VOC English

Dutch East India Company records, translated and anchored to the scan.

Inventory 4357

Cape · 991 pages · 400 segments · open at the Nationaal Archief ↗

NL-HaNA_1.04.02_4357_0424 view scan ↗

English

2450 2451: And copies of the lists of such goods as shall successively be seized therefrom shall be sent both to the fatherland and to Batavia and Ceylon. and upon discovery thereof, whether they have already been brought ashore or not, proceedings shall be taken for immediate confiscation pursuant to Article 23 of the Articles of War; there being only provisionally excepted therefrom, through the goodness of the Lords Commissioners-General, the unpermitted goods found upon the return ships, in the event that faithful declaration thereof is made by the persons to whom they belong in the manner described above, and Seventhly, that what has been enacted with respect to the aforementioned officers and the promise of impunity, for which Their Right Noblenesses, by virtue of the power and authority granted to them, have qualified this Council, shall only apply to those ships that shall return from the Indies in the first instance, and until such time as information shall have been received from the High Government and the Ceylon Ministers that a beginning has respectively been made there with warning the authorities of the returning ships; that henceforth the penalties against the importation of unbranded and unpermitted goods shall strictly and to the letter be carried into execution here as well, without any excuse or connivance; which information having been received, in conformity with the express command of the aforementioned Lords Commissioners-General, the same shall then also take effect accordingly, without it ever being permissible thereafter, either with or without authorization of the judge, to enter into any composition in that regard. Just as the authorities and crews of the ships that shall continue their voyages from here to the Indies after this date shall likewise be deprived of the aforementioned favorable provisions and impunity upon their return. - Wherefore, at the muster by the Fiscal together with the commissioners, what is stated above shall distinctly and expressly have to be presented to them for their information, as well as to the officers and other crew presently appointed to the ship Hilverbeek, to whom the Lords Commissioners-General have already caused the same to be presented; furthermore, by sending authentic copies of the lists pursuant to the aforementioned 4th Article, signed under oath taken at the commencement of their service by the officers, to the Assembly of the 17 as well as to the aforementioned Lords Commissioners-General during their stay in the Indies, and to the High Government together with the Government of Ceylon so far as it concerns the ships repatriating from there, notification shall be given on every first occasion of a ship of the unbranded and unpermitted goods discovered on the return ships, from whom they were purchased or taken over by the holders, and what prices were paid for them, to which end a distinct statement of these particulars shall also be required from the aforementioned ship authorities. And in order dutifully to fulfill 2452 2453 Meanwhile, this Council shall itself take the necessary care with all diligence for the prompt and literal compliance with these measures, as well as of the orders that shall have to take effect thereafter. Resumption and signing of the general report of affairs that is to be dispatched with the packet boat the Maria Louisa to Batavia. Upon the declaration of the Resident Brand and Master Attendant Cornelisz that it has not been possible for them to appraise the sails of the State's ship the Zephir noted alongside. the expectations of Their Right Noblenesses, to acquit itself of its obligation for a faithful care of the Company's interests, the Council shall put into execution all the prescribed measures and arrangements with all diligence and accuracy, as realizing itself that thereby alone, but also completely, an end can be put to the shameful abuses that have taken place in this Government in this matter (as the Council is obliged, to its perceptible regret, to admit), so that the Lords Commissioners-General may thereby in time see realized their just wish to find the conviction thereof in the agreement of the fruit of the Council's efforts and searches with the information that Their Right Noblenesses find themselves able to obtain in the Indies, and for which that which occurred with respect to the ship the Constitutie provides the surest guideline. - Beneath was written: Thus Resolved and Decreed in the Castle of Good Hope, on the day and year aforesaid. Was signed: I: I: Rhenius, R: I: Gordon, I: I: Le Sueur, O: G: de Wet, W: F: v: Reede van Oudtshoorn. Lower: In my presence, signed: E: Bergh, First Secretary. Monday the 1st of October 1792, in the forenoon, all present. Monday the On the occasion that the packet boat destined for Batavia, the Maria Louisa, having been repaired again of the defects with which it arrived here from the fatherland, now lies ready to sail in order to pursue its voyage from here with the first favorable wind, there has been resumed and read the general report of affairs, together with such other letters and papers as are respectfully consigned under today's date per aforementioned packet boat to Their Right Noblenesses, the Lords of the High Government of the Indies. And whereas the Resident of False Bay, Christoffel Brand, together with the Master Attendant Cornelis Cornelisz, who were commissioned on the 28th of the past month of September on behalf of this Council to appraise

Dutch transcription

2450 2451: En Copyen der lysten van Jodani„ ge goederen als successivelyk uit deselve aangehaald zullen werden, gezonden werden zo na 't vaderland als Batavia en Cylon: zijn, en by ontdekking derzelve, het zij dezelve reeds van boord gebragt zijn dan niet, tot dadelijke Confiscatie ingevolge het 23 Art: van den Articul brief worden geprocedeert; blij¬ „vende daarvan door de goedheid van Heeren Commissa„ vissen generaal alleen bij provisie uitgezondart de onge„ permitteerde goederen zig op de Retourscheepen bevinden„ „de, ingevalle daarvan door de Perzoonen aan welke dezelve toebehooren op den voet hiervoren omschreeven, getrouwelijk opgaave werde gedaan, en Ten Zeevenden, dat het gestatueerde ten opzigte van de evengem: officieren en de toezegging van impuniteit tot welke haar hoogedelheedens uit kragte van de aan hoogstdezelve verleende Magt en autoriteit deezen Raade hebben gequalificeerd alleenlijk plaats zal grijpen omtrend die scheepen welke voor eerst uit Indien zullen retourneeren, en tot zo lange men door de hooge Regee„ ring ende ceilonse Ministers zal g'informeerd zijn, „dat aldaar respectivelijk een aanvang zal zijn gemaakt, met de overheeden der retourneerende Scheepen te waar„ schouwen; dat voorthaan de poenaliteiten tegens het overbrengen van ongebrande en ongepermitteerde goederen, ook alhier ter plaatse zonder eenige excuse of Conniventie strictelijk en na den Letter zullen werden ter executie gelegd, welke informatien ontfangen zijnde zijnde in conformiteit van den uitdrukkelijken last, van meer hoogstged: Heeren commissarissen ge„ „neraal, zulks dan ook alzo zal gevolg neemen, zon„ der dat daarna immer of ooit desweegens 't zij met of zonder authorisatie van den regter in eenige Com„ „positie zal mogen worden getreeden Gelijk ook van de voorsz gunstige dispositien en impu„ „niteit in zelvervoegen by hun retour verstoken zullen zijn de overheeden en Equipagien der scheepen, welke na dato deezer van hier hunne rijzen naar Indien zullen voort„ Zetten. - weshalven aan dezelve bij de Monstering door den Fiscaal nevens gecommitteerdens het geene voorsz is, distinctelijk en expresselijk zal moeten werden voorge„ „houden tot derzelver narigt, mitsgaders de thans be„ „scheiden officieren en verdere Equipagie op het schip Hilverbeek als aan welke Heeren Commissarissen generaal zulks bereids zelve hebben doen voorhouden, zullende wijders met toezending van authenticque Copijen der Lijsten ingevolge het hiervoren gemelde 4: Art: door de officeeren op den Eed in den aanvang hunner bediening gedaan, onderteekend aan de ver„ gadering van 17=en mitsgaders meerwelmelde Heeren Commissarissen generaal geduurende hoogst derzelver verblijf in Indien en aan de Hooge Regeering beneevens het Gouvernement van Ceilon voor zo veel aangaat de scheepen van daar repatri„ „eerende, telkens by eerste scheepsgeleegendheid kennisse werden gegeeven van de ongebrande en ongepermitteerde Goederen op de Retourscheepen ontdekt, van wien dezelve door de houders zijn ingekogt of overgenoomen, en welke prijzen daarvoor zijn besteed, ten welken einde ook van dees Particulariteiten van voorsz scheepsover„ „heeden distincte opgaave zal werden gerequireerd En zal den Raade om ter pligtschuldige vol„ „positie doening 2452 2453 Inmiddels dat desen rade voor de prompte en Letterlyke na„ koming dezermaatregulen mitsg„s der ordres welke daarna zullen. moeten stand grypen, zelve met alle ijver de nodige zorge dragen zal. Resumptie en teekening van dat met de pacquetboot de staat verzonden te worden. Rezident Brand en Equipage„ meester Cornelisz: dat 't hun niet mogelijk is geweest de nevensgenoteerde Zeilen van doening aan de verwagting van haar Hoogedelheedens, zig van haare gehoudenisse tot een getrouwe beharti„ ging van 'sCompagnies Belangens te quijten met allen ijver en naauwkeurigheid alle de voorschreeve Maat„ „regulen en schikkingen, ter executie leggen als zelve bezeffende, dat daar door eeniglijk, maar ook vol„ koomen den Bodem kan werden ingeslagen aan de schandelijke misbruijken welke in dit stuk /:gelijk den Raad verpligt is zulks tot haar sensibd leedweezen te moeten avoueeren:/ ten deezen Gou„ vernemente hebben plaats gehad, op dat Heeren Commissarissen generaal, zo doende, in der tijd moogen gerealiseerd zien hoogstderzel„ ver billijken wensch, van de overtuiging daar„ van te zullen vinden in de overeenstemming van de vrugt, van s' Raads pogingen, en recher„ „ches met de informatien, welke haar Hoog Edel„ heedens zig in staat bevinden in Indien te neemen, en waartoe het gebeurde met opzigt tot het schip de constitutie de zeekerste Richt„ snoer verschaft. - //:onderstond:/ Aldus Geresolveerd Ende G'ar¬ „resteerd In't kasteel de Goede Hoop Ten dage en Iaare voorschr: /:was geteekend:/ I: I: Rhenius, R: I: Gordon, I: I Le Sueur O: G de Wet, W: F: v: Reede van Oudtshoorn /:lager:/ My Present /geteekend/ E Bergh C Secrets Is bij geleegenheid, dat de naar Ba„ 't generaal verslog van zaaken tavia gedestineerde Pacquetboot, de Maria Louisa na batavia Maria Louisa, wederom van de ge= breken gerepareerd zynde, waarme= de uit 't vaderland alhier gearriveerd is, tans zeylrhee komt te liggen; om met de eerste dienstige wind van hier te kunnen reisvorderen, gere= sumeerd ende geleezen geworden 't generaal verslag van zaaken, bene= vens zodanige andere brieven en papieren, als onder huidigen da= tum p=r voorzz: pacquetboot eerbiedig= lyk werden geconsigneerd aan haar Hoogedelheedens, de Heeren der hoo= ge Regeering van Indiën En nadien den heer Resident der Op de declaratie van den Heer Baayfals Christoffel Brand, bene= vens den Equipagiemeester Cornelis 's Lands schip de Zephir te Cornelisz, dewelke op den 28 der e= ven afgeweekene Maand Septem= ber gecommitteerd zyn geweest om van wegens deezen Raade Maandag den 1=te October 1792 s voormiddags alle present- Maandag de taxeeren.

NL-HaNA_1.04.02_4357_0426 view scan ↗

English

thus the necessary authorization was granted to appraise the condemned sails of the State ship Zephir, intended for sale by the Right Honorable Captain Vaillant, to inspect them, and subsequently to report both regarding the quality and present condition of the canvas and the value for which they, in order to be used for bags, could be taken over from his Honor for the account of the Company, with the submission of a written note, showing that from 1 piece mainsail topsail 1 piece mainsail 1 piece foretopsail, 1 piece mizzen topsail 1 piece storm jib, and 1 piece main staysail which are all more than half-worn, and consequently very suitable for the service of the Honorable Company for the purpose described hereinbefore, a quantity of 41 hundred bags could be manufactured together, have made known to the Governor that it was not well possible to appraise the same sails. Thus it was considered that Captain Vaillant finds himself embarrassed with the same sails, and for that reason would gladly wish to be relieved of them the sooner the better, while on the other hand, as stated more broadly in the aforesaid resolution of September 28 last, the Honorable Company here finds itself in the utmost perplexity for bags, as well as materials for the manufacturing thereof: therefore it is now also resolved to request the Governor, as his Honor is requested hereby with regard to the taking over of the aforesaid old sails in his Honor's capacity as chief administrator himself, to confer with Captain Vaillant and to try to effect the acquisition of the same for the account of the Honorable Company at the lowest prices from his Honor. Upon the petition submitted in this regard by the Second Lieutenant in the service of the Honorable Company H. Smit, who had been appointed chief mate on the private ship the 3 Gebroeders sold for breaking up in False Bay. Also, on the petition below, presented by the Second Lieutenant in the service of the Honorable Company and former Mate on board the private ship, the Drie Gebroeders, recently sold for breaking up in False Bay: Smit. To the Right Honorable Johannes Isaac Rhenius, Governor of this Government and the dependency thereof etc. etc. etc., together with the Honorable Council of Policy Right Honorable Sir, and Honorable Sirs! Your Right Honorable and Honorable humble servant, Herke Smit, takes the liberty respectfully to make known; that he, petitioner, having been appointed in the capacity of Second Lieutenant in the service of the Honorable Company at Batavia, first on the ship Batavia, subsequently on the Meerwyk, at the request of the skipper Jan Roeloff de Groot obtained permission from the High Government of the Indies in the beginning of this year to enter into the service of private shipowners, and in place of the Mate Cornelis Kraak who had remained there as incapacitated; that the crew of the aforementioned vessel having been discharged by the said skipper de Groot with the knowledge and consent of Your Right Honorable and Honorable Sirs; and he, petitioner, thus finding himself without any employment, very eagerly desired to re-enter the service of the Honorable Company, therefore resolved to address Your Right Honorable and Honorable Sirs with the humble request to be appointed as Lieutenant, in order to be able to repatriate as such with the first departing return ships. Which doing etc. Was signed: Herke Smit. It was agreed to engage the same again as Second Lieutenant in the Company's service. The adjacent petition having been presented by Elizabeth Elhard, widow of L. Fick. Approved and consequently resolved to re-engage the petitioner in the Company's service, not as Lieutenant, but as Second Lieutenant, in order to be placed as such upon the occurrence of a vacancy on one of the Return ships, to continue his journey further to Europe; consequently the wages of the aforesaid Smit will also have to take effect again from the day when he shall have entered upon active duty. Finally, on a second petition, also made in writing by Fredrik Heyneman, as the authorized agent of Elisabeth Elard, widow of the late Lambertus Fick, and reading: To the Right Honorable Johannes Isaac Rhenius, Governor, together with the Honorable Members of the Council of Policy of this Government. Right Honorable Sir, and Honorable Sirs! With due respect, Your Right Honorable and Honorable humble servant Fredrik Heyneman, in his capacity as authorized agent of Elisabeth Elard, widow of the Fire Chief Lambert Fick, takes the liberty to make known; that the petitioner's principal comes to own in the village of Stellenbosch a house and lot, which currently measures in its ground 5 morgen, 249 square rods and 28 ditto feet, which house and lot she has sold to her son-in-law, the Burgher Jan Baptist Vos, for a sum of 13000 guilders; that the petitioner's principal, gladly wishing to make transfer and conveyance thereof

Dutch transcription

2454. 2455 zo is tot 't priseeren van de„ ber de nodige qualificatie verleend. de afgelegde Zeylen van 's Lands schip de Zephir, door den Wel Ed. Gestr. Heer Cap Paillant ten verkoop bestemd, in oogenschein te neemen, en vervolgens, zo nopens de qualiteit en tegenwoor= dige gesteldheid van 't doek, als de waarde, waarvoor men dezelve, om tot zakken gebruikt te werden, van zyn WelEd. gestrenge voor rekening der Comp=te: zoude kunnen overneemen te dienen van bericht, met overleg= ging van eene schriftelyke Notitie, waaruit blykt, dat van 1 p=s groot Marzeil 1 „ groot zeil 1 „ voormarzeil, 1 „ Kruijszeil 1 „ stormfok, en 1 „ grootstagzeil die alle beter als halfsleeten, en gevolglyk voor den dienst der E: Comp=ie tot het hiervooren beschree= ven einde zeer geschikt zyn, te zamen zoude kunnen werden vervaardigd eene quantiteit van 41 l: zakken, aan den Heere Ge= zaghebber hebben te kennen gegeeven, dat het niet wel mogelyk is geweest, dezelve zeilen te priseeren. — zo is geconsidereerd, dat den Heere Vaillant zich met dezelve zeilen zelve, op den heere Gezagheb„ komt geëmbarasseerd te vinden, en uit dien hoofde gaerne hoe éér zo daarvan liever zoude wenschen te werden ont= slaagen, terwyl tegenovergesteld, gelyk by voorsz. resolutie van den 28 Sep= tember jongsleeden breeder is gezegd de E. Comp=ie alhier in de uitterste ver= leegenheid aan zakken, mitsgaders stoffagiën tot het vervaardigen der= zelve verseerd: dierhalven als nu me= de beslooten den Heere Gezaghebber te verzoeken, gelyk zyn Ed. ver¬ zocht werd by deezen wegens het overneemen der voorsz. oude zeilen in zyn Ed. qualiteit als hoofad= ministrateur zelve maar met den heere Vaillant te aboucheeren en te trachten de acquisitie der= zelve voor de minste pryzen van zyn Wel Ed. Gestr. , voor rekening der E. Compie. te doen zag= 2456. 2457 von Op 't des wegens ingediend re„ ko quest vanden Sous Lieut: in Ik als oppersheurman op 't gestrand geweest. Ook is op onderstaand request, door den Sous Luitenant in dienst der E. Compte. en gewezen Stuur= de dienst der E Comp: 16: smit die man aan boort van het onlangs i schip de 3 gebroeders is beschijden in de Baayfals ter slooping verkocht particulier schip, de drie gebroeders : Smit gepre= senteerd. Aan den Wel Edelen Acht= baaren Heere, Iohannes Isaac Rhenius, Gezagheb= ber deezes Gouvernements en den ressorte van dien &a: &„a &=a., benevens den E: Achtbaaren Politieken Raad Wel Edele Achtbaare Heer, en E. E. Achtbaare Heeren! Uw Wel Ed. Achtb. en E. Achtb. nederige dienaar, sterke Smit, neemt de vryheid eerbiediglyk te kennen te geeven; dat hij supplt. in qualiteit als Sous Luitenant in dienst der E Compie„ te Batavia eerst op het schip de Bata„ vier, vervolgens op de Meerwyk beschy= den geweest zynde, op het verzoek van den schipper Jan Roeloff de Groot door de Hooge Regeering van Indien in het begin deezes Iaars verlof heeft geobti= neerd, omme in den dienst van particuliere Rheeders te mogen over zuiks gaan, ende in steede van den aldaar als inpotent verblevenen Stuur= man Cornelis Kraak; dat de Equipagiemeester van opgem. Bodem met voorkennis en consent van U Wel Ed. Achtb en E. Achtb. door gem: schipper de Groot afgedankt geworden zynde; en hij supplt. zich alzo buiten eenig emploi komt te bevinden, zeer gaerne verlangde weder in den dienst der E. Compie te treeden, derhalven te raade is ge„ worden zich tot U Wel Ed. Achtb: en E. Achtb. te addresseeren met nederig verzoek omme tot Luite nant aangesteld te worden, ten einde met de eerst vertrekkende sous re= 2458. 2459 Is verstaan, denzelven weder als Sour Lieut: in 's Maatschappijs dienst t'engageeren. — Door Elizabeth Elhard wed: van L: Fick gepraesenteerd zijnde 't nevensstaande requeert. retourscheepen als zodanig te kunnen repatrieeren /:onderstond :/ ot Welk doende &a /:was getekend:/ Herke, Smit. Goed gevonden en dienvolgens be= slooten den supplt: niet als Luitenant maar als sous Luit. weder in 's Maatschappys dienst aan te neemen, om als zodanig bij voorkomende vacature op een der Retourscheepen geplaatst te wer„ den, ten einde verder naar Ex„ ropa te rysvorderen; zullende dienvolgende de gagie van voorsz: Smit ook wederom moeten Cours neemen met den dag, wanneer in werke= lyke funcie zal zyn getreeden Nog is eindelyk op een tweede supplicq almede in scriptis door Fredrik Heyneman, als gemach„ tigde van Elisabeth Eshard, we„ duwe wylen Lamberties Fick gedaan en luidende Aan den Wel Edelen Achtbaaren Heere Wel Edele Achtbaare Heer, en E: E. Achtbaare Heeren! Met verschuldigd respect neemt de vryheid te kennen te geeven Uw Wel Ed. Achtb. en E. E. Achtb. onderdanige dienaar Fredrik Heyneman, in qua= liteit als gemachtigde van Elisabeth Elard, weduwe van den Brand„ meester Lambert Pick; dat des supp=ts. p=le in den dorpe stellenbosch in eigendom komt te bezitten een huys en erf, de= welke tans groot is in zynen grond 5 morgen, 2 49 quad=t roeden en 28 d=o voeten, welk huis en erf zij aan haaren aangehuwden zoon, den Burger Jan Babtist Vos heeft ver kocht voor eene somma van ƒ 13000 dat des supp=ts. p=le daarvan gaerne transport en overdragt willende Johannes Isaac Rhenius Gezaghebber, benevens de E Achtb. Heeren Raaden van Politie deezes Gouvernements doen J J0=

NL-HaNA_1.04.02_4357_0429 view scan ↗

English

To approve the newly remeasured plot situated in the village of Stellenbosch. But to decline the further request for remission of the payment of the 40th penny of the lord's duty on the aforementioned purchase price. to do so, finds herself unable to do so, because on the occasion when her dwelling house, with the adjoining buildings, and almost all the goods contained therein were reduced to ashes by a suddenly arisen fire, among other things the maps and title deeds of that plot were also burned; that the petitioner's principal has therefore seen herself brought into the necessity, with the prior knowledge of the Honorable Worshipful Acting Governor, to have the abovementioned plot remeasured anew by the sworn surveyor Wernich, according to the old beacons that showed themselves thereof, as appears from the map formed thereof, which the petitioner takes the liberty to annex hereto. Wherefore he humbly requests Your Honorable Worships and Worshipfuls to be pleased to approve the measurement carried out of her already built-upon plot, and consequently to qualify the petitioner to be permitted to execute the transfer according to the same; The petitioner furthermore takes the liberty humbly to request Their Honors that her aforementioned son may be favorably excused from the payment of the lord's duty of f. 15000 for that mortgage. [at the bottom stood:] Which doing etc. [was signed:] F. Heyneman qq. Decided, regarding the petitioner's aforesaid principal, the widow of the late Firemaster at Stellenbosch, Lambert Pick, to permit her to transfer to her son-in-law, Jan Bablis Vos, the plot described more broadly in the aforementioned request and situated in the village of Stellenbosch, according to the remeasurement carried out thereof and the newly formed map, which is hereby approved, measuring five morgen and two hundred forty-nine square rods, provided however that the request for remission of the payment of the fortieth penny of the lord's duty is declined, and that the same lord's duty on the purchase sum of f. 15000 shall initially have to be duly paid into the Company's treasury. It having been determined, since the Lords Commissioners-General, upon the received communication of the intention of this Council to come and wait upon Their Honors in a body, have been pleased to set the day of today and the hour of ten o'clock for that purpose. Reading of a memorial submitted by the interim Fiscal concerning a document in the Javanese language presented to the Government by the first Resident of Tegal, Raden Hadjen. Lastly, there being read only the below-standing memorial of the Fiscal, serving to satisfy what was required of him by resolution of the 28th of August last, submitting to the aforesaid Fiscal a document in the Javanese language by the first Resident of Tegal, Raden Hadjen, concerning the claim made upon him by a certain Gusty Carang Assan. To the Honorable Worshipful Lord Johannes Isaac Rhenius, Acting Governor of the Cape of Good Hope, and the jurisdiction thereof, etc., etc., together with the Honorable Worshipful Council of Policy. Honorable Worshipful Lord, and Worshipful Lords. With due respect shows the undersigned merchant in the service of the Honorable Company and interim Fiscal of this Government, Mr. Jacob Pieter de Neys: That the memorialist, in order to comply with all possible speed with Your Honorable Worships' highly revered Council resolution of the 28th of August last, immediately had the first Resident of Tegal, Raden Hadjen, transported from Robben Island to this place, to interrogate and examine him regarding a certain claim, amounting to two thousand Spanish dollars, which is made to his charge by a certain Gusty Carang Assan. That the memorialist has been busy several times with the said Tegal Resident Raden Hadjen to obtain some elucidation concerning that claim, without however succeeding therein as he would have wished, wherefore he deemed it best, in hope of a favorable interpretation, to demand from that Resident a document showing how that entire affair actually stands, and which the undersigned has the honor respectfully to offer herewith to Your Honorable Worships and Worshipfuls, in order further to dispose thereof as Your Honorable Worships shall be pleased to deem fit. [at the bottom stood:] Quo facto etc. [was signed:] J. P. Deneys [in the margin:] presented the 1st of October 1792. Which entire matter, for the aforementioned reasons, is thought best to be respectfully supplied to the High Indian Government. Solemn expression of thanks made by the Council to the Lords Commissioners-General for the favor shown to the inhabitants of this Colony by granting a free whale fishery here. Which memorial having been deliberated upon, and it being taken into consideration that here no copies can be made or translations obtained of the Javanese document annexed thereto, it is therefore thought best to supply the said document of the Tegal Resident, respectfully and if possible still with the packet boat, the Maria Louisa, in original to Their High Mightinesses, the Lords of the High Indian Government, with the addition of authentic copies of the cited memorial of the Fiscal, and to refer submissively to the same documents, in the hope that with these documents the expectation and desire of Their aforementioned High Mightinesses may be satisfied. The Council subsequently, in conformity with what was resolved on the 29th of the just-passed month of September, having proceeded jointly to Their High Mightinesses, the Lords Commissioners-General, in order dutifully to thank Their Honors for the favor shown to the inhabitants of this country, by granting to them, under certain regulations, a general freedom to the whale fishery.

