Inventory 4360
Cape · 1,290 pages · 496 segments · open at the Nationaal Archief ↗
English
774 of the Honorable Lord Commissioner Members of the Council Lesueur and De Wet to be expressly commissioned for the sale mentioned to the side. post Zoetemelkvallei in that regard the necessary which observation His Honor was pleased to add thereto. — communication from the Honorable Lord Commissioner that now once again during the latest rains a part of the Company's stable had collapsed to sell livestock in this current month, without anything more specific having been determined regarding this until now than the sale of the horses, and in this regard it was deemed best and, furthermore upon a proposal by the Honorable Lord Commissioner, accordingly resolved to request and commission the Members of the Council Lesueur and De Wet, as Their Honors are hereby commissioned and requested, on the occasion that the Company's horses will be sold by Their Honors on the 4th of November next at the Company's post De Klapmuts, also to sell all the cattle, cows, and other livestock which are still to be found both at the post Zoetemelkvallei and others, with the exception of as many draft oxen as Their Honors shall find able to serve for the transport of the artillery, which shall then have to remain at the Rietvallei; while the master of the last-mentioned post shall be written to directly with the order to have all the Company's livestock transported in due time to De Klapmuts, and further to comply in this matter with such orders as the Lords Commissioners shall think fit to give him. Lastly, it was brought to the knowledge of the Council by the Honorable Lord Commissioner that now once again during the latest rains a part of the Company's stable had collapsed, and that the said building, both through this collapse and those which had occurred from time to time during the past winter season, had gotten into such a state that a large part of it most urgently had to be demolished to prevent the entire building from collapsing; that His Honor, being convinced that the reasons which had restrained the Right Honorable Lords Commissioners-General from selling the said stable with its large yard would certainly not cease anytime soon, could also not proceed to its sale, because His Honor on the other hand, having considered the necessity that a chief commander of this Colony, both to uphold his own dignity and properly to receive distinguished foreigners passing through here, be provided with horses and carriage, for which—since he is lodged in the Company's residences—the necessary stabling and storage also ought to be provided on its part, since if a chief commander had to purchase the buildings necessary for that purpose, not only would there often be no opportunity to do so, but upon quitting this country he would also find himself exposed to substantial losses; and that His Honor, in order to make arrangements regarding all of this that correspond as much as possible with the Company's interests, thought it best to sell by public auction that part of the stable which has already partially collapsed and further runs the risk of doing so, together with its yard, and to employ the bricks and other materials to be found at that collapsed part along with some others to repair the remaining part that can still serve for the stabling of horses and the storage of carriages, and to put it in such a state as is required to serve the chief commanders for the time being for the designated use, under the condition that Governors for the time being shall be bound and obliged to have the ordinary annual repairs to that stable carried out at their own expense and without any cost to the Company, and to ensure that the same stable, upon Their Honors' death or departure, is handed over to their successors in the same state in which it shall be accepted by them; on which proposal of the Honorable Lord Commissioner having deliberated, the same in all parts
Dutch transcription
774 van den Edelen Heer Com„ Leeden des Raads Lesueur en De wet tot de bezijden ge„ „melde Verkooping expres te committeeren. post de zoete melks valleij ten dien belange de nodige welke aanmerking zijn Ed. s daar bij heeft gelieven te voegen. — communicatie van den Edelen Heer Commissaris dat thans weederom bij de laatste reegens een ge„ =deelte van 's Comp„s stal was ingestont Beestiaal in deeze loopende Maand te verkoopen, zonder dat tot nu toe daar omtrend iets nader was bepaald gewor¬ „den, dan de verkoop der Paarden, en is ten deeze aanzien best gedagt en zijnde wijders op voorstel dien volgens beslooten de Heeren d =missaris beslooten de Heeren eeden des raads Lesueur en de Wet te verzoeken en te committeeren zo als hun Ed. gecommitteerd en verzocht worden bij deezen, om bij geleegendhaid dat 's Compagnies Paarden door hun Ed. op den 4=en November aanstaande aan s' Comp=s Post de klapmutz zullen worden verkogt, ook te verkoo¬ „pen, alle de Runderen, koeien en ande¬ „re Vee; welke zich nog zo aan de Post de zoete melks vallei als andere koomen te bevinden, uitgezondert zo veele trek oosen als hun Ed„ zullen bevinden tot 't vervoeren van de artellerie te kunnen dienen, welke als dan de Rietvalleij zullen moeten verblij„ „ven, zullende dus de Baas van laats„ terwijl dan den Baas van de „ gemelde Post directie worden aan„ aanschrijvens zal geschieden geschreeven, al het 's Compagnies Vee ter behoorlijken tijd te doen vervoeren naar de klapmutz en voorts om in deeze na te koomen zodaanige beveelen als Heeren Gecommitteerdens zullen goedvin„ „den hem te geeven. Laastelijk wierd door den Edelen Heeren Commissaris ter kennisse van den Raade gebragt dat thans wederom bij de laatste teegens een gedeelte van s Compagnies stall was ingestort en dat 't zelve gebouw zo door deeze in„ storting als de geene welke geduuren„ „de het afgeloopen Winter saisoen van tijd tot tijd daar aan zijn ge„ „koomen in zodanige staat was geraakt dat een groot gedeelte daar van aller noodzaaklijkst moest worden afgebrooken om voor te koomen dat het geheele Gebouw niet zoude instorten dat zijn Ed. uit overtuiging dat de reede„ nen welke de Hoog Edele Heeren Commissarissen Generaal hadden t „teug gehouden de gemelde stal met dies groote Erf te verkoopen zeeker binnen korf niet zullen cesseeren, ook niet tot dies verkoopen vee Zou 77 774 77 zou kunnen overgaan, om dat zijn ld. aan den anderen kant overwoogen heb„ „bende de noodzakelijkheid dat een hoofd„ „gebieder deezer Colonie zo om zijn eigen waardigheid op te houden als om alhier passeerende gedistingeerde vreemdelin„ „gen betamentlijk te ontfangen was voorzien van Paarden en Rijtuig, waar toe hem als in 's Compagnies Wooningen gelogeerd wordende ook wel de noodige stalling en berging harent weegen diende te worden ver„ „schaft dewijl wanneer een hoofd gebieder zich de daar toe nodige gebouwen moest aankoopen niet alleen, daar toe dikwerf geen gelee„ „gendheijd zoude zijn, maar hij zig ook bij 't quitteeren van dit Landaan aanzienlijke verliezen blootgesteld zou vinden, en dat zijn Ed. omme omtrent dit een en ander zo veel mogelijk met 's Comp. s belangens Overeenkomstige beschikkingen te maaken, best meenden te zijn dat gedeelte van de stal, het welk reeds gedeeltelijk is ingestort en daar toe verdere gevaar Loopt met deszelfs Erf bij publicque vendutie te verkoopen, en de steenen en andere Materialen welke zich bij dat ingestorte gedeelte koomen te bevinden beneevens nog eenige anderen te emploieeren om het overi„ „ge gedeelte dat nog tot stalling van Paarden, en berging van Rijtuijgen kan dienen, te repareeren en 't zelve in zodanige staat te brengen als vereischt word om aan den Hoofd„ gebieders in der tijd tot 't gebuteerd gebruik te dienen, onder conditie dat Gouverneurs in der tijd gehouden en verpligt zullen zijn de gewoone Iaarlijkse reparatiën aan die stal ten hunnen kosten en zonder eenig bezwaar voor de Comp=s te laaten doen en te zorgen dat dezelve stal bij hun Ed. overlijden of vertrekt aan hunne opvolgers, in dezelfde staat overgeeven als waarin die door hem zal worden aanvaard, over welke pro„ „positie van den Edelen heere Commis „saris gedelibereerden dezelve in alle gedeelte deelen 777
English
the members of the Council, having fully conformed with the proposal made by the Honorable Commissioner, it being found to agree in all parts with the interests of the Honorable Company, the Council has fully conformed therewith, while on behalf of the Honorable Commander Rhenius, it will be requested that his Honor, in his capacity as Chief Administrator together with the Governor for the time being, shall have the use of this stable in like manner and under the same engagement, all under the approval of the Honorable Commissioners-General, which the Honorable Commissioner will request at the first opportunity. Thus resolved and decided in the Castle of Good Hope, on the day and year aforesaid. Signed: A. I. Sluijsken, I: I. Rhenius, I. I: Lesueur, O: G. dewet, E: Bergh. Lower down: In my presence, P. F. Goetz, Secretary. Tuesday, the 15th of October 1793. In the forenoon, present: the Honorable Commissioner, together with the Honorable Commander and the Honorable Members Lesueur, dewet, van Reede van oudtshoorn, and Bergh; absent: the Honorable Gordon and Brandt. After the letters written by this Council under today's date both to the Illustrious Assembly of Seventeen and to the Honorable Directors of the respective Chambers were resumed and signed, it was communicated to the Council by the Honorable Commissioner that his Honor had received from the Secretary of Zwellendam, Willem Loedolph van Hardenbergh, a letter dated the 8th of this month, written to his Honor in answer to the one his Honor had directed to him, the contents of which are described in the resolutions of this table of the 2nd of this month; that the said Secretary, having attempted to excuse himself as much as possible concerning his conduct in detaining the captive Hottentots, the slave Louis, and the Hottentot woman Anna, had complied with the order to send those people hither, but at the same time requested of his Honor to be instructed how to act with such Hottentots as might still be apprehended by the country people and brought to Zwellendam, when the same Hottentots might be found by him to have no part either in the alleged treason or in any other mischief. And upon consideration of that request, and in order to protect those natives as much as possible against the persecution that some residents, whether from misplaced fear or from wantonness, might commit against them if, once captured, they were sent back to their places of residence without being acquitted of their alleged intention of treason and murder, it was thought best and consequently unanimously resolved to write to the said Secretary to treat well all Hottentots who are captured by the residents and brought to Zwellendam, and to have them conveyed towards the Cape as soon as possible, to remain here until this entire matter shall be properly investigated and concluded, which is the instruction that will be supplied hereupon to the aforesaid Secretary Hardenberg. The Attorneys of the Governor of this colony, Cornelis Iacob van de Graaff, who is currently in the Netherlands, to whom an extract was delivered of the resolution of this table taken on the 24th of September last, to leave the payment of the compensation imposed on his Honor by resolution of the 20th of December 1791 regarding the purchase demanded by the Seventeen in their letter of the 4th of January 1791 to the said Assembly, having submitted to the Honorable Commissioner two authenticated extracts from vendue rolls of sales held in the year 1787, to demonstrate that the oxen at that time were sold publicly at higher prices than those for which the Honorable van de Graaff purchased them for the account of the Honorable Company.
Dutch transcription
278 hebbende de heeren Leeden des Raads met de gedaane propositie van den Edelen hier zich daar meede vol„ =komen geconformeerd. — namens den heere Gezacht„ alles onder approbatie van Heeren Commissarissen bij„ „eerste geleegendheijd verzoeken missaris den Raade gecommuni„ =taris van Zwellendam had ont„ deeser aan zijn Ed: geschreeven. waar in zich tracht te ver„ ontschuldigen over 't achter„ Hottentotten de Plaaf Louis en de Hottentottine Anna. waare de Missives aan de Illus„ „tre vergadering van XVII en aan Heeren Bewindhebberen des deelen met s: Comp=s belangens overeen„ „komstig bevonden zijnde, zo heeft den Raade zich daarmeede volkoo„ men geconformeerd, terwijl namens den Heere Gezachthebber Rhenius welk verzoek des weegens zal worden verzogt dat zijn Edele hebber Rhenius zal worden in zijne qualiteit als hoofd admi„ nistateur met een beneevens den Gou„ „verneur in der tijd van deeze stal in gelijker voegen en ouder dezelve en ga¬ „gement het gebruik hebben zal alles onder approbatie van Heeren Commis„ „sarissen Generaal welke den Heere Commissaris bij eerste gelegentheijd verzoeken zal. Aldus Geresolveerd ende Gearresteerd In 't Casteel de Goede Hoop Ten daage en Iaare voorsz. /:was getekend :/ A. I. Sluijsken, I: I. Rhenius, I. I: Lesueur, O: G. dewet, E: Bergh. /:Lager:/ mij praesent P. F. Goetz secretaris Dingsdag den 15 october 1793. na dat geresumeerd en geteekend Na dat geinsumeert en getekend waaren de Missives door deezen raade onderheuidin„ respective kameren geschreeven, gen datum zo aan de Illustre Vergadering van zeeventhienen als aan de Heeren Bewindhebberen des respective Kameren- wierd door den Edelen Heer Com„ geschreeven wierd door den Edelen Heer „veerd dat zijn Ed: van den seere Commissaris den raade gecommuniceerd, fangen een Missive sub dato 8' dat zijn Ed: van den secretaris van Zwel„ lendam Willem Loedolph van Harden„ bergh hadt ontfangen eene Missive sub. dato 8 deezer aan zijn Ed: geschreeven in antwoord op die welke zijn Ed: aan hem hadt gericht en waar van den in„ „houd bij de Resolutien deezer tafel van den 2e deezer is omschreeven, dat den gemelde secretaris zich over zijn „houden van den gevangene gehouden gedrag in 't achterhouden van de gevangene Hottentotten, de slaaff Louis en den Hottentottine s' voormiddags praesent den Edelen Heer Commissaris benee„ vens den Heere Gezachthebber en den heeren Leeden Lesueur, dewet, van Reede van oudtshoorn en Bergh, demptes de Heeren Gordon en Brandt. s' voormiddags Anna gedaan: zal. — 779 „len handelen met die Lotten„ „dam opgebracht werden en geen Schuld hebben. — de gemachtigdens van den Gouverneur van de Graaff saris hebbende koomen over Extracten uit rendurollen van Verkoopingen in den Jaare 1787 gehouden. ter betooging dat de ossen in die tijd tot hooger prij„ „zen waaren verkogt als die voor welke den Heere welke de aanschrijvens is die hier op aan voorsz: Secretaris Hardenberg zul„ „len werden gesuppediteerd. Anna, zo veel mogelijk hebbende trachten „de verontschuldigen, Aan het bevel om die menschen herwaards te zenden hadt met verzoek hoedanig te zul, voldaan, doch teffens aan zijn Ed: Verzocht „totten dewelke naar zwellen te moogen worden geordonneerd hoe da„ nig te handelen met zodanige Hotten„ „totten als door de landlieden nog mogten worden opgevangen en naar Zwellendam gebracht, wanneer dezelve Hottentotten door hem mogten worden bevonden, noch aan het gepretenteert verraad nog aan eenig ander kwaad deel te hebben en is bij overweeging van dat verzoek en om die naturellen zo veel doenlijk te beveiligen, teegens de vervolging welk eenige opgezeetenen 't zij uit kwalijk geplaatste vreese dan wel uit moedwil aan hen mogten koomen te pleegen, wanneer zij, eens gevangen wederom naar hun verblijfplaatzen wierden te rug gezonden, zonder van hun gepretendeert voornemen tot ver„ „raad en moord te zijn vrijgesproo„ „ken, best gedagt en dienvolgens unanime beslooten, den gemelde Secretaris aan te schrijven, alle Hotten¬ „totten welke door de opgezeetenen wor„ „den gevangen en den Zwellendam gebragt, wel te behandelen, en ten spoedigste kaapswaards te laaten vervoeren, om alhier te verblijven tot dat deeze geheele zaak behoorlijk zal weezen onderzocht onderzocht en afgedaan. De Gemachtigdens van den zich in aan de WelEdele heer Commis Nederland bevindende Heere Gouver„ leggen twee geauthentiseerde neur deezer colonie Cornelis Iacob van de Graaff, aan Wien Extract is afgegeeven van 't besluit deezer tafel op den 24 september laatst leeden genoomen, om an de betaaling van de aan zijn Ed: bij resolutie van den 20 xbar 1791, opgelegde vergoeding weegens den inkoop tienen bij Missive van den 4e: Januarij 1791 gevorderd, aan welgem Vergadering over te laaten, aan den Edelen Heer commissaris overlegt hebbende, twee geauthentiseerde Ex„ „tracten uit vendurollen van verkoo„ pinge in den 1787 gehouden, ter beto„ ging dat de Ossen ter dier tijd in 't openbaar zijn verkogt tot hooger van de Graaff voor reekening prijzen als die voor welke den Heere Secretaris van der E: Compe heeft ingekogt 781
English
782. 783 van de Graaff bought the same for the account of the Company, with the request that the Illustrious Assembly of Seventeen might be informed thereof, it was decided, upon examination of the aforesaid extracts of the vendue rolls, to supply copies thereof to the Illustrious Assembly of Seventeen at the same time that the request submitted to this government by the said authorized agents to obtain exemption from that tax, and the subsequent report of the Honorable Commander thereon, shall be sent to their High Mightinesses, in order to demonstrate to their Right Honorable and Highly Esteemed Sirs that the Honorable Company was not burdened at that time by the higher obtained price than the stipulated price. On this occasion, it having been made known by Mr. Bergh in his quality as Cashier that he had found that the said Honorable Governor van de Graaff had not yet fulfilled the payment of his Honor's share in the compensation demanded by the Lords Majors by missive of 2 October 1790 on account of the paid stuiver per lb of meat delivered by the contracted butchers to the country's ships, and the paid board money together amounting to rds. 2025:45, it was decided to order the authorized agents of the said Honorable Governor van de Graaff to transfer that amount into the Company's treasury as soon as possible. And on the report submitted by the Equipagemeester Jan Arnoud Voltelen and the Captain of Artillery George Coenraad Kuchler, who were commissioned by the Honorable Commissioner to examine the artillery and ammunition of the ships Drechterland and de Meermin, as well as to state what was lacking to enable those vessels to depart from here with reassurance, they having submitted the following report on this matter. To 784 785 To the Right Honorable and Highly Esteemed Sir Abraham Josias Sluijsken, Councillor Extraordinary of the Netherlands Indies, as well as Commissioner over the Government of the Cape of Good Hope and its dependencies, etc., etc., etc. Right Honorable and Highly Esteemed Sir, In accordance with the highly respected orders of your Right Honorable and Highly Esteemed Sir, the undersigned boarded the ships Drechterland and de Meermin lying here in the roadstead in order to inspect their artillery and ammunition, and found that the ship Drechterland is mounted with: 10 pieces iron cannon of 8 lb, all of which cannons are well provided with ammunition, and nothing is lacking for completion other than the following, namely: 36 grape shots of 8 lb, 5 sponges with rammers, 1 ladle with worm of 8 lb, Needs to be supplemented with a 4-lb cannon, as one 4-lb cannon was thrown overboard on its last voyage according to the statement of the Commander of that vessel; furthermore, the same still needs to be provided with: 10 sponge staffs, 4 sheepskins, 10 handspikes, 6 iron priming irons, 4 vent drills, 2 cartridge formers of 4 lb, 10 quires of cartridge paper, 14 quires of pattern paper, 1200 musket balls, 6 sponges with rammers of 4 lb, 1 ladle with worm of 4 lb, 4 iron vent drills, 6 iron priming irons, and some pounds of sheet lead for gunflints. Furthermore, there still need to be repaired 6 guns, 2 blunderbusses, and 6 pistols. The ship de Meermin is mounted with: 11 pieces iron cannon of 4 lb, 2 swivel guns of 1 lb, 6 sponges of 4 lb, 1080 pistol balls, 60 musket flints, and 54 pistol flints. Wherewith, trusting to have dutifully complied with the highly esteemed order of your Right Honorable and Highly Esteemed Sir, we let this serve as a respectful report. Below stood: Cape of Good Hope, 12 October 1793. Was signed: Jan A. Voltelen, G. C. Kuchler, J. F. Heijderijch. It was therefore agreed to have provided to those vessels everything that was stated in the aforesaid report to be necessary, in order to place the same in a proper posture of defense before their dispatch to Saldanha Bay. However, since it also appeared from this report that during the last voyage of the frigate ship de Meermin a 4-lb cannon was thrown overboard, without any declaration thereof having been submitted by the officers, the Commander of that vessel, Jan Pieter de Baer, shall be ordered to draw up a proper declaration regarding this with his officers, in order to confirm the same with solemn oaths if required. Furthermore, having read the following petition submitted to this Council by Captain Pieter van Aarson, having commanded the return ship de Verwagting:
Dutch transcription
