Inventory 3894
Ceylon · 514 pages · 342 segments · open at the Nationaal Archief ↗
English
1494. 1495. 16 December 1790. 16 December 1790. continued was prescribed by the Noble High Indian Government in a letter of 26 May of the past year, because this rate would turn out to be four percent more disadvantageous still than if one were actually to pay Dutch money and receive Dutch money back in Europe; and that it will soon appear that on this footing no one would wish to pay money to the Company, when one compares the manner in which the Company grants bills of exchange on Europe; pointing out at the same time that the bills of exchange on the footing prescribed by Their High Nobilities would turn out to be fully 72 percent more disadvantageous than the former exchange rate, when the pagoda was accepted at 90 stivers, to be paid out in the Netherlands after a deduction of only 4 percent: to which His Honour finally adds that he doubts very much whether one could now obtain money on Europe even on the footing of the bill of exchange granted to Bilderbeek, which was arranged as bills of exchange were granted in Tranquebar at that time, because the English treasuries receive everything that is offered for Europe, and because the shipping of private individuals under Imperial, Portuguese, and Tuscan flags is also increasing more and more, and these private merchants accept money on more disadvantageous terms than the Company can, because, reasoning as private merchants, they are satisfied if they can fill a space that would otherwise have to remain empty with goods on which they can still make a profit of 20 percent, or even just 10 percent. On this occasion, the Governor communicated to the meeting that His Honour had been asked on behalf of Mr. Buchanan whether the Company would be willing to receive 25,000 to 30,000 pagodas in order to grant drafts on the Netherlands for them, but that upon announcing the footing on which the drafts must be granted according to Their High Nobilities' aforementioned order, his agent had immediately declared that it would be in vain to write about it, and that he therefore abandoned it. Which having been deliberated upon, it was taken into consideration that it is in the highest degree necessary that the cloth trade be kept going at least to some extent until one is again provided with gold from Europe, in order not to give too great a cause for complaints that the exclusive right in which the Company claims to be maintained is very detrimental to the country when one cannot provide work for the weavers; that the gold received with the last two ships, after paying off the most pressing debts and after deducting what is necessary for the household on the opposite shore, barely suffices to fulfill half of the demands, and that consequently the collection of goods will have to come to a complete standstill until the arrival of the ships in the coming year if one does not look for means to procure some money: and that as the Honourable Chief Mekern was with continued
Dutch transcription
1494. 1495. Den 16. December 1790. Den 16. December 1790. vervolg door de Edele hooge Jndische regeering is voorgeschreeven bij brieve van den 26: Maij J:o Leeden, om dat deeze roet nog vier percent schadelijker zoude uijtkoomen, dan wanneer men werkelijk nederlandsch geld telde, en Nederlandsch geld in Europa te rug ontving; en dat het haast zal blijken, dat op deezen voet niemand bij de Comp:e geld zoude willen tellen, wanneer men daar bij vergelijkt de wijze, op welke bij de Comp:s de wissels op Europa worden verleend; met aan„ „wijzing teffens dat de wissels op den voorsz: door hunne hoog Edelheeden geordonneerden voet, ruijm 72. p:r C:o nadeeliger zoude uijtkoomen, dan den voorigen wisselvoet, toen men de pagood accepteerde tegens 90: st:, om na aftrek alleen van 4. p:r C:o in Nederland te worden uijtbetaald: waar bij zijn E: eindelijk nog voegd, dat hij heel zeer twijffeld, of men nu wel zelfs op den voet van de verleende wissel aan Bilderbeek, die ingerigt was zoo als ter dier tijd te Frankebaar wissels wierden verleend, op Europa geld zoude kunnen krijgen, wijl de Engelsche kassen alles ont„ „vangen, het geen voor Europa word aangebooden, en wijl ook de vaart van particulieren, onder kijzerlijke, Portu„ „geesche en Toskaansche vlaggen, meer en meer toeneemt, en deeze particuliere handelaars op schadelijker Conditien geld aanneemen, dan de Comp:e doen kan, door dien ze als bijzondere kooplieden, redeneerende, te vreeden zijn, wanneer ze een plaats, die anders ledig zoude moeten blijven, kun„ „nen vullen met waaren, waar op ze nog 20: p:r C:o Ja al was het maar 10: P:r C:o kunnen winnen Ter deezer geleegendheid Communiceerde de Heer gouverneur ter vergadering, dat aan zijn Edele van weegens den Heer Buc„ „hanan is gevraagd, of de Comp:e 25: tot: 30'000: pagooden wilde ontvan„ „gen, om daar voor assignatien te verleenen na Nederland, doch dat op de bekendmaaking van den voet, waar op de assignatien„ volgens hunner hoog Edelens voorsz: order moeten worden verleend, zijn Commissiant aanstonds had verklaard, dat het te vergeefs zoude zijn daar over te schrijven, en dat hij mids „dien daar van afzag Waar over gedelibereerd zijnde, is in achting genoomen, dat het ten hoogsten nodig is, dat de Lijnwaatshandel ten minsten eeniger maate aan den gang word gehouden, tot dat men op nieuw uit Europa van goud zal zijn voorzien, ten einde geen alte groote reeden van klaagen te geeven, dat 't exclusief regt, waar in de Comp:e pretendeerd te worden gemainctineerd, zeer nadeelig is aan 't land, wanneer men de weevers niet kan aan werk helpen; dat 't goud, 't welk met de twee laatste scheepen is ontvangen, na afbetaaling van de meestkrijtende schulden, en na aftrek van het geen 'er tot de huijshouding op de overwal nodig is, pas toerijkt, om de helfte van de Eisschen te vol„ „doen, en dat mids dien den inzaam, tot de komste der scheepen in 't aanstaande Jaar, geheel zal moeten stil„ „staan, zoo men naar geene middelen omzag, om zig wat geld aanteschappen: en dat daar 't E: opperhoofd Mekern was met vervolg
English
1996. 1497. The 16th of December 1790. The 16th of December 1790. Approval of a Tuticorin resolution concerning the spoiled seals, to let certain percentages be written off, and to purchase one lb of sealing wax. Approval of a Tuticorin resolution regarding the appointment. To notify Colonel de Meuron that the provision of stockings for his regiment cannot be undertaken. indicates with so many reasons how hopeless it is at present to obtain money from the English, so fine an opportunity as the offer from Mr. Buchanan presents ought not to be neglected, even if one should have to deviate this once from the exchange rate determined by Their High Nobilities, because, not to mention the improbability that anyone would ever want to pay money into the Company at that rate, it is very certain that the disadvantage that may be sustained by this deviation under Their High Nobilities will in no way outweigh the harmful consequences that could arise from the total stoppage of the collection, to the detriment of the Company's exclusive right. And it is therefore, and because Their High Nobilities have strictly disapproved of the granting of bills of exchange in pounds sterling, approved and resolved to accept the aforesaid sum offered by Mr. Buchanan, calculating the pagoda at 10 2/3 Indian stivers, and to grant drafts for it to the Netherlands on the usual basis, to be paid out after the deduction of 10 3/9 percent following the conclusion of the autumn sale of 1791. The Tuticorin servants having communicated by letter of the 9th of November that the quantity of stockings demanded for the de Meuron regiment cannot possibly be provided without prohibiting the private trade therein, and that one could not undertake this without causing great discontent to a large multitude of people who derive their livelihood from it, It has been approved and resolved to notify the Honorable Colonel De Meuron that the provision of stockings for his regiment cannot be undertaken on behalf of the Company. Read a Tuticorin resolution of the 23rd of October last, containing decisions: 1. To write off in the books 6 seals of half a rixdollar, which were used for passes for the vessels of native princes, and 6 seals of a quarter rixdollar, which have been spoiled at the secretariat since the 1st of December 1789 until the ultimate of August last. 2. To write off the percentages due to the administrators and master carpenter of Tuticorin, and to the residents of Punnaikayal and Manapad, on the lots furnished, dispatched, and consumed by them in the most recently concluded financial year, as stated in five memoranda inserted in the said resolution. 3. Because of a shortage within the Company, to purchase from a private party for the benefit of the mint one lb of sealing wax for two pagodas. And after deliberation, it has been approved and resolved to approve the aforesaid resolution. Read and approved a Tuticorin resolution of the 6th of November last, whereby the ensign of trade of the
Dutch transcription
1996. 1497. Den 16: December 1790. Den 16: December 1790. approbatie eener tutuss „rijnse resolutie hol„ van de verbrodde zee„ om zeekere p:r C.:o telaeten afschrijven. en om een lb: zegel lak intekoopen. approbatie eener tutu„ weegens de benoeming de kollonel de Meuron bezorging van koussen voor zijn regiment niet kan worden gedaen met zoo veel reedenen aanwijst, hoe hoopeloos het tans is, om geld bij de Engelschen te krijgen, eene zoo schoone geleegend„ „heid als de aanbieding van den heer Buchanan aan de hand geeft, niet diende verzuijmd te worden, al zoude men voor dit maal moeten afwijken van den door hunne hoog„ Edelheeden bepaalden wisselvoet, wijl om niet te spreeken van de onwaarschijnlijkheid, dat ooijt ijmand op dien voet geld bij de Comp:e zoude willen tellen, het zeer zeker is, dat 't nadiel, dat door deeze afwijking van hoogst derzel „ dende. „ver onder mag worden gesustineerd, geenzints zal kunnen opweegen de schadelijke gevolgen, die door den totaalen stilstand van den inzaam, ten nadeele van 's Comp:s exclusief richt zouden kunnen ontstaan. En is daarom en wijl hunne Hoog Edelheeden het verleenen van wissels, in ponden sterlings volstrekt hebben afgekeurd goedgevonden en verstaan, om de voorsz: door den Heer Buchanan aangeboodene som te accepteeren, de pagood gereekend tegens 10 2/3. st:s indiasch, en daar voor assignatie na Nederland te ver„ „leenen op den gewoonen voet, om na aftrek van 10 3/9. p:rC:o na het afloopen der najaarsche verkooping van 1791: te worden uijt betaald. Door de Tutucorijnsche bedienden bij brieve van den 9. No„ kennis te geeven dat de „ vember bedeeld zijnde, dat de quantitijd kousen, die voor het regiement van Meuron geeijscht is, onmoo„ „gelijk kan worden bezorgd, zonder dat de particuliere korijnse resolutie van den 6: November Heeden, waar bij de vaandrig van handel daar in wierd verbooden, en dat men zulx niet zoude kunnen onderneemen, zonder veel misnoegdheid te geeven aan een grootemeenigte van menschen, die hun bestaan daar bij vinden Is goedgevonden en verstaan, den E: Colonel De Meuron ken„ „nis te geeven; dat de bezorging van kousen voor zijn regiement van weegen de Comp: niet kan worden gedaan geleezen eene Tutucorijnsche resolutie van den 23. okto„ „ber I:o Leeden, houdende besluijten 1. / Om 6: zegels van een halve rd:s, die tot passen voor de „gels te laaten afschrijven vaartuijgen van inlandsche vorsten genoomen zijn„ en 6: zegels van een quart rd:s die zedert p:o xber: 1789. tot ult:o aug:s I:o Leeden, ter secretarije verbrod zijn, bij de boeken te laaten afschrijven. 2: / bin de percentos, die aan den administrateurs en Baas„ timmerman van Tutucorijn, en aan de residenten van Poimecail en Manapaar, op de door hun in het Jongste gepasseerde boekjaar verstrekte, verzondene en verbruijkte parthijen toekoomen, en vermeld staan bij vijf bij gem: resolutie geinsereerde Memorien, te laten afschrijven. 3: Om mits gebrek bij de Comp: ten behoeve van de munt van Particulier inte koopen een lb: zegellak voor twee pagooden En is na deliberatie, goedgevonden en verstaan voorsz: resolutie te approbeeren js geleezen en geapprobeerd eene Tutucorijnsche resolutie handel den van
English
1498. 1999. The 16th December 1790. The 16th December 1790. Gratiaan appointed commissioner of the pearl banks. Note of the lease of the chank fishery held at Tuticorin. The packet boat Maria Louisa approved. The packet boat Maria Louisa dispatched, and what has been requested regarding it from the ministers. Resolution to consent, on the part of the Company, to holding a pearl fishery on the Tuticorin banks under certain conditions. of, van den Driesen and den Driesen, and the first clerk Gratiaan have been appointed as commissioners to assist at the inspection of the pearl banks of Tuticorin. Read a Tuticorin resolution of the 11th November last, concerning the held lease of the chank fishery, for the account of this current financial year; and it was agreed to note therefrom that it fetched 2900 Pagodas. By the Tuticorin servants, with a letter of the 20th November last, having transmitted a report concerning the inspection made of the packet boat Maria Louisa, with the notice also that the copper sheathing was found to be entirely consumed and irreparable, and that the seams of the hull were mostly found open and all needed to be caulked, and that since the copper which the said packet boat brought from the Cape of Good Hope, and what was further provided from here, was by far not enough for a new sheathing, the servants, in consultation with its captain Stoffers and the other naval officers present, and the master carpenter of the island Allelande, had duly had this vessel caulked and coated on the outside with a mixture of pitch and resin, without providing it with a copper sheathing, as the aforesaid nautical experts judged that the vessel, provided for in this manner, can undertake the journey to the fatherland with confidence. It is approved and agreed to sanction the aforesaid treatment. Furthermore, taking into consideration that this government has no specific order as to how long the packet boats may be kept in India, and that therefore this vessel, which only arrived this year, cannot be dispatched to the Netherlands, but that it has also previously made a voyage to Batavia, and now, due to the loss of its copper sheathing, it may sometimes be necessary that it returns to the Netherlands again: it is therefore approved and agreed to dispatch the same to the Cape of Good Hope, with a request to the Lords Ministers there to act in the further destination of the same according to the orders that Their Honours might have regarding it, or according to the condition in which that vessel will find itself upon arrival there. Transmitted by the Tuticorin servants, with a letter of the 11th of this month, is the report of the recent inspection of the seven pearl banks on which oysters were found during the inspection in the previous year, with the report that now on the said banks 1500. 1501. The 16th December 1790. The 16th December 1790. continuation oysters of 5 to 5 1/2, 4 1/2, and 3 1/2 years old have been found on the said banks, and that this not only agrees in all respects with the reports of the two last preceding years, but is also further confirmed by the finding of the pearls themselves, which demonstrate most clearly that the oysters are not younger than they have been stated; but that nevertheless the divers and other servants who attended the inspection on behalf of the English Company for the account of the Nabob, although they had at first declared that they had no knowledge of the age of the oysters, had afterwards stated that the oysters were 6 1/2 years old and completely ripe to be fished up; notwithstanding that the 1000 oysters only contained pearls to the value of 2 1/3 fanums, whereas the 1000 oysters must at the least be worth 3 1/2 to 4 fanums, and that when one compares the findings of this inspection with the reports of the inspection of the year 1770, it appears most clearly that the holding of a fishery in the coming spring on the currently inspected banks would have a very deplorable effect and presumably yield nothing of significance, whereas on the contrary, by letting the banks rest for another year, there is hope of being able to hold a fishery with success. That the divers of the Armane, on the other hand, had stated that they feared that in the coming year the oysters would no longer be found, because several dead oysters of all years had been found on the banks, which made them suspect that all the oysters would soon die; and that some of the Company's divers also seemed to be concerned about this, and declared that they could not guarantee that the oysters would exist in the coming year, but that others again, along with the bank mandadies and native headmen, had declared that one always finds dead oysters of all ages on the banks, and that the soerain and kalikai did more harm to the young oysters than when they had reached the age of the oysters that are currently found on the banks, though one can never guarantee that the oysters would still be found on the banks in a subsequent year, because they are lost through various circumstances, and that for the rest the difficulty that the oysters would die in the coming year did not seem well-founded, since they That still continuation
Dutch transcription
1498. 1999. Den 16: December 1790. Den 16. December 1790. Gratiaan tot gecommit„ der paarlbanken. aanteekening van de ste tutukorijn gehoudene verpagting van de duikerij de paket boot Maria Louisa geapprobeerd De pakel boot Maria aangelegd en wat daar omtrent aan de minis„ „ters verzogt is. besluit om van 'sComp:s een paarlvisserij op de tutcorijnse banken te van, van den Driesen en den Driesen, en de eerste klerk Gratiaan tot gecommitteerden „teerdens bij de visitatie zijn benoemd, om bij de visitatie der paarlbanken van Tutu„ „corijn te assisteeren. geleezen eene Tutucorijnsche resolutie van den 11. Novem„ „ber Hleeden, weegens de gehoudene verpagting van de 2 Jan„ „koosduijkerij, voor reekening van dit loopend boekjaar; en is verstaan daar uit aantemerken, dat dezelve 2900: Pagooden heeft gegolden. Door de Tutucorijnsche bedienden bij brieve van den 20: Novem„ De behandeling noopen, ber Hleeden, overgezonden zijnde een rapport weegens de gedaane visitatie van de Paket boot Maria Louisa„ met bericht teffens, dat de koopere verdubbeling ten eene„ „maal verteerd en onherstelbaar bevonden was, en dat de naden van de huijd veel al open bevonden zijn en alle dienden gecalvaat te worden, en dat vermits 't koper „dat gem: Paket boot van de Caab de goede Hoop heeft meede gebragt, en het geen nog van hier meede gegeeven is, op verre na niet genoeg was tot eene nieuwe verdubbeling, zij tedienden met overleg van dies kapitijn stoffers en van de verdere aanweezende zee offi„ „cieren, en den baastimmerman van het Eiland Allelande, dit vaartuig behoorlijk hadden laaten „sel van Pik en harpuis, zonder eene verdubbeling van koper aan 't zelve te geeven, wijl de voorsz: zee „kundigen oordeelden, dat 't vaartuig op deeze wijze voorzien, met gerustheid de reize na het va„ „derland doen kan. Is goed gevonden en verstaan de voorsz: behandeling te approbeeren. Voorts in aanmerking genoomen zijnde, dat deeze Regee„ Louisa, na de Caab„ring geene bepaalde order heeft, hoe lang de Paket boots in India moogen aangehouden worden, en dat daarom dit vaartuig, 't welk eerst dit Jaar uitgekoomen is, niet na Nederland kan worden aangelegd, dog dat 't reeds te vooren ook een reijs na Batavia heeft gedaan, en nu om 't verlies van dies koopere verdubbeling, 't zomtijds nodig kan zijn, dat 't weder na Nederland retourneerd: is derhalven goedgevonden en verstaan, om 't zelve na de Caab de Goede Hoop aanteleggen, met verzoek aan de Heeren Ministers aldaar, om in de verdere bestemming van 't zelve te handelen naar de orders, die hun E: daar omtrend mogten hebben, of naar de toestand waar in dat vaar„ „tuijg, bij aankomst aldaar zich zal bevinden js door de Tutucorijnsche bedienden, bij brieve van bewilligen onder zeekere mits ' geloopene visitatie van de zeven paarlbanken, waar op bij de visitatie in 't voorig Jaar oes„ „ters zijn gevonden, met bericht dat nu opge„ Calvaaten en van buijten besmeeren met een smeer„ zijde in het houden van den 11: deezer, overgezonden het rapport van de wijze „melde 1500: 1501. Den 16: December 1790. Den 16: December 1790. vervolg „melde banken zijn bevonden oesters van 5: â 5½, 4½. en 3½. Jaar oud, en dat dit niet alleen alle„ „zints overeenkomt met de rapporten van de twee laatst voorgaande Jaaren, maar ook nader bevestigd word, met de bevinding van de paarlen zelfs, die op het allerduijdelijkst bewijzen, dat de oesters niet onder, dan ze zijn opgegeeven; doch dat echter de duijkers en verdere bedienden, die van weegen de Engelsche Comp:e voor ree„ „kening van den Nabab, de visitatie hebben bij„ „gewoond, schoon ze eerst betuijgd hadden geen kennis te hebben van den ouderdom der oesters, naderhand opgegeeven hadden, dat de oesters 6½. Jaar oud, en volkoomen rijp waaren, om te worden opgevischt; niet tegenstaande de 1000: oesters, maar paarlen in gehad hebben ter waarde van 2 1/3. fanuma daar de 1000: oesters op 't minst moeten waar„ „dig zijn 3½. â 4. fanums, en dat wanneer men de bevinding van deeze visitatie vergelijkt bij de rapporten van de visitatie van 't Jaar 1770: het op 't allerduijdelijkste blijkt, dat het hou„ „den van eene visscherij in 't aanstaande voorjaar, op de tans gevisiteerde banken, eene zeer Jammerlijke uit„ „werking zoude hebben, en vermoedelijk niets van belang op„ werpen, daar in tegendeel, door de banken nog een Jaar te laten rusten, er hoop is om eene visscherij met succes te kunnen houden. Dat de duikers van den Armane daar en tee„ „gen opgegeeven hadden, dat zij vreesden, dat in 't aanstaande Jaar de oesters niet meer zouden te vinden weezen, wijl 'er verscheidene doode oesters van allerlij Jaa„ „ren op de banken waaren gevonden, 't welk hen died vermoeden, dat alle oesters haast zouden sterven; en dat ook eenige van 's Comp:s duijkers daar over bekommerd schee„ „nen te weezen, en verklaarden 'er niet voor te kunnen instaan, dat de oesters in 't aanstaan„ „de Jaar in weezen zouden zijn, maar dat andere weder, met de bank- mandadies en Jnlandsche hoofden hadden verklaard, dat men alteid doode oesters van alderlij ouder dom op de banken vind, en dat de soerain en kalikai meer kwaad, deeden aan de Jonge oesters, dan wanneer ze gekoomen zijn, tot den ouderdom van de oesters, die tans op de banken zijn gevonden, doch dat men nooijt kan instaan, dat de oesters in een volgend Jaar nog op de banken zou„ „den worden gevonden, om dat ze door ver„ „scheide omstandigheeden verlooren gaan, en dat voor het overige de zwaarigheid dat de oesters in 't aanstaande Jaar zou„ „den sterven, niet gegrond scheen, vermits ze Dat nog vervolg
