Inventory 4356
Cape · 943 pages · 438 segments · open at the Nationaal Archief ↗
English
to be stored for the consumption of this Government, the same will now be sent directly from the Saldanha Bay to Batavia with the mentioned vessel De Verwagting, in order to serve, in anticipation, as a deduction, just like the 738 mudden which were loaded into the provision ship Zoutman, currently again on its departure, in excess of last year's demand for the aforementioned Indian capital, from that which one must expect to be requisitioned again in the new demand by Their High Mightinesses; by which arrangements not only will useful employment be made of the empty space in the ship De Verwachting, but the intention of the government will also be fully satisfied in every way, namely that in the further shipment of wheat one must constantly keep in view how far progress has been made with storing the necessary supply for own use, at a time when, according to the statement of the Dispenser himself, the prospect of completely succeeding therein was still not at all favorable a few days ago; because this shipment takes place from a region from which, due to its far distance, no grains can be delivered by axle to the Honorable Company, since the country folk cannot make up for the heavy costs and fatigues of so long a journey with the price they would receive for the same on behalf of the Company, the supply is thus conserved from that which one comes to receive in this manner from the closer-residing inhabitants. Thus resolved and decreed in the Castle of Good Hope on the day and year aforesaid. Was signed: J: J: Rhenius, J: J: Le Sueur, W F: van Reede van Oudthoorn. Lower: Present with me, signed: E: Bergh, p=l secretary. On the entered petition of the assistant Maximiliaan de Rochemont. Saturday the 21st of January 1792. Upon inquiry, all present. By order of the Honorable Acting Governor, brought into inquiry among the other Honorable Council Members, the petition below, presented by Leonard Maximiliaan de Rochemont, who arrived at this place as assistant with the ship Java, and since then, with His Honor's prior knowledge on account of his very heavy indisposition, remained behind here after the muster of the said keel. To the Honorable, Valiant Sir Johannes Isaac Rhenius, Acting Governor, together with the Honorable, Respected Gentlemen, Councillors of Policy of this Government. Honorable, Respected Sir, and Honorable, Respected Gentlemen. Reverently makes known your Honorable Respected's humble servant, Leonard Maximiliaan de Rochemont, having arrived at this place as Assistant with the ship Java. That your petitioner, having been seized by a severe illness on the voyage hither, has not been able to recover from the same, so that on the advice of the doctors he found himself obliged to solicit the Honorable, Respected Acting Governor to be allowed to proceed to the country for a few days to promote his health. That your petitioner, having flattered himself that the outside air would have brought about a favorable change to his frail health, has nevertheless on the contrary had to experience that repeated hemorrhages, with which he is overtaken more than before, have not only made it impossible for him to proceed towards the Cape to attend the muster of his assigned vessel, but even to pursue his destination to Batavia with the same, without his having been able to obtain the opportunity, between the muster and the departure of that vessel following shortly thereafter, to address your Honorable Respected and Honorable Respected to obtain the necessary permission to be allowed to remain here. And whereas the sickly circumstances in which the petitioner continuously finds himself cause him to envision that climate as very unfavorable both for his bodily ailments and the restoration of his health, and the petitioner is apprehensive that the climate of Batavia would be even more detrimental to him, whereby he would thus find himself unable to be of any service to the Honorable Company, he therefore respectfully takes the liberty of addressing your Honorable Respected and Honorable Respected, humbly requesting to be pleased to grant him permission to return back to his fatherland with the ship D'Eenparigheid. Which doing, etc. Was signed: L: M: de Rochemont. Together with the attached declaration of the Honorable Acting Governor, it is, since the aforementioned Honorable Acting Governor has at the same time made known thereby that what was stated in the aforesaid request was truly in accordance with the truth, as the said Rochemont, not only immediately after his landing here, visibly ill and provided with a declaration from the ship's Surgeon-Major attesting to the nature of his indisposition, had addressed himself to His Honor to be allowed to remain here for some time to restore his health,
Dutch transcription
166, 167, om voor de Consumptie van dit Gouver„ „nement opgelegd te worden, het zelve nu„ met gem: bodem de verwagting directe uit de saldanhabaaij naar Batavia zal werden gezonden om eeven als de 738 mudden welke in 't thans weer op desselfs vertrek leggend provisie schip Zoutman meer zijn afgeladen als den Eisch des voorleeden Jaars voor eevenged=te Jndische Hoofdplaatse heeft bedraagen gehad, bij anticipatie, in mindering te strekken van 't geen men verwagten moet by den nieuwen Eisch door Haar Hoog Edelens wederom te zullen werden ge„ petitieoneerd, door welke schikkingen niet alleen een nuttig emploij zal werden gemaakt van de leedige ruim„ „te in 't schip de verwachting maar ook allezints zal werden voldaan aan d' Intentie der regeeringe dat by den verderen afscheep van Tarw steeds in 't oog zal moeten werden gehouden in hoe verre men is gevordert met het opleggen van den nodigen voorraad tot eijgen gebruik in een tijd dat volgens Aldus Geresolveerd, ende Gearresteerd, Int Casteel de Goede Hoop Ten dage en Jaare voorschreeven /:was geteekend/ J: J: Rhenius, J: J: Le Sueur, W F: van reede van Oudthoorn /:Lager / Mij Praesent /getek:/ E: Bergh p=l secretaris opgaave van den Heere Dispencier zelve 't aspect van daar in Completelijk te zullen slagen voor weinige daagen nog gantsch niet favorabel was, door dien deeze afscheep geschiedende uit een oird, van waar door dies verren afstand geene granen per as aan de Ed Comp=e kunnen werden geleevert, nademaal de Landlieden met de prijs welke zij 's Maatschappijs weegen voor dezelve zoude ontfangen de Zwaare kosten en fatiques van een zo lang Het niet kunnen goedmaaken, de voorraad dus geconcerveerd werd van 't geen men op dees wijze van de naader bijwoonende ingeseetenen komt t' ontfangen /:onderstond:/ opgaave 162, 169, Op 't inde geerd supplecq Rochemont Zaturdag den 21: Jan: 1792: Bij omvraage, Alle Praesent Ter ordre van den Heere Gezaghebber bij d' overige Heeren Raadsleeden in om„ van den adsistent de vraage gebracht zijnde het onderstaande t Maximiliaan de Rochemont request, door Leonard, als adsistent met het schip Iava ter deezer plaatse g'arri„ „veerd, en 't zeedert met zin Ed: voor„ „kennisse uit hoofde van desselfs zeer Zwaare indispositie na de monstering van gem Kiel alhier agtergebleeven gepraesenteerd. Aan den welEdele Gestr: Heere Iohannes Isaac Rhenius, Gezachheb„ ber beneevens d' Ed: Achtb Heeren raaden van Politie deezes gouvernements— WelEdele Achtbare Heer, en Ed Achtb=e Heeren. Geevt reverentlijk te kennen, uwelEdele Dat hij suppt. zig gevleid hebbende dat de buiten lucht eene gunstige ver„ „andering aan zijne zwakke gezondheid zoude hebben te weege gebragt, hij ech„ „ter ter Contrarie heeft moeten ondervin„ „den dat herhaalde bloedstortingen, waarmeede hij meer dan voorheen is overvallen hem niet alleen in de onmogelijkheid heeft gebragt zig Caabwaards te begeeven, omme de monstering van zijnen bescheiden 7 Achtb=s needrigen dienaar, Leonard Maxi„ „miliaan de Rochemont, zijnde als Adsistent met het schip Iava ter deezer plaatse aangeland. Dat hij supp=t. op de herwaards rijze door eene zwaare ziekte aangetast zijnde, van dezelve niet heeft kunnen hersteld geraaken, zo dat hij op raad der Doctooren zig verpligt heeft gevonden, den welEdele Achtb=ren Heer Gezachhebber te solliciteeren, omme tot bevordering zijner gezondheid zig eenige daagen op 't Land te moogen begeeven. — Achtbs bodem 170, 171, mitsg:s op de nevens gem declaratie van den Heere gezaghebbere bodem bij te woonen, maar zelf om met dezelve zijne destinatie naar Batavia te vervolgen, zonder dat hij tusschen de monstering en het daar kort opge„ volgd vertrek van dien bodem, gelee„ gentheid heeft kunnen bekomen zig tot het bekomen van de nodige permissie omme alhier te moogen overblijven, bij uwelEdele Achtb=ren en Ed Achtb: te ad„ „dresseeren. En daar de zeekelijke omstandighee„ „den, waarin de supp=te zig bij aanhoudend„ „heid bevind hem dat climaat als zeer ongunstig zo voor zijn lichaams quaalen als herstelling zyner gezondheid doet en visageeren, en de supp=lte bedugt is, dat de Luchtstreek van Batavia voor hem nog schadelijker zoude zijn, waardoor zig dus buiten staat zou vinden gesteld de Ed: Comp=e van eenige dienst te kunnen zijn, zo neemt hy bij deezen Eerbiediglijk de vrijheid zig te wenden tot uwelEdele Achtb=e Is, alzoo welgemelde Heere Gezach„ „hebber daar bij teffens heeft doen te kennen geeven, dat het geposeerde bij 't voorsz request weezentlijk was overeenkoomende met de waarheid, nadien ged: Rochemont niet alleen aanstonds na desselfs aanlanding alhier, zigtbaar ziek, en gemuni„ „eerd met eene verklaaring van den scheeps Oppermeester den aard van deszelfs in dispositie Constateerende bij zijn Ed: heeft geaddresseerd gehad, om ter herstelling zijner gezond= „heid eenigen tijd alhier te moogen /:onderstond:/ 'T welk doende &=a /:was geteekend:/ L: M: de Rochemont. en Edele Achtb=e otmoedig verzoekende hem permissie te willen verleenen, omme met het schip D'Eenparigheid weeder naar zijn vaderland te moogen retourneeren en blijven
English
It being further resolved for diverse reasons to write back the wages of Rochemont and to annul compensations, the same de Rochemont is permitted to return to Europe. It having appeared that although he declined to depart on his aforesaid appointed vessel, which set sail without his embarking, he had sufficiently demonstrated that this was caused by a relapse that placed him in a very dangerous condition and in absolute impossibility of pursuing his journey to Batavia; and having further considered that, given the little prospect that the petitioner will ever recover in the East Indies from the ailment under which he labors, the Company would rather gain than lose if his petition were granted, it was deemed best to permit the said de Rochemont to return to the Netherlands in accordance with his above-mentioned request. However, whereas the Right Honorable the Lords Directors, assembled in the Committee of Seventeen, by their esteemed letter of 4 January of last year, showed themselves very displeased regarding the similar permissions granted by this Government to the assistants van der Does and van der Zande to return from here to the Fatherland, mainly because the payment of wages to and the filling of space in the ships for such persons is always very disadvantageous to the Company; therefore, in order to free the Honorable Company from all damage in this case, it is likewise resolved not only to write back the wages enjoyed by the said Rochemont, but also to place him under the obligation to make such further reimbursements upon arrival in the Netherlands as the Lords Masters themselves shall deem proper. Thus resolved and determined in the Castle of Good Hope, on the day and year aforesaid. Was signed: J: J: Rhenius, R: I: Gordon, J: J: Le Sueur, O: G: de Wet, W: F: van Reede van Oudtshoorn. Lower: In my presence, was signed: E: Bergh, first Secretary. Monday, 23 January 1792. Upon inquiry, all present. From a declaration of the deck officers, it having appeared that the boat and skiff of the ship de Eenparigheid were broken off from the said vessel by the south-east wind and driven out to sea. From a declaration received by the Governor and circulated by His Honor to the other Council members for perusal, which the deck officers of the advance homeward-bound ship de Eenparigheid, lying at the roads, had granted at the requisition of the captain of the said vessel, Ulke Barends, it having appeared that on the 20th of this month, when the south-east wind blew with terrible violence, through the breaking of the hawser by which the boat and skiff were moored astern of the ship, the aforesaid vessels, with their oars and the grapnel together with the grapnel rope of the said boat, were broken off from the ship and driven seaward, without it being possible, partly due to the continuous storm and partly also due to the lack of any other vessel, to act in time for their preservation; so that both the said vessels are now most likely entirely lost. Therefore, upon the proposal of the said Governor, it was resolved to transfer the skiff of the Castor to the ship d'Eenparigheid, which vessel the Castor will provisionally have to make do with a ship's yawl. Therefore, upon the proposal of the well-aforesaid Governor, and in order not to delay the aforesaid ship de Eenparigheid, whose muster is scheduled for today, by this incident, after taking the advice of the Master of the Equippage, it was resolved, in view of the fact that no sloops or pinnaces are currently available in reserve with this government, to order the skiff with which the also present ship de Castor arrived to be delivered to the often-mentioned vessel d'Eenparigheid lying ready for its departure, and to have the said keel proceed on its voyage as soon as possible without a pinnace, as it can do without it. Regarding the supply of another skiff to the also cited vessel de Castor in place of the one transferred as aforesaid, such arrangements will be made when opportunity arises as shall be found to accord best with the Company's interest, while that ship in the meantime will have to make do with an ordinary ship's yawl. On this occasion, the well-aforesaid Governor further requested the advice of the other Gentlemen of the Council upon reading a petition of P. I. de Meuron, who was placed on the ship d'Eenparigheid at Batavia as unfit. On the petition submitted by a certain Pierre Izaac de Meuron, who formerly served as Military Lieutenant in the service of the Honorable Company at Batavia, but having currently been placed on the above-mentioned ship as unfit.
Dutch transcription
172 173, zynde wyders om bezydengen redenen besloten de gagie van te laten te rug schrijven maar vergoedingen te zullen verkaesseeren. Is aan denzelven de Roche naar Europa te mogen te kagkeeren blijven, maar dat hij ook wanneer zulks gedeclineert zijnde, zijn voorsz beschij„ „dene Bodem was t' zeil gegaan, zon„ „der dat hij daarmeede was koomen af te rhijzen, op eene voldoende wijze had doen blijken dat zulks door eene recidive die hem in eene zeer gevaar„ „lijke omstandigheid en in de vol„ „strekte onmogelijkheid om naar Batavia te kunnen rhijsvorderen gesteld had was veroorzaakt gewor„ „den, en men wijders ook heeft koomen t' overweegen, dat de maatschappije met het weijnig vooruitzicht dat den supp=t zig nimmer in Oostindiën van de quaal waar door gedomineerd werd zal kunnen herstellen, er eer by zoude winnen als verliesen, ingevalle men hem zijn suppliecq kwam t'accordeeren, bestgedagt mont gepermitteerd weder aan denzelven de Rochemont waartoe te staan, om ingevolge zijn bovengem verzoek naar Maar, aangezien haar welEd: Hoog Achtb=s de Heeren Bewindhebberen voorn. de Rochem out niet alleen ter vergadering van 17=en gecommitteerde„ leggen alles gerequireerd werdene bij Hoogstderzelver gevenereerde Missive van 4 Januarij des voorlee„ den Jaars, over de door deeze Re„ „geering verleende gelijke permissien aan de adsistenten van der Does„ en van der Zande, om weederom van hier naar 't Patria te moogen retourneeren, zig zeer onvergenoegd getoond hebben gehad, hoofdzakelijk om dat het betalen van gagiën aan, en 't vullen van ruimtens in de scheepen voor diergelijke liedende maatschappij altoos zeer nadeelig is, zo is om in dit geval de Ed Compte. van alle schade te bevrijden, teffens goed„ gevonden, niet alleen de gagie door gemelde Rochemont genooten Nederland te moogen te rug keeren. — Nederland ten 174, 175 Uijt een verklaring der deks oficieren gebleeken zynde dat de Booten schuyt van 't schip de Eenparigheid door de Z. Ot wind gun en na zee gedreeven te doen te rug schuijven, maar denzelven ook onder de ver„ „pligting te leggen, om bij aan„ „komst in Nederland zodanige vergoedingen meer te doen als de Heeren Meesteren Zelve zullen vermeenen te behooren /Onderstond/ Aldus Geresolveerd, ende Gearresteerd, In't Casteel de Goede Hoop, Ten daage en Jaare voorschreeven /was geteekend/ J: J: Rhenius, R: I: Gordon J: J: Le Sueur, O: G: de Wet W: F: van Reede van Oudts„ hoorn- /:lager:/ Mij Praesent /:was geteekend E: Bergh p=r Secretaris. Uit eene bij den Heere Gezachheb„ „ber ingekoomene en door zijn Edele aan de verdere Raadsleeden ter van gemn Bodan zyn of gesla lectuure rondgezondene verklaring welke de deks officieren van het ter rheede aanweezend voorzeilend re„ „tourschip de Eenparigheid ter requi„ „sitie van den capitain van gem Bodem ulke Barends verleend heb„ ben gehad, gebleeken zijnde, dat op den 20=e deezer wanneer de Z: O=ste wind op eene verschrikkelijke wijze heeft doorgestaan door 't breeken van de sleeper waaraan de boot en schuit agter het schip vast lagen, de voorsz: vaartuijgen met hunne Riemen en de dreg neevens het dregge touw van gem Boot van 't schip afgeslagen en Zeewaards Maandag den 23 Jann: 1792 Bij omvraage, alle Praesent„ zijn 176, 177 Zo is op propositie van den Heer de schuyt van de Castor aan 't geen schip d' Eenparigheid te laten afgeeven Nalectuure eenen Requeste te Batavia als onbequaam op 't schip d'Eenparigheidis geplaatst geworden Welken Bodem de Castor met een scheeps sol zal moe ven behelpen. zijn gedreeven, zonder dat men eens„ „deels weegens d'aanhoudende storm, en ten anderen ook weegens ontsten„ „tenis van eenig ander vaartuijg in tijds tot dezelver behoud heeft kunnen werkzaam zijn, invoegen, beide de„ zelve vaartuigen nu allerwaarschijn¬ lijkst ten eenemale zullen zijn ver„ „looven geraakt, zo is op de propositie van wel opgem Heere Gezachhebber Gezaghebber woelgevonden en om het voorseide schip de Eenparig„ „heid welks monstering op heeden is bepaald door dit incident niet op te houden na ingenoomen advijs van den Equipagiemeester goedge„ „vonden om uit hoofde dat thans by dit gouvernement geene sloepen of barcassen ter waarloo werden gevonden, de schuit waarmeede het meede aanwee„ „zend schip de castor is uitgekoomen, aan dikwilsgemelde op desselfs ver„ „trek leggende Bodem d'Eenparigheid te laaten afgeeven, en gem: kiel vervol„ Bij dees Occagie door welopgem: Heere gezachhebber nog gevordert zijn, van P. I. de Meurou die de het advijs der overige Heeren van den Raad op 't verzoekschrift door Zeekeren Pierre Izaac de Meuron voormaals als Lieutenant militair in dienst der Ed. Comp=e te batavia gestaan hebben, dog zig thans voor onbequaam op 't bovengemelde „gens maar hoe eer zo liever zonder Barcas, als dezelve kunnende ontbreken, te doen rhijsvorderen. — Zullende noopens het bijzetten van een ander schuijt zig in tusschen provisioneel in steede van de invoegen voorsz: afge„ geevene aan de meede geciteerde bodem de castor bij geleegendheid zodanige schikkingen werden gemaakt als bevonden zal werden meest met 's Maat„ „schappijs intrest te stroken, terwijl dat schip zig intusschen met een ordinair scheepsjol zal moeten be„ „helpen gens schip
English
578, 179 finding himself placed on the ship D' Eenparigheid, presented in the following words. To the Right Honourable Johannes Isaac Rhenius, Commander of Cape of Good Hope and the dependencies thereof, etc., together with the Honourable Council of Policy. Right Honourable Sir and Honourable Sirs. Respectfully shows your Right Honours' humble servant Pierre Izaac de Meuron, former Lieutenant in the service of the Honourable Company at Batavia, and arrived here on the ship d' Eenparigheid. That he, the petitioner, during the voyage not only found himself severely ill and indisposed, but that he moreover suffered the misfortune of sustaining such a contusion to his back through a heavy fall that he finds himself entirely unable to turn in his bed without someone's assistance, or to perform the slightest task, the petitioner taking the liberty respectfully to annex hereto, in confirmation thereof, the certificate of the chief surgeon here, J: G: Mader. And whereas for the promotion of the petitioner's health, and particularly for the prevention of the scurvy with which he again finds himself afflicted, nothing more beneficial is recommended by medical practitioners than to go ashore for a few days, he therefore turns respectfully to your Right Honours, humbly pleading that for the alleged reasons he may be permitted to go ashore for some time. Which doing, etc. Was signed: P: I: de Meuron. 180, 181, For the reasons alleged therein, it was permitted to him, for the restoration of his health, to remain here for some time. Upon the request made herefor by the American captain to repair his vessel in Saldanha Bay from a leak sustained, provided that upon the Council's requisition he shall at all times present himself wherever required, the same Honourable Council members gladly conformed with the sentiment of the said Commander, and it is consequently, in consideration that the actual indisposition of the petitioner was confirmed not only by a declaration of the ship's doctor, but moreover also by a written certificate of the second chief surgeon of the Company's Hospital here, Johan Godlieb Mader, permitted to the said de Meuron, for the restoration of his health, to remain here for some time, provided that, for reasons moving the Council thereto, Lieutenant Colonel de Meuron, residing here, shall be required to give his word of honour, pursuant to his own offer, and it shall be accepted and promised that the petitioner, upon first requisition, shall present himself in person wherever it shall be required on behalf of this Council, in order to further continue his voyage to Europe. Furthermore, having decided on several other requests made both verbally and by petition, it was agreed to grant Jonathan Coffin, Captain of the American ship the Polley, that since his aforesaid vessel has sprung a dangerous leak on the voyage hither and must necessarily first recover from it before being able to put to sea again, to effect the aforesaid repair in Saldanha Bay, and to that end to land his casks and provisions there, and after the completion of affairs subsequently also to ship them back on board. 133 It was likewise approved to allow the master of the private ship the Geertruyda Petronella, van Rossum, upon his request, to be provided with 30 fathoms of old cable rope and some old sailcloth, as well as to the former Captain de Mauras to return to Europe per the French private ship le Joachim. To the Master of the private ship the Geertruyda Petronella, Louis Willem van Rossum, because in order to keep the tween-decks of his aforesaid vessel clean during the voyage hither and to freshen the air on board for the preservation of the considerable number of men which he carries for the Honourable Company, use had to be made of some old rope for swabs, and a mizzen topsail, together with a topmast staysail for wind-sails, both in replacement of the aforesaid used material and to serve further for the aforesaid purposes on the pending voyage to Batavia, in compliance with the charter-party concluded between the owners of his aforementioned vessel and the Honourable Company, thirty fathoms of old cable rope of 17 inches thickness, and as much old sailcloth as shall be required for another staysail and ditto mizzen topsail, may be provided to him by the Equipment Master out of the unappraised stores. And to Jean Andre de Mauras, former captain in the Regiment of Luxemburg, which was in the Company's service but has since been disbanded, to return from here to Europe on the French private ship Le Johachim lying in the roadstead. Below was written: Thus resolved and decreed in the Castle of Good Hope, on the day and year aforesaid. Was signed: J: I: Rhenius, R: J: Gordon, J: I: Lesueur, A: G: de Wet, W: F: van Reede van Oudtshoorn. Lower: In my presence. Was signed: C: Bergh, first Secretary. Friday, 182.