Dutch transcription

2460. 2461. van haar nieuw hermeten Erf in 't dorp stellen„ bosch geleegen te approbeeren. Dog 't verder verzoek om re„ missie der betaling van den 40en penn: van 's Heeren regt der bezyden gem: Koopsom te deelineeren doen, zich daartoe buiten staat be= vindt, alzo by geleegenheid dat haar woonhuys, met de daaraanstaan= de gebouwen, en meest alle de daarin zich bevonden hebbende goederen door een schielyk ontstaane brand in de asche gelegd zyn, onder ande„ ren ook de Kaarten en eigendoms„ brieven van dat erf zyn verbrand¬ dat des supp=t p=le zich derhal= ven in de noodzaakelykheid heeft gebragt gezien, met voorkennisse van den E. Achtb. Heere Gezagheb= ber, bovengem: erf door den gezwo= ren Landmeeter Wernich op 't nieuw te doen hermeeten, na vol= gens de oude Bakens, die zich daarvan hebben vertoond, blykens de daarvan geformeerde Kaart, die de supp=t de vryheid neemt ne„ vens deeze te voegen. Weshalven hij U Wel Ed. Achtb: en E. E. Achtb. ootmoedig verzoekt de gedaane opmeeting van haar reeds bebouwd erf te willen appro= beeren, en den supp=t dienvolgens te qualificeeren, naar dezelve het Tran„ port te mogen doen; de supp=t: neemt wyders de vrij= heid hoogstdezelve ootmoedig te ver= zoeken, dat haar voorm: Zoon van de betaaling des heeren regt van ƒ. 15000 voor dat hypotheek goed- gunstig mag worden geëxcuseerd /:onder stond:/ 't Welk doende &=a /:was getekend:/ F. Heyneman qq. Verstaan aan des supp=t: voorsz. principa= Is goedgevonden de Kaart de, de Weduwe Wylen den Brandmee„ ster te stallenbosch Lambert Pick, te permitteeren het by voorm. request bree= der omschreeven en in den dorpe Stel= lenbosch geleegen erf naar de daarvan gedaane hermeeting en geformeerde nieuwe kaart /: dewelke by deezen werdt geapprobeerd; / ter groote van vijf morgen en twee honderd negen en veertig quadraat roeden aan haa ren aangehuwden zoon, Ian Bablis Vos over te mogen transporteeren, zo nochtans dat het verzoek van remissie der betaaling van den veertigsten pen„ ning van 's Heeren regt gedeclineerd te werdt 2462. 2463. Lecture van een Vertoog door den over eengeschrift in de Javaan„ ste Resident Radeen Hadjin aan de Regeering gepresenteerd. — werdt, ende hetzelve 's heeren regt op den koopschat van ƒ. 15000 aanvan= kelyk behoorlyk in 's Comps Cassa zal moeten worden voldaan Zynde vermits heeren Commissaris sen Generaal op de ontvangene com= municatie van 't voorneemen deezes Regeering, om boogst dezelve en Corjs te komen opwachten, daartoe den dag van heeden en 't uur van tienen heb= ben gelieven te bepaalen. Laatstelyk nog maar geleezen gewor= prointerim fiscaal overgelegd den zynde het onderstaande vertoog se taale door den Tagaalser „ des Fiscaals, geleidende ter voldoening aan het van hem by beslieit van den 28 Aug=s laatstleeden gevorderde. een geschrift in de javaansche taale door den Tagals eerste Resident Radjen Hadjen, rakende de op hem door zekeren Gusty Carang Assan geformeerde presentatie aan aan voorsz. fiscaal over= gelegd Aan den Wel Edelen Achtbaar„ ren Heere Johannes Isaac Rhenius, Gezaghebber van Cabo de goede Sloop, en den Vertoont met verschuldigen eerbied de ondergetekende koopman ten dienste der E. Compie en pro interim Fiscaal deezes Gouvernements, M=r Jacob Pieter de Neys dat de vertoonder; om met allen mo= gelyken spoed te voldoen aan Uw. Wel Ed. Achtb=r zeer gevenereerde raads be„ sluit van den 28sten Augustus jongst= leeden den eersten Resident van Tagal Radeen Slatjen ten eersten van het Rob= ben Eiland naar dit heeft doen trans= porteeren, om hem te interrogeeren en examineeren over zekere preten¬ sie, groot Twee duizend spaansche Reaalen, die ten zynen laste gefor= meerd word door zekeren Gusty Carang Assan. dat de vertoonder verschyde reyzen ressorte van dien La &a &a, be= nevens den E. Achtb: Raad van Politie Wel Edele Achtbaare Heer, en E E. Achtbaare Heeren res= met 2464. 2465 Welk een en ander om nevens gem: reedenen bestgedagt is aande hoge Indiase regeering eerbiedig te suppediteeren Plegtige dank betuiginge door den Raad by Heeren C: G: G: afgelegd voor t faveur aande Ingezeetenen dee„ zer Colonie beweesen met het toestaan van een vrije Walvisvaugits alhier. met gezegde Tagals Resident Radeen Hatjen bezig geweest is, om eenige eluci= datie, concerneerende die pretentie te erlangen zonder evenwel daarin zodanig te reuisseeren, als hij wel ge= wenscht had, waarom hy best heeft geoordeeld, in hoope van eene gunsti= ge welduiding, van dien Resident te vordeeren een geschrift, hoe het eigentlyk met die geheele affaire geleegen is, en het welk de onderge= tekende de eer heeft U Wel Ed. Achtb: en E: E: Achtb. nevens deezen reveren= telyk aan te bieden, om daarover ver= der zodanig te disponeeren, als U Wel Ed. Achtb. zullen gelieven goed te vinden. /:onderstond:/ Quo facto &=a /: was getekend:/ I. P. Deneys /: in mar„ gine:/ gepresenteerd den 1ste Ocbr. 1792. Over welk vertoog gebesoigneerd en in consideratie genomen zynde dat alhier van 't Javaansch schrif= tuur aan het zelve geannexeerd geene Copien te formeeren ofte translaaten te bekomen zyn, is dierhalven bestge= dacht het gem. geschrift des Tagals Resident, maar eerbiedig en zo moge= lyk nog met de Pacquetboot, de Maria Louisa, in origineel aan haar Wel Ed. Groot Achtb. , de Heeren der Hoo= ge Indiasche Regeering te suppeditee= ren, met byvoeging van authentieke Copijen van 't meergeciteerd vertoog des Fiscaals, en zich aan dezelve stuk= ken onderdaniglyk te refereeren, in de hoope dat met dees stukken zal mogen zyn voldaan aan welgem. Haare Hoogedelheedens verwagting en begeerte. Den Raade zig vervolgens in con„ formiteit van 't gearresteerde op den 29 der even afgeweekene Maand Septem= ber gezamentlyk begeeven hebbende bij haar hoogedelheedens, de Heeren Com= missarissen generaal, om Hoogst de= zelve plichtschuldig te danken voor 't faveur aan de Ingezetenen deezes Lands beweezen, met aan dezelve onder zekere bepaalingen eene algemeene vryheid tot de Walvischoisschery te te eer„

NL-HaNA_1.04.02_4357_0432 view scan ↗

English

2466. 2467. Upon the communication made with Mr. Vaillant regarding the taking over of the sails from his vessel on the Company's behalf for an amount of 261 rixdollars 12 stivers, their High Mightinesses were pleased to receive both the Mr. Authority as well as the other Members particularly graciously, and to thank them in a very affable manner for the Council's attentiveness shown in this matter; dismissing their Honors after having exhorted them all through a remarkable address to a conscientious performance of duties in the present critical circumstances of the Company, with the assurance of their High Mightinesses' favor and protection in case harmony, application, and zeal in the management of affairs might convince their High Mightinesses of the Council's well-meaning efforts toward promoting the preservation of the Honorable Company and the happiness and well-being of this important Colony, the governance of which was entrusted to them. Below stood: Thus resolved and decreed in the Castle of Good Hope, on the day and year aforesaid. Was signed: J. S. Rhenius, R. J. Gordon, J. P. Lesueur, The Mr. Authority, in order to defer to the request of the Council mentioned yesterday, having entered into negotiations with the Right Honorable Mr. Vaillant regarding the taking over of the sails of the State Frigate, the Zephir, which the said Mr. Vaillant had intended to dispose of, in order that the much-needed bags for the Company's turnover could be manufactured therefrom, and the aforesaid negotiation having been followed with such success that between his Honor and the repeatedly cited Mr. Vaillant, with the prior knowledge and approbation of the Gentlemen Commissioners-General, a provisional agreement Tuesday the 2nd of October 1792, in the forenoon, all present: O. G. de Wet, W. F. van Reede van Oudtshoorn. Lower: In my presence, signed: E. Bergh, acting Secretary. 2468. 2469. His Honor is thanked for the trouble taken in this matter, and the Equippage Master is authorized to have manufactured therefrom 418 pieces of full muid bags. was reached, namely that for: 1 piece main topsail 1 piece mainsail 1 piece foresail 1 piece mizzen topsail 1 piece storm jib 1 piece main staysail which are all better than half-worn, and which also for the purpose for which one intends to use them will be just as good as new sailcloth ones, there shall have to be paid on the Company's behalf in total a sum of 261 rixdollars 12 stivers; thus, upon communication of this given by order of the Well-mentioned Mr. Authority to the other Gentlemen Members of the Council, it is unanimously resolved that, in consideration of the fact that it appears from an annexed calculation that from all the same old sails together there can be prepared a quantity of 418 pieces of full bags, each of these bags will thus cost the Honorable Company only 1 guilder 5 stivers, whereas when one calculates that from a roll of Dutch sailcloth 14 such bags are made, and 15 from a roll of Russian canvas, a new bag costs the Company 2 guilders 3 stivers; therefore, with expression of the Council's obligated thanks to the Mr. Authority for the trouble taken in this matter, the aforesaid provisional agreement concluded by him, the Mr. Authority, with the Right Honorable Captain Vaillant shall be approved and ratified, as it is approved and ratified hereby; and that accordingly the previously cited amount of 261 rixdollars 12 stivers for the already specified 6 pieces of sails having been paid by warrant out of the Company's treasury to Mr. Vaillant, the same sails shall then also immediately have to be taken into receipt by the Equippage Master, in order to have prepared therefrom at the earliest opportunity the specified quantity of 418 full muid bags. Also on this occasion, upon a 2470. 2471. To have the required quantity of powder and flints supplied for holding the regular drill. Further resolved to have the amount of the postage money for the month of September transferred by warrant into the Company's treasury. The Equippage Master Cornelis Cornelisz having answered the Council's requisition in a completely unsatisfactory manner regarding to what extent the purchased spars of the ship the Drie Gebroeders sold for breaking up in False Bay could serve for the rigging of the vessel the Zeenimph. received letter from the Landdrost and Military Council of Swellendam, containing a request that, according to annual custom, for the upcoming drill of the militia of that district they may obtain the gunpowder required for that purpose together with a proportionate number of flints: it is understood for the aforesaid purpose to cause to be furnished to the said Landdrost and Military Council a quantity of 900 lbs of gunpowder and 1000 pieces of flints. Lastly, it was also resolved to enter into the trade books the postage money received in the recently passed month of September for the delivered letters, yielding, according to the report submitted thereof by Mr. van Reede van Oudtshoorn, an amount of one hundred thirty-six rixdollars and forty-four stivers, subsequently to be transferred by warrant into the Company's treasury and to be applied there to the daily expenditures. Below stood: Thus resolved and decreed in the Castle of Good Hope, on the day and year aforesaid. Was signed: J. I. Rhenius, R. J. Gordon, J. P. Lesueur, O. G. de Wet, W. F. van Reede van Oudtshoorn. Lower: In my presence, signed: E. Bergh, acting Secretary. Friday the 5th of October 1792, upon inquiry, all present. The Equippage Master Cornelis Cornelisz having been required by resolution dated the 29th of the just-past month of September to provide a specific and distinct statement of all such spars and other articles having belonged to the fleet and further outfitting of the ship sold for breaking up

Dutch transcription

2466. 2467. Op de gedaane Communicatie met den Heere Vaillant overeenge„ zeilen van zynen bodem 's Comp: wegen overteneemen voor een be„ dragen van 261 rb:t 12 stver:r — verlienen; zo behaagde het haar Hoog= edelheedens, zo wel den Heere Gezagheb= ber, als de overige Leden byzonder graci„ eus te recipieeren, en voor 's Raads atten= tie in deezen betoond, op eene zeer affable wize te bedanken: - congedieerende hun EEd=e na s' alle door een treffelyke aanspraak tot eene gemoedelyke plichts= betragting in de tegenswoordige critieke omstandigheeden der maatschappeij aan= gemaand te hebben, met de verzekering van Hoogstderzelver gunst en protectie ingevalle eensgezindheid, applicatie en yver in de maneange van zaaken haar hoogedelheedens mogten con= vinceeren van 's Raads welmeenen= de poogingen ter bevordering van 't behoud der E. Compie. , en van 't ge¬ luk en wel zyn deezer importante Colo= nie, waarvan haar het bestier was aan betrouwd /:onderstond:/ Aldus geresolveerd ende gearresteerd in 't Kasteel de goede Hoop, ten dage en Jaare voorss. /:was getekend:/ J. S. Phenius, R. J. Gordon, . J. Setuard Den Heere Gezaghebber om te vanden Heere Gezughebber; dat defereeren aan 't verzoek des Raads komen was de bezydengem: zes onder gisteren vermeld, met den Wel Ed=: Gr. Heer Vaillant in onderhan= deling getreeden zynde wegens de overneeming der Zeilen van 's Lands, Freguat, de Lephir, welke gem: Heer Vaillant zich hadde voor= gesteld van de hand te zetten, ten ein= de daaruit de zo zeer benoodigde zak= ken voor 's Comps. ommeslag te kunnen werden vervaardigd, en de voorsz. onderhandeling van dat suc¬ ces hebbende mogen werden agter- volgd, dat tusschen zijn Ed. en meer„ geciteerden Heere Vaillant, met voor= kennisse en agreatie van Heeren Commissarissen Generaal eene provisioneele overeenkomst Dingsdag den 2=e October 1792 's voormiddags alle present O. G. de Wet, W. F: v. Reede van Oudts„ hoorn. /:laager:/ My present /:getekend/ E. Bergh p=l Secret=s O. 2468. 2469 Is zyn Ed: voor de in deeze genomene moeite bedankt en den Equipagemeester gequali„ ficeerd daarvan te doen ver„ Vaardigen 418 p. s heele mudden zakken. is getroffen, dat naamentlijk voor 1 p:s groot Marszeil 1 „ groot Zeyl 1 „ voormanzeil 1 „ Kruyszeil, 1 „ stormfok, 1 „ groot slagzeil die alle beter zyn als halfsleeten, en die ook voor 't oogmerk, waar toe men dezelve denkt te bezigen, even zo goed komen te weezen als nieuwe zeil= doeksche, 'zs Comp=s wegen zal moeten worden betaald in alles eene somma van rd=s 261-12: zo is ter commu= nicatie hiervan ter ordre van den Wel op gem. Heere Gezaghebber aan de ove„ rige Heeren Leden des Raads gegeeven unanime beslooten, dat ter consideratie, dat uit eene daarby gevoegde bereeke= ning komt te bleiken, dat uit alle dezelve oude zeilen met den anderen zul= lende kunnen worden toegesteld eene quantiteit 418 p=r heele zak- ken ieder deezer zakken de E. Compie dus maar zal te staan komen op ƒ 1. 5— daar wanneer men rekend, dat uit eene Rol hollandsch Zeildoek werdt gemaakt 14 gelyke zakken, en 15 uit eene Rol moscovisch, een nieuwe zak de Maat= schappen kost ƒ 2- 3—:, dierhalven met betuiging van 's Raads verplichten dank aan den Heere Gezaghebber voor de in deezen genomene moeite zal werden geapprobeerd ende geratificeerd gelijk geapprobeerd en geratificeerd werd bij deezen de voorsz. provisioneele over= eenkomst door hem heere Gezaghebber met den Wel Ed. Gestr. heer Capityn Vaillant geslooten, en dat mitsdien het voorengeciteerde bedraagen van rd=s 261-12 voor de bereids gespeci= ficeerde 6 stuks zeilen p=r ordonnan= tie uit 's Comps Kas aan den heere vaillant voldaan zynde, dezelve zei= len dan ook daadelyk door den Equi„ pagiemeester in ontvangst zullen moeten worden genomen, ten ein= de daaruit met den eersten de op= gegeevene quantiteit van 418 heele muddenzakken te doen toestellen. Ook is by dees Gelegenheid op eene in¬ daar ge= 2470. 2471. 't doen dergewoone exercitie de g'eischte quantiteit Kruid en Duursteenen te laaten verstrekken. Is wyders geresolveerd 't bedragen der portpenn: vande maand septb:r p„r ordonn: in 's Comp: Cas te doen overbrengen. Cornelisz op een gantsch on„ zijnde aan Plaads requisit, houten van 't in Braijfals drie Gebroeders zonden kun„ 't scheepje de Zeenimph. gekomene Missive van Landdrost raaden te Willeman besorten zin e :r en Krygsraaden van Zwellendam, houdende verzoek, om volgens jaar= lyks gebruik voor de op handen zyn¬ de exercitie der Landmilitie van dat district te mogen erlangen het daartoe vereischt werdend buskrut„ benevens een geportioneerd getal vuursteenen: verstaan ten fine voorsr: aan voorm. Landdrost en Krygsraaden te doen verstrek= ken eene quantiteit van 900 lb. Bussekruit en 1000 p=s vuursteenen Zynde laatstelyk mede beslooten de Portpenningen in de jongst gepasseerde maand September voor de bestelde brieven ontvangen, en rendeerende, blijkens het daarvan door den heere van Reede van Oudtshoorn overgelegd Rapport een bedragen van een honderd ses en derdig rd=s en vier en veertig stuij= by de Negotie boeken te doen inneemen, om vervolgens p=r ordonnantie in 's Comp=s Cassa Van den Equipagiemeester Door den Equipagemeester Cornelis Cornelisz by besluit de dato voldoende wyze beantwoord 29 der even afgeweekene Maand Sep= in hoe verre d'ingekogte rond„tember gevorderd zynde eene speci= ter sloping verkogt schip de ficque en distincte opgaave van alle nen dienen ter toetuiging van zodanige rondhouten en andere ar= ticulen, gehoord hebbende tot de vleet en verdere toezusting van het ter Vrydag den 5 Octo= ber 1792, by omvraage alle present overgebragt en aldaar tot den dagelyk= sen uitgaaf aangewend te werden /:onder stond:/ Aldus geresolveerd ende ge= arresteerd, in 't Kasteel de goede hoop, ten dage en jaare voorsz. /:was getekend:/ I. I. Rhe= nius, R. I. Gordon, I. P. Lesueur O. G. de Wet, W. P. v. Reede van Oudtshoorn /:laager:/ Meij present /: get:/ E. Bergh p=l secrt=s. de sloo=

NL-HaNA_1.04.02_4357_0435 view scan ↗

English

2472. 2473. It was resolved to order him anew to proceed to Baayfals, and having made an inspection, to report more closely and specifically what could be used for what purpose. The private ship de drie Gebroeders, sold for scrap and purchased for the account of the Honorable Company, could serve for the equipping of the vessel de Zeenimph lying in Baayfals, with an indication of to what extent what is lacking is found on hand in the Company's warehouses, and could be spared without own inconvenience; but the aforesaid Master of Equipage having answered the aforesaid requisition of this Council in none but a completely unsatisfactory manner. Thus, it is now, upon inquiry made by order of the Lord Commander, approved and consequently resolved to order the aforesaid Master of Equipage de novo, as he is most expressly ordered hereby, to proceed immediately, with and alongside the Master of ship carpenters, Mijndert van Eyk, to the aforesaid Baayfals, in order that, having inspected and examined the same with the utmost exactitude, to report specifically and distinctly to this Council upon his return here all the aforesaid equipage goods of the ship de drie Gebroeders purchased by the Lord Resident of Baayfals, C. Brand, for the account of the Honorable Company, which of the said purchased goods can immediately serve for the rigging of the aforesaid vessel de Zeenimph, and which others, after being properly appropriated for that purpose, could also be used for the aforesaid end; furthermore, what will then still be lacking for the complete equipping of that keel, and what of the uncalculated articles are or are not found on hand in the Company's warehouses? As well as which of those in stock could be spared without own inconvenience? All, as said before, specifically and with the naming of the articles; The said Master of Equipage must further add thereto 2474. 2475. Also to serve with considerations and report what equipage and other goods would still be required for the rigging of the aforementioned small keel de Zeenimf. The disposition of their High Nobilities the Commissioners-General to detain the private ship de Geertruij en Petronella here until 15 Jan having been communicated to the Council by the Lord Commander. his considerations and report on how and with what those required equipage goods can best be replaced, which are not found on hand in the Company's stock or cannot be spared, so that, this Report having been received, the Council may find itself in a position to supply to their High Nobilities the Lords Commissioners-General such considerations, for which it as yet finds itself unable due to the aforesaid defective statement of the said Master of Equipage. Below stood: Thus resolved and decreed in the Castle of Good Hope, on the day and year aforesaid. Was signed: I. P. Rhenius, R. P. Gordon, I. S. Lesueur, O. G. de Wet. Lower: In my presence, signed: E. Bergh, Provisional Secretary. The skipper of the hired private ship Geertruij en Petronella lying at the roadstead, Louis Willem van Rossum, having reported in a written message to the Lords Commissioners-General upon their requisition, that on the 17th of this current month he believes he will be ready to undertake the journey from here to the Netherlands with his said vessel under his command, but there having arisen with their High Nobilities natural objections against the dispatch of so richly laden a ship in this advanced season of the year, whereby the same would have to appear on the Dutch coast in the most perilous time, which the Company's present precarious condition naturally suggests, and their High Nobilities having considered Saturday the 6 Octbr 1742 upon inquiry all present

