't in allen geval zijn pligt was, sComp:s goederen, zoo duur te verkoopen, als 't geschieden konden, dat uweeEd: Groot agtb: staat maakte dat hij zig dese aanmaaking voor Isman „gezien de 3305. 3318 den aanstaande tot narigt zoude laaten strekken, dat voogst deselve intusschen herhaalde de gegeevene order dat de zaaij„ wortelen alhier zo wel als te manaar voor niet minder den 8: indiasche stuck: 't lb: moeste worden afgestaen, en voor zoo verre wij daar toe geen khans vagen Hoogst deselve berigten zoude dat zoo deese prijs ver„ hooging van de zaagewortelen oorzaakt mogte zijn dat dertig wevers gedelogeerd waaren, volg: 't gezegde van den aduienis„ trateur Mooijaart bij zijn verantwoording„ 't aan hem in de eerste plaats toeteschrij„ ken wat hier op hebben wij bij onsen brief ven den 21: April uwelEd: Groot agtb: onder aanbieding van een addres van de Administrateur Mooijaart betrekkelijk tot 't aangesz: nopens de gedelogeerde 30.

NL-HaNA_1.04.02_3887_0402 view scan ↗

English

30 head weavers, serving with the proposal of his request included therewith, that if one were to accommodate the weavers and painters in their trade, both here and in Manaar, one ought to reduce the price of the good chay roots, even if it were to 5 Indian stuivers the lb, and give to them as much as they wished to buy, without however forcing them to take an equal number of sieve-siftings, even if it were for 5 or fewer stuivers, since the same were not used here; that one could fix the chay roots being transported to the Coast at 8 stuivers the lb, and also impose upon the transporters the obligation to buy an equal number of sieve-siftings at the same time, because only then would a trade take place; that none of the painters, weavers, and dyers should be allowed to transport or have transported any chay roots from here and Manaar to the Coast or elsewhere, nor sell the same to anyone here and in Manaar, upon pain of corporal punishment; that the Dessave, the Fiscal, the Residents of Kayts and Point Pedro, and the Adigar of Ponneryn and the Passes had to ensure that the same were not sold here; that the Honorable Manaar Chief would have to see to it that it did not happen there, and that the same were not transported to other places without showing a proper proof from the Honorable Administrator here and the Honorable Chief of Manaar that the same were from the Honorable Company at 8 stuivers the lb. And the first signatory of this has testified that he did not fail to notice that the Administrator Mooijaart had been negligent in observing the Company's interests and executing the orders given to him regarding the weavers and painters. And whereas Your Right Honourable had been pleased to use these words in the aforementioned letter, namely that they, the dyers, weavers, and painters in their crafts are not subject to any constraint, but may work freely and at their own discretion for anyone, without it henceforth being in anyone's power to hinder them therein, as it is said would happen, he was urged to identify the person who had reported that those servants had not been given the freedom to work for everyone, further citing that it mattered very much whom the same had meant by this, whether it was the first signatory of this or another; that the matter was of such a nature that it had to be investigated impartially and the accused or the accuser punished, and that if this were not done, Your Right Honourable would constantly remain under the impression that injustice was being done to the inhabitants here, and that Their High Excellencies themselves, upon reading the copy of that letter, might conceive ill suspicions against the first signatory; and the first signatory of this explicitly did not wish to be held under suspicion when innocent. The first signatory of this also requested that, by the prompt naming of the aforementioned person, he be enabled to deliver the findings of the report to Your Right Honourable in due time, so that Your Honour might inform Their High Excellencies thereof, in order that Their High Excellencies, upon reading that letter, might investigate further and know what was actually true regarding what had been reported. Furthermore, alongside our mentioned letter, we presented to Your Right Honourable a statement from the Administrator Mooijaart regarding the chay roots that had been dug, sold, and remained in balance since the ultimate of August of the past year, wherein he testified that he could not state by estimate how many chay roots from here would remain in balance by the ultimate of August of this year; that we awaited a statement from the Manaar Chief Ebell as to how many chay roots would be there after deducting those that could be sold, and that we would deliver that statement to Your Right Honourable upon receipt. Alongside our letter of the 22nd of April, we sent to Your Right Honourable our resolution of the 21st of that month, wherein it was decided to obligate the chay-diggers of the islands of Delft and the Two Brothers to deliver the specified quantity of chay roots according to old custom, as there was not much to do at the horse stud, and since the work of chay-digging was mostly performed by their wives and children. Thereupon, Your Right Honourable, by the Colombo missive of the 14th of May, ordered us to report to Your Honour how much this specified quantity according to old custom amounted to, and how much of it these chay-diggers had in fact delivered, especially in the last 5 years, as well as how much this amounted to per head on average. Pursuant to Your Right Honourable's esteemed letter of the 8th of April, we, by our letter of the 22nd of April, ordered the Manaar Chief Ebell to ensure that the digging of the chay roots was diligently continued, with the notification that Your Right Honourable, as a gift for his trouble, had granted him half of the chay roots that would be delivered under his administration over and above the year in which the greatest delivery had taken place under the administration of the Honorable van Ranson; furthermore, the aforementioned Chief was authorized to give the painters 5 to 6 bundles of chay roots for the continuation of their trade at 2½ Indian stuivers the lb, provided it appeared that these people actually practiced the painter's craft; and that we hoped Your Right Honourable would take a favourable decision on what was written in our letter of the 21st of April regarding the dyers, weavers, and painters, since they are just as much our inhabitants as the painters in Manaar. It pleased Your Right Honourable

Dutch transcription

30. koppen wevens, met voordaag- van dessels versoek daarbij vervath gediend, dat wannee men de wevens en schilders in hunne neuring zoo hier als te manaan wiede tegewered koo„ men, men de goede zaaijewortelen in prijs al was 't tot 5. Jndisch stuijvers 't lb: verminderen geeven moest, en aan hen zoo veel als zij koopen wilde„ zonder nogtans het te dringen om een ge„ lijk getal seven plaatse teneemen, al was het voor 5. of minder stul vermits desel„ de hier niet wierde gebruijkt, dat men de na de kust vervoerd werdende zaaije worte„ Een konde bepaalen op 8. stux: 't lb: en ook den vervoerden meer de verpligting brengen om een gelijk getal sevens plaatse te„ gelijk teHoopen, nadie dan daarn eene handel zoude plaats vinden, dat geene der schil„ ders wevers en verwers eenige zaaijewol„ telen van hier en manaar na de kust of Elders Iman tien 3306. 3318 Elders zouden mogen vervoeren of laaten ver„ voeren, nog deselve aan iemand hier en te ma„ naar verkoopen, op peene van lijtstaaffe, dat dl: Dessave, de fiskaal, de Residenten van kaijts pinto - pedoo en „ en de adegaar van ponneaijen en de passen zorgen moesten, dat deselve hier niet wierden verkogt, dat 't E: manaarsch opperhoofd zoude moete laaten toesien dat 't daar niet geschiede, en dat deselve niet worde vervoerd na andere plaatsen buijten vertooning van een behoor„ lijk bewijs van den E: administrateur alhier en 't E: opperhoofd van Manoor dat deselve van 82: Compenie waaren tegens 8. stun: 't lb:s, En de eerste geteekende deses heeft betuijgd, dat deselve niet miste dat de administrateur Mooij aart nalaatig geweest was, in 't beetragten van sComp:s voor„ deele deelen en de volbaenging der ordre die aan hem gege„ ven waaren betrekkelijk tot de wevers, en schillens„ en wijl uwelEd: Groot agtb: bij gem: brief had ge„ lieven te bezigen deese worden maar ook dat zij tewek de verwers wevers en Schillens in hunne bedaijge niet onderworpen zijn aan eenig bedwang maar vrijelijk en naar eijgen goed vinde voor een ige„ lijk mogen werken, zonder dat het voor„ taan in iemands vermogen sij hun daar in hinde lijk teweesen, gelijk men zegt dat zoude geschiden g'incereerd, om den zelven aanwijsing tedoen van den persoon die aangegeven had, dat aan die dienstelingen geene vrijheijd gegeven was om voor een ieder tewerken met aan„ haaling verder, dat 't net wen veel wes ure deselve daarmede gemeend had, tot zij de eerstgeteekende deses, het zij ander dat de zaak van dien aart was, dat deselve onpartijdig moest ondersogt, ende beschuldigde Isman gezien 3307. 3318 of de beschuldiger gestraft werden, en dat indien dit niet geschieden mogte uweeEd: Grot agtb: steeds in dat denkbeeld soude ge„ verseerd blijven dat onregt aan de inge„ sietenen hier gedaan wierde, en dat Hunne Hoog Edelheeden selfs, als zullende Hoogst de„ zelve door 't ontvangen van Copia van dien brief lectuur daar van krijgen, kwaar vermaeden zouden kunnen opvatten tegen den Eer„ sten geteekenden, en den eerste geteekenden deses voestaekt niet onschuldig wilde verdagt gehouden zijn ook heeft de eerstgeteekende deses versogt, om door 't spoedig aan„ geven van gem: persoon, denselven instaat testellen om de bevinding van de aange„ gevene aan uwelEd: Groot Agtb: ledig te„ kunnen besorgen, op dat Hoogss deselve er van kennis geeven konde aan Hunne Hunne hoog Edelheeden, ten einde Hoogst deseeve bij 't leesen van dien brief, verder nagaan en weeten mogten wat van 't aangeschoe„ vene eijgentlijk waare, voorts hebben wij dwelEd: Groot Agtb: beseulen ons gemeed brief aangebooden en opgave van den Administrateur Mooijaart noopens den zaaijewortelen die zedert ult:o augusto anno passato gedolven, verkogt, en per restant waare, waar hij deselve betuijgde, dat hij niet opgeven kende na gissing hoeveel zaaijewortelen wan hier teegen ult:o augusus deeses jaars zoude per restant zijn. dat wij opgave van 't manaarsch oppen„ eene hoofd Ebell verwagteden hoeveel tzaaije. wortelen aldaar na aftrek van die„ Isman „gezien die 3308. 3318 die verkogt konde worden zoude zijn, en dat wij die opgave bij ontvangst aan uwweeEd: Groot agtb: zouden besorgen Beseijden onse brief van den 22. April hebben we uweeEd: Groot agtb: toegesenden onse resolutie van den 21: dierm aand, waar„ hij beslooten is, om de zaaijegaavers van de eijlanden Deft en twee gebroeders opte„ leggen, om na oude gewoonte te leeve„ den de bepaalde kwantitijd zaaije motelen, als zijnde bij de paarde stoeterij niet veel te doen, als werden„ de het werk der zaaijedeeverig meest door hunne vrouwen en kinderen verrigt Daar op het uw eEd: Groot agtb: bij kolombose missive van den 14: Maij gezien maij ons gelast om hoogst deselve tebetal„ hoeveel deese na oude gewoonte bepaalde kuantitijd bedroeg, en hoeveel dese zaije deevers daar van in effecte hadden ge„ leevend, speciaal in de Jongste 5: Joog„ mitsgaders hoeveel dit door malkanne gerekend per kop bedraeg. volgens uwel Ed: Groot Agtb: g'agte brief van den 8. april hebben mij bijken ons schrijven van den 22. april 't manore E: opperhoofd Ebell gelast om tesergen dat de delverije van de zaaijemibelen vijtig worde voortgeset, met aanschrijving dat uweeEd: Groot agtb: tot een douchon voor zijn muijte toegelegt had de helfte van de zaaij ewortelen die onder zijn bestier meerder zoude worden geleverd, dan Ioman 3309. 3318 dan in 't Jaar waar in onder 't bestier van dE: van Ranson de grootste leverantie ge„ schied was, voorts gem: opperhoofd gequalificeerd om aan de schieders 5: a: 6: schaaren zaaijewortelen tot het voortsetten van hunne neuring teegens 2½ Jndische sturp: Ull, mits blijkende dat deese menschen 't schilders ambagt werkelijk excrceerden, en dat wij hoopten dat uwel Ed: Groot agtb: een gunstig tefluijt neemen zoude op 't aange„ schreevene bij onsen brieff van den 21: April nopens de verwers wevens en schilders, also zijnde zij alsoo gaad onse ingeseetenen als de schilders op manaar, Het behaagde uw elEd: Groot

NL-HaNA_1.04.02_3887_0410 view scan ↗

English

Right Honourable to write to us by letter of the 14th of May that Your Excellency concurred with our assurance that the weavers, dyers, and painters should enjoy full freedom in their trade, and that Your Excellency relied on the first undersigned hereof not only ensuring continuously that no one would cause these people any vexations, but even having rendered to them all equitable help and assistance that would tend to encourage and expand these manufactures; that Your Excellency certainly would rather have seen that a means could have been devised for the benefit of these people to accommodate them which could give less occasion for abuse than lowering the price of the chaya roots, 3310. 3318 chaya roots which they needed in their trade; but since we could not find such a means, Your Excellency agreed to our proposal that the necessary chaya roots be ceded to them for 5 Indian stuivers the pound, and that they also remained excused from the obligation to take an equal quantity of seven-places along with the good chaya roots; provided that an arrangement was made whereby it was ensured in an adequate manner that no misuse whatever could be made of this Your Right Honourable's indulgence for the relief of these people, and which arrangement was communicated to Your Excellency; that of these weavers, dyers, and painters, a name list signed by the Honourable Administrator had to be sent annually to Your Right Honourable, also indicating the quantity of roots that had been delivered to each of them; that Your Right Honourable otherwise persisted in the order given to sell the different sorts of chaya roots for no less than at 8 Indian stuivers the pound, and this for all the sorts mixed together, roughly in that proportion as they came in; and that in order to be assured that no illicit trade was conducted therewith, we had to make the necessary orders that no chaya roots should be exported from here and from Manaar, 3311. 3318 except upon the presentation of a certificate from the Honourable Administrator or from the Honourable Chief of Manaar, in which had to appear not only that the presenter of the certificate had bought from the Honourable Company the chaya roots that he wished to export, but also the quantity of each sort thereof, so that the person conducting the inspection could verify whether no greater quantity was being exported than had been bought from the Honourable Company, and that all that was found to have been shipped in excess thereof must be confiscated for the Honourable Company; that of the sold parcels, as they were delivered successively, a certificate signed by the Honourable Administrator had to be sent annually to Your Right Honourable; that by Your Excellency's resolution of the 13th of March our report was requested as to at what prices the Jaffna and Manaar chaya roots were calculated in the report of the debtors, and also at what price the renter would have to pay the same to the Honourable Company in case he could not deliver the arrears of roots in kind, as well as how many roots the Jaffna and Manaar renters had delivered in reduction of their arrears since the closing of the books of the year 1788/9, and that Your Excellency was still awaiting this report. We have sent to Your Right Honourable, enclosed in our letter of the 3rd of June, the required statements of the chaya roots. By the Colombo letter of the 29th of July Your Right Honourable wrote that Your Excellency considered itself satisfied with the report of the Honourable Administrator Mooijaart, indicating how the calculation of the chaya roots was done in the report of the debtors of the year 1788/9 and at what prices the arrears of roots had to be settled by the renters of Jaffna and Manaar; nevertheless, Your Right Honourable noted for our information that the same order given by letter of the 25th of June 1788, to cede to him the chaya roots delivered by the Manaar renter for 50 rixdollars the bahar, had no relation to the roots in which he fell short on his rent, but that these, according to the rent conditions, had to be reimbursed at 8 Indian stuivers the pound; that upon comparison of the aforesaid report of the Honourable Administrator Mooijaart with the report of the debtors inserted in our resolution of the 14th of December past, it had appeared to Your Right Honourable that the calculation in the first-mentioned letter did not agree with the stated prices, as the report of the debtors showed a deficit of 335 guilders, 6 stuivers, and 8 penningen. 3313. 3318. That we must have it investigated whence the discrepancy arose, and upon finding that a miscalculation had occurred in the trade books, cause that error to be properly redressed; that from the Jaffna and Manaar trade books we must have drawn up and sent to Your Right Honourable two distinct accounts of the Jaffna and Manaar chaya roots, each separately indicating for each year in particular how many chaya roots were received, and how many thereof were sold to the weavers, dyers, and painters and to other private persons, or else provided or written off for the Company's account; as well as what charges had fallen thereon, and how much the Company had gained thereon each year; that the account