Dutch transcription
578, 179 schip D' Eenparigheid geplaatst vin„ „dende, in de volgende bewoordingen gepraesenteerd. - Aan den welEdele Achtb: Heere Johannes Isaac Rhenius, Gezaghebber van Cabo de Goede Hoopen den Ressorte van dien We. H beneevens den Edelen Achtb: Raad van Politie. — WelEdele Achtbare Heer en Edele Achtbaare Heeren. Geert reverentlijk te kennen, uwel„ Edele Achtb=s needrigen dienaar Pierre Izaac de Meuron, geweezen Lieutenant in dienst der Ed Comp=e te Batavia, en met 't schip d' Eenparigheid al„ „hier aangeland. — Dat hij suppliant zig geduuren„ En alzoo 'er tot bevordering van des Supp=lte gezondheid, en voornamentlijk tot voorkoming van het scorbut waar„ meede hij zig al weeder aangetast bevind, niets heijlzaamer door geneeskundigen aanbevolen, dan zig voor eenige Dagen na Land te begeeven zoo wend hij zig Eerbiedig tot uwel„ Edele Achtb ootmoedig smeekende, „de de reijze niet alleen zwaar ziek en onpasselijk heeft bevonden, maar dat hij daarenboven het ongeluk heeft ondergaan, van door een zwaare val zodanige kneuzing in zijne rugge te bekoomen, dat hy zich ten eenemaal buiten staat bevind, zonder iemands hulpe zig in zijn bedde te kunnen keeren, nog 't geringste te kunnen uitvoeren, neemende de supp=te de vrij= „heid tot staving hier van het Attest van den opperchirurgijn alhier, J: G: Ma„ der Eerbiedig t'annexeeren. — den hem 180, 181, Is om de daarby geallequeer„ „de redenen aan hem gepormit zondheid eenig een tijd alhier te mogen verblyven Op het hier om gedaan verzoek aan den Ameridaan en cat. zyn onderhebbende Bodem in de zaldankabaay van een bekomen lekkmoge mits op 't Raade Requisit zig ten allen tyden daar 't sisteerende hem om de geallegueerde reedenen te willen permitteeren zig voor eenige tijd na de wal te moogen begeeven. — /:onderstond:/ 'T welk doende &=a /:was geteekend:/ P: I: de Meuron. Hebben dezelve Heeren Raadslee„ „den zig gaarne geconformeerd met het „teord ter restauratie zyner gegevoelen van gem Heere Gezachheb„ „beren is dienvolgens uit aanmerking, dat de werkelijke indispositie van den supp=t geconstateerd werd niet alleen uit eene verklaring van den scheeps Doctor, maar ook bovensdien nog uit een repareeren schriftelijk attest van den tweeden opperchirurgijn van 's Comp=s Hospitaal alhier Iohan Godlieb Mader, aan den„ zelven de Meuron gepermitteerd gewor„ den ter restauratie zijner gezondheid eenigen tijd alhier te moogen verblijven mits om reedenen den Raade daartoe moveerende, door den alhier removee„ Verders gedisponeert zijnde op eenige andere zo verbale als bij requeste Coffie gepermitteerd zijnde gedaane verzoeken, is verstaan t' ac„ Cordeeren, aan Ionathan Coffin Capitain van 't Americaans schip the Polleij, om vermits zijn voorsz onderhebbende bodem op de herwaards rhijze een gevaarlijk lek gekreegen heeft, en zig daarvan noodwendig eerst herstellen moet alvoorens wederom zee te kunnen kiezen, des voorsz reparatie in de saldanhabaaij te mogen gaan be„ „werkstelligen, en ten dien eijnde „rende Lieutenant Collonel de Meuren gerequireert zal worden Bullot, ingevolge desselfs eijgen aanbod op zyn woord van Eer werde aangenoomen ende beloofd, dat den supp=t by eerste requisitie zig in perzoon weeder sis„ „teeren, zal, daar waar het van weegen deeze Rade gerequireerd zal werden, om zijne rhijze naar Europas verder te vervolgen =rende zijne 133 Is almeede goedgevonden aan den schipper van 't part nella, van Rostum op zyn 30. Vadem oud Cabeltouw en eenig oud zeeldoek mitsg aan den geweezen Capitain de Mauras om p. L. na Europa te mogen retourneeren zijne vaten en Provisien aldaar aan Landen na verrigting van Zaaken vervolgens ook weederom naar boord te moogen Scheepen. — Aan den Schipper van 't parti„ Culier schip de Geertruijda Petronella, schip de Geertruy en Petro Louis Willem van Rossum, om nadien verzoek te laten verstrekken tot het schoon houden van 't tusschen deks van desselfs voorsz onderhebben„ rijze en het verfrissen, der lugt binnen ^ conservatie van 't boord ter ^ considerabel aantal man¬ schappen het welk hij voor d' ECompe komt in te hebben, gebruik heeft moeten gemaakt werden van eenig oud Touw tot Zwabbers, en een kruijs, mitsgaders een stenge stagzeil tot koel zeijlen, zo in remplacement van 't voorsz ver„ bruikte als om verder tot de voorsz eijn¬ „dens op de nog voorhanden zijnde voijagie naar Batavia te kunnen dienen, in nakooming der cherte „den bodem geduurende de herwaards trau part schip le Ioachim pijs dienst gestaan hebbend dog zeedert parthij tusschen de Rheeders zijn seeven„ „gem: bodems en de Ed: Comp=e geslooten door den Equipagiemeester uit den onge„ „taxeerden voorraad aan den zelven zal moogen werden verstrekt Dertig va„ demen oud cabeltouw van 17 dm dik, en zo veel oud zeildoek als verEijscht zal werden tot een ander stag en dito Kruijszeil En aan Jean Andre de Mauras ge„ weezen capitain bij het in 's Maatschap„ gelicentieerd Ragiment van Luxemberg, om met het ter rheede leggend Frans particulier schip Le Johachim van hier naar Europa te moogen retournee¬ ren. — /:onderstond:/ Aldus Geresolveerd, ende Gearres¬ „teerd, in 't Casteel de Goede Hoop Ten daage en Jaare voorschreeven /:was geteekend:/ J: J: Rhenius, R: I: Gordon I:I Lesueur A: G: de Wet:, W: F: van Reede van Oudsthoorn /:lager/ Mij Praesent /was geteekend /: C Bergh p„r Secretaris parthij Vrijdag 182
English
184, 185, To Mr. d'Entrecasteaux from the Most Christian Majesty granted the export of adjacent provisioning of his subordinate vessels. - By Mr. D'Entrecasteaux, Rear Admiral in the service of His Most Christian Majesty, commanding the French King's ships currently present, La Recherche and L'Esperance, having urgently requested of the Commander that, among other things, he might also be allowed the export of 20,000 lbs of Flour, 5040 lbs of biscuit, and 28 mudden of both Wheat and barley, all to serve for the provisioning of his aforesaid subordinate vessels for such a long voyage as they, departing from here, are to undertake, being destined to conduct searches in the infrequently visited seas of the South Friday, the 27th of January 1792 Upon inquiry, all Present.- for the ships L'Astrolabe and La Boussole, which in the year 17 [illegible] were sent out under Mr. de la Peyrouse to make discoveries in the said waters, and have since been missing; and the aforementioned Commander having circulated the aforesaid request among the other gentlemen members, it is, considering the nature of the expedition with which the said Mr. d'Entrecasteaux finds himself charged, which ought not only to urge all well-constituted governments inspired with love for their fellow man to offer him as much assistance for the achievement of his laudable, yet simultaneously peril-fraught undertaking, as can with any possibility be provided to him in this matter, but also moreover, that our 136 187 It is further on the request made by the advocate Neethling permitted to the same to remain here for some time for his recovery to the ship Trinconomale the necessary equipment goods to be provided— our High Commanding Lords and Masters, upon the special desire and order of Their High Mightinesses, have instructed this government in particular by their honored letter of 19 August 1791 on the subject of the aforesaid expedition, that all conveniences should be shown to the aforementioned ships; for the aforesaid reasons it is unanimously approved to permit the aforementioned Rear Admiral d'Entrecasteaux, as His Honor is hereby permitted, in addition to all such other refreshments as he shall come to need, also to purchase and subsequently export the requested quantity of Twenty Thousand Pounds of Flour, Five Thousand ditto of biscuit, and Twenty-Eight mudden of grain as well as barley, - While finally there was also read a written petition for And the Master of Equipage is authorized equipment goods by the captain of the very same vessel Trinconomale Subsequently, upon the written petition made by Mr. Jan Henoch Neethling, as Advocate for the Indies, arrived here with the present ship Trinconomale, it was approved to permit the Petitioner to remain here for some time in order to restore his health and settle his family affairs, as the one taken with the other cannot constitute an object of so much importance that one should bear any hesitation against its export in such an extraordinary case, as submitted 138, 139 Upon a further resumption of the point of their Right Honorable's Missive regarding the establishment of a higher Court of Justice where from the connection of the Military Court of War an appeal can be made submitted, according to custom to be delivered into the hands of the Master of Equipage, in order to let the necessary items be supplied upon examination thereof. /:Below stood:/ Thus Resolved and decreed in the Castle of Good Hope, on the Day and Year aforesaid. - /:was signed:/ J: J: Rhenius, R: I: Gordon, J: J: Le Sueur, O: G: de Wet, W: F: van Reede van Oudtshoorn, In my presence /:was signed/ C: Bergh, First Secretary. — /Lower/ During the resumption of the Resolutions and inquiries taken and made under the dates of the 19th, 20th, 23rd, and 27th of this month, today, pursuant to what was resolved on the aforesaid 20th of this month, there being taken up again for discussion the Point from their Right Honorable's Missive of 31 March of the past Year, concerning the manner in which it might best be established in this government a higher court of justice than the Military Court of War, to which in matters of importance the verdicts of this latter might be appealed; It is now, after mature deliberation, understood to the High Commanding Lords Tuesday the 31st of January 1742 in the forenoon, all Present Tuesday and Masters
Dutch transcription
184, 185, Aan d' Heer d' Entrecastearc nor aller christelykste Majes kegt den uytvoer van nevens ^vrandeering zyner onder¬ zynde. - Door den Heere D'Entrecasteaux Chef d' Escadre in dienst zijner Aller„ chef d' Esquadre in dienst zij Christelijksten Majesteit, commandee„ „gen mondbehoeftaes ter pro„vende d'aanweezende Franse Konings hebben de Bodeuw toegestaan scheepen, La, recherche en L'Esperan„ „ce aan den Heere Gezaghebber in„ „standigst verzogt zijnde, dat onder an„ derens ook aan hem mogte werden toegestaan d'exportatie van 20'000 lb=den Meel 5040 „ beschuijd, en 28 mudden, zo Tarwe als garst, 't een en ander om te dienen ter proviandee„ „ving zijner voorsz: onderhebbende Bodems, voor een zo lange rhijze als dezelve, van hier vertrekkende, staan t'onderneemen, als zijnde bestemd om in de ongefrequenteerde zeën om de Zuijd, recherches te Vrijdag, den 27=te Januarij 1792 Bij omvraage, alle Praesent.- gaan doen naar de scheepen l' As„ „trolabe en La Boussole, welke in den Jaare 17 onder den Heer de la Peijrouse uitgezonden tot het doen„ van ontdekkingen in gemelde wateren, 't zeedert zijn vermist, en wel opgem: Heere gezachhebber het voorsz verzoek bij d' overige Hee„ ren leeden in rondvraage hebbende doen brengen, zo is; aangezien den aard der expeditie waarmeede den„ zelven Heere d'Entrecasteaux zig gecharcheerd vind, niet alleen alle wel geconstitueerde en met liefde tot deszelfs eeven mensch bezielde regeeringen behoord te noopen om hem zo veel adsistentie ter berij„ „king van zijn louabel dog teffens van ontelbaare gevaaren verzeld gaande onderneeming te bieden als hem in deezen met eenige mogelijkheid kan werden bijge„ „bracht, maar dat ook bovendien gaan onze 136 187 Is wyders op het door den advocaat Necthluig gedaan verzoek aan denzelven gepermitteerd tot heer te mogen verblyven aan het schip Sinconomale de benodigde Equipagie goederen te laten verstrekken— onze Hoog Gebiedende Heeren Mees„ „teren, op speciale begeerte en Last van Haar Hoog Moogende, dit gou„ „vernement in 't byzondere bij wel„ „derzelver g'eerbiedigde letteren van den 19 Augustus 1791: op 't sujet van voorsz expeditie hebben komen aan te schrijven, dat aan voormelde schee„ „pen alle gerieflijk heeden zoude moeten werden beweezen, om de voorseide motiven unanime goed„ gevonden aan opged: Heere Chef d'Escadre d'Entrecasteaux te per„ mitteeren, gelijk aan zijn Ed: gepermitteerd werd mits deezen, om behaven alle zodanige andere ververssingen als zal koomen te benodigen ook te moogen doen inkoopen, en vervolgens exportee„ „ren de verzogte quantiteit van Twintig Duizend Ponden Meel Vijf Duizend D=o beschuit, en Agt en Twintig mudden zo koorn Terwijl laatstelijk ook nog is ver„ En den Equipagiem. r gequalificeerd staan een schriftelijke Petitie van Equipagie goederen door den capitain van eeven gem Bodem Trinconomale Vervolgens is op 't supplicq door Mr. Jan Henoch Neethling, als Advocaat voor Indien met het aanweezend zyne kerstelling eenigen tyd al schip Trinconomale alhier aange„ „land, in scriptis gedaan, goedgevon„ „den aan den Suppt. te permitteeren, om ter herstelling zijner gezondheid. en reddering zijner famillie affai„ „ves eenigen tijd alhier te moogen overblijven als het een met het ander genoo„ „men dog geen object van zo veel importantie kunnende uitmaken„ dat men teegens dies uitvoer in een zo extra ordinair geval eenige bedenking zoude behooren te dragen als garst, - als ingedient 138, 139 Bij enne nadere resumptie van het point harer wel Ed Hoog Agtb van een hogeren Regtbank waar daar van de Connexie des Mili„ g'appelleert ingedient, volgens gebruiks aan den Equipagiemeester te doen ter han„ den stellen, om na gedaan onder„ „zoek daarop het noodzaakelyke te laaten verstrekken /:Onderstond:/ Aldus Geresolveerd, ende gearresteerd in 't Cas„ „teel de Goede Hoop Ten Daage en Jaare voorschree„ ven. - /:was geteekend:/ J: J: Rhenius, R: I: Gordon, J: J: Le Sueur O: G: de wet, W: F: van Reede van Oudtshoorn, Mij Praesent /:was geteekend/ C: Bergh p=r Secretaris. — /Lager/ Onder het resumeeren der Reso„ „lutien en rondvragen subdatis, 19, Missive rakende de opragting 20, 23, en 27, deezer maand genoomen tair en krygs raade kan werder en gedaan, heeden, ingevolge het geresolveerde op voorsz 20. deezer wederom ter verhandelinge opgenoo„ men zijnde, het Poinct uit haar wel Edele Hoog Achtb=s Missive van den 31. Maart des voorleeden Jaars, Concerneerende de wijze hoedanig ten deezen gouvernemente best zoude kunnen werden opgerigt een hooger regtbank, als den militairen Krijgsraad, waar aan ingevallen van aangeleegentheid van de vonnissen van deezen laatsten g'appeleert zoude kunnen werden; Is als nu na rijpe deliberatie verstaan de Hoog gebiedende Heeren Dingsdag den 31 Jan:ij 1742 's voormiddags alle Present Dingsdag Meesteren
English
190; 191, to reply with all respect to the alongside-mentioned Masters on this subject That, after everything that could have any bearing on the aforementioned matter in the Council, or ought in any way to be considered in its discussion, was attentively weighed, it appeared to the government that, if such a higher court were to be established here locally, the organization of the ordinary military court-martial ought first and foremost to undergo the alteration that, whereas it has hitherto been presided over by a Lieutenant Colonel, and besides the junior officers, the majors and captain-commandants of the respective corps also had a seat therein, the precedence in the said ordinary court-martial ought henceforth to be assigned to one of the aforesaid majors, and the members to be chosen from the captain-lieutenants, lieutenants, and ensigns; and that subsequently the higher court to which the appeal would fall ought to be composed of the Head of the militia at the time, as permanent president, together with the other staff officers and captain-commandants of the garrison in rotation, with the exception, however, always of the Major who held the presidency in the ordinary court-martial during the hearing of the question or case over which the appeal occurs. The verbal sentiment of the aforementioned Mr. Gordon is: That there must necessarily be a higher court in case of appeal above a court-martial here. That such an appeal ought to be sent before a court of justice in Batavia, whether by a court-martial there or otherwise, and that for the following reasons, which are grounded on his long experience here: Firstly, the court-martial here judges only pure military offences, and is organized, firstly, because through the changes that have been introduced into the Council of Justice here, the officers who were previously therein have latterly been excluded; and secondly, because it is also natural that military personnel investigate and punish their own offences, both to cut short all long proceedings, and because they possess more knowledge of military matters, as well as that this better confirms their necessary authority over their subordinates. That in order to introduce a second military court of appeal here, there are, firstly, too few officers; secondly, that the accused might complain that he is not being treated with sufficient impartiality, while likewise many estrangements and jealousies could arise from this, and it is therefore better that in an instance, which will also seldom occur, this court of appeal be established not here, but in Batavia. 192 193, And by the remaining Gentlemen Council members, moreover, the present weakness of the garrison immediately came into consideration, whereby it is utterly impossible to bring together the necessary number of staff officers and captains to form the just-mentioned higher court with them, all the more so since Colonel Gilquin is about to repatriate, and the vacant position of Lieutenant Colonel Hamel, who departed for Batavia, not having been filled again, the total number of those staff officers will thus be reduced to three persons, to wit, the present Head of the Militia, Colonel Gordon, Major de Lille, and Major of Artillery Fuischer, of which latter two mentioned, one, serving to hold the precedence in the ordinary court-martial, would still never be able to hold a seat in the high court thus to be established; and that also the manifold duties with which the Council of Justice is more and more overwhelmed would not well permit that one should, whether in whole or only in part, meddle again with matters that were once, for very weighty considerations and reasons, withdrawn from its judicature and decision. 194, 195 It was resolved to the high authorities whether it would not be best that such a court, instead of here locally, be established in Batavia. Thus, with the exception of the Gentleman Officer in Charge, who declared himself in favor of constituting the aforesaid court on the footing just cited, in the best possible manner within this government itself, it was unanimously resolved by the remaining Gentlemen members to submit for consideration to the said authorities whether, for the aforesaid reasons, it would not be best that such a high military court-martial or court be established, instead of here locally, rather in Batavia, where a considerably larger number of field officers is available, and that then, in the few extraordinary cases where it might be applicable, appeals against the sentences of the Cape court-martial be made thither on the same footing as currently takes place regarding ordinary cases being heard before the Council of Justice; with which arrangement, in case it is embraced,
Dutch transcription
190; 191, de nevens gem Bedonkingen Meesteren op dit Sujet in allen Eerbied te rescribeeren Dat, na dat al het geene tot de voorm: stoffe eenige betrekking konde by den Rade gevallen zynde hebben, of bij dies verhandeling eenig„ =zints in Aspect behoorde te koomen, met aandagt was overwoogen, de re„ „geering is toegescheenen, dat, wanneer eene zodanige hoogere regtbank al„ hier ter plaatse zoude moeten wer„ den geconstitueert, d' inrigting van den ordinairen militairen krijgsraad dan eerst en vooraf zoude behooren 't ondergaan die alteratie dat daar dezelve tot nog toe is gepresideert geworden door Een Lieutenant collo„ „nel, en in dezelve sessie hebben ge„ had, behalven de mindere officieren, ook de majoos en capiteins comman„ „danten van de respective corps, de praeseance in dezelve ordinaire krijgsraad voorthaan zoude behoo„ ven te werden opgedragen aan Dan daar teegens eene zodanige zaamenstelling van eene hooger regt„ „bank als den ordinairen Militairen Krijgsraad ten deezen gouvernemente„ Het sentiment van eevengem Heere gordon, verbale is, Dat 'er noodzaakelijk eene hoo„ een der voorseide majoors, en de leeden te werden genoomen uit de capitain Lieutenants, Lieutenants en vaandrigs; en dat dan vervolgens de hoogere regtbank waaraan het appel verval¬ „len zou, zoude dienen te werden gecomposeerd uit 't Hoofd der militie in der tijd, als permanend voorzitter, mitsgaders de verdere staf officieren en capitains commandanten van 't guarnizoen om de tourbeurten met uitzondering egter altoos van den Major die 't praesidium in den ordinairen Krijgsraad zal gehad heb„ „ben bij 't behandelen van de questie of zaak waar over 't appel vald. — een, ger 192 193, „ger regtbank in Cas van Appel, boven een krijgsraad alhier moet zijn - „ Dat zulk Appel, voor een gerechts„ „hof na Batavia, het zij door een krijgs„ „„raad aldaar ofte anderzints, dient „ verzonden te worden en wel om de „volgende reedenen dewelke op des„ „.selfs lange ondervinding alhier ge„ „grond zijn, „voor eerst jugeert de krijgsraad „alhier niet als over pure Militaire de„ „licten, en is ingerigt, voor eerst, om dat „door de veranderingen, dewelke er in „den raad van Justitie alhier ingevoert „zijn, de officieren, dewelke 'er te vooren, „ in Laaten uitgeslooten zijn, en ten „anderen dat het ook natuurlijk is, „dat de militairen hunne eijgene delicten „ onderzoeken en straffen zo om alle „lange procedures afte snijden, en dat „zij van Militaire zaaken meer kennis „dragen, als dat dit hunne benodigde „ Huctoriteit over hunne onderhoorigen, en by d' overige Heeren Raadslee„ „den ook bovensdien al aanstonds in aanmerking is gekoomen de prae„ „sente Zwakheid van 't guarnisoen waardoor 't volstrekt onmogelijk is het noodzaakelijk getal van Stafofficiere„ en Capitains bij den anderen te kunnen brengen om met dezelve de Zo eeven„ „gem: hoogere rechtbank te formeeren, te meer, daar den collonel Gilquin „beeter bevestigt. — „ Dat om alhier een tweede Militaire „regtbank in Appel in te voeren, er voor „eerst te weinig officieren zijn, ten ande„ „„ven, dat den beschuldigden zig zoude „ kunnen bezwaaren niet onpartijdig ge„ „„noeg gehandelt te worden, terwijl ins„ „„gelijks hier door veele verweideringen „ en jalousien zoude kunnen ontstaan, „ en 't dus beeter is, dat in een geval, „t welke ook zelden zal voorvallen, „dit geregtshof van Appel niet alhier „maar te Batavia gesteld word. — beeter staande 194, 195 Is besloten aan de hage gebiede of het niet best ware dat een zo danige Regtbank, in secole van heer ter plaatze, te Batavia wierde op gerigt staande te repatrieeren en de vacante plaats van den naar Batavia vertrok„ kene Lieutenant Collonel Hamel, niet wederom zijnde vervuld, het geheel getal dier stafofficieren zig dus zal vinden gereduceert op drie stuks, te weeten, het praesente Hoofd der Militie den Heer overste Gordon, den majoor de Lille, en den Major der Arthillerie Fuischer, van welke beide laatstgem nog altoos eene, als de praeseance in d'ordinaire krijgsraad dienende te bekleeden, gee„ „ne sessie in de alzo op te rigtene hooge rechtbank zoude kunnen hebben, en dat ook de meenigvuldige beezigheeden waarmeede den raade van Justitie meer en meer als g'obrueert werd niet wel zoude toelaten, dat men dezelve, 't zij in haar geheel dan welten deele maar op nieuw ging melleeren, met zaaken welke eenmaal om zeer gewigtige bedenkingen en reedenen aan haare Judicature en decisie zyn onttrokken, zoo is teffens, met uit„ „zondering van den Heere Gezachhebber die zig voor 't constitueeren van de voorsz regtbank op den zo eeven geciteerden voet, op de best mogelijkste wijze ten deezen gouvernemente zelve, heeft gedeclareert, bij d' overige Heeren Leeden unanime beslooten aan wel dezelve gebiederen in consideratie te geeven of 't om de voorsz reedenen niet best zoude zijn; dat een zodanige hooge militaire krijgs„ „raad of regtbank in steede van hier ter plaatse, liever te Batavia alwaar een vrij grooter aantal Hoofdofficieren aan handen is, wierden opgerigt, en dat dan in de weinige extraordinaire gevallen waarbij het te passe zoude kun„ „nen koomen van de Sententien des caabsen krijgsraads naar derwaards wierde geappelleerd op den zelfden voet als teegenswoordig omtrent ordi„ naire zaaken bij den Raade van Justitie geventileerd werdende plaatse heeft, met welke schikking, ingevalle: „zondering g'amplecteert
English
