Inventory 3897
Malabar · 433 pages · 167 segments · open at the Nationaal Archief ↗
English
248. Eversdijck introduced as Member of Policy. Tuesday the 20th of October 1789. over the subjects of the Company there, which was discussed at length in the mentioned Resolution of the 5th of September 1788 and the secret Resolution of the 31st of August last, and have come to an end with the outgoing general and secret letters to the Supreme Government of the Indies dated the 29th of March and the 29th of April of this year, whereof it is understood to keep this record. Thus done, resolved, and decreed in the Council of Malabar in the city of Cochin on the day, month, and year aforesaid. Was signed: J. G. van Angelbeek, I. L. van Spall, G. G. Gebhardt, J. A. Cellarius, W. van Haeften, and Arnoldus Lunel. Friday the 30th of October 1789, in the evening at 5 o'clock. Present all: The Right Honourable and Esteemed Lord, Ordinary Councilor of the Dutch East Indies, Governor and Director Johan Gerard van Angelbeek; The Honourable Senior Merchant, Second in Command, and Chief Administrator Ian Lambertus van Spall; The Honourable Captain and Head of the Military Godlieb George Gebhard; The Honourable Merchant, Fiscal, and Cashier Mr. Johan Willem Hendrik van Rossum; The Honourable Junior Merchant and Warehouse Master Iohan Adam Cellarius; The Honourable Junior Merchant and Dispenser Willem van Haeften; The Honourable Secretary of Policy Arnoldus Lunel; and The provisional Pay Bookkeeper Iacobus Adrianus Eversdijck. Following previous precedents, it was approved and understood to introduce into this assembly and grant a seat to Iacobus Adrianus Eversdijck, appointed on the 20th of this month as provisional pay bookkeeper. The same having been called into the assembly by the secretary and having taken the oath for the Members of Policy, Resolution taken in the Council of Malabar in the city of Cochin. Resolution. Takes the oath. 249. 251. Friday the 30th of October 1789. Friday the 30th of October 1789. Seat assigned. Opening of a Batavia packet of letters brought by the Schelde. Arrival of the fiscal van Rossum. Is introduced into the assembly and appointed as president of the colleges of the orphan chamber etc. Report of Vogt and Sprenger regarding the transfer of Coilong. Takes the oath. he was assigned a seat next to the Secretary, of which it was decided to keep this record. A packet of letters having been received with the ship De Schelde, which arrived today in this roadstead from Batavia: the same was opened in this meeting, and found therein an original missive from Their High Mightinesses, the Supreme Indian Government, dated the 10th of September of this year, with some enclosures recorded in the register of the 14th thereof; of which, after reading, it was decided to keep a record. It being evident from the aforementioned missive of Their High Mightinesses that the Merchant Mr. Iohan Willem Hendrik van Rossum was appointed as Fiscal and Cashier of this Government, who arrived today with the mentioned ship: it was approved and understood to introduce the same into this assembly, and at the same time to appoint him as President of the colleges of the Orphan Chamber and of the Ward and Fire Masters, To the Right Honourable, Esteemed and Highly Respected Lord Johan Gerard van Angelbeek, Ordinary Councilor of the Dutch East Indies, Governor and Director on the coast of Malabar, as well as church master and receiver of the Domains; after which the mentioned van Rossum was led into the assembly from the antechamber, where he had already appeared, by two Members of this Council, and having taken the oaths prescribed for the members of policy and Fiscal, he was assigned a seat next to the Commander of the Military; furthermore, it was understood to notify the aforementioned colleges and the church council thereof by extract of this. A report was read from the Lieutenant of the Artillery Jan Henrik Vogt and the Overseer of the Armory Karel Iulius Sprenger, who attended the Transfer of the residency of Coilong, and on that occasion examined the repairs underway there, reading as follows: and Right Honourable 250. 252. 253. Friday the 30th of October 1789. Right Honourable, Esteemed, Highly Respected and Highly Commanding Lord! In compliance with your Right Honourable, Esteemed and Highly Respected order, contained in written instructions dated the 20th of this month, we have accurately examined and surveyed to what extent the repairs of the fort here, mentioned in our Report of the 19th of September of the past year, have already progressed and what is still lacking; thus we have the honour to present the same specifically and with all due respect to your Right Honourable and Esteemed Lord below, as follows: The Quay before the Gate. Has already been repaired and found in good condition, but daily maintenance and provision with a protective works is of the highest necessity, as otherwise it will without doubt through the continuous heavy beatings Friday the 30th of October 1789. of the sea undermine the same again in the meantime; for this, the annual requirement will be: 2500 pieces of large rubble stones at 6½ rupees per 100 pieces, and for the daily bringing of stones: 4 coolies. On the southern side of the fort, the dwelling of the surgeon has been demolished, and from the kitchen up to the gate of the rear fort a line of palisades has been erected, as we had the honour to state in our previous report. The point Malabaar, or the flag point, has also been palisaded in the manner of a triangle, likewise according to the respectfully made proposal. The berm under the point Malabaar has been somewhat raised, namely one rood inwards a new berm has been raised, 10 feet thick and 7 roods long, as there was no possibility to raise the collapsed piece of the old berm again due to the heavy beatings of the sea; whereby nevertheless the communication of the sea with the moat has been prevented, but it will according to our again
Dutch transcription
248. Eversdijck als Lid van Poliet„ „sie geintrodiceerd. Dingsdag den 20: Oktober 1789: over de onderdaanen van de kom„ „penie aldaar waar van in het bree„ „de gesprooken is bij gemelde Reso„ „luutsie van den 5: September 1788: en sekreete Resoluutsie van den Vrijdag den 30: Oktober 1789:— 's avonds om 5. uur 31: Augustus Jongstleeden en bij prezent alle afgaande gemeene en sekreete brie„ De weledele Gestrenge Groot achtbaaren Heer Raad ordinair van Nederlands ven aan de Indische Regeering Indien Toevernour en Direkteur Johan Gerard van Angelbeek, van den 29: Maart en 29: April De E: de d„o operkoopman seke unde e Hoofdadministr: Ian Lambertus van Spall, deezes Iaars, een einde genoomen De E: kapitain en Hoofd der Milietsie Godlieb George Gebhard, hebben, waar van verstaan is dee„ De E: koopman Fiskaal en kassier M:r Johan Willem Hendrik van Rossum, „ze aanteekening te houden. De E: onderkoopman en Pakhuis meester Iohan Adam Cellarius, De E: onderkoopman en Dispencier Willem van Haeften, Aldus Gedaan Geresol„ De E: Sekretaris van Polietsie Arnoldus Lunel, en „veerd en Gearresteerd in Raade DE p„s soldij Boekhouder Iacobus Adrianus Eversdijck, van halabaar ter steede koetsiem ten daage maand en Iaare voor„ „meld /: was geteekend:/ D: S: van Angelbeek, I: L: van Spall, G: G: Gebhardt, J: A: Cellarius, W: van Haeften, en Arnoldus Lunel Is naar voorige exempelen goedgevonden en verstaan, als Lid in deeze vergadering te introduceeren en sessie te geeven, den op den 20: deezer als provisioneel soldij boekhouder aangestelden Iacobus Adrianus Eversdijck des dezelve door den sekretaris binnen de vergadering geroepen zijnde, en den eed voor de Leeden van polietsie afgelegd hebbende, is Resolutiste genoomen in Raade van Mal„ „labaar ter steede koetsiem. Resoluutsie doed den Eed. aan E op 249. 251: Vrijdag den 30: Oktober 1789:~ Vrijdag den 30: Okctober 1789: sit plaats aangeweezen. opening aan een Batavia „se briefpakket met de schelde aangebragt Aankomst van den fiskaal van Rossum word in de vergadering geintroduceerd en aange„ „steld als president van de kollesien van de wees„ „kamer etb: rapport van vogt en springer „port van koilang. doed den Eed. e aan hem Zitplaats naast den Sekretaris aangeweezen waar van beslooten is deeze aanteekening te houden. Met het schip De Schelde, het welk hee„ „den van Batavia ter deezer reede is gearri„ veerd, een brief pakket ontvangen zijnde: zoo is het zelve in deeze bij eenkomst geopend, en daar in gevonden een origi„ „neele missive van Hunne Hoogedelhee„ „den, de Hooge Indische Regeering de dato 10: September deezes Iaars, met eenige bijlaagen bij register van den 14:den daar aan vermeld waar van na genoomen „ne Lektura beslooten is, daar van aantee„ „kening te houden. Bij evengemelde missive van Hunne Hoogedelheeden gebleeken zijnde, de aan„ „stelling van den koopman M:r Iohan Willem Hendrik van Rossum als Fiskaal en kassier van dit Goeverne„ „ment, die met gemelde schip heeden aan„ „gekoomen is: zoo is goedgevonden en ver„ „staan den zelven in deeze vergaadering te introduceeren, en teffens aantestellen als President van de kollesien van de weeskamer en van wijk en Brandmeesteren Aan den weledele Gestr: Groot achtb: Heer Johan Gerard van Angelbeek Raad ordinair van Nederlands Indien Goeverneur en Direk„ teur ter kuste Mallabaar mitsgaders ook als kerkmeester en ontvanger der Domainen; waar na gem: van Rossum door twee Leeden deezes Raads uit de voorzaal, alwaar dezelve reets verscheenen was, in de vergaadering geleid en de eeden voor de leeden van polietsie en Fiskaal beraamd afgelegd zijnde, naast den komman„ „dant der Milietsie Zitplaats is aange„ „weezen, voorts is verstaan door extrakt deezes aan voorm: kollesien en den ker„ „ken raad daar van kennis te geeven. Is geleezen een rapport van den Luitenant noopens het gedaan Trans der Arthillerie Jan Henrik Vogt en den opziender van de wapenkamer Karel Iulius Sprenger, die het Transport van de opperhoofdije koilang bijgewoond, en bij die geleegenheid de onderhanden zijnde reparaatsien aldaar nagegaan hebben luidende als volgd. mitsgaders Weledele 250 252 253. Vrijdag den 30: Oktober 1789:—. Weledele Gestrenge Groot achtb: Hoog Gebiedende Heer! In naarkoming van uw weledele Gestrenge Groot achtb: Hoog G'eerde ordre, vervat bij schriftelijk In„ struktsie de dato 20: deezer heb„ „ben wij naauwkeurig nagegaan en op„ „genoomen, tot hoe verre met de reparaatsien van het fort alhier, ver„ „meld, bij onze Rapport van den 19: September des voorleeden Iaar, reets gevonderd is en wat nog daar aan manqueerd, zoo hebben wij de eene uw weledele Gestrenge Groot achtb: hier onder Specifig in alle eerbied aantetoonen, als volgd. De Kaai voor de Poort. Is reeds gerepareerd en wel bevonden, dog dient hoog noodzaakelijk dage„ „lijks onderhouden en met een voor„ „gaand voorzien te worden, dewijl anders deeze zonder twijffel door dies kontinueele zwaare slaagen Vrijdag den 30: Oktober 1789: weder dezelve onderwijlen zal, hier toe zal Iaarlijks benoodigt zijn. 2500: p:s Groote kapotsteenen teegen 6½: rop de 100: p„s en tot de dagelijks aanbren„ „ging van steenen; sd=s 4: koelies Aan de Zuidelijke zeide van het fort is de wooning van de chirurgijn afge„ „brooken en is van de kombuis af tot aan de poort van het agter fort een lieuie van palisaaden getrokken. zoo als wij de eer gehad hebben bij onze voorig rapport bekend te stellen. De punt Malabaar of de vlaggepunt is ook bij wijze van een drie hoek gepalisadeerd al meede volgens eer„ „biedig gedaane voorstel. De bevn onder de punt Malabaar is eenigsints en wel een roede binnen waarts een nieuwe berm opgehaald, dik 10: voeten en lang 7: roeden, alzoo geen kans was om de ingestorte stuk van de oude berm door de zwaare slagen van der zee weeder op te„ „haalen, waar door even wel de kom„ munikaatsie van de Zee met de gragt belet is, dog het zal volgens weder ons
English
254: 255. Friday the 30th of October 1789: not be unserviceable to our advantage if for the maintenance of the same 300 kapok stones are thrown out in front yearly. The shrubbery on the main rampart wall, the counterscarp, and the berm of the moat has been cut down entirely cleanly and the rampart wall not plastered, thus the same still needs to be done, while we have in the meantime noticed that a piece of the counterscarp to a length of four rods has fallen down, but we hope not that your Right Honorable High and Mighty Worships will be pleased to approve the rebuilding of the same; however, we could not fail to provide an estimate of how much the rebuilding of the same will come to cost, as follows: 500 pieces large kapok stones at 6½ Rupees per 100: - - - - - Rupees 32½: 5 manjoes of clay - - . - 2½: 12½ kandies of masonry lime . . . 5½: 20 daily wages of masons . 6: —. 60 daily wages of coolies . . . 6: —: Together Rupees 52½: Friday the 30th of October 1789: The gate of the counterscarp has already been repaired. The residence of the Resident. The re-roofing has already been done, the five small window frames with their shutters repaired, but upon re-roofing it was noticed that on the north side of the roof in some places the nails have rusted, and thus the laths have shifted, whereby during rainfall considerable leaks have occurred, so the laths needed to be nailed down again, and for which will be required: 10 kandies of masonry lime - - . Rupees 4½: 65 daily wages of carpenters . . 19½: 78 daily wages of masons . . . 23 2/5: 234 daily wages of coolies . . . 23 7/5: 60 lb of nails —. Total Rupees 70 4/5: On the pepper warehouse with the annexed paddy warehouse and the ammunition house, the roof has, as far as we can see, been properly repaired. On the officers' quarters. Not the slightest re-roofing has been done, only the iron hinges, bolts, and window catches being repaired, so the re-roofing still needs to take place. 256. 257. Friday the 30th of October 1789: Friday the 30th of October 1789: send hither under oath. resolution to order the employees to kapok stones in front of the quay and to have them thrown out. On the main military guardhouse. The roof has been partly re-roofed, but the missing re-roofing, both of the same and of the repair of the kitchen, still needs to take place. On the military guardhouse on the point, the roof has been re-roofed all around, but at the top here and there the must yearly a report re-roofing also still needs to take place. In the hope that we have accomplished our commission to the satisfaction of your Right Honorable High and Mighty Worships, we have the honor to call ourselves with deep and dutiful respect, beneath which was written: Right Honorable High and Mighty Sovereign Lord, your Right Honorable High and Mighty Worships' most obedient servants. Was signed: D: H: Vogt and E: I: Springer. In the margin: Koilang the 25th of October 1789: And after resumption of the same, it was resolved, order to gain some foreshore, in a fixed number of ka- in order to prevent that the quay before the gate and the berm beneath the point Malabar are not again damaged by the constant pounding of the sea, to order the employees there to endeavor to gain some foreshore, and for that purpose yearly to have two thousand five hundred large kapok stones thrown out in front of the quay, and three hundred for the berm, provided that they yearly send a report hither under oath that those stones were actually used for that purpose; furthermore it was approved and agreed to postpone for the present the further repairs to the fortress at Koilang, but to have the residences of the Resident and the officer, together with the military guardhouses, re-roofed, and where necessary to have them re-nailed. Thus done, resolved, and decreed in the Council of Malabar at the city of Cochin on the day, month, and year aforesaid. Was signed: I: G: van Angelbeek, I: L: van Spall, P: P: Gebhardt, I: W: A: van Rossum, I: A: Cellarius, W: van Haeften, Arnolduus Lunel, and I: A: Eversdijck. Resolution 258 259: Tuesday the 10th of November 1789: Reading of a letter from Tippu Sultan Padshah. Resolution taken in the Council of Malabar at the city of Cochin. Tuesday the 10th of November 1789, in the forenoon at half past eight o'clock, all present. The Governor communicated to the meeting that His Honor had these past days received a letter from Tippu Sultan Padshah, of which the translation, having been read out, was found to be of the following content: Translation of a Tamil letter written by the Padshah Tippu Sultan to the Right Honorable High and Mighty Governor Johan Gerard van Angelbeek, received the 31st of October 1789: To the fortunate possessor of many blessings, equal to Mount Mahameru, protector of many peoples, measured with far-reaching happiness, the Dutch Governor, greetings. I have not had the pleasure for a long time of receiving your Honor's letter and being able to know of your continued good health, so I request in the future to favor me with it. I have understood that because your Honor garrisoned Fort Cranganore with the people of Rama Rajah, many Nairs and other thieves of the Mysore lands are protected by the same, and by those refugees many hostilities are committed in Mysore lands. This causes me great wonder, on account of the old friendship that subsists between the Dutch and Mysore, and because the fort of Cranganore lies in the middle of the Mysore realm, the friendship could be more vigorously maintained, of which I also hold myself assured. Your Honor will therefore please not grant shelter to the refugees in that fort, so that through their bad doings, the old friendship
Dutch transcription
254: 255. Vrijdag den 30: October 1789: ons voordeel niet ondienstig zijn wanneer tot onderhoud van dezelve Jaarlijks 300: kapoksteenen voor aangeworpen worden. De Boschagies aan de kapitaale wal muur de kontra scherp en de bevoo geheel van de gragt is in het ^ net afgekapt en de wal muur niet geplijsterd, dus dezelve nog dient gedaan te wor„ „den, terwijl wij intusschen ontwaart een hebben dat ^ de stuk van de kontra„ „scherp ten lengte van vier roeden om„ gevallen is, dog wij verhoopen niet, dat uw weledele Gestrenge Groot achtb: tot het weeder ophaalen van dezelve zal gelieven goed te vinden, egter hebben wij niet kun„ „nen manqueeren een opgaave te doen, hoe veel tot het weeder op„ „haalen van dezelve zal komen te kosten als: 500: p„s groote kapoksteenen â 6½: rop: ider 100: - - - - - Rop„s 32½: 5: „ manjoes klij - - . - „ 2½: 12½: kand: metzelk alk. . . „ 5½: 20:–. daagloonen van Metselaars. „ 6: —. 60: —. _o„ koelies. . „. 6: —: Te Samen Ropias 52½: Vrijdag den 30: oktober 1789: De Poort van de kontra„ „scherp is reets vermaakt. De wooning van het opperhoofd. Is de verdekking reeds geschied, de„ vijf kleine vensters kozijn, met dies laden gerepareert, dog bij ver„ „dekking ontwaart, dat aan de Noord zijde van het dak op eeni„ „ge plaatsen der spijkers verroest, en dus de lasten verschoven zijn, waar door bij het vallen van de Regen konsiderabel gelekt hebben, dus de latten weeder diende gespijkerd te worden en waar toe zal be„ noodigen. 10: kand: metselkalk - - . Rop„s 4½: 65: daagloonen van Timmerlieden. . „ 19½: 78: _o „ Metzelaars. . . „ 23 2/5: —o. „ koelies. . . „ 23 7/5: 234: 60: lb: spijkers —. Somma Rop„s 70 4/5: Aan het peper pakhuis met het annekse Neli pakhuis en het Am„ „munietsie huis, Is het dak voor zoo verre wij zien kunnen behoor„ „lijk gerepareert. Aan de Officiers wooning. Is geen de minste verdekking gedaan alleen zijnde ijzere hengsels, Grendsels en windhaken gerepareerd dus de ver„ „dekking als nog diende „ geschieden. De Aan 256. 257. Vrijdag den 30: oktober 1789: Vrijdag den 30: Oktober 1789: onder Eed herwaards zenden. besluit de bedienden te ge„ „poksteenen voor de kai en hem te laaten werpen. Aan de Militaire Hoofdwagt. Is het dak voor een gedeelte ver„ „dekt dog de manqueerende ver„ „dekking zoo wel van dezelve als va van de reparaatsie van de kombuis diende als nog te geschieden. Aan de Militaire wagt op de punt is het dak rontom verdekt dog boven aan diendt hier en daar de moeten Iaarlijx een rapport verdekking als meede nog te geschieden. In hoope dat wij onze kommissie nagenoegen van uw Weled: Gestr: Groot achtb: zal hebben volbragt zoo hebben wij de eene met diep„ schuldige ontzag te noemen /:onder„ „stond:/ weled: Gestr: Groot achtb: Hoog Gebiedende Heer, uw wel„ edele Gestrenge Groot achtb: zeer gehoorsaame Dienaaren. /:was geteekend:/ D: H: vogt en E: I: Springer /:in margine: koilang den 25: oktober 1789: En is na resumsie van het zelve beslooten „lasten eenigen voorgrond aante tot voorkooming, dat de kaaij voor de poort winnen, in een bepaald getal ka„ en de Berm onder de punt Mallabaar niet weder door de geduurige slagen van de zee beschaadigd worden, de Bedienden aldaar te gelasten, eenigen voorgrond te trachten aantewinnen en daar toe Iaarlijx twee duizend vijfhonderd groote kapok steenen voor de kai en drie honderd voor de Berm te laaten werpen, mits zij Iaarlijx een rapport onder eede herwaards zenden, dat die steenen daar toe werklijk verbruikt ^ goedgevonden en zijn; voorts is ^ verstaan vetaa de verdere reparaatsien aan de vesting te koilang voor eerst uit te stellen, doch de wooningen van het opperhoofd en den officier mitsgaders de Militairen wachten te laaten verdekken en waar het noodig is te laaten verspijkeren. Aldus Gedaan, Geresolveerd en G'arresteerd in Raade van Nalabaar ter steede Koetsiem ten dage maand en Jaare voormeld /:was geteekend:/ I: G: van Angelbeek, I: L: van Spall, P: P: Gebhardt, I: W: A: van Rossum, I: A: Cellarius, W: van Haeften Arnolduus Lunel, en I: A: Eversdijck de Resoluutsie 258 259: Dingsdag den 10: November 1789: Lektuura van een brief van Tipoe sulton Patscha. Resolutsie genoomen in Raade van Mallabaar ter steede koetsiem. Dingsdag den 10: November 1789 voormiddags te halv negen uuren present alle. De Heer Goeverneur kommuniceerden aan de vergaadering dat zijn Ed: deezer dagen een brief van Tipoe Sultan Patcha ontvangen had, waar van het Translaat opgeleezen zijnde van den volgenden inhoud bevonden werd. Translaat Tamwoelsche brief door den Patscha Tipoe Sultan geschreeven aan den weledele Gestrenge Groot achtbaaren Heer Goeverneur Johan Gerard van Engelbeek ontvangen den 31. october 1789: Aan den Gelukkigen bezitter van veele voorspoeden, gelijkstandigen met den berg Mahameroe, beschermer van veele volken, gemeeten van een wijd uitgestrekt geluk, den Heer Hollandsch Goeverneur Salut. Ik heb lange het genoegen niet gehad uwe Edele brief te ontvangen en desselfs aanhoudende welstand te kunnen weeten, dus verzoek ik in het vervolg mij daarmeede te vereeren, Ik heb verstaan, dat wijl uwedele het fort kran„ „ganoor niet het volk van Rama Rasia bezet had, door het zelve veele Nairos en meer andere die„ „ven van de Armoneesche landen geprotegeerd, en door die vlucht „lingen veele hostiliteiten in 's armoneesch landen gepleegd wor„ „den, dit doed mij zeer, vervonderen, uit hoofde van de oude vriendschap die tusschen de Hollanders en de Armoné subsisteerd, en wijl het fort kranganoor in het midden van het armoneesche Rijk ligt, koste de vriendschap krachtiger, onderhou„ „den worden, waar van ik mij ook verzeekerd houde. uwedele gelieve dus in dat fort aan de vluchtlingen geen Schuilplaats te verleenen, op dat door hun slegt gedoente, de oude vriendschap van op.