782. 783 „tre vergadering van 17=e onderricht. Extracten met de bezijden Edele Heeren X VII toe te zin„ den geeven van den Heer Cassier dens de gelasten het neevens 1205„45„ voor reekening van Equipagiemeester voltelen en Capt der Artillerie als daar toe expres gecommit„ =teerd ingediend. - van de Graaff dezelve voor Reekening der Compagnie heeft ingekogt met ver„ met verzoek dat de Illus „ zoek dat de illustre vergadering van daar van mag werden zeeventienen daar van mogt worden onderrecht zo is bij inzien van dezel„ waarop beslooten de voorsz Ve Extract vendurollen beslooten gemelde stukken de Hoog Copias van dezelve te suppediteeren aan de illustre vergadering van zee„ „venthienen te gelijker tijd wanneer 't request door gemelde gemachtigdens om ontheffing van die belasting te Verkrijgen aan deeze regeering ingedient in het daar op gevolgd berigt van den Heere Gezachthebber, aan hoogst dezelver zal worden toegezonden, ten einde hun WelEdele Hoog Achtb. te betogen, dat de Edele Comp:s door de meerder behaalde als bepaalde prijs toen ter tijd niet bezwaard geworden is. Bij deeze geleegentheid door den Heere terwijl echter op het te kennen Bergh, en zijn Ed: qualiteit als Cassier beslooten is voorsz: gemachtig te kunnen gegeven zijnde dat zijn gemeld bedragen van rds. lb. hadt bevonden, dat door Welge„ hunnen Heer Principaal in melde Heere Gouverneur van de Graaff 's Comp:s lassa over te bungen nog niet was gepresteerd de betaaling van zijn Ed: aandeel in de vergoeding door Heeren Majores bij Missive van den 2 October 1790 gevordert weegens de betaalde stuiver per lb vleesch door de gecontrac„ „teerde slagters aan s' Lands Scheepen aan de ladets te zamen geleverd, en de betaalde kostgelden bedragen d „s 2025, - 45 zo is beslooten de gemachtigdens van gemelde Heere Gouverneur van de Graaff te gelasten dat montant ten spoedigste in 's Comp=s Cassa over te brengen. de Equipagiemeester Ian Arnoud Voltelen en den Capiteijn der Artillerie en op het rapport door den George Coenraad Kuchler, door den Edelen Heer Commissaris gecommitteerd geworden zijnde Om te examineeren het geschut en ammuntie van de scheepen Drechterland en de meermin„ mitsgaders op te geeven wat daar aan kwam te ontbreeken om die Bodems met gerustheid van hier te kunnen doen vertrekken, over dit een en ander ingedient hebben„ „de het volgende Rapport van Aan 784 785 Aan den WelEdelen Groot Achtbaa„ „ren Heere Abraham Josias Sluijs „ken Raad ordinair van Neerlands India mitsgaders Commissaris over 't gouvernement van kaap de goede Hoop en den Ressorte van dien &„a &„a & a Wel Edele Groot achtbaare Heer Ingevolge de Hoog gerespecteerde orders van UWelEd: Groot Achtb: hebben zig de ondergetekende van Boord van de alhier ter rheede leggende scheepen Drechter„ „land en de Meermin begeeven ten eijnde derzelver geschut, en amunitie te visi„ „teezen, en bevonden dat het schip Drech„ „terland is gemonteerd met, 10 p=s izere Canons â 8 lb alle welke Canons wel voorzien zijn van Ammunitie en verders niet als het volgende tot Completeering komt te ontbreeken, te weeten 36 Druijven a 8 lb 5 witzers met aanzetters 1 Leepel met aftrekker / â 8 lb _ o „. 4 „ Dient met een canon à 4 lb gesuppleert te worden, als zijnde 1 canon á 4 lb volgens opgaaf van den Gezagthebber dier Bodem op zijne laaste rijs over Boord geslingert, verders diend het zelve nog voorzien te worden met 10 Witzerstangen 4 schape vagten 10 Handspaaken 6 yzere Laadpriemen 4 — Schutbooren 2 Cardoeshouten à 4 lb 10 Boeken Cardoes papier _:o Patroon papier 14 1200 Snaphaan koogels 6 witzers met aanzetters a 4 lb 1 Leepel met aftrekker 4 Yzere Schutbooren 6 _. o Laadpriemen, en Eenige ponden platlood, voor geweerstee¬ „nen Voorts diende nog gerepareerd te worden 6 Geweeren, 2 Donderbussen en 6 Pistoolen. Het schip de Meermin is gemonteert met 11 p s izere Canons à 4 lb 2 Draaijbassen „ 1 „ 6 witzers 1080 Pistool 4 d„ —„ 4 „ 786 787. de daar bij opgegeeven nood„ =wendigheeden aan de schee„ =pen Drechterland en de Meermin te doen verstrekken. - en is aan den Capitijn van Aarson op zijn daar toe gedaan verzoek. — Van 't schip de Meermin over te leggen een verklaa„ „zaakt dat een stuk Canon à 4 lb over boord is ge. =slingert. — 1080 Pistool Koogels 60 Snaphaan Steenen, en 54 Pistool steenen Waarmelde gedenkende aan 't hoog geacht bevel van uwe WelEdele Groot Achtbaare pligtschuldig te hebben voldaan Laaten wij deezen dienen Voor Eerbiedig Rapport. /:Onderstond:/ Cabo de Goede Hoop den 12 october 1793. /:was getekend:/ Ian A: Voltelen, G. C. Kuchler. I: F: Heijderijch. - zo is verstaan al 't geen bij voorsz: Rapport is opgegeeven noodzake¬ lijk te worden vereischt, aan die Bodems te laaten verstrekken ten einde dezelve voor hunne afzen¬ „ding naar de saldanhabaaij in behoorlijk postuur van defensie te stellen. Dan nadien uit dit rapport teffen= is gebleeken, dat staande de laat„ „ste reise van 'T Fregat Schip de Aan den WelEdelen Groot Achtb: Heere Abra„ ham Josias Sluijsken Raad van Neerlandsch, India, mitsgaders Com„ „missaris over het gou„ vernement van Cabo de Goede Hoop, en den ressorte van dien &a &a. &a. beneevens den WelEdelen Acht¬ „baaren Heere Gezachthebber en den WelEdelen Heeren raade zijnde den gezagthebber Meermin een stuk Canon à 4 lb overboord gelast met zijne officieren is geslingerd, zonder dat daar van =ring waar door is reroor„ door de Overheeden eenige Verklaaring is ingedient zo zal de Gezachtheb„ „ber van die Bodem Jan Pieter de Baer worden gelast, daar over met zijne officieren eene behoorlijke Verklaaring te formeeren omme dezel„ „ve des gerequireerd wordende met solemneele Eeden te staaven. Voorts geleesen zijnde het volgend Request door den capiteijn Pieter van Aarson, gevoerd hebbende het retour schip de verwagting aan deeze Raade ingediend Meermin Van
English
of Police. Right Honorable Grand Noble Sir, Honorable Sirs! With due respect, your Right Honorable Grand Noble and Honorable's very humble and obedient servant Pieter van Aarson, having served as Captain of the Honorable Company's hooker ship de Verwagting, for the Chamber of Zeeland, arrived here in the month of April last, has the honor to make known how the petitioner was compelled, due to indisposition, to remain in this remote corner; that the petitioner is currently recovered again from his sickly condition, so that he would dare to expose himself once again to the fatigues of a sea voyage, reasons why the petitioner turns with all respect to Your Right Honorable Grand Noble and Honorable Sirs with the humble request that it may please the same to place the petitioner as second Captain on the ship Leijden, which is to depart from here for Europe, or else, should it happen that on one of the return ships expected from Batavia a Captain should be lacking, that he may then be placed as such on such a vessel. Furthermore, since the petitioner, through his illness, has not only found himself deprived of the benefits which he, had it been otherwise, would have enjoyed through his projected voyage, but has also been under the necessity of having to incur all expenses, both for the restoration of his frail condition and for further maintenance, he also takes the liberty to very humbly request Your Right Honorable Grand Noble and Honorable Sirs that it may graciously please the same, in consideration of the reasons just alleged, to grant to the petitioner the enjoyment of his wages from the time he was compelled by indisposition to leave his vessel, and that the same may therefore be accounted as having continued to run. Below stood: Doing which, etc. Signed: P. van Aarson permitted to repatriate, as well as to the Captains of the captured French ships, for the aforementioned reasons, to depart with the North American ship Robbert Maurice for their native country. Whereupon, after deliberation over the requests appearing in the aforementioned petition, it was approved and consequently resolved, in accordance with the aforementioned manner, to permit the petitioner to depart for the Netherlands, with the understanding that whenever a Commander should happen to be lacking on one of the homeward-bound ships he shall be placed thereon and his wages shall then resume their course; however, should he not wish to await this opportunity, or should the same not present itself, and he should wish to repatriate on a vessel on which a Commander is already present, the payment of his wages shall be left respectfully deferred to the pleasure of the Lords Majors. After this, it was communicated to the Council by the Noble Lord Commissioner that the Captains of the two brought-in French ships Le penn and La Levrette had made known to His Honor that, although they had sailed under the French flag, they nevertheless happened to be born Americans and thus subjects of a state with which the Republic of the United Netherlands is in friendship, with the request to obtain on that account permission to depart with the small North American vessel Robbert Maurice for their Fatherland. Having deliberated over which request and having taken into consideration that granting it would relieve the Company of the maintenance of those men without being able to cause anything detrimental, since after the capture of their vessels they ought to be considered as discharged from the service of their shipowners and thus again as subjects of a state with which the Fatherland is in friendship, it was resolved to permit both the aforementioned Captains to depart per the aforementioned vessel for their native country. Thus resolved and decided in the Castle of Good Hope, on the day and year aforesaid. Signed: A. J. Sluijsken, J. J. Rhenius, J. J. Lesueur, O. G. de Wet, W. J. V. Reede van Oudtshoorn, E. Bergh; Below stood: In my presence, G. F. Goetz, Secretary. Wednesday, the 23rd of October 1793, in the forenoon. Present: the Noble Lord Commissioner, together with the Lord Commander and the Lords Members Le Sueur, de Wet, van Reede van Oudshoorn, and Bergh; absent: the Lords Gordon and Brandt. After resuming the resolutions previously taken, The letters and papers brought here per the packet boat de Luchtbol were produced at the table by the Noble Lord Commissioner, among which happened to be a missive addressed to this government by the illustrious Assembly of Seventeen under date of 10 June of this year, over which having deliberated, it was resolved to place an extract of Section 2 into the hands of the Master of Equipage Voltelen in order to conduct himself in accordance therewith. After the resolutions taken on the 3rd, 14th, and 15th of this month were resumed, the letters and further papers brought here per the Company's packet boat de Luchtbol were produced at the table by the Noble Lord Commissioner, among which happened to be a missive addressed to this government by the illustrious Assembly of Seventeen under date of the 10th of June of this year, over which having deliberated, it was resolved with respect to the second section to deliver an extract of the same to the Master of Equipage Jan Arnold Voltelen, with orders to ensure that the officers of the outgoing ships formulate and hand over to him such a certificate regarding the caskware being shipped in the Netherlands as is required by their Right Honorable Grand Nobles in this section, in order to be sent to the respective Chambers for which the ships have sailed. Of the third section, an extract shall be
Dutch transcription
788 789 van Politie. Wel Edele Groot Achtb: Heer E: Achtb: Heeren! heeft met gepaste Eerbied te kennen uwer wel Edele groot Achtb: en E Achtb: zeer onderdanige en gehoor„ „zame Dienaar Pieter van Aarson als Capitain gevoerd hebbende sE. Comp„s Hoeker schip de Verwagting, voor de Kamer Zeeland in de Maand April Iongstleeden alhier gearriveerd Hoe den supp=t genoodzaakt is geweest, door indispositie aan deezen uithoek te moeten verblijven Dat den suppt thans wederom uit zijne ziekelijke toestand is her„ steld, zo dat hij zig wederom aan de fatiques eener zee rhijze zoude durven blootstellen, Reedenen waarom den suppt. zig met alle Eerbied tot UwelEdele Groot Achtb: en E: Achtb: is keerende met ootmoedig verzoek dat 't hoogst dezelve gelieven te behaagen, den supp„t als tweede Capitain op 't van hier naar Europa te vertrekkene Schip Leijden te plaatsen dan wel zo het kwam te gebeuren dat er op een der van Ba„ „tavia verwagt wordende retour scheepen een Capitein kwam te mankeeren om als dan als zoda„ „nig op zulk eene te moogen werden geplaatst. Dan vermits den suppt. zich door zijne krankheid, niet alleen vertrokke heeft gezien, van de voordeelen dewelke hij /:waare het anders geweest :/ door zijne geprojecteerde rijze zoude hebben genooten, maar ook in de noodzaak„ „lijkheijd is geweest alle kosten te moe„ „ten aan wenden, zo tot restauratie zij„ „ner debile toestand als verder onder„ „hout, neemt hij al meede de vrijmoe„ digheid UWelEdele Groot Achtb: en E: Achtb=s zeer nedrig te verzoeken, dat het Hoogst dezelve goedgunstig gelieve te behaagen uit aanmerking der zo even geallegueerde Reedenen aan den supp=t 't genot zijner gagie ootmoedig van en 790 gepermitteerd te moogen repatriëeren. mitsgaders aan den Cap„t van de veroverde fran„ „sche scheepen om nevens„ „gemd: reedenen met het noord americaans scheep„ „se Robbert Maurice naar„ hun geboorte land te vertrek„ Van den tijd af dat hij genoodzaakt is geweest door Indispositie zijn Bodem te moeten verlaaten, gelieven te ver„ „gunnen, en dus dezelve mag gereekend worden als te hebben voortgeloopen. /:Onderstond: 'T welk doende & /: was Get:/ P: van Aarson zo is na deliberatie over de bijgemel„ de request voortkoomende verzoeken op bezijden gemelde voet goedgevonden en dienvolgens beslooten, de suppliant te permitteeren naar Nederland te vertrekken, zullende zoo wanneer op een der thuis vaarende scheepen een Bevelhebber mogt koo¬ „men te ontbreeken hij daar op worden geplaatst en zijn gagie als dan weder„ om Cours neemen doch zo wanneer hij deeze geleegendheijd niet mogt willen afwachten dan wel dat dezel„ „ve zich niet mogt op doen, en hij per een Bodem waar op zich een Hoofd bevind mogt willen repatrieeren zal de betaaling zijner gagie aan het goedvinden van Heeren Majores eerbiedig worden gedefereerd gelaaten Na dit een en ander wierd door den Edelen Heere Commissaris den Raade gecommuniceert dat de Capiteijns der beide opgebragte fransche scheepen Le penn en La Levrette aan zijn Ed: had„ den te kennen gegeeven, dat ofschoon zij onder de fransche Vlagge hadden gevaaren zij nochthans kwaamen te zijn gebooren Americaanen en dus onderdaanen van een staat waar meede de republiecq der ver„ „eenigde Nedelanden in vriendschap is, met verzoek uit dien hoofde permissie te erlangen met het noord Americaansch scheepje Rob¬ bert Maurice naar hun Vaderland te vertrekken, over welke verzoek gedelibereert en daar bij in aan„ „merking genoomen zijnde dat het toestaan daar van de compagnie van het onderhouden dier menschen zou ontlasten, zonder iets nadee„ „ligs te weeg te kunnen brengen, dewijl, zij na het neemen hunner Bodems behooren te worden ge„ considereerd als ontslaagen uit den dienst hunner rheders en dus Wederom als onderdanen van een staat den waar =ken. — 791 792 =men. — zijn door de Edele heer Commissaris ter Tafel geproduceerd de Brieven en Papieren p=r de pacquet boot de Luchtbol alhier aangebracht. onder welke zich heeft koomen te bevinden eene Missive door de illustre Vergadering van XVI1 sub. aan deesen regeering gericht over welk gedelibereerd zijnde is beslooten van §2 Extract te stellen in han„ „den van den Equipagiemees„ „ter Voltelen om zich dien conform te gedraagen. — waarmeede het vaderland in vriendschap staat, zo is beslooten beide de gemelde Capitijns te permitteeren per het voorsch=r scheepje naar hun geboorteland te Vertrekken. Aldus geresolveerd ende gearresteerd, In't Ca„ „steel de Goede Hoop Ten daage en Iaare voorsz. /:was geteekend :/ A: I: Sluijsken, I: I: Rhenius, I: J= Lesueur, O: G: de wet, W. J. V. Reede van oudtshoorn, E. Bergh,;/: LagersH: mij praesent G. f. Goetz, Secretaris. - Woensdag den 23 October 1793 's voormiddags, praesent den Edelen Heere Commissaris, beneevens den Heere Gezacht hebber en de heeren Leeden Le Sueur, de Wet, van Reede van Oudshoorn, en Bergh. demptis den Heere Gordon en Brandt. na resumptie der resolu„ Na dat geresumeerd waaren de Resolu„ „tien hier bevoorens genoo„ tien op den 3, 14 en 15 deezer genoomen zijn door de Edele Heer Commissaris ter tafel geproduceerd de Brieven en verdere Papieren per 's Compagnies Pacquet boot de Luchtbol alhier aangebracht, onder welke zich heeft koomen te bevinden eene Missive door de ilustre dato 10 Junij deezes Jaars Vergadering van zeeventhienen sub dato 10e Junij deezes Jaars aan deeze Regeering gericht, over welke gedeli„ „bereerd zijnde, zo is ten aanzien, van de Tweede Paragraaf beslooten, Extract van dezelve ter hand te stellen aan den Equipagiemeester Jan Arnold Volte¬ len, met last omme te zorgen dat door de overheeden der uitkoomende schee„ „pen worden geformeerd en aan hem overhandigt een zodanig Certificaat over het in Nederland afgescheept wordend vaatwerk als door hun WelEdele hoog Achtb. e bij deeze Pa„ „ragraaph is gerequireerd, ten einde aan de respective Kameren waarvoor de scheepen zijn uitgevaaren toegezonden te worden. Van de derde Paragraaph zal Extract Na worden 793
English
795 Extract to be placed in the hands of the Captain Engineer, to serve as a report thereon. Regarding paragraphs 4 and 5, reference will respectfully be made to what will be reported to their Right Honorable and Respected Worships in reply to their dispatch of the 17th. A copy thereof shall be sent to the Council of Justice to comply with it to the best of their ability. Furthermore, a dispatch having been read, written by the Chief Bailiff under date of 8 May of this year. — shall be delivered into the hands of the Captain Engineer Louis Michiel Thiebault, with instructions to inform this Council for what reasons the surety bond executed jointly by him and the repatriated Captain Engineer Sebastiaan Willem van de Graaff for the former Major de Bonstetten, on account of the excess salary, rations, and emoluments enjoyed by the latter amounting to the sum of ƒ 5552.8.8, was paid and refunded to the Company solely by the aforementioned Captain van de Graaff, and how it came to pass that he, Thiebault, did not pay his share or half thereof according to the tenor of the executed deed of surety, in order that, once that report has been received, a further decision may be made in that regard. Then, with regard to the orders in the 4th and 5th paragraphs, the Council will abide by what will be respectfully stated to their Right Honorable and Respected Worships in reply to their most esteemed dispatch of 17 May of last year, concerning the impossibility in which the Council finds itself to accept the moneys mentioned therein on the stipulated basis into the Company's treasury, on account of the orders issued locally by the Right Honorable Commissioners-General regarding the sums that may be remitted and the manner in which said remittance must take place. Furthermore, a dispatch having been read, written to this government by Mr. Sturtz, Chief Bailiff on behalf of the Illustrious Duke of Zweibrücken at Castellon under date of 8 May of this year, requesting information whether a certain Pieter Magnus residing here is still alive, and if so, to inform him of the demise of his mother, it was resolved to transmit a copy of that dispatch to the Council of Justice of this government in order to comply properly and to the best of their ability with the request of Mr. Sturtz. 794 400 797 a dispatch addressed to this Council by the Government under date of 12 September last. it was resolved to grant the request made therein. likewise having been read Thereafter having been read a dispatch addressed to this Council by the Government of the Island of St. Helena under date of 12 September last, and brought here by the English ship The Good Intent, wherein request is made to facilitate the means for Mr. Jones, owner of the said vessel, to obtain here a cargo of wheat flour and other provisions, of which there is a great shortage at St. Helena, it was resolved to grant the said Mr. Jones the liberty, as he is hereby granted the same, to purchase such provisions and necessities as he shall see fit, provided he conducts himself in accordance with the established orders. Sea Captains Theunis Groen and Johannes Arkenbout having been commissioned by the Honorable Commissioner to examine and specifically state, Pursuant to Your Right Honorable Worship's highly revered orders, we, the undersigned, have repaired on board the Honorable Company's packet boat De Star, and there, in the presence of the Equipage Master J. A. Voltelen and in the presence of the Captain-Lieutenant at Sea Cornelis van Dijk, Right Honorable and Respected Sir. To the Right Honorable and Respected Sir A. J. Sluysken, Ordinary Councillor of Dutch India and Commissioner of this Government and the dependencies thereof, etc., etc., etc. what stores ought to be supplied to the packet boat De Star in order to enable the same to be dispatched from here again, and having submitted the following report on their findings in this matter. 796 798 799 it was thereupon resolved to have the necessities specified therein supplied to the commanding the said packet boat, inventoried all its anchors, ropes, sails, etc., and found that, in order to re-equip that vessel with everything that according to statement has been lost or consumed, with the exception of some trifles that are of little importance, the same requires to have: 1 daily anchor 1 buoy 1 end of 50 fathoms for buoy rope all lost, etc., according to statement 1 mainsail the foretopmast staysail 25 ells of old sailcloth 1 lb of sail yarn ½ hide of pump leather ½ dozen tackle hooks and thimbles ½ barrel of tar ¼ barrel of pitch 1 coil of old cable rope for oakum 50 lb of sheet lead 1 dozen assorted sheaves nails it was resolved to have the necessities specified in the aforesaid report supplied for the packet boat De Star, as well as Cape of Good Hope, the 17th of October 1793. Was signed: T. Groen, J. Arkenbout. In the margin: In my presence, and signed: J. A. Voltelen. In the middle stood: Present before me, and signed: Cornelis van Dijk. Underneath stood: 4 pieces of patch copper 25 lb of assorted nails 1 board of 1½-inch wainscot 25 lb of soot Furthermore, the said vessel needs to be provided with sheet copper to be placed on the bow where the same has been broken off. Herewith we hope to have complied with Your Right Honorable Worship's intention and let this serve as a report.