196 197. by the lecture of the alongside mentioned missive of the Landdrost and Heemraden might be accepted, not only the government here would be saved from its predicament, but also undoubtedly the purpose would best be fulfilled which their Right Honourable Selves had envisioned with the establishment of such a court of justice. After this was read the following missive sent to this Council by the Landdrost and Heemraden of Zwellendam. To the Right Honourable Sir, Johannes Isaac Rhenius Commander of the Cape of Good Hope and its Dependencies, etc. etc. etc., together with the Honourable and Worshipful Council of Policy, there. Right Honourable Sirs. It pleased your Right Honours by your highest Resolution of 27 April 1790, regarding the report submitted by the Honourable Gentlemen Rhenius and de Wet on account of their executed commission at the Drostdy of Zwellendam, to approve, regarding the first point of the considerations of the highest-mentioned commissioners, to sanction that, since the accounts of the Colony's and Military chests for the years 1786, 1787, and 1788 are not only completely obscure and unintelligible, but also for reasons their validity cannot be trusted, and yet one ought to have further certainty of the state of this Colony at that time, the same accounts therefore must be regarded as null and of no value, in order thereby to determine the amount of their arrears at what the chest account of the year 1785 indicates, and accordingly the former Landdrost Onkruydt, having administered the Colony's chest, not 198. 199. only must be obliged to account for the receipts and expenditures since that time, under production of the specific accounts and receipts relating to all expenditure entries, but also to submit the lists indicating this Colony's revenues, with what has been received thereon and what has remained in arrears, in order, after careful examination by the undersigned Landdrost and acting Heemraden, if in so far regarding the said entries no doubts or objections arise, and complete reliance can be placed upon the exhibited specific accounts and receipts, subsequently to be able to draw up the accounts of the said three years. Landdrost and Heemraden here are furthermore, pursuant to the said resolution of your Right Honours, qualified and instructed to examine carefully, in the presence of the former secretary Blankenstein due to the absence of the former Landdrost Onkruijdt, all accounts and receipts relative to the expenditure entries brought forward in the three aforementioned accounts, in so far as they might be at hand, and to allow those to be validated which are found thoroughly sound and proper, but on the other hand to leave untouched in the new account all expenditure entries of which no receipted accounts or valid receipts are to be found, or whose accounts and documents are found insufficient or untenable, and to cause them to be charged to the account of the aforementioned former Landdrost Onkruid, until such time as the fully sufficient, required proofs shall have been produced by him. Your Right Honours were subsequently also pleased to agree, on the second point of considerations, that a commission from this and the colony of Graaff Reinet should be convened for the settlement of what the latter has to pay to this one and must continue to contribute annually, pursuant to the arrangements enacted at the establishment of its magistracy in the year 1786; and to that end the Landdrost and two Heemraden of Graaff Reinet, equipped with the census rolls of that colony, should betake themselves to Zwellendam, so that in the confrontation of the same with those of this colony, the list for a final liquidation can be put in order; while also the Landdrost and Heemraden of Graaff Rainet aforementioned should be written to, not only to effect the aforementioned settlement with the utmost speed, but also without delay, annually, in time, to provide our colony with what according to that shall be found to belong to it. However, since both through the death of the former Secretary Blankenstein and other intervening inconveniences, up to this day not the least elucidation could be obtained regarding the said accounts; and it is of the utmost necessity to receive the necessary relief in this, in order that proper chest accounts may finally be drawn up, which for lack of the clearing up of the aforementioned accounts of the years 1786, 1787, and 1788 one has not been able to proceed with until now; we take the respectful liberty very humbly to petition your Right Honours to order the former Landdrost of this colony, Onkruijd, (since his presence at the Cape provides the required opportunity for it) to draw up, pursuant to your Right Honours' most venerated resolution, the chest accounts of the aforementioned three years
Dutch transcription
196 197. dy lectaare der nevens gem. Messire van Land drost en Nieud komen g'amplecteert mogte werden, niet alleen de regeeringe alhier gered zoude zijn, uit haare verleegentheid, maar ook ontwijffelbaar best zoude werden voldaan aan 't oogmerk het welk zig Haar welEdele Hoog Achtb=e Zelve met d'erectie van een zodanige regt„ „bank hebben voorgesteld gehad. — Hierna geleezen zijnde d'onder„ „staande Missive door Landdrosten raden van Zwellendam inge Heemraaden van Zwellendam aan deezen Raade ingezonden. — Aan den WelEdele Achtb Heer, Johannes Isaac Rhenius Gezachhebber van cabo de goede Hoop en dies Ressorte &a. &a &a. beneevens den Ed Achtbaaren Raad van Politie, aldaar WelEdele Achtbare Heeren. Het heeft uwelEdele Achtb=e bij Hoogst„ derzelver Resolutie van den 27. April 1790. behaagd, omme noopens het door de E: E: Achtbare Heeren Rhenius en de Wet, weegens derzelver ter Drostdije van Zwel„ „lendam g'executeerde Commissie, in„ gedient rapport, goed te vinden, omtrend het eerste poinct der consideratien van Hoogstged: gecommitteerdens, te sancieeren, dat nademaal de reekeningen van 'sColonies en Krijgscassen, over de Jaaren 1786. 1787 en 1788, niet alleen geheel duister en onver„ „staanbaar zijn, maar ook om reedenen op derzelver deugdelykheid niet kan werden vertrouwd, en men egter een naadere zeekerheid van den staat deezer Colonie op dien tijd behoord te hebben, dezelve reekeningen dierhalven moet werden aangemerkt als nul en van geene waarde, om mitsdien het bedraagen van het agterstallige derzelve te bepalen op 't geene de cassa reekening van 't Jaar 1785, is aanwijzende en dienvolgende den voorigen Landdrost onkruydt als calonies cassa g'administreert hebbende, derzelver niet 193, 799. niet alleen moet werden verpligt, tot ver„ „antwoording der ontfangst en uitgaaf zeedert dien tijd, onder productie der spe„ „cificque reekeningen en quitantien, tot alle posten van uitgaaf betrekkelijk, maar ook tot het overleggen der Lijsten, dies Colonies inkomsten aanwijzen, met het geene daarop ontfangen, en ten agteren gebleeven, is, omme naar naauwkeurige Examinatie door de onderget„e Landdrost en fungeerende Heem„ „raaden, als dan in zoo verre omtrend gem: posten geene twijffelingen of bedenkelykhee„ „den voorkoomen, en op de geexhibeerde specificque reekeningen en quitantien volkoomen staat zal kunnen werden gemaakt, nader de reekeningen der gem drie Jaaren te kunnen formeeren. Landdrost en Heemraden alhier, zyn wijders ingevolge gem besluit van uwelEdele Achtb=e gequalificeerden gelast, omme alle reekeningen en quitantiën, relatief tot de posten van uitgaaf, bij de drie voorm reekeningen opgebragt, voor zoo verre die aan handen mogten zijn, ten overstaan van den oud secretaris Blankenstein, mits absentie van den oud Landdrost onkruijdt naauwkeurig te Examineeren, en de zodanige, dewelke allezints deugdelijk en naar behooren bevonden worden, te laaten valideeren, dog daar en teegen alle posten van uitgaaf van welke geene gequiteerde reekeningen of valable quitantien te vinden zijn, ofte welkers reekeningen en bescheiden onvoldoende of onbestaanbaar bevonden werden, bij de nieuwe reekening onaan„ geroerd te laaten, en tot lasten van meergem voorigen Landdrost onkruid te doen verstrekken, tot tijden wijlen door denzelve, diesweegens de volstaan„ „baare gerequireerde bewijzen zullen zijn geproduceert. UwelEdele Achtb: hebben vervolgens op 't tweede poinct van consideratiën al meede kunnen goedvinden, dat eene commissie uit deeze, en de colonie van Graaff reinet zoude werden be„ zyn =legd 200, 201 „legd, tot vereffening van 't geene de laatste ingevolge de schikkingen, bij de opregtein derzelven magistrateure in 't Jaar 1786, g'emaneerd, aan deeze op te brengen heeft, en jaarlijks zal moeten blijven Contribueeren, en ten dien fine Land¬ drost en Twee Heemraden van Graaff reinet, gemunieerd met de opgaaf rollen van die colonie, zig zouden moeten vervoegen op Zwellendam, op dat in de Confrontatie van dezelve met die van deeze colonie, de Lijst tot een finaale Liquidatie zal kunnen in ordre werden gebragt; terwijl ook Landdrost en Heemraaden van Graaff Rainet voormeld, zoude werden aan¬ „geschreeven, om de voorm: vereffening niet alleen ten spoedigsten te bewerk„ stelligen, maar ook zonder verzuim, Jaarlijks, in tijds aan onze colonie te bezorgen het geen ingevolge van dien zal bevonden werden dezelve te competeeren. Daar men egter zoo door het overlijden van den oud Secretaris Blankenstein, als andere tusschen beiden gekoomene inconvenienten, tot heeden, omtrent gem reekeningen geene de minste elucida„ tie heeft kunnen verkrijgen; en het van de uitterste noodzakelijkheid is, hier inne de nodige verligting te ontfangen ten einde men eenmaal behoorlijke cassa reekeningen zal kunnen formeeren, waartoe men by gebrek van 't op helderen der meerm. reekeningen van de Jaaren 1786, 1787. en 1788, tot nog toe niet heeft kunnen overgaan; zoo neemen wij Eerbiedigde vrijheid, uwel Edele Achtb=e zeer needrig te solliciteeren, den oud Landdrost deezer colonie onkruijd /: nademaal desselfs teegenswoordigheid aan de Caab, daar toe de vereijschte geleegent„ „heid verschaft :) te doen beveelen, omme, ingevolge uwel Edele Achtb= zeer gevenereerd besluit, de cassa reekeningen van de meergem. drie Daar
English
202, 203 It was resolved not only to order the former Landdrost Onkruydt to render account of the colony's funds within the time of [illegible], to prepare and produce [these accounts] for the three years, and by so doing to enable this board, after deduction of whatever might perhaps have to be charged to his account in the absence of proper receipts, to draw up an accurate balance of the state of this Colony; while regarding the second point of consideration, we very respectfully implore Your Noble Honors to fix a time for convening the ordained Commission between this colony and the Colony of Graaff Reinet, and to issue the necessary orders from Your Noble Honors to the Landdrost and Heemraden of both in this regard, in order that all disputes may be cleared out of the way and the affairs of this colony may at last—which is of the utmost necessity—be brought into regular order. Your Noble Honors' illustrious persons. Since one is convinced of the necessity that serious efforts must now finally be made to regulate and put into order the financial affairs of the aforesaid Colony, and that two principal requisites are required for this purpose:—Firstly, that by the former Landdrost Constant van Nult Onkruijdt, who is now present here once again, proper account and justification be rendered of his conducted administration of the Colony's funds during the years 1786, 1787, and 1788, in the manner stipulated by the resolution of 27 April 1790; Honorable, Esteemed Sirs! [lower down:] Your Noble Honors' very humble and obedient servants [signed:] A. A. Faure, L. D. Jager, G. L. Rautenbach, P. Pienaar, P. D. Treez. — [In the margin stood:] Swellendam, the 16th of January 1792. — commending your persons to the blessed protection of the Almighty, and ourselves to Your Noble Honors' highly honored protection, we further have the honor to call ourselves with all due respect. [below stood] 204 but also to write to the Landdrost of Graaff-Reinet to present himself here to settle the Colony's treasury accounts; and secondly also, in accordance with what was likewise resolved by the aforesaid resolution, that between the said Swellendam colony and that of Graaffe Reinet there be settled what the latter has to pay to the former pursuant to the arrangements made in the year 1786, and what it shall further have to continue contributing annually; it is resolved to order the aforementioned former Landdrost Onkruijdt hereby in the most emphatic manner to render, within the time of one month from today, in the manner prescribed by the above-cited resolution of 27 April 1790, to the aforementioned Board of Landdrost and Heemraden, pertinent accounts and justification of the colony's funds administered by him during the aforesaid three years; and for that purpose, whenever such might be deemed necessary by the said Board and consequently required of him, to proceed in person to the drostdy of the said colony, on pain that, remaining negligent in one or the other, in addition to all the items of expenditure for which no receipted accounts or valid receipts can be found, or of receipts of which no proper proof or accounting has been made, there shall also be charged to his account the damage that might result if, through his further delays, the often-mentioned Landdrost and Heemraden are kept any longer in the impossibility of proceeding to the preparation of their cash accounts in the manner in which this was previously done according to the regulations. While the Landdrost of the colony Graaff Reinet, Maurits Herman Otto Woeke, shall be written to in the name of the government, in order to conclude the final settlement of affairs with the so frequently cited Swellendam colony, that he shall not only have to come up here in the course of this year, whenever his official duties will best permit such an absence, and to arrange it in such a manner that Colonie that 205
Dutch transcription
202, 203 Is besloten niet alleen den oud aan zig binnen den tyd van een ware van Toolonies gelden te verantwoorden drie jaaren te formeeren, en produceeren, en dus doende, dit collegie in staat te stellen, omme, naar aftrek van het geene misschien ten Laste van dezelven bij ont„ stentenisse van behoorlijke quitantien, zal moeten werden gesteld, een Juijsten balans van den staat deezer Colonie te kunnen opmaken; Terwijl wij omtrent het tweede poinct van consideratien, uwel Edele Achtb=s zeer eerbiedig im„ ploreeren, om een tijd, ter belegging, van de g'ordonneerde Commissie tusschen deeze en de Colonie van Graaff Reinet te fixeeren, en Landdrost en Heemraa¬ den van beiden diesweegens de noodige beveelen van Uwel Ed Achtb=e te doen uit den weg geruimd en de Zaaken deezer colonie eenmaal /: het geen ten uitersten noodzakelijk is:/ Ein een gereegelde ordre gebragt kunnen wer„ Uwel Edele Achtb:re Hlustre perzoonen Is, alzoo men gepenetreerd is van de Land drost onkruyt t'injunge noodzakelijkheid dat nu eindelijk aan 't reguleeren en in ordre brengen van 't finantie weezen der voorsz Colonie, en dat daartoe als twee voornaame requisitan werd vereijscht; - Eerstelijk, dat door den thans weederom alhier aanweezenden oud Landdrost constant van Nult Onkruijdt van zyne gehouden administratie der toekoomen, ten einde alle differenten me zve gehoudene agmens eens met ernst de hand werden gelegt WelEdele Achtbaare Heeren! /:lager:/ Uwer welEdele Achtb=e Zeer onderdanige en gehoorzaame Dienaaren /:was ge„ „tekend:/ A A: Faure, L: D: Jager, G: L: Rautenbach, P: Pienaar, P: D: Treez. — /:Ter zijde stond /: Swellendam den 16 Januarij 1792.— in de Zeegenrijke bescherming des Aller„ hoogsten, en onze perzoonen in uwel Edele Achtb=r zeer gehonnoreerde protextie bevee„ „lende, zo hebben wij overigens de Eer met alle verschuldigde Eerbied ons te noemen. /:onderstond/ in Colonies „den 204 maar ook den Landdroot van graaff. Remet aan te doen schrylen zig gneert alhier te laten virden Colonies Cassa, geduurende de Jaaren 1786, 1787, 1788 behoorlijk reekening en verantwoording werde gedaan op den voet zo als zulx is bepaald by resolutie van 27 April 1790: en dat ten anderen ook; ingevolge het geene bij voorsz resolutie meede is beslooten, tus¬ schen gem: Zwellendamse colonie, en die van Graaffe Reinet werde verEfsend het geen de Laatstgem: aan de eerstgenoemde, inge„ „volge de in den jaare 1786 getroffene schik„ kingen op te brengen heeft en verders jaar¬ „lijks zal moeten blijven Contribueeren, besloo„ „ten voormelde Oud Landdrost onkruijdt bij deesen op de nadrukkelijkste wijze te gelasten, om binnen den tijd van een maand van heeden af te reekenen op den bij de hiervooren aangehaalde resolutie van 27 April 1790 gepraescribeerden voet aan 't Collegie van Land drost en Heemraaden voorm pertinente reekeningen verantwoor„ „ding van de door hem geadministreerde. colonies gelden geduurende de voorsz drie Jaaren te doen, en zig ten dien eijnde wanneer zulks door 't ged=e Collegie mogte noodzaakelijk geoordeeld en dienvolgens van hem gerequireerd werden in persoon ter drostdije der gem: colonie te begeeven, bij Pane dat in 't een of ander nalatig blijvende, behalven alle de Posten van uitgaaf van welke geen gequitteerde reekeningen of valable qui„ „tantien te vinden zullen zijn, of van ont„ „fangst, waarvan geen behoorlijke aanwijzin„ „gen verantwoording is geschied ook nog voor desselfs reekening zal koomen de schaade die er uit zoude kunnen resulteeren, wan„ „neer door desselfs verdere delaijen dikwijls gem: Landdrost en Heemraaden langer in d'onmogelijkheid werden gehouden om te kunnen procedeeren tot het formeeren hunner Cassa reekeningen op den voet zoo als zulks voor deesen na de ordre is geschied. terwijl den Landdrost der colonie Graaff reinet Maurits Herman Otto Woeke uit naam moa Naan adets accoupa der regeeringe zal werden aangeschreeven, Vorlonies met die van zweedende dat denzelven ter finale afdoening van te kunnen termineeren: zaaken met de zo meenigwerf geciteerde Zwellendamse colonie in den loop van dit jaar wanneer deszelfs amptsverrigtingen eene zodanige absentie best zullen willen gedoogen niet alleen herwaards zal hebben op te koomen, en het zodanig te schikken Colonie dat 205
English
206 Summary of a report concerning the timber forests. That he, provided with the tax assessment rolls of his district, be accompanied by two of the serving Heemraden, without their journey, in its consequences, causing any expenses to the Company or to either of the aforesaid colonies, but also that he will give notice a suitable time in advance of his upcoming departure for this Capital, specifying the day on which he will presumably arrive here, to the aforesaid Landdrost of Zwellendam, who shall then also take care to be present here at that point in time, likewise accompanied by two Heemraden and provided with his assessment lists, in order thus, under the eyes of the government, to take their affairs in hand and finally terminate them; in which it is trusted that work will be done with the greatest speed and best possible success, as through their presence at the place where the government itself resides, arising difficulties, should any present themselves, can immediately be leveled and cleared out of the way. Meanwhile, having also been read the report below, submitted by the aforementioned Landdrost of the colony of Zwellendam, in compliance with the resolution of 13 December last, whereby his considerations were required as to how best to watch over the preservation of the forests that belonged under the Company's post of the Buffeljachts River, without the burden and expense thereof falling upon the Company. To the Honorable, the Worshipful Mr. Johannes Isaac Rhenius, Governor of the Cape of Good Hope and its dependencies, etc., etc., etc., together with the Honorable, the Worshipful Political Council. Honorable and Worshipful Sir and Honorable, Worshipful Sirs! It pleased your Worships, by respected resolution dated 13 December last, among other things to require the considerations of the undersigned Landdrost of the colony of Zwellendam as to how one might best provide for the preservation of the forests that belonged under the recently sold post on the Buffeljachts River, without the burden and expense thereof falling upon the Company. In compliance with this honored intention of your Worships, the undersigned shall do himself the honor to state: That no more suitable means has occurred to him to watch over the preservation of those forests, and to ensure that it is constantly observed with an attentive eye and supervision is maintained so that the young, forthcoming, highly valuable wood is not destroyed and felled indiscriminately by the local inhabitants, than the proposal made by the Resident, Mr. Brand, in his report submitted on the above-mentioned date, to retain for this purpose an overseer and two privates, who were previously stationed there for that same purpose. 209 However, since for the present the Company, through the abolishment of its establishment, can expect little or no profit from the so-called Grootvadersbosch as well as the forests situated along the Rivier Zonder End, and necessity nevertheless demands that the same be carefully attended to without the costs expended for that purpose falling upon the Company: the undersigned is of the opinion in this regard, under correction, that in order to accommodate this, for all those who according to custom might make a request to fell wagon- and timber-wood in the forests of Outeniqualand in order subsequently to transport the same by axle towards the Cape for trade, the seal of the license, instead of three, on which it was previously written, be issued at ten Rixdollars; while, in order at the same time to ensure that many wealthy and self-interested people do not continue to make use of this permission to the great detriment and ruin of those who must find their sole livelihood in this trade, it will serve
Dutch transcription
206 Resumiptie eener Berigt van hebbende Hout Bosschen dat hij voorzien met de opgaaf rollen van zijn district, van twee der fungeerende Heem„ raaden werde geaccompagneert zonder dat hunne rhijze in, haare gevolgen of de Maat„ schappij of een der voorsz colonien eenige onkosten koomen te veroorsaaken, maar ook van zijne aanstaande paroisse ter deezer Hoofdplaatse met bepaling van den dag wanneer praesumptive alhier zal koomen t'arriveeren, eene Convenable tijd vooraf kennisse hebben gegeeven aan voorsz landdrost van Zwellendam, dewelke als dan ook zal moeten zorgen op dat tijd step„ insgelijks van twee Heemraaden verzeld, en voorsien van zijne opgaaflijsten, hier meede praesent te zijn, ten einde alsoo on„ „der 't oog der regeering hunne besoignes bij der hand te neemen en finalijk te ter¬ „mineeren; waaraan men vertrouwd met den meesten spoed en het best mogelijkste succes te zullen werden g'arbeid, wanneer door hunne teegenwoordigheid op de plaats alwaar de regeering zig zelve bevind d'op„ „koomende zwaarigheeden, indien 'er Zig eenige mogten voordoen, onmiddelijk WelEdele Achtbare Heer en E: E: Achtbare Heeren! Het behaagde uwelEdele Achtbe van Aan den welEdele Achtbaaren Heere Johannes Isaac Rhenius, Gezachhebber van cabo de Goede Hoop, en den ressorte van dien &=a &=a Wa beneevens den Edele Achtbaaren Politiecquen Raad. - zullen kunnen werden g'applaneerten uit den weg geruimd. - Jntusschen meede geleezen weezende het onderstaande berigt, door eevengemelde Land„ ofen ia en e ieien drost der golonie Zwellendam, ter voldoening BusselIagt Rivier gesorteerd aan 't besluit van 13 xber ll:, waarbij van hem is gerequireerd deszelfs consideratien, hoedanig best voor de conservatie der onder 'sComp=s post de Buffeljachts rivier gesorteerd hebbende bosschen zoude kunnen werden gewaakt zonder dat daarvan den Lasten 't bezwaar op de Maatschappij neerkoome ingedient. zullen d'ondergetz 203, d'onderget:e Landdrost der colonie Zwellen„ „dam bij gevenereerd besluit van dato 13 Decem„ „ber Jongstleeden onder anderen te requireeren zijne Consideratien hoedanig men best voor de Conservatie der onder de onlangs ver„ kogte post aan de buffeljachts rivier gesor„ „teert hebbende bosschen zal kunnen doen waaken, zonder dat daar van den Last en bezwaarneerkome op de maat„ „schappij, In opvolging van deeze uwer wel„ „Edele Achtb=e g'Eerde intentie zal de onderget zig de Eere geeven te zeggen: dat hem geen geschikter middel is te vooren gekoomen om voor de conservatie dier bosschen te waaken, en dat steeds met een oplettend oog gaade geslagen en toezigt worde gehouden, dat niet door de Ingeseetenen aldaar, het jong aankoo„ „mend zo kostbaar hout vernield, en voor de voet worde weggekapt, dan het voorstel door den Heere Resident Brand bij des„ „selfs op bovengem: datum ingedient berigt, gedaan omme daartoe aan te houden een opzichter en twee gemeenen, die voorheen tot dat zelve einde aldaar zijn bescheiden 209 geweest. - Edog daar de Maatschappij zig voor eerst zoo van het zogenaamde Grootvaders„ „bosch als de bosschen welke aan de rivier zonder End zijn geleegen, door het afschaffen van haaren omslag weinig of geen voordeel kan belooven, ende noodzakelijkheid eevenwel komt te vorde„ „ren dat dezelve soigneus worden in agt genoomen, zonder dat de kosten die daartoe worden g'im„ pendeert neerkome op de Maatschappij: is d'on„ dergeteekende hier omtrent, salvomeliore, van gevoelen, dat, omme hier aan te gemoed te koomen; aan alle de geenen die volgens utantie verzoek mogte komen te doen om in de bosschen van 't outeniqualand wagen en timmerhout te kappen, ten einde het zelve vervolgens ter verhandeling per As, Caapwaards te trans„ „porteeren, het Zegul der Licentie in steede van op drie, waar op dezelve voor heen is ge„ schreeven, van thien Rijxdaalders werde g'ex„ „pedieerd; Terwijl omme te gelijk bedagt te zijn dat veele vermoogende en baatzugtige Lieden niet tot groot nadeel en ruine der geene, die hun eenigst bestaan bij deesen handel moeten vinden, voortvaaren, van deese vergunning gebruikt te maaken, zal geweest dienen
