VOC English

Dutch East India Company records, translated and anchored to the scan.

Inventory 3986

Japan · 868 pages · 260 segments · open at the Nationaal Archief ↗

NL-HaNA_1.04.02_3986_0364 view scan ↗

English

shall also inform the community. The 17th of April 1792. Domains, and petty cashier Marten Meurs, assisted by the secretary Fr: J: Rothenbuhler. Whereof the church council shall furthermore be given notice by extract hereof, in order to regulate themselves accordingly, and also to make this known to the congregation by notices, so that anyone who might be inclined thereto could likewise attend the rendering of the aforementioned account. Thus Done, Resolved, and Decreed, at the Government of Samarang, Date as above: was signed: P: G: van Overstraten, Jbs van Santen, A: Hamell, B: J: van Nijvenheim, J: W: Crose, C: G: Fisscher, M: Meurs, and F: J: Rothenbuhler, secretary. Saturday, the 21st of April in the year 1792. By the Governor having circulated for reading among the members of this meeting a private letter received by His Honour from the Japara Resident, containing the unpleasant intelligence of the audacity of the pirates, who with no more than 10 large and 10 small vessels had overpowered and made prize of several vessels: one of the galleys belonging here, together with 1 cruising pantjalling and 2 other common cruisers or praus mayang, item 2 private cruising vessels belonging to the Resident himself, as well as a large bark and several other private vessels near the so-called Devil's Rock or Poulo Mandalika. Therefore, in order to stop the further progress of this rabble as much as possible, it was approved and understood to give notice of this invasion of the pirates to the Residents to the west of this main office and to the Cheribon Resident, as well as those to the east, as the Sourabaya servants have already been informed thereof by the Japara Resident; with orders to the first-mentioned to inform the Regents as well as the private merchants thereof, in order to be on their guard so as not to be ambushed by that rabble. Furthermore, to have the vessels still available here properly fitted out as soon as possible, and also to have them provided with a detachment of national and Württemberg military personnel under an officer, and subsequently to have them depart under the command of the Captain-Lieutenant at sea and equipment supervisor here, Joseph Bossottiol, in order to seek out the pirates and, if possible, destroy or disperse them. Thus Done, Resolved, and Decreed, at the Government of Samarang, Date as above: was signed: Ps G: Van Overstraten, Js van Santen, A: Hamell, B: J: van Nyvenheim, J: W: Crose, Mr Meurs, C: G: Fisscher, and F: J: Rothenbuhler, Secretary. Friday, the 27th of April 1792. By circular inquiry. All present. Resolution taken on the manner in which the levying of the 50th penny from the Chinese, Moors, Malays, Bugis, Peranakans, and other foreign nations ought to take place. By order of the Governor, the Secretary Fredrik Jacob Rothenbuhler having made the rounds among the members of this meeting to inform them that, whereas the considerations required from the subordinate offices regarding the manner in which the levying of the 50th penny from the Chinese, Moors, Malays, Bugis, Peranakans, and other foreign nations could most suitably take place have now been received, a final decision ought now to be taken in this regard; and at the same time to bring into consideration that, although the appointed commissioners for the receipt of the aforementioned liberal gift here stated in the report submitted by them, mentioned in the Resolution of the 6th of December 1791, that the Captains of the Chinese and Moors, as well as the Chiefs of the Malays, Bugis, and Peranakans, made not the slightest difficulty about having all persons belonging under their jurisdiction, without exception, appear before the Commissioners, either in person or by lawful representatives, to pay the aforesaid liberal gift, this will nevertheless be subject to very many inconveniences, as most of those nations are needy people who possess nowhere near 500 rixdollars and have difficulty providing the necessary subsistence for their families, and besides that, especially the Chinese live scattered everywhere, so that it will be extremely burdensome for those people.

Dutch transcription

gemeen te meede zal informeeren. — den 17„e April 1792:—. Domainen, en kleen kassier Marten Meurs, ge„ „adsisteerd met den secretaris Fr: J: Rothenbuhler. — waar van men de Voorts den kerkenraad hier van bij extract deezes kennis te geeven, ten einde zich daarna te kunnen re„ „guleeren, en zulks meede aan de gemeente bij biljet„ „ten bekend te maaken, ten einde een ieder, die daar toe geneegen mocht zijn, het doen der meergemel„ „de reekening, insgelijks zoude kunnen bijwoonen: Aldus Gedaan, Geresolveert, en Gearres„ „teerd, ten Gouvernemente Samarang„ Dato voorschr: /:was Geteekend:/ P: G: van Overstraten, J=bs van Santen, A: Hamell, B: J: van Nijvenheim, J: W: Crose. . . . . . . . . . . , C: G: Fisscher, M: Meurs, en F: J: Rothenbuhter, secretaris. — Zaturdach Vridach den 23=e Maart A=o 1743 Zaturdach den 21„e April A=o 1792 Japara, van de stoutheid „gen vermeestert en buit „gang van dit gespuis men zal stellen. „ten geplatis te voor Dorde HeerGouverneur bij de Leeden deeser vergadering, ontvangein tijding dan ter lectuure rondgezonden zijnde, een bij zijn Ed: ontvangene, der zieroovers. particuliere missive, van de Japarasch, Resident; behelzen„ „de, de ongenaame naricht, dat den zeeroovers, niet Die Diverse, Vaarthui meer dan 10: groote, en 10: klaine vaarthuigen, een der al„ gemaakt hobben. „hier te huis hoorende galeijen, neevens noch 1: kruispant, „jalling en 2: andere gemeene kruessers of praauwe maijangs item 2: eige kruissers Vaarthuigen, van hem Resident zel„ „ve, als ook een groote bark, en noch verscheide anderen particulieren vaarthuigen, bij de zogenaamde Duwvels „klip of Poulo Mandalika, overmeestert hadden, — zoid„ om de verdere voortgang van dit gespuis, zo veel mogelijk welke ordres tot tergen te sluiten, goedgevonden en verstaan, de Residenten om de west, van dit hoofd Comptoir, en de Cheribons Resident, als zijnde die om de oost, gelijk ook de sourabaijasche be„ „diendens, door den Japaraas Resident bereeds daarvan geinformeert, van daaze invatie der zeeroovers, meede kennis te geeven, met last aan de eerstgem: om de Re„ „genten, zoo wel als de particuliere handelaars daar„ Landmeten Compte gelat te soren e e e e e Bij rondvraag. van „van 3 3 „van insgelyks te verwittigen, ten einde op hunne hoe„ „de te zijn, om van dat gespuis niet overvallen te worden Voorts de alhier noch aanhanden Vaarthuigen, ten eers„ „ „ten behoorlijk te doen monteeren, ook te laten voorzien, met een Commando nationale, en wurtembergse he militairen, onder een officier, en dezelve vervolgens, onder„ het Commando, van de Capt=n Lieut=s ter zee, en Equipagie opsichter alhier Joseph Bossottiol, te laten vertrekken, ten einde de zeeroovers te gaan opzoeken, en deselve des mogelijk te vernielen, of te verdrijven. — Aldus Gedaan, Geresolveerd en Tear„ „resteerd, ten Gouvernemente Samarang, Dato voorschreeven, /:was geteekend:/ P:s G: Van Overstraten, J=s van Santen, A: Hamell, B: J: van Nyvenheim, J: W: Crose, . . . . . 7 . . . . , M=r Meurs, C: G: Fisscher, en F: J: Rothenbuhter, Secretaris. — Vrydach den 21„e April 1792: ~. 35 Vridach den 21„e April A=o 1792 genoomen besluit op hoe „daanig een manier de „ren, Maleger, Bougi„ en andere overwalsche natien diend te geschrie„ „ten geplcatst te 1v00r Bij rondvraag alle present Op order van den Heer Gouverneur, bij de Lee„ „den deezer Vergadering, rond geweest zijnde den, heffing van de 50„' pen„ Secretaris Fredrik Jacob Rothenbukler, om aan dezelve te kennen te geeven, dat vermits als nu ontvangen waaren de consideratien, die van de subalterne Comptoiren, zijn gevorderd, noopens de wijze, hoedaanig de heffing van den 50„e pen van de Chineesen, Moo„ „ning, van de Chineesen, Mooren, Maleyers, Bou„neezen, Parnakans „gineesen, Parnakans, en andere overwalsche natie, het geschiktst zoude kunnen geschieden, dien aangaande, als nu eene finaale dispositie genoomen, diende te worden, en tevens in Consideratie te brengen, dat ofschoon de benoemde gecommitteerdens, tot den ontvangst der voorschreeven liberaa„ „le gift, alhier, bij het door hun dien aangaan de „den. . Zundmeeter Comptoir geplaetst te worden, zo is, dewijl hier. „ de. „van ring. „de, ingediend bericht, vermeld bij Resoluti„ „en van den 6„e December 1791: hebben op„ „gegeeven, dat de Capiteins der Chineesen en Mooren, zoo meede de Hoofden der Maleijers, Bougineezen, en Parnakans, geene de minste difficulteit hebben gemaakt, om alle de onder hunne Jurisdictie, gehoorende, persoonen zon„ „der uitzondering, voor hun Gecommit „teerdens te doen verschijnen, het zij in persoon, of door legitime geconsti„ „tueerdens, om de voorzegde liberaale gift te voldoen, zulks echter aan zeer veele inconvenientien subject zal wee„ „zen, alzoo de meesten van die natien behoeftige lieden zijn, die in verre naar geen 500: rd=s bezitten, en moei„ „te hebben, om zich aan hunne huis„ „gezinnen, het noodige onderhoud te bezorgen, en buiten dien wel al„ voornamentlijk de Chineesen, alom verspreid woonen, zoo dat het voor die lieden ten uitersten beswaarlijk val„ den 27„e April 1792:~. „len

NL-HaNA_1.04.02_3986_0369 view scan ↗

English

the 27th of April Anno 1792. will be obliged solely to appear here before the said Commissioners, or else to send representatives, either to make or have provided the said gift themselves for themselves or their people, or to swear upon their souls, or make the oath, that they do not possess 500: rds, regardless of the fact that these nations are very averse to the taking of oaths, and one can state for certain that only a very small part of them will be able to contribute anything toward the said gift; that these inconveniences occur especially with regard to the Peranakans, as over them only two chiefs are appointed here at the Head Office, and one at Tagal, and the jurisdiction of the first extends not only over all the Peranakans who are in Samarang and the regencies belonging under its jurisdiction, Caliwongoe, Candal, and Damak, but also over those the 27th of April Anno 1792. who reside at all the other Offices, Tagal excepted, so that even if the possibility existed there that all those who belong under the said nations and fall under this Head Office could be constrained to appear before the aforementioned Commissioners without any fear of commotion, or without the burden that would thereby be imposed on them being considered too heavy, this would nevertheless still not be of any application regarding those who are scattered across the various Outer Offices, who in that case would be obliged not only to make difficult and exhausting journeys at their significant expense, but also to leave their homes and families for days on end, that although these difficulties cannot operate nearly as strongly in the capital of Batavia as in this Government because of its vast extent, Their High the 27th of April Anno 1792. Nobilities nevertheless, recognizing the same, have authorized the Gentlemen Commissioners-General appointed there for the receipt of the said 50th penny, by article 32: of Their High Nobilities' edict of the 11th of October 1791:, to make such arrangements in this regard concerning these nations as, with prior consultation of their chiefs, shall be judged serviceable, and for that reason it is also believed, acting fully in accordance with Their High Nobilities' intention, to make such arrangements here in this matter as will be found to correspond best with the local conditions and for the attainment of the objective, and that for this purpose it appears most acceptable that the chiefs of those nations, both here and at the respective Outer Offices, be authorized to undertake, themselves with their officers, the 27th of April 1792. the levying of the aforementioned liberal gift from their subordinates, and for that purpose to summon and have appear before them only those whom they believe possess 500: rds and more, and to excuse the rest, whom they are in good conscience convinced are not so well-to-do, since it will thereby be effected that the said people will not be forced to move so far from their homes and families as would otherwise have to happen, that each person will be able to take the prescribed oath before his chiefs and in his own manner, to which he will notoriously be more inclined than to take it into the hands of the aforementioned Commissioners. That the summonses of destitute people, who concerning the essence of this levy can be considered futile, will also be spared, and that nevertheless the the 27th of April Anno 1792. goal of the Company in this matter will be achieved, namely that everyone contributes 2: percent of his possessions to it, especially if those chiefs are obliged to swear duty-bound that they have exempted no one among them whom they judged ought to contribute the same according to the aforementioned edict; And it is therefore, for all these alleged reasons, approved and understood: 1st. As far as Samarang and Sourabaija are concerned, to authorize the Captains of the Chinese, Moors, Malays, and Bugis, assisted by the two eldest of their officers, to receive the aforementioned liberal gift, or 50th penny, from their subordinates on the footing determined by the aforementioned Edict of Their High Nobilities of the 11th of October 1791:; with instructions to hold sessions for this purpose twice a week at the house

Dutch transcription

den 27„e April A=o 1792:~. „ten geplaatst te 1802 „len zal, alleen voor de gemelde Gecom. „mitteerdens alhier te verschijnen, dan wel Geconstitueerdens te zenden, om of zelvs voor zich of de hunnen de ge„ „melde gift te doen ofte laaten fournee„ „ren, of in hunne zielen te sweeren, of den Eed te doen proesteeren, dat zij geen 500: rd=s bezitten, ongeacht dat dee„ „ze natien zeer avers zijn, van het af„ „beggen van Eeden, en men als zeeker stellen kan, dat niet dan een zeer gering gedeelte, van deselve, iets voor de gemelde gift zal kunnen opbren„ „gen; dat deeze inconvenienten inzou„ „derheid plaats vinden, omtrent de Parnakans alzoo over deselven, slechts „huste gesteld zijn als een hier ten twee hoofden, hier ter Hoofd Comptoi„ „re, en een te Fagal, en de juris„ „dictie van den Eersten, zich niet al„ „leen uitstrekt over allen de Parna„ „kans, die zich te samarang en de onder dies resort gehoorende regent„ „schappen, Caliwongoe, Candal, en Damak bevinden, maar ook over de zul„ Zundmeeter Comptoir geplaatst te worden, zo is, dewijl hier. „ da. ken „van „ en 32 den 27„e April A=o 1792:~. „ken, de welken op alle andere Comptoiren, Tee„ „gal uitgezonderd, woonachtig zijn, dat schoon ook de mogelijkheid aldaar was, dat alle die gee„ „nen, die onder de gemelde natien gehooren, en onder dit Hoofd Comptoir sorteeren, ge„ „constringeerd zouden kunnen worden, ten einde voor de voornoemde, gecommitteerdens te Compareeren, buiten eenige beduchting voor commotie, of zonder dat de last, die hun daardoor zoude worden opgelegd, te swaar gereekend zoude kunnen worden, dit ech„ „ter dan noch van geene applicatie zou„ „de weezen, omtrent den zodaanigen, die op de onderscheidene, buiten Comptoiren verspreid sijn, dewelken in dien gevallen, verplicht zouden weezen, om niet alleen tot hunne merkelijke kosten, swaare, en fatigante reisen te moeten doen, maar ook, hunne wooningen en huisgezinnen„ voor daagen lang te verlaaten, dat hoe„ „wel deeze swaarigheeden, ook in verre naar ter hoofdplaatse Batavia, zoo sterk niet kunnen werken, als ten deeze Gou„ „vernemente, om dies uitgestrektheid, Hun Hoog 33 den 27„e April A=o 1792:—. „ten gepecceetoo Hoog Edelheedens nochtans, dezelve in „ziende, den aldaar aangestelde Heeren Opper Commissarissen, tot den ontvangst van den gemelde 50„e penning, bij arti„ „cul 32: van Hoogst derzelvers placaat van den 11„e october 1791: hebben gequa„ „lificeerd, om ten aanzien deezer natien. zodaanige arrangementen hier omtrent te maaken, als, met procalabel overleg van derselver hoofden, dienstig zullen worden geoordeeld, en men uit dien hoof„ „de ook vermeent, ten vollen overeenkoo„ „mende met Hun Hoog Edelheeden intentie te zullen handelen, meede alhier dien aangaande, zodaanige schik„ „kingen te maaken, als met de plaatselijke gesteldheid, en ter berei„ „king van het oogmerk, het best over„ „een komende bevonden zullen worden, en dat daartoe, als het aanneemelijk„ „ste voorkoomt, dat de hoofden dier natien, zoo hier, als op de respective buiten Comptoiren, gequalificeerd wor„ „den, om zelvs met hunne officieren, Lundmeeter Comptoir geplaatst te worden, zo is, dewijl hier. „ dan. de „van „ 75 den 27„e April 1792:—. de heffing van de voornoemde liberaale gift, van hunne onderhoorigen te doen, en daar„ „toe eenelijk de zodaanigen voor hun te doen ontbieden, en verscheinen, dewelken zij vermeenen, dat 500: rd=s en meer bezitten, en den overigen, die zij in gemoede overduigd zijn, dat in zoo verre niet bemiddeld zijn, daarvan te Excuseeren, alzo hier door zal worden geEffectueerd, - dat de gemelde lieden niet genoodzaakt 1 zullen weezen, zich zoo verre van hunne wooningen, en huisgezinnen te verwij„ „deren, als anders zoude moeten ge„ „schieden, — dat een ieder voor zijn hoof„ „den, en op zijne wijze, den bepaalden Eed zal kunnen doen, waartoe hij no„ „toir eerder zal inclineeren, dan die in handen van de voormelde Ge „committeerdens afteleggen. —. dat ook de op ontbiedingen van onvermoogen„ „de lieden, die wat het essentieele van deeze heffing betreft, als vrucht-loos kun„ „nen worden geconsidereerd, gemena„ „geerd zullen worden, — en dat echter het but ƒ 35 den 27„e April A=o 1792: — „ten geplaatsz te toor„ but van de Compagnie in deesen zal wor„ „den bereikt, te weeten, dat een ieder 2: per„ „cento van zijn bezittingen aan haar opbrengt 1 vooral zoo die hoofden verplicht worden, plichtig te zweeren, dat zij daarvan niemand hunner hebben vrijgelaaten die zij oordeelden, het zelve, volgens het voorn: placaat te moeten opbren„ „gen; En is dierhalven om alle deeze ge„ „allegeerde reedenen goedgevonden en verstaan: 1=a Voor zoo veel samarang en soura„ „baija betreft, de Capiteins der Chinee„ „sen, MMooren, Maleijers, en Bouginee„ „zen te qualificeeren, om geadsisteerd . met de twee oudsten hunner officieren op den bij het voornoemde Placaat van Hun Hoog Edelheeden, van den 11„e october 1791: bepaalden voet de meer„ „melde liberaale gift, of 50„e penning, d. van hunne onderhoorigen te ontfan„ „gen; net last, om ten dien einde twee„ „maalen in de week te vaceeren, ten hui Lundmeeter Comptoir geplaatst te worden, zo is, dewijl hier. „ dan. „van 337 ze

NL-HaNA_1.04.02_3986_0374 view scan ↗

English

the 27th of April A=o 1792: of the Captains, and there to summon and have appear before them, one after the other, all such of their subordinates who can even in the slightest be presumed to possess the value of 500: rd=s and above, in order to have the aforementioned gift furnished by them into a chest standing there for that purpose, which, provided with two to three different locks, of which the elders shall each have a separate key in their keeping, must be opened at each session and locked again after the conclusion thereof, under the taking of the oath appointed for that purpose into their hands, each nation in its own manner, and, after this shall have been accomplished, subsequently to make a report of their actions to the commissioners appointed for the receipt of this revenue, to whom they themselves, however, according to the aforementioned edict, will have to furnish the aforementioned gift, with 359 the 27th of April 1792: with the submission of a list of those who have furnished, and the handover of that which has been received by them in the manner prescribed above, at which time they also, each in his own manner, must swear before the aforementioned commissioners not only that they have acted honestly and faithfully in the levying of the aforementioned liberal gift from their subordinates, and that the money handed over by them is truly that which the same furnished to them for that purpose; but also that they have caused to appear before them all those whom they could have presumed to possess enough money or property to be subject to the fulfillment of this revenue, and that the same have rendered the aforementioned gift under the taking of the stipulated oath, without having exempted anyone whomsoever. and with further authorization that if any among their subordinates should be found who might be unwilling to fulfill the aforementioned gift, then to report those unwilling persons to the aforementioned commissioners, who must then give notice thereof, in order that measures may be taken with respect to them such as those unwilling and ungrateful residents shall justly deserve. 2nd regarding the outer offices, to have the levying of the liberal gift of the aforementioned four nations take place in the same manner as has been determined concerning Samarang and Sourabaija, with this alteration however, that after each and every one shall have furnished, the Captains or heads of those nations shall be obliged to proceed with the collected funds subsequently hither, or as far as the eastern corner is concerned, to Sourabaija, in order to furnish for themselves before the commissioners there in the manner prescribed above, and to deliver what was received by them to the same, under the taking of the very same oath as is stipulated here above. 3rd To likewise give effect to the levying of the aforementioned revenue from the Parnakans on this footing, as far as this Main Office and Tagal are concerned, and to that end to authorize the Captains of that nation both here and at the aforementioned office in the manner prescribed above, but to have those of that nation who maintain their domicile at the remaining outer offices make this gift before the Captains of the Buginese and Malays of those offices under whose jurisdiction they fall, and to that end likewise to grant authorization to the aforementioned Captains, and to send to each of them a specific list of the Parnakans who belong under that district where they are appointed as Captains over their nations, with notification of which of them are deemed wealthy enough to be subject to this revenue, and to order the Captain of the Parnakans here to prepare such lists as soon as possible and deliver them to the secretariat of this Council, and 4th to give notice of all this by extract hereof to the commissioners appointed here for the receipt of this revenue, and the heads of the aforementioned Nations, as well as the servants of the subordinate Offices, in order to be able to regulate themselves accordingly. Thus done, resolved, and decreed, at the Government, Samarang, date as aforementioned /:was signed:/ P: G: van Overstraten, J: van Santen, A:t Hamel, B: J: van Nijvenheim, J: W: Crose, C: G: Fisscher, M: Meurs, and F: J: Rothenbuhler, secretary. Saturday