Dutch transcription
795 van 33 Extract in handen van den Capt. Ingenieur daar op te dienen van bericht dato betreffende ƒ. D. 4 &5 zal men zich eerbiedig refe„ =reeren aan het geen hun WelEdele Hoog Achtb:e en ver Missive van den 17e worden gemeld. zo zal van dezelve Copia werden toegezonden aan. den Raad van Justitie en best vermogen te voldoen. Voorts geleesen zijnde eene Missive door den opperdrost „ring sub dato 8 Meij deezes Iaars geschreeven. — worden ter hand gesteld aan den Capitijn Thiebault om deezen raade Ingenieur Louis Michiel Thiebault, met Last den Raade te berichten om welke reedenen de borgtogt door hem en den gerepatrieerden Capitijn Ingeni„ eur Sebastiaan Willem van de graaff „gezamentlijk gepasseerd, voor den geweesen groot Majoor de Bonstetten, weegens het door deeze te veel genooten Tractiment Randsoenen, en Emolu¬ menten, ten bedraagen van ƒ 5552„ 8„ 8 alleen door opgemelde Capitijn van de Graaff aan de Compagnie is betaald en vergoed geworden, en waar bij het te passe is gekoomen dat hij Thiebault daar van zijn aandeel ofte de helft naar luid van de gepas„ „seerde acte van Borgtocht niet heeft betaald ten einde dat bericht inge„ koomen zijnde daar omtrent nader te besluiten. Dan ten aanzien van de orders bij de 4„e en 5e paragraaphen, zal den Raade rescriptie op hoogst derzel, zich gedraagen aan het geen hun WelEdele Maij a:o p=r eerbiedig zal Hoog Achtb:s in rescriptie op hoogstder„ zelver Missive van den 17 Mei anno passato eerbiedig zal worden gemeld, over de onmo„ gelijkheid waarin den Raade zich be„ vind om de daar bij vermelde pennin„ „gen op de bepaalde voet in s' Comp„s Cassa te accepteeren, uit hoofde van de ordres door de Hoog Edele Heeren Commissarissen Generaal in Loco ge¬ „geeven over de Sommen welke zullen moogen worden geremitteerd ende wijze op welke die remise zal moe„ „ten geschieden. Voorts geleesen zijnde eene Missive de Heer Sturtz aan deeze regee door den Heere Sturtz, opperdrost van weegens den doorluchtige Hertog van Twee brugge te Castellaum sub dato 8 Mei deeses Jaars aan deeze Regeering geschreeven, verzoekende informatie of zeekere alhier woo„ nende Pieter Magnus nog in 't lee¬ „ven zij en zo Ja hem als dan van 't overlijden van zijne Moeder kennisse te doen draagen zo is ver„ „staan Copia van die Missive te doen toekoomen aan den Raade van Ju¬ omme daar aan na behooren Stitie deezes Gouvernements omme aan het verzoek van den Heere stuitz nabehooren en best ver„ moogen te voldoen. eerbiedig Hier 794 400 797 eene Missive door de regee„ dato 12 7ber: I. L. aan deezen raade gericht. zo is beslooten het daar bij gedaan Verzoek te accordee„ „ren. insgelijks geleesen zijnde Hier na geleesen zijnde eene Missive „ring van S=t Helena sub. door de Regeering van 't Eiland st. He„ „lena sub. dato 12 september Jongstlee„ „den aan deezen Raade gericht, en per het Engelsch Schip The good Intent, alhier aangebracht, waar bij verzoek word gedaan om aan den Heere Jones Rheder van ge„ „dacht Scheepje te middelen te fa„ „ciliteeren om alhier een Lading Tarwe„ Meel en andere provisien te verkrij„ gen, waar aan te St. Helena groot gebrek kom te zijn, zo is beslooten den gemelde heer Jones vrijheid te Laaten zo als hem dezelve ver¬ „leend word bij deeze omme in tekoo„ „pen zodanige Provisien en benoo„ digheeden als hij zal koomen goed te vinden, mits zich daar inne naar de gestatueerde order „gedraagende - De Capitijns ter Zee Theunis Groen en Johannes Arkenbout door den Edelen Heere Commissaris ge„ „committeerd geworden zijnde omme Ingevolge uWelEd: Groot Achtb. zeer gevenereerde orders, hebben Wij ondergetekendens, ons ver„ voegd aan boord van 's E Comps Pacquet, boot de staar en aldaar, ten overstaan van d'Equipagie„ „meester I: A: Voltelen en inpre„ sentie van den Capit Lieute„ „nant ter Zee Cornelis van Dijk WelEdele Groot Achtb. Heer Aan den WelEdele Groot Achtbaare Heer A. I. Sluijs„ „ken Raad ordinair van Neerlands India mitsga„ ders Commissaris van dit Gouvernement en den ressorte van dien &a: &c: & na te gaan en specifiecq op te geeven, welke Goederen aan de Pacquet boot de star behoorden te worden verstrekt om 't zelve wederom in staat te stellen van hier te worden afgezon„ „den, en over hunne bevinding in deeze ingedient hebbende het volgende Rapport. na gemelde 796 798 799 is daarop beslooten de daar„ bij opgegeevene behoeftens aan de „strkken en het verder daar bij gemelde Pacquet boot Commandeerende geinventariseerd, alle deselfs An„ kers Touwen, Zeijlen &a en bevon¬ „den dat om dien bodem van Alles weeder te voorzien, het geen volgens verklaaring ver„ „looren dan wel verbruijkt is uitgenoomen eenige kleijnighee¬ „den, die van geringe importantie zijn, dezelve dient te hebben 1 daags Anker 1 Booij alles ver„ 1 End van 50 v=m tot boeijreep looren &„a volgens verklaaring 1 Groot zijl 't voorstenge stag zijl 25 Ell. oud zijldoek 1 lb Zeijlgaarn ½ huid pompleer ½ douz: takelhaaks en koussen ½ Vat Teer ¼ _o Pik 1 worst oud Cabel touw tot werk 50 lb Plat lood 1 Douz scheijven gesorteerd Nagels zo is beslooten de bij voorsz: Rapport opgegeevene behoeftens voor de Pacquet boot de Star te laaten verstrekken mitsgaders Cabo de Goede Hoop den 17 8ber 1793. /:was Get:/ T: Groen, I: Ar„ „kenbaut. /:in margine:/ ten mij„ „nen overstaan /: en Get:/ I: A: Vol„ „telen /: in 't midden stond:/ Mij praesent /:en geteekend:/ Cornelis Van Dijk- /:onderstond:/ 4 stuk Lap kooper 25 lb gesorteerde spijkers 1 blad van 1½ duijm wagenschot 25 lb Roet dan diend gemelde Bodem nog van t Plaaten, kooper voorzien te worden om voor de boeg daar de„ „zelve afzijn gebrooken te worden geplaatst. Hier meede hoopen wij aan UWelEd. groot Achtb: Intentie te zullen hebben voldaan en laaten dit dienen tot bericht 4 stuk de 1 =gen.
English
800 801 Memorandum by the Lord Commander as Head Administrator regarding the quantities of grain delivered in excess and in deficit; whereupon it was resolved to debit and credit the officers of the vessel on their accounts in the manner that follows. to have the bow of that vessel sheathed again with copper, all in such manner as has been specified by the commissioners in their aforementioned report. The Lord Commander, in his capacity as Head Administrator, having submitted the following Memorandum regarding such grains as were delivered in excess and in deficit by the officers of the frigate ship De Meermin from the cargo brought hither from Mossel Bay, after deduction of the permitted and validated spillage. Memorandum of the hereinafter mentioned grains brought hither from Mossel Bay by the frigate ship De Meermin in the financial year Anno 1792/93, according to the declaration of the commissioners annexed hereto. 2427 mudden of wheat, whereof 29 mudden short, which deficiency, as was most clearly perceived both by the ship's officers and by the ordinary commissioners according to the aforementioned declaration, cannot be attributed to anything other than the poor condition of the sacks used in unloading that vessel, which alone caused this spillage. It is thus resolved to credit the beans delivered in excess to the pay accounts of the officers of the frigate ship De Meermin, and on the other hand to debit them for the wheat and peas delivered in deficit, all in the manner following. 261 mudden of beans, whereof 4½ mudden spoiled 58 mudden of grey peas, whereof also less was delivered, as stated above 1½ mudden of white spoiled wheat and beans. In the Castle of Good Hope, the 23rd of October 1793. Signed: J. J. Rhenius 129 To wit: 802 803 Credit: 2 3/6 mudden of beans at 7: ƒ 28. —. — 23 2 — pieces ducatons of 66 stivers Dutch money Account of the Captain 2/3: 18: 13. 8 Account of the Captain-Lieutenant 1/3: 9. 6. 8. as above: 28. —. — Debit: 4¾ mudden of wheat: ƒ 27. 17. 8. 11 7/8 mudden of peas at 8 3/8: ƒ 3. 16. 3 1/12 mudden at 158. 6. 8: 130. 12. 8 Total: ƒ 192. 2. 8 Hereupon 25 per cent increase: 48. —. 8 Total: ƒ 240. 3. 5 1 ducaton from the Lord of Police, Indian money Account of the Captain 2/3: 160. 2. — Account of the Captain-Lieutenant 1/3: 80. 1. — as mentioned: ƒ 240. 3. — The Landdrost of Stellenbosch and Drakenstein, Hendrik Lodewijk Bletterman, having submitted the following report to the Council: The Landdrost of Stellenbosch and Drakenstein, Hendrik Lodewijk Bletterman, who by resolution of this Table of the 21st of September last was requested to make exact inquiries into the truth or untruth of what was posited in a certain petition addressed to this Council on behalf of Elisabeth Eelhard, widow of the late Lambert Fick, and inserted in the aforementioned resolution, and specifically what consisted the movable goods which to the amount of ƒ 8000 were supposedly included in the sum of ƒ 15000, for which the said Widow Fick sold her premises situated in the village of Stellenbosch to her son-in-law Jan Baptist de Vos; having submitted to the Council the following report concerning this investigation: Right Honorable Sir and Honorable Gentlemen! To the Right Honorable Abraham Josias Sluysken, Ordinary Councillor of the Netherlands Indies and Commissioner over the Government of the Cape of Good Hope and its dependencies, etc., etc., etc., together with the Honorable Lord Commander and Honorable Council of Police. 804 805 Your Right Honorable and Honorable Sirs, having been pleased by your highly respected resolution of the 21st of the past month of September to place in the hands of the undersigned a copy of such petition as was presented to your Right Honorable and Honorable Sirs by the Fire Master Frederik Heyneman in his capacity as the authorized agent of Elisabeth Eelhard, widow of the late Fire Master here, Lammert Fick, and at the same time to order the undersigned to make exact inquiries into the truth or untruth of what is posited in the aforementioned petition, and specifically what consisted the movable goods which to the amount of ƒ 8000 were supposedly included in the sum of ƒ 15000 for which the said Widow Fick sold her premises, situated in the village here, to her son-in-law Jan Baptist de Vos, and thereupon to serve a report on all this; The undersigned, in respectful compliance with your Right Honorable and Honorable Sirs' highly revered order, having inquired most carefully both in person and through the messenger here with the said De Vos into all this, can assure your Right Honorable and Honorable Sirs that the aforementioned Widow Fick sold to her aforementioned son-in-law De Vos the aforementioned premises situated here in the village, with a brandy still, for the sum of fifteen thousand guilders Cape valuation, under this express condition: that she, the Widow Fick, at her own expense, would have to have constructed a wine warehouse seventy-six feet in length and twenty feet in width, alongside a building for poultry under a single flat roof of one storey, sixteen feet in length and twelve feet in width, which buildings have indeed long since been erected, the latter having
Dutch transcription
800 801 Memorie door den heere gezachhebber als hoofd admi: te veel en te mijn uitgelee„ eeen waarop beslooten is de overheer den van het zelve op hunne ree¬ =keningen in maniere als volgd te doen belasten. de Boeg van dat vaartuig wederom met koper te laaten beslaan, alles zo en in dier voegen als door de gecommitteer„ dens bij hun voorschr. Rapport is opgegeeven. de Heere Gezachthebber in zijn Ed. qualiteijt als Hoofdadministrateur ingedient hebbende de volgende Memorie, over zodanige graanen als door de overhee„ „den van T Fregat schip de Meermin op de uit de Mosselbaai herwaards ge„ „brachte Lading na aftrek van de ge„ permitteerde en gevalideerd wordende spillagie te veel en te min zijn uitge„ leeverd.- Memorie van de Nabesz. Graan„ „nen als er in 't Boekjaard A„o 179 1/3 met 't Fregat schip de Meermin uit de Mosselbaaij na herwaards zijn aangebragt volgens verklaaring van gecom„ „mitteerdens deezen annex te 2427 Mudde Tarwe waar van 29 Mud te min welke minderheijd zo wel door „de scheepsoverheeden als door zo is beslooten de te veel uitgeleeverde Boonen op de soldij reekeningen van de Overheeden van 't Fregat schip de Meermin ten goede te laa„ ten brengen en hen daar en teegen over de te minuitgeleeverde Tarwe en Erwten te laaten belasten, alles in voege als volgd. 261 Mudden Boonen waar van 4½ Mud bedorven waar van meede min is uitgele„ Graauwe Erwten 58 „ verd zo als bo„ ven gesz staat Witte 1½ „ bedorve Tarwe en Boonen. — In 't Casteel de Goede Hoop, den 23=e October 1793: /:was getekend :/ I: I: Rhenius 129 „de ordinaire gecommitteerdens „volgens opgemelde verklaaring „ten duijdelijkste is ontwaard aan niets anders te kunnen Werden toegeschreeven, dan door de slegte gesteldheijd der zakken bij 't ontlossen van dien Bodem gebruikt 't welk deeze spillagie alleen heeft veroorzaakt de Ten Weeten. „ 802 803 =bosch en Drakenstein Blet= het volgend dend hebbende Ten goede 2 3/6 Mudde bornen. 23 2 — p:s komt voor reekening van den Capt 1/3 18: 13. 8 „ Capt Lieut. 13 9„ 6„ 8. als vooren 28„ —„— Ten Laste 4¾ Mudde Tarwe 117/8 — Eristen. . . . . „ 130. 12„ 8 hier op 25 pCto. verhooging te Zaamen. ƒ 240„ 3/5 48„- 8 ƒ 27. 17. 8. 8 3/8. ƒ 3.16. 3 1/12. „158„ 6„ 8 ƒ 192„2„8 van 66 sts. ducatons Neerl. geld Sieteli gelen komt voor reekening van den last 1/3 160„ 2„- Capt Lieut 13„ 80 „ 1„ als gem. ƒ 240„ 3„ den Landdrost van stellen den Landdrost van Stillenbosch en Diakenstein Hendrik Lodewijk Bletterman aan wien bij besluit deezer Taafel van den 21 september Jonstleeden, gedemandeerd is geworden zich naauwkeurig te informeeren na waar¬ „heijd of onwaarheijd van 't geen bij zeekere Requeste van weegens Elisabeth Eelhard Wel Edele Groot Achtbaare Heer en E. E. Achtbaare Heeren! Aan den WelEdelen Groot Achtb„ „baaren Heere Abraham Josias sluijsken, Raad ordinair van Neerlands India mitsgaders Commissaris over het Gouverne¬ „ment van de kaap de Goede Hoop en den Ressorte van dien &a &a &a. beneevens den WelEdelen Achtbaa„ „ren Heere Gezachthebber ende WelEdele Heeren Raade van Weduwe wijlen Lambert Fick aan deezen Raade gericht, en bij evengemelde Resolutie gein„ „serreerd, is geposseerd geworden en wel voornamentlijk waar in bestaan de losse Goederen welke ten bedraagen van ƒ 8000. gecomprehendeerd zouden zijn geweest in de somma van ƒ15000„- waar voor gemel„ de Wede Fick haar Erf staande en geleegen in den dorpe van Stellenbosch aan haare aangehuwde zoon Jan Baptist ros heeft verkogt, over dit onderzoek aan den Raade ingediend hebbende het volgend bericht UWelEd Weduwe 7. ƒ 28. —. — 1r. ducaton van de Hr Indias geld Poletie 854 805 Uweld: Groot Achtb: en E. E. Achtb:s bij hoog„ derzelver zeer gerespecteerd besluit van den 21„e der Jongst gepasseerde Maand september hebbende gelieven te behaagen in handen van den ondergetekende te stellen Copia van zodanigen request als door den Brandmeester Frederik Hijneman in qualiteijd als gemagtig„ „de van Elisabeth Eelhard weduwe wijlen den Brandmeester alhier Lammert Fick aan uwelEdele Groot Achtbe en E: E: Achtb=s is overgeleeverd en den ondergetekende teffens te gelasten omme zig naauwkelrig te informee„ ren na de waarheijd of onwaarheijd van het geen bij 't voorsz: request is geposeerd, en wel voornamentlijk waarin bestaan de losse Goederen, welke ten bedraagen van ƒ 8000„—„ zou„ „den gecomprehendeert zijn in de som„ „ma van ƒ15000„—„ — waar voor gemelde Weduwe Fiek haar Erf, staande ende geleegen en den dorpe alhier, aan haaren aangehuwden zoon Ian Baptist de Vos, heeft verkogt, en als dan, van dit een en ander te dienen van berigt, heeft den ondergeteekende, in eerbiedige opvolging van uwelEd: groot Achtb„e en E. E Achtb„s zeer g'eerde ordre, zig op het naauwkeurigst zoo in perzoon als door de Boode alhier bij gem. de vos na het een en ander geinformeerd hebben„ „de, d'eene UwelEd. groot Achtb:e en E. E. Achtb„s te verzeekeren, dat bovengemel„ „de weduwe Fick aan haaren schoon„ „zoon voorm: de vos heeft verkogt het voorsz: alhier in den Dorpe ge„ „leegen Erf met een brandewijns ketel voor de somma van Vijftien Duijzend Gúldens Caabse valúatie Onder deeze expresse voorwaarde¬ dat zij Wede: Fick voor haar ree¬ kening een wijn Pakhuijs ter lengten van ses en seventig en ter breedte van Twintig voeten neevens Een gebouw voor Pluijm vhee onder een enkeld plat van een verdieping ter lengte vasthien en ter breed te van Twaalf voeten zou moeten Laaten Construeeren zoo als dezelve gebouwen ook reeds voor lange opgebouwd zijnde, het Laatst„ heeft gemelde
English
806 807 the decision noted in the margin was taken thereupon. — just as it was also decided to have small paper currency pieces stamped again in order to be exchanged for the mutilated ones. — the gentleman Governor having communicated to the Council that His Honour, pursuant to the Council's authorization yesterday, had sold the wreck of the ship Zeeland, the said building, however, during the past rainy season happened to collapse. — All of which the undersigned, submitting this as a humble report, takes the liberty to sign with the greatest respect as, — Below stood: Right Honorable Grand Noble Sir, Honorable Sirs lower: Your Right Honorable Grand Noble and Honorable Sirs' humble Servant was signed: H. I. Bletterman in the margin: Stellenbosch, the 18th of October 1793. Thus it is approved and understood to enjoin and order the Landdrost Bletterman, as he is ordered and enjoined hereby, to investigate as soon as possible, or to have investigated by experts, how much the Wine Warehouse and the Building for Poultry, which the widow Fick had to have built at her expense on the Erf sold by her, and the amount of which was included in the purchase monies of the Erf, must have cost according to the ordinary manner of building, in order to make a proper report thereof in writing to this Council, to enable it to judge whether and to what extent the request made by the widow Fick in her aforementioned Petition ought to be granted. Subsequently it was decided, for the purpose of exchanging the old, worn and mutilated paper money, to have stamped on Cardboard, 5000 pieces at 24 stivers each 10000 pieces at 12 stivers each 1000 pieces at 6 stivers each, to be signed and brought into balance by the commissioners appointed for that purpose. Hereafter it was reported by the gentleman Governor that His Honour, pursuant to the Council's authorization, had sold yesterday the Wreck of the stranded return ship Zeeland, as well as the Remains of the stranded Hooker ship the Sterreschans, and that the first-mentioned wreck had been sold for 1450 rixdollars and the debris of the Hooker Sterreschans had been sold for 303 rixdollars. 808 809 His Honour further made known to the council the inconveniences that His Honour encountered with respect to the unusable cooperage. — being furthermore enacted, in the manner noted in the margin, a placat concerning the unlawful conduct of certain residents towards the Hottentots, Caffres and other natives of this Colony. — and which authorization was thus granted to His Honour thereupon. The said gentleman Governor, in His Honour's capacity as chief administrator, having made known the inconveniences that arise with respect to the unusable cooperage from the order not to sell all discarded and unusable goods except after the end of August of each Year, since the unusable cooperage that is delivered here in the First months of each financial year must remain lying until after the expiration of the same, and through drying out and otherwise comes to lose much of its good qualities, it is thus approved and understood to qualify and authorize the gentleman Governor, as His Honour is authorized and qualified hereby, to have the unusable cooperage, in proportion as it might be found at the Company's cooperage, sold Publicly for the benefit of the Company, after having previously issued the necessary advertisements with the prior knowledge and approval of this government. Whereas it has had to be experienced by this Government, to its particular vexation, that some of the Residents not only do not shrink from bartering cattle from the Hottentots, Caffres, and other Natives of this colony, and frequently make use for that purpose of firelocks, Pistols, Gunpowder, and other Arms and Ammunition, but also frequently, in an abominable Manner, rob those poor and, in respect of