Dutch transcription

Groot agtb: ons bij brief van den 14. maij te schrijven, dat hoogst deselve bendstede in onse verseekening, dat de wevers verwens en schilders in hun bedaijft volle vanj heijd, en dat hoogst deselve staot markte daat de eerst geteekende deses bij voordeuring niet alleen zoude zorgen dat niemande deese luijden eenige kwellingen aandede, maar hun selfs zoude doen verleenen. alle billijke hulpe en bijstand, die strekken zoude om dee fabaicken aantemoedigen en uijt te bereijden, dat Hoogst deselve zekerlijk liever zoude ge„ zien hebben, dat men ten behoeve van dese menschen om hen tegemaed tekoomen een middel had konnen uijtdenken dat min„ dere aanleijding geven konde tot mitbink den 't verlaagen van de paijs van de zoeije wortelen Isman gezien 3310. 3318 zaaijewoortelen, die zij in hun beduijt nodig hadden, dan wijl wij dit niet hooden konnen vinden, Hoogft deselve bewilligden in ons voordaag, dat aan hen de nodigde zaijewortelen wierden afgestaan voor 5. Jndiasche stuijvers't prend, en dat zij ook g'excuseerd bleven van de verpligting om bij de goede zaaije„ motelen eene gelijke nwantetijd seven„ plaatse temoeten neemen,; mits dater een schikking gemaakt wierde, waar bij op een toewijkende wijse wierde gesorgd dat er op geener handen wijse van deese uweeEd: „ gunste Groot agtb: inschikkelijkheijd ter betuijging bet van deese menschen een misbruijk konde werden gemaakt, en welke schikking Hoof deselve moest worden bedeeld, dat van deese wevers, verwers en schilders, aan uweeld: j0 gezien Iman UwelEd: Groot agtb: Jaarlijks eene naam lijft door dE: Administrateur geteekend moeste ge„ sonden worden, met aanwijsing teffens vande kwantitijd wortelen die aan een elk hunner afgegeeven was, Dat unweerd. Groot. agtb: voor 't overrige blief persisteeren bij de ge„ geeven order, oms bij differente zoorten van zaaijewortelen voor niet minder te verkoop, dat teegens 8: Jndisch stuijvers 8 lb:, en zulx alle de zoorten door maekameer ten naasten bij in die proportie zo als zij inkwaamen en dat om, verseekerd te zijn dat er geene ingeoorlofde handel mede gedreven wierd, wij de nodige ordres stellen moesten dat alhier en te Manaar geene zaaijewaatelen zouden worden uijtge„ voerd, 3311. 3318 veerd, dan op de verthoning van een bewijs van den E: administrateur of van 't E: Manaers opperhoofdn waar hij deijkke moest, niet allen dat de verthoonder van 't bewijs, de zaaijewortelen, die hij uitvoeren wilde van dE: Comp: had ge„ kagt, maar ook de kwantetijd van elk zoort daar van, op dat de giene die de visentatie dede nagaan konde of en geen grooter kwantitijd wierde uijtgewoerd van van dE: kompenie ge„ kogt was, en dat al wat en boven dien wierde bevonden te zijn afgescheept, voor dE. Comp: moest worden aangeslaagen, dat van de verkogte partijen zoo als als se se successive afgeleverd wierde, Jaarlijks een door den E: Administrateur getekende be„ wijs aan uwwel Ed: Groot agtb: moest wode gesonden, dat bij hoogst derselver resoluti van den 13. Maart van ons berigt ge„ vraagd was, teegens welke prijsen de gaffanase en manraarse Zaaijeworteten bij 't berigt der debiteuren bereekend waare en ook teegens wat paijs de pagter deselve aan dE: Comp: zoude moeten betaalen, ingevalle hij de agterstal„ tige wortelen niet in natura konde leeveren, zzoo meede hoevel wortelen de Jaffandse en Manaarse pagters ze„ dert 't sluijten van de boeken van A:o 178. 2/9 in mindering van hun agter„ stal Joman gezien 3312. 3318 stal hadden geleeverd, en dat dit beregthoofft deselve als nog verwagtede wij hebben uwelEd: Groot agtb: beseijden in sen brief van den 3. Junij toegesonden de gerequireerde opgavens van de zaaijewertelen: Wij kolombose briev van den 29. Julij heeft nwveld: Groot agtb: geschreven dat hoogst deselve „voldaen & Daer„ hielde met het berigt van den E: admi„ nistrateur Mooijaaat, aanwijsende hoedanig de bereekening van de zaaijemortelen was ge„ daan bij 't berigt der dibeteuren van anno 175. /9 en tegen welke paijsen de agterstal„ lige motalen door de pagters van jaffana en Manaar moesten worden voldaan, niet teurien heeft mwelEed: Grot agtb: tot ons narigt aangemerkt, dat hoogst de„ selve order, gegeeven bij brief van den E 25 „gezien 25. Junij 1788: om de Zaaijewortelen die de Ma„ naars pagter leevende aan hem aftestaan voor 50: rd. s de baar, geen betrekking had tot de wortelen die hij op zijn pagt te kot kwam, maar dat deese volgens de pagt Conditie moeste worden vergoed tegens E: Jndisch stuik: het Ed:s, dat uwelEd. Groot Agtb: bij vergelijk van 't voorsz: berigt van den E: administrateur Mooijaart tegens 't berigt der debiteuren g'insereerd bij onse resolutie van den 14. december passato ge„ bleeken was, dat de bereekening bij logjt gem: brief niet uijtkwam met de opgegeevene paijsen, also bij't berigt de eene minderheijd ver„ der debiteuren thoonde van ƒ 335: 6:8. Dat rman 3313. 3318. Dat wij moesten laaten nagaan waaruijt 't vaa„ schil sproot, en bij bevinding dat er eene mis reekening bij de negotieboeke plaats had, dat abuijs behoorlijk doen aedresseeren, dat wij uijt de Jaffanaphe en Manaaase negotie boek moek loaten formeeren en aan uweld: Groot agtb: tae„ zenden, twee distincte reekeningen van de Jaffanase en Manaarse Zaaijewortelen Elk afzenderlijk aanwijsende van elk jaar in 't bijzonder hoeveel zaaij ewoatelen ingekoo„ men, en hoeveel daar van aan de wevers verwers en schilders en aan andere parti„ kuliere verkogt, dan wel voor sComp=s reekening verstrekt of abgeschreeven; zooweede welke ongelden daar op ge„ vallen waaren, en hoeveel de Romspenie elk jaar daarop gewonnen had, dat de reekening E

NL-HaNA_1.04.02_3887_0418 view scan ↗

English

account of the Jaffna chaya roots had to be drawn up only for the financial years in which the fishery was farmed out, but that the account of the Mannar chaya roots had to be for all the financial years in which the titular merchant Van Ranson held the administration over the said residency. By letter of the 14th August, your Right Honourable Worships wrote hither that if we should find that the Seven Places chaya roots could not be sold for the price of 8 Indian fanams per pound stipulated in the Colombo letter of the 29th November 1789, and that it was consequently necessary for the promotion of their sale to depart from this regulation, your Right Honourable Worships would qualify us to do so, and to sell the Seven Places chaya roots for such a price as we could negotiate for them. Examined C. Isman 3314 3318 could negotiate for them. In our letter of the 27th May, we informed your Right Honourable Worships that the administrator Monijaart had been requested to furnish not only a list signed by him of the chaya roots sold annually, but also a report on the prices at which the local and Mannar chaya roots were charged, and also at what price the farmer would have to pay the Honorable Company for the same in case he could not deliver the arrears of roots in kind, as well as how many roots the Jaffna and Mannar farmers had delivered toward reduction of their arrears since the closing of the books of Anno 1788/89, and that upon receipt thereof we would transmit the same to your Right Honourable Worships. We have, by our letter of the 5th June, informed your Right Honourable Worships that since the trade servants testified that they could not specify how many chaya roots the chaya diggers on the islands of Delft and Two Brothers had to deliver according to ancient custom, because the sound chaya roots were not delivered into the warehouse from each place separately, the former Adigar and farmer of the chaya roots stated that they had received annually from the Kudamaram and Samba of the island of Delft 500, 600 and 700 pounds, and from the sergeant and overseer of the islands of Two Brothers 40, 45 to 50 maunds of chaya roots. Examined C. Isman Besides 3315 3318 Besides our letter of the 26th August, we presented to your Right Honourable Worships two separate accounts of the Jaffna and Mannar chaya roots, which had been required by the same in the letter of the 29th July. We also informed your Right Honourable Worships in our said letter that no buyers at all appeared for the Seven Places chaya roots, and requested authorization to allow them to be sold for what they would fetch, since they were subject to decay and would rot from lying too long in the warehouses. Examined A. Pereira Your Right Honourable Worship wrote to us by letter of the 14th August that if we should find that the Seven Places chaya roots could not be sold for the price of 8 Indian fanams per pound, mentioned in the Colombo letter of the 29th November 1789, and that it was consequently necessary for the promotion of their sale to depart from this regulation, your Right Honourable Worship qualified us to do so, and to sell the Seven Places chaya roots for such a price as we could negotiate for them. Agrees Wijbrands Sworn Clerk Examined Loosman 3316 3318 Extract from the Jaffna Compendium of the year 1789/90 The Head Adigari and office dues, as well as land rents, which are collected in four installments from the inhabitants by the mayorals and from these by the collectors or recebedors, and accounted for to the Honorable Company, mentioned in the trade memorandum No. 1, amount in this year to - - - ƒ 71135. 14. 8. Anno passato - - - - - - ƒ 71135. 14. 8. The Chicos monies here amount, according to the now closed trade books, to - - - ƒ 56656. 14. — Anno passato - - - ƒ 16284. 5. — Thus now more - - - ƒ 40372. 9. — This increase appears because in this financial year the total number of the Pallias has entered to the benefit of the revenue account of Chicos monies, and only those heads who had laboured were deducted from it. Wijbrands Sworn Clerk Examined Loosman Agrees 3318 Examined Adamz Examined Loosman 3317 3318 No. 2. Summary of the elephants from prime September 1789 to this date, namely: 8 head of elephants remained as a balance on prime September 1789, as: 3 tuskers, height 5 7/8, 6 1/8, and 4 7/8 covids 2 aliyas, height 4 3/4 and 4 5/8 covids 3 females, height 5 1/8, 5, and 5 5/8 covids 62 elephants have been received in this year, to wit: 6 tuskers, height 4 3/4, 4, 4 7/8, 4, 4 7/8, and 4 7/8 covids 30 aliyas, height 6, 5 7/8, 5 1/4, 5 1/4, 5 1/8, 4 7/8, 4 3/4, 4 7/8, 4 1/8, 4 7/8, 4 1/2, 4 1/2, 4 7/8, 4 1/4, 4 7/8, 4 3/8, 4 1/8, 3 3/4, 3 5/8, 3 5/8, 3 1/2, 4 1/2, 4 1/4, 5 5/8, 4 5/8, 5, 5, 4 1/2, 4 1/8, and 3 3/4 covids 26 females, height 5 3/4, 5 7/8, 5 5/8, 5 1/4, 5 5/8, 4 1/2, 4 3/8, 4 3/4, 4 1/4, 4 3/8, 4 7/8, 4, 3 3/4, 3 7/8, 5 3/4, 5 7/8, 5 7/8, 4, 4 1/8, 4, 5, 4, 5 5/8, 5 7/8, 4 3/4, and 5 1/8 covids 1 female elephant, height 3 1/4 covids, was written off in the books last year and taken back in during this financial year. 71 head of elephants altogether 28 head of ditto were sold in this financial year, as: 4 tuskers 12 aliyas 12 females 23 elephants died in this financial year, whereof: 2 tuskers 12 aliyas 9 females 71 – 51 head of elephants carried forward

Dutch transcription

reekening van de jaffanase zaaijewortelen moest ge„ maakt worden alleen van de boekjaaren waar in de da„ verij was verpagt geworden, dog dat de reekening van de Manaarse zaaijewortelen moesten zijn van alle de boekjaaren waar in de titulair koopman van Ranson 't bestier over gem: opperhoofdijhad gehad. Wij brief van den 14: augusto heeft uwe EEd: Groot Agtb: herwaarts geschreeven dat indein wij mogten bevinden dat de sevenplaatse zaaijewortelen niet konden worden verkogt voor de bij kolombosen brief van den 29: 9ber: 1789. bepaalden paijs van 8. Jndias ch stenk: 't lb:s en dat het mits dien ter bevordering van der selven vertier noodig waere dat van dese bepaaling otgingen uwelEd: Groot Agtb: ons dan Qualificeerde sulks tedoen„ en de sevenplaatse zaaij wortelen te verkoo„ p„en voor sodanigen paijs als wij daar voor C Foman „gezien 3314. 3318: voor bedingen kende. Bij onsen brief van den 27. Maij hebben wij mod„ Edele Groot agtb: bedeeld, dat men de adminis„ trateur Monijaart gelost had, om niet alleen eens door hem geteekende lijste van de ver„ kogte zaaij ewortelen jaarlijks maar ook een berigt teegens weeke prijsen de hier„ landse en Manaarse Zaaijewoatelen waeren berekend en ook teegens wat paijs de pagter deselve aan dE: kompenie zoude moeten betaalen, ingevalle hij de agterstal„ „lige wortelen niet in notura konde leveeren zoo meede hoeveel motelen de Jaffanase en Manaaase pagters zedert 't sluijten der boeken van Aoo18: 3/9 in mindering van hunne agterstal hadden geleverd te be„ sorijen en dat wij deselve bij ont„ vangst moest ge„ de dal„ ing had 2d: n „gezien C Isman ontvangst uwe Ed: Groot agtb: toeschikken zoude wij hebben bij onsen brief van den 5. Junij wne„ Edele Groot agtb: bedeeld, dat dewijl de negotie bedienden betuijgd hadden dat ze niet opgeke konden hoeveel zaaijewortelen de zaaijegravers aan de eijlanden Delft en twee gebroeders moesten beveren na ouder gewonte, door dien de deugdzaame zaaijewertelen niet van elke plaats afsonderlijk in 't pakhuijs geleverd waaren, de geweesene Adigaaas en pagten den Zaaijewortelen opgegieven hoode, dat ze sjaars van de koedoembr en samba van 't eijlands Delft 5, 6: en 700: lb: en van den zergiant en opsiender van de Eijlanden ado tweegebroeders 40: 45. a: 50: mauwen zaaije: wortelen hadde Gekreegen. Neffens 3315. 3318 Neffens onsen brief van den 26. Aug:s heb„ ben wij uwelEd: Groot Agtb: aange„ booden twee distincte Reekeningen van de jaffanase en Manoaase Zaaijewortalen die door Hoogst deselve bij brief van den 29. Julij gerequireerd, waaren. ook hebben wij bij onse gem: briev uwel Ed: Groot Agtb: bedeeld, dat tot de zevenplaatse Zaaijewertelen zeg in het geheel geen liefhebbers op deede, en versogt om ons te qualificeeren van deselve voor 't geldende te laaten ver„ koope, wijl deselve aan ledeaft onder„ heevig was, en voor 't lang blijven : leggen in de pakhuijsen verrotten uwel Edele zaaije: zouden. Nagezie APereka uwel Edele Groot Achtbaare heeft ons bij baier van den 14. Aug:s geschreven dat indien wij mogten bevinden dat de zeven plaatse Zzaaijewor„ telen niet zouden kunnen verkogt worden voor den paijs van 8. Jndiase sterl: 't lb:, ver„ meld bij Molambosen briev van den 20: 9ber: 1789. en dat mits dien ter bevordering van derselven vertier nodig was, dat van dese bepaaling wierde afgegaan uwelEd: Groot agb: ons dan Qualifiseerde om dat tedoen en de Zevenplaatse Zaaijewortelen te verkoopen voor sodanigen paijs als wij daarvoor zouden konnen bedingen. Accordeert Dijbrands Vegklerk daagezien Lootman 3316. 3318 Extract ouijt de Jaffana pattas Compenduum van anno 178. /90 De Hoofd Adigarij en offitie Gelden mitsgaders Landaenten, die van de angefeeting door de majoraals en van deese door de ont„ 6 vangers of resibedoors in vier paaijen worden ingevordert en aan dE. Compenie verantwoord, ver„ meld bij de memorie van de negotie N:o 1. bedragen in dit jaar - - - ƒ 71135. 14. 8. Anno passato - - - - - - „ 71135. 14. 8. De Chikos penningen alhier beloopen volgens de nu geslootene negotie - - ƒ56656. 14. — boeken- - - „ 16284: 5: — Anno passato. dus nu meerder - - - ƒ40372. 9. — deese meerderhaid vertoond zig door dat in det basjaar het generaale getal E „ getal der Peliammers ingekoomen is ten voor„ deele der reekening van inkomsten wegens Chikos penningen en daar van alleen afge„ tookken zijn de koppen die g'arbeijd hadden Wijbrands egln daagetien Loosman Accordeert 3318 Nagezien Adamjz daagetien Loooman 3317. 3318 No 2. Saamentrokking van de Eliphanten sedert primo September 1789. tot dato deese namelijk 8. stux Eliphanten zijn met p:r 7ber: 1789 per restant geweest als. 3 getande hoog 5 7/8 6. 1/8. en 4. 7/8 cob:s 2. aliassen „ 4. ¾. en 9. 5/8. cob:s 3. wijfjes „ 51/8, 5, en 5 5/8. cob:s 62. „ Eliphanten zijn in deesen jaare ontvangen te weeten 6. getande hoog 4.¾. 4. 4 7/8. 4. 4 7/8. en 4. 7/8. cob:s 30. aliassen „ 6— „ 5 7/8. 5.¼. 54. 5. /8., 9. 7/8. 4. ¾. 47/8, 4 1/8 , 4 7/8, 4½. , 4.½. 937/8. 4¼. 9 7/8 4 3/8. 4. 18. 34. 35/8. 35/8. 3. ½. 4½. 4.¼4. 5 5/8 2. 5/8. 5. , 5. 4.½. 4. 1/8. en 3. 3¼. 26. wijfjes hoog 5.¾ 5. 7/10, 5 5/8. 5. ¼. 5 5/8. 4½, 9 318. 4¾ 4¼. 4. 3/8. 4. 7/8. 4. 3¾4. 3 7/8. 53¼. 5 7/8. 5. 7/8. 4. 4 /8. 9. , 5. 9. 5 5/8. 5 7/80. 4¾. 1. wijtjes Eliphanten hoog 3¼. cob:s, is in 't verlede Jaar bij de boeken afgesz: en in dit boekjaar weder in„ genoomen 71 - stux Eliphanten tesaamen 28. stux d=s zijn in dit boekjaar verkogt, als 4: getande 12. aliassen 12. wijfjes 23. „ Elicahanten zijn in dit boekjaar nedergesaket daarvan 2. getande 12. aliassen 9. vijf jas 71. – 51. stux Eliphanten Die Transporteere en 5. 1/8 cob:s o

