Inventory 3921
Coromandel / Ceylon · 753 pages · 203 segments · open at the Nationaal Archief ↗
English
A Sinhalese and resident here has reported the following: That by order of myself, the undersigned, he went to the village of Wattorpolle and there saw an erected battery, where a guard was kept by 18 men. Subsequently, the relator says that he went from there to the village of Mellangerie, situated 4 miles from Silau, and there saw a newly erected gravet where a guard was also kept by 7 men. Furthermore, the relator testifies that at Samanabierkerie, which lies 2 miles from here, a person named Koeda Riedaane has given orders for the people belonging under his authority to come to him. The relator also testifies that he has heard that the Maddige Dessave is at Allakolledenieze, situated 10 miles from Silau, and is said to have also given orders there for all the Moors under his authority to appear before him. The relator also testifies that he has heard that the Dessave of Mattele would arrive at Kornagalle, which is situated 10 miles from Silau. Below was written: Silau, the 29th of August 1791. Was signed: J. W. Uhlenbak. In the margin: for the translation: was signed: H.s O.s Rottiers. Agrees: Ysbrands, Clerk. News has been received from Kandia: That the Dessave of Saffergam is staying at the resthouse in Battoegidderen, and that the same, after the offering festival in the pagoda at Saffergam, has granted the office of vidaan over the villages of Ebilij and Pettijgam to Wallalgodde Modliaar in accordance with the written orders from Kandia, and has sent him with troops to the Kolonna Korle in order to guard the former guard posts there; likewise, that the Saffergam Dessave along with troops and all kinds of weapons is due to arrive at Kolonna today or tomorrow, and that there is also quiet news that the King's brother, Hastaane Koemaare, having obtained the kingship, will arrive soon. Thus these matters are written. After preceding compliments. Translation of a Sinhalese ola letter; written to Mr. Foenander, Captain and Engineer present at Makakadde, by Jasinge Dahanaijke Mohandiram Appoehamij of Kotte Polle, situated in the Makewak Korle and Morrewakke Korle vidaan, under date the 31st of August 1791. With humble prayer that if any mistake should be found in the letter, to please pardon such for God's sake. Below was written: at the head of the ola signed with two illegible signatures of the translation. In the margin: Colombo, the 12th of September 1790. Was signed: Perera. Agrees: Ysbrands, Clerk. No. 46 A Sinhalese and resident here has reported the following to the undersigned: That he went to the village of Pottoewewie, situated 1/4 mile from Silau, and there saw that the day before yesterday 15 muskets were brought from Dammedinieje and placed in the battery, where currently 25 muskets are to be found in the said battery. Subsequently, the relator says that he went to the village of Migakamoelle, situated 1 3/4 miles from here, and there saw that a new battery was being erected in the said village. The relator also testifies that he has heard that the roads are being cleared from Koenegalle to Dammedinieje, and that an ola was brought from Damedinieje to the village of Wietegoddiaane, situated 2 hours from Silau, and published there, stating that no one with any merchandise etc. may pass along the cleared roads. Furthermore, the relator testifies to having heard nothing regarding the ransom of the King's brother. Below was written: Silau, the 3rd of September 1791. Was signed: J. W. Uhlenbeek. In the margin: for the translation: N.s J.s Rottiers. Agrees: Ysbrands, Clerk. No. 47 Monday the 5th of September 1791. Appeared the declarant Rannesinke Lokkoehamie, resident at Kohoufvroewe, under the vidaan-ship of Kattoene. First, the declarant made known that at the rumor of the arrival of the Right Honorable Governor at Makakadde, the gravets in the King's Land have been occupied with more troops, and that he, the declarant, had seen this with his own eyes upon his arrival at Wallalgodde, and even heard it spoken from the very mouth of the Modliaar of the Kodditoeak; that because His Honor arrives at Makakadde, the gravets have now been occupied with more troops. And that he, the declarant, heard that the Modliaar of Wallalgodde had said to the Modliaar of the Kodditoeak: the Honorable Lord Governor has arrived at Makakadde and departed again. Also that the Modliaar of the Koddetoeak, although he still bears the title and name of that office, has nevertheless been dismissed, and that in contrast his son
Dutch transcription
Een Singalees en in woonner alhier heeft het volgende bericht Dat hij uijt ordre van mijn ondergeteekende na het dorp wattor polle geweest en aldaar ge zien heeft een opgerigte batterij en door 18 kop pen wagt hield, vervolgens zegt de relatand dat hij van daar na het dorp Mellangerie legt 4. mijlen van silau begepven en al„ daar gezien heeft een nieuw op geregte gra vet die door 7. koppen meede aldaar wagt hielden Voorts betuijgd de relatand dat te Samana bier kerie dat 2 mijlen van hier legt eene perzoone met naame koeda riedaane order gegeeven heeft em de onder hem sorteerende volk bij hem te koomen Nog betuijgd de relatand dat hij gehoord heeft dat de maddige Dessave te Al la kolle denieze legd 10 mijlen van silau bevind en aldaar ook order zoude ge geeven hebben, om alle de mooren die onder hem sorteerd bij hem te ver scheijnen, ook betuijgd de relatand dat nagezien nde 113 dat hij ook gehoord heeft dat de Dessar van Mattele te kornagalle die 10 mij len van sihau legd zoude koomen /:onderstond:/ Silau den 29 Augustus 179 /:was geteekend:/ J: W: uhlenbak /: in margiene:/ voor de vertaaling /: wat „geteekend:/ H:s of:s Rottiers 1 Akkordeert Dijbrands klerk 144 ook een stille tijding is, dat skonings broe„ „der Hastaane koemaare verkreegen heb„ bende de koningschap spoedig aan koo„ „men zal: zo zijn deese zaaken geschreeven de voorige wag zoomeede dat krijgsvolk en heeden of mor k naar de uit en hem ridaem over de omen: Dat de Rust huijs te Bat zelven na gedaan Jaffergemaam aanschrijven enten. „tain en Ingenieur present te Maka„ kadde, door jasinge Dahanaijke mo„ schreeven aan de heer Foenander Kapi handiram Alboehamij van Kotte Translaat singaleesche brief ola; ge„ met „le vidaan, on„ gustus 1791. Makersk Korle 116 na en Dat er uijt kandia zijn tijdingen bekoomen: Dat de dessare van Saffergam in het Rust huijs te Bat„ „toe gidderen verblijft, en dat den zelven na geda ne affer Feest in de Pagoode op Saffergenwaan wal al godde modliaan volgens het aanschrijven van kandia, den dienst van ridaem over de dorpen Ebilij en Pettij gam vergunt en hem gesenden heeft met krijgsvolk naar de kolonna korle ten eijnde van de voorige wag Posten aldaar te bewaaren, zoomeede dat Sattergamse dessave nevens krijgsvolk en alle zoorten van waapens heeden of mor„ „gen staat te koomen op kobonna en Dat er ook een stille tijding is, dat skonings broe„ „der Hastaane koemaar verkreegen heb„ bende de koningschap spoedig aan koo„ „men zal: zo zijn deese zaaken geschreeven Na voorgaande komplimenten. Translaat singaleesche brief ola; ge„ schreeven aan de heer Foenander kapi¬ „tain en Ingenieur present te Maka„ kadde, door jasinge Dahanaijke mo„ handiram Appoehamij van Kotte Polle geleegen in de Makewak korle en Morrewakke Korle videan, on„ der dato den 31. augustus 1791—. met No. 45 176 met ootmoedige beede dat bij aldien een vout bij den brief mogte werden bevondena denm zulx on Gods wille te willen Pardonneeren /:onderstond:/ aan het heoft den ola /:getekend met twee on leesbaare hantteekeningen v de tremslaatsie /:in margine:/ kolembo den 12. ' 7ber: 1790. /:was getekend:/ Perera. Hijbrands EKlerk Akkordeert 116 No: 46 Maandag Den 1 September 1791. 115 Ranne= Een singalees en inwooner alhier, heeft aan de poner te ko= ondergeteekende het volgende berigt. aanie van Dat hij in het dorp Pottoewewie /: legt ¼. mij len van sileuw :/ begeeren en aldaar ge„ sien heeft, dat eer gisteren 15. geweezen van dat op het dammedimerje aangebragt en in de batte Edele Groot ve rij geplaats is, alwaar thans van 25. ge„ hadde, de weeren in gem: battrij te vinden zijn. vervolgens zegt de telatand dat hij na eerder vol= het dorp Migakamoelle /: legd 1¾. mijlen Declarant van hier:/ geweest en aldaar gesien heefd te te wal= dat in gem: doop een nieuwe Batterij „den Modl=r op gerigt wierd—. gehoort heeft Nog betuijgd de Relatand dat hij gehoord heeft, van Roenegalle tot na Damme de„ 9 Edele op nieje de weegen schoon gemaakt word, s met meerder en dat van Damedinieje in het dorp wie te goddiaane /: legd 2. uuren van siluuw en Modl=r een ola zoude aldaar gebragt en gepu„ „bliceerd hebben, dat niemaand met der koddi= neur, is op om vertrokken. t wil nog den titul en naam van die dienst voert; egter af= gezet is worden en dat daar inteegens Sijn soon eenige als nus 116 No: 46 eenige koopwaare &=a na de schoon gemaakt „te weegen moogen passeeren. voorts betuijgd de telatemd wegens het afkoop van des konings-Broeder niets van gehoort te hebben. /:onder„ stend:/ Sileuw den 3. ' 7ber: 1741. /:was getk J: W: uelenbeek /:in margine:/ voor de vertaling N:s J:s Rottiers n Modl=r ter koddi= neur, is op om vertrokken. wil nog den onr oon titul en naam van die dienst voert; egter af= gezet is worden en dat daar inteegens sijn soon dat op het dele Groot ve hadde, de eerder vol= Declarant te te wal= gehoort heeft Edele op den Modl=r Maandag Den 5 September 1791. Kanne= ooner te ko= Akkordeert Dijbrands ler nur ranie van ¶met meerder 116 No. 46 No. 47. Erstens gaf den Declarant te kennen dat op het gedugt van de komste, van den Wel Edele Groot ve„ Achtbaare Heer Gouverneur te Marahadde, de Gravetten in 'skonings Land met meerder vol= kers zijn bezet worden, en dat hij Declarant zulks met zijn eige oogen bij komste te wal= lalgodde gesien had, en ook zelvs van den Modl=r der kodditaak uijt sijn eige mond gehoort heeft gezegt te hebben; dat vermits sijn Hoog Edele op Marakadde komt sijn de gravetten tans met meerder volk bezet worden. En dat hij Declarant gehoord, heeft dat den Modl=r van wallalgodde teegens den Modl=t der koddi= toeak gesegd had den Edele Heer gouverneur, is op Marakadde aangekoomen en weederom vertrokken. Als ook dat den Modl=t der koddetoeak wil nog den titul en naam van die dienst voert; egter af= gezet is worden en dat daar inteegens Sijn soon Maandag Den 5 September 1791. Compareerde den Declarant Ranne= Sinke Lokkoehamie inwooner te ko= houfvroewe, onder de visaanie van kattoene. nur en
English
has recently been appointed as korale of the Kollona Korale, but since he is still young, the father performs that duty. All the aforementioned the declarant testifies to have heard and seen, to be able to confirm it under oath if necessary. Thus done on the day written above. Below stood: for the translation. Was signed: Jf Brinkman. Agrees. Wijbrands, clerk. Extract of an extract missive dated 5 September 1791 from Silauw by the bookkeeper and Resident Petrus Ripsema to the authorized Boetsz. to Nigombo written. A Sinhalese and inhabitant has given the undersigned the following report: That he has been to the village Kornagalle and has seen there that the roads up to Dammedeneje are being cleaned in order to transfer the Boddoe or idol of Kandia to the Dessave at Dammedeneje. Furthermore, the informant says that he has been to Pottoveder on Karwewe, which lies 8 miles from Silauw, and has seen there 4 chests with gunpowder brought in, which were said to have been carried by 8 heads per chest, and placed in a separate house, and presently 7 chests are to be found in the said village. The informant further testifies that he subsequently went to the village Wattoepolle (lies 3½ miles from here) and has seen there an erected battery in which 70 muskets were placed, where 100 heads kept watch. Subsequently the informant says that he went after that to the village Pottoekoloeme, which also lies 3½ miles from Silauw, and has seen there a newly erected gravet where 25 heads with muskets kept watch. Furthermore, the informant says that he heard that the king of Kandia has sent orders to the village Hantenekele to peel cinnamon. The informant further testifies that he heard that the king's brother and the Dessave of Mattele are about to come to Kornegulle, and that it has recently rained in the said place and the inhabitants there are presently busy cultivating and sowing the lands. Below stood: Silau the 1st of September 1791. Was signed: J. W. Uelenbeek. In the margin: for the translation, H.s J.s Rettiers. Agrees. Wijbrands, clerk. No. 48. No. 49. The old tune of the descent of the Dessave of Matule alongside the king's brother to Karnagalle and the gammedde is still sung, but because this takes so long I give little credence to it, all the more because I know for certain that they lack grain for the continuation of their war, as they make their inhabitants believe; grain they have little or nothing left in stock, and their inhabitants have permission for the cultivation of their fields, as already mentioned in my previous letters; thus I give little credence to the Kandyan attack against the Honourable Company. However, the king of Kandia currently has the cinnamon peeled by his own cinnamon peelers, and secretly seeks everywhere in his territory and our districts around King Zomeede for a certain kind of fruit whose name neither inhabitants nor spies can give me, saying that they were to be found in the Four Korles in former times, and that a present of this was even sent to Europe; but what he intends to achieve with the king and these fruits is unknown to every inhabitant, both of Kandia and ours. Below stood: Agrees. Was signed: P. G. Boetsz., authorized. Below stood: Agrees. Was signed: I. G. Renker, authorized. Agrees. Hijbrands, clerk. Extract missive dated 7 December 1791, written by the Resident Sinning of Moegoeroegampelle to the right honourable lord Dessave. I have the honour to inform Your Right Honourable in all respect that according to the report brought to me by the spy Unus Lebbe, the Dessave of the 4 Korles departed yesterday from Alauwe with his troops back to the temple in the Pelligal Korle. At the writing of this, this was made further known to me by one of my second spies. P.S. I most respectfully request Your Right Honourable's orders whether with the goods and house of the one who went to the Kandyan territory, when I further found the accusations against him to be true, and wanted to have him arrested, he was frightened and ran away to the Kandyan territory. To report that we yesterday afternoon by a Kandyan kangaan who was in the night in conversation with a friend of the old kangaan of this Korle. Moegoeroegampelle, written to the right honourable lord Dessave. 1791, by the Resident Sinning. Was No. 58.
Dutch transcription
als koraal Van de kollona kort is aangesteld wor¬ den, maar vermits nog Jong sijnde, neemt de vader die dienst waar Al het voormelde betuijgd den Declarant gehoord en gesien te hebben, om des noods zijnde met Ede Aldus gedaan ten daage voorschreeven. /:onderstond/ voor de overzetting /:was getekent:/ Jf Brinkman te kunnen sterken. Akkordeert Dijbrands D eirlerk Extrakt â Extrakt Missive de dato 5. 2 Iara 1821 van te klaaren door den boek Een singalees en in woonen heeft aan ruijten„ s Ripsema dergeteekende het volgende berigt. Dat hij na het dorp kornagalle geweest, en Boetsz: na aldaar gesien heeft dat de wegen tot na demmedenieje toe, schoon gemaakt wor„ den, om de Boddoe of afgod van kandia aan de Dessave te Dammedeneze over te brengen. voorts zegd de telatend dat hij te Pottoveder op kar„ wewe die 8. mijlen van silauw legd ge„ nog gezongen weest en aldaar gesien heeft 4. kisten niet uert slaa er knuijt die door 8. koppen ieder kist zou„ sak in het de gedraagen hebben, aangebragt; e in een appaite huijs geplaats, en thans in oorzetting van 7. kisten in gem: dorp te nuden zijn. ngezeetenen Nog betuijgd de telatand dat hij ver„ breekt, graa„ volgens na het derp wattoepolle /: legd neer in voor 3½. Mijlen van hier :/ geweest en aldaar e bebouwing gesien heeft een opgeregte batterij alwaar mijne voorige 70. geweeren daar in geplaats waarmen door 100. koppen wegt hielden vervolgense hebben, dus zegd de Relatand dat hij hem daar na Alaque tegens laat de ko= zijn eigen schillen, en zoekt overal en zijn gebied en onse distric= ten onderhands om koning Zomeede om 48 118 het het dorp pottoekoloeme die ook 3½ Mij len van sulauw leg geweest en aldaar gesie heeft een nieuw opgerigte gravet al„ waar door 25. koppen met geweer meed wagt hielden. verders zegd de Relateurd dat hij gehoord heeft dat de koning hem kandia order gesonden heeft, in het dorp han te neke le, om kanneel te schillen. Nog betuijgd de relatemrd dat hij geheo heeft dat de konings broeder en de Dessor van mattele te kornegulle staat te komen, en dat gedagte plaatse nog zo nu gdem regent en thans de inwandus aldaar beezt zijn om de landerije te beberuwen en behwaije. /:onderstend:/ Silau den 1:' 7ber: 1791. /: was „getek: J: W: uelenbeek /in margine /: voor de vertaling H:s J:s Rettiers. an de Dessave ieder op kar nog gezongen ir't slaaer ik in het oorzetting van ngezeetenen Abreekt, graa„ reer in voor e bebouwing mijne voorige e hebben, dus tlaque tegens aat de ko= zijn eigen Schillen, en zoekt overal en zijn gebied en onse distric= ten onderhands om koning Zomeede Extrakt à Extrakt Missive de dato 5. a Thanr 1884 den boek s Ripsema Boetsz: na Wijbrands Cyreer Akkordeert om No 48 2 - 118 No. 49 Het oude Deuntje van de afkomst van de Dessave van Matule nevens 'Kkonings broeder op kar„ nagalle en de gammedde word nog gezongen dog weil dies Lang zo lang duurt slaa er wijnig geloof aan, te meer wijl ik in het zeekere weet dat het hun tot voorzetting van ders oorlog gelijk ze aan dies ingezeetenen „00 „wijs maaken aan graanen ontbreekt, graa„ nen hebben ze wijnig of niets meer in voor raad dat dies ingezeetenen tot de bebouwing hunner velden gelijk reeds in mijne voorige briefen mentie gemaakt, permissie hebben, dus ik weinig aan de kandiase attaque tegens DE: komp: geloof slaa, Egter laat de ko= ning van kandia tans door zijn eigen kanneel schillers de kanneel Schillen, en zoekt overal en zijn gebied en onse distric= ten onderhands om koning Zomeede Extrakt â Extrakt Missive de dato 5. 7ber: 1791. van Silauw door den boek houder en Resident Petrus Ripsema aan den geauthoriseerden Boeksz: na Nigombo geschreeven. om No. 48 120 118 om zeekere zoort van vrugten welkers naam geen ingezeetenen nog spion mijn opgeven kan, te zeggen dat ze in de vier korles in voorige teid te vinden zijn geweest, en dat hiervan selfs een present na Europa afgesonden is, dog wat hij met de koning en deese vrugten uijtwerken wil, is een ider ingezeeten zo van kandia als ons onbekent. /:onderstond:/ Akkordeert /: was getekent:/ P: G: Boetsz: geauth: /:onderstond Akkordeert /:was getekent:/ I: G: Renker geauth: Accordeerd. Hijbrands Egreert Extract Missive de dato 7: September Ik heb de eere uwel Edele Gebiedende eerbiedigsd ragt, dat kandiase eer„ en kangaan n de nagt was de nagtweder gesprek on„ Extrakt Missive de dato 7. xber: 1791. 't welk den aan door den resident Sinning van Moegoe= hoord, hadeels de roegampelle aan den weled: geb: Heer at voor volk. en eenen Dessave geschreeven. nage Malhonij Ik hebbe de eere uweled: geb: in alle eerbied te „ter nutw: 't in de Corl berigten dat volgens het bij mijn door den spion unus Lebbe aangebragte rapport den den laaten. nders gehoord Dessave van de 4. Corl op gisteren van alauwe vriend van met zijne troepen weeder terug na de tempel aar aan ge„ in de pelligalcort is vertrokken. eijgenis geven bij het schrijven van deeze word mij dit naader laaten haa„ door een mijner tweeden spion bekend gedaan staande ge„ was, en den P: S: verzoeke Eerbiedigst uweled: geb: order of n vriend ven met de goederen en huis van den nae het den ouden ene om deze en kan gaan waar wanneer ik naader hem het hem beschuldige te koomen waar zijn overtuijgd worden en hem wilde laaten op ratten gedrogst en na het kandiase geloopen te berigten. dat wij gister naademiddag door een 119 moegoeroegampelle, aan den welle gebiedende heer Dessare geschreeven. 1791, door den Residend sinning van was N 5.8 deerzes Oorle G kan 120
English
Kandyan deserter kangan, likewise how to deal with the property of the recently deserted aratchy, while his left-behind goods are kept under guard by lascorins until your Honorable Worship orders otherwise. Below stood: Agreed. Was signed: F. G. Renke, authorized. I have the honor respectfully to inform your Honorable Worship that yesterday afternoon it was reported to us by an inhabitant of this corle that a certain Goudemoenne Cora, as if from the Kandyan territory, arrived here in the corle the night before last at the house of a kangan, Tikkiviale, in the village of Merigamme during the night, and also departed from there again in the night; and that the following conversation took place between them inside the house, which the informant heard while listening from outside: the coraal allegedly asked what kind of people were currently here, to which this kangan and a mayorál, Mirigamme Gamnage Malhouij, who was also present, answered: you must not enter the corle first until we have you warned. Since I have heard from several inhabitants that the coraal Goudenoemen is a friend of both of these men, I gave partial credence to this, although I cannot accuse any man on the testimony of one person. I had both summoned and interrogated, but they firmly maintained that these were big lies, and the kangan even denied being a friend of the said coraal. Whereupon I placed the old and aforementioned Malhamij under arrest for another matter; and when I was about to confront the kangan further with the accusation, having become convinced of his guilt and intending to have him seized, he deserted and fled to the Kandyan territory, and that with his entire family in an instant. And the old Malhamij, to provide further proof of the committed evil, escaped from the jail during the night. However, according to my duty, I sent after him one corporal and three ordinary Eastern soldiers via Minuangodde. As the aforementioned informant deserves to receive a reward for this, I request your Honorable Worship to order what may be given to him. The frequently mentioned Tikkiriale kangan is also known to me among the kangans whom I had the honor to nominate to your Honorable Worship for the vacant aratchy post, and I also thought that he had already left here to present himself to your Honorable Worship, but he certainly did not leave in order to be able to execute his mischief here first. It is frequently and persistently reported to me that the Kandyans are beginning to make a great assault on this corle, and also that many inhabitants of this corle secretly side with the Kandyans, and also that inhabitants here said that the commando here was not strong enough for their protection. I told them that they should not be afraid of this, that we were powerful enough for the Kandyans, and that troops were ready at every moment to come here whenever necessary. Below stood: Agreed. Was signed: J. Renke, authorized. Agreed, Hijbrands, First Clerk. Extract of a letter dated 7 September 1791, written by the Resident Sinning of Moegoeroegempelle to the Honorable Lord Dissave. Agreed, Dijbrands, First Clerk. No. 120. No. 52. 121. The fisherman Appoekottiege Janis, inhabitant of Kalutara, relates, in addition to what was shown in the Kalutara letter, the following matters, namely: That at Meddegamme, situated in the Attecalancorle under the dissave-ship of Saffragam, he saw the four headmen who deserted from Matara, accompanied by 30 persons. Dissave Leuke is also there, to whom a cane has been sent from the Court and is kept by him. Likewise, 50 persons are being drilled in military exercises by a slave boy who ran away from here, and these men receive daily the addeekaes for their maintenance. The dissave was also in the aforementioned corle for six days, accompanied by many people, according to their boasting 12,900 men, but he subsequently departed in the direction of Leuaij upon certain news he received that the Company's detachments were about to arrive in the said area of Leuaij. That an old basnaike named Radgodde Raade has now been favored with the post of attepattoo nele, and the pretense that he was brought under arrest to Kandy is untrue; likewise, an Elleporte holds the office of basnaike. Since the head of the Paduwas named Liemadoerrea fled from Kandy, the said office is now filled by the kouda or small doerrea, and the informant says that the spies whom Dissave Leuke sent must now be in Colombo, as their departure took place five days ago. That the attepattoo nilame named Ek Neliegodde requested him, the informant, to procure a distilling kettle, which was refused, saying that now is the proper time for it, of which the people make much use. Agreed, Sijbrands, Clerk. A Sinhalese inhabitant here has reported to the undersigned [illegible] that eight days ago two persons arrived in Damnedenie from Kandy to [illegible] in the name of the King. No. 54. 10. 125. 122.
