VOC English

Dutch East India Company records, translated and anchored to the scan.

Inventory 3976

Ceylon · 1,488 pages · 246 segments · open at the Nationaal Archief ↗

NL-HaNA_1.04.02_3976_0866 view scan ↗

English

To the same as above. In addition to the 1. bombardier, 2. matrosses and 4. invalids belonging to the ordinary garrisons of Kalpettij and Putelang, 2. gunners and 4. matrosses will also be sent from here, making together 11. heads, whereof the bombardier, 1. gunner and 6. matrosses are for Kalpettij, and 1 gunner and 2. matrosses for Putelang. Lieutenant Breard must therefore return with his entire detachment, consisting besides himself of 2. bombardiers, 5. gunners, 16. European matrosses and 1. corporal and 5. private Moors. The necessary carriages for Kalpettij will be sent from here; the 6. pounder cannons mentioned in your letter of 24. November last must therefore be sent back with their carriages. The 1. pounder cannons that were sent to Kalpettij during the troubles with the Kandians may remain there, but all the other artillery goods that were sent during this time and do not belong to the Kalpettij and Putelang establishment must be sent back to Colombo with the first sea opportunity. Therefore, the following must be sent back to Colombo with Lieutenant Breard: 1. All the sent cannon with their accessories, including the round shot and the cartridges. 2. All howitzers and the hand mortars or coehorns, likewise with their accessories and therefore also with the grenades and smoke balls sent for them. The gunpowder in stock there can remain for the present, and good care must be taken that it does not spoil. At Putelang, no more of it must be left than is strictly necessary; the rest must be brought to Kalpettij. The company of Captain de Mackena we have conferred upon Captain Brohier, and it will henceforth keep garrison at Jaffena. Your Honour: To the same as above. To the same as above. Your Honour must inform us, after having first obtained the advice of the chief at Manaar, Ebel, when the most convenient time will be to let this company march to Jaffena, whereupon we shall send Your Honour the necessary orders for that purpose. For the rest, we remain after greetings /:was written below:/ /:signed:/ As above /:in the margin:/ Colombo, the 8. December 1792 The ensigns Meuron d'Orbe and Graimond must come hither, and in exchange we shall send thither Ensign Merck to serve with the company of Captain Brohier; he has enjoyed here house rent and allowance until ultimo November and board money until ultimo of this month, but his pay he leaves with the Company. For the rest, we remain after greetings /:was written below:/ By order etc. /:signed:/ B: L: van Zitter sec: /:in the margin:/ Colombo, the 20. September 1792. The company of Captain Brohier Your Honour must send with the two Jaffna boats mentioned in your letter of the 19. of this month to Manaar, to remain there until our further orders. For the rest, we remain after greetings /:was written below:/ By order etc. /:signed:/ B: L: van Zitter sec: /:in the margin:/ Colombo, the 22. September 1792. /:Lower down:/ P: S. To the drummer Gerlag with the aforesaid company, besides his board money and rice, only half pay must be provided, as the other half of his pay is enjoyed here by his wife. Agrees Sijbrands Eirlink Nigombo To the same as above. To The Honourable Daniel Ditlof van Ranzow Under-merchant and Chief of Nigombo and Silau Honourable, Pious. The deserted soldier of the regiment of Wurtenburg, who according to your letter of yesterday was apprehended at Silau, must be sent hither under arrest. For the rest, we remain after greetings /:was written below:/ By order etc. /:signed:/ B: L: van Zitter sec: /:in the margin:/ Colombo, the 5. January 1792. Upon the proposal of the Colonel Commandant of the regiment of Wurtenberg, the gentleman Hugel, we have aggregated as Captain to the vacant company there of the late Captain Feldnagel, Captain-Lieutenant Hofman, who will cross over thither in the next few days to take over this company, and he may henceforth be provided with the pay of ƒ 100. per month, and the ordinary emoluments of a national Captain. Military department. We To the same as above To the same as above. For the rest, we remain after greetings /:was written below:/ By order etc. /:signed:/ B: L: van Zitter sec: /:in the margin:/ Colombo, the 13. January 1792. An arachchi, four lascars, and sixty Jaffna coolies are departing thither to serve, alongside 40. Moorish coolies who are likewise departing for Nigombo, for the transport of the company of the regiment of Wurttemberg; the Jaffna coolies from there as far as Manaar, as far as which the Moorish coolies must also carry if they cannot be relieved at Putulang. Your Honour must have them provided with the ordinary maintenance up to Putelang. Half the wages have been paid to the Jaffna coolies here, and the other half will be paid at Manaar. For the rest, we remain after greetings /:was written below:/ By order etc. /:signed:/ B: L: van Zitter sec: /:in the margin:/ Colombo, the 26. January 1792. The fifer Moetoe of the first company of sepoys of Captain Chaik Ismael has been changed to drummer and departs thither today, in order there

Dutch transcription

Aan als booken. Bij de 1. bombandier, 2. hand langers en 4. inwalides, gehorende tot de gewoone guarniscenen vann keel, „pettij en Putelang, zullen nog van hier gezonden worden 2. kannoniers en 4. kandlangers, uijtma„ „kende te zaemen 11: koppen waar vande bom„ bandiek 1. kannonier en 6. handlangers zijn voor kalpettij en t kannonier en 2. kandlangers voor Putelange. De Luijtenant Breand moet mids dien met zijn geheele detachement, te rug koomen, bestaande buijten hem in 2. bombandiers 5. kannoniers 16. handlangers Europesen en 1. korporaal en 5. gemeene Mooken, De nodige affugten voor kalpottij zullen van hier gezonden worden, de 6. ponden kanons vermeld bij uE: brief van den 24. November J: L: moeten mids dien met haare affuiten worden tekug gezon„ „den. De 1. ponden kannons die gedurende de strube„ „len met de kandiaanen na kalpettij gezonden zijn kunnen daar blijven, dog alle de overige artillerij goederen die geduurende deeze tijd ge„ „zonden 1086 463 zonden zijn, en niet gehooren tot de kalpetlijse en Putielangse huijshouding, moeten met de eerste zees gelegendheijd terug gezonden worden na Kolombo. Mids dien moet met de Lehit Breard na kolombo testug gezonden worden. 1. Al het gezondene kannon met derzelver toete„ „hocken, daar onder begreepen het rondscherpein de kandoesen. 2: Alle houwitzers en de hand mortiers of koe hoorns, insgelijks met derzelver toebehooren en mids dien ook met de daartoe gezondene ghana, „ ten vlugt ballen. Het buskruijt daak in voorraed, kan en voor eerst blijven, en moet daar voor goede Ionge gedra„ „gen worden dat het niet bederft. Te Putelang moet daer van niet meer gelaaten worden dan volstrekt nodig is de rest moet worden gebragt na kalpettij: De Compenie van den Capitain de Mackena, heb„ „ ben wij begeeven aanden Capitain Bachier, en ƒ „zal voortaan te Jaffena garnisoen hoeden. uE: Aan als vooren. Aan als vooren. UE: moet ons bedeelen nadaar over eerst te heb„ „ben ingenomen t advies van het opperhoofd te Mannaar Ebel wanneer het de bekwaamsletijd is, deze komp na Jastena te laaten makcheeken, we zullen als dan daer toe de nodige ordre aan UE: Zenden. 6. Wij blijven voor het overige nagroote /:onderstond/ /3 geteekend:/ Als vooren /:in margine:/ kolom bo den 8. December 1792 De vaandriegs Meuron t orbe en Graimond moeten herwaards koomen, en zullen wedaan en teegen den vaandrig Merck der waards zen„ den om bij de Comp:e van Capitain Brohier dienst te doen wij heeft alhier genooten huis huur en toe„ „ laag tot ult:o november en kostgeld tot ult:o de„ „zer dog zijne gagie laat hij bij de Comp: staan. Wij blijven voor het overige nagroete /:onderstond:/ Ter oodonw: Et: /:geteekend:/ B: L: van Zitter sec: /:in margiend:/ kolombo den 20. ' 7ber: 1792. — De Comp:e vanden Capitain Brohier moet uE. met de twee Jaffenasche boots, vermeld bij uven brief „ 1081 464 brief van den 19. dezer zonder naar Manaar omdaar te blijven tot onze nadere onser Wij blijven voor het overige nagrioete /:onderstond:/ Ter onderw: Ek: /:geteekend:/ B: L: van Zetter Tek: /:in margiene:/ Colombo den 22. 7ber: 1792. /:Lager:/ P: S. Aanden Tamboer Gerlag bij voorm: komp: moet behalven zijn kostgeld en rijst, maar halve gagie verstrekt worden al zo de weder, „helfte van zijne gagie alhier door zijne vrouw genooten word. Accordeert Sijbrands Eirlink 1090 1088 465 Nigombo Aan als vooren. Aan De E: Daniel Ditlof van Ranzow Tet koopman en opperhoofd van Nigombo en sildu Eerzaeme Vroome. De gedeserteerde Zoldaat van't regiment van Wurtenburg, die volgens uwen brief van gisteren te silau agterhaald is moet in arrest worden gezonden na herwaards. Wij blijven voor het overige nagroete /:onderstond/ Ter ordonn: Mc: /:geteekend:/ B: L: van Zitter sek: /:in margiene=:/ Kolombo den 5. Jannuarij 1792. Op de voordragt van den Colonel Commandant van 't re„ gement van Wurtenberg de heek Hugel, hebben we bij de aldaar beschijde vacante Comp: van wijlen den Capitain veldnagel, geagureëerd tot Capitain den Capitain luitenant Hofman, die eerst daags aldaar zal overkomen om deeze Compenie over teneemen, O en mag aan den zelven voortaan worden ver„ „strekt de gagie van ƒ 100. smaands, en de gewoone emolumenten van een nationaale Capitain. Militair depastement. Wij Aan als vooren Aan als vooren. wij blijven voor 't overige nagroete /:onderstond:/ Ter ordonn: E: /:geteekend:/ B: L: van Zitter sec:s /:in margiene:/ kolombo den 13. ' Jannuarij 1792. Een Auraatje vier laskorijns en sestig Jaffenasche koe„ „lies vertrekken na derwaarts om nevens nog 40. moorse koelies die insgelijks na Nigombo vertrekken te dienen tot transport van de komp: van het regiment van wurtemberg De Jaffenasche koelies van daar tot na Manaar hoe verre ook de moorse koelies dua„ „gen moeten zoo zo te Pitulang niet kunnen worden afgelost. uE: moet aan hun de ordinaire main„ ƒ „tementos tot na Putlang laaten verstrekken. Het halve loon is aan de Jaffenase koelies hier be„ „taald ende wederhelfte zal op Manaar betaald worden. wij blijven voor 't overige nagroete /:onderstond:/ Ter ordonn: lt. /:geteekend:/ B: L: van Ziller sec:r /: in mar„ „giene:/ kolombo den 26. Jannuarij 1792. - De fluiter Moetoe van de eerste Comp: sipahis van Capitain Chaik Jsmael, is gechangeerd tot tam„ „boek en vertrekt heden naderwaards, om aldaar

NL-HaNA_1.04.02_3976_0875 view scan ↗

English

1090 1089 466 To the same as before. To the same as before. there to perform service with his aforementioned Company. He has received wages here up to the end of February and rice up to the end of this month. For the rest, after greetings, we remain, underwritten: By order, etc., signed: B. L. van Zitter, Secretary, in the margin: Colombo, the 28th of March 1792. The Eastern Company of Captain Joerang Pattij, commanded by Lieutenant Fermer, departs today thither, to remain there until our further orders. The muster roll thereof is attached hereto, in which are also indicated their allowances received here, and the weapons they take with them. For the rest, after greetings, we remain, underwritten: By order, etc., signed: B. L. van Zitter, Secretary, in the margin: Colombo, the 14th of April, Anno 1792. Also departing thither by the overland route are the following soldiers of the Company of Captain van Struve, namely: Christoph Jedeken, Sergeant, earns 20 guilders. Titues Puppers, Corporal, earns 14 guilders. Johan George Sweitzer, Corporal, earns 14 guilders. Johan Pieter Knof, Soldier, earns 13 guilders. Johannes Kreete, Soldier, earns 9 guilders. Nicolaas Breuk, Soldier, earns 9 guilders. Antoon Losche, Soldier, earns 9 guilders. The first three take their full weapons with them, and the last five have received wages here up to the end of March, subsistence allowance up to the end, and rice up to the middle of this month. Furthermore, there proceed overland with full weapons thither the Eastern soldiers of the Company of Captain Joerang Pattij, named Sakabat, Doenjoen, and Raaga Mandura, who have received wages here up to the end of March, and rice up to the end of this month. To the soldiers Johan Francois Mattheijsen and Johan Barend Melchers, who have requested to reenlist for another three years at their earning wages, you may grant the customary bounty of five rixdollars each. We 1098 467 To the same as before. For the rest, after greetings, we remain, underwritten: Honorable, Pious, your good friends, was signed: W. J. van de Graaff, M. P. Raket, D. C. von Drieberg, B. L. van Zitter, A. Samlant, in the margin: Colombo, the 19th of April 1792. We have increased the wages of the soldier Johannes Dinger, assigned to the Company of Captain von Struve, to 13 guilders per month upon a new contract of five years, the deed of which is attached hereto; and you may grant him the fixed bounty of five rixdollars. You may also grant to the soldiers Matthijsen and Melchers, who are assigned to the same Company and have engaged to reenlist for another three years at their earning wages, the same bounty of five rixdollars each. For the rest, after greetings, we remain, underwritten and signed: As before, in the margin: Colombo, the 16th of May 1792. To To the same as before. To the same as before. To the same as before. Upon the received report that Sergeant Pielaart, assigned to the Company of Captain von Struve, is misbehaving, we order you to send him hither. For the rest, after greetings, we remain, underwritten: By order, etc., signed: B. L. van Zitter, Secretary, in the margin: Colombo, the 21st of July 1792. If the Company of Captain Mackena from Kalpitiya has already arrived there, or is yet to arrive, you must detain the same until our further orders. For the rest, after greetings, we remain, underwritten: By order, etc., signed: B. L. van Zitter, Secretary, in the margin: Colombo, the 26th of November 1792. If the Company of Captain De Mackena from Kalpitiya has already arrived there, or is yet to arrive, you must, instead of detaining them according to our order given by letter of yesterday, have the same march back to Kalpitiya. For the rest, after greetings, we remain, underwritten: By order, etc., signed: B. L. van Zitter, Secretary, in the margin: Colombo, the 27th of November 1792. Agrees. Eybrands Einlert 109 468 Chilaw To Lieutenant Philip Christiaan Frans, Commandant there. Valiant, Pious! It would have been sufficient if you, instead of having published the sannas regarding the delivery of the Kandyans and the smugglers of salt, had merely made known what was necessary to the headmen and guard posts. Also, in the future, without our special authorization, which you must request from us if it is deemed necessary, no public proclamations are to be made to the people there, except only in very urgent cases, and when time is too short to request and await our orders for it. The fields that the Kandyans have lying within the Company's territory, you must have handed over to the headmen of the villages where they lie, with orders to take care of them, to have them sown in due time, and the share of the owners Military Department. share To the same as before. of the owners to be delivered provisionally into the Company's warehouse at Chilaw. To the Company's subjects who have fields in Kandyan territory, you may, should they request it, grant a written permit to go thither for a few days, and then entrust their fields to someone, with a warning that they must return immediately under pain of being treated as deserters. For the rest, after greetings, we remain, underwritten: Valiant, Pious, Your Good Friends, was signed: W. J. van de Graaff, M. P. Raket, D. C. van Drieberg, A. Samlant, and J. A. Vollenhove, in the margin: Colombo, the 31st of January 1792. This is only to accompany the enclosed instruction; the small map mentioned therein will be sent later. For the rest, after greetings, we remain, underwritten and signed: As before, in the margin: Colombo, the 26th of March 1792. To

Dutch transcription

1090 1089 466 Aan als vooren. Aan als vooren. aldaar bij voorschreeve zijne Comp: dienst te doen Wij heeft alhier gagie tot ulto februarij en rijst, tot ulto dezer genooten. Wij blijven voor 't overige naguoete /:onderstond:/ Pek ordonn: Ett: /:geteekend:/ B: L: van Zitter sec=t /:in mar„ „giene. /. kolombo den 28. Maert 1792. —. De Oostersche Compenie van Capitain Joerang Pattij gecommandeerd door den Luitenant fermer ver„ „trekt heeden na derwaards, om daar te blijven tot onze nader order De naamlijst daar van gaat hiernevens waar bij ook aangeweezen worden haare genootene appoinctementen alhier, en de wapenen die ze meede neemt. wij blijven voor 't overige nagroete /:onderstond:/ Tek ordonn: ltk: /: geteekend:/ B: L: van Zitter sec: /: in „ marigiene.:/ kolombo den 14:e April A. o 1792. — Poek den landweg vertrekken naderwaards de volgende Militairen van de Comp: van den Capi„ ƒ „tain van struve namelijk. Christoph Jedeken Zergeant wint ƒ. 20. 6 Titues Puppers Corporaal wint ƒ 14. Johan George Sweitzer Corporcial wint ƒ 14. Johan n: n Johan Pieter Knof Zoldaat wint ƒ 13. Johannes kreete Zoldaat wint ƒ. . . - - 9 Nicolaas Breuk Zoldaat wint ƒ. - . 9. Antoon Losche Zoldaat wint ƒ - - - - 9. de drie eersten neemen hunne volle wapens meede ende vijf laatsten hebben alhier genooten gagie tot ult:o Maart, kostgeld tot ult:o en rijst # tot medio dezer. Nog gaan overland met volle wapens naar dek„ waards de Oostersche Zoldaaten van de Comp: van Capitain Joekang Pattij, met namen Saka, „bat Doenjoen en Raaga Mandura die al„ „hier gagie tot ult:o maar=t, en rijst tot ult=o dezer genooten hebben. Aan de Zoldaaten Johan francois Mattheijsen en Johan Barrend Melchers, die verzogt hebben met hunne winnende gagie nog drie Jaaren over te dienen, mag uE: laaten ver„ „strekken het gewoon douceur van vijf rijks„ „ daalders ider. Wij e 1098 467 Aan als vooren. wij blijven voor het overige nagnoete /:onderstond:/ Eerzaame Vroome! uuwE: goede Vrienden /: Was ge„ „teekend:/: W: J: van de guaaff M: P: Raket D: C: von Dnieberg, B: L: van Zitter, A: Samlant, /in margiene. / kolombo den 19. April 1792. Ws hebben den Zoldaat Johannes Dingek, be„ schijden bij de Comp: van Capitain von struve, in gagie verhoogd tot ƒ13: sm:s op een nieuw ver„ „band van vijf Jaaken, waar van de acte hier ne„ „vens gaat; en mag uE: aan hem laaten verstrek, „ken het bepaald douceur van vijf rijkld:s Ook mag uE: aan de zoldaaten Matthijsen en Mel„ chers, die bij de zelfde Comp: beschijden zijn, en zich g'engageerd hebben voor hunne winnende gagie nog drie Jaaren overte dienen, laaten verstrekken het zelfde douceur van vijf uyjks„ „ daalders idch. Wij blijven voor 't overige na groete /:onderstond:/ /:en geteekend:/ Als vooren /:in margiene:/ Colombo den 16. Maij 1792. —. Aan Aan als vooren. Aan als vooren Aan als vooren. Op 't ingekoomen Rapport dat de Zergeant Pielaart bescheijden bij de Comp: van Capitain von struve zich qualijk gedraagt, gelasten we uE: hem naar herwaards op te zenden. Wij blijven voor het overige nagroete /:onderstond:/ Tek ordonn: Etc: /:geteekend:/ B: L: van Zitter Tek: /:in margiend:/ kolombo den 21:' Julij 1793. —. Jndien de Comp: vanden kapitijn Mackena van kalpettij aldaar reets mogte zijn aangekoo„ „men, of nog aankomt, moet uE: dezelve tot onze nader onder aanhouden. Wij blijven voor het overige naquoete /:onderstond:/ Ter ordonn: Et: /:geteekend:/ B: L: van Zitter sec: /:in margiene:/ kolombo den 26. ' 9ber: 1792. Jndien de komp van den kapitein De Mackena van kalpettij aldaar reets mogte zijn aange„ „ komen of nog aankomt, moet uE: dezelve, in steede van aante houden volgens onze ordre gegeeven bij brief van gisteren doen terug mar„ cheeren naar kulpettij: Wij blijven voor het overige nagtwete /:onderstond:) Terordonm: Ekc /:geteekend:/ B: L: van Zittersch: /:in margiene/ kolombo den 27. ' 9ber: 1792 — Accordeert. Eijbrands Einlert 109 468 Silau Aan den Luijtenant Philip Christiaan Frans Kommandant aldaar. Manhafte Vroome! Wet was toerijkende geweest indien uE in steede van de sannas nopens het opbrengen van de kandiane en de sluijkers van zout te doen publiceeren alleen het noodige aan de hoofden en wagt posten hadden doen bekend maaken. Ook moeten in den aanstaande zonder onse speciaale qualificatie die uE als het nodig word geoordeeld van ons moet vraagen, geen publificatien aan het volk aldaar worden gedaan, daen alleen in zeer noodzake„ „lijke gevallen, en als de tijd te kort is om daar toe onse orders te vraagen en aftewagten. De velden die de kandianen in 'sComp:s gebied hebben leggen; moet uE: doen overgeeven aan de hoofden van de dorpen maar in zee leggen met order om daar voor te zorgen deselven ter zijner tijd te doen bezaaijen en het aan Militair departement. „deel Aan als vooren „deel van de eigenaars bij provisie in 'skomp„s pakhuijs te silauw te leveren. Aan 'sComp:s onderdanen, die velden in't kandiach gebied hebben, mag uE zoo zij daarom versoeken een schriftelijk verlof geeven, om voor eenige wij „nige dagen derwaards te gaan, en hunne velden dan iemand toe te vertrouwen met waarschouwing dat ze ten eersten moeten terug keeren subpiene van als overloopers behandeld teworden. wij blijven voor't overige nagroete /:onderstond:/ Manhafte vroome UE: Goede Vrienden /: was getee„ „kend:/ W: J: van de Graaff, M: P: Raket, D: C: van Drieberg, A: Samlant, en J: A: Vollenhove /:in „margiene:/ kolombo den 31. Janu: 1792. — Deze is alleen ten gelijde van de ingeslootene Jn„ struktie het kaartje daar bij vermeld zal wor„ „den nagezonden. Wij blijven voor het overige na groete /:onderstond: /:en geteekend:/ Als vooren /:in margiene:/ kolom „bo den 26. Maart 1792. —. Aan

NL-HaNA_1.04.02_3976_0883 view scan ↗

English

1092 464 To the same as before To the same as before. This serves only to accompany the small map mentioned in our letter of the 26th of this month. We remain otherwise after greetings, below stood, By order etc., signed, B: L: van Zitter, Secretary, in the margin, kolombo the 28th of March 1792. Report has been received from Battikaloa that the Dessave of Oewa intends to take salt by force in the Magampattoe, and yesterday report came from the Hapittigamkorle that the Dessave of the Seven Korles is preparing to take salt by force from Putulang. The lack of salt is everywhere very great in the King's lands, so that these reports may perhaps have some foundation. You must therefore, as you were already ordered yesterday evening by the Honorable Dessave of kolombo, send with all possible speed to Putulang the company of Easterners commanded by Ensign de Liele, whom you must order in writing that if in his march to Putelang he should meet any Kandyans, he must place them under arrest, or otherwise employ against them all such means as he shall find proper according to the circumstances of the time. The company must be provided with the necessary ammunition, and if the necessary coolies for its transport cannot be obtained otherwise, Moorish or other coolies may be hired for that purpose. Before the Company marches, Ensign de Liele must in your presence inspect the muskets and other weaponry, and if there are defective muskets or weaponry, they must be repaired. From Nigombo a company of sepoys shall immediately march to silau to be stationed there until further notice. We remain otherwise after greetings, below stood and signed, As before, in the margin, kolombo the 13th of April 1792, Lower, P: S: We have appointed the ensign in the company of Easterners mentioned above, named 1093. rb 470 To the same as before. named Jsmael of Batavia, as Lieutenant in the same company, and the sergeant in the same Company, Baddon of Lorbattang, as ensign. Ensign Abdulla of Batavia must come hither; if this company should already have departed before the receipt of this, you must communicate this promotion and the order to send Ensign Abdulla of Batavia hither to the chief of kalpettij and Putelang. The following Eastern soldiers of the Company of Captain Joerang Pattij have departed hither overland without weapons to join their Company, namely: Brahim of Cont: maduke Radja of the same octam of the same Wiera Loeta of the same Pa Nakio of the same They have received wages up to the end of September last, board money up to the end of this month, and rice up to the middle of this month. We remain otherwise after greetings, below stood and signed, As before, in the margin, kolombo the 20th of October 1792. To To the same as before If the company of Captain De Mackena of kalpettij has already arrived there or should yet arrive, you must cause it to march back to kalpettij. We remain otherwise after greetings, below stood, By order etc., signed, B: L: van Zitter, Secretary, in the margin, kolombo the 27th of November 1792. First clerk Agrees. Sijbrands 1004 574 192 upper Kaliture To Lieutenant Johan Theodosius Rudolph. Commandant There. Valiant, Pious. Yesterday the following Eastern invalids departed overland to your parts to remain stationed there, namely: Ensign Bapa Baroon of Batagoe and The soldiers sono of Batavia, Jakoe of Batagoe, and Papa Dombing of Boegies. They have received wages here up to the end of March last and rice up to the end of this month. We remain otherwise after greetings, below stood, Valiant, pious, your Good friends, was signed, W: J: van de Graaff, M: P: Raket, C: von Drieberg, B: L: van Zitter, in the margin, kolombo the 28th of April 1792. Military department Agrees Sijbrands clerk 1095 p Moeletivoe To The Honorable Thomas Nagel Captain Land-regent of the Wannie. Valiant, Pious We send you enclosed herewith a copy of an order dispatched on the first of this month to our dessave, in order that our issued orders against the transport of salt to the King's lands may be better complied with, with instructions to make as much use thereof in your area for the same purpose as you shall find necessary according to the condition of the country. Herewith you must take into consideration whether, for the greater certainty that no salt is exported to the King's lands, it would not be of considerable service to place a military guard wherever salt is manufactured in a certain quantity, and if so, this must be done immediately. In answer to this you must report to us at which places in your area salt is manufactured, what precautions against the transport thereof have already Military department. already been taken by you, and what measures you consider necessary to be put into effect in addition. We remain otherwise after greetings, below stood, Valiant, pious, your Good Friends, was signed, W: I: vande Graaff, M: P: Raket, J:s Drieberg, J: Reintous, B: L: van Zitter, A: Samlant, and J: A: vollenhove, in the margin, kolombo the 4th of January 1792. Agrees Eijbrands First clerk 10m