English
260 261. Tuesday the 10th of November 1789: The envoy of the Padshah and Sihaalen Patter granted an audience. Answer of the Honorable Gentleman. Request to confer with the King of Travancore about this matter. Representation of the flight of various Nairs and wealthy merchants to the Travancore territory. not be hindered for so many years. Since the King of Cochin has of old placed his trust in the protection of the Armone and still persists therein, may your Honour be pleased to favorably assist in his Highness's affairs as well. Written in the year Sawoemia, the 14th of the month Asoewisoe. At the head of the letter stood the name of the Padshah signed in Mogol. Underneath stood: For the translation, Cochin, date as above. Was signed: D: M: Truijens, Sworn Translator. Thereupon the Governor made known that the envoy of the said Padshah, who is the deliverer of that letter, had requested yesterday to speak with his Honour, and having appeared before his Honour together with the sarbadikariakaren of the King of Cochin named Siraalen Patter, Tuesday the 10th of November 1789: had verbally brought to attention that various Nairs and wealthy merchants from his Master's realm had fled with many treasures to the Travancore territory and were protected by the King, whereby they committed many hostilities in the Nabob's lands; that his Master therefore requested, by virtue of friendship, to confer with and admonish the King of Travancore on this matter henceforth not to grant any refuge to fugitives from his realm. That his Honour had answered thereto that he would write to the King about this, and meanwhile had drafted a reply to the Padshah, which being read out, was approved and agreed to fully conform therewith, and to insert the draft here. Draft 262. 263. Tuesday the 10th of November 1789: Tuesday the 10th of November 1789: Draft letter written by the Right Honorable, Strict, Highly Esteemed Governor Johan Gerard van Angelbeek to the Padshah Tipu Sultan. To the Fortunate Possessor of many prosperities, equal to Mount Mahameru, measure of a far-extended fortune, Protector of those who suffer oppression, Beloved for Merciful deeds, Rewarder and Prince of Princes, the Most Serene Lord Tipu Sultan Padshah, from the Governor Johan Gerard van Angelbeek, greetings. Until the 10th of this month I find myself in a good state of health and request to be informed of the state of your Most Serene Highness and all agreeable tidings. I have found myself honored with a letter from your Most Serene Highness, to which serves in reply that the Honorable Dutch Company has always sought to maintain friendship with your Most Serene Highness; and that I am thus very pleased to perceive in your Highness's letter the same affection for it, and I assure your Highness that I shall always endeavor to foster it. Regarding Fort Cranganore, it serves in reply that the same has been sold to the King of Travancore, who grants no refuge there to any wicked people, and still less will permit anyone to commit hostilities in the Armeneese country; nevertheless, in order to give your Highness as much satisfaction in this matter as depends on me, I have made known your Highness's desire to the highly mentioned King. Desire 264. 265. Tuesday the 10th of November 1789: Tuesday the 10th of November 1789: Receipt of letters and gifts. Resolution to have the same delivered by members of the council. Lunel and Bos appointed for delivery to the King of Travancore. Lunel and Eversdijck to the King of Cochin. The low rice delivery of the King of Travancore. Resolution thereon. Report of missing gift goods. desire made known. The King of Cochin continually enjoys all protection and friendship from the Honorable Company, and I doubt not that he will bear full testimony thereof in his letters to your Highness, and the favorable recommendation of your Highness will encourage me on every occasion to show help and friendship to that King, who is an old ally of the Company. If there should be anything here at your Most Serene Highness's service, please write to me. Greetings. Letters and gifts for the Kings of Travancore and Cochin having been received from Batavia by the ship De Schelde, it was approved and agreed to have the same delivered to those Kings by members from this council, and to appoint for that purpose the members Arnoldus Lunel, Secretary, and Johannes Bos, Chief of Coulang, to the King of Travancore, and the aforesaid members Lunel and Jakobus Adrianus Eversdijck, Provisional Pay Bookkeeper, to the King of Cochin. A judicial report on the inspection of the aforementioned gift goods brought from Batavia was read out, whereby it appeared that fewer goods were found in the crates than were recorded on the packing slips, namely the following goods: 1 fine gilded firearm 1 piece of purple velvet, long 35 Covids 25 ells of gold braid, two inches wide and it was approved and agreed to make up these shortages from the Company's stock so far as possible, and the remainder by purchase, and to defer the decision regarding reimbursement until the inspection of the delivered cargo of that ship shall have been received. With respect to the last-mentioned King, it having been made known by the Governor that his Highness has now for some time delivered no or little rice
Dutch transcription
260 261. Dingsdag den 10:' November 1789: de zendeling van den Pat„ scha en sihaalen patter ter audientsie antwoord van den Edele Heer verzoek om den koning van Trevankoor daar over te onderhouden. vertooning van de vlucht van verscheide Nairosen rijke kooplieden naar het Trevankoorsche. van zoo lange Iaaren niet ver„ „hinderd worden. wijl de koning van Koetsiem van ouds zijn vertrouwen op de pro„ „textie van den Armone gevestigd heeft en noch daar in volhard, zoo gelieve uwedele in zijn Hoogheids zaaken ook gunstiglijk te assisteeren. Gesz: in het Iaar Sawoemia den 14: van de maand Asoewisoe aan het hoofd van den brief stond den Naam van den Patscha in het Nogolsch geteekend /:onderstond:/ voor de Translaat„ „sie Koetsiem dato als vooren /:was geteekend:/ D: M: Truijens G: Translateur. Vervolgens gaf de Heer Goeverneur kennis dat de zendeling van gem: Patscha die de besteller van dien brief is, op gisteren had laaten ver„ „zoeken zijn Ed: te moogen spreeken en met den sarbadikariakaren van den koning van koetsiem met naame Siraalen Latter bij zijn Dingsdag den 10: November 1789: Ed: verscheenen zijnde, nader monde„ ling onder het oog gebracht had, dat verscheide Vairos en Rijke kooplieden uit zijn Meesters rijk met veele schatten naar het Trevank oorsche vluchteden en door den koning gepro„ „togeerd wierden, waar door zij veele hosteliteiten in snababs landen pleegden, dat zijn Meester derhalven verzoeken liet, uit hoofde van de vriendschap, hier over den koning van Trevankoor te onderhouden en te vermaanen, voortaan aan vluchtelingen uit zijn rijk geene schuilplaats te verleenen. Dat zijn Ed: daar op geant„ „woord had aan den koning daar over te zullen schrijven en intus„ „schen een antwoord aan den Patcha had vervaardigd het welk op„ „geleezen zijnde, is goedgevonden en verstaan zich daar meede ten vollen te konformeeren, en het koncept hier bij te insereeren. Ed: concept 262. 263. Dingsdag den 10: November 1789: Dingsdag den 10: November 1789: koncept brief door den weledelen ge„ „strengen Groot achtbaa„ ren Heer Goeverneir Johan Gerard van Angelbeek geschreeven aan den Dat„ „scha Tipoe Sultan Aan den Gelukkigen bezitter van veele voorspoeden, gelijkstandiger met den Berg Mahameroe gemeter van een wijd uitgestrekt geluk Beschermer van de geenen die on„ „derdrukkingen lijden, Beminmaard van Barmhertige daaden, Beloo„ „ner en vorst der vorsten den Doorluchtigsten Heer Tipoe Sultan Latsela door den Heer Goeverneur Johan Gerard van Angelbeek salut. Tot den 10: deezer be„ „vind ik mij in een goeden staat van gezondheid en verzoeke den staat unwer Doorluchtigste Hoogheid en alle aangenaame tij„ „dingen te bedeelen. Ik heb mij vereerd gevonden met een brief van uwe Doorluchtigste Hoog„ „heid waar op in antwoord diend, dat de /hoogaanzienlijke Hollandsche/ komp: steeds getracht heeft de vriendschap met uw Doorluch„ „tigste Hoogheid te onderhouden; en dat ik dus zeer verblijd ben, in't uw Hoogheids brief Desselfs geneegenheid tot dezelve te ont„ waaren, en ik verzeekere uwe Hoogheid, dat ik steets tragten zal dezelve aan te queken. Aangaande het fort kranganoor diend in antwoord, dat het zel„ „ve aan den koning van Trevan„ koor verkocht is, die daar aan geen quaad volk eenige schuil„ „plaats verleend, en noch minder aan iemand permitteeren zal hosteliteiten in het Armeneesche land te pleegen, niet te min heb ik om uwe Hoogheid in dit stuk zoo veel genoegen toe te brengen als van mij afhangd aan hoog gemelde koning van uw Hoogheids be„ H geerte 264 265. Dingsdag den 10:' November 1789: Dingsdag den 10: November 1789: ontvangst van brieven en geschenken. besluit dezelve door leden uit de vergadering te laa te bestellen. van Frevankoor. de geringe rijst leverantie besluit daar op. Rapport van minder ont„ „vangen geschenk goederen. Luuel en Eversdijck aan den koning van Koelsiem. „geerte kennis gegeeven. De koning van koetsiem geniet bij aanhoudendheid alle protextie en vriendschap van D'Ekomp: en ik twijfele niet of hij zal daar van in zijne brieven aan uwe Hoogheid volkoomen getuigenis geeven, en de gunstige rekomman„ „daatsie van uwe Hoogheid zal mij aanspooren om dien koning die een oude Bondgenooten van de kompanie is bij alle geleegenheid hulpe en vriendschap te bewijzen. Hier iets van uw Doorlnctig„ ste Hoogheids dienst mogte zijn, gelieve mij te schrijven salut. Y Van Batavia brieven en geschenken voor de koningen van Trevankoor en koet„ „siem met het schip De Schelde ont„ „vangen zijnde, werd goedgesiondon en verstaan dezelve door leeden uit deeze vergaadering aan die koningen te laaten bestellen, en daar toe te benoe„ Lunel en Bos benoemd ter men de Leden Arnoldus Lunel bestelling aan aen koning Sekretaris, en Iohannes Bos opper„ „hoofd van koilang aan den koning van voorm Trevankoor en de Leden Lunel en Jakobus Adrianus Eversdijck pl soldij boekhouder aan den koning van koetsiem. Is opgeleezen een Iustietsieel rap„ „port van de bevinding der voormelde van Batavia aangebragte geschenk goederen, waar bij bleek, dat in de kapen minder bevonden waaren, dan bij de afpakbriefjes bekend stonden, de volgende goederen als: 1: fijn verguld geweer 1: p„s purper fluweel lang 35: Ca: 25: el goud passement van twee duim breed en is goedgevonden en verstaan deeze minderheeden uit 'skomp: voorraad voor zoo verre mogelijk en de, resteerende door inkoop te laaten suppleeren, ende disposietsie nopens de vergoeding uit„ „gesteld te laaten, tot dat de bevinding der uitgeleeverde laading van dat schip zal weezen ingekoomen. Met opzicht tot laastgemelden koning door den Heer Goeverneur te kennen van den koslang van koetsien gegeeven zijnde, dat zijn Hoogheid nu een tijd lang geene of weinig vijst Trevankoor geleeverd
English
266. 267. Tuesday the 10: November 1789: resolution to have the members Lunel and Eversdijck confer earnestly with His Highness on this matter. and request a larger quantity. the King of Koetsiem requested regarding the great scarcity of fanems. resolution regarding the Baseroeken. resolution. proposal of the Honorable Gentleman had delivered: thus it has been approved and agreed to have His Highness conferred with earnestly on this matter by the aforementioned members Lunel and Eversdijck, pointing out that the Batavian ship will soon be unloaded and must load rice for Ceilon, and thereby to request His Highness immediately to ensure that a generous quantity of rice be delivered, as otherwise the ship would not be able to obtain a full cargo. Furthermore, the Governor gave notice that, due to the great scarcity of fanems, His Honor had conferred with the King of Koetsiem by letter regarding the great scarcity thereof and had requested him to have fanems minted as soon as possible to the amount of twenty or thirty thousand ropijen, according to the former alloy and with the former stamp; but that it appeared to His Honor that this prince was not inclined thereto, since His Highness had left that letter unanswered until now; wherefore His Honor was of the opinion that it should be proposed to the said king to declare the Tjakkerons of Trevankoor current in his land at the rate of eight and twenty pieces to a ropij, for which they circulated at Koilang and Porka; upon which deliberation having taken place, it was approved and agreed by unanimity of votes to conform fully to that proposal, which remained as a second remedy against the great scarcity of small coin, and to have the repeatedly mentioned prince conferred with about it. Due to the scarcity of Baseroeken, it was also approved and agreed, upon the proposal made thereto by the Governor, to have them cast again to the value of twenty or twenty-five thousand ropijen, on the same basis as in the year Tuesday the 10: November 1789: 1783: 268. 269. Tuesday the 10: November 1789: the King of Koetsiem requests to purchase the island of Bendoerti. inquiry into those parcels of land. finding resolution. Tuesday the 10: November 1709 1783: namely five-ninths tin and four-ninths lead. After this, the Governor gave notice to the assembly that the King of Koetsiem had caused a request to be made to His Honor to purchase from the Company the island of Bendoerti and two small gardens with a small island close to Kastella; that His Honor had thereupon ordered an inquiry into those parcels of land, and had been informed by the renter of Bendoerti, Anta Setti, that the same had been washed away considerably on one side during this monsoon by the downcoming water, and would have to be secured against further erosion in this good monsoon by the driving in of a palisade and the throwing of a quantity of stones in front of the same, the expenses of which, according to a rough calculation, would amount to fully two years of rent; wherefore His Honor submitted to the members for consideration whether one should submit that request of the king to Their High Excellencies and in the meantime burden oneself with the costs of that palisade, or rather surrender the said island with the two small gardens to His Highness at once, in order thereby to save those expenses. Upon which deliberation having taken place and taking into consideration that the Supreme Government of the Indies will without doubt consent to that request, provided the king is willing to pay the price of a hundred for three for it; that in such a case the costs of the aforementioned palisade will be money thrown away, and one cannot even then be entirely certain whether further erosion in the approaching bad monsoon will indeed be prevented thereby; That in this moneyless time, when only one ship has been received, and one hardly knows what to do about
Dutch transcription
266. 267. Dingsdag den 10: November 1789: besluit de leden Lunel en Eversdijck zijn Hoogheid daar over ernstig te laaten onderhouden. en verzoeken om een rui„ „mer quantiteit. heid aan fan„ de koning van koetsiem verzoekt besluit nopens de Ba„ seroeken. besluit. voorstel van den Edel Heer geleeverd had: zoo is goedgevonden en ver„ „staan door de voormelde Leden Lu„ nel en Eversdijck zijn Hoogheid w daar over ernstig te laaten onderhou„ „den, onder vertooning, dat het Bata„ „viasche schip haast gelost zal wee„ „zen en Rijst laaden moet voor Ceilon en zijn Hoogheid daar bij te ver„ „zoeken ten eersten onder te stellen, dat een ruime quantiteit Rijst gelee„ „verd wierd, alzoo anders het schip geen volle laading zoude kun„ „nen krijgen. voorts werd door den Heer Goever„ „neur kennis gegeeven, dat zijn Ed: mits de groote schaarsheid aan fanems, den koning van Koetsiem Noopens de groote schaars daar over bij een brief onderhouden en verzocht had, ten spoedigsten ter munting derzelven voor twintig of dertig duizend ropijen fanems te laaten munten na het voorige alloi en met den voorigen Stempel, doch dat het zijn Ed: toescheen, dat die vorst daar toe niet geinklineerd was, wijl zijn Hoogheid dien brief tot nu toe had onbeantwoord gelaaten, was„ halven zijn Edele van oordeel was, dat men gemelden koning diende voor„ „teslaan, de Tjakkerons van Trevan„ „koor in zijn land gangbaar te ver„ „klaaren voor den prijs van agt en twintig stux op eene ropij, waar voor dezelven te koilang en Porka roulleerden, waar op gede„ „libereerd zijnde, werd met een paa„ righeid van stemmen goedgevonden en verstaan, zich met dien voorstel het welk als een tweede hulp„ middelen teegen de groote schaars„ „heid van kleene minte overschoot, ten vollen te konformeeren en meermelden vorst daar over te laaten onderhouden. Mits de Schaarsheid van Baseroek en is almeede op de daar toe gedaane proposietsie van den Heer goever„ „neur goedgevonden en verstaan, de„ „zelven weder ter waarde van twin„ „tig of vijfentwintig duizend ropijen te laaten gieten op den voet als in het Jaar Dingsdag den 10: November 1789: wijl 1783: 268. 269. Dingsdag den 10: November 1789: den koning van koetsiem verzoekt het eiland Ben„ „doertik:s te koopen. onderzoekt na die grond„ „stukken. bevinding besluit. Dingsdag den 10: November 1709 1783: te weeten vijf negende tin en viernegende Lood Hier na werd door den Heer Goe„ „verneur aan de vergaadering ken„ nis gegeeven dat de koning van koetsiem aan zin Ed: verzoek had laaten doen, het eiland Bendoer„ „ti en twee thuintjes met een kleen eilandje digt bij kastella van de komp: te koopen, dat zijn Edele daar op na die grond stuk„ „ken onderzoek had laaten doen. en door den Pachter van Bendoerti Anta Setti onderricht geworden was, dat het zelve in deeze nous„ „son aan de eene zijde merklijke was afgespoeld, door het afkomende water en in deeze goede mousson tegen de verdere wegspolling met het inhaien van een paalwerk en het werpen van een partij steenen voor het zelve zoude moeten beveiligd worden, waar van de ongelden naar een ruwe kalkulaatsie wel twee Jaaren huurpennin„ „gen bedraagen zouden, weshalven zijn Edele aan de leden in overweeging gaf, of men dat verzoek van den koning aan Hunne Hoogedelheeden voordraagen, en zich middelerwijle met de kosten van dat paal werk belasten, dan wel het gemelde Eiland met de twee tuint„ „jes ten eersten aan zijne Hoogheid overgeeven zoude, om daar door die ongelden uit te winnen. Waar op gedelibereerd en in aanmer„ „king genoomen zijnde, dat de Hooge Jndische Regeering in dat verzoek buiten twijfel zal bewilligen, mits de koning daar voor den prijs van honderd voor drie betaalen wil, dat in zulk een val de kosten van het voorschreeven paalwerk weggeworpen geld zijn zal, en men dan noch niet eens ten vollen verzeekerd kan zijn, of de verdere afspoeling in de aanstaande quaade mousson daar door wel zal voorgekoomen worden; Dat in deezen geldlooze tijd daar men maar een schip gekreegen heeft, en haast geen raad weet aan zijn het
English
270: 271: Decision to sell the island Bendoertij to the king. The king must pay one hundred for three. His earnest admonition to the Diwan for a more generous pepper delivery. Tuesday the 10th of November 1789: the necessary money to meet the daily expenses, and to arrive at the purchase of rice for Ceilon, the purchase money can serve for partial payment of the contracted one thousand lasts for the aforementioned government, and that moreover the purchase can be concluded subject to the explicit approval of Their High Nobles: thus it is unanimously approved and agreed to sell the above-mentioned Island Bendoertij, which is leased for 1300 ropijen per year, and the mint at Kastella with the small mint belonging thereto and the piece of alluvial land which is leased for two hundred seventy ropijen, to the highly esteemed king, provided that His Highness pays therefor the highest price of one hundred for three, and explicitly binds himself to return those plots of land again upon receipt of the purchase sum, in case Tuesday the 10th of November 1784: the High Indian Government should disapprove of this sale. Communication of the Noble Gentleman regarding the king of Trevankoor is communicated to the meeting by the Governor. That he (the Governor) from time to time had most earnestly admonished the same, or rather his Prime Minister and Diwan Resa Pulle, who independently governs all matters of the Kingdom, to a generous pepper delivery, and had received very good promises on each occasion, without them having been properly fulfilled, of which successive admonitions His Honour, by a letter of the 19th of October last, had included a clear recapitulation to the aforementioned Diwan, partly to remind him of his repeated promises and to make him ashamed of breaking them, and partly also to bring the efforts made for a generous collection concisely to the attention of continued: 272. 273. Tuesday the 10th of November 1789: not only of this meeting, but also of the High Indian Government at Batavia, and the Gentlemen Majores in the Netherlands, who now complain more strongly than ever about the poor delivery, and desired that one should earnestly urge the king toward a better compliance with the treaties in this matter; which letter, having been read in Council, was found to read as follows. Draft letter written by the Right Honourable, Valiant, Highly Esteemed Governor Johan Gerard van Engelbeek to the Diwan of the king of Trevankoor, named Scesa Zulle, on the 19th of October 1789: —. I am sorry that Your Honour is prevented from coming here due to Tuesday the 10th of November 1789:—. indisposition, but I hope that the same may be of short duration and that Your Honour, having recovered, will grant me the honour of your visit. In the meantime, I can now no longer delay writing about the pepper delivery, about which I have discussed with Your Honour so many times this year by word of mouth and by letters. Already on the 11th of July, when Your Honour was here with me, Your Honour made me the greatest promise that a generous quantity of pepper would be delivered this year, and when Your Honour was here at the end of that month to conclude the contract concerning the fort Kranganoor and the field post Tikotte, Your Honour repeated that promise. However, because nothing came of it, I wrote again on the 24th of August, and shortly thereafter sent the Company's merchant Anta Setti to Your Honour, indisposition 274: 275. Tuesday the 10th of November 1789: and further admonished for a prompt delivery, who also returned with the verbal answer that the delivery would begin without any further delay, and that more pepper would be delivered this year than last year. Upon this I waited again for a month, because Your Honour had departed for the Court, but again nothing came of it; thus I wrote to Your Honour once more about it on the 29th of September. But all this effort expended has been fruitless until now, and the delivery has to this day been so very neglected that at Zorka only a little over three hundred, and at Kalikoilang scarcely one hundred kandijlen have been delivered, notwithstanding the month of October is already Tuesday the 10th of November 1789: drawing to an end, when in previous years the delivery was nearly completed. I am thus compelled to admonish Your Honour once more hereby in the most earnest manner to let the delivery begin without any delay and not to postpone it a single day longer, because at the end of this month two ships are scheduled to depart from Ceilon to collect the pepper for the return ships. In the same manner, I am obliged to address Your Honour regarding the outstanding moneys amounting to rop: 105201:12: namely on account of Batavian merchandise at the close of the account. . . . . . . . rop: 35648: 28: on account of sold Islands - - - - rop: 61366:32: on account of sold four 18-pounder cannons with accessories - - - - - - - rop: 5007: —. on account of sold 351 pieces of flintlocks and other weapons of the Chegos. - . . - rop: 3179: —. making as above Rop: 105201: 12:- for this account must be settled:
Dutch transcription
270: 271: besluit het eiland Bendoer„ „tij Ab: aan den koning te verkoopen. de koning moet honderd voor drie betaalen. zijn ernstige aanmaa„ „ning aen den Diwaan, riumere tot een vuwe peperleve„ rantsie Dingsdag den 10: November 1789: het noodige geld tot het bestrijdeng der dagelijxe uitgaven, en het inkoopen van Rijst voor Ceilon te komen de kooppenningen kunnen strekken tot gedeeltelijke afbetaaling van de gekontrakteerde duizend lasten voor het voorschreeven goevernement en dat daar en boven de koopgesloo„ „ten kan worden op de uitdrukkelijke approbaatsie van Hunne Hoogedel„ heeden: zoo is met eenpaarigheid van stemmen goed-gevonden en verstaan het bovengemeld Eiland Bendoertij„ het welk voor 1300: ropijen 'sjaars verhuurd is en de min te kastella met het daar toe gehoorende kleen mintje en aangespoeld. stukje grond het welk voor tweehonderd zee„ „ventig ropijen verhuurd is aan Hoog gedachten koning te verkoopen, mits zijne Hoogheid daar voor den hoog„ sten prijs van honderd voor drie be„ taale en zich uitdruklijk verbind, die grond stukken wederom tegen te rug ontvangst van den koopschat over te geeven, ingevalle Dingsdag den 10: November 1784: de Hooge Indische Regeering deezen verkoop mogt disapprobeeren. Het opzicht tot den koning van Trevankoor word door den Heer Goe„ „verneur ter vergaadering gekom„ „municeerd. Dat hij (: Heer Goeverneur:/ van tijd kommunicaatsie van tot tijd denzelven of eigentlijk zijnen den Edele Heer noopens eersten Minister en Divaan Resa Pulle die alle zaaken van het Rijk vrijmachtig bestierd op het ernstigste tot een ruime peper leve„ „rantsie vermaand en daar op telkens heel goede beloften erlangd had, zonder dat daar aan behoorlijke was voldaan, van welke sukcessive aan„ „maaningen zijn Edele bij een brief van den 19: oktober Iongstleeden aan ge„ „melde Divaan eene duidelijke re„ „kapitulaatsie had laaten invloeien, eensdeels om hem aan zijne herhaalde beloften te herinneeren, en voor het verbreeken van dezelven be„ „schaamd te maaken, en anderen deels ook, om daar door de aangeevende poogingen tot een ruimen inzaam op eene beknopte wijze onder het oog de te vervolg: 272. 273. Dingsdag den 10: November 1789: te kunnen brengen, niet alleen van deeze vergadering maar ook van de Hooge Indische Regeering te Batavia, en de Heeren Majores ^sterker vr in Nederland die thans ^ ekken dan oit over de slegte leverantsie doleeren, en begeerden, dat men bij den koning op eene beetere nakoo„ „ming der traklaaten in dit stuk ernstig aandringen zoude, welke brief in Raade geleezen zijnde bevonden werd aldus te luiden. Koncept brief door den weledele Gestrenge Groot achtbaaren Heer Goeverneur Johan Gerard van Engelbeek Geschreeven aan den Divan van den koning van Tre„ „vankoor gen=t Scesa Zulle den 19. oktober 1789: —. Het doed mij leet dat uw Ed: door Dingsdag den 10:' November 1789:—. onpasslijkheid verhinderd is hier te komen, doch ik hoope dat dezelve van kor„ „ten duur mag zijn en dat uwEd: hersteld zijnde mij de eere van zijn bezoek sal geeven. Inmiddels kan ik nu niet langer uitstellen over de peper Leverantsie te schrijven, waar over ik uwEd: dit Jaar zoo meenigmaal bij monde en bij brieven onderhou„ den hebbe Reets op den 11. Juli toen uw Ed: hier bij mij was, heeft uwEd: mij de grootste belofte gedaan dat dit Jaar een ruime quantiteit peper geleeverd worden en toen uwEd: in het laast van die maand hier was om het kontrakt over het fort kranganoor en de veldpost tikotte te sluiten, heeft uwEd: die belofte her„ „haald, wijl daar echter niets van quam: zoo heb ik op den 24: Aug=s weder geschreeven en kort daar na 'skomp„s koopman Anta setti bij uw Ed:e gezonden, orpaslijkheijd 274: 275. Dingsdag den 10:' November 1789: en nader tot eene spoedige lene„ rantsie vermaand, die ook met het mondige antwoord terug gekoomen is, dat de Leverantsie zonder eenig verder uitstel zoude beginnen, en dat er dit Jaar meer peper zouden geleeverd worden dan voorleeden Jaar. Hier op heb ik weer eene maand ge„ wagt, wijl uwEd: naar het Hof vertrokken was doch daar quam alweer niets van, dus schreef ik den 29: 7ber nog„ „maals daar over aan uw Ed: doch alle deeze aangewende moeite is tot nu toe vruchte„ „loos geweest en de leverantsie is tot heeden toe, zoo zeer ver„ „zuund, dat er te zorka noch maar een weinig over de drie honderd, en te kalikoilang nauwlijk honderd kandijlen geleeverd zijn; niet tegenstaan, „de de maand october alweer Dingsdag den 10:' November 1789: ten einde loopt wanneer in voorige Jaaren de Leverantsie haast volbragt was. Ik bendus genoodzaakt uw Ed: nochmaals bij deezen op het ern„ stigste te vermaanen, om de Leverantsie zonder eenige tor„ „dance te laaten beginnen en die geen dag langer nit te stellen, wijl in het laast van deeze maand twee scheepen van Ceilon staan te vertrekken om de pe„ „per voor de vetverscheepen afte„ haalen. Inzelver voegen ben ik verplicht uw Ed: over de agterstallige pennin„ „gen aan tespreeken bedraagende rop: 105201:12: te weeten weegens Batavia„ „sche koopmanschappen bij slot van reekening. . . . . . . . rop: 35648: 28: wegens verkogte Eilanden - - - - „ 61366:32: weegens verkochte vier 18: ponders kanons met toe„ „behooren - - - - - - - „ 5007: —. wegens verkochte 351. p:s snaphaanen en verdere wa„ „pens van de sjegos. - . . - „ 3179: —. makende als boven Rop: 105201: 12:- want deeze reekening moet ver== ten „effend:
