VOC English

Dutch East India Company records, translated and anchored to the scan.

Inventory 3910

Japan · 526 pages · 274 segments · open at the Nationaal Archief ↗

NL-HaNA_1.04.02_3910_0340 view scan ↗

English

Secret. 613 Batavia: To His High Excellency. The High Noble, Right Honorable Lord: Mr. Willem Arnold Alting Governor-General, And. The Noble, Honorable Lords Councilors of Netherlands India etc. etc. etc. High Noble, Right Honorable Lord: and Noble, Honorable Lords: In respectful reply to Your High Excellencies' highly respected 621 Cheribon secret letter dated 31 December last, I take the liberty to report that I have notified the Regent of Limbangan of Your High Excellencies' satisfaction regarding his willingness concerning the cotton yarns, and at the same time communicated that Your High Excellencies now trusted His Honor would continue to persevere therein, to which he answered me that he would ever exert his utmost abilities, just as I may also report to Your High Excellencies with pleasure that all Regents belonging under this Residency are presently very zealous concerning the increase and improvement of both the indigo and cotton yarns, of which I hope to be able to provide the evidence this year: That Your High Excellencies are pleased to take satisfaction in my submitted elucidation concerning the monies of the Chinese dying intestate, serves for my particular satisfaction, and I shall not fail the 12 February 1789 to send over an annual statement of account thereof, as I take the liberty in this to offer Your High Excellencies one in the hope that it may answer to the high intention: Concerning the prisoner Aria Kidul (who continues to be guarded very circumspectly, and for the present does neither good nor ill), I shall then for the time being make not the least further move upon Your High Excellencies' orders, and only keep a watchful eye upon him, Your High Excellencies' obedient, and dutiful servant: Agrees with the Original. High Noble, Right Honorable Lord. and Noble, Honorable Lords: as I shall also use all possible accommodatingness with regard to the Sultan Sepoeh, and seek ever to keep His Highness in a good humor with kindnesses, as he is presently living very quietly and amuses himself outside the Kraton with trifles: I have the honor herewith to call myself very submissively: Gookinga Written at Batavia since Primo January here to Their High Noble Excellencies until ultimo September Anno 1790 Separate Commander By the Copy Letters Register of the Marginal Letters Separate Written by The Noble Honorable Lord Commander to Their High Excellencies at Batavia Since Primo January until ultimo September Anno 1790: — 1790 5 January: placing of the States' and King's flag at the Point and nearby Reference to the contents of the letters of Tjeringin's Postholders - - - - - -- - remaining pepper delivered into hands pirates in the fairway — : which are to be reinforced with some more cruising proas - - - : as well as three Bantam pantjalangs 4 the head of the Wetangers Mochamat Tassim appointed as head over the same - - - Anjer's Postholder's request to retain the boarding proas for the present - - - - which one has not been able to satisfy both those vessels were overwhelmed yet the two Europeans escaped - - return of the quartermaster of the Lighter Zeeland which vessel is also to be equipped offering of the clearances of the packet boat Snelheijd — - 11 September: return of the cruising proas Vreedenlievend 6 1790 19 July: return of the dispatched cruising fleet have met no pirates — —— the ammunition goods provided have been accounted for — 5 Two proas mayang sent to Anjer and Tjeringin – – – – – – – 16 August: arrival of the barques Vreedenlievend and De Verwagting, which had to stay here for some time — 3 and 8 August: they undertook their cruise 7 — Received reports of the bad condition of the pepper around the east of here – – – — — - request made by Bantam's prince in this regard — the Sergeant Poole and head of the Wetangers Tassim commissioned for inspection thither offering of the instructions given to them 8 on the King's part a commissioner has also been sent — — — — Whose dispatch has again delayed the progress of the Western Commission - - - because without him no progress can be made -- – – – Prince's and the recent visit to the east also having been, the second commissioner is deceased request from the King concerning the progress of the Commission the same shall proceed as soon as the King's commissioner has returned — 9 De Verwagting — have met no pirates - - one month ration provided to its commanders proposal to employ the said vessels for the transport of pepper — — — — — — 11 remains of the korl - - - - - - - which is to increase one of these days return of the commissioners sent to the east — — – — — — - - pitiful ruin of the pepper gardens around that region - 12 and the slight harvest to be foreseen therefrom this year – - - - - - - - - - in two kampongs all 55400 trees were found as if burned – - - - - - - cause of the lamentable condition — - —. - — - ––– 13 offering of the stems and leaves brought along from there — — — — — — progress of the pepper inspection in the west - - - the request of Ratoe Bagoes Oedien and son has been presented to the King - - - - 14 the Prince's answer thereto - - - - - and request that his aunt who arrived from Ceylon may come hither soon – – – – – – 15 offer of a letter brought here for that Prince – – – — — — — — — 10 1790 the Letter – – – — — — — — —

Dutch transcription

Secreet. 613 Batavia: Aan Zijn Hoog Edelheid. Den Hoog Edele Gestrenge Groot- Agtbaren Heere: M„r Willem Arnold Alting Gouverneur Generaal, En. De wel Edele Gestrenge Heeren Raaden van Neederlands Jndia &: &: &: Hoog Edele Gestrenge Groot Agtbaren Heere: en Wel Edele Gestrenge Heeren: In eerbidig eplig op uw Hoog Edelheedens zeer goespa teerde. 621 Cheribonr teerde secreete missive in dato 31: december 4: p: vervrije meijte dienen dat den Regent van Limbangan kennis heb gegaven van Uw Hoog Edelheedens genoegen over zijn bereidwilligheid ten aanzien der Catoene gaarens en teffens gecommuniceert dat Uw Hoog Edelheedens als nu vertrouwden zijn Ed: daar bij soude blijven persisteeren, waar op mij tot antwoord heeft gegeeven dat steeds zijn uiterste vermoogens soude inspennien, gelijk ik uw Hoog Edelheeedens meede met vermaak mag berigten, dat alle onder deese Residentie sorteerende Regenten zigthens zeer beieveren omtrent de vermeerde= „ringen verbeetering so der Jndigo als Catoene Gaarns, waar van Jk verhoope dit Jaar de blijken te kunnen geeven: Dat Uw Hoog Edelheedens in mijne Regeevene elucidtatie omtrent de penningen der abintestate overlijdende Chineesen genoegens ge= „lieven teneemen strekt mij tot besondere Latisfactie en zalik niet den 12: februarij 1789: in gebreeken blijvens Jaarlijks een staat reekening daar van over te zenden, so als ik de vrijpostigheid gebruike in deesen Uw Hoog Edel= heedens een aar te bieden inhoope dat aan de hooge intentie mag beantwoorden: Om den pangevang Aria Kidul (die bij aanhouden theed: zeer oms zigtig bewaard word, en voor het leegens woordige nog goed nogkwaar doet zalik dan voor eerst op uw Hoog Edelheedens beveelens g'eer de mins verdere beweeging maaken, en maar enkeld een waeken doog op hem Uw Hoog Edelheedens Gehoorsame, en trouw= schuldigen dienaar: Accordeert met 't Origineel. Hoog Edele Gestrenge, Groot Agtberen Heere. us Wel Edele Gestrenge Heeren: houden, so als ik ook ten aanzien van den Lutthaan Cuppoe alle moogelijke inschitkelijkheid zal gebruiken, en zijn hoogheid met vriendelijkheeden steeds in een goeders luim zien te houden, so als zig thans zeer stildan een sin en den eens buiten den Cratoir met beuselingen ammuseert: Ik heb d'eer hier meede mij zeen subinis te noemen: Gookinga houden. Geschreeven te Batavia sedert Primo Januarij alhier aan Hunne Hoog EdelEd=s dat ult:o September Ao 1790 Aparte Commandeur Doorden opia Brieven Register der Marginale Brieven O Aparte Geschreeven door Den wel Edelheedens Achtb„r Heer Commandeur„ aan hunne Hoog Edelheedenste Batavia Zedert P=mo Jann: tot ult:o September A:o 1790: — 1790 dm 5: Jann: plaatssing der staaten en skonings vlagop 't Brin en bij d„s Referto aan den In houd der briev: van Tjerittas Posthouders - - - - - -- - aan handen zijn restand Peper zeerovers in 't vaarwaatek — „ : die met nog eenigen kruijs Prauwen staan verstrekt te worden - - - „ : als meede drie Bantamse Pantjalangs „ 4 't hoofd der Wetangers Mochamat Tassim tot hoofd over dezelve benoemd - - - „ anssers Posthouders verzoek om de kosgeld prau„ wen voor eerst aan te houden - - - - „ waar aan men niet heeft kunnen voldan„ beijde die vaartuijgen zijn overrompeld doch de twee Euroopen 't Ontkomen - - „ terugkomst van de quartier meester van de Lichtan Zeeland „ ƒ ƒ T welk vaartuijg mede staat gequispeerd te„ worden „ aan bieden van de verprijbrieven van de pap„ „quet bood snelheijd — -„ den 11 Septem: terug komst der kruijs prauwen Vreeden lieven 6 W1190 den 19. Julij terug komst eier uijt gezondene kruijs vloot „ „ _:o hebbe de Geene zeerovers Ontmoet — ——„— _o de mede gegeven ammunitie goederen zyn verantwoord — „— 5 _Twee prauw: maijangs na Anjer en Tjert„ ta gezonden – – – – – – – „ — „ 16: aug„s arre van de Barken Vreede lieven de of wagting, die hier eenige tijd hebben moeten verloeven —„— 3. en den 8 aug„s hunne kruijstogt hebben Ondernoe„ „ „men 7 — Ontvangen narigten der slegte gesteldheijd ver„ peper om d'oen zo van hier – – – — — - „ — „ „ verzoek door Bantams verst dies weegens ge„ daan —„— _o den sergeant Pooleg hoofd der Wetangers Tas= „sim ter ins pectu naar derw:s gecommitteerd „ — „ „ _o aanbieding der hun mede gegevene Jnstructie „ 8 van s' konings wegen is mede Een Commissiant„ gezonden— — — — „ Welkers afzending de voortgang der Westelyken Commissie weder vertraagt heeft - - - „ — de wijl zonder hem geen voortgang kan nee„ men -- – – –„ - s vorsten en de Jongst gedaane visite om de oost mede geweest zijn de tweede Com„ „missiantusubet overleeden verzoek van den koning Omtrend den voort„ gang der Commissie dezelve zal zo ras s koning Commissiant terug is gekomen voortgaan— „ - 9 „ de verwagting— _o hebben geen zeerovers ontmoet - - „ „ „ _o een mand randsoen aan dies gezag hebbers vertrkt„ — voorsteld om gem: vaartuijgen tot den over voer peper te Emploijeeren — — — — — — „ 11 restant van den korl - - - - - - - „ — _ 't welke Eerst daags soldaat aan te groeijen „ terug komst van de oosten zo gezondene Com„ „missianten — — – — — — - - „ „ „ _o deerlij verval der peper thuijnen om dien oord -„ 12 en daar uijt te voorziene geringe in zaam en dit Jaar – - - - - - - - - - „ _o in twee Campongs zijn allen 55400:– bomen als verbrand bevonden – - - - - - - „— _o oorzaak der beklagens waardige gesteld„ heijd — - —. - — - ––– „ 13 _ anbieding der van daar meede gebragte stam„ . „men en bladeren — — — — — — „ — _o voortgang der peper visitie en de west - - - „ — _o het verzoek van ratoe Bagoes oedien en zoon is aan den konings voorgedraagen - - - - „ 14 _o 's vorsten antwoord daar op - - - - - „ — —en versoek dat zijne van Ceijlon over gekomen Moeij„ „spoedig magt herw komen – – – – – – „ 15 aanbod van Een voor dien vorst hier aangebragten „10 „ „ „ „ „ „ „ „ „ „ „ „ „ „ „ „ „ „ „ „ „ „ „ „ „ „ „ „ „ „ 1790 - - de Briev – – – — — — — — — „ —

NL-HaNA_1.04.02_3910_0345 view scan ↗

English

High Noble Letter from Tjeritta postholder Placement of the States' and King's flag on the Prince's Island I have the honor to advise Your High Nobilities that the States' flag, with the flag of the Sultan beneath it, has finally, after many adversities and adverse winds, been planted again on the Prince's Island as a token of the Company's ownership thereof, according to the High Order and desire which Your High Nobilities deigned to convey in your separate letter of 30 November 1789. In this regard, I refer to the contents of the enclosed letter from Tjerita, whose postholder there and our so-called boatswain here, together with an envoy from the King, were employed to execute that commission and who have indeed carried it out. To His Right Honorable Wide-Ruling Lord, the High Noble Willem Arnold Alting, Governor-General, together with the Right Honorable, Rigorous Lords Councillors of the Netherlands Indies. Right Honorable Lord, High Noble, Rigorous Lords. Cruising proas, as well as three Bantam pantjallangs, the chief of the wetangers Mohammat Tassim appointed as head over them. Request to hold back the subsistence-money proa for now. At hand a total of 2,200 bahars of pepper, including fifty of white pepper. Remaining pepper in Bantam, winnowed and weighed, ready and at the disposal of Your High Nobilities, for whom I have the honor to be, with the deepest respect: Signed below: High Noble, Right Honorable Lord and Right Honorable, Rigorous Lords. Lower: Your High Nobilities' very obedient servant. Signed: J. Reijnouts. Beside: Bantam, 5 January 1790. To the same as above, per express. Yesterday afternoon, His Highness the King of Bantam had Captain-Lieutenant van Rhijn inform me of the news received by His Highness that seven pirate vessels were lingering around Anjer, and that His Highness had immediately given orders to prepare 6 of his cruising vessels, while requesting at the same time that some Company vessels might also be dispatched with them in order to jointly drive that rabble away from there. But since there are no Company vessels at hand here that can be employed for that purpose, I immediately had two Bantam pantjallangs, or so-called ferry people, put in order and provided with the necessary crew, as well as each of them with 4 muskets, 10 bundles of live cartridges, and 200 lb of rice. This small armada would have been dispatched early this morning, but just now, having received information by a letter sent yesterday afternoon at 5 o'clock by the corporal and postholder of Anjer, Johannes Coberg, that the fleet of the pirates consists of eleven proas, including 4 large two-masted vessels that had already captured a proa with 7 men, and that the postholder with three proas provided with the King's chiefs and the necessary crew had attempted in vain to drive those pirates away due to danger, I did not consider it advisable to dispatch them as planned. Instead, I deemed it necessary to request the King to be pleased to reinforce his little fleet with some more cruising proas, while I ordered three other Bantam pantjallangs to be provided as above, which together will make a considerable little fleet. And to give this expedition a greater chance of success, the Ensign of the Weetangers, Mohammat Tassim, has been appointed as head over the same, under whose responsibility, for greater defense and damage to the pirates, 4 blunderbusses, a keg of powder, and 500 musket balls have also been provided. In the aforementioned letter from the postholder, he requests that in case the subsistence-money proa has not yet been dispatched, it might be held back for a few more days, out of fear that it might otherwise run the risk of being taken by these pirates.

Dutch transcription

Hoog Edelheijd briev: van Tjeritta houder, Ik heb de Eere uw Hoog Edelens te Adviseeren tsing der staat dat de staten vlag met de vlag van den Cultan konings vlagof insen Eijland daar Onder Endelijk naveele weder waardig„ „heeden en tegens poeden van winden weer is ge„ „plant geworden op het Princen Eijland tot een teeken van Comp=s Eygendom op het zelve volgens de Hooge Ordre en begeerte, uwer Hoog „Edelens te boogen bij Hoogst derzelver aparte brieff van den 36: November 1789: terwijl ik mij ten dien opsigte Gedrage aan den Jnhoud van Jnleggende rto aan den inhoubrief van Tjerita welkers posthouder aldaar en Onsen zoo genaamden bootsman alhier ne„ „vens een konings zendeling, ter uijtvoering van die Commissie gebruijkt zijn en die dezelve dan Van Sijn Groot Agtbaare Wijde gebiedende Heere Den Hoog Edel Willem Arnold Alling, Generaal verneur nevens Nocts. De Wel Edele Gestrenge Heeren Raaden Jan Nederlands Jndica„ Groot Agtbaar Heer Hoog Edel Gestrenge Heeren ook 5 5 part Hoog Edelheijd en s koningsvlago der briev: van Tjeritta Jost houder Ik heb de Eere uw Hoog Edelens te Adviseeren plaatsing der staat dat de staten vlag met de vlag van den sultan 't Princen Eijland daar Onder Endelijk naveele weder waardig „heeden en tegens poeden van winden weer is ge„ „plant geworden op het Princen Eijland tot een teeken van Comp=s Eygendom op het zelve volgens de Hooge Ordre en begeerte, uwer Hoog „Edelens te boogen bij Hoogst derzelver aparte brief van den 36: November 1789: terwijl ik mij ten dien opsigte Gedrage aan den Jnhoud van Jnleggende referto aan den inhoutbrief van Tjerita welkers posthouder aldaar en Onsen zoo genaamden bootsman alhier ne„ „vens een konings zendeling, ter uijtvoering van die Commissie gebruijkt zijn en die dezelve dan Aan Sijn Agtbaare Wijdegebiedende Heere Groot Den Hoog Edel Willem Arnold Alling, neur Generaal nevens Notta De Wel Edele Gestrenge Heeren Raaden Van Nederlands Jndica„ Groot Agtbaar Heer Hoog Edel Gestrenge Heeren WelE ook 5 2 5 5 1 Apart £ kruijs Prauwen als mede drie Ban„ moohom tot hoofd overdezelve benoemd worden, - verzoek t kost geld Prauwen door aanhanden Eijnde 2: 200: bharen peper daar onder Vijftig witte„ Restand Lesper beggen op Bantam, geharpt, ingewogen klaar en zijn ter dispositie van uwe Hoog Edelens, voor wien ik met de diepsten Eerbiedigheijd de Eere hebbe te zijn : /onderstond /: Hoog Edele„ groot Agtbaar Heer En Wel Edele ge„ „strenge Heeren /:Lager: /: uw Hoog Edelheedens zeer gehoorzame dienaar /:was geteekend /: J:s Reijnouts ter zijde Bantam den 5 Janu 1790 Aan als vooren pper Expresso v Eed Gisteren agtermiddag heeft zijn Hoogheijd den„ Koning van Bantam mij door den Capitain luijtenant van Rhijn laaten kennis geeven van de door zin hoogheijd ontfangene tijding, zerooversi 't vaartuge dat zig om streeks Anser seeven zeeroovers waater Vaartuijgen Op hielden, en dat zijn Hoogheijd direct had ordergesteld om 6: van zijne kruis vaartuijgen in gereedheijd te brengen teffens verzoek doende, dat met dezelve Comp=s weegen meede eenige vaartuijgen mogte werden afgezon„ den, ten eijnde gezamentlijk dat gespuis tandaar te verjaagen, dan vermits hier geene 'sComp:s vaar„ tuijgen aanhanden zijn die daar toe kunnen werden geemploijeerd heb ik direct twee Ban„ „tamse Pantjallangs of zo genaamde veerluij laaten in order brengen en met de nodige man„ schap gelijk ook ieder van dezelve met 4: snaphaanen en 10: Bossen scherpe pattroonen detem 200: lb Rijst, voorzien, — ook volbragt hebben, Deeze kleene armade zoude heele morgen zijn„ gedepecheerd, dog zo aanstons door een brief van den Corporaal en Posthouder de Anjek Johannes= „Coberg gister agtermiddag C: o: c: o: afgezonden in formatie ontfangende dat de vloot der zeeroovers bestaat in Elf prauwen daar Onder 4: groote twee an „master vaartuijgen die bereeds Een Praauw met 7: man had den weggenomen, en dat den posthouder met drie Prauwen voorzien met 's konings hoof„ „den en de nodige manschap die Rovers te vergeefs had willen verjaagen gevaer zo heb ik niet raadsaam gevonden dezelve zodanig aftezen„ „den, maar noodsakelijk geoordeelt den koning te verzoeken Om zijn vlootje met nog eenige kruijspraauwen te Willem versterken terwijl die met eenigen door mij nog drie andere Bantamse Pantjal„ staan verstrekt te „ langs zijn geordonneert die als boven voorzien gezamentlijk een aanzienlijk vlootge zullen tam se Pantsalang pijtmaken En om deeze expeditie van meerder 't hoofd der wetanger succeste doen zijn is als hoofd van dezelve be„ t Tassien, noemd den Vaandrig der Weetangers Mohammat„ Tassim Onder wiens verantwoording tot meerdere defentie en afbreuk der zeeroovers zijn meede gegeeven 4: donderbussen Een vaatje kruijt en 500: onaphaan koogels, — engjers popsthouder Bij gemelde brief van den posthouder verzoekt hij dat bij aldien de Costgeld praauw nog niet eerst aanthouden afgezonden mogte zijn dezelve als dan eenige daagen nog mogte worden aangehouden, uit vreeze dat anders gevaar zoude loopen van deeze genomen

NL-HaNA_1.04.02_3910_0348 view scan ↗

English

To the same as before Apart As appears from my respectful address to Your High Noble Honours under date of the 4th of this month, the small cruising fleet dispatched from here to track down and drive away the pirate vessels, equipped and consisting of 5 Pantjallangs and 8 King's Prauw mayangs, having returned here yesterday evening without having met or seen a single one of those pirates, I take the liberty to bring this to the honoured notice of Your High Noble Honours, as well as that by the Jurragans of the mentioned five Pantjallangs the ammunition of war taken with them was properly accounted for upon their return here, while one may reasonably maintain that the pirates have left this fairway since nothing more is heard of them. The King, instead of the two Prauw mayangs captured by the pirates from the posts Anjer and Tjeritta, has sent two others thither again. With deep respect I have further the honour to subscribe myself, Your High Noble Honours' humble and obedient servant, was signed, Ts F: Beijnon. In the margin, Bantam the 19th of July Anno 1790. To the same as before The dispatch letters of the packet boat De Snelheid, which arrived in the Sunda Strait and were received today, I have the honour to present to Your High Noble Honours, while with due high esteem I humbly subscribe myself, Your High Noble Honours' very obedient servant, was signed, Jn H: Beijnon. In the margin, Bantam the 4th of July Anno 1790. To the same as before The barks Vreedelief and De Overwagting, sent hither by Your High Noble Honours to cruise against the pirates in the Sunda Strait, having arrived on the 28th and 29th of July last. Which could not be complied with, since both the hired praus of Anjer and Tjeritta had already departed from here on the evening of the 2nd of this month, and at this moment I receive news on behalf of the King that both of the aforementioned vessels were ambushed on their return voyage, but the Europeans had saved themselves on shore by swimming. The quartermaster of the lighter Zeeland, having just returned from the main town, I will have this vessel equipped as soon as possible and sent off tomorrow, not only to serve to reinforce the aforementioned cruise, but also for the protection of the Bantam and King's vessels, fully trusting that Your High Noble Honours will favourably approve of this course of action taken.