English
1502 1503. The 16th of December 1790. The 16th of December 1790. continued were still far from the age of 7 years, and long experience had shown that there was nothing to fear for the oysters before the age of 7 years, to which they further added that even if one wished to hold a pearl fishery, one could not count on more than 13 days with 60 tonies and 300 divers, and that the pearls found in the oysters gave such a miserable prospect that it would hardly be worth the effort to undertake the fishery; wherefore they were of the opinion that the oysters should be left to rest for another year, as there would then be hope of holding a fishery with success. That the servants had presented this to Mr. Torin, adding that they thought the interest and honor of both Nations required that the fishery be postponed for another year, and that His Honor had thereupon requested the sample pearls in order to have them appraised in Tirnevelli as well, which were accordingly sent to him with the first clerk Gratiaan, who, having assisted in the inspection of the pearl banks, could give him the best information regarding the condition of the pearl banks; but that he, Gratiaan, had reported upon his return that Mr. Torin was of the opinion that, although the oysters might not be completely mature, it would be better to fish them up as they were, rather than to see them lost in the uncertainty of whether they would be better in a following year, the more so because his people had given a very favorable report for holding a fishery, and that the oysters were completely mature and could no longer remain on the banks without danger of being lost. That the servants had since received a letter from Mr. Torin, written in the English language, which they do not understand well enough, but that it was sufficiently clear from the contents that he insists upon a pearl fishery in the coming spring, and that if the expectation of the merchants and money changers in Tirnewellie, that the fishery promises 50 or 60,000 sjakkerons, were turned into an actual offer, they, the servants, would not hesitate for a moment to accept it, but that they, on the contrary, feared that the fishery would come to nothing. That, however, in order to proceed with greater certainty in this matter, they had once again clearly questioned the headmen and divers regarding the condition of the oysters on the inspected banks, and that the divers had declared that the oldest oysters were really not older than 5 to 5½ years, and that they are therefore not mature, but would have to remain on the banks for another year to be able to hope for an advantageous fishery, since the oysters, in proportion to being riper, also contained more and better pearls; but that they could not deny that more dead oysters of all kinds of age were found than was usually the case, and that this made them anxious whether the oysters would indeed remain alive on the banks for another year, and that the headmen had concurred with this opinion of the divers. The servants therefore requested to be promptly provided with the orders of this government as to whether they should accept the proposals of Mr. Torin, and thus devise means with him for holding a pearl fishery in the coming spring. Which having been deliberated upon, it was taken into consideration that, for the reasons given by the servants, it is certainly more advisable that the fishery on the Tutucorin pearl banks remain postponed for another year, but that, however, what has been advanced for and against it is not so decisive that there does not always remain some apprehension as to whether this postponement might not sometimes be harmful to the oysters with which the banks are currently found to be stocked. And it is therefore, and in order to furnish Mr. Torin with no motive to be able to complain afterwards, approved and agreed to authorize the Tutucorin servants to consent on the Company's part to the holding of a fishery, if the merchants and money changers in Tirnevillie, who have estimated the fishery at 50 to 60,000 sjakkerons, obligate themselves to give at least the lowest price, or 50,000 sjakkerons, for it, in case the fishery is not bid higher at the holding of the lease; with instructions to make Mr. Torin notice the fairness of this condition with great emphasis, and to see to it that matters are directed so that
Dutch transcription
1502 1503. Den 16: December 1790. Den 16. December 1790. vervolg nog ver af zijn van den ouderdom van 7. Jaaren, en de ondervinding van langen tijd geleerd had, dat 'er voor de oesters niet te vreesen was, voor den ouderdom van 7. Jaaren, waar bij ze nog voegden, dat zelfs, wanneer men eene paarl visscherij wilde houden; men niet meer zoude kunnen reekenen, dan op 13: da„ „gen met 60: tonies en 300: duijkers, en dat de paarlen, in de oesters gevonden, zulk eene miserabele verwagting gaven, dat het haast de moeijte niet waard zou„ „de weezen, om de visscherij te ondernee„ „men, weshalven zij van gevoelen= waaren, dat men de oesters nog een Jaar behoorde te laaten rusten, vermits er als dan hoop zouden weezen om een vis„ „scherij te houden met succes. Dat de bedien„ „den dit aan den heer Torin hadden vertoond, met bijvoeging dat zij dachten, dat 't interest en de eer van bij de Natien vorderden, om de visscherij nog een Jaar uit te stellen, en dat zijn E: daar op de monster paarlen had laaten verzoeken, ten einde dezelve ook te Tirnevelli te laaten wardeeren, die mits „dien aan hem zijn toegezonden met den eer„ „sten klerk Gratiaan, die als bij de visi„ „tatie der paarlbanken geassisteerd hebbende, aan hem 't beste onderrigt van de gesteld„ „heid der paarlbanken konde geeven, doch dat hij Gratiaan, bij zijn te rug komst had gerapporteerd, dat de Heer Torin van gevoelen was, dat schoon de oesters niet volkoomen rijp mogten weezen, het beter waare dezelve op te visschen; zoo als ze waaren, dan in de onzeekerheid, dat ze in een volgend Jaar beter zouden weezen, dezel„ „ve te zien verlooren gaan, te meer, wijl zijn volk een zeer voordeelig rapport had gegeeven tot het houden van eene vis„ „scherij, en dat de oesters volkoomen rijp waaren, en niet langer op de banken konden leggen, zonder gevaar van verlooren te gaan: Dat zij bedienden ze„ „dert een brief van den heer Torin hadden ontvangen, schreeven in de Engelsche taal, die ze niet genoeg verstaan, doch dat uit den inhoud genoeg bleek, dat hij op eene paarl visscherij in 't aanstaande voorjaar aandringt, en dat indien de verwagting van de kooplieden en wisselaars te Tirnewellie, dat de visscherij 50: of 60'000: 's jakkerons beloofd, veranderd wierd in eene werkelijke aanbieding, zij „tatie. bedienden vervolg 1504. 1505. Den 16: December 1790. Den 16. December 1790. bedienden geen ogenblik in bedenking zouden staan„ om dezelve aanteneemen, maar dat zij in tegen„ „deel vreesde, dat de visscherij op niets zal uit„ „koomen. Dat ze echter, om in deezen met meer zekerheid te werk te gaan, de hoofden en duijkers nogmaals duijdelijk hadden laa„ „ten onderhouden, omtrend de gesteldheid van de oesters op de gevisiteerde banken, en dat de duijkers hadden verklaard, dat de oudste oesters werkelijk niet onder waaren, dan 5: â 5½. Jaar, en dat ze dus niet rijp zijn, maar nog een Jaar op de banken zouden moeten blijven leggen, om op eene voordee„ „lige visscherij te kunnen hoopen, ver„ „mits de oesters, naar maate ze rijper waren ook meerdere en beetere paarlen inhielden, maar dat ze niet konden ontkennen, dat 'er meerder doode oesters zijn gevonden van allerlei zoort van ouderdom, dan men ge„ „woonelijk vond, en dat hen dit bekom„ „merd maakten of de oesters nog wel een Jaar leevendig op de banken zouden blij„ „ven, en dat de hoofden zich met dit advies van de duikers hadden geconformeerd. Verzoekende de bedienden derhalven, met de beveelen deezer regeering spoedig te worden voorzien, of ze de voorstellen van den heer Torin zouden moeten aannee„ „men, en dus met hem middelen beraamen, tot het houden van een paarl visscherij in 't aanstaande voor Jaar waar over gedelibereerd zijnde is in achting genoomen, dat het om de reedenen, die de bedienden daar voor geeven, zeekerlijk meer aanteraaden is, dat de vis„ „scherij op de Tutucorijnsche paarlbanken nog een Jaar uitgesteld bleef, maar dat echter het geen daar voor en tegen is geavanceerd niet is zoo beslissend, dat 'er niet alteid eenige bedenkelijkheid overschiet, of dit uitstel niet zomtijds zoude kunnen scha„ „delijk zijn aan de oesters, waar meede de banken tans bezet zijn gevonden. En is daarom, en om den Heer Torin geen motief te „fourneeren, om zig naderhand te kunnen beklaa„ „gen, goedgevonden en verstaan, den Tutucorijnse bedien„ te authoriseeren, om van 's Comp:s zijde in het houden van een visscherij te bewilligen, zoo de koop„ „lieden en wisselaars te Tirnevillie, die de visscherij hebben geschat op 50: tot 60'000: sjakkerons, zich ver„ „binden, om ten minsten, de laagste prijs of 50'000: 'sjakkerons daar voor te geeven, indien de visscherij bij het houden der verpagting niet hooger gemeind word; met last om de billijkheid deezer voorwaar„ „de den Heer Torin met groote na dauk te doen op„ „merken, en het daar heen te zien te derigeeren dat voorstellen daar vervolg vervolg E
English
1506. 1507. The 16th of December 1790. The 16th of December 1790. what further to the chief regarding this to authorize. to admit a watch boat on behalf of the Circar for the guarding of the pearl banks, and so forth. Trinkonomale to defer to the chief Mekern regarding the construction of a cross jetty or sea pier on the island of Allelande that this be complied with. Furthermore, considering that the aforementioned condition might sometimes meet with too great an opposition, and that Mr. Torin might nevertheless continue to insist upon it, so that the holding of a fishery is not postponed, it has been approved and agreed to authorize the honorable chief Mekern, by a separate letter, to waive that condition if necessary; with orders, however, to determine together with Mr. Torin, prior to holding the lease auction, how low at the utmost the same may be allowed to fall, and to set this price at least nearly as high as was that of the lease auction held in the year 1707, but if Mr. Torin cannot be brought to any reasonable settlement on this point, then to declare to him that he, the chief, cannot proceed any further without special authorization from this government. The Tuticorin servants, with the aforementioned letter, having transmitted an original letter from Mr. Torin, in which he writes that, in order to make use of the right of the Circar, he will send a watch boat to guard the pearl banks, with a report by the servants at the same time that Mr. Torin also wished to have his people present at the inspection of the chank boats; it has been approved and agreed, in consideration that this precaution for his interest cannot in fairness be denied to the Nabob, as he participates for one half in the pearl and chank diving, to authorize the Tuticorin servants to permit Mr. Torin, should he insist upon it, to send a watch boat for the protection of the pearl banks, and also to send his people to the inspection of the chank boats. The Tuticorin servants, by letter of the 11th of May last, in compliance with the resolution of the 23rd of March, having shared that single-masted vessels could indeed be careened at an ordinary sea pier if it were made stronger than usual and connected in such a manner that it could withstand such force, but that to careen two-masted vessels a pier is required which has the breadth to which both masts can be secured; and that the servants have therefore proposed to this government to have a cross pier constructed on the island of Allelande, instead of the sea pier ruined during the English war and not yet repaired due to a lack of timber, since the former will not cost much more than the latter after all; it has been approved and agreed, after deliberation, to defer to the discretion of the honorable chief Mekern to allow the proposed cross pier to be built, or else to have the present sea pier extended out into the sea as far as shall be deemed necessary to be able to careen the Company's sloops thereat. Upon the letter sent by this government on the 30th of October last to the Trincomalee
Dutch transcription
1506. 1507. Den 16: December 1790. Den 16: December 1790. wat verder aan het te qualificeeren. een waak tonie van wee„ „teeren tot bewaeking der paarlbanken, en z: Trinkonomale aan het opperhoofd Mekern gedefereerd te „laaten noopens het aan„ „leggen van een kruijs of zee hoofd op het Eiland Allelande daar aan worde voldaan. Voorts in achting genoomen zijnde, dat de voorsz: voorwaar„ opperhoofd desweegens„ de zomtijds te groote tegenstand zal kunnen vinden, en dat de heer Torin echter daar op mogte blijven dringen, dat het houden eener visscherij niet blijft uijt gesteld. Is goed gevonden en verstaan, 't E: opperhoofd Mekern bij een aparten brief te qualificeeren, om van die voorwaar„ „de des noods aftestappen; met last nogtans, om met den Heer Torin te zaamen, voor het houden, van de verpag„ „ting, te bestemmen, tot hoe laag uitterlijk dezelve zal mogen afloopen, en deeze prijs ten minsten na genoeg zoo te neemen, als geweest is, die van de in anno 1707. gehoudene verpagting, doeh om zoo de Heer Torin, op dit stuk, tot geene reedelijke schikking te brengen is, dan aan denzelven te verklaaren, dat hij opperhoofd niet verder kan gaan, zonder speciaale qualificatie deezer reguering. Door de Tutucorijnsche bedienden, bij voorsz brief, „gen den Eercar teadmit overgezonden zijnde, een origineele brief van den heer Torin„ waar bij hij schrijft, dat hij om gebruik te maaken van 't recht van den Cercar, een waak tonie zal zenden, om de paarlbanken te bewaaren, met bericht door de bedienden teffens, dat de heer Torin ook zijn volk wilde hebben bij het visiteeren van de 'sjankoos tonies js uit aanmerking dat aan den Nabab, als participeeren„ „de voor de helfte in de paarl en 's Jankoos duijkerijen, Bezoigne over„ „deeze voorzorge voor zijn interest, met geen billijkhid kan worden betwist, goed gevonden en verstaan, den Tutucorijn„ „sche bedienden te qualificeeren, om aan den Heer Torin, zoo hij daar op staat, te mogen toestaan, om een waak tonie te zenden, ter bewaaring van de Paarlbanken, en ook om zijn volk te zenden bij 't visiteeren van de 's jankoos tonie. Door de Tutucorijnsche bedienden, bij brieve van den 11: Maij I„o Leeden ter voldoening aan de resolutie van den 23. Maart bedeeld zijnde, dat wel een mast vaartuijgen, aan een gewoonlijk zeehoofd kunnen worden gekield, wanneer het sterker dan gewoonlijk gemaakt, en zodanig verbonden wierd, dat het zulk een geweld zoude kunnen wederstaan, doch dat om twee mast vaartuijgen te kielen een hoofd diend te weezen, het welk de breedte heefte, dat 'er de beide masten aan kunnen worden vast gemaakt; en dat de bedienden daarom aan deeze regiering hebben voorgesteld; om een kruijshoofd op het Ei„ „land Allelande te laaten maaken, insteede van het in den Engelschen oorlog geruineerd, en weegens gebrek aanhout „werken, nog niet hersteld zeehoofd, wijl tog het eerste niet veel meer dan het laatste zal koomen te kosten. Js na deliberatie goedgevonden en verstaan, aan de discre„ „tie van 't E: opperhoofd Mekern gedefereerd te laaten, om het voorgesteld kruijshoofd te mogen laten maaken, dan wel om 't tegenswoordig zeehoofd, zoo ver in zee te laten uijtbou„ „wen, als nodig zal worden geoordeeld om 's Comp:s sloepen daar aan te kunnen kielen. Op de door deze regeering bij brieve van den 30:' 8ber: J:o s: aan de kan Trincoudmaalsche ..
English
1508. 1509. The 16th of December 1790. Authorization to be allowed to cede rice to the military at 1 rixdollar and 12 stivers per parra. To have the appraised value of two anvils paid to the master blacksmith. Various unserviceable goods at Trincomalee. The notification made by the Trincomalee servants in their letter of the 10th of November having been considered, stating that the rice which has hitherto been sold to the military was ceded at 10 schellings per parra, and that the same was Cochin rice, but that since nothing more of it remains in stock, and the rice that was brought there with the barques De Liefde, Willem Arnold, and De Vervatting, encumbered with 50 percent, stands at 64 stivers per parra, the administrator has therefore requested to know at what price he would be permitted to sell this rice to the military. It was approved and understood after deliberation to authorize the Trincomalee servants to also be permitted to cede this rice, upon sale to the military, at 1 rixdollar and 12 stivers per parra. Having read a report received from Trincomalee, from which it appears that pursuant to the resolution of the 2nd of November last, the two anvils which the master blacksmith purchased and which are used in the blacksmith shop have been appraised at 121 rixdollars. And it was approved and understood after deliberation to authorize the Trincomalee servants to have payment made to the master blacksmith for the said anvils according to the appraisal made. I have the honor hereby to report to Your Right Honorable and Valiant Sir, and to request that, in accordance with the highly honored orders of the revered Ceylon government, the following unserviceable goods being dealt with may be written off, namely: 86, that is eighty-six enxadas, of which 49 pieces have been in use since the years 1785 and 1786, and 37 from the years 1788 and 1789. 64, sixty-four axes, of which 36 from the years 1785, 1786, and 1787, and 28 from 1788 and 1789. 32, thirty-two pickaxes, of which 26 from the years 1785 and 1786, and 6 pieces from the year 1788. 26, twenty-six mattocks, of which 16 from the years 1785 and 1786, and 10 from the year 1788. 51, fifty-one crowbars, from the years 1783 to 1787. 20, twenty carrying tubs from the year 1789. 6, six draw buckets from the year 1789. 7, seven buckets from the year 1789. 13, thirteen leaguer tubs, of which 6 from the years 1786 and 1787, and 7 from the year 1789. 4, four heavy iron wedges, of which 2 from the year 1784, and 2 from the year 1790. 54, fifty-four masons' trowels from the years 1787 and 1788. 99, ninety-nine clay spades from the year 1788. 65, sixty-five Javanese knives, of which 60 from the years 1787 and 1788, and 5 pieces from the year 1789. Right Honorable and Valiant Sir. Decision on the sworn reports of unserviceable goods. Read were six sworn reports inserted below concerning various goods that have become unserviceable in the administration at Trincomalee. To the Right Honorable and Valiant Sir, Diederich Carel von Drieberg, Lieutenant Colonel and Commandant here. The 16th of December 1790.
Dutch transcription
1508. 1509. Den 16. December: 1790. rijst aan de militairen temoogen afstaen teegen rd. s 4. 12. deparra. de getaxeerde waarde aan den baas smit te„ „laaten voldoen. diverse onbequaeme goe„ „deren te Triekonomaele qualificatie om zeekere rin Canomaalsche bedienden gedaane aanschrijving, door hun bij brieve van den 10: November, bedeeld zijnde, dat de rijst, die dus lange aan de militairen verkogt wierd, afgestaan. is, teegens 10: schellingen de parra, en dat dezelve geweest is koetsiems rijst, dog dat wijl daar van niets meer per restant is, en de rijst, die met de barken de Liefde, willem Arnold en de vervatting aldaar is aangebragt, met 50: p:r C:o bezwaard, op 64: st: de Parra te staan, de administrateur lever midsdien verzogt heeft, te moogen weeten tegens wat prijs hij deeze rijst aan de militairen zoude mogen verkoopen. js na deliberatie goedgevonden en verstaan, den Trin„ „konomaalsche bedienden te qualificeeren, om ook deeze rijst, bij verkoop aan de Militairen, tegens rd:s 1: 12. de parra te mogen afstaan. geleezen een van Trinconsmaale ontvangen rap„ van twee ambeelden „ port, waar bij blijkt, dat ingevolge resolutie van den 2. 9ber: J:o Leeden, de twee ambeilden, die de baas smith ingekogt heeft, en op de smits winkel gebruijkt zijn getaxeerd voor rd:s 121:—: En is na deliberatie goedgevonden en verstaan den Trincono„ „maalsche bedienden te qualificeeren, om aan den baar smit, voor gedagte ambeelden, volgens de gedaane taxatie te laten voldoen. Is Jk heb de eere uw wel Edele Gestaenge Manh:d Hier meede te melden, en verzoeken dat na de Hoog g' Eerde ordere der gevenereerde Ceijlonse regeering, met deeze ondervolgende onbequaame goederen gehandelt wordende; mag afgeschreeven worden; te weeten: 86: —. zegge ses en tagtig stuks in Chiados: waar 49: stuks zeedert A:o 1785: en 86. en 37. van A:o 1788: en 1789. ingebruik geweest: 64: —. — . „ vier en sestig bijlen waar van 36: van A:o 1785. 86. en 87. en 28: van 1788. en 89. 32. —. -. „ twee en Dertig pikhaanen, waar van 26: van A:o 1785. en 86: en 6. stuks van A:o 1788: 26: —. —. „ ses en twintig pikhovelen - „ - - - „ 16: van A:o 1785. en 86: en 10: van Ao 1788: 51: —. „ Een en vijftig koevoeten. - „ - „ A:o 1783. tot 87. 20. —. - „ twintig draagbalies van A:o 1789„ 6. —. „ sas slagputsen - - - „ - „ 1789. 7. –. „ seeven Emmers - - - „ - - „ 1789. 13. –. „ Derthien legger balies jar „n 6. van anno 1786. en 87. en 7. van A:o 1789. 4. –. „ vier swaare ijzere keggen waar van 2. van A.:o 1784. en 2. van A.o 1790. 54. –. – „ vier en vijftig Metselaars troffels van A:o 1787. en 88: 99. –. „ neegen en negentig klijspaeden „ - . „ 1788: 65: —: „ vijf en sestig Javase messen waar van 60. van Ao 1787. en 88. en 5. stuks van Anno 1789: WWel Edele Gestrenge Manhafte Heer dispositie op het zijn geleezen ses hier ondergeinsereerde beEedigde rapporten, wee- b'eedigde rapporten van gens dieversche goederen, die in de administratien te Trinco- nomale onbequaam zijn geraakt. Aan den wel Edele gestrenge Manhafte Heer Diederich Carel von Drieberg, Luijtenant Colonel en Commandant alhier Den 16' December 1790. zijn e 40.
