VOC English

Dutch East India Company records, translated and anchored to the scan.

Inventory 3907

Japan · 584 pages · 292 segments · open at the Nationaal Archief ↗

NL-HaNA_1.04.02_3907_0450 view scan ↗

English

Section 123. The bark de Eensgezindheid arrived here on the 24th of last month carrying your letter of the 10th of that month. The reports, both by the Honorable Captain Drillinger and Lieutenant de Hardes, concerning the poor state in which the Eensgezindheid was found, conform to the closer examination conducted here; and although it is difficult to carry out a repair of that nature here, we had to proceed to undertake it as quickly as possible, as is already being done, so as not to lack such vessels. Section 124. We were pleased to learn of the speedy discharge of the ship Huisduinen and its dispatch to the main settlement. Section 125. We do not doubt that the orders given in the service of the state by the Honorable I. E. Drillinger, Sea Captain, to Sea Captain Wilton, Lieutenant Amelong, and the Fireworks Master Schutz, are in accordance with the present state of your office, and we are pleased that, for the security of the Company's garrison, you require strict observance of said orders from the aforementioned officers regarding Riouw. Honorable, Discreet Merchant Christiaan Godfried Bungarten, Resident at said Riouw. Provided, however, that since his Honor gave said orders in accordance with the present situation, you shall also make such arrangements, as changes in the defense situation occur, as are in accordance with the true interests of the Company. To Ensign Smit, who, according to the order of Mr. Drillinger, was given supervision over the fortification works in place of the departed Fredrik Oppel, we grant the monthly gratuity of fifteen rds., just as has been assigned to the two other officers, in the confidence that he will merit it through diligence and zeal, and will do his part to finish the costly fortification work quickly. Section 126. Regarding the distribution of the provisions brought by the ship Huisduinen, and the provision of Rds: 664. for firewood and fuel purchased by the ship's authorities, we express our satisfaction. Section 127. The payment of one month's wages to the Chinese sailors serving on the ship Rotterdams welvaaren meets with our approval, as does the provision of Rds. 82. 24. to the Javanese stationed on that vessel, which money you will certainly have received per the Waaker, since this oversight occurred due to mutual occupations of both the pay-bookkeeper and the authorities of the ship Huisduinen. Section 128. In our previous letter of October 29th, section 121, we already gave our considerations regarding the poor state of the ships de Hoop and de Oranjeboom, which will have enabled you to take dispositions according to the requirements of the situation. Section 129. The arrangements you made after the departure of the ship Hoorn, namely, to garrison the hill of Tanjong Puang with a company of Sepoys, one bombardier, two gunners, and four native musketeers under the orders of Ensign Smit, as well as the placement of artillery in the fort, and the laying out of a parade ground, we consider well done, the more so as you state that this took place without noticeable prejudice to the remaining work, which we also trust. Section 130. Because of your favorable recommendation and assurance that these individuals are of good conduct, we have condescended to your request concerning the four gunners mentioned in section 161, whose appointments accompany this letter. Regarding the 5th person, dispositions have already been made in our previous letter of October 29th, section 114. For the same reasons, we accept your request with respect to the Sepoy Coutjipilla Cothaar, whom we confirm as Corporal with the pay of Rds. 7. Section 131. Two European soldiers are crossing over on this vessel, one to replace J. C. Schrein, who was declared incurable, the other for J. Gouske, whose term of service has expired, as well as a Corporal to replace the deserted Corporal J. W. Brand; the names of these, as well as of the other persons departing today, are specified on an annexed list. Section 132. However, we have noted with regret in your above-mentioned letter the desertion of 1 Corporal, 3 Gunners, and a Malay soldier, and although we still have hope, since there appear to be no well-founded reasons for their desertion other than drunkenness, and the desertion occurred only three days before the dispatch of your letter, that they either

Dutch transcription

§ 123. De bark de Eens gezindheid is op den 24=e van laast gepasseer„ „de maand alhier gearriveerd met uwE. Brief van den 10=de dies maand. De Berigten zoo door den Wel Edelen Gestrengen Heer Capitein Drillin„ „ger, als den Luitenant de Hardes, nopens den slegten Staat waar in de Eensgezindheid zig bevond, is Conform de nadera alhier gedaane exa„ „minatie; en hoe wel het moeijelijk is een reparatie van dien aast alhier te doen, hebben wij dies moeten gaan, om zulks ten spoedigsten te onder„ „neemen, gelijk bereeds gedaan word, om geen gebrek te hebben aan zoortgelijke vaartuigen § 124. De spoedige Ontlossing van het schip Huisduinen en der„ „zelves verzending naar de Hoofdplaats was ons aangenaam te verstaan § 125. De orders door den Wel-Edelen Gestrengen Heer I. E. Drillinger Capitein tes Zee, ten dienste van den staat, gegeven aan den Capitein ter Zee Wilton, den Luitenant Amelong, en den Vuurwerkes schutz„ twijffelen wij niet of zijn over eenkomstig met den presenten staat van uwe, Comptoir, en zien gaarne dat UwE, tot veiligheid Van Comp„s besetting een stipte observantie van Gedagte officieren ontrenst Riouw Eerzaame, Discreete Aan den Koopman Chris„ „tiaan Godfried Bungarten Resident gemelde op Gemelde orders requireert, met dien verstande nogtans, dat, daar zijn Wel-Edele Gestrenge gemelde orders over eenkomstig den presenten toe„ stand gegeven heeft, UwE, dezelve naar maate es verandering in het defencie weezen exteert, ook zoodanige schikkingen zal maaken als Over eenkomstig zijn met de waare belangens des Maatschappij Den vaandrig Smit die na volgens order van de Heer Drillin„ „ges het opzigt over de Fortificatie werken in plaats van den Vertrokken Fredrik Oppel is aan bevoolen, staan wij het maande„ „lijks douceus van vijftien rd„s gelijk aan de twee andere officieren is toegelegt, toe, in vertrouwen dat hij door vlijt en ijver, zulks zal meriteeren, en het zijne zal toebrengen om spoedig het kostbaar Forti„ „ficatie werk te voltooijen § 126. Omtrent de verdeeling van de met het schip Huisdunen aange„ „bragte provisien, en verstrekking van Rds: 664. v0or door de scheeps„ „verheeden ingekogte Karwaat en Branthout, betuigen wij ons genoegen § 127. De uitkeering van een maand Gagie aan de Chineesche zeevaarende op het schip Rotterdams welvaaren bescheiden, draagt on„ „ze Goedkeuring weg, als meede de verstrekking van Rds,„ 82. 24. — Aan de op dien bodem bescheidener Iavanen welke penningen uwE ze„ „kerlijk pes de Waakes zal hebben Ontfangen alzoo door wederzijd„ sche Bezigheeden zoo van den zoldij-Boekhoudes, als de overheeden voor het schip Huisdluinen dit abuis g'exteerd heeft, § 128. Bij ons vorig schrijven van den 29=ten October §o 121. hebben wi omtrent de slegte staat der scheepen de Hoop, en de Oranjaboom bereeds onse Concideratien gegeven, die UwE. in staat vorge gestelt zullen hebben dispositie na vereisch van zaaken te kunnen doen § 129. De Schikkingen die uw na het vertrek van ' Schip Hoorn gemaakt heeft namelijk, om den Berg van Tanijong Puang te besetten met een Compagnie Sipaijers, Een Bombardies, twee Kanoniers, en vier inlandsche busschieters onder Ordes van den vaandrig Smit, als meede de plaatzing van Geschut in 't Fort, en de beginmaaking van een plein, merken wij ### als wel gedaan „ te mees, dewijl UwE, mett dat zulks zonder merkelijke prejudicie van het overrige werk geschied, het welk wij ook Vertrouwen §130. Om uwE. gunstige voordraging en betuiging dat dezelve perzoonen van een goed Comportement zijn, hebben wij gecondescendeert, omtrent in UwE, verzoek omtrent de bij § 161. gemelde vier Canoniers welkers ac„ „tens deeze verzellende zijn omtrend de 5„e persoon is bereeds bij onsvorig schrijven van den 29=e October §114. gedisponeerd, wij nemen om dezelvde redenen aan uw verzoek ten opzigte van Sipajes Coutjipilla Cothaar, die wij met de Gagie van Rds„ 7. als Corporaal bevestigen § 131. Twee Europesche Militairen gaan per deezen bodem over, den een voor den incurabel verklaarden I: C: Schrein, den ander voor I. Gouske wiens verband g'expiceerd is, als meede een Corporaal voor den gedeser„ „teerden Corporaal I: W: Brand, die naamen van deeze, zoo wel als van de andere heeden vertrekkende perzoonen zijn op eene hier aan annexe Lijst gespecificeerd §132. Dan, met leedtweezen hebben wij ontwaard bij UwE: boven gemel„ „de letteren de Desertie van 1. Corporaal 3 Kanoniers en een Maleitsche sol„ „daat en hoe wel wij nog hoop hebben, / dewijl es geene gegronde redenen tot hun„ „ne desertie schijnen te zijn :/ als dronkenschap, en de disertie slegts drie daagen voor de afzending van uwe, brief Geschied is, dat zij ofde na § 129 G

NL-HaNA_1.04.02_3907_0452 view scan ↗

English

5 roam around adjacent anchorages and will still turn up; although we say that we still cherish that hope, and at the same time trust that Your Honour, through the most vigilant care, seeks both to counteract this evil and to prevent the common man from being given any reason for it, we recommend to Your Honour most earnestly, in these times when the shortage of people is great, always to be mindful of the best precautionary measures to counter this evil. Section 133. Your Honour's requisition of cash, provisions, etc., is being sent as shown by the bill of lading accompanying this; the little that is lacking will follow at the next opportunity. Also crossing over with this small vessel are two craftsmen, namely a carpenter and a mason. Section 134. After the arrival of the Eensgezindheid, we had the opportunity to send Your Honour, with the Chinese Lie Pietjoan, four leggers of arrack, as dictated by the invoice sent with the same, the duplicate of which is also enclosed herewith. Section 135. It was pleasing to us to see from the report of the Honourable, Right Noble Drillinges that the fortresses on Tanjong Pinang were in such a state of readiness that, provided the garrisons conduct themselves as faithful and honour-loving servants, one has nothing to fear in the event of an enemy attack; although we remain assured that Your Honour will, according to duty, exercise prudence and vigilance in this case for the interest of the Company and the security of the garrison on Riouw, we cannot refrain from reminding Your Honour most earnestly of our recommendation previously made in this regard. Section 136. We also observe in the aforementioned report that a monthly inspection both of the creek Soengi-Jan and Troesang Riouw would be of great service; and on that account we order Your Honour to have close supervision kept over the same, so as to always have accurate knowledge of these two creeks. Section 137. The ship Rotterdams Welvaaren, which arrived here on the 10th of this month, brought us Your Honour's letter of 29 November with its enclosures, to which we reply today. Section 138. And we express our satisfaction with the dispatch of the ships de Hoop and de Orangeboom. Section 139. The expenses incurred for the ship de Hoop toward the repair of that vessel, and the Rds 95 delivered on receipt to the captain thereof for the provision of half a month to eleven Chinese and a full month to eight Javanese sailors, for which amounts that vessel has been debited in the expense account. Honourable, Pious, Discreet. To the Merchant Christiaan Godfried Baumgarten, Resident at Riouw. We remain, after greetings. Signed: A. Couperus, F. Thierens, J. A. Weyssel, D. Ruhde, G. Pungel, and J. van Kall. Underneath stood: Your Honour's Good Friends. In the margin: Malacca, in the Castle, 9 December 1788.

Dutch transcription

5 by leggende Ladings rond swerven, en nog te regt zullen komen, hoe wel zeggen wij, wij nog die hoop voeden, en teffens vertrouwen dat UwE„ door de waakzaamste zorgen, tragt zoo wel dit kwaad tegen te gaan als te beletten dat tot het zelve den Gemeenen man geen reeden wert gegeven, recommandee„ „ren wij UwE, op het ernstigst in deeze tijdt waar in de schaarte van volk groot is altoos op de beste behoed middelen om dit kwaad tegen te gaan, bedagt te zijn § 133. UwE: Eijsch van Contanten provisien etc wort uitwijsens het deezen verzellend Cognossement verzonden het weinige daar aan Ontbreekende zal bij nadere gelegenheid volgen, Ook gaan met dit bodempije over twee Ambagtslieden als een timmerman en eene met„ „zelaar. § 134. Na het arriviment van de Eensgezindhaid hadden wij Ge„ „leegenheid om met den Chinees Lie Pietjoan UWE, toe te zenden Vier Leggers Arrak gelijk het Factuurtje met dezelve verzonden Dicteert, en welkers tweede hier aanex meede Overgaat— § 135 Aargenaam is het ons geweest uit het Rapport van den Wel-Edelen Gestrengen Heer Drillinges te zien, dat de Fortressen op Tanjong Pinang zoo ves in staat waaren, dat in dien de bezettetin„ „gen zig als getrouwe en eerlievende Dienaaren gedraagen, men niets bij een Vijandelijke aanval te dugten heeft; Schoon wij ons verzekerd houden dat „ uwE, beleid en waakzaamheid om in dit geval het belang van de Comp„e en de verligheid des bezetting op Riouw=e naas pligt te betragten, kunnen wij niet af van uwe„ op het Ern„ „stigste onze voor heer gedaane recommandatie in deezen opzigte te herinneren § 136. Ook ontwaaren :/ in 't gemelde Rapport dat een Maandelijk„ § 137. Het schip Rotterdams welvaaren dat den 10=en deezes alhier gearriveerd is, bragt ons UwE Brief van den 29. November met derzelver bijlaagen waar op wij heeden reschribeeren § 138. En ons genoegen betuigen over de afzending der scheepen de Hoop en de Orangeboom § 139. Het bekostigde aan het schip de Hoop tot reparatie van dien bodem, en de op Recief aan den Capitein van het zelve afgegevene agie Rds„ 95. tot verstrekking van een halve maand„ aan Elf chinee„ „sche, en voor een heele maand aan agt Iavaansche zeevaarende Voor welkers bedragen dien bodem bij Onkostrekening belast is, Eerzaame „ Irone „ Discrecte Aan den: Koopman Christiaan Goofried Baumgarten Resident „sohe Visie zoo van de Spruit Soengi =Jan, als Troesang Riouw van veel dienst zouw zijn; en beveelen UwE, uit hoofde van dien, en naauw. toezigt op dezelve te doen houden om als altoos een naaukeurige ken„ „nis dies twee spruiten te hebben. (Onderstond) wij blijven na Groete (was Getekend/ A. Oipperus, F. Thierens, I. A. Weyssel, D. Rufde, G„s Pungel, en I. van Kall (onderstond/ UWE. Goede Vrinden„ /in Margine) Malacca in het Casteel den 9. December 1788. Sche Kan 8 op Riouw bij leggende Ladings rond swerven, en nog te regt zullen komen; zeggen wij, wij nog die hoop voeder, en teffens vertrouwen dat UwE„ waakzaams te zorgen, tragt zoo wel dit kwaad tegen te gaan als te dat tot het zelve den Gemeenen man geen reeden wert gegeven, rec„ „ren wij uwE, op het ernstigst in deeze tijdt waar in de schaar volk groot is altoos op de beste behoed middelen om dit tegen te gaan, bedagt te zijn § 133. UwE: Eijsch van Contanten provisien etca wort het deezen verzellend Cognossement verzonden het wanige d Ontbreekende zal bij nadere gelegenheid volgen, Ook gaan v. bodempije Over twee Ambagtslieden als een timmerman en ee „zelaar § 134. Na het arriviment van de Eensgezendhaid hadde „leegenheid om met den Chinees Lie Pietjoar UWE, toe te= Vier Leggers Arrak gelijk het Factuurtje met dezelve ve„ Dicteert, en welkers tweede hier aanex meede Overgaat §135 Aargenaam is het ons geweest uit het Rapport v Wel-Edelen Gestrengen Heer Drillinges te zien, dat de For op Tanjong Pinang zoo ves in staat waaren, dat in dien de „gen zig als getrouwe en eerlievende Dienaaren gedraagen, me bij een vijandelijke aanval te dugten heeft; Schoon wij ons houden dat „ uwE, beleid en waakzaamheid om in dit ge belang van de Comp„e en de verligheid der bezetting op Rioi naar pligt te betragten, kunnen wij niet af van uwe„ oph „stigste onze voor heer gedaane recommandatie in deezen te herinneren §136. Ook ontwaaren„ in 't gemelde Rapport dat een Ma„ § 137. Het Schip Rotterdams Welvaaren dat den 10en deezes alhier gearriveerd is, bragt ons UwE Brief van den 29. November met derzelver bijlaagen waar op wij heeden reschribeeren § 138. En ons genoegen betuigen over de afzending der scheepen de Hoop en de Orangeboom §139. Het bekostigde aan het schip de Hoop tot reparatie van dien bodem, en de op Recief aan den Capitein van het zelve afgegevene gie Rds„ 95. tot verstrekking van een halve maand„ aan Elf chinee„ „sche, en voor een heele maand aan agt Iavaansche zeevaarende Voor welkers bedragen dien bodem bij Onkostrekening belast is, „ Dischecte Eerzaame „ Werone Aan den Koopman Christiaan Goofried Baumgarten Resident „sche Visie zoo van de Spruit Soengi= Jan, als Troesang Riouw van veel dienst zouw zijn; en beveelen UwE, uit hoofde van dien, en naauw. toezigt op dezelve te doen houden om als altoos een naaukeurige ken„ „nis dies twee spruiten te hebben. (Onderstond) wij blijven na Groete /was Getekend/ A. Oipperus, F. Thierens, J. A. Weyssel, I. Rusde, G: Pungel, en I. van Kall (onderstond/ UWE. Goede Vrinden„ (in Margine) Malacca in het Casteel den 9. December 1788. Sche Kan op Riouw

NL-HaNA_1.04.02_3907_0454 view scan ↗

English

Your Honor may, as well as write off the costs incurred on the ship Rotterdams Welvaaren amounting to ƒ25. 6. 4 in the Riouw booklets. Paragraph 140. The transfer of eight seafarers stationed on the ship de Hoop to the ship Rotterdams Welvaaren carries our full approval for the reasons adduced. Paragraph 141. On what was further performed by Your Honor from Paragraph 169 to 173 inclusive, we have nothing to remark, and we approve what is contained therein; as well as the arrangement made by Your Honor regarding the French Corvette and its crew, and we simultaneously order Your Honor in the future to also always be mindful to prevent all foreign nations from having access to the Fort and taking inspection of its condition in the most civil manner. Paragraph 142. We had indeed wished that we could have obtained a complete elucidation in the case between Captain Hoea and the Chinese Bonghoea, in order to see an end to that matter, which will now be difficult because the parties are not present here but are domiciled in different places. However, we have reason to think that the conduct of Captain Hoea, both from what Your Honor reports of him and what has come before us here concerning him, will hardly be able to stand the test of reasonableness. Paragraph 143. The Ensigns Godhart Diedenhoven and Johan Christoffel Schultze are crossing over per this small vessel to serve militarily on Riouw, as well as three common soldiers, see the name list accompanying this, to fill again the places of the persons promoted to Corporals. Paragraph 144. In the promotion requested in Paragraph 177 to Sergeant of Corporal Fredrik Roman, as well as of the soldiers Schmidt, Malchau, and Bosch to Corporal, and also to Corporal under the second Company of Sepoys the soldier of that Company Naternegge, we condescend and send their commissions herewith. Paragraph 145. We also send, according to the receipt and rolls crossing over, the sum of Rds 528-30 for distribution of their accrued monthly wages, for the seafarers stationed on the bark de Standvastigheid and the penjallangs de Tonijn and Banka, in accordance with the request made by Your Honor in Paragraph 178. Paragraph 146. The necessities required in Your Honor's requisition are partly going with the bearer of this, which is the penjallang de Bliton, according to the Bill of Lading and Invoice. What is missing we shall send as much as possible with the Katwijk aan Zee, which we are obliged to detain for a few days to be relieved of its defects requiring necessary repairs, with which all possible speed is being made. We remain, after greetings, Your Honor's Good Friends. In the margin: Malacca, in the Castle, the 18th of December 1788. Agrees. To the Headman Christiaan Godfried Baumgar= Riouw Honorable, Discreet, Paragraph 1. With the bark de Waak en the penjallang Banca, which arrived here on the 2nd and 6th of this month, we received Your Honor's letters of the 20th and 31st of December, and with the first-mentioned the two persons mentioned in Your Honor's letter Paragraph 18. Paragraph 2. The receipt of the eight pieces of iron cannons of four lb. with their ammunition and accessories, which Your Honor could not employ with utility and sent back to us on the Waak, has made us decide not to send the two pieces of gun carriages of that caliber, which is now no longer on Riouw, requisitioned by Your Honor. Paragraph 3. To our great regret we saw from Paragraph 186 the collapse of such a considerable part of the upper fort. The hope that we have to see a speedy end to that costly work shortly is noticeably weakened by this. Although this inconvenience can and must be attributed to the heavy downpours, we believe, however, not to be groundlessly apprehensive that the true root cause must be attributed to another reason, and if it is this: that the ground, both by its location and its nature, is not suited to carry such a substantial weight of earthwork and thus does not withstand the heavy downpours, we hope that Your Honor will succeed in finding a means whereby