Dutch transcription

2472. 2473. Is beslooten denselven, op nieuw te gelasten zig na baarfals te begeeven, en nagedaane inspectis nader en specificq op te geeven, waartoe 't een en ander zon kunnen werden g'employeerd. slooping verkocht particulier schip de drie Gebroeders, als voor reekening der E. Comp=ie ingekocht zynde, zou= de kunnen dienen ter equipeering der in de Baaijfals liggende Bo= dem de Leenimph, met aanwei= zing in hoe verre het ontbreekende in 's Comp=s Maguazynen aan han„ den werdt gevonden, en zonder eigen ongerief te missen zoude weezen; doch den voorsz. Equipa= giemeester niet dan op eene gansch onvoldoende wyze aan 't voorsz. re= quisit deezes Raads hebbende ko= men te beantwoorden. Zo is als als nu by omvraage ter ordre van den heere Gezagheb ber gedaan, goedgevonden en dien= volgens beslooten den voorsz: Equi= pagiemeester de novo te gelasten, gelyk hy wel expresselyk gelast werd bij deezen, zich daadelyk met ende benevens den Baas der scheepstimmerlieden, Mijndert van Eyk, te begeeven naar voorsz. Braijfals, ten einde zelve met de uiterste exactitude in oogenschein genomen en geëxamineerd hebbende alle de voorsz. Equipagiegoederen van 't schip de drie Gebroeders door den heere Resident der Baayfals C. Brand, voor Rekening der E. Compie, bij des= zelfs retour alhier aan deezen Raa= de specifieke en distincte op te gee= ven, welke der gem: ingekochte goederen dadelijk ter toetuiging van voorsz: Bo= dem de Zeenimph zullen kunnen dienen, en welke andere na daartoe behoorlyk te wezen geapprobrieerd ten voorsz. einde mede zouden kun= nen werden geëmployeerd; voorts wat dan nog aan de Compleete equi= peering dier Kiel ontbreeken zal„ en wat van de onberekende Arti= culen al ofte niet in 's Comp=s Ma= gazynen aan handen gevonden werd gevonden? mitsg=s welke den in voorraad zynde, zonder eigen ongerief zoude kunnen werden gemist ? alles gelijk hiervooren is gezegd specifieke en met benoe= ming der articulen; Zullende de hij 2474. 2475. Mitig„s te dienen van Consideratien en re goederen nog meer tot toetuiging van 't opgem: Kieltje de Zeenimf dienen, zoude werden vereischt. de disponitie van H H: C C: Gq: om 't partschip de Geertruij en Petro„ nellen tot den 15 Jan: alhier op te houden door den Heere Ge„ communiceerd zynde. hij Equipagiemeester wyders daarbij berigt, welke Equipage-en ande „ moeten voegen zyne consideratien en bericht, hoedanig en waarmede best zullen kunnen werden grëm= placeerd zodanige vereischt werden= de Equipagie goederen, als bij 's Comp:s voorraad niet aanhanden werden gevonden ofte te missen zullen zyn, ten einde dit Rapport ingekomen zynde, den Raade zich hierdoor in 't geval gesteld moge vinden, aan haare Hoogedelheedens de heeren Commissarissen Generaal te suppediteeren zodanige conside= ratien, als waartoe zy zich als nog door voorsz. gebrekkige opgaave van hem Equipagiemeester buiten staat is bevindende. /:onder stond:/ Aldus geresolveerd en de ge= arresteerd in 't Kasteel de goede Hoop, ten dage en Jaare voorsz. /:was getekend:/ I. P. pp Rhenius, R: P. Gordon, IS Lesueur, O. G. dewet /:lager:/ Mij present /:get:/ E. Bergh p:l Secret=s. Den schipper van het ter rhee= de liggend ingehuurd particulier Geertruij en Petronelza schip, Louis Willem van Rossum aan Heeren Commissarissen Ge= Zaghebber aan den Raad ge„neraal op hoogstderzelver gedaane requisitie, bij een schriftelyk bericht hebbende komen op te geeven; dat op den 17 deezer loopende maand ver= meent gereed te zullen zyn, om met gem: zynen onderhebbenden Bodem de reyze van hier naar Nederland te kunnen aanneemen, doch bij haar hoogedelheedens tegens de de= peches van een zo ryk gelaaden schip in dit vergevorderd Iaar Sai= soen, waardoor hetzelve in den ge= vaarlyks ten tyd de hollandsche wal zoude moeten verscheinen, opge= komen zynde de natuurlyke be= denkingen, welke 's Comp=s tegens= woordige hachgelyke toestand als van zelve opleverd, en hoogstge= Zaturdag den 6 Octbr 1742 bij omvraage alle present Za¬ dach=

NL-HaNA_1.04.02_4357_0437 view scan ↗

English

2476. 2477. It was agreed to notify the skipper van Rossum of this disposition by extract of this document. Their High Honours furthermore having been pleased to find good to refer the disposition on the request of the doctor of medicine T. J. van der Sande to this Council for disposition, their High Honours consequently, along with the handing over of a copy of the aforementioned report from the skipper van Rossum to the Lord Commander, having been pleased to notify their highest desire that the aforementioned vessel the Geertruy and Petronella not be dispatched, but held here until 15 January of next year, at which time the danger is considered to have passed and the orders allow the Company's own laden keels to be sent from here to the Fatherland: so it is, upon the communication made by order of the well-mentioned Lord Commander of this desire of their High Honours to the other Gentlemen Members of the Council, immediately resolved not to dispatch the aforementioned vessel, the Geertruij and Petronella, but to make it remain at these Roads until 15 January of the coming year 1793; which day shall from now on be and remain fixed for the time destined for the dispatch of that keel, it being understood in so far as no unforeseen incidents or events cause any hindrance, impediment or disruption in this regard; and in order that the same may serve for the information and direction of the aforementioned skipper van Rossum, the required notification of the aforementioned disposition shall immediately be given to him by extract of this document, with an injunction and order to submit thereto and to leave the responsibility for the Council's account, as acting in this regard in conformity with the received orders from the Gentlemen Commissioners-General mentioned above. The just cited Right Honourable Gentlemen Commissioners-General also having been pleased, under cover of an express missive written on 27 September last to this Council, to refer the disposition on the following request presented to Their High Honours by the doctor of medicine Tieleman Johannes van der Sande: 2478. 2479. To Their High Honours, the High Noble Grandly Esteemed Gentlemen, Mr. Sebastiaan Cornelis Nederburgh and Symon Hendrik Frijkenius. High Noble Grandly Esteemed Gentlemen! Tieleman Johannes van der Sande, Doctor of Medicine, in the capacity of chief surgeon having arrived here in the past year 1791 with the Company's ship Sparenrijk, respectfully and very humbly makes known: that the petitioner, after having previously remained here for some time on suspension of wages due to indisposition, was forced on 6 December of this year to address himself by request to the Honourable Esteemed Lord Commander and Council of this place, with the humble plea that, on account of the continued feeble condition of the petitioner at that time, he might be placed off the payroll and remain residing here as such, which request was graciously granted to the petitioner; that the petitioner, both for his subsistence and most especially for the convenience of several notable inhabitants, has practiced medicine with such satisfactory results that the petitioner flatters himself now to be of service to the Colony and inhabitants here, and at the same time to have found a means of livelihood, in case Your High Noble Grand Esteems further allow him to enjoy the disposition of the Honourable Esteemed Council of Policy. And as the petitioner's weak bodily constitution does not allow 2480. 2481. him to undertake any sea voyage, at least for the present: he respectfully turns to Your High Noble Grand Esteems with the humble plea that it may be the gracious pleasure of Your High Noble Grand Esteems to permit the petitioner to continue practicing at this remote corner while off the payroll, and thus without expense to the Honourable Company. Below was written: Doing which etc. Was signed: T. J. van der Sande Lower: Agrees with its original And signed: Edle Daniels So it is, having taken into consideration on this occasion that all the aforementioned alleged by the petitioner is founded on the truth, decided, as well for the benefit of this Colony as out of consideration for the petitioner's weak bodily constitution, to permit him, as is permitted hereby, to remain residing and practicing here while off the payroll. Below was written: Thus, after reading of the same, it was decided to grant the petitioner permission to remain residing and practicing here while off the payroll. — Tuesday 9 October 1792, in the forenoon, all present. Thus resolved and decreed, in the Castle of Good Hope, on the day and year aforementioned. Was signed: P. P. Rhenius, R. J. Gordon, J. P. Lesueur, O. G. de Wet, W. F. v. Reede van Oudtshoorn Lower: In my presence Signed: C. Bergh, sworn secretary The Lord Commander, with reference to a memorial of grievances lodged by the orphan masters here against the manner in which the Honourable De Wet acquitted himself of his commission concerning the examination of the state of their chamber, having made declarations alongside the aforementioned, the Lord Commander opened the deliberations immediately after the resolutions since the expired month of September were successively read.

Dutch transcription

2476. 2477. Is verstaan den schipper van Rossum bij Extract deeser van die dispositie kennisse te doen dragen Hoog tdezelve wyders heb„ bende gelieven goed te vinden de dispositie op 't request van den medicinae doctor F: J: 1. d. Cande aan deesen raade ter dispositie te renvoijeeren achte Haar Hoogedelheedens dierhal= ven met ter handenstelling van eene Copie van voorsr, bericht van den schipper van Rossum aan den Heere Gezaghebber hebbende gelieven te noti= ficeeren hoogstderzelver begeerte, dat voorn. Bodem de Geertruy en Pe= tronella niet werde afgevaardigd, maar alhier aangehouden tot den 15 January des aanstaanden Iaars, als wanneer het gevaar gere= kend werdt voorbij te zijn te zyn en de ordres toelaaten 's Comp=s eigene gelaadene Kielen van hier naar 't Vaderland te mogen verzen= den: Zo is op de communicatie ter ordre van Welgem. Heere Gezagheb= ber van dees haar hoogedelheedens begeerte aan de overige Heeren Leden des Raads gedaan dadelyk geresol= veerd voorn. Bodem, de Geertruij en Petronella niet te depecheeren, maar ter deezer Rheede te doen vertoeven tot den 15 January des toekomen= den Iaars 1793; welk en dag van nu af aan zal zyn en bleiven gefix= eerd voor den tid tot de afvaardiging dier kiel bestemd, wel te verstaan in zo verre hieromtrent door geene onvoorziene incidenten ofte gebeur= tenissen eenig hinder, belet of de= rangement mede te weege gebragt; zullende ten einde hetzelve moge strekken ter informatie en naricht van voorn. Schipper van Rossum dadelyk aan denzelven van voorn. dispositie bij Extract deezes de ver= eischte kennisse werde gegeeven, met injunctie en last zich daaraan te supmitteeren en de verantwoor= ^laten delykheid te ^ voor 's Raads rekening als hieromtrent ageerende in con= formiteit der ontvangene ordres van Heeren Commissarissen Gene= raal hierboven gemeld. Even geciteerde Hoogedele heeren Commissarissen Generaal teffens onder gelyde eener expresse Mis= sive den 27 September Jongstleeden geschreeven aan deezen Raade hebben gelieven te renvoijeeren de dispositie op '4 onderstaand eerd re= 2478. 2479 request aan Hoogst dezelve door den medicinae Doctor Tieleman Johan= nes van der Sande gepresenteeerd Aan Haar Hoogedelheedens de Hoog Edele Groot Achtb. Heeren, Mr. Sebastiaan Cornelis Nederburgh en Symon Hendrik Prykenius Hoog Edele Groot Acht= baare Heeren! Geeft met verschuldigden eerbied heer onderdaniglyk te kennen Piele= man Johannes van der Sande, Medicina Doctor, in qualiteit als oppermeester in den gepasseerden Iaare 1791 met 's Comp=s schip sparen rijk alhier aangeland; dat de supplt. na alvoorens eenige tyd wegens indispositie met stil= stand van gagie alhier hier te zyn verbleeven, genoodzaakt is ge= weest zich op den 6 December dee= zes Iaars bij requaste te addresseeren aan den Wel Ed. Achtb. Heere Ge= zaghebber en Raad deezer plaat= ze, met nederig verzoek, omme ter zaake van de dies tyds aan= houdende debile toestand van den supp=t onder afgeschreevene gagie te mogen werden gesteld en als zodanig alhier te bleiven remoreeren, welk verzoek gra= cieuselyk aan den supplt. is geäccordeerd geworden; dat de supp=lt zo ter subsistentie als wel meest ten gerieve van eenige notable ingezetenen de practyk heeft geëxerceerd met dat ge= noeglyk gevolg, dat de suppt. zich flatteerd, tans de Colonie en Ingezetenen alhier van dienst te zyn, en tevens een middel van bestaan gevonden te hebben, ingevalle U Hoog Edele Gr. Achtb. hem verder van de dispositie van den E. Achtb. Raade van Politie te laaten jouisseeren En daar des suppts. zwakke ligchaams Constitutie niet aan toe= 2480. 2481. „ Zo is na lacture van 't zelve beslo„ „ten aanden suppl: toe te staan om onder afgesz: gage alhier te mogen blyven remoreeren en prac„ tiseeren. — Den Heere Gezaghebber met betrekking tot eene memorie van doleantien die door wees„ meesteren alhier, tegens de wijze op welke den Heere de Wet zig van zijne Commissie raakende d'opneeming vanden staat hun„ ner kamer quam t'acquitee„ ren, de bezyden gem: declaratien hebbende gedaan toelaat, dat hij ten minsten voor als nog eenige reize ter Zee onderneeme: zo wendt hij zich eerbiediglyk tot U Hoog Edele Groot Achtb. met onder danige bede, dat het U Hoog Edele Groot Achtb. gunstig welbehagen mo= ge zin, den supp=lt te permitteeren, om onder afgeschreevene gagie, en dus buiten bezwaar van de E. Comptie. aan deezen uithoek te mogen bleeven practiseeren. /onder stond:/ 't Welk doende &=a /:was getekend:/ T. I: van der Sande /:laager:/ Accordeert met dies origineel /en getekend:/ Ed=le Daniels Zo is bij deeze geleegenheid in con= sideratie genomen zynde, dat al het gunt voorsz: , door den suppt. geallegueerd is geworden, op de waarheid komt gevestigd te zyn, dan ook beslooten, zo wel ten nutte deezer Colonie, als uit aanmerking van 's suppt: zwakke ligchaams constitutie, aan denzelven te per= mitteeren, gelyk gepermitteerd Opende den Heere Gezach= hebber de deliberatien met dan delyk, na dat de Resolutien 't zedert den afgeloopene maand September successivelijk ge¬ Dingsdag den 9 Oc= tober 1792, 's voormid= dags alle present Aldus geresolveerd en de gearresteerd, in 't Kasteel de goede Hoop, ten dage en Iaare voorsr. /:was getekend:/ P. P. Rhenius, R. J. Gordon I. P. Lesueur, O. G. dewet, W. P. v. Reede van Oudtshoorn (:laa= ger:/ Mij present /:getekend:/ C. Bergh, p=l seert=s word bij deezen, onder afgeschreevene gagie alhier te mogen bleiven remo= reeren en practiseeren /:onder stond:/ word no=

NL-HaNA_1.04.02_4357_0440 view scan ↗

English

2482. 2483. Despatch from the Commissioners-General to whom the aforesaid Memorial had been handed by the well-mentioned Lord Officer in Charge, serving to accompany an extract taken by Their High Honors on the same memorial, having been resumed, to make known to the Council that a Memorial had been presented by the Board of Orphan Masters to His Honor containing a complaint regarding the manner in which Mr. de Wet was acquitting himself of the commission assigned to His Honor to inspect the state of the Chamber; but that he, the Lord Officer in Charge, realizing how greatly the Council would be disturbed in its important proceedings, with which it currently happens to be overwhelmed, in case the same Memorial were made a point of deliberation at so inopportune a time as the present, on that account had thought it better to bring the same to the notice of the Lords Commissioners-General and to learn their highest pleasure thereon; and that Their High Honors having consequently deliberated with each other over that point today, had seen fit to explain themselves thereon by a Despatch addressed to him, the Lord Officer in Charge, together with the Council, and received by His Honor just before the opening of the meeting. Which despatch being subsequently opened and, upon its reading, it being found that the same served solely to accompany the following Extract from Their High Honors' resolutions taken under yesterday's date. Extract from the Resolution of the High and Noble Lords Commissioners-General over Netherlands India and the Cape of Good Hope, taken in the Castle of Good Hope today. Monday. 2484. 2485. Monday, the 8th of October 1792. The Officer in Charge Rhenius has communicated to the Commissioners-General a Memorial from the Orphan Masters of this place, received by him today and addressed to him along with the Council of Policy of this Government, and made known that he found himself obliged to do so before producing the same Memorial at the table of the said Council. Whereupon, deliberation having taken place, it was resolved and agreed to approve completely the conduct observed in this matter by the aforesaid Officer in Charge, as the same is approved hereby. And it being considered that it could be utterly detrimental to the investigation of the administration and affairs of the Orphan Chamber, in which all the good residents of this Colony have such a notorious and significant interest, and which is currently almost brought to an end, if the contents of the aforesaid Memorial were to come to the deliberation of the aforesaid Council of Policy: Thus the Commissioners-General have furthermore seen fit to reserve to themselves the disposition on the aforesaid Memorial, and that the aforesaid Orphan Masters shall in the meantime proceed with giving to the member of the same Council, Oloff Godlieb de Wet, as specially commissioned thereto, all such information and elucidations concerning the state and administration of the Orphan Chamber as shall be required by him pursuant to the instructions given to him by resolution of the Council of Policy dated 7 August 1792. And an Extract of this shall be sent to the Officer in Charge, together with the Council of Policy, and a similar Extract shall be handed to the Orphan Masters of this place for their information, and in order to regulate themselves exactly accordingly. signed S. C. Nederburgh 2486. 2487. It was agreed to let the contents of the aforesaid Resolution obediently serve for information. Reading of a second despatch from Their High Honors, whereby they desire a specific statement of such necessities as are still lacking from the successive requisitions made from the Netherlands. The Trade Transferer van Eerten shall be ordered to form such a statement as soon as possible from the trade books of this government, in order to be able to supply it to Their High Honors. So it was also agreed to let the contents thereof obediently serve for information, and therefore to await the disposition which it shall please the Lords Commissioners-General to take in due course on the aforesaid Memorial of the Orphan Masters, addressed to the Lord Officer in Charge and this Council regarding the aforesaid matter. Hereafter also having been opened and read a second Despatch from the Lords Commissioners-General dated the 8th of this month, whereby Their High Honors—since it has appeared to them that in this Government various necessities from the Netherlands are lacking, because that which was decided there to be fulfilled upon the annual requisitions made from here has not been received from there—require a statement of all that is currently still lacking from the aforesaid fulfillment, with an indication of the years in which the same was requisitioned, in order to be thereby enabled to make the necessary representations regarding this to the Meeting of Seventeen: Thus, in order also in this matter to comply with Their High Honors' aforesaid desire as soon as possible, it was resolved that the Trade Transferer Casparus van Eerten shall be demanded, as he is demanded hereby, immediately to compile a similar statement from the trade books and to submit it to this Council, with the addition of a copy of such Memorial as was drawn up by Colonel Gordon with respect to the uniform parts, in order to subsequently be able to supply both in all respect to Their High Honors. And since from a third Despatch Agrees with the aforesaid Resolution signed Ed. Daniels

Dutch transcription

2482. 2483. Missive door H. H: C C: Gq: aan wien de voorsz: Memorie door welop„ ged: Heere Gezaghebber was in han„ digt dienende ten geleide eene, Exx„ Edelhedens op deselve memorie genoo„ nomen, geresumeerd waren, aan den Raade te kennen te geeven dat door 't Collegie van Weesmee= steren aan zyn Ed. was gepre= senteerd geworden eene Memorie houdende doleantie wegens de wyze, op welke de Heer de Wet zich kwam te acquiteeren van de Commissie op zyn Ed. gedeeer¬ neerd, om den staat der Kamer op te neemen, dan dat hy Heere Gezaghebber inziende, hoe zeer den Raade in zyne importan= te verrichtingen, waarmede tans als overstelpt komt te zyn, zoude werden geturbeerd, ingevalle de= zelve Memorie in een zo ongelee= gen tydstip, als de tegenswoor= dige, tot een poinct van raadplae„ ging kwam te maaken, uit dien hoofde hadde vermeend, dezelve liever te moeten brengen ter ken= nisse van heeren Commissaris= sen Generaal, en hoogstderzel= vergoedvinden daarop te vernee= men, en dat haar Hoogedel= Extract uit de Resolutie van de hoog Edele Heeren Commissarissen Gene= raal over Nederlandsch Indië en Cabo de goede hoop genomen in 't Kasteel de goede Hoop heedens dienvolgens over dat poinct met den anderen gedelibereerd heb= bende, hadden goedgevonden zich daarop by eene Missive aan hem Heere Gezaghebber, benevens den Raad gericht en even voor 't aangaan van de vergadering by zyn Ed ontvan= gen, te expliceeren. Welke missive vervolgens ge= En vervolgens geleeten zynde eene opend en by dier lectiere be= vonden zynde, dat dezelve tract uit de resolutien bij Jun hoog eeniglyk was dienende ten gelyde van 't volgend Extract, uit Haare Hoogedelheedens onder gisteren genomene re= solutien. ƒ hee„ Maan= men. op 2484. 2485 Maandag den 8 October 1792. De Gezaghebber Shenius heeft aan Commissarissen Generaal gecommuniceerd eene Memorie van Weesmeesteren deezer steede heden by hem ontvangen en gericht aan hem benevens den Politieken Raad deezes Gouvernements, en te kennen geeven zich daartoe verplicht te hebben gevonden, alvoorens dezelve Memorie ter Favel van gem: Raade te pro= duceeren. Waarop gedelibereerd zynde is goedgevonden en verstaan, het door voorn. Gezaghebber in deezen gehouden gedrag volkomen te ap= probeeren, gelyk hetzelve geappro¬ beerd word mits deezen. En gelet zynde, dat het voor het on¬ derzoek der directie en zaaken van de Weeskamer, waarby alle de goede ingezetenen deezer Colonie een zo notoir en aanmerkelyk belang heb= ben, en het welk tans byna is ten einde gebragt, ten uittersten hin= derlyk zoude kunnen zyn, wanneer de inhoud van de voorsr. Memorie kwam ter deliberatie van voorn. Raade van Politie: Zoo hebben Commissarissen Generaal wijders goedgevonden aan zich te be„ houden de dispositie op de voorsr. Me= morie, en dat Weesmeesteren voorn. in middels zullen voortgaan, met aan het Lid van denzelven Raade, Oloff Godlieb de Wet, als daartoe spe„ ciaal gecommitteerd, te geeven alle zodanige informatien en elucida= tiën, den staat en de directie der Wees„ kamer betreffende, als door denzel= ven agtervolgens de instructie, hem by resolutie van den Raad van Politie in dato 7 Aug=s 1792 gegeeven, zullen worden gerequireerd. En zal Extract deezer worden ge= zonden aan den Gezaghebber benee= vens den politieken Raad, mitsg=s een dergelyk Extract ter hand gesteld aan weesmeesteren deezer steede tot derzelver naricht, en ten einde zich daar= na exactlyk te reguleeren /:was getekend:/ S. C. Nederburgh der= Ac= 2486. 2487. Is verstaan, zig den inhoude van voorn: te laaten strekken. lectuae eener tweede missive van hun eene specificque opgaave van zo dani„ gen behoeftens als op de successive uit Nederland gedaane Eijsschen nog ko„ men t' ontbreeken. Den Negotie overdrager van Eerten zal werden gelast ten spoedigsten uit de Negotie„ boeken deezes gouvernement eene dergelyke opgave te for„ meeren, om aan hoogst dezel„ ve te kunnen werden gesuppe„ diteerd Soo is dan ook verstaan zich den inhoude van dien gehoorzaamlyk Resolutie gehoorzamelijk tot narigt ter naricht te laaten strekken, en mits= dien af te wachten de dispositie, welke het Heeren Commissarissen Generaal zal behaagen in der tyd op voorsz. Memorie van Weesmee¬ steren, aan den Heere Gezaghebber en deezen Raade ter zaake voorsr. gericht, te neemen. Hiernaa ook geopend ende gelee= „zen zynde eene tweede Missive van ƒ H H: E E: waarbij hoogt deselve begeeren Heeren Commissarissen Generaal de dato 8„e deezer, waarby haar hoog Edel= heedens, vermits aan hoogst dezelve voorgekomen is, dat ten deezen Gouver= nemente verschydene behoeftens uit Nederland ontbreeken, door dien van daar niet ontvangen is dat geen het welk aldaar beslooten is te voldoen, op de jaarlyksche van hier gedaane eisschen, requireeren eene opgaave En nadien uit eene derde Missive van alles wat tans nog aan de voorsz. vol= doening ontbreekt, met aanweizing der Iaaren, waarin hetzelve is geëischt, ten einde daardoor in staat gesteld te worden, om des wegens aan de vergade= ring van Leeventienen de noodige re= presentatien te kunnen doen: Zoo is om ook in deezen aan Haar Hoog= edelheedens voorsr: begeerte ten spoedig= sten mogelyk te voldoen — Beslooten dat aan den Negotie overdraager Cas= parus van Eerten zal werden gedeman= deerd, gelyk aan denzelven gede= mandeerd werd by deezen, dadelyk eene diergelyke opgave uit de Negotie= boeken te zaamen te stellen, en aan deezen Raade over te leggen, met bij voe= ging eener Copie van zodanige Memo= rie, als door den Heere Everste Gor= don, met betrekking tot de montee= ringstukken is geformeerd geworden ten einde het een met het ander ver= volgens in allen eerbied aan Haare Hoog= edelheedens te kunnen worden gesup= pediteerd. Accordeert met voors5. Resolutie /:was getekend:/ Ed=d Daniels van van

NL-HaNA_1.04.02_4357_0443 view scan ↗

English

2488. 2489. Upon further reading of a letter from the aforementioned most honorable Lords Commissioners General written to the Council, concerning the disposition taken by them regarding Major von Dehn. Having as an annex from the aforementioned Lords Commissioners General an extract from their resolutions, cited above, to the reading of which they subsequently proceeded, it has become evident that Their Right Honorables, having disposed upon a petition presented to them by the Major of the Regiment of Württemberg B. W. von Dehn, as well as upon what was submitted to Their Right Honorables by this Council in its humble letters of 18 July last concerning the aforementioned Major von Dehn, have seen fit and agreed to declare that the said Major von Dehn falls within the terms of the twenty-fourth article of the capitulation entered into with the aforementioned regiment, and by no means in that of the 26th article of the same capitulation, and that they have consequently granted to him, von Dehn, to be conveyed to the Netherlands with one of the Company's ships departing in the coming month of January, free of transport and board money, and this with retention of his wages and emoluments as Major, commencing on the day that he was effectively appointed here in that capacity, and to end on the day of his arrival in the aforementioned Netherlands, while the petitioner's further or other request has been rejected. It is therefore considered that the aforementioned Major von Dehn is already directly informed by Their Right Honorables themselves through an extract from their resolutions of the aforementioned disposition taken with respect to him, in order to conduct himself accordingly, and the pay bookkeeper now only needs to be instructed in this manner, in order to cause the aforementioned resolution of the Lords Commissioners General to take effect in its entirety, approved and consequently resolved to inform the said pay bookkeeper, by extract of this resolution, of all that has been written above, and therewith to recommend and order the same, as the pay bookkeeper is expressly recommended and ordered hereby, to take the necessary care that the prompt and literal execution of the orders of the Lords Commissioners General mentioned above shall not fail. 2490. 2491. Whereupon it was understood, upon delivering an extract from the same letter, to order the pay bookkeeper to ensure that the dispositions described therein are literally complied with. While having dealt with two other letters dated 25 September and 2 October sent to this Council as above. It was approved to dispatch the prepared rescripts. Furthermore, upon resumption of a fifth letter from Their Right Honorables, whereby they to regulate the payment of freight according to the price that 2000 lb of wool will fetch upon sale in the Netherlands. Subsequently, having deliberated upon resumption on the contents of two earlier received letters from Their Right Honorables dated 25 September and 2 October 1792, the one requesting the Council's considerations whether and to what extent, in the present oppressive circumstances in which the Company finds itself, the number and expenses of the servants could be reduced and brought back to the level at which they were in the year 1768/9, and the other the report of this government on two petitions presented to Their Right Honorables, both by the Landdrost of the Colony of Swellendam, Anthony Alexander Faure, and the former general lessee of the Cape table wines, the citizen Sebastiaan Rothman: It was thereupon, after proper comparison of the present assessment maintained in this Government with that used in the aforementioned year of 1768/9, and review of such dispositions as have already been taken by this Council with respect to the points on which the petitions of the aforementioned Landdrost Faure and Citizen Rothman turn, approved and understood to reply to the same letters in such manner as the respectful rescripts adopted today indicate. Then, noted from a fifth letter from the Lords Commissioners General dated 4 of this month, together with an attached extract of the resolutions which Their Right Honorables were pleased to enclose on the request of A: de Smidt.