English
1500. 1501 The 16th December 1790. 40. say forty iron sledgehammers of the year 1787. 10. ten rock drills of 1788. 7. seven masons' hammers of the year 1786. 33. thirty-three stonecutters' chisels of the year 1789. 4. four wooden measuring rods of the year 1789. 4. four levels of the year 1789. 5. five wooden lime troughs of 1788. 12. twelve curved gauze knives of the year 1789. 4. four iron hand beaters of the year 1789. 2. two hand sledgehammers of the year 1789. Hoping hereby to have complied with the highly honored order to satisfaction, I take the liberty to call myself with all respect and esteem, below stood, noble, stern, and valiant Sir, your noble, stern, and valiant Honor's humble servant, was signed, J. G. Fornbauer, in the margin, Trincomalee the 11th October 1790. Today the 26th November 1790, appeared before us, undersigned members of the Honorable Land Council here, the noble, stern, and valiant Sir, Johan George Fornbauer, Major and Commandant of this place, who, having been clearly presented with the surrounding report as former Fabric, and the much-respected order of the Ceylon Government by missive of the 9th December 1789 having been made known, declared that the goods listed by his Honor in the aforementioned report as unserviceable, truly belonging to the Company, have become unserviceable through frequent and long-term use in their Honors' service; consequently confirming the aforementioned statement in compliance with the aforementioned venerated order under oath, by raising the two foremost fingers of his Honor's right hand and speaking these words: So truly help me God Almighty. Thus done and sworn in the Fortress of Trincomalee on the date aforesaid, below stood, was signed, J. Fornbauer, in the margin, present with us, was signed, J. Claaszens and Nicolaes Thiedeman, in the middle, known to me, signed, J. G. Hübbe, Secretary. I have the honor to inform your noble, stern, and valiant Honor that, under the last of August of the year 1790, inspected by the committee members and found to be genuinely unserviceable for the use of the Company's service in the ammunition house, are the following goods; wherefore I most respectfully request of your noble, stern, and valiant Honor to be allowed to have the aforementioned goods destroyed and written off the trade books, but to be permitted to retain the shells here as scrap, namely: 74. say seventy-four shells of various sorts, taken over from the French and found unserviceable upon labefaction. 1. one piece copper powder-tester, of the year 1786, ruined here in its trough. 12. twelve pieces copper cannon ladles. 1. one ditto powder measure, taken over from the French and furthermore become unserviceable through daily use. 1. one ditto funnel. 12. twelve iron pigtails. 21. twenty-one copper priming wires, of the year 1786, sent here from Colombo and become unserviceable through daily use. 23. twenty-three steel cannon drills. 6. six iron fuze setters. 5. five ditto mortise chisels of 1787, made here, become unserviceable during the driving of fuzes. 2. two small knives. 3. three leather slow-match cases, sent from Colombo in the year 1786, and become unserviceable through daily use. 6. six pairs of sieve straps. 1. one hair blanket. 600. six hundred uncharged grenade fuzes of 1787/8, made here and burst during driving. 6. six hair cloths of the year 1787, become unserviceable through daily use. 120. one hundred and twenty cartridge needles of the year 1788/9. 1. one small powder tarpaulin of the year 1786, made here, become unserviceable through daily use. 42. forty-two powder horns, taken over from the French. 1. one sailcloth practice target of 1788, made here and become unserviceable during exercise. 1050. one thousand and fifty empty linen cartridges of 1787, made here, and having been kept filled in stock, perished by the saltpeter. Noble, Stern, and Valiant Sir. To the noble, stern, and valiant Sir, Diederich Caal von Drieberg, Lieutenant Colonel and Head of the Militia, the 16th December 1790. 420. here.
Dutch transcription
1500. 1501 Den 16. December 1790. 40. zegge veertig ijzere mookers van A:o 1787. 10:–. –. „ Thien klipbooren - - - - „ - „ 1788. 7. –. –. „ seeven metselaars hamers van A:o 1786. 33. —. — - „ Drie en dertig steenhouwers bijtels van A:o 1789. 4. —. –. „ vier houte maatstokken van A:o 1789. 4. –. –. „ vier - - „ waaterpassen van A:o 1789: 5. —. –. „ vijf houte kalkbakken „ - - „ 1788. 12. –. –. „ twaalf kromme gaasmessen van A:o 1789. 4. –. –. „ vier ijzere handkloppers van A:o 1789. 2. —. – „ Twee handmookers van A=o 1789. Hoopende hiermeede aan het hoogg'Eerde bevel ten genoegen voldaan te hebben, gebruijke de vrijheid mij met allen eerbied en achting te noemen. /:onderstond:/ welEdele gestaenge Manhafte heer.! uw welEd: gesta: Manh:d onderdanige dienaar. /:was geteekend:/ J: G: Fornbauer /:in margine:/ Trinco „nomale den 11. ' oktober 1790. Heden den 26. ' November 1790: kompareerde voor ons ondergeteekende Leeden uit den Eerwaarden Land Raad alhier, Den welEdelen gestrengen Manh: Heer, Johan george Toanbauer, majoor en kommandant deeser plaatze, Denwelke als geweezene Fabriek het ommestaande rapport duidelijk voorgehouden, en de veel gerespekteerde onder der Ceilonsche Regeering bij missive van den 9. ' december 1789. te verstaen gegeeven zijnde, verklaarde dat de door zijn E: bij voorm: Rapport voor onbekwaam opgegeeven goederen, weesentlijk komp:s zijnde door meenig vuldig en langduurig gebruijk in haar Ed: dienst zijn onbekwaam geraakt bevestigende derhalven gem: opgaave in voldoening aan voorm: gevenereerde ordre met eede onder het opsteeken van de twee voorste vingers zijne welEd: Regterhand en het uijtspreeken deeser woorden zoo waarlijk helpe mij god Almagtig Aldus gedaan ende breedigd Jn de Fortreffe Trincono, - „male op dato voorschreeven /:onderstond:/ was geteekend/ J: Fornbauer /:in margine:/ ons present :/ was geteekend:/ J: laastens en Nicolaes Thiedeman /:in't midden:/ Jn mijn kennis /:geteekend:/ J: G: Htubbe seC:s jk heb de Eere uw wel Ed: Gestrenge Manh: te berigten dat, onder ult:o aug:o A:o 1790. door de gecommitteerdens nagezien en als weesentlijk in't gebruik van 'sComp:s dienst in het Ammonitiehuijs onbequaam bevonden zijn, de ondervolgende goederen; weshalven ik uw welEd: gestr: Manh:s Eerbiedigst verzoek om gem: goederen te moogen laaten vernietigen en bij de negootsie boeken afschrijven, dog de bommen alhier moogen aanhouden tot schroot Namentlijk: 74: —. zegge vier en seeventig bommen in zoorten, overgenoomen van de faanschen en bij het laboreeren onbeq: bevonden. 1. –. –. „ Een p:s koopere kruijtproef, A:o 1786: hier in zijn goot bedorven. 12. —. – – „ twaalf p:s koopere kanon Leepels. 1. —. -. „ Een - - - „ _o —. kruijtmaat. vergenoomen van de franschen en verders 1. –. – „ Een - „ _o —. „ Tregter. . . / door daegelijks gebruijk onbeq: geworden. 12:—. –. „ twaalf „ ijzere varken staaaten. . .. 21. –. – „ Een en twintig koopere Laad priemen Ao 186. van kolombo hier gezonden ndoor dagelijks gebruijk onbeq: ge— 23. —. —„ Drie en twintig staale kanonbooren. daakt. 6: —. „ ses ijzere buijse drijvers. 5. —. „ vijf - - „ steek beijtels 1787. hier gem: bij het drijven van buijten onbeq: geworden. 2. –. „ twee kleene metssen - - - 3. –. - „ Drie Leedere Londbewaarders A:o 1786: van kolombo gezonden en door 6. –. – „ ses paaren sifbaander. -. . dagelijks gebruijk onbeq: geworden. 1. —. – „ Den haire deeken - - - - - 600: —. –. „ seshondert ongelaboreerde gaanaat buijsen 178 7/8: hier aan — gemaakt en bij het drijven geborsten. dagelijks gebruk dnbeh:o 6: —. –„ ses haire doeken A:o 1787. - - - - - - 120: —. –. „ Eenhondert en twintig Cordoesnaalden A:o 178/9. geraekte. 1. –. –. „ Een kleene kruijt Zeijl A:o 1786: hier aangemaekt) door dagelijkse 42. –. - „ twee en veertig kruijthoorns overgenomen vande - - gebruik onbeq: faanschen - - - - - - - - - - _ _ _ t geraakt. 1. —. . „ Een zeijldoeksche dail scheijff 1788: hier aangemaekt en bij de Exercitie onbeq: geworden. 1050: –. –„ Eenduijsend en vijftig Leedige linne Cardoesen 1787. hier aangemaekte, en in voorraad gevuld geweest zijnde door de zalpeeter verstikt. WelEdele Gestrenge Manhafte Heer Aan Den wel Edelen gestrengen Manh: heer Diederich Caal von Drieberg Luijtenant Kolonel en Hoofd der Miliettie Den 16. December 1790. 420. alhier.
English
1512. 1513. 420, that is four hundred and twenty paper cartridges, made here in 1707, and having been kept filled in stock, ruined by the saltpetre. 5, five tar brushes, received from Kolombo in Ao 1707 and rendered unserviceable through daily use. 1, a pair of pincers, taken over from the master gunpowder maker Lindeman in Ao 1789, and further rendered unserviceable through daily use. 1, a pair of bending pliers. 2, two awls. 2, brushes. 12, twelve gun carriages, as follows: 1 of 24 lb 6 of 18 lb 1 of 12 lb, taken over from the French. 1 of 8 lb 2, that is two of 10 lb rampart gun carriages, taken over from the French. 12, ditto twelve of 18 lb ship truck carriages, arrived from Europe in Ao 1780 and sent here from Kolombo. 20, ditto twenty pieces of wheels, as follows: 3 pieces of 24 lb 4 of 18 lb 3 of 12 lb, taken over from the French, rendered unserviceable on the ramparts of this fortress. 3 of 8 lb 3 of 4 lb 2 of 3 lb 2, that is two mortar beds, ditto. 1, a carriage with its limber of the grandiable, ditto. 4, four fore-carriages with their wheels, ditto. 225, two hundred and twenty-five gunpowder barrels, ditto. 43, forty-three sets of quoin beds, as follows: 20 pieces taken over from the French. 23 pieces made here in Ao 1785. 27, that is twenty-seven tampions. 10 pieces, ten wooden cartridge cylinders, taken over from the French. 1, a powder rack. 13, thirteen small buckets, made here in 1787/8 and rendered unserviceable during drills. 2, two wooden bollards, taken over from the French, rendered unserviceable on the ramparts of this fortress. 9, nine cooling tubs, made here in Ao 1788 and rendered unserviceable through daily use. So truly help me God Almighty. Thus done and sworn in the Fortress of Trinconomale on the date aforesaid. Signed: J. Schreuder. In the margin: present before us. Signed: Jb Buijgers and J.s Carstens. In the middle: to my knowledge. Signed: J.s F. van Huijsen. Today, the 29th of November Anno 1790. Appeared before us, the undersigned members of the honorable Landraad here, the honorable and valiant Mr. Jan Schreuder, Captain Lieutenant and Commander of the artillery, who, having been clearly presented with the surrounding report and informed of the much-respected order of the Ceylon Government by missive of the 6th of December 1789, declared that the items listed by him as unserviceable in the aforesaid report are genuinely Company property and have also become unserviceable through frequent and prolonged use in their Honors' service, thereby confirming the said statement in compliance with the aforementioned order of the venerated Ceylon Government under oath, and, being of the Zwinglian religion, by raising the two foremost fingers of his right hand and pronouncing these words. The 16th of December 1790. 18, that is eighteen gun covers, made here in Ao 1786, and rendered unserviceable on the ramparts of this fortress. 3, three tar buckets, made here in 1788 and rendered unserviceable through daily use. 24, twenty-four pieces of cannon and mortar sponges, as follows: 14 pieces taken over from the French. 10 pieces sent from Colombo in Ao 1786. 106, that is one hundred and six handspikes, rendered unserviceable through daily use in 1786/7. 36, thirty-six ramrods, made here in 1786/7, ditto, ditto. 1, a grinding table, taken over from the French. Trinconomale, the 16th of October Ao 1790. Signed: J. Schreuder The 16th of December 1790. 18. 1 of 4. 2 of 23 of 2
Dutch transcription
1512. 1513. 420: —. zegge vier hondert en twintig papiere 1707. hier aangemaakt, en in voorraad gevuld geweest zijnde door de zalpeeter verstikt. 5. —. . . „ vijf Theer quasten Ao1707. van kolombo ontvangen en door dagelijks gebruijk onbeq: geworden. 1. —. . „ Een Nijptang. . overgenoomen van den baas kruijtmaaker Lindeman in 1. —. - - - „ Een buijgtang. A:o 1789. en verders door daagelijks gebruijk onbequaam 2: –. - - „ twee Elsen- - geworden. 2: -. - - „ - - - „ brossen - 12: —. —. „ twaalff Affuijten als: 1: â: 24. lb: 6. - „ 18: „ 1. - „ 12:- „ overgenoomen van de franschen 1. . „ 8. — „ 2. –. zegge twee â: 10: lb: wal affuijten, overgenoomen van de franschen. 12. —. d=o. twaalff„ 18: „ scheeps rampaarden, A:o 1780: uijt Europa gekoomen — en van Kolombo hier gezonden. 20: —. d=o. Twintig P:s wielen; als. 3. p:s a: 24. lbC: 4. – . „. „ 18:— 3. - „ -. „ 12: -. „ overgenoomen van de franschen op de wallen deezer 3. —„ — „ 8. –. „ fortresse onbequaam geworden. 3. . - „ - . „ 4. –. „ 2:—„— „ 3 - — „ 2:–. zegge twee mortier stoelen d=o —. do 1. —: —- „ Een affer met dies boom van de grandiabel. d. o 4. —. -. „ vier voorwagens met hunne willen do 225: —. —. „ tweehondert vijf en twintig kruijtvaaten do 43. —. —. „ Drie en veertig stel kussens als: 20. – p:s overgenoomen van de franschen 23. –. „ in A:o 1785. hier aangemaakt. 27. –. zegge seeven en twintig wind proppen 10: –. P–„ thien houte kaadoes kookers overgenoomen vande faanschen. 1. — - -. „ Een kruijt stelling - - - 13. —: —. „ dertien kleene Emmers 178 7/8. hier aangemaakt en bij de Exer- „ citte onbequaam geworden. 2. —. – „ twee houte polders overgenoomen van de franschen, op de wallen 5 deeser fortresse onbequaam geworden. 1 9: —. – „ Neegen koel balies in A:o 1788: hier aangemaakt en door da „gelijks gebruijk onbequaam geworden. 7 Zoo waarlijk helpe mij God Almachtig. Aldus Gedaan ende beëedigd in de Fortaesse Trinconomale op dato voorsz: /:was geteekend:/ J: schreuder /:in margine :/ ons prezent /:was geteekend./ Jb Buijgers en J:s Carstens, /: in't midden :/ jn mijn kennis /:geteekend:/ J:s F: van Huijsen. Heden den 29:' November Anno 1790. kompareerde voor ons ondergeteekenden Leeden uit den herwaerden Landraad alhier den E: Manhaften Heer Jan Schaeuder kapitein Luitenant en kommandant der artillerie, dewelke het ommestaande rapport buidelijk voorgehouden en de veel ge- respecteerde order der Ceijlonsche Regeering bij missive van den 6. ' december 1789. te verstaan gegeeven zijnde, verklaarde, dat de door hem bij voormeld rapport voor onbekwaeme opgegeevene goederen weezendlijk komp:s goederen zijnde ook door meenig vuldig en langduurig gebruik in haar Ed. s dienst zijn onbekwaam geraakt bevestigende derhalven gemelde op- gave in voldoening van voormelde order der gevenereerde Ceilonsche regeering met hede en als zuijters van Religie zijnde met het opsteeken der twee voorste vingers zijner rechterhand en het uitspreeken deezer woorden. Den 16: December 1790. 18. —. zegge agtien kanonhuijsses in A:o 1786. hier aangemaakt, en op de wallen deezer fortresse onbeq: geworden. 3: —. –. „ drie teer Putsen 1788. hier aangemaakt en door daagelijks gebruijk onbeq: geworden. 24: —. —. „ vier en twintig p:s kanon en mortier wissers, als: 14. P:s overgenoomen van de franschen. 10. –. „ A:o 1786: van Colombo gezonden. 106: —. zegge Een honderd en ses handspaaken 178 /7. door dagelijks gebruijk onbequaam geworden. 36: —. —. „ sesen dertig laadstokken 1781/7. hier aangemaakt d„o — d=o 7 1. - - „ Eene vrijff tavel overgenomen van de franschen. Trinconomale Den 16. ' oktober A:o 1790. /:was geteekend:/ J: Schreuder Den 16'. December 1790. 18. 1. „ 4. „ 2 -. „ 23 „ – . „ 2 – – „ -
English
1514 1515. The 16th December 1790. The 16th December 1790. Right Honourable, Valiant Sir! I have the honour to inform Your Right Honourable, Valiant Sir that as of the ultimate of August 1790 the following goods were inspected by the commissioners and found to be genuinely unserviceable in the use of the Company's service in the Equipment Warehouse: wherefore I most respectfully request Your Right Honourable, Valiant Sir that the mentioned goods may be destroyed and written off in the trade books as follows: 3 pieces of gin blocks with metal bushings and iron pins, taken over by the Honourable Commandant, their age unknown. 30 blocks, ditto. 1 large watch lantern, ditto. 6 tin hand ditto, unserviceable, received from the boat. 5 ditto ditto, received from the bark Zunsura. 3 ditto small matches, become unserviceable on the Company's vessels and at the main guard, their age unknown. 8 deadeyes of the flagpole, taken over from the French. 2 sail plates, 1787, from Colombo. 30 sail needles, 1788/9, ditto. 97 gunny needles, 1783/9, ditto. 19 tar brushes, 1788/9, ditto. 5 tarred tarpaulins, 1789, entered here. 50 sail and bolt-rope needles, 1788/9, from Colombo. 4 iron scrapers, taken over, their age unknown. 6 trestles, ditto. 2 ropewalk sledges, ditto. 2 serving mallets, ditto. To the Right Honourable, Valiant Sir! Diederich Carl von Driberg, Lieutenant Colonel and Head of the Militia here! 12 pieces of leather buckets, 1789, entered here. 4 wooden monkfish, 1789, from Battikaloa. 2 rammers, taken over, their age unknown. 1 small match, 1 copper mug, 1 pump brake, 1 stay, 1 pump shoe with its rod, 1 copper lighter, brought from Battikaloa as unserviceable with the boat de Jonge Willem, 1789. 1 after sail, 1 Prince's flag of the Pagoda Hill, entered here 1789. 3 sails of the dhonies, entered here 1788. 2 sails of the catamaran, entered here 1789. 1 square foresail of the boat Suffren, entered here 1788. 1 1/2 coir rope of the bark de Sunzura, received unserviceable 1784. 1 tarpaulin of the boat Suffren, entered here 1789. 2 tar buckets, taken over and their age unknown. 4 wooden dhoney anchors, entered here 1789. 2 serving mallets, taken over, their age unknown. Trincomalee, the 16th October 1790. was signed: J. Schreuder. Today, the 29th November 1790, appeared before us, the undersigned members from the Reverend Land Council here, the Honourable, Valiant Sir Jan Schreuder, Captain Lieutenant and Commandant of the Artillery, as well as Overseer of the Equipment; the preceding report having been clearly presented to him and the highly respected order of the Ceylon Government by missive of 6th December 1789 having been made known, His Honour declared that the goods listed by him as unserviceable in the aforementioned report, being genuinely Company's property, have become unserviceable through frequent and long use in Their Honours' service; confirming therefore the mentioned statement in compliance with the aforementioned order of the venerated Ceylon Government by oath, and as being of the Lutheran religion, 1516. 1517. The 16th December 1790. The 16th December 1790. by raising the two forefingers of his right hand and pronouncing these words: "So truly help me God Almighty." Thus done and sworn in the fortress Trincomalee on the date aforesaid. was signed: J. Schreuder. in the margin: Present with us. signed: J. B. Buygers and J. S. Carstens. in the middle: To my knowledge. signed: J. v. Huijsen. To the Right Honourable, Valiant Sir: Diderich Carl van Drieberg, Lieutenant Colonel and Commandant here. Right Honourable, Valiant Sir! The undersigned takes the humble liberty hereby to inform Your Right Honourable, Valiant Sir and at the same time to request, according to the respected order of the venerated Ceylon Government, that the following tools, which have been in use for three years and have become unserviceable, may be destroyed and written off from his accountability, namely: In the blacksmith's shop: 1 piece large bellows 1 hand ditto 12 native ditto 3 cooling tubs 3 water ditto 3 draw buckets 1 branding iron from the year 1789. 4 round punches. 4 pieces flat wedges 1 scale with its chisel 1 point shears 1 pincers 1 spear hook 1 grindstone 3 bench vices 38 fire tongs 2 smith's ditto 6 hatchet tongs 17 flat ditto 5 bolt ditto 8 ring ditto 13 hand hammers 7 hammers of various sorts 5 sledgehammers 9 mallet ditto 5 peg ditto 62 files of various sorts 1 smooth file 19 punches 3 drill bits 4 firmer chisels 38 cold ditto 1 hand saw 6 hand vices 1 draw knife 8 screw plates with taps 1 whetstone 9 axes of various sorts, namely: 4 pieces from the garrison galley 4 from the Oostenburg ditto 1 from the Meuron galley on Oostenburg 9 chopping knives of various sorts, namely: 4 from the garrison galley 4 from the galley on Oostenburg 1 from the ditto of the Meurons on Oostenburg
Dutch transcription