Dutch transcription
kandiase over geloopenen kangaan g lijk met het van den laast gedrosten araatje handelen mag terweil het terug gebleeven goed van den zelven door Lascorijns tot uweled: gebiedend onder laat bewaaken /:onderstond:/ Ak kordeerd /:was getekent:/ F: G: Renke geauth: Ik heb de eere uwel Edele Gebiedende eerbiedigsd te berigten. dat wij gister naademiddag door een deezer Corls in geseetenen is aangebragt, dat eenen Goudemoenne Cora als van 't kandiase eer„ gisteren nagt hier in de Corl: bij eenen kangaan Tikkiviale in 't dorp Merigamme in de nagt was aangekoomen en ook van daar in de nagtwede„ was weggegaan, en dat het volgende gesprek on„ den hun binnen 't huijs was geschied 't welk den aan „brenger ven buijten luijsterde gehoord, hadeelo de Coraal zoude gevaagt hebben, wat voor volk er thens hier was, deesen komgaan, en eenen Maijoraal Mirigamme Gamnage Malhouij de welke meede daar geweest zij ter mitw: gegeven hadden gij maet niet eerst in de Corl komen tot wij gij naarschouwen laaten. terwijl ik van verschiede in woonders gehoord heb dat den Coraal Goudenoemen vriend van deese biede zij ik halfs geloof daaraan ge„ slaan, schoon ik op een mens getuijgenis gene man beschuldigen kan, de biede laaten haa„ len en ondervraagd maan sterk staande ge„ houden dat het geene groote leugens was, en de„ kennende kan gaan zelfs ontdenwende een vriend ven ged:e Coraal te zijn, waarop ik den ouden en vooren gem: Malhanij om eene amdere heeden in allest gesegt, en den kan gaan„ waar wanneer ik naader hem het hem beschuldige te koomen waar zijn overtuijgd worden en hem wilde laaten op ratten gedrogst en na het kandiase geloopen 1791, door den Residend sinning van moegoeroegempelle, aan den welke gebiedende heer Dessare geschreeven. Extract Missive de dato 7. September Akkordeert Dijbrands Egreerk was N 120 was en dat met zijnen geheelen famielje in ee oogenbleek, en den ouden Malhamij tot zijne meerdere overtuijging van het gepleegde quaat uijt de tronk in de nagt gedrost egter weeder volgens mijnpligt den selve met 1. Corpl: en 3. gemeene rosterlingen over Minua godde dat heen. wijl den aanbrenger gem dit verdunt eene belooning te hebben versoeke ik uwelEd: geb: onder wat aan den selven mag werden gegeeven tikkiriale De meerm: ttikitiale kan gaan staat me de bekend on der de kangaam die ik de eere g had heb uwel Edele Gebiedende tot den ver ten aartjes dienst voor te draagen, en oo„ gedagt dat om zig bij uwelEdele Geb: te vertoonen al heets van hier vertrokken was, wa zeeker niet is vertrekken om zijn quaat alhie eerst te konnen uijtroeren —. Het word nij strek en veel aangebragt de de kandiaanen grooten aanslag op deese Corl beginnen te maaken, en ook dat reel ingeseetenen veni dze zol enderde kman„ ste met de kandianen speelten, ook dat ingezeetenen alhier zegden dat het komn do alhier tot hunne bescherming niet sterk ge noeg was, ik heb hun gesegt dat ze omtrent de niet moest bewees weesen, dat wij magtig genoeg voor de kandianen waaren en er trousen op de spronkstenden om alle ogen„ blikke, wanneer het nodig was hier te kenn: zij /:onderstond:/ accordeerd /:was getk: /: J: Renk geauth:—. Accordeert Hijbrands Eyklerk Een singaleesen inwooner alhier heeft aan den ondergeteekende bericht weest en al„ dessave van ning na kan de relatand legt 8. mij ¶gebouwd die binnen geddere al dat op alle 8 kanneel ¶gemaakt d ¶de or nu 8 daa nd dat van kandia twee perzoonen te damne denie ze gekoomen om uijt naam van de en is. Koning No. 54. 10. 125 No. 52 Een singaleesen inwooner alhier heeft aan den ondergeteekende bericht weest en al„ 121 Den visschen Appoekottiege Janis dessave van inwoonder te kalten, relateerd buijten het geen in de kaltersche brief wierd aen ning na kan „getoond, de volgende zaaken als. —. de re tand Dat hij te Medde gamme geleegen in de atte„ kalankorl onder dessavonij van Saffergein mij legt gesien heeft, de vier hoofden die rem Matutie d ge hebben gedrost, verselde met 30. persoonen en is ook aldaar de dessare Leuke, aan wien die nen een kannen uijt het Hoffgesenden en bij den selven bewaard is, zomeede word aan 50. Per„ ged sooen egersietie geleerd, door eene slaase Jongen die hem hier weg geloopen is, en krij„ „gen deesen daglijks de addeekaes tot hun on„ dat op alle derhoud. De dessave van den was ook zes dagen lang in de voormelde korle, verseld met veel Kanneel volk /volgens hun op heeren 12900. manschappen, gemaakt dog is daarna aan de kant van Leurij ver„ trokken op zeeker tijding die hij gekreegen heeft, dat sComp:s detadihementen naar d0 de gemelde komt van Leuaijstond te konen. daa or al en nd dat van kandia twee perzoonen te dam nedenie ze gekoomen om uijt naam van de Dat Koning No. 54. Dat aan oude Basnaijke in naame R godde Raade is thans begunstig geworden met de bediening van atteepattoe Ne en het voorgeeven dat deselve in arrest was naar kender gebragt is en waa zoo meede Bekkleed Eenen Elle porte dienst van Basnaijke. —. Nademaal het hoofd van de Paar in naame Liema doerrea uijt kande gevlugt is wort gemelt dienst tha waar genoomen doer den koeda af kly doerea en den relataird zegt dat spiens die de dessare Leuke gesonde heeft dat ze nu op kolembo moeten ^ terwijl weesen ^ terug hun vertrek voor vijf deg geschiet is. —. Dat de atteepattoe kalahomij in naer oe de or nu 8 daa is. nd dat van kandia twee perzoonen te damnedenie ze gekoomen om uijt naam van de dat op alle kanneel „gemaakt Een singaleesen inwooner alhier heeft aan den ondergeteekende bericht weest en al„ 122 „ Neleme Ek Nelie godde heeft ven hem relatant Zessave van versogt, om een disteleer kietel te beson„ „gen, de welke gewijgert is, zeggende dat ning na kan thans de regte tijd te weesen, die het volk de relatand veel gebruijk daar vem maaken.—. legt 8. mij ¶gebouwd die binnen reddere al Akkordeert Sijbrands Clerk Koning No. 54.
English
No. 53. A Sinhalese resident here has reported the following to me, the undersigned: That he went to the village of Dammedenieye and saw that in the large house that was built there, paintings of all kinds of figures are now being made on the walls, and that many people were keeping watch with grasshoppers and firearms, and that the Disava of the Seven Korales and the Oehoemoewe Mohandiram go out around the place twice a day, the former with a large cleaver in hand. Furthermore, the informant declares that he heard that at Dagammedde, located 5 miles from Silau, many men were also keeping watch there with firearms, but that all these people are not at all inclined to begin a war with the Company, because they are currently unable to supply the necessary provisions and luggage carriers to their chiefs and their followers. Furthermore, the informant declares that he also heard that the King's brother, the Disava of Matale, is expected to come to Dammedenieye, though not knowing when this will happen; furthermore, that two persons from Kandy have arrived at Dammedenieye to declare in the name of the King that in the villages of Goernoeme and Dammedenieye—the first located 4 miles and the last 5 miles from Silau—the sowing fields are now being sown. According to what the informant heard, in the village of Hantonne, located 15 miles from Silau, more than 900 people are engaged in peeling cinnamon. Below was written: Silau, the 10th of September 1790. Was signed: J. Veulenbeek. In the margin: for the translation, N. J. Rottiers. Agrees, Hybrands, Sworn Clerk. No. 54. A Sinhalese resident here has reported the following to the undersigned: That he went to the village of Wiesanawelle and saw there that a number of 400 people have gone to Tillehente, located 15 miles from Silau, to peel cinnamon there. Furthermore, the informant declares that he heard that the Disava of the Seven Korales had sent out orders to gather all the firearms at Dammedenieye. The informant also says that he heard that the Disava of Matale is already at Bokale, that the Disava is there awaiting the arrival of the King's brother to come to Kurunegala within 11 days, and that orders have come from Kandy to transport all the pepper and coffee lying in this territory to Kandy, and that under penalty of life, no more coffee or pepper is to be brought to the Company's lands. Below was written: Silau, the 11th of September 1791. Was signed: J. W. Uelenbeek. In the margin: for the translation, H. S. J. Rottiers. Agrees, Hybrands, Sworn Clerk. No. 55. A Moorish resident here has reported the following to the undersigned: That he went to the villages of Wiesanawelle and Mottoegolle and saw there that the Madige Disava has departed from the first-mentioned to the last-mentioned place with another 100 people; subsequently, the informant says that he went from there to the village of Dammedenieye and saw there the Disava of the Seven Korales with a number of 200 people. The informant also says that he saw four Eastern soldiers who deserted from the Honourable Company, but he declares he cannot state from which place they ran away, now 12 days ago, and that they were brought from Mangelegamme, located near the village of Wiesanawelle, to the Disava of the Seven Korales, and are currently there, wearing blue long trousers and neckerchiefs tied around their heads. Furthermore, the informant says that the Disavas of the Four and Seven Korales and the Madige Disava are currently having cinnamon peeled in the King's territory, and that the fields there are also currently being partially sown. Furthermore, the informant says that he heard that the Madige Disava will depart within a few days to Nammoeane, located 9 miles from Silau. Below was written: Chilaw, the 17th of December 1791. Was signed: J. Uelenbeek. In the margin: for the translation, signed: H. J. Rottiers. Agrees, Hybrands, Sworn Clerk.
Dutch transcription
Een singaleesen inwooner alhier heeft aan den ondergeteekende bericht vweest en al 123 Een singelees en inwooner alhier heeft het volgen„ dessave van de aan mijn ondergeteekende berigt. Dat hij na het dorp Daame de nieze geweest er ning na kan gesien heeft, dat in het groote huijs die al daen opgebeuwd was, thans met aller hamde tugude ren aan de meuren geschulderd word, en dat veele volkeren met sprinkhaanen en gewee„ mij leg pen wagt hielden, en dat de Dessare der 7. . Corle en de hoehoemoewe Mohatiaar sdarags twee ge d keeren de eerste met een groote houwer in de die hand Rondom de plaats uijtgaan. —. Nog betuijgd de Relateend dat hij gehoord heeft dat de dagammedde /:legd 5. Mijlen van silau red /:veele menschen ook met de geweeren aldaar wagt hielden dog alle deesen volkeren gants dat op alle niet getreegen zijn, om met de komp:s oorlog aan te vengen, om heeden dat sij de nodige kanneel adoekosen Pendes aan hunwe hoofden en zijn aakt gevolgt niet bezorgen kennen. gem voorts betuijgt de telatant dat hij nog ge„ hoord heeft dat de konings broeder de dessee„ ve van Matteloo te damme die neje staan te koomen, dog niet weetende op te geeven o2 wanneer dat zulxs zal geschieden, verdees en and daa al nd dat van kandia twee perzoonen te damne denie ze gekoomen om uijt naam van de betuijgd Koning No. 54. N=o 53. „n betuijgd de relatand dat in de derpen goornoeme en dammelte niete de eerste 4. „delaaste t. mij len gem silauw: legd:/ then zaaijvelden bezaaijt worden. —. volgens de releekent dat hij gehoord heeft in het dorp hantonne legd 15. mijlen v silauw door meer den 900. koppen besigt omkanneel te schullen /:onderstond:/ silau den 10. ' September 1790. /:was getekend:/ J: V uelenbeek /:in mergine:/ voor de vert „ling N:s J:s Rottiers —. Akkordeert Hijbrands Gklerk ddat van kandia twee perzoonen te dam ne denie ze gekoomen om uijt naam van de Peper Een singaleesen inwooner alhier heeft aan den ondergeteekende bericht vweest en al„ 124. Een singerlees en inwooner alhier, heeft aan Cessave van den en dergeteekende het volgende berigt. ning na kan Dat hij na het dtorp wiesanawelle geweest en aldaar gesien heeft dat een getall de tand van 400. koppen na het Tillehente /:leg mij leg 15. mijlen van silauw /: gegaan zijn wa om aldaar kaneel te schillen. —. ge tie nen voorts betuijg de Relatand dat hij ge„ hoort heeft dat de desserte der 7. Carle order red uijtgesenden had, om alle de geweeren, op dammedinieje bij een te brengen. atels at op alle Nog zegd de Relatant dat hij gehoord heeft dat de dessar ven Mattele kanneel „ reedt te Bokale heets te dat de dessare bevind, dat hij aakt gem aldaar de kemste van des konings Broeder verwagte om binnen 11. daagen te Coernagalle te koomen en dat van kandia order gekoomen is om alle de 02 daa al Koning No. 54. Peper en koffij die in dit gebied leggend na handia over te brengen, en dat op „vens strafte verder is geen koffij of Pep na 'sComp:s Landen te brengen. /:in stond:/ Silauw den 11. 7ber: 1791. /:was ge g: W: uelenbeek /:in margine /: voor vertaalang H: S: J:s Rottiers— de e is ddat van kandia twee perzoonen te dam ne denie ze gekoomen om uijt naam van de daa at op alle kanneel gemaakt Een singaleesen inwooner alhier heeft aan den ondergeteekende bericht weest en al„ Cessave van ring na kan le relatand legt 8. mij gebouwd tie binnen reddere al Akkordeert Dijbrands GCalerp koning No. 54. No. 55 de moe or nu 8 daa ddat van kandia twee perzoonen te dam nedenie ze gekoomen om uijt naam van de is. dat op alle kanneel gemaakt Een singaleesen inwooner alhier heeft aan den ondergeteekende bericht weest en al„ dessave van ning na kan de relatand legt 8. mij gebouwd die binnen geddere al Koning No. 54. No 54 Een singaleesen inwooner alhier heeft aan den ondergeteekende bericht weest en al„ 125 dessave van Een Moor en inwooner alhier, heeft aan de ning na kan ondergetekende het volgende Berigt Dat hij na de Dorp en Wiesanawelle en Mot de relatand „toegolle geweest en aldaar gesien heeft 8. mij „maddige depJavep van de eerst gem: tot soe legt dat de „ Laast gem: plaats, met nog 100. wa sgebor koppen vertrokken is, vervolgens zegt de nnen die Relatant dat hij van daar na het door Dam medeniejje gegaan en aldaar gedder een getal de Dessave der 7. Korle met gelust van 200 koppe Gezien heeft. dat op alle Nog zeg de Relatent dat hij Gezien d kanneel heeft, vier oostersche zoldagten, die En gemaakt van de E: Komp:e de vlugt genoomen hebben, maar hij betuijgt niet te kon„ oe ¶de ven „nen opgester, van welke plaats dat nu 8 daar te zijn weggeloopen, nu 12 Daagen geleede or van al en is. ind dat van gen kandia twee perzoonen te damne denie ze gekoomen om uijt naam van de Koning No. 54. 125 No. 54. Van Mangelegamme /:Legd ma het Dorp Wiesanawelle:/ na de 2 „save der 7. ' Korle Weggebragt zij en six thans, aldaar bevinden padden blauwe lange brooken en Neusdoeken om hunne ko Gebonden voorts zeg de Relate Dat de Descaves den 4: eJ. Nov en de Moddige Dessave thon in Monings Gebied Kannes laot schillij en dat de velde oo aldaar thans gedeeltelijk bezoo Worden verders zig de Relatard dat hi Gehoord heeft, dat de Madige ¶ de moe oor nu 8 daa in is. nd dat van kandia twee perzoonen te dam ne denie ze gekoomen om uijt naam van de Caler J dat op alle d kanneel En gemaakt Een singaleesen inwooner alhier heeft aan den ondergeteekende bericht weest en al„ 126 dessave van save Binnen eenige daag ming na kan na nam moeane legd 9 wijlen de relatand van silauw:/ te zullen ver„ 2 legt 8. mij „trkk /ondersond:/ Caesou wa gebou Den 17' Xber: 1741 /: Was getekend/ die nen J: uElenbeek / Margiene . geddere al voor de vertaaling :getekend/: J: Rottierd H: Akkordeert Hijbrands Saue Koning 2
English
A Sinhalese inhabitant here has reported the following to the undersigned: That he went to the village of Wissanawelle and saw there that the Madige Dissava is staying in the neighboring adjacent village of Nilbegeddere, and orders have arrived there not to send any pack animals to Puttalam today, in case the Company might not permit the transport of dried fish and salt, so that these would then return in shame without cargo. The informant further says he heard that the Madige Dissava received the post of Dissava of Puttalam, and that the roads are being cleared and repaired from Kottegampelle to Kurunegala. The informant furthermore says that near the village of Rambodagalla, 20 jak trees and 8 trees have been notched in pieces, hollowed out, and bound with chains, but for what purpose or intention these will serve, the informant cannot say. Below stood: Silauw, 24 September 1791. Signed: J. W. Oelenbeek. In the margin: For the translation, Rottiers. Agreed: Wijbrands, First Clerk. Number 54. A Sinhalese inhabitant here has reported to the undersigned: That he went to the village of Dambadeniya and saw a large quantity of cinnamon lying there, and that it is still being peeled daily up to now. The informant further says he heard that someone had been to Kurunegala and saw ten men with muskets in the rest house there. The informant also testifies that he heard that the King's brother is staying at Kataragama, and that both at Dambadeniya and at Kurunegala the people are very quiet. Below stood: Silauw, 30 September 1790. Signed: J. W. Oelenbeek. In the margin: For the translation, Rottiers. Agreed: Wijbrands, First Clerk. Number 57. A Sinhalese inhabitant here has reported to the undersigned: That he went to the village of Bokalawela and heard there that the Dissava of Matale, by order of the King, has departed for Kandy. The informant also testifies that in the village of Nammunuwewa, situated 8 miles from Chilaw, a rest house is being built for the Madige Dissava, who is expected to arrive there from Nilbegeddere within a few days. The informant further testifies that in all places in the King's territory cinnamon is being peeled, dried, and made into bundles. The informant furthermore says that the Mohandiram of the Negampaha died 8 days ago at Bogamuwa. Finally, the informant testifies that two persons have come from Kandy to Dambadeniya to notify the Dissava of the Seven Korales in the name of the King that he should return to Kandy. Whereupon the said Dissava immediately caused the two persons to be arrested. Below stood: Silauw, 1 October 1791. Signed: J. W. Duhlenbeek. Agreed: Wijbrands, First Clerk. Report. An emissary sent from here to Kurunegala, who returned this morning, testifies to having seen at Kurunegala 2 cannons, 10 grasshoppers, 5 swivel guns, and 50 muskets; also that the rest houses there are being plastered and thatched, and he also heard that the King is expected to come down to Kurunegala 10 days after the full moon. A Sinhalese inhabitant here has reported to the undersigned: That he went to the village of Dambadeniya, and on his return at Manakkulama, situated 3 miles from Chilaw, he saw that four sepoys were there with the intention of departing for Dambadeniya. The informant also testifies that he heard that a sannas was to be published in that district to gather the people together at Dambadeniya, in order to go and receive the King, who is expected to arrive at Kurunegala within 18 days. The informant further says he saw that eastern soldiers are stationed at Dambadeniya. Below stood: Silauw, 5 October 1791. Signed: J. E. Hanning. Agreed: Wijbrands, First Clerk.
Dutch transcription
Een singaleesen inwooner alhier heeft aan den ondergeteekende bericht weest en al„ Een singalees en inwooner alhier heeft aan den onderge„ teekende het volgende berigt. dessave van Dat hij na het dorp wissana welle geweest en aldaar gesien, dat de Maddige dessare naast daaraan gre„ ning kan sende dorp Nille geddere zig bemid, en zal al daar onder gekoomen is, ens geene drag beesten de relatand na Puttulang te senden, om heeden, zoo de Comp: tot het vervoer van karwaaten en zout niet 8. mij legt mogt toestaan, dat dulke als dan tot wa gebo een schande zonder trekken. —. Nog zegd de Relatand dat hij gehoord heeft die nen be dat de Maddige dessave de deenst als dessare van putulaig gekreegen heeft, en dat ven geddere al koettoegeun pelle tot na gallene toe, de Schoon weegen gemaakt worden.—. —. Wijders zegd de Relatend dat digt bij het dorp dat op alle Rembeddegomme 20. panneza 8. Boomen d kanneel aanstukken gekent, uijt geboerd en met Rettingen gesiend zijn tot welkers diensten of oog merk gemaakt dat deselven zullen zijn, wat den Relateird niet te zeggen. /:onderstond:/ silauw den 24. september 1791. /:was getek:/ J: W: uelenbeek /: in margine de de voor de vertaling Rottiers. Adkgideert daa or Wijbrands ƒ liklerk nd dat van kandia twee perzoonen te damne denie ze gekooen om uijt naam van de Koning No: 54. 3 Een singaleesen inwooner alhier heeft aan den ondergeteekende bericht weest en al„ /8 Een singalees en inwooner alhier, heeft aan Cessave van den ondergeteekende berigt. Dat hij na het dorp Dammedenije geweest en ning na kan gesien heeft, een groot gedeelte kaneel aldaer de relatand leggen, en dat tot nog toe dagelijks geschild werd. —. legt 8. mij, voorts zegt de Relatand dat hij gehoort gebouwd heeft koer nagalle gewees en aldaar in die binnen het husthuijs thien koppen met geweeren gesien heeft. —. —. reddere al Nog betuijgd de Relatend dat hij gehoord heeft dat des konings broeder te kalter, gamme zig berind, en dat te zammede dat op alle „nietje als te kaer na galle de volkeren zeen d kanneel stil sijn /:onderstond:/ Sulaum den 30. 7ber: gemaakt 1790. /:was getekend:/ J: W: oelenbeek /:in margine:/ voor de vertaaling Akkordeert Rottiers -. —. Wijbrands D eGalenk oe ¶de 8 daa or „ is d dat van kandia twee perzoonen te damne denie ze gekoomen om uijt naam van de Koning No. 54. 125 de moe r nu 8 daa is. ddat van g 0 kandia twee perzoonen te damne denie ze gekoomen om uijt naam van de dat op alle d kanneel ¶gemaakt Een singaleesen inwooner alhier heeft aan den ondergeteekende bericht eweest en al„ dessave van ming na kan de relatand e legt 8. mij sgebouwd die binnen geddere al koning No. 54. 6 129 No. 58. Een singaleesen inwooner alhier heeft aan den ondergeteekende bericht weest en al„ dessave van ning na kan de relatand legt 8. mij gebouwd die binnen reddere al dat op alle d kanneel ¶gemaakt ¶de mod op nu 8 daa en is. ddat van cquoym kandia twee perzoonen te damne denie ze gekoomen om uijt naam van de koning No. 54. 129 129 No. 57 Een singaleesen inwooner alhier heeft aan den ondergeteekende bericht Dat hij na het dorp bokaale geweest en al„ „daar gehoord heeft dat den Dessave van Mattele op ordre van den koning na kan „dia vertrokken is Nog betuijgd de relatand dat in het dorp nammoeawe legt 8. mij „len van selauw een rusthuijs gebouwd word voor Maddige Dessave die binnen eenige daagen van nielbegeddere al daar staad te koomen Voorts betuijgd de Relatand dat op alle plaatzen in 't konings gebied kanneel geschild gedroogt en tot bossen gemaakt worden Wyders zeg de relatand dat de moe liaar van de negamme voor nu 8 daa „gen te bogomoewe overleeden is. Eijndelyk bestuijd de Relatand dat van kandia twee perzoonen te dam ne denie ze gekoomen om uijt naam van de koning No. 54. Koning den dessave der 7. korls aan te zeg „gen dat hij na kandia zoude te rug koom Waar op den Dessave ged:te 2 perzoonen te eersten heeft doen arresteeren /:onder stond:/ Silau den 1. October 1791 /:was„ geteekend:/ J: W: duhlenbeek Akkordeert Hijbrands E Calerk 131 137 Relaas. Een afgesendene van hier na Cornagelle die brief de dato heeden morgen weder tenug gekoomen is, be„ en resident sin tuijgd op cornagelle gesien te hebben. 2. kan„ „ons 10. sprinkhaanen 5. bandsoeles, en 50. gewee „ oeroegampel, „„e zo meede dat de Rusthuijsen aldaar ge„ geb: Heer Des smeerd en gedekt werden, zijnde heeft bij ook gehoorden dat de kooning 10. daagen, na de volle maan te tornagelle staat afte koomen uwelEd: getred: Ld lahalst ka 130 en avond de door Een singalees en inwanen alhier, heeft aan nij dene mooise en ondergeteekende berigt Dat hij na het dorp Dammedenieze geweest, en daar na het met zijn tenig komste op Manne kandane /:legd 3. Mijlen van silauw gesien heeft dat invormeeren vier sipahis aldaar waaren met voornevm nn wylden om na dam medemeje te vertrekken. —. Nog betuijgd de Relatand dat hij gehoord DesJare hadd heeft, dat een sannas in dat Distrek zou„ „de gepubliseerd zij om de volkore bij een te na nzelv Dammedineje te vergaderen, om de kom zaagd en ge die binnen 18. daagen te koer na g alle staat dien en 4. te koomen, te gaan afhaalen. — - – voorts zegt de Relatand dat hij gesien geb: te brengen heeft te Dammedenieje dat sen oorten„ aanbrengen sche soldaaten aldaar bevinden /:onder„ binnen 6. stond:/ Silauw den 5. oktober 1791. te rug breri„ /:was getk: J: E: Hanning. en na uwel gezonden mondeling Akkordeert Wibrands 1:- do de 2 Leijalerk
English
Account. An envoy sent from here to Cornagelle, who returned again this morning, testifies to having seen at Cornagelle 2 cannons, 10 grasshoppers, 5 bandcoeles, and 50 muskets, and also that the rest houses there are being plastered and thatched; he also heard that 10 days after the full moon the King is to come down to Cornagelle, but whether what he heard contains the truth he cannot assure, but certainly that which he saw and has reported above. Below stood: Silauw, 7 October 1791. Was signed: Haaming. Agrees, Sijbrands. No. 60. Translation of a Sinhalese ola. Written by the Mudaliyar of Madampe and addressed to the Resident of Silauw. The signer of this makes known with much respect: That the Dessave of the Seven Corles is having the former church of Dabeddenie rebuilt, in order to hold a feast there this full moon among the Twelve Pattoes. The Mohottiar of the Attepattoe, by order of the Dessave of the 7 Corles, is again enlisting the mayorals, lascorins, and attepattoe lascorins, and gathering all those people with their muskets in order to march with them to the Twelve Pattoes. To Dabedenie, Namagoel Corle, and Goeitelanpattoe a Mohottiar has also been dispatched to gather the people living there with their muskets, in order to bring them today or at the latest tomorrow to Dabedenie; but where they will go from Dabedenie with these armed people, I cannot yet state for certain. The Madige or Moor Dessave lies near a village, but by this one nothing is being made or prepared; Dabedenie lies one mile away from Viesenawen. This ola was written and signed by me. At the end of the ola was written in Dutch letters Don Gerard Henatho, dated 10 October 1791. Below stood: for the translation, signed: P. Rips. In the margin: for the translation, signed: D. I. Rennenaike. Was signed: I. Renkel, authorized. No. 61. Translation of a Sinhalese ola. Addressed to the Acting Commandant of the Military Troops at Silau. I make known that I have been to Koernagelle, where I heard that the Dessave of the 7 Corles, intending to depart for Kandia, upon arriving at Attipittie received an ola from the King, wherein was written that he had dispatched him to protect the country by means of war, in order to reassure the subjects. Upon this, the Dessave of the 7 Corles returned directly to the village of Beligelle, where he still is. From Koernagelle muskets were sent to Dabedenie to be issued to the newly enlisted men, but at Koernagelle no Sinhalese chief was present. After the last quarter, a church feast will be held at Dabedenie and rice carried. After the new moon, the Dessave of the 7 Corles is to come down from there to Galelle. Further orders are [illegible]. Agrees, Sijbrands.