English
should be notified that each and every person who wishes to apply to the Right Honorable Governor or Commanders at the time to obtain such an permit, will first have to provide himself with a written certificate from the undersigned as Landdrost of the aforementioned Colony, whose duty it will also be properly to inquire whether such persons, destitute of any other means of subsistence, actually fall within the terms that a permit for cutting and transporting that timber hither should be issued to them, whereby the beneficial purpose which this government aimed at with the establishment of its trade in indigenous timber at Plettenbergsbaaij will increasingly be achieved. In the aforementioned report of Mr. Brand, the foreman of the sold post Rietvalleij, Nicolaas Orbaan, was proposed as overseer of the aforementioned timber forests and provisionally appointed as such by Your Right Honorable and Honorable, a man who, because of his commendable conduct and faithful service rendered to the Honorable Company, merits all praise and has in every respect made himself worthy of the protection of his masters. Finding himself with his family currently destitute of shelter, the undersigned feels obliged hereby to propose to Your Right Honorable and Honorable whether it would not please the same to grant to the said Orbaan as a dwelling and residence the so-called Sparrenbosch situated between the aforementioned Post and the Bufseljachts river, however under such conditions and stipulations as Your Right Honorable and Honorable shall deem to be most in accordance with the Honorable Company's interests. The undersigned, trusting hereby to have fulfilled the respected intention of Your Right Honorable and Honorable, takes the liberty to sign with all respect. Underneath stood: Right Honorable Sir and Honorable Sirs, Lower: Your Right Honorable's very humble and obedient Servant, Was signed: A: H: Faure. Whereupon it was decided to cede the Sparrenbosch to the overseer in usufruct under the conditions mentioned alongside. While the seal of the license was set at one Rds. for each load. Anyone wishing to apply to the Chief Ruler to be allowed to cut wood in those forests must first provide himself with a certificate from the Landdrost. It has now been approved to make the provisional arrangements framed on the aforementioned day permanent for the future, and accordingly to grant to the appointed overseer of the aforementioned forests, Nicolaas Orbaan, in usufruct the Sparrenbosch mentioned above, without him having to pay any tribute for it to the Honorable Company, only on the condition that whenever he in time might decide to leave the service of the Honorable Company, and likewise in the event of his unexpected death, the structures and houses which he shall deem advisable to construct there for his convenience must be transferred by him or his legal successors by valuation to his successor, who will then also be obliged to accept them for the amount at which they shall be appraised; by which arrangement whoever will be charged with the preservation of the cited forests will be provided with housing without expense to the Honorable Company. Furthermore, in order to compensate the Company for the maintenance both of the same and of the two men who will be under his orders, it has been approved to increase the seal of the license to cut wagon and timber wood in the forests of Outeniqualand from 3 Rds. for 12 loads, at which it is now set, to One Rds. for each load for the future; while for the rest all further proposals made by the said Landdrost are adopted without any further alteration, and by posting of notices it will be notified to each and every person that henceforth anyone who wishes to apply to the Chief Ruler here to solicit a permit to cut wood must first and beforehand provide himself with a written certificate from the often-mentioned Landdrost stating that this can be granted to him without any objection.
Dutch transcription
210, dienen te worden genotificeerd, dat elk en een ieder die zig bij den Ed Achtbaren Heer gezachhebber of gouverneurs in der tijd, tot het bekoomen van een zodanige ordonnan„ „tie zoude willen vervoegen, zig vooraf zal hebben te munieeren met een schriftelijk bewijs van de onderget als Landdrost der meergem Colonie, van wiens gehoudenisse het teevens zal zijn, behoorlijk t'inquireeren of de zodanige, ontbloot van eenig andermid„ „del van bestaan, weezentlijk in de termen koomen te vallen dat aan hun eene ordon¬ „nantie tot het kappen en herwaards ver„ voeren van dat timmerhout, werde g'ex„ „pedieert, waardoor dan meer en meer zal werden bereikt het heilzaam Oogmerk welke deeze regeering met het oprigten van haaren handel niet inlands hout in de Plet„ „tenbergsbaaij heeft gebuteerd gehad. — bij het hiervooren gementioneerd berigt van den Haere Brand tot opzigter over meerm: houtbosschen geproponeerd, en door uwelEdele Achtb: en Ed Achtb=e als zodanig provisioneel aangesteld geworden zijnde den baas der verkogte post de D'onderget=ten vertrouwende hiermeede aan uwel Edele Achtb=e en Ed Achtb=e g'Eerbie„ „digde Intentie te hebben voldaan, neemt de vrijheid zig met alle respect te teekenen /:onderstond:/ WelEdele Achtb: Heer en E: E: 211 Rietvalleij Nicolaas Orbaan, een man die weegens zijne prijselijke conduitens en trouwe dienste aan de EComp=e beweezen alle Lof meriteerd, en zig in allen opzigte de protextie zijner gebiederen heeft waardig gemaakt, zig met zijn huisgezin teegenswoordig van lijf„ „berging gedestitueerd bevindende, vind den ondergeteekende zig verpligt uw welEdele Achtb=r en Ed Achtbe bij deezen voor te dragen of hoogstdezelve niet zoude gelieven goed te vinden aan hem Orbaan tot een wooning en verblijf af te staan, het zoogenaamd Sparrenbosch tusschen de bovengem. Post en de Bufseljachts rivier geleegen egter onder zodanige conditien en bepalin„ „gen als uwel Edele Achtb„r en Edele Achtb=s best overeenkomstig met 'sComp=s In„ „tresten belangens zullen oordeelen te behooren Rietvalleij Achtbare 212, Waarop besloten is t parre conditicer aan den opzigter bruyk af te staan Tenwyk 't Zegul der Licentie is bepaald op hen Rept. voor yder vragt— mogt by den Hoofdgebieder te Nout te mogen kaper zig voor af Achtbare Heeren, /:Lager:/ Uwel Edele Achtb=r zeer onderdanige en gehoorsaame Dienaar /:was geteekend:/ A: H: Faure. — Heeft men als nu goedgevonden de provisioneele schikkingen ten voorsz: daage Bosch onder de neveusguw. beraamd thans voor 't vervolg permanent te over die Bosschers in vrugte doen stand grijpen, en mits dien aan den aangestelden opzigter over de voorsz Bosschen Nicolaas Orbaan in vrugtgebruik af te staan het sparrenbosch waarvan hierboven mentie werd gemaakt, zonder dat hij daarv eenige erkentenisse aan d' Ed Comp=ie zal behoeven optebrengen, alleen met dat beding, dat wan„ „neer hij in der tijd te raade mogte werden, den dienst der Ed: Comp=e te quitteeren en zo ook bij zijn onverhoopt overlijden d' opstal„ „len en behuijzingen welke hij ter zyner commoditeijt geraaden zal vinden aldaar te Construeeren, door hem ofte zijne regt„ verkrijgende bij tauxatie zullen moeten werden overgedaan aan desselfs Successeur die dan ook gehouden zal zijn, dezelve t' accepteeren voor 't geen waardig zullen werden geschat; door welke schikking 213 de geene die met de bewaaring der geciteerde Bosschen gechargeerd zullen werden van Huis„ vesting buiten bezwaar der Ed Comp=e staande te werden voorzien, is wijders, om de maatschappij ook voor 't onderhout za van dezelve als van de beide manschappen welke onder derzelver om mogen krappen & voors urwe ordres zullen staan, te dedomageeren; goedge„ „vonden, het Zegul der Licentie om in de Bosschen van 't Outeniqualand waagen en Timmerhout te moogen kappen, van 3 rd=s voor de 12 vragten, waarop het zelve nu is bepaald voor 't vervolg te brengen op Een Rd=s voor eijder vragt, terwijl voor 't overige al 't verder geproponeerde bij gemelde Land¬ „drost zonder eenige meerdere alteratie over„ genoomen werdende bij affixie van billieten aan alle ende een eijgelijk genotificeerd werden zal, dat voorthaan een ijder die zig bij den Heere zullende een yder die inolineeren Hoofdgebieder alhier zal willen vervoegen om solliciteeren om die Bossiher een ordonnantie tot het kappen van hout te geue Landdroit moetens voorsien solliciteeren, zig eerst en vooraf zal hebben te munieeren van een schriftelijk bewijs van dikwilsgem: Landdrost dat hem zulks zonder eenige bedenking kan werden geaccordeert. de zijnde
English
Appointment of Hendrik van Asch as Messenger of Zwellendam. Furthermore, seeing that the Messenger of the said colony of Zwellendam, Jacob van de Antwerpen, has already for a considerable time past been unable properly to perform his aforesaid service, not only has he, at the request of the frequently mentioned Landdrost Faure, been relieved of this his office and the Sailor Hendrik van Asch, who has already since the year 1781 performed the service of Turner at the Artisans' Quarters, been appointed thereto in his stead, but since the said landdrost, on account of the impossibility of having everything performed in proper order in so extensive a district by one single Messenger, has also made the following representations in the petition below: To the Right Honourable Johannes Isaac Rhenius, Governor of the Cape of Good Hope and the dependencies thereof, etc., etc., etc., together with the Honourable Council of Policy aforesaid. Shows reverently Your Right Honourable and Honourable Sirs' humble and faithful servant Anthonij Alexander Faure, Landdrost of the colony of Zwellendam. Right Honourable Sir and Honourable Sirs! How the remote distance of the aforesaid Drostdy from the Capital, as well as the distance between some places belonging under the same Drostdy, is so situated that one is frequently obliged to spend an entire Day before one can reach from one place to the other. All of which cannot be unknown to Your Right Honourable and Honourable Sirs. That the matters daily occurring there, joined with the commissions that are assigned to the memorialist's Messenger, both by and on behalf of the Honourable Council of Justice, the Vendue Master, and by the Reverend Board of Orphan Masters, are so numerous, and due to the aforesaid situation of the colony so difficult to execute, that the memorialist has repeatedly been obliged, during a prolonged absence of his same messenger, to have the most pressing and important matters concerning this office performed by paid private persons. That the memorialist can at this moment cite as proof that, for the holding of a judicial auction, he is deprived for more than One month of an employable person in the Colony in case even the slightest thing should occur; wherefore Your Right Honourable and Honourable Sirs in the past year, upon the request made in similar manner by the Landdrost of Graaff Reijnet in that regard, were pleased to provide therein by granting him an adjunct messenger. Since now the colony of Zwellendam may well be equated with that of Graaff Reinet, and the memorialist always wished to maintain good order and dispatch of matters in his Jurisdiction, he therefore takes the liberty hereby to turn to Your Right Honourable and Honourable Sirs with the humble and no less necessary request to be pleased to assist the memorialist with a capable person to occupy his place as adjunct in the absence of his messenger, for which the memorialist can nominate as a very suitable subject the Sailor Hendrik van As, having repeatedly experienced proof of his activity and faithfulness. Which doing, etc. Was signed: A. S. Faure. And the said representations being of such a nature that they in all respects merit the Council's reflection and provision, it was further approved to appoint as adjunct messenger of the Colony of Zwellendam the Sailor Hendrik van As Junior; yet so that the same, in order in no way to become a burden to the Company, being emancipated from its service, shall, in view of the dilapidated state of the Colony's Treasury, by no means be brought to its charge, but shall be salaried, at the discretion of the said Landdrost and Heemraden, by the above-mentioned Messenger Hendrik van As, as being assigned to him for help and assistance. who however without any burden to the Colony's Treasury shall have to be salaried by the former. Reading of a Memorial submitted by the Clerk of the Magazines Hendrik Willem Rutz. Next was produced the following Memorial submitted by the Clerk of the Magazines Hendrik Willem Rutz: To the Right Honourable Johannes Isaac Rhenius, Governor of the Cape of Good Hope and the dependencies thereof, together with the Honourable Council of Policy. Right Honourable Sir and Honourable Sirs, The undersigned respectfully takes the liberty dutifully to inform Your Honours of the great perplexity in which he as Clerk of the Magazines finds himself to store dry and safe the Gunpowder already brought from time to time from Europe and still located here, as well as especially where he shall place that which is still to be expected. The undersigned has already, with the prior knowledge of the Honourable Colonel P. H. Gilquin, had to make use of both the tool rooms on the Battery Amsterdam under the right and left half-bastions, in order to store a quantity of Gunpowder there, which is however very dangerous, as those rooms are only provided with a single door and hastily erected wooden partitions, and are also not fitted up at all as powder magazines; therefore it appears to him that this quantity of powder cannot remain lying therein without great peril, since the first cannons to the right and left of the lower battery stand next to the doors, so everything therein is not safe, especially in the event of a serious use of the battery; these two rooms are also
Dutch transcription
214 Aanstelling van Hendrik van Asch tot Bode van zwellendam Zijnde wijders aangezien den Boode der gem colonie van Zwellendam Jacob van de Antwerpen al 't zeedert een geruimen tijd her„ waards buijten staat is geweest zijn voorschree„ „ven dienst naar behooren te kunnen praestee„ „ven niet alleen op verzoek van dikwilsgem Landdrost Faure denzelven van dit zijn ampt verlaaten en daar toe weederom aan„ gesteld den Mattroos Hendrik van Asch, die reeds zeedert 't Jaar 1781 den dienst als Draijer op 't Ambagtsquartier heeft waar„ „genoomen gehad, maar vermits door ged=e landdrost weegens d'onmogelijkheid om door een Boode alleen, in een zo wijd uitge„ „strekt district, alles in behoorlijke ordre te kunnen doen verrigten bij 't onderstaande request ook zijn gedaan de volgende repraesen„ „tatien Aan den welEdele Achtb=r Heer Johannes Isaac Rhenius Gezachhebber van Cabo de Goede Hoop, en den ressorte van dien &a &a. &a beneevens den Ed: Hoe de verre afgeleegentheid der Drost„ „dije voornoemd van der Hoofdplaatz, gelijk ook de distantie zommigen onder dezelve Drostdije gehoorende plaatsen zodanig gelee„ „gen is, dat men dikwijls genoodzaakt word een gantschen Dag door te brengen aleer men van der eene plaats de andere kan berijken„ Welk een en ander aan uwe welEdele Achtbr en Ed Achtb=s niet onbekend kan zijn. — Dat de dagelijks aldaar voorvallende Zaa„ „ken gevoegd bij de Commissien die des vertoonder dis„ Bode, zo door en van weegens den Ed Achtbrte raad van Justitie, den Heer vendumeester, en door 't Eerwaarde collegie van weesmeesteren Vertoond reverentlyk uwer WelEdele Achtb en Ed Achtb= onderdanige en Getrouwe Dienaar Anthonij Alexander Faure Land„ „drost der colonie Zwellendam. WelEdele Achtbaare Heer, en Ed: Achtbaare Heeren! Achtbaren Raade van Politie voormeld. 215 Achtbaren worden 216 Itom van den Mastroos Hendrik van Asch Jun r tot aarnuel Bode van overgem Colonie. worden opgedragen zo meenigvuldig, en door de voorsz situatie der colonie bezwaarlijk te executeeren zijn, dat den vertoonder te meermaalen is genoodzaakt geweest by een langduurige absentie van denzelven zijnen bode, de praesantste en gewigtigste zaaken dit ampt concerneerende, door particuliere persoonen te betaalen verrigten. Dat den vertoonder dit oogenblik tot een bewijs kan allegueeren, door dien hij tot 't houden eener Justitieele vendutie voor ruim Een maand gepriveert word, van een emploijabel perzoon op de Colonie, ingeval 'er maar het geringste komt voor te vallen, waaromme UwelEdele Achtb=re en Ed Achtb=s in den gepasseerde Jaare op 't dies„ weegens door den Landdrost van Graaff reijnet in zelvervoegen gedaan verzoek daarin hebben gelieven te voorzien met hem een adjunct bode toe te voegen Daar nu de colonie Zwellendam met die van Graaff Reinet wel gelijk ge„ „steld kan worden, en de vertoonder gaarne altoos een goede ordre en afdoening van zaaken in zijn Jurisdictie wenschte te maincti„ 217. 5 „neeren zoo neemt hij bij deezen de vrijheid, zich te wenden tot uwe welEd: Achtbr en Ed Achtb met nedrig en niet minder noodsaakelijk ver„ „zoek den vertoonder te willen adsisteeren met een bequaam perzoon om by absentie van desselfs bode zijn plaats als adjunct te occupeeren, waartoe den vertoonder als een zeer geschikt subject kan voordragen, den Mattroos Hendrik van As, hebbende van deeze te meermalen blijken van acti„ „viteit en Trouwe ondervonden. — /:onderstond:/ T welk doende &=a /:was getekend:/ A: S: Faures Du„ en dezelve represen taten koomen te weezen van zodanigen aard dat s' in allen opzigte 's raads reslexie en voorzieninge meriteeren, nog goedgevonden als adjunct boode der Colonie van Zwellendam aan te stellen den Mattroos Hendrik van As Junior, zoo nochtans dat denzelven om in geenen deele tot 's Maatscheppijs lasten te koomen uit haaren dienst geëmancipeert zijnde, uit aanmerking van den gedelabreerden staat van Scolonies Cissa geenzints tot bezwaar derzelve zal moogen werden „neeren gebragt - die egter buyten eenig be zwaar der bolonier Cape door den eerstguw zal moe ten werden gecalarieert Lectuur echer Memorie door den Commies der Maguazynin gediend gebragt, neen maar waar ter discreetie van gem Landdrost en Heemraaden gesalavieert zal moeten werden door den bovengem Bode Hendrik van As, als hem ter hulpe en adsistentie toegevoegd werdende. — Vervolgens geproduceert zijnde d'on„ „derstaande Memorie door den commisder Hendrik Willem Hulz in Maguazijnen Hendrik Willem Rutz, ingediend. Aan den WelEdele Achtbare Heere Iohannes Isaac Rhenius Gezaghebber van Cabo de Goede Hoop en den ressorte van dien, beneevens de Edele Achtbaare Raad van Politie. — WelEdele Achtbaare Heer; en Edele Achtbaare Heeren Den ondergeteekende neemt Eer¬ biedig de vrijheid uwe Edele Achtbaarhee„ „dens Pligtschuldig kennis te geeven van groote verleegentheid waarin hij zich als Commis der Maguazijnen bevind, om Den ondergeteekende Heeft reeds met voorkennisse van den welEdele Gestrenge Heer Colonel P: H: Gilquin moeten gebruik maaken van beide de gereetschap kaamers op de Batterij Amsterdam onder de regter en Linker halve bastions, omme aldaar eene quantiteit Buskruijt te bergen Edog zeer gevaarlijk zijnde, Terwijl die vertrekken maar met eene Enkelde deur e planken opgeslagene binnen portaalen voorzien; En ook gantsch tot geen polver maguazijnen v„ ingericht zijn, dierhalven het hem toeschijnt, dat deeze quanteit pulver niet zonder groot perijkel, daarin kan blyven leggen, vermits de Eerste canons regts en Links van de onderste batterij naast de deureis„ staan, dus is 't alles daarin niet zeeker, te„ byzonders bij een serieus gebruik der batterij ook zijn deeze Twee 219 het reeds van tijd tot tijd uit Europa aange„ brachte en zich nog alhier bevindende Bus„ „kruid droog en en veilig te bergen, als ook byzonders waar hij het nog te verwagtende zal plaatsen het vertrekken 213
English
From which having appeared the embarrassment in which one finds oneself to be able properly to store the gunpowder still expected. While one has already had to employ some tool rooms of the Battery Amsterdam for it, which rooms were appropriated to nothing other than the storage of empty cartridges, cannon shot, and tools, etc. Also, two powder magazines behind the half bastions are likewise stacked with gunpowder, which should only serve for the storage of the filled cartridges and a few small barrels of powder for the present cannons and mortars of that Battery. All these and more other reasons have compelled the undersigned most humbly to pray Your Noble Worships whether it might please Your Noble Worships to provide herein and to send the gunpowder, which from time to time is still to arrive from the Fatherland, to Batavia or Ceylon, so that the undersigned may thereby be enabled to obey the wholesome intentions of his lords and masters with greater exactitude. Wherewith, with the deepest respect, I have the honor to call myself, Below stood: Right Noble Worshipful Lord and Noble Worshipful Lords, Lower: Your Noble Worships' very obedient and humble servant, was signed: H: W: Rutz, in the margin stood: Cape of Good Hope, the 25th of January 1792. Thus, since it appears from the same Memorial not only the embarrassment in which one finds oneself properly to store the gunpowder still expected, but also that, in the absence of more suitable places and accommodations for storing the considerable stock already on hand, one has among others already had to make use of the tool rooms that were located in the Battery Amsterdam under the right and left half bastions, wherein, notwithstanding the same rooms are by no means suitable for such an employment, in a most dangerous manner in the vicinity of the artillery such a large quantity of that powder is stacked one upon the other, that, to say nothing of the damage and harm that can and must be caused to it by dampness as well as otherwise, it is especially to be apprehended that in the event of some unforeseen accident or other the entire aforesaid Battery (which capital work has cost the Honorable Company immense sums) would be completely destroyed, it has been approved and understood, for the timely prevention and warding off of so great a disaster: First, immediately, without resumption, by extract of these presents with insertion of the memorial of the said Commis, to order the Lord Colonel Gilquin directly to devise and put into effect the necessary arrangements whereby one could in the best possible manner be secured against so great a disaster, and subsequently, to proceed with greater certainty in that regard, to have sent away to Batavia or Ceylon, or rather to Ceylon, as it will come very opportunely in the present unrest there, on the first occurring occasion, all the surplus gunpowder that one might have on hand and which is stored, as aforesaid, in the aforementioned dangerous manner outside the purposely constructed powder magazines; The aforementioned Colonel Gilquin being required, in order to enable this Council to determine the quantity of the powder thus to be sent, to report distinctly and specifically as soon as possible how many powder cellars and magazines are presently found on hand in this government, what quantity of powder each of them individually and subsequently all together can contain, and what employment is presently made of the aforesaid magazines and cellars, as well as how large the stock of gunpowder presently on hand amounts to, and with how much less one, on the other hand, according to the present establishment of the garrison, could manage without exposing oneself to disasters through the surplus, or, by keeping an insufficient quantity, losing sight of the safety of the place. The Council meanwhile wishing by no means to be responsible for the events that may result from the accumulation of the stock in so imprudent a manner as has occurred here.
