VOC English

Dutch East India Company records, translated and anchored to the scan.

Inventory 3927

Ceylon · 804 pages · 470 segments · open at the Nationaal Archief ↗

NL-HaNA_1.04.02_3927_0738 view scan ↗

English

109 The 25th of April 1791. certain piece of land to separate letter of the 31st of August 1784 written to the late Lord Governor Falck. 2. That from the said letter it further appears that the Maha Mudaliyar, in his offer thereto, bound himself to nothing more, nor to anything else, than to refund to the Company everything that should be issued upon his proposals and receipts, whether in cash or in goods, for the service of this undertaking, if after the expiration of five years it should be found that this work had not answered to expectations, and consequently it were judged that it was not convenient for the Company to continue having it carried on for its account; provided that, on the other hand, there should be ceded to him in ownership the lands which he should then have caused to be made suitable for sowing for the account of the Company, under the payment of the customary duty of one-tenth of the crop. § 3. That this therefore is the principal matter which, according to the intention of Their High Mightinesses, must be investigated and decided, and that for this, as was noted in the aforesaid resolution of the 12th of this month, neither Captain-Lieutenant Toenander, nor the Maha Mudaliyar or anyone on his behalf, is necessary. 1. That the mandate of Their High Mightinesses to conduct this investigation, and further to inform their Highest Selves of all that the Lord Commander Sluysken shall further judge necessary to note, to assume such servants as he shall judge serviceable, as speaks for itself, extends only to the servants stationed in the Galle Commandement, and that one cannot doubt that there are among these several very capable of giving His Honour all such elucidation and information as he shall judge necessary for his better instruction in this matter, in so far as the Lord Commander himself cannot benefit things. And it is therefore approved and agreed to communicate these remarks to Galle, with orders that, if the Lord Commander Sluysken should nevertheless think that among all the servants in the Galle Commandement there are none whom His Honour judges suitable enough for this, to specify that further, and then also specially to point out what operations they actually are for which none of the servants in the Galle Commandement must be deemed sufficient to enable him to satisfy the purpose of Their High Mightinesses, as well as what the matters are on which the Maha Mudaliyar would have to answer, and for which consequently his presence, or the sending of someone on his behalf, would in His Honour's judgment be necessary; with orders to answer this with the utmost speed, without this in the meantime being permitted to hinder the immediate execution of the order of Their High Mightinesses, the execution of which will be further recommended to him. Was read a translated report received from Galle of native commissioners and the bookkeeper Baptisz, who have inspected the ratmaherregies land named Haldollewielle, situated in the village Oenanwitie, annex Oezelle, under the Gangabaddepattoo, The 21st of April 1791. Gangabaddepattoo, which the bookkeeper Jacob Hendrik Baptisz has requested in ownership in order to have it made suitable as a sowing field, being in size about 7 amunams of paddy sowing; and since according to this report, apart from eight young cinnamon trees, no timbers were found on the said rush land that can be used for the service of the Company, it is approved and agreed to qualify the servants at Galle to issue the said rush land to the petitioner under the customary conditions. Thus done and resolved in the Castle of Colombo on the day, month, and year aforesaid. Was signed: W: J: van de Graaff, M: P: Raket, D: C: van Drieberg, D: T: Fretz, C: van Angelbeek, I: Runtous, B: L: van Zitter, and J: A: Vollenhove. The 21st of April 1791. The Honourable Matara Dessave The Honourable The Honourable Colonel The Honourable The Honourable First Warehouse Keeper The Honourable Fiscal what to the retinue of the clergymen when they go into the country, and Company on account of the heavy grievances the inhabitants of the Colombo Corles, who recently behaved rebelliously, have brought forward concerning the providing of provisions to their Reverences when going into the country to conduct the school visitation and, they being declared free from those provisions, which are more or less oppressive to them, by the Lord Governor for the future: It is, in order to indemnify the retinue of the clergymen when they go into the country, in accordance with the proposal of the Honourable Dessave Fretz in his letter of the 11th of this month, approved and agreed that henceforth to each servant who goes with the clergymen into the country, there shall on the part of the Company be provided nothing else than salt and pepper, and to Diderich Carl von Drieberg Johannes Reintous Benedictus Lambertus van Zitter Samlant Abraham Johannes Adrianus Vollenhove, present Diderich Thomas Fretz Mr. Christiaan van Angelbeek Gerrit Engel Holst, the first and last due to indisposition, and the second on board the ship Demerarie. Right Honourable Lord Governor Willem Jacob van de Graaff, Administrator Mattheus Petrus Raket, Friday the 29th of April 1791. The 6th Trade Bookkeeper Secretary The Honourable Dessave The Honourable Pay Bookkeeper present than one and a half stivers, and to the other

Dutch transcription

109 Den 25. April 1791. zeker stuk grond aan aparten brief van den 31. aug„s 1784. aan den hoog „zaaligen Heer Gouverneur Falck geschreeven. 2:/ Dat bij gemelden brief voorts blijkt, dat de Mahamodliaar, bij zijne aanbieding daar toe„ zig tot niets meer, noch tot iets anders ver„ „bonden heeft, dan om aan de Comp:e te restatu eeren alle het geene, dat op zijne voorstellen en quitanties, het zij in Contant of in goede „ren, ten dienste van deeze onderneeming zoude worden afgegeeven, indien na verloop van vijf Jaaren mogte worden bevonden, dat dit werk niet hadde beandwoord aan de ver„ „wagting, en dienvolgens wierde g'oordeeld, dat het aan de Comp„e niet Convenieerde, om het bij voortduuring voor haare reeke¬ „ning te doen voortzetten, mits dat daar en tegen aan hem in eigendom zouden worden af„ „gestaan de landen, die hij dan voor reeke„ te „ning van de Comp:e, ter bezaaijing zoude hebben laaten bequaam maaken, onder het betaalen van de gewoone geregtigheid van een tiende van 't gewas § 3/. Dat dit dus het hoofdzaakelijke is, wat vol„ „gens de intentie van Hunne Hoog Edelheeden moet worden onderzogt en beslist, en dat hier toe, zoo als bij voorsz: resolutie van den 12. deezer aangemerkt is, nog de kaptein luijtenant Toenander, noch de maha modliaar of iemand zijnent weegen, nodig ik 1: Dat de last van Hunne Hoog Edelheeden, om tot het doen van dit onderzoek, en om hoogst dezelven voorts te informeeren van al het geen de Heer kommandeur sluijsken verder nodig zal oordeelen te noteeren, te assumeeren zulke dienaaren als hij dienstig zal oordeelen, zich zoo als dat van zelve spreeken afte geeven alleen uitstreekt over de bedienden beschijden in het gaats Commandement, en dat men niet kan twijffelen zijn er- onder deeze verscheiden zeer in staat„ dingen niet bevoordeelen kan, aan zijn E: te geeven alle zodanige elucidatie en onder„ „rigting, als hij zal oordeelen tot zijne beetere onderrigting in deezen nodig te hebben. En is derhalven goedgevonden en verstaan ve„ deeze aanmerkingen te bedeelen na Gale, met aanschrijvens, om, zoo nogtans de heer Com„ „mandeur sluijsken mogte meenen, dat 'er onder alle de dienaaren in het gaals Comman„ „dement geene zijn, die zijn E: daartoe ge„ge„ „schikt genoeg oordeelt, dat nader opte „geeven, en dan ook speciaal aantewijzen, welke verrigtingen het eigentlijk zijn, waartoe geene der dienaaren, in het gaalsch Commandement moeten g'acht worden supficient te zijn, om hem in staat te 19 stellen, om aan het oogmerk van Hunne C Hoog Edelheeden te voldoen, als meede wat het voorzaaken zijn, waar op de mahamo„ „dliaar zig zoude moeten verandwoorden, en waar toe mids dien zijne presentie, of het zenden van imand zijnent weegen, naar zijn E: oordeel, zoude noodig zijn: met last om hier op ten spoedigsten te andwoorden, zonder dat dit intusschen zal mogen verhinderen de dadelijke uitvoering der order van Hunne Hoog Edelheeden, waar van de Exelutie den zelven nader zal worden aanbevoolen. Is geleezen een van Gale ontvangen trans„ den boekhouder Baptikslaat rapport van inlandse gecommitteerdens en die bezigtigd hebben het RatmaherreGies, „land gen:t Haldollewielle, geleegen in het dorp oenanwitie, annex oezelle onder de Gange„ om in zoo verre de Heer Commandeur zelve die Den 21. April 1791. „baddepattoe 1 1 Aand „lofte „kret moog zijne 5 Den 21. April 1791. 2 „wat aan het gevolg vande ki predikanten wanneer d tot het doen der Prooloisitie Den E: Malureesche Dessave Den Wel Edele baddepattoe, het welk de boekhouder Jacob Den Hendrik Baptisz in eigendom verzogt heeft, Conel Den om tot een zaaijveld te laaten bequaam maaken zijnde groot omtrend 7. amm:s nelie zaaijens: Den E. en wijl volgens dit rapport op gem: biesland, behalven agt Jonge kanneel boomen, geen hout „werken zijn gevonden, die ten dienste van de komp:s kunnen worden gebruijkt, is goedge „vonden en verstaan den bedienden te Gale te qualificeeren, om gemelde biesland, onder de gewoone Conditien, aan den verzoeker afte geeven. Aldus Gedaan ende Geresolveert in het kasteel kolombo ten dage maand en Jaare voorsz: (:was geteekend:/ W: J: van de Graaff„ M: P: Raket, D: C: van Drieberg, D: T: Fretz, C: van Angelbeek, I: Runtous, B: L: van Zitter, en J: A: vollenhove, Den E: Eerste Pakhuismeester Dez E fiskaal ee het land gaan, en Comp uijt hoofde van de hevige beswaarensen de ingezeetenen van de kolembos in 't land gaan is toegeleg Corles, welke onlangs zich wederhorrig hebben, ingebragt hebben, over gedraagen bezorgen van mondbehoeften aan hun eerw: tot het doen der Schoolvisite en den 11. dezer, voortaan aan ider kan„ het land gaan, zij van die verstrekkingen, de welke min of meer voor hen drukkende overeenkomstig het voorstel van het gevolg van de predikanten, wanneer „staande vrij gekend zijnde: Is om de st, zout en peper daaromtrent scha loos te stellen, goedgevonden en verstaan, den E: dessave Fretz bij desselfs brief van zijn, door den Heer Gouverneur voor den aan„ dienstelingen, die met de predikanten wegen niet ders verstrekt krijgen dan wat Diderich Carl von Drieberg Johannes Reintous Benedictus Lambertus van Zitter Samlant Abraham Johannes Adrianus Vollenhove, 1 p Zent Diderich Thomas Fretz M:r Christiaan van Angelbeek Engel Holst, de eerste en laaste mits indispositie, en de tweede na boord van het Gerrit Groot achtb: Heer Gouverneur Willem Jacob van de dministrateur Mattheus Petrus Rakit, Vrijdag den 29. April 1791. - 1 - 5 lofte kret moog zijne stuk 6 ƒ 1 schip : - 5 1 - 5 Den 6:e Negotie boekhouder kretaris Den E: Dessave den E: zoldij boekhouder 1 Demerarie. 1 a EveZent 11 dan een en een halve stuijver, en aan der

NL-HaNA_1.04.02_3927_0740 view scan ↗

English

113 The 29th of April 1791. to allow one stuijver per day to be provided to the castoryn and coolie for the purchase of side dishes, and five ridx. per month to the school tombo keeper, all solely for the days that they are actually in the countryside; and the school tombo keeper shall, after the conclusion of each school visitation, deliver a list to the Minister to be presented to the Governor, showing which and how many servants have served on each tour, and how many days they have spent in the countryside. Read a report from the junior merchants Williamsz: and van Hek, who, pursuant to the resolution of this Government of the 8th of March last, investigated the extent to which the grievance of the farmers of Karretje mentioned in the aforesaid resolution, against the execution of the plan of Captain Lieutenant Foenander for the improvement of the old and the construction of new tanks in the said district, can be considered the general sentiment of the inhabitants; upon which report the Jaffna servants, by their resolution of the 8th of this month, resolved to propose to this Government to halt the execution of the aforesaid plan on account of the general aversion of the farmers. Also read a translation, received alongside a Jaffna letter of the 14th of this month, of an ola written by the farmers of Karretje, wherein they complain about the demand of 20 per cent for dues on the crop of their fields, instead of the customary levy of 10 per cent, in which the servants further reported that the Honorable Disawe Schreuder declared that His Honor waives the accepted farming-out concerning the aforesaid district, because very many obstacles arose against the execution of the plan. And whereas, upon the private report received concerning the great aversion of the farmers against the execution of the plan of Captain Lieutenant Foenander, the Jaffna servants have already been ordered by letter of the 16th of this month to cause that work to cease, and consequently to excuse the collection of the double tithes of the paddy crop: It is approved and understood to persist therein, and as a consequence thereof to discharge the Honorable Disawe Schreuder from his undertaking to execute the aforesaid plan. Read a Jaffna resolution of the 11th of this month, whereby the servants, pursuant to the resolution of this Government of the 26th of February last, determined the stamp duty and fee for the title deeds granted to the Vanni inhabitants for their lands. And in consideration that this determination is moderately set and corresponds closely enough with the proposal of Captain Land-Regent Nagel: It is approved and understood to approve the said resolution. The 29th of April 1791. Thus done and resolved in the Castle of Colombo on the day, month, and year aforesaid. (Was signed:) W: van de Graaff, M: P: Raket, D: von Drieberg, J: Reintous, B: L: van Zitter, A: Samlant, and J: A: Vollenhoven. On account of the remarks appearing in the Galle letters of the 12th of January and the 30th of March last concerning the conduct that the first sworn clerk Sybrands was alleged to have maintained at Matara, a report of his proceedings there having been demanded from the said first clerk by the Governor, and the following petition having been submitted by him thereupon: Wednesday the 4th of May 1791. 115 Present: The Right Honorable Governor Willem Jacob van de Graaff; The Honorable Colonel Diderich Carel van Drieberg; The Honorable Disawe Diderich Thomas Fretz; The Honorable Matara Disawe Mr. Christiaan van Angelbeek; The Honorable Secretary Benedictus Lambertus van Zitter; The Honorable Trade Bookkeeper Abraham Samlant. Absent: The Honorable Chief Administrator Mattheus Petrus Raket; The Honorable Pay Bookkeeper Gerrit Engel Holst; The Honorable First Warehouse Master Johannes Reintous; The Honorable Fiscal Mr. Johannes Adrianus Vollenhove; the first and last at the Court of Justice, the second indisposed, and the third in the meeting of the Masters of the Orphan Chamber. To

Dutch transcription

113 Den 29. April 1791. van williamsen van van 't plan van Toeman „der „naze resolitie weegens de gemaakte bepaaling omtrend 't zegel en sala„ bewijsen der Caslorijn en koele een stuijver 'sdaags te laaten. verstrekken, tot het opkoopen van toespijs, nog aan den schooltombohouder vijf zijd 'smaands, alles alleen voor de dagen dat werkelijk in het land zijn: en zal de school„ tombehouden naa het afloopen van elke schoolvisite, eene notitie moeten overgeeven aan den Predikant, om aan den Heer Gouverneur te worden gepresenteerd, aanwisende welke en hoe „veel dienstelingen op ider tocht gediend hebben Is geleesen een bericht van de onderkooplieden wil„ dispositie op een berigt „ llamsz: en van Hek, die ter voldoening aan het besluijt wek die onder zogt hebbende zer Regeering van den 8. Maart J:o leeden, onderzogt de berzwaarnis van de hebben in hoeverre de bij voorschr: resolutie ver landbouwers van karrel„ melde beswaarnis van de landbouwers van kar „je tegen de uijtvoering retje, tegen de uijtvoering van het plan van den Capitain luijtenant Toenarden ter verbie„ „tering van de oude en tot het aanleggen van nieuwe tanken in gemelde landschap, kan worden geacht het algemeen gevoelen van de ingezeetenen te zijn, en op welk bericht de Jaffanasche bedienden, bij hunne resolutie van den 8. deezer besloten hebben; aan deeze Regeering voorte stellen, om wegens den algemeenen tegenzin van de landbouwers, de uijtvoering van het voorschr: plan te doen staaken. Nog is geleesen een nevens Jaffanasche brief van den 14. deezer, ontvangene translaat van een ola, door de landbouwers van kar„ „retje geschreeven, waarbij ze zich beswaa„ „ren over de vordering van 20: p:r C.:o, voor gerechtigheid van het gewasch van hunne velden, insteede van de geweone Bezoigne over Jaffanapatnam kiffing van 10. prC: o, waar bij de bedien„ en hoeveel dagen zij in het land hebben doorgebragt. afziet van de geaccepteerde admodiatie, betreffende het voorschr: landschap, wijl niet er tegen de uijtvoering van het plan„ 6 En wijl er reets, op het bekomen particulier bericht van den grooten tegenzin der land, bouwers, tegen de uijtvoering van het plan van den Capitain luytenant Foe „nander, de Jaffanasche bedienden bij brieve van den 16. deezer gelast zijn, om dat werk te doen staaken, en mits dien de invordering van de dubbelde schreuder te ontslaan van zijne aan s geleesen eene Jaffanasche resolutie van den approbatie eener Jaffa„ 11. deezer, waar bij de bedienden, ter voldoe„ „ning aan het besluijt deezer Regeering van den 26. februarij J:o leeden, hebben bepaald het ris voor zekere aigendooms zegel en salaris voor de eigendoms be„ „wijsen, die aan de wannische ingezee„ „paaling maatig genomen is, en na genoeg overeenkomt met het voor excuseeren: Is goedgevonden en ver„ En is uijt aanmerking dat deeze be stel van den Capitain landregent Nagel, zich zeer veele obstalalen op deeden. schreuder heeft verklaard, dat zijn E tienden van het neli gewasch te „tenen voor hunne landerijen worden verleend. „staan daar bij te persisteeren, en als een gevolg van dien den E: dessave „neeming, om het voorschreeve plan te executeeren. Den 29. April 1791. goedgevonden ƒ den den nog hebben bericht, dat de E: Dessave 1. dispositie op het addres van den eersten klerk. Den 29. April 1791. goedgevonden en verstaan gemelde reso„ „lutie, te approbeeren. Aldus Gedaan ende Geresolveert in het kasteel kolombo ten dage maand en Jaare voorsz: /:was geteekend:/ W: van de Graaff M: P: Rakel D: von Driberg J: Reintous, B: L: van Zitter, A: Samlant en J: A: vollenhoven Uit hoofde van de aanmerkingen, die voorkomen bij de gaalsche brieven van bijbrands nopens sijn den 12. Januarij en 30:' Maart Jongst verwugtingen te Mature „ leeden, nopens het gedrag, dat de eerste gezw: klerk Zijbrands te Mature zoude gehouden hebben, door den heer Gouverneur van gemelden eersten klerk bericht van zine - 1 2 verrichtingen aldaar ge¬ vorderd en daarop door hem ingediend zijnde het onder „volgende addres. Abzent Den E: Hoofdadministrateur. - Mattheus Petrus Raket, Den E: zoldij boekhouder Gerrit Engel Holst Den E: Eerste Pakhuismeester Iohannes Reintous Den E: fiskaal M:r Johannes Adrianus Vollenhove, de eerste en laatste bij de Justitie, de tweede indispoost en de derde in de vergade„ „ring van Boedelmeesteren. Prezent den wel Edelen Groot achtb: Heer Gouverneur Willem Jacob van de Graaff de Den E: Colonel Diderich Carel van Drieberg niet Den E: Dessave Diderich Thomas Fretz Den E: Matureesche Dessave M:r Christiaan van Angelbeek, Den E: Sekretaris . Benedictus Lambertus van Zitter; Den E: Negotie boekhouder Abraham Samlant. oe Woensdag den 4. Maij 1791. 115 2 Aan

NL-HaNA_1.04.02_3927_0742 view scan ↗

English

337 The 4th of May 1791. The 4th of May 1791. To the Honorable, Most Worshipful Lord Willem Jacob van de Graaff, Ordinary Councillor of the Dutch Indies, Governor and Director of the Island of Ceilon with its dependencies Honorable, Most Worshipful, High Ruling Lord Notwithstanding that the Honorable Worshipful Lord Commander and Council at Gale, upon the further inquiry made by the revered government of Ceylon by letter of the 27th of March last for an explanation regarding their Honors' remarks in their letter of the 12th of January of this year, namely that the conduct of the undersigned, first sworn clerk of police here, during his presence at Mature in the commission assigned to him by Your Honorable Most Worshipful to assist the Landraad members there as scribe, had contributed not a little to inspiring disquiet among the inhabitants regarding the observance or non- observance of the general pardon, with orders to indicate clearly and plainly therein in what manner the undersigned had personally misbehaved, by letter of the 30th of March, have testified: that their Honors' communication was by no means intended to judge the undersigned personally, as their Honors know no better than that the undersigned's moral character deserves the esteem of all who knew him; that their Honors only believed that it was not well-conducted behavior that the undersigned directed the inquiry at Mature, that he appeared precisely at Mature, followed by the Governor's guard of lascars, of which the accused Maha Modliaar is the assigned chief, 118 119 The 4th of May 1791. and that he subsequently took the trouble to go in person to the houses of some native chiefs, it has nevertheless pleased Your Honorable Most Worshipful to order the undersigned to report what his proceedings at Mature have been. To dutifully comply with this esteemed order, the undersigned takes the liberty most respectfully to inform Your Honorable Most Worshipful hereby: That by order of Your Honorable Most Worshipful he departed for Mature to assist the two Landraad members there, to whom the inquiry had been assigned, as official scribe. That the day after his arrival there, the native chiefs mentioned in the secret resolution of the 27th of November last were questioned by the Lieutenant Dissava van Schuler, in the presence of the Landraad members Hendrik Brinkman and August Christiaan Anthon van Ranzou (in the absence of their fellow member Lieutenant Beijer, who had otherwise been appointed to the inquiry), whether they consider themselves innocent and consequently desire that the charges brought against them be investigated, or whether they wish to be included in the general pardon and consequently claim the same; on which occasion the undersigned held the pen and kept record of what transpired. That when the Attepattoe Modliaar Hangakoon and the Mohandiram of the four gravets Bandernaijke were unable to appear due to illness, the Lord van Schuler, in order to give this investigation a speedier progress, commissioned the aforementioned Landraad members, together with the undersigned, to go to the houses of the aforementioned two native chiefs and put to them the same representations and questions as were put to the others, which was done. The undersigned declares never to have gone to anyone otherwise. That since then the inquiry was commenced by the Landraad members, Lieutenant Beijer and the bookkeeper Brinkman, on the 21st of December and continued until the 25th of January, during which the undersigned did nothing other than what his duty as official scribe entailed, namely to record what the declarants stated, to make depositions thereof, of the native chiefs at Mature The 4th of May 1791. immediately to be E 8 e 60