NL-HaNA_1.04.02_3887_0428 view scan ↗

English

71. — 51. head of Elephants Per Transport 6. Elephants have in this financial year, in order to be sent to the Coast as a gift to the Prince of Carnatica, been handed over to the envoys of the said Prince, namely 1. Tusked 4. Aliyas 1. Female 57. head of Elephants together 14. ditto are as of this date remaining, being trade animals, of which 6 head are used as hunting animals. Jaffanapatnam, the last of August 1790 /:was signed:/ H: Steenkelder Agrees Hybrands Underclerk Examined Loosman No: 51. Johnson Examined Examined Lotsman 3018 General Pensioners 6 As of the Last of June Anno 1790 1. at Negombo 8. at Colombo, namely Julius Johannes Bellise Huijbert de Jong Pieter Vastbander Frans Michiel Wiegert Johannes Liouret Johan Christiaan Pietersz Pieter Wiltschut Johannes Neef Michiel Leideler Jurgen Chl Joost Philip Pietersz Hendrik Lodewijk van den Berg Johan Christiaan Schrijver Harmen Jurgen Philip Gasman Johannes Vrors Johan Jurgen Wilke Willem Dorpmans Johan Gottfried Kroon Matthijs Astatet Calpentijn Seijbrand Wieber Faber Robbertus Gras 6 at Trincomalee Pieter Pietersz Gerardus Fransz: 27. — — 2. heads who are carried forward with Colombo bookkeeper and tickets at Commandeur's, bookkeeper tickets Corporal Francken boatswain Oppenb: Sergeant Ensign from Hamburg Haarlem master ship carpenter Amsterdam master house carpenter ditto Danzig Dunkirk bookbinder bombardier Mosbach Bremen boatswain Merenberg Sergeant ditto Falkenh: Corporal Halle ditto 1 hook Hanover ditto ditto ditto Quartermaster Vreeling gardener Soldier ditto Hessen-Cassel ditto ensign ditto Kloosterl: Name List of the Pensioned Persons who very respectfully request the High Indias Government, Their Right Honourables, for the continuation of their granted maintenance, namely: Examined Loosman 2 at 3319. In service Arijen Haarlem Huis ten Donk Velsen Damsigt Ameliswaart De Herstelder Oudkarspel Kranenburg Vredes Hern: Gensgeld Krabbendijk Velsen De Standvastigheid Noordbeveland 1173 1 Leimuiden 1757. ditto Lekkerland Palenburg Ouder-Amstel 1743 63 ditto 1738 69 ditto 57 1789: 15. — – 46 1789: 15. — — 31 1766: 12. — — 27. 1789: 12. — — 1762 ditto 20 1783: 10. — — 1735 81 ditto 1762 55 ditto ditto 1748 1754 80 ditto 1762 ditto 1763 ditto 1749 1762 1747 62 ditto 1752 loss of memory ditto ditto ditto ditto - - - - - - - - - - old age and infirmity 9. 18. — 7. — — 7. — — How long What Year served pensioned maintenance 10 1783 29 178 33 1780 20 1783: 15. — 30 1778: 10. — 20 1777: 10. — 27 1789: 10. — 47 1786: 20. — — 33 1785. 20. — — 21 1789: 20. — 18 1775: 12. — 25 1784: 12. — 26 1789: 10 — — served pensioned maintenance 1789: 12. —. — 1789: 12. — — 19 1781: 7. — — 27 1784: 7. — — Year Age 1789 78 1743 68 old age and infirmity 32 1775 ƒ 20. — — 1752 79 ditto With what ship arrived What maintenance Infirmities 1768 ditto 1757 / 52 ditto 1763 ditto 284. 18. — ditto - --- ..- tickets ditto - — — 3 at Batticaloa at Galle Ernst Waarhoon Anthonij Eijlentrop Jan David Bonis Leonard Wijsbrood Claas Schijf Willem Wilkees Jan Jacob Metselaar 6 at Jaffanapatnam Francois de Lile Hendrik de Koning Harmen van Breukelen Claas van Eijsendijk Warverus Parrejan Gerrit Claas 27 — — 2 heads Per Transport with Michiel Deibeler George Fredrik Poole Philip Brekel Hans Jurgen Beem Carel Willem Albregt Carel Christiaan Welk Matthijs German Johan Pierre Tauwen Andries Brand 45 heads together Colombo, the last of Lieutenant Blaauwend Ensign Königsberg Sergeant Scheveningen Quartermaster Tamb: ditto Königsberg ditto Hessen ship carpenter Aalburg sailor Engelen ditto Heltenburg Permenon Lieutenant Sergeant Leiden sailor Amsterdam Corporal Utrecht bombardier Schmal artillery assistant the Cape Amsterdam gunner 00. —= pouch maker Öhringen soldier Sergeant from Sipkenmelde ditto Liffspringen gunner Berlin Soldier Klein Metel Examined Loosman - 3820 4 De Bevalligheid Rebecca Jacoba Tulpenburg Zuidenburg Blijswijk in service 29 1785: 12 — — Osdorp De Eerst Edele Krabbendijk in service De Flora Papenburg Noord-Beveland Gorsendaal Hotendrijk Oranjezaal Noord-Beveland Morgenster De Ganges Zaamslag Bossenhoven De Bevalligheid 1756 last of June Anno 1790. 1749 1757 1779 1748 1760 ditto 1780. ditto 1754 ditto ditto ditto ditto ditto ditto 20 1768: 37. 1786: 20. — 29 1785: 24. — 32 1787: 12. — — 23 1788: 10. — — 28 1788: 26 1786: 10. — — 7 1786: 14. — — 6 —: 10. — — 7: — — —:— 39. 1765: 12. — — 22 1787: 24. — — 16 1779 7. — — 37 1780: 10. — — 38 1786: 12. — — 34 1787: 7. — — 10 1767: 10. — — 25 1758: 7. — — ditto 1765 1736. 71 ditto 1760 55 ditto 1743 71 ditto 1759 60 ditto 1748 64 ditto ditto ditto 1752 1753 1757 63 infirmity and old age 28 1785 ƒ 1756 57 ditto 1761 58 ditto 1758 68 ditto 28 1789: 10. — — 12. — ƒ 284. 18. — J: Vralvmbeek ƒ 535. 18. — 1755 ditto 27. 1785: 7. — — 38 1786: 7. — — - - ditto 1752 Examined Loosman ordered that we should have to furnish bail for that which the Honourable Company might be prejudiced by the disbursement of these coin species, we shall comply with this as soon as Your Right Honourables will please to state to us, as we hereby respectfully request, how large the sum is for which we shall have to furnish bail, for how much by each of us and for how much bail must be furnished by the Residents. We request that Your Right Honourables may please to take into favourable consideration that the furnishing of bail without any specification of the sum is a complete impossibility for us, because our best friends are afraid to bind themselves for us under such undefined conditions, which they cannot know how far they might be drawn in a trading office where large sums of money are disbursed. We request hereby also favourably to be willing Haarlem 20

Dutch transcription

71. — 51. stux: Eliphanten Pr Transport 6. Eliphanten zijn in dit boekjaar om tot geschenk aan den vorst van karnatika na de kust versonden tewerden, aan de sendelingen van gem: vorst overgegeven, te weeten 1. Getande 4. aliassen 1. wijfje 57. stux Eliphanten tesaamen 14. „ d=o zijn onder dato deeses per restant, zijnde Negotie beesten, van dewelke 6. stux tot Jaag„ beesten worden gebruikt Jassanapatnam ultimo augustus 1790 /:was getekend:/ H: steenkelder Accordeert Hybrands D. ECklerk daagetien Loboman No: 51. Johnson Nagezien daagetien Lotsman 3018 Generaale Gegagieerde 6 Van Ultimo Junij Ao 1790 1. te Nigombo 8. te Kolombo als Julius Johannes Bellise huijbert de Iong Pieter vastbander frans michiel wiegert Iohannes Liouret Johan Christiaan Pietersz Pieter Wiltschut Johannes Neef Michiel Leideler Jurgen Chl Joost Philip Pietersz hendrik lodewijk vanden berg Iohan Christiaan Schrijver harmen Iurgen Philip Gasman Johannes Vrors Iohan Iurgen wilke Willem Dorpmans Johin god friedt Kroon Matthijs Astatet Calpettij Seijbrand wieber faber Robbertus Gras 6 te Trin Conoinale Pieter Pietersz Gerardus fransz: 27. — — 2. koppen die Transporteere met „ Kolombo boekh: en tecaet„s „ taen Comrn: boekhouder „ katens korp„ „ francken bootsman oppenb: Sergeant vaandrig v: hamb: „ haarlem baas scheep timm: „ amsterdam baashuijstimm: do „ dantzig „ duijnklerken boek wieder bombardier „ mosbag „ bremen bootsman „ merenb: sergeant do „ falkenh: korp„le „ halle do 1 haken „ han over do „ do do quartier m: „ vreeling „thuijnm: Zoldaat _o „ hessenC: do „ vendel do „ kloosterl: Naam Lijst der Gegagieerde Perzoonen die hun versoeken om Continuantie van hun toegelegde daagetien Loooman 2 te 3319. Hoog Edelheden de hooge Indiasche Regeering zeer Eerbiedig in dienst Arijen Haarlem thuijs ten donk velsen Damnsigt ameliswaart De herstelder onderhoud Namentlijk. oud Carspel Kranenburg vredes herm: Gens geld Crabendijk Velsen De standvastigheid Noordbeveland 1173 1 Leymuijden 1757. d:o Lekkerland Palenburg onderamstel 1743 63 do 1738 69 do 57 1789: 15. — – 46 1789„ 15. — — 31 1766„ 12. — — 27. 1789 „ 12. — — 1762 do 20 1783„ 10. — — 1735 81 do 1762 55 do do 1748 1754 80 do 1762 _o 1763 do 1749 1762 1747 62 d o 1752 memorieloosheid do do do do . . - - - - - - - - ouderdom en swakheid 9. 18. — 7. — — 7. — — hoelang wat Jaar ant 10 1783 „ 29 178, B3 1780„ 20 1783„ 15. — 30 1778 „ 10. — 20 1777„ 10. — 27 1789 „ 10. — 47 1786„ 20. — — 33 1785. 20. — — 21„ 1789„ 20. — 18 1775„ 12. — 25 1784 „ 12. — 26 1789„ 10 — — gedeant gegag:, onderhod 1789„ 12. —. — 1789„ 12. — — 19 1781„ 7. — — 27 1784„ 7. — — Iaar „ dom 1789 78 1743 68 ouderdom en swakheid 32 1775 ƒ 20. — — 1752 79 do met wat schip uit gekomen wat onder„ Gebreken 1768 do 1757 /52 do 1763 do 284. 18. — do - --- . .- ret:s d.o - — — 3 te Baticaloa te Sale Ernst waarhoon Anthonij Eijlentrop Jan David Bonis Leonard wijsbrood Claas Schijf willem wilkees Ian Iacob metselaar 6 te Iaffanapatnam francois de Lile hendrik de Koning harm„s van Breukelen Claas van Eijsendijk warverus Parrejan Gerrit Claas 27 — — 2 koppen Per Transport met Michiel Deibeler Gerrge Fredrik Poole Philip Brekel hans Iurgen beem Carel willem Albregt Carel Christiaan welk Matthijs German Johan Pierre tauwen Andries Brand 45 koppen tezamen Kolombo Den laasten luijtenant „ blaawend vaandrig „ koningsb: Zergeant „ schevenh: quartieren: „ tamb: do „ Koningsb: do „ heesen scheep stimmerm „ alburg mattroos „ Egelen do „heltenb: „ Permenon luijtenant Zergeant „leijden matt:s „ amsterd: Konp„l „ intregt bombardier „ Schmal handlange de Caab „ amsterd: Kannonier „ 00. —= tassemaker „ orijnh: zoldaat sergeant v: Sipkenmelde do „lijffspringen kannonier „berlijn Zoldaat „ klijn metel daagezien Loosman - 3820 4 De bevalligheid Rebecca Jacoba tulpenburg Zuijdenburg blijswijk indienst 29 1785„ 12 — — Osdorp De Eersteeden Krabbendijk in dienst De Flora Papenburg Noord bevelandt Gorsendaal Hotendrijk orangezaal Noord bevel: Morgens ter De Ganges Saamslag bossenhoven De bevalligheijdt 1756 laasten Junij Anno 1790. 1749 1757 1779 1748 1760 do 1780. do 1754 do do d0 do do do 20 1768„ 37. 1786„ 20. — 29 1785„ 24. — 32 1787„ 12. — — 23 1788„ 10. — — 28 1788„ 26 1786„ 10. — — 7 1786„ 14. — — 6 — „ 10. — — 7: — — —:— 39. 1765„ 12. — — 22 1787„ 24. — — 16 1779 7. — — 37 1780„ 10. — — 38 1786„ 12. — — 34 1787. „ 7. — — 10 1767 „ 10. — — 25 1758„ 7. — — do 1765 1736. 71 do 1760 55 do 1743 71 do 1759 60 do 1748 64 do do do 1752 1753 1757 63 swakheid en ouderdom 28 1785 / 1756 57 do 1761 58 d:o 1758 68 do 28 1789„ 10. — — 12. — ƒ 284. 18. — J: Vralvmbeek ƒ535. 18. — 1755 do 27. 1785„ 7. — — 38 1786„ 7. — — - - do 1752 daagezig Lodoma bevolen, dat wij zouden moeten borgstel len, voor 't geen de Edele kompence bij 't uitgeeven van deeze geld speetsien zoude mogen weezen benadeeld zo zullen we daar aan voldoen zo dra uwel Edele Groot achtb: ons zal gelieven opte geeven, zo als wij de deezen eerbiedig verzoeken hoe groot de som is daar voor wij zullen moeten borg stellen voor hoe veel door een elde onzer en voor hoe veel door de Residen„ ten zal moeten worden borg gesteld wij ver„ zoeken, dat uwel edele groot achtb: in gun stige overweging gelieve teneemen, dat het stellen van borgtogt zonder eenige be„ paaling van de som voor ons eenen volstrekte onmogelijke zaak is, wijl enze beste vrienden beschroomd zijn om zich voor ons te verbinden op zulke onbezeed voor ons te verbinden op zulke vabepaalde voorwaarden, die zij niet kunnen weeten„ hoe ver die op een handel kantoor, daar groote sommen geld worden uitgegeeven zouden kunnen getrokken worden wij verzoeken hier bij ook gunstig te willen haage 20For

NL-HaNA_1.04.02_3887_0439 view scan ↗

English

3521. wish to consider that, since your Honorable Right Worshipfuls' specific orders to us could not exonerate us in this matter from accountability, it naturally follows that our orders to the Residents are likewise invalid, and that the intention of their High Mightinesses thus appears to be that everyone shall be held accountable for the money he has disbursed. And since the aforementioned order of their High Mightinesses rightly makes us apprehensive that our evidence presented thus far has not been found sufficient, we have deemed it our duty, in furtherance of our temporal interest and for the defense of our honor and good name, to obtain such further proofs as are available. All the money that is disbursed on this coast, after having circulated for some time, mostly ends up in the public treasury at Tirneveli, where the rates of the coin species must therefore be known very accurately. It is for this reason that we have addressed ourselves to the Agent of the Nabab at Tirnevelli, Mr. James Buchanan, presenting to him the state of the dispute and requesting from him an attestation as to the rates at which the coin species are usually disbursed. He has sent to us a memorandum, which we have the honor to present herewith in original to your Honorable Right Worshipfuls. From this memorandum it appears most clearly that the pagoda here on the coast does not circulate for 90 Indian stivers, or to put it in other words, that the division of a pagoda into ninety parts has no place here at all and is completely unknown, but that it has a currency proportional to all other coin species. Thus, when one gives a ducatoon an Indian value of eighty stivers, and one also wishes to attribute an Indian value to a Company pagoda, the Indian value attributed to the pagoda must stand in an equal proportion to the real rate, or as we are accustomed to say, to the Dutch value of each of these species. Following this very natural rule, from which one cannot deviate without deliberately erring, if the Indian value that the Company sees fit to give to its coin species is to have any real meaning at all, especially in a land where we have no authority over the exchange rate of the coin species, it appears from the aforesaid memorandum that when a ducatoon is reckoned to be worth eighty Indian stivers, the Company's pagoda, according to that same rule and in the same proportion, is worth approximately 100 29/90 Indian stivers. Whereby, we believe, the proposition that a pagoda circulates for ninety Indian stivers is entirely overthrown, and likewise all the calculations made on that basis by those who differ from us in the calculation of the coin species fall away of their own accord. Furthermore, it appears from this that at present the coin species, according to an average calculation over three years relative to one another, stand as follows, calculating the difference between the Company's and the Porto Novo pagoda at the average price of five percent: 10 19/1800 Holland ducats at 24 1/32 Comp: pag: 18 19/170 ducatoons . . . at 14 1/32 Comp: pag: 18 9/1800 Surat rupees . . . at 5 13/32 Comp: pag: 10 19/100 Ceylon rupees at 3/32 Comp: pag: 18 1/88 Holland guilders . . at 4 23/22 Comp: pag: 18 219/300 Spanish mats . . . at 1 13/2 Comp: pag: In contrast, the coin species were disbursed by us as follows, viz.: 10 9/88 Holl: ducats for 23 1/2 Comp:s pagodas 18 19/80 ducatoons . . . for 19 7/8 Comp:s pagodas 18 19/188 Surat rupees for 5 13/32 Comp:s pagodas 18 1/09 Ceylon rupees for 5 3/32 Comp:s pagodas 10 19/180 Holland guilders for 4 1/2 Comp:s pagodas 18 17/1388 Spanish mats for 11 1/16 Comp:s pagodas Furthermore, we present herewith to your Honorable Right Worshipfuls three extracts from the letters written from the Residency to Tutucorin, namely one from Bonnekail of 8 September 1786, one from Cape Comorin of 10 September 1786, and one from Bonnekail of 10 September 1786, from which Your Excellencies will see that the merchants complained that they suffered losses in disbursing rupees and guilders, requesting to be allowed to receive pagodas instead. This complaint was indeed well-founded, for although they had received 83 guilders for 20 pagodas in accordance with the Dutch value, they nevertheless could not exchange 83 guilders for 20 pagodas, because the Company's pagoda stood unusually high at that time. We hope that these further representations and proofs will be found sufficient and will relieve us of further accountability in the matter of the coin species. But should we be mistaken in this contrary to our expectation, we humbly request your Honorable Right Worshipfuls to propose to the Honorable High Indian Government that a commission from Batavia, or else from Ceylon, may be sent to this coast to investigate whether the coin species have been properly or improperly calculated and disbursed by us. We have the honor to remain with all respect and fidelity, (beneath stood:) Honorable Right Worshipful, High-Commanding Lord, your Honorable Right Worshipfuls' humble and faithful servants, (was signed:) M. Mekerin, A. v. d. Wal, M. Spall, D. v. d. Driesen, F. Dammen. (In margin:) Tutucorin, 23 December 1790. Agrees, Wijbrands Egkeerk No. 57