Dutch transcription

Aan als vooren Apart zijn Overromspeld te ontkomen terug komst van de Ver preijbrieven vande Pacquet boot de smel„ na aisser en twee gezonden wagting genomen te, worden, dog hier aan heeft men „waar aan men niet niet kunnen voldoen, vermits de beijde Costgeld terug komst de De blijkens mijne Eerbiedigen aan uw Hoog Edel„ uit gezondene kruijs heeft kunnen voldoen prauwen van Anjeren en Tjeritta reeds den heedens sub dato 4: deezes van hier ter op spo„ vloot, - ringen verdrijving der zeerovers vaartuijgen, 2=e deezer des avonds van hier zijn vertrokken, zig hier ontrees on„ „gehouden hebben ge Equipe kruijs vlootje bestaan hebbende in beijde die vaartuijgen en op dit ogenblik ontfang ik tijding van de 5: Pantjallangs en 8: konings Prauw maijangs an ooch de twee Europees weegens de koning dat beijde gemelde Vaartuij„ 4 hebben de geene zee„ hier op gisteren avond gereverteerd zijnde, zonder „gen op de te rug zeijze zijn overromspeld dog 7overs, — een eenige van die zeroovers ontmoet afgezien de Europeesen, door het sweunnen zig aan de te hebben zo neeme ik de vrijheijd zulx ter wal hadden gesauveerd, — geEerde kennisse uwer Hoog Edelheedens te bren„ „quartier meester van Den quartiermeester van de ligter Zeeland „gen gelijk ook dat door de Jurragans de de Eichter Zeeland zo even van de Hoofdplaats terug komende zal gemelde vijf Pantjallangs de mede gehad de m egeven am„ welk vaartuijg mede ik dit vaartuijg meede ten eersten laaten Equi= munitie Goederen zijn hebben de ammunitie van oorlog bij hunne staat gequipeerd de „ peeren en morgen afzenden om niet alleen terug komst alhier weder behoorlijk is ver„ verant „antwoord Terwijl met Grond heeft sustineeren, te dienen tot versterking der voorschreeven dat de zeevovers dit vaanwater verlaten heb„ kruijstogt maar ook tot dekking der Bantamse, „ben dewijl niets weer van hun word vernomen en konings vaartuijgen allin vertrouwen dat Prauw maijangs Den Koning heeft in steede van de door de uw Hoog Ed=s deeze gehouden handelwijze goed„ Jeritta Zeeroovers genomene twee Prauw maijangs gunstig zullen gelieven te approbeeren, — van de Posten Anjer en Tjeritta weder twee aanbieding van de De op heeden ontfangene verprijbrief van andere derwaards gezonden, — met diep Ontzag hebbe ik ovingens de kere de in straat sunda gearriveerde packet mij te onderschrijven :/ Onderstond:/ F: O:— /Claager bood de snelheijd heb ik de eer uw Hoog Ed=s uw Hoog Edelheedens onderdanige en gehoorsaame„ aante bieden Terwijl ik met verschuldigde „dienaar :/ was geteekend /: T:s F: Beijnon /inmargie„ Hoogagting mij onderdaniglijk onderschrijve „ne Bantam den 19:' Iulij A:o 1790: /onderstond/ F: O: / Lager/ uw Hoog Edelheedens Aan als vooren zeer en gehoorsame dienaar :/ was geteeken De door Uw Hoog Edelheedens ter bekruis= sing op de zeerovers in straat Junda her„ J:n H: Beijnon Jnmargine Bantam arrive van de Barken, waards gezondene Barken vreedelieff ende ver„ den 4=e Julij A:o 1790: Vreede lieven de over„ „wagting op den 28: en 29=e Julij J:o l: aangekomen Aan als vooren zijnde worden, 6 heijd,

NL-HaNA_1.04.02_3910_0349 view scan ↗

English

had to remain here until the 8th of this month, because the king had no vessels at hand that could be employed for this cruise, as almost all of his prahus were partly already dispatched and partly destined for fetching and delivering the Lampong pepper. On the last-mentioned date, the aforementioned barks, accompanied by two of the king's cruising vessels, finally departed, and having turned their prow towards the North Island on 8 August, to begin their cruise there in accordance with the instruction likewise given by Your Right Honorables to the commanders. Upon the intelligence received by His Highness the king of Bantam concerning the poor condition of the pepper gardens situated around the east and southeast, or in those districts which were inspected in the past year by the commissioners van den Boogaart and Chambon, they are presently found to be in a very infertile state. And to satisfy the request made at the same time by His Highness, that the undersigned on the Company's behalf might send someone who could inspect them and confirm the truth of this report, I have, in order to comply with the king's request and to be convinced of the authenticity of the received reports, commissioned Sergeant Ernst Pool for this further inspection, together with the ensign of the Weetangers Mahamet Passim, since presently no other civil servants are at hand nor can be spared. The said Sergeant Pool being the best qualified to carry out this commission on account of his knowledge of the language and the country, I have also provided for his guidance such instruction as is attached hereto in copy for the consideration of Your Right Honorables. On the 9th of this month these commissioners departed from here, and at the same time the king dispatched with them the Radeeng Demang Boraja, under whom most of the pepper gardens in those districts belong, and especially those from which the worst reports were received, not only of infertility but of the dying and withering of thousands of fruit-bearing pepper plants. The dispatch of the just-mentioned Radeeng Demang has caused the progress of the extra pepper inspection around the west of Bantam to be postponed once again until his return, since that commission cannot well proceed without him, as he is presently, according to the king's statement, the only one who can be employed for this purpose with peace of mind, because the second commissioner who also helped to carry out this journey recently passed away very suddenly. Besides the delay of the said commission

Dutch transcription

zijnde, hebben alhier tot den 8=e deezer moeten om d' o: en zo van '1 Voorsten in de Jongst overleeden is, — dewijl zoude voortgang kan neemen welkers afzending de is mede Een Commissie anten gezonden, — mede gegeevene Jus„ tructie, — „die hier eenige tijd Vertoeven, uit hoofde den koning geene vaartuijge hebben moetenvertoeren bij der hand had die tot deeze kruijstogt konde worden geëmploijeert, als zijnde meest alle zijne Prauwen gedeeltelijk reeds afgezon„ den en gedeeltelijk gedestineerd ter afhaal Lampongse Peeper op laatst gemelde da aanbieding der tum zijn voormelde Barken verzeld van twee konings kruijs vaartuijgen dan vertrokken, en den 8 aug hunne den steeven gewend hebbende na 't Noorder Eij„ Kruijs togt hebben „land, om ingevolge de door uw Hoog Ed=s aan de onder gezaghebbers meede gegeevene instructie al= daar de kruijstogt te beginnen, — Op de door zijn Hoogheijd den koning van Ban„ ten der slegte ges„ om Ontfangene narigten dat de Peeper Thuijnen teldheijd der peper geleegen om de oost en zuijd oost: of Indie districten dewelke in't gepasseerde Jaar door de Commis„ „sianten van den Boogaart en Chambon zijn op genomen, thans in een zeer Onvrugtbaaren staat zijn bevonden, en ter voldoening van het door verzoek door Ban„ zijn Hoogheijd te gelijk gedaan verzoek, dat danse vorst dieswteen den ondergeteekende Comp:s weegen iemand mogte afsenden, die daar van konde inspectie neemen, en de waarheijd van dit Rapport bevestigen, zo heb ik, om aan het verzoek des konings te vol„ doen, en om van de egtheijd der ontfangene berig„ „ten overtuijgd te zijn, tot deezer nadere visitatie der Weetangers Fas„ Ernst-Pool, neevens den vaandrig der wee„ sim ter inspecteu naetteend: gecom„ tangers Mahamet Passim, vermits er teegen„ „woonedig geene andere Politicque, dienaaren den sergeant Poolehoofden inspectie Gecommitteerd, den serge antstorens gedaane veste ande oost dria Jaije soederia alzo: die in 't gepasseerde heeft gens gedaan 1. hier Ontvangens narig aanhanden zijn nog kunnen gemist wor„ „den- gemelde sergeant Pool als het best ge„ „schikt zijnde tot het verrigten deezer Comissie uijt hoofde zijner taal en Land kunde, heb ik tot zijn narigt meede gegeeven zodanige Jnstructie als in Copia ter speculatie uwer an Hoog Ed=s hier neevens is gevoed op den 9=e dee„ „zer zijn deeze Commissianten van hier vertok„ „ken, entegelijk door den Koning daar meede af„ van s konings deges „ gezonden de Radeeng Deman Boraja onder wien de meeste zeeper Thuijnen in die dis„ „tricten gehooren en inzonderheijd die waar van men de slegtste narigten, met alleen van Ontvrugtbaarheijd maar van verster„ „ving en verdording van duijzenden vrugtera„ „gende zeeper Planten heeft ontfangen, — voortgang der westelijk De afzending van eevengemelde Radeing Commissie weder veroagt Deman, heeft te weegen gebragt, dat de voort„ „gang der extra zeeper visitie om de west van Bantam wederom tot zijn te rug komst is moeten worden uitgesteld, aangezien die hem geen Commissie zonder hem niet wel voortgang, kan neemen als zijnde na 's konings op gaave thans de eenigste die daar toe met gerustheijd kan gebruijket worden de tweede Commissant te aar deeze kogt mede heeft helpen verrigten onlangs zeer subict overleeden is Behal„ „ven de vertraging der gemelde Commissie aanhanden door het 6

NL-HaNA_1.04.02_3910_0350 view scan ↗

English

Request of the king: Commission: Vessels for transport: By sending Raden Demang, the king has kindly requested me that it might be postponed until after the imminent high Mohammedan feast days, when that prince goes to the temple with great ceremony according to annual custom, on which occasion the captain lieutenant of Fort Diamant ought to be present to enhance the solemnity and honors. As soon as the aforementioned Raden Demang has returned, the pepper inspection to the west shall immediately proceed without any further delay being tolerated, although His Highness assures that nothing has been neglected in this regard to date, but on the contrary that due to the improvement and drying up of the roads, that journey will be carried out so much more easily and quickly. For the rest, I have the honor to call myself with due subservience, your obedient servant: was signed P: H: Beynon: in the margin Bantam the 16: August Anno: 1790: To the same as before. Return of the cruising barques Vreede and Verwagting, have met no pirates: At the beginning of this month, the barques Vreedelievend and De Verwagting, as well as the king's cruising vessels, returned from their cruise, reporting that during that voyage they met no pirates or any other noteworthy things. I take the liberty of humbly informing Your Right Noblenesses of this, as well as that at the request of their commanders, because of the expiration of their ration period, they have again been provided with rations for one month. Proposal to employ the said vessels for pepper: And since nothing more is currently heard of any pirates, and therefore the dispatch of the said hulls to resume the cruise is deemed not very necessary, they could, if Your Right Noblenesses do not please to dispose otherwise, be employed for the transport of pepper, since the current remainder amounts to 700: Bhaaren, and His Highness the King of Bantam has assured me that within 14: days as much will be brought in so that the aforementioned 2: barques will be able to take along a proper cargo, thus I shall await Your Right Noblenesses' honored orders concerning this. In my respectful letter of 16: August, I informed Your Right Noblenesses of the departure of Sergeant Pool and Ensign of the Native Troops Mohammat Tassim to the Bantam uplands to inspect the pepper gardens to the east and southeast, or in those regions which were surveyed in the past year by Commissioners van den Boogaard and Chambon, in order to inspect whether the reports made to the king regarding their present bleak condition correspond with the truth. Now, by the return of the aforementioned commission and the written report submitted by Sergeant Pool, I am enabled to communicate the outcome thereof to Your Right Noblenesses. In main substance, this report contains that in most gardens more than one-fourth part of the fruit-bearing trees were found entirely dried up and dead, and that the remaining pepper trees are all very bare and provided with few fruits, so that not only the delivery for this year, which it was hoped would have amounted to 750: Bhaaren from that region, will now be able to amount to no more than 150: Bhaaren, but also that this unfortunate decay of the gardens cannot be remedied in any two following years, even though this grievous destruction has already been partly restored by laying out new pepper plantations and planting well over the number of the dead trees. In the principal kampongs Mampeeng and Panembang, which were surveyed with all possible accuracy, in the first-mentioned 30000: and in the last-named 25100 fruit-bearing stems were found completely dried up and as if burned. Cause of that lamentable condition: This lamentable condition is generally attributed to the severe heat and drought, following an unusually mild preceding rainy monsoon, whereby in this year, from lack of sufficient rain throughout the uplands, the soil everywhere was so stripped of all moisture, and in many places cracked apart from each other, that the stems and leaves, so to speak, have been completely scorched by the sun, just as if they had been scorched by fire, as the few brought-along samples of stems and leaves demonstrate, which are attached hereto for the honored speculation of Your Right Noblenesses. The aforementioned report of Sergeant Pool I take the liberty to present to Your Right Noblenesses in copy along with this. Directly after the return of the aforementioned Sergeant

Dutch transcription

verzoek van den koning Commissie tuijgen tot den overvoer egr door het afzenden van Radeeng Deman, heeft mij den koning Vriendelijk laaten verzoeken, dat desselfe mogte werden uijtgesteld tot na de omtrend voortegang dederst daags op handen zijnde mahumetaanse hooge felst daagen, wanneer die vorst na Jaarlijkse gewoonte met veel Ceremonie ter Tempel gaat, en bij welke geleegenheijd dan den Capitain dus gezag hebben vertrekt Luijtenant van 't fort de Diamant tot Vergrooting der statie en eerbewijzen dient present te zijn, — dezelve zal zo rad Boras de voormelde Radeeng Deman zal te missiant 's Koning Com rug keeren zal de Peeper visitie om de west terug is gekomen voort onmiddelijk voortgang neemen zonder dat 't gaan daar in eenige verdere vertraging zal ge„ dood worden, schoon zijn Hoogheijd verzeke„ „ring doet dat tot heeden daar meede niets is verzuimt, maar inteegendeel dat door de verbeetering en op droging der weegen die togt resta zo veel te gemakkelijker en spoediger zal worden verrigt, — voor 't overige heb ik de eer mij met verschul„ „digde Onderdanigheijd te noemen, /onderstond/ 't wel en Gehoorsaame Dienaar :/ was geteekent staat P: H: Beijnon:/ in margine Bantam den 16: Augustus Anno: 1790: Aan als Vooren terug komst der Met het begin deezer maand zijn van Kuur bark zen Vreede len hunne kruijstogt geretourneerd de Barken verwagten, Vreedelieffen De verwagting mitsgaders skoning hebben geen zeerovers kruijsvaartuigen, voor Rapport brengende dat ontmoet geduurende die togt door hun geene zeerovers of eenige andere merk waardigheeden ontmoet„ zijn, Jk gebruijk de vriheijd uw Hoog Edelhee„ „dens hier van onderdanig kennis te geeven, gelijk ook, dat op verzoek van dies gezag„ hebbers, mits de Expiratie hunner Randsoen en een maand randsoen tijd aan hun weeder voor Eeen maand Rand„ an soen is verstrekt geworden.— En vermits men teegenwoordig niets meer verneemt van eenige zeerovers, en dierhalven de afzending van gemelde kielen tot het her„ „vatten der kruijstogt, als niet zeer noodza„ „kelijk geoordeelt werd zo zoude, indien voorstel om gem vaan Uw Hoog Edelheedens niet geliefden anders van Leeper te Emploijeeren disponeeren dezelve kunnen worden geemploijeerd tot den Overvoer van peeper, vermits hetteegenwoordig Restand C: C: 7:00: Bhaaren bedraagt, en zijn Hoogheijd den koning van Bantam mij heeft laaten verzeekeren, dat binnen 14: daagen nog wel zo veel werden aangevoerd dat voormelde 2: Barcken eene behoorlijke Lading zul„ groeijen, len kunnen meede neemen, dus ik hier Omtrend uw Hoog Ed=s geerde order zal blijven afwagten, — Bij mijn eerbiedige van den 16: Augustus heb ik uw Hoog Ed=s kennisse gegeeven, van het vertrek van den sergeant Pool„ en den vaandrig der weeteangers Mohammat Tassim, nade Bantamse bovenlanden Apsart of eenige ter bezzigtiging ongs zijn allen 55100: bomenal alsverb gens waardigen ges„ teldheijd bladeren, ter bezigtiging der Peeper Thuijnen om de oost en zuijd oost, of in die Conterijens dewelke in't geepasseerde Jaar door de Com„ „missianten van den Boogaard en Chambons zijn opgenomen, ten einde inspectie te neemen of de aan den koning gedaane Rapporten weegens derzelver tegenwoordig in twee Campo dess blaate toestand: met de waarheijd over„ eenkomen, : Thans ben ik in staat gesteld door de terug komst der voormelde Commissie en het door den sergeant Pool overgegeeven der Peper thuijn nen om dien schriftelijk Rapport, Uw Hoog Edelheedens den uijtslag daar van te bedeelen, Hoofd„ „zakelijk behelsd dit Rapport dat in de meeste Thuijnen meer als een vier de gedeel„ „te vrugtdragende boomen ten eenemaale verdort en verstorven zijn bevonden, en dat de overige Peeper boomen allen zeer schaal en met wijnig vrugten voorzien zijn, zo dat niet alleen de leverantie voor dit Jaar die men had gehoopt dat uijt dien oort wel 750: Bhaaren zouden hebben bedraagen, nu en daar uijt te voor niet meer dan 150: Bhaaren zal kunnen ziene geringe inzaam in dit Jaar beloopen, maar ook dat dit ongelukkig verval der Thuijnen in geen twee vol„ gende Jaaren zal kunnen geredresseerd Worden Cchoon zelfs deese deerlijke vermoesting door het aanleggen van nieuwe Peeper plan„ „tagie en het aanplanten van ruim het getal der versturve boomen voor een gedeelte reeds is hersteld, Jnde voornaamste Campongs Mam„ aan peeng en Panembang die met alle mogelijke naauwkeurigheijd zijn opgenomen heeft men inde eerstgemelde 30000: en de laast ge„ds nomende 25100 Vrugtdragende stammen ten eenemaale verdort en als verbrand bevonden, Deeze beklagens waardige gesteldheijd word oor zaak dier bekla„ in't algemeen toegeschreeven, aan de heevige hitte en droogte, na een voor afgegaane buijten en gemeen zagte Reegen mouson, waar door in dit Jaar uijt gebrek aan genoegsaame Reegen over het geheel inde bovenlanden de grond zodanige overal van alle vogt ontblood, en op veele plaatsen van elkanderen is gespleeten dat de stammen en bladeren zo te zeggen ge„ „heel door de zon verbrand zijn geworden even ambieding der van of ze door het vuur verzeukt zijn, zo als de daar mede gebragte wijnig mel de geebragte monster van stammen en blaaderen aantoonen, en die ter g'eerde speculatie uwer Hoog Ed=s hier neevens zijn gevoegt voormeld Rapport van den sergeant Pool neem ik de vrijheijd uw Hoog Ed=s in Copia meevens deeze aante bieden, — Direct nade terug komst van voornoemde worden Sergeant bevonden Stamm