Dutch transcription

337 Den 4. Maij 1791. Den 4. Maij 1791. Aan den Wel Edelen Groot achtb. Heer Willem Jacob van de Graaff, Raad ordinair van Nederlandsch Jndia Gouverneur en Directeur van het Eijland Ceilon met dies onderhorigheeden Wel Edele Groot Achtb. Hoog Gebiedende Heer Niettegenstaande de Edele Achtb. Heer kommandeur en Raad te Gale, op de gedaane nadere vraage door de geveneerde zulonsche regeering bij brief van den 27. ' Maart Jongstleeden om eene verklaring nopens hun E: aanmerkingen bij derzelver brief van den 12. Januarij dee„ „zes Jaars, dat namentlijk het„ gedrag van den ondergeteken „den eerste geswoore klerk van politie alhier bij desselfs aan„ „weezen te Mature in de hem opgedragene Commissie door uwel Edele Groot achtbaere om de landraadsleeden aldaar als pennevoerder te assisteeren, niet wijnig zoude hebben toegebragt om de ingezeetenen ongerustheid inte boe „zemen over het houden of niet houden van het generaal pardon, met last, om daar bij duidelijk en onbewimpeld aan tewijzen waarin de ondergetekende zig perzoneel kwalijk zoude hebben gedraagen, bij brief van den 30. Maart, heb„ „ben betuijgd: dat hun E: aanschrij „ving geenzints bedoelde om den ondergetekenden perzoneel te beoordeelen, wijl hun E: niet beter weeten of des ondergeteken„ „den zedelijk Caracter verdiend de achting van alle wilden kenden; Dat hun E: alleen vermeenden dat het geen wel bestierd gedrag was, dat de ondergetekende het onderzoek te Mature bestierde dat hij zig Juijst te Mature ver„ toonde, gevolgd door 's Gouver„ neurs garde laskorijns, waarvan de beschuldigde Maha Modliaar opgedragene Hoofd 118 119 Den 4. Maij 1791. hoofd is, en dat hij zig vervolgens de moei gaf om zelfs ten huijze van eenige in„ „landse hoofden te gaan, heeft het ui wel Edele Groot achtb: nogtans be„ „haagt den ondergetekenden te ge„ „lasten om te berichten wat zijne ver„ „rigtingen te Mature zijn geweest Om aan deeze g'eerde ordre pligtschul„ „dig te voldoen, gebruijkt de ondergete„ kende de vrijheid uwel Edele Groot achtb. bij deezen eerbiedigst te berichten: Dat hij op ordre van uw wel Edele Groot achtb: na Mature vertrokken is om de twee landraads leeden aldaar, aan wien het onderzoek opgedraagen was, te assisteeren als beamptschrijver Dat 'sdaags na zijne komste aldaar, de inlandsche Hoofden, vermeld bij se„ „kreete resolutie van den 27. November passato, door den Heer luitenant dessave van Schuler, in presentie van de land raadsleeden Hendrik Brinkman en August Christiaan Anthon van Ranzou /: mits absentie van het mede lid de luitenant Beijer, die an „ders tot het onderzoek benoemd was:) afgevraagd zijn, of ze zig on „schuldig kunnen, en mits dien verlangen, dat de tegens hen inge„ bragte beschuldigingen worden onderzogt, dan wel of ze begeeren te zijn, begreepen in het generaal pardon„ en mitsdien het zelve reklameeren, bij welke gelegentheid de ondergetekende de pen gevoerd en van het gepasseerde aanteekening gehouden heeft. Dat toen de Attepattoe Modliaar Han gakoon en de Mohandiram van de vier gravetten Bandernaijke, door ziekte niet hebbende kun„ nen Compareeren, de Heer van Schu„ „ler om dit onderzoek een spoedi„ „ger voortgang te doen hebben, voorm: landraadsleden gecommitteerd heeft, om nevens de ondergetekende ten huijzen van voorschreeve twee Jnland „sche Hoofden te gaan en hun dezelfde voorhoudingen en vraagen te doen als aan de overigen gedann zijn, het geen geschied is. De ondergetekende verklaard nooit anders bij iemand te zijn gegaan Dat zedert het onderzoek door de landraads leeden, de luitenant Beijer en de boekhouder Brinkman, den 21. December begonnen en voortse „gezet is tot den 25: Januarij waarbij de ondergetekende niets anders gedaan heeft als het geen zijn pligt als beamptschrijver medebragt namentlijk om het geen de de klaranten opgaven aan te teekenen, daar van de klaratoiren temaken, hen die der Inlandsche Hoofden te Mature Den 4. Maij 1791. aanstonds te zijn E 8 e 60

NL-HaNA_1.04.02_3927_0744 view scan ↗

English

12 The 4th of May 1791. to present and have signed immediately, both by them and by the interpreter and the members, and whenever those same people, according to notice, appeared for the second time, those declarations were verified by them and the deeds of verification, which the undersigned prepared immediately, were signed; frequently the declarations were presented to the declarants in that language by the fellow-member Brinkman himself, who understands the Sinhalese language very well. The undersigned accordingly requests your Right Honourable Worships that it might please the same to ask of the Honourable Worshipful Lord Commander and Council at Gale: 1: What is meant by saying that the undersigned directed the investigation at Mature. 2: What is meant by saying that the undersigned took the trouble to go in person to the houses of some Native Chiefs; and to specify in particular to which Native Chiefs he went. That the undersigned, upon the demand of the Lord Lieutenant Dessave van Schuler, refused the drafts of the declarations prepared by him in order to send them to Gale, occurred because the drafts of all instruments made by an official clerk remain in the custody of that official clerk himself and he only grants copies thereof, upon which justice is also always administered, just as the undersigned also offered copies thereof as soon as they should be transcribed, unless such an official clerk is ordered by the Government placed over him or by the court to hand over his drafts. That concerning the letter of the Honourable Worshipful Lord Commander and Council at Gale stating that the undersigned appeared at Mature followed by the Governor's guard lascars, the undersigned testifies that for some time now the first clerks of Kolombo departing with Company's papers for Gale have obtained two guard lascars as their retinue, just as the undersigned also, as often as he has departed for Gale and also on this occasion, had two lascars, without having used them for anything other than his private services, and he hopes that this will not be imputed to him as any misconduct. The undersigned finds himself obliged further to bring to the knowledge of your Right Honourable Worships hereby that he, having arrived at Gale from Mature on the 27th of January, in order to receive and dispatch, according to your Right Honourable Worships' honoured order, the papers that were to be brought there from Kolombo for the return ships, the following day, while he was with the Honourable Worshipful Lord Commander Sluijsken, His Honourable Worship called him aside and told him that he should think nothing of what His Honourable Worship had written about him to Kolombo, as His Honourable Worship had nothing against him and well knew that he had to execute the orders he had received; the undersigned answered thereto that he had received no other orders than what had been written concerning the Commission in the Company's letter to Gale, that it nevertheless grieved him 122 123 The 4th of May 1791. that the Lord Commander had complained about his conduct, as he is assured that nothing can reasonably be brought against his maintained conduct, whereupon the Lord Commander replied that one had to let His Honourable Worship be the interpreter of his own words, that His Honourable Worship could not write the conduct of the Government, and therefore had written the conduct of the undersigned, but that His Honourable Worship's meaning was the conduct of the Government through that of the undersigned, testifying once more to have nothing against the undersigned. The undersigned said upon this that the Lord Commander well knew that all letters were sent in copy to Batavia, that the interpretation which the Lord Commander now gave to that writing is not found therein, that the undersigned by this writing might sometimes fall under suspicion with Their High Mightinesses, whereupon the Lord Commander answered that the undersigned, coming to Kolombo, could request to ask for an explanation thereof, immediately adding thereto that this was also not necessary, since an explanation of that writing has already been requested from Kolombo and also given, which the undersigned could get to read at the Gale Secretariat, which he indeed sought but could not obtain. The undersigned declares upon the oath taken by him to the country that all that he has stated in this report consists of truth; and he hopes that your Right Honourable Worships will see from this true account what his activities and how his conduct at Mature have been, and although by the aforementioned letter of the Honourable Worshipful Lord Commander and Council at Gale of the 30th of March the undersigned's conduct is sufficiently justified, he nevertheless respectfully requests that it might please your Right Honourable Worships, for the further justification thereof, to ask of the Lord Lieutenant Dessave van Schuler and of the two members of the Land Council, Lieutenant Beijer and the bookkeeper Brinkman, who conducted the investigation at Mature, whether the undersigned improperly in anything The 4th of May 1791.

Dutch transcription

12 Den 4. Maij 1791. aanstonds voorte houden en te laaten teekenen zo wel door hun als door den tolk en de leeden en wanneer die zelfde menschen volgens waa „schouwing, voor de tweedemaal gecompareerd zijn door hun die de klaratoiren gerecolleerd en d aktens van recollementen, die de ondergetekende aanstonds vervaardigt heeft, geteekend; veeltijde zijn de de klaratoiren door het mede Eid Brink „man zelve die singalesche taal, zeer wel ver „staat, aan de deklaranten in die taal voorgehoud De ondergetekende verzoekt mits dien uwel Edele Groot achtb: dat het hoogst den zelven mogte behaagen van den Edelen Achtb. Heer kom„ „mandeur en Raad te Gale te vraagen: 1:/ Wat het zeggen zal, dat de ondergetekende het onderzoek te Mature bestierd heeft. 2:: wat het zeggen zal, dat de ondergetekende zig de moeite gegeven heeft om zelfs ten huijze van eenige Jnlandsche Hoofden te gaan; en speci „aal op te geeven bij welke Jnlandsche Hoofden Hij gegaan is. Dat de ondergetekende op de afvraage van den Heer Luitenant Dessave van Schuler, de minuten der door hem opgemaakte deklaratoiren, om die na Gale te zenden geweigerd heeft, is geschied, om dat de minuten van alle instrumenten die door een beampt schrijver worden gemaakt, onder die beamptschrijven zelve blijven berusten en Hij daarvan maar afschrif „ten verleend, waarop ook altoos recht gedaan word, zoo als de ondergetekende ook de afschrift daarvan aangebooden heeft, zoodra, die zouden afgeschreeven zijn, ten waare zodanig een beamp schrijver door de Regeering over hem gesteld, overtegeven. Dat wat betreft het schrijven van den Edelen Achtb: Heer kommandeur en Raad te Gale, dat de„ ondergetekende zig te Mature vertoond heeft gevolgd van 's Gouverneurs garde laskorijns, be „tuigd de ondergetekende, dat nu eenigen tijd de eerste klerken van kolombo met 'skomp„s papieren na Gale vertrekkende, twee garde laske of door het gerecht word gelast zijne minute Den 4. Maij 1791. rijns tot zijn gevolg verkreegen heeft, zoo als de ondergeteekende ook zoo dik wils hij na Gale vertrokken is en ook bij deeze geleegentheid twee laskorijns gehad heeft, zonder dat hij die tot iets a„ „ders als tot zijne partikuliere diensten ge „bruikt heeft en hij verhoopt dat hem dit ge tot geen wangedrag zal toegereekend worden. De ondergetekende vind zig verpligt uw wel Edele Groot achtb: nog bij deezen, ter kennisse te brengen, dat Hij den 27. Januarij van Mature op Gale aangekomen zijnde, om volgens uw wel Edele Groot Achtb: g'eerde ordre de papieren die van kolombo aldaar stonden aangebragt te worden voor de retour scheepen te ontvangen en expedi „eeren des volgenden daags, terwijl hij zig bij den Edelen Achtbaeren heer kommandeur sluijsken be „vond, zijn Edele Achtb: hem apart geroepen en hem gezegd heeft, dat hij niets moeste denken nopens het geen zijn Edele Achtb: over hem na kolombo geschreeven had, alzo zijn Edele Achtb: niets tegens hem had en wel wiste dat hij zijne ontvan „gene orders moeste uitvoeren; De ondergetekende antwoordde daarop dat hij geene andere orders ontvan „gen had als het geen nopens de Com„ „missie aangeschreeven was bij sComp. s brief na Gale, dat het hem ins egter 122 123 Den 4. Maij 1791. egter leed deed dat de Heer kommandeur over zijn gedrag geklaagd had, alzo hij verzekert is dat op zijn gehouden ge „drag niets met reden kan ingebragt worden, waarop de Heer kommandeur repliceerde, dat men zijn Edele Achtb. moeste uitlegger van desselfs woorden laaten dat zijn Edele Achtb. niet konde schrijven het gedrag van de Regee„ ring, en daarom had geschreeven het gedrag van den ondergetekenden maar dat zijn Edele Achtb: meening was het gedrag van de Regeering door dat van den ondergetekenden, betui„ „gende nogmaals niets tegens den onder „getekenden te hebben. De ondergetekende zeide hierop, dat de Heer kommandeur wel wiste dat alle brieven in kopij ge„ „zonden wierden na Batavia, dat de uitlegging die de Heer komman„ „deur aan dat schrijven nu gaf, daarbij niet gevonden word, dat de onderge„ „tekende door dit schrijven somtijds in verdenking zoude kunnen komen bij Hunne Hoog Edelheeden, waar op de Heer kommand antwoordde, dat de ondergetekende op kolombo komende, konde verzoeken om een uitlegging daar van te vraagen, voegende aanstonds daarbij dat dit ook niet nodig was, wijl van kolombo reets explikatie van dat schrijven gevraagd en ook gegeven is, het geen de ondergetekende op de Gaalsche Sekretarij konde te leezen krijgen, waarna hij wel getragt dog niet heeft kunnen verkrijgen, De ondergetekende verklaard op de Eed door hem aan den lande gedaan, dat al het geen hij bij dit bericht heeft op „gegeeven, in waarheid bestaat; en hij verhoopt dat uw wel Edele Groot achtb: uit dit waare verhaal zal zien wat zijne verrigtingen en hoedanig zijn ge„ drag op Mature zijn geweest, en schoon bij voormelden brief van den Edelen Achtb: Heer kommandeur en Raad te Gale van den 30:' Maart des onderge „tekendens gedrag genoegzaam ge justificeerd is, verzoekt hij nog= „tans eerbiedig, dat het uw wel Edele Groot Achtbaere mogte behagen, tot meerdere Justificatie van dien, van den Heer Luitenant Dessave van Schuler en van de twee leeden van den landraad de luitenant Beijer en de boek houder Brinkman, die het onderzoek te Mature hebben gedaan, te vragen of de onder getekende zig ergens in onbehoor„ Den 4. Maij 1791. dit lijk

NL-HaNA_1.04.02_3927_0746 view scan ↗

English

32 125 The 4th of May 1791. properly behaved himself. We trust that Your Right Honorable Greatly Respected Sir will find nothing other than that he has conducted himself as befits an honest and faithful servant. In which trust he otherwise takes the honor of calling himself with the deepest respect and high esteem, (was written beneath) Right Honorable Greatly Respected High Commanding Lord, Your Right Honorable Greatly Respected Sir's humble and very obedient servant, (was signed) G: I: Fijbrands (in the margin) Colombo the 11th of April 1791. After resumption thereof, it was approved and understood, while sending a copy of the aforementioned petition, to request further from the Galle servants a special and clear explanation: 1. What it is supposed to mean, that the said Fijbrands managed the investigation at Mature! 2. What it is supposed to mean, that the said Fijbrands took the trouble to go in person to the houses of some Native Chiefs; with orders to specify specially which Native Chiefs he visited. Furthermore, it was understood to ask clarification also from the Lord Commander Sluijsken, concerning that which His Honor, according to the aforementioned petition of the said Fijbrands, allegedly said to the repeatedly mentioned first clerk in a separate discourse, namely, that by that which was written in the Galle letters about the conduct of him, Fijbrands, was actually meant the conduct of the Government. It was approved and understood to order the servants at Galle, while sending a copy of the aforementioned petition to Matura, to demand from the Lieutenant Dessave van Schuler and from the Landraad members Beijer and Brinkman, and to send to this Government, a written report whether the repeatedly mentioned first clerk, during his presence at Mature, in any way improperly behaved himself. By the Galle servants, in compliance with the resolution of the 21st of April of the past year, it having been communicated by letter of the 25th following that the Lord Commander Sluijsken does not find himself in a position to execute the commission assigned to His Honor by Their High Mightinesses without the Captain-Lieutenant Toenander and the latest contractor of Diewetoere, or someone on his behalf, because among the Galle servants there is no one who has as much knowledge of the science of land surveying and hydraulics as the aforementioned Captain-Lieutenant Toenander, and because he also knows the district of Diewetoere through experience better than others, and that also the maha modliar or someone on his behalf is necessary there to give an account of that which was performed at Diewetoere and of that which His Honor during 126 127 The 4th of May 1791. Tuesday the 10th of May 1791. the execution of this commission might find advisable to ask him. After deliberation, in consideration that for the execution of the aforementioned commission no levelings need to be made, and that it is also entirely unnecessary that the maha modliar or someone on his behalf be at Diewetoere to give an account, before it appears that there is something about which it is necessary that he account for himself at the place itself; it was approved and understood to persist in the resolution taken in the session of the 9th of April of the past year. Thus done and resolved in the castle of Colombo on the day, month, and year aforesaid, (was signed) W: J: van de Graaff, D: C: von Drieberg, D: T: Fretz, C: van Angelbeek, B: L: van Zitter, and A: Samlant. Present The Right Honorable Greatly Respected Lord Governor Willem Jacob van de Graaff The Honorable Chief Administrator - - - Matthius Petrus Raket, The Honorable Colonel - - - - - - - Diderich Carl von Drieberg, The Honorable Dessave - - - - - - - Diderick Thomas Fretz The Honorable Mature Dessave - - M:r Christiaan van Angelbeek The Honorable First Warehouse Master - - - Johannes Reintous The Honorable Secretary - - - - - Benedictus Lambertus van Zitter The Honorable Trade Bookkeeper - - Abraham Samlant The Honorable Fiscal - - - - - - M:r Johannes Adrianus Vollenhove, Absent The Honorable Pay Bookkeeper Gerrit Engel Holst on account of indisposition Upon the report of the Honorable Jaffna Dessave Schreuder, that it had occurred to him during his land visitation that the Nallua and Palla slaves of the inhabitants, who previously were obligated to serve the dessave in his journeys on land, within the provinces without any paddy, and along the border of the Wanni for the usual paddy of one mediet of rice and 2 1/5 stuivers a day each, since they have to pay 22 rixdollars a year for chikos money, are unwilling to do so, desiring in the provinces the aforementioned usual paddy, and on journeys along the border of the Wanni, in addition to the paddy, payment of 12 stuivers a day, proportionate to the determined wage for journeys to Colombo, Trincomalee

Dutch transcription

32 125 Den 4. Maij 1791. ker berigt te vorderen omtrent het bedeelde door „missie te diwitoeree, op heldering terroegen no„ „pens het geen zijn E: aan discours zoude gesegt heb„ lijk gedraagen heeft Wij verbrouwd dat uw wel Edele Groot Achtb: niet anders zal vinden als dat hij zig ge„ „dragen heeft als een eerlijk en getrouw dienaar betaamd. In welk vertrou „wen hij zig overigens de eere aanma„ „tigd van met de diepste eerbied en hoog achtinge zig tenoemen (:onderstond/ Wel Edele Groot Achtbaare Hoog Gebiedende Heer uw wel Edele Groot Achtbaere onderdanige en zeer gehoorzaame dienaar (:was geteekend:) G: I: Fijbrands (:inmargine:/ kolombo den 11. April 1791. Is na resumtie van het zelve goedgevonden en verstaan, om onder toezending van een Copij van gemelte addres, van de Gaalsche bedienden nader tevraagen eene speciaale en duijdelijke explicatie 1. Wat het zeggen zal, dat gemelde Fijbrands het onderzoek te Mature bestierd heeft! 2. wat het zeggen zal, dat gemelde Fijbrands zich de moelte gegeeven had om zelfs ten huijse van eenige Jnlandsche Hoofden te gaan; met last om speciaal optegeeven bij welke Jnland „sche hoofden hij gegaan is. Voorts is verstaan, om ook van den Heer van den heer Commandur Commandeur sluijsken opheldering tevraa„ gen, nopens het geen zijn E:, volgens voorschr. gem: Zijbrands in een apart addres, aan meerm: eersten klerk in een apart discours zoude gezegd hebben, naamelijk, dat met het geen bij de gaalsche brieven, over het gedrag van hem Fijbrands was ge „schreeven, eigentlijk was gemeend het ge „drag van de Regeering. van van schuler en van Ok is goedgevonden en verstaan den bedienden de landraadsleeden ze„ te Gale te gelasten, om onder toezending van een Copij van voorm: addres na Matura, van den luitenant Dessave van Schuler en van de landraadsleden Beijer en Brinkman, tevorderen en aan deeze Regeering toetezen „den schriftelijk bezicht, of meermel„ „den eersten klerk zich, bij zijn aan„ weezen te Mature, ergens in onbehoor Door de gaalsche bedienden, ter voldoening den heer Commandeur aan de resolutie van den 21. April J:o leeden, sluijken nopens zijne Com„ bij brieve van den 25. daaraan bedeeld zijnde dat de Heer Commandeur sluijsken zich niet in staat bevind, om zonder den Capitain luijtenant Toenander en de laaste annee „mer van Diewetoere, of iemand zijnent„ „wegen, de aan zijn E: door Hunne Hoog Edelheeden opgedraagene Commissie uijttevoeren, wijl er onder de gaalsche dienaaren niemand is, die van de land „meet en waterleijdings kunde zooveel kennis heeft, als voormelde Capitain luijtenant Toenander, en wijl ook hij het landschap Diewetoere door onder„ „vinding beter dan anderen kend, en dat ook de mahamodliaar of iemand zijnent „wegen daar bij nodig is, om verantwoor „ding te doen van het geen te Diewetoere verrigt is en van het geen zijn E: geduurende „lijk heeft gedraagen. Den 4. Maij 1791. ver „ben het - 126 127 Den 4. Maij 1791. Dingsdag den 10. ' Maij 1791. dispositie op 't berigt van Dh: dessave schreuker hem in zijne landvisitie zoude zijn voorgekoomen. het waarneemen deezer Commissie, mogte Prezent Den Wel Edelen Groot achtb: Haar Gouverneur Willem Jacob van de Graaff„ geraaden vinden hem te moeten vraagen. Den E: Hoofdadministrateur - - - Matthius Petrus Raket, Is na deliberatie, uijt aanmerking dat Den E: Colonel - - - - - - - Diderich Carl von Drieberg, tot de uitvoering van voorschr. Commissie, -Diderick Thomas Fretz Den E: Dessave- geene waterpassingen behoeven te worden ge„ Den E: Matureese Dessave - - M:r Christiaan van Angelbeek „daan, en dat het ook geheel onnodig is, dat de maka modliaar of iemand zijnent„ Den E: Eerste Pakhuijsmeester - - - Iohannes Reintous „wegen te Diewetoere zij, om verantwoording Den E: sekretaris - - - - - Benedictus Lambertus van Zitter te doen, voor dat het blijke dat 'er iets is, Den E: Negotie boekhouder - - Abraham Samlant waar over het nodig zij, dat hij zich op de Den E: fiskaal - - - - - - M:r Johannes Adrianus Vollenhove, plaats zelve verantwoord; goedgevonden en Abzent. verstaan, te persisteeren bij het genomen be„ Gerrit Engel Holst „sluijt ter sessie van den 9: April Joleede. mits indispositie Aldus Gedaan ende Geresolveerd in het kasteel kolombo ten dage maand en Jaare voorsz: (:was geteekend:) W: J: van de Graaff„ D: C: von Drieberg, D: F: Fretz, C: van Angelbeek, B: L: van Zitter en A: Samlant Op het bericht van den E: Jaffanasche Dessave schreuder, dat hem in zijne landvisite zoude zijn voorgekomen, dat de Nalluasche en Pallase slaaven der ingezietenen, die tevooren verpligt zijn geweest den dessave in zijne landtochten ten dienst te staan, binnen de provintien zonder eenige paddij, en langs den boord der wanni voor de gewoone paddij van een mediet rijst en 2 1/5. stuiver 's daags ieder, zedert dat zij 22. rijksd:s 'sjaars voor chikos geld moeten betaalen, daar toe onwillig zijn, begeerende in de pro„ „vintien de voorschr: gewoone paddij, en optochten langs den boord der wanni, be„ „halven de paddij, betaaling van 12. stuivers 'sdaags, evenreedig met het bepaalde loon voor tochten na kolombo„ Den E. soldij boekhouder Trinkonomale