Dutch transcription

den 27„e April A=o 1792:~. „ze van de Capiteins en aldaar na den anderen voor hun te doen ontbieden en verscheinen alzulken hunner onderhoorigen, welke maar eenigsints te veronderstellen zijn, dat de waarde van 500: rd=s en daar en boven bezitten, om door dezelven de voornoemde gift te laaten fourneeren, in een daartoe staande kist, die, voor„ „zien van twee à drie onderscheidene slooten, waarvan de oudsten ieder een afzonderlijke sleutel onder zijne be„ „waaring zal hebben, bij iedere sessie geopend, en na het eindigen derzel„ „ven weeder omgeslooten zal moeten worden, onder aflegging van den daar „toe staande Eed, in hunne handen elke natie op zijne wijze, en om, na dat zulks zal zijn volbragt, vervolgens. van hunne verzichtingen aan de benoem„ „de gecommitteerdens tot de ontvangst van dit middel, bij dewelke zij echter, voor zich zelvs, volgens het voormelde placaat, de voornoemde gift zullen moeten fourneeren, verslag te doen, met 359 den 27„e April 1792: „ten geplecatest te oor met overgave van een Lijst der geenen, die gefourneerd hebben, en overbrenging van het geen door hun invoegen voorschree„ „ven ontvangen is, wanneer zij tevens een ieder op zijne wijzen, voor de gemel¬ „„de gecommitteerdens zullen moe„ „ten sweeren, niet alleen, dat zij in de heffing van de gemelde liberae„ „le gift van hunne onderhoorigen oprecht, en getrouwelyk zijn te werk gegaan, en dat het door hun overgebrachte geld waarlijk dat geen is, dat deselven daarvoor bij hun hebben gefourneerd; maar ook, dat zij alle de geenen, die zij hebben kunnen veronderstellen, dat geld of goeds genoeg bezaaten . om aan de voldoening van dit mid„ „del subject te zijn. voor hun hebben doen Compareeren, en dezelven, de gemelde gift, onder aflegging van den vastgestelden Eed, hebben opge„ 6 „bracht, zonder daarvan iemand hwe C „genaamd ook te hebben uitgezonderd. — Landmeeter Comptoir geplaatst te worden, zo is, dewijl hier. „ dan. „van en en den 27„e April A=o 1792:—: en met verdere qualificatie, om zo on„ „der hunne onderhoorigen; zodaanige mochten worden gevonden, die onwil„ „lig zouden zijn, de voornoemde gift te voldoen, als dan, die onwilligen aan de gemelde gecommitteerdens opte geeven, die daarvan als dan zullen moeten kennis geeven, om ten kunnen opsichten, zodaanig te worden gedisponeerd, als zulke onwillige, en ondankbaare ingezee„ „tenen, billijk zullen verdienen. —. 2„e ten aanzien van de buiten Comp„ „toiren, de heffing van de liberaale gift van de voorschreeven vier nati„ „en, inzelvervoegen te laten ge„ „schieden, als omtrent samarang en Sourabaija, is bepaald, met deeze alteratie nochtans, dat na dat elk en een iegelijk gefourneerd zal heb„ „ben, de Capiteins, of hoofden dier natien gehouden zullen zijn, zich met het ingezamelde, vervolgens naar herwaards, of zoo veel den oost„ „hoek 369 den 27„e April A=o 1792:~. den geptem aber o 17 „hoek betreft, naar Sourabaija te begeeven. om voor de Gecommitteerdens aldaar in„ „voegen voorschr: voor zich zelvs te four„ „neeren, en het bij hun ontvangene aan deselven aftegeeven, onder het doen van denzelvden Eed, als hier boven is bepaald:—. 3„e De heffing van het meerm: middel„ van de Parnakans, almeede op deeze voet te doen gevolg neemen, voor zoo ver„ „re dit Hoofd-Comptoir, en Tagal betreft, en daartoe den Capiteins dier natie zoo hier, als ten gem: Comptoire in voe„ „gen voorschr: te qualificeeren, doch den zodaanigen dier natie, die op de overi„ „ge buiten Comptoiren hun domicilium houden, deeze gift te laten doen, voor de Capiteins der Bougineesen, en Ma„ „leijers dier Comptoiren, waaronder zij sorteeren, en ten dien einde, de voorn: Capitains, daartoe almeede qualifica„ „tie te verleenen, en aan een ieder de„ „selven te laten toekoomen, een specifi„ „ke lijst van den Parnakans die onder dat Lundmeeter Comptoir geplaatst te worden, zo is, dewijl hier. „n de2. district „van „ „ den 27„e April A=o 1792: ~. district gehooren, waaren zij als Capiteins over hunne natien zijn aangesteld, met bekend„ „stelling, wie van dezelve vermogens genoeg geacht worden, om dit middel subject te wee„ „zen, en den Capitein der Parnakans alhier te gelasten, om ten spoedigsten zulke lijsten in gereedheid te brengen, en ter secretarij van deezen Raad te bezorgen, en 4„o van dit een en ander bij extract deezes ken„ „nis te geeven, aan de tot den ontvangst van dit middel benoemde gecommitteerdens alhier, en de hoofden der voorschr: Natien, zo meede de Bediendens der subsitterne Comptoiren, ten ein„ „de zich daar naar te kunnen regulieren. —. Aldus gedaan, Geresolveerd ende Gear„ „resteerd, ten Gouvernemente, Sama„ „rang, Dato Voorsz: /:was Geteekend:/ P: G: van Overstraten, J: van Santen, A:t Ha„ „mel, B: J: van Nijvenheim, J: W: Crose, C: G: Fisscher, M: Meurs, en F: J: Rothenbuhler, secretaris. — Zaturdach

NL-HaNA_1.04.02_3986_0379 view scan ↗

English

Saturday the 28th of April Anno 1792 In circular consultation Having read the gunpowder account of that small vessel, presented to the Lord Governor and now circulated by His Honour, by the master of the bark de Eensgezindheid destined for Banjarmassin, A: G: de Reiniersen, from which it appears that the gunpowder supplied to this vessel upon departure from Batavia amounts to 850 pounds, that since then, during maneuvering and so forth, 5 pounds has been wasted, and that thus 845 pounds remained in surplus; it is, since there is nothing to remark on this gunpowder account, consequently approved and agreed to keep this record thereof, and further to present the said gunpowder account to Their High Noble Mightinesses. On this occasion, by order of the Lord Governor, through the secretary, it was also made known to the members of this meeting how His Honour had received private notice that the pirates, instead of diminishing, were rather increasing from day to day, so much so even that Captain Lieutenant at sea and Equippage Master Joseph Bossottiel, sent against that scum, with the small naval detachment under his command, had no longer dared to stay at sea, but had deemed it most advisable to retreat to Japara, and that he had from there also made a request to be assisted with some more men and vessels; thus, after considering that there are presently no other vessels at hand here than the bark de Langmoedigheid, which arrived here last year from Pontianak, and 8 ordinary cruising praus mayang, which arrived here this day from Surabaya, it was consequently approved and agreed to issue orders to prepare the said bark de Langmoedigheid and the said 8 Surabaya cruisers at once and send them to Japara, in order to join the small fleet of the aforementioned Equippage Master Bossottiel lying there, and then jointly proceed to attack the pirates, as well as to send to the said Equippage Master with those vessels a reinforcement of 30 national and 30 Wurttemberg soldiers, under two officers, in order to better achieve the intended purpose in this matter. Furthermore, now being circulated for reading by the Lord Governor among the members of this meeting three letters received from Their High Noble Mightinesses, dated the 20th of February as well as the 6th and 27th of March, and the 2nd of the present month, whereby the well-mentioned Their High Noble Mightinesses have among other things recommended to have supplied to the ships Leiden and the Batavier, deployed to Java to fetch rice and timber, 2 lasts and 541 gantings of rice, and 6 gantings of katjang, each, and to the Constitutie, Java, de Juffrouw Johanna, and the Arend, 2 lasts and 36½ gantings of rice, and 56½ gantings of katjang, each; so it is decided to keep this record thereof, and further to note that one will not fail to issue the necessary orders to carry out that supply. On the other hand, regarding what was made known by Their High Noble Mightinesses themselves, it having been decided by the Board of Heemraden at Batavia, in an extract from their resolution dated the 7th of March last, on account of the lack of land surveyors at Batavia, to have 3 copies made here at the marine school, at the expense of the said Board, of some maps likewise handed over by the same to the well-mentioned Their High Noble Mightinesses, with the added authorization to also send two of the most alert and skilled pupils from the said institution to Batavia in order to be placed there as assistants at the Land Surveyors Office; thus, since here [illegible]

Dutch transcription

9 „reekening van de bark niets te remarqueeren aanbieden. —. „vers afgezondene Vloot„ „ten geplaatst to 1802 Zaturdach den 28„e April A=o 1742 Bij ronderaag Geleeven zijnde, de door de Gezaghebber van de naareg en Op de ingekomen Crun „jermassing gedestineerden bark de Eensgezindheid, A: G: de den ggezindheaid vast Reiniersen, aan de Heer Gouverneur gepresenteerden en door zijn Ed: thans rond gezondenen kruitreekening van dat kieltje waaruit bijkt, dat het aan dit kieltjen bij vertrek van Bata„ „via verstrekte Buskruit bedraagd. . . . . . . . l: 850: —. dat seedert bij het keeren &=a verspilt is. - - - - - - - „ 5: —. en dat dus restant is gebleeven. . . . . rb: 845: —. zo is, vermits dus op deeze kruitreekening niets te remarquee, die men H: H: Ed: zal „ren valt dierhalven goedgevonden en verstaan, daarvan deeze aanteekening te houden, en voorts de gem: kruitree„ „kening Hun Hoog Edelh: aante bieden. —. Bij deeze geleegentheid ook oporder van de Heer Gouver, Wit tengensie ae oo „verneur, door de secretaris, aan de leeden deezer vergadering dee ltije te kennen gegeeven zijnde, hoe dat zijn Ed: particuliera na„ „richt had ontvangen, dat de zeeroovers, in steeden van te verminderen, veel eer van dach tot dagh meer toenamen zodag Lundmeeter Comptoir geplaatst te worden, zo is, dewijl hier. „ de. „nig „van „ den 28„e April A=o 1792: in zee durven houden naar Japara te retireeren pagie opsichter Bossot„ adsistentie „jalling de Langmoedig „prauwmayangs, naar als meede noch 68: koppen Militeiren van H: H: Ed: „nigzelvs, dat de op dat gespuis afgezonden, Capt: Lieut: ter zee en Equipagie opsichter Joseph Bossottiel, met het onder desselvs gezach staand vlootdeeltjes het niet langer heeft het niet langer in zee had durven houden, maar het raadsaamst geoordeelt maar best geoordeelt had, naar Japara te retireeren, en dat dezelve van daar ook op verzoek van den Equi Verzoek had gedaan, om met noch eenige manschappen, „tiel om erlanging van en vaarthuigen te mogen geadsisteerd worden, zo is naar „dien men hier thans geen andere vaarthuijgen aan han„ „den heeft, als de in A=o p„o van puntiana alhier gearri„ „veerde bark de Langmoedigheid, en 8: ordinaire kruis „praauw maijangs, die op heeden van sourabaija alhier zoo verstaan, de Pant, aangekoomen zijn dierhalven goedgevonden en verstaan „heid, en noch 8: kruis order te stellen, om de gem: bark De Langmoedigheid derwaards te zenden en de gedachte 8: Sourabaijasche kruissers, ten eersten in order te brengen, en naar Japara te zenden, om zich bij het aldaar leggend vlootje van de voorschr: Equi„ „pagie opzichter Bos cottiel te gaan voegen, en dan ge„ „zamen derhand de rovers te gaan attaqueeren, mitsga„ „ders ook, gem: Equipagie opsichter met die kieltjes noch een versterking van 30: nationaale, en 30: wur„ „tembergsche militairen, onder twee officiers, te laten toekoomen, ten einde, het in deesen bedoelde oogmerk des te beeter te kunnen bereiken.— ontvangene opgaave Voorts ook thans door de Heer Gouverneur bij de Leeden deezer Vergadering den 16=e Meij A=o 1792:~ 365 Verstrekking van rand„ „soenen, aan diverse „menden scheepen. „en, van eenige door het Collegie van Heemraaden aan Hoogst dezelven over„ „gegeeven kaarten als ook om toezending van twee dezwakkerste „rine school om op het Lendmeeter Comptoir als adjunc„ „ten geplaatst te vor„ den 28„e April A=o 1792. —. Vergadering ter Lectuure rondgezonden zijnde drie ont vangene MMissivens Hun Hoog Edelh:; de dato 20: Februarij mitsgaders 6: en 27: maart, en 2„' deeser, waar bij welm Hun Hoog Edelh: onder andere aanbevoolen hebben, op aan de naar Iava, ter afhaal van rijst en Houtwerken, nopens de te doene aangelegde scheepen Leiden, en de Batavier te laten verstrek, hier op Iavaaankoo„ „ken, 2: Lasten en 541: gantings rijst, en 6: gantings kadjang, ijder en aan de Constitutie, Iava, de Juffrouw Johanna, en de„ Arend, 2: Lasten en 36½: gantings rijst, en 56½: gantings kat„ „jang, ijder, —. zo is beslooten daarvan te houden deeze aantee„ „kening, en voorts te noteeren, dat men niet manqueeren zal, de nodige orders te stellen, om die verstrekking te laten gevolg neemen. —. Daaren teegen door Hun Hoog Edelh: op het door Hooghd 7:H: d: is schins Copipj „zelven, te kennen gegeevene, door het Collagie van Heemraaden te Batavia, bij een Extract uit hunne resolutie, de dato 7„e maart„ El: l: beslooten zijnde, om uit hoofde van het gebrek aan Aljunet. Landmeeter te Batavia, ten kosten van het gem: Collegie van eenige, tevens door het zelve aan Welm: Hun Hoog Edelh: overgegee„ „vene kaarten, alhier in het marine school 3: Copijen te doen ver „vaardigen, met bijgevoegde qualificatie tevens, om twee derwak, scholieren, uit het Ma„ „kerste en kundigste scholiaren uit het gem: gesticht naar Batavia te zenden, ten einde aldaar als adjuncten op het„ Landmeeter Comptoir geplaatst te worden, zo is, dewijl hier. „ dan. „van be 384

NL-HaNA_1.04.02_3986_0382 view scan ↗

English

An extract having been issued to the First Instructor of the aforementioned institution, Johannes Georgius Steinmelk, so that he might govern himself accordingly, but a request having thereupon been made by him by report that the required youths may remain here another two to three months, in order to give them further instructions, as during this bad monsoon they could not be trained in the practice of land surveying, it has therefore been resolved and agreed to give notice thereof to Their High Excellencies, mentioning that it is trusted that in this instance consent will likewise be granted by the same. It having also been communicated by Your High Excellencies that the 78 lb of edible birds' nests sent to Batavia in the past year by the bark the Constantia and delivered by the Captain of the Mandharese residing on the South Coast of Java, Captain Bouton, were sold at public auction and, after deduction of the usual percentages, had yielded according to the return received thereof a net sum of 1019: 2: 5 rixdollars, and that Their High Excellencies had decided to credit this amount to the Java Government, with the attached order to have 1/3 part thereof, or 339: 40: — rixdollars, paid out to the aforementioned Captain Bouton; it has been resolved and agreed to respectfully thank Your High Excellencies for this information provided, and to likewise notify the Sourabaya servants thereof for their information. 28 April 1792. And it having at the same time been reflected that in this letter from Their High Excellencies no mention is made of the other parcel of 94 lb of birds' nests also delivered in the past year by the aforementioned Captain Bouton and sent to Batavia with the ship Drechterland, but that the proceeds thereof have nonetheless also been credited to this Government in the recently received invoice, and it seems should be inferred therefrom that it is the intention to also allocate an equal portion of the aforementioned quantity to the aforementioned Captain Bouton, it has accordingly been resolved and agreed to likewise authorize the Sourabaya servants to proceed with the payout of the same. 16 May 1792. On that occasion, notice having also been given by Their High Excellencies that the Gentlemen of the Military Commission, Vaillant, Verhuell, and Gravestein, have left the irregular 1-pounder cannons on hand in Java as they are, on the grounds that the same could be used usefully for defense; with the attached order therefore to retain the cannons of that caliber as long as they remained serviceable; it has, in compliance therewith, been resolved and agreed to have an extract hereof issued to the Extraordinary Lieutenant of the Artillery here, Gerrit Slikkenschild, and also to send the same to Sourabaya, with orders to the servants to make this serve for their information and observation. 28 April 1792. The Chinese Clima bek, Nakhoda of a junk lying at Batavia named Soenhoeat, having been permitted by Their High Excellencies to make a voyage to Java with his aforementioned junk, but on the condition that he would not be allowed to transport Chinese trade goods from Batavia, and with orders also to pay the necessary attention thereto upon the arrival of this vessel; and since this junk has since also arrived here, and upon its examination, according to the report received thereof and now also circulated from the judicial commissioners who examined and inspected this vessel, no contraband goods were found therein; it has therefore been resolved and agreed to note this in the reply to Their High Excellencies. 28 April 1792. The Senior Merchant and Resident at Cheribon, Godfried Carel Goekinga, having on his request made thereto been discharged from that post by Their High Excellencies and repatriated to the Netherlands, and in his place there having been appointed anew the Tagal Resident Johan Lubbert Umbgrove to receive the handover of that Residency by the end of August next, and in his place, the Junior Merchant unassigned expected from Ceylon, Theodorus van Teijlingen.

Dutch transcription

bor ten Informator van dat gesticht afgegeeven „zoek gedaan, om de ge„ „requireerde jongelin„ „den te moogen aanhoud„ H: Ed: kennisgeëven. „koop, van de in A=o p=o „dene geleeverde E: d: ogelaeet„ „jes. Bouton Competeerende portie aan hem uittekee„ H: H: Ed: zalmens voor deen Heer van Extract anden, van Extract is afgegeeven, aan den Eersten Informator van het voor„ melde gesticht Johannes Georgius Steinmelk, ten einde zich daar„ denselven heeft ver„ maar te kunnen reguleeren, doch door hem daarop bij Bericht vee„ „gen noch drie maan, zoek gedaan is, dat de gerequireerde jongelingen noch twee â drie maanden alhier mogen blijven, ten einde hun, als geduu„ „rende deeze kwaaden mousson, in de practijk van de Land„ „meetkunden, niet hebbenden kunnen geoeffend worden, noch eeni„ „ge Instructies te kunnen geeven, –. dierhalven goedgevonden en hiervan zal men H. verstaan, daarvan aan Hun Hoog Edelh: kannis te geeven, onder„ aanhaaling, dat men vertrouwd, dat in deeze instantie door Hoogst Dezelven ook zal worden toegestemd. —. UH : E: beder ven den ver Pok door uw Hoog Eedelh: bedaeld zijnde, dat ele in d: p:s per den naar Batavia gezon, bark de Constantia naar Batavia gezondene, en door den aan den Zuidkant van Iava remoreerenden Capitain der Mandhareazen en don Capitin Gouton Bouton geleeverden 78: lb: vogelmaatjes, bij publike vendutien verkogt waaren, en naar aftrek der gewoone procantos, volgens het daarvan ingekoomen rendement hadden afgeworpen, een neet last, onde aan gem: montant van van rd=s 1019: 2: 5: en dat Hoogst dezelven be„ „slooten hadden, dit bedraagen het Gouvernement Java ten goede te laten brengen, met bijgevoegde Last, om daarvan 1/3: gedeelten of rd=s 339:40:—. aan voormelden Capitain Bou„ „ton te laten uitkeeren; - zo is goedgevonden en verstaan, de mariehet dankkeigen suwn Hoog Edelh: voor deere gegeevene informatie Eerbiedig den 28„e April A=o 1742:~. den 28„e April A=o 1792: „nig zelvs dat de ondat aen. 1 0. dank „den. —. „ren 367 den 16=e Meij A=o 1792:~ hem di En den Sourabaijasche Bediendens daarvan kennes geeven; men ook qualificeeren „tie, van een ander, door „verde En dit Gouvernement gebrachte parthij vogel De Heeren van de Mi„ „ding van de irregulie„ Exptra ord: Lieut Flik„ den 28„e April A=o 1792: ~. dank te zeggen en den Sourabaijaschen Bediendens, daarvan tere hunner naricht meede kennis te geeven. —. En daarbij tevens gereflecteerd zijnde, dat bij dit aanschrijvens Gem: Bediendens zal Hun Hoog Edelh: geen gewag word gemaakt, van de meede in P:o p:o door voorschr: Capitein Bouton, geleeverde, en met het schijp dreg„ „terland naar Batavia gezondene andere parthij Vogelnestjestot de betaaling naar usan„ 94: lb: doch dat derzelver rendement, echter meede bij de jongst, Capitein Bouton gelee„ „ontvangene factuur, dit Gouvernement ten goede is gebracht, en per fastuur ten goeden daaruit schijnt te moeten worden opgemaakt, dat het de inten nestjes „tie is, aan voor sehr: Capitain Bouton, van de gem: quantiteit ook in gelijke portie toeteleggen, zo is dienvolgenden goedgevonden en verstaan, den sourabaijasche Bediendens almeede te quali„ „ficeeren, om de uitkeering van dien te laten gevolg neemen. — Bij die geleegentheid meede door tuin Hoog Eetelle kenisgegeen„ „ven zijnde, dat de Heeren van de Militaire Commissie, Vaillant, „ litaire Commissie Verhuel, en Gravestein, de ivreguliere kanons van 1: l: die op Java approbeerende aanhou„ aan handen zijn zodanig gelaten hebben, uit hoofde dat dezel„ rekanons van V: lb: „ve tot defensie met nut konden worden gebruikt; met bij ge„ „voegde Last, om de kanons van die Caliber, dierhalven ook aan te houden, zo lange deselve bekwaam waaren; zo is in Hiervan zal men den naarkoming van dien, goedgevonden en verstaan, Extract hie r enscheld „van te laten afgeeven, aan de Extra ordinaire heutenant der door 384 den 28„e April A=o 1792: Bedienden s informeeren Chineese Jonk genaamd Soenhbeat: goederen heeft ingehad waarvan men H H: Ed de seldent Goekingauct zijn post. „selvs plaats, den Tagal„ tot Resident te Tagal ten onderkoopman van ijlingen. den 28„e April A=o 1792:—. der Arthillerij alhiar Gerrit Slikkenschild, mitsgaders ok naar Ende sourabaijasche sourabaija te zenden, met last, aan de Bediendens, om zich zulks tot naricht en observantie te laten strekken. —. arive alhier van een Aan den Chinees Clima bek, Anachoda, van een te Batavia legen„ „de Jonk soenhoeat genaamd, door H: H: Ed: gepermitteerd zijnde om met voorm: zijnen jonk een tocht waar Iava te mogen doen doek onder voorwaarden, dat hij geen Chineesche negotie goederen van Ba„ „tavia zoude mogen vervoeren, en met last levens, om daar op bij de aan„ „komst van dit vaarthuig de nodige attentie te vestigen, zoig naar„ „dien deeze jonk seedert ook alhier gearriveert is, en 'er bij dies Exa„ die geene contrabandeg minatie, volgens het daarvan ingekomen, en thans meede rondge „leeden berisht van justitieele gecommitteerdens, welke dit vaar„ „tuig geExamineerd, en gevisiteerd hebben, geene Contrabandewsha„ „ren daarin gevonden zijn; dierhalven goedgevonden en verstaan zal kennis geeven. zulks bij het antwoord aan H: H: Ed: te noteeren. —. ontslag van den Cheendem PDo opperkoopman en Resident te Cheribors Godfied Carel Goe„ „kinga, op zijn daartoe gedaan verzoek, door Hun Hoog Edelh: uit die post ontslaagen, en naar Neederland verlost, mitsgaders in zijn en benoeming in des, plaats weeder benoemd zijnde, de Tagals Resident Johan Lubbert ƒ „schen Resident umb„ Ambgrove, om onder Uilt=mo augustus aanstaande het transport van En in steede van dien die Residentie te ontvangen, en in steede van dien, de van Ceijlon ver„ van „wacht wordende onderkoopman buiten emploir Theodorus van „nig zelvs, dat de op dat aennn ƒ 1 8. Teilingen „grove

NL-HaNA_1.04.02_3986_0385 view scan ↗

English

the 16th of May Anno 1792: by Their High Excellencies to the former merchant Freijs and Kaidel, to be permitted to cross over to Java for a short trip. The last-mentioned has already arrived here. the 28th of April Anno 1792: Teijlingen, with the addition of the title and rank of Merchant, and a favorable recommendation to the Lords Masters for obtaining the effective quality thereof, and the salary pertaining thereto; thus it has been resolved to keep this record thereof, and to govern oneself accordingly in due time. Furthermore, it having been communicated by Their High Excellencies that Their High Excellencies had granted permission to the junior merchant, permanent linen sorter, and cashier of the general receipts at Batavia, Johannes Freijs, upon his request made to that end, to be discharged from the Company's service with the rank of former merchant, and had likewise permitted him to make a short trip to Java, and that this latter had likewise been granted to the former military ensign Johannes Werner Kaidel; it has been resolved respectfully to thank Their said High Excellencies for this communication provided, noting that the last-mentioned has also already arrived here with the barque De Eensgezindheid. Furthermore, it having been communicated by the Resident of Cheribon by missive of the 22nd of this month, that of the 4 pieces of window frame timbers sent thither, 2 pieces had been lost en route due to heavy weather, according to a declaration thereof also transmitted and presented today, with an added request, therefore, to be provided in their place soon with 2 pieces of new mast uprights, and that the prahu mayangs previously requested might likewise be sent to him as soon as practicable; thus it has been approved and understood, since they are in great need of both at Cheribon, to charge the Resident of Rembang to procure these required new mast uprights as quickly as possible, and likewise to make all possible haste with the dispatch of these demanded prahu mayangs. Lastly, after reading, it was understood to approve a draft missive prepared for Their High Excellencies, and a ditto to the Resident of Cheribon. Thus Done, Resolved, and arrested at the Government of Samarang on the Date aforesaid: (was signed:) P: P: van Overstraten, J: van Santen, A: Hamell, B: J: van Nijvenheim, J: W: Crose, [illegible], C: G: Fisscher, M: Meurs, and F: J: Rothenbuhler, Secretary.