English
276. 277. Tuesday the 10th of November 1789: reply of the Diwaan be settled, before we can close our books, which are waiting for that, wherefore I request Your Honour to send receipted ready cash or otherwise to the amount of so much money against the pepper delivery of this year with kaliga hallen. And as I must have a positive answer to this in order to cover myself before the High Government at Batavia and before the Company in Europe: so I send my Interpreter with this letter and request that he be sent back to me speedily with a written answer. God keep Your Honour. Beneath stood: thus translated by me into Malabar, Cochin, date as above. Was signed: I: M: Truijens, sworn Translator. That the Divaan had answered thereto by a letter of the 23rd of October, that he had once again expressly ordered the delivery to be completed, and that also the Interpreter Johannes Martinus Truijens, who had delivered the letter to the Divaan, had returned with the verbal answer: That he would not fail to fulfill his promise Tuesday the 10th of November 1789:—. with an ample pepper delivery to the Company, and that the same had solely been delayed by the continuous rain that had been had all this time, but now without further delay would proceed. As this appeared further from the translated answer of the said Divaan and from the written report of the said Interpreter, which, having been read out one after the other, were found to read as follows. Translated Letter written by the Divaan kesa Pulle of the King of Trevankoor to the Right Honourable, Venerable and Most Worshipful Lord Governor Johan Gerard van Angelbeek, received the 23rd of October 1789:—. From the hands of the Interpreter Truijens I have received Your Right Honourable and Worshipful letter and understood its contents, and he has also made me understand very circumstantially everything that Your Right Honourable, Venerable and Most Worshipful had caused to be made known regarding the delayed delivery 278 279: Tuesday the 10th of November 1789:—. Tuesday the 10th of November 1789: delivery of pepper etc.: whereupon serves as a friendly answer that I shall send the pepper contractor or sarbadikariakaar thither in order to see the receipt for the known sum on account of Batavian merchandise received, Moetoekoenis heavy artillery etc., the account, and to pass it against the delivery of pepper. I have expressly ordered anew, without the least delay, to complete the pepper delivery of the Honourable Company, and may it please Your Right Honourable, Venerable and Most Worshipful to be assured that such shall not fail. Furthermore, I have spoken of some matters to the Interpreter for notification to Your Right Honourable, Venerable and Most Worshipful, and as I also have many matters to negotiate with Your Right Honourable, Venerable and Most Worshipful, I shall come to Your Right Honourable, Venerable and Most Worshipful within the next few days. Meanwhile I wish Your Right Honourable, Venerable and Most Worshipful lasting health. Signed: by the said Diwaan. Beneath stood: for the translation, Cochin, date as above. Was signed: J: M: Truijens, sworn Translator. According to Your Right Honourable, Venerable and Most Worshipful Highly Esteemed order, the undersigned has been to Laroe to the Divaan of the King of Trevankoor named kesa Pulle, and handed over Your Right Honourable, Venerable and Most Worshipful's letter to the same, and seriously remonstrated with him about the bad pepper delivery, with repetition of his promises made at all conferences to Your Right Honourable, Venerable and Most Worshipful upon his highest complaint about the same, and upon the fulfillment of the Treaty, and furthermore shown that the latest letters from Europe were filled Right Honourable, Venerable, Most Worshipful, High Commanding Lord, To the Right Honourable, Venerable and Most Worshipful Lord Johan Gerard van Angelbeek, Ordinary Councillor of the Netherlands Indies, Governor and Director of the Malabar Coast and its Dependencies &a &a &a with 280 280: Tuesday the 10th of November 1789: — with severe complaints about the meager deliveries, and that Your Right Honourable, Venerable and Most Worshipful thus found himself in the greatest embarrassment, from which the Diwaan alone could rescue him through an ample delivery, since until now at Porka Kali no more than three hundred and at Koilang scarcely one hundred candil had been delivered, notwithstanding that the month of October was already drawing to a close, at which time in previous years the delivery was almost completed. That this was not in accordance with the Treaty which subsists between the Honourable Company and the King his Master, nor with the good promises of the Diwaan, since he was fully convinced that Your Right Honourable, Venerable and Most Worshipful endeavoured in every part to give satisfaction to His Highness, in order thereby to encourage the Diwaan to look after the Company's affairs. Furthermore, that Your Right Honourable, Venerable and Most Worshipful caused the Diwaan to be requested to provide at the soonest the amount for the purchased Batavian merchandise, the islands of Noetoekoems, as also Tuesday the 10th of November 1789. the 4 eighteen-pounders and 351 snaphaunces and other weapons, and to settle the account, and if that should be kept lingering any longer, that then the Books would have to be closed with the notice that His Highness had not paid, which would tend to great disparagement of His Highness, and whereby he would lose his highest credit with the Honourable Company; that the Diwaan therefore please send this money in ready cash or else a receipt for so much money against the pepper delivery of this year with Kaliga Mallen. Regarding the first, the Diwaan answered that he would not fail to fulfill his promise with an ample pepper delivery to the Honourable Company, but that the same had solely been delayed by the continuous rain that had been had all this time, but would now be completed without further delay. Concerning the
Dutch transcription
276. 277. Dingsdag den 10. November 1789: antwoord van den Diwaan effend worden, voor dat wij onze Boe„ „ken kunnen sluiten, die daar na wagten weshalven ik uw Ed: verzoeke, dat gequitanticontante speetsie of anders in quantiteit van zoo veel geld op de peper leverantsie van dit jaar met kaliga hallen tezenden. En wijl ik hier op een positief ant„ „woord hebben moet, om mij bij de Hooge Regeering te Batavia en bij de kompenie in Europa te dek„ „ken: zoo zende ik mijnen Tolk met deezen brief en verzoeke hem met een schriftelijk antwoord aan mij spoedig te rug tezenden God Bewaare uw Edele /:onderstond:/ zodaanig door mij in het Mala„ „baars overgezet koetsiem dato als booven /:was geteekend:/ I: M: Truijens gezw: Translateur Dat de Divaan daar op bij een brief van den 23: october geantwoord had, dat hij op het nieuw uitdruklijk gelast had, de leverantsie ten volbrengen en dat ook de Tolk Johannes Hartinus Truijens die den brief aan den Divaan besteld had, te rug gekoomen was met het mondeling antwoorde „ Dat hij niet nalaten zoude, zijne belofte Dingsdag den 10: November 1789:—. „met een ruime peper leverantsie aan „de komp: te volbrengen, en dat dezelve „eenlijk vertraagd was, door de kon„ tinueele regen, die men allen deezen tijd „overgehalt had, doch nu zonder „meer der tardance zoude voortgang „neemen. zoo als dit nader bleek bij het Translaat antwoord van gemelde Divaan en bij het schriftelijk rapport van gem: Tolk, die na den anderen opgeleezen zijnde bevonden wierden aldus te luiden. Translaat Brief door den Divaan kesa Pulle van den koning van Trevankoor ge„ schreeven aan den weledelen gestren„ „gen Groot achtbaaren Heer Goeverneur Johan Gerard van Angelbeek ontvangen den 23: october 1789:—. uit handen van den Tolk Truijens heb ik uweledele achtb: brief ontvangen en dies inhoud verstaan, en ook heeft dezelve mij zeer omstandig te ver„ staan gegeeven, al het geen uweledele gestrenge Groot achtb: had laaten bekendmaaken, nopens de twaage met Leverantsie 278 279: Dingsdag den 10: November 1789:—. Dingsdag den 10: November 1789: leverantsie van peper enz: waar op tot vriendelijk antwoord diend, dat ik de Peper leverantsier of sarbadi„ kariakaar naar derwaards zenden zal om de quitantsie van de bewuste som wegens genooten Bataviasche koop„ „manschappen, Moetoekoenis grof geschut enz: de reekening te zien, en op leverantsie van peper te passeeren Ik heb op nieuw uitdrukkelijk gelast zonder de minste tardance de peper Leverantsie van D'Ekompanie te volbrengen en uweledele gestrenge Groot achtb. gelieft daar aan ver„ zeekerd te zijn, dat zulx niet mankeeren zal. Voorts heb ik eenige zaaken ter be„ „kendmaaking aan uweled: gestrenge Groot achtb: aan den Tolk gezegt en wijl ik ook veele zaaken met uweledele Gestrenge Groot achtb: te verhandelen hebbe, zoo zal ik eerst daags bij uwEd: gestrenge groot achtb: komen. Jntusschen wenschen ik uweledele gestrenge Groot achtb: een bestendi„ ge gezondheid /geteekend:/ door gemo: Diwaan /onderstond:/ voor de Trans„ „laatsie koetsiem dato als vooren: /:was geteekend:/ J: M: Truijens gezw: Translat:r Volgens uw weledele Gestrenge Groot achtb: Hoog G'eerde ordre, is de ondergeteekende bij den Divaan van den koning van Trevankoor in naame kesa Pulle naar Laroe geweest en heeft uw weled. Gestr: Groot achtb: brief aan den zelven overhandigd en hem ernstig onder„ „houden over de slegte peper eene„ rantsie, onder herhaaling van zijn gedaane beloften bij alle konfe„ „ventsien aan uw weledele Gestrenge Groot achtb: op hoogst desselfs dole„ „antsie over dezelve, en op de vol„ „doening van het Trakstaat en verders aangetoond dat de laaste brieven. uit Europa aangevuld waaren Weledele Gestrenge Groot achtbaare Hoog Gebiedende Heer Aan den weledelen Gestr. Groot achtb: Heer Iohan Gerard van Angelbeek Raad ordinair van Nederlands Indiën Goeverneur en Direk„ „teur ter kuste Malabaar en dies onderhoorigheeden &a &a &a Aan met 280 280: Dingsdag den 10: November 1789: — met heevige klagten over de sobere leverantsien en dat uw weledele Gestrenge Groot achtb. zich dus in de Grootste verleegendheid bevond, waar uit de Diwaane alleen hem redden kost door een ruime leverantsie, wijl tot nu toe te Porka Kali niet meer dan driehonderd en te koi „lang nauwlijk honderd kandijl ge„ „leeverd waaren, niet tegenstaande de maand oktober alweer ten einde liep, wanneer in voorige Jaaren de leverantsie hast volbragt was. Dat dit niet over eenkomstig was met het Traktaat, het welk tus„ „schen DE: komp: en den koning zijn Meester subsisteerd, als ook niet met de goede beloften van den Diwaan daar hij ten vollen over„ „tuigd was, dat uw weled. Gesteenge groot achtb: in allen deele trachten aan zijn Hoogheid genoegen te gee„ „ven om daar door den Diwaan tot behartiging van 's komp„s zaaken aan te moedigen. voorts dat uw weled: Gestr: Groot achtb: den Diwaan liet verzoeken om het bedraagen van de gekochte Bataviasche koopmanschappen, de eilanden Noetoekoems, als ook Dingsdag den 10: November 1789. de 4: achtien ponders en 351: sna„ „phaanen en verdere wapens ten spoedigsten te bezorgen, en de ^ dat reekening te vereffenen, en als ^ dat langer draalende mogte gehouden worden, als dan de Boeken zouden moeten geslooten worden, met bekendstelling dat zijn Hoogheid niet betaald had, het geen tot groote minachting van zijn Hoogheid strekken, en waar door hoogst desselfs krediet bij D' Ekomp: verliezen zoude dat de Diwaan derhalven, dit geld aan kontant dan wel een quitantsie van zoo veel geld op de peper leverantsie van dit Jaar met kaliga Mallen geliefde te zenden Nopens het eerste, antwoorde de Di„ „waan dat hij niet nalaaten zoude, zijn belofte met een ruime peper leve„ „rantsie aan D'E: kampanie te vol„ „brengen, maar dat dezelve eenlijk vertraagd was, door de kontinueele reegen die men alle deeze tijd gehad had, doch nu zonder meerdere tardance zoude volbragt worden. de Aangaande
English
At Porca 308 21/30 and at Calicoilang 79 1/5 candies of pepper have been delivered. Regarding the latter, the Dewan replied that your Right Honorable Rigorous Great Esteemed might please consider the heavy expenses his master was currently forced to incur for the maintenance of his war troops, etc.; that he would nevertheless not fail to send the pepper sarbadikariakar Sangara Narajenen Tjenbaga Ramen Pulle here to confront the account with Pulliga Mallen and properly receipt the amount for the Batavia merchandise, purchased lands at Moetoekoemis, as well as the 4 eighteen-pounders and flintlocks, etc., to be settled against the pepper delivery. Furthermore, the Dewan affirmed that his desire and endeavor was nothing other than to look after the affairs of the Honorable Company as his own, and in every way give satisfaction to your Right Honorable Great Esteemed. Herewith the undersigned has the high honor to subscribe himself with the deepest veneration, below stood: Right Honorable Rigorous Great Esteemed Far-ruling Lord, your Right Honorable Rigorous Great Esteemed's faithful and obedient servant, was signed: M. Truijens. In the margin: Tuesday the 10th of November 1789. Cochin the 23rd of October 1789. Tuesday the 10th of November 1789. Further conference to admonish about this again with seriousness. However, nothing had come of this yet again, and the delivery up to the last of October at Porca had amounted to only 154190 lbs or 308 7/30 candies, and at Calicoilang only 39960 lbs or 79 4/5 candies, wherefore his Honor in the beginning of this month had spoken with the agent of the King, Kaliga Mallen, and disposed him to proceed to the Dewan and urge him to fulfill his promise, who thereupon wrote the following to the interpreter Truijens: Translation of an Ola written by the agent of the King of Travancore named Kaliga Mallen to the interpreter Truijens, received the 7th of November 1789. Upon my arrival at Paroer, I made known in detail to the Dewan all that the Honorable Governor of Cochin said to me, and also regarding the delivery of pepper; whereupon the Dewan ordered me to write to your Honor that he would arrange everything to the satisfaction of his Right Honorable Rigorous Great Esteemed and send me quickly thither with the answer; and concerning the prompt delivery of pepper at Porca, the Dewan has now also written earnestly. May your Honor please make this known to his Right Honorable Rigorous Great Esteemed; of the other matters I shall render an oral report upon my arrival. Signed by the aforesaid Kaliga Mallen. Below stood: For the translation, Cochin, date as above. Was signed: I. M. Truijens, sworn translator. Tuesday the 10th of November 1789. Little effect of all efforts. Proposition to give the delegated members an express mandate to confer with the King about the poor pepper delivery and to admonish for a prompt delivery. Resolution. Notification of the balance of the King of Travancore. That all these efforts, however, had had no other effect than only that at Porca another 174821 lbs had been delivered, whereby the delivery there was brought to 329017 lbs or 658 candies, while at Calicoilang in total barely 80 candies had been delivered. Wherefore his Honor proposed to give an express mandate to the delegated members, who would convey the letter and the presents from the High Government to the King of Travancore, to confer emphatically with the King about the poor pepper delivery and to admonish in the strongest terms for a prompt delivery, which insistence his Honor intended to press further and with the utmost earnestness in his covering letters. Whereupon, having deliberated, it was approved and agreed by unanimity of votes to conform to this proposition. Tuesday the 10th of November 1789. Hereafter the Lord Governor informed the meeting that the King of Travancore had not yet paid the balance of the Batavia merchandise purchased last year amounting to 35648.28 rupees, nor for the four 18 lb iron cannons with their cannonballs purchased since, and for 351 pieces of flintlocks, but had
Dutch transcription
282: 283. Te Lorka is 30:8 21/3: en te kalikoilang 79 1/5: kan„ „dijken peper geleeverd. Aangaande de laaste, repliceerde de Diwaan, dat uw weledele ge„ „strenge Groot achtb: geliefde te kon„ sidereeren de Zwaare onkosten die zijn Meester thans genoodzaakt was te doen, tot onderhouden van desselfs oorlogs troepen enz:, dat hij echter niet nalaaten zoude den peper sar„ „badikariakaar Sangara Narajenen Tjenbaga Ramen Pulle naar te konfronteeren en het bedraagen voor Pulliga Mallen. de Bataviasche koopmanschappen, gekoch„ te landen te Moetoekoemis, als ook de 4: achtien ponders en snaphanen &=a behoorlijk te quiteeren, om op de peper leverantsie vereffend te worden. Voorts betuigde de Diwaan dat zijn begeerte en betrachting niet anders was dan de zaaken van D'Ekomp: als zijn eigen te behartigen, en in allen deele uw weledele groot achtb: genoe„ „gen te geeven. Hier meede heeft de ondergetee„ kende de hooge eer zich met de diep„ ste veneraatsie deezen te onder„ „schrijven /:onderstond:/ weledele Gestrenge Groot achtb: wijdgebie„ „dende Heer uwer weledele Gestren„ „ge Groot Achtb: Trouwschuldige en gehoorsaame Dienaar /:was geteekend:/ M: Truijens /inmargine:/ Dingsdag den 10:' November 1789: Dingsdag den 10: November 1789: Koetsiem den 23: oktober 1789:—. Doch dat hier van alweder niets gekoomen was en de leverantsie tot den Laasten oktober te Ponka eenlijk 154190: lb of 308 7/3: kandijlen, en te kalikoilang maar 39960: lb: of 79 4/5: kandijlen bedraagen had, weshalven zijn Edele in het begin van deeze maand, den Agent van den koning kaliga nallen „gesprooken en gedisponeerd had, zich bij den Diwaan te begeeven en denzelven tot het volbrengen van zijne belofte aantemaanen die daar op het volgen„ „de aan den Tolk Truijens geschree„ ven had herwaards te zenden om de reekening nader onderhouding met daar over wederom met ernst aan„ Translaat Ola geschreeven door den Agent van den koning van Trevankoor gen=t kaliga nallen aan den Tolk Truijens ontvangen den 7: No= vember 1789:—. Het mijne komste op Paroer heb ik al het geen de Edele Heer Goeverneur koetsiens mij - 284: 285 Dingsdag den 10: November 1789: geringe uitwerking van alle poogingen. bekendmaaking van het saldo van den koning van Trevankoor. en tot een spoedige leve„ „vantsie te vermaanen. proposietsie om de gekom„ mandatis te geeven om de koning over de slegte po„ mij gezegt heeft omstandig den Diwan bekend gemaakt, en ook wegens de leverantsie van peper, waar op heeft de Diwaan wij gelast uw E: te schrijven mitteerde leden expres in dat dezelve alles ten genoegen van zijn weled: Gestrenge Groot achtb: schikken en mij met het antwoord spoe„ „dig naar derwaarts zenden zoude, en nopens de spoedige leverantsie van peper op Porka heeft de Diwaan nu ook ernstig aangeschreeven; uw E: gelieve dit een en ander aan zijn weledele Gestrenge Groot achtb: bekend te maaken de ovrige zaaken zal ik met mijn komste mondeling verslag doen, geteekend door gem: kaliga Mallen /:onderstond:/ voor de Translaatsie koetsiem dato als boven /:was geteekend:/ I: M: Truijens gezwoore Translateur. Dat alle deeze poogingen echter geene andere uitwerking gehad had„ „den, dan alleen, dat te Porka noch 174821: lb: geleeverd waaren, waar door de leverantsie aldaar op 329017: lb: of 658: kandijlen gebragt was terwijl te kalikoilang in het geheel besluit. maar 80: kandijlen schaars geleeverd waaren. Weshalven zijn Edele proponeerde de gekommitteerde Leden, die den brief en de geschenken van de Hooge Regeering „per leverantsie te onder„ aan den koning van Trevankoor over„ brengen zouden expres in mandatis te geeven, den koning over de slechte peper leverantsie nadruklijk te onder„ „houden en tot een spoedige leverant„ „sie op het krachtigste te vermaanen, welke instantsie zijn Edele bij zijn ge„ „leide letteren nader en met het meeste empressement wilde aandringen. Waar op gedelibereerd zijnde, zoo werd met eenpaarigheid van Stemmen goedgevonden en verstaan zich met deeze proposiessie te konfronteeren. Hier na gaf de Heer Goeverneur, aan de vergadering te kennen, dat de koning van Trevankoor het saldo van de voorleeden Iaar gekochte Ba„ „taviasche koopmanschappen groot rop: 35648: 28: en van de zeder ge„ kochte vier ijzere kanons van 18: lb: met hunne kogels en van 351: p„s snaphaanen tot nu toe niet voldaan Dingsdag den 10: November 1789: maar had „houden.
English
286. 287: Tuesday the 10th of November 1789: continuation. proposal to the Diwan to pass a receipt on the pepper delivery. resolution to have the king urged by the members. resolution to have the king addressed concerning this. report from Ros regarding the passing of the king's ships without calling at the bay. had, and the purchase monies for the Moetoekoemis and further Islands under ultimo August last had also not yet been settled, and that monarch was thus debit in the trade books under ultimo August last for ropias 105201: 12:, notwithstanding the Diwan had been repeatedly admonished to the settlement, and had also made promises thereto each time, and that His Honour, seeing no chance of obtaining cash from the king's hand for the liquidation of this item, had proposed to the Diwan to pass a receipt on the pepper delivery for the collective amount, which had indeed been promised, but until now not fulfilled, as appeared more circumstantially from the forwardly inserted letters from and to the Diwan, as well as from the inserted account of the interpreter Fruijens; on which having been deliberated with attention, it was, on the proposal made thereto by the Governor, approved and agreed to have the king, by the said commissioners, likewise urged thereto. Tuesday the 10th of November 1789: Furthermore, the Governor produced a report from the junior merchant and provisional resident of Koilang, Johannes Ros, containing that the vessels of the king of Travancore, with paddy from the North, passed by Koilang to the South without calling at the bay, and that several private vessels of the king's subjects, with merchandise, under that cloak also sailed past, without submitting to inspection and without paying toll. Whereupon having been deliberated, it was on the proposal of His Honour approved and agreed to also have the king of Travancore addressed concerning this, as well by the letter of His Honour, as orally by the frequently mentioned commissioners, and to request, for the prevention of all frauds, to establish an order for his paddy vessels each time to take a certificate from the chief there, or from the resident of Porka, to be recognized thereby, and to order the merchants and subjects at Porka and elsewhere not to pass by the bay of Koilang, but to report there to be inspected; since one would otherwise be compelled to have cruises made against them. 288 289: Tuesday the 10th of November 1789: Tuesday the 10th of November 1789: Production of a Dutch letter to the king of Travancore. After this being produced by the Governor, the Dutch draft of the letter to the frequently mentioned king concerning the forwardly decided matters, it was approved and agreed to conform fully therewith, and to insert the same here. Draft letter written by the Right Honourable Governor Johan Gerard van Angelbeek to the king of Travancore. I have the pleasure to make known to Your Highness that I, with the ship which arrived from Batavia these days, have received a very favourable answer to the submitted request of Your Highness to purchase the fort Cranganore and Aycotta, and am amply and broadly authorized for the cession of those places; and since with this ship also the answer from His Right Honour the Governor General to Your Highness's letter has been received, the Gentlemen Arnoldus Lunel and Johannes Bos, Members in the Council of Policy, have been expressly commissioned to deliver the letter of His Right Honour with the gifts belonging thereto to Your Highness, not doubting that the same will give Your Highness much pleasure. Among the gifts also belongs a magnificent gilded coach, with mirror glass, but the same could not be ready by the departure of the ship, and according to the writing of His Right Honour was to follow shortly with the ship the Leviathan, and since this last-named ship has since arrived at Colombo.
Dutch transcription
286. 287: Dingsdag den 10:' November 1789: vervolg. voorslag aan den Divaan om een quitantsie op de peper leverantsie te passeeren. besluit den koning door de leden te laaten aanmaaken. besluit de koning daar over te laaten onderhouden. bericht van Ros nopens 't passeeren van skonings scheepen zonder de bai aan te doen. had, en de kooppenningen voor de Moe„ toekoemis en verdere Eilanden onder ult„o Augustus Iongstleeden ook noch niet vereffend waaren en die vorst dus onder ult„o Augustus Iongstleeden ropias 105201: 12: bij de Negootsie boeken debit stond, niet tengenstaande de Diwaan tot de vereevening te meer„ „maalen vermaand was, en ook telkens daar toe belofte gedaan had, en dat zijn Edele geene kans ziende omkontant geld uit 's konings hand te krijgen tot liquidaatsie van deeze post, aan den Diwaan voorgeslaagen had, voor het gesamentlijke bedraagen eene qui„ „tantsie op de peper leverantsie te passeeren het geen ook wel beloofd, doch tot nu toe niet volbragt was, zoo als dat „bleek omstandiger„ bij de voorwaards ge„ insereerde brieven van en aan den Diwaan, mitsgaders bij het geinsereerde relaas van den Tolk Fruijens; waar op met aandacht gedelibereerd zijnde, zoo werd, op de daar toe gedaane propo„ „siessie van den Heer Goeverneur goed„ „gevonden en verstaan, den koning Dingsdag den 10: November 1789: daar toe door gemelde gekommitteerden almeede te laaten aanmaanen. Wijders produceerde de Heer Goeverneur een bericht van den onderkoopman en p„lo opperhoofd van koilang Iohannes Ros, inhoudende dat de vaartuigen van den koning van Trevankoor, met Nelie van de Noord voor bij koilang naar de Zuid passeerden zonder de baij aan„ „tedoen, en dat verscheidene partikuliere vaartuigen van 'Skonings onderdaanen. met koopmanschappen, onder dien dekmantel ook voor bij voeren, zon„ „der zich telaaten, visiteeren en zon„ „der tol te betaalen. Waar op gedelibereerd zijnde werd op de proposietsie van zijn Edele goed„ gevonden en verstaan, ook hier over den koning van Trevankoor, zoo wel bij den brief van zijn Edele, als door meermelde gekommitteerden bij monde te laaten onderhouden en te verzoeken, tot voorkoming van alle fraudes order te stellen voor zijne Velie vaartuigen telkens van het opperhoofd aldaar, of van den Resident baar van 288 289: Dingsdag den 10: November 1789: Dingsdag den 10: November 1789: Produxie van een Neder„ „duitsche brief aan den koning van Trevankoor. van Porka, een bewijs teneemen om daar aan gekend te worden en aan de kooplieden en on„ „derdaanen te Porka en elders te gelasten de baij van koilang niet voor bij te gaan, maar zich daar te melden, om gevisi„ „teerd te worden; wijl men anders zoude genoodzaakt zijn op dezelven te laa„ ten kruissen. Hier na door den Heer Goeverneur ge„ produceerd zijnde, het Iederduitsche opstel van den brief aan meermelden koning over de voorwaards gearresteerde zaaken rouleerende, zoo werd goedgevonden en verstaan, zich daar meede ten vollen te konfronteeren, en het zelve hier te insereeren Koncept brief door den weledelen Groot acht„ „baaren Heer Goeverneur Johan Gerard van Angelbeek geschreeven aan den koning van Trevankoor. Ik heb het genoegen uwe Hoogheid bekend te maaken, dat ik met het schip het welk deezer dagen van Batavia aangekoomen is, een zeer gunstig ant„ „woord op het voorgedraagen verzoek van uwe Hoogheid, om het fort kranganoor en Aikotte te koopen, ontvangen hebben, en tot den afstand van die plaatsen ruim en breed gequalificeerd ben, en wijl met dit schip ook het antwoord van zijn Hoogedelheid den Heer Goe„ „verneur Generaal op uw Hoogheids brief ontvangen is; zoo zijn de Heeren Arnoldus Lunel en Johannes Bos Leden in den Raad van Polietsie, expres gekommitteerd, om den brief van zij„ „ne Hoogedelheid met de daar bij gehoorende geschenken aan uwe Hoogheid over te geeven, niet twijfe„ lende of dezelven zullen uw Hoogheid veel genoegen geeven. Onder de geschenken gehoord ook een prachtige vergulde koets, met spiegel glazen, doch dezelve heeft tegen het vertrek van het schip niet kunnen klaar komen, en zoude vol„ „gens schrijven van zijn Hoogedelheid met het schip de Leviathan binnen korten volgen en wijl dit laastgenoem de schip zeder te kolombo aangelandt schip .