NL-HaNA_1.04.02_3927_0748 view scan ↗

English

4 May 1791. Tuesday 10 May 1791. Disposition on the report of the Honorable Disava Schreuder regarding what occurred during his land inspection. Might find it advisable to question him in the execution of this Commission. After deliberation, considering that no water-level measurements need to be made for the execution of the aforesaid Commission, and that it is also entirely unnecessary for the Maha Mudaliyar or anyone on his behalf to be in Diewetoere to account for himself before it appears that there is something concerning which it is necessary for him to account for himself on the spot; it is approved and agreed to persist in the decision taken at the session of 9 April past. Thus done and resolved in the Castle of Colombo on the day, month, and year aforesaid. Was signed: W: J: van de Graaff, D: C: van Drieberg, D: T: Fretz, C: van Angelbeek, B: L: van Zitter, and A: Samlant. Present: The Honorable Disava The Honorable Fiscal, Diderick Thomas Fretz The Honorable Pay Bookkeeper The Honorable First Warehouse Master, Johannes Reintous The Honorable Trade Bookkeeper, Abraham Samlant The Honorable Secretary, Benedictus Lambertus van Zitter The Right Honorable Great and Respected Sir, Governor Willem Jacob van de Graaff. Absent due to indisposition: Mr. Johannes Adrianus Vollenhove Gerrit Engel Holst The Honorable Chief Administrator, Mattheus Petrus Raket The Honorable Colonel, Diderich Carl von Drieberg The Honorable Matara Disava, Mr. Christiaan van Angelbeek Upon the report of the Honorable Jaffna Disava Schreuder, stating that it had occurred to him during his land inspection that the Nalluva and Pallar slaves of the inhabitants, who were previously obliged to serve the Disava on his land journeys within the provinces without any paddy, and along the border of the Vanni for the customary paddy of one mediet of rice and 2 1/5 stuivers per day each, have since they must pay 22 rixdollars per year for chikos money become unwilling to do so, demanding in the provinces the aforesaid customary paddy, and on journeys along the border of the Vanni, in addition to the paddy, payment of 12 stuivers per day, equivalent to the set wage for journeys to Colombo, Trincomalee, 10 May 1791. Trincomalee, and Mannar; and that His Honor had therefore been compelled, on his journey undertaken to Iepekarwe, to pay 89 persons, besides the customary paddy, for 8 days the sum of 59 rixdollars 16 stuivers, calculated at 4 stuivers per man per day: it having been resolved by the Jaffna officials in their resolution of 24 February past to grant henceforth to the Nalluva and Pallar slaves who serve the Disava, Preacher, and Thombo Keeper during the land and school inspections and during the renovation of the head thombo along the border of the Vanni, 12 stuivers per day each for 4 days, besides the customary paddy, and to reimburse the Honorable Disava the aforesaid amount of 59 rixdollars 16 stuivers disbursed by him. Considering that no reasons are known to this Government why the aforesaid slaves should now be paid for journeys along the border of the Vanni, where formerly they enjoyed nothing more than the customary paddy on these journeys, and did not even demand payment as long as their imposed service money of 22 rixdollars was collected by means of tax farming; and whereas the Jaffna officials, upon the elucidation requested on this matter by letter of 15 April past, simply replied in their letter of the 28th following that their aforesaid decision had been taken upon the report of the Honorable Disava Schreuder that they were unwilling to make those journeys any further without wages, and because they receive wages for the journeys to Mannar, without considering that payment for journeys to Mannar, which is situated outside the district of Jaffnapatnam, cannot be a motive for also granting them payment for journeys within the district of Jaffnapatnam, which they have performed until now without wages and solely for the customary paddy; it is approved and agreed to instruct the officials to keep their aforementioned decisions unexecuted until the necessity of the payment granted therein shall have been sufficiently demonstrated. 10 May 1791. Resolution declining the proposal of the Disava to write off 16 pannikkars. Read a Jaffna resolution of 15 April past, whereby the officials declined the proposal of the Honorable Disava Schreuder to write off again from the thombo the 16 pannikkars of the thombo ledoen who were withdrawn and registered as uliyamers in the thombo, and to exempt them from uliyam service for the service of the elephants; and on the contrary resolved to instruct the said Honorable Disava that, whenever the number of elephants is so large that

Dutch transcription

126 127 Den 4. Maij 1791. Dingsdag den 10. ' Maij 1791. dispositie op 't berigt DE: dessave schreuder wat hem in zijne landvisitie zoude zijn voorgekoomen het waarneemen deezer Commissie, mogte geraaden vinden hem te moeten vraagen. Is na deliberatie, uijt aanmerking dat tot de uitvoering van voorschr. Commissie, geene waterpassingen behoeven te worden ge Den E: Dessave- „daan, en dat het ook geheel onnodig is, dat de maka modliaar of iemand zijnent„ „wegen te Diewetoere zij, om verantwoording te doen, voor dat het blijke dat 'er iets is, waar over het nodig zij, dat hij zich op de Den E: fiskaal - plaats zelve verantwoord; goedgevonden en verstaan, te persisteeren bij het genomen be„ Den E. soldij boekhouder „sluijt ter sessie van den 9: April poleede. Aldus Gedaan ende Geresolveerd in het kasteel kolombo ten dage maand en Jaare voorsz: (:was geteekend:) W: J: van de Graaff„ D: C: van Drieberg, D: T: Fretz, C: van Angelbeek, B: L: van Zitter en A: Samlant Den E: Eerste Pakhuijsmeester - - - Iohannes Reintous, Den E: Negotie boekhouder - - - Abraham Samlant Prezent Den Wel Edelen Groot achtb: Haer Gouverneur Willem Jacob van de Graaff Diderick Thomas Fretz Den E: sekretaris - - - - - Benedictus Lambertus van Zitter M:r Johannes Adrianus Vollenhove, Abzent. Gerrit Engel Holst mits indispositie Den E: Hoofdadministrateur - - - Mattheus Petrus Raket, Den E: Colonel - - - - - - - Diderich Carl von Drieberg Den E: Matureese Dessave - - M:r Christiaan van Angelbeek Op het bericht van den E: Jaffanasche Dessave schreuder, dat hem in zijne landvisite zoude zijn voorgekomen, dat de Nalluasche en Pallase slaaven der ingezietenen, die tevooren verpligt zijn geweest den dessave in zijne landtochten ten dienst te staan, binnen de provintien zonder eenige paddij, en langs den boord der wanni voor de gewoone paddij van een mediet rijst en 2 1/5. stuiver 's daags ieder, zedert dat zij 22: rijksd:s 'sjaars voor chikos geld moeten betaalen, daar toe onwillig zijn, begeerende in de pro„ „vintien de voorschr: gewoone paddij, en optochten langs den boord der wanni, be„ „halven de paddij, betaaling van 12. stuivers 'sdaags, evenreedig met het bepaalde loon voor tochten na kolombo„ Trinkonomale 128 129 Den 10. Maij 1791. Den 10. Maij 1791: resolutie waar bij gedecli„ dessave om 16 pannikos we„ afschrijven Trinkonomale en Mannaar; en dat zijn E: derhalven genoodzaakt was geweest, op des„ „zelfs gedaane tocht na Iepekarwe, aan 89. koppen, buijten de gewoone paddij, voor 8. daagen te voldoen rd:s 59. 16. –. gereekend tee„ „gens 4. stuivers de man 'sdaags: door de Jaffanasche bedienden bij hunne resolutie van den 24. februarij J:o leeden beslooten zijnde, om aan de Nalluasche en Pallasse slaaven, die den Dessave, Predikant en Thombohout „der, bij het doen der land en schoolvisiten, en bij het renoveeren der hoofdthombo, aan den boord der wanni, ten dienste staan voortaan te laaten verstrekken 12. stuijv:s 's daags ieder voor 4. daagen, buijten de gewoone paddij, en aan den E: Dessave te laaten goed doen het voorsz: door hem verstrekte be„ „draagen van rd:s 59. 16. Is uit aanmerking dat deeze Regiering geene reedenen bekend zijn, waarom de voor„ „schreeve slaaven nu zouden moeten worden betaald, voor tochten langs den boord der t approlatie eener Jaffanase wannij daar zij eer tijds op deeze tochten niet dan de gewoone paddij hebben genooten, en zelfs geene betaaling ge vraagd hebben, zoo lang het hun opge„ „legd dienst geld van 22. rijksd:s, bij weege van de verpagting wierd ingevorderd; en wijl de Jaffanasche bedienden, op de derweegens bij brieve van den 15. April J:o leeden gevraagde elucidatie, bij hunnen brief van den 28. daar aan, een voudig hebben geandwoord; dat hun voorsz: besluijt genoomen was, op het bericht van den E: dessave schreuder, dat zij on„ „willig waaren zonder loon verder die tochten te doen, en om dat ze voor de tochten na Mannaar loon krijgen, zonder te bedenken dat de betaaling voor tochten na Mannaar die geleegen is buijten het district van Jaffanapatnam, geen motief kan zijn om hun ook be„ „taaling toeteleggen voor tochten binnen het district van Jaffana, „patnam, die ze tot nog toe zonder loon en alleen voor de gewoone paddij gedaan hebben goedgevonden en verstaan den bedienden te gelasten, om hunne voormelde besluijten te houden buijten executie, tot dat de nood „zaakelijkheid van de daar bij toegelegde betaaling voldoende zal zijn gebleeken. Js geleesen eene Jaffanasche resolutie van den 15. April Joleeden, waar bij de bedienden hebben gedeclineerd het voorstel van den reerd word 't voorstelvan den E: Dessave Schreuder, om de 16: pannikos „der van de thomboledoen die ingetrokken en als oeliammers bij de thombo beschreeven zijn, weder van de thombo te doen afschrijven en de oeli vrij te laaten, ten dienste van de elephan„ „ten, en daar en tegen hebben beslooten gem: E: Dessave te gelasten, om wanneer het getal der Elephanten zoo groot zijn, elucidatie dat

NL-HaNA_1.04.02_3927_0750 view scan ↗

English

The 10th of May 1791. The 10th of May 1791. Regarding the salary intended for Jaffna for six seminarians, for what purpose to allow it to be spent; the chay digging; and if the specified 4 panikos are not sufficient, then to press the further needed panikos for it, against the payment of 12 rixdollars per month each. And after deliberation, it was approved and agreed to sanction the said resolution. Upon the proposal of the scholarclial assembly at Jaffanapatnam, it having been decided by the officials there, according to their resolution of the 16th of April last, on account of the difficulty in further instructing the Malabar schoolmasters, as they are already elderly, with any prospect of a good effect, to allow the salary designated for that purpose by this government by resolution of the 4th of January past to be spent on the instruction of four Malabar youths who are found to be of quick intellect, both in the Malabar sciences and in the fundamentals of the Christian Religion, in order to be able to raise from them in time not only competent schoolmasters and catechists, but even native proponents, and to have the necessary dwellings fitted out for their lodging in the church garden of Saint John according to the Malabar manner with earthen walls and ola roofs: It is, considering that the intention is solely to have competent schoolmasters who can properly instruct the youth in the Christian truths, and that for this purpose it is not necessary that these people, as the minister Schroter proposes, be instructed in rhetoric, arithmetic, logic, and other such sciences, for which the elderly schoolmasters can certainly no longer be receptive; yet if these are not even suitable any longer to receive further instruction merely in the fundamentals of the Christian Religion, that difficulty nevertheless cannot apply to the young schoolmasters, of whom some are appointed nearly annually by valatura: approved and agreed to instruct the officials at Jaffanapatnam to allow the aforesaid salary intended for Jaffanapatnam for six seminarians to be spent solely on the further instruction of such schoolmasters as shall be found capable of receiving some further instruction with success. Read a Jaffna resolution of the 19th of April last, taken upon a report of the administrator Mooijaart, whereby he, in response to the questions asked pursuant to the resolution of the 8th of March concerning the chay digging, makes known: 1. That the diggers of Karredivo and Delft themselves frequently complain that these two islands do not yield sufficient roots, and that consequently the diggers who otherwise dug the roots of the seven places would find no sufficient work there, but might be a hindrance to the local diggers. 2. That the chay diggers of the seven places, besides digging chay roots, are already pressed into other oeli services, such as cutting jaggery olas and making ropes for the elephant kraal and stables, as well as carrying the palanquins and baggage of qualified persons going into the country. 3. That the seed of Karredivo roots could be sown as a trial in the places where roots of the seven places have been dug until now, but that presumably the roots resulting from this will be good or poor depending on the nature of the soils in which it is sown. And whereas the Jaffna officials, considering that the chay diggers of the seven places cannot be burdened with any other duties beyond the oeli services they already perform, have decided to let them continue for the present with digging the roots of the seven places, since the Company still profits somewhat from it, and meanwhile to have a start made immediately with the sowing of the seed of Karredivo roots: It is approved and agreed to acquiesce therein. Committee regarding Gale. The 10th of May 1791. To the burgher Schrijver, to cede a piece of land; the paddy in the hands of the renters of the Magampattoe. Received from Gale the translation of a Sinhalese ola report concerning the inspection made of a piece of rush land named Waljamboegahawille, situated in the village of Ellellegodde and measuring about 10 amunams of paddy sowing, which the burgher Christoffel Lodewijk Schrijver requests to be made suitable into a sowing field, provided it remains subject to paying the tithe duty. And considering that on this piece of land, according to the aforesaid report, nothing was found that can be of service to the Company, it is approved and agreed to authorize the Gale officials to cede the same to the said Schrijver under the usual conditions. The Gale officials having communicated by letter of the 2nd of this month that the 5076 31/8 parras of paddy held by the renters of the Magampattoe were publicly put up for auction according to the decision of the 9th of April last, but were held back because not 3 rixdollars per amunam was bid: It is, considering that these renters can manage with the paddy in their pattoe itself

Dutch transcription

130: 131. Den 10. Maij 1791. Den 10' Maij 1791. 'T voor Jaffena beest imde trac„ „tement van ses Seminaris „ten, waer toe te laaten bestee„ „den het de zaaije delve en dat de bepaalde 4. panikos niet toerijken, als dan de verder benoodigde Panikos daar toe te pressen, tegens de betaaling van 12. rijksd:s 'smaands ieder En is na deliberatie goedgevonden en verstaan gemelde resolutie te approbeeren. Op het voorstel van de scholarchale vergadering te Jaffanapatnam, door de bedienden aldaar, blijkens hunne reso„ „lutie van den 16. April Jongstleeden, beslooten zijnde, om uit hoofde van de moeijelijkheid om de Malcabaarsche schoolmeesters, als reeds bejaard zijnde met eenig vooruitzigt van een goed effect verder te onderrigten, het door deeze regeering bij resolutie van den 4: Jann: pass:o daar toe bestemde tractement, te laaten be „steeden tot onderwijzing van vier Malla„ „baarsche Jongelingen, die bevonden worden schrander van geest te zijn, zoo wel in de Mallabaarsche wetenschappen, als in de gronden van den Christelijken Godsdienst, om daar van in der tijd niet alleen be„ „kwaame schoolmeesters en Catechiseer„ „meesters, maar ook zelfs inlandsche propo„ „nenten, te kunnen creëeren, en tot hun lo„ „gies in de kerktuijn van S:t Jan de noodige wooningen te laaten approprieeren na de Malla aerigt van mooy aast nolgens „baarsche wijse van aarde muuren e ola dakken„ Is uit aanmerking dat de intentie alleen is, om bekwaame schoolmeesters te hebben, die de Jeugd in de christelijke waarheeden naar behoo„ zen kunnen onderwijzen, en dat het daar toe niet noodig is, dat die luijden, gelijk de predikant Schroter voorsteld, in de rethorice aritmethica, logica en andere diergelijke wetenschappen worden onderrigt, waar voor zekerlijk de bejaarde schoolmeesters nu niet meer vatbaar kunnen zijn; dog dat zoo deeze ook zelfs niet meer ge„ „schikt zijn, om alleen in de gronden van den Christelijken Gods dienst verdere onderrigting te ontvangen, die zwaarig „heid nogtans geen plaats kan hebben omtrend de Jonge schoolmeesters, waar van er bij na Jaerlijks eenige bij vala¬ „tura worden aangesteld: goedgevonden en verstaan den bedienden te Jaffanapatnam te gelasten, om het voorsz: voor Jaffanapatnam bestemde tractement van ses seminaristen, alleen te laaten besteeden tot de verdere onderwijzing van zulke schoolmeesters, als bevonden zullen worden in staat te zijn, om eenige verdere onderrigting met succes te kunnen ontfangen Js geleezen eene Jaffanasche resolutie van den dispupitie op aen Jasseende, 19. April Jongstleeden genoomen op een bericht van den administrateur Mooijaart, waar bij hij F 2 3 §32 133 Den 10. Maij 1791. aan den burger schrijver de onder de pagters van de Nagampattoe berustende op de ingevolge resolutie van den 8. ' Maart gedaane vraagen nopens de zaaijdelverij, te kennen geefz. 1. Dat de delvers van karredico en Delft zelve dikwils klaagen, dat deeze beijde Eilanden geen genoegzaame wortelen uitleeveren, en dat Is van Gale ontvangen het translaat van midsdien de delvers, die anders de zeven eene singaleesche rapport ola, weegens de ge„ „ker stuk grond afte staan plaatsche wortelen gedolven hebben, daar „daane visitatie van een stuk biesland, ge geen genoegzaam werk zouden virden, maar „naamt Waljamboegahawille, geleegen in de plaatselijke delvers hinderlijk zouden het dorp Ellellegodde en groot omtrend 10. kunnen zijn. ammon: neli zaaijens, het welk de burger 2: dat de zevenplaatsche zaaije graavers, de Christoffel Ledewijk Schrijver verzoekt, „halven het delven van zaaijwortelen, reeds om tot een zaaijveld te worden bekwaam tot andere oelidiensten worden geprest gemaakt, mits subject blijvende de tiende als om Jager-olas te kappen en touwen te geregtigheid opte brengen. slaan voor de Elephants kraal en stallen, zoo ook om de palenkijns en bagagie te draagen van En is uit aanmerking dat op dit stuk grond, gequalificeerden, die in het land gaan. volgens voorsz: rapport, niets gevonden is dat 3: dat het zaad van karedivosche wortelen, ter de Comp:e van dienst kan zijn, goedgevonden en prieuve zoude kunnen gezaaijd worden op de verstaan de Gaalsche bedienden te qualificeeren, plaatzen, daar tot nog toe zevenplaatsche wortelen om het zelve onder de gewoone Conditien, gedolven zijn, dog dat vermoedelijk de wortelen, aan gem: schrijver aftestaan. die daar van voortkoomen, goed of ondeugend Door de Gaalsche bedienden bij brieve van den 2. ' zullen zijn naar den aart der gronden, waar op deezer bedeeld zijnde, dat de 5076. 31/8. parras neli„ het gezaaijd word. die onder de pachters van de Magampattoe En wijl de Jaffenasche bedienden, uit aanmerking berusten, volgens besluijt van den 9. April dat de zeven plaatsche zaaijdelvers, boven de Jongstleeden, publicq opgevijld, doch ver„ oelij diensten die zij nu reeds doen, met geene „mits 'er geen 3. rd:s voor de ammonam wierden andere verrigtingen kunnen belast worden; gebooden opgehouden zijn. beslooten hebben, om hun voor eerst nog te laa Is uit aanmerking, dat deeze pachters kunnen „ten voortvaaren, met het delven van Zeven„ volstaan met de neli in hunne pattoe zelve „plaatsche wortelen, wijl de Comp:e toch daar op iets prociteerd, en intusschen ten eersten een begin te laaten maaken, met het zaaijen van het zaad van karredivosche wortelen: Is goedgevonden en verstaan daar in te berusten. Besoigne over Gale Den 10:' Maij 1791: een 3

NL-HaNA_1.04.02_3927_0752 view scan ↗

English

134 135 Note of the higher amounts of the land and tree taxes in Jaffnapatnam. Present: The Right Honourable Mr Johan Gerard van Angelbeek, Governor of Malabar. The Honourable Head Administrator Mattheus Petrus Raket. The Honourable Matara Dessave Mr Christiaan van Angelbeek. The Honourable First Warehouse Master Johannes Reintous. The Honourable Secretary Benedictus Lambertus van Zitter. The Honourable Trade Bookkeeper Abraham Samlant. The Honourable Fiscal Mr Johannes Adrianus Vollenhove. Absent: The Right Honourable Governor Willem Jacob van de Graaff. The Honourable Colonel Diderich Carl von Drieberg. The Dessave Diderich Thomas Fretz. The Honourable Pay Bookkeeper Gerrit Engel Holst. The first and third to Avisawella, the second to Matara, and the last due to indisposition. to deliver, but that the collection thereof by the Company will incur too many costs, it is approved and understood to grant authorization to have the said paddy sold for the prevailing price. Thus done and resolved in the Castle Colombo, on the day, month and year aforesaid. It was signed: W: J: van de Graaff, M: P: Raket, D: C: von Drieberg, D: T: Fretz, C: van Angelbeek, J: Reintous, B: L: van Zitter, A: Samlant, and J: A: Vollenhove. Tuesday the 31st of May 1791. Having resumed a list received from Jaffnapatnam from the Tombo renewed in the previous year, whereby it appears that the land and tree taxes which the inhabitants must pay to the Company, according to this new description, amount to 31337 rixdollars, 4 fanams, 4 kas and 3 boes, and thus, in comparison against the description of the 10th of May 1791 of the year 1754, when they amounted to 25434 rixdollars, 1 fanams, 3 kas and 1/4 boes, are now 5903 rixdollars, 2 fanams, 6 kas and 2 3/4 boes more, it is understood to keep this note thereof. Read a Jaffnapatnam resolution of the 14th of this month, stating that the officials, upon an address from the Honourable Dessave Schreuder inserted therein, had resolved: 1. Whenever the farmers of the district of Carretje and the border of the Vanni might complain that newly cultivated fields were farmed out before the expiration of the three free years, to have an investigation made into that by special commissioners. 2. To have the district of Carretje and the border of the Vanni measured and mapped by the surveyor Hopke. 3. The stipulated three free years for the newly cultivated fields to be calculated from the time that these fields are sown for the first time, and 4. To order the Honourable Dessave to have the fields that are sown for the first time surveyed annually by a commission, and as soon as someone obtains a piece of land, to have a separate map made thereof, and to keep a register of these lands, wherein must be indicated the name of each piece of land, who is the owner thereof, and in which year he obtained it. And after deliberation, it is approved and understood to approve the aforesaid resolution. In fulfillment of the resolution of the 29th of April last, a report having been received, inserted below, from the Resident of Mannar, Boell, concerning the digging of the Mannar chaya roots. To the Right Honourable Willem Jacob van de Graaff, Ordinary Councillor of the Netherlands Indies, Governor and Director of the Island of Ceylon with its dependencies. Right Honourable, High Commending Lord. After taking information from the chiefs and elderly knowledgeable people, they have unanimously testified that they could dig well 74 bahars of chaya.