Dutch transcription

3521. willen overwegen, dat vermits uwel edele groot achtb: bepaalde bevesen aan ons, ons in dit stuk niet hebben kunnen bevrij„ den van verandwoording, daar uit als van zelve volgd dat onze ordres aan de Residenten op gelijke wijze kragte loos zijn en dat dus het oogmerk van hunne hoog Edelheeden daar toe schijnt te strak„ ken, dat elk zal moeten verandwoor„ lijk weezen voor het geld 't geen hij heeft uit gegeeven. En vermits de voormelde ordre van hunne Hoog Edelheeden ons met reeden bedregt maakt, dat onze tot nu toe voorge„ bragte bewijzen niet voldoende zijn bevon„ den hebben wij gemeend ter bevordering van ons tijdelijk belang, en tot voorstand van onze eer en goede naam verpligt te weesen, om zulke meerdere bewijsen in te winnen, als er voor handen zijn Al 't geld, 't geen op deeze kust wordt uitgegeeven, komt na eenigen tijd te heb„ ben gecirculeerd merendeels in de lands kas te Tirneveli, daar de prijsen der geld z it geld spectsien dus heel naukeurig moete bekent zijn en het is om deese reede dat wij ons hebben geaddresseerd aan den Agen van den Nabab te Tirnevelli, den heer James Buchanam aan dezelven den staat des geschils voorgehouden en van hem verzogt een attest tegen welke prijzen de geld speetsien gewoonlijk worden uitge geeven en hij heeft aan ons toegezonden eene memorie, welke wij de eer heb„ ben uweledelen groot Achtb: in orgi„ neel hiernevens aan te bieden uit deeze memorie blijkt ten duijdelijksten dat de pagood alhier ter kuste niet roulleer voor 90. Indische stuijvers of om met andere woorden te spreeken, dat de inde„ ling van een pagood in negentig dee„ len, hier geheel geen plaats heeft en ten eene maal onbekend is, maar dat de„ zelve eene gangbaarheid heeft evenrdig met daage 2080 3522. met alle andere geldspeetsien en dat dus wanneer men een dukaton een indische waarde geeft van tagentig stuijvers, en men ook aan een komp: pagood wil toekennen een Indiasche waar„ de de Indiasche waarde, die men aan de pagood toekent in een egaale propor„ toe staan moet met de reede of gelijk wij gewoon zijn te spreeken met de Nederlandsche waarde van een elk dee„ zer specien; en deezen zeer natuur„ lijke regel volgende waarvan men zonder opzettelyk te dwaalen zich niet acarteeren kan zo de Indiasche waarde die de kompagnie aan haare geld spaci„ en goedvind te geeven anders iets we„ zendlijks zal betekenen, in zonderheid e in een land, daar wij over den koers der geld spectsien niets te bevelen hebben blijkt uit de voorschreeve memorie dat wanneer waaren een ducaton word gereekend waer„ dig te zijn tagentig stuijvers Indiasch de kompenies pagood na dier zelfden regel: en in dezelfde proportie na genoeg waardig is 100. 29/90. Indeesche stuijvers; waar door den za wij meenen ten eenemaale om verwordt geworpen de stelling dat een pagood roulleerd voor negentig Indische stuijvers en ins ge¬ lijks van zelve vervallen alle de bereeke„ ningen die daarop gemaakt zijn, door de geenen die met ons in de bereekening der„ geld speetsien defareeren Nog blijkt daaruit dat tegenswoordig de geld spectiie na eene gemiddelde bereekening sederd drie jaaren rekatief tot malkanderen, staan als volgt 't verschil tusschen de kompenies boven de Portonovosche pagood reekenende na den gemeddel den prijs van vijf percent. 10. 19/1800. Hollands du kaaten met 24 1/32 komp: sag: 18 19/170 dee katons. . . . „ 14: 1/32. „ „ 18. 9/1800 Seratsche ropijen. . . „ 5 13/32. „ „ 10 19/100. Ceijsonsche ropijen. „ 3/32. „ „ 18 1/88. Hollandsche gulden. . „ 4 23/22. „ „ 18 219/300. spaanse matten. . . „ 1. 13/2. „ „ Daar en tegen zijnde geldspecthien door ons uitgegeven als volgd als. 1 14/308. daage LoFo e 3523. 18. 19/80. dukatons. . . . „ 19 7/8: „ 18 19/188. suratsche ropijen „ 5 13/32. „ 18. 1/09 Ceilonsche ropijen „ 5. 3/32 „ 10 19/180 hol landsche gelden„ 4.½. „ 18. 17/1388. spaansematten 11 1/16 „ voorts bieden wij uweledele Groot Achtb. hier nevens nog aan, drie extrakten uit de brieven van de Residentsie naar Tulukorijn geschreeven als een van Bonnekail van den 8. September 1786. een van kaapkoms„ rijn van den 10. September 1786. en een van Bonnekail van den 10. september 1786. waar bij hoogst dezelve zal zien dat de kooplieden zich beklaagd hebben dat zij bij het uit geeven van ropijen en guldens schaa„ de leeden met verzoek om liever pagooden temoogen ontvangen, en deeze klagt was in waarheid gegrond want schoon zij 83. gulden voor 20. pagooden hadden ontvan„ gen over eenkomstig de Nederlandsche waarde zo konden ze doch voor 83. gul„ den geen 20. pagooden wissalen, door dien de kompenies pagood te diertyd ongemeen hoog stond- wij hoopen dat deeze na„ dere vertoogen en bij wijzen voldoende 10. 9/88. Holl: dukaeten voor 232 komp:s pagoden zullen „ „ „ „ zullen worden bevonden en ons van ver„ dere verandwoording in het stuk dergeld speetsien bevrijden maar zoo wij ons hier„ in tegen onze verwagting mogten misgis„ sen zo verzoeken wij uweledele groot Achtb: ootmoedig aan de Edele hooge Indische Regeering voorte stellen dat eene kommissie van Batavia dan wel van Ceilonsche na deeze kust mo„ ge worden gezonden, om te onderzoe„ ken of de geld speetsien door ons wel of kwalijk bereekent en uitgegeeven zijn. wij hebben de eer met alle eerbieden trouwe te blijven /:onderstond:/ weledele Groot achtb: Hoog gebiedende Heer unne wel edele Groot achtbaare onderdan ge en getrouwe dienaaren /:was geteek kend:/ M: Mekerin, A: v: d wal M: spall, D: v: d: Driesen F: Dammen /:in margiene:/ tutu korijn den 23. Decem ber 1790. Accordeert Wijbrands Egkeerk daagg L08or No. 57 De 1

NL-HaNA_1.04.02_3887_0445 view scan ↗

English

3524. In answer to your letter of the 22nd ultimo, I have taken proper pains to ascertain the current value of the coins which you mention to have been disbursed by you at various times in lieu of Pagodas, and it gives me pleasure to be able to contribute to do you justice in a business from which you will reap also great credit by the advantages you have procured to the Company by these disbursements. To ascertain the value the more easily, I have directed the shroffs to give the value of each of these coins opposed to the 100 Porto Novo Pagodas: Ducats of Holland: 74 & 6 17/16 Fams per 100 Po. No. Pags. Surat Rupees: 341 „ 2 1/16 - ditto ditto Ducatoons of Holland: 124 „ 2 3/16 - ditto ditto Ceylon Rupees: 337 „ 4 7/16 - ditto ditto Dutch Florins: 405 „ 4/16 - ditto ditto Ikourik Pardos: 159 „ - - - ditto ditto These have been the medium prices for 3 years back since I came to this country, and the difference in value between the Dutch Company's Pagodas and Porto Novo Pagodas we have found to be occasionally from 5 to 7 per cent in favour of the Company's. I have only to remark, with all due respect to the Government of Batavia, they will find on making the actual experiments, that though they may approve of other terms laid before them of passing these coins in this country, their orders to that purpose cannot be effected. And as the above coins are by no means in demand here in any proportion to Pagodas, which are chiefly remitted to amount of His Highness the Nabob's revenues from Tinnevelly to Madras, I think you have much credit in being able to pass such coins to so much advantage. It may not be unnecessary for me to observe also, that it is at any time in the power of the Nabob's Land Regent to lower the value of the current coins in some degree, which was frequently practised, and is now actually done at this time by the English Company's Collector. 3525. Tinnevelly, November 1790. I have the honour to be, Your most obedient servant, Signed: James Buchanan Agent of His Highness the Nabob of the Carnatic. Mr. Motteux Esqr., Chief of Tuticorin. Sir. No. 58. 3526. Extract of a letter dated 10 September 1786, written from Punnaikayal to Tuticorin. Your Right Honourable Commanding worshipful circular letter of the 8th of this month I had the honour to receive in good order, and serve in respectful reply thereto that there is a prospect, besides those already received, of issuing another 12 to 15,000 guilders to the merchants here, and indeed even more when some pagodas or rupees are added. Below stood: Agrees. Signed: G. A. Gratiaan, First Clerk. Agrees: Sijbrands, First Clerk. Examined: Maas. 3527. Extract of a letter dated 8 September 1786, written from Punnaikayal to Tuticorin. Upon receiving the recently sent guilders and rupees, the merchants complained that they could not issue the same for the charged prices and therefore requested to propose to Your Right Honourable Commanding worship to grant them a favourable agio on the same; and now they request once more, without speaking of the guilders on which they also suffer a loss, only to be allowed to have a 3 per cent agio on the rupees, which has been granted to them on the Porto Novo pagodas, as they will otherwise suffer great damage on the same. I cannot therefore refrain from respectfully submitting this request by this present to Your Right Honourable Commanding worship. Below stood: Agrees. Was signed: G. A. Gratiaan, First Clerk. Agrees: Sijbrands, First Clerk. Examined: Maas. 3528. Extract of a letter dated 10 September 1786, written from Cape Comorin to Tuticorin. The merchants declare that they have issued the received guilders with no less loss than the rupees (upon which they have had a great loss), as they also very humbly request to receive guilders rather than rupees, since there is an appearance of issuing still more guilders than rupees; which serves as a humble answer to Your Right Honourable Commanding worshipful honoured circular letter of the 7th of this month. Below stood: Agrees. Was signed: G. A. Gratiaen, First Clerk. Agrees: Sijbrands, First Clerk. Examined: Fledderius. No. 59. 3529. To the Right Honourable, highly respected, high commanding Lord Willem Jakob van de Graaff, Ordinary Councillor of the Dutch East Indies, Governor and Director of the Island of Ceylon, with its dependencies, etc., etc. Right Honourable, highly respected, high commanding Lord! I have the honour to offer herewith to your High Esteem the requested clarifications and the calculation of the powder mill with stone cylinders, of which I presented the drawing to Your Right Honourable on 1 July 1788. Not having had a drawing at hand during the calculating, it is possible that the dimensions of the levers as they have been set down in the calculation may differ somewhat from the levers that are to be found in the drawing. Nevertheless, the difference will not be of such importance that an appreciable distinction in the result of the calculation will be produced by it, and the gentlemen reviewers will without doubt have the courtesy to substitute the actual dimensions in the qualitative equation instead of those which memory has provided me. If, furthermore, any doubts arise regarding the grounds upon which my calculation is established, I am ready to elucidate the same, and if necessary to write a complete treatise, if the subject is otherwise judged to be of such importance in my regard. I only humbly request to be spared from a detailed refutation of the remarks made by the gentlemen reviewers concerning the nature of this kind of mill. I have the honour to be, with all possible submission, Right Honourable, highly respected, high commanding Lord, Your Right Honourable's humble and obedient servant, Signed: J. G. Fornbauer. Trincomalee, 15 December 1790. Agrees: Sijbrandt, First Clerk. Examined: Maas.

Dutch transcription

3524. In Answer to gjoun kelter of thoe 22 Ultumo have taken pooper paint to Accertair the bursent. Value of the Coint which you mention to loave been disbudred by yowd at vations times in lieu of Pagodat, and it gives me pleasure to be able to Contri¬ =bute to. do goud Juitice in a business from ohicls you will heasa alio great Credit by the advanteges you have procured to the Company by these Disbusse =ments, To Accentair the Value the mose easily I have directed the shroffs to give the Value of each of ie these boins opposed to the 100 Porto Novo Pagodes 273t Ducato df CHolland 74 & 6 17/16 Jans P100 Vo. N Pagt Do Do Surat Bupees 341 „ 2 1/16 Ducatons of Holland 124 „ 2 3/16 - DoD Ceylon Rusrees 337„ 4 7/16 - - D:o Do Dutch Hosins 405 „ 4/6 - - Do _o — 1hourik Panteda 159„ - - - - Do Do There have been the Medium prices for 3 years back lince seame to this Country, and the difference in Valne between the Duscl Companis Pagodes Tin & & Porh Novo Pagodes we have found to be occasione ly from 5 to P pCt in favour of the Companyt I have only to remark with all due Herfirct to the Government of Batavia, they Will find on making the Actural Experiments, that the they may approve of other terme laid before them of passing there boins in this Country their or deds to that purpose caundt be effected, And Pch, as the above boins are by nomeans in demand here in any proportion to Pagodas which are chefly remitted to Amounst of his Higlmness The Nabobo Revenues from Tinevelly to Madrass, & think you have much Credit in beeing able to pass luch Coint to somuch Advantage 24 may nos be unnecessariy for me te to obrerve also, that it is at any time in the power of the Nabobo Land Regent to lowen the Value & the burrent Coins in tome degnee which was brequently practised, And is now actually dowe at this time by the English Companyt Collector raagg 20882 3525. Tinevelly Novs 1740 I have the Honour to be Yous mort bbedient. servant Higsed:/ James Buchaman Agent of his Highness the Nabob of the Carnatie Mr Metsem Esqr blief of Rutoessyn Sir No. 58. draage 2072 3526. Extrakt missive de dato 10 e zep= tember 1786. van Ponnekail na Jutúkorijn geschreeven. uwel Edele Gebiedende geachte Circulaire letteren van den 8:e deezer heb ik de eer gehad wel te ontvangen en diene daerop in eerbiedig antwoord, dat 'er kans is om buiten de reeds ontvangene nog 12. â 15000 guldens aen de kooplieden alhier uittegreven en ook wel meer„ wanneer en eenige pagorden of Ropijen bij komen. /:onderstond:/ accordeert /:geteekend:/ G: A: Gra= tiaan Egklerk accordeert. Dijbrands D ECklerk Nagezien Mans 20882 raag 3527. Extrakt missive de dato 8:e zeptem„ ber 1786. van Ponnekail na Tutu„ korijn geschreeven. De kooplieden hebben bij het ontvangen van de Iongst ge= zondere Guldens en ropijen zig bezwaerd dat ze dezelve voor de aengereekende prijzen niet konden uitgeeven en derhalven verzocht uwel Edele Gebiedende voor„ tedraegen, hen op dezelve een gunstig opgeld toete„ leggen en nu verzoeken zij andermaal zonder van de Guldens waerop zij meede verlies hebben, te spreeken alleen op de ropijen 3. p:r C:o opgeld te moogen hebben die aen hen vergund zijn op de Portonovosche pagide alzoo zij op dezelve anders groote schaede zullen hebben, ik kan derhalven niet afzijn, dit verzoek mits deezen aen uwel Edele Geb: eerbiedig voortedraegen /:onderstond:/ accordeert (:was geteekend:/ G: A: Gratiaan, Egklerk. Accordeert. Wijbrands Hloklerk LoHo Maas Nagezien 20882 daage 3528. Extrakt missive de dato 10:e Zep= tember 1786: van kaapkommerijn na Tutukorijn geschreeven De kooplieden betuigen dat zij de ontvangene gul„ dens niet minder schalde hebben uitgegeeven als de Ropijen /:waer op zij groote verlies hebben gehad:/ alzoo zij ook zeer ootmoedig verzoeken liever„ guldens als vopijen te willen ontvangen alzoo apparentie is nog meer guldens den ropijen uitte„ geeven, 't welk diend tot nedrige antwoord op uwer wel Edele Geb: geëerde Circulaire brief van den 7:e deezer /:onderstond:/ Accordeert /:was getee„ kend:/ G: A: Gratiaen Egklerk. Accordeert. Sijbrands Egklerk 2078 daage Fledderius Nagezien No 59: 2080 raage 3529. Aan den wel Edelen Groot Achtbaren Hoog Gebiedenden Heer! Willem Jakob van de Graaff, Raad ordinair van Nederlandsch Indien, Gouverneur en Direkteur van het Eijland Ceijlon, met dies onder horigheeden etc=a etC=a Wel Edele Groot Achtbaare Hoog Gebiedende Heer! Ik heb de eer Hoog denzelven, hiernevens aante„ „bieden de gevraagde ophelderingen en de bereekening van de krijdmolen met steene Cijlinders, waar van ik den 1. ' Julij 1788. aan uwel Edele Groot Achtb: de teekening overreikt heb, onder het bereekenen, geene tekening bij de hand gehad hebbende, is het mogelijk dat de afmetingen der hefboomen zoo als zij in reekening gesteld zijn, iets kunnen verschillen, van de hefboomen die Innkonomale den 15. december die in de teekening te rinden zijn; Niet te min, zal het verschil niet van zoo veel belang zijn, dat door het zelve een merkelijk onderschijd in de uitkomst der berekening, zal worden voortge„ „bracht, en de Heeren Beoordeelaars zullen zonder trijffel de heuschhijd hebben, de wezenlijke afmeetingen in de qualijtische vergelijking te substitueere, in plaats van de geene, die het geheugen mij heeft opgeleeverd. ontstaan„ er overigens eenige trijfelingen over de gronen waar op mijne reekening gezestigd is, ik ben gereed, dezelve op te helderen, en des noods eene volledige verhandeling te schrijven, zoo anders het voorwerp, ten mijnen opzichte, van zoo veel belang te zijn, geoordeeld word. Alleen verzoek ik nedrig, verkhoont te mogen blijven, van eene gedetailleerde mederlegging der aan¬ merkingen door de Heer beoordeelaars over de natuur deezer zoort van Moolen ge„ maakt. Ik heb de eer met alle mogelijke onder „werping te zijn. Wel Edele Groot Achtbaare Hoog Gebiedende Heer. Uwel Edele Groot Achtb: onderdanige en Gehoorzame dienaer /:getekend J: g: fornbauer. Accordeert 1790. o Hijbrandt gklerk Maas Nagezien dlaage 2082