Dutch transcription
806 807 is daar op bezijden gemeld besluit genoomen. — zo als ook beslooten is we„ =derom te doen stempelen =stukken ten einde teegens de genutileerde te werden ingewisseld. — den heere gezaghebber den raade hebbende gecommi„ nueerd dat zin E. ingevolge gistern had verkogt het wrak van het schip Zeland gemelde gebouw egter geduurende het gepasseerde reegen saisoen is komen in te storten. — Welk een en ander d'ondergeteeken¬ „de laatende dienen voor nedrig berigt, de vrijheijd neemt met de meeste eerbied zig te onderschrijven als. — /:Onder stond:/ WelEdele Groot Achtbaare Heer E: E. Achtbaare Heeren /:lager:/ uwer WelEdele Groot Achtbaare en E. E. Achtbaarens ootmoedigen Dienaar /: was geteekend:/ H. I. Bletterman /:ter zijde :/ Stellenbosch den 18 October 1793. Zo is goedgevonden en verstaan den Landdrost Bletterman te Injun„ geeren en te gelasten, zo als hij gelast en geinjungeerd word bij deeze, ten spoedigste na te gaan, dan wel door des kundigen te laaten nagaan, hoe veel het Wijnpakhuis en 't Gebouw voor Pluijm vee, welke de weduwe Fick op 't door haar verkogte Erf Omme getekend door de daar toe ge„ „stelde g'ecommitteerdens in ralance te worden gebracht. Heer na wierd door den Heere sraads qualificatie op Gezachthebber gerapporteerd, dat zijn voor den 14 50 en de brie van Ed. ingevolge s' raads qualificatie op „ten haaren haaren kosten heeft moeten laaten extrueeren, en waar van het bedraagen in de kooppennigen van 't Erf zijn ge„ „comprehendeert geworden volgens de ordinaire wijze van bouwen heeft moeten hebben gekost om daar van aan deezen Raade te doen behoorlijk Rap„ port in geschrifte, ten einde dezelve in staat te stellen te kunnen beoordeelen of en in hoe verre aan 't verzoek door de wede. Fick bij haare voormelde Requeste gedaan behoord te worden gedefereerd Vervolgens is beslooten ter inwissi„ eenige klijne papiere munt„ling van 't oud, versleeten en gemute„ leerd papiere geld nog op Carton te laaten Stempelen 5000 p=s á 24 st:r ieder 10000 „ „ 12 „- 1000 „ 6 „ _ o ten gisteren en _o 808 809 gaf zijn Ed: den raade wijders te kennen de inconvenienten die zyn Ed: kwam te ontmoeten met opzicht tot het onbequam vaatwerk. — zijnde voorts in maniere als bezyden gemeld gearresteerd een handelwijze eeniger in en op= =totten Caffeer en andere na„ =turellen deezer Colonie.— en welke qualificatie dus daar op aan zijn Ed: is verleend. de Herreschans voorrz: gistern hadt verkogt het Wrak van het strand retour schip Zeeland mitsga¬ „ders de Overblijfzel van het gestrand Hoeker schip de Sterreschans, en dat eerstgemeld wrak was ingemeind geworden voor rd„s 1450„—„ — en de debris van de Hoeker Sterreschans waaren verkogt voor rd„s 303„—„ Gemelde Heere Gezachthebber in zijn Ed: qualiteijt als hoofdadmini„ „stateur te kennen gegeeven hebben„ „de de inconvenienten die met opzichte tot het onbekwaame vaatwerk ontslaan, uit de ordre om alle af„ „gelegte en onbequaame geraakte goederen niet anders dan na Ultimo Augustus van ieder Jaar te ver„ koopen, nadien het onbequaame vaatwerk 't welk in de Eerste maan„ „den van elk boekjaar alhier word uitgeleeverd, tot na expiratie van 't zelve moeten blijven leggen¬ uitdroogingen anderzints veel van desselfs goede hoedanigheeden komt te verliezen zo is goedgevonden en verstaan den Heere Gezacht heb„ „ber te qualificeeren, en te authori„ „seeren, zo als zijn Ed: geauthoriseerd en gequalificeerd word bij deezen, omme na maate dat zich aan s' Comp kuiperswinkel onbequaam vaat„ „werk mogt koomen te bevinden 't zelve den voordeele van de Compag„ „nie Publiecq te laaten verkoopen, na alvoorens daar van de nodige advertissementen met voorkennis„ „se en approbatie deezer regeering te hebben laaten afgaan. Nademaal bij deeze Regeering placcaat over de ongeoorloofde tot bijzondere ergenisse heeft moe„ =gezeetenen weegens de slotten ten worden ondervonden, dat eeni„ „ge der In en opgezeetenen zich niet alleen niet ontsien om van de Hottentotten Caffers en andere Naturellen deezer colonie vee te ruijlen, en daar toe meenig werf gebruijk maaken van de snaphaa „nen Pistoolen, Buskruit, en andere Wapenen en Ammunitien maar ook dikwerf op eene verfoeilijke Wijze, die arme en ten aanzien komt van 303.
English
810 811 defenseless people from the Europeans, by terrible mistreatment, even murder and manslaughter, to force away and rob them of their property with violence, as well as to drive them from their possessions, even going so far for this purpose as to cross the rivers that form the boundary lines of the possessions of the Christians, and even to cause those who live among the residents, under all kinds of false pretenses, to wander into exile or to take them captive; to all of which it must primarily be attributed that the nations, once so very devoted and peaceful toward the Dutch, have risen up against them and are now employing all means they can obtain to avenge themselves for the insults done to them, and thus to rob of their cattle both those who have made themselves guilty of the same, as well as those who have had no part therein, to destroy their dwellings and lands, and to cause the most gruesome scenes of murder and arson, so that, in order to put an end to these abominations, born for the greatest part out of long-provoked patience, one has seen oneself forced to employ fitting means of defense to drive the same natives back again, or to destroy them; all of which dishonorable acts committed by some residents are not only contrary to all divine and human laws, but also to the deep impressions that every rational creature has of the rights of man, and finally contrary to the manifold admonitions and orders given and issued by this government, both in the prevailing general Placcaat and in the successively issued Placcaaten of 24 September 1677, 4 April 1727, 8 December 1739, 6 April 1770, 16 June 1774, and 19 July 1786. Thus, this Council, having taken into consideration 812 813 taken into consideration how, from the violation of these wholesome orders, given both for the maintenance of the rights of man and for the flourishing, prosperity, and peace of this colony, on the one hand nothing else can arise and be brought about but a general discontent among otherwise peaceful people who, robbed of their goods and cattle and driven from the land that Providence has destined for them and of which the quiet enjoyment has been solemnly assured to them by this government, must as a matter of course resort to a wandering life, and knowing no other laws than those nature has implanted in them, in order to obtain that which must serve for their subsistence, proceed to rob of their goods and drive from their possessions those who have brought them into such a lamentable state of misery whenever they see an opportunity to do so; and on the other hand, how worthy of pity is the condition of a multitude of worthy, upright, and peace-loving residents who, having no part in the inhuman deeds of others, nevertheless become the victims of general vengeance, must see themselves robbed of their cattle and only wealth, their possessions destroyed, and for the preservation of life must take flight with women and children, or, when they cannot escape, let their lives be taken by the weapons placed into the hands of the enemy by their self-seeking fellow citizens; and therefore, for the prevention of all these abominations, which would lay waste to this otherwise so happy and blessed land and cause human blood to flow everywhere, it is resolved, in renewal of all the aforesaid Placaaten, now by Placaate further to order and enact, as is enacted and ordered by this: Firstly, that no one, whoever he may be, § 14 815 shall dare to engage in any, the least, exchange or barter with the Caffres, Hottentots, or other native indigenous inhabitants of this land, however trifling it might be, whether they are situated here in the vicinity or further away, nor for that purpose to go inland in person or with wagons and merchandise, or to employ anyone else for that purpose, on pain that those who are apprehended therein—even if no harm or violence was done by them to the aforementioned natives—apart from the confiscation of their own goods, merchandise, and wagons brought along, as well as the bartered cattle, shall, as disturbers of the public peace and violators of law and liberty, according to the exigency of the matter, without any connivance, be arbitrarily punished corporally; to which end, and so that the violators of this order may be all the better apprehended, Secondly, that no one, whoever he may be, under whatever pretexts may be used for it, shall dare, either in person alone, or with wagons, pack oxen, or other cattle of whatever name, to go across the apprehended, all field commandants, field corporals, and field watchmasters shall be qualified and authorized, as they are qualified and authorized by this, to arrest immediately all persons, of whatever rank or condition they may be, of whom they may suspect that they might intend to go out to barter in person, or with wagons or pack oxen and goods, and to give notice thereof to the Lord Fiscaal, or to the Landdrost of the District, in order that, as has just been said, according to the findings of the case, they may be punished corporally. Great
Dutch transcription
810 811 van de Europeanen Weerloorze Menschen, door ysselijke mishandelingen Ta Moord en doodslag het haare met geweld afte dwingen en te ontroo„ „ven mitsgaders uit hunne bezit„ „tingen te verdrijven, daar toe zelfs zich begeevende, over de Rivieren die de greusscheijdingen van de be„ „zittingen der Christenen koomen uit te maaken, en zelfs de geene die bij de opgezeetenen woonen onder aller hande valsche voorgeeven en ballingschap te doen, zwerven, dan wel gevangen te neemen, dan welk een en ander voornament¬ „lijk moet worden toegeschreeven, dat de wel éér aan de Hollanders zo zeer verknochte en vreedzaa„ me Natien tegens dezelve zijn. op„ „gestaan en alle middelen welke zij machtig kunnen werden thans aanwinden om zich over de hen aangedaane beleedigingen te wreeken en zoo de geene die zich aan dezelve hebben schuldig gemaakt, dan wel de zulke die daar aan geen deel hebben gehadt, van hun vee te berooven hunne wooningen en Landerijen te Verwoesten, ende akeligste toneelen van Moord en Brand aan te rechten, zodanig dat men tot sluiting van die gruwelen ten grootste deelen uit lang getergd gedult gebooren, genoodperst heeft gezien, gepaste middelen van teegenweer te emploi¬ „eeren om dezelve Naturellen weder„ om te rug te drijven, dan wel te ver„ delgen, alle welke eerloose feiten door eenige opgezeetenen gepleegd, niet alleen Strijdig zijn met alle Godde¬ „lijke en menschlijke wetten, maar ook met de diepe indrukken die ieder redelijk schepzel heeft van de rech„ „ten van den mensch en eijndelijk strijdigg met de meenigvuldige ver„ maaningen en beveelen door deeze Regeering gedaan en gegeeven, zo bij 't vigeerend generaal Placcaat, als bij de successive geëmaneerde Plac„ „caaten van 24 September 1677, 4 april„ 1727: 8 December 1739, 6 April 1770, 16 Iunij 1774, en 19 Iulij 1786. — zo is bij deezen Raade in overweeging hebben genoomen 812 813 genoomen hoe uit de overtreeding van deeze heilzaame beveelen, zoo tot hand¬ „having van de rechten van den Mensch als ter bloei, welvaard en rust deezer colonie gegeeven, eens deels niets an„ „ders kan ontslaan en te weege gebragt worden, als een algemeene misnoe„ „gen onder anderzints vreedzaame men„ „schen die van hunne goederen en vee beroofd, en van de grond die de voor„ „zienigheijd voor hen heeft bestemd en waar van het gerust guad door deeze regeereng hen plegtig is verzeekerd geworden, verdreeven wordende, zich als van zelfs tot een Zwerfend Leeven moe„ „ten begeeven, en geene andere wetten kennende als die natuur hen heeft ingeschaapen, ter verkrijging van 't geen hen tot Leevens onderhoud moet dienen, overgaan om de geene die hen in zulke Jammerlijke toestand van elen„ „de hebben gebragt, ook wanneer daartoe geleegendheijd zien, van hunne goe¬ „deren te berooven en uit hunne be„ zittingen te verdrijven, en ten an andere, hoedeernis waardig de toestand van een meenigte braave ier en vreede lievende opgezeetenen, die geen deel hebe„ „bende aan de ontmenschte en veldaaden van anderen, nochtans de slagtoffers van de algemeene wraak worden, hun vee en eenigst vermoogen zich moeten zien ontroven, hunne bezit„ „tingen verwoesten en zich tot behoud van 't Leeven met vrouwen en kinde¬ „ren op de vlucht moeten begeeven, of zich wanneer 't niet kunnen ont„ „koomen, met de wapenen, door hunne baatzuchtige Meedenburgers den vijand in handen gesteld, van 't Leeven laaten berooren, en derhalven tot weering van alle deze gruwelen, die dit anders zoo gelukkig en gezeegend Land zouden verwoesten in het menschen bloed over al doen stroomen, beslooten, bij renovatie van alle de voorsz: Placaaten thans bij Placaate, nog nader te ordonnee¬ „ren en te statueeren, gelijk gestatu„ „eerd en geordonneerd word bij deezen Eerstelijk dat niemand wie hij zijn mooge zich § 14 815 zich zal moogen onderstaan, eenige, de minste verruiling met de Cassers Hottentotten, of andere Natuurlijke Inboorlingen deezes Lands te doen, hoe gering zulks ook weesen mogt, 't zij dat dezelve hier omstreek dan wel verder zijn geleegen, nochte zich ten dien einde in perzoon ofte met wagens en koopmanschappen Landwaards in te begeeven, ofte iemand anders daartoe te gebrui„ ken oppeene dat dezelve daar op achterhaald wordende /: alwaar 't ook dat door hen aan de opgenoemde Naturellen geen overlast of geweld was aangedaan :/ buiten de confis„ „catie van haar eige meede genoomen goederen, koopmanschappen en wagens, mitsgaders het ingevulde vee als stoor„ ders van den gemeene rust en schen„ „ders van recht en vrijheid, naar exi„ „gentie van zaaken, zonder eenige oogluiking, arbitralijk aan de lijve zullen worden gestraft, ten welke einde, en op de contraventeurs van deeze ordre des te beeter zullen moogen Ten Tweede dat niemand wie hij zijn mooge zich onder wat voorwendzels daartoe mogten worden gebruikt, zich zal moogen onderstaan 't zij in Perzoon alleen, dan wel met wagens, draag ossen ofte andere vee hoe ook ge„ „naamd, zich te begeeven over de worden achterhaald alle veldcommandan„ „ten, veldwachtmeesters en veld Corpe„ „raals zullen werden gequalificeerd en geauthoriseerd, zo als zij gequa¬ „lificeerd en geauthoriseerd werden bij deeze, om alle perzoonen, van wat rang ofte conditie die ook zijn moo„ „gen van dewelke zij kunnen bevroeden dat in perzoon, dan wel met wagens ofte draag ossen en goederen van meening „gen zoude moogen zijn tot de ruilin„ ge uit te gaan, daadelijk aan te hou„ „den, en daar van aan den Heere Fiscaal, of aan den Landdrost van het Distrect kennisse te geeven, omme zo als even gezegt is na bevinding van zaaken aan den lijve te kunnen worden ge¬ „straft„ worden groote
English
876 817 Thirdly, Great Fish River, the River Tarka, or over the Baviaans River, or along other roads to penetrate into the Land of the Caffres, whether to settle there, or to let their cattle graze, or for whatever purposes this might happen, upon such penalties as are expressed in the Placard of 19 July 1786. Fourthly, that no one, whoever he may be, shall presume to exchange, sell, or give as a gift to any Caffres, Hottentots, whether Natives or others, any muskets, pistols, swords, cutlasses, or other firearms or bladed weapons, together with gunpowder, lead, or bullets, or to cause the same to reach them through the channel of others, on pain of being caught in this respect, as disturbers of the public peace and violators of the laws, being arbitrarily corporally punished according to the exigency of the matter without any connivance; and that no one, whoever he may be, shall presume to do violence, injury, or annoyance to one or more peaceful and defenseless Hottentots who conduct themselves quietly and peaceably without offending anyone, either in the service of the Christians or in the kraals permitted to them, much less to seize them, put them in irons, or mistreat them in any other way without proper proof that they have made themselves guilty of any crimes, or to remove them from their places of residence or from their wives and children, on pain that those who make themselves guilty of any wantonness in this matter, or those who might perceive that it was committed by others without preventing the same to the best of their ability, shall likewise be punished, even corporally, according to the exigency of the matter. Allowing, however, to all residents 818 819 Thus resolved and decreed in the Castle of Good Hope on the day and year aforesaid. signed A. I. Sluijsken, I: J: Rhenius, I: I: Lesueur, O. G. dewet, W: f. V. Rheede van Oudtshoorn, E: Berghe lower stood present with me G. J. Goetz, Secretary. and inhabitants not only the freedom, but even seriously recommending and ordering them to seize such Hottentots, Caffres, or other Natives who, outside the service of their Masters, venture along the roads or fields with firearms or other weapons, and therefore must be considered vagrants, and to deliver them either to the Fiscal or to one of the Landdrosts, so that they can be punished according to their merits according to the nature of the circumstances. And after the publication and affixing of this Placard, a copy of the same shall be delivered into the hands of each of the Field Commandants, Field Sergeants, and Field Corporals respectively, so that no one can claim any ignorance thereof, and they will be able to conduct themselves strictly and properly in accordance with it. After having reviewed and signed the missive directed under today's date by this Council to the Right Honorable Grand Respected Lords of the High Indian Government to be dispatched per the packet boat De Luchtbol from here. Saturday the 26 October 1793, in the forenoon, present the Noble Lord Commissioner, alongside the Lord Commander and the Lords Members Le Sueur, de Wet, van Reede van Oudtshoorn, and Bergh; absent the Lords Gordon and Brand. 820 821 the request made by the burgher Daniel Hugo to His Honor was communicated to the Council by the Noble Lord Commissioner, and which decision His Honor had taken thereon. High Indian Government, to be dispatched from here per the packet boat De Luchtbol, the Noble Lord Commissioner communicated to the Council that the burgher Daniel Hugo had addressed His Honor by petition with the request to be permitted to pay, in reduction of his lease moneys still owed on account of the General lease of the Cape cool wines of the year 1791/2 amounting to the sum of f 28567: 6: -, a sum of ten thousand Guilders Cape value, as well as to have some discount on the sum still owed by him by reason of the losses that he, Hugo, had suffered on that lease due to unforeseen circumstances, and lastly to be allowed some delay for the payment of that which he would then still owe the Company; and that His Honor, considering the circumstances in which the said Hugo finds himself, found it most consistent with the Company's interests to have the sum of ten thousand Guilders offered by him received into the Company's treasury, and to grant him a deferral until the end of August next for the payment of the f 18567: 6: - still owed by him after deduction thereof, under the express condition, however, that sufficient surety shall be provided by him, Hugo, within the period of fourteen days from today to the satisfaction of His Honor, that the said sum shall be paid by him on the aforesaid date promptly and without any delay or exception, while His Honor had furthermore forwarded the request made by the frequently mentioned Hugo to have a discount on his owed lease moneys to the High Noble Lords Commissioners-General. Subsequently, the Noble Lord Commissioner communicated that, whereas the Captain at Sea Francois Duminij by the High Noble Lords Commissioners
Dutch transcription
