Inventory 3966
Japan · 353 pages · 198 segments · open at the Nationaal Archief ↗
English
the ministers are uneasy. wishing to visit the gold mines of Gorontalo and Manado, will gain no great plunder there, because the Gorontaloans, who have not yet properly recovered from the smallpox, have likely not yet resumed mining, and we judge the fort of Gorontalo to be strong enough against that sort of robbers to keep them outside the residency, assuming that the Gorontaloans place any value on their own lives and possessions. §37: We cannot disguise, however, that the unrestrained animosity of the King of Tidor against the Ternatean greatly disquiets us; the King of the latter realm knows better how to restrain himself, although when he appears together at this Castle with his antagonist to attend some solemnity or other, which rarely happens twice a year, being merry, he cannot refrain from inviting the latter, who consumes nothing other than sagoweer, to also partake of Dutch wine, as he calls it, and to give the Tidorese several taunts, such as that he would immediately blow off the head of any of his subjects who sold spices to foreign nations without awaiting the Company's consent for this, that he would rather go against the ordinances of the Prophet and drink wine with the Dutch than do that for which he deserved to be sent away; that being a king he was nonetheless a human being and thus subject to error, but was incapable of defecting from the Company; that through its power he was able to make his princes and foremost grandees go about in European clothes with genuine gold, whereas those of the Tidorese King appeared with false galloon. Then, because the Governor is always present on such occasions and intervenes, he tries for the moment to pass it off as merriment, and subsequently does not fail to hold before the King, once he has returned to his senses, such an impermissible outburst and the detrimental consequences that could result from it; upon which the Prince immediately admits his fault, but the King of Tidor does not forget or forgive it because of that. It is best, then, where it can decently be avoided, not to let these two antagonists come together in the same company, and this is our firm resolve; and if it has not yet become common knowledge among the nations, still preparations for a sharper defense. Batchian remains still poorly visited. unknown robbers around Kema are driven away. two condemned persons we most submissively beseech Your High Excellencies, if you please, to support us in these our efforts with a subsequent directive to both Princes, stating that Their Highnesses have completely failed to fulfill their previously expressed intention, namely that they should maintain good harmony with each other. §38: We have meanwhile put into operation and still do everything possible for the security of this Head Factory and its dependencies amidst the great commotion. §39: The Kingdom of Batchian, which has become somewhat repopulated during the not very long reign of the gentle-minded King Achmat, having suffered just as greatly from the smallpox in proportion to other states in the Moluccas, falls short in prestige and power when compared to the latter, although it again surpasses other realms in fertility, for Nature is very generous there with all products required for sustenance and, moreover, yields a gold mine long known to be very rich, of 21 carats. §41: In the month of October 1791, two vessels strongly resembling Ceram jonks roamed near Kema, but accomplished nothing after a few Ternatean corracorras were sent out to drive them away; it is not known to this day whether the crews were Cerammers or natives of Maba, Weda, or Pattanij. Plea for pardon for two condemned persons §40: That good Prince has requested of us, by letters of the 5th of June, what does not lie within our power to grant, namely the release from chains of two persons, Harkattie and Taha, who were condemned to that punishment here by the Court of Justice in the year 1787 for the period of 25 consecutive years; namely, those who committed a murder by order of King Iskander Alam, who is banished to Ceylon, and in which persons, although they were scaffolded, such great interest is still taken at Batchian that the Court there would gladly see them return, because they are related by marriage to several grandees there. Their crime remains a crime, but the punishment still to be served by them for it can be either lightened or entirely forgiven by Your High Excellencies at your discretion, the complaisance of whom we take the liberty to implore on behalf of the Batchian Prince and his realm's grandees.
Dutch transcription
de ministers zijn onge„ rust. de goudmijnen van Gorontalo en Manado willende gaan bezoeken daar geen groote buit behaalen, door dien de van de kinder z „te nog niet regt bekoomen Gorontaalders denkelijk als niet weeder aan 't mineeren zijn geraakt, en de qual van Gorontale oordeelen wij voor dat zoort van roovers sterk e „noeg te weezen, om deselve buiten de residente te houden gesupponeerd dat de Gorontaalders eenige waardij in he eijgen Leeven en bezettingen stellen: §37: wij kunnen nogtans niet ontveinzen, dat de onbedwonge animositeit van den koning van Tidor teegen den Ternataan op grootelijks inquirteerd; de koning van laatstgende Rijd weet zig dan beeter te bedringen schoon slij, bij tijden dat met zijnen Antagomist ter bijwooning van de eere of a die solemniteit te saamen aan dit Casteel verschijnd egter zelden tweemaal in 't jaar gebeurd, vrolijk zijnde niet kan nalaten der zelven, die anders dan saguwreer op bruikt, te inviteeren om ook Hollandsche wijn, zoo als E dien noemd, te gebruiken en den Tisoreese, eenige schoot anders waters te geeven, zoo als, dat hij den geene zijner oud daanen, die specerijen aan vreemde Natien verkogt, im medit den kop zoude doen springen zonder het consent van de Compagnie hier toe intewagten, hij Liever teegen de ordonnantien van den Prop„ wijn heet aanging en met de Hollanders dronk, dan dat geene deed waarom hij verdiende opgezonden te worden dat hij koning zijnde nogtans een mensch en dus aan dwaalen onderheevig, maar onbekwaam was om de Compagnie aftevallen, dat hij door haar vermoogen in staat was om zijne Princen en voor„ naamste rijksgrooten te doen gaan, Europise kleederen met Egt goud, daar die van de Tidoreesen Koning met valsche galonnen voor den dag kwaamen dan, dewijl bij zulke ge„ leegenheeden de Gouverneur altoos present en tusschen beide is zoo tragt hij zulx, voor het moment, voor een vrolijkheid te doen door gaan en vervolgens niet manqueerd om den weeder tot zijne zinnen geraakten koning eene zoo ongepermitteerde uitspatting en de nadeelige gevolgen die daar uit zoude kunnen resulteeren, voorts houden; als wanneer de vorst immediaat schuldbeleid, maar die van Tidor vergeet of vergeert daar om niet; best is dan om die beide ontogonis„ „ten, daar het fatsoenelijk kan vermeid worden, niet in een selvde gezelsch op bij elk anders te laaten koomen, en dit is ons vast voor„ neemen en, zoo de bij de Natien nog niet kund gemeen geworden, maar 1 Hille preparatien tot een watkeren tegenweer. Batchian blijvt nog slegt beroekt. „treekt kema zijn ver„ „jaag. twee gecondemneerdens maar uwe Hoog Edelheeden, gelieven, suppliceeren wij onderda„ „rigst, ons in deese onse Pagingen te ondersteunen met eene te volgen aanschrijving aan beide vorsten, dat Hunne Hoogheed maar gansch niet voldaan aan hoogst derselves hun voormaak te kennen gegeven intentie, dat zij namelijk eene goede har„ monie met elkanderen moest houden. §38: Wij hebben inmiddens in 't werk gesteld en doen als nog het mogelijke tot de vijligheid van dit Hoofd-Comptoir en onderhoorigheeden er der groote Comotie. §39: Het geduurende eene nog niet zeer lange regeering vant dan zagt zinnigen koning Achmat weeder wat bevolkt geworden Rijk van Batchian in proportie met andere staaten in de Moluccos wven zeer door de Pokjes geleeden hebbende, schiet in aanzien en vermogen, met de laatstgemelde vergeleeken, val te kort schoon het zelve andere Rijken in vrugtbaarheid wer onbekende roorers oms„ „derom overtift, want de Natuur daar zeer mild is in alle tot levens onderhoud benoodigde producten en boven dien een voor zeer rijk lang bekende goud mijn uitleeverd van 21: Carraten sijn: §41: In de maand October 1791: hebben twee veel naa Ceramse Ion„ ken gelijkende vaartuigen bij kema geswaerven, dog niets uitge„ voerd, nadat een paar Ternaatse Corra Corras ter verjaging van de zelve zijn uitgesonden: men weet tot heeden niet op de opvaaren„ de Cerammers dan wel Naturellen van Maba, weda, of Pattanij zijn geweest. bede om pardon vor 40: Die goede vorst heeft aan ons bij Letteren van den 5: juni verzogt wat in onse magt niet staat te accordeeren het ontslag uit de keetenen van twee door den raad van Justitie voor de tijd van 25: agterenvolgen„ de jaaren tot die straf A„o 1787: alhier gecondemneerd geworden Persoonen Harkattie en Taha, namelijk, die op last van den op Ceijlon verbannen koning Is kander Alam een moord hebben begaan, en in welke persoonen, hoe wel geschavoteerd zijn geworden, te Bat„ „hian nog soo groot belang word gesteld, dat het Hof deselve aldaar met blijdschap zoude zien terug keeren, door dien zij aan eenige grooten aldaar, door aanheuring, zijn vermaagschapt hun„ ne misdard blijvt de misdaad, maar hunne daar voor verder te onder„ „gane straf kan, of verligt, of geheel kwijt gescholden worden door Complaisance uwe Hoog Edelheeden naar goedvinden de Commsantie van Hoogst dewelke wij sovrij zijn, ten behoeve van den Batchianse vorst en desselfs rijks grooten te imploieeren. § 40: § 42: 14
English
A pirate fleet §42: with Magindanao near Amoerang and in the Sangir. The Mandarese who departed from Mouton want to take possession of it again. Through the secret Manado letters of 6 and 12 July last, which reached us very late, we received report that 19 large Magindanao vessels were seen near Amoerang, abducting six defenseless people residing in that vicinity, while 10 other such pirate vessels were sighted in the Sangir outlying districts. The fiscal Divr, acting as resident of Manado by way of commission, had put himself in a posture of defense and was eagerly awaiting the arrival of six Ternate corracorras, which were to replace the most damaged corracorras there that had been abandoned out of terror for the enemy. These have now set sail thither on the 10th of the aforesaid month of July, and this is all that we can advise for the present regarding that troublesome news; and as about two months have passed in which no vessels could put to sea back and forth due to the tempestuous weather, we have received no further reports and also could send them no writings, it appearing otherwise from the course kept by the pirates that, having struck their blow in other quarters, they intended to return home. We receive at this moment reports from Manado of 22 August last that there Agreed. With this we have the honor to remain with deep respect: was signed: High Noble, Rigorous, Right Honorable, Widely Commanding Lord, and Well Noble, Rigorous Lords; lower down: Your High Noble's humble, obedient servants; was signed: Alex: Cornabe and Js Ekenholm; in margin: Ternate, in Castle Oranje, September Anno 1792. §43: having been informed from Gorontalo under date of 28 February that the Mandarese and other natives who had voluntarily relocated from Mouton intended to break up from Limbotto and return to Mouton, after they should have overpowered a benting erected there by the Gorontalese, but against the execution of which plan Resident Bax had them warned under threat; we have thus resolved to assign the previously mentioned pantjallang Den Windhond to Gorontalo as a cruising vessel, to be employed by the Resident according to the circumstances of the time. §43: no Messoimalin 3 85 Copy no enemy is heard of any longer. And at this moment the King of Tidore, still residing at Governor Thunn's, sends us one named Simio, son of a Tidorese chief, who himself is known to have robbed and plundered everywhere with the Papuans, and most recently at Nova Guinea; in the present juncture of times, we preferred to send this rogue along as well, rather than an execution, which would be more practicable at other times. The report of the Special Extirpation Commissioners regarding dispositions made earlier is transmitted among the enclosures. High Nobles Their Zeeland. For Ternate Separate Advices E from to No 3 Separate Copy Batavia To His High Nobility. The High Noble, Rigorous, Right Honorable, Widely Commanding Lord. Mr. Willem Arnold Alting, Governor-General High Noble, Rigorous, Right Honorable, Widely Commanding Lord, Well Noble, Rigorous Lords. Expressing due thanks for the forbearance with which Your High Nobility were pleased to pass over my dealings with the gentlemen of the military commission, The Well Noble, Rigorous Lords, Councilors of the Dutch Indies etc. etc. etc. together with Commission O 93 And Commission, I shall furthermore have the honor to note that the payment of the soldiers takes place in conformity with their supreme order and pursuant to the 37th article of Title 4 of the articles of war, without deviation. § 2: To the order issued by Your High Nobilities that no recruits be sent without their settlement of accounts, I hope that punctual compliance may be given henceforth, and I refer further submissively to what is communicated on this subject in general letter 5. § 3: The soldiers have no reason to complain of being poorly accommodated, and I take care, as far as is in my power, that all foodstuffs to be found here reach their mess in a sufficient quantity. § 4: And the troops have been divided into companies. § 5: The officers furthermore having been notified of the order that the men who choose to work can obtain their compensation at 4 rupees a month to be divided among those on duty, or else to be spent for their benefit. § 6: Also, as far as the local condition allows, the considerations of the said Gentleman Commissioners concerning the various men on duty, which have already been reduced by some, are being complied with. § 7: But since the soldier cannot have 30 stuivers of his pay withheld for the benefit of the mess, beyond what they contribute to it and had already contributed before the arrival of those gentlemen, without this becoming a charge to the Company; I have therefore abandoned that proposal pursuant to the revered intention of Your High Nobilities. § 8: The Manado recruits are becoming scarce and the European troops are gradually dying out or becoming invalids, while others come to ask for their discharge, so that I have double reason to desire with Your High Nobilities that the plan concerning the required number of troops to ward off a native enemy may soon be carried into execution. pay 39: 95
Dutch transcription
Een r0of vloot §42: met Magindanaur om„ streeks amoerang en in de sangir. de uit morten geweeken mand„ hareelen willen daar weeder brijt van neemen. Met de ons zeer laat ter hand gekomen secreete Manadose brieven van 6: en 12: Julij j:o L: kreegen wij narigt dat bij amoe„ „rang gesien waaren 19: groote Magindanause vaartuigen, ontvoe„ „rende ses daar om streeks remoreerende weerloose menschen, terwijl 10: andere van die roof vaartuigen in de sangirse bijd landen waaren bespeurd. De bijwege van Commissie de resi„ dentie Manado waarneemende fiscaal Divr had zig in Oost „tuur van tegenweer gesteld en wagtte met verlangen op de komst van ses Ternaatse Corracorras die de daar meest ontrampo„ „neerden van de weg„s schrik voor de bokje verlaaten zijnde Corra Corras moesten vervangen: deeze nu zijn den 10: van voorseijde maand Julij derwaards afgesteeken en dit 'T alles wat wij nopens die facheuse tijding voor het tegenwoordige kunnen adviseeren e, daar ongevar twee maanden verloopen zijn dat geen vaartuigen vice verso zee hebben kunnen bouwen door het ongestuiming weer, zoo hebben wij geen nadere berigten ingekreegen en ook geen schrijvens dat hemn kun„ „nien doen geworden, blijkende overigens aan de gehouden Cours der Roovers, dat zij hun Coup in andere quartieren gedaan hebbende, voorneemens zijn geweest om te huis en te rug te keeren. I: I: wij bekomen op het moment van Manado narigten van den 22: aug„s J: L: dat aldaar Accordeerd. Hiermeede hebben wij de eere met diepe eerbied te blijven: /:onderstond:/ Hoog Edele Gestrenge, Groot Achtbaare wijd gebiedende Heer en wel Edele Gestrenge Heeren /:Lager:/ Uwe Hoog Edelh: ood„ „moedige gehoorzame Dienaarsn /:was geteekend:/ Alex: Cornabe, en J„s Ekenholm /in margin September A„o 1792: Ternaten in 't Casteel Ovange den §43: van Gorontalo sub dato 28: februarij bedeeld zijnde geworden dat de uit Monton goedwillig verhuisde Mandhareesen en andere Inlan„ „ders in den zen hadden om uit Limboenen op te breeken en naar Mou„ ton terug te tekeeren, na dat eene door de Gorontaalders aldaar op geworpen Benting zouden hebben overweldigd dog tegen de uitvoering van welk voorneemen ken de Resident Bax onder bedrijging had laaten waarschuwen; zoo hebben wij beslooten de hier te voren gemen„ tioneerde Pantjallang Den windhond naar Gorontalo tot een kruis vaartuig aan te leggen om door den Resident naar tijds om„ standigheeden te worden g'emploijeerd. §43: geen Messoimalin 3 85 Copiaal geen vijand langer vernoomen word En op het moment zend ons de nog al in Gouverneur Thunn verblijf houdende koning van Tidor toe Eenen Simio. gemd: zoon van een Tidorees hoofd die zelve bekend met de Papoen overal en laast op Nova Guinea geroofd en geplundeerd te hebben, wij hebben in de presente tijds Conjunetiren geprefereerd dien quit meede op te zenden boven eene bij anders tijden practicabler te regtstelling. het Berigt van Extirp Exprsse gecommitteerdens wers zijn voor heen gedaan dispositien komt onder de bijlaagen over. „ Hoog Edelheedens Hunne Zee=Land. Voor Ternaten Aparte Advisen E van aan N„o 3 Copia Apart Batavia Aan zij Hoog Edelheid. Den Hoog Edele Gestrenge Groot Agtbaare wijd gebiedenden Heer. Willem Arnold Atting! M„r Gouverneur Generaal Hoog Edele Gestrenge Groot Agtbaare wijd gebiedende Heer Wel Edele Gestrenge Heeren. I I: Den verschuldigden dank betuigende voor de tergevendheid, waarmee„ de uwe Hoog Edelh: mijne verrigtingen met de Heeren van de militaire De wel Edele Gestrenge Heeren Raaden van Neederlands India Cad: Coc Ca: Neevens Commissie O 93 En Commissie hebben gelieven te passeeren, zal ik voorts de eere hebben en noteeren, dat de afbetaling der militairen Conform hoogst der zelver ordre en navolgens het 37: artikel van Titul 4: bij den articul brief geschied, zonder afwijking— § 2: Aan de door uwe Hoog Edelheeden gestelde ordre, dat geen Recruten 1 buiten hunne afreekening gesonden worden, hoop ik dat voortaan punctueel mag worden voldaan en refereere mij voorts onderdanig aan 't gunt op dit sujet bij den gemeenen brief 5 bedeeld worde §3: De militaire hebben geen reeden om te klagen dat kwalijk gevoegd worden en ik zorg, zoo veel in is, dat aan hunne Bak komen „ alle de hier te vinden levens middelen in een toereijkende qúam „titeit. §4: En de Troupes zijn in Compagnie verdeeld geworden. § 5: zijnde de officieren wijders aangezegd geworden de ordre dat de manschappen, die verkiesen te werken, hunne dienste kunnen . §6: Ook word zoo veel mogelijk het de plaatselijke Constitutie toe„ „laat, aan de bedenkingen van gemelde Heeren Commissarissen no„ „pens de diverse dienst doende, die reeds met eenige vermin„ derd zijn § 7: Maar dewijl de soldaat geen 30: stuijv„s van zijn gagie ten behoeve van de Bak kan laaten stilstaan, boven 't geene zij daar aan fourneeren en voor de komst van die Heeren reeds gefourneerd hebben, zonder zulks koome ten laste van de Compagnie; zoo heb ik van dat voorstel afgezien navolgs de gevenereerde intentie van uwe Hoog Edelheeden. §8: De Manadose recructen worden schaars en de Europesche man„ schappen sterven gaande weg uit, op worden invalid, terwijl ande„ „re om hunne verlossing koomen vraagen, zoo dat ik dubbele ree„ ter den heb om met uwe Hoog Edelheeden te verlangen dat eerlang ht executie mag worden gesteld het Plan betreffende 't benoodigde aantal Troupen tot afweering van een Inlandsche vijand — behaalen met 4: ropijen 'smaands om onder de dienst doenders verdeeld, of wel tot hun niet besteed te worden. betaalen 39: 95
English
Section 9: Regarding the remarks made by the gentlemen of the military commission about the fact that among the seafarers, under the name of outrunners, two non-commissioned officers and fifteen privates were serving, and that among them were found those who remained at home with their parents and enjoyed wages, board money, and rations at the expense of the Company in order to be trained as mates or craftsmen, it being noted in Your High Noble Honours' venerated separate letter of 30 December 1791, Section 13, that because it is not known by what order and authorization this arrangement was introduced, and it must also appear quite strange that one should oblige the Company to the maintenance and education of poor people upon such uncertain prospects as were suggested by myself, at the same time ordering that it be demonstrated when, by whom, and under what authority that arrangement was introduced, and that the said children be immediately dismissed from the service, I request, both concerning the non-commissioned officers and the children, to be permitted to refer to my correspondence held with the gentlemen of the military commission on 2 and 5 June of last year, and above all to the letter of Your High Noble Honours under date of 14 December 17[illegible] to this ministry, as well as to the answer that followed thereupon, all of which gave me occasion to make the aforementioned arrangement. Section 10: The seafarers serve according to the stipulation in the memorial of [illegible], in the belief that the same would fulfill the intention. If I did not understand it correctly or gave it too broad an interpretation, as appears in retrospect, I offer my most submissive obedience and most humbly implore your highest indulgence, taking at the same time the liberty to represent that the children were not taken into service all at once, but gradually, as their earning wages show, and that following the remarks made by the gentlemen Vaillant, Verhuell, and Gravestein, they were distributed among the vessels stationed here, no longer remaining at home with their parents, but actually performing service, becoming good sailors and already partly being such, from whom no more is to be expected than from the hired native seafarers, so that by their retention a service rather than a disservice is rendered to the Company. Furthermore, one of the two non-commissioned officers who had served at the pen has been placed in the artillery service, where he gives great satisfaction, while the other has remained assigned to the trade office in order to transfer finally to the clerical service upon the first occurring vacancy, on the good testimony of the trade bookkeeper Ekenholm, who finds him to be a capable subject in this department. Household 37