Dutch transcription

den 16=e Meij A=o 1792:~ door H H: Ed: aan den oud koopman Freijn kaidel, om voor een springtogtje naar Ja„ „va te mogen over„ De laatstgem: is al„ „hier gearriveerd. den 28„e April A=o 1792: ~. Teijlingen, onder toevoeging van de tilul en rang van Koopman„ en gunstige voorschrijving aan de Heeren Meesters ter verkrijging 1 van de effective qualiteit van dien, en de daartoe staande gagie; zo is, beslooten, hiervan te houden deeze aanteekening, en zich ter zijner tijd daar naar te reguleeren. —. Voor t door H: H:Ed: bedeeld beeteld zijnde, dat Hoogtdeselven verteende permissie den onderkoopman, permanent Lijwaad sorteerder, en kassier van de generaalen ontvangst te Batavia Johannes Freijs, op desselvs daartoe gedaan verzoek, met de rang van oud koopman, uit en tevens gepermitteerd hadden te mogen doen, en dat dit das, aan de oud vaandrig mi En den oud vaandrich /:zo is beslooten, welm: Hun Communicatie eerbiedig te gaan: laatstgem: ook bereeds met hier gearriveerd is; — „ent bij missive van den 22:' deeser den Cheribons Resident verzoekt „waards gezondene 4: p=s raam aer van tevens overgezondene ver„ om in plaats van 2: p„s „raamhouten die verloo ng, onder presentatie van heden, door swaar waar 2: verloog van zijn geraakt „ren waaren geraakt, met bij gevoegd verzoek, dierhalven, om in met 2: anderen dier plaats spoedig met 2: p=s nieuwe mast standers te mogen voor„ hemd die net lakten huine bide „zien 2 11 369 384 Bedienden sinformeeren Chineese Jonk genaamd Soenhteat. goederen heeftingehad waarvan men H H: d Resident Gockingauit zijn post. „selvs plaats, den Tagal„ „grove tot Residen, te Tagel„ den onderkoopman van Tijlingen. den 28„e April A=o 1792:—. der Arthillerij alhier Gerrit Slikkenschild mitsgaders okrnmaar, Ende sourabaijascka sourabaija te zenden, met last, aan de Bediendens, om zich zulkx tot naricht en observantie te laten strekken. —. arrive alhier van een Mander Chinees Limg dek, Anachoda, van een te Batavia leggen „de jonk soenhoeat genaamd, door H: H: Ed: gepermitteerd zijnde om met voorm: zijne, jonk een tocht waar Iava te mogen doen doek onder voorwaarden, dat hij geen Chinaesche negotie goederen van Ba„ „tavia zoude mogen vervoeren, en met last tevens, om daarop bij de aan„ „komst van dit vaarthuig de nodige attentie te vestigen, zo ig naat„ „dien deeze Jonk seeder die geene contrabanden minatie, volgens het a „leeden bericht van ju„ „tuig geExamineerd, en g „ren daarin gevonden zalkennis geeven. zulkx bij het antwoord aa „ontslag van den Cheribon De Opperkoopman en „kinga, op zijn daartoe post ontslaagen, en na en benoeming in des, plaats weeder benoemd „schen Resident rimb„ Ambgrove, om onder Alt=mo augustus aanstaande het transport van En in steede van dien, die Residentie te ontvangen, en in steede van dien, de van Ceijlon ver„ „wacht wordende onderkoopman buiten emploor Theodorus van sbert Exa„ „nig zelvs dat de ondataan. . . ƒ 1 8. den 28„e April A=o 1792: Teilingen den 16=e Meij A=o 1792:~ door H H: Ed: aan den oud koopman Freijn kaidel, om voor een springtogtje naar Ja„ „vae te mogen over„ De laatstgem: is al„ „hier gearriveerd. verzoekt raamhouten die verloo den 28„e April A=o 1792:~. Teijlingen, onder toevoeging van de tilulen rang van Koopman, en gunstige voorschrijving aan de Heeren Meesters ter verkrijging van de effective qualiteit van dien, en de daartoe staande gagie; zo is, beslooten, hiervan te houden deeze aanteekening, en zich ter zijner tijd daar naar te reguleeren. —. Voorts door H: H: Ed: bedeeld be ie zinde, dat Hoogoede elen vere ende germissi den onderkoopman, permanent Lijwaad sorteerder, en kassier van de generaalen ontvangst te Batavia Johannes Freijs, op desselvs daartoe gedaan verzoek, met de rang van oud koopman, uit Comp=s dienst ontslager, en aan hem tevens gepermitteerd hadden, om een springtogtje, naar Iava te mogen doen, en dat dit laatste insgelijks geaccordeert was, aan de oud vaandrig mi En den oud vaandrich „litair Johannes Werner Kaidel, zo is beslooten, welm: Hun Hoog Edelh: voor deeze gegeevene Communicatie eerbiedig te gaan: bedanken, onder notitie, dat de laatstgem: ook bereeds met de Bank De Eensgezindheid alhier gearriveerd is. — Wijder oordo den Cheritono Reident bijnise van den 2: dese e e ir ne bedeeld zijnde, dat van de naar derwaards gezondene 4: p=s raam „houten, onderweegs, volgens een daarvan tevens overgezondene ver, om in plaats van 2: p„s „klaaring, onder presentatie van heden, door swaar weer, 2: verloog en zyn geraakt „ren waaren geraakt, met bijgevoegd verzoek, dierhalven, om in met 2: anderen dies plaats spoedig met 2: p=s nieuwe mast standers te mogen voor„ hem die net likt zuirerhier „zien Gielkaend lggen 9 69 389 ge „vraagde prauwma„ „jangs voorzien te wor„ den. de voldoening daarvan „dant opgekraagen approbatie van een in Concept gebracht den 28„e April A=o 1792:—. als meede van de gen„ zien worden, en dat de ook bevoorens gevraagde prauwsmajangs V hem insgelijks, zo dra doenlijk mogen toegezonden worden, zo is, naardien men, om dit een en ander te Cherebon zeer verlee„ den Rembungs resi„gen is, dierhalven goedgevonden en verstaan, den Rembangs Resident op te draagen, om deeze benodigde nieuwe maststan„ „ders ten spoedigsten te bezorgen, en met de afzending deze geEischte prauwmajangs insgelijks alle mogelijke spoed te maken. —. Laatstelijk is, na lectuure verstaan te approbeeren een in Con„ missive aan H: H: Ed„s cept gebrachte missive aan Hun Hoog Edelh: en een dito aan den Resident van Cheribon. —. Aldus Gedaan, Geresolveerd, en de searres„ „teerd ten Gouvernemente Samarang Dato voorsz: /:was geteekend:/ P: P: van Overstraten, J: van Santen, A: Hamell, B: J: van Nijvenheim, J: W: Crose, . . . . . . . . -, C: G: Fisscher, M: Meurs, en F: J: Rothenbuhler, Secretaris. —. den 28„e April A=o 1792: „nig zelvs dat de ondatrem Zaturdach. 1o.

NL-HaNA_1.04.02_3986_0389 view scan ↗

English

Saturday the 5th May Anno 1792. By circular inquiry. With the bark De Verwachting having arrived here on the 3rd of this month from Banjarmassing, the junior merchant and second warehouse master here, Barend van den Worm, who departed thither on commission in Anno 1790 by order of Their High Noble Lordships, having returned here from the said station; it is resolved to make a note thereof and also to notify Their High Noble Lordships of the same. And whereas the said bark De Verwachting has arrived laden from Banjarmassing, it is accordingly resolved to let that vessel depart further for Batavia today, and to send therewith to Their High Noble Lordships the 150 lb of birds' nests received in the month of December of the past year from Sourabaija, and the further brought 72 lb of that article, with a respectful request that the same share of the proceeds of these birds' nests, as from the previous lots, may again be allocated to the supplier thereof, Captain Bouton, in order to encourage and spur him on more and more to the supply. Also, the merchant and fiscal here, Barend Jan van Nijkerken named Nijvenheim, having notified by report that he had apprehended here 9 runaway slaves, namely: Biema, of Biema, belonging to the Honorable Extraordinary Councillor of the Dutch Indies at Batavia, J. S. Velgevaare; Tjoenie, of Biema, belonging to a certain native living outside the Utrecht gate at Batavia, named Rderoe; Basso, of Biema, and April, of Bangcahoeloe, both belonging to the citizen shopkeeper living on the Great River; Boedia, of Balij, Simaja, of [illegible], and Saming, of [illegible], all belonging to the Chinese Tjik Tang, alias Toekang Warong, living at Ketepang in the Bantam region; Kieman, of Mandhar, and Pitoea, of [illegible], belonging to the Javanese Bangka, alias Mandor Pana, also living at the aforementioned place; It is resolved, after reading this report and in accordance with the request made therein by the said fiscal, to allow the said slaves to be transferred to the capital by the aforementioned bark De Verwachting, with a respectful request to Their High Noble Lordships that they may be restored to their lawful owners, upon payment, however, of the customary jail fees and capture rewards, and to charge these expenses to the capital for that purpose. The Resident of Joana having notified by letter of the 30th April last that the master of the bark De Eensgezindheid, lying in the roads there and destined for Banjarmassing, had given notice by report that some small but necessary repairs needed to be done to that vessel, and that it also ought to be provided with another topmast in place of the broken one, as well as with a woolding, etc.; it is resolved, on the basis of the necessity demonstrated by the master of this vessel in his aforementioned report, to authorize the Resident of Joana to carry out the said repairs, with orders, however, first to have it precisely verified whether the same are needed, and also to take care that all possible economy is observed in that regard. The military ensign Johan Godlieb Koolwaagen, who arrived here from Banda in the previous year by the cutter De Patriot, but remained in the hospital due to illness, having made a request in person to be allowed to go to Batavia likewise with the aforementioned vessel; it is resolved, as the said Koolwaagen has now recovered from his illness, to grant his said request, and thus also to let him depart with the aforementioned bark for the capital. Furthermore, after resumption, it is resolved to approve a letter to be dispatched today to Their High Noble Lordships, which has now been read around in draft. Thus done, resolved, and decreed, at the Government, Samarang, on the date aforesaid. Signed: P. G. van Overstraten, J. van Santen, A. Hamel, B. J. van Nijvenheim, J. W. Crose, B. van den Worm, C. G. Fisscher, Mr. Meurs, and F. J. Rothenbuhler, Secretary.

Dutch transcription

„ L t „missie naar Banjer„ „massing vertrokkene „ter van den 2doom. „koomen. „sing gearriveerde bark de verwachting reeds vollaaden zijnde naar Batavia aaten. door Capitein Bouton geleeverde parthij Zaturdach den 5„e Meij A=o 1792:— Bij rondvraag. Met de op den 3:e deeser van Banjermassing gearriser din ad: 170 : Com „de bark de Verwachting, van het gemelde Comptoir alhier te tede Pakhuismees„ rug gekoomen zijnde, de in A=o 1790: op order Hunner HoogEdelh: naar derwaards in Commissie vertrokken onderkoopman en Twee„ „de Pakhuismeester alhier Barend van den Worn; zo is besloo„ „ten, daarvan deeze aanteekening te houden, en zulks meede is weederterug ge„ aan Hun Hoog Edelh: te bedeelen. —. En vermits degen: bark de Versackting, berart te Ranpen, de van den eman „massing is belaaden geworden zo is, dienvolgenden beslooten, dat kieltje op heeden verder naar Batavia te laten vertrekken zal men, als aldaar en Hun Hoog Edelh: daarmeede te laten toekoomen, de in de maand vertrekken December des gepasseerden Jaars, van Sourabaija ontvangene 150: lb: Vogelnestjes, en de nader aangebrachten 72: lb: van dat articul, En daarmeede een met Eerbiedig verzoek, dat van het rendement deezer vogel vogelnestjes verzon „nestjes, weeder dat zelvde aandeel, als van de voorige par„ „thrijen, aan den leverancier derzelver, Capitein Bouton mag ƒ. worden toegelegd, ten einde hem daardoor, meer en meer tot de leverancie te animeeren en aantespooren.—. iblen. den 16=e Meij A=o 1792:~ ook on„ ito 24 374 384 als meede enige alhier ije„ „apprehendeerde en te Bata„ lijfligenen.— „nig zelvs dat de on dat aen ƒ 1 8. den 28„e April A=o 1792: den 3„e Meij A=o 1742:—. ƒ Ook door den koopman en Fiscaal alhier Barand Jan van „via te huis gehoorende Nijkerken genaamt Nijvenheim, bij bericht te kennen gegee„ „ven zijnde, dat hij alhier in apprehentie had gekreegen 9: stuks gedroste slaaven te weeten: Biema, van Biema, gehoorende aan de Heer Raad extra ordi„ „nair van Neederlandsch India te Batavia J: S: WVelgevaare: Tjoenie, van Biema, gehoorende, aan zeekere buiten de uitrechtsche poort te Batavia woonende Inlander, naamens, Rderoe. beide gehoorende aan de op de groote Basso, van Biema Rivier woonagtigen burger winkel, April „ Bangcahoeloe) „ man. alle gehoorende, aan de te ketepang in het Boedia „ Balij Bantamsche woonachtigen Chinees Tjik Simaja „ _ Tang, alieus Toekang warong. - . Saming„ _ gehoorende aan de meede ter op gem: Kieman „ Mandhar plaats woonagtigen Javaan Bangka Pitoea „ „ Talias mandoor Pana. -. Zo is, na lectuure van dit Bericht, en Conform het daar bij tevens gedaan verzoek, door gem: Fiscaal; goedgevonden en ver„ „staan de gedachte lijff Eigenen, per de opgem: Bark De Ver„ „wachting naar de Hoofdplaats te laten overgaan, met Eer„ „biedig varzoek aan Hun Hoog Edelh: dat dezelve aan hun„ „ne wettigen lijffheeren mogen worden gerestitueert, onder betaaling echter, van de gewoone boeiquastos, en opvat„ 6 „loonen, en deeze ongelden ten dien einde, de Hoofdplaats ten lasten te laten brengen. —. Door Vijftig „ 373 den 16=e Meij A=o 1792:— die net likt tuele heeft bericht lading leggende Ban„ „germassingsche bark ondergaan. „„ge qualificatie wor„ aangekoomen En ziek in het Hospi„ „drich koolwaagen schreeven kieltje naar Batavia laten den 5„e Meij A=o 1792:—. Door de Jourtas Resident bij briev van den 30„e April E:l: bedeelt Den Joanas Resident zijnde, dat de Gezaekhebber van de aldaar ter rheeden leggende en na Banjermassing gedestineerde, burk, de Eensgezindheid, Dat de aldaar in bij bericht te kennen had gegeeven, dat aan gedagt kieltje, den eenige reparatie moet „ge kleine, doch noodzaakelijken reparatien dienden te geschie„ „den, en dat het zelve ook, in steede van de gebrookene steng, weeder van een andere, als oak van een balvaat slag &=a be„ „hoorde voorzien te worden; zo is, op fundament viende des, Daartoe zal de noodi„ weegens door de Gezachhebber van dit kieltje, bij zijn voorsz: den verliend. bericht betoogde noodzaakelijkheid, goedgevonden en ver„ „staan, den Joanas Resident te qualificeeren, van de gem: reparatiens te laten gevolgneemen, met order echter, om al„ „voorens exact te laten nagaan, of het zelve ook benordigd zijn, en om tevens zorgte dragen, dat daaromtrent alle mo„ „gelijke menage word behartigd;—. Door de in A=o p=o per de Kotter de Patriot, van Banda alhier De van Banda alhier aangekoomen, doch weegens ziekte in het hospitaal verblae„ „ven Vaandrig militair Johan Godlieb koolwaagen, inzel,„ taal verbleeven vaan „vervoegen verzoek gedaan zijnde, om insgelyks met het voorschreeven kieltje naar Batavia te mogen overgaan, zois zal men met voor naardien gem: koolwaagen van zijne ziekte thans weeder overgaan hierstald is, mitsdien goedgevonden en verstaan in desselvs gemeld verzoek, te bewilligen, en hem dus almeede met de meerm: van , gem: ka g laats 384 approbatie van een aan H: H: Ed: concept ge brachite megstive den 28„e April A=o 1792: „nig zelvs dat de ondataen den 5„e Meij A=o 1792:—. meerm: bark naar de Hoofdplaats te laten vertrekken. —. Voorts is na resumtie beslooten te approbeeren, een op hea„ „den, aan Hun Hoog Edelh: afte gaane, en thans in Concept rondgeleezene missiven. — Aldus Gedaan, Geresolveerd, ende Gearres„ E „teerd, ten Gouvernemente, Samarang Dato voorsz: /:was geteekend:/ P: G: van Overstraten, J=s van Santen, A: Hamel, B: J: van Nijvenheim, J: W: Crose, R: van den Worm, C: G: Fisscher, M:r Meurs, en F: J: Rothenbuhler, Secretaris: —. Vrijdach ƒ 1 o.

NL-HaNA_1.04.02_3986_0393 view scan ↗

English

15 375 the 16th of May Anno 1792 Friday the 11th of May Anno 1792 By circular inquiry The small fleet sent out against the pirates having returned, the Master of the Equippage Joseph Bossottiel submitted an account of the events on this cruise. Captain Lieutenant at Sea and Master of the Equippage here, Joseph Bossottiel, who was sent out to cruise against the pirates pursuant to the resolution taken on the 21st of April last, having returned here on the 9th of this month with the small fleet under his command, and having submitted to the Governor an account given by him at the Police Secretariat regarding what occurred from the departure of the said small fleet from Japara until its return here, from which it appears: That the said Bossottiel proceeded directly with the entire small fleet to the islands of Crimon Java, and that he indeed discovered between the islands 5 large and several small pirate vessels, in addition to the two regular cruising vessels captured by this rabble, item three prau mayangs belonging to the Resident at Japara, and a native pantjalling, or merchant vessel, all of which vessels were now also equipped and armed for piracy by them. However, that whatever efforts he, the narrator, made to approach them closely enough to be able to attack them, it had proved impossible, 384 of which Their High Excellencies will be informed. 28th of April Anno 1792 the 11th of May Anno 1792 because of the multitude of reefs and shoals with which he found the channel between these islands obstructed everywhere, and upon which the vessels repeatedly ran aground; so much so that after repeated fruitless attempts, and after also having tried in vain to reach the other side of the island in order to test whether a passage might be found there, he was finally compelled to drop anchor. And that the pirates had even had the audacity to fire upon them several times, both from their pantjajaps and from the shore, where they had mounted a piece of cannon as well as a flagstaff; and that they themselves succeeded the following night in escaping through the channel on the other side of the island, without Bossottiel having subsequently learned anything further of them. That he, Bossottiel, had captured a small native vessel manned by 3 hands, and that they had first pretended to have escaped from the hands of the pirates of Laoot Poelo, but later, upon interrogation by the Resident of Japara, confessed that they were spies, sent out on reconnaissance by the pirates from Crimon Java. And that he furthermore had learned nothing more of the pirates, other than that he had seen them sail westward after their departure from Crimon Java. Accordingly, since it is to be inferred from this that the aforementioned rabble will now also seek to carry out their piracies to the west, it is therefore approved and understood to communicate this to Their High Excellencies by transmitting a copy of the aforementioned account, 384 the 16th of May Anno 1792 the 11th of May Anno 1792 The returned bark De Langmoedigheid will be put in order and sent to sail to Batavia under the command of a certain boatswain's mate Gerrit Hommel. Sourabaija received news of an abortive voyage of the bark De Vier Gesusters, chartered for Banda. so that Their High Excellencies may in time devise the necessary measures to protect private traders. Furthermore, an extract from the aforesaid account, insofar as it concerns the 3 persons captured, shall be delivered to the Court of Justice here, with instructions to conduct a further investigation into the charges against them. The bark De Langmoedigheid, sent to its assistance, having also returned here in company with the aforesaid cruising fleet, it is resolved to have this small vessel immediately put further in order, and then let it proceed on its voyage to Batavia; furthermore, due to a lack of other candidates, to place this small vessel under the command of a certain boatswain's mate, Jan Gerrit Hommel, who remained behind here from the bark De Eensgezindheid due to illness, and who, according to the statements of Captain Lieutenant at Sea and Master of the Equippage here, Joseph Bossottiel, possesses the necessary skills for it. Furthermore, on this occasion, a letter received from the Sourabaija officials, dated the 25th of the past month of April, was circulated and read, containing the unpleasant news that the bark De Vier Gesusters, chartered at Grissee for the transport of rice on freight to Banda for the Company, after having already advanced as far as the islands called the Toekan Bessies, suffered [illegible] of the return of the chartered bark De Vier Gesusters, an abortive [illegible]

Dutch transcription

15 375 den 16=e Meij A=o 1792:~ hem die niet lakten Nuemen beeden „vers afgezonden vloot„ „daeltje is weeder terug den equipage opsichter Boscottiel weegens het kruistocht. Vrijdach den 11„e Meij A=o 1792: Bij rondvraag De ingevolge het genoomen besluit bij resolutie van den 2 1eepil het tegen de zeervoor„ „l:l: ter bekruissing teegen den zeeroovers afgezonden Capitein lied gekoomen. „tenant ter Zee, en Equipage op sichter alhier Joseph Bossottiel, met het onder desselvs gezach staand vlootdeeltjen op den 9=e deeser al„ „hier terug gekoomen, en door denzelven aan de Heer Gouverneur overge ingediend ralaad diok 1 „leevert zijnde, een door hem alhier ter secretarije van Politie gegeeven voorgevallene op deeze relaas, weegens het voorgevallene, het vertrek van gemelde vlootje„ van Iapara, tol op dies terug komst alhier, waar uit blijkt, dat gem: Bossottiel zich direct met het geheel vlootje, naar de eilanden van Crimon Iava, had begeeven, en dat hij aldaar ook werkelijk 5: groote en verscheide kleine Zeeroovers Vaartuigen, tusschen de eiland en ontdekt had, behalven noch de door dit gespuis genoomene twee or„ 3. „dinaire kruissers vaartuigen tusschen de vilanden ontdekt had, be„ „halven noch de door dit gespruis, genoomene twee ordinaire kruisser„ Vaartuigen, item drie prauwmajangs van de Resident te Ja„ „para, en een Inlandschen pantjalling, of handelaars vaartuig alle welke Vaartuigen door hen nu ook geEquipeerd, en tot de roof toegerust waren, doch, dat, welke moeite hij retatant ook aangewend had, om dezelve nabij genoeg te koomen, om hen te kunnen attacqueeren, zulk echter ondoenlijk was geweest, uit 384 waarvan men H: H: Ed zal kennis geeven „nig zelvs dat de ondat aan den 28„e April A=o 1792: den 11=e Meij A=o 1792:—. uit hoofde van de meenigte reeven en klippen waarmeede hij het kanaal tusschen deeze eilanden, alomme bezet had gevonden, en waar op de vaartuigen telkens vast geraakt waren peouanig dat hij zela „tant na herhaalde vruchteloode pogingen, en na meede te vergeep getracht te hebben de andere zijde aan het erland te bereijken, ten einde te beproe„ „ven, of aldaar niet een doortocht zouda te vinden zijn, eindelijk was ge„ „noodzaakt geworden, ten anker te gaan, en dat den Rooverszelvs de Htout „heid gehad hadden, diverse maalen, zo van hunne Pandjajaps, als van de wal, alwaar zij een stukkanon, beneevens een vlagger tok geplant hadden, op hun te schieten, en dat het hen zelve snachts daarop gelukt, was, door het kanaal aan de andere zijde van het ziland te ontsnappen, zonderdat hij Bossottiel na derhand iets verder van hen vernomen had„ dat hij B0o otiel ziceh meester had gemaakt, van een klein Inlands vaar„ „tuig bemand met 3: koppen, en dat dezelven eerst hadden voorgegee„ „ven, van Laoot Poelo, uit de handen der zeeroovers gedroot te zijn, doch naderhand, op de gedaane afvraage, van de Japaraas Resident bekend hadden, dat zij spions, en door den zeeroovers, van Crimon Ia„ „na, op kondschap uitgezonden. - - en dat hij voorts, van de zeerooders niets verder vernoomen had, als dat hij dezelve, na hun vertrek van Crimon Java westwaards had zien aanzeilen, zo is, naar dien hier uit op temaken is, dat het voormelde, gespuis, hunne rove„ „rijen nu ook om de west zal zoeken te bewerkstelligene. dier „halven goedgevonden en verstaan, zulks, onder overzending, van Copia van hat maarm: ralacas, aan Hun Hoog Edelheedens te bedeelen 384 den 16=e Meij A=o 1792:~ „ mene bark De Lang „heid brengen, en naar Batavia laten zeis „len van zeeker boots„ Hommel.. sourebaija een verlooren reis van de naar Banda inge„ gezusters den 11„e Meij A=o 1792:—. bedeelen, ten einde Hoogst Deselve, in tijds de nodige middelen zul„ „len kunnen beraamen, om de particuliere handelaar te beveiligen, Voorts ook Extract uit het voorsch: relaas, voor zo veel de op gem: in han„ „den gekreegene 3: persoonen betreft, te laten afgeeven, aan de Raad van Justitie alhier, met last, om nopens het daarbij voorkoomende ten hunnen lasten, nader onderzoek te doen. —. Ingeselschap van het voorschr kruisvlootje, meede alhier weeder De meeder terug geko„ 6 „terug gekoomen zijnde, de tot desselvs adsistentie gezonden bark de moedigheid Langmoedigheid z i beslooten, dit kieltje als nu ten eersten verder in order te doen brengen, en dan naar Batavia te laten reis vorden„ zal men in gereed„ 1 „ren; voorts dit kieltje, uit hoofde van gebrek aan andere voorwerpen, vorderen 5 te stellen onder Commando van zeekere, van de Bark de Eens gezind„ en onder gezackstel„ „heid, alhier mitsziekte terug gebleevene Bootsmansmaat, Jan mansmaat Gerrit . Gerrit Hommel, dewelke volgens de opgaven van de Capt: Lieut: ter Zee, en Equipage opsichter alhier Joseph BosCottiel, de noodige bekwaamheeden daartoe bezit. — Voorts ook bij deeze geleegentheid rond geleezen zijnde, een ontvangen ontfangen tijding van „ne missive van den Sourabaijasche Bediendens, in dato 25: der ge„ „passeerde maand April, houdende het onaangenaamen bericht, dat de tot Grissee, tot de vervoer van rijst, op vracht naar Banda, voor de Comp=e en gehuurde bark De Vier Gesusters, na bereeds tot den van de terugkomst van eilanden de Toekan Bessies genaamd, gevorderd te zijn, van een huure barkse vier tebaren hem die mdet lekken Nueman halden Verloozen 3