Dutch transcription
131 137 Relaas. Een afgesendene van hier na Cornagelle die brief de dato heeden morgen weder tenug gekoomen is, be„ en resident sin tuijgd op cornagelle gesien te hebben. 2. kan oeroegampel„ ons 10. sprinkhaanen 5. bandcoeles, en 50. gewee„ „re zo meede dat de Rusthuijsen aldaar ge„ geb: Heer Des smeerd en gedekt werden, zijnde heeft bij ook gehoorden dat de kooning 10. daagen, na de volle maan te ternagelle staat afte koomen uwelEd: getred: dog of dit zijn gehoor waarheid behelst kan hij niet verseekeren, maar wel dat geenen dat avond de door hij gesien, en boven gerelateerd heeft /:onderstond dene moorse en silauw den 7. oktober 1791. /:was getekend:/ daar na het Haaming- invormeeren n wyldene haddige Dessare zelven na aagd en ge dien en 4. geb: te brengen anbrengen binnen 6. te rug bien„ na uwel gezonden nondeling EGaleek Akkordeert Sijbrands e e uwelEd: getred: n avond de door dene mooise en daar na het invormeeren nn wyldene Laddige Dessare zelven na aagd ert ge dien en 4. reb: te brengen anbrengen binnen 6. te rug bren„ na uwel gezonden rondeling brief de dato en resident sin roeroe gampel„ =Geb: Heer Des D 137 No. 61 135 Translaat Singaleese ola. brief de dato Gerigt aan den waarneemende Commen en resident sin dant van de Militaire Trouppen te siland oeroegampel, Geere te kennen dat op koernagelle geweest ben al is waar vernoemen hebbe dat den des„ geb: Heer Des sare van de 7. Corles na kandia willende af¬ gaan, op attipittie koomende een ola ven D den kooning ontvangen heeft waar in uwelEd: getred: geschreeven was aan ons hij hem afgesonden n avond de door dene moorse en daar na het invormeeren in wyldene haddige Dessare en zelven na raagd en ge dien en 4. geb: te brengen anbrengen binnen 6. te rug bren„ na uwel gezonden rendeling 133 13 No. 61 135 Translaat Singaleese ola. No. 60 brief de dato Gerigt aan den waarneemende Commen en resident sin dant van de Militaire Trouppen te silan oeroegampel, Geere te kennen dat op koernagelle geweest ben al is waar vernoemen hebbe dat den des„ geb: Heer Des sare van de 7. Corles na kandia willende af„ gaan, op attipittie koomende een ola ten D. den kooning ontvangen heeft waar in uwelEd: getred: geschreeven was aan ons hij hem afgesonden hadde om het land door den oorlog te berij„ n avond de door 132 dene moorse en Translaat singaaleesche ola. daar na het Geschreeve door den Modliaar van Madampe Engerigt aan den Resident van Silauw invormeeren Den tekenaan deeses geeft met veel eerbied in wyldene te kennen. Dat den Pessare van de zeeren Corles de voorige haddige Dessare kerk Dabeddenie weeder laat op beuwen, n zelven na om aldaar deese rolle Maan onder de Twalf Pattoes een Feest te houden. raagd en ge 0 winne mohotiaan van de Attepattoe neemt uijt order van de dessare der 7. Corles de Majoraals dien en 4. lascorijns, en attoepattaes lascoreijns, weeder geb: te brengen op, en versemeld ab die volkere met hun ge„ aanbrengen „weeren, om met deselve na de twaalf Pattoes binnen 6. aftegaan Neidabede nie Namagoel corle en goeitelanpattoe is meede een Mohatiaan te rug bren„ afgesonden om 't volk aldaar woonagtig n na uwel met hunne geweeren teversamelen, om hun heeden of uijterlijk morgen na dabedenie afte gezonden brengen dog waarse van da bedenie met mondeling deese kopij. 133 137 No. 61 135 137 Translaat Singaleese ola. deese gewaapende volkeren zullen gaan kan nog in 't zeeker niet opgeeven. — De Maddige of Moirse Sessare, legt digt een dorp, dog door deeze werts niets gema nog aangeregt; dabedinee legt Een wijl sij van viesenawen. —. Deeze ola is geschreeven en door mij geteek aan het slot der ola was met hollandse letteren geschreeven donr don Gorard Henatho gedateerd den 10: october 1791. /:onderston voor de Trems laatie /:getekend:/ P: Rips /:in margine /: voor de vertaling /: getak D: I: Rennenaike /: was getekend:/ I: Renkel geauth:-. brief de dato Gerigt aan den waarneemende sommen, en resident sin dant van de Militaire Trouppen te silan„ roeroegampel„ Geere te kennen dat op koernagelle geweest ben al is waar vernoemen hebbe dat den des„ geb: Heer Des sare van de 7. Corles na kandia willende af¬ gaan, op attipittie koomende een ola ten den kooning ontvangen heeft waar in geschreeven was aan ons hij hem afgesonden uwelEd: getred: hadde om het land door den oorlog te berij„ n avond de door ligen, dat wel om de onderdaanen ten dene mooise en zuijgenen hier op is den dessure van de 7. Corles direkt na het dorp Beligelle te rug daar na het gekeerd, waar hij nog is, van kun ha„ invormeeren „gelle zijn geweeren, na de bedrie afgesonden amaan: de nieuwe aangenomene volke„ in wyldene ren aftegeeven dog op nornagelle was geen haddige DesJare singeleese hooft Presend, na het laaste quam „tier zal een kerk reest op bedenie gehouden en zelven na werden en rijst dragen na de nieuwe raagd en ge maan staat den dessave van de 7. Corles van „dien en 4. daar na: Galelle afte koomen wijders zijn orders geb: te brengen aanbrengen binnen 6. te rug breni„ n na uwel gezonden mondeling Sijbrands Eijklen Akkordeert 133 D.
English
137 orders given to build watch houses along the boundary road up to pattikaddewelle, and the koeroekgam Mohotiaar is presently on mandekendame, who has given orders to every family in the number half to take up arms and to depart for dabedeniya, the madige dessave remains at niebegiddene, keemare wanne is appointed dessave of Atulang, who has departed again for the was. Eleven Javanese and four sipahis are presently present at dabedeniya. Below the lock it was signed with Sinhala characters, being appoohamies inhabitants of the village pinnenkame the mannisarampattae, dated the 14th of October 1791. Lower stood: for the translation, was signed: Peter Repsemneg. In the margin: for the translation D: Ramenaijke. Agrees. Sijbrands Clerk Your Honour, returned this evening by the said Moorish, and after inquiring from the Madige Dessave himself, asked and served and 4 ordered to be brought, to deliver within 6 to bring back to Your Honour, sent verbal letter dated from resident at Moegoeroegampelle, the Honourable Lord Dessave. Wijbrands Clerk Agrees. 135 2 137 A Sinhalese and resident here has reported to the undersigned: That he has been to the village Maaillemboewe, situated four miles from Silauw, and has seen that the Mohotiaar of the atteepattoe is there, and that he is gathering people together to send to Dammedenieye. Furthermore, the informant testifies that the Madige Dessave a couple of days ago departed from Niebegiddere for the village Dammedenieje, where the Dessave of the 7 Korles is, and he has now returned to Nilbegiddere. Letter dated from resident at Moegoeroegampelle, the Honourable Lord Dessave. Your Honour, returned this evening by the said Moorish, and after inquiring from the Madige Dessave himself, asked and served and 4 ordered to be brought, to deliver within 6 to bring back to Your Honour, sent verbal. 135 Sijbrands Clerk Agrees. No. 63 137 No. 62 A Sinhalese and resident here has reported to the undersigned: That he has been to the village Maaillemboewe, situated four miles from Silauw, and has seen that the Mohotiaar of the atteepattoe is there, and that he is gathering people together to send to Dammedenieye. Furthermore, the informant testifies that the Madige Dessave a couple of days ago departed from Niebegiddere for the village Dammedenieje, where the Dessave of the 7 Korles is, and he has now returned to Nilbegiddere. 134 A Sinhalese and resident here has reported to me, the undersigned: That he has been to the village Wiesenawelle and there heard that the Madige Dessave is at Nielbegiddere; subsequently the informant says that from there he went to the village Inkoeroewatte and saw that there a Mohotiaar of Keondegidden is having vessels made for the transport of gunpowder. Furthermore, the informant says that he has heard that from Koernagalle 50 guns were sent away to Dammedenieje, and that the Dessave of the 7 Corles is still in the last-mentioned village. Lower stood: Silauw the 14th of October 1791. Was signed: J. E. Haaming. Letter dated from resident at Moegoeroegampelle, the Honourable Lord Dessave. Your Honour, returned this evening by the said Moorish, and after inquiring from the Madige Dessave himself, asked and served and 4 ordered to be brought, to deliver within 6 to bring back to Your Honour, sent verbal. 135 Sijbrands Clerk Agrees. No. 63 137 A Sinhalese and resident here has reported to the undersigned: That he has been to the village Maaillemboewe, situated four miles from Silauw, and has seen that the Mohotiaar of the atteepattoe is there, and that he is gathering people together to send to Dammedenieye. Furthermore, the informant testifies that the Madige Dessave a couple of days ago departed from Niebegiddere for the village Dammedenieje, where the Dessave of the 7 Korles is, and he has now returned to Nilbegiddere. Lower stood: Sulauw the 17th of October 1791. Was signed: J. E. Haaming. Sijbrands Clerk Agrees. No. 63 137 Letter dated from resident at Moegoeroegampelle, the Honourable Lord Dessave. Your Honour, returned this evening by the said Moorish, and after inquiring from the Madige Dessave himself, asked and served and 4 ordered to be brought, to deliver within 6 to bring back to Your Honour, sent verbal. 137 returned from Dabedenie declares that he heard there that the Dessave of the 7 Corles has received an ola from the King, wherein... Your Honour, returned this evening by the said Moorish, and after inquiring from the Madige Dessave himself, asked and served and 4 ordered to be brought, to deliver within 6 to bring back to Your Honour, sent verbal. Report. Extract from a letter dated 23 October by the resident at Moegoeroegampelle, the Honourable Lord Dessave. 136 No. 65 3.
Dutch transcription
137 orders gestelte om langs den limiet weg tot patti kaddewelle misthuijsen te bouw en tkoeroek gan Merahiaar is thens op man de kendame, die ordr gegeven heeft aan ieder famielie in het momber de helft de wapens aanteneen, en na dabes, en aftegaan, de madigen deseve blijft op niebeg dene, keemare wanne is tot dessene van A tulang aangesteld die weeder na de was vertrokken is. - . —. Eeff Jaraanen en vier siphaijs zijn thans op dabedevice present - - - - indien aan het slet was met metsin ge leesen lettens getekend zijenege appoeraale in woonden van 't dorp pinnen kame de ma¬ nisaram pattae gedateerd: den 14 oktber 179 /: onderstend:/ voor de hemstatie /:was geth: Pete Repsemneg /:in margine:/ voor de vertaling D: Ramenaijke Akkordeert. Sijbrands Eiklen uwelEd: getred: En avond de door dene moorse en daar na het invormeeren in wyldene haddige Dessare in zelven na raagd er ge „dien en 4. geb: te brengen aanbrengen binnen 6. „te rug breri„ n na uwel gezonden mondeling brief de dato en resident sin roeroe gampel„ geb: Heer Des Wijbrands Alerk Akkordeert 135 2 137 Een singalees en in wooner alhier heeft aan den ondergeteekende berigt. —. Dat hij na het dorp Maaillemboewe legd brief de dato vier mijlen ren silauw:/ geweest en gesien en resident sin heeft dat de Mohetiaar der atteepattea al„ roeroegampel„ daar bevind, en dat hij volkeren bij een doen kermen on na Damme denieze te zenden. geb: Heer Des Nog betuijgd de Relatand dat de Maddige dessare voor nu een paar daagen van Nie„ begiddere na het dorp dan medenietje, uwelEd: getred: alwaar de dessave der 7. korle bevind, ver„ n avond de door dene mooise en daar na het invormeeren in wyldene naddige Des Jare en zelven na vraagd en ge „dien en 4. geb: te brengen aanbrengen binnen 6. „te rug breri„ na uwel gezonden mondeling 135 Sijbrands CEijklen Akkordeert. No. 63 taakt D. 137 No. 62 Een singalees en in wooner alhier heeft aan den ondergeteekende berigt. —. Dat hij na het dorp Maaillemboewe legd brief de dato vier mijlen ven silauw:/ geweest en gesien ten resident sin heeft dat de Mohetiaar der atteepatten al„ roeroegampel„ daar bevind, en dat hij volkeren bij een doen kermen om na Damme denieze te zenden. geb: Heer Des Nog betuijgd de Relatand dat de Maddige dessare voor nu een paar daagen van Nie„ begiddere na het dorp dan medenietje, uwelEd: getred: alwaar de dessave der 7. korle bevind, ver„ n avond de door „trokken zijn, en hij tans weer te Nilbegid 134 Een singaleesen inwoonen alhier heeft aan mij dene moorseen ondergeteekende berigt Dat hij na het dorp wiese na welle geweest en aldaen daar na het gehoort heeft dat de Maddige Dessare te Nielbegid dere bennd: vervolgens zegd de Relaleurd dat invormeeren hij van daar na het doop In koeroewatte geweest en gesien, dat aldaar door eene Mohotiaan ven in wyldene keonde gidden vaatwerken laat maaken dat het naddige DesJare brengen van kruijt. —. Nog zegd de Relatand dat hij gehoort heeft en zelven na dat van koer na galle 50. geweeren na damine„ denieje weggereigt is, en dat de dessene dra raagd en ge 7. Corle nog in het laast gem: Dorp berind. „dien en 4. /:onderstond:/ silauw den 14. oktober 1791. /:was getekend:/ J: E: Haaming. - geb: te brengen aanbrengen binnen 6. - te rug breri„ na uwel gezonden mondeling 135 Dijbrands Gklerk Akkordeert No. 63 D 137 Een singalees en in wooner alhier heeft aan den ondergeteekende berigt. —. Dat hij na het dorp Maaillem boene legd brief de dato vier mijlen ren silauw:/ geweest en gesien en resident sin heeft dat de Mohetiaar der attee pattoe al„ daar bevind, en dat hij volkere bij een doen roeroegampel„ kermen om na Damme denieze te zenden. geb: Heer Des Nog betuijgd de Relatand dat de Maddige dessare voor nu een paar daagen van Nie„ begiddere na het dorp dan medenietje, uwelEd: getred: alwaar de dessave der 7. korle bevind, ver„ n avond de door „trokken zijn, en hij tans weer te Nilbegid dere terug gekoomen is. /:onderstond:/ dene moorse en sulauw den 17. oktober 1791. /:was geth: daar na het I: E: Haaming- invormeeren in wyldene Sijbrands Naddige Des Jare eyklerk in zelven na raagd en ge „dien en 4. geb: te brengen aanbrengen binnen 6. „te rug breni„ n na uwel gezonden mondeling 135 Akkordeert No 63 D 137 brief de dato in resident sin oeroegampel„ geb: Heer Des uwelEd: getred: n avond de door dene moorse daar na het invormeeren in wyldene Naddige DesJare n zelven na raagd en ge „dien en 4. geb: te brengen aanbrengen binnen 6. - te rug bren„ na uwel gezonden mondeling d 137 len te rug gekoomen van de bedenie de claneert dat hij aldaar heeft gehoort uwelEd: getred: E dat de desseve van de 7. Corles een ols n avond de door van de konina ortrangen heeft waar„ dene moorse en daar na het invormeeren in wyldene Naddige Des Jare in zelven na raagd en ge „dien en 4. geb: te brengen aanbrengen binnen 6. te rug bren„ n na uwel gezonden mondeling Relaas. Extract uijt een brief de dato 23. October: door den resident sin ni an moegoeroegampel„ 136 geb: Heer Des No. 65 3.
English
137 Account. No. 64. A person who has returned from Beddenie declares that he heard there that the Dessave of the 7 Corles received an ola from the King, wherein the King asks the Dessave whether he wishes to continue the war or not, and if he does not wish to do so, that he must then come down to Candia. But if he wishes to proceed with it, he must immediately have rest houses built on the borders and tear out the border markers standing there. At Beddenie all the people are being gathered and all preparations are being made to continue the war, and according to reports that I heard at Beddenie, the Dessave will first attack Putulang. [illegible] to your Honour, sent at his request to report orally all that has been learned. Extract from a letter dated 23 October 1791 by the resident in Moegoeroegampel [illegible] 136 To the Honourable Dessave No. 65 to be able to make known to your Honour. I also take the humble liberty most respectfully to request of your Honour to be allowed to know something of what your Honour may please to think of what was said by that Unus Lebbe, and how far I may dare to place trust in him. Below stood: Agrees. Was signed: J: G: Renker. Agrees. Hijbrands. Eirleik. 13 No. 66 Account from the Kandyan territory by one Unus Lebbe Committeer, resident at Mattebawitte of the Hapittigam Korle. No. 67. That 8 days ago, having been sent by the Resident of the Hapittigam Korle, the Honourable Sinning, to Alauwe in the 7 Corles, to learn what is going on in the Kandyan territory, he met there a Moorish kannekappel, an acquaintance of his, coming from the Court. Upon his asking what news there was regarding the war, the latter related that he had learned from the two brothers-in-law of Madege Diessave that currently 3000 head of Sinhalese with English uniforms, 3000 ditto with Dutch uniforms, 300 Javanese, and 50 Caffres were being drilled at the Court by 4 Europeans who had arrived there from Trincomalee, and that people had been sent out to call the Veddas to the Court. That 12 pieces of cannons had been prepared, which 6 men could carry each. That next month, after the rainy season, the second Adigar was due to go with the aforementioned forces to the Seven Corles. That, while he, the informant, was speaking with the aforementioned kannekappel in a tawalam, the Dessave of Madege had passed by to go greet the Dessave of the 4 Corles, and as he was known to him, the latter had further asked him whether he had come to spy. However, having denied this and pretended that he had come to collect some money that he had outstanding among the inhabitants, the said Dessave called [illegible] and asked whether he could speak with the Dessave of Colombo alone. Having answered Yes, he had further ordered him to wait at Alauwe until he, the Dessave, should return from the Dessave of the 4 Korles. Whereupon he also remained there, and the said Dessave having returned there in the afternoon around 2 to 3 o'clock, he took the informant with him to his lodgings in Mottoewelle and left him there, and that the aforementioned Dessave, in the evening by moonlight, went to [illegible] to come. Account from the Kandyan territory by one Unus Lebbe Committeer, resident at Mattebawitte of the Hapittigam Korle.
Dutch transcription
137 Relaas. No. 64. Een te rug gekoomen van de bedenie de claneert dat hij aldaar heeft gehoort uwelEd: getred: Et dat de desseve van de 7. Corles een ols n avond de door van de koning ontrangen heeft waar„ dene mooise en in den koning aan den dessare nagd of hij der oorlog wil voortzetten, dan daar na het niet, en zoo hij 't niet wel doen dat hij invormeeren dan na kandia mat afkoomen. dog zoo hij er toe wil overgaen dat in wyldene hij den directelijk Rusthuijsen haddige Dessare aan de liemieten laaten bouwen in zelven na en de daarstaande Limiet paalen raagd en ge uijtrukken moet, op deleedenie word al het volk versonnelt en alle toe„ „dien en 4. rustingen gemaakt tot voorsetting geb: te brengen van de oorlog, en volgens gezegdens die ik op debedenie gehoort heb zal aanbrengen den dessene eerst Putulang aan binnen 6. doen te rug bren„ n na uwel Ed: geb: op zijn verzoek gezonden om al het vernoomene mondeling Extract uijt een brief de dato 1791 23. October: door den resident sin moegoeroegampel„ 136 geb: Heer Des Aan No. 65 ni dn d aan uwelEd: geb: te konnen bekend maake„ ook gebruijk dus de nedrie ge vreijheijd Uwel geb: zeer eerbiedigst te verzoeken eenigt te moogen weeten dat uwelEd: geb: va van het gezegte door dien unus lebbe gelieve te denken en hoe verre ik trouwen op den zelven zal moogen durven stellen /:onderstond:/ Akkorde /:was geteekend:/ J: G: Renker geaut„ Akkordeert Hijbrands Eirleik vel in eenen tawe„ daar voor bij ge„ ook bij gepasseerd ^tant den zelven was „zelven bekend. hij gekomen was „gegeven hebbende, „de ingezeetenen de hemapaat ge„ kolombo alleen hebbende van Ja. terug zoude oor vaar gebleeven, en gem: dessave sag„ tenmiddags omtrend. 2: â: 3 uuren. aldaar weeder terug ge„ komen zijnde, hem nalatandt mede na mottoewelle in zijn logemend genoomen, en daar gelaten had, en dat voorsz: Dessave 'savondts maanligt zijnde, na het doop dam be „agten tot dat dea Hapittegamkonl: onden zijende, om te aldaar eenen mor in„ komende van het n vraage wat en Ed had, dat den sel„ ssave had vernoomen ngelsche monteering Javanen en 50 kaffens konomale daar ge„ en volk uijtgesonden 1„ Dat en. 12. stuks 6 man een konden nen tijd, de twede seven koals stond Relaas uijt het kandiase door eenen unus lebbe Committeer, inwoonder te. Mattebawitte van de hapettig, am korl. dinige No. 67. 13 No. 66 Dat hij voor nu 8 dagen: door den Resident der Hapittegamkonl: de E: sinning na Klauwe in de 7 C:aals gesonden zijnde, om te verneemen wat in het kandiase omgaat, aldaar eenen mor„ sche kannekapel, zijnde een bekende van hem, komende van het hoff ontmoet had, die hem relatand, op sijn vraage wal en nieuws was, aangaande den oorlog. verhaald had, dat den sel„ ven van de twee swagers van. Madege Diessave had vernoomen Dat tans. 3000 koppen. singaleesen. - met engelsche monteering 3000. d=o met hollandsche monteering 300 javanen en 50 kaffens aan het hoff. door 4 europeesen die van Tainkonomale daar ge„ „komen waaren g'excaseert wierden, en dat 'er volk uijtgesonden was om de weddas aan het hoff te roepen, Dat en 12. stuks kannons aangemaakt waaren: en dat en 6 man een konden dragen. Dat aanstaande maand, na de degen tijd, de twede rijse adtgaan met de voorz: volkeeren na de seven kouls stond Dat, toen hij releatant met voorsz: kannekappel in eenen tawe„ lang spreekende was, de Desjave van Madege daar voor bij ge„ passeerd was, om bij den desjave den 4 kouls te voor bij gepasfeeuge des save de der selven was gaan groeten, om dat zij bij den zelve zelver was was, dien selven hem voorts gevraagd had, of hij gekomen was te spioneeren, dog hij zulks genegeerd en voorgegeven hebbende, dat gekoomen zij van eenig geld dat hij onderde ingezeetenen uijtstaan hadde, inde vorderen, gemelde Dessave hemapaat ge„ roepen en gevraagdt had, of hij den Desjave van kolombo alleen konde spreeken, en hij ter antwoord gediendt hebbende van Ja. hem voorts. aanbevoolen had te Alauwe te wagten tot dat hij Desjare van den Desjave den. 4. korls weder terug zoude komen, waar op hij ook daar gebleeven, en gem: dessave sag„ tenmiddags omtrend. 2: â: 3 uuren aldaar weeder terug ge„ komen zijnde, hem nalatandt mede na mottoewelle in zijn logemend genoomen, en daar gelaten had, en dat voorsz: Dessave 'savondts maanligt zijnde, na het doop dam be te koomen. Relaas uijt het kandiase door eenen unus lebbe Committeer, inwoonder te Mattebawitte van de hapittig am denige No. 67. dessave korl.