Dutch transcription
Waaruyt gebleeken zynde de verleequndheid in welke men werdend duipulver behoor lyk te kunnen bergee. Terwyl men reeds eenige ge reedschapskamers van de toe heeft moeten amployeeren vertrekken. tot niets anders als berging van leege Cardoesen, Canon Scharp en Gereedschappen etc: geaproprieerd. - Ook zijnde Twee pulvermaguazijnen agter de halve bastions insgelijks met buskruijd op„ gestapelt, dewelke alleenig maar zoude dienen tot berging der gevulde Cardoesen, en eenige wijnige Tonnetjes met pulver, voor de aanweezen„ „de Canons en Mortieren dier Batterij. — Alle deezen en meer andere reedenen hebben de ondergeteekende genoodzaakt uwel Edele Achtbaarheedens onderdanigst te bidden, of 't uwe Edel Agtbaarheedens niet mooge behaagen hier in te willen voorsien, en het bussekruijd welk van tijd tot tijd nog uit 't Patria staat aan te koomen, Na Batavia of Ceijlon te zenden op dat den ondergeteekende hier door in staat gesteld worde, met meerdere Exactitude aan de Heijlsaame Oogmerken zijner Heeren Gebiederen te kunnen obedieeren. — Waarmeede met het diepst respect de Eer hebbe mij te noemen /:onderstond:/ WelEdele Agtbaare Heer, Zoo is, aangezien uit dezelve Memorie Consteert niet alleen de verleegentheid waarin zig bevind om het nog verwag men zig bevind om 't nog verwagt werdend Buskruijdt behoorlijk op te leggen, maar ook dat men bij ontstentenisse van convenabeler plaatsen en geleegendheeden tot berging van den bereids aanhanden zijnde Considerabelen voorraad, onder anderen reeds meede heeft moeten gebruik maaken van de gereedschapp „kamers, welke zich in de batterij Amsterdam onder de regteren Linker halve Bastions bevonden waar inne niet teegenstaande dezelve Camers geenzints tot een zodanig Battery Amsterdam daarmploij geschikt zijn, op een allergevaar„ lijkste wijze in de nabyheid van 't geschut eene zo groote hoeveelheid van dat Sulver us„ is op den anderen gestapelt, dat gezweegen ite„ de schaade en 't nadeel dat door vogtigheid„ als anderzints aan 't zelve kan en n die en Edele Achtbaare Heeren, /:Lager:/ Uwer Edele Achtbaarheedens zeer gehoor„ zaame en onderdanige Dienaar /:was getee„ „kend:/ H: W: Rutz, /: ter zijde stond:/ Cabo de Goede Hoop den 25 Januarij 1792. 224 en moet 223 zou goedgevonden en ver„ staan den Overste Gilquin te gelasten hier omtrend de men en uit work te stellen en het overtollig aan handen zynde sulver by eerste occa voor te schekken. welke kunnen voorschruyte „cumbeert Inmiddels dat van ged Coll. Gilguin nog is gevor geen porten ente opgave aanhanden komt te hebben moet te weege gebragt worden voornamentlijk ook is te appraehendeeren dat bij 't een of ander onvoorzien ongeluk de geheele voorsz Batterij /:welk Capitaal werk de Ed: Comp=ie ten eenemaale zoude werden gedistrueert, goedgevonden en verstaan ter tijdige voor„ „koominge en afweering van een zoo groot nodige schikkingen te bera onheil, Eerstelyk illico, zonder resumptie bij Extract deezes met insertie der memorie van ged=e Commies aan den Heere Overste Gilquin te doen gelasten, omme directe de nodige schikkingen te beraamen en in 't werk te doen leggen waar door men op de best mogelijkste wijze teegens een zoo groot desastre zoude kunnen werden ge„ secureerd, en vervolgens, om daaromtrent meer zeeker te gaan, al 't overtollige bus„ „kruijt, het welk men aan handen hebben mogt, en invoegen voorsz opeevengem dangereuse manier, buiten de expres ge¬ construeerde Sulver maguazijnen is opgelegd, of liever na Ceilon als in de praesente onlusten aldaar zeer te passe zullende koomen te doen verzenden zullende opgemelde overste Gilquin om dees Raade in staat te stellen de quantiteit vat bellqqing van Bupekn bepaalen ten spoedigsten distinctelijk en specificque moeten opgeeven hoe veel kruijd „kelders en maguazijnen er tegenswoordig ten deezen gouvernemente aan handen wer„ den gevonden; welke quantiteit pulver dezelve ijder afzonderlijk en vervolgens alle te zaamen kunnen Contineeren, en wat employ teegens„ „woordig van de voorsz: maguazijnen en kelders werd gemaakt, als meede hoe groot de thans aanhanden zijnde voorraad van Bussekruijd komt te weezen en met hoe veel minder men na de praesente inrigting van 't guarni„ „soen daar en teegen zoude kunnen volstaan, zonder zig door het overtollige aan onheijlen te exponneeren of met het aanhouden van eene niet sufficieerende quantiteit de veiligheid der plaats uit 't oog te verliesen. — Willende den raade intusschen geenzints op den proesenten van dat die uit d'accumulatie van den voorraad wora woorden loen deie op eene zo onvoorzigtige wijze als hier inmense sommen heeft gekost:/ onvermijdelijk dan gewoorden de bezyden van 't alzo te verzendene Sulver te kunnen „gien na Batavia of Ceelon bij eerst voorkoomende occagie naar Batavia Terwylden Rade de desavre responsabel zijn voor d'eevenementen koomen vooren
English
Resumption of a petition presented by the pay accountant in his capacity as curator ad lites. described before, can result, as they have been completely ignorant thereof, but on the contrary have left the accountability for that matter to the account of him with whose prior knowledge such management was conducted, and by whose order the tool rooms of the Amsterdam Battery were converted into silver storehouses. In the meantime, the petition inserted below, presented by the pay accountant Clemens Matthiessen in his capacity as curator ad lites, was also read. To the Right Honorable Johannes Isaac Rhenius, Acting Governor, together with the Honorable Council of Policy, at Cape of Good Hope. Right Honorable Sir and Honorable Sirs. In the Colony of Graaff Reinet, on the 23rd of November 1789, there passed away intestate, leaving some estate, the messenger of that Colony, Jan Christiaan Helm, and his estate was accepted by the humble petitioner in his capacity as curator ad lites. Having seen from the forwarded papers that the estate was very confused and could not possibly be settled by the undersigned due to the great distance of that Colony from this capital, without the help and assistance of someone residing there, he sent to the Landdrost there, Mr. Woeke, a copy of the vendue roll and further papers with a friendly request to lend a helping hand, both in collecting the vendue monies and the monies due to the deceased from various inhabitants there on account of executed writs etcetera. And in order to remove as much as possible all obstacles to a speedy settlement, permission was obtained from the Honorable Court of Justice to post notices, whereby every inhabitant was warned to declare their claims against and debts to the estate at the pay office or at the Secretariat of Graaff Reinet within the time of six months, and one of those notices, together with a special power of attorney to the aforementioned Landdrost Woeke, was also sent to Graaff Reinet. However much the respectful signer flattered himself that after all the aforementioned steps and the acceptance of the power of attorney by Mr. Woeke, he would be placed in a position to give a prompt accounting and justification of the aforementioned estate to the High Commanding Lords Majores, conformable to repeated orders from both the Motherland and Batavia, that hope has hitherto been fruitless, and he still finds himself in the same uncertainty regarding the state and condition of the estate as he was upon its acceptance, whether by the non-delivery or going astray of the forwarded letters, or other reasons unknown to the undersigned. And fearing, not without reason, the just displeasure of the Lords Majores, who, not being informed of local circumstances, might accuse the humble petitioner of remissness and negligence, he takes the Resolution to write to the Landdrost Woeke about this, not only to send hither the monies collected belonging to the estate of the late Messenger Helm, but also all the papers that have any relation to it. freedom to turn to Your Right Honorables with humble request that it may be Your highest pleasure to have the aforementioned Landdrost Woeke written to, that he send to the Cape as quickly as possible and by a secure opportunity all the collected monies of the estate, together with a specific nominal list of such persons as have paid, as well as of those who are unwilling to pay, in order that they may be constrained thereto by legal proceedings; likewise a list of such persons as have caused claims against the estate to be registered at the Secretariat there. Below was written: Which doing etcetera, was signed: C: Mattheessen Junior. In the margin was written: Cape of Good Hope, Ultimo January 1792. And whereas from the same petition it is evident that the said pay accountant will not be placed in a position to bring the estate of which he makes mention above to liquidity and settlement, unless
Dutch transcription
Resumptie van een Een zoekschrift door den zoldi in zyn qualiteyt als curator ad lites gepraesenteert vooren is beschreeven, kunnen resulteeren als'er ten eenemaale ignorant van zijnde geweest, maar de verantwoording diendwee„ „gen in teegendeel gelaten hebben voor reeke„ „ning van den geenen met wiens voorkennis eene zodanige directie is gehouden, en op wiens ordre de gereedschapkaamers der Batterij Amsterdam in Sulvermaguazijnen zijn ge„ converteerd geworden Middelerwijlen is meede geleezen geworden het hieronder g'insereerd suppliecq Boekhouder Matthiepel door den zoldij boekhouder Clemens Matthies, sen, in desselfs qualiteit als curator ad lites gepresenteerd. Aan den welEdele Achtbare Heer Iohannes Isaac Rhenius gezachhebber, beneevens den Ed: Achtbaaren Raade van Politie, aan Cabo de Goede Hoop WelEdele Achtbare Heer en Edele Achtbaare Heeren In de Colonie Graaffe Reinet, is den 23 9=ber 225, 1789 zonder Testament te maaken, eenige goederen nalatende koomen te overlyden, den boode dier Colonie Ian Christiaan Helm, en desselfs boedel door den needrigen ver„ „toonder in zijne qualiteit als curator ad lites aanvaard, uit de ingezondene papieren gezien hebbende, dat den Boedel zeer verwaard was, en onmogelijk door den ondergeteekende weegens den verren afstand dier Colonie; van deeze Hoofdplaatze konde vereffend werden, buiten de hulpe en bij= „stand van iemand aldaar woonagtig, hebbe den Landdrost aldaar de Heer Woeke, Copia der vendu„ „rolle en verdere papieren ingezonden met vrien„ „delijk verzoek de behulpzaame hand te willen leenen, zoo in 't innen der vendu penningen, als de van diverse inwoonderen aldaar den over„ leedenen toekomende gelden weegens gedaane exploiten &a. en om zo veel doenlijk alle belet¬ zelen tot een spoedige vereffening uit den weg te ruijmen bij den Ed: Achtb Raade van Justitie, tot het affigeeren van billietten permis„ „sie g'obtineerd, waarby een ieder der Ingezeete„ „nen is gewaarschouwd, binnen den tijd van ses maanden hunne pretensien op en 1789 aan„ Besluyt om den Land drost woeke daarop aan te schryven. alleen de tot den doedel seerde ponn. maar ook alle de papieren die daartoe aan den boedel ten soldy comptoire ofte ter Secretarye van Graaff Reinetaan te geeven, en een dier billietten; beneevens eene speciali Procuratie op voormelden Heere Landdrost woeke meede naar Graaffe Reinet gezonden, hoe zeer den eerbiedigen Teekenaar zig ook gevleijd heeft naar alle de voormelde demar„ „ches, en de acceptatie der procuratie door den Heer Woeke in staat te zullen werden gesteld, Conform herhaalde zoo Patriase als Bataviase ordres een spoediger reekening en verantwoording van de meergem: nalatenschap aan de Hoog„ gebiedende Heeren Majores te kunnen doen, is die hoop tot heeden vrugteloos geweest;, en bevind zig denzelven nog in dezelve onzeeker„ „heid, omtrent den staat, en de gesteldheid des boedels als hy bij dies aanvaardinge was, het zij door het niet bestellen ofte absent raaken der opgezondene brieven, ofte andere den ondergeteekende onbekende reedenen en niet zonder reeden vreesende, het billijk ongenoegen der Heeren Majores, die van 't locale niet onderregt zijnde den humblen verthoonder van nalatigheid en negligen„ tie zouden beschuldigen, neemt hij de En nadien uit 't zelve verzoekschrift Consteerd dat, zal gemelde zoldij Boekhouder herwaards op te zeuden niet in 't geval werden gesteld den Boedel waar„ van den Bode Neluw qunda van hij hier boven mentie maakt tot eenige betrekking hebben: liquiditeit en vereffening te brengen dan vrijheid, zig te keeren tot uwel Edele Achtbaren met ootmoedige beede, dat het van Hoogstderzelver welbehaagen mag zijn, den meerm: Heer Land„ „drost Woeke te laaten aanschrijven, dat hij ten spoedigsten en met een secuure geleegendheid Caabwaards zende alle de ingecasseerde pen„ „ningen van den boedel, beneevens een specific„ „que naam lijst van zodanige perzoonen als 'er betaald hebben, als meede van die geene welke onwillig zijn, omme te betaalen, ten eijnde by weegen van regten daartoe te kunnen geconstringeert werden; zoo meede een lijst van zodanige perzoonen, als pretentien op den boedel ter Secretarye aldaar hebben laaten aanteekenen /:onderstond:/ 'T welk doende &=a /:was geteekend:/ C: Mattheessen Junior /:ter zijde stond:/ Cabo de goede Hoop, Ultimo Januarij 1792. vrijheid nood ƒ ƒ
English
the intervention of this Council being necessarily required, it was resolved, pursuant to his request, to write to and instruct the Landdrost of the colony of Graaff-Reinet by missive that he shall at the earliest secure opportunity send towards the Cape all collected monies belonging to the estate of the aforementioned Helm, together with a specific nominal list of such persons who, since the demise of the just-cited Helm, have come to pay off their overdue vendue monies and funds which they owed to the deceased on account of served writs or otherwise, as well as a similar list of those who remain unwilling to pay their arrears, and finally a note of such people who, in response to the posted notices, have had any claims against the aforementioned estate recorded at the Secretariat of Graaff-Reinet, in order that such use may be made of all this as will be required for a final settlement of affairs. Captain Nicolaas Acker, having commanded the provision ship Zoutman which is currently lying ready to sail, having today submitted the report regarding the daily activities concerning the unloading and reloading of the cited vessel and the hindrances encountered therein, and upon the resumption of that report it being found that during the long time the said ship has stayed at this government, several days consecutively passed one after another without anything having been done with respect to the loading or unloading of goods, it is for that reason agreed to transmit the said report to Batavia according to order and custom, in order to allow the Gentlemen of the High Indian Government themselves to judge the proceedings in this matter; but at the same time it was also resolved, since the reasons for delay now presented appear just as unsatisfactory to the Council as the motives previously alleged by the Master Attendant Cornelis Cornelisz in his report of October 28 last were found to be, therefore to place the said report of Captain Acker into the hands of the aforementioned Master Attendant for the purpose of examination, and to demand from him to state as quickly as possible and in a more satisfactory manner the causes by which the unloading and reloading of the frequently mentioned vessel proceeded with so little dispatch that, to the considerable prejudice of the Company, it had to remain at this roadstead for more than four months, and why, specifically on the days mentioned in the aforementioned report that were suitable for unloading and loading, and during which it appears nothing other than ordinary ship's work was performed, no work was done on the unloading or loading of that vessel. While the report of the Master Attendant will be awaited here, there shall meanwhile be supplied to Their High Mightinesses with the so often cited provision ship Zoutman an authentic copy of the aforementioned justification which was submitted by him on October 28 last, and Their Right Honourable Excellencies shall thereby be informed that, however much the government had to acquiesce, unwillingly, in what he adduced therein for his justification, it nevertheless did not fail to order him in the most emphatic manner to leave nothing undone that could in any way serve to enable the said provision ship to undertake its return voyage to Batavia as soon as possible, and that consequently, on the part of the government, everything was done that depended upon it to accelerate the dispatch of the said keel as much as possible; having moreover shipped with the aforementioned provision ship Zoutman, besides the complete fulfillment of what was lacking in the Batavia requisition of last year, 738 muds of wheat in anticipation of the expected requisition.