Dutch transcription

24:88. 2489. Nadire lecture eener Missive van meer hoogstged: H6 H: C C: GG: aanden raad genhreeven, over de dispositie omtrent de Major von Dehn, bij hoog deselve genomen. van meerhoogste gedagte Heeren Commis= sarissen Generaal ten bylage hebbende een Extract uit Hoogstderzelver Reso= lutien, hiervooren aangehaald, tot welkers lectuure men vervolgens is geprocedeerd, is komen te blyken dat haar hoogedelheedens gedis= poneerd hebbende op een door den Major van bij 't Regiment van Wier¬ temberg B. W. von Dheer aan hoogh dezelve gepresenteerd request, mits= gaders op het geen door deezen Praa= de by haare onderdanige Letteren van den 18 July laatstl. betrekkelyk voorsz. Major von Dhen aan haar hoogEdelheedens ingediend hebben goed gevonden en verstaan te verkla= ren, dat gedachten Major van Dhen valt in de termen van het vier en twintigste articul der Capitulatie met het voorsr. Regiment aange= gaan, en gezints in de van 't 26 ar= ticul derzelver Capitulatie, en dat hoogst dezelve mitsdien aan hem &op Dhen hebben geäccordeerd, om met een der in de Maand Panu= arig aanstaande vertrekkende 's Compagnies scheepen vrij van Transport en kostgeld te worden overgevoerd naar Neder= land, en zulks met behoud zyner ga= gien en emolumenten als Major, in= gaande met den dag, dat hy alhier in die qualiteit effective is aange= steld; en zullende eindigen met den dag zyner aankomst in Nederland voornoemd, terwyl des suppte. verder ofte ander verzoek is geweezen van de hand: Is dierhalven geconside= reed voorm. Majoor von Dhen zich bereids directe door Haar Hoogedelhee„ dens zelve by een Extract uit hoogst= derzelver Resolutien geinformeerd bevindt, van voorsz. , ten zynen opzich= te genomene dispositie, om zich daar na te gedraagen, en den soldyboek= houder hiervan nu maar inzelver dienen te voegen zal worden onderricht, om het voorsz. besluit van heeren Com= missarissen Generaal in deszelfs ganschen zamenhang te doen effect sorteeren, goedgevonden en dien= volgens beslooten, aan gem. soldij= arij boek= 2490. 2491. Waaromtrend is verstaan bij afgave van Extract uit deselve Missive „den soldij boekhouder te gelasten „te zorgen, dat aan de daarby omschree„ 3 ven beschikkingen letterlyk werde voldaan. Terwyl over nog twee andere missivens ondr datio 25 7:t en 2 d:n als voren aan deezen raade ingezonden gebe„ soigneerd zynde. - Is goedgevonden de bezij„ den gem: rescriptien te doen afgaan. zynde wyders by resumptie eener vijfde Missive van hun Hoog Edelhedens waarbij de„ omde betaling van vragt te reguleeren na de prijs die 2000 lb wol bij verkoop in Nederland zullen komen op te willigen boekhouder, by Extract van dit besluit, van al het gunt voorschreeven is kennisse te doen draagen, en denzelven daarbij te recommandeeren en te gelasten, gelyk hem soldij Boekhouder wel expresselyk gerecommandeerd ende gelast werd by deezen, de noodige zorge te draagen, dat aan de prompte en letterlyke executie der beveelen van heeren Commissaris= sen generaal hierboven gem. niet kome te ontbreeken Vervolgens by resumptie gedelibe= reerd zinde over den inhoude van twee vroegere ontvangene brieven van haar Hoogedelheedens gedateerd 25 September en 2 October 1792, requirae= rende de eene 's Raads Consideratien, of ende in hoe verre in de praesente drukkende omstandigheeden, waar= in zich de Maatschappen bevindt, het getaal en kostende der Dienaren zoude kunnen werden gereduceerd, en terug gebragt op den voet, zo als hetzelve zich bevondt in den Iaare 1763/9 - en de andere het bericht deezer Regeering op twee requesten aan Haar Dan aangemerkt uit eene vyfte Missive van heeren Commissarissen zelve op 't versoek van A: de smidt Generaal de dato 4 deezer, mitsg=s een daarby gevoegd Extract der Be= werpen hebben gelieven in te sluiten by haar Hoogedelheedens HoogEdelheedens, zo door den Landdrost der Colonie Lovellendam, Anthony Alexander Paure, als den gewezen generaalen pagter der Kaapsche koele wynen, den Burger Sebastiaan Roth= man, gepresenteerd: Is daarop naa behoorlyke confrontatie van den tegens= woordigen ommeslag in dit Gouverne= ment aangehouden werdende, met die waarvan men zich in voorsr. Iaare van 176 8/9 heeft bediend gehad, en her= zien van zodanige dispositiën, als met opzicht tot de poincten, waarover de re= questen van voorsr. Landdrost Faure en Burger Rothman komen te rouleeren by deezen Raade bereids zyn genomen goedgevonden en verstaan op dezelve Missives, zoo en in diervoegen te rescri= beeren, als de heden gearresteerd eerbiedi= gerescriptiën zulks komen aan te wei= zen. Hoog= ten

NL-HaNA_1.04.02_4357_0445 view scan ↗

English

2492. 2493 It was decided to notify the trade bookkeeper so that he can regulate himself accordingly upon the embarkation of the aforementioned wool. From a report by those specially commissioned for this purpose, it was found that the sheet anchor cable of the ship de Constitutie is completely unfit. — taken on the same day, it was further established that Their High Noble Excellencies had in the meantime, upon the written petition submitted by Abraham de Smit to be allowed to ship a parcel of 2000 lb. of wool—which he has collected and prepared from local sheep with great effort and expense—in 5 bales on the Company's ship de Constitutie to the Netherlands, with the consideration that since the aforementioned wool is intended merely as a trial to see whether it could be useful for the manufactures there, the freight might not be regulated by volume or weight, but in proportion to the price it might fetch upon sale in the Netherlands: have decided to permit the said de Smit to send the aforementioned five bales of wool or sheep hair by the first suitable opportunity on the Company's ships to the Netherlands, and to propose the aforementioned request of the said de Smit to the Illustrious Assembly of the Seventeen, that the freight may be regulated according to the price the aforementioned wool will fetch: Thus, as the Council is hereby informed of the intention of Their High Noble Excellencies that the freight of the aforementioned 5 bales of wool shall not be collected here, but remain remitted to the disposition of the High Governing Lords Masters to be paid in the Fatherland, it was decided to notify the trade bookkeeper of these matters in order that he may regulate himself accordingly upon the embarkation of the aforementioned wool. Furthermore, after prior notification by the aforementioned Lord Commander that several days ago a report had been received by His Honor from the officers of the ship de Constitutie lying in the roadstead that a defect had occurred in the sheet anchor cable of the same, a written report of an inspection thereof being produced by the Sea Captains, it appeared that 2494. 2495: It was decided to have the same written off in the trade books and to order the Master of Equipment to supply that ship with a new sheet anchor cable. Likewise to enter the prepared 5000 paper coins into the trade books of this Government according to custom. provided by the Sea Captains Willem Uldemans Junior and Nicolaas Acker; who, by order of the Lord Commander, owing to the indisposition of Captain Christiaan de Cerff, in the presence of the Lieutenant of the aforementioned vessel, I. C. Winterheim, and before the Master of Equipment, Cornelis Cornelisz, have inspected the said cable, from which report it appears that over a length of forty fathoms the yarns of the aforementioned sheet anchor cable were found to be completely burst, and the said cable is therefore completely unfit and unusable for the purpose for which it was destined: it was consequently decided to have the said cable found to be unfit disembarked, in order that, after being written off in the trade books, it may be furnished for the Company's general use here for such purposes as it may still be employed for, and in the meantime to authorize and order the aforementioned Master of Equipment, Cornelis Cornelisz, as he is authorized and ordered hereby, to furnish a new sheet anchor cable from the stock of the warehouses to the aforementioned cited ship de Constitutie. Furthermore, from a report submitted by the commissioners for the signing of the paper coins of 6 stivers, it being seen that the 5000 pieces of the aforementioned value, the manufacture of which was resolved by decree of 21 August of this year, have now all been made ready: It was therefore decided to enter the said 5000 paper coins of 6 stivers now ready into the aforementioned trade books for a sum of Six hundred twenty-five Rixdollars, to be subsequently transferred in the usual manner into the petty cash, to serve for the daily expenditures. —

Dutch transcription

2492. 2493 Vertaan den Negotig overdra„ verstendigen om bij 't embarqueeren van 't voorsz: wol, zig daarna te kunnen reguleeren. Uit een bericht van daartoe expres gecommitteerd geweest zijnde 4 6 plegttouw van 't schip de Constitutie geheel onbequaam is bevonden. — ten zelven dage genomen, wyders is ko= men te consteeren, dat Hoogst dezelve intusschen op 't inscriptie gedaan sup= blicq van Abraham de Smit, om eene partij van 2000 lb. wol; hetwelk hij met veel moeite en kosten heeft doen verzamelen en beryden van hier= landsche schaapen in 5 Baalen te mogen aflaaden met 's Comp=s schip de Constitutie naar Nederland, mitsg=s, dat uit aanmerking, dat voorsz. wol slechts tot eene preuve is bestemd, of voor de Pabricquen aldaar dienstig zoude kunnen zyn, de vracht niet mogte werden gereguleerd naar de volume of gewigt, maar in even= reedigheid der prys, die dezelve bij verkoop in Nederland zoude mogen opbrengen: hebben beslooten aan gem. de Smit te permitteeren de voorsz. Vyf Baalen Wol of hair van Schaapen by eerste bekwaame geleegenheid met 's Comps. scheepen te verzenden naar Nederland, en aan de Ilastre Vergadering van Zee ventienen voor te draagen het voorsr. Wijders door voorm. Heere Ge= zaghebber naa proálabele te kennen= Zee Capitains gebleeken zynde dat geeving, dat voor eenige dagen bij zyn Ed. van wegens de overheeden van het ter Rhede liggend schip, de Constitutie, Rapport was ontvan¬ gen, dat zich eenig manquement kwam voor te doen aan 't Slegt-Touw dierkiel, geproduceerd zynde een schriftelyk berieht bezicht, diendwegen verzoek van hem de Smit, dat de vracht mag werden gereguleerd na de prys dier voorsz. Wol zal mogen opbrengen: Zoo is, alzo den Raade hierdoor is ge= gen van Eerten hiervan te doen informeerd van Haar Hoogedelhee= dens intentie, dat de vracht van voorsz. 5 Baalen Wol alhier niet zal moeten werden ingevorderd, maar ter dispo= sitie der Hooggebiedende Heeren Meesteren geremitteerd bleeven, om in 't Vaderland te werden voldaan, verstaan, van dit een en ander den Negotie overdraager te doen verstendi= gen, ten einde zich bij 't embarquee= ren van voorsz. Wol daarna te regu= ver= ver= leeren 2494. 2495: Te beslooten 't zelve by de negotie boe„ ken te doen afschryven, en den Equipa ge„ meester te gelasten dat schip van Mitig„s de ingereedheid ge„ bragte 5000 papiere munt„ gebruijk by de negotie boe„ te doen inneemen. verleend door de Capityns ter Zee Willem Uldemans Junior en Nicolaas Acker; dewelke op ordre van hem Heere Gezagheb= ber het gemelde Touw, mits indis= positie van den Capityn Christiaan de Cerff, ter presentie van den Lui= tenant van meerm: bodem, I. C. Winterheim, ten overstaan des Equipagiemeesters, Cornelis Cornelisz gevisiteerd hebben gehad, uit welk bericht bleikt, dat van het voorsz: plegttouw, ter lengte van veertig vademen, de garens ten eenmaa= le afgesprongen, zynde bevonden, het gem. Touw dierhalven ook tot het oogmerk, waartoe gedisti= neerd is geheel onbekwaam en onbruikbaar komt te we= zen: zoo is mits dien verstaan het gem. onbekwaam bevonden een nieuw plegt Touw te voor„ Touw te doen ontscheepen, ten einde by de Negotie boeken af= geschreeven zynde voor 's Comps. ommeslag alhier verstrekt te wer= tot zodanige eindens, als waar= toe waartoe hetzelve als nog zal kunnen werden geëmployeerd, en intusschen de voorsz. Equipagiemeester, Cornelis Corne= lisz, te qualificeeren ende te gelasten, gelyk denzelven gequalificeerd ende gelast werd by deezen, uit den voor= raad der Maguazynen, aan het voorn. citeerd Schip de Constitutie een nieuw Slegttouw te verstrekken. Voorts uit een ingediend Rap„ port van gecommitteerdens tot het te= kenen der papiere muntstukken van stukken van 6 ft: volgens stuyvers gezien zynde, dat de ken deses Gouvernements 5000 stukken van voorsz. waarde, tot welkers vervaardiging by besluit van den 21 Aug=s deezes Iaars is geresol„ veerd, tans alle in gereedheid zyn ge¬ bragt: Is dierhalven beslooten, de „zelve zich gereed bevindende 5000 papiere muntstukken van 6 stuij= vers bij voorsz: Negotieboeken met eene somma van Zes honderd vyf en twintig Ryksd=rs te doen in neemen, om vervolgens op de gebruikelyke wyze, in de klyne Cassa overgebragt zynde, zo tot den dagelykschen uit= toe gaaf zien. —

NL-HaNA_1.04.02_4357_0447 view scan ↗

English

2496 2497. considering that the embarrassment in which one constantly finds oneself regarding small change must primarily be attributed to the poor quality of the cardboard on which it is stamped, it has been approved to have the besides mentioned pieces of 2, 3, 4, and 5 Rds. prepared on the newly imported cardboard and to have them signed by commissioners expressly appointed for that purpose, to be used for expenditure as well as for the exchange of worn-out paper money of the same value. However, since it is experienced that there is constantly a shortage for these exchanges and expenditures of small change, caused by the fact that the paper on which it must be stamped in the absence of anything better becomes unusable in a very short time through handling, and at present many pieces of 2, 3, 4, and 5 Rixdollars stamped on cardboard are also found in circulation which are so soiled and pasted over that one can no longer easily distinguish them from one another, which gives rise to very many malpractices against which one must constantly be on one's guard if one does not wish to be deceived; it has therefore, in order to make the necessary provision regarding both these matters, simultaneously been resolved to have immediately another 5000 paper pieces of six stivers manufactured by the same commissioners who signed the previous ones, and in addition: 4000 pieces of Rds. 2, 4000 pieces of Rds. 3, 3000 pieces of Rds. 4, and 2000 pieces of Rds. 5, to be prepared on the newly imported cardboard, and to request and commission for the signing of these last-mentioned pieces, as are hereby requested and commissioned, the Master of the Cellars, Mr. Jacobus Johannes Lesueur, together with the Junior Merchant and pay-transferer Cornelis Cruywagen, and the Bookkeeper in the Trade Warehouse, Arend de Waal. Meanwhile, upon the representation made by the Commissioners of the Company's Wood Fields, to whom has also been entrusted the oversight regarding the arrangements made, 2498. 2499. Fixed fine against the rooting up of firewood in the field that formerly served as pasture for the Company's cattle. Upon deliberation on the request submitted by the titular Merchant J: F: Kirsten and P:r J: d: Wit regarding the field which formerly served as pasture for the Company's cattle, but has now been ceded under certain conditions and stipulations to some private individuals for their use, that various people, both from here in the Cape and from outside, willfully transgressing the aforesaid arrangements, come to root up wood everywhere in the aforesaid pasture; and thus spoil and destroy the said pasture, it was further resolved against this punishable conduct to set the penalty of One Hundred Rixdollars, to be divided according to custom, to be forfeited by anyone who in his own person, or in that of his servants or slaves, shall be caught proceeding and acting contrary to this, and to give notice of this resolution to the public by publication and affixing of Placards as soon as possible for their information and guidance. After all this, the following petition was read, presented by the former titular Merchant Jan Fredrik Kirsten and the Bookkeeper of the Orphan Chamber on discharged pay, Petrus Johannes de Wit. Right Honourable Sir, Honourable Gentlemen. To the Right Honourable Sir, Johannes Isaac Rhenius, Governor of this Government and its Dependencies, etc., etc., etc., together with the Honourable Council of Policy. The undersigned, your Right Honours' most humble and obedient servants, the titular Merchant and former Member of the Honourable Council of Justice, Jan 2500. 2501. Fredrik Kirsten, and the former Bookkeeper at the Orphan Chamber, Petrus Johannes de Wit, hereby express to your Right Honours their due thanks for the Extract Letter granted to them, written by the Right Honourable Lords Directors in the Illustrious Assembly of the 17 to the Governor and Council of this place, dated 22 December 1791; they simultaneously make known that the petitioners have learned, to their greatest satisfaction, of the pleasure expressed by the Lords Major regarding their petitioners' conduct and demonstrated selflessness, with the authorization given to your Right Honours to pay their petitioners the entire agreed sum of Rds. 1800, or else only to reimburse the advanced moneys. The petitioners repeatedly declare to your Right Honours that profit or self-interest were never the motives that spurred them to heave off the beach the stranded little ship, the Helena Louisa, but that the interest of the Honourable Company alone was the object of their actions; that they consequently never contracted for a round sum of 1800 rixdollars, but only for the reimbursement of their advanced moneys; but that the Honourable Council Members, Lesueur and van Reede van Oudtshoorn, who as commissioned members from your Right Honours' illustrious assembly were present at the contracting, persuaded the undersigned to state at how much they estimated the expenses, upon which the sum of Rds.

Dutch transcription

2496 2497. bij overweeging dat de verlegend„ heid, waarin men zig altoos aan klyngeld komt te bevinden voorna„ mentlyk moet toegeschreven werden aan de slegte hoedanigheid van 't Car„ ton waarop 't zelve is gestempeld Is goedgevonden de bezyden gem stukken van 2. 3. 4 en 5 rd:s op 't nieuw aangebragte Carton te doen toestellen en door expresse daartoe benoemde gecommitt„s te laten teekenen uitgaaf, als ter inwisseling van 't versleetene papiere geld van de= zelfde waarde te werden aange= wend. Maar naadien ondervonden word, dat tot deeze inwisselingen en uit= gaaven van klyn geld als toos ge= brek is, veroorzaakt doordien het papier, waarop hetzelve bij ont= stentenis van iets beters gestem= peld moet werden in zeer kor= ten tid door 't behandelen on= bruikbaar komt te geraaken en tegenswoordig ook veele stukken van 2; 3, 4 en 5 Ryksd=s op Car= toen geslaagen in roulance wer= den gevonden, die dermaaten bemorst en beplakt zyn, dat men dezelve niet wel meer van den anderen weet te onderschij= den, het welk tot zeer veele prac„ ticquen aanlyding ee waarvoor men zich gestaadig op deszelfs hoede houden moet, wil men niet worden bedroogen; zoo is, om nopens dit een en ander de noodige voorzieninge te doen teffens geresolveerd, nochmaals dadelyk 5000 andere papiere stukken van ses stuij= vers door dezelfde gecommitteerdens, die de voorige getekend hebben, te laa= ten vervaardigen, en daarbenevens 4000 p=s van Rd=s 2, 4000 „ „ 3000 „ „ „ 4 en 2000 Op het nieuw aangebragt carton te doen toestellen, en tot het tekenen deezer laatstgem. stukken te verzoe= ken en te committeeren, gelyk verzocht en gecommitteerd werden mits deezen den Heere Keldermee= ster, Mr. Jacobus Johannes Lesueur mitsg=s den Onderkoopman en soldij overdraager Cornelis Cruywagen en den Boekhouder in 't Negotie= pakhuis Arend de Waal Middelerwijlen is op het te kennen geeven van Heeren Commissarissen van 's Comps Houtvelden, aan wien teffens is opgedraagen de toeverzicht nopens de gemaakte schikkingen, „ „ de om= „ „ 5. 3, 2498. 2499. Gestelde boete tegens 't roeijen van brandhout in het veld, dat wel„ eer terwijding voor s Comp: vee heeft gediend gehad. — Bij deliberatie op 't regieert door „ oakroband Koopman I: F: Keriten en p:r J: d: Wit ingediend omtrent het veld, hetwelk wel eer ter wyding van 's Comp=s vee heeft gediend gehad, doch tans onder- zekere bedingen en bepaalingen aan eenige particulieren ten ge„ bruik is gecedeerd geworden, dat verschydene Lieden, zo hier uit de Kaap als van buiten de voorsz. schikkingen moedwillig overschree= dende in de voorsz. wyde alom komen hout te roijen; en dezel= ve wyde alzo te bederven, en te verdistruceeren, alverder beslooten tegens dit strafwaardig gedoente te stellen de poenaliteit van Een honderd Rijksd=, om â usu verdeeld te worden, te verbeuren door een ieder die in eigner per= zoon, dan wel in deszelfs & negts ofte slaaven agterhaald werden, zal hiertegen verder aan te gaan en te handelen, en van dit ge= arresteerde aan 't publiek bij Publicatie en affexcie van Placaa¬ aan t Publicq ten, hoe eer zo liever kennisse te doen geeven ter haarer in= De ondergetekendes uwe Wel= Edel Achtb. onderdanigste en ge- hoorzaame Dienaaren, den Koop= man titulair en Oudlid in den E. Achtb. Raad van Justitie, Ian Wel Edele Achtbaare Heer E. E. Achtbaare Heeren. Aan den Wel Edelen Achtb. Heere, Johannes Isaac Phenius, Gezaghebber deezes Gouvernements en den Ressorte van dien, &a &a. &a. benevens den E. Achtb. Politieken Raad formatie en naricht. Naa welk een en ander is geleezen het onderstaande request, door den Oudkoopman Titulair, Jan Fredrik Kirsten en den onderafgeschreevene gagie gestelden Boekhouder der Weeskamer, Petrus Iohannes de Wit gepresenteerd. for¬ Pre= 2500. 2501. Fredik Kersten, en den Oudboek houder ter Weeskamer Petrus Johannes de Wit, betuigen U Wel Ed Achtb. bij deezen hun= nen schuldigen dank, voor de aan hun verleende Extract Missive, geschreeven door de Wel Ed Hoog Achtb. Heeren Be= windhebberen, ter Illustre ver= gadering van 17=en, aan den Gouverneur en Raad deezer plaatze de dato 22=n Decem= ber 1791; geeven teffens te kennen, dat zij supplianten tot hunne grootste satisfactie hebben mogen ontwaaren het genoegen het geen de Heeren Majores betuigd hebben, over hun supp=lns gehouden gedrag en betoonde belangloosheid, met qualificatie, aan U Wel Edel Achtb. , aan hun seepplter te laaten voldoen, de geheele bedongene somme van Rd=s 1800 — dan wel alleen de uitgeschotene penningen te restitueeren De suppten. betuigen U Wel Ed. Achtb. bij herhaaling, dat nim= mer eenig voordeel of eigenbelang de dreifveeren waren, die hun hebben aangespoord, het gestrand scheepje, de Helena Louisa, van strand te winden, maar dat het belang der E. Compie alleen het but hunner handelingen zyn geweest, dat zy dus nimmer eene ronde somma van ryks¬ daalders 1800 hebben gecontrac= teerd, maar alleen het rembour= sement hunner uitgeschoo= tene penningen, dan dat de E. Achtb. Heeren Raadsleden, Lesueur en van Reede van Oudts hoorn, die als gecommitteerde Leden, die uit U Wel Ed. Achtb. Zuisterlyke vergadering tot de aanbesteeding present waren, de ondergetekendens hebben ge= persuadeerd opgaave te doen, op hoeveel zy de onkonsten begroo= teden waarop de somma van te rd=s.