Dutch transcription

Kand uwE„ zo wel als z't aan het schip Rotterdams Welvaaren be„ „kostigde ten bedragen van ƒ25. 6. 4 bij de Riousche Boekjes afschrijven §140. De verplaatzing van agt op het schip de Hoop bescheiden geweest zijnde zeevaarende, op het schip Rotterdams welvaaren, draagt om de bijgebragte redenen volkoomen onse goedkeuring, weg § 141. Op het verder door UwE. verrigte van §169. tot 173. inclusive hebben wij niets te remarqueeren, en approbeeren het daar in voorkomende; als meelde de schikking door UwE nopens de Fransche Corvet en derzelver Equipagie gemaakt en beveelen uwE teffens in het toekomende, meede altoos bedagt te zijn Om op de Civielste wijze de toegang tot het Fort en het nemen van inspectie van dies gesteldheid alle vreemde Natien te beletten § 142. Wij hadden wel gewenscht dat wij in de zaak tusschen Cap„n Hoea en den Chinees Bonghoea een volleedige Elucidatie hadden kunnen bekomen, om aan die zaak een einde te zien het welk thans moeijelyk zal zijn, door dien partijen zig niet alhier be„ „vinden maar op verschillende plaatzen domicilieeren, egter hebben wij reeden te moeten denken dat het Gedrag van Capt„n Hoea zoo wel uit„ geen uwE, van hem melt als het geen ons alhier omtrent hem te vooren is gekoomen, bezwaalijk de toets des redelijkheid zal kunnen Uitstaan § 143. de vaandrigs Godhart Diedennoven en Iohan Christof„ „sel schultze. gaan om op Riouw te Militeeren pes dit kieltje Over, als ook drie gemeene Militairen vide de deezen verzellende Naamlijst om de plaatzsen van de tot Corporaals bevorderde per„ „soonen weder te vervullen §144. in de bij § 177. verzogte bevordering tot Sergeant, van den Corporaal Fredrik Roman als meede van de soldaaten Schmidt, Malchau, en Bosch, tot Corporaal mitsgaders meede tot Corporaal onder de tweede Compagnie Sipajers den soldaat dies Comp„s Naternegges Condescendeeren wij en zenden hunne Actens hier nevens § 145. Ook zenden Wij blijkens Recipis en Overgaande rollen, de zomme van Rd=s 528- 30 ter uitdeeling ders te goedhebbende Maand„ „gelden, voor de op de bark de Standvastigheid en de pantjallangs de Tonijn en Banka bescheidene Zeevaarenden, Navolgens UWE„ bij 1178. Gedaan verzoek § 146. de bij uwE Eysch gerequireede benoodigdheeden gaan gedeel„ „telijk met de Brengster deezes dat de pantjallang de Bliton is; navolgens Cognossement Factuur Over, het manqueerende, zullen wij zoo veel doenlijk met de Katwijk aan zee zenden, die wij ver„ „pligt zijn eenige dagen aan te houden om van zijne noodzakelijk reparatien verEijschende gebreeken geholpen te worden met welk een en ander alle mogelijke spoed gemaakt wordt. (ndestoet) „onderstond t seten Cospous : hiens Wij blijven na Groete „ uwe Goede drienden in margine Malacca in het Casteel den 18 December 1788 _ Over Soonen Accordeert Aan den Hoopmaa Christiaan Geofred Baangar= Riouw Eerzaame Discreete §1. Met de Bark de Waake en de pantjallang Banca die alhier den 2 en 6 deezes maand gearriveerd zijn ontvangen wij uwE letteren van den 20 en 31. December en met eerst gemelde de twee perzoonen in UwE. Bref 518. gemeld §2. De ontvangst van de agt p„s ijzere Canons van vier lb. met derzelver munitien en „ toebehooren die UwE niet net nut kon Emploijeeren en onskaet de waakkes ons weder hebt doen toekomen, heeft ons doen besluiten oude door uwe„ Geischte twee p„s affluten van dat Calibes /: het welk tans op Riouw niet meer is :/ niet af te zenden §3. Tot ons Groot leedweezen Zager uit § 186: de instorting van een zoo naarwaardig gedeelte van het bovenfort de hoop die wyhebben om eerstdaags een spoedig einde te zien aan dat Kostbaas werk hier door markelyk verplaauw, schoor dit inconvemert aan de sterke Aarteegens kan, en moet toegeschreeven worden vermeenen wij egter, niet ongegrond be„ vreest te zijn dat de waare Grond Oorzaak zijn, aan een andere reden te Attribueeren is en zoo het deeze is, dat de Grond zoo wel door de Legging als derzelver aart niet Geschikt is, tot het draagen van eene zoo aan„ „werkelijke swaarte van aarde werk en dus niet bestaadt is, zeegen de swaar Sortragens hoopen wy dat UWE: zal reusseeren en een Middel uit te Vinder Resident waar op

NL-HaNA_1.04.02_3907_0456 view scan ↗

English

whereby this inconvenience is overcome, and also in the taking of such measures as are suitable to complete the work expeditiously, strongly, durably, and not expensively. Section 4. According to a finding of the Chief Administrator Shierens, received at our session of 29 December, concerning the discrepancy in the transfer of the pantjallang the Tonijn, consisting mainly in a shortage of an anchor and a grapnel, and it not having appeared to us, through declarations or otherwise, where the same have gone, we have decided to charge the account of Lieutenant Houtman as the transferor of that small vessel for the shortage, and we are sending to Your Honour for that small vessel, which now has only one anchor according to the said finding, another one, as appears from the invoice annexed hereto. Section 5. Their High Honours have allocated to us for this Government the packet boat the Bruinvisch, which we think to be very suitable for Riouw, wherefore we are having the same depart today with the Katwijk aan Zee. Under this restriction, nevertheless, that he must continue cruising in the vicinity of the Point of Romania, in sight of Mount Barbazet, or choose a good anchorage there where he will be able to see the vessels arriving from the China Sea until he is relieved by another; the piratical rabble roaming around the Strait of Singapore obliges us to be mindful of the safety of the Chinese junk expected here, and having no other vessels at hand, we send the said packet boat to be replaced by a vessel that Your Honour can best spare, which must remain there until the arrival of the said junk, unless the same should not have appeared there by 15 January, in which case that vessel must turn its prow back toward Riouw, to be used at Your Honour's disposal, or sent back hither. If the vessel that Your Honour sends as relief does not meet the said packet boat at his cruising station, this is an indication that in the meantime the junk has appeared and has been escorted by the packet boat to Malacca, in which case he must also return to Riouw. A copy of the instruction given to the Commander of the Bruinvisch is annexed hereto, so that Your Honour may make use of the same for that vessel which Your Honour sends thither as relief, insofar as Your Honour shall deem it necessary. Section 6. As regards the yield of the Riouw domains leased out under the date of ultimo December, it has been very pleasant for us to see their considerable increase. We heartily hope that the same may increase annually in such a manner that they will before long be able to recover the expenses already incurred and still being incurred, which are oppressive in the present times. That Your Honour has farmed out the acknowledgment fee on the delivery of timber to the Chinese junks for 250 rixdollars carries our complete approval for the reasons mentioned therein. Section 7. The amount of 212 rixdollars and 36 stuivers, or that which Your Honour had received for the payment of the wages that the persons stationed on the Banca had due to them, we have, pursuant to Your Honour's letter, Section 193, received back from the hands of its Commander Roelof Belders. Section 8. The hooker Katwijk aan Zee has not been able to load all the goods that were in readiness to satisfy Your Honour's demand, which goods have been unladen into the bark of the Javanese burgher Braune, which has departed with the Katwijk aan Zee.

Dutch transcription

14 waar door dit in convement te boven wort gekomen, en teffens in het namen van zulke maatreguls, die geschikt zijn om het werk spoedig, sterk, daunszaam en niet kost„ „baas te voltooyen. §. 4 Blijkens eenes ter onzer sesse van den 29:' December ingekomen bevinding van de Hoofd administrateus Shierens, betreffende het different by de overgaave van de Pantjallang te Tonijn, bestaande voornaamelijk in een Minderheid van een Anker en een drag, en ons niet gebleeken/ zijnde, door verklaaringen als anderzints, waar dezelve gebleeven zijn, hebben wij beslooten de Reekening van den Luitenant Houtman als Transportant van dat Kieltje voor het winder te belasten, en doen uwE: voor dat Kieltije die tans maar een Ankes volgens gemelde Bevinding heeft, nog een toekomen heeft blijkens het Factus deezen annex §. 5. Hunne Hoog-Edelheedens hebben voor dit Gouvernement ons toegeschikt de Paquetboot de Bruinvisch die wij denken zeer geschikt te zijn voor Riouw waarom wij dezelve heden met de katwijk van zeer doen vertrekken Onder deeze restrictie nogtans dat hij in de nabijheid van de hoek van Romanie, in het gezigt van de berg Barbazet moet blijven kruissen, of zig aldaar een goede Ankerplaats moet uitkiezen alwaar hij de uit de Chinasche zee aankoomende vaartuigen zal kunnen zien tot dat hij door een aader afgelost word: het omstreaks straat Sungapoera rondzevervend rooffgespuid, verpligt ons op „bedagt te zijn en dans geene vaartui„ de Veijligheid der alhier verwagt wordende Chinasche Jonk, „tingen aan handen hebbende zenden wy de gemelde paquetboot Om door een vaastuig het welk UwE, het best zal kunnen missen vervangende worden die aldaar moet vertoeven tot de aankomst van gemelde Ionk ten zij dan zelven aldaar den 15 Januari nog niet op mogten gedaagd zijn, wan„ „neer dat vaartuigt:) weder de steven naas Riouw moet werden, Om ter Uwel Ed„ dispositie gebruikt, off herwaarts opgezon„ „den te worden, Indien het vaartuig dat UWE; ter aflossing zand„ den Gemelden Paquetboet, niet bij zijne kruispost ontmoet, is zulks een blijk dat zulks in de tusschen tijd de Jonk opgedaagt is, en door de Laquetboot naar Malacca Geëescsteerd is, wanneer hy ook weder naar Riouw moet te rug Keeren / Copia des instructie den Gezaghebber van den Bruinvisch mede gegeven, is hier bij annex ten einde UWE, van dezelve voor dat vaartuig het welk uwE„ ter aflossing derwaarts zendt gebruik zal kunnen maaken, in zoo ver UWE, het noodig zal Oordeelen §. E. Wat aanbelangt het rendemant der onder Ultimo De„ „cember verpagte Rigusche Domeinen, is het ons zeer aangenaaa geweest derzelver merkelijk Accresement te zien wij hoop en hartelijk dat het zelve zoodanig Iaarlijks mag toe neemen, dat zij eerlang in staat zijn de beraeds gemaakte, en nog doere onkosten /: die drukkend in de tegenwoordige tijden zijn :/ te kunnen recouvree„ „de Loeranc „ren:/ dat UWE. bij admodiatie de recognitie van „ des Hout„ „werken aan de Chinasche Ionken voor rd„s 250. heeft afgestaan draagt om de daar bij gemelde redenen volkomen onze goedkeuring wag §. 7. Het bedraagen van rds, 212. 36. off het geen uwE, ter affbe„ „taaling van de Gagie die de op de Banca bescheidene Per„ „soonen te Goed hadden, had ontvangen hebben wij ingevolge UWE. Schrijven §193. weder ontvangen uit handen van dies Gezaghebbes Roelof Belders 3. 8. De Hockor Katwijk aan Zee heeft alle goederen niet kunnen laaden die tot de voldoening van UWE, Eijsch in gereedheid waaren welke Goederen zijn afgeladden in de „vaansche Bark van de Iaalijksche Burger Braune die met de kat„ „wyk e is

NL-HaNA_1.04.02_3907_0457 view scan ↗

English

transferred together to you, all as evidenced by the invoice that accompanied the same. We remain after greetings (was written below) Your Honor's Good Friends (was signed) A. Couperus, F. Thierens, I. H: Hensel, D. Ruhde, G. Pungel, and J. van Kal. In the margin: Malacca, in the Castle, the 9th of January 1789. To the Merchant Christiaan Godfried Baumgarten Resident Riouw Honorable, Discreet Sir, §. 9. With the bark de Standvastigheid, which arrived here on the 2nd of the past month of January, we received Your Honor's letter of the 10th of that month. The cutter Java, which was dispatched to Your Honor following our letter of the 9th of January to intercept the Chinese junk, arrived here safely on the 4th of this month with that vessel. §. 10. The bark de Standvastigheid, which necessarily required a new sheathing of its outer hull, we are sending back to Your Honor; and because that keel, on account of its size, cannot be hauled onto the slipway here, we are sending along the requirements necessary for that purpose, so that on Riouw, whether in the river or in other places where one can haul that bottom up far enough without risk from the sea to reach near its keel, its defects can be repaired. §. 11. The cutter Java has now been hauled up and is being repaired of some discovered defects, with which the greatest speed is being made. We shall, as soon as repairs are done, send it back to Your Honor as the principal vessel. §. 12. The payment of one month's wage or Rrds. 75. -.- to the Chinese sailors of the cutter Java carries, for the reasons adduced, our full approval, wherefore we hereby authorize Your Honor to write off the said amount in the Riouw books, as also f37.- 19.- 6 expended on the repair of de Standvastigheid. §. 13. Instead of the two soldiers sent up by Your Honor on account of sickness, we are sending over two others with this bottom, as well as a sergeant instead of G. Spelter stationed over there. Also crossing over with this keel is a Sepoy soldier for Sleeman stationed on Riouw, whom we expect here at the first opportunity. §. 14. In fulfillment of the requisition of ship requirements made by the Master Pieter Janse de Boer, some of the requested goods are transferred according to a list annexed hereto. We consider that requisition to have been framed extra generously, since that keel was provided with everything necessary shortly before its departure from here, and we therefore wish to have that Master instructed to use more sparing consideration when sending over such requisitions, and to give us no cause to have to think that he keeps the Company's interest less in view than traits of self-interest. §. 15. To our regret we must inform Your Honor that we have no opium at present and have not been able to make any purchase of that juice to this date, because there have been only two vessels here that would not part with the same for less than 400 Spanish reals per chest. We shall however, to accommodate the Riouw community, look to purchase a quantity at the first opportunity; yet because the sale price in Bengal is so exceptionally high and we see no chance of making a purchase at the previous price, the Riouw inhabitants will also have to accept a higher price. §. 16. We send over with this bottom all that was still lacking from Your Honor's successive requisitions, and the additions thereto, in so far as we have been able to meet them, all as shown by the accompanying Bill of Lading and Invoice. The remainder still lacking we shall send as soon as possible at the first opportunity. We remain after greetings (was written below) Your Honor's Good Friends (was signed) A. Couperus, F. Thierens, I: H: Hensel, D. Ruhde, G: Pungel, and I. Van Kal. In the margin: Malacca the 23rd of February 1789. To the Merchant Christiaan Godfried Baumgarten Resident Riouw Honorable, Discreet Sir, §. 17. Your Honor's letter of the 16th of February we received upon the arrival of the Company's penjajap de Tonijn on the 24th of the said month, and from the same understood the good receipt and delivery of the goods, both with the Company's hooker Katwijk aan Zee as with the bark of the Javanese freeburgher Braune. §. 18. Your Honor's apprehension was very well-founded with respect to the penjajap de Tonijn, which had already sailed without sheathing for a long time, whereby it also suffered remarkably much from the gnawing of the worms and necessarily required a sheathing. We immediately had the same hauled onto the slipway for sheathing, and as soon as the necessary repairs to that little keel have been done (with which all speed is being made), we shall send the same back to Your Honor. §. 19. It would please us if Your Honor could provide the advice boat de Bruvisch, whose mast broke on the voyage thither, with a new one as well as with a topmast and crosstrees; however, should such not be possible, we expect the same back here. §. 20. In place of the gunner and four European soldiers who deserted on the 23rd of January, we are sending over, as well as for the soldier sent up on account of sickness, six others. It would have been desirable that Your Honor had succeeded in overtaking those faithless subjects, since it is now to be feared that, because desertion has now succeeded so well, it will also be undertaken more and more, whereas on the other hand it is presumed that a severe punishment would serve greatly as an example to deter others. For the purchase of the balok and kakap brought along on that occasion, we authorize Your Honor, as long as its owners will content themselves