NL-HaNA_1.04.02_3986_0396 view scan ↗

English

brought, that the small vessel the Kleine Pallas and the Jalousie were lying at anchor in the roads of Bontain. The Surabaya officials will be ordered to unload the cargo of the aforesaid bark and await further orders. Their High Noble Excellencies have already been informed, with a request for instructions on how to act concerning the freight charges stipulated by the owners of this vessel. 28 April 1792. 11 May 1792. had returned from an aborted voyage, caused, according to the report of Diverhagen, the master of that small vessel, both by the continuous calms encountered there and the east and north-east winds, which had forced them to turn back so as not to expose the vessel and cargo to the danger of being cast onto the reefs by the currents, and because they had subsequently waited in vain for west winds in the roads of Bontain for 18 days and nights, and that in the meantime the small vessel the Kleine Pallas had also arrived there, with which, at the departure of the aforesaid bark the Vier Gezusters, they intended to return to Makassar again, as well as the private vessel, the private hooker the Jalousie, under the command of Second Lieutenant Paulus van Hoorn, which small vessel had likewise already advanced as far as the Tukang Besi Islands, but had likewise been forced to return to the roads of Bontain; thus, as the time has now elapsed too far for this vessel to be able to resume the voyage to Banda, it is therefore approved and agreed to authorize the Surabaya officials to provisionally have the rice and further articles landed from this vessel unloaded, and to await further orders from here concerning this matter; furthermore to note that, upon the private news received concerning the return of the aforesaid bark De Vier Gezusters, Their High Noble Excellencies were directly informed thereof, with a request to be informed how to act with the freight money stipulated by the owners of this vessel. Lastly, it was decided to approve a missive to be sent today to Their High Noble Excellencies. Thus done, resolved, and decreed at the Government House, Samarang, on the date aforementioned. Signed: P. G. van Overstraten, J. van Santen, A. Hamell, B. J. van Nijvenheim, J. W. Grose, B. van den Worm, C. G. Fisscher, M. Meurs, and F. J. Rothenbuhler, Secretary. Wednesday, 16 May 1792. Upon a poll of the members of this assembly, an extract from the minutes of the resolutions in the Council of Justice here, dated 24 February last, having been circulated for reading, stating that the sailor Jan Christoffel Smith, stationed here, had been accused of having thrown a certain Javanese named Singo Troeno into the sea from the cruising praus on which he, Smith, then held command, after previous mistreatment, and that the said Singo Troeno had thus, in all probability, drowned; but that the merchant and fiscal Barend Jan van Nijkerken, named Nijvenheim, had stated in a written declaration that in the proceedings against the said Smith he had indeed found contradictions and no sufficient ground regarding the drowning of that Javanese, nor sufficient evidence to further continue these proceedings against the said Smith ex officio; with the request that the said Smith might be released from his arrest and also discharged from all judicial claims; and these matters having been taken into consideration, although the request was granted by the aforesaid Council according to the citation in the aforementioned extract of the minutes, nevertheless, because it is deemed that a person against whom such accusations lie, although they could not be proven against him, cannot any longer remain to serve here, it is therefore approved and agreed to send the often-mentioned Johan Christoffel Smith to Batavia on the bark the Langmoedigheid, which arrived from Pontianak last year, with a respectful request to Their High Noble Excellencies that the necessary orders may be issued that he especially may always remain removed from this coast. Likewise having been circulated for reading among the members of this assembly, the report of the special commissioners appointed by the Governor, pursuant to the resolution adopted on the 11th of this month, to attend the handover of the bark the Langmoedigheid, with its inventory, by the Captain-Lieutenant at Sea and Equipment Master Joseph Bossottiel to the boatswain's mate Gerrit Hommel, placed in command of the said vessel; being the discharged Captains at Sea, Andries Termens, and the fellow discharged mate Magnus Thornberg, whereby the said commissioners also simultaneously submitted an inventory of all the goods as found by them at the handover, it is approved and agreed to keep this note thereof. And whereas the office of first master of the ropes of this roadstead as well

Dutch transcription

„bracht, dat het scheepje de kleine Pallas de Jacousie op de rheede van Bontain voor An„ „ker laagen Den Sourabaijasche Bediendens zal men lading van voormalde bark te ontlossen. aftewachten. zijn H: H: Ed: reeds gein„ „formeert. „nig zelvs dat de on dat aan den 28„e April A=o 1792: den 11=e Meij A=o 1792:—. verlooren reize was terug gekoomen, veroorzaakt, volgens het raport van de Gezachvoerder op dat kieltje Diverhagen, zo door de gestadig aldaar aangtroffene stiltens, mitsgaders ooste en Noordoos te winden, die hun genoodzaakt hadden, terug te keeren, ten einde het Vaar„ „tuig en de laading niet aan het gevaar te opponneeren, van door de stroomen op de klippen gezet te worden, als om dat men vervol„ „gens op de rheede van Bontain 18: etmaalen lang te vergeefs na ƒ weste winden had gewacht, en dat in deeze tusschen tijd, aldaar ook Duidenareeht heeft ge„gearriveerd waaren, het scheepje de kleine Pallas, dach met het welk, men bij het vertrek van voormelde bark de Vier Gesusters, voorneemens was, weeder tot naar Macasser terug te keeren, als en de particuliere banok, de particuliere hoeker de Jalousie, onder het gezack van den sous Lieutenant Paulus van Hoorn, welk kieltje meede reeds tot aan de Toekan Bessies was gevorderd, maar insgelijks naar de rheede van Bontain had moeten terugkeeren, zo is, naar„ ordonneeren, om den dien de tijd nu reeds te verre verloopen is, dan dat dit vaartuig de reis naar Banda zoude kunnen hervatten, dierhalven goed„ igevonden en verstaan, den Sourabaijasche Bediendens te qua„ „lificoeren, om de rijst en vereren va dit vaartuig afgeland en arti„ en voortsnadere onderkulen, bij provisie te doen ontlssen, en dien aangaande denadere orders van hier aftewachten; voorts te noteeren, dat men, op de particuliere, bekomene naricht, weegens de terug komst van die terug komst van voorschr: bark De vier Gezusters „ H: H: Ed: daar van direct geinformeert heeft, met verzoek, om geinformeert te moo„ „gen „ 379 384 den 16=e Meij A=o 1792:— „ver beveelen verzoekt hoedaanig met de aelendan den 11„e Meij A=o 1792:en „gen worden, hoedaanig men handelen zal met de door de Enom Hoogst Derzel Eigenaars van dit vaartuig bedongene Vrachtpenningen. . vracht,kenningen han„ Laatstelijk is beslooten te approbaeren, een op heeden, aan Hun Hoog Edelheeden afte gaanen missive. —. Aldus Gedaan, Geresolveert, ende Sear¬ „resteerd, ten Gouvernemente Samarang, Dato voorschreeven. /:was geteekend:/ P: G: van Overstraten, J=s van Santen, A: Hamell, B: J: van Nijfvenheim, J=s W: Grose, B: van den Worm C: G: Fisscher, M: Meurs, en F: J: Rot„ „henbuhler, Secretaris.— Woensdach schoon hem die niet hebken kunnen hat dan geeft te kenken „gingen teegens den ma„ „teloos Smet „ben gemishandelt en in zee geworpen beweezen worden „vene reedenen zal men gem: smit naar Bata„ „via zenden „nigzelvs dat deon dat Woensdach den 16„e Meij A=o 1792:—. Bij rondvraag Den Raad van Justitie I Bij de leeden deezer vergadering, ter lectuure rondgebracht zijnde een Extract uit de notulens van het geresolveerde in Raaden van justitie alhier de dato 24: februarij b:l: behelzende dat de alhier Dat zeeken beschuldin bescheiden Matroos Jan Christoffel Smith, was beschuldigt gewor„ „den dat hij zeekere Javaan, naamens singo Troeno, van de kruispraauws waarop hij smith toen het gezaek had gevoerd, naar voor afgegaane om een javaante heb mishandeling, in zee had geworpen, en dat gem: sing Troeno, dus na alle waarschijn lijkheid verdronken was; — doch dat de koopman en Fiscal Barend jan van Nijkerken, genaamt Nijvenheim, bij een schriftelijk declaratoir had te kennen gegeeven, dat hij in de Proceduuras teegen genoemde Smith, wal teegen strij„ „digheeden en geen genoegzaame, grond weegens het verdin„ „ken van dien javaan, hog ook sufficiente bewijzen had ge„ „vonden, om deeze Proceduures teegen gem: Smith verder of„ niet hebben kannen officio voorttezesten; met verzoek, dat gedagte smith uit zijn arrest ontslaagen, en tevens buiten alle justitieele Calange mogt gesteld worden. —. en dit een en ander in om de daar van gegeen verweeging genoomen zijnde, zo is, of schoon door de Raad voorm: volgens het aangehaalde, bij het op gem: Extract notulen, in dit verzoek bewilligd is, echter naardien men vermeend, dat een persoon, teegen wien zulke beschuldi„ den 28„e April A=o 1792: „gingen „ 1 o. 384 den 16=e Meij A=o 1792:~ om ordres te stellen, dat denselven altoos van deeze Langmoedigheid met des„ „hebber daarop geplaat„ „sten Bootsmans Gerrit Hommel. „gingen leggen, schoon hem die niet hebben kunnen besee„ „zen worden, evenwel men geen Verglanger alhier kan blij „ven, dienst doen, mitsdien goedvevonden en verstaan, meerm: Johan Christoffel Smith, met de in A=o p=o van Puntiana aangekoomen bank de Langmoedigheid naar Batavia te laten overgaan, met Eerbiedig verzoek aan Hun Hoog Edel: met verzoek aan H:W Ed: dat de nodige ordres mogen gesteld worden, dat dezelve voor al, kust verwijdert blijven. „toos van deeze kust mag verwijdert blijven. —. Degelijk bijde eeden dese vergaering ter beturen wonege e en e „weest zijnde, het bericht van de door den Heer Gouverneur, inge, sslo nventaris „volge het genoomen besluit, bij resolutie van den 11„e deeser benoemde Expresse gecommitteerdens, tot het bywoonen van het doen der overgaar, van de bark de Langmoedigheid met desselvs inventaris, door de Capitein Lieutanant, ter Zee„ en Equipage opsichter Joseph Bossottiel, aan de op het gem: aan den als gezach„ kieltje in Commando gestelde Bootsmansmaat Gerrit Hom„ „mel; zijnde de gegageerd Capiteins ter Zee, Andries Ter„ „mens, en de meede gegageerd stuurman Magnus Thorn„ „berg waarbij de gem: gecommitteerdens ook tevens overge„ „lechd hebben, een inventaris, van alle de goederen, zodaa„ „nig als die door hun bij de overgaav bevonden zijn, zo is goedgevonden en verstaan, daarvan te houden deeze aan„ En vermits het amst van eerste opperwijlmeesten deezer seede zo „teekening wel,

NL-HaNA_1.04.02_3986_0400 view scan ↗

English

one may send some articles from here to Batavia. approval of a drafted letter to Their High Noble Indulgences. drawing, and to offer the aforementioned report and inventory to Their High Noble Indulgences. With that vessel, and since that vessel, besides the goods brought with it from Pontianak, will also be able to take in somewhat more here, it is decided to make use of this opportunity to send therewith to Batavia what is here on hand: 168 pieces mill planks of 2½ inches 100 pieces mill planks of 1 inch 60 pieces drawer wood 150 pieces pike staffs 800 cans castor oil, and 29 baskets of Javanese cloths. Furthermore, after resumption, it is decided to approve a letter drafted to Their High Noble Indulgences. Thus done, resolved, and decreed at the Government of Samarang on the date aforesaid. Signed: P. G. van Overstraten, J. van Santen, A. Hamell, B. J. van Nijvenheim, J. W. Crose, B. van den Worm, C. P. Fisscher, M. Meurs, and F. I. Rothenbuhler, Secretary. one believes that a person against whom such accusations the 16th of May, Year 1792. Thursday 38B of the ship the Batavier. Thursday the 17th of May, Year 1792. By circular inquiry. The ship the Batavier, having been laden at Japara pursuant to the decision taken on the 13th of April last with: For the Island of Onrust, by purchase: 1000 pieces whole mill planks of 2½ inches 851 pieces half mill planks of 2½ inches 4000 pieces mill planks of 1½ inches 600 pieces mill planks of 1 inch 90 pieces mill planks of 2 inches 1000 pieces mill planks of 1½ inches 3963 pieces mill planks of 1 inch 100 pieces mill planks of 2 inches For the Crafts Quarter, by purchase: 650 pieces gunpowder keg barrels with the rims belonging thereto 495 feet ditto 1 inch ditto 18 inches For the Netherlands: 15 39/25 piculs fine indigo, first sort 4 piculs cotton yarns mark A: or finest V. sort 76 piculs cotton yarns mark A: or 1st sort 8 piculs cotton yarns mark B: or 2nd sort 5 piculs cotton yarns mark C: or 3rd sort And since the office of first chief ward master of this city as well, the 17th of May, Year 1792. having arrived, shall tomorrow return to the capital. wherewith one will send 11 piculs of cotton yarns and 20 baskets of cloths. of the aforementioned ship, in which nothing is found to remark upon. offer. has served here, since this vessel has arrived here with the same, it is therefore approved and understood to let the same undertake the onward voyage to the capital tomorrow. And since there are currently also on hand here: 11 piculs of cotton yarns in assortment, and 20 baskets of Javanese cloths, being the remainder of the 26 baskets which Their High Noble Indulgences permitted by letter of the 28th of October to still be accepted for the last of the deliveries of that linen, it is therefore decided to make use of the opportunity now presented to send these articles with the aforementioned ship the Batavier. The gunpowder account of the vessel under their command having been presented to the Governor by the officers of the aforesaid ship the Batavier, from which it appears that they received at Batavia in gunpowder: 2000 lbs that has since been spilled: 12 lbs 8 oz and that thus remains: 1987 lbs 8 oz So, after reading of this account, and because nothing appeared therein upon which any remark could be made, it is therefore approved and understood to acquiesce therein and to offer the same to Their High Noble Indulgences. one believes that a person against whom such accusations also 385 the 17th of May, Year 1792. of a certain peranakan Chinese Tjeng Fiong. for disposal of Their High Noble Indulgences shall be sent to Batavia. the Fiscal van Nijvenheim reports the bad behavior of various apprehended Chinese and further natives. Also now circulated by the Governor among the members of this assembly for perusal, a separate letter received by His Honor from the Resident of Joana, serving as an escort for a certain peranakan Chinese named Tjeng Fiong, who was apprehended by the Captain and Lieutenant of that nation there, Hang Tjangking and Oei Soesing, and handed over to him, because the said peranakan Chinese was not only a vagabond and a bad subject without a fixed residence, but had also made himself guilty of all kinds of despicable deeds, such as theft, and collusion with robbers and other scoundrels. Since it is believed that such a subject is exceedingly dangerous to the peace and quiet of the good inhabitants, it is therefore approved and understood to let the said peranakan Chinese be transferred in custody to Batavia on the ship the Batavier, with a respectful request to Their High Noble Indulgences that the same may be banished forever to such places as Their High Noble Indulgences shall be pleased to see fit. Likewise circulated by the Secretary on the orders of the Governor among the members of this assembly for perusal, a report from the Merchant and Fiscal Barend Jan van Nijkerken named Nijvenheim, wherein he makes known that he had apprehended here two And since the office of first chief ward master of this city as well,

Dutch transcription

men noch eenige arti„ „kielen van hier naar Batavia zenden. approbatie van een in Condept gebrachten mis„ „side aan H: H: Eel: „teekening, en het gem bericht en inventaris Hun Hoog„ „ Edelh: aan te bieden — Met dat hieftjen zal En vermits dat kiettjen behalven de daarmeede van Puntiam aangebragte goederen, ook noch iets meer, alhier zal kunnen in„ rag neemen, zo is beslooten, zieh van deede geleegentheid te be„ „dienen, om daarmeede naar Batavia te verzenden, de al„ „hier aanhanden zijnde: 168: p=s molen planken van 2½: d=m 60: „ lade houten „ 150: „ piekstokken 800: „ kann: jareck olij, en 29: korsjes Iavaschen kleedjes. —. 100: „ _„o _„o „ 1: „. Voorts is na resumtie beslooten te approbeeren, een in Con„ cept gebragten missiven aan Hun Hoog Edelheeden: — Aldus gedaan, geresolveerd, en Gearres„ „teerd, ten Gouvernemente Samarang Dato Voorsz: /:was geteekend:/ P:s G: van Overstraten J=s van santen, A: Hamell, B: J: van Nijvenhelm, J: W: Crose, B: van den Worm, C: P: Fisscher, M: Meurs, en F: I: Rothenbuhter Secretaris. — men vermeend, dat een persoon, tegen wien zulke beschuldi„ den 16„e Meij A=o 1742:—. „ Donderdach „gingen 38B van het schip de Ba„ tavier. Donderdach den 17„e Meij A=o 1792. — Bij rondvraag. -. Het schip de Batavier, ingevolgen het genoomen besluitopeden beleerlingte Japara 13:e April J: L: te Japara belaeden geworden zijnde, met: 5 Voor het Eiland onrust, over Inkoop. 1000: p=s moolen planken heele van 2½: d=m 851: „ _„o 4000:„ _„o 100: „ _„o Voor het ambagts kwartier, over Inkoop. 650: p=s kruit tet fals met de daarbij gehoorende randen 495. v:t d=t 1: d=m d=o 18: d=m voor Neederland 15 39/25: pikols indigo fijne eerste zoort. 4: „ kattoene gaarens laatt: A: of fijnste V„a zoort _ „ A: of 1:e _ _o „ 73: „ 2=e _ „ C: „ 3: — En vermits het amst van eerste opperwijkmeesten deezer steede zo 76: „ 8: 600: „ _„o _o „ „ 1: 90: „ _„:o _o „ „ 2: 1000: „ _„o _o „ „ 1½: „ —„ halve „ 2½: _o „ „ 1½: „ 3963: „ _„o _o „ „ 1: _o „ „ 2: „ wel, „ „ „ &o ƒ 5: den 17„e Meij A=o 1792:—. „riveerd zijnde Zalmor „gen naar de Hoofd„ pik: kattoene garens en 20: koredigerkled „jes zal verzenden van gem: schip, waar „ren valt. aanbieden. dienshiel alhier geor, is, naardien deeze bodem daarmeede alhier gearriveerd id dus plaats terug kuren goedgevonden en verstaan, dezelve op morgen verder de reis naar de Hoofdplaats te baten aanneemen: —. waarmeede men 11 En vermits hier thans ook aan handen zijn: 11: pikols katoene gaarens in zoort, en 20: korstjes javaschen kleedjes, zijnde het restant van de 26: korsjes, welke Hun Hoog Edelh: bij missive van den 28: october d=o p=s gepermitteerd hebben, noch voor het laatst van de leveran„ „cien, van dat lywaad te accepteeren. –. zo is beslooten, zich van de thans voorgekoomene, geleegentheid te bedienen, om deeze ar„ „tikolen met het opgem: schip De Batavier te verzenden. —. De truitreekening Door den overheeden van het voorsetr: schip de Batavier, aan op niets te remarqueen den Heere Gouverneur gepresenteerd zijnde, de kruitreekening van ƒ hun onderhebbende kiel, waar uit Consteerd, dat zij te Batavia aan buskruit ontvangen hebben. . . . . . . . . lb: 2000: — 1 dat zeedert verspild is. - - - - - -- 2 12:8 2 en dat dus restant blijft. . . . . . . . . lb: 1987: 8: Zo is na lectuure van deeze reekening, en dewijl daarbij niets voorgekoomen is, waarop eenige remarque zoude kun„ „nen gewacht worden; dierhalven goedgevonden en ver„ zal men H: H: Ed: staan, daarin te berusten, en dezelve Hun Hoog Edelh: aan te bieden. men vermeend, dat een persoon, teegen wien zulke beschuldi„ ook „gingen - ƒ 385 den 17„e Meij A=o 1792: —. van zeekere parnakan Chinees Tjeng Fiong dispositie van H H: Ed naar Batavia zalzen. den Fiscaal van Nij„ „venheim doed bericht „drach van diverse „gen hebbende khinee„ asen en verdere In„ Ook door de Heer Gouverneur thans bij de Leeden deeser ver,„ recht Compertement „gadering ter leetuure rondgezonden zijnde, een bij zijn Ed: ont„ „vangene aparte missive, van de Joanas Resident, dienende ten geleide van zeekere parnakan Chinees, naamand Tjeng Fiong die door den Capitein en Lieutenant dier natie aldaar Hang Tjangking, en oei soesing geaprehendeert, en aan denzelve overgegeeven is, uit hoofden gem: parnakan Chinees, niet alleen een swerver, en slecht subject zonder woonplaats was, maar zich ook schuldich had gemaakt, van allerlijk waarde bedrijven„ als dieverij, en verstandhouding met Rovers, en andere fiel„ „ten, zo is naardien men vermeend, dat een zodaanig sub „jeet ten hoogsten gevaarlijk is, voor de rust en vreede dere goede Ingezeetenen, dierhalven goedgevonden en verstaan, die men ter geherden gem: Parnakan Chinees, met het schip De Batavier, in ver„den. zeekering naar Batavia te laten overgaan, met eerbiedig ver„ „zoek aan Hun Hoog Edelh: dat deselve voor altoos mag verban„ „nen worden, naar alsulke plaatsen, als welm: Hun Hoog„ „Edelh: zullen gelieven goed te vinden Desgelijks door de Secretaris op ordre van de Heer Gouvrneur bij de leeden deezer vergadering ter lactuuren rondge„ „bracht zynde een van de Koopman en Fiscaal Barend Jan van het slecht ge„ Van Nijkerken genaamd Nijvenheim, waar bij dezelve te in apprehansie gekree„ kennen geeft, dat hij alhier in apprehentie had gekreegen „lenaders.-. En vermits het amst van eerste opperwijlmeester deezer steede zo twee wel,

NL-HaNA_1.04.02_3986_0404 view scan ↗

English

the 17th of May, anno 1742. two Peranakan Chinese named Bibeete and Sumpie, likewise a Macassar Dabia, and a Javanese named Dito, who, according to the reports of the chiefs of their nation, were very bad and harmful subjects who had not hesitated to earn their living through all kinds of underhanded tricks to the detriment of the petty trader, and that the two last-mentioned did not even have a fixed place of residence; thus, since it is understood with the said Fiscal that such vagabonds can only be regarded as very harmful and dangerous to the peace of the good inhabitants, it has therefore been approved and agreed to also transfer the said subjects into custody with the ship De Batavier, which is about to depart for Batavia, with a respectful request to Their High Excellencies that they may remain removed from Java forever. Furthermore, following an annex submitted to the Governor by the merchant and Fiscal Barend Jan van Nijkerken named Nijvenheim, and by his Honor also circulated for reading, being another report also containing the apprehension of some runaway slaves, namely: Kota, of Palembang } belonging to the Arab Said residing in Palembang. Draman, of Palembang } Salem, of Macassar, belonging to the Chinese Tan Senkong residing in Macassar. Sama, of Amboina, belonging to the Chinese Tjo Tik residing in Amboina. Thus, since at present there is no opportunity to send the said slaves from here directly to their lawful slave owners, and moreover it is not known whether one can rely upon their statements, it has therefore been approved and agreed to likewise send those slaves to Batavia on the ship De Batavier, with a respectful request to Their High Excellencies that they may be delivered to their slave owners, or to their authorized agents, under payment, however, of the customary jailer fees and costs of apprehension, and to have these charged to the capital for that purpose. Furthermore, having also circulated the report of the ordinary commissioners, the assistants Godfried Daniel Duwerd and Alexander Fredrik van Nassau, together with the memorandum and findings of the Senior Merchant and Chief Administrator here, Jacobus van Santen, concerning the delivery of the items brought here from Batavia with the ship De Batavier, from which it appears that the officers of that vessel have over-delivered: 741 1/4 cans of arrack 82 3/16 cans of Cape white wine 69 1/5 cans of Dutch vinegar 26 1/2 cans of beer 23 1/2 lb of Cape butter 3 1/2 lb of wax candles 38 7/8 cans of French wine 489 1/2 lb of bar iron 6 lb of hoop iron 294 lb of nails 4 lb of flat iron 3/4 lb of yellow ochre 3 1/4 lb of brown ochre 45 lb of white lead 1/8 lb of red and yellow sheet copper 1 1/4 lb of flat lead 3 lb of red minium amounting in Dutch currency to ƒ 515:5:8. However, on the other hand, they have also come short: 18 3/4 cans of olive oil 63 lb of spelter 7 1/2 lb of Dutch steel 9/16 lb of king's yellow 2/5 lb of Berlin blue 14 lb of sheet lead 88 lb of tin bancas 102 lb of lead edges 1 piece of patola silk of 6 astas 70 pieces of yellow Nankeen linen 3 smooth files 3 drum hoops 253:23 in cash in copper duits costing together in Dutch currency ƒ 685:12:0. And that thus the officers of the said vessel still remain in deficit for ƒ 170:6:8. Thus, upon resumption, it has been resolved to give orders to charge this to the capital, with an appeal to Their High Excellencies that this may be placed on the salary accounts of the aforementioned ship's officers. And having thereby also taken into consideration that the deficit of the aforementioned rds 253:23:0, according to the aforementioned report of ordinary commissioners, and a report now also circulated by the special commissioners who were present at the recount of these duits, the assistants Johannes Cornelis van Nimweegen and Georg Fredrik Brugman, was caused solely by the poor condition of two of the barrels with duits, as they have stated that not only was the gross weight found to be markedly less than it was in the invoice

