VOC English

Dutch East India Company records, translated and anchored to the scan.

Inventory 3986

Japan · 868 pages · 260 segments · open at the Nationaal Archief ↗

NL-HaNA_1.04.02_3986_0156 view scan ↗

English

40 pieces of mill planks, half of 2 inches. The 18th of May 1792. then to depart for Pamalang, in order to seek out the pirates who, according to the cited passage in the aforementioned letter, are said to have their hiding places there, and if possible to overpower them, or otherwise to drive them out of the fairway. We have the honor to remain with the highest respect and submission, Title Your High Noble Excellencies' very humble and faithful servants. signed: P. G. van Overstraten, I. van Santen, A. Hamel, B. L. van Nijvenheim, F. W. Croes, B. van der Worm, C. G. Fisscher, F. I. Rothenbuhler. In the margin: Samarang, the 18th of May 1792. Postscript: We still have the honor to bring to Your High Noble Excellencies' attention that upon the closing of this letter, the galley the Concordia arrived here from Banjarmassing, which, according to the report of its skipper, broke its mast underway, and thus must be provided with another one here, for which we have ordered the aforementioned officers of the ship the Batavia to provide a spar to the same, since no such timbers are on hand here. Furthermore, we have the honor to inform Your High Noble Excellencies that upon his urgent request made thereto, we have permitted the junior merchant Brandis mentioned herein to defer his departure to the main settlement until a further opportunity. To the 18th of May 1792. 145 To His High Nobility the 17th of June 1792. at Joana the Eersgezindheid further [illegible] offering To the Right Honorable, Highly Esteemed, Grand Venerable Lord Mr. Willem Arnold Alting, Governor-General, together with The Honorable, Highly Esteemed Lords Councillors of the Dutch Indies, etc., etc. Right Honorable, Highly Esteemed, Grand Venerable Lord and Honorable, Highly Esteemed Lords: Paragraph 150. We have the honor to dutifully inform Your High Noble Excellencies hereby that the bark the Eersgezindheid, destined for the trading post Banjermassing, undertook the voyage to the aforementioned post on the 24th of the past month of May, and that this vessel was laden at Joana with: 50 pieces of beams of 20 to 24 feet 125 mill planks of 2 inches 225 mill planks of 1½ inches, which was all that it was able to transport, so that, if it pleases Your High Noble Excellencies, will further appear from the enclosed declaration of the officers, to which we request leave to refer, 151 the 18th of May 1792. nothing to remark on the bark the ships Candia, Doggersbank and the Arend. Württemberg military personnel have arrived. the 17th of June 1792. refer, also offering the copy of the bill of lading of the aforementioned articles shipped in that vessel, amounting together with the shipping expenses to 1,011 guilders, 17 stuivers, and 8 penningen, on which invoice is also charged to the abovementioned trading post an amount of 174 guilders and 58 stuivers, which, as shown by the specification annexed thereto, was spent on the caulking, as well as repairing and making a new spar for that vessel, as the officers had testified by a written declaration, of which a copy is also enclosed herewith, that this was highly necessary. Paragraph 151. We also offer to Your High Noble Excellencies hereby the disbursement account of the aforementioned bark the Eersgezindheid, and take the liberty to note that nothing questionable occurred to us therein. Paragraph 152. The ship Candia, dispatched by Your High Noble Excellencies to this government to collect rice, arrived here on the 24th of the past month of May, and on the 29th thereafter the ship the Doggersbank, and on the 6th of this month the ship the Arend; and with those vessels there safely arrived here the two Chaplains belonging to the Regiment of the Duke of Württemberg, together with 3 officers and 35 non-commissioned officers and privates, while during the voyage hither 3 privates passed away, of which personnel we have the honor to offer Your High Noble Excellencies the nominal roll herewith, with humble expressions of thanks also for the goods sent to us with the said vessels. 40 pieces of mill planks, half of 2 inches, of

Dutch transcription

40: p=s moolen planken halve van 2 d=m Den 18e Meij 1742. zoo vervorgens naar Pamalang te vertrecken, ten einde de rovers, die volgens te aan„ „gehaalde bij opgem, briev, aldaar hunne ochuilhoeken zouden delken optezoeken en des mogelijk te overmeesteren, dan wel uit het vaarwater te verdrijven. Wij orzeeren, ons mat de meeste hoog agting en vubmise te blijven. /:ondert:/ Titul /:lager:/ Uwer hoog Edelheeden zeer ootmoedige en getrouwe dienaaren. /:was geteekend:/ P: G: van Overstraten, I: van Santen, A: Hamel, B: L: van Nijventeim, F. W: Crooe, B. van der Worn, C. G: Fisscher, F: I. Rathenbukler, /:in margine:/ Samarang den 18: meij 1792. P: S: Wij eklen nog de eer uw hoog Ed: ter kennis te brengen dat oen het afchurten dezer alhier van Banjermassing aangekoomen is de Gallewet de Concordia, dewelke volgens de opgaav van diet gezachtekker, onderweege desselfs mast gebrooken heeft, en dus alhier van een ander moet voorzien worden, waartoe wij de voormelde overheeden van het schip de Bataviar gelast hebben, aon dezelve een stang afte„ „geeven, dewijl hier toe geene houten aan handen sijn. Voorts hebben wij de eer Uw hoog Ed: te bedeelen, dat mij aan de in deeze vermelde onderkoopman Brandis, op sijn daar toe gedaan instantig verzoek gepermitteerd tebben, om desselfs vertrek naar de hoofdplaatds tot een nadere geleegentheid te mogen ourcheeren — Aan den 18=e Meij 1792. 145 Aan zijn Hoog Edelheid den 17e. Junij 1792. te Joana de Eertgezindheid verdere Mhartier aanbied Den Hoog Edele Gestrengen Groot Achtbaaren Heer W. Mr Willem Arnold Alting. Gouverneur Generaal Beneevens De WelEdele Gestrenge Heeren Raaden van Neederlandt India v: &. &: Hoog Edele Gestrenge Groot Achtbaare Heer en Wel Edele Gestrenge Heeren §:o 150. Wij tekken de eer Uw hoog Edelheeden bij deezen sechuldptigtig ken, beladin endepete van oak „oms te geeven, dat de naar het comptoir Banjermessing, gedeitineerde bark de Eersgezindheid, op den 24: der gepasseerde maand Mai, de reis naar het gem: comptoir heeft aangenoomen, en dat dit kieltje te Ioa„ „na beladen is geworden, met 50: p=s balken l=a 20 a 24 v=t 125: „ moolen- planken van 2. d=m 225 „ „ „ „ 1½ „ het geen aller geweest is wat hetzelve heeft kunnen vervoeren, invoegen - Uw hoog Edelhe, der behaagende, nader consteeren zal uit de neevens, warrom mer de factuur en de 0 „gaande verklaaring der overheeden, waaraan wij verzoeken ond te mogen refereeren 151 den 18e Meij 1792. ctie moeten worden werede ge aan bark valt niets te remarquneeren de schapen landin soggerbank on der Arend. „rche militairen aangekoomen zijn. den 17e. Junij 1742. relereeren, met aanbieding tevind van het afschrift der cogrosement fac„ „tuur, van de voorsz: in dat vaartuig afgelaadene articulen, bedrag ende met de afscheepe ongelden te zarmen ƒ 1011: 17: 8., en hij welke factuur ook tevens naar het bovengem: comptoir aangereekend is een montant aan dat hulje heft eenige repere van ƒ 174: 58:, dat blijkend de daarbij g'annexeerde specificatie, biesteed id tot het calvaaten, item repareeren en aanmaken van een nieuwesteng voor dat kieltje, alsoo de overheeden, bij een verschriftelijke verklaring, waarvan meede copia in deeze overgaat, betuigd hadden, dat zulks ten kougsten noodzaakelijk was. op de knuitecking van gen. §s 181 Wi biden Uw hoog Edelheeden ok bij deezen aan de kuitrekening van de gem: brck de Eersgezundkerd, en neemen de vrgjheid te noteeren dat ons daarbij niets te remarqueeren is voorgekomen. anie alhier op diese dat im oon lo 182. stel door Uw hoog Edelheeden, ter afhaal van rijs, naar dit gou„ „vernement aangelegde schip Candia, us op den 24:=' der gepasseerde maand chai alhier g'arriveeerd, en op den 29:e daaraan het schip de Daggersbark„ wanneerd eenige wurentengelijk vak op den 6: deezer het schip de Arend, en met die kielen zijn alhier wel aangekemen, da tot het Regiment van de Hertog van Wur„ „temberg gekomrende twee Predikanten, beneevens 3 afficieren en. 35. on„ vSinland „derafficieren en gemeene; terwijl op de reis naar herwaards 3 gemeene overleeden zijn, van welke manschappen wij de eer helben uw hoog Edelheeden in deezen de naamlijst aantebieden, onder needrige dankluten„ „ging terend voor de ons ook met gedagte kielen toegesondere goederen, 40: p=s moolen planken halve van 2 d=m van :

NL-HaNA_1.04.02_3986_0159 view scan ↗

English

147 the 17th of June 1792. the 17th of June 1742. with out laden properly, one sends the same meanwhile for the collection of military barracks: of whose delivery we shall subsequently have the honor to inform Your High 8 Noblenesses. Paragraph 183. The two first mentioned ships, Arend and the Doggerbank, having been designated by Your High AH Noblenesses to be laden with rice, we shall not fail to make this our dutiful notice and observance; but since here and there only a beginning is being made, because that grain is not yet f with the cutting of the paddy, and thus little or nothing has yet been delivered, so materials for the building of we have thought it best meanwhile to employ the mentioned keels for fetching the timber and masonry bricks required from the subaltern offices for the military barracks to be built here; 5 which the officers have assured us could be done without the least prejudice to their respective vessels, and we have consequently sent the first-named vessel to Rembang and Joana, and the latter to Grissee, with orders to the servants there to ship on those keels only so much of the mentioned articles as they shall have in stock, and then, without waiting for the remainder, to dispatch the same directly back hither; and since little or nothing will be neglected thereby, as the mentioned keels will be able to be present here again by the time the rice delivery properly begins, we flatter ourselves that this our course of action may obtain the esteemed approval of Your High Noblenesses, the more so because the vessels belonging here have not as yet returned from their cruise against the pirates, and 151 the 18th of May 1792. departure of a cargo of timber from Joana shall withdraw of an aborted voyage to Rembang returned it has been forced The 17th of June 1792. and we were therefore completely lacking any other opportunity for to fetch, for the present, a portion of the said materials, in order immediately to be able to make a beginning with the building of the aforesaid barracks, since 0 experience shows that the bamboo barracks provisionally erected for the Wurttemberg troops present here are very unhealthy, and thus no haste can be too great in the erection of the projected stone barracks. to the departure to 184. The ship the Arend, on the other hand, we shall, after discharging the goods brought therewith, allow to depart directly for the office of Joana, to take in a cargo of timber there, and then return with the utmost speed to Batavia. to the return of Juffrouw 185. Meanwhile we have the honor hereby to inform Your High Noblenesses of the return hither, from an aborted voyage to Rembang, of the ship the Juffrouw Johanna, under submission of an extract from the proceedings in the ship's council on board that vessel, from which it will please Your High Noblenesses to observe: that the officers did not proceed thereto until they had for a long time struggled near the so-called Daniels reef with east and east-south-east winds and heavy squalls, and had no more than two leagers of water and three sacks of rice on board, and they could thus no longer keep to the sea, the more so because the wind blew daily with heavy squalls from the south or south-south-east, and they therefore feared 28 pieces mill planks half of 2 inches they the 17th of June 1792. 149 the 17th of June 1792. has again been properly provided, Rembang again resumed of the officers of the just mentioned ship regarding the breaking into pieces allowed to depart the monthly wages of 5 European seafarers who on the hired bark of the Captain Chinese at feared that they might drag from their anchor, and then, because they had only one anchor before the bow, would without victuals be driven entirely away from the Semarang roadstead. We have, and after it had been provided with everything, upon the return hither of this vessel, immediately had it provided with the necessary it has on the 21st of May the voyage to drinking water and provisions, as also with a heavy anchor and cable, in place of that which, according to the accompanying declaration given under offer of oath by the officers stationed on that vessel at the requisition of the commander Francois Hamonnet, was lost on the reef, f and wherewith that vessel subsequently, on the 21st of May last, has resumed the voyage to the office of Rembang. Paragraph 186. We likewise hereby offer Your High Noblenesses a copy of a transmission of a declaration another declaration given under offer of oath by the officers stationed on the mentioned ship the Juffrouw Johanna, at the requisition of the aforesaid commander Francois Hamonnet, regarding the breaking into pieces of 9 pieces of capstan handspikes when weighing the anchor, with the respectful note that we have in their place supplied other ones to that vessel: and in place of which one has other Paragraph 187. In continuation of what was communicated in our submission of the 17th of February last, we have the honor to inform Your High Noblenesses: that we have ordered the Surabaya servants Surabaya has placed 5 to pay the monthly wages and the further provisions which to the 5 European seafarers placed on the bark chartered to the Company by the Captain of the Chinese there for the transport of rice on freight to Banda, 5 2 151

Dutch transcription

147 den 17e. Junij 1792. den 17e: Junij 1742. met uijt beladen gered lijk, brieft men dezelve intrus„ „scher tot den afhaal van maten „litaie beratten: van welkerd in'tleevering mij nader de eer zullen hebben Uw hoog 8 Edelheeden terms te geeven. §o 183. se twe eer gem: schepen andir en de Dogerbant done uw voon retem antijn ulk ee AH Edelheeden bestend zijnde, om met rijst beladen te worden, zoo sullen wij niet manqueeren, ons zulx tot schuldige naricht en observantie te lasten strekken; dan vermits 'er hier en daar eerst een legin word gemaakt, dag vermits dien korl nog niet ƒ met het snijden der padij en dut nog weinig of niets geleevert is, zoo araalen oor de optahouwere in „ hebben wij liest gedagt de gem: kielen intusschen te emploijeeren tot het afhaalen van de voor de alhier optebruwere militaire baratken, van 5 de subalterne comptoiren gevorderde houtwerken en metselsteenen; het geen de overhaden ond, betuigd hebben, dat zonder de minste prae„ „ejudicie van hunne onderhebbende kislen geschieden konde, en wij heb„ „ben dienvolgende de eerstgenoemde bodem naar Rembang en Joana, en de laatste naar prissee gezonden, met last aan de Bediondens aldaar, om in die kielen alleen zoo veel van de gem: articulen aftescheepen, als bij hun in voorraad zal zijn, en dezelve dan, zonder naar het overige te waahten, direct naar herwaards terug te depecheeren, en vermits hier door weinig af niets verzuimd zal worden; alzoo de gem: kielen, teegen dat de rijstleeverantie regt begint, alhier weeder zullen kunnen aanweezig zijn, soo platteeren wij ons dat deese onse handelwijs de g'eerde approbatie uwer wog Edelh: zal mogen wegdra„ . „gen, te meen, daar de alhier te huis hoorende vaartuigen, voor als noch van hun kruistoets leegen de seerovers niet zijn terig gekoomen, en „ 151 den 18=e Meij 1792. vertal van enladig houtwerken van Sorna sul ontrekken van een verbooren rete waar Rembonij bernj gekomen den is genoochaakt geworden Den 17e: Junij 1792. en het ons derhalven volstrekt aan andere geleegentheid heeft ontbrooken, voor ter afhaal voor eerst van een gedeelde der gezegde materiaalen, ten einde met het opbouwen der voorsz: barakken dadelijk een begin te kunnen maken, alsoo 0 de ondervinding doed zien, dat de voor de zict alhier bevindende Wuntem„ „bergsche trouper bij provisie op geslaagene bamboesene baratken zeer ongesond zijn, en dus met de opreekting der geprojecteerde steene beratken ng niet te veel haart kan worden gemaakt. ter uijt tet verijde ben te 184. Het schip de Arend zullen wij daarenteegen na ontlossing der daar„ „meede aangebragte goederen, direct naar het comptoir Torna laten vertrekken, om aldaar een lading houl inteneemen en dan ten spoedigsten naar Batavia te retourneeren. tet voln 2 jussou bekenem 5. Taturseten belken wij de ee uw hoog Edelheden hij deezen kennis te geeven van de terugkomst alhier van een verlooren reid naar Rem„ „bang, van het schip de Juffrouw Iohanna, onder aanbreding van een „ extract uit het verhandelde in de scheepsraad aan boord van dien bo„ „den, waaruit uw hoog Ed:, der behagende, zal komen te belijken: dat mintae het den centriues wijde overheeden daarol niet overgegaan zijn, als dat deszelve over eer waard lang hij de zoogenaamde dunieels klip, met oost en oost zuid ooste win„ „den, en zwaare buijen gesutteld en niet meer dan aog maar twee leggend met water en drie satken met rijst aan boord hadden, en sij het dus nit langer in see konden houden, te meer daar de wind dagelijks met swaa„ woer „re buijen uit het zuiden af zind nuid oosten waard, en sij derhalven te„ 28. p=s moolen vlanken halve van 2 d=m „duijt den 17e: Junij 1792. 149 den 17e: Junij 1792. weeder behoorlijk heeft laten voorsien, rembrug werder hervat van de overheeden van eeven gem: C. schip weegens het in stukken breeken laten vertrekken de maandgelden van 5 huropische zeevaarende die op de ingehuurde bank van de capiteinchinees te „dugt weren, dat ij van hun onter souden hunnen afslaan, en als dan, uit hof „de dat sij maar een anker voor de boeg hadden, sonder victuatie geheel c - 3 van de Samarangsche rheede zouden weggedreeven worden. —: wij hebben en naardin men het zelve van alles deeze bodem hij terug komst alhier ten eersten laten voorzien van het benoo haft hat op 2: 21: meij de uit naar sigde drinkwater en aandorenen, als ook van een swaar anker en touw, in steede van het geen, blijkens de neevensijaande door de op dien bodem bescheidene officieren ter requisitie van den gezachoverder Francois Kle„ „monnet gegeevene verklaaring, onder prascntatie vm eede, op de aerd ver„ ƒ „looren is geraakt, en waarmeede die bodem vervolgens op den 21: Mai: pas afato de rerd naar het comptoir Rembang hervat heeft. § 186. Wij bieden Uw hoog Edelh: dergelijks bij deezen aan copia van een varhiding van en verklaring andere van de op het gem: schip de juffrouw Johanna bescheidene affi van ges pil ten praken „ciers, ter requisitie van voorsz: gezashvoerder Francois Hamonnel„ onder praesentatie van eede, gegeevene verklaaring, weegens het in stuk„ „ken breeten van 9. p.=s opil hand opaaken, bij het ligten van het anter, onder eerbredige notitie; dat wij aan dien bodem, in dier plaats, weeder vn in welken pantek nen andre heeft andere heben laten verstrekten: § 187. Ten vervolge van het bedeelde bij onse submissie van den 17: febr: l: t:, hebben wij de eer Uw hoog Ed: te berichten: dat wij den souralaijaroken Beden, dhiralaij in gestert 5 adens gelagt hebben, om de maandgelden en de verdere verstrektingen, welk aan de op de door den Capitain der Chineesen aldaar, tot de vervoer van rijst op vraakt naar Banda, aan de comp=s verhuurde bart, geplaatste 5 „ 2 151

NL-HaNA_1.04.02_3986_0162 view scan ↗

English

May 18, 1792. being, to reimburse those to be excused. June 17, 1792. it was decided regarding the 5 European seafarers who were placed on that small vessel, to have the said Captain Chinese reimburse them, as he, being the lessor of that vessel, had been obligated to properly equip the same, and to ensure that it was not necessary to place any other company seafarers on that vessel besides the master; but that in response, we were informed by the said officials: that the said Captain Chinese had petitioned to be excused from the aforementioned reimbursement, stating that he had properly and as much as possible ensured that his said bark was not only properly provided with all necessities and to the satisfaction of that master, but was also equipped with competent native seafarers, and indeed the very same who had always sailed on that vessel, consisting of 4 jurumudis or steersmen, 2 jurubatus or boatswains, and 27 sailors, together with a Chinese juragan or skipper and two other Chinese, thus altogether 36 heads, all good inhabitants; that he, the Captain, had therefore been unable to place better or more competent crew on this vessel, or to take any other measures in that regard; and that it would consequently be a hard thing for him to have to make reimbursement for expenses that could have been saved if the European master had undertaken the voyage without requesting the aforementioned assistance of 5 European sailors, if he had otherwise possessed the necessary qualities to deal with the natives; yet that he, the Captain, nonetheless, to show that he had in leasing that vessel not sought profit so much 40 pieces of half-inch mill planks of 2 inches sought 151 June 17, 1792. having already in previous times consented presentation of a declaration of the sailors who had been stationed on the gurab De Reijger sought, as well as to oblige the Company with the transport of rice to Banda, requested that upon the safe return of the said vessel, he should only be reimbursed for the expenses that had to be incurred, both for putting the same into proper condition and provisioning it, as well as otherwise; but regardless of this offer, and for which the Surabaya officials, a request was made by the Surabaya officials that not only the determined freight money should be paid, but that the owner of the aforementioned vessel should also be excused from reimbursing the monthly wages and the rations issued to the aforementioned 5 Europeans, on the one hand because he receives 5 rixdollars per koyan or 750 rixdollars on the entire cargo less in freight charges than the owners of the other hired barks, and on the other hand because it would little encourage the inhabitants to assist the Company in the future, in times of need, with their vessels and crews or otherwise, if one did not also try in some way to accommodate them; and since these cited reasons also appeared to us not to be unfounded, we therefore made no difficulty in granting the said request of the officials, in the hope that this will meet with the satisfaction of Your High Nobilities. Section 188. With relation to the debits and credits, we hereby present to Your High Nobilities a declaration given at the local Secretariat of Policy under offer of June 17, 1792. remaining goods that have fallen into the hands of the pirates oath, by Gerrit Nieuwland, Christoffel de Wit and Arie van der Spruit, sailors who had been stationed on the locally stationed gurab De Reijger, with a report from Joseph Bossattiel, Captain-Lieutenant at Sea and Equipage Master here, containing a statement of the goods that, upon the capture of this small vessel by the pirates, fell into the hands of that rabble and were thus lost, consisting of From the gurab De Reiger. 6 pieces metal swivel guns of 1 lb 300 filled cartridges of 1 lb or 150 lb of gunpowder 300 round shot of 1 lb 60 grape shot of 1 lb 3 powder kegs 6 powder horns 6 copper priming irons 6 steel cannon drills 6 sponges and rammers of 1 lb 6 copper cannon ladles and scrapers of 1 lb 4 linstocks 12 bundles sharp musket cartridges 6 bundles sharp pistol cartridges 4 bundles match 6 pieces flat lead 30 long lead of 1 lb 10 lb 153 1 piece 10 lb fine priming powder June 17, 1792. 6 pieces copper cartridge cases of 1 lb 1 copper powder lantern 6 muskets 6 pistols 3 cutlasses with brass hilts 3 swords or broadswords 6 cartridge pouches 1 iron musket scraper 24 gunflints 1 boat grapnel 1 anchor cable of yellow coir 100 ballast irons 1 copper fish kettle and lid 1 whole aam for water casks 7 half aams 3 buckets 1 ordinary night binnacle compass 1 copper binnacle lamp 1 deep-sea lead 1 lead line 1 hand lantern 1 mop 1 Prince's flag