NL-HaNA_1.04.02_3910_0352 view scan ↗

English

Separate letter brought by the sovereign, and request that his people might return here soon. Regarding Sergeant Pool and Raden Demang Boraca, who accompanied him on behalf of the King and whom His Highness had also assigned to assist in carrying out the pepper inspection west of Bantam, I have made it my business to let this extra inspection proceed. I have prepared the necessary instruction, a copy of which I have the honor to send to Your Right Honorable in the trust that it will meet with Your Right Honorable's approval. Thus, on the 6th of this month, the commissioners, consisting of Captain Lieutenant Paulus van Rhijn and the Military Ensign Fredrik van Chambon, together with two assistants, departed in the company of the King's envoys and the necessary retinue. The request of Ratu Bagus Udin and his son has been presented to the King. Pursuant to the order given by Your Right Honorable in the esteemed separate letter of May 7th of the current year, I have presented to His Highness the King of Bantam the request made to Your Right Honorable by Ratu Bagus Udin, banished to the Cape of Good Hope, and his son Ratu Bagus Nasak, to be released from their banishment, and at the same time I requested in Your Right Honorable's name to know the Sovereign's pleasure in that regard. The Sovereign's answer. His Highness replied thereto that, since these people were banished during the previous reign of his father, he could put forward nothing against their release, nor was he afraid that they would cause any unrest again, and that His Highness therefore leaves it entirely to the clemency of Your Right Honorable to grant them the freedom to return here again. Aunt arrived from Ceylon. On the aforesaid occasion, His Highness requested me to urge Your Right Honorable in the most friendly manner that His Highness's aunt, Ratu Littie, widow of Ratu Bagus Abdulla, who has already arrived from Ceylon through Your Right Honorable's favorable concession, may be granted permission as soon as possible to come over here, as His Highness says he has been informed that two of her slaves have already passed away. Letter offered. Some time ago, one of the Bantam juragans brought from Batavia a letter addressed to the Sultan, which I have detained as I do not know by whom it was sent here; wherefore I take the liberty of sending that letter enclosed herewith for Your Right Honorable's consideration. With due submission, I have the honor to call myself: /was signed/ F. O. Lower down: Your Right Honorable's humble and obedient servant /was signed/ F. H. Beijnon. In the margin: Bantam, the 11th of September 1790. Agreed: J. Moller. Separate Papers from Ambon for the Netherlands in the year 1790. Secret Incoming Letter Book. Received 1791. Copy. Second Volume, No. 9. Alphabetical index of the marginal notes to the Separate Letter to Their Right Honorables of 30 September 1790. The cruising. The cruising orembaais stationed on watch before the village of Hatu Meten returned in the month of July, having seen no sign of the enemy. Page 72. The respective coastal posts were considered sufficiently secured by these precautions. Page 76. However, with the village of Keffing. Page 77. The pantchiallang De Willem was therefore sent to that region for the relief of Keffing. Page 78. This vessel arrived there fairly favorably. Page 79. However, it encountered nothing unusual along the way. Page 79. The orang kaya of Rarakit is accused of colluding with the rebel Nuku. Page 80. This will be investigated during the Hongi expedition. Page 81. Two orang kayas of Pulau Geser and Ceram Laut wanted to tow the pantchiallang De Willem to Pulau Geser. Page 82. On the advice of the Captain of Keffing, that vessel came to anchor off Keffing. Page 83. The commander of the pantchiallang De Willem was unable to execute his orders. Page 84. Reason why. Page 86. The Captain of Keffing was assisted with 50 pounds of gunpowder. Page 87. The said Captain of Keffing and his associates were more concerned for Major Kaicili Melkiddin than for themselves. Page 89. The Major was brought on board the aforesaid pantchiallang with state. Page 90. And received here in submission. Page 91. A monthly allowance granted to him. Page 92. The Governor of Ternate informed thereof. Page 93. Repeated request to Governor Cornabé. Page 94. A test will be made of the loyalty of Kaicili Melkiddin. Page 96. Embittered against Nuku and why. Page 97. Efforts will be made to further kindle in him the fire of revenge against the same. Page 99. Intention to provide assistance to the Captain of Keffing if necessary. Page 101. Etc.

Dutch transcription

Aport vorst heer aangebrag „te Briev, — en verzoek dat zijne „men in wij spoedig magt hertr: komen Sergeant Pool en de hem van s konings weegens verzeld hebbende Radeeng deman voortgang der Jaeper Boraca die zijn Hoogheijd ook had geschikt visite de west, — om de Zeepervisite om de west van Bantam, meede te helpen verrigten heb ik mijn werk gemaakt om deeze Extra visite te laaten voortgang neemen, en de benodigde Jnstructie die ik de eer heb hoogst de„ zelve in Copia toe te zenden in het vertrou„ wen dat dezelve uw Hoog Ed=s goedkeuring zal mogen wegdragen ingereedheijd gebragt, gelijk dan ook op den 6=e deezer de Commissianten bestaande inden Capitain Luijtenant Paulus van Rchijn en den vaandrig militair Fre„ „drik van Chambon neevens twee assis= „tenten, ingezelschap van 's konings zende„ lingen en het benodigde brorte zijn ver„ „trokken — het verzoek van ratoe Op de door uw Hoog Ed=s gegeeven order bij Bagoes oedien van en zijn zoor is aan den oggeagte aparte Missive van den 7: Meij L: E: Koning voorgedraagen heb ik aan zijn HoogEeid den koning van Bantam, voor gedragen het door den te Cabo: de goede Hoop gebannen Ratoe basjoes oedin en des„ „selfs zoon Ratoe Gagoes nasak aan uw Hoog Ed=s ge„ „daan verzoek, om uijt hunne Bannissementen ontslagen te worden en te gelijk uijt Hoogst desselfs naam verzogt daar omtrent svorst goedvinden ten moogen weeten zijn Hoogheijd 's vorsten antwoord respliceerde daar op dat na dien deeze men„ „schen bij de voorige Regeering van zijn vader waaren verbannen, teegens hun ontslag niets wist uijtebrengen nog ook niet bedugt was zij weeder eenige onruste dat zoude verwetken en dat zijn Hoogheijd overzulks volkomen aan declementie van uw Hoog Ed=s overlat om hun vrijheijd te verleenen weeder herwaards te komen Bij voorschreeven geleegenheijd heeft mij van Ceijlon overgeke, zijn Hoogheij verzogt bij uw Hoog Ed:s op het vriendelijkste te insteeren, dat de door Hoogst desselfs Gunstige Concessie bereeds van Ceijlon overgekomene noeij van zij Hoog„ „heijd Ratoe Littie weduwe van Ratoe Ba„ „goes Abdulla, zo spoedig mogelijk mag permissie verleend worden om herwaards over te komen, dewijl zijn Hoogheijd zegt gein„ „formeert te zijn, dat reeds twee van haare slaaven zoude zijn Overleeden — aan bod van hendden Voor eenigen tijd is met een der Bantamse Juragans van Batavia aangebragt een brief geaddresseerd aan den sulthan die ik heb aangehouden als niet weetende door wiens dezelve herwaards is gezonden, waarom ik de vrijmoedigheijd neeme die brief bij dee„ „ze ten speculatie uwer Hoog Ed=s over„ „te zenden E respliceerde Met Verschuldigde daar op Met verschuldigde Onderdanigheijd heb ik de eer mij te noemen: /Onderstond/ F: O: Laager uw Hoog Edelheedens onderdanige en Gehoorzaame dienaar /was geteekent F: H: Beijnon In margiene Bantam den 11: September 1790: Accordeerd 6 8 5 Nag ge J„ Moller Cetelaar Geheede Contla Aparte Papieren van Ambon voor Neederland 1n a: 1790. Secreet Inkomend Briefbl Overgekoman 1791 Copia Tweede deel No. 9 Register der Alphabelisch Marginalen op de Aparte Brief aan Hun Hoog Edelhedens van den 30 September 1790 Dekruissing De voor de Negorij Natoermetten op beandwagt geligde kruis orembaijen - - - - - - d 72 zien in de maand Julij geretourneert van den waaam vrand vernamen hebben de respective bintien Comtoiren heeft men door deze voorzorge voor genoegsaam gese„ „cureert gehouden - - - - - - - - - - - - - - - - - „ 76 maar met de Nigorij ketting - - - - - - - - - - - - - - - „ 77 de pantjalling de willem is daarom tot ontzet van kessing na dirn„s gezonden - - - - „ 78 dit vaartuig aldaar tamelijk voorspoedig aangekomen - – - – – – – – „ 79 edog heeft niets zonderlings op de derw„s wijse ontmoet - - - - - - - - - - - „ — den orangkaij van Rarakit word beschuldigt met den rebel Noekos te keulen - - „ 80 - - - ---„ 81 dit zal onder de Hongij onderzogt worden. twee orangkaijen van P„l gisser en Ceram Laut hebben de pantjalling de willem na P„o gisser willen bougseeren - - - - - - - - - -- „ 82 - Op den raad van den kapitain van kiffing is dat vaartuig voor kifting ten an„ --- „kergekomen - - - - - „ 83 den gezaghebber van de pantjalling de willem heeft zijne ordres niet kunnen volvoeren - - - - - - - - - - - - - - - - - „ 84 Reeden waarom - - - - - - - - - - - - - - - - - - „ 86 den Capitain van kefting is met 50 ld„o buskruit geadsisteerd - - - - - - „ 87 gem: Capitain van kesting C: s: zyn bezorgder voor den majoor kaitjelie Mel„ „keddin geweest als voor hun zelve - - - - - - - - - – - „ 89 Met staaten is den majoor op voorsz: pantjalling gebragt - - - - - - - - „ 90 en alhier in submissie ontvangen - - - - - - - - - – – – – – „ 91 douceur denzelve pe Maand toegelegt – – – – – – – – – – – – - „ 92 den Heer Ternaats gouverneur daar van kinnis gegeven – – – – – – – „ 93 herhaald verzoek aan de Heer gouverneur Cornabo - - - - - - - „ 94 van de trouwe van kaitjelie Melkedomn zal een preuve genomen worden „ 96 verbitterd op Noekoe en waarom - - - - - - - - - - - - - - „ 97 het wraak vune tegens denzelve zal men in hem verder soeken te ontsteeken - – – „ 99 voorneemen om den Capitain van kisting des noods adsistentie te bewijsen – – - - „ 101 &a

NL-HaNA_1.04.02_3910_0356 view scan ↗

English

The Cruising The cruising orembaaien placed on guard duty before the village of Natormitten - - - - - d 72 returned in the month of July without having seen any enemy - - - - - 73 threats of the rebel Noekoe to murder the major of Tidor - - - - - 74 and to destroy the village of Keffing - - - - - 75 Circular order to offer courageous resistance to the rebel Noekoe - - - - - — the respective outer offices were considered sufficiently secured by these precautions - - - - - 76 but not so with the village of Keffing - - - - - 77 the pantjalling De Willem was therefore sent thither to the relief of Keffing - - - - - 78 this vessel arrived there fairly prosperously - - - - - 79 yet encountered nothing extraordinary on the outward voyage - - - - - — the orangkaya of Rarakit is accused of colluding with the rebel Noekoe - - - - - 80 this will be investigated during the Hongi - - - - - 81 two orangkayas of Pulau Geser and Ceram Laut wanted to tow the pantjalling De Willem to Pulau Geser - - - - - 82 on the advice of the captain of Keffing, that vessel anchored before Keffing - - - - - 83 the commander of the pantjalling De Willem could not execute his orders - - - - - 84 Reason why - - - - - - - - - - - - - - - - - - 86 the captain of Keffing was assisted with 50 lbs of gunpowder - - - - - 87 the said captain of Keffing, cum suis, were more anxious for the major Kaicili Melkeddin than for themselves - - - - - 89 the major was brought with state aboard the aforementioned pantjalling - - - - - 90 and received here with submission - - - - - 91 a monthly allowance granted to the same - - - - - 92 the Governor of Ternate informed thereof - - - - - 93 repeated request to the Governor Cornabé - - - - - 94 a test will be made of the loyalty of Kaicili Melkeddin - - - - - 96 embittered against Noekoe and why - - - - - 97 they will seek to further ignite the spirit of revenge against him - - - - - 99 intention to grant assistance to the captain of Keffing if necessary - - - - - 101 Alphabetical Register of Marginal Notes to the Separate Letter to Their High Nobilities of 30 September 1790 Correspondence the pantjallings Lingen and De Expeditie arrived here from Banda - - - 141 little was accomplished by the expedition to Aru - - - - - 112 and Goram was left unvisited - - - - - — the separate letter of the Governor of Banda, Haga, communicated to the council members and why - - - - - 113 the Gorammers ought to be punished and brought to their duty - - - - - 114 under the Hongi this is difficult to do - - - - - 115 proposal to restrain those rebellious islanders - - - - - — good expectation thereof - - - - - 116 Extirpations on Kawa, situated on Ceram's north coast, no genuine but wild nutmeg and clove trees were discovered and extirpated - - - - - 104 Nutmeg Plantation the native regents earnestly encouraged to plant the contracted nutmeg trees - - - - - 119 Copy of the contract concerning this delivered to the regents - - - - - 121 hope that thereby all pretexts will be removed for the fulfillment of the engagements - - - - - 122 in this year 14850 pieces of nutmegs in their shells delivered, with 21 lbs of mace - - - - - 123 half a pound of mace will be delivered to the shopkeeper for household use - - - - - 125 Foreign Nations a ship sighted off the bay of Buru - - - - - 105 presumably this vessel was the national war frigate Bellona - - - - - 107 this ship and the brig De Mercurius at Larike were taken for hostile foreign ships - - - - - 108 the anxiety on that account ceased upon their arrival here - - - - - 109 they remained here no longer than two days - - - - - 110

Dutch transcription

Dekruissing De voor de Negorij Natormitten op biandwagt gelegde kuis orembaijen - - - - - d 72 zijn in de maand Julij geretourneert zonder eenigen vijand vernomin hebben - - - - - „ 73 duigementen van den Rebel Noeker om den majoor van Tidor te vermoorden „ 74 in de Negorij ketting te zullen verwoesten - - - - - - - - - - – – „ 75 - Circulaire ordre om den rebel Noekoe een manmoedige resistentie te bieden - - - - - „ — de respective bintin Comtoiren heeft men door deze voorzorge voorgenoegsaam gese„ „curuert gehouden - - - - - - - - - - - - - - - - - „ 76 maar mit de Negorij ketting - - - - - - - - - - - - - - - „ 77 de pantjalling de willem is daarom tot ontzet van kessing na dirn„s gezonden - - - - „ 78 dit vaartuig aldaar tamelijk voorspoedig aangekomen - – - – – – – – „ 79 edog heeft niets zonderlings op de derw„s rijse ontmoet - - - - - - - - - - - „ — den orangkaij van Rarakit word beschuldigt met den rebel Noekos te heulen - - „ 80 dit zal onder de Hongij onderzogt worden - - - - - - - - - - - - - „ 81 twee orangkaijen van P„l gisser en Ceram Laut hebben de pantjalling de willem - - - --„ 82 na P„o gisser willem bougseeren - - - Op den raad van den kapitain van kesfing is dat vaartuig voor kitting ten am„ 83 „kergekomen - - - - - - - - - - - „ den gezaghebber van de pantjalling de willem heeft zyne ordres niet kunnen volvoeren - - - - - - - - - - - - - - - - - „ 84 Reeden waarom - - - - - - - - - - - - - - - - - - „ 86 den Capitain van keffing is met 50 ld„o buskruit geadtisteerd - - - - - - „ 87 gem: Capitain van kesting C: s: zyn bezorgder voor den majoor kaitjilie Mel„ „keddin geweest als voor hun zelve - - - - - - - - - – – „ 89 Met staati is den majoor op voorsz: pantjalling gebragt - - - - - - - - „ 90 en alhier in submissie ontvangen - - - - - - - - - - - – – – „ 91 douceur denzelve pe Maand toegelegt – - - – – – – – – – – – - „ 92 den Heer Ternaats gouverneur daar van kennis gegeven – – – – – – – „ 93 -–– „ 94 herhaald verzoek aan de Heer gouverneur Cornabo - - - - van de trouwe van kaitjelie Melkeddi zal een preuve genomen worden „ 96 verbitterd op Noekoe en waarom - - - - - - - - - - - - - 97 „ het wraak vine tegens denzelve zal men in hem verder soeken te ontsteeken – – – „ 99 voorneemen om den Capitain van kessing des noods adsistentie te bewijsen – - - - „ 101 Register der Slphabelisch Marginalen op di Aparte Brief aan Hun Hoog Edelhedens van den 30 September 1790 Correspondentie de pantjallings Lingen en de Expidite alhier uit Banda geaiiveert - - - „ 141 door de Expeditie ^ na Aroe es winnig uitgevoert - - - - - - - - - - - - „ 112 en goram onbezogt gelaten - - - - - - - - - - - - - „ de aparte brief van deHeer Bandas gouvernur Haga de raadsleeden gecom„ „municeert en waarom – – – – – – – – – – – – „ 113 de gorammers dienen gestraft en tot hun pligt gebragt te worden – – – – - „ 114 onder de Hongij is zulx beswaarlijk te doen. – – – – – – – – „ 115 - voorslag ter beteugeling dier weevelmoedige Eijlanders - - - - - - - - „ — goede verwagting daarvan - - - - - - - - - - - - - - - „ 116. Extiepatien op kawa, gelegen aan Cerams Noord Cust zyn guene egte maar wel wilde Noten en Nagulbomen ontdekt en geextirpeert - - - - - - - - - - „ 104 Notin Plantagie de Jnhandsche reginten met ernet geanimeert tot de aanplanting der gecontractue„ „de note musschatbomen - - - - - - - - - - - - - - - „ 119 Copia van 't Contract dierweegens aan de regenten afgegeven - „ – – – „ 121 hope dat daar door alle itvlugten benomen zullen wezen tot het nakomen der verbintenissen - - - - -- - - - „ 122 - in dit Jaar 14850 p„s note musschaten in hun doppen gelevert met 21 lb„ foelij . „ 123 een half d„o foelij zal tot de hunshouding aan den winkelier afgegeven worden - - „ 125 Vreemde Natien een schip voor de bogt van Bouro vernomen - – – – – – – „ 105 vermoedelijk is dien bodem 'slands oorlogs frigat Bellona gewuest. „ 107 dit schip in de brik de Mercuur te Laricque voor vyjandelijke vrumde schepen aangezien. - - - - - - - - 108 - „ de ongerustheid dierwegens is door derzelver komst alhier gecesseert. - „ 109 zijn niet langer dan twee dagen alhier overbleven - - - - - - - - „ 110

NL-HaNA_1.04.02_3910_0358 view scan ↗

English

To His High Honour, the High and Nobly Born, Highly Esteemed Lord, Mr. Willem Arnold Alting, Governor-General, together with the Nobly Born and Severe Lords Councillors of the Netherlands Indies. Batavia. High and Nobly Born, Highly Esteemed Lord, Nobly Born and Severe Lords, Section 72. Under the heading of Cruising, I informed Your High Honours by my spring separate letter of 21 June past, section 62, that I had placed two armed cruising orembaijen on guard before the settlement of Hatoemetten, situated on Ceram's south coast, in order to thwart the threats of the rebel Noekoe. Section 73. In continuation thereof, I now have to bring to the dutiful knowledge of the very same that those vessels lay before that settlement until the late part of the month of July, and without having observed any enemy, they then returned back homewards at the request of the Radja of Hatoemetten himself. Section 74. But since I was meanwhile informed by the Captain of Keffing Baockan and the Orangkaij of Kwaos Kanna Kanna by a Malay letter, the translation of which accompanies the annexes, that the aforementioned rebel Noekoe was doing everything in his power to murder the Major of Tidor mentioned in section 68 of my aforementioned separate advices, since they had taken him, along with his wife and children, under their protection in the settlement of Keffing, and that this rebel was having them watched so closely that they could not have that Major transported hither; furthermore, that he had also let them know through an emissary that he would come within a few days with his Hongi fleet to occupy it completely. Section 75. I have, as well for that reason as because the aforementioned Captain of Keffing warned the Radjas of Hatoemetten and Hatiahoe by a Malay note, of which the translation likewise accompanies the annexes, that they must be on their guard, because Noekoe was to be expected in the settlement of Keffing.