NL-HaNA_1.04.02_3887_0463 view scan ↗

English

3530. When on 1. July 1788. I had the honor to submit to the Right Honorable Lord Governor the report that accompanied the drawing of the newly designed gunpowder mill, I thought it sufficient to rely on a single and fairly convincing conclusion, which consists in this: that since the stone cylinders are the very same that have already served in the Galle gunpowder mill, they will also be able to be moved in the new mill by a proportional force. I had all the more right to draw this conclusion by comparison or by arrangement, because the proposed mill, consisting of less wheelwork, is also subject to less friction, namely in the ratio of 2/3: 3/10. Moreover, I was hesitant to present mechanical calculations, which to experts are superfluous, and to others can be nothing but tedious. Now that it is required of me by the gentlemen reviewers, all objections fall away. However, I am obliged to make the humble confession that my mathematics is rather limited. The stone cylinders that will serve in the new mill were sent from Europe, and each weighs approximately 3200. pounds. Their most advantageous speed is confined within the limits of five to seven revolutions in one minute. A mechanician cannot calculate variable quantities; therefore I have resolved, Explanation and Calculation of a gunpowder mill, with stone cylinders to arrange everything at the mill in such a way that the cylinders will make five revolutions in one minute, on condition that not all the power that can be applied to the machine will be expended for this purpose. In the mill without wheelwork, the cylinders were of wood covered with copper, and weighted with lead, so that they each weighed around 1800. pounds. The animal pulling on a lever of 9. feet usually made three revolutions, but it pulled awkwardly, as one can easily understand. Considered as an experiment, this would be sufficient to calculate the new mill in a very simple manner, were it not that the frictions had to be taken into account, and that one consequently had to seek to determine the mechanical momentum of the animal that will move the mill. I have found through more than one test that the poorest Ceylon animal, pulling carts over bad roads, pulls 500. pounds, at a speed of about 160. feet in one minute. The ordinary load in Europe is also 500. pounds, only the speed is around 240. feet in one minute. From this it follows that a good Ceylon animal, such as is naturally kept for a machine, stands to an animal in Europe in the ratio of 2: 3. Several considerations, however, have moved me to assume this ratio 3531. as 1: 2. approximately, considerations that arise when one considers that the cylinders may have a greater speed than five revolutions in one minute. The absolute power of the mechanical horse of mathematicians, according to which they calculate their machines, is determined by recent authors at 4. 186. or 744. pounds. The animal that will pull at the new gunpowder mill, according to the ratio assumed here before, thus has 372. pounds of absolute power. Its speed in the mill is determined at [illegible] feet for the least effect and [illegible] for the greatest effect, and consequently its relative power in the latter case is about 140. pounds, in the first 197. or on average 168. pounds. Those who have seen cylinder mills in motion will have noticed that several particular frictions take place. For example, the friction arising from the centrifugal force of the cylinders. The friction that exists because a cylinder-shaped body must be moved around in a circle; the resistance arising from the stickiness of the moist powder mixture. It seems that without broad assumptions, one will not easily be able to determine these quantities theoretically. One must therefore take refuge in practical experience, and for this purpose the old mill without wheelwork, mentioned here before, can serve. The lever of the cylinders in the old mill is 2¼. feet. The relative power of the animal, having had a speed of [illegible] feet, was consequently [illegible] = 132. pounds approximately, and the resistance of the cylinders in the old mill was thus 132. 9 / 2¼ = 528. pounds. The weight of the cylinders of the old mill is to that of the new mill as 9: 16. Consequently, since in the new mill nearly all dimensions are the same, the resistance of the stone cylinders can be expressed by 938 pounds. Let this resistance be = W. Let the length of the lever of the resistance be a = 2¼ feet, the radius of the small spur wheel b = 2½ feet; the force that is in equilibrium with the resistance at the circumference of the small spur wheel is thus [illegible]. This force, considered as a load acting at the circumference of the large lantern wheel, ought by right to be increased by the friction of the upper pivot of the small spur wheel. But since in the old mill the animal, because of the constant turning of its long body, lost about as much power as this friction amounts to, it can consequently be neglected. If, in the meantime, one wishes to take this friction into account, I have nothing against it; I merely need to note that then W = 0, since the resistance divided in two acts in opposite directions. d considered as resistance, at the circumference of the large lantern wheel, let the power be which with 2 d and the frictions thereof [illegible]

Dutch transcription

3530. Toen ik den 1. Julij 1788. de eer had, aan den wel Edelen Groot achtb: Heer gouverneur het bericht te overrijken dat de „teekening verzelde, van de nieuwe ontworpene kanid moolen, dagt ik te kunnen volstaan, met eene enkelde en vaij overtuigende sluitreeden, die daar in bostaat, dat wijl de steene Cijlinders dezelven zijn, die reeds gediend hebben, bij de gaalsche kruid moolen, zij ook bij de nieuwe Moolen door eene evenoedige kracht, zullen kunnen worden bewogen. Jk had te meer recht, dit besluit bij over eenkamlt, of bij opstelling te trekken, wijl de voorgestelde Moolen, in't minder Raderwerk bestaande, ook aan minder wrijving onderhevig is, en wel in de reeden van 2/3: 3/10. Jk was buiten dien beschroemd werktuig kundige bereekeningen te vertoonen, die voor kundige overvloedig, en voor anderen niet dan verveelende kunnen zijn. Nu het mij door de Heeren be„ „oordeelaars gevengd word, vallen alle bedenkingen weg. Echter ben ik genoodzaakt, de verootmoedigende bekentenis, te moeten doen, dat mijne wilkunde vrij bepaald is. De steene Cijlinders, die bij de nieuwe Moolen zullen dienen, zijn ii't Europa gezonden, en zijn elk swaar ten naalten 3200. ponden. De voordeeligste snelheid derselven, legt opge„ slooten, binnen de granten van vijf of zeven omwentelingen in eene minute. Een warktuigkundige kan geene veran„ derlijke grootheeden bereekenen, derhalven heb ik mij bepaald, opheldering en Bereekening eener kruid moolen, met steene bijlinders aan aan de Moolen, alles zo te schicken, dat de Cijlinders, vijf omwentelingen in eene minute zullen doen, onder voorwaarde, dat hier toe, niet al de kragt zal worden besteed, die aan de Machine kan gebruikt worden. Bij de Moolen zonder Raderwerk waren de Eijlanders hout met koper bekleed, en met lood beswaard, zo dat zij elk bij 1800. ponden zwaar waren. Het beest aan eenen hofboom van 9. voeten trekkende, maakte doorgaans dair omwente„ „lingen, edoch het trok ongemakkelijk, gelijk man lichta„ „lijk bezeffen kan Dit all eene proefneeming beschouwd, zoude toerijkende zijn de nieuwe Moolen, op eene zeer eenvoudige wijze te bereekenen, wal het niet dat de waijvingen moesten in reekening ge„ „bracht worden, en dat men derhalve het werktuigkundige Moment van het beest, dat de Moolen beweegen zal, moest zoeken te bepaalen. Ik heb door meer als eene proeve bevonden, dat het slegtste Ceilensche beest, aan karren, over kwaade straaten rijdende, 500. ponden trekt, met omtrent 160: voeten, snelkend in eene minute De gewoone lading in Europa is ook 500. ponden, alleenig is de Enelheid 240. voeten omtrend in eene minute. Daar uit volgd, dat een goed Ceilonsch Beest, zoo als men d natuurlijker wijze voor eene machine houd:, tot een beest Europa staat in de reeden van 2. 3. verscheide betrachtingen, hebben mij echter bewogen deele reeden 0o 3531. reeden aanteneemen, als 1: 2. ten naasten bij, betrachtingen die zich opdoen, wanneer men bedenkt, dat de Cijlinders eene grootere snelheid mogen hebben, dan vijf omwentelingen in eene minute De volltrektte kragt van het werktigkundig paard der wiskundigen, waarna zij hunne zamen stellen bereekenen, word door de latene schrijvers bepaald op 4. 186. of 744. ponden. Het beest dat aan de nieuwe kruid moolen trekken zal, zoo als de reeden hier vooren aangenomen is, heeft dus 372. ponden absolute kracht. zijne snelheid, is in de Moolen bepaald op 1/60, voeten voor de geringste uitwerking en 1/60. voor de grootste uitwerking, en bij gevolg is deszelven relative kracht in het laatste geval 140. ponden omtrent, in het eerste 197. of voor een middel 168. ponden De geene die Eijlindens moolen in beweeging hebben gezien, zullen opgemerkt hebben, dat 'er verschijde bijzondere waijvingen plaats hebben. Bij voorbeeld de waijving die ontstaat uit de middel punt schuwende kracht der Cijlinders. De waijving die en is, om dat een Cijlinder oormig lichaam, in eene kring moet rond be„ „wogen worden: de weenstand, die van de kleverigheid den voortige kanidspetie ontstaat. Het schijnt, dat men zonder auime ver„ onderstellingen, deeze grootheeden niet licht Theoretisch zal kun„ „nen bepaalen. Men moet dus zijne toevlucht nemen tot proef ondervindingen, en daar toe kan dienen, de oude Moolen zonder Raderwerk, waar van hier vooren gesprocken is. De hefboom der Cijlinders aan de oude Moolen is ¼. voeten. De relative kracht van het beest, als hebbende 19/60 voeten snelheid gehad, is derhalve geweest 7/60 = 132. ponden ten naalten naasten bij, en de weenstand der Cijlindens in de oude Moolen was dus 132. 9 — 528. ponden de zwaarte der Cijlinders van de oude Moolen, is tot die van de nieuwe Moolen als 9: 16. bij gevolg wijl, in de nieuwe Moolen ten naasten bij alle afmeetingen het zelve zijn, laat zich de weerstand der steene Cijlinders uitdrukken door 938 ponden. deeze weerstand zij — W: de lengte van den hefboom, des weerstands zij a — 2¼ voeten de halve middellijn van het kleine sterraad b= 2½ voeten de kracht die aan het einde van het kleine Hterraad, met den weersland in evenwicht staat is dus Deeze kracht als last beschouwd die aan het einde van den grooten schijfloop zijne werking uit, zoude van rechtswoegen moeten vermeerdert worden, door de waijving van de bovenpen van het kleine Hterraad. zoch wijl aan de oude Moolen het beelt, van wegen het gestadige aanddraaien van zijn lang lichan omtrent zo veel kragt verlooren heeft, als deeze waijving be„ „draagd zoo kan hij gevolgelijk verachtloold worden. wil men ondertusschen deeze waijving in reekening brengen, heb ik niets tegen, enkeld dien ik aantemerken, dat als dan W= o is wijl de weersland in tween verdeelt in tegen overgestelde richtingen werkt. d beschouwd als weerstand, aan het einde van den grooten schijfloop, zij de kracht welke met 2 d en de waijvingen daage 08o /¼. a fr.

NL-HaNA_1.04.02_3887_0467 view scan ↗

English

3532. is in equilibrium = the frictions are 1) that at the upper pivot 2) that at the lower pivot of the large lantern pinion, and 3) the friction of the teeth of the small star wheel against the rungs of the radius of the pivots being — s — 1/16 foot The weight of the lantern pinion — 2000 lb — s thus the friction for No. 1 is — ½ (y + aW) and the moment ½ F (q + aV) No. 2 the friction 1/3 s and the moment 3 F (p5) No. 3 is, as is known, 13/10. Therefore is. - (vr + k. S. (yt + afr) + J. s. (ps) 9 - ½ py - () 1½ s. (asr) + /3 f (Bs) y - ½ Fy - y (: - ½ s) the large lantern pinion Thus is y (1 - ½ 5) — (st) + ½ 5 (afr & J S. (p5) „ - C) ½ F (=as) + 2/3 a (/35) ( — ½ F) the lever for power and load on the lantern pinion being equal, one obtains the static moment, by further multiplying 23 multiplying the value of y by /18. 9 1/8 (o + 1½ 5 (t + % . 6. 87) (— ½ k) proceeding by considering y again as a resistance acting at the end of the large star wheel, let the force that is in equilibrium with y and all frictions at the end of the shaft poles be = x. y becomes larger again, on account of 1) the friction of the upper pivot of the large star wheel 2) the friction of the lower pivot of the large star wheel 3) on account of the friction of the teeth of the large star wheel against the rungs of the lantern pinion. For No. 1, let the radius of the iron pivot be — s — 1/16 foot thus the friction is ½ (yt &) and the moment of friction ½ (yt ) for No. 2 is the friction, since the weight of the large star wheel shall be 6000 pounds — t - 1/ t= of the friction and the moment p. L (pt) for No. 3 is the value 1/8, or the equation multiplied by 3/18. Therefore is & = yt ½ f (ytx) + 1Bs Opt x - ½ kx - y 1½ fytps (/t) yt ½ fy - y (t½k) x - ½ f 2 — X. (1. - ½ s) X (--y (tkes) + ½ s Opt) The carrying 2088 3533. The value of y being substituted, thus is H. 2 Ct C ps Gen he Cht 2 . 753 21/8 ( ½ 7 7 5 6357 64/5 45 (pt) ( - ½ 5) 2 2/8 (to 1/ Ct 5 651. 1 75 Opt (: - ½ 5) (- 1/5 on account of the engaging of the teeth, and on account of the static moment, the equation becomes No. 468. 1/2. CCps sehscht (-1/½5 (1-½5) solution 1½ p= C=o 817 — ½. /16. 814 — 2/32 — 26/8 or . . . 27 pounds 1 /3 ƒ (1/35 — 2/3. 1/16. 2000 — 2000 = 3/6 — 2¼. 938 — 2110 — - - - - - - - 844 pounds 11½ st — 1. 4½. /6 — 14 1/83 — 2/32 — 3/11. 899 — 957 1. —. ½ p — 1. — ½. 1/16. — 1. — 1/2. — 1/32. 2 %/5 :/st — /3. 1/16. 60: — 60 /2: — 0/0: . . . . . . 84. 1 – ½ p — 1. —. ½. 1/16. — 1. — /32 — 17/32. 1041. — 1024. or 1075. Thus (1-½½ . . - . 28 pounds 899. 1041 pounds Checked Suomaatj 1: X: — 9/18) at 1075. 2 — 23/24. 17/10. 1075. — 799 pounds Now, at the greatest effect of the machine, the strength of the animal is assumed to be 140 pounds, and 140: 798 = 1: 5 2/3. That is, the calculation shows that 5 2/3 animals will be required. Since 8 animals can now be harnessed to the mill, and one such mill has already stood at Galle, and with which canid was made, the Gentlemen Reviewers will now be fully capable of rejecting or approving the machine. Those who do not understand mechanical calculations can always manage by not concluding that the same stone cylinders which were used in the Galle mill can also evidently serve for another mill. Underneath stood: Trincomalee the 15th of December 1790. Was signed: I. G. Fornbauer Thus is Agreed Dijbrands 20 Vo a No. 66. Sworn Clerk 3534. To the Right Honorable, Highly Esteemed Lord Willem Jacob van de Graaff Ordinary Councillor of the Netherlands Indies, as well as Governor and Director of the Island of Ceylon with its dependencies, etc. Right Honorable, Highly Esteemed, High-Commanding Lord. Recently, an extract of a missive dated the 13th of August 1790, written by the High Government of Batavia to Colombo, was delivered to me, containing an order to demand from me the additional expenses incurred due to the stay on Ceylon requested and granted since, and the continued occupation of the post as head of the artillery, to which Captain Kuhn had already been appointed and confirmed, and of which doubled costs to the Company I was allegedly the cause. I could never have presumed, Right Honorable, Highly Esteemed Lord, that anything of the kind would be imposed upon me, and consequently it was also with very great sorrow that I learned of the demanded restitution from the aforementioned extract, and that not at all on account of its magnitude, if indeed any disadvantage to the Company could really be derived from the proposed case, but on account of the harshness, even the diminution, or remarkable disparagement etc.