Dutch transcription
229 voerd hebbende het terrheede man overgelegd zynde een Rapport, nopens de dagelixe en weder beladen van zijn Bodem zo is wel verstaan hetzelve over te zeiden noodzaakelijk werd vereijscht de interventie deezes Raads, zoo is verstaan ingevolge des„ „selfs verzoek den Landdrost der colonie Graaff Rijnet bij Missive te doen aanschrijven en gelasten, dat hij ten spoedigsten met eene secuure geleegentheid zal hebben caabwaards te zenden alle de g'incasseerde penningen tot den boedel van voorzeide Helm specteeren, „de beneevens eene specificque naamlijst van zodanige perzoonen als 't zeedert 't overlijden van eevengeciteerden Helm hunne Agter¬ „stallige vendu penningen ende gelden welke zy aan den overleedene weegens gedaane exploicten als anderzints debet zijn geweest, hebben koomen af te leggen, als meede een dito lijst der geenen die onwillig blijven derselver agterweezen op te brengen en eijndelijk eene Notitie van zodanige lieden als op de g'affigeerde Billietten eenige praetentien ten lasten des voorsz boedels ter Secretarije van Graaff Reinet hebben laaten aanteekenen om van 't een en ander zodanige employ te kunnen werden gemaakt, als tot eene finaale afdoening van Zaaken Den Capitain Nicolaas Acker gevoerd Door den Capn Acker ve hebbende, het thans zeilvee leggend schip zout„ leggend provisie schip Zous man heeden hebbende overgelegt 't Rapport verrigtingen in het Losen noopens de dagelijkse verrigtingen omtrent het lossen en weeder belaaden van geciteerden Bodem en de verhindering die in 't een en ander zijn ontmoet, en by de resumptie van dat rapport bevonden zijnde dat geduurende den langen tijd welke het zelve schip aan dit gouvernement heeft vertoefd gehad Succes„ „sivelijk verschijdene dagen agter den ande„ ven zijn verloopen zonder dat 'er iets met opzigt tot het in of uitscheepen van goederen is gedaan geworden, Isuit dien hoofde Rapport a rwi na Batavia wel verstaan het zelve rapport volgens d'ordre en usantie naar Batavia over te zenden om de Heeren der Hooge Indiasche regee„ „ving zelve over het verrigten in deezen te kunnen laten oordeelen dog teffens ook beslooten om nadien de thans opge„ geeven werdende reedenen van vertraging den raade even zo min voldoende voor„ „koomen als bevonden zijn de motiven in deezen zal werden vereijscht. — in die 228 Equipagiemr. te vorderen eene aan het moet wercken geaf zen rheedle heeft moeten vertoe inmiddels werden g'infor van haar heeft gedependeert behalven de compleete voldoe jarigen Eysch nog quam te taris by anticipatie op den ver „scheept zynde die bevoorens door den Equipagie Meester Cornelis Cornelisz, bij deszelfs berigt van den 28 October I: L: zijn geallegueerd het ged=e Rapport van den capitain Acker dier„ dog teevens beslotur van den „halven te stellen in handen van eeven„ meer voldoende opgave waar gemelde Equipagiemeester ten fine van ruym vier maanden ter dee Examinatie en van denzelven daarby te vorderen ten spoedigsten op eene meer voldoende wijze op te geeven door welke oorzaaken d'ontlossing en weeder belaa„ ding van dikwilsgem bodem met zo wei„ „nig spoed is voortgegaan dat dezelve tot merkelijk bezwaar der Maatschappije ruim vier maanden ter deezer rheede heeft moeten vertoeven en waarom specialijk op de by 't voorseide rapport voorkoomende dagen tot lossen en Laaden geschikt, en geduurende dewelke blijkt niets anders als 't ordinaire scheepswerk verrigt te zijn niet aan 't lossen of laaden van dien bodem is gearbeid, zullende ter„ wijl men hier op het berigt des Equipagie„ „meesters verbeiden zal, intusschen met 't zo dikwijls geciteerde provisie schip Zoutman aan haar Hoog Edelens Met het voormelde provisie schip Zout„ ning van 't geen op den voor„ man behalven de compleete voldoening van 't schip Zoutman 738. mudd:t geen aan de Bataviase Eijsch des voor wagt werdende lysch afge,„ leeden Jaars kwam t' ontbreeken nog bovens dien afgescheept zijnde 738 mudden moeten gesuppediteerd werden Copia Authen„ „tiecq van de hiervooren geciteerden verand„ woording welke door hem op den 28 October Jongstl is overgelegd geworden, en haar wel„ zullende de hoge Regeeringe Edele Groot Achtb=s daarbij werden g'insor„ alles heeft aangewond meert, dat hoe zeer de regeering wel teegens zo veel mogelyjk racelleteeren wil en dank heeft moeten berusten in 't geen hy daarby ten zijnen Iustificatie heeft bijgebragt, men egter niet heeft nagelaten hem op 't nadrukkelijkst te gelasten niets onbezogdt te laten dat maar eenigzints zoude kunnen strekken om 't gemeld provi„ „sie schip ten Spoedigsten in staat te stellen deszelfs te rug rhijze naar Batavia te kunnen aanneemen, en dat gevolglijk van den kant der regeeringe alles is aangewend dat van haar heeft gedependeert gehad om de depeche van ged=t Kiel zo veel mogelijk te accellereeren. 231 moeten Tarw 23 ven
English
thus, for the reasons set forth in the margin, the further shipment is to be limited to the quantity named alongside, and it will be respectfully requested that the petition submitted be fully complied with in all other respects. Upon consideration that in some places a harvest has taken place, more wheat in anticipation of the expected requisition, and it having been taken into consideration today to what extent one could and ought to continue with dispatching still more wheat on the aforesaid footing to the said capital; it has, in view of the uncertainty in which one finds oneself whether the Honorable Company, on account of the mediocre crop of this grain this year, will be able to be provided in sufficient quantity with the corn required by it, been deemed most prudent to limit oneself provisionally to a further one thousand mudden which will be loaded here into the ship De Verwagting, in order, added to the 738 mudden just mentioned departing per Zoutman, together with the quantity which is to be taken in by the first-mentioned vessel in Saldanha Bay, and as one hopes will also amount to between 1000 and 1500 mudden, which one anticipates for this current year 1798, to serve in reduction of the petition and the aforementioned mediocre result; and when dutiful report shall be made to Their High Nobilities on the departure of the just-mentioned vessel De Verwagting regarding this determination and arrangement, they must at the same time most respectfully be requested that, whereas for lack of gunny bags—the requisitions for which have remained unfulfilled for years in succession—one currently finds oneself in the utmost embarrassment with the transport, loading, and unloading of the aforesaid grain, without being able to extricate oneself from that predicament for want of the necessary material for bags, it may, through the direction of Their High Nobilities, be ordered that the quantity of thirty thousand gunny bags for the service of this Government, now most recently again stated and requested in Ao 1791, may be fulfilled in its entirety as soon as possible. Meanwhile, it having been considered how necessary it is, on account of the complete crop failure of the harvest over the greatest part of the country and the reports received from other quarters that a complete crop failure has taken place therein, to make the necessary provision in good time against want and scarcity in the colony, the more so because, besides the considerable consumption which takes place here locally by the arriving and departing ships of various foreign nations, considerable quantities of corn and flour have also for some time been exported by the French and English for the provisioning of the islands of Mauritius and St. Helena, and continue to be taken away; it is, in order to exercise the necessary precautions in this matter, approved and accordingly resolved to bring the export of flour at present also, just as with the wheat, under the condition that nothing thereof may be exported without the special consent of the government, which consent, on the footing as has been customary on such occasions, must be requested and exhibited to the Fiscal together with the Commissioners from the Council of Justice before the shipment takes place; furthermore, the necessary notice of all this shall be given to the public by a placard. It was approved and understood that no flour shall be exported without the consent of the Council of the Government. It was understood to qualify the overseer of the timber magazine to continue with the sale of that timber to both outgoing and incoming parties on the old footing. From an extract of the roll held on the 20th of this month, it appeared that the indigenous timber at auction fell far short of reaching the prices for which the same was sold for cash from the magazine. And since from an extract of the roll of the auction which, pursuant to the resolution of the 29th of November last, was held on the 20th of this month on the Company's behalf for the indigenous timber, and was laid before the Council by the Honorable Commander, it has appeared that the aforesaid sale could make no progress because the diverse assortment of timber put up for auction in the aforesaid manner could by no means fetch the prices for which the same has hitherto been sold for cash from the timber magazine; it is resolved to supply a copy of the said extract of the auction roll—on which, besides the prices which the different sorts of timber should have fetched, there is also noted what was bid for each item at the auction—to the High Ruling Lords Masters, in order to demonstrate to Them in an evident manner that such a disposal by public auction would in no way square with the Company's interest, and in the meantime to authorize the overseer of the timber magazine to continue with the sale of those timbers to both outgoing and incoming [illegible] on the old footing.
Dutch transcription
zo is om de bezyden aange voerd werdende redenen in den verderen afscheep tot de nevens gem quanti teyt te bepalen eerbiedig zullen worden verzogt dat de gedane petitie zyn geheel man verders vol daar—. By overweeging van den ma„ dat in zommige oirdeur een plaat gehad Tarw meer by anticipatie op den verwagt werdende Eijsch, en heden in overweeging genoomen zijnde in hoe verre men zoude kunnen en behooren te continueeren met op den voorsz voet nog meerder Tarw naar ged=e Hoofdplaatse te doen versen„ den; zoo is uit aanmerking van d'on„ voorzigtigst g'oordegld, zig zeekerheid waarin men verseerd of d' E: — van dat Graan by provisie Comp uit hoofde van de mediocre recolle deeses Jaars wel in sufficiente quantiteit van 't bij haar benodigde koorn zal kunnen werden voorsien voorzigtigst g'oordeelt zig by provisie te bepalen bij nog duizend mudden welke men alhier zal doen afsteeken in 't schip der verwagting, om gevoegd met de eeven gemelde per zoutman afgaande 738 mudden mitsgaders de quantiteit die in de zaldanhabaaij door eerstgemelde bodem ingenoomen staat te werden, en gelijk men hoopt meede wel tusschen de 1000 à 1500 mudden te zullen bedraa„ welke men voor dit loopend Jaar 1798, te gemoet ziet, zullende wanneer men aan haar Hoog Edelens by de part van Ondertusschen overwoogen zijnde hoe zeer het noodzaakelijk is dat men om deselvde hiervoo„ volslagen misch gewasch heeft den Ougst over 't grootste gedeelte van 't Land, en d'ingekoomene informatien uit andere oorden, dat in dezelve een compleet misge„ „gen in mindering te strekken op de petitie en de bekomen van den ara ven aangehaalde middelmatigen uitslag van eeven ged=e bodem de verwagting van dees bepaling en schikking schuld pligtig verslag zal doen, wel dezelve teffens eer biedigst moeten werden verzogt, dat aangezien men bij ontstentenisse van Gonnij Zakken, waarvan de Eijsschen Jaaren agter den anderen onvoldaan zijn Terwyjl Hun Hoog Edelens gebleeven, zig thans met het transporteeren van 30000 gonnyzakken in en aflaaden van 't voorseide graan in d'uit„ terste verleegentheid bevind, zonder zig mits gebrek aan de nodige stoffagie tot zakken uit dat Embaras te kunnen redden het door de beschikking van Haar Hoog Edelens daar heen mooge werden gedirigeert dat de nu laatst in A=o 1791. weederom opgegeevene en verzogte quantiteit van dertig duizend gonnij zakken ten dienste van dit Gouverne„ „ment hoe eer zo liever in zijn geheel mooge werden voldaan. — eevenged=t „wasch 232 234 Is goedgevonden en verstaan dat geenisteer buyten ie craad Concent van de Re„ geeringe zal werden de porteert zou verstaan den opziende van 't Houtmagnazyn te qua„ van die Houtwerken aan dan op den ouden Voette continu„ ceren Uijt een Extract ten du Rolle den 20: deezer gehouden geblee stout by veiling op verre na halen waarvoor hetzelve voor Contant uyt de Magua zynde werd gesleeden wasch heeft plaats gehad, bij tijds teegens ge„ „brek en schaarsheid in de Colonie de nodige voorzienige komt te doen, te meer daar behalven de Considerable Consumptie welke hier ter plaatse zelf door de gaande en komende scheepen van diverse vreemde natien geschied, 't zeedert eenigen tijd ook aanmerkelijke quantiteiten Coorn en meel door de Fransschen en Engelschen ter proviandering der Cilan„ den Mauritius en S=t Helena zijn uitgevoerd en nog gaande weg werden afgehaald, zo is, om in deezen de nodige praecautien te gebrui„ „ken goedgevonden en dienvolgens beslooten d'exportatie van 't meel thans ook eeven als de Tarw te brengen onder de bepaling dat daar van niets zal moogen werden uitge„ „voerd zonder speciaal Consent der regee„ „vinge, welke Consent op den voet zo als zulks bij diergelijke geleegendheeden ge„ bruijkelijk is geweest, zullende moeten gesolliciteerd en aan den fiscaal neevens commissarissen uit den raade van Justitie g'exhibeerd werden, voor dat de afschee„ „ping komt te geschieden, zal wijders van dit een en ander aan 't publiacq bij Een 285 billiet de nodige advertentie werden gedaan. En nadien uit een Extract van de Rolle der vendutie welke ingevolge besluit van ken zynde, dat het Inland den 29 November Jongstleeden den 20 deezer. de pryzen niet heeft kunnen 'scompagnies weegen van 't inlands hout gehouden, en door den Heere Gezachhebber in raade overgelegd geworden is, is koomen te blijken, dat de voorzeide verkooping, geen voortgang heeft kunnen neemen, om dat de diverse sorteering van houtwerken invoegen voorsz opgeveild, op verre na de prijzen niet hebben kunnen haalen waarvoor dezelve tot nog toe voor contant geld uit het Houtmagua„ zijn, zijn gesleeten geworden, zo is verstaan Copij van 't gemelde extract der vendurolle, waarop behalven de prijzen die d'onderscheide¬ „ne Zoorten van Houtwerken hadden moeten lefccooren met het verkopen afwerpen ook genoteerd staat wat bij de op„ gaanden en komenden man veiling voor elk articul is gebooden, aan de Hoog Gebiedende Heeren Meesteren te suppediteeren, om aan hoogstdezelve, op eene evidente wijze te doen blijken, dat eene zodanige afzetting bij Publicque vendutie in geenen deele met 's maatschappijs Jntrest zoude quadreeren, en in tusschen billiet den
English
236 Reconsideration of a report from Stellenbosch submitted concerning a strip of land by in the year 1787. - in ownership of to qualify the overseer of the Timber Magazine to proceed henceforth with the retail sale of the aforementioned indigenous timbers to any interested passers-by and visitors, at the prices at which they were appraised in the past year, until further notice. - Furthermore, upon the repeated petitions of the burgher Jacob Philip Marais, to obtain a final disposition regarding his request, already made in the year 1787, to be granted, for the continuation of his wagonmaker's trade for the convenience of travelers, a strip of land measuring Two morgen in extent, situated on the Wagenbooms River near the Breede River; having taken into reconsideration the report below, which the Landdrost and Heemraden of Stellenbosch already submitted in December 1788 in compliance with the Council's requisition contained in the resolution of 19 August of the just-cited year regarding the aforesaid request, but which until now has remained shelved at the secretariat. - It has pleased Your Right Honorable and Honorable Worships, by your highly honored Extract Resolution taken on Tuesday, 19 August last, upon a certain petition presented to the well-mentioned Council by the former elder the Honorable Jacobus Hugo and the burgher widow of the late burgher Philippus du Plessis, regarding a certain strip of land for a plot requested by the burgher Jacob Philip Marais near the Breede River, wherein the petitioners made known that Right Honorable Sir, and Honorable Worshipful Sirs 237 To the Right Honorable Sir Cornelis Jacob van de Graaff, Governor of the Cape of Good Hope, and its dependencies, etc., etc., etc., as well as to the Honorable Worshipful Council of Policy, there. both they and the Company would be greatly prejudiced by its granting; to place the said petition in the hands of the undersigned Landdrost and Heemraden, to the end of serving a report thereon, while submitting the resolution concerning this taken by us on 6 August 1787; in compliance therewith, the undersigned have the honor dutifully to set forth: That, request having been made by the aforementioned Jacob Philip Marais at our meeting held on 2 April 1787 to obtain a certain strip of land measuring Two Morgen for the continuation of his wagonmaker's trade on the Wagenbooms River near the Breede River, with the production of a letter of consent from the possessor of the most adjacent place, the widow of the late burgher Paul Touche; and it having been made known by him at the same time that he had likewise addressed himself in this regard to the aforementioned Honorable Hugo and the widow du Plessis, but that they had not been willing to grant their consent thereto, although he was nevertheless fully assured that they could not suffer the slightest harm from its granting, as it was situated not only at a very great distance, but even entirely outside their outspan; the undersigned, although some of the members present at that time were fully acquainted with the situation of that place and the requested land and maintained that the request could be granted without the slightest difficulty, nevertheless thought fit, as an extra precaution, to instruct the field cornet in the aforesaid district, Pieter du Toit, son of Frans, as being known as a person of irreproachable conduct and who has always been very exact in the discharge of his post, to proceed thither with two impartial witnesses and not only investigate whether the requested piece of land could be granted without prejudice to anyone, but that he would also at the same time not fail to [illegible] the mentioned Honorable Hugo and widow du Plessis
Dutch transcription
236 Resumptie van aan Berigt van Stellenbosch ingedaand over een Brookje Lands door in A:o 1787. - in Eygendom der den opziender van 't Houtmaguazijn te qua„ lificeeren om als nu met het verkoopen van de gem Inlandsche Houtwerken in detail, aan den gaande en koomende Liefhebber voor de prijzen waarop s' in den voorleeden Jaare zijn gepriseert geworden tot weederop, zegging toe maar voort te gaan - Wijders op de herhaalde sollicitatien van den Burger Iacob Philip Marcis door Land drooten Necurade om eene finaal dispositie te moogen Erlan„ den Burger Marais reeds„ gen op deszelfs bereids in A=o 1787. gedaan verzoek om ter voortzetting van desselfs wagemaaks ambagt ten gerieve der passan„ „ten begiftigd te moogen werden, met een strookje Lands van Twee morgen groot, geleegen aan aan de wagenbooms Rivier om„ „trent de Breede Rivier ter resumptie genoomen zijnde het onderstaande berigt, het welk Land„ „drost en Heemraaden van Stillenbosch al in December 1788 in voldoening aan 's raads requisitie vervat bij besluit van den 19 Augus„ „tus des eeven geciteerden Jaars met betrekking tot het voorsz verzoek hebben ingezonden, dog tot heeden toe ter secretarije geseponeert is blijven leggen. — Het heeft uwel Edele Gestr en Ed: Achtb=s behaagd, by derzelver zeer G'Eerde Ex„ „tract Resolutie genoomen op Dingsdag den 19 Augustus Jongstleeden op zeekere door den oud ouderling d'E Iacobus Hugoen de bur„ gerresse wede. wijlen den Burger Philippus du Plessis in wel opgem: Raade gepresenteerd request, ten opzigte van Zeeker door den Burger Jacob Philip Marrais omtrent de Breede rivier verzogte Strookje Lands tot een Erf, waar by de supplten. te kennen gaven, dat WelEdele Gestrenge Heer, en Edele Achtbaare Heeren 237 Aan den wel Edelen Gestr: Heer Cornelis Jacob van de Graaff Gouverneur van Cabo de Goede Hoop, en den Ressorte van dien N=a &=a &a beneevens den den Edelen Achtbaren Politiecquën Raad, aldaar Aan zo zog zo wel zijlieden als de Maatschappij door dies uitgaave grotelijks zoude werden bena„ „deeld; het zelve request te stellen in handen van d' onderget=se Landdrost en Heemraaden ten fine onder overlegging van 't besluit dien aangaande op den 6 augustus 1787: bij ons genoomen, daar op te dienen van berigt, in vol„ „doening van dien hebben d'ondergeteekendens de Eer daarop pligtschuldig ter needer te stellen. Dat door opgemelde Iacob Philip Mar„ „vais in onze gehoudene vergadering van den 2 April 1787. verzoek gedaan zijnde ter obtenu van Zeeker strookje Lands ter groote van Twee Morgen tot voortsetting van desselvs wagemaakers Ambagt aan de waagebooms rivier omtrend de breede rivier, onder productie eener consent briefje van de bezitster der daaraan naastgeleegenste plaats van de weduwe wijlen den burger Paul Touche; teffens door denselven te kennen gegeeven zijnde, zig desweegens by opgem E: Hugo en de weduwe du Plessis insgelijks te hebben g'addresseert, maar dezelve hun toestemming daartoe niet te hebben willen verleenen, daar hij ech„ „ter ten vollen verzeekert was, dat zijlieden door dies uitgaave geen de minste schaade konde lijden, als zijnde hetzelve niet alleen op eene zeer verre afstand maar zelfs ten eenemaal buiten hunne uitdrift geleegen, hebben d'onderget=se ofschoon eenige der toen„ maalige praesente leeden de situatie dier plaatse en 't verzogte land ten vollen bekend was, en sustineerden zonder de minste diffi„ culteiten het verzoek te kunnen Accordeeren, egter goedgevonden hetzelve ten overvloede door den veld wagtmeester in 't voorsz: district Pieter du Foit Fransz: als voor een Perzoon van een onbesprooken gedragen wandel bekend staande, en die altoos zeer Exact in 't waarneemen van zijn post is ge„ „weest aan te schrijven dat hy met twee on„ partijdige getuigen zig derwaards zoude hebben te begeeven en niet alleen onder„ zoek doen, of het versogte stuk Lands zonder iemands benadeeling zoude kunnen werden uitgegeeven, maar dat hij ook teffens gem: E: Hugo en wede du Plessis niet Zou
English