Dutch transcription

134 135 aantekening van 't meer der bedraegen der land een boommenten in't Jaffen Prezent. Den Wel Edelen Groot achtb: Heer Mallad: Gouv: Nekd: Johan Gerard van Angelbeek te leeveren, doch dat het afhaalen daar van de Den E: Hoofdadministrateur MMattheus Petrus Raket Comp:e te veel kosten zal, goedgevonden en ver„ Den E: Matureesche Dessave M:r Christiaan van Angelbeek „staan qualificatie te verleenen, om ge„ Den E: Eerste Pakhuijsmeester - - Iohannes Reintous „melde neli voor het geldende te laaten Den E: Sekretaris Benedictus Lambertus van Zitter verkoopen. . Den E: Negotie boekhouder Abraham Jamlant Aldus Gedaan ende Geresolveert in het kasteel kolombo, ten dage maand en Jaare Mr Johannes Adrianus Vollenhove Den E: fiskaal voorschreeven (:was geteekend:) W: J: van de seere doe d de Graaff, M: P: Raket, D: C: von Driberg, Abzent. D: T: Fretz, C: van Angelbeek, J: Runtous, - ƒ Den Wel Ed: Groot achtb: Heer Gouverneur Willem Jacob van de Graaff. B: L: van Zitter, A: Samlant en I. Den P: Kolonet Diderict Carl van Driebers - 1 - A: Vollenhove. Den Dessave Diderich Thomas Fritz Den P: Aoldij boekhouder Gerrit Engel Holst de eerste en derde na aui saicelle de tweede na Matura „en de laatste mids indis„ Dingsdag den 31. Maij 1791. „positie. d Geresumeerd zijnde een van Jaffena ont„ vangene lijst uit de in het voorleeden Jaar vernieuwde Combo, waar bij blijkt dat de land en boom renten, die de in ƒ „gezeetenen aan de Comp:e moeten ƒ opbrengen volgens deeze nieuwe 1 beschrijving bedraagen 31337.d : Ae 4 „nums 4 ram: en 3. boes en dus in vergelijk tegens de beschrijving 6 G Den 10. ' Maij 1791. van e 85 is 137 Den 31. Maij 1791: resolutie houdende „wers mogten klaagen dat „nij te laaten meetenen om het landschap kaariel en kaardt brengen „nen de drie vrye Jaaren zaaij velden: eerste maal worden be„ „sie te laaten opneemen. ophiel t men an de haarge woren van het Jaar 17: 5: 4: taen ze bedmagel: hebben 25434 rd:s p: fanums 3. tam: en ¼. boeser thans meerder 5903. rd:s 2. fanums 6. lam: en 23¼: boeks Is verstaan daar van te houden deeze aanteekening Is geleezen eene Jaffanasche resbutie d e van den 14. deezer, houdende dat de e ende bedienden op een daar bij geinsereerd ad¬ „dres van den E: Dessave Schreuder, haaden deslooten - - 1. Wanneer de landbouwers van het land= schap Carretje en den boord der wannij 12 nieuwd aangelegde helden mogten klaagen, dat nieuw aange„ vrije Jaaren, zin verpagt „lagde velden, voor de Expiratie der „ten doen drie vrije Jaaren zijn verpagt, daar na onderzoek te laaten doen door expresse gecommitteerden. „ G 2. het landschap karretje en den boord „je en den boordder wan der wannij door den landmeeter Hopke te laaten moeten en in een kaart brengen 3. De bepaalde drie vrije Jaaren voor zedert wanneer dreeke aangezegde zaaijvelden, te reekenen van voor nieuw aangelegde den tijd dat deese velden voor de eerste 1 maal worden bezaaijd, en 1 1. Den E: Dessave te gelasten, om Jaarlijks de vildende voorde de velden, die voor de eerste maal worde „zaaijd door eene fommis bezaaijd, door eene Commissie te laaten opneemen, en zoo dra iemand een stuk grond verkrijgd, daar van dat wanneer de landbou„ voor de Expiriatie der drie daar na ondersoek te laa„ tie eener jalsen ƒ ƒ Aan den Wel Edelen Groot achtb. Heer e Willem Jacob van de Graaff, Raad ordinair van Neder„ „landsib Jndia, Gouverneur ge en Directeur van het Eiland Cellon met dies onderhoo„ „righeeden Wel Edele Groot Achtbaare Hoog Gebiedende Heer. Rena ƒ Na genoomene informatie bij de hoofden en oude des kundige lieden, hebben ze eenpariglijk getuijgd, dat ze wel 74. bhaaren zaaije zouden delven kun een apparte kaart te laaten maaken, en van deeze gronden een register te houden waar bij aangeweesen moet worden de naam van Eltb stuk grond, wie de eige „naar daar van is en in welk Jaar hij het verkreegen heeft. En is na deliberatie goedgevonden en 't manaars den opperhoofd dat verstaan voorschreeven resolutie approbeeren. 5 Ter voldoening aan de resolutie van den „ 29:e April Jongst leeden ingekoomen zijnde een hier onder g'insereerd be„ rigt van het opperhoofd van Man¬ betrekkelijk de delverij „naar Boell, van de Mannaarsche zaaije wortelen Den 31. Maij 1791. een nen 25 — 1 5 1 1 1 1 :

NL-HaNA_1.04.02_3927_0754 view scan ↗

English

The 31st of May 1791. to dig and deliver, but that they had to testify at the same time that this quantity would not all be of one and the same quality, because they would then extract whatever they found everywhere, thus also many young roots that are not good for dye, in order to fulfill the number; but that if they could manage with delivering 60 bhaars, and it rained neither too much nor too little, they undertook to deliver good, full-grown roots; that the roots had to be about two years old to be used for dye, as they then had their full growth and firmer roots, thus more sap than the young ones; and that if they had to extract a large quantity, they could not grow that old; that if they could manage with delivering the aforesaid quantity, they could then leave those places, which they had dug this year, in peace until next year, and that thereby the roots would have time to reach their thickness, and they could then also deliver thicker roots suitable for dye; that in the year 1762 they had also been ordered to dig and deliver 90 bhaars instead of 60, but that having demonstrated that the young roots were not as good for dye as the old ones, they had been excused from this, and that they had been able to manage with delivering 60 bhaars; that at that time they had dug as far as Kalpettij, and also on certain islands, namely Karadive, Periaturre, Aanewazelpoelo, Ietjencholeij, and Willemoendel, and had still had considerable difficulty delivering that quantity of good roots; that now they only had to have all roots dug on the island, which was not large, because in the aforementioned places much chaya had died out and was no longer to be found; and that at the time of Mr. van der Spar they had last been there, and having found nothing noteworthy, they had been told to dig only the chaya in the Mannar territory. I have experienced that the first roots, which are dug after the rainy season, are thicker and better than those which are dug a few months later, the latter being presumably too young. A pack of 120 lb of the former is notably smaller than of the latter; one needs less of the full-grown roots for dye, and they also give a better color. Furthermore, the headmen and old people who work at the excavation undertake that if they can deliver more good roots as aforesaid, they will gladly and willingly do so. This is what I have been able to find out from the old and knowledgeable people; I hope that it may deserve your Right Honorable Esteemed approval. There will be no lack of zeal on my part to have as much dug as ever possible, and it will even serve as a great honor to me if this product during my time can be of great benefit to the Honorable Company, to which end I shall also make all required efforts. For the rest, I have the high honor to call myself with deep respect (it was undersigned): Right Honorable, Highly Esteemed Lord, Your Right Honorable's humble and obedient servant (was signed): C. F. Ebell. (in the margin): Mannar, the 19th of May Anno 1791. After deliberation, it was approved and understood to acquiesce in the prescribed report, and to write to the Mannar Opperhoofd that although it will always be agreeable to this government that a serviceable quantity of chaya roots is constantly delivered, it nevertheless goes without saying that one wishes to have dug only good roots that have their full ripeness to be used for dyeing and painting, and that he must conduct himself in accordance with this rule regarding this matter in the future, particularly taking care that the diggers do not use the youth of the roots merely as a pretext to cover their indolence. There was resumed a statement received from Kalpettij showing the nelly dues of the Koemara and Rasa Wannia pattoe for the great harvest of this year, from which it is understood that this due amounts to 1512 markals or 378 parras. It was decided to note this. Thus done and resolved in the Castle of Colombo on the day, month, and year aforesaid. (was signed): J. G. van Angelbeek, M. P. Raket, C. van Angelbeek, J. Reintous, B. L. van Zitter, A. Samlant, and J. A. Vollenhove. Thursday, the 7th of July 1791. Present: The Right Honorable Lord Governor Willem Jacob van de Graaff, The Honorable Chief Administrator Mattheus Petrus Raket, The Honorable Disava Diderich Thomas Fretz, The Honorable Matara Disava Mr. Christiaan van Angelbeek, The Honorable First Warehouse Master Johannes Reintous, The Honorable Secretary Benedictus Lambertus van Zitter, The Honorable Trade Bookkeeper Abraham Samlant. Absent: The Honorable Colonel Diderich Carl von Driebergh, the first at Kattoene, The Honorable Pay Bookkeeper Gerrit Engel Holst, the second due to indisposition, The Honorable Fiscal Mr. Johannes Adrianus Vollenhove, and the last occupied with the judiciary. Alongside the Galle resolution of the 26th of April last, having been received the papers regarding the dispute between the widow of the assistant de With and the first clerk Gratiaan over a piece of Company land situated at Matara, which the Honorable Disava Burnat first in the year 1774, against payment of 45 rds., granted to the aforesaid widow, but since, or in the year 1783, took away from her again

Dutch transcription

138 139. Den 31. Maij 1791. nen en leeveren, maar dat ze teffens betuij„ „ „gen moesten, dat die kwantiteid niet alle van een en dezelfde hoedanigheid zijn 2 zoude, door dat ze dan overal wat vonden, zouden uithaalen, dus ook veele Jonge, en tot de verf niet goed zijnde wortelen, om het getal te voldoen, maar dat wanneer ze med 60. bhaaren te leeveren bestaan kon „den, en het niet te veel, nog te weijnig regende zij aanmaamen goede vol„ „wassene wortelen te leeveren, dat de ƒ wortelen omtrend twee Jaaren oud zijn - moesten, om tot de verf te gebrui„ „ken ze dan haaren volkoomene groeij en vastere wortelen, dus meer sap, dan de Jonge hadden, en dat die wanneer eene groote kwantiteid uit„ 7 „haalen moesten, zoo oud niet worden konden, dat wanneer ze met de voorm: kwartiteid te leveren bestaan konden zij dan die plaatsen, die ze dit Jaar zelven tot koomend Jaar gerust konden laaten, en dat daar door de wortelen tijd en zij dan ook dikkere en tot de verf bequaame wortelen leeveren konden, dat zij in het Jaar 1762. ook waaren gelast geworden insteede van 60. 90. bhaa„ „ren te de Even en te leeveren, maar dat ze aangetoond hebbende, dat de Jonge wortelen tot de verf zoo goed als de ƒ Den 31. Maij 1791. ouden niet waaren, daar van waaren ge„ „excuseerd worden, en dat ze met 60: bhaaren te leeveren hadden bestaan kunnen, ,dat ze toen te kalpettij toe, en ook op zommige Eilanden te weeten kan„ redivee periaturre, aanewazel K: poelo, ietjen choleij en Willemoendel gedolven, en nog al moeijte gehad hadden, die kwantiteid van goede wortelen te leeveren, dat ze nu maar „ alleen op het Eiland, het welk 1 niet groot was, alle wortelen moes„ „ten delven laaten, door dat op voornoemde plaatzen veel zaaije uijtgegaan, en niet meer te vinden was, en dat ze ten tijde van den Heer van der Spar het laast daar geweest, en niets naamwaardigs gevonden hebbende, hun gezegd was, alleen de zaaije in het Man¬ „naars gebied te de Even„ „len die na de regentijd gedolven werden, dikker en beter dan die 1 welke eenige maanden daarna gedelven zijn, dus de laaste den„ „kelijk te Jong. Een pak van 120. lb: p: van de eerste, is merkelijk klijnder hadden tot hunne dikte te koomen Jk het ondervonden dat de eerste worte ouden dan 1 1 1 3 2 2 6e 146: 147 Den 31. Maij 1791. Besoigne over kalpettij aanteekening van 't be„ nelij geregtigheid Den 31. Maij 1791. opperhoofd aante schrijven dat schoon ƒ „ dan van de laaste, men heeft van de volwas„ deeze regeering alteid aange„ d van ƒ „ 7 sene wortelen minder nodig tot de verf„ naam zal zijn, dat er steeds eene 25 „ en te geven ook eene beetere Couleur. dienlijke quantiteit Zaaije Verder neemen de hoofden en oude lieden wortelen word geleevert het die bij de delverij werken, aan dat zoo nogtans van zelfs streckt, de meerdere goede wortelen als voor„ - ƒ dat men niet dan goede, wor„ zegd leeveren kunnen, zij dit gaarne en gewillig doen zullen Dit is, het „telen wil gedelven hebben geen ik van de oude en des kundige die haare volkoomene rijpheid - lieden heb uit vorschen kunnen, hebben, om tot het verwen en ik zal hoopen dat het uwel Edele „ 7 „ Groot achtbaare g'eerde approbatie schilderen te kunnen worden verdienen mooge. Aan mijnen iver gebruijkt, en dat hij zich naar om zoo veel maar immer mooge deezen regel omtrend diz „lijk te doen delven, zal het niet ontbreeken, en het zal mij zelfs stuk in den aanstaande be„ tot eene groote eere strekken, stuuren moet, daar bij inzon„ wanneer dit product in mijn tijd „derheid toeziende, dat de del„ d'E: Comp:e van groot niet strekken kan„ „vers de Jongheid der wortelen waar ook alle vereischte moeijte doen zal Jk heb voor het overige de hooge eeze mij niet slegts tot een voorwend¬ met diep ontzag te noemen (:onderstond/ „zel gebruijken, om hunne traag Wel Edele Groot achtb: Hoog Geb: Heer. „heid te bedekken. uwel Ed: Groot achtb: onderdaanige en Ge„ „hoorzaame dienaar (:was geteekend:/ C: F: Ebell (:inmargine:/ Mannaar den 19. Maij A:o 1791. Is na deliberatie goedgevonden en verstaan en voorschreeven berigt te berusten en het Mannaarsch Is geresumeerd eene van kalpettij ont„ draagenaer malgetue van gene aanwijzing van de nelie geregtigheid van Koemara en Rasa opperhoofd wannia 13 5 3 2 1 25 „ gl K: 14 143 8 Den 31. Maij 1791. Donderdag den 7. Julij 1791. 5 Prezent. wannia pattoe, voor den grooten oegst Den Wel E:d: Groot achtb: Heer Gouverneur Willem Jacob van de Graaff„ 5 waar uit verstaan is van dit Jaar, Den E: Hoofdadministrateur Mattheus Petrus Raket, dat deeze geregtig aan te teekenen Den 8:e Dessive - - - - - Diderich Thomas Fretz, „heid bedraagd 1512. mark: of Den E: Matureesche Dessuve M:r Christiaan van Angelbeek:/ 378: parras Den E: Eerste Pakhuijsmeester Iohannes Reintous, Aldus Gedaan ende Geresolveert in het kasteel kolombo ten dage Den E: Sekretaris Benedictus Lambertus van Zitter - maand en Jaare voorschreeven Den E: negotie boekhouder Abraham Samlant /:was geteekend:/ F: G: van Angelbeek abzant. M: P: Raket, C: van Angelbeek, Den E: Colonel Diderict Carl von Driebergh I: Reintous, B: L: van Zitter Den E: zoldij boekhouder Gerrit Engel Holst A: Samlant en J: A: vollenhove Den E: fiscaal- M:r: Johannes Adrianus Vollenhove de eerste te kattoene, de tweede mids indispositie, en de laatste g'occupeerd bij de Justitie Nevens gaalse resolutie van den 26. dispositie op de Papieran betrekkelijk de quaste un April Jongstleeden, ontvangen zijnde de „schen de wed: de wit en den eersten klaek gratian papieren betrekkelijk de questi, tus„e 2d oder een stuk s Comp:s gond„ schen de weduwe van den assistends de With en den eersten klerk Gra„ „tiaan over een stuk Comparies grond geleegen te Mature, die de E: Des¬ „save Burnat eerst in het Jaar 1774. tegens betaaling van 45. rd:s aan voorm: weduwe toegevoegd dog ze „dert of in het Jaar 1783. haar weder ont„ „noomen 1o - de de 5

NL-HaNA_1.04.02_3927_0757 view scan ↗

English

143. The 7th of July 1791. The 7th of July 1791. taken, and had ceded it to the said first clerk, also upon payment of the same 45 rd:s to the Company. It is, upon the received report of the aforementioned Honorable Burnat that the aforementioned widow de With, shortly after she had obtained this piece of land, moved to reside in Gale and completely abandoned that land, without having had any work done on it for [illegible] years, and that His Honor therefore took this land from her and granted it to Gratiaan, by virtue of the standing order that all lands ceded to various persons for cultivation or planting must be revoked and ceded to others if, after the expiration of three years, they are not planted or cultivated: approved and agreed to sanction this action, and to establish the aforementioned first clerk Gratiaan in the possession of the aforesaid questionable land; and although the widow de With, on account of abandoning the same, may reasonably be considered to have forfeited the 45 rd:s paid by her for it, it is nonetheless, in consideration of her known poverty, approved to authorize the officials at Gale to cause the said amount to be refunded to her. The reports from the Matara Lieutenant Dessave van Schuter and the Landraad members there, previously requested pursuant to the resolution of the fourth, having been received along with the Gale letter of the 27th of May last from Matara, regarding the conduct of Mr. Beijer and Brinkman concerning the conduct maintained by the first clerk Fijbrands during his recent presence at Matara: it is, after resumption of the said reports, approved and agreed to insert the same below. To the Honorable Ruling Lord Willem Adriaan Berghuijs Senior Merchant and Dessave here Pursuant to the instructions of the Honorable Commander and Council of Gale, having been ordered (and as was recommended by the revered High Government of this island, by letter of the 1st of this month) to submit a written report as to whether the Colombo first sworn clerk of Police, the Honorable Fijbrands, behaved improperly in any respect during his presence here, I therefore have the pleasure, in dutiful fulfillment thereof, to report that no complaints were ever brought to us against the said Honorable Sijbrands in his capacity as secretary serving therein by the Landraad members Beijer and Brinkman, to whom I assigned the investigation of the complaints against the native chiefs, as I presume their Honors certainly would have done had they believed they had grounded reasons for it; much less have complaints come before me against the said Honorable Fijbrands from people who were questioned by the Commission, notwithstanding that I gave everyone complete freedom to do so; likewise that the said Honorable Fijbrands, during his presence here, did not behave improperly in anything whatsoever, but on the contrary showed himself to be a man excelling in good reason and diligent in the service of his high superiors, as is the duty of all well-meaning Company servants. Having rendered tribute to the authorities through what is set down here, may Your Honor please send a copy of this my report on behalf of the Company to Gale, so that the Honorable Commander and Council there [illegible] Ruling Lord. Beijer there