1514 1515. Den 16: December 1790. Den 16: December 1790 Ik heb de Eere uwel Edele gestr: Manh: te berigten dat onder ult=o Augustus 1790: door de gecommitteerdens is nagezien en als weesentlijk in gebruijk van 'sComp=s dienst In het Equipagie Pakhuijs onbekwaam be„ vonden zijn de onder volgende goederen: weshalven ik uwel Edele gesh: Manh. Eerbiedigst verzoek om ge„ melde goederen te moogen laaten vernietigen en bij de negotie boeken Afschryven als volgt. 3: P=s gijnblokken met metaale bussen en ijzere nagels door de E: kommandant overgenomen haar oudheid onbekend. 30. „ Blokken in'z _o 1. „ grote wagt Lanthaarn _o _=o 6 „ blikke hand d=o onbekw: van de boods ontf: 5 „ d_o „ _=o „ — _=o ontfangen van de bark zunsura. 3 „ _o slontjes onbekw: geraak op 's Comp=s vaartuijgen, en aan de hoofdwagt haar oudheid onbekend. 8. „ Juffers van de vlagge stok overgenoomen van de fransen 2 „ Zeilplaten 1787: van Colombo 30 „ „ naalden 178/9 „ _o 97. „ goenje naalden 178 3/9 „ __o 19 „ teerquasten 178 /9. „ _=o 5 „ geteerde presennings 1789: hier aangem: 50. „ zeil en lijknaalden 178/9. van Colombo. 4: „ ijzere schraapers overgen: haar oudheid onbekend. 6 „ schragen - - - - - - - d=o „ d=o do 2 „ Baanslee - - - - - d=o do „ do 2 „ Moskuijlen - - - d=o „ d=o d=o _o Wel Edele Gestr. Manhafte Aan den wel Edelen gestr: Manh: Heer! Diederich Carl von Driberg, Luytenant kolonel en hoofd der Mi„ litie alhier! 12: P=s Ledere putsen 1789 hier aangem: 4. „ houte zeeduijvel 1789 van battikaloa 2. „ Tollen overgenom: haar oudheid onbekend. 1. „ sloutje 1. „ kopere beker voor onbek van battikaloa aange„ 1. „ pompgek bragt met de bood 1. „ stag 1. „ pompschoen met dies stang de Jonge willem 1789. 1. „ agter zijl - - 1: „ prinse vlag van de pagoodsberg hier aangem: 1789. 3 „ zeilen van de thonijs hier aangem: 1788. 2 „ „ „ „ katjemarouw hier aangem: 1789. 1. „ breefok van de bood suffren „ „ 1788. 1½ „ vijger touw van de bark de sunzura onbekw ontvangen 1784. 1. – „ presennings van de bood suffren hier aangem: 1789. 2 - „ Teerputsen overgenom: en haar oudheid onbekend. 4 — „ houte thonij ankers hier aangem: 1789. 2 — „ kleed kuijlen overgenom: haar oudheid onbekend. Trinkonomale den 16. october 1790. /:was geteekend:/ I: Schreuder. 1. „ kopere legter - - - -- Heden den 29: November 1790. kompareede voor ons ondergeteekende Leeden uijt den Eerwaaden Land raad alhier den E: Manhaften heer Jan Schreuder kapitein Luijtenant en kommandant der artillerij midsgaders opziender van de Ekwipagie, dezelve het ommestaande rapport duijdelijk voorgehouden en de veel gerespecteerde order der Ceilonse regeering bij missive van den 6: December 1789: te verstaan gegeeven zijnde, verklaarde zijn E: dat de door hem bij voorm: rapport voor onbekwaam opge„ geevene goederen wezendlijk komp=s zijnde door meenigvuldig en langduurig gebruijk in haar Ed=s dienst zijn onbekwaam geraakt, bevesti„ „gende derhalven gemelde opgave in voldoening van voorm: order der gevenereerde Ceilonsche regeering met Eede en als Luijters van 12 Religie Heer! 1516. 1517. Den 16: December 1790. Den 16: December 1790. Religie zijnde met laet opsteeken der twee voorste vingers zijner Rechterhand en het uijt„ spreeken deezer woorden. zoo waarlijk helpe mij God Almach„ Aldus gedaan ende beeedigt in de fortresse Trinkonomale op dato voorsz /:was getee„ „kend :/ J: schreuder /:inmargine:/ ons Pre „sent /:geteekend/ I:b Buygers en J:s Carstens /in 't midden :/ In mijn kennis /:geteekend:/ J: v: Huijsen. Aan den wel Edelen gestr: Manh: Heer: Diderich Carl van Drieberg Luijtenant kolonel en Kommandant alhier. Wel Edele gestrenge Mantr: Den ondergeteekende gebruijke de nedrige vrijheid uwel Edele gestr: Manh: mits deezen te berichten en teffens te verzoeken volgens de g'Eerde ordre der ge „venereerde Ceilonse Regeering de ondervolgende gereedschap„ „pen die zedert drie Jaaren in gebruijk geweest zijn en onbekwaam geworden te moogen vernietigd en van zijn verandwoording afgeschreeven worden; teweeten. In de smits winkel 1. P=s groote blaasbalk 1. „ hand d=o 12. „ Inlandse d=o 3 „ koelbalijs 3 „ water d=o „ slag puts 1. „ brandijzer van anno 1789. 4 „ ronde pennen. „ „ „ d=o der meurons op oostenburg 4 P=s platte spijen 1. „ schaal met dees beijtel 1. „ punt schaar 1. „ neijptang 1 „ speer haak. 1 „ sleijpsteen 3 „ bankschroeven 38 „ vuur tangen 2 „ smee d=o 6 „ beiltangen 17 „ platte d=o 5 „ bout d:o 8. „ ring d=o 13 „ handhamers 7 „ hamers inzoorten 5 „ voorhamers. 9 „ Let d:o 5 „ speil d=o 62 „ veilen insoorten 1 „ soet veil 19 „ deurslaagen 3 „ boorijzers 4 „ steekbijtels 38 „ kouw d=o 1 „ handsaag 6 „ handschroeven 1 „ haalmes 8 „ sneij-ijzers met tappen 1 „ schuijfsteen 9 „ beijlen insoorten, als 4 p=s van de guarnisoen kombuys 4 „ „ „ oottenburgs d=o 1 „ „ „ meurous kombuijs op oostenburg kapmessen insoorten, als 4: van de guarnisoene kombuijs 4 „ „ kombuijs op oostenburg 4: b=s 3: Ps tig Heer 9 „
English
1578 1519. ƒ The 16th December 1790. The 16 December 1790. 3 pieces serving spoons, namely 2 from the garrison kitchen 1 from the Oostenburg ditto 1 piece stewpan, from the Oostenburg ditto 1 piece ladle from the Meuron ditto inside this fortress 15 pieces lamps, of which 7 from the post Oostenburg 1 from the garrison 5 from the ditto kitchen 1 from the company of Abdul Wait 1 from the ditto of Boukus 11 pieces skimmers, of which 5 from the kitchen at Oostenburg 4 from the ditto of the garrison 2 from the ditto of the Meurons inside the fortress 2 pieces lids of the cooking kettles from the kitchen at Oostenburg. 2 pieces frying pans, namely 1 from the garrison kitchen 1 from the Oostenburg ditto 2 pieces meat forks, namely 1 from the garrison ditto 1 from the Oostenburg ditto Wherewith hoping to have fulfilled the honored order and taking the liberty to be permitted to call, below stood, Right Honorable Rigorous Manly Sir, Your Right Honorable Rigorous Manly Humble and obedient Servant, was signed, B. van Gunster, in the margin, Trinkonomale the 21st October Year 1790. Today the 29th November Year 1790, appeared before us the undersigned members of the Reverend Land Council here, the master of the smiths Barend van Gunster, to whom the report on the other side was clearly presented and the much respected order of the Ceylon Government by missive of the 6th December 1789 having been made known, he declared that the goods reported by him in the aforementioned report as unserviceable, 1 piece casting ladle 1 piece hand vise 2 pieces bellows 1 piece cooling tub 2 pieces cold chisels 1 piece fire tongs 1 piece fire iron having been in use for 1 and 2 years. Right Honorable Rigorous Manly Sir! Pursuant to Your Right Honorable Rigorous Manly honored order containing the instruction specifically to specify the goods and tools which have become unserviceable through use, the undersigned has the honor with all respect hereby to report to Your Right Honorable Rigorous Manly that the following goods and tools, together with other unserviceable weapons and weapon goods, which have been delivered by the various companies here and are resting under the accountability of the undersigned, namely from the armory To the Right Honorable Rigorous Manly Sir Diederich Carl von Driberg Lieutenant Colonel, and Commandant here. reported as unserviceable being truly Company's property, have become unserviceable through frequent and prolonged use in Their Honors' service, therefore confirming the said specification in fulfillment of the aforementioned order of the revered Ceylon Government, with an oath and being of the Roman Catholic religion with the placing of the two foremost fingers of his right hand upon the first chapter of the Evangelist John and the pronouncing of these words. I swear on the Holy Gospel of John everything that I have reported to be the pure truth. Thus done and sworn in the fortress of Trinkonomale on the date aforesaid, was signed, B. van Gunster, in the margin, in our presence, signed, J. b. Buijgers, and J. s. Carstens, in the middle, signed, J. F. van Huijsen unserviceable 1 B 1 1 piece
Dutch transcription
1578 1519. ƒ Den 16: December 1790. Den 16 December 1790. 3. P=s poelpas lepels, als 2: van de guarnitzoen kombuijs 1 „ „ oostenburgs d=o 1 „ stooppan, van de oostenburgs d_o „ schepleepel van de meurous d=o binnen deeser fortresse 15: „ lampen, waarvan 7: van de post oostenburg „ 't guarnizoen 5. „ de d=o kombuijs 1 „ „ komp=e van abdul wait „ d=o — „ Boukus 11. „ schuijmpannen; waarvan 5: van de kombuijs op oostenburg 4. „ „ d=o van 't guarnizoen 2 „. „ d=o der meurons binnen het fortres 2 „ dekzels van de kokskeetels van den nombuijs op ooster„ „burg. 2 „ braadpannen, als. 1. van de guarnizoens kombuijs „ „ oostenburgs d:o 2. „ vleesch porken, als do 1. van de guarnizoen 1. „ „ oostenburgs d-o Wiermeede verhoopende de g'Eerde ordre te hebben vol„ daan en gebruijke de vrijheid te moogen noemen /:onder„ stond:/ wel Edele gestr: Manh: heer: uwel Ed: gestr: Manh: onderdanige en gehoorzaame Dienaar /:was„ geteekend/ B v: Gunster /:in margine:/ Trinkond, „male den 21:' 8ber: Ao 1790. —. Heden den 29: 9ber Ao 1790: kompareerde voor ons ondergeteekenden Leeden uijt den Eerwaarden Land, raad alhier den baas der smeeden Barend van Gun: „ster, dewelke het ommestaande rapport duijde„ „lyk voorgehouden en de veel gerespecteerde ordre der beilonse Regeering bij missive van den 6: December 1789 te verstaan gegeeven zijnde, verklaarde hij dat de door hem bij voorm: rapport voor onbe„ 1. P=s giet Lepel - - - - -- 1. „ handschroef 2. „ „ blaasbalgen. 1 „ koelbalij 2 „ konbytels 1. „ vuurtang 1. „ vrircq ijser zedert 1: en 2: Jaaren in gebruijk zin geweest. Wel Edele gestr: Manh: Heer! Na volgens uwel Ed: gestrenge Manh: g'Eerde ordre vervat om specivikelijke optegeeven de goederen en ge„ reedschappen dewelke door gebruijk onbek: geworden zijn, zo hebbe de ondergeteekende de Eere met alle Eerbied bij deesen aan uwel Edele Gestr: Manh: te berigten dat de volgende goederen en gereedschappen mitsgaders meer andere onbek: wapenen en wapen goederen, die van de diverse Comp=e alhier zijn opgebragd en onder verandwoording van den ondergeteekende berustende zijn, Namentlyk van de wapenkamer Aan den wel Edelen gestrengen Manh heer Diederich Carl von Driberg Luijtenant Collonel, en kommandant alhier. kwaame opgegeevene goederen wezendlijk komps zijn„ „de door menigvuldig en langduurig gebruijk in haar Ed=s dienst zijn onbekwaam geraakt, bevestigende der„ „halven gemelde opgaave in voldoening van voorm: order der gevenereerde Ceilonse regeering, met Eede en als rooms van Religie zijnde met het opleggen der twee voorste vingeren zijner rechterhand op het Eerste kapit„ „tel van het Evangelist Johannes en het uijtspree„ ken deezer woorden. Ik Sweer op het H. Evangelium Johannes alles wat ik opgegeeven heb ik zuijvere waarheid te zijn. - Aldus gedaan ende b'Eedigd in de fortresse Trinko„ „nomale op dato voorsz: /:was geteekend:/ B: V: gunster /:in marginee:/ ons present /:geteekend/ I:b Buijgers, en J:s Carstens /: in 't midden /:geteekend) I: F: v: Huijsen „kwame 1 B 1 1. „
English
15le. 1521. 16 December 1790. unbranded the year number thus taken over by me. years in use which have been one, 2, and 3. 1 piece pipe tongs 1 smelting pan 1 grate 1 adze 6 drill irons 1 rasp file 21 common files 1 package chests 3 small bullet barrels cartridge barrels white bandoliers 2 drum hoops 2 ditto hoops 2 ditto sticks ditto carrying straps 1 bundle ditto tighteners 84 pieces bayonet scabbards 66 cutlass scabbards 89 kardon straps 34 leather pan covers 94 native brown leather sword frogs 26 white leather sword frogs 53 molds 31 large cartridge pouches 958 flints received monthly in exchange from the various companies 47 pieces large cartridge pouches 298 cartridge molds 573 sword frogs of various sorts 30 cartridge pouches with cases 212 white straps 183 cutlass scabbards 318 bayonet ditto 507 kardon straps 117 leather pan covers 32 bundles drum tighteners 78 linen 183 pieces drum skins 23 hoops 1 screw 4 10 731 flints 4 wooden drum shells 11 drum carrying straps 25 copper vent pricks 80 linen bandoliers 89 cutlass grips 40 hoops 12 strings sticks Thus done and sworn in the fortress Trinkonomale on the date aforesaid. Signed D: v: Schoonbeek. In the margin: Present before us, signed J=b Buijgers and Carstens. In the middle: Known to me, signed I: T: Huijsen. Today, 29 November 1740, appeared before us, the undersigned members of the Honorable Land Council here, the overseer of the armory Daniel van Schoonbeek, to whom the report on the reverse having been clearly presented and the much-respected order of the Ceylon government by missive of 6 December 1789 having been made known, he declared that the goods stated by him in the aforementioned report as unserviceable, truly belonging to the Company, have become unserviceable through frequent and long-continued use in the service of Their Honors; confirming therefore the said statement in compliance with the aforementioned order of the venerated Ceylon government, under oath and being of the Reformed religion, by raising the first two fingers of his right hand and pronouncing these words: So truly help me God Almighty. successively received from the various companies of the deceased and deserters, which have been in use 1, 2, and 3 years. These following goods to be sent over to our Main Office: 5 pieces grenadier muskets 4 ditto locks 17 curved cutlasses successively received from the various companies 27 wormers 3 French muskets 4 iron ramrods 7 long wormers 339 cartridge molds received from the various companies instead of the small cartridge pouches that were discarded, which have been in use as above. The undersigned requests Your Right Honorable Strict Manhood that the aforementioned goods and tools, with Your Right Honorable Strict Manhood's pleasure, may be destroyed and written off; wherewith the undersigned, with all awe and due respect, has the honor to subscribe himself. Below stood: Right Honorable Strict Manly Sir, Your Right Honorable Strict Manhood's humble and obedient servant. Signed D: v: Schoonbeek. In the margin: Trinkonomale, 23 September 1790. 16 December 1790. at To 2 7 5 1522. 1523. 16 December 1790. The undersigned takes the humble liberty hereby to report to and request Your Right Honorable Strict Manhood, having acted according to the honored order of the venerated Ceylon Government, that these following unserviceable tools, which have been in use for three years, may be destroyed and written off from his accountability, namely: In the Carpenters' Yard: 1 bench vise 3 hand saws 3 frame saws 1 crosscut saw 1 pit saw 1 ripsaw 19 augers 45 drill irons 26 plane irons 2 Dutch adzes 4 hand axes 29 socket chisels 10 caulking irons ditto hammers 2 drive punches 5 saw files 3 iron compasses 1 mast compass 2 wooden braces 5 gouges 2 turning gouges 3 auger bits 1 grooving plane 1 tongue plane 2 axes 8 hammers 6 turning chisels 13 gouges and mortise chisels 4 firmer chisels 10 assorted chisels undersigned members of the Honorable Land Council here, the master of the carpenters Velsianus Ferdinando, to whom the report on the reverse having been clearly presented and the much-respected order of the Ceylon Government by missive of 6 December 1789 having been made known, he declared that the goods stated by him in the aforementioned report as unserviceable, truly belonging to the Company, have become unserviceable through frequent and long-continued use in the service of Their Honors; confirming therefore the said statement in compliance with the aforementioned order Today, 29 November 1790, appeared before us, of the venerated Ceylon government, under oath and In the Coopers' Shop: 16 December 1790: 1 heavy gouge 1 triangular file 1 bench hook 1 slipstone 1 whetstone 1 grindstone 2 jacks 1 carrying bag 2 pieces levers 2 drawknives 1 drawknife 1 hollow knife 2 hammers 1 spigot drill 2 chisels 1 cooper's jointer 1 brace with its bit 3 adzes 1 puller 1 wooden compass 2 settings 1 cold chisels 1 punch 1 hand saw 1 iron compass 1 spear hook 1 hoop pliers hoping hereby to have fully complied with the honored order, I consider it my duty to call myself in all humility and respect. Below stood: Right Honorable Strict Manly Sir, Your Right Honorable Strict Manhood's most humble, obedient servant. Signed V: Ferdinando. In the margin: Trinkonomale, 21 October 1790. Right Honorable Strict Manly Sir To the Right Honorable Strict Manly Sir Diederich Carel von Driberg, Lieutenant Colonel and Commandant here. turn over as
Dutch transcription
15le. 1521. Den 16 December 1790. ongebrand het Jaar getal zodanig door mij overgenoomen. Jaaren ingebruijk dewelke Een, 2: en 3: zyn geweest. 1: p=s rijptang 1. „ smelt pan. 1 „ rooster. 1 „ Dissel 6 „ boor ijsers 1 „ Raspveil 21 „ gemeene vijlen 1 „ Pakkasje. „ kisten 3 „ koegelvaatjes pattroon vaten witte bandeliers 2 „ Trom hoepen 2 „ d=o reepen. 2 „ d=o stokken „ d=o draagbanden 1. bos d=o spanders 84: p=s bajouet scheeden 66: „ houwerscheeden 89. „ kardon riemen 34 „ Leedere pandeksels. 94. „ inlandse bruyn leere pakta pees. 26: „ witte Leere portapees. 53. „ maltjes. 31. „ groote Pattroon tassen 958: vuursteenen - - - - - - - - uijt de diverse Comp=e maandelijks In vruijling ontvangen 47: P=s groote pattroon tassen- 298: „ pattroon malletjes 573 „ portapees in'z pattroon tassen met katsen. 30 „ 212: „ witte riemen. 183. „ houwerscheeden 318: „ bajouet d=o 507. „ kardon riemen 117. „ Leedere pandeksels. 32: bossen Trom spanders 78: Linen „ 183. P=s trom vellen. „ reepen 23. „ „ schroeven 1. 4 10. 731. „ vuursteenen 4. „ houte Trom vaten 11. „ trom draagbanden. 25 „ kopere ruymnaalden 80. „ linne bandeliers 89. „ houwer greepen. . . . .. 40 „ „ hoepen 12. „ „ snaaren „ „ stokken Aldus Gedaan ende b'eedigd in de fortresse Trinkono„ „male op dato voorsz: /:was geteekend/ D: v: Schoonbeek /:in margine /: ons Prezent /:geteekend:/ J=b Buijgers en Carstens /:in 't midden /in min kennis /:geteekend/ I: T: Huijsen. Heden den 29: November 1740:, kompareerde voor ons ondergeteekendens Leeden uijt den Eerwaarden landraad alhier den opziender van de wapenkamer Daniel van schoonbeek, dewelke het ommestaande rapport duydelyk voorgehouden de veel gerespecteerde order der beilonsche regeering bij missive van den 6: december 1789 te verstaan gegeeven zijnde, verklaarde hij dat de door hem bij voormeld rapport voor „ bekwaam opge„ „gevene goederen wezendlijk komps zijnde door menig„ „vuldige en langduurig gebruijk in haar Ed=s dienst zijn onbekwaam geraakt, bevestigende derhalven gemelde opgave in voldoening van voormelde order der gevenereerde Ceilonse regeering, met Eede en als gereformeerd van Religie zijnde, met het opsteeken der twee voorste vingers zijner rechterhand en het uijtspreeken deezer woorden. Zoo waarlijk helpe mij God Almachtig uijt de diverse Comp: van den over„ leedenen, gedeserteur„ dens susseccivelik ontvangen. dewelke. 1: 2: en 3 Jaaren in gebruijk zijn geweest Deese ondervolgende goederen naar onse Hoofd Comptoir over tesenden. 5: P=s granadiers geweeren. 4. „ do „ sloten 17 „ krommehouwers uijt de diverse Comp 27 „ sakkratsers. successivelijk ontvangen 3 „ franse geweeren 4 „ ijsere laadstokken 7 „ lange kratsers - - 339 „ pattroon malletjes uijt de diverse Comp: insteede van de klyne pattroon tassen afgelegd heeft, die als boven in gebruyk zijn geweest. versoeke den ondergeteekende uwel Ed=s gesh: Manh dat de opgemelte goederen en gereedschappen met believen van uwel Ed: gesm: manh: temoogen vernietig en afgeschreeven worden waarmeede de ondergeteekende met alle ontsag en verschuldigde respect de eere heeft te onderschryven. /:onderstond/ wel Edele gestr: manh: Heer: uwel Ed: gestr: manh: onderdanige en gehoorscame Dienaar /:was geteekend:/ D: v: schoonbeek. /:inmargine:/ Trinkonomale den 23: 7ber 1790. Den 16: December 1790. te Aan 2 „ 7 „ 5„ „ . 1522. 1523. Den 16: December 1790. Den ondergeteekende gebruijkt de nedrige vrijheid uw wel Edele gestr: Manh: mits deesen te berichten en versoeken na de g'Eerde ordre der gevenereerde Ceilonse Begeering gehun„ „delt te hebben; deeze ondervolgende onbekwaame gereed„ schappen die zedert Drie Jaaren in gebruijk geweest zijn, te moogen vernietigd en van zijne verantwoording afge„ schreeven worden, te weeten In de Timmerloos. 1. Bankschroef. 3. handsaagen 3. span laagen 1. Treksaag 1. kraansaag 1. schulpsaag 19. Avegaars 45: Boorijzers 26: schaafbijtels 2. Holl=s Dissels 4 hand bilen 29 stek bijtels 10: kalfaatbijtels d=o hamers. 2. dreevel hamers 5. Zaagvijlen 3. ijzere passers 1. mast passer 2. houte omslaagen 5: dopgutsen 2. Draaijgutsen 3. draaijbooren 1sponning ploeg 1. veerploeg 2. bylen 8. hamers 6. draaijbijtels 13: gutsen en vermoortjes. 4: schietbijtels 10: bijtels inzoorten ondergeteekendens leeden uijt den herwaard en landraad alhier den baas der timmerlieden Velsianus Ferdinando, dewelke het ommestaande rapport duijdelijk voorge„ „houden en de veel gerespecteerde ordre der Ceilonse Regee„ „ring bij missive van den 6: december 1789. te verstaan gegeeven zijnde verklaarde hij dat de door hem bij voorm: rapport voor onbekwaame opgegeevene goe„ „deren wezendlijk komp=s zijnde, door menigvul„ „dig en langduurig gebruyk in haar Ed=s dienst zijn onbekwaam geraakt; bevestigende derhalven gemelde opgaave in voldoening van voorm: order Heden den 29: November 1790: kompareerde voor ons der gevenereerde Ceilonse regeering, met Eede en In de kuijpers winkel Den 16: December 1790: 1: sware guts 1. driekante vijl 1. Bankhaak 1: schuijfsteen 1. wetsteen 1. slijpsteen 2. domme kragten 1. draagvalie 2. P=s baarsen 2 „ suijmessen 1. „ Haalmes. 1. „ holmes 2. „ hamers. 1. „ kraanboor 2 „ bytels 1. „ strykbaink 1 „ omslag met dies boor 3 „ Dissels 1. „ ophaalder 1 „ houte passer 2 „ zetten 1 „ kouwbytels 1. „ Deurslag 1 „. Een handsaag 1 „ ijzere passer 1 „ speer haak. 1: „ hoepel tang hopende hier meede aan het g'Eerde bevel hoogst voldaan te hebben; achte ik my in alle nederigheid en Eerbied te noemen. /:onderstond:/ wel Edele gestr: Manh: Heer: uw wel Edele gestr Manh: onderdanigste gehoorsaame dienaar /:was geteekend:/ V: Ferdinando. /inmargine:/ Trinkono„ male den 21: october 1790: Wel Edele Gestr: Manh: Heer Aan den wel Edelen gesh: Manh: Heer Diederich Carel von Driberg. Luijtenant Colonel en Commandant alhier. verte als