Dutch transcription

3 wijk te zaamen tot UwE: overgaat alle blijkens de Faceturs die detse verzlelerde Wij blijven na Groete (onderstond) UwE, Goedere Vrenden /was getekend) A. Couperus, Fr Thierens, I. H: Hensel, D. Ruhde, G Puugel en J. van Kal„ /in margine Malacca in het Castel den 9' Januarij 1789 ƒ 4 Aan den Koopman Christiaan Godfried Baumgarten Resident Riouw Eerzaame Discreete §. 9 Met de Bark de Sandntighet ieden2' de vogr mand Janar alhier gearriveerd is hebben wy ontvangen UwE brief van den 10=' dier maand, de Kotter Iava die UWE: navolgens onsen brief van den 9 Ianuarij ter bekruissing van de Chinasche Ionk afgedepecheerd is alhier den 4 deezer met dat vaartuig behouden aangekoomen P. 10. De Bark de Standvastigheid die noodzaakelijk eene nieuwe Ver„ „dubbeling van dasselfs buitenkuid diende te hebben, laaten wij uwE, weder toe komen en dewijl die kiel om dies Grootheid alhier op de stelling kan gehaald worden geever wij dezelve de daar toe vereischte benodigtheeden meede om of Ricouw het zij in de rivies of op andere plaatzen alwaar men zonder resico ter zee dien boodem ver„ genoeg kan ophaalen om tot bij deszelfs kiel te komen en van zijne gebreeken hersteld te kunnen worden § 11. De Kotter Java is thans opgehaald en word van eenige bevonden defecten hersteld, waar meede de meeste spoed gemaakt wordt wij zullen N. 14. in voldoening aan den Eysch van scheepsbenoodigheeden door den Gezaghebber Pieter Janse de Boer gedaan gaat volgens eene hier aan annex Lijst eenige dies gerequireerde goederen over: wij beschouwen dien Eijsch, als Extra rum genoomen dien kiel kort voor zijn vertrek van hier al het noodige is voorzien, en willen daarom dien Gezaghebber gerecommandeerd hebben Om bij het overzenden van diergelyke Eyjsschen een Spaar zaames overlegte Gebruiken en ons geen reedens geeven van te moeten denken dat hij min het belang van de Compagne als wel treeken van zelfs belang in 't oog houdt— §. 15. tot ons leedtweezen moeten uwE„ melden dat wij geen Amfioen per res„ „zont hebben en tot heden geen inkoop van dat keulzap hebben kunnen doen om dat alhier slegts twee vaartuigen zijn geweest die dezelve niet minder dan de kist tegen 400. Sp„s reaalen hebben willen afstaan Wij zullen egter om de riouwsche gemeente te Gerieven bij de eerste geleegendheid een Quantiteit zien in te kooper dog dewijl de verkoop dezelve als het verbaaste vaartuig zinde UwWEl nagedane repartie weden ekone, § 12 de afgaave van een maand gage ofte Rrd„s 75. –. —: aan de Chinasche zeevaarende van de kotter Iava draagt om de bygebragte redenenen volkomen onze goedkenring weg waaron wij uwl heeden ulalficeeren om gemede bedragen bij de Riouw„ „sche boekies aff te schriyven als meede ƒ37. - 19. — 6. der reparatie van de standvas„ „tigheid bekostigd § 13. in steede van de twee door UwE weegens ziekte opgezondene Mltaren laaten wy met deesen bodem twee anderen overgaan als werde een sergeant in steede van de Gindes Bescheideiden G. Spelter, ook gaat met deezen Kiel nog over een Sipais militair voor den op Riouw bescheidene Sleeman die bij gelegendheid herwaards verwagten dezelve prijs E „prijs in Bengale zoo Extra hoog is en wij geen kans zien teegen de voorige prijs een inkoop te zullen doen, zullen de Riouwsche ingezeetenen zig ook eene hoogere prijs moeten getroosten §. 16. Wijzenden met deezen Bodem over zulkx alles wat nog heeft Ontbooken dan UWE Sussescieves gedaane Eijsschen, en der zelver Ampliatie in zoo verre wij in staat zijn geweest er aan te voldoen alles rutwijsens het Overgaand Cognoscement Factuur Het nog ontbeekende zullen wij de nogelijks bi deeste gelegen heid zenden Wij blijven na groete (Onderstond) UWE. Goede vrinden / waa Getekend) A. Couperus, F Thierens, I: A: Hensel, D. Ruhde, G: Pungel, en I. Van Kal) in margine) Malacca den 23. Februari 1789 Aan den Koopman Christiaan Godfried Baumgen Resident Riouw Eerzaame Discreete §. 17. UwE Letteren van den 16 Februarij hebben wyj by de arrive van 's Comp„s Pantjallang de Tonijn den 24. Ste: der gemelde Maand ontfangen en uit dezelve de Goede ontvangst en uitlevering des goederen zoo wel als met 5: Comp„s hoekes Katwijk aan zee „ met de Bark van den Iavaschen Vrijburges Braune Verstaan. — §: 18. Zeer gegrond is UwE, bedugting geweest ten opzigte van de pant„ „jallang de Tonijn die reeds langen tijd zonder dubbelhuid gevaaren had, waar door zij ook merkelijk veel door de knagingen der wormen geleeden heeft en noodzaakelijk een dubbelhuid vereijschte. Wij hebben dezelve direct ter verdubbeling op de helling doen haalen, en zullen zoo dra aan dat Kieltje de noodige reparatie gedaan is (waar meede alle spoed gemaakt Word:) dezelve UWE. weder doen toekomen § 19. het zoude ons Lief zijn zoo UWE: de Laquet boot de Bruvisch wiens mast op de reis naar gindes gebrooken is, van een nieuwe als als meede van een stene, en Saling kan voorzien dog zulks niet kunnende Geschieden verwegten wij dezelve herwaarts te rug, in Sterde §. 20. in Steede van de Canonnis en vier Europeesche Soldaaten die den 23 Januari gedeserteerd zijn, zenden wij zoo wel als voor den om ziekte opgezondene zoldaat weder zes anderen over het waare te wenschen geweest dat UWE, had gereusseerd in de agterhaaling dies trouwlooze subjacten dewijl het nu te vreezen is dat daar desertie nu zoo wel gelukt, het ook meer en meer ondenomen zal worden, daar het aan de andere kant presumtief is dat een Strenge Straff anderen ten Exempel veel zou afschrikken tot den inkoop van den bij die gelagerhaid meede gebragten balo en Kakop Qualificeeren wij UwE, ter zijer eigenaars zig met Op doen op

NL-HaNA_1.04.02_3907_0459 view scan ↗

English

No 2 To those who claim the same and have facilitated the delivery. Paragraph 21. According to the list attached hereto, five native gunners are being sent over via this vessel to replace those mentioned in your letter 818. Paragraph 22. We have consented to the petition of the surgeon I. B. Eggena for the reasons alleged therein, for which reason the surgeon Jan Baptist Strik, who is a capable and sober man, is also being sent over via this vessel. Paragraph 23. The Madurese sergeant Kassian, whom Your Honor sent over together with the soldier Alias along with the incriminating documents, managed to break his irons and jumped overboard at night. We have placed the latter named person, with the aforementioned documents, into the hands of the Fiscal of this Government. Paragraph 24. The reasons why, upon the departure of the Standvastigheid, we did not meet Your Honor's requisition for 5 to 6 chests of opium, we reported in our letter of 23 February. We would certainly still have hesitated to make a purchase at the exceptionally high price of Sp.ds 390 had we not also considered the necessity of that poppy juice at your office and the fear that the people of Riouw, who cannot do without it, might take refuge in means and ways contrary to the interests of the Company. For which reason we have proceeded to purchase a small quantity. We have been able to set the sale here by the chest at not less than Honorable, Pious, Having received on the 22nd instant by the packet boat De Bruinvisch Your Honor's letter dated 17th prior, containing notification of the sudden death of the Merchant and Resident Christiaan Godfried Baumgarten. For the replacement and management of this establishment, we thought fit at our session of the first-mentioned date to appoint the Junior Merchant, License Master, Pay Accountant and Storekeeper here, Gerrit Pungel. To the Military Lieutenant Wolterus Amelong, Commander of the Militia at Riouw. Sp.ds 440, below which Your Honor must also not part with it, without us however setting a fixed price for which Your Honor must sell, since we hold ourselves assured that Your Honor will endeavor to bargain for the most, insofar as this can be done without burdening the Riouw community. We therefore send over 5 chests for this purpose. Paragraph 25. The medicines, duiten and other goods requisitioned by Your Honor we have supplied as far as possible, and they are being sent over as appears from this accompanying bill of lading and invoice. We remain after greetings, beneath stood, Your Honor's Good Friends, was signed, A. Couperus, I. A. Hensel, D. Ruhde, G. Pungel, and Mr. Jacob van Kal Secretary, in the margin, Malacca, 5 March 1789.

Dutch transcription

No 2 Op doen die dezelve reclameeren en de auffigeniet gesfasiliteerd hebben § 21. Navolgens het hier bijgevoegde lijstje gaar per deezen Bodem Over vijf inlandsche Busschieters om die geene waar van uwe brief 818. melding maakt te vervangen § 22. in 't Supplicq van den Chirurgijn I. B. Eggena hebben wij om de daar in geallegueerde redenen bewilligt waarom dan ook met dee„ „ Jan Bobtisz „zen Bodem Overgaat den Chirurgijn „ Strik dat een bekwaam en nugteren man is §23: Den Madureeschen Sergaant Kassian die UWE, zoo wel als den soldaat alias met de Stukken ten hunnen Lasten op„ „gezonden heeft, heeft zijne boejens ^ weeten te verbreeken en is 'S Nagts over boord Gesprongen de laastgemelde hebben wij met Gedagte documenten in handen van den Fiscaal deezes Gouderna„ „ments gesteld § 24. de redenen waarom bij het vertrek der Standvastigheid niet aan UwE Eijsch van 5â 6. kassen met Amfioens hebben Voldaan, hebben wij in Onzer briefs van den 23. Februaris gemeld„ wij zouden zekerlijk nog geaanzeld hebben eene inkoop teegen der extra hoogen prijs van Sp„s 390. te doen ten waare wij niet mede Geconsidereerd hadden, de noodwondigheid van dat heulsap den uwen Comptoiren en de vrees, dat den Riouwes: / die het niet kan ontbeeren: ij toevlugt mog neemen tot middelen, en weegen, strijdig met het belaag des Compagnie Waarom wij dan ook zijn Overgegeven tot den inkoop van een kleine kwantiteit Wij hebben den Verkoop alhier bij de kist op niet minder dan Eerzaame Vroome Op den 22 Courant per de Paquetboot de Bruinvisch ontvangen hebbende UwE brief sub dato 17. bevoorens, inhoudende Communicatie van het subit Overlijden van den koopman en Resident Christiaan Godfried Bauw„ „garten Wij hebben ter vervanging en bestuur van dit Etablissement ter Onzer sessie van eerstgemelde datum goedgevonden den Onderkoopman Licentmeester Soldij- Boekhouder en Winkelies alhier Gerrit Lungel Aan den Luitenant Militair Wolterus Amelong Commandant van de Militie te Riouw Sp„s 440. kunnen stellen waar beneden uwE. dezelve ook niet moeten afstaan zonder egter dat wij een prijs bepaalen waar voor uw E moet verkoppen dewijl wij ons verzekerd houden dat UwE, het meeste tragten te bedingen voor zoo ver het zonder de Riousche Gemeente te drukken kan geschieden wy zenden dan ten deezen einde 5. kassen over § 25. de door UwE. gerequireerde medicamenten, Duiten en andere Goederen hebben wij naa mogelykheid voldaan, en gaan blijkens deezen verzollend Cognossement Factuur over Wij blyven na Groete (onderstond) UWE. Goede Vrienden / was ge„ „teekend A. Couperus, I: A: Hensel, D. Rukde, G. Pungel, en M:r Jacob van Kal Saa=s (in margine) Malacca den 5. Maart 1789. s die

NL-HaNA_1.04.02_3907_0460 view scan ↗

English

19 who crosses over with the bark De Waaker, to be chosen as such. We recommend that Your Honour, upon his arrival there, introduce and publicly present him in the chief authority, and we also desire that all the Company's papers, monies, and further effects be properly handed over to the said Resident, and remain with greetings. (Below was written) Your Honour's Good Friends (signed) A. Couperus, F: Thierens, I: A: Hensel, D: Rukde, G Lungel, and I. van Kal Secretary (in the margin) Malacca in the Castle, 29 March 1789. To the Junior Merchant and Resident Gerrit Lungel Riouw Honourable, Prudent [Sir] § 26. With the bark De Waaker, which arrived here on 23 April, we received Your Honour's letter of the 13th of the said month, with the annexes attached according to the register. After inspection thereof, we have expressed our satisfaction with the transfer carried out of the Company's cash and further effects. § 27. Concerning the slow progress in the fortification works, we cannot but express our regret. The notable defects mentioned by Your Honour in § 25 and several following paragraphs, we expect to be redressed by you with the greatest speed and thrifty consideration, to which end we authorize Your Honour to drive in the necessary palisades and fill up the parapet in such a manner that the soldier on guard can not only see over the breastwork, but also that others posted there can act defensively. Likewise, we trust that Bastion No 2, which according to the letter of 20 December 1788 had completely collapsed along with the parapet, will be or has been brought into a state of defence with the greatest speed. § 28. Your proposal made in § 28 to brick up a powder magazine in the ground within the fort on Tanjong Pinang, we cannot approve in that manner, although we concede that a storehouse for powder and cartridges covered with atap is too dangerous, and by necessity ought to be of stone, and covered with tiles or in such a way that in the unexpected event of a fire in the adjacent quarters, it is safe from the fury of the flames; because experience here has taught us that all cartridges in powder magazines that are in the ground very quickly decay and the powder itself becomes so damp, and in a short time loses so much of its strength, that after some time one can hardly expect the true effect from it. For which reason we wish to authorize Your Honour to brick up a room for the storage of powder and cartridges in the fort on Tanjong Pinang (though not in the ground), for which we send Your Honour the necessary materials. § 29. Your Honour's further proposals to bring a speedy end to the fortification works in the most durable and least costly manner, carries our complete approval, as does the arrangement made regarding the soldiers and artillerymen to have them drill daily in order to be able to offer a good defence. § 30. The examination carried out by Your Honour of Troesan Pioud and the precautions taken with respect to that creek as well as of Soengoe Ian are completely well done; we refer in that regard to § 136 of our letter of 9 December last. § 31. In our disposition on the finding of the cargo delivered by the Commander of the bark De Standvastigheid, we have for the [illegible]

Dutch transcription

19 die met de bark de waaes overvaard als zodaanig te eligeeren wij recommanda„ „ren UWE: denzelven bij arrive ginder in het Hoofdgezag:/en publiccq voor:/ te stel verdere „len en willen ook dat alle Comp„s Papieren gelden en „ we Effecten behoorlijk aan gemelde Resident zal worden ter handen gesteld en blijven da groete (Onderstond) UwE. Goede Vrienden (getekend) A. Couperus, F: Thierens, I: A: Hensel, D: Rukde, G Lungel, en I. van Kal Sec„s (in margine) Malacca in het Casteel den 29. Maart 1789. Aan den Onderkoopman en Resident Gerrit Lungel Riouw Eerzaame Discreete § 26. Met de Bark de waaker die op den 23=sten April alhier gearri„ „veerd hebben wi hebben wij ontfangen uwE, brief van den 13„e gemelde maand met da baas bijgevoegde bijgevoegde Conform het register Na derzelves visie hebben wij genoegen genomen in 't gedaan Transport van 's Comp„s Contanten en verdere effecten §27. Omtrent de traage vordering in 't fortificatie werk kunnen wij niet anders dan ons leedweezen betuigen de notabele gebreeken waar van UwE. bij §. 25. en eenige volgende mentie maakt verwagten wij dat door uw met de meeste spoed en spaarzaam overleg geredresseerd zal worden ten welken einde wij UwE, Qualificeeren tot „ mogen inheijen der noodige Palisaaden en opvullinge van 't parapet zoodanig dat de wagtheb„ „bende zoldaat niet alleen over de Borstweering kan zien maar ook dat andere aldaar geplaats diffencieff kunnen ageeren Insgelijks vertrouwen wij dat het Bastion N=o 2 dat volgens brief van den 20 De„ „cember 1788, geheel met die parapet was ingestort met de weeste spoed tot staat van den feucie zal zijn of worden gebragt § 28. Uw voorstel bij § 28. gedaan om een kruidkelder in de grond in 't fort op Tanjong Pinang te metzelen kunnen Wij in dies Voegen niet goedkeuren hoewel te bevaarlijk wij ovoueeren dat een bergplaats voor kruid en Kardoezen met Nadap gedekt, is, en noodwendigheid van steen diende te zijn, en met pannen of zoodaanig gedekt, dat by een onderhoopt geval van brand in de na bij zijnde vertrekken dezelve vilig is voor de woede des Vlam dewijl ons de ondervindingalhier geleest heeft dat alle Cardoezen in kruidkelders die in de Grond zijn zeer spoedig verstikken en het kruid zelfs zoo vogtig word, en in een korten tyd zoo veel van deszelfs kragt verliest dat men naa eeniger tijd sleggens het waare effect es„ niet van „ wagten Waarom wij UWE, willen Qualificeeren een vertrek tot het bergen van Kruider Kruiden Cardoezen in 't fort op Tanjong P„ „nang /: dog niet in de Grond:/ op te metzelen waar toe wij uwE„ de noodige Mate„ „riaalen toezenden § 29. UwE, verdere propositien „ op de duursaamste, en minst kostbaarste wijze, een spoedig einde te maaken aan het Fortificatie werk draagt onze Goedkeuring volkomen weg, als meede de gemaakte schikking omtrent de Militairen en Arthilleristen om hun dagelijks te laaten Exerceeren ten einde in staat te zijn eene Goedo deffencie te kunnen bieden §. 30. de door uwE. Gedaane Examinatie van Troesan Pioud en genome„ „ne precautien zoo wel der opzigte van dien spruit als van Soengo Ian is volko„ revereeren „men welgedaan wij zow om ten dien opzigte aan 3. 136. van onsen brief van den 9 December Iongst leeden § 31. bij onze dispositie op de Bevinding van de uitgeleverde lading door den Gezaghebber van de Bark de standvastigheid hebben wij voor te „cember te min

NL-HaNA_1.04.02_3907_0461 view scan ↗

English

less the 1573 lb of rice delivered there, his pay account has been debited. § 32. The pantjallang the Tonijn, the galley the Griffioen, and the packet boat the Bruinvisch depart today, the latter two to cruise around the Tarelles for vessels coming from Batavia and Java, to which you must add the pantjallang the Philippina. The Griffioen and Bruinvisch take along the necessary rations of rice for six months for that pantjallang. Second Lieutenant de Boes shall exercise command over that vessel, as dictates the instruction enclosed herewith to be handed to him by you. § 33. In addition to the rations mentioned above, we have also had unloaded onto those vessels as much of the provisions and necessities required at Riouw as they could possibly hold, as appears from the invoice accompanying this. We have no vessel on hand other than the Waaker, which, although it leaks considerably and requires urgent repair, is taking in cargo for Perak for lack of another, so that we would gladly see you dispatch the Standvastigheid, being a vessel capable of carrying a heavy load, to fetch the provisions still lacking there. § 34. If you should perhaps, which we cannot presume, have a well-founded reason why the pantjallang the Philippina would not be employable for that voyage, you must send another keel in its place, and then make such changes in the instruction as necessity shall require. § 35. You must send the Katwijk aan Zee here for repairs, after the dispatch of which and that of the pantjallang Philippina you will still retain the four most defensible vessels, which we think will be ample to foil the undertakings that the wandering rovers might attempt against Riouw. § 36. We have granted the petition of the regular fireworker F: Schutz, whose contract has expired, and to replace him we send over on this vessel Jan de Gruiter, appointed by us as extraordinary fireworker. § 37. We hereby authorize you to determine the pay of the Sepoy soldier Raman Nagapatnam, who after the abandonment of Riouw was carried off by the Ilanuns, but has since returned. § 38. In response to your request for the 5 invalids, and for the 5 sent over due to the expiration of their contract, among whom is a gunner, as well as for the six deserted soldiers, scarce though we are provided, we send 14 soldiers, among whom are a drummer, a gunner, and four native gunners, and also another 8 soldiers for those whose contract has expired, whom we then expect to arrive here. § 39. Whenever a vessel departs, we shall send over some soldiers to replace others who have been there the longest, and you should observe this very strictly. You must make this known to them, adding that if we send 10 men to replace others, and in the meantime some should have deserted, the number of deserters will be retained by you. This will likely encourage those who hope to be relieved to keep a watchful eye on those who conspire to desert. The soldiers whom you send up in the future must carry their muskets and weapons with them so as to be able to serve for defense on board the vessel transporting them.