Dutch transcription
§9: Betreffende de door de Heeren van de militaire Commissie gemaakte remarques over zulx bij de zeevaarende, onder de Naam van Buitenloopers, Twee onder officieren en vijftien gemeenen voort„ liepen en dat onder deselve gevonden wierden, die bij hunne onders aan huis bleeven en gage, kostgeld en randcoenen genooten ten laste van de Comp„s om tot stuurlieden of Ambagts Lieden te worden opgeleid in uwe Hoog Edelheeden gevenereerde aparte Letteren van 30: December 1791: § 13: genoteerd staande, dat wijl niet weeten op wat order en qualificatie deese schikkin is ingevoerd en het ook vrij vreemd moet voorkoomen da men de Comp„e zoude verpligten, tot het onderhoud van onderwijs van arme Lieden op zulke onzeekere vooruitzig„ ten, als door mij zelve zijn geopperd, tevens gelastende dat worde aangetoond, wanneer, door wie en op wat onder die schikking is in„ „gevoerd en dat gem: kinderen direct uit de dienst worden gesteld versoek ik mij zoo omtrent de onder officiers als de kinderen: te moogen refereeren aan mijne met de Heeren van de militaire Commissie gehouden Correspondentie van 2: en 5: Juni des voorleeden Jaars en voor al aan s van uw Hoog Edelheeden schrijvens onder den 14: Dees 17 aan dit menisterie, zoomeede aan het daar op gevolgde antwoord mat een en ander mij aanbeeding gegeeven heeft om gem: schikking te maaken § 10: De Zeevaarende vaaren naar de bepaling bij de Memorie van in de verbeelding dat dezelve aan de intentie zonde voldoen tat ik deselve niet regt begreepen, op daar aan een te ruine zin gegeven, gelijk van agteren blijkt, maak ik den weg„s mijne onderdanigste submissien en in„ ploreere hooest der zelver indulgentie, deemoedigst en gebruike te gelijk de vrijheid te representeeren dat de kinderen met te gelijk, naar lang samerhand in dienst zijn genoomen zoo als hunne winnende gagie het uitwijst, en dat deselve naa de gemaakte remarquer van de Heeren vaillant, Verhuel Gravestein op de hier bescheiden vaartuigen verdeeld zijn geworden niet meer aan huis van hunne onders blijven wer maar wetkelijk dienst doen en goede mattroosen worden en reeds ge„ deeltelijk zijn waar van meerder niet te verwagten is dan van de ingehuurd wordende Inlandse zeevarenden zoo dat met derselver aanhouding veel eer dienst als ondienst aan de Comp: geschied; zijn„ de voorts een van de beijde aan de pen dienst gedaan hebbende onder officiers onder de Arthillerij dienst geplaatst, waar hij veel genoe„ „gen geeft terwijl deande nog op het Negotie Comptoir bescheiden is gebleeven om bij de eerste voorvallende vacature finaal tot de ponnen dienst over te gaan, op het goed getuigenis van den Negotie Boek„ houder Ekenholm, die aan hem in dit departement een Cappabel subject ondervind te hebben. in Menage 37 §9: Betreffende de door de Hleeren ia de militaie Commissie gem remarques over zulx bij de Zeevaarende, onder de Naam van Buitenloopers, Twee onder officieren en vijftien gemeenen voor liepen en dat onder deselve gevonden wierden, die bij hunne onders aan huis bleeven en gage, kostgeld en randCoenen genoo ten laste van de Comp„e om tot stuurlieden of Ambagts liede worden opgeleid in uwe Hoog Edelheeden gevenereerde apar„ Letteren van 30: December 1791: § 13: genoteerd staande wijl niet weeten op wat order en qualificatie deese sche is ingevoerd en het ook vrij vreemd moet voorkoom men de Comp„e zoude verpligten, tot het onderhoud van onderwijs van arme Lieden op zulke onzeekere vooru ten, als door mij zelve zijn geopperd, tevens gelastende dat wor aangetoond, wanneer, door wie en op mat onder die schikking ge „gevoerd en dat gem: kinderen direct uit den dienst worden gesteld vo ik mij zoo omtrent de onder officier als de Kindoen te mi refereeren aan mijne met de Heeren van de militaire Commi gehouden Corespondentie van 2:en 5: Juni des voorleeden jJaars al aan s van uw Hoog Edelheeden schrijvens onder den 14 aan dit menisterie, zoomeede aan het daar op gevolgde antwo„ een en ander mij aanbeiding gegeeven heeft om gem: schikking te § 10: De zeevaarende vaaren naar de bepaling bij de Memorie van in de verbeelding dat dezelve aan de intentie zoude voldoen taak ik deselve niet regt begreepen, op daar aan een te ruinne zin gegeven, gelijk van agteren blijkt, maak ik den weg„s mijne onderdanigste submissien en in„ ploreere hoogst der zelver indulgentie, deemoedigst en gebruike te gelijk de vrijheid te representeeren dat de kinderen niet te gelijk, waar lang samerhand in dienst zijn genoomen zoo als hunne winnende gagie het uitwijst, en dat deselve naa de gemaakte remarquer van de Heeren vaillant, Verhuel Gravestein op de hier bescheiden vaartuigen verdeeld zijn geworden niet meer aan huis van hunne onders blijven wer maar wetkelijk dienst doen en goede mattroosen worden en reeds ge„ deeltelijk zijn waar van meerder niet te verwagten is dan van de ingehuurd wordende Inlandse zeevarenden zoo dat met derselver aanhouding veel eer dienst als ondienst aan de Comp: geschied; zijn„ de voorts een van de beijde aan de pen dienst gedaan hebbende onder officiers onder de Arthillerij dienst geplaatst, waar hij veel genoe„ „gen geeft terwijl deande nog op het Negotie Comptoir bescheiden is gebleeven om bij de eerste voorvallende vacature finaal tot de pennen dienst over te gaan, op het goed getuigenis van den Negotie Boek„ houder Ekenholm, die aan hem in dit departement een Caspabel subject ondervind te hebben. Menage 37
English
Section 9: Concerning the remarks made by the gentlemen of the military commission about the fact that among the seafarers, under the name of Buitenloopers, two non-commissioned officers and fifteen privates were serving, and that among them were found those who remained at home with their parents and enjoyed wages, board money, and rations at the expense of the Company to be trained as mates or craftsmen, as noted in Your Right Excellencies' venerated separate letter of 30 December 1791, Section 13; since you do not know by what order and authorization this arrangement was introduced, and it must also appear quite strange that one would obligate the Company to the maintenance and education of poor people upon such uncertain prospects as were raised by myself, also ordering that it be demonstrated when, by whom, and under what conditions that arrangement was introduced, and that the said children be immediately discharged from the service; I take the liberty, both regarding the non-commissioned officers and the children, to refer to my correspondence held with the gentlemen of the military commission of 2 and 5 June of last year, and above all to Your Right Excellencies' letter of the 14th to this administration, as well as to the reply that followed thereupon, all of which gave me occasion to introduce the said arrangement in the belief that it would fulfill the intention. If I did not understand it correctly, or gave it too broad an interpretation, as appears in retrospect, I make my most humble submission in that regard and most humbly implore Your indulgence, taking at the same time the liberty to represent that the children were not taken into service all at once, but gradually, as their earning wages show, and that following the remarks made by the gentlemen Vaillant, Verhuel, and Gravestein, they were distributed among the vessels stationed here, no longer remain at home with their parents, but actually do service and are becoming good sailors, and already partially are so, from whom no more is to be expected than from the hired indigenous seafarers, so that by retaining them, a service rather than a disservice is rendered to the Company; furthermore, one of the two non-commissioned officers who had served in the pen has been placed in the artillery service, where he gives much satisfaction, while the other has remained assigned to the Trade Office in order to transfer permanently to the pen service upon the first occurring vacancy, based on the good testimony of the Trade Bookkeeper Ekenholm, who finds him to be a capable subject in this department. Section 10: The seafarers are, according to the determination in the Memorandum of Management, too many, but according to the number and charter of the vessels during the presence of the said gentlemen, too few in number; the same amounted then, not counting 15 buitenloopers, to 119, and counting the aforementioned in, to 134 privates and 37 indigenous mercenaries. The number of the former, after the detention of the bark De Verwagting over there and the subsequent return of the galliots De Exter and Den Arend, has decreased to 83 privates, while the indigenous mercenaries have decreased by only 2 heads as of the middle of this current month; the commanders on the pantjallangs claim that they cannot sail with fewer than 18 heads, including upper and lower officers, in these dangerous waters, because, they say, many natives are among the contracted seafarers. Section 11: The specific statement required by Your Right Excellencies regarding the annual expenditures made on carpentry and repairs has been drawn up by the said and serving Trade Bookkeeper Ekenholm and is transmitted herewith, according to the monthly specifications submitted for it, pure and upright; Your Excellencies will therefore be pleased to see what is annually allocated for it in the new Memorandum of Management drafted by this servant, who is rightly recorded as capable, according to the local knowledge he has obtained. Section 14: Meanwhile, Your Right Excellencies are reverently presented, in a drawer and hands of the Commander Dekkerek, with a copied map, both of the Castle of Ternate and of the Post Cajoemeren, together with the report pertaining thereto from the Captain-Engineer von Lutzow. Section 13: Since the buildings on Talingamij are being worked on and all the necessary materials are also not at hand to execute the plans for the improvement of the defense of Ternate, and Your Right Excellencies declare yourselves unable to cooperate effectively toward the completion of the proposed alterations, we shall, at Your highest command, begin gradually with the least expenses, in accordance with the order of the Lords Masters, in proportion as the means for it are at hand or can be found. Section 12: The personnel, cannons, etc. of the small fort Voorburg, in whose proposed demolition Your Right Excellencies have been pleased to consent, have been withdrawn, and they are busy with the demolition and razing of the said small fort, in the presence of commissioners who must keep record of the timber and ironwork, etc. that come from it and can be employed for other works. 512 Section 15: fV= 99
Dutch transcription
§9: Betreffende de door de Heeren van de militaire Commissie gem remarques over zulx bij de zeevaarende, onder de Naam van Buitenloopers, Twee onder officieren en vijftien gemeenen vo liepen en dat onder deselve gevonden wierden, die bij hunne onders aan huis bleeven en gage, kostgeld en randsoenen genoo ten laste van de Comp„s om tot stuurlieden of Ambagts Liede worden opgeleid in uwe Hoog Edelheeden gevenereerde appart Letteren van 30: December 1791: §13: genoteerd staande wijl niet weeten op wat order en qualificatie deese schi is ingevoerd en het ook vrij vreemd moet voorkoom men de Comp„e zoude verpligten, tot het onderhoud van onderwijs van arme Lieden op zulke onzeekere voorm ten, als door mij zelve zijn geopperd, tevens gelastende dat wor„ aangetoond, wanneer, door rie en op wat onder die schikking g „gevoerd en dat gem: kinderen direct uit e dienst worden gesteld v ik mij zoo omtrent de onder officier als de kinderen te in refereeren aan mijne met de Heeren van de militaire Commi gehouden Correspondentie van 2: en 5: Juni des voorleeden Jaars: al aan s van uw Hoog Edelheeden schrijvens onder den 14 aan dit menisterie, zoomeede aan het daar op gevolgde antwo en en ander mij aanbeeding gegeve heeft om gem: schikking t § 10: De zeevaarende vaaren naar de bepaling bij de Memorie van in de verbeelding dat dezelve aan de intentie zoude voldoen taat ik deselve niet regt begreepen, op daar aan een te runne zin gegeven, gelijk van agteren blijkt, maak ik dien weg„s mijne onderdanigste submissien en in„ ploreere hooest der zelver indulgentie, deemoedigst en gebruike te gelijk de vrijheid te representeeren dat de kinderen met te gelijk, waar lang samerhand in dienst zijn genoomen zoo als hunne winnende gagie het uitwijst, en dat deselve naa de gemaakte remarquer van de Heeren vaillant, Verhuel Gravestein op de hier bescheiden vaartuigen verdeeld zijn geworden niet meer aan huis van hunne onders blijven wer maar wetkelijk dienst doen en goede mattroosen worden en reeds ge„ deeltelijk zijn waar van meerder niet te verwagten is dan van de ingehuurd wordende Inlandse zeevarenden zoo dat met derselver aanhouding veel eer dienst als ondienst aan de Comp: geschied; zijn„ de voorts een van de beijde aan de pen dienst gedaan hebbende onder officiers onder de Arthillerij dienst geplaatst waar hij veel genoe„ „gen geeft terwijl deande nog op het Negotie Comptoir bescheiden is gebleeven om bij de eerste voorvallende vacature finaal tot de ponnen dienst over te gaan, op het goed getuigenis van den Negotie Boek„ houder Ekenholm, die aan hem in dit departement een Caspabel subject ondervind te hebben. Menage heb 37 menage te veel dog naar de hoeveilheid en chartie der vaartuigen bij aanweesen van gemelde Heeren te weining in getalle; het zelve beleeptoen ongereekend 15: buyten loopen op 119 en de vorengemelde ér bij gereekend op 134: gemeene en 37. Inlandse huurlingen het getal der eerstgemelde is, na de aanhouding van de Bark De verwagting â Costij en gevolgde te rug zending van de Galo„ wets de Exter en den Arend verminderd tot op 83: gemeene ter„ „wijl de Inlandse huurlingen segts met 2: hoofden verminderd zijn met medio deezer loopende maand; de gezaghebbers op de Pantjallangs geeven voor dat zij met niet minder dan met 18: hoffen opper en onder officiers daar onder begrepen vaaren kunnen in en pri„ culenst vaarwater, om dat, seggen zij onder verband gemaakt hebbende zeevarende veele Inborlingen loopen. § 11: De door uwre Hoog Edelh. gevorderde specificque opgave reys, de Jaarlijks gedane bekostigingen aan Timmeragien en reparatien is door gemelden seimnde en Negotie boekhouder Ekenholm op„ gemaakt en komt met deesen over, navolgens de daaroven 'smaar„ delijks ingediende specificatien, zuiver en oprecht: Hoogst bekla„ „e zullen dies gelievende zien wat bij de door deesen met regt voor een bekwaam te boek gestelden dienaar naar zijne verkregtn locale kennis, ontworpen Nieuwe memorie van menage, daar voor 's jaarslijks komt te stellen. § 14: Uwe Hoog Edelheeden worden inmiddens in een schuijflaade en hom„ den van den Gezaghebber Dekkerek reverentelijk aange„ booden en gecopieerde Plaas, zoo van het Casteel Ternaten als van de Postte Cajoemeren nevens het daar toe specteerende berigt van den Capitein Ingenieur van Lutzow. §13: wijl aan de gebouwen op Talingamij word gewerkt en ook alle de benodigde materialen niet bij de hand zij om de plans ter verbeetering der defensie van Ternaten in executie te brengen, en uwe Hoog Edelheedens betuigen dat onvermoogende zijn om kragtdadig te co=opereeren tot de volbrenging der voorstel„ de veranderingen, zoo zullen wij daar aan, op Hoogst derselver bevel, langsamer hand beginnen met de minste kosten, on in overeenkomst van de ordre der Heeren meesters, naa maate de middelen daar toe aanhanden zijn, op gevonden kunnen worden § 12: De manschappen, Canons Ca: van het fortje voorburg, in welker gepro„ poneerde afbrake uwe Hoog Edelheeden hebben gelieven te consen„ „teeren zijn in getrokken en men is beezig met de afbrake en demoliee„ ring van gemelde fortje in presentie van gecommitteerdens aan„ teekening moeten houden van de hout en ijzerwerken en z: die daar afkoomen en tot andere werken kunnen werden g'emplojerd. 512 § 15: ƒV= 99
English
Section 15: Since Your High Nobilities are so kind and willing to defer to the expressed wish of the King of Ternate for the preservation of the small fort Terlucco, I have as yet not spoken of its revocation, in order not knowingly and willingly to cause His Highness any displeasure, but at the slightest sign of the gout, or at one or another unforeseen event, I shall seize the opportunity to be able immediately to proceed with the revocation in the certainty of not displeasing him thereby. Section 16: The only means to keep the Castle moats clean was the construction of sluices and thus rather costly; during 3 to 4 months in the year when there is uncommonly dry weather here, there is not a drop of water in the same; to excavate the mud from them during these times, or even during rainy periods, is disastrous for the stone revetments because they are made too shallow. The wet season nevertheless seems to me and to the experts the most suitable to have the clearing of mud carried out by the ordinary hirelings, and to this I adhere, with submission to better judgment. Section 17: In order gradually, and in so far as it can be done without giving offense, to relocate the burial grounds that cause so much detriment to the fortifications, without means of the aforementioned to remunneration, one must, I most humbly think, first prepare minds by conversations in company about the impropriety of seeing the burial grounds entirely open and encroaching ever further; outside the present ones, another plot is found on Company land, which plot would not be surrendered by the owner for less than 500 to 600 rijksdaalders; concerning which, however, I shall await the respected pleasure of Your High Nobilities. Section 18: The proposed improvements for the construction of a new prison, and for the demolition of some houses, shall not take place, as the Company cannot support those expenses. Section 19: A plan for the construction of a new gunpowder magazine and a calculated statement of the expenditure to be incurred thereon has been added, under the other plans mentioned under Section 14, together with yet another of the redoubts at Talingamij, for the honored evaluation of Your High Nobilities, marked with No. 4 and 5. I have furthermore the honor to be with the deepest respect and submission, Below stood: High Noble, Rigorous, Most Honorable, Widely Ruling Lord and Noble Rigorous Lords, Lower: of Your High Nobilities the very humble and very obedient servant, Was signed: Alex: Cornabe In the margin: Ternate in Castle Orange, 18 September 1792. Agreed. Zeeland Secret advices from Ternate. Mercenabe. For copy. Secret. To His High Nobility, the High Noble, Rigorous, Most Honorable, Widely Ruling Lord Willem Arnold Alting, Master, Governor General, together with the Noble Rigorous Lords Councillors of the Netherlands Indies, etc., etc., etc. Batavia. High Noble, Rigorous, Most Honorable, Widely Ruling Lord and Noble Rigorous Lords, Section 1: As we may see our conduct maintained last year regarding the ensign Lang approved in Your High Nobilities' revered secret reply of 20 January last, with remarks, we hope to carry off such a very honoring approbation in its entirety, after Your High Nobilities are pleased to be informed that the Governor has not failed to confer with the King of Ternate concerning the untrue reports of his emissaries and to recommend that henceforth he should not so easily give credence to such complaints of his subjects; which remonstrance, however, could not take place other than long afterward or at a suitable opportunity, because the prince is somewhat hypochondriac and must be indulged in his good humors, as long as no pressing reason obliges us to do otherwise. Section 2: Wishing as strongly as Your High Nobilities that finally the burdensome work of extirpation, which certainly costs many men and causes great expenses, may be concluded, because to find the spice crops mountains and valleys of very great extent must be traversed, one must, if the destruction is to be properly observed, grant the extirpators all the necessary time; and although we do not unnecessarily curtail those expeditions, but rather wish to contribute everything that can serve toward the completion thereof, we nevertheless judge that some rest must still be granted to the Ternatans, who have indeed pursued the work most zealously and longest, and have also suffered very much from the smallpox, until such time as the king grows weary of it, which must also surely follow before long, for His Highness as yet shows a great inclination not to comply with this weighty point stipulated in the contracts. Section 3: Regarding the wonder expressed by Your High Nobilities that from the 4468 destroyed full-grown nutmeg trees and from 324 in the Maba extirpation only 3 small baskets of nuts and mace were collected, and that no accurate description was added thereto according to the recommendation of the previous year, we further request to be permitted most respectfully to refer Your High Nobilities to Section 1 of our secret letters of 15 June last, and to Section 99 of the home dispatch of 9 November 1789. Section 4: We further express our most humble thanks for the favorable passing of the expenses of consumed goods incurred in the Ternate and Maba districts, added to this work.