Dutch transcription

den 17„e Meij A=o 1742:—. Batavia zal verzent„ met verzoek aan H: H: Ed: dat deselve kust verwijdert moo„ „gen blefven. „hendeerde Lijsdigenen twee Parnakan Chineesen, naamens Bibeete en Sumpie, item een Macasser Dabia, en een Javaan ja Dito genaamd, de welke, vol„ „gens de raporten van de hoofden hunner natie, zeer slechte, en schadelijke subjecten waaren, die zich niet hadden ontzien, tot nadeel van den smallen handelaar door allerhanden slinkschen streeken aan de kost te geraaken, en dat de twee laast Diemen meeden naar „gem: zelvs geen vaste woonplaats hadden; zo is naardien men met gem: Fiscaal van begrip is, dat alzulke Vagebonden niet dan zeer schadelijke, en gevaarlyk voor de ruste der „goede ingezeetenen kunnen aangemerkt worden, dierhal„ „ven goedgevonden en verstaan, de gem: subjecten meede met het naar Batavia te vertrekken staand schip De Ba„ „taviar, in verzeekering te laten overgaan, met eerbiedig voor altoos van deeze verzoek aan Hun Hoog Edelh: dat dezelve voor altoos van Java moogen verwijdert blijven. —. Noch zal men naa nkel vervoegen door de koopmanen Fiscaal Barend Jan van Nijkerken genaamd Nijvenheim, aan den Heer Gouverneur gepresenteerd, en door zijn het: meede ter lectuure rond gezon„ zeekere alhier geappreden zijnde een ander bericht behelzende almeeden de ap„ „prehensie van eenige gedroste Lijffzigenen, als: kota, van Palembang } toebehoorende aan de te Palemborng woonachtigen Arabier Sard. Draman „ ƒ . . Salem „ Macasser, toebehoorende, aan de te Macasser men vermeend, dat een persoon, teegen wien zulke beschuldi „gingen remo „den. hoofdplaats zenden 387 den 17„e Meij A=o 1792.—. „ verde lading van 69 1/5. kann En vermits het amst van eerste opperwijlmeester deezer steed zo remoreerende Chinees Tan Senkong. Sama van Amboina toebehoorende aan de te Amboinawook„ „agtigen Chinees Tjo Tik zo is, naardien ter thans geen geleegentheid is, om de gem: Ma„ „ven van hier direct aan hunne wettige lijffheeren toetezende en men behalven dat ook niet weet, of men zich, op de opgaa„ ven derzelve al of niet verleten kan, dierhalven goedtgevonden en verstaan die lijfligene insgelijks met het schip de Ba„ W „tavier, naar Batavia te overzenden, met Eerbiedig verzoek aan Hun Hoog Edelh: dat deselven aan hunnen leifstleeren, dan wel derzelver gemagtigdens, mogen worden afgegeeven, onder betaa„ „ling echter van de gewoone boeiguastos en opvatzoonen en dee„ „ze ten dien einde de Hoofdplaats te laaten aanreekenen. —. Voorts ook rond geleeken zijnden het raport van ordinaire gecom, Notitie der uitgeled „mitteerdens, de adsistenten Godfried Daniel Duwerd, en Alex het schip de Batavia 7 „ander Fredrik van Nassau, annex de memorie en bevinding, van de Opperkoopman en Hoofd administrateur alhier Jaco„ „bus van Santen, omtrend de uitleevering, der met het schip de Batavier van Batavia hier aangebrachte, artikulen, waar quit blijkt, dat de overheeden van dien bodem over hebben uit„ „geleevert: 7411¼: kann: arak 82 3/16: „ kaabschen witte wijn wel, den 17„e Meij A=o 1792: —: 69 1/5: kann: azijn hollandsch 26½: kann bier 23½: lb: Caabse booter 3½: „ wax kaarsen 38 7/6: kann: frainschen wijn 489:½: lb: stafijzer 6: „ hoep izer 294: „ spijkers 4: „ plat izer ¾ „ geele oeker 3¼: „ bruine _„o 45: „ witlood 1/8: „ roode en geele plaatkooper 1¼: „ platlood 3: „ roode meini bedraagende aan neederlandsch geld - . . . . . . ƒ515:5:8. doch dat zij daarenteegen ook te kort zijn gekoomen 18¾: kann: olijven olie 63: lb: spiauter 7½: „ staal hollands — 9/420: „ konings geel — 2/5: „ berlijns blaauw 14: „ liets lood 88: „ thin bancas men vermeend, dat een persoon, teegen wien zulke beschuldi„ Die Transporteere 192 lb: „gingen 389 102: lb: looden kanten den 17„e Meij A=o 1792:—. P=r Transport - - ƒ515:5:8„ waaruit consteerd dat de overheeden van dien kiel te kwaad blijven ƒ 170:6:8. zal aanreekenen om op de soldij reeken„ „ningen der voorm: over„ waar uit de te kort koming van rd=s 253:23:— aan Contanten zijn 1: p=s pathool zeide van 6: astas 70: „ nankingt linne geel 3: „ zoet vijlen 3: „ trom hoepen 253: 23: kontant aan kopere duiten kostende te zamen aan neederlandsch geld „ 685: 12:—: En dat dus de overheeden van gemelde bodem noch te kwaad blijven - - - - - - - ƒ 170: 6: 8. zo is, na resumtie beslooten, ordre te stellen, om dit een Dat men de Hoofdplaats en ander de Hoofdplaats aantereekenen, men instantie aain Hun Hoog Edelh: dat zulks op de zoldij reekeningen, heeden te worden gest le der voorm: scheeps overheeden mag gesteld worden. —. En daar bij tevens in overweeging genoomen zijnde, dat de te kort kooming der voorsz: rd=s 253:23:—. volgens het opgem: ra„ oors prong heeft. „port van ordinaire gecommitteerdens, en een thans meede, rond gelieven bericht, van de bij natelling deezer duiten pre„ „sent geweest zijnde, expresse gecommitteerdens, de adsi„ „stenten Johannes Cornelis van Nimweegen, en Georg Tre„ „drik Brugman, eenlijk veroorzaakt is, door de slechte ge„ „steldheid, van twee der Vaten met duiten, als waarvan zij heb„ „ben opgegeeven, dat niet alleen het bruto gewicht mer„ „kelyk minder bevonden was, als het zelve bij de fac„ En vermits het amst van eerste opperwijkmeester deezer steede zo „tuur wel,

NL-HaNA_1.04.02_3986_0408 view scan ↗

English

the 17th of May, Anno 1792:— Their High Excellencies shall be informed. The Batavier. Received 50 pieces of bayonets that cannot be employed on Java. had been confessed, but that also upon opening these two barrels, a paopas, a cloth, a jacket, and a linen belly-band were found, all filled with doits. Therefore, because the ship's officers have also claimed on this basis that these two barrels must have been stolen from even before their transfer to the ship, as they believe that such could not possibly have taken place on board, it is consequently decided, upon transmitting the aforementioned and what findings etc., to bring such to the complete notice of Their High Excellencies, so that by the Very Same, such disposition could be made thereupon as well-mentioned Their High Excellencies shall deem appropriate. —. Together with the first ship. Furthermore, as it has also appeared from the frequently mentioned report of the ordinary commissioners, and likewise a report received on this occasion from the military commissioners, the Second Lieutenant in the Regiment of the Duke of Würtemberg, Carel van Tranquemont, and the national Ensign Hercules de Swartsz, that among the goods received with the repeatedly mentioned ship De Batavier, there were also found here: 50 pieces of bayonets, which, according to the aforementioned report of the commissioners, are unusable on Java because the rings of the sockets are too small to be fitted over the barrel of a musket. 394 the 17th of May, Anno 1742. —. As well as another lot of weapons that are already unfit. To notify Their High Excellencies. Having found, having the carbines repaired, and sending the rest back again. 16 pieces of carbines, which are damaged in the stocks, locks, and mountings. 17 carbine slings, which are eaten through by cockroaches and thus completely unfit. 20 broadsword scabbards, likewise eaten through by cockroaches, and thus completely unfit. 10 chamois leather sword frogs, which are also eaten through by cockroaches, and thus completely unfit. —. 3 sets of lines and braces, 3 pieces of strings. 72 drum cords. Thus, after resumption, it is decided to give notice hereof to Their High Excellencies, and meanwhile to issue an order to have the carbines that were found defective repaired here, but to send back the rest of these articles, in accordance with the order given by Their High Excellencies in that regard, with the very same ship to Batavia, and to have the headquarters charged for these amounts: — On this occasion, the Lord Governor also having circulated among the members of this assembly for reading a private letter written to His Honour by the Paccalongang Resident, Mr. Nicolaas Alexander Lelivelt, containing a report on the great boldness of the pirates to the west: that the pirates had not shrunk even from attempting to carry off the rice prahus between the ship Leiden, lying there loading, and the beach, and that off the latitude of Bacoelang they had not only actually seized a sloop belonging to the Captain of the Chinese here, but had also attempted to carry out the same with respect to another similar vessel which lay at anchor off Oeloedjami, but that this small craft had nevertheless succeeded in retreating to the Paccalongang roadstead while keeping on course; and since it is evident from this that the apprehension that the pirates might have headed west after their departure from Crimon Java is all too true, and that necessity thus requires sending against them without delay such a force as is capable of at least preventing them from undertaking anything of consequence: 393 the 17th of May, Anno 1792. —. A considerable force is to be sent against them. Arrival here of the galivat De Concordia coming from Banjermassing. Thus, in order to achieve this aim, it has been approved and agreed to have all the vessels still at hand here, consisting of 1 pantjalling, 2 galleys, and 6 cruising prahus—the remaining vessels having already sailed out—properly fitted out without delay, and furthermore, besides the crew, also to provide them with a number of 42 soldiers, both nationals and Würtembergers, under an officer, and to let this fleet depart without delay under the command of the Captain-Lieutenant and Equipment Overseer Joseph Bossottiel to Paccalongang, and then onward to Pamalang, in order to seek out the aforementioned rabble. —. Furthermore, having arrived here today at the roadstead from Banjermassing, the galivat De Concordia, of which the master has reported that its mast en route

Dutch transcription

den 17„e Meij AA=o 1792:— H: H: Ed: zal in formee„ De Batavier „vangen, 50: p=s bajo„ „wetten, die op Iaven niet te emplojeeren zijn. tuur had bekent gestaan, maar dat ook bij de opening deezer twee vaten een paopas, een doek, een baatje, en een linne buikband, alle gevuld met duiten gevonden waaren. –. zo is, dewijl den scheepsoverheeden, op funda„ „ment van dien, ook beweert hebben, dat van deeze twee vaten, bereeds voor derselver overbrenging in het schip, moet gestoolen zijn geweest, alzo zij vermeenen, dat zulks aan boord onmoogelijk kan plaats gehad heb„ „ben, overzulks beslooten, dat bij de overzending der voorm: en waarvan men bevinding &=a Hun Hoog Edelh: zulks ter geherden kennis te brengen, ten einde door Hoogst Dezelve, daarop zodaa„ „nige dispositie zoude kunnen genoomen worden, als welm: Hun HoogEdelh zullen bevinden te behooren. —. Met het voorste schij Iondelvervoegens ook uit het meerm: raport van ordinaire gecommitteerdens, een insgelijks ter deeser geleegentheid ingekomen bericht van Militaire, gecommitteerdens de sous Lieutenant onder het Regimant van de Hartog van wiertemberg, Carel van Tranquemont, en de nationaale vaandrig Hercules de Swartsz: gebleeken zijnde, dat on„ zijn hier meede ont, „der de met het meergenoemden schip De Batavier, ont van ge„ „ne goederen, zich ook bevonden hebben. 50: p=s bajonettens, welke volgens het gem: bericht van gecommitteerdens, op Java onbruikbaar zijn, vermits de men vermeend, dat een persoon, teegen wien zulke beschuldi„ beugels „gingen „ren 394 den 17„e Meij A=o 1742. —. als meede noch een parthij wape„ „nen die reeds on„ „bequaam zijn. H H: Ed kennis gee„ bevonden hebbende karbijns laaten re„ en de restweeder terug zenden. an beugels opringen te klijn zijn, om over de loop van een ge„ „weer te kunnen gebracht worden. 16: p=s karbijns welke aan schrijten, slooten en beslag bescho„ „digt zijn. 17: „ karbijnsriemen, die van de karkelakken door vreeten en dus geheel onbequaam zijn. 20: „ pallas=scheeden, meede van de karkelakken door vree„ „ten, en dus geheel onbequaam. 10: „ zeemleeren port Epees die ook van de karkelakken doorvraeten, en dus geheel onbekwaam. —. 3:„ „ lijnen en spanders 3: p=s „ snaren. 72: „ trom vallen „ Zo is na rasumtie beslooten Hun Hoog Edelh: hier van meede kennis te geeven, en intusschen order te stellen hiervan zal men „ om de defect bevondene karbijns, alhier te laten repa„ die zich daaronder „reeren, doch het overige deezer articulen, ingevol„ „ge der door Hun Hoog Edelh: dien aangaande gestelde order, met het eigenste schip naar Batavia terug te zenden, en dies bedraagen de Hoofdplaats te laaten aanreekenen: — 's Bij deeze geleegentheid ook noch door de Heer ontvangen tijding En vermits het amst van eerste opperwijkmeester deezer steede zo Gouverneur wel, 6: - ven. „peikeeren „ den 17„e Meij A=o 1742:— van den Paccalongangs Resident Lalwelt. stoutheid der zeeroo „vers om de west Gouverneur bij de Laeden deezer vergadering ter lee„ „tuure rondgezonden zijnde, een door de Pacca„ „longangs Resident, M=r Nicolaas Alexan„ „der Lelivelt, aan zijn Ed: geschreevene particulieren waegens de groote briev, houdende bericht, dat de zeeroovers zich niet ontzien hadden, zelvs de reispraauwen tusschen het al„ daar in lading leggend schip Leiden en het strand te willen wegneemen, en dat zij zich op de hoogte van Bacoelang, ook niet alleen werkelijk meester hadden gemaakt, van een den Capitein der Chineesen alhier toe„ „gehoorende Chialoup, maar ook zulks ten opzichte van een ander zoortgelijk vaartuig, het welk voor oe„ „loedjamie, ten anker lag, meede hadden willen bewderkstelligen, doch dat het dit kieltje noch ge„ „lukt was, zich al rechtende naar de Paccalongang, „sche rheede te retireeren, en vermits hieruit Consteert, dat de beduchting dat de zeeroovers na hun vertrek van Crimon Java, naar de west mogten gestee„ „vend zijn, maar al te waar is, en dat het dus de noodzaakelijkheid vordert, hen spoe„ „dig zulke eene macht teegen te zenden welke in staat is, hen ten minsten te beletten, iets van gewicht te onderneemen men vermeend, dat een persoon, teegen wien zulke beschuldi„ Zo „gingen 393 den 17„e Meij „o 1792. —. is een aanzienlij„ „ke machttergen arrive alhier van de van Banjermas„ „sing komende Ga„ En vermits het amst van eerste opperwijlmeesten deezer steede zo zo is, ter bereiking van dit oogmerk, goedge, waarop beslooten „vonden en verstaan, alle de noch hier aan, dezelve afftaenden „handen zijnde vaartuigen, bestaande, in 1: Pantjalling, 2: galeijen, en 6: kruis„ „ „praauwen, als zijnde de overige vaar„ „tuigen bereeds uitgeloopen, ten eer„ „stem behoorlijk te laaten monteeren, en voorts ook, behalven de Equipage, ƒ ook met een getal van 42: militairen, zo nationaale, als wurtembergers, on„ „der een officier te voorzien, en deeze - : 11 18 vloot, ten eersten onder het Commando van de Capitain Lieutenant en Equipa„ „ge opsichter Joseph Bossottiel, naar Paccalongang, en zo vervolgens naar Pa„ „malang te laten vertrekken; ten einde het voorschreeven gespuis te gaan opzoeken. —. Voorts ook op heeden van Banjermas„ „sing alhier ter rheede aangekoomen, leivet de Conlcordia zijnde De Galewet de Concordia waarvan de Gezaekhebber heeft opgegeeven, dat desselvs mast onderweegs wel, E

NL-HaNA_1.04.02_3986_0412 view scan ↗

English

May 17, Anno 1792. was broken, and that it therefore needed to be provided with another mast here, it is, since this provision is indeed necessary to enable this vessel to continue its voyage to Batavia, therefore, and because there is currently no suitable timber available here for this purpose, approved and agreed to order the officers of the ship De Batavier to hand over to the aforementioned galley De Concordia one of the topmasts they have on board, in order to employ it as a mast, and furthermore to inform Their High Noble Excellencies thereof. Furthermore, after reading, it was agreed to approve a draft letter to Their High Noble Excellencies circulated by the Governor to the members of this assembly. Thus done, resolved, and decreed at the Government of Samarang, date as above. Signed: P. G. van Overstraten, J. van Santen, A. Hamell, B. J. van Nijvenheim, J. W. Crose, B. van den Worm, C. G. Fischer, M. Meurs, and F. J. Rothenbuhler, Secretary. May 17, Anno 1792. The Governor circulated for reading to the members of this assembly a petition presented to His Honour by Abraham van Lugtenberg, a bookkeeper who came over from Batavia in the previous year for the performance of service, wherein he requests to be permitted to return to the said capital of the Indies with suspension of salary. Thus, since the said Van Lugtenburg has long since served out his contract as bookkeeper, and there are consequently no objections to this request made by him, it is therefore approved and agreed to condescend thereto, and accordingly to permit the aforementioned Van Lugtenburg to proceed thither aboard the ship De Batavier, which is scheduled to depart today for Batavia. Thus done, resolved, and decreed at the Government of Samarang, date as above. Signed: P. G. van Overstraten, J. van Santen, A. Hamell, B. J. van Nijvenheim, J. W. Crose, B. Van den Worm, C. G. Tisscher, M. Meurs, and T. J. Rothenbuhler, Secretary. Friday, May 18, Anno 1792. All present. Friday, May 25, Anno 1792. All present. After performing the ordinary prayer, it was made known to the assembly by the Governor: that, on account of His Honour's journey to the upper regions to fill the throne of the realm of Djocjocarta, which became vacant through the demise of Sultan Hamangkoe Boeana the First, and the manifold activities that have since ensued, it has not been possible to hold the sessions of this assembly at the usual time, and that many matters have consequently had to be postponed, for the settlement of which His Honour had convened this assembly in order to dispose of them now. Thereafter, upon the proposal of the Governor, Junior Merchant Marten Meurs, who was appointed by Their High Noble Excellencies by separate letter of March 30 last in place of the deceased Abraham Lodewijck Palm as Receiver of the Domains, Small Cashier, and License Master here, having been introduced as such into this assembly; it was approved and agreed both to make record thereof and that, on that occasion, the said Meurs took the customary oath of a political member and the oath of purge before the Governor.

Dutch transcription

den 17„' Meij A=o 1792:—. diend voorzien te toe van geen bekwaam hout voorzien „heeden van het schip „de Batavier te gelas„ gem: kieltge afte„ „geeven. Een aan H: H: Ed: in Concept gebragte „bleert. gebrooken was, en dat hij dus alhier van een die van een magt andere mast diende voorzien te worden, zo is, naardien deeze voorkooming in der daad noodzaakelijk is, om dit kieltje in staat te stellen, desselvs reis naar Batavia te kunnen vervorderen, dierhalven, En verniets mandaaren om dat men alhier, thans van geen geschikt hout daartoe voorzien is, goedgevonden en verstaan, den over„ is verstaan de over „ heeden van het schip De Batavier te gelasten, om aan de voormelde Gallewet De Concordia, een der om een stergaan bij hun aan boord zijnde stengen aftegeeven, ten einde die tot een mast te kunnen emplojeeren, en en voorts Hun Hoog Edelheeden daarvan meede te informeeren. - Wijders is na lectuure verstaan missive geapro: te approbeeren, een door de Heer Gouverneur bij de Leeden deezer vergadering rondgezondene Con„ „cept missive aan Hun Hoog„ „Edelheeden. — men vermeend, dat een persoon, teegen wien zulke beschuldi„ „gingen Aldus worden ten, 39 ende Gearresteerd, ten Gouver„ „nemente Samarang Dato voor„ „schreeven, /:was geteekend:/ P:s G: van overstraten, J=s van Santen, A: Ha„ mell B: J: van Nijvenheim J: W: „ ƒ C: G: Fis„ Crose B: van den Worm, scher, M: Meurs, en F: J: Rothen, „buhler, secretaris. —. Aldus Gedaan Geresolveerd, den 17„e Meij A=o 1792:— Vrijdach En vermits het amst van eerste opperwijlmeesten deezer steede zo wel, Boekhouder van Batavia vabrek van dien Door den Heer Gouverneur bij de Ceeden deezer vergadering Luglenburgnaar, ter lectuure rondgezonden, een aan zijn Ed: gepresenteerd re„ „quest, door de in A=o p=o ter dienst praesteering van Batavia her„ „waardes overgekomene Boekhouder Abraham van Lugtenberg waarbij dezelve verzoek doedt, om zich met stilstand van gage weeder naar gem: Indias Hoofdplaats te mogen terug„ begeeven. zo is, naardien gem: van Lugtenburg, zijn verbandals Boek„ „houder bereeds voor lang heeft uitgediend, en dus geene besem„ „kingen zijn, teegen dit door hem gedaan verzoek, derhalven goedgevonden en verstaan, daarin te condescendeeren, en mits „dien voorschr: van Lugtenburg, met het op haaden naar Ba„ „tavia te vertrekken staand schip de Batavier derwaards te la„ „ten overgaan. Aldus Gedaan, Geresolveerd, en de Gearresteerd, ten Gouvernemente Samarang Dato voorsz: /:was getee„ „kend:/ P: G: van Overstraten J=b van Santen, A: Hamele B: J: van Nijvenheim, J: W: Crose, B: Van den Worm, C:G: Tisscher, M: Meurs, en T: J: Rothenbuhler, secretaris. — men vermeend, dat een persoon, teegen wien zulke beschuldi„ Bij ronderlaang Alle present Vrijdach den 18„e Meij A:o 1792: Vrijdach „gingen 39 „ s 6 Cvs 1 Stael den 25. Meij 1792 „neisr gedaane te kennen 't niet doenlijk is geweest de sessie op de gewoone tijd te houden „leedene Palm den onderk: als zodanig in de verga„ bekwaam Vrijdach den 25e Meij A„o 1742 alle praesent Na het doen van het ordirain gesed, wierd door den Heer Gouverneur aan Door dem: heer Gouver„ de vergadering te kennen gegeeven: dat het, weegens zijn Ed: reis naar de gaan aan de vergaderinig bovenlanden, ter vervulling van de door het overleiden van den sulthan Hamang koe Boeana de eerste, vacant geraakte throon van het Djocjocartasche rijk, en de seedert daar op gevolgde meenigvuldige bee„ „zigheeden, het niet doenlijk is geweest de sessien deezer vergadering op van de reedenen, waarom de gewoone tijd te houden, en dat daar door veele zaken hebben moeten ver„ „schoowen worden, ter welks afdoening zijn Ed: deeze vergadering had laten beleggen, ten einde als nu daar op te kunnen disponneeren. — Daarna op propositie van den Heer Gouverneur de door Hun Hoog Edelheeden bij aparte missive van den 30. maart b: l: in steede van de overleedene Abraham Lodewijck Palm, tot ontvanger der domai, in steede van den over„ „nen, kleen Kassier en Licentmeester alhier aangestelde onderkoopman en klein Kassiers keurs Marten Meurs, als zodanig in deeze vergadering geintroduceert roering geintroduckeerd zijnde; zo is goedgevonden en verstaan daar van zo wel aanteeke„ „ning te houden, als dat bij die geleegentheid door gemelde Meurs in handen van den Heer Gouverneur afgelegd is de gewoone eed van „ een politiek Lid, en de eed van purge. En vermits het amst van eerste opperwijlmeesten deezer steed zo wel, ƒ