English
1524. 1525. The 16th of December 1790. are to be dispatched with the packet boat the Maria Louisa. resumption and approval, being of the Roman Catholic religion, by placing the two foremost fingers of his right hand upon the first chapter of the Evangelist John and speaking these words: I swear on the Holy Gospel of John that everything I have stated is the pure truth. Thus done and sworn in the fortress of Trinkonomale on the date aforesaid. Was signed: V: Ferdinando. In the margin: present with us, signed: J:b Buijgers and J:b Carstens. In the middle, signed: J: F: Huisen. And after deliberation, it was resolved and agreed to authorize the Trinkonomaale officials to allow the aforesaid unfit goods to be sold by public auction, with the exception of the arms and ammunition goods manufactured in Europe, such as muskets, cutlasses, bombs, and other such military supplies, of which an evil use might be made, with orders to the officials to send the same hither for transport to the Netherlands, together with the jacks and other heavy tools which may serve as ballast for the return ships, and to have the gunflints crushed and destroyed. Thus done and resolved in the Castle of Kolombo, on the day, month, and year aforesaid. Was signed: W: J: van de Graaff, C: van Angelbeek, D: C: von Driberg, D: T: Fretz, J: Reintous, B: L: van Zitter, and A: Samlant. There were read, approved, and signed the letters that have been prepared to be dispatched with the packet boat the Maria Louisa to the Cape of Good Hope, for further forwarding to the Netherlands, to the Right Honourable, Highly Esteemed Gentlemen of the Seventeen, and the Honourable, Esteemed Gentlemen Directors of the Chambers of Amsterdam and Zeeland: of which this note is understood to be kept. Sunday, the 19th of December Anno 1790. Present: The Right Honourable, Highly Esteemed Lord Governor Willem Jacob van de Graaff, The Honourable provisional Chief Administrator, Mr. Christiaan van Angelbeek, The Honourable Lieutenant Colonel Diederich Carel von Drieberg, The Honourable Dessave Diederich Thomas Fretz, The Honourable Secretary Benedictus Lambertus van Zitter, The Honourable Fiscal, Mr. Johannes Adrianus Vollenhove. Absent due to indisposition: The Honourable First Warehouse Keeper Johannes Reintous, The Honourable Pay Bookkeeper Gerrit Engel Holst, The Honourable Trade Bookkeeper Abraham Samlant. 1526. 1527. The 19th of December 1790. Thus done and resolved in the Castle of Kolombo, on the day, month, and year aforesaid. Was signed: W: J: van de Graaff, C: van Angelbeek, D: C: von Drieberg, D: T: Fretz, J: Reintous, B: L: van Zitter, and J: A: Vollenhove. Monday, the 27th of December 1790. Resolution taken in the Council of Ceylon, by circular inquiry. Absent: The Honourable Lieutenant Colonel Diederich Carel von Drieberg, The Honourable Dessave Diederich Thomas Fretz, The Honourable Pay Bookkeeper Gerrit Engel Holst, The Honourable Trade Bookkeeper Abraham Samlant. Disposition on an address of the Nabob's agent, Mr. Buchanan, whereby he requests that the Honourable Mekern may be ordered to pay him 3000 chakras. There was reviewed by circular inquiry an address of the Nabob's agent, Mr. Buchanan, currently in Colombo; wherein he requests that the Honourable Tuticorin Chief Mekern may be ordered to pay him the 3000 chakras due to him for the lease of the 10,000 kottes of paddy which the said Honourable Mekern purchased from the former land regent, Ettebaar Chan, or properly speaking from the money changer Kasinada Taseker, and of which mention is made more at large in the resolution of the 30th of November last; 1528. 1529. The 27th of December 1790. undertaking to execute an indemnity bond for this purpose, whereby his agents at Madras shall be obligated to prevent the Honourable Mekern from suffering any damages in due course through any lawsuits by which the payment of this money might be awarded to someone else, as well as the expenses that such a lawsuit might cause in case of appeal. There were also reviewed two original vouchers submitted therewith by Mr. Buchanan, namely: One granted by the aforesaid land regent, and confirmed with the seal of the Nabob, containing that for 30,000 pagodas, which Mr. Buchanan has lent to the Nabob, there have been ceded to him 32,000 kottis of paddy and all the rights on the grains of the harvest of the season pisanum; One granted by the renter of the sarkar and his tehsildar, stating specifically that the duty of the aforesaid paddy purchased by the Honourable Mekern, amounting to 3000 chakras, must be paid to Mr. Buchanan, on account of the money lent by him to the Sarkar. Whereupon having deliberated, and taking into consideration that the right of Mr. Buchanan to the duty on the aforesaid 10,000 kottes of paddy is indisputably evident from the aforesaid two vouchers, and that because the receipt offered by him sufficiently secures the Honourable Mekern, or properly speaking the Company, for whom the aforesaid paddy was purchased, against all damages regarding the payment of the questionable 3000 chakras to Mr. Buchanan, equity requires that his request be granted, the more so as the interests of the Company demand that one, as much as possible,
Dutch transcription
1524. 1525. Den 16: December 1790. Louisa Ra oot de Maria staan verzonden te worden. resumtie en approbatie, als Rooms van Beligie zijnde met het opleggen der twee voorste vingeren zijner Rechterhand op het eerste kapittel van het Evangelist Johannes en het uijtspreeken dezer woorden. Ik sweer op het H: Evangelium Johannes alles wat ik opgegeeven heb de zuijvere waar„ „heid te zijn. Aldus gedaan ende b'Eedigd in de fortresse Trin „konomale op dato voorsz /:was geteekend:/ V: Ferdinando /:inmargine:/ ons prezent:/ geteekend. / I=b Buijgers en J=b Carstens /: in 't midden /:geteekend:) J: F: Huisen. En is na deliberatie goedgevonden en verstaan, den trin Conrmaalsche bedienden te qualificeeren, om de voorsz: onbequaame goederen, per publiek vendutie temoogen laaten verkoopen, uytgezonderd de wapen en ammonitie goederen, die in Europa zijn aangemaakt, gelijk geweeren, houwers, bommen en andere diergelijke krijgs behoeften, waar van een quaad gebruik zoude kunnen gemaakt worden, met last aan de bedienden, om dezelven herwaards tezenden, ter verzending na Nederland, ne„ „vens de dommekragten en andere swaare gereed „schappen, welke tot ballast voor de retour scheepen kunnen dienen, en om de vuursteenen te laaten verbrijzelen en vernietigen. Aldus Gedaan ende Geresolveerd in het Kasteel kolombo, ten daege, maand en Jaare voorsz: /:was geteekend:/ W: J: van de Graaff, C: van An„ „gelbeek, D: C: von Driberg, D: T: Fretz:, J: Remnlous, B: L: van Zitter en A: samlant. Den E: Negootsie boekhouder zijn geleesen, geapprobeerd en geteekend van de brieven die met de brieven, die in gereedheid zijn ge„ bragt, om met de paket boot de Maria Louisa teworden verzonden na de Caab de Goede Hoop, ter verdere voortschikking na Nederland, aan de wel Edele Hoog Achtbaere Heeren Seventienen, en de Edele Acht„ „baare Heeren Bewindhebberen van de kameren Amsterdam en Zeeland: waar van verstaan is te houden deeze aanteekening. Den E: luijtenant kollonel - - - Den E: p:l Hoofdadministrateur Den E: Dessave-- Sondag den 19. December A„o 1790. Prezent. Den Wel Edelen Groot achtb: Heer Gouverneur Willem Jacob van de Graaff M:r. Christiaan van Angelbeek, Diederich Carel von Drieberg, Diederich Thomas Fretz Den E: sekretaris - - - - Benedictus Lambertus van Zitter„ Den E: fiskaal - - - - - - M:r Johannes Adrianus Vollenhove Abzent. Abraham Samlant mits indispositie. Den E: Eerste Pakhuismeester Iohannes Ruintous, Den E: Soldi boekhouder - - - Gerrit Engel Holst, Sondag Aldus 8 1526. 1527. Den 19. December 1790. van den Heer Buchanan dat de E: Mekern mag worden gelast om zekere Aldus Gedaan ende Geresolveert in het kasteel kolombo, ten dage maand en Iaare voorsz: (:was geteekend:) W: J: van de Graaff„ C: van Angelbeek, D: C: van Drie„ „berg; D: T: Fretz, I: Reintous, B3: AbZent Den E: luitenant kollonel - - Diederich Carel von Drieberg L: van Zitter, en I: A: Vollenhove, Den E: Dessave - - - - - Diederich Thomas Fretz, Den E: soldi boekhouder, - - - Gerrit Engel Holst, Den E: Negootsie boekhouder. - - - Abraham Samlant, Is door zondzending geresumeerd een ad„ dispositie op een addres„ dres van 's nababs agent, de Heer Bucha„ waar bij hij verzoekt man, tans in lolo; waarbij hij verzoekt, 3000. bakkarons aan hem dat het E: tutuk orijnsch opperhoofd Me„ „kern mag worden gelast, om de 3000. sjakorans, die hem toekomt we „gens pacht voor de 10'000. kottes neli„ die gem: E: Mekern van den ge„ „weesen landregent: Ettebaar chan„ of eigentlijk van den wisselaar kasinada Taseker, heeft inge„ „kogt, en waarvan bij resolutie van den 30. November Jongstleeden Resoluutsie Maandag den 27.:' December 1740. Resoluutsie genoomen in raade van Ceilon, bij rondvraage, breeder te voldoen. 1528. 1529. Den 27. xber: 1790. breeder gesprooken word, aan hem tevol„ „doen; aanneemende daar voor een verbandschrift te passeeren, waar door zijne agenten te Madras zullen ver„ „pligt zijn, om te voorkomen, dat de E: Mekern in der tijd, geene schaade komt telijden door eenige processen, waar door de betaaling van dit geld aan iemand anders mogte worden toegeweesen, gelijk ook de on„ „gelden, die zulk een proces in cas van appel mogte veroorzaaken. Nog zijn geresumeerd twee door den heer Buchanan daarnevens overgelegde origi„ „neele bewijsen, namelijk„ Een verleend door voorm. landregent, en bekragtigd met het zegel van den Nabab, behelsende dat voor 30000. pa„ „gooden, die de Heer Buchanan aan den Nabab heeft geleend, aan hem zijn afgestaan 32000. kottis nelie en alle de gerechtigheeden op de graanen van den inzaam van het Jaargetij pizanum Een verleend door den pachter van den cercar en zijn taseldaar, houdende speciaalik, dat de gerechtigheid van de voorschreeve door den E. Mekern gekogte neli, bedraagende 3000. sjakke„ „rons, aan den heer Buchanan moet worden betaald, op reekening van het door hem aan den Cercar geleend geld. Waar over gedelibereerd en in achting ge„ „noomen zijnde, dat het recht van den Heer Buchanan, op de geregtigheid van de voorschr. 10'000. koltis neli, uijt de voorschr: twee bewijsen onwederspraeke„ „lijk blijkt, en dat wijl ook de door hem aangeboodene quitantie, den E: Mekern, of eigentlijk de Comp:e, voor dewelke de voorschr: neli ingekogt is, genoegzaam verzeekerd voor alle schade, wegens de uijtkeering van de questieuse 3000. sjakker ons aan den Heer Buchanan, de billijkheid het vorderd dat men zijn verzoek in wil„ „ligd, te meer de belangens van de Comp:e vereisschen dat men hem zoo veel Den 27. December 1740. het mogelijk
English
1530. 1531. The 27th of December 1790. satisfied as far as possible, since it is not yet certain that the established English government in the lands of the Nabob will long remain on that footing, and upon the restoration of the Nabob's government he will probably also resume the function as the Nabob's agent. It has therefore been approved and agreed to send the aforementioned two original proofs submitted by Mr Buchanan to the Chief of Tutukwrijn, the Honorable Mekern, and at the same time to authorize him, when Mr Buchanan provides such a receipt as he has offered to do, to then satisfy and pay to him, out of the purchase money of the aforementioned 10000 kotties of neli, the aforementioned 3000 sjakkerons claimed by him; the Honorable Vollenhove being furthermore of the opinion that immediate notice must be given by the Honorable Mekern to the moneychanger Kassinada Taseker of the delivery of these 3000 Sjakkerons. Thus done and resolved in the Castle of Kolombo, on the day, month, and year aforementioned. Was signed: W: J: van de Graaffe, C: van Angelbeek, I: Reintous, B: L: van Zitter, F: A: Vollenhove. The 27th of December 1790. Wednesday 1532. 1533. Wednesday the 29th of December 1790. The 29th of December 1790. What to write to the interested party of a certain 3000 sjakkerons, before the payment will be made. Present: The Right Honorable and highly esteemed Lord Governor Willem Jacob van de Graaff The Honorable Principal Head Administrator Mr Christiaan van Angelbeek The Honorable Lieutenant Colonel Dieddrict Carel van Drieberg The Honorable First Warehouse Master Iohannes Reintous The Honorable Secretary Benedictus Lambertus van Zitter The Honorable Trade Bookkeeper Abraham Samlant The Honorable Fiscal Mr Johannes Adrianus Vollenhove Absent: The Honorable Dessave Diederich Thomas Fretz The Honorable Pay Bookkeeper Gerrit Engel Holst In order to prevent the interested party in the matter of the 3000 sjakkerons, mentioned in the resolution of the 27th of this month, from complaining that he has not been heard regarding the proofs produced by Mr Buchanan; It has been approved and agreed, in continuation of the resolution of the 27th of this month by means of a circular query on the proposal of the Lord Governor, to write to the servants at Tutukorijn: 1. That before making the actual payment of the aforementioned 3000 sjakkerons to Mr Buchanan, they shall have such of their servants as they deem suitable write to the interested party: that Mr Buchanan has shown this government the two proofs mentioned in the aforementioned resolution, and that on the basis of these proofs, the Honorable Mekern will pay the aforementioned 3000 sjakkerons to Mr Buchanan and deduct them from the total amount of the purchased 10000 kottis of nelij, unless he has equitable reasons against it and brings them forward within the upcoming fourteen days. 2. That if he should bring forward anything, and the servants find it to be of such a nature that the payment should therefore remain postponed, then not to make the actual payment, but to inform Mr Buchanan of these objections, adding that what the interested party has brought forward obliges them, before 1534. 1535. The 29th of December 1790. Friday the 31st of December 1790. making the payment, to request the further approval of this government thereon. Present: The Right Honorable and highly esteemed Lord Governor Willem Jacob van de Graaff The Honorable Lieutenant Colonel Diederich Carel von Drieberg The Honorable Dessave Diederich Thomas Fretz The Honorable First Warehouse Master Iohannes Reintous The Honorable Secretary Benedictus Lambertus van Zitter The Honorable Fiscal Mr Johannes Adrianus Vollenhove Absent: The Honorable Principal Head Administrator Mr Christiaan van Angelbeek The Honorable Pay Bookkeeper Geordt Engel Holst The Honorable Trade Bookkeeper Abraham Samlant; the first two on account of indisposition, and the last occupied in the service. Thus done and resolved in the Castle of Kolombo, on the day, month, and year aforementioned. Was signed: W: J: van de Graaff, C: van Angelbeek, D: C: von Drieberg, J: Runtous, B: L: van Zitter, A: Samlant, and I: A: Vollenhove. Approval of five previous resolutions. The general resolutions of the 27th and 30th of November last, the resolutions concerning the military and native department of the said dates, and the secret resolution of the 27th of the said month were resumed and approved: of which it is understood to keep this note. To proceed with the rebuilding of the bark De Gustaaf, and why. A report from the Honorable Principal Head Administrator van Angelbeek was read, communicating that the bark De Gustaaf, pursuant to the resolution of the 14th of this month, was publicly auctioned on the 27th, but that by progressive bidding no more was offered for it than 3400.- rds, and that since also by Dutch auction no one
Dutch transcription
1530. 1531. Den 27 ' December 1790. mogelijk vergenoegd, wijl het nog niet zeker is, dat de ingevoerde Engelsche regeering in de landen van den Nabab„ lang op dien voet zal blijven, en hij bij de herstelling van 'snababs regeering, waar „schijnlijk ook weder zal treeden in de functie als 'snababs agent. Is derhalven goedgevonden en verstaan, de voorschreeve door den Heer Buchanan overgelegde twee origineele bewijsen, te zenden aan het tutuk wrijnsch opper„ „hoofd de E: Mekern, en den zelven teffens te qualificeeren, om wan „neer de Heer Buchanan bezorgd eene zoodanige quitantie, als hij aan„ gebooden heeft te doen, als dan aan hem, uijt de koop penningen van voorm: 10000. kotties neli, tevoldoen de voorschreeve door hem gepreten„ „deerde 3000. sjakkerons zijnde de E: vollenhove daar bij nog van oor„ „deel, dat aan den wisselaar kassi„ nada Taseker, daadelijk door den E: Mekern kennis moet worden gegeeven, van de afgave van deeze 3000. Sjakkerons. Aldus Gedaan ende Geresolveerd in het kasteel kolombo, ten dage maand en Jaare voorsz: (:was geteekend/ W: J: van de Graaffe C: van Angelbeek, I: Reintous, B: L: van Zitter„ F: A: vollenhove. Den 27. December 1790. den Woensdag 1532. 1533. Woensdag den 29. December 1790. Den 29. December 1790. wat te schrijven aan de voor dat de afbetaeling „zons zal worden gedaan Prezent. Den Wel Edelen Groot achtb: Heer Gouverneur Willem Iacob van de Graaff Den E: p:l Hoofdadministrateur M:r Christiaan van Angelbeek Den E: luijtenant kollonel - - - Dieddrict Carel van Drieberg Den E: Eerste Pakhuismeester - - Iohannes Reintous, Den E: Sekretaris - - - Benedictus Lambertus van Zitter Den E: Negootsie boekhouder Abraham Samlant, Den E: fiskaal - - _ _ (: M:r Johannes Adrianus Vollenhove, Abzent: Diederich Thomas Fretz, Den E: Soldi boekhouder - - - Gerrit Engel Holst, Den E: Dessave - - - Om te voorkoomen dat de belang heb„ belang hebbende parthij „ bende parthij, in de zaak van de 3000. van zeekere 3000. sjakka. sjakker ons, vermeld bij resolutie van den 27. deezer, zich niet beklaagd, dat hij niet is gehoord op de bewijsen, die de Heer Buchanan heeft geproduceerd; Is ten vervolge van de resolutie van den 27. dezer door middel van rondvrage„ op de propositie van den Heer Gouver„ „neur, goedgevonden en verstaan, den bedienden te tutukorijn aanteschrijven. 1. Om alvoorens te doen de daadelijke afbe„ „taaling van de voorschreeve 3000. sjakke„ rons aan den Heer Buchanan, aan de belang hebbende parthij, door zulk een van hunne bediendens, als zij daartoe geschikt oordeelen, te doen schrijven: dat de Heer Buchanan aan deeze regeering heeft vertoond de twee bewijsen, ver„ „meld bij voorschr: resolutie, en dat uijt hoofde van deeze bewijsen, de E: Me„ „kern voorschr: 3000. sjakkerons zal betaalen aan den Heer Buchanan, en die in afkorting brengen van het geheel bedraagen der gekogte 10'000. kottis nelij, ten zij hij daartegen heeft billijke reedenen, en die inbrengt binnende eerst komende veertien dagen. 2. Om zoo hij iets mogte inbrengen, en de bedienden dat bevinden te„ „weesen van dien aart, dat de betaa„ „ling daarom zoude behooren te „blijven uijtgesteld, als dan de daade „lijke betaaling niet te doen, maar den Heer Buchanan van deeze objec„ „tien te informeeren, met bijvoeging, dat het geen de belang hebbende parthij heeft ingebragt, hen verpligt om alvorens rons de 1534. 1535. Den 29. December 1790. van de bark de Gustaaf Vrijdag den 31. December 1790. de betaaling te doen, daarop tevraagen het Prezent. nader goedvinden deezer regeering. Den Wel Edelen Groot achtb: Heer Gouverneur Willem Jacob van de Graaff Den E: luitenant kollonel - - Aldus Gedaan ende Geresolveerd in Diederich Carel von Drieberg, Den E: Dessave - - - - - het kasteel kolombo, ten dage maand Diederich Thomas Fretz, en Jaare voorsz: (:was geteekend:) W: J: van Den E: Eerste Pakhuismeester- - Iohannes Reintous, de Graaff, C: van Angelbeek, D: C: Den E: Sekretaris - - - - - Benedictus Lambertus van Zitter von Drieberg, J: Runtous, B: L: Den E: fiskaal - - . _ M:r Johannes Adrianus Vollenhove van Zitter, A: Samlant en I: Abzent. Den E: p:l Hoofdadministrateur M:r Christiaan van Angelbeek A: vollenhove. Den E: soldi boekhouder - - - - Geordt Engel Holst. Den E, Negootsie boekhouder Abraham Samlant; de twee eersten mits indispo„ „sitie, en de laatste geoccupeerd in den dienst. zijn geresumeerd en geapprobeerd de ge¬ approbatie van vijf voor„ „gaande resolutien. „meene resolutien van den 27. en 30. 9ber: Jongstleeden, de resolutien over het militair en inlands-departement van gemelde da„ „tums, en de sekreete resolutie van den 27. en gemelde maand: waarvan verstaan is te„ „houden deeze aanteekening. Is geleesen een bericht van den E: p:l Hoofdadmi„ met de vertimmering „ nistrateur van Angelbeek, houdende Com„ te laeten voortvaeren, en „municatie, dat de bark de Gustaaf, inge„ „volge besluit van den 14. deezer, den 27. daaraan publicq opgeveild is, doch dat daar voor bij opslag niet meer gebooden is dan rd:s 3400. -, en dat wijl ook bij afslag niemand Vrijdag waarom. -- -