Dutch transcription

t Apart Batavia geluigd kreis Oimbaijen „ eenigen vijand verwomen te hebben majoor van Tidor te vermoorden Benevens De wel Edele Gestrenge Heerin Ra„ „den van Neederlands India Hoog Edelen Gestrengen Groot Achtbaren Heere Wel Edele Gestrenge Heeren § 72 onder het hoofdeel van Bekruissing heb ik uw Hoog Edelhedens bij mijne „de vegorij watormetten op bi am oorjaarse aparte Letteren van den 21 Junij b: l: §62 bedeeld twee gearmeerde kruis Orem„ „baijen voor de Negorij Hatoemetten, gelegen aan Cerams zuid Cust, op brandwagt gelegt te hebben ter verydeling der dreigementen van den Rebel Nockoe §73 Ten vervolge van dien heb ik thans deeese Hoogst Dezelve ter schuldige kinnis te brengen „nde maand Julij geretournert dat die vaartuigen tot in het laatste van de maand Iulij voor die Negorij gelegen hebben„ „de zonder eenigen vijand te verneemen als toen op 't verzoek van den Radja van Ha„ „toemelten zelve weeder thuiswaards te rug gekeeld zijn. §74 Maar vermits mij intusschen door den Capitain van keffing Baockan en den Orangkaij menten van den rebel voekoe van kwaas kanna kanna bij een maleidsche brief welkers Translaat de bijlagen verzeld, berigt wierd dat den voorm: Rebel Noekoi alles in 't werk stelde om den majoor van Fi„ „dor vermeld bij § 68 mijner op gem: aparte advisen, te vermoorden vermits zij hem ne„ „vens vrouw en kinderen onder hunne bescheeming in de Negorij keffing genomen hadden in dat dien Rebel hen zodanig liet oppassen dat zy dien majoor niet na herw„s konden laten overbrengen, voorts dat hij hen ook door een zendeling had laten weeten binnen winnige dagen met zijne Hongij vloot te zullen komen om her e enemaal te bezetten §75 Heb ik mij zo wel om die reeden als om dat opgem: kapitain van Kessing de radjas van egorij kessing t zullen verwasten Watoemetten in Nlatiahoe bij een maludsch briefje, waar van 't translaat de bijla„ „gen meede verzellende is, gewaarschuwt heeft op hunne hoede te moeten zijn, dewijl Noe„ gouverneur geniraal M„r Willem Arnold Atbing Den Hoog Edelen Gestrengen Groot Achtbaren Heere Aan zyn Hoog Edelheid koe Ap wagt gelegde kruis orimbaijen zonder eenigen vijand verwomen t hebben om den majoor van Tidor te vermoorden Benevens De wel Edele Gestrenge Heeren Ra„ „den van Neederlands India Hoog Edelen Gestrengen Groot Achtbaren Heere Wel Edele Gestrenge Heeren § 72 onder het hoofdel van Bekruissing heb ik uw Hoog Edelhedens bij mijne de voor de vegorij watormetten op biandvoor jaarse aparte Letteren van den 21 Junij l: l: 662 bedeeld twee gearmeerde kruis Orem„ „baijen voor de Negorij Hatoemettin, gelegen aan Cerams zuid Cust, op brandwagt geligt te hebben ter vrijdeling dir dreigementen van den Rebel Noekoe §: 73 Ten vervolge van dien heb ik thans deeese Hoogst Dezelve ter shuldige kinnis te brengen zijn in de maand Julij geritourmert dat die vaartuigen tot in het laatste van de maand Iulij voor die Negorij gelegen hebben„ „de zonder eenigen vijand te verneemen als toen op 't verzoek van den Radja van Ha„ „toimetten zelve weeder thuiswaards te rug gekeerd: zijn. §74 Maar vermits mij ntuischen door din Capitain van keffing Baockan en den Orangkaij duigementen van den rebilevoekoe van kwaos kanna kanna bij een maleidsch brief welkers Translaat de bijlagen verzeld, berigt wierd dat den voorm: Rebel Noekoi alles in 't werk stelde om den majoor van Fi„ „dor vermeld bij § 68 mijner op gem: aparte advisen, te vermoorden vermits zij hem ne„ „rens vrouw en kinderen onder hunne bescheeming in de Negorij ketfing genomen hadden en dat dien Rebel hen zodanig liet oppassen dat zy dien majoor niet na herw„s konden laten overbrengen, voorts dat hij hen ook door een zendeling had laten weeten binnen winnige dagen met zijne Hongij vloot te zullen komen om her „e enemaal te bezetten §75 Heb ik mij zo wel, om die reeden als om dat op gem: kapitain van Kessing de radjas van in de Negorij kessing tezullen verwasten Matoemetten in Hatiahoe bij een maludsch briefje, waar van 't translaat de bijla„ „gen meede verzellende is, gewaarschuwt heeft op hunne hoede te moeten zijn, dewijl Noe„ Aan zyn Hoog Edelheid Den Hoog Edelen Gestrengen Groot Achtbaren Heer M=r Willem Arnold Atting gouverneur generaal koe Batavia

NL-HaNA_1.04.02_3910_0360 view scan ↗

English

... held him enclosed with his hongi fleet, had made threats ... to offer a courageous resistance ... kept adequately secured ... arrived rather quickly, yet met with nothing unusual on the voyage thither. Assisted with gunpowder. The Willem was unable to carry out its orders. On the advice of the captain of Keffing, went to anchor. This shall be investigated among the hongi ... as well as that the soldier of Saparoua, Adriaan Philip, who was sent to Keffing with a Company flag, upon his return there also reported, according to what is noted in a letter received from Saparoua dated 29 June last, transmitted among the appendices of the general letter, that he had not been able to advance further up Ceram than to Kamal, since in the further inland settlements up to Oerong, a multitude of all kinds of rabble was staying, such as Gorammers, Papuans, and Alfurs of Tobelo, all adherents of Nuku. I found myself under the obligation to issue a circular order to have the chiefs of the respective orembaais prepared as quickly as possible to put to sea at the first order, with instructions to offer courageous resistance to Nuku and his followers upon their descent, and in the meantime to keep good watch so as not to be taken by surprise by that rabble; threatening to destroy Keffing if the aforementioned major of Tidore were surrendered to the Company ... reported upon coming aboard him in the three southernmost settlements of ... Paragraph 76. Through these precautions, I considered the respective outer posts adequately secured against an unexpected attack, although I could not send them any extraordinary military assistance without weakening the garrison here too much, as at that time, besides 21 men on diverse duties, it consisted of only 157 ordinary soldiers, according to the effective strength of the end of July, transmitted in original among the appendices. Paragraph 77. But in order to rescue the settlement of Keffing, and consequently also the well-disposed chiefs loyal to the Company's interests, namely the captain of that settlement, Baoekan, the Orang Kaya of Kwaos, Kanna Kanna, and the major of Tidore housed by them, Prince Kaicil Melkeddin, from the imminent danger in which they appeared to find themselves of being massacred by the rebel Nuku and his followers, and at the same time to preserve that settlement from total destruction, I had to take the resolution to choose the best of the two available pancallangs, namely the Willem. Paragraph 78. Which I consequently sent along the north coast of Ceram to Keffing, as doing so via the south was not feasible due to the fiercely blowing southeasterly winds, reinforced with 1 corporal, 12 ordinary soldiers, 1 gunner, 2 assistants, and 1 junior surgeon, also provided with such instructions as I have the honor to present in copy to Your Excellencies among the appendices. Paragraph 79. This vessel completed its voyage rather quickly, yet met with nothing notable along the way, except a large junk, which fled upon sighting the pancallang without being overtaken, although some live shots were fired at it, according to the report of the commander of the aforementioned pancallang the Willem, transmitted among the appendices. Paragraph 87. To the captain of Keffing and the Orang Kaya of Kwaos he could also be of no other use than to supply them, upon their persistent request and under receipt, with a keg of 50 pounds of gunpowder for the protection of the settlement of Keffing. Paragraph 88. As that captain and the Orang Kaya of Kwaos also made known to me themselves in a Malay letter, the translation of which accompanies the appendices and is marked with No. 6 in the register. Paragraph 89. Since the contents of my letter, which I had written to the aforementioned well-disposed Ceram regents in reply to the one I had received from them, and whose essential contents were recorded above at Paragraph 74, seem to have been taken so much to heart by them that they preferred to place themselves in danger ... Paragraph 84. However, he was unable to comply with what I had prescribed to him by instructions, namely to consult with the chiefs of the pancallangs returning from Aru and Goram, the expedition and [illegible], by what means Nuku might best be trapped, and to put the resolution taken for that purpose into immediate execution. Paragraph 85. Much less to show all assistance to the expected Tidore kora-kora fleet upon its appearance there, for the capture of the frequently cited rebel Nuku. Paragraph 86. Since neither the aforementioned pancallangs nor the kora-kora fleet of the Prince of Tidore were heard of during his short stay there. Paragraph 82. Meanwhile, the commander of the aforementioned pancallang the Willem set about warping in order to bring the pancallang to a good anchorage at Pulau Geser. Paragraph 83. But because the captain of Keffing informed him through his nephew that, although the aforementioned Orang Kayas were friends of the Company, it was nevertheless not advisable to anchor at Pulau Geser, and that he could not answer for the safety of the Company's vessel and crew, because many wicked people were staying on that small island, all adherents of Nuku who had come from Aru, among them many Bugis and Balinese, and that he should therefore rather anchor off Keffing, he followed that well-meaning advice. ... the clove-producing posts, together with the postholders of Manipa and Sawai, by a circular ... Orang Kayas of Pulau Geser and Keffing ... Pulau Geser by two Orang Kayas of Pulau Geser in ...

Dutch transcription

„koe hem met zijne Hongij vloot ingesloten hilden bedreigingen gedaan had de Agorij ker een manmoedige resistentie te „zaam gesicueuert gehouden voor spoedig aangekomen edog heeft niets zonderlings op de derw„s reijte ontmoet. #t buskruit geadsisteerd de willem heeft zijne ordres niet kunnen op den raad van den Capitain van ketfing ten ankeren gegaan dit zal onder de Hongy onderzogt „reed wierde mitsg: den na keffing met un Comp:s vlag gezondene Soldaat van Saparoua den. Adriaan Philip bij zijn retour aldaar ook gerapporteerd heeft, na 't aangeteekende bij een van Saparoua ontvangene brief de dato 29 Junij J:l:, onder de bijlagen van de gemeene brief overgaande, niet verder na boven Ceram te hebben kunnen komen als tot kamal alzo in de verdere opgelegene Negorijen tot Oerong toe zeg un meinigte worden: van allerhande geboefte ophield, als gorammers Papoen en Alfoeren van Tobilla, Circulaire ordre om den Ribel voe„ alle aanhangers van Noekoe, in de verpligting gevonden de Hoofden der respective orembaijen ten spoedigsten in staat te doen brengen om op de eerste ordre in zee te kunnen steeken met last om Noekoe met zijnen aanhang bij hunne afzakking een manmoedige resistentie te bieden en intusschen goede wagt te houden om niet op 't onverwagtste door dat gespuns overrompeld te worden — keffing te zullen verwoesten zo den meergeciteerden majoor van Tidor aan de Comp overgele „ smhuldig mat den iebel voekoek heer bij hem aanboord komende verhaald hebben in de drie Quidelijkste Negorijen van Rasa„ § 76 Door deze voorzorge hield ik de respective buiten Comtoiren voor een onverwagten aan„ de respective binten Comtoiren hueft „ val wel genoegzaam gekcureert schoon ik hen geen extra ord„e onderstand van mili„ men door deze voorzorge voor genoegen taren konde toezenden zonder 't guarnisoen alhier te veel te verswacken dewijl het zelve als toen, buiten 21 diverse dienstdoenders, slegts in 157 koppen gemeene mili„ „tairen bestond na aanleiding der koste sterkte van uld„o Julij, onder de bijlaegen in originali overgaande. ~. §: 77 Maar om de Negorij keffing in dienvolgende ook den voor sComp„s belang wilgezinden velroeren maar met de Negorij kessing Capitain dier Negory Baoekan, den Orangkaij van kwaos kanna kanna en de door hen gehuisvesten majoor van Tidor, prins kaitjile Melkeddin int 't wijpende gevaar te redden, waarin zij zig scheenen te bevinden van door den Rebel Noekoe in aanhang gemasacreerd te zullen worden in die Negorij tevens voor aento„ „tale vernieling te bewaren moest ik 't besluit neemen om van de twee aanhanden zijn„ „de Pantjallings de beste te verkiesen namelijk de Willem. §78. Die ik dienvolgende langs de noord kant van Ceram na ketting gezonden hebbe wijl de pantjalling de willen is daarom zulx om de zuid niet doenlijk viel door de vehement doorwaijende zuid ooste winden, tot onzel van hier na derw:s gezonden versterkt met 1 Corp:l en 12 gemeene militairen 1 Cannonier 2 handlangers en 1 Onder„ „meester, voorzain tevins van zodanige Instructie als ik de eere hebbe uw Hoog Edelens in Copia onder de bijlagen aan te bieden §79 Dit vaartuig heeft zijne wyse tamelijk voor spoedig volbragt dog niets notabels dit vaartuig is aldaar tamelijk onderwege ontmoet behalven „ groot Hottij een Ionk die de Pantjalling in 't gezigt krijgende gevlugt is zonder agterhaald te kunnen worden schoon op 't zelve eenige schoten met scherp zijn gedaan na luid Relaas van den gezaghebber van opgem: „ zorgder woorden majoor kaitjie Mel„ Pantjalling de Willem, onder de bijlagen overgaande„ reeden waarom §87: Den Capitain van kessing en orangkaij van kwaos heeft hij ook van geen ander nut den Capitain van keffing is met 50 kunnen wezen als om hun op derzelver aanhoudend verzoek en onder quitantie een vaatje met 50 d„o buskruit bij te zetten, tot bescherming der Negorij kessing. §88 zo als mij dien Capitain in den Orangkaij van kwaos ook zelve bekend gemaakt hebbe, bij een maleidsche brief, wier translaat de bijlagen verzeld en bij 't register gemerkt is met N„o 6. — §89 Nadien den inhoud van mijn brief, duck aan gemelde welgezinde beramk regenten gem: Capitain van kessing tf zyn be,. geschreeven hebbe, in antwoord van dien ik van hen ontvangen had en welkers zakelij„ „heddin gewust als voor hun zelve „ke Continue hier voren bij § 74 riets is geverbaliseerd, hen der maten ter harte schijnt gegaan te zijn, dat zij hen veel liever zelve in 't gevaar hebben willen stellen §84. Edog niet kunnen nakomen dat ik hem bij Instructie heb voorgeschreeven, namelijk om den gezaghebber vande Pantjalling met de Hoofden der van Arob en Goram te rugkeerende Pantjallings de Expeditie en Lingen te overleggen, door welk middel Noekoe best in de knip te krijgen is, en om het daar toe genomen werdende besluit dadelijk ter uitvoer te brengen. §85 Veel min om de verwagt werdende Tidorte Corre Corre vloot bij verschijn aldaar alle hub„ „pe te bewijsen tot de bemagtiging van meergeciteerde rebel Noekoo. §86 vermits nog de voorss pantjallings nog ook de Corne Corre vloot van Tidors vorst geduurende zijn kort verblijf aldaar vernomen zijn §82: ondertusschen is den gezaghebber van voormelde pantjalling de Willem, omtrend zettende om te boegteeren, ten einde de Pantjalling op een goede anker plaats bij P„o gisser te brengen. § 83 Dan wijl den Capitain van keffing hem door deszelfs nief liet weetin, dat of schoon keffing is dat vaartiig igter voor gem: orangkaijen vrienden van de Comp waren, het egter niet raadzaam was, op p„o gisser te ankeren in hij voor de veiligheid van 'sComp„s vaartuig en volk niet konde instaan, vermits op dat Eijlandje zig veel kwaad volk onthield, alle aanhangers van Noekoe, welke van Aroe gekomen waren, daar onder veele Boegineesen in Baliers en dat hij derhalven liever voor keffing zoude ankeren, heeft hij dien welmeenende raad opgevolgd. Nagul gevende Comtoiren nevens de Posthouders van Manipa in Sawaij bij een Cir„ ruorangkaijen van p:r gisser en ketting in P=r gisser door twee oiangkaijen van P„o gisser in Ce

NL-HaNA_1.04.02_3910_0360 view scan ↗

English

ram Lant encountered, circular letter of 7 July to write to them to tow their negorijs kris and hongi William after p:s geijer, professing to be in friendship with the Company; at the same time providing him with 6 orembaais ahead of the bow whereby it was also mentioned by that pilot that some natives belonging to Parakit home, but that they had been overrun by Nuku and robbed of everything because the present orang kaya of Raiakit colluded with that troublemaker section 81: regarding which I shall make an inquiry during my upcoming Hongi visitation, and finding this account to be true, remove that faithless Regent and bring him along to his house for deportation elsewhere as an example and deterrent to others. as offer 88

Dutch transcription

ram Lant ontmoet, „culairen brief van den 7 Iulij aan te schrijven om hunne Negorijs kriis en Hongij willem na p:s geijer willen bougdeeren betuigende in vrundschap met de Comp te zijn; hem tevens 6 orimbaijen voor de boeg d waar bij door dien Piloot ook aangehaald word dat eenige Inlanders van Parakit „kit thuis te hooren dog dat dezelve door Noekoe afgelopen in zij van alles berooft waren om dat den presenten orangkaij van Raiakit met dien reutverstoorder heulde § 81: wes ik in mijne te doene Hongij visite daarna onderzoek zal doen en dit verhaal waar bevindende dien trouwloosen Regent ligten en huw„s meede brengen ter verzending naelders tot een exempel en afschrik van anders. als bieden 88

NL-HaNA_1.04.02_3910_0361 view scan ↗

English

brought to the pantjalling assigned. Governor Cornabe keddin a trial will be made learned at Kawa, situated on Ceram's north intention to provide assistance if necessary to the Captain of Kissing as well as to expose the mentioned Prince Major of Tidor to the fury of his mortal enemy the Rebel Noekoe. §90 Since they, already on the third day after the arrival of the pantjalling De Willem, with state this major was brought aboard that vessel with much ceremony to be transported to Hitu, at his own request. §91 Consequently, he arrived here safely with the said pantjalling on 29 August, and received here in submission, and I have received him in submission in reliance upon Your High Noblenesses' desired approval, in the presence of 8 men whom the Captain of Keffing and the Orang Kaya of Kwaas had given to accompany him, and at the request of those Regents I have granted transport back to Ceram, in order to help defend their negorij against the threatened violence of Noekoe. §92 Meanwhile, since the mentioned major, according to his declaration, was stripped of everything by Noekoe and douceur of the same per month as it were brought to beggary, out of consideration for this and his birth, I have necessarily had to allocate him for his maintenance such a monthly douceur as is noted in the general resolution of 31 August last, to be charged to the government of Ternate and to be reimbursed to the Company by the King of Tidor. to the Governor of Ternate. 93 And of this I have also given notice to the Governor of Ternate, Mr. Cornabe, in Governor given notice thereof my separate letter of the 17th of this month, transmitted among the appendices. §94 With a repeated request to be enlightened whether I shall let him repeated request to the Governor proceed thither and whether he is welcome there, or not, since he has little desire for it and yet maintains that he is an older brother of the present Tidor Prince Kamaloedin, according to what was already noted in my spring advice 568. §95 Because of that uncertainty, I must detain him here until I have received the requested information concerning him from Ternate. §96 Meanwhile, I shall take him along on the Hongi to test whether of the loyalty of Kaitjil Mil- he means as well with the Company's interests as his promises and declarations are great, to fight the Rebel Noekoe and to get him dead or alive into our hands or to lose his own life in the attempt. §97 Seeing that he had not only alienated his own wife but also that of his son infuriated at Noekoe because snatched away and in addition stripped him of all his possessions; being for that reason not without cause highly embittered against him. §98 Wishing and desiring therefore nothing more than to be able to take revenge upon him and, if possible, to destroy him completely along with his brothers and adherents. probably the vessel was the 107 It appears to me very probable, however, that the same was the national war frigate war frigate Bellona the Bellona, coming from Ternate with the brig De Mercurius. §108 Which naval vessels, also coming into sight of Laricque on the 21st of this month, §106 Furthermore, that that vessel had flown a white pointed flag from the main topmast and, after firing a heavy cannon shot, a red flag with a blackish cross from the flagstaff, without adding thereto or knowing of what nation this ship had been. §105 From Bouro, I have recently been informed in regard to foreign nations a ship off the bay of Bouro by the provisional resident Coomans, by letter of 31 August accompanying the appendices, that on that morning a ship had come into sight, tacking back and forth to approach the fortress, but that because wind and current were not favorable to that vessel, it set its course around W.N.W. at sunset. §104 Since then, that Postholder, in a report noted in the general resolution coast, his disposition but indeed wild of the 11th of this month, informed me that he found no genuine spice trees there, clove and nutmeg trees discovered and extir- but indeed some wild clove and nutmeg trees, which were extirpated pated by him according to my orders. §101 During the conduct of the impending Hongi, or earlier if necessity requires, I will also come to the aid of the often-cited Captain of Keffing and associates, should the Rebel Noekoe come to occupy his districts and seek to destroy them. §102 Since they declare that they have great fear of this and have therefore earnestly requested assistance from me, in their letter cited at §88. §103 At §40 of my respectful spring letter, I noted having ordered the Sergeant postholder of Manipa to pay a visit to the negorij Cawa, situated on Ceram's north coast, during the conduct of the small Hongi, to search out and extirpate such spice trees as might be found within the district of that negorij and inland. the fire of revenge against the same. And which fire of revenge I shall also seek to kindle further in him as much as possible, one seek to kindle further in him in order to reap the fruits thereof, for the benefit of the Company's true interests and the restoration of peace on Ceram, for which I otherwise see no chance. §100 Since Noekoe and his followers seem best able to be curbed and eradicated by such means. first pated 399