English
a gift to the value of 10 to 20 Rds to the Disawa of the 7 Korles, sent someone a quarter mile from there to the Disawa of the 7 Korles, and having returned at the break of day, took the deponent alone into a room and spoke the following to him: That King Raja Sinha had driven the Portuguese from the island because they had not dealt well with the Court of Kandy, and had accepted the Dutch in their place, who had always dealt well with the Court and governed well, but in these days had committed a great mistake, in that the Dutch gentlemen, when the Disawas of the Court came down with their armed forces, had not even, at the least through two appuhamis, inquired why they had come to wage war. That some Court grandees had agreed with the King now to drive the Dutch from the island as well and to take another nation in their place. And on that account, five to six months ago, a [illegible] was sent by the friends of the King to the Madura coast to call the French here for assistance, and two months ago two more persons were sent there for the same reason. And even if the French should come here, they would still not treat the Court as well as the Dutch gentlemen. And because the Disawa of the 7 Korles had not agreed with the King to drive away the Dutch, for the reason that his father in the last war had always been on good terms with the Dutch, and he therefore had also left unexecuted all orders given to him by the King to wage war, and wished to restore peace; and thus it would be well if the Honorable Disawa of Colombo sent a gift to the value of 10 to 20 Rds to the Disawa of the 7 Korles under the pretext that the appuhamis were being sent to inquire after his well-being, and that they should at once ask the reason why the Kandyan ambassadors did not come down according to custom, whereupon the Disawa of the 7 Korles would write what is necessary to the Court, and thereby mediate that peace be restored. That the aforesaid Disawa had further communicated to the deponent to let this be known to no one, but only to make it known to the Honorable Disawa of Colombo. That the deponent had further replied to this that he could not believe that the Dutch would be content with that, for the reason that they had incurred so many expenses and would by no means surrender the seacoasts. Whereupon the aforesaid Disawa said in turn that they also desired nothing other than simply Puttalam, and if they could not obtain that, they would be content merely to have the benefit or revenues of that place, in exchange for which the Dutch would have the cinnamon below the Balane mountain. Agreed Hijbrands Secretary 141 146 A Sinhalese, a resident here, has reported to me, the undersigned: That he went to the village of Kurunegala and saw that from there 50 guns and 3 cannons were taken away to the village of Dambadeniya. 140 Translation of a Sinhalese ola reported to the acting Commander at Chilaw. A man returned from service named Liyanage Appuhami, resident of the village of Ponnankanne under the Munneswaram Pattu, declares that while on duty, he heard that the King of Kandy wrote an ola to the Disawa of the 7 Korles, asking him therein whether he sent him to build churches, hold feasts, lay out gardens, plant coconut and soursop trees, and ruin the inhabitants, or rather to wage war. Hereupon the Disawa of the 7 Korles directly No. 68 Copy Examined G. Ledulx 141 146 Batavia directly gave orders to the vidanes of Kinigoda and Kappagamuwa that in each village 50 coolies and the baggage carriers must be brought in readiness in all haste, as the Disawa wished to pursue the war in all haste. At the end of the ola was written in Sinhalese characters the name of Liyanage Appu, dated 26 October 179[illegible]. Signed: ds. E. Vlaaming. Lower stood for the translation, signed: P. repsen. In the margin: for the translation, signed: D. J. Rammeneike. Below stood: Agreed, signed: J. G. Renker, authorized. That he went to the village of Kurunegala and saw that from there 50 guns and 3 cannons were taken away to the village of Dambadeniya, and that orders had also been issued there to keep 50 torches in readiness from each village to bring to Dambadeniya. Furthermore, the deponent says that he heard that at Dambadeniya bullets are being made and military exercises are also conducted daily. The deponent further says that he heard at Kurunegala that orders have come from Kandy that the Madige Disawa, Nuwarawewa Wanniya Unnanse, and Kumada Wanniya Unnanse, with the people under them, A Sinhalese, a resident here, has reported to me, the undersigned: Agreed Town Clerk Dijbrands Examined No. 68 1221 Clerk G. Ledulx
Dutch transcription
een geschenk der waarde ven 10. a 20. W:o an den dessave den 7. Korls Zond denigen ¼ meil van daar, bij den Dessare den 7 kouls gegaan was, en bij het aanbreeken van de dag weder terug gekomen zijnde, hem nelaant alleenig in een kamer genoomen en het volgende tot hem gesprooken had Dat de koning Raga Singa de Partugeesen, om dat ze niet wel „met het hoff van kandia gehandeld hadden, van het Ediland weggegaagd hadde, ende hollanders in dies plaats aangenomen die ook altijd met het hoff weel gehandeld, en welgeregeerd, eg„ ten dese dagen een grooten: mislag begaan hadden, door dien de heeren hollandeus, toende Dessaves van het hoff met hunne wapende volkeeren na beneeden te wamen, niet eens, ten mi sten door twe appachamis, hadden laten vraagen, waarom zij gekomen waaren om te oorloogen. Dat eenige hoffs grooten met den koning over een gekomen waaren, om de hollanders nu ook van het Eiland te vergagen en eene andere natie in dies plaats te neemen. En dienhalven ook voor nu 5: a: 6: maanden eenen winkelte swame bij de „vrienden van den koning na de kust Madure gezonden was om de fransen henwaarts tot hulp te roepen, en voor ne tive maanden nog twe pensoonen om deselfde raeden daar natoe gesonden zijn: En schoon de faamschen hier „mogten koomen, zo zouden zijn dog het hoff miet zo wel behandelen als de heeren hollanders, En wijl de dessa„ t appoehanijs, miet we. den 7 Couls: bij den koning niist toegestend had om de hollanders te vergagen, om meeden desselfs vader, bij de laaste oorlog altoos met de hollandens goed geweest was, en den zelven daarom ook alle aan hem door de koning =gegevene ouders, om te oorloogen, om uijtgevoerd gelaten had, en bewylst tot om 'te vreede te hetstellen, en dus het wel zoude weesten wanneer den wel Ed: heer kolombose Dessave twee Cons sond, onder pretext waarde van. 10 â: 20 rds aan den Dess „ne den 7 Caels sond onder pretext dat de appoehamis ga„ souden wierden, om na de welstand te verneemen, en dat met eens vroegen, na de reeden, waarom de kandiasche ambassadeurs niet na beneden kwaamen volgens gewoonte waar na den Desjave den 7 Couls het nodige aan het hoff sou de schrijven, en daar door bemiddelen. dat de vreede hersteld Dat voorsz: Dessave hem relatant voorts geee commanidieert had het evengem: aan niemand te laten blijken, maar zulks eenelijck aan den weledelen Heer kolombosen Desjave gaan te kennen geven. Dat hij nelatand voorts daar op gediendt had, niet te konnen ge„ lloven, dat de hollanders daar mede te vreede zouden zijn om reeden zij also veele onkosten, gedaan hadden, en geen sints de zee staanden zouden afstaan waar op den voorsz Desjare weder gezegt, dat zij ook niets anders begeerden dan enkeld en Pudlang en zo se det miet mogte kunnen kneegen dan te vreeden zouden zijn. eenelijk het voordeel of inkomsten van die plaats te moogen hebben, en waar voor de hallan„ dens de kanneel benedende beug. Balane hebben zullen wierde Ankordeert Hijbrands ambas Segziete 141 146 ssive de Een singalees ener in woonder alhier heeft aan Batavia mij ondergeteekende berigt: Dat hij na het dorp kornagalle geweest en ge= zaakelijkheid zien heeft dat van daar 50. geweesen en 3. kan = t geweld de te„ vorduijren, met nons na het dorp Dammedinnige weg gebragt ten te voorzien „ omstandigheeden 140. Translaat singaleese ola geabel en gebrektig andoening en rigt aan den thans waarnee„ „steit of genoeg„ mende Commandant te Si„ requisiten na lauw. in zeevarende „ Iava nietkan Een te rug gekoomen van de bedienie wiet dus vooraf moeten ssistentie van naame Lienege appoerale inwoonder van aken, schoon wij het dorp ponnankanne onder de Moe„ Aforts zullen ne saram pattoe Declareert dat hij op de beden „rie zynde, gehoord heeft, dat den koning Gert van Kandia een ola aan den Dessave van n de 7. Corles geschreeven heeft, en hem daar eer in vraagd of hij hem gezonden heeft om ker „ken te bouwen feest te houden tuijnen aan te leggen, kokus en zoorzaken boomen te planten ende ingezeetenen te ruijneeren dan wel om te oorhoogen hier op heeft den Dessave van de 7 Korles Dierechtelijk No. 68 Copij Nagezien G: Ledulx 141 146 Batavia die rectelijk aan de ridaans van Kienige en kappangemoewe ordre gegeeven de in ider dorp 50 Coelijs en de peindos addoekes in alle haast in gereedheijd m gebragt worden wijl den Dessave de 80 log mede in alle haast voorzetter wi aan het slot der ola was, met singal ze letters geschreeven de naam van leene ge appoe gedatteerd 26. october 179 /:geteekend/ ds: E: Vlaaming /:lager:/ stond v de translatie /:was geteekend:/ P: repsen /:in margiene:/ voor de vertaaling /:geteeken D: J: Rammenaike /:onderstond:/ Akkorda /:was geteekend:/ J: G: Renker geauthorisee Dat hij na het dorp kornagalle geweest en ge= zaakelijkheid — N geweld de te„ zien heeft dat van daar 50. geweesen en 3. kan= vorduijven, met nons na het dorp Dammedinnige weg gebragt ten te voorzien is en dat daar ook order uijt gegeeven hadden omstandigheeden om van ider dorp 50. Vakkels in gereedheid te houbel en gebrekkig andoening en den om na dammedenieje te brengen. steit of genoeg„ Voorts zegd de relatand dat hij gehoord heeft dat te equisiten na dammedenise koegels gemaakt en ook dagelijks n zeevarende, „ Iava nietkan g'exerseerd word nog zegt de delatand dat hij te dus vooraf moeten kornagalle gehoord heeft dat van kandia order ssistentie van gekoomen is dat de Maddige Dessave Noere aken, schoon wij pforts zullen wawe wannie oennaasse, en koemade wan¬ nie oennaase met onder hun hebbende volkeren sive de Een singelees ene inwoonder alhier heeft aan mij ondergeteekende berigt: Akkordeert Gyklerk Dijbrands Nagezien ra No. 68 1221 unds Clerk G: Ledulx
English
146 would depart for Puttelang. Silauw, 28 October Anno 1781. signed: I. E. Vlaaming Agrees Hijbrands clerk in the margin: for the translation signed D. J. Rammenaike underneath: Agrees signed: J. G. Renker, authorized Agrees necessity violence to withstand, with to provide circumstances miserable and defective affliction and capacity or sufficient requisites for and seafaring, Java cannot therefore must beforehand assistance of matters, although we efforts shall Extract of secret letter, from Batavia Dijbrands clerk Examined G. Ledulx 146 Extract of secret letter, from Batavia in the margin: for the translation signed D. J. Rammenaike underneath: Agrees signed: J. G. Renker, authorized necessity violence to withstand, with A Sinhalese and resident here has reported to me, the undersigned. to provide circumstances miserable and defective affliction and capacity or sufficient requisites for of seafaring, and Java cannot therefore must beforehand assistance of matters, although we efforts shall Batavia 542 Agrees Dijbrands clerk Examined J. Ledulx No. 70 146 Extract of secret letter, from Batavia necessity violence to withstand, with A Sinhalese and resident here has reported to me, the undersigned. to provide circumstances miserable and defective affliction and That he has been to the village of Nawasingahawatte, situated 3 ½ from Silau, and saw that timbers and olas were being prepared there for the building of a rest house. capacity or sufficient requisites for of seafaring, and Java cannot The relator further says that from there he went to the village of Degammedde and saw there that all the former cleavers, etc., have been carried away to the village of Dammedinnise, and that orders were also given there to prepare for each man 1 gun, 30 medietjes of rice, 1 cleaver, and the necessary pots and pans. The relator further says that in all places the roads therefore must beforehand assistance of matters, although we efforts shall Batavia No. 69 are being cleaned. clerk Examined No. 70 142 J. Ledulx 46 Extract of Secret Letter from Batavia 1744 are being cleaned. Silauw, 31 October Anno 1791. signed: I. E. Vlaaming. Agrees Dijbrands clerk necessity violence to withstand, with to provide, circumstances miserable and defective affliction and capacity or sufficient requisites for of seafaring, and Java cannot therefore must beforehand assistance of matters, although we efforts shall Examined No. 70 J. Ledulx clerk 146 No. 71 A Sinhalese and resident here has reported to me, the undersigned. That he went to the village of Dammedenieja and heard there that the Mohottiar of Nawinne departed from the village of Dammedenieja to the village of Gallelle situated a little more than a quarter of a mile from the Company's border, and took with him 8 springhares and 300 armed men. The relator further declares that he subsequently went to the said village of Gallelle and saw that all necessity the violence to withstand, with to provide, went to Galleheene and circumstances that a new miserable and defective affliction and capacity or sufficient requisites for of seafaring and Java cannot therefore must beforehand assistance of matters, although we efforts shall which were at Dammedenieze have been brought to the village of Koernagalle, but the Dissave of the Seven Korales, the relator says, is still at Dammedenieze. underneath: Silauw, 5 November 1791. signed: J. E. Vlaaming Agrees Extract of secret letter, of 23 August from Batavia Hijbrands clerk Examined No. 70 J. Ledulx 144 12. 146 Extract of secret letter, from Batavia is the truth: but that there as yet no rest house is being built. Silauw, 4 November 1791. J. E. Vlaaming A Sinhalese and resident here has reported to me, the undersigned. necessity the violence to withstand, with to provide, That he went to the village of Galleheene and saw there that a new rest house has been built and is currently being decorated with white linen. circumstances miserable and defective affliction and capacity or sufficient requisites for The relator further declares that the Madige Dissave of Nielbegiddere has departed to the village of Moetetoe Golle. of seafaring and Java cannot therefore must beforehand The relator further says that many goods, namely linens, cash, rice, axes, and adzes that were at Dammedenieze have been brought to the village of Koernagalle, but the Dissave of the Seven Korales, the relator says, is still at Dammedenieze. underneath: Silauw, 5 November 1791. assistance of matters, although we efforts shall signed: J. E. Vlaaming Agrees of 23 August from Batavia Hijbrands clerk Examined 144 12. J. Ledulx 146 Extract of Secret Letter dated 23 August from Batavia necessity the violence to withstand, with to provide circumstances miserable and defective affliction and capacity or sufficient requisites for of seafaring and Java cannot therefore must beforehand assistance of matters, although we efforts shall No. 70 Agrees Hijbrands clerk Examined D. Ledulx
Dutch transcription
146 na Puttelang zoude vertrekken. Silauw den 28. october A=o 1781. /:was getekent:/ I: E: Vlaaming Akkoweert H ijbrddies GGeleck /:in margiene:/ voor de vertaaling /:geteeke D: J: Rammenaike /:onderstond:/ Akkorde /:was geteekend:/ J: G: Renker geauthorisee Akkordeert er1 zaakelijkheid ^geweld de te orduijren, met fen te voorzien omstandigheeden bel en gebrekkig andoening en steit of genoeg„ equisiten na En zeevarende, „ Iava nietkan dus vooraf moeten sistentie van aken, schoon wij ports zullen ssive de Batavia Dijbrands klerk Nagezien G: Ledulx uds Cerk 146 Extract secreete Missive, de /:in margiene:/ voor de vertaaling /:geteek„ D: J: Rammenaike /:onderstond:/ Akkorde /:was geteekend:/ of: G: Renker geauthorisee Veert zaakelijkheid — A geweld de te„ Een singalees en inwoonder alhier heeft aan orduijren, met mij ondergetekende berigt. ten te voorzien omstandigheeden abel en gebrekkig andoening en lteit of genoeg„ requisiten na an zeevarende, en Iava niet kan dus vooraf moeten ssistentie van zaken, schoon wij Afforts zullen Batavia 542 Akkordeert Dijbrands Nagezien J: Sedulix No. 70 klerk klerk rands 146 Extract secreete Missive, de zaakelijkheid — A geweld de te„ Een singalees en inwoonder alhier heeft aan orduijren, met ten te voorzien mij ondergetekende berigt. omstandigheeden Dat hij na het dorp Nawasingahawatte legt abel en gebrekkig andoening en 3: ½. van Silau geweest en gezien heeft dat aldaar lteit of genoeg„ houtwerken en olassen in gereedheijt gebragt requisiten na an zeevarende heeft tot het bouwen van een rusthuijs en Iava niet kan Vervolgens zegt de relatand dat hij van daar na dus vooraf moeten het dorp degammedde geweest en aldaar gezien ssistentie van heeft dat alle de geweesen houwers Ek=a na het paken, schoon wij dorp dammedinnise weggebragt, en dat al daar ook order gegeeven is, om elk man 1. geweer 30. medieten rijst 1. houwer en de nodige potten en pannen in gereedheijd te brengen voorts zegt de relatand dat op alle de plaatzen de weegen rands veert Afforts zullen Batavia No. 69 schoongemaakt klerk Nagezien No. 70 1 142 s J: Se duk 46 Extract Secreete 1744 schoongemaakt word. Silauw den 31. oktober Anno 1791. /: was getekent:/ I: E: Vlaaming. Adkordeert Dysrands Gklen zaakelijkheid A geweld de te„ orduijren, met ten te voorzien, omstandigheeden abel en gebrekkig andoening en lteit of genoeg„ requisiten na in zeevarende, n Iava niet kan dus vooraf moeten ssistentie van zaken, schoon wij Afforts zullen eert hands sive de Batavia Nagezien No. 70 J: Ledulx klerk 146 No. 71 Een singalees en inwooner alhier heeft aan mij ondergeteekende berigt. sen inwoonder alhier Dat hij na het dorp Damme denieja zaakelijkheid — geweest en aldaar gehoort heeft, dat hij ondergeteekende be het geweld de te„ de Rohotiaar van Nawinne van 't oorduijven, met „ten te voorzien, dorp Damme denietje na het dorp alle heene geweest en e omstandigheeden Gallelle /:legd iets meer als een quart eft dat aldaar eén nieu abel en gebrekkig mijl van 'sComp: liemiet :/ vertrok„ is en tanh met witte aandoening en ken is, en heeft meede genoomen ilteit of genoeg„ agt sprinkhaaren en 300. ge„ requisiten na and dat de maddige van zeevarende „waapende volk. voorts betuigd de riddere na het doop moet an Iava niet kan Relatant dat hij vervolgens na is. : dus vooraf moeten gem: Dorp gallelle geweest end dat veele goederen assistentie van en gezien heeft, dat het alles aten kontanten gschan raken, schoon wij Afforts zullen te dammedeniete waaren na het dorp koernagalle gebragd is, dog de Dessave der 7. korles zegd de relatand Veert dat hij nog te dame medenieze bevind /:onder stond:/ Silauw den 5 November 17913 rands klerk /:was geteekend:/ J: E vlaaming Akkordeert Extract secreete Missive, de t 23' augustus van Batavia Hijbrands Nagezien No. 70 de lerk I: Se dulix 144 12. 146 Extract secreete Missive, de de waarheijd is: dog dat alda tot nog toe geen Rust-huijs gebouwd word. Silauw den 4. November 17 3£ J: V Keaming Een Singaleesen inwoonder alhier zaakelijkheid — heeft aan mij ondergeteekende be het geweld de te„ varduijven, met „ten te voorzien, Dat hij na het dorp galle heene geweest en e omstandigheeden en aldaar gezien heeft dat aldaar eén nieu abel en gebrekkig we rusthuijs geboud is en tanh met witte aandoening en ilteit of genoeg„ linne versierd word requisiten na Nog betuijgd de relatand dat de maddige van zeevarende Dessave van Nielbegiddere na het doop moete aa Iava niet kan toe golle vertrokken is. ¶: dus vooraf moeten voorts zegt de relatand dat veele goederen assistentie van Chi namentlijk lywaaten kontanten ose han raken, schoon wij Afforts zullen ados kossen en bijlen die te domn medenieze waaren na het dorp koerna galle gebragd is, dog de Dessave der 7. korles zegd de relatand VEer dat hij nog te dam medenieze bevind /:onder stond:/ Silauw den 5 November 17913 rands klerk /:was geteekend:/ J: E vlaaming Akkordeert tot 23' augustus van Batavia Hijbrands klerk Nagezien rigt 144 12. J: Ledulx 146 Extract Secreete M dato 23:' augustus „ van Batavia ssive de zaakelijkheid het geweld de te vorduijven, met „ten te voorzien e omstandigheeden abel en gebrekkig aandoening en „lteit of genoeg„ requisiten na an Zeevarende an Iava nietkan dus vooraf moeten assistentie van naken, schoon wij Afforts zullen No. 70 beert rands klerk Nagezien D: Ledulx
English
No. 2 No. 13. 145 A Sinhalese resident here has reported to me, the undersigned: That he has been to the villages of Dalloepottegamme and Galhene and saw that resthouses are being built in both places. The informant further states that he has heard that the Mohotiaar of Kandegiddere has departed from Dammedenieje for the village of Galelle, taking with him 8 grasshoppers and 300 armed men. The informant further testifies that he saw that from Dammedenieje up to Galleheene, the roads are being cleared. Furthermore, the informant testifies that he also heard that the Disava of Mattele is expected to come from Dandoemadoewe to Koerweert Nagalle within eleven days. Cilauw, 6 November 1791. signed: I. E. Vlaaming. Extract of a secret letter written from Batavia to Kolombo, dated 23 August. Agrees, Dybrands, Clerk No. 70 Examined, P. Ledulx 146 Section 5. However much we acknowledge in every respect the necessity of providing Ceilon with a good quantity of troops, rice, and cash should the Court wish to enforce the return of the beaches by force, we must just as greatly lament that the circumstances in which we find ourselves here are so unfavorable and deficient, that we cannot consider, except with the utmost emotion and sorrow, the difficulty or near impossibility of meeting all those requirements as required; while the shortage of seafaring personnel is so great that ships cannot even be dispatched to Java to collect rice, and we must therefore inform you in advance that you should not place full reliance on considerable assistance from Batavia, although in the meantime we assure you that we shall exert every effort to assist Ceilon. Extract of a secret letter written from Batavia to Kolombo, dated 23 August. Agrees, Hijbrands, Head Clerk No. 70 Examined, P. Ledukx 145 No. 4 No. 74. Translation of an unsigned letter written by the known Court dignitary to the Maha Mudaliyar, and received here on 3 November 1791: I am deeply saddened that for a long time now I have not had the good fortune to receive news concerning the welfare of the Right Honorable Lord Governor, as a very close friendship exists between the two of us. The people who were sent to the English and French and have returned brought no answer upon which one can rely with any certainty on obtaining assistance. People have again been sent to the French. That this happens repeatedly, and that our disputes continue to endure for some time, I think is not good. As soon as something is undertaken from that side, everything here will soon cease. What is one intending to do to bring these disputes to an end? Along which roads will the commandos march? What is one intending to have the commandos execute once they are in the country? What is one then finally thinking of doing to bring everything to an end? It is very necessary that I am informed about all this; on account of our friendship, there is no harm in my knowing this. If Nikolaas has someone among his friends upon whom one can rely, one could employ him to bring messages from there to me, and from here back there. Our secrets become known to the Court through the agency of the Ridaan Aratchi. He is the Mohandiram of the Hewagam Korale. It is therefore... 147 Examined, Maas
Dutch transcription