876 817 Ten Derde Ten vierde groote visch rivier, de Rivier de Tarka, of over de Bariaans rivier, dan wel langs andere weegen in 't Land der Cafsers te dringen 't zij om zich aldaar neder te zetten, dan wel hun vel te laaten werden, of tot welke ein¬ „den zulks ook zoude moogen geschie„ „den, op zoodanige paenaliteiten als bij 't Placcaat van den 19 Julij 1786 staat uitgedrukt. - dat niemand wie hij zijn mooge, zich zal moogen onderstaan, om aan eeni„ „ge Caffers Hottentotten, 't zij Naturellen ofte anderen eenige snaphaanen, Pistoolen, degens houwers, ofte ander schiet of scherp geweer, mitsgaders kruit, loot, ofte koogels te verruilen verkoopen of tot geschenk te geeven, dan wel door het canaal van anderen te doen geworden, op peene dat des wee„ „gens achterhaald wordende, als Hoo„ „ters van de gemeene rust en schen„ ders van de Wetten, naar exigentie van zaaken zonder eenige oogluiking arbitralijk aan den Lijve zullen word gestraft en. dat niemand wie hij zijn mooge, zich zal onderstaan, om een dan wel meer„ „der vreedzame en weerloze Hotten tot„ „ten die zich of in den dienst der Christenen of in de hen toegestaane kraalen stil en vreedzaam gedraa„ „gen zonder iemand te beleedigen, geweld Leed of overlast aan te doen, veel min dezelve zonder behoorlijke bewijzen, dat zij zich aan eenige mis„ „daaden hebben schuldig gemaakt, op te vatten te boeien ofte op eenige andere wijze te mishandelen, dan wel van hunne woonplaatzen ofte van hunne wijven en kinderen te verwijderen op pane dat de geenen die zich in deeze aan eenig moedwil„ schuldig maakt, ofte zodanige die mogten ontwaaren, dat die door andere wierd gepleegd zonder de„ zelve na best vermoogen te weeren, al meede na exigentie van zaake¬ zelfs aan den Lijve zullen worden gestraft. - zullende echter aan alle In en op„ Ten gezeetenen 818 819 Aldus geresolveerd ende ge„ „nen gedraagen. onder huidigen datum aan de Hooge indiasche regeering p„r de pacquet boot de Zuchtbol gericht, geresumeerd en getee„ =kend geworden zijnde. - gezeetenen niet alleen vrijheid gelaaten maar zelfs sirieuselijk gerecomman„ „deert en gelast werden omme zoda„ „nige Hottentotten, Caffers ofte andere Naturellen, welke zich bui„ „ten den dienst hunner Meesteren langs de weegen of velden met schiet geweer dan wel andere wape„ nen begeeven en dus als zwervens moeten worden geconsidereerd op te vatten en 't zij aan den Fiscaal, dan wel aan een der Landdrosten over te Leveren, ten einde dezelve volgens de aart der omstandigheeden na merites zullen kunnen werden gestraft. En zal na Publicatie en affixie Van dit Placcaat aan ieder der veld„ „commandanten, veldwagtmeesters, en vel corperaals resp„e werden ter handen gesteld een Copij van het zelve, ten einde niemand daar van eenige ignorantie zoude kun¬ „nen pretendeeren, en zij zich daar na stepte en behoorlijk zullen kun„ Na dat geresumeerd en geteekend is gewor„ de Missive door deezen raade den de Missive door deesen Raade on„ „derhuidigen datum gezicht aan de WelEdele Groot Achtb„s Heeren der Zaturdag den 26 october 1793. 's voormiddags, pre„ „sent den Edelen Heere Com„ missaris, beneevens den Heere Gezachthebber en de Heeren Leden Le Sueur, de Wet, van Reede van oudtshoorn, en Bergh, demptis de Heeren Gordon en Brandz „arresteerd In 't Casteel de Goede Hoop Ten daage en Iaare voorsz. — /:was geteekend :/ A. I. Sluijsken, I: J: Rhenius, I: I: Lesueur, O. G. dewet W: f. V. Rheede van Oudtshoorn, E: Berghe /:lager stond :/ mij praesent G. J. Goetz Secretaris. nen 876 - Hoog 820 821 is door den Edelen heere Com: =missaris den raade gecommu„ =niceerd het verzoek door den burger Daniel Hugo aan zijn Ed: gedaan. daar op had genoomen. Hoogindiasche Regeering, om per de Pac„ „quet boot de Luchtbol van hier te worden verzonden, is door den Edele Heeren Commissaris den Raade gecom„ „municeerd, dat den Burger Daniel Hugo zich aan zijn Ed: bij requeste had geaddresseerd met verzoek op zijne weegens de Generaale pacht der kaapse koele wijnen van 't Jaar 179½ nog verschuldigde Pacht„ „penningen ten bedraagen van ƒ 28567„ 6„ — in mindering te moogen voldoen eene somma van Tien duij„ „zend Guldens kaapse waarde mits¬ „gaders omme uit hoofde van de Verliezen, die Hij Hugo door onvoor„ „ziene omstandigheeden op die pacht hadt geleeden eenig afslag te hebben van de door hem nog verschuldigde somma, en laastelijk Omme voor de betaaling van 't geen hij als dan nog aan Compagnie zou schul dig blijven eenig uitstel te moogen en welk besluit zijn Ed: hebben, en dat zijn Ed: bij overweeging van de omstandigheeden waar in de gemelde Hugo zich bevind, met S' Compagnies belangen meest overeen„ „komstig hadt gevonden de door hem aan„ „gebooden somma van Tien Duijzend Guldens in s' Compagnies Cassa, te laaten ontfangen, en hem voor te be„ „taling der door hem na aftrekt van dien nog verschuldigde ƒ18567„ 6:- uit „stel te verleenen tot ultimo Augustus eerskomende, onder expresse voorwaar„ „den echter dat door hem Hugo binnen den tijd van veerthien dagen te ree„ kenen van heeden ten genoegen van zijn Ed: zou worden gesteld suffisante cautie dat de gemelde somma door hem op voorsz: datum prompt. en zonder eenig delaij ofte exeptie zal worden voldaan, terwijl zijn Ed: voortz het verzoek door meermelde Hugo gedaan om afslag op zijne verschuldigde pachtpennin¬ „gen te hebben aan de Hoog Edele Heeren Commissarissen Generaal hadt voorgedrangen.— Vervolgens Communiceerde den Edelen Heere Commissaris dat daar den Capitein ter Zee Francois Duminij door de Hoog Edele Heeren SComp Commissarissen 876
English
as well as of the appointment as commander on the ship de Meermin of Captain-Lieutenant de Baer. The Lord Commander being qualified for the purchase of the demanded trinkets for Graaff-Reinet as well as the required olive oil for the ship Drechterland. Commissioners-General, had been dismissed from the command of the permanent frigate ship de Meermin, His Honour appointed as commander of that vessel the Captain-Lieutenant Jan Pieter de Baer at his earning wage of ƒ48 per month and under the current contract, and that His Honour consequently issued a commission to hand over the frigate ship de Meermin with its appurtenances to the said de Baer. It having appeared from a list formed by the commissioners of the main cash treasury that, as of the end of August last, an amount of rds 50090: 5: 4 was found in the same treasury in old, dirty, and worn paper, parchment, and cardboard currency, it was resolved to have all the packets in which those old, dirty, and worn coins are kept brought sealed to the council chamber by the commissioners at the very next meeting of this government, in order to then decide further regarding the manner in which the same ought to be destroyed. The Lord Commander having made known in His Honour's capacity as Chief Administrator that by the Landdrost of Graaff-Reinet, Honoratus Christiaan David Maynier, among other items to serve for the pacification of the Kaffirs, 150 tinderboxes and 150 lb of thick copper wire had been requested, and that neither the one nor the other was present in the Company's warehouses, it was resolved to qualify the said Lord Commander to have the requested 150 lb of copper wire and 150 tinderboxes purchased, as well as the olive oil required for the ship Drechterland, as the stock of this item had been completely expended; and on this occasion it was communicated to the council by the Honourable Lord Commissioner that His Honour, for reasons besides the said ones, had thought fit to qualify the equipage master for the purchase of 1000 lb of suitable iron. Communication from the Honourable Lord Commissioner that the frigate ship de Meermin had been properly handed over to the commander de Baer by the commission appointed by His Honour. And that the same, as well as the ship Drechterland, provided with the necessary instructions, had departed yesterday for Saldanha Bay. The Gentlemen Members of the Council, W. F. van Reede van Oudtshoorn and E. Bergh, having been expressly commissioned for that purpose, having submitted the following report. Resumption of the resolutions taken on the 23rd and 26th of this month. and the Honourable Lord Commissioner communicated that, since no iron of sufficient quality had been available in the Company's warehouse to manufacture some necessities for the repair of the Company's ship Drechterland, His Honour had instructed the warehouse master Cornelis Cruijwagen to purchase one thousand pounds of iron suitable for that purpose from private individuals. Thus resolved and decreed in the Castle of Good Hope, on the day and year aforesaid. (was signed:) A. J. Sluysken, J. J. Rhenius, J. J. Lesueur, O. G. de Wet, W. F. van Reede van Oudtshoorn, E. Bergh. (Lower stood:) In my presence, (was signed:) G. F. Goetz, Secretary. Thursday, 31 October 1793. In the forenoon, present: the Honourable Lord Commissioner, together with the Lord Commander, and the Gentlemen Members de Wet and van Reede van Oudtshoorn; absent: the Gentlemen Gordon, Brandt, and Bergh. After resumption of the resolutions taken on the 23rd and 26th of this month, it was communicated to the Council by the Honourable Lord Commissioner that the commission appointed by His Honour to hand over the frigate ship de Meermin to the commander Jan Pieter de Baer, appointed by His Honour to that vessel, had properly acquitted itself thereof, and that both the ship de Drechterland and the frigate ship de Meermin, provided with the necessary instructions, had departed yesterday for Saldanha Bay. The Gentlemen Members of the Council, William Ferdinand van Reede van Oudtshoorn and Egbertus Bergh, having been commissioned by the Honourable Lord Commissioner pursuant to what was noted in the resolutions of 4 September last, to inspect precisely the condition in which the Company's buildings, both inside and outside the Castle, and situated
Dutch transcription
822 823 mitsgaders van de aan= =stelling tot gezachhebber op 't schip de Meerminder Cap„tn. Lieut„ de Baer. zijnde den heere gezachheb„ =ber gequalificeerd tot den snuisterijen voor graaffe Reijnet zo wel als de beno= digde olijven olij voor 't schip Drechterland. Commissarissen Generaal, was ontslagen geworden van het comando op het permament Frégat schip de Meermen zijn Edele tot gezagthebber op dien Bodem kwam aan te stellen den Capi„ tijn Lieutenant Jan Pieter de Baer onder zijn winnende Gagie van ƒ4 8 per maand en loopend verband, en dat zijn Ed: dien volgens eene commissie halt gedecerneerd Omme het Fregatscheepje de Meermen met dies op en dependentie aan den gemelde de Baer over te geeven Uit eene door de Gecommitteerdens over 't groot geld Cassa geformeerde Lijst, gebleeken zijnde dat zich in dezelve Cassa onder ultimo Augustus Iongstleeden aan oude vuile en ver„ sleeten papiere pergamente en cartonne Munten heeft koomen te bevinden eene somma van rd=s 50090„ 5„4z0 is beslooten alle de Pacquetten waarin die oude vuile en versleeten Munt„ „stukken zich bevinden bij de eerstroe„ „gende vergadering deezer regeering door de gecommitteerdens verzeguld ter raad„ zaale te doen brengen, omme als dan omtrend de wijze waarop dezelve be„ „kooren te worden vernietigd nader te besluiten— Den Heere Gerachthebber in zijne inkoop van de geeischte — Ed: qualiteijt als Hoofd administrateur te kennen gegeeven hebbende dat door de Landarost van Graaffe Reij„ net Honoratus Christiaan David Maijneer, onder andere articulen om tot bevreediging van de Caffers te die„ „nen waaren geischt 150 Ponteldoozen en 150 lb dik koperdraat, en dat nog 't een nog ander in s' Compagnees Magazijnen kwam te zijn zo is besloo„ ten gemelde Heere Gezachthebber te qualificeeren om de gevraagde 150 lb koperdraat en 150 Ponteldoo„ zen te Laaten inkoopen, zo wel als de voor het schip Drechterland beno„ „digde olijven olij als zijnde de voor„ „raad van dit articul geheel en al verstrekt geworden, en wierd bij deeze 8766 gende 824 commissaris den raade te kennen dat zijn Ed: om bezyden gemelde reedenen =pagiemeester te qualifi„ 1000 lb bekwaam ijzer. heer Commissaris dat 't fregat schip de Meermin door de door zyn E: benoemde Commissie aan den gezaghebberde. Baer behoorlyk was over: gegeeven. het schip Drechterland van 't nodige voorzien op gis= „tem naar saldanhabaaij waaren vertrokken. — de heeren Leedendes raads W. F: van Reede van oudts= hoorn en E: Bergh als daar tac exprés gecommitteerd ingediend hebbende het vol„ =gend rapport,— resumptie der resolutien op den 23 en 26 deezer genomen„ deeze geleegendheijd door den Edelen Heere en gaf den Edelen heer Commissaris gecommuniceerd, dat de„ „wijl geen ijzere van voldoende qua„ had goedgevonden den Equi„liteijt in s' Comp=s Pakhuis aan han„ =leeren tot den inkoop van den was geweest om eenige benodigd„ heeden tot reparatie van's Compagnies schip Dregterland te Vervaardigen zijn Ed. den Pakhuismeester Cornelis Cruijwagen had gelast Duijzend Pon¬ „den daartoe bekwaame Yzere van particulieren in te koopen Aldus geresolveerd ende Gearresteerd In 't Casteel de Goede Hoop ten daage en Iaare voorsz: /:was geteekend :/ A. I. Sluijsken, I: I: Rhenius, I: I: Lesueur, O. G. dewet, W:t J: van Reede van Oudts„ hoorn, E. Bergh /: Laager stond:/ mij praesent: was get:/ G. f. Goetz. Secre„ „taris Donderdag den 31 october 1793. 'S voormiddags praesent den Edelen Heere Commissaris, benee„ „vens den Heere Gezachthebber en de Heeren Leeden de Wet, en van Ree„ „de van Oudtshoorn, demptis de Heeren Gordon, Brandt, en Bergh. Na resumptie der Resolutie op den 23e en 26=e deezer genoomen, wierd door den Edelen Heer Commissaris den raade Communicatie van den Edelen gecommuniceerd, dat de commissie door zijn Edele benoemd om het Fregat schip de Meermen aan de door zijn Ed. op die Bodem aangestelde gezacht„ „hebber Jan Pieter de Baer over te geeven, zich daar van behoorlijk en dat het zelve zo wel als hadt geacquiteerd en dat zo het schip de Drechterlandt als het Fregrat schip de Meermin van de nodige Instruc„ „tien voorzien op gisteren naar Saldanha„ baaij waaren Vertrokken. De Heeren Leeden des Raads will„ liam Ferdinand van Reede van Oudts„ hoorn en Egbertus Bergh ingevolge het genoteerde bij de Resolutien van den 4:e September Jongstleeden door den Edelen Heer Commissaris gecommit„ „teerd geworden zijnde, omme exact op te neemen de staat waarin s'Compagnies gebouwen, zo binnen als buijten 't Casteele en staande 816 825
English
826 827 standing, are found to be, concerning their Honorable activities in this regard having submitted the following ample and detailed report. To the Right Honorable, Highly Esteemed Abraham Josias Sluijsken, Ordinary Councilor of the Dutch Indies, and Commissioner of the Cape of Good Hope and its Dependency, etc., etc., etc. Right Honorable, Highly Esteemed Sir, Your Right Honorable, pursuant to the resolution of the Council of Policy of 4 September last, having been pleased to commission the undersigned by a written order dated the 7th of the same month, to examine with all accuracy, assisted by the Captain-Engineer Louis Michiel Thiebault, the Lieutenant-Engineer Frans Sebastiaan Valentijn Le Sueur, the Captain of Artillery as well as Overseer of the Tradesmen's Quarters George Coenraad Kuchler, along with such other expert persons as they might deem advisable to employ, the state in which the Company's buildings both within and without the Castle are found to be, and likewise what repairs would necessarily have to be made to the same. The undersigned therefore have the honor dutifully to inform Your Right Honorable that, with the assistance of the aforementioned Captain-Engineer Thiebault, and the Captain of Artillery as well as Overseer of the Tradesmen's Quarters Kuchler, as soon as their own official duties and the important and urgent affairs with which the aforementioned officers were meanwhile charged would at all permit, having acquitted themselves of their aforesaid commission after an accurate visual inspection of the below-specified buildings, they have found the same to be as follows, to wit: such S: C 876 1st The Government House in the Castle generally in a fairly good state, so that no repairs or carpentry work worthy of mention need to be done to it, only it is necessary that the floor of the Council Chamber be propped up, the causes investigated and remedied of some minor water seepages into the walls, and that for the drainage of rainwater, both on this building and on all the others situated in the Castle, new gutters be made instead of the old rotten and defective ones, and also that the regular annual maintenance against rats not be neglected, nor the whitewashing of the walls and painting of the woodwork that is exposed to the air. 2nd The house intended as a residence for the Secunde at the time, presently occupied by the Honorable Esteemed Governor, old and afflicted with the inconvenience that whatever effort is made, the flat roof cannot be kept watertight, because, being made of Batavian tiles, whenever the cannon on the Couvre Face Imhoff is fired, the joints between the said stones burst due to the heavy vibration. Therefore, this building must necessarily be provided with another ordinary Cape flat roof of baked bricks and lime, while the old and draughty lofts of the upper rooms also require that they either be floored with Batavian tiles or covered with old sailcloth. 3rd The residence of the Head of the Militia in a fairly good state, having recently been everywhere provided for and also considerably improved. 4th The large Powder Magazine likewise in very good condition due to the repairs made to it a few years ago. 5th The building in which the armory shop is located, and above which various tradesmen lodge, new, but the flat roof defective, leaking heavily in several places during rain. 6th The armory proper above the large gunpowder cellar in poor condition, and the beams almost entirely rotted away, but the room above the treasury serving as a small artillery arsenal, on the contrary, in the best state. 7th All the various offices, the Loan Bank, the Large and Small Cash Chests, as well as the Ships' Money Office and the Shop, such that they require no other repairs than that the flat steps 876. 828 829
Dutch transcription