NL-HaNA_1.04.02_3986_0416 view scan ↗

English

Friday the 18th of May Anno 1792. Since the office of first chief ward master, as well as that of collector of the Collateral at this Main Office, has also become vacant due to the decease of the aforesaid Palm; and as both of these posts have always been held by the petty cashier and collector of the domains and annexed to that service, it is on that foundation approved and agreed to confer these services now also upon the above-mentioned chosen collector of the domains and petty cashier Marten Meurs, and to have handed over to him for this purpose all the orders, instructions, etc., relating thereto. Subsequently, having read three received reports from Judicial Commissioners: the first from the chief surgeon and hospitalier Johannes Jacobus Abegg and the junior merchant and first sworn clerk of Police Willem Beeckman; the second from the merchant and first sak housemaster Johannes Wilhelmus Crose and the said junior merchant and first sworn clerk of Police Willem Beeckman; and the third from the just-mentioned junior merchant and first sworn clerk Beeckman and the junior merchant out of employment Adriaan Theodoor Vermeulen, containing a statement regarding the examination and inspection carried out by them, in the presence of the merchant and Fiscal Barend Jan van Nijkerken named Nijvenheim, and in the presence of the bookkeeper and secretary of the said Council Abraham van Heemert, of the private vessels arriving here at the roadstead from across the sea during the months of February, March, and April, consisting in total of 30 pieces, namely: 6 coming from Riouw 16 ditto from Malacca 3 coming from Pontianak 4 ditto from Sambas 5 ditto from Palembang 1 ditto from Indragiri 3 ditto from Terengganu 1 ditto from Tambelan 1 ditto from Kampar 1 ditto from Ternate, and 1 ditto from Mampawa Thus, after resumption of those reports, it has been resolved to keep this record thereof, and also that, according to the statement of the said commissioners, no contraband goods were found in these vessels, but that their cargoes consisted solely of amber, wax, Japanese copper, steel, benzoin, cotton, ambalo, Malaccan fish roe, and cat's eye gems. Likewise, having read another report from Judicial Commissioners, the chief surgeon and hospitalier Johannes Jacobus Abegg, and the junior merchant and first sworn clerk of Police Willem Beeckman, whereby they make known: that in the presence of the merchant and Fiscal Barend Jan van Nijkerken named Nijvenheim, assisted by the sworn Gauger Johan Willem Stiegler and in the presence of the Bookkeeper and Secretary of Justice Abraham van Hemert, they have from the 22nd of February until the ultimo of that month applied themselves to the ordinary gauging of cubits, measures, weights, and so forth, along with an indication of those inhabitants who appeared for that purpose, and furthermore reporting that they have not only checked and calibrated the Company's weights and measures that are found in the warehouses and the dispensaries, but that the public, both inside and outside the city, was also properly informed of the calibration to be performed, for three days by public drumbeat and eight days in advance by affixing and publishing notices, and furthermore that the measures and weights found unfit were broken and thus destroyed, as well as, so far as could be done, repaired and corrected according to the regulation; thus it has been approved and agreed to keep this record of all this, and furthermore to have the said report inserted herewith: To the Right Honorable, Valiant, and Worshipful Lord Mr. Pieter Gerardus van Overstraten Councillor of the Dutch Indies as well as Governor and Director on and along Java's Northeast Coast Together with The Council of Police Right Honorable, Valiant, and Worshipful Lord, Honorable Gentlemen, The undersigned Judicial Commissioners, having in the presence of the merchant and Fiscal of this coast, assisted by the sworn Gauger of this city and in the presence of the undersigned secretary, applied themselves from the 22nd of February until today to the ordinary calibration of measures, weights, and cubits and so forth, have hereby the honor to inform Your Right Honorable, Valiant, and Worshipful Gentlemen that during the calibration the following appeared and had their weights and measures calibrated: From the Captain of the Burgher Guard Willem Beer: 11 pieces of metal weights, being: 1 piece of 5 lbs 1 piece of 10 lbs 2 pieces of 50 lbs, and 1 piece cubits From the burgher Ahasueros Israel: 7 pieces of metal weights, being: 1 piece of 25 lbs 1 piece of 5 lbs 1 piece of 4 lbs 2 pieces of 3 lbs 2 pieces of 1 lb 1 piece steelyard, and 1 piece cubits From the innkeeper Ahasueros Wagemaker: 3 weights in variety, being: 1 piece copper weight of 1 lb 1 piece lead ditto of 1/4 lb 1 piece copper ditto of 11 1/2 ounces, and 1 piece steelyard 1 piece cubit from the burgher Frederik Winter 1 piece cubit from the burgher Johannes Kettenbak 1 piece cubit from the burgher Pieter Koppen 1 piece cubit from the burgher Willem Patalanie

Dutch transcription

Vrijdach den 18„e Meij A=o 1742:-. Palm het ampt van eerste opperwijkmeester en dat van ontvangen van het Kassier Meurs op gedragen Drie ingekomene berinsten van Justitiale Gecommitteerdens eenige successive aangeko„ „tuigen ook in stede van den overtj wel als dat van ontvanger van het Collateraal ten deezen Hoofd Comp„ „toire door het overleiden van voorsch: Palm meede vacant is geraakt; Collateraal aan den klein zo is, naardien beide deeze posten altoos door de klein kassier en ontvan„ „ger der domainen bekleed en aan die dienst geanexeerd zijn, op funda„ „ment van dien goedgevonden en verstaan die diensten thans ook op te dra„ „gen aan boven gem: geeligeerden ontvanger der domainen en kleen Kas„ „sier Marten Meurs, en hem daartoe in handen te doen stellen alle de ordres instruktien t„s welke daartoe betrekking hebben. — Vervolgens geleezen zijnde drie ingekoomene berichten van Justitieele gecommitteerdens, het eerste van den opperchirurgijn en Hospitalier Fo„ „hannes Jacobus Abegg, en den onderkoopman en Eersten gesroaren klerk van Politie Willem Beeckman, het tweede van den Koopman en Eersten sak huismeester Iohennes Wilhelmus Crose en gemelden onderkoopman en Eersten geswooren klerk van Politie Willem Beeck„ „man, en het derde van evengenoemden onderkoopman en Eerste ge„ „svooren Klerk Beeckman en den onderkoopman buiten emplooin Adriaan Theodoor vermeulen, behelsende opgave, weegens de door hen, ten overstaan van den Koopman en Fiscaal Barend Jan van Nijkerken genaamd Nijvenheim, en ter presentie van den Boekhouder en secretaris des gem: Raads Abraham van Heemert, schelsende visitatie van gedane examinatie en visitatie der geduurende de maanden febr: Maart „rene overhals ze paar, en April, van de overval alhier ter rheede aangekoomene particuliere vaartuigen, bestaande te zamen in 30. stuks, te weeten 6: Komende van Riouw den 25e: Meij 1792 16: d„o „ Malacca 3. Komende „ - . 399 99 Clrs 1 Hoel # bekwaan den 25. Meij 1792 van welke plaatse die herwaards zijn aangekomen „den whaaren zijn gevonden Een ander bericht van Justitieele gecommitteer„ „ders den gewoonen Eijk van ellen maaten gewissten ts„ den 25e. Meij 1792 3: Komende van Puntiana 4: d„o „ Sambas 5: d„o „ Palembang 1: d„o „ Indragirie 3. d„o „ Trangano 1: d„o „ Tamblang 1: d„o „ Kampar 1. d„o „ Ternaten en 1: d„o „ Mampauna Zo is, na resumtie van die berichten, beslooten daar van te houden deeze aanteekening, en ook dat, volgens de opgaan der gem: ge„ En waar ingeen Contraban „committeerdens geen Contrabande wharen in deeze vaartuigen bevonden zijn, maar dat derzelver ladingen alleen bestaan heb„ „ben in hember, wax Japans, koper, staal, Benzuin Kappas, Ambalo, Malaksche Kuiten en Matta Koetjing. — Desgelijks geleezen zijnde een ander bericht van Justitieele gecom„ „mitteerdens den opperchirurgijn en Hospitalier Johannes Ia„ „cobus Abegg, en den onderkoopman en Eerst geswooren klerk van Politie Willem Beeckman, waar bij dezelve te kennen „geeven: dat zij ten overstaan van den Koopman en Fiscaal Barend Ian van Nijkerken genaamd Nijvenheim, geadsisteerd met de gesw: Eikmeester Johan Willem Stiegler en ter presentie van den Boekhouder en secretaris van Justitie Abraham van die gevaceerd hebben tot Hemert, van den 22. februarij tot ult„o van dien maand ge„ „vaceert hebben tot de gewoone eik van ellen, maaten, gewig ten er en Vrijdach den 18„e Meij A:o 1742:-. berihtende dat de Comp„e gewichten en maten in de pakhuisen en in de disper nagezien en geekt zijn binnen als buiten de stad door betkenslag publicatie daar van te vooren is geen¬ „formeert. hoedadig met de onbequame met de reparable is gehan„ „delt en wat dies meer is, met aanwijzing teevens van de geene der Ingeseetenen die daar toe verscheenen zijn, en met bericht wijders, dat zij niet alleen de Comp„e gewichten en maten, welke zich in de pakhuizen en de dis„ „pens bevinden, meede nagezien en geeikt hebben, maar dat ook de gemeen„ „te zo wel binnen als buiten de stad drie dagen lang door publike en dat ook de gemeente zo betkenslag, en acht dagen van te vooren door offixie en publikatie en affictie van billetten van billetten, van de te doene eik behoorlijk geinformeert zijn, en dat voorts de onbekwaame bevondene maten en gewichten verbroeken en „maten, en gewishtene, alsoo vernigtigd, mitsgaders voor zo veel het heeft kunnen geschieden gere„ „pareerd en naar de order verbeeterd zijn; zo is goedgevonden en ver„ „staan van dit een en ander deze aanteekening te houden, en voorts het gem: bericht bij dezen te doen insereeren Aan den Wel Edele Gestrenge Achtbaaren Heer M„r. Pieter Gerardus van Overstraten Raad van Nederlands India mitsgaders Gouverneur en Directeur op en langs Javas N: O: kust Beneevens Den Raad van Politie WelEdele Gestrenge Achtbaaren Heer E WelEdele Heeren De ondergeteekende Justitieele Gecommitteerdens ten overstaan van den koopman en Fiscaal deezer kuste geadsisteerd met den den 25e: Meij 1792 geswoore 104 Clos 1. Hl " H bekwaar den 25. Meij 1792 geswoore Eijkmeester deezer steede ten bijweezen van den ondergeteeken„ „de secretaris zeedert 22: Februarij tot heeden gevaceert hebbende tot den gewoonen Eijk van maaten gewigten en ellen en wat dies meer is hebben bij deezen de Eer uwelEd: Gestr: Achtbr: te berichten dat geduu„ ƒ „rende den Eijk gecompareerd en hunne gewigten W„a hebben doen Eijlen van den Capitain der Burgerij W„m Beer 11. p„s metaale gewigten, als 1: p„s van 5: lb: 1: „ „ 10„ 2. „ „ 50: en 1. „ ellen Van den burger A„r Israel 7. p„s metaale gewigten, als 1. p„s van 25. lb 1. „ „ 5. „ 1. „ „ 4. „ 2. „ „ 3. „ 2. „ „ 1. „ 1: „ datjing, en 1. „ ellen Van den Herkergier A„r Wagemaker 3. „ gewigten in zoort, als 1. p„s koper gewigt van 1: lb 1. „ loode d„o „ ¼: „ 1: „ koopere d„o „ 11 ½orsen, en 1: „ Datjeng 1. „ elle van den burger F„k Winter 1: „ „ „ „ d„o I: Kettenbak 1. „ „ „ „ d„o P„ Koppen „ 1. „ „ „ „ d„o W„m Patalanie den 25. Meij 1742. van r vens Veer a

NL-HaNA_1.04.02_3986_0420 view scan ↗

English

Friday the 18th of May Anno 1742:-. the 25. May 1792 From the Ensign of the Burgher Guard Blank 5: pieces weights of 50. lb 1. piece weight of 10. lb 1. piece weight of 4: lb 1. piece weight of 3. lb 7. pieces weights of 2. lb 1. piece ell, and 1: piece steelyard 1: ell of the Chinese Toe Tjaijko. 1: ell of the Chinese qua wanko 1. ell of the Chinese Kou Tjinko 1: ell of the Chinese Ti Soo 1. ell of the Chinese ong konko 1: ell of the Chinese Kouw Roo 2: steelyards of the Moor Lauden From the Captain Chinese Tan Jok 1. piece ell 7: pieces steelyards 2. pieces Lime barrels 7. pieces brick moulds 1. piece steelyard of the Captain Chinese of Japara Tan Thoenko 1: steelyard of the Lieutenant ditto Tjoa Togoan 1: steelyard of the Javanese Intje Ladia 1. steelyard of the Chinese Thee ttoko 1. steelyard of the Chinese Tan Boklong 1. steelyard of the Chinese Louw tokong 1: steelyard of the Chinese oeij kong 1. steelyard of the Chinese kouw Tang 1. steelyard of the Chinese Tan Tjouw 1. steelyard of the 1. lb te 1: piece 1 piece piece 433 # the 25th: May 1792 1: piece steelyard of the Chinese Na Kim 1: piece steelyard of the Chinese Gangsim ƒ 1: piece steelyard of the Chinese Tja Dongsing 2: pieces steelyards of the Captain Buginese Amin 1: piece steelyard of the Chinese oen sinko 1: piece steelyard of the Chinese Li Tjiko 2: pieces brick moulds, 1. piece Lime barrel of the Chinese Jan Kiseeng 1. piece steelyard of the Chinese Kour Sinko 1. piece ell of the Moor Maidinsap 1: piece steelyard of the Chinese Tan Laijko 2. pieces steelyards of the Captain Malay 2 pieces steelyards of the Chinese Ko teeko 1. piece steelyard of the Chinese Tjang Teeng 1. piece steelyard of the Chinese qua Boenko 1. piece steelyard of the Chinese Lim kaijko 1. piece steelyard of the Chinese Kour Siko 1. piece steelyard of the Chinese soemko 1. piece steelyard of the Chinese Tjan Paijko 1. piece steelyard of the Chinese Limsjet 1: piece steelyard of the Moor sechma Lebe From the burgher Miekes 1: piece ell 1. piece weight of 5. lb 7. pieces weights of 4 lb 1. piece weight of 3. lb 1. piece weight of 2 lb 1. piece weight of 1: lb 1 piece steelyard 1. piece weight of — ½ lb 1. piece weight of -. ¼. lb 1. piece weight of lac the 25. May 1792 from Col s. H O 1. piece 1. piece 1. piece 1: piece 1. piece 7. pieces 1 Friday the 18th of May Anno 1742:-. the 25: May 1792. From the Drum Major Fredriks 1: piece weight of 5. lb. 1: piece weight of 4. lb. 1. piece weight of 3. lb. 1. piece weight of 2. lb. 1. piece steelyard of the Javanese woman Ma Tjderok 7. pieces ells of the Moor Assan Nina 1. piece steelyard of the Chinese Houki 1. piece steelyard of the Chinese si soeko 1. piece steelyard of the Chinese sie Toko 1. piece steelyard of the Malay Jbrahim 1. piece ell of the Moor Maidin sap 1. piece steelyard of the Javanese bappa kitoot 1. piece steelyard of the Chinese Tan Huijke 2. pieces steelyards of the assistant scheppen 1. piece lime Barrel of the Chinese Tan Heeko 1. piece rice measure of the Javanese woman Ma Grama 1. piece rice measure of the Malay woman sawal 7. pieces rice measures of the Malay woman Bogel 7. pieces rice measures of the Javanese woman Samiena 1. piece rice measure of the Malay woman Ma Sarinia 1: piece rice measure of the Javanese woman kasiden 7. pieces rice measures of the Javanese woman hieden 1: piece ell of the Moor bappa Cantappa 1. piece steelyard of the Gentleman Fletkenschild 1. piece Ell of the Moor Ismael sebe 1. piece steelyard of the Chinese si Tjoko 4. pieces rice measures of the Lurah ongo Diwongso 1. piece steelyard of the Chinese Tji Sieko 1. piece steelyard of the 1. lb 405 Pre. HO the 25. May 1792 the 25: May 1792. 1: piece steelyard of the Javanese Bappa Dalim 1: piece steelyard of the Chinese ouw Tan Hok 1. piece ell of the burgher de villers 1. piece steelyard of the Chinese Tan Tako 1. piece steelyard of the Chinese Toento 1. piece steelyard of the Chinese Li seko 1. piece steelyard of the Chinese Kouw Konko 1. piece steelyard of the Chinese Be Kinjang 1. piece steelyard of the Chinese Tjo Kemlong 1. piece steelyard of the Chinese quang see 1. piece steelyard of the Chinese Tan sengkong 1. piece steelyard of the Javanese Alia 1. piece steelyard of the Chinese Konio 1 piece steelyard of the Chinese oeij Theko 2 pieces steelyards of the Chinese Kouw Koko 1 piece steelyard of the Chinese Lisenko 1. piece steelyard of the Chinese ong Reeko 1. piece steelyard of the Chinese Song 1. piece ell of the Moor Mohamat-Min 1. piece steelyard of the Moor Miaisap 1. piece steelyard of the Chinese Tan Tieko 1. piece steelyard of the Chinese Kouw Kankong 1. piece steelyard of the Chinese kon Houko 1. piece steelyard of the Chinese Tan Simkon 2. pieces rice measures of the Javanese woman Ma slima 1. piece rice measure of the Javanese woman Beijt 1 piece rice measure of the Javanese woman Boeher 1 piece rice measure of the Javanese woman Basiema 1 piece rice measure of the Javanese woman Dorbo 7 pieces rice measures of the Javanese woman turn over 1 piece rice measure of the Javanese woman 1. piece rice measure of the Javanese woman Dalim . Friday the 18th of May Anno 1742:-. the 25: May 1792. 1: piece rice measure of the Javanese woman Dakima 1: piece rice measure of the Javanese woman Soupia 1: piece rice measure of the Javanese woman Padiea 1: piece rice measure of the Javanese woman Jambie 1. piece steelyard of the Chinese Sia Tanko 1: piece steelyard of the Chinese Konij Wij ƒ 1: piece steelyard of the Chinese qua wako 1: piece steelyard of the Chinese Zis Konko also 1: piece steelyard of the Chinese Tja Bonko 1. piece steelyard of the Master of the Blocks A: Roth 1. piece ell of the burgher Fenneberger In the Company's Trade Warehouses and Dispensary, all the weights, measures, and ells found there have been inspected exactly and properly gauged. Furthermore, no one else has appeared for the gauging, but the community throughout the Kampongs outside as well as in the city was duly notified of the gauging to be performed, three days by public beating of the basin and eight days prior by the affixing and publication of notices; All unfit measures, ells, or weights of whatever kind have been broken and destroyed, or where possible, repaired and adjusted according to the order. We flatter ourselves to have hereby complied with the respected order and expressed intention of Your Right Honorable, Severe, and Esteemed Worships in this matter, while we otherwise name ourselves with deep veneration, high esteem, and submission underneath stood Title lower Your Right Honorable, Severe, and Esteemed Worships' very obedient and faithful servants was signed J: J: Abegg and W:m Beeckman, and underneath that stood in my knowledge was signed A: van Hemert Secretary in the margin stood in my presence was signed B. J. van Nijvenheim, lower as Gauger was signed J: W: Stiegler, in the margin Samarang the 29. Febr: Anno 1792

Dutch transcription

Vrijdach den 18„e Meij A=o 1742:-. den 25. Meij 1792 Van den vaardrig der Burgerij Blank 5: p„s gewigten van 50. lb 1. „ „ „ 10. „ 1. „ „ „ 4: „ „ „ 3. „ 7. „ „ „ 2. „ 1. „ elle, en 1: „ datjing /: „elle van den chinees Toe Tjaijko. 1: „ „ „ „ „ qua wanko 1. „ „ „ „ „ Kou Tjinko 1: „ „ „ „ „ Ti Soo „ „ „ „ „ „ ong konko 1: „ „ „ „ „ Kouw Roo 2: „ datjing „ „ Moor Lauden van den Capitain Chinees Tan Jok 1. p„s elle 7: „ datjings 2. „ Kalktonnen 7. „ steen vormen 1. „ datgjing van den Copit„ Chinees van Japara Tan Thoenko 1: „ „ „ „ Lieut d„o Tjoa Togoan 1: „ „ „ „ Javaan Intje Ladia 1. „ „ „ „ Chinees Thee ttoko 1. „ „ „ „ „ Tan Boklong 1. „ „ „ „ „ Louw tokong 1: „ „ „ „ „ oeij kong 1. „ „ „ „ „ kouw Tang „ „ „ „ Tan Tjouw 1. „ „ „ 1. „ te 1: „ 1„ „ 433 # den 25e: Meij 1792 1: p„s datjing van den Chinees Na Kim „ „ „ „ Gangsim ƒ 1:„ „ „ „ „ Tja Dongsing 1: „ 2: „ „ „ „ Cap„t Boeginees Amin 1: „ „ „ „ Chinees oen sinko 1: „ „ „ „ „ Li Tjiko 2: „ steen vormen, 1. „ Kalk son. van den Chirees Jan Kiseeng 1. „ dadying van den chinees Kour Sinko 1. „ elle „ „ Moor Maidinsap 1: „ datjing „ „ Chinees Tan Laijko „ „ „ Capitain Malaijoe 2. „ 2 „ „ „ „ Chinees Ko teeko „ „ „ „ Tjang Teeng 1. „ „ „ „ „ qua Boenko „ Lim kaijko „ Kour Siko „ „ „ „ „ „ „ „ soemko „ „ „ Tjan Paijko „ „ „ „ „ Limsjet 1: „ „ „ „ Moor sechma Lebe van den burger Miekes 1: „ elle 1. „ gewigt van 5. lb 7. „ „ „ 4 „ 1. „ „ „ 3. „ „ „ 2 „ „ „ 1: „ 1 „ datjing 1. „ „ „ — ½„ 1. „ 1. „ gewigt „ -. ¼. „ „ „ „ 1. „ lak den 25. Meij 1792 van Col s. H O 1. „ 1. „ 1. „ 1: „ 1. „ 7. „ 1 Vrijdach den 18„e Meij A=o 1742:-. den 25: Meij 1792. van den Tamboer Major Fredriks 1: p„s gewegt van 5. lb. 1: „ „ „ 4. „ 1. „ „ „ 3. „ 1. „ „ „ 2. „ 1. „ datjing van den Iavaansche vrouw Ma Tjderok 7. „ elle „ „ Moor Assan Nina 1. „ datjing „ „ Chinees Houki 1. „ „ „ „ „ si soeko 1. „ „ „ „ „ sie Toko 1. „ „ „ „ Maleijer Jbrahim 1. „ elle „ „ Moor Maidin sap 1. „ datjing „ „ Javaan bappa kitoot 1. „ „ „ „ Chinees Tan Huijke 2. „ „ „ „ adsistent scheppen 1. „ kalk Ton „ „ Chinees Tan Heeko 1. „ rijstmaat „ „ Iav: vrouw Ma Grama 1. „ „ „ „ Mhal: „ sawal 7. „ „ „ „ „ „ Bogel 7. „ „ „ „ Jav: „ Samiena 1. „ „ „ „ Mat: „ Ma Sarinia 1: „ „ „ „ Jav: „ kasiden 7. „ „ „ „ „ „ hieden 1: „ elle „ „ moor bappa Cantappa 1. „ datjing „ „ Heer Fletkenschild 1. „ Ale „ „ maor Ismael sebe 1. „ datjing „ „ Chinees si Tjoko 4. „ rijstmaaten „ „ Loera ongo Diwongso 1. „ datjing „ „ Chinees Tji Sieko 1. „ „ „. 1. „ 405 Pre. HO den 25. Meij 1792 den 25: Meij 1792. 1: p„s datjing van den Iavaan Bappa Dalim 1: „ „ „ „ Chinees ouw Tan Hok 1. „ elle „ „ burger de villers 1. „ datjing „ „ Chinees Tan Tako 1. „ „ „ „ „ Toento 1. „ „ „ „ „ Li seko 1. „ „ „ „ „ Kouw Konko „ „ „ Be Kinjang „ „ „ Tjo Kemlong „ „ „ quang see 1. „ „ „ „ „ Tan sengkong 1. „ „ „ „ Javaan Alia 1. „ „ „ „ Chinees Konio 1 „ „ „ „ „ oeij Theko 2 „ „ „ „ „ Kouw Koko „ „ „ „ Lisenko 1 „ 1. „ „ „ „ „ ong Reeko 1. „ „ „ „ „ „ Song 1. „ elle „ „ moor Mohamat-Min 1. „ datjing „ „ „ Miaisap 1. „ „ „ „ Chinees Tan Tieko 1. „ „ „ „ „ Kouw Kankong 1. „ „ „ „ „ kon Houko 1. „ „ „ „ „ Tan Simkon 2. „ rijstmaten „ „ Jav: vrouw Ma slima „ „ „ „ „ Beijt 1. „ „ „ „ „ Boeher 1 „ „ „ „ „ „ Basiema „ „ „ „ Dorbo 1 1 1 „ „ 7 „ „ verte 1 „ „ „ „ 1. „ „ „ „ „ „ Dalim . Vrijdach den 18„e Meij A=o 1742:-. den 25: Meij 1792. 1: p„s rijst maat van de Javaanse vrouw Dakima 1: „ „ „ „ „ „ „ Soupia „ „ Chienees Sia Tanko „ „ „ Konij Wij „ qua wako „ Zis Konko „ „ Tja Bonko „ „ Bokmeester A: Roth 1. „ elle „ „ burger Fenneberger In 's Comp„s Negotie Pakhuisen en Dispens zijn alle de genigten, maater en ellen die zig aldaar bevinden Exact na gezien en behoorlijk gelijkt. zijnde er overigens niemand meer tot den Eijk gecompareerd dog de gemeente is alomme in de Campongs buiten zo wel als in de stad drie dagen door Publique betkenslag en agt dagen te voren door affixie en Publicatien van Biljetten de te doene Eijk naar behooren bekend gemaakt; Alle onbekraame maaten, ellen of gewrigten wat het zij, zijn verbrooken en vernietigd of daar het heeft kunnen plaats vinden gerepareerd en naar de ordre verbeetert Wij flatteeren ons hier meede aan het gerespecteerd bevel, ende gekerde in„ „tentie van uwelEd: Gestr: Achtbr: in deezer te hebben voldoen, Terwijl wij ons overigens met diepe veneratie hoog agting en submissen noemen /:onderstond:/ Titul /:Lager:/ uwelEd: Gestr: Achtbr zeer gehoorzamen en Trouwschuldige Dienaaren /:was geteekend:/ J: J: Abegg en W:m Beeckman, en daar onderstond in kennisse van mij /:was geteekend:/ A: van Hemert &C„s ter zeede stond ter mijnen overstaan /was geteekend/ B. J. van Nijvenheim, lager als Eikmeester /:was geteekend. / J: W: Stiegler, in margine/ Samarang den 29. Febr: A„o 1792 1: „ „ „ „ „ „ „ Padiea 1: „ „ „ „ „ „ „ Jambie „ 1. „ datjing 1: „ „ ƒ 1: „ „ 1: „ ook 1: „ 1. „ „ „ „ „ „ „ „