Dutch transcription
§ 15: Daar uwe Hoog Edelheeden zoo goed zijn en wel defereeren willen aan de te kennen gegeeven de volie van den koning van Ternaten, tot het behoud van 't fortje Terlucco, zoo heb ik van dies intrekking als nog niet gesprooken, en zijn Hoogh: willens en weetens geen des„ „plaisier aan te doen, maar zal bij het geingste teeken van de gout, op bij een op ander onvoorsiene evement de geleegenheid Cap „teeren, om tot de intrekking dadelijk te kunnen overgaan in de zeekerheid van daar meede niet te zullen mishagen. §16: Het eenigste middel om de Casteels gragten schoon te houden waren de aanmaking van sluijsen en dus vrij wat kostbaar, gedur rende 3: a 4: maanden in 't Jaar dat men hier ongemeen droog weer heeft, is er geen drux waters binnen deselve bij deese, op zelfs bij reegen tijden, de modder en uit te graaven, is funest voor de steene beschoeijingen, door dien ze te ondiep zij gemaakt: Het Natte saisoen komt mij en des kundigen nog tans het bekwaamst voor om de uitmoddering te laaten ge„ „schieden, door de gewoone huurlingen en hier aan houde ik mij met onderwerping aan beeter gevoelen. §17: Om de begraaf Plaatsen, die zoo veel nadeel aan de fortifien „ien toebrengen, langsamerhand, en zoo verre zonder aanstoot §19: Een Plan tot de aanmacking van een nieuw krithuis en Calculati„ re opgave van de daar aan te doene bekostiging, is bij de sub § 14: gemelde overige Plans neevens nog een ander van de gelou¬ „en op Talingamij ter g'eerde beoordeeling van uwe Hoog Edelheeden gevoegd geworden, bestempeld met N„o 4: en 5: —. §18: De voorgestelde verbeeteringen tot den aanbouw van een nieuw gevangenhuis, en tot het demolieeren van eenige Huisen zullen niet geschieden, wijl de Comp„e die bekostigingen niet kan supporteeren. te geeven geschieden kan te verplaatsen buiten middelen van gemeld op voorsaat tot munnereering; moet men meen ik needrigst de gemoederen eerst praepareeren door gesprekken in de geselschappen over het ongelijk geheel oopen, en al meer en meer wegrukkend te zien der begraaf Plaatsen, buiten de teegenwoordige, op 's Comp„s grond gevonden worden welke Plik, door den eigenaar, al niet voor minder van 500: a: 600: rijksd„s z omtijds zoude worden afgestaan; dan waar omtrent ik het g'eerde goedvinden van uwe Hoog„ „Edelheeden zal blijven inwagten. te Ik No . 101 N„o 4 Ik heb overigens de eere met diepste eerbied en submissie te zijn —. /:onderstond:/ Hoog Edele Gestrenge Groot Agtbare wijdgebiedende Heer en welEdele Gestrenge Heer„ ren /:Lager:/ van uw Hoog Edelheedens en seer ood„ moedige en seer gehoorzame dienaar /:was geteekend Alex: Cornabe /:in margine/ Ternaten in 't Casteel Orange den 18: September 1792. Accordeerd. Zeeland Secreete Adriesen van Ternaten Mercenabé voor Copia 103 Secreet den koning van Ternaten S I: is voorgschouden dat zoo ligt geen geloon moet slaan aan de klagten 't Aan zijn Hoog Edelheid Den Hoog Edele, Gestrenge, Groot Agtbaren wijdgebiedende Heer Willem Arnold Alting . M„r Gouverneur Generaal Neevens De wel Edele Gestrenge Heeren Raaden van Neederlands India Ca: Cad: CEd: Hoog Edele Gestrenge Groot Agtb: wijd gebiedende Heer 6n Wel Edele Gestrenge Heeren. Daar wij ons omtrent den vaandrig Lang voorleeden Jaar gehouden gedrag in uwer Hoog Edelheeden gevenereerde secreete rescriptie van 20: Januarij J:o L:o moogen zien goed gekeurd, onder aanmerking zoo hoopen wij eene zoo zeer vereerende approbatie in haare volkoomenheid te zullen e zijner onderdaanen; Batavia wegdraagen 103 No 105 zoo schielijk niet voleindigd inde Ternaatse Landen gestaakt zijn, voor het passeeren der be„ vens reeden gegeeven, wegdraagen, na dat Hoogst de zelve geinformeerd gelieven te zijn dat de Gouverneur niet in Gebreeke is gebleeven, den Koning van Ternaten over de onwaare raporten van zijne zende lingen te onderhouden en te recommandeeren om voortaan aan zulke klagten zoo ligt geen geloop te slaan, hebbende, die voorhouding nogtans net anders dan lang daar naar of ter bekwaame geleegenheid kunnen geschieden, wijl d vorst wij wat hij poehonder word en in zijne goede hur men moet waargenoomen worden, zoo lang geen pressan„ „te reeden ons noodzaakt om anders te doen. reede, waaron de Excupatien 2: Met uwe Hoog Edelheeden eeven sterk verlangende dat em kunnen worden en dat dezelve delijk het lastig Extirpatie werk het welk zeeker veel volk kost en groote ongelden veroorzaakt eens geabsolveerd zaake dan, dewijl om het specerij gewasch te vinden bero „gen en Dalen van zeer groote uitgestrektheid doorkruit moeten worden, zoo moet men, sal de Destructie bes hoorlijk worden betragt aan de Extirpateurs al de be„ noodigde tijd vergunnen en, op schoon wij die togten niet onnodig intrekken, maar veel eer alles willen bij brengen, wat dienen kan tot de voeeindiging derselve zoo ordeelen „de menist„s zegge dank §4: Wij zeggen wijders oodmoedigst dank voor het gunstig kiestigingen, bij dit werk, passeeren der in de Ternaatse en Mabase Districten ge„ „maakte bekostigingen van verbruikte goederen, toe„ werg:s de geringe inzaam 3: Wij, versoeken voorts noopens de door uwe Hoog Edelheeden van nrooten is bij vorig schrij„ te kennen gegeeven verwondering dat van de 4468: vernie„ „tigde volwassen Noote boomen en van 324: bij de Mabase Extrapatie, maar 3: Mandjes Nooten en Foelij versa meld zijn en dat daar bij geen nauwkeurige beschrijving is gevoegd, volgens de voorjaarige recommandatie Hoogst deselve eerbiedigst te moogen overwijzen naa s1: onzer sec„ „reete Letteren van 15: Juni J:o L: en naa §99: van het Pa„ „triase Extract van 9: November 1789:—. wij niet te min aan de Ternataanen, die het werk wel ieve„ „rigst en Langst hebben doorgezet, ook seer veel onder de kinder„ ziekte geleeden hebben, nog wat rust te moeten vergunnen, tot tijd en wijle de koning het moede word, 't gunt dan ook eerlang wel volgen moet, want zijn Hoogh: als nog groote lust betoond om aan dit bij de Contracten bedongen gewittig po„ niet te voldoen—. wij „gelegd ƒ 1
English
107 opportunity; and Linke, the damage caused to the Company cannot [illegible] small part, Hertsman, not accounted for deposited baggage money, item double board money from gifts to the king of Salwattij and the Sangaji of Warsaij. Regarding the exploration of the Laloegase Islands there is no §5: And we bring to your knowledge that nothing has come of our intended search for the Laloegase Islands, after the natives transported from there by Hertsman passed away here from the smallpox; yet we take the liberty, concerning the surprise expressed by your High Nobilities that there should still be unknown islands in the archipelago that is continuously sailed and cruised by the Company's seamen, to note that our vessels are never sent on the course that Linke kept. The [illegible] anno 165[illegible] by Hertsman [illegible]: We have also been very annoyed by the wild behavior of the ensign Hertsman and the sub-lieutenant Linke during their crossing with the pantchiallang Den Windhond from Samolla to Maba, yet we cannot possibly indemnify the Company for the damage caused to it for more than the amount of their goods, which have been seized and sold, as we have the honor [illegible]. A few goods have nonetheless §7: It is meanwhile understandable enough that the goods placed under the direct supervision of Hertsman, after he proved to be a drunkard, could have been neglected and made away with in a fairly short time, as has become apparent; nonetheless, there have been recovered and taken in from these: 3 pieces of purse-kegs, 2 pieces of match-sticks, 2 pieces of pedaks, 8 pieces of axes, and the pay account of Hertsman has been relieved again for the amount thereof according to our resolution noted in the margin on a finding of the goods delivered in excess and in deficit that served on 24 February. We are in the meantime unfortunate, yet not ill-advised in the choice of officers and commanders for such expeditions, since we are often not even free to make a choice, after some of such servants are either employed in other expeditions, or sick, or else too old to endure all the exhausting fatigues accompanying them.
Dutch transcription
107 geleegenheid; en Linke, aan de Comp. toege„ „bragte schaade kan niet kleine gesdeelte, 'ts man niet verantwoord „gelegd borgagie geld, item dubbele kostpenningen van ge„ „schenken aan den koning van Salwattij en den Senghadje van warsaij — Tot op speuring der §5: En brengen ter kennis dat van ons voorgenoomen op soe„ Laloegase Eijlanden is geen ken der Laloegase Eijlanden niets geworden is, na dat de door Hertsman van daar vervoerd geworden Naturellen, hier aan de Pokjes overleeden zijn; dog wij zijn zoo vrij„ omtrent de door uwe Hoog Edelheeden betuigde bevreem„ „ding dat in den Archipel, die door 's Comp„s zeelieden geduu„ rig en bekruist word, nog onbekende Eijlanden zouden zijn te noteeren dat ons vaarthuigen nooit den Cours uitgezonden worden dien Linke gehouden heeft- De a:o 165, door Htertsma) E: Wij zijn meede zeer geergerd geweest over het woest gedrag van den vaandrig Hertsman en den sous Luijtenant Linke worden voorgoed dan voor een in hunne overtogt met de Pantjallang den windhond van Samolla naar Maba, dog kunnen de Compagnie onmoge„ „lijk schadeloos stellen, voor de haar toegebragte schade, voor meer dan het bedraagen hunner goederen, die aan„ „geslaagen en verkogt geworden sijn zoo als de Eere hebben „weinige door §7: Het is jmmiddens begrijpelijk genoeg dat de onder open „de goederen zijn nogtans toezigt van Hertsman gestelde goederen, nadat hij be„ toond heeft een Dronkaard te zijn, verwaarloosd en ab„ sent gebragt hebben kunnen worden, in een vrij korte tijd, zo als gebleeken is, daar van zijn nogtans gerecou„ vreerd en ingenoomen geworden in 3: p„s beursvaatjes, 2: „ Londstokken, 2: „ Pedakken, 8: „ Bijlen en is de soldij reekening van Hertsman voor derzelver bedragen weederom ontheft geworden volgens ons in mar„ „gine genoteerd besluit op eene den 24: febr: gediend heb„ bende Bevinding der over en te kort afgegeeven goederen gehad te bedeelen wij zijn intusschen wel ongelukkig, dog niet onberaaden in de verkiezing van officieren en Gezaghebbers tot zulke togten, wijl ons veel tijds niet eens vrij staat keu„ ze te doen, na dat eenige van dusdanige dienaaren, ofp in andere togten geEmploijeerd, of ziek, dan wel te oud zijn, om alle de zelve versellende fatiques uit te houden— gehad door rouvreerd 107 Laloegase Eijlanden is geen geleegenheid; en Linke, aan de Comp. toege„ „bragte schaade kan niet kleine gesdeelte, sertsman, niet verantwoord „gelegd bagagie geld, item dubbele kostpenningen van ge „schenken aan den koning van Salwattij en den senghad„ van warsaij— Tot op speuring der §5: En brengen ter kennis dat van ons voorgenoomen op t ken der Laloegase Eijlanden niets geworden is, na dat de door Hertsman van daar vervoerd geworden Naturele hier aan de Pokjes overleeden zijn; dog wij zijn zoo vre„ omtrent de door uwe Hoog Edelheeden betuigde bevie „ding dat in den Archipel, die door 's Comp„s zeelieden ged rig en bekruist word, nog onbekende Eijlanden zouden zi te noteeren dat ons vaarthuigen nooit den Cours uitgezon„ worden dien Linke gehouden heeft- De a:o 165. door Htertsma) C: Wij zijn meede zeer geergerd geweest over het woest ge„ van den vaandrig Hertsman en den sous Luijtenant Lir worden voorgoed dan voor een in hunne overtogt met de Pantjallang den windhoud Samolla naar Maba, dog kunnen de Compagnie onmo„ „lijk schadeloos stellen, voor de haar toegebragte scha voor meer van het bedraagen hunner goederen, die aan „geslaagen en verkogt geworden sijn zoo als de Eere hebb Enige weinge door §7: Het is jnmiddens begrijpelijk genoeg dat de onder open geworden goedere zijn nogtans toezigt van Hertsman gestelde goederen, nadat hij be„ toond heeft een Dronkaard te zijn, verwaarloosd en ab„ sent gebragt hebben kunnen worden, in een vrij korte tijd, zo als gebleeken is, daar van zijn nogtans gerecou„ vreerd en ingenoomen gewordeni. 3: p„s beursvaatjes, 2: „ Londstokken, 2: „ Pedakken, 8: „ Bijlen en is de soldij reekening van Hertsman voor derzelver bedragen weederom ontheft geworden volgens ons in mar„ „gine genoteerd besluit op eene den 24: febr: gediend heb„ bende Bevinding der over en te kort afgegeeven goederen gehad te bedeelen. wij zijn intusschen wel ongelukkig, dog niet onberaaden in de verkiezing van officieren en Gezaghebbers tot zulke togten, wijl ons veel tijds niet eens vrij staat keu„ ze te doen, na dat eenige van dusdanige dienaaren, of in andere togten geEmploijeerd, of ziek, dan wel te oud zijn, om alle dezelve versellende Catiques uit te houden— gehad door gerecouvreerd
English
Smallpox spreading among them, arriving; by Ensign Lofman, after his return from Weda. The Maba extirpators fall into distress due to the smallpox. Section 8: Where the extirpation could not be carried through after the smallpox also spread there, with the result that the natives, leaving their countrymen who died of that poison unburied, took flight into the forest and abandoned our men who were likewise suffering from the aforementioned ailment, so that in order to inform us of this, as well as of the difficulty raised by Doedes, commanding the pantjallang De Zwaan, regarding taking the sick aboard that vessel because his crew was free from infection, four of Lofman's subordinate soldiers had to be detached. Upon their arrival it was also learned that a leak had been caused in De Zwaan by shipworm, that some equipment goods were needed, that the medicines were exhausted, and that the rations, which still had to suffice for a good month, would last only half as long due to the wastage incurred during the relocation from Maba to Weda; and furthermore, without a speedy relief of provisions for the invalids, who were otherwise cared for as well as possible, as little as for the healthy could anything whatsoever be obtained for money in a deserted place. Vessel to relieve them. Section 9: To provide for everything, we resolved, after taking the advice of the equipage overseer Van Waningen, for the repair of De Zwaan as well as its sails, to send forward the necessary pitch, resin, and soot, along with sailcloth and so forth, in an orembai offered for this purpose by the said Van Waningen and manned by sixteen hired slaves recovered from the smallpox, and to have brought over along with it—since in that state of affairs it would have been unadvisable to let the extirpation continue at Weda—sea rations for the sailors of the said pantjallang for their return voyage, with orders to Ensign Lofman to return with his men via the overland route from Pajahe, after having loaded all Company effects in his custody into the aforementioned vessel, and having exercised all possible care for the invalids, for whose better care a second surgeon with the necessary medicines was also ordered; while the Governor had meanwhile requested by letter of the King and the grandees of the realm to provide a sufficient number of Tidorese both for carrying the cargo of the orembai from Pajahe up to Weda, and for transporting the men from the last-mentioned place, Cart unserviceable on the expedition. which was all that could be undertaken in that unfortunate juncture, since in this place no services from natives could be expected, even for double compensation. They land here. Section 10: It nevertheless had the result that the goods and provisions sent by the said orembai were carried up by the Tidorese and had already arrived on 9 December; the aforementioned Ensign Lofman, 2 corporals, and 20 healthy private soldiers, leaving behind 8 invalids under the orders of 1 sergeant and the care of a surgeon; while the convalescents, together with all the Company effects that were at Weda, were taken aboard De Zwaan, which vessel arrived safely with them on 19 January of this year. Write-off of some weapons. Section 11: The muskets and weapons of these men who returned in parties having been inspected, and having been used for a long time on the extirpation expedition, some of them being found defective and others entirely unserviceable, we had to pass them for write-off. Imposed compensation. Section 12: Against which were charged for compensation: 1 piece grenadier cutlass scabbard, 4 cordon straps, 204 loose musket cartridges, and 1 musket lock. 5 pieces grenadier muskets, 16 stocks, 24 cartridge pouches, 4 sword belts, 32 grenadier cutlass scabbards, 27 chamois leather sword-knots, 2 cordon straps, 1 bayonet, 2 gunstocks, 1 hilt of a grenadier cutlass, all belonging to the garrison, along with and besides 1 piece grenadier musket, 2 ditto locks, 2 stocks, 1 ship's cutlass, and ditto scabbard, and 1 1/2 cordon straps, from some spare weapons that were sent along.