826 827 staande, zich koomen te bevinden over hun Ed: verrigtingen in deeze ingedienst hebbende het volgend Ampel en gedetail„ „leerd bericht. Aan den WelEdelen groot Achtbaare Heere Abraham Josias Sluijsken Raad ordinair van Nederlands Jndie, en Commissa„ „ris van Cabo de Goede Hoop en den Ressorte van dien &„a &„a &„a Wel Edele Groot Achtbaare Heer uwelEdele Groot Achtbaare ingevolge Politiecqe Raads besluit van den 4 Sep„ „tember Jongstleeden aan de ondergetee„ „kendens bij eene schriftelijke Commis„ „sie de dato 7=de derzelver maand hebben, „de gelieven te demandeeren, omme g'ad„ „sisteerd door den Capitijn Ingeneur Louis Michiel Thiebault den Lieutenant In„ „gennieur Frans Sebastiaan Valentijn Le„ Sueur, den Capitijn der Artellerij, mitsga„ „ders opzigter van 't Ambagts quartier George Coenraad Kuchter, beneevens zodanige andere des kundige perzoonen meer als waar van geraaden oordeelen zouden gebruijkt te maaken, met alle naauwkeurig„ „heid te examineeren de staat waar in s' Comp„ gebouwen zoo binnen als buijten 't Casteel staande zig koomen te bevinden en zoo meede welke reparatien aan de„ zelve noodzakelijk zouden moeten werden gedaan. zo hebben d'ondergeteekendens bij deezen d' Eere uwelEdele Groot Achtb„e plichtschuldig te berigten, dat zij met adsistentie van voorm: Capi„ „tijn Ingenieur Thiebault, en Capi„ „tijn der Artellerie mitsg„s opziender van 't Ambagtsquartier Kuchler zig zoo spoedig als hunne eigene Ampts verrigtingen en de importante en dringende beezigheeden met dewel„ „ke deevengeciteerde officieren in tus„ „schen belast zijn geweest, zulx maar immer hebben willen toelaaten, van voorsz hunne comissie geacquitteerd hebbende na eene nauwkeurige oculai„ „re inspectie der hier onder gespesifi„ „ceerde gebouwen, dezelve hebben bevon„ „den als volgd, te weeten. zodanige S: C 876 I=e 't Gouvernement in 't Casteel over 't geheel in een vrij goeden staat in voegen daar aan geene naamwaardige reparatien ofte vertimmeringen behoeven te werden gedaan al„ „leen is 't nodig dat de Vloer der Raadskamer werde onderstut - d:o oorzaaken opgespeurd van eenige geringe inwateringen in de muu„ „ren en daar in voorzien, mitsg„s dat tot aflijding van 't Regenwater zo aan dit gebouw, als aan alle de overige zig in 't Casteel bevindende nieuwe water goten in steede van de oude verrotte en defecte werden. gemaakt, dat teevens niet werde verzuijmd het regulier Iaarlijks onderhoud der Ratten nog ook niet het witten der muuren en schilderen van 't houtwerk, 't welk aan de Lugt is bloot gesteld. 2„e 'T Huijs tot een woning voor de se„ „cunde in der tijd bestemd, thans door den E: Achtb:e Heere Gezachthebber betrokken, oud en behebt met dat inconvenient, dat wat moeite men ook komt aan te wenden, het Plat niet kan werden digt gehouden, door dien het zelve van Bata„ viase Estricken gemaakt zijnde, telkens bij 't afschieden van 't canon op de Couvre Face Imhoff, de voegen tusschen gem: Stee¬ nen door de sterke dreuning komen te springen - Weshalven dit gebouw nood„ wendig van een ander ordinair Caabs plat, van gebakken steenen en kalk diend voor„ „zien te worden, terwijl ook de oude en doorluchtigen solders der boven verstrekken vorderen, dat de„ „zelve of met Bataviase steenen gevloerd, of met oud zeildoek belegd worden. 3:e de wooning van 't Hoofd der Militie in een vrij goeden staat, als onlangs overal verzien, en teevens merkelijk verbeeterd zijnde 4e Het groote Pulver Magazijn insgelijks in zeer goede omstandigheid door de voor weij„ „nige Jaaren geleeden daar aan gedaane re„ „paratien. - 5=e 't Gebouw waar in zig de wapen kamerwin„ „kel bevinden, ende daar op bescheijdene Am„ „bagtslieden logeeren, nieuw dog het Plat defect, als met den regen op diverse plaat„ „sen sterk Lekkende. - 6:e de eijgentlijke wapenkamer boven de groote Kruijtkelder slegts, en de Balken meest alle ten eenemaale vermolmd, dog het vertrek boven de kas tot een Artellerij ar„ „cenaaltie dienende, daar in teegen in de beste staat. 7:o Alle de onderscheijdene Comptoiren - de Bank van Leening de Groote en kleijne geld Kassa mitsg„s het scheeps geldhok ende Winkel zodanig dat geene andere reparatien vorderen, dan dat de plat treeden 876. 828 829
English
831 treads of the stairs leading to the Secretariats of Police and Justice, as well as the Trade and Pay Office, being entirely worn out, must necessarily be reinforced or made entirely new, and at the same time repaired: the door leading from the gallery above the last-mentioned office outwards onto the balcony, along with the windows in the clerks' room at the Political Secretariat, and likewise the cause of a water leak in the outer wall of the Department of the Trade Transfer Agent must be removed. The dispensary is quite good in all respects, and likewise the rooms belonging to the Trade Warehouse, except that above the large gate of the main loft a beam, having rotted through water leakage, must be shored up, and that also most doors and windows require either a complete renewal or substantial repairs. 9th: The so-called Pea and Bean Shed is solid and strong in itself, though lacking windows, of which the Rice Loft is also mostly devoid, in which loft the beams are generally rotted and decayed. 10th: The cellars in which the oil as well as the salted meat and bacon are stored are as solid as the Pea Shed, yet it is necessary, in order to prevent all spoilage that may be caused to the meat by the air, that wooden shutters or hatches be made for one of the windows that lacks them. 11th: The quarters of the military officers are generally all in a fairly habitable state, with the exception, however, of the house occupied by Captain Lutgens on the Point Buren, and the apartments formerly occupied by Ensign Bode, situated on Leerdam, as these are so poor and dilapidated that all renewals or repairs to them would be uselessly wasted, while regarding those of Captain Lieutenant Wilsnag and Ensign Scholtz, new water gutters must be made there, and another new lintel wood installed in place of a rotted one. 12th: The barracks for the soldiers, with the apartments for the non-commissioned officers located therein, are, as far as the buildings themselves are concerned, still in a very usable condition, provided that here and there a few beams which, being too light for the weight resting upon them, are already broken or threaten to break, are shored up; however, most communication doors, windows, and cane frames, as well as wooden hatches or shutters, are either entirely or partially in pieces, and in addition, the stairs leading upstairs are completely rickety and worn out, so that everything must either be made new or at least undergo considerable repair. 832 833 13th: The dwellings of the cooks and tapsters, due to the constant traffic within them, are quite heavily worn, and in the first-mentioned, the hearthstones are moreover broken to pieces. 14th: The officers' provost quarters, as well as the prisons, most of which were recently newly built, together with the dark cell and the mourning room in the Castle, are in very good condition, likewise also the bullet arsenal and the water well. 15th: The apartments that comprise the Main Guard, with the adjacent report writer's little room, are old but good for the purpose they serve; likewise the Artillery Guard on the Bastion Buren and the small rooms belonging thereto. 16th: The guardhouse at the Patrol Guard, with the adjoining dwelling of the clerk for collecting the barrel and passage dues on wines and grains, is in such a poor condition, especially with regard to the leakage of the flat roof, that without repair or renewal, they can no longer be used or occupied in the coming winter. 17th: The room for the officer of the picket situated opposite this guardhouse, together with the dwelling of the clerk of the Artillery Warehouses and other lodgings, shops, warehouses, bakeries, etc., situated under the couvre-face Imhoff, are still fairly good, yet require better yearly repair and maintenance than seems to have taken place for some time.
Dutch transcription
831 treeden der Trappen die na de Secretarijen van Poletie en Iustitie mitsg„s het Negotie en soldij Comptoir lijden, als ten eenemaale uitgesleetenen zijnde, noodwendig verdubbeld of geheel nieuw gemaakt dienen te werden en teevens gere„ „pareerd, de deur die uijt de Gallerij over laatst gem Comptoir na buijten op 't Bal¬ „con lijd, beneevens de vengsters in 't ver„ „trek der klerken ter politiqque secretarije, en teffens weg genoomen de oorzaake eener inwaatering in de buijten muur van 't Depar„ „tement van den Negotie overdrager. 't Dispens in allen opzigten vrijwel, en zoo meede de vertrekken specteerende tot 't Negotie Pakhuis behalven dat boven de groote poort van de principaale solder een Balk door inwatering verrot zijnde moet gestut werden, en dat ook de meeste deu„ „ren en vengsters of eene geheele vernieu„ „wing, of aanzienlijke reparatien komen te vorderen. — 9=o 't zo genaamd Erwten en Bonen Hok op zig zelfs hegt en sterk, dog onvoorzien van Vengsters- waar van ook meest al onbloot in de Rijst solder, in welken de Balken door den Bank teevens zijn verrot en vermolmd.— 10: de kelders waar in d' olij mitsg„s het gezouten vleesch en spek werd geborgen, eren solide als het Erwten Hok dan is 't noodzakelijk, dat om voor te koomen alle bederf welke, door de Lugt aan 't Vleesch kan veroorzaakt werden houte blinden of Luijken wer¬ „den gemaakt aan een der vengsters dier daar van onvoorzien is. 11=o de wooningen der Militaire officie„ „ren voorgans alle in een vrij logeabelen staat, met uitzondering nog thans van 't huijs bij Capitain Lutgens bewoond op de Punt buuren, en de appertementen bij den vaandrig Bode gexcupeert geweest, op Leerdam staande, als zijnde deeze der„ „maten slegten bouvallig, dat alle vernieu„ „wingen ofte reparatien daar aan nutteloos zouden weezen gespild, terwijl wat aan„ belangd die van Capitijn Lieutenant Wilsnag en vaandrig Scholtz daar aan nieuwe water goten, en voor een ver„ „rot een ander nieuw Latij hout moet gemaakt werden. 12=' de Casernes voor de Soldaaten, met d'ap„ „partementen voor d' onder officieren, welke vermolnd 816. 830 832 833 zig daar in bevinden wat de Gebouwen op zig zelfs aangaat nog in zeer bruijkbaare staat, mits hier en daar eenige weijnige balken die, als te ligt zijnde voor de op dezelve rustende zwaarte reets gebrooken zijn, of nog drijgen te zullen breeken werden onderstut, dog zijnde meeste Communicatie deuren Vengsters en rot„ „ting. raamen, mitsg„s houten Luijken of blinden of geheel, of ten deele aan stuks„ ken, en daar beneevens de Trappen die naar boven lijden gantsch Lendelam en uijtgesleeten, involgen dat alles of nieuw gemaakt of ten minsten notabele reparatie ondergaan moet. 13 o de Koks en Apiers woningen door het gestatig geloop dat in dezelve is, vrijsterk uijtgewoond, en in de eerst„ „gemelde bovensdien de Haart steenen aan stukken. 14: d'officiers Pioroosten mitsg„s de Prisons die meest al onlangs nieuw gebouwd zijn, beneevens 't donkergat en de treur Camer in 't Casteel in zeer zeer goeden staat, desgelijks ook het kogel Arsenaal en de Water put- 15:e do appartementen die de Hoofdwagt, uitmaaken, met het daar annex Rapport „schrijvers kamertje, oud dog goed tot het eijnde waartoe dienen, Item de Ar„ „tillerie wagt op 't Bastion Buuren en de daar Toe specteerende vertrekjes 16:e 't wagthuijs aan de Patrouille wagt met daar aangrenzende woning van den Commis tot het percipieeren van 't vat en passagie geld der wijnen en graanen, dermaten slegts gesteld, voor al met betrek„ „king tot de Leecagie van 't Plat dat zon„ „der reparatie ofte vernieuwing, in den aanstaande winder niet meer betrokke ofte bewoond zullen kunnen werden 17e de teegens over dit wagthuis geleegen Kamer voor den officier van 't Picquet¬ beneevens de Woning van den Commis„ der Arthillerie Maguazijnen en Ver„ dere Logementen, winkels Maguazijnen Bakkerijen ensz: onder de courre face Imhoff staande, nog tamelijk goed„ dan vorderen eene beetere Iaarlijkse reparatiere en onderhouding als zints eenige tijd wel schijnt plaatz te hebben gehad. goeden 816. 18%
English
§ 34 835 18th. The wooden guardhouse in the covered way near the Barrier Gate toward the side of the lime shed is likewise still good, only needing to be painted or tarred in order to preserve the wood against the inclemency of the weather. 19th. The lime kiln situated formerly outside the works of the castle to the east of the Cape, consisting of a small dwelling, the oven, and a covered storage place for the lime, together with the surrounding walls in which all this is enclosed, is still in a fair condition, yet in such a way that the oven would necessarily have to undergo an internal repair in case one should wish to make use of it again for burning lime on the Company's behalf, which has presently been discontinued. 20th. The buildings standing at a small distance from the aforementioned lime kiln along the Line, are all fairly well maintained, so that nothing of note needs to be expended on them, unless, in order to make the large apartment where the convalescents lodge more airy, one should wish to adopt the raising of the flat roof above this room, proposed in the past by Colonel Gilquin; the necessity of which, however, under the present unfavorable circumstances of the Company, does not appear to the undersigned to be as urgent as was attributed to the aforementioned Colonel Gilquin. 21st. The small house at the place of execution requires repair to the flat roof and timberwork, as well as to doors and windows, as do the surrounding walls here and there, while at the same time the gates with which the same is enclosed need to be repaired. 22nd. The New Hospital is distinguished by the fact that the two projecting wings, with the cellars constructed beneath them, are, if one does not take into account the defect in construction, in a fairly good condition, as are also the right and left sides of the main building as far as they have been built, only the stairs in them, along with all the others that 816 in 837 are found in various other places in this house, being entirely worn out through frequent use, need to be provided with new treads, and furthermore, some slight leakages into the walls and leaks in the flat roofs need to be remedied here and there, as well as some repairs to be made to the chimneys and hearths of the kitchens, and to the floor in the passage to the quarters of the master of the hospital. But the defects and decay in the other parts are much more conspicuous and of infinitely greater importance, because in the middle section of the main building, several beams placed across the piers, which are set at too great a distance from one another to support the flat roof, are giving way under a weight that is not proportionate to their strength, or are already broken, or are on the verge of breaking. For this reason, the Council has already decided some considerable time ago to shore up this flat roof, and provided the necessary timber for this purpose, but since this has not yet been carried out, it is exceedingly necessary that it be proceeded with without further delay, as one would otherwise have to fear a sudden and complete collapse of this prominent part of the hospital; and since, among the further defects in most of the dwellings, small lodgings, warehouses, etc., situated at the rear along and against the surrounding wall, consisting mainly of a complete neglect of the woodwork and the necessary repair of the fallen and destroyed plastering of the walls, as well as leaks in the flat roofs and quite considerable water penetration of the walls, the attention of the undersigned was particularly drawn to the condition in which the rooms intended for the new laboratory are found, since, being filled with rubble, they have been inundated by rainwater throughout the entire winter, after the necessary openings had been made in the flat roof which the construction of the hearths and furnaces required. 8165 836 provided
Dutch transcription
§ 34 835 18:e 't Houte wagthuijsje in den bedekten weg bij de Poort der Barierre naar den kant van 't kalkhok, insgelijks nog goed, die„ „nende alleen te werden geschildert ofte geteerd om 't Hout teegen de Inqurieen der Lugt te praeserveeren. 19:e de Kalkbranderij eeren buijten de werken des casteels beoosten de Caap gesi„ „tueerd, bestaande in eene klijne wooning de oven en een overdekte bergplaatz voor de kalk, beneevens de ringmuuren waar in dit alles is beslooten nog in een tamelijken staat, zoo nochtans dat de over noodwendig eene repa„ „ratie van binnen zoude dienen te ondergaan ingevalle men van dezel„ „ve wederom gebruik zouden willen maken tot het branden van kalk Compagnies weegen waar meede thans is gedescondinueerd. 20=e de Gebouwen op een klijnen af„ „stand van voorsz: Kalkbranderij. aan de Linie staande, alle vrij wel onderhouten, invoegen aan dezelve niets naam waardigs behoefd te werden g'impendeert, ten waare men om het groote vertrek waar in de reconvalescenten logeeren, lugtiger te doen zijn, welde amplecteeren de door den overste Gelquen in der tijd voorgestelde verhoging van 't Plat, boven dit vertrek„ waar van nogthans de noodzakelijk„ „heid aan den ondergeteekendens in de presente ongunstige omstandigheeden der Maatschappij niet meer zoo urgent is te voorengekoomen als zulks wel aan voorsz: overte Gilquin heeft toe„ „geschreeven — 21:e 't Huijsje op de geregtsplaats vor„ „dert zoo aan Plat en Suurwerk, als aan Deuren en Vengsters, reparatie gelijk meede hier en daar de ringmuu¬ „ren terwijl teffens de hekken waar meede dezelve word afgeslooten dienen verzien te werden 22„en 't Nieuwe Hospitaal doed zig onderscheijden voor, de twee voor„ uitspringende vleugels met de onder dezelve gepractiseerde kelders zijn wan„ neer men het vicieuse in de Construc„ „tie niet in aanmerking neemd, en een vrije goede conditie, gelijk meede de reg„ ter en linker zijde van 't Capitaale ge„ bouw voor zoo verre die zijn g'extru„ eerd dienende alleen de trappen in dezelve, met alle de overige welke 816. in 837 op diverse andere plaatsen in dit Huijs worden gevonden, als door het meenigvuldig gebruik ten eenemaale uitgesleeten zijnde van nieu„ we treeden voorzien en bovensdien hier en daar eenige gevinge inwateringen, in de muuren en Laccagien aan de Platten ver„ holpen te worden mitsgaders eenige reparatien te werden gedaan aan de Schoorsteenen en Hardsteeden der kombuijzen, en aan de vloer in de pas„ „sagie naar 't Logement van den bin„ „nen vader, dog de defecten, en deperis„ „sementen aan d' overige gedeeltens, zijn veel meer in 't oog loopende, en van oneijndig grooter aanbelang, alzoo de middel partij, van 't hoofdgebouw, Verscheijdene Balken die tot schraging van 't plat over de op eene al te groote distantie van den anderen geplaatzte penanten gelegd zijn bezwijkende onder eene zwaarte die niet aan der„ „zelver sterkte is g'evenreëdigt of reeds gebrooken zijn of op 't punt staan van te zullen breeken, waar¬ om dan ook bereijds voor een gerui„ „men tijd bij den raad tot onder stutting van dit Plat is beslooten en het noodige houtwerk daartoe verstrekt, dan vermits zulks voor als nog niet is geeffectueerd, is 't ten uitersten nood„ zakelijkdat zonder verder verwijl daar toe werde geprocedeert, alzoo men ander„ „zints bedugtinge zoude meeten dragen voor een plotselijke en geheele instortinge van dit voornaam gedeelte van het hos„ „pitaal, en vermits onder de verdere de„ „focten aan de meeste wooningen, Logemen„ „tjes, Pakhuijzen ensz. van agteren Lang„ „sen tegens de ringmuur geleegen, hoofd„ „zakelijk in eene Compleete verwaarloo„ „zing van 't Houtwerk en de nodige reparatie van de afgevallene en ver„ „nielde pleijsteringen der wanden mitsg„s Leccagien der Platten en vrij aanmerkelijke inwaateringen der muu„ „ren bestaande der onderget„s attentie voor al tot zig heeft getrokken de staat waar in zig bevindende vertrekken tot 't nieuwe Laboratorielm bestemd, ver„ „mits denzelven opgevuld met puijn, den gantschen Winter over door 't regen water zijn geinnundeert geweest na„ „demaal na dat de noodzaakelijke ope „ningen in 't plan waaren gepractiseerd geworden, welke den aanleg der haard steeden en Fournuijzen quamen te vor„ deren 8165 836. „verstrekt
English