Dutch transcription

3532. in evenwicht staat = de wrijvingen zijn 1) die aan de boven pen 2 die aan de beneeden pen van den grooten schijfloop, en 3 de waijving der tanden van het kleine sterraad, aan de stokken van de halve middellijn der pennen zij — s— 1/16. voet Het gewicht van den schijfloop — 2000. lb — s zoo is de waijving voor N:o 1. —½ (y1 aW en het Moment ½ F Cq 4 aV) N:o 2. de waijving 1/3. s en het Moment 3 F Cp5) N:o 3. is zoo als men weet 13/10. Derhalven is. - Cvr + k. S. Cyt afr ) 4 J. s. (ps) 9-½ py- () 1½ s. Casr) 4 /3 f (Bs) y-½ Fy-y C:-½s) den grooten schijfloop Dus is y (1-½ 5) — Cst) 4 ½ 5 Cafr & J S. Cp5) „-C) ½ F C=as) t 2/3 a (/35) C —½ F) de hefboom voor kracht en last aan den schijfloop ge„ lijk zijnde, bekomt men het ltatische Moment, met de waarde 23 waarde van y noch te vermenigvuldigen door /18. 9 1/8 C o 4 1½ 5 Ct 4 % . 6. 87 (—½ k) voortgaande met yj wederom te beschouwen, als eenen weer„ stand, die aan het einde van het groote sterraad warkt, zij de kracht die niet y en alle waijvingen aan het einde van de dilzelboomen in evenwicht staat = x. ij word wederom groten, van wegen 9 de waijving van de boven per van het groote sterraad 2 de waijving van de benedenpen, van het groote Herraad 3) van wegen het wrijven oder tanden van het groote Hteraad aan de stokken van den schijfloop. voor N:o 1. zij de halve middellijn van de ijzere pen — s — 1/16. voet zoo is de waijving ½ (yt &) en het moment der waijving /½ (yt ) voor N:o 2. is de wrijving, wijl de zwaarte van het groote sterraad zijn zal 6000. ponden — t - 1/ t= der waijving en het moment p. L Cpt) voor N. o 3. is de waarde 1/8, of de vergelijking vermenigvuldigt met 3/18. Derhalven is &= yt½ f Cytx) 1Bs Opt x -½kx - y1½fytps (/t) yt½fy- y (t½k) x - ½ f 2 — X. (1. -½ s) X (--y (tkes) 4½s Opt) De draagg 2088 3533. De waarde van y gesubstitueerd, zoo is H. 2 Ct C ps Gen he Cht 2 . 753 21/8 C ½ 7 7 5 6357 64/5 45 Cpt) C. - ½5) 2 2/8 Cto 1/ Ct 5 651. 1 75 Opt C:-½ 5) (- 1/5 van wegen het invatten der tanden, en van wegen het statische Moment, word de vergelijking No 468. 1/2. CCps sehscht (-1/½5 (1-½5) oplossing 1½ p= C=o 817 — ½. /16. 814 — 2/32 — 26/8 of. . . 27. ponden 1 /3 ƒ (1/35 — 2/3. 1/16. 2000 — 2000 = 3/6 — 2¼. 938 — 2110 —. - - - - - - - 844. ponden 11½ st — 1. 4½. /6 — 14 1/83 — 2/32 — 3/11. 899 — 957 1. —. ½ p — 1. — ½. 1/16. — 1. — 1/2. — 1/32. 2 %/5 :/st — /3. 1/16. 60: — 60 /2: — 0/0:. . . . . . 84. 1 –½ p — 1. —. ½. 1/16. — 1. — /32 — 17/32. 1041. — 1024. of 1075. Dus (1-½½ . . - . 28. pondent 899. 1041. Ponden Nagezien Suomaatj 1: X: — 9/18) â. 1075. 2 — 23/24. 17/10. 1075. — 799. ponden Nu is bij de grootste uitwerking der Machine de kracht van het Beelt verondersteld 140. ponden groot te zijn, en 140: 798 = 1: 5. 2/3. Dat is de Reekening wijst aan, dat'er 5 2/3. beesten zullen nodig zijn. wijl nu 8. Beesten aan de Moolen kunnen aange„ „spannen worden, reeds eene zulke Moolen te gale gestaan heeft, en daarmeede kanid gemaakt is, zo zullen de Heer Beoor„ deelaars, thans volkomen in staat zijn, de Machine te ver„ werpen of goed te keuren. De geenen die werktingkundige bereekeningen, niet verstaan, kunnen zich altoos behelpen, niet te besluiten, dat deselve steene Cijlinders, die bij de gaalsche Moolen gebruikt zijn, ook baarblijkelijk voor eene andere Moolen kunnen dienen /:onderstond:/ Crinkomale den 15. december 1790. /:was geteekend:/ I: G: Fornbauer Dus is Accordeert Dijbrands 20 Vo a N:o 66. Vlgklerk 3534. Aan den wel Edelen Groot agtb: Heer Willem Jacob van de Graaff Raad ordinair van Nederlands Jndia mitsgaders Gouverneur en Direkteur van 't Eijland Ceilon met dies onder„ hoorigheeden. enz: Wel Edele Groot Achtbaare Hoog Gebiedende Heer. onlangs is mij ter handgesteld Extract missive de dato 13. aug:s 1790. door de H: I: R: van Batavia na Colombo geschreeven, be„ helsende order om van mij af te vorderen de meerder gemaekte kosten door 't sedert verzogt en toegestaan verblijf op Ceilon, en 't blijven waernemen van de Post als hoofd der artillerie waer toe reeds kapit: kuhn aangesteld en bevestigd was, en van welke verdubbelde kosten voor de Comp: ik de oorsaak zoude zijn. Ik konde nimmer vermoeden, wel Ed: groot agtb: heer, dat iets dier„ „gelijks mij soude worden opgelegd, en gevolgelijk was 't ook met zeer veel aandoening dat ik de afgevorderde restitutie uijt 't voorn: Extract ontwaerde, en dat geensints uit oorsaek hae„ ter importante /: bij aldie„ resentlijk uit 't oorgestelde geval eenig nadeel voor de Comp: afgelegd konde worden :/ maer van weegens de hardigheid, selfs verklijning, o f op merkelijke ver= etc.

NL-HaNA_1.04.02_3887_0472 view scan ↗

English

diminution of my esteem, which I consider to be found in this restitution. And since it is fully known to your Right Honourable, that a head of the artillery has no particular income, but is limited to his earned pay and emoluments corresponding to the military rank he holds, the imposed refund can consequently only consist therein, which would be as much as to imply that my rendered services have not merited this income. I therefore see myself, with regret, brought to the necessity, on this so delicate a point, with the utmost respect and a fitting frankness, to bring before the eyes of your Right Honourable—to whom my suitability and execution of duties are best known—my legitimate reasons for grievance against this repayment, which is (spoken without pride or self-love) not only odious for an officer of such long-standing, zealous and faithful services, publicly recognized on various occasions even by the government of this administration, but even very degrading to his reputation and well-placed ambition. If the faithful services of a man who, like myself, has served the State of the United Netherlands and the East India Company in these lands for a series of forty-three years in the capacity of an officer with all possible zeal and to the best of his abilities, and is still serving, were to be rewarded in so little encouraging a manner, and put under the necessity of refunding the pay and emoluments attached to his rank of major, which he enjoyed not undeservedly for the period of two years while discharging a weighty office with which the late Captain Huhn, on account of his continuous indisposition, could not well concern himself; then also, Right Honourable Sir, more other zealous officers along with me would with regret be led to the sentiment as if it were all the same in what manner the Company were served any longer—which, however, would very much conflict with the excellent principles of the Most Noble Lords Masters in the Netherlands, and the constitution of the Company, in whose recommendations I see very emphatically cited, among other things, that one must try to induce old and capable servants to remain in the land by a distinguished reception and reward, both with regard to their income and promotion in rank, on account of the usefulness that such men can bring to the Company's service. I trust I may count myself in this class without arrogance, and for this I claim the honoring as well as unimpeachable testimony of your Right Honourable, under whose administration I have enjoyed the greatest proofs of distinction; who is also, if it please you, best in a position to demonstrate how greatly embarrassed one would have been in case I had ceased to direct so important a department. And since I have carried away the public praise and testimony from the gentlemen Commissioners who were appointed on behalf of Their High Mightinesses over the defense matters and have arrived here, that the state and domestic management of the artillery department here even surpassed all that their High Nobles had found regarding this at the Cape of Good Hope; so I think I may rightfully trust that these cited titles will be so sufficient with the High Indian Government, that the result thereof will be to discharge me from the imposed restitution; and that it will simultaneously please their High Nobles, according to their justice, to fully justify me to the Most Noble Lords Masters in the Netherlands, in order that my reputation may shine in that favorable daylight as I trust on good grounds to merit. Finally, as the strongest proof of your Right Honourable's complete approval of my rendered services, I ought above all not to omit: that Your same High Noble, together with the Most Noble Right Honourable gentlemen Commissioners, actually agreed beforehand in the proposal for my promotion, that my long years of faithful services, untiring zeal and application, fully merited the demonstrated distinction in my present promotion to Colonel Effective, and that indeed in order to recompense me thereby. May it please your Right Honourable Sir to interpret my apology favorably, and to be fully assured that it is accompanied by all the sentiments of respect that I owe to the high persons and eminent offices of my superiors named herein. And that I, especially for your Right Honourable, will never cease to give evidence of the distinguished high regard and the deep respect with which I have the honor to be (was written beneath): Right Honourable Highborn Sir, Your Right Honourable's humble and obedient servant (signed): E. L. De Capelle. (In margin): Colombo the 6th of October 1790. Agrees Cornelis Johannes Vclé Sworn Clerk low 2080 Boutersz. Examined No. 61: 3537. Account current of the [illegible] bought at Tranquebar by the Regent Geeker, what is still remaining, drawn from an account dated 5 [illegible] made up by Petrus Raket, namely: Purchased at Tranquebar by the Agent Geeken at 24 Pagodas each and another 3 percent on the purchase amounting to Pagodas 12463. – – Total ƒ 1400: — ƒ 57219: — Colombo the 15th of January [illegible] was signed ƒ 4400: – ƒ 57219: —

Dutch transcription

vermindering mijnes aansiens, die ik in deese restitutie mee„ te vinden = En daar 't uwe Ed: groot agtb: volkoomen bekent is, dat een hoofd van de artilletie geene bijsondere Jnkomsten heeft, maer bepaeld is aan zijne winnende ga„ „gie en Emolumenten over een komstig, met den militairen graed die hij bekleed, so kan gevolgelijk de opgelegde uitkeering alleen daer in bestae, t welk even so veel als te kennen soude geeven, dat mijne beweesene diensten deese inkomsten niet gemeriteerd hebben. Ik sie mij dierhalven met Leedweesen in de noodsaekelijkhenid gebragt om over dit so delicaat poinct, met de meer te Eerbied en Eene betaemelijke vrijmoedigheid mijne regtmatige reedenen van beswaernis teegens deese /: son„ „der hoogmoed of eigen Liefde gezegd:/ voor een officier van zo lang Jaerige door de Regeering deses gouver„ „nements bij onderscheide gelegentheden selfs opentlijk Erkende ijverige en getrouwe diensten, niet alleen on „veuse, maer selfs voor zijne reputatie en wel geplact eersugt seer verklijnde uit neering, onder 't oog uwert groot agtb: te brengen, aan wien best mijne geschik thee en dienst verrigtingen bekend zijn. Wanneer de getrouwe diensten van een man die als ik eene reeks van Drie en veertig Jaeren in qualiteid van officier, den staat der vereenig de Nederlanden, en O: s: Comp: in deese Landen met alle mogelijke ijver en na zijne beste vermogens gediend heeft en nog die„ =nende Z0 Fo aage N 3535. nende is, op een zo weinig aanmoedigende wijze beloond, en in de noodsaekelijkheid gesteld moest worden, weeder uit te keeren, de gagie en Emolumenten aan zijne C:haage van majoor verknogt, en welke hij den teid van Twee Jaeren niet onverdient genooten heeft, als waernemende eene swaer„ „wigtige Bediening waar meede sig wijle den Capit: huhn van weegens sijne aanhoudende indispositie niet wel be„ moeijen konde. = dan ook wel Ed: groot agtb: heer, souden et met mij meer andere ijverige officieren door dier ge„ „lijke behandeling met Leed weesen in 't gevoelen gebragt worden, als waere 't om 't even door die en hoedanigen wijse de Comp: langer gedient wierd- 't welk egter wel zeer strijden soude met de uit nemende Principia van de hoog Edele heeren, Masseres in Nederlant, en de Constitutie van de maatschappij, bij welker aan beveelinge ik on„ „der andere wel zeer nadrukkelijk aangehaald vide„ dat men oude en kundige Dienderen door een gedes„ „tinqueerd onthaal en beloning, so met betrekking tot derselver inkomsten, als verhooging in qualiteid, moet tragten te beweegen, om in 't Land te blijven, van weegens 't nutte dat sodanige mannen aan Comp: dienst toebrengen konnen. Ik vertrouwe sonder verwandheid mij onder deese Classe te mogen reekenen, en hier toe reclameeren ik de „ vereerende als onwaackbaere getuigenis uw er welEd: groot agtb:, onder wiens Bestier ik de grootste beweisen van distinctie heb d heb genooten Die ook des gelievende best in staat is om te konnen aantoonen hoe grootelijks men verleegen zoude geweest zijn ingevalle ik had opgehouden waer te neemen de directie van een so gewigtig de partement- En daer ik van de keeren Commissarissen die van weegens H: H: M: over 't depensie weesen benoemd en dit heen overgekomen zijn, den open„ „baeken Loff, en getuigens heb weggedraegen, dat de staat en 't huishoudelijk bestier van 't artillerie departement alhier, selfs overtroff al wat hunne hoog Edelens aan de Caap de Hoede hoop dien aangaande bevinden hadden; so meen ik met regt te moogen vertrouwen dat deese aangehaalden Titers bij de H: I. R: so voldoende zullen wesen, dat „ gevolg daar van zal uitkoomen om mij te ont„ „slaen van de opgelegde restitutie; en 't hunne hoog Edelh: na volgens derselver regtmatigheid te gelijk behaegen zal mij volkomen te Justificeeren bij de H: E: heeren majores in Nederlandt Ten eijnde mijne reputatie in dat gunstige dacrligt scheinen mag als ik op goede gronden vertrouwe te meriteeren: Eijndelijk behoor ik als 't kragtigste bewijs uw er welEd: groot agtb: volkome approbatie over mijne beweese Diensten, vooral niet te ommitteere: dat Hoog deselve, gesament„ „lijk met de hoog Edele gestr: heeren Commissarisen voor daedelijk selfs bij de voorstelling meiner bevordering overeengekomen zijn, dat mijne Langjarige getrouwe Die „sten onvermoeiden ijver en applicatie, wel volkome meriteerden o l 3536. meriteerden, de betoonde distinctie bij mijne teegenswoordige Promotie tot Colinel Efferteef, en dat wel ten Eijnde mij hier door te recompenseeren: Gelieft uwel Ed: groot agtb: heer, mijne apologie gunstig te duiden, en volkome versekert te zijn, dat se verzeld gaat met alle de gevoelens van Eerbiedigheid die ik aan de hooge Per„ „soonen en Eminenten Charges mijner oppergebiederen in dee„ „sen benoemd, verschuldigt ben- En dat ik wel in 't bijsonder voor die uw erwelEd: groot agtb: nimmer sal ophouden blijken te geeven van de gedistingueerd hoogagting en 't diep respect waermede ik de Eer heb te zijn /:onderstond:/ wel Edele groot agtb: hoog geb: heer. Uwer wel Edele groot agtb: onderdanige en gehoorzame Dienaar„ /:getekend:/ E: L: De Capelle. /: in margine:/ Holom„ „bo den 6. october 1790. Achordeert Corns Johanns: Vclé gezee klerk laag 2080 Boutersz: Nagezien N:o 61: 3537. Reekening Counaat van den te Tranquebaar, door den Regente Geeker: geko er nog wa per Restant is, getrokken uit eene Reekening gedaten 5. 9. Petrus. Raket opamaekt: te weeten Te Tranquebaar door den Agent Geeken ingekogt a 24. Pagooden ider en nog 3 percent op den inkoop bedraegende pagooden 12463. – – Somma ƒ 1400: — ƒ57219:— Kolembo Den 15. Janua was Geteeken ƒ 4400:– ƒ57219:—

NL-HaNA_1.04.02_3887_0481 view scan ↗

English

3538. The 15th of January Anno 1790. G: Hofland Agrees Cornelis Johannes Felé 300. 1359: 2020 23744. 7. ƒ1895158. pieces 140. ƒ32125: 15: 8. certain purchased Danish muskets with an indication of what of them was sold and how much dated 5th of February 1788 by the then Trade Bookkeeper VE: Matthaus sold sent. . .. At Colombo, namely. In the financial year 1783/84 at 3. 6. a piece pieces 100: ƒ618. 15 In the financial year 1786/87 at ditto 224. each. 1000 ƒ4950: ƒ 4100. 5518: . ƒ2380. ƒ8980:168. Remaining balance; namely. from Pulicat out of a lot of 909 Pieces which the said Agent Gaeke according to transfer delivered to the remaining Councilors of Negapatnam. pieces 150. 1 at Jaffnapatnam out of a lot of 1000 pieces which the aforementioned Gaeke sent to that Commandement Trincomalee out of a lot of 800 pieces which the sepoy troops took along with them from Cuddalore to Trincomalee and were accounted for there by Captain Lieutenant De Bellon. at Cochin out of a lot of 2600 pieces which in the financial year 1789/90 were sent from here thither At Colombo in the armory and on the Man Thus lost on the sold 2300 of these oath clerk Sum ditto 1400. ƒ51721 9. Money 3 percent ƒ557219. . Remainder 1209 ƒ 312. 4: 8. 11. 5 Co ƒ ƒ57219: signed No 62: Checked Adamsz 3539. To the Right Honorable, Most Venerable Lord. Willem Jacob van de Graaff Ordinary Councillor of the Dutch Indies, Governor and Director of the Island of Ceylon with its dependencies Right Honorable, Most Venerable, High Commanding Lord! Pursuant to what was written by Their High Excellencies in their most esteemed missive of the 13th of August of the past year, the undersigned Master of Equipages has the honor to present with respect to Your Right Honorable, Most Venerable, that the 144 pounds and 6 ounces of gunpowder consumed in 52 watch shots in the roads of Colombo by the ship the Leviathan, and by the Governor General de Klerk 28 pounds in 7 watch shots, was not supplied again from the shore, because this was completely out of the ordinary, and he in that respect had already, regarding the ship the Phenecier, notified Your Right Honorable, Most Venerable, in a report of the 4th of October of the past year; to which he refers, and has the honor to sign with the owed respect, was signed, Right Honorable, Most Venerable, High Commanding Lord! Your Right Honorable, 3540. Most Venerable's very humble servant, was signed: O: Andringa in the margin: Colombo, the 17th of January 1791: lower: Note: The powder brought up by the authorities of the ship the Governor General de Klerk is of half bullet weight, thus not contrary to the latest order, as they were still ignorant thereof. Agrees. Wijbrands Sworn Clerk No: 63. Checked 2 pages 3541. List of the more and less usable timbers, to be found in the Galle Korale, for the service of the Company as well as for private persons, submitted by the undersigned superintendent of the Galle Korale in compliance with what was written in the Company's letter of the 10th of September 1789, and of which the samples are currently at hand here; marked No 1. 2: 3. etcetera, beginning with those that are delivered here for the service of the Company, and are marked as the Company's assortment, while the prices, and what they cost the Company, will need to be checked at the Trade Office, since these prices differ annually. No 1. Ironwood grows in the most remote forests and is therefore very difficult to obtain, with a thickness of 3: 3½ to 4 and a length of 20 to 30 Cobidos. This wood is very durable, and is used, considering its good quality, for almost everything, such as for beams, wall plates, props, door and window frames, for sluices, bridges, cabin, middle, and ridge purlins for ships, scaffoldings in the Company's warehouses, undercarriages for hatchway and rope sleds, and for the ropewalk, axles for gun carriages, drag carts, and hand carts. 2. Milile to be found in the forests in very small quantities, so that it is even difficult to provide the curved timbers that are demanded by the Master Ship Carpenter, growing to a thickness of 2. 2½ to 3 and a length of 12 to 20 Cobidos, yet it is in the place where this is found in abundance