Dutch transcription

den 18=e. Meij 1792. wordend, die te vergoeden g Eevcusert te worden. den 17e. Junij 1792. heeft men van din cagjitinge 5 Europesche zeevaarenden, zijn gedaan, don gem: capitain Chinees te doen vergoeden, alzoo hij, als verhuurder van dat vaartuig verpligt was geweest het zelve behoorlijk te equipeeren, en te zorgen, dat men niet nodig had gehad op dat kieltje, buiten den gezackkekker, noch andere dierte versookt beste daar van comp=s seevaarende te plaatsen; doch dat daar op ons door den gem. Be„ „diendens is bedeeld geworden: dat gedagte Capitein Chineers verzoek had gedaan, om van de voorzeijde vergoeding g'excusseerd te mogen worden, als zeggende behoorlijk, en, soo veel doenlijk gezorgt te hebben, dat zijn ge„ „dagte bark niet alleen van al het benoodigde naar behooren en tot genoegen van dier gezackhekker, voorsien, maar ook g'equipeert was geworden met bekwaame Inlandsche zeevaarenden, en dat wel dezelfde ^ of stuurlieden die altoos op dat vaartuig gevaaren hadden, liest aande in h. Iuromoodies= 2 Jurabatoes af bootslieden, en 27 matroozen, mitsgaders een chineese Iuragan of schipper en noch twee andere Chineezen dan wel te zamen in 86. koppen, alle goede ingereetenen — dat hij capitein dus buten daat was geweest op dit vaartuig beeter of bekwamer volk te plaatten, dare wel daaromtrent iets anders te kunnen in het werk stellen— en dat hit derhalven voor hem een hande zaak soude sijn, de vergoe„ „ding te moeten doen, van ongelden die zouden hebben thunnen worden geme„ „rageert, indien de Europeescha gezachtekber de reis had ondernoomen, zonder de voormelde advijstentie van E Europesche Matroosen te vraagen, zoo hij ander de benordigde ereisetend bezat, om met den inlaaden te stub„ „nen omgaan, dag dat hij Capitain der niet te min, om belijken te geever, dat hij wal het verkuuren van dat vaartuig soo seer geen voordul had 40. w=s moolen planken halve van 2 d=m betragt 151 den 17e. Junij 1742. „dond oreede in danti geden hebben wwillijd heeft oarbreding van ee verklaaring van de op de Goerap de Rijger bescheiden ge¬ „weest sijnde mattroosen betragjt, als wel om den comp: danmeeder tot het transport van rijst naar Banda te gerieven, versogt, dat aan hem, bij behouden terug komst van het meermeld vaartuig, eenlijk souden mogen vergoed worden de ongelden, diet 'er, zoo tot het in staat brengen en voorziening &=a van het zelve, als andersints hebben moeten worden bekostigd; — dan ongerekt deeze aor, en wartoe de suratijenste bedien„ „buding, us door den sourabajaschen Bediendens versoek gedaan, dat niet alleen de bepaalde veachtpenningen zouden mogen worden betaald, maar dat oak de eigenaar van het voormeld vaartuig zoude mogen g'ox„ „ „cusseert worden, van de vergoeding der maandgelden, en de verstrekte randsoenen aan de voorsz: 5. Europeeschen, eenrdeels, om dat hij 5 rd=s per koijang of ad:o 750: op de geheele laading, minder aan verschepen min„ „gen geniet, als de eigenaard van de overige ingehuurde barken, en ten anderen, omdat het de ongeseetenen weinig animeeren zoude, om de comp=s, in het vervolg, bij verleegentheid, zoo met hunne vartuigen en manschappen, als anderzints meer te adsisteeren, indien men dezel„ „ve niet ook eenigsints tragtte te gemoed te komen- en naardien waaromme men ook daerine la„ ons deeze aangehaalde reedenen meede niet ongegrond zijn voorgekomen, 2o0, hebben wij geen swaarigheid gemaakt in het gem: verzoek der Bedierdens te bewilligen, in hoop, dat zulx naar het genoegen van Uw hoog Edelh: weezen zal — §o 188. Met relatie tot de In en Afschrijvingen bieden wij Uw hoog Edelheeden hier neevens aar een ter secretarije van Potitie alhier gegeevene verklaaring, onder praesentatie van den 17e: Junij 1792. „rige goederen als in handen der see¬ rourt sijn geraakt van eede, door de op de alhier te huijshoorende Goerap de Reijger beschei„ „den geweest sijnde matroosen, Gerrit Nieuwland, Christoffel de Wit en Arie van der Spruit, met een berich van den Capitain Lieu„ „tenant ter Zee en Equipage op ziekter alhier Ioseph Bossattiel, bekel„ behelvende een gegave van soode, „ zende eene opgaav van de goederen, welke, bij het neemen van dit n door de zeerovers kieltje, in de handen van dat gespuis gevallen, en dud verlooren geraakt zijn „ bestaande in Van de Goerap de Reiger. 6. p=s metarle drai passen van 1 lb 300: - gevulde kardoessen van 1 lb off 150. lb burkruit 300 „ rond scherp van 1 to 60. „ druiven „ 1 „ 3 „ beursvaatjes 6 „ Kruithoorens 6 „ Koopere laadpriemen 6 „ staale kanon booren 6 „ wissers en aanzetteid van 1 lb 6 „ koopere kanon leepels en kratzerd van 1 lb 4. „ Londstokken 12. b=s scherpe snaphaan pattroonen 6 „ „ pistool 4 „ lond 6 p s plat looden. 30„ lang „ „ 1. „ 10. lb. „ 153 1p=s 10. to fijn oproei kruit den 17e: Junij 6. p=s kopere kandoed kookers van 1 lb 1 „ _o kruit lanthaaren 6 „ snaphaanen 6 „ pistoolen 3 „ houwers met koper gevesten 3 „ deegens of plampers 6 „ pattroon tassen 1 „ ijzere snaphaan kratser 24 „ vuursteenen 1 „ boots dreg 1 „ ankertouw van geele vijger 100 - ballast ijzers 1 „ kopere visch keetel en deksel 1 „ heele aam tot water vaeten 7. „ halve „ 3 „ putsen 1: „ gemeen nagthuur compar 1 „ koopere „ lamp 1 „ diep lood 1 „ lond lijn 1 „ handlanstaren 1 „ slonsje 1 „ prince vlag

NL-HaNA_1.04.02_3986_0166 view scan ↗

English

3 pieces the 17th of June 1791 1 piece blue flag 1 piece blue pennant 1 iron grapnel 2 square sails of Dutch canvas 2 booms or yards cut to pieces and broken all standing and running rigging the iron bands of the rudder 8 pieces chain plates 8 pieces tack bolts 32 pieces single blocks 8 pieces double-sheave blocks 14 pieces strops and thimbles the iron socket of the flagstaff 8 pieces hinges of the benches and door of the cabin 2 sheaves with metal bushings and iron pins as well as, having been on a towline, 50 pieces large Tinkam planks from the pantchiallang Lassum 3 pieces metal swivel guns of 1 lb 150 filled cartridges of 1/2 lb or 75 lb of gunpowder 150 pieces round shot of 1 lb 15 pieces long shot of 1 lb 30 pieces grape shot of 1 lb 3 pieces sponges and rammers of 1 lb for signal flags 155 the 17th of June 1742 3 pieces copper cannon ladles and scrapers of 1 lb 3 powder horns 3 copper priming irons 3 steel cannon drills 2 cartridge kegs 4 bundles sharp musket cartridges 2 match cords 50 pieces quarter-pounder balls 50 half cartridges or 12 1/2 lb of gunpowder 5 lb fine priming powder 1 piece musket 1 iron musket scraper 1 hanger or sword 5 flints 1 piece hand lantern 1 prince flag for signal flags 1 blue flag 1 blue pennant as well as, also from the timber that had been on a towline, 30 pieces large Tinkam planks and 335 Chinese planks besides also some small pieces or scraps of calambac, item weapons and pikes of the Regent of Lassum, of which, however, the declarants state they cannot give the exact number. And the 17th of June 1742 submission of the answers to the requisitions of the articles demanded from Java And from the two praus of Tayu 2 pieces iron swivel guns of 1 lb 100 filled cartridges of 1/2 lb or 50 lb of gunpowder 100 round shot of 1 lb 50 grape shot of 1 lb 50 quarter-pounder balls 2 steel cannon drills 2 copper priming irons 2 sponges and rammers of 1 lb 2 cannon ladles and scrapers of 1 lb 2 cartridge kegs 2 powder horns 2 pieces match cords 2 bundles sharp musket cartridges 2 pieces swords or hangers 2 prince flags and 4 lb fine priming powder for which write-off of, and we most respectfully request authorization from Your High Excellencies in order to be permitted to write off in our books these articles, lost so unfortunately. Section 189 The answered requisitions of all such articles as in the past year 1741 were demanded from Java, as well as delivered, and remained unfulfilled, we take 157 we take the liberty of submitting to Your High Excellencies herewith the 17th of June 1742 with the respectful request that we may conduct ourselves accordingly. Section 190. We also offer Your High Excellencies herewith a petition sent to us by the Resident of Japara, addressed to Your High Excellencies, from the head of the Chinese at the said office, Hang Tjangsing, wherein he makes the request that he, notwithstanding the prohibition in force against it, may be permitted to have built in the village of Klotok, under that district, a private vessel or bark of 16 to 17 feet and provided with a Dutch rudder, stating that the workman, both because of lack of work for the Company at the ship carpentry wharf there, and because the private timbering and repairing of vessels permitted at the said office provides very little work, finds himself compelled to go elsewhere, and that this construction therefore can in no way tend to prejudice the Company's work; and since this assertion by the petitioner appears well-founded and he at the same time assures in his said request that he will endeavor to obtain the timber needed for this construction from the Lassum and Tuban districts, and the Company's timber supplies will thus suffer no harm thereby; we therefore take the liberty of respectfully presenting his request to Your High Excellencies, 40 pieces the 17th of June 1792 surgeon Braune, ammunition delivered to the same insisting that Your High Excellencies may deign to reflect favorably upon it. The former head surgeon Johan Godlieb Braune, residing at Pasuruan, having made a request to us by petition to be assisted on loan, for his intended voyage to Malacca by a private bark, with some ammunition from the Company's stores, stating that he would otherwise not dare to undertake it without being sufficiently armed, on account of the numerous pirates who currently make the waters unsafe, we have, based on the soundness of this expressed apprehension, and in order not completely to ruin the private trader who has gradually declined so much and who this year, due to the more than ever considerable force and unheard-of boldness of the pirates, will not amount to much, found ourselves obliged to let the said Braune be provided here from the Artillery with 4 pieces iron cannons of 4 lb 2 pieces iron cannons of 2 lb 2 pieces iron cannons of 1 lb 120 round shot of 4 lb 120 round shot of 3 lb 40 long shot of 4 lb 4 long shot of 3 lb 60 long shot of 2 lb 9

Dutch transcription

3 p=s den 17e. Junij 1791 1 ps blauuw dlag 1 „ „ wimpel „ 1. ijzere woerpen 2 „ ahae zeilen van hollands doek. 2 „ bouwen of rhaed aan stutken en brakken gekopt. het geheele staande en loopende touwerk de ijzere bonden van het roer 8 p„s putting ijzers 8 „ tak bouten 32 „ enkelde klatken 8 „ tweee schijff blatker 14. „ broetken en koussen de ijzere kooker van de vlaggertok 8 p=s kengsels van de banken on deur van de cajuit 2 „ schijven met metale bussen en ijzere nagels mitsgaders de op oleeptouw gehad hebbende 50 p=s groote tinkamse planken van de pantjalling Lassum 3 p=s metaale draaijbassen van 1 lb 150 „ gevulde kardoeren van 4 lb: of 75. lb buskruit. 150 „ rondsckerp van 1 lb: 15 „ lang „ „ 1. „ 30 „ druijven „ 1 „ 3 „ wissers en aanzetterd van 1 lb. tot zein vlaggen. 155 den 17e. Junij 1742. 3 p=s kopere kanon leepels en krateerd van 1 lb 3 „ kruithoorens 3 „ koopere landpriemen 3. „ otaale kanon booren 2 „ beursvaatjes 4 b=t scherpe snaphaan pattroonen 2 „ lond 50 p=s quart ponder kogels 50 „ halv „ Kardoezen of 12½ lb buskruit 5 lb fijn oproei kruit 1 ps snaphaare 1 „ ijzere nnaphaan kratzer 1 „ plamper of deegen 5 „ vuursteenen 1 p=s handlanthaaren 1 „ prince vlay tot hein olaggen 1. blauwe „ 1 „ „ wimpel mitsgaders oosk van de ook op sleeptouw gehad hebbende houtwerken 30 p=s groote tinkamsche planken en 335 „ Chineesche planken behalven noch eenige kalaponder otukjes of aantukken, item geweezen en pieken van den Lassums Regent, dog waarvan de declaranten zeggen het juste getal niet te kunnen opgeeven. En den 17e. Junij 1742. vak doed aanbieding van de brantwoording der eijschen van de van Java ge„ „vraagde artivalen En van de twee prauwer van Taijoe. 2. p=s ijzere draaibassen van 1 lb 100 „ gevulde kardoezen „ 1 „ af 50. lb buskruit. 100. „ rondockerp van 1 lb 50 „ duiven „ 1 „ 50 „ quart ponder kogels 2. „ staale kanon booren „2 „ koopere laad priemen 2 „ wissers en aanzetterd van 1 to 2 „ kanon leepels en kratsers van 1 lb 2 „ beursvaatjes 2 „ kruthoorens 2 p=s lond 2 a scherpe snaphaan pattroonen 2 p=s deegens of plampers 2 „ prince vlaggen en 4. lb fijn oproei kruit. om welken afschijving nan en, en wij verzoeken op het eerbiedigste qualificatie van uw hoog Edelh„ om deezer zoo ongeluskig verlooren geraakte articulen, hij onse boeken te mogen afschrijven. § 189 De beantwoorde Eisschen van al soodanige articulen als in den gepasseerde jaare 1 ƒ 2 van Iava gevordend, mitsgaders geleeverd, en onvoldaan gebleeven zijn„ neemen - 157 neemen wij de vijteid Uwn hoog Edelheeden neevens deze te sra- den 17e. Junij 1742. „reet te horna om in dat dis„ „tret een bark te mogen aan„ „ten toekomen, met eertriedig verzoek, om ons daaraan te mogen gedraagen. § 190. Wij biden Uw hoog Edelheeder ook hij deezen aan eendoor itaste mede egetinactie de Jorras Resident ond toegezonden requert, aan Hoogst Dezel „ limmen „ven g'adriseer, van het hoofd der Chineezen ten gem: Comptori„ „re Hang Tjangsing, waarhij dezelve verzoek doet, dat aan 1 daar hem, niet teegenstaande het daen tegen leggend verbod, gepermit„ „teerd mag worden, om in de onder dat district varteerende nego„ „rij klotok, te laten aanbouwen een Particulier vaartuig of bark lo 16 a 17. = en voorzien met een hollandt roer, als seggende, dat de arbeidtman zich, zoo uit hoofde van gebrek aan werk voor de comp=e op de scheepstimmerweek aldaar, als om dat de particutiere vertimmering en reparatie van vaar„ „tuigen, die ten gem: comptoire gepermitteerd is, ook maar wer„ „mij werk verschaft, genoodzaakt vindt, zich aan elders te begee„ rven, en dit deeze aanbouw derhalven geenzints tot prajuditie kan strekken van comp=s werk; - en vermits dit g'allequeerde door de supp=t gegrand- voorkomt en hij tevens bij sijn gem: request verzee„ „kerd, dat hij het tot deese aanbouw benoodigde hout uit het Lassumsche en Toubansche zal tragten te bekoomen, en Comp=s houtasschen dus daar door geen nadeel sullen leiden; soo neemen wij de vrijserd dat zijn verzoek aan uw hoog Edelh. quartig vor te dra„ ngen 40 p=s den 17e: Junij 1792. chirurgijn Braune, aan dezelve ge ammuunitie goederen afgegeeven „gen in te iusteeren, dat het vloogst Dezelven betragen mag daarop een favorabele reflectie te slaan. on te war vn den ndegen 94. de te Pagara remorierende ond opechirungn Johan Godlick tot sijn uize vaar chalaccr een„ Braune, aan ons bij request versoek gedaan hebbende, om, tot zijne te doene toikt naar Malacca, per een particuliere bark, met eenige amunitie goederen uit comp=s voorraad ter leen te mogen worden gead„ „sisteerd, als zeggende dat hij die anders, zonder sufficiert gewaapend te zijn, niet soude durfen onderneemen, uit hoofde der meenigvuldige zee„ „roverd, welke het vaarwater tehand onveilig maken, zoo hebben wij op fondament van de gegrondheid deezer te kennen gegeevene bedug„ „tung end om den particulieren handelaar die successive zoo seer ver„ „vallen is, en wrn dit jaar door de meer dan ooit aansienlijke macht en ongehoorde stoutheid der Leerovers niet naamwaardig zijn zal, niet ong geheel te niet te doen gaan ond wel verpligt gevonden aan gem: Blau„ „ne alhier uit de Arthillerij laten verstrekken 4. p=s ijzere kanons rrat 4. lb 2 „ „ „ „ 2. „ 2 „ „ „ „ 1 „ 120 „ rondscherp „ 4 „ 120 „ 40 „ lang „ „ 4. 4 „ „ „ „ 3 „ 60. „ „ „ 2 „ „ „ „ 3„ 9

NL-HaNA_1.04.02_3986_0171 view scan ↗

English

159 40 pieces elongated shot of 3 lb the 17th June 1742. have made available 40 grape shot filled with lead of 4 lb 20 grape shot filled with lead of 2 lb 2 copper cannon ladles with pig bristle tampions of 4 lb 2 copper cannon ladles with pig bristle tampions of 3 lb 1 copper cannon ladle with pig bristle tampion of 2 lb 10 sponges and rammers assorted 12 copper priming irons 12 steel cannon drills 50 powder horns 2 match tubs 12 bundles match cord assorted 40 elongated shot of 3 lb 20 elongated shot of 2 lb 24 elongated shot of 1 lb proper We trust that this course of action will meet with Your Right Honourables' esteemed approval, both for the aforementioned shipowners and because under these critical circumstances of the times it has become absolutely necessary to support as much as possible the merchants, who seem to be growing entirely despondent due to the numerous losses they have suffered for several years in succession, so that they may protect their vessels and goods against that rabble of pirates; then, in order nevertheless to secure the Company regarding this granted assistance, we have, through the aforementioned Brauwe here, the 17th June 1741. at Joana for a voyage to be undertaken to Malacca 4 pieces of cannon issued on loan payment in ready cash here at had proper security provided for the restitution of the said items, so that in case any of them should be lost or found unserviceable, the same will then be compensated with two capital advances, and of which guarantee we have the honour to present the copy to Your Right Honourables herewith, while we shall also send a copy thereof to the Malacca Ministry, in order to guide themselves thereby. Paragraph 192. We have in like manner, upon the request submitted to the first undersigned by the Joana Resident on behalf of the head of the Chinese nation there, Hang Tjangking, assisted the same with 4 pieces of iron cannon of 4 lb, together with the necessary round and elongated shot for them, under the very same conditions and stipulations as those under which they were ceded to the former head surgeon Brauwe, in order thereby to enable a bark belonging to the said Hang Tjangking to undertake the voyage to Malacca with peace of mind, which otherwise, owing to the many roving pirates, could by no means have taken place without great danger from them; and whereas the repeatedly mentioned Hang Tjangking has likewise requested that these pieces and shot may be ceded to him in ownership for the price that they cost the Company, with a capital advance in addition, so that he may always keep his vessel in a good state of defence, we take the liberty to ascertain Your Right Honourables' esteemed pleasure in that regard, in order to govern ourselves accordingly, the more so as this artillery is of a somewhat lighter caliber and in due time would have to be sent to Europe. 464 the 17th June 1742. the merchant and administrator at Sourabaija van Bazel, requests increase of salary repatriate Paragraph 193. Among the servants, the Merchant and Administrator at Sourabaija, Abraham Catharinus Senn van Bazel, has also submitted to us a petition to Your Right Honourables whereby he requests: that, since his contract as merchant has expired this year, it may please Your Right Honourables to restore to him the salary of 60 florins per month, now reduced to 40 florins, so we take the liberty to present the said petition to Your Right Honourables, in order to dispose thereof according to your pleasure. Paragraph 194. Likewise we present to Your Right Honourables another petition received by us for Your Right Honourables, from the ensign stationed here, Peter Julius de Schwartz, requesting that, retaining his rank, he may repatriate with one of the return ships of this year; which plea, although his contract has not yet expired, we nevertheless, upon his persistent request, could not refuse to submit to Your Right Honourables' esteemed disposition, as he states in his said petition that he has to attend to some necessary family affairs in Europe, for which, without the presence of his person, no proxies can be employed. Paragraph 195. the 17th June 1742. received petitions presented here Paragraph 195. Furthermore, we take the liberty, as is the annual custom, to accompany this with the petitions received by us from the clerks requesting their promotion or increase of salary, being: one from the absolute assistant Christiaan Godlieb Walter, requesting to be promoted to bookkeeper upon expiration of his term; one from the assistant Hendrik Godfried Slootman, requesting an increase in salary upon expiration of his term; three from the assistants Petrus Dekker, Frederik Karel Lessing, and Johan Godfried Hantelner, requesting to be promoted to absolute assistants upon expiration of their terms; three from the junior assistants Cornelis van Nimweegen, Phillip Fredrik Zeegebregt, and Johan Theodorus Antrag, requesting an increase of salary upon expiration of their terms; one from the sailor at the pen Jacobus Diensbach, requesting, because he has served here for a considerable time in the Trade Office as a clerk, to be promoted to assistant; furthermore also: one from the constable's mate serving here, Crispinus Andries Arends, requesting, upon expiration of his term, to be granted the freedom of a burgher; one from the corporal stationed at Paccalongang, Henricus de Groot, who on account of his 54 years of age and 31 years of rendered service, together with weakness of sight, requests, under the usual

Dutch transcription

159 40 p=s langsscherp van 3 lb den 17e Junij 1742. zagt laten stellen 40 „ druiven met lood gevuld van 4. lb 20. „ „ „ „ „ 2 „ 2 „ koopere kanon leepels met tuun varkens taarten van 4 lb 2„ „ „ 1 „ „ „ „ — „ „ „ 10 „ wissers en aanzetterd in zoort 12 „ kopere laad priemen 12 „ staale kanon booren 50 „ kruit hoorend 2 „ beurwaatjes 12. b=ls lond in zoort Deeze handelwijs vertrouwen wij, dat de g'eerde approbatie Uwer hoog Edelheeden zal mogen wegdragen, soo om de gem: reederen als dat het in deeze critique tijds omstandigheeden, volstrekt noodzaakelijk is ge„ ƒ „worden, den kandelaard, die door de meenigourdige verliesen, welke sij - 5 zeedert verscheide jaaren achter een geleeden hebben, geheel moede„ „loos itchijnen te worden, zoo veel mogelijk te ondersteunen, om hun. 87 „ - „re vaartuigen en goederen tegens dat roovers gespuid te kunnen be„ : „oekermen, dan, om echter de comp=s weegens deeze beweesene advis. dan om de actitatie de schreking „tontie, ook te secureeren, zoo hebben wij door gem: Brauwe alhier 40 „ „ „ „ „ „ 3 „ 20. „ „ „ „ 2. „ 24 „ „ „ „ „ „ 1 „ behoorlijke „ „ „ „ „ 3„ „ „ 2 „ den 17e: Junij 1741. te Jorna to een te doene reir naar Malaoor 4 p=t karond ter leen afgegeeven tetaaling in rijendem oogen worde alijet aar behoorlijke boegtagt doen stellen voor de restitutie der gemelde arti„ „culen om ingevalle daaroom ulld alsent mogt raaken of onbekwam word bevonden, hetzelve alsdan met twee capitaal advand te zul„ „len vergoeden, en van welke borgtoijt wij des eer kuelten Uw hoog Edelheeden in deesen het afschrift aantebieden, terwijl wij daarvan 23 ook copia aan het Malaccasch Ministerie zenden sullen, ten einde zich daarvaar te kunnen reguleeren. ook sij an in Capitain Aumers P. 192. Wij hebben inzelvervoegen, op het daartoe door de Ioanas Resident aan de eerstgeteekende voorgedragen verzoek, van het hoofd der Chineesche natie aldaar Hang Tiangking, deszelve ter een gad„ „sisteerd met 4. p=s ijzere kanons van 4: tb, beneerens hit daartoe benoodigde rond en langscherp, onder des zelfden conditain en voorwaarden, als waar„ „doot die aan den oud opperchirur zijn Branne afgestaan zijn, ter einde een gem: Hang Tjangking taekgehoorende bark daar door in staat te stellen, om de reis naar malacca met gerustheid te Tuur„ „nen aanneemen, het geen anderes, mits de veele omswervende zeerovers, dan ijvesat dat van hen ongeesints plaatd zonde kunnen hebben — en naardien meermelde Mangn Tjangking levens verzoek heeft gedaan dat deese stukken en ocherp aan hem in eigendom mogen afgestaan worden, voor de prijs, die dezelve de comp=s kiorten met een capitaal advans daarenhoven, ten ein„ „de desselv vaartuig althoord in een goede staat van teegenweer te kun„ „nen houden; zoo neemen wij de vrijheid het gaerd goedvinden van Wmt 464 den 17e. Junij 1792. den koopman en Gergerd minijtra„ tem te Sourabrija van Bazel, ver„ „saekt verkorogtig van gage - repatrieeren Uw hoog Edelheeden daaromtrent te verneemen, ten einde ons daarna te kunnen reguleren, te meer, daar dit geschuit tork van een war laliker ad, en in der tijd naar Europa zal moeten gezonden worden. § 193. Onder de Dienaaren, door de Koopman en Administrateur te Sourabaija Abraham Catharinus Senn van Bazel, almeede bij end ingediens Eijnde een request aan Uw hoog Edelheeden waaerbij hij versoek doed: dat, vermitd in dit jaar zijn verbaad als koopman g'expireerd is, het uw hoog Edelheeden behagen mag, hem de nu tot ƒ40: terug geschree„ „vene gage van ƒ 60 p=s maand weeder toetevoegen, zoo neemen wij de vrijheid Uw hoog Edelheeden het gem: rcquert aantehieden, ten einde daarover naar goedvinden te disponneeren. §o 192. Zergelijks bieder wij Uw hoog Edelheeden aan een ander bij ons en den vaandrij swart om b: ingekomen request aan uw hoog Edelheeden, van de alhier bescheiden vaandrig seler kuiles de Schwartz, verzoekende, om, behoudent zijne qualiteit, met een der retour scheepen var dit jaar te mogen repatriceeren, en welke instantie wij, schoon sijn verband noch niet g'expireert is, echter og sijn aanhoudend ensoek niet hebben tunnen weijeren, ter geerde dis„ „positie aan Uw hoog Edelheeden ooer te dragen, alzoo hij, hij zijn gem: dag soo hij 7 - request, aongeeft, dat hij eenige noodsaakelijke famisie affairee in Euro„ — apa te verrichten heeft, waartoe, sonder de teegenwoordigheid van zijn rupp=t persoon, geen gemagtigdend kunnen g'emploijeerd worden. §S 195. ƒ den 17e: Junij 1742. ingekomene requesten ven prasenteer derden hier §o 195. Voorts neemen wij noch de vrijheid vaar jaarlijksche gewoonte deerde ook verzeld te lanten gaan van de hij ons ingekomene requesten van de om hunne bevordering of verhorging van gage verzoekende Pen. „nisten als een van den absohut adistent Christiaan Godlick Walter, verzoekende om miet's' tijdd expoiratie tot boekhouder bevorderd te worden een van den Adristent Hendrik Godfried Slootman, insteerende„ mits tijds expiratie om in gage te mogen werden verhoogd. drie, van de advistenten Petrus Dekker, Frederik Karel Lessing en Iohan Godfried handeletner, verzoek doende om mits tijdd er„ „piratie tot Absolut advitenten verhoogd te mogen worden. drie van de jong Adsistenten Cornelis van Nimweegen, Phillip Fredrik Zeegebregt, en Johan Theoderus Antrag, verzoekende mits tijds expiratie verhooging van gage. een van den Matroos aan de pen Jacobus Diensbach, insteerende, om wil hij aadr een geruimen tijd alhier op het Negotie comptoir als Tonnist dienst heeft gedaan, tat adsistent te moren bevorderd worden; voorts ook: een van de alhier dienst doende burschieter Erispinus Andries Arends, verzoekende, om mits tijds expoiratie, in burger vrij„ „dom te mogen worden gesteld een van de te Paccalengang bescheidene corporaal Sohenrieus de Groot„ die uit hoofde van zijnen 54. jarigen ouderdom, en 31 jaarigene diens pres„ „teering, mitsgaders zwakheid van het gezieht, versoek doet, om, wil de gewoone