English
290: 291: Tuesday the 10th of November 1789: Tuesday the 10th of November 1789: is: so I hope shortly to have the pleasure of sending the said coach to Your Highness. The said Commissioners are furthermore instructed to welcome Your Highness to our neighborhood, and at the same time to make known the desire that I have to pay Your Highness a visit in person, whenever it shall be convenient for Your Highness. The frequently mentioned Commissioners shall at the same time have the honor to deliver to Your Highness the proof of ownership of Kranganoor and Aikotta and the deeds of purchase of the gardens and sown fields sold therewith, which the Diwaan Kesa Pulle had further requested: I hope that Your Highness, through all these tokens of friendship, will become more and more convinced of the goodwill of the Company and of my endeavor to give satisfaction to Your Highness, and that Your Highness will thereby be moved properly to fulfill the good confidence which the Company places in His very self, by complying with the existing treaties and accompanying promises for the delivery of an ample quantity of pepper, concerning which I must report to Your Highness to my regret that until now no more has been delivered than 658 at Porka and 80 kandijlen at Kalikoilang, notwithstanding that I have repeatedly, most emphatically admonished and most kindly requested the Prime Minister of Your Highness, currently Diwaan Kesa Pulle, to issue orders for the delivery. It is true that he has continually given me firm assurances and promised on his word that he would arrange a delivery for them, yet nothing comes of it, and because the pepper serves to load the return ships, and thus must be sent as soon as possible to Ceilon, for the collection of which the ship Trinkonemale was sent expressly from Ceilon, which now lies fruitlessly in our roads to wait for the pepper: so I hereby most emphatically request Your Highness not to delay an hour longer with the delivery, but to issue the most emphatic orders of 292: 293: Tuesday the 10th of November 1789: Production of a deed of transfer of Kranganoor and Aikotta: that the same be completed in ample measure as soon as possible, whereby the friendship between the Illustrious Company will be more and more confirmed, and I shall at the same time be encouraged to be of further service to Your Highness in many important matters. From Koilang I have received word that many vessels pass by from the north to the south without coming into the bay and showing their passes, which is contrary to the order of the Company and its ancient right and custom. Opportunity for this is given in particular by the vessels of Your Highness yourself, which pass by with grain, for under that pretext the vessels of the merchants and inhabitants of Porka also pass by. I therefore request that orders be issued that the vessels of Your Highness may each time carry with them a certificate from the chief of Koilang or from the Resident of Porka, by which they may be recognized, and that Your Highness order his merchants and subjects at Porka and elsewhere not to pass by the bay of Koilang, but first to report there to be inspected, as I shall otherwise be forced to have the area patrolled. Furthermore, the Governor produced the draft of a deed of transfer of Fort Kranganoor and the field post Aikotta, which were sold to the King of Travancore according to secret resolutions of the 28th of July and the 17th of August last, reading as follows: Johan Gerard van Angelbeek, Ordinary Council of the Netherlands Indies, Governor and Director on behalf of the state and the General East India Company of the United Netherlands on the coast of Mallabaar. To all those who shall see or hear this read, greetings, make known: Whereas in the Council of Malabaar on the 28th of July last, upon the request made thereto Tuesday the 10th of November 1789: by the most illustrious and very powerful King and Lord Wanja Wala Matanda Rama Warmer Bahader, King of Travancore, it was resolved to cede in full ownership to His Highness Fort Kranganoor and the field post Aikotta with the heavy ordnance and artillery supplies found there, and the contract concerning this was duly concluded on the 31st following between us and the Prime Minister of His Highness, the distinguished gentleman Kesa Pulle, at that time Dalawa, now Diwaan, and consequently the surrender of the said Fort Kranganoor and the field post Aikotta was duly completed on the 5th of August last, and the highly esteemed King and Lord has thereupon requested of us to have a proper deed and formal proof of this sale and transfer: so it is that we, being unable to refuse to comply with that urgent request, 244: 295: Resolution to confer with the King concerning this. Tuesday the 10th of November 1789: Tuesday the 10th of November 1789: have seen fit to declare and make known, as we declare and make known by this open letter; That the surrender of Fort Kranganoor with its artillery and ammunition of war, territory, prerogatives, and dependencies, as also the field post Aikotta with the artillery, ammunition to be found there, and lands attached thereto, has taken place in fulfillment of the aforesaid Council resolution, not only of free will, without fraud or deceit, but also that the Honorable Company hereby renounces all ownership, right, and claim which it has had until now upon Fort Kranganoor and the field post Aikotta, and that the one and the other now passes into and shall remain in full and lawful ownership under the possession of the highly esteemed King and his successors in perpetuity. Whereupon, having deliberated: it was approved and agreed to confer there
Dutch transcription
290: 291: Dingsdag den 10:' November 1789: Dingsdag den 10:' November 1789: is: zoo hoop ik binnen korten het ge„ „noegen te hebben, gemelde koets aan uwe Hoogheid te zenden. Gemelde Heeren Gekommitteerden zijn verders gelast uwe Hoogheid in onze nabuurschap te verwelkomen, en tevens kennis te geeven van de begeerte die ik hebbe, uwe Hoogheid in Persoon een bezoek te geeven, wanneer het uwe Hoogheid geleegen zal komen, Meermelde ge„ „kommitteerden zullen tevens de eer hebben, het beweijs van Eigendom van kranganoor en Aikotta en de koop„ brieven van de daar bij verkochte tuinen en zaawelden die de Diwaan kesa zulle nader verzocht heeft aan uwe Hoogheid ter hand te stellen: Ik hoope dat uw Hoogheid door alle deeze blijken van vriendschap meer en meer en meer overtuigd zal worden, van de welmeenendheid van de kompanie en van mijne betrachting om uw Hoogheid genoegen te geeven, en dat uwe Hoogheid daar door zal bewoogen wor„ „den, aan het goede vertrouwen het welk de kompanie in Hoogst dezelve steld behoorlijk te voldoen, door het naarkomen van de liggende traklaaten en bijgevoegde beloften tot de leverantsie van een ruime quantiteit peper waar omtrend ik uw Hoogheid tot mijn leedweezen melden moet, dat tot nu toe niet meer geleeverd is, als te Porka 658: en te kalikoilang 80: kandijlen, niet tegenstaande ik den eersten Minister van uwe Hoogheid thans Diwaan kesa Pulle, te meer„ „maalen op het nadruklijkst vermaand en op het vriendelijkst verzocht heb„ om tot de Leverantsie order te stel„ „len, Het is waar, dat hij mij telkens vaste verzeekering gegeeven en op zijn woord beloofd heeft, dat hij een hunne Leverantsie bezorgen zoude, ooch daar komt niets van, en wijl de peper tot het belaaden van de retoerscheepen dienen, en dus ten spoedigsten naar Ceilon gezonden worden, tot welker afhaal het schip Trinkonemale expres van Ceilon gezonden is, het welk thans vruchtloos op onze rheede ligt; om op de peper te wachten: zoo ver„ „zoek ik uw Hoogheid bij deezen op het nadruklijkste, om geen uur langer met de leverantsie te draalen maar de nadruklijkste order te van 292: 293 Dingsdag den 10: November 1789: produksie van een akte noor en Aikotta: te stellen, dat dezelve in een ruime maate ten spoedigsten volbragt worde, waar door de vriendschap tusschen de Doorluchtige Companie meer en meer bevestigd, en ik tevens aan„ „gemoedigd zal worden, om uwe Hoog„ „heid in veele wichtige zaaken ver„ „der dienst te doen. van koilang heb ik bericht, dat veele vaartuigen van de Noord naar de zuid voor van opdragt van branga„ bij gaan, zonder in de baai aan te ko„ „men, en hunne passen te vertoonen, het welk tegen de order van de kompanie en haar oud recht en gewoonte is, hier toe word inzonderheid geleegenheid gegeeven door de vaartuigen van uw Hoogheid zelve, die met graanen voor bij gaen, want onder dat pretext gaan de vaar„ tuigen van de kooplieden en Inwooners te Porka ook voorbij, Ik verzoeke den„ „halven order te stellen, dat de vaar„ „tingen van uwe Hoogheid, telkens, een bewijs van het opperhoofd van koi„ „lang of van den Resident van Porka bij zich voeren mogen waar aan ze te kennen zijn, en dat uw Hoogheid aan zijne kooplieden en Johan Gerard van Angelbeek Raad ordinair van Nederlands Jndien, goeverneur en Direkteur, wegens den staat en de generaale Oostindische kompenie der vereenigde Neder„ „landen ter kuste Mallabaar Allen den Teenen die deezen zullen zien ofte hooren leezen salut doen te weeten. Nademaal in Raade van Nala„ „baar op den 28: Iuli Iongstleeden op het daar toe gedaane verzoek Dingsdag den 10: November 1789: onderdaanen te Porka en elders gelasten laate, de baij van koi„ „lang niet voor bij te gaan, maar zich daar eerst te mel„ „den om gevisiteerd te worden wijl ik anders genoodzaakt zijn zal daar op te laaten kuissen. voorts produceerde de Heer Goe„ verneur het ontwerp van een Akte van opdragt van het Fort kranga„ „noor en de veldpost ikotte die volgens sekreete Resoluntsien van den 28: Iuli en 17: Aug„s Jongstleeden aan den koning van frevankoor ver„ kocht zijn, luidende als volgt. onderdaanen van G: 244. 295. besluit de koning daar over te laaten onderhouden. Dingsdag den 10: November 1789: van den doorluchtigsten en zeer Machtigen koning en Heer Wanja wala Matanda Rama Warmer Bahader koning van Trevankoor, beslooten is, het fort kranganoor en de veld post Aikotte met het Zwaare geschut en de Arthillerij behoeftens aldaar te vinden aan zijne Hoogheid in vollen eigendom aftestaan en het kontrakt daar over op den 31: daar aanvolgende tusschen ons en den Eersten Minister van zijne Hoogheid, den aanzienlijken Heer kesa Pulle diertijds Dala„ wa thans Diwaan behoorlijk tot stand gebragt, en dienvolgende de overgaave van het gem: fort kranganoor en de veldpost dikatte op den 5: Aug„s Jongstleeden behoorlijk volbragt is, en Hoog gedachte koning en Heer daar op van ons verzocht heeft, van deeze verkoop en overdragt te mogen hebben eene behoorlijke Akte en bewijs in forma: zoo is het dat wij niet kunnende wei„ „geren aan die instantie te voldoen, Dingsdag den 10: November 1789: goedgevonden hebben te verklaa„ „ren en bekend te maaken, ge„ „lijk wij verklaaren en bekend„ „maaken bij deezen openen brief; Dat de overgaave van het fort kranganoor met dies Arthillerij en Ammunietsie van oorlog grond gebied, Pretogativen, en afhanklijkheeden, zoo meede de veldpost Aikotta met de aldaar te vindene Arthillerij, ammunetsie en daar aan ver„ knogte Landen in voldoening aan het voormeldt Raads besluit is geschied, niet alleen uit vrij en wille, zonder erg of list, maar ook dat de Ekomp: bij deezen afstand doed van alle Eigendom, Regt en Pretentsie, die zij op het fort kranganoor en de veld post Aikotta tot noch toe ge„ „had heeft, en dat het een en andere als nu in vollen en wettigen eigen„ „dom overgaat en blijven zal onder de bezitting van Hooggedagten koning en desselfs opvolgers ten eeuwigen dage. Waar op gedelibereerd zijnde: zoo werd goedgevonden en verstaan zich goed„ daar
English
296 297. Tuesday the 10th of November 1789 to conform fully therewith, and to have the same delivered and handed over by the aforementioned commissioners to the king of Trevankoor, together with the ten deeds of sale of the gardens and islands also sold to the said king on that occasion. From the extract minutes of the Resolution of Their High Nobilities of the 14th of April of this year, according to which, at the session of the 2nd of October last, the local post office was established and the instructions for the Postmaster were drafted, it appearing in the 9th paragraph that native letters which are carried by native vessels and are brought and transported by natives are exempted from the payment of postage, but that other letters transmitted therewith shall be demanded by the shahbandar and handed over to the Postmaster General for taxation and stamping, the question arose whether the following should also be included thereunder: Tuesday the 10th of November 1784: 1. Letters sent or brought by express. 2. Letters to and from Frenchmen, Englishmen, and Portuguese residing here, who continually send and receive letters, and 3. Letters from Englishmen in Bombaij and elsewhere, as well as from Portuguese in Goa, and in general from all European foreigners to their authorized agents here, by foreign vessels or expresses. Whereupon, after deliberation, it was taken into consideration that it would be harsh to oblige persons who send their letters by expresses at their own expense, and foreigners who build ships and conduct trade here, and are thereby compelled to write continually to their authorized agents, to surrender their letters to the post office and pay for them; and consequently it was approved and agreed, as by way of an amplification of the instructions for the Postmaster and the ordinance for the shahbandar, hereby to declare such letters exempt, and to give notice thereof by extract of this resolution to the Postmaster and 1. letters shahbandar 298 299. Tuesday the 10th of November 1784: the aforementioned shahbandar. It was communicated by the Governor to the council that His Honour, in view of the increasing desertion, had drafted a placard to counteract the same, whereby not only the distances of how far a private soldier or other officer might go outside the city were clearly determined, but also the bounty of fifty ropijen for whoever apprehended a deserter was newly promised in accordance with previous placards, of which His Honour intended to give notice to the king of Koetsien, with the request to have this published throughout the country by separate notices; which placard, having been read aloud in the council, it was approved and agreed to conform fully therewith, and to have the same published and posted in such manner, as well as Since desertion among the militia and the seamen, despite the placards issued against it, is once again gaining the upper hand, it has this day been approved and agreed in the Council of Malabaar not only hereby to renew the previous placards against it, but also to enact as follows for the further definition of those offenses and for the counteracting of the same: 1. That no soldier, artilleryman, or seaman, both non-commissioned officers and privates who have permission to go outside the fort, may cross the river to Baipien or any other island without a special permission slip, Johan Gerard van Angelbeek, Ordinary Councillor of the Dutch Indies, Governor and Director of the Coast of Malabaar, together with the Council. To all those who shall see or hear this read, greeting, and be it known: Tuesday the 10th of November 1789: to be incorporated herein below. and that whoever 300 38: Tuesday the 10th of November 1789: wishes to venture onto the river without such a permission slip, and speaks to the ferryman or any other person to transport him across, shall solely thereby be regarded, apprehended, and punished as a deserter. 2. That none of them shall be permitted to go further than along Galwettij and Mattenseeri, up to the king's palace; along the Canarese bazaar, up to the palace of the Paljetter; along the little pagodas and the Paandies village, up to the garden of the burgher Captain Henrik Dirks; and along the sea beach, up to the first ruined chapel or the cross standing beside it; and that whoever is found outside these limits shall, ipso facto and without any further proof, be apprehended and punished as a deserter. 3. That with respect to the gardens lying within these limits, no one shall be permitted to go further than between Mattansjeeri and the Canarese bazaar, and into the gardens lying on this side of the king's palace; between the Canarese bazaar and the garden of Captain Dirksz, no further than into the toddy garden, named the little island; and from the garden of Captain Dirksz to the sea beach, not at all except along the so-called Company's garden on this side, and not behind it, on the same penalty as before; and 4. That notice hereof shall be given everywhere to the inhabitants by separate notices in the native languages, and whoever brings in a deserter from the militia, artillery, or navy shall receive therefor from the Company's treasury one thousand fanums or fifty ropijen, for which the apprehended deserter shall be debited to his pay account. And so that no one may pretend any ignorance hereof, this shall be
Dutch transcription
296 297. Dingsdag den 10: November 1789 daar meede ten vollen te konfor„ meeren en dezelven door voorm: gekom-mitteerden aan den koning van Trevankoor te laaten bestellen en overgeeven met de tien koopbrieven van de bij die geleegenheid aan gemelde koning meede verkochte tunen en eilanden. Bij het extrakt notul uit Hun Hoog ederheiden Resoluitsie van den 14: April deezes Iaars, volgens het welk ten sessie van den 2: october Iongstleeden het postkantoor alhier is opgericht en de instruksie voor den Postmeester is opgesteld, bij de 9:e parragraphe voor„ koomende dat van het betaalen van port weleeximeerd worden inlandsche brieven, welke door inlandsche vaar„ tuigen gevoerd, door Inlanders worden aangebragt en vervoerd, maar dat andere brieven welke daar meede worden overgezonden, door den saban„ daar zullen worden afgevraagd en aan den Postmeester Generaal ter hand gesteld ter taxaatsie en stempe„ „ling, zo deed zich daar uit de vraage op, of hier ook daar onder begreepen moesten worden. Dingsdag den 10:' November 1784: 1: brieven die met expresse gezonden of aangebragt worden . 2: brieven aan en van Franschen, En„ „gelschen en portugeesen, die zich hier ophouden en geduurig brieven zen„ „den en ontvangen en 3. Brieven van Engelschen te Bombaij en elders als meede van Portugeesen te goa en in het generaal van alle Europeesche vreemdelingen aan hunne gemachtigden alhier, met vreemde vaartuigen of expressen - Waar over gedelibereerd zijnde, werd in aanmerking genoomen, dat het hand zoude zijn, lieden, die met onkosten hunne brieven met expressen zenden, en vreemden die hier schepen timmeren en handel drijven, en daar door genoodzaakt zijn geduurig aan hunne Gemachtigden te schrijven, te verplichten, hunne brieven aan het post„ kantoor te moeten afgeeven en daar voor betaalen, en dienvolg„s de goedgevonden en verstaan, als bij wege van ampliaatsie van de instruksie voor den Postmeester en de ordonnantsie voor den sabandaar zoodanige brieven bij deezen vrij te ver„ klaaren en aan den Postmeester en 1: brieven Sabandaar 298 299. Dingsdag den 10: November 1784: sabandaar voormeld, door extrakt deezes daar van kennis te geeven. Werd door den Heer Goeverneur aan de vergadering gekommuniceerd, dat zijn Edele wegens de toeneemende desertsie, tot tegengang van dezelve een plakkaat ontworpen had, waar bij niet alleen de distantsien, hoe verre een gemeene of andere officier buiten de stad zoude mogen gaan, duide„ „lijk bepaald, maar ook de premice van vijftig ropijen voor de geenen die een deserteur opbragt volgens voorige plakkaaten op het nieuwe beloofd was, en waar van zijn Edele aan den koning van koetsien kennis meende te geeven, met verzoek om sulx bij aparte biljetten alomme in 't land te laaten publiceeren, welk plakkaat in raade opgeleezen zijnde: zoo werd goedgevonden en verstaan, zich daarmeede ten vollen te konformeeren en het zelve zoodanig te laaten publicee„ ren en affigeeren mitsgaders Nadien de desertsie onder de Mi„ lietsie en zeevaart, in weerwil van de daar teegen geemaneerde plak„ „kaaten wederom de overhand neemt, zoo is op heeden in Raade van nala„ „baar goedgevonden en verstaan niet alleen de voorige plakkaaten, daar tegen bij deezen te renoveeren, maar ook tot nadere bepaaling van die misdaaden tot tegengaang van dezel„ „ve te statueeren als volgt 1: Dat geen soldaat, Artillerist of zeevaarende, zoo wel onder offi„ „ciers als gemeene, die vrijheid heeft buiten het fort te gaan, zonder een speciaal permissie briefje, over Johan Gerard van Angelbeek Raad ordinair van Nederlands Indiën Goeverneur en Direkteur der kuste Malabaar Nevens den Raad. Allen den Teenen die deezen zullen zien ofte Hooren Lee„ „zen salut doen te weeten Dingsdag den 10: November 1789: hier onder in te lijven. hier de 300 38: Dingsdag den 10: November 1789: de rivier zal mogen vaaren, naar Baipien of eenig ander eiland en dat de geene die zonder zulk een per„ „missie briefje zich op de rivier be„ „geeven wil, en den veerman of ergens een ander Persoon aanspreekt, om hem over tezetten, alleen daar door voor een Deserteur gehouden opgevat en gestraft zal worden. 2: Dat niemand hunner verder zal mogen gaan, als langs galwettij en Mattenseeri, tot aan 's konings pa„ „lais, langs de kanarijnsche bazaar, tot aan het pallais van den Paljetter, langs de Pagodienjes en Paandies Negerij tot aan den tuin van den Burger kapitain Henrik Dirks en langs Zee strand, tot aan het eerste vervallen kapelletje of het daar neevens staande kruis en dat de geene die buiten deeze limieten bevonden word, ipso facto„ en zonder eenig verder bewijs als een Deserteure opgevat en gestraft zal worden. 3: Dat niemand, met opzichte tot de tinnen, die tusschen deeze limieten Dingsdag den 10: November 1789: inleggen verder zal mogen gaan, als tusschen Mattansjeeri en de kanarijn„ „sche Bazaar en de tuinen die aan deeze zijde van 's konings palais leg„ „gen tusschen de kanarijnsche bazaar en de tuin van kapitain Dirksz: niet verder als in de surie tuin, het eilandje genaamt en van de tum van kapitain Dirksz: tot naar de Zee strand, in het geheel niet anders, als langs de zo genaam„ „de kompanies tuin aan deeze zijde en niet daar echter op peene als vooren en 4 Dat over al bij aparte biljetten in de Inlandsche taalen aan de Inwooners hier van zal worden ken„ „nis gegeeven, en aan de geene die eenen Deserteur van de hilietsie, Arthillerie en zeevaart opbrengt, daar voor uit 's komp: kas genieten zal dui„ „zend fanums of vijftig ropijen, waar voor de opgevatte deserteur op zijne soldij reek: belast zal worden: En op dat niemand hier van eenige ignorantsie pretendeere, zal, deeze inleggen worden
English