would inquire what well-founded reasons they have for not wishing to grant the same to him Marais, and then duly report on the rest to us, whereupon first to the first-signed Landdrost in private, and subsequently in the meeting of 6 August next, it was reported in writing by the said du Toit that not only could the granting of the aforesaid strip of land prejudice no one, but that even the interests brought against it by the frequently mentioned E: Hugo and widow du Plessis were found by him to be entirely unfounded, as appears from the enclosed autograph letters of the said field-cornet du Toit Nos 1 and 2, annexed hereto; so that the undersigned then found not the least difficulty for themselves in consenting to that request and consequently also permitted the said Marais, under the condition stated in the Extract Resolution also annexed under no. 3, to make a request therefore to the well-mentioned Right Honourable Lord Governor. Having obtained knowledge of which resolution, the aforementioned E: Hugo and widow du Plessis thought fit to submit their objection to Your Right Honourable and Honourable Worships by petition, and therein boldly to assert that this grant would not only greatly tend to the detriment of themselves but also of the entire Society, adducing, to ground their objection, an example of the detrimental consequences which actually existed from the granting of an Erf in the aforesaid District to the burgher Gerrit Hendrik Katenbrink; yet, how far the granting of an Erf to the same Catenbrink could be made applicable to the present case, the undersigned prefer to leave to the wiser and more enlightened judgment of Your Right Honourable and Honourable Worships, rather than deeming it necessary to interrupt the attention of Your Right Honourable and Honourable Worships with the groundlessness thereof in your more weighty Occupations; the undersigned only request Your Right Honourable and Honourable Worships to reconsider once more the writings submitted by them under dates of 8 January and 9 August 1788, and with this present Report and its annexes to confront the petitions and annexes submitted by the petitioners E: Hugo and widow du Plessis, in which case the undersigned hold themselves fully persuaded that Your Right Honourable and Honourable Worships will be most clearly convinced that the complaints by the Petitioners E Hugo and widow du Plessis are entirely unfounded, and that ill-will and Self-interest, apparently fueled by the instigation of this or that Petition-writer, was the driving force of their complaints, against which the undersigned can assure Your Right Honourable and Honourable Worships in the most solemn manner that in this matter they have observed nothing other than their Oath and Duty; they therefore also, for the Preservation of the little remaining authority in the exercise of their Office that has now become so necessary, continue to expect from the equity and the Authority of Your Right Honourable and Honourable Worships inseparable therefrom, to reject the request made by the petitioners, and graciously to grant to the needy yet respectable and industrious Jacob Philip Marais his request. Wherewith the undersigned, letting this serve as a dutiful report, have the Honour to remain with the deepest respect underneath stood Right Honourable Lord, and Honourable Worshipful Lords, lower Your Right Honourable and Honourable Worships' very humble and obedient Servants was signed H: L: Bletterman, I de Villiers Jan pietersoon, P: H van der Bijl, S: I: Cats, A Louw J: Zoon. The undersigned also have the Honour, in dutiful compliance with the highly Esteemed Extract Resolution dated 19 August 1788 concerning the Erf requested by the burgher Thomas Knoetsen, to inform Your Right Honourable and Honourable Worships that the said Erf could be granted without prejudice to the Neighbours and that the value of the same has been appraised by the undersigned at a sum of One Hundred Rixdollars. J: D:
Dutch transcription
zou afvragen welke gegronde reedenen zij hebben hetzelve aan hem Marais niet te willen vergunnen, en van het ander alsdan aan ons behoorlijk verslag te doen, waarop Eerst„ „telijk aan den Eerstgeteekende Landdrost in 't particulier, vervolgens in vergadering van den 6 Augustus daar aan door gem du Toit schriftelijk is gerapporteerd, dat niet alleen d' uitgaave van voorsz strook lands niemand konde praejudicieeren, maar dat zelfs ook de belangens van dikwils gemelde E: Hugo ende wede. du Plessis daar teegen ingebragt door hem ten eenemaal ongegrond waaren bevonden, blijkens bijgaande eijgen„ „handige briefjes van gemelde veldwachtmeester du Foit N=o sen 2, deezen annex; des d'ondergetee „kendens als toen voor zig geen de minste Zwaarig„ „heid gevonden hebben in dat verzoek te bewilli„ „gen dienvolgens dan ook aan gem Marrais onder conditie bij Extract Resolutie deeze meede annex sub n=o. 3, vermeld, toegestaan daarom bij wel opgem Ed Gestr Heer Gou„ „verneur verzoek te moogen doen. — Van welk besluit de voormelde E: Huggen„ weduwe du Plessis kennis bekomen hebben„ „de goedgevonden hun bezwaar uw welEd: Gestr: en Ed: Achtb per request voor te dragen, en daar bij onbeschroomd in te slansen dat dat dies uitgave niet alleen grootelijks tot nadeel van hun maar ook der geheele Maat„ schappij zoude strekken brengende om hun bezwaar te fundeeren een voorbeeld bij van de nadeelige gevolgen dewelke uit de ver„ gunning van een Erf in het voorsz District aan den burger Gerrit Hendrik Katenbrink in der daad geexisteerd hebben, dan in hoe verre de vergunning van een Erf aan den zelven Catenbrink op het voor handen zijnde geval vaet van applicatie zoude kunnen werden gemaakt, willen d'onderget'e lievst aan het wijzer en verligter oordeel van uw wel Edele gestr: en Ed: Achtb overlaaten, dan dat zij 't nodig agten, uw welEdeles Gestren Ed Achtb= attentie met de ongegrondheid van dien in derzelver gewigtigere Occupatien te interrum„ „peeren, alleenlijk verzoeken de onderget=s uw wel Edele Gestr: en Ed: Achtb=e bij de door hun in datis 8 Januarij en 9 Augustus 188. ingediende schriftuuren nogmaals te resumeeren en met dit teegenswoordig Berigt de en 242 en dies bylaagen in teegenoverstelling van den supplte E: Hugo en weduwe du Plaissir ingediende requesten en bijlaagen te Con„ fronteeren, als wanneer d'ondergete zig ten vollen gepersuadeert houden, dat uw welEd: Gestr: en E: Achtb=s ten duijdelijksten zullen worden geconvinseerd dat de klagten door de Supplianten E Hugo en wed=e du plessio zijn ten eenemaale ongegrond, en dat wan„ „gunst en Eijgenbelang apparentelijk ge„ voed door instigatie van deezen of geenen Requestenmaakers het drijfveeder hunner klagten is geweest, waar en teegen de on„ der gets uwel Edele Gestr: en Ed Achtb=e op 't plegtigst kunnen verzeekeren in deezen niet anders dan hun Eed en Pligt betragt te hebben, zij ook mitsdien ter Conservatie van 't weinig overgebleeven gezach in 't uitoeffenen van hun Ampt zoo noodzaa„ „kelijk thans geworden, van de aquiteit en daarvan mafscheijdbaare Aucthoriteit van uwwelEdele Gestren Ed Achtb=e blijven verwagten der suppl=ten gedaan. verzoek van de hand te wijzen, en aan den behoeftigen egter braaf en arbeidzaam Waarmeede d'onderget=s deezen laaten„ e 3 de dienen voor pligtschuldig berigt, d' Eer hebben met 't diepst respect te blijven /:onderstond:/ WelEdele Gestrenge Heer, en Ed: Achtb: Heeren, /:lager:/ uw wel Edele Gestrenge en Ed: Achtbaarens zeer onderdanige en gehoor„ saame Dienaaren /:was geteekend:/ H: L: Bletterman, Ide Villiers Jan pietersoon P: H van der Bijl S: I: Catt, A Louw J: Zoont D'ondergeteekendens hebben teffens d'Eer ter pligtschuldige voldoening aan de zeer G'eerde Extract Resolutie de dato 19 Au„ „gustus 1788 belangende 't door den burger Thomas Knoetsen verzogte Erf, uwel Edele Gestr: en Ed Achtb ter kennisse te brengen dat het gem: Erf zonder benadeling der Buuren zoude kunnen werden uitgegeeven en dat de waarde van 't zelve door d'on„ dergets is geschat geworden op eene somma van Rijxdaalders Een Hondert. — 243 Iacob Philip Marrais zijn verzoek gratieuse, n „lijk te accordeeren Jacob J: D:
English
244 And since it appeared from this that it can be ceded without disadvantage to anyone, it was agreed to order the Landdrost to make a valuation thereof beforehand. By the Gentlemen Regents, a drawing or ground plan of the Pharmacy. While in the meantime the wood for a table for the said Regents will be supplied from the Company's timber store. It was deemed best to require the said drawing from Colonel Gilquin as Inspector of the Company's buildings in this country. J: D: Villiers, I: Zoon, E Wium. In the margin was written: At the meeting of the Heemraden at Stellenbosch, the First of December 1788. And since it appeared most clearly both from that report and from the annexures attached to it that the grant of the said piece of land, far from being prejudicial to the Honourable Company or to any private individual, on the contrary, for the maintenance of the authority of the said Board over the unreasonable complainants, necessarily ought to be granted to the petitioner, it was agreed to order the aforesaid Landdrost and Heemraden by extract hereof to make a valuation thereof; upon which, after payment of the sum at which it shall be appraised, the aforesaid land shall be ceded in ownership to the petitioner under the stated conditions. Meanwhile, a drawing or ground plan of the new Pharmacy, handed to their Honours by the Company's Apothecary, having been submitted by the Gentlemen Regents of the Hospital, on which is distinctly shown how that Laboratory ought to be arranged and constructed in order to make use of it with the greatest order and efficiency; reading in the meantime the report; it was deemed best to supply the said drawing to Colonel Gilquin and to require from his Honour, in his capacity as Inspector of the Company's buildings, to provide a statement of what materials would be required to fit out the said Pharmacy for use as the aforesaid plan shows; as well as how this could best be accomplished with the Company's own craftsmen, without any work currently in hand having to be abandoned and brought to a standstill on that account; and while awaiting that report before resolving further on this matter, as much wood as shall be required for making a table at which the Gentlemen Regents can meet to conduct their business in the said Hospital shall be supplied from the Company's Timber Store upon an authorization from the Honourable Acting Governor. 245 Upon a submitted report of the commissioners appointed by resolution of the 6th of this month to carry out the weighing of the remainder, being houseline, marline, and logline, reading as follows: To the Right Honourable Sir, Johannes Isaac Rhenius, Acting Governor of this Government, together with the Honourable Council of Policy. Right Honourable Sir and Honourable Sirs! The undersigned, having been expressly appointed by your Right Honourable and Honourable Sirs according to your highly esteemed resolution of the 6th of this month to have all the houseline, marline, and logline remaining in the equipment warehouses accurately weighed, in order to be entered into the trade books in pounds from now on, and to provide a written report thereof to your Right Honourable and Honourable Sirs, have hereby the honour, in obedience to those esteemed orders, to report that the remainders as above stood at the first of January of the current year, and weigh as follows, namely: 42 bundles of logline, weighing 653 Pounds, 16½ bundles of houseline, weighing 145 Pounds, 56 bundles of marline, weighing 192 Pounds. With which the undersigned, believing they have fulfilled their duty, take the liberty to call themselves, Right Honourable Sir and Honourable Sirs, Your Right Honourable and Honourable Sirs' very humble servants. Signed: G: F: Goetz, A: V: Bergh. In the margin was written: Cape of Good Hope, the 24th of January 1792. It was now agreed to have the remainder found, being logline, houseline, and marline, entered in the books. 246 It having been resolved to have the remainder found of 42 bundles of logline at 653 pounds, the 16½ bundles of houseline at 145 pounds, and the 56 bundles of marline at 192 pounds entered into the books. And whereas from the report below, demanded on the same day from the Storehouse Clerk Hendrik Willem Rutz, Upon reading a report presented by the Storehouse Clerk Rutz concerning the gunpowder expended in this roadstead on the ship De Geregtigheid: To the Right Honourable Sir, Johannes Isaac Rhenius, Acting Governor of the Cape of Good Hope and the jurisdiction thereof, together with the Honourable Council of Policy. Right Honourable Sir and Honourable Sirs! On Thursday the 19th of January 1792, the undersigned found himself honoured with an extract resolution from the Council of Policy handed to him, concerning 80 lb of gunpowder that was expended on board the Honourable Company's ship De Geregtigheid, which lay anchored in this roadstead, and whether or not that gunpowder was supplied from the shore before the departure of the said vessel. The undersigned has the honour to answer very humbly on this point that no gunpowder was requested by warrant for the already mentioned vessel, and none was supplied from the Honourable Company's storehouses either. Furthermore, I have the honour to be with all due respect, Right Honourable Sir and Honourable Sirs, Your Right Honourable Sirs' very obedient and humble servant. Below stood: 248 1792
Dutch transcription
244 En daaruyt gebleeken zynde zonder ymands nadeel kan worden afgestaan. Zou Verstaan Landdrort gelasten daarvan vooraf taxatie te doen Door Heeren Regenten van teekening of platse grond van Apotheecq Terwyl inmeldels uyt 's comp de Hout tot een Tafel voor versrekt Zou bestgedagt dezelve teeke als Inspecteur van 's comp ge bouwen ten landegeen en geen te vorderen J: D: Villiers, I: Zoon, E Wium, /:Ter zijde stond :/Ter Heemraads vergadering aan stellen„ „bosch, Den Eersten December 1788. — En zo uit dat berigt als de aan het zelve g'annexeerde bijlagen ten duijdelijksten dat het zelve stukje lands zijnde gebleeken, dat d'uitgaave van 't ge„ „melde stukje Lands wel verre van aan d'E Comp=ie of eenig particulier Praejudiciabel te weezen in teegendeel tot maintien van 't gezag van 't gem Collegie, op d' onbellijke klagers noodzaakelijk aan den supp=t dient geaccordeert te werden, zo is verstaan Land„ drost en Heemraaden voormeld bij Extract deezes te gelasten daarvan Taxatie te doen, en Neanradun voorm te als wanneer na gedaane betaaling der som waarop geschat zal zijn, het voorzeide Land onder de opgegeevene Conditien aan den supp=. in Eijgendom zal werden gece„ „deert. — Ondertusschen door Heeren Regenten van 't Hospitaal overgelegd zijnde geworden een door 's Comps Apothecar aan hun Ed: ter 't Horp: overgelegd zynde en handen gestelde teekening of platte grond de nieuw 't extrucerene van de nieuwe Apotheecq waar op distincte is aangeweesen hoedanig dat Laboratorium Jntusschen geleezen zijnde het rapport zoude dienen ingerigt en g'extrueert te werden om 'er met de meeste ordre en niet gebruik van te kunnen maaken, Is bestgedagt dezelve ning aan den coll. Gilquin teekening aan den overste Gilquin te suppe„ van denzelven het nevens„ diteeren, en van zijn Ed: te vorderen in desselfs qualiteit als inspecteur van 's Comps gebouwen opgaave te doen, welke materialen vereijscht zouden werden om de gem Apotheecq zodanig ten gebruike t' approprieeren als het voorzeide Plan komt aan te toonen; mitsgaders hoedanig zulks best met 'sComp=s eijgen ambachts volk zoude kunnen werden vereijscht, zonder dat daarom het een of ander onder handen zijnde werk zal moeten werden g'abandon¬ „neert en stille staan, zullende terwijl men dat berigt inwagten zal alvoorens hieromtrend als meer te resolveeren uit 's Comp=s Houtma„ Noutmaguazyn het benodig„ guazijn op eene ordonnantie van den Heer ged. Ragenten zal werden gezaghebber zoo veel Hout werden verstrekt als vereijscht zal werden tot 't maaken van een Tafel, waaraan Heeren Regenten tot het houden hunner besoignes in 't gemeld Hospitaal zullen kunnen vergaderen. — 245„ zoude der op een ingediend Rapport teerden der gecommitteerdens by besluit van den van nevens gun gecommits=s deezer benoemd tot 't doen weegen van de restant, zijnde Lording Huijzing en Marlyn, Luidende als volgd. — Aan den WelEdele Achtbare Heer, Iohannes Isaac Rhenius Gezachhebber deezes Gouvernements beneevens den Ed Achtbaaren Politiecquen Raad. — WelEdele Achtbare Heer, en Edele Achtbare Heeren! D'ondergeteekendens door uwe wel Edele Achtbaren en Edele Achtb=e volgens derzelver zeer geeerd besluit van den 6=e deezer, expresse gecommitteerd zijnde, omme alle de Huij„ „zing, Marlijn, en Lording, welke zig in de Equipagie pakhuizen restant bevinden, naauwkeurig te doen weegen, ten einde voorthaan in ponden bij de Negotie boeken te worden ingenoomen, en daar van aan Is, als nu verstaan de voor„ WelEdele Achtb Heer, en Ed Achtb: Heeren /:Lager:/ uwelEd: Achtb: en Ed: Achtb zeer onder„ derdanige Dienaaren /:was getekend G: F: Goetz: A: V: Bergh /:Ter zijde stond:/ Cabo de Goede Hoop den 24 Jan„ „nuarij 1792. — Waarmeede de ondergets: aan hunnen pligt meenende voldaan te hebben de vryheid gebruiken zig te noemen /:onderstond:/ 247 uwe welEdele Achtb=e en Ed Achtb te dienen van schriftelijk rapport, Hebben bij deezen de Eer in obtemperance dier geëerde beveelen, te berigten, dat de restanten als boven onder Primo Januarij A: C: hebben bestaan in= en weegen als volgd, te weeten 42 bossen Lording weegt 653 Pond, 16½ _=o Huijzing „ 145 _o 56 _=o Marlijn „ 192 _=o uwe „schreeve 246, besloten zynde de restant be„ vondene Lording Huyzing te doen inneemen Is by Lecture eenen Berigt door Rutz gepreesenteert over 't Bus„ „tigheijd ter deezer Rheede verschoten schreeve restant bevondene en Marlyn by de Boeken 42 bossen Lording met 653 pond, de 16½ _=o Huijzing „ 145 _=o en de 56 _=o Marlijn „ 192 _=o by de boeken te doen inneemen. En vermits uit het onderstaand berigt, den Commies der Magua zynen ten zelven daage van den Commis der Magua „se kruijt op het schip de Gereg zijnen Hendrik willem Rutz gevordert. Aan den wel Ed Achtb Heer Johannes Isaac Rhenius Gezachhebber van Cabo de goede Hoop en den ressorte van dien, beneevens den Ed Agtbaaren Raad van Politie WelEdele Achtb: Heer! En Edele Achtbare Heeren Op Donderdag den 19 Ianuarij WelEdele Achtb: Heer, en Edele Achtb: Heeren, /:lager:/ UwelEdele Achtb:s zeer gehoorzaame en Zo heeft den ondergeteekende de eer zeer nedrig op dit point te antwoorden, dat voor reedsgem bodem geen Bussekruit per ordonnantie ge„ „vraagt, en ook niet uit s' E Comp=s Ma„ „gazijnen gesuppleert is geworden Voorts hebbe de Eer met alle verschul¬ „digde eerbied te zijn. /:onderstond:/ 249 1792 vond zig den ondergez: vereerd door eenen Extract Resolutie uit den Raade van Politie hem ter hand gesteld, met be„ „trekking over 80 lb Bussekruit 't welk aan boord van sEComp=s schip de gereg„ „tigheid, 't welk ter deezer Rheede ten Anker geleegen heeft, verschooten is, en of dat Bussekruit voor de afrhijze van gem Bodem als dan niet van de wal is gesuppleert. onderdanige 248. 1792
English
resolved to supply a copy thereof. A list of required medicines submitted by the skipper of Ros- to have examined by the First Chief Surgeon Leuwen Floris Brand to be excused and from the payment of the bequeathed little house sister in order to freedom has been restored under-assistant Louis in order for his recovery to be permitted to remain here for some time the Baas permitted in his capacity again humble servant signed H: W: Rutz in the margin Cape of Good Hope the 23rd of January 1792. Having established that the gunpowder fired off by the The High Government of the Indies ship de Geregtigheid in this roadstead was not replenished again from the shore, further to the chief surgeon a dutiful report thereof will be made to Their High Nobilities with the transmission of an authentic copy of the aforementioned report. The skipper of the private ship de Geertruij & Petronella lying in the roadstead, Louis Willem van Ros- the list submitted by sum of required sum, having made a request by petition, submitting a list set in hands of upon which the necessities are specifically noted by the chief master of that vessel, for some medicines for the use of the people whom he has on board for Batavia on the Company's account, it was approved to have the aforesaid list handed over to the First Chief Surgeon of this government, Johannes Leuwer, for the purpose of examination and to subsequently provide as much of what was requested as he shall judge to be necessary, in proportion to the number of crew on board, for the voyage from here to the aforementioned capital. Also granted upon the petitions likewise made in writing: To Pieter de Baus, who was assigned as chief master on the small vessel de Zeenimph stranded in Baaijsals, in order, in view of the uncertainty in which one still to depart for Batavia rests with regard to the said vessel, to be permitted to return to Batavia with the present ship Trinconomale, as Second Chief Master. To Hendrik Louis, provisional Assistant, arrived here with the ship as also to the provisional assistant de Zwaan from the aforementioned capital, to remain on the contrary at this remote corner for a long time for the restoration of his health. To Anna Catharina Brand, widow of the late Kinne Nicolaas Volsted, and Neeltje Brand, widow of Johan Nicolaas Meiser, being own daughters of the recently deceased Catharina Adriana van Hooven, widow of the late daughters of the late widow the Burgher Lieutenant Floris Brand the elder, to fee of the right of the be excused from the payment of the Lord's Dues for the little house bequeathed to them by their aforementioned mother, and To Iohan Christoffel Luster, soldier in the service of the Honorable Company, since he had the misfortune, on the While furthermore the soldier voyage from the fatherland hither on board in his former of the ship Schaagen, together with several other crew members, to be struck by lightning to such a degree that notwith- standing his having lain in the hospital from then until the present day, he could not be restored to health again, whereby he has become unable to perform his aforesaid service any longer, and in the meantime, being a native of this country, he is in a position to provide for his subsistence outside the same, to be permitted to quit the service of the Honorable Company, and to return to his former burgher freedom. While finally there was also approved the appointments of non- the appointment made by the Burgher Council of War commissioned officers in the Burgher of Daniel Nicolaas During, Council of War done Balthazar Nicolaas Volsted, and Dirk de Jongh, to Sergeants, and of Simon Petrus de Kock, Gabriel Jacob Vos, and Iohannes Joseph Jurgens, to Corporals in the Reserve Corps. Thus resolved and decreed in the Castle of Good Hope. The day and year aforesaid. signed J: J: Rhenius, R: I Gordon, J: J: Le Sueur, Po: G: de Wet, W: F: van Reede van Oudtshoorn Lower: In my presence signed C: Bergh, Secretary. Below stood: Having received from Batavia with the ship de Zwaan, which arrived Resumption of the Batavian General here on the 25th of the past month of January, Missive dated 1st Nov: Their Right Honorable's ordinary annual general 1791 brought by de Zwaan. rescript to the letters and advices successively sent from here, dated 1 November 1791. After attentive resumption of the aforesaid highly respected instruction, it was today, on the proposal of the Honorable Commander, understood and decreed thereupon: that with regard to the first paragraph, wherein Their High Nobilities express their displeasure that what was demanded by missives of the 29th of January, 26th of October and 31st of December 1790 has not yet been fulfilled, they shall be respectfully written back in all deference, that although the Council, upon receipt of those letters, felt its obligation to obey immediately the orders contained therein, and according to duty to give account to Their Right Honorable of the result of its proceedings, the Council had found itself in the impossibility thereof because the principal instructions received both from the Homeland and the Indies were never placed at their disposal by the repatriated Governor van de Graaff. Friday the 3rd of February 1792. In the forenoon, all present.