Dutch transcription

3538. Den 15. Januarij A:o 1790.— G: Hofland Achordeert Corn:s: Johann: Felé „ 300. — „1359: — —„ 2020 – – 23744. 7. – ƒ1895158. p„s 140. – – ƒ32125: 15: 8. seeke gekogte Deense geweesen met aantooning wat daar van verkogt en hoe veel gedaten 5.' februarij 1788. door den toenmoeligen Negotie Boekhouder VE: Matthaus verkogt gesonden zijn.. . .. Te kolombo. als. Jn het boekjaar 178 3/16. tegens ad 3. 6. —, 't pees - - - - - - . ps 100: — — ƒ618. 15 — Jn het boekjaar 178/7. tegens d„o 224. — ider. . . . . . . . . . . . . . . . . . „ 1000 – ƒ4950: – ƒ 4100. – „5518: –. – ƒ2380. – –ƒ8980:168. Per Restant verbleeven; als. de Palleakatta uit een partij van 909. P„s die gemelden Agent Gaeke volgens transport aan de overgeblevene Raadsheeren van Nagapatnam heeft overgegeeven. . . . . . . p„o 150. — 1 te Jaffanapatnam uit een partij van 1000 p:s die voormelde Geeke naar dat Commandement versonden heeft „ Trinkonemale uit een partij van 800. p„s die de sipaijse troeppen van koedoeloer naar sumiConomale meede genoomen hebben en door den kapitain luitenant De Bellon aldaar verantwoord zijn. te Cochiem uit een partij van 2600 – p„s die in het boekjaar 178 9/24. van hier na derwaards Te kolombe in de wapenkamer en op den Man Dus verlooren op de verkogte 2300 — dees gezeeklerk Zomma d„s 1400. — — ƒ51721 9. — Geld 3 percent ƒ557219. — . R„o 1209 — - ƒ 312. 4: 8. „ 11. — „ 5 Co ƒ ƒ57219:— eteeken N:o 62: Nagezien Adamsz 3539. Aan den wel Ed: Groot agtb: heer. Willem Jacob van de Graaff Raad ordinair van nederlands India Gouverneur en Direkteur van het Eiland Ceilon met dies onderhoorigheeden Wel Edele Groot Achtbaare Hoog Gebiedende Heer! Jngevolge het aengeschreevene door Hunne Hoog Edelheeden bij hoogst derzelver gerespekteerde missive van den 13: augustus a=o passato, heeft de ondergeteekende Equipa„ giemeester de eere uw wel Edele Groot Groot agtb: in eerbied te vertoonen, dat het op de kolombose rheede door het schip de Leviathan verbruijkte 144: ponden en 6: oncen buskruijt aan 52: wagtschooten en door de Gouverneur Generaal de klerk 28: Ponden aan 7: wagt schooten, niet weeder van de wal is bezorgd, om dat zulks geheel buijten gebruijk was, en hij ten dien opzichte reets ten aanzien van het schip de Phenecier bij berigt van den 4: october a=o vergangen aan uw wel Edele Groot agtb: heeft kennis gegeeven; waar aan hij zich gerefereerd, houdende, de eere heeft met de verschuldigde Eerbied te onderschrijven /:onderstond:/ wel Edele Groot Achtbaare Hoog Ge„ „biedende Heer ! uwen wel Edele Groot 3540. Groot Achtb: zeer onderdaenige die„ naer /:was geteekend :/ O: Andringa /:in margine:/ kolombo den 17. Janu„ „arij 1791: /:Lager:/ NB: Het door de overheeden van het schip den Gou„ verneur Generaal de klerk opge„ bragte kruijt is van halve koegels swaerte, dus niet tegen de Jongste order„ alzo z' daar van nog on„ kundig waeren. Accordeert. Wijbrands VEyklerk N:o: 63. Nagezien 2 zide 3541. Notitie der meer en mindere bruik„ „baere Houtwerken, te vinden in de Ga„ „le Korle, zo ten dienste van DE. Comp: als van particulieren, overgelegd door den ondergeteekende opziender der Gaele korle in voldoening van het aange„ schreevene bij komp:s brief van den 10. 7ber: 1789. en waer van de Mon„ „sters thans alhier aanhanden zijn; gemerkt N:o 1. 2: 3. ECtaabegunnen, „de met die geene welke alhier ten dienste van de kompanie geleeverd, en als komp:s sorteering aange„ „merkt worden, terwijl de prijsen; en wat ze DE: komp:e kosten, op het Negotie kantoor zal dienen nage„ „gaan te worden, wijl deese prijsen Jaarlijks verschillen N:o 1. ijzer hout groeijd in de afgeleegenste bossen en is daar door zeer moeij lijk te bekoomen ter dikte van 3: 3½. tot 4. en lengte van 20: tot 30. Cobidos. Dit hout is zeer dunazaem, en word bij na, gezien desselfs deug„ „zaemheid, tot alles gebruikt, als tot Balken Muurplaeten, stutten deuk en vengster kosijnen, tot Sluijsen, Bruggen ka„ „bente, middel en nokgordings voor de scheepe, stellingen in Comp„s pakhuisen, onderstellen tot luik en streng, slee- en voor de Lijnbaan, assen tot affuiten, sleep en hand karren. „ 2. Milile in de bossen te vinden in zeer geringe quantiteit zo dat het zelfs bezwaerlijk valt de kromhouten die door den Baas scheepstimmerman geEijschet worden te voldoen groeijen ter dikse van 2. 2½½. a:o 3. en lengte van 12. tot 20 Cobidos dog is ter plaetse daar zulks meenigvuldig gevonden word

NL-HaNA_1.04.02_3887_0488 view scan ↗

English

can be used for everything just like ironwood. No. 3. Oeberie, found in the forests with a thickness of 3 and 4 and length of 20 to 30 cobidos. It is very good for beams, wall plates, piles, purlins, for piers, posts, caps, battens, window bars, for the making of gunpowder barrels, balers, buckets and other common small cooperage, and is sawn into planks of one inch thick, used for repairing the pier, floors of the Company's horse stable, for beds for cannons, coverings of hatches, toll and rope sledges, and in the service of the ropewalk, it growing very straight. 4. Teak or kiate trees, found in the Company's planted gardens and not naturally in the forests, with a thickness of 2 to 2½ and length of 10 to 25 cobidos. In view of its virtue it can be used for everything, except for props in the ground, but none are yet felled from the Gale Korle for the service of the Company's household. 5. Soursop trees grow in the gardens to a length of 20 to 30 and thickness of 3 to 6 cobidos, which latter, however, are very difficult to obtain because the inhabitants do not willingly proceed to fell them, as the fruits serve them as a pleasant and good food. Some are also found in the Company's forests that were previously cleared for chenas. This wood can also be used for all services, except for piles, and is mainly used for making long cross-trees on topmasts and masts of ships and smaller vessels, for tie beams for the cargo and rowing craft, for pillars for sheds, its branches for knee timbers which are held to be the best. Sawn into planks of 1¼ inches it is used for making the Company's bookcases and hanging cupboards, door and window leaves for the Company's warehouses and dwelling houses, sentry boxes, measuring parras, etc., apart from the fact that the Company, private individuals, and Sinhalese make all their craft from it, indeed even their small thonies, for which the whole tree, whether small or large, is hollowed out. No. 6. Worgas, found in the forests to a length of 30 to 40 and thickness of 5 to 6 cobidos. This wood is used for anchor stocks of ship and sloop anchors, and sawn into planks of 3, 2, 1½, and 1 inch it serves for the ceiling of the Company's warehouses, making of bulkheads and bunks in the military guardhouse and similar services more, and one could in time of need use the whole tree for masts, bowsprits, and other spars, as was done during the presence of the national squadron commanded by Captain van Braam, but it is of no long durability and can thus best be used for house services in places where no moisture reaches it. 7. Kandoehberie or oar-wood, is used for oar timbers for the Company's boats, labberlots, sloops, and thonies, as well as for sticks, and are found in the forests with a thickness of 1 to 2 and height of 7 to 8 cobidos, so that it is already difficult to deliver the same of such length as the master craftsman desires. It is otherwise precious wood for the making of furniture such as cabinets, knobs, and chairs, but for that same reason it is now very difficult to obtain so that one cannot use it for anything more than chairs, moldings, and other fine work. 8. Kalloemender, the situation is the same with this as with the kandoehberie, with this difference that the wood is much harder and more durable. In former times it was reasonably common, but by continual felling there is so to speak nothing more of it to be found in the Gale Korle, except for occasional small trees, 1 cobido thick and 4 to 5 long, which then are mostly hollow inside. However, this does not alter the fact that some slightly better trees are still found by natives who roam much in the forests. No. 9. Kalloewerre or black ebony, the situation is the same with this as with the kalloemender and kandoehberie. It is good for all joinery, having like the kalloemender a fine luster and could also be used for all furniture, but is now in the Gale Korle still much more difficult to obtain than the kalloemender, indeed not to be obtained at all. 10. Salmarang or Halgas, found in the forests and in some gardens (as the natives use the fruits thereof for food) to a length of 10 to 12 and thickness of 2 to 3½ cobidos. This wood served here only when sawn into planks of one inch, for making of burial and packing chests of various sorts, and for lining and making bulkheads on the Company's ships, as well as to use against the walls in the Company's warehouses; it has much resemblance to the worgas, but is not as durable. 11. Neudoeen 12. Maragas Mostly found near the rivers, with a thickness of 3, 4 to 6 and length of 10 to 12 cobidos. This is a hard and durable wood and all sorts of furniture can be made from it, but it is now in the Gale Korle very difficult to find and is used here solely for the Company's service.

Dutch transcription

word tot alles te gebruiken even gelijk het ijzerhout N:o 3. Oeberie te vinden in de bossen ter dikte van 3. en 4. en lengte van 20: tot 30 „bidos Is zeer goed tot balken, Muurplaeten praelen, gording tot zeehoofden, Paelen, kopstukken, latten, vengster tralies„ tot het maeken van kruitvaeten, putzen, Emmers en ander gemeen klijn vat werk, en word gezaagd tot planken van duim dik, gebruikt tot het repareeren van het zee hoo N vloeren van kompanies paardestal, tot bedingen voor k „nons, dekken van Luijk, tol en streng slee- en ten dienste van de Lijnbaan: geoeijgende het zelve zeer regt. 4. Teeke of kiate Boomen tevinden in komp:s aangeplante Tuinen en mit uit den aard in de bossen ter dikte van 2: tot 2½. en lengte oa 10. tot 25. Cobidos, is gesien desselfs deugdzaamheid tot alle te gebruiken, uitgenoomen tot stutten en de Grond, dog worden als nog uit de Gale Korle geene ten dienste van komp huishouding gekapt. „ 5. soor saks Boomen groeijen in de thuinen ter lengte van 20. tot 30. en dikte van 3. tot 6: Cobidos, welke laetste egter zeer beswaer „lijk te bekoomen zijn, om dat de ingeseetenen niet gaan tot het kappen daar van overgaan, wijl hun de vrugten st „ken tot een aangenaem en goed voetzel. Men vinder ook zommige in komp„s bossen die bevoorens tot Chenassen ge„ „kapt zijn geweest, Dit hout kan meede tot alle die „ste gebruikt worden, uitgesondert tot Praelen en word voornamentlijk gebruikt tot het maeken van langen dwarssalingen op stengen en masten van scheepen en Minder vaartuigen, tot slegt balken voor de los en Roeij vaartuig tot Pielaeren voor afdakken, derselver takken tot knom„ „houten die voor de beste gehouden worden, gezaagd tot planken van 174: duim word het gebruikt tot het maeken van komp:s boekken en hangkasten, duur en vengster 3542. vengster blaeden voor sComp„s pak en woonhuijsen schul„ „derhuijzen, meet parras Etc=ra, buiten en behalven dat de komp: particulieren en singaleesen alle hunne vaar„ vaartuigen daar van maeken, Ja zelfs kunne klijne thonies, waar toe de geheele boom het zij klijn of groot uitgehold word. zee hoo N:o 6. tborgas te vinden in de bossen ter lengte van 30: tot 40. en dikte van 5. a: 6 Cobidos Dit hout word gebruikt tot ankerstokken van scheeps en sloeps ankers, en gesaagd tot planken van 3. „ 2. 1½. en 1. d=m diend liet tot 't besolderen van sComp:s pakhuisen, maeken van schotten en buitsen in de Militairen wagter en diergelijke diensten meer, en kon men de ge„ „heele boom in tijd van nood gebruiken tot Masthouten boegsprieten en verdere Rondhouten, zo als zulks gedaen is bij het aanweesen van slands Esquader gecomman„ „deerd door de kapitain van Braam, dog is van geen langge duur en kan dus best tot huis diensten gebruikt worden op-plaetsen daar er geene vogtigheid bijkomt. 7. Kandoehberie of Riemhout word gebruikt tot Riemhouten voor sComp:s schuiten, Labberlots, boeten, en Rhonies, zo meede tot stokken en zijn te vinden in de bossen der dikte ver 1. tot 2. en hoogte van 7: a: 8. Cobidos, zo dat het reeds bezwaarlijk valt dezelve teleeveren van zodanige lengte als ze de baas begeerd. Het is overigens koste„ „lijk hout tot het maeken van Meubelen als kabinet„ „ten knoepen en stoelen, dog is om die zelve reeden thans zeer beswaerlijk te bekoomen zo dat men het niet meer dan tot stoelen, Lijst en ander sijn werk kan gebruiken. „ 8 Kalloemender hier meede is het geleegen als met het kaddoen„ „berie met dit verschil dat hout veel harder en deugzaemer tot 30 ding ies ander van voor ten dienste gt en en niet en lengte van tot alle dog woorde komp en belwvan niet gaan vrugten t ook nassen ge„ alle de woord a lang Minder vaarth knom„ tot het en „ 11. Neudoeen deugzamer is, in voorige tijden was het reedelijk alge„ „meen dog door het Contioneel kappen is daer van in ge„ Gale korle om zo te spreeken niets meer te vinden, uit N „gesondert enkelde boompjes, 1: Cobido dik en 4: a: 5: lang die dan nog meest van binnen hol zijn, Egter neemt dit niet weg dat er wel nog zommige boomen iets beter door Jnlanderen die veel in de bossen zwerven gevonden worden. N:o 9. kalloewerre of zwart Ebbenhout hier meede is het ge„ „leegen als met het kalloemender en kaddoenberie„ is goed tot alle schrijn werken, hebbende gelijk het kalhoemender een fraaije Luijster en zoude meede tot alle Meubelen kunnen gebruikt worden, dog is thans in de Gale Korle nog vrij ongemakkelijker als het kalloemender Ja in het geheel niet te bekoomen. „ 10: Salmarang of Halgas te vinden in de bossen en in zomimnige thuijnen :/ dewijl de Jnlanderen de vrugten daar van tot voetzel gebruiken :/ ter lengte van 10. tot 12: , en dikte van 2: a: 3½. Cobidos. Dit hout diende alhier eenelijk gezaagd tot planken van Een duim, tot het maeken, van Dood en pakkisten in soorten, en tot het garnieren en maeken van beschotten op 'sComp:s scheepen zo meede om te gebuui„ „ken tegens de Muuren in sComp:s pakhuisen, heeft veel overeenkomst met het worgas, dog niet zo deugzaem 2 Meest te vinden bij de Rivieren ter dikte van „ 12. Maragas3. 4: tot 6:, en lengte, van 10. â 12. Cobidos. Dit is een hart en deugdzaemhout en kunnen daar van alle soorten van Meubelen gemaekt worden, dog is thans in de Gale Korle zeer bezwaerlijk te vinden en word al„ „hier tot kompanies dienst eenelijk gebruikt heb Neudoen „

NL-HaNA_1.04.02_3887_0491 view scan ↗

English

3543. No. 16. Gadadahigas and Nendoen for compass timber, which are nonetheless very difficult to obtain. No. 13. Koemboek, the situation here in the Gale Korle is the same as with the kalloemender and kaddoenberie, and it is nonetheless very difficult to obtain. No. 14. Kiene grows straight up in the forests to a thickness of 3½ to 5, and a height of 40 to 45 Cobidos. It is used in the Company's service for mast timber, and for thonijs, and particular use was also made of it at the time when the squadron of Mr. van Braam was here. 15. Kitoelgas or Jagerboom grows in the gardens to a thickness of 1½ to 2, and a length of 12 to 15 Cobidos. This tree is very good for laths, and the same is used for that purpose for all of the Company's and private buildings. 17. Danekaamberanga grows to a thickness of 1, and a height of 7 to 8 Cobidos, and is used by the Company for gunstocks and handles of axes and other tools. No. 18. Goddeparue No. 19. Die parre No. 20. Heddewekke No. 21. Welkikaha No. 22. Dodankala No. 23. Pannoedan No. 24. Wal jamboe No. 25. Warddele No. 26. Wellipenne No. 27. Wannepolloe No. 28. Aride No. 29. Baddoele No. 30. Polhoenna No. 31. Peppelie All these species grow in the forests to a height of 15 to 20, and a thickness of 2 to 3½ Cobidos. They are primarily used by the Company for posts and occasionally, in the absence thereof, for beams and wall plates, as well as for further services in timber framing. However, of all these species, apart from Die parre, Heddewekke, and Polhoenna, the rest are little to be obtained here, and Goddepakke, Dieparre, and Heddewekke are considered the best of this kind, though they cannot bear wetness and moisture at all. Some say that the Goddepaure can also be used for cooperage, but Master Vogelensang has testified to me to the contrary. [illegible] No. 32. Angelieke, this tree grows both in the gardens and forests to a thickness of 3 to 4½, and a length of 15 to 20 Cobidos, and is very good for sawing boards for shipbuilding and for hollowing out large thonijs, and can also be used for wall plates, ceilings, partitions, and further house carpentry, but is not used in the Company's management except on rare occasions and, in the absence of soursop wood, for repairing padies and other vessels. However, for this purpose, the brownest, known as the best under the name of toornangelieke or Miandel, must be selected, since several kinds of Angelieke are found, of which the kind named kappoedil is the worst, which can be used for almost nothing. The following sorts, although very good kinds are among them, have thus far not been cut or requisitioned here for the service of the Company, namely: No. 33. Kestekale grows in the gardens as well as in the forests to a thickness of 2, 2½ to 3, and a length of 12 to 20 Cobidos. It has much similarity with the Milile, is therefore very good and durable, and can be used for all house carpentry, as well as for compass timber for small vessels, but is little or not at all to be obtained here. No. 34. Helembe, to be found in the forests to a thickness of 3 to 3½, and a length of 10 [illegible] Cobidos. This wood is sawn for making coffins and is used by private individuals just like the halgas or salmarang in the Company's management. No. 35. Moenemal or kaukien grows mostly in the gardens and generally not longer than 10 to 12 and 2 to 2½ Cobidos thick. This wood 3544. is used for beams, wall plates, door and window frames, the branches for compass timber, and was previously cut for the service of the Company, as it is a very good kind of wood, but at present is almost entirely unobtainable. No. 36. Migas, to be found in the forests and also in the gardens, grows to a thickness of 4 to 5, and a height of 15 to 20 Cobidos, and can be used for all services just like ironwood, with which it can be fully compared. No. 37. Moolpidde grows in the forests to a thickness of 2 to 2½, and a length of 15 to 20 Cobidos. It is strong and good wood, but almost unobtainable, and can be used for posts, wall plates, small beams, etc. No. 38. Sappoe or Pauwfoele grows in the gardens to a thickness of 2 to 3, and a length of 10 to 12 Cobidos. This wood is very light and is used for making palanquins, chairs, trunks, tables, gunstocks, cups, etc. However, it is no longer easy to find, and one formerly found it much more frequently than at present. No. 39. Soerieer grows in the forests and gardens and has the length and thickness of the sappoe or Pauwfoele wood, and is good for making small compass timber. No. 40. Billigas grows just like the soerieer and is very good for compass timber. No. 41. Wellinge grows in the forests to the same thickness and length as the Billigas and soerieer, and is used for gunstocks, and is also good for making oars, although thus far it has not been used for that purpose here. [illegible]