Tuesday the 10th of November 1789. Appointment of two members to inspect the pay-office books. Report on the inspection of the city's outer works. Tuesday the 10th of November 1789. to be published and affixed in the customary places. The provisional Pay-Bookkeeper Jakobus Adrianus Eversdijck having made a request for commissioners to inspect the pay-office books for the recently concluded financial year 1788/9, which were completed up to the closing, it was resolved to appoint thereto the members Johan Adam Cellarius and Willem van Haeften. Having received the report which, according to the resolution of the 18th of August 1785, must be submitted monthly regarding the condition of the outer works of this city, it has been approved and resolved to insert the same here below. To the Right Honorable, Highly Esteemed Johan Gerard van Engelbeek, Ordinary Councilor of the Dutch Indies, as well as Governor and Director of the Coast of Mallabaar. Right Honorable, Highly Esteemed, High and Mighty Lord! The undersigned have the honor to report to Your Right Honorable, Highly Esteemed Self, that we are still occupied and continuing on the outer works in replenishing the banquettes, traverses, and the glacis, which were washed away by the heavy rains during the past bad monsoon, to restore them to their former state, as well as likewise being engaged in deepening the outer and inner moats. For the rest, everything is in good order. We have the honor to be with the greatest respect, beneath stood, Your Right Honorable, Highly Esteemed Self's humble and obedient servants, was signed, J. J. Gebhardt and F. C. Steupner. In the margin: Koetsiem, the 2nd of November 1789. Tuesday the 10th of November 1789. Presentation of receipts and provisions. Reading of a report from Roose. Six cattle perished. Anta Setti requests proof of ownership. Deliberation thereon. The Governor communicated that of the requisition of provisions in case of siege, made according to the secret resolution of the 29th of July last, no more than nine barrels of beef at forty rupees per barrel had been received up to now, of which it was resolved to make a record here. A report by Adjutant Nikolaas Roose was read, showing that in the past month of October six cattle had perished again, and it was approved and resolved to make a record thereof herewith and to insert that report here below. List of the Company's cattle that perished in the month of October. Tuesday the 10th of November 1789. The 13th of October, two. The 17th of October, two. The 22nd of October, one. The 24th of October, one. Koetsiem, the 2nd of November 1789. Was signed, N. Roose. Lastly, the Governor announced that the Company's merchant Anta Setti, upon permission obtained for that purpose under the previous administration, had caused a warehouse to be built adjacent to the trade warehouse for storing merchandise, not only that which he purchased from the Company, but also for its account for private trade, and that he now requested to have proof of ownership thereof, with the further vacant land before it, and also permission to raise that warehouse up to the roof of the Company's warehouse. Whereupon, after deliberation, and noting that he manages private trade for the Company for the most part and also needs this warehouse for that purpose, and that his request can be granted without prejudice to the Company, it was approved and resolved to consent to the same herewith and to have the proof of ownership granted to him. Resolution taken in the Council of Mallabaar in the city of Koetsiem. The request granted. Thus done, resolved, and decreed in the Council of Mallabaar in the city of Koetsiem on the day, month, and year aforesaid. Was signed, J. G. van Angelbeek, J. L. van Spall, G. G. Gebhardt, J. W. H. van Rossum, J. A. Cellarius, W. van Haeften, Arnoldus Lunel, and P. A. Eversdijck. Resolution. Friday the 20th of November 1789, in the forenoon, all present. Communication of an embassy from Tipu. The Governor communicated to the assembly that the King of Koetsiem had already informed His Honour several days ago through his Prime Minister Gowinda Menon that the Padshah Tipu Sultan had dispatched a formal embassy to the Company and the King of Trevankoor, which had arrived at Trietsjoer with a numerous retinue and an escort of one hundred horsemen, and was waiting there for permission from the King of Trevankoor to pass the Line Gate. That the day before yesterday, the very same person who
Dutch transcription
302: 303 Dingsdag den 10: November 1784: aanstelling van twee leden tot het visiteeren der sol„ „dij boeken. Rapport van bezigtiging der stads buiten werken. Dingsdag den 10: November 1789 worden gepubliceerd en geaffigeerd ter gewoone plaatsen De p:l Soldij Boekhouder Iakobus Adrianus Eversdijck, verzoek gedaan hebbende om gekommitteerden tot het visiteeren der soldij boeken van het Jongst afgeloopen boekjaar 1788/9: dewelken tot op het sluiten klaar waaren; zoo is ver„ „staan daar toe te benoemen de Leeden Johan Adam CEellarius en Willem van Haeften. Ingekoomen zijnde het rapport het welk volgens besluit van den 18: Aug„s 1785: maandelijks moet worden in„ „gediend nopens de gesteldheid der buiten werken deezer stad, is goed gevon„ „den en verstaan het zelve hier onder te in„ „sereeren. Aan den Weled: Gestrenge Groot achtb: Heer Johan Gerard van Engelbeek Raad ordinair van Nederlands India, mitsgaders Goever„ „neur en Direkteur ter kuste Mallabaars Der ondergeteekendens hebbe de een uwel Edele Gestrenge Groot achtb: te rap„ „porteeren, dat in de buiten werken nog beezig zijnde en Continueeren om aan te vullen, de Bankets, Tra„ „verssen en de Glasie, die met de zwaare regens in de gepasseerde quaade Mousson zijn afgespoeld, weder in hun voorige staat te herstellen zoo meede de buiten en binnen grach„ „ten insgelijks doende ben om uit te diepen. Voor het overige is alles in een goede ordre wij hebben de eer met de Grootste Eerbied te zijn /:onderstond:/ weledele Gestrenge Groot achtb: onderdaa¬ „nige en Gehoorzaame Dienaaren /:was geteekend:/ I: I: Gebhardt, en F: C: Steupner /:in margine:/ Koetsiem den 2: November 1784 Weledele Gestrenge Troot achtb: Hoog Gebiedende Heer! Weledele werd 304. 305. Dingsdag den 10:' November 1709: „gen en provisien. Lektuur van een bericht van Rosen. ses koebeesten verrekt. Anta Setti verzoekt bewijs van eigendom. deliberaatsie daar op. vertooning van ontvan„ Werd door den Heer Goeverneur gekommuniceerd dat van de volgens „ze sekreete Resoluutsie van den 29: Iuli Iongstleeden gedaanen eisch van provisien in kas van belee„ „gering, tot nu toe niet meer ontvangen waaren, dan negen vaten rund vleesch tegen veertig ropijen het vat, waar van ver„ „staan is, hier aanteekening te houden Is geleezen een notietsie van den Adjudant Nikolaas Roose, waar bij bleek, dat in de voorleeden maand oktober weder ses koebeesten verrekt waaren, en is goed„ gevonden en verstaan, daar van bij deezen aanteekening te houden en die notietsie hier onder te insereeren. Dingsdag den 10: November 1789: Den 13: october twee. „ 17: _=o twee. „ 22: _=o Een. „ 24: _=o Een. koetsiem den 2: November 1789: /:was geteekend:/ N: Roose. Laastelijk gaf de Heer Goeverneur te kennen, dat 's komp: koopman Anta„ setti op de daar toe bekoomene per„ „missie onder het voorige bestier tegen het negootsie pakhuis aan, een pakhuis had laaten bouwen, tot het bergen van de koopmanschappen niet alleen die hij van de komp: maar ook voor haare reekening tot den partikulieren han„ „del inkocht, en dat hij thans verzoek deed daar van een bewijs van eigendom te mogen hebben, met de verdere leedige grond voor het zelve en tef„ „fens om permissie, om dat pakhuis tot aan het dak van 's komp: pakhuis Lijst van de verrekte komp„s koebeesten in de maand oktober. — Lijst te 306: 307. Dingsdag den 10: November 1789: Resoluutsie het verzoekt toegestaan. kommunikaatsie van een ambassade van Tipoe. te mogen ophaalen, waar op gede„ „libereerd en aangemerkt zijnde, dat hij de partikuliere Negootsie voor de komp: voor het grootst gedeelte bestierd en daar toe dit pakhuis meede noodig heeft en dat zijn verzoek zonder nadeel van de kompenie kan toegestaan wor„ „den: zoo is goedgevonden en verstaan, in het zelve bij deezen te bewilligen en het bewijs van eigendom aan hem te laaten verleenen Aldus Gedaan Geresolveerd en Gearresteerd in Raade van Mallabaar ter steede Koetsiem ten dage, maand en Iaare voormeld /:was geteekend:/ I: I: van Angelbeek, I: L: van Spall G: G: Gebhardt, I: W: H: van Rossum, J: A: Cellarius, W: van Haeften, Arnoldus Lunel en P: A: Eversdijck Vrijdag den 20:' November 1789: voor de middag, alle Prezent. Werd door den Heer Goeverneur ter vergaadering gekommuniceerd. Dat de koning van Koetsiem zijn Edele reets voor eenige dagen door zijnen eersten Minister Gowin„ „da Menon had laaten verwittigen dat de Patscha Sipoe Sultan eene plichtige Ambassade aan de kompanie en den koning van Trevan„ „koor afgevaardigd had, die met een talrijken stoet en eene bedekking van honderd paarden te Trietsjoer aan„ „gekoomen was, en daar op het ver„ „lof van den koning van Trevankoor tot het passeeren van de Liniepoort wachtede. Dat eergisteren de eigenste Perzoon genoomen in Raade van Mallabaar ter Steede koetsiem. Resoluitie die
English
308. 309. Friday the 20th of November 1789: Friday the 20th of November 1784: Arrival of the Patscha's Envoy at the Cochin Court. Notification of his arrival. Welcomed by Truijens. Declares his commission. Reading of a written report from Truijens. that he who for some time had been an Envoy of the Patscha to the Court of Cochin had arrived with a retinue of thirty persons at the Palace of the King of Cochin, but had left the military escort behind in Trietjoer, because the King of Trevankoor had not wished to let them pass. That yesterday morning he had made his arrival known to his Honour in a stately manner, and had thereupon been welcomed by the Interpreter Truijens in the name of the Company, and then, amidst many compliments, had made known that he had been sent by the Patscha with letters and verbal presentations to the Company and both Kings, and because the King of Cochin resided in Triponterre, he would first present himself to his Highness, and subsequently come with his Ministers to the Lord Governor and deliver his commission to him, as this appeared in more detail from the written Report of the Interpreter Truijens, which being read out was found to run as follows. According to your Right Honourable Greatly Esteemed High Honour's order, the undersigned went this afternoon at 12 o'clock to the palace of the Paljetter in Cochin to the Ambassador of the Patscha Tipoe Sultan, by the name of Abdul Kader. Right Honourable, Greatly Esteemed, High and Mighty Lord. To the Right Honourable, Greatly Esteemed Lord Johan Gerard van Angelbeek, Ordinary Council of the Dutch Indies, Governor and Director of the Coast of Mallabaar with its Jurisdiction, etc. etc. etc. 310: 311. Friday the 20th of November 1709: Friday the 20th of November 1784: and through the translation of the Rasiadoor of the King of Cochin, by the name of Sami Latter, conveyed in the Carnatic language the compliments of your Right Honourable Greatly Esteemed Honour, and welcomed him upon his arrival. The Ambassador showed himself very pleased about this and had your Right Honourable Greatly Esteemed Honour thanked for his friendliness, and assured him of his reciprocal offer of service, giving notice that he had already informed the King of Cochin at Tripoenitorre of his arrival, and as soon as he received the reply would depart thither, and returning from there would have the honour to come to your Right Honourable Greatly Esteemed Honour; and not only deliver his letter, but also make the verbal representations with which he was charged by his Master to your Right Honourable Greatly Esteemed Honour. Furthermore, he said, my Master is still very pleased with the Lord Governor, because he always maintains peace and preserves friendship with the King of Cochin. The undersigned replied to the Ambassador that he would duly report these expressions of his, which would likewise serve to the satisfaction of your Right Honourable Greatly Esteemed Honour. Herewith the undersigned has the honour to subscribe himself with the deepest veneration, below stood: Right Honourable, Greatly Esteemed, High and Mighty Lord, your Right Honourable Greatly Esteemed Honour's obedient and loyal Servant, was signed: D: M: Truijens, in the margin: Cochin the 19th of November 1784. And whereas it appeared from the report of the Interpreter that the said person was charged not merely with 312: 313. Friday the 20th of November 1789: Friday the 20th of November 1789. Observation by the Lord Governor. Deliberation concerning the ceremonial for the reception of the envoy. Communication regarding the publication of the placards against the deserters. with letters, but also with verbal orders from the Patscha, and thus should be regarded and treated not as a mere messenger but as a public Envoy, and whereas he was also designated in the first letter from the Patscha to the King of Cochin with the title of his Court Grandee and with the honorary title of Chan, which placed his distinguished character beyond doubt: it was now deliberated concerning the Ceremonial of his reception, and upon the proposal made thereto by the Lord Governor, it was approved and agreed to receive him with the very same military honours as were determined for the Diwaan of Trevankoor by the Resolution of the 16th of October last: A translated letter from the King of Cochin to the Lord Governor was read, containing communication that the placards against the Deserters had been duly published in his Highness's land, and the Inhabitants had been ordered to apprehend the Deserters and bring them to the city; thus it was approved and agreed to keep a record thereof here. A request having been made in the said letter by the King that the Company, to remove the shortage of fanums of which mention was made in the Resolution of the 10th of this month and for which the Tjakkerons of Trevankoor were then proposed, would take upon itself the minting of fanams, for which his Highness would provide the tools and workmen; and it having been noted thereupon by the Lord Governor that the King had made it known to his Honour through his First Minister Powinda Menon that his Mint would come to a standstill if the Tjakkerons of Trevankoor were declared current in the Company's district, and that his Honour, upon communication and investigation
Dutch transcription
308. 309. Vrijdag den 20:' November 1789: Vrijdag den 20: November 1784: „se Hof bekendmaaking van zijn arrivement word door Truijms ver„ „welkomt. maakt zijn kommissie bekend. „lijk relaas van Truijens. arrive van Patschas Af„ die voor eenigen tijd als Agezant gezant aan het koetsien van den Patscha aan het Hof van koetsiem geweest was, met een gevolg„ „xe van dertig koppen in het Pallais van den koning van koetsiem aange„ „koomen was, doch de militaire be„ „dekking te Trietjoer had agter gelaa„ „ten, wijl de koning van Trevankoor dezelve niet had willen laaten pas„ „seeren. Dat dezelve gisteren morgen op een staatsieuse wijze aan zijn Edele zijne aankomst had laaten bekend maaken, en daar op door den Tolk Truijens in't naame van de komp: was ver„ „welkomt en toen onder een meenigte komplimenten te kennen gegeeven had, dat hij door den Patscha met brieven en mondelinge voorstellingen aan de komp: en beide koningen was afgezonden, en wijl de koning van koetsiem te Triponterre resideer„ „de, zich eerst bij zijne Hoogheid vervoegen, en vervolgens met desselves Volgens uw welEd: Groot achtb: Hoog g'eerde ordre is de ondergeteekende heeden middag om 12: uuren naar het zalais van den Zaljetter te Koetsiem bij den Ambassadeur van den Patscha Tipoe sultan in naame Abdul kader Weledele Groot achtbaare Hoog Gebiedende Heer. Aan den Wel edelen Groot achtb: Heer Johan Gerard van Angelbeek Raad ordinair van Nederlands Indien Goeverneur en Direk„ „teur ter kuste Mallabaar met den Resorte van dien &=a &=a &a. Ministers bij den Heer Goeverneur komen en zijne kommissie aan den„ ^ als „zelven afleggen wilde, zoo ^ sut dit omstandiger bleek, bij het schrift„ lektiwa van een schrift„lijk Relaas van den Tolk Truijens, het welk opgeleezen zijnde bevon„ „den werd, aldus te luiden. Ministers geweest 310: 311 Vrijdag den 20: November 1709: geweest en heeft door vertaaling van den Rasiadoor van den koning van koetsien in naame sami Latter in het karnatikaasch het kompliment van uw weledele Groot achtb: afgelegd en den zel„ „ven met zijn arrivement verwelk omt. De Ambassadeur stelde zich hier over zeer vergenoegd aan en liet uw weledele Groot achtb: voor deszelfs vriendelijkheid bedanken, en van zijne reciproque dienst„ „presentaatsie verzeekeren, onder bekendmaaking dat hij van zijne voort komste ^ den koning van koetsiem te Tripoenitorre reets kennis gegeeven had, en zoo dra hij het antwoord bequaa naar toe veer„ „trekken, en van daar retourneerende de eere hebben zoude, bij uw weledele Groot achtb: te koomen; en niet alleen desselfs brief overgee„ „ven, maar ook de mondelinge voor„ „stellingen doen zoude, waar meede Vrijdag den 20: November 1784: hij van zijnen Meester aan uw weledele groot achtb: gelast was. voorts zijde hij noch mijn Meester is over den Heer Goeverneur zeer vergenoegd, om dat hij altoos de vreede betracht en de vriendschap met den koning van koetsiem onderhoud. De ondergeteekende repliceerde den Ambassadeur daar op, dat hij deeze zijne expressien die mede tot genoegen van uw weledele groot achtb: strekken zoude behoorlijk zoude bekendmaa„ „ken. Hier meede heeft de ondergetee„ „kende zich de eer met de diepste veneraatsie te onderschrijven /:onder„ „stond:/ Weledele Groot achtb: Hoog gebiedende Heer, uwer weledele Groot achtb: gehoorzaa„ „me en trouwschuldige Dienaar /:was geteekend:/ D: M: Truijens /:in margine:/ Koetsiem den 19. 9ber: 1784:-. En dewijl uit het relaas van den Tolk bleek, dat gemelde Persoon niets slegts met 312: 313. Vrijdag den 20:' November 1789:—. Vrijdag den 20: November 1789. aanmerking van den Heer Goeverneur. het ceremonieel ter receptsie van den afgezant. kommunikaatsie no„ deserteurs. met brieven, maar ook met mondelinge bestellingen van den Patscha belast was, en dus niet als een bloote zendeling maar als een openbaare Afgezant diende aangemerkt en behandelt te worden, en wijl dezelve ook in den eersten brief van den Patscha aan den koning van koetsiem met den titel van zijnen Hofs groote en met den eername van chan bestempeld was, het welk des„ selfs gedestingueerd karakter buiten twijfel stelde: zoo werd als nu over het Ceremonieel van desselfs recept¬ deliberaatsie nopens „ sie gedelibereerd, en op de daar toe gedaane proposietsie van den Heer Goeverneur goedgevonden en verstaan, den zelven met de eigenste mili„ „taire eer-bewijzingen te recipieeren, als voor den Diwaan van Trevankoor bij Resoluutsie van den 16: oktober Jongstleeden gearresteerd zijn: werd geleezen een Translaat brief van den koning van koetsiem aan den Heer Goeverneur, behelzende „pens de publikaatsie kommunikaatsie dat de biljetten tegen der biljetten tegen de de Deserteurs in zijn Hoogheids land be„ hoorlijk gepubliceerd, en de Ingezeetenen gelast waaren, De Deserteurs op te vatten en naar de stad te brengen, zoo werd goedgevonden en verstaan, daar van alhier aanteekening te houden. Bij gemelden brief door den koning verzoek gedaan zijnde, dat de komp: tot wegneeming van het gebrek van fanums waar van gesprooken is bij Resoluutsie van den 10: deezer en waar toe als toen de Tjakkerons van Tre„ „vankoor in voorslag gebragt waaren, de famins munterij wiede op zich neemen, waar toe zijn Hoogheid de gereedschappen en werkslieden bezorgen zoude, en daar op door den Heer Goever„ „neur aangemerkt zijnde, dat de ko „ning door zijnen Eersten Minister Powin„ „da Menon aan zijn Edele had laaten vertoonen, dat zijne Munt installig wor„ „den zoude, in dien de Tjakkerons van Tre„ „vankoor in 's komp„s distrikt gangbaar verklaard wierden, en dat zijn Edele bij kommunikaatse onderzoek
English
Friday, 20 November 1789. ...thirty thousand rupees, and Resolution: to recommend the procurement of two samples to the Chief Administrator. ...examination had found that this minting could take place not only without loss, but even with profit: thus, after mature deliberation, it was approved and agreed to have fanums minted to the value of twenty or thirty thousand rupees, of the very same alloy and with the very same dies as of the last minting, and with the necessary precautions and supervision of commissioners, as took place at that time. Resolution: to have fanums minted for twenty or thirty thousand rupees. However, since the mark of a shankha, which during the last minting was engraved into the fanum dies at the request of the highly esteemed King in order thereby to distinguish these new fanums from the old ones, turned out on some dies to be rather too deep and coarse, and the fanums stamped with those large shankhas are rejected and refused by many money changers: thus, upon the proposal of the Governor, it was approved and agreed to have the dies on which the shankha is imprinted so large and coarse destroyed, and to have the new fanums stamped solely with a small shankha; and furthermore to have proposed to the King, through the commissioners who shall deliver the letter and the gifts of the Honorable Supreme Government of India to His Highness, to declare the fanums with the large shankhas to be bullion, with orders to deliver the same within one month to the Company's mint to be reminted, on penalty that the same may not be spent or received after the expiration of that time. Resolution: to recommend the procurement of gunny sacks. During the committee meeting held concerning the honored Batavian dispatch of 11 September brought hither by the ship De Schelde, after deliberation it was approved and agreed to recommend to the Honorable Chief Administrator the procurement of two samples of gunny sacks in compliance with the orders in § 17; Resolution: to have drum cords, drum snares, and drum skins written off. To carry out the write-off ordered in § 19 of the drum cords, drum snares, and drum skins which were brought to Batavia with the Drie Gebroeders and delivered hither damaged with the ship De Batavier, and to notify the Gentlemen Majors thereof at the first opportunity. Resolution: to have broken windowpanes sworn under oath. Still to have sworn under oath the report mentioned in § 20 regarding the broken windowpanes delivered hither with the ship De Batavier, and to send it to Europe. Remark of Their High Noble Lordships regarding the gifts. Forced to distribute three hundred rupees. The King of Cochin. The Honorable Gentleman declares to have been presented with a gold necklace and two gold bracelets by the King of Travancore. Their High Noble Lordships having remarked in § 28, with respect to the gifts presented in the year 1788 at Triponterre to the Kings of Cochin and Travancore, that they had not observed that any counter-gifts were given by the Kings on that occasion: thereupon it was declared by the Governor that he had indeed been presented by the King of Travancore with a gold necklace weighing 32 and two gold bracelets weighing 18 pagodas, and by the King of Cochin with two gold bracelets weighing 16 pagodas, being together worth two hundred sixty-four rupees in gold value; but that he had been forced to have three hundred rupees distributed to the multitude of high and low servants of the King of Travancore, which he had not charged to the Company's account, but had set off against the aforementioned gifts; and after deliberation it was approved and agreed to communicate this in reply to the highly esteemed Government. Remark of the Governor regarding the rations of the military personnel. Continued. Continued. Continued. With respect to the rations of arrack, pepper, salt, and vinegar, which were granted to the European military personnel, and which, alongside the increased board money, were also requested for the artillery by this assembly; it being stated in § 66 that the same had been revoked and the request in favor of the artillerymen had been denied, it was remarked by the Governor: That the aforementioned rations had been granted and since provided to the soldiers by Their High Noble Lordships themselves by Extract Resolution of 15 August 1786 by virtue of the favorable concession of the Gentlemen Majors, and it would thus cause general discontent if the same were taken away from them again, the more so because the European military personnel from Ceylon stationed here on detachment enjoyed the same. That the artillerymen, who had repeatedly complained about their all too meager board money, had hitherto been kept satisfied by the consolation that their request had been favorably presented to the highly esteemed Government; but that shortly after the receipt of the said dispatch four European artillerymen had deserted, and through the kindness of the English at Laroe had been handed over under promise of immunity from punishment, who, having been examined, had declared outright to have deserted out of pure poverty, as appeared from the act of examination of the 10th of this month. That consequently, through the execution of this order, one would run great danger of rampant desertion, both among the European soldiers and artillerymen, who would indeed not return to Laroe, but on the contrary would betake themselves into the country of Travancore and to Anjengo, or onto incoming ships, as knowing well that the King of Travancore...