Dutch transcription
109 de onder hen overgeslaagen Pokjes, op koomen; door den vaandrig Lofman, naa desselvs retour uit wede de Mabas Ecturpatius § 8: Waar de Extirpatie niet heeft kunnen worden doorgezee geraaken in verleegentheid door na dat de Pokjes ook derwaards overgeslaagen zijn, met gevolg dat de Naturellen hunne aan dat venijn overle den Landsgenooten zonder begraavenis, agterlaatende, na 't bosch de vlugt genoomen en de onsen die aangemelde komm meede laboreerden, begeeven hebben zo dat om ons hier van kennis te doen toekoomen, so meede van de door Doedes, Commandeerende Pantjallang de Zwaan, gemaakt swa righeid om de zieken in dat vaartuigen over te neemen wijl zijn volk van de besmetting vrij was, vier van Lofman 's onderhoorige militairen gedetacheerd hebben moeten worden, met welker aankomst men teevens ver„ nam dat aan De zwaan eenlek doorden zee wurm was veroorzaakt, en eenige Equipagie goederen benoo„ digd dat de Medicamenten verstrekt waaren, en dat de randcoenen die nog ruijm een maand moesten toerijken door de toegekoomen spillagie bij de verhuizing van Maba naar weda, slegts half zoo lang strekken zoude en erbur ten een spoedig ontzet van vivres voor de Impotenten, die anders zoo goed mogelijk versorgd waaren, zoo min als voor de gesonden iets hoegenaamd voor geld op een verlaaten blaast te bekoomen zoude weezen. lunt om dezelver te ƒ 9: Om in alles te voorsien beslooten wij naar ingenoomen adires van den Equipagie opziener van waningen, tot re„ „paratie van de zwaan, so meede van dies zeijlen, het beno„ digde Pik, Harpuis en roeth neevens zeijldoek en Z: voort te zenden in een door gemelden van waningen hier toe aangebooden en niet sestien van de kinderziekte her„ stelde ingehuurde slaven te bemannen orembaij, en daarneevens te laaten overbrengen, wijl tog in die ge„ steldheid van zaaken onraadzaam waar geweest de Extirpatie te weda te laaten doorstaan zee rand Coenen voor de scheepelingen van ged„e Pantjallang tot der„ zelver te rug reijs met Last aan den vaandrig Lofman om neevens de zijnen over den Landweg van Pajare te reverteeren, na dat alle onder hem berustende Comp„s effecten in meermelde kieltje zoude hebben ingelaaden, en alle moogelijke attentie gebruikt voor de Impoten„ ten, tot welker beetere besorging teevens een tweede Chirurgijn met de noodige Medicamenten gecom„ „mandeerd wierd terwijl de gouverneur van den koning en de rijksgrooten intusschen bij brieve verzogt had, om een toerij„ kend getal van Tidoreesen zo tot het op draagen van het gelaade„ „ne in de Orembaij van Pajahe tot aan weda, als tot den overbreng der Manschappen van daatst ged„e plaats, te gunt 59 op de Togt onbekwaam geraakte waagen vr„a gunl het alles was, wat men in dat ongelukkig tijds gewist bij de hand kon neemen, alzoo hier ter plaats geen diensten van Inlanders voor dubbele belooning zelvs, te verwagten wase. zij Landen hier aan §10: Het is nogtans van gevolg geweest, dat de pr„ gemelde oven gaij versonden goederen en vivres door de Tidoreesen opgedragen en den 9: December reeds opgekoomen zijn, de vaandrig Hof „man voorn: 2: Corporaals en 20: gezonde gemeene militai „ren met agterlaating van 8: Impotente onder de ordres van 1: Sergeant en besorging van een Chirurgijn; terwijl recon„ „valesanten nevens alle de op weda gehad, hebbende 's Comp„s „effecten overgenoomen zijn in de zwaan, welk kieltje daar meede behouden gearriveerd is op den 19: Januarij deezes Jaars. Afschrijving van eenige ƒ 11 De geweeken en wapens van deese dus in partheijen gerever„ teerde Manschappen gevisiteerd geworden, en na dat lange tijd in de Extirpatie tocht gebeezigd zijn geworden gedeeltelijk en andere, defect bevonden zijnde, hebben wij als geheel onbekwaam moeten ter afschrijving passeeren. opgelygde vergoeding §12: waar teegen ter vergoeding zijn opgelegd. 1: p„s Granadier Houwer scheede 4: „ Cardon riemen 204: Losse snaphaan Patroonen; en 1: snaphaan slot. 5: p„s Granadier geweeren, 16: „ Laaden 24: „ Patroontassen 4: „ _w: riemen, 32: „ Houwer scheede Granad„s 27: „ Port Epees zeemleere 2: „ Cardon riemen, 1: „ Bajonet 2: „ Geweer stooten 1: „ gevest van een grand„s Hlouwer, alle gehoorende tot het guarnisoen, met en beneevens 1: p„s granadier geweer 2: „ _o: slooten 2: „ Laaden 1: „ Houwer scheeps, en d„o scheeden en T: ½: „ Cardon riemen. uit eenige ter waarloo meede gegeeven waapens — 5: p„s die No 11
English
43 Nutmeg trees; Partial validation of incurred expenses by the Commission that were missing from the weapons, likewise 2 pieces of bayonets, 1 piece of large sword 1 piece of cartridge pouch 1 piece of sword belt 1 piece of copper band for a firearm 3 pieces of trigger guards 3 pieces of flints, and 13 pieces of live musket cartridges, according to what was noted in the separate resolution of 31 December 1791 and 20 February of this year, counting the mentioned 13. Since the concise report by Lofman, inserted into the resolution of the last-mentioned day, contains that under his supervision and oversight in the districts of Maba, Weda, and Patani have been felled and destroyed: 10,671 mature, and 5,466 young nutmeg trees. Thus we have, after of the expenses submitted by him nevertheless only have been validated: 15 rixdollars in cash, alongside 1½ pieces of common bleached Guinea cloth, which served for the burial of six deceased soldiers whose death account was debited with it. 7½ rixdollars in cash, as a reward for the natives who transported the disabled over the land route from Payahi. 6 pieces of common bleached Guinea cloth for lint and bandage cloth over 12 months. Gunpowder for signal shots for 62 lost extirpators, etc.: 31½ idem. 8 pieces of axes to the guides 8 pieces of parangs 97 pounds of arrack 12 pieces given to the native guides Acceded to his request made in the aforementioned document for an allowance of the usual baggage money up to 182:24 rixdollars, together with double subsistence allowance for him and the remaining extirpators, of which we most humbly trust that Your High Excellencies graciously was somewhat irritated, and has atoned for it: 1 rixdollar in cash. 115 Delivery of a small gift of 14 florins for the Tidorese who brought our men back from Maba; Paragraph 16: An inspection of the Obi extirpation work could as yet not be carried out. The extirpations broken off at Weda can up to now not be resumed again, because from there no good reports have yet come in, and smallpox now here and everywhere attacks the natives who took flight from it and have returned; has, yet never gave reason for dissatisfaction regarding the extirpation, as the same among them, as well as under anyone else, was performed, and that officer moreover, for a time that the rations of his subordinates, due to misfortunes at sea, were delayed, such that the Tidorese 5 rixdollars, by Hertsman, after arrival at Maba, were reimbursed out of the rations brought along, as he later, although too late, made known to us; We must meanwhile not omit to share that we, on 27 March of last year, when the King of Tidore appeared in our meeting, thanked him for the assistance rendered to our Maba disabled, while presenting a small gift for the carrying of goods as otherwise of: 4½ pieces of cambays of 6 cobidos, and 4 pieces of bedspreads or palempores, amounting at purchase price to 49:20 florins, after His Highness had declared that his Tidorese had to be persuaded into the aforementioned service by promises at a time when they, in order to assist the disabled Company servants, had abandoned their own sick. But upon the arrival of Batchian envoys with gifts for Your High Excellencies, and on the experience that orders from this Ministry were merely awaited, we had the opportunity on 26 June to arrange the Obi extirpation expedition, which had been postponed for so long, around the 15th of the next following month of July, very much against our expectations, because on 5 June at Batchian, according to writings from the King, 251 persons had already succumbed under the children's disease still prevailing there at that time. 117 men Relevant instructions there. Paragraph 17: That mission to rather distant islands that are quite often visited by pirates who go there to pound sago, having to be made somewhat strong, was determined, see the joint resolution of 26 June aforementioned, at: A well-manned and equipped pantchiallang, the Padang; 2 sergeants, 2 corporals, and 25 privates, soldiers from this garrison; 19 private hired burghers; 1 under-surgeon; all provisioned for the period of six months, and under the orders of Military Lieutenant Eberhard, who is very suitable for the execution of such commissions, to whom we have added as second commissioner Bookkeeper Wiggers, who has already repeatedly been employed with success in these operations; Both aforementioned commissioners have been furnished with a relevant instruction, wherein they arrive in Batchian. Paragraph 19: The said extirpators arrived at Batchian on 25 July, assisted the ship De Diamant, which had sailed in there the day after, from their stores, as is shared by our community today, with the necessary rations for two months, and were still there on 6 August, because the King's kora-koras were not ready, both due to the celebration of the Moorish New Year and due to a shortage of healthy people, who were hiding out of fear of the smallpox, which was diligently sought out, so that they, among other tasks, were instructed to gather ripe nutmegs and mace as soon as feasible for shipment, if possible, by the ship Sparenrijk, while they otherwise will have to survey the timber growing there and other useful products besides, with a statement of the quantities of nutmegs and mace that each island to be visited by them will be found, by calculation, could yield annually, in order that one may learn the importance of the Obi Islands.
Dutch transcription
43 Noots Boomen; Gedeeltelijke volideering van opgebragte bekostin„ „gen bij Commissie die aan de waapens gemankeerd hebben someede 2: p„s Bajonets, 1: „ Gort Spee 1: „ Patroontas 1: „ Cardon riem 1: „ koopere band van V: geweer 3: „ _w: beugels 3: „ vuursteenen, en 13: „ scherpe snaphaan Patroonen, volgens het genoteerde ter sparte resolutie van den 31: December 1791: en 20: februarij hujus anni, opteling van vermilds 13: Daar nu het ter resolutie van laatst gemelden dage gin sereerd Compendieus berigt van Lofman, inhoud dat onder zijn op en toezigt inde districten van Maba, weda„ en Pattanij zijn omgeveld en vernield; 10'671: volwasschen, en 5460 6: Jonge Noote Boomen. zoo hebben wij, na dat van de door hem opgebragte be„ kostigingen nogtans alleen maar gevalideerd zijn geworden. rijksd„s 15: Contant neevens, 1½: p„s guinees gemeen geblekt, die gediend hebben ter begraven is van zes overleeden militai„ ren welker dood reekening daar meede belast is geworden. rijksd„s 7½: Contant, als eene belooning voor de Inlanders, die de Impo„ tenten over de Land weg van Pajake hebben getranspor„ 6: p„s Guinees gem: gebl: tot pluk„ sel en verbanddoek in 12: maamden. Buskruit tot zeijn schoo„ 31½: id: ten voor verdwaalde 62 tir„ „pateurs enz: 8: p„s Bijlen- aan de wegwijkers 8: „ Bedakken} 97: ib: Arakapij wijker# K##l, aan de Inlandee 12: „:s verschonken Gecondesendeerd in desselfs bij gemelde schriftuur ge„ dane instantie om toelang van het gewoone bagage geld tot rd„s 182:24: met en beneevens het dubbele kostgeld voor hem en de overige Extirpateurs, waar van wij needrigst vertrouwen dat uwe Hoog Edelheeden gra„ cieuselijk wel wat kreegelig is geweest, en daar voor geboet„ rijksd„s 1: Co heeft teerd. No 115 Afgave van en Ssmalg ƒ 14: schenkje voor de Tidoreesen Malia hebben terug gebragt; §16 eene visite der oulij„ „patie werk kon als nog niet worden acr„ heeft, dog nimmer reeden tot ongenoegen over de Exjtirpa„ tie gegeeven heeft, wijl deselve onder hen, zoo goed als on„ der iemand anders, verrigt geworden zijn, en die officier boovendien, een tijd lang dat de randcoenen zijner onderhoo„ door Hertsman, naar aankomst te Maba, uit de meede gebragte randsoenen vergoed zij geworden zoo als hij ons naderhand, hoewel te laat, te kennen heeft gegeeven; „vut. Wij moogen intusschen niet of zijn te bedeelen dit wij den die onse manschappen van Koning van Tidor den 27: Maart J: L: dat in onse ver„se Eijlanden vastgesteld. „gadering verscheenen is, bedankt hebben voor de beweezen assistentie aan onse Mabase impotenten onder afgave van een smol geschenk voor dit het opdragen van goederen als anderzints van 4½: p„s Cambaijen van 6: Cobidos, en 4—: „ Spreijen op Palempoosen inkoops beloopende op ƒ 49: 20: na dat Z: H: gedecla„ „reerd had dat zijne Tidoreesen tot voorschen dienst door beloften hebben moeten worden gepersuadeerd in een :Maar wij hebben bij de komst van Batchianse zendelingen met Geschenken voor uwe Hoog Edelhee„ den, en op de ervaren is dat alleen naa de ordres van dit Ministerie wierd gewagt, den 26: Juni geleegenheid gehad om de duslange uitgestelde oubijse Extirpa„ „tie tocht aan te leggen, teegen den 15:e van de naast vol„ „gende Maand Julij zeer teegen onse verwagting, want den 5: Iuni te Batchian, volgens schrij„ vens van den Koning, onder de aldaar toen nog gras„ „seerende kinderziekte reeds 251 persoonen be„ sweeken waaren, toe niet weeder her vat worden, wijl van daar nog geen goede narigten zijn ingekoomen ende Pokjes tans hier en overal de Inlanders, die 'er de vlugt voor genoomen hebben, en terug gekeerd zijn, attacqueeren; „rige door teegenspoeden op zee, agterweegs bleeven, het zulx het Tidorese R ch„s5: De op weda afgebrooken Extirpatien kunnen tot nog tijd, dat zij om de impotente Comp„s Dienaaren bij te springen, hun eigen zieken verlaaten hebben. tijd 517: No 117 manschappen zaake dienende verstruc„ „ting aldaar. door een goed aan tu E 17: Die bezending naar vrij dikwils van roovers, die er sagoe gaan kloppen, bezogt wordende, nog al verre afgeleegen Eijlanden heeft, wat sterk moe„ ten worden gemaakt, en is vide gemeen besluit van den 26: Juni voormeld bepaald op. En welbemande en toegeruste Pantjallang /:De Padang:/ 2: Sergeanten militairen uit dit guarnisoen, 2: Corporaals, en 25: Gemeene 19e: gemeene 3 in gehuurde Burgers, 1: onder Chirurgijn; alle gevictualieerd voor de tijd van zes maanden, en onder de ordres van den tot de uitvoering van zoortgelijke Comahian Hhinne ontmoe„ missien zeer geschikten Luijtenant militair Eber hard, wien wij als twee gecommitteerde hebben bijgevoegd den bij die verrigtingen al meermalen met succes g'emploijeerd geworden Boekhouder wiggers; de hoerd et en : Beijde voornoemde gecommitteerdens zijn gemunieerd geworden met eene ter zaake dienende Instructie, waar zij arriveeren in Bat„ §19: Gemelde Extirpateurs zijn den 25: Julij te Bat„ „hian g'arriveerd, hebben 't aldaar 's daags daar aan binnen geloopen schip de Diamant, uit hunnen voorraad, zoo als bij onse gemeene van heeden bedeeld word, g'adsisteerd met de noodige randcoenen voor Twee maanden, en waren den 6: Aug„s nog daar, wijl 's koning s Corra Corras zoo door de viering van het moorse Nieuwe=Iaar als door gebrek aangezond volk, dat zig uit vrees voor de Pokjes schulheild, die ieverig wierd op gezogt, niet in gereedheid lagen, zo dat bij hun onder meer andere belastingen in mandatis is ge„ „geeven den zoo spoedig doenelijke inzaam van rijpe Nooten en foelij ter versending in dien mogelijk per 't schip Spaarenrijk, zullende zij overigens moe„ ten opneemen het aldaar vallende Timmerhout en andere nuttige producten meer, niet opgave der quantiteiten van Nooten en foelij, als Calculati„ ve ijder door hun te bezoeken Eijland bevonden zal worden, dat Iaarlijks wel zoude kunnen op leeveren, ten einde men ervaaren mag de aangelee„ „genheid der oubijse Eijlanden: bij weinige tie ƒ 1
English
and finally to Obi Mayor, little hope remains for a timely collection for shipment of ripe nutmegs and mace on the aforementioned islands, since at the time of drafting this, we were not even informed whether the extirpators had landed there or not. Section 20: Afterward, on the 4th of this month, we learned from their incoming letters of the 23rd and 25th of August that they landed on Obi Mayor on the 13th previously, and there, in the course of 3 days, destroyed: 21 full-grown and 484 young nutmeg trees; at the same time sending over 13 pieces of nutmegs, which we have the honor to present in a small box sewn with white linen, though without mace, because this, together with the outer husk, decomposed at the same time during transport, the commissioners apparently not having had time to dry the nutmegs and mace as prescribed to them. Section 21: From where they are presently recalled. Their aforementioned detailed experiences, and our decision taken thereupon to abandon the extirpation work begun there and to recall our men from there, will be communicated in the secret letter of the second first ministers. We conclude and otherwise style ourselves with deep submission, Underneath stood: Highly Noble, Right Honorable, High and Mighty Lord and Noble Honorable Lords. Lower: Your High Nobilities' very humble and obedient servants. Was signed: Alex: Cornabe, J:b Ekenholm, J: G: W: Henrich, B: I: Wentholt, D: Ogelwighte, C: G: Rousselet. In the margin: Ternate in the Castle Orange, the 18th of September 1792. Agreed. D. Ogelwight. Secret Letters To Their High Nobilities from the 18th of October Anno 1791 to the 19th of June Anno 1792. Batavia Copy Batavia His High Nobility The Highly Noble, Right Honorable, High and Mighty Lord Mr. Willem Arnold Alting Governor-General and The Noble Honorable Lords Councillors of the Dutch Indies, etc., etc., etc. and Highly Noble, Right Honorable, High and Mighty Lord, Noble Honorable Lords. Having presented to Your High Nobilities with my respectful letter of the 8th instant a copy drawing of the pier along with the two drawings of the small fort at Maros, today Captain-Lieutenant Wassenvelder has once again delivered to me the copy plan of the present condition of the Castle as well as that of the proposed improvements to that fortress, following the original sent to me on the 18th of August last by the Noble Honorable Lords of the Military Commission. Therefore, I now have the honor very humbly to present to Your High Nobilities these two drawings of Castle Rotterdam, brought to readiness again, along with the plans for the protection of the settlement of Vlaardingen, together with the considerations serving that purpose, which are still lacking. Both of which I hope to send to Your High Nobilities as soon as those plans are drawn. I further do myself the honor to sign with all reverence and respect. Underneath stood: Highly Noble, Right Honorable, High and Mighty Lord and Noble Honorable Lords. Lower: Your High Nobilities' humble and obedient servant. Was signed: W:m Beth Wz. In the margin: Makassar in Castle Rotterdam, the 18th of October 1791. Since my respectful letter of the 17th instant, the Butonese spice extirpators, along with the customary envoys, arrived here at this roadstead the following day in the evening. The former have delivered their report to me, in which nothing noteworthy appears, except only that, in accordance with what was written in my letter of the 25th of February of the current year to the King and nobles of the realm to inspect the lands of Hoena and Kalasusu, they were not conveyed thither, yet with the promise of making the journey to Kalasusu in the coming year, but not to Hoena, because many Bugineses stay there and they were therefore afraid that some misfortune might befall the extirpators. I shall therefore, upon the departure of the envoys thither, write to the Butonese government that one cannot accept the presence of the Bugineses as sufficient reason to remain deprived thereby of the inspections of Hoena, and the Company expects, according to the contents of the contract, that all lands falling under the jurisdiction of Buton shall undergo inspection by the extirpators, or else that the Company is also not bound to pay the annual recognition money as a gratuity for that inspection any longer, but to withhold the same. Whereas the Butonese government knows each year by its own experience that no spices are found at the places where the Company's extirpators are sent, and yet that stipulated sum is paid, it would therefore have to be inferred from such conduct that on the said islands which have not yet been visited by the Company's extirpators, some spice trees were being kept or cultivated there intentionally. On the 22nd, the envoys of that realm were properly received, who
Dutch transcription