Dutch transcription

1092 464 Aan als vooren Aan als vooren. Deezen diend alleen ten geleide van het kaartje vermeld bij onzen brief van den 26. ' deezer. ƒ Wij blijven voor 't overige nagroete /:onderstond/ Ter ordonn: Ett: /:geteekend:/ B: L: van Zitter LeC: /:in margiene:/ kolombo den 28:' Maart 1792. _. van Battikaloa is berigt ontfangen dat de Dessave van Oewa, het voorneemen zoude hebben om met geweld zout te haalen inde Magampattoe, en gisteren is uit de Hapittigamkouz berigt, dat de „Dessave van de zeven korles zig zoude ge„ „reed maeken om met geweld zout van Putu„ lang te haalen Het zout gebrek is over al zeer groot in skonings landen, zoo dat deze berigten misschien eenigen grond hebben kunnen. UE: moet mids dien, zoo als uE: dat reeds giste„ „ren avond door den E: Dessave van kolombo is aangeschreeven, ten allerspoedigst na Pute„ „lang zenden, de komp: oosterlingen die ge„ „kommandeert word door de vaandrig de Liele, die uE: schriftelijke moet gelasten dat zoo zoo hij in zijn mursch na Putelang eenige kan„ „dianen mogte ontmoeten, hij dezelve moet nee„ „men in arrest, dan wel daer tegen te werk stel„ „len alle zodanige middelen als hij na tijds omstandigheeden zal bevinden te behooken. De komp: moet van de noodige ammonitie worden voorzien en zoo de noodige koelies tot derzel„ „ver transport niet anders te krijgen zijn, mogen daet toe moorse of andere koelies wor„ den ingehuurt. Voor dat de Comp: marcheert moet de vaandrig de Liele in uE: presentie de geweeken en verdere wapentuigen visiteeren, en zoo ik onbequaame geweeken of wapen, „tuigen zijn moeten die worden verhuld. Van Nigombo zal ten eersten na silau marcheeren om daar tot nadere onderguarnizoen te houden een komp: sipaijen. Wij blijven voor het overige nagroete /:onderstond:/ en ge„ „teekend:/ Als vooren /:in margiene:/ kolombo den 13. April 1792. /:Lager:/ P: S: We hebben den vaan„ „drig inde komp: oosterlingen hier boven gemeld gen:t: 1093. rb 470 Aan als vooren. gen:t Jsmael van Batavia aangesteld tot Luit bij de„ „zelve komp: en de sergeants in dezelve Comp: Baddon van Lorbattang, tot vaandrig -De vaandrig Abdulla van Batavia moet na herwaards koomen, zoo deze komt voor den ontfangst dezes reeds mogte vertrek„ „ken zijn moet uE deze promotie en de order om de vaandrig Abdulla van Batavia na herwaards te zenden aan het opperhoofd van kalpettij en Pu„ „telang bedeelen. Over den Landweg zijn zonder wapenen naderwaards vertrokken, de volgende Oostersche zoldaaten van de Comp:e van Capitain Joerang Pattij om bij hunne Comp: te geraaken namelijk. Brahim van Cont: maduke Radja „ 8 octam „ d=o Wiera Loeta „ 0_ Pa Nakio „ do zij hebben gagie genooten tot ult:o September J:os: kostgeld tot ult:o dezer, en rijst tot media dezer. Wij blijven voor het overige nagroete /:onderstond:/ /:engeteekend:/ Als vooren /:in margiene:/ kolom„ „bo den 20. October 1792—. Aan „ - Aan als vooren Jndien de kompe vanden Capitain De Mackena van kalpettij aldaar reets mogte zijn aangekomen. of nog aankomt, moet uE: dezelve doen terug marcheeren naar kalpettij. Wij blijven voor het overige nagroete /:onderstond:) Ten ordonw: Ek /:geteekend:/ B: L: van Zitter sec: /:in margiene:/ kolombo den 27. ' 9ber: 1792. —. Egpelerk Accordeert. Sijbrands 7 - 1004 574 192 oppe Kaliture Aan den luit. Johan Theodosius Rudolph. Kommandant Aldaar. Manhafte Vroome. Gisteren zijn overland naar derwaarts vertrokken de volgende oostersche in valides, om aldaar beschij„ „den te blijven, namelijk. De vaandrig Bapa Baroon van Batagoe en De zoldaaten sono van Batavia, Jakoe van Bata„ goe en Papa Dombing van Boegies zij hebben alhier gagie tot ult:o Maart J: L: en reijst tot ult:o de„ „zet genoten. Wij blijven voor't overige nagroete /:onderstond:/ Man„ hafte vroome uwE: Goede vrienden /:was getee„ „kend:/ W: J: van de Graaff, M: P: Ratet, C: von Drieberg, B: L: van Zitter /:in margiene:/ kolom„ „bo den 28:' April 1792. —. Militair depantement Accordeert Sijbrands eijnlerk 1095 p Moeletivoe Aan Den E: Thomas Nagel Kapitiin landregent vande Wannie. Manhafte Vroome We zouden uE: hier ingeslooten een kopij van een ondre„ den eersten deezer aan onzen dessave afgevaardigd, op dat te beeter worde voldaan aan onze gegeevene beveelen tegens het vervoeken van zout na 'konings landen, met last om ten zelven einde, ten uwent daar van zoo veel gebruik temaeken, als uE: naar 'slands gesteldheijd zullen bevinden noodig te weezen. Hier bij moeten uE: in overweeging neemen, op het tot meer„ „ der zeekerheid dat er geen zout na 's konings landen word uitgevoerd niet van merkelijke dienst zoude zijn, om over al waar zout in een zeekere hoeverlheid aan„ „gemaakt word te plaatsen een militaire wagt, en zoo ja, moet dit daadelijk geschieden. Jn antwoord deezes moeten uE: ons berichten of welke plaatsen ten uwert zout word aangemaakt, wat voor zorgen tegens den vervoek daar van Militair de partement. bereeds dereeds bij uE: zijn genoomen en welke maat regelen uE: noodig agter dat nog daar bij worden te werk gesteld. Wij blijven voor het overige nagroete /:onderstond:/ Man„ „hafte vrooms. uwE: Goede Vrienden /:was getee„ „kend:/ W: I: vande Graaff, M: P: Raket, J:s Driebeug J: Reintous, B: L: van Zitter, A: Samlant, en J: A: vollenhove /:in margiene:/ kolombo den 4. Jannuarij 1792. —. Accordeert Eijbrands Eklerk 10m

NL-HaNA_1.04.02_3976_0897 view scan ↗

English

1096 75 Military department ASiriaak To Lieutenant Jean Bablist Coint commander of the detachment there. Valiant, Pious! Departing thither by the overland route are one lieutenant, 2 sergeants, 2 corporals, and 43 common sepoys, with their full weapons. They will be escorted from Candy by a European non-commissioned officer, who must be sent back thither again. Of the aforementioned sepoys, you must retain the lieutenant and eight privates with you and add them to the company standing under your command; but the remaining 39 men you must send to Batikaloa under the supervision of a European non-commissioned officer. The muster roll of the aforementioned sepoys is attached hereto. They have received pay and rice here until the ultimate of this month, and will each receive at Mature a bundle of live cartridges, a flint, and a priming wire. For the rest, after greetings, we remain, underneath stood, Valiant, pious, your good friends, was signed, W: W: J: van de Graaff, M: P: Raket, B: L: van Pitter, A: Samlant, in the margin, Kolombo the 31st of May 1792. First Clerk examined Am. Schorer Sijbrands Agrees. Copy Incoming Letters from various Places Concerning the Military Department Of the Year 1792 No. 34. 1097 974 Kolombo To the Right Honorable Sir Willem Jacob van de Graaff Ordinary Councillor of the Dutch Indies Governor and Director of the Island of Ceilon and its dependencies, together with the Council Military Department Right Honorable High-Commanding Sir We hereby respectfully offer to Your Right Honorable a copy of our Resolution of the 24th of this month, containing the decision to write off in the Manaar trade books, subject to the approval of Your Right Honorable, the musket, the bayonet, and the cartridge pouch mentioned in the declaration inserted into the said Resolution. For the rest, we declare ourselves to be, with all sentiments of high esteem, underneath stood, Right Honorable, High-Commanding Sir, Your Right Honorable's humble and obedient servants, was signed, B: I: Raket, C: I: Schreuder, G: Frankena, P: I: van Tijlingen, I: B: Tijken, and I: V: Ebbenhorst, in the margin, Jaffanapatnam the 29th of December 1791. lower, P: S: Furthermore, we humbly offer to Your Right Honorable To the same as before To the same as before herein a Report of 9 pieces of French muskets that were dispatched on the 1st of this month for Kolombo, and three logbooks of the cruising thonies. Captain Weerman and Cadet Weerman express to Your Right Honorable their utmost gratitude for the leave granted to them to make a pleasure excursion thither. We hereby respectfully offer two unsealed letters addressed to the Honorable Colonel de Capellie. For the rest, we declare ourselves to be, with all sentiments of high esteem, underneath stood and signed, As before, in the margin, Jaffanapatnam the 5th of January 1792. We hereby respectfully offer to Your Right Honorable copies of two letters that we have received from Trinkonomale, together with the declaration cited therein, and most humbly report to the same that immediately upon the receipt thereof, we ordered the Honorable Dissave Schreuder, the Captain and Country Regent of the Wannij the Honorable Nagel, the Chief of Manaar the Honorable Ebell, and the Residents of Kaits and Punto Pedro, while transmitting copies thereof, to keep a very close watch on the coming and going vessels, and to inspect the goods they bring and take away. 1098 75 475 To the same as before To the same as before Furthermore, we most humbly report to Your Right Honorable that this morning the gold chest mentioned in Your Right Honorable's highly respected letter of the ... was brought here, and for the rest we remain with all respect, underneath stood and signed, As before, in the margin, Jaffanapatnam the 10th of January 1792, lower, P: S: we also add hereto a letter that we have received for Your Right Honorable per ketch-maramar from Nagapatnam. We have notified Captain Weerman that he and Captain Bellon, according to their request, have been permitted to exchange garrisons with each other, provided that each must go to his garrison at his own expense. He shall hand over his company to Lieutenant Luurs to be administered by him until the arrival of Captain Bellon, and shall depart thither on the 21st of this month. And we hereby offer to Your Right Honorable two original logbooks of the cruising thonies. We remain with all respect, underneath stood and signed, As before, in the margin, Jaffanapatnam the 17th of January 1792. We have caused to be disbursed from the treasury to Ensigns van Essen and Goederlee, who draw the pay of their former rank from the first of December last, the deficiency up to the pay

Dutch transcription

1096 75 Militair de partement ASiriaak Aan den Luitenant Jean Bablist Coint kommandant van het detachement aldaar. Manhafte Vroome! Over den landweg vertrekken na derwaards een luuitenant 2. Zergeants, 2. korporaals en 43. gemeene sepais, met hunne volle wapens. ze zullen van kounde worden begeleid door een Europeesche onder officier, die weder naderwaards moet worden terug gezonden. u Vande voorsz: sipais moet ruE: den luitenant en agt gemee„ „ne bij uE: aanhouden en voegen bij de Comp: staande onder uE: Commando; dog de overige 39. koppen moet uE onder 't opzigt van een Europeesch onder officier, 9 zenden naar Batikaloa. De naamlijst van voorm: sipais gaat hiernevens zij hebben hier gagie en rijst genooten tot ult=o dezer, en zullen te Mature ontvangen elk een bos scherpe pattroon, een vuursteen en een ruim- naald. ge¬ Wij blijven voor het overige na groete /:onderstond:/ Man„ „hafte vroome uwE: Goeder Vrienden /:was geteekend:) W: W: J: van de Graaff, M: P: Raket„ B: L: van Pitter, A: Samlant /:in margiene:/ Kolombo den 31. Maij 1792. EClerk nagezien Am. Schorer Sijbrands Accordeert. Copia Aankomende Brieven van diverse Plaatsen Over 't Militair De partement De Anno 1792 No. 34. 1097 974 Kolombo Aan den wel Edelen Groot Achtbaaren Heer Willem Jacob van de Graaff Raad ordinair van Nederlands India Gouverneur en Directeur des Eijlands Ceilon en dies onderhorigheeden Nevens den Raad Militaire Departement el Edele Groot Achtbaare Hoog Gebiedende Heer Wij bieden uwe wel Edele Groot Achtb: hier bij in eerbied aan kopin, onser Resolutie van den 24.: ' deezer inhoudende besluit om op approbatie van uwe wel Edele Groot Achtb: bij de Manaaase Negotie boeken telaten afschrijven het geweer de Pajonet en de pat„ troontas, vermelt bij de bij gemelde Resolutie g'insereerde ver„ „klaring. Wij betuigen overigens te zijn met alle gewelens van hoog achting /onderstont /uWel Edele Groot Achtb: Hoog Gebiedende Heer uwe wel Edele Groot Achtb: onderdanige en gehoorsaame Dienaaren /:was getekent:/ B: I: Raket, C: I: Schreuder, G: Frankena, P: I: van Tijlingen, I: B: Tijken, en I: V: Ebbenhorst /:in margine:/ Iaffanapatnam den 29 xber: 1791. /:lager:/ P: S: Nog bieden wij uwel Edele Groot Achtb: in Aan als vooren Aan als vooren in deezen nedrig aan Rapport van 9 p„s franse geweeren die op den 1. ' dezer afgepakt zijn voor Kolombo, en drie dag Registers van de kruisthonies. De kapitain weerman en de Kadet Weerman betuigen uwe ued Ed: Groot Achtb: huune deese verpligting voor het aan hun gegevene verlof tot het doen van een Springtogt naar derwaards. Wij bieden hier bij in eerbied aan twee brieven met openslippen ge„ rigt aan den E: Kollonel de Capellie. Wij betuigen overigens te sijn, met alle gevoelens van hoog achting /:onderstont en getekent:/ Als vooren /:in margine:/ Iaffana p„m den 5. Januarij 1792. Wij bieden uwe wel Ed: Groot Achtb: hier bij in Eerbied aan af„ schriften van twee brieven die wij van Trinkonomale hebben ontvangen benevens de daar bij geciteerde verklaaring, en melden hoogst deselve onderdanigst, dat wij ten eersten na den ontvangst van deselve den E: Dessave Schrender den Kapitain en Land Regent van de wannij den E: Nagel, het opperhoofd van Manaar den E: Ebell en de Residenten van Kaits en Punto Pedro, onder toesending van afschriften daar van hebben gelast om seer naauw telaten gade slaan op de gaande en Koo„ „mende bouden, en te visenteeren de goederen dedze meede neemen en brengen. 1098 75 475 Aan als vooren Aan als vooren Nog melden wij uwe wel Edele Groot Achtb: onderdanigst dat op heeden morgen de goudkist vermeld bij uwe wel Ed: Groot Achtb: hoog gerespecteerden brief van den. . . . . . . alhier aange„ „bragt is en blijven voor het overige met allen ontzag /: onder„ stont en getekent:/ Als vooren /:in margine:/ Iaffanap„m den 10 Ianuarij 1792 /:lager:/ P: S: wij woegen nog hier bij eenen brief dien wij voor uwe wel Ed: Groot Achtbaare per Gatjomarauw van Nagapatnam hebben ontvangen. Wij hebben aan den Capitain weerman gekundigt dat aan den zelve en den Capitain Bellon volgens hun versoek toegestaan is, om met elkander van guarnisoen teverwisselen, dog dat een elk na zijn guarnisoen moet gaan op Eigen kosten Dezelve zal zijne Compagnie aan den Luitenant Luurs over„ „geven om door heem teworden g'administreerd tot de komste van den kapitain Bellon en zal op den 21„e deser naderwaards vertrekken. En bieden uwel Edele Groot Achtb: hir bij aan, twee origineele dag Registers van de Kruisthonijs. Wij blijven met allen ontzag /: onderstont en getekent:/ Als vooren /:in margiene:/ Iaffanapatnam den 17 Ianuarij 1792. Wij hebben aan de vaandrigs van Essen en Goederlee, die de gagie genieten tot hunne vooriege kwaliteit van p„mo December Iongstleeden af, uit de kas laaten verstrekken het mancqueerende tot de gagie ge„

NL-HaNA_1.04.02_3976_0906 view scan ↗

English

salary of ƒ 40 a month, and that supplement will be reported to the Pay Office there. We very humbly urge Your Honorable Grand Noble Nobilities to provide us with such vessels as the Honorable Nagel specified in his letter, to be used for patrolling the beaches, for the Honorable Resident Ebell has sent the boat Ceilon No. 1 to Colombo, and we now have nothing more than the boat Ceilon No. 2 and the Kruitthoorn, which is currently cruising, while the boat Texel is totally unsuited for this. We also very humbly urge Your Honorable Grand Noble Nobilities to send us the four European sailors requested in our humble letter of 11 August last, along with another 8 European sailors, to place them on the above-mentioned boats and cruising vessels, and thus man them according to the advice of the said Honorable Nagel, as we have no suitable people here for the duty of quartermaster, and here is no more than a single European sailor. We granted the soldiers and Lascarins the pay mentioned in our letter of 27 and Resolution of 30 November of the past year, partly to encourage them to execute Your Honorable Grand Noble Nobilities' highly esteemed command, and partly because, being stationed inland and thus far from their homes, they needed it for their maintenance; however, according to Your Honorable Grand Noble Nobilities' order, pursuant to the advice of the said Honorable Nagel, the allowance for the postholders has been revoked, and that of the 1099 76 To the same as before From the same as before the Lascarins will be revoked as soon as soldiers are placed at the posts instead of them. We have authorized the Honorable Major Franckena to have 152 muskets with iron ramrods and 197 muskets with wooden ramrods repaired, and for that purpose to hire a stockmaker. We profess furthermore to be with all sentiments of high esteem. Was underneath and signed: As before. In the margin: Jaffanapatnam, 27 January 1792. Lower: P.S. We hereby offer Your Honorable Grand Noble Nobilities two original logbooks of the Kruitthoorn. We accept for our notification that the arrangement regarding the monthly withholding for the muster rolls, mentioned in Your Honorable Grand Noble Nobilities' resolution of 9 October of the past year, has been revoked and restored to the old footing; that the chiefs of the Ceylonese militia and artillery have been ordered to give the necessary instructions for this to the commanders here; and that the field allowances to the officers of the detached troops must, starting from the first of January, no longer be paid. We remain with all respect. Was underneath and signed: As before. In the margin: Jaffanapatnam, 2 February 1792. From the report of the Master Attendant Brochet, which respectfully accompanies this, appears the reason why the cruising boats Ceilon 7 salary of ƒ 40 a month, and that supplement will be reported to the Pay Office there. We very humbly urge Your Honorable Grand Noble Nobilities to provide us with such vessels as the Honorable Nagel specified in his letter, to be used for patrolling the beaches, for the Honorable Resident Ebell has sent the boat Ceilon No. 1 to Colombo, and we now have nothing more than the boat Ceilon No. 2 and the Kruitthoorn, which is currently cruising, while the boat Texel is totally unsuited for this. We also very humbly urge Your Honorable Grand Noble Nobilities to send us the four European sailors requested in our humble letter of 11 August last, along with another 8 European sailors, to place them on the above-mentioned boats and cruising vessels, and thus man them according to the advice of the said Honorable Nagel, as we have no suitable people here for the duty of quartermaster, and here is no more than a single European sailor. We granted the soldiers and Lascarins the pay mentioned in our letter of 27 and Resolution of 30 November of the past year, partly to encourage them to execute Your Honorable Grand Noble Nobilities' highly esteemed command, and partly because, being stationed inland and thus far from their homes, they needed it for their maintenance; however, according to Your Honorable Grand Noble Nobilities' order, pursuant to the advice of the said Honorable Nagel, the allowance for the postholders has been revoked, and that of the 1099 To the same as before To the same as before the Lascarins will be revoked as soon as soldiers are placed at the posts instead of them. We have authorized the Honorable Major Franckena to have 152 muskets with iron ramrods and 197 muskets with wooden ramrods repaired, and for that purpose to hire a stockmaker. We profess furthermore to be with all sentiments of high esteem. Was underneath and signed: As before. In the margin: Jaffanapatnam, 27 January 1792. Lower: P.S. We hereby offer Your Honorable Grand Noble Nobilities two original logbooks of the Kruitthoorn. We accept for our notification that the arrangement regarding the monthly withholding for the muster rolls, mentioned in Your Honorable Grand Noble Nobilities' resolution of 9 October of the past year, has been revoked and restored to the old footing; that the chiefs of the Ceylonese militia and artillery have been ordered to give the necessary instructions for this to the commanders here; and that the field allowances to the officers of the detached troops must, starting from the first of January, no longer be paid. We remain with all respect. Was underneath and signed: As before. In the margin: Jaffanapatnam, 2 February 1792. From the report of the Master Attendant Brochet, which respectfully accompanies this, appears the reason why the cruising boats Ceilon 176

Dutch transcription

gagte van ƒ 40 smaands en dat supplement zal aan het soldij Comptoir aldaar worden opgegeven Wij insteeren uwe wel Ed: Groot Achtb: seer oodmoedig om ons zulke vaartuigen als D' E Nagel bij desselfs brief opgegeven heeft te besorgen om telaten gebruiken tot het bekruisen der stranden, want de bood Ceilon N„o 1 heeft het E: op perhoofd Ebell na Kolombo gezonden en wij hebben nu niet meer dan de bood Ceilon n„o 2 en de kruitthoorij die thans krust, ter„ „wijl de bood Texel daar toe in het geheel niet geschikt is ook insteeren wij uwe wel Ed: Groot Achtb: Leeroodmoedig om ons de bij onse nedriege Letteren van den 11 augo pass„o ver„ „sogte vier Europeese Mattroosen benevens nog 8 Europeese Mattroosen toeteschikken om op bovengem: boodsen Kruis vaartuigen te plaatsen, en deselve alsoo te bemannen na het advijs van gem: E: Nagel wijl wij hier geene geschikte zuiden hebben tot den dienst van quartiermeester en hier met meer dan een Enckeld Europaese Mattroos is. Wij hebben aan de zoldaaten en Lascorijns de besolding vermeld bij onsen brief van den 27. ' en Resolutie van den 30:' 9ber anno pass„o toegevoegd eensdeels om hen aantemoedigen tot het uitvooren van uwer wel Edele Groot Achtb: hoog g'eerd bevel en anderen deels om dat ze in het land en dus ver van hunne wooning leggende 't nodig hadden tot hun onderhoudt dog volgens uwer wel Edele Groot Achtb: Last na het advijs van gem: E: Nagel is de toelaage van de Aosthouders ingetrokken, en zal die van de 1099 76 Aan als vooren Van als vooren de Lascorijns ingetrokken werden zoo dra op de Posten zol„ „daaten in steede van hen worden geplaatst Aan den E: Majoor Franckena hebben wij gequalificeerd om 152 geweeren met ijsere Laadstokken en 197 geweeren met houte Laadstokken telaaten repareeren en ten dien Einde een Lade„ „maker intehuuren. Wij betuigen overigens te sijn met alle gevoelens van hoog achting /:onderstont en getekent:/ Als vooren /:in margine:/ Paffa„ „napatnam den 27. Ianuarij 1792 /:lager:/ P: S: wij bieden uwel Ed: Groot Achtb: hier bij aan twee origineele dag Regis„ ters van de Kruisthouijs. Wij neemen tot ons narigt aan, dat de schikking nopens het maan„ „delijks inhouden voor de monsteringt stukken, vermeld bij uwer wel Ed: Groot: Achtb: resolutie van den 9: 8ber: Ao pass„o inge„ „trokken en het op den ouden voet gesteld is dat de chefs van de Cuilouse militie en Arthillerij gelast zijn om de noodiege orders daar toe tegeeven aan de Commandanten alhier, en dat de veld douceurs aan de officiers van de gedetacheerde trou„ „pes moeten van primo Ianuarij af, niet meer betaald worden. Wij blijven met allen ontzag /:onderstont en getekent:/ Als vooren /:in margine:/ Iaffanapatnam den 2. ' februarij 1792. Bij het deesen in eerbied verselende berigt van den Equipagie, „meester Brochet blykt de oorsaak waarom de kruisboolts Ceilon 7 gagie van ƒ 40 Smaands en dat supplement zal aan het S„ Comptoir aldaar worden opgegeven Wij insteeren uwe wel Ed: Groot Achtb: seer odmoedig om zulke vaartuigen als D' E Nagel bij desselfs brief opgegev heeft te besorgen om te laten gebruiken tot het bekruisen stranden, want de bood Ceilon N„o 1 heeft het E: op perc„ Ebell na Kolombo gezonden en wij hebben nu niet meer a de bood Ceilon n„o 2 en de Hruitthoorij die thans kruist, ter „wijl de bood Texel daar toe in het geheel niet geschikt is ook insteeren wij uwe wel Ed: Groot Achtb: Leer oodmoeo„ om ons de bij onse nedriege Letteren van den 11 augo pass„o „sogte vier Europeese Mattroosen benevens nog 8 Europee„ Mattroosen toeteschikken om op bovengem: boodsen Krui vaartuigen te plaatsen, en deselve alsoo te bemannen„ het advijs van gem: E: Nagel wijl wij hier geene geschikt„ zuiden hebben tot den dienst van quartiermeester en hee niet meer dan een Enkeld Europaese Mattroos is. Wij hebben aan de zoldaaten en Lascorijns de besolding vermeld onsen brief van den 27. ' en Resolutie van den 30:' 9ber am pass„o toegevoegd eensdeels om hen aantemoedigen tot het uitvor„ van uwer wel Edele Groot Achtb: hoog g'eerd bevel en andere deels om dat ze in het land en dus ver van hunne woonin leggende 't nodig hadden tot hun onderhoudt dog volgens ua wel Edele Groot Achtb: Last na het advijs van gem: E: Nag„ is de toelaage van de Aosthouders ingetrokken, en zal die va de 1099 Aan als vooren Aan als vooren de Lascorijns ingetrokken werden zoo dra op de Posten zol„ „daaten in steede van hen worden geplaatst Aan den E: Majoor Franckena hebben wij gequalificeerd om 152 geweeren met ijsere Laadstokken en 197 geweeren met houte Laadstokken lelaaten repareeren en ten dien Einde een Lade„ „maker intehuuren. Wij betuigen overigens te sijn met alle gevoelens van hoog adting /:onderstont en getekent:/ Als vooren /:in margine:/ Pappa„ „napatnam den 27. Ianuarij 1792 /:lager:/ P: S: wij bieden uwel Ed: Groot Achtb: heer bij aan twee origineele dag Regis„ ters van de Kruisthouijs. Wij neemen tot ons narigt aan, dat de schikking nopens het maan„ „delijks inhouden voor de monsterings stukken, vermeld bij uwer wel Ed: Groot. Achtb: resolutie van den 9: 8ber: A:o pass„o inge„ „trokken en het op den ouden voet gesteld is dat de cheps van de Cuilouse militie en Arthillerij gelast zijn om de noodiege orders daar toe tegeeven aan de Commandanten alhier, en dat de veld douceurs aan de officiers van de gedetacheerde trou„ „pes moeten van primo Ianuarij af, niet meer betaald worden. Wij blijven met allen ontzag /:onderstont en getekent:/ Ale vooren /:in margine:/ Iaffanapatnam den 2. ' februarij 1792. Bij het deesen in eer bied verselerde berigt van den Equipagie„ „meester Brochet blykt de oorsaak waarom de kruisboolts Ceilon 176