No. 2 No. 13. dzaakelijkheid 145 met geweld de te„ voorduijven, met „nen alhier heeft aan inten te voorzien, gerigt. de omstandigheeden Dalloepottegamme rabel en gebrekkig gesien heeft dat op bijde aandoening en en gebouwd word culteit of genoeg„ t hij gehoord heeft dat requisiten na giddere van Damme„ aan zeevarende Galelle vertrokken aan Iava niet kan men 8. spaikhaanen b: dus vooraf moeten lk: assistentie van 't dat hij gezien heeft „je af tot na Galle maken, schoon wij oongemaakt word le efforts zullen dant dat hij nog gehoord heeft dat de Dessave van Mattele binnen elf daagen van Dandoemadoewe te koer„ weert nagalle staat te koomen. Cilauw den 6:' November 1791. — brands /:was geteekend:/ I: E: Vlaaming. — Gklerk Extract secreete Missive, de ato 23.:' augustus „ van Batavia kolombo geschreeven. Akkerdeert Klerk Dybrands No. 70 Nagezien P: Leduke 6 A dzaakelijkheid 145 met geweld de te„ doorduijven, met Een singalees, en inwooner alhier heeft aan inten te voorzien mij ondergeteekende berigt. de omstandigheeden Dat hij na de Dorpen Dalloepottegamme rabel en gebrekkig en galhene geweest en gesien heeft dat op bijde aandoening en de plaatsen Rusthuijzen gebouwd word culteit of genoeg„ Nog zegd de Relatant, dat hij gehoord heeft dat requisiten na de Mohotiaar van kandegiddere van Damme„ aan zeevarende „denieje na het Dorp Galelle vertrokken aan Iava niet kan is, en heeft meede genoomen 8. sprikhaanen b: dus vooraf moeten en 300. gewaapende volk: assistentie van Nog betuigd de Relatant dat hij gezien heeft dat van Dammedenieje af tot na Galle maken, schoon wij „heene toe, de weegen schoongemaakt word le afforts zullen voorts betuigd de Relatant dat hij nog gehoord heeft dat de Dessave van Mattele binnen elf daagen van Dandoemadoewe te koer„ weert nagalle staat te koomen. Cilauw den 6:' November 1791. — brands /:was geteekend:/ I: E: Vlaaming. — Grlerk Extract secreete Missive de dato 23. ' augustus „ van Batavia na kolombo geschreeven. Akkordeert Dybrands Klerk No. 70 No. 72 Nagezien P: Ledulx 146 N § 5 Hoe zeer wij in allen opzigten de noodzaakelijkheid erkennen, om Ceilon, indien het Hoff met geweld de te„ rug gave der stranden zoude willen doorduijven, met een goede parthij Troupen Rijst en Contanten te voorzien, zoo zeer moeten wij ons beklaagen, dat de omstandigheeden waarin wij ons hier bevinden, zo disfavorabel en gebrekkig zijn, dat wij niet dan met de uitterste aandoening en leedweesen konnen overweegen, de difficulteit of genoeg„ saeme ondoenelijkheid, om aan alle die requisiten na vereisch te voldoen; terwijl het gebrek aan zeevarende, zo groot is, dat men zelfs de scheepen naar Iava niet kan afzenden, ten afhaal van Rijst, en wij VE: dus vooraf moeten informeeren, dat VE: op een aanzienelijk assistentie van Batavia geen volkomen staat moeten maken, schoon wij inmiddens VE: verzeekeren, dat wij alle efforts zullen aanwenden, om Ceilon te assisteeren. Extract secreete Missive, de dato 23. ' augustus „ van Batavia na kolombo geschreeven. Adkordeert Hijbrands Gklerk No. 70 1 Vo en Nagezien P: Ledukx 145 No 4 Translaat van een ongetekend briefje door den bekende Hofsgroo„ te aan den Mara Modeliaar ge„ schreeven, en alhier ontvangen den 3:' November 1791: zedert lange in tijding te den wel Edele jl tusschen ens subsisteerd. premschen ge„ ijn, hebben geen eenige Zeker en krijgen. Na gesenden. Dat verschillen nog dat niet goed is. ondernomen, i deese oneenig elke weegen zul wat is men voor te doen uijtroeren i. wat is men te doen, om alle et is zeer nodig „rigt uijt hoofde riets in dat ik iemand heeft ten kan, zoude „om boodschap„ en van hier wee„ der na derwaarts. onse Geheijmen raaken aan het Hof bekend door toe doen van den ridaan Arraatje. Hij is Mo„ handizeun van de Hewagam korl. Het is daarom 1. 147 N. 4 145 No. 74. Jk ben zeer bedroeft dat ik nu zedert lange tijd het geluk niet gehad heb, om tijding te krijgen van den welstand van den wel Edelen Groot Achtb: Heer Gouverneur, Wijl tusschen ons beide een zeer naauwe vriendschap subsisteerd. De luijden, die na de Engelschen en franschen ge„ zenden en weder terug gekomen zijn, hebben geen antw: gebragt, waarop men met eenige zeker leid reekenen hem bijstand te zullen krijgen. Na de fremschen zijn weder luiden afgesenden. Dat dit telkens geschied, en dat onse verschillen nog lenigen voort duuren denk ik dat niet goed is. zodra van dien kant iets werd ondernemen, zal alles hier spoedig ophouden. wat is men van sints te doen om deese oneenig heeden te doen eijndigen. door welke weegen zul¬ len de kommandos marcheeren wat is men voor„ neemens door de kommandos te doen uijtroeren wanneer ze in het land zijn. wat is men dan eijndelijk rem gedagten te doen, om alle tot een eijnde te brengen. Het is zeer nodig dat ik hem dit alles werd onderrigt uijt hoofde van onse vriendschap steekt 'er niets in dat ik Zoo Nikolaas onder sijne vrienden iemand heeft dit weet. de kols, waarop men zig verlaaten kan, zoude men hem kunnen gebruijken, om boodschap„ pen te brengen van daar bij mij, en van hier wee„ der na derwaarts. onse Geheijmen raaken aan het Hof bekend door toe doen van den ridaan Arraatje. Hij is Mo„ handizeur van de Hewagam korl. Het is Translaat van een ongetekend briefje door den bekende Hofsgroo„ te aan den Mara Modeliaar ge„ schreeven, en alhier ontvangen den 3:' November 1791:— daarom Nagezien Maas 147
English
145 Examined. Ag devos therefore not good, that one does anything that he might get to know. Answer to the aforementioned note: The Noble Lord Governor is healthy and doing well, and it gives him great pleasure to be assured that your Honour takes a kind interest in his well-being. He hopes that your Honour is well, and it will give him great pleasure to be informed of the state of your health as often as opportunity permits. Everything that is being said to him concerning the English and the French are but the deceits of a party of ill-disposed persons. It would be foolishness to believe them. The English are our friends, and the French are not in a position to do anything. In Europe, discord in France is increasing more and more, and the French Realm is currently in a very powerless state. The measures that are to be taken and the things that are to be carried out will be taken and carried out as circumstances shall require when the time for them has arrived. This is so far all that I can say about it. The King has begun the present unrest; the Company has given no reason or cause for it. It is therefore up to the King to see how he may again remove out of the way the things that he has undertaken upon bad advice. If the King should be inclined to give proper satisfaction to the Company, the way to that end is still open, but then no time must be lost. Deridaam Arraatje will be sent away from the island. Agreed. Corn:s: Johianns: I dé sworn clerk seen 10. 148 # 10. 145 No. 6 Register of papers belonging to the letter dispatched by order of the Right Honourable, Highly Respected Lord Willem Jacob van de Graaff, Ordinary Councillor of the Netherlands Indies, Governor and Director of the Island of Ceilon with its dependencies, together with the Council, with the ship Christophorus Colombus, consigned to the Right Honourable, Highly Respected Lords Directors at the Assembly of the Seventeen representing the General Netherlands Chartered East India Company at the Presidial Chamber within Middelburg in Zeeland. No 1. Original dispatch from the members, written by and as in the heading hereof. No: 2. Duplicate dispatch of 12. November of the past year, of which the original was sent with the ship de Draak. Duplicate No. 150 Duplicate Nos 4. Duplicate register of the general letter of 12. November of the past year, with the counterparts thereof under: No 4. 5. 6. 7. 8. 9. 10. 11. 12. 13. 14. 15. 16. and 17. No 5. Duplicate register of the secret letter of 12. November of the past year to be found in the aforementioned packet No 3, with the counterparts thereof under No: 2. 4. and 6. No 6. A sealed packet containing copy secret letters to Their High Mightinesses at Batavia, written on the 12. 15. and 27. of this month, together with the enclosures belonging to the last-mentioned letter according to that register, and copy letter of the 30th of this month. No 7. Copy letters of today's date written from Kolombo to the Noble, Respected Lords Directors No 11. Ditto. Ditto. taken in Council of Ceilon concerning the native department from 4. January to 10. October 1791. — No: 10. Ditto - Resolution taken in Council of Cijlon concerning the military department from 5. January to 10. October 1791. No 9. Ditto. General resolutions taken in Council of Ceilon since 4. January to 23. August 1791. No 8. Copy secret resolutions taken in Council of Ceijlon since 4. January to 22. August 1791, sealed in a packet and authorized by the Assembly of the Lords Seventeen for secret matters in The Hague and to the Noble, Respected Lords Directors of the respective Chambers, as well as the Cape ministers. 3. A sealed packet containing duplicate secret dispatch of 12. November of the past year, of which the original was sent with the ship de Draak No No _o 151 No 12. Copy general letter to Their High Mightinesses at Batavia written on the 12. of this month. No 13. Ditto: brief detail of the events in the Madura, Marawa and Travancore realms in the year 1791. No 14. Ditto. General letters written by the ministers at Paleacatta in the year 1791 to Kolombo. 15. Copy general letters written from Kolombo to Paleacotta in the said year. No 16. Ditto ditto ditto written from Bengale to Kolombo. No 17. Ditto ditto ditto written from Kolombo to Bengale. No: 18. Ditto ditto ditto written from souratta to Kolombo. No 23 General yield of the leased ordinary domains of the Company for the Government of Ceilon on account of the financial year 1791/2 compared with the financial year 1790/1. No 21. Ditto ditto ditto written from Kolombo to Mallabaar. No 21½ Ditto ditto ditto written to and from the western quarters. No 22. A packet containing: Copy secret and separate letters written in the year 1791 from Kolombo to various places, and Copy secret and separate letters written in that same year from various places to Kolombo. No: 20. Ditto - ditto ditto written from Mallabaar to Kolombo. No 19. Copy general letters written from Kolombo to souratta. No No. No
Dutch transcription
145 Negezien Ag devos daarom niet goed, dat men iets, doet, dat hij zoude kunnen teweeten krijgen. Antw: op voorm: briefje De Edele Heer Goeverneur is gesond en wel vaarende en het doet hem veel plaisier dat hij verzekerd in dat uw Ed: een viendelijk belang steld in zijn welstand. Hij hoopt dat uwEd: wel is en het zal hem veel plaizien doenom zoo dikwils het de gelegentheid toelaat van den staat van uw gesentheid te moogen werden g'informeerd. Alles wat hem Engelschen en franschen gesproo¬ ken word zijn met den bedriegerijen van een „partij kwalijk gesinde Menschen. Het zoud zottervijen zijn daar aan geloof te geven. De Engelschen zijn onse vrinden en de fem„ schen zijn niet in het vermoogen om iets te kunnen doen. Jn Europa neemt de tweedoorgt in Frankrijk 't meer en meer toe en het framsche Rijk is tems in een zeer Magteloesen staat. De maatregelen die staan te worden genoomen en de dingen die staan te worden uijtgevoerd zullen werden genoomen en uijt geroerd zoo als de om„ standigheeden wanneer de tijd daar toe gekomen is het zullen vereijsschen. Dit is tot nog toe alles wat ik daar van zeggen kan De koning heeft de tegens woordige onlusten beginnen, De korp heeft daar toe geen reeden of oorsaak gegeven. het is duus de koning die mee zien hoe hij de dingen, die hij op kwaade, raad ondernoemen heeft, wederom uijt de weg helpt, wanneer de koning gesint mogte zijn om de komp: behoorlijke vol„ doening te geven, staat de weg daartoe nog open, dog dan dient 'er geen tijt te worden versuijmt. Deridaam Arraatje zal van het Eiland werden weggesonden. Akkordeert. Corn:s: Johianns: I dé gezeeklerk zien 10. 148 „# 10. 145 No. 6 Register der Papieren gehoorende tot den brief, die ter ordre van den wel Edelen Groot Achtb: Heer „willem Jacob van de Graaff, Raad ordinair van Nederlands Indien, gouverneur en Direkteur van het Eijland Ceilon met dies onderhoorigheeden, nevens den Raad met het schip Christophorus Colombus word afgezonden geconsigneerd aan de wel Edele Hoog Agtb: Heeren Bewindhebberen ter vergadering van seventienen representeerende de generaele Nederlandsche g'octroijeerde oostindische Kompenie ter presi„ „diale kamer binnen Middel„ „burg in Zeeland. N=o 1. origineele missive van leeden door en als in den hoofde dezes geschree„ „ven: N=o: 2. Duplicaet missive van den 12. November J:o Leden waar van het origineel met het schip de Draak verzonden is. Duplicaat No. 150 duplicaat A=os 4. Duplicaat register van den gemeenen brief van den 12. November JoLeeden, met de wedergades daar van sub: N=o 4. 5. 6. 7. 8. 9. 10. 11. 12. 13. 14. 15. 16. en 17. N=o 5. Duplicaet register van den sekreeten brief te vinden in het voorm: van den 12. November J=Leeden met de wedergades daar van sub N:o 2. 4. en 6. pakel N=o 3. N=o 6. Een gesloote pakel houdende Kopia sekreete brieven aan Hunne Hoog Edel„ „heeden te Batavia, geschreeven den 12. 15. en 27. dezer nevens de bijlagen tot de laastgem: brief gehoorende volgens dien register. e en kopia brief van den 30:' deezer. N=o 7. Kopia brieven van hedigen datums van Kolombo geschreeven aan de Edele Achtb: Heeren Bewindhebberen N=o 11. d=o. d=o. genoomen in raede van Ceilon raekende het inlands departement van den 4. Januarij tot den 10. october 1791. — N=o: 10. d=o - Resolutie genoomen in raede van Cijlon raekende het mili„ „tair departement van den 5. Januarij tot den 10. 8ber: 1791. 9. d=o. gemeene resolutien genoomen in N=o. raede van Ceilon zedert den 4. Januarij tot den 23. aug:s 1791. . N=o 8. Kopia sekreete resolutien genoomen in raede van Ceijlon zedert den 4. Januarij tot den 22. aug:s 1791. in een paket geslooten en gemagtigde van de ver„ „gadering der Heeren serentie„ „nen tot de sekreete saeken in swage en aan de Edele Agtb: Heeren Bewindhebberen van de respektieve kameren, mitsgaders de Kaabse ministers 3. Een gesloote pakel houdende duuplicaat se „kreete missive van den 12. Novemb J:o Leeden waar van het origineel met het schip de Draak verzonden is No N=o _o 151 N=o 12. kopia gemeene brief aan Hunne Hoog Edel heden te Batavia geschreeven den 12. dezer. N=o 13. d=o : kort detail van de gebeurtenissen in de madureesche, marruasolie en Trevan Koorselie rijken on het Jaer 1791. d=o. Gemeene brieven door de ministers te Paleacatta in A:o 1791. na Kolombo geschreeven. N=o 14. 15. Kopia gemeene brieven van Kolombo naar Paleacotta geschreeven in gem: Jaer. N=o 16. d=o d=o d=o. van Bengale na Kolombo geschreeven. „ N=o 17. d=o d=o d=o van Kolombo na Bengale geschreeven. N=o: 18. d=o d=o d=o van souratta na Kolombo geschreeven. N=o 23 Generaele rendement van de verpagte ordinaire Domainen van de Nompenie ten gouvernemente Ceilon voor reekening van 't boekjaer 179½. vergeleeken met het boekjaer 179/. v: N=o 21. d=o do d=o van Kolombo na de Malla„ „baar geschreeven. o:o 21½ d — O — d=o van en naar de westersche ge„ „schreeven. N„o 22. Een paket zijnde daar in Kopia sekreete en aparte brie„ „ven in A:o 1791. van Kolombo na dieverse plaetsen geschreeven, en Kopia sekreete en aparte brieven in dat zelfde Jaer van dieverse plaetzen na Kolombo geschreeven N=:o 20. d=o - d=o d=o van de Mallabaar na Kolombo geschreeven. N=o 19. Kopia gemeene brieven van Kolombo na souratta geschreeven N=o No. N=o
English
152 No 25. Ditto - No 26. Copy of the financial statements of the deaconry and poor of Jassenapatnam, Gale, and Kalpettij, closed as of the ultimate of August 1791. Those of Jassena and Kalpettij not received. No 27. No 28. Ditto, ditto of the Leper Hospital and the Deaconry of Kolombo. Ditto -. Financial statement of the Dutch Orphan Chamber of Kolombo. No 29. Copy of the financial statement of the General Native Estate Chamber. No 30. Ditto. List of the Ceylonese medicinal seeds for the Hortus Medicus at - not received. No 31. Four statements and inventory of the artillery and further ammunition goods to be found in this government. No 32. Copy of reports concerning the state of the churches and schools in Kolombo and Gale. No 33. Lists of the arrived and departed Company ships at Kolombo, Gale, and Tutukorijn in the passed year 1791. No 34. Ditto of the foreign ships and lesser vessels arrived and departed at Kolombo and Geele in the past year. On the delivered homeland cargoes of the ships Christophorus Colombus, het Meeuwtje, De Generael Maatzuijker, De Doggersbank, and Kandia. No 24. Memorandum of the surpluses and deficits in assignments of the monies presently counted in the Company's treasury for remittance to the Netherlands. 153 Pay Office: No 35. Short effective strength of the European seafarers who were stationed in this government as of the ultimate of December 1791. No 36. General short effective strength of the European and native military of the Island of Ceilon and the subordinate posts as of the ultimate of December 1791. No 37. Representation of all Company servants, artillery, and ammunition goods, as well as sloops and vessels, which exist in the government of Ceijlon and its dependencies. No 38. Five extracts from the Jassenapatnam Compendium of the year 1790/1 concerning the elephants, the horse breeding, jaggery wood and laths, and the head-adigar office fees and land rents, together with a copy of the summary of the elephants. No 39. Seven original registers of all the Ceylonese and ship pay books that are now being dispatched to the Netherlands. No 40. Two accounts of cash and clothing given along to the officers of the ships Christophorus Colombus and het Meeuwtje on their outward voyage, with an indication of how they have accounted for the same. No 41. General pay roll of the ultimate of June 1791. No 42. Copy of a letter written from Madras to the Governor of Ceylon and Council on 6 April 1791. No 43. Ditto, written by the Governor of Ceylon and Council to Madras on 18 May 1791 in response to the aforementioned letter. 154 No 44. Copy of a letter written from Trankebaar to the Governor of Ceylon and Council on 7 July 1791. No 45. Ditto, ditto written by the Governor of Ceylon to Frankebaar on 14 September 1791 in response to the aforementioned letter. No 46. Ditto, written by the Maldivian Sultan to the Governor of Ceylon on 10 November 1791. No 47. Ditto, written by the Governor of Ceylon to the Maldivian Sultan on 31 December 1791 in response to the aforementioned letter. Together with the list of gifts sent to the said Sultan and given to the Nakhoda. No 48. Ditto, ditto written from Pondicherry to the Governor of Ceylon on 10 October 1791. No 49. A bundle containing the general yield together with its annexes for the year 1789/90. No 50. Note of the cinnamon peeled during the recently passed great harvest on the cleared and planted lands. No 51. Copy of the report from Lieutenant Colonel and Commander of the Militia van Drieberg concerning the free-worker money to the national officers. No 52. Copy of the order of the Court of Justice here dated 28 December last, whereby the former Secretary Kriekenbeek renounces his claim to salary in the lawsuit against Colonel D: Augoret and associates. 155 No 53. Copy of the report from the Madurese servants of 6 April 1791 on the report of the Auditor General Neuw of 8 April 1790 concerning the calculation of coin species on the Madurese coast, with the annexes, in a separate bundle. No 54. Statement of the areca nut delivered for the account of the Court of Kandia since the book-year 1785/6. No 55. Copy of a letter written by the Land Regent Nagel on the 5th of this month to Kolombo, in which he indicates among other things the reasons why an accurate map of the Vanni lands has not yet been prepared. No 56. Copy of the report from the captain of the ship Christophorus Colombus, Lauritsz, stating that he encountered nothing on the outward voyage, and concerning the condition of the provisions given along with him. Not received. No 57. Extract of the Resolution taken in the Council of Ceylon on 29 December last, with insertion: 1) of the report of First Auditor Issendorp concerning the settlement of the consumption account and inventory of the said vessel; 2) of the petition of Captain Lauritsz of the said vessel concerning the supplies made from the prize purse of the crew on the said vessel during the voyage hither; 3) of a report received thereon from First Auditor Issendorp; and 4) of the petition and account of the aforementioned Captain Lauritsz concerning the supplied Mexican dollars both for the purchasing
Dutch transcription
152 N=o 25. d-o „ - „ 26. Kopia staatreekeningen van de diakonij Die van Jassena en armen van Jassenapatnam kalpettij niet in„ gale en Kalpettij geslooten onder ult:o aug:s 1791. „gekoomen. N=o 28. do do van 't Leprosenhuijs en de Diakonij van Kolombo d=o —. slaatreekening van de Nederlandsche weeskamer van Kolombo. N=o 34. do N=o 33. Lijsten der aangekoomene en vertrokkene ssComp:s scheepen op Kolombo, Gale en Tutukorijn in het gepasseerde Jaar 1791. — der vreemde scheepen en mindere vaer„ „tuijgen in 't voorleeden Jaer op Kolombo en geele aange„ „koomen en vertrokken. N=o 32. Kopia rapporten aangaande den staet der Ker„ „ken en schoolen te Kolombo en Gale N=o 31. vier staet en inventaris van 't geschut en de verdere Amonitie goederen ten deesen gouvernemente te vinden N=o 30: — d=o . Lijst der Eijlonse medicinaele Zaede„ niet ingekoomen voor de Hortus Medicus te-- N:o 29. Kopia staatreekening van de algemeene in„ „landse boedelkamer op de uijtgeleeverde vaderland ladingen van de scheepen Christophorus Colombus het Meeuwtje, De Generael Maatzuijker, De Doggers„ „bank en Kandia. N=o 24. Memorie van de meer en minderheeden assignatien der thans in 's komp:s Kassa getelde pernin „gen ter overmaking naar Nederland N=o No. N=o: N=o: 27. ... . . . . . . - - - 153 SoldyC: 35. korte sterkte der Europeesche Zeevaerenden, die onder ult:o december 1791. in dit gouvernement zijn be „schijden geweest. N=o 36. Generaele Korte sterkte der Europeesche en inlands militairen van 't Eijland Ceilon en de onderhoorige posten onder ult:o december 1791. N=o: 37. vertooning van alle skomp:s dienaeren, artillerij en Ammonitie goe„ „deren, mitsg:s sloepen en vaar„ „tuijgen, die in 't gouvernement van Ceijlon en dies onderhoorig„ „heden in wesen zijn. N=o 38. Vijf Extrakten uit 't Jassenapatnamse Compendium de A:o 179 /1. wegens de Elephanten, de paarden teeld, Jagerhouten en latten, en de Hoofdadigare officie gelden en landventen, nevens Een Kopia samentrekking van de Elephanten. N=o 42. Kopia brief van Madras aan den Heer Ceij„ „lonsche gouverneur en raad ge„ „schreeven den 6. april 1791. d=o . door den Heer Ceilons Gouver„ do — N=o 43. „neur en Raad na Madras geschreeven den 18. Maij 1791. in antwoord op voorm: brief Geenle Woote cst a t Jueij 1791. N=o 41. Generaale. gegagieerde rol van ult:o Junij 1791. E: soldij 40. Twee reekenings van Contanten en kleederen aan de overheedenen van de scheepen Christophorus Co„ „lombus en het Meeuwtje op desselfs uijtrijse mede ge„ „geeven, met aanwijsing hoedanig ze dezelve hebben verantwoord 39. seven origineele registers van alle de Ceilonsche en scheeps zoldij boeken die tans na Neder„ „land worden verzonden. No. No No N=o No. 154. N=o: 45. d=o d=o — . door den Heer Ceilensche Gou„ „veneur na Frankebaar ge„ „schreeven den 14. 7ber: 1791. in antwoord op voorm: brief 46: d=o N=o 47. d=o N=o 48. do de Door den Heer Ceilonsche Gou„ „venieur aan den maldivoschen sultan geschreeven den 31. xber: 1791. in antwoord op voorm: brief Nevens. De lijste der aan gem: sultan gezondene en aan den Na„ „choda gegevene geschenken. Door den Maldivoschen Sultan aan den Heer Ceilonsche Gou„ „veneur geschreeven den 10. No„ „vember 1791. do d=o. van Pondecherig aan den Heer Ceilonsche Gouverneur geschreeven den 10. october 1791. N=o 51: Kopia berigt van den luijtenant Nolonel en Chef van de militie van Drieberg nopens het vrijwerkers geld aan de nati„ onaele officieeren. N=o 52. Kopia appoinktement van den Raad van Justitie alhier van den 28. december Joleeden waar bij de geweesen sekretaris Krieken„ „beek renuncieerd van zijne pretentie van salaris in het Proces tegen den Kolonel D: Augoret C: S: N=o: 50. Notitie van de kanneel die in den Jongst gepasseerde grooten oogst op de schoongemaakte en aangeplante gronden geschilt zijn. N=o 49. Een bondel generaal Rendement neevens dies bijlagen van A=o 17 89/90. N=o 44. Kopia brief van Trankebaar aan den Heer Ceilons gouverneur en Raat geschreeven den 7. Julij 1791. No: N=o: N=o . . 155 N=:o 53. Kopia berigt van de Maduresche bedienden van den 6. April 1791. op het berigt van den Heer visitateur generael Neuw van den 8' April 1790. over de bereeke„ „ning der muntspecien op de maduresche kust, met de bijlagen, in een apart bondel 54. aanwijsing van de aneek die voor reekening van het hof van Kandia geleeverd is, zedert het boek„ „Jaer 1785/6. N=o 55. Kopia brief door den landregent Nagel den 5. dezer na Kolombo geschreeven waar bij hij onder anderen aanwijst de reede„ „nen waarom eenen nau„ „keurige kaart van de wannische landen tot nog toe niet is vervaardigt. N=o 56. Kopia berigt van den kapitein van het schip Christophorus Colombus N=o 57. Extrakt Resolutie genomen in raede van Ceilon op den 29. december J=o Leeden met insertie 1van het berigt van den Eersten visitateur Issendorp wegens, de vereffening van de Consumtie reekening en inventaris van gem: bodem. 21 van het addres van den Ka„ „pitein van gem: bodem Lau„ „ritsz wegens gedaane ver„ „strekking uit prise beurs van de manschappen op gem: bodem op de reijze na herwaerds. 3) van een daar over ingekomen berigt van den eersten visita„ „teur Issendorp, en 4 van het addres en reekening van voorm: Kapiteijn Lau„ „ritsz wegens de verstrekte mexikanen zoo tot het Lauritsz dat hij op de uijt„ „reijze niets ontmoet heeft en nopens de gesteldheijd van de aan hem medegegeevene pro„ „visien Lauritsz inkoopen N=o niet ontf.