119 en Eijndelijk op oubij Ma„ „hoor. weinige hoope over blijft tot eene ter versending tijdige inzaam van rijpe Nooten en foelij in voorn: Eijlanden, alsoo wij onder het concipieeren deeses, niet eens g'informeerd zijn, of er de Extir pa„ „teurs zijn aangeland, of niet; §20: Naaderhand, op den 4: deezer verneemen wij uit hunne overkoo„ „mende Brieven van 23: en 25: aug„s dat zij den 13: bevoorens op obij majoor zijn aangeland en aldaar met verloop van 3: daagen vermield hebben. 21: volwasschen en Noote boomen 484: Jonge - teevens overzindende 13: p„s Nooten, welke de eere hebben aan te bieden in een met wit Linnen omnaid Doosje, dog zonder foelij, wijl deese met de buiten bast bij den overvoer te ge„ „lijk vergaan is, hebbende de gecommitteerdens den ke„ „lijk geen tijd gehad om de Nooten en Foelij te droogen zoo als hun voorgeschreeven is. van waar zij nog „ § 21: Hunne ingemelde gedetailleerde ontmoetings en ons daar tans terug zijn ontbooden. op genoomen besluit om van het begonnen Extirpatie werk aldaar of te zien en onse Manschappen van daar terug te ontbieden, bedeeld zullende worden, in den secreete brieff van de tweede Eerste ministers fineeren wij en noemen ons overigens met diepe submissie /:onderstond:/ Hoog Edele Gestrenge Groot Agtbare wijd gebiedende Heer en wel Edele Gestrenge Heeren /:Lager:/ van uwe Hoog Edelhee„ „dens de zeer oodmoedige Gehoorsame Dienaaren /:was geteekend:/ Alex: Cornabe J„b Ekenholm J: G: W: Henrich, B: I: wentholt D: Ogelwighte C: G: Rousselet. /:in margine:/ Ternaten in 't Casteel orange den 18. September: 1792. A Wetgelwight Accordeerd werk No ito Decreete Sfrieven Aan Hun Hoog Edelheedens van den 18:' October A=o 1791 tot den 19:' Iunij A:o 1792. Batavia Copia 37 41 Batavia Zijn Hoog Edelheid Den Hoog Edele Gestrenge root Agtbaaren Wijdgebiedende Heere Mr Willem Arnold Atting Gouverneur Generaal E De Wel Edele Gestrenge Heeren Raaden van Nederlandsch Intie et: ec: Ac: E Hoog Edele Gestrenge Groot Agtbaare Wijdgebiedende Heere WelEdele Gestrenge Heeren. Bij mijne Eerbiedige van den 8e Courant uw Hoog Edelhee„ „deus aangeboden hebbende Een Copia tekeninge van 't Zeehoofd nevens de twee aftekeninge van t fortje te maros zo is heden nog door den Capitain Luijtenant wassenvelder mij wederom ter hand gesteld 't Copie Plan van den tegenswoordige gesteldheid van 't Casteel als mede dat van de voorgeslagene verbeteringen aan die vesting, na volgens het orig=s den 18„e Augustus JL:o door de wel Edele Gestrenge Heeren van de Militaire Commissie mij toegesonden hebbende ik dierhalven de Eere tans dese Twee weeder in gereedheid gebragte aftekeningen van 'tCasteel Rotterdam uw Hoog Edelheedens zeer oodmoedig „ Benevens aan ƒ No Aan als vooren. aan te bieden, manqueerende nu nog de plans ter beveijliging van de Negorij vlaardingen, nevens de Consideratie daar toe dienende welk een en ander ik hoope zo daa die Plans afgetekend zin uw Hoog„ Edelheedens mede toe te doen komen. — verEere mij verders met alle ontsag en Eerbied te tekenen. — /:onderstond:/ Hoog Edele Gestrenge Groot Agtbaare wijdgebiedende Heere en welEdele Gestrenge Heeren /:lager:/ uwer Hoog Edelheedens onderdanige en gehoorsaame Dienaar /:was getekend:/ W:m Bett Wz /:in margine:/ Makaster in't Casteel Rotterdam den 18e October 1791. Zedert mijne Eerbiedige Letteren van den 17e Courant zijn hier's daags daar aan 's avonds de Boutongse specerij Extirpateurs met de gewoon „lijke afgezanten te deser Rheede g'arriveert. De Eerste hebben mij hun berigt ter handen gesteld waar in niets van remarcque te vooren komt dan alleenlijk navolgens het aangeschreevene bij mijne Letteren van den 25 februarij C: l: aan den koning en Rijksgrooten om de Lan„ „den Hoena en Callasoesoeng te visiteeren, niet derwaards gevoerd zijn geworden, dan egter met belofte van in het aanstaande Jaar, de reise na Calesoesoe te zullen doen, dog niet na Hoena redenen zig daar veele Boegineesen zig ophouden en dus bevreest waren dat de Extirpateurs eenig onheil zoude mogen overkoomen. Ik zal derhalven bij het derwaards vertrek der Gezanten aan de Boutongse Regeering aanschrijven dat men de stellinge der Boegineesen om daar door verstooken te blijven van de visitatien van Hoena niet voor voldoende kan aanneemen en de Comp„e verwagt na den Jnhoud van het contract dat alle de Landen onder het Resort van Boutong staande door de Extirpateurs de visitatie zullen ondergaan of dat de Comp„e ook niet gehouden is de 's Jaarlijkse recognitie penningen tot een douceur voor die visitatie meerder te voldoen maar het zelve in te houden, Terwijl de Boutongse Regeering 's Jaarlijks bij eigen ondervinding heeft op de plaatsen werwaards Comp„s Extir„ „pateurs gezonden geen specerij gevonden werden en egter tog die be„ paalde somma betaald, dat uit zulke behandelinge des zoude moe„ „ten werden afgeleid op gedagte Eilanden die nog door 's Comp:s Exter „pateur niet bezogt zin geworden eenige specerij Boomen aldaar wuil gehouden of gecultiveerd wierden. Den 22„e zijn de Gezanten van dat Rijk behoorlijk gerecipieerd welke 39
English
who handed me a letter from their newly elected monarch Moehidieng, the contents of which were very satisfactory regarding the demanded cannon. But since they declare that they have no vessels to load the said pieces, they request that the heavy ordnance lying there may be fetched; so if Your High Nobilities please to approve my intention, I shall dispatch one or two pantjallang thither in the latter part of the month of February to fetch the cannon. If Your High Nobilities could also approve that some be ceded to them for the defense of their land, provided that when required they shall then be bound to surrender them, or that Your High Nobilities, for the willingness shown by them, please to grant them a present in that regard, I shall await Your High Nobilities' order concerning this; seeing that Mr. Reijke, pursuant to Your High Nobilities' respected orders in the missive of 31 December 1782 §26, promised the Boutonders a reasonable salvage fee in his letter of 26 November 1783. Now that the first envoy along with his retinue has made a request to me to undertake the return journey on next Thursday the 3rd of this month, I have prepared such a letter for his conduct to Boutong's king and his grandees of the realm as is enclosed herewith, to which, for the sake of brevity of time, I respectfully refer, as well as to the other passing letters and papers concerning that realm. And regarding Boni, I can report to my supreme rulers that the negotiations concerning the Macassar realm seem to become more serious from day to day in order to bring them to a conclusion. On 25 October last, at his request, I had the Tamilalang fetched from Bontoalacq with my carriage because he requested to settle a dispute with the Lommo of Maros at my place; that matter having then been settled thus far, that court official went alone with me and consulted on the state of Boni's king and his request. May it be granted to me to offer hereby to Your High Nobilities the discourse held, which I immediately recorded, and since on the 29th following commissioners from that court were sent to me for clarification of some expressions used in my letter sent to the monarch recently on 17 October, I have served such an answer thereto as Your High Nobilities may likewise observe from the extract from the Daily Register if it pleases you. I trust that Your High Nobilities will find both appropriate, and that I employ everything that an honest servant of the Company is bound to do to bring the delicate affair to a good end; I also still learn through my spies that they are busily engaged in making a settlement, which I hope may turn out for the best. From Sumbauwa the private news was brought to me this morning that the wife of the king of Bima has been elevated and placed upon the throne, and as is assured to the satisfaction of all; Mille Ringiet has been appointed Ranga, and the Adie Pattie would also be appointed Nenti Dessa, and that all is well on Sumbauwa, which is pleasant news if the same is to be confirmed on behalf of the Company. Offering the duplicate of my respectful letter under date of 18 October last, I shall thus conclude this and testify that with the most perfect high esteem and deep respect I remain, High Noble, Right Honourable, Highly Esteemed, Widely Ruling Sirs and Noble Honourable Sirs, Your High Nobilities' No 41
Dutch transcription
welke mij een brief van hun nieuwen verkooren vorst Moehidieng ter han„ „den stelde, welkers inhoud zeer voldoende was omtrent het g' Eischte Canon! dan terwijl dezelve betuigen geen vaartuigen te hebben om gedagte stukken te kunnen laaden, zo verzoeken zij dat het daar te leggene gewrut mag werden afgehaald des zo uw Hoog Edelhedens mijn voor„ „neemen gelieve goed te keuren, zal kk in het laast van de maand fe„ „bruarij Een of twee pantjallang derwaards depecheeren om het Canona af te haalen. Jndien uw Hoog Edelheeden ook zoude kunnen goedvinden dat men tot defentie voor hun Land eenige afstond, mits wanneer gerequireerd wer„ „den zij als dan gehouden zullen zin dezelve af te geven dan wel dat uw Hoog Edelheedens voor haar betoonde bereidwilligheid hun een pre„ „sent in dat stuk gelieve toe te voegen, zal ik uw Hoog Edelheedens ordre daar omtrent afwagten! nadien de Heer Reijke op uw Hoog Edelhedens gerespecteerde beveelen bij Missive van den 31 December 1782 §26 aan de Boutonders bij desselfs Schrijven van den 26e November 1783 een billijke bergloon beloofd heeft. Thans de Eerste afgezant nevens zijn gevolg aan mij verzoek gedaan hebbende om aanstaande Donderdag den 3e dezer de te rug reise aan te nee„ „men, hebbe Ik een zodanige brief ten zijnen geleide aan Boutongs ko„ „ning en zijne Rijksgrooten vervaardigt gelijk hier nevens legt waar aan ik mij om de kortheid des tijd zo wel Eerbiedig gedrage als aan de andere overgaande brieven en Papieren omtrent dat Rijk en Nopens Boni, kan ik mijne oppergebieders melden dat de onderhandeling wegens het Maccassaarse Rijk van dag tot dag ernstiger schijnen te werden om dezelve tot een einde te brengen. — Den 25 october J:L:) hebbe Ik den Tamilalang met mijn Rijting op zijn verzoek van Bontoalacq af laaten haalen om de wille hij verzogt een verwhil met de Lommo Onder aanbieding van het duplicaat mijner Eerbiedige sub dato 18 october JE: zo zal j deze besluiten en betuige dat met de vol„ maakste hoog agting en diepe Eerbied verblijve. — /onderzond:/ Hoog Edele Gestrenge Groot Agtbaare wijdgebiedende Heere en wel Edele Gestrenge Heeren /:lager:/ uwer Sumbauwa is mij heeden morgen de particuliere tijding ingebragt dat de vrouw van de koning van Bima is verheeven en op den Throon gezet, en zo men verzekert ten genoegen van alle, Mille Rin„ „giet is aangesteld tot Ranga en den Adie Pattie zoude mede tot Nenti Dessa aangesteld werden en dat op Sumbauwa alles wel zij des een aangenaame tijding als dezelve Comp„s wegen bevestigt staat te werden. — van van Maros bij mij te willen afmaaken; die zaak dan zo verre geschikt zijnde, is die Hofsteer met mijn alleenig gegaan en over de staat van Bonijs koning en desselfs verzoek geraadpleegt. het gehouden discours dat direct aangetekend hebbe zij het mij gegunt uw Hoog Edelheedens bij desen te mogen aanbieden, en Terwijl den 29„e daar aan gecommitteerdens van dat Hof aan mij gezonden zijn om onderrigting van eenige uitdrukkinge gedaan in mijn brief aan den vorst jongst den 17e october toegezonden zo hebbe ik daar op zodanige andwoord gediend als uw Hoog Edelheedens mede bij het Extract uit het Dag Register des behagende zal kunnen b'oogen, het een en ander vertrouwe ik dat uw Hoog Edelheedens gepast zullen vinden en dat alles aan wende wat een braaf Dienaar van de Maat„ „schappij verpligt is te doen om de Netelige affaire een goed Einde te doen neemen, ik verneem ook nog door mijn spions zij druk bezig zin om een schikking te maaken dat Ik hoope ten goede mag uitvallen van N Hoog Edelhedens No 41
English
who presented to me a letter from their newly chosen monarch Moehidedden, the contents of which were very satisfactory regarding the cannon; but as they declare they have no vessels able to load the said pieces, they request that the lying ordnance may be collected. Thus, if Your High Nobilities please to approve of this, I shall dispatch one or two pantjallang thither toward the end of February to collect them. If Your High Nobilities might also see fit to relinquish some for the defense of their land, provided that when required they shall be bound to surrender the same, and that Your High Nobilities please to grant a present to them for their shown willingness in that matter, I shall await the orders of Your High Nobilities on that subject, especially since Mr. Reijke, pursuant to Your High Nobilities' respected orders by dispatch of 31 December, promised the Boutanders a reasonable salvage reward in his writing of the 26th of November. Now that the First envoy along with his retinue has requested of me to begin the return journey this coming Thursday the 3rd of this month, I have prepared such a letter for his conduct to the King of Boni and his dignitaries as is enclosed herewith, humbly referring myself, owing to the brevity of time, to the other transmitting letters and papers concerning that realm. And regarding Boni, I can inform my sovereign lords that the negotiations with the Makassarese realm seem to become more serious from day to day to bring the same to a conclusion. On the 25th of October last, at his request, I had the Tamilalang fetched from [illegible] with my carriage, because he requested not to [illegible] of Maros with me; that matter then being arranged so far, that court nobleman went alone with me and consulted on the condition of Boni's king and his request. May I be granted permission to present herewith to Your High Nobilities the discourse held, which I noted down immediately; and since on the 29th following, delegates from that Court were sent to me for clarification of some expressions used in my letter sent to the monarch recently on the 17th of October, I served them such an answer as Your High Nobilities may also observe in the extract from the Daily Register if it pleases you. I trust that Your High Nobilities will find all of this appropriate, and that I am applying everything that a faithful servant of the Company is obliged to do in order to bring the delicate affair to a good end. I also learn through my spies that they are busy making a settlement, which I hope may turn out for the best. From Sumbauwa, the private news was brought to me this morning that the wife of the king of Bima has been elevated and placed upon the throne, and as is assured to the satisfaction of all, Mille Ringiet has been appointed as Ranga and the Adie Pattie is said to be appointed as Nenti Dessa as well, and that all is well on Sumbauwa, which is pleasant news if it is to be confirmed in the Company's favor. While offering the duplicate of my respectful letter dated 18 October last, I shall conclude this and testify that with the most complete high esteem and deep respect I remain, High Noble, Severe, Highly Honorable, Widely Ruling Lords and Right Noble, Severe Lords, Your High Nobilities' f 1 21
Dutch transcription
welke mij een brief van hun nieuwen verkooren vorst Moehide „den stelde, welkers inhoud zeer voldoende was omtrent het Canon! dan terwijl dezelve betuigen geen vaartuigen te gedagte stukken te kunnen laaden, zo verzoeken zij dat het leggene gewrut mag werden afgehaald des zo uw Hoog Edelhedens „neemen gelieve goed te keuren, zal k in het laast van de „bruarij Een of twee pantjallang derwaards depecheeren om af te haalen. Jndien uw Hoog Edelheeden ook zoude kunnen goedvinden va defentie voor hun Land eenige afstond, mits wanneer gerequ „den zij als dan gehouden zullen zien dezelve af te geven dan uw Hoog Edelheedens voor haar betoonde bereidwilligheid hn „sent in dat stuk gelieve toe te voegen, zal ik uw Hoog Edelh daar omtrent afwagten. nadien de Heer Reijke op uw Hoog gerespecteerde beveelen bij missive van den 31 December aan de Boútanders bij desselfs Schrijven van den 26e Novemb een billijke bergloon beloofd heeft. Thans de Eerste afgezant nevens zijn gevolg aan mij verz hebbende om aanstaande Donderdag den 3e dezer de te rug reis „men, hebbe Ik een zodanige brief ten zijnen geleide aan Bon „ning en zijne Rijksgrooten vervaardigt gelijk hier nevens leg ik mij om de kortheid des tijd zo wel Eerbiedig gedrage al andere overgaande brieven en Papieren omtrent dat Rijk Bonij kan ik mijne oppergebieders melden dat de onderhandeling het Maccassaarse Rijk van dag tot dag ernstiger schijnen te om dezelve tot een einde te brengen. — Den 25 october J:L Ik den Tamilalang met mijn Rijting op zin verzoek van af laaten haalen om de wille hij verzogt een verwhil niet en Nopens Onder aanbieding van het duplicaat mijner Eerbiedige sub dato 18 october JL: zo zal jk deze besluiten en betuijge dat met de vol„ maarste hovg agting en diepe Eerbied verblijve. — /:onderzond:/ Hoog Edele Gestrenge Groot Agtbaare wijdgebiedende Heere en wel Edele Gestrenge Heeren /:lager:/ uwer Sumbauwa is mij heeden morgen de particuliere tijding ingebragt dat de vrouw van de koning van Bima is verheeven en op den Throon gezet, en zo men verzekert ten genoegen van alle, Mille Rin„ „giet is aangesteld tot Ranga en den Adie Pattie zoude mede tot Nenti Dessa aangesteld werden en dat op Sumbauwa alles wel zij des een aangenaame tijding als dezelve Comp„s negen bevestigt staat te werden. — van van Maros bij mij te willen afmaaken; die zaak dan zo verre geschikt zijnde, is die Hofsteer met mijn alleenig gegaan en over de staat van Bonijs koning en desselfs verzoek geraadpleegt! het gehouden discours dat direct aangetekend hebbe zij het mij gegunt uw Hoog Edelheedens bij desen te mogen aanbieden, en Terwijl den 29„e daar aan gecommitteerdens van dat Hof aan mij gezonden zijn om onderrigting van eenige uitdrukkinge gedaan in mijn brief aan den vorst jongst den 17e october toegezonden zo hebbe ik daar op zodanige andwoord gediend als uw Hoog Edelheedens mede bij het Extract uit het Dag Register des behagende zal kunnen b'oogen, het een en ander vertrouwe ik dat uw Hoog Edelheedens gepast zullen vinden en dat alles aan wende wat een braaf Dienaar van de Maat„ „schappij verpligt is te doen om de Netelige affaire een goed Einde te doen neemen, kk verneem ook nog door mijn spions zij druk bezig zin om een schikking te maaken dat Ik hoope ten goede mag uitvallen Hoog Edelhedens ƒ 1 21
English
who presented me with a letter from their newly chosen prince Mochidieden, the contents of which were very satisfactory regarding the cannon. However, as they declare that they have no vessels capable of loading the said pieces, they request that the cannon lying there be collected. Therefore, should Your High Excellencies be pleased to approve this, I shall dispatch one or two pantjallang thither toward the end of February to collect it. If Your High Excellencies might also see fit to grant some pieces for the defense of their country, on condition that when required they will be obliged to surrender the same, and that Your High Excellencies would be pleased to add a present in that regard for their shown willingness, I shall await Your High Excellencies' instructions on that matter; since Mr. Reijke, pursuant to Your High Excellencies' respected orders by dispatch of 31 December, promised the Boutonners a fair salvage fee in his letter of 26 November. Now that the First Envoy and his retinue have requested of me to commence the return journey next Thursday the 3rd of this month, I have prepared such a letter for his escort to the King of Boni and his dignitaries as is enclosed herewith. Owing to the brevity of time, I respectfully refer to this and the other accompanying letters and papers concerning that kingdom. And regarding Boni, I can report to my superiors that the negotiations with the Macassar Realm appear to become more earnest from day to day in order to bring them to a conclusion. On 25 October last, I had the Tamilalang fetched from Maros with my carriage at his request, because he wished to settle a dispute with me. That matter having been arranged that far, the said courtier went alone with me and consulted about the state of Boni's king and his request. May I be permitted to present herewith to Your High Excellencies the discourse held, which I noted down directly. And while on the 29th following, delegates of that court were sent to me for clarification of some expressions used in my letter sent recently on 17 October to the prince, I provided such an answer thereto as Your High Excellencies may also observe in the extract from the Daily Register, if it pleases you. I trust Your High Excellencies will find all of this appropriate, and that I am applying everything that an honest servant of the Company is bound to do to bring this thorny affair to a good end. I also learn through my spies that they are busily engaged in making an arrangement, which I hope may turn out for the best. While presenting the duplicate of my respectful letter dated 18 October last, I shall conclude this and declare that I remain with the most perfect high esteem and deep respect, High Noble, Severe, Highly Esteemed, Far-Ruling Lord and Well-Noble, Severe Lords, Your High Excellencies' humble and obedient servant, (signed) W:m Beth Wz=t In the margin: Macassar, in Castle Rotterdam, 1 November anno 1791. From Sumbauwa, private news was brought to me this morning that the wife of the king of Bima has been elevated and placed upon the throne, and, as is assured, to the satisfaction of all; Mille Ringiet has been appointed as Ranga, and the Adie Pattie is said to be appointed as Nenti Dessa as well, and that all is well on Sumbauwa; which is agreeable news if the same is to be confirmed by the Company's representatives. Receipt of Your High Excellencies' highly respected dispatches of 30 December 1791 and 7 February 1792, alongside three native letters. Regarding the election of a king of the Macassars, no progress has been made with Boni's prince. However, there is hope that matters will change for the better. Reasons for this. Section 1: The ship Rusthoff and the pantjallang De Vreede having gained this roadstead one after the other on 23 and 27 April last, I received with the same Your High Excellencies' highly respected dispatch of 30 December of the past year and 7 February of this year, accompanied by three letters for the King of Boni, Bima, as well as Dompo. Insofar as any answer to these is required, I shall, according to my bounden duty, frame this to that end, letting what has been transacted with the collective princes and allies influence it at the same time. Thus I take the liberty to make a beginning with Boni: Section 2: And I respectfully communicate that since my last submission of 1 November of the past year, I have made no further progress with the prince of Boni regarding the Sudang and the election of a new king over the Realm of the Macassars, beyond promises of a good arrangement regarding both the one and the other. Wherefore all my efforts applied to bring an end to the lingering disputes have, to my grief of heart, thus far been fruitless and without effect. Nevertheless, it is not without hope that these disturbances, which have lasted for so many years, will gradually resolve themselves for the better. The true foundation of this hope of mine is not devoid of good reasons; for the Macassar Prince is acknowledged neither by Boni nor by the former king. To the same as before.