NL-HaNA_1.04.02_3986_0175 view scan ↗

English

163 the 17th of June 1792. according to which the purchase value of all Indian goods that serve as rations for the servants can be calculated [...] allowances to the common soldiers and sailors [...] to the hospital [...] to be favored with ordinary discharge pay, and one from the soldier Willem Kesseler, likewise requesting that in view of his advanced age and 30 years of service, together with an infirmity in the right arm, which he broke in the service of the Company, the ordinary discharge pay may be granted to him. All of which petitions we take the liberty of presenting to Your Right Excellencies, with the request that a favorable decision may be taken thereon. Section 196. Furthermore, we take the liberty of having this accompanied by the price-current requested by Your Right Excellencies, according to which the purchase value of all Indian goods that serve as rations for the servants can now henceforth be calculated; as well as the requested general and specific account of all provisions, both in cash and goods, that Company servants have lawfully enjoyed, as well as the also requested calculation of how much the provisions in European articles to the common soldiers and sailors will amount to in a year, and to which records we request permission to refer. Section 197. But as regards the requested considerations whether, and to what extent, the ordinary provisions both to the common soldiers and sailors, as well as to the hospitals, could also be replaced by an allowance in money, we have on that matter requested reports both from the heads of the military, navy, and artillery, and the hospital master here, which [...] the 17th of June 1742. which, as appears from their reports transmitted herewith, as well as those of the administrators of the subordinate offices, have stated to us that the abolition of the aforesaid provisions cannot well take place, because those articles can by no means be obtained from private individuals as cheaply as from the Company, nor for such a regular or fixed price, but the same differ considerably from one year to another, according to the greater or lesser supply, or in proportion as the harvest has been favorable or not, with which statement we must also agree, since the articles being provided are mostly brought from Batavia, especially the arrack so very much desired by and necessary to the common man, which cannot always be obtained privately for one and the same price, always comes to cost more than what can be sent on the Company's behalf, and is often raised to very high prices, over and above that even if the provisions to the common man in the garrisons could be dispensed with, such could certainly never take place among the seafarers and upon undertaking expeditions, since it would be utterly impossible for them to provide themselves with a supply of what is necessary on their own, and at most places whither they might be commanded and sent, nothing is to be obtained—notwithstanding that from this nothing but the most detrimental disorders were to be expected, on account of the bad use that they themselves and others would make of the money that they would receive in place thereof, and that thereby nothing else would be effected 165 the 17th of June 1792. than that they, often destitute of everything, would turn to excesses, and not to mention that one could never be certain that those articles which are now provided would always be obtainable in a sufficient quantity, and the shortage would therefore give rise to dissatisfaction and unrest; wherefore we also, for all these reasons, together with the said reporting officers, subject to correction, believe that it would by no means be advisable that the provisions currently taking place for the soldiers and sailors be exchanged for a disbursement of money to them, and consequently also request that the same may be maintained, and the proposed equivalent therefor may be dispensed with, just as we likewise solicit regarding the provisions to the hospitals, as it appears to us that, if the supply of the necessary articles for the sick must take place privately, it will always be very deficiently arranged for the patient. Section 198. Lastly, we take the liberty of having this accompanied by a petition submitted to us addressed to Your Right Excellencies, from the assistant Aart Quirijn Palm who arrived here with the ship de Arend, requesting that it may please Your Right Excellencies to grant him veniam aetatis, in order to be able to manage his goods himself. Section 199.

Dutch transcription

163 den 17e: Junij 1792. waarna de inkoops waarde van alle Indeusche goederen die dienen tot rand„ „soenen voor de dienaaren kunnen ge„ „reekent anden i: „strekkingen aan den gemeene militai„ „ren en zervaarende aan de hospin gewoone ust gage te mogen worden begunstigd, en een van de soldaat Willem Kesseler, meede verzoek doende dat mits zijner hoogen ouderdom, en 30 jaarigen dienst, mitsgaders een tijfig„ „heid aan de regter arm, die hij in dienst van de comp=e heeft gebroke„ aan hem de gewoone uijtgage mag worden toegelegd. alle welke instantied wij de vrijheid neemen vaw hoog Edeleeden vor te dragen, niet versoek, dat daar op een gunstige dispositie mag genonen worden §o 196 Voorts neemen wij de vrijkend deezen nog verzeld te laaten gaan van de anrbiding om e prijseniraat . door uw hoog Edelheeden gerequireerd priscourant, waarna de inkoops waarde van alle Indische goederen, die dienen tot randzoenen voor de dienaaren nu voor het vervolg zal kunnen gereekent worden; gelijk ook de gevorderde generaale en excificke notitie van alle eerstrekkinge, zoo aan contanten als goederen, die compt dienaren wettig genoten hebben, als meede de ook gerequireerde calculatie hoe veel de ver„ „strekkingen in Europesche artikulen aan de gemeene militairen en zeevaarenden in een jaar zullen bedragen, en aan welke char„ „tres wij verzoeken, ont te mogen refereeren. §o 197. Dan wat betreft de gevorderde consideratien af; en in hoe verre de veaschaffig van de gewoone ver„ gewoone verstrekkingen zoo aan de gemeene militairen en zeevaarende, trden kan niet wel plaat virden als aan de hoopitaalen, meede door eene toelaag in geld, te vervangen souden zijn, daaromtrent hebben wij zoo van den hoofden der militie„ zeevaart en arthillerij, als de Hoorpeitalier alhier opgaan gevorderd, da„ „welke x den 17e. Junij 1742. „welke ons, belijkend derzelver in deezen overgaande berichten, soo wel als de Bedivondens der vubalteine comptoiren, hebten opgegeeven dat de af„ „schafling der voorzeide verstrekkingen net wel plaats kan vinden, uit hoofde die articulen, bij particulieren, on mogelijk soo goed koop als bij de comp=e kunnen bekoomen worden, noch ook voor zoo een reguliere jaar of vaste prijd, maar dezelve het eene met het andere merkelijk differeer„ „ten, naar male van de meer of mindere aanbreng, of naar rato dat het gewasch al of niet favorabel gevlaagd is, met welke opgavee wij ons meede conformeeren moeten, alzoo de verstrekt wordende arti„ „culen, meest al van Batavia worden aangebragt, voornamentlijk de hij den gemeenen man zoo seer gewilde als noodzaakelijke arak, die niet altijd particulier voor een en dezelfde prijs te bekomen id, altijd dra te staan komt, dan die comp=s wegen kan worden verzonden, en dik„ „wijld tot zeer hooge prijzen word geheeven, buiten en behalven dat schoor ook al in de guarnizoenen de verstrekkingen aan den ge„ „meeren man konden worden g'xcusseerd, zulks dan noch echter zeeker nimmer plaat zoude kunnen vinden bij de zeevaarenden en bij het doen van expeditiën, vermits het voor denzelven volstrekt on„ „doenlijk zoude weezen zich hij voorraad van het nodige uit sich „zelvd: te voorzien, en op de meeste plaatsen werwaards si gengecom„ „mandeerd en versonden kunnen worden, niett te bekoomen is— ongeacht dat hier uit niet dan de verdeeligste disordres te voorzien zouden weezen, uit hoofde van het kwaad gebruik, dat sij zelfs en anderen van het geld dat zij in steede daarvan zouden entvangem sou„ „der 165 den 17e. Junij 1792. veriam alatis „den maken en dat daar door niets andere g'effectueerd zouden worden, dan dat dezelven dikwijld van alles ontbloot tot buitenspoorigheeden zouden overslaagen en ongereekend noch dat men nimmer verzeekert soude kunnen weezen dat die articulen, die nu verstrekt worden, al„ „tijd in een genoegsame quantiteit te krijgen zouden weezen, en het gewas daarom aanleiding tot mitnoegdheid en bewegingen soude geeven; - waarom wij dan ook, om alle deeze reedenen met den gem: Berichters, onder correctie, vermeeren, dat het in geenen deelen raad„ „zaam soude weezen, dat de thans plaats hebbende verstrekkingen aan der militairen in zeevaarenden teegens eene afgave van geld aan dezelven verwisseld worden, en dienvolgende ook verzoeken, dat dezelve mogen bliven stand houden, en het geproporneerd auivalent daarvoor mag worden g'Excusseerd, zoo als wij inzelvervoegen, om„ „trend de verstrekkingen aan de hospitaalen soliciteeren, daar het aan ons voorkomt, dat, wanneer de verschaffing van de benoodigde articu„ „len ovr de sieken, particulier geschieden moet, het als van zeer gebrek„ „tig daarmeede voor den Eijderd gesteld zal sijn. § 198. Laatstelijk neemen wij de vrijheid deezen noch verzeld te laaten den wistere solm eroet om gaan van een bij ons ingekomen request aan Uw hoog Edelheeden, van de met het schip de Arend alhier aangekomen assistent Aart Quirijn Palm, verzoekende, dat het Uw hoog Edelheeden behragen moge aan hem te accordeeren veniam atatid, ten einde sijne goederen zelve te kunnen bestuuren. §199.

NL-HaNA_1.04.02_3986_0178 view scan ↗

English

the Java the 17th June 1792. from Amboina did not have the same inspected arrival here of the ship Houglij Section 199. Having brought this into readiness up to this point, there arrived here on the 15th of this month the ship Houglij, coming from Amboina, which we, at the request of the Captain at sea Christiaan van Stratenberg, who commands it, have provided here with the necessary drinking water, along with 26 skeins of sail yarn for the repair of the sails, which the said captain declared he could not do without. while this vessel directly its voyage Section 200. We have deemed it unnecessary to have the said vessel inspected here, as it departs again directly or today in order to continue the voyage to Batavia; but nonetheless we directly placed some vessels on watch by this ship, in order to guard and strictly oversee that not only were no goods transshipped from the ship, but also that no one other than the captain could go ashore. send with it 16 tubs Section 201. We take the liberty to send with the said vessel, in secure custody to Batavia: the Javanese Nadie Tjo Soeto Merto Troeno So Kartie So Diro Pa Gatie 167 183 the 17th June 1792. the 5th July 1792. have been condemned to be banished former petty officer Kaidel, return again with that vessel brought pepper sent to Batavia the Javanese Nollo Dito Pa Saria Samadier Pa Saijma Pa Boria Pa Sida Soemo Troeno Si Koerit Peranakan Chinese Si Koijang Javanese Sitjo of whom, as appears from the enclosed copies of sentences of the Council of Justice here, the last-mentioned has been condemned to be banished for the duration of 25 consecutive years, and all the others for life, to such places as it shall please Your High Excellencies to decree. Section 202. We also let return now again to Batavia with the said vessel the junior merchant Emanuel Christiaan Brandis and former petty officer Johan Werner Kaidel, who recently came over to Java for a brief excursion for the restoration of their health. Section 203. We also make use of this opportunity to send now to Batavia with the said ship Houglij the recently unladen from the Banjarmasin galley the Concordia and here detained the 17th June 1792. Cheribon 12 pieces prauwmanyangs and 2 pieces window frames detained 50650 lb round pepper packed in 122 double straw bags, and along with a towline for Cheribon Section 204. We have likewise given in tow from here to the aforementioned vessel the following built at the office of Rembang for Cheribon: 12 pieces new prauwmanyangs, besides 2 mast stands or unworked frame timbers, with orders to the officers to call at the office of Tagal in passing, for the delivery of the said prauwmanyangs and frame timbers, and then to continue the voyage directly to Batavia, which all we trust will receive the esteemed approval of Your High Excellencies, as the cruisers and other vessels belonging here have not yet returned from the expedition against the pirates, and we were thus deprived of another opportunity to dispatch to that place the said prauwmanyangs and frame timbers, which they are currently very much in need of at Cheribon, while we have also informed the Resident of Cheribon of this, in order to be able to have the aforementioned articles fetched from the office of Tagal. tendering of a requisition Section 205. Meanwhile we take the liberty to tender herewith to Your High Excellencies an extra requisition for such articles as are still most urgently required beyond what was requested in our general requisition of 31 December of the previous year; namely: the 17th June 1792. arrival here of the ship Houglij Section 199. Having brought this into readiness up to this point, there arrived on the 169 183 the 5th July 1792. the 17th June 1792. previous year still most urgently needed; namely: 1000 lb Dutch steel 7250 lb nails assorted 3000 lb bar iron square of 1 inch 50000 lb bar iron thin long flat 100 pieces glass windowpanes of 11 to 13 inches 100 pieces glass windowpanes of 9 to 11 inches 500 pieces gunny sacks long 30 reams candous paper 300 pieces round shot of 1/2 lb 2000 pieces round shot of 1 lb 8 pieces iron cannon 1 lb 40 pieces steel cannon drills 4 pieces iron fuse ladles 2 pieces iron ball scrapers 50 leagers Arrack 6 leagers Cape wine 6 firkins Frisian butter 1 half aam olive oil 3 cases brandy 2 cases Gin 50 pieces single blocks assorted 10 hides bend leather 10 hides pump leather 10 falls the 17th June 1792. 10 rolls grey canvas 50 rolls Muscovy canvas 150 lb house-line 100 lb marline 18 rolls old rope 6 pieces sounding lines 200 pieces lantern horns 5 pieces canvas sails 6 pieces white lines of 12 threads 6 pieces white lines of 9 threads 8 lasts wheat 2 lasts rye 2200 lb white lead 200 lb king's yellow 60 lb Prussian blue 11 half aams linseed oil 100 lb brown ochre 1258 pieces glass windowpanes high 11 and wide 13 inches, and 25 pieces paintbrushes with a respectful request that it may please Your High Excellencies to cast a favorable reflection thereupon, particularly with regard to the flat bar iron, and to grant us at the same time authorization to [illegible] the same here privately, notwithstanding the resolution taken by Your High Excellencies to desist from all trade in European articles. the 17th June 1792. arrival here of the ship Houglij Section 199. Having brought this into readiness up to this point, there arrived on the privately

Dutch transcription

de javart den 17e: Junij 17492. van Amboira „ze doed vervolgen, heeft men der„ „zelven niet talen vicrteeren inistanten ain alhin van tet chkig voijtgn 19. seere tot dus oere in gereedheid gebragt zijnde arriveerde op den 15: deezer alhier het schip Hlouglij, komende van Amboina, het welk wij, op verzoek van den daarop het gesag voerenden Capitain ter see Christiaan van Stratenberg, alhier hebben laten voorzien van het benodigde drinkwater, mitsgaders 26 strengen veilgaren, ter hertelling der seilen, die gem: cajatein betuijgde buiten dien niet maer te bisi„ „nen gebruiken. „bodem terwijl dien boden direct zijn reus 200. Wij hebben het onnodig goordeelt gem: „ alhier te doen visiteeren alzoo dezelve direct of op heeden weeder vertrekt, om de reid naar Batavia verder voort te setten, maar der niet te min hebben wij di„ „reet eenige vaartuigen op trandwagt bij dit schip geplaatst, ten einde te waken en nauwkeurig toetezien, dat niet alleen geene goederen uit het schip wierden overgescheept, maar dat ook nie„ „mand anders als de capitein zich naar de wal konde begeeven. oer eezen darmeede 16 tubs 201. Wij neemen de vrijkenid met gem: bodem, in goede verzeeke„ „ring naar Batavia te verzenden den Javaan Nadie Tjo Soeto Merto Troeno so Kartie So Diro Pa Gatie 167 183 „ den 17e. Junij 1792. den 5e. Julij 1792. gecondemneert zijn, om verkannen oud vaardrij keidel, retourneeren meeder met dien bodem aangebragte peeper verzand na thanedaak de javran Nollo Dito Pa Saria Samadier Pa Saijma Pa Boria Pa Sida „ „ Soemo Troeno. „ Si koerit „ parnakon chinees Si Koijang „ „ javaan Sitjo waarvan blijkens de inleggende copij vonnissen van den Raad van die door den Rand van Justitie Iustitie alhier, de laatstgemelde gecondemneerd is, om voor de tijdt worden van 25. paaraar achter een volgende jaaren, en alle de overige advi„ „tam verbannen te worden, naar alzulke plaatzen als het the Hoog Edelheeden behaagen zal te decerneeren. § 202. Pak laten wij met gem: Bodem thans weeder naar Batavia an onderkopmen brandis, „ teourneeren de onlangs voor een springtogtje, ter kerstelling hunnen gezondheid, naar Java overgekoomen onderkoopman Emanuel Chris. - „tiaan Brandis, en oud vaardug Iohan Werner Kaidel. § 203. Wij ludienen ons ook van deeze geleegentheid, om met het gje„ de jongjt on tamenmar nig hier „dachte schrp Houglij als nu naar Batavia te zenden de onlongs uit de Banjermassingsche galei de Concordia geligte en alhier aangehoudene Ed 2 „ „ „ „ „ „ „ den 17e. Junij 1792. „ribon 12. p=s pranwmaijangs en 2. p.:s naarhanten aangehoudene 50650: lb ronde peeper afgepakt in 122. dusselde stroozalken en mitsgaders p sluigtouwr voor Re § 204. Almeede hebben wij aan meerm: bodem van hier op sleeptouw meede gegeeven de ten comptoire Rembang voor Cheribon aange„ „timmerde 12. p=s nieuwe prauwmaijangs, neevens 1 2 „ maststanderd of ongemaakte raamhouten. met last aan den overheeden, oms in passent het comptoir Tagal aantedoen, ter afgave van gem: prauwmaijangs en raamhouten en direct oort om dan de reid naar Batavia te zenten, welk een en ander wij vertrouwen, dat de g'eerde goedkeuring Uwer hoog Edelheeden zal mogen wegdraaren, alzoo de Fruisers en andere hier te huis hooren„ „de vaartuigen van de expeditie teegen de Leerovers, noch niet geretourneerd zijn, en wij dut van een andere gelegentheid, om de gem: prauwmaijangs en raamhouten, om dewelke men te Cheribon thans seer verleegen is, naar derwaards te bezorgen, verstooken zijn, terwijl wij de Cheribonschen Resident hier van meede g' informeert. hebben, ten einde de voorsz: articulen van het comptoir Tagal te kunnen doen afhaalen. aanbiding vm ee getrensch Intusschen neemen wij de vrijheid Uw hoog Edelheeden hier „ 2051 neevens aantelieden een extra eisch van zodanige articulen als boven het verzogte bij onze generaale eisch van den 31: December den 17e. Junij 1792. arrive alhier van het schip Houglij § 199. Peeze tot dus verre in gereedheid gebragt zijnde arriveerde op den ao. po. „ 169 183 „ „ den 5e. Julij 1792. den 17e: Junij 1792. a:o p=r noch ten horgsten benoodigd zijn; te weeten 1000. lb staal hollands 7250: „ opijkers in zoort 3000. „ otaaff ijser vierkant van 1 d=m 50000: „ „ „ dun lang plat 100. p=s glaaze ruijten van 11 a 13. d=m 100 „ „ „ „ 9 „ 11 „ 500 „ goenije lange 30 r=m kandoes papier 300: p=s rondscherp van — ½. to 2000. „ „ „ „ 1 –. lb 8: „ ijzere kanoud „ 1: „ 40 „ staale kanon booren 4 „ ijzere lond guet leepels 2 „ „ kogel schraren 50 leggers Arak 6 „ Caabsche wijn 6 v=to boter vriese 1 half aamen olijven alij 3. kelders brandewijn 2 „ Jenever 50 p:s enkelde blotken in soort 10 huijden boeijleer 10 „ pompoleer 10: vallen den 17e. Junij 1792. 10. rillen grauwdaek. 50 „ Mugrovisch doek 150. lb Huijsinar 100 - Marlijnen 18. worsten oud touw 6 p=s land lijnen 200 „ lanthaaren hoorens 5 „ goude seilen 6: „ witte lijnen van 12. draat 6 „ „ „ „ 9 „ 9„ 8 lasten tarwe caalere 2 „ rogge 1 2200. to witlood 200 „ konings geel 00. „ berlijns blauw 11 half aamen lijn alij 100 lb bruine ooker 1258 p=s glaase ruiten bt 41 en breed 13. d=m, en 25 „ verffquasten met eerbriedig versoek, dat het uw hoog Edelheeden behagen moge daar op een gunstige reflectie te slaan, inzonderheid ten aanzien van het plat staaf ijzer, en ons tevene qualificatie te verleeren, om het zelve, ongeacht tel door hoogst dezelven genoomen besluit, om van allen handel in Europiscte articulen aftezien, alhier par„ den 17e: Junij 1792. arrive alhier van het schip Hougjlij § 199. Deeze tot dus verre in gereedheid gebragt zijnde ariveerde op den ticulier