Dutch transcription

pantjatting gebragt toegelegd. „vemneur Cornabe „keddin zal een proeve genomen worden vernomen op kawa gelegen aan Cerams noord voorneemen om den Capitain van kissing des nood, adistentie te bewijsen als om den meemr Pims Majoor van Tidor aan de woede van zijnen dood vyand den Rebel Noekoct exponieren. §90 Vermits zij hem al den derden dag na de aankomst van de Pantjalling de Willem, op met state is dien majoor op voort at vaartuig met veel statie gebragt hebben om hurn=s getranspord te worden, op zyn eigen begeeren. §91 Invoegen denzelven dan ook met gem: pantjalling den 29 Aug„s alhier behouden en alhier in submissie ontvangen gearriveert is en ik hem in vertrouwen van uw Hoog Edelhedens gewenschte goed, „keure in submissie ontvangen hebbe, in presentie van 8 mannen die hem den Capitain van ketting in orangkaij van kwaas mede gegeven hebben, en ik op 't verzoek dier Regenten weder na Ceram transport heb laten verleenen, om hunne Negorij tegens 't gedeigde ge„ „weld van Noekoe te kunnen helpen verdedigen. § 92 Daar onder tusschen gerepte majoor na zijne beturging door Noekoe van allis beroofd en douceur derzelven per maand als 't ware tot den bedel zaek gebragt is, heb ik hem uit Consideratie van dien en zijne ge„ „boorte tot diszelfs onderhoud noodzakelijk een diergelijk douceur smaands moeten toe„ sleggen als bij de gemeene resolutie van den 31 Aug. J=L: genoteerd staat, om 't gou„ „vernement Ternaten aangereekend en door den koning van Tidor weder aan de Comp: gerestitueerd te worden. in den Uir Terwaato goed. 93 en daar van ook uit den Heer Ternaats gouverneur Cornabi kennis gegeven bij „vinmeur daar van kennes gegeven mijn aparte letteren van den 17 dezer, onder de bijlagen overgaande. §94 Met herhaald verzoek om geblucideert te mogen worden, of ik hem derw„s zal laten herhaald verzoek aan de Heer god „ verkomen en hy aldaar aangenaam is, dan niet vermits hij daar toe wiinig lust heeft in nogthans staande houd, een ouder broeder te zijn van den presenten Tidors voist kamaloedin, na 't reets genoteerde bij mijne voorjaarte advis 568 §95 om due onzeekerheid moet ik hem hier zo lange aanhouden tot ik 't verzogte on„ „derrigt omtrend hem van Ternaten ontvangen hebbe §96 Perwyl ik hem inmiddens na de Hongij mede mimen zal, om te beproeven of vande trouwe van kaitjen Mil„ hij het met sComp„s belangens zo wel meent als zijne beloften en betuigingen groot zyn, om den Rebel Noekoo te bestryden en hem het zij dood, het zy lee„ „vindig in handen te krijgen of zijn leven daar bij zelve in te schieten. §97: gemerkt hij hem niet alleen zijn eigen vrouw maar ook die van zijn zoon had verbisterd op Nockag waarom ontweldigt en daar bij van alle zijne bezittingen beroofd; zijnde uit dun hoofde niet zonder reeden op hem ten hoogsten verbitterd. §98 winschende in verlangende derhalven niets meerder, als om zig aan hem te mogen wreeken en ware het mogelijk met zijne beoeders en aanhangelingen ten eenemaal te verdilgen, vermodlijkis den bodem stands 107: Het komt mij egter zeer waarschijnlijk voor, dat het zelve het lands oorlogs fregat oortlogs, ugat Billona geweest de Billona geweest is, komende van Ternaten met de Brik de Mercuue §108: welke oorlogs batters ook den 21 Oezer in 't gezigt van Laricque komende § 106 voorts dat dien bodem een witte spitze vlag van de groote steng en na 't doen van een harde Canon schoot, een roode vlag met een swartagtig kruis van de vlag„ „gestok had laten waijen, zonder daar bij te voegen of te weeten van welke na„ „tie dit schip geweest zij. § 105 van Bouro is my dezer dagen ten aanzien van Vreemde Natien een schip voor de bogt van Bouro berigt door den p„l resident Coomans by beure van den 31 Aug„s de bijlagen verzellende, dat er op dien morgen een schip in 't gezigt gekomen was, het over in weeder houdende om 't fortres te naderen, dog dat vermits winden stroom dien bodem niet gunstig geweest is, denzelve met zons ondergang zyn Cours om de W: N: W: gesteld heeft — § 104 zeedert heeft mij dien Posthouder bij een berigt, genoteerd bij de gemeene resolutie Cust, zijn geneegte maar wel wilde van den 11 dezer, bedeeld, geene egte specerij bomen aldaar gevonden te hebben, Noti im Vagul bomen ondikt en geegten aar wel eenige wilde Nagul en Notebomen, die door hem na mijne ordre geextirpeerd zijn. § 101 onder't doen der ophanden zijnde Hongij dan wel vroeger zo de nood 't veruscht zal ik de meergeceteerde Capitain keffing C: S: ook te hulpe komen, zo den Rebel Noekoe na zijne dirigimenten mogte komen te bezetten en zoeken te verdelgen. — § 102. Dewijl zij daar voor groote vreese betuigen te hebben en mij daarom met alle eienst om adsistentie verzogt hebben, bij derzelver bij §88 aangehaalde brief § 103 Bij § 40 myner eerbiedige voorjaarse litteren, heb ik genoteerd den Sergiant posthouder van Manipa geordonneert te hebben, om onder het doen der klime Hongij de Negorij Cawa, gelegen aan Cerams Noord Cust, een visite te geeven ter opspeuring in extirpatie van zodanige speciry bomen, als onder t district van die Negorij en landwaarts in te vinden mogten wezen. het maak ruur tegens dewzeer D dae En welk wraak vuur ik in hom ook zo veel mogelijk verder zal zoeken te ontsteken, men in hem verder zoeken te ontrsiken om er de vrugten van te mogen plucken, ten voordeele van 'sComp„s ware belangens en herstelling der ruste te Ceram, waar toe ik anders geen kans zie §100 Dewijle Noekoe en aanhang niet beter dan door diergelijke middelen te knippen en uit roeijen schijnt te wezen eerst „peerd 399

NL-HaNA_1.04.02_3910_0362 view scan ↗

English

since the arrival of silver here has ceased remained arrived here in Banda little accomplished and Goram left unvisited Governor Haga communicated to the Council Members and why to be brought to their duty tended nutmeg trees courageous Islanders which vessels were initially regarded and taken for hostile foreign ships, because of the erroneous reports that the chief there received from vessels, but they arrived here the following day, whereby all anxiety and unrest was entirely removed. Section 110. These same ships stayed here no longer than two days and, having taken in water and other necessities, departed again from here to the Government of Makassar, where I hope they will arrive safely and may contribute much to the promotion of the Company's authority. Section 111. I had also expected this from the costly expedition fleet sent to Banda, although little was accomplished thereby once again, according to what was noted by the Honorable Governor Haga in his separate letter of the 3rd of this month, brought here on the 10th following by the pantjallangs Lingen and Expeditie sent thither from here. According to that letter, they had only taken the hostile island of Oedjoer at Aroe and established a post there, but otherwise executed nothing of importance against the enemy, contrary to good expectations, and likewise did not touch at Goram. Section 113. And since that letter contains not only some complicated accusations, but also matters that pertain more to the general than to the separate correspondence, I have communicated it to my councilors. Such resolution was taken upon it as is mentioned at large in the outgoing general letter of today's date, and to which I must therefore respectfully refer, in order to avoid a duplicate report. Section 114. Meanwhile, because Goram remains unvisited, the inhabitants of that island, or at least the greatest part of them, will become increasingly insolent and unmanageable; it is high time that, for their licentious navigation, assisting the rebellious enemies in overrunning the Company's post at Aroe, besides many other misdeeds, they be strictly punished once and for all and brought to their duty. Section 115. But since this can hardly be done with the Hongi and the vessels employed there before the onset of the west winds, as experience has now taught me two years in succession, and since after that time or the blowing through of the west winds it cannot be done without running the risk of not being able to regain the Ceram shore after performing the service, and thus being forced to cross over to Banda and wait there for the onset of the east winds, to the considerable detriment and inconvenience of both that and this province; while with the slight force at hand not much can be accomplished against such fortified redoubts provided with so many cannon of all sorts, as is alleged to be found on Goram (for the truth or untruth of which I cannot vouch, never having been there); I venture to submit for Your High Nobilities' favorable consideration and reflection whether you might resolve to have a national war frigate and a brig of the same charter as those that have been here sent hither at the beginning of next year, so that, united with the force at hand here and reinforced with 25 to 30 competent cruising orembaais, they may pay a visit in March to the aforesaid malevolent Gorammers and inflict such chastisement upon them as their committed crimes deserve, with the exception only of women, children, and decrepit old men, as well as those who willingly submit to the Company and took no part in the murder committed at Aroe, since these should not be pardoned, but Section 116. For if Your High Nobilities can resolve upon this and please to supply the requested 100 European soldiers and 30 European sailors, who are highly necessary and required for this purpose, then I believe I may not only be assured of a good outcome of affairs, but also state that Noekoe, lacking this single place of safety, will have to submit of his own accord, and the malevolent Cerammers, deprived of their courage through this and the curbing of the Gorammers, will no longer grant him housing and refuge. Section 117. While that expedition will also not cost the Company very much. Section 118. Gladly submitting my humble opinion and proposal in this regard to Your High Nobilities' penetrating insight and pleasure, may I be permitted to bring to your notice, in consideration of Section 119. Regarding the Nutmeg Plantation, I have, according to what was noted in the Conference Minutes of July 13th last, inserted into the outgoing general resolution of the 28th following, anew and most earnestly encouraged the regents of this main Castle to plant the determined number of those trees; Section 120. Since of those planted by them since the year 1784, only 2,416 pieces were found to be existing at the latest survey; thus lacking a considerable quantity of 7,584 pieces from the determined number of 10,000. Section 121. And whereas the said Regents on this occasion made it known to me that their villagers were in continuous fear that, when they had contributed everything to the progress of that cultivation,

Dutch transcription

aangezien „ zilver komst alhier gecesseert verblieven alhier in't Banda gearriveert „nig uitgevoerd en goram onbezogt gelaten gouverneur Naga de raads Leeden gecommuniceert en waarom tot hun plegt gebragt te worden „tracteerde note musschaatboomen „moedige Eylanders det whependebik Mevenue telanie eert voor vyjandelijke reemde scheepen aangezien in gehouden zijn door de verkeerde rappor„ „que voor rijandelijke rumdschepen, ten die 't hoofd aldaar van schep en ontvangen heeft dog 'is daags daar aan alhier gear„ „riveert zijn. deconqunate veregends soor den o9 waar door alle orekier en ongerusthud diendwigen wig genomen wierde §110 Dezebude scheepen hebben zig hier niet langer dan twee dagen opgehouden en zijn zijn niet langer dan tweedagen alhier als toen na 't inneemen van water en andere benodigheden weder van hier vertrok„ „ken na 't gouvernement Macasser, alwaar ik hopen wil dat dezelve geluckig arri„ „veeren en tot de bevordering van sComp„s gezag veet toebrengen mogen. — § 111 Dit had ik ook verwagt van de na Banda gezondene kostbare Expeditie vloot dipantjalling singen en de Expeditie schoon daar door wederom winnig uitgewerkt is, na 't genoteerde door de Heer gouver „neur Haga bij zijn Ed: aparte schrijven van den 3 dezer, met de van hier na derw„s gezondene pantjallings Lingen en Expeditie op den 10 daar aan alhier aan„ „gebragt. dor de pedite tot mat Rho: / : adin voegens dat schrijven de onle eenlijk het viyandelijk Eyjland oedjuer te Aroe ingenomen en daar op een post gelegt, dog anders niets bijzonders tegens den goedeverwagting daarvan vyjand uitgevoert mitsg„s goram ook niet aangedaan hebben. § 113 En vermits bij die brief niet alleen eenige ingewikkelde beschuldigingen voorkomen de aparte brief van de Heer Bandas maar ook zaken die meer tot het gemeene als aparte behoren, heb ik denzelve mijn raadslieden gecommuniceert en is daar op ook zodanige dispositie gevallen, als bij de thans afgaande gemeene brief van hiedigen datum in 't breede gewag ge„ „maakt word, en ik mij mitsdien by dezen met eerbied moet eefereeren ter aftwij„ rding van een dubbeld ucit § 114 Daar ondertusschen door 't onbezogt blijven van Goram dim on opgezetenen van de gorammers dienen gestraften dat Eijland of immers het grootste gedeelte van dien, hoe langer hoe trotser en onhandelbaarder zullen worden, word het hoog tyd dat dezelve over hunne licen„ „tieuse vaart, te adsisteeren der bedjireete vyanden in 't aflopen van 'sComps post te Aroe buiten meer andere wanbedrijven, eens ten regoureusen gestraft en tot hun pligt gebragt worden. § 115 Dan wyl zulx bewaarlijk onder de Hongij met de daar ter geemployeerd werden, onder de Hongij is zulx beswaarlijk de vaartuigen te doen is, voor de doorbraake der wette winden, gelijk mij de onder„ „vinding nu reets twee Iaren agter den anderen geleerd heeft en zulx nadien tijd of het doorwaijen der wette winden niet geschieden kan zonder gevaar te lopen van den Ceramsen wal na verrigting van zaken niet weeder te kunnen gewinnen en alzo genootzaakt om na Banda over te steeken en aldaar te vertooren tot de doorbrake der ooste winden tot merkelijk nadeel en ongerief zo van die als deze aandergentz afgegeven §119. Tot de Noten Plantagie, dat ik de regenten van dit hoofd Casteel, na de Jnlandse regenten met imet geani, 't genoteerde bij Conferentie Notul van den 13 Julij J:=l: geinsereerd in de thans af„ „meert tot de aanplanting der guon„ gaande gemeene resol: van den 28 daar aan, de novo en op 't ernstigste geanimeert hebbe, tot het aanplanten van 't bepaalden getal dier bomen § 120 dewijl van de door hun zedert Ao 1784 aangeplante bij den Jongsten opneem, niet moet in wezen zijn bevonden dan slegts 2416 stux; mankeerende dus aan 't be„ „paalde getal van 10'000 een Considerabele quantitid van 7584 p„s Copia van't Contact verwmigens 121 Enovirmets mij gerept Regenden bij de gelgenheid te kennen garen, dat hunne dorpelingen in een gedu: en „rige vaers leeden, dat wanneer zij tot den opgang van dieculture alles gecontribueert hadden vr § 117. Terwijl de maatschappij die expeditie ook niet zeer veel zal komen te kosten. — § 118 Mijn gering oordeel en voordragt egter gaarne aan „ Hoog Edelhedens doordringend doorzigt en goedvinden hier omtrend onderwerpende, zij het mij geoorlooft Hoogst Dezelve ter kennisse te brengen, met aanschouw § 116 Wantzo uw Hoog Edelhedens daar toe kunnen besluiten en gelieven te voldoen de geuischt werdende 100. Europeese militairen en 30 Europeese mattroosen die daar toe hoog nodig zijn en vereischt worden, dan meen ik mij van eenen goeden uitslag van zaken niet alleen verzeekerd te mogen houden, maar ook te mogen stellen dat Noekoe deze eenigste zeekerheids plaats missende, van zelve in submissie zal moeten komen en de kwaadwillige Cerammers daar door en de beteu„ „geling dir gorammers, den moed benomen, om hem verder huisvesting en schuilplaats te vergunnen. Provintie; terwijl met de aanhanden zijnde geringe magt ook niet veel uitgevoert kan worden tegens zulke bevestigde en met zo veel Canon van allerhande zoort voor„ „ziene bentings, als voorgegeven word dat te Goram te vinden zouden zijn, dog voorslag ter betuigeling dier weewel„ voor welkers waar of onwaarheid ik niet in staan kan, als daar nooit geweest zijnde, onderwinde ik mij uw Hoog Edelhedens in gunstige overweging en bedenking te geven ofe Hoogst Dezelve niet zouden kunnen besluiten, om in 't begin van 't toekomende Jaar een lands oorlogs feegat en Brik van 't zelfde charter als die hier aangeweest zijn, herw„s te laten komen om verEenigd met de hier aan handen zijnde magt en versterkt met 25. â 30. sufficante kruis orem„ „baijen in de maart de voorss kwaadwillige gorammers een bezoek te geven en zo„ „danige te doen kastijden, als hunne bedreevene Euveldaden meritieren, met iitzonde„ „eing eenlijk van vrouwen, kinderen en afgeliefde oude mannen, mitsg„s die zig goed schiks aan de Comps onderwerpen in geene deelhebbers zijn van de gepleegde moord te Arol dewijl deze niet vertchoond, ma

NL-HaNA_1.04.02_3910_0362 view scan ↗

English

ought to be punished most severely as an example and deterrent to their deceitful countrymen Province Secret. Batavia. To His High Excellency. obligations delivered in their shells with 21 lb mace report concerning the orders what is possible, they might in time find that their trouble and labor has been in vain due to an unexpected extirpation of their trees; I have, at the request of the said regents, provided them with a copy of the contract that they entered into with the Governor of Pleuren on 10 June 1784 for the planting of the aforementioned number of 10000 nutmeg trees, in order to convince their villagers of their misplaced fear and reassure them that none of the stipulated trees will be felled in time, but that they may peacefully enjoy the fruits and benefits thereof. I hope that through this concession, all obstacles to the planting of the stipulated number of those spice trees having finally been removed, the native may fulfill his promise and obligation. Section 123: Meanwhile, I have now the honor to offer Your High Excellencies the nutmegs and mace delivered this year and prepared by the Master of Equipage Wolsgaard, 14850 pieces of nutmegs and 21 ditto of mace for the Netherlands described in two different small boxes: in two suckels first wrapped in sailcloth, 20 lb of mace, or 10 lbs in each suckel, and in two other single suckels, 14600 pieces of nutmegs in their shells, or 7300 pieces in each of them; further, in a third small box, described as Nutmegs and mace for Batavia, in a small suckel wrapped in sailcloth as before, half a ditto of mace, and in a single suckel 250 pieces of nutmegs, with the sincere wish that the same may be found in good order upon examination. Section 124: The costs of the same will be charged by invoice to the capital as usual. And since among the delivered 21 ditto of mace half a ditto was found to be black because the suppliers, through ignorance, dried it on the parra-parra, I will have that quantity of mace issued to the shopkeeper for daily household use. Section 126: In the hope that all this may gain Your High Excellencies' favorable approval, while for the rest I take the liberty to call myself with deep respect, was written below: High Noble, Rigorous, Right Honorable Lord, and Right Noble Rigorous Lords, lower: Your High Excellencies' humble and obedient servant, was signed: I: A: Schilling. In the margin: Amboina, in Castle Nieuw Victoria, 30 September Ao 1790. High Noble, Rigorous, Right Honorable, Widely Commanding Lord, Right Noble Right Honorable Lords. Section 1: In order to give Your High Excellencies, at the first opportunity this year, the due report of that which this time in the Province has again alone constituted the particulars, we may confine ourselves to the affairs of Arouw; of which we briefly and respectfully report that as soon as the Governor was able to receive on 22 December of the past year your The Right Noble Right Honorable Lords, Councilors of the Dutch Indies. Together with, Mr. Willem Arnold Alting Governor General; The High Noble, Rigorous, Right Honorable, Widely Commanding Lord, No. 1 to the Arouw Expedition.