NL-HaNA_1.04.02_4357_0450 view scan ↗

English

Rds 1800 has been mentioned. The petitioners further declare that they are no longer able to give an exact account of the sum they have advanced for that work, since during the period of 27 months that this matter has been pending, the petitioners' account (which, instead of a reward, has not only been overwhelmed and entangled by unpleasant prosecutions and lawsuits, but also because of the appointed Captain as well as otherwise, through which the work of hauling up was delayed for two days and nights, consequently causing them to incur such additional expenses, to which could also be added the accrued interest from the day of the hauling up until the day of payment etc. etc.) has become so burdened that it, if not surpasses, at least equals the sum of Rds 1800, wherefore they request that this sum may be paid to them, after deduction, however, of the cost of: 3 pieces of shrouds of 6 inches, 3 iron hawsers of 12 threads, 2 teak capstan bars, goods that were supplied to them from the Company's warehouses. The undersigned find themselves at the same time compelled to inform Your Honorable Worships that, being at that time in the Company's service, from which they subsequently retired (with the declaration, however, that they nevertheless remain at all times ready to serve the Honorable Company, wherever and whenever such might be required), they had thought that a reward would have been the result of their conduct in this matter, but to their bitterest sorrow have had to experience the contrary, since the Independent Fiscal Van Lynden van Blitterswyk has seen fit to involve the first-signed in a criminal trial, defamatory to him and his family, as if he had been guilty of atrocious verbal insults against the Master of the Equipage Cornelis Cornelissen, when he, in looking after the Company's interest, got into an altercation with the latter concerning the dispute he raised about the visibility of the keel, and the petitioners having acted in one and the same matter, regard this lawsuit as virtually directed against them both. The Council of Justice of this Place has indeed rendered a verdict on that lawsuit, whereby the Fiscal's claim was dismissed and he was condemned in the costs; however, the same was subsequently sent in appeal to Batavia. Although the first petitioner won the lawsuit here, it is nevertheless not impossible that the Honorable Council of Justice at Batavia might come to render another verdict, whereby they, being defeated, the costs would run so high that the petitioners, far from being rewarded, would see themselves ruined. Reasons why they turn in all deference to Your Honorable Worships with the most humble request to acquit the undersigned from further costs, all the more since the Lords Majors, in the aforementioned Missive in §52, the last clause, declare the difficulties to have been intentionally exaggerated and cannot refrain from the suspicion that there were motives for which the Company's interest was subordinated. Wherefore they also rest in the confidence that Your Honorable Worships will be pleased to grant the petitioners such a marginal order whereby this lawsuit, as well as the affairs of the small vessel Helena Louisa, may finally come to an end. Which doing etc. Was signed: J. F. Kirsten and P. P. de Wit. Upon which petition, having been carefully considered and taken into consideration that the Council, pursuant to the authorization obtained from the High Commanding Lords Masters, is indeed authorized to validate to the petitioners the sum for which they undertook the hauling up of the small vessel Helena Louisa, but on the other hand in no way has the authority to grant the petitioners' further or other request: It was therefore approved and consequently resolved to fully accord to the aforesaid petitioners the payment of the stipulated contract money in the sum of eighteen hundred rix-dollars, and no more, provided however that from the aforesaid sum of Rds 1800, according to the tenor of the conditions of the tender, shall first be deducted and withheld the cost of: 3 pieces of shrouds of 6 inches, 3 iron hawsers of 12 threads, and 2 teak capstan bars, and of such other goods as shall furthermore be found to have been supplied and delivered to the petitioners from the Company's warehouses. Now also brought to the Table being the Report submitted some time ago by the Landdrost and Heemraden of Swellendam concerning the further accounting by the former Landdrost Onkruyd regarding his administration there, and since then examined by the respective Gentlemen Members.

Dutch transcription

2502. 2502. rd=s 1800- is genoemd geworden. De suppten. betuigen wyders, dat zij tans niet meer in staat zijn, exacte opgaave te doen, op hoeveel de somma zoude beloo= pen, die zy tot dat werk het= ben uitgeschooten, vermits ge= durende den tyd van 27 Maan= den, dat deeze zaak heeft ge= hangen, der suepten rekening (:die in steede van belooning niet alleen door onaangenaa„ me vervolging en processen zyn overhoopt en ingewik= keld geworden, maar ook door den gemaakte Capityn als an= derzints, waar door het werk van het ofwinden twee Et= maalen is opgehouden gewor= den, vervolgens zulke extra kosten meer hebben moeten doen, waarbij nog zoude kun= nen worden berekend de ver= loopene intrest, geduurende den dag der afwinding, tot den betaaldag toe &=a D=a /: zid= zodanig is bezwaard geworden, dat het de somma van Rd=s 1800:— zo al niet surpasseerd ten minsten equaliseerd, weshalven zij ver¬ zoeken, dat deeze somma aan hun mag werden voldaan, naa aftrek evenwel van het kosten de van 3 p=s want van 6 d=m:, 3 „ ijzer trossen van 12 paar, 2 „ Iatij windboomen Goederen die hun uits Comp=e Maguazynen zyn verstrekt geworden De ondergetekendens vinden zich teffens genooddrongen U Wel Ed: Achtb: te kennen te gee= ven, dat zil. in dien tyd in 's Comp=s dienst zynde, waaruit zij bij vervolg van tijd zich hebben geretireerd /: met betuiging ech= ter dat zij des niet te min ten allen tyde des ten dienste der E. Compie bereid zijn, waar en wan= neer zulks mogte worden gerequi= reerd:/ gedacht hadden, dat be„ da= loo= 2504. 2505. looning het gevolg van hun gedragen in deezen zoude zyn geweest, maar tot kunnen bittersten smert, het tegendeel hebben moeten onder- vinden, vermits de Heer in= dependent Fiscaal van Lynden van Blitterswyk heeft kunnen goedvinden den eergetekende in„ eene voor hem en deszelfs Pa= mille fletrisant crimineel pro= ces te betrekken, quasi als of hij zich hadde schuldig ge= maakt aan attrose verbale injuriën tegens den Equipagie= meester Cornelis Cornelissen wanneer dezelve met laatst= gem. wegens de door hem ge¬ maakte Capityn over de zigt= baarheid van de kiel, 's Comp=s belang behartigende, in woorde wisseling was geraakt, en de suppten. in eene en dezelfde zaak geägeerd hebbende dit proces als het waare aanmer= ken aan hun beiden gedaan. Den Raad van Justitie deezer Plaatze heeft op dat proces wel is waar„ een vonnis geslaagen, waarby den Fiscaal zyn Eisch werd ontzegt, en gecondemneerd in de kosten doch is hetzelve vervolgens in ap= pel naar Batavia overgezonden: alhoewel de eerste supp=t het pro= ces alhier heeft gewonnen; zo is het echter niet onmogelyk, dat de Achtb: Raad van Justitie te Ba= tavia een ander vonnis zoude kum= nen komen te slaan, waarbij Zyl. succumbeerende de kosten zo hoog zouden loopen, dat de suppten. ver= af van beloond zich geruineerd, zouden zien. Reedenen waarom zij zich in allen eerbied zyn wendende tot U Wel Ed. Achtb. met ootmoedigst ver= zoek, de ondergetekende voor verdere kosten vry te spreeken te meer, daar de Heeren Majores, by hoogstgem. Missive bij §52 het laatste lid, de= clareeren de zwaarigheeden opzet= telyk te zyn vergroot, en zich niet kunnen onthouden van de verden= Plaat= king 2506. 2507. Is verstaan aan de Suppltn. te doen valideerende som van 't scheepje de Helena dog navolgens den keneur der Con„ detien van aanbesteding aanvan„ telyk te laten de corteeren 't be„ dragen van zodanige articulen als aan hun tot tt voorsz: werk uit 's Comp: magazijnen zin verstrekt en bygezet geworden. bij lecture van een rapport van Zwellendam ingezonden woording door den oud Land„ droot onkruyd nopens dei„ aan hun gedaan. king, dat er inzigten zyn geweest, waarvoor men 's Comps belang heeft willen doen agterstaan Weshalven zy ook in het vertrou= wen verseeren, dat U Wel Ed. Achtb. de suppten. zodanig appostil zul= len gelieven te verleenen, waardoor dit proces zowel, als de zaaken van 't scheepje, de Helena Louisa, eindelijk een einde mogen nee= men /:onderstond:/ 't Welk doende & a /:was getekend:/ I. F. Kirsten en P. P. de Wit. Over welk request met attentie gebe„ soigneerd en in consideratie geno= men zynde, dat den Raade inge= volge de geöbtineerde qualificatie der Hooggebiedende Heeren Meesteren wel vermag aan de suppten te vali= deeren de som, waarvoor zij 't af= winden van 't scheepje, de Helena Louisa, hebben aangenomen; doch daarentegen geenzints de bevoegd= heid heeft, aan der suppten. verder of ander verzoek te defereeren: Is dier„ halven goedgevonden en dienvolgens beslooten aan voorsz. suppten. een voie= waar voor zij 't afwinden van diglyk te accordeeren de voldoening Louisa hebben aangenomen der bedongene aanneemings pen„ ningen, ter somma van Agttien hondert ryks dl, zonder meer, zo nochtans dat van voorsz: somme van rd=s 1800 naar den teneur der conditiën van aanbesteeding aan= vankelyk zal moeten werden ge= decorteerd en afgehouden het kose tende van 3 p=s: want van 6 d=m; 3 „ yzer trossen van 12 paar, en 2 „ Iatywindboomen, en van zodanige andere andere goe¬ deren, als bovensdien nog aan de suppten. uit 's Comp=s maguazij= bevonden nen zullen werden verstrekt en bygezet te zyn Tans mede ter Tavel gebragt zyn door Landdroot en Hteemraden de het Rapport door Landdrost en omtrend de nadere verant„ Heemraaden van Zwettendam zelfs administratie aldaar voor eenigen tyd ingezonden en 't zedert by respective Heeren of Le= gehad.

NL-HaNA_1.04.02_4357_0453 view scan ↗

English

Whereupon, in order to provide, alongside the aforementioned respectful presentation of the documents received concerning this matter to the Lords Commissioners General, a simple statement of everything having any relation to this case, it was circulated to the Members of the Council. And upon reading from that Report, it having appeared that although the aforementioned former Landdrost Onkruyt, in order to comply with the resolution of this Council of 27 April 1790, attempted to give further clarification and justification regarding such matters as had appeared either obscure or unauthorized, and to that end has alleged in various points a careless handling of affairs by the then Secretary Blankenstein, to whom, upon leaving the office of Landdrost by order of this Government, he was supposed to have handed over all the colony's effects in a proper state, this nevertheless detracted nothing from the responsibility of him, Onkruyt, since, however indisputably certain it is on the one hand that Secretary Blankenstein was obliged to handle affairs concerning his office with the required accuracy, it remains no less beyond dispute on the other hand that it was the duty of him, Landdrost Onkruyt, to watch over this, besides which the negligence of the aforementioned Secretary Blankenstein, now that he is deceased and can no longer defend himself against it, was alleged very untimely. So it is, since the Lords Commissioners General have meanwhile, by a letter dated 18 September last, been pleased to require of this Council a report regarding the reflections which Their High Mightinesses, in the Council's letters to the Assembly of the 17th, wrote that they perceived concerning the aforesaid administration of him, Landdrost Onkruyt, held during his tenure, it is now understood to present humbly to Their High Mightinesses, under submission of the original documents received, a simple statement of everything that has any relation to the aforesaid matter, adding that, since both the so frequently cited Landdrost Onkruyt and the oft-mentioned Secretary Blankenstein have already both been prosecuted for their neglect of duty in discharging the posts entrusted to them by the independent Fiscal, Mr. van Lynden, who has departed from here, and were each sentenced by the Council of Justice on 30 September 1790 to a pecuniary fine, the aforesaid matter might therefore well be regarded as settled. However, since it now still remains to be decided whether and to what extent the mentioned Landdrost Onkruyt ought to be paid what he claims from the Swellendam Colony, being the point regarding which the present Landdrost and Heemraden there await the decision of this Council in their above-mentioned Report, requesting that the unfavorable circumstances in which the said Colony presently finds itself be taken into consideration, the Council would therefore, subject to correction, still respectfully be of the opinion that, since this claim of him, Onkruyt, derives its origin from disbursements made for the Colony for the erection of buildings, for which he—whether or not this might have been agreed to by Heemraden—certainly did not find himself authorized by this Council, he ought to have recognized the inability of the Colony to bear the costs thereof, and also that negotiating the necessary funds for its payment would once again have to burden the Colony with interest, which support it was unable to sustain, being already then unable properly to settle the interest on a capital of 22,000 Cape guilders, which is still outstanding at its expense with the Orphan Chamber. Consequently, the mentioned Onkruyt ought to accept that the Landdrost and Heemraden in Swellendam were merely authorized to satisfy the said claim to him, Onkruyt, according as the revenues of the Colony—from which the interest to the Orphan Chamber must first be paid and the necessary ordinary expenses must be borne—shall enable them to do so. With all of which this Council, in the confidence that it will thereby have dutifully satisfied the aforesaid requisition of the Lords Commissioners General, will then also respectfully await such ruling as They shall be pleased to make in this matter, in order subsequently to regulate and conduct itself strictly in accordance therewith. Meanwhile, deliberation having taken place concerning a memorial of justification submitted by the Landdrost of the Colony of Graaff-Reinet, Maurits Herman Otto Woeke, in compliance with the Council's resolutions of 7 and 8 September last, both concerning the complaints brought against him by the Consistory of the Reformed Congregation here, as well as by some Heemraden and Military Officers of that district, and on account of his shown disobedience to the orders of this Government and of the Council of Justice, having come to justify himself by a written memorial, equipped with six annexes; and the said defense, after also having been sent to the Members of the Council for perusal,

Dutch transcription

2508. 2509. Waarop om nevens gem: ree„ bieding van de derwegens ont„ aan 11 H C: C: G q: een eenvou„ dig expose van al 't geen tot deese zaak eenige betrekking heeft te suppediteeren Leden des Raads in rondleezinge georeest. En bij lectuure uit dat Rapport zynde komen te bleiken, dat of welgem: Oudlanddrost On= kruyt, om aan de resolutie deezes Raads van den 27 April 1790 te voldoen nadere opheldering en verantwoording heeft trach= ten te geeven van zodanige Zaa¬ ken, die of duister of ongequali= ficeerd waren voorgekomen, en daartoe omtrent onderschydene poincten eene slordige behanden ling van zaaken by den toen= maaligen Secretaris Blanken= stem komt voor te wenden, aan wien hij bij het verlaaten van het Landdrost Ampt op last van deeze Regeering alle de Effecten der Colonie in een be= hoorlyken staat zoude hebben overgegeeven, hier mede noch= tans niets werd afgedaan van de verantwoordelykheid van hem Onkruijt, aangezien hoe zeer het aan den eenen kant onbetwist= baar zeker is, dat de Secretaris Blan= kenstein verplicht is geweest, zaa= ken zyn Ampt concerneerende, met de vereischte accuratesse te behandelen, het aan den anderen kant niet minder buiten contesta= tie bleift, dat het de plicht van hem Landdrost Onkruyt was daarop te waaken, behalven dat de negligentie van den voorm. Se= cretaris Blankenstein, nu denzel„ ven overleeden zynde zich daarop niet meer verantwoorden kan, zeer ontydig werd geallgueerd: Zoo is vermits Heeren Commissa= rissen Generaal, intusschen bij eene deren is goedgedagt, onder aan „ Missive gedateerd den 18 September fangene origineele stukken Jongstl. van deezen Raade hebben gelieven te requireeren bericht no= pens de refectiën, dewelke Haar Hoog= Edelheedens bij 's Raads brieven aan de Vergadering van 17=en geschree= ven hebben, ontwaard op de voorsr. administratie van hem Landdrost Onkruijt, in zijne bediening het ge= 2510. 2519. gehouden, te zyn gevallen, als nu verstaan aan Hoogst dezelve Haar Hoogedelheedens onder aanbie= ding der origineele stukken, on= derdaniglijk een eenvoudig axposé van al, het geen tot voorsz. zaak eenige relatie heeft, te suppeditee= ren, met byvoeging dat, daar zo wel den zodikwils geciteerden Landdrost Onkruyt, als meerm. Se¬ cretaris Blankenstein bereids beide over derzelver plicht ver= zuym in het waarneemen van de gen. aan hun toevertrouwde Posten door den van hier vertrok= kenen independent Fiscaal den heer van Lynden geactio= neerd, en bij den Raade van Iu= stitie op den 30 September 1790 ieder in eene pecuniëele amen= de verweezen zyn geworden; de voorsz: zaak dierhalven wel zou= de kunnen worden gehouden als gedetermineerd, doch daar tans nog overbleift te beslissen, of en in hoe verre aangem. Landdrost Onkruyt zoude behooren te werden betaald, het geen hij van de Zwellen= damsche Colonie te pretendeeren heeft, als het point zynde, waar= omtrent den tegenswoordigen Land= drost en Heemraaden aldaar bij hun bovengem. Rapport de decissie van dee= zen Raade zyn inwagtende, met verzoek dat daarbij de ongunstige omstandigheeden, waarin gedachte Colonie tans verseert, in aanschouw mag worden genomen, den Raade dierhalven onder Correctie, als nog eerbiediglyk van oordeel zoude zyn, dat vermits deeze pretentie van hem Onkruyt haaren oorspronk ontleent uit verschotten, voor de Colonie ge= daan tot het opzetten van gebouwen„ waartoe hij zich (: of zulks al door Heemraaden mogte weezen toege= wegens stemd:/ altans zekerlyk van deezen Raade niet heeft gequalificeerd ge vonden, dat hij daarbij had behoo= ren in te zien het onvermogen der Colonie, om de kosten daarvan te draagen, en dat ook het negotieeren On= van 2512 2513. Ondertusschen gedelebereerd zynde over eene memorie van Verantwoording door den Landdrost woeke ter voldoening aan s raads reso„ lutie van 7 & 8 Sept: pl: door den gereformeerde ter„ Kinraad alhier als door Heemraden en Krygs officieren van Graaff reinet Jegens den zelven en gebragt van de benoodigde penningen tot dies betaaling de Colonie op 't nieuw in een bezwaar van intressen moeste brengen; welkers support zij onvermogend was, als zynde toen reeds buiten staat de interes- sen behoorlyk te vereffenen op een Capitaal van ƒ. 22'000 kaapsch, dewelke als nog ten haaren lasten bij de Weeskamer zin loopende mitsdien gem: Onkruyt zich zoude behooren te laaten welgen vallen, dat Landdrost en Heem= raaden te Zwellendam slechts wierden gequalificeerd, om de zelve pretentie aan hem Onkruyt te voldoen naar gelange, dat de in= komsten der Colonie, uit welke vooraf de intressen aan de Wees= kamer betaald, en de noodzaa¬ kelyke gewoone onkosten gedraa„ gen moeten worden, hun daartoe in staat zullen stellen. Met welk een en ander deezen Raa= de in 't vertrouwen van de daar¬ mede plichtschuldig aan 't voorsz: Den Landdrost der Colonie Graaff- Rijnet, Maurits Herman Otto Woeke, ter voldoening aan 's Raads resoluti= en van den 7 en 8 der evenafgewee= ingediend, zo over de klagten kene maand September, zich, zo op de klagten door den Kerkenraade, der hervormde gemeente alhier, be= nevens eenige Heemraaden en Krygsofficieren van dat district te= gens hem ingebragt, als wegens zij= ne betoonde ongehoorzaamheid aan de beveelen deezer Regeering en van den Raade van Justitie, bij eene schrijf= telyke memorie, gemunieerd van Zes bijlaagen hebbende komende verant= worden, en dezelve verantwoordinge, na almede bij de Heeren Leden des Raads ter lectuure te zyn gezonden requisit van Heeren Commissarissen Generaal te zullen hebben voldaan, dan ook eerbiediglyk zal verbyden zoda= nige uitspraak, als Hoogst dezelve zullen gelieven goed te vinden, in de= zen te doen, om zich daarna vervol= gens stiptelyk te reguleeren en te gedraagen. re„ ge=

NL-HaNA_1.04.02_4357_0456 view scan ↗

English

been found today upon resumption to be of the following content. To the Right Honorable Johannes Isaac Rhenius, Governor of the Cape Government and its jurisdiction, etc., etc., etc., as well as the Honorable Council of Policy. Right Honorable Sir and Honorable Sirs! Pursuant to the documents and writings filed against the undersigned with Your Honors, which were handed to the undersigned on the 18th of this month in order to answer for himself in writing to Your Honors concerning them, the undersigned, in dutiful obedience to Your Honors' order, has the honor, and with all due respect, to say initially and specifically with regard to the Request with appendices submitted by the Secretary at Graaf Rynet, Honoratius Christiaan David Maynier: Firstly, that the aforesaid Maynier has, far from the truth, brought forward a far-reaching unreasonableness and bad conduct shown to him by the undersigned, and even less, but on the contrary, shown himself to maintain a good harmony with the undersigned, which lasted only about eight months, yet very feigned, and thus no longer than while the undersigned showed said Maynier all possible kindness, and provided and supported him and his family with all necessities, without having the least obligation thereto, even gifting twenty-seven mudden of wheat and flour, providing vegetables, butter, meat, etc., and in all respects showing all friendly conduct toward the more-mentioned Maynier; which, however, was rewarded by the more-mentioned Maynier with the greatest ingratitude and pride: The aforesaid Maynier having further given to know in his request the greatest untruth, namely that the undersigned supposedly deprived him, Maynier, of the lawful means for his livelihood, whereas the said Maynier often sowed so much wheat land in one year from which he harvested two hundred and fifty mudden of wheat; that the more-cited Maynier lived from it with his household for two years, and in addition sold fifty mudden of wheat to his own benefit, whereas the undersigned on the contrary has never yet harvested sufficient bread corn for himself, but has had to purchase thirty or forty mudden of wheat annually, nor has he ever held the view of swallowing everything up, but has found that self-interested people can never obtain enough. 2) As regards the said Maynier's official duties, which he boasts to have performed with all accuracy, the undersigned has had numerous reasons of grievance to point out his negligence to him, and had to correct the offensive expressions used toward the undersigned, the said Maynier being unable to bring forward anything to his favor with the notes sent to him by the undersigned attached to the request under Letters A and B, but much rather indicating that the undersigned came to express that displeasure on account of the behavior kept by the frequently named Maynier toward the undersigned, and as appears from the appendices under No. 15 annexed to the aforementioned request, the more-cited Maynier was warned to refrain from using all offensive expressions to the detriment of the undersigned, while from appendix under Letter C it clearly appears that the undersigned was incensed because of the far-reaching conduct of Maynier, and that he, Maynier, boasts, should not further arrogate to himself the arbitrary disposal of the undersigned's property, having the vegetables taken without permission from the undersigned's garden in a thievish manner, and henceforth refrain from instigating the Bastards to come and complain to him, Maynier, claiming that he would do them justice. 3) That the said Maynier was allegedly continuously mistreated by the undersigned, and the proof that he attempts to bring forward in that regard in the more-mentioned request is entirely false and untrue, for the undersigned, being unable to let himself be irritated any longer by the frequently mentioned Maynier with downright sinister compliments, and because of the delay of many matters pertaining to the meeting; finally had to make known to that same Maynier, who would not listen to any friendly warning, his displeasure over his negligence openly at the meeting in very clear yet proper terms. 4) The getting drunk by the more-mentioned Maynier, which the undersigned allegedly spread about, is not outside the truth, yet the undersigned did not express himself about this until Secretary Maynier, when reviewing some depositions, was almost incapable of reading the depositions, but primarily when that blemish was brought forward by Adriaan van Jaarsveld, Nicolaas Smith, Barend Burger, Gidéon van der Nest, and Andries Adriaan Smit, and the undersigned became convinced of the truth, whereas on the contrary it is untrue that the undersigned was supposedly so intoxicated on 5 August of the past year at the place of Hendrik van der Merve, and on that and other occasions engaged in far-reaching familiarities and whoring; on the contrary, Secretary Maynier