Dutch transcription

24 min gindes uitgeleverde 1573. lb rijst zijne soldij-reekening belast. §32. De pantjalling de Tonijn de Galeij de Griffioen en Paquel boot de Bru„isch gaan heden over de twee laaste om de Tarelles te kruissen op de van Batavia en Java koomende vaartuigen bij welke UwE, de pantjallang de Philippina moet voegen, de Griffioen en Bruinvisch neemen voor die Pantjallang de noodige randzoenen roozes voor zes maanden meede, de Sous Luitenant de Boes met het Commando over dien bodem voeren, gelijk de Instructie die hier nevens overgaat om door UWE. hem ter hand gesteld te worden dicteert §33. boven de randsoenen hier boven gemeld hebben wij nog in die bodems doen aflaaden zoo veel van de op Riouw vereischte providien en benoodig„ „heeden als dezelve maar eenigzints hebben kunnen bergen en bij het deezen verzellend Factuur komt te blijken Wij hebben geen vaartuig dan eeniglijk de waaker aan handen die al hoe wel dezelve aanmerkelijk lek is, en een Hoognoodige reparatie Vereischt uit Gebrek aan een ander in laading legt voor Pera, zoo dat wij gaarn zouden zien dat UWE, de standvastigheid als een vaartuig zijnde dat veel laaden kan ter afhaal van de ginder nog ontbreekende provisien verzend § 34. Indien UWE. Somtijds (:het geen wij niet kunnen vermoeden:) een gegronde reeden mogten hebben waarom de Pantjallang de Philippina niet tot dien togt emploijabel zoude zijn, moet UwE, voor dezelve een anderen Kiel zenden, en als dan zoodanige veranderingen in de instruc„ „tie maaken als de noodzakelykheid zal vereischen §. 35. de Katwijk aan zee moet moet UWE. ter reparatie na herwaart opzenden welkers verzending en die der pantjallang Philippina UWE. nog de Vier weerbaarste vaartuigen Overhoud, welke wij denken ruim bestand te zullen zijn om de onderneemingen die het omswervend hoofgespuis al teegens Riouw zouw kunnen Entrepueerene te kunnen verijdelen §36. in 't request van den Ordinair vuurwerker F: Schutz wiens verband geexpireerd is, hebben wij bewilligd, en zenden om dezelve te ver„ „vangen met deezen bodem over, den door ons tot Extraordinair wuurwerker aangestelden Ian de Gruiter § 37. tot de Coersneeming der gagie van den Sipaischen soldaat Raman Nagapatnam, die na de verlaating van Riouw door de Elanongers is vervoerd geweest, dog zints weder te rug gekomen is qualificeeren wij UWE: bij deezen §38. Aan Uw E. verzoek om voor de 5 invalide, en voor de 5 die wegens Expiratie van sun van hun verband op gezonden waar onder een Cannonnies is, als meede voor de zes gedeserteerde zoldaaten zenden wij hoe schaars wy ook voorzien zijn 14 a Militairen, waar onder een Tamboes een Canonies en vier Inlandsche Busschieters„ ok nog 8 Militairen over voor hun wiens verband geexpireerd is die hebben wij dan ook herwaarts te verwagten § 39. wij zullen telkens wannes een vaartug vertrekt eenige Militairen Overzonden ons andere te vervangen dies es het langst geweest zijn en dit diende UwE„ zoo stipt te observeeren, dit moet uwe hun bekend maaken met bijvoeging, dat wij indien 10 man om anderen te vervangen, zenden, en es intusschen eenige mogten gedeserteerd zijn, dan dat het getal des Gedesterteerde bij UwE„ zal worden aangehouden dit zal denkelijk hen die shoop hebben verlost te worden, arimeeren, om een waa„ „kend oog te houden, op hun die Conspireeren tot de dezestie de militairen die UwE„ in het vervolg opsend' moeten hunne geweeren en waapens meede voeren oms aan boord van hun oervoerend vaartuig van defensie te kunnden 136 O zijn

NL-HaNA_1.04.02_3907_0462 view scan ↗

English

Section 40. Regarding the Tommagon wandering about in the straits, who according to Your Honor's letter has plundered a Siamese junk, the reports have added that after the capture of the said junk, another junk arriving from China was taken. Your Honor must therefore take all possible precautions, both for the Chinese junk lying at Riouw and for the Siamese one, and have them convoyed upon their departure until outside the straits. Trusting that Your Honor will keep a watchful eye on that piratical rabble, will endeavor to become aware of their designs, will uphold the honor and interests of the Company, and will keep them in hand. After greetings, we remain Your Honor's good friends. Signed: A Couperus, F Thierens, I: A: Henzel, D: Ruhde, I van Kal secretary. In the margin: Malacca, in the Castle, 2 May 1789. To the Junior Merchant and Resident Gerrit Lungel, Riouw. Honorable, Discrete. Section 41. On the 3rd of this month, or the day after our accompanying letter was prepared for dispatch to Your Honor, we received Your Honor's letter of the 23rd of April last, sent to us by a rowing vessel, containing the news pleasing to us that a Cantonese junk, attacked in the vicinity of Riouw by the piratical rabble but already partially plundered by them, was recaptured by the cutter Java. Although we are deeply moved regarding the fate of so many unfortunate crew members of that nation who were massacred by those barbarians, we express our complete satisfaction with respect to the arrangements made by Your Honor on that account, and especially the consultation both with the heads of the Chinese nation and with the three Cantonese nachodas. Section 42. We likewise approve the arrangements made by Your Honor, in consultation with the above-mentioned heads, for the encouragement of the sailors and soldiers, to grant as a bonus a one-third share of the value to all persons who were on the cutter Java for the recovery of the said junk, and we consent to the disbursement and distribution of those funds, while we order Your Honor to secure the remainder, or whatever remains after the claims of the lawful owners, in the Company's treasury. Section 43. The six soldiers who deserted, but have since been brought back and punished by Your Honor, have been debited on their pay accounts for 70 rixdollars 40 stivers, pursuant to Your Honor's request made in Section 103. Section 44. The contracts for the two persons who re-enlisted according to Section 104 of your letter are transmitted among the enclosures to this. Section 45. The reports concerning Sultan Mahomet and Tuanku Muda require that one must be on one's guard, especially since it is certain that the renowned Siak pirate Said Alie is also staying with them; he has sent a captured Chinese junk to Rantau in the territory of Siak. The arrangements already made by us for the safeguarding of the vessels coming from Batavia, Java, and Cheribon are in accordance with our current situation. It is not possible to have the fairway cruised all the way to the China Sea; this would expose the Company's vessels, without prospect of utility, to manifest danger due to the heavy seas running there. That navigation consists—apart from the ships of foreigners, which are almost always defensibly equipped against those pirates—solely of junks from China and Siam that come to trade at Malacca and Riouw, and which, with a single exception, arrive and depart at fixed, determined times, whereupon cruising takes place annually or during the time they are expected, just as they can also always be convoyed upon their departure to beyond Pedro Branca. And this can also take place further this year, as in the first instance of cruising for the junks, by convoy to outside that strait. Also, with the departure of these vessels, we retain none of them on hand here, so that it is impossible from here. Section 46. Their High Excellencies have made known to us by their highly esteemed missives of 9 April that the said High Excellencies grant as a means and livelihood for Your Honor a one-sixth share of the proceeds of the toll on outgoing duties, to be enjoyed as 3/6 for the resident, 2/6 for the scriba, and 1/6 for the Governor. Furthermore, Their High Excellencies have approved the appointment made by us of Your Honor as Resident at Riouw, and have confirmed Your Honor as such, in the reasonable expectation that Your Honor will zealously endeavor to fulfill the good opinion we had conceived of Your Honor. On the 8th of this month, the barque De Standvastigheid arrived here, which is due to return in a few days to transport the remaining provisions and other necessities requisitioned by Your Honor's predecessor, insofar as the same could not be loaded on the pantchiallang De Tonijn, the galley De Riouw, and the [illegible] Griffioen. To the Junior Merchant and Resident Gerrit Lungel. Honorable, Discrete. After greetings, we remain Your Honor's good friends. Signed: A: Couperus, F. Thierens, I: A: Henzel, D. Ruhde, and I. van Kal secretary. In the margin: Malacca, in the Castle, 31 May 1789. Section 47. We transmit to Your Honor herewith an extract from the secret missive of Their High Excellencies dated 17 April, according to which we recommend Your Honor to behave as strictly as possible, and we communicate to Your Honor at the same time that the declarations mentioned therein have not yet been received by us, but are to be received with the ship Noordholland, upon which we will send them directly to Your Honor. Section 48. Regarding Your Honor's requisition of necessities, as much as the three vessels that are the bearers of this could load, as shown by the bill of lading and invoice signed by their commander, is being sent to Your Honor.

Dutch transcription

§ 40. Bij den in straat omzwerende Tommagon die volgens UwE, schrijven een siansche Jonk geroofd heeft, heeft den berigten hid stie zij gwoegt na het nemen van gemelde Jonk is nog een van China koomende Jonk ge„ „noomen UWE„ moet dierhalven alle mogelijke preceutie gebruken zoo voor de Riousche leggende Chinasche Jonk als voor de Siamsche, en dezelve bij hun vertrek tot buiten straat doen Convoijeeren Jn vertrouwen zijnde dat uwE eers waakend oog zal houden op dat rooff gespuis die des zeijnen van hun zal tragten gewaas te worden, de eer„ en het belang der Maatscnappij zal handhaven en der hande namen Blijven wij na Groete (onderstond) UWE, goede vinden (was getekend) A Couperus, F Thierens, I: A: Henzel, D: Ruhde, I van Kal sec=t /in margine) Malaca in het Castel den 2 Mai 1789 Aanr den Onder Koopman en Reidert Gerrit Lungel Riouw Eerzaame Discreete §41. Den 3 deezer of 's daags na dat ondzr en nesgaande bref ter avzsending aan UwE, in gereedheid was gebragt, ontfangen wy uwE letteren van den 23 April laastleeden, ons door een roeivaartuig toegeschikt behelzende de Voor Ons aangenaame tijding, dat eene in den nabiheed van Riouw door het rogf„t „ gespuis afgeloopene dog bereeds gedeeltelijk door hun Geplunderde Cantonte Jonk door de Koster Iava hernomen was houwde wij geroelig zijn omtrent het lot van zoo veel Ongelukkige scheepelingen van die Natie„ die door die wreedaards gemassacreerd zijn betuijgen wij ons volkomen Conten„ „tement ten opzigte van die schikkingen door UwE, dient wegen gemaakt en wel voo al de rad pleging zoo met de hoofden des Chinaha Natie als not de drie Cantonsche Anna Chodas §: 42. Wij approbeeren tefffens de doot uwE: met overleg van bovengemel, „de hoofden gemaakte schikkingen tot encouragement van de zeevaarende en Militairen aan alle persoonen die ter afhaal van gemelde Jonk zig op de kottes Java hebben bevonden tot een douceus een derde deel tes waarde toe te leggen en Condessendeeren in de afgaave en uitdeeling van die penningen terwijl wij UwE „ gelasten om het resteerende of het geene en het reclame van de wettige Eigenaars overblijft in Comp„s Cassa te secureeren § 43. De zes gedeserteerde dog zedert weder de ruggebragte en door UwE„ afgestrafte soldaaten zijn op hunne soldij reekeningen belast voor rd„s 70. 40. navolgens Uw E„ verzoek bij § 103. gedaan §. 44. De actens voor de twee perzoonen die zig op nieuw geengageerd„e hebben volgens §104. van uw brief gaan onder de bijlaagen deezes over § 45. De berigten omtrent sulthan Mahomet, en Toenko Moeda, vereisschen dat men op zijn hoede maet zijn voor al dewijl het zeker dat den gerenomeerden Siaschen rooves Said Alie zig meede bij hun op„ „houd dezelve heeft eene genoome Sinaasche Jonk naas rantou in 't gebied van Siac overgezonden De schikkingen door ons bereeds tot beveiling van de van Batavia Java en Cheribonsche koomende vaartuigen genoomen zijn oas een„ Jonk „komstig te 25 „komstig onze presentie staat het is niet mogelijk dat men het vaarwater tot aan de Chinasche zee laat bekruissen, dit zou 's Comp„ vaartuigen zonder uitzigt van nut bloot stellen aan oogenschijn„ lijk gevaar, door de daar gaande zwaare zeëu, die vaart bestaat ook /: buiten de scheepen van Vreemdelingen die meest altoos weeg„ „baar tegens die roovers zijn uitgerust:/ eeniglijk een Jonk en van China, en Chiam die op Malacca en Riouw ten handel komen en welke /: een enkelde uitgezondert:) op vas't bepaalde zijden aankomen en vertrekken waar op es 's Iaarlijks of in de tijd dat dezelve ves„ „wagt worden bekruissingen geschieden, gelijk dezelve ook altoos bij hun vertrek tot voor bij Pedro Brancho Geconvoijeerd kunnen worden en dit kar ook in dit Jaar gelijk het in het eerste geval of de be„ „kruissingen op de Ionken heeft gehadt veder plaats hebben door Cou„ „vooij tot buiten die straat Ook behouden met het vertrek van deeze vaartuigen alhier geen een aan handen van deeze zoo dat het van hier onmoogelijk is §. 46. hun hoog Edelheedens hebben wij byj Hoog geerde His„ sives van den 9 April te kennen gegeven dat welgemelde a Hoog-Edelheeden tot een middel en bestaan voor Uwe„ accordeeren een zesde Gedeelte van het rendemenant van den tol op de uittgaande regten om genooten te wor„ „den als 3/6 voor den resident 3/6. voor den schriba en 1/6 voor den Gouverneur Verders hebben wij hoog-Edelheedens de door ons gedaane Den 8. deezer Maand is de Bark de Standvastigheid alhier aange„ „komen welke eerstdaags weder staat te retourneeren ter overvoer van de res„ verder „teerende provisien en „ nnder benoodigdheden door uwE Successeur geeischt in zoo verre dezelve met de Pantjallang de Tonijn de Galeij de Riouw Eerzaame Discreete Aan den Onderkoopman en Resident Ferrit Lungel= Wij blijven na Groete (onderstond, UWE. Goede vrienden (was getekend, A: Couperus, F, Thierens, I: A: Henzel, D. Ruhda, en I. van Kal sec„t (in Margine, Malacca in het Casteel den 31 Maij 1789 aanstelling van UwE, als Resident te Riouw Goedgekeurd, en UwE, als zoodanig bevestigd, in de billike verwagting dat UwE„ aan de goede gevoelen, die wij van UwE, hadden opgevat, ijverig zal tragten te beantwoorden. §47. Wij zenden UwE hier nevens over een Extract uit de secreete Missive van hunne Hoog Edelheeden dato 17. April waar aan wij UwE. recommandeeren zoo stipt mogelyk te gedraagen en Commu„ „niceeren UwE, teffens dat daar in Gementioneerde verklaaringen nog niet door ons, maar met het schip Noordholland staan ontvran„ „gen te worden wanneer wij uwE direct dezelve zullen doen toekomen §. 48. Van UwE, gedaane Eijsch van benoodigdheeden, als de drie vaartuigen die den brengster deezes zijn hebben kunnen laaden en uitwijzens het Cognossement Factuur door dezelves Gezaghebber Getekend aan„ Griffioeu Ca te

NL-HaNA_1.04.02_3907_0464 view scan ↗

English

Griffioen, and the Packet Boat the Bruinvisch and will now not be satisfied with this vessel, these in a bark belonging to the Moorish merchant Abdul Maidien, with which Quartermaster Lodewijk also crosses over, in order to deliver this part of your demand to you according to the bill of lading and invoice. After greetings, we remain (underneath was written) Your Good Friends (was signed) A. Couperus, F Thierens, J. A. Henzel, D: Ruhde, and J. Van Kal Secretary /(in margin) Malacca in the Castle, the 13th of June 1789. To the Junior Merchant Gerrit Sungel, Resident Riouw Honourable, Discreet Sir, § 49. With the bark the Standvastigheid we have received your letter of the 5th of this month. We are sending that vessel back today with provisions and further necessities that could not be loaded into the pantjallang the Toneijn, the galley the Griffioen, and the packet boat the Bruinvisch already dispatched to you, vide our letters of the 2nd and 31st of May and the bills of lading attached thereto; we do not doubt that you will have received those vessels as well as those goods that, according to our letter of the 13th of this month, were loaded into the private bark of the Moorish merchant Abdul Maidien for your office. § 50. In the purchase of rice and oil you have done very well; we have appraised everything of the first-mentioned grain brought in today for the Company at 100 rixdollars and distributed the same again to the community at 116 rixdollars in order to prevent the monopoly that self-interest might cause, and whereby a part of our inhabitants would be exposed to the greatest shortage, to which end or for distribution to this community the quantity purchased by you may also serve. The purchase of oil meets no less with our approval, since it shows such a considerable difference as that of 14 stuivers per can and is cheaper than the present Malacca price. § 51. Approving the further actions taken by you, we report with respect to the estate of the Captain of the Sepoys who died at Riouw that the same has been handed over to the Orphan Chamber here and accepted by that board, because the said Captain passed away without leaving any testamentary disposition. § 52. Regarding the placement of the men to be put under a European officer, and such an one as you will judge to be the most suitable and competent over there to deal with that nation, everything however subject to further orders; furthermore, we agree to the appointment made by you as ensign in the company of Captain Oemar Chau Naternegges of the persons of Sergeant Ramalingon and the others proposed in succession under § 110. § 53. We have placed your requisition for medicines, according to the list mentioned by you under § 1, into the hands of the Chief Surgeon of the Castle, in order to provide for the use of the sick at your office such of the required medicines as can possibly be spared here, which are also being sent over today. § 54. The conduct of the Malay sent up by you and the assurances brought to

Dutch transcription

Griffioen, en de Laquetbost de Bruinvisch en nu met deezen bodem niet zal weezen voldaan, deeze in eene den Moorschen Koopman Ab„ d„n dul Maidien toebehoorende Bark meede den Quartiermeester Lodewijk diets overvaart om dit gedeelte van UwE: Eijsch navolgens het Cog„ „nossement Factuurs „ za UwE, af te geeven Wij blijven na Groete (onderstond) UWE. Goede Vrienden (was (Getekend) A. Couperus, F Thierens, J. A. Henzel, D: Ruhde, en J. Van Kal SecC„s /(in margine) Malacca in 't Castele den13 Junij 1789. Aan den Onderkoopman Gerrit Sungel, Resident Riouw d Eerzaame Discreete § 49. Met de Bark de Standvastigheid hebben Wij Ontfangen uwE Brieff van den 5. deezer maand Wij doen dien bodem heeden weeder te rug keeren met provisien en verdere benoodigdheeden die niet hebben kunnen werden afgeladen in de tot UwE, bereeds afgezondene pantjallang de Toneijn, Galeij de Grif„ fioen de Paquetboot de Bruinvisch vide onze letteren van den 2en 31. mai en de bij dezelve gevoegde Cognossementen wij twijffelen, off UwE, zal die Kielen als meede die goederen die volgens onze schrijven van deen 13. deezes maand in de particuliere Bark van den Moorsch Koopman Abdul Maidien voor UW. E. Comtoir zijn afgelaaden, hebben, ontvangen §. 50. Aan de inkoop van Rijst en Olij heeft UwE zeer wel gedaan wij hebben alles wat heeden van eerstgemelde Korl is aan„ „Gebragt voor de Compagnie teegens rd„s 100. . angeslaagen en dezelve we„ „der tegens rds, 116. –. aan de Gemeente uitgedeeld om te beletten de Mons„ „poli die baatzugting zouden kunnen doen, en waar door een gedeel„en „te Onzes ingezetenen aan het Grootste Gebrek zouden worden blootge„ „steld ten welken einde of ter Uitdeelinge aan deeze gemeente de door UwE, ingekogte kwantiteit meede kan dienen „dewijl De inkoop van Olij is niet minder van onze approbatie „ dezelve een zoo naamwaardig verschil als dat van 14. st. s per kan dienen haar differeerd en beeter koop dan de Mallaccassche tegenwoordige prijsis §51: Het verdere door UWE. verrigte goedkeurende melden Wij ten opzigte van boedel te Riouw overleeden Capitein des Sipais dat dezelve aande weeskamer alhier afgegeven en door dat Collegie aanvaard is door dien gemelde Capitein zonder testamentaire dispositie na te lagten is komen te Overlijden §52 Omtrent de plaatzing des manschappen te stellen onder een Europeesch officier, ens zoodanig eene die UwE, zal oordeelen de geschikte en bekwaamste ginder te zijn om met die natie om te kunnen gaan, egter alles tot nader dispositie, verders Condessendeeren wij in de door uwe„ gedaane aanstelling tot vaandrig in de Compagnie van Capiteijn Oemar Chau Naternegges van de Perzoonen van den Sergeant Ramalingon en de andere per opvolging bij § 110. voorgedraagen § 53. Wij hebben UWE, Eijsch van Medicamenten volgens de door UW bij §1. gementioneerde Lijst in handen van den Opperchirurgijn van het Casteel gesteld om ten dienste des ten UWE, tan Comptoire zijnde zieker nog zoodanige van de gerequireerde Medicamenten te Verstrekken die alhier bij moogelijkheid gemist kunnen worden welke meede heden overgaan §: 54. het gedrag van den door UwE, opgezonden Maleijer en de verzeeke„ Gebragt „ringen te 9