Dutch transcription

143. Den 7. Julij 1791. Den 7. Julij 1791. oomen, en aan gem: eerste klerk affgestaan had, meede onder betaaling van gelijke 45: rd„s aan de Compenie. e Is op het ingekoomen berigt van voorm: E: Burnat, dat voorm: weduwe de With, kort na dat ze dit stuk grond had verkreegen zig ter woon na Gale begeeven en die grond geheel verlaaten had, zonder dat zij ze Jaaren, eenig werk er aan had ƒ ƒ der i laaten verzigten, en dat zijn E. daarom 1 2 deeze grond haar ontnoomen, en aan Gratie aan toegevoegd had, uit kragte van de leggende order, dat alle gronden, die ten de Pouwing off aanplanting aan deeze en geene afgestaan worden, weder ingetrokken en aan andere afgestaan moeten worden, indien ze na verloop van drie Jaaren, niet „ beplant of behouwt zijn: goedgevonden en verstaan deeze behandeling te approbeeren, en meermelte eerste klerk Gratiaan te vestigen in de possessie van voorsz: questieuse grond, en schoon de weduwe de With¬ over het verlaaten van dezelve billijk daar kan worden geacht de door haar 11 voor betaalde 45. rd:s te hebben verbeurd, is niet te min uit Consideratie van haare bekende armoede goedgevonden, den bedienden te Gale te qualificeeren gem: bedraagen aan haar te doen restitueeren. Nevens gaalsche brief van den 27. Maij J:o leeden de van mature ontfangen ontvangen zijnde, de volgens besluit van den vierden te vooren gevorderde berigten te klerk gij bndi van den Matureeschen luitenant dessave van Schuter en de landraadsleeden aldaar „de resotutie te refereeren „den gedrag door den heer bewogten dopens het gehou„ Beijer en Brinkman, noopens het gehouden gedrag door den eersten klerk Fijbrands, geduu„ „rende zijn jongste aanweesen te Mature: is na resumtie van gem: berigten goedgevonden en verstaan, dezelve hier onder te insereeren. Aan den E: Gebiedende Heer Willem Adriaan Berghuijs opperkoopman en dessave alhier Ingevolge aanschrijving van den achtb: Heer Commandeur en raad van Gale gelast zijnde /: en zoo als zulx door de gevenereerde opperregeering deezes Eilands aanbevoolen is, bij brieve van den 1. deezer per een schriftelijk berigt optegeeven, of den ko„ „lombos eerst gezw, klerk van Politie den E: Fij„ „brands zig geduurende zijn aanweezen alhier ergens in onbehoorlijk heeft gedraagen, zoo heb ik het genoegen pligtschuldig hier aan voldoende te berigten, dat wij nimmer door de landraads leeden Beijer en Brinkman aan wien ik het onderzoek der klagten tegens de inlandsche hoofden opgedraagen hebbe, eenige klagten teegens gem: E: Sijbrands in zijne quali„ „teid als sekretaris daar bij vaceerende zijn in „gebragt, en zoo als ik verondersteld hun E: ze„ „kerlijk zouden gedaan hebben, indien zij vermeend hadden daar toe gegronde reedenen te hebben veel minder zijn mij klagten te vooren gekoomen tegens gem: E: Fijbrands van menschen die door de Com„ „missie verhoord zijn niet tegenstaande ik een ider daartoe volkoomene vrijheid gegeeven hebbe zoo meede dat gem: E: Fijbrands zig bij zijn aanwee„ „sen alhier, in niets hoe ook genaamd onbehoorlijk heeft gedraagen, maar in tegendeel betoond heeft te zijn, een man uitmuntende in goede reeden, en wezig in den dienst van zijne hooge superieuren zoo als zulks de pligt is van alle welmeenende komp„s dienaeren Door het hier ter needer gestelde aan de meerder „heid hulde gedaan hebbende gelieve uwEd: een kopij van dit mijn berigt 'skomp:s weegen na Gale te ver„ „zenden, ten einde den achtb: Heer Commandeur en raad :Gebiedende Heer. Beijer aldaar 1 - 5 ƒ 5 „ 1 2 2 2„ 1 1 3

NL-HaNA_1.04.02_3927_0758 view scan ↗

English

747 The 7th of July 1791 The 7th of July 1791. to afford the opportunity there to bring the same to the attention of the esteemed supreme government of this island. I have the honor to be with high esteem, honorable sir, your honor's obedient servant, was signed, P: W: F: A: van Schuler, in the margin, Matara, the 24th of May, anno 1791, below, agrees, signed, J: H: Brechman, sworn clerk. To the Right Honorable Sir, Willem Adriaan Berghuijs, Senior Merchant and Second of the Galle Commandment, as well as Dissave of these lands. Right Honorable Ruling Sir. Pursuant to the highly esteemed order of the Right Honorable Worshipful Commander and Council at Galle, contained in an extract letter dated the 5th of this month written from Colombo to Galle, ordering us to provide a written report as to whether the first sworn clerk of police at Colombo, the honorable Fijbrands, conducted himself improperly during the time of his presence here. We therefore have the honor dutifully to inform your honor that the honorable Sijbrands, acting in his capacity as secretary during the investigation of the complaints against the native chiefs, did not conduct himself improperly here in any manner whatsoever. In witness of the truth, we have the honor to sign this with all due high esteem, below, Right Honorable Ruling Sir, your Right Honorable's completely obedient servants, was signed, F: C: Bijer and J: H: Brinkman, in the margin, Matara, the 25th of May 1791, lower, agrees, signed, I: H: Brechman, sworn clerk. After deliberation, it was resolved and agreed to persist in the decision of the 11th of March last, and consequently to further refuse the aforementioned request, with authorization, however, granted to the chief Burnat that, should the aforementioned native chiefs continue to insist thereon, to announce to them in the name of this government that they may still enjoy the amunams of grain which were granted free of dues to the 8 pedies by letter of the 31st of August 1768. Thus done and resolved in the castle of Colombo on the day, month, and year aforementioned, was signed, W: I: van de Graaff, M: P: Raket, D: T: Fretz, C: van Angelbeek, I: Reintous, B: L: van Zitter, and A: Samlant. The chief of Batticaloa, Burnand, having by letter of the 3rd of June last further submitted the request of the native chiefs there to be exempted from paying the tithe duty for the muttettu of their fields, since by resolution of the 9th of September last they were not granted exemption from the tithe duty for the 250 amunams of sowing land stipulated therein, but only from the field duty of one quarter rixdollar per amunam, whereby not they, but the Company benefited, because previously all their fields were unconditionally exempt from paying field duty. Proceedings concerning Batticaloa 148. 149 Present The Right Honorable Highly Worshipful Governor Willem Jacob van de Graaff, The Honorable Chief Administrator Mattheus Petrus Raket The Honorable Dissave Diderich Thomas Fretz The Honorable Matara Dissave Master Christiaan van Angelbeek The Honorable First Warehouse Keeper Johannes Reintous The Honorable Trade Bookkeeper Abraham Samlant Absent The Honorable Colonel Carl Diderick van Drieberg The Honorable Pay Bookkeeper Gerrit Engel Holst The Honorable Secretary Benedictus Lambertus van Zitter The Honorable Fiscal Master Johannes Adrianus Vollenhove the first detached to the Matara Dissavony, the second and third due to indisposition, and the last occupied with the administration of justice. Proceedings concerning Galle The Galle officials have, along with a letter from Galle received on the 18th of this month, transmitted a brief summary of the Company's gardens and the areca trees standing therein, located in the Matara Dissavony, with a draft advertisement to be published prior to the lease, requesting instructions as to whether this lease may take place under the proposed conditions. Friday the 22nd of July 1791.

Dutch transcription

747 Den 7. Julij 1791 Den 7: Julij 1791. aldaar in de geleegendheid te stellen, het zelve te brengen onder het oog van de g'eerde opper regeering deezes Eilands. Jk hebde eer met hoog achting te zijn (:onderstond:/ E: Geb: Heer uwE: Geb: en gehoorzaamen dienaar /:was geteekend:/ P: W: F: A: van Schuler /:inmargine:/ Mature den 24. Maij a:o 1741: /:onderstond:/ accordeert (:geteekend:/. J: H: Brechman gezwoore klerk. Aan den Wel Edelen Geb: Heer. Willem Adriaan Berghuijs opperkoopman en sekunde van het gaalsch Commandement, mitsgaders dessave deezer landen. Wel Edele Gebiedende Heer. Ingevolge hoog g'eerde order van den Wel Edele achtb: Heer kommandeur en raad te Gale, ver„ „vat bij Extrakt missive datis den 5. deezer van kolombo na Gale geschreeven ons gelast zijnde, per een berigt ingeschrifte opte geeven, of den eerst gezwoore klerk van Politie te kolombo, dE: Fijbrands geduurende den tijd van zijn E:s aanweesen alhier zig onbehoorlijk gedraagen heeft. zoo hebben wij de eere uwel Ed: Get: pligtschul „dig te berigten, dat de E: Sijbrands in zijn qualiteit als Tekretaris bij het onderzoek der klagten tegens de inlandsche hoofden vaceerende zig alhier in niet hoe ge„ „naamt onbehoorlijk gedraagen heeft. In teeken der waarheid hebben wij de eere deeze met alle verschuldigde hoog achting te onderschrijven (:onderstond:/ Wel Edele Gebiedende Heer uwel Edele Gebiedende gants gehoorzaame dienaaren (:was geteekend:/ F: C: Bijer en J: H: Brinkman (:inmargine:/ Mature den 25: Maij 1791. (:lager:) accordeert (:getee„ „kend:/ I: H: Brechman gezw: klerk. Is na deliberatie goedgevonden en verstaan te persisteeren bij het besluijt van den 11. Maart Jongstleeden, en mits dien het voorsz verzoek nader te ontzeggen, met qualificatie egter aan het opperhoofd Burnat, om zoo voorsz: landshoofden daar op mogten blijven aan„ „dringen, hen uit naam deezer regeering aantekondigen, dat ze als nog kunnen Jouisseren van de E. amm:s die aan de 8. pedies, bij brief van den 31. aug:s 1768. vrij van geregtigheid zijn toegestaan. Aldus Gedaan ende Geresolveert in het kasteel kolombo ten dage maand en Jaare voorsz: (:was geteekend:/ W: I: van de Graaff, M: P: Raket, D: T: Fretz, C: van Angelbeek I: Reintous, B: L: van Zitter, en A: Lamlant, het verzoek van de land, Door het opperhoofd van Batticaloa Burnand91 bij brive van den 3. Junij Jongstleeden nader voor„ „hoofden van balicalca om van het opbrengen van de teerde geregtighed te moe„ gedraagen zijnde, het verzoek van de landshoofden aldaar, om van het opbrengen van de tiende ge„ „regtigheid voor de Moetottes hunner velden te moogen vrij zijn, vermits zij bij resolutie van den 9. 7ber: pass:o, voor de daar bij bepaalde 250. ammonams gezaaij, niet zijn vrij gekend van tiende geregtigheid, maar wel van de veld gregtigheid van een quart rd:s per am„ „monam waar door niet zij, maar de Comp:e bevoordeelt is, om dat bevoorens onbepaald alle haar velden vrij zijn geweest van het opbrengen van veld geregtigheid. „gen oog zyn naderbont„ Bezoigne over Bezoigne „ - „tangens Battikaloa 148. 149 Prezent Den Wel Ed: Groot achtb: Heer Gouverneur Willem Jacob van de Graaff, Den E: Hoofdadministrateur Mattheus Petrus Raket Den E: Dessave Diderich Thomas Fretsen 6 Den E: Matureesche Dessave M:r Christiaan van Angelbeek Den E: Eerste Pakhuismeester Iohannes Reintous Den E: Negotie boekhouder. Abraham Samlant g Abzent ent Den E: kolonel Carl Diderick van Drieberg Den E: soldij boekhouder Gerrit Engel Holst. Den E: Sekretaris Benedictus Lambertus van Zitter 2 Den E: fiskaal M:r Johannes Adrianus vollenhove te de eerste gedetacheerd in n Matureesche Dessavonij, e de tweede en derde mits indis „positie en de laatste g'occupeerd bij de Justitie. Bezoigne over d ldri De Gaalse bedienden hebben neevens brief van gala ontfangen van den 18. deezer overgezonden een korte porte te zaeman trekkistg van sComp:s tuijgen en tezaamen trekking van 's Comp:s tuijnen de daer in staende weken de daar in staande arreeks boomen in de boomen en de malaccarse Matureesche Dessavonij geleegen, met een des Janwie met an consipadier Concept advertissement om voor de „tessements om vooo de verpagting te worden afgekondigd, ver„ 1 verpagting te worden rifgehoudigd „zoekende onderzigt te worden of deeze 52 welke enderwigtidg e verpagting op de voorgestelde Condities moge geschieden Cnan oƒ deeze verpagting en A „ . Vrijdag den 22 Julij 1791. bij

NL-HaNA_1.04.02_3927_0760 view scan ↗

English

The 22nd of July 1791. There has also been received an address from the overseer of the Galle korle and a report from the Landraad member Evarista, who has surveyed all the Company's areca gardens in the Galle korle and the Galle portion of the Walallawiti korle, with the said overseer of the korle requesting further orders to be allowed to proceed with the leasing, whether this shall take place by individual gardens or by individual korles and pattus, or all gardens in the Dissavany at the same time. Furthermore, the servants have transmitted along with the aforementioned letter the address of the overseer of the Galle korle and the report of Landraad member Evarista, who surveyed all the Company's areca gardens in the Galle korle and the Galle portion of the Walallawiti korle, requesting further orders to proceed with the leasing. The servants state in the aforementioned letter that they are of the opinion that the leasing of each korle and pattu must take place together and in its entirety, and indeed in such a manner as has been recommended by this government and indicated by the Acting Dissava of Matara, the Honorable Berghuijs, in his advertisement inserted below. Advertisement. Notice is hereby given to everyone that the Honorable Company intends and proposes, on the 1st of the coming month of August 1791, to publicly lease by open auction to the highest bidder of areca, its areca gardens situated in this Dissavany, in which there are already old and young bearing trees, as well as recently blossomed and somewhat fruit-bearing trees, provided that the lessee or lessees shall be obliged to deliver to the Company also the surplus areca that they collect from these trees over and above their lease sum, against payment of three rixdollars for each amunam of thirty thousand nuts. The lessee or lessees of these Company areca gardens shall hold this lease from the day it is leased by him or them and proper contracts under the provision of sufficient sureties have been executed at the Secretariat here, until the end of August 1792. Anyone who has interest and inclination in the aforementioned lease may come to read the conditions and terms upon which these Company gardens are to be leased at the Secretariat here, and present themselves at the appointed place on the aforementioned prefixed day, and make their profit. Below stood: spread the word. In the margin: Matara, July 1791. Below stood: agrees. Signed: J. H. Brechman, sworn clerk. Whereupon having deliberated, and taking into consideration that the servants would have done better if, immediately upon the received order of this government by letter of 2 October 1790, they had simply followed that order and had the areca gardens leased immediately after notifying the public thereof by notices, without waiting until all areca gardens were surveyed; and that, now the areca compulsory delivery has been abolished and the inhabitants are left free to sell their areca to whomever they wish, the condition whereby the lessee is obliged to deliver to the Company the areca exceeding his lease sum is no longer appropriate; and that it is better to have the gardens leased piece by piece as was done in the Colombo Dissavany: thus it is approved and resolved to write to the servants that they may have the areca gardens leased under the conditions mentioned in the notice inserted above, only omitting the condition whereby the lessee is obliged to deliver to the Company the areca exceeding his lease sum, and that the gardens must be leased piece by piece. The request made to the Honorable Colonel von Drieberg by the Matara uliyam workers serving with him having been presented by the aforementioned servants in the aforesaid letter, asking that they might have, in addition to the one parra of rice per month which they enjoy, two stuivers per day, it is after deliberation approved and resolved, for the further encouragement of these servants, to grant their request and to authorize the servants to have them paid two stuivers per day in addition to the one parra of rice per month which they enjoy; and it is likewise resolved to instruct the servants that, as soon as they can find coolies at a lower rate of pay to remain with the Honorable Colonel von Drieberg than the fifty individuals hired at Galle for five rixdollars and one parra of rice per month each, these coolies must be discharged, as well as the aforementioned Matara uliyam workers, as soon as other coolies can be found to replace them.

Dutch transcription

156„ Den 22. Julij 1791. Den 22. Julij 1791. 23 ook is ontfangen addres van den koole landraads sid de alle heeft opgenomen „opagting van dezelve bij enkelde tuijnen of bij enkelde korles en pattoes, dan wel te gelijk van alle tuijnen, in de Dessavonij zal geschieden. Nog hebben de bedienden neevens voorm: brief overgezonden een addres van den opziender opseender der gale der Gale korle en een rapport van het land „raads lid Evarista, die alle de komp=e arreeks tuijnen in de Gale korle en het en een rapport van de gaalsch gedeelte van de Wallalawitte de Comps awreek sluij korle opgenoomen heeft, verzoekende gem: „nen in de gale korle op ziender der korle verder order om met de verpagting te moogen voortvaaren 2 Betuijgende de bedienden bij voorm: brief gevoeken van deledie van gevoelen te zijn, dat de verpagting van elke „den omtrent de ver korle en Pattoe te zaamen en in zijn geheel moet geschieden en wel op zodanigen voet als door daeze regeering aanbevoolen is, en door den waarneemen den Dessave van Mature d'E: Berghuijs bij zijn hier onder g'insereerd tissen adver issement aangedierd. word. Advertissement Men adveert en Laat eer Igelijk hier bij weeten 375 Dat de Edele kompenie van meening en voor„ „ neemens is op den E. van de aanstaande maand „ aug:s a:o 1741: bij openbaare op een afslag publiek te verpagten aan den geenen, die daar voor de meeste arreek bied of bieden, derzelven arreeks tuijmen geleegen in deese Dessaumij„ waar in reeds oude en Jonge nagtardagende #8 mitsgaders Jongst gebloeijde en eenige vrug „ten gegeeven hebbende boomen zijn, mits dat de pagter of pagters verpligt zal of zullen zijn, om ook de meerdere arreek die op zij van deese boomen, boven hun pachtschak in Waar over gedelibereert en in aanmer„ onlaberaatsie daer „king genoomen zijnde, dat de bedienden beter zouden gedaan hebben, indien =ze aanstonds op de ontvangene ordre deezer regeering bij brief van den 2. oktober 1790: die ordre eenvoudig hadden opgevolgd en de arreeks tuij„ „nen aanstonds hadden laaten ver„ „pagten na de gemeente daar van bij biljetten te hebben kennis gegeeven, zonder te wagten tot dat alle arreeks tuijnen waaren opgenoomen. Dat nue V75 zaamelt of inzaamen, aan de komp:e te leeveren 79 tegens betaaling van drie rd:s voor elke ammonam van dertig Duijzend nooten. zullende den pagter of pagters van deeze kompanies arreeks tuijnen die pagt be„ „houden, van den dag dat dezelve door hem of hun gepagt, en daar van behoorlijke verbintenissen onder het stellen van suffi „lante borgen ter sekretarij alhier zal of zullen gepasseert zijn, tot ult:o aug:s 1792. Een ieder die speculatie en gadinge heeft in voorsz: pagt, kan de Conditien en voorwaarden, waar op deeze kompe nies tuijnen staan verpagt te worden ter sekretarij alhier te koomen leesen en tegens gemelden geprefigeerden dage ter plaatse daar het behoord zig laaten vinden, en haar profijt doen (:onderstond:) zeg het voort (:inmargine:/ Mature den Iulij 1791. (:onderstond:/ aCCor „deert (:geteekend:/ J: H: Brechman gezw: klerk. „zaamelt de 2 3 5 ƒ J . 1 152 153 Den 22. Julij 1791. den aan te schryven dat „ten op zekere Conditien doen twee stuiverssdaags aen de oeliammen die bij toegesoyd de arreeks verpligting afgeschaft en de ingezeetenen vrijheid gelaaten zijnde om hunne arreek te verkoopen aan wie te willen de konditie waar bij de pagter verplicht word om de meerdere arreek dan zijne pachtschat bedraagd, aan de companie te moeten leeveren, niet meer te pas komt; en Dat het bee„ „ter zij de thuijnen stuk voor stuk te laaten verpagten gelijk in de kolombosche Dessavonij is besluijt aen de bedien gedaan: zoo is goedgevonden en ze de ant de ktuijnen verstaan de bedienden aanteschrij kunnen laeten verpag„ ven, dat ze de arreeks tuijnen kun„ nen laaten verpachten op de kon„ „ditien vermeld bij het hier vooren da geinsereerd biljet, alleen met uit„ „laating van de Conditie waar bij de pagter word verpligt om de meerdere arreek dan zijn pacht schat bedraagd aan de kompenie te moeten leeveren, en dat de tuij„ „nen stuk voor stuk moeten wor„ „den verpagt. Door voorm: bedienden bij voorsz: brief voor den E: don Arberg diendt„ gedraagen zijnde het verzoek door de Matureesche oeliammers, die zig Den 22. Julij 1791. 5 bij den E: overste van Drieberg be„ „vinden aan zijn E: gedaan, om buijten „de een parra rijst die zij 's maands „ genieten nog twee stuijvers 's daags te moogen hebben zoo is na de li„ „beratie goedgevonden en verstaan tot meerdere aanmoediging van 5 die dienstelingen, hun verzoek te akkordeeren en de bedienden te qualificeeren, om hun buijten de een parra rijst die zij smaands genieten, nog twee stuijvers 's daags te laaten betaalen, en is tef„ - „fens verstaan de bedienden aan te beveelen dat zoo dra ze ƒ koelies kunnen vinden voor mindere betaaling om bij den von Drieberg te C: kolonel blijven als de te Gale ingehuurde vijftig stuks voor vijf rijksdaal¬ „ders en een parra rijst 's maands ieder deeze koelies moeten wor„ „den afgedankt, zoomeede de voor„ „melde Matureesche olliam„ „mers, zoo dra men andere koe lies in de plaats kan vinden. Bezoigne -