English
1536 1537 31 December 1790. 31 December 1790: The petitions of the Englishman Young to be delivered to the Council of Justice, and why. Regarding the continuation of the pearl and chank fisheries along the shores of Trincomalee. nobody had been willing to bid above 6000 rixdollars, the said vessel and its accessories had been retained at that price. And taking into consideration that the offered sum of 3400 rixdollars is far too little, it has been approved and agreed to proceed with the rebuilding of the aforesaid bark, pursuant to the resolution of 7 May last, and subsequently, after it shall have been brought to sea, to put it up for public auction once again, to see if perhaps a more suitable bid might then be made for it. There were resumed by circulation two petitions from the Englishman Alexander Young, wherein he complains about two interlocutory orders of the Council of Justice of this Castle in the lawsuit between him and the person of Abdullah Galamassen, requesting in the first petition that this Government would grant him justice, and in the second petition that there may be delivered to him authentic copies of all the documents submitted to the aforesaid Council during their lawsuit, both by him, the petitioner, and by his aforesaid counterparty, together with the orders rendered thereon, in order to send the same to Batavia so as to request an appeal there of and against the final sentence. And after deliberation, it has been approved and agreed to have the aforesaid petitions delivered to the aforesaid Council of Justice, in order to dispose thereof as it shall find proper. An address was read from the Captain-Lieutenant of the burghery, Johannes Wilhelmus van Cuijlenburg, excused from the Council of Wattativoe, wherein he makes known that pursuant to the permission granted by resolution of 21 November 1788 to have pearl and chank dived for during five years along the shores of Trincomalee, he had caused an inspection of the banks to be made by six divers, under the guidance of a sambuk assigned to him by the previous renter, Sille Pulle Modliar; that over several days they dived the shores of Chiamboerkoeda, Kilitivoe, and Jdoekoepoela, and with great difficulty found 166 chanks, and from Neymaale up to the inner bay 1538. 1539. 31 December 1790. 31 December 1790. The lease payment that is still charged in the books to the first renter for the aforesaid diving to be written off. Lofman appointed as secretary of the Scholarchal meeting and of the Board of Matrimonial Affairs. Request of the Roman Catholic missionaries to exempt Catholics from having to marry before the magistrate dismissed. Wattativoe and Benedijenkalloe down to 7, and in the river of Kottiapoeram and on Pasiekoeda down to 3 fathoms depth, as well as along the shores of Trincomalee for 17 days at various depths, and on Thewikalloe on the east side down to 9 and on the west side down to 8 fathoms depth, and also dived at Karedimalle, but had discovered neither pearl oysters nor chanks; and that subsequently arriving at Simmallekenie, they brought up 318 chanks at Moeletivoe in 6 days, but found nothing there in the remaining days: the petitioner therefore requests, considering that it clearly appears from this investigation that no diving can be conducted on the Trincomalee shores with any good prospect, and as he has already fruitlessly spent some 400 rixdollars on this investigation, to be favorably pleased to excuse him from the further continuation of this diving. Whereupon having deliberated, and taking into consideration that the petitioner is still in the period during which he was permitted to carry out the diving free of charge, and that he cannot with any fairness be required to sacrifice more expenses toward it, since from this investigation carried out by him and from the undertaking of the previous renter it is all too evident that the chanks and pearls found along the Trincomalee shores are of no significance: it has therefore been approved and agreed to grant his request, and consequently to excuse him from the continuation of this diving. And for the same reason it has been approved and agreed to now write off the lease sum of 1500 rixdollars, which is still charged in the books to the first renter of the aforesaid diving, Sille Pulle Modliar, pursuant to the resolution taken to that effect on 26 November 1788. A petition was read from the Roman Catholic missionaries on this island, wherein they represent that the obligation under which the Roman Catholics here on the island lie, to have to marry before the magistrate, frequently gives cause for the common man to continue living in concubinage. In place of the sworn clerk Andriesz, who has been promoted to secretary of the Landraad, it has been approved and agreed to appoint the sworn clerk at the Secretariat of Police, Pieter Adolph Lofman, as secretary of the Scholarchal meeting and of the Board of Matrimonial Affairs here.
Dutch transcription
1536 1537 Den 31. December 1790. Den 31. December 1790: De requesten van den engesman ijong te laeten bestellen aan den raad van Justitie, en waarom. van het vervolgen van de paarl en sjankos duijkerijen langs de stranden van Trinkonomale niemand dezelve boven de 6000. rd:s had willen meinen gemelde vaartuig en dies toebehooren voor dien prijs was opgehouden. En is uijt aanmerking dat de geboodene som van rd:s 3400. –. , veel teweinig is, goedge„ „vonden en verstaan, met de vertimmering van voorschr: bark, ingevolge besluijt van den 7. Maij Jongstleeden, te laaten voortvaeren, en dezelve vervolgens, na dat in zee zal zijn gebragt, andermaal telaaten opvei„ „len, of daar voor dan misschien een Conve„ „nabeler bod mogte gedaan worden. zijn door rondzending geresumeerd twee requesten van den Engelsch man Alexander 6 ijoung, waarbij hij zich beklaagd over twee appoinctementen van den raad van Justitie deezes Casteels, in het proces tusschen hem en den perzoon van Abdullah Gala „massen, verzoekende bij het eerste request, dat deeze regeering hem goed recht wilde doen geworden, en bij het tweede request, dat aan hem mogen worden ter hand gesteld Copijen auten „ticq van alle de papieren, zoo door hem suppliant, als door zijne parthij voor „meld, staande hun proces, aan voormelden Raad ingediend, nevens de daarop ge„ „slaagene appoinctementen, ten einde de „zelven na Batavia teverzenden, om aldaar appel te verzoeken op en tegen de laatste sententie. En is naa deliberatie goedgevonden en verstaan, voorschreeve requesten telaaten bestellen aan den Raad van Justitie voor „meld, om daarop te disponeeren, zoo als dezelve bevinden zal tebehooren. Is geleesen een addres van den Capitain van Cuijlenburg verschoont luijtenant der burgerij Iohannes Wilhel„ mus van Cuijlenburg, waar bij hij te kennen geeft, dat hij ingevolge de vergunning bij resolutie van den 21. November 1788. om geduurende vijf Jaaren, langs de stranden van Trinkenomaale parel en sjankos te mogen laaten duijken, door ses duij„ „kers onderzoek na de banken had laaten doen, onder geleijde van een sambonette, hem door den voorigen pachter sille Pulle modliaar toege„ „voegd; dat ze de stranden van Chiam„ „boerkoeda, kilitivoe en Jdoekoepoela, in verschijde dagen bedooken en met veel moeijte 166. sjankosen gevonden, en van Neijmaale tot in de binnenbaaij Raad Wattativoe 1538. 1539. Den 31. December 1790. Den 31. December 1790. De pagtschat die nog bij de eerste pagter om voorsz: Lofman aangesteld tot vergadering en van het zaaken. missionarissen om de voor den magistraat te moeten trouwen te ontzeggen wattativoe en Benedijenkalloe tot 7. , en in de rivier van kottiapoeram en op Pasie„ „koeda tot 3. vadems diepte, als meede langs de Stranden van Trinkenomaale 17. dagen lang op verschijde dieptens, en op Thewikal„ „loe aan de oostzijde tot 9., en aan de west„ „zijde tot 8. vadems diepte, en ook te kare „dimalle gedooken, maar geen parel oesters noch sjankosen ontdekt hadden; en dat ze vervolgens te simmallekenie komende, op Moeletivoe in 6. dagen 318: sjankosen op„ „gedooken, doch in de overige dagen aldaar niets gevonden hadden: verzoekende de supp:t derhalven, om uijt aanmerking dat uijt dit onderzoek klaarlijk blijkt dat er geene duijkerij met eenig goed vooruijt, „zicht, aan de Trinkonomaalsche stranden te doen is, en wijl hij ook reets eene 400. rd:s aan dit onderzoek vrugteloos besteed heeft, hem gunstig tewillen verschoonen, van de verdere voortzetting deezer duijkerij omen dat de suppt: nog is in het termein, waarin hij de duijkerij voor niet mogte laaten doen, en dat men met geen billijkheid van hem vergen„ kan, om meer kosten daaraan te sacrifieeren, daar het uijt dit door hem gedaan onder„ „zoek, en uijt de onderneeming van den Waarover gedelibereerd en in achting zijnde ' verzoek van de roomse Is geleesen een request van de Roomsche voon de vorslarten ontshaan Missionarissen ten deezen Eilande, waarbij ze vertoonen, dat de verplichting, waar onder de Roomsch gezinden hier ten Eilande leggen, om temoeten trouwen voor den Magistraat, veel al aanleijding geeft, dat de gemeene man in Conlubinagie In steede van den tot secretaris van den scriba van de scholarchale landraad gevorderden gezw: klerk Andriesz, Collegie van huwelijkse is goedgevonden en verstaan, den gezw: klerk ter secretarij van Politie Pieter Adolph Lofman, aantestellen tot scriba. van de scholarchale vergadering en van het Collegie van huwelijksche zaaken alhier. voorigen pachter, maar alteveel blijkt, dat de sjankosen en paarlen, die aan de Trinkenomaal„ „sche stranden vallen, van geen belang zijn: Is derhalven goedgevonden en verstaan zijn verzoek te accordeeren, en hem mitsdien van het vervol„ „gen deezer duijkerij te verschoonen. En is om dezelfde reden goedgevonden en verstaan, boeken loopt ten laste van den om de pagtschat van rd:s - 150O., die nog bij de duikers, te laeten afschrijven boeken loopt ten laste van den eersten pachter van voorschr: duijkerij sille pulle modliaar„ ingevolge het daar toe genomen besluijt op den 26. 9ber 1788, als nu telaaten af„ schrijven. voorige voortleefd
English
1540. 1511. The 31. December 1740. The 31. December 1790. but to let them suffice with the payment of the fees mentioned aside, because most of them live far inland and must travel a distance of 6. to 7. hours on foot to be at the place where the Magistrate resides, where they often cannot be helped immediately, thus wasting time and money, besides which the fees that they must pay to this and that servant, amounting to rijksd:s 4. 12. –., are somewhat too burdensome for such persons, being mostly needy people. Whereupon deliberation having taken place, it was taken into consideration that the custom that Roman Catholics must marry before the Magistrate rests upon an order of the sovereign, which this Government may not alter, but that the fees which they pay upon marriage are somewhat too high for a common man and may well be reduced: and it was consequently approved and understood to deny the request of the aforementioned Missionaries to exempt Roman Catholics from the obligation of having to marry before the Magistrate, but on the other hand to let them suffice with the payment of the following fees, namely: the baptismal certificate granted by the Roman Catholic priest to be written henceforth on a stamp of 6. stuijvers instead of twelve stuijvers, for which must thus be paid with the agio - - - - - - - - - - rd:s — 72. to excuse obtaining a certificate from the schoolmaster that they were not baptized in the Reformed church, because the baptismal certificate of the Roman Catholic Priest is signed as seen by a Reformed Minister, and in places where this has not been the custom until now, it must henceforth be done. for obtaining a certificate from the secretary of the orphan or native estate chamber that they have no outstanding business with that chamber, instead of rd:s 1. 72. , henceforth to be paid with the stamp --- „ — 192. for placing the chair for the bride at the registration, instead of 15. stuijv:s, henceforth to pay - „ —: 6.— to the interpreter at the registration, instead of 12. stuijvers, in the future to pay- - „ —. 6. Brought forward rd:s — 39. 1542 1543. The 31. December 1790. Relief requested by Nawesiwaijen, Soepermanien and associates to prosecute against the widow of Philip Gabriel in case of appeal before the Council of Justice here. The 31. December 1790. Carried forward rd:s — 39 for the certificate of the schoolmaster that the banns have been proclaimed without hindrance, instead of 12. stuijvers, henceforth to pay - - - - - - - - - „ — 6 for the certificate of the secretary of matrimonial affairs that the marriage may be solemnized, instead of 24. stuijvers, to pay no more than - - „ — 12. to the Commission of the Magistrate, for the confirmation of marriage, as has been paid hitherto.. . - „ 1. 12. or together rd:s 2. 24. And extracts of this resolution shall be delivered to the church council, the scholarchal assembly, and the College of Matrimonial Affairs here; and extracts thereof shall also be sent to the subordinate stations on this Island, to serve for everyone's information, and to govern themselves accordingly in the future. Read a petition from Nawesiwaijen, Soeperemanien, Demeatte, Foleseamina, and Moettaijen, sitties and residents here, whereby they make known that in a lawsuit against the widow of the chitti Philip Gabriel, in a case of debt, they were the losing party before the Landraad here, and request to have relief to prosecute the lawsuit in case of appeal before the Council of Justice of this Castle, because they have reasons from which they hope to obtain a more favorable verdict from a higher judge. Also read a petition from Sawina Jurie, widow of the aforementioned Philip Gabriel, containing a request that the requested relief may be denied, because the losing parties do not deny the debt and thus can have no reason for grievance against the equitable verdict of the Landraad, either to pay the debt or to surrender the mortgaged house for it. Whereupon deliberation having taken place, it was taken into consideration that the losing parties claim that the original debt was contracted when they were still very young, and that since then the bond has been renewed from time to time, and the accrued interest was repeatedly merged into the capital; and that they should therefore be given the opportunity to prove this allegation and to obtain redress therefrom: And it was therefore approved
Dutch transcription
1540. 1511. Den 31. December 1740. Den 31. December 1790. dog hun te laeten volstaan bezijden vermelde salarissen voortleefd, om dat de meeste ver in het land woonen, en een weg van 6. â. 7. uuren gaans moeten afleggen, om ter plaats te„ „weezen, daar zich de Magistraat be„ „vind, wanneer ze ook dikwils niet ten eersten kunnen geholpen worden, en dus tijd en kosten moeten verspillen, be„ „halven dat ook de salarissen, die ze aan deezen, en geenen van de bedienden moeten betaalen, en rijksd:s 4. 12. –. bedraa„ „gen, voor de zulken, als meest behoeftige luijden zijnde, wat te drukkend zijn. Waar op gedelibereerd zijnde, is in achting genoomen, dat het gebruijk, dat de roomsch gezinden voor den Magistraat moeten trouwen, rust op eene order van den souverain, die deeze Regeering niet mag veranderen, doch dat de salarissen, die ze bij het trouwen be„ „taalen, wat te hoog zijn voor een ge„ „meen man, en wel mogen geduminueerd worden: en is mits dien goedgevonden en verstaan, te ontzeggen het verzoek van de voorschr: Missionarissen, om de met de betaeling van de Roomsch gezinden te ontslaan van de verplichting van voor den Magistraat temoeten trouwen, doch daar en tegen hun te laaten volstaan, met de betaaling van de volgende salarissen, naamelijk: het doopEedel dat de roomsche priester verleend, voortaan te laaten schrijven op een zegel van 6. stuijvers, in steede van twaalf stuijvers, waar voor dus moet betaald worden met het ligten van een bewijs bij den school„ „meester, dat ze niet in de geresor„ „meerde kerk gedoopt zijn, te excu„ „seeren, wijl het doopcedel van den roomschen Priester, door een geze„ „formeerd Predikant voor gezien geteekend word, en op plaatsen, daar zulks tot nog toe geen ge„ bruijk is, voortaan gedaan moet worden. voor het ligten van een bewijs van den secretaris van de wees of inlandsche boedelkamer, dat ze met die kamer niets uijtstaande hebben, in„ „steede van rd:s 1. 72. , voortaan te betaalen met 't zegel --- voor het zetten van de stoel voor de bruijd bij de inschrijving in„ „steede van 15. stuijv:s voorlaan te betaelen - „ —: 6.— aan den tolk bij de inschrijving, in „steede van 12. stuijvers, in den aanstaande te betaelen- - „ het opgeld. - - - - - - - - - - rd:s — 72. - Transporteere rd:s — 39. —. 6. temoeten „ — 192. 1542 1543. Den 31. December 1790. I door Nawe siwaijen soeper„ „manien C: s: verzogte relief„ te vervolgens te Aclordalhier Den 31. December 1790. P:r Transport rd:s — 39 voor het bewijs van den schoolmeester, dat de geboden onverhinderd zijn afge„ „kondigd, insteede van 12. stuijvers, voor„ voor het bewijs van den secretaris van huwelijksche zaaken, dat het huwe „lijk mag worden voltrokken, insteede van 24. stuijvers, niet meer te voldoen dan - - „ — 12. aan de Commissie van den Magistraat, voor de huwelijks bevestiging, gelijk tot nog toe betaald is.. . - -- „ 1. 12. of tezamen rd:s 2. 24. En zal van deeze resolutie extracten wor„ „den afgegeeven aan den kerkenraad, de scholarchale vergadering en het Collegie van huwelijksche zaaken alhier; en ook daarvan extracten worden gezonden na de onderhoorige Comptoiren op dit Eiland, om te dienen tot een elks naricht, en om zich in den aanstaande daarnaar terichten Is geleesen een request van Nawesi waijen, soeperemanien, demeatte, Fole„ Gabriel in Cas de appel voor „ se amina en Moettaijen, sitties en in„ „woonders alhier, waarbij ze te kennen geeven, dat ze in een proces tegen de weduwe van den chitti Philip Gabriel, in cas van schuld, voor den landraad alhier zijn „taan te betaalen - - - - - - - - - „ — 6 gebleeven secumbanten, en verzoeken temo„ „gen hebben relief, om het proces in cas de appel, voor den Raad van Justitie deezes Casteels tevervolgen, wijl ze redenen heb„ „ben, waaruijt ze verhoopen bij een hooger rechter een gunstiger vonnis te kunnen erlangen. Nog is geleesen een request van Sawina Jurie weduwe van voorschr: Philip Gabriel, houdende verzoek, dat het verzogte relief mag worden ontzegd, wijl de secumbanten de schuld niet ontkennen, en dus geen reden van beswaar kunnen hebben tegen het billijk vonnis van den landraad, om of de schuld te betaalen, dan wel het verpande huijs daar voor aftestaen. Waarop gedelibereerd zijnde, is in achting genomen dat de secumbanten voorwenden, dat de oorspronglijke schuld is gemaakt toen ze nog zeer Jong waren, en dat het zedert de obligatie van tijd tot tijd vernieuwd, en de verloopene interest telkens bij het Capitaal ingetrokken is; en dat men hen derhalven gelee„ gentheid behoord te geeven, om deeze voorgave te kunnen bewijsen, en daarvan herstel te verkrygen: En is derhalven gebleeven goedgevonden
English