NL-HaNA_1.04.02_3907_0465 view scan ↗

English

Riouw assurances of some persons who have known him here as a very quiet and not ill-living person, has moved us to set him at liberty again, all the more because we found no specific accusation to his charge nor sufficient grounds from your presumption in section 112 for the prolongation of his detention. However, we shall prevent him from crossing over from here to Riouw again, and if you have well-founded accusations to his charge rather than merely presumptions, we await the same. Section 55. The soldier Johannes Laubert, placed by you on the bark De Standvastigheid to serve there as a sailor, has by our resolution of today been so demoted and remains on that vessel in that capacity, and on future occasions we expect such persons to be sent hither, in order to dispose of them in our council. Section 56. On the 18th of this month four Sepoy soldiers arrived here from Riouw who deserted from there this month, which misconduct they lament, having arrived here of their own accord from Pontiana. However, they have been punished for that crime by a severe correction, and two of them are crossing over with this vessel, as well as one corporal and nine privates of that nation in exchange for one corporal and seven privates who have wives and children here, according to the nominal roll. Section 57. In respect of the cash and other necessities being transferred, we refer to the accompanying invoice, and remain after greetings. Was signed: Your Good Friends, Malacca, A. Couperus, F. Thierens, J. A. Henzel, D. Ruhder, and J. van Kalsbeek. In margin: Malacca in the Castle, the 29th of June 1789. The bark De Waaker and the pantchiallang Banca depart today to convoy the Chinese junk returning from here and two small Siamese junks to beyond Pedro Blanca, and to protect them from the piratical rabble frequenting the Strait of Singapore. Both have been ordered, after having fulfilled their instructions, to turn their course toward Riouw. The first-mentioned you must send back hither, as we have not a single vessel at hand here, but the last-mentioned is projected to be stationed there in service of the factory of Riouw, or to be employed by you in such manner as you shall deem most useful to the Company's interests. We expect the hoeker Katwijk aan Zee back as soon as possible for the repair of its defects, if the condition of that keel requires a necessary overhaul, and remain after greetings. Was signed: Your Good Friends, A. Couperus, F. Thierens, J. A. Henzel, D. Ruhder, and J. van Kalsbeek, Secretary. In margin: Malacca in the Castle, the 7th of July 1789. Honourable, Discreet, To the Junior Merchant Gerrit Pungel, Resident at 299 31 Riouw To the Junior Merchant and Resident Gerrit Pungel at Honourable, Discreet, Section 58. In reply to your collective letters dated 18 August and the 5th of this month, the first received with the Company's De Waaker and the last with the private cutter De Goede Intentie, serving: That we are pleased with what was done by you with regard to the money distributed to the recaptors of the Canton junk, and we have duly received the papers relating to that matter. Section 59. The repair of the galley De Griffioen, paid for by you, you must charge to the account of this factory, if such has not already been done. Section 60. In place of the European sergeant and three European soldiers, together with four Sepoys, sent up by you on account of illness at the factory, a similar number cross over on this vessel in their stead; as well as the eight European soldiers to replace another eight who have been stationed at Riouw the longest, see the nominal roll accompanying this. Furthermore, we send the ship's carpenter's mate Jan Meijer to replace Jan Kousenhouen, who has been there a long time. Section 61. Regarding the request made by the ensign and the other Madurese soldiers to be discharged from service again on account of the expiration of the time for which they engaged with their prince to serve the Company, which according to their statement, which is however not to be believed, was supposedly for only one year, we cannot yet grant for the present. However, we may perhaps in the future have them replaced by another company of their countrymen, as their High Mightinesses have been pleased most graciously to provide us again with a number of 65 heads of such warriors for service at both Riouw and Malacca. We would even send over on this occasion those recently sent from Java in exchange for those posted there, but as they know nothing of the handling of weapons, we are obliged to postpone this until they are properly trained in this. As for what further concerns the request of the Lieutenant of the Malays, Kamin, we leave that deferred to you, as you ought to know whether he can be spared there to make that little excursion. The bombardier Johannes Herkes, who together with 4 native gunners made a request to be replaced, we cannot permit the first-mentioned to do so on account of his short stay there, but for those four native gunners, four others cross over today. Section 62. To your request to obtain a heavy messenger rope for the service of the cutter Java instead of the unfit rope sent from the bark De Waaker, we are to our regret unable to comply, as no such rope remains in stock nor is to be obtained here. However, as soon as we receive such a piece from the main seat or can manage to acquire it beforehand by purchase, 561 direct

Dutch transcription

Riouw „ringen van eenige perzoonen die hem alhier gekend hebben, als een zeer geneend dog niet kwalijk leevend Mensch, heeft ons gemoeeerd hem weder op vrije voeten te stellen, te meer dewijl wij geene speciaale accusatie ten zijnen lasten nog uit UwE„ presumtie bij §112, geen genoegzaame grond tot verleuging van zijne detentie goedgesonden hebben egter zullen wij beletten dat hij van hier niet weder na Riouw overgaat en bij aldien UWE. Gegrondes accusatien ten zijnen laste dan eeniglijk presumptien heeft verwagten wij dezelve §55, de door UWE Op de Bark de Standvastigheid geplaatste soldaat Iohannes Laubert, om aldaar als Matroos dienst te doen is bij besluit oom heden door ons zoodanig gedegradeerd en blijft op dien bodem in die qualiteit en toekomende geleegenheeden verwagten wij zoodaanige perzoonen na her„ „waards, om hier op in onze vergadering te disponeeren § 56 Den 18 deezes zijn alhier vier Sipaische Militairen aange„ „koomen van Riouw die deeze maand van daar gedeserteerd zijn, welk wan„ „bedrijf zij zig beklaagen uit haar zelfs van Pontiana alhier zijn aan„ „gekomen: egter zijn zij door een gevoelig Correctie voor die misdad afs ge„ straft en twee van dezelve Gaan met deezen bodem over, gelijk nog een Corporaal en negen Gemeenen van die Natie ter Uitwisse„ „ling van een Corporaal en zeeven Gemeenen, welke alhier Vrouw en en Kinderen hebben volgens naamlijst § 57. Ten opzigte van de Overgaande Contanten en andere benoe„ „over „digdtheeden gedraagen wij ons aan 't hier nevens gaande Factuur en blijven na Groete (Onderstond) UwE Goede Vrienden (was getekend„ ) Malac„ „ A: Couperus, F„: Shiepers, J. A Henzel, D. Rukde: en I. Van Kalsees, (in margine)„ Malacala in 't Casteel den 29 Iunij 1789. De bark de waaker en de Pantjallang Banca ver„ tresken heden om de van hier retourneerende Chinasche Jonk en twee Siamsche Ionken:r Kleine tot voor bij Petro Ban„ „ca te Convooijeeren en voor het roofgespuis dat zig in de straat singapaura ophoudt te beveiligen beide zijn gelast Om na aan haare Instructie voldaan te hebben te steven naar Riouw te wenden; eerstgemelde moet UwE, weeder herwaards zenden dewijl wij alhier geen een vaartuig aan handen hebben dog laastgemelde is geprojecteerd om ten dienste „riouw van het Comptoir „ ginder post te houden dan wel door UwE, zoodanig geemploijeerd te werden als uwE, ten mees„ „ten nutte van 's Comp„s belangen zal nodig oordeelen Wij verwagten de Hoeker Katwijk, aan zee ter her„ „stelling van zijne gebreeken, hoe eerder hoe baates te rug indien de staat van die Kiel een noodzakelijke vertimme„ „ring vooreijscht, en blijven na Groete (onderstond) UwE Goede Vrinden (was Getekend) A. Couperus, F. Thierens, I. A Henzel, D. Ruhder, en I. Vans Kal sec„t (in Margine) Malacca in het Casteel den 7. Julij 1789 Eerzaame Discreete Aan den Onderkoopman Gerrit Lungel Aan Resident te 299 31 Riouw Aan den Onderkoopman en resident Gerrit Pungel te Eerzaame Discreete §58 ter beantwoording van UwE. Gemeene Brieven de dato 18 Augustus en 5=den deezer Maand de eerste met C 's Comp„s de waakes en de laatste met de particuliere kol„ „ter de Goede intentie ontvangen dienende Dat wij in het door UWE„ verrigte ten opzigte des uitgedeel„ „de penningen aan de hernemers van de Cantonsche Jonk genoegen neemen, en de Papieren relatie hebbende tot die zaak behoorlijk ontfangen hebben §. 59. het door uw E. bekostigde reparatie van de Geleij de Griffioen moet UwE, zoo zulks niet bereeds geschied is dit Comptoir ten last aanrekenan §60 in steede van de door uwE ten Comptoire ziekte opgezonden Europees Sergeant en drie Europeeschen soldaaten beneven vier Sipais vaaren per deezen bodem in derzelver plaats een zoo een danig getal weder over; als mede de agt Europeesche Militairen ge ter ver„ „ hebben „vanging van andere agt die het langst te Riouw gelegen „ vide de deezen verzellende naamvol t nog zenden wij den scheepstimmer„ „gezal Jan Meijer om de ginder lang geweest zinde Jan Kousenhouen te vervangen §61. in het verzoek door den vaandrig en de andere Madureesche Militairen gedaan om vermits de Expiratie van den tijd voor welke zij zig bij hunnen Vorst g. engageerd hebben de Comp„e te dienen het welk volgens hun voorgaven: /:dat egter niet te gelooven is, slegts voor een Iaar zoude zin geweest:) weder uit dienst ontslagen te werden, kunnen wij voor als nog niet bewilligen, egter kunnen wij hun in het toekomende wel eens door een andere Com„ „pagnie hunner landslieden laaten vervangen, dewijl hunne Hoog Edel- „heedens zoo ten dienst voor Riouw als Malacca ons weeder Groot guns„ „tegst hebben gelieven te voorzien van een getal van 65 koppen dus krijgers Wij zenden zelfs ter uitwisseling van de ginter bescheiden zijnde de Iongst van Iava Gezondene wel bij deeze geleegenheid overzenden dog dezelve niets vande waapenhandel weetende, zij wij verpligt zulks uit te stellen tot ze hier in behoorlijk geoeffend zijn Wat verders het verzoek van den Luitenant der Maleijers Kamin betreft; zulks laaten wij aan UWE, gedefferreerd, als moetende weeten of hij ginter tot het doen van dat Springtogtje gemist kan worden De Bombardier Iohannes Herkes die beneffens 4. Inlandsche Bus„ „schieters verzoek gedaan heeft om vervangen te worden kunnen wij aan eerstgemelde om zijn kort verblijff ginter zulks niet permit„ „teeren dog voor die vier Inlandsche BussCnieters gaan heden vier ande„ „re Over §62. Aan UwE„ verzoek om ten dienste van de kotter Java een zwaar Vijgertouw in steede van de Bark de Waaker afgezonden onbeq: touw te erlangen kunnen wij als zoodanig bij restant nog ook alhier nargem: te bekomen zijnde tot ons leedweezen niet voldoen egter zullen wij zoo draa wij van de hoofdplaats een zoodanig stuu bekomen dan wel zulks bevoorens door inkoop kunnen magtig worden, 561. direct

NL-HaNA_1.04.02_3907_0467 view scan ↗

English

Direct that vessel to be provided with it. Paragraph 63. The Chinese sent up by you as a harmful person, we have, on account of his misconduct, sentenced to work for three months in chains on the public works. With respect to the provisions passing over and the requisition of opium and further necessities made in your letter of the 5th of September, we refer to the bill of lading and invoice accompanying this. And we remain after greetings (stood below) Your Good Friends (was signed) A: Couperus, F Thierens, I: A Henzel, D Ruhde, and I. van Kal Secretary (in the margin) Malacca in the Castle the 22nd of September 1789. (Stood below) P. S. After concluding this letter we have furthermore obtained a heavy coir rope for the service of the cutter Iava, which was today also laden into the Eensgezindheid. To the Junior Merchant and Resident Gerrit Pingel at Riouw Honorable Discreet For the conveyance thither of the required provisions and materials, the hooker Katwijk aan Zee and the pantchiallang Malaijaa depart for Riouw, which also convey for the reinforcement of the garrison yonder a number of 35 heads of Sepoy soldiers to be incorporated into that Company, over whom the Military Ensign G. Diedenhoven has supervision; the muster roll of the said persons passes among the annexes to this. The above-mentioned vessels may, if you deem the same necessary, be retained by you. We expect on the first opportunity a report on the condition of the cutter Iava, and if the same absolutely requires sheathing or has other significant defects, that vessel back the sooner the better. With respect to the goods laden in both vessels we refer to the bill of lading and invoice, and remain after greetings (stood below) Your good Friends (was signed) A: Couperus, F Thierens, J: A: Henzel, D. Ruhde, and I. Van Kal Secretary (in the margin) Malacca in the Castle the 10th of November 1789. Paragraph 151. According to the reports given to me both by the Right Honorable Strict Lord Drillinger upon His Honor's departure to Batavia with the State's frigate of war Hoorn and by the Sub-Lieutenant at Sea Coenraad de Harder, the hooker the Eensgezindheid has, through the long lying here in the roads, fallen into such a poor state. Right Honorable Strict Sirs and Honorable Sirs The Council there, To the Right Honorable Strict Sirs Pieter Gerardus de Bruijn Extraordinary Councillor of the Netherlands Indies as well as outgoing, and Abrahamus Couperus Incoming Governor and Director Of the City and Fortress of Malacca together with The Council there, Agrees being C G. Klerk

Dutch transcription

Direct dien Bodem er meede Voorzien §63. De door UwE als een Schadelyk persoon opgezonden Chinees, hebben wij om zijn wangedrag opgelegt drie maanden in de ketting aan Son werken te arbeiden Ten Opzigte van de heben overgaande provisien en de bij UwE brief van den 5„e September gedaane Eijsch van Amfioen en ver„ „dere benoodigtheeden gedraagen wij ons aan het Cognossement Tac„ „tuur deeze verzellende En blijven na Groete (onderstond) UWE. Goede Vrienden (was getekend, A: Couperus, F Thierens, I: A Henzel, D Runde, en, I. van Kal Sec„s (:in margine) Malacca in 't Casteel den 22. September 1789. (Onderstond) P. S. na afsluiting van deeze let„ „teren hebben wij nog een Zwaas Kajertouw bekomen ten dienste van de kotter Iava die heeden wedermede in de Eensgezendheid is afgelaaden Aan den Onderkoopman en Resident Gerrit Pingel te Riouw Eerzaame Discreete Ter mijne overbrengst van de ginder benoodigd zijnde provisien en Materiaalen vertrek„ „ken vertrekken de hoeker Katwijk aan Zee, en de Pantjallang Malaijaa na riouw„ die meede overbrengen ter verstrekking van het Garnisoen ginder een „ geta van 35. Koppen Sipaische Militairen en bij die Comp„e epaisate Militairen, om bij die Comp„s ingelijfd te worden waar onder den Vaandrig Militair G. Diedenhoven het opzigt heeft de naamrol van gemelde persoonen (gaan onder de bijlaagen deezes over Bovengemelde Kielen kunnen indien UwE. dezelve benoodigt oordeelt door uwe„ aangehouden worden; Wij verwagten bij eerste gelegenheid een berigt om de gesteld„ „heid van de Kotter Iava en zo dezelve volstrekt verdubbeling vereijscht of andere aan„ „merkelijke gebreeken heeft die kiel hoe eerder hoe liever te rug, ten opzigte van de in beide kielen geladene goederen gedragen wij ons aan Cognossement Factuur, en blijve na groete (:onderstond) UwE. goede Vrinden (was getekend) A: Couperus, F Thierens, J: A: Henzel, 2. Ruhdan en I. Van Kal sec„t (in margine) Malacca in het Casteel den 10. November 1789. § 151. Volgens de aan mij gegeven berigten zoo door den Wel Edelen Gestrengen Heer Drillinger bij zijn Wel-Ed:s vertrek naar Batavia met 's Lands fregat van Oorloge Hoorn als door den Sous Luite¬ „nant ter Zee Coenraad de Harder den Hoeker der Eensgezindheid door het lange leggen hier ter reede in een zoo slegten staat geraakt Wel-Edele Gestrenge Heeren en E: E: Heeren Den Raad aldaar, Aan de Wel Edele Gestrenge Heeren Pieter Gerardus de Bruijn Raad Extra Ordinair van Nederlands, Indie mitsgaders afgaande, en Abrahamus Couperus Aankomende Gouverneur en Directeur Der Stad en Fortresse Malacca benevens Jan Saak Accordeert zijnde C G. Klerk

NL-HaNA_1.04.02_3907_0468 view scan ↗

English

35 being that more substantial repairs must soon be made to it than can currently be done here, I considered it my duty to dispatch this vessel thither under cover of this letter. Paragraph 152. With the ship Huisduinen, which arrived here on 25 October last, I had the honor of receiving the Right Honorable and Honorable Gentlemen's highly respected missive of the 16th prior; and in dutiful compliance with the orders given in Paragraph 109 to have the said ship unloaded of the provisions laden therein as soon as possible, the deficit or surplus delivered was settled with its officers, as appears from a note enclosed herewith, and his dispatches were handed to Captain Koek so that he could continue his voyage to Batavia on the morning of the 3rd current; however, due to the calm, he only undertook it the following day in the company of the national frigate Hoorn. Of my humble advices sent with those vessels in original and duplicate to the Honorable High Government of the Indies, I have the honor to offer the Right Honorable and Honorable Gentlemen a copy herewith. Paragraph 153. In the same manner, I present to the Right Honorable and Honorable Gentlemen, for favorable inspection, copies of a missive from the Right Honorable Mr. Drillinges to the Military Lieutenant Amelong and Ordinary Fireworks-Worker Schutz, dated 21 October last, and of the report given thereon, as well as four warrants granted by the said Mr. Drillinges, namely one to the officers of the small ship de Hoop, one to the Naval Captain I. Wiltong, one to Lieutenant Amelong and associates, and one to the said Fireworks-Worker Schutz. And since, according to the two last-mentioned warrants, the Military Ensign George Lodewijk Smith, in replacement of the departed Gunner Major of the frigate de Amphitrite, Fredrik Oppel, has undertaken the supervision of the fortification works alongside Amelong and Schutz since the first of this month, I most humbly request that a monthly gratuity of fifteen Rds. may be favorably granted to Smith, just as to the other two officers. Paragraph 154. The aforesaid provisions brought by the ship Huisduinen were distributed according to the note sent to me; the shortfall of rice compared to what was stated in that note was supplemented from the Company's warehouse, and for the purchase of coir and firewood I provided 664 Rds. from the Company's treasury according to the respected order, all of which appears from the enclosed receipts. Paragraph 155. A request having been made to me on that occasion by the officers of the small ship de Hoop and the Orangeboom, as well as some lesser vessels, for the reimbursement of their advance for the purchase of firewood for the past eight months during which they had received nothing for it, I refused, but nevertheless promised them that I would submit this request to the Right Honorable and Honorable Gentlemen, as is now respectfully done. Paragraph 156. On the other hand, at the request of Captain I. Wilton and upon a receipt provided by him, I paid out 216 Rds. for one month's wages for twenty-four Chinese seamen stationed on the ship Rotterdams Welvaaren. Paragraph 157. Likewise, I paid 82:24 Rds. to the Javanese on board that vessel, which according to the note from the Pay Bookkeeper Pungel sent to me could be issued to them, although Captain Koek has not accounted for this money to me, as appears from his statement accompanying the said receipted returned note. Paragraph 158. But the request of the European seamen on the same ship to receive two months' pay, I denied