Dutch transcription
welke mij een brief van hun nieuwen verkooren vorst Mochidie „den stelde, welkers inhoud zeer voldoende was omtrent het Canon! dan terwijl dezelve betuigen geen vaartuigen te gedagte stukken te kunnen laaden, zo verzoeken zij dat het leggene gesrut mag werden afgehaald des zo uw Hoog Edelhedens „neemen gelieve goed te keuren, zal k in het laast van de „bruarij Een of twee pantjallang derwaards depecheeren om af te haalen. — Jndien uw Hoog Edelheeden ook zoude kunnen goedvinden van defentie voor hun Land eenige afstond, mits wanneer gerequi „den zij als dan gehouden zullen zin dezelve af te geven dan uw Hoog Edelheedens voor haar betoonde bereidwilligheid hun „sent in dat stuk gelieve toe te voegen, zal ik uw Hoog Edelhe daar omtrent afwagten. nadien de Heer Reijke op uw Hoo„ gerespecteerde beveelen bij missive van den 31 December aan de Boútonders bij desselfs Schrijven van den 26e Novemb een billijke bergloon beloofd heeft. Thans de Eerste afgezant nevens zijn gevolg aan mij verz hebbende om aanstaande Donderdag den 3e dezer de te rug reis „men, hebbe Ik een zodanige brief ten zijnen geleide aan Bon „ning en zijne Rijksgrooten vervaardigt gelijk hier nevens leg„ ik mij om de kortheid des tijd zo wel Eerbiedig gedrage al andere overgaande brieven en Papieren omtrent dat Rijk Bonij kan ik mijne oppergebieders melden dat de onderhandeling het Maccassaarse Rijk van dag tot dag ernstiger schijnen te om dezelve tot een einde te brengen. — Den 25 october J:L: Ik den Tamilalang met mijn Rijting op zin verzoek van af laaten haalen om de wille hij verzogt een verwhil niet en Nopens Onder aanbieding van het duplicaat mijner Eerbiedige sub dato 18' october JZ: zo zal wo deze besluiten en betuige dat met de vol„ maakste hoog agting en diepe Eerbied verblijve. — /onderzond:/ Hoog Edele Gestrenge Groot Agtbaare wijdgebiedende Heere en wel Edele Gestrenge Heeren /:lager:/ uwer Sumbauwa is mij heeden morgen de particuliere tijding ingebragt dat de vrouw van de koning van Bima is verheeven en op den Throon gezet, en zo men verzekert ten genoegen van alle, Mille Rin„ „giet is aangesteld tot Ranga en den Adie Pattie zoude mede tot Nenti Dessa aangesteld werden en dat op Sumbauwa alles wel zij des een aangenaame tijding als dezelve Comp„s negen bevestigt staat te werden. van van Maros bij mij te willen afmaaken; die zaak dan zo verre geschikt zijnde, is die HofsHeer met mijn alleenig gegaan en over de staat van Bonijs koning en desselfs verzoek geraadpleegt! het gehouden discours dat direct aangetekend hebbe zij het mij gegunt uw Hoog Edelheedens bij desen te mogen aanbieden, en Terwijl den 29„e daar aan gecommitteerdens van dat Hof aan mij gezonden zijn om onderrigting van eenige uitdrukkinge gedaan in mijn brief aan den vorst jongst den 17e october toegezonden zo hebbe ik daar op zodanige andwoord gediend als uw Hoog Edelheedens mede bij het Extract uit het Dag Register des behagende zal kunnen b'oogen, het een en ander vertrouwe ik dat uw Hoog Edelheedens gepast zullen vinden en dat alles aan wende wat een braaf Dienaar van de Maat„ „schappij verpligt is te doen om de Netelige affaire een goed Einde te doen neemen, kk verneem ook nog door mijn spions zij druk bezig zijn om een schikking te maaken dat Ik hoope ten goede mag uitvallen Hoog Edelhedens ƒ 8 41 Ontfangst van A: Hooghd: Omtrent de Verkiesing een koning der Maccas„ zaeken ten goede zullen Hoog Edelheedens onderdanige en gehoorsaame Dienaar / was getekend) W:m Beth Wz=t /:in margine:/ Maccaster in't Casteel Rotterdam den 1e November anno 1791. — 1791 en 7 febr„ij 1792. veranderen. redenen van dien De waere grondslag van dese mijne hoop is niet ont„ „blood van goede redenen! want de Maccaisaerse Vorst werd nog door Bonij nog door den gewesene Konnen §1: Met schip Rusthoff en de Pantjallang de vreede na den anderen den 23 en 27:' April E: l: dese rheede gewonnen hebben„ „de, ontfing ik met dezelve Uw Hoog Edelheeden zeer g' missives van den 30:' xb=r Eerde Missive van den 30:' Decb„r A=o p:t en 7 februarij dee„ „ses Jaers waer bij verseld drie brieven zo voor de Koning nevens drie Inlandse brieven van Bonij, Bima als Dompo. Op welke zo verre verEischt werd eenig antwoord, zal ik na mijn schulde„ „ge pligt dese tot dat Einde inrigten, teffens daer bij laeten influeeren 't verhandelde met de gezamentlij„ „ke vorsten en Bondgenooten. Zo neeme dan de vrijheid een aenvang te maeken met § 2 Bonij en bedeelen Eerbiedig dat zedert mijne laaste sub„ „misse van den 1: ' Novb: A=o vergange met Bonisch Vorst geene verdere vorderinge gemaekt hebben, omtrent „saeren is met Bonijs de Soedang en de verkiesing van een Nieuwe Ko„ vorst geen vorderinge „ning over het Rijk der Maccassaeren, als belofte van een goede schitking zo wel omtrent het een als ander- Over zulx alle mijne Toginge om een afdoening van de sleepende Historiaalen aengewent tot mijn herte Leed tot nog vrugteloos en zonder Effect zijn, egter niet buijten hoop egter is er hoop dat de dat langzamer hand deese zo veele Iaeren geduurt hebbende Onlusten zig eens ten goede zullen schitken. Aan als Vooren. gemaekt. 13 van 43 No
English
the letter from Your Right Honourables to Boni's monarch. is the 7th of May last with the aforementioned letter is to me Message from Boni's Monarch of the letter king seems inclined to why they without having accomplished anything because the same was not offered according to custom from Goah Aroe Mampoe any difficulties, leaving him in peaceful possession of the formerly much-rumoured realm lands Londjo Booko. As then Aroe Mampoe also has given over some small lands again for further maintenance to the present Monarch, I can report nothing of importance to Your Right Honourables, except that here the most perfect peace is enjoyed, with not the slightest reasons being given, either from the side of the Macassars who follow the soedang, nor from the Bonians, about which one could complain. Nevertheless, the disputed point regarding the lawful government of the Macassar Empire remains undecided. Section 4. Upon receipt of the letter from Your Right Honourables addressed to Boni's Monarch and his grandees of the realm, having directly informed his deputy, the soelewattang of Bontoalaca, of it, who at that moment returned from the matter, he sent the court interpreter Passia to Maros to give his monarch the necessary news. That letter was collected on the 7th of May last with great ceremony by the Tomilalang and Datoe Baringang, at which several Princes assisted, and was further carried on to Maros that day. Section 5. Unexpectedly, on the 11th following, the aforementioned court interpreter Passir, sent by Boni's monarch, came to me, accompanied by the writer Damang and an emissary named soeroe djadja, brought for reading, who wanted to present the said letter, which was sealed in white paper, to me with a compliment from his King. But before I accepted that sealed paper, I asked those emissaries whether that was a letter addressed to me, or what it was, since I declared that I had not properly understood him. Whereupon the writer Damang informed me it contained Your Right Honourables' reply to the King's letter sent to the General and Council in the past year, and therefore the King of Boni offered it for reading to his brother the Governor. Section 6. I gave these delegates the answer that, however gladly I would take the said letter from their hands, yet refused to accept it, I found myself obliged to refuse this, since this letter, if Boni's monarch wished to observe the ancient customs, had to be handed over to me in a solemn manner by one of his grandees of the realm; and that they could report to their monarch that, just as the King of Boni gladly wished to have the ancient customs observed, he was also under the same obligation to comply with them. They then withdrew without having accomplished anything, as Your Right Honourables may view if pleased in the daily register of that date, and the consequence thereof is to be found under the 15th following. And because, upon the arrival of the soelewatang, a very interesting message was delivered to me by the writer Damang upon the further offer of Boni's monarch, they demanded from the commissioners who assisted at this mission of the offering of the mentioned letter a report by way of a conference minute, which can be found in the appendices under No. 45; in which Your Right Honourables will find a message delivered by the writer Damang, from which it appears that Boni, how Boni's monarch seems inclined to clear the disputes of the Macassars out of the way, to clear out of the way, but it seems dubious to me how the King fetched away in state. was. take upon No
Dutch transcription
de brief van H: Hoog Ed: aen Bonijs vorst. is den 7:e Meij I: L: met voorm: brief is mij Boodschap van Borij Vorst van de brief koning genegen schijns om waerom zij onverrigter om dat deselve niet na den gebruijke aengeboden van Goah Aroe Mampoe eenige moeijlijkheeden aenge„ „daen, latende hem in het vreedig bezit der zoo veel voor deese gerugt maekende Rijksvelden Londjo Booko Gelijk dan Aroe Mampoe ook al eenige Kleene Landen weder tot een verder onderhoud aen den presenten Vorst heeft afgegeven niets dan van belang Uw Hoog Edelheeden Kunnende melden, als dat hier de volmaekste rust genooten werd, geen de minste redenen van de zijde der Maccassaeren welke de soedang volgen, nog van de Bonieren, waer men Over zoude kunnen klagen gegeven werden. Dan des met te min het verschil Poinct omtrent de wettige Regeering van het Maccassaerse Rijk nog ongedecideert blijff. § 4 Op den ontfangst van Uw Hoog Edelheedens aen Bonijs Vorst en zijne Rijksgrooten gerigte brief hebbende direct aen zyn stedehouder den soelewattang van Bontoalaca daer van de weet laaten doen, die op dat oogenblik den zaeke terug gekeert zijn Hofstolk Passia na Maros afsond, om zijn vorst de nodige Rundschap te geven, zijnde die brief den 7.:' Meij I: L: met Groot Ceremonieel afgehaeld door den Tomilalang en Datoe Baringang waer bij verscheide Princen g'adsisteert hebben! vervolgens dese dag verders nog na Maros voortgebragt. § 5. Onverwagt quam bij mij den 11:e daer aen door Bonijs vorst afgesonden gem: Hofstolk Passir verzeld van den schrijver Da„ ter lectuure gebragt. „mang en een zendeling in Name soeroe djadja welke ged. e Brief die in wit papier gezeguld was met een Compliment van zijn Koning mij wilde aenbieden; dog eer ik dat ver„ „seguld Papier accepteerde vroeg ik die zendelingen of dat een Brief aen mij geregt, dan wel wat het zelve was, wijl ik betuijgde hem niet wel verstaen te hebben, waer Op den schrijver Damang mij informeerde het Hun Hoog Edelheeden antwoord inhield op 's Konings Brief aen Generael en Raeden A=o p„l afgesonden; en der„ „halven den Koning van Bonij die ter Lectuure aen zijn broeder den Gouverneur aenbood. § 6. Ik gaf dese afgekanten tot Antwoord, dat hoe geerve dog geweigert aente uijt handen van hun gerepte brief zoude aenneemen, dan dat ik mij genoodwingt rond om zulks te moeten refuseeren, nadien dese Brief wanneer Bonijs vorst de al oude gebruijken wilde Observeeren, die door een zinen Rijksgrooten op een plegtige wijse aen mij overhandigt moest werden en dat zij aen hun vorst konde rapportee„ „ken, dat zo wel als den Koning van Bonij gaerne de Oude gebruijken wilde g'observeerd hebben, hij ook in„ die verpligting lag inzelver voegen die na te komen, zij zijn dan onverrigter zaeken te rug getrokken gelijk Uw Hoog Edelheedens des behagende zal kunnen b'oogen bij het dag register van dien datum, en het gevolg van dien is te vinden onder den 15. ' daer aen, en wijl bij de binne„ „komst van den soelewatang een zeer Intressante boodschap bij de naderen aenbieding van Bonijs vorst door den schrijver Damang aen mij wierd gedaen, zo hebbenz van gecommitteerdens die bij dese besending van de aenbieding der gewaegde brief assisteerde, gevordert een berigt bij wegen van een Conferentie Notul, dewelke bij de Bijlaegen sub N=o 45 is te vinden! in welk Uw Hoog Edelheeden een boodschap zal vinden, door den schrijver Damang waer uijt blijkt dat Bonij Gedaen, hoe Bonijs vorst schijnt genegen te zijn de de Maccassaersen verschelle verschillen der Maccassaeren, uijt den weg te rui„ „men dan het komt mij bedenkelijk voor, hoe de Koning statie afgehaeld. was. neemen uijt de weg te ruimen Op No
English
47 the last clause of Your Right Honourables' letter they dare not tell the King. when His Highness comes up from Maros. if one does not succeed in the first meeting. 8. regarding the arbitrary conduct of Boni further remarks thereupon respectfully refuted in this manner. King would so quickly agree to make an accommodation for the better in order to settle those pending disputes all at once. And thus I have come to believe His Highness will not have fully understood the contents of Your Right Honourables' dispatch, as he is not firm in that language, so that the letter must be translated into the Bugis language! And I have also been assured that no one dares to make known to the prince the last clause of Your Right Honourables' letter in its true sense. All of this will soon reveal itself when the prince returns here from Maros, whither he departed on the 18th of March last, yet shall be executed and I shall have entered into an oral conference with him; which I hope and wish may be executed to satisfaction. But if the first meeting were not to succeed properly as accords with the sentiments of my superiors, then I shall not fail shortly thereafter to request an audience with the prince, and then, without any reserve, frankly, firmly lay before and disclose to the prince Your Right Honourables' order and mandate commanded to me under paragraphs 14 and 22. The remark made by Your Right Honourables Your Right Honourables' remark under paragraphs 1 and 14, that the prince of Boni appears to have formed a fixed plan to wear out the Company and cause it to succumb under the burden, in order to finally make it weary and oblige it to submit to his arbitrary and unreasonable accommodations. Paragraph 9. For it shines forth fully from Boni's conduct that he does not choose to be King of Makassar except by and with the consent of the Company; for indeed, what power would the Company have if the Bonians and the Makassarese together wished to crown the prince of Boni as prince of the Goanese as well? I imagine that the internal situation still demands caution regarding the appointment of the present prince, and if once the dethroned King Oesman, who is exiled on Ceylon and for whom so much trouble has been stirred up in former years, yet without consenting to their requests, were sent back here, matters would very quickly take a different turn. Arou Mampoe, a cunning fellow, sits quietly and calls himself a child of so may I be permitted to reply to this, that I could not and might not contradict this remark of Your Right Honourables on any solid grounds, yet I also view the objective of Boni's prince in the same light is regarded in the following manner, yet if on the other hand I consider Boni's circumstances, it makes me reject this proposition entirely, for under the so-called alliance known under the name of Lamoeg, Patoea Ri Timochoeng, the enemies of Boni would by no means sit still and would surely make a partition of that realm. What would Boni have gained! Nothing other than that through his fickle behavior, instead of King of Boni, he had become prince of the Makassarese. So prince. the No
Dutch transcription
47 het laetste lid van H: HoogEd=s letteren durff men den Koning niet zeggen wanneer zijn Hoogheid van Maros opkomt. men in d' Eerste bijeen komt niet slaagt. 8. nopens de wille keurige handelwijse van Bonijs verdere Aenmerkinge daer over wijse eerbiedig wederlegt. Koning zoo spoedig zoude toetreeden een schetking ten goede te maeken om eensklaps die zweevende verschillen afte doen. en ik dus in het denkbeeld gekomen ben, zijn Hoogheid de Inhoud van Uw Hoog Edelheedens Missive niet vol„ „maekt zal hebben begreepen, terwijl deselve niet ferm in die tael is, des die brief in de Boegineese taele moet Overgeset werden! en mij is tevens verzeekert dat het laetste Lid van Uw Hoog Edelheedens Letteren door geene in die waere zin aen den vorst durven bekend maeken, het een en ander zal binnen korten zig open„ „baeren als den vorst van Maros werwaerds hij den 18:' dog zal volvoert worden Maert C: L: na toe vertrokken is, herwaerds zal gekomen en ik met hem in mondgesprek zal getreeden zijn; het geen Hoop en Wensch dat na genoegen mag volvoert werden. Maer wanneer de Eerste bij eenkomst niet regtmatig was te zullen doen als strookt met de gevoelens van mijne oppergebieders zo zal ik niet manqueeren, kort daer op bij de vorst Audientie te vraegen, en als dan zonder eenige reserve onbewimpeld Uw Hoog Edelheed„s Ordre, en Last onder § 14 en 22 mij bevoolen Cordaat den vorst voorhouden en Openleggen. De door Uw Hoog Edelheedens gemaekte remarcque Heer Hoog Ed:s Eemarcque Cij § 1 en 14 dat door Bonijs vorst een vast planschijnt geformeert te zijn, om de Comp: af te matten en on„ „der de Last te doen bezwijken om het haer eindelijk moede te maeken en dezelve te verpligten zig aen haere wille keurige en onredelijke Schitkinge te onderwerpen §9. Want het straalt ten vollen uijt Bonijs behandelinge door, dat dezelve niet verkriest Makassaers Ko„ „ning te weesen als door en met toestemming van de Comp: immers wat vermogen zoude Comp: hebben, wanneer de Bonieren en de Maccassaeren te zamen Bonijs vorst te gelijk als vorst der Goaneesen wilde Kroonen, Ik verbeele mij dat de inwendige Heid nog reeischt, omtrent de aenstelling van de Presente Vorst, en zoo eens de gedetroneerde Koning Oesman welke op Ceilon gebannen en waer toe zoo veel water in vroegeren Iaeren om vuijl gemaekt is, dog zonder ge„ „keusseert te hebben in hunne versoeken, herwaerds ge„ „sonden wierd de zaeken geheel spoedig een andere Keer zoude neemen. — Arou Mampoe een door„ „sleepen Knaep zit stil, en noemd zig Kind van zoo zij het mij gegunt daer op te mogen dienen dat ik deese Uw Hoog Edelheedens aenmerking op geen Vaste gronde zoude kunnen of mogen tegenspreeken, maer mede het oogmerk van Bonijs vorst inzelver word op de nevenstaende volge aensie, dan zo ik aen de andere kant Bonijs omstandigheeden beschouw doet mij ten Eenemaele dese„ stelling verwerpen, want het zogenaemt verbond on„ „der de Naem van Lamoeg, Patoea Ri Timoc„ „hoeng bekend, zoude de vijanden van Bonij in geenen deele stil zitten en zeekerlijk een deeling van dat Rijk maeken, wat zoude Aan Bonij ge„ „wonnen hebben! niets anders dan dat door zijn Wispeltuurig gedrag insteede van Bonijs Koning vorst der Maccassaeren was geworden. Zoo vorst. de No
English
One has no firm assurance of peace with this nation until it is humbled. With sword in hand, the Company says that if the Company and Bonij desire it, it is pleasing and agreeable to him and the following Macassars, yet he quietly mocks Bonij and the Company; for the Bonians dare undertake nothing that offends the Macassars. And thus I consider—though I may be very much mistaken—that the balance can be maintained in this state without the Company needing to exhaust itself. Thereby the same keeps the authority in hand with the sword in hand, so that the little additional paddy will not diminish. Section 10. Moreover, as my Superiors are pleased to say, the Company is currently not in a position to maintain a war that, while certainly of long duration, might also be quickly decided; yet with all the advantages profited thereby, one merely changes sides, and the Company has no firm assurance among these peoples of an enduring and permanent peace, because these peoples have never been brought under the yoke of a sufficient humiliation. Thus one continuously struggles with perpetual difficulties, which do not need to endure unreasonable or arbitrary resistance in a country where a nation is brought under such subordination and obedience whereby one can govern them on a firm and regulated footing; whereas the Company, as long as it has held Celebes under its power and authority, has constantly struggled with insurmountable difficulties. Section 11. And that will never cease until the Company humbles these peoples with sufficient power so that no apprehension remains of them raising their heads again to its detriment. Section 12. Having respectfully cited this beforehand, I further set down in this humble opinion of mine that the Company, not being in a perfect situation to make the first attacks, ought to deprive Bonij of that to which it has a right, that is, the nearby situated Bontualacq, along with the North up to Tanette, and secure them with a formidable force; and then, according to my small understanding, proceed to reduce the larger number of troops on hand and maintain only a few. And if the Company could ever carry that into execution, one would not need to fetch the products of the country with the sword in hand, but on the contrary, the fruits of this country would be brought into the lap of the Company without much worry; whereas now one must employ all possible efforts to manage with those bad people in such a way that one merely avoids all dreaded difficulties. For they are devoid of reason, and they will remain devoid of it until the Company will no longer choose—under favorable interpretation taken in the strictest sense—to play please. Yet I must testify that it would certainly be an undertaking on which a fair amount of money would need to be spent; but that once being past, I do not doubt on the other hand that this country, through good arrangements and consultation, could amply recover those incurred expenses, since Celebes is just as little devoid of good products as any other country.