NL-HaNA_1.04.02_3927_0762 view scan ↗

English

150 155 The 22nd of July 1791. Meeting concerning Hulftsdorp Authorization to the Dessave Fretz for the certain school for the raising of The 22nd of July 1791. Before the Honorable Dessave Fretz, having been transmitted alongside the aforementioned letter a specification inserted below from the Commandant of Kalutara, the The Honorable Dessave Fretz has, by letter Lieutenant Rudolph, of how much the repair of the 21st of this month, requested author- of the cinnamon warehouse at Beruwala has to have repaired -ization to have the school at Uduwara repaired, which cost. 53 ge 2 Distinct account of how much the repair of 5 3 His Honor had inspected by the master carpenter the cinnamon warehouse at Beruwala of Moratuwa and two native cost the Honorable Company in materials, maintenance, commissioners, and according to the incoming and cash money, namely: 405 translated report it was found that the timber works are entirely decayed and that by the falling over of a tree two pillars have collapsed, the said commissioners testifying that this school can be brought into a good condition 302. 3 by four carpenters in two and a half months, besides two masons in two weeks, and that for this are required 5 lb of beam nails, 20. 28. 5- inch, 18 lb of 4-inch, 2 lb of single, and 25 lb of lath nails. And after deliberation it was approved and resolved to authorize the Honorable Dessave to have the aforementioned school repaired according to his proposal. ƒ . 2 6 Duc. S. 24. - . — ½ 24 18. 72. - . - 24. . — / 21: 18. 72. — - . 51. – 2 1/6. 32. 24. – - - - 5: – — 2/4. —. —: 1 - Sum 2. —. 100. – 20. –. 7. —. 1500. 60. 15 3/. 4 9. 28. - (at the bottom:) Kalutara, the last of April, anno 1791. (was signed:) T: F: Rudolph (lower:) agreed (signed:) I: G: Renker, authorized person. Thus, after deliberation, it was approved and resolved to authorize the Honorable Dessave for the writing off of the aforementioned expended costs. Furthermore, presented by the aforementioned Honorable Dessave in the just-mentioned letter the new [wall] of the church 1791. January 1 master, 10 common carpenters and 12 heads of laborers who received February ditto ditto ditto March master, 70 common carpenters - March 2 lascorins, 8 coolies of the undersigned and 12 rowers April 1 master, 10 carpenters, 3 masons and 36 heads of laborers - -- -- -- - April 2 lascorins, 8 coolies, 24 rowers received 2000 pieces of masonry bricks 10000 roof tiles 250 nails, etc. 2 masons and 30 heads of laborers - - - - - - - - 44. — 1/¾. 29. 20. — for bringing the timber works - - - - - - - - - - - - 5 7/6: —¼. —. —. - For building materials expended thereon 7. –. . 100. –. 20. –. 7. —. 1500. 682. –. . - –. . – – —— 10 By commandant - 5 5 E - 5 ƒ - yard at Kalutara write-off the request of the Commandant of Kalutara, Lieutenant to have built at Kalutara Rudolph, to be favored before payment with twelve lasts of masonry lime, which he received from the lime kiln at Beruwala and used for the raising, for his private account, of the collapsed wall wherewith the churchyard at Kalutara, as a fence It was, after deliberation, in consideration that this lime was used for a work that serves the public good, and that besides this Commandant Rudolph paid for the remaining materials and the labor wages, approved and resolved to authorize the Honorable Dessave to have the aforesaid twelve lasts of masonry lime written off. was not resistant to the breaking through of cattle. — Thus done and resolved in the Castle of Colombo on the day, month, and year aforesaid. (was signed:) W van de Graaff, M: P: Raket, D: T: Fretz, C: van Angelbeek, I: Reintous, and J: Samlant. 156 The 22nd of July 1791. 357 Friday the 5th of August 1791. Present: The Right Honorable Great and Respected Gentleman, Extraordinary Councillor of India Johan Gerard van Angelbeek Honorable Chief Administrator Mattheus Petrus Raket Honorable Matara Dessave Mr. Christiaan van Angelbeek Johannes Reintous First Warehouse Master Honorable Secretary Benedictus Lambertus van Lier Honorable Fiscal Johannes Adrianus Vollenhove The Right Honorable Great and Respected Gentleman Governor Willem Jacob van de Graaff Honorable Colonel Diederich Carl van Drieberg Honorable Dessave Diederich Thomas Fretz Honorable Pay Bookkeeper Gerrit Engel Holst Honorable Trade Bookkeeper Abraham Samlant The first and third in the country, the second detached in the Matara Dessavony, and the two latter on account of indisposition absent. The Galle servants have, by a certain four Matara native letter of the 23rd of July last, he had their wood- notified that, in compliance cutters returned with the resolution of this government of the 21st of March last, they had requested from Matara the papers concerning the 131 Friday the 5th of August 1791. Present: The Right Honorable Great and Respected Gentleman, Extraordinary Councillor of India Johan Gerard van Angelbeek Honorable Chief Administrator Mattheus Petrus Raket Honorable Matara Dessave Mr. Christiaan van Angelbeek Johannes Reintous Honorable First Warehouse Master Adrianus Vollenhove The Right Honorable Great and Respected Gentleman Governor Willem Jacob van de Graaff Honorable Colonel Diederich Carl van Drieberg Honorable Dessave Diederich Thomas Fretz Honorable Pay Bookkeeper Gerrit Engel Holst Honorable Trade Bookkeeper Abraham Samlant The first and third in the country, the second detached in the Matara Dessavony, and the two latter on account of indisposition absent. The Galle servants have, by a certain four Matara native letter of the 23rd of July last, to let their wood- notified that, in compliance cutters return with the resolution of this government of the 21st of March last, they had requested from Matara the papers concerning the

Dutch transcription

150 155 Den 22. Julij 1791. Beszoigne over Hulftsdorp qualificatie aen de dessave fretz: tot het Zeker school de tot het ophaelen van Den 22. Julij 1791. Voor den E: Dessave Fretz, neevens voorm: brief overgezonden zijnde een hier onder g'insereerde De E: Dessave Fretz heeft bij brief opgaave van den Commandant van kabtere, de luijtenant Rudolph hoe veel de reparatie van den 21. deezer verzogt om quali„ van het kanneel pakhuijs te Berberij heeft leeten herssellen van ificatie tot het doen herstellen gekost. van de school ter oedoewerre, die 53 ge 2 Dinstinkte hoeveel de reparatie van 5 „ 3 zijn E: door den baas timmerman het kanneel Pakhuijs te Berberij aan dE: Comp:e aan Materiaalen Maina van Morottoe en twee inlandsche „tementos en contante penningen ge„ „kost heeft, als. gecommitteerdens heeft laaten opneemen en volgens ingekoomen 405 translaat rapport bevonden dat „ de houtwerken ten eenemaal verzot zijn en dat door het omvervallen van een boom twee - pilaaren zijn ingestort be„ F „tuijgende gemelde gecommit„ „teerdens dat deeze school in een 302. 3 goeden staat kan worden gebragt - door vier timmerlieden in twee en een halve maanden, nee„ „vens twee metzelaars in twee weeken, en dat daar toe vereischt worden 5. lb: balk spijkers, 20. 28. 5. d=ms 18. lb: 4. d=ms, 2. lb: Enkelde en 25. lb: latspijkers. En is na deliberatie goedgevonden en verstaan den E: Dessave te qualifi „ceeren, tot het laaten herstellen van voorm: school volgens deszelfs voorstel. ƒ . 2 6 Duk. S. „ . . 24. - . — ½24 18. 72. - . - 24. . —/21: 18. 72. — - . 51. – 2 1/6. 32. 24. – - - - 5: – — 2/4. —. —: 1 - „ Somma 2. —. 100. – 20. –. 7. —. 1500. 60. 15 3/. 4 9. 28. - (:onderstond:) kaliture ult:o April a:o 1791. (:was geteekend:/ T: F: Rudolph (:laager:) accordeerd (:geteekend:/ I: G: Renker geauthoriseerde. zo is na deliberatie goedgevonden en verstaan den E: Dessave te qualificeeren tot de afschrijving van het voorm: bekostigde Nog door voorm: E: Dessave bij evengem: brief de nieuwe van 't kerk voorgedraagen zijnde het verzoek van den 1791. Januarij 1. baas 10. gemeene timmerlieden en 12. koppen werklieden die genooten hebben „ februarij d=o do do Maart „ baas 70. gemeene timmerlied . - Maart 2. laskorijns 8. koelies van„ den ondergeteekenden en 12. roeijers „ April 1. baas 10. timmerlieden 3. „„ metzelaars en 36„ koppen werkslieden - -- -- -- - „ April 2. lascorijns 8: koeliese 24. roeijers hebben genooten 2000: p:s Metzelsteenen „10000. -„: Dakpannen 250: „: spijkers inz: 2. metzelaars en 30: koppen werkslieden - - - - - - - - „ 44. — 1/¾. 29. 20. — dit de houtwerken aangebragt - - - - - - - - - - - - 5 7/6: —¼. —. —. - Aan bouw materiaalen, daar aan beslaed 7. –. . 100. –. 20. –. 7. —. 1500. 682. –. . - –. . – – —— 10 Door kommandant - 5 5 „ E - 5 ƒ - hof te W'alloie afschr kommandant van kaltere de luijtenant „brunk te walk te laeten rudolph, om voor betaaling te mogen be„ „gunstigd worden met twaalf lasten metzel„ „kalk, die hij uit de kalk branderij te Ber„ „berij ontvangen en verbruijkt heeft tot het ophaalen, voor zijne partikulieren „ reekening van de ingestorte muur waa deme het kerkhof te kaltere, wijt een pagger Is na deliberatie uit aanmerking dat deeze kalk is verbruijkt tot een werk dat ten nutte van het algemeen strekt, en dat buijten dien de Commandant Re„ „dolph daar aan de overige maleriaalen en het arbeidsloon heeft bekostigd goedge„ „vonden en verstaan de E: Dessave te quali e ef „ficeeren om voorsz: twaalf lasten met „zelkalk te laaten afschrijven. voor het doorbreeken van het vee niet bestand was. —„ ede e Aldus Gedaan ende geresolveert in het kasteel kolombo ten dage maand p en Iaare voorsz: (:was geteekend:/ W ƒ van de Graaff, M: P: Raket, D: F: Fretz. C:van Angelbeek, I: Reintous en J: Samlant 156 Den 22. Julij 1791. „ 357 Vrijdag den 5.:' Augustus 1791: Prezent Wel Edelen Groot achtb: Heer Ma lab: ouw: brisch: Johan Gerard van Angelbeek E: Hoofdadministrateur Mattheus Petrus Raket C:s Matureesche Dessave Do M:r Cristiaan van Angelbeek Johannes Reintous P: Eerste Pakhuijsmeester E Tekretaris„ Biredictus Lambertus van Litter E:s Ciskaal onde d: Caser Johannes Adrianus Vollenhove Wel Edelen Groot achtb: Hier Gouverneur Willem Jacob van de Graaff E: kolonel Diderret Carl van Drieberg E: Dessave Diderick Thomas Fretz E: zoldij boekhouder Gerrit Engel Holst. ee e ee d E: Negotie boekhouder Abraham Samlant de eerste en derde in het land de tweede gedeta„ „cheerd in de Matureesche Dessavoni en de twee laatste mids indispositie 2 abzent: De Gaalsche bedienden hebben bij ½ zekere vier ma„ veersche inlandsche Brieve van den 23: Iulij Jongstlee„ den hij vooraed hun„ dien bedeeld, dat ze ter voldoening houwers te laeten aan het besluit deezer regee„ rug geeven „ring van den 21. Maart Jongst „leeden, van Mature hadden gere„ „quireerd de papieren Eetrekkelijk L ƒ - 3 de 131 Vrijdag den 5. ' Augustus 1791: Prezent Wel Edelen Groot achtb: Her Mar Cad: ouw: Drisck Johan Gerard van Angelbeek E: Hoofdadministrateur Mattheus Petrus Raket P: Matureesche Dessavr M:r Christiaan van Angelbeek Johannes Reintous E: Eerste Pakhuijsmeester 1 d e de da Adrianus Vollenhove ee e ee . Wel Edelen Groot achtb: Hier Gouverneur Willem Jacob van de Graaff E: kolonel Didirrct Carl van Drieberg E: Dessave Diderich Thomas Fretz 6 E: Zoldij boekhouder Gerrit Engel Holst. enee e e 2 E: Negotie boekhouder Abraham Samlant de eerste en derde in het land de tweede gedeta„ „cheerd in de Matureesche Dessavonij en de twee laatste mids indispositie abzent. De Gaalsche bedienden hebben bij en zekere vier ma„ reersche inlandsche breeve van den 23: Iulij Jongstlee„ aen hij vooraed hun„ den bedeeld, dat ze ter voldoening houwers te laeten aan het besluit deezer regee„ rug geeven „ring van den 21. Maart Jongst „leeden, van Mature hadden gere„ „quireerd de papieren betrekkelijk - de

NL-HaNA_1.04.02_3927_0767 view scan ↗

English

Friday the 5th of August 1791: Present The Right Honourable Major Extraordinary Member of the Council of the Indies Johan Gerard van Angelbeek The Honourable Chief Administrator Mattheus Petrus Raket The Honourable Dessave of Matara Mr. Christiaan van Angelbeek The Honourable First Warehouse Keeper Johannes Reintous The Honourable Secretary Benedictus Lambertus van Lier The Honourable Fiscal and Independent Merchant Johannes Adrianus Vollenhoven Absent: The Right Honourable Governor Willem Jacob van de Graaff The Honourable Colonel Diderick Carl van Drieberg The Honourable Dessave Diderick Thomas Fretz The Honourable Paymaster Gerrit Engel Holst The Honourable Trade Bookkeeper Abraham Samlant the first and third in the country, the second detached to the Matara Dessavony, and the last two absent due to indisposition. The Galle servants have, by letter of the 23rd of July last, communicated that, in compliance with the resolution of this government of the 21st of March last, they had requested from Matara the papers relating to the investigated complaints of the inhabitants against the four Matara native headmen, Don Mantis Rodrigo de Sielva Wikremeratne mudaliyar and head of the Wellaboda Pattu, Don Johannes Samere Diwagere Manamperie mohandiram and head of the Kandaboda Pattu, Don Franci Rodrigo de Sielva vidane mohandiram of the Baygams, and Don Bartholomeus de Sielva Bemeratne mohandiram and second interpreter of the porta of the Dessave of Matara, who, in order to satisfy the rebelling inhabitants of the Matara Dessavony, were dismissed from their offices and sent to Galle, as well as stripped of their swords and placed under arrest there; but that they had received in reply that various complaints had indeed been brought against them, but that none of them could be proven, and that for this reason no record of this inquiry existed; that in the investigation which had been conducted at Galle none of the accusations had been proven either; and that these headmen during their stay at Galle had always, as far as was known to them, conducted themselves so quietly, decently, and modestly, that they had not the slightest hesitation in giving the best testimony regarding their conduct; but that they, the servants, had been apprehensive that, if these headmen were restored to full honour and prestige, this might nevertheless have unforeseen evil consequences, and therefore had considered it best to let the said headmen remain at Galle, and not to return their swords, until such time as everything should have unfolded and peace was fully restored; requesting therefore to be informed of the further pleasure of this government in that regard. Whereupon deliberation having taken place: it was resolved, although it is a most harsh case that these innocent headmen, of whom Manamperie has recently died at Galle, have had to be sacrificed as innocent victims to the fury of damnable rebels, nevertheless, in consideration that the Galle servants are still of the opinion that the said headmen should still remain there.

Dutch transcription

351 G Vrijdag den 5.:' Augustus 1791: Prezent ƒ Wel Edelen Groot achtb: Heer Mar lad: Couw: risch Johan Gerard van Angelbeek 7 E: Hoofdadministrateur Mattheus Petrus Raket E: Matureesche Dessave _:o M:r Cristiaan van Angelbeek „ Johannes Reintous E: Eerste Pakhuijsmeester E Sekretaris„ Biredictus Lambertus van Litter E: liskaal onde : C: MM: Johannes Adrianus Vollenhove . Wel Edelen Groot achtb: Hier Gouverneur Willem Jacob van de Graaff E: kolonel Diderict Carl van Drieberg E: Dessve Diderick Thomas Fetz E: Zoldijboekhouder - - Gerrit Engel Holst. ene e de eee E: Negotie boekhouder Abraham Samlant de eerste en derde in het land de tweede gedeta„ „cheerd in de Matureesche Dessavoni en de twee laatste mids indispositie abzent. De Gaalsche bedienden hebben bij en zekere vier ma„ reersche inlandsche Brieve van den 23: Iuli Jongstlee„ den hij vooraed hun„den bedeeld, dat ze ter voldoening houwers te laeten aan het besluit deezer regee„ rug geeven „ring van den 21. Maart Jongst „leeden, van Mature hadden gere„ „quireerd de papieren Ertrekkelijk ƒ 55 C . de 157 ƒ Vrijdag den 5:' Augustus 1791: Prezent Johan Wel Edelen Groot achtb: Heer Ma Rad: Couw„ brish: Johan Gerard van Angelbeek E: Hoofdadministrateur Mattheus Petrus Raket E: Hatureesche Dessave Do M:r Christiaan van Angelbeek „ E: Eerste Pakhuijsmeester Johannes Reintous E Sekretaris Biredictus Lambertus van Litter E: liskaal onde L: :Mr Johannes Adrianus Vollenhove e Wel Edelen Groot achtb: Heer Gouverneur Willem Jacob van de Graaff E: kolmel Diderrct Carl van Drieberg E: Dessave Diderick Thomas Fetz E: zoldij boekhouder Gerrit Engel Holst. „ „ ee E: Negotie boekhouder „ Abraham Samlant de eerste en derde in het land de tweede gedeta „cheerd in de Matureesche Dessavoni en de twee laatste mids indispositie abzent. De Gaalsche bedienden hebben bij en zekere vier ma„ reersche inlandsche brieve van den 23: Iuli Jongstlee„ den hij vooraed hun„ den bedeeld, dat ze ter voldoening houwers te laeten aan het besluit deezer regee„ rug geeven „ring van den 21. Maart Jongst leeden, van Mature hadden gere„ „ „quireerd de papieren betrekkelijk 5 de 5 357 Vrijdag den 5. Augustus 1791: Prezent Den Wel Edelen Groot achtb: Her Ma Cab: Guw: Brishk Johan Gerard van Angelbeek Den E: Hoofdadministrateur Mattheus Petrus Raket Den E: Matureesche Dessave _o M:r Christiaan van Angelbeek Johannes Reintous Den E: Eerste Pakhuijsmeester Den Secretaris„ Birredictus Lambertus van Litter Den E: liskaal ond: Mr Johannes Adrianus Vollenhoven — abzent: Den Wel Edelen Groot achtb: Hier Gouverneur Willem Jacob van de Graaff Den E: kolmnel Didirerct Carl van Drieberg Den E: Dessave Diderick Thomas Fretz, Den E: Zoldijboekhouder Gerrit Engel Holst. e ddee Den E: Negotie boekhouder Abraham Samlant de eerste en derde in het land de tweede gedeta„ „cheerd in de Matureesche Dessavoni en de twee laatste mids indispositie ƒ De Gaalsche bedienden hebben bij aen zekere vier ma„ „dweersche inlandsche brieve van den 23: Iuli Jongstlee„ hoofden bij vooraed hun„ dan bedeeld, dat ze ter voldoening „ne houwers te laeten aan het besluit deezer regee„ te rug „ring van den 21. Maart Jongst leeden, van Mature hadden gere„ quireerd de papieren betrekkelijk . . . .de 5 159 Den 5. aug:s 1791. en 5. aug.:s 1791. de onderzogte klagten van de ingezeetenen tegen de voer Matureesche inlandsche hoofden Dor for on Mantis Rodrigo de Sielve Wikzeme ratne moaliaar en hooft van de Wellebadde „palloe, Don Johannes Sameri Diwagere Manamperie Mohandiram en hoofd van de kandebaddepattoe, Don franci Ro„ de zielva vidaan mohandiram van de Baijgams en Don Bartholomeus de Zielva Bemeratne mohandiram en tweede tolk van de porta van de Dessave van Mature, die om de zei „belleerende ingezeetenen van de Maturaesche Dessavonij genoegen te geeven, uijt hunne diensten gedemit„ ƒ „teerd en naar Gale gezonden, mits„ „gaders daar van hunne houwers ƒ beroofd en in arrest gesteld zijn, dog dat ze tot andwoord hadden bekoo„ „men, dat er wel verscheide klag„ ten tegen dezelve waaren inge¬ „bragt, maar dat geene) daar van hadde kunnen beweesen worden, en dat daarom ook van dit onderzoek geen aanteekening, dat bij het onder„ „zoek, het welk te Gale gedaan was ook geene der beschuldigingen be¬ „weezen was geworden en dat deeze hoofden geduurende hun aanweezen te Gale Zig steeds, in zoo verre hun bekend was, zoo stil, ordentlijk en bescheiden gedraegen e hadden, dat zij geen de minste zwaarig„ van „heid maakten, hun het beste getuijge „nis ontrand hun gedrag te geeven; dog dat zij bedienden an ƒ waaren geweest, dat in bedugt „dien deeze hoofden in volle eere en aanzien hersteld wierden, al te niets nog van ontevoorziene quaade gevolge konde weezen, en daarom best gedagt hadden ge„ „melde hoofden te Gale te laaten verblijven, en hunne houwers niet te rug te geeven, tot tijd en wijle zig alles zoude ontwikkeld heb„ „ben en de rust volkoomen her„ steld zijn verzoekende derhalven het verder goedvinden deezer re„ „geering, dien aangaande te mo„ Waarop gedelibereerd zijnde: zoo werd, of schoon het een allerhardst geval is, dat deeze onschuldige hoofden, waar van Manamperie Leder te Gale over„ „leeden is, als onschuldige slagt offers aan de woede van doemwaardige re„ „bellen hebben moeten opgeoffert worden, nogtans uit aanmerking, dat de gaal „sche bedienden als nog van begrip zijn, dat gemelde hoofden ginter nog gen weeten. hadden dienen. 5 /6