NL-HaNA_1.04.02_3986_0425 view scan ↗

English

2 110 Crs s HO „ H C k. the 25. May 1792 successively submitted reports Lieutenant of artillery regarding the examination conducted the powder magazines military commissioners that in March and April of the small armory armory in exchange the 25. May 1792. Also, after resumption of the three successively submitted reports by the extraordinary Lieutenant of artillery Gerrit Fletkenschild regarding the examination conducted both of the powder magazines present here and of the gunpowder stored therein, it was approved and understood to note therefrom that these magazines were properly opened and aired during the months of February, March, and April, and that the powder, upon inspection, was still found dry and in good condition. Two reports having been received from military commissioners, the first from the Ensigns Johan Fredrik Willem Baksman and Alexander Wetterman, and the other from Lieutenant Christoffel van Arnschild and the Lieutenant under the Regiment of the Duke of Wurtemberg Ludwig van Bobenhousen, regarding the inspection conducted by them of the armory goods turned in during the months of March and April from the small or garrison armory to the main armory in exchange, consisting those of the first-mentioned month in: 2 pieces of bayonets 1 halberd 21 cartridge pouches 33 carton straps 15 sword knots 9 brass cutlasses 21 cutlass scabbards 1 sword knot buckle 1 brass drum, and 400 flints and f Friday the 18th of May Anno 1792:— 4 pieces of cutlasses were found unserviceable Resolution of the Council that in the month of March Salatiga and Oenarang brought goods 10 pieces of drum snares 3 bayonets 2 iron ramrods 2 cutlass hilts 2 ditto blades 22 ditto scabbards 15 sword knots 13 cartridge pouches, and 21 carton straps, and of the latter in From Salatiga 3 pieces which all except, since the reporters state that all this was found unserviceable, except 4 pieces of cutlasses that could still be repaired, it was approved and understood to authorize the trade officials to write off all these items found unserviceable in the books, in order to be sent to Batavia when opportunity offers; but, on the other hand, to have the aforesaid cutlasses still found serviceable repaired and put back in order by the Master of the Armory. Another ditto report having likewise been received from military commissioners, the above-mentioned Lieutenant Christoffel van Arnschild and the Lieutenant under the troops of the Duke of Wurtemberg Ludwig van Bobenhausen, whereby they state that they have exactly inspected the armory goods brought here in the month of March from the field posts of Salatiga and Oendrang, and that the same consist in: the 25. May 1792 439 s IH „ H C. R. the 25. May 1792 armors were found disposed of of military commissioners inspection of the armory goods brought here from Japara 3 pieces of sword knots, and 1 cartridge pouch And from Oendrang 1 piece of grenadier musket with its bayonet and wooden ramrod 4 cartridge pouches 1 sword knot 8 flints 1 drumhead 1 ditto cord 2 cutlass scabbards, and 1 drag rope so it is, since it further appears from this report that of all these armory goods, only the grenadier musket must be provided new and steeled, and that all the rest was found entirely unserviceable, therefore approved and understood to let the necessary repairs to the aforesaid musket take effect, but on the other hand to authorize the trade officials to write off the remainder in the books, in order to likewise be sent to the Capital. Yet another report having also been received from military commissioners, the Second Lieutenant under the Regiment of the Duke of Wurtemberg Johan Friederich Roesler and the national Ensign Lorand Joseph de Chateauvieux, concerning the inspection of the armory goods recently brought here from Japara, being: 16 pieces of grenadier flintlocks with their associated 13 pieces of bayonets, and 7 pieces of musketeer flintlocks. the 25: May 1792. whereof

Dutch transcription

2 110 Crs s HO „ H C k. den 25. Meij 1792 „sive ingediende berishten Lieutenant der arthil„ weegens gedane exami„ „natie den Krendhueser „litaire gecommitteerdens der in Maart en april van de kleine wapenha„ wapenkamer in ruiling den 25. Meij 1792. Ook is na resumtie van dien door den extra ordinaire Luutenant der Peresumeert, drie succes„ arthillerij Gerrit Fletkenschild, successive ingediende berighten wee, door den extra ordinaer „gens de gedane examinatie zo van de alhier zijnde kruithuisen, als het da „j leij kletken schild in geborgen wordend buskruit goedgevonden en verstaan daar uit te notee„ „ren, dat deeze magazijnen geduurende de maanden februarij maart en april behoorlijk geopend en gelugt zijn, en dat het kruit, bij visitatie noch droog en wel bevonden is. — Ingekoomen zijnde twee berichten van militaire gecommitteerdens het twee berichten van Mi„ eerste van de vaandrigs Iohan Fredrik Willem Baksman en Alexander Wetterman, en het andere van den Lieutenant Christoffel van Arnschild en de Lieutenant onder het Regiment van de Hertog van Wurtemberg Ludwig van Bobenhousen, weegens de doorhen gedarevi „ behelsende visitatie „sitatie der in de maanden maart en april, van de kleene of guarnizoen „ men aan de groote wapenkamer in ruiling afgegeevene Wapen goederen, bestaande die van afgegeven wasen goeanen de eerstgem: maand in 2: p„s bajonetten 1. „ hellebaard 21: „ pattroon tasschen 33. „ Kardon riemen 15: „ port=epees 9 „ kopere houwer 21. „ houwer scheeden 1. „ port:opees slot 1: „ Kopere trom en 400. „ vuursteenen en ƒ Vrijdach den 18„e Meij A=o 1742:— 4. p„s Houwers zijn Orbe„ „quaam bevonden 's Raads dispositie der in de maand Maart „tiga en Oenarang aange„ goederen 10: p„s trom-reepen 3. „ bajonetten 2 „ ijzere laadstotken 2 „ houner gevesten 2: „ d„o Klingen 22. „ d„o scheeden 15. „ port-opees 13. „ patroon tassen, en 21. „ hardon riemen, welke alle uitgezondert zo is, naardien de berissters zeggen dat dit alles onbeknaam bevonden is, uitgezondert 4 p„s hoouwers, die nach zouden kunnen gerepareerd worden, goedgevonden en verstaan de Negotie bediendens te qualificeeren, om alle deeze onbekraam bevondene artikulen bij de boeken afteschrijven, om bij geleegentheid naar Batavia gezonden te worden, doch daar en teegen de voorszr: noch bruiklaar bevondene houvers, door de Baas den Wa„ „penkamer te doen repareeren en weeder in order brengen- Een ander d„o berucht Inzelver voegen ingekoomen zijnde een ander berist van militaire ge„ „committeerdens de bovengemelde Lieutenant Christoffel van Arn„ „schild en de Lieutenant onder de troupes van de Hertog van Viertem„ behelsende't visiteeren„ berg- Ludwig van Bobenhausen, waar bij dezelven opgeeven van de veldposten sala, dat zij de in de maand maart van de veldposten salatiga en „bragte wopenkomer Oendrang alhier aangebragte wapenkamers goederen exact gevisiteerd hebben, en dat dezelve bestaan in den 25. Meij 1792 en van de laatste in Van Salatiga 3. p„s C 439 s IH „ H C. R. den 25. Meij 1792 „rusters zijn bevonden gedisponeert is van militaire gecom„ „mitteerder „tatie der van Japara al„ „hier aangebrag te wapen„ „kaamer goederen 3: p„s portepees en 1 „ patroon tasch En van bendrang 1. p„s grenadiers. geveer met dies bajonet en houte laastok 4: „ pattroon tosschen 1. „ port- opee 8 „ vuursteenen 1. „ tromvel 1. „ d„o Lijn 2 „ houverscheeden, en 1. „ preselling zo is, maardien uit dit beriht verder blijkt, dat van alle deeze rapenkamers sodanig die doorde be„ goederen, alleen het grenadier geweer nieuw moet verschaft en verstaalt worden, en dat al het overige geheel onbekwaam bevonden is, derhalven goedgevonden en verstaan de aan het voorschr: geweer benodigde verbeetering, en hoedanig daar over te laaten gevolgneemen, doch de Negotie bedienders daaren teegen te qua„ „lificeeren, om het overige bij de boeken afteschrijven, ten einde meedenaan de Hoofdplaats gezonden te worden Noch al ingekoomen zijnde een bericht van militaire gecommitteerdens de nochmeedelen bericht sous Lieutenant onder het Regiment van de Hertog van Wurtemberg Johan friederich Roesler en de nationaal vaandrig Lorand To„ „seph de Chateauvieux, Concerneerende de visitatie van de onlongs Concerneerende de visi„ van Japara alhier aangebrachte 16: p„s snaphanen grenadiers met de daarbij gehoorende 13. p„s Caponetten, en 7: „ snaphanen musquettiers. den 25: Meij 1792. waarvan

NL-HaNA_1.04.02_3986_0428 view scan ↗

English

Friday the 18th of May Anno 1792: which they found disposed of by other military commissioners weapons, which were brought here from 447 military heads have brought how the reporters, of which the reporters say that only one grenadier musket is serviceable, along with one unserviceable, and all the rest are defective, as needing not only re-stocked, but also simultaneously repaired at the locks and mountings, and what regarding that it is, although one perceives that the falling into defect at once of so many muskets for such a small garrison as lies at Japara, is quite important, nevertheless because it appears that this must be attributed to the long-year use of the same, approved and understood to let such pass for this time, yet under recommendation to observe the weapons in future with greater accuracy, and at the same time to give orders to have the said goods repaired again as soon as possible, and subsequently to send back to Japara with a new flintlock instead of the one found unserviceable, and to have the aforementioned musket found unserviceable written off, to be sent along with the other unserviceable goods to Batavia as well. — Also being reported Also by military commissioners, the Lieutenant among the Wurtemberg troops Eberhard Gevold and the national Ensign Her Kueles de Swartsz, having served a report regarding the findings of the weapons brought here a few days ago from Souracarta by 47 military heads, consisting of 47 pieces grenadier muskets, of which the reporters say that 14 pieces are serviceable, yet the remaining 33 pieces are all repairable at the stocks, locks, and mountings 47 cutlasses with brass hilts, of which 3 pieces are unserviceable 47 cutlass scabbards, of which 7 are serviceable and 40 unserviceable 47 chamois leather sword-belts, all unserviceable. the 25th of May 1792. 37 the 25th of May 1792 becoming unserviceable of so many items how therewith shall be dealt with reports of military issued to the Wurtemberg troops to the upper districts and the the 25th of May 1792 37 pieces grenade bags, of which 27 pieces are serviceable and 10 unserviceable 10 cartridge pouches, ditto 8 ditto, 2 ditto 47 cartouche straps, all unserviceable 94 gunflints, ditto, and 47 bundles of live musket cartridges, of which the powder and paper are no longer usable, but the bullets are all complete so it is, since it appears that the becoming unserviceable of so many items is only to be attributed to the prolonged use of the same, as having been sent with those troops to Souracarta already in the year 1790, and always employed by the same, therefore approved and understood to let such pass, and at the same time the defective muskets and further weapon goods to be repaired, but the entirely unserviceable ones to be written off in the books, in order likewise to be sent to Batavia at the earliest opportunity, furthermore the powder and the paper of the 47 bundles of cartridges found unserviceable also to be written off, but the bullets on the contrary to be taken into the books again. Also read two other reports from military commissioners, the Lieutenant Ferdinand Karisch and the Lieutenant under the Regiment of the Duke of Wurtemberg Willem Seubert, regarding the inspection of the goods issued to the Colonel and Head of the militia here, Anthonij Hamel, for the service of the escort of the Lord Governor to the upper districts on the occasion of the succession to the throne of the Djocjocarta kingdom by the Wurtemberg troops, but since returned: 206 pieces gunflints, and 412 Friday the 18th of May Anno 1792: pieces musket cartridges and thereupon was disposed from the further read report of commissioners it appears, musket and pistol cartridges etc. which were issued to the Djocjocarta, and upon return were received back flints and live 412 bundles of live musket cartridges, so it is, although the reporters say that of these latter 2 and a half bundles were missing, as having been shot off by the jaegers, and that of the gunflints 80 pieces were also found unserviceable, nevertheless approved and understood to let it pass as a trifle, and thereby grant qualification to the Trade officials to write off the same in the books. — what also from another military commissioners And since, from another report now also read of military commissioners, the Lieutenant under the Regiment of Wurtemberg Ludwig van Bobenhausen and the national Ensign Laurent Joseph de Chateauvieux, it appears that from the national troops and a Company of Malays who also served to escort the Lord Governor to Djocjocarta, were issued 297 bundles of live musket cartridges 22 ditto pistol 316 pieces gunflints and 22 pistols, upon return of those troops only were delivered By the nationals 241 bundles of live musket cartridges, or 9 bundles less than were given to them, and of which the reporters say that 48 bundles must be repaired, and that of the remaining 193 bundles only the bullets can be used 22 live pistol cartridges, which also must be repaired 132 pieces musket flints, or 18 pieces less than went from here, and of which the reporters say that only 52 pieces are serviceable and the rest all unserviceable ditto the 25th of May 1792. 66 pieces

Dutch transcription

Vrijdach den 18„e Meij A=o 1742:- die hebben bevonden gedisponeerd is door andere militairen gecommitteerdens wapenen, die alhier van 447. koppen Militairen hebben aangebragt hoedanig de beristers waarvan de berichters zeggen, dat slechts een grenadiers geweer bekraam, mitsgaders een onbekwraam, en al het overige defect is, als niet alleen ver„ „schaft, maar ook tevens aan slooten en beslag gerepareerd moetende wor„ en wat daar omtrend „den, zo is, hoewel men vermeert, dat het defect raken in eens van zoo veel gereeren voor zulk een klijn guarnizoen als te Japara legt, al vrij important is, echter naardien het blijkt dat dit moet toegeschreeven worden aan het lang Jaarig gebruik derzelve goedgevonden en verstaan zulks voor ditmaal te passeeren doch onder recommandatie om in den aanstaande de Wapenen met meerdere accuratesse gade te slaan, en tevens ordra te stellen, om de gemelde goederen ten spoedigsten weeder te doen repareeren, en vervolgens met een pees nieun in steede van het onbekraam bevondene weeder naar Japara terug te zenden, mitsgaders het evengemelde onbekram bevondene geweesnaear te laten afschrijven, om met de andere onbekraame goederen almeede naar Batavia verzonden te worden. — ook nog beruht zijnde Ook door militaire gecommitteerdens de Lieutenant onder de wurtemberg„ „sche troupen Eberhard Gevold en de nationaalen vaandrig Her Kueles 3 weegens de bevinding den de Swartsz, gediend zijnde van bericht weegens de bevinding der met Souracarto aangekomende voor eenige dagen van souracarta alhier aangekoomene 47: koppen militairen hier aangebrachte wapenen bestaande in 47: p„s snaphaanen grenadiers, waar van de berichters zeggen dat 14 p„s bekwaam doch de overige 33. p„s alle reperabel zijn aan schaf„ „ ten slooten en beslag 47. „ houwers met Kopere gevesten, waarvan 3 p„s onbekwaam ƒ 47. „ houwerscheeden. , waarvan 7. bekwaam en 40. onbekraam Zeemlan 47. „ port-epees olle onbekraam. den 25e Meij 1792. 37 441 C6 vs 1 Hael „ H laker den 25. Meij 1792 „kwaam raaken van zo veel articulen „danig daar meede zal ge„ „handelt worden berusten van militaire aan de wurtembergse troupes na de boven „landen afgegeevenen en 't den 25. Meij 1792 37. p„s Trenaad zatken, waarvan 27. p„s bekwaam en 10. onbekwaam 10 „ pattroontasschen, d„o 8: „ d„o „ 2. d„o 47. „ Cardon reemen, alle onbekraam 94. „ vuursteenen „ d„o en 47. „ bossen scherpen snaphaan patroonen, waarvan het kruit en papier niet meer bruikbaar dort de Kogels alle Compleet zijn zo is, vermits het blijkt, dat het onbekwaan raken van zo veel arte„ oorzaak van het onbe„ „culen alleen te atribueeren is, aan het langduurig gebruik derzelve, als zijnde met die troupes reeds in den Jaare 1790. naar souracarta ge„ „zonden, en altoos door dezelven geemploijeerd geworden, derhalven goedgevonden en verstaan zulks te passeeren en tevens de defecte ge,„ 's Raads besluit hoe„ „weeren en verdere wapen goederen te laten repareeren doch de geheel onbekraame bij de boeken te doen afschrijven, om ins gelijks bij gelee„ „gentheid naar Batavia gezonden te worden voorts het kruit er het papier van de onbekwaame bevondene 47. bos patroonen meede te laten ofschrijven, doch de kogels daaren teegen weeder bij de boeken adoen ineemen Almeede noch geleezen zijnde twee andere berichten van militaire gecom„ Lectuure van twee andere 3 „mitteerdens, de Lieutenant Ferdinand Karisch en de Lieutenant onder gecommitteerdens het Regiment van de Hertog van Wurtemberg Willem Seubert„ weegens de vesitatie der aan de Collonel en Hoofd van de militie alhier Anthonij Hamel ten diensten der tot geleide van de Heer Gouverneur weegens visitatie der ƒ. naar de boven landen ter geleegentheed van de troons vervulling van het Dioejo cartasch rijk gediend hebbende wurtembergsche troupes, of ' suert boen geressitueerd „gegeevene doch seedert weeder gerestitueerde 206: p„s vuursteenen, en 412 Vrijdach den 18„e Meij A=o 1742:- pe snaphaan patroonen en daar over gedisponeerd is „der geleesen bericht van „ders komt te blijken, snaphaap en pittool patroonen t„ die aan de Djoepocarta zijn afge„ „geeven, en bij retour weeder te rug ontvangen zijn vuursteenen en sher, 412: bosschen scherpo snaphaan, patroonen zo is, hoewel de beruhters zeggen dat van deeze laatste 2½ bossen geman„ „queert hebben, als zijnde verschooten door de Iagers, en dat van de vuur„ hoedanig die bevonden zijn, steenen ook 80. p„s onbekwaan zijn bevonden echter goedgevonden en verstaan als eene kleinigheid te passeeren, en de Negotie bediendens mits dien qua„ „lificatie te verleenen, om dezelven bij de boeken afte schrijven. — wat almeede ruteenan„ En vermits, uit een ander thans almeede geleezen bericht van militaire millitaire gecommitteer gecommitteerdens de Lieut: onder het Regiment van wurtemberg Lud„ 8 „wig van Bobenhausen en de nationaalen vaandrig Larand To„ „seph de chateauvieux blijkt dat van de meede tot geleide van den Heer Gouverneur naar Dpoopcarta gediend hebbende nationale troupes omtrend eenige sherpe en een Compagnie Maleijers, afgegeevene E nationale troupe naar 297: bossen scherpe snaphaan pattroonen 22. „ d„o pistool 316: p„s vuursteenen en 22. „ pistoolen, bij terugkomst van die trouper slegts afgegeeven zijn Door de nationalen 241: bossen scherpe snaphaan pattroonen, of 9. bossen minder els aan dezelven waaren meede gegeeven, en waar van de berichters zeggen, dat 48. bossen moeten gerepareerd worden, en dat van de overige 193. bossen en kel de kogels gebruikt kunnen worden 22. „ scherpe pistool pattroonen, die meede gerepareerd moeten worden 132: p„s snaphaan vuursteenen, of 18. p„s minder als van hier meede gegaan zijn, en waar van de berichters zeggen, dat alleen 52 p„s bekraan en de overige alle onbekwraam zijn d„o den 25: Meij 1792. 66 p„s 0

NL-HaNA_1.04.02_3986_0431 view scan ↗

English

443 0 the 25th May 1792 To what to attribute the unfitness of some of those articles. Ruling on this and subsequent Council's disposition. other reports of military commissioners it appears regarding the conducted inspection of some armory goods to the eastern salient Djoocja 66 pieces of pistol flints fit, and 22 pistols, thus one less than was dispatched from here, and which according to the statement of the reporters was lost en route. And by the Malays 47 bundles of live musket cartridges, of which the reports say that 38 bundles must be repaired, and that of another 7 pieces only the balls can be used. Thus, since the unfitness of the flints and live musket cartridges is solely to be attributed to the extraordinarily bad weather that was experienced during the journey both going and returning, it is therefore approved and agreed, however reluctantly otherwise, to pass this, and to give orders to have repaired that which can be repaired again, but to write off in the books the unfit items along with the cost of that which was lost, and furthermore to take back into the books the remaining balls of the unfit live musket cartridges. On the other hand, from three other received reports of military commissioners, the Lieutenant Christoffel van Arnschild and the Lieutenant in the Regiment of Wurtemberg Mathias Frederik Brodhaag, the national Lieutenant Ferdinand Kavisch and the Lieutenant in the above-mentioned regiment of the Duke of Wurtemberg Willem Seubert, and the First Lieutenant in the mentioned Regiment Eugene van Iett and the national Ensign Elias Simons, appearing that the armory goods recently sent both to the eastern salient and the offices of Djocjacarta and Japara, were precisely inspected by them and all found good and fit; it is resolved What according to three separate reports of military commissioners was recently sent to Japara. of the said Treasury, since the first of March of the past year until Turn over. Resolved to keep note thereof, as well as that the same goods consisted of: For the Sourabaija office: 242 pieces of cartridge pouch belts 200 curved cutlass scabbards 150 chamois leather sword knots, of which 17 pieces indigenous 50 grenade pouches, half worn out, but nevertheless still usable 1000 flints 24 drumheads 15 bundles of ditto snares 15 ditto cords 12 ditto hoops 10 pieces of ditto hoops 10 ditto sticks 2 ditto carrying straps 10 lb copper wire 8 iron ditto 5 glue 5 emery and 2 sal ammoniac For the Grissee office: 1 piece of drumhead 1 bundle of ditto hoop ½ ditto cords ½ ditto snares and 1 piece of ditto carrying strap are, and of which the reports say that only 32 pieces are fit and all the rest are unfit for 66 pieces 1 — 8 - 445 the 25th May 1792. For the Sumanap office: ½ bundle of drum cord 1 ditto hoops 1 piece of ditto carrying strap 1 ditto head, and 1½ bundles of ditto snares For the Banjoewangie office: 4 pieces of drumheads 2 ditto carrying straps 1 bundle of ditto cords 1 lb iron wire ½ copper ditto ½ tacks ½ glue ½ borax ½ emery 50 pieces of vent prickers 200 flints For the Djocjacarta office: 10 pieces of grenadier muskets with bayonets and iron ramrods 15 carbines with iron ramrods, without bayonets 19 pistols with wooden ramrods, and 2 cutlasses with brass hilts And for the Japara office: 2 pieces of drumheads 1 bundle of ditto snares of said Treasury, since the first of March of the past year until Turn over. Result: Report submitted by military commissioners regarding inspection and examination of the carbines and flints recently sent for the Sultan to Djocjacarta. Whereby it is made known Deficit found in two chests with money brought by the Sergeant Kroon in the past month of April. 1 piece of drum hoops 1 ditto cords 20 pieces of flints, and 24 grenadier muskets, with their bayonets In the same manner, report having also been served by other military commissioners, the Lieutenant in the regiment of the Duke of Wurtemberg Carel van Tranquemont and the national Ensign Hercules de Swartsz, on account of the inspection and examination conducted by them of the carbines and flints recently sent for the Sultan to Djocjacarta, it is, after reading the same report, approved and agreed to note therefrom that these weapons consisted of 150 pieces of carbines, and 200 flints and that furthermore all the same were found good and fit. Report by ordinary commissioners, the Assistants Johannes Cornelis van Nimweegen and Fredrik Bruegman, having made known by report that they proceeded to the main treasury here and there, in the presence of the Senior Merchant and Chief Administrator Jacobus van Santen, and the Junior Merchant and First Sworn Clerk of Police Willem Beeckman, counted and checked the two chests with money to the amount of Rds 10058:16:— brought here from Sourabaija by the Sergeant Cornelis Kroon in the past month of April, and that they in the first chest are, and of which the reporters say that only 52 pieces are fit and all the rest are unfit. the 25th May 1792 66 pieces 8 short