NL-HaNA_1.04.02_3976_0910 view scan ↗

English

To the same as before Ceilon No. 2 has not been sent to Moeletivoe sooner, and what the sloop Ceilon has performed during the past year. We hereby most humbly report to Your Right Honorable and Highly Esteemed Sirs: That the Military Captain Weerman and the Cadet Weerman departed from here by sea for that destination on 29 January last. That the Military Captain Lieutenant Brohier arrived here from Manaar on 28 January, very sick and weak, and That the remaining gunpowder in the past month of December amounted to 9744.¼ lb. We remain with all respect, below stood and signed: As before. In the margin: Jaffanapatnam, 2 February 1792. Lower: P.S. We also append hereto a letter for the Honorable Colonel de Capellie and an original daily register of the cruising thonij. The Captain and Land Regent of the Wannij, the Honorable Thomas Nagel, has written to the first undersigned of this letter and requested to commission Lieutenant von Meybrink, whenever he could find the leisure to do so, to inspect whether the patrolling of the shores is being properly executed. The first undersigned of this letter has also done so, and Lieutenant von Meybrink has departed with an Instruction drafted by the said Honorable Nagel, a copy of which accompanies this letter. According to the plan of the said Honorable Nagel, the first undersigned of this letter has had the boat Ceilon No. 2 manned with a corporal and 4 Sipaijs, and cruise between Katjetivoe and Delft. We append hereto three original Daily Registers of the Cruising Battels, and a letter with an open fly-leaf addressed to the Honorable Colonel De Capellie. We remain with all respect, below stood and signed: As before. In the margin: Jaffanapatnam, 13 February 1792. We hereby respectfully present to Your Right Honorable and Highly Esteemed Sirs an original journal of the cruising battel, and have the honor to be with all high esteem, below stood and signed: As before. In the margin: Jaffanapatnam, 16 February 1792. We respectfully inform Your Right Honorable and Highly Esteemed Sirs that the Lieutenant of the Chasseur Company Bartels, 2 sergeants, a surgeon, 3 corporals, and 15 privates of the Wurttemberg Regiment arrived here from Manaar on the 18th of this month on account of indisposition, for further departure to Trinkonemale; and that since no vessels could be obtained here to transport them thither, we have requested the officials at Trinkonomale to send us a boat promptly in order to dispatch the said Bartels and troops with their baggage thither. For the rest, we profess to be with all sentiments of high esteem, below stood and signed: As before. In the margin: Jaffanapatnam, 23 February 1792. To the same as before The two Wurttemberg Companies destined for Trinkonomale departed from Manaar through the Wannij for Trinkonomale, and by our humble letter of 23 February last we informed Your Right Honorable and Highly Esteemed Sirs that on account of indisposition only 2 sergeants, 1 surgeon, 3 corporals, and 15 privates had arrived here. We shall allow the company of Captain Weerman to continue on his account until further orders from Your Right Honorable and Highly Esteemed Sirs. The letter with an open fly-leaf addressed to the Council of Justice has been delivered. We hereby respectfully present to Your Right Honorable and Highly Esteemed Sirs an extract from a Trinkonomale letter dated 22 February of this year, together with copies of the extracts mentioned therein, humbly reporting that we have provided an extract and copies thereof to the Honorable Disawa Schreuder, Nagel, and Ebell to serve for their information. For the rest, we profess to be with all sentiments of high esteem, below stood and signed: As before. In the margin: Jaffanapatnam, 1 March 1792. Lower: P.S. We also append hereto two letters with open fly-leaves addressed to the Honorable Colonels von Drieberg and Capellij. After our humble letters of the 2nd and 23rd of February last were dispatched, there also arrived here from Manaar 1 sergeant and 12 privates of the Wurttemberg Regiment, making thus a total of 36 persons, of whom 27 persons departed for Trinkonomale on the 5th of this month by the boat the Santo Thomas, and 9 persons have remained here in the hospital on account of their sickly condition. We remain with all respect, below stood and signed: As before. In the margin: Jaffanapatnam, 8 March Anno 1792. We hereby respectfully present to Your Right Honorable and Highly Esteemed Sirs four original journals of the cruising vessels, and remain, for the rest, with all high esteem, below stood and signed: As before. In the margin: Jaffanapatnam, 15 March 1792. We shall observe the highly honored order of Your Right Honorable and Highly Esteemed Sirs, contained in your highly honored circular letter of 24 February last concerning the salary of the eastern subaltern officers who have been placed, or are yet to be placed, with the Invalids. And remain with all respect, below stood and signed: As before. In the margin: Jaffanapatnam, 5 April 1792. The boat Ceilon No. 2 has arrived here, and until the arrival of the boat that Your Right Honorable and Highly Esteemed Sirs intend to send us, we shall manage as well as possible with the vessels that are available here. We have ordered the Honorable Chief Ebell to inform us what has been done so far by the bombardier Roos on the repair of the fort at Manaar, and the reason why no more has been done on it, in order to [illegible] Lieutenant of Artillery Du Perron, who

Dutch transcription

Aan als vooren Ceilon N„o den 2 niet eerder na Moeletivoe gezonden zijn, en wat de sloop Cuilon verrigt heeft geduurende het gepasseerde Jaar Wij terigten uwe ed Ed: Groot Achtb: hier bij onderdanigst. Dat de Capitain militair weerman en de Craet Weerman op den 29 Ianuarij R:o van hier over zee na derwaards ver„ „trokken zijn. militair Dat de Capitain Lustonant Brohier op den 28 Ianuarij seer siek en suak van Manaar alhier g'arriveerd is, en Dat het restant buskruijt in de maand December passato heeft bestaan in 9744.¼ lb: Wij blijven met allen ontzag /:onderstont:/n getekent:/ Als vooren /:in margiene:/ Iaffanapatnam den 2 februarij 1792 /:lager:/ P: S: Wij voegen nog hier bij Eenen brief voor den E: Collonel de Capellie en een origineele dag Register van de Kruisthonij. De kapitain en Land Regent van de wannij D E Thomas Nagel heeft aan den eersten getekende deezes geschreeven en versogt om den Luitenant von Meijbrink wanneer deselve zig daar toe verleedigen konde te Committeeren tot het nagaan of de bekruising der stranden behoorlijk geschied. De Eerste getekende deses heeft het ook gedaan, en de Luitenant von Meijbrink is met een Instructie, die gemelte E: Nagel ontworpen heeft, en waar van afschrift desen verseld, ver„ trokken Na het plan van gemelte E: Nagel heeft de Eerste getekende deses de bood Ceilon N„o 2 laaten bemannen met een korporaal en N 1181 1100 97 Aan als vooren Aan als vooren en 4 Sipaijs, en tusschen katjetivoe en Delft Kruijsen. Wij voegen hier bij drie origineele Dag Registers van de Kruis Bat„ „tels, en Een brief met open slip gerigt aan den E: Colonel De Capellie. Wij blijven met allen ontzag /:ondrgestont:/en getekent:/ Als vooren /:in margine:/ Saffanapatnam den 13: ' februarij 1792. Wij bieden uwe wel Ed: Groot Achtb: hier bij in Eerbied aan een origineele Journaal van de Kruisbattel, en hebben d ' eer met alle hoog achting te zijn /:onderstont en getekent:/ Als vooren /:in margiene:/ Iaffanapatnam den 16. februarij 1742. Wij brengen uwe wel Ed: Groot Achtb: in Eerbied ter kennisse dat de Luitenant van de Comp: Iagers Bartels, 2 Zergeants, Een Chirurgijn, 3 korporaals en 15. gemeene van het Regiment wurtenberg, op den 18. ' deeser mits indispositie van Manaar alhier zijn aangekoomen ter verder vertrek na Trinkonemale, en dat wijl hier geene vaartuigen konden krijgen om deselve na derwaards te transporteeren wijl de bedienden te Trinko„ „nomale verzogt hebben om ons een bood spoedig te zenden om gem: Bartels en manschappen met hunne bagagie na derwaards teversenden. Wij betuigen overigens te zijn met alle gevoelens van hoog ach„ „ting /:onderstont en getekent:/ Als vooren /:in margiene:/ Iaffanapatnam den 23. ' februarij 1792. Aan Aan als vooren Aan als vooren De twee na Trinkonomale gedestineerde wirtenbergsche Comp: zijn van Manaar door de wannij naar Trinkonomale vertrok„ ken en wij hebben bij onse nedriege Letteren van den 23:' februarij A„ L: uwe wel Ed: Groot Achtb: bedeelt dat mits in dispositie hier maar aangekoomen waaren 2 Zergeants 1 Chirurgijn 3 korporaals en 1k gemeene. wij zullen de komp: van den Kapitain weerman voor zijne reekening laaten voortloopen tot nader order van uwe wel Edele Groot Achtb: De brief met openschip gerigt aan den Raad van Iustitie is besteld. Wij bieden uwe wel Ed: Groot Achtb: hier bij in Eerbied aan Extrate uijt eenen Trinkonomaalsen brief ged„t 22. ' februarij A:o benevens afschriften van de daar bij vermelde Extracten, onder nedriege melding dat wij er van Extrakt en afschriften be„ „sorgd hebben aan EE„s Dessave Schreuder, Nagel en Ebell om te dienen tot hun Hnarigt. Wij betuigen overigens te zijn met alle gevoelen, van hoog achting, /:onderstont en getekent:/ Als vooren /:in margiene:/ Iaffa„ napatnam den 1:' Maart 1792 /:lager :/ P: S: Nog voegen wij hier bij twee brieven met opene slippen gerigt aan d'E:s Collonels von Drieberg in Capellij. Na dat onze nedriege Letteren van den 2en 23 febr: ALeeden afge„ zonden waaren zijn van Manaar alhier nog aangekomen 1 ser„ „geant in2 gemeene van het regimont wurtenberg uijtmakende dus 1101 478 Aan als vooren Aan als vooren Aan als vooren tus tezaamen koppen 36, waar van op den 5. ' deser per de bood de S„o Thomas 27 koppen na Trinkonomale vertrokken en 9 koppen wegens siekelijken staat alhier in 't hospitaal gebleve zijn. Wij blijven met allen ontzag /:onderstont en getekent:/ Als vooren /:in margiene:/ Iaffanapatnam Den 8:' Maart Ao 1792. Wij bieden uwe wel Ed: Groot Achtb: hier bij in Eerbied aan, vier origineele Iournaals van de Kruis vaartuigen, en blijven, voor 't overiege met alle hoog achting /:onderstont en getekent:/ Als vooren /: in margiene:/ Iaffanapatnam den 15:' Mart 1792. Wij zullen observeeren ulwer wel Edele Groot Achtbaare hoog g'eerde order vervath bij hoogst derselver Hoog g. eerden Circulai„ ren brief van den 24:' februarij J„o Leeden betreffende het tractement van de oosterse subacterne officieren, die bij de Invalides zijn geplaatst of nog staan teworden geplaatst. En blijven met allen ontzag /:onderstont en getekent:/ Als vooren /:in margiene:/ Ia ffunapatnam den 5:' April 1792. De bood Ceilon N2 t is hier g:'arriveerd en wij zullen tot de komste van de bood, die uwe wel Edele Groot Achtb: ons toeschikken wil„ ons zo goed mogelijk behelpen met de vaartuigen die hier aan handen zijn. Wij hebben het E: opperhoofd Ebell gelast om ons te berigten wat door den bombardier Roos tot nog toe aan de Reparatie van het fort te Manaar gedaan en de reeden waar om 'er niet meer aan gedaan is om aan den luitenant van de Arthillerije Du Perron die

NL-HaNA_1.04.02_3976_0914 view scan ↗

English

to give notice to him who is currently in Manaar that your Right Honourable Worships have charged him with the execution of that work, and to have delivered to him a copy of the Instruction that your Right Honourable Worships granted to him for that purpose on the 5th of April past, a copy of which was sent to Manaar along with your Right Honourable Worships' highly honoured letter of that same date, as well as a copy of the Report of the survey of the defects that must be repaired. Furthermore, we have ordered the said chief, sending him a copy of the Extract from your Right Honourable Worships' Resolution of the 12th of April 1791, to provide to the said Du Perron monthly, as long as he is employed in that work, fifteen rds; and on the other hand to let the gratuity of fifty-five rds per month, which your Right Honourable Worships granted to him in his commission on the limits, cease as soon as this commission shall have been ended by him. Pursuant to your Right Honourable Worships' honoured order by letter of the 24th of February, we have provided to the Captain Lieutenant of the Artillery Brochet for wages 60 rds per month and had whatever amounts to more than his ordinary wages written off to the account of fortification, as well as caused the gratuity granted to him by your Right Honourable Worships' Resolution of the 25th of October 1790 to cease. We hereby respectfully present to your Right Honourable Worships: Copies of an account and a report submitted by the Captain and Land Regent of the Wannij, the Honourable Nagel, concerning the cruising of the beaches and the guard posts established for the counteraction of forbidden correspondents, with humble notification that we shall cause the contents thereof to be strictly fulfilled. The Taffenase map received from Kolombo. The required report regarding the fortification works here. Copy of our Resolution of the 22nd of March last, by which it was resolved, subject to the approval of your Right Honourable Worships, to authorize the Captain Lieutenant of the Artillery Brochet to purchase ten quires of small format paper at 18 stivers the quire for the service of the Company. We profess, for the rest, to be with all sentiments of high esteem, was undersigned and signed: As before. In margin: Jaffanapatnam, the 5th of April 1792. Since the demolition of the redoubt the Elephant, and the construction of a new warehouse for storing the Company's paddy, and a dwelling for the adigaar, will cause much expense to the Honourable Company and consume much time, we maintain, subject nonetheless to your Right Honourable Worships' wiser judgment, that the redoubt must not be demolished, and that the repairs that the Captain and Land Regent of the Wannij, the Honourable Nagel, specifies in his letter of the 3rd of this month, an extract of which accompanies this, must be carried out on it. We hereby respectfully present to your Right Honourable Worships an Extract from the Manaar Dispatch dated 30 March last containing a report of what was done by the bombardier Roos to the repairs of the fort there, and the reasons why more was not done to it, and the reports cited therein, with the humble notification that, on account of the raging fever, we have been unable to send any masons and stonecutters to Manaar, and that we shall send them as soon as the fever ceases. For the rest we have the honour to be with all sentiments of high esteem, was undersigned and signed: As before. In margin: Jaffanapatnam, the 6th of April 1792. We hereby present to your Right Honourable Worships two flying letters addressed to the Honourable Colonels von Drieberg and de Capellij, and remain for the rest, with all respect, was undersigned and signed: As before. In margin: Jaffanapatnam, the 12th of April 1792. Lower: P.S. We also respectfully append hereto a Copy of the Report of the bombardier at Manaar Albert Roos for the month of November last. We hereby present to your Right Honourable Worships four original journals of the cruising dhonies. Extract from the Manaar Dispatch of the 6th of this month along with the report of the bombardier Roos mentioned therein regarding what was carried out on the fortifications there in the month of March last, and we bring to the notice of the same that there have arrived here: on the 5th of this month Captain De Bellon, on the 17th of this month the First Lieutenant of the Artillery Emming, and on the 18th of this month, in order to depart for Trinkonomale, Lieutenant Jacob Meijer and Ensign Elke, and that transport thither will be granted to the latter two. We

Dutch transcription

die zig tans te Manaar bevind kennis te geven dat uwe wel Ed: Groot Achtb: de Executie van dat werk aan hem opgedragen, heeft, en hem te doen ter hand stellen een kopij van de Instructie die uwe wel Ed: Grot Achtb: daar toe den 5:' April pastato aan hem heeft verleend, en waar van een kopij na Manaar gesonden is nevens uwer wel Ed: Groot Achtb: hoog g'eerden brief van dien Zelfden datum, zomeede een kopij van het Rapport van den opneem der gebreeken welke moeten gerepareerd worden. Voorts hebben wij aan gem: opperhoofd onder toezending van een kopij van het Extrakt uit uwer wel Edele Groot Achtb: Resolutie van den 12. ' April 1791 gelast om aan gem: Du Perron maande„ „lijks zo lang hij bij dat werk g'emploijeerd word vijftien rd„s te verstrekken; en daar en teegen het Douceur van ad„s vijff en vijf„ tig rd„s smaands dat uwe wel Ed: Groot Achtb: hem toegelig heeft in zijn Commissie op de Limieten telaaten ophouden zo dra deese kommissie door hem zal zijn g:'andigt. Wij hebben aan den kapitain Luitenaat der Arthillerij Brochet volgens uwer wel Ed: Groot Achtb: geeere last bij brief van den 24.:' februarij voor gagie 60 rd„s Smaands verstrekken en het geen meerder bedraagd dan zijn gewoone gagie op reekening van fortifikatie afschrijven, laten, mitsgaders het bij uwe wel Edele Groot Achtb: Resolutie van den 25:' october 1790 aan hem toegelegde douceur doen Cesseeren. Wij bieden uwe wel Ed: Groot Achtb: hier bij in Eerbied aan: Afschriften van een berigt en een Rapport, die ingediend zijn door den kapitain en Land Regent van de wannij den E: Nagel, be„ „treffende het bekruisen der stranden en de gestelde wagt posten tot 1182. 479 79 Aan als vooren tot teegengang van de verboodene Correspondenten, onder hedriege melding dat wij aan den inhoud daar van sthipt zullen laaten voldoen. De van Kolombo ontvangene Taffenase kaart. Het gerequireerde berigt nopens de fortifikatie werken alhier Kopia onzer Resolutie van den 22:' Maart Jongstleeden, waar bij beslooten is om op approbatie van uwe wel Ed. Groot Achtb: den kapitain luitenant der Arthillerij Brochet te qualificeeren tot den inkoop van tien boeken klijn formaat papier teegens 18 stvers 't boek ten dienste van de Gonie. Wij betuigen overigens te sijn met alle gevoelens van hoog achting /onderstont en getekent:/ Als vooren /:in margine:/ Iaffa„ napatnam den 5. ' April 1792 Wijl het afbreeken van de veldschans den Eliphant, en het bouwen van een nieuwe Pakhuis tot het bergen van 'skomp„s nelij, en een woonhuis voor den adigaar, veele kosten aan dEComp: veroorzaa, in de „ken, en veel tijd na zig sleepen zullen zo sustineeren wij, met onderwerping nogtans aan uwer wel Ed: Groot Achtb: wijzer gevoelen :/ dat de veldschans niet moet afgebroken, en dat daar aan de reparatie, die de kapitain en land Regent van de wannij D'E Nagel opgeeft bij desselfs brief van den 3:' deezer waar van Extrakt deezen verzeld, moet gedaan werden. Wij bieden uwe wel Ed: Groot Achtb: hier bij in Eerbied aan, Eertrakt uijt de Manaarse Missieve ged„t 30 Maart J„o L: inhoudende be„ „rigt, wat door den bombardier Roos aan de reparatien van 't meer fort aldaar gedaan, en de reedenen waarom 'er niet aan gedaan is, en de rapporten die er bij worden geceleerd, onder nedrie ge bedeeling Aan als vooren Aan als vooren bedeeling dat wij wegens de gegaasseerd hebbende koors, geen Metze„ „laar en steenkappers na Manaar hebben kunnen zenden, en dat wij dezelve zenden zuellen zo dra de koors Cesseerd. voor 't overiege hebben wij de eere met alle gewoelens van hoogachting tezijn /:onderstont en getekent:/ Als vooren /:in margiene:/ Jaffa„ napatnam den 6:' April 1792. Wij bieden uwe wel Edele Groot Achtb: hier bij aan, Twee brieven met opene slippen, gerigt aan dE„s Collonels von Drieberg en de Capellij, en blijven voor 't overiege, met allen ontzag (: onder„ stont:/en getekent:/ Als vooren /:in margiene:/ Jaffanapat„ nam den 12 April 1792 /:lager:/ P: S: Nog voegen wij hier bij in Eerbied Kopia Rapport van den bombardier te Manaar Albert Roos van de maand november I„o Luden. Wij bieden uwel Edele Groot Achtb: hier bij aan vier origineele Iournaals van de Kruisthonijs. Extrakt uijt de Manaarse Missieve van den 6. deezer nevens het daar bij vermelde berigt van den bombardier Roos nopoen 't verrigte aan de vesting werken aldaar in de maand maart J„ L: en brengen hoogst dezelve ter kennisse dat alhier g' arri„ „veerd zijn op den 5. ' deezer de kapitain De Bellon op den 17. ' dezer d' eerste luijtenant van de Arthillerij Emming en op den 18:' deezer om na Trinkonomale te vertrekken de Luite„ vant Iacob Meijer en vaandrig Elke in dat aan de twee laatsten transport na derwaards zal verleent worden. Wij

NL-HaNA_1.04.02_3976_0917 view scan ↗

English

1103 988 To the same as before We furthermore declare to be with all sentiments of high esteem was signed As before in the margin Jaffanapatnam the 19 April 1792. We shall cause to be collected from the Lieutenant of the Artillery Andries Emming, who has arrived here to remain awaiting orders, the two hundred rixdollars that he owes to the military treasury there, together with the interest of 1/2 percent per month since the first of September in the year 1791, and if necessary have half his pay withheld, and when the entire debt with the interest accrued thereon shall have been received, have it credited thither, in order to be paid out to the aforesaid military treasury. To the Lieutenant of Infantry Doen we shall cause to be provided his house rent, board money, and rations from the day that he arrives here. We shall ensure that the Pay Note regarding the estate of the late Lieutenant De Lisle is complied with, have the boot Texel repaired, and that being done, sent to Moeletivoe, and halt the construction of two boats in the Wannij. The Captain of Infantry Jan Brohier very humbly requests Your Right Honourable Sirs to permit him to undertake the spring voyage to Battikaloa for the recovery of his health, and we respectfully submit that request to Your Right Honourable Sirs. We remain with all reverence was signed As before To the same as before To the same as before We hereby respectfully present to Your Right Honourable Sirs two unsealed letters addressed to the Honourable Colonels von Drieberg and De Capellij and an extract of the Manaar letter of the 4th of this month, together with the report mentioned therein regarding the work on the fortification there. We remain with deep reverence was signed As before in the margin Jaffanapatnam the 1 May 1792 lower: P.S. We enclose herewith two original journals of the cruising boats. We hereby respectfully present to Your Right Honourable Sirs a copy of the resolution of the 29th of this month, containing the decision to authorize, subject to the approval of Your Right Honourable Sirs, the master smith Matthees Kruse to purchase forty pieces of native drum skins at 24 stivers each from private individuals. Two original journals of the cruising tonis. An unsealed letter addressed to the Honourable Colonel De Capellij, containing the presentation of the request of the bombardier Harmanus van Mook to be allowed a favorable improvement in pay on account of the expiration of his contract; on which we have no remarks to make. We remain with all reverence was signed As before in the margin Jaffanapatnam the 31st May 1792. To the same as before Captain Brohier thanks Your Right Honourable Sirs very humbly for the permission granted to him to make a spring voyage to Battikaloa, and will depart from here thither within a few days on the vessel of the burgher Stein. 1104 1781 humbly for the permission granted to him to make a spring voyage to Battikaloa, and will depart from here thither within a few days on the vessel of the burgher Stein. We hereby respectfully present to Your Right Honourable Sirs an unsealed letter addressed to the Honourable Colonel von Drieberg containing the proposal for Daniel De Silva to be enlisted as a soldier in the Company's service, the sepoy ensign to become lieutenant, sergeant to ensign, 4 corporals to sergeants, and 6 privates to corporals in the company of Captain Mahometchan, on which we have no remarks to make. We remain with all reverence was signed As before in the margin Jaffanapatnam the 7 June 1792. We have caused to be executed the proposals made by the Captain and Land Regent of the Wannij, the Honourable Nagel, concerning the cruising and guarding of the beaches, as stated in the report which, together with our letter of 5 April last, was sent to Your Right Honourable Sirs, and ordered Captain-Lieutenant of the Artillery Broehet to send to Captain-Lieutenant Foenander on the 1st of each month a detailed report indicating: 1. The number of craftsmen and laborers who worked on the fortifications and buildings in the preceding month. 2. How many materials were received, consumed, and still remaining. 3. What was accomplished in the preceding month, and what would be done in the following To the same as before month, and now to send a general report in compliance with the aforesaid three articles, so far as concerns the already elapsed months of this financial year, or from the 1st of December 1791 onwards, and for the future to comply strictly with the orders contained in the extract from the resolution of 21 October 1790, of which he has received a copy. The Captain and Land Regent of the Wannij, the Honourable Nagel, requests, as appears from the accompanying extract from his letter of 30 June, to appoint Sergeant Johan Christoffel Sprik as ensign in the militia with the usual salary of a native ensign in place of the commanding sergeant Gerraad Ongelking van Bijleveld, who died on 1 June, and we respectfully submit that request to Your Right Honourable Sirs. We hereby humbly present to Your Right Honourable Sirs a copy of the report from Bombardier Roos regarding the work done on the fortification works at Manaar in the month of May last. Three unsealed letters, namely one addressed to the Honourable Colonel von Drieberg, containing the presentation of the request of 15 men to obtain their discharge to Europe, and for 2 men to be transferred to the Colombo garrison, on which we have no remarks to make, and two to the Honourable Colonel De Capellie.