Dutch transcription

2514. 2515. geweest heden bij resumptie van vol= gende inhoud bevonden. Aan den Wel Edelen Achtbaa„ ren Heere, Johannes Isaac Rhenius, Gezaghebber der Kaapochen Gouvernements en den Ressorte van dien &a &a. &a: benevens den Edelen Achtbaaren Raade van Politie Wel Edele Achtbaare Heer! en E. Achtbaare Heeren! Jngevolge de ten lasten van den onder= getekende bij UWel Ed: Achtb=s ingediende stukken en schriftuuren, dewelke aan den ondergetekende sub 18 deezer maand zyn ter handen gesteld, ten einde zich daar over bij U Wel Ed. Achtb=r schriftelyk te verantwoorden, heeft den ondergete= kende ter plichtschuldige obedientie Uwer Wel Ed. Achtb=s demandement de eer, en met allen schuldigen eerbied aanvankelyk en wel ten opzichte van het Request met bijlaagen door den Secretaris te Graaf Rynet, Honoratius Christiaan David Maynier, te zeggen Ten eersten dat evengem. Maynier wel verre besyden de waarheid eene ver„ regaande onreedelykheid en slegte han= delwyze, door den onderg. aan hem beweezen, te borde gebragt, noch minder en ter contrarie, getoond heeft eene goede hermonie met den onder= gelekende te onderhouden, welke niet als omtrent agt maanden, even wel zeer gevynd, heeft geduurd, en dus niet langer als de onderg: aan ged. Maynier alle mogelyke vriendelyk heid beweezen hebbende, en den zel„ ven met zyn hun gezin met al het noodige voorzien en onderhouden heeft, zonder de minste verplichting daar= toe te hebben, zelfs zeven en twintig mudden koorn en meel vereerd, met groente, boter, vlees ch &=a voozien, en in allen deele, ten opzichte des meer„ gem. Maijniers alle vriendelyk een con¬ duite beweezen; dewelke echter door miergem. Maynier met de grootste on= dankbaarheid en trotsheid zyn ge= Se= loond 2516. 2517. loond geworden: Evengem. Maynier alverder in zyn request de grootste on= waarheid te kennen hebbende gegee¬ ven, dat de onderg. hem Maynier de geoorloofde middelen tot zyn bestaan zouden hebben onttrokken, dat dik= wils gem. Maynier in een Iaar zo veel koorn land heeft bezaayd, waar= van hy twee honderd en vyftig mudden koorn heeft gewonnen; dat den meergeciteerd en Maynier twee Jaa= ren 'er met zyne huishouding van heeft geleefd, en daarenboven nog vyftig mudden koorn ten zynen voordeele verkocht, daar den on¬ derg. in tegendeel nog nooit zyn genoegzaam brood koorn heeft gewonnen, maar jaarlyks der= tig of veertig mudden koorn heeft moeten koopen, ook nooit van dat sentiment is, alles in te slokken, maar ondervonden heeft, dat baatzugtige lieden nim= mer genoeg kunnen bekomen 2) Wat der gem. Maijniers ampto¬ plichten betreft, en waarop hij zig roemt dezelve met alle accuratesse te hebben waargenomen, heeft de ondergetekende meenigvuldige reedenen van bezwaar gehad des= zelfs negligence voor oogen te stel= len, en de lesive uitdrukkingen ten opzichte van den ondergete= kende gebezicht, moeten corrigeeren, ged. Maynier met de aan hem door den ondergetekende gezondene billetten bij het request gevoegd onder L=a A en B neits ten zynen faveure kunnen by= brengen, maar veel eér te kennen gee„ ^ dat misnoegen ven dat den ondergetekende wegens dikwerf genoemde Maynier gehouden gedrag nopens den ondergetekende is komen te uiten, en bleikens bylaagen sub No. 15 annex het voorn. request, meergeciteerde Maynier waarschouwd zich van alle lesive uitdrukkingen, ten nadeele van den ondergetekende gebezicht te onthouden, mitsgs= bijlaage sub LaC duidelyk komt te bleiken, dat de onderg. wegens de verregaande handelweyze van Maynier in 't harnasch geraakt, en hij Maijnier roemt zich 2518. 2519. zich niet verder moest arrogeeren over des onderg. goederen wilkeurig te disponeeren, de groentens zonder permissie uit des onderg. Tuyn op eene diefachtige wyze te laaten haalen, en voortaan nate laaten de Bastaards te instigeeren, dat zij by hem Maynier moesten ko= men klagen, dat hy hen regt zou= de doen. 3) dat ged. Maynier by continuatie door den ondergetekende zoude zyn mishandeld, en de preuve die denzelven ten dien opzichte in meergem. request tracht by te bren= gen, is ten eenenmaale valschen onwaar, want den onderg. zich door dikwerf gem. Maynier met franche Sinistre Complimenten niet langer kunnende laaten irri= teeren, en wegens het vertraagen veeler zaaken tot de vergadering specteerende; eindelyk denzelven Maynier, die na geene vriendelyke waarschouwing wilde luisteren, openbaar ter vergaderinge in zeer duidelijke egter behoorlyke termen deszelfs misnoegen over zyne nalaae tigheid moeten te kennen geeven. 4 Het, dronken drinken van meergedachte Maynier, dat den onderg. zoude ge= spargeerd hebben, is niet buiten de waar= heid, evenwel heeft zich den onderg. daarover niet éér uitgelaaten, als toen hij secretaris Maynier by 't recolleeren eeniger verklaaringen, byna buiten staat was de verklaaringen te kun= nen leezen, doch voornaamentlyk die fletrisure door Adriaan van Jaars= veld, Nicolaas Smith, Barend Bur= ger, Gidéon van der Nest, en Andries Adriaan Smit, is toegebragt, en den onderg. van de waarheid overtuigd geworden, daar in tegendeel het on„ waar is, dat de onderg. op den 5 Au= gustus a. p. ter plaatze van Hendrik van der Merve zodanig zoude zyn beschonken geweest, en by die en andere geleegendheeden zich in verre gaande familiariteiten en Htoere„ rijen zoude hebben ingelaaten; au contraire den Secretaris Maijnier dui= de

NL-HaNA_1.04.02_4357_0459 view scan ↗

English

2520. 2521. can endure the most extreme baseness with the Hottentotten and Bastaarden, which expressions, like all others, the undersigned considers to be very grievous and insulting, since the undersigned, being a corpulent person, having ridden hard that day and being affected more by the scorching heat than by four to five small glasses of wine, nevertheless still rode a distance of five hours, so that if, according to the statements of the more mentioned Maynier, he had been totally drunk, he could not have made that journey; whereas on the contrary he, Maynier, sometimes does not know what he is doing at public auctions, and causes all kinds of disorder and confusion, and also out of greed and self-interest displays the most extreme baseness, lets the Hottentotten and Bastaards sit at his place on benches and small stools, drink a cup of tea, and holds all kinds of discourse with them. 5) Regarding the intrigues with Hottentotten, the undersigned has the clearest proof of this, since this took place with Hottentotten in the service of the undersigned, and moreover wanting to incite them to enter into his, Maynier's, service. 6) As to the boasting which the aforementioned Maynier has often brought up concerning his respectable descent and his associating with decent people at the main place, the undersigned believes he stands well equal, if not far above him, and the undersigned can also, with regard to his conduct as Messenger under the Right Honourable Lord de Wet, appeal to His Right Honourable's testimony, of having always demonstrated all vigilance in his service. What the frequently mentioned Maynier brings forward concerning the undersigned's improper conduct towards him, that it is a bitter way of life for him and could drive him to despair, these statements are very dishonourable, and he, Maynier, has 2522. 2523. no one to blame for this but himself and his own conduct, so that the undersigned avoids his company as much as possible, in order to have no fellowship with a Tartuffe, moreover, on account of his intricate and improper conduct and untruthfulness, he also does not deserve to occupy that post of Secretary. 3) And with regard to the claim that he, Maynier, cannot conveniently subsist outside the service of the Honourable Company, finds himself and his family in an impoverished situation, and that it is impossible to live any longer under the indefinite domination of the undersigned, etc., the undersigned must observe that he himself finds himself in fully as straitened circumstances, and must add that he has sacrificed his fortune in the service of the Honourable Company, whereas he, Maynier, on the contrary, makes profits in many sorts of ways with livestock and trade, and instead of attending to his office with all diligence, mainly spends his time, even riding around for two to 3 weeks, trading and pursuing his own interest, so that he does not have so much to complain about, even less about the domination of the undersigned, who does not know in what it consists, unless his, Maynier's, frequently used expressions of just quickly gathering something together and then returning to the main place are to be regarded as domination, since he still seeks to fill his pocket rather nicely; and therefore he is unjustly aggrieved and slanderous concerning the indefinite domination of the undersigned. The undersigned now proceeds to take into consideration the letter from the Reader, Jan de Vries, and must observe in this regard: 1) Never being able to comprehend how it is possible that that man has dared to presume to send the notes sent to him by the undersigned, in which there resides not the slightest harm, together with a tissue of lies, to the Reverend Ministers, and falsely to complain about the 2524. 2525. conduct of the undersigned, as the undersigned has never insulted the same Reader, but rather has shown him, de Vries, beyond any obligation, all possible kindnesses, and can deduce nothing else from the conduct of the just mentioned Reader than that his actions proceed from the instigation of the Secretary Maynier, as is evident from the style of the letters, whereas the more mentioned Reader, upon the friendly requests to change the impropriety of his prayers, will not thereby have been injured in his honour, but will be and remain a subordinate person to the undersigned as the present head of the Colony, the undersigned having involved himself very little with that man and his office, but continually having encouraged the inhabitants to attend religious services. 2) Regarding the second letter of the mentioned Reader, the undersigned must say that it is impossible to understand how the Reader de Vries, without making himself guilty of the greatest slanders, dares to support and present his lying language with a mendacious declaration of Jan Jacobsz, Annexure Lit. A, thus the said Reader also participates in that conduct of many bad inhabitants, yet can never justify his conduct with respect to the undersigned either before God or before Your Right Honourable; the undersigned, however, understanding very well that this was done rashly in order to [illegible] his misconduct and the great public disgrace which he brought upon the undersigned and his household during the religious service, concerning which the undersigned, without and before it was necessary to trouble Your Right Honourable with those complaints, turned to the Reverend Church Council and attempted to settle the matter amicably, but which letter having been handed over to the Right Honourable Lord Commander, the misconduct of the Reader still

Dutch transcription

2520. 2521- „de vergaans te laagheeden met de Hot= tentotten en Bastaarden kan ondergaan„ welke expressiën gelyk alle andere den onderg. voor zeer errbvend en beledigend houdt, wan den onderg. een corpulent mensch zynde, dien dag sterk gereeden en door de bran= dende hitte meer als door vier à vijf glaasjes wyn bevangen geraakt, evenwel nog vyf uuren verre is gereeden, dat als denzelven volgen de gezegdens van meerged. May= nier ten eenenmaale beschonken was geweest, die ryze niet had kun„ nen doen; daar integendeel hij May= nier zomwijlen ter vendutiën niet weet wat hij doet, en allerly die or= dres en verwaaring aanricht, ook om baat- en het zucht halven de vergaanste laagheeden betaont, de Stottentotten en Bastaards ten zynent op banken en Hoof= jes laat zitten, een koopje Thee drinken en allerleij discoursen houdt. 5) de Conkelareyen met Hotten= totten betreffende heeft den onderg. de klaarste de klaarste bleiken van, mits zulks met des onderg. in dienst zynde Hottentotten is geschied, en dezelve nog daarenboven willende oprokkenen, bij hem Maynier in dienst te gaan 6.) den eigenroem, den welken dikwils gem. Maynier omtrent zyne honette afkomst, en het verkeeren aan de Hoofdplaatse met fatzoenlijke lieden is komen aan te haalen, denkt den onderg. wel ruim gelyk hoe niet ver= re boven denzelven te staan, en kan zich den onderg. mede wegens deszelfs gedrag als Bode onder den Wel Edelen Achtb. Heere de Wet gestaan te hebben, op zijn Wel Ed. Achtb: getuigenis beroe= pen, van altoos alle vigilantie in zyn dienst beweezen te hebben. Het geen meermaalengen. Maynier bij brengt wegens des onderg=z nopens hem onbetamelyk gedrag, voor den= zelven eene bittere leevenswyze te zyn, en tot disperatie zoude kunnen wer= den gebragt, zyn die gezegdens zeer onteerend, en heeft hij Maynier tot= zulk 2522. 2523. zulks aan niemand als aan zich zelfs en zyn gedrag te weiten, dat de onderg. zyn gezelschap zoveel mogelyk vermeijd, ten einde met geen Tartuffe gemeenschap te houden, daar onboven wegens zyne in= tricate en onbetaamlyke handelwyze en ontrouw ook niet meriteerd, dien Post als Secretaris te bekleeden. 3) En met betrekking, dat hij Maijnier niet buiten den dienst der E. Comp=ie gevoeglyk kan bestaan, zich met zyn huis gezin in eene armoedige situatie bevindt, en onmogelyk on¬ derde onbepaalde behuuring van den onderg. langer te kunnen leeven &=a moet den onderg. aanmerken dat denzelven in ruim zulke bekrom= pene omstandigheeden zich bevindt, nog daarbij moet zeggen zyn ver= mogen in den dienst der E Compie. te hebben opgeoffeerd, daar hij Maij= nier in tegendeel op veelerleij aart en wyze met vee en negotie win= sten doet, en in steede zyn Ampt met alle zorgvuldigheid waar te neemen, de tyd hoofdzaakelyk door brengt en zelfs wel twee â 3 weeken met Negotie rondreid en zyn intrest beoogd, dus zo zeer niet te klaagen heeft, nog min= der over de overheersching van den onderg„ die niet weet waarin dezelve bestaat, ten zij zyne Mayniers dikwerf gebeezigde expressen, van maar schielyk wat bij den anderen te brengen, en als dan naar de Hoofdplaatse te keeren, voor over= heersching moeten worden aangemerkt, mits hy zyn zak nog al reedelyk zoekt te vullen; en dus over de onbepaalde bekeersching van den onderg: zich te onregt bezwaard en lasterachtig is Den onderg. gaat tans over om den brief van den Voorleezer, Ian de Vries, in overweeging te neemen, en moet daarbij aanmerken 1 Nimmer te kunnen beseffen hoe het mogelyk is, dat die man heeft dier= ven onderstaan, de door den onderg. aan hem gezondene billetten, waarin niets het minste kwaad resideert, ne= vens een verhaal van leugentaal aan de WelEerw: heeren Predicanten over te zenden, en zich valschlyk over de brengt han= 2524. 2525. te beklagen, den onderpeh handelwyze van den onderg. den zelven Voorleezer nimmer beleedigd heeft, veel meer aan hem de Vries buiten verplig= ten alle mogelyke vriendelijkheeden be„ weezen, uit het gedrag des evengem. Voorleezers niet anders kan opmaaken, als dat zyne bedreiven op instigatie van den Secretaris Maynier, en zo als uit den styl der brieven consteerd, voorkomt, daar meerged. Voorleezer op de vriendelyke interpellatiën, om de ongezymdheid zyner gebeden te doen veranderen, daardoor niet zal zyn in zyne eer getast, maar aan den Onderg: als het presente hoofd der Colonie een ondergeschikt perzoon zal zyn, en bleiven, den ondergeteken de zich zeer wynig met dien man en zyn dienst heeft bemoeid, doch de ingezetenen geduurig aangespoord den Gods dienst by te woonen. 2) Met betrekking der tweede Missive van gem: voorleezer moet de onderg. zeggen onmogelyk te kunnen begrei= pen, hoe den Voorleezerde Vries zon der zich aan de grootste lasteringen schuldig te mraaken, zyne leugentaal nog met eene leugenachtige ver„ klaaringen van Jan Iacobsz, bijlaa= ge La. A durft Staaven en te ken= nen geeven, dus ged. Voorleezer al= mede in die handelwyze van vee= le slechte ingezetenen is deelende, doch nimmer zijne handelwyze ten opzichte van den onderg. noch bij God, noch bij U Wel Ed Achtb. kan verantwoorden; doch den on= derg: zeer wel begreipende, dat zulks voorbaadig is geschied, om zyn wan= gedrag en de groote prostitutie, de= welke denzelven den onderg. en deszelfs huise staande den Gods= dienst heeft toegebragt, waarover zich den onderg. zonder en aleer het noodzaake waare U Wel Ed. Achtb„ met die klagten te incommodee„ ren, zich bij den Wel Eerw. Kerken= raad vervoegd en gepoogd de zaak in der minne uit den weg te ruimen, doch welke Missive aan den Wel Edelen Achtb. Heer Gezaghebber overgegeeven zijnde, het wangedrag van den nog Voor=

NL-HaNA_1.04.02_4357_0462 view scan ↗

English

2526. 2527. precentor also fully, comes to show 3) Concerning which missive Your Right Honorable Worships have been pleased to judge by resolution that the undersigned had done so with preterition of Your Right Honorable Worships, whereas the same can solemnly testify, and as can also be seen at the end of the aforementioned missive, that the undersigned, before turning to Your Right Honorable Worships, addressed the church council in order to terminate the matter amicably, yet reserved the right to lodge a complaint further with Your Right Honorable Worships. 4) That Your Right Honorable Worships have been pleased to note that the same missive sent to the Reverend Church Council was improper and written in indecent terms, the undersigned cannot fail to confess that he might have omitted it entirely or used somewhat more modest terms, but Right Honorable Worshipful sirs, someone being so publicly humiliated in the church by a precentor, as the undersigned and his wife were, and having to endure such unpleasantries among others, as the undersigned must, will need special courage in all circumstances to maintain a good countenance, without digesting the painful and most heart-grieving insults with indifference, and furthermore to experience how the precentor joined the class and plot of the undersigned's enemies or opposing party at an early stage, seeking to substantiate his complaints before God and his conscience, yet is a liar who seeks to cover the greatest untruth with the mask of piety and sincerity. 5) Regarding the church and how the undersigned is alleged to have divided the same building into shops and lodgings, and adapted it for his own use, the undersigned has the honor to present to Your Right Honorable Worships with all respect: that the church building is constructed in five separate 2528. 2529. rooms, to wit: the largest room adapted for conducting religious services, and the other rooms, two lodgings for the precentor, one room for the surgeon, and a schoolroom for the children of the undersigned are prepared, it being known to one and all that the adjoining rooms were built for the aforementioned uses, and the precentor De Vries has thus once again brought forward the greatest untruth: That because the building fell into disrepair due to heavy rains, it could not serve any use, the undersigned had the timber belonging to the church stored therein, and the same building could not be put into a usable state due to the meager finances of the colony, although the undersigned attempted repeatedly to effect this, as appears from the extract resolution under Letter A, from which Your Right Honorable Worships may please see the obstacles why that building was not put in order, and the undersigned knowing of no further rectory buildings, thus could not repair the same; 6) The declaration under Letter A annexed to the missive of the precentor De Vries, the undersigned declares to be false and untrue, and on account of his manifold bad and plotting conduct, the deponent, meriting no belief, is unworthy to hold the offices of Heemraad and Elder. Further, in refutation of the writing of some Heemraaden and military officers submitted to Your Right Honorable Worships, the undersigned finds himself obliged and compelled, with Your Right Honorable Worships' permission, to declare the same writing an infamous libel, yet the undersigned will proceed point by point and show Your Right Honorable Worships how 2530. 2531. unjustly, unlawfully, and without proper confirmation the signatories of that defamatory writing act regarding the undersigned, and namely: 1) It is not necessary to show Your Right Honorable Worships that the colony of Graaff-Reinet has been governed by the undersigned for six to seven years, since this is well enough known to Your Right Honorable Worships, and thus must be regarded as a rustic prelude; 2) That the undersigned from the beginning to the present day etc. is alleged to have treated each of them in particular in the lowest manner and abused them etc., and treated the two secretaries Wagner and Maynier in the same manner, the undersigned must say with well-founded reasons that both the signatories and the two said secretaries are equal to one another in their conduct, and that when the undersigned reprimanded those signatories of the writing on account of some misstep or other, they were very offended, carried on a secret negotiation against the undersigned, and thus in all probability being aligned therewith the two secretaries in order to execute their design all the better, the undersigned having used too much indulgence toward their conduct, the signatories call it raving and raging when the undersigned said something, because it was not to their liking, yet it was well-founded and intended to prevent further bad deeds to which the signatories were accustomed, and imagine they may do according to their capacity, also that they did not wish to trouble Your Right Honorable Worships with unpleasant complaints every time, they ought rather to have said not to bring forward false and groundless complaints, and in