Dutch transcription

443 0 den 25. Meij 1792 waar aan toe te schrijven de onbequaamheid van dispositie „dere berichten van militai„ „re gecommitteerdens komt te blijken nopens de gedaane visita„ „tie van eenige wapenka„ naar den oosthoek Diooja 66: p„s pistool vuursteenen bekwaam, en 22. „ pistoolen, dus een minder als van hier afgegeeven zijn, en die vol„ „gens de opgaav der berichters onderreegs verlooren is geraakt. En door de Maleijers 47: bossen scherpe snaphaan pattroonen, waarvan de berichtens zeggen„ dat 38: bossen moeten gerepareerd worden, en dat van noch 7: p„s alleende ko„ „gels kunnen gebruikt worden. - zo is, naardien de onbekwaamheid der vuursteenen en scherpe snaphaan pattroonen, alleen toete schrijven eenige dien articulen is aan het buiten gemeen slegt weer, dat men gedieurende de reise zo wel heen als needer terug gehad heeft, derhalven goedgevonden en verstaan en vervolgend 's Raads zulks hoe ongaarne anders ook, te passeeren, en order te stellen, om het geen weeder kan gerepareerd worden, te doen repareeren, doch het onbekwaar neevens het Kostende van het verlooren geraakte, daaren teegen bij de boeken afte schrijven, en voorts de overgebleevene kogels van de onbekwaam scherpe snaphaan pattroonen weeder bij de boeken te doen inneemen. — Daarenteegen uit drie andere ingekomene berichten van militaire gecom„ wat volgens drie ap„ „mitteerdens de Lieut: Christoffel van Arnschild en de Lieutenant onder het Regiment van Wurtemberg Mathias Frederik Brod„ „haag, de nationaal Luutenant Ferdinand Kavisch en de Lieut: onder het boven gem: regiment van de Hertog van Wurtemberg Wil„ „lem seubert, en de premierdieut: onder het gem: Regiment Euge„ „ne van Iett en de nationaalen vaandrig Elias Simons, blij„ „ „kende dat de onlangs zo naar den oosthoek als de Comptoiren Djoop carta en Iapara gezondene wapenkamers goederen; door „mer goederen onlangs hun exact gevisiteerd en alle goed en bekwaam bevonden zijn; zo is Japara gezonden beslooten „re van gem: Kassa, seedert primo Maart Anopassata tot relt: den 25. Meij 1792. beslooten daar van zo wel aanteekening te houden, als dat dezelve goederen bestaan hebben, in voor het Comptoir sourabaija 242: p„s Kardon riemen 200. „ kromme houwerscheeden 150. „ zeemleere portepees, waarvan 17. p„s inlandsche 50. „ granaat zatken halv sleeten, doch echter noch bruikbaar 1000: „ vuursteenen 24. „ tromvellen 15. b„s d„o snaaren 15. „ d„o Lijnen 12 „ d„o spaanders 10. p„s d„o hoepen 10. „ d„o stolken 2 „ d„o draagbanden 10. lb koper draat 8. „ ijzere d„o 5. „ lijm 5. „ amaril en 2: „ salarmoniak Voor het Comptoir Trisseer 1. p„s tromvel 1: b„s d„o spaander ½ „ d„o lijnen ½ „ d„o snaaren en 1: p„s d„o draagband zijn, en waar van de berichten zeigen, dat alleen 32. p„s beknaar en de overige alle onbekraam zijn voor 66 p„s 1 — 8 - 445 den 25. Meij 1792. Voor het Comptoir Sumanap ½ b„s trom lijn 1: „ d„o spaanders 1. p„s d„o draagband 1. „ d„o vel, en 1½ b„s d„o snaaren Voor het Comptoir Banjoerangie 4. p„s tromvellen 2. „ d„o draagbanden 1: b„s d„o lijnen 1. lb. ijzer draat ½. „ Koper d„o ½ „ spijkertjes ½ „ lijm ½ „ bonax ½: „ amaril 50. p„s ruimnaalden - 200. „ vuursteenen voor het Comptoir Djoopcarta 10. p„s snaphaan grenadiers met bajonetten en ijzer laadstotken 15 „ Karbijns met ijzere laadstokken, zonder baponetten 19. „ pistoolen met houte laadstotken, en 2: „ houvers met kopere gevesten En voor het Comptoir Japara 2: p„s tromvellen 1: b„s d„o snaaren „re van gem: Kassa, seedert premo Maart Annopassata tot verte rult: „litair gecommitteerders en examinatie der onlangs voorden Cultaan naar en vuursteenen gesom„ Com waar bij te kennen word gegeeven in twee kisten met geld per der sergant Kroon 1: p„s trom spaanders 1: „ d„o lijnen 20. p„s vuursteenen, en 24: „ snaphaan grenadiers, met hunne bajonetten Ingediendberisht door shin Inzelvervoegen noch door andere militaire gecommitteerdens de Lieut: onder het regiment van de Hartog van wurtemberg Carel van Tran„ „quemont en de nationaal vaandrig Hercules de Swartsz: van weegens gedane visitatie bericht gediend zijnde, weegens de door hun gedane visitatie en examina„ Deroep gezondene Varlijk, tie der onlangs voor den sulthan naar Djoojocarta gezondene kan„ „bijns en wuursteenen, zo is, na lectuure van het zelve bericht, goedge„ „vonden en verstaan daar uit te noteeren, dat deeze wapenen bestaan hebben in 150: p„s Karbijns, en 200. „ vueursteenen en dat voorts alle de zelven goed en bakraam bevonden zijn. — Beriht door ordinadie Door ordinaire gecommitteerdens de Adsistenten Iohannes Corne„ „lis van Nimweegen en Fredrik Bruegman bij bericht te kennen gegeeven zijnde dat zij zuch vervoegd hebben in de groote geld kamer d alhier en aldaar ten overstaan van de opperkoopman en Hoofd admi„ „ristrateur Jacobus van Santen, en de onderkoopman en Eerst geswoore klerk van Politie Willem Beeckman geteld en naar ge„ „zien hebben, de per de sergant Cornelis Kroon, in de gepasseerde de te min bevondene Contant maand april van sourabaija alhier aangebragte twee Kisten in de gepasseerden maar met geld ten bedrage van Rd„s 10058:16:— en dat zij in de eerste kist= te min zijn, en waar van de berichters zeggen, dat alleen 52. p„s bekraan en de overige alle onbekraam zijn. den 25: Meij 1792 66 p„s 8 aprel

NL-HaNA_1.04.02_3986_0435 view scan ↗

English

44 the 25th of May 1792. found 5 pieces of rupees short, and in the second chest one rupee and 4 stuivers, or together 3 rixdollars and 40 stuivers. Thus, since it appears that this difference must only have been caused by a miscounting during the packing at Sourabaija, it is therefore approved and understood to notify the Sourabaija servants thereof, sending a copy of the aforementioned report, and likewise to charge the aforementioned shortage received here to the account of Sourabaija. Also having read the report of the specially appointed commissioners, the retired Sea Captain Andries Termens and the retired mate Magnus Thorenberg, who, in the presence of the Captain Lieutenant at sea and Master of Equippage here Joseph Bossottiel, examined and inspected the unusable anchor or yellow coir rope of 11½ inches and length of 54 fathoms brought here in the month of March last from the Office of Rembang, and wherein they state that they indeed found this rope so bad and unusable that they believe there is not the slightest possibility of daring to entrust grapnels to it without danger, on the basis of this testimony of the aforementioned commissioners it is approved and understood to have the aforementioned rope found unusable chopped into pieces here, in the presence of judicial commissioners, and in return to send to Rembang another coir rope of 11 inches that remains here. The specially appointed commissioners nominated by the Governor by written ordinance to examine the sulfur earth received some time ago from the Office of Sourabaija, being the extraordinary fireworkers Albert Hendriks and Hendrik Carel van der Hoff, having reported on this operation of theirs by report, stating that they found the said sort, upon refining, lost a quantity of 80 pounds on 400 pounds, or 20 percent, which statement the said reporters as well as the provisional overseer of the gunpowder mills Johan George Eissele, in whose presence this examination took place, subsequently also confirmed further under oath, in accordance with the resolution taken on the 24th of January last, before judicial commissioners the Chief Surgeon and Hospitalier Johannes Jacobus Abegg and the Junior Merchant Johan Meindert van Bronkhorst, in the presence of the Secretary of the said Council Abraham van Heemert, as appears from what was recorded by them with the aforementioned report; thus, since this loss does not exceed that which was permitted for it by Their High Nobilities by letter of the 16th of November 1790, it is therefore approved and understood to be satisfied therewith, and to qualify the Trade Bookkeeper to make the calculation, according to this statement, of what will be lost on the entire quantity that was received, and subsequently to write the same off in the books, and furthermore to send a copy of this report to Sourabaija to serve for the guidance of the servants. Also having read another report of the specially appointed commissioners, the Junior Merchant without employment Adriaan Theodoor Vermeulen, and the Junior Merchant and First Sworn Police Clerk Willem Beeckman, wherein they state that pursuant to the order of the Governor they proceeded on the first of the past month of April to the house of the Bookkeeper and Secretary of Justice Abraham van Heemert, and [illegible], of which the reporters say that only 52 pieces are usable and all the rest are unusable.

Dutch transcription

44 den 25: Meij 1792. aangebragt „rabaijasche bediendens gegeeven gecommitteerdens „neeren en visiteeren der in de maand april „bragte onbekwaam anker of geel Kaijer touw „ploijabel is bevonden Ged aan verslag door de Extra ordinair vuur„ en van der Hoff te min bevonden hebben 5: p„s ropijen en in de tweede kist een ropij en 4. stpe„s april van sourabaija of te zamen rd„s 3: 40:— zo is, naardien het blijkt dat dit verschil alleen moet veroorzaakt zijn door een mistelling bij de inpatking te soura„ „baija, derhalven goedgevonden en verstaan daarvan, onder toezen„ „ding van Copia van het gem: bericht, den sourabaijasche Bedienders wat daar omtrend de sou„ kennis te geeven en tevens het voorshr: hier te min ontvangen heer, zal worden te kennen „gen sourasaija weeser ten lasten te laaten brengen Ook lectuure genomen zijnde van het raport van expresse gecommit, Rapoit van ex presse„ „teerdens de gegageerd Capitain ter Zee Andries Termens en de ge„ „gageerd stuurman Magnus Thorenberg, die ten overstaan van de Capitain Lieutenant ter zee en Equipage opzichter alhier Joseph Bossottiel geexamineerd en gevisiteerd hebben het in de maand maart l: l: van het Comptoir Rembang alhier aangebragt onbekwaan vervattende het exami„ anker of geel kaijer toun d„o 11½ d„m l„o 54. r„m en waarbij zij opgeeven b: l: van hemlang aange„ dat zij dit touw inderdaad zo slecht en onbekraam bevonden hebben dat zij vermeenen, dat er geen de minste mogelijkheidis, om, zonder gevaar, dreggen daar aan te durven vertrouwen, zo is op fundament van het welk niet meevem„ deeze getuigenis van voorsch: gecommitteerdens goedgevonden en verstaan het voorn onbekwaam bevondene touw alhier, ter presentie van Justitiee le gecommitteerdens en stukken te laaten kappen, en daaren teegen een ander kaijer touw van 11: d„m, dat alhier restant is, naar Rembang te zenden. — De door den Heer Gouverneur bij een schriftelijk ordonnantie benoemde ex„ „presse gecommitteerdens tot het examineeren der voor eenige tijd van het „ werken Hend riks Comptoir Sourabaija ontvangene Zwavel aarde, zijnde de extra ordinaire vuurwerkers „de van gem: Kassa, sedert premo Maart Aanopassata tot relt: den 25. Meij 1792. Examinatie der ontvangene die bij het raffineeren 2. opC„t verlooren heeft welk bericht door de gecom„ „mitteeren met teere ben„ „tigd is 's Raads dispositie „richt van expresse gecommit„ „teerdens vermeulen en Beeckman nopens de door hun gedeen vuurwerkers Albert Hendriks, en Hendrik Carel van der Hoff van zwavel aarden van Aaccob: deeze hunne verrichting bij bericht verslag gedaan hebbende, met opgave, dat zij bevonden hebben dat de gem: specie, bij het raffineeren verlooren heeft op de 400. ponden een quantiteit van 80. lb: of 2: p„r„et en welke opgave de gem: berichters zo wel als de p„l opzichten over de kruitmolens Iohan George Eissele, ten wiens overstaan deeze examinatie geschied is, vervolgens ook, Conform het genoomen besluit op den 24 Januarij l: l: voor Justitieete ge„ „committeerdens de opperchirurgijn en hospitalier Iohannes Iacobus Abegg en de onderkoopman Johan Meindert van Bronkhorst, ter presentie van de secretaris des gemelden raads Abraham van Heemert, blijkens het aangeteekende door dezelven bij het voorster: bericht nader met 9 eede bevestigd is, zo is, naardien dit verlies niet surpasseert het geen door Hun Hoog Edelheeden bij brief van den 16: November 1790. daar voor toege„ „staan is, derhalven goedgevonden en verstaan daar meede genoegen te neemen, en de Negotie boekhouder te qualificeeren, om, naar deeze opgaane, de be„ „reekening te maken van het geen op de geheele quantiteit die ontvanger is zal verlooren worden, en het zelve vervolgens bij de boeken afteschrijven, voorts Copia van dit bericht naar sourabaija te zenden, om tot narinst der Be„ „diendens te strekken. — Lectuure van een anderbe, Ook lectuure genoomen zijnde van een ander berust van expresse gecommitteer„ „dens, de onderkoopman buiten emploi Adriaan Theodoor vermeulen, en de onderkoopman en Eerst gesw: klerk van politie Willem Beeckman, waarbij zij opgeeven dat zij ^ ingevolgen de order van den Heer Gouverneur Euh met p=mo der gepasseerde maand april vervoegd hebben ten huise van de Boekhouder en Sicretaris van Justitiese Abraham van Heemert, en zijn, en waar van de berichters zeggen, dat alleen 52: p„s bekraan en de overige alle onbekwraam zijn. 66 p„s aldaar

NL-HaNA_1.04.02_3986_0437 view scan ↗

English

1467 The 25th of May 1792. Concerning the inventory and transfer of the Company's cash and stamped paper, as well as the postmaster's tools and whatever else fell under the accountability of the aforementioned Van Hemert, as pro interim receiver of the Domains, License Master, petty cashier, and Postmaster, in place of the recently deceased junior merchant Abraham Lodewijk Talm, having been taken up and counted, and subsequently handed over to the junior merchant and former Second Resident at Djocjocarta, Marten Meurs, appointed by Their Excellencies to those posts since then, and also indicating in what the cash found consisted; it is therefore, in order properly to comply with the order issued in this regard by Their Excellencies mentioned in the Resolutions of the 31st of December 1790, approved and agreed to place a copy of the aforementioned report into the hands of the Trade Bookkeeper, with orders to confront the same exactly against the books and subsequently to submit a report of his findings, in order to be able to make the necessary disposition thereon. A memorandum or demonstration having been submitted by the merchant and Trade Bookkeeper Johannes Wilhelmus Crose of the interest accrued since the 1st of September of the year 1791 until the last of February of the current year on the funds deposited with the Company to the amount of 62000 rixdollars, it is therefore, as the aforementioned interest, amounting together to 1860 rixdollars, has already, according to the authorization granted for that purpose by the Governor, been paid out to the providers of the capital under the date of the last of February last, approved and agreed to keep this note thereof, and furthermore to authorize the Trade Bookkeeper aforesaid to write off these amounts in the books. Having resumed reading the declaration given under offer of oath by the officers stationed on the ship De Juffrouw Johanna, at the requisition of the commander of that vessel, the Lieutenant Captain at sea Francois Hemonnet, concerning the breaking into pieces of 9 pieces of capstan handspikes when raising the anchor; it is therefore, since the Governor, in order to let this ship depart promptly for Rembang, already directly upon its arrival from Batavia had other handspikes provided to the same so that the vessel could promptly continue its voyage to Rembang, approved and agreed to keep this note thereof, and furthermore, upon the return of this vessel to Batavia, likewise to give notice thereof to Their Excellencies, submitting a copy of the above-mentioned declaration. Likewise having resumed reading an incoming extract from the ship's council held on board the aforementioned ship De Juffrouw Johanna, on the voyage from here to the trading post of Rembang, around the so-called Devil's Rock or Poulo Mandalitka, from which it appears that the officers of that vessel, having already struggled for over a month near the aforementioned rock with east and east-south-east, also south-east winds and heavy squalls, and having no more than only two leagers of water and three bags of rice left on board, had consequently resolved to return to the Main Trading Post at Samarang, the more so since the wind blew daily with heavy squalls from the south or south-east and they were consequently fearful that they might drag their anchor and then, having only one anchor at the bow, without provisions, might be driven away from the Samarang roadstead; it is therefore approved and agreed both to keep note thereof, and that the aforementioned vessel, by order of the Governor, was again provided as soon as possible with the necessary drinking water, and of which the reports state that only 52 pieces are fit and all the remaining 66 pieces are unfit.

Dutch transcription

1467 den 25. Meij 1792. „neem van Comp„s Contan„ item postmeesters ge„ . „ reedschappen „onder verantwoording geweest zijnde van de der Domaijnei N. en H: H: Rb: seedert: tot die paster benoemde geweezen Marten Meurs van den Negotie Boekhouder den Negotie Boekhouder Crose renten seedert p„lo septbr: de bij de Comp„e a deposito staande gelden „sentatie van Eede door de aldaar alle de Compagnies Contanten en gestempeld papier, item postorees, weegens den gedaanen op„ „ters gereedschappen en wat dat verder ter verantwoording heeft geloopen, ter en gestempeld papier„ van opgem: van Hemert, als prointerim ontvanger der Domainen, Li„ „centmeester klein kassier en Postmeester, in steede van de onlangs over „ pro intterim ontvanger „leedene onderkoopman Abraham Lodewijk Talm, opgenoomen en geteld, postmeester van Wemert mitsgaders vervolgens overgegeeven hebben aan de door HH: Ed: seedert tot die posten benoemde onderkoopman en geweezen Tweede Resident te Djocjocar, en overgaave aan den door „ta Marten Meurs, en met aanwijzing tevens, waarinde bevondene 2: Rresident te Bjoopd Contenten W„a bestaan hebben; zo is, om behoorlijk te kunnen voldoen, aan de ten deezen gestelde order door H: H: Ed: vermeld bij Resolutien van den 31: December 1790. goed gevonden en verstaan Copia van het gem. bericht te stellen in handen van de Negotie boekhouder, met last om het zelve exdct van welk berikt in hander te confronteeren teegen de boeken en vervolgens van zijne bevinding te dienen Copia te stellen. - van bericht, ten einde daarop de nodige dispositie te kunnen neemen Door de koopman en Negotie boekhouder Iohannes Wilhelmus Crose Ingediende memorie oor ingediend zijnde een memorie of aantooning van de renten, welke seedert p=rmo September A„o 16„s tot ult„o febr: C: l: verloopen zijn op de bij de Comp„e van het bedraagen der„ C â deposita staande gelden ten bedrage van rd„s 62000:—:— zo is, naar dran Ap„s tot ult„o febr: l: C: op de gem: renten die te zamen ted rendeeren rd„s 1860:—. - volgens de door de Heer Gouverneur daar toe verleende qualificatie, bereds onder ult=o febr: hoe veel die renten rendee„ l: l: aan de schieters der Capitalen uitgekeerd zijn, duis goedgevonden en verstaan, daarvan te houden deeze aanteekening, en voorts de Negotie boek„ „houder voormeld te qualificeeren, om dies bedragen bij de boeken afteschrijen Geresameert weezende endoor de op het schij de Juffrouw Johanna Verklaring onder pre¬ bescheidenen „ne van gem: kassa, sadert primo Maart Aanopassata tot rett„ „ter den 25. Meij 1792. de officieren op 't schip De Juffrouw Johanna aphoi„ breeken van 9. p„s spil=hand van het aanker bodem ten einde de reisra„ „te zotten verstreekt zijn raad gehouden aan boord. Juffrouw Johanna Rembang dien bodem bij soulo Manda en daar door ontstaane gebrek van water en proviant naar Samarang, heeft bescheidene officier, ter requisitie van de Gezagvoerder van die bodem de Capitain Lieutenant ter zee Francois Hemonnet, onder praesentatie weegens het in stutken van eede gegeevene verklaring, weegens het in stukken breeken van 9: p„s „spaaken, bij het ligten spil=hand=spaaken, bij het ligten van het anker; zo is naardien de Heer Gou„ „verneur, om dit schip spoedig naar Rembang te kunnen laten vertrekken welke direct aan dien al direct bij dies komst van Batavia andere handspaaken aan het„ 8 Rembang spoedig voort„ „ zelve heeft laaten verstrekken, derhalven goedgevonden en verstaan daar„ „van te houden deeze aanteekening, en voorts bij het terugkeeren van dee„ „zen boden naar Batavia, daarvan meede aan 4: H: Ed: kennis te geeven, onder aanbieding van een afschrift van boven gemelde verklaaring — Een extract ruit de schip Desgelijks geresumeert weezende len ingekoomen ex tract uit de scheepsraad to van het meerm: schip de gehouden aanboord van het meerm: schip de Juffrouw Iohanna, op de reis op de reis van hier naar van hier naar het Comptoir Rembang omtrend bij de zogenaamde Duivels klip of Poulo Mandalitka, waaruit blijkt dat de overheeden van dien bodem, als reeds over een maand lang bij gem:e klip, meet oost en Oost behelsende't zutkelen va zuid ooste, item zuid oofte winden, en sware buin gezutkeld, en niet meer „lika over de maand lang dan noch maar twee leggers met water en drie zatken met rijst aan boord hebbende oversulks geresolveerd hadden, naar het Hoofd Comptoir te rug te keeren, te meer daar de wind dagelijks met sware buijen uit het zuiden of zuid oost waarde en zij derhalven bedugt waren dat zij van hun anker zouden kunnen afslaan en dan, als maar een anker voor de rearom dien bodem weder hoeg hebbende, zonder victualie, van de samarangsche rheede, zouder mogten te ruijt keeren weggedreeven worden; zo is goedgevonden en verstaan daar van zo wel aan„ 1 e „teekening te houden, als dat gem: bodem op order van de heer Gouverneur - weeder ten spoedigsten is voorzien geworden van het benodigde drinkwater zijn, en waar van de berichtens zeggen, dat alleen 52 p„s bekwaan en de overige alle onbekwaam zijn. 66 p„s „den en

← previousnext →