NL-HaNA_1.04.02_3986_0183 view scan ↗

English

183 the 17th of Junij 1792. the 5th of Julij 1792 the 50th penny damaged further bank certificates and the main settlement others in their place to be allowed to sell privately, for the benefit of the native, who would otherwise be entirely deprived of this implement so necessary for agriculture and other needs, as a general shortage thereof is currently perceived here on the coast, because until today nothing of it has yet been imported by private individuals, and also, according to the order, nothing has been sold in the Company's warehouses. Section 206. The Senior Merchant and Chief Administrator here, Iacob van Santen, in his capacity as receiver of the collected liberal gift or 50th penny, having submitted to us by report a specific list of the bank certificates and credit papers to the value of rds 3402, which upon receipt of what was furnished during the first and second terms were found to be damaged and unusable for further disbursements, we have, in order to avoid all disadvantages that further circulation of those papers could entail, deemed it best to send these bank and credit letters to Batavia, in accordance with the proposal vividly made by the said van Santen in his report, as is done in a separate packet under the cover of this letter, with the presentation of a copy of the said report in the annexed list, and with the humble request at the same time that new credit and bank papers may be sent to us in exchange, namely in small denominations, as there is generally a great shortage thereof in daily transactions. Section 207. 2 171 the 17th of Junij 1792. the levy of the liberal gift, arrival here of the ship Houglij Section 199. These having been prepared thus far, there arrived on the made arrangements of the Chinese, Moors, Malays, Section 207. Furthermore, we present to Your Right Honourables herewith an extract from our resolutions of the 27th of May last regarding the arrangement made concerning the levy of the liberal gift or 50th penny from the Moors, Chinese, Peranakans, Malays, Bugis, and other foreign nations on this coast, from which Your Right Honourables, if it pleases you, will observe that, since most of these nations are generally poor and it would therefore be too burdensome and oppressive for those located in other places if they were required to appear in person or by proxy before the commissioners appointed for the receipt of the aforesaid liberal gift, we have therefore resolved: 1st. As far as Samarang and Sourabaija are concerned, to authorize the Captains of the Chinese, Moors, Malays, and Bugis there, assisted by the two eldest of their officers, to receive the aforementioned liberal gift or 50th penny from their subordinates on the established basis, with instructions to summon before them one after another such of their subordinates as may reasonably be presumed to possess the value of 500 rds and above, in order to have them furnish the aforementioned gift into a chest provided for that purpose with 2 or 3 distinct locks, of which each of them shall keep a separate key in his custody, to be opened at each session and locked again after the end thereof, upon taking the prescribed oath; and after this has been accomplished, subsequently to report their performance to the appointed commissioners for the receipt of this revenue, and to furnish to them the aforementioned gift for their own persons as well, with the handover of a list of those who have contributed and the transfer of what has been received by them as aforesaid, under the condition that they shall then be required, each in his own manner, to swear before the said commissioners not only that they have proceeded uprightly and faithfully in the levy of the liberal gift from their subordinates: the 17th of Junij 1792. 175 183 the 17th of Junij 1792. the 5th of Julij 1792. [illegible] and that they will appear before them to pay the said gift under the taking of the prescribed oath, without having exempted any person of whatever name, and with exact precision, and if among their subordinates there should be found those who are unwilling to pay the aforesaid gift, to report all those unwilling persons to the said commissioners, so that a report may be made thereof, in order to proceed against them as such unwilling and insubordinate inhabitants shall justly deserve. 2nd. With regard to the other offices, to have the levy of the liberal gift from the aforesaid four nations take place in the same manner as determined regarding Samarang and Sourabaija, with this alteration however, that after each and every one has contributed, the captain or chiefs of those nations shall be required to proceed with the collected moneys hither, or as far as the eastern corner is concerned, to Sourabaija, to furnish the contribution for themselves before the commissioners there as aforesaid, and at the same time to hand over what was received by them, under the same oath as defined above; and 3rd. To have the levy of the aforementioned revenue from the Peranakans, over whom there are only two chiefs here on the coast, namely one in Tagal and the other here in Samarang, under the latter of whom the Peranakans at the remaining offices also resort, take place likewise on the basis mentioned above, namely as far as this main office and Tagal are concerned, and for that purpose to instruct the captains of that nation in the manner aforesaid. 2 173 19

Dutch transcription

183 kinter den 17e: Junij 1792. den 5e. Julij 1792 de 50: penning beschaadigt gen „ vordere bankcertificatien en de hoofdplaats andere in derzelver plaats „ticulier te mogen verkoopen, tot genie van den inlander, die anders van dit, oor de landboruw en andere behoeftens, zoo noodsaakelijk untstuul geheel verstaoken sal weezsen, daar thans een algemeen gebrek daar aan hier ter kuste word hespeurd, ui't hoofde in tat heeden toe noch niets door particuliere daarvan aangebragt is en 'er ook, volgens de order, niets in't comp=s pakhuijzen id verkogt geworden. § 206. De operkoopman en hoofdadminitrateur alhier Iaco. ve nder te gespunerde ven „boud van Santon, in qualiteit als ontvanger van de ingezame eredir brieven hed men naar „de liberale gift of 50 . penning, aan ons hij bericht overgegee„ „ven kebkende een specifike lijst van de, bij de ontvangst van het gefoureerd, geduurende het eerste en tweede termijn, beschndigt en tot de verdere uitgaven onbruikbaar bevordene bonkcertifi„ „catien en credit papieren, ter waarde van rd=s 3402:, zoo hebben wij ter vernijding van alle nadeelen, die eene verdere roulleering dier papieren ten gevolge zoude kunnen hebben, best gedagt deeze bank= en Credit=brieven, conform het door gem: van Santen bij dit sijn bericht levend gedaan voorstel, naar Bata„ „via te senden, soo als dan ook, in een apart paket, onder couvert deezer, geschied, met aanbriding van copia van het gem: bericht in anexe lijst en met rumbel verzoek tevens, dat ons daar met verzoek in tesanding van voor nieuwe papieren van Credit= en bankbrieven mogen toegezonden worden, te weeten in kleine vorteerings, alzoo me„ daaraan in de wandeling groot gebrek heeft. 5207. 2 171 den 17e: Junij 1792. d. keffing van de liberaale gife, anrive alhier van het schip Houglij § 199. Deeze tot dus verre in gereedheid gebragt zijnde arriveerde op den gemaakte vehitingenten dƒ 207. Voorst iden wij Uw hoog Ed: hier nevend nog aan een etract uit inze re„ var de Clinaesn mooren, maleurd, solutien van den 27: Mai t lb, weegens de gemaakte schikking, omtrend de keffing van de liberale gift of 50: penning van de Mooren, Chineezen, Parnakand Malijer, Bougineesen en andere overwalsche Natien ter deezer kuste, waaruit Uw hoog Ed: des behagende cnsteeren zal, dat, vermits de meeste deezer natien doorgaan arnoe„ „dig sijn en het dud voor de zulken, die zick op andere plaatsen bevinden, alte zwaar en drukkend zoude vallen, in dien sij, in perzoon of door gemaaktigdens, voor de tot de ontvangt van vorsz: liberale gift, benoemde gecomiteerden voud moeten verschijven, wij derhalven beslooten hebben 1=e Com voor soo veel Samarang en sourabaija betreft, de Copitains der Chineezen, Moren, Maleijer en Bougineesen aldar te qualificeeren, om gadisteerd me de twee oudsten hunner officieren, op de bepaalde voet, de meermwo liberale gift of 50 pen: vor hune onderonij totvong, mt ast, on e de ende twenaele in d rek t oeve e u van de capiteins zelve e aldaar, na de andere, voor humn te doe ntbiden alsulkn urer onder „hoorige, als mar een grits te verondertellen zij, dat de waarde van 500 rds en dar boven bezitten, om door dezelve de voorm: gist telaten foureeren in en datoestaande kijt voorzien met 2: d: 3: onderscheidene slooten, waar van een rider derzelven een ofzonderlijke sleutel onder sijn bewaaring sal maten hebben, om bij ieder resse gopen en na het endigen derzelve weeder om gevoet te werde oder afleging van de dartoesane e i une ane etate ie wijze aom, no dat zilx zal dijn velbragt, ervolgens van hune viriskeinge an de beroende gecommitteer„ „dend tot de ortvangt van dit midde, versog te doe, a an dezelven ok vor urne eijgere persoonen de overbreng„ voorm: geft te Couneeren, met overgavetevend van een lijst der sulken, di gecourneerde hebben, en omastrng„ . „ging van het geen door hun invoegen voorsch ontvangen 'a odr de voorwaarde, dat zijde dan ge„ „houden sullen sijn een nder op zijn wijze, voor den gen, gecommitt=s te weeren, miet alleen dat zij in d haffing en te gen liberale geft van hunr onderkororigen, reekt en geterouwlijk sij te: den 17e. Junij 1792. werk 175 183 kinte den 17e. Junij 1792. den 5e. Julij 1792. neent gegan en dat tot den hu ongeagteg ede a ik tg e e dele aan i in e gefoueren wmen an det ij alen de gen e e e ene e ende e e ee enagleiten en an de sdang van de onde ruriet t sijn voan hin wellen den compareeren en de„ „selvende gen: gif, onder aflgig van de ar geteden e, ele ogeragt, onde da von imende hoe genaam eorke te hebben uitgesonden, n met edre rutisfiti, en o onder un nditorn „gen, sodarigen mogten worden gevonden, di onullij sijn de voorm: gift te voldoen, al den die enwilligen aan den gem: gecommitteerden optegeeven, ten einde daarvan raport te kun„ „nen doen, om ten hunnen opzichten zoodanig te worden gedisponneerd, als zulk on„ ewillige en onderkhare Ingezeetenen billijk zullen verdienen. 2=e om ter amsien van de overgecomptoien, di heffing vam de likerale gift van de voorsz: vier Natien inselvervoegen te laten geschieden, des ontrend Samarang e Sourabagja lapaalder, met deere alteratie nocteans, dat, na dit elk en en igen elijk gesourneerd zal hebben, den capitaine af hoofden dier natien gehouden zullen val zijn, sich met het ingezamelde vergend naar hierwaards, of, soo veel den oost„ moek betreft, naar Sourabaija te begeeven om voor den gecommitteerdens aldaar innoegen voorsz: ok voor zich zelfs te fourneeren, en het bij humont„ wangene teevens aan dezelven aftegeeren, onder het daer van denzelven eed als hier boven id bepald, en 3= de keffing van het meerm: middel van de Parnakand, waarover hier ter kuste maar twee hoofden zijn, te weten een te Tagal en de an„ „dere hier te Samarang, onder welke laatste de Parnakans op de overige comptoiren meede vorteeren, insgelijkd op de hier bovengem: voet te doen gevolg neemen, te weeten, voor zoo verre dit hoofd comptoir en Ta„ „gal bereft, en daaroe den capitains dier natie, invoegen voorschraae te 2 173 19

NL-HaNA_1.04.02_3986_0186 view scan ↗

English

the 17th of June 1792. [illegible] of the ship Hougtij paragraph 199. These having been brought in readiness thus far, arrived under to qualify, but to have those of that nation who maintain their domicile at the other offices make this gift before the captains of the Bugis and Malays of the offices under which they fall; and to that end, also to grant qualification to the aforementioned captains for that purpose and to send to each of them a specific list of the Ternatans who belong under that district, in which they are appointed as captains over their nations, with notification at the same time of who among them are deemed wealthy enough to be subject to this duty, and to order the Captain of the [illegible] here to prepare such lists with the utmost speed, and to deliver them here to the secretariat of the police. And of all of which we have likewise given notice to the commissioners appointed here for the receipt of this duty, and the chiefs of the aforementioned nations, as well as the servants of the subordinate offices, in order to be able to regulate themselves accordingly, while we trust that this may receive the esteemed approval of Your High Noble. We have the honor to remain with the greatest respect and submission /: below: / Titles /: lower: / Your High Noble's very humble and faithful servants; /: was signed: /: P: G: van Overstraten, I: van Santen, A: Hamel; B: P. van Nijvenheim, J: W: Grose, B: van der Worm, C: G: Fisscher, M: Meurs, F: F: Rothenbuhler, /: in margin: / Samarang the 17th of June 1792. the 17th of June 1792. To 183 to 2 [illegible] arrived To His High Nobleness The High Noble Rigorous Right Honorable Mister Mr Willem Arnold Alting. Governor General Together with The Honorable Rigorous Lords Councillors of Netherlands India etc. etc. etc. High Noble Rigorous Right Honorable Lord. And Honorable Rigorous Lords! 208 The ship Rusthof having returned on the 16th of this month from Macassar before the channel of Grissee, we therefore take the liberty to dutifully notify Your High Noblenesses thereof by this letter, to present at the same time a packet of letters received therewith for Your High Noblenesses and a packet of factory papers, as well as a private missive for His High Nobleness the Lord Governor General Alting, and one to the Honorable Rigorous Right Honorable Lord Director General van Hakkum. the 5th of July 1792. § 209. 125 the 17th of June 1792. Schagen [illegible] of the ship Hougtij paragraph 199. These having been brought in readiness thus far, arrived on the arrival here of the ship paragraph 209. Furthermore, we have the honor to inform Your High Noblenesses that the ship Schagen, ordered hither by Your Most Honorable Selves for the collection of rice, arrived here yesterday, and that while writing this, another ship from the west is in sight. We have the honor to remain with the dutiful respect and high esteem /: below: / Titles /: lower: / Your High Noblenesses' very humble and faithful servants /: was signed: / P: G: van Overstraten I: van Santen, A: Hamell, B: P: van Nijvenheim, A: W: Grose, B: van der Worm, C: G. Fisscher, M: Meurs, F: J: Rothenbuhler /: in margin: / Samarang the 21st of June 1792. the 21st of June 1792. To 177 183 [illegible] To His High Nobleness one sends on a packet from Banda per the small vessel De Geertruida received for Your High Noble ministers of the said government to the Sourabaya servants The High Noble Rigorous Right Honorable Lord! Mr Willem Arnold Alting. Governor General Together with The Honorable Rigorous Lords Councillors of Netherlands India etc. etc. etc. High Noble Rigorous Right Honorable Lord and Honorable Rigorous Lords. § 210 Having been sent to us by the Sourabaya servants a missive for Your High Noblenesses, brought from Banda with the private small vessel De Geertruijda, which arrived on the 28th of June last before the channel of Grissee, we take the liberty to present the same herewith to Your High Noblenesses together with a copy of the missives written by the Banda ministers to the servants, as well as a copy of the missive sent, from which Your Most Honorable Selves, if it pleases, will ascertain the 5th of July 1792. 2 the 17th of June 1792. is arrived at Amboina not yet arrived drifted off [illegible] of the ship Hougtij paragraph 199. These having been brought in readiness thus far, arrived on the that to the outgoing Banda Lord Governor Lambertus Ianszoon Haga, passage to the eastern corner has been granted with the aforementioned small vessel, with the request that opportunity may be provided to him there to continue his journey further to Batavia, which shall also happen either with the ship Rusthof or the Doggersbank. the private bark Naima § 211: From the mentioned missives it further appears that the bark Naima, chartered from the Captain of the Chinese at Sourabaija, under the Master Laurens Menheertjes, after an unfortunate journey, reached Amboina barely and with great danger and had to be unloaded there, whereby a large part of the rice was found to be entirely wet and spoiled; while the small vessel De Kleine Pallas had not yet appeared at that time, and one was thus once again deprived of a large part of the requested products. aforementioned bark 3 [illegible] 212. Furthermore, we have the honor to inform Your High Noblenesses that the above-mentioned private bark Naima under the aforementioned master Menheertjes, having drifted down completely west of Udjong Pangka, on an approaching the 2nd of July 1792.

Dutch transcription

den 17e. Junij 1742. innier alhier van het vchin Hougtij 8 199. Peese tot dus verre in gereedheid gebragt zijnde arriveerde on der te qualificeeren, doch de soodanigen dier Natie, die op de overige comptoiren hun domicilium houden, deeze gift te laten doen voor den capitains der Bouge„ „reezen en Maleijers der comptoiren, waaronder sij sorteeren; en ten dien einde, den voorm: capitains daartoe almeede qualificatie te verlee„ „oen en aan een ieder derzelven te laaten toekomen een opcificuie lijst van den Tarnakans, die onder dat ditriet gehooren, waar in sij als lagi„ „taind over hunne natien zijn aangesteld, met bekendtetting tevens wie van denselven vermogend genoeg g'actt worden, om dit middel ouljeet te wee„ „sen, en de Capitain der Parasland alhier te gelaten, om ten opoedigste zulke lijsten in gereedheid te brengen, en ter secretarij van Patitie al„ alhier te bezorgen. . en wan welk een en ander wij meede kennis gegeeven hebben aan de tat den ontvangst van dit middel benoeemde gecommitteerden alhier, en de hoofden der voorsz ratien, zoo meede de Bediendend der oubal„ „terne comptoiren, ten einde zich daarnaar te kunnen reguleeren, ter„ „wijl wij vertrouwen dat zulks de g'eerde approbatie Uwe hoog Ed: zal mogen wegdragen. Wij vereeren ons met de meeste hoogagting en submissie te blijven /: onderst: ƒ J:J Titu /:lager:/ Uwer hoog Ed: zeer ootmoedige an getrouwe Dienaaren; /:was geteekend:/: I: G: van Overstraten, I: van Santen, A: Hlamel; B: I. van Nijvenheim, I: W: Crose, B: van der Worm, C: G: Fisscher, M: Meurd, F: F: Rothenbukler, /: in margine:/ Samarang den 17e: Junij 1792. den 17e: Junij 1792. Aan 183 te 2 „hof us oor 't get: van gaise g'ariveerd Aan sijn Hoog Edelheid Den Hoog Edele Gestrengen Groot Achtbaaren Meer Mr Willem Arnold Alting. Gouverneur Generaal Beneeven D: W: Edele Gestrenge Heeren Raaden van Neederlands India H=a V=a Vo„ Hoog Edele Gestrenge Groot Achtbaare Heer. „ En WelEdele Gestrenge Heeren! „ 20:' Het schip Reustaf p dn 16: dezer van Mararse vor het te en ape tan aij ie gat van Grissee gerctourend sijnde, soo neemen wij de vrijhend sie hoog Edelheeden daarvan hij deezen schuldplichtig kennis te geeven, om tevend aantehieden een daarmeede ontvangen pakel brieven voor Uw Hoog Edelheeden en een parkt Iadij papieren, zo meede een particuliere missive voor zijn Hoog Edelheid den Heer Gouverneur Generaal Alting, en een aan den welEd: gestr: groot Agtbraren Heer Directeur Generaal van Hakkum. den 5e. Julij 1792. § 209. 125 den 17e. Junij 1742. schagen anier alhier va het vchij Hougtij § 199. Seeze tot dus verre in gereedheid gebragt zijnde arriveerde op den arnim alhier van het schip §o 209. Voorts hebben wij de eer Uw hoog Edelheeden te beritten, dat het doar hoogst Dezelven ter afhaal van rijst naar herwaards aangelegd schip schagen op gistor alhier g'arriveerd is, en dat onder het schrijven deezer noch een ander schip uit de west in het dicht is. Wij vereeren ons met de verschuldigde erbied en hoog acting te blijven /: onderstond:/ Titul /:lager:/ Uwer hoog Edelheeden zeer ootmoe„ „dige en getrouwe Dienaaren /: was geteekend:/ P: G: van Overstraten I: van Santen, A: Hamell, B: P: van Nijvenheim, A: W: Gröse, B: van der Worm, C: G. Fisscher, M: Meurs, F: I: Rolkenbukler /: in margien:/ Samarang den 21: Junij 1742. den 21e. Junij 1792. Aan 177 183 Sinteand Aan sijn Hoog Edelheid men luid aan een van Banda per het scheepje de geertrenda ontvangen pakel voor H: H: Ed: ministers van gem: gouvernement aan de Souraflajasche Bediendens Den Hoog Edele Gestrenge Groot Achtbaaren Heere! M=r Willem Arnold Alting. Gouverneur Generaal Beneevens De WelEdele Gestrenge Heeren Raaden van Neederlandd In. „dia & &b &: Hoog Edele Gestrenge Groot Achtbaare Heer en WelEdele Gestrenge Heeren. § 210 Door den Sourabaijasche Bediendend ond toegesonden zinde een met het op den 28:' junij l: l: voor het gal van T ƒ. Griosee g'arriveerd particulier schaepje De Geertruijda, van Banda aangebragte missive voor Uw hoog Edelhee„ „den, soo neemen wij de vrijheid het zelve hier neevend Uhe d hoog Edelheeden aantebieden met en beneevene copia der door als meede copia van de door de den Bandasche Ministers aan den Bediendens geschreevene gesondene missive missives, waaruijt Hloogst Dezelven, der behaagende, constee„ den 5e. Julij 1792. „ren 2 den 17e. Junij 1792. is 't Amboona g'arriveerd nog rie ggeraagt gaeds te vervallen gekomen arier alhir van tet veckij Hougtij 8 149. Seese tot dus oerre in gereedheid gebraat zijnde arriveerde on der „ren zal, dat aan de afgegaan Bandrd Heer Gouverneur Lambertus Ianszoon Haga, met het gedachte scheep„ aje transport naar den oosthoek is verleend, met ver„ soek, dat aan dezelve aldaar de geleegentheid mag verschaft worden, om sijne reis naar Batavia ver„ „der voort te zetten, invoegen dan ook met het schip Rusthof dan wel de Doggersbank geschieden zal. —. de perticutie bont: Naima § 211: Uit de gemelde missives blijkt wijders, dat de van de Capitain der Chineezen te Sourabaija ingehuurde „bark Naima, onder de Gezachhebber Lourend Men„ „heertjes, na een teegenspoedige reid, ter nauwer nood en met groot gevaar Amboina bereikt en aldaar heeft moe„ „ten ontlost worden, waarhij een groot gedeelte van de rijst an het schuge de klaan allen nat en bedorven is bevonden: terwijl het scheepje de klee„ „ne Pallas als toen noch niet opgedaagt, en men dius al weederom van een groot gedeelte den geischte producten verstooken was borvongeneld sanrk 3 baden 212. Voorts hebben wij de eer Uw hoog Edelheeden te berichten, dat de bovengemelde particuliere bark Naima onder voorschreeven gezachhebber Menheertjes, beneeden. gants in bewesten odjong Pangka vervallen zynde, hij een den 2: Julij 1792. opkomende

NL-HaNA_1.04.02_3986_0191 view scan ↗

English

179 183 the 5th of July 1792. some vessels were sent thither due to the rising strong east wind and high seas, through the heavy laboring of that vessel, the entire rigging went overboard, except for the mainmast and bowsprit, which were still preserved, and that by the servant there directly, by the Sourabaija paduwakang 2 some vessels and crew were sent thither in order, if possible, to take that bark in tow and bring it to Sourabaija, although it was feared at the same time that this would prove difficult on account of the strong prevailing east winds and currents, and that the bark would thereby run great danger of breaking to pieces. We honor ourselves to be, with the highest esteem and submission, Underneath: Title Lower: Your Right Excellencies' very obedient and faithful servants, Signed: P. G. van Overstraten, I: van Santen, A: Hamell, I: L: Ambgrove, B: J. van Nijvenheim, S. W. Kröse, C: G. Fisscher, B: van der Worm, M: Meurs, and F: I: Rothenbuhler. In the margin: Samarang the 4th of July 1792. P.S. We took the liberty of presenting to Your Right Excellencies herewith a copy of a report handed over to us by the Captain-Lieutenant at sea and Equipment Overseer here, Joseph Bossattiel, concerning the non-receipt of the muster roll of the Javanese seafarers who arrived here with the ship Iaor, whereby their payment could not the 4th of July 1792. take effect, 2 1 the 17th of June 1792. the 4th of July 1792. 17 wherefore we respectfully request Your Right Excellencies that it may please the same to give orders to send this muster roll after all, in order to allow the payment of what is due to those people to take place, and thus to animate them in the future to enter further into the Company's service. 3 183 To His Right Excellency 184 The Right Honorable, Valiant, Highly Esteemed Lord Mr. Willem Arnold Alting Governor-General. Together with The Honorable, Valiant Lords Councillors of the Dutch East Indies Right Honorable, Valiant, Highly Esteemed Lord and Honorable, Valiant Lords! Paragraph 213: Under convoy of the gurab the Reiger and the Spreeuw, and three cruising vessels, we now let depart for the capital, under the supervision of the sailors Harmen Kat and Hendrik Christoffel Scheepen, the Samarang and Carwelaan timber flats, which are laden the first with For the Equipment Wharf from the contingents 99 pieces of beams, length 25 feet, thickness 9 to 11 inches the 5th of July 1792. 164 pieces 2 1. the 17th of June 1792. the 5th of July 1792. 164 pieces of Ambond beams, length 20 feet, thickness 8 to 9 inches 249 pieces of tanjongs, length 22 feet, thickness 7 to 8 inches For the Artillery from the Contingents 50 pieces of Jassem beams, length 25 feet, thickness 8 inches For the Craftsmen's Quarter from the Contingents 105 pieces of beams, length 20 feet, thickness 9 to 11 inches, and 154 house beams, length 20 feet, thickness 8 inches and by Purchase 120 capstan bars, length 20 feet, thickness 5 to 6 inches 80 panjang tigas, length 18 feet, thickness 4 to 5 inches For the Island of Onrust from the Contingents 120 pieces of Ambond beams, length 20 feet, thickness 8 to 9 inches 100 pieces of tanjongs, length 22 feet, thickness 7 to 8 inches and by Purchase 1600 barrel planks, length 60 feet, width 7 to 9 inches, and thickness 1¼ to 1½ inches further timbers for futtocks, floor timbers, floors, side timbers, knees, and the rudder, which all must be accounted for as serviceable from the contingents 12 pieces of beams, length 25 feet, thickness 10 inches 26 pieces of beams, length 22 feet, thickness 8 to 9 inches and by Purchase 300 large Trikam planks 2 panjang limas 8 1 capstan bar beam. costing 183 the 5th of July 1792. costing, together with its shipping expenses, ransoms, and what was further used for it, according to the bill of lading invoice accompanying this, together - - - - - ƒ 5510: 4: 8. And the last-mentioned with For the Equipment Wharf 38 pieces of beams, length 25 feet, thickness 11 to 13 inches 40 pieces of beams, length 25 feet, thickness 9 to 11 inches 60 Jassem beams, length 25 feet, thickness 7 to 8 inches 60 Jassem beams, length 20 feet, thickness 9 to 12 inches 2 anchor stocks, length 20 feet, thickness 18 to 20 inches 1 tanjong beam, length 22 feet, thickness 7 inches For the Island of Onrust 6 beams, length 40 feet, thickness 13 to 14 inches 3 beams, length 35 to 40 feet, thickness 14 to 15 inches 12 beams, length 20 feet, thickness 10 inches 10 beams, length 20 feet, thickness 7 to 9 inches For the Blockmaker's Shop 89 beams, length 20 to 25 feet, thickness 9 to 12 inches For the Artillery 50 beams, length 20 feet, thickness 8 to 9 inches For the Craftsmen's Quarter 26 pieces of beams, length 25 feet, thickness 10 to 13 inches 100 pieces of beams, length 25 feet, thickness 7 to 9 inches 120 pieces 120 pieces of beams, length 25 feet, thickness 9 to 12 inches 66 pieces of beams, length 25 feet, thickness 8 to 10 inches 50 pieces of beams, length 25 feet, thickness 9 to 12 inches For the Island of Onrust by Purchase 800 barrel planks, width 7 to 8 inches and for the Craftsmen's Quarter by Purchase 50 pieces of beams, length 20 feet, thickness 5 to 6 inches 2 pieces of beams, length 25 feet, thickness 6 to 7 inches 1 capstan bar beam, thickness 5 inches further timbers for futtocks, floor timbers, floors, side pieces, knees, and the rudder, which also must be accounted for as serviceable from the Contingent 11 pieces of beams, length 25 feet, thickness 10 inches 24 pieces of beams, length 22 feet, thickness 8 to 9 inches 250 large Trikam planks costing, together with their shipping expenses, ransoms, and what was further required for them, according to the bill of lading invoice also attached hereto, together - - - - - - - - ƒ 4719: 14: —. Paragraph 214. We hope and wish that these timbers will satisfy the highly esteemed intention of Your Right Excellencies, the 5th of July 1792. shall