Dutch transcription

1103 988 Aan als vooren Wij betuigen overigens te zijn met alle gewvelens van hoog achting /:onderstont en getekent:/ Als vooren /:in margiene:/ Jassa„ napatnam den 19 April 1792. Wij zullen van den alhier om bescheiden te blijven aan gekoomen Lunte„ „nant der Arthillerij Andries Emming doen invorderen de twee honderd rd„s die hij schuldig is aan de krijgskas aldaar, benevens den intrest van —½ percento smaruds zeedert primo September Anno 1791 en des noods zijne halve gagie laaten inhouden, en als de geheele schuld met dien daar op verlopenen intrest zul ingekoomen zijn, derwaards laaten ten goede brengen, om aande voorsz: krijgskas teworden uijtgekeerd. Aan den luitenant van de Infanterij Doen zullen wij laaten ver„ „strekken zijn huijshur kostgeld, en Randsoen van den dag af, dat hij hier aankomt Wij zullen zorgen dat voldaan word aan de Zoldij Notitie spreekende van de Nalatenschappen van wijlen den leutenant De Lible, De bovd tezel laaten repareeren, en dat gedaan zynde na Moele, „tivoe Lenden, en het aanbouwen van twee boods in de wannij laaten staaken De Kapitain van de infanterij Aan Brshier versoekt uwe wel Edele groot Actb: zeer oodmoedig om denselven te permitteeren tot het doen van den springtogt ma Battikalon ter herstellinng van zijn gesondheid, en wij draagen dat versoek uwe wel Ed: Groot Actb: in Eerbied voor. Wij blijven met allen ontset /:onderstont en getekent:/ Als vooren ffa¬ Aan als vooren Aan als vooren Wij bieden uwe wel Ed: Grot Achtb: hir bij in Crbied aan twee brieven met opene slippen gerigt aan d'E„s Collonels von Drie„ „berg en de Capellij en Extrakt Manaarse Missieve van den 4:' deezer nevons het daar bij vermelde berigt, nopens het werk der fortifikatie aldaar. Wij blijven met diepontsacl /:onderstonten getekent:/ Als vooren /:in margiene:/ Iaffanapatnam den 1 Maij 1792 /:lager:/ P: S: wij voegen hier bij twee origineele Iournaals van de kruisboods. Wij bieden uwe wel Edele Groot Achtb: hier bij in Eerbied aan kopia Resolutie van den 29. ' dezer inhoudende besluit om op approbatie van uwe wel Ed: Groot Achtb: den baassmith Mat„ „thees kruse te qualificeeren, tot den inkoop van veertig p„s Inlands tromvellen teegens 24 stvrs ieder van Particuliere. Twee origineele Iournaals van de Kruis tronijs Een brief met openslip gerigt aan den E: Colonel de Capellij, hou„ „dende voordragt van het verzoek van den bombardier Har„ „manus van Mook om mits tijds Expiratie Eene gunstige verbetering in gagie temoogen hebben; waar op wij niets aante„ „merken hebben: Wij blijven met allen otzag /: onderstont en getekent:/ Aes vooren /:in margine:/ Iaffanapatnam den 31:' Maij 1792. Aan als vooren De kapitain Brohier bedankt uw wel Ed: Groot Acheb: Zeer vooren /:in margine:/ affanapatnauir den 3:' Maij A:o 1792. ootmoedig 1104 1781 ootmoedig voor het aan den zelven gegeven verlof tot het doen van een Springtogt naar Battikalen en zal binnen eenige daa„ gen met het vaartuig van den burger Stein van hier na derwaards vertrekken. Wij bieden uwe wel Ed: Groot Achtb: hier bij in Eerbied an een brief met openslip gerigt aan den E: Colonel von Drieberg houdende voor„ „dragt van Daniel De Lilva als zoldaat in 's Comp„s dieust aan„ genoomen den Chipaijsen vaandrig tot Luitenant Zergeant tot vaandrig 4 Corporaals tot Zergeanten en 6 gemeene tot Corpo„ „raals bij de Comp: van den kapitain Mahometchan tewerden, waar op wij niets aantemerken hebben. Wij blijven met allen ontzag /:onderstonten getekent:/ Als vooren /:in margine:/ Iaffanapatnam den 7 Iunij 1792. Wij hebben executeeren laaten de voorstellen, door den kapi„ tain en land regent van de wannij den E: Nagel betrekke„ „lijk tot 't bekruisen en bewaaken der stranden gedaan bij 't Gerigt het welk nevens onzen brief van den 5 April J„o L: aan uwe welEd: Groot Achtb: is toegezonden, en den kapit luitenant der Arthillerij Broehet gelast om op den 1 van elke maand aan den kapitain luitenant Foenander te zenden een gedetailleerd rapport aanwijzende 'T getal der ambagtslieden en arbeiders die in de voorige maand aan de fortifikatie en gebouwen gewerkt hebben 2) Hoe veel materiaalen ontvangen, en verbruikt en nog per restant zijn. J wat in de vooriege maand verrigt is, en wat in de volgende Aan als vooren maand maand gedaan zoude worden, en nu te zenden een generaal rapport in voldoening aande voorsz: drie art„s, voor zo verre betreft, de reeds vorloopene maanden van dit boekjaar of van p„mo xber: 1791 af en voorden den aanstaande stip„ „telijk te voldoen aan de dader vervat bij exetrakt uit de resolutie van den 21 8ber: 1790, waar van dezelve een afschrift heeft gekreegen. De kapitain en land regent vande wannij dE Nagel verzoekt blijkens 't deezen verzellende Extrakt uit deszelfs brief van den 30 Junij, om den Zergeant Johan Christoffel sprik als vaandrig bij de schutters met 't gewoone tractement van een inlands vaandrig in Heede van den op den 1 Iunij overledene Commandeerende Zergeant Gerraad Ongelking van bijleveld aantestellen, en wij draegen dat verzoek uwelEd Groot Achtb: in eerbeed voor Wij bieden uwe welEd: Groot Achtb: hier bij in ootmoed aan, kopia berigt van den bombardier Roos, nopens 't ver rigte aan de fortifittatie werken te Manaar in de maand maij J„o L: Drie brieven met opene slippen als een gerigt aan den E: kolo„ „nel von Drieberg, inhoudende voordragt van 't verzoek van 15 koppen om hunne verlossing na Europateniooge„ erlangen, en voor 2 koppen onr in 't Holombose guar„ insden verplaatst te werden, waar op wij niets aante„ „merken hebben, en twee aan den E: Colonel De Capel„ „lie

NL-HaNA_1.04.02_3976_0921 view scan ↗

English

148 1105 86 982 To the same as before and a letter from the Captain Lieutenant of the Artillery Brobhet addressed to Captain Lieutenant Foenander We remain with all respect subscribed and signed As before in the margin Jaffanapatnam the 5th of July 1792. We respectfully inform Your Right Honorable Greatness herewith that Ensign Johan Gustavus Kegel passed away here on the 21st of this month, and we present to the same an unsealed letter addressed to the Honorable Colonel von Drieberg with the humble statement that we have no remarks to make on the proposals mentioned therein. We declare moreover to be with all sentiments of high esteem subscribed and signed As before in the margin Jaffanapatnam the 26th of July 1792. We have authorized Master Smith Kruse to purchase 40 pieces of native trowels at 24 stuivers each, and granted Sergeant and Drillmaster at Manaar Dirk van Goldestein leave to make a trip this way. The Honorable Major Franckena has been informed by extract under Your Right Honorable Greatness's highly esteemed letter of 13 July of the past year that the Topas Daniel de Zilva has been taken into service as a soldier by Your Right Honorable Greatness and that in the Company of Sepoys of Captain Mahometchan have been promoted To the same as before to to Sergeants the Corporals Selemankan of Windenoer, Abatkerre of Maskat and Pier Manut of Porkat, and to Corporals the Privates Seyte Saip of Kalekat, Seg Babo of Kolombo, Wingaden Pattoe of Nelloer, and Deweraiya of Nagapatnam and that the warrants of all these persons have been delivered to the head of the Ceylon Militia. The letter from Captain Lieutenant Foenander addressed to Captain Lieutenant Brochet has been delivered. Your Right Honorable Greatness will, if it pleases, be able to see from the extract of the letter from Lieutenant von Meybrink accompanying this that during the southwest monsoon no native vessels can cruise between Iepeklarie, Two Brothers and Jaffna, and from the extract of the letter from the Captain and Land Regent of the Wanni, the Honorable Nagel, also accompanying this, that the same also agrees that such cannot take place, and that the same has made a proposal regarding the guarding of the west beaches, that is at Ilpekarwe, Potweraiyen and Pooneryn. The first undersigned of this immediately ordered Lieutenant von Meybrink to send hither the two donies that have thus far been used for guarding the beaches on that side, and promised to provide the [illegible] as soon as the boats should be repaired and sent to Mullaitivu, and 43 1106 983 To the same as before ordered the Honorable Dessave Schreuder to carry out the arrangement proposed by the Honorable Nagel at the earliest opportunity, to have a suitable person make a journey along the beach, and show the posts to the soldiers and lascorins, and to provide the lascorins with 20 rixdollars and 20 parras of rice monthly. We respectfully present herewith to Your Right Honorable Greatness a copy of our Resolution of the 1st of this month, containing the decision to permit the Honorable Major Franckena, subject to approval from Your Right Honorable Greatness, to purchase 22 quires of large size paper at 26 stuivers per quire, 30½ quires of small size paper at 18 stuivers per quire, 4½ bundles of quill pens at 42 stuivers per bundle, 1½ lbs of red sealing wax at 5 rixdollars per lb, and 3 pieces of penknives at 30 stuivers each, and a copy of the report from Bombardier Albert Roos concerning the work carried out on the fortification works at Manaar in the past month of June. We declare moreover to be with all sentiments of high esteem, subscribed and signed As before in the margin Jaffanapatnam the 2nd of August 1792. We humbly present herewith to Your Right Honorable Greatness copies of our Resolutions of the 11th and 23rd of this month containing decisions to authorize, subject to approval from Your Right Honorable Greatness, the Honorable Administrator Williamsz to have the boat Kantoor No. d and the Manaar dony repaired; three unsealed letters addressed addressed to the Gentlemen Colonels von Drieberg and De Capellie, and Captain Lieutenant Foenander, and remain with all respect subscribed and signed As before in the margin Jaffanapatnam the 23rd of August 1792. Because the Captain and Land Regent of the Wanni, the Honorable Nagel, does not wish to take onto his account the salary of the native Ensign Johan Christoffel Sprik appointed by Your Right Honorable Greatness, we are returning his commission, and the said Honorable Nagel has, according to his letter of 23 August of the past month, of which an extract accompanies this, provisionally and until further orders from Your Right Honorable Greatness, had the said Sprik serve as Commanding Sergeant at 7 rixdollars and one parra of rice monthly. We shall have the soldier Johannes Eberhard serve in the garrison upon arrival here. Because Captain De Bellon, stationed here with the Company of Captain Weerman, has thus far received no rations and emoluments, and since he has urgently requested us to be allowed to have them, we request Your Right Honorable Greatness to authorize us to have rations and emoluments provided to him. We very humbly request Your Right Honorable Greatness to order compliance with the attached statement from Major O. E. Franckena of the required uniform pieces for the benefit of this garrison and the subordinate outposts. We respectfully inform Your Right Honorable Greatness herewith that To the same as before the

Dutch transcription

148 1105 86 982 Aan als vooren lie en Een brief van den kapitain lutenant, der Arthil„ lerie Brobhet gerigt aan den kapitain luiten: Foenander Wij blijven met allen ontzag /:onderstont en getek:/ Als vooren /:in margiene/ Iaffanap„m den 5 Iulij 1792.— Wij bedeelen uwewelEd: Groot Achtb: hier bij in eerbied dat op den 21 deser alhier overleeden is de vaandrig Iohan„ Gustavus Kegel, en bieden hoogst deselve aen een brief met openslip gerigt aan den E: Kolonel von Drieberg onder nedriege betuiging dat wij op voordragten daar bij vermeld niets aan temerken hebben. Wij betuigen overigens te sijn met alle gevoelens van hoog achting /:onderstont en getekent:/ Als vooren /: in margiene:/ Jaffanap„m den 26 Iulij 1792. wij hebben den baas Smith kruse gequalificeerd tot den inkoop van 40 p„s inlandse trouwellen teegens 24 stvers ieder, en aan den Zergeant en drilmeester te Manaar Dirk van Goldestein verlof gegeeven tot het doen een Springtogt naderwaards. Aan den E: Majoor Franckena is bij extrakt in't onder weled: Groot Achtb: hoog g:'eerden b dief van den 13 Iulij A„o L: bedeeld, dat door uwe welEd: Groot Achtb: in dienst aangenoomen is als z oldaat den toepas Daniel de Zilva en bij de komp„e Sipahis van den kapitain Mahometchan, bevordert zijn Aan als vooren tot tot Zergeanten de korporaals Selemankan van win„ denoer, Abatkerre van Maskat en Pier Manut van Porkat, en tot korp„le de gemeenen seijte Saip van Kalekat, seg Babo van kolombo wingaden Pattoe van Nelloer, en Deweraija van Nagap„m en dat de acten van alle dese persoonen aan hhoofd van de Ceilonse Militie afgeegeven zijn. De brief van den kapitain luitenant toenander aan den kapitain luitenant prochet gerigt es besteld uwe wel Ed: Groot Achtb: zal des behagende kunnen zien bij het Extrakt uit den brief van den luitenant voor Mijbrink dat deesen verseld, dat geduurende de Z: w: mousson geene inlandse vaartuigen kunnen kruisen tusschen Jepeklarie, Twee gebroeders en Jaffena en bij het Extrakt uit den brief van den kapitain en lernd„ „regent van de wannij den E: Nagel, dat meede deesen ver„ „seld, dat deselve ook toe staat, dat zulks niet geschieden kan, en dat deselve een voorstel gedaan heeft omtrend het bewaeken der w„t stranden dat is te Slpekarwe Potweraijen k: gn Ponnorijn. De Eerste getekende deeses heeft ommiddelijk den tuite„ „nant von Meijbrink gelast, om de twee tonijs, die dus lange tot het bewaeken der stranden aan die kant gebruikt zijn, herwaards tesenden, en beloofd de kaus thoon tesullen besorgen zo dra de boodes zoude gerepareerd, en na Moelletivoe gesonden zijn, en den 43 1106 983 Aan als vooren E: dessave Serrender bevoolen, om de door den E: Nagel voorgestelde schikking ten eersten temaeken, te laeten door een geschikt persoon een togt langs de strand doen, en de posten wijsen aen de zoldaaten en lascorijns, en aan de las C„ smaands te verstrekken 20 rd„s en 20 Pard„s rijst. Wij bieden uweweled: Groot Achtb: hier bij mn eerbied aan kopia onzer Resolutie van den 1: deser, inhoudende besluit om op approbatie van uwe welEd: Geroot Achtb: den E: Majoor Franckena toetestaan den vntkoop van 22 boeken groot formaat Papier tegens 26 st„s het boek 30½ boeken klein formaat Papier teegens 18 stvers het boek 4½ bossen penneschagten teegens 42 stvr het bosch 1½ lb: rood Zegul lak tegens 5 rd„s 't lb: en 3 p„s penne„ „messen teegens 30 sters ieder, en Kopia berigt van den bombardier Albert Roos, nopens het verrigte aan de fortifikatie werken te Manaar in de maand Iunij J„o Leeden. Wij betuigen overigens te sijn met alle gevoelens, van hoog achting. /onderstont en getekent:/ Ais voore /:in mar giene:/ Jaffanap„m den 2 aug:s 1742 Wij bieden uweledele Groot Achtb: hier bij nedrig aan kopij„ „en onzer Resolutie van den 11 en 23. ' deeser houdende besluiten om op approbatie van uwelEd: Groot achtb: den E: administrateur williamsz: te qualificeeren tot het repareeren laaten van de bood Canloor N„o d en de Manaarse Ionij Drie brieven med opene slipper gerigt gerigt aan dh„r Colonels von Drieberg en de Capellie, en den kapitain luitenant poenander, en blijven met allen ontzach (:onderstont en getekent:/ Als vooren /:in margiene:/ Caffanap„m den 23 aug:s 1792 Wijl de kapitain en land regent vande wannij den E: Nagel voor desselfs reekening niet neemen wil het tracte„ „ment van den door uwe woele d: Groot Achtb: aangesteln in„ „lands vaandrig Iohan Christoffel Aprik, zo zenden wij desselfs akte terug en gem: E: Nagel: heeft volgens des secp schrijven van den 23 aug„s P„o L:s, waar van Extrakt deezen verzeld voor eerst en tot nader order van uwe weled: Groot Achtb: gem: sprik laaten dienst doen als Comman„ „derende Zergeant met 7 rd„s en een parra rijst Sm„t Wij zullen den Zoldaat Iohannes Eberturd bij arive alhier in 't guarnisoen laaten dienst doen. Om dat de Comp„e van den Capitain weerman alhier geplaatste kapitain De Bellon geen randsoen en emolumenten dus lange gekreegen, en dewijl dezelve ons kragtig ver„ „zogt heeft, om 't temoogen hebben, zo verzoekken wij uwen eled Groot Achtb: om ons te qualificeeren tot 't laaten ver„ „strekken van randsoen en emolumenten aan den zelven Wij verzoeken uwe welEd: Groot Achtb: Leer ootmoedig om telaaten voldoen aan de heer bij gevoegde opgave van de Majoor O: E franckena van de benoodigde monteerings stukken, ten beloeve van dit guarnisoen en de onderhorige buijten posten. Wij bedeelen uwewE lEd: Groot Achtb: hier ijn eried dat Aan als vooren de

NL-HaNA_1.04.02_3976_0925 view scan ↗

English

To the same as before. To the same as before. The military captain the Honorable Brohier arrived here again from Baticaloa on the 22nd of August. This is accompanied by the petition of the soldier Adrianus Boelager of Naarden, containing a request for permission to enter into marriage with Geertruida van Diederik of Beblipatnam, unmarried young woman, both being of the Roman religion; and an unsealed letter from the Honorable Major Franckena addressed to the Honorable Colonel van Drieberg. For the rest, we profess to be with all respect, signed as before, in the margin: Jaffanapatnam, the 6th of December 1792. Lower: P.S. We also respectfully enclose herewith two unsealed letters from the captain-lieutenant of the artillery and overseer of buildings here, the Honorable Brochet, addressed to the Honorable Colonel Paravicini di Capelli and the captain-lieutenant and chief of the engineers, the Honorable Foenander there. We respectfully inform your Right Honorable Nobles herewith that the remainder of gunpowder in the month of July of last year consisted of 9357½ lb., and remain with all respect, signed as before, in the margin: Jaffanapatnam, the 14th of December 1792. To the laborer Fredrik Wiltens, who, due to the expiration of his term, has agreed to serve an additional year, we shall have the stipulated bonus of 2½ rixdollars provided; and the laborer Silvester Winkels we shall, at an appropriate opportunity, allow to depart onward in order to repatriate according to his request. The invalid ensign Bikkel arrived here on the 27th of December last on a short trip from Trinconomale. For the rest, we profess to be with all due high esteem, signed as before, in the margin: Jaffanapatnam, the 4th of October 1792. To the same as before. Captain Ian Brohier most humbly requests your Right Honorable Nobles to permit him to make a short trip to Colombo to attend to his private affairs. We most humbly present his request, and let this be accompanied by three unsealed letters addressed to the Honorable Colonels von Drieberg and de Capelli and the Honorable Captain Foenander. For the rest, we profess to be with all respect, signed as before, in the margin: Jaffanapatnam, the 12th of October 1792. To the same as before. We respectfully present to your Right Honorable Nobles herewith an unsealed letter addressed by the Honorable Major Franckena to the Honorable Colonel von Drieberg, containing a recommendation that the person of Adrianus Iacobus Pietersz of Jaffanapatnam, aged 22 years, mestizo, may be accepted as a soldier into the Company's service, to which we have no objections. For the rest, we testify to be with all sentiments of high esteem, signed as before, in the margin: Jaffanapatnam, the 18th of October 1792. We shall have collected from Lieutenant Esscher and Assistant Adjutant van Leeuwaarden one hundred rixdollars each successively, counted into the Company's treasury, and credited to Colombo to be disbursed to the military treasury there; and we respectfully present to your Right Honorable Nobles herewith two unsealed letters addressed by the Honorable Major Franckena to the Honorable Colonel von Drieberg, containing a recommendation that the person of Hendrik Pietersz of Jaffanapatnam, aged 19 years, mestizo, may be accepted into the Company's service, and reporting that 16 military personnel have departed from here onward as relief troops, etc., to which we have no objections. For the rest, we remain with all respect, signed as before, in the margin: Jaffanapatnam, the 2nd of November 1792. Lower: P.S. We furthermore most humbly present to your Right Honorable Nobles an unsealed letter addressed by Captain-Lieutenant Brochet to the Honorable Colonel De Capelli, containing a report regarding the departure onward as relief troops of a laborer, and a list of the seafarers. To the commanders of the troops who are to be sent from there via Jaffana to Trinconomale, we shall have provided from the field bonus for the officers, as stipulated in your Right Honorable Nobles' circular letter of the 19th of November of last year, as much as they shall request, and subsequently have what was provided settled at their place of destination. We have had the commissions of the persons accepted by your Right Honorable Nobles into service as soldiers, Adrianus Jacobus Pietersz and Hendrik Pietersz, delivered to the Honorable Major Franckena. We hereby respectfully inform your Right Honorable Nobles that the military captain the Honorable Weerman arrived here on the 29th of November last, and present: Two unsealed letters addressed to the Honorable Colonels von Drieberg and de Capelli; A petition from the soldier Jacobus Gerrit Mesdag of Ostend, wherein he requests to be permitted to enter into marriage with the orphan girl Catharina Gilles of Jaffanapatnam, both being of the Reformed religion. For the rest, we testify to be with all sentiments of high esteem, signed as before, in the margin: Jaffanapatnam, the 8th of September 1792. To the same as before. We hereby respectfully inform your Right Honorable Nobles that a company of Freeburghers and a company of Madurese have arrived here, and that upon the statement of the commanders that they received 2 percent wastage on their rations there, we have had the same provided here as well. While for the rest we remain with all due high esteem, signed as before, in the margin: Jaffanapatnam, the 20th of December 1792. Lower: P.S. To this we respectfully add an unsealed letter addressed by Captain-Lieutenant Brochet to the Honorable Colonel De Capelli. Agrees, Sijbrands First Clerk

Dutch transcription

1197 484 Aan als vooren Aan als vooren de kapitain Militair D'E Brohier op den 22 aug„s A= 22: van baticaloa alhier weeder is aangekoomen. Deezen verzeld het request van den zoldaat Adrianus Boelager van naarden, inhoudende verzoek om Con„ cessie ten einde zig in huwelijk temoogen begeeven net Geertruida van Diederik van beblipatnam Ionge dogter, Lande beide van de roomse Religie. en een brief met openslip van den E: Majoor Franckena ge„ „digt aan den E: Kolonel van Drieberg. Wij noemen ons voor 't overiege met allen ontzag/: onder„ „stort en getekent:/ Als vooren /: in margiene:/ Jaffanap„m den 6 xber: 1792. /:lager:/ P: S: wij voegen hier bij nog in eerdied twee brieven met opene slippen van den kap„e luitenant der Arthillerie en opziender der gebouwen alhier D: E Brochet, ge„ rigt aan den E: Colonel Paravicini de Capelli en den kapitain luitenant en Chof van de genie dE toenander aldaar Wij berigten uweled: Groot Achtb: bij deesen in eerbied dat 't restant buskruid in de maand Iulij I„o L: heeft bestaan in 9357½ lb: en blijven met allen ontzag. /:onderstont en getekent:/ Nes vooren /: in margiene/ Jaffana p„m den 14 xber: 1792 Aan den handlanger Fredrik wiltens die mits tijds Expiratie aangenoomen heeft, nog een Jaar overte dienen, zullen wij laaten verstrekken het bepaald douceur van 86 van 2½ rd„s en den handlanger Silvester winkels zul„ „len wij bij gelegenheid naderwaards laaten vertrekken om volgens zijn versoek te repatrieeren. De Invalide vaandrig Bikkel is op den 27 xber: laastl: voor een Springtogt van Trinconom: alhier aangekoomen Voor 't overiege noemen wij ons, met alle verschuldigde hoog achting /:onderstont en getekent:/ Nes vooren /: in margiene:/ Jaffanap„, den 4 8ber: 1742 — Aan als vooren De kapitain Ian Brohier verzoekt uweweled: Groot Achtb: zeer ootmoedig om den zelven te permitteeren tot het doen van een Springtogt na kolombo, ter ver„ „rigtinge zijner particuliere affaijres, wij dragen zijn verzoek woogst dezelve nedrig voor, en laten dezen verzellen drie brieven met opene slippen gerigt aan d'E Collonels von Dricberg en de Capelli en den E: C Pitdin foenander. wij noemen ons voor 't overiege met allen ontzach, /onder„ „stont en getekent:/ Als vooren /:in margiene:/ affa„ „napatnam den 12:' 8ber: 1792 Aan als vooren Wij bieden uwelEd: Groot Achtb: bij deesen in gerbied aan een brief onder openslip gerigt door den E: Majoor fran„ kena aan den E: Colonel von Drieberg, inhoudende voor„ „dragt dat den persoon van Adrianus Iacobus Pietersz: van Iaffanaf„m oud 22 Jaaren mijtes tot soldaat in 's Comp„s dienst, mag worden aangenoomen waar „ 1108 985 vrs Aan als vooren Aan als vooren waar op wij niets aantemerken hebben. Wij betuigen overigens te sijn met alle gevoelens van hoog achting /:onderstont en getekent:/ Nes vooren /in margiine:/ Jatfanap„m den 18 8ber: 1792- Wij sullen van den luitenant Esscher en onder adjudant van Leeuwaarden Elk een honderd w„s successive laaten invor„ „deren, in 'sComp„s kas tellen en kolombo ten goede brengen om aan de krijgskas aldaar te werden uitgekeerd en bieden uwe WelEd: Groot Achtb: bij deesen in eerbied aan twee brieven onder openslip gerigt door den E: majoor fran„ „kena aan den E: Molonel von Druberg inhoudende voordragt dat den persoon van Hendrik Pietersz: van Caffanap„m oud 19 Jaaren mirties in 's Comp„s dienst mag werden aangenoomen en berigt dat 'er 16 koppen militairen van hier als verlossers naderwaards vertrok„ „ken sijn, enz: waar op wij niets aantemerken hebben; wij blijven voor 't overiege met allen onzach /:onderstont en geteklent:/ Als vooren /:in margiene:/ Jaffanap„m den 2. ' 9ber: 1792 /:lager:/ P S: Nog bieden wij uweweled: Groot Achtb: nedrigst, van een brief onder openschip gerigt aoorden kapitain luitenant Ob Broehet aan den E: Colonel De Capelli houdende berigt nopens het vertrek naderwaards als verlossers van een handlanger, en een lijste der Zeevarende. Aan de Commandanten van de troupes die van daar over Taffena na TrinConomale staan gezonden te worden zullen wij van 't veld douceur voor de officieren bepaald bij bij uwerwel ed: Groot Achtb: Circulaire brief van den 19:' gber: IL: zoo veel laten verstrekken als dezelve zullen vragen en 't verstrekte vervolgens ter plaatze van hunne restinatie laten verrekenen. wij hebben de acte van de door uw eweled: Groot Achtb: als zoldaaten in dienst aangenoomene perzoonen van Adri„ anus Jacobus Pietersz: en Hendrik Pietersz: aan den E: Majoor Franckena laaten bestellen; wij bedeelen uwelEed: Groot Achtb: hier bij in eerbied dat de kapitain militair d:l Weerman op den 29 9ber: laast„ leeden alhier g'arriveerd is en bieden aan. Twee brieven onder Opene slippen gerigt aan dh„s Collonels von Driberg en de Capelli Een request van den Zoldaat Jacobus Gerit Mlesdik van oostande waar bij hij verzoekt om zig in huwelijk temoogen begeeven met de weesdogter Catharina Gilles van Jaffanap„n zijnde bijde van de gereformeerde religie wij betuigen overigens te sijn met alle gevoelens van hoog achting /:onderstont en getekent:/ Als vooren /:in margiene:/ Jaffana p„m den 8 7ber 1792 Aan als vooren wij bedeelen uwen ded: Gr: actb: hier bij in eerbied, dat een Comp: warten burgers en Een Comp:s Mndureschen alhier aangekoomen zijn, en dat wij op de betuiging van de Commandanten dat deselven aldaar op dand „soen 2 prs„ten spillagie hebben gekregen, deselve alhier ook hebben laaten verstrekken Terwijl wij overigens met alle verschuldigde hoogadtting zijn /:onderstont en getekent:/ Als vooren /:in margiene:/ Iaffanap„m den 20 xber: 1742. /lager:/ P S: Deesen voegen wij in eerbied bij een brief onder openslip gerigt door den kap=n luiten: & Brochet aan den E: Collonel Do Capelli Accordent Sijbrands GEiklerk