Dutch transcription

35 zijnde dat daar aan spoedig capitaler reparatien moeten gedaan worden als tegenswoordig hier kunnen geschieden, heb ik het van mijn pligt geagt dit vaarzuig onder geleide deezes naar derwaats te de„ „pecheeren § 152. Met het op den 25. October laastleden hier aangekomen Schip Huisduinen heb ik de Eere gehad te ontvangen Uwer Wel- Edele gestr: en Wel-Eds. Zeer gerespecteerde Missive van den 16. bevoorens; en ter Schuldige voldoening aan het geordonneerde bij § 109 het gemelde schip ten Spoedigsten te laaten Ontlossen van de daar in gelaaden provisien het te min of meerder uitgeleverde met dies over„ „heden vereffend, blijkens eene onder de bijlaagen deezes overgaande Notitie, en aan Capitein Koek zijne depeches overhandigd dat hij Smorgens van den 3„e Courant zijne reize naar Batavia kon voortzetten; dog „dee tilte heeft hij die eerst 's daags daar aan in gezelschap van 'slands fregat Hoorn ondernoomen: van mijne met die kielen Origineel en duplo afgezonden Onderdaanige Adviesen aan de Edele Hooge Indische Regeering heb ik de eere Uwe Wel- Edele Gestr: en Wel-Ed„s een Copia hier nevens aan te bieden §153. In Dezelfdes Voegen presenteer ik aan Uwe: Wel-Edele Gestr: en Wel-Ed„s ter gunstige Speculatie Copien van een Missive van den wel- Edelen Gestr: Heer Drillinges aan den Luitenant Militair Amelong en Ordinaire Vuurwerker Schutz in dato 21. October laastleden en van het daar op gegeven berigt mitsgaders van vier pees Ordonnancien door Welgemel„ den Heer Drillinges verleend, naamelijk eene aan de Overheeden van het scheepje de Hoop, een aan de Capitein ter Zee I. Wiltong, eene aan de Luitenant Amelong C. S. , en eene aan den gemelden Vuurwerker Schutz. En dewijl volgens de twee laastgemelde Ordonnancien de Vaandrig Militair George Lodewijk Smith, ter plaatsvulling van den vertrokken Constapel Majoor van het fregat de Amphitrite Fredrik Oppel, het opzigt over de fortificatie werken nevens Amelong en Schutz zedert primo deezes aanvaard heeft Solliciteer ik nedrigst dat aan het smith even als aan de twee andere en Officiers een maandelijks douceur van Vijftien Rds, groot gunst lijk toege„ „legd moge worden § 154: De voorschrevene met het schip Huisduren aangewragte prs„„ „visien zijn volgens de mij toegezonden Notitie verdeeld, de minder gekregen dan in die Notitie Gemelde rijst is uit Comp:s pakhuis gesuppleert en tot den inkoop van Karwaat en brandhoud heb ik volgens goëërde order, uit Comp=s Kassa verstrekt Rd„s 664. —. alle blykens de daas van over„ „gaande Recipissen § 155. Bij die geleegenheid door de Overheden van het scheepje de in Hoop en de Orangeboom mitsgaders eenige mindere vaartuigen aan mij Verzoek gedaan zijnde om de restitutie van hun verschot tot den inkoop ot„ van brandhout voor agt verloopen maanden geduurende welke zij daar voor niets hadden genooten, heb ik van gerefuseert, dog egter aan hun beloofd as dit verzoek aan Uwe Wel-Edele Gestr: en Wel- Ed. s te zullen voordraagen a gelijk tans eerbiedig geschiedt. §156. Daas en tegen heb ik op het verzoek van Capiteijn I. Wilton, Eng en een door hem verleend Recief tot eene maand gagie voor vier en twin„ „zig op het schip Rotterdams Welvaaren bescheiden Chineesche Zeevaa„ n „rende uitgekeerd Rd„s 216. –. § 157. Insgelijks heb ik aan de op dien bodem zig bevindende Iavaanen„ af betaald Rd„s 82:24. — die volgens de mij toegezonden Notitie van den soldij- boekhouder Pungel aan hun afgegeven konden worden schoon Capiteijn koek dit geld aan mij niet verantwoord heeft, blijkens zijne Verklaaring de gemelde gequiteerd te rug gaande Notitie verzellende §158. Maas het verzoek des Europeesche zeevaarende op het zelfde schip om het genot van twee maanden bezolding heb ik ontzegd de uit O lla

NL-HaNA_1.04.02_3907_0469 view scan ↗

English

because, according to the honored letter from Your Right Honorable Severe and Right Honorable Sirs dated 26 July last, § 54, that vessel must return to Malacca at the end of this month or at the beginning of the next to load mast timber; wherefore I accordingly complied with Your Right Honorable Severe and Right Honorable Sirs' revered orders, as well as attending to the dispatch of the ships de Hoop and de Jonge Orangeboom, which are in very poor condition and, since large vessels can offer us little or no assistance in case of need, can well be spared here. § 159. After the departure of the frigate Hoorn, I ordered Ensign Smith to take up post on Mount Tanjong Pinang with the vacant second company of Sepoys, together with two European non-commissioned officers, a bombardier, two gunners, and four native gunners; and since no proper barracks can be built inside the fort on that mountain as long as it is not completely finished, I provided provisional quarters for the said men directly under its artillery already mounted; while furthermore since then, on the lower fort, one 12-pounder cannon on the sea side and one 6-pounder on the land side have been placed on the platforms prepared for that purpose, and a beginning has been made with clearing a square for building my dwelling upon, without actual prejudice to the rest of the work. § 160. Besides the provisions and further requirements successively petitioned on earlier dates, in so far as they have not yet been sent, I earnestly request a prompt fulfillment of the cash, etc., mentioned in the accompanying provisional requisition. § 161. May I be permitted on this occasion to insist upon a favorable decision regarding the favorable proposal made to Your Right Honorable Severe and Right Honorable Sirs, upon the petition submitted to me by the persons Abraham Leopold, Hendrik Van der Pol, Leord Braun, Mijndert van der Wereff, and Johan Budde—the latter in case it should not have pleased Your Right Honorable Severe and Right Honorable Sirs to grant my request of 9 October last, § 143—who arrived here as gunners on the ship Rotterdams Welvaren on 8 September last and have served as such since then, for obtaining their commissions as gunners and the corresponding wages, considering that with their current earning pay of f 9 and 8 they cannot make ends meet here, and all five are persons of good conduct. § 162. The private Sepoy of the vacant second company, Coutjipilla Cothaas, of whom Commander Amelong gives a good testimony, having provisionally performed the duties of corporal for some months in place of a deceased one, I pray that this person may most kindly be confirmed as such and granted the corresponding wages. § 163. With the bearer of this, the hooker de Eensgezindheid, there departs for that place the soldier Johan Christiaan Schrein, declared incurable by Surgeon Eggena; and for the soldier Johannes Gouske, whose contract has expired, I request his discharge, repeatedly asked of me. § 164. While I find myself obliged herewith to impart that on the 7th of this month Corporal Johan Wilhelm Brand with his full arms, the gunners Francois de Gruiter, Jan van Roijen, and Anthonij Schot, together with the Malay soldier Senban, have absented themselves from the garrison, without my having been able as yet to obtain any information about their hiding place or any grounded reason for their desertion other than drunkenness and recalcitrance. For the rest, I have the honor to be with due respect, (Was signed) Right Honorable Severe Sirs and Honorable Sirs / Lower down: Your Right Honorable Severe and Right Honorable Sirs' most humble and dutiful servant.

Dutch transcription

uit hoofde dat volgens uwer Wel-Edele gestr: en Wel- Ed„s geëerd anschrij„ deezen „vens in dato 26. Iuli laastleden § 54. die bodem in het laast van„ of in het begin der daar aan volgende maand, tot het laaden van mast„ houten naar Malacca moet retourneeren; waar over ik overzulks Uwer Wel-Ed„s Gestr: en Wel-Ed„s Gevenereerde Orders zoo wel te gemoet Liet als tot de depeche van de in een zeer slegten staat en dewijl groote vaartuigen des noods wij weinig of geene assistentie kunnen bieden hier wel te missen zijnde Scheepen de Hoopen de Ionge Orangeboom § 159. Na het vertrek van het fregat Hoorn heb ik den Vaan„ „drig Smith met de Vacante tweede Compagnie Sipais benevens twee Europeesche Onder Officiers, een Bombardies, twee Cannonniers, en Vies inlandsche Busschieters op den Berg Tanjong pinang laaten post vatten, en dewijl er zoo lang het fort op dien berg niet vol„ „komen klaas is binnen het zelve geen behoorlijke Cazerne kan ge„ bouwt worden heb ik digt onder dies reeds geplante Geschut een provisioneele Lijfberging aan de Gemelde manschappen bezorgd ter„ „wijl ook zedert nu het beneden fort aan de zee-zijde nog een Canon van 12, en aan de land-zijde een van 6 pond op de daar toe vervaardig te beddings geplaatst, en met maken van een plain tot het daar op bouwen van mijne woning een begin gemaakt is zoudes werkelijke prejudicie van het overige werk § 160: Behalven de provisien en verdere benoodigtheeden op vroegere datums Successivelijk gepetitioneerd, voor zoo verre ze nog niet afgezonden zijn, Verzoeke ik instantig om eene spoedige voldoening van de Contanten enz Gemeld by den nevensgaanden Provisioneelen Eisch § 161. Met zij mij Gepermitteerd bij deeze gelegenheid teffens te in„ „steeren om eene gunstige dispositie, opze, op de favorabele voordraging aan Uwer Wel Edele Gestr: en Wel -Ed„s aan mij gedaane suplicatie door de met het schip Rotterdams Welvaren op den 8. September laastleden Voor Canonniers hier aangekomen, en zedert als zodanig dienst doende perzoonen Van Abraham Leopold, Hendrik Van der Pol, Leord Braún, Mijndert van der Wereff, en Iohan Budde, de laatste indien het uwe Wel Edele Gestr: en Wel-Ed„s niet mogte behaagd hebben te bewilligen in mijn versoek bij borieg Van den 9. October §143 / ter erlanging van hunne Actens Canonniers en de daar toe staande Gagie, gemerkt zij met hunne tans nog winende bezolding van ƒ 9. en 8. hier niet kunnen rondschieten, en alle vijf perzoonen zijn van een goed Compostement. § 162. De gemeene Sipai van de vacante tweede Compagnie, Coutjipilla Cothaas van welke de Commandant Amelong een goed getuigenis geeft, in plaatze van een Overleden, zedert eenige maanden den dienst van Corporaal provisioneel waargenomen hebbende bidde ik dien perzoon als zoodanig groot„ gunstig te willen bevestigen en toe te leggen de daar toe staande gagie §163. Met brenger deezes den hoeker de Eensgezindheid vertrekt naar derwaarts den door den Chirurgijn Eggena als incurabel verklaarden soldaat Johan Christiaan Schrein, en voor den soldaat Iohannes Gouske wiens verband g, expireerd is verzoeke ik zijne itratief van mij gevaagde verlossing §164. Terwijl ik mij verpligt vinde bij deezen te bedeelen, dat op den 7. deezer zig uit het Garnizoen hebben geabsenteerd, de Corporaal Iohan Wilhelm Brand met zijne volle Wapenen, de Canonniers Francois de Gruites, Ian van Roijen, en Anthonij Schot, mitsgaders de Maleit„ „sche soldaat Senban, zonder dat ik als nog eenige informatie van hunne Wijkplaats of eenige gegronde reden dan dronkenschap en baloorig„ heid van hunne desertie het kunnen bekoomen Ik het voor het overige de eere met het verschuldigde ontzag te zijn (Onderstond) Wel: Edele Gestrenge Heeren en E. E. Heeren /Lager uwer Wel-Edele Gestrenge en Wel-Edelens onderdanigsten en trouwschuldig„ door „ster C 6 O

NL-HaNA_1.04.02_3907_0470 view scan ↗

English

most humble servant signed C. G. Baumgarten in the margin Riouw the 10th of November 1788. To the Right Honourable Sirs Pieter Gerardus de Bruijn Extraordinary Councillor of the Dutch Indies, also outgoing, and Abrahamus Couperus Incoming Governor and Director Of the city and Fortress of Malacca as well as The Council there, Honourable Sirs Section 165. On the 15th instant, I had the honour to receive by the bark de Waaker Your Right Honourable and Honourable s respected dispatch of the 29th of October prior. Section 166. In dutiful compliance with the authority granted to me therein by Your Right Honourable and Honourable s at Section 121, I dispatched the ships de Hoop and Jonge Orangeboom to Batavia on the 22nd instant, and let the ship Rotterdams Welvaaren return thither today. Right Honourable Sirs Section 167. For the ship de Hoop, at the request of Captain Hartig, for the repair of a heavy leak that was found, I have defrayed 122 Rds., and on a granted receipt issued to him ninety-five Rds. for the provision of half a month's wages to eleven Chinese and a full month for eight Javanese sailors, as well as debited his expense account for both. I therefore request permission to write off the said amount totalling 107.2 Rds. in the Riouw accounts, as well as the 25.6.4 florins defrayed for the ship Rotterdams Welvaaren for the repair of some defects on that vessel. Section 168. The eight Javanese who were placed on the first-mentioned vessel upon its departure from there to here having made a request to return to their families in Malacca, and Captain Hartig having declared to me that he could well dispense with them, I have, in humble expectation of Your Right Honourable and Honourable s favourable approval, transferred these sailors to the ship Rotterdams Welvaaren, as its crew had been reduced to 75 heads in total by the desertion of eight Chinese. 169. The Sub-Lieutenant at Sea Hendrik Houtman and Cornelis Dirkz Kuiper, as well as the former Gunner Johan Budda who, according to the accompanying certificate, was found qualified upon examination for the service of Third Master, express to Your Right Honourable and Honourable s their humble gratitude, the first for his discharge from the Company s service with cessation of wages, the second for obtaining the command of the pantjallang de Tonijn, and the third for his appointment as Third Surgeon. Section 170. At the request of the said Houtman, who on the 19th of this month made a proper conveyance of the pantjallang de Tonijn, as appears from the inventory accompanying a declaration among the annexes hereof, I have permitted him to depart for Batavia on the ship de Jonge Orangeboom at no expense to the Company. Section 171. The Overseer of the warehouses, Soeri Moeti, I have according to [illegible]

Dutch transcription

39 „sten Dienaar (was getekend) C. G. Baumgarten /in margine)/ Riouw den 10. November 1788. Aan de Wel-Edele Gestrenge Heeren Pieter Gerardus de Bruijn Raad Extra Ordinair van Nederlands Indie mitsgaders afgaande, en Abrahamus Couperus Aankomende Gouverneur en Directeur Der stad en Fortresse Malacca benevens 6 Den Raad aldaar, E. E. Heeren § 165. Ik het op den 15. Courant de eere gehadt met de bark de waaker te Ontvangen Uwer Wel-Edele Gestr: en Wel-Ed„s gerespecteerde missive van den 29. October bevoorens § 166. Ter Schuldpligtige voldoening aan uwer Wel-Edele gestr: en Wel- Ed„s mij daar bij § 121. gegeven qualificatie heb ik de schepen de Hoop en Ionge Orangeboom op den 22. Courant naar Batavia gedepecheerd, en laat het schip Rotterdams welvaaren op heden naar derwaarts wederkeeren Wel-Edele Gestrenge Heeren §167. Aan het Schip de Hoop heb ik op het verzoek van Capitein Hartig ter reparatie van een gevonden Zwaas lek bekostigd rd„s 122. —, en op een verleend Recief aan hem afgegeven rds. ijfen negentig tes verstrek„ „king van een halve maand gage aan elf Chineeschen en een heele Meaand Voor agt Iavasche Zeevaarenden mitsgaders zijne Onkostrekening voor het een en andere belast. Ik verzoeke over zulks het gemelde bedraagen tot Rd„s 107. 2. –. 't zamen bij de Riouwsche boekjes zoo wel te mogen afschrij„ „ven, als de ƒ25. 6. 4. bekostigd aan het schip Rotterdams Welvaaren ter herstelling van eenige defecten aan dien bodem §168. De agt Iavaanen die op den eerstgemelden bodem bij zijn vertrek van ginder dit heer geplaats zijn ben bij hunne familien naar Malacca te keeren verzoek gedaan, en Capiteijn Hartig aan mij verklaard hebbende hun wel te kunnen ontbeeren, heb ik deeze Zeevaarenden in nedrige ver„ „wagtig van Uwer Wel Edele Gestr: en Wel-Ed„s Gunstige goedkeuring, op het schip Rotterdams Welvaaren, dea overgaan, dewijl dies Equipage door de desertie van agt Chineeschen tot 75. koppen in 't geheel was vermindert 169. De Sous Luitenant ter Zee Hendrik Houtman en Cornelis dirkz Kuiper mitsgaders de Geweezen Canonnies Iohan Budda die blijkens het overgaande attest bij examen tot den dienst van Derde„ „meester bekwaam bevonden is; betuigen uwer Wel-Edele Gestr: en Wel= Ed„s hunne Ootmoedige dankbaarheid, de eerste voor zijn ontslag uit Comp„s dienst met Stilstand van gage, de tweede voor het verkregen ge„ „zag op de pantjallang de Tonijn, en de derde voor zijne aanstelling tot Derden Chirurgijn §170. op het verzoek van den gemelden Houtman; die op den 19 hujus een behoorlijk transport van de pantjallang de Tonijn gedaan heeft, blijkens den nevens eene verklaaring onder de bijlaagen deezes overgaanden Inventaris, heb ik aan hem gepermitteerd met het schip de Ionge Orangeboom buiten laste van de Compagnie naar Batavia te vertrekken § 171. Den Opzigter der pakhuizen Soeri Moeti heb ik volgens 167 geëerde En ƒ C J ƒ„

NL-HaNA_1.04.02_3907_0471 view scan ↗

English

honorable qualification discharged from the Company's service, and he is now departing for that destination, while I express my obligated gratitude to Your Right Honorable Severe and Right Honorables for the sending with the bark De Waaker of the Assistant Schadde, both as an overseer of the warehouse and to help attend to the writing work. Section 172. Likewise, I express my humble gratitude for the most generous condescension regarding my humble requests for the writing off of f 20. 16. 12., spent on the bark De Standvastigheid and the pantjallang De Tonijn, and for the building up of the barracks, guardhouses, and the hospital, with plank partitions instead of with reed mats, as well as for the sending with the bark De Waaker of the required medicines and further supplies, which have been properly accounted for here. Section 173. What was sent with the same bark for the ships De Hoop and De Jonge Orangeboom has been delivered to those hulls, but of that which was destined for the hooker De Eensgezindheid, which departed for Malacca under date of the 11th instant, I have, upon the request made for that purpose, had what was supplied from the Company's trade warehouse transferred to the Master of the bark De Standvastigheid, Jan Pieter Heer, for his further accounting, and I am sending all the remainder back with the ship Rotterdams Welvaaren, as appears from the receipt and bill of lading accompanying this. Section 174. The Master of the bark De Waaker, Iohan Christiaan Meijer, upon his arrival here ashore on the 15th instant, reported to me that on the 13th prior, in the Governor's Strait, the French corvette L'Aurora had come to him, and its commander had requested to bring his vessel into the first available harbor due to distress at sea; and that he, the Master, accordingly not only escorted the said vessel as far as here in the roadstead, but also, to keep it from sinking, placed four native mariners upon it. The said commander, M. Bernaron, Captain of the Navy in the service of His Catholic Majesty, having come ashore to me the following day, I had to grant his urgent request to enter into the mouth of the river with the corvette for caulking and repairing both the vessel itself and its sails, which were mostly all torn, and have this vessel supplied with drinking water; but I not only forbade its crew all trade and conversation with the inhabitants, but, in order to prevent such, also stationed the bark De Waaker and the pantjallang De Tonijn on watch by it, as appears from the ordinance for the Masters of these two hulls, a copy of which I respectfully present herewith to Your Right Honorable Severe and Right Honorables; as well as having granted to the frequently mentioned Bernezon the requested escort by the ship Rotterdams Welvaaren, which is departing for Malacca. And I pray Your Right Honorable Severe and Right Honorables for a favorable approval of my conduct in this matter. Section 175. While preparing my respectful letter dated 9 October last, not only having had a request made to me by Captain Hoea to examine three Javanese Chinese whom he would provide to me, and who had full knowledge of the case of Ong Bonghoea, but having also been given hope by others of obtaining one or two Javanese who had been assigned to the vessel of Ong Bonghoea at the time of his misfortune, I flattered myself that I would be able to clarify this matter completely or convincingly; but having failed in the latter, and Captain Hoea having sent me for examination, instead of three Javanese Chinese, three common Riau Cantonese who, as it clearly appeared to me when I questioned each separately, had learned their lesson but forgotten it again, and consequently declared nothing else than that Ong Bonghoea had only himself to blame for his misfortune, and had not wanted to listen to the good advice of Captain Hoea, who had nevertheless shown him all possible help, both in ransoming his vessel and in other respects; that Captain Hoea had received nothing whatsoever from Ong Bonghoea or from his vessel, and that Hoea had had the clerk of Ong Bonghoea arrested on account of the debts he had incurred here before his last departure; I find myself unable to supply Your Right Honorable Severe and Right Honorables with any further or impartial report regarding this matter. Section 176.