Dutch transcription
314: 315. „tig duizend ropijen en besluit twee monsters „ging den Hoofdadministra „teur aan te beveelen. Vrijdag den 20: November 1789: onderzoek bevonden had, dat die mun„ „ting niet slegts zonder verlies, maar zelfs met winst konde geschieden: zoo werd na rijpe deliberaatsie goed„ besluit twintig of der„ gevonden en verstaan voor twintig of fanums te laaten min„ dertig duijzend ropijen fanums te laaten munten van het eigenste alloi en met de eigenste stempels van de laaste vermunting, en met de noodi„ „ge prekautsie en toezicht van gekom „mitteerden, als diertijds heeft plaats ge„ had. Dan dewijl het teeken van een sjanko„ het welk bij de laaste vermunting op het verzoek van hoog gedachte ko„ „ning in de fanems stempels gegraveerd is, ten einde daar door die nieuwe fa„ „munis van de ouden te kunnen onder„ „kennen op zommige stempels wat al te diepen grof is uitgevallen ende fanums die met die groote sjankos bestempeld zijn, van veele wisselaars uitgeschooten en gewraakt worden: zoo is op de proposietsie van Vrijdag den 20: November 1789: den Heer Goeverneur goedgevonden en verstaan, de stempels, waar op de sjankos zoo groot en grof is, uit„ gedrukt, te laaten vernietigen en de nieuwe fanums eenlijk met een kleene sjanko te laaten bestempe„ „len, en voorts den koning door de gekommitteerden die den brief en de geschenken van de Edele Hooge Indische Regeering aan zijne Hoogheid overhandigen zullen, te laaten voorstellen, de fanums met de groote sjankos voor Biljoen te verklaaren met last, om dezel„ „ven binnen eene maand in 'skomp: munt te leeveren, om vermunt te worden op peene dat dezelven na verloopen van dien tijd, niet zullen mogen uitgegeeven of ont„ „vangen worden. Onder de gehonde besoigne over goeni zakken ter bezor„ de geëerde Bataviasche Missive van den 11: september met het schip de schelde alhier aangebragt, is na den deliberaatsie „ten. - 316. 317: Vrijdag den 20: November 1789: en tromvellen te laaten afschrijven. beëedigen. aanmerking van Hunne Hoog Edelheeden over de geschenken. genoodzaakt drie honderd ropijen uit te deelen. den koning van koetsien. de Edel Heer verklaard met een goude hals keeten en twee goude armringen van den ko„ „ning van Trevank oor beschenken te zijn. deliberaatsie goedgevonden en verstaan, het bezorgen van twee Monsters goeni zakken in voldoening van het geordon„ „neerde bij §17: aan den E: Hoofdud„ „ministrateur aan te beveelen; De bij tromlijnen, tromsnaaren §n 19: geordonneerde afschrijving van de tromlijnen, tromsnaaren en tromvellen, die met de drie Gebroeders te Batavia aangebragt en met het schip De Batavier alhier bedorven uitgeleeverd twee goude armringen van zijn, te laaten gevolg neemen en daar van aan de Heeren Majores bij eerste geleegenheid kennis te geeven. gebrooken ruiten te laaten Het bij 3 20: vermelde rapport nopens de gebrookene ruiten met het schip de Batavier alhier uitge„ „leeverd, als nog te laaten b'eedigen en naar Europa te zenden. Door Hunne Hoogedelheeden bij § 28: met opzicht tot de geschenken die in het Iaar 1788: te Triponterre aan de koningen van koetsiem en Trevankoor gedaan zijn, aangemerkt zijnde, niet ontwaard te hebben, dat Vrijdag den 20: November 1789: bij die geleegenheid van de koningen eenige kontra geschenken gegeeven waaren zoo werd. daar op door den Heer Goever„ „neur verklaard, dat hij werklijk be„ „schonken was van den koning van Trevan„ „koor met een goude hals keeten ter Zwaarte van 32: en met twee goude armringen ter zwaarte van 18: pagooden en van den koning van koetsiem met twee Goude armringen weegende 16. pagooden zijnde tezaamen tweehonderd vier en sestig ropijen aan goudwaar„ „dig, doch dat hij genoodzaakt geweest was, aan de meenigte van groote en laage Dienaaren van den koning van Trevankoor drie honderd ropijen te laaten uitdeelen, die hij de komp: niet in reekening gebragt, maar te„ „gen de voorschreeve geschenken gereskontreerd had, en werd na „deliberaatsie goedgevonden en verstaan dit in antwoord aan Hooggedachte Regeering te bedeelen. bij Met 318. 319. aanmerking van den Heer Goeverneur nopens het rantsoen der Militairen. vervolg. vervolg. vervolg Vrijdag den 20: November 1789: Het opzicht tot het randsoen van Arak, peper; zout en Azijn, het welk aan de Europeesche Militairen toegelegd en nevens het meerder kostgeld door die „ze vergaadering ook voor de Arthillerij verzocht is, bij § 66: aangeschreeven zijnde dat het zelve ingetrokken en het ver„ „zoek ten gunste der Arthilleristen ontzegt was, werd door den Heer Goeverneur aangemerkt: Dat het voorschreeven rantsden door Hunne Hoog edelheeden zelve bij Extrakt Resoluit„ sie van den 15: Aug„s 1786: uit hoofde van de gunstige koncessie van den Heeren Majores aan de soldaaten toegelegd en zeder verstrekt was, en het dus een algemeen misnoegen veroorzaaken zoude, indien het zelve hen weder werd afgenoomen, te meer wijl de Europeesche Militairen van Cei„ „lon hier gedetacheerd liggende, het zelve genooten. Dat de Artilleristen, die te meermaa„ „len over hun al te gering kostgeld Vrijdag den 20:' November 1784: geklaagd hadden tot nu toe te vree„ „den gesteld waaren, door de vertroos„ „ring, dat hun verzoek gunstig aan hoog Gedachte Regeering voorgedraagen was, doch dat kort na het ontvangen van gemelde missive vier Europee„ „sche Arthilleris ten gedeserteerd, en door de vriendelijkheid van de En„ „gelschen te Daroe onder belofte van straf vrijheid uitgeleeverd waaren, die geëxamineerd zijnde rond uit verklaard hadden, ui't enkelde armoede gedeserteerd te zijn, zoo als zulx bleek, bij de akte van exami„ „naatsie van den 10: deezer. Dat men over zulx door de exe„ kuntsie deezer order groot gevaar loopen zoude, van overhand neemende desertsie, zoo onder de Europeesche soldaaten, als Arthilleristen, die zich wel niet weder naar Laroe maar daar en tegen in het land van Trevankoor en naar Ansjengo, of op de invallende scheepen, begeeven zoude, als wel wee„ „tende dat de koning van Trevank oor geklaagd aan
English
Decision to allow the military to retain the aforementioned ration until further orders. Also to add the board allowance to the artillerymen. Representation by the Lord Governor concerning the incapacity of Rosier. Friday the 20th of November 1789. shelter is granted to all deserters and, when they are reclaimed, they are disavowed; and that the English at Tuticorin and the ships in the roadstead likewise do not deliver them up, not to mention other consequences of a general discontent here. Whereupon, the matter having been deliberated, it was approved and understood, subject to the honorable favorable interpretation of Their Right Excellencies, to allow the common European soldiers to retain the aforementioned ration until further orders, and to grant the same, together with the increased board allowance, to the European artillerymen as well; and also to bring all the above to the attention of the High Government and at the same time to represent that the principal argument on which the Lord Director-General van Stockum had judged that the ration did not need to be granted, namely the healthiness of the place, lost much of its force through the observation that Ceylon was considerably healthier than Malabar, where the military nevertheless enjoyed the ration; and especially that the great dearness of provisions, which had increased by at least fifty percent in recent years, pleaded most strongly in favor of the aforementioned request on behalf of the soldiers and artillerymen. With regard to the junior merchant Jean Rosier, whose salary Their Right Excellencies expect to be written off, it was approved and understood to represent that he is destitute, old, and infirm, and therefore an object of pity, and would have to perish from want and distress if his salary and the meager emoluments of a junior merchant were taken from him; and therefore to intercede for him with the aforementioned High Friday the 20th of November 1789. Decision to allow him to continue enjoying it. Decision to demand a statement of their income and emoluments from all servants who are appointed to accountable offices. Representation concerning the income of the equipage master. Friday the 20th of November 1789. Government, that it may graciously please the same to allow him to continue further in the enjoyment thereof. Pursuant to the Extract Resolution of Their Right Excellencies of the 31st of July 1789, it was approved and understood to demand a statement of the income and emoluments of their offices from all servants in this Government who are appointed to accountable offices, namely the Lord Governor, the Honorable Second, Fiscal and Cashier, Pay Bookkeeper, Secretary of Police, the Commanders of the Military and Artillery, the Equipage Master, the Shahbandar or beach warden, the Chief of Quilon, and the Residents of Purakkad and Kayamkulam; with an indication of the Resolutions by which the same were granted to them, under this warning, that whoever shall fail to comply exactly with that statement shall henceforth remain deprived of the omitted income and emoluments. With regard to the prohibition that the Equipage Master here should be permitted to carry on any trade whatsoever in equipage goods, it was approved and understood, in view of the fact that special mention is made thereof in the Patriarchal Extract General Missive to the High Indian Government of the 4th of December 1788, to argue in the reply to the same: That the Equipage Master here derives such a meager income from his office that he cannot possibly subsist on it, and must principally seek his advantage from the trade in equipage goods, which he buys wholesale from the foreign ships arriving from Europe and from the French Islands, Friday the 20th of November 1789. and sells again by retail to the country-trading ships and vessels that call here; and that this not only takes place without prejudice to the Company, but also serves to benefit private navigation and trade, from which the Company derives its customs duties and other advantages, and the city its subsistence; that therefore, if he is no longer permitted to trade in equipage goods, another means of subsistence should be granted to him; and finally that the Jews, who also trade here in equipage goods, against whose greed the Equipage Master currently serves as a counterweight, would by this prohibition gain an open door to monopolize these goods and to harm free trade through high prices. Upon the request made thereto Thus done, resolved, and decreed in the Council of Malabar at the city of Cochin on the day, month, and year aforesaid. Was signed: J: G: van Angelbeek, I: L: van Spall, G: G: Febhardt, I: W: H: van Rossum, D: A: Cellarius, W: van Haeften, Arnoldus Lumel, and I: A: Eversdijck. Friday the 20th of November 1789. Requests commissioners for inspecting the trade books. by the Honorable provisional Chief Administrator Jan Lambertus van Spall for commissioners to inspect the trade books of the recently closed financial year 1788/9, which were ready up to the closing, it was approved and understood to appoint as the members of that commission Johan Adam Cellarius and Jakobus Adrianus Eversdijck. Resolution
Dutch transcription
320: 321. besluit het voorsz: rant„ „soen aan de Militairen tot nadere ordre te laa„ „ten behouden. ook het kostgeld aan voegen. vertooning van den Heer Goeverneur wegens de onvermoogenheid van Rosier. Vrijdag den 20: November 1789: aan alle Deserteurs schuilplaats verleend en deselven als ze terug geeischt worden verloochend en dat de Engelschen ten tusjenga en de scheepen op de reeden dezelve ook niet uit„ „leeveren om van andere gevolgen van een algemeen misnoegen hier niet te gewaagen. Waar op gedelibereerd zijnde, zoo werd goedgevonden en verstaan onder geeerde welduiding van Hunne Hoogedelheeden het, voorschreeven rantsoen aan de gemeene Europee„ „sche soldaaten, tot nadere order te laaten behouden en het zelve met het vermeerderde kostgeld ook aan de Europeesche Arthilleristen toe„ de Artilleristen toe te tevoegen, mitsgaders al het boven„ „staande onder het oog van de Hooge Regeering te brengen en tevens te ver„ „toonen, dat het voornaamste argu„ „ment, waar om de Heer Direkteur generaal van Stockum geoor„ „deeld had dat het Randsoen niet Vrijdag den 20: November 1789: behoefde toegelegd te worden, te weeten de gezondheid van de plaats veel van zijn kracht verloor, door de aanmerking dat Ceilon vrij ge„ „zonder was dan Malabaar en de Mi„ lietsie daar echter het randsoen ge„ „noot en voornaamlijk, dat de groo„ „te duurte der levensmiddelen, die in de laaste Iaaren wel vijftig procent toegenoomen had, voor het voorsz: verzoek ten behoeve der soldaaten en Arthilleristen op het krachtigste quam te peijten. Het opzicht tot den onderkoopman Jean Rosier wiens gasie Hunne af Hoogedelheeden verwachten dat „ ge„ „schreeven zijn is goedgevonden en verstaan te te vertoonen, dat hij dood arm onden gebrekkig en over zulx een voorwerp van meedelijden is, en door ge„ „brek en kommer zoude moeten vergaan, indien hem zijne gasie en de geringe onderkoopmans emolumenten afge„ „noomen wierden en over zulx bij hoog behoefde gedachten 322: 323. Vrijdag den 20:' November 1789: besluit hem bij het „nueeren. besluit van alle Dien„ „naaren die in komptable bedieningen zijn gesteld van hunne inkomsten en emsolumenten. vertooning van het „pasie meester. Vrijdag den 20: November 1789: gedachte Regeering voor hem te inter„ „cedeeren, dat het Hoogst dezelve genot te laaten konti„ gunstig behaagen moge hem verder bij het genot van dien te laaten kon„ tinueeren. Ingevolge Extrakt Resoluutsie van Hunne Hoogedelheedens van den 31: Juli een opgave te vorderen 1789: is goedgevonden en verstaan, van alle Dienaaren in dit Goevernement die in komptable Bedieningen gesteld zijn te weeten, den Heer Goeverneur, den E: Sekunde, Fiskaal en kassier, soldij Boekhouder Sekretaris van Polietsie, de kommandanten van de Milietsie en Arthilleri, den Equi„ „pagiemeester, den Sjabandaar of strandwagter, het opperhoofd van koilang en de Residenten van Porka en kalikoilang, een opgave te vorde„ „ren van de inkomsten en emolumen„ „ten hunner Bedieningen; met aan„ wijzing van de Resoluitsien waar bij dezelven hen toegelegd zijn, onder dee„ „ze waarschuuring, dat de geene die verzuimd zal hebben aan die opgave exak„ t „telijk te voldoen van de „ opgegeevene inkom „sten en emolumenten voor het vervolg verstooken zal blijven. Met opzicht tot het verbod, dat inkoomen van den Equi„ de Equipasiemeester alhier eenigen handel, hoe genaamd zoude mogen drijven in Equipasie goederen, is in't aan„ „merking, dat daar van speciaal gewaag gemaakt word, bij het Pa„ „friasche Extrakt Generaale Missive aan de Hooge Indische Regeering van den 4: December 1788: goedge„ „vonden en verstaan, bij de beantwoor„ „ding van het zelve te betoogen. Dat de Equipasiemeester alhier van zijn bediening zulk een sobet inkoomen heeft, dat hij daar van onmogelijk bestaan kan en voornaamenlijk zijn voordeel zoeken moet uit den handel en Equipasie goederen, die hij van de ui't Europa en van de fran„ „sche Eilanden aankoomende vreemde verzuund scheepen 324. 325. Vrijdag den 20:' November 1789: verzoekt om gekommit„ „teerden tot het visitee„ scheepen in het Gros koopt, en aan de in 't land vaarende scheepen en vaartuigen die hier invallen, weder in het kleene verkoopt en dat dit niet alleen zon„ „der schade van de komp: geschiedt, maar ook strekt tot voordeel van de partikuliere vaart en handel waar van de komp: haare tollen en andere voordeelen in de stad haar bestaan trekt dat hem derhalven indien hij niet meer in Equipasie goederen handelen mag, een ander mid„ „del van bestaan diend toegevoegd te worden en eindelijk dat de Jooden die hier ook in Equipasie goederen handelen tegen welker baatzucht de Equipasiemeester thans tot een tegenwigt verstrekt door dit verbod eene opene deuren zouden krijgen, om in deeze goederen te monopoliseeren en door hooge prijzen de vrije vaart te benaadeelen. Is op het daar toe gedaane verzoek Aldus Gedaan, Geresolveerd en Gearresteerd in Raade van Mala„ baar ter steede koetsiem ten dage maand en Iaare voormeld /:was geteekend:/ J: G: van Engelbeek, I: L: van Spall, G: G: Febhardt, I: W: H: van Rossum, D: A: Cellarius W: van Haeften, Arnol„ „dus Lumel en I: A: Eversdijck Vrijdag den 20: November 1789: van den E: p„l Hoofd administra„ „ren der Negootsie boeken,„ teur Ian Lambertus van Spall omgekommitteerden tot het visi„ „teeren der negootsie boeken van het Jongst afgeslooppen boekjaar 1788/9: die tot op het sluiten klaar waaren goedgevonden en verstaan, tot die kommissie te benoemen de Leeden Johan Adam Cellarius en Jakobus Adrianus Eversdijck van Resoluutsie
English
326. 327. Monday the 14th of December 1789: Report of the inspection of the pay books. Resolution taken in the Council of Malabar at the City of Cochin. Monday the 14th of December 1789, in the morning at nine o'clock, all present, absent the Honorable Poolvliet due to indisposition. Brought to the table and examined is a report from the Members Johan Adam Cellarius and Willem van Haeften, who inspected and compared the pay books and the accounts of estates accepted by the Curator ad lites, and also inspected, according to that established by Resolution of the 2nd of October 1770, the paid-off pay accounts in the recently ended financial year 1788/1789. And whereas it appeared therefrom that everything has been handled properly: it was resolved and understood to authorize the pay clerks to proceed with the closing of the books and to insert the report itself here. Pursuant to the decision taken in the Council of Malabar on the 10th of November last, we, the undersigned, as express commissioners, proceeded to the pay office here, and reviewed with the requisite attention the pay books which were closed as of the end of August past, according to the contents of the Extract General Resolution taken in the Council of India at Batavia dated the 30th of July 1753. Right Honorable, Stern, Highly Respected, High Commanding Lord! To the Right Honorable, Stern, Highly Respected Lord Johan Gerard van Angelbeek, Ordinary Councilor of the Dutch Indies, Governor and Director of the Coast of Malabar, with its dependencies. 328. 329. Monday the 14th of December 1789: Reviewed, in which examination we found that everything charged to pay on the trade books according to exhibited warrants, extracts, and receipts written off in the aforementioned pay books has been properly withdrawn, distributed, and accounted for, as is shown below with all respect; namely: At Cochin. According to exhibited warrants by the shopkeeper for pay in the city and Lorka: Rupees 38433 4/8, ƒ 76867: 8: 8. For 2 pieces of withdrawn pay accounts: Rupees 108: —, ƒ 216: —: —. Deed and stamp fees: Rupees 59 1/48, ƒ 118:12:—. So that that which has been provided from the small shop charged to pay in a whole year amounts to: Rupees 38601 1/8, ƒ 77202:—: 8. The deduction of the half pay of those who have lain in the hospital for cure: ƒ 1809: 10:—. For 18 pieces of coffins: ƒ 86: 8: —. Deduction for the newly made uniforms for the artillerymen amounts to: ƒ 391: —. Accountings: ƒ 74: 2: —, ƒ 465: 2: —. Total: ƒ 79563: —: 8. Carried forward: ƒ 79563:—: 8. Brought forward. To the Eastern military. The pay provided here to them amounts to: ƒ 9825:12:—. For deed and stamp fees: ƒ 5:15: 8. 8 pieces of Malabar linen: ƒ 24:—:—. 288 feet of mango planks: ƒ 9: —. For consumed half pay of those who have lain in the hospital: ƒ 158: 6:—, ƒ 10022: 13: 8. To a Javanese sailor. The pay provided: ƒ 21: 12:—. Consumed half pay in the hospital: ƒ 43: 4:—, ƒ 64:16:—. Total: ƒ 89650:10:—. At Quilon. To the Europeans. The pay provided in cash: ƒ 2019:12:—. For one piece of coffin: ƒ 4:10:—, ƒ 2024: 2:—. At Cranganore. To the Europeans. The pay provided in cash: ƒ 3821: 2:—. For 3 pieces of coffins: ƒ 14: 8:—. Subtotal: ƒ 3835:10:—. To an Eastern captain: 1 piece of Malabar linen: ƒ 3:—. 36 feet of mango planks: ƒ —: 12:—, ƒ 3:12:—, ƒ 3839: 2:—. At Ayacotta. To the Europeans. The pay provided in cash: ƒ 9359: 12: —. For 1 piece of coffin: ƒ 4:16:—. Subtotal: ƒ 9364: 8:—. To the Easterners. The pay provided in cash: ƒ 8745: 7:—. For 1 piece of Malabar linen: ƒ 3: —. 34 feet of mango planks: ƒ —: 12:—, ƒ 3: 12:—, ƒ 8748:19:—, ƒ 18113: 7:—. 330. 331. Monday the 14th of December 1789: Further, it has not appeared to us that anyone runs into arrears through excessive provisions at the closing of the books. Also in this financial year, the extraordinary Lieutenant of the Artillery Adrianus Snel of Amsterdam and the Corporal Johan Jakob Homan of Grenna died, whose estates were accepted by the Curator ad lites and, after deduction of the expenses fallen thereon, properly paid into the Company's treasury, namely: From Adrianus Snell of Amsterdam: Rupees 5: 1/20, ƒ 16: 1: 2. From Johan Jakob Homan of Grenna: Rupees 16 1/2, ƒ 82: 4: 4. Together: Rupees 21: 1/8, ƒ 98: 5: 6. Which amounts, according to the warrants and receipts thereof shown to us, dated the 6th of June and the last of August of this year, were properly receipted for receipt by the cashier. Also, the withdrawn aforesaid pay accounts, which in this financial year were taken in and paid off with the books, were accurately compared by us and found properly receipted in conformity with the decision taken in the Council of Malabar dated the 2nd of October 1770. Hoping to have fulfilled this our assigned commission according to the honored intention of your Right Honorable, Stern, Highly Respected: we presume the honor to be with due respect, underneath stood: Right Honorable, Stern, Highly Respected, High Commanding Lord, Your Right Honorable, Stern, Highly Respected's humble and obedient servants, was signed: J: A: Cellarius, and W: van Haeften, in the margin: Cochin the 2nd of December 1789. Report of the inspection of the trade books. To the Right Honorable, Stern, Highly Respected Lord Johan Gerard van Angelbeek, Ordinary Councilor of the Dutch Indies. After review of the report of the Members Johan Adam Cellarius and Jakobus Adrianus Eversdijck, who examined the trade books of 1788/1789, whereby it appears that the books have been kept well and according to order and found without errors, it was resolved and understood to grant authorization for the closing thereof and to incorporate the report herein.
Dutch transcription
326. 327. Maandag den 14: December 1789: Rapport van de visitaatsie der soldij boeken. Resolutisie genoomen in Raade van Mallabaar ter Steede koetsiem Maandag den 14: December 1732 's voormiddags te negen uur alle present absent D E: Poolvliet door indisposietsien Is ter tafel gebragt en geëxami„ neerd een rapport van de Leden Johan Adam Cellarius en Willem van Haeften, die de soldij boe„ „ken en de reekeningen van aangevaar„ „de boedels door den Curator adli„ „tes gevisiteerd en gekonfronteerd, mitsgaders ook volgens het gesta„ „meerde bij Resoluutsie van den 2: october 1770: de afbetaalde sol„ „dij reekeningen in het Jongst afge„ loopen boekjaar 178/9: gevisiteerd hebben En wijl daar bij bleek, dat alles naar „behooren is behandeld: zoo is goedgevonden Ingevolge het genoomen besluit in Raade van Malabaar op den 10: 9ber: Iongstleeden hebben wij onder„ „geteekende als expresse gekommitteer„ „den ons vervoegd op het soldij kantoor alhier, en de soldij boeken die onder ultimo Aug„s passato geslooten zijn, na den inhoud van het Extrakt Gene„ „raale Resolmitsie genoomen in raade van Indien te Batavia de dato 30: Juli 1753: met vereischte attentsie Weledele Gestrenge Groot achtb: Hoog Gebiedende Heer! Aan den Weledelen Gestrenge Groot achtb: Heer Johan Gerard van Angelbeek Raad ordinair van Neder „lands India Goeverneur en Direkteur ter kuste Mal„ „labaar, met dies onderhoorigheeden en verstaan de soldij bedienden te qualificeeren met het sluiten der boeken voorttevaaren en het aap„ „port zelve hier te insereeren. geresumeert op. 328. 32 29 Maandag den 14: December 1789:— Maandag den 14: December 1789: geresumeert, bij welke examinaatsie wij bevonden dat alles wat ten lasten van soldijen bij de Negotie boeken vol vertoonde ordonn: Extrakten en quitantsie afgeschreeven in boven gem: soldij boeken behoorlijk ingetrokken, uitgedeeld en verantwoord is, gelijk „ hier onder met alle eerbied werd aangetoond; als: Te Koetsiem. volgens vertoonde ordonnantsies door den winkelier tot gasie in de stad en Lorka. . . Rop: 3843348: ƒ 76867: 8: 8: Aan 2: stux ingetrokken soldij reekening - - - - - - „ 108 –. „ 216: –. –. Akte en Zegelgeld. . . . „ 59 1/48: „ 118:12:–. zoo dat het geen ten lasten van soldijen uit de kleene winkel in een rondjaar ver„ „strekt is bedraagd - - - Rop„s 38601 1/8: ƒ 17202:—: 8: De belasting der halve gasie van die geenen die in het hospitaal ter kuree„ „ring hebben geleegen. . „. . . . „ 1809: 10:—. Over 18: p„s Dood kisten. . . . „. . . . „ 86. 8: —. „ Belasting voor de nieuw„ „we aangemaakte Montee„ „rings aan de Arthilleristen bedraagt - - - - „ 391: —. „ Aanreekenings - „ 72:2: 465: 2: —. Somma - . ƒ 79563. —. 8: Die Transporteeren. ƒ 79563:—. 8: P„r Transport . Aan de oostersche Militairen De verstrekte gasie alhier aan dezelven, bedraagd - - - - ƒ 9825:12:—. Aan acte en zegel geld... „ 5:15„8: 8: p„s malabaarse Linnen „ 24:—:— 288: voeten Mangus planken. . . „ 9: –. Aan verteerde halve gasie der geenen die in het Hospi„ „taal geleegen hebben - - „ 158: 6:—: „10022: 13: 8: Aan een Iavansche Mattroos De verstrekte gasie - - - ƒ 21: 12:—: „ verteerde halve gasie in het Hospitaal „ 43: 4:—: 64:16:—. Te koilang. Somma- ƒ 89650:10:—. Aan de Europeesen. de verstrekte gasie in 1/m:. . . . ƒ 2019:12:—. over een p„s doodkist. . . . „ 4:10:—: ƒ 2024:8:—. Te kranganoor. Aan de Europeesen. de verstrekte gasie in /m: - : . ƒ 3821:2:—: over 3: pees doodkisten. . „ 14: 8:—. Teld. - - - - ƒ 3835:10:—: Aan een oosterse kapitain 1: p„s malabaars Linnen 2 tot '8 ter aaƒ 3:—. 36: voeten Mang„s planken „ de aestellen „ —- 12: 3:12:–: „ 3839:2:–. n Te Aikotta Aan de Europeesen de verstrekte gasie in 1/m:. . . . ƒ 9359. 12. —. over 1: p„s doodkist - - . . „ 4:16:—: Teld. - ƒ 9364:8:—. Aan de oosterlingen. de verstrekte gasie in 1/m:. . . . ƒ8745. 7: over 1: p:s mallab„s linne ƒ 3: —. 34: voeten mang„s planken „ —. 12:„ 3: 12„ 8748:19:—: „18113: 7:—. voorts 330: 331 Maandag den 14: December 1709: Maandag den 14: December 1709: der negootsie boeken. Voorts is ons niet gebleeken, dat imand door ruime verstrekkinge te quaad loopt, met het sluiten der boeken. ook is in dit boekjaar den Extra ordi„ „nair Luitenant den Arthillerij Adria„ „nus Snel van Amsterdam en den Corpo„ „raal Iohan Iakob Homan van Grena gestorven, welkers boedel door den Curator ad lites aangevaard en na aftrek van de daar op gevallene ongelden behoorlijk in 'skomp„s kassa geteld is als: van Adrianus Snell van Amsterdam rop: 5: 1/20: ƒ 16:1:2: „ Johan Jakob Homan „ Grena. . . „ 16½: „22:4:4: Rapport van de visitaatsie Te Zaamen Rop„ 7: 1/8: ƒ 98: 5: 6: Welke Montant volgens de daar van aan ons vertoonde ordonnantsies en quitant„ „sie, de dato 6: Iuni en Laatsten Aug„s deezes Iaars door den kassier voor den ontvangst behoorlijk zijn gequiteerd. ook is door ons nauwkeurig gekonfron„ teerd, de ingetrokken voormelde soldij „reekenings, welken in dit Boekjaar bij de Boeken ingenoomen en afbe„ „taald is, behoorlijk gequiteerd kon„ „form het besluit genoomen in raade van Malabaar de dato 2: 8ber: 1770: In hoope dat deeze onze opgelegde Aan den welEd: Gestr: Groot achtb: Heer Johan Gerard van Angelbeek Raad ordinair van Nederlands Na resumsie van het bericht van de Leeden Iohan Adam Cellarius en Jakobus Adrianus Eversdijck die de Negootsie boeken van 1788/9: hebben geexamineerd, waar bij blijkt dat de boeken wel en na de order gehouden en zonder erreuren bevonden zijn, is goedgevonden en verstaan tot het sluiten derzelven qualifikaatsie te verleenen en het bericht hier in te lijven. kommissie nade geëerde intentsie van uweledele Gestrenge Groot achtb: te hebben volbragt: zoo maatigen wij ons de eere aan, met verschuldigt res„ „pekt te zijn /:onderstond:/ wel edele ge„ „strenge Groot achtb Hoog Gebieden, „de Heer, uw weledele gestrenge Groot achtb: onderdaanige en Gehoor„ „zaeme Dienaaren /:was geteekend:/ I: A: Cellarius, en W: van Haef„ „ten /:in margine:/ koetsiem den 2: December 1789:—. kommissie India