NL-HaNA_1.04.02_3927_0771 view scan ↗

English

5 August 1791. Disposition regarding their plantations accepted. Monday 15 August 1791. Present: The Right Honorable, Highly Esteemed Lord Governor Willem Jacob van de Graaff The Honorable Chief Administrator Mattheus Petrus Raket The Honorable Disava Diderich Thomas Fretz The Honorable Matara Disava Mr. Christiaan van Angelbeek The Honorable First Warehouse Master Johannes Reintous The Honorable Secretary Benedictus Lambertus van Zitter The Honorable Trade Bookkeeper Abraham Samlant and The Honorable Fiscal Mr. Johannes Adrianus Vollenhove Absent: The Honorable Colonel Diderich Carel von Drieberg The Honorable Pay Bookkeeper Gerrit Engel Holst The first detached to the Matara Disavony, and the latter on account of indisposition. To have one rupee provided to each cinnamon peeler who accepts a piece of the specified size from the Company cinnamon plantation. Ought to be detained, and nevertheless declaring that nothing is charged against them, it has been approved and agreed to provisionally have their cleavers returned to them, and to postpone the further disposition regarding their discharge and full restoration until the Lord Governor in person at Galle and Matara shall be able to order the necessary measures further in that regard. Thus done and resolved in the Castle of Colombo on the day, month, and year aforesaid. Signed: J. G. van Angelbeek, M. P. Raket, C. van Angelbeek, P. Reintous, B. L. van Zitter, and J. A. Vollenhove. It being taken into consideration that the cinnamon peelers, to whom the Company cinnamon plantation is divided and distributed according to the resolution of 19 January last, will have to incur some expenses to erect the necessary dwellings therein, to fence them, and otherwise, it has been approved and agreed, in order to accommodate them in this, to provide once and for all to each cinnamon peeler who accepts a piece of the specified size of the aforesaid plantation, one rupee or thirty Indian stuivers by way of a gift. Thus done and resolved in the Castle of Colombo on the day, month, and year aforesaid. Signed: W. J. van de Graaff, M. P. Raket, D. T. Fretz, C. van Angelbeek, I. Reintous, B. L. van Zitter, A. Samlant, and J. A. Vollenhove. Friday 19 August 1791. Present: The Right Honorable, Highly Esteemed Lord Governor Willem Jacob van de Graaff The Honorable Chief Administrator Mattheus Petrus Raket The Honorable Disava Diderich Thomas Fretz The Honorable Matara Disava Mr. Christiaan van Angelbeek The Honorable First Warehouse Master Johannes Reintous The Honorable Secretary Benedictus Lambertus van Zitter The Honorable Trade Bookkeeper Abraham Samlant The Honorable Fiscal Mr. Johannes Adrianus Vollenhove Absent: The Honorable Colonel Diderich Carl von Drieberg The Honorable Pay Bookkeeper Gerrit Engel Holst The first detached to the Matara Disavony, and the latter on account of indisposition. To provide certain necessities for the repair of the schools and rest houses of the Chalia villages. The head of the Mahabadde, the Junior Merchant van Teijlingen, having indicated in an address inserted below what is required for the repair of the schools and rest houses of the Chalia villages located in the Galle Korale: To the Right Honorable, Highly Esteemed, High-Born Lord, Willem Jacob van de Graaff, Ordinary Councilor of the Dutch Indies, Governor and Director of the Island of Ceylon and its dependencies, etc., etc., etc. Right Honorable, Highly Esteemed, High-Born Lord, The undersigned has the honor respectfully to present herewith to Your Right Honorable and Highly Esteemed Lordship what is required by the heads of the Mahabadde for the repair of the following rest houses and schools, namely: For the school of Welitota: 12 lb. lath nails 3 sawyers

Dutch transcription

. 161 Den 5. aug:s 1791. dispositie nopens hun uitgestelt te laeten plantagien aenvaerd een Maandag den 15. Aug:s 1791. Prezent. dienen aangehouden te worden, en niet te min verklaaren, dat niets in hunne laste is, goed„ Den Wel Edelen Groot achtb: Heer Gouverneur Willem Jacob van de Graaff „gevonden, en verstaan aan dezelven bij voor„ Den E: Hoofdadministrateur Mattheus Petrus Raket „raad hunne houwers te laaten te rug geeven en tot wanneer de verdere en de verdere dispositie nopens hunne lar„ Diderich Thomas Fretz Den E: Dessave gaatsie en volle herstelling uijtgestelt te Den E: Matureesche Dessave M:r Christiaan van Angelbeek laaten, tot dat de Heer Gouverneur in per „zoon te Gare en Mature daar over nade Den E: Eerste Pakhuijsmeester Iohannes Reintous zal kunnen het nodige beveelen. Den E: sekretaris. . . - Benedictus Lambertus van Zitter Den E: Negotie boekhouder Abraham Samlant en Aldus Gedaan en de Geresolveert in M:r Johannes Adrianus Vollenhove het kasteel kolombo ten dage maand Den E: fiscaal - een Iaare voorsz: (:was geteekend:) J: G: van abzent Diderich Carel von Drieberg Angelbeek, M: P: Rakel, C: van Angelbee Den E: Colonel P: Reinhous, B: L: van Zitter, en J: A: Den E: zoldij boekhouder Gerrit Engel Holst vollenhove de eerste gedetacheerd in de Matiereesche Dessavonij en de laatste mids indispositie. - een elfk kanneel schillen Ropij te laeten verstrek„ Jn agting genoomen zijnde dat de kanneel die een stuk van de beschillers, aan wien 'sComp:s kanneel planta„ „paelde groote van 'sComps gie, volgens besluit van den 19. Januarij Jongst leeden verdeeld en afgegeeven worden, eenige kosten zullen moeten doen, om daar in de nodige wooningen opterigten, de „zelve te bepaggeren als anderzints is, om hun daar in te gemoet te koomen, goedgevonden en verstaan aan elk kan „neel schiller, die een stuk, van de bepaalde groote van voorsz: planta „geen aanvaard, eens voor al te laa„ „ten verstrekken, een ropij of dertig Jndische stuivers bij weege van giet. Aldus 60 — - „ken - — Den 15:' aug. . 1741. Aldus Gedaan ende Geresolveert in het kasteel kolombo ten dage maand en Jaare voorsz: (:was geteekend:/ W: J: van de Graaff, M: P: Raket, D: T: Freth, C: van Angelbeek, I: Reintous, B: P: van Ziller A: Samlant en J: A: vollenhove ƒ „ Sen 1 S venn : 163 Vrijdag den 19:' Augustus 1791. Prezent Den Wel: Edelen Groot achtb: Heer Gouverneur Willem Jacob van de Graaff„ Den E: Hoofdadministrateur Mattheus Petrus Raket, Den E: Dessave.. . . . . Didirich Thomas Fretz - Den E: Matureesche Dessave - - M:r Christiaan van Angelbeek Den E: Eerste Pakhuismeester. . Iohannes Reintous. Den E: sekretaris - - . - Benedictus Lambertus van Ziller Den E: Negotie boekhouder - - Abraham Samlant Den E: fistaal... M:r Johannes Adrianus Vollenhove abzent. Den E: Colonel. . . . . . . Diderich Carl von Drieberg Den E: zoldij boekhouder - - - Gerrit Engel Holst, de eerste gedelacheerd in de Malureesche dessavonij en de laatste mids indispositie. - Door het hoofd der Mahabadde de onder„ zekere benodigtheeden, koopman van Teijlingen bij een hier onder tot het repareeren van ste schoolen en vusthuijg e insireerd addues aangeweezen zijnde „sen van de fjaliassen wat 'er vereischt word tot de reparatie dorpen te laeten vertrek van de schooten en rusthuijzen van de sjali„ „asse dorpen, geleegen in de Gale korle. ƒ Aan den Wel Ed: Groot achtb: Hoog Geb: Heer. Willem Jacob van de Graaff, d traad ordinair van Nederlands Jndien Gouverneur en Directeur van het - Eiland Ceilon met dies onderhoorig er „heeden &a &:m & de ee de d ee e ee ee de d deee v van an naaa uwWEl: Edele Groot achtb: Hoog Geb: Heer e des ee iee ondergeteekende heeft de eer uwel Edele Groot achtb: bij deesen het verzogte door de hoofden der rusthuijzen en schoolen de gerrpareeren der navolgende „mahabadde benoodigd is, in eerbied aantebieden; als. voor de School van Wellitotte „12. lb. lat op ker 3. houtzagers. 2 „ken 3 1 ƒ ƒ

NL-HaNA_1.04.02_3927_0774 view scan ↗

English

164 0 165 The 19th of August 1791. Transumption of the same, approved and agreed to send a copy of the said address to the servants at Galle, with instructions to have the requested necessities provided to those who apply for them on behalf of the Mahabadde, and to order the overseers of the Galle Korale people to provide their obligatory service for the repair of the aforementioned schools and resthouses. For the resthouse and the school of Kosgoda: 1 Mason 2 Carpenters 3 Sawyers and a large saw 50 lb. lath ditto 1 1/4 gass mason's lime 60 lb. ordinary nails For the resthouse of Madampe: 4 Masons 2 1/2 lasts mason's lime 150 lbs ordinary nails 6 lb. lath ditto 10000 roof tiles 3 Sawyers and a large saw 1 Carpenter For the school and the resthouse of Raygam: 1/3 last mason's lime 2 Carpenters 30 lb. ordinary nails 8080 roof tiles 30 lb. lath ditto 1 Mason 3 Sawyers and a large saw Note: The request for the three first-mentioned villages is what is needed for the entire repair; however, according to ancient custom, the Galle-Korale people must lend a helping hand to the work. Note: This requested and required material for the village of Raygam serves for the repair of the resthouse in its entirety, but only for one half of the school, which must be rebuilt by the people of the Mahabadde; according to ancient custom, the other half of the school must be rebuilt by the Korale people there, and the necessities for it requested by them. Wherewith he has the honor to subscribe himself with all respect, [underneath:] Right Honorable and Most Respected, High-Commanding Lord! Your Right Honorable and Most Respected's very obedient servant, [was signed:] Th: van Tijlingen. [In the margin:] Colombo, the 11th of August 1795. Business concerning Jaffanapatnam: An address from the Honorable Disava of Jaffna, Schreuder, containing a request that, just as in the year 1789, he might again be allowed 100 lb. gunpowder, 100 lb. lead, and 200 flints, even if at cost price, in order to distribute them in small quantities to the inhabitants, both in the Jaffna district and in the [illegible] and on the border of the Vanni, for warding off wild animals and destroying the wasps. Approval of a resolution from Jaffna concerning the supply to the Disava of a certain quantity of supplies for warding off wasps: The Jaffna servants, considering that it had never been customary to give gunpowder, lead, and flints to the farmers in the [illegible] and the border of the Vanni for warding off wild animals and wasps, resolved by resolution of the 12th of July last to allow the Honorable Disava to be provided with 20 lb. gunpowder, 20 lb. lead, and 25 flints, solely for warding off the wasps from the churches and resthouses in the Jaffna district. The 19th of August 1791.

Dutch transcription

164 0 165 Den 19. aug. s 1791. Tnanssumtie van het zelve goedgevonden 5 „ voor het rusthuijs en de schol van kosgoda en verstaan een Copij van gem: addres te . Metzelaar . 0 zenden aan de bedienden te Gale, met 2. Timmerlieden „ 3. houtzagers en een groote zaag aanschrijvens, om de daar bij gevraagde benoodigdheiden te laaten verstrekken 50. „ lat do - de d ee der van voorm. de geenen die 1¼. gasz metzelkalk e enaan ter anede hean den Mahabadde daarom koomen voor het rusthuijs van Madampe 4: Metzelaar ers vraagen den op ziendenn 22. lasten met zilkalk forte te gelasten, door de korles volke„ 150: p:s praal spijkers. e e d he 6. lb. lat do — reparatie van voorsz: schoolen de 10000. dak pannen. en rlhuyken hun verpligten dienst 3. houtzagers en een groote zaag 1. Timmerman r Nota het verzogte voor de drie eerstge„ Bozoigne dverdans vans „melde dorpen is het benoodigde voor Jaffanapatnam de geheele reparatie, dog moet volgens oud i een addres aan van E Jaffanasche Des„ het Gale- Korls volk de behulpzaame hand aprobatie eener Jaf „w ade resol: houdende „save schreuden, houdende verzoek, dat aan om aan den dessave te hem even als in het Jaar 1789. weder mogten laeten verstrekken tekelen quanlited, zinden toegestaan 100: lb: kruit, 100. lb. 30. „ lat do — gen tot alweering der lood en 200 vuursteenen al was het voor het inkoops kostende, ten einde bij klijne depen 1. metzelaar quantiteiten uittedeelen aan de ingezee„ : — — 3: houtzagers en een groote zaag „tenen, zoo in het Jaffmnasche, als in Nota- dit verzogte en benoodigde voor het dorp Raij„ „gam diend tot reparatie van het rust huis in het ge karnetje en aan den boord der wannij tot „heel, dog maar alleenlijk voor de eene helfte van de school afweeringe van het wild gedierte en ter die door het volk van de Mahabadde moet worden d troeijinge nai de repen, door de Jaffa„ opgebouwt moetende volgens oud gebruik de andere helfte van de school, door het korls volk aldaar op„ rinasche bedienden, uit aanmerking dat „gebouwd worden en het daar toe benodigde worden verzogt. de het nooijt in gebruijk was geweest, aan de Waarmeede hij de eer heeft zig met alle eerbied te landbouwers in karvetje en den boord der warnij onderschrijven /:onderstond:/ wel Edele Groot kruijt, laod, en suursteenen ter afweering van achtbaare Hoog Gebiedende Heer! uwel wildgedierte en depen te geeven bij resolutie van Edele Groot achtbaare zeer gehoorzaemen den 12. Julij Jongstleeden beslooten zijnde, alleen dienaar /was geteekend:/ Th: van Tijlingen tot weering der repen van de kerken en rusthuij in (:inmargine:/ Kotombo den 11e „zen in het Jaffenakch district, zoor den E: Dessave Augustus 1795. 60. lb: praal spijkers . voor de school en het rusthuijs van Raijgam tot het werk bieden - - — — 1/3. last metzelkalk :. . - 2: Timmerlieden - - - - - 30. lb: praalspijkers ƒ 8080. dakpannen - - - - te laaten verstrekken, 20. lb: kruijt 20. lb: lood, en 25. Den 19. Aug:s 1791. J vuursteenen 18 ƒ 10 - 3 2 - - 2 - - — . „ - „ - 2 -

NL-HaNA_1.04.02_3927_0775 view scan ↗

English

306 167 19 August 1791. 19 August 1791. Disposition on the proposal of the Dessave. It is therefore approved and agreed to recommend to the Dessave Schreuder that he strictly guard himself against such very improper steps in the future, and to recommend to the Commander Raket that he bring all matters that can endure delay, as well as those of importance and consequence, before the council in the future, and not settle them by circular queries, which can only take place in matters requiring haste and not of such weight that a meeting must be convened. Flints, and to order him to have the skins of the monkeys dressed by the palathas and delivered to the warehouse to be sold for the benefit of the Company. It is approved and agreed to approve the aforesaid resolution, only with this alteration: that the skins of the monkeys may be left to the shooters to sweeten their trouble. Together with this Jaffna resolution, a protest was received from the Honorable Dessave Schreuder, wherein he feels aggrieved that the circular query, in which the advice of the members of the council regarding his aforesaid address was requested, was not brought to him as a fellow member, and furthermore that he viewed the reduction of the quantity of gunpowder, lead, and flints requested by him as a sign of distrust in his administration, and consequently declared that he renounces his request and refuses what was granted by the aforesaid resolution. This matter was deliberated, and it was taken into consideration that if the Honorable Dessave Schreuder had judged the granted quantity of gunpowder, lead, and flints insufficient, he could have requested a further supply in due time, and not have declined in so indecent a manner what had already been granted in his protest; however, the circular query on the aforesaid subject should have been brought to his Honor as a fellow member of the council, because his Honor's request for gunpowder, lead, and flints was made ex officio, and not in his private capacity. In compliance with the resolution of 26 February last, from the bookkeepers the support of the said Kellens and De Niese regarding Jaffnapatnam, having received the report inserted below from the bookkeepers Kellens and De Niese, to the Right Honorable Sir Bartholomeus Jacobus Raket, Commander of this Commandery with its dependencies: Right Honorable Sir, Pursuant to your Right Honorable's honored order by written ordinance dated 24 March last, the undersigned have examined the papers resting at the Secretariat of Policy here to see whether any orders might be found prohibiting the sale of the property of the Company's slaves without permission of the authorities, and whether there was also any precedent that such a sale was not allowed to proceed, and in the same could find nothing other than that from here, under date of 2 April 1713, concerning the lands which some Nattuwas and Pallars or serfs possessed, the question was asked [illegible]

Dutch transcription

306 167 Den 19. aug. s. 1791. Den 19: aug:s 1791. Dispositie op het pro dessave dithalven goedgevonden en verstaan, den7 ƒ oops:: vuursteenen en den zelven te gelasten, om de vellen der aapen door de paltassen te laaten berijden en in 't Dessave Schreuder te recommandeeren, zig E voo diergelijke zeer ongepaste stappen in den pakhuijs leeveren, om ten voordeele van de Comp:e te worden verkogt. Pen t goedgevonden en verstaan de voorsz: resolutie tenta egedig te wagten en den zeer Commandeur Raket te recomman„ approbeeren, alleen met deeze verandering, dat de vellen der aapen mogen worden overgelaaten aan de onre ves vesee om alle zaaken die uitstel schutzers tot verzoeting van hunne moeijte. kunnen vielen als meede die van Etter Nevens wons Jaffanasche resolutie ontvangen hrns en eentergewiek zijn, voortaan in de verga „leks daer omtrend van de zijnde een protest van den E. Dessave Schreu dering te brengen, en niet bij rondvraa„ der, waar bij hij zich bezwaard dat de gen afhedeen het welk alleen plaats rondvraagen, waar bij het advies van de kan hebben in zaaken die haast verz leeden van den raad over zijn voorsz: ad„ e „dres was gevaagd, niet bij hem als een resscheer en niet van dat gewigt zijn, meede tid was gebragt en voorts de ver„ res vergadering moet Eys „mindering van de door hem verzogte worden beleijde Tes voldoening aan het ratu quantiteid kruijt, toote en vuursteende e d 26. februarij J:o leeden van as van de boekhouders de stut van den zeid aanmarkt, als een tlijk van mistrouwen tellens en de Neekn nopens Ja ffanapatnam ontvangen zijnde het hier in zijn direktie, en mids dien verklaard, doorde nattusschen onder geinsereerd berigt van de boek„ door de nattussichen van zijn gedaan verzoek te renunchieeren e by d „houders, kellens in de Niese. en voor het geaccordeerde bij de voorsz: ar aan den Wel Edelen Achtbaeren Heer. resolutie te bedanken. Bartholomeus Jacobus Raket Js daar over gedelibereerd en in aanmer„ ommandeur deezes Commande „king genoomen, dat indien de E: Dessave e e de dmen met dies onderhoorigheede schreuder, de geaccordeerde quantiteid d ee e kruijt, lood en vuursteenen niet toerijkende Wel Edele Achtbaare Geb: Heer„ eren een aen oer het,de men deele hier da had geoordeeld, hij in der tijd om een op uwer wel Edele agtb: g'eerde ordre bij schrif„ „telijke ordonnantie gedateerd 24. Maart J:oleeden = nadere verstrekking had kunnen ver„ hebben de ondergeteekenden de papieren berustende „zoeken, en niet bij zijn protest voor het ter sekretarije van Politie alhier nagaan, of 'er reeds ingewultigde, op eene zoo inde cente eenige orders zouden bevinden zijn, waar bij het verkoopen den goederen van sComp:s slaaven buijten — wijze moeten bedanken, dog dat de rond waag „e over het voorsz: onderwerp bij zijn E: als een wirlof van de overheid verbooden wierd en of er ook eenig Exempel log dat zodanig ver„ meede lid van den raad, hadde moeten ge„ „koop niet hat moogen doorgaan, en bij dezelve niet anders kunnen vinden, als dat van hier te „bragt worden, wijl zijn E: verzoekt, om onder dato 2 April 1713. omtrend de landen ver kruijt lood en vuursteenen, was gedaan die slompe nattuessen en pallassen of t amptshalven, en niet in zijn prive: §0 lijfwijgenen vezaaten, dene vraag gedaan . On is vo a 555 5 v - In - en

NL-HaNA_1.04.02_3927_0776 view scan ↗

English

168 169 The 19th of August 1791 one Margenhout in dispossession of 19th of August 1791. and thus the following having been written to Colombo, namely And although nothing unusual has occurred to us since then or until now concerning the grounds or parcels of land that may have been given ever since heathen times to the Pallar or Nallavar serfs of the King or the Lord of the land to maintain themselves therefrom; we therefore request with the deepest respect to know Your Honorable's esteemed pleasure, as to how we are to conduct ourselves in that regard in time, whether all such lands may be left to them, as well as pass to the widows, even if they have left behind no sons who can fulfill the father's obligations; several of the Company's Nallavar serfs having also prospered so far that outside of their maintenance lands they possess grounds purchased with their own money, which we believe, subject to the judgment of the Honorable Company, ought to be seized and sold; are not known to be recorded The revered Government of Ceylon has been pleased to determine thereon, and under date of 14 April of the said year to communicate this here in this manner: The grounds which, according to your writings, have been given by the Lord of the land ever since heathen and Portuguese times to their serfs, the Pallars and Nallavars, for maintenance, shall upon their decease devolve upon their sons, but having none, shall revert to the Honorable Company; furthermore, all the lands which such Pallars and Nallavars possess outside of their maintenance shall be confiscated for their Honors. From which one must draw the conclusion that the Company's Nallavars and Pallars have no freedom to dispose of their possessions according to their own pleasure, or to sell the same to others without permission from the authorities. Wherefore it is also possibly an ancient custom, and thus as they say a second law, that whenever such people wished to exchange their lands or cede them to others, they could not do so except with the prior knowledge and upon obtaining such permission from the authorities, and that moreover by written order, as all the deeds executed by the Company's Nallavars, Pallars, and Paraiyars, and to be found in the protocols of the said Secretariat, fully demonstrate. While it also speaks for itself that when someone, being a serf, may not dispose of himself, he has all the less freedom to act with his property or possession according to his own pleasure. Herewith the undersigned hope to have complied with Your Right Honorable's esteemed intention, and call ourselves thus with deep respect, beneath stood, Right Honorable, Worshipful, Noble Lord, Your Right Honorable's entirely humble and obedient servants, was signed D. F. Kellens and A. L. de Niese; in the margin: Jaffanapatnam the 16th of July 1791. In consideration that it thereby sufficiently appears that the Company's Nallavar and Pallar slaves may not sell their goods without permission from the authorities, it has been resolved and understood to recommend to the resident authorities at Jaffanapatnam the observance of that order for the future, with the recommendation to grant permission for the sale of lands to none of these slaves without very urgent reasons; and to reproach the Landraad there, which ought to have knowledge of such an order and nevertheless approved the sale of a piece of land made by the Nallavar Aijen Kadderen to the sailor Saloman Margenhout, with the recommendation to adhere strictly to the orders in the future. Furthermore, in consideration that it appears from an act of the aforesaid Landraad, of the 29th of July last, that the aforementioned sold ground is a certain garden land at [illegible]