Dutch transcription

179 183 Martende aend d den 5e. Julij 1792. geraakt „ders eenige vaartuigen naar der waardt gesonden opkomende aterke orste wind en hoog gaande zeen, door het swaar werken van dat vaartuig het geheele tuijg over boord en det gehel tunig om boor geraakt id, uijtgenomen de groote mast en boegspriet, die nog behouden sijn, en dat door den Bediendent daarop direct, doorde sourabaijasche Padien„ 2 eenige vaartuigen en manschappen naar derwaards sijn gesonden, om des doenlijk die bark op sleeptouwe te neemen en naar Sourabaija te brengen, schoon men tevens vreesde, dat dit mnoegelijk soude vallen, uit hoofde van de sterk wagen. „de oorte winden en stroomen, en dat die Bark daar door groot gevaar soude loopen van in stuken te slaan. Wij vereeren ond met de meeste hoog aotting en submissie te sijn, /:onderstond:/ Titul /:lager:/ Uwer hoog Edelheeden san gehoorsaame en getrouwe dienaaren /:wad geteekend: / P. G. van Overstraten, I: van Santen, A: Hamell, I: L: Ambgrove, B: J. van Nijvenheim, S. W. Rröse, C: G. Fisscher, B: van der Worm, M: Meurs, en F: I: Rotherbukler, /: in margine:/ Samarong den 4: Julij 1792. P: S. Wij naamen de vrijheid Um hoog Edelheeden nag bij den„ „sen aantebieden copia van een door de capitain lieuterant ter See, en Equipage gpzichter alhier Ioseph Bossattiel, aan ons overgegeeven bericht, weegens het niet ontvangen der naamrol van de met het schip Iaor alhier aangekomene Javaansche zeevaarenden, waardoor derzelver afbetaaling geen den 4=e. Julij 1792. gevolg 2 1 den 17e. Junij 1742. den 4e. Julij 1792. 17 gevolg heeft kunnen neemen, waaron Uw hoog Edelheeden eer„ „biedig verzoeken, dat het Hoogst Dezelven behagen mag ordre te stellen, om deeze naamrol als noch te zenden, ten einde de uit„ „keering van het bij die lieden te goed gemaakte te kunnen laaten geschieden en hen dus te annimeeren om in het vervolg anrie alhier van tet schip Houglin § 199. Peese tot dus verre in gereedheid aebraat zijnde arriveerde on der Jan verder hij de comp=en dienst te neemen. — 3 183 kartende neemend dier Aan zijn Hoog Edelheid 184 en larwelaansche koutelotten Den Hoog Edele Gestrenge Groot Agtbaaren scheer Mr Willem Arnold Alting Gouverneur Generaal. Bereevens De WelEdele Gestrenge Slee„ „ren Raaden van Neederlands India f„o H. &5 Hoog Edele Gestrenge Groot Achtbaare Heer. en WelEdele Gestrenge Heeren! § 213: Onder convooi van de Goerapjer de Reiger en de Spreeuw, ven tit van de Samarangsche en drie kruisferd varetiigen, laaten wij thans onder opzicht van de matroozen Harmen Kat, en Hendrik Christoffel Scheepen, naar de bloofdplants vertrekken, de Samarangsche en Carwe„ „laansche houtolatten, de welke beladen zijn het eerste met Voor de Equipage werff uit de contingenten 99: p=s balken l=t 25=t d=t 9 a 11 d=m den 5e. Julij 1792. 164 pk 2 1. den 17e. Junij 1792. anrier alhier va et schip Houglin § 144. Seese tot dus verre in aereedheid rebraat zijnde arriveerde on der den 5e. Julij 1792. 164: p=s balken Ambond lb 20: v=t o„t 8 a 9 d=m tanjongs „ 22 „ „ 7 „ 8 „ 249 „ „ voor de Arthillerij uit de Contingenten. 50 „ jassensche balken l=d 25 v„t d=k 8 d=m voor het Ambagts quartier uit de Contingenten 105 „ balken lb 20 v=t d=t 9. a 11 d=t, en 154: „ huysbalken „ 20 „ „ 8 en over Inkoop 120 „ wind boomen l=a 20 v=t d=k 5 a 6: d=t „ 80 „ panjang tigar „ 18 „ „ 4 „ 5 „ voor het Eiland Onrust uit de Contingenten 120 p. s balken Ambond lb 20 v=t d=t 8 a 9 d=m 100 „ „ tanjongs „ 22 „ „ 7 „ 8 „ en over Inkoop 1600: „ tonne planken l=a 60=t l=d 7a9 d=m „n d=t 1¼ a 1½. d=m voorts houtwerken tot oplangerd, buikstukken, vloeren sijstukken, sluiters en het roer die alle als emploijabel moeten verant woord worden uit de ontingenten 12 p=s balken lg 25 o=t d=t 10 d=m „ 26 „ „ „ 22 „ „ 8: a 9: „ en over Inkoop 300 „ tinkamsche planken groote 2 „ panjang limas ƒ 8 1 „ windboom balk. kostende 183 den 5e. Julij 1792. kostende neevens dies afscheeps ongelden, randvoeken en het verder daartoe verbruikte, belijkens de deesen verzellende cognoscement factuur te saamen. - - - - - ƒ5510: 4: 8: En het laatstgemelde met Voor de Equipage weerff 38 p=s balken lb 25 v=t d=t 11 a 13: p= 40 „ „ „ 25 „ „ 9 „ 11 „ 60 „ jassemsche balken la 25 v=t d„t 7 a 8 d=m 60 „ „ „ „ 20 „ „ 9 „ 12 „ 2 „ ankerstotken „ 20 „ „ 18 „ 20 „ 1 „ balk tanjong „ 22 „ „ 7 „ voor het Eiland Onrust 6 „ balken k=t 40 v=t d„t 13. a 14, d=m 3 „ „ „ 35„ 40: „ „ 14: a 15: „ 12 „ „ „ 20 „ „ 10: 10 „ „ „ 20 „ : 7 „ 9 „ voor de blotkemaakers winkel 89. balken l=t 20 a 25 v=t d=k 9 a 12. d=m voor de arthillerij 50 „ balken lt 20 v=t d=t 8 a 9 d=m voor het ambachts kwartier 26 p=s balken l„t 25 v=t d=t 10 a 13: d=m 100 „ „ „ „ „ „ 7 „ 9. „ 120: p=s riet mede gegeende rtienk verzake ner weeder termij 120 p=s balken lt 25 v=t d„t 9: a 12: d=m 66„ „ „ „ „ „ 8 „ 10 „ „ „ „ 9 „ 12 „ voor het Eiland Onreurt over Inkoop. 800 „ tonne planken l9 7 â 8 d=m en voor het ambachts kwartier over inkoop 50 p=s balken lb 20 v=t d=t 5 a 6. d=m 2 „ „ „ 25 „ „ 6 „ 7 „ a 1 „ windboom balk d=o. 5 dm wijders houtwerker tot oplangers, bunkstukken vloeren, zij stukken, sleuters en het roer die meede als emploijabel moeten verantwoord worden uit het Conlingent 11 p=s balken ld 25 v=t d=t 10: d=t 24„ „ „ 22 „ „ 8: a 9: „ e 250. groote trakamsche planken kostende neevens dier afscheept ongelden, randzoenen, en het verder daaraan be„ „kortigde, blijkens het deezen meede bijgevoegde cognosce„ „ment factuur te zaamen - - - - - - - - ƒ4719:14:—. dierse aan gorelde machi, §o 214. Wij koopen en wenschen dat deeze machiner aan Te hoog g'eerde intentie van Uw hoog Edelheeden voldoende 50 „ „ den 5e. Julij 1792. sullen „

NL-HaNA_1.04.02_3986_0197 view scan ↗

English

July 5, 1792. shall be found, then at the same time we take the liberty to request that Your High Mightinesses may be pleased to give orders to send the goods, which are noted separately without money value at the end of the aforesaid invoices, back here at an opportune time, as well as to assist the natives who are crossing with these rafts in unloading them, so that they may quickly return to Java. We have the honour to be with the highest respect and submission, title below, Your High Noble Honours' very obedient and faithful servants. Was signed: P. G. van Overstraten, J. van Santen, A. Hamell, J. L. Umbgrove, B. J. van Nyvenheim, J. W. Cröse, J. van de Worm, C. G. Fisscher, M. Meurs, and F. F. Rothenbühler. In the margin: Samarang, July 5, 1792. To His High Nobility, To the Right Honourable, Valiant, and Highly Esteemed Lord, Mr Willem Arnold Alting, Governor General, Together with The Honourable and Valiant Lords Councillors of the Netherlands Indies, etc., etc., etc. Right Honourable, Valiant, and Highly Esteemed Lord, Honourable and Valiant Lords. Paragraph 215. We have had the honour, one after the other, duly to receive Your High Noble Honours' most esteemed letters of April 20 and 27, also May 22 and 31, and June 5, 12, 19, and 26 of the past month, together with an extract from the minutes of the resolutions in the Council of the Indies dated May 17 last, concerning the emptied powder kegs, the contents of which will be strictly complied with. Paragraph 216. Of the arrival here of the ships Candia, the Doggersbank, the Arend, and Schagen, we have already had the honour to inform Your High Noble Honours, and since then the ships Java and Willem de Vierde have also arrived here on June 21 past and the 7th of this month, and we still await the remaining vessels dispatched by Your High Noble Honours to this Government. Paragraph 217. To the aforementioned ships we shall have the rations prescribed by Your High Noble Honours delivered, and furthermore take care that they are laden and dispatched back to Batavia as soon as possible. Paragraph 218. The crates with uniform pieces for the Regiment of Württemberg sent here by Your High Noble Honours with the ship the Doggersbank, we have caused to be delivered to the Lieutenant Colonel over those troops here, Carel van Ostheim, and we present herewith to Your High Noble Honours a copy of the report received by us regarding this from the military commissioners, in which Your High Mightinesses, if it pleases, will observe that the said goods were not only properly delivered but also found to be good and sound, except for 250 hats for the non-commissioned officers, which the said commissioners say are not only too small, but also far too expensive for the price of 3 florins for which they are charged, and for which reason the aforementioned Lieutenant Colonel van Ostheim, in another report also accompanying this in copy, has made a request that July 15, 1792. notice thereof may be given to Your High Noble Honours so that this may be prevented in future shipments of similar articles from Europe, and with which we thus comply herewith, with humble urging that a favourable reflection may be cast upon this. Paragraph 219. To the recommendation of Your High Noble Honours to warn the owners of private vessels to be more accurate in the future in the statements of what their vessels can carry, we shall dutifully comply, and we have also required the same of the Surabaya servants. Paragraph 220. Pursuant to the authorization granted thereto by Your High Noble Honours, we shall, on an upcoming occasion, have the sea vessel built for Banjarmasin, but still located here, transported to Batavia, since in the year 1787 various similar vessels had to be manufactured for Malacca, and we thus presume that this small craft too will well be able to be employed in Company service, while with regard to the remark made by Your High Noble Honours that it gave a poor impression of the builder of this vessel that it was not worth as much as it had cost the Company itself, we request to be permitted to remark that the reason why for the aforementioned small vessel, at the auction held here

Dutch transcription

485 den 5e. Julij 1792. sullen bevonden worden, den namen tevens de vrijherd te ver„ „soeken dat het Hoogst Dezelven gelieve te behaagen, ordre te stellen, om de goederen, welke onder aan het slot der voorschree„ „vene factuuren zonder geld dom apart genoteerd staan, bij gelee„ „gentheid weeder herwaards tenug te serden, soo meede, om de Inlanders welke met deeze olotten overgaan, in het ontlossen der„ doen „selve te advisteeren, om dus spoedig vaar Iava te kunnen terug keeren. Wij vereeren ons met de mieste hoog achting en submisse te sijn /: onderstond:/ Titul /:lager/ Uwer hoog Edelheeden zier ge„ „hoorsaame en getrouwe dienaaren. /:was geteekend:/ P: G: van Everstraten, I. van Santen; A: Hamell, I: L. Amb„ „grove, B. I. van Nijvenheim, I: W: Cröse, I van de Worm, C: G: Fusscher, M: Meurs, en F: F: Rothen, „bukler, /: in morgine :/ Samarang den 5=e Julij 1742. Star noerse missive Iaar „ willen de wierde Den Hoog Edelen Gestrengen Groot Achtbaaren Heer. Mr Willem Arnold Alting Gouverneur Generaal Beneevens De Wel Edele Gestrenge Heeren Raaden van Neederlandt India &. &r. Vr. Hoog Edele Gestrenge Groot Achtbaare Heer WelEdele Gestrenge Heeren. nm andenortonigt en di: §: 215. Wij tekken de eer gehad, na den anderen; wel te ontvangen Uwer hoog Edelheeden zeer gevenereerde missiver van den 50: e 27=e Aprill, item 22 en 31: Mai in 5. 12. 19: en 26=' der gepasseerde maand Iunij, beneevens een extract uit de notuten van het ge„ „rezolveerde in Raade van Indie de dato 17=e mai l: L:, nopens de leedig vallende kruitvaaljes aan wiens inhoud stip=t zal vol„ „daan worden. min alien van chepgen § 216 Van de aankomst alhier van de scheepen Candia, de Doggersbaak, de Arend en Schagen, hebben mij reeds de eer gehad Uw hoog Edelheeden kenned te Aan zijn Hoog Edelheid geeven En 487 den 15e: Julij 1792 de overige naar dit gouvernemert aangeleijde scheepen diet men nan te gemoed de aangeschreevelene raadroemen laaten verstrekken en sorgen dat dezelve goodijg ge„ „depocheert worden staffage tot monteerings stulken voor de wutemkergers Hier temijne afgegeeven. kleijn en te duur zijn orthein verzoekt dat daarvan aan H: H: Ed: meg worden ken„ geeven, en seedert zijn de scheepen Iava en Willem de Vierde op den 21: Junij passato: en 7 deezer meede alhier g'arriveert, in de overige door Uw hoog Edelheeden naar dit Gouvernement aangeleyde kielen; zien wij voor als noch te gemoed §s 217. Aam de opgem: scheepen sullen wij de door Uw hoog delhe: en ommanden legen es o aangeschreevene randsoenen laaten verstrekken en voorts zorg dragen, dat dezelve, soo spoedig mogelijk beladen en weeder naar Batavia berug gedepecheerd worden. § 218. De don Uw hoog Edelheeden met het schip de Daggerbank de ont zoyensonk ongebragte herwaards gesondene kassen met monteering stukken voor het Regi„ „ment van Wurtemberg, hebben wij aan den lieutenant Collonel zij aan den huis mant Callenat - over die trouper alhier Carel van Ootheim laaten afgeeven en wij bieden Uw hoog Edelheeden bij deesen aan copia van het des„ „weegens bij ons ingekomen bericht van militarie gecommitteer„ „ders, waarin't Hoogst Dezelven, der behaagende, consteeren sal, dat de gemelde goederen niet alleen richtig intgeleevert maar ^iteij duj vam utgilert onk goed en Deugszaam bevonden zijn, excepto 250 p.:s hoeden voor aregt 250. p„s snden die t de onderofficieren, dewelken den gemelde gecommitteerdens zeg„ agen, dat niet alleen te kleijn, maar ook voor de prijd van ƒ3. waarvoor die zijn aangereekend, veel te duur zijn, en om welk reerden wanomme de lient elmne van 9 de opgem: lieutenant collonel van Ostheim bij een ander de mis geeven „zen meede in copia versellend bericht versoek heeft gedaan, dat den 15e. Julij 1792 van het gerecommandeerde om„ „trend het geene g'abresveet moet worden bij het inhuuren van vaar„ „tingie dat men voldoen Het voor Banjermassing aan„ ^gebouwde beevaartuig zal men naar Batavia zenden niet zoo veel waardig is geweest als het de comp=s gekort heeft dat aan Uw hoog Edelheeden daarvan kennis mag gegeeven wor„ „den op dat sulks bij de verdere toezending van diergelijke artikulen uit Europa kan worden voorgekomen, en waaraan wij dus bij deezen voldoen, met needrige instantie, dat daarop een gurastaije reflectie mag gevlaagen worden. § 219. Aan de recommandatie Uwer hoog Edelheeden, om de eigenard der particuliere vaartuigen te waarschouwen, om voortaan accu„ d „rater te zijn in de opgaven van het geen hunne vaartuigen lade„ kunnen, sullen wij schuldelichtig voldoen, en wij hebben den 5 sourabaijaschen bediendens zulks meede gedemandeerd. § 220. Ingevolge de door Uw hoog Edelheeden daar toe verleende qualificatie, zullen mij het voor Banjermassing aangebouwde, dog ziceh ald nock hier bevindende bevaartuig, hij voorkomende geleegentheid, naar Batavia daen transporteeren, alzoo in der jaare 1787 versokerde zoortgelijke vaartuigen voor Malacca hebben moeten vervaardigd worden, en wij dus vermeeren, dat oak dit sieltje wr in compl. dienst wel zal kunnen g'emploijeert gemaakte reedenen waaromme te zelve warden, terwijl wij met opzicht tot de „ remarque door Uw hoog Edelheeden, dat het eene slegte gedagte gaf van den houwer van dit : vaartuig, dat het zelve niet zoo veel waardig is geweest, als het „ de Comp=e selve gekost heeft, verzoeken te magen aanmerken, dat de reeden, waarom voor het gem: kiestije, bij de gedane opveiling alhier d 1

NL-HaNA_1.04.02_3986_0201 view scan ↗

English

489 15 July 1792. more zeal and vigilance should be recommended in the office. authorization for the write-off of 12000 lb of salt surprise expressed regarding the failure to inquire about the missing necessities of the chartered bark belonging to the Captain Chinese at Grissee, who answered thereto that this neglect was to be attributed to the Resident. here, so little has been offered, is not due to the poor layout or build order of that vessel, but rather to the fact that private individuals here can make no employment of it. Paragraph 221. We have informed the Master Attendant here, I: Bossottiel, of the remark made by Your Right Honourables concerning the explanation given by him regarding the chartering of the vessel de Hoop, with orders to show more zeal and vigilance in this regard in the future, while we have likewise resolved to leave that work to his account for the future. Paragraph 222. For the authorization granted by Your Right Honourables for the write-off of the 12000 pounds of salt lost during the loading of the ship Voorland, we express our respectful thanks to the same, and have already given effect thereto. Paragraph 223. We must certainly acknowledge that the Surabaya officials and the salt officials should have inquired, prior to the loading of the bark chartered from the Grissee Captain Chinese for Banda, about the missing necessities, and we have therefore already, in our missive of 17 February last, expressed our surprise in this regard to the said officials, who answered thereto: that this neglect was largely to be attributed to the Grissee Resident, as he had in the first place received knowledge thereof. 15 July 1792. has arrived at Amboina instead of at Banda de Vier Gezusters if not reaching Banda. the journal kept on board that small vessel examined could well have undertaken the voyage a second time. The vessel de kleine Pallas Paragraph 224. The small vessel de kleine Pallas, according to private reports received here, continued its voyage from Boelecomba, and has since safely arrived at Amboina instead of at Banda. And since it appears from this that, if the commander of the bark de Vier Gezusters, also destined for Banda, had not set out on the return voyage to Java so hastily, he apparently would also have succeeded in reaching, if not Banda, at least Amboina, we have placed a copy of the journal kept on board that vessel, already presented to Your Right Honourables, into the hands of Captain-at-Sea Justinus Philippus de Man and the Master Attendant here, Joseph Bossottiel, to investigate whether the officers have been guilty of any negligence in this matter, and whether they could not, just as well as the said small vessel de kleine Pallas and the bark de Jalousie, have proceeded on their voyage. Whereupon they stated in their report that although the said officers had sufficient reasons to return to Boelecomba, they nevertheless could have undertaken the voyage a second time just as well as those of the said vessel and bark; so that Your Right Honourables, if it pleases you, will be able to observe this more closely from the said report itself, a copy of which we have the honour to present herewith, as this small vessel belonged to the said office, 15 July 1792. of that small vessel a deficit of rice was found Expresses regret that the dispatch of 50 koyangs of rice to Ternate was not done to the satisfaction of the Right Honourables Demonstrates the reasons why this occurred. and upon which we shall now await the esteemed decision of Your Right Honourables. Paragraph 225. Meanwhile, during the unloading of the said bark de Vier Gezusters, upon the 220 koyangs of rice that had been laden therein, a deficit was found of 5 koyangs and 3115 lbs. And since the decision in this matter will largely depend on the manner in which Your Right Honourables will be pleased to view the failure of the aforementioned voyage to Banda, we request to also receive the pleasure of Your Right Honourables in this regard. Paragraph 226. We regret that, with the dispatch of the 50 koyangs of rice demanded in the Ternate requisition, but excused in the later letter of the Ministers there, we did not act to the satisfaction of Your Right Honourables; but we request permission to observe that we could not assume otherwise than that the Ternate Ministers had also informed Your Right Honourables of this, and that since Your Right Honourables clearly ordered the dispatch of this rice, and we had received no contrary orders in that regard, we therefore