NL-HaNA_1.04.02_3976_0929 view scan ↗

English

112 1109 986 Kolombo To the Right Honorable Sir Willem Jacob van de Graaff Ordinary Councillor of the Dutch Indies Governor and Director of the Island Ceilon, with its dependencies Together with the Council Right Honorable High Commanding Sir Your Right Honorable's highly respected letter of the 22nd of this month, I have had the high honor to receive. The lieutenant and the ensigns of the sepoys express to Your Right Honorable their most humble gratitude for the high favor shown to them and the granted increase in pay. Enclosed herein I offer to Your Right Honorable with respect, two original reports from the beach master, regarding two vessels that from Iaffana Military Department. and as at To the same as before To the same as before and Adringapatnam arrived here, and have departed for Koetchim and Kalpettij. For the rest, I call myself with deep respect /:was written below:/ Right Honorable High Commanding Sir Your Right Honorable's humble and obedient servant /:was signed:/ C:s Bruger /:in the margin:/ Manaar the 30th of December 1791. I enclosed herein most humbly offer to Your Right Honorable the received journals of the cruising thonys, along with the report of the beach master concerning a vessel that arrived from Moettorpete and departed for the rivers. For the rest, I have the honor to be with deep respect, /:was written below and signed:/ As before /:in the margin:/ Manaar the 6th of January in the year 1792. I offer to Your Right Honorable enclosed herein with respect, two original reports from the beach master, concerning a vessel and a katjemarouw that arrived from the coast and have departed for Kailpatnam and Kolombo. For the rest, I call myself with deep respect /:was written below and signed:/ As before /:in the margin:/ Manaar 12 1110 987 To the same as before. To the same as before Manaar the 10th of January 1792. I have had the honor to receive Your Right Honorable's highly respected letter of the 4th of this month, together with a copy of the letter dispatched to the Honorable, Valiant Dessave, containing orders against the transport of salt to the King's Lands. I have taken Your Right Honorable's high commands regarding this into my dutiful observance, and shall most respectfully offer a detailed report concerning this to Your Right Honorable with the next mail, since I cannot do so at present because of my sick condition, and also because I have not yet received an accurate statement of the places where the salt is made, or makes itself, from the adigaar. For the rest, I call myself with deep respect /:was written below:/ As before /:was signed:/ C: F: Ebell /:in the margin:/ Manaar the 13th of January 1792. I offer most humbly to Your Right Honorable enclosed herein, four journals of the cruising thonys, and a report from the beach master regarding a vessel arrived from Moettoepete, and departed for Kalpettij. To the same as before To the same as before To the same as before. For the rest, I have the honor to be with deep respect. /:was written below and signed:/ As before /:in the margin:/ Manaar the 20th of January 1792. I offer to Your Right Honorable enclosed herein with respect, three original reports from the beach master, concerning three vessels, of which two arrived from Jaffana and one from Karikal, and all have departed for there. For the rest, I call myself with deep respect /:was written below and signed:/ As before /:in the margin:/ Manaar the 23rd of January 1792. I let this solely serve in respect to accompany four journals of the cruising thonys, which are offered with respect to Your Right Honorable, and for the rest call myself with deep respect. /:was written below and signed:/ As before /:in the margin:/ Manaar the 3rd of February 1792. I have the high honor most humbly to inform Your Right Honorable that the detachment of Wurttemberg arrived at Mantotte on the 7th, and departed from there on the 9th of this month 1111 988. 143 To the same as before to march further to Trinkonomale. The Captain Commandant, the Honorable, Valiant Mr. Franquemont has, on account of a sickly condition, sent here the lieutenant of the Company's riflemen, the Honorable, Valiant Mr. Bartels, together with another 2 sergeants, 1 corporal, 1 quartermaster, 2 lance corporals, the field surgeon, and 16 privates from the said detachment, who are also sick and are listed in the list humbly offered herein, along with some baggage. I shall, as soon as they have recovered, send them along with the baggage to Iaffana so that they may further reach their companies at Trinkonomale. While for the rest I have the honor to be, with deep respect /:was written below and signed:/ As before /:in the margin:/ Manaar the 10th of February 1792. Most humbly I offer to Your Right Honorable herein, four journals of the cruising thonys, and for the rest call myself with deep respect /:was written below and signed:/ As before /:in the margin:/ Manaar the 17th of February 1792. To the same as before I have had the high honor to receive Your Right Honorable's

Dutch transcription

112 1109 986 Kolombo Aan Den wel Edelen Groot Achtbaaren Heer Willem Jacob van de Graaff Rrad ordinair van Nederlands India Gouverneur en directeur van het Eyland Ceilon, med dies onderhoorigheeden Nevens Den Raad Wel Edele Groot Achtbaare Hoog Gebiedende Heer Uw wel Edele Groot Achtb: hoogst gerespecteerde missieve van den 22. ' dezer, heb ik de hooge eere gehad te ontvangen. De Luitenant en de vaandrigs van de Chi„ pahies betuigen uwel Ed: groot Achtb: hunne onderda„ „nigste dankbaarleid, voor de aan hun beweezene hooge gunste en toegevoegde verbetering in gagie. In deezen geslooten biede ik uwel Edele Groot Achtb: met respect aan, twee origineele rapporten van den strandmeester, van twee vaartuigen, die van Iaffana Militair Departement. en als ten Aan als vooren Aan als vooren en Adringapatnam alhier aangekoomen, en na koet„ „chim en kalpettij vertrocken zijn. Iknoume, mij voor 't overige, med diep ontzag /: onderstont) wel Edele Groot Achtb: Hoog Gebiedende Heer uwel Edele Groot Achtb: onderdanige en Gehoorzaame Dienaar /:was getekent:/ C„s Bruger /: in margiene:/ Manaar den 30 December 1791. Ik biede uwel Edele Groot Achtb: in deesen geslooten on„ „derdanigst aan, de ontvangene Iournaals van de Kruijs tonijs, mitsgaders het rapport van den strandmeester van een van Moettorpete aangekoomen en naar de rwv:s vertrokken vaartuig. Ik heb voor 't overige de eere med diep ontzag te zijn, /:on„ derstont en getekent:/ Als vooren /:in margine:/ Manaar den 6 Januarij Ao 1792. Ik biede uwel Edele Groot Achtbaare in deezen geslooten med respect aan, twee origineele rapporten van den strandmeester, van een vaartuig en een Katjemarouw die van de kust aangekoomen en naar Kailpatnam en kolombo vertrokken zijn. Ik noeme mij voor 't overiege met diep ontsag /:onder„ stont en getekent:/ Als vooren /:in margiene:/ SM eraak 12 1110 987 Aan als vooren. Aan als vooren Manaar den 10. ' Januarij 1792. Ik heb de Eere gehad te ontvangen uwel Edele Groot Achtb: hoogst gerespecteerde missieve van den 4. ' deezer nevens Copia van den aanden wel Edelen gestr: heer Dessave afgevaardigden brief, inhoudende ordres teegens het vervoeren, van zout na 's Konings Landen. Ik heb uwel Edele Groot Achtb: hooge beveelen daar omtrent, tot mijne schuldige obser„ „vantie genomen, en zal uwel Edele Groot Achtb: der „weegen met de naaste post een gedetailieerd berigt Eer„ „biedigst aanbieden, wijl ik 't tans weegens mijnen siekke staat, nog niet doen kan, en ook wijl ik tot als nog, geene accurate opgaave van de plaatzen waar het sout gemaakt, of zig zelfs maakt, van den adigaar ontvangen hebben. Ik noeme mij voor 't overige, med diep ontzag /:onderstond:/ Als vooren /:was getekent:/ C: F: Ebell /:in margine:/ Manaar den 13. Januarij 1792. Ik biede uwel Edele Groot Achtbaare in deeze geslooten onderdanigst aan, vier Iournaals van de kruisthorijs, en een rapport van den strandmeester van een van Moettoepete aangekoomen, en naar Krepittij ver„ trokken vaartuig. Aan als vooren Aan als vooren Aan als vooren. Ik heb voor 't overige de eere met diep ontzag te zijn. /:onderstont en getekent:/ Als vooren /:in margine:/ Manaar den 20 Januarij 1792. Ik biede uwel Edele Groot Achtb: in deese geslooten met respect aan, drie origineele rapporten van den strand„ „meester, van drie vaartuigen, waar van twee van Jaffana en een van Karikal aangekoomen, en alle naar derwaards vertrokken zijn. Iknorme mij voor 't overige, met diep ontzag (:onderstont:) en getekent:/ Als vooren /:in margiene:/ Manaar den 23. Januarij 1742. Ik laate deeze eenlijk in eerbied dienen ten geleijde van vier Iournaals van de kruisthouijs, die uwel Edele Groot achtbaare met respect aangeboeden werden en noume mij voor 't overiege met diep ontzag. /:onderstont en getekent:/ Als vooren /:in margiene:/ Manaar Den 3. ' Februarij 1792. Ik heb de hooge eere uwel Edele groot Achtb: onderdanigst teberigten dat het detachement van wurtenberg op den 7:' op Mantotte aangekoomen, in den 9.:' deezer van daar vertrokken 1111 488. 143 Aan als vooren vertrokken is, om verder naar Trinkonomale te mar„ „ceeren. De Capitain Commandant, den wel Ed: Manh: Heer Fran„ quemont leeft, mits ziekkelijken staat, dit heen gezonden, de luitenant van de Comp:s Iagers den wel Ed:e Manh: heer Bartels, nevens nog 2 Zergeants 1 korporaal 1 fourier, 2 gefrijders 't veldscheerder en 16 gemeenen uit gem: detachement, die meede ziek zijn en vermeld staan, bij de in deeze needrig aangebooden werdende Lijste, mitsg„s eene bagagien ik Zachun, zo dra te hersteld zijn nevens de bagagie naar Iaffana zenden om verder bij hunne Companien op Trinkonomale te geraaken. Terwijl ik voor 't overige de eere heb, med diep ontzag te zijn /:onderstout en getekent:/ Als vooren /:in margine:) Manaar den 10 februarij 1792. onderdanigst biede ik uwel Edele Groot Achtbaare in deeze aan, vier Iournaals van de Kruis thonijs, en noeme mij voor 't overige med dies ontzag /:onderstont en getekent:/ Als vooren /:in margine:/ Manaar den 17.:' febr: 1792. Aan als vooren Ik heb de hooge eere gehad te ontvangen uwel Edele Groot achtb:

NL-HaNA_1.04.02_3976_0934 view scan ↗

English

To the same as before; Right Honorable, most respected letter of the 13th of this month, in humble reply to which I serve to state that the two companies of Württembergers, prior to the receipt of Your Right Honorable's aforementioned honored letter, according to my humble letters of the 10th of this month, departed on the 9th from Mantotte to march further to Trincomalee, and I have also received writings from the Vanni that the said companies arrived at Panengamo on the 13th. I have the high honor to report this to Your Right Honorable, and at the same time humbly offer enclosed herein a letter received from Jaffna for Your Right Honorable. For the rest, I call myself with deep respect, was undersigned and signed: As before. In the margin: Mannar, the 21st of February 1792. Your Right Honorable, most respected letter of the 24th of February last, I had the high honor to receive, and made known Your Right Honorable's high orders to the Lieutenant of Artillery, the Honorable, Valiant Mr. du Perron, who does not yet have his commission ready. While I have the honor to be, with deep respect, was undersigned and signed: As before. In the margin: Mannar, the 24th of March 1792. To 1418 1112 984 To the same as before To the same as before In hope of Your Right Honorable's honored approval, I now let the boat mentioned in the margin depart thither, loaded with the packages of Pulicat papers for Batavia, which were sent here from Jaffanapatnam, sending along with it also the Kandyan named Ramaswamie, together with the smiths Nriemogam and Sockremania, whom Your Right Honorable ordered me to apprehend by respected letter of the 25th of April past, and of whom mention was made in my humble letter of the 2nd of this month. Meanwhile, for as long as this boat remains away, I shall have the cruising post with the donies properly observed, and for the rest I have the honor to be, with deep respect, was undersigned and signed: As before. In the margin: Mannar, the 5th of March 1792. Having received the enclosed packets from the opposite shore, I have the honor to present them to Your Right Honorable with respect, whereto I also most humbly attach 16 pieces of reports from the beachmaster, of 16 vessels that arrived from and departed for the Coast and Colombo, together with two journals of the cruising donies. To the same as before To the same as before donies. For the rest, I call myself with deep respect, was undersigned and signed: As before. In the margin: Mannar, the 7th of March 1792. Most humbly, enclosed herein, I present to Your Right Honorable with respect three journals of the cruising donies, and call myself with deep respect, was undersigned and signed: As before. In the margin: Mannar, the 16th of March 1792. Your Right Honorable, most respected letter of the 15th of this month I had the honor to receive. The bark De Gustaaff has not yet arrived here, and upon his arrival here I shall grant transport to Jaffanapatnam to the Ensign, the Honorable, Valiant Mr. Elke, in order to get from there to Trincomalee. Furthermore, I most humbly present to Your Right Honorable enclosed herein a report from the beachmaster of a vessel that arrived from Jaffna and departed for Kayts. For the rest, I call myself with deep respect, was undersigned and signed: As before. In the margin: Mannar, the 23rd of March 1792. Most respectfully, I present to Your Right Honorable enclosed in this To the same as before. enclosed 1113 490 To the same as before To the same as before. enclosed, three journals of the cruising donies, and for the rest I call myself with deep respect, was undersigned and signed: As before. In the margin: Mannar, the 6th of April 1792. Most humbly I present to Your Right Honorable enclosed herein two journals of the cruising donies, and for the rest I call myself with deep respect, was undersigned and signed: As before. In the margin: Mannar, the 20th of April 1792. Cruising vessels No. 3 and 4 returned here into the river today, because they cannot maintain their position on the south side due to the strong southwesterly winds; and since I do not know whether it will please Your Right Honorable for me to continue the cruising by the said vessels on the north side, I take the humble liberty to ask Your Right Honorable's orders in this regard, and also for that reason I have sent them to cruise on the north side in the meantime, which I hope will earn Your Right Honorable's favorable approval. For the rest, I call myself with deep respect, was undersigned and signed: As before. In the margin: Mannar, the 27th of April 1792. To 92. I and To the same as before To the same as before I most humbly present to Your Right Honorable enclosed herein four journals of the cruising donies, and for the rest I call myself with deep respect, was undersigned and signed: As before. In the margin: Mannar, the 4th of May 1792. I have had the high honor to receive Your Right Honorable, most respected letter of the 8th of this month and have taken that which was ordered therein into my dutiful observance. If capable and nimble men suitable for military service are to be obtained, I shall, according to Your Right Honorable's honored order, enlist as many as are necessary to complete the company of sepoys of Captain Mamadellie detached here, and propose them to Your Right Honorable. I have given extracts from said respected letter of Your Right Honorable to the Commanders Bruger and van Essen to look out for good subjects as well, and also sent one to the honored Government of Jaffna, requesting them to honor me with their highest orders regarding the company of sepoys of Captain Mahomet Chan, which is in Jaffna, as to whether men there have already

Dutch transcription

Aan als vooren; achtb: hoogst gerespecteerde missive van den 13:' deezer waar op onderdanigst in antwoord diene, dat de twee Com„ „pagnien wiatenbergers voor den ontvangst van uwel Edele Groot Achtb: voormelde g'eerde missieve, volgens mijne needrige letteren van den 10 deser, op den 9. ' van Mantolte vertrocken zijn, om verder naar Trinkono„ „male te marceeren en ik heb ook van de wannie schrij„ „vens bekoomen dat gem: Comp„e den 13:' op Pannen, „gammo gearriveerd waaren; Dit heb ik de hooge eere uwel Ed: Groot achtb: temelden, en teffens in deesen ge„ „slooten needrig aante bieden, een van Iaffana voor uwel Edele Groot Achtb: bekoomen brief. Ik noeme mij voor 't overiege met diep ontzag /:onderstont en getekent:/ Als vooren /:in margiene:/ Manaar den 21 februarij 1792. uwel Edele groot Achtbaare hoogst gerespecteerde missieve van den 24 februarij J„o Leeden, heb ik dehooge eere gehad te ontvangen, en aan den luijtenant der Arthillerije den E: Manh: heer du perron, die zijn E„s Commissie nog niet klaar heeft, uwel Edele Groot Achtb: hooge beveelen bekent gemaakt. Terwijl ik de eere heb, met diep respect te zijn /:onderstout, en getekent:/ Als vooren /:in margiene :/ Manaar den 24. e Maart 1792. Aan 1418 1112 984 Aan als vooren Aan als vooren Inhoope van uwel Ed: groot achtb: g'eerde approbatie, laate ik tans de bood in margine genoemd, naar der„ „waards vertrocken, belaaden met de katjes met Paliakal„ „se papieren voor Batavia, die van Iaffanapatnam dit hem gezonden zijn, daarende daar meede ook over„ den kandiaan genaamd Ramaswamie, neevens de smeeden Nriemogam, en Sock kremania, welke uwel Edele Groot Achtb: mij bij gerespecteerde missieve van den 25. april passato aanbevoolen hebben te agterhaalen, en waar van bij mijne nedriege van den 2. ' deezer melding ge„ „maallt hebbe. Ik zal intusschen tot zo lange deeze bood weg blijft, de kruispost met de tonijs behoorlijk laaten gaade slaan, en heb voor 't overige de eere, med diep ontzach te zijn /:onderstont en getekent:/ Als vooren /:in margiene:/ Manaar den 5:' Maart 1792. De Inleggende pacquitten van de overwal bekoomen heb„ „bende, heb ik de Eere uwel Edele Groot Achtb: met respect aantebieden waar bij ik nog onderdanigst vorge„ 16 stux rapporten van den strandmeester, van 16 vaartui„ „gen, die van de kust, en van kolombo aangekoomen, en vertrocken zijn, neevens twee Iournaals van de kruis„ thonijs Aan als vooren Aan als vooren „thonijs Ik noeme mij voor 't overiege, med diep ontzach /:onderstont en getekkent:/ Als vooren /:in margine:/ Manaar den 7estaat 1792. onderdanigst biede ik uwel Edele groot Achtbaare in deese geslooten med respect aan, drie Iournaals van de kauistorijs, en noeme mij med diepontzag /: onderstond en getekent:/ Alsvooren /:in margiene:/ Manaar den 16. ' Maart 1792. uwel Edele Groot Achtbaare hoogst gerespecteerde missieve van den 15. ' deser, heb ik de eere gehad te ontvangen. Debaak De Gustaaff is tot nog hier niet gearriveerd, en ik zal aan den vaandrig den E: Manh: Heer Elke bij aankomste alhier, transport verleenen na Iaffanapatnam, om van daar op Trinkonomale te geraaken. voorts biede ik uwel Edele Groot Achtb: in deese geslooten onderdanigst aan, een rapport van den strandmeester van een van Taffena aangekoomen en naar Koijlang vertrokken vaartolig. Ik noeme mij voor 't overige, met diep ontzag /: onderstonden getekent:/ Als vooren /:in margiene:/ Manaar den 23. Maart 1792. Eerbiedigst biede ik uwel Edele Groot Achtbaare in deezen Aan als vooren. geslooten 1113 490 Aan als vooren Aan als vooren. geslooten aan, drie Iournaals van de kruisthonijs, en noeme mij voor 't overige met diep opntzag /:onderstont en getekent:/ Als vooren /:in margiene:/ Manaar den 6. ' April 1792. Onderdanigst beede ik uwel Edele Groot Achtbaare in deezen geslooten aan twee Iournaals van de Kruisthonijs, en noeme mij voor 't overiege met diep ontzag /: onderstont) na getekent:/ Als vooren /:in margiene:/ Manaarden 20:' April 1792. De Kruis vaartuigen N„o 3 en 4 zijn op heeden dit heen in de riviere terog gekoomen, wij l: zo het wegens de sterke Z: w: winde aan de Zuijdkant niet houden kunnen, en vermits ik niet weet of het uwel Ed: Groot Achtb: behaagen zal dat ik de bekruizinge door gedagte vaartuigen aan de noordkant zal voortzetten, neeur ik de onderdaniege vrijheid uwel Edele Groot Achtb: keweelen dien aangaande te vraagen als waarom ze ook tot zo lange aan de noordkant te kruizen gezonden heb, het geen ik hoope uwel Edele Groot Achtb: gunstige approbortie verdienen zal Ik noeme mij voor 't overiege med diep ontzag /:onderstont en getekent:/ Als vooren /:in margine:/ Manaar den 27:' April 1792. Aan 92. ik en Aan als vooren Aan als vooren Ik biede uwel Edele Groot Achtbaare in deezen geslooten on„ derdanigst aan, vier Iournaals van de Kruesthonijs, en noeme mij voor 't overiege met diep ontzag (:onderstont:) en getekent:/ Als vooren /:in margiene:/ Manaar den 4:' Maij 1792. Ik heb de hooge eere gehad te ontvangen uwel Edele Groot Achtbaare hoogst gerespecteerde missive van den 8.:' deezer en het aanbevoolene daar bij tot mijne schuldige obser„ vantie genoomen. Indien 'er knappe en vlugse kerels te bekoomen zijn geschikt tot den militairen dienst, zal ik volgens uwel Edele Groot Achtb: g'eerd bevel, zo veel als nodig zijn tot het Comple„ „teeren van de alhier gedetacheerde Comp: chipchies van Capitain Mamadellie aanneemen, en uwel Edele Groot Achtb voordagen Ik het optrakten uit gemelde uwel Edele Groot Achtbarie gerespecteerde missieve aan dE„s Commandanten Bruger en van Essen gegeeven, om zig meede na goede subjecten om te zien, zo meede een aan de g' eerde Iaffanase regeering gezonden, med versoek mij, omtrend de Comp: Chipahies van Capitain Mahomet Chan, die te Iaffena is, med hoogst derselver ordre te vereeren, of daar reeds volk

NL-HaNA_1.04.02_3976_0939 view scan ↗

English

To the same as before. To the same as before. whether enough men have been accepted to complete the company, or whether I should recruit men here, how many, and send them thither. Furthermore, I respectfully present to Your Right Honorable Noble Worship enclosed herewith four journals of the cruising thonies, and for the rest I have the honor to be with deep respect, signed as before, in the margin: Manaar, the 18th of May 1792. Most humbly I present to Your Right Honorable Noble Worship herewith four journals of the cruising thonies, and the reports of the beach master concerning the pieces of vessels that have arrived and departed here. The drillmaster of the company of sepoys detached here, Dirk van Goedstein, most humbly begs Your Right Honorable Noble Worship to obtain favorable leave to make a short trip thither to attend to his private affairs, for which he testifies that his presence is required there. I humbly submit his petition to Your Right Honorable Noble Worship, and for the rest I call myself with deep respect, signed as before, in the margin: Manaar, the 8th of June 1792. Yesterday the Resident Wahlberg sent hither two Sinhalese who had been brought before His Honor by the Moor Oessen Phille. I questioned them further, whereupon they repeated the very same thing that was said to the said Honorable Wahlberg and which is stated in the most humbly presented copy of the letter and declaration. I would have sent them back pursuant to Your Right Honorable Noble Worship's order contained in the circular missive of the 11th of October 1791, had they not carried with them the three enclosed olas, the contents of which no one here can explain to me. It is therefore with all respect that I humbly request to be honored with Your Right Honorable Noble Worship's high orders, whether I shall escort them to the borders and let them return, or detain them. Awaiting Your Right Honorable Noble Worship's orders, I have the high honor to call myself with deep respect, signed as before, in the margin: Manaar, the 19th of June 1792. To the same as before. Most respectfully I present to Your Right Honorable Noble Worship enclosed herewith the reports of the beach master concerning seven vessels that arrived from Colombo and departed for the Coast. For the rest, I call myself with deep respect, signed as before, in the margin: Manaar, the 25th of May 1792. To the same as before. To the same as before. To the same as before. I most humbly present to Your Right Honorable Noble Worship enclosed herewith four journals of the cruising thonies, and the reports of the beach master concerning two vessels that arrived from Colombo and departed for the Coast, and for the rest I call myself with deep respect, signed as before, in the margin: Manaar, the 22nd of June 1792. Pursuant to Your Right Honorable Noble Worship's order contained in the respected missive of the 8th of May last, extracts of which were given to the Honorable Commandants here, I have, alongside the said Commandants, inquired after nimble fellows to complete the detached company of sepoys, but one has been able to obtain no more than a single one, named Wiesoewa of Jaffanapatnam, aged about 18 to 20 years by estimate, whom I had enlisted into the Company by the medical officer of this place. I have the honor to report this most humbly to Your Right Honorable Noble Worship, and for the rest to be with deep respect, signed as before, in the margin: Manaar, the 29th of June in the year 1742. I most humbly present to Your Right Honorable Noble Worship enclosed herewith four journals of the cruising thonies, and To the same as before. To the same as before. To the same as before. and for the rest I call myself with deep respect, signed as before, in the margin: Manaar, the 6th of July 1792. I most humbly present to Your Right Honorable Noble Worship enclosed herewith the report of the beach master concerning a vessel that arrived from Colombo and departed for the Coast. While I have the honor to call myself with deep respect, signed as before, in the margin: Manaar, the 13th of July 1792. All most humbly I present to Your Right Honorable Noble Worship enclosed herewith four journals of the cruising thonies, and for the rest I call myself with deep respect, signed as before, was signed C. Bruger, in the margin: Manaar, the 20th of July 1792. I most humbly present to Your Right Honorable Noble Worship enclosed herewith four journals of the cruising thonies, and call myself for the rest with deep respect, signed as before, in the margin: Manaar, the 3rd of August 1792. I most humbly present to Your Right Honorable Noble Worship enclosed herewith the reports of the beach master concerning two vessels that arrived from Kalpitiya and departed for the Coast, and for the rest I call myself with deep respect, signed as before, in the margin: To the same as before. Manaar