Dutch transcription

3543. „ 16. Gadadahigas en Nendoen tot kromhouten, die dan nog zeer bezwaerlijk te bekoomen zijn de, int N:o 13 koemboek hier meede is het in de Gale Koole geleegen als met het kalloemender en kaddoenberie en dan nog zeer be„ „zwaerlijk te bekoomen. „ 14. Kiene Groegt regt op in de bossen ter dikte van 3½. a: 5. , en hoogte van 40 a: 45. Cobidos word in sComp:s dienst gebruikt tot Masthoute, en tot thonijs, en is daar van ook bijzonder gebruik gemaekt ten tijde dat het Esquader van den Heer van Braam hier was 15. kitoelgas of Jagerboom groeijt in de thunnen ter dikte ven 1½. a:o 2. en lengte van 12: a 15: Cobidos. Deese boom is zeer goed voor latten en word deselve daar toe voor alle 's komp:s en particuliere gebouwen gebezigt. groeijt ter dikte van 1: en hoogte van 17. Danekaamberanga) 7. a: 8. Cobidos en worden bij de komp:e ge„ „bruikt tot geweerlaeden en heften van bijlen en andere gereedschappen. en dikte „ 10. Goddeparue Alle deese soorten groeijen in de bossen ter hoogte van 15. tot 20. en dikte van 2: tot 3½. Cobido. ze worden eenelijk „ 19 Die parre bij de kompanie voornamentlijk gebruikt aken van „ 20. Heddewekke tot praelen en zomwijlen bij ontstentenis tot Bal„ en moek „ 21. welkikaha. „ 22. Dodankala „ken en Muurplaeten mitsgad:s tot de verdere diensten van het spanwerk, Dog alle dese „ 23. Pannoedan „ 24. wal jamboe} soorten buiten Die parna, Heddewekke en Polhoen „na zijn de overige hier wijnig te bekoomen „ 25 warddele en word Goddepakke, Dieparre en Heddewekke „ 26. wellipenne „ 27. wannepolloe voor de beste deser soorte gehouden, dog kunnen in het geheel geen nat en vogtigheid verdraegen, „ 28. Aride zommige zeggen dat de Goddepaure ook tot vat„ „ 29 Baddoele „ 30. Polhoenna werken kunnen gebruikt worden, dog baes voge„ „ 31. Peppelie lensang heeft mij het teegendeel betuigd N:o: 32. lk alge¬ in de a: 5: lang t iets ve #ie„ het de ogis kelijken te K ge van tol gebrui„ heeft ad deugzam te van it is een sert in de ond al„ that N:o 32. Angelieke deese boom groeijt zo wel in de thuinen als bossen ter dikte van 3. â 4. ½. en lengte van 15. a: 20. Cobidos en is zeer goed tot het zaagen van planken voor de scheepsbouw en tot het uithollen van groote thonijs en kan meede gebruikt worden tot Muurplaet, be„ zolderingen, beschotten en verdere huis timmerwerk dog word in sComp:s huishouding met gebruikt N als bij enkelde geleegenheeden en bij ontsentenis van het soorsakshout tot het repareeren van Padies en andere vaartuigen, dog moet hier toe het bruijnste als het beste bekent onder de naam van toornangelieke of Miandel uit„ „gesogt worden, wijl er verscheide soorten van Angelieke gevonden worden waer van de soort„ „genaemt kappoedil de slegtste is die bij na tot niets kan gebruikt worden. De volgende sorteeringen of schoon onder de„ „zelve, zeer goede zijn worden tot dus verre alhier niet ten dienste van de kom„ „panie gekapt nog geEijscht, als: „ 33. Kestekale groeijt in de thuinen zo wel als in de bossen ter dikte„ van 2: „ 2½. a: 3 en leugte van 12. tot 20. Cobid:s heeft veel over eenkomst met de Milile, is dus zeer goed en duur„ „zaem en kan tot alle huistimmerwerk zo meede tot kromhouten voor klijne vaartuigen gebruikt worden, dag is hier wijnig of niet te bekoomen „ 34. Helembe te vinden in de bossen ter dikte van 3: a: 3½. en lengte van 10: a. Cobid:s, Men zaagd dit hout tot het maeken van dood kisten en word door particulieren gebruikt ge„ lijk de halgas of salmarang in 'sComp:s huishouding „ 35. Moenemal of kaukien groeijen meest in dthuinen en door gaans niet 3544: word gebruikt tot balken, Muurplaeten deur en veng„ „ster kosijnen de takken tot kromhoute, en wierd be„ „voorens ten dienste van de komp: gekapt, dewijl het een zeer goede soort van hout is, dog is thans bij wa in het geheel niet te bekoomen. N:o 36. Migas te vinden in de bossen en ook in de thuijnen groeijt ter dikte van 4. a: 5. en hoogte van 15. a: 20 Cobidos en kan tot alle diensten even gelijk het ijser hout gebruikt werden, daar het volkoomen bij kan „ 37. Moolpidde groeijt in de bossen ter dikte van 2 â: 2½. en lengte 15: a: 20 Cobid„s is sterk en goed hout dog bij na niet te bekoomen en kan gebruikt worden tot Praelen Muur„ „plaeten, klijne balken EtC=ra „ 30. suppoe of Pauwfoele groeijd in de thuinen tot de dikte van 2. a: 3. en lengte van 10: a: 12 Cobid:s Dit hout is zeer ligt en word gebruikt tot het maeken van Pallenkijns, stoelen, koffers, tafel, geweerhaeden, koopen EtC=ra Dog is thans niet gemakkelijk meer te vinden en vond men er bevoorens vrijdik„ „ker als teegenwoording. duur „ 39 soerieer groeijd in de bossen en Tuinen en heeft de lengte en dikte van het sappoe of Pauwfoele hout en is goed tot maeken van klijne kromhouten „ 40. Billigas groeijd even gelijk de soerieer en is zeer goed voor „ 41. wellinge groeijd in de bossen ter zelver dikte en lengte als de Billigas en soerieer en word gebruijkt tot gewees„ „laeden en is ook goed tot het maeken van Riemen, alhoewel ze tot dus verre alhier daar toe niet ge„ niet langer dan 10. a: 12. en 2: a: 2½ Cobid: dik. Dithout vergeleeken werden. kromhouten beuikt is geworden. No: 42. bossen dos de thonijs be teis van toe der de uit„ van soort„ na de„ s kom„ te veel 0 oorde Vag tot lengte va aken ge„ ouding aan 0

NL-HaNA_1.04.02_3887_0494 view scan ↗

English

No 42. Battedombe, 43. Dawette, 44. Attoeketta, and 45. Berelie grow in the forests to a thickness of 1½ to 2 and a length of 10 to 12 Cobidos and are used for the construction of Sinhalese dwellings. 46. Die Nalie or water ironwood, to be found in the forests to a thickness of 1½ to 2 and a length of 9 to 10 Cobidos, is very good for door and window frames, wall plates, and prows. 47. Kinihembelieje, 48. Nette wiese, and 49. Kebelle grow to a length of 10 to 15 and a thickness of 2 to 3 Cobidos and are used by the Sinhalese for their dwellings and other domestic services. 50. Gorke, 51. Madan, 52. Baloedan, 53. Mekkelie, and 54. Kadroe grow in the forests to a length of 10 to 15 and a thickness of 1½ to 2 Cobidos and can be examined among the samples, as here, according to report, they are not used for any works whatsoever. 55. Mendoran, to be found in the forests up to the thickness of 4 to 5 and a length of 12 to 15 Cobidos, which could be used for anchor stocks. 56. Spette grows in the forests up to the thickness of 1½ and a length of 20 to 25 Cobidos, which here is used solely for pike shafts. 57. Namedde or watermeniele, mostly to be found in the wattoekawes, being low-lying places between mountains that are frequently prepared as sowing fields, grows to a thickness of 2 to 3 and a length of 10 to 12 Cobidos, is good for door and window frames that are covered from the rain, and is also used for compass timbers. 58. Wirloe, to be found to a thickness of 2 to 2½ and a length of 7 to 8 Cobidos, which is used for the making of koernies and other small measures. No 59. Roomboe, 60. Mabkerne, 61. Patkenre, 62. Alle herkelie, 63. Jrie, 64. Mallebaddoe, 65. Kende, 66. Hoenkineelse, 67. Galkatte, 68. Wernie, 69. Oeroehoude, 70. Noege, 71. Clettoe, 72. Tbiekgas, 73. Kattoe Jmboel, 74. Attika, 75. Midelle, 76. Kottamba, 77. Jamboe, 78. Gounegas, 79. Boekgas, 80. Kekkoenegas, 81. Bakmie, 82. Eene badde, 83. Roekattene, 84. Wilembela, 85. Kadjoegas, 86. Waljiwoel, 87. Kattoebedde, 88. Vanpaleda, 89. Galwereloe, 90. Neximore, 91. Dietalie, 92. Doraele, 93. Andoewenne, 94. Angene, 95. Aloeboomboe, 96. Bokeure, 97. Dieratembilie, and 98. Pienbaare. All these species of wood, which grow to a thickness of 1, 1½, to 2, and a length of 8 to 10 Cobidos, are of little durability and are used by the inhabitants for erecting their wattle houses and other buildings, furthermore for fence poles and all sorts of mandos, which however can rarely be used longer than 3 months. No 99. Wallalie is very good and is used by preference for carrying poles. 100. Moeroeste, though somewhat better than the above-mentioned kinds, growing to a thickness of 2 to 2½ and a length of 7 to 8 Cobidos, is used solely for Sinhalese dwellings and other poor works, being in no way comparable to the Moenoettoe or Moertegas in the Dessavonie of Mature. 101. Giddembe and 102. Ankinde grow in the forests to a thickness of 1 to 1½ and a length of 5 to 6 Cobidos; it is used by them for the making of charcoal, though the first is the so-called milkwood, whose coals are used for the making of gunpowder. 103. Porrewemale grows neither thick nor high, and is very good for handles for wood axes, billhooks, enchiados, and other similar work. 104. Morregas and 105. Koongas grow in the forests to a thickness of 2 to 4 and a height of 10 to 12 Cobidos, are good for compass timbers and small thonies, and yield very good charcoal. 106. Ambegas or mango tree, and 107. Estembegas or small ditto grow in the gardens as well as in the forests to a thickness of 4 to 5 and a length of 10 to 12 Cobidos, is principally used for thonijs. 108. Dombe grows to a thickness of 1 to 1½ and a length of 10 to 15 Cobidos and is used for outriggers for sailing thonijs. 109. Bogas, to be found in the forests to a thickness of 4 to 5 and a length of 15 to 20 Cobidos, is solely used for making small boxes. 110. Walla, to be found to a thickness of ½ and a height of 4 to 5 Cobidos, serves for making handles, but the Sinhalese prefer to use it on their toddy knives. 111. Tiemje or Duijthout grows in the forests to a thickness of 2 to 3 and a length of 20 to 25 Cobidos; it is principally used for rafts for other sinking timbers.

Dutch transcription

N:o 42. Battedombe) groeijen in de bossen ter dikte van 1½ a 2 En lengte van 10. â 12 Cobid:s en worden gebruikt 43. Dawette 44. Attoeketta en tot het opbouwen van singaleese woo„ 45: Berelie S„ningen 16. Die Nalie of water ijzerhout te vinden in de bossen ten dikte van 1½. a: 2: en lengte 9. a: 10. Cobid:n en is zeer goed voor deur en vengster kosijnen, Munplaeten en praek. „ 47. kinihembelieje 7 groeijen ter lengte van 10. a: 15. en dikte van 2. tot 3. bidos en worden door de singaleesen gebruikt tot 48. Nette wiese hunne wooningen en andere huis diensten 19. Kebelle. Guoeijen in de bossen ter lengte van 10. a: 15. , en 50 Gorke dikte van 1½. â 2. Cobidos en kunnen bij de 51. Madan Monsters nagegaan worden, wijl alhier volgens opgaeve tot geene werken ook ge„ 22. Baloedan „ 53. Mekkelie en „ naemt gebruikt worden. 54. kadroe 55. Mendoran te vinden in de bossen tot de dikte van 4. a: 5. en lengte van 12. tot 15. Cobidos, het welk soude kunnen tot ankerstokken gebruikt worden; „ 56. spette groeijt in de bossen tot de dikte van 1½. en lengte van 20. a: 25 Cobidos, het welk alhier eenlijk tot piekhouten gebruikt worden. „ 5 7. Namedde af watermeniele meest te vinden in de wat„ „toekawes zijnde laage plaetsen tusschen bergen die veeltijds tot zaaijvelden worden bekwaem gemaekt groeijen ter dikte van 2. a: 3. en lengte van 10. â: 12. Cobid:s zijn goed voor deuk en vengster kosynen die voor de neegen gedekt en worden ook gebruikt tot kromhouten. 58. wirloe te vinden ter dikte van 2. a: 2½. en lengte 7. a: 8: Cobid:s het welk gebruikt word tot het maeken van koernies en andere klijne maeten 6 No: 39. 61 3545. Alle deese soorten van Hout, welke groeijen ter dikte van 1. 1½. oo„ „ 60 Mabkerne „ 61. Patkenre „ 62. Alle herkelie „ 63 Jrie 64: Mallebaddoe „ 65. kende „ 66. Hoenkineelse „ 67. Galkatte „ 68. wernie „ 69. oeroehoude „ 70. Noege 71. Clettoe „ 72. tbiekgas „ 73 kattoe Jmboel „ 74. Attika 4: a: 5. „ 75 Midelle „ 76 kottamba „ 71. Jamboe „ 78. Gounegas „ 79. Boekgas eenlijk „ 80. kekkoenegas „ 81. Bakmie „ 82. Eene badde „ 83. Roekattene „ 84. Wilembela „ 85: kadjoegas „ 86. waljiwoel „ 87. kattoebedde „ 88. Vanpaleda „ 89. Galwereloe „ 90. Neximore „ 91. Dietalie „ 92. Doraele „ 93. Andoewenne tot het „ 94. Angene „ 95. „ Aloeboomboe „ 96. Bokeure „ 97. Dieratembilie e „ 98. Pienbaare wijnig duur en worden door de ingesetenen gebruikt tot het ophaelen hunner wartje huisen en andere gebouwen, voorts tot paggerstokken en alle soorten van Mandoes, die egter zeldens langer den 3. Maanden kunnen gebruikt wor„ 15. , en tot 2. tot 3. a: 2:, en lengte van 8. a: 10: Cobid=t zijn van N:o 99. No. 59 Room boe 2. 2: te d . de ook ge„ zoude te de wat„ bergen aam 3. en voor houten. lengte aeten neegen „de N:o 99. wallalie is zeer goed en word prefirabel gebruikt voor draagstokken „ 100. Moeroeste schoon wat beter als de bovenstaende soorten groeijende ter dik„ „te van 2: a: 2½. en lengte van 7: a: 8. Cobid:s word eenlijk tot singaleese wooningen en andere slegte werken gebruikt, kun„ „nende in geenen deele vergeleeken worden met het Moe„ „noettoe, of Moertegas in de Dessavonie van Mature 101. Giddembe 7 groeijen in de bosschen ter dikte van 1. a: 172. , en lengte van 5. 102. Ankinde) a: 6. Cobidos word bij de gebruikt tot het aanbaanden van Houtskoolen, dog het eerste is het zogenaemde Melkhout„ welkers koolen men tot het maeken van Buskruit gebruikt „ 103. Porrewemale geroeijt niet dik nog hoog, en is zeer goed tot heften voor hout bijlen, kooijtassen, Jn Chiadossen en diergelijk werk meer. „ 104. Morregas en groeijen in de bossen ter dikte van 2. a: 4. en hoogte van 10. „ 105. koongas. . . a: 12. Cobid:s zijn goed voor kromhouten en klijne Thonies en geeven zeer goede houtskool „ 106. Ambegas of Mangesboom 2 groeijen in de thuinen zo wel als in de boss „ 107. Estembegas of klijne d=o 3 tek dikte van 4: â: 5. en lengte van 10: a: 12 p„s „dos word hoofdzakelijk gebruikt tot Thonijs „ 108. Dombe groeijt ter dikte van 1. a: 1½. en lengte van 10. â 15 Cobid: en woord gebruikt tot vleuken voor zijl thonijs „ 109. Bogas te vinden in de bosschen ter dikte van 4. a: 5. en lengte van 15 a: 20: Cobid:s word eenlijk tot het maeken van klijne moeten gebruikt. „ 110. walla te vinden ter dikte van ½. en hoogte van 4. a: 5. Cobidos diend tot het maeken van hetten, dog preferabel gebruiken het de singaleesen aan hunne tijffermessen. „ 111. Tiemje of Duijthout groeijt in de bossen der dikte van 2: a 3: en lengte van 20. a: 25. Cobid:s het word hoofdzake„ „lijk gebruikt tot vlotten om andere zinkende hout„ werken

← previousnext →