Dutch transcription

489 den 15e. Julij 1792. nder ijver en vigilantie in comp=t dient gerecommandeerd. qualificatie tot de afschrijving van 12000 lb zout „dering bituijd wergens het niet informeeren naar de ontbreekende noodwerdigheeden, van de ingehuur„ „de bark van de Capitain Chinees te gussa die daarop g'antwoord hebben dat dit verzuim den misseer Resident was toeteschrijven. alhier, soo weinig us geboden geworden, niet geleegen is in de vligte inrestiting of bouworder van dat vaartuig, maar wel daarins, dat bij prticulieren alhier geen emplooir daarvan kan worden gemaakt. § 221 Den Equipage opsietzer alhier I: Bassattiel hebben wij gien, de quijamn gbisten da stil van S „formeet van de daor Uwt hoog Edelheeden gewaakt remarque op - de door hem gedaane verantwoording weegens de Hturge van te oekey„ „je de khoop, met last, em daaromtrent in het vervolg meerder ijver en vigilantie te laaten blijken, termijl wij tevens beslooten hebben dat werk in den aanstaande voor sijn reakeringe vaartwordig te lesten § 222: Voor de door Uw hoog Edelheeden verleende qualificatie ter afschrijdentzeging voor de veleerde „virg van de bij da belading van het schip Voorlaad verlooren geraakte 12000: ponden zout, zeggen wij Hloogst Dezelven eerbiedig dank, en brekken zulks ook bereeds laten gevolg neemen. o 22: Wij moe ten allesirt' voruen; dat den Sourabrijete Bedindn en dn Saut: bedindend nn zich, voor de vallading van de van den Guisseer Capitain Chinees voor Banda ingehuurde Bark, hadden dienen te informeeren naar der ontbreekende nordewendigheeden en wij hebben daarom ook reedes bij inse misive van den 17:e febr: L: l:, aan den gem: Bediendens derweegens onse verwordering katrijd te kennen gegeeven, dewelken daarop gant„ 7 9 „woord hebben: dat dit verzuim grootendeels toetschrijven was aan de Grisseer Resident, alzoo die daarvam in de eerste plaat had bekomen Kennis den 15e. Julij 1792. is insteede op Banda, te am„ „boina gearriveerd de vier gezusters zo niet Ban„ „de bereiht hebben. „den aan boord van dat kieltje heeft laeten examineeren de reis wel ten anderen maal had kunnen onderneemen. Hot schip de kleene Pallas § 224. Het scheepje de kleene Pallas heeft volgens de alhier bekoomene particuliere narichten zijn reise van Boelocom„ „ba verder voortgezet, en is seedert gelukkig en Amboina, in Hier uiet blijkt dat de bark steede van op Banda, aangekoomen - en vermits hier uit blijkt „da, ten minsten amboina zou„ dat, indien de Gezachhebber van de meede naar Banda gedesti„ „neerd geweester bark de vier Gezusters, niet zo spoedig de te rug reis naar Iava had aangenoomen, het denzelven als dan aparent meede noch gelukt zoude zijn zo niet Banda, ten minsten Het extract Journaal gehou Amboina te beweiken, zo hebben wij Copia van het aanboord van dat kieltje gehouden en uw Hoog Edelh: bereeds aangebooden, extract Iournaal gesteld, in handen van den Capitain ter Zee Justinus Philippus de Man, en den Equipage op zichter alhier Ioseph Bossottiel, om na te gaan of den overheeden zich in deezen aan eenige nalatigheid hebben schuldig gemaakt en of zij „8 niet zo wel als het gem: scheepje de kleene Tallas, en de bark de waar uit gebleeken is, dat Talouzie, hunne reis hadden kunnen vervorderen, waar op de„ „zelven bij bericht hebben opgegeeven, dat schoon de gem: over„ „heeden voldoende, reedenen gehad hebben, om naar Boelocom„ „ba te rug te keeren, dezelve echter even zo wel als die van het gedagte scheepse en bark de reis andermaal hadden kan„ „nen, onderneemen, invoegen uw Hoog Ed: des behagende nader Consteeren zal uit het gem: bericht zelve, dat wij de eer hebben Hoogst Dezelven hier neevens in Copia aan kennis te geeven, daar dit kieltje ten gem: Comptorie te kun gehoorde: te 8 „ den 15 Julij 1792: van dat kieltje een minder„ lb: rijst bevonden —: Met betuigd boodweeren dat o met de afzending van 50: h koiangs rijst naar Ternaaten niet naar genoegen van H: H: Ed: gehandelt is — „me zulks is geschied te bieden en waar op wij als nu de geeerde dispositie uwer Hoog Edelheeden zullen blijven te gemoed zien. §225: Intusschen is, bij de weder ontlossing van de gem: bij de ontlossing der laeding daar bank de vier gezusters, op de daar in afgelaaden geweest zijnde heid van 5 koijangs een 3115 220: kojangs rijst eene minderheid bevonden van 5 Koijangs en 3115 lb:d - en dewijl de dispositie daar over veel zal af„ „hangen van de wijze, waar op uw Hoog Edelheedens het missen van de voorn: reis naar Banda zullen gelieven te beschouwen, zo verzoeken wij hun Hoog Edelheeden 6 goedvinden daar omtrient meede te mogen ontvangen. §226: Het doet ons leed, dat wij met de afzen„ „ding van de bij den Ternaatschen eisch gevorderde, doch 3 bij het later aanschrijvens der Ministers aldaar g'excuzeer„ „de 50: koijangs rijst niet naar het genoegen van uw Hoog Ed: gehandeld hebben, dan wij verzoeken daar op te mogen aanmerken, dat wij niet anders hebben kun, in toond aan de reedenen warom„ dan „nen veronderstellen, „ dat de Ternaatsche Ministers uw Hoog Edelheeden hier van meede hadden g'in„ „formeert, en dat daar uwer Hoog Edelheeden onder dui„ „delijk dicteerde, om deeze rijst afte zenden, en wij daar omtrend geen Contrarie last hadden ontvangen; wij ons: derhalven P

NL-HaNA_1.04.02_3986_0204 view scan ↗

English

therefore found ourselves obliged to conform to this order of Your High Excellencies, and not to the letter of the said Ministers. We respectfully offer Your High Excellencies our thanks for the recommendation given to the Master of Equipage at Batavia to exercise greater care and attention so that the ships are sufficiently capable of completing the voyage to this Government, as well as for the communication regarding the arrival at Boelecomba of the ship Sparenrijk, destined for Ternaten, and the pantjalling Padang, concerning both of which vessels we now have the honor to inform Your High Excellencies that, according to the letter received from the Ministers there, they have arrived safely at Ternaten. We must greatly lament that, regardless of our having applied every possible effort to expedite as quickly as possible the ships and vessels destined for the Great East during the past autumn and this spring, that navigation has nevertheless turned out so unfavorably again that not only could most of those ships and vessels undertake the voyage only very late, 15 July 1792, but also that the bark De Vier Gezusters returned from a failed voyage, and the small ship De Kleene Pallas and the bark Naima were unable to reach the place of their destination. 16 July 1792 § 229 The cost of the champang built at Joana for Macasser, but hitherto remaining there due to a lack of opportunity for shipment, having recently been written back here by the Macasser Ministry with the notice that this vessel is no longer needed there and can well be spared, we have the honor to inform Your High Excellencies of this, as well as that this vessel, according to the writing of the Resident of Rembang, has been so gnawed through by worms that it has become completely leaky, and one saw no way to keep it above water any longer. Wherefore we also ordered that Resident to have the said vessel examined by experts, and subsequently to report how much the necessary repairs to be done to it will amount to; and we hereby take the liberty of requesting from Your High Excellencies the necessary orders as to how one shall further deal with that vessel. § 230 It having been made known to us, upon arrival here, by the captains of the above-mentioned ships De Doggersbank and Java, Johannes de Freijn and A: Heijenberg, that they had received too few rations at Batavia—the first-mentioned vessel for 11 European heads, the full rations for the period of 3 months, but the meat and bacon for only 2 months; 24 ditto Moors, also the full rations for 3 months, except for the rice; 9 ditto Wurtemberg military, and 8 ditto Madurese, the full rations from the 27th to the 30th of May last past; and of the last-mentioned vessel for 12 European heads, rice for 2 months, salt meat and bacon for 3 months, other rations for 3 months, and 15 ditto 23 ditto Javanese, also for 3 months the full rations, except for the rice—so we take the liberty of informing Your High Excellencies of this, and also to offer herewith a copy of the reports delivered to us concerning this by the said captains, to which we refer, further mentioning that, at the request of the aforementioned captains, we had these short-received rations supplied here, and we shall take the liberty of having the principal place charged for their amount. 15 July 1792 § 231 Likewise, it was made known to us by the captain of the ship Slaegen in a report, a copy of which accompanies this, that not only had he, upon his departure from Batavia, been forced to leave an anchor behind due to the parting of the cable, but also that the rudder head was cracked and the upper pintle had worked partly loose, requesting therefore to be provided with the necessary workmen etc., in order to stock his sheet anchor on board and to repair the rudder. But before granting this, we had the said vessel examined by specially appointed commissioners, the former Sea Captain Andries Termens and the Master of Equipage Overseer here, Joseph Bossottiel, who thereupon reported to us in the report accompanying this in copy, that the rudder head was indeed so torn that they believed that vessel could not undertake the return voyage to Batavia without danger of sustaining further damage, but that this could nevertheless be remedied by attaching two sufficient cheeks of 6 to 7 feet long and 6 inches thick, provided with two good scorings and

Dutch transcription

vankzeging vor de geges 22 „vene Communicatie nopens den opper Equipage meester omtrend der in staat bren„ „giorg der scheepen. omtrend de aankomst te Boe„ „lecomba, van het Ternatsch de Padang. „naten gearriveerd zijn— Men beklaagd zeer dat de vaart naar de groote oost, wee„ derhalven wel verplicht hebben gevonden ons naar dit bevel van uw Hoog Edelheeden, en niet naer heet schrij„ „rven der gem=e Ministers te gedragen Wij betuijgen Uw Hoog Edelheeden eer biedig het gerecommandeerde aan dank voor de gegeevene recommandatie aan den opper Equipagemeester te Batavia, om meerder zorg in at„ „tentie te gebruiken, dat de scheepen, tot volbrenging der reis naar als meede voor het bedeelde dit Gouvernement genoegzaam in staat zijn, en dit doen wij ook schip spaarenrijk en pantg: voor het bedeelde omtrend de aankomst te Boelocomba van het naar Ternaten gedestineerd schip Sparenrijk en de pantjalling Padang, omtrent welke beide kielen wij tans de eere kunnen hebben uw Hoog Edelheeden te be„ die zeedert behouden te sew„ richten, dat dezelven, volgens het ontvangen schrijvens der Ministers aldaar behouden te Ternaten aangekomen zyn. Wij moeten ons alle zints beklagen dat ongeacht § 228: „beron e noorlotig tegeet wij alles wat mogelijk was hebben aangewend, om de in het gepasseerde na, en dit voorjaar naar de groote ost gedesti„ „„neerde scheepen en vaartuigen, ten spoedigsten te expediee„ „ren, die vaart echter al weederom zo noodtottig is uitge„ „vallen dat niet alleen de meeste dier scheepen en vaar„ „tuigen niet dan zeer laat de reis hebben kunnen aannee„ den 15 Julij 1792 men „ 493 den 16. Julij 1792 voor Macasser aangebouwde champang is weederom te rug gereekent: dit kieltje aldaar niet meer benoodigd was. „vangene naricht zeer lek hoedanig daar meede zal worden gehandelt. „men, maar dat ook de bark de vier gezusters van een verloo„ „ren reis is terug gekoomen, en het scheepje de Kleene Pallas, en de bark Naima de plaats hunner destinatie niet hebben kunnen bereiken. Joara § 229 Het bedragen der te Baomrng voor Macasser, aan „ Het bedraegen aan de „gebouwde doch tot noch toe, weegens gebrek aan geleegentheid C. ter verzending, aldaar te rug gebleevene Champang onlangs door het Macassers Ministerie herwaards te rug geriekend zijnde, onder te kennen gave, dat dit vaartuig En dat wel om reedenen aldaar niet meer benodigd en wel te missen is, zo hebben wij de eer uw Hoog Edelheeden, daar van zo wel kenniste „geeven, als dat dit kieltje, volgens schrijvens van den Rembangs Resident, zodanig van de wormen door knaagt het zelve is, volgens ont„ is, dat het zelve geheel lek is geworden, en man geen geworden. - - - - - - . - . —:- haar meer Liet het zelve langer boven water te houden, waar „om wij dien Resident dan ook gelast hebben het gem: kieltje door des kundigen, te laten examineeren, en vervolgens op te geeven, hoe veel de daar aan te doene noodzaakelijke repa„ „ratien zullen bedragen, en wij neemen bij deezen de vrijheid vaor uw Hoog Edelheeden de benodigde orderste ver„Min verzoekt ordre „zoeken, hoedanig men met dat kieltje verder handelen § 200 Door den capitains van der hier boven gem: schen de apitain van d: schie pr zal. pen den 15 Julij 1792: hebben bericht Dat te Batavia te min randzoenen hadden ont„ vangen is verstrekt geworden „pen de zoogenebanken Janpen De Doggerssaak en Java, Iohannes de Freijn en A: Heijenberg, aan ons, bij aankomst alhier, te kennen gegee„ „ven zijnde dat zij te Batavia aan randzoenen te min ontvan„ „gen hadden - de eerstgem: bodem voor 11: koppen Europeschen, de volle randzoenen voor de tijd van 3: Maanden dock het vleesch en speck maar voor 2: maanden: 24 d:o Mooren ook de volle raadzoenen voor 3: Maanden excepto de ryst,. 9: d„o wurtembergsche militairen, en 8: d„o Madureeser _„ de volle randzoenen seedert den 97n tot den 30: mai l: C: en van de laastgenoemde bodem voor 12 koppen Europeeschet voor 3 maanden. rijst voor 2: _„ zout vleesch en speck. do voor 3: Maanden. verdere randzoenen, en 23: d„o Iavaanen ook voor 3 maanden de volle randzoenen excepto de rijst: zo neemen wij de vrijheid uw Hoog Edelheeden zulks te bedee„ „len, en daar bij tevens aan te bieden Copia van de door die gem=e Capitains desweegens aan ons overgegeevene berichten, waar aan En welke minderheid alhier wij ons refereeren, onder aanhaaling verders, dat wij dee„ 15. d„o 15 d„o d„o se g 195 den 15 Julij 1792: „nige reparatie laeten doen „se te min ontvangene randzoenen, op verzoek der voorschr: Capitains, alhier hebben laten verstrekken, en wij de vrijheid zullen neemen dies bedraagen de hoofdplaats te laaten aanree„ „kenen — §o 231 Desgelijks is door den Capitain van het schip schae van het schip slaegen ve „gen aan ons bij bericht, waer van de Copia hier neevens over„ „gaat, te kennen gegeeven, dat hij niet alleen bij zijn vertrek van Batavia, een anker, door het breeken van het touw, had moeten laten zitten, maar dat ook de kop van het roer gekraakt en de bovenste haak gedeeltelijk los gewerkt was, met verzoekt derhalven, om met het werk benodigd venvolk &„a te mogen worden voorzien, ten einde eens aan boord zijn waarle anker te stokken en het roer te repareeren, dan alvoorens hier in te bewilligen, hebben wij gem: bodem, door expresses gecommitteerdens den oud Capi„ „tain ter Zee Andries Termens, en den Equipage op zich„ „ter alhier Joseph Bossottiel, doen examineeren, die ons daar op bij het deezen in Copia verzellend bericht opgegeeven hebben, dat de kop van het roers inderdaad zo„ „danig geschuerd was, dat zij vermeenden, dat die bodem de terug vel„ „se naar Batavia niet zonder gevaar van verdere schaden te zullen bekoomen, zoude kunnen aanneemen, doch dat dit echter verholpen konde worden door het aanzetten van twee suifficiente wangen van 6: â 7: v:t lang en d„t 6: dmo voorzien met twee goede sonoings en0

NL-HaNA_1.04.02_3986_0208 view scan ↗

English

vessels belonging to this place. offers. Because the expense of this repair amounted to more than in the year 1786. Demanded elucidation from the rigging supervisor Bossottiel. and that this vessel would thereby be put in a condition to be able to undertake the voyage to Batavia with confidence, so that we have also granted authorization to allow this to be carried out. repair of the July 15, 1792 § 32: We also have the honor to inform Your High Nobilities that the necessary repairs and provisioning of the galleys, gurabs, and the pantjalling De Uitkijk belonging to this place, mentioned in our submission of December 31, 1788, have since been carried out and everything has been restored to good order; while we at the same time hereby offer to Your High Nobilities the specifications of what was spent on this, amounting to: for the galley De Havik ƒ1063: 12: 8; the galley De Kraaij ƒ 899:13:—; the galley De Tijger ƒ 1020:17 —; the galley De Valk ƒ797: 18: 18:—; the gurabs De Reiger and De Spreeuw ƒ970: 15:8; and the pantjalling De Uitkijk ƒ 10:14:— 8; but when, upon a comparison made of these costs against what was spent on the mentioned small vessels on a similar occasion in the year 1786, it was found that the latest repair somewhat exceeded that of the mentioned year 1786, the first undersigned therefore demanded further elucidation from the equipment supervisor Joseph Boscottiel, who thereupon showed by report that the repairs made to those small vessels in the year 1786 are by no means to be compared to these July 15, 1792 latter ones, since those small vessels then only had to be provided with a new sheathing, whereas their solid hull now also had to be mostly repaired, and in addition several new items had to be supplied or made for them, such as masts, yards, standing rigging, deadeyes, ironwork, and the like, so that Your High Nobilities, if it please you, will be able to examine this further from the mentioned report itself, which we have the honor to transmit in copy alongside this and to which we request leave to refer. § 233: We also hereby offer to Your High Nobilities the specification of what also had to be spent on the re-provisioning of the gurab De Reiger, which had been taken by the pirates but has since been recovered, amounting in total to ƒ 222: 7: 8 or 12 15/— rixdollars, which, along with the rest of what was spent both on this small vessel and on the above-mentioned four galleys and the gurab Spreeuw, we will have placed on the ordinary cruiser account in order to request a write-off thereof in due time; but against which we will have the amount spent on the pantjalling De Uitkijk, being a vessel that has no connection with the cruisers but belongs to the household, charged to the ordinary expense account or costs of sloops, for which we therefore hereby request authorization. § 234: July 15, 1792 The bark De Eensgezindheid destined for Banjarmassin: not north of Madura, but continued through the Strait. after having been provided with a ½ crew of Javanese sailors at Sourabaija. The pantjalling De Uitkijk and Dankbaarheid will be made to compensate for the short-delivered goods. § 234: Furthermore, we have the honor to inform Your High Nobilities that the bark De Eensgezindheid destined for Banjarmassin, according to the letter received from the Sourabaija officials, was not able to continue the voyage north of Madura, but found itself compelled to set course through the Strait, and that the master of this small vessel, on his report accompanying this in copy indicating the weak condition of the crew and in accordance with the request made to that end, was assisted with a half-crew of Javanese sailors; although the said master requested this neither here nor in Joana, on which account we have also expressed our surprise to the Sourabaija officials, with orders at the same time to the Joana Resident to answer for why he allowed that vessel to depart in that weak condition. § 235 With relation to the short-delivered cargoes, we shall not fail to make the masters of the pantjallings De Uitkijk and De Dankbaarheid compensate by buy-out for the 1684 lb of coffee beans and 120 pieces of Chinese planks short-accounted for by them at Batavia in the year 1791, while we the Sourabaija officials

Dutch transcription

alhier te huis gehoorende vaar„ tuigen „tie aanbied: vermits het bekostigd dier reparatie meerder heeft bedraegen dan in A„o 1786. op zichter Bossottiel eluci„ „datie gevordert en dat die bodem daar door in staat zoude gesteld worden de reis naar Batavia met gerustheid te kunnen aanneemen, in voegen wij dan ook qualificatie hebben verleend, om zulks te laten ge„ „volg neemen. gedren, repariatie van de §: 32: Ook: hebben wij de eer uw: Hoog Edelheeden te bedeelen dat de bij onze submisse van den 31: December 188 p„s ver„ melde benodigde reparatie en voorziening van de alhier te huis „hoorende galeijen, Goerappen en pantjalling de uitkijk seedert is bewerkstelligd en alles weeder in een goede order ge„ „bragt geworden; terwijl wij uw Hoog Edelheeden tevens hier waar van men de specifica, bij aanbieden de specificaties van het daar toe bekostigde bedragende als van des galei de Havik ƒ1063: 12: 8: de galei de kraaij ƒ 899:13:— de Gabie de Tijger ƒ 1020:17 —: te gabli de valk ƒ797: 18: 18:— de goerappen, de Reiger en de spreeuw ƒ970: 15:8: en de pantjalling de uitkijk ƒ 10:14:— 8: dan naardren bij eene gemaakte vergelijking van dit kosten: de teegen het geen bij eene gelijke geleegentheid in do„ 1786: aan den gem: kieltjes is besteed geworden bevonden is, dat de Jongste reparatie die van het gem: Jaar 1786. eenigzints Heeft men van de Equipage surpasseerd, zo heeft de Eerstgeteekende desweegens van de Equi„ „page op zichter Ioseph Boscottiel nadere elucidatie gevor„ „deert, die daar op bij bericht aangetoond heeft dat de gem: in a„n 1786 dan die kieltjes gedane reparatien geenzints bij dee„ den 15 Julij 1792 ze 829 den 15 Julij 1792 „daan heeft: van het bekostigde aan de goe„ „rap de Reiger en ander zal men op de gewoo„ pantjallang de rutkrijk chaloupen: „ze laatste te vergelijken zijn, door dien kieltjes toen alleen die daar aan ook vol„ van een nieuw dubbelheid hebben moeten worden voorzien, daar derzelver vastehuid nu meest ook heeft moeten gerepareerd en daar en boven ook aan derzelven verscheide nieuwe articulen heb„ „ben moeten verstrekt of aangemaekt worden, als masten, rhaas„ tingage, Juffers, ijzerwerken, en wat dies meer is, invoegen uw Hoog Edelheeden des behagende, het een en ander nader zullen kunnen beogen uit het gem: bericht zelve, dat wij de eer heb„ „ben neevens deeze in Copia te laten overgaan en waar aan wij verzoeken ons te mogen refereeren - § 233: Wij bieden uw Hoog Edelheeden ok bij deezen aan de specin aanbeding den secesfeantien „ficatie van het geen mede heeft moeten bekostigd worden tot de wee„ „der voorziening van de door den zeerovers genoomen geweest zijn„ „de doch seedert weeder terug bekoomene Goerap de Reiger, be„ „dragende in het geheel ƒ 222: 7: 8: of rd=s 12 15: — die, wij nee„ „vens het verders bekostigde zo aan dit kultje, als aan de boven gem: Het bedraegen van dit een vier Galeijen in de Toerap Spreeuw zullen laaten stellen op de, „ne kruisver reekening ste l gewoone kruissers reekening, om ter zijner tijd daar van afschrijving e te verzoeken, doch waar teegen wij het besteede aan de pantjallang doch het besteede aan de de uitkijk, als een vaartuig zijnde; dat met de kruissers geen ge„ op de last reekeningen van „meenschap heeft, maar tot de huishouding gehoord: op de gewoone lastreekening of onkosten van Chalouppen zullen doen afboeken, waer te wij duis bij deezen gualifcatie verzoeken - § 234: t 7 den 15 Julij 1792: „destineerde bark, de Eensgezind„ Madira maar wel door den trechter voortgezet rabaija met een ½ ploeg Java„ „worden— des pantjalling de uitkijk en Dankbaarheid zal men laeten vergoeden, hebbedraegen „de goederen — De naar Banjoamassing ge: §234: Voorts hebben wijde eer uw Hoog Edelheeden te bedeelen dat de naar Banjermassing gedestineerder bank de Eens gezind„ „heid volgens het ontvangen schrijvens van den Sourabaijasche Be„ „heeft es nat bevoerden riendens de rees niet benoorden Madura heeft kunnen voort„ „zetten, maar zich verplicht heeft gevonden de Cours door de trechter te stellen, en dat de gezachhebber van dit kiel„ naar dien bevoorens te Cou„tje, op deszelvs, bij een deezen in Copia verzellend bericht „sche zeevaerende is voorzien gen te kennen gegeevene swakke gesteldheid des equipage en con„ „form het daar toe gedaan verzoek met een, halve ploeg Javaansche zeevaarenden is geadsisteerd geworden; hoe wel ge„ „melde gezachhebber zo min hier als te Joana daarom heeft verzoek gedaan wesweegens wij dan ook den sourabaijaschen Bediendens onze verwondering hebben te kennen gegeeven, met last tevens aan den Joanas Resident, om zich te verant„ „woorden, waar om hij dat vaartuig, en die swakke toestand heeft laaten vertrekken voordegezackhebbers van §235 Met relatie tot de uitgeleeverde Ladingen, zullen wij nat man„ der or den te min riet geleven„ queeren door den gezachhebbers van de pantjallings de uitkijk en de dankbaarheid uitkoops te doen vergoeden, de door hun in aen 179s: te Batavia te min verantwoorde 1684: lb: kof„ „fij boonen en 120: p=s Chineesche planken, terwijl wij den Sourabaijeaschen „heid