Dutch transcription

ar op 't swaarste gestraft dienen te worden ten exempel en afschrik hunner ondrugende landsgenoten Provintie tedoen 6 Secreet. Batavia. Aan zijne Hoog Edelheidt. verbintenissen in hun doppen gelevert met 21 lb„o foelij worden berigt aangaande de bestellingen wat mogelijk is, zy misschien in der tijd zouden bevinden, dat hunne moeite en arbiid vrugteloos is ge „weest door eene onverwagte Extirpatie hunner bomen; heb ik aan gedagte regenten op derzelver ver„ „zoek Copia laten afgeven van 't Contract dat zij met den Heer gouverneur van Pleuren den 10 Junij 1784 aangegaan hebben, tot het aanplanse van voorm:e getal van 10000 note bomen, om hunne dorpelingen van hunne verkeerde vreese te kunnen overtuigen en gerust te stellen, dat geine van de bepaalde in der tijd omgeveld zullen worden, maar zij de vrugten en baten daar van gerustelijk genieten kunnen „hop, dat daar door alle untrlugte k hope dat door deze toe gevintheid eindelijk alle hinderpalen tot aanplanting van 't bepaalde benomen zullen wezen tot 't nakomen der getal dier spicierij bomen uit den weg geruimt zijnde, den Jnlandir aan zyne belofte en ver„ „bintenis voldaan moge § 123: Intuschen heb ek thans diceu uw Hoog Edelhedens van de mn dit Jaar geleverde en in ditjaar 14850 ps note musshaten door den Equipagie opziender wolsgaard bereide 14850 p„s Noten musschaten in 21 d„o foelij voor Neederland in twee differente katjes beschreeven Noten en Foelij voor Neederland aan te bieden, in twee soekels eerst in zyldoek geimba„ „leud 20 lb foelij of in ieder soekel 10 ld„s en in twee andere enkelde soekels 14600 p„s noten musschaten in hun doppen, of in eeder derzelver 7300 p„s voorts in een derde kasje, beschreeven No„ „ten en foelij voor Batavia in an klein, dog als voren in zyldoek geimbaleerd soekeltje een half d„o foelij in in een enkelde soekel 250 p:s Noten musschaten met hartelyken wonsch dat dezelve bij examinatie wel bevonden mogen worden § 124 werden de 't kostende dezelve bij factuur na gewoonte de hoofd plaats aangereekend en hat dte folin dat tot den e an vermits onder de geliverde 21 a„o foelij een half d„o swart bevonden is om dat de „ding aan den winkelier afgegeven leviranciers dezelve door onkunde op de parra paria gedroogt hebben zal ik die quantiteid foelij aan den winkelier tot de dagelijkse huishouding laten verstrekken § 126 In hope dat 't een en ander uw Hoog Edelhedens gunstige goedkeure verwerven Terwijl ik mij voor 't overige bevrijmoedige met diepe eerbied te noemen /:onderstond:/ Hoog Edelen Gestrengen Groot Achtbaren Heere /:en Wel Edele Gestringe Heeren /:lager:/ uw Hoog Edel„ „hedene onderdanige in gehoorzame dienaar /:was geteekend:/ I: A: Schilling /:in margino:/ Amboina intkastel Nrieur Vietoria den 30: September Ao190: moge. Hoog Edele, Gestrenge, Groot Agtbare, Wijdgebiedende Meere, Cayl Wel Edele Groot Agtbare Heeren. § 1 Om bij de eerste gelegendheid van dit Jaar, uwe Hoog Edelens het verschul„ „digde berigt te geeven van het geene dat ditmaal in de Provintie weder al„ „leen de bijzonderheden heeft uitgemaakt, zo mogen wij ons bepalen aan de zaken van Arouw; waar van wij kortelijk eerbiedig melden, dat zo dra den Gouverneur op den 22: December des voorlede Jaars ontfangen mogte uwe De WelEdele Groot Agtbare Heeren, Raden van Nederlands Indië. Benevens, M=r Willem Arnold Alling Gouverneur Generaal; Den Hoog Edelen, Gestrengen, Groot Agtbaren, Wydgebiedende Heere, Hoog No. 1 en tot de Arouwse Expeditie.

NL-HaNA_1.04.02_3910_0364 view scan ↗

English

purchased some necessities for that purpose, and citizens for the placed a capable pilot on the ship. Departure of the same to the Aroe Islands under instructions: strength of the force and fleet. relief of men and vessels from Amboina. Your High Excellencies' prior separate letters of the 17th of November, having provided the necessary certainty, continued with the preparations for the expedition that could be made beforehand; and when on the 24th of January the ship Schoonderloo and the cutter De Patriot arrived with the military personnel and other crew, along with the head of the expedition appointed by Your High Excellencies under the title and rank of Major, Carel Albert Christiaan van Bose, we discharged the first-mentioned vessel and ballasted it with the utmost speed, and in the meantime set to work to meet the demands of the Major as far as could possibly be done, so that in the event of unexpected misfortunes, not even the appearance of cause could be laid at our door, in which preparation much useless work and time was wasted, though one might flatter oneself that, all going well, the untiring zeal and knowledge of Major van Bose would once again turn to the best advantage. Section 2. With the ship we had indeed received various necessities, but the provisions and several other articles were not sufficient for such a ship and the smaller craft, intended for a strong and long expedition; the ships Stavonisse and Het Zeepaard remained behind, and time and the monsoon were slipping away, so we had to seek and purchase what was missing from private individuals in order to proceed and not place all the effort and expenses at stake, all the more since no supplies remained in the stores and the cargo of the said ships would be desperately needed there. The ship Schoonderloo, principally, and the cutter De Patriot were, according to the statement of the officers, too weakly manned, and the first vessel had not received the complement of Chinese intended for it, so we had to seek relief among our citizens, and hire them to the number of one hundred head, of whom fifty were distributed to the ship, twenty-four to the cutter, and the remainder to our sloop and pajalangs, among whom were many experienced seamen who could be of extraordinary service in case of need; for European seamen we had few or none, and could not even meet the request of Captain Heijenberg for six day-men of the same, whereupon the Governor had to authorize him, if it should become strictly necessary, to take en route that many from the Amboina pajalangs that were best provided with them, in exchange for natives. Section 3. And we placed as pilot on the ship one of our vessel commanders, Lieutenant Ian Iansz, the most skilled seaman around these parts to be found in the province. Section 4. Meanwhile, on the 20th and 22nd of February, by order of Your High Excellencies, there arrived from the government of Amboina the pajalangs Lingen and De Expeditie, with one hundred military personnel under two officers; who, like the seamen, also had to receive provisions here for the voyage, as in Amboina they had received them only up to March, according to the report of Governor Schilling to the first signatory. Section 5. And with these one hundred, added to the four hundred military personnel and the artillerymen, being the relief directly from Your High Excellencies or from the main seat and Java, all of whom, except for a few sick, along with the sepoys from our garrison who had already been to Aroe, were destined for the expedition, the force became quite formidable, and the fleet no less considerable, the same consisting of: the ship Schoonderloo, the cutter De Patriot, the sloop Lonthor, the pajalangs De Oppas and Aroe, and De Ionge Noteboom, a suitable two-masted rowing and sailing vessel that had been privately purchased and procured expressly for that purpose and for his visits to the adjacent islands by the Governor as a matter of absolute necessity, carrying eight one-pounder pieces, which had already found such employment in Ternate; serving also for the landing, with the remaining small craft of the ship, the cutter, the sloop, and pajalangs, as is noted in the instructions, and added to this was another private sloop to be of service if needed. Section 6. Which fleet, having been made ready, well provided with everything, departed on a favorable occasion on the 15th of March with the commander of the expedition, Carel Albert Christiaan van Bose, for the Aroe Islands, under our ample instructive order of the 2nd of that month, which we have the honor to have placed.

Dutch transcription

daar toe eenige benodigdhe ingekogt, en Burgers voor het een bequame Loots op het schip ge„ Vertrek derzelve na de Aroese Eijlanden onder Jnstructie: sterkte der magt en vloot. ontzet van volken vaartuigen uit Amboina Hoog Edelens anterieure aparte Letteren van den 17: November, denzelven in de nodige zekerheid vervolgde met de bestellingen tot de Expeditie die voor afgeschieden konden; en toen op den 24: Ianuarij het schip Schoonderloo en de Kotter de Patriot met de Militairen en Verder manschappen, benevens het door uwe Hoog Edelens onder den Titul en rang van Majoor aangesteld Hoofd der Expeditie Carel Albert Christiaan van Bose arriveerde, ont„ „losten wij eerstgemelde Kiel en ballasten, dezelve ten Spoedigsten, en maakten in„ „tusschen werk om aan de eischen van den Majoor te voldoen, zo veel als maar eenig „sints geschieden konde, op dat bij onverhoopte, tegenspoeden, geen schijn van oorzaken na onze zijde geschoven mogte worden, in welken toestel veel nutteloos werk en tijd verspild wierde : dog waar tegen men zig vleven mogte dat, bij alle wel zijn„ den onvermoeiden iever en de kennisse van den Majoor van Bose weder ten beste komen zouden. § 2: met het Schip hadden wij wel verscheiden noodwendigheden ontfangen, maer de Randcoenen en meer andere articulen waren niet toerijkende voor zulk schip en de mindere Vaart: ingehoum en sterke en lange Expeditie, de Schepen stavonisse en het Zeepaard bleven agter, en de tijd en Mousson verliep, dus moesten wij bij particulieren het ontbre„ „kende zoeken en inkopen, om voort te komen en niet alle de moeite en kosten in de waagschaal te stellen, te meer in de huishouden geen voorraad overschoot en men den aanbreng van de gemelde Schepen daar in hoognodig hebben zou„ „de ! het schip Schoonderloo, principaal, en de Kotter de Patriot waren na de Verklaring der Overheden te swak bemand en de eerste kiel hadde het voor dezelve bestemde Ploeg Chinesen niet ontfangen, dus moesten wij redding zoeken bij onze Burgers, en die ten getalle van Een Hondert koppen inhuren, Waar van Vijftig op het Schip, vier en twintig op de Katter en de overige op onze Cha„ „loup en Patjallings Verdeelt wierden, onder dewelke veel bevaren volk was die in nood van bijzondere dienst konden zijn! want Europese zeevarenden hadden wij weinig of niet, en konden zelfs het verzoek van Capitain Heijen„ „berg om ses dagt man van dezelve, niet voldoen, hoedanig den Gouverneu denzelven qualificeeren moeste om als het volstrekt noodzakelijk worden zoude, onderweegen zo veel, in ruiling van Inlanders, te ligten uit de Am„ § 3: „ bonse Patjallings die daar van best voorzien waren- en wij plaatsten met de Patjallings zingen en de Expeditie, uit Amboina en de Ionge Noteboom, een geschikt twee mast Roeij- en zijl=vaartuijg dat aller noodzakelijksten door den Gouverneur expres daar toe, en tot zijne Visites op de bijleggende Eijlande, particulier ingekogt en bezorgd was, voerende Agt Een ponder Stukjes, het welke reeds in Ternaten zulk een emploij gevonden heeft; dienende ook tot de Landing, met het overige klein Vaartuig bij het schip, de Kotter in de Chaloup en Patjallings, dat genoteert is op de Instructie, en hier bij was nog een particuliere chaloup om als het nodig was van dienst §6: te zijn, welke vloot gereed gebragt, van alles wel voorzien, bij een goede gele„ „gendheid op den 15: Maart met den Commandant der Expeditie Carel Albert Christiaan van Bose, vertrocken is na de Arouwse Eijlanden, onder onze ample Jnstructive ordre van den 2: dier maand, die wij de eere vervolgens als Loots op het Schip, een van onze Gezagvoerders der Vaartuigen den Lieutenant Ian Iansz: de kundigste Zeeman om dezen oord, die in de Provintie te Vinden is. § 4: intusschen arriveerden op den 20: en 22: Februarij, op het bevel van uwe Hoog Edelent, uit het Gouvernement Amboina de Patjallings Lingen, en de Expeditie met Een Hondert Militairen onder Twee officieren; die zo wel als de Zeevarende, voor de Togt ook alhier Randcoenen genieten moesten daar„ „se in Amboina niet verder als tot Maart genoten hadden, na het berigt § 5: van den Heer Gouverneur Schilling aan den Eersten Teekenaar: En met deze Een Hondert, bij de vier Hondert Militairen en de Arthilleristen, zijn„ „de het ontzet direct van uwe Hoog Edelens of van de Hoofdplaats en Iava, die alle behalve weinige zieken, met de Sipais uit ons Guarnisoen dewelke reets te Aroe geweest waren, tot de Expeditie wierden gedestineert. wierd de magt vrij redoutabel, en de Vloot niet min aanzienlijk, bestaande dezelve in het schip Schoonderloo de Kotter de Patriot de Chaloup Lonthor. de Patjallings de Oppas, en Aroe Vervolgens hebben 1 „plaatst.

NL-HaNA_1.04.02_3910_0365 view scan ↗

English

Death of Major and Commandant van Bose. The murderer Lausa has been sentenced and executed. A sloop from the fleet with [illegible] Where our men established a post. Arrival of the fleet at Arouw. Fortifications and the island of Bedjier. We have the honor to present to Your High Nobilities herewith, and which will demonstrate our arrangements in this matter, in order, if it were possible, to achieve the most beneficial objective; to which we respectfully refer for the present. Section 7: If only the aforementioned Major and Commandant van Bose had not met with a most painful fate, detrimental to the Company's interest! But we must, with the greatest grief, bring to Your High Nobilities' knowledge that His Honor, after the fleet had departed from here for three days, sailing at the latitude of Goram, was murderously slain on the ship Schoonderloo by Corporal Jan Babtist Lausa of Brussels, who was on watch on the quarterdeck. On the evening of the 17th of March at ten o'clock, he took advantage of the opportunity and with his cutlass inflicted four wounds upon the Major and took his life. At this moment Captain Heijenberg was astounded, imagining a general mutiny, but the affair otherwise ended well, and the murderer, caught in the act, was placed in irons, as the letter from the Council of War written to us under date of the 18th of March last and the accompanying documents report. And since, according to the contents of the resolution, the matter appeared too critical and its settlement on board too dangerous, it was resolved to send the delinquent back to Banda on the vessel De Jonge Noteboom, in order that he might be punished according to the findings of the case. He was accordingly dispatched from the fleet on the following day together with Corporal Waltman, whom the murderer said had incited him to the deed. But the vessel, having to contend with westerly winds, first put in at Hiboina and did not arrive here until the 29th of April, or nearly one and a half months after departure from the fleet; while close under the Bandanese shore, Corporal Waltman found an opportunity to jump overboard and drown himself. Section 8: However, the murderer, who later declared this Waltman to be completely innocent, was immediately handed over to Justice; shortly thereafter, also so that he might not perish in prison, he was sentenced and executed in accordance with the terms of the sentence, which, together with the further records of the trial, we humbly present to Your High Nobilities herewith. Section 9: The day after the misfortune in the fleet, being the 18th of March, it sailed on in good order. The journey was continued, and the fleet arrived safely on the 23rd of that month at the Arouw Islands, anchoring between Oedjier and Wassier or under the latter island, and the resolution was taken to attack the enemy directly. On that same day, the cutter De Patriot, with the lesser vessels, was dispatched to the front of the river of the island of Oedjier. Having approached as close to the shore as possible, they immediately fired upon the enemy's village and battery, which could particularly be accomplished with the heavy artillery of the cutter. The following day was appointed for the landing, for which at dawn the cutter and the other vessels again began and continued to bombard the enemy's works, during which our men landed with approximately 400 men and, without meeting any resistance, captured the enemy's village and fortifications and took possession of the island of Oedjier. From the obscure reports, one must infer that the enemy was still on the island and in their fortifications the evening before, but that the effect of the artillery from the cutter, which had penetrated through the temple and other fortifications, caused them during the night to retreat to their vessels, which must have been lying ready behind the island. Section 10: Subsequently, on the 29th of March, it was decided by the Council of War to construct the post on the island of Oedjier itself, for reasons, as is stated, taken by resolution on that day, which, however, we have not received; and our men are now engaged in completing that work, as we received the news thereof on the 14th of May by the private sloop cited hereinbefore. Section 11: And since then, on the 2nd of this month, the sloop Lonthoir arrived here from the fleet with fifty-one sick men and an unfavorable report that the sicknesses among our men assumed a more unfavorable aspect from day to day, and some had also died; furthermore, that they were still engaged as before in constructing the post, but that no opportunity was seen to inflict any other damage on the enemy. May Heaven, according to our prayers, grant the best, and grant that the unfortunate death of Major van Bose may not bring about any lamentable adversities.

Dutch transcription

dood van Majoor en Comman „dant van Bose. den moordenaar Lausa is gevon„ „nisten g'executeert een Chaloup uit de Vloot met alwaar de onze een Post aan„ arrivement der Vloot aan Arouw sterktens en het Eijland bedjier. hebben uwe Hoog Edelens nevens deser te presenteeren, en welke aantonen zal onze Bestellingen in dezen om ware het mogelijk het heilzaemste oog„ „merk te berijken; waar aan ons voor ditmaal eerbiedig gedragen.- §7: mogte nu maar den gemelden Majoor en Commandant van Bose geen allersmertelijkst en voor het Belang nadelig tot ten deel gevallen zijn! dog wij moeten uwe Hoog Edelens met de grootste aandoening ter kennisse brengen, dat zijn E: na dat de vloot drie dagen van hier vertrocken was Zijlende op de hoogte van Goram, op het schip Schoonderloo moordadig om het is gebragt door den op het halfdek de wagt hebbende Corporaal Jan Babtist Lausa van Brussel, die daar toe des avonds van den 17: Maart ten tien uuren de gelegendheid waer nam en met zijn Houwer den Majoor vier wonden toebragte en ontzielde: welk tijdstip den Capitain Heijen„ „berg verbaasde en hem een generaale oploop voorstelde, maar het liep verder geluckig af, en den moordenaar op de daad gevat, wierde in de ijzers gesloten, zo als de Brief van den Krijgs Raad aan ons geschreven in dato 18: Maart laatstleden en de stucken dit melden: en daar, na den inhoud der Resolu„ „tie, de zaak te Creticq en de afdoening van dezelve aen boord te gevaarlijk voor„ „kwam, wierde geresolveert den delinquant met het vaartuig de Ionge No„ „te Boom na Banda te rug te zenden ten einde na bevinding van zaken gestraft te kunnen worden, gelijk dezelve dan ook met den Corporaal waltman, die den moordenaar zijde, dat hem daar toe opgezet zoude hebben, des daags daar aan uit den vloot afgezonden wierde: dan het vaar„ „tuig dat tegen de westelijke winden moeste worstelen, kwam eerst te Hi„ „boina ter houw en arriveerde niet eerder alhier als den 29: April of bij na een en een halve maand na het vertrek uit de Vloot; terwijl digt onder de Bandase wal den Corporaal Waltman gelegendheid vonde gekomen. §: 8: om overboord te springen en zig te verdrinken, dog den moordenaar die nader dezen waltman ten eenemaal onschuldig kinde, wierde ten eersten aan de Justitie overgegeven; die kort daar na, ook, op dat hij in de gevangenisse niet omkomen mogte, gevonnist en g'executeert is na den inhoude der Sententie„ welke wij met de verdere stucken van het Proces uwe Hoog Edelens nevens deze oodmoe„ dig aanbieden. §: 9: Sdaags na het ongeval op de Vloot, zijnde den 18: Maart, zijlden dezelve en het innemen van den Vijanden in een goede Ordre! de reise wierde voortgezet, en de Vloot quam behouden op den 23: dier maand aan de Arouwse Eijlanden tusschen Oedjier ende wassier of onder het laatste Eijland ten anker, en de resolutie wierde geno„ „men om direct den Vijand te attacqueeren; gelijk dienzelfden dag de kotter de Patriot met de mindere vaartuigen tot voor het Rivier van het Eijland oedjier afgezonden wierden, die zo na aan de wal gekort zijnde als het geschieden mogte, aenstonds op des Vijands Negorij en Batterije vuurden, het welk bezonder met het Swaar geschut van de Kotter ge„ „schieden konde: en de volgende dag wierd tot de Landing bestenid, waar toe met den dageraad de kotter en de andere Vaartuigen weder begonden en continueerden met 's vijands werken te beschieten, onder het welke de onze met Circa 400: mannen Landen en zonder eenige tegenstand te ontmoeten des vijands Negorij en de sterktens in, en bezet nam van het Eijland Oedjier- en men moet uit de duistere berigten opmaken dat de vijanden 'Savonds te voren nog op het Eijland en in derzelver sterktens zijn geweest, dog dat het effect met het geschut van de kotter dat door de Tempel en Verdere sterktens was doorgedrongen, hun des nagts heeft doen wijken na hunne § 10: Vaartuijgen, die agter het Eijland gereed gelegen zullen hebben. Vervolgens wierde op den 29: Maart bij den krijgs Raad besloten om de Post op het Eijland oedjier zelve aante leggen, om reden, zo als gezegd word, bij Resolu„ „tie ten dien dage genomen! dog die wij niet ontfangen hebben; ende onze zijn nu bezig om dat werk te volvoeren; gelijk wij daar van op den 14:de Maij met de hier voren aangehaalde particuliere Chaloup de tijding § W1: ontfingen. en Sedert arriveerde op den 2: dezer alhier, uit de Vloot de Cha„ zieken en nader tijding te rug „loup Lonthoir met een en Vijftig zieken, en een onvoordelig berigt dat de ziektens onder de onze van dag tot dag van een ongunstiger aspect wierden en ook eenige gestorven waren; voorts dat men nog als voren bezig was met het vervaardigen der Post, dog dat 'er geen gelegendheid gezien wierde om den vijand enig an„ „der nadeel toe te brengen - den Hemel Schenke na onze zugtingen het beste, en geve dat de ongeluckige dood van den Majoor van Bos, tog geen Jammerlijke tegenspoeden „leggjen. Sdaags