Dutch transcription

168 169 Den 19. augs. 1791 eenen margenhout in depossasie van 19. aug:s 1791. en dus het volgende na kolombo aange„ schreeven zijnde namentlijk En alhouwel ons zederd of het nog toe niets bezonders te vooren gekoomen is, weegens de gronden of stukken lands, die al van de heijdense tijden af de pallase of nalluasse lijf eigenen des koonings of den heere des lands gegeeven mogten zijn om haar daar uit te erneeren; zoo verzoeken wij met het diepste eerbied te moogen weeten uwed. g'achte welbehaagen, hoedanig ons daar omtrend in der tijd, te gedraagen of alle de zulke aan haar gelaaten zullen mogen worden, zoo meede ##ff de weduwes overgaan, al schoon zij geen zoonen hebben nagelaaten, die aan de vaders verpligtingen konnen voldoen; zijnde ver„ „scheide 'sComp:s nalbuasse lijfiegenen, „meede zoo verre geprosporeerd dat zij /buijten haar onderhoude landjes deeze zij geene gronden bezitten van hun eigen geld ingekogt, dewelke wij meenen met onder ordeel van de Generaale kompen „ven en verkogt zouden dienen te worden; niet bekend slaan De gevenereerde Ceilonse regeering 'er op heeft .gelieven te bepaalen en onder dato 14. April des gem: Jaars dit heenen in deezer voegen te bedeelen:/ De gronden die door den heer des lands volgens uE: schrijvens al van de heijdense en portugeese tijde af aan haare leif eigenen de pallassen en nalluascen tot onderhoud zijn gegeeven, zullen bij haar overleiden op hunne zoons moeten devolveeren dog geene hebbende weeder aan dE: Comp:s vervallen, voorts zullen alle de landen, welke zodanige pallassen en nalluassen buijten haar onderhoud bezitten voor haar Ed: moeten aangeslaagen worden. ƒ Waar uit men tot eene gevolg trekking neemen 5moet dat 'sComp„s naltriassen en pallassen geene vrijheid hebben, om over hunne bezittingen na eigen believen te disponeeren, of dezelve buijten verlof van de overigheid aan andere te verkoopen Alwaaromme het ook mogelijk eene alsude gewoonte, en dus gelik men zeid en tweede wet is, dat wanneer diergelijke luijden „werpinge van uw Ed: hoog wijt oordeel dat te ƒ1: 5 30 D en zoo verre bij de thombo van landrenten beschree hunne landen wilde verruijlen of aan anderen af¬ „staan, zij zulks niet dan met voorkennis en op het bekoomen van zodanig een verlof van de over„ „heid en dat nog bij order kaij op moesten doen, zoo als hier van alle de instrumenten die door 's Comp:s nalluassen, pallassen en parreassen gepas„ seerd wierden en bij de protocollen van gem: sekretarije te vinden zijn, volkoomen aantoonen, Terwijl het ook van zelve spreekt, dat wan„ „neer iemand, gelijk een lijfeigen is, over zig zelve niet mag disponeeren, hij des te minder vrijheid heeft om over zijn goed of bezitting na rige believen te handelen Hiermeede ver„ „hoopen de ondergeteekenden aan uwer wel Edele achtb: g'eerde intentie te hebben voldaan en noemen Een dus met diep respect (:onderstond:) Wel Edele Achtb: Geb: Heer: uwer wel Edele achtb: gants onderdanige en gehoorzaeme dienaeren 155 830 /:was geteekende D: F: Kellens en A: L: de Niese 6: inmargine:/ Jaffanapatnam den 16. Julij 1791. . Is uit aanmerking dat daar bij voldoende blijkt; dat 's Comp:s Nalluassen en Pallassche slaaven hunne goederen, zonder verlof van de overheid, niet moagen verkogten, goedgevonden en verstaan, den berzienden te Jaffanapatnam de observantie van die onder voor den aanstaande aan te beveelen, met recommandatie om aan geene van deeze slaaven, zonder zeer dringende reedenen, verlof tot het verkoopen van landerijen te geeven; en den E landraad aldaar die van diergelijke order kennis moet hebben, en nochtans de ge„ „daane verkooping van een stuk land door den nablua Aijen kadderen aan den mat„ „troos Saloman Margenhout, goedgekeurd heeft, daar over te reprocheeren, met recom„ „mandatie om zig in den aanstaande stept Voorts is uit aanmerking, dat bij een appoincte „lement van voorsz: landraad, van den 29:e ver„ zeeker Huweland te Julij Jongstleeden blijkt, dat voorm: verkogte is aan de orders te houden. hunne grond ƒ - ƒ 5 - verslegen 25 2 5 G . - 7

NL-HaNA_1.04.02_3927_0777 view scan ↗

English

176 171 19 August 1791. Monday 22 August 1791 Present: The Right Honorable Lord Governor Willem Jacob van de Graaff The Honorable Chief Administrator Mattheus Petrus Raket The Honorable Dessave of Matara Mr. Christiaan van Angelbeek The Honorable First Warehouse Master Johannes Reintous The Honorable Secretary Binediktus Lambertus van Zitter The Honorable Colonel Abraham Samlant Absent: The Honorable Dessave Diderich Carel van Drieberg The Honorable Pay Bookkeeper Diderich Thomas Fretz The Honorable Fiscal Gerrit Engel Holst The Honorable Trade Bookkeeper Mr. Johannes Adrianus Vollenhoven The first detached to the Matara Dessavony, the second and last occupied in service, and the third due to indisposition. Upon the report that the land had not always been property of the Company's slaves, but had since been acquired by purchase from the aforementioned, and that furthermore the aforementioned Margenhout bought it in good faith with the prior knowledge of the village head on written proof, and during five years, by planting and cultivating it, made considerable expenses and improvements thereon, it is approved and understood to establish him, Mangenhout, in the possession of the aforementioned piece of land, without consequence, however, for the future. Business concerning Galle: From two statements received from Galle concerning the farming out held at Matara of the right of the crop for the Maha monsoon of the book year 1790, it is understood to record here that this duty yielded 8453 amunams and 16 1/2 kurunies or 64427 parras of paddy. Thus done and resolved in the Castle of Colombo on the day, month, and year aforesaid. Was signed: W. J. van de Graaff, M. P. Raket, D. T. Fretz, C. van Angelbeek, J. Reintous, B. L. van Zitter, A. Samlant, and J. A. Vollenhoven. From a statement received from Mannar, it is understood to record that the tithe duty of the second crop of the three Mannar provinces yielded at auction 3165 1/8 parras of paddy, being [illegible] more than the previous year. The Mannar Opperhoofd Ebell having notified by letter of the 3rd of this month that Ritnesinge Mudaliyar, upon the demand for payment of the fine of 2500 rixdollars imposed by resolution of 20 June 1786, had declared that he could not pay this fine without selling his possessions, requesting therefore authorization to do so, because the Parrua headmen pay no outstanding poll taxes and land rents in the hope of settling them out of the aforesaid fine; Considering that although the aforesaid fine was properly imposed to indemnify those who may have been wronged by Ritnesinga Mudaliyar, it is at present not feasible to investigate this further, especially since such things can rarely be adequately proven, it is approved and understood to write to the Opperhoofd of Mannar to collect provisionally from Ritnesinga, through the sale of his goods or however this can best be done, and pay into the Company's treasury, as much as is needed to settle the arrears of the Parruas to the Company, in so far as these arrears do not exceed the amount of the aforesaid fine imposed upon him. 172 173 22 August 1791. 22 August 1791. Business concerning Galle: Regarding the servants' writing by letter of the 6th of this month that the Lord Commander Sluijsken, in order to carry out the commission entrusted to him by the Honorable High Indian Government concerning the district of Diviture, deemed it supremely necessary that the district be accurately surveyed and mapped, and that His Honor therefore requested that a good surveyor be sent from here, because the Galle surveyor was busy measuring and dividing the cinnamon plantations and waiting for his return would further delay the execution of the order of Their High Excellencies, for which His Honor would not willingly be held responsible; and whereas in a letter dispatched on the 11th thereof he was asked for what reason it was necessary, in satisfaction of the aforesaid commission, that the district of Diviture should be measured and mapped; and the servants having answered by letter of the 13th of this month that the Lord Commander declared that he judged this strictly necessary in order to indicate as clearly as possible to their aforementioned High Excellencies what he shall deem necessary to note in that regard, and that His Honor could not possibly be responsible for this commission and the reports to be submitted if he had no opportunity to accurately survey, measure, and map Diviture; It is, although this Government cannot see that in order to comply with the special requisites of Their High Excellencies in the assignment of the aforesaid commission, the measuring [illegible]

Dutch transcription

176 d. 171 Den 19. aug. s 1791. 1 Maandag den 22:e Aug:s 1791 „draagen der nelij gereg„ dispositie op het berigt van het manaers opper„ hoofd nopens de aen mod„r opgelegde laste aantekening van het tigheidt te mature n gend niet alheit geweest, is een eigendom van „130 's Comp=s slaaven maar het zedert door aankoop Den Wel Edele Groot Achtb: Heer Gouverneur Willem Jacob van de Graaff van voorszen vallaagekoomen is, en dat ook Den E: Hoofdadministrateur Mattheus Petrus Raket boven gem: Margenhout het ter goeder trou„ Den E: Maturische Dessave - - - M:r Christiaan van Angelbeek met voorkennis van het dorpshoofd op een schriftelijk bewijs gekogt, en geduurende vij Den E: Eerste Pakhuijsmeester - - Iohannes Runtous, Jaaren, met het te beplanten en bebouwen, daar aan Den E: Sekretaris Binediktus Lambertus van Zitter merkelijke kosten en verbeeteringen gedaan heeft Abraham Samlant goedgevonden en verstaan, hem Mangenhout in de possessie van gem: stuk lands te vestigen, buijten consiquentie echter voor den aanstaande Den E: kolonel Bazoigne over Den E: Dessave dit twee van Gale ontvangene aanwijzingen Den E: zoldij boekhouder aenteekening van 't be„ van de te Mature gehoudene verpagting Den E: fiskaal-- stigheid ter malare van de geregtigheid van het gewasch voor de mousson Maha van het boekjaar 1790 Is verstaan hier bij te noteeren, dat deeze geregtigheid heeft opgebragt 8453. amms en 162. koernies of 64427. parras neli. Aldus Gedaan ende Geresolveert in het kasteel. kolombo ten dage maand en Jaare voorsz: /:was geteekend:/ W:DJ: van de Graaff M: P: Rakel, D: T: Freth, C: van Angelbeek, I: Reinlous, B: L: van Zitter A: e e e de Samlant en F: A: vollenhove ode snde daes senenden senve Uijt eene van Manaar ontvangene aanwij„ bedraegen dertiende gereg„zing, is verstaan bij te nooteeren, dat de tiende gerechtigheid van het tweede gewasch, van de Mannaarsche drie pro „vintien, bij verpagting 3165 1/8. parras nelij heeft opgebragt, zijnde paas meer van het aar te vven Het Mannaarsche opperhoofd Ebell bij brieve van den 3' deezer bedeeld hebbende, dat Ritnesinge modliaar op de aan„ maening tot voldoening van de bij resolutie van den 20. Junij 1786. opge „legde boete van 2500. rd:s had betuigd deeze boete niet te kunnen opbrengen, zonder ver„ „koop zijner bezittingen verzoekende mits Ab zent. Diderich Carel van Drieberg Diderich Thomas Fritz Gerrit Engel Holst Mr: Johannes Adrianus Vollenhoven de eerste gedetacheerd in de Matu„ „resche Dessavonij de tweede en laaste geoccupeert in den dienst en de derde mits indispositie. Den E: Negootie boekhouder 25 e e pdenden mdde sdeet aen 2 dien. 172 173 Den 22. Aug:s 1791. Den 22. aug:s 1791. om een landmeeter te mogen Besoigne over Gale kaert te brengen. dien qualificatie daar toe, wijl de Parrua„ „sche hoofden geene agterstallige hoofdgelden en landrenten voldoen, op hoope van de „selve te vervEffenen uijt de voorsz: boete Is uijt aanmerking dat schoon de voorsz: boete eijgentlijk is opgelegd, om de gee„ „nen schaedeloos te stellen, die door Ritne zinga modliaar benadeelt mogten zijn het tans niet wel doenlijk is dit als nog te onderzoeken, inzonder „heid wijl diergelijke dingen zeld, „zaem voldoende beweesen kunnen worden goedgevonden en verstaan het opperhoofd van Mannaar aante schrij„ „ven, om bij Provisie van Ritnezinga door verkoop zijner goederen of zoo als dat best geschieden kan zo veel intevorderen en in 'sComp:s Cas te tellen, als noodig is om der agterstallen van de Parruas aan de Comp:e te vereffenen in zo verre deeze agterstallen niet Excedeeren het bedraegen van de Op der bedienden schrijvens bij brieve van den dispositie op het verzoek 6. deezer dat de Heer Commandeur sluijsken van de gaels Commandeur tot het opvolgen van de Commissie door de hebben om het landschap Edele Hooge Jndiasche Regeering, betrekke„ diwitoere te meeten ende „lijk het landschap Duitoere aan hem opgedraegen, ten hoogsten noodsaekelijk oor „deelde, dat de landschap naauwkeurig gemeeten en in kaart gebragt wierd, en dat zijn E: daarom verzogte, dat een goed land„ „meeter van hier mogte gezonden worden vermits de Gaalsche landmeeter bezig was, met het meeten en verdeelen van de kanneel plantagien en het wagten na zyne terug komst, de opvolging der order van Hunne Hoog Edelheeden nog al langer zoude traineeren waar voor zijn E: niet gaarne aanspreekelijk zoude willen weesen; bij afgegaene brief van den 11. e daar aan van den selven bericht gevraagt zijnde waar toe het noodig waare, dat ter voldoening aan de voorsz: Commissie het landschap Diwetoere gemeeten en in kaart gebragt moest worden hebbende bedienden bij brieve van den 13. deezer geantwoord, dat de Heer Commandeur be„ „tuijgde dat hij zulks volstrekt noodig. oordeelde, om daar door het geene hij zal noodig oordeelen aan welgem: hunne Hoog Edelheeden dien aangaande te nooteeren, zoo duijdelijk als mogelijk aantewijsen, en dat zijn Edele voor deeze zyne Commissie en de overteleggene rapporten onmogelijk verant„ „woordelijk konde zijn, zo hij geen gelegend„ „heid hadde Ductoire nauwkeurig opte neemen, te meeten en in kaart tebrengen. Is of schoon deeze Regeering niet kan en zien, dat om te voldoen aan de bijzondere requisiten van hunne Hoog Edelheeden, in de opdragt van de voorsz: Commissie, het meeten gemeeten voorsz: hem opgelegde boete.

NL-HaNA_1.04.02_3927_0779 view scan ↗

English

174 175 The 22nd of August 1791. Thursday the 15th of September 1791. Present. The Right Honorable and Highly Esteemed Lord Governor Willem Jacob van de Graaff The Honorable Head Administrator Mattheus Petrus Raket, The Honorable Dessave Diderich Thomas Fretz The Honorable Maturese Dessave Mr. Christiaan van Angelbeek The Honorable First Warehouse Master Johannes Reintous The Honorable Secretary Benedictus Lambertus van Zitter The Honorable Trade Bookkeeper Abraham Samlant, and Honorable Colonel Diderich Carel van Drieberg The Honorable Pay Bookkeeper Gerrit Engel Holst, The Honorable Fiscal Mr. Johannes Adrianus Vollenhove the first detached to the Maturese dessavony, the second due to indisposition, and the last occupied in the service, absent. and mapping of the aforesaid landscape are required, nonetheless in order to deprive Mr. Sluysken of all exceptions as if he were hindered in the execution of this commission, it was approved and understood to send the requested surveyor to Galle, with a recommendation however to the said Lord Commander to keep himself, in the execution of this his commission, within the limits of the order given to him by Their High Mightinesses. Thus done and resolved in the Castle of Colombo on the day, month and year aforesaid. Was signed: W. J. van de Graaff, M. P. Raket, C. van Angelbeek, J. Reintous, B. L. van Zitter and A. Samlant. Approval of a Jaffnapatnam resolution holding that a publication be made in the country regarding those who are not registered in the family roll. Appeared from the report of the scholararchal meeting at Jaffnapatnam that two inhabitants had appeared before them who were neither registered in the family roll nor in the thombo, notwithstanding they were well of the age for the performance of Lord's service, it having been resolved by Jaffnapatnam resolution of the 13th of August last to have a publication made in the country that all those who are not registered in the family roll must have themselves registered within three months, on forfeiture of a fine of three rixdollars for the poor of the diaconate. It was after deliberation approved and understood to approve the aforesaid resolution, but on account of the known poverty of the inhabitants, because it is very natural that one seeks to evade as long as it is possible, to excuse the aforesaid threat of fine, and against that to have added to the aforesaid publication a sharp warning to the mayorals and whom else it may concern, to ensure that all inhabitants who have reached the appointed age for the performance of all service are registered in the family roll, under penalty of correction. Galle. There was read a petition from Don Francisco de Silva Ammerewiere Wikkremegoenewardene, mohandiram and korale of the Galle Wellabaddepattoo, wherein he shows that his ancestor had 3 amunams of Mallapalla fields situated in the field of Wandoerembe assigned and granted as accomodessan, and had also enjoyed a certain right from the fishery of Dodandoewe, but that the aforesaid accomodessan had since lapsed because the village of Tottegamme and its dependencies, under which the aforesaid village of Wandoerembe also belongs, was given to the cinnamon peelers of Wellitotte and Madampe as accomodessan, and that he has also had to miss the benefits of the aforesaid fishery since 1784, because the fish catch of Dodandoewe was farmed out in administration for the benefit of the Company, requesting that various Ande fields named in his petition might be granted to him as accomodessan, and that to him might also be added the benefits from the fish catch of Dodandoewe which his ancestors and he himself had formerly enjoyed, in consideration that the korales of the Galle Wellabaddepattoo [illegible]

Dutch transcription

174 175 Den 22. aug. 1791. Donderdag den 15. ' 7ber: 1791. Prezent. ƒ W.j Den Wel: Ed: Groot achtb: Heer Gouverneur Willem Jacob van de Graaff en in kaart brengen van voorsz: landschap ver den E: Hoofdadministrateur Mattheus Petrus Rakel, „eijscht worden, nochtans om aan den Heer sluijsken alle Exceptien, als of hij in de uitroe den E: Dessavo - – – – – 3 „ :18 Diderich Thomas Fretz ƒ den E: Maturiesche Dessave M:r Christiaan van Angelbeek „ring deezer Commissie waaren verhindert Den E„ Eerste Pakhuijsmeester Iohannes Reintous te beneemen, goedgevonden en verstaan, de ver„ Den E: Sekretaris Benediclus Sambertus van Zitter sogte landmeeter na Gale te zenden, met Den E: Negotie boekhouder Abraham Samlant, re Commandatie echter aan gem: heer Com„ „mandeur, om zig in de volbrenging aan deeze zijne Commissie, te houden binnen de perken van den last door hunne Hoog Edelheeden aan hem gegeeven. Aldus Gedaan inde Geresolveert in het kasteel kolombo ten daage maand en Jaere voorsz: (:was geteekend:) W: J: van de Graaff M: P: Raket, C: van Angelbeek, J: Reintous B: L: van Zitter en A: Samlant. en E: Colonel Diderich Carel van Drieberg Dan E: zoldij boekhouder Gerrit Engel Holst, den E: fiskaal Mr Johannes Adrianus Vollenhove de terH gedelacheerd in de Matuneese dessavonie, de tweede mids indispositie en de laatste geoccupeerd in d e de de abzen den diens aprobatide eener Jasfe f sal Beruijt van de scholarchaale nasche rebol: houdende vergadering te Jaffanapatnam, dat om eeni publicatie in het land te raden voor dezelve twee ingezeetenen ver„ doen omtrend de geenen scheenen waaren die noch bij de fa„ die bij de familierol, milie Rol nog bij de thombo beschree„ niet beschreeven zijn ven waaren, niet tegenstaande zij ruim „ den ouderdom de beater verig „ting van Theeren dienst door de tan nasché den bij tie van den 13. augustus Jongst beslooten zijnde eene publicatie in het land te laaten doen, dat alle die zij de familie vol met „ - 177 5 Den 15. xber: 1791. selva uijt de door hem toetewoegen als een korel sleed te hebben niet beschreeven zijn zig binnen drie maanden moeten laaten beschrijven op verbeurte van eene boete van drie rd:s voor de diaconie armen Is na deliberatie goedgevonden en verstaan de voorsz: resolutie te appro „beeren, doch uit hoofde van de be„ „kende armoede der ingezeetenen, wijl het zeer natuurlijk is dat een „der zich, zoo lange het mogelijk zoekt te onttrekken, de voorsz: bedrij„ ging van boete te Excusieren, en daar en teegen bij de voorsz: publicatie te laaten voegen eene scherpe waar„ schouwing aan de Maijoraals, en die het verder mogt aangaan, om te zorgen dat alle ingezeete „nen die den bepaalden ouderdom ter 7 an versigting van alle dienst berijk hebben, bij de familie vol beschreeven werden, subpane van Correcte e de Gale Is geleezen een request van Don francisa „aen den Frandisko de re Zilva Ammerewiere Wikkreme aengewesene velden Goene wardene mohandiram en koraal zo veel tot ascomodess van de Gaalse Willebaddepattoe, waar „ 7 bij hij vertoond, dat zijn voorzaat 3. ammonams Mallapalla velden geleegen in het veld Wandoerembe tot accomo„ 5 is, aan den lastngen onli dienst „ modessan waaren afgestaan, en Bezoigne over vergund, en dat hem weder mogte dessam gehad, en nog zeekere geregtig„ „heid genooten heeft uit de vis„ „scherij van Dodandoewe, dog dat het voorsz: aC Comodissan zeedert ver„ „vallen was, door dat het dorp Totte„ e „gamme en dies annex, waar onder 156 voorsz: dorp Wandoerembe ook ge„ „hoord, aan de kanneel schillers van Willitotte en Madampe tot acco„ dat hij ook zedert 1784. de voordee„ „len van voorsz: visscherij heeft moeten missen, wijl, de visvangst ƒ van Dodandouwe ten voordeele van 50 de Compenie in admositatie was ƒ - afgegeeven verzoeken dee 1 aen ede ae dat diversche bij zijn request ge„ noemde Ande velden aan hem Aol akkomodassai mogten worden worden toegevoegd de voordeelen uit de visvangst van Dodandoewe, die zijne voorzaaten en hij zelve ƒ de diertids genooten hadden st aanmerking dat de ko„ „raals van de Gaalsche Wellebadde„ ee Den 15. xber: 1791. dessan „pattoe 170 . „ . . ƒ „ - . . N 5 6 555 2

← previousnext →