Dutch transcription

1t4 991 Aan als vooren. Aan als vooren tot het Completeeren aangenoomen is dan wel of ik hier recrutend aanneemen, hoe veel en daar heen senden zal. Voorts biede ik uwel Edele Groot Achtb: in deese geslooten met respect aan, vier Journaals van de kruisthonijs, en heb voor 't overiege de eeren niet diep ontzag te zijn /:onderstoont en getekent:/ Als vooren /:in margine:/ Manaar den 18: Maij 1792. Onderdanigst biede ik uwel Edele Groot Achtb: in deeze aan, vier Journaals van de kruisthonijs, en de rapporten van den strandmeester van t stux alhier aangekoomene, en vertrokkene vaartuigen. De drilmeester van de alhier gedetacteerde Comp: chipahies, Dirk van Goedstein bid uwel Edele Groot Achtb: onderdanigst, om gunstig verlof te moogen erlangen, tot het doen van een springtogt maat derwaards, ter verrigtinge zijner particuliere affaijres, waar toe hij betuigd; dat zijn perzoon aldaar gerequireerd werd: Ik draage zijne beede uwel Edele Groot Achtb: needrig voor, en noeme mij voor 't overiege met die p ontzag /: onderstont en getekent:/ Als vooren /:in margiene:/ Manaar den 8. Junij 1792. Gisteren heeft den Rezident wahlberg twee singaleesen die volk die door den moor oessen phille bij zijn Ed: opgebragt waaren, dit heen gezonden, ik het hun nader ondervraagd, wanneer ze het zelfde het geen aan gedagte E: wahlberg gezegd, en het geen in de zeer needrig aangebooden werdende Copia brief en verklaaring bekend staat herhaalden, ik zoude ze na volgens uwel Edelen Groot Achtb: bevel vervat bij circulaire missieve van Den 11. october 1791 terug gezonden hebben, hadden ze niet de drie inleggende olassen, welkers inheud mij hier niemand uijtleggen kan, bij zig gehad, het is dan med alle eerbied dat ik onderdanig verzoeke, mij met uwel Edele Groot achtb: hooge beveelen tevereeren, of ik hun tot de limieten zal escorteeren en terug gaan laaten dan wel aanhouden In verwagting van uwel Ed: Groot Achtb: beveelen, heb ik de hooge eere mij met diep ontzag tenoemen /:onderstont en getekent:/ Als vooren /:in margine:/ Manaar den 19 Iunij 1792. Aan als vooren Eerbiedigst biede ik uwel Edele Groot Achtb: in deezen geslooten aan, de rapporten van den strandmeester van Zeven stux vaartuigen, die van Kolombo aangekomen en nade kust vertrocken zijn Ik noeme mij voor 't overiege met diep ontzag /:onderstont en getekent:/ Als vooren /:in margine:/ Manaar den 25. Meij 1792. Aan 1115 992 Aan als vooren Aan als vooren. Aan als vooren Ik biede uwel Edele Groot Achtbaare in deezen geslooten onder„ danigst aan, vier Iournaals van de kruisthonijs, en de rapporten van den strandmeester van twee stux vaar„ tuigen, die van Kolombo aangekoomen, en naar de kust vertrokken zijn, en noeme mij voor 't overiege met diep ontzag /:onderstont /en getekent:/ Als vooren /:in margiene:/ Manaar den 22 Iunij 1792. Volgens uwel Ed: Groot Achtb: bevel, vervat bij geres„ „pecteerde missive van den 8' Maij I„o Leeden waar van Eetrakten aan de E„s Commandanten alhier gegeven zijn, heb ik nevens gem: Commandanten ter Complateering van de gedetacleerde Comp: Chipahies, na vlugge kerels vernoo„ „men, maar min heeft niet meer bekoomen kunnen, als een enkelde, met naame wiesoewa van Iaffanapatnam, oud omtrend 18 â 20 Iaaren na gissing, dien ik onder me„ „dico dezes, bij de Comp: heb aanneemen laaten. Dit heb ik de eere uwel Ed: Groot Achtb: onderdanigst teberigten en voor 't overiege met diep ontzag te zijn /:onderstont en getekent:/ Als vooren /:in margiene:/ Manaar den 29. Iunij Ao 1742. Ik biede uwdel Edele Groot Achtbaare in deezen geslooten onderdanigst aan, vier Iournaals van de krusthouijs, en n Aan als vooren Aan als vooren Aan als vooren en noeme mij voor 't overiege met diep ontzach /:onder„ „stont en getekent:/ Als vooren /:in margiene:/ Manaar den 6e. Julij 1792 Ik biede uwel Edele Groot Achtbaare in deezen geslooten onderdanigst aan, het rapport van den strandmeester van een van kolombo aangekoomen, en naar de kust vertrokken vaartuig Terwijl ik deeere heb mij met diep, ontzach tenoemen /:onderstont en getekent:/ Als vooren /:in margiene:/ Manaar den 13:' Julij 1792. Allen onderdanigst biede ik uwel Ed: Groot Achtb: in deeze geslooten aan, vier Iournaals van de Kruisthonijs, en noeme mij voor 't overiege met diep ontzach /: onderstont:/ Als vooren /:was getek:/ C: Bruger (:in margiene:/ Manaar den 20 Iulij 1792 Ik biede uwel Ed: Groot Achtb: in deeze geslooten onderdanigst aan, vier Iournaals van de Kauisthouijs, Een noememij voor 't oversgemed diep ontzag /:onderstont en getek:/ Als vooren /:in margiene:/ Manaar den 3. ' Augs 1792. Ik bie de uweled: Groot Achtb: in deezen geslooten onderdanigst aan, de rapporten van den strandmeester, van twee van Kal„ pettij aangekoomene en naar de kust vertrokkene vaartui„ „gen, en noeme mij voor 't overiege met diep ontzach /:onderstont oa getekent:/ Nls vooren /:in margiene:/ Aan als vooren Manaar

NL-HaNA_1.04.02_3976_0943 view scan ↗

English

1716 993 To the same as before To the same as before To the same as before. Manaar the 10 Aug:s 1742. I have the high honor humbly to present to your Right Hon: Great Worships enclosed herein, four journals of the cruising dhonis and the report of the beach master concerning a vessel that arrived from Kolombo and departed for Naoer, as well as most submissively to bring to your knowledge that, upon your Right Hon: Great Worships high order contained in the respected missive of 8 May last, the Hon: Commandant van Essen, for the purpose of completing the company of sepoys of Capt:n Mamadellie detached here, has this month recruited 5 able-bodied fellows. While I have the honor to call myself with deep respect /:was written below/ As before /:was signed:/ C: F Ebeel /:in the margin:/ Manaar the 24 Aug 1792 I humbly present to your Right Hon: Great Worships enclosed herein the report of the beach master concerning a vessel that arrived from Kolombo and departed for the Coast, and call myself for the rest with deep respect /:was written below and signed:/ As before /:in the margin:/ Manaar the 31 Aug:s 1742 I have the high honor humbly to present to your Right Hon: Great Worships enclosed herein, four journals of the cruising dhonis and the reports of seven private vessels that departed from Kolombo, Kalpettij and this place for To the same as before To the same as before for the Coast and Jaffana:, and call myself for the rest with deep respect /:was written below and signed:/ As before /:in the margin:/ Manaar the 7 December 1792 These days, two inhabitants from the other side were sent hither by the postholder of Arripo, being one a Moor and the other a Parava, named Seijdalie Pullekader and Marianoe Lena Ignatia Lena, who had arrived with pepper from the Sinhalese lands and were seized by the patrolling soldiers. Upon the questions put to them, they also confessed that they brought the said pepper from the Sinhalese lands and wanted to sell it here. In their presence, I had the pepper weighed, being 38½ pounds, delivered into the warehouse, and, in accordance with your Right Hon: Great Worships honored order contained in the circular missive of 11 October 1791, caused the purchase price to be paid to the captors, and furthermore put the apprehended persons to labor on the public works until your Right Hon: Great Worships further orders. This I have the high honor humbly to report to your Right Hon: Great Worships, and for the rest call myself with deep respect /:was written below and signed:/ As before /:in the margin:/ Manaar the 11 December 1792: I humbly present to your Right Hon: Great Worships enclosed herein, four journals of the cruising dhonis and the report of the beach master concerning three vessels that 1117 494 To the same as before To the same as before that arrived from Kolombo and Kalpettij, and have departed for the Coast. While for the rest I have the honor to be with deep respect /:was written below and signed:/ As before /:in the margin:/ Manaar the 21. December 1792— Most respectfully I present to your Right Hon: Great Worships enclosed herein, four journals of the cruising dhonis and the reports of the beach master concerning thirteen vessels that departed for the Coast from Kolombo, Negombo and this place. I call myself for the rest with deep respect /:was written below and signed:/ As before /:in the margin:/ Manaar the 12: October 1792. Your Right Hon: Great Worships most respected missive of the 10:th of this month, together with the list of names mentioned therein of a corporal and 35 private sepoys, I have had the honor to receive. The said troops arrived here on the 17th, and I immediately turned them over to the Commandant van Essen and had them quartered with the company of sepoys of Capt: Mamadellie detached here. Furthermore, I humbly report to your Right Hon: Great Worships that from the aforesaid detached company, four privates deserted on the 12:th of this month, namely, 2 from the guard post Kowederoe and 2 from the guard here, and at the same time offer respectfully 4 journals of the cruising dhonis. I call myself for the rest with deep respect /:was written below and signed:/ As before /:in the margin:/ Manaar the 19 October 1792 To the same as before I have had the honor to receive your Right Hon: Great Worships most respected missive of 24 October last, and took for my dutiful guidance the recommendations contained therein concerning the drillmaster Keunings who is to come hither. Furthermore, I humbly present to your Right Hon: Great Worships enclosed herein, four journals of the cruising dhonis together with the report of the beach master concerning a dhoni that arrived from Kolombo and departed for the Coast, and call myself with deep respect /:was written below and signed:/ As before /:in the margin:/ Manaar the 2: November 1792— To the same as before The Sergeant and drillmaster Ian Babtist Keunings, mentioned in your Right Hon: Great Worships highly respected missive of the 24:th last, arrived here on the 7th of this month. This I have the honor to report to your Right Hon: Great Worships, and at the same time humbly to present the report of the beach master concerning two vessels that have departed for Kolombo and Manapaar. I call myself for the rest, with deep respect /:was written below and signed:/ As before /:in the margin:/ Manaar the 9 November 1792. To

Dutch transcription

1716 993 Aan als vooren Aan als vooren Aan als vooren. Manaar den 10 Aug:s 1742. Ik heb de hooge eere uwel Ed: Groot Achtb: in deezen geslooten aan„ „tebeeden, vier Iournaals vande krunsthouijs en het rapport van den strandmeester, van een van kolombo aangekoomen en na Naoer vertrocken vaartuig, zo meede onderdanigst ter kennisse te brengen dat op uwel Ed: Groot Achtb: hoog bevel, vervat bij gerespecteerde missieve van den 8' maij I„o leeden den E: Commandant van Essen tot het Com„ pleteren vande alhier gedetacheerd leggende Comp Sipahis van Kap„n Mamadellie, in deeze maand 5 vlugse kerels aangenoomen heeft Terwijl ik de eereheb mij met dies ontzach tenoemen /:onderstont/ Als vooren /:was getekent:/ C: F Ebeel /:in margiene:/ Manaar den 24 aug 1792 Ik biede uwel Edele Groot Achtb: in deezen geslooten onder„ „gaingst aan, het rapport van den strandmeester, van een van kolombo aangekoomen en naar de kust vertrok„ „ken vaartuig, en noeme mij voor 't overiege met diep ontzadh :/onderstont en getekent:/ Wes vooren /: in margienen Manaar den 31 aug„s 1742 Ik hebbe de hooge eere uweled: Groot Achtb:, in deezen gesloo „ten onderdanigst aanteleeden, vier Journaals van de kruis thonijs en de rapporten van Leven particuliere vaartingen die van kolombo kalpettij en deeze plaat naar Aan als vooren Aan als vooren naarde kust en Iaffana: vertrocken zijn, en noeme mij voor 't overiege met diep ontzach /:onderstont/en getek:/ desovoren/:in magene:/ Manaar den 7 xber: 1792 Deezer daagen zijn door den posthouder van Arripo dit heen opgezonden, twee inwoonders vande overzeide, zijnde de eene een moor en de andere een parrewa met naamen seijdalie Pullekader, en Marianoe Lena Ignatia Lena, die met peper uit de singaleese landen gekoomen, en door de pattrouie„ jeerende militairen opgevat zijn. op de aan hun gedaane vraagen, hebben ze 't meede bekend, dat gem: peper uijt de singaleeze landen gebragt, en hier hebben verkoopen wil„ „len ik hit het peper hunne prezentie weegen zijnde 38½ ponden, in het pakhuis overgeeven en volgens uwel Ed: Groot Achtb: g'eerd bevel vervat bij Circulaire missieve van den 11 8ber: 1791. aan de agterhaalders, de inkoops prijze betaalen laaten, voorts de agterhaalde perzoonen, bij de gemeene werken ten arbeid gesteld tot uweled: Groot Achtb: nadere beveelen. Dit heb ik de hooge eere uweled: Groot Achtb: onderdanigst temelden, en voor 't overiege mij met dief ontzach te noemen /:onderstont en getek:/ Als vooren /: in mar„ „giene:/ Manaar den 11 xber: 1792: Ik biede uweledele Groot Achtb: in deezen geslooten onder„ danigst aan, vier Journaals van de krinsthonijs en het rapport van den strandmeester van dae stuxvaartung en die 1117 494 Aan als vooren Aan als vooren die van kolombo en Kalpettij aangekoomen, en naar de kust vertrokken zijn. Terwijl ik voor 't overiege de eeresel met diep ontzach te zijn /:onderstont en getekent:/ Als vooren /:in mar„ giene:/ Manaar den 21. ' xber, 1792— Eerbiedigst biede ik uwel Ed: Groot Achtb: in deezen ge„ „slooten aan, vier Journaals vande kruisthouijs en de rapporten van den strandmeester van dertoen Stux vaartuigen, die van Kolombo Negombo en deeze plaatze naarde kust vertrokken zijn. Ik noeme mij voor 't overiege met diep ontzag (:onder„ „stont en getekent:/ Als vooren /:in wargeene:/ Manarr den 12:' 8ber: 1792. uwelEd: Groot Achtb: hoogst gerespekteerde missive van den 10:' dezer nevens de daar bij vermelde naamlijste van een korporaal en 35 gemeene Sipahis, heb ik de eere gehad te ontvangen, gem: manschappen zijn op den 17 alhier aangekoomen, en ik heb hun ten eersten aan den Commandant van Essen overgeeven en bij de hier gedetacheerde Comp Dapahis van Capp: Mama„ „dellie intrekken laaten Voorts melde ik uwelEd: Groot Achtb: onderdanigst, dat van voorn: gedetacheerde Comp: op den 12:' dezer gedeserteerd zijn vier gemeenen teweeten, 2 uijt de wagt post kowederoe en 2 uijt de wagt hier en biede testons in in eerbied aan 4 Journaals van de kruisthonijs. Ik noeme mij voor 't overiege met deap ontzach /:onder„ stont en getek:/ Als vooren /: in margiene:/ Manaar den 19 8ber: 1792 Aan als vooren Ik heb de eere gehad te ontvangen uwelEd: Groot Achtb: hoogst gerespeckteerde missive van den 24 october J„o Leeden, en het daar bij aanbevoolene omtrend den dit heen overteko„ „mene drilmeester keunings, tot mijne schuldige narigt genoomen. voorts biede ik uwelEd:Groot Achtb: in deezen nedrig aan, vier Journaals van de kruis thonijs nevens het rapport van den strandmeester van een van kolombo aange„ „koomene en naar de kust vertrokkene tonij, en noeme mij met diep ontzaclh /:onderstout en getek:/ Nes. vooren /:in margiene:/ Manaar den 2:' 9ber: 1792— Aan als vooren Den Zergeant en drilmeester Ian Babtist Kennings vermeld bij mwd Eed: Groot Achtb: hoog geredpekteerde missieve van den 24„e I„o leeden, is, op den 7 deser alhier g'arriveerd, dit heb ik de eere uwelEd: Groot Achtb: temeeden, en teffens onderdanigst aantebieden het Rhap„ port vanden strandmeester van twee vaartuigen, dewelke naar Kolombo en Manapaar vertrocken zijn. Ik noeme mij voor 't overiege, met diep ontzach /:onderstont en getekent:/ Als voora /:in margiene:/ Manaar den 9 9ber: 1792. Aan

NL-HaNA_1.04.02_3976_0947 view scan ↗

English

To the same as before To the same as before To the same as before I most humbly present to Your Right Honorable and Highly Esteemed Sirs herewith four journals of the cruising dhonies, together with the reports of the beach master of three vessels that have departed for Kilkare and Cochin. For the rest, I declare myself with profound respect. Was signed below: As before. In the margin: Manaar, the 23rd of November 1792. Your Right Honorable and Highly Esteemed Sirs' highly respected circular letter of the 19th of this month, I have had the honor to receive, and have taken into my dutiful observance the recommendations therein regarding the provision of field allowances to the European officers of the troops that are to be sent from here to Jaffanapatnam and Trincomalee. For the rest, I declare myself with profound respect. Was signed below: As before. In the margin: Manaar, the 30th of November 1792. I have the high honor to report hereby to Your Right Honorable and Highly Esteemed Sirs that the sloops Colombo and Gale, the first on the 1st and the latter on the 21st of this month, arrived here. The company of Madurese under the command of the Honorable, Valiant Ensign Langwald are ready to depart for that place in accordance with orders from the honored government of Jaffna, with the boat Texel and the dhonies that were sent from there. To the same as before I am currently busy having the ammunition goods loaded onto the boat Ceylon No. 3 to also transport them today to Jaffanapatnam, and I shall further let the company of Württembergers under the command of the Honorable, Valiant Captain von Winkelman depart thither as soon as I have the dhonies gathered together, because they cannot make the journey overland at present due to too much water in the rivers and the roads being muddy and bad. For the rest, I have the honor to declare myself with profound respect. Was signed below: As before. In the margin: Manaar, the 4th of December 1792. To the same as before Enclosed herewith, I humbly present to Your Right Honorable and Highly Esteemed Sirs four journals of the cruising dhonies, and the report of the beach master of a boat and a chaloupe that arrived from Karikal and Pondicherry and have departed for Colombo, and for the rest I declare myself with profound respect. Was signed below: As before. In the margin: Manaar, the 7th of December 1792. I have the honor to most humbly report to Your Right Honorable and Highly Esteemed Sirs that the sloop Gale departed on the 7th for Kalpitiya, and the company of Württembergers yesterday with four dhonies for Jaffanapatnam. I would have transported this company sooner, but the lack of dhonies and the prevailing continuous heavy rains and north wind have prevented me therein. Further To the same as before Furthermore, I report to Your Right Honorable and Highly Esteemed Sirs herewith, with all respect, that due to a lack of casks, subject to Your Right Honorable and Highly Esteemed Sirs' high approval, I have taken 20 pieces from the sloops Colombo and Gale for the storage of drinking water in the vessels with which the troops were transported to Jaffanapatnam. I shall return the same when the sloops arrive here, or otherwise send them later; at the same time most humbly requesting Your Right Honorable and Highly Esteemed Sirs to favorably provide me at the first opportunity with 5 to 600 kannen of arrack, since there is none remaining here and I have borrowed it from the leaseholder for the provision of rations to the aforementioned troops. For the rest, I have the honor to declare myself with profound respect. Was signed below: As before. In the margin: Manaar, the 16th of December 1792. The boat Texel, which according to my humble letter of the 4th of this month departed on the same date with half of the company of Madurese for Jaffanapatnam, returned the day before yesterday. Its master attests that, after all exerted effort, he reached the island of the Two Brothers, but due to a lack of rations, which he could not obtain there, he had returned here. I immediately had the Madurese brought ashore, and today sent them thither on two dhonies that transported the Württembergers and the remaining half company of Madurese to Jaffna and have returned. Further, having loaded the aforementioned boat with the powder and ammunition remaining here, I also dispatched it thither today. This I have the high honor to report to Your Right Honorable and Highly Esteemed Sirs, and to be with profound respect. Was signed below: As before. In the margin: Manaar, the 19th of December 1792. I most humbly present to Your Right Honorable and Highly Esteemed Sirs herewith four journals of the cruising dhonies and the report of the beach master of four dhonies that arrived from Jaffanapatnam and Tuticorin and have departed for Colombo and Tuticorin, and for the rest I declare myself with profound respect. Was signed below: As before. In the margin: Manaar, the 21st of December Anno 1792. To the same as before Sybrands Clerk Agrees. Colombo. Military Department To the Honorable, Valiant, Right Honorable Sir, Willem Jacob van de Graaff, Ordinary Councilor of the Dutch Indies, Governor and Director of the Island of Ceylon with its Dependencies, together with the Council. Honorable, Valiant, Right Honorable, High-Commanding Sir. In dutiful compliance with the contents of Your Honorable, Valiant, Right Honorable Sirs' Resolution of the 9th of December 1790, of which we received an extract along with your honored letter of the 23rd of November of the said year, we present hereby to Your Honorable, Valiant, Right Honorable Sirs the incoming report of the Commissioners of the armory here, being Lieutenant von Marcken and Ensign Soutter, containing an account of the exact inventory and of the condition of the firearms in the said armory. We furthermore add to it the report of the Acting Architect Lagarde of what was performed here on the fortifications during the recently passed year 1792.

Dutch transcription

1118 495 Aan als vooren Aan als vooren Aan als vooren onderdanigst biede ik uwel Ed: Groot Achtb: in deeze aan„ vier Journaals van de krunsthouijs, mitsgr de rappor„ „ten van den staandweester van drie stux vaartuijgen, die naar kilkare en Cochim vertrokken zijn Ten noeme mij voor het overiege met diep ontzach onderstont en getekent:/ Als vooren /:in margiene:/ Manaar den 23 9ber: 1792 uwelEd: Groot Achtb: hoog gerespecteerde Circulaire mis„ „sieve van den 19:' dezer, heb ik de eere gehad te ontvangen en het aanbevoolene daar bij omtgend het verstrekken van Veld douceur aan de Europeeze officieren van de troupes, die van ginder naar Iaffendpatnam en Trin Conomale staan gezonden te werden, tot mijne schuldeige observantie genoomen Ik noeme mij voor 't overige met diep, ontzach /:onderstont en getek:/ Als vooren /: in margiene/ Manaar den 30 9ber: 1792 Ik heb de hooge eere uwelEd: Groot Achtb: heer bij temelden, dat de sloeppen kolombo en Gale, de eerste op den 1.' en de laaste op den 21. dezer alhier g'arriveerd zijn, de Comp: Maduraesen onder Commando van den E: Manh: vaandrig Langwald, staan op leeden volgens ordre van de g'eerde Iaffanase regeering, med de bood: tegel en de touijs, die vandaar gezonden zijn, dat heen lever„ trekken Aan als Vooren „trekken, ik ben tans beezig de ammonitie goederen in de bood Ceilon N„o 3 telaaten afscheepen om ze meede op leeden nan Iaffanap„m te transporteeren en zal voorts de Comp„s wurtenbergers onder Commando van den wel Ed: Manh: Heer Capitain von winkelman, Lodra iktouijs bij den anderen heb, daar heen vertrekken laaten wijl ze tegenswoordig door dat teveel waater in de revieren, ende weegen moederig en slegt zijn, de zijze overland niet doen kunnen Ik heb voor 't overiege de eere, my med diep ontzagtenoemen /:onderstont en getek:/ Als vooren /:in margiene:/ Manaar den 4 7ber: 1742 Aan als vooren Ik biede uwel Edele Groot Achtb: in deezen geslooten nedrig aan, vier Iournaals vande kruisthouijs, en het rapport van den strandmeester van een bood en een sleng, die van karekal, en Pondicerie aangekoomen, en na kolombo vertrocken zijn, en noeme mij voor 't overige met diep ontzag /:onderstont en getek:/ Als vooren /:in margiene:/ Manaar den 7 December 1792- Ik heb de eere uwelEed: Groot Achtb: onderdanigst temelden, dat de sloep Gale op den 7 na Kalpottij, en de Comp: wurtenbergers op gisteren, met veertonijs naar Jaffana„ patnam vertrokken zijn, Ik zoude deeze Comp: eerder getransporteerd hebben maar het gebrek van tonijs, en de gehad hebbende aanhoudende sterke reegens en N: wind, hebben mij daar inne verhindert. voorts 1119 996 Aan als vooren Voorts melde ik uwelEed: Groot Achtb: hier bij noog in eerbied, dat ik uijt gebrek van vaaten, in hoofde van uweled: Groot Achtb: hooge approbatie „ 20 stux van de sloepen kolombo en Gale genoomen heb, tot bergen van drik water in de vaartuigen waarmeede de troupes naar Jaffanap„m getransporteerd zijn, ik zal dezelve als de sloepen hier koomen weder afgeeven, des anders naarderwaards Lenden verzoekende uwelEd: Groot Achtb: teffens otmoe„ digst, mij met de eerste gelegentheid gunstigst te geneven med 5 â 600 kannen arrak, vermits die hier niet per restant is en ik ze van den pagter geleend heb tot het ver„ „strekken van rand zoen aan voorn troupes Ik heb voor 't overiege de eere mij med diep ontzach te noemen. /:onderstont en getek:/ Als vooren /:in margiene:/ Ma„ naar den 16:' 7ber: 1792. De bood texel die volgens mijne nedriege van den 4.:' dezer op den zel„ rendatum, met de halve Comp„e Madureeschen naar Iaffanapatnam vertrokken, is op eer gisteren terug gekoomen, dus gezaghebber beteigd, dat na alle aangevende moeijte het Eijland de Twee„ gebroerders opgehaald, dog mits gebrek aanrand„ „soen, het welk hij daar niet bekomen konde, dit heemn terug gekomen was. Ik heb de Maduree„ „schen ten eersten doen aande wal brengen, en op heeden met twee tonijs, die de weeklenbergers en de overiege halde Comp„e Madureedasen naar Jaffe„ „na na gebragt, en terug gekomen zijn dat heem gezonden, voorts de voorn: bood met het hier overgeblevene kruijt en ammoitie belaaden, meede op leeden dat heen tertug gedepecteerd Dit heb ik de hooge eere uwel Ed: Groot Achtb: tem elden, en met diep ontzach, te zijn /:onderstont en geteekent:/ Als vooren /:in margiene:/ Manaar den 19:' xber: 1792 Ik biede uwel Edele Groot Achtbaare in deezen on„ „danigst aan vier Iournaals van de kruijsto„ „nijs en het rapport van den strandmeester„ van vier tonijs die van jaffanapatnam en Tutukorijn aangekoomen naar kolombo en tutukorijn vertrokken zijn en noeme mij voor 't overige med diep ontzag (:onderstond /:en getekend /: als vooren /:in margine Manaar den 21. xber: Ao 1792. Aan als vooren Sijbrands lyklerk Accordeert 1120 947 Colombo. Militaire Departement Aan den Wel Edelen Gestrengen Groot Achtb: Heer. Willem Jacob van de Graaff Raad ordinair van Nederlandsch India Gouverneur en Directeur van 't Eijland Ceilon met dies onderhoorigheeden Nevens den Raad. Wel Edele Gestr: Groot Achtb: Hoog Gebiedende Heer. Ter pluchtschuldige voldoening aan den inhoud van uwer wel Edele Gestr: Groot Achtb: Resolutie van den 9. xber: 1740. , waar van wij een Extrakt ontfangen hebben ne„ „vens hoogst desselfs g'eerden brief van den 23. November des gemelden Jaars, bieden wij uwel Edele Gestr: Groot Achtb: bij dee„ „zen aan, 't ingekoomen Rapport van de Com„ „missarissen van de wapenkamer alhier zijnde de Luitenant von Marcken en vaandrig soutter houdende verslag van den Exakten op neem en van de bevinding der geweeren in gemelde wapenkamer. wij voegen er nog bij 't Rapport van den Promterin Fabrieq lagarde van 't geen hier dan de vesting werken geduurende 't jongst vergangen Iaar 1792. verricht is m