Dutch transcription
beslooken Copia daarvan aan te suppediteeren Eene door den schipper van Ros nodigde Medicamenten de #ebben ku fine van examinatie den Eersten opperchirurgyn Leuwen loris Brands t' excrvee en van de betaling des elegateert Huysje zuster om bezydingen res gen Vrydom is hersteld ond:k Louir om tot zyne verstelling eenigen tyd alhier te mogen verblyven de Baas gepermitteerd in zyn qualiteyt wederom onderdanige Dienaar /:was geteekend:/ H: W: Rutz /:in margine:/ Cabo de goede Hoop den 23 Januarij 1792. Consteerd, dat het Busse Kruijt door het de Hoge Regeering van Indin Schip de Geregtigheid ter deezer Rheede verschooten niet wederom van de wal zwyders aan den opperm is gesuppleert, zal onder overzending van authenticque Copij van gem Berigt daarvan pligtschuldig verslag aan Haar Hoog Edelens werden gedaan. — Den schipper van 't ter Rheede leg¬ „gend Particulier schip de Geertruij & sum overgelegde Lyst van be Petronella, Louis Willem van Ros„ gesteld zynde in Sander van Sum, onder overlegging van een Lijst waarop het benodigde specifice door den oppermeester dier kiel is genoteerd bij requeste verzoek hebbende komen te doen om eenige Medicamenten ten dienste van het volk, het welk hij Comp:s weegen voor Batavia aan boord heeft, heeft men goedgevonden de voorsz Lijst te doen inhandigen aan den Eersten opper chirurgijn deezes gouver„ ments Johannes Leuwer, ten fine van examinatie en om vervolgens van het gepetitioneerde zo veel te verstrekken als oordeelen zal na proportie van 't aantal Manschappen aan boord, voor de rijze van hier na opgemelde Hoofdplaatse benodigt te weezen. — Ook is op de daartoe meede in scriptis gedane supplic„ quen g'accordeert geworden. — Aan Pieter de Baus, die als oppermeester is beschijden geweest op het in Baaijsals gestrand scheepje de Zeenimph, om uit hoofde van de onzeekerheid, waarin men met na Batavia te vertrekken betrekking tot gemelde Bodem als nog verseerd, met het aanweesend schip Trinconomale, als Tweede oppermees„ „ter wederom naar Batavia te mogen retourneeren. — Aan Hendrik Louis provisioneele Adsistent met 't schip mitsgs aan den p l adcustent de Zwaan van gemelde Hoofdplaatse alhier aange„ „land, om daar en tegen een tijd Lang ter restauratie zijner gezondheid aan deezen uithoek te verblijven. — Aan Anna Catharina Brand wede. wijlen Kinne Nicolaas Volsted, en Neeltje Brand weduwe Johan Nicolaas Meiser als eigene dogters van de onlangs overleedene Catharina Adriana van Hooven wede. wijlen e Dogters van wylen de wed: den Burger Lieut: Floris Brand d'oude, zynde Veerun regt van 't aan hun m van de betaling van 's' Heeren Geregtigheid voor de aan dezelve door evenged: hunne Moeder vermaakte huisje te mogen weezen g'excuseerd, en Aan Iohan Christoffel Luster, soldaat in dienst der EComp=e om nadien het ongeluk heeft gehad op de Terwyl voorts den zold=t rijze uit 't vaderland naar herwaards aan boord denen in zyn vorige bij van 't schip schaagen met meer andere Man„ schappen der Equipagie, dermaten door den Blixem te werden getroffen, dat niet tegen„ 251. „nements „staande 250, 252, 253, en geapprobeert zyn Officieren by de Burger zy alhier door denn zullende op 't door de Hooge Indiase Regeering by de I'S betoond ongenoe„ „geen dat aan 't gevorderde by nevens„ „gem: missives niet is voldaan, eer„ „biedig worden gerescribeerd. is Dat den Raad zig hiertoe in de on„ de voornaamste zo uit Patria als Indien ontvangen aanschryvingen door den gerepatrieerden Heere Gouverneur van de Graaff nim„ „neraale Missive gedat. 1s. Nov: „staande zeedert tot heeden toe in 't hospitaal heeft geleegen, niet weeder hersteld heeft kunnen werden waar doo buiten staat is geraakt zijn voorsz dienst verder te kunnen praesteeren en intusschen als een in¬ „boorling deezes Lands zijnde, zig in 't geval bevind buiten dezelve voor zijn subsistentie te kunnen zorgen omme den dienst der EComp=e te moogen quitteeren, en in deszelfs voorige Burgervrijdom te rug te treeden. Terwijl laatstelijk nog is g'approbeert gewor„ „den de bij den Burger krijgsraad gedaane aan„ de aanstelling van onder stelling van Daniel Nicolaas During; Krygsraad gedaan Balthazar Nicolaas Volsted, en Dirk de Jongh, tot Sergeanten, en van Simon Petrus de kock, gabriel Jacob Vos, en Iohannes Joseph Jurgens, tot Corporaals onder 't Corps de Reserve. — Aldus Geresolveerd Ende Gearresteerd In't Casteel de Goede Hoop. Ten dage en Iaare voorschreeven. — /:was geteekend:/ J: J: Rhenius, R: I Gordon, J: J: Le Sueur, Po:G: de Wet W: F: van Reede van Oudtshoorn /:Lager:/ My Present /:was geteekend/ C: Bergh p=r Secrets. /:onderstond:/ Met het op den 25 der Jongstverweekene maand Resumptie der Bataviase Ge„ Iannuarij alhier g'arriveerd schip de Zwaan na 179 p:s de zwaar aangebragt. - Batavia ontvangen zynde haar WelEdele Groot generaale Achtb: gewoone Iaarlykse ^ rescriptie op de succes„ sivelyk van hier afgezondene Brieven en advy¬ „sen, gedateerd 1 November 1791. - Is naar aandagtige resumptie van het voorsch: zeer ge„ „eerbiedigd aanschryvens heeden op voordragte van den Heere Gezaghebber geschied verstaan daar op t arresteeren: dat met betrekking tot d' eerste Paragraaph„ waar by Haar Hoog Edelens derzelver ongenoe„ „gen betuigen, dat nog niet is voldaan geworden aan 't gevorderde by Missive van 29e Jannuary, 26e October en 31 December 1790. aan wel dezelve in alle onderdaanigheid zal werden ge¬ „rescribeert, dat hoe zeer den Raade by den mogelykheid had bevonden door dien ontvangst dier Brieven hare gehoudenisse heeft gevoeld gehad, om aan de daarby vervatte „merter haarer dispositie zyn gebragt ordres onmiddelyk t' obtempereeren, en van den uitslag harer verrigtingen volgens schuldpligte aan Haar WelEdele Groot Achtb: rekenschap Vrijdag den 3=e Februarij 1742. 's Voordemiddags alle present
English
255. which shall, however, henceforth be complied with; and along with all the documents relative thereto, Their High Excellencies shall at the same time be informed in detail of everything regarding what was to be done; that it has, however, found itself in the impossibility of having been able to comply with it hitherto, in the first instance because during the presence of the repatriated Lord Governor Van de Graaff the same letters, like most of the important notifications from the Lords Majores, were never brought to the deliberation of the Council; and afterwards, because then, after the departure of the said Lord Governor, the pile of those unexamined notifications received both from the Fatherland and from Batavia, Ceilon, and elsewhere, was found to be so large that even to this day one has not yet known how to extricate oneself from the embarrassment of how to bring the same into a tolerable order, one after the other, to handle the most important first and subsequently the remainder in such a manner that both the orders of the Lords Majores and those of Their High Excellencies could be executed at the same time; that, however, with assiduous labor, having caught up again on the work in the secretariat which had fallen into arrears for years past, it has now been brought so far that a part of that rebuilding has taken place, to the Council's heartfelt regret that through a confluence of circumstances it has hitherto been neglected; and that most of the orders of the Lords Masters have also obtained their execution through constant application on the part of the Council itself, it will now be directed in such a way that with the reply to this letter, with all possible promptitude, there can also at the same time be supplied to Their Right Honorable Excellencies the replies to all the dispatches that have remained unanswered and were alleged herebefore; wherefore they shall also, as soon as possible, one after the other, with the documents appertaining thereto, some of which were submitted months, yea years ago by those whom it concerns, be produced at the table; that in the meantime, in order properly to elucidate Their High Excellencies regarding the ignorance expressed in § 2 concerning the result of the investigation whether the vessel the Zeenimph, having been stranded, could or could not be repaired after its refloating, with the notification that it has hitherto been neglected to provide the required report to them on this subject, there must be sent to Batavia all the documents and records which were submitted in Council concerning the examination of that small craft, with the addition of an identical historical narrative of what occurred regarding its rebuilding as was supplied to the Illustrious Assembly of Seventeen, so that from this it may be shown to Their Right Honorable Excellencies that the ship was indeed found to be repairable, and accordingly a beginning had already been made with having the defects repaired, but that, owing to the absence of the necessary equipment goods and from the consideration that if these had had to be purchased from private individuals, the aforesaid rebuilding might easily have come to cost the Honorable Company more than the entire ship was worth, it was later suspended again in order to await the disposition of the Lords Masters, to whom it was not omitted to give proper account of this resolution in due time, so that the orders which are now anticipated from Their High Mightinesses regarding this will have to decide the fate of the more-cited ships; that furthermore, in answer to the following 3rd point, concerning the importation of Eastern Slaves here and the murder committed by them on board the packet boat 't Haasje, Their Right Honorable Excellencies will be answered in the same manner: that the government, having always conducted itself as vigilantly as was in its power against the importation of those Easterners, as it trusts to have demonstrated by the most striking proofs by sending back several of them, would by no means have failed to do the same with those who had been embarked on the said packet boat 't Haasje, if the same had still been found thereon upon the arrival of that small craft in this Government, and if the office of the Fiscal had then also conducted itself with respect to them according to the previous examples of his predecessors; but that, by the Lord Independent Fiscal Van Lynden, who departed from here, 256. and about which fate the honored decision of the Lords Majores is still awaited. The High Indian Government shall be respectfully informed regarding the bringing in of Eastern slaves, that their importation here is strictly watched over. after
Dutch transcription
255, Dog waaraan egter voortaan zal worden voldaan. i alle de daartoe relative stukken bun Hoog Edelens tevens omstandig zal wor¬ „den berigt al 't geene met opzigt tot te doen zy zig egter in de onmogelykheid heeft be„ „vonden gehad daar aan tot nog toe te hebben kun„ „nen voldoen, in de eerste instantie om dat geduu„ „rende het aanweesen van den Gerepatrieerden Heere Gouverneur Van de Graaff dezelve Brieven even als de meeste importante aanschrijvingen der Heeren Majores nimmer ter deliberatie van den Raade zyn gebragt geworden, en na¬ „derhand, vermits toen, naar 't depart van wel„ ged Heere Gouverneur den hoop dier ongeresu¬ „meerde aanschrijvingen, zo uit het Vaderland als van Batavia. Ceilon, en van elders ingekoo¬ „men, zoo groot is bevonden, dat men zig zelfs tot heeden toe nog niet uit de verlegendheid heeft weten te redden, hoe dezelve in een lyden „lyk ordre, den eenen naar den anderen, te passe te brengen om het gewigtigste eerst, en 't overige vervolgens in diervoegen af te doen dat, en de ordres der Heeren Majores, en die van haar Hoog Edelens te gelyker tyd ter executie kunnen werden gelegd: dan daar dat men het egter met een assiduen arbyd van het zedert Jaaren herwaards veragter¬ de werk ter secretarie. weder is ingewonnen thans zo verre heeft gebragt, dat een gedeelte dies vertimmering heeft plaats gehad. o s' Raads hastelyk Leedweesen dat door en dat ook de meeste bestellingen der Heeren Meesteren door eene geduurige applicatie van de zyde des raads zelve, derzelver beslag hebben erlangd, het als nu daar heen zal werden ge¬ „dirigeerd, dat met de rescriptie op deesen met alle mogelyke promplatide Brief ook te gelyker tyd aan Haar WelEdele Groot Achtb: zal kunnen werden gesuppe¬ „diteerd de rescriptien op alle de nog onbeant„ woord gebleevene en hier vooren geallegueerde Missives, weshalven se dan ook ten spoedigsten mogelyk den een na den anderen, met de tot dezelve specteerende stukken, waar van zommige voor maanden, Ia Iaaren door die het Concerneerende zyn ingediend, ter tafel zullen moeten werden geproduceert dat intusschen om haar Hoog Edelens op de by § 2 betuigde ignorantie rakende den uitslag van het onderzoek of het ge„ „strand geweest zynde Scheepje de Zeenimph na dies afwinding als dan niet heeft kun„ Thasemen ote aent e an men werden gerepareert, behoorlyk t' elu¬ „cideeren, onder te kennen geeving van een zamenloop van omstandigheeden tot nog toe is verzuimd geworden wel dezelve en 256. en over welke Lot als nog de g'eerde decisie van Heeren Ma„ Jores word ingewagt. — zullende de hoge Indiase re„ geering omtrend den aan„ breng van Oosterse slaaven eer„ gens dies importatie alhier naauwkeurig word gewaakt. - dezelve op dit sujet het vereyscht verslag te doen toekoomen naar Batavia zal moeten werden gezonden, alle de stukken en bescheiden welke over d'examinatie van dat kieltje in raade zyn overgelegt onder byvoeging, van een evengelyk Historisch verhaal van het voorgevallene nopens dies ver„ „timmering als aan d' Illustre vergade„ „ring van Zeeventhienen is gesuppediteerd ge biedig worden berigt, dat tee„ worden, op dat daar uit aan haar Wel Edele Groot Achtb: mooge blyken, dat het schip wel repara„ „bel is bevonden, en men dienvolgens ook bereids een aanvang heeft gemaakt gehad, met de de„ „fecten te doen herstellen, maar dat mits ont„ „stentenisse der nodige Equipagie goederen, en uit Consideratie. dat wanneer die van par„ „ticulieren hadden moeten ingekogt worden, de voorzeide vertimmering d' EComp=e dan ligt meerder te staan zoude zyn gekoomen als het geheele schip kwam waardig te zyn, daar mede naderhand wederom is gesupercedeert om er de dispositie der Heeren Meesteren aan wien men niet heeft nagelaaten van dit besluit ter zyner tyd behoorlyk verslag te doen. of afteagten, invoegen d'ordres welke men van hoogstdezelve hier omtrend als nu te ge¬ „moete ziet over het Lot van meergeciteerde schee„ „pen zullen moeten decideeren - dat wyders in antwoord op de volgende 3de Poon„ „cerneerende den aanbreng van Oosterse Slaa„ „ven alhier en den gepleegden moord door dezelve aan Boord van de Pacquetboot 't Haasje, haar WelEdele Groot Achtb: inzelver voegen zullen worden gerescribeert - dat de regeering zig steeds zo veel in haar is geweest, waaksaam hebbende gedraagen gehad, tegens d'importatie dier Oosterlingen, gelyk zy vertrouwd daar van door het te rug zenden van onderscheide„ ne derzelve de spreekendste preuves te hebben aan den dag gelegd, geensints gemanqueert zoude hebben het zelve te doen, met de op de gemelde pacquetboot 't Htaasje geembar„ „queert geweest zynde, indien dezelve zig by arrivement van dat Kieltje ten deesen Gouvernemente nog daarop hadden bevon„ „den gehad, en 't officie Fiscaal zig dan ten opzigte derzelve ook had gedraagen na de voorige Exempelen zyner praedecesseuren, maar dat daar door den van Hier vertrok„ „kene Heere Independent Fiscaal Van Lynden, men na
English
but that, for the reasons mentioned, one finds oneself unable to provide them with any information regarding the whereabouts of the 3 slaves who were on the packet boat 't Iaaije, on which a horrible murder was committed. While on that occasion it was approved to renew the prevailing edict against the importation of Eastern slaves. The High Government of the Indies shall, in satisfaction of the 55th, be respectfully elucidated concerning the discrepancies that arose in the Council with regard to the repair of the stranded vessel the Helena Louisa. Heavy ropes having been lifted from the ship Voorland, respectful notice having been given, with the promise that the same shall be replaced at the earliest opportunity to the Lords Majors. And to instruct the Fiscal to strictly enforce this. After his Honour had taken the necessary information according to the best recollection of the members present, although no trace thereof is to be found in the Minutes, it was declared in the Council that no action could be instituted against the three remaining Eastern slaves on that vessel, because not even the appearance of suspicion that they had participated in the aforementioned horrible deed had presented itself against them, and the Council had also remained ignorant of the further whereabouts of the said three slaves, so that nothing could be done by it in this matter. Meanwhile, in dutiful compliance with their High Excellencies' recommendation to be more attentive regarding this in the future, not only will the prevailing edict against the importation of Eastern slaves be renewed at the earliest opportunity, with such alterations and additions as shall be deemed necessary to ensure its effect, but the Fiscal will also be enjoined and commanded, as he is provisionally enjoined and commanded hereby, to enforce it with all rigour without, for whatever reason, exercising any leniency or connivance towards anyone whomsoever. Furthermore, while the said Lords of the High Indian Government shall be informed on the subject of the heavy ropes lifted from the ship Voorland mentioned in the 43rd, that one did not fail to give dutiful notice in due time of the aforementioned lifting to the High Commanding Lords Masters as well as to their Right Honourable Excellencies; now that one has become able to do so through the successive arrival of various ships, in replacement of the equipment goods subsequently and continuously retained here from the vessels loaded for Batavia, a portion of the aforementioned delivered articles will be forwarded to the said capital city, in order to thus properly discharge the promises made in this regard. That the following 55th shall also be answered in all respect, stating that the Council understands just as clearly the indignation it must have caused to their Right Honourable Excellencies when they were informed of the discrepancies that arose in this Council, among others regarding the resolved repair of the vessel the Helena Louisa, and that the Council itself was affected with heartfelt regret over the aforementioned disputes that erupted so openly, yet it serves as some satisfaction to the members present, who did everything to avoid those discrepancies while deeming it their duty to take the Company's interests carefully to heart, that on their part no particular fears or intentions gave rise thereto; so that, looking forward with confidence in the equity and justice of the Lords Masters to their ruling, they will meanwhile not fail, both upon their Right Honourable Excellencies' earnest recommendation and out of their own awareness of its necessity, to continually cultivate mutual harmony and good understanding in the best possible manner with one another; while further, in order to elucidate upon their High Excellencies' desire what has been done to that vessel since its departure for Saldanha Bay, it will be replied: that that vessel, after being repaired as best as possible in the said Bay, was sent according to its previous destination with a cargo to the Netherlands for rebuilding. With the humble report that that vessel was sent to the Netherlands with a cargo for rebuilding. While they shall furthermore be informed that not the slightest tidings have yet arrived here concerning the ship 't Slot ter Hooge. That, on the other hand, in response to the 65th, wherein their Right Honourable Excellencies declare that, notwithstanding the unfavourable report concerning the bad condition in which the return ship 't Slot ter Hooge was met, they still live in hope of receiving news here of the safe arrival of that vessel, their High Excellencies will be informed, with respectful reference to what has already been communicated to them on the subject of the measures devised by this Government to search for the said vessel. That the following 6th, 7th, and 8th paragraphs shall be passed over in silence, as the matters dealt with therein have, to the honour of this Council, been crowned with the approval of their High Excellencies, while the recommendations accompanying this approval shall meanwhile dutifully serve as guidance.
Dutch transcription
dog dat men zig om nevens gem: reede„ nen buiten staat komt te bevinden hoogstde zelve eenige informatie kunnen geeven van 't heenkomen der 3 slaaven die zig op 't pacquet 't Iaaije, waarop een horrible moord is gepleegd, hebben bevonden. Terwijl bij die gelegendheid goed„ gevonden is, 't vigeerend plac„ caat tegens den invoer van Oosterse slaaven te laaten reno„ veeren. zal de hooge regering van Indien in voldoening der 55 eerbiedig worden g'elucideert, over de bij den raade ontstaane discrepantien met op„ zigt tot de reparatie van 't ge„ strand scheepje de Helena Louisa 't schip voorland geligte zwaa„ re touwen, eerbiedig kennis gege„ ven zijnde, met belofte dezelve En den Fiscaal te gelasten daar„ aan met alle regeur de hand te houden. — na dat door zyn Ed. de nodige informatien waa„ „ren genoomen geworden naar het best ont„ „houd der praesente Leeden, Schoon daar van by de Notulen geen spoor te vinden is, in rade verbale is gedeclareerd, tegens de op dat kieltje nog overgebleevene drie stuks dier oostersche Aan de Heeren Majores van de uit slaaven geen actie te hebben kunnen werden geinstitueerd, om dat zelfs geen schyn tot soupcon ten spoedigsten te zullen rem„ dat zy in het voorsch: hornbel feit zouden heb„ „ben getrampeert, zig tegen dezelve had koomen voor te doen, en den raade ook onkundig is ge„ bleeven van het verder heen komen der gezag¬ de drie slaaven, door haar dan ook in deesen niets heeft kunnen werden gedaan. - terwyl intusschen ter pligtschuldige voldoening aan wel derzelve haar Hoog Edelens recommanda„ „tie om voor het vervolg hier omtrent meer attent te zyn, niet alleen met den eersten zal werden gerenoveert het vigeerend placcaat tegens den invoer van Oostersche Slaaven, met zodanige alteratien en ampliatien als men vermeenen zal noodzaakelyk te weesen, om er zig het ef¬ „fect van te verzeekeren, maar ook den Fis„ „caal g'injungeert ende gelast werden, gelyk men hem voorloopig injungeerd en gelast by deesen, daar aan met alle rigeur de hand te hou„ „den zonder om welke oorzaake ook, met iemand wie hy zy eenige Consideratie ofte oogluikinge te gebruiken dat verders, terwyl wel derzelve Heeren der hooge Ze Indiase Regeeringe op 't Sujet der by de 43 ver„ „melde uit het schip Voorland geligte swaare Touwen zullen werden g'informeerd, dat men niet verzuimd heeft aan de Hoog Gebiedende Heeren Meesteren even als aan Haar Wel Edele Groot Achtb: van de voorsch: ligting ter zyner tyd pligtschuldig kennisse te geeven thans daar men door den successiven aanbreng met diverse schee„ „pen daartoe in staat is geraakt, in remplace„ „ment van de het zeedert nog gaande weg uit de voor Batavia afgelaadene Bodems hier aan„ gehoudene Equipagie goederen, een gedeelte, der voorsch: aangebragte Articulen naar evengemee¬ „de Hoofdplaatse zal werden voortgeschikt, om zig zo doende van deszelfs gedaane beloften in deesen behoorlyk te acquitteeren. — dat o op de volgende 55 in allen eerbied zal werden beantwoord, dat den Raade even zo duidelyk bezest d'indignatie die 't by Haar WelEdele Groot Achtb: heeft moeten te weege bren„ deesen gen placeered. — 260. 261. met onderdanig berigt, dat dat Kieltje met een Lading, ter vertimmering naar Neder„ Terwijl hoogs dezelve wijders zul„ len worden g'informeerd dat 'er over 't schip 't Slot ter Hooge alhier nog geen 't minste narigt is ingekomen. — „gen, wanneer wel dezelve van de ontstaane discrip¬ „tien in deesen Raade, onder anderen by de g'ar„ resteerde reparatie van het scheepje de Helena land is opgezonden. — Louisa g'informeerd zynde geworden, als zy zelve met hartelyk leedweesen over de gemel „de zo zeer g'eclatteerd hebbende oneenigheeden is aangedaan geweest, dan dat het, de presente leeden, daar zy alles aangewend hebben om die discripantien te vermyden, egter van hun pligt achtende 's Comp=s belangen zorgvuldig ter harte te neemen, nog tot eenige satisfactie strekt, dat van hunne zyde geene byzondere vries ofte oogmerken daartoe aanlydinge hebben gegee¬ „ven geehad; invoegen zy met betrouwen op d'Equiteit en regtvaardigheid der Heeren Meeste„ „ren, hoogst derzelver uitspraak te gemoete zien„ „de, intusschen niet zullen nalaaten zo op Haar WelEdele Groot Achtb: ernstige recomman„ „datie, als uit eygen bezef van dies noodzake„ „lykheid, d'onderlinge harmonie en goede ver„ „standhouding op de best mogelykste wyse met den anderen steeds te cultiveeren, terwyl ver¬ „der, om op wel derselve hun Hoog Edelens ver„ „langen t' elucideeren wat 't zedert 't vertrek van dat scheepje na de Saldanhabaay, aan het zelve dat daar en tegen op de GS waarby Haar WelEdele Groot Achtb: betuigen ongeagt het nadeelig berigt wegens de slegte gesteldheid waar in het retourschip 't Slot ter Hooge ontmoet is geworden als nog in de hoope te leeven omtrent dien Bodem de tyding van deszelfs behouden aankomst alhier te zullen moogen vernee„ „men, met eerbiedige reserte aan het geen men wel dezelve op het suiet der maatregulen door deese Regeering ter opspooring van ge„ „melde kiel beraamd, bereids heeft koomen te bedeelen haar Hoog Edelens zullen wer„ is gedaan, zal werden gerescribeert: dat dat kieltje na zo goed menkon in de gem: Baay gerepa„ „reert te zyn, volgens zyn voorige destinatie met een laading ter vertimmering naar Nederland is opgezonden geworden. dat de volgende 6, 7, en 8 S met stilswygen zul„ „len werden gepasseerd, als zynde het daarby ver „handelde ter eeren deeses raads met de goed„ „keuring van Haar Hoog Edelens bekroond geworden, terwyl men zig inmiddels de aanbe„ „velingen die deese goedkeuring accompagnee„ „ren pligtschuldig ten narigt zal laaten strek„ „ken — „den