English
156 Original sent to the Amsterdam Chamber. 58: Copy of the ship's council resolution of 12 September 1791 regarding the provisions supplied to the crew by the aforesaid Captain Lauritz from his own stock. 59: Original sworn declaration regarding these provisions. Original sent to the Amsterdam Chamber. 60: Extract resolution taken in the Council of Ceylon on the 12th of this month, in which the prices of the aforesaid goods are inserted. No. 61: Original sworn declaration regarding the Mexican dollars spent at St. Jago by the aforesaid Captain Lauritz for the purchase of refreshments as well as otherwise. No. 62: Extract resolution taken in the Council of Ceylon on 29 December last, containing authorization for the visitor, when examining the gunpowder account of the aforesaid ship, to be guided by the orders that were observed regarding this matter before the receipt of the latest order from Their High Mightinesses, and containing a disposition on the findings regarding the delivered Colombo cargo of the said vessel, with the insertion of the report of the Administrator Van der Spar regarding the accounting. No. 63: Extract resolution taken in the Council of Ceylon on 21 December regarding the provisions supplied here to the said vessel. No. 64: Copy of the Galle resolution of the 28th of this month regarding the provisions supplied there to the said ship. No. 65: Ditto ditto resolution of the 23rd of this month of the consumption account of the provisions that were supplied here to the aforesaid ship. 157 Copy. No. 66: Extract resolution taken in the Council of Ceylon on 19 October regarding the supply of two months' rations to the packet boat De Stav. No. 67: Extract resolution taken in the Council of Ceylon on 3 November 1791 regarding the supply of medicines to the said packet boat. Copy. No. 68: The Colombo expense account of the provisions supplied to the country's brig De Vlieg of 19 November 1791, totaling f 417. 7. - given by Laan. No. 69: The following Colombo expense account of the provisions supplied to the said brig of the 4th of this month, totaling f 156. 12. -. No. 70: The enclosed Tuticorin expense account of the provisions supplied to the aforesaid brig of 18 October 1791, totaling f 1202. 9. -. No. 71: List of the vessels in use both here and at the subordinate stations. No. 72: Specification of the carpentry work done and provisions supplied to the sloops and smaller vessels in this government in the financial year 1789/90, annexed a report of the first visitor Issendorp regarding the examination of the same. No. 73: Extract resolution taken in the Council of Ceylon on 24 December last, containing: 1. Disposition on the findings regarding the copper doits brought from Batavia by the ship De Draak. 2. Disposition on the findings regarding the delivered Batavia cargo of the ship De Doggersbank. 158 No. 74: Statement of the expenses incurred on the cinnamon plantations in the financial year 1789/90, both here, in Galle, and Matara. No. 75: Copy of the report on the inspection of the seven Tuticorin pearl banks on which oysters were found in the year 1790. No. 76: Report from the trade bookkeeper Samlant regarding the received recognition money from the crew members of the ship Christophorus Columbus. No. 77: Copy of the petition from the officers of the ship Christophorus Columbus, wherein they complain about the order that half the amount of the assignments had to be counted into the treasury in gold or silver coin, annexed a copy of a declaration by the said officers. No. 78: Copy of the receipt granted by the Directors in Amsterdam, Hartsinck and D'Orville, to the Dessave Fretz and the first warehouse master Reintous for a small chest containing gold thread. No. 79: Extract of the Galle resolution of 5 March 1791, wherein the overseers show what part of the work on the fortifications should be undertaken first, within the sum fixed for each year by the Gentlemen Masters, in the course of the past year. 159 No. 79½: Copy of the report by Captain-Lieutenant Foenander, showing what new works and repairs have been done to the fortifications here. No. 80: Copy of the report by the Galle engineer La Garde, indicating what was done to the fortifications of Galle during the past year. No. 81: Copy of a letter from Trincomalee written by Major Fornbauer to Colombo on 26 January 1791, containing the answer to the question put to him regarding the fortifications of Trincomalee and Oostenburg. No. 82: Copy of a letter written to Colombo by the Land Regent Nagel on 20 October 1791, annexed a short statement, and a letter mentioned therein dated 29 September 1791. No. 83: General balance sheet together with its annexes for the year 1789/90. Separate. No. 84: Two copy reports from the Captain-Lieutenant and Engineer Foenander and Bookkeeper Waalberg regarding the survey carried out of the lands in the provinces of Mantotte, Nanattan, and Musali, with the maps drawn thereof, together with a [illegible] of the Mantotte and Nanattan parts, and a report by the aforesaid Foenander submitted thereon in the year 1790, with the annexes belonging thereto. No. 85: Copy of the report from the First Visitor Issendorp, with the annexes belonging thereto, regarding the arrival and departure of the Company's barks and sloops, both five years before and five years after the English war, and what was supplied to the said barks and sloops in the aforesaid financial years. No. 86: Copy of descriptions of the Ceylon timbers.
Dutch transcription
156 origineel na de kamer Amsterdam verzonden 58: Kopia scheeps Raad resolutie van den 72 Fber 1791. wegens de verstrekking aan het volk door voorm: kapitein Lauritz uijt eijge voorraad gedaan 59 origineele beEedigde verklaaring nopens origineel na de kamer„ deze verstrekking Amsterdam verzonden 60: Extrakt Resolutie genomen in raede van Ceijlon op den 12. dezer waar bij de prijzen van voorm: goederen zijn geinsereerd. N=o: 62. Extrakt Resolutie genoomen in raede van Ceilon op den 29. december JLeeden houdende qualifikatie aan den viditateur om bij 61. Origineelen beEedigde verklaaring wegens de te s:t Jago uijtgegeevene mexikaanen door voorm: Kapitein Lauritz. houdende dispositie op de bevinding van de uijtgelever„ „de Kolombosche laeding van gem: bodem en met insertie van het berigt van den administrateur van der spar nopens de verantwoording N=o 65 do — d–o resolutie van den 23. dezer N=o 64. Kopia Gaalsche resolutie van den 28: dezer weegens de aldaar gedaane verstrekking aan gedagte schip N=o 63 Extrakt resolutie genomen in raede van Ceilon op den 21. december nopens de alhier gedaene verstrekking aan gem: bodem het examineeren van de kruijtreekening van voorm: schip zig terigten naar de orders die daar omtrend ge„ „observeerd zijn voor den ont„ „vang van de laetste ordre van Hunne Hoog Edelheden. inkoopen van verversching als andersints. het van N=o No. No No: 157 Kopia Extrakt resolutie genomen in raede van Ceilom op den 19. oktober we„ „gens de gedane verstrekking van twee maanden randzoen aan de paket boot de stav. N=o: 67. Extrakt resolutie genomen in raede van Ceilon op den 3. ' November 1791. wegens de gedane verstrek„ „king van medekamenten aan gem: paket boot. kopia No: 68. ag nde Kolombosche onkostreeke„ „ning van de aan slands brik de Vlieg gedane ver „strekkingen van den 19:' No„ „venaber 1791. groot ƒ 417. 7. —. g: d: Laan N=o 72. specifikatie van de in het boekjaar 17 3/90. ge„ „daene vertimmeringen en ver„ „strekkingen aan de sloepen en mindere vaartuijgen in dit gouvernement annex Een berigt van den eersten visitateur Js „sendorp wegens de examinatie van N=o 73. Extrakt resolutie genomen in raede van Ceilon dezelve op den 24. december J:o Leeden houdende: .dispositie op de bevinding van de kopere duijten, die per het schip de Draak van Batavia aangebragt zijn, N=o 71. Aanwijzing van de vaartuijgen, die zo hier als op de onderhoorige kantooren in gebruijk zijn. N=o 70 De een sluijdlende Tutukorijnse onkostreeke„ „ning van de aan voorm: brik gedane verstrekkingen van den 18. october 1791. groot ƒ1202: 9:— van de konsumtie reeke„ „ning van de provisien, die alhier aan meerm: schip zijn verstrekt. N=o: 69: Die ter zuijdende Kolombose onkostreekening van de aan gem: brik gedane verstrekkingen van den 4. dezer groot ƒ 156. 12. -. No en No: 66 Kopia 158 No: 74 No: 79 Aanwijzing van het bekostigde aan de kaneel plantagien in het boekjaar 17 29/90. zoo alhiera te gale en Mature. N=o 75 Kopia rapport van de visitatie van de seven Tutukorijnse Paarl„ „banken waar op in het Jaar 1790. oesters zijn gevonden. No. 76 Berigt van den negotie boekhouder Sam „lant wegens de ingekomene rekognitie penningen van de scheepelingen van het schip Christophorus Colombus N=o 77 Kopia addres van de officieren van het schip Christop Norus Colombus waar bij ze zig beswaeren over de ordre dat de helfte Extrakt gaalsche resolutie van den 5. Maart 1791. waar bij de bezienden vertoonen wat van het geene waar meede aan de fortifi„ „natie werken het eerst moet worden begonnen voor de door de Heeren majores voor elk Jaer bepaelde som in den loop van het voor„ „leeden Jaar zoude kunnen worden gedaan. N:o 78 Kopij van het bewijs door de Heeren Bewind, „hebberen te Amsterdam Hartsinck en D'orville ver„ „leend aan den dessare Fretz en den eersten Pakhuijsmeester Reintous voor een kistje met gouddtraat. van het bedragen der assig„ „natien in goud of zilver geld in kas moest geteld wor„ „den. annex Een Kopia verklaaring van gem: officieren. 21. Dispositie op de bevinding uijtgeleverde Bataviase la „ding van het schip de Do„ „gersbank. van N=o. en 159 No 83. N=o 85 Kopia berigt apart N:o 79½. kopia rapprt van den kapitain uiten: forenander, waar aantbond, welke nieuwe werken en repa „tien aan de vetting werken alhier gedaan zijn, N:o 80 Kopia rapport van den gaaschen ingenieu La Garde aanwijzende wat in het voorleeden Jaar aan de fortifikatie werken van Gale gedaan zijn N=o: 81. Kopia brief van pinkonomale door den Majoor fornbauer den 26. Janua„ 1791. na Kolombo geschreeven houdende antwoord op de aan hem gedane vraege nopens de vesting werken van Trinkono„ „male en oostenburg. Generaele staetreekening nevens dies zijla„ „gen van A:o 17 89/0. No. 82. Kopia brief door den land regent Nagel den 20. october 1791: na kolombo geschreeven, annex Een korte aanwijzing, en Een daar bij vermelde brief van den 29. 7ber: 1791. N=o: 84. Twee Ropia berigten van den kapitein Luijtenant en ingenieur foe„ „nander en boekhouder Waal„ „berg nopens de gedaane mee„ „ting van de gronden in de provintien van Mantotte, Nanatbiak en Moeselie met de daar van opgemaek„ „te Kaertum nevens Een aan vae oen #de Veer¬ „kan Maartotte en Nanataa Brdelen. Een berigt van voorm: foenander in 't Jaar 1790. daar over eng ingediend met de daartoe gehoorende bij laagen. van den Eersten visitateur Issendorp met de daar toe gehorende bijlaegen nopens de aankomst en vertrek van skomp:s barken en sloepen zoo vijf Jaeren voor als vijf Jaeren na den Engelsen oorlog en het verstrekte aan gem: barken en sloepen in de voorm: boekjaeren Kopia beschrijvingen van de Ceilonsche No: 86 Luijtenant houtwerken
English
160 letter of the 27th January in No: 87 No: 88 No: 89. Separate No: 91. timber works that are found in Those of Gale and Mature have The Colombo Dessavony already been sent along with — The Geele Korle taken with the report The Mature Dessavony The Wannische lands and The Batikaloa lands revised account of Colonels D' Hugonet and De Bas along with Captain de La Roche drawn up on the 13th October 1790 by the then first examiner Berghuijs, along with An indication from the Secretary of Justice Pfeisser concerning the cash belonging to the aforementioned officers Drawing of the powder mill sent along with letter of constructed here. the 27 January 1790. Drawing of the further powder mill constructed here. Along with A report from the Captain-Lieutenant Poenander belonging thereto ditto —. Madras Courier of 6 October 1791. — No: 93. Copy report of two Gale Landraad members, who surveyed what was carried out at Diwitoere, with its annexes No 94. Copy report from the pay clerks here that they are not able to provide copies of the muster roll of the ship the No: 92. Extract letter written from Tuticorin to Colombo on 19 October 1791, conveying for how many rupees the 100 star pagodas are received at Madras in the Carnatic Bank No 90 Copy Petition of Captain de Bellon wherein he requests to be excused from the restitution of the interest received by him which was imposed upon him as compensation No Hersteller No 64. 161 No 95 Copy certificate from the Head Surgeon Kraus wherein he declares under offer of oath that the Provost de Witte is too ill to be sent to Europe without endangering his life No: 96 Copy of incoming papers concerning the casks of doits successively received from the Netherlands, consisting of A report from the Colombo Chief Administrator Raket A report from the Gale Administrator van der Spar A report from the Gale Commander Sluijsken. A report from the Colombo Cashier de Waart. A report from the Gale Cashier D'Estandauw No 98 Copy separate letter written by the present Lord Governor of Ceylon on 31 August 1784 to the then Lord Governor of Ceylon Falck No 99 A bundle of Colombo cash accounts of the Year 1789/90. No 97 Note extracted from the Gale trade books concerning that which was furnished by the Company to the Maha Mudaliyar for the benefit of the district of Diwitoere A statement provided by the bookkeeper in the petty cash office, de Ridder, and A report from the Trade Bookkeeper Samlant and Trade Transferor Hoflant of the 18th December 1791. Hersteller, as they keep no such copies. A No. 162 No 111. Specification of the country's revenues of the Year 1789/90. pay: No: 102. ditto No 100 A set of Colombo expense accounts of the ships of the Year 1789/90. No: 101. A set of Tuticorin expense accounts of the ships of the Year 1788/9 consisting of seven expense accounts A ditto Gale expense accounts sheet 1789 of the ships of the Year 1789/90. No 103. Colombo Extracts from the Journal of the Year 1789/90, in so far as it concerns the remaining arrears as of the ultimate of August No 104. Gale ditto ditto No: 105: Mature ditto ditto - No 106 Tuticorin ditto ditto No 107. Manapar ditto ditto - No 108 Cape Comorin ditto ditto No 109 Kilkare ditto ditto Specification of the Company's domains in the Government No: 110 of Ceylon of the Year 1789/90 No 116 Copy report from the captain of the ship 't Meeuwtje, that he No 114. Indication of how much arrack was furnished from month to month to the common sailors and ship carpenters who have been ordered ashore here since the authorization given thereto etc. amounting to f 2607:15:8. No 115. Brief statement of the crew strength of the ship het Meeuwtje No 113. Brief statement of the expenses incurred for repairing and maintaining the Company's warehouses and dwellings No: 112. Brief statement of the expenses incurred on the fortification works in the Government of Ceylon in the Year 1789/90, annexed to the specification belonging thereto No. on - - 163 with No 120 commerce 123. Original No the original sent to the Amsterdam Chamber sent. No 117 Copy reports regarding the examination of the ship's and Surgeon's Journals of the ship het Meeuwtje No 118. Extract resolution taken in the Council of commerce 121. original Ceylon on the 17th of this month concerning the settlement of the inventory and of the provisions consumed on the voyage of the said vessel Extract resolution taken in the Council of No: 119 Ceylon on the 14th of this month, wherein it was decided to have prepared provisionally for that vessel the equipment goods that are customarily furnished to a return ship and are listed No 122. Extract Resolution taken in the Council of Ceylon on the 26th of this month containing disposition on the findings of the delivered cargo of the ship Meeuwtje sworn statements regarding the assay flasks sworn statement concerning the crates with glassware that were brought with the said vessel. the original to the Amsterdam Chamber No: 120 Extract Resolution taken in the Council of Ceylon on the 17th of this month containing with No: 118. disposition on the findings of the delivered cargo of the ship Christopher Columbus with an indented requisition annexed thereto had no special encounters on the outward voyage and that the provisions given to him were very good glass
Dutch transcription
160 brief van den 27. Januarij in No: 87 No: 88 No: 89. Apart N=o: 91. houtwerken die gevonden worden in Die van Gale en Mature zijn De Kolombosche Dessaronij reeds verzonden nevens — De Geele Korle „genomen bij het rapport De Matureesche Dessavonij De wannische landen en De Batikaloasche landen verbeeterde rekening van de kolonels D' Hugonet en De Bas nevens den kapitein de La Roche den 13. oktober 1790. door den toenmaligen eersten visita„ „teur Berghuijs opgemaakt, nevens Een aanwijsing van den sekre„ „taris van Justitie Pfeisser nopens de kontanten toebe„ „hoorende aan voorm: officieren Afteekening van de alhier gemaakte verzonden nevens brief van kruijtmoolen. den 27 Januarij 1790. Afteekening van de nader alhier gemaek„ „te kruijtmoolen. Nevens Een berigt van den kapitain luitenant poenander daar toe gehoorende do —. Madras Courier van den 6. 8ber: 1791. — N=o: 93. Kopia rapport van twee gaalsche landraeds leden, die opgenomen hebben het geen te Diwitoere ver„ „rigt is, met dies bijlaage„ N=o 94. Kopia berigt van de zoldij bediendens alhier dat zij niet in staat zijn Co„ „pijen tebezorgen van de Mons„ „terrol van 't schip de N=o: 92. Extrakt brief van Jutukorijn naar Ko„ „lombo geschreeven den 19. 8ber: 1791. waar bij bedeelt word voor hoe veel ropijen de 100. sterre pagooden te Madras in de karnatiekse bank ontfangen worden N=o 9o Kopia Request van den Kapitein de Bellon waar bij hij verzoekt om g'exkuseerd teweesen van de restitutie van de door hem ontfangene intressen die hem ter vergoeding zijn opgelegt N=o Hersteller N:o 64. 161 N=o 95 Kopia attest van den oppermeester Kraus„ waar bij hij onder aanbieding van Eede verklaard, dat de Provoost de witte te ziek is om na Europa te kunnen worden verzonden zonder zijn leven in gevaer te stellen N=o: 96 Kopia ingekoomene papieren nopens de successive uit nederland ontvangene vaeten met duijten bestaande in Een berigt van den kolomboschen hoofd administrateur Raket Een berigt van den gaalschen administrateur van der spar Een berigt van den gaalschen kommandeur sluijsken. Een berigt van den kolonboschen Kassier de Waart. Een berigt van den gaalschen Kassier D' Estandauw N=o 98 Kopia aparte brief door den presenten heer Ceijlonsch gouverneur den 31. Aug:s 1784. aan den toenmaligen heer Ceijlonsch gouverneur Falck geschree„ „ven N=o 99 Een bondel kolombosche kassa reekeningen van A:o 179/90. N=o 97 Notitie getrokken uijt de gaalsche negotie boeken nopens het verstrekte door de Kompenie aan den Mahamodliaar ten behoeve van het landschap Diwi„ „toere Een verklaaring door den boek„ „houder, in de klijne geld kas de Ridder verleend, en Een berigt van den Negotie boek„ „houder Samlant en negotie overdrager Hoflant van den 18. december 1791. Hersteller, wijl te geen diergelijke kopijen houden. Een No. 162 N=o 111. specificatie van slands inkomsten de A:o 17 9/98. soldy: No: 102. do =o 100 Een stel kolombosche onkost reekening van de scheepen van A:o 17 39/9. N=o: 101. Een stel Jutukwijnsche onkostreekenin „gen van de scheepen de A„o 178/9 bestaande in seven onkostree„ „keningen Een do. . Gaalsche onkostreekeningen fo 1789 van de scheepen de A:o 17 39/98. N=o 103. Kolombosche Extrakten uit 't Journaal de A:o 17 89/90. voor zoo verre aan„ „gaat de na restanten onder ult:o aug:o N=o 104. Gaalsche do d=o N=o: 105: Maturesche - d=o do - N=o 106 Tutukorijnse d=o d=o N=o 107. Manapaersche d=o d=o - N=o 108 Kaap kommorijnsche d-o do N=o 109 Kilkaresche - do d=o specifikatie van skomp:s domainen ten gou„ No: 110 „vernemente Ceilon de A:o 17 89/98 N=o 116 Kopia berigt van den kapitein van het schip 't Meeuwtje, dat hij N=o 114. Aanwijsing hoe veel anak van maand tot maand verstrekt is aan de Gemeene zeevaarende en scheepstimmerlieden, die alhier aan de wal beschei„ „den zijn geweest zedert de daar toe gegevene qua„ „lifikatie &=ra groot ƒ 2607:15:8. N=o 115. korte sterkte van de bemanning van het schip het Meeuwtje N=o 113. korte vertooning van het bekostigde tot het repareeren en onderhou„ „den van skomp:s pak en woonhuijsen N=o: 112. Korte vertooning van het bekostigde aan de fortifikatie werken ten gouvernemente Ceilon in A=o 17 28/90. annex de daar bij gehoorende specifikatie No. op - - 163 by N 120 commercie 123. Origineele No het ongineel na de kamer Amsterdam verzonden verzonden. N=o 117 Kopia rapporten wegens de examinatie van de scheeps en Chirurgijn Journaalen van 't schip het Meeuwtje N=o 118. Extrakt resolutie genoomen in raede van ommarue 121. origineele Ceilon op den 17. dezer nopens de vereffening van den in„ „ventaris en van de Crijse ver„ „konsumeerde provisien van gem: bodem Extrakt resolutie genomen in raede van No: 119 Ceilon op den 14. dezer waar bij beslooten is, bij provisie voor dien bodem in gereed„ „heid te laeten brengen de Equipagie goederen die gewoonlijk aan een retour schip worden ver„ „strekt en vermeld staan N=o 122. Extrakt Resolutie genomen in raede van Ceilon op den 26. dezer hou„ „dende dispositie op de be„ „vinding der uijtgeleeverde laeding van het schip Neeuwtje beEedigde verklaaringen wegens de essaij Kolfjes beEedigde verklaaring nopens de kassen met glas werken die met gem: bodem aangebragt zijn. het origineel na de kamer Amsterdam No: 120 Extrakt Resolutie genomen in raede van Ceilon op den 17. dezer houden„ bij No: 118. „de dispositie op de bevinding van de uijtgeleeverde lading van het schip Christop hories Colombus bij een daar bij geinsereer„ „de Eijsch op de uijtrijse geene by „zondere ontmoetingen gehad heeft en dat de aan hem mede gegevene provitien zee goet waaren glaese
English
164. Ditto No. 124. Brief strength roll of the crew of the ship Christophorus Colombus. No. 125. Copy of reports regarding the examination of the received ship and surgeon journals of the ship Christophorus Colombus. No. 126. Copy of the Galle Resolution of the 25th instant regarding the provisions and supplies made there to the ship 't Meeuwtje. No. 127. Extract of a dispatch dated 29 October 1791 written from Paleakatta to Kolombo, wherein the ministers promised to send some linens to Gale for shipment to the Netherlands. No. 128. Copy lists of the timber works brought for glass funnels and glass green bottles with said bottoms; samples sent to the Netherlands from the Kolombo Dessavony and from Trinkonomale. No. 129. First bill of exchange granted by the naval lieutenant commanding the national brig De Vlieg on the Right Honorable Mr. Joan Graafland the Younger, Lord of Schotervlieland, Receiver General at the Honorable College of the Admiralty in Amsterdam, in the amount of f 156: 12. - to be paid six weeks after sight to the Honorable Worshipful Directors of the Amsterdam Chamber, with the corresponding letter of advice. No. 130. First bill of exchange granted by and on the same as above, in the amount of f 417: 7. — to be paid as before, with the corresponding letter of advice. No. 131. First bill of exchange granted by and on the same as above, in the amount of f 1036: 13: 8, to be paid as before, with the corresponding letter of advice. 165. No. 132. Memorandum of a draft granted here in triplicate to be paid in the Netherlands, amounting to f 75,000. No. 133. Form of a receipt granted here by the Chief Administrator Raket to those who have deposited money into the treasury, to be received again in the Netherlands at the pleasure of the Lords Majors. No. 134. Requisition of necessities for this government and commerce for the financial year 1789/90. No. 135. Memorandum of 2,000 rixdollars which the shipwrecked captain of the ship De Hersteller, Weever, deposited in the Company's treasury at Trinkonomale in the month of November 1782, to be paid out again here, and which are now credited to the Netherlands to be satisfied to the heirs of the said captain. No. 136. Copy of the Galle Resolution of the 5th instant regarding the supplies made at Galle to the ship Zeeland. No. 137. Copy of received letters from the Cape of Good Hope of 10 July, 6, 20, and 30 September 1791. No. 138. Five copy reports regarding the examination of the cinnamon delivered. No. 139. Statement of provisions supplied to state exiles in the financial year 1789/90. No. 140. Monthly account of the main treasury of the financial year 1793/4. No. 141. Report of Commander Sluijsken of 19 March 1789 on a submitted justification of the Tuticorin Resident Mekern regarding the calculation of the coinage, the first lines of each entry of which were inserted into the resolution taken in the Council of Ceylon on 14 September 1789. 166. No. 142. Twenty-three discharge certificates of the soldiers of the Regiment de Meuron who are repatriating after completing their term of service. No. 143. Copy of reports received on the movements of the Kandians in a bundle according to the Register. No. 144. A sealed packet containing copies of separate letters from the Honorable Governor of Ceylon to the Honorable Supreme Government of the Indies in Batavia. No. 145. A packet from the Honorable Governor of Ceylon addressed to His Most Serene Highness the Lord Prince of Orange and Nassau. No. 146. A list with the corresponding separate map of the cinnamon gardens situated in the Aloetkoer Korle. No. 147. A ditto with the corresponding map of the cinnamon gardens situated in the Salpitty Korle. No. 148. A ditto with the corresponding map of the cinnamon gardens situated in the district of Kaltere. No. 149. A list with the corresponding map of the cinnamon gardens situated in the district of Pantere. No. 150. Answered requisition of return goods for the year 1792. No. 151. A sealed letter received from Bengal for the Honorable High Worshipful Lords Seventeen, placed under Bengal, but is duplicate. 167. No. 152. A sealed letter from the Church Council addressed to the Honorable High Worshipful Lords Seventeen. Delivered. No. 153. A ditto for the Reverend Classis in Amsterdam. Delivered. No. 154. A ditto for the Reverend Classis in Middelburg. Delivered. No. 155. A sealed letter from the Church Council addressed to the Reverend Classis in Rotterdam. Delivered. No. 156. Ditto ditto ditto ditto to the Reverend Classis in Delft, Delfland, and Schieland. Delivered. No. 157. A sealed packet containing: Original secret dispatch of the 30th instant addressed as in the heading of this document, with the corresponding enclosures; Original separate dispatch of the 30th instant addressed as above; Original general dispatch of the 30th instant addressed as above, with the corresponding enclosure. No. 158. A packet addressed to the Honorable Worshipful Lords Directors authorized for secret affairs in The Hague, for the Advocate Guepin. Delivered. No. 159. A packet addressed to the Honorable Worshipful Lords Directors for the Zeeland Chamber. Delivered. No. 160. A packet addressed to the Honorable Worshipful Lords Directors for the Amsterdam Chamber. Goes to Amsterdam. No. 161. Ditto for the Delft Chamber. Delivered; goes to Amsterdam. No. 162. Ditto for the Hoorn Chamber. Delivered; goes to Amsterdam. No. 163. Ditto for the Rotterdam Chamber. Delivered. No. 164. Ditto for the Enkhuizen Chamber. Delivered. No. 165. [illegible] No. 166. Copy of the general description of the transactions in this government.