The 31st of December 1790. It is approved and understood to apply also to the ships that depart directly from here to Batavia the resolution taken in the session of the 7th of August 1787 regarding the ships that are laden and dispatched at Gale, namely: that as often as the Master Attendant shall have reported that a ship is fully laden, thereupon, in case any cargo might still remain, the Captain or commander himself of that ship shall be heard without delay, and when the latter confirms the report of the Master Attendant, to demand from him a written declaration, and consequently to recommend the observance thereof to the Honorable Chief Administrator and the Master Attendant, as they are hereby recommended, with orders at the same time to the first-named to have the declarations which the ship captains provide in this regard delivered to the Political Secretariat here, in order to be sent with the secretarial papers to the Honorable High Indian Government. Read a petition of Francina de Soysa, widow and estate executrix of the chetty Thomme Mykoenperoemaal, wherein she indicates that her mentioned husband upon his death left a debt on behalf of the chetty Philip Fernando amounting to rds: 1450: that after his death the petitioner and the guarantors were called upon concerning this, and all her possessions were sold for this debt; and that she is now summoned to hear a demand that she be placed under civil imprisonment for the remaining debt: with the request that she may be released therefrom, considering that she possesses nothing more, nor has any prospect of satisfying the further claim. Also read a petition of Sabina Casie Sitti, widow of the aforementioned Philip Fernando, containing the request that the petition of the first petitioner may be denied, considering that she not only acted in fraudem creditorum with the estate and incurred considerable expenses in marrying off her children, but also still has a claim on half of the estate of the Malabar second mudaliyar at the gate of the Governor, on account of the childless demise of his wife, who is a daughter of hers. And after deliberation, it is approved and understood to reject the request of the aforementioned Francina de Soysa. Upon a petition of the Junior Merchant Johan Fredrik Conradi, it is approved and understood to permit him to send his two young sons Hendrik Gerard and Willem Fredrik Conradi, the 1st 8 and the 2nd 6 years old, together with a Malay slave boy named Cupido, with the ship de Leviathan to Europe, under payment of the ordinary passage and board, and to allow his mentioned children to take along a five-foot chest for storing their clothes. The undersigned Master Attendant having been provided with an extract from the minutes of the resolution in council here on the 30th of November last, with orders to provide a report regarding the findings of the cargo discharged by the ship De Unie at Gale, it is therefore that he takes the liberty to respectfully present herewith to Your Honorable Grand Greatness: Right Honorable Grand Respectable High-Commanding Lord. To the Right Honorable Grand Respectable Lord Willem Jacob van de Graaff, Ordinary Councilor of Netherlands India, Governor and Director of the Island of Ceylon with its Dependencies. Regarding the damaged sail yarn and bolt-rope received at Gale from the ship De Unie, and the lesser calibers found on the iron hawsers, the following report having been submitted by Master Attendant Andringa in satisfaction of the resolution of the 30th of November last. That the seventy-seven skeins of sail yarn and one bolt-rope, which among other things were received at Gale and found suffocated and damaged by worms, were not observed by the undersigned, the ship's officers, or the commissioners, either upon receipt here from the Netherlands
Dutch transcription
1549. 1545. Den 31. December 1790. zeeker besluit ten aanzien worden ook betrekkelijk te maeken tot de scheepen, die direkt van hier na Batavia vertrekken. Francina de Soijza: ver„ „zoekt bewijd te blijven van de Civiele gijzeling partikulier schuld gedreigt word. verzoek van Sabina Casie goedgevonden en verstaan, het verzogte relief te accordeeren. Is goedgevonden en verstaan, het ter sessie van de scheepen die te Gale van den 7. Augustus 1787. genoomen be„ „sluijt, ten aanzien van de scheepen, die te Gale belaaden en gedepecheerd te worden, namelijk: dat zoo dikwerf als de Equi„ „pagiemeester zal hebben berigt gedaan dat een schip vollaaden is, daarop, in„ „gevalle er nog lading overschieten mogt, zonder verzuim zal worden gehoord den Capitain of bevelhebber zelve van dat schip, en zoo wanneer deeze het berigt van den Equipagie„ „meester bevestigd, van denzelven afte„ „vorderen eene schriftelijke verklaa„ „ring, ook betrekkelijk te maaken tot de scheepen, die direct van hier na Batavia vertrekken, en mitsdien de nakooming daar van den E: Hoofd¬ „administrateur en den Equipagie„ „meester aan te beveelen, zoo als hun dat aanbevoolen word door deezen, met last teffens aan den eerstgenoemden, Den 31: December 1790. derweegens verleenen, te doen bezorgen ter sekretarij van Politie alhier, ten eijnde met de secretarieele papieren aan de Edele Hooge Jndische regeering te wor „den toegezonden. Is geleesen een request van francina de Soijsa, weduwe en boedel houdster van waarmeede zij over zeeker den sittij Thomme Mijkoenperoemaal, waar bij zij te kennen geeft, dat gem: haare man bij zijn overlijden een schuld heeft nagelaaten, ten behoeve van den sittij Philip Fernando, groot rd:s 1450: dat na zijn dood zij suppte en de borgen daar over aangesprooken, en alle haare bezittingen voor deeze schuld verkogt zijn; en dat ze nu gedagvaard is om te hooren verzoeken, dat ze voor de restant schuld zal worden gesteld in civiele geijzeling: met verzoek dat ze daar van mag worden bevrijd, uit aanmerking dat zij niets meer bezit, nog eenig vooruitzigt heeft, om de verdere pretentie te voldoen. Nog is geleesen een request van Sabina om de verklaaringen die de scheeps capitaing het voorm: verzoek mag Casie Sitti, weduwe van voorm: Philip derweegens fernando worden 1546. 1547. Den 31. December 1790. Den 31. December 1790. „trice in fraudem Creditorem heeft. 'T verzoek van francin de Soijsa van de hand tewijzen de Leviathan transport en gepermitteerd om een aan de twee zoontjes van zeekere zijlgaaren en lijk „trossen van Gale herwaards hier nader te worden g'Exa„ „mineerd worden ontzegd wijl de deb Fernando, houdende verzoek, dat de in„ met den boedel gehandeld „stantie van de eerste supp=te mag worden ontzegt, uit aanmerking dat ze niet alleen in fraudem Creditorem met den boedel behandeld, en bij het uithuwelij„ „ken van haare kinderen aanmerkelijke kosten gedaan heeft, maar ook nog pre„ „tentie heeft op de helfte van den boedel aan den Mallabaarschen tweeden mo„ „aliaar aan den porta van den Heer Gou„ „verneur, wegens het kinderloos af„ „sterven van zijne huijsvrouw, die een dogter van haar is. En is na deliberatie goedgevonden en verstaan het verzoek van voorm: francina de soijsa van de hand te wijzen. Op een request van den onderkoopman Johan Conradi met het schip Fredrik Conradi, is goedgevonden en ver„ naar Nederland verleend, „ staan hem te permitteeren, om zijne twee Haeve Jonge meede teneemen Zoontjes Hendrik Gerard en Willem fre„ „drik Conradi, den 1:e 8. en den 2. e 6. Jaeren oud, nevens een Maleidsche slaave Jongen gen:t Cupido, met het schip de Levia„ „than naar Europa te moogen verzenden, onder betaaling van het ordinair trans„ „port en kostgeld, en om aan gem: zijne kinde„ „ren te moogen meede geeven en vijf voets kist, tot het bergen van hunne kleederen. De ondergeteekende Equipagiemeester ter hand gesteld zijnde Extract uit de Notulen van het geresolveerde in raade alhier op den 30. 9ber, joleeden, met last om te dienen van berigt, no„ „pens de bevinding van de uitgeleverde lading door het schip De unie te Gale, zoo is het dat hij de vrijheid neemt uwel Edele Groot achtb: hier bij in eerbied te vertoonen: Dat de seven en seventig, strengen zijlgaeren en Een lijktros die ondermeerder te Gale ont „vangen verstikt en door de wormen bescha„ „digt bevonden nog door de ondergeteekende de scheepsoverheeden of de gecommitteer„ „dens zo wel bij den ontvangst alhier uit Wel Edele Groot Achtbaare Hoog Gebiedende Heer. Aan den Wel Edelen Groot achtb: Heer Willem Jacob van de Graaff¬ Raad, ordinair van Nederlands Jndia Gouverneur en Directeur van het Eiland Ceilon met dies onderhoo„ „righeeden. Nopens het te Gale uit het schip de unie telaeten terug koomen, om ontvangen beschaadigde zijlgaaren en lijk„ „tros, en de minder bevondene kalibers aan de ijzer trossen, door den Equipagiemeester Andringa, ter voldoening aan het be„ „sluijt van den 30. November J:o leeden, inge„ „diend zijnde het ondervolgend berigt. Nopens Nederland O
English
1548: 1549. The 31st of December 1790. The 31st of December 1740. Authorization to the pay-office clerks to provide the widow of Andernagt with the pay due to her late husband. To place the bookkeeper Bronsveld under military arrest and secure his goods. Netherlands, had discovered any damage during the shipment to Gale, on account of which he most respectfully requests that orders be sent to Gale so that the return of the said goods can be accounted for back to Colombo. That regarding the discovered difference between the sent iron cables, the undersigned supposes that an error must have occurred among the ship's officers, because at the time the shipment was made, the requisition for the ship was also fulfilled, and they might have delivered one for the other; to prevent this, the undersigned is always accustomed to having cables registered by pairs and yarns, regarding which the undersigned, while the ship De Unie, which transported these goods, was still present at Gale, wrote to Mr. Aams to investigate the matter; to which letter he received no answer, wherefore those cables can either be accepted as they are alleged to have been delivered, or sent back here, whereby the Company will be in no way prejudiced, and the undersigned will stand surety for the accountability. Wherewith he calls himself with high esteem, Right Honorable, Highly Respected, Noble Lord, your Right Honorable's most humble and obedient servant, was signed: O: Andringa. In the margin: Colombo, the 23rd of December in the year 1790. It is approved and resolved to have the aforementioned sail-yarn and cables returned here from Gale, to be further examined here. Was read a petition from Adriana Fernando, widow of the rope-yard master Huijbert van Andernagt, who died recently, containing a request that the pay-office clerks here may be authorized to pay her 24 days' wages, which her said husband earned with the Company toward the end of his life and had remained due to him. And in consideration of the smallness of the amount of these back wages, it is approved and resolved to grant authorization to pay the same to the petitioner. By the ministers at Paleacatta, in a letter of the 20th of November last, it was requested with great urgency to place the bookkeeper Iohannes Abraham Bronsveld, who came here in the year 1788 on a campaign and is in arrears of 10878 5/8 pagodas, along with his goods, immediately in custody, 1550. 1551. The 31st of December 1790. The 31st of December 1790. What to answer to the request of the Paleacatta ministers to send there in cash a certain amount still due to Coromandel from the funds collected in Batavia and elsewhere for the inhabitants impoverished by the English war. Why all the papers belonging to the case of Jaffanapatnam are to be handed over to the fiscal. Committee on Jaffanapatnam. or, for the indemnification of the ministers held responsible, to devise and carry out such means as this Government shall find appropriate in accordance with equity and justice. After deliberation, it is approved and resolved to place the bookkeeper Bronsveld under military arrest with the provost, and to have his goods inventoried and taken into safe custody by a judicial committee. Furthermore, it was requested by the Paleacatta ministers in the aforementioned letter to send there in cash the amount of 5100 rixdollars and 37 stivers, which is still due to Coromandel from the funds collected in Batavia and elsewhere for the inhabitants impoverished by the English war, together with a reasonable interest on top of it. And in consideration that, for lack of gold and silver specie, the aforementioned amount was already credited to Paleacatta by the memorandum of the 7th of June 1785, and that the same shortage still persists, it is approved and resolved to answer the ministers that, in the absence of gold and silver money, their request cannot be met, and also that this Government, without authorization from Their High Mightinesses, cannot credit any interest upon it, because, these funds having been received into the Company's treasury and expended for Their Honors' service, the interest claimed upon them would have to be charged to Their Honors. From Jaffanapatnam was received and re-examined by letter the report demanded by the Council of Justice there on the complaint of the vellalas and inhabitants of the island of Mandetivoe, Don Philippoe Sedoegawela Modliar, Wienajeger Ramelinger, and Pattenie Soeppermanier.
Dutch transcription
1548: 1549. Den 31. December 1790. Den 31. December 1740. qualificatie aan de zoldij bedienden om aan de we„ Andernagt te laaten ver„ „houden heeft. Den boekhouder Brons „taire arrest en zijne goe„ „hsen, neemen Nederland, als bij den afscheep na Gale eenig bederf aan ontdekt hebben, waarom hij Eerbie„ „digst verzoekt na Gale temogen aangeschreeven worden dat door het oversenden van gem: goede die haar man te goed be„ „ren kolombo terug terekenen. Dat het ontdekte verschil tusschen de gesondene ijzertrossen verondersteld de ondergeteekende dat bij de scheeps overheeden Een verzuijling moet plaats gehad hebben door dien op die tijd dat den afscheep gedaan, ook den Eijsch voor het schip meede voldaan is, en zij het een voor het ander zoude uitgelevert hebben, om dit voortekomen is de ondergeteekende altoos gewent om de trossen bij paaren en gaarens te laaten aan„ „schrijven, waar over de ondergetekende terwijl het schip de unie die den overbreng deezer goederen gedaan en nog te Gale present was aan de Heer Aams geschreeven, om daar na onderzoek te doen; op welk schrijven hij geen antwoord bekomen heeft, waarom die trossen zodaanig kunnen ingenomen worden zo als voorgegeven word gelevert te zijn, dan wel her„ „waarts overtezenden, waar door de kompenie in geene deele benadeeld word, en de ondergetee„ Wel Edele Groot achtb: Hoog Geb: Heer. uwer wel Edele Groot achtb: zeer onderdanige en gehoorzaeme dienaar (:was geteekend:) O: Andringa (:inmargine:/ kolombo den 23. December A„o 1790. Is goedgevonden en verstaan voorsz: zijlgaaren en trossen van Gale herwaards te laaten terug koo„ „men, om hier nader te worden g'examineerd. Is geleesen een Request van Adriana „duwe van den baanmeester fernando, weduwe van den onderdaags „strekken 24. dagen gagie overleeden baanmeester Huijbert van Andernagt, houdende verzoek, dat de soldi- bedienden alhier moogen wor„ „den gequalificeerd, om aan haar te laaten verstrekken 24. dagen gagie, die gem: haare man in het laatst van zijn leeven, bij de Compenie ver„ „diend en te goed behouden heeft. En is uit aanmerking van de gering„ heid van het bedraagen deezer te „goedgemaakte gagie, goedgevonden en verstaan, qualificaatie te verlee„ nen om dezelve aan den suppte. te laaten verstrekken. Door de ministers te Paleacatta, bij zijnde, om den boekhouder Iohannes Abraham Bronsveld, die in het Jaar 1788. voor een springtogt hier gekoomen is, en 10878. 5/8. pagooden ten agteren staat, nevens zijne goe„ „deren, illico in zeekerheid te doen L „kende voor de verantwoording instaan zal „veld te doen stellen in mili brieve van den 20. November Jongstleeden, Waarmeede met hoogagting zig noemt (:onderstond) „deren in verzeekering te met zeer veel empressement verzogt neemen Is 1550. 1551. Den 31. December 1790. Den 31. December 1790. Wat op het verzoek van de Palleakatse ministers welk kormandel nog en elders gecollekteerde penn: voor de in den engelse „tenen in Contant na der antwoorden. gehoorende tot de zaak van fistaal. Bezoigne over Iaffenapatnam neemen, of tot schade vergoeding van de responsabel gehoudene ministers, zodanige middelen te beraamen en te bewerkstelligen, als deeze Regeering ten sujette, met billijk „heid en geregtigheid, overeenkomstig zal vinden. Is na deliberatie goedgevonden en verstaan, den boekhouder Bronsveld te doen stellen in Militair arrest bij den provoost, en zijne goederen door eene Justitieele Commissie te laaten inventarisseeren en in verzeekering neemen. Nog is door de Paleacatsche Ministers bij om zeker bedraegen het voorsz: brief verzogt, om het bedraagen Competeerd, uit de Batavia van rd:s 5100. 37. — het welk kormandel oorlog verarmde ingezee nog Competeerd uit de te Batavia en „waards te zenden, te elders gecollecteerde penningen, voor ingezeetenen, in Contant na derwaards te zenden, met een billijk interest daar en boven. En is uit aanmerking, dat bij gebrek van goude en zilvere speetsien, voorm: be„ „draagen reeds per Memorie van den 7. Junij 1785. Paleacatta is ten goede gebragt, Waarom alle de papieren Is van Jaffenapatnam ontvangen en door raad van Justitie aldaar gevorderd be„ „rigt, op de klagte van de bellales en inwoonders van het Eiland Mande„ „tivoe Don Philippoe sedoegawela mo„ „dliaar, Wienajeger Ramelinger en Pattenie Soeppermanier de in den Engelschen oorlog verarmde malliaars hondzending geresumeerd, het bij brieve en dat men als nog in het zelfde gebrek verseerd, goedgevonden en verstaan, de mi„ „nisters te antwoorden, dat aan haar ver„ „zoek, bij ontstentenis van goud en zilver geld niet kan worden voldaan, en dat ook deeze Regeering, zonder qualificatie van Hunne Hoog Edelheeden, daar op geen interest kan goeddoen, om dat deeze gelden in 's Comp:s Cas ontvangen, en tot haar Edelens dienst uitgegeeven zijnde, de interest, die daarop gepretendeerd word, ten laste van haar Edele zoude moeten koomen. - En 3
English
1552. 1553. And whereas it appears from this report that several transactions have taken place in this matter that were carried out in bad faith: 1) Because the lands in question were transferred on ottij for 600. rd:s by the brahmin of Wanaarponne, Wasitter aijer kannawaddi, to Aijenpirmaal sindamannie, retracting a previous sale to him and his brother Winaijegen, under the pretext that he, sindamannie, alone had paid the missing purchase money due to the inability of the heirs of his brother Winajegen; whereas it has nevertheless since become evident that this missing purchase money, being 212. rd:s, was paid through the messenger Cordeman on account of the first complainant, Don Philipoe sedoegawela modliaar, who is a co-heir of the aforementioned Winajegen. The 31st of December 1790. 2) Because, notwithstanding that this Don Philippoe sedoegawela modliaar and the other heirs of the aforementioned Winajegen held a lawful right to the lands in question by virtue of the aforementioned payment, the aforementioned brahmin, after he had redeemed the aforementioned ottij debt of 600. rd:s, nevertheless sold the same again to the Chetty of Wanaarponne, Pittepirmaal chittiaar Chidemberenaden, and thereby caused the said lands to be seized in execution for the debt of this Chetty. It is, after deliberation, resolved and understood to order the officials at Jaffanapatnam to deliver all the papers submitted in the various proceedings instituted concerning this matter into the hands of the fiscal; with instructions to examine the same carefully, and, if it is found that anyone, in the various transactions conducted concerning The 31st of December 1790. his the
Dutch transcription
1552. 1553. En wijl het uit dit berigt voorkomt, dat in deeze zaak verschijde hande„ „lingen hebben plaats gehad, die ter quaader trouw zijn in het werk gesteld. 1) Om dat de landerijen in questi door den bramin van Wanaarponne Wasitter aijer kannawaddi, aan Aijenpirmaal sindamannie, met retractie van een voorgegaane verkoop aan hem in zijn broeder Winaijegen, op ottij voor 600. rd:s overgelaaten zijn, onder voor„ „wendzel dat hij sindamannie alleen, mits het onvermoogen van de erfgenaamen van zijn broeder Wina¬ „jegen, de mankeerende kooppennin„ „gen had voldaan; daar nogtans het. zedert gebleeken is, dat deeze mankeerende kooppenningen, zijnde 212. rd:s, voor reekening van den eersten klaager Don Philipoe sedoegawela modliaar, die een meede erfgenaam van voorsz: Winajegen is, door den boode Cordeman Den 31. December 1790. zijn voldaan. 2. / Om dat niet teegenstaande deeze Don Philippoe sedoegawela modliaar, en de verdere erfgenaamen van voorm: wina„ „jegen; uit hoofde van voorsz: afbetaa„ „ling, een wettig regt op de landerijen in questi hadden, nogtans de voorschr: bramie, na dat hij de voorsz: ottij schuld van 600. rd:s had gelost, dezelve weder aan den Chittij van Wanaarponne Pitte„ „pirmaal chittiaar Chidemberen a den heeft verkogt, en daar door vercor„ „zaakt, dat gem: landerijen voor de schuld van deezen chittij zijn geexe¬ „cuteerd. Is na deliberaatie goedgevonden en verstaan den bedienden te Jaffena, „patnam te gelasten, om alle de papieren, die in de verschijde procedures, over deze zaak aangelegd, zijn ingediend, te laaten ter hand stellen aan den fiskaal; met last om dezelve nau„ „keurig te examineeren, en bij bevin „ding dat iemand, in de gehoudene onderschijdene handelingen omtrent Den 31. December 1790. zijn de.