English
332: 333. Monday the 14th December 1789: Monday the 14th December 1789: India as well as Governor and Director of this coast of Malabaar with the jurisdiction thereof. Right Honorable, Stern, Highly Respected, High Commanding Lord. Pursuant to the resolution taken in the council of Malabaar on the 20th November of the past year, we, the undersigned, as specially commissioned persons, have proceeded to the Trade Office, and there accurately examined and inspected the Trade Books kept by the Honorable Second Ian Lambertus van Spall, of the financial year 1788-1789: with which performance we have now completed the assigned work, declaring that we have executed this our assigned commission to the utmost accuracy, conformable to the contents of the extract resolution taken in the Council of India under date of the 30th July and 14th October 1750: being upon inspection: Ordinary Rations. . . . . . ƒ 40893: 7: 8: Ordinary Expenses. . . . . . . ƒ 30629: 11: 8. Extraordinary Expenses. . . . ƒ 54407: 9: —. Carpentry and Repairs. . . ƒ 4631: 10: 8: Fortifications. . . . . ƒ 24720: 16: 8: Expenses of ships. . . . ƒ 12161: 5: —. Expenses of sloops. . . . ƒ 8484: 15: 8: Account of condemnation and confiscation. . . . ƒ 2214: 1: —. Salaries on land. . . . . ƒ 75694: 19: 8: Native servants' monthly wages. . . ƒ 8445: 10: —. Account of gifts. . . ƒ 3450: 6: —. Expenses of the Company's slaves. . . . ƒ 22: 6: —. Account of interest. . . ƒ 21190: 1: 8: The Hospital. . . . . ƒ 2580: 9: —. Equipment for war. . . . . ƒ 40434: 10: 8: Ship's salary. . . . ƒ 5895: 16: 8: War expenses against the Nabob Tipoe Sultan Padja. . . . ƒ 5889: 12: 8: Total . . ƒ 341744: 8: —. And when the same are compared against those of the preceding year, it appears that those of this year are less by a sum of ƒ 327: 15: —. See the note made thereof and annexed hereto in all respect. Together with this, having to submit below for the perusal of your Right Honorable, Stern, Highly Respected, that in this financial year nothing was found by us that is contrary to the aforementioned order, but everything was found to be in good order. While we have the honor to present to your Right Honorable, Stern, Highly Respected, the general expenses incurred in this financial year, the same consisting of the following to 334: 335 Monday the 14th December 1789: Monday the 14th December 1789 outstanding accounts before and behind, as: The Creditors and outstanding accounts: The Diaconate Poor. . . . ƒ 24000: —: —. The Leper House. . . . ƒ 4224: —: —. Johan Gerard van Angelbeek, Governor of this coast. . . ƒ 144000: —: —. Reinier van Aarn, Senior Merchant and former Second /his son/. . . . ƒ 30000: —: —. Ian Lambertus van Spall, provisional Senior Merchant and Second. . . . ƒ 60000: —: —. Johan Andries Daumichen, Junior Merchant and former Secretary of Police /his son/. . . . ƒ 30000: —: —. Coenraad George Seijffert, Junior Merchant and former Pay Bookkeeper /his son/. . . . ƒ 4800: —: —. Iohan Adam Cellarius, Junior Merchant and Warehouse Master. . . . ƒ 3600: —: —. Johan Rudolp Schutsz, master manufacturer at Bern in Switzerland. . . . ƒ 1200: —: —. Hendrik Dirksz, Captain of the Burgher militia. . . . ƒ 123600: —: —. Anta Setti, Banyan merchant. . . ƒ 60000: —: —. Mistress Rachel Augustina Vandersloot, widow of the late Merchant and Fiscal M: H: Beits. . . ƒ 19200: —: —. Iohannes van Blankenberg, Captain Lieutenant at Sea and Equipment Master. . . ƒ 12000: —: —. Iohannes Lauswijn, Military Ensign and Commander at Aikotta. . . ƒ 1200: —: —. Johan Casper Kantsz, Assistant. . . ƒ 1200: —: —. Clara Elizabeth Schaak, widow of the Captain Lieutenant of the Artillery Kraus. . . ƒ 12000: —: —. Samuel Abrahams, Jewish merchant. . . ƒ 6000: —: —. Andries Hendrik Schagt, sworn clerk of Justice. . . . ƒ 4800: —: —. Cranganoor the fortress, new account. . . ƒ 24: 2: 8: Total . . ƒ 541848: 2: 8: The Debtors and outstanding accounts: The mortgaged lands of the King of Koetsiem. . . . . ƒ 18000: —: —. Johan George Tornbauwr, Military Captain. . . . ƒ 4487: 16: 8: The Nabob Heijder Ali. . . . ƒ 2948: 9: —. Repair expenses of the Government's outer and inner gardens. . . . . ƒ 3173: 13: 8: Raimond Salama. . . . ƒ 480: —: —. Johan Hendrik Vogt, Lieutenant of the Artillery. . . ƒ 3600: —: —. Lease monies of leased gardens and lands. . . . . ƒ 10398: 18: —. The King of Trevankoor. . . . . ƒ 293766: 5: —. Cranganoor the fortress. . . . ƒ 1420: 11: —. The camp at Aikotta. . . . ƒ 1488: 5: 8: Quilon the Government. . . . ƒ 7: 16: —. Total . . ƒ 339771: 8: 8: With regard to the debtors, according to our humble opinion none are hopeless, nor have any errors been detected by us other than those which have been duly redressed; furthermore, we have nothing to remark regarding the keeping of the books, as the same have been kept as the order dictates. In the expectation that we have accomplished this our assigned commission according to the honored intention of your Right Honorable, Stern, Highly Respected, we presume the honor to be with due respect, /below stood:/ Right Honorable, Stern, Highly Respected, High Commanding Lord, your Right Honorable, Stern, Highly Respected's humble and obedient servants, /was signed:/ J: A: Cellarius and I: A: Eversdijck /in the margin:/ Koetsiem the 14th December 1789: Demonstration The
Dutch transcription
332: 333. Maandag den 14:' December 1789: Maandag den 14: December 1789: Indian mitsgaders Goeverneur en Direkteur deezer kuste Malabaar met den Resorte van dien Weledele Gestrenge Groot achtbaare Hoog Gebiedende Heer. Ingevolge besluit genoomen in raade van Malabaar op den 20: 9ber: J„o leeden hebben wij ondergeteekendens als Expres„ „se gekommitteerdens ons vervoegd op het Negootsie komptoir, aldaar naauwkeurig geexamineerd en nage„ zien de Vegotie Boeken gehouden door den E: sekunde Ian Lam„ bertus van Spall, van 't Boekjaars 17889: met welke verrigting wij thans gedaane werk hebben gekreegen, betuigende deeze onze opgelegde kom missie ten akkuraatsten te hebben volbragt conform den inhoud van het extrakt resoluutsie genoomen in raade van India sub dato 30: Juli en 14: 8ber: 1750: zijnde „ bij visitaatsie Randsoenen ordinair. . . . . . ƒ 40893: 7: 8: Onkosten ordinair. . . . . . .„ 30'629:11: 8. onkosten Extra ordinair. . . .„ 54407: 9:—. Timmerasie en Reparaatsie. . .„ 4631: 10: 8: Fortifikatien. . . . . „ 24720: 16: 8: onkosten van scheepen. . . . „ 12161: 5. —. onkosten van sloepen. . . .„ 8484: 15: 8: Reekening van kondem naatsie en konfiskaatsie - - - - „ 2214: 1:—. Zoldijen aan Land. . . . . „ 75694: 19: 8: Inlandse Dienaars maandgelden. „ 8445: 10: —. Reekening van schenkasgie - . . „ 3450: 6: —. onkosten van skomp: Leifeigen. . . . „ 22: 6:—. Reekening van Intressen. . . „ 21190: 1: 8: 'T Hospitaal . . . . . „ 2580: 9:–. Toerusting tot aen oorlog. . . . . „ 40'434: 10: 8: scheeps zoldij - - - - - - „ 5895: 16: 8: Oorlogs ongelden tegens den Na„ „bab Tipoe sultan Padja. . . . „ 5889: 12: 8: Somma . . ƒ341744: 8:—. En als dezelve werden vergeleeken teegens die van het Jaar bevoorens, zoo blijkt, dat de„ zelve van dit jaar minder zijn een somma van ƒ 327:15:—. vide de daar van gemaakte en in dee„ „zen in alle Eerbied bij gevoegd notitie. Ieffens deeze hebbende tot spekulatie van nu weled: Gestrenge groot achtb: hier onder te stellen, de door ons in dit Boekjaar bevonden niets te vooren gekoomen dat teegen de ordre voormeld strijdig is, maar alles wel bevonden. Terwijl de eere hebben uweledele gestrenge groot achtb: aan„ „tetoonen, de generaalen Lasten in dit boek„ jaar gevallen, bestaande dezelve in als volgd. te 334: 335 Maandag den 14: December 1789: Maandag den 14: December 1789 te vooren en agteren staande reekenings als: De krediteuren en ten voorenstaande Reekeningen. De Diakonie Armen. . . . ƒ 24000: —. —. T Lasarus Huis - -„ 4224:—. Johan Gerard van Angelbeek Goeverneur deezer kuste. . . „ 144000: –. Reinier van Aarn opperkoopman en geweeze sekunde /:2:ƒ. . . . „ 30'000: –. – Ian Lambertus van Spall p„l opper„ „koopman en sekunde - - - „ 60'000: –. —. Johan Andries Daumichen onderkoop„ „man en geweezene sekretaris van Polietsie /:z:n. . . . . „ 30000: –. –. Coenraad George Seijffert onderkoop„ „man en geweezene soldij boekhouder /z:J„ 4800: –. -. Iohan Adam Cellarius onderkoopman en pakhuismeester - - - - - „ 3600:-. -. Johan Rudolp schutsz: M„r fabrikant te Bern in Switzerland - - - „ 1200: —. Hendrik Dirksz: kapitain der Burgerij. . - „123600: —. Anta Setti, Benjaans koopman. . „ 60000: —. — Mejufvrouw Rachel Augustina van „dersloot, wedewe wijlen den koop„ „man en fikaal M: H: Beits. . . „ 19200: –. – Iohannes van Blankenberg kapitain Luiten„ ter zee en Equipagiemeester. „ 12000: —. – Iohannes Lauswijn vaandrig Militair en kommandant te Aikotta „ 1200: –. – Johan Casper kantsz: Assisdent. „ 1200: —. –. Clara Elizabeth Schaak weduwe van den kap:n Luiten„t der Arthillerij kraus. „ 12000: –. – Samuel Abrahams Soods koopman„ 6000:-. Andries Hendrik Schagt gezwoore klerk der Justietsie.„ 4800:–. — Cranganoor de fortresse Nieuwe reek:- 24: 2: 8: Somma . . ƒ541848: 2: 8: De Debiteuren en ten agteren staande reek: De veronderpande Landen van den koning van koetsiem. - . . . . . ƒ 18000: —. –- Johan George Torn bauwr kapitain Militair „ 4487: 16: 8: . Den Tabab Heijder fli. . . . „ 2948: 9: —. Reparatie ongelden van het Goevernement buiten en binnen Tuinen. . . . . „ 3173: 13: 8: Raimond Salama - - - -. „ 480: –. -. Johan Hendrik vogt Luiten„ der Arthill: „ 3600:—. Pagt Penningen van verpagte Thunnen en Landerijen. . . . . „ 10398: 18: —. Den koning van Trevankoor. . . . . „ 293766: 5:—. Cranganoor de fortresse. . . . „ 1420: 11: —. T kamp te Sikotta - - - -. - „ 1488: 5: 8: dilon het Goevernement - - - „ - 7:16:—. Somma - ƒ339771:8: 8: Ten opsigte der Debiteuren zijn volgens ons gering gevoelen geen hoopeloos, ook zijn door ons geen Erveuren ontwaard, dan die behoorlijk geredresseerd zijn, overigens weeten wij omtrend het houden der Boeken niets te zeggen alzoo dezelve gehouden zijn, als de ordre dikteerd. In verwagting dat mij deezen onze op„ „gelegde kommissie na de geëerde intentie van uw weledele Gestrenge groot achtb. ten hebben volbragt matigen wij ons de Eeren aan met verschuldigen eerbied te zijn /:son„ „derstond:/ weledele Gestrenge Groot achtb: Hoog Gebiedende Heer, uw weledele Gestrenge Groot achtbaaren onderdaa„ nige en gehoorzaame Dienaaren /:was geteekend:/ J: A: Cellarius en I: A: Eversdijck /:in margine/ koetsiem den 14: December 1789: vertoog De
English
336. 337. Monday the 14th of December 1789. From the ship Trinkonomale. Statement of the General Expenses of this Malabar coast extracted from the trade books of the financial years 1787/8 and 1788/9, namely: More. Less. Ordinary Rations. Anno 1787/8: ƒ 46025: 4. -. 1788/9: ƒ 40893: 7: 8. -. -. -. ƒ 5731:13: 8. Ordinary Expenses. Anno 1787/8: ƒ 28551: 4: -. 1788/9: ƒ 30629:11: 8. ƒ 2078: 7: 8. -. -. -. Extraordinary Expenses. 1787/8: ƒ 52587:13: -. 1788/9: ƒ 54407: 9: -. ƒ 1819:16: -. -. -. -. Hospital. Anno 1787/8: ƒ 2836: 1: 8. 1788/9: ƒ 4631:10: 8. ƒ 2429:17: 8. -. -. -. Fortifications. Anno 1787/8: ƒ 9906: 6: 8. 1788/9: ƒ 24720:16: 8. ƒ 14814:10: -. -. -. -. Carpentry and Repairs. 1787/8: ƒ 2208:13: -. 1788/9: ƒ 2580: 9: -. -. -. -. ƒ 255:12: 8. Expenses of Ships. Anno 1787/8: ƒ 11745: 6: -. 1788/9: ƒ 12161: 5: -. ƒ 415:19: -. -. -. -. Expenses of Sloops. 1787/8: ƒ 17998: 6: 8. 1788/9: ƒ 8484:15: 8. -. -. -. ƒ 9513:11: -. Account of Condemnation and Confiscation. 1787/8: ƒ 2873:12: -. 1788/9: ƒ 2214: 1: -. -. -. -. ƒ 659:11: -. Salaries on Land. 1787/8: ƒ 78983:12: -. 1788/9: ƒ 75694:19: 8. -. -. -. ƒ 3288:12: 8. Native Servants monthly wages. 1787/8: ƒ 8431:16: 8. 1788/9: ƒ 8445:10: -. ƒ 13:13: 8. -. -. -. Account of Gifts. 1787/8: ƒ 7867:12: 8. 1788/9: ƒ 3450: 6: -. -. -. -. ƒ 4417: 6: 8. Expenses of the Company's slaves. 1787/8: ƒ 26:14: -. 1788/9: ƒ 22: 6: -. -. -. -. ƒ 4: 8: -. Account of Interest. Anno 1787/8: ƒ 20251: 1: 8. 1788/9: ƒ 21790: 1: 8. ƒ 939: -. -. -. -. -. Carried forward: ƒ 22511: 3: 8. ƒ 23270:15: -. Monday the 14th of December 1789. Brought forward: ƒ 22511: 3: 8. ƒ 23270:15: -. War expenses against the Nabob Tipu Sultan Padshah. 1787/8: ƒ -. -. -. 1788/9: ƒ 5889:12: 8. ƒ 5889:12: 8. -. -. -. Preparations for war. 1787/8: ƒ 47008:10: -. 1788/9: ƒ 40934: 1: 8. -. -. -. ƒ 6074: 8: 4. Ship's Salaries. Anno 1787/8: ƒ 477: 1: -. 1788/9: ƒ 5893:16: 8. ƒ 1116: 3: 8. -. -. -. Total: ƒ 29516:19: 8. ƒ 29844: 1: 8. ƒ 29516:19: 8. Subtracting the one from the other shows that the General Expenses of this coast in the financial year 1788/9 compared to those of Anno 1787/8 are less by ƒ 327:15: -. Cochin the 14th of December Anno 1789. Was signed: I. A. Cellarius and I. Adrianus Eversdijck. Findings on the cargo. The findings regarding the delivered cargo of the ship Trinkonomale arriving from Colombo were received, reading as follows: Findings on the delivered cargo brought here from Colombo per the ship Trinkonomale, namely: 338. Monday the 14th of December 1789. Monday the 14th of December 1789. According to Bill of Lading. According to Report. More. Less. In the Company's Pantry. lb. 186: -. 186: -. -. -. Apples in 5 small boxes, of which 1 spoiled weighing 33 lb. lb. 75: -. 75: -. -. -. Whole pears in 3 small boxes, of which 1 spoiled weighing 46 lb. lb. 73: -. 73: -. -. -. Guava pears in 2 small boxes. lb. 75: -. 75: -. -. -. Peaches in 2 ditto. lb. 75: -. 75: -. -. -. Apricots in 2 ditto. lb. 640: -. 624: -. -. 16: Frisian butter in 2 casks, being the permitted deduction of 2.5 percent. bottles 100: -. 99: -. -. 1: Sack wine in 1 case No. 1 unopened and found in good condition, being the permitted deduction of 1 percent. lb. 525: -. 519 3/4. -. 5 1/4: Grey peas in 8 grain sacks, being the permitted deduction of 1 percent. In the Company's Trade Warehouse. lb. 500: -. -. -. -. 500: Ceylon coffee beans in 5 bales not received here and according to the statement of the authorities at Galle remained in the warehouse. For Surat. casks 7: -. 7: -. -. -. Red Lead. In the Armory. In a case No. 3 in good condition: pieces 250: -. 250: -. -. -. Chamois leather sword frogs, of which 95 pieces rotted and thus unfit. pieces 50: -. 50: -. -. -. Drumheads, of which 28 pieces rotted and thus unfit. pieces 25: -. 25: -. -. -. Single bundles of drum cords, of which 3 bundles unfit. pieces 105: -. 100: -. -. 5: Drum hoops received instead of strips. In 3 cases No. 4 to 6 in good condition: pieces 58: -. 58: -. -. -. Chamois leather hides weighing 746 lb., of which 8 pieces rotted and thus unfit. hats 20: -. 19: -. -. 1: Forging coals, being the permitted deduction of 5 percent. pieces 6: -. 6: -. -. -. Espontoons. The above unfit goods ought to be written off to profit and loss. Cochin, the 14th of December 1789. Was signed: I. L. van Spall. Decision on the same. And regarding the indicated 95 pieces of rotted chamois leather sword frogs and 28 drumheads, as well as 3 single bundles of drum cords found unfit in a case No. 3, and 8 rotted chamois leather hides in three cases from No. 4 to 6 brought with the aforementioned ship Trinkonomale from Amsterdam to Colombo and from there hither, it was resolved, because 339.
Dutch transcription
336. 337. Maandag den 14: December 1789: van het schip Trinkonomale Vertoog der Generaale Las„ „ten deezer kuste Malabaar getrok„ „ken uit de Negootsie boek en van het boekjaar 178 7/8: en 1788/9: te weeten Meerder. Minder. Randsoenen Ordinair. . A„o 1787/8: ƒ 46025: 4. -. „ 1788/9: „ 40893:7: 8: —. —. -. ƒ 5731:13: 8: „ 17889: . „ 30'629:11: 8:„ 2078: 7: 8: „ —. –. —. 178 7/8: - ƒ52587:13:—. 1788/9. - „54407:9:–. „ 181916:–„ —. –. –. „ 1788/9: „ 4631:10:8:„ 2429:17:8:„ —. –. –. „ 78 8/9: „ 24720: 16: 8: „ 14814:10: –. „ —. –. –. „ 1788/9. „ 2580: 9:—: „ —. – –. „ 255: 12: 8: Onkosten van Scheepen. . . „ 17878: -„ 11745:6:—. 1788/9: „ 12161: 5:—: 415: 19. —. „ —. –. –. Onkosten van Sloepen. 17.8 7/8: ƒ 17998: 6: 8: 7788/4: „ 8484:15: 8: „ —. —. —. „ 9513:11:—. Reek: van kondem Matie ec onfiskatie„ 178 7/8: ƒ 2873:12:-. 178. 8/9: „ 2214: 1:—: „ —. —. —. „ 659:11:—: „ Soldijen aan Land. . .„ 1787/8: ƒ 78983:12:—. 1788/9: „ 75694:19: 8: „ —. –. –. „ 3288:128 Inlandse Dienaars maandgelden.„ 8431:16:8: 178 7/8: ƒ 8445:10:—:„ 1788/9: „ „ Reekening van Schenkagie„ 178 7/8: ƒ 7867:12: 8: 1788/9. „ 3450: 6: —:„ —. –. —. „ 4417: 6: 8: Onkosten van 'skomp: ijfeigene„ 178 7/8: ƒ 26:14:—. 1788/9.„ 22: 6:–: „ —. –. –. „ „ 4: 8: —. Reekening van Intressen . . . „ 178 7/8: ƒ 20251:1:8: 1788/9: „ 21790: 1: 8: „ 939: –. –. „ —. –. –. o4 Transporteere - . . . . . ƒ 251: 3:8 ƒ23270:15. —. Fortifikatie - - - „ 178 7/8: ƒ 9906: 6: 8: 'S Hospitaal - - - - - „ 178 7/8: ƒ 2836: 1: 8: Onkosten Extra ordinair. Timmerasie en Reparaatsie „ 17871/8: ƒ 2208:13:—. Onkosten Ordinair - . . . „ 178 7/8: -ƒ 28551:4:—: Maandag den 14:' December 1789 Oorlogs ongelden tegens den Nabab Tipoe sultan patja „ 178 7/8:ƒ -. — 178 3/9: „ 5889: 12: 8: 5889:12: 8: Teld ƒ29516:19:8: ƒ 29844:1:8: .. „29516:19: 8: 't Een van het ander afgetrokken - - konsterd dat de Generaale Lasten deezer kuste in het boekjaar 1788/9: in vergelijk van die van A„o 1787/8: minder zijn -. - - - Koetsiem den 14: December A„o 1789: /:was getee„ „kend:/ I: A: Cellarius, en I: Adrianus Eversdijck bevinding op de laading Is ingekoomen de bevinding van de uitgeleeverde Landing van het schip Trinkonomale komende van ko„ „lombo, luidende als: volgd. J Bevinding op de uitgeleeverde Lading per het schip Trinkonomale van Kolombo alhier aangebragt, damelijk ƒ 327: 15:— 1788/9: „ 5893:16:8:„ 1116: 3: 8: „ Toerusting tot den oorlog. . . „ 17878: ƒ 47008: 10: —. 1789„ 40934: 1:8: . -. —. „ 657: 19. 8: Scheeps Zoldijen - - - - - A„o 1783/8 ƒ417:1:—— Meerder. Minder. P=r Tranport - - . . ƒ 22511: 3: 8: ƒ 23270:15:—. 13: 13: 8. In „ ƒ ƒ „ „ —. „ . - 338. Maandag den 14:' December 1709 Maandag den 14:' December 1784: vaaten 7: —. 7: — —. — disposietsie op het zelve. hoeden 20: — 19:— volgens „nossement. Rapport „ 141: 141: In 'skomp„s Dispens. —. Appelen in 5: kasjes, waar van 1: be„ „dorven weegd 33: lb: heelepeeren in 3: kasjes, waar van 1: bedurven weegd 46: lb: Guaepeeren in 2: kasjes 73: - — - - —. persiken „ 2: _=o. 75:- 75:- —. - —. Aprikoosen „ 2: - - „. „ 640. — 624:— —. — 16: Booter vriese in 2: vaaten zijnde de gepermitteerde afsch:n van 2½: p„r C=to 99:— —. — 1: sek wijn in 1: kas N=o 1: ongeopend en wel gekondietsioneerd bevonden, zijnde de gepermitteerde afschrijving van 1: perCento. lb: 525:- 519¾. —. - 5¼: Grauw Erten in 8: koorn zakken, zijnde de gepermitteerde afschr: van 1: prC=to In 'skomp„s Negootsie Pakhuis. „ 500: — —. — — - 500: Ceilonse koffij boonen en 5: baalen alhier niet ontvangen en volgens het zeggen van de overheeden op Gale in het Pakhuis gebleeven. voor souratte Roode Meni In de wapenkamer. In een kas N„o 3: wel gekondietsioneerd. p„s 250:— 250:: —. —: zeemleere portepees, daar van 95: p„s verrot dus onbequaam. „vellen p„s 50: - 50. — —. — —. Tron„bijes, daar van 28: p„s verrot dus onbeq: „ 25: — 25: — —. — — . Enkelde bossen trom zijnen daar van 3: bossen onbeq: 105: — 100:- —: — —. Tromhoepels ontvangen in steede van reepen. In 3: kassen N„o 4: tot 6: welgekondietsio„ neerd. —. — —. zeemleere huiden weegende 746: lb: daar van 8: p„s verrot dus onbeq: —. —. 1: smeekoolen zijnde de gepermitteerde afschrijving van 5: percento „ 6:- 6:- —. - -. Esportons De bovenstaande onbeq: goederen diend op winst en verlies afgeschreeven te werden. Roetsiem den 14: December 1789: /:was geteekend:/ I: L: van Spall. En werd nopens de daar bij aangewee„ „zene 95: p„s verrotte zeemleere portepees en 28. tromvellen, mitsgaders onbequaam bevondene 3: enkelde bossen tromlijnen in een kas N„o 3: en 8: verrotte zeemleere= huiden in drie kassen van N=o 4: tot E: met het voormelde schip Trinkonoma„ le van Amsterdam, op kolombo en van daar herwaards aangebragt, beslooten Meerder Mind„t 58: wijl volg=s Cognos „ volgens Meerd:r Mind„ „sement. Rapport lb: 186:— 186:— - — - „ 75:- 75: — —. „ „ 73:— bott„ 100: 2 50: 50:— volg„s Cog 339
English
340: 341 Monday the 14th of December 1789: Monday the 14th of December 1789: A note concerning dead cattle. Report concerning the condition of the city's outer works. since the cases were well conditioned, to have said goods written off at the charged prices and to inform the Gentlemen Masters thereof at the first opportunity. Regarding the further goods in the aforementioned findings, it was agreed to validate the permitted write-offs and to note here that the 500 lb of coffee beans in 5 bales shown in those findings have, according to the statement of the authorities of that ship, remained on call in the warehouse. A note from Adjutant Nikolaas Roose having shown that in the past month of November another nine cart oxen and one calf from the batch purchased for the Company had died, it was approved and agreed to keep a record thereof herewith and to insert the note below: List of the dead Company cattle in the month of November. The 2nd of November One. 8th ditto two 9th ditto One. 11th ditto One. 14th ditto One. 20th ditto One. 24th ditto two 28th ditto One calf, total 9 cattle and one calf. Cochin the first of December 1789: was signed: N: Roose. Right Honourable, Highly Respected, High Ruling Lord To the Right Honourable, Highly Respected Lord Johan Gerard van Angelbeek, Ordinary Councillor of the Dutch Indies, as well as Governor and Director of the Malabar Coast. The report having arrived, which according to the resolution of the 18th of August 1785 must be submitted monthly regarding the condition of the outer works of this city, it was agreed to insert the same here. The undersigned have the honour to report to Your Right Honourable, that being still busy and continuing in the outer works to repair the banquettes, traverses, and the glacis, which were washed away with the heavy rains in the past bad monsoons, again continued 342: 343. Monday the 14th of December 1789: Monday the 14th of December 1789: The clerks of the secretariat request 50 lb of wax candles. to restore them to their former condition, as well as the outer and inner moats; for the rest, everything is in good order. We have the honour to be with the highest esteem, underneath stood: Right Honourable, Highly Respected, High Ruling Lord, Your Right Honourable's humble and obedient servants, was signed: G: G: Gebhardt and F: C: Heupner in the margin: Cochin the 30th of November 1789. Notice was given by the Lord Governor that for the copying out of the positive orders for Europe, comprising thirteen folios, eleven reams of large format paper and fifty lb of wax candles had already been provided, but that since writing had to be done on it for many evenings, the clerks of the Secretariat Thus done, resolved, and decreed in the Council of Malabar at the city of Cochin on the day, month, and year aforesaid, was signed: J: G: van Angelbeek, J: L: van Spall, G: G: Gebhardt, J: W: H: van Rossum, I: F: Cellarius, W: van Haeften, Arnoldus Lunel, and I: A: Eversdijck. The request granted. Resolution. had requested another fifty lb of candles in order to get that work finished before the departure of the return ships, so that it might be sent therewith via Ceylon, and also for two quires of cartridge paper for binding the same; and it was approved and agreed to allow another fifty lb of wax candles and two quires of cartridge paper to be provided for that purpose. 344 345. Saturday the 19th of December 1789: The soldier Schwartze requests a certificate of life. Decision. Surety in favour of the Chief Bos. Saturday the 19th of December 1789: in the forenoon at ten o'clock, present all, also The Esteemed Bos; absent The Esteemed van Rossum and Poolvliet, both due to indisposition. After the handling of secret matters, a petition having been read from the soldier Johan Christiaan Schwantze of Arteven, whereby the same makes a request for a certificate of life, in order to be able to prove therewith in Europe that he is still here among the living, in order to be able to summon his paternal inheritance from there; thus it was approved and agreed to grant such a certificate to him, Schwartze. A Deed of Surety having been submitted, Resolution taken in the Council of Malabar at the city of Cochin. executed by the Captain of the Burghers Hendrik Dirksz: and the Company's merchant David Rabbi, for the benefit of the Junior Merchant and Chief of Coylan, The Esteemed Johannes Bos, for the fidelity and administration of the monies and goods resting under him at that chief settlement, it was approved and agreed to accept the said sureties and to have the deed filed. Thus done, resolved, and decreed in the Council of Malabar at the city of Cochin on the day, month, and year aforesaid, was signed: I: G: van Angelbeek, I: L: van Spall, G: G: Gebhardt, I: W: H: van Rossum, D: A: Cellarius, W: van Haeften, Arnoldus Lunel, J: A: Eversdijck. Resolution on