NL-HaNA_1.04.02_3976_0954 view scan ↗

English

To the same as before. has been done and will now be done at the Utrecht Point, as well as the expense account mentioned in the said report at the debit of the Fortifications, amounting to ƒ3852. 5: 8, and the short strength returns of the infantry, artillery, and citizenry here as of the ultimate of December of the past year, and further we have the honor to remain with the highest esteem, below was written, Right Honorable, Highly Esteemed and High-Ruling Lord, Your Right Honorable and Highly Esteemed's very obedient servants, was signed, P. Sluijsken, I: L: Scheede, M: v: de Spar, N: B: Martheze, C: F: W: De Ranistr:, I: O: D: D: Estendau, A: E: De Lij, and P De Vos. In the margin: Galle, the 5th of January 1792. Lower: P: S: Yesterday arrived here from Mature a sergeant and thirteen privates of the battalion of Malabar sepoys, of whom a private named Bomanis Kasiem remains behind here in the hospital, and the rest, with their full weaponry under escort of a sepoy sergeant from the company of Captain Bakier Malien, departed there today; they have received nothing here. We have had the honor to receive Your Right Honorable's letter of the 5th of this month with the annexed copy of the capitulation of the Regiment of Wurtenburg, according to which, following your esteemed instructions, actions will be taken, and the given order regarding the bearing of corpses of native chiefs by national soldiers will also be observed. Besides this, we have the honor to present to Your Right Honorable a packet with open slip, containing the annual short strength returns of this garrison and of the soldiers stationed on detachment in Mature, addressed by Major and Commandant Schede here to Colonel Diederich Carel von Drieberg, head of the Ceylon Militia. At the request of the said Major Schede, we hereby submit to Your Right Honorable that, as it has not been written from Colombo how much pay the invalid discharges earn, but merely the names of the men have been given, we may be informed of their earning pay in order to pay them their pay in arrears from the month of September last, and at the same time the two good months which they enjoy before they depart for Europe; thus knowledge of the said earning pay is necessary, and it is requested that their pay accounts be sent here, showing under what terms they were accepted into Company service. We also hereby submit to Your Right Honorable the request of the invalid discharge Andreas Carius of Solms, who was stationed under Captain von Strube, that the withheld uniform money be paid out to him again for a pair of stockings, under-uniform, 1 shirt, 1 hat, coat, which uniform articles he testifies he had to surrender to the then under-sergeant Van der Straaten when he was placed into the hospital there. With the most dutiful sentiments of high esteem, we have furthermore the honor to be, below stood and was signed, as before. In the margin: Galle, the 10th of January 1792. We have had the high honor to receive Your Right Honorable's letters of the 10th, 11th, 13th, and 13th of this month. In accordance with the instructions in the first-mentioned letter, we have observed everything concerning the company of Malabar sepoys of Captain Patate Unerie, who arrived here yesterday under the command of Lieutenant Frikko and is to depart from here tomorrow for Mature to relieve the Moors detached in the Magampattoe, for which the necessary provisions have already been timely dispatched by us to the Lieutenant Disava Von Schuler at Mature. According to the order in the second letter, we have, for the execution of the payments authorized by Your Right Honorable at the request of Colonel Hugel to his company that arrived with the ship Zeeland, given the necessary instructions to the trade officials here to that end. And the orders given in the last-mentioned two letters to grant transports to Captain-Lieutenant Hoffman, appointed to Colombo in the place of the late Captain Veltnagel as captain of the vacant company at Colombo of the Regiment of Wurtenburg, and to Captain Inder, granted his dismissal in this regiment, to the Netherlands, and whatever further relates to this captain, we have taken for our dutiful guidance. To the same as before. guidance. Upon the application made by the citizenry here, who have been under arms for so long, we hereby submit to Your Right Honorable that, if there are no particular reasons to keep them in service any longer, they may be permitted to return to their trades and surrender their weapons. Furthermore, we let this serve solely to accompany the enclosed two letters with open slips addressed to the Colonels Von Drieberg and Baravicini de Capelle, with the semi-monthly short strength returns of the infantry and artillery of this command as of the middle of this month, and have the honor to be, with the most dutiful sentiments of complete high esteem, below stood and was signed, as before. In the margin: Galle, the 19th of January 1792. Yesterday, upon the return of Colonel Hugel from Colombo, we caused to be handed to him 1

Dutch transcription

Aan als voore is en nu aan de Punt utrecht gedaan zal worden, zo mede de bij gedagte Rapport ver„ „melde onkost Reekening ten laste der Forti„ „ficatie groot ƒ3852. 5: 8. en de korte sterkten van de infanterie Arthillerie en burgerij alhier onder ult:o december J„o Leeden en heb„ „ben voorts de eer met de meeste koog ach„ „ting te zijn /:onderstont/ wel Edele Gestr: Groot Achtb: Hoog gebiedende Heer: uwel Edele Gestr: groot Achtb: zeer gekoorzaame Dienaaren /:was getk:, P. Sluijsken I: L: scheede M: v: de spar, N: B: Martheze, C: F: W: De Ranistr: I: O: D: D: Estendau A: E: De Lij en P De vos /:in margine /: gale den 5. Ianuarij 1792. /: la„ „ger /: P: S: Gisteren zijn alhier van Mature aangekoomen een sergeant en dertien ge„ „meenen van 't Bataillon Mallabaakse si„ „pahis, waar van een gemeene genaamt Bomanis kasiem hier in't hospitaal terug blijft, en de overigen met hunne volle wapen onder exkorte van een sipa„ „rise zergeant van de Comp.: van ka„ „pitain Bakier Malien heden na der „waards vertrokken, zij hebben alhier niets genooten. wij hebben de eer gehad te ontfangen uw wel Edele Gestr: Groot Achtb: brief van m 1121 948 5 dezer met de daar bij gevoegde afschrift capitulatie van 't Regiment van wurten„ „burg waar na volgens hoog g'eerd aan„ „schrijven zal gehandeld en de gegevene ordre omtrent het dragen van lijken der in „landsche hoofden door nationaale Militai„ „ren ook zal worden in acht genoomen. Bezijden deese hebben wij de een uwel Edele gestr: Groot Achtb: aantebieden een paket met openslip, houdende de jaarlijkse korte sterkten dezes guarnizoens en van de te Mature gedetacheerd leggende Mi„ „litairen door den Majoor en komman„ „dant schede alhier gerigt aan den Heer Diederich Carel von drieberg kollonel en hoofd der Ceilonsche Militie. op verzoek van gem: E Majoor schede dra„ „gen wij uw wel Edele Gestr: Groot Achtb: bij deeze voor terwijl van colombo niet aangeschreven is, hoe veel gagie der invali„ „des verlossere gewinnen maar simpel„ „de naamen der Manschappen zijn opgege„ „ven, hunne winnende gagie te moogen weeten, om hun te goed hebbende gagie van de maand 7ber: Iongstleden te kun„ „nen uit betaalen en teffens de twee goede maanden die deselve genieten eer zij na Europa vertrekken dus ook noodzakelijk van gem: winnende ge„ „gie kennis diend te weezen en hunne zoldij zoldij reekeningen verzogd word rer„ „waards gesonden te werden waar bij blijkt op welke voorwaarde dezelve in Comp: dienst zijn aangenoomen. ook drage wij uwel Edele Gestr: Groot Achtb: bij deeze voor 't verzoek van den invalide verlosser Andreas Carius van solds be„ „scheiden geweest onder de kapitain van strube om het afgehoudene Monteerings geld aan hem weder te laaten uitkee„ „ren voor een paar kousen onder mon„ „teering 1. hem d 1. hoede Rok en welke mon„ „terings goederen hij betuigd aan den toenmaligen onder zergeant van der straaten te hebben moeten afgeven, toen hij aldaar in 't hospitaal is gedaan. Met de verpliahtigste gevoelen van hoog Achting hebben wij voor het overige de eer te zijn /:onderstont en getekent:/ Ald vooren /:in margine:/ Gale den 10. Ian„ „nuarij 1792. Wij hebben de hooge Eere gehad te ontfangen uw wel Edele Gestr: Groot Achtb: brieven van den 10. 1. 13. en 13. deezer Ingevolge aanschrijven bij eerst gemelde brief hebben wij alles ge„ „opserveerd wat betrekking heeft tot de komp: Mallabaarse sipais van kapitain Aan als vooren Patake 1122 77915 Patate unerie, die gisteren onder komman„ „do van den luitenant Frikko, alhier aangekoomen en morgen van hier na Ma„ „ture staat te vertrekken om in de Ma„ „gampattoe gedetacheerde mooren aftelos„ „sen waar toe 't noodige reeds na Mature aan den Luitenant Dessave van schuler„ en tijdig door ons bedeeld is. Volgens ordre bij de tweede brief, hebben wij tot het doender door uw wel Edele Gestr: Groot Achtb: gequalificeerde betalingen op verzoek van den Heer collonel Hugel aan zijn E: kompenie met het schip ze„ „land aangekoomen de nodige onderrichtin„ „gen, ten dien einde den Negotie bedien„ „den alhier gegeven. Ende bij laastgemelde twee brieven gege„ „vene beveelen om transporten te ver„ „leenen aan den inplaats van wijlen den kapitain veltnagel tot kapitain bij de vacante komp: te kolombo van het regiment van wurtenburg aan„ „gestelden kapitain Luitenant Hoffman na kolombo en aan den in dit regiment zijn demissie verleende kapitain in„ „der, na Nederland en wat verder eeni„ „ge betrekking tot deese kapitain heeft, hebben wij tot onze schuldige naricht in Aan als voore. naricht genoomen. Op de gedaane instantie van de reeds so lange onder de wapens staande Bur„ „gerij alhier, draagen wij uwel Edele Gestr: Groot Achtb: bij deese voor indien hoogde dezelve geene besondere reedenen van den hun langer indienst te houden hun dan te willen toestaan dat ze weeder tot hunne neeringen keeren en de wa„ „penen afgeeven moogen. wij laaten deeze voorts eenelijk dienen ten geleide van ingeslootene twee brie„ „ven met opene slippen gericht aan den heeren Collonels van Drieberg en Baravi„ „cini de Capelie met de talfmaan „dige korte sterkten van de infante: „rie en arthillerij deeses kommande„ de „ments onder medio dezer en hebben de Eere met de verplichtigste gevoelen van volkoome hoog achting te zijn /:onder„ „stont en getekent:/ als vooren /:in maa„ „gine:/ Gale den 19 Jannuarij 1742. Wij hebben op gisteren met de terug„ komst van den heer kollonel Augel van kolombo aan zijn Ed: doen ter hand stellen 1

NL-HaNA_1.04.02_3976_0959 view scan ↗

English

1123 100015 To the same as before present the letter sent to us by Your Right Honorable Valiant Grand Worships. The company of Wurtemberg Infantry of the said gentleman colonel shall depart this week for Mature, in order to keep garrison there according to the order of Your Right Honorable Valiant Grand Worships by letter of the 18th of this month, of which we have already informed Lieutenant Desjare van Schuler. On the 19th of this month, there departed from here for Kolombo with their full weapons, under escort of a sepoy corporal from the company of Pakkier Malier, two Malabar sepoys who had remained behind at Mature due to illness but are now recovered, namely Poelloettoe Warikie of the company of Christians and Amidoe Samaloedie of the company of Moors. With the most dutiful sentiments of high esteem we have otherwise the honor to be, was underwritten and signed: as before. In the margin: Gale, the 22nd of January 1792. We have the honor, Your Right Honorable Valiant Grand Worships To the same as before. Grand Worships, to hereby present two letters with open flaps addressed to the gentlemen Colonels van Drieberg and De Paravecini di Capelli, containing the first communication of what has occurred in the garrison here as well as at Mature, and the monthly list and strength of the military personnel and the others, also containing the strength and list of the artillerymen as of the last day of January past, and further call ourselves with the utmost sentiments and high esteem, was underwritten and signed: As before. In the margin: Gale, the 4th of February 1792. The Dutch copy of the capitulation of the Regiment of Wurtenburg requested in the highly honored letter of Your Right Honorable Valiant Grand Worships of the 9th of this month, we have the honor to present hereby to the same. We have had no opportunity to keep 1124 1001 15 To the same as before. thereof a copy, and request Your Right Honorable Valiant Grand Worships that the same may be sent to us corrected, or another for that purpose, with a copy of the Cape pay list, which we took the liberty of sending to Your Right Honorable Valiant Grand Worships with our letter of the 19th of January past, in order to serve for information at the Trade Office here. Respectfully presenting hereby our semi-monthly short strengths enclosed in two letters with open flaps addressed to the gentlemen Colonels van Drieberg and Paravicini di Capelli, together with a list of two Malabar sepoys recovered from the hospital here, who have departed thither with full weapons under escort of a sepoy sergeant, we have the honor, with the most dutiful sentiments of high esteem, to subscribe this, was underwritten and signed: As before. In the margin: Gale, the 20th of February 1792. We have had the honor to receive your Your Right Honorable Valiant Grand Worships' much esteemed ordinary circular letters of the 18th, 22nd, and 24th of this month, and humbly serve in reply to the same that the undersigned Commander, having spoken with the gentleman Colonel de Augel, it is arranged such that, besides the captain of the company, von Netzen, the second lieutenant von Heldrit, a corporal, and four privates, who alone remain behind, the remainder of the entire company of the said von Wetzen, under the command of First Lieutenant von Franquemont, can depart for Batticaloa with the ship 't Meewtje and is today also already embarked on the said ship, in order to depart thither tomorrow, given a good opportunity. We hereby present to Your Right Honorable Valiant Grand Worships the copy of our letter being dispatched therewith to Chief Burnand at Batticaloa, whereby also 1125 10 1002 15 also specifically the strength of the said company, consisting of 144 men besides those remaining behind here, is demonstrated. We have requested from the overseer of the corle the necessary coolies for the transport of the officers of the troops of the Regiment de Meuron, and these troops, as soon as the coolies appear, will immediately march overland to Kolombo; their baggage and sick shall remain behind to be sent by sea at the first opportunity. Yesterday there also arrived from Mature the Eastern company of Captain Abutum, summoned from there to keep garrison here, of which we hereby give notice to Your Right Honorable Valiant Grand Worships, and according to circular order we shall reduce the pay of the Eastern subaltern officers to 8 rixdollars for a lieutenant and 6 for an ensign, with one parra of rice each. We shall likewise comply with the orders To the same as before. orders to have 50 rixdollars per month furnished to Lieutenant Lagarde, and to have that which this amounts to more than his ordinary pay written off to the account of fortification, as well as to withdraw the douceur granted to him as of the last day of this month accordingly. With the most dutiful sentiments of high esteem we have otherwise the honor to be, was underwritten and signed: As before. In the margin: Gale, the 26th of February 1792. We have the honor, Your Right Honorable Valiant Grand Worships, to hereby present the lists of the strengths of the detachment of the Regiment de Meuron, which, according to the order of Your Right Honorable Valiant Grand Worships, marched from here yesterday for Kolombo under

Dutch transcription

1123 100015 Aan als vooren stellen den door uw wel Edele Gestr: Groot Achtb: aan ons toegesonden brief De kompenie wirtenbergsche Infanterie van gemelden heer overste zal in deeze week na Mature vertrekken, om vol„ „gens uw wel Edele Gestr: Groot Achtb bevel bij brief van den 18: deezer aldaar guarnizoen te houden, waar van wij reeds den luitenand Desjare van schu„ „ler hebben kennis gegeve. Den 19 deezer zijn met hunne volle wa„ „penen onder escorte van een sipaise korporaal van de kompenie van Pak„ „kier Malier van hier na kolombo ver„ „trokken, twee door ziekte op Mature te rug gebleevene dog thans herstelde Mallabaarsche sipais, namelijk Poel„ „loettoe; warikie van de komp:s chris„ „tenen en Amidoe samaloedie van de komp: mooren Met de verplichtigste gevoele van hoog Achting hebben wij voor 't overige de eer te zijn :/ onderstont en getekent:/ als vooren :/ in margine J: Gale den 22. Jannuarij 1792. Wij hebben de Eere uwel Edele Gestagroot Achtb Aan als vooren. Achtb: bij deesen aantebieden twee brie„ „ven met opene sleppen gerigt aan de heeren collonels van drieberg en de Pa„ „ravecini de capelli, houdende de Eek„ „ste communicatie van 't voorgevalle„ „ne in 't guarnizoen alhier als te Ma„ „ture en de Maandelijkse Lijste en sterkte van de Militairen en de ande„ „re, vervattende meede de sterkte en lijste van de arthilleristen onder ult„ „mo Jannuarij Hleeden en noemen ons voorts met de moeste gevoelens en hoog achting /:onderstont en Getekent Als vooren:/ in margine:/ gale den 4. Fe„ „baunaij 1742. Het hollandsch afschrift van de Capitula „tie van 't oegiment van wurtenburg gevraagd bij uwel Edele Gestr: Groot Achtb: Hoog g'eerden brief van den 9 dezer hebben wij de Eer hoogde „zelve bij deeze aantebieden wij hebben geen gelegendheid geheid daar 1124 toot 15 Aan als vooren. daar van een afschrift te houden en ver„ „zoeken uw wel Edele Gestr: Groot Achtb: dat onze dezelve verbeterd of een ander ten dien einde mag worden gezonden met een afschrift van de kaabsche be„ „taalings lijst, die wij uw wel Edele geste Groot Achtb: bij onsen brief van E„ den 19. Iannuarij Heeden de vrijheid genoo„ „men hebben toetezenden, ten einde op 't Negotie kantoor alhier tot narigt te konnen strekken. onze halfmaandige korte sterkten besloo„ „ten in twee brieven met opene slip„ „pen gericht aan de heeren Collonels van Drieberg en Bararicine de Capal„ „li, nevens een Lijst van twee uit 't ziekenhuis alhier herstelde Malla„ „baarse sipais, die met volle wapen onder eskorte van een sipaise sergeant na derwaards zijn vertrokken bij deese Eerbiedig aanbiedende, hebben wij de eere met de verplichtigste gevoelen van hoog achting deese te onderschrijven /:on„ „derstond en getekent Als vooren /: in margine Gabe den 20. Februarij 1792. wij hebben de Eere gehad te ontvangen uw uw wel Edele gestr Groot Achtb: veel g'eerde gewoone curculdire brieven van den 18. 22. en 24. deser en dienen op desel„ „ve needrig dat den ondergetekenden kommandeur met de Heer kollo„ „nel de Augel gesprooken hebbende t zodanig geschikt is dat, buiten de kapitain van de kompenie von Net„ „zen de second luitenant von Hel„ „drit, een korporaal en vier gemee„ „ „nen, die alleen terug blijven voor 't overige de geheele kompenie van gem: ron Wetzen, onder 't gesag van den priemier luitenant von Franque„ „ment met 't schip 't Neeutje na Batticaloa vertrekken kan en ook heeden in gem: schip reeds gr embarkeerd is om bij goede gelegend„ „heid op morgen naderwaards te ver„ „trekken. wij bieden uw wel Edele Gestr Groot Achtb: bij deeze aan 't afschrift van onze daarmeede afgevaardigd wer„ „dende brief aan 't opperhoofd Burnand te Batticaloa waar bij ook 1735 10 1002 15 ook specificq de sterkte van gem: Comp: in 144. Man bestaande behalven de alhier agter blijvenden aangetoond word. Wij hebben van den opziender der korl de nodige koelies tot Transport van de of„ „ficiers van de Troupes van 't Regiment van Meuron gevraagd en zullen dee„ „ze troupes soo dra de koelies opdaagen, ten eersten Marcheeren overland na ko„ „lombo hunne bagasie en zieken zul„ „len agter blijven om over zee gezonden te worden bij eerste geleegenheid. ook is gisteren van Mature aangekoomen de van daar ontboodene oostersche kom„ „penie van kapitain Abutum om al„ „hier guarnizoen te houden waar van wij uw wel Edele Gestr: Groot Achtb: kennis geeven bij deeze en volgens curcilair bevel zullen wijt Traktement van de oostersche su„ „balterne officieren, reduceeren tot 8. rd:s, een Luitenant, en 6; een raan„ „drig met een parra rijst ider Wij zullen insgelijks voldoen aan de beveelen „ 70 2 Aan als vooren beveelen om aan den luitenant Lagar„ „de 'smaands 50: rd:s, te laaten verstrek„ „ken, en 't geen dit meerder bevraagd als zijne gewoone gagie op reekening van fortifikatie te laaten afschrijven als ook het aan hem toegelegd Drie „ceur onder ultimo Dezer maand mits dien weeder intrekken Met de verpligtigste gevoelen van hoog achting hebben wij voor 't overige de Eere te zijn /:onderstont en getekent /:Als vooren /:in margine /: gale den 26. Februarij 1792. wij hebben de Eere uwel Ed: Gestr Groot Achtb: bij deeze aantebieden de Lijsten van de sterkten van 't Detachement van 't Regiment van Meuron, 't welk volgens uwel Ed: Gestr Groot Achtb: order op gisteren van hier v na kolombo gemarcheerd is on„ „der 5 ra

NL-HaNA_1.04.02_3976_0965 view scan ↗

English

To the same as before. under command of Captain Lieutenant Meuron Du Rochat, as well as of those who remained here invalid and in the hospital, namely: Departed for Colombo first plan - 125 invalid here - - - — — 10 And remained in the hospital - - - 18 Together 153 men. With the most obliged sentiments of high esteem we have the honor to be: was signed: As before. In margin: Galle the 1st of March 1742. We have the honor herewith to present to Your Noble Valiant Great Revere our monthly short strength reports as of the last of February today, enclosed in two letters with open slips addressed to the Gentlemen Colonels von Drieberg and Paravicini di Capelli. Lieutenant Desselve of Schulex at Matara has urgently put before us the request of the Lieutenant of Artillery Messel to be allowed to benefit from the supplement of the deficit up to the pay that he, according to the Regulations, must earn in his present capacity, namely up to f 40 per month, and which request we herewith present to Your Noble Valiant Great Revere in order to be honored with your highest approval on it. The first-signing Commander herewith presents to Your Noble Valiant Great Revere a letter addressed to him by the Lieutenant of Artillery Broehet, who is under arrest, and requests to be provided with Your Noble Valiant Great Revere's pleasure on it in order to permit him, while his papers are sent to Batavia, to also depart thither for reasons as he explained in his mentioned letter, and to which we add that we have taken the necessary notice that his assertion of a sickly bodily constitution represents the truth. Major Scheede having presented to us the following requests, we have not been able to refrain from accepting them and presenting them for the favorable approval of Your Noble Valiant Great Revere, as we do herewith: 1: on the recommendation of Lieutenant Behm, commanding the Eastern Company of Captain Sinko Sarie, in case of vacancy, to have Corporal Johan George Swenselberg of Vienna, who is presently acting as drillmaster, with the simultaneous request for his promotion to Sergeant, as he is a good non-commissioned officer and of good conduct. 2: on the recommendation of the Ensign and commander of the mentioned Company, Vuistman, to promote the private and drillmaster in the Sepoy Company of Captain Bapsal, named Fredrik Axen of Emden, to Corporal, as he conducts himself very well and makes this advancement deserved. 3: That the Corporal of the Jäger Company, Marten Tijl, who came out of the hospital here, may remain in Galle itself, in order to then be able to repatriate in the coming month of November, since his time is up. 4: on the recommendation of the Administering Lieutenant Weeder, upon expiration of time, to increase the pay of private Fredrik August Wagened, of whom we herewith attach an extract from the Pay Ledger, from f 9 to f 12 with a new contract of five years, provided that he receives the gratuity designated for it. 5: on the recommendation of Ensign Estrop, commanding To the same as before. commanding the Eastern Company of Captain Abitum, that the following fine young fellows and of Eastern descent may be accepted into the Company's service under the mentioned Company, namely: The youth Simitje of Ceylon, in case of vacancy, as flutist, and as privates: 1 Doelkader of Ceylon 2 Arman of the same 3 Batto of Galle 4 Amin of Sumanap 5 Saier of Ceylon, and 6 Cabat of Bala. With the most obliged sentiments of high esteem we have the honor to be: was signed: As before. In margin: Galle the 6th of March 1792. We have had the honor to receive Your Noble Valiant Great Revere's highly honored letters of the 7th and 8th of this month. With the received account of Captain Metman regarding arrears of equipment money for the two companies of Malabar Sepoys stationed as detachments both here and at Kirinde, we have acted according to orders. Yesterday the company of Malabar Sepoys under the command of Ensign Coint departed from here for Matara, in order to march further to Batticaloa through the Matara lands. Of this company, the following remained behind sick here in the hospital: The Sepoy Captain Poma Moettoe The private drillmaster Johan Fredrik Hubner The private Alappa Matton The private Maleka Osapen The private Matten Tjenie However, instead of the aforesaid drillmaster who remained behind, we have assigned to the aforementioned Ensign Coint the Sergeant of the supernumeraries here, Konove van de Sompelen, of which we herewith give notice to Your To the same as before. Noble Valiant Great Revere. With the most obliged sentiments of high esteem we have the honor to be: was signed: As before. In margin: Galle the 14th of March 1792. We have the honor to present to Your Noble Valiant Great Revere our half-monthly short strength reports, closed as of mid-month and addressed in the letters attached hereto under open slips to the Gentlemen Colonels von Drieberg and Paravicini di Capelli, as also a memorandum enclosed herewith of one hundred and seventy rixdollars and nine stivers regarding equipment money collected from the companies of Malabar Sepoys of Captains Unerie and Bapasat, to be paid there to the Captain and Commandant of [illegible]