839 the undertaken work had to be suspended here, without having been able to be resumed since, and notoriously very much damage must have been caused to all parts of these rooms by this influx of water, they deem it of equal necessity as the propping of the church or middle section of the main building, that either the undertaken work on the new laboratory be continued and completed as soon as possible, or that the openings made in the flat roof be closed up again, mainly in order to preserve the walls from further permeation of rainwater, which could cause the collapse thereof. 23rd The corn warehouse next to the Reformed church, firm and strong without any defect whatsoever. 24th The slave lodge, on the contrary, notwithstanding the repairs made to it from time to time, is in a very unfavorable condition, as several door and window frames together with most water gutters, rotting, and glass windows and shutters or blinds, turn out to be both rotten and in pieces, the stairs dilapidated, and the flat roofs leaky, and all this absolutely must be renewed as soon as possible and provided with the shoring up of some beams which, being too weak for the load of the flat roof, are giving way. 25th The gardener's dwelling in the Company's garden, with the rooms adjoining it and the cellar beneath it, very good, though the separating wall must still be completed in order to effect the intended division of this building into two separate lodgings. 26th The Government House in the aforementioned garden in every respect in good condition, except for a few leakages and water infiltrations; which are of little importance and consequently can also be remedied with little effort, while moreover the subsidences which occurred some years ago in the foundations of the side wings have not increased. 876 838 840 841 27th The Company's former horse stable is so old and bad that, in spite of the repairs continually made to it with much effort, a portion of the southwest side already collapsed during the past winter. 28th The so-called milk shed behind the Company's garden in tolerable condition, but the menagerie is falling into ruin, while the surrounding walls of the aforesaid garden itself adjacent thereto are found to be unfinished on two sides, and towards the side of Graave Straat not shored up with buttresses against the threatened collapse. 29th The pottery is indeed old, but nonetheless in such a state that with some repair to the ridge, as well as the doors and windows, it can still serve for a long time for the purpose for which it is used. 30th The Company's water mill, of old called the pearl barley mill, is indeed a new building, but nevertheless in great danger of collapsing, due to a significant subsidence of the foundation on the main side where the water vat is located, wherefore measures against this must be taken immediately, both by setting the waterfall further back and by constructing a vault over the watercourse to add support and strength to the foundations. 31st The other old Company's mill, on the contrary, is very old and bad, and practically irreparable. 32nd The military guardhouses or watchhouses in the Roggebaai, at the foot of Devil's Peak, at the entrance of the Company's garden, and near the Klipkuilen, all recently newly built and, in proportion to the use currently made of them, in tolerably good condition. 33rd The corn and wine warehouses next to the Lutheran church, through the repairs recently made to them and the shoring up of the lofts, are in such a state that they need nothing else, except only at an opportune time some gutters to prevent thereby the pouring of rainwater onto the stairs. 816 842 843 34th The court hall, as well as the dwelling of the provost marshal, likewise also the lodgings of the court servants and cafre, and the prisons, all built a few years ago, but poorly maintained and for the greater part inhabited even more poorly, wherefore they come to require repairs not only to flat roofs and walls, but also to the woodwork. 35th The equipment yard and warehouses, due to the almost general rot and decay of the beams, planks, and staves of both the flat roofs and lofts; and the heavy water infiltrations, cracks, and further defects in the walls, are completely irreparable, wherefore soon also, except for the house of the equipage master himself, which in case of need may well remain standing for some time. 37th The artisan quarter is indeed in no better condition than the equipment yard, but nevertheless in such a state that the shops and dwellings of which the same is composed will still be able to be used for some time, after which the entire building will subsequently have to be entirely renewed. 38th The three corn warehouses standing adjacent to one another located on the beach are good and strong, but most wooden windows and water gutters are defective and will have to be completely renewed. 36th The boatswain's and quartermaster's dwellings, together with the sailmaker's warehouse, are in the same state as the previously cited lodgings of the provost marshal and further servants of the court of justice, that is to say, not old, but in a more or less dilapidated state due to wear and tear from occupancy and lack of proper repairs, so that they will have to be brought into a better condition with effort and expense. 8765
Dutch transcription
839 „deren, het ondenomen werk, alhier gecondinie„ eerd heeft moeten werden, zonder 't zee„ dert weederom te hebben kunnen werden hervat, en notoir door deeze instooming van waater aan alle de deelen deezer vertrekken heel veel nadeel heeft moeten wor„ „den toegebragt, agten zij het vangelijke noodaalijkheid als de stutting van de kerk ofte middel partij van 't Capitaale ge„ „bouw te weezen, dat of het ondernomen werk aan 't nieuwe Laboratorium hoe eer zoo liever voorgezet en ten eijnde gebragt werd, of dat men anders te openingen in 't Plat gepracti„ seerd weederom doed digd maaken„ om alzoo voornamentlijk de muuren vaor de verdere doortrekking van 't reegen waater die derzelver instor„ „ting zoude kunnen, te weege bren„ „gen te praeserveeren. 23e 't Koorn Pakhuijs naast de gerefor„ „meerde kerk hegt en sterk zonder eenig defect hoegenaamt. 24:e de slaven Logie daar en teegen„ niet teegenstaande de van tijd tot tijd daar aan gedaane reparatie, in een zeer ongunstige toestaand, alzoo verscheidene Deur en vengster Cazijnen mitsgaders de meeste water gooten, rotting en glasraamen en Luijken of blinden, zo verrot als aan stukken komen te weezen, de Trappen verleeten, en de Platten lek zijn en dit alles absolute zeara maar immer mo„ „gelijk is vernieuwd en verzien diend te werden met onderstutting van eenige balken die te zwak zijnde voor de Laast van 't Plat zig begeeven. — 25=e de Tuijniers wooning in 's Compagnies tuijn, met de vertrekken daar annex en de kelder onder dezelve zeer goed, dog moet nog vol„ „tooijd werden de muur van separatie om de voorgenomene splitzing van dit gebouw in twee aparte Logemente te effectueeren, 26„e Het Gouvernement Huijs in evengem. Tuijn allezints wel geconditio„ „neerd op eenige weinige Leccagie en inwateringen na; die van wijnig aan„ belang zijn en gevolglijk ook met wij„ nig moeite kunnen werden verhol„ „pen, zijnde bovensdien de verzakkin„ „gen welke zig voor eenige Iaaren in de fundamenten de zijnleugels zeer hebben 876 838 840 841 hebben voorgedaan niet toegenoomen, 27„o de Compagnies geweezen Paarden stal dermaten oud en slegt, dat in weerwil van de met veel moeite Continueelijk daar aan gedaane reparatien, in den gepas„ seerden winder bereijde een gedeelte van de Zuijdwestelijke zijde komen in te storten 28„e heb: zogenaamte Melkhoh agter s Comp„ Thuijn in tamelijke staat dog de dier„ „gaarde aan 't vervallen, terwijl de daar aan sluijtende ringmuuren van voorsz. Thuijn zelve zig aan twee zijden onvoltooijd, en na den kant van den graave straat niet beeren tegens de gedreijde instorting gestat bevinden. 29:e de Potte Bakkerij wel oud dog egter in dien staat dat met eenige reparatie aan den vorst, mitsg„s de deuren en vengsters nog lange kan dienen tot het eijnde waartoe gebruijkt werd. 30=e de Compagnies watermolen van ouds de Gort moolen genaamd, is wel een nieuw gebouw, dog egter in groot gevaar van te zullen instorten, door eene importan„ te verzakking van 't fundament aan de principaale zijde alwaar zig het watervat komt te bevinden, weshalven hier tegen dadelijk voorzieninge zal moe„ „ten gedaan werden, zo moet 't water„ „val verder agterwaards te reculeeren als niet door het slaan van een ge„ „welf over den waterloop de fundamen„ „ten steun en sterigheid bij te zetten. - 31„e de andere oude compagnies Molen, daar en teegen zeer oud en slegt, en genoeg„ „zaam irrepariabel -- 32„e de Militaire corps Guardes of wagt„ „huijzen in de Roggebaai, aan den voet des Duijvelsbergs, aan den in„ „gang der Comp=s Thuijn, en bij de klip„ „kuijlen alle onlangs nieuw gebouwd en na gelange van 't gebruijk dat er thans van werd gemaakt, in ta„ melijke goede conditie= 33 e de Koorn en wijn Pakhuijzen naast de Luthersche kerk, door de laatst daar aan gedaane reparatien en d'onder„ stutting 816. 842 843 stutting der solders, in dien staat, dat niets anders behoeven, als alleenlijk bij geleegendheid eenige, Grooten om daar door de storting van 't Regenwater op de trap te beletten. 34:e de Iustitie zaal, mitsg:s de wooning van de geweldiger, gelijk meede de Loge„ menten der Iustitie dienaaren en Kaf„ „fers, en de gevangenhuizen, alle voor wijnige Iaaren gebouwd, dog slegt on„ „derhouden en voor 't meerderdeel nog slegter bewoond, waarom niet alleen aan Platten en Muuren, maar ook aan 't houtwerk reparatien koomen te vereijschen.— 35 d' Equipagie werff en Pakhuizen door de Pehier algemeene verrotting en vermolming der Balken, Plan„ ken, en Duijgen zoo der Platten als solders; en de zwaare inwateringen scheuren en verdere defecten aan de Muuren, volstrekt irreparabel, waar om dan ook wel haast /: be„ „halven het Huijs van den Equipa„ geemeester zelve, dat des noods nog eenigen tijd wel staan kan blijven:/ 37=e 't Ambagts quartier wel niet beeter gesteld als d'Equipagie werf, dog egter in dien staat, dat de winkels en wo„ „ningen waar uit 't zelve t'zaamen, gesteld is nog eenigen tijd gebruikt zullen kunnen werden, dan zal ver¬ „volgens het gantsche gebouw ten eene„ „maale vernieuwd moeten werden 38„e de drie naast elkanderen staande Koorn Pakhuizen aan Strand gelee¬ „gen goeden sterk, dog de meeste houte Vengsters en watergooten defect, en geheel zullen moeten werden vernieuwd; — 36=e de Bootsmans en quartiermees„ „ters woningen beneevens het zeil„ makers Pakhuis in den zelfden staat als de hier voren geciteerde Logemen„ „ten van de geweldiger en verdere Diena„ „ren der Iustitie, dat is te zeggen wel niet oud, dog in een min of meer ver„ „vallene staat, door uitwooning en manquement van de behoorlijke reparatien, invoegen met moeite en kosten in een beter conditie zullen moeten gebragt werden. - 8765 geheel daar
English
844 845 moreover a beam has broken, which will immediately need to be replaced with another. 39. The wine cellars situated next to this are, on the contrary, in such a poor state that the two standing closest to the beach can no longer be repaired. For this reason, they must only be maintained as much as possible in their present condition until there is an opportunity to completely rebuild them. The first or largest one adjoining the street, however, if provided with a new roof, could if necessary still serve for some time, however utterly dangerous it is to continue making use of thatched roofs over buildings of such great importance as these cellars are, and whose walls, moreover, have only been raised to a very slight height from the ground. Then, 40. The coopers shop situated opposite the aforementioned cellars is very old and poor, yet if necessary it can still serve for that which it was used for, provided the doors and windows, as well as the roof, are renewed and the flat roof, which leaks here and there, is repaired. 41. Timber warehouse, though not without defects, is nevertheless in better condition than the coopers shop, only requiring that some window frames and shutters that are broken or rotted away be replaced with other new ones, and in addition that some minor repairs be made to the plastering of the walls as well as to the flat roof. However unfavourable this description may be, a small room will nonetheless have to be constructed in the cellar situated closest to the sea, since the overseer of the coopers shop, in due course when the other cellars are handed over to the contractor for the supply of wines for the Companys distribution according to the terms of the tenders, will have to stay there daily to carry out the business concerning his administration. 846 it was thereupon resolved to have the repairs and improvements to the Companys buildings stated therein carried out and effected as speedily as possible. 42. The slaughterhouse is completely undermined by rot, and moreover in such a state of complete dilapidation caused by old age that it can no longer be repaired; if necessary, a new roof could only be laid upon the residence of the Bookkeeper, in order to make use of that building for some time yet. 43. The residence of the Deputy Provost Marshal, and the train oil house standing opposite it, are in a tolerable condition compared with the buildings just described, although some repairs must nevertheless be made to the flat roofs, as well as to the masonry and woodwork. 44. The large brickwork water cistern at the jetty is well maintained, and 45. The house or the parsonage inhabited by the Reverend Serurier, although very old and of poor construction, is nevertheless, through the repairs recently carried out and the complete renewal of the roof, presently fairly good and capable of being maintained in that state for a long time yet, if it is properly taken care of. After reading which report and deliberation thereupon, it was unanimously resolved to have the stated repairs to the Hospital, and especially those that must be done to support the central section or so-called church, carried out as speedily and with the greatest possible economy, and subsequently, In the Castle of Good Hope the 7 October 1793 was signed: W. F. van Reede van Oudtshoorn, E. Bergh, in the margin As having assisted the commission and signed: L. M. Thibault, capt. Engineer Commander of the Engineers, G. C. Kuchler. Wherewith, hoping to have fulfilled the esteemed intention of Your Right Honourable Grand Worships and the Council, we let this serve as a respectful Report. below was written: 876 816 847
Dutch transcription
8.44 845 daar en boven een Balk gebrooken, die dadelijk door een andere zal dienen te werden geremplaceert- 39„' de hier neevens leggende wijnkelders, daar en teegen in een zoo slegten staat, dat de twee naast het strand staande niet meer zijn te repareeren, waarom alleenlijk zoo veel mogelijk is, gehou„ „den moeten werden in derzelver praesente situatie, tot dat er gelee„ „gendheid weezen zal, om ze ten eenemaale te kunnen doen vernieuwen kunnende de eerste of grootste aan de straat grenzende egter, wan„ neer van een nieuw Dak wierd voorzien, des noods nog eenigen tijd dienen, hoe zeer het ten alleruij„ tersten gevaarlijk is verder gebruik te blijven maaken van Riete daken over gebouwen, van een zo groot aanbelang als deese kelders zijn„ en welkers muuren bovensdien maar tot een zeer geringe hoogte van den grond zijn opgehaald, dan 40=e de kuypers winkel tegens over de exengementioneerde kelders gesi„ „tueerd zeer oud en slegt dog kan des noods voor 't geen g'emploijeerd werd, nog dienen mits de Deuren en veng„ „sters mitsg=s het Dak vernieuwd en het plat dat hier en daar lek is, voor„ zien werden. - 41:e Houtmagazijn, schoon niet zonder defecten, egter in nog bester staat als de kuijpers Winkel, moetende alleen eenigen vengsters kazijnen en blinden die aan stukken of vergaan hoe ongunstig ook dees beschrijving is, zal eg„ ter in de meeste aan zee staande kelder een klein Vertrekje moeten werden geconstueerd, aan gezien de opziender over de kuijpers win„ „kel in der tijd wanneer de andere kelders volgens de conditien van aanbesteedingen opgeleeverd zullen zijn aan den aannee„ „mer van de Levenrantie der wijnen voor 's Comp=s ommeslag zig daar in dagelijks zal moeten ophouden ter verrigting van 't geen zijn adminu„ hoe zijn 876 „stratie betreft. 846 is daar op beslooten de daar bij opgegeevene reparatien en verbeeteringen aan 's Comp=s gebouwen ten spoedigsten te zijn, door andere nieuw geremplaceert werden en daar beneevens eenige geringe reparatiën aan de plijstering der muuren mitsgaders aan 't Plat werden gedaan — 42 't slagthuis geheel ondermijnd van rotten, en daar en boven in zodanigen staat van compleet verval door ouderdom ver„ „oorzaakt, dat niet meer gerepareert kan werden, alleen zou des noods op de woo„ ning van den Boekhouder een Nieuw dak kunnen werden gelegd, om van dat gebouw nog eenigen tijd gebruik te maaken- — 43 de wooning van den Tweede geweldiger, en het daar en teegen overstaande Traan huisje in vergelij„ „king met de zo evenbeschreevene ge„ bouwen in tamelijke staat, moeten„ „de nogthans aan de Platten, mitsg„s het muur en Houtwerk eenige re„ paratie werden gedaan. — 44. de groote gemetzelde waterbak aan 't zeehoofd wel onderhouden, en 45 't Huijs of de Pastorie door den Predikant Serurier bewoond werden„ „de hoe wel zeer oud en van een sleg„ „te Constructie, egter door de laatst Na lectume van welke bericht en de „liberatie over het zelve, unanime is beslooten omme de opgegeevene reparatien aan het Hospitaal en doen geschieden en effectueeren Wel voornamentlijk die welke tot onderschraging van de middelpar„ „tij of zo genaamde kerk moeten worden gedaan, ten spoedigste en met de meest mogelijke menage te re laaten geschieden, en vervolgens In 't Casteel de Goede Hoop den 7 october 1793 /:was geteekend:/: W: F: van Reede van oudtshoorn, E. Bergh, in margine Als de commissie g'adsisteerd, hebbende /: en geteekend :/ L: M: Thibault„ capt. Jng„t Commd: Ligenie, g: c: Kuchler. gedaane Repparatien en geheel vernieuwing van 't dak, thans vrij goed en susceptibel„ om nog lange in dien staat te kunnen wer„ den onderhouden, wanneer het zelve behoor„ „lijk wierd gadeslaagen, Waarmeede verhoopende aan de geëerde intentie van UWelEdele Groot Achtbs beneevens den Raad te zullen hebben voldaan laaten wij deezen dienen voor eerbiedig Rapport. — /:onderstond:/ gedaane 816 847 die
English
148 what was reported to the Noble Lord Commissioner by the aforesaid Gentleman Commissioners regarding the tools of the craftsmen as well as the gunpowder and further ammunition for the battery in the Roggebaai. those which are required to bring the laboratory into such a state as is required to be able to serve the intended purposes, while furthermore that part of the thought house which until now could not be walled or enclosed with palisades shall also be surrounded by a wall as soon as possible, for which purpose use shall in part be made of the stones and other materials from that part of the Company's stable which collapsed during the past winter season, and furthermore the defects which are found on most all the buildings shall successively be repaired according to their necessity and what must be carried out by the available craftsmen, and brought as much as possible into a state to be able to serve the real necessary purposes for which they are maintained, and on this occasion it was further resolved to instruct, by extract of this, both the occupants of the Company's buildings standing at this Castle and elsewhere, and the chiefs of the respective departments, to inhabit and maintain the buildings occupied or used by them in a good, clean state; which must likewise be cared for by those whom this concerns in the Military Barracks. It having been further reported to the Noble Lord Commissioner by the aforesaid Gentleman Commissioners that a large part of the tools formerly provided to the craftsmen for the construction of the New Hospital was found stored in a very defective manner in the guardhouse at the Roggebaai, while the other part of those tools and some woodwork is stored in the so-called dark hole at this Castle, and there exposed to rusting and decay, while the gunpowder and further ammunition for the batteries 8765 in 849 1750 on which account it was also resolved to appoint the Captain of Artillery Kuchler and the Junior Merchant Arend de Waal next to the said commissions. Declaration made by the Lord Commander on the aforesaid report. in the Roggebaai, which could otherwise be safely and dryly stored in the just-mentioned guardhouse, currently must remain standing in wooden chests exposed to the air for lack of storage space, it was unanimously resolved in this regard to instruct and commission the Captain of Artillery George Coenraad Kuchler and the Junior Merchant Arend de Waal, as they are hereby commissioned and instructed, to examine accurately and take into an inventory all tools, woodworks, and other goods which are located both in the guardhouse at the Roggebaai and in the dark hole, in order to note therewith which tools, woodworks, and other items are in such a state that they could still be used for the benefit and need of the Company, which shall then have to be handed over by them to the respective administrators to whose administrations they belong, to be taken in untaxed yet specifically both by them and in the trade books, and subsequently provided wherever such may be appropriate, while such of the tools, woodworks, and other goods located at the aforesaid places and used or manufactured by the said craftsmen which have become unfit, or cannot be used for the benefit of the Company in the near future, shall promptly have to be sold at public auction by the Lord Chief Administrator for the benefit of the Company, and whereby the gunpowder and further ammunition for the battery in the Roggebaai can also then be stored in the repeatedly mentioned guardhouse. However, after the Lord Commander came to declare that he was surprised by all the defects which the Gentleman Commissioners [illegible] 876 851