Dutch transcription

2526. 2527. Voorleezer ook volleedig, komt aan te toonen 37. Over welke Missive Uwel Ed. Achtb. by resolutie hebben gelieven te oordee„ len, dat de onderg. zulks met prae= teritie van U Wel Ed. Achtb. gedaan had, daar denzelven heiliglyk kwam kan betuigen, en zo als ook bij 't slot der meerged. Missive te zien is, dat den onderg: aleer zich tot U Wel Ed. Achtb. te keeren, zich tot den kerkenraad gewend, om de zaak de zaak in 't vriendelyke te mogen termineeren, evenwel voorbehouden heeft nader bij U Wel Ed. Achtb. klagtig te vallen. 4) Dat U Wel Ed. Achtb. dezelve Mis= sive aan den Ew. Kerkenraad ge= zonden, voor onbetaamelyk en in de indecente termen te zyn geschree„ ven, en hebben gelieven aan te merken, kan den ondergetekende niet voorbij te bekennen zulks of geheel te hebben nalaaten of wat beschydener termen te hebben kunnen bezigen, dan Wel Ed. Achtb. Heeren iemand zo openbaar, als den onderg. en deszelfs huisvr. van een voorleezer in de Kerk geprostituëerd wer= dende, en die behalven andere onaan= genaamheeden, zo als den onderg. moet ondergaan, zal byzondere moet moeten hebben in alle circumstantiën eene goede contenance te houden, zonder de smertelyke en hartgrievenste belee= digingen met onverschilligheid te verduwen daarenboven te ondervin= den, hoe den voorleezer al vroeg tydig tot de Classe en Complot van 's onderg=t vyanden of Contraparthy is overgeslaa„ gen, zyne klagten by God en zyn ge¬ weeten tracht te staaven, evenwel een logenaar is, die de grootste onwaarheid met den Masker van vroom, en opregt= heid zoekt te bedekken. 5 Nopens de kerk en hoe den onderg. hetzelve gebouw in winkels en logemen= ten zoude hebben verdeeld, en tot zyn gebruik geschikt, heeft de onderg. de eer U Wel Ed. Achtb. in allen eerbied voor te draagen; dat het kerk gebouw in vyf afzon„ Achtb. der= 252.8. 2529. derlyke vertrekken is opgebouwd, te wee= ten: het grootste vertrek geschikt, om den Godsdienst waarteneemen, en de andere vertrekken Twee logementen voor den Voorleezer, Eene Kamer voor den Chirurgyn, en eene Schoolkamer voor des ondergts. kinderen zyn ge= schikt, het elk en een ieder bekend is, dat de annexe vertrekken tot de voorn. gebruyken zyn op gebouwd, en den Voorleezer de Vries dus alweer de grootste onwaarheid te borde heeft gebragt: Dat het gebouw wegens de zwaare re= gens defect geworden, tot geen gebruik heeft kunnen dienen, den onderg. het hout tot de kerk behoorende, daarin heeft laaten bergen, en hetzelve ge= bouw wegens de schraale finantiën der Colonie niet heeft kunnen werden in bruykbaaren staat gesteld, hoe wel den onderg. iterative maalen ge= poogd hebbende zulks werkstellig te maaken, blykens extract resolu= tie sub La. A. , waaruit U Wel Ed. Achtb. gelieven te zien de hinder= paalen, waarom dat gebouw niet in ordre is gebragt, en den onderg„ van geene verdere pastoriegebouwen weetende, dus dezelve niet heeft kunnen repareeren; — 6) de verklaaring sub La. A: bij de Missive van den Voorleezer de Vries geannexerd declareerd ten onderg. voor valsch en onwaar, en wegens zyne meenigvuldige slechte en complotteerende handelwyze den de pesant, als geen geloof meritee= rende, onwaardig is de Ampten van Heemraad en Ouderling waar te neemen. Wijders ter wederlegging van 't schriftuur van eenige Heemraaden en krygsofficieren, aan U Wel Ed. Achtb: ingezonden, vindt zich den onderg. verplicht en genoodzaakt /:onder U Wel Ed. Achtb. welneemen/ hetzelve schriftuur te verklaaren voor een infameerend Laster schrift, doch zal den onderg. poinct, voor poinct doorgaan en U Wel Ed. Achtb. aantoonen, paa= hoe 2530. 2531. hoe onregtvaardig, wederregtelyk en zonder behoorlyk homologatie de Pekenaaren van dat eerroerende schriftuur nopens den onderg. handelen, en wel ten 1 Niet noodig hebben UWel Ed. Achtb. aan te toonen, dat de Colonie Graaf Rynet zedert zes à Zeven Iaaren door den onderg. is bestierd geworden, mits U Wel Ed. Achtb. zulks genoeg bekend, en dus als een boeren preludium moet werden aangemerkt; 2) Dat den onderg. van den be= ginne tot heden toe eta: de on= derg. ieder in 't byzonder op de laagste wyze zoude behandeld hebben en gescholden eta. en de Twee Secretarissen Wagner en Maijnier op dezelve wijze behan¬ deld, moet den onderg. met grond van reedenen zeggen, dat zo wel de Tekenaaren als de Twee gen. secretarissen malkanderen ge= lyk staan in hunne handel= wyze, en dat als de onderg. die Tekenaaren van het schriftuur we„ gens den een of anderen misstap heeft onderhouden, dezelve zeer geraakt zyn, eene gehyme onder„ handeling tegens den onderg. gepleegd, en dus na alle waar= schynlykheid de twee Secretaris= daarmede sen ^ verbonden zynde hun toe¬ lig dies te beter ten uitvoer te bren= gen, den onderg. hunne han= delwyze te veel toegeevelykheid gebruikt, zo noemen de Tekenaa„ ren als den onderg. iets heeft ge= zegt tieren en zaazen, om dat zulks niet na haaren smaak egter gegrond was en meerder slegte bedreiven voor te komen waaraan de Tekenaaren gewond, en zich volgens hunne qualiteit verbeelden te mogen doen, ook dat zij U Wel Ed. Achtb. niet telkens met onaangenaame klag= ten hebben willen vermoeijen, eerder hadden behoeven te zeg= gen geene valsche en ongegron¬ de klagten voorte brengen, en Te in

NL-HaNA_1.04.02_4357_0465 view scan ↗

English

instead of attempting in vain to preserve harmony, they seek nothing other than to incite rebellion, and urge many residents to make common cause with them, presenting everything falsely, distorting the undersigned's words, and when they are rebuked about one thing or another, calling the same scolding and cursing. 3) that the undersigned was forced to reprove the Signatories about one thing or another, on account of arriving at the meeting drunk, and bringing the secrets of the meeting among the community, seeking to incite them to rebellion, as the undersigned has experienced in various cases, and if Your Honorable Worships would take the trouble to inspect all submitted requests, Your Worships would find all the Signatories thereon. 4) likewise it is an untruth that the undersigned called the Signatories damned Africans, but that those and similar expressions are peculiar to them, with your permission, to decry the foreigners as damned motherfuckers, nor will they ever be able to produce genuine, but rather false evidence in that regard, the undersigned declares their statements to be false and untrue, and the deponent, on account of his bad and plotting conduct, as meriting no credit, unworthy to hold the office of Heemraad and Elder. 5) The drunkenness with which the Signatories, and a few others whom they know how to win over to their interests, but could persuade no one else to join them, accuse the undersigned of having committed at Willem Glober's, is likewise contrary to the truth, and since the undersigned's horse fell down into a porcupine hole, and he, riding on an English saddle, fell off and was severely injured, this was taken for drunkenness; however, no one except Andries Pl Burgerd was present upon arrival at the place of Cornelis Brits. Just as it is also the greatest untruth that the undersigned romped with the Field Cornet Lucas Meijer and compromised his dignity, and at the public sale on the Sneeuwberg, see Article regarding the statements of Secretary Maijnier, already refuted, so may Your Honorable Worships only take note of how closely those statements correspond with each other; how the Signatories conspire together with Secretary Maijnier, and all together are very dangerous subjects. 7) The shouting that the undersigned was said to do in the Meeting was often very necessary, for it occurred in many a meeting, just as the drunken peasant imagines himself to be king, the undersigned had to exert enough effort to quiet the clamor and noise of the Signatories in order to be able to decide one thing or another, indeed was forced to hold before the Members of the Meeting their disorderly conduct in strong terms; it often happened that they held secret meetings in one house or another, made wicked plots, rode about, and caused many residents to guess at what was to be dealt with in the meeting, or made public what had been proposed, and when called to account for this, felt greatly affronted, and reflected their conduct with the greatest untruth regarding the statements at the house of Andries Smit onto the undersigned; that the Signatories complain unjustly about the shouting and raging has already been stated in the preceding Article, and 8) That the undersigned was alleged to have mocked the order and arrangements of Your Honorable Worships, and whatever more is brought forward in that respect, the undersigned must testify never to have behaved so basely and excessively, nor to have entered into such conversations with those country folk, so it is incomprehensible to the undersigned how the Signatories can expose themselves to such an extent, since the first signatory Adriaan van Jaarsveld is always the one who secretly and openly opposes everything, stirs everything up, and according to his usual conduct proves to be a dangerous and bad subject, who never proceeds properly, as Your Honorable Worships may be pleased to see from the annex under Lit. B, having already as Commandant borne the name of troublemaker, throwing the Colony into turmoil and into such confusion, of which the Honorable Worshipful Mr. de Wet had the most convincing proofs as Landdrost of Stellenbosch and Draakenstein: so that finally the Lord Governor and Honorable Worshipful Council of Policy had to resolve to establish a Magistracy in the distant districts, and to appoint the undersigned as Landdrost, who, having stepped away from his reasonable prosperity, went thither among that rough populace, and notwithstanding many unpleasantries and oppositions preserved the Colony in peace and quiet, the more-mentioned van Jaarsveld with the help and

Dutch transcription

2532. 2533. in plaats te vergeefs gepoogd de eendragt te bewaaren, dezelve niet anders zoeken als oproer te verwekken, en veele ingezetenen aanspooren met hen eene gemee= ne zaak te maaken, alles valsch voorbrengen, des onderg=t gezeg¬ dens verdraagen, en als de= zelve over 't een en ander be= rispt werdende hetzelve schel- den en vloekken noemen. 3) dat den onderg genoodzaakt is geweest de Tekenaaren over het een en ander voor te hou= den, wegens het dronken ten vergadering komen, en de geheimnissen der vergadering onder de gemeente brengen dezelve zoeken in oproer te brengen, heeft den onderg. in differente gevallen ondervon= den, en wilden U Wel Ed. Achtb. de moeite neemen, alle inge„ diende requesten na te zien, zouden Hoogst dezelve alle de Tekenaaren daarop vinden 4) zo is het mede eene onwaar= heid, dat den onderg. de Teke„ naaren voor verdoemde Afri= caanders heeft uitgemaakt maar dat die en diergelyke uitdrukkingen dezelve eigen zyn /: S. V. :/ de uitlanders voor verdoemde Moerneukers uit te kreiten, zij ook nimmer egte maar wel valsche bewij¬ zen dien aangaande zullen kunnen bijbrengen, declareerd den onderg: hunne gezegten voor valsch en onwaar, en den deposant wegens zyne slegte en complotteerende handelwy= ze, als geen geloof meriteerende, onwaardig het Ampt van Steem„ raad en Ouderling te zyn. 5/ Het dronken drinken, waar= mede de tekenaaren den onderg. nog eenige wynige, die zij wee= ten in haare belangen over te haalen, doch ook niemand meer daartoe hebben kunnen bewee= met be gen; 2534. 2535. beschuldigen, bij Willem Glober ge= pleegt te hebben is mede bezyden de waarheid, en vermits des onderg=s paerd in een yzer varkens gat ter nederstorte, denzelven op eenen engelschen Zadel rydende af= gevallen, zich deerlyk bezeerd zulks voor dronkenschap is op= genomen; dan even wel nie= mand als Andries P=l Burgerd bij de aankomst ter plaatze van Cornelis Brits is present geweest. Zo als mede grootste onwaar= heid is, dat den onderg. met den Veldwachtmeester Lucas Meijer gestoeyjd en zyne fatzoen te grab= bel zoude hebben gegooyd, en op de vendutie op den sneeuwberg vide Art: wegens de gezegten van den Secretaris Maijnier reeds wederlegt, zo gelieven U WelEd. Achtb. maar 't oog te slaan, hoe naauw die gezegtens met den anderen corresponderen; hoede tekenaaren met den Secretaris Maijnier te zamen spannen en alle te zamen zeer gevaarlyke supjecten zyn 7) Hetschreuwen, dat den onderg. in de Vergadering zoude doen, is dikwils zeer noodzaakelyk ge= weest, want het in meenig verga= dering heeft toegegaan, want het zo als den dronken boer zich ver= beeld koning te zyn, den onderg. moette genoeg heeft moeten aan= wenden; de tekenaaren haar getier en geraas te stillen, ten einde het een en ander te kun= nen besluiten, ja genoodzaakt geweest de Leeden der Vergadering haar onordentelyk gedrag in sterke Termen voor te houden, het dikwils gebeurd, dat zij in 't een en ander huys geheime vergadering houden kwaade overleggingen maaken, rondrei= den, en veele ingezetenen aan 't gissen maaken, het geen in de vergadering te verhandelen staat, of voorgedraagen is publiceeren en daarover te ree= en den 2536. 2537. den gesteld werdende, zich grootelyks geaffronteerd vinden, en hunne handelwyze met de grootste on= waarheid nopens de gezegtens ten huize van Andries Smit op den onderg: doen redundeeren, dat zich de Tekenaaren te onregt be„ klaagen over 't tieren en raazen, reeds in 't voorgaande Artl get. zegt en 8) Dat zich Vonderg. over de ordre en schikkingen van U Wel Ed. Achtb. zoude hebben mogueerd, en het geen ten dien opzichte meer wordt voortgebragt, moet den onderg„ betuigen zich nooit zo laag en buitensporig te hebben gedraagen, nog met die Landlieden in zul= ke gesprekken getreeden, het dus voor den onderg: niet te begrei= pen is, hoe zich de Thekenaaren zo verregaande kunnen exponee= ren, daar den eersten tekenaar Adriaan van Iaarsveld, altoos de geene is, die zich heimelyk en openbaar tegens alles verzet, alles opmaakt, en na zyne gewoone handelwyze een gevaarlyk en slecht subject komt te zin, die nooit or= todox te werk gaat, gelyk U Wel Ed. Achtb. uit de bylaage sub La. B. gelieven te zin, ook reeds als Commandant den naam van op= roermaaker gedraagen, de Colonie in rep en roer gebragt, en in zulke verwarring, waarvan den Ed. Achtb. Heere de Wet de overtui= genste bleiken als Landdrost te stel= lenbosch en Draakenstein heeft ge„ had: zo dat eindelyk den Heere Gouverneur en Ed: Achtb. Politie= ken Raade hebben moeten beslui= ten, eene Magistratuure in de verre geleegene Lelden op te richten, en den onderg. als Landdrost aan te stellen, die uit zyne reedelyke welvaart uitgestapt, zich derwaarts onder dat ruuw volk begeeven, de Colonie niet tegen veele onaange= naamheeden en tegenkantingen in rust en vreede bewaard, meerged. van Jaarsveld met behulp en al= in= ƒ

NL-HaNA_1.04.02_4357_0468 view scan ↗

English

2538. 2539. sub La. instigation, is also the writer of this defamatory writing, who has conceived an antipathy against the undersigned because the undersigned opposed him, van Iaarsveld, in his impertinent actions. 9) And regarding the annual exercise, the resolutions were actually taken by the council of war, and it was agreed to let the same proceed; and the undersigned never and never used any expressions concerning the standards, but he, van Iaarsveld, seized the same in an arrogant manner, and in mockery rode around in the field with them with some drunk farmers, which standards, sent by the Government to the undersigned, also ought to have been delivered to him, in order that they be dealt with according to custom. 10) That which the Signers come to say concerning the inciting of rebellion, the said van Iaarsveld is the principal instigator, and the undersigned can assure Your Noble Honorable, that the undersigned took good care that they, van Jaarsveld and several others, could not gain acceptance for their wicked designs; and because the Signers were thwarted in their harmful intentions by the undersigned, the same now, out of revenge, in a godless and exceedingly slanderous and false manner, seek to accuse the undersigned, as if the Colony would fall into rebellion through the conduct of the undersigned, as though this had not been prevented by their own foresight. This and several other points show only too well the agreement which the aforementioned signers maintain with the Secretary Maijnier, and thus conspire and plot together, attempting through their slander and lying language to make the undersigned suspect before Your Noble Honorable, to defame him, and 2540. 2541. and to trip him up, just as the mother-in-law of the frequently mentioned Secretary Maijnier herself confessed, that he, Maynier, would seek to effect such a thing, which also agrees very well with the further sayings of the Signers, and that which the undersigned allegedly said concerning the Secretary, once again clearly demonstrates that they formed a conspiracy, in order, if it were possible, to cover up their disorderly deeds and actions, which the undersigned frequently had to reprimand and correct them for, by falsely accusing the undersigned. 11) Also, the undersigned has never cursed and damned entire Nations. 12) Still less treated the inhabitants badly, but regarded the Signers with contempt on account of their improper conduct. 13) Nor ever said that they were worse than Hottentots and Ordonnantie riders; but on the contrary, the Signers first drank soundly with the Ordonnantie riders, and then insulted them. 14) Thus it is also the greatest untruth that the undersigned allegedly said that the forests would not produce as much wood as the undersigned would make gallows to hang the cursed Africans. 15) That the Signers even make known that they are convinced that the Landdrost is appointed to punish the wicked according to their expressions, causes the undersigned great wonder, that they, the Signers, with the greatest insolence, have dared to submit their slanderous and abominable writing, which is so very punishable. 16) The sayings which the 2542. 2543. undersigned allegedly uttered at the house of his son-in-law Lastron, are likewise placed in a false light and fabricated, a godless lie that the undersigned had spoken anything in disrespect of the Government, but on the contrary, as appears from the declaration sub La. C, clearly demonstrates what kind of man the First Signer is: And that which concerns the Caffer expedition undertaken by Hilligert Mulder and associates, and that the undersigned would give free permission to everyone to cross the Great Fish River, and what follows further, is a deliberate lie. 17) The permission which the undersigned granted at the request of the Field Cornet, Paul Michiel Bester, because the cattle of some inhabitants were perishing due to severe drought, that they might stay with their cattle for some months on the other side of the Great Fish River, had no consequences, and the same inhabitants returned to their places some time later; the undersigned found himself compelled in that case not to be able to refuse this reasonable request, but is very astonished that the Signer brings this forward as having been done improperly by the undersigned, whereas he, the Signer, himself requested that the inhabitants might have places across the Great Fish River, which was refused by the undersigned, as it was contrary to the ordinance of 19 Iulij 1786; 18) That it has not yet been proven that the Hottentot Captain Ruyter Platje fired among the Caffers with the gun entrusted to him; it

Dutch transcription

2538. 2539. sub La. instigatie, ook de schreiver van dit eerlovend schriftuur is, die eene anti= opgevat, om dat den ondorg=t patij tegens den onderg: hem van Iaarsveld in zyne pertineuse be= dreiven is tegengegaan. 9) En omtrent de jaarlijksche exer= atie de besluiten zelfs bij den krygs= raad genomen, en ingewilligd dezelve haaren voortgang te doen neemen; en den onderg. nodit en nimmer eenige expressien we gens de standaarden gebezigd, maar hij van Iaarsveld, zich de„ zelve op eene errogante wyze be„ machtigd, en ten spot met de„ zelve in 't veld met eenige dron= ke boeren is rond gereeden, wel= ke standaarden door de Rega¬ ring aan den onderg. gezonden ook hadden moeten werden bezorgd, ten einde volgens ge= bruik daarmede werde ge= handeld 10) dat de Tekenaaren wegens het oproer maaken komen te zeggen, is ged. van Iaarsveld de voornaamste roervink, en den onderg. kan U Wel Ed. Achtb. ver= zekeren, dat den onderg. wel zorg gedraagen heeft, dat zij van Jaars= veld en meer anderen haare snoo¬ de oogmerken geen ingang hebben kunnen maaken; en om dat de Tekenaaren in hunne schadelij¬ ke voorneemens door den onderg. gestuyt, dezelve nu uit wraak op eene goddelooze en verregaande lasterlyke en valsche wyze den onderg. zoeken te betichten, als of door des onderg. gedrag de Co= lonie in oproer zoude geraaken, quasie als zulks door haare voorzorge niet was belet geworden, Dit en meerdere poincten toonen maar te wel de overeenkomst, dewelke de meerged. tekenaaren, met den Secretaris Maijnier onder= houden, en dus te zamen span= nen en complotteeren, den onderg. door haare laster en leugentaal trachten by UWel Ed. Achtb: ver= dacht te maaken te bekladden de en W 2540. 2541: en den voet te ligten, zo als de schoon= moeder van dikwils gem. Secretaris Maijnier zelve bekend heeft, dat hij Maynier zulks zoude zoeken werk= stellig te maaken, en ook zeer wel met de Tekenaaren haare verdere gezegdens overeenkomt, en het geen den onderg. nopens den Se= cretaris zoude gezegt hebben, al= weer duidelyk aantoond, eene te= zamen spanning te hebben ge= maakt, ten einde haare onge„ regelde daaden en bedreiven, die de onderg. hen meenigmaal heeft moeten voorhouden en cor= rigeeren, waare 't mogelyk te bedeken, van den onderg. valsche„ lyk aan te klaagten 11) Ook heeft den onderg. nooit tege= heele Natiën verwenscht en ver= vloekt. 12) Nog minder de ingezetenen slecht behandeld, maar de Te„ kenaaren wegens hun onbehoor= lyk gedrag met verachting aan= gezien 13) Ook nooit gezegd slegter als hottentotten en Ordonnantie ruij= ters te zin; maar integendeel de Tekenaaren eerst met de Ordon= nantieruyters ter degen gedron= ken, en dan dezelve insultee= ren 14) Zo is 't mede de grootste on= waarheid, dat den onderg. zoude gezegd hebben, dat de bosschen zo veel hout niet zouden voortbren- gen, als den onderg. galgen zoude maaken, om de vervloekte Afri= caanders op te hangen 157 dat de Tekenaaren zelfs te kennen geeven, overtuigd te zyn, dat den Landdrost gesteld is de kwaaden te straffen volgens haa= re uitdrukkingen, geeft het den onderg. grootelyke wonder, dat zij Tekenaaren met de grootste on= beschaafdheid hun lasterachtig. en vervoeilyk geschrift zo zeer strafwaardig hebben durven in dienen. 16:/ de gezegdens, dewelke den 13 on= 2542. 2543. ondergetekende ten huize van deszelfs Schoonzoon Lastron zoude geuithebben, zyn mede in een verkeerd daglicht gebragt en verdicht, eene goddelooze leugeltaal, dat den onderg. ten disrespecte der Regeering iets zoude gesproken hebben, maar in tegendeel den Eersten Tekenaar bleikens verklaaring sub La. ( duidelyk komt te toonen Cujus generis hij is: En het geen van den Caffers tocht door Hilligert Mulder c. S. ge= daam, en dat den onderg. aan een ieder vrye permissie te zul= len geeven over de groote visch= rivier te mogen gaan, en wat er meervolgd, eene opzettelijke logentaal is 17) de permissie, dewelke den onderg. op verzoek van den Veld- wachtmeester, Paul Michiel Bester, dat het vel van eenige ingezetenen wegens zwaare droogte kwam te creveeren, toch met hun vee voor eenige Maan= den aan de overzyde der groote vischrivier, mogten liggen; heeft vergind, is van geen gevolg ge= weest, en dezelve ingezetenen eenige tyd na dato weer op hun¬ ne plaatzen gekeerd; den on= derg. zich in dat geval ge= noodzaakt geworden, dit billyk verzoek niet te kun= nen wygeren echter zeer ver= wonderd is, dat den Tekenaar zulks zulks, als door den onderg„ niet wel te zyn gedaan voort= brengt, daar hij Tekenaar zelfs verzocht heeft, dat de ingezete nen over de groote vischrivier plaatzen mogten hebben, zulks door den onderg. gewygerd is ge= worden, mits legen het placaat van 19 Iulij 1786 streidende; 18) dat het nog niet beweezen is, dat den hottentots Capityn Ruyter Platje met het hem toebetrouwd geweer onder de Caffers heeft geschooten; het toch ge=

NL-HaNA_1.04.02_4357_0471 view scan ↗

English

2544. 2545. rifle than was given to the same for protection and defense against the Bushman Hottentots, when he, the Captain of the Bushmans River, comes to betake himself to the Drostdy of Graaff-Reinet; this Captain, who makes known to the Landdrost the actions of the inhabitants concerning the Caffres, was everywhere hated and persecuted; it is also completely untrue that the Caffres have risen in revolt, which the undersigned already made known to Your Right Honorable Worships by missive a year ago. 19) The statements that the undersigned supposedly made to Cornelis van Rooyen concerning the Caffres is likewise a great untruth, but much rather the statements of the first signatory and the others, with the heartfelt wish to get into the dance with that nation in order to steal cattle and to do violence to that poor nation, so that he, van Jaarsveld, acting in a very godless manner with the same nation formerly when he was Commandant, under the pretense of making peace with them, caused many pieces of tobacco to be scattered, and having invited the Kaffirs to gather the same, they having also come in good faith, thereupon wrought a terrible slaughter among them; he is also very much hated by that nation under the name of the red Captain. 20) Thus the signatories attempt to justify the bad conduct of the brothers Fregards, whereas if the undersigned had not recognized that they were overcome by drink and had complained about them, it certainly would have gone badly for them; as Your Right Honorable Worships can very easily understand what duties such people can bring to the attention of the undersigned, yes, what peace those troublemakers will establish in such cases, and whether the undersigned, in order to detain himself no longer with a party of drunken people, did not do well to end the meeting, the more so since the ordinary business was concluded, and to adjourn it to a further opportunity. 21) That the signatories think they must seize the opportunity because the Landdrost was now about to betake himself toward the Cape with two heemraden, seems to the undersigned just as perverse as that their slanderous writing can be regarded as a petition of complaint; and that a popular commotion was supposedly caused by the actions of the undersigned is a godless fabrication, but which the first signatory would gladly make a reality if it were possible, see under Lit. C, where they also wished to persuade the Heemraad David de Villiers; under Lit. D and E it becomes evident how the same signatories differ in opinion at that time and at present. The undersigned, having gone through the entire document, finds the same to be nothing other than a rhapsody of accumulated falsehoods, particularly stirred up by the first signatory, Adriaan van Jaarsveld, and which cum suis would also be faithless enough to want to maintain. Yet, Right Honorable Worshipful Sirs, the undersigned not being provided with sufficient evidence at present, shall nevertheless demonstrate what kind of people the signatories are, and that they, in order not to see their evil desires frustrated, wish to conspire together against the undersigned; for the signatories, having frequently requested the undersigned to put two loan farms on one authorization, which the undersigned, as conflicting with the Honorable Company's interest, could not and would not do, and since the undersigned acts as an honest man without respect of persons, those pernicious people have been incensed against the same and think to besmirch the upright conduct of the undersigned by their infamous falsehoods; therefore it especially merits Your Right Honorable Worships' attention that no more heemraden and officers have signed the slanderous document, and it clearly appears that others think more honestly and do not wish to make themselves guilty of such a crime. The undersigned can also assure Your Right Honorable Worships that the said van Jaarsveld is a bad household manager, neglects his affairs, travels about everywhere, and holds secret meetings with the other signatories and plots all kinds of evil, and is in bad repute with most of the inhabitants; and what more shall the undersigned say: they are people who, being without faith, merit no belief, and by their conduct have not only caused the undersigned much trouble and grief, but if they are not earnestly resisted in their bad actions, will cause even more trouble and grief; and if their false and groundless complaints find acceptance, no one can remain an honest man before them; and the Colony, which has been preserved in rest and peace by the undersigned for six years, would again fall into the confusion that previously existed, which was particularly caused by the first signatory, and the other Commandants Andries Petrus Burger and David Schalk van der