Dutch transcription

44 geëerde qualificatie uit Comp„s dienst ontslagen, en hij vertrekt tans naar der„ „waarts, terwijl ik uwe Wel-Edele Gestr: en Wel-Ed„s mijne verpligte dankbaas„ „heid betuige voor de daed met de bark de waaker van den Adsistent schadde, zoo tot opzigter over het pakhuis, als om het schrijfwerk te helpen waarnemen § 172. Insgelijks betuig ik mijne Ootmoedige dankbaarheid voor de Grootgen„ „stige Condescendatie in mijne nedrige verzoeken, ter afschrijving van ƒ20. 16. 12., be„ „kostigd aan de Bark de Standvastigheid en de Pantjallang de Tonijn, en ter op„ „timmering der Casernen, wagten, en het Hospitaal, niet beschotten van planken, in Steede van met Kaaimatten, mitsgaders voor de toezending met de bark de waaker van de geeischte medicamenten en verdere behoeftens, die hier behoorlijk verant„ „woord zijn § 173. Het gezonden met dezelfde bark voor de scheepen de Hoop en de Jonge Orangeboom is aan die kielen afgeleverd, dog van het geene geschikt was voor den Sub: dato 11. Courant naar malacca vertrokken hoeker de Eensgezindheid, heb ik het verstrekte uit Comp„s Negotie-Pakhuis op het daar toe gedaan verzoek laaten overgeven aan den Gezaghebber van de bark de Standvastigheid Jan Pieter Heer ter zijner nadere verantwoording, en zende al het overige met het schip Rotterdams welvaaren te rug, blijkens het deesend verzellend Recipis en Cognoscement § 174. de Gezaghebber van de bark de Waaker Iohan Christiaan Meijer heeft bij zijne komste hier aan land op den 15. deezer aan mij rapport gedaan, dat op den 13. bevoorens in straat Gouverneur bij hem gekomen was de Fransche Corvet l'aurora en derzelver Commandant verzoek gedaan hadt om zijn vaar„ „tuig wegens Zeenood in de eerste de beste haven te willen brengen, en dat hij gezaghebber overzulks het zelve vaartuig niet alleen tot hier op de reede geescorteerd, maar ook, om het zelve voor zinken te bewaaren, daar op geplaatst 'hadt vier inlandsche zeevaarende, De Gemelde Commandant M. Bernaron Capiteijn der Marine in den dienst van zijne Catholique Majesteit, 's daags daar aan bij mij aan land gekomen zijnde heb ik in zijn dringend verzoek om met de Corvet tot in de trond der rivies te komen, ter Kalfatering en repareering zoo van dezelve, als van haare zeilen die meest alle gescheurd waaren, moeten bewilligen en dit vaartuig van drinkwater laaten voorzien; dog dies Equipagat: allen handel en Conversatie met de ingezetenen niet alleen verboden, maar, om zulks te beletten, ook de bark de waakes en de pantjallang de Tonijn op brandwagt bij het zelve gelegd, blijkens de Ordonnancie voor de Gezagheb„ „bers, dies beide kielen, waar van ik van uwer Wel-Edele Gestr: en Wel Ed„s hier ne„ „vens een Copie eerbiedig presenteere, mitsgaders aan meergemelden Bernezon nog geaccordeert de verzogte escorte door het naar Malacca vertrekkende schip Rotterdams Welvaaren, En bidde uwe Wel- Edele Gestr: en wel-Ed„s om een goedgunstige goedkeuring van mijne handelwijze in deeze zaak § 175. Bij het ingereedheid brengen van wijnen eerbiedigen in dato, 9. October laastleden, niet alleen Capiteijn Hoea aan mij verzoek gedaan hebbende om drie Iavasche Chineeschen te willen verhooren welke hij mij be„ „zorgen zoude, en die van het geval van Ong Bonghoea volkomen kennis„ „se hadden, maar door anderen mij ook hoope gegeven zijnde tot het bekomen van een â twee Iavaaren, die op het vaartuig van Ong Bonghoea ten tijde van zijn ongeluk waaren bescheiden geweest, flatteerde ik mij dee„ „ze zaak volkomen of overtuigend te zullen kunnen ophelderen, maar het laatste mij niet hebbende mogen gelukken en Capiteijn Hoea in plaatze Riouwsche van drie Iavasche Chineeschen mij drie Gemeene „ Cantongors ter Verhoor gezonden hebbende, welke, gelijk het mij toen ik ieder afzonderlijk ondervraag„ „de duidelijk toescheen, hunne Les, geleerd dog weder vergeten hadden, en overzulks niet anders declareerden dan, dat Ong Bonghoea zijn ongeluk„ zig zelfs hadt te wijten, en niet had willen luisteren naar den goeden raad van Capitein Iloea, die hem egter alle mogelijke hulpe hadt beweezen, zoo in het weder rantzoeneeren van zijn vaartuig als in andere opzigten; dat Capiteijn Hoea niets hoe genaamt van Ohg Bonghoea of uit zijn vaartuig genooten hadt, en dat Mloea den Schrijver van Ong Bonghoea had laaten arresteeren wegens „dm Schulden die hij voor zijn laatste vertrek hier hadt gemaakt bevinde ik mij buiten staat eenig nader of onpartijdiges Berigt dienaangaande uwe Wel Edele Gestr: en Wel-Ed„s te kunnen suppediteeren bewilligen § 176. -

NL-HaNA_1.04.02_3907_0472 view scan ↗

English

To the Right Honorable and Stern Sir Abrahamus Couperus Governor and Director of the City and Fortress of Malacca together with The Council there § 176. Besides the soerie moetie mentioned in § 171, and the corporal and private Sepoy of the second Company, Litjemanna Suiga and Patima Singa, blood relatives of the deceased Captain Lieutenant Boegna Singa, who cannot recover from their ailments here, I take the liberty, while praying for a favorable pardon, at his urgent request to send to Malacca on the ship Rotterdams Welvaaren Sergeant Pierre Casotte, who, having arrived here from Malacca last July with the highest degree of venereal disease, has done no duty whatsoever since the beginning of the month of August, and is still in such a condition that he will probably never be able to perform any service at a place such as this, where even the simplest wounds heal only with the greatest difficulty and after a long time, and where there is as yet no proper hospital for the accommodation of such miserable sufferers as he is. § 177. But since there are now no more than three European sergeants and three corporals here, and the garrison of both forts nevertheless requires four of the former and at least six of the latter, may I be most graciously permitted favorably to propose to Your Right Honorable Sternness and Worships for gracious promotion: to Sergeant, Corporal Fredrik Roman; and to Corporals, the soldiers Christiaan Friedenreich Schmidt, Johan Henrich Malchau, and Hendrik Bosch; as well as to Corporal in the place under the second Company of Sepoys of Lietjemama Singa mentioned in § 176, the private Sepoy Pies Machmat Naternegges; and to request the sending of one European corporal who will then still be lacking. § 178. Furthermore, I find myself obliged to submit to Your Right Honorable Sternness and Worships the petitions of the seafarers mentioned in the three accompanying muster rolls, stationed on the bark de Standvastigheid and the pantjallangs Banca and de Tonijn, for the receipt of their monthly wages falling due at the end of December next. § 179. While in conclusion of this to Your Right Honorable Sternness and Worships humbly offering the requisition of necessary provisions for the garrison of Riau in the first six months of the year 1789, or from the first of January to the end of June next, together with a catalog of medicines for the bark de Standvastigheid; and for the rest I have the honor to be with all deference and high esteem, (Lower stood) Right Honorable Stern Sir and Honorable Gentlemen /Lower/ Your Right Honorable Sternness and Worships' most humble and dutiful servant /was signed/ C. G. Baumgaerten /in the margin/ Riau, the 29th of November 1788. Right Honorable Stern Sir and Honorable Gentlemen § 180. The pantjallang de Philippina arrived here on the 16th instant with Your Right Honorable Sternness and Worships' respected missive of the 9th preceding, and I express to Your Right Honorable Sternness and Worships my dutiful gratitude, both for the sending therewith of a carpenter, a mason, a European corporal, two private soldiers, and three assistants to the artillery, together with the cash and further necessities specified in the bill of lading, as well as for the shipment in the vessel of the Chinese Lie Tetjon of four leagers of arrack dispatched from here.

Dutch transcription

§ 176. Behalven den §171. gewaagden soerie moetie, en den Corporaal en gemeenen Sipai van de tweede Compagnie, Litjemanna Suiga en Patima Singa, bloedverwanten van den Overleden Capiteijn Luutenant Boegna Singa, welke van hunne myneringen hier niet kunnen herstellen, neeme ik wij onder afbede eenes gunstige verschooring de Vrijheid op zijn instantig verzoek met het schip Rotterdams Welvaaren naar Malacca te zenden den Sergeant Pierre Casotte, die in de maand Iuli laastleden in de hoogste graade Venerik Van Malacca hier Gekomen zijnde zedert het begin der maand Augs„ geen dienst hoegenaamt heeft gedaan en nog in zulk een gesteldheid is dat hij waar„ schijnelijk nooit geen dienst zal kunnen doen op eene plaatze als deeze daar zelfs de eenvoudigste wonden niet dan met de grootste moeite en na veel tijds verloop willen geneezen en men nog geen behoorlyk hospitaal heeft „ zoodanige ter plaatzing van „ saker Lijders als hij is. §177. Maas dewijl er nu niet mees dan drie Europesche Sergeanten en drie Corpotaals hier zijn, en de bezetting van beide de forten egter vies van de eersten en weinigstens zos van de zes van de laatsten vordert, zij het mij Grootgunstig gepermitteerd Uwer Wel- Edele Gestr: en Wel -Ed„l ter gratieuse bevordering favorabel voor te draagen, tot Sergeant den Corporaal Fredrik Roman, en tot Corporaals de soldaaten Christiaan Friedenreich Schmidt, Johan Henrich Malchau en Hendrik Bosch, mitsgaders tot Corporaal plaatzel Onder de tweede Compagnie, Sipais„ van den § 176 gemelden Lietjemama Singa den Gemeenen Sipai Pies Machmat Naternegges, en te Solliciteeren om de toezending van een dan nog ontbreekenden Europesche Corporaal § 178, Nog vinde ik wij verpligt aan Uwe Wel-Edele Gestr: en Wel- Eds„ voor te dragen de Supplicatien des bij drie overgaande Naamlijsten gemelde zeevaarende, bescheiden op de bark de Standvastigheid, en de pantjallangs Banca en de Tonijn, om het Genot hunner met ultimo December aanstaande te Goed krijgende maandgelden § 179. Terwijl ik ten besluite deezes Uwer, Wel- Edele Gestr: en Wel-Ed„s Wel Edele Gestrenge Heer en E: E. Heeren §180. De pantjallang de Philippina is op den 16. Courant hier g. arriveerd met Uwer Wel-Edele Gestr: en Wel Ed„s geëerbiedigde missive van den 9 bevoorens, en ik betuige Uwer Wel-Edele Gestr: en Wel-Ed„s mijne Schuldpligtige dankbaarheid, zoo voor de toezending daar mede van een Timmerman een Metzelaar een Europeesch Corporaal twee gemeene het Soldaaten, en drie handlangers bij de Artillerije, mitsgaders de Cognossement gespecificeerde Contanten en verdere behoeftens, gelijk ook voor den afscheep in het Vaartug van den Chinees Lie Tetjon van Vies hie utgelerde eger Aan den Wel Edelen Gestrengen Heer Abrahamus Couperus Gouverneur en Directeur des Stad en Fortresse Malacca benevens Den Raad aldaar nedrig aanbiedende den Eisch van benoodigde Provisien voor de Riousche Bezetting in de eerste zes maanden des Iaars 1789. of van primo Januari tot Ultimo Iuni eerstkomende, benevens een Catalogus van Medicamenten voor de bark de Standvastigheid; en voor het overige de eere heb met alle ontzag en hoogagting te zijn, (Onderstond) Wel- Edele gestrenge Heeren en E. E. Heeren /Lager / uwer Wel-Edele gestrenge en Wel-Edelens Onderdanigsten en troudschuldigsten Dienaar /was getekend/ C. G. Baumgaerten /in margine) Riouw den 29 Nov=r 1788. arrak nedrig 13

NL-HaNA_1.04.02_3907_0473 view scan ↗

English

Arrack, as well as for the monthly allowance to the Ensign Smitte of Rds 15. The appointment as Gunners at ƒ 14. –. per month of the persons who have served as such, namely Abraham Leopold, Hendrik van der Pol, Leonard Braun, and Mijndert van der Werff, and the confirmation as Corporal of the common Sipai Contje pilla Cothar. § 181. On the other hand, the carpenter Frans van Hert and the soldier discharged from here, Iohannes Gauske, are now departing with the bark de Waaker for that destination. § 182. Having more heavy artillery here than is required for the armament of both forts, or that I can usefully employ, I have, in addition to some empty cooperage and the repairable and unserviceable goods noted on the bill of lading, shipped on the aforementioned bark eight 4-pounder iron cannon with their carriages, ammunition, and further accessories, to be kept on that vessel for its reinforcement or unloaded over there, according to the pleasure of Your Highly Esteemed and Esteemed Honours, humbly trusting that this favorable measure may carry the approval of Your Highly Esteemed and Esteemed Honours. § 183. Your Highly Esteemed and Esteemed Honours' very revered orders in the aforementioned letter § 125, 135, and 136, concerning defense matters and everything related thereto, I shall, in accordance with my duty, always take as my guide and observe most strictly. § 184. The dams or blockades laid in the Strait of Riouw were, at the latest inspection on the first of this month, and those of Soengie Iang, which are inspected daily and immediately repaired of any damage sustained, still in a proper condition yesterday. § 185. As much progress is being made toward the complete finishing of the lower fort and the deepening and widening of its moat as the heavy downpours that have fallen daily for a month, and particularly in the last 16 days, will permit. § 186. But to my great regret, I cannot submit such a tolerable report to Your Highly Esteemed and Esteemed Honours regarding the fort on Mount Tanjong Pinang. For while we, with about 150 Chinese and the garrison posted by me on that mountain, are as busy as can be in the present foul season constructing or excavating the front flank and two half-bastions No 1 and No 4, together with the moat that must run along them, in addition to the manifold remaining work left for us on this fort, the only completely finished bastion, No 2, with its parapets, collapsed downward into the moat due to the heavy rain, so that late in the evening I barely had enough time to have the artillery removed from it. Likewise, the entire flank and the half-finished bastion No 1, together with a large part of the flank running next to bastion No 3, or nearly everything constructed up to the beginning of the month of August last, have suffered very severe damage through cave-ins and collapses of the outer ramparts into the moat right up to the base of the palisades of the parapets. Consequently, these will have to be renewed in a sufficient manner by building the ramparts wider and more sloping, and by using more suitable soil than before. Toward this end I shall make every effort and proceed with as much haste as my limited abilities permit and is indeed possible. § 187. The Rds 82:24:— mentioned in Your Highly Esteemed and Esteemed Honours' missive of 9 August § 127 have been accounted for to me by the Master of the bark de Waaker. § 188. The bark de Standvastigheid having become very leaky, I have, for the purpose of caulking above and between wind and water as far as one can reach, three

Dutch transcription

Arrak, als voor de Maandelijksche toelags aan den Vaandrig Smitte van Rds 15. de aanstelling dot Canonniers met ƒ 14. –. ter maand van de als zodanig dienst gedaan hebbende perzoonen van Abraham Leopold, Hendrik van des Pol„ Leonard Braun, en Mijndert van des Werff, en bevestiging als Corporaal van den gemeenen Sipai Contje pilla Cothar § 187. Daar en tegen verzrekt tans met de bark de Waaker naar derularts de Timmerman Frans van Hert en van hier verlosten Soldaat Iohannes Gauske § 182. Meerder zwaar geschut hier hebbende dan tot de montuure van beide de forten vereischt wordt, of ik met nu't emploijeeren kan, heb ik behal„ „ven eenig ledig vaatwerk en bij het Cognoscement genoteerde reparabele van 4. 4b en onbekwaame goederen in de gemelde bark afgescheept agt p„r ijzere Canons„ met derzelver rampaarden Scherp en verder toebehooren, om volgens het belie„ „ven van Uwe Wel-Edele Gestr: en Wel-Ed„s op dien bodem ter zijnes versterking gelaaten dan wel gindes daar uitgeligt te worden, nederig vertrouwende dat „geijnstige zulks Uwer wel Edele Gestr: en Wel Ed„s goedkeuring moge wegdraagen § 183. Uwer Wel-Edele Gestr: en Wel-Ed„s zeer gevenereerde Ordres in den voorschreeven brief § 125, 135, en 136: Concerneerende het defensie weezen, en het gene daar toe relatie heeft, zal ik volgens gehoudenisse mij altoos laaten strekken ter rigtsnoer en Stipste observatie § 184. De in troesan Riouw gelegde dammen of afsluitingen waaren bij den Jongsten opneem waan met primo deezes, en die van Soengie Iang die dage„ „lijks gevisiteerd en direct van het verkregen gebrek hersteld worden, op giste„ „ren nog in een behoorlijken Staat. § 185. Aan het gantschelijk voltooijen van het beneden fort en het utdel„ „en en verbreeten van dies gragt wordt zoo veele voortgang gemaakt als da ze„ „dert eene maand, en bijzonder in de Laatste 16: dagen dagelijks gevallen zwaare Stort regens toelaaten § 186. Maar dot mijn groote Leetweezen kan ik zulks een parsorabel Rapport aan Uwe Wel-Edele Gestr: en Wel- Ed„s niet suppediteeren ten aar„ „zien van het fost op den berg TanJong Pinang want onderwijlen dat wij aner in of mees 150: Chineeschen en „ dooor mij op dien berg Geposteerde Bezettelingen zoo veel in het tegenswoordige Onguus Saizoen kan geschieden bezig zijn de voorste flaud en twee halve bastions N=o 1: en N=o 4: mitsgaders de gragt die daar langs moet loopen benevens het veelvuldige voor ons overgelatene verdere werk aan dit fort, te vervaardigen oferte graaven, als door de zwaare regen het eenigste gantsch Voltooij de Bastions N=o 2: met dies parapets naar beneden Jn de gragt Getstort, zoo dat ik naauwelijks tijds genoeg hadt op den laaten avond het Geschut: daar van af te laaten neemen; Gelyk ook de geheele flanc en het half vervaardigde bastion N=o 1: mitsgaders een Groot Gedeelte des flanc die naas tde bastion N=o 3: loopt, of bij na al het gene tot in het begin des maand Augustus laastleden geextrueerd is, zeer zwaare schadene ge„ „leden hebben: door inkalvingen en nederstortingen in de gragt van de buiten Wallen tot aan den voet des paalen van de parapets toe en over zulks door het breetes en Schuinsches aanleggen des wallen, mitsgaders het gebruk van daar toe geschikter aarde dan bevoorens, op een Suffisantes wij „ze vernieuwt moeten worden waar toe ik alles in het werk stellen, en daar meede zoo veel spoed maaken zal als mijne geringe vermogens Permitteeren en immers mogelijk is. §187. De bij uwer Wel- Edele Gestr: en Wel- Ed„s Missive van den 9. Aujus §127: Gemelde Rd„s 82:24:—. zijn door den Gezaghebber van de bark de waakes aan mij verantwoord. § 188. De bark de standvastigheid zeer lek geworden zijnde heb ik tot het kalfaten boven tusen winden water zoo verre men es bij kan komen 1 G E „dert drie