NL-HaNA_1.04.02_3910_0366 view scan ↗

English

Report of the arrival of the ships. The secret signals go Paragraph 12: We have spoken of the ship Schoonderloo, and the other two ships Stavonisse and the Zeepaard have likewise safely arrived; of which the first has departed for Bima, and the latter is ready to sail to return via Java with the spices, in the receipt and shipment of which the continuous tempestuous rainy weather has caused hindrance, as we could by no means sacrifice that precious product. Paragraph 13: For the rest, the First Draftsman respectfully presents to Your High Nobilities the Secret Signals, with the Report of the Lonthoir Channel enclosed in a separate packet, for the ships that it shall please Your High Nobilities to send hither with the supplies for the coming year. Paragraph 14: And herewith we have the honor to remain with the greatest high esteem and veneration, Beneath stood: High Noble, Rigorous, Right Honorable, Widely Ruling Lord, and Right Honorable Lords! Lower: Your High Nobilities' very obedient and humble servants. Was signed: L: I: Haga, A: A: SGravezande, I: F: Steenhard, I: Hageman, I: A: Bangeman, B: van de Walle, and P: D: M: van der Aa. In the margin: Banda, in the Castle Nassau, the 8th of June, Anno 1790. Agrees: P: D: M: Van der Aa. adversity as a consequence. The conclusion. Secret. Batavia. To His High Nobility, The High Noble, Rigorous, Right Honorable, Widely Ruling Lord, Mr. Willem Arnold Alting, Governor General; Together with The Honorable and Right Honorable Lords, Councilors of the Dutch Indies. High Noble, Rigorous, Right Honorable, Widely Ruling Lord, and Honorable and Right Honorable Lords! Paragraph 15: In our respectful secret dispatch of the 8th of June of this year, we communicated to Your High Nobilities the departure of the expedition fleet from here and the arrival of the same at Aru, with some further details; and today we have the honor hereby to give the due notice that the ship Schoonderloo, The expedition fleet returned from Aru. No. 2. 7. On the island of Ujir a post has been erected and garrisoned. The affairs of the expedition and the conduct of the chiefs are being investigated by a political commission. Nothing further accomplished. Schoonderloo, and the rover De Patriot, with the further vessels of the fleet, except for one paduakang which remains at Aru until the end of September, returned safely here on the 2nd of this month. Paragraph 16: On the captured hostile island of Ujir, a strong, yet too extensive post has been erected, which is rather costly garrisoned, under the Resident, with 94 military men, 6 artillerymen, 1 under-surgeon, and 3 craftsmen, being altogether 105 men; namely: 1 Under-Merchant and Resident, 1 Ensign, 2 Sergeants, 4 Corporals, 1 Drummer, and 21 Soldiers, Europeans; 1 Ensign, 1 Sergeant, 2 Corporals, and 36 Soldiers, Sepoys; 15 Soldiers from Amboina; 10 Soldiers, Papangers; 2 Cannoneers, 4 Gunner's mates, and 1 Under-surgeon, with 3 House and Ship Carpenters and a Blacksmith; and provided with 16 pieces of cannon, namely: 1 piece iron cannon of 8-lb caliber, 4 ditto ditto of 4-lb caliber, 6 ditto ditto of 2-lb caliber, 1 brass swivel gun of 2-lb caliber, 4 small iron pieces of 1-lb caliber; with 2 ditto mortars. Paragraph 17: But further nothing of importance has been carried out against the enemy; Toram and Goram have also, to our deep regret, not been touched at, so that this necessary work remains undone for the objective; and thus it appears that the unfortunate and untimely death of Major and Commander Van Bose, from whom more had been expected, has all too severely and adversely affected this great interest. Paragraph 18: The dissensions between the naval and the land officers prevailed during the expedition, and it will appear from the outcome to what extent the same have retarded these costly matters; for we could not let it rest with the mutual blaming of one another and the indifferent accounting as to why our instructive orders were exceeded and the affairs were not managed with greater seriousness! The less so, since one also accused the other of arbitrary and bad conduct or negligence, which required a special investigation. The Captain of the ship Schoonderloo, Augustinus Heijenberg, who had become the first in command of the expedition, declared himself unable to make a proper report, and we could therefore receive from his side nothing other than the journal with some so-called resolutions; and from Captain Lieutenant Johan Michiel Berner, who had assumed command over the militia, or from the military officers, only the daily notes, both mostly reporting disputes! Therefore, in order to give Your High Nobilities the necessary and due accounting, we had to take the matter itself in hand, and we commissioned two members from our council, the Senior Merchant and Second Adrianus Anthonij 'S Gravezande and the Merchant and Fiscal Ian Andries Bangeman, to draw up a report of the matters from the said notes and resolutions, and if necessary by hearing the first and subsequent officers in the expedition, and to provide the same with their remarks and considerations; with which work they are engaged, and for which not earlier than the 17th of this month.

Dutch transcription

berigt van het arrivement der de seerete Seinen gaan § 12: Van het schip Schoonder loo hebben wij gesproken, en de overige beide scheepen Stavonisse en het Zeepaard zijn mede geluckig g'arriveert; waar van het eerste na Bima is Vertrocken, en het laatste zijl-vee legt om over Java te retourneeren met de Specerijen, in den ontfangst van P=l Hij en den afscheep van dewelke, het aanhoudende onstuimige Regenweer heeft gehindert, alzo wij dat kostbaar Product geensints mogten Sacrificeren. § 13: voor het overige presenteert den Eersten Tekenaar eerbiedig, aan uwe Hoog Edelens de Secrete Seinen, met het Berigt van het Lontoirse Canaal ge„ „sloten in een appart Paquet, voor de Schepen die het Hoogst Dezelve believen zal, voor het aanstaande Jaar met de benodigdheden herwaarts te §: 14: zenden - en hier mede hebben wij de eere met de grootste Hoogagting en Veneratie te blijven /:onderstond:/ Hoog Edele Gestrenge, Groot Agtbare Wydgebiddende Heere, in Wel Edele Groot Agtbare Heeren.! /:lager:/ uwe Hoog Ede„ „lens zeer gehoorzame en onderdanige Dienaren. /:was getekend:/ L: I: Haga, A: A: SGravezande, I: F: Steenhard; I: Hageman, I: A: Bangeman, B: van de Walle en P: D: M: van der Aa /:in margine:/ Bandel In het Casteel Nassauw den 8: Iunij A„o 1790: Accordeert. P: D: M: Van der Ne Schepen. tegenspoed ten gevolge hebbe. „ 't slot Secreet. Batavia Aan Zijne Hoog Edelheidts Den Hoog Edelen, Gestrengen, Groot Agtbaren, Wydgebiedende Heer„ M=r Willem Arnold Alting, Gouverneur Generaal; Benevens, De wel Edele Groot Agtbare Heeren, Raden van Nederlands Indië. Hoog Edele, Gestrenge, Groot Agtbare, Wijdgebiedende Heere, en Wel Edele Groot Agtbare Heeren! § 15 Bij onse erbiedige secrete Missive van den 8 Iunij deeses Jaars bedeelden de Expeditie Woot, van Aiouw geretourneert wij uwe Hoog Edelens, het vertrek der Expeditie Vloot van hier, en de aan„ „komst derzelve te Arouw, met eenige Verdere bizonderheeden, en heden hebben wij de eere bij desen de verschuldigde kennisse te geven, dat het schip Schoonderloo No 2 7 op het Eiland, Oedjier is een Post opgerigt, en bezet. de zaken van de Expeditie en het gedrag der Hoofden wor„ „den onderzogt, door een Politie„ niets is verder uijtgevoert „daan Schoonderloo, en de Rotter de Patuot, met de Verdere Vaartui„ „gen van de vloot, buiten een Patjalling die tot ult„o September te Arouw § 16 Verblijft: behouden alhier te rug gekomen zijn op den 2: dezer. op het ingeno„ „me vijandige Eijland Oedjier is een Sterke, dog te uitgestrekte, Post op„ „gerigt die vrij kostbare is bezet, onder den Resident, met 94: Militairen, 6: Arthilleristen, 1: onderChirurgijn en 3: Ambagtslieden zijnde te Samen 105: mannen; als 1: Onderkoopman en Resident, 4: Vendrig, 2: Sergeants, 4: Corporaals, 1: Tamboer, en 21: Soldaten, Europesen 1: vendrig 1: Sergeant 2: Corporaals en 36: Soldaten Sipais; 15: Soldaten uit Amboina; 10: Soldaten Papangers; 2: Cannoniers 4: Busschieters en 1: Onderchirurgijn, met 3: Huis en Scheeps Timmerlieden en Smit. en verstrekt met 16: p„s canons, of. 1: p„s ijzere Canon van 8: lb Caliber 4: „ _„o _„o „ 4: „ _ 6: „ _„o _„o „ 2: „ 1„ Metale geswind stuk „ 2: „ 4: „ ijzere Stukjes „ 1 „ _: met 2: „ _„o Mortieren § 17: maar verder is er niets bijzonders tegen den vijand uitgevoerd: Toram en Goram ook niet aange„ is ook, tot ons innig leedwesen, niet aangedaan, dus dit noodzakelijke werk voor het oogmerk onafgedaan blijft; en zo Schijnt het dat de ongeluckige en ontyjdige dood van den Majoor in commandant van Bose, van wien men meer verwagt hadde, het grote belang maar al te sterk, nadelig getroffen heeft. § 18: de oneenigheeden tusschen de Zee, en de Land officieren, hebben gedurende de Expeditie, de overhand gehad, en het zal bij den uitkomst bijkens tot hoe verre dezelve de kostbare zaken hebben veragterd; want wij hebben het niet mogen laten berusten bij de overwijzinge, van den eenen, tot den anderen, en de onverschillige verandwoordinge waerom onze Jn„ „structive ordre is te buiten gegaen, en de zaken met geen meer ernst zijn, behartigd! te minder, daar ook den een, den ander beschuldigde met eigendenkelijke en Slegte handelwijze of nalatigheid, dat Speciaal nazoek vereischte. den Capitain van het Schip Schoonderloo Augustinus Heijenberg die de eerste in de Expeditie geworden. was, betuigde geen behoorlijk verslag te kunnen doen, en wij konden dus van de zijde van hem niet anders als het Iournaal met eenige zo genaamde Resolutien; en van den Capitain Lieutenant Iohan Michiel Berner die in het Commando over de Militie op ge„ „treden was, of van de Militaire officieren; Slegts de dagelijks, beide meest twist meldende, Aantekeningen ontfangen! des moesten wij, om ook uwe Hoog Edelens de nodige en schuldige rekenschap te geven, de zake zelve bij der hand nemen en wij Commit„ „teerden twee Leeden uit onze vergadering, den opperkoopman en Secun„ „de Adrianus Anthonij 'S Gravezande en den Koopman en Fiscaal Ian Andries Bangeman! om uit de gemelde aan„ „tekeningen en Resolutien, en des noods door het horen van de Eerste en volgende in de Expeditie, een Verslag van Saken te formeeren, en het zelve te voorzien met hunne aanmerkingen en consideratien; met welk werk zij bezig zijn, en waar toe niet eerder dan den 17: ongeluckige dezer „que commissie _„o

NL-HaNA_1.04.02_3910_0369 view scan ↗

English

Captain Meijenberg goods and rations, persuaded. against the settlement of the summary submitted by him the Head Administrator the ship Schoonderloo, and to return of this month, the aforementioned notes were received; the one absolutely had to depart promptly for Batavia, and the other for Amboina, and therewith it was thought to settle it, just as it could also not be settled before that time. Captain Meijenberg wished, in accounting for the goods and rations that had been provided along, to hold himself excused by saying that not he, but the Major had received everything, although nothing was shipped except in the vessel under his command, on which grounds, although there had been ample time for it, he also made no inventory, but took the bill of lading from the Major and from it made the disbursements and also diverse expenditures, which still have to be judged, as well as the expenses for the port. The rations and the provisions provided along were, according to him, consumed; he claimed restitution and payment for the over-expenditures, and wished to leave us to search for it further, until he, upon strong insistence, having gone on board, made the summary of his disbursements and expenditures there and only handed it over on the 21st of this month; while against the settlement of matters in this regard, the Head Administrator has submitted a report, which we take the liberty to present to Your Right Excellencies herewith, in advance. The ship Schoonderloo is due to return in a few days with the remainder of the spices via Java, and the cutter de Patriot directly, both with a few European and native soldiers who must be sent back. And we send, according to the honored order of Your Right Excellencies, forty soldiers, all Europeans, to the Government of Amboina, whither also in a few days the two patjallangs with the crew that served in the expedition, except for the soldiers thereof who were left at Atrouw, will depart. We remain herewith, with the deepest respect and high esteem, Right Honorable, Stern, Highly Respected, Widely-Ruling Lord, and Honorable Highly Respected Gentlemen, Your Right Excellencies' very humble and obedient servants. Signed: L: I: Haga, A: A: Gravezande, J: f: Steinhert, J:s Hageman, J A: Bangeman, B: van de Walle, P: D: M: van der Aa, and C: A: van Eijk. In the margin: Banda, in Castle Nassau, the 28th of August, Anno 1790. Secret. 25 Batavia To His High Excellency, The Right Honorable, Stern, Highly Respected Willem Arnold Alting, Governor-General, together with The Honorable, Highly Respected Gentlemen, Councilors of the Dutch East Indies. Right Honorable, Stern, Highly Respected, Widely-Ruling Lord, and Honorable, Highly Respected Gentlemen! We have had the fortune to receive Your Right Excellencies' highly venerated Secret Letters of the 17th and 30th of November, as well as the 21st of December of last year, in which No. 3

Dutch transcription

den Capitain Meijenberg goederen ende RandCoenen, gepersuadeert. tegens het afdoen op de door hem ingediende samentrec„ den Hoofd Administrateur het schip Schoonderloo, en te retourneeren dezer, de voorschreve Aantekeningen zijn ontfangen den eenen moeste ab„ „sotut Spoedig na Batavia, en den ander na Amboina Vertreeken en daar mede dagt men het afte doen: gelijk het voor die tijd ook niet rpo §19 afgedaan heeft kunnen worden - in din Capitain Heijenberg wilde tot verandwoording van de zig in de verandwoording van de goederen en Randcoinen die meede gegeven waren, voldaen houden niet te zeggen dat niet hij, maar de Majoor alles ontfangen hadde, hoewel niets uitgezondert in zijn onderhebbende Bodem afgescheept was, en op welke grond hij ook of Schoon daar toe overvloedig tijd is geweest geen opneem gedaan, maar het Cognos„ „cement van den Majoor na Zig genomen en daar uit de verstrec„ „kingen, en ook diverse Spendatien gedaan heeft; die nog b'oordeelt worden moeten, zo wel als het bekostigde aan het Port. de Randcoe„ „nen en de mede gegeve voorraad, waaren na zijn zeggen op ' hij pre„ „tendeerde restitutie en betalinge van het over verstrekte, en wilde ons verder daer na laten zoeken, tot dat hij, op den sterken aandrang, na boord gegaen zijnde aldaar de Samentrecking van zijne verstreekin„ „gen en Spendatien gemaekt en dezelve eerst op den 21: dezer overge„ § 20: „ geven heeft; terwijl tegens het afdoen van zaken in dezen, den Hoofd„ „king gaat een Berigt over van Administrateur en Berigt heeft ingediend, het welke wij de Vrij„ „heid neemen uwe Hoog Edelens bij dezen, voor af te presentee„ § 21: Met schip Schoon derloo staet binnen weinig dagen met het de kotter de Patriot staan restant Specerijen over Iava te retourneeren, en de kotter de Patriot direct, beide met eenige weinige Europese en Jnlandse Militairen § 22: die te rug gezonden moeten worden. en wij zenden na het g'eerbiedig„ „de bevel van uwe Hoog Edelens, veertig Militairen alle Eredopeesen P: D: M: Van den Hq Accordeert. na het Gouvernement Amboina, werwaards ook in korte dagen de Twee Patjallings met de Manschappen die in de Expeditie ge„ „diend hebben, behalven de Militairen die daar van te Atrouw gela„ „ten zijn, vertrecken zullen. § 23. wij blijven hier mede met de diepste eerbied en Hoog agtinge. /:onderstond:/ Hoog Edele, Gestrenge, Groot Agtbare, Wijdgebieden„ Heere, en wel Edele Groot Agtbare Heeren.: /:lager:/ uwe Hoog Edelens zeer onderdanigen en gehoorzame Dienaren /:was getekend:/ L: I: Haga, A: A: Gravezande, J: f: Steinhert, J„s Hage„ „man, J A: Bangeman, B: van de walle, P: D: M: van der Aa en C: A: van Eijk /:in margine /. Banda in 't Casteel Nassauw den 28: Augustus A:o 1790:— ren. e het slot secreet. 25 Batavia Aan zijne Hoog Edelheidt Den Hoog Edelen, Gestrengen, Groot Agtbare ijderbeeden de Slecre„ A:r Willem Arnold Atting. Gouverneur Generaal; Benevens De WelEdele Groot Agtbare Heeren, Raden van Nederlands Indie. Hoog Edele Gestrenge, Groot Agtbare, wijd gebiedende Hier„ en Wel Edele Groot Agtbare Heeren! § 24. Wij hebben het Geluk gehad te mogen ontfangen uwe Hoog N: V: d: secente Brieven ontgjampen Edelens zeer gevenereerde Secrete Brieven van den 17: en 30. November, mitsg=s 21. December des voorleden Iaars in dezel„ No. 3

NL-HaNA_1.04.02_3910_0372 view scan ↗

English

concerning the Aru Expedition in the year 1789, as well as the received approval, citation of the authorization to resume the expedition, and for the made arrangements, and of the received force, expressing thanks and answering: respectfully answering hereby, we thank Your Right Honourables very humbly for a less harsh observation regarding the enterprise with the expedition against the Aru Islands, which ended mostly fruitlessly in the past year, in not calling at Goram, and for passing over that matter as a fatal occurrence; while the former fleet commander, the Secunde 's-Gravezande, repeatedly testified that he made every effort to attain the sought interest therewith, and, were it possible, to give satisfaction! However, the achievement of the objective was opposed by fickle fate, but we highly acknowledge that this is in all respects to be lamented, as it has also left behind the necessity for a further costly enterprise against the enemies, so as not to leave them in their satisfaction, and the province deprived of the interest aimed at therewith, also for the common interest! Just as we had heartily wished and hoped that this might have turned out otherwise, such that it would also have been more to our satisfaction and honor; yet, since we made the arrangements to the best of our knowledge and ability, and thereby sought the best, and for the rest had to remain hopeful for a favorable fate, which has now, beyond our reach to prevent it, been adversely against us, we may and must once again pray Your Right Honourables to kindly consider it with favorable thoughts as a misfortune arising from fickle fate. Paragraph 25. Furthermore, we express to Your Right Honourables our humble gratitude for that which Most High Yourselves have been pleased to approve and pass regarding our arrangements concerning that expedition, in the respected letters of the 21st and 26th of December; and for the received satisfaction with our work and conduct in native affairs, the intention regarding the further native affairs of the East, in which we shall constantly remain mindful to seek the best. Paragraph 27. And we thank no less respectfully for the determination that Your Right Honourables, holding it to be an absolute necessity for the safety and prosperity of Banda with its dependencies, have resolved to resume once again the expedition against Aru, and, in the event of a fortunate outcome, also to Goram, and to dispatch a sufficient force to us for that purpose; and to make the same formidable with assistance from Amboina. Just as we have then received everything for that purpose, and also the cutter de Patriot, the most suitable vessel that we could have desired for it, along with permission to also employ the ship Schoonderloo for the expedition. Paragraph 28. The received force of manpower is recorded in our secret resolution of the 24th of January, along with the arrangements made; and as soon as we were able to receive tidings of this in due time, we began the work for the expedition; and when the troops had arrived, lastly from Java, with the Brevet Major Carel Albrecht Christiaan van Bose, whom Your Right Honourables appointed as Commander further