Dutch transcription
164. dito N=o 124 korte sterkte van de bemanning van het schip Christophorus Colon „bus N=o 125 Kopia Berigten wegens de examinatie van ontfang de scheeps en Chirurgijns J„ „naalen van het schip Ch „tophorus Colombus. N=o 126 Kopia Gaalsche resolutie van den 25. deeze wegens de gedaane voor zie„ „ningen en verstrekkingen aldaar aan het schip T Meeuwtje N=o 127. Extrakt Missive de dato 29.' oktober 1791. v Paleakatta na Kolombo geschreeven, waar bij de Ministers toegezegd hebben eenige lijwaaten na Gale te zullen zenden, ter ver„ „zending na Nederland N=o 129. Eerste wissel verleend door den luijtenant ter zee kommandeerende 'slands Brik de Vlieg op den wel Edelen Gestrengen Heer M=r: Joan Graafland de Jonge, Heer van Schotervlieland, ontfanger generael bij het Edelmogend Collegie ter Admiraliteit te Amster„ „dam groot ƒ 156: 12. - om ses weeken na zicht te worden betaeld aan de wel Edele Achtbaere Heeren Bewind„ „hebberen ter Kamer Ams„ „terdam met de daar toe gehoorende advies brief. N=o 130. Eerste wissel verleend door en op als even groot ƒ 417: 7. — om als vooren teworden betaald met de daar toe ge„ „hoorende advies brief. monsters na Nederland wor„ „den verzonden van de ko„ „lombosche Dessaronij en van Trinkonomale N=o 128 Kopia lijsten van de houtwerken die tot glaese tregters en glaeze groene flessen met gem bodem aangebragt. N=o. No 165 ontfang No: 133. commercie N=o 132. Memorie van een assignatie alhier in triple verleend om in Nederland teworden betaeld groot ƒ75000. N=o 137. Kopia ontfangene brieven van Cabo de goede Hoop van den 10. Julij, 6: 20: en 30. september 1791. — N=o: 138 Vijf Kopia rapporten weegens de examinatie van de geleeverde Kanneel N=o 139 Aaawijsing van het verstrekte aan de N=o 134. Eijsch van benodigtheden voor dit gouvernement staatsbamnelingen in het boekjaar 17 89/90. N=o 135. Memorie van 2000. rd:s, die de verongelukte kapitein van het schip de verstelder, weever in de maand November 1782. te pinkonomale in skomp:s kas geteld heeft, om alhier Formulier van een quitantie die alhier dan den Hoofdadministrateur Raket verleend is aan de geenen die geld in kas geteld hebben om met believen van de Heeren Majores weder in Nederland te ontvangen. N=o 136 Kopia Gaalsche Resolutie van den 5. deezer van de te geele gedaane verstrekkingen aan het schip Zeeland. weder uitgekeerd teworden, en dewelke tans na Neder„ „land worden ten goede gebragt om aan de erfgenaamen van gem: kapitein voldaan te worden: N=o 140 Maandelijkse rekening van de groote geld kas van het boekjaar 179 /4. N=o 141. Berigt van den kommandeur sluijsken van den 19. ' Maart 1789. op een ingediende verantwoording Eerste wissel verleend door en op als even groot ƒ1036. 13. 8. om als vooren teworden betaeld, met de daar toe gehoorende ad„ „vies brief. weder van N=o: 131. 166 van het Jutukorijns opper„ soleijC: Een N=o: 151. onder Bengaale gebr: dog is Dupl drie en twintig verlof brieven van de Mili„ „tairen van 't regiment van Meuron die na uitge„ „diend verband repatrieeren. N=o 143 Kopia ontfangene berigten van de beweegingen der Kandiaanen in een bondel volgens het Register N=o 144 Een gesloote paket houdende kopia aparte brieven van den Heer Ceilons Gouverneur aan de Edele Hooge Indische regeering te Batavia. N=:o 145. Een paket van den Edelen Heer Ceilons gou„ „verneur beschreeven aan zijne doorlugtigste Hoogheid den Heere Prince van oranje en Nassau. verzonden No: 142. „hoofd Mekern nopens de bereekening der muntspecian waar van de eerste reegels van ider post geinsereerd zijn bij resolutie genoomen in raede van Ceijlon op den 14. 7ber: 1789. — N=o 148 Een d=o. met de daar toe gehoorende kaart van den kanneel tuijnen geleegen in het districkt van Kaltere N=o 149. Een Lijst met de daar toe gehoorende kaart van de kanneeltuijnen ge„ „legen in het distrikt van Pantere. N=o 150 Beandwoorden Eijsch van retouren voor den Jaere 1742. gesloote brief van Bengale ontvangen voor de Edele Hoog E Achtb: Heeren Zeeventienen. N=o 147. Een d=o. met de daar toe gehoorende kaart van de kanneel tuijnen geleegen in de salpittij korle. N=o 146 Een Lijst met de daar toe gehoorende kaart kaart apart van de kanneel tuijnen ge„ „leegen in de Alloet Koerkorle No: N=o 167 No: 158 bezergt bezorgt N=o: 159 de Hr Adwt Guepii N=o 153. Een d=o voor de Eerwaarde Klassis te Amsterdam bezorgt N=o 154. Een d=o - voor de Eerwaarde Klassis te Middelburg. N=o 155 Een gesloote brief van Kerkenraad beschree„ „ven aan de wel Eerwaarde klassis te Rotterdam ter Kamer Zeeland. do do do - do No: 162. aan de wel Eerwaarde klassis ter kamer Delft bezort gaat na Amsterdam te delft, Delftland en do d=o do. No: 163. Scheeland ter Kamer Hoorn bezort gaant na Amsterdam do d–o do d=o No: 164. ter Kamer Rotterdam. bezorgt do do do do — No: 165 ter kamer Enkhuijsen. bezorgt N=o 166. Kopia Generaele beschrijving van het ver„ „rigte in dit gouvernement d=o: 156 d–o d–o. d=o d=o origineele sekreete missive van den 30. deezer beschree„ „ven aan als in den Hoofde deezes, met de daar toe gehoorende bijlaagen, en Origineele aparte missive van den 30. ' deser aan als even gerigt. N=o 157. Een gesloote paket houdende. N=o: 152. Een gesloote brief van Kerkenraad beschreeven aan de Edele Hoog Agtb: Heeren Zeeventien origineele gemeene missive van den 30. deser aan als even gerigt met de daar toe gehoorende bijlaag. Een paket beschreeven aan de Edele Achtb: Heeren Bewindhebberen ge„ „magtigde tot de sekreete zaaken in sHage N=o 160 Een paket beschreeven aan, de Edele Achtb: Heeren Bewindhebberen ter gaat na Amsterdam kamer Amsterdam. N=o 161. do bezorgt do do — N=o. in bezorgt . do
English
A small case addressed to Mr. de Meuron, Proprietary Colonel of the Regiment of Meuron in Neuchatel in Switzerland. No: 167. To Zeeland. No 168. Two packets addressed to the Noble Respected Lords Directors of the Chamber of Amsterdam, mentioned Postal Boat, goes to Amsterdam. Colombo, 30 January A:o 1792. in the past year, addressed to the Noble High Indian Government at Batavia. Hijbrands First Clerk 168 Patria. No 1 To the Right Noble High Respected Lords Directors. At the Assembly of the Seventeen, Representing the General Dutch Chartered East India Company, at the Presidial Chamber within Middelburg. Right Noble High Respected Wise Prudent Most Generous Lords! The early return ship de Draak departed from Gale on 16 November last, and we take the liberty to present herewith to Your Right Noble High Respected Lordships the duplicates of our general and secret letters dispatched therewith, Zeeland. from Slingelandt of the 12th of said month. Since then, the ships Christophorus Columbus and 'T Meeuwtje have arrived here safely, the former on 2 December and the latter on the 7th of this month, with which we have had the honor to receive Your Right Noble High Respected Lordships' most revered Missives of 2 October 1790 and 31 March 1791. The report sent to us concerning the loading of the ships de Arend and Trinkonomale we have sent to Gale, with orders to the Master of Equippage there to exercise greater attentiveness in loading the Return ships, and carefully to keep in mind what nature and construction the ships are of. Likewise, we have issued the necessary orders here and at the subordinate offices to ensure and strictly see to it that the orders against carrying unpermitted goods on the ships are also strictly observed with regard to the packet boats. Pursuant to Your Right Noble High Respected Lordships' highly esteemed recommendation, we shall henceforth cease the provisions of foodstuffs for rations to the Servants, and allocate them an equivalent in money instead, of which we shall send an accurate statement to Your Right Noble High Respected Lordships at the first upcoming opportunity. The rations for the common soldiers, sailors, etc., however, we shall, according to Your Lordships' own permission, continue to grant in kind, because they receive nothing other than rice and arrack, and one could hardly obligate them to accept a fixed sum of money for that, especially not for the rice, since grains in this Government are sometimes very high in price. Our requisitions shall therefore also be arranged accordingly, and nothing therein shall be requested for trade, nor for rations for the Servants; although this will cause considerable inconvenience among the inhabitants, unless there might be private individuals in the Netherlands who dare to venture sending out for their own account the goods that are discontinued by the Company. The administrators in this Government have always kept accounts and books of their receipts and expenditures, from which the trade books have subsequently been drawn up. From these, according to the order of Their High Excellencies, the High Indian Government, a set shall henceforth be sent annually to the Chamber of Amsterdam, just as they have hitherto only been sent to Batavia. The blue booklet of requirements furnished to the ships that was sent to us, we shall take for our guidance, and dutifully comply with Your Lordships' recommendation to ensure that the equipment supplies are properly accounted for. The money chests sent from here by sea are always provided with buoy ropes. We have already informed Your Right Noble High Respected Lordships, in our respectful letter of 26 January 1789, that to the soldiers of the Regiment de Meuron who, having served their 5-year contract, wished to re-engage for 3 years, we had, on an equal footing with the national soldiers, granted an increase in pay of 2 guilders of 15 Indian stuivers each, and herewith the petition presented by Colonel de Meuron on that subject to Your Right Noble High Respected Lordships lapses; and as regards his complaint about the higher charge for the ducaton, we take the liberty to inform Your Right Noble High Respected Lordships that the same has always been issued here, and is still issued to this day, at 80 Indian stuivers, and that we have therefore also calculated the ducaton accordingly in the provisions to this regiment. What has further been written to us concerning this regiment, we shall take for our dutiful guidance. The aforementioned ship Christophorus Columbus, which according to the accompanying short muster-roll had sailed from Texel on 20 February with 357 head, arrived in False Bay on 17 June with 352 head, having had only one dead and four deserters who absented themselves at St. Jago. On 21 July the same departed from False Bay with 341 head, had four deaths underway, and arrived in the roadstead of Cochin on 7 November with 337 head, of which 108 sick were sent ashore there, namely 30 sailors, 63 national soldiers, and 15 of the Regiment of Meuron, all of whom were heavily afflicted with scurvy, except only 171.
Dutch transcription
Een kasje beschreeven aan den Heer de No: 167. Meuron Kolonel propriete na Zeeland van het regiment van Meu„ „ron te Neuchatel in Zwitserland N=o 168. Twee paketten beschreeven aan de Edele Posterij Achtb: Heeren Bewindheb„ „beren ter Kamer Amster„ gaat na Amsterdam „dam gem: P: B: Holombo Den 30. ' Januarij A:o 1742. in het gepasseerde Jaar, geaddresseerd aan de Edele Hooge Jndische Regeering te Batavia Hijbrands EColerk 168 Patria. No 1 Aan Den Wel Edele Hoog Achtbaare Heeren Bewindhebberen. Ter Vergadering van Zeventienen, Representeerende de Generaale Nederlandsche Foctroijeerde Oost- Indische Compagnie ter Precidiaale Kamer binnen Middelburg Wel Edele Hoog Achtbaare Wijze Voorzienige Zeer Genereuse Heeren! vroeg retour Schip de Draak is den 16 Novem „ber J: leeden van Gale vertrokken, en we neemen de Vrijheid de Duplicaaten van onze daar meede afgegaane gemene en Secreete brieven Zeeland. van vlingelandt in. 169 van den 12. van gem: Maand uwel Edele Hoog Achtbaare hiernevens aantebieden. zedert zijn alhier behouden gearriveerd de scheepen Christophorus Columbus en 'T Meeuwtje, heb eerste op den 2. December en het laatste den 7. dezer, waarmeede wij de eere hebben gehad te ontvangen uwer wel Edele Hoog Achtbaar zeer gevenereerde Missives van den 2. ' Oktober 1790. en 31. Maart 1791. 'T aan ons toegezonden berigt, wegens de belaa „ding van de scheepen de Arend en Trin„ Konomale, hebben we gezonden na Pale, met last aan den Equipagiemeester aldaar, om in het belaaden der Retour scheepen meer„ „der oplettendheijd te gebruijken, en zorgvuldig in 't oog te houden van wat aart en Con„ structie de scheepen zijn. Insgelijks hebben we hier en op de onderhoorige Cantooren de nodige orders gesteld, om te Zorge en naukeurig toetezien dat de orders, teegen het vervoeren van ongepermitteerde goede„ „ven met de scheepen ook stipt worden. geobserveerd omtrent de paket boots. Ingevolge uwer wel Edele Hoog Achtbaare zeer g'eerde aanbeveeling, zullen we voor„ „taan de verstrekkingen van provisien tot Randzoenen aan de Dienaaren doen ophouden, en hun daar voor een equiva„ „lent in geld toeleggen, waar van wij bij de eerst volgende geleegentheijd, eene accurate opgave aan uwel Edele Hoog Achtbaare zullen doen toe koomen. De randzoenen aan de gemeene militairen, zeevaarende Et:, zullen we egter, volgens hoogst der„ „zelver vergunning, in natura laaten doen, wijl deze niet anders genieten dan rijst en arrak, en men hun niet wel zoude kunnen verbinden daar voor en eene eene bepaalde zomme gelds te accepteeren, inzonderheyd niet voor de rijst, vermits de graanen in dit Gouvernement zomtijds zeer hoog in prijs staan. Onze Eijsschen zullen mits dien ook daar naar ingerigt, en daar bij niets voor den handel, nog tot randzoenen voor de Die„ naaren, worden gevraagd; hoe wel dit mer kelijke ongeleegentheid onder de ingezeete„ „nen zal veroorzaaken, indien er in Nederland geene particulieren mogten zijn, die 't durven hasarderen de goederen, die bij de Comp. e worden g'excuseerd, voor hunne reekening uijttezenden. De administrateurs in dit Gouvernement hebben al tijd reekeningen en boek gekou „den van hunne ontvang en uijtgaven; waar uijt vervolgens zijn opgemaakt de negotie boeken. Hier van zal, volgens de order van Hunne Hoog Edelheeden, de Hooge Indische Regeering, voortaan Jaar„ lijks een stel aan de Kamer Amsterdam worden gezonden, zodanig als ze tot nog toe alleen naar Batavia zijn gezonden. 'T aan ons toegezonden blaau boekje van de behoeftens, die aan de scheepen worden verstrekt, zullen wij tot ons narigt nee„ „men, en schuldpligtig voldoen aan hoogst derzelver recommandatie om te zorgen dat de Equipagie goederen behoorlijk. ver„ antwoord worden. De geld kisten die van hier over zee worden verzonden, worden altijd van boeireepen voorzien. We hebben uwel Edele Hoog Achtbaare reets, bij onzen eerbiedigen van den 26. Januari 1789. bedeeld, dat we aan de zoldaa„ „ten van het Regiment de Meuron, die de hun hun 5. Jaaren verband uijtgediend heb bende, zig op nieu voor 3. Jaaren wilde verbinden, gelijkstandig met de nationa „le zoldaaten, hadden toegelegd eene ver hooging in gagie van 2. guldens, van 15. „ „dische stuijvers ieder, en hier meede ver„ „vald het addres, door Colonel de Meuron daar over aan Uwel Edele Hoog Achtb gedaan; en wat aangaat zijne Klagte over de hoogere aanreekening van de ducaton, neemen we de vrijheid Uwel Edele Hoog Achtbaare te berigten, dat dezelve hier altijd is uijtgegeeven, en tot nog toe word uijtgegeeven, teegens 80. - Indische stuyvers en dat we ook daarom in de verstrekkingen aan dit regiment, de ducaton daar naar beree„ kend hebben. 'T geen verder ons nopens dit regiment is aangeschreeven, zullen we tot schul„ „dig narigt neemen. 'T voorschreeven schip Christophorus Colum„ „bus, dat blijkens de nevens gaande Korte sterkte, den 20. ' Februarij uijt Texel gezeild was met 357. Koppen, is den 17. Junij in de baaij fals gearriveerd met 352. koppen, heb„ bende slegts een doode gehad en vier deser„ „teurs, die zig te s=t Jago hebben geabsen„ „teerd. Den 21. Julij is het zelve van de baaij fals vertrokken met 341. Koppen, heeft onderweegs vier dooden gehad, en is den 7. November ter rheede van Koetsiem gearriveerd met 337. Koppen, waar van 108. Kan aldaar, aan de wal gezonden zijn, namelijk 30. Zeevaarenden, 63. na„ tionaale Militairen en 15. Van het Re„ giment van Meuron, die alle sterk met de scurbutie behebt waaren, behalven is alleen 171.
English
only 25 national soldiers, whom the ministers have requisitioned to reinforce their artillery, but whom they have promised us they will send back with the pepper ship. The aforementioned ship subsequently departed from Koetsiem on 16 November, and as stated here before, arrived here on 2 December with 229 heads, among whom were 139 seamen, 40 national military men, and 46 of the Regiment de Meuron, besides 4 passengers, being the ministers Arnold Engelbert van den Broek and Gerrardus Philipsz, and the assistants Jan Lambert van Buuren and Anthonij Theodoor Boogart, of whom the latter has already departed for Bengale, as he presented to us an extract from the resolutions of Your Right Honorable Worships of 11 August 1790, which showed that he had been engaged for the said directorate. The ship and surgeon journals kept on this vessel during the voyage, besides the notes of the weekly held meetings, have been examined by express commissioners, and according to the reports received thereof, which accompany this in copy, both the ship officers and the chief surgeon have properly observed their duty in everything and complied with the orders. This ship, according to the report of its captain, which is transmitted in copy among the appendices, did not encounter any shallows, reefs, etc., unknown to the Company charts on the voyage from the Netherlands to this place, and the provisions supplied in the Netherlands were all in good order, except that the hardtack was bad and moldy, and the peas were spoiled, which the captain maintains must be attributed both to the long stay of the ship in Texel and the subsequent protracted voyage, as well as to the heavy sweating in the hold caused by the exhalation of the laden masts and other goods. The consumption account and inventory of this vessel, regarding the provisions and further supplies received in the Netherlands and at the Caab de Goede Hoop, have been properly settled here according to the report of the First Examiner Issendorp, inserted in our resolution of 29 December last, which accompanies this in extract, by which Your Right Honorable Worships will see that we have made the ship officers account here for some surplus provisions and ship clothing, and on the other hand have permitted to be written off from the inventory various equipment goods, spars, and casks, which were consumed on board as well as requisitioned from the supplies of this ship at the Caab de Goede Hoop and here, and also that we have passed for writing off 2 heavy ropes, 1 legger of Cape wine, and 3 bags of peas, which, due to the protracted voyage, were taken from the cargo and employed for the use of the ship and crew. The captain of this vessel, by a petition inserted in our aforesaid resolution, requested compensation for some foodstuffs which, due to the long duration of the voyage, he had supplied to the crew from his own stores upon a decision of the Ship Council, a copy of which accompanies this; and since this provisioning is proven by a sworn statement, which also accompanies this in the original, and we have moreover considered that, humanly speaking, it is solely to be attributed to the good care and commendable foresight of the aforementioned captain that this ship, which was about 9 months on the voyage not counting the lay time in Texel and in the False Bay, had no more deaths than one between Texel and the Caab, and four from the Caab to Koetsiem, and that it was therefore fair that he should be indemnified in that regard; we have decided, subject to the approval of Your Right Honorable Worships, to grant his request, to have the supplied beer restituted to him in kind, and to have the amount of all the remaining goods, calculated according to the present market price here, credited to the pay account of Captain Louridsz, pending further disposition of Your Right Honorable Worships. The prices of these goods credited to the pay account are recorded in our resolution of the 12th of this month, of which an extract is likewise included among the appendices. The aforementioned Captain Lauridsz has submitted an account showing that the 200 Mexicans given to him in the Netherlands were entirely spent, mostly at St Jago.