Dutch transcription
340: 341 Maandag den 14: December 1789: Maandag den 14: December 1789: een notietsie noopens verrekte koebeesten. bericht nopens de ge„ steldheid der stads buitenwerken. wijl de kassen wel gekondietsioneerd geweest zijn, gemelde goederen met de aangereekende prijzen te laaten afschrij„ „ven en bij de eerste geleegenheid daar van aan de Heeren Meesterskennis te geeven. op de verdere goederen bij gemelde be„ „vinding is verstaan, de gepermitteerde afschrijvingen te valideeren en hier bij te noteeren dat de bij die bevinding aan„ „getoonde 500: lb: koffij boonen in 5: balen volgens opgave der overheeden van dat schip op hale in het pakhuis gebleeven zijn. Bij een notietsie van den Adjudant Nikolaas Roose, gebleeken zijnde, dat in de voorleeden maand November weder negen karbeesten en een kalf van de voor de kompanie ingekochte partij verrekt waaren, is goedgevonden en verstaan, daar van bij deezen aanteeke„ „ning te houden en de notietsie hier onder te insereeren Lijst van de verrekte kom„ „panies koebeesten in de maand November. Den 2: November Een. 8: _=o. twee 7. 9: _=o. Een. „ 11: _=o. Een. „ 14: _=o. Een. „ 20: _o. Een. „ 24: _o. Eaniix. twee „ 28: _o. Een kalf somma 9: koebeesten en een kalf. Koetsiem den Eersten December 1789: /:was geteekend:/ N: Roose. De ondergeteekendens hebbe de „ Eer uweledele Gestrenge Groot achtb: te Rapporteeren, dat in de buiten wer„ „ken nog beesig zijnde en Continueeren, om aan te vallen de Bankets Traverssen en de Glasie, die met de zwaare veegens in de gepasseerde „ quaade Mossen zijn afgespoeld, weder Weledele Gestr: Troot achtb: Hoog Gebiedende Heer Aan den Weled: Gestr: Groot achtb: Heer Johan Gerard van Angelbeek Raad ordinair van Nederlands Indien, mitsgaders Goeverneur en Direkteur ter kuste Mal„ „labaar. Ingekoomen zijnde het Rapport het welk volgens besluit van den 18: Aug„s 1785: maandelijx moet worden ingediend nopens de gesteldheid der buiten werken deezer stad is verstaan het zelve hier te insereeren. vervolg E . In „ „ 342: 343. Maandag den 14 December 1789: Maandag den 14: December 1789: de bedienden van de sekre„ „tarije verzoeken 50: lb: waxkaarsen. in hun voorige staat te herstellen, zoo meede de buiten en binnen grachten voor het overige is alles in een goeden ordre wij hebben de eer met de meeste hoogachtig te zijn /:onderstond:/ weledele Gestrenge Groot achtb: Hoog Gebiedende Heer uweledele Gestrenge Groot achtb: onderdanige en Gehoorsaame Dienaa„ „ren /:was geteekend:/ G: G: Gebhardt het verzoek toegestaan. en F: C: Hteupner /:in margine:/ koetsiem den 30: 9ber 1789:—. Werd door den Heer Goever„ „neuw kennis gegeeven, dat tot het afkopieeren van de positive ordres voor Europa, beslaande dertien fo„ „lianten, reets elf riemen groot formaat papier en vijftig lb: wax„ „kaarsen waaren verstrekt, doch dat vermits veele avonden daar aan heeft moeten geschreeven wor„ „den, de Bedienden van Sekretarije Aldus Gedaan Geresolveerd en Gearresteerd in Raad van Malabaar ter steede koetsiem ten dage maand en Iaare voormeld /:was geteekend:/ J: G: van Angelbeek J: L: van Spall, G: G: Gebhardt, J: W: H: van Rossum, I: F: Cellarius, W: van Haeften, Arnoldus Lunel en I: A: Eversdijck, hadden verzoek gedaan om noch vijftig lb: kaarsen ten einde dat werk noch voor het vertrek van de retoerscheepen klaar te krijgen om daarmeede over Ceilon te worden verzonden en ook om twee boeken kardoes papier tot het in„ binden derselven en is goedgevon¬ „den en verstaan, noch vijftig lb: waxkaarsen en twee boeken kar„ „does papier daar toe te laaten ver„ „strekken hadden Resoluutsie „ „ „ „ 344 345. Saturdag den 19: December 1789: Den soldaat schwartze =besluit. Borgtocht ten faveure van het opperhoofd Bos. Saturdag den 19:' December 1789: voormiddags te tien nuw present alle ook D E: Bos, absent D E: van Rossum en Poolvliet beide door indisposietsie Na het verhandelen der sekreete verzoekt een akte de vita zaaken opgeleezen zijnde een request van den soldaat Iohan Christaan Schwantze van Arteven waar bij dezelve verzoek doed, om een akte de vita, om daar meede in Europa te kunnen bewijzen, dat hij zich al„ hier noch in leevende lijve bevind, ten einde zijn vaderlijke erfdeel van daar te kunnen ontbieden: zoo is goedgevonden en verstaan zodanige akte aan hem schwartze te verleenen. Jngediend zijn„ „de een Akte van Borgtogt Resolutisie genoomen in Raade van Malabaar ter steede koetsiem door den kapitain der Burgerij Hendrik Dirksz: en den komp„s koopman David Rabbi, ten behoeve van den onderkoopman en opperhoofd van koilang D E: Johannes Bos gepasseerd, voor de getrouwigheid en administraatsie van de penningen en goederen onder hem die opperhoofdije berus„ „tende, is goedgevonden en verstaan gemelde Borgen te akcepteeren en de Akte te laaten seponeeren. Aldus Ged aan Geresol„ reerd en Gearresteerd in Raade van Malabaar ter steede koet„ „siem ten dage maanden Jaare voormeld /:was geteekend:/ I: G: van Engelbeek I: L: van Spall, G: G: Gebhardt I: w: H: van Rossum, D: A: Cellarius, w: van Haeften Arnoldus Lunel, J: A: Eversdijck door Resoluutsie op
English
346. 947. 3 Report that Iohan Rijk has been found leprous. Decision to send him to the leper house. Adopted by way of circular inquiry. Resolution. Wednesday, the 23rd of December 1789. Present all, except the Honorable Poolvliet. Whereas it has appeared from a written report of the chief surgeon Daniel van der Sloot and other medical practitioners that the orphan boy Iohan Rijk is infected with the grievous disease of leprosy, it has been approved and agreed to send the same at once to the Leper House at Paliaporto to be maintained there, and to insert the report herein. In humble compliance with your Right Honorable, Highly Esteemed order, we, the undersigned, Daniel van der Sloot, chief surgeon, Jan Hendrik Schuurman, surgeon, together with the native physician Jenesse Landiet, have repaired to the house of the reader Jan Beerends, where we examined the orphan boy named Johan Rijk of Koetsiem and found that the same is infected with the grievous disease of leprosy. Right Honorable, Highly Esteemed, High Commanding Lord! Wednesday, the 23rd of December 1789. To the Right Honorable, Highly Esteemed Lord Johan Gerard van Angelbeek, Ordinary Councilor of the Dutch Indies, Governor and Director of the Malabar Coast with its dependencies. 348. 349. Wednesday, the 23rd of December 1789. Resolution. Decision to have the colleges and the church council submit nominations of eligible persons. Herewith we have the honor to call ourselves with all high esteem and submissiveness, underneath stood, Right Honorable, Highly Esteemed, High Commanding Lord, your Right Honorable, Highly Esteemed, very humble and submissive servants, signed, D: van der Sloot and J: H: Schuurman, and with some Canarese characters written by Genessa Landiet himself. In the margin, Koetsiem, the 23rd of December 1789. Thus done, resolved, and decreed in the Council of Malabar in the city of Koetsiem, on the day, month, and year aforesaid. Signed, J: G: van Angelbeek, J: L: van Spall, G: G: Gebhardt, J: W: H: van Rossum, J: A: Cellarius, W: van Haeften, Arnoldus Lunel, J: A: Eversdijck. It was approved and agreed upon by written circular inquiry to order the colleges of the Orphan Chamber, Matrimonial and Petty Court Affairs, as well as the Fire and Ward Masters, to submit specifications of the present members in those colleges, Saturday, the 26th of December 1789. Present all, except the Honorable Poolvliet and Eversdijck, the first due to indisposition and the second on a commission to the King of Koetsiem. Adopted by way of circular inquiry. Resolution. 350. 351. Saturday, the 26th of December 1789. with the nomination of a double number of eligible persons to serve at the disposal of this Council at the renewal of the magistracy on the 8th of January next; as well as the church council, according to annual custom, to elect new elders and deacons for the approval of this Council. The Right Honorable, Highly Esteemed Lord Ordinary Councilor of the Dutch Indies, Governor and Director Johan Gerard van Angelbeek; The Honorable Mr. Senior Merchant, Secunde and Head Administrator Jan Lambertus van Spall; The Honorable Captain and Head of the Military Godlieb George Gebhardt; The Honorable Merchant, Fiscal and Cashier Mr. Jan Willem Hendrik van Rossum; The Honorable Junior Merchant and Warehouse Keeper Johan Adam Cellarius; The Honorable Junior Merchant and Dispenser Willem van Haeften; The Honorable Secretary of Police Arnoldus Lunel; The Honorable Provisional Pay Bookkeeper Jakobus Adrianus Eversdijck. Absent: The Honorable Junior Merchant Adriaan Poolvliet, due to indisposition. Thus done, resolved, and decreed in the Council of Malabar in the city of Koetsiem, on the day, month, and year aforesaid. Signed, J: G: van Angelbeek, J: L: van Spall, G: G: Gebhardt, J: W: H: van Rossum, J: A: Cellarius, W: van Haeften, and Arnoldus Lunel. The Honorable Members having assembled at the Government House in order to receive in their meeting the gentlemen commissioners of Their High Mightinesses, Saturday, the 2nd of January 1790. All present. Resolution. Adopted in the Council of Malabar in the city of Koetsiem. Resolution.
Dutch transcription
346. 947. 3 rapport dat Iohan Rijk melaats bevonden is. besluit hem naar het leprosen huis. te zenden. genoomen bij weege van Rondvraage Resoluvisie Woensdag den 23: December 1732 present alle, behalven D E: Poolvliet Bij een schriftelijke rapport van den opperchirurgijn Daniel van der sloot en verdere geneeskundi„ „gen gebleeken zijnde, dat de wees„ „jongen Iohan Rijk met de bedroefde ziekte van Relaatheid is besmet, is goedgevonden en verstaan, denzelven ten eersten naar het Leprosenhuis te Za¬ „liaporto te zenden om daar gealimenteerd te worden en het rapport hier bij te snsereeren. In nedrige opvolging van uw welEd: Gestr: Groot achtb: Hoog Geeerde ordre, hebben wij de ondergeteekendens Daniel van der Sloot opperchirur„ „gijn Dan Hendrik Schuurman chirurgijn beneevens de Inlandse ge„ „neesmeester Ienesse Landiet, ons vervoegd ten huize van den voorlee„ „zer Ian Beerends alwaar wij de weesjongen gen=t Johan Rijk van koetsiem gevisiteerd en bevonden, dat denzelven met de bedroefde ziekte der melaatsheid te zijn Weledele Gestrenge Groot achtb: Hoog Gebiedende Heer! Woensdag den 23: December 1789: Aan den weledele Gestrenge Groot achtb: Heer Johan Gerard van Engelbeek Raad ordinair van Neder„ „lands Indiën, Goeverneur en Direkteur der kusten. Malabaar met den Resorte van dien. van Hier op 34 349. Woensdag den 23: December 1782 Resolutisie besluit door de kollesi„ „anten en den kerkenraad te laaten in dienen no„ „minaatsien van ver„ „kiesbaare persoonen. Hier meede hebben wij de eere niet alle hoogachting en onderdanigheid te noemen /:onderstond:/ Weledele Gestr: Groot achtb: Hoog Gebieden „„de Heer uw weledele Gestrenge „ Groot achtb: zeer nedrige en onderdaa„ „„nige Dienaaren /:was geteekend:/ D: van „ der Sloot en I: A: Schuurman, „ en met eenige kanarijnsche karakters „ door Genessa Landiet selfs gesteld /:in margine:/ Koetsiem den 23: December 1789. Aldus Gedaan Geresolveerden Gearresteerd in Raade van Mala„ „baar ter Steede koetsien; ten dage maand en Iaare voormeld /:was geteekend:/ I: P: van Angelbeek, S: E: van Spall, P: P: Gebhardt I: W: A: van Rossum, J: A: Cellarius, W van Haeften, Arnoldus Lunel J: A: Eversdijck Is bij schriftelijke rondvraage goedgevonden en verstaan, de kollesien van de weeskamer, Huwelijxe en kleene gerichts zaaken, mitsgaders Brand en wijkmeesteren te gelasten, om intedienen specifikaatsies van de prezente Leden in die kollesien Saturdag den 26:' December 1789: present alle behalven DE: Pool„ „vliet en Eversdijck, de eerste door indisposietsie en de tweede in kommissie naar den koning van koetsiem Genoomen bij weege van Rond„ „vraage Resoluutiie met E op e 350. 351. Saturdag den 26: December 1789. met nominaatsie van een dubbeld getal verkiesbaare perzoonen, om te dienen ter diesposietsie deezes Raads, bij het verzetten van de wet op den 8: Ianuari aanstaan„ De weledele Gestrenge Groot achtbaare Heer Raad ordinair van Nederlands Indiën „de, alsmeede den kerkenraad om Goeverneur en Direkteur Johan Gerard van Angelbeek; na Iaarlijkse gewoonte nieuwe De E: Heer p„r opperk: Sekunde e Hoofdadm: Ian Lambertus van Spael, onderlingen en Diakonen te ver„ De E: kapitain en hoofd der Milietsie Podlieb George Sebhardt, „kiezen ter approbaatsie deezer Raads De E: koopman fiskaal en kassier M:r Jan Willem Hendrik van Rossum, De E: onderkoopmans en pakhuismeester Johan Adam Cellarius, Aldus Gedaan Geresolveerd De E: onderkoopman en Dispencier Willem van Haeften, en Gearresteerd, in Raade van Arnoldus Lumel De E: Sekretaris van Polietsie Mallabaar, ter steede koet„ , „siem ten daage maand en Jaare De E: p:l Soldij Boekhouder Iakobus Adrianus Eversdijck, voormeld /:was geteekend:/ I: G: Absent. De E: onderkoopman Adriaan Poolvliet van Angelbeek, I: L: van Spall, door indisposietsie G: G: Gebhardt: D: W: H: van Rossum J: A: Cellarius, W: van Haeften, en Arnol„ „dus Limel, DE: Leden in het Goevernement receptsie van Heeren kommissarissen van bij een gekoomen zijnde, om in Hunne Hoogmogende vergaadering te recipieeren de Saturdag den 2: Januari 1790:—. alle Present. Resoluutsie genoomen in Raade van Mallabaar ter Steede Koetsiem Rosoluutsie Heeren op 1
English
352 353. Saturday the 2nd of January 1790: Discussion with the said Gentlemen. Introduction of the said Gentlemen into the meeting. Saturday the 2nd of January 1740: Messrs. Ian Olphart Vaillant, Colonel and Captain at Sea commanding the squadron, Christiaan Anthonij Verhuell, Colonel and Captain at Sea, and Ian Fredrik Levinus Graevestein, Lieutenant Colonel, in the service of the State, all Commissioners of Their High Mightinesses for the examination of the defense and military affairs in the Netherlands Indies, who arrived the day before yesterday at the roads with the State frigates the Zephir and the Havik, were welcomed yesterday morning by the members, Mr. Jan Willem Hendrik van Rossum, Merchant and Fiscal, and Willem van Haeften, Junior Merchant and Dispenser, together with the Secretary Arnoldus Lunel, and have now come ashore with their sloops; thus the said Gentlemen were introduced into this meeting, observing such ceremonial and military honors as are customary upon the arrival of a Councillor of the Indies, and are recorded at length in today's daily register, and they were placed by the Governor at his right hand, opposite the members at the table, and welcomed in fitting terms, wherein His Honour added that their coming was at all times most agreeable, but that under the extraordinary circumstances in which this establishment presently finds itself, on account of the war that Tipoo Sultan recently commenced against the King of Trevancore, and which if successful would also extend to us, their arrival was doubly agreeable, and served as a singular encouragement amidst the anxiety with which one was affected by that war, because one could now take refuge not only in the assistance of the State's frigates of war, but also in the superior talents and greater experience of Their Right Honorable Noble Mights, Indies who 354: 355. Saturday the 2nd of January 1790. Answer of the Gentlemen Commissioners. who could instruct and direct us in choosing and putting into effect the most suitable means of defense; that His Honour therefore also in this first meeting requested and claimed that twofold assistance in the name of the Company, and on the other hand, alongside the members, would contribute with the greatest readiness everything possible that might serve to promote the great purpose for which the Gentlemen Commissioners of our High Sovereigns were authorized in such an honorable manner, and that one would also endeavor to make their stay here as pleasant as the circumstances of time and place would permit. Which having been answered in fitting terms by the Gentlemen Commissioners, they made known that they were honored by our High Sovereigns with the commission to inspect the fortifications and the military affairs in the East Indies, and would expect the assistance of this meeting thereto; whereupon further assurance was given by the Governor of our readiness to render all possible assistance, both with respect to the commission and to the equipage, with which this ceremony ended, of all of which it was approved and understood to keep this record. Thus done, resolved, and decided in the Council of Malabar in the city of Cochin, on the day, month, and year aforesaid. (was signed:) I: G: van Angelbeek, D: L: van Spall, G: G: Gebhardt, D: W: H: van Rossum, I: A: Cellarius, W: van Haeften, Arnoldus Lunel, and D: A: Eversdijck. Resolution of 7. 356. 357. Friday the 8th of January 1789: Congratulation on account of the conquest. Appointment of an Elder and three Deacons. Report of the inspection. The board members take the oath. Resolution taken in the Council of Malabar in the city of Cochin. Friday the 8th of January 1790: In the forenoon after church service, all present, also the Honorable Scheids, absent the Honorable Poolvliet and Eversdijck due to indisposition. After the mutual exchange of congratulations on the one hundred and twenty-seventh anniversary of the conquest of the city of Cochin, and with the bestowing of God's blessing upon this and other establishments of the Dutch Company, a reading was taken of the nominations received from the respective boards, as well as an extract of the ecclesiastical resolution of the 4th of this month, and after deliberation it was approved and understood to confirm the election made by the said Church Council of the Shahbandar Iohannes Wolff as Elder, and of the Assistant Hendrik Frederik Stettnitz, Iohan Andries Dannichen, and Iohannes Henrik Vogt as Deacons, as well as to let the other boards continue for another year, and to issue an extract hereof to the same. Subsequently, the Council of Justice and the boards of Orphan Masters and of Matrimonial and Petty Court Cases, as well as the Ward and Fire Masters, were called in one after the other, and the first three readily took the oath of purgation framed for each board, and were further all thanked for their rendered services and exhorted to continue their further good offices toward the advancement of the affairs of their boards. The report of the inspection of the city's outer works having been submitted, which the commanders of the militia, Johannes and
Dutch transcription
352 353. Saturdag den 2: Januari 1790: redenering met gem: Heeren. introduksie van gem: Heeren in de vergadering. Saturdag den 2: Januari 1740: Heeren Ian Olphart vaillant kolonel en kapitain ter zee komman„ deerende het Eskader, Christiaan Anthonij verhuell kolonel en kapitain ter Zees en Ian Fredrik Levinus Graevestein Luitenant kolonel, in dienst van den staat, alle kommissarissen van Hunne Hoog„ „mogenden, tot het examineeren van het defensie in militaire weezen in Nederlands Indien, De welken eergisteren met 'slands Fregatten de Zephir en de Havik ter reede aangelandt, gisteren morgen door de Leden, M:r: Jan Willem Hen¬ „drik van Rossum koopman en Fiskaal en Willem van Haeften onderkoopman en Dispencier, neevens den Sekretaris Arnoldus Lunel verwelkomt, en thans met hunne sloepen aan land gekoomen zijn, zoo wierden gemelde Heeren in dee„ ze vergaadering geintroduceerd, onder het in acht neemen van zodanig Ce„ „remonieel en militaire honneurs, als bij aankomst van een Raad van Indien gebruiklijk, en in het breede bij het dagregister van heeden ver„ „meldt zijn, en werden dezelven door den Heer Goeverneur aan zijn rech„ verwelkooming van, en terhand, tegen over de Leden aan de tafel geplaatst, en ingepaste bewoor„ „dingen verwelkomt, waar bij zijn Edele liet invloeien, dat hunne kom„ „ste ten allen tijden zeer aangenaam was, doch dat in de buiten gewoonen omstandigheeden, waar in dit Etablissement zich thans bevind, we„ „gen den oorlog dien Tipoe sultan onlangs, tegen den koning van Tre„ „vankoor begonnen had, en die zich ook bij reussite tot ons zoude uit„ „breiden, hunne aankomst dubbeld aangenaam was, en tot zonderlinge opbeuring strekte in de bekomme„ „ring, waar meede men over dien oorlog was aangedaan, door dien men thans kost toevlucht neemen, niet alleen tot dehulpe van 'slands oor„ „logs fregatten, maar ook tot de sup„ „prieure talenten en meerdere ervaa„ „rendheid van Hunne weledele Gestrenge Indien die 354: 355. Saturdag den 2: Januari 1790 antwoord van Heeren kommissarissen. die ons in het verkiezen en werkstel„ „lig maaken van de bequaamste mid „delen van defensie, zouden kunnen onderrichten en bestieren dat zijn Edele derhalven ook in deeze eerste zaamenkomst die dubbelde hulpen uit naam van de komp: verzocht en reklameerde, en daar en tegen neevens den Leden met de meeste volvaardig„ „heid al het mogelijke zoude kon„ „tribueeren wat dienen kost tot be„ „vordering van het groote oogmerk, waar toe de Heeren kommissarissen van onze Hooge Souverainen, op zulk een honorable wijze gemachtigd waaren, en dat men zich tevens bevlijtigen zoude, hun verblijf alhier zoo aangenaam te maaken, als de omstandigheeden van tijd en plaatze zouden permitteeren. Het welk met gepaste termen door Heeren kommissarissen beant„ „woord zijnde zoo gaven dezelven te kennen; van onze Hooge Souverai„ „nen, met de kommissie tot het opneemen Saturdag den 2: Januari 1790: van de vesting werken het mili„ „taire weezen in oostindien vereerd te zijn en daar toe de assistentsie van deeze vergaadering te zullen verwachten, waar op door den Heer Goeverneur nadere verzeekering gegeeven werd, van onze bereid „willigheid tot alle mogelijke as„ „sistentsie, zoo met opzicht tot de kommissie, als tot de Equipasie, waarmeede deeze plechtigheid eindigde, van al het welk goed„ „gevonden en verstaan, is deeze aantee„ kening te houden Aldus Gedaan Geresolveerd en Gearresteerd in Raade van Mal„ „labaar ter steede koetsiem, ten dage maand en Iaare voormeld /:was geteekend:/ I: G: van Angelbeek, D: L: van Spall, G: G: Gebhardt, D: W: H: van Rossum, I: A: Cellarius, W: van Haeften, Arnoldus Lunel, en D: A: Eversdijck. van Resoluutsie 7. 356. 357. Vrijdag den 8: Januari 1789: gelukwensching weegens de verovering. aanstelling van een ouder„ „ling en drie Diakonen Rapport van de visitaat„ De kollesianten praes„ teeren den Eed. Resolutiste genoomen in Raade van Malabaar ter steede koetsiem. Vrijdag den 8: Januari 1790: voormiddags na kerktijd, alle present ook DE: scheids, absent D'E: Poolvliet en Eversdijck door indisposietsie Na het over en weder afleggen der gelukwenschingen over den honderd Zeven en twintigsten verjaardag van de verovering van de stad koetsiem, en onder toewen„ „schincg van Gods zeegen, over dit en andere Etablissementen van de Nederlandsche kompenie, werd lek„ „tura genoomen van de ingekoomene nominaatsien van de respektive kol„ lesien, als ook van een extrakt ker„ kelijke resoluutsie van den 4: deezer, en is na deliberaatsie goedgevonden en verstaan, de bij gem: kerkenraad gedaane verkiezing van den sjabandaar Iohannes Wolff als ouderling, en van de Assistent Hendrik Frederik Stettnitz, Iohan Andries Dannichen, en Iohannes Henrik vogt, als Diakenen te approbeeren mitsgaders de verdere kollesien noch voor een Iaar te laaten kontinueeren en hier van extrakt aan dezelven aftegeeven. vervolgens werden de Raad van Justietsie en de kollesien van weesmeesteren en van Huwelijxe en kleene gerichts zaaken, als meede wijk en Brandmeesteren, na den anderen binnen geroepen, en hebben de drie eersten den eed van purge voor ider kollesie beraamd, met bereidwilligheid afgelegd, en zijn voorts allen voor hunne gepresteer„ „de diensten bedankt en vermaand tot voortzetting hunner verdere goe„ „de officien tot bevordering der zaa„ „ken hunner kollesien. Ingekoomen zijnde het rapport het „sie den stads buiten werken welk de kommandanten der Milietsie Johannes en pp -