Dutch transcription
men heeft geen Vaste versee„ Vreede met dese Natie vernedert. aenvallen niet te zijn te„ met het swaerd in de hand de Comp: en zegd, zo de Comp: en Bonij wil is het hem en de soedang volgende Maccassaeren aengenaem en Wel„ en steeld stil de Spot met Bonij en de Comp: — wans de Bonieren durven niets beginnen dat de Maccas te haelen. „saeren tegen de Borst stuit en dus beschouw /: dog ik kan mij zeer misgissen :/ dat de Balans in dese staet zonder dat de Comp: zig behoeft uijt te putten gaende gehouden kan werden „gevallig - daer door houd denzelven het gezag in handen wandor van miet schaff, de de weinig meerder Padij met het zwaerd in de §10. De Comp: is tegenwoordig daer en boven zo als mijne Op„ „pergebieders gelieven te zeggen niet in die staet om een Oorlog te maintineeren die zeeker van lang duur maer ook spoedig gedecideert kan zijn, dog met alle voordeelen daer bij geprofiteerd, verandert men maer van Partij en de Comp: heeft geen vaste verzekering onder dese kering van een duursamen volkeren van een duursaeme en bestendige dreeder want nimmer zijn dese volkeren onder het suk van een ge„ „noeg doende vernedering gebragt! des dus steeds Eeu„ „wigduurend niet moeijlijkheeden worstelen, die in een Land, daer een Natie onder welke subordinatie en gehoorsaemheid gebragt, waer door men deselve op een vaste en gereguleerde voet kunnen regeeren geen onredelijke of willekeurige tegenstribbelinge behoeven te verdraagen, daer den Comp: zo lang ze Celebes onder dezelve Magt en Authoriteid heeft gehad steeds geworsteld hebben met onoverkomelijke zwarigheeden. §11. En dat zal nimmer ophouden dan de Comp: met een tot dat de Comp: mesken toerijkende magt deese volkeren zo vernedert, geen be„ boeuijkende magt humn „dugting overig blijft deselve weder hun hoofd tot nadeel „leert word. § 12. Dit voor af Eerbiedig aengehaeld zo stelle ik verder in dese mijne geringe gevoelen ter neder, dat de de Comp: diend de Eerste Comp: niet zijnde in volmaekte situatie om de Eerste aanvallen te zijn om Bonij dat te ontneemen waer deselve Regt toe heeft, dat is het hier digt bij gelegen Bontualacq, mitsgaders de Noord tot aen Tanette en die te verzekeren door een redoutable magt, dan na mijn kleen begrip over te gaen waerom 't getal van om het meerder aen handen zijnde getal van Man„ Manschappen geredu schappen te reduceeren, en maer eenige weinige van de Comp: zoude of kunnen opsteeken, en zo de Comp: eens dat ter uitvoer konde brengen, men niet behoef„ de producten van 't Landhand te haalen, maer ter Contrarie de vrugten van dit Land zonder veel Hoofdbreeken in de schoot van de Comp: zoude gebragt werden, daer men nu alle moglijke Pogingen moet aenwenden om met die slegte menschen het zodanig te dirigeeren, dat men maer alle gedugte moeijelijkheeden ontwijzen, want ontbloot van rheede zijn ze, en ze zullen daer van ontbloot blijven, tot dat de Comp: niet meer zal verkiesen onder Gunstige welduiding in den Strikste zin genomen si vous plait te speelen, dan dat moet ik betuijgen het zeeker een onderneeming zoude zijn daer al vrij wat geld te diende verspild te werden, dog zulx eens voorbij zijnde, twijffele ik geensints aen de andere kant of dit Land door goede schetkingen en overleg konde die gemaekte ongelden ruim weder Ophaelen, dewijl Celebes even zoo min van goede Pro„ „ducten ontbloot is, als Eenig ander Land. van „gens Bonij 49. No
English
that Boni with all its overpower power requested to ally with other allies. To maintain troops and incur idle costs idea disappointed order regarding that whether to maintain a company of Javanese beyond the quota, and in that condition to watch and await what the Prince of Boni with his adherents would want and be able to undertake. Your High Noble Honours will kindly understand that my power the Castle with of Boni Castle Rotterdam with all its power can overpower, and if that intractable Prince should attempt anything, to give me that power which could be used to humble the said Prince, or rather to the one who might happen to succeed in my place; I mean herewith, if Boni, though if unexpectedly it should attempt anything, breaks, to enter into such an alliance with the other allies as might possibly take place, in order to subdue the puffed-up Prince of Boni and his adherents, even if the Company should also have to let the entire demonstration slip. For I must fully rest in the so thoughtful words cited in the Memoir of Mr. Block, where he says: Of these I believe that the pointer may always indeed lean toward the side of Boni, for the reason that this realm, at the time of its very greatest greatness, was not so much to be feared by the Honourable Company as the Macassars in their lowest state, in which they have found themselves until today; the more so because one, in my opinion, indeed for a and through Boni its conquests obtained here has a great power, and therein remains established until today, so that likewise the Company, its state and acquired respect with and through the union with Boni, keep the whole of Celebes in balance, at least. It is true that Mr. Rijke fell into the notion, Mr. Rijke was in his that if a formidable power should arrive here, the Prince of Boni and his adherents would soon crawl into their shell; His Honour experienced the opposite, and one has embittered these peoples even more. Therefore I respectfully solicit in order that I undertake nothing, but with my request of your High Noble Honours' wiser and discerning judgment may keep as a fixed maxim that, just as the Honourable Company must maintain here, and the balance of, I will gladly confess that if, which God forbid, Boni were to become unfaithful to the Honourable Company or were brought down by its enemies, I know of no ally who would make any effort to the benefit of the Company. Therefore, given a good force of military, Javanese or other troops, I would trust and flatter myself to dare vouch for good success; whereas now to undertake nothing would unhappily constantly maintaining troops without undertaking anything creates needless costs, while it is certain that if one were to save the expenditure for a few years and put it aside with the rest, and then begin, it will be of more advantage than with a demonstration, by which the native in this region cannot be made afraid; it is sufficiently known and fully described that they do not shrink back until and before they are forced to do so by powder and lead; experience has taught this with the Macassar: they, even though having lost everything, have always raised their head again after the passage of a few years. will Supreme Rulers 13 51 No
Dutch transcription
dat Bonij met al zijn Overmeesteren de magt versogt met an„ „dere Bondgenooten te allieeren. Troupes aen te houden en „loose kosten verwetken denkbeeld te leur gesteld ordre daer omtrent of een Comp: Javaanen boven de bepaeling aen te houden en in die staet te zien en af te wagten wat Bonisch vorst met zijn aenhang zoude willen en Kunnen onderneemen, wel zullen Uw Hoog Edelheedens gelieven te begrijpen dat min magt het Casteel met van mer Bonij het Casteel Rotterdam met aln zijn magt kin overmeesteren en wanneer dan die onhandelbaere Vorst iets mogt beginnen mij die magt te geven wat tot verne„ „dering van gem: vorst bij de sland zoude kunnen werden genoomen, dan wel de geene die in mijn plaets mogte„ komen te succedeeren; ik meene hier mede als Bonij dog zo onverhoopt deselv breekt met de andere Bondgenooten aen te gaen een iets mogte beginnen word zodanige Alliantie als maer konde plaets hebben, om de Bonijse opgeblaesen vorst en zijne aenhang ter onder te brengen al soude de Comp: ook de geheele ver„ „thiening moeten laaten slippen. Want ik ten vollen moet berusten in de zo nadenkelijke woorden bij de Memorie van den Heer Block aengehaeld, alwaer dezelve zegt. van deese vermeene ik dat de wijzer altoos wel na de „zijde van Bonij mag overhellen om reedenen dat dit „Rijk ten tijde van zijne aller grootste grootheid niet „zoo zeer voor d' EComp: te dugten is geweest als de „ Maccassaeren in haeren Geringsten staet, waer inne „zij zig tot op heeden bevonden hebben te meer om „dat men /:mijnens bedunkens:/ het wel voor eene „en door Bonij zijne Conquesten alhier verkreegen heef een groote magt „en daer inne tot op heeden gevestigt blijft, dat even „za de Maetschappij zijne staeten en verkreegen „ontzag met en door de vereeniging met Bonij „ geheel Celebes in evenwigt houden, ten minsten Het is waer dat den Heer Rijke in het denkbeeld d' Heer Rijke is in zijn gevallen is, wanneer een formidabele magt alhier „terente spoedig in hun schulp zoude kruipen, het tegen overgestelde heeft zijn Ed: Gestr: ondervon„ „den, en men heeft deese volkeren nog meerder verbitterd. Over zulks Eerbiedig solliciteere om ten einde ik niets beginne, dan met mijne „vaste Maxime mag houden, dat gelijk d' EComp: vaan nopens het aenhouden van aengekomen zoude zijn, Bonisch Vorst en zijne Ad„ „alhier moet mainetineeren, en, de Balance van versoek van N: Hlaarsen Uw Hoog Edelh=s wijser en doorzigtig Oordeel „wil ik gaerne bekennen dat wanneer /: 't geen God „verhoede:/ Bonij aen d' EComp: ontrouw dan wel „door zijne vijanden te ondergebragt wierde: dat „ik geene Bondgenoot kenne dien ten voordeele van „de Maetschappij eenige Poginge doen zoude. Des dan een goede magt van Militairen Javaensche of andere troupen zo zoude ik vertrouwe en vlije mij te durven instaan omtrent een goed Succes; daer nu niets te beginnen zou node steeds troupes aen te houden zonder iets te beginnen nodeloose koste maekt, daer het zeeker is indien men eens de uijtgaef eenige Jaeren Spaert en bij de andere ter zijde Oplegt, en dan beginnende meer voordeel zal wesen dan met eene verthooning daer den In„ lander aen dese Ooirt niet voor vervaert kan gemaekt werden; het is genoegsaem bekent en ten vollen beschreeven, dat niet deinsen voor en al eer zij daer toe door Kruit en Lood genoodzaekt werden de ondervinding heeft zulx geleerd met den Mac„ „cassaer de zelve schoon alles verloren hun hoofd steeds na verloop van eenige Iaeren weder hebben Opgestooken. wil Oppergebieders 13 51 No
English
53 while if Boni should start anything, relief could quickly be obtained from Java. Concerning the election of the prince to King of the Macassars, their capabilities are submitted to consideration as noted alongside. Supreme rulers completely approve, just as, if Your High Excellencies should so instruct me, to reduce the surplus force according to my proposed opinion, I shall successively carry this into effect. I testify once again fully that I can find no disadvantage therein, whereby the Company will be relieved of a great expenditure, and whenever the Bonian should undertake anything most detrimental here, swift relief from Java, at least with native auxiliary troops, can be provided! For there is no dispute that as long as the sudang is not delivered up by the Bonian prince and a free election of a Macassar King takes place, matters will remain in the very same state as 12 years ago, even though no unpleasant incidents may occur, and thus so long as matters can be kept in this state through mutual pleading and correspondence, the surplus force can safely be reduced; being prepared, in the event of an unexpected breach, to strictly observe and comply with the orders received in the past year to abandon the outposts and place myself in a complete state of defense. Section 14. Regarding Your High Excellencies' remark that you cannot see how it could be considered advantageous if the election should fall upon the son of the King of Boni, I fully agree that for many years that matter has constantly been regarded with great concern. However, considering the circumstances of the times to which the Macassars have been brought, Your High Excellencies will kindly take into consideration that it is currently more important to bring them into a quiet and peaceful state than to look so strictly at the equity and the true distinction between a Macassar or Bonian Prince. Section 15. The Company lacks the actual power to force the sudang out of the hands of Boni's prince, or rather the outcome would be uncertain if it wished to compel him thereto with musket in hand! What then should be undertaken to remain free from falling into a protracted war? Nothing other than to strive to find an agreement and to seek to bring the Macassars back together under obedience to a leader to whom they all pay homage; and that, I believe, may be found in the young Bonian Prince, who, being lawfully chosen by the collective Estates of the Realm, however contrary to the sound policy of the Company, must at this juncture be regarded as an advantageous matter. For the sudang being thereby brought into the country, the King of Boni—unless one must assume everything in his conduct to be contradictory and deceitful in order to subjugate the Company or drive it from this country—if it should then happen that the election fell upon the said young Prince, all
Dutch transcription
53 dewijl Zo Bonij iets Iava konde erlangen. nopens de Verkiesing vorst tot koning der Maccassaeren. de bekwaemheeden in den word 't nevenstaende in Consideratie gegeven. Oppergebievers volkomen goedkeuren, gelijk ik dan zoo Uon Hoog Edelheeden mij mogte bedeelen; de meerdere; na mijn voorgestelde gevoelen te mogen verminderen, zal ik Successive zulks Effect doen sorteeren, ik be„ „tuijge nog ten vollen ik geen nadeel daer in kan vinden, des daer door de Comp: van een Groot uijtgaef zal onttrokken zijn, en altoos wanneer den Bonier iets hier nadeligst mogt onderneemen, van Iava spoe„ mogte beginnen men „dig ontzet ten minsten van Inlandsche hulp volk ka spoedig ontzet van voorsien werden! want het lijd geen tegenspraek da zo lang de soedang niet door Bonisch vorst afge„ „langt werd en een vrije verkiesing van een Mac„ caisaers Koning, het steeds in dezelve Staet blijft als voor 12 Jaeren Schoon ook geen onaengenaemhee„ „den komen voor te vallen, en dus zo lang het nie„ Over en weder te pleiten en te schrijven in dese Staet Kan gehouden werden, men de meerdere magt gerust kunnen verminderen — zullende bij een onverhoogte verkiesing van een Hoofd scheuring, de ordres in 't gepaiseerde Iaer ontfangen om Jongen Prins kunnen de buiten posten op te breeken en mij in een volkome vinden defentie stellen, als dan ten Stipste observeeren en nakomen. § 14. Dat Uw Hoog Edelheedens gelieven te melden niet te Op H: H: remarcque Kunnen zien wanneer de verkiesing op de zoon van de van den zoon van Borijs Koning van Bonij mogt vallen, als een voordeelige zaek kan werden aengemerkt, wille ik ten vollen mede betuijgen dat Steeds voor veele Jaeren dat stuk als zeer nadenkelijk aengemerkt is geworden dan de tijds omstandigheeden waer toe de Maccas„ §15. De werkelijke magt, om de soedang uijt handen van Bonijs vorst te dwingen, ontbreekt de Comp: dan wel de onsekere uijtslag als deselve eens met de snaphaen in de hand hem daer toe wilde dwingen! des wat dan bij de hand genomen om bevrijd te blijven van in een langwijlige Oorlog te vervallen, niets anders te tragten dan om een over„ „eenkomst te vinden en te zoeken dat de Maccas„ Iaeren weder te zamen onder gehoorsaemheid Ko„ dat de Maccarsaeren bij, men, van een hoofd die zij alle hulde doen, en dat meen ik te mogen vinden in den Iongen Bonijs Prins, die dan wettig door de Gezamentlijke Rijks„ „stenden verkooren zijnde, hoe strijdig ook met de goede staatkunde van de Comp: in dit tijdstip als een voordeelige zaek aenschouwd moet werden, want de soedang daer door in het Land gebragt zijnde; de Koning van Bonij /:ofte men zoude alles tegenstrijdig en Slinks in zijn behandelinge moeten stellen om de Comp: te onder te brengen, of van dit Land te willen heb¬ „ben:/ zo dan het eens mogte gebeuren de Ver„ „kiesing viel op de gerepte Ionge Prins, alle „saeren gebragt zijn beschouwd, zal Uw Hoog Edel„ „heedens wel gelieven in Consideratie te neemen, het thans meerder te doen is om hoar in een stille en rustige staet te brengen, dan zoo zeer te zien op de billijkheid en het waere onderscheid tussen een Maccassaers of Bonijs Prins „saeren zijne ƒ Nt
English
while this was taking place Boni of his unreasonable concerning what was transacted the principal ornaments consist of the the Makassarese ruler enjoys all tranquility. his efforts would be directed toward maintaining his son in the acquired dignity with all his might. Thus, he would not extend his authority further than to urge the Makassarese to their duty and obedience. If this could thus be concluded, the Company was certain that the lingering affairs regarding the sudang were settled. Far be it from me to establish for certain that the Makassarese would remain attached to the young ruler for a series of years, since such steadfastness has never yet been found in this nation, that they continued to love their kings until death, but rather they have constantly abandoned most of them and cast them from the throne for this or that reason. Paragraph 17. I hope then that I may have the fortune, when the King arrives at this Castle, to convince him through my refutation of his unreasonable manner of thinking, and that everything may be settled for the best, both regarding the Makassarese and concerning the daily, ceaseless incidents occurring here between the Bonian and the Company's subjects over paddy fields. Paragraph 18. Furthermore, everything that has been transacted with this Court since my respectful dispatch of 1 November is described in the Daily Register under the dates 11, 13, 15, 17, and 19 November; 1, 8, 10, 11, 21, 22, 24, and 31 December 1741; 5, 9, 10, 12, 14, 15, 17, 18, and 19 January; 6, 12, 25 February; 5, 16, and 18 March; 5 and 27 April; 2, 7, 11, 14, 15, 16, and 24 May; and 5 June of this current year; and annexes No. 18, 19, 20, 38, and 45, to which I humbly refer. 520. Concerning these fields, your High Noble Lordships require an elucidation on what basis or possibility the same can be counted among the state regalia, so I shall respectfully satisfy Your High Lordships' requisition in this matter and humbly state that no King of the Makassarese is recognized in his full dignity unless he is in possession of all the state regalia, but particularly of the principal ones, and that they say is: A gold chain called Tanisamaang A gold saucer or table plate called Patannadjamaung The sudang or sidearm, together with the paddy fields of Londjo Booko, as being for their Queen. Regarding the Makassarese Kingdom, I can only report to your High Noble Lordships that the present ruler enjoys all tranquility to this day, and the peoples in general are no longer estranged from one another as before. Aroe Mampoe has even yielded some advantages to the ruler, and not the least nuisance has been caused concerning the state fields of Londjo Booko; the same have been cultivated peacefully without hearing anything more about it. I humbly conduct myself.