NL-HaNA_1.04.02_3907_0474 view scan ↗

English

12 three Chinese carpenters placed on it from the bark De Waaker, to have delivered to that vessel 1½ barrel of pitch, and ¼ barrel of harpuis needed for the aforementioned work. § 189: Notwithstanding all the effort expended and the offer of a reward of 50 Spanish reals, or 10 Spanish reals for each person, I have nevertheless not succeeded in apprehending any of the five deserters mentioned in my respectful letter of 10 November last, § 164, nor in obtaining any other report of their fortunes, other than that they were seen during the night after their absence in a vessel outside the river, and likely rowed past Strait Governor to meet one or another passing English ship. While it remains a mystery to me, no matter how firmly I have investigated, what actually moves the men to desertion, I shall continue further not only to treat them fairly myself and, according to my duty, to grant them justice whenever they come to complain about anything, but also, as has frequently been done, to recommend most earnestly to the officers to ensure that they are given no well-founded reasons for discontent and aversion to the service here. § 190. The native Christian Marcus de Rozairo, who has been here since the month of September 1787 and is unable due to infirmity to continue serving here as a bush-shooter, I have, subject to the favorable approval of Your Right Honorable and Worships, transferred to the bark De Waaker, and in his place taken from that vessel the native Christian Louis Ferdinandus. For the rest, I have the honor to be with due respect, /beneath stood/ Right Honorable Sir and Honorable Sirs, /lower/ Your Right Honorable and Worships' § 191. The pantjallang Plitoe having arrived here yesterday, or the 30th current, with Your Right Honorable and Worships' highly respected missive of the 18th previously, and I, being informed of the shortage there of capable vessels, take the liberty, humbly praying for your great and favorable approval, to dispatch the pantjallang Banca, which can presently be spared here, to Malacca without delay, and to have this serve solely for the escort of that vessel. § 192. Likewise, for dutiful communication, that the publicly auctioned Riouw domains for the year 1789 have together yielded monthly 1213 reals of 60 stivers or Rds 1516: 12: —, namely: The anchorage money of the vessels - - - - - Rds 12: 24: — The poll tax of the Chinese - - - - - - - - - - Rds 131: 12: — The top-lanes - - - - - - - - - - - - - - - - - Rds 147: 24: — The sirih - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - Rds 112: 24: — The madat - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - Rds 312: 24: — The boom or import and export duties - - - - - Rds 800: —: — Sum per month Rds 1516: 12: — or yearly Rds 18195: —: — And that I have leased the recognition for the supply of wood to the Chinese junks for the same year, subject to Your Right Honorable and Worships' most favorable approval, to the Captain of the Amoyans, Tieng Bienko; also, although there are not yet any Rappats here, the only persons who fell heavy timber and can bring it in at a moderate price in the spring, and it moreover remains doubtful whether an Amoyan junk will appear to collect wood, I have nevertheless stipulated for it a sum of 200 reals of 60 stivers or 250 Rds of 48 heavy stivers. Right Honorable Sir Honorable Sirs To the Right Honorable Abrahamus Couperus Governor and Director of the City and Fortress of Malacca together with The Council there Most humble and dutiful servant (was signed) C. P. Baumgarter /in margin/ Riouw, 20 December Anno 1788. § 193: The aforementioned dispatch of the pantjallang Banca on this day preventing the payment to its crew, according to esteemed qualification, of their wages due at the end of this year, I find myself obliged to return the amount of Rds 212: 36: — into the hands of the Master Roelof Belders. § 194. Having no further matters that require haste to communicate, I pray that I may postpone the remainder, together with my humble reply to Your Right Honorable and Worships' missive mentioned in § 191, until the return after the arrival of the hooker Katwyk aan Zee or of the bark De Standvastigheid, and, under humble supplication of Jehovah's most precious blessings upon Your Right Honorable and Worships' persons, your high government, respected families, and both private and Company interests, I consider it a great honor to be with all due respect, (beneath stood) Right Honorable Sir and Honorable Sirs, /lower/ Your Right Honorable and Worships' most humble and dutiful servant, /was signed/ C. P. Baumgarten /in margin/ Riouw, 31 December 1788. Collated I. van Laar Sworn Clerk

Dutch transcription

12 drie chineesche Timmerlieden daar op gezet van de bak de waakes op dien bodem to laaten afgeven 1½: vat pib, en ¼ „ Harpuis tot het gemelde werk benoodigt. §189: Ongeagt alle aangewende moete en Uitlooking zelfs eenen Premie van 50. –. sp„s realen of voor ieder persoon 10 sp„s heeft het mij egter niet mogen gelukken een der bij mijnen eerbiedigen brief van den 10. November laastleden § 164: Gemelde vijf Deserteurs te agterhaalen, nog eenig ander berigt van hun wedervaaren te krijgen dat dat zij 's nagts na hunne absen„ „tie in een vaartuig buiten het revies waren gezien, en denkelijk naa staand Gouverneurs geroeijt ter Ontmoeting van het een of andere passeerende Engelsche Schip. Terwijl het voor mij wat ik ook werk stellig heb gemaakt egter een raadzel blijft, wat het volk eigentelijk tot de Desertie moveert„ en verder voortvaaren zal hun niet alleen zelfs billijk te behandelen en volgens mijnen pligt wanneer ze over iets komen klagen regt te bezongen, maar ook gelijk meermaals geschiedt is, de Officieren op het ernstigste aan te beveelen om te berzorgen, dat hun geene gegronde redenen ter misnoegen en tegenzin in den dienst hier gegeven worden § 190. De inlandsch Christen Marcus de Rozairo, die zedert de maand September 1787, hier is wegens caduciteit buiten Plaat zijnde Langes als Bosch schieter hier dienst te doen, heb ik hem op gunstige Approbatie van Uwe Wel Edele Gestr: en Wel-Ed„s op de bark de waaker laaten overgaan en in zijne plaatze van dien bodem geligt den inlanden Christen Louis Ferdinandus Ik heb voor het ederige de eere van met met het verschuldigde Ontzag te zijn /Onderstond/ Wel-Edele gestren„ „ge Heer en E, E, Heeren / Lager/ uwer Wel- Edele gestrenge en Wel Edelens § 191. De pantjallang Plitoe op Gisteren, of den 30. ourant met uwes Wel-Edele Gestr: en Wel Ed:s Zees G'erbiedigde missive van den 18 bevoorens hier gearriveerd en ik Onderrigt zynde van het gebrek ginder aan bekwame vaartuigen, neme ik mij onder nederige afbede eener groot„ „ Gunstige approbatie de vrijheid de pantjallang Banca, die tans hier ge„ „mist kan worden zonder uitstel naar Malacca te depecheeren, en deezen eenelijk te laaten dienen ten Geleide van dien bodem. § 192. Gelijk meede ter schuldpligtige Communicatie dat de pupliek opgeveilde Riousche Domeinen voor het Iaar 1789. door elkanderen maan„ Wel Edele Gestrenge Heer E. E. Heeren Aan den Wel- Edelen Gestrengen n. Abrahamus Couperus Gouverneur en Directeur des Stad en Fortrasse Malacca benevens v Den Raad aldaar Onderdanigsten en trouwschuldigsden Dienaar (was getekend) C. P. Baun„ „gorter /in margine) Riouw den 20. December A=o 1788. — Onder „delyks en E 49 „delijks 1213. —. Reaalen van 60. –. stuikers of Rds 56: 12: — gecondeert heb„ „ben, naamelijk Het Ankerasie geld der Vaartuigen - - - - - Rd„s 12: 24. —. „ Hoofdgeld der Chineeschen - - - - - - „ 131: 12. De Topbaanen „147: 24. —. „ Boom of in - en uitgaande Regten - - - . - -. „800: — Somma s. maands rd„s 1516: 12. —. of Iaars Rds- 18195:—:— En dat ik de recognitie voor de Leverantie van hout aan de Chinasche Jon„ „ken voor het zelfde Iaar, op uwer Wel-Edele Gestr: en Wel, Ed„s groot Gunstige goedkeuring, bij admodiatie heb afgestaan aan den Capitein der Himuijers Tieng Bienko; mitsgaders, hoewel er nog geene Rappats de eenigste per„ „soonen die zwaare houten kappen, en tegen een maatigen prijs in het voor„ „Jaar aanbrengen kunnen, hier zijn, en het ook daar en boven nog twij„ „felagtig is of er een Aijmuische Ionk tot den afhaal van hout zal gedaagen, getas egter daar voor bedongen eene Somme van 200. –. reaalen van 60. —. of 250. —. Rd„s van 48. Zwaare Stuivers. § 193: De Voorschreven depeche van de Pantjallang Banca op heden, belettende om volgens Geëerde qualificatie, aan derzelver Equipa„ „ge hunne bij het einde van dit Jaas te goed krijgende gage te ver„ „strekken vindt ik mij verpligt dies bedraagen tot Rd„s 212: 36:—. in handen van den Gezaghebber Roelof Belders te rug te zenden §194. Geene zaaken die Spoed vereisschen verder te bedeele hebbende bidde ik het overige benevens mijne nederige rescriptie op Reiver Wel- Edele Gestr: en Wel- Ed„s §191. Gemelde missive de mogen sup„ - - - - - - „112: 24. —. „ Sirrak. . . - - - - - - - - - - - - . . „ 312: 24: „ Madat - - - - - - „eeren tot het rekour na de komste van den hoekes Katwyk aan Zee van de bark de Standvastigheid, en agtte, onder nederige afsmeeking Van Iehovas dierbaarste zegeningen Over Uwe Wel-Edele Gestr: en Wel -Ed„s Persoonen Hoog derzelver Regeering, Geëërbiedigde Familieu„ en, zo bijzondere als Comp„s belangens het mij tot groote eere met al het Verschuldigde ontzag te zijn, (Onderstond) Wel Edele Gestrenge Heer en E. E. Heeren /Lager/ Uwer Wel- Edele Gestrenge en Wel Edelens, Onderdanig„ „sten en trouwschuldigsten Dienaar /was Getekend, C. P. Baungarten /in margine) Riouw. den 31. December 1788. „seeren cordenr - 1 Van Jaak G: Klerk

NL-HaNA_1.04.02_3907_0477 view scan ↗

English

To the Right Honorable Sir Abrahamus Couperus Governor and Director of the city and Fortress of Malacca together with The Council there, Right Honorable Sir and Honorable Gentlemen Section 1. Having no reason in this current and the upcoming month of February to fear a hostile landing, I am letting the bark the Standvastigheid depart for there, even though the hooker Katwijk aan Zee has not yet appeared, carrying this my humble reply to your Right Honorable and Honorable respected letter of December 18 last, which I took the humble liberty to postpone until this opportunity upon the dispatch of the pantjallang Banca on the 31st of that month. Section 2. The commanders of the pantjallangs the Philippine and Bliton, which arrived here on the 16th and 30th of that same month as evidenced by my respectful reports dated the 20th and 31st of the same mentioned December, sections 180 and 191, having properly accounted for the provisions shipped there in those vessels, and I express my humble gratitude for sending the same. Section 3. Likewise, I express my sincere obligation for the reinforcement of the garrison with the Ensigns Diedenhoven and Schutze, the completion with three European soldiers, and the promotion to sergeants and corporals of the persons most humbly nominated by us for that purpose on November 29 last, section 177. Section 4. The monthly wages that the crew on the bark the Standvastigheid and the pantjallang Tonijn had to their credit up to the end of last December have been properly paid out, as shown by the returning receipt roll. Section 5. I have also been obliged, for the purchase of some clothing for their bodies, to provide one month's pay or 75 Rds. to the fifteen Chinese sailors stationed on the cutter Java, against the receipt which I likewise have the honor to present herewith to your Right Honorable and Honorable; and I therefore request that these 75 Rds. may be written off in the Riouw books. Section 6. Likewise 37 guilders, 19 stuivers, 6 penningen paid from the treasury for the repair of the carrier of this, the bark the Standvastigheid. Section 7. It having been declared to me by the surgeon Eggena that the soldiers Joseph Francois and Goose van Schaaijk, who have been lying in the hospital for 6 to 7 months—the first on account of a cancerous condition worsening from time to time, and the second on account of malignant ulcers which, no sooner did they begin to heal in one place, broke out all the more violently on other parts of the body—could not be cured here, I find myself obliged to send up these two unfortunate persons now in the hope that they might possibly be restored from their misery there, and I most respectfully pray that their places may be filled with two other brave soldiers. Section 8. As the supply of opium is about to be entirely consumed with the approaching Chinese New Year and the arrival of the junks, I request that you accommodate me at the first opportunity with 5 to 6 chests of this poppy juice, as well as with the most necessary tools, as the arrived mason did not bring along the very slightest thing. Section 9. I also pray that your Right Honorable and Honorable will have the requirements for the pantjallang the Philippine, which are requested by the Second Lieutenant Pieter Jansz. de Boer in an accompanying list, fulfilled in the best possible manner. While for the rest I have the honor to be with deep respect, (was signed below) Right Honorable Sir and Honorable Gentlemen / lower, Your Right Honorable and Honorable's most faithful and humble servant / was signed: C. G. Baumgarten / in margin Riouw, January 10, Anno 1789. Right Honorable Sir and Honorable Gentlemen Section 10. I had the honor on January 26 last to receive with the hooker Katwijk aan Zee your Right Honorable and Honorable's highly venerated letter of the 9th of the same month. Section 11. The goods generously sent to me in that vessel and in the bark of the Javanese burgher Johan Godlieb Braune have been properly delivered here. Section 12. In dutiful compliance with your Right Honorable and Honorable's honored order in the aforementioned letter, section 5, the day after the arrival of the hooker Katwijk aan Zee, or on January 27, I dispatched the cutter Java to the Point of Romania for the relief of the packet boat the Bruindisch, which I summoned hither, as appears from the instructions for the Sea Lieutenant Jacob Roode and the orders for the Boatswain Roelof Belders, of which I have the honor to present copies to your Right Honorable and Honorable herewith. Section 13. The said packet boat has since, or on the 6th instant, arrived here, and its commander Roelof Belders has reported to me that the cutter Java had sailed on toward there with the Chinese junk that appeared before Malacca, and also that the mast of the packet boat was broken off near the Water Islands during the voyage hither, and he very much doubted whether they would be able to provide her with a new mast that with a cross-tree topmast The Council there To the Right Honorable Sir Abrahamus Couperus, Governor and Director of the City and Fortress of Malacca Together with

Dutch transcription

Aan den Wel Edelen Gestrengen Heer Abrahamus Couperus Gouverneur en Directeur der stad en Fortresse Malacca benevens Den Raad aldaar, Wel Edele Gestrenge Heer en E E Heeren § 1. Geen reden hebbende om in deeze loopende en de eerstkomen„ „de maand Februari voor eene vijandelijke aanzanding te dugten laat ik, Schoon de Hoekes Katwijk aan zee nog niet opdaagd, de Bark de stond„ „vastigheid naar derwaarts vertrekken met deeze mijne nederige rescriptie Op uwer Wel-Edele Gestr: en Wel- Eds: gerespecteerde missive van den 18. december laastleden, die ik bij de depeche van de pantjallang Banca op den 31. daas aan mij de nederige vrijheid nam tot deeze gelegenheid te Surseeren § 2. De Gezaghebbers van de blijkens mijne eerbiedige adviezen sub datis 20 en 31. deszelfde wernd December S 180. en 191. op den 16. en 30. derzelfde maand hier gearriveerde pantjallangs de Phillippine en Bliton hebbende gindes in die Kieltjes afgescheepte benoodigdheden behoorlijk verantwoord, en ik betuige mijne Ootmoedige dankbaarheid voor derzelver toezending ter zouding § 3. Desgelijks betuige ik mijne sinceere Verpligting voor de versterking van het garnizoen met de vaandrigs Diedenhoven en Schutze de Completee„ „ tot sergeanteen Corporaals. „ring met drie Europeesche Militairen, en de bevordering „ van de door wij in dato 29. November laastleden § 177. daar toe nederigst voorgedragen Perzoonen § 4. De maandgelden die de Egipage op de Bark de Standvastigheid en de Pantjallang Tonijn onder ultimo December laastleden te goed hadt zijn behoorlijk uitgekeerd, blijkens de te rug gaande quitantie Rol. §5 Nog ben ik genodzaakt geweest tot het inkoopen van eenige bedeking des 4 des lighaams, aan de op de Rotter Iava bescheijden vijftien Chineeskhe zearenden eene: maand gage of 75. —. Rd„s te verstrekken op de quitantie die ik de eere heb Uwe Wel-Edele Gestr: en Wel-Eds. insgelijks hier nevens aan te bieden: En Insteere over zulks, dat deeze Rds. 75. –. bij de Riousche Boekies zoo wel te mogen afschrijven §6. Suls ƒ37:19. 6: uit de kassa bekostigd dter Reparatie van brenges deezes de bark de Standvastigheid. §7. Door den Chirurgijn Eggena aan mij verklaard zijnde, dat de zedert 6. a. 7. maanden in het Hospitaal Leggende Soldaaten Ioseph Francois. en Goose van Schaaijk de Eerste wegens van tyt tot tijd vevergerende Cancereus„ „heid, en de tweede wegens Vuilaardige Gezwellen die op de eene plaats zoo draa niet begonnen te geneezen, off braaken op de andere deelen des Lighaams zoo veel te heviges uit, hier niet konden geneezen, vind ik mij verpligt deeze twee Ongelukkige persoonen tans op te zenden of zy mogelijk van hun miseere Gindes hersteld konden worden, en bidde Eerbiedigst om hunne plaats met twee andere brave Krijgers te willen vervullen § 8. De voorraad van amfioen met het na bij zijnde Chineesche Nieuw„ Iaar en de aankomst des Ionken ganschelijk staande te slijten insteere ik bij de eerste gelegendheid my met 5. a: 6. kisten van dit heulzap te willen gerieven, gelijk mede met de noodzakelijkste geredschappen „ van de overgekomen mettelaar niet het alles gerungste „ heeft meede Gebragt § 9. Ik bidde Uwe -Wel-Edele Gestr: en Wel- Eds: ook op de beste nog„ „lijkste wijze de willen laaten voldoen de benoodigdheden voor de pantjallang de philippine die door den Sous Luitenant Pieter Jansz: de Boes verzogt. worden bij een overgaand Lijstije Terwijl ik voor het overige de here heb met diepe hoogagting te zijn (Onderstond) Wel Edele Gestrenge Heer en E. E: Heeren /Lager Uwer Wel- Edele Gestrenge en Wel- Edelens trouwschuldigsten en Onderdanigsten Dienaas /was getekend: C. G. Boum„ „garten/in margine Riouw, den 10 Januari A=o 1789 Wel-Edele Gestrenge Heer en E. E. Heeren § 10. Ik heb op den 26 Januari laastleeden de Eere gehadt met den hoekel Katwijk aan zee te ontvangen Uwel Wel Edele Gestr: en Wel Eds: Zeer gevene„ „reerde Missive van den 9' der zelfde maand § 11: De in dien Bodem: en in de Bark van den Iavaschen Burges Iohan Godlieb Braune mij grootgunstig toegeschikte Goederen zijn hier behoorlijk uitgeleverd § 12. ter schuldige opvolging van uwer Wel-Edele Gestr: en Wel-Eds: geëërde order bij de voorschreven Missive § 5. heb ik 's daags na de komste van de Hoeker Katwyk aan zee, of op den 27. Januari, de Kottes Java naar den Hoek van Romania gedepecheerd ter aflossing van de paquetboot de Bruindisch die ik dit heen ontboot, blykens de instructie voor den Luitenant ter Zee Jacob Roode en Ordonnancie voor den Bootsman Roelof belders waar van ik de eere het Copijen Uwer Wel Edele Gestr: en Wel- Eds: hies nevens aan de bieden § 13: De gemelde paquetboot is zedert of op den 6 Courant hier gearriveerd, en de Gezaghebber van dezelve Roelof Belders heeft aan mij gerapporteerd dat 2 de Kotter Iava met de voor Malacca opgedaagde Chineesche Ionk naas des„ „waarts voortgestevend, mitsgaders dat de Mast van de paquetboot afen aan de Water eilanden op de reize dit heen gebroken was, en hij zees twijffelde, of men ro„ in staat zoude weezen haar van eene nieuwe mast die met een Zalingen steng Den Raad aldaar Aan den Wel-Edelen Gestrengen Heer Abrahamus Couperus. Gouverneur en Directeur der Stad en Fortresse Malacca Man Voor Benevens

← previousnext →