NL-HaNA_1.04.02_3986_0211 view scan ↗

English

have been informed of the compensation that has been imposed on the Resident of Grissee, while the Surabaya servants have also informed us of the decision taken by Your High Noblenesses to charge the lesser yield of the remainder of these planks to the Resident of Grissee, with two capital advances, as compensation. Section 236. But as regards the back-accounting to this Government of the 5 pieces of barges and 1 piece of coir rope or hawser, which were detained here in 1794 from the ship de Twee Gezusters, we respectfully insist that this back-accounting may have no consequence, as the said boats and rope were transported to Batavia only a short time after the departure of the aforesaid ship de Twee Gezusters, and were also properly accounted for there at the naval shipyard, so that Your High Noblenesses, if it pleases you to ascertain further, will see both from our letter of 6 October of the said year serving to accompany those boats, and from the receipt granted for the reception by the titular Lieutenant at Sea and Boatswain at the shipyard, Marten Visser, which we have the honor to present to Your High Noblenesses in original along with this. Section 237. The report sent hither from the senior merchants of Batavia Castle regarding the sword-knots issued at Makassar on 15 July 1792 to the detachment of Württembergers of Captain van Böhnen, we have indeed received, but since then, upon a closer investigation made concerning this, we have perceived: that these sword-knots were indeed furnished at the Cape from the stock of the Regiment itself, but that the Company subsequently restored the same in kind to it, and that thus these sword-knots brought here by the aforesaid detachment belong to the Company; and since Captain Lieutenant Gaupp, having held the command over those troops after the departure of the above-mentioned Captain van Böhnen, has stated to us in a report of which we attach a copy to this, that he still had a quantity of those sword-knots in his possession, we have, upon his request made thereto, had them handed over here to the armory, whereby it was found that instead of 109, only 87 pieces remained, and that the same are all unserviceable; but of which shortage the aforesaid Gaupp, in another report also accompanying this, has stated he could give no reason, and that he received no more from Captain van Böhnen upon his departure for the Cape of Good Hope than the aforesaid quantity of 87 pieces now accounted for by him; and further reporting that, as regards the unserviceability of these sword-knots, the same were already nearly all in that condition at the handover by the aforesaid Captain van Böhnen to him, Gaupp, and that during the expedition to the upper lands made shortly thereafter, he found himself obliged to lock them all up in a chest, and that thereby, although they were placed in a dry spot, nevertheless all the rest that were still more or less good and usable had also become suffocated and unserviceable. Section 238. For what has been imparted regarding the further disposition of Your High Noblenesses concerning the surplus and short-delivered goods brought by the ship Voorland and the pantjallangs de Rietvink and Sourabaija, we hereby express our respectful thanks to Your High Noblenesses, noting that we have since received the accounting of the goods brought here without invoice by the said pantjallangs. Section 239. We are also very obliged to Your High Noblenesses for what was communicated regarding the compensation imposed on the former First Resident of Pontianak, Jacob Klaagman, for the gift goods found deficient for the King of Sambas, while upon receipt of the further goods projected from Batavia for that ruler, we shall not fail to forward the same from here. Section 240. For the cash and further goods sent to us with the ships de Doggersbank and de Arend, we say

Dutch transcription

99 geinformeerd zijn van de vergoeding die den grissees Resident is opge„ twee gezusters aangehouden 5 pees schouwen. zijn oaing tijs dan ma aar Ba„ „tavia getransporteerd de aan het detachement van Bohnen afgegeevene portepee is geleegen. sourabaijaschens Bediendens tevens geinformeerd hebben, van het ge„ Terwij de sourat: Bediendens „noomen besluit door uw Hoog Ed, om het minder rendement der over veraagen „ge deezer planken door de Grisfeschen Resident, met twee Capita„ „len advans, te lasten vergoedin- § 236 Dans wat bektreft de terug reekening naar dit Gouverne, de in den 179: van het schip de „ment van de 5 p„s schouwen en 1 p.s kajer touw of sleeper, dis in deos 1794: vnr het schip de Twee Gezuisters alhier aangehouden zijn, daar omtrent insteeren wij eerbiedig, dat die te rug reeke„ „ning geen gevolg mag hebben, alzo de gem: kiettjes en touw maar weinig tijd na het vertrek van het voorsz: schip de Twee gezusters, meede naar Batavia getransporteerd en ook aldaar op de equipage werv behoorlijk verantwoord zijn, invoegen Uw Hoog Edelheeden, des behagende nader Consteeren, zal zo uit onze ten geleide van die kieltjes gediend hebbende missive van den 6: october van het gem: Jaar, als uit het door de tit: Lieutenant ter Zee en Bootsman, op de werv. Marten Vissen voor de ontvangst verleend bewijs, het welk wij de eer hebben uuw Hoog Edelheeden neevens deeze in originali aan te „bieden. § 237: Het herwaards gezonden bericht van den opper„ men noten hoedanig het met „kooplieden des Kasteels Batavia, nopens de te Maccasser den 15 Julij 1792: 245 eg aan den 15 Julij 1792: aan het detachement wirtembergers van Capitain van Böhnen afgegeevene portipees, hebben wij wel ontvangen, doch seedert, bij een desweegens gedaan nader onderzoek ontwaard: dat deeze port epees aan de Caas wel uiet de voorraad van het Regiment zelve zijn ver„ „strekt geworden, doch dat de Comp=e de zelven naderhand weeder in natura aan het zelve gerestitureerd heeft, en dat dus deeze door het voorschr: detachement alhier aangebragte portepees aan de Comp„s gehooren: en vermits de, naar het vertrek van boven „gemt Capitain. van Böhnen, over die troupes het Commando gevoerd hebbende capitain Lieutenant Taupp, aan ons bij bericht waar van wij Copia deezen bijvoegen, heeft opgegeeven, dat hij van die portepees noch een parthij onder zich had, zo hebben wij die, op desselvs daar toe gedaan verzoek, alhier in de wapen„ „kamer laten afgeeven, waar bij bevonden is, dat er in steede van 109: slechts 27: p=s overig, en dat dezelve alle onbekwaan zijn; doch van welke minderhad voorscha: Gaupp: bij een ander, deezen meede verzellend benicht, heeft opgegeeven geen reeden te kunnen geeven, en niet meerder dan de voorschr: door hem tans verantwoorde quantiteit van 87: J=s van Capi„ „tain van Böhnen, bij deszelvs vertrek naar cabo de goe„ de hoop, ontvangen te hebben, en met opgave wijders, dat, wat de onbekwaamheid deezer partipees betreft, dezelve, bij de overgave der voorm„e Capitain van Böhnens aan hem Gouipp: reeds meest alle in dien toestand zijn geweest, en dat hij bij den 15 Julij 1792. de ed L28off den 15 Julij 1792: dispositie der uitgeleeverde laeden„ gen van het Schip voorland en de pantjallangs aangebragte goede„ „ceerde omtrent de opgelegde ver„ pontianaschen Resident klagman„ vorst van Sambas zal men dezelve van „gen van de scheepen de Doggersbank de kort daar aan gedane expeditie naar de boven landen, zich verplicht heeft gevonden, om dezelve alle in een kist te moeten op sluiten en dat daar door schoon de zelve op een drooge plaats waren gezet, echter al de overige die noch min of meer goed en bruik baar wa„ „ren, meede verstikt en onbekwaam waren geworden § 238: Voor het bedeelde omtrent de verdere dispositie uwer Hoog Zankzeging en trende genomene Edelheeden nopens het over en te kort niet geleeverde, door het d' pantgalngde entrij en ourabaija schip voorland en de pantjallings de rietkijk en Sourabaija betuigen mij uw Hoog Ed bij deezen eerbiedig dank, onder notitie de anreekening van de met gem: dat wij de aanreekening der, met de gem: pantjallings, alhier e heeft beeder lats gehad: zonder factuur aangebragte goederen, seedert ontvangen heb„ „ben § 239: Ook zijn wij uw Hoog Edelheeden zeer werplicht voor von an t ovo et ean het gecommuniceerde omtrend de opgelegde vergoeding aandige „ goeding aan den geweesen eersten „weezen. Puntianas Eerste Resident Iacob Klaagman van de te min bevondene schenkage goederen voor de koning van sambas, terwijl wij bij ontvangst der nader voor dien vorst Bij ontrangst van goedren voor de„ van Batavia geprojecteerde goederen niet manqueeren zul nen wetlende „len dezelve van hier verder voort te zenden. § 240 Voor de ons met de scheepen de Doggersbank Bewindig en ger geleverde a an den arend. en de Arend toegezondene Contanten en verdere goederen zeggen 29 3

NL-HaNA_1.04.02_3986_0214 view scan ↗

English

15 July 1792: we express our respectful thanks to Your High Nobilities, noting that those from the first-mentioned vessel have been properly delivered, and at the same time presenting the report of the ordinary commissioners, annexed to the memorandum of the Senior Merchant and Head Administrator Jacobus van Santen, concerning the findings regarding the second-mentioned ship, from which Your High Nobilities may, if it please you, ascertain that the officers of that vessel delivered too little: 863 lb Cape wheat 125 lb rye and 5 lb Lead in boxes. amounting in Dutch currency together to ƒ 52: 11: 8: which we shall accordingly, when opportunity offers, have charged to Batavia, in order that, with the pleasure of Your High Nobilities, it may be placed on the pay accounts of the said officers. Section 241: Your High Nobilities will also observe from the said report of the commissioners and the annexed findings of the Head Administrator van Santen that the 300 pieces of 1½ lb swivel gun shot also charged hither with the aforesaid ship de Arend were not received, but that the officers stated that they had been obliged to leave them behind at Batavia on account of the express orders given to them to depart quickly, wherefore we have neither placed them to their account nor charged them to the capital, as that would only have produced an improper appearance in the profit account, since those shot, being intended for Java, will certainly be sent on later with some ship or other. Section 242: The satisfaction expressed by Your High Nobilities regarding the sale of merchandise on this coast in the past year cannot but be highly pleasing to us, and will encourage us ever more and more to make every effort that may in any way serve to promote the interests of the Company. Section 243: For the speedy settlement and discharge by the Regents and others of their compulsory deliveries of products to the Company, we shall continuously leave no stone unturned, especially with regard to the rice contingents, although we are not without fear that some Regencies will not be able to clear their arrears of that grain this year, because on some of them the harvest has once again been very disappointing, as we shall have the honor to demonstrate further below, and the prevailing scarcity of foodstuffs has been so great in most places that not only has a great flight of people taken place, but the common man has also thereby been forced to use for consumption the rice that should have served as seed. Section 244: We therefore presume that the 11 ships of 150 and 140 feet planned by Your High Nobilities for collecting that grain to Java will indeed be sufficient for the purpose, but in case it should be found otherwise, the first-signed will not fail to try to make use of the authority granted by Your High Nobilities to have the remainder of that grain conveyed on freight from the west of Java. Section 245: And since it is conceivable that the ship de Diamant may on the other hand serve for the transport of timber, the Sourabaya servants have already been authorized to employ that vessel for that purpose; while furthermore the orders of Your High Nobilities will be properly complied with, to allow the ships sent expressly for collecting rice to serve for that purpose as well. Section 246: We shall also duly take as our guide the honored order of Your High Nobilities, since the remaining timber cannot be collected anyway, to refrain for the present from all purchases of that commodity, but we request

Dutch transcription

den 15 Julij 1792: „gereekende 300 pees bas kogels zijn niet ontvange „gens hun spoedig vertrek haden moete„ „te rug laeten— zeggen wij uw: Hoog Edelheeden eerbiedig dank, onder notitie, dat die van de eerstgem bodem richtig uitgeleeverd zijn, en met aanbieding te„ . „vens van het raport van ordinaire gecommitteerdens, annex de me„ „morie van de opperkoopman en Hoofd administrateur Jacobus van santen, nopens de bevinding van de van het tweede gemelde schip, waar uut uw Hoog Ed:, des behagende, Consteeren zal dat den overheeden van dien bodem te min hebben riet geleeverd: 863: lb: tarwe Caabse 125. „. rogge en 5: „ Lood in kassen. bedragende aan Neederlandsche geld, te zamen ƒ 52: 11:8: die wij dan ook, bij geleegentheid, naar Batavia zullen laten aanree„ „kenen, ten einde met believen uwer Hoog Edelheeden, op de zoldij reekeningen der gem: overheeden gesteld te worden De met geoned schip en rndaan, §n 2 41: Ook zar uw. hoog Edelheeden uit het gem: rapport van gecommitteerdens en annexe bevinding van den hoofd admini„ „strateur van Santen tevens komen te blijken, dat de ook; met het voorschr: schip de Arend, herwaards aangereekende 300 p=s Die de overheden opgeven dat va, baskogels van 1½ lb niet ontvangen zijn, maar dat de over„ „leeden hebben opgegeevens dat zij die te Batavia hadden, moeten te rug laaten uit hoofde van de aan hun gegeevene expresse ordre om spoedig te vertrekken, waarom wij die dan ook niet op hunner reekening gesteld, noch de hoofdplaats aan gereekend den 15 Julij 1792. hebben 203 „pens den verkoop tder handelwahren kan niet dan aangenaam zijn „te leeverancien zal niet onbezogt wor„ „den gelaeten— Regenten de achterstallen van rijs=t niet zullen kunnen worden /: veref„ hebben, alzo die maar een oneigene vertooning in de winst reekening zoude hebben gemaakt, daar die kogels toel voor Iava geprojecteerd zijnde ook zeeker met het een of ander schip nader zullen gezon„ „den worden §242: Het betuigd genoegen door uw Hoog Edelheeden: weegens het betuigd gage: J: : d a„ Verkoop van handelwharen ter deezer kust en A:o p„o kan ons niet anders dan ten hoogsten aangenaam zijn, en, steeds meer en meer animeeren, om alles aan te wenden wat immers tot bevorde„ „ring van 's maatschappijs belangen, dienen kan. § 243: Ter spoedige voldoening en vereevening door de Regen„ ter spoediger voldoening der verplich„ „ten en anderen van hunne verplichte leeverancien van Producten aan de Comp„e zullen wij bij aanhoudenthied mee„ „de niets onbezogt laaten, voornamentlijk met opzicht tot de reigst Contingenten, schoon wij niet buiten vrees zijn, dat sommige ven vondeekten dat aaen on Regentschappen dit Jaar hunne achterstallen van dat graan,„ pen: niet zullen kunnen vereevenens door dien het op eenige derzel„ „ve, met de oogst op nieuw zeer is teegen gevallen, gelijk wij de eer zullen hebben hier onder nader aan te toonen, en het ge„ „heerscht hebbende gebrek aan leevensmiddelen, op de meeste plaatzen zoo groot geweest is, dat niet alleen en groot verloop van volk heeft plaats gehad, maar dat ook de gemeene man den 15 Julij 1792. daan de 215 den 15 Julij 1792: van rijst gepropcteerde 1s: scheepen toetreikende zullen woezen. op raacht verzonden worden. „qualificert om het schip de didmant met houtwerken te belaeden geprojecteerd zijn, zal men ook daar toe laeten dienen. in koop van houtwerken laet men zich tot na richt strekken — den 15 Julij 1792. daar door is genoodzaakt geworden, om de rijst, die tot zaad had moeten dien en tot Consumtie te emploijeeren. Men vonoed nt e e de a a 4: i en een dus, dat de door uw Hoog Edelheeden, ter afhaal van dien korl, naar Iava geprojecteerde 11: scheepen van 150: en 140: voeten, daar toe wel zullen kunnen toereiken doch hij het contatie zal hebbeterten in gevallen zulks anders mogt bevonden worden, zo zal de Eerst„ „geteekende niet manqueeren te trachten gebruik te maken van de door uw Hoog Edelheeden verleende qualificatie, om het verdere restant van dien korl op dracht, van de west van Iava te doen overbrengen, De oupehijaide Bedienden zinge § 245 En vermits hat te denken is, dat het schip de Diamant daaren teegen zal kunnen dienen tot de vervoer van Houtwerken zo zijn ook de sourabaijasche Bediendens reeds gequalificeerd; ze scheepen die ter afhaal van rijtom dien, bodem daar toe te emploijeeren; terwijl voorts ook behoor„ „lijk voldaen zal worden aan de onder uwer Hoog Edelheeden, om de scheepen welke expres tot de afhaal van rijst gezonden wor„ „den, ook daar toe te laaten dienen Toet angeselreere ontrenden, §: 246 Ook zullen wij ons behoorlijk tot naricht laten strek„ „ken het geeerd bevel uwer Hoog Edelheeden, om wijl het res„ „tant hout, toch niet zal kunnen afgehaald worden, voor eerst van alle inkoop van dat articul afte zien, dan wij ver„ zoeken

NL-HaNA_1.04.02_3986_0217 view scan ↗

English

one for the barracks to be built, the gunpowder mills and palisades, no delivery of timbers has yet taken place; to procure 3 pieces of beams, these timbers are still awaited. We also request permission to remark that we have found ourselves obliged to make use of the remaining timbers from the contingents, insofar as they have not been requisitioned, for the decided construction of the necessary barracks for the Wurttemberg troops and the alterations to be made to the gunpowder mills here, which we hope may also meet with the esteemed approval of Your High Nobilities. Section 247: Since Your High Nobilities have as yet made no requisition for the various kinds of wood growing in the forests of Rembang, Caliwongo, Damak, etcetera, no delivery of them has taken place, and we shall therefore suspend action regarding them until further orders from Your High Nobilities; while we have in the meantime given the necessary orders to have three beams of each kind of these timbers felled from each of those forests as samples, and shall then have the honor to send them to Your High Nobilities. Section 248: We still await the further explanation requested from the Japara Resident regarding the timber forests belonging under that district, and we shall have the honor to supply it to Your High Nobilities upon receipt. July 15, 1792 Section 249: In order now to comply with what was cited by us earlier with respect to the rice crop, we request permission to present the reports received by us in this regard in substance below. From Tagal it is reported that due to the rains fallen in the past month, the high-lying rice fields have revived somewhat, but that this has on the other hand caused a noticeable delay in the cutting of the paddy on the low fields. In the Paccalongang region, the paddy in the lowlands is already being cut, but it is increasingly discovered that many places are found where the paddy has dried up and perished due to lack of water. In the Japara region they are also currently still busy with the harvesting of the paddy, but on the west side of that district the paddy of four different dessas has been consumed by a white worm that nested therein to such an extent that from a paddy field which previously yielded fully thirty hamatten or 750 bundles of paddy, now no more than two hamatten can be gathered, all the rest being empty straw; while the rice fields situated on the east side, according to the letter of the Resident, were covered by a heavy fog for about a month, such that the paddy, which was customarily calculated as with a good crop at 40 koyangs of rice, shot up to an extraordinary height, and the stalks, which previously stood very promising and fruitful, were found almost empty, to the extent that five hamatten of paddy now deliver only as much rice as one hamat previously did, which was caused by a multitude of grasshoppers that spread over these lands, and by all of which disasters the fulfillment of the contingents will not only be noticeably delayed, but the cultivators have also been made so despondent that they, to the number of fully 310 heads with their families, have abandoned their dwellings and apparently moved to other districts. In the Joana region, the rice crop has also suffered greatly, both through a failure of planting due to a lack of the seed required for it among the common man, and the famine that existed during the latest west monsoon, because of which many of the inhabitants had to move their residence elsewhere, as well as due to the drought that recently prevailed for about a month, and that precisely during the ripening of that grain, to the extent that the Resident considers it may be counted as an extraordinary piece of luck if the contingents can be brought in completely. In the Rembang region the paddy has also mostly withered and perished, such that the common man is destitute of food. July 15, 1792

Dutch transcription

205 „men tot de opte boudene barakken de krietmookens en pleijgeren houtwerken is noch geen leverantie geschied — 3 p„s balken te bezorgen. deeze houtwerken, is men noch te ge„ „ moet ziende. „zoeken tevens te moogen remarqueeren, dat wij ons verplicht„ hebben gevonden van de gen„e restant zijnde houtwerken, uit de derestant leggende houtwerken sal contingenten, voor zo veel die niet geeischt zijn, gebruik te moe„ „ten maken tot den gearresteerden op bouw der benodigde barakken, voor de Wurtenbergsche troupes ende te makene veranderingen, en de se maaken weandiringen an aan de kauitmoolens alhier, het geen wij dan ook hoopen, dat de geeerde goedkeuring van uw Hoog Edelheeden zal mogen weg dragen § 247: Van de in de bosschen van Rembang, Caliwongo, Da„, van de verschilede zoorten van „mak &54. vallende verschillende soorten hout, door uw Hoog Eaelheeden, voor als noch geen eisch gedaan zijnde, zo is daar van ook noch geen leverancie geschied, en ous zullen wij daar meede tot de nader order van uw Hoog Edelheeden supperee, gestelen ordr on van ade dot „deeren; terwijl wij intusschen de nodige onder hebben gesteld, om rut ijders dier bosschen, drie balken van elk soort deezer hout„ „werken tot monsters te laten aankappen en zullen dan de eer heb„ „ben die uw Hoog Edelheeden te laaten toekoomen. 5248: De van den Japaras: Resident gevorderde na, de elijcidatie van Japara, omntrend „dere elucidatie omtrent de onder dat distrikt gehoorende hout„ „bosschen, zien wij voor als noch te gemoed en wij zullen de eer heb„ „ben, die, bij ontvangst, uw Hoog Edelheeden te suppede„ „teeren— den 15 Julij 1792 § 249: 245 3 den 15 Julij 1792: gewoeh: men med den stat van het uijst § 249: Om nu te voldoen aan het door ons hier voorwaards aan„ gehaalde ten opzichte van het rijst gewasch, verzoeken wij verlof, om de desweegens bij ons ingekoomene berichten hier onder in substan„ „tie te laten volgen. van Tagal bericht men dan dat door de in de gepasseerde maandge„ „vallene reegens de hoog geleegene rijstvelden weeder eenigzints verkwikt zijn, doch dat dit daar en teegen ook een merkelij„ „ke vertraging in het snijden der Padij op de laage velden, heeft. veroorzaakt. In het Paccalongangsche word, das padij in de beneeden lan„ „den reeds gesneeden, doch daar bij hoe langer hoe meer ontdekt dat er veele plaatsen gevonden worden, waar de paedij, door gebrek aan waater, verdroogd en te niet gegaan is — Met de inzameling der padij is men thans ook in het Sapara„ „sche noch beezig, doch aan de west kam't van dat distrikt is de padij van vier onderscheidene dessas zodanig door een wette wormn, die daar in nestelde, verteerd, dat van een padij veld dat bevoorens ruim dertigh hamatten of 750: bossen poedij op„ „leeverde, thans niet meer dan twee hamatten kunnen inge„ „zameld worden, als zijnde al het overige leedig stroo; ter„ „wijl de aan de oost kant geleegenet rystvelden volgens het schrij„ „vens van de Resident voor circa een maand, door een sterke mist, zijn overdekte geworden; zoodanig dat de padij die naar den 15 Julij 1792: gewoonte gewoonte als bij een goed gewasch gecalculeert was op 40: koijangs: rijst, tot een buiten gemeene hoogte is opgeschooten, en de hal„ ƒ „men, welke bevoorens zeer verleurig en vrugtrijk stonden, bij na leedig gevonden wierden, in zo verre, dat vijf hamatten. padij thans maar even zo veel rijst uitleeveren als bevoorens een hamat heeft gedaan, het welk is veroorzaakt geworden „landen door eene meenigte sprinkhaanen, die zich op deeze, barden verspreid, en door alle welke onheilen de voldoening der cons„ „tingenten niet alleen merkelijk zal verachterd worden maar ook de laaadlieden zodanig moedeloos gemaakt zijn, dat dezelven ten getalle van wel 310: koppen, met hunne huis gezinnen, hun„ „ne wooningen verlaeten, en zich apparent naar andere districten begeeven hebben. Jn het Joanasche heeft het rijst gewasch, zo door manquement van aanplant bij gebrek aan het daar toe benoodigde zaad onder de gemeene, man, en de g'exteerde hongersnood in de Jongste west mousson, waar door veelen der Inwoonders zich met een woon naar elders hebben moeten begeeven, als wel door de on„ langs geduurende circa een maand, en dat wel Juist in de vijpit wording van dat gaaan geerteerde droogte, almeede zeer veel geleeden in zo verre dat de Resident vermeend, dat het voor een rutnee„ „mend geluk zal moogen gereekend worden, als de contingenten Compleet zullen kunnen inkoomen. Jn het Rembangsche is de padij ook meest verdort en te niet ge„ „gaan, zodanig dat de gemeene man zich van voedzels ont„ den 15 Julij 1792: blood 6 245