English
1554. 1555: 31 December 1790. 31 December 1790. the aforesaid lands, has behaved in an unlawful manner and in bad faith, to proceed against him according to the findings of the case. To still allow the Manaar chaya diggers of Jaffenapatnam to continue, received by resolution of 21 October last, the report requested from the Manaar chief Ebell on the matter of the chaya digging, reading as follows: To the Right Honourable, Highly Esteemed Lord Willem Jacob van de Graaff, Ordinary Councillor of the Dutch Indies, Governor and Director of the Island of Ceylon, with its dependencies. Right Honourable, Highly Esteemed, Highly Exalted Lord, That I maintain that because many chaya roots have been dug for some years, and therefore in the course of time not as many roots will be able to be dug as have been dug, rests in the hope of highly favourable benevolent interpretation upon the following points. 1. Because I myself go once a week to where those roots are delivered, and since my arrival have observed that every week less is delivered instead of more, and that notwithstanding I treat the diligent diggers well and punish the lazy ones, all this has not helped, and furthermore that the roots are daily becoming thinner. 2. That after inquiries made, it has been attested to me that the seed, because it is so to speak invisible to human eyes, cannot be collected for propagation; that when ripe it falls into the sand, is carried away by runoff water during heavy rains, settles in high places, and thus propagates itself, and that because digging has continually taken place for four years and insufficient rain has fallen, that herb is no longer to be found so abundantly. 3. That the chaya roots, when two years old, are best for dyeing, and that less of the roots having that age is needed for dyeing than otherwise when they are not so old. 4. That for some years they have been digging all around the island, whereas according to what the chaya diggers say in former times, they dug one half of the island in one year and the other half in the other year, so that by doing so they allow the herb time to go to seed and propagate itself, which otherwise, when digging everywhere year in and year out, will not happen. 5. That in the year 1760 the then Right Honourable, Highly Esteemed, Highly Commanding Lord Governor Schreuder of honourable memory ordered in his left Memoir that instead of 30,000 lb., 45,000 lb. of chaya should be delivered, the adigar of the chaya diggers and the pattangatyns declared the following on 16 February 1762. The adigar of the chaya diggers, having been admonished to settle his arrears of chaya roots, has attested to being unable to do so, much less promising to supply the old established assessment of 30,000 lb. augmented by another 15,000 lb. by the Right Honourable Lord Extraordinary Councillor and Ceylon Governor Ian Schreuder this year, giving as reason, and supported by the testimony of all the pattangatyns of the chaya diggers, that the considerable ten-month persistent drought has burned all the chaya, and the few roots that remained, and have now recovered through the blessed rain, cannot and may not be dug because of their young and tender nature, as also that the Calpettise chaya roots can now also not be dug, wherefore he nevertheless promises, along with the pattangatyns, to deliver as much chaya as is possible. Whereupon was written from Kolombo to Jaffana on 19 April in the year 1762. With further order that, in view of the absolute impossibility for the Manaar adigar of the chaya diggers to meet his assessment, he be allowed to make do with what he can deliver, provided however that the Manaar officials do not fail to ensure that he fulfills his duty as much as is ever possible. These preceding, Right Honourable, Highly Esteemed, Highly Exalted Lord, are the reasons that make me believe, in hope of highly favourable benevolent interpretation, that continuing to dig in this manner will result in less chaya. I hope that these my humble remarks will merit Your Right Honour's approbation, while at the same time giving the assurance that I shall not fail to have as much of that dye-stuff dug as can possibly be done. 3. That 1556: 31 December 1790. For the rest, I have the honour to be with deep respect, Right Honourable, Highly Esteemed, Highly Exalted Lord! Your Right Honour's humble and obedient servant, was signed, C: F: Ebell, in the margin, Manaar, 10 December 1790. And considering that the reasons alleged in this report, to argue that by pressing the digging of the chaya roots too hard these roots will gradually diminish, are not well-founded enough to make any change in that respect, since experience in recent years, or during the administration of the chief of Ranzou, has shown that notwithstanding he procured a much larger quantity of chaya roots than his predecessors, this nevertheless brought no harm to the digging, as the delivery of the roots, instead of diminishing, increased from year to year, and this notwithstanding that the Manaar lands, while he had been chief, had been subject to a great drought due to lack of rain: it is approved and resolved to let the Manaar digging of chaya roots continue on the present footing for another year. Thus done and resolved in the Castle of Kolombo, on the day, month and year aforesaid. Was signed, W: J: van de Graaff, D: von Drieberg, D: T: Fretz, I: Reintous, B: L: van Zitter, and J: A: Vollenhove. Wm van Geizel Examined Hijbrands Eiklerk Agreed
Dutch transcription
1554. 1555: Den 31. December 1790. Den 31. December 1790. de voorsz: landerijen, zig op eene onwettige wijze en ter quaader trou gedraagen heeft, teegens denzelven te procedeeren naar bevinding van zaaken. De manaarse zaeijdelvers van Jaffenapatnam ontvangen het bij resolutie „nog voor telaaten doorstaen van den 21. oktober Jongstleeden, van het Ma„ „naarsch opperhoofd Ebell gevorderd berigt op het stuk der saaijdelverij, luijdende aldus: Aan den Wel Edelen Groot achtb: Heer Willem Jacob van de Graaff, Raad ordinair van Nederlands Jndia, Gouverneur en Directeur van het Eijland Ceilon, met dies onderhoorigheeden. Wel Edele Groot achtb: Hoog Ged: Heer Dat ik sustineere dat door dat 'er seedert eenige Jaaren veele zaaijewortelen gedolven, en daar door met 'er tijd zo veele wortelen niet zullen kunnen gedolven worden, als gedolven zijn, steunt in hoope van hoog gunstige welduijding op de volgende poincten. 1.) Wijl ik zelfs eens ter weeke waar die wortelen geleeverd worden, ga, en seedert mijn komste ontwaard heb, dat alle weeken insteede van meer, minder geleeverd worden, dat niet tegenstaande ik de vlijtige delvers wel behan„ „dele, en de luijen straffe dit alles niet heeft helpen willen„ dat voorts de wortelen daagelijks dunder worden. 2. / Dat men mij na genoome informatie betuijgd heeft, dat het zaat, door dat het zo te zeggen voor 's mensche oogen onzigtbaar is, niet kan gesaamelt werden ter voortplanting; dat het zelve rijp zijnde in het sant valt bij zwaare reegens door het afstroomend water weg gevoerd word, zig aan hooge plaatzen aanzet, en zig zo voortplant, en dat wijl nie seedert vier Jaaren immer gedolven, en geen genoegsaame ree„ „gen gevallen, dat kruijt zo ruijm niet meer tevinden is. 3. ) Dat de zaaijewortelen twee Jaaren oud zijnde, voor de verf het best zijn, en dat men van de wortelen dien ouderdom hebbende, tot de verf minder noodig heeft, als anders wanneer zo oud niet zijn. 4. Dat men seedert eenige Jaaren alom het Eijland rond Delfd, daar men volgens zeggen der zaaije delvers in voorige tijden, het eene Jaar de helfte van het Eijland, en het andere Jaar de andere helfte gedolven heeft, dat men zo doende het kruijt tijd laat hun zaat te schieten, en zig voortteplanten, dat anders wanneer Jaar uijt, Jaar in, over al delven, niet geschieden zal. 5. / Dat in het Jaar 1760. den toenmaaligen Wel Edelen Groot achtb: hoog Gebiedenden Heere Gouverneur Schreuder /:H: L: G:/ bij hoogst desselfs nagelaatene Memorie beval„ insteede van 30'000. lb: 45000. lb: zaaije te zullen leeveren, den adi„ „gaar der zaaijedelvers en de pattingazijns op den 16. februarij 1762. het volgende verklaard hebben. Den adigaar der Zaaijedelvers, aangemaant zijnde, om zijn agterstallige zaaijewortelen te voldoen, zo heeft denzelve betuigd, zulx niet te konnen doen veel min belove om den ouden gestelde tax van 30000. lb: en door den wel Edele Heere raad Extra ordinair en Ceijlons Gou„ „verneur Ian Schrouder nog met 15000. lb: geagmen„ „teerd optebrengen dezen Jaare tot reedene gevende en met het getuijgenis van alle de pattengatijns der zaaije, „delvers ondersteund dat de Considerable tien maande„ „lijke aanhoudende droogte alle de zaaije heeft doen ver„ „berne en de wijnige wortelen die over zijn gebleeven, en nu door den gezeegende reegen bekoomen, om haare Jong en tengerheid niet kunnen, of moge werden gegraaven, als meede dat de Calpettise zaaijewortelen nu ook niet kunnen werden gedolven, derhalve zo belooft hij egter benevens de pattengatijns zo veele zaaije te leeveren als moge „lijk is. Waar op in het Jaar 1762. den 19. April van kolombo na Jaffana geschreeven is. Met verdere last, om mits de volstrekte onmogelijkheid voor den Manaarsen adigaar der Zaaijedelvers omme zijn taxt te voldoen, hem te laaten volstaan met het geene hij leeveren kan, mits de Manaarse bediendens egter niet in gebreeke blijven, omme daar op teletten dat hij zo veel immers mogelijk, aan zijne pligt voldoet. Dit voorenstaande Wel Edele Groot achtb: Hoog Geb: Heer. zijn de reede „nen die mij in hoope van hoog gunstige welduijding doen gelooven; dat men zo voortdelvende, men mindere zaaije hebben zal, Jk zal hoopen dat dese mijne geringe aanmerkingen uwel Ed: Groot achtb: approbatie zullen verdienen, onder verseekering teffens dat ik niet nalaaten zal, zo veel van die verfstoffe te laaten delven als het met moogelijkheid geschieden kan. 3.) Dat 1556: Den 31. December 1790. Ik heb voor het overige de eere met diep ontzag te zijn (:onderstond:/ Wel Edele, Groot achtb: Hoog Geb: Heer! uwel Edele Groot achtbaare onderdanige en gehoor„ „zaame dienaar /:was geteekend:/ C: F: Ebell: (:inmargine:) Manaar den 10. December 1790. En is uit aanmerking dat de motiven bij dit be„ „rigt geallegeerd, om te beweeren dat met de zelverij van de saaijwortelen te sterk door te zetten deeze wortelen gaande weg zullen verminderen, niet gegrond genoeg zijn om daar omtrent eenige verandering temaaken, wijl de onder„ „vinding in de laatste Jaaren, of geduurende het bestuur van het opperhoofd van Ranzou„ getoond heeft, dat niet teegenstaande hij een veel grooter quantiteit zaaijwortelen heeft bezorgd dan zijne voorzaaten, dit nogtans geen nadeel aan de delverij heeft toegebragt alzo de leverantie der wortelen, in plaats van te verminderen, van Jaar tot Jaar is toege„ „noomen, en zulx niet teegenstaande de Ma„ „naarsche landen, geduurende dat hij opper„ „hoofd was geweest aan eene groote droogte bij gebrek van reegen onderworpen zijn geweest: goedgevonden en verstaan, om de Manaarsche delverij van saaijwortelen, nog een Jaar op den presenten voet te laaten doorstaan. Aldus Gedaan ende Geresolveert in het kasteel kolombo, ten dage maand en Jaare voorschr: (:was geteekend:/ W: J: van de Graaff„ D: von Drieberg, D: T: Fretz:, I: Reintous, B: L: van Zitter en J: A: vollenhove. W„m van Geizel Nagezien Hijbrands Eiklerk Arkorideert
English
the general sale of the year 1791. folio 58. Request of the Honorable Messrs. Vretz and Reintous to be permitted to pay the amount of certain gold thread sold here into the Company's treasury. folio 102. Granted, and to grant an assignment for it on the usual terms - - - - - - - - - - To Captain Lawtie to grant a bill of exchange on the gentlemen ministers at Souratta for the rice purchased from him - - - folio 116. To Mr. Verheull to grant authentic copies of three as„ signments. - - - - - - - - - - - - - - - - - - folio 243. To negotiate the bills of exchange to the Netherlands granted by the gentlemen of the military commission - — folio 689. To cause the bills of exchange received from Gale, which the gentlemen Vaillant and Verhuel have granted, to be kept in the main money treasury until there shall be an opportunity to send them to the Netherlands... What to demonstrate to the Honorable Gentlemen regarding the erroneous calculation of the pounds sterling. . . . folio 928. What to report to Their Excellencies regarding the assignment that was received from Souratta charged to the Commander Sluijtken. . . . . . . - - - - - - folio 934. On a certain condition to accept a further amount of ƒ136247. 2. 8. in the treasury and to grant an assignment for it to the Netherlands. - - - - folio 1260. Yet not to include therein the assignment granted to Colonel de Meu„ ron - - - - - - - - - - - - -- folio —. For an amount of rds 445. 41: of Van Cuijlenburg to grant an assignment to the Netherlands - - - - - - - - - - - - - - - folio 1264: By the counting of the money to cause a one per cent agio to be paid to the Company. - - folio 1267. Resolution to accept some money from Mr. Buchanan on an assigna„ tion to the Netherlands... folio 1493. To grant the further requested assignments, payable in folio 362. To send the petition of the Crown Prince of Tidore Mananratoe Maha„ raja Moeda to Their High Excellencies - - - - folio 79. The request of the Chinese Bina Janko to return to Batavia upon the expiration of his confinement, granted – – – – – – – - folio 328. The allowance of the exile Raden Aria Siraka Djaija increased by a para of rice and some salt and pepper - - - - - - - - folio 358. The request of the King of Gowa Radja Asman to be allowed to borrow rds 590, granted under a certain condition... folio 510. To cause the monthly provisions made to the state exile Soe„ ra Pattie and his family to cease. - - - folio 788. The request of Sei Roekija to submit some salaries to Their High Excellencies and what in the meantime to have provided to her - - . . . . folio 823. To have a certain provision made to the son of the Pangerang Rango Djadjar. . . . . . . . . . . . . . . . . . . . folio 851. Extract from Their High Excellencies' letter, regarding the increased salary granted to some state exiles, to be delivered to the dissava.... . . . folio 947. The maintenance granted to a Lamponger passed by Their High Excellencies - - - - - - - folio —. Approval of some maintenance granted to some state exiles. . - folio 948. How much maintenance to grant to the exiles who arrived with the ship Nederlands Welvaren. . . . . . . . - folio 1072. To how much to reduce the salary of the Tommagoor Satoro Wisajo folio 1258. Assignments Exiles Taxes and Compensations Disposition on a petition of the Honorable Andringa regarding his justification for a certain compensation imposed by Their High Excellencies - folio 143. Approval, with a certain amendment, of a Gale resolution containing - - folio 298. to have the unserviceable equipment goods sold and to have the Equipagemeester Abo make a certain compensation - - - - folio —. To have made good the gunnies under-accounted for by the washer chiefs at Mature, as this is incumbent upon the Company folio 300. To have the amount of the gratuity provided to the subaltern officers of Co„ lombo, Gale, and Trinkenomale charged to Jaffana in order to be compensated there to the Company out of the office fees of the native servants... .. folio 387. To demand compensation from the Regiment de Meuron regarding a certain double-paid major appointment... – folio 388. Why to impose upon the heirs of the deceased Captain of the Korle Gratiaan to compensate the Company for the sawing wages of certain planks and slabs - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - folio 415. To cause 12 pagodas to be paid to the owner of the paduwang lost at Tutukorijn. . . . . . . . . . . . . . . . . . . . folio 813. Disposition on a Jaffna resolution containing to have satisfaction made to a certain Parrua for his lost grapnel. . . . . . folio 828. To now completely abolish the post of adjunct fiscal and to have the fiscal Vollenhove make restitution of the salary enjoyed by Van der Straeten - . . . . . . - folio 946. To back-charge a certain coir to Gale to the account of Abo and to credit him with the serviceable coir that came from it - . . folio 1006. To have compensation made for the excess gunpowder expended at Trinkenomale, Tutukorijn, and Caalutiere. . . . . . . . . . . . . - - folio 1151. What to point out to the Jaffna servants regarding the granted compensation for a grapnel of a certain Parrua lost at Silau. folio 1161. Authorization to the Gale servants to grant a one-year postponement to the second Veda of the wash„ ers for the payment of the amount imposed upon him as compensation - folio 1376. Disposition on a protest of the Captain and Captain-Lieutenant of the ship De Unie against certain taxes - - - - - - - - folio 1381. To have an extract from Their Excellencies' letter delivered to the Honorable Paravicini in order to have him make restitution of the excess expenses incurred by his stay on Ceylon, which had since been requested and granted - - - - - - - - - - - - - - - folio 1391. Book printery
Dutch transcription
de nagaarsche verkooping van A:o 17.91. f:o 58. verzoek van DE:s Vretz en Reintous om het bedraegen van zeker alhier verkogte gouddraat in 'skomp:s kas te mogen tellen. „ 102. toegestaan, en daar voor assignatie te verleenen op den gewoonen voet - - - - - - - - - - Gƒ - . „ - Aan den Kapitein Lawtie een wissel te verleenen op de heeren ministers, te Souratta voor de van hem gekogte rijst - - - „ 116. Aan den heer verheult te verleenen autentike kopijen van drie as„ signatien. - - - - - - - - . . . . . . . . . . . . . . . „ 243. De door de heeren van de militaire kommissie overleende wissels na nederland te verhanden- — De van Gale ontvangene wissels die de heere vaillant en verhael hebben verleend in de groote geld kas te doen bewaaren dat 'er geleegen„ „tot heid zal zijn om ze na nederland te verkenden... 1 - wat 4. lb 8 te vertoonen omtrent 't verkeerdelijk bereekenen der ponden sterling. . . . „ 928. „ 6.89. wat H H: E: te berigten omtrent de assignatie, die van Souratta ontvangen is ten laste van den kommandeur Sluijtken. . . . . . . - - - - - - „ 934. Op zekere Conditie nog een bedraege van ƒ136247. 2. 8. in kas te ac„ cepteeren en daar voor assignatie na Nederland te verleenen. - - - - „ 1260. Dog daar onder niet te begrijpen de assignatie aan den colonel de Meu„ ron verleend - - - - - - - - - - - - -- „— voor een belraegen van rd:s 445. 41: van van Cuijlenburg assignatie te verleenen na Nederland - - - - - - - - - - - - - - - „ 1264: Door te tellen van 't geld een p:r C:o agio aan de Romp: te doe betael. - - „ 1267. Besluit om van den heer Buchanan eenig geld te accepteeren op assigna„ „ 1493. De nader verzogt assignatien te akkordeeren, betaalbaar na - - - - - - - „ 362. 'T request van den Kroon prins van didor Mananratoe Maha„ raja Moedagle aan hunne hoog Edelheeden te zenden - - - - ƒ 79 'T verzoek van den Chinees bina Janko om mits expiratie van zijn konfinement na Batavia terug te keeren, toegestaan – – – – – – – - „ 328. De toelage van den banneling Ree bria Siraka djaija vermeer„ dert met een para vijst en wat zout en peper - - - - - - - - „ 358. Het verzoek van den Koning van Gra Radja alsman om rd:s 590. ter leen te moogen hebben, onder zeker mits geaccordeerd.. De gedaane maandelijkse verstrekking aan de staads banneling soe„ van pattie en zijne familie te doen cesseeren. - - - 8 het verzoek van sei Roekija om eenige traktementen aan H H: E: voor„ tedraegen en wat aan haar intusschen te laeten verstrekken - - . . . . „ 823. zekere verstrekking te laeten doen aan den hoog van den pangerang Rango Djad Jar. . . . . . . . . . . . . . . . . ... „ 851. „ Extrakt uit H: H: E. missive, wegens het toegelegt meerder tractement aan „ 947. eenige stoels bommelingen aan de dessave aftegeeven.... . . . .. Het aan een lamponger toegevoegd onderhoud door H: H: E: gepasseerd - - - - - - - „ —. Approbatie van eenig toegelegd onderhoud aan eenige staats bannelinge. . - „ 948. hoeveel onderhoud toeteleggen aan de met het schip Nederlands wel vaaren „ 1072. - . aangekomene Bannelingen. . . . . . . . Tot lideveel 't traktement van den tonnagoor satoro wisajo te reduceeren „ 1258. Assignatien - Banmelingen : - - - - „ 510. tie na Nederland.. . . . Belastingen en Vergoedingen Dispositie op een addres van den E. Andringa wegens desselfs verantwoording op de door H: H: Ed: opgelegde zekere vergoedjing - fo 143. Approbatie onder zeekere ampliatie, eener gaalse resol: houdende - - „ 298. om de onbequaame Equipagie goederen te laaten verkoopen en door den Equipagiemeester Abo zekere vergoeding te laaten doen - - - - „ —. De door de wass ende hoofden te Mature minder verant„ woorde gunees, door dien het incumbeerd aan de komp: te doen vergaeden „ 300. Het bedraegen van het verstrekte douceur aan de subalterne officieren van Ro„ lambo, Gale en Trinkenomale na Jaffana te laaten aanreekenen om al„ daar aan de komp: te worden vergoed uit de amptgelde der inlandse „ 387. vergoeding van het regiment van Meuron te vraegen nopens zeker dub„ - –„38 beld betaald majoor appoinctement... —„ waarom de erfgenaame van den overleede kapitein van de Korle Gratiaan opteleggen om het zaagloon van zekere planken en schaalen aan de Rompenie te vergoegen - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - „ 415. Aan de eigenaar van de te Tutukorijn verlooren balang 12. pagooden te laaten betaale. . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . „ 813 1 Dispositie op een Jaffenase resol: houdende om aan zeker parrua „ 828. voldoening te laeten dog voor zijn verlooren dreg. . . . . . De post van adjunkt fiskaal nu volstrekt intetrekken en door den fis„ Raal vollenhove te laeten restitueeren het door van der straeten „ 946. zeker kaijer ten laste van Abo na gale terug te reekenen en de daar genotene traktement - . . . . . . - van afgekomene bekwame Raijer lem ten goede te doen brengen - . . „ 1006. 'T meerder verschooten kruijt op drinRenomale, Tutukorijn en caalutiere .. „ 1151. te laeten vergoeden. . . . . . . . . . . . . - - wat de Jaffenase bedienden te doen opmerken omtrent de toegelegde ,vergoeding voor een te Silau verlooren dreg van zeeker parrua. „ 1161. qualificatie aan de gaalsche bedienden om aan den tweede vedaa der was„ sers een Jaar uitstel te verleenen tot het opbrengen van het hem „ 1376. ter vergoeding opgelegde bedraegen- Dispositie op een protest van den Ropit: en kapit: luijt: van het schip, de unie tegen zekere belastinge - - - - - - - - „ 1381 Extrakt uit hunner Edelheeden aanschrijven te laeten, afgeeven aan den E. Pravicini om door hem te doen restitueere de meer„ der gemaakte koste door het zedert versogt en toege„ bedienden... .. staan verblijf op Cailon - - - - - - - - - - - - - - - „ 1391. . . . . . . . . . . . . . . - Soek drukerg