Dutch transcription

40 1126 15 tot1 Aan als vooren. onder kommando van den kapitain luitenant Meuron Du Rochat, zo wel als van die alhier Impoten en het hospitaal verbleeven zijn te weeten Na kolombo vertrokken primo plano - 125 alhier impotent - - - — — 10. En in 't hospitaal verbleeven - - -18 Te zaamen 153. Manne Met de verplichtigste gevoelen van hoog achting hebben wij de eer te„ „zijn:/ onderstont en getekent:/ Als vooren /:in margine:/ Gale den 1. Maart 1742. in Wij hebben de eere uwel Ed: Gestr: Groot achtb: bij deesen aante bieden onse maandelijk„ „se korte sterkten onder ultimo febr: Heeden, beslooten in twee brieven met opene slippen gerigt aan de heeren Co„ „lonels von Drieberg en paravicine de capelli. De luitenant Desselve van schulex te 1 do te Mature heeft ons instantig voor„ „gesteld het verzoek van den luitenant der Arthillerij Messel om te moogen profiteeren van 't supplement van 't mankeerende tot de gagie die hij volgens 't Reglement in zijn presente qualiteit moet winnen, namelijk tot ƒ 40. smaands en welk verzoek, wij uwel Ed Gestr: Groot Achtb: bij deeze voordraagen om daar op met hoogst desselfs goedvinden te worden vereerd. De Eerstgetekende commandeur bied uwel Ed: Gestr: Groot Achtb: bij deeze aan een door den in arrest bevindenden zui „tenant der arthillerij Broehet aan hem gerigten brief en verzoekt daar op met uwel Ed: Gestr: Groot Achtb: welbehagen te moogen worden voor„ „zien om hem, terwijl zijne papie„ „ren na Batavia gesonden worden, te permitteeren dat bij meede na derwaards mag vertrekken om reg„ „denen zoo als hij bij gemelde zijn drief verklaard 80 1127 955 1012 verklaard en waar bij wij voegende no„ „diege kennis genoomen te hebben dat zijn voorgaeve van ziekelijke lighaam constitutie de waarheid besteld. De Majoor scheede ons voorgesteld hebben„ „de de ondervolgende verzoeken zoo heb„„ „ben wij niet kunnen afzijn dezelve aanteneemen en ter gunstige goed„ „keuring van uwel Ed: Gestr: Groot Achtb: voortedragen gelijk wij doen bij deeze vom op /:/ om op voordragt van den luitenant Behm commandeerende de oostersche komp: van kapitain sinko sarie mits vacatura den korporaal Jo„ „han George swenselberg van weenen„ dewelke zig thans als drilmeester te moogen hebben met verzoek tef„ „fens om zijne bevordering tot serge„ „ant dewijl hij een goede onder offi„ „cier en van goede conduite is. 2:) om den soldaat en drilmeester bij de sipahis Comp: van kapitain Bapsal in in naame Fredrik Axen van Embde op voordragt van den vaandrig en commandant van ged„te Comp:s vuist, „man te bevorderen tot Corporaal, wijl dezelve zig zeer wel gedraagd en deeze avancement verdienstelijk maakt. 3:/ Dat den alhier uit het hospitaal gekoomene korporaal van de ga„ „ger comp: Marten tijl op Gale zelfs- mag blijven om in de aanstaande maand November vermits zijn tijd uit is, als dan te kunnen re„ „pataceeren. 4) op voordragt van den Administerende Lui„ „tenant weeder den soldaat fredrik Au„ „gust wagened waar van bij deeze voe„ „gen een Erdrakt uit het zoldij Groot boek, mits tijds Expiratie van ƒ9. tot:/ 12. in gagie te verhoogen met een nieuw verband van vijf jaaren mits genie„ „tende 't daar voor bepaald douceure I op voordragt van den vaandrig Estrop commandeerende 1130 1015 1128 1013 Aan als vooren. Commandeerende de oostersche Comp: van capitain Abitum de na volgende flu„ „re Jonge kerels en van oostersche af„ „komst in sComp:s dienst onder gemel„ „de Comp: te moogen worden aangenoo„ „men als. Den Iongman Simitje van Ceilon mits vacasura als fluiter en tot soldaaten. 1 Doelkader van ceilon 2. Arman „ d=o v. Batto - gale 4 Amin sumanap 5. Saier ceilon en 6. Cabat Bala Met de verplichtigste gevoelen van hoog achting hebben wij de Eere tezijn /:on„ derstont en getekent:/ Als vooren /:in„ margine/: Gale den 6: Maart 1792. Wij hebben de eere gehad te ontvangen uw wel Edele Gestr Groot Achtb:s Hoog„ g' eerde brieven van den 7: en 8: dezer Met de ontvangene Reekeninge van de kepati Mitman „ „ Metman weegens agterstaand. Mon„ „teerings geld van de twee kompenien Mallabaarsche sipaien die zoo hier als op kirinde gedetacheerd leggen, hebben wij volgens order gehandeld. Gisteren is van hier na Mature ver„ „trokken de kompenie Mallabaarsche sipais onder Comando van den vaandrig coint, om door de Matureesche Landen verder na Battikaloa te marcheeren vandeeze komp: zijn alhier in 't hospi„ „taal ziek terug gebleeven. De Sipaise kapitain Poma Moettoe De gemeene Brilmeester Johan fredrik Hubner „ gemeene Alappa Matton 100 Maleka osapen 10 Matten Tjenie Doch in steede van evengemelde agter geblevene wilmeester hebben wij voor meeden vaan„ „drig coint toegevoegd den sergeant bij de over kompleiten alhier konove van de sompelen, waar van wij uw wel 1730 1055 1129 1014 Aan als vooren. wel Edele Gestr Groot Achtb: kennis gee„ „ven bij deeze Met de verplichtigste gevoelen van hoog ach„ „ting hebben wij de eere te zijn :/ onder„ „stond en getekent:/ Als vooren:/ in mar„ „gine:/ Gale den 14: Maart 1792. wij hebben de eere uwel Edele gestr Groot Achtb: onze halfmaandige korte sterk„ „ten aante bieden onder medio: deezer af„ geslooten en gericht bij de nevens deeze gevoegde brieven onder open slippen aan de heeren kolonels von Drieberg en Baraviani de Capellia, als ook een bij deeze gesloote Memorie van rijxdaalders Een hondert en zaggentig en Neg stuivers weegens ingekoomen Monteerings geld van de kompanien Mallabaarsdhe sipais van de kapitains unerie en Bapasat om aldaar aan den kapitain en kommandant van t n Seven

NL-HaNA_1.04.02_3976_0972 view scan ↗

English

To the same as before. to be disbursed to the Sepoy Battalion of Mitman, and remain furthermore with the most obliged sentiments of high esteem. Was undersigned: As before. In the margin: Gale, 22 March 1792. The Malabar Sepoy soldier of the company of Captain Bapasat named Seesoesmaal of Tekleture, aged 25 years, having absented himself from here on the night of the 28th of this month without anyone having been able to discover up to now which way he has taken, we have the honor to dutifully give notice thereof to Your Honorable Rigorous Grandly Esteemed Sirs hereby. The Honorable Major Scheede has given us the following statement of required ordnance goods, which we request may be supplied to us from the Colombo armory by the esteemed orders of Your Honorable Rigorous Grandly Esteemed Sirs, namely: 60 pieces of Coromandel drum skins 10 bundles of double Dutch drum cords 10 ditto ditto drum snares 80 skins of native grease leather 50 pieces of Coromandel goat skins 50 skins of good native dressed leather 10 pieces of drum hoops. With the most obliged high esteem, we have furthermore the honor to be. Was undersigned: As before. In the margin: Gale, 31 March 1792. We have the honor to inform Your Honorable Rigorous Grandly Esteemed Sirs hereby that the soldier and former lens-maker of the Christian company of Captain Toma Mattoe, named Iohan Pieter Subner, departed for your parts on the 2nd of this month on a native vessel; he has enjoyed half wages here until the end of this month. We have the honor, with the most obliged sentiments To the same as before. To the same as before. sentiments of high esteem, furthermore to be. Was undersigned: As before. In the margin: Gale, 4 April 1792. This serves solely to accompany the enclosed two letters with unsealed slips addressed to Your Honors Colonels von Drieberg and Paravicini di Capelli, containing the customary monthly short strength returns, according to Your Honors' format, of the military personnel and artillerymen stationed in this commandement, and we have the honor to be, with the most obliged sentiments of high esteem. Was undersigned: As before. In the margin: Gale, 7 April 1792. At the request of the Honorable Colonel Hugel and upon the presentation of a letter written to him by the Honorable Governor, whereby the dispatch of Captain Hofman to Trincomalee is granted, we wrote yesterday to Mature, in expectation of To the same as before. of approval, that the said Hofman must come over here at once for that purpose, of which we have the honor to report to Your Honorable Rigorous Grandly Esteemed Sirs hereby; as also that the Malabar Sepoy soldier of the company of Captain Bapasat named Seesoesmaal of Tekletura, who, according to the report in our letter of the 31st of March last, had absented himself, has since been caught again, and that on the other hand another soldier of the said company named Seeg Bram of Tantijkel was found absent on the 6th of this month, without our having been able to learn as yet which way he has chosen. With the most obliged sentiments of high esteem, we have the honor to be. Was undersigned: As before. In the margin: Gale, 14 April 1792. We have had the honor to receive Your Honorable Rigorous Grandly Esteemed Sirs' letter of the 11th of this month and, pursuant to the same, have immediately written to the Lieutenant Disava von Schuler, forwarding the excerpt from the answered question points of the spy captured at Batticaloa, to give notice thereof to the Resident Brinkman in the Magampattoe, and furthermore to take such measures as shall be necessary, in consultation with the said Resident, to guard the salt pans there against all surprises. We shall meanwhile also keep ready to march the Eastern company that was recently summoned here from Mature, in order that, whenever the company of Easterners that is presently stationed at Tangalle might march to the Magampattoe, and it might thus be necessary, they can be allowed To the same as before. to proceed from here to Tangalle in their place. We hope, however, that this will have no consequences, at least not for the present, because we are informed that at this moment no salt is to be found in the salt pans, and whatever there still was has been melted away by the heavy rains that have fallen. With the most obliged sentiments of high esteem, we have furthermore the honor to be. Was undersigned: As before. In the margin: Gale, 14 April 1792. In reply to the secret letter of the 13th of this month received this morning from Your Honorable Rigorous Grandly Esteemed Sirs, this serves humbly to state that, upon receipt thereof, we dispatched such a letter to the Lieutenant Disava von Schuler in accordance with the orders given therein, as the copy attached hereto dictates. Tomorrow, also in compliance with the order, the Eastern company of Captain Abitum Pluit under the command of Ensign Estrop departs from here for Mature, in order to proceed from there further to Tangalle, in place of the company of Captain Singo Sarie, which is marching up to the Magampattoe. The Honorable Major Scheede has surveyed the stock of fixed cartridges in the armory here, and found to be present today: 1415 bundles of serviceable cartridges 5 bundles of unserviceable ditto 1420 bundles together, and more are still being made, in order to be able to have a good stock of them and to come to the assistance of Mature at once should the occasion arise. On account of the small strength of our present garrison due to all the detached troops in the Mature district

Dutch transcription

Aan als vooren. 't Battaillon sipahi DE: Mitman te worden uitgekeerd, en zijn voorst overiege met de verplichtigste gevoelen van hoog achting /:onderstont „ getekent /: Als vooren /:in margine /: Gale Den 22. Maart 1792. De Mallabaarsche sipaische soldaat van de kompenie van kapitain Ba„ „pasat met naamen seesoesmaal van Tekleture oud 25 Jaaren, zich al„ „hier op den 28: dezer snagts geabsenteerd hebbende zonder dat men tot nu deeft koomen naspeuren, welken weg hij ingeslaagen heeft zo hebben wij de eer uwel Edele Gestr Groot Achtb: daar van schuldpligtig kennis te geeven bij deeze. Den E: Majoor scheede heeft ons de volgen „de opgaave van benoodigde wapen gede„ „ren gedaan, die wij verzoeken dat door uw wel Edele Gesta Groot Achtb: ƒ ƒ 1730 1015 Aan als vooren g. eerde beveelen, ons moogen worden vol„ „daan uit de kolombosche wapenkamer als. 60 p„s Cormandelse Tromvellen 10. bossen Dubb: holl: Tromlijnen 10. d=o do Tromsnaaren 80. vellen Inlands smeerleer 50. p„s kormandelse Bokkevellen 50. vellen goede Inlands bereidleer 10. ps: Tromhoepen. Met de verplichtigste hoogachting hebben wij voor 't overige de Eere tezijn /:on„ „derstont en getekent /: Als vooren /:in margine/: Gale den 31„ Maart 1792. Wij hebben de eere uw wel Edele Gestr Groot Achtb: bij deeze te bedeelen dat den zol„ „dtaat en geweesen brilmeester van de kompenie christanten van kapitain Toma Mattoe genaamd Iohan Pie„ „ter subner op den 2. deezer met een Inlands vaartuig na derwaarde ver„ „trokken is hij heeft alhier genoo„ „ten halve gagie tot ultimo dezer wij hebben de eere met de verplichtigste gevoele Aan als vooren. Aan als vooren gevoelen van hoog achting voor 't overige te zijn /:onderstont en getekent /: Als vooren /:in margine (: Gale Den 4. April 1742. Deze laeten wij eenelijk dienen ten ge„ „leide van de ingeslooten twee brieven met opene slipen aan VE:s Collonels. von Drieberg en Paravianie de Capellie gerigt inhoudende de gewoone maan„ „delijksche korte sterkten onder ulEd:o trant Io Leeden van de in dit commandement bescheidene Militairen en arthilleristen en hebben de Eer met de verplichtigste gevoelen van hoogachting te zijn /:onder„ „stont en getekend:/ Als vooren /: in margine / Geele Den 7. April 1792. op 't verzoek van den E: Collonab Hugel en op de vertooning van een brief door den Edelen Heer Gouverneur aan hem ge„ „schreeven waar bij 't zenden van den kapitain Hofman na Trinkonoma„ „le bewilligd word hebben wij inrestouwen van 1131 1016 Aan als vooren. van goedkeuring gisteren na Mature ge„ „schreeven dat gemelde Hofman ten dien einde ten eersten dit heen moet over„ „koomen waar van wij de eere hebben uwel Edele Gestr Groot Achtb: verslag te doen bij deezen zoo meede dat de Malla„ „baarse sipaische zoldaat van de kom„ „panie van kapitain Bapasat met naemen seesoesmaal van Tekletura„ die volgens het bedeelde bij onze brief van den 31. Maart J„ Leeden zig geabsen„ „teerd heeft het zedert weder agterlaald en dat daar en teegen een ander sol„ „daat van gemelde kompenie genaamt seeg Bram van Tantijkel op den 6. deezer absent bevonden is zonder dat wij tot nog hebben kunnen teweeten krijgen, welken weg hij gekoosen heeft. Met de verplichtigste gevoelen van hoog ach„ „ting hebben wij de Eer te zijn:/ onder„ „stont en getekent:/ als vooren /: in margine:/ Gale Den 14. April 1792. Wij hebben de Eere gehad te ontvangen uw wel wel Edele Gestr: Groot Acltb: brief van den 11„e dezer en ingevolge dezelve dadelijk den luitenant Dessave van schulex onder toezending van 't uitzaek zel uit de beantwoorde vraag Poincten van den te Battikaloa op gevatten spion, aan„ „geschreeven om daar van kennis te gee„ „ven aan den Resident Brinkman in de Magampatsoe, en voorts zo„ zo„ „danige middelen in 't werk te stel„ „le als met overleg van gem: Resident nodig zijn zullen om de zout pan„ „nen aldaar teegen alle surprises te bewaaken. wij zullen intusschen ook marsch„ „vaardig houden de oostersche kom„ „penie, die onlangs van Mature alhier op ontbooden is om wan„ 5„ „neer de komp: oosterlingen die tuns op Tangalle legd, na de Magam„ „pattoe mogte Marscheeren en het dus nodig mogte zijn in dies plaats 1132 1017 Aan als vooren. plaats van hier na Pangalle te kunnen laaten verstrekken. Wij hoopen egter dat sulx geen gevolg zal hebben ten minsten voor eerst niet, wijl wij berigt zijn dat er op dit mo„ „ment geen zout in de zoutpannen is te vinden en al het geen er nog al was door de swaar gevallen Reegens is ver„ „smolten. Met de verplichtigste gevoelen van hoog achting hebben wij voor 't overige de„ eere te zijn /:onderstont en geteekent:/ Als vooren /:in margine:/ gale Den 14. April 1792. In antwoord op uwel Edele Gestr Groot Achtb: heeden morgen ontvangenen se„ „creeten brief van den 13. deezer is deese needrig dienende, dat wij op den ont„ „vangst van dezelve, aan den zuite„ „nant. Dessare van schuler, over een komstig de daar bij gegevene beveele, een zodanigen brief hebben afgevaardigt, als 't daar van bij deeze gevoegd afschrift dicteerd morgen vertrekt ook in voldoe„ ning voldoening der ordre de oostersche Com„ „pagnie van kapitain Abitum Pluit onder commando van den vaandrig Es„ „trop, van hier na Mature, om van daar verder op Fangalle te geraaken, in steede van de kompenie van Ca„ „pitain singo sarie die na de Ma„ „gampattoe op Marcheerd De E: Majoor scheede heeft de voorraad van vaste patroonen op de wapenkamer alhier opgenoomen, en bevonden op heeden in weezen te zijn. 1415 bossen bekwaame Pattroonen 5 „ onbekwaame d=o 1420. bossen tezaamen en worden er nog meer aangemaakt, om een goede voorraad daar van te kunnen hebben, en Mature ten eersten bij vergelegendheid te komen bij springen. weegens de geringe sterkte van ons tegenwoordig guarnizoen door alle de uitgedelacheerde troepen in 't Maturesche

NL-HaNA_1.04.02_3976_0979 view scan ↗

English

1133 1018 Matara detachment, who might have to continue there for some time, we deem it our duty hereby to request Your Right Honourable, Right Respected Sirs, either to reinforce our said garrison with another Eastern company from Colombo, or to permit us to call the dismissed company of Galle Moors under their officers back to arms, since they have already been exempted from the oeli service, and this under the receipt of such pay as the burghers usually receive in such cases, whereby these Moors will at the same time come under direct military authority and can be held to military duties in garrison service, and the poor burghers, who after all prefer to pursue their livelihood rather than perform military service, may be excused from it. We hereby present to Your Right Honourable, Right Respected Sirs To the same as before. herewith also the copies of our secret letters written on the 13th of this month to the Lieutenant Dessave van Schuler and those already received from him in reply, concerning the measures to be taken by him according to the circumstances of the times against all unexpected attacks of the Candians on the salt pans; and we further have the honour to remain, with the most dutiful sentiments of high esteem, below stood and signed as before, in the margin, Galle, 15 April 1792. Our repeated request, made most recently by letter of 31 March last, for the necessary drumheads, snares, etc., we hereby very respectfully repeat, without which no military operations can properly take place. The Lieutenant Dessave van Schuler notes the same 1019 To the same as before. and has also frequently requested this of us, especially now on the occasion of the Eastern company of Captain Singo Sarie being on the march to the Magampattoe. We hereby humbly present to Your Right Honourable, Right Respected Sirs a military report of inquiry submitted by Major Scheede, whereby the arrested Corporal Louis De Berche, on account of insubordination and bad conduct, has been condemned to be deported and transferred to the rank of sailor, on which we await Your Right Honourable, Right Respected Sirs' highly honoured approval. With due high esteem, we have furthermore the honour to remain, below stood and signed as before, in the margin, Galle, 18 April 1792. Right We have the honour to present to Your Right Honourable, Right Respected Sirs herewith the short strength returns for the first half of this month, enclosed in two open letters addressed to the Colonels von Drieberg and Paravicini di Capelli, of the military and artillerymen stationed under this Command. We also enclose herewith a copy of a letter received today from the Lieutenant Dessave van Schuler, accompanied by an authentic copy of a letter from Resident Brinkman from the Magampattoe of the 18th of this month, which shows that up to that date all is well and peaceful in the said pattoe; the said van Schuler requesting that the daily ration of arrack of one or two drams be distributed to the men who wish to consume it, in accordance with the proposal of the said Resident, on which we await Your Right Honourable, Right Respected Sirs' 1135 1018 To the same as before. honoured approval; and for the rest we have the honour to remain, with the most dutiful sentiments of high esteem, below stood and signed as before, in the margin, Galle, 21 April 1792. We have had the honour to receive Your Right Honourable, Right Respected Sirs' highly esteemed letter of the 25th of this month, the contents of which we have noted for our dutiful guidance. Major and Commandant Scheede, due to vacancies among the Malabar sepoys of the company of Captain Bapasat, has nominated to us as sergeant, in place of Sergeant Segnira who was discharged from the service, the acting corporal named Doel of Colombo; and in place of the last-named corporal, the soldier Vakier of Cochin; furthermore, in place of Corporal Jenedien of Cochin, who was also discharged from the service, the soldier Ahammat of Semarang; and this upon the favourable recommendation of the Ensign and Commander of the said company, Vuijstman; wherefore we request Your Right Honourable, Right Respected Sirs that they may be promoted accordingly and provided with warrants. We hereby present to Your Right Honourable, Right Respected Sirs a petition from the Ensign of the Eastern military among the invalids stationed at Matara, named Draman of Paggeran, which was forwarded to us by the Lieutenant Dessave van Schuler with the notification that the petitioner had appeared before him in the most lamentable state and had begged for

Dutch transcription

1133 1018 Matureesche, die daar mogelijk eenigen heid zullen moeten continueeren agten wij ons verplicht uwel Edele Gestr: Groot Achtb: door dese te verzoeken om 't zij gem: ons guarnizoen met een ander oostersche kom„ „penie van kolombo te willen verstrekken dan wel te willen toestaan, dat wij de afgedankte Compenie Gaalsche mooren on„ „der hunne officieren die dog eenmaal van celie dienst vrij zijn gesprooken weeder onder 't geweer brengen, en zulx onder genot van zodanige bezolding als doorgaans de burgerij in zulke gevallen geniet waar door ter gelei„ „ker heid deeze Mooren onder een di„ reede militaire gesag koomen en tot de militaire plichten in den gu„ „arnizoen dienst gehouden konnen worden, en den armen burger, die dog liever zijne landteering drijfz als Militairen dienst te doen daar van worden verschoond. wij bieden uwel Edele Gestr: Groot Achtb: bij Aan als vooren. bij deeze nog aan de afschriften van onze op den 13: ' dezer aan den luitenant Dessave van schuler geschreevene en ree„ „den van hem in antwoord bekoomene secreete brieven, betreffende de door hem na de teids omstandigheeden te nemene mesures tegen alle onverwachte aan „vallen der Candianen op de zoutpan„ „nen en hebben voorts de eer met de verplichtigste gevoelen van hoog ach„ „ting te zijn /:onderstont en getekend /: Als vooren /:in margine /: Gale Den 15. ' April 1792. onze meermaelig en laatst bij brief van den 31. Maart seeden gedaan verzoek om benoodigde tromvellen, zijnen Etc=e herhaalen wij bij dee„ „ze zeer eerbiedig zonder welke niet wel eenige militaire verrigtingen konnen geschieden De Luitenant Desjave van schuler merkt zulx aan G Wte 1019 Aan als vooren. aan en heeft ons ook dikmaals daar om verzoek gedaan, inzonderheid nu ter gelegenteid dat de oostersche kom„ „penie van kapitain singo sa„ „rie in opmaasch is na de Ma„ „gampattoe. Wij bieden uwel Ed: gestr: Groot Achtb: bij deeze nedrig aan een Militair onderzoeks bericht door den E: Ma„ „joor scheede gedient waar bij den gearresteerden korporaal Louis De Berche, weegens in subordinatie en sligt gedrag, verweezen is om gedeporteerd en tot Madtroos over„ „geschreeven te worden en waar op wij uwel Ed: Gestr: Groot Achtb: hoog g'eerd goed vinden te gemoet zien. Het verschuldigde hoogachting hebben wij voor 't overige de eer te zijn /:onder„ „stont en getekent als vooren /:in margine /: Gale den 18. April 1792. Groot wij hebben de Eere uwel Ed: Gestr:n Actb: bij bij deeze aan te bieden de korte sterkten van de Eerste helfte deeser maand, beslooten in twee opene brieven ge„ „richt aan de Heeren Colonels von Drieberg en Paraviaine de Capellie, van de ten deezen Commandemente bescheidene Militairen en Arthilleris ten. ook voegen wij bij deese een afschrift van een op reeden ontvangenen brief van den Luitenant Dessave van schuler gevoegd van een Authentique ko„ „pij van een brief van den Resident Brinkman uit de Magampattoa van den 18. deezer, waar bij blijkt dat tot op dien datum in ge „melte Pastoe alles wel en vreidig is, verzoekende gemelte van schu„ „ler om 't Dagelijks Randzoen Arrak van een of twee Drop„ „jes aan 't volk die dezelve ge„ „bruiken willen, volgens voorstel van gem Resident aan 't zelve telaaten 1135 10/8 Aan als vooren telaeten verstrekken, waer op wij uwel Edele gestr: groot agtb: geeerd goedvinden verbijden en voor het overige de eere hebben met de verplich„ tigste gevoelen van hoog agting te zijn (onderstond en getekent:/ Alsvooren /: in margine:/ gale den 21' April 1792 Wij hebben de eere gehad te ontvangen uwel Edele gestr: groot Achtb: Hoog g' eerden brief van den 25. ' deser welkers inhoud wij tot onze schuldi„ ge, narigt hebben genoomen DE Majoor en Commandant scheede, heeft ons mits vacatura bij de mallabaarse sepaijs van de kompanie van kapitain Bapasat, als sergeant voorgestelt in plaets van den uit den dienst ontslagen zerge„ ant segnira den dienst doenden korporaal ge„ naemt Doel van Colombo, en in plaets van laestgemelden korporaal de zoldaat vakier van kochim voorts in plaets van den almeede uit den dienst ontslagen korporaal Jenedien van kochim den soldaat Ahammat van Ismaran, ende zulks op favorable voordraagt van den vaandrig en kommandant van gem: kompanie vuijstman„ weshalven wij uw wel Edele Gestrenge groot agtb: versoeken dat ze ook zodanig bevorderd, en van bewijzen mogen werden voorzien Wij bieden uwel Edele gestr: groot agtb: bij deeze aen een request vanden vaendrig der oosterse militairen onder de Jnvaliden bescheiden te mature genaemd Draman van paggerman het welk ons door den Luitenant Dessave van schuler is toege„ zonden met bedeeling dat den suppliant hem op het lamentabelst was voorgekoomen en gebeden om 11

← previousnext →