NL-HaNA_1.04.02_3986_0220 view scan ↗

English

15 July 1792: fearing that they have felt compelled to abandon their villages in whole crowds and go elsewhere to find the necessary sustenance. Regarding the eastern salient, one cannot as yet report anything with certainty, although the servants, in their last received letters, have reported that the fields which could first be planted both in the Passourouang and in the Sourabaija regions, and which mostly serve for the inhabitants' own food, yield a good harvest, and that the remaining or principal fields, from which the deliveries to the Company are made, also promise a good harvest for the time being, whereas on the other hand, according to the latest reports from the districts of Grissee, Sidaijoe, and Lamongang, the situation there is not so favorable, as part of the crop there has failed, and likewise on the island of Madura several fields have been ruined by locusts and the disease called Tepak Mera by the natives, although the servants say that this has been considerably compensated for by the planting of a great quantity of sweet potatoes, corn, etc., and the price of provisions had thereby also fallen somewhat again. In the Demak and further districts sorting under this Head Office, matters have turned out better with this crop, although due to the heavy rains that fell in the past month, the ripened paddy has likewise in several places 16 June 1792: much 34 9 15 July 1742. been put in a state that is not too favorable. The domains and tolls have been properly paid. Ioana farmer. The slaughter of pigs here. Disposition to the farmer of the imported and exported sugar of been caused much damage, all of which makes us not a little fearful that this year we will have no less a shortage of provisions than in the previous year, which certainly cannot fail to have the most detrimental consequences, as the common man will thereby be more and more inclined to abandon the coasts, which are already very depopulated anyway, and go to the Vorstenlanden. Paragraph 250: On the other hand, the domains and tolls open along this coast from the previous year have, since our submission of 31 December of the said year, been further settled and paid, except for the third term of the Ioana farmer amounting to 2425 rixdollars, which still remains unpaid, as well as a sum of 125 rixdollars, and 125 rixdollars which the farmer of the slaughter of pigs here is likewise still in arrears, but the payment of which will now also take place shortly. Paragraph 251: The confidence placed in us by Your High Noble, in leaving to us the disposition on the request made here on Java by the farmer of the import and export of sugar to be released from his remaining arrears up to 1500 rixdollars, serves to our particular satisfaction, and I have conducted the necessary investigation regarding it, in order to properly fulfill the intention of Your High Nobles in this matter with the required accuracy, whereby it has appeared to us that during the past year, according to the pass lists, from Samarang to Batavia, the outer coast, and candy powder various places here along the coast, there were exported 1102 and 123 coast and that from the subordinate offices along this coast here to Samarang and elsewhere were imported 167 and 20 and that thus the export and import here along the coast together which were exported on the Company's behalf to Banda, in total piculs 3:9 1/35 and 14: 1 that however, since no sugar is produced in the Samarang district, but everything exported from here must be brought in from other places, and according to the lease conditions no tolls need to be paid twice on that sweetness when it is merely transported from one place to another in order to be shipped from there, consequently the aforementioned quantity imported here must be deducted again to the amount of 167 and 20 that the lease of this quantity, calculating the picul of powder sugar at 30 and the candy sugar at 60 stivers, amounts in total to 878:38:8 rixdollars and that when one compares this to what this lease was farmed out for at 305:—:— Spanish rixdollars per month or in a full year 5575:—:— it then appears that the farmer fell short by 4696:9:8 rixdollars. Amounts: remainder: piculs 1172:25 and 121 or with the: 70:1/25 candy powder piculs 1269 and 141 15 June 1792 it

Dutch transcription

den 15 Julij 1792: „blood ziende, zich als gedrongen heeft gevonden, om met geheele hoo„ „pen hunne negorijen te verlaaten, en zich naar Elders te begeeven om het nodige onderhoud te vinden — van den oosthoek kan men voor als noch niets met zeekerheid, mel„ „den, hoe veel den Bediendens, bij hun laatst ontvangen schrijvens be„ „richt hebben, dat de velden, welke zo in het Passourouangsche als in het sourabaijasche eerst hebben kunnen beplant worden en meest dienen tot eigen Voedzel voor den Ingezeetenen, een goede oogst opleeveren, en dat de overige of principaalste velden waar uit de leeverancie aan de Comp=e geschied voor als noch mee„ doe en goede oost belooven, docr dat het daar en teegen volgens de Jongste berichten in de districten van grissee, sidaijoe en Lamongang daar meede zoo voordeelig niet gesteld is, als zijnde het aldaar met een gedeelte van het gewasch niet geslaagd, en dat en insge„ „lijks op het eiland Madura verscheide velden door de sprink„ „haanen, en de bij den Jnlanders zo genaamde Tepak Mera, ge„ „ruineerd zijn, hoewel de bediendens zeggen dat zulks voor de aanplaanting van een menigte oebie, Jagins &„a weeder mer„ „kelijk vergoed en de prijs der leevensmiddelen daar door ook wee„ „der eenigzints gedaald was — In het Damaksche en „ verdere onder dit Hoofd Comptoir sorteeren„ „de destrikten is het daar en tergen beeter met dit gewasch uiitgeval„ „len, of schoon door de in de gepasseerde maand gevallene swaare ree„ „gens op verscheide plaatzen aan de rijp gewordene padij insgelyks den 16 Junij 1792: veel 34 9 den 15 Julij 1742. „rabel gesteld is. de donainen en tollen zijn behoorlijk voldaan Joanaschen pachter. het slachten der verkens alhier „sitie om den pachter van den in een uitgevoerd wordende zuiker van veel nadeel is toegebragt geworden, en welk alles ons dan ook niet wee, waar meede het net al te favo„ „nig bedugt boed zijn; dat men in dit Jaar geen minder gesrek aan leevens;, „middelen zal hebben, als in A„o p„o het geen voorzeeker niet dan va„ de aller nadeeligste gevolgen zal kunnen zijn, daar de gemeene ma„ daar door meer en meer zal genoopt worden, om de stran„ „den, die buiten des reeds zeer ontvolkt zijn, te verlaten en zich naar de vorsten landen te begeeven. §250: Daar en teegen zijn de Domainen en thollen open langs deeze kust van d„o p„o seedert onze submisse van den 31„e December des gemelden Jaars, verder vereevent en voldaan geworden, uitgenoomen excepto het derde ter mijn van den het darde ter mijn van den Ioanaschen Pachter tot rd=s 2425: die noch onvoldaan zijn gebleeven, gelijk ook een somma van rd„s 125: ln rd„s 125: van den pchter van die de Pachten van het slachten der verkens alhier isgelijks noch ten achteren is doch waar van de voldoening nu meede binnen korten geschieden zal: — § 251: Het in ons gesteld vertrouwen door uw Hoog Ed: omder e ende de e e ons over te latende dispositie op het door de Pachter van de in en uit zijn achten sa te lbvceren „gaande suiker hier op Java gedaan verzoek om van zijn verbleeven achterstal tot rd=s 1500 te moogen gelibereerd worden, strekt ons strekt tot bijzondere satifactie tot en bijzondere satisfactie en ijhben ove deret den angaande het nodige onderzoek gedaan, om met de vereischte nauw keurigheid aan de 245 den 15 Julij 1792: de intentie uwer Hoog Edelheeden in deezen naar behooren te kunnen vol„ „doen, en waar bij ons gebleken is: dat geduurende het gepasseerde Iaar, vol„ „gens de passelijsten van Samarang naar Batavia, de overwal en kandij poeder. deeze en geene plaatzen hier ter kuste uitgevoerd zijn 1102: en 123 „kuste en dat van de subalterne Comptoiren ter deezer „ hier te Samarang en elders ingevoerd zin. . . . 167: „ 20: en dat dus de rut en invoerheed ter kuste te zamen die Comp=s weegen naar Banda uitgevoerd zijn, in het geheel - - - - - - - - - - - - - prkils 3:9 1/35: en 14: 1: dat echter, naar dien, in het samarangscha district geen suiker aangemaakt word, maar alles wat van hier word uitgevoerd, van andere plaatzen moet wor„ „den aangebragt, en van die zoetigheid, volgens de pacht angeb conditien geen tweemaal tholden „e hoeft betaald te worden wanneer die slechts van de een na de andere plaets gevoerd word, om aldaar te worden afgescheept, derhalven de opgem: alhier we ingevoerde quantiteit weeder moet afgetroken worde tot „ 167: en 20: dat de pacht van deeze quantiteit, de pikul poeder suiker teegen 30: en de kandij zuiker teegen 60 stvers greekend te zamen bedraagd. . rds 8 78:38: 8: en dat wanneer men hier bij vergelijkt, het geen waar voor deeze pacht gemeend is tot rd=s sp=s 305:—: —:'s maands of in een rondjaar „ 5575: —:— als dan consteert, dat de Pachter daar bij te kort is geschooten. . . . . rd„s 4696: 9: 8: bedraagd.- - - rest. . . . . . . . . . . . . pk=s 1172: 25 en 121. of met de. . . . - - - - . . . . „ 70: 1/25 kandij poeder pik: 1269: an 141. den 15 Junij 1792 het .

NL-HaNA_1.04.02_3986_0223 view scan ↗

English

request was found equitable, to credit this with Batavia. which is primarily to be attributed to the fact that we were not informed until the month of October that Your High Nobilities were pleased to excuse the delivery of the initially demanded 8000 pikuls of that sweetness, whereby that which could be collected of that quantity had to remain uncarried, since the monsoon was already too far spent, so that we took the liberty to demonstrate this to Your High Nobilities in our submission of 31 December of the said year; and for which reason we also believe that it would by no means be inequitable if the aforesaid Farmer were released from this his arrear up to rd=s 1500, as he will still, according to the above-mentioned calculation, lose on this his farm rd=s 3196: 9: 8. For although it may well be supposed that on account of this lesser transport in detto past the transport of this year will also amount to proportionally more, this will nevertheless, in our opinion, fall far short of making good the loss suffered by the farmer, since of the remaining quantity a good part certainly became moist and thus melted in the past West monsoon, or had to be sold by the Millers, on account of want, for consumption among the native population. After investigation made, the same has been freed thereof. The port money collected here on the coast from private letters we have, according to the instruction of Your High Nobilities, caused to be credited by invoice to the main office, and the same shall also be continued in the future. The post money shall be credited from here. 15 June 1792. 15 July 1792: to encourage the fishermen to a speedy departure for Batavia. position concerning the overdue 26 koyangs of green katjang from the Pamacassang Resident. separate missive concerning the powder mills. expressed thanks for his demonstrated zeal for the Company's interest at the fort there. 15 June 1792. The Tegal Resident was ordered to encourage the fishermen there to proceed with their vessels to Batavia as quickly as possible, and also at the same time to supply the reason why this did not take place at the usual time. Regarding the favorable disposition of Your High Nobilities concerning the arrear of 26 koyangs of green katjang from the Pamacassang Regent, we hereby express our dutiful gratitude, and we have informed the Sourabaya Servants thereof as well. Under Fortifications and Buildings, we duly received the objections made by the Captain Engineer Essenbach regarding the projected changes to the powder mills here, and since the First Signatory has the honor of treating this by separate missive, we request to be allowed to refer thereto. Concerning the Tegal Resident: We have subsequently conveyed to the Tegal Resident the order of Your High Nobilities, expressing Your Highest's pleasure on account of the zeal shown by him for the Company's interest, through the improvements made to the fort and the buildings there, and at the same time indicated that we trusted that this writing, so honorable for him, would increasingly encourage him to demonstrate his zeal for the Company's interests. We express our respectful thanks to Your High Nobilities for the favorable approval concerning the repairs made in 88 past both here and at the offices of Rembang, Japara, and Paccalongang to the fortification works, item the buildings etcetera, and we shall now also have the costs thereof written off. Expression of thanks for the approval of the repairs. We readily acknowledge the validity of the remark of Your High Nobilities that the payment of the rd=s 1459: 29: — spent on the revetment of the river here was improperly made from the surplus interest of the orphan chamber, but we nevertheless request permission to note that the town treasury, which otherwise ought to have borne the burdens thereof, was at that time unable to do so, and that, since the Company could not be burdened therewith either, we therefore thought we could make use of those funds in this singular case. Reasons why the river revetment was paid from the surplus interest of the orphan chamber. For the transmission of an extract from the missive of the Lords Commissioners of Their High Mightinesses for inspecting the military corps. 15 June 1792.

Dutch transcription

44 zoek voor billijk gevonden, dat „gen met Batavia ten goede te brengen. het geen voornaamentlijk daar aan to te schrijven is dat wij niet eerder, als de maand. October zijn geinformeerd geworden, dat uw Hoog Edelheeden des voldoening van de eerst gevorderde 8000: pikuls van die zoetigheid heb„ „ben gelieven te excuszeeren, waar door het geen van die quantiteit heeft kun„ „nen ingezameld worden, onvervoerd is moeten blijven leggen, vermits de mou„ „zon toe reeds te verre verloopen was, invoegen wij de vrijheid hebben ge„ noomen uw Hoog Edelheeden bij onze submissie van den 31. december des gemelden Jaars te vertoonen; en om welke reeden wy dan ook vermeenen Men heeft naar gedaane onder„ dat het geen zents onbillijk zoude zijn, indien voorsctr: Pagter van dit denzelven daar van bevrijd mer„ zijn achterstal tot rd=s 1500 gelibereert wierd alzo hij dan noch voegens de boven gem: bereekening op deeze zijn pacht zal komen te verliezen rd=s 3196: 9: 8: want of schoon het wel te stellen is, dat uit hoofde van deeze mindere vervoer in d„o pa. de vervoer van dit Jaar ook naar rato meerder zal bedragen, zo zal dit echter; onses bedunkens, in verre naar niet kunnen toereiken, om des sachters geleedene scha„ „de goed te maken alzo van de overgebleevene quantiteit zeeker„ „„lijk een goed gedeelte, in de gepasseerde Westmouzon, vogtig ge„ „raakt en dus versmolten is, of door de Molenaars, uit hoofde van gebrek, tot Consumtie onder den inlander heeft moeten verkrogt woo„ „de den: § 252. Det en de p alhier ter kuste ingezamelde potgeld der par, ot pertged sal van wire: „ticuliere brieven hebben wij, volgens de onder uwer Hoog Edelheeden de Hoofd plats bij factur ten goede laten brengen, en daar meede den 15 Junij 1792 zal 245 den 15 Julij 1792: om de visschers tot een spoedig ver„ „trek naar Batavia te ammee„ „positie omtrend de achterstallige 26 koiangs groene katjang van omtrent het den Pamacassangs Resident aparte missive nopens der gedre „gen betuigd, weegens zijn betoondijver vor Comp: beslang ijde versekering aan het fort aldaar den 15 Junij 1792 zal ook in het vervolg gecontinueerd worden. den angede zesdent gbast 25 : ijhbeden Tegels Resident gelast, om de vesches aldaar te animeeren zich zo spoedig mogelijk met hunne vaartuijgen naar Batavia te begeeven, en ook tevens om de reeden te suppediteeren, waar„ „om zulks niet op de gewoone tijd geschied is — entijn on a guten e 5 4: ode intige deposte uwer Hoog Edelheeden Achterstal van 26: kopangs groene katjang van den Tamacas„ „sangs Regent; betuijgen wij bij deezen onze schuldige dankbaarheid en wij hebben den Sourabaijaschen Bediendens daar van mee„ „de g'informeerd: „pectiede krutmnordens omme Fortificatien en gebouwen hebben wij de gemaakte bedenkingen door den Capitain Jngenieur Essenbach nopens de geprojecteerde veranderingen aan de kruitmolens alhier dit wel ontvangen, dannaarderen de Eerst geteekende de eer heeft pinct bij aparte missive te behandilen, zo verzoeken wij ons daar aan te moogen gedraagen „den Aan guvane ae bij en 255 Concerneerende de vn de agasohen resdent gene 2 56: Aan den Tagals Resident hebben wij vervolgens de order uwer Hoog Ed:, Hoogst Derzelver genoegen betuijgd weegens r„ maaken „ring weegen de in d„o p„r gedane re„ „de tot de beschoring van het sama„ weeskamer voldaan is „gemaakte bedenkingen nopens weegens de door hem betoonde ijver voor 's Comp=s belang, door de gedaane ver„ „beeteringen aan het fort en de gebouwen aldaar, en tevens te kennen gegee„ „ven, dat wij vertrouwden dat dit voor hem zo vereevend aanschrijvens hen meer en meer zoude aanzetten om zijnen ijver voor 's Comp=s belangens te doen blijken- §o57: Wij betuigen uw Hoog Edelheeden eerbiedig dank voor de gun, Dankbetiging van de gede er „stige goedkeuring weegens de in 88: p„s zo hier als op de Comptoiren Rem,„ paratie „bang, Japard en Paccalongang gedane reparatien an de fortificatieer werken, item de gebouwen &=a en wij zullen het kostende daar van als niu ook laten afschrijven. §258: Wij orkennen gaarne de gegrondheid en remarque ruwen Hoog Readnen war om aetkarktig Edelheeden, dat de betaling van de tot de beschoeijing der rivier al „rangest devier „hier besteede rd=s 1459: 29: —. oneigen riit des overgewonne renten uit de overgewonme renten van de van de weeskamer is geschied, maar verzoeken echter daar op te mo„ „gen aanmerken, dat de stadskas, die anders de lasten daar van had behooren te dragen, als toen daar toe niet vermogende was en dat, naar dien de Comp„e daar meede ook niet beswaard konde worden, wij dierhalven vermeend hebben, in dit singuliere geval van die gelden gebruik te kunnen maken- § 259: Voor de toezending van een extract uiit de missive op de von desteren Cmnis anos der Heeren Commissarissen van Hun Hoog Mogende tot het egbousingde militir banken inspecteeren den 15 Junij 1792 0 243 245

NL-HaNA_1.04.02_3986_0226 view scan ↗

English

15 July 1742: Regarding the inspection of the fortification works and the military establishment in the Indies, concerning the projected construction of the barracks of the Wurtembergers here, we express our respectful thanks to Your High Nobilities, noting that concerning the objections raised therein, as well as the qualification granted by Your High Nobilities to expand the city on the south instead of the east side, the first undersigned replies in a separate missive of today, to which we request permission to refer. § 260. We shall await the artillery goods promised by Your High Nobilities as the opportunity arises, and then, in proportion to what is received, send back to Batavia that which has been declared unserviceable. § 261. In the meantime, we express many thanks to Your High Nobilities for the qualification granted for writing off the expenses incurred in 4 items for the cruiser vessels, likewise for the ships and vessels that have been here at the coast, and whatever else pertains thereto, and we shall now also carry this into effect in the trade books. We acknowledge that an increase in burdens for the Company, especially under present circumstances, cannot be agreeable in the least; however, we truly hope that the increase thereof in the year 1790/1 to ƒ 258759:8: will not be attributed by Your High Nobilities to a lack of frugality, as we can solemnly assure Your High Nobilities that this is always our principal intention, but rather to accidental causes which could not be avoided; while we furthermore shall make every possible effort to reduce these burdens again as much as practicable; although the presence here of a large part of the Regiment of Wurtemberg, and the construction of the necessary barracks for them, and the expansion of the city largely caused thereby, offer little hope that one will be able to succeed in reducing expenses in that respect. § 263. On the other hand, we express our gratitude for the satisfaction indicated by Your High Nobilities regarding the clearing of this Government in the said period to ƒ 111103:15:8:, and we shall further exert all our power to continue to merit Your High Nobilities' esteemed approval in this regard. § 264. We cannot in the least deny that the wages of the instructors, pupils, and others of the marine school here amount annually to quite a substantial sum, and it were to be wished that the capital of that institution had already grown to such a height that these expenses could be made good from it. But since it is experienced that the private contributions made to this institution daily decrease more and more, both on account of the numerous taxes presently imposed on the Company's servants and from a lack of money, and it is thus to be feared that if the contributors learn that this institution can already maintain its own instructors and pupils and no longer requires the Company's assistance for this, they will thereby fall into the conception, in which they are already all too much at present, that the present fund is sufficient for the maintenance of that school, and that it consequently needs no further private contributions, at least none of any importance, we therefore take the liberty to request that the payment of the instructors and pupils may for the present remain on the current footing, in order to prevent these feared consequences, which affairs could not but tend to the disadvantage of that institution; all the more since the Company, after all, in the first place reaps the benefit thereof; against which we solemnly assure Your High Nobilities that we shall not fail to make the necessary arrangements to liberate the Company from all burdens it still bears for this institution as soon as its fund can be deemed sufficient for that purpose, without danger of decline. § 265. We shall also take the necessary care that the arrears so

Dutch transcription

den 15 Julij 1742: tie om de stad uit te leggen. „neur bij aparte missive goederen blijft man te gemoed „de qualificatie tot de afschrij„ de schenen en vaartuigen De vermeedering der las„ § 262: De „ten in A„o 1790/1 Waar om toe„ inspecteeren der fortificatie werken en het militaire weezen in de Jndien, nopens de geprojecteerde opbouw der kazernen van de wartimbergers alhier, zeggen wij uw Hoog Edelheeden eerbiedig en op de verleende qualificr dank, onder notitie dat op de daarbij gemaakte bedenkingen zo mee „de op de door uw Hoog Edelheeden: verleende qualificatie, om de stad aantwoond den Heere gouver aan de Zuid in steede van aan de oost zijde, ruiet te leggen, door de Eerst„ „geteekenden bij aparte missive van heden geantwoord word waar aan wij verzoeken ons te mogen refereeren: De toen zigde astillene 260 De door uw Hoog Edelheeden om toegezegde arthillerij goe„ „deren zullen wij bij geleegentheid, blijven te gemoed zien en als dan naar mate van de ontvangst, het als onbekwaam opgegeevene naar Batavia terug zenden. vrij Dankzeggeng voor de vereten en 261 Intusschen betuijgen „ w hoog Edelheeden veelmaals dank „ving van het bekostigde aan voor de verleende qualificatie ter Afschrijving van het bekostigde in 4: p„s aan de kruissers vaartuigen, item de hier ter kuste aangeweest zijnde scheepen en vaartuigen en wat dies meer is, en zul„ „len dit als nu ook laten gevolg neemen „valage ontresden toteken Negotie boeken betreffende, en kennen, wij dat eene vermeerdering van lasten voor de Comp„e, en zonder„ den 15 Junij 1742 heid zien „ien— den 1e Julij 1742 „noegen weegens de te vooren raaking in Ao der gage aan de Informatons en de Rhe„ eerst noch blijven Continueeren. „heid in de teegenwoordige tijds gesteldheid geenzints welgevallig kan weezen, dan wij hoopen echten, dat de vermeerdering derzelve in de 179 /en tot ƒ 258759:8: nat men dar ontren verders no„ door uw Hoog Edelheeden niet zal worden toegeschreeven aangebrek van spaarzaamheid, alzo wij Hoogst Dezelve plechtig verzeekeren kunnen, dat dit steeds onze hoofd bedoeling is, maar wel aan toevallige oorzaaken, die niet ter vermerden zijn geweest; terwijl wij voorts alles wat mogelijk is zullen aanwenden, om deeze lasten weeder zo veel doenlijk te reduceeren; schoon het aanweezen alhier van een groot gedeelte van het Regiment van Wartimberg, en de opbouwing voor dezelven van de nodige barakken en de daar door almeede grootendeels veroorzaakte uitlegging ver stad, weenig hoop geevens, dat min daar en naar wende zal zuin„ nen recisseeren. teerd. § 263: Doar en teegen betuijgen wij onze dank daarhid voor het ter Dankhtuijeng van het eijdge kennen gegeeven genoegen door Uw Hoog Edelheeden weegens de te voone tot ƒ 13:15:8: making van dit Gouvernement in d„o p„o tot ƒ 111'103: 15: 8: en wij zullen verder al ons vermoogen aan wenden, om ten deezen bij aan „houdendheid uwer Hoog Edelheeden g'eerde goedkeuring te verdienen. —: § 264: Wij kunnen geenzints ontkennen dat de gages der Infor„ Men verzoek dat de verstrekking „mators, schoolieren en andere van het marine school alhier Jaarlijkslure, in het Marineschor, mag voor al een vrij importante som bedragen, en het te wenschen was, dat het Capitaal van dat gesticht reeds tot die hoogte was ge: klom„ werst & komst van Macasser, wel een rouren met een koper gevest is 245 den 15 Julij 170. zal Dorg gedraagen orden: klommen weert, dat daar uit deeze uitgaven konden goedgemaakt worden, dan daar men ondervindt, dat de fournissementen die particulier aan dit gesticht gedaan worden dagelijks meer en meer afneemen, zo uit hoofde van de veelvuldige belastingen, die thans den Comp=s Dienaaren zijn opgelegd, als uit gebrek aan geld, en het dus te vreezen is, dat indien de Contribuanten verneemen, dat dit gesticht reeds haar eigene Informators en scholeeren kan onderhouden en Comp: adsistentie daar toe niet meer nodig heeft, dezelven daar door in het begrip zullen komen waar in zij thans reeds maer al te veel zijn, dat het praesente fonds tot instandhouding van dat school, sufficeerende is, en het zelve dus geene verdere particuliere Contributien ten minsten niet van eenig be„ „lang nodig heeft, zo neemen wij de vrijheid te verzoeken dat de betaaling der Informators en scholieren voor eerst noch op den praesenten voet mag blijven, ten einde deeze gedugte gevolgen, die zaaken niet dan tot nadeel van dat gesticht zouden kunnen strekken, voor te koomen te meer, daar de Comp„e toeh in de eerste plaats het niet daar van trekt waarteegen wij uw Hoog Edelheeden plechtig verzee„ „keren, dat wij niet ingebreeken zullen blijven, om de nodige schikkin„ „gen te maaken, ten eende de Comp=e van alle lasten, die zij noch van dit gesticht draagt, te libereeren, zo dra het fonds van het zel„ ve daar toe toereikende kan geoordeeld worden, buiten gevaar van ver„ „achtering—. 175r de vermindrig da rietente o 265 Wij zullen ook de nodige zong dragen, dat de restanten zo

← previousnext →