Dutch transcription

2544. 25:45. geweer dan denzelven gegeeven is tot dekking en tegenweer de Bos= jemanshottentotten, als hij Capi= tyn van de Bosjemansrivier ter Drostdeije Graaff Rynet zich komt te begeeven; deeze Capityn die de bedreiven der ingezee= tenen omtrent de Caffers aan den Landdrost te kennen geeft, overal gehaat en vervolgd werd; het ook volstrekt onwaar is, dat de Caffers in oproer zyn geraakt, en het geen den onderg. aan U Wel Ed. Achtb. per Missive, reeds een Jaar geleeden, heeft te kennen gegeeven. 19) de gezegdens, dewelke den onderg. aan Cornelis van Rooyen wegens de Caffers zoude gedaan hebben, is al= mede eene groote onwaarheid, maar veel meer den eersten tekenaar en de andere haare gezegdens, met hertelyken wensch, met die Natie aan den dantz te geraaken, om beesten te rooven; En die arme Natie geweld aan te doen, zo dat hy van Iaarsveld zeer God ver¬ geeten met dezelve natie wel eer als Commandant zynde heeft gehandeld, onder voorgeeven met dezelve vreede te maaken, veele stukjes tabak laaten strooij= en, en de Kaffers genoodigd heb= bende dezelve te haalen, ook ter goeder trouwe gekomen zyn= de, als toen eene vreeslyke slag= ting onder dezelve heeft aan= gericht; ook by die Natie on= der den naam van rooden Capityn zeer gehaat is. 20/ zo tragten de Tekenaars het slegte gedrag van de gebroe= ders Fregards te regtvaardigen, daar dezelve had den onderg„ niet ingezien, dat dezelve van den drank bevangen waren, over dezelve geklaagd, gewis slecht zoude zyn gevaaren: Daar U Wel Ed. Achtb. zeer ligtelyk kunnen begreipen, bee= wat 2546. 2547. wat zulke lieden den onderg. voor plichten onder oog te kuneren bren= gen, ja wat vreede; die Twiststoo= kers in zulke gevallen zullen stik= ten, en of den onderg. en zich met een parthij dronken lieden niet langer op te houden, niet wel heeft gedaan, de vergadering te meer, daar de ordinaire zaaken afge= loopen waren, te eindigen, en tot nadere geleegenheid te bepaa= 21 Dat de tekenaaren meenende geleegenheid te moeten waar nee= men, vermits zich den Landdrost tans met twee heemraaden Caap= waarts stond te begeeven, scheint den onderg. even zo verkeerd als hun lasteragtig geschrift voor een klagschrift kan werden aangemerkt; en dat door 'son„ derg=s bedreiven eene populaire beroerte zoude zin veroorzaakt, is een goddeloos verdichtzels, maar hij eerste tekenaar zulks was het mogelyk, gaerne zoude willen werkstellig maaken, vide sub La. C. daar zij den Heem= raad David de Villiers mede heb„ ben willen overhaalen sub La. D. en E komt te bleiken, hoe dezelve Tekenaaren te dier tyd en te= genswoordig in denkbeeld ver= schillen. Den onderg. het geheele schrif= tuur doorgegaan hebbende, vindt hetzelve niet anders als een rap= sodi van op een gestapelde logentaal, voor naamlyk door den eersten Tekenaar Adriaan van Iaarsveld berokend, en dewelke c. s. ook trouwloos genoeg zoude zyn, dezelve te willen gestand doen Dan wel Ed. Achtb. Heeren den onderg. tans niet met genoeg zaa„ me bewyzen voorzien zynde, zal evenwel aantoonen, wat lie= den de Tekenaaren zyn, en dat dezelve, om haare kwaade begeerte niet te zien voldaan, tegens den onderg. te zamen wil= com= len 2548. 2549. complotteeren, want de Tekenaaren den onderg. dikwils aangezogt heb= bende, om twee Leeningsplaatzen op eene ordonnantie te brengen, den onderg. zulks als tegens 's Ed Comp=s intrest streidende, niet heeft kunnen en willen doen, en dan den onderg. als een eerlyk man zonder aanzien van perzoon handeld, zyn die pernitieuse Lie= den tegens den zelven opgebragt, en denken door haare infame leugentaal des onderg=s opregte handelwyze te bekladden; over zulks het UWel Ed: Achtb=e at¬ tentie byzonder meriteerd, dat er niet meer Heemraaden en Officieren het lasterachtig schrif„ tuur getekend hebben, en wel duidelyk blykt, dat andere eerlyker denken, en zich aan zulke misdaad niet willen schuldig maaken. Den onderg. ook U Wel Ed. Achtb ook kan verzekeren, dat ged. van Zaarsveld, een slegte huishouder, zyne zaaken ver= waarloost, overal rondreyd, en met de andere tekenaaren gehijme bij een= komsten houd, en allerlij kwaad smeedt, bij de meeste ingezetenen in een slecht gerucht is, en wat zal den onderg. meer zeggen, het zyn men= schen, die zonder trouw geen gloof meriteeren, en door hun gedrag den onderg. niet alleen veel moeite en verdriet hebben aangedaan, maar als dezelve in hunne slechte bedrei= ven niet ernstig worden tegenge„ gaan, nog meer moeite en verdriet zullen aanrechten; en voor dezelve als hunne valsche en ongegronde kagten ingang vinden, niemand een eerlyk man kan bleiven; de Colonie, die door den onderg. zes Iaaren in rust en vreede is be= waard, weer in de wel éér ge= exsisteerd hebbende verwarring geraake, welke door den eersten tekenaar byzonder, en de andere Commandanten Andries Petrus Burgerd en david Schalk van huis= der

NL-HaNA_1.04.02_4357_0474 view scan ↗

English

der Merve, and have thus forced Your Noble Honours to resolve to establish a magistracy in the distant regions. The undersigned is convinced that very few inhabitants of the colony Graaffe Rynet will attach their approval to the frequently mentioned libelous writing, unless this might happen out of self-interest, malice, and instigation. The undersigned cannot possibly comprehend how it is possible that the signatories have dared to take such a step, and thus to act against their better judgment—a deed that surely no one, except perhaps the principal signatory and associates, would undertake without making themselves guilty of the greatest slander. The undersigned, proceeding further and with respect to Your Noble Honours' resolution of 7 7ber last, in which the undersigned was charged with disobedience to the orders of Your Noble Honours and those of the Honourable Council of Justice, very respectfully states never to have received any orders without having dutifully complied with them, and that the undersigned, in order to be present here in loco on 1 Iulij with two heemraden, received the extract resolution only on the preceding 20 Junij, and was thus unable to be present here at the aforementioned time, which he also made known to the Noble Honour Commander with the reasons under the aforementioned date, as will appear from the extract resolution sub La A; and since it had already been established at the Board of Heemraden upon the extract resolution of 7 Maij of this year to be present at the Capital at the end of the month of Aug:s, in order to confer with the Landdrost of Zwellendam and heemraden on some domestic matters, he also arrived here as early as 25 Aug:s and made his arrival known, whereas on the contrary the Heemraad Jan Iacobsz, a signatory, who also ought to have been present here as a delegate, cared little for Your Noble Honours' orders and did not appear. Thus, the undersigned is also not aware of having shown any disobedience to the orders of the Honourable Council of Justice, and in case of a summons, he let his proxy, the Attorney Kolver, act; and if anything should have been neglected, the undersigned's qualified representative and proxy would be answerable for it. And although the undersigned only returned in the month of Juny last past from the Cape to Graaffe Rynet, he nevertheless would gladly have set out towards the Cape again in the month of November of the said year, had he not—due to illness and the absence of the Secretary Maijnier, who only returned on 19 November—been prevented from leaving the Colony without a governor, the time being too short to appear on the first court day in X:br, which he also made known to the said Council on 27 September last. Your Noble Honours will also please consider the distance of the Drostdy from the Capital; and since the received resolutions are received too late, being three to four months old, one cannot undertake such a perilous journey immediately without having provided oneself with the necessities for that journey; considering also the costs and damage one suffers, and thereby being made almost unable to live with wife and children. The undersigned is willing to do all of this gladly and with the greatest readiness, and also knows that he never deliberately showed any disobedience to Your Noble Honours' orders, nor committed any excesses such that he would be afraid to appear at the Capital. It is therefore most painful for the undersigned to have been suspended from his office by a very severe resolution, and to have earned the displeasure of Your Noble Honours, albeit innocently, whereas the undersigned can testify before God and his conscience that he did his utmost duty, was never inactive, and would also gladly resign his office in order to be freed from all hatred, persecution, and envy, and to leave a region that has almost deprived him of honour and reputation, and whose people are all too exposed to the spirit of lies, if only he had for the time being a place of residence for his wife and children, and certainly not having deserved, after having sacrificed the greatest part of his fortune in the service of the Honourable Company, to have to wander and suffer want. The undersigned could bring forward much more, but in order not to occupy Your Noble Honours' attention, he believes he has said as much as may serve for a sufficient justification of the unfounded complaints brought against him, and for the removal of the displeasure of Your Noble Honours, to the end that, if the undersigned may no longer remain in his post, he may nevertheless be dismissed with honour, and

Dutch transcription

2551. der Merve veroorzaakt geworden, en U Wel Ed: Achtb. dus hebben genoodzaakt, te besluiten, in de verregeleegen gewesten eene Magistratuure op te rechten. Den onderg. houdt zich ver= zekerd, dat 'er zeer wynige in= gezetenen der Colonie Graaffe Rynet hunne goedkeuring aan het meergem. lasterschrift zullen hechten, ten zij, zulks oitz eigenbelang uit kwaad= aartigheid en opstokerij mog= te geschieden. Den onderg. kan onmogelyk begreipen, hoe het mogelyk is, dat de tekenaaren zo eenen stap hebben durven doen, en zo tegen hun beter weeten te werk gaan, eene daad, die gewis niemand, maar wel /c. s. / den eersten tekenaar zoude onderneemen, zonder zich aan de grootste lastering schuldig te maaken Den onderg. vervolgens voortgaande en ten opzichte van U Wel Ed. Achtbre resolutie van 7 7ber. jongstl, waarin den onderg. ten laste werd gelegd, de disobediëntie der bevelen van UWel Ed. Achtb. en die van den E: Achtb. Raad van Justitie, zeer eerbiedig te zeggen, nimmer eenige bevelen te hebben ontvangen, of aan dezel= ve plichtschuldig te hebben voldaan en dat den onderg. , om op den 1 Iulij alhier in loco met twee Heemraaden present te zyn, den= zelven op den 20 Junij eersthovende het Extract resolutie ontvangen, dus in de onmogelykheid is ge= weest ter opgem: tyd alhier te= genswoordig te kunnen zyn, zulks aan den Wel Ed. Achtb. Heer Gezag„ hebben met de reden ondergem. datum ook heeft te kennen gegee= ven, zo als uit de Extract resolu= tie sub La A zal bleiken, en daar reeds op de Extract resolutie van den 7 Maij deezes Jaars bij 't Col= legie van Heemraaden vastgesteld Den was 2552 2553. was, het laatst der Maand Aug=s aan de Hoofdplaatze present te zyn, om over eenige huislyke zaaken met den Landdrost van Zwellendam en Heemraaden te besoigneeren, ook reeds op den 25 Aug=s alhier is aangekomen en zyn arrive bekend gemaakt, daarin tegendeel den Heemraad Jan Iacobsz een Pekenaar, mede als gecommitteerde alhier had moeten present zyn, zich wy= nig aan U WelEd. Achtb. be= velen had gestoord, niet ver= scheenen is: zo weet den on= derg. ook niet eenige disobe= dientie aan de bevelen van den Edelen Achtb. Raad van Iustitie, betoond te hebben, en in cas van dagvaarding zyne gemachtigde den Procureur, Kolver heeft laaten ageeren en zo 'er al iets mogte zyn verzuijmd, des onderg=t gequa= lificeerde en gemachtigde daar= voor aanspraakelyk zoude zyn, en schoon den onderg. in de Maand Juny a. p. van de Kaap te Graaffe Rynet eerst geretourneerd, evenwel zich gaerne in de Maand Novem= ber des gem. Jaars weer kaap= waards had begeeven, was den= zelven niet door ziekte en de ab= sentie van den Secretaris Maijnier dewelke eerst den 19 November re= toureende /: belet geworden de Colo= nie niet zonder bestuurder te laa= ten, de tyd te kort zynde om op den eersten regtdag in X=br te com= pareeren, zulks ook op den 27 Sep= tember jongstl. aan welgem. Raa= de heeft te kennen gegeeven U Wel Ed. Achtb. zullen ook gelieven te considereeren de verheid der Drostdeije van de Hoofdplaatse; en daar de ontvangene besluiten wel drie à vier maanden oud te laat ontvangen zyn, men niet opsond zulk eene gevaarlyke ryze kan onderneemen, dan zich met het noodige voor die ryze voorzien te hebben; Considereende mede en de 2554. 2555. de kosten en schaade, die men komt te leiden, en daardoor byna buiten staat werd gesteld, met vrouw en kinderen te kun„ nen leeven, den onderg. zulks alles gaerne en met de grootste bereid willigheid wil doen, ook nooit weet met opzet eenige ongehoorzaamheid aan Uwe Wel Ed. Achtb. bevelen betoond noch eenige excessen begaan te hebben, dat bevreest zoude zijn aan de Hoofdplaatze te verscheinen, en dus voor den onderg. allersmertelykst door een zeer streng besluit van zyn dienst gesurcheerd te, zyn, en het misnoegen van U Wel Ed. Achtb. /: even wel onschul= dig /verdiend te hebben, daar den onderg: bij God en zyn ge= weeten kan getuigen zyn uit= terste devoir gedaan te hebben nooit inactief is geweest, ook gaerne zijn Ampt willen neer= leggen, ten einde van allen haat, vervolging en afgienst bevryd te zyn, en een gewest verlaaten het welk in bij na van eere en repu¬ tatie beroofd, en welkers menschen aan den logengeest maar al te veel geëxponeerd zyn, als maar voorhands een verbleif plaats voor zyne vrouw en kinderen hadt, en dat toch niet zal ver= diend hebben, naa zyn vermo= gen in dienst der E. Comp=ie. groot= sten deels te hebben toegezetryke moeten zwerven en gebrek leiden. Den onderg. zoude nog veel keur„ nen bijbrengen, maar om U Wel= Ed: Achtb. attentie te occupeeren, vermeend denzelven zo veel ge= zegd te hebben, als tot genoegzaa= me justificatie der tegens in- gebragte ongegronde klachten, en tot wegruiming van het misnoegen van U Wel Ed. Achtb. kan dienen, ten einde indien den onderg. niet langer in zyn Post mag bleiven, toch met honeur te mogen worden ontslaagen, haat en

NL-HaNA_1.04.02_4357_0477 view scan ↗

English

and under Your Honorable Nobilities' favorable protection to be allowed to remain free from further pursuits. Meanwhile, the undersigned trusts that a morsel of bread will still be left for him in this Government, and for which Your Honorable Nobilities' favorable provision and fatherly care will be the best possible means to encourage the undersigned to dutifully double his zeal and pleasure and to obey Your Honorable Nobilities' orders with all possible accuracy. Wherewith the undersigned thinks to have fulfilled Your Honorable Nobilities' desire, he takes the honor of calling himself with dutiful high esteem, was signed: Honorable Noble Sir and Noble Honorable Sirs, Your Honorable Nobilities' obedient and humble servant, was signed: H. O. Woeke. In the margin was written: Cabo de goede Hoop, the 1 October 1792. Monday the 2 July 1792. Letter A. Extract resolution, taken in the meeting of Heemraden at Graffe Rynet. Two extract resolutions, taken in the Council of Policy in the Castle of Good Hope, dated 27 March 1792, were brought to the table by the Lord Landdrost, reading: After the reading of which, the aforementioned Lord Landdrost, with reference to the highly venerated order contained in the first-mentioned extract resolution—that his Honor, for reasons stated more broadly therein, accompanied by two Heemraden, should have made his presence in loco on the 1 of this current month of July—indicated that he had not been able to comply with that same order; on the one hand because his Honor, having received the aforementioned command of Your Honorable Nobilities no earlier than on the 20 of the past month of June, the time had thus been too short to have been able to obey it; and on the other hand because Your Honorable Nobilities, by Their most honored decision of 31 January prior, had been pleased to leave it deferred to his Honor to travel toward the Cape in the course of this year whenever his official duties would best tolerate an absence; his Honor had accordingly also declared himself at the meeting and had arranged his affairs in such a manner so as to proceed to the Cape in the coming month of August in compliance with the last-mentioned order, and that his Honor had already duly given the necessary notice of this, pursuant to the order of the said most High Council, to the Landdrost of Zwellendam, the Lord Anthonij Alexander Faure; While after the reconsideration of the second, with respect to the further return demanded by the said most High Council from this Meeting regarding the taxes that were contributed by the inhabitants of this Colony, drawn up according to a Plan expressly attached thereto by the same, it was approved and resolved that since the repeatedly mentioned Lord Landdrost and two Heemraden are proceeding to the Cape in the coming month of August, and the frequently mentioned Lord Landdrost is provided with everything necessary for such a return, to charge their Honors hereby, as the opportunity of their presence at the Cape is best suited for it, to learn the true meaning and intention of Your Honorable Nobilities regarding the above-mentioned return, and having learned the same, then to supply to Your Honorable Nobilities such returns as They have been pleased to demand, or shall come to require, in the frequently very venerated extract resolution. Likewise was reconsidered a Missive by the said most High Council, also dated 27 March 1792, of the following content: Whereupon it was approved to write to the Reverend College of the Church Council of the Waveren congregation that, as the Lord Landdrost and two Heemraden are to proceed to the Cape in the coming month of August, their Reverences may then be pleased to determine a time period with their Honors within which the inhabitants of this Colony can be exhorted and summoned, pursuant to the order of Your Honorable Nobilities, to settle their debt to their Reverences' church. Subsequently, having discussed the repairs that inevitably needed to be carried out on the building provisionally serving as a church, and regarding which the Lord Landdrost, in the month of December of the previous year upon the arrival of the Reader Jan de Vries here, and subsequently in the month of February of this year upon rumor of a Minister for this Colony, proposed to the meeting to bring the church building and annex rooms into a usable state, it was resolved at that time to leave this to the expected Minister as to how his Reverence would be pleased to arrange it, while the circumstances and the finances of the

Dutch transcription

2556. 2557. en onder U Wel Ed. Achtb=e gun„ stige protectie voor verdere pro= suites bevryd te mogen bleiven. Intusschen vertrouwt den on= derg. , dat toch in dit Gouver= nement nog wel een stukje brood voor denzelven overschie= ten zal, en waartoe Uw Wel Ed: Achtb=re gunstige voorzien ninge en vaderlyke zorge best mogelijke middelen zullen zyn, den onderg. aan te spooren zyn ijver en lust plichtschuldig te verdubbelen en met alle mogelyke accu„ ratesse aan Uwe Wel Ed Achtbr bevelen te gehoorzaamen Waarmede den onderget denkt, aan Uwe Wel Ed. Achtb begeerte te hebben voldaan geeft zich denzelven de eere met plichtschuldige hoog= achting te noemen /:onderstond:/ Wel Edele Acht= baare Heer en E. Achtbaare Heeren, Uw Wel Ed. Achtb=re F. I. P. S. Naarwelkers lectuure opgem. Heere Landdrost met betrekking tot de zeer gevenereerde ordre in 't eerstgem. Extract resolutie vervat, dat zin Ed: zich, om reeden in 't zelve breeder gemeld, Wierd door den Heere Landdrost ter tavel gebragt twee Extractreso- lutiën, genomen in Raade van Politie in 't Kasteel de goede Hloop de dato 27 Maart 1792: luiden= de Maandag den 2 IJulyj 1792 L=a A. Extract resolutie, genomen in Heemraads vergadering aan Graffe Rynet op gehoorzaame en onderdanige dienaar /:was getekend:/ H. O. Woeke /:in margine stond:/ Cabo de goede Hoop den 1 Oc= tober 1792. ge¬ ver= 2558. 2559. verzeld van twee Heemraaden op den 1 deezer loopende Maand July in loco zoude hebben moeten laaten vinden, te kennen gaf, aan de= zelve ordre niet te hebben kun= nen voldoen; eensdeels, om dat zyn Ed: het evengem. bevel van Hun Wel Ed. Achtb. niet eerder dan op den 20 der jongstverwee= kene Maand Iuny ontvangen hebbende, de tyd dus te kort was was geweest, om aan 't zelve te hebben kunnen obedieeren, en anderen deels, om dat Hun Wel Ed. Achtb. bij Hoogst derzelver zeer geëerd besluit van den 31 Januarij bevooren 't aan zyn Ed. hebben¬ de gelieven gedefereerd gelaaten, om zich in den loop van dit Jaar„ wanneer derzelfs Amptsverrich= tingen best eene absentie zouden willen gedoogen, kaapwaarts te begeeven, zyn Ed. zich dien= volgens dan ook ter vergaderinge gedeclareerd, en zyne zaaken derwyze geschikt had, om zich ter voldoeninge aan laatstgem: ordre in de aanstaande Maand Aug=s Kaap= waarts te begeeven, mitsg=s dat zyn Ed. hier van ook al bereids, ingevolge de ordre van meer Hoogstged, Raa= de aan den Landdrost van Zwel= lendam, de Heer Anthonij Alexan= der Paure, 't noodig bericht had ge= daan; Terwijl naar de resumptie van 't tweede, met opzichte van de door Hoogstged. Raade daarbij aan deeze Vergadering gedemandeerde na= dere opgaaf der belastingen, welke door de ingezetenen deezer Colonie wierden opgebragt, ingericht naar een door Hoogstdezelve expres daar= nevens gevoegd Plan, goed gevonden en beslooten is, dat vermits meer= wel opgem. Heere Landdrost en twee Heemraaden zich in de aan= staande Maand Augs. kaapwaarts begeeven, en dikwils gem. heere Landdrost, van al 't geen tot zoda= nige opgaave noodig is, gemuni= eerd komt te zyn, hun Ed=e bij dee= ter 2560. 2561. deezen te chargeeren, daar de geleegen= heid van hun aanweezen aan de kaap daartoe best geschikt komt te zyn, de waare meeninge en inten= tie van Hun Wel Ed. Achtb. nopem bovengem. opgaave, te verneemen, en dezelve vernomen hebbende als dan aan hun Wel Ed. Achtb. zo= danige opgaaven te suppediteeren, als Hoogst dezelve bij dikw. zeer gevenereerd Extract resolutie hebben gelieven te vordeeren, ofte nog zul= len komen te requireeren. Glyk ook geresumeerd eene Missive door meer hoogstged mede van den 27 Maart 1792 van volgenden in= houd Waarop goed gevonden wierd 't Eerwaarde Collegie van Kerkenraa¬ de der Waversche gemeente aan te schreiven, dat daar de Heer Landdrost en twee Heemraaden zich in d' aanstaande Maand Augz. Koopwaarts staan te begeen ven, dat hun Ew=s dan met hun Ed=s een tijd=stip gelieven te bepaa= len, binnen welke d' ingezetenen deezer Colonie ingevolge de ordre van hun Wel Ed. Achtb. kunnen worden geadhorteerd en aange= maand hun debet aan hun Eerw=s kerke te voldoen. Vervolgens gediscureerd zynde over de reparatiën, dewelke er on= vermydelyk aan 't provisioneel tot een kerk dienende gebouw; dien= den te werden gedaan; en waar= over den Heere Landdrost in de Maand Xber. A=o p=o bij de komst van den Voorleezer Jan de Vries al= hier, en vervolgens in de Maand Febr. deezes Iaars op gerucht van een Predikant voor deeze Colonie aan de vergadering voorgedraagen, om #t kerk gebouw en annnexe kamers in bruikbaaren staat te brengen, als toen geresolveerd is, zulks aan den ver= wachtwerdende Predikant over te laaten, hoe zijn Eerw. zulks zoude gelieven in te rigten; terwyl de omstandigheeden en de finantiën Ed=e der 9

← previousnext →