Dutch transcription
terwijl dit geschiedende Borij van zijn onredelijk„ nopens het verhandelde de Principaelste orna„ „meuten bestaen in het de Maccassaers vorst geniet alle rust. zijne pogingen daer heen zoude gaen; om zijn zoon in de verkregene waerdigheid met alle magt staende te houden Over zulks zijn Authoriteid niet verder uijtbreiden dan om de Maccassaeren tot hunne pligt en gehoorzaem „heid aen te spooren! dit dan also zijn beslag magte erlangen was de Comp: zeker, dat de sleepende His„ „toriaelen omtrent de soedang afgedaen waeren, het de verschillen afgedaen zij verre van mij dat ik vast stelle de Maccasaer een reeks van Iaeren de Ionge vorst zoude blijven aenkleeven, nadien men nog nimmer in dese Nati„ge voordeelen afgestaen. die bestendigheid gevonden heeft, zij hunne Koningen tot de Dood hebben blijven beminnen, maer de meeste geduurig verlaaten en van den Troon om dese of geenen bewerkt geworden. Oorzaek verstooten; ik § 17. Hoope dan dat het geluk zal mogen hebben, dat wan„ „neer de Koning aen dit Casteel zal gekomen zijn door mijne wederlegginge overtuijgt mag werden Rijxvelden onder de hoope om den koning van van zijne onredelijke wijse van denken, en alles ten „heid te overtuijgen. goede mag werden afgedaen, zo omtrent de Maccas„ „saeren als van daeglijkse hier ter plaetse zonder op houden voorvallende Historiaelen tussen den Bonier en de Comp: onderdaen over Padij velden! § 18. Verders alles wat met dit Hof verhandelt is, na mijne Eerbiedige afgezondene van den 1e. Novbr„ Staet beschreeven refert aen 't dag register in 't Dag-Register onder de datums 11, 13, 15, 17. en 19 Novb: 1,8, 10; 11, 21, 22, 24 en 31 Decbr 1741, 5, 9, 10, 12,, 14, 15, 17„ 18 en 19 Januarij, 6, 12, 25 febr„ij 5, 16, en 18 Maert nevenstaende 5 en 27 April 2,7, 11, 14, 15, 16 en 24 Meij en 5. ' Iunij I: L: en bijlaagen N=o 18, 19, 20, 38 en 45 waer aen 520. Belangende dese velden UW Hoog Edelheedens eluci„ Elucidatie waerom ged„e datie vergen op wat voor voet of mogelijkheid de„ ornamente geteld zijn. „ selve onder de Rijksornamenten kunnen geree„ „kend werden, zo zal ik aen Hoog Derzelver Re„ „quisit in deese Eerbiedig voldoening geven en dienen Ootmoedig dat geen Koning der Maccas„ „saeren in zijne vollen waerdigheid erkent werd of moet in bezit wesen van alle de Rijksornamen„ „ten, dog voornamentlijk van de voornaemste en dat zeggen zij is Een goude Ketting gen„t Tanisamaang Een goude piering of Tafelbord gen„t Patannadjamaung de Soedang of Hleupgeweer mitsgaders de Padij Velden van Londjo Booko als zijnde dezelve voor hun Koninginne die Maccassaers Rijk kan ik eenlijk uw Hoog Edelheedens melden, dat den presenten vorst tot heeden alle Rust geniet en de volkeren in 't gene„ „rael zijn niet van elkanderen meer zoo als te Aroe Mamipoe heeft hem Een: vooren verwijdert, Aroe Mampoe heeft zelfs eeni„ „ge voordeelen aen den vorst afgestaen! en geen de minste overlast is er gedaen omtrent de Rijks„ en Londj Boko is niedig „ velden Londje Booko deselve zijn vredig bewerkt geworden zonder iets daer van meer gehoort te hebben. ik mij ootmoedig gedraage. uijt 116 waeren. niet dat Hoff. ik 319 Van het 55 ƒ N=t ƒ
English
57 Makassar that the second, Aroe Mampoe, cultivated the said Londjo Boko, he would have this realm completely in his hands. Puasa gifts, but it is believed His Highness will return the same. too proud to ask the sudang from Boni's ruler, and the Makassarese descended from Heaven, brought into order, and subsequently passed to all the rulers who govern the Realm, if these were now cultivated by Aroe Mampoe, who holds the first two mentioned in his power, then the Realm would be entirely in his hands and the present King would have nothing more than the small plot of land where he and the people remaining with him live! And for that reason, those fields are classified by them among the regalia, as the same belong to the legitimate ruler and the harvest thereof is enjoyed by him alone, being cultivated by the subjects without any douceur or reward, just as occurred in the years 1788 and 1789 when that land was almost lost and some fields were already being cultivated by the rebels; however, since then some difficulties indeed arose concerning this, but they were settled satisfactorily and, as just stated, no further request was made for them. Section 21. At this Court, as is customary according to usage, the same was given for Boni: 1 piece of double Bengal taffeta armozijn, 17 florins 6 stivers 2 handkerchiefs, 6 florins 6 stivers 9 ells of crimson red velvet, 37 florins 1 stiver 3 bottles of rose water, 17 florins 5 stivers 8 penningen 1 pound of mace, 5 florins 11 stivers 1 pound of cloves, 6 stivers 8 penningen 1 pound of nutmeg, 4 stivers 1 pound of cinnamon, 1 florin 6 stivers 8 penningen 1/4 piece of coarse Guinea cloth of 14 puntjangs for packaging, 3 florins 4 stivers Total, 75 florins 1 stiver 8 penningen Puasa gifts delivered as to Boni, consisting of those for Makassar: and in general that of the Makassarese, not to humble himself 1 piece of double Bengal taffeta armozijn, 9 florins 18 stivers 1 piece of fine painted Coast chintz, 32 florins 10 stivers 2 bottles of rose water, 6 florins 12 stivers 1 pound of mace, 5 florins 11 stivers 1 pound of cloves, 6 stivers 8 penningen 1 pound of nutmeg, 4 stivers 1 pound of cinnamon, 1 florin 6 stivers 8 penningen 1/4 piece of coarse Guinea cloth of 14 puntjangs for packaging, 3 florins 4 stivers Total, 60 florins 18 stivers Nothing of importance was accomplished with that Court, as appears from what is noted in the Daily Register under dates 3, 6, 7 December 1791; 16, 17, 24 January, 14 February, 27 and 31 March, 1 April, 1 and 24 May of the current year. Only the oral conference held with Crain Data on 6 December of the past year might come into consideration, and there is some hope that gradually the election of a new ruler will eventually succeed; however, the pride of Arou Mampoe will not humble itself to ask back the sudang from Boni's ruler; but I presume that the same will indeed be returned by His Highness, and as nothing further regarding this has yet been reported to me by the said Prince Crain Data, I shall not expand further concerning this, but will subsequently humbly bring to Your Excellencies' notice: Section 23. That at the King's request, we redeemed a tatrapang beforehand from the widow Brugman for 100 rixdollars, which had been pledged to her husband in the year 1777 by Craeng Palembang by order of his ruler for 100 rixdollars.
Dutch transcription
57 Maccasser Dat 2o Aroe Mampoe ged. e Londjo Boko bewerkt, dit rijk ten vollen in handen had. Pocassa Geschenken dog men vermeent zijn Hoogheid dezelve zal te hoogmoedig om de soldang van Bonijs Vorst afte en de Maccassaeren uijt den Nemel is gedaeld, in ordre gebragt, en des gaes die over tot alle vorsten die het Rijk regeeren, zo die nu be„ „werkt wierden door Aroe Mampoe, welke den twee Eerste genoemde in zijne Magt heeft, dan was het Rijk ten vollen in zijn handen en den presenten Koning had niets meer dan het plekje grond, waer hij en zijn nog bij hebbende volk woond! en daerom zijn die Velden bij hun onder de Rijksornamenten gesteld also dezelve de wettige vorst toekommen en door hem het gewas alleen daer van genooten werd, werdende bewerkt door de onder¬ „daenen zonder eenig douceur ofte belooning, gelijk dan zulx in den Iaere 1788, 1789 dat Land bijna ver„ „looren was en bereeds door de Rebellen eenige Velden bewerkt wierden, dan zedert daer over wel eenige moeijlijkheeden geresen dog ten genoegen afgedaen en zo als even gezegt is, geen aenzoek daerom meer gedaen geworden. § 21. Aan dit Hof is zo wel na Uesantie de gewoonlyk het zelve in voor Bonij 1 P=s Armosijn Ets: dubb: Bengaels. . . „ 17„6„ 2 „ Neusdoeken „ 6„6„- 9 @ fluweel Carmosijn Rood. . . . „ 37„ 1„— 3 bo. Roose Waeter 1 lb Foelij. . . . . 5 —„ 11„— 1 „ Nagulen - - - - . . „ — „ 6„ 8 1 „ Nooten - . . . . „ — „ 4„ — 1 „ Caneel. . . . . . —- -„ 1„6„8 ¼ p=s Guinees Grof van 14 poentjangs voor Patkagie„ 3„4„ Somma ƒ 75„1„8 Poeaisa geschenken als aen Bonij afgegeven bestaende den Maccassaeren zijnte en in het generael die der Maccassaeren, zig niet ver„ „ 9„18„- 1 P=s Armosijn Etf: dubb: bengaels. . 1 „ Chitz fijne geschilderde Kust. . . „ 32„10„ 26=o. Roose Waeten. . . . . . . . . „ 6„12„- 1 lb Foelij. . . . . 5 — 11: — 1 „ Nagulen - - - . „ — 6„8 1 „ Nooten . . . . „ — 4„ — 5„ 1 „ Caneel - - . . — „ 1„6„8 ¼ „ Guinees Groff van 14 Poentjangs voor Pattkagije„ 3„ 4„— Somma ƒ 60„18„— Niets van belang is met dat Slof verrigt gelijk zulks blijkt uijt het aengeteekende in het Dag Register sub dato 3. 6. 7 Decbr 1791. 16, 17, 24 Januarij den 14 februarij 27 en 31 Maert 1e: April 1 en 24 Meij j: C: Dan eeniglijk zoude het mondgesprek met Crain Data gehouden den 6„' December A=o vergangen in aenmerking kunne koomen, en Eenige hoop is, dat langsamerhand de verkiesing van een nieuwe vorst eens zal gelutken! dog de Hoogmoed van Arou Mampoe „nederen willen om de soedang van Bonijs vorst weder afte vraagen; maer vermeene dat deselve door zijn Hoog„ „heid wel terug zal gegeven werden, en terwijl nog daeromtrent niets naders mij door gem: Prins Crain data is berigt, zoo zal mij dien aengaende niet verder uijtbreiden maer ten vervolgen Uw Hoog„ „Edelheeden ootmoedig ter kennis brengen, §23. Dat op 's Konings verzoek een Patrapang voor 100 rd=s s: in„ een Tatrapang voorhaen gelost hebben, van de Weduwe Brugman, welke aen ingelost tot 100 rd=o haer Man in den Iaere 1777 door Craeng Palembang Op ordre van zijn vorst was in pand gegeven, voor 17„5„8 Maccaser een voor Borij vragen. rug geven. 5 22 N
English
and another 100 rd=s sp=s of the Company's affection. also delivered a cane at his request. regarding a meeting of the present prince will take place. Permission requested to allow when the prince wished to build a house in Goah. In Thaene, Tanette and upon renunciation by the Macassars as there is not the least disadvantage involved. A sum of Rd=s 60 lp:s and besides that another 100 sp=s, together 200 Spanish, that sidearm having been valued at that sum, and has been set aside for it in the Company's large cash repository, as appears from the resolution of the political council of 16 March last. I hope that Your High Excellencies will be pleased to honor this action of mine with approval, as it was done solely to give the prince proofs of the Company's affection and to show how gladly it seeks to offer a helping hand in all cases where possible. Also, upon his persistent request, I have delivered to the said prince a cane with a silver knob upon which stands the monogram of the Company, and written around it in the Macassar language for the emissaries of the realm of Goah, yet not at the expense of the Company, but from my own purse; I trust that this will be pleasing to Your High Excellencies. § 24. At the same time, I shall not fail, whenever Aroe Mampoe and the present King should gladly wish to meet each other, to make the proposal as suggested in § 13 of Your High Excellencies' letter, which can happen very suitably, and they both thereby maintain their presumed honor among the common people, for pride is indeed the deep-rooted evil among that nation. § 25. Before I close this main section, I take the liberty humbly to request that, if the present prince should choose to reside again in the destroyed Goah, to be allowed the necessary permission for this; there is already in § 26. Tanette, Thaeng, and Sandrabonij, no disputes prevail there! However, the King of the latter remains just as deranged in his mind; in the event of a fortunate turn of Macassar affairs, I shall apply myself to direct it so that the debts, according to Your High Excellencies' esteemed letter under § 26 of the year 1786, to be found in the secret daily register under date of 14 October, a request has been made for it, yet only so far granted as to be allowed to have a house. In this there is not the slightest cause for concern regarding any fear of disadvantage, but on the contrary advantage, since it is certain to increase the influx of refugees to him, and also prevent others, upon a turn of affairs, from boasting that they are the authors of this favor; also thereby the still scattered peoples will not build any bentings or fortifications in the further distant mountains, and as they become accustomed to the dwelling place, they will no longer think of their lost place, which certainly would fall away under this arrangement proposed by me, just as, furthermore, if my consideration should be approved, that precaution could be taken not to rebuild that plot of land in the state as it was before, but that it be permitted, according to the custom of the country, to make a revetment of bamboos up to a certain fixed height. Borrowed. Year of 39 N
Dutch transcription
en nog 10. 0 rd=s sp=s van 's Comp: Genegendheid. ook een Rotting op zijn versoek afgegeven. nopens eene ontmoeting van presente vorst zal geschieden. Permissie verzogt om toe te staen wanneer de vorst een Huijs in Goal wilde maken. Op Thaene, Tanctte en bij afstand door de Maccas„ daer geen de minste nadeel opgesloote legt. Een somma van Rd=s 60 lp:s en boven dien nog 100 sp=s te zamen 200 spaens, zijnde dat heup geweer die som„ „ma waerdig geschat, en is in Comp: groote geld Cas daer voor geseponeert blijkens politicq raeds besluit van den 16 Maart E:L ik hoope dat Uw Hoog Edelheed=s dese mijne behandeling met goedkeuring zullen ge„ „lieven te verEeren, als eenlijk geschied zijnde om de Om de vorst blijken te geven vorst blijken van 's Comp: genegendheid te geven en te toonen hoe gaerne dezelve in alle voorvallen waer het mooglijk is de behulpzamen hand zoekt te bieden, ook heb ik aen ged=e vorst afgegeven op desselfs aenhoudend verzoek Een Rotting met een zilver knop waer op het Cijffer van de Comp: Staet, en daer om geschreeven in de Maccassaerse Tael voor de zendelingen van het Rijk van Goah — dog niet ten lasten van de Comp:, maer van mijn Eige beurs, ik vertrouwe dat het uw Hoog„ „ Edelheedens welgevallig zal zijn. § 24. Ik zal teffens niet in gebreeke blijven wanneer Aroe„ Mampoe en de presente Koning elkander gaerne zoude het voorslag van H: Hoogd: willen ontmoeten, de voorslag doen als bij § 13 van troe mampoe, en den Uw Hoog Edelh=s Missive voorgesteld is, het geen zeer geschikt kan geschieden, en zij beide daer door bij het gemeen hun vermeende Eer /: want Trotsheid is bij die Natie tog het ingeworteld quaed :/ behouden „ 25. Voor af dat ik dit hoofd deel sluite zoo neem ik de Vrijheid ootmoedig te verzoeken, dat zo wanneer de presente vorst verkiesing mogt maeken, om weder in het verdestruceert Goah te woonen, daer toe de no„ „dige permissie te mogen hebben, daer is bereeds in „ 26. Tanette, Thaeng, en Sandrabonij daer heerschen, geen disputen! dan des laetste Ko„ Sandrabonij is het wel „ning blijft nog al even ongesteld van hersenen; bij een gelukkige ommekeer der Maccassaerse zaeken, zal ik mij bevlijtigen om het daer heen de schulden van de laetste zal te derigeeren, dat de schulden navolgens Uw „saere werden overgenomen. Hoog Edelheedens g'Eerde schrijvens onder §26:' A=o 1786 te vinden in het secreet dag register sub da„ „to 14e October versoek om gedaen, dog in zo verre maer vergunt om een huijs te mogen hebben, hier in„ legt geen de minste zorg opgeslooten tot een be„ „dugting voor nadeel maer wel ter Contrarie voordeel, nadien het zeker zij de aenloop der uijt„ geweekene bij hem vermeerderen zal! ook dat voorkomen geen andere bij omme keer van zaeken daer op roemen, zij de uijtwerkers van dese gunst zijn, ook daer door de nog verspreede volkeren geen benting of vastigheeden maken zullen in het verdere afgelegene gebergtens, en zij als aen de woon, daer door gewent worden, niet meer denken zullen om hun verlooren plaets dat zekerlijk bij dese mij¬ „ne voorgeslagen schitking zoude vervallen, gelijk dan verders wanneer mijn Consideratie mogt wer„ „den goedgekeurt die voorzorg zoude kunne werden gebruijkt, dat plek grond zo als het geweest is, niet in die staet weder op te bouwen, maer toegelaeten werden na 'slands gewoonte een beschoeijing te maken van Bamboesen tot een zeeker gestelde hoogte. Geleend. A=o van 39 N