Dutch transcription

wegens de Ahouwde Expeditie in Ao 1789. mitsgaders het ontfangen genoe„ aanhaling van de qualificatie tot het vervatten den Eexpeditie en voorde gaparbeede betelling en van de ontfange magt daer dan kbetuigen, en andewoord, der bij dezen eer biedig zuullende b'adiewoorden, bedanken wij uwe Hoog Edelens zeer oodmoedig voor eene min onzagte aanmerkinge op de in het voorlede Jaar meest vrugteloos afgelope onderneming met de Expeditie tegens de Arouwse Eijlanden, bij het niet aan doen van Goram; en het passeren van die zake als een noodlottige gebeuatenisse: terwijl het gewese vloot Hoofd den secunde 's Gra„ „vezande bij herhaal betuigd, dat hij alle zijne poginge heeft aan„ „gewend om daar mede het gezogte belang te vinden; en ware het mogelijk de voldoeninge te geven! dog dat de berijkinge van het oogmerk, het wisselvallige lot heeft tegen gehad, maar wij erkennen ten hoogsten dat dit in allen op zigte te beklagen is daar het ook de noodzakelijkheid agter gelaten heeft tot eene nadere kostbare onderneming tegens de vijanden, om dezelve niet in hun genoegen, en de Provintie ontstoken te laten van het belang: dat daer mede word b'oogd, voor het gemeen belang tefe„ „fens! Gelijk wij van harten gewenscht en gehoopt hadden. dat dit anders mogte zijn uijtgevallen, zodanig dat het ons ook meer vergenoegen en eere zoude geweest zijn; dan daar wij de bestellin„ „gen uit onze kennisse het vermogen gedaan, en hier mede het beste gezogt hebben, en voor het overige op een gunstig tot moesten blijven hopen, het welke nu, boven ons bereik om het te verhoe„ „den nadelig tegen is geweest: zo mogen en moeten wij uwe Hoog Edelens nogmaals bidden om het met gunstige gedagten te wel„ „len houden als een ongeval uit het wisselvallige lot. §25. Wijders betuijgen wij aan uwe Hoog Edelens, onze nedrige dankbaarheid voor het gene wat vloogst Dezelve; van onze Be„ „stellingen ten aenzien van die Expeditie; hebben gelieven te appro„ „beren en te passeeren, bij de gerespecteerde Letteren van den 21. 126. December; en voor het ontfangen genoegen over ons werk, en gen uit de inlandse zaken: de intentie tot de verdere Jnlandse zaken van de oost: waar in wij steeds bedagt zullen blijven om het beste te zoeken, § 27. En wij bedanken niet minder eerbiedig voor de gerdheid dat uwe Hoog Edelens het als een volstrekte noodzakelijkheid voor de veiligheid en welvaart van Banda met desselfs onderhorig„ „heden; houdende: besloten hebben om de Eexpeditie tegens Arouw, en bij een geluckige uitslag ook na Goram nogmaals te hervatten, en daar toe een toerijkende magt aan ons afte„ „zenden; en om dezelve redoutabel te maken met assistentie uit Amboina. Gelijk wij dan alles daar toe ontfangen hebben, en ook de kotten de Patriot het geschikte vaertuig dat wij daer toe hadden kunnen verlangen, met de permissie tefe„ „fens om het schip Schoonderloo tot de Expeditie te mogen emplo„ § 28. „ jeeren - de ontfangene magt van Manschappen is genoteert bij toe, mitsg:s van de gedane bestelon ze secrete Resolutie van den 24: Januarij en zo dra toen wij bij tijds de tijding hier van ontfangen mogten, begonden wij met het werk tot de Expeditie; en doen de Troupes aangekomen waren, laatst van Java, met den Majoor tit: Carel Albrecht Christiaan van Bose, die door uwe Hoog Edelens tot Com„ mandant „ling. wijders

NL-HaNA_1.04.02_3910_0373 view scan ↗

English

the reinforcement from Amboina having arrived rations purchased. the Major and Commander thereof, his demands opposed and urged to proceed. an extra provision for the the Provisional Resident for Aroe dispatched. the fleet provided with a Pilot, and some experienced Citizens distributed thereon. citation of the resolution for the instructive Order, for the Expedition. and also some further provisions. was appointed commander of that Expedition: we made all haste to carry it out, as our Resolutions broadly show. Section 29. In that of the 4th of March, mention was made of the arrival of the reinforcement from Amboina, and how they were then ready, but lacking rations! In order not to put everything at risk by waiting for the two remaining ships, we had to purchase some rations. And that Section 31. spoken to, and the speedy departure we had to point out to the Commander of the Expedition, Van Bose, who was still continuing with his demands for provisions, that this was neither the place nor the time to strip the Castles and the Establishment bare, and as it were to overload the fleet; and to urge him to help arrange matters so that he could depart quickly, since time was passing and otherwise everything would be lost, informing him that there was no need to wait for further orders. Section 32. Meanwhile, at the last-mentioned session, it being judged that it was necessary at that particular time, for the benefit of the great number of disabled people from the voyage hither, to provide and deliver a necessary extra supply to the Hospital, we resolved upon the request of the Hospital Master to hand over some necessities, in order to support thereby his zealous work and care for the recovery of the sick, so that we might have the use of their services for which they were qualified and needed. Section 33. While we also made the further required provisions upon the request and the demonstration of necessity that were made for them. Section 34. And at the session of the 24th of January, we had also found it a principal requirement to draft for the said Major and Commander of the Expedition such an instructive order as he, being a stranger here, needed for knowledge of affairs and for the execution of the Expedition. Section 35. We placed on the ship as Pilot the most competent Seaman for that region who was in the Province; whereby, along with several experienced Citizens from the One Hundred hands whom we had principally had to hire for the ship and the cutter and who were distributed among the fleet, one could be reassured, in the hope that disasters would stay away. Section 36. At the said session of the 4th of March, when we further dealt with the Aroe affairs, the taking of a position there and the erecting of a fortification remained absolutely necessary; just as this became the resolution after the Instructive order, we also intended to dispatch a person to manage affairs there, but we found ourselves embarrassed, as one could find or spare almost no one,

Dutch transcription

de versterking uit Amboina aan„ „gekomen „tie ingekogt. den Majoor en Commandant derzelve, zijne eisschen tegen gerecommandeert. een extra verstrecking voor de den P=e Resident: voor Aroe afgi„ „zonden. de vloot met een Loots voorzien, en eenige bevare Burgers daar op verdeeld. aanhalinge van het besluit tot „tive Ordre, voor de Expeditie. en ook eenige verdere verstric„ „kingen. „mandant van die Expeditie was aangesteld: ' maakten wij alle spoed om dezelve gevolg te doen hebben, gelijk onze Re„ „solutien daer van de brede vertoninge doen. §: 29. Bij die van den 4. Maart woud gemeld de aankomst van de versterking uit Amboina, en hoe men als toen gereed was, eenig randcoeren voor de Copedi„dog gebrek aan Randcoenen hebbende! om niet allee in de wagschaal te stellen met het wagten na de twee overige §31: schepen, eenige Raudcoenen heeft moeten inkoppen. en dat gesproken, en 'tspoedig vertriek wij den Commandant der Expeditie van Bose, die toen nog continueerde met zijne eisschen van Benodigdheden, on„ „der het oog moesten brengen hoe dit geen plaats, en het geen tijd was om de Casteelen ende Huishouding te ontbloten; en de vloot als te overladen, en hem recommandeeren om de zake zodanig te helpen schicken dat hij spoedig vertrec„ „ken konde wijl de tijd verliep, en anders alles verloren zer„ „de zijn, met onderrigting dat men na geen nadere ordre nodig hadde te wagten. §32. Jntusschen hebben wij ter laatstgemelde sittinge, G'oordeeld zeeken a't koopetal gedaan. zijnde dat het noodzakelijk was om in die bijzondere tyd ten behoeve van 't Groot getal impotenten uit de reise herwaerds:/ aan het Hospitael een nodige extra verstreckinge te doen en te restitueeren; besloten op den Eisch van den Hosputalier eenige benodigdheden af te langen, om daer mede het ieverig werk en de zorge van denzelven te ondersteunen, tot het her„ „stellen der zieken, ten einde daer van de dienste te mogen § 33. hebben waer toe ze geschikt en benodigt waren. terwijl wij ook de verder vereischt wordende verstreckinge deden, op het Ver„ „zoek en de aanwijzing van de noodzakelijkheid, die daar toe gedaan wierden. § 34: En wij hadden ook ter sittinge van den 24. Jan: als een het vervaerdigen van een Jnstauc voornaam vereischte gevonden, voor gemelde Majoor en Commandant der Expeditie zodanig een Jnstructive ordre ter vervaerdigen als hij, alhier vreemd zijnde, voor een kennis„ „se van zaken, en tot de uitvoering met de Expeditie nodig hadde. § 35. wij plaatsen op het schip als Loots den den bequaamsten Zeeman om dien oord, die in de Provintie was; hoedanig men met verscheide bevare Burgers uit de Een Hondert koppen, die wij principael voor het schip en de kotter hadde moeten in hu„ „ren en op de vloot verdeelt waren, men als gerust wezen moeste, in de hope dat de rampen zoude weg blijven. §36. Ter gemelde sessie van den 4. Maart, toen wij verder over de Arouwse zaken handelden, in de Postvatting aldaer en het eri„ „geren van een sterkte volstrekt noodzakelijk bleef; zodanig als dit het besluit wierde na de Jnstructive ordre ! wil„ „en wij ook bedagt zijn op de afzendinge van een perzoon tot waerneminge der zaken aldaar, maar wij vonden ons ver „ligen, daer men bij na niemand vinden of missen konde, stellen

NL-HaNA_1.04.02_3910_0374 view scan ↗

English

the instructive order unalterably confirmed. noted how the commanding officers obtained their dispatch to Aroe in the meeting; and it was nevertheless necessary to provide for this, since the officers and others of the expedition were not at home here and were strangers, whereupon the pay bookkeeper Cornelis Adriaan van Eijk, being present in our meeting, offered himself for this purpose with the best assurances of care and full duty, whom we then, because he could also best be spared and which therefore incurred no expenses, engaged and dispatched for this purpose; in order that, when if all goes well the post at Aroe should be established, he should provisionally reside there, yet not other than under a determined authority, according to that resolution. Paragraph 37. the fleet provisioned for five months, and accordingly we provided the further necessities, and provisions to the fleet for five months. The aforesaid instructive order for the commander of the expedition van Bose had been prepared; which in that same meeting of 4 March, after resumption of each point separately, and when a unanimous opinion was given on everything, was unalterably confirmed, and we adopted the content as a decision in our meeting, and had that paper inserted into the resolution to that end; while moreover the Governor, during the time of his presence here, had given several instructions to the said commander, and had in addition also given him a reading of the memorandum for the expedition in the past year, with the report of the outcome thereof: And on 12 March we summoned the said titular Major and Commander van Bose into our meeting, whereupon the aforesaid instructive order was read, and this commander acknowledged the content thereof, together with the Governor's separate instructions, as sufficient for the objective, and at the same time for him, to direct this, to which he would apply all his ability, under Heaven's blessing, and to correspond to the high trust which Your High Nobilities had been pleased favorably to place in him; in whose name we thereupon entrusted the commission to him and immediately handed over that original instructive order: thereupon we also summoned into the meeting the captain of the ship Schoonderloo, Heijenberg, and the captain lieutenant of the cutter, Muller, for the necessary purposes, to each of whom a copy of the sailing orders to and from the Arouw Islands and the calling at Goram, which we had caused to be issued, was also handed over; the Governor recommended on both sides the necessary unity and harmony, in order thereby, with the expected requisite cordiality, to promote the interest, ordering the naval officers separately all care for the precious keels entrusted to them; therewith the dispatch was given, and thus the expedition against Arouw and Goram resumed, to which end we hope that our cares and arrangements may have sufficed. that this and the arrival of the fleet there, with several others, is communicated. subsequently also the return of the same. by a Political Commission. with the account for the accounting of the goods, and citation of the costs of the post. Paragraph 40: we have already, so far as it was required in time, given Your High Nobilities the dutiful notice of this at the first opportunity, by our respectful secret letter of 8 June, as well as of the unfortunate and untimely death of the Major and Commander van Bose on the ship Schoonderloo during the voyage to Arouw; the arrival of the fleet there; the taking possession of the hostile Pilaid bedjer, and the establishing of a post upon the same. Paragraph 41: and in our next letter of 28 August, we communicated the return from there of the ship Schoonderloo and the cutter de Patriot, with the rest of the fleet, that the post was established and rather expensively garrisoned, but that Goram had not been called at, and we report therewith at the same time how we were compelled to appoint a commission from our meeting to form a report of the affairs of the expedition, so that we might also be able to give Your High Nobilities the necessary and dutiful account; which commission subsequently finished that work and served us as an ample report of affairs, just as we had prescribed the inquiry into the most remarkable and principal points of interest, specially and each separately, and further according to the intention: which had to become an extensive work for that purpose, which could not be produced earlier than at the very latest time of the dispatch of the papers and of this one; which report we therefore take the liberty respectfully to present to Your High Nobilities; without being able to make any further extensive remark thereon in this letter; we have only accepted the work of the commission as sufficient and deferred to the considerations thereof, which follow upon the last and 32nd article! since the time has elapsed, and the matter is also required in its entirety, and we moreover, on account of the departure of the persons in the investigation in this matter, could do nothing further than thus address ourselves therewith for the necessary and dutiful accounting to Your High Nobilities, for further disposition, which is beyond our power. Paragraph 43. As we also humbly present to Your High Nobilities herewith the ample account, compiled and drawn up with much trouble and work, in accounting for the goods that were sent along with the expedition, which the captain of the ship Schoonderloo, Heijenberg, left to us, and took no trouble for, or who rather, having dealt arbitrarily or indifferently with the goods, intending

Dutch transcription

„vrandeat. de Jnstructive ordre onverander„ „lijk geconfiameerd. genoteert hoe dat den Comman officieren inde vergadering, hun depechie erlangd hebben na Aroe: en het nogtans nood zakelijk was om hier in te voorzien, vermits de Officieren en andere van de Expeditie alhier niet thuishoouden en vreemd waren, wanneer den soldij Boekhou„ „der Cornelis Adriaan van Eijk in onze vergadering zinde, „zig daar toe aanbood met de beste verzekeringe tot de zorge en een volle pligt die wij dan zodanig om dat hij ook het beste gemist kende worden en het welke dus geen onkosten in zig hadden daer toe genomen en afgezonden hebben; om als bij alle wel„ „wezen de Post te Aroe opgerigt zoude zijn, bij provisie al„ „deer te Resideren, dog niet dan onder een bepaald Gezag, na die Resolutie §37. de vloot voor vijf maanden gepre„en volgens bezorgden wij het verdere nodige, en Proviandie„ § 36. „ aen de vloot voor vijff maanden. de Voorschreve Jnstruc„ „tive ordre voor den Commandant der Expeditie van Bose was in gereedheid gebragt: die in die zelfde vergadering van den 4. Maart na Resumtie van ieder poinct afzonderlijk, en toen over alles een stemmig g'oordeeld was, onveranderlijk gecon„ „firmeerd wierde, en wij namen den inhoud voor een besluit bij onze vergadering, en lieten dat Papier bij de Resolutie ten dien einde insereeren; terwijl boven dien den Gouverneur, gemelde Commandant in de tijd van zijn aanweesen alhier verscheide onderrigtinge, en hem daer en boven ook lecture gegeven hadde van de Memorie voor de Expeditie in het gepasseerden Jaar, met „dant den Eogelditie met dezen 9. het Rapport van den uitslag van dien: En op den 12. Maart ontbo„ „den wij den gemelden Maijoor tit en Commandant van Bose in onze vergadering, wanneer de voorschreve Jnstructive Or„ „dre gelezen weerde, en dien Commandant den inhoud van dezelve, bij des Gouverneurs apparte onderrigtingen, erkende als voldoende voor het Oogmerk, en teffens voor hem, om dit, waer toe hij alle zijne vermogen aenwenden zoude, in 's Hemels zegen te bestellen, en te b'andwoorden aen het hoge vertrouwen het wel„ „ke uwe Hoog Edelens Gunstig in hem hadden gelieven te stellen; in wiens naam wij hem vervolgens de Commissie op„ „draegen en onmiddelijk die Origineele Jnstructive Ordre in haidagden: daer op ontboden wij mede in vergadering, den Capitain van het schip Schoonderloo Heijenberg en Capitain Lieutenant van de Kotter Muller, tot de nodige eindens taan wien ieder ook een Copia van de Zeilaas Ordre na en van de Arouwse Eilanden en het aandoen van Goram„ die wij hadden laten uitbrengen, inhandigd wierde; den Gouverneur recommandeerde aan weder zijden de noodzakelijke eendragt en Harmonie, om daar mede, met de verwagt wordende schuldige hartelijkheid, het belang te be„ „vorderen, beveelende aan de zee officieren afzonderlijk, alle zorge voor de hun aanbetrouwde kostbare kielen; daar mede wiside de depeche gegeven, en zodanig de Evge„ den „ditie dat dit en de aankomst van de vloot aldaar, met meer anderen is bedeeld. vervolgens ook de terug komst derzelve. door een Politicque Commis„ „zonden. met de Rekening ter verandwoor„ „ding der goederen, en aanhaling de „ditie tegens Arouw en Goram hervat, waar toe wij hopen dat onze zorge en Bestellingen mogen hebben voldaan. §§ 40: wij hebben reeds hier van, zo verre als het in tijds vereischt wierde, bij de eerste gelegendheid uwe Hoog Edelens de ver„ „schuldigde kennisse gegeven, door onse eerbiedige Secrete van den 8: Junij, teffens van de ongeluckige en ontijdige dood van den Majoor en Commandant van Bose op het schip Schoonder„ soo in de reise na Arouw; de aankomst van de vloot al„ daar; het in bezit nemen van het vijandige Pilaid bedjer„ en van het oprigten van een Post op het zelve. § 41: en bij onze volgende van den 28: augustus, bedeelden wij de terugkomst van daar, van het schip Schoonder soo in de kotte de Patriot, met de verdere vloot, dat de Post op gerigt en vrij het verslag van de Expeditie kostbaar bezet, dog dat Goram niet aangedaan was, en „se geformeert, med ovrige„ wij melden daer bij teffens hoe dat wij genoodzaakt zijn gewer„ „den een Commissie uit onze Vergadering te benoemen, om een verslag van zaeken van de Expeditie te formeeren, op dat wij ook uwe Hoog Edelens de nodige en schuldige rekenschap zoel„ „de kunnen geven; welke Commissie vervolgens dat werk afgedaan en aan ons gediend heeft tot ampel Verslag van saken, zodanig als wij het onderzoek over de aanmerke„ „lijkste en voornaamste poincte van het belang, Speciaal en ieder afzonderlijk voorgeschreven hadden, en verder na de intentie : het welk daar toe een uit gebruid werk heeft moe„ „ten worden, dat niet eerder, uit te brengen is geweest, als op uiterste tijd van de verzending der Papieren en van deze; welk verslag wij dus de vrijheid nemen uwe Hoog Edelens eerbiedig te presenteren; zonder daar uit in dezen een verder uitgebrijde aanmerking te kunnen maken; alleen hebben wij de verrigting van de Commissie als voldoende aangenomen en aan de Consideratien van dezelve, die op het laatste en 32=e articul: volgen ! gedefereert, daar de tijd verlopen is, en de zake ook in zijn geheel vereischt word, en wij boven dien, mits het vertrek van de personen in het ondersoek in dezen, niets verder hebben kunnen doen als ons daar mede zodanig te addresseren voor de nodige en schuldige verandwoordinge aan uwe Hoog Edelens, voor de verdere dispositie, de buiten onze § 43. maegt is. Gelijk wij daer nevens ook uwe Hoog Edelens ne„ „wigen en van 't kostende der Post„drig aanbieden, de met veel moeite en werk bij een gebragte en opgemaekte ample Rekening te andwoording van de goederen die met de Expeditie waren meede gegeven, het welke den Capitain van het schip Schoonder Loo Heijen„ „berg aan ons overgelaten, en zig daer toe geen moeite ge„ „geven heeft, of die liever eer A. willekeurig of onverschillig met de goederen omgegaen hebbende, in het voornemen

← previousnext →