Dutch transcription
172 alleen 25. nationaale zoldaaten, die de Ministers hebben geligt tot versterking van haare artillerij, dog die ze ons beloofd heb „ben met het peeper schip te zullen terug Zenden. Voormelde schip is vervolgens den 16: November van Koetsiem vertrokken, en gelijk hier vooren gezegt, den 2. Decem „ber alhier gearriveerd. met 229. Koppen, waar onder 139. Zeevaarenden, 40. nationale M „litairen en 46: van het Regiment van Meuron, nevens 4. passagiers, zijnde de predikanten Arnold Engelbert van den Broek en Gerrardus Philipsz:, en de assistenten Jan Lambert van Buuren en Anthonij Theodoor Boogart, waar van de laatste reets naar Bengale vertrokken is, wijl hij aan ons vertoond heeft een Extract uijt de Resolutien van uwel Edele Hoog Achtbaare van den 11. ' augustus 1790. , waar bij bleek, dat hij voor gemelde directie was aangenomen. De scheeps en Chirurgijns Joumaalen, die geduurende de rijze op deeze bodem ge„ houden zijn, nevens de aantekening van de weekelijks gehoudene vergaderingen, zijn door Expresse gecommitteerden, ge„ examineerd, en volgens de daar van inge„ koomene berigten, die dezen Copieelijk verzellen, hebben zoo wel de scheeps over„ heeden als de oppermeester, in alles hun pligt behoorlijk betragt, en aan de orders voldaan. Dit Schip heeft op de rijze uijt Nederland na herwaards, volgens berigt van dies Capitain, dat in Copia onder de Bijlaa„ „gen overgaat, geene by sComp=s Kaarten onbekende banken, Klipper etc=ne ontmoet, Achtbaare en en de in Nederland meede gegeevene pro „visien waaren alle goed en wel, uijtgezon„ „derd dat het hardbrood slegt en beschim„ „meld, en de Ervten aangeslagen waren, het gunt de Capitain sustineerd te moe „ten toeschrijven, zoo wel aan het lang leg„ „gen van het schip in texel, en de Zedert ge „had hebbende langduurige rijze, als aan de„ sterke broeijing in het ruim, door het uijt„ „wasemen der ingelaadene Masten en an„ „dere goederen. De consumtie reekening en inventaris van deezen bodem, wegens de in Nederland en aan de Caab de Goede Hoop ontvangen provisien en verdere behoeften, zijn alhier behoorlijk vereffend volgens het berigt van den Eersten visitateur Issendorp, geinse„ „reerd in onze Resolutie van den 29. ' Dec: JLeeden, die in Extract dezen verzeld, en waar bij uwel Edele Hoog Achtbaare zullen zien, dat we door de scheeps over„ „heeden hier hebben doen verantwoorden eenige overgeschotene provisien en scheeps Kleederen, en daar en teegen bij den In„ „ventaris laaten afschrijven diversche Equi„ „pagie goederen, rondhouten en vaatwer„ „ken, die zoo wel aan boord verbruikt, als aan de Caab de Goede Hoop en alhier uijt de behoeften van dit schip geligt zijn, zoo meede dat we ter afschrij„ „ving hebben gepasseerd 2. swaare touwen, 1 Legger Kaabsche wijn en 3. zakken Erwten, die mits de langduurige rijze, uijt de lading genoomen en tot gebruijk van schip en volk g'emploijeerd zijn. De Capitain van dezen bodem heeft bij een adcres, g'insereerd in voorsz: onze Resolutie, Vergoeding verzogt Voor eenige waar levensmiddelen levensmiddelen, die hij mits de langdeur rijze, uijt eijgen voorraad, op een besluijt van den Scheepsraad, waar van Copij dezen verzeld, aan het volk had verstrekt: en wijl deeze verstrekking beweezen is met eéne beeedigde verklaaring, die meede origine hier nevens gaat, en wij daar bij hebben overwoogen, dat het menschelijke wijze, alleen aan de goede zorge en prijse„ lijke voorziening van voorm: Capitain toe„ te schrijven is, dat dit schip, het welk on„ gereekend de legtijd in texel en in de banij Fals, omtrent 9. maanden op rijs geweest is, niet meer dooden heeft gehad, dan een tusschen Texel en de Caab, en vier van de Caab tot Koetsiem, en dat het mitsdien billijk was, dat hij daar omtrent schade„ loos wierd gesteld; hebben we op approbatie van Uwel Edele Hoog Achtbaare beslooten, zijn verzoek te akkordeeren, het verstrekte bier aan hem in natura te doen restitueeren, en het bedraagen van alle de overige goederen, gereekend op„ naar de tegenswoordige markts prijs al„ „hier, op de Zoldij reekening van Capi„ „tain Louridsz. te laaten bevoordee„ „len, tot nadere dispositie van uwel Edele Hoog Achtbaaren De Prijzen van deeze op de Zoldij Reekening be„ voordeelde goederen, staan vermeld bij onze Resolutie van den 12. dezer, waar van insgelijks, een Extract onder de Bijlaagen gevoegd is. Voorm: Capitain Lauriasz: heeft eene Reekening overgelegd, aanwijzende dat de 200. mexikanen, die hem in Nederland zijn meede gegeeven, geheel waaren uijtgegeeven, grootendeels te s=t beslooten Jago, 174.
English
175 Jago for purchasing refreshments, both for the lay days there and for the further voyage to the Cape of Good Hope, of which he nevertheless declared he could produce no receipt, because the purchases were made from time to time and in small lots from the native in the market: and because this was not only proven by a statement, which we caused to be sworn under oath and which accompanies this in original, but also his declaration, that no receipts can be obtained for such purchases, appeared very acceptable to us, we decided by our repeatedly mentioned Resolution of 29 December, subject to the approval of Your Right Honourable, to have the aforesaid 200 Mexicans written off. Furthermore, the repeatedly mentioned Captain complained to us that the visitor had reduced his gunpowder account, kept on the voyage from the Netherlands to this place, and for the salute shots, instead of the half load of powder entered for it according to old custom, had validated no more than one-third of the weight of the cannonballs, and this according to an order of the Honourable High Indies Government, which was said to have been received recently, but of which he, the Captain, declared he had had no knowledge, and that this order had also not been communicated to him by Your Right Honourable. We have therefore, according to our aforesaid Resolution of 29 December, authorized the visitors, in examining the gunpowder account of this ship, to conform to the orders that were observed in that regard prior to the receipt of the aforesaid Right Honourable Gentlemen's latest order, in which one-third of powder is determined for salute shots. Pursuant to the authorization obtained thereto from the Honourable High Indies Government, we designated this ship as a return vessel for the Amsterdam Chamber. Upon a requisition by the aforementioned Captain Lourids, which was examined and approved by our Master of Equipage, we have caused to be supplied to this ship, for making the return voyage to the Netherlands, such equipage and other goods as are more fully mentioned in our Resolution of 21 December last, an extract of which is included among the annexes to this: and the consumption account of the provisions that were supplied to this ship here has been properly accounted for at Galle, according to the report of the Galle Administrator Van der Spar, inserted in the servants' Resolution of the 23rd of this month, which accompanies this in extract. The ship 'T Meeuwtje, according to the accompanying short muster-roll, sailed from Texel on 3 June last, and arrived at the Cape of Good Hope on 29 August with 64 heads: from there it departed on 3 October with 112 heads, of which 2 mariners died during the voyage, and it thus brought 110 heads here, namely 55 mariners and 55 military personnel, among whom 1 national and 54 of the Regiment of Meuron. Furthermore, after the same was inspected by expressly appointed commissioners, such further provisioning and supplies were provided to this ship at Galle, as appears from the Resolution of the Galle servants of the 20th of this month, an extract of which is attached among the annexes. The Captain of this ship declared in a report, which is attached in copy among the annexes, that he had had no unusual encounters on the voyage, and had also found no significant discrepancies in the Company's sea charts, and likewise that the provisions received in the Netherlands were found to be very good, but that one barrel of meat which he had received at the Cape was found to be spoiled, as he thought, because the Cape salt was not as good as that from Europe. The ship's and surgeon's journals of this ship, together with the resolutions held on board, have been examined by expressly appointed commissioners, and according to the reports received thereof, which accompany this in copy, the ship's officers, as well as the chief surgeon, in all respects complied with the orders and their duty. The inventory of this ship, and the account of the provisions consumed on the voyage, have been examined by our first visitor, who submitted the report on that matter, which is inserted in our Resolution of the 17th of this month, an extract of which is transmitted among the annexes, and by which Your Right Honourable will see that we have decided to have the remaining provisions, Mexicans, and ship's clothes accounted for by the officers, and on the other hand to have written off from the inventory the ship's clothes, casks, spars, and equipage goods that were unloaded at the Cape and here, as well as consumed on board, besides the spoiled Cape salted meat, which was thrown overboard. The ship de Doggersbank, destined by Their High Honours as a return vessel, was sent on 28 November to Cochin to collect a cargo of pepper, and because until the 12th of this month we had received no report that the same had arrived at Galle, and were therefore apprehensive that it might arrive too late to serve as a return vessel, in which case we intended to employ the ship 'T Meeuwtje for that purpose, we therefore on the same day, as shown by the accompanying extract from our Resolution, decided provisionally to have prepared for that vessel the equipage goods that are usually supplied to a return ship and are mentioned in a requisition inserted in the aforementioned extract. The ship het Meeuwtje was consequently sent to Galle to be at hand in case the Doggersbank did not appear in time: it finally arrived at Galle on the 14th of this month, but because the Master of Equipage Aams, upon the question we had posed to him, which of these two ships could be ready first, so early that it could sail two or at most three days after the appointed sailing day
Dutch transcription
175 Jago tot het inkoopen van verversching, zoo voorde legdagen aldaar, als voor de verdere rijze na de Caab de Goede Hoop waar van hij nogtans betuigde geene quitan „tie te kunnen produceeren, wijl de inkoop van tijd tot tijd en bij Klijne parthijen, van den inlander op de markt was gedaan: en wijl dit niet alleen door eene verklaa„ „ring, die we hebben laaten b'eedigen en in Origineel dezen verzeld, beweezen wierd, maar ook zijne betuijging, dat van dier„ gelijke inkooping geene quitantien kunne worden bekomen, ons zeer aanneemelijk Voor quam, hebben we bij meerm: onze Reso „lutie van den 29. December, op approbatie van uwel Edele Hoog Achtbaare besloo „ten, de voorsz: 200. mexikanen te laaten afschrijven. Nog heeft meerm: Capitain zig byj ons bezwaard dat de visitateur zijne kruijt. „reekening, gehouden op de rijze uijt Ne„ „derland na herwaards, had gediminu„ „eerd, en Voor de Salut Schooten, in„ „steede van de daar voor naar ouderge„ woonte opgebragte halve lading Kruijt, niet meer gevalideerd dan een derde van de Zwaarte der Koegels, en zulx Volgens eene order van de Edele Hoog Indische Regeering, die onlangs zoude ontvangen zijn, dog waar van hij Capitein verklaarde geen kennis te hebben gehad, en dat hem ook deeze order door uwel Edele Hoog Achtbaare niet was ge„ „communiceerd. Wij hebben derhalven, blijkens onze voorsz: Resolutie van den 29. December, de visitateurs gequalificeerd, in het Examineeren van de Kruijtreeke„ ning van dit schip, zig te rigten naar bezwaard de 176 de orders, die daar omtrent zijn geobser veerd voor den ontvang van voorsz: H: Hoog„ Edelheeden Iongste order, waar bij voor de Salut schoten een derde Kruijt be„ paald is. Wij hebben dit Schip, ingevolge de daar toe bekomene qualificatie van de Edele Hoog Indische Regeering, aangelegd tot een retour bodem voor de kamer Am„ „sterdam. Op een Eisch van voorm: Capitain Lourid s: die door onzen Equipagiemeester g'exami„ „neerd en g'approbeerd is, hebben we aan dit schip, tot het doen der terug rijze na Neder„ „land, zodanige Equipagie en andere goe„ „deren laaten verstrekken, als breeder ver„ „meld staan bij onze Resolutie van den 21. ' December Jo Leeden, waar van Extract Onder de bijlaagen dezes overgaat: en zijn De Consumtie rekening van de provisien, die hier aan dit schip zijn verstrekt, is behoor„ „lijk te Gale verantwoord, volgens het berigt van den Gaalschen Administrateur Van der Spar, g'insereerd in der bedienden Resolutie van den 23. ' dezer, die in Extract dezen accompagneerd. 'T Schip 'T Meeuwtje is, blijkens de overgaan„ „de Korte Sterkte, den 3. Junij Pass=o uijt tevel gezijld, en den 29. augustus aan de Caab de Goede Hoop gearriveerd met 64. Koppen: van daar is het zelve den 3:' octob: Voorts aan dit schip te Tale, na dat het zelve ind door Expresse gecommitteerdens was opgenooren, zodanige verdere voorziening en verstrek„ kingen gedaan, als blijkt bij de Resolutie Van de Faalsche bedienden van den 20. dezer, waar van extract onder de Bijlaagen gevoegd Voorts Vertrokken is. Vertrokken met 112. Koppen, waar van op de rijs gestorven zijn 2. Zeevaarenden, en heeft het zelve dus hier aangebragt 110. Koppen, na„ melijk 55. Zeevaarende en 55. Militairen, waar onder 1. nationaale en 54. van het Re„ „giment van Meuron De Capitain van dit schip heeft bij een berigt, dat in Copij onder de Bijlaagen gaat, verklaard, dat hij geene bijzondere ont„ „moetingen op de rijze heeft gehad, en ook geene merkelijke verschillen in sComp. s Zee„ Kaarten had bevonden, zomeede dat de in Nederland ontvangene Provisien zeer goed bevonden waaren, maar dat een Vat Vleesch het welk hij aan de caab had ontvange bedurven was bevonden, zoo hij dagt, om dat het Kaabsch zout zoo goed niet w als dat van Europa. De scheeps en Chirurgijns Joumaalen van dit schip met de aan boord gehou„ „dene Resolutien, zijn door Expresse ge„ committeerden geexamineerd, en Volgens de daar van ingekomene rapporten, die in Copia dezen verzellen, hebben de scheeps overheeden, zoowel, als de opper„ meester, allezints aan de orders en hun pligt voldaan. De inventaris van dit Schip, en de reeke„ „ning van de op de rijs verkonsumeerde provisien, zijn geexamineerd door onzen eersten visitateur, die derweegens heeft ingediend het berigt, dat geinsereerd is in onze resolutie van den 17. dezer, waar van Extract onder de Bijlaagen over„ „gaat, en waar bij uwel Edele Hoog Achtbaare zullen zien, dat we be„ slooten hebben de overgeschotene Pro„ „visien, mexikanen en scheepskleederen, van door door de overheeden te doen verandwoorden, en daar en teegen bij den inventaris te laa„ „ten afschrijven de scheeps Kleederen, vaatwer„ „ken, rondhouten en Equipagie goederen, die zoo wel aan de Caab en alhier geligt, als aan boord verbruikt zijn, nevens het be„ duwven Caabsch gezoute vleesch, dat over boord geworpen is T schip de Doggersbank door Hunne Hoog Edelheeden tot een retour bodem bestemd, is den 28. November na Koet„ Siem gezonden ter afhaal van een lading Peper, en wijl wij tot den 12. ' dezer geen berigt hadden ontvangen, dat het zelve te Gale was aangekomen, en mits dies bedugt waaren dat het te laat mogte koomen, om tot een retour Bodem te kunnen dienen, in welk geval wij 't schip 'T Neeuwtje daar toe dagten te emploijeeren hebben we daarom ten zelven dage, blijkens nevens gaande Extract uijt onze Resolutie, beslooten, bij provisie voor dien bodem in gereedheijd te laaten brengen de Equipagie goederen, die gewoonlijk aan een Retour schip worden verstrekt en vermeld staan bij een in gem: Ex„ tract g'insereerden Eysch. 'T schip het Meeuwtje is mits dien naar Gale gezonden, om bij der hand te zin indien de Poggersbank niet in tijds -quam opdagen: 'T zelve is eijnde„ lijk den 14. dezer te Tale aangekomen, doch wijl de Equipagiemeester Aams, op de vrage die wij aan hem hebben laaten doen, welke van deze bijde scheepen het eerst zoude kunnen klaar komen, zoo vroeg tijdig, dat het twee of uijtten„ „lijk drie dagen na den bepaalden emploijeeren, zijldag
English
sailing day could still depart, having declared that the Meeuwtje can be ready sooner, we have designated this ship, instead of the Doggersbank, as a return vessel for the Zeeland Chamber. To this ship at Galle, after the same was inspected by an Expert Commission, such provisions and supplies have been furnished as appears from the Resolution of the Galle servants of the 25th of this month, of which a copy is attached among the enclosures hereto. Since we have up to now received no report that the Surat ship has arrived at Galle, we have ordered the servants to immediately have loaded aboard the ship Christophorus Columbus the available Madurese linens and further return goods, and subsequently to have the same fully laden with cinnamon and as much of the available pepper as is necessary for dunnage, with orders, however, that if in the meantime the Surat ship should arrive so timely that the Surat linens can still be loaded into the ship Christophorus Columbus, so that the ship can be fully laden at the latest by 2 February in order to be able to undertake the voyage on the morning of the 3rd, then also to have the Surat linens shipped therein, and consequently to detain this ship for that purpose for up to 2 days after the appointed sailing day; and also to act in the same manner if the Coromandel linens, which the Ministers promised us in their letter of 29 October last, an extract of which is included among the enclosures, are brought timely enough and consist of so many packages that it is worth the effort to detain the ship for that purpose for a couple of days at the most. We have furthermore instructed the servants, if the Surat linens, as aforesaid, are brought so timely that they can be loaded into the ship Christophorus Columbus, then to have shipped in the vessel the Meeuwtje the remaining linens, cinnamon, and pepper, provided that the Meeuwtje together with the ship Christophorus Columbus can be laden by the 2nd, in order likewise to be able to undertake the voyage on the 3rd of the coming month, as we have decided, should it become later, to abandon the dispatch of this small vessel to Europe, and to leave the remaining return goods until next November. We had initially decided to fix the departure of the Meeuwtje for the 6th, if it could not be ready earlier, but upon further reflection we have decided, as aforesaid, to fix the departure of that small vessel also for the 3rd. We have sent 19 samples of the usable sorts of timber found in the Colombo dissavony to Galle, to be dispatched to the Netherlands with the ships now departing, of which the list is transmitted among the enclosures hereto; and the servants at Galle have been ordered likewise to add thereto the samples of similar timber from the Galle Korle and from the Matara Dissavony. Also sent on this occasion are a sealed square small box from the first undersigned Governor, marked Ceylon medicinal seeds, to the Most Noble and Righteous Sir, Master Fredrik Alewijn, Burgomaster and Director at Amsterdam, and two oblong small boxes from the Jaffnapatnam Commander Raket, sewn in canvas, sealed and marked C. B. etc., inscribed Shells and addressed to the Noble-Born and Righteous Sir Carel Balthazar Willink, Councillor in the City Council of the City of Utrecht, and on its behalf Deputy to the General Audit Office, as well as Domain Councillor to His Serene Highness, the Lord Prince of Orange and Nassau at The Hague. We humbly request Your Right Honorable Worships that these small boxes may be favorably delivered according to their address. On this occasion we have granted passage to the Netherlands to the following persons, namely: To Captain in the Regiment of Wurttemberg Binder, who has taken his discharge from the said regiment. We have had three months' salary disbursed to him, on the condition that his successor shall receive nothing during that period. To Lieutenant in the Regiment de Meuron Grand Court, who likewise has taken his discharge from this regiment. To the little son of the Lieutenant Dessave at Matara Von Schuler, named Johan Hendrik, aged 7 years, for whom the transport and board money has been paid into the Company's treasury. The packet boat the Star and the State's brig the Vlieg, of whose arrival here Your Right Honorable Worships were informed in our respectful letter of 12 November last, returned shortly thereafter to Cochin. To the aforesaid packet boat, at the request of its commander, Captain-Lieutenant Zummack, such supplies of rations, medicines, equipment, and other goods have been furnished as are recorded in our Resolution of 10 and 23 August, 19 October, and 3 November last. Of the supplies furnished both here and at Tuticorin to the aforesaid State's brig, copies of the expense accounts are transmitted among the enclosures. The commander of this vessel, being the Lieutenant Mr. Zegers, has paid a part of these supplies in cash, and for the remainder has provided three bills of exchange in triplicate drawn on the Receiver of the Board of the Admiralty at Amsterdam, the first amounting to ƒ156:12:—, the second amounting to ƒ417:7:—, and the other amounting to ƒ1036:13:8, of which we have the honor to present herewith to Your Right Honorable Worships the first bills of exchange along with the accompanying letters of advice. Regarding the findings on the cargo discharged here from the ship Christophorus Columbus, we have disposed by our Resolution of
Dutch transcription
zijldag nog zoude kunnen vertrekken verklaard heeft, dat het Neeuwtje eerder kan klaar komen, hebben we dit schip in plaats van de Doggersbank, tot een retour bodem voor de Kamer Zeeland aangelegd. Aan dit schip zijn te Tale, na dat het zelve door eene Expasse Commissie wa opgenoomen, zodanige voorzieningen en verstrekkingen gedaan, als blijkt, bij de Resolutie van de Paalsche bedienden van den 25. deezer waar Van Copij onder de Bijlaagen deezes gevoegd is. vermits wij tot nog toe geen berigt hebben, dat het Souratsch schip te Pale aangekomen is, hebben we den bedienden aangeschreeven in het schip Christophorus Columbus ten eersten te laaten afscheepen de aanhanden zijnde Madureesche lijwaaten en verdere retouren en het zelve vervolgens te doen vollaa„ den met Kanneel en zoo veel van de aanhanden zijnde Peeper, als tot bestorting nodig is, met last egter om zoo onderwij„ „len het Souratsche schip zoo tijdig mogte aankomen, dat de Souratsche lijwaaten nog in het schip Christophorus Columbus kunnen worden afgelaaden, zoo, dat het schip uijtterlijk den 2. Fe„ bruarij Kan vollaaden zijn, om den 3. Smorgens de rijze te kunnen aantree„ „den als aan de Souratsche lijwaaten meede daar in te doen afscheepen, en mits dien dit schip daar toe nog 2. da„ „gen na den bepaalden Zijldag opte„ houden: en ook inzelver voegen te han„ delen in dien de Cormandelsche Lijwaa„ ten, die de Ministers ons hebben Madureesche toege zegden 180 toegezegd bij hunne brief van den 29. 8ber: pass:o waar van Extract onder de Bijlaagen gaat, tijdig genoeg worden al „gebragt, en uijt zoo. veel pakken be„ „staan, dat het der moeite waardig is om het Schip daar na uijtterlyk een Paar daagen op te houden. Wij hebben den bedienden daar bij ge„ last, indien de Souratsche lijwaa„ ten, gelijk voorzegt, zoo tijdig worden aangebragt, dat ze in het schip Chais tophorus Columbus kunnen worden afgelaaden, als dan in het schip 't Neeuwtje te laaten afscheepen de over schietende lijnwaaten, kanneel en peper, mits dat 't neeuwtje te ge„ lijk met het schip Christo„ phorus Columbus den 2= kan zijn belaaden, ten eijnde insgelijks den 3=de van de aanstaande maand de rijze te kunnen aantreeden, wijl we be„ slooten hebben, zoo het laater zoude moe„ „ten worden, van de zending van dit scheep„ „je na Europa aftezien, en de overschie„ „tende retouren te laaten leggen tot Novem„ „ber aanstaande. We hadden eerst beslooten het vertrek van het Meeuwtje te bepaalen op den 6. de zoo het niet eerder konde klaar koomen, dog bij nadere reflectie hebben we beslooten om als voorzegt het vertrek ook van dat scheepje te bepaalen op den 3. de We hebben 19. monsters van de bruijkbaare zoorten van houten, die in de Kolomboscha desjavonij vallen, naar Geele gezonden, om met de tans vertrekkende scheepen naar Nederland te verzenden, waar van de Lijst onder de bylaagen dezes overgaat; insgelijks en O 183 en zijn de bedienden te Tale gelast, daar bij ook te voegen de monsters van dierge„ „lijke houten, uijt de Tale Korle en van de Matureesche Dessavonij. Ook gaan bij deeze geleegendheid over een ver„ zegelde vier kante Kasje van den eerst ondergeteekenden Gouverneur, beschrewen Ceilonsche medicinaale zaaden aan den Hoog Edelen Gestrengen Heer M=r Fredrik Alewijn, Burger„ meester en Bewindhebbere te Amster „dam, en twee lang werpige Kasjes van den Jaffenapatnamschen Commandeu Raket, in Zijldoek benaaid, verzegeld en gem: C: B: &:, beschreeven Schulpa en geaddresseerd aan den wel Edele Ge„ booze Gestrengen Heer Carel Baltha „zar willing, Raad in de vroetschap der Stad Utrecht, en van wegens dezelve gedeputeerd ter generaliteids ree„ kenkamer, mitsgaders Domain raad van zijn Doorlugtige Hoogheid, den Heere Prince van Oranje en Nassauw te 's Hage. We verzoeken uwel Edele Hoog Achtbaare nedrig, dat deeze Kasjes gunstiglyk mogen worden afge„ geeven, volgens derzelver addres. Bij deze geleegendheijd hebben we Transport naar Nederland geaccordeerd aan de vol„ „gende Perzoonen, namelijk: Aan den Capitain in het Regiment van Wurtemburg Binder, die zijne demissie van gem: Regiment heeft genoomen. Wij hebben aan hem drie maanden appo„ inctementen laaten verstrekken, onder conditie dat zijn opvolger geduurende dien tijd niets zal genieten. Aan den Luitenant in het Regiment de dezelve Meuron Meuron Grand Court, die insgelijks zijne demissie van dit regiment heeft genoomen Aan het Zoontje van den Luitenant Des„ „save te Nature van Schuler, genaamt Johan Hendrik, oud 7. Jaaren, waar Voor het Transport en Kostgeld in sComps Cas voldaan is. De Paket boot de Star en slands brik de Vlieg, van welker arrive alhier aan uwel Edele Hoog Achtbaare Ken„ „nis gegeeven is bij onzen eerbiedigen van den 12. ' November Pass=o, zijn kort daar aan weder naar Koetsiem terug gekeerd. Aan voorm: Paket boot zijn op het ver„ zoek van dies Gezagvoerder, de Capitein luitenant Zummack, zodanige ver„ strekkingen van randzoenen, medicamen„ ten, equipagie en andere goederen gedaan, als vermeld staan bij onze Resolutie van den 10. en 23. Augustus 19. Oktober en 3. November JLeeden. Van de verstrekkingen, die zoo hier als te Tutukorijn gedaan zijn aan voorm: slands brik gaan de Copij onkost reekeningen on„ „der de Bijlaagen over. De gezagvoerder van dit vaartuijg zijnde de luijtenant de Heer Zegers, heeft een gedeelte dezer verstrek kingen Contant voldaan, en voor de rest drie twee wissels in triplo op den ontvanger van het Collegie ter admiraliteit te Amsterdam verleend, de eene groot ƒ156:12. —, de tweede groot ƒ 417: 7. —. en de andere groot ƒ1036:13. 8. , waar van wij de eere hebben de eerste wissels met de daar toe gehoorende advis brieven, uwel Edele Hoog Achtbaare hiernevens aante bieden. Op de bevinding van de alhier uijtgeleeverde lading van het schip Christophorus Colum„ „bus, hebben we gedisponeerd bij onze van Resolutie 182