Dutch transcription
148 wat door voorsz: Heeren ge„ committeerdens ten belange der gereedschappen van de Ambachtslieden mitsgs het Buskruit en Verdere Am„ munitie voor de Battereij in de Roggebaaij noch den Edelen Heer Commissaris is gerapporteerd geworden. — die welke vereischt worden om het Laboratori„ „um in zodaanige staat te brengen, als vereijscht word om tot de gebuteerde ein„ „dens te kunnen dienen, terwijl voorts dat gedeelte van gedagt huis 't welk tot nu toe niet bemuurd of met palisaden omheind heeft kunnen worden, almeede ten spoedigste zal worden ommuurd, waar toe ten deele gebruik zal worden gemaakt, van de Steenen en andere Materiaalen van dat gedeelte van s Compagnies stal 't welk geduurende 't afgeloopen win„ „tersaisoen, is komen in te storten, en zullen wijders de defecten welke aan meest alle de gebouwen koomen te be„ vinden na gelange van dies noodza¬ „kelijkheid en 't geen door de aanhan„ den zijnde Ambagtslieden moet wor„ den verricht successivelijk worden gerepareerd en zoo veel doenlijk in staat gebracht om te kunnen dienen tot de reëele noodzaakelijke eindens waartoe dezelve zijn aangehouden, en is bij deeze geleegendheid al ver„ „der beslooten, omme zode bewooners van 's Compagnies gebouwen ten deeze Casteelen en elders staande, als de chifs der respecti„ „ve departementen bijextract dezer te gelas„ „ten, de gebouwen door hem bewoond of betrokken zijnde in een goede zindelijke staat te bewoonen en te doen onder„ „houden; waartoe insgelijks door de geenen die zulks aangaat zal moeten worden gezorgd in de Militaire Casernes Door voormelde Heeren gecommit„ teerdens aan den Edelen Heere Commis„ „saris verder gerapporteerd geworden zijnde, dat zich een goed gedeelte van de gereedschappen wel eer verstrekt aan de Ambachts lieden tot den op bouw van 't Nieuw Hospitaal, bestemd, op eene zeer gebrekkige wij„ „ze vond geborgen in het wagthuis aan de Roggebaai, terwijl het andere deel dier gereedschappen en eenige Houtwer„ „ken is opgelegd in het zogenaamde donkere gat ten deeze Casteele, en aldaar aan verroesting en bederf bloot ge„ steld, terwijl het buskruit en ver„ „dere Ammunitie voor de Batterijen 8765 der in 849 1750 uit welke hoofde ook besloo„ =ten is op den Cap=t der Ar„ =Koopman A„r de Waal nee„ „vens gemelde Commissies te benoemen. declaratie door den Heere gezachthebber op het voorsz: Rapport gedaan. — in de Roggebaaij, 't welk anderzints in evengemelde wagthuis veilig en droog zoh kunnen worden geborgen, thans bij ge„ brek aan bergplaatz, in houte kisten, aan de Lucht geësponeerd moet blijven staan, zo is ten deeze aanzien unamme besloo„ ten, de Capitijn der artellerie. George Coen„ =tellerij kuchler en den onder„ raad Kuchter en den onder koopman Arend dewaal te gelasten en te Committeeren zo als dezelve gecommitteerd worden en gelast worden bij deeze omme naauwkeurig te examineeren en onder invantaris te neemen, alle gereedschappen houtwerken en andere goederen welke zich zo in 't wagthuis aan de Roggebaaij als in 't donker gat koomen te bevinden om daar bij te notee¬ „ren, welke gereedschappen, houtwerken en andere zich in zodanige staat bevin„ „den dat nog ten nutte en behoeve der Compagnie zouden kunnen worden gebruikt, dewelke als dan door hen zul„ len moeten worden overgegeeven aan de respective administateurs, tot Welkers Administratien die gehooren„ omme zo door hen als bij de Negotie boeken ongetaxeerd doch specificq te worden ingenoomen en vervolgens waar zulx= te passe kan koomen verstrekt, terwijl de zodanige der gereedschappen, Hout„ „werken en andere goederen zich ter voorsch: plaatzen bevindende en door gemelde Ambachslieden gebruikt ofte vervaardigd, welke onbekwaam zijn geraakt, dan wel niet ten nutte van de Compagnie binnen korte zullen kunnen worden gebruikt, ten eerste bij publiecque verkooping door den Heere Hoofd administateur ten voordeele van de Compagnie zullen moeten worden verkogt, en waar door dan ook het Buskruit en verdere Ammunitie voor de Batterije in de roggebaaij, en meer „meld wachthuis zal kunnen worden e geborgen Dan nadien den Heere Gezachtheb¬ „ber is koomen te declareeren, verwon„ „dert te zijn over alle de defecten wel„ „ke Heeren gecommitteerdens aan Commert Compt 876 851
English
record might be kept, and that notice thereof be given to the Lords Majores, it was resolved to grant that request. Report submitted by the aforesaid gentlemen Members of the Council concerning the examination of the books in the Loan Bank. discovered the Company's buildings and reported in their Honors' report, as the same report is directly contrary to that which Colonel Gilquen prepared on the express orders of the council in the year 1791, and upon which the council not only relied, but also, while transmitting a copy thereof, assured the illustrious assembly of the 17 that the necessary repairs to the remaining buildings could be carried out with the retained craftsmen, and that this certainly would not have happened if they, as currently, had been informed of the true state of the buildings; requesting that a record might be kept of this declaration, and that notice thereof be given to the Lords Majores, it was resolved to grant that request. Hereafter was read a report submitted by the gentlemen Members of the council of the defense of Oudtshoorn and Bergh to the Honorable Commissioner concerning the examination of the books kept in the Loan Bank, from its establishment until the end of August last, which report was found to be of the following content: To the Right Honorable Abraham Josias Sluijsken, Ordinary Councillor of the Dutch East Indies and Commissioner of the Cape of Good Hope, and the dependencies thereof, etc., etc., etc. Right Honorable Sir, The undersigned Members of the Council, having been expressly commissioned by Your Right Honor to examine with all accuracy the books kept in the Loan Bank in this Castle, from its establishment until the end of August last, when the said books were closed, and this in the presence of the President as well as further Commissioners, to which end, so that we might be the better qualified, there was also handed to them an authentic copy of the regulations on the direction and administration of the aforementioned Bank, decreed and established by the Lords Commissioners-General. Thus, in dutiful fulfillment of that which is prescribed above, they have, in the course of the past as well as the present week, met repeatedly in conformity with the contents of their above-cited commission, and according to the accurate investigation conducted thereby, found: That the said books have been properly kept, and none of the interested parties has been prejudiced or short-changed either in the notification of their debit or in the calculation of the interest, and the established orders have been observed and complied with in all parts. That by the Commissioners of the aforementioned Bank, there has been received into the Company's small cash vault an amount of rds 450000. Of which capital has been lent out on fixed mortgages and goods by the Commissioners to diverse debtors on different Bank bonds at an interest of five percent per year, an amount of rds 434333:16. On pledges below one hundred rixdollars at an interest of 9 percent: 82. On pledges amounting to over one hundred rixdollars, also interest at 5 percent: 435295:16. Carried forward: rds 450000. Leaving therefore at the end of August last, a capital of rds 14704:32, constituting the aforementioned capital of rds 14704:32, of which there was found on the aforementioned date in the main Bank cash vault under the responsibility of the commissioners the sum of rds 10400, and in the small Bank cash vault under the responsibility of the Cashier of the Bank: 4304:32. Subsequently, the undersigned have investigated and reviewed the interest accrued on the lent capitals and mortgaged pledges since 23 April, when the Bank was opened, until the repeatedly mentioned last of August, and found that the same have yielded a sum of rds 5407:31. From which, amounting according to the shown receipt of the Cashier, there was placed into the Company's treasury the interest at 4 percent per year due to the Honorable Company from the lent capitals and mortgaged pledges: 4325:26. Rds 1082:5, which remain left over for distribution among the President, commissioners, Bookkeeper, and cashier of the Bank, properly paid to the Honorable Company rds 60, amounting to 5 months of house rent at 12 rds per month, or as much as the Honorable Company pays for house rent to a Military Captain on account of vacating the residence; so that regarding the administration and direction of the repeatedly mentioned Loan Bank, as far as the Lords Commissioners, the Bookkeeper, and Cashier are concerned, nothing was found open to criticism. However, the undersigned have found cause to reflect that, although in Article 7 of the Regulations in case of prolongation of loans on real estate it is indeed determined that for the deeds required thereto a stamp of 24 stuivers shall suffice, nevertheless no guideline is prescribed to the Commissioners as to how, on that occasion, the calculation of the expenses incurred for this renewal must take place; wherefore, after deliberation with the commissioners, they have also deemed it necessary to submit for consideration to Your Right Honor whether it would not be necessary to establish a fixed rule in this matter, and thereby determine and establish that, upon the first mortgaging of all securities for which Bank bonds are required, besides the stamp with its agio, the following costs must be paid:
Dutch transcription
152 aanteekening mogt worden gehouden en daar van aan heeren Majores kennisse gegeeven en is, verstaan aan dat verzoek te defereeren. Rapport door voorsz: heeren Leeden des Raads ingedient „ken in de Bank van Leening. s' Comp:s gebouwen hebben ontdekt en bij hun Ed: Rapport opgegeeven daar 't zelve Rapport regelregt strijdig is met dat, 't welk den colonel Gilquen op expresse last des raads in den Jaare 1791 heeft vervaardigt, en waar op den raade niet alleen zich heeft verlaaten, maar ook ondertoezendig van dies copia de slus„ „tre vergadering van 17=m verzeekerd dat men de nodige reparatien aan de nog overgebleeven zijnde gebouwen met de aangehouden Ambachslieden zou kunnen effectueeren en dat dit gewisselijk niet zou zijn geschied wanneer men zo als¬ met verzoek dat van dezelve thans van de waare staat der gebouwen was g'informeerd geweest, met verzoek dat van deeze declaratie aanteekening mogt worden gehouden, en daar van aan Heeren Majores kennisse gegeven zo is verstaan aan dat verzoek te defereeren Hierna is geleezen een rapport door over de Examinatie der Boe„ de heeren Leeden des raads van reede van oudtshoorn en Bergh aan den Edelen Heere Commissaris ingedient over de Examinatie der Boeken in de Bank Wel Edele Groot Achtbaare Heer, D:' ondergetekende Leeden des Raads door uwel Edele Groot Achtb=r expresselijk gecom „mitteerd geworden zijnde om met alle naauw„ „keurigheid t' examineeren de Boeken gehol„ „den in de Bank van Leening ten deezen Casteele, 't zeedert dies oprigtinge tot ul„ „timo Augustus Iongstleeden, als wan„ „neer de gemelde Boeken zijn afge„ „slooten, ende zulx ten overstaan van den Heere Praesident mitsgaders verde„ „re Commissarissen ten welken einde ons hun daar toe te beeter te bekwaa¬ „me aan dezelve dan ook is ter han„ „den gesteld geworden een authenticcque Copij van 't reglement op de directie en van Leening, van dies oprichting of tot ultimo Augustus Jongstleeden gehouden welk Rap„ „port bevonden wierd van volgend inhoud Aan den WelEdele Groot Achtbaa„ „re Heere Abraham Josias Sluijsken Raad ordinair van Neerlandsche India en Commissaris van Cabo de Goede hoop, en den ressorte van dien &a &a &a. van administratie 816. F 853 854 administratie der evengeciteerde Bank bij Heeren Commissarissen generaal gearres„ teerd en vast gesteld. zo hebben zij ten pligtschuldige voldoen „ninge aan het Gunt voorschreeven is, in den Loop der voorleeden, mitsgaders in die der praesente week iterative maa„ „len, conform den inhoude hunner bo„ „ven aangehaalde Commissie gevaceert en ingevolge het daar bij te werk ge„ steld: naaukeurig onderzoek bevonden Dat de gem Boeken na behooren zijn gehouden en niemand der g'interes„ „seerdens nog in het bekend stellen van zijn debet, nog ook niet in de bereeke„ „ning der renten benadeelt ofte te kort is gedaan mitsgaders de gestatueerde ordres in allen deelen geobserveert en nagekoomen zijn. Dat door Commissarissen der voormelde Bank in 'sCompagnies kleine Geld cassa is ontfangen een bedraagen rds 4500 2 o Van welk capitaal op vaste Hijpotheecquen en goederen Commissaris aan diverse debiteuren op differente Bank „4304:32 uitmakende het voormelde Rd:s 14 Ja4: 2 Capitaal van Vervolgens hebben de ondergetekende onderzocht en nagezien de zedert 23 April, dat de Bank is geopend tot Aan panden beneeden de Hondert Rijxdaald:s 82„-435295„ 16 den Intrest van 9 pC=to „ Resteerende overzulx onder ultimoo Augustus Iongstleeden, een capitaal van rd„s 14704, 32 waar van zig op voormelde datum in de groote Bank kassa ter verantwoordige van commissarissen bevonde heeft de somma van rds. 10400„ en in de klijne Bank„ Cassa ter verantwoor„ digen van den Cassier der Bank 880„ Aan panden monteeren„ de bovende hondert rijx„ „daalders meede renten teegen 5 pC=to „ „kennissen teegens den Intrest van vijf praesent s' Jaars is uit- rd„s 434333„16 „gezet P=r Transp„t rd=s 450000„-„ kennissen 8765 855 meermelde 856. 857 meermelden laatsten Augustus op de uit„ gezette Capitaalen en beleende panden geproflueerde Renten, en bevonden dat dezelve gerendeert hebben eene som„ ma van Rd=s 5407„31 van welke bedraagende volgens vertoonde quit„ „tantie van den Cassier in sComp=s Cassa is ge„ steld de renten à 4 pCto s' Jaars d' ECompe Competeerende van de uitgezette Capitaalen en beleende panden „ 4325„ 26 Rds. 1082„ 5 die ter verdeeling van den Heer Praesin „dent commissarissen, Boekhouder, en cassier der Bank koomen over te schieten, behoorlijk aan d' E Comp=e voldaan rd=s 60 bedraagende 5 maan„ „den Huijshuur à 12. rd„s p„r maand, ofte zo veel de E Comp=e weegens het ont„ „ruijmen der wooning aan een Capitain Militair aan huijshuur betaald- in„ voegen op d'administratie en directie der meerm bank van Leening voor zoo verre Heeren Commissarissen den Boek„ houder en Cassier conserneert, niets is te Capteeren gevallen. dan hebben d'ondergetekendens egter te re„ „flecteeren gevonden, dat hoe zeer bij 't 7e: Art: van 't Reglement in cas van prolangatie de beleeningen op vaste goederen wel is bepaald, dat tot de daar toe vereijscht wordende Actens zal kun¬ „nen werden volstaan met een zegul van 24 Stuijvers nogthans geene Cijnosure aan Commissarissen is voorgeschreeven, hoedanig bij die geleegend„ heid teevens zal moeten geschieden de bereekening der onkosten op deeze ver„ nieuwige loopende, weshalven zij met overleg van commissarissen dan ook hebben gemeend aan uwelEdele Groot Achtb: in consideratie te moeten geeven of het niet noodzakelijk ware eene vaste regul in deezen t' etablisseeren, en daar bij te bepaalen en vast te stellen, dat daar bij de eerste beleeninge van alle effecten waar toe Bankkenissen werden vereischt, behalven het zegul met dies opgeld moet voldaan werden de volgende kosten 876 — zoo
English
858 859 costs, namely for the attendance fee of the Commissioners, in whose presence the deed was executed, at 4 schellings each - - - Rds. 1„ —„— salary of the Bookkeeper „ 2„—„— gratification to the messenger „ —„ 4„— amounting together to Rds. 3„ 4„— the expenses of extensions on loans of One Thousand Rixdollars and above, as being able to support that charge, may be calculated as follows, namely: for the Commissioners their ordinary attendance fee or Rds. 1„ —„— the Bookkeeper half of the salary enjoyed by him upon the original loan - - „ 1„ —„— the gratification of the Messenger „ —„ 4„— or in all Rds. 2„ 4„— provided that, on the other hand, for loans below the Thousand Rds. no more may be demanded or charged than Rds. 1„ 2, being the exact half of the above, to be enjoyed also in the same proportion by Commissioners, Bookkeeper, and Messenger. And since it also appears to the Undersigned that, in order for the Commissioners to be able properly to ensure that, in compliance with what is stipulated in Article 9 of the regulations on the management of the Bank, in case one or more of the Sureties should become insufficient, others are appointed in their place, they, the Commissioners, ought then also to be informed in a more direct manner, as accurately and as promptly as possible, of the deaths taking place successively in the Colony, than such information can indeed be obtained through public rumors; and that it also becomes very necessary, for the avoidance of all possible errors and confusion in the books, that upon the sale of any Pledge, of which the owner's or borrower's Name is found expressed on the receipt, that Pledge does not continue to run in the depositor's name in case the person who has made the acquisition thereof should be inclined to continue the aforesaid loan, as might erroneously be elicited from the 11th Article to have been the intention; they therefore further consider themselves bound to submit to Your Right Honorable whether there could and also should not be supplied by the Board of Orphan Masters, either monthly or every three Months, to the Commissioners of the Loan Bank, a distinct nominal list in writing of all such Persons of whose death notice has been received or obtained by them, in order to serve for the information of the Commissioners; and also whether it ought not furthermore to be determined once and for all that whoever has taken over from another any Pledge standing in the latter's name in the Bank, upon the Expiration of the time for which the loan of such a taken-over Pledge was continued, shall be bound initially to settle any arrears of Interest of the Person by whom the Assignment was made to him, and subsequently to enter into the loan anew in his own name, since by doing so the aforesaid Pledge will always be able to be found immediately under the name of him who happens to be the actual owner thereof, whereas otherwise the tracing notoriously has to take place by reference to the first and original depositor, which, as is easy to understand, is not only much more complicated, but also more subject to errors. Finally, the Undersigned find themselves obliged to bring to the notice of Your Right Honorable that the Commissioners of the Bank still find themselves unprovided with such a specific List of all such Persons as have respectively been appointed as Testamentary Executors and guardians over minors during the last twenty-four Years, as of which they, in conformity with
Dutch transcription
858 859 kosten, te weeten voor vacatie der Commissaris„ sen, ten wiens overstaan de Acte werd gepas„ „seerd á 4 schell: voor ijder - - - Ras1„ —„— salaris van den Boekhouder „ 2„—„ douceur aan de bode bedraagende te zamen Rds. 3„ 4„ „de ongelden van prolongatien op beleeningen van Duijzend Rijxd: en daar en boven, als dat beswaar kunnende supporteeren bereekend zullen mogen werden als volgd. namentlijk voor de Gecommitteerdens derzelver gewoone vacatie ofte Ras1„ de Boekhouder de helft van 't Salaris door hem bij oorspronkelijke beleening — - „ 1„ —. — genooten 't douceur van de Bode ofte in alles rds. 2 „ 4 dog dat daar en teegen voor beleeningen benee„ „den de Duijzend Rds. niet meer zal mogen werden gevordert, ofte inreekening gebragt, als Rds. 1„ 2. zijnde de Juijste helft van 't bovenstaande, omme bij Commissarissen Boekhouderen Bode ook in dezelfde pro„ „—„ —„ 4„ — „portie te werden genooten. En nadien het de Ondergeteekendens teevens is te vooren, dat, zullen Commissarissen behoorlijk kunnen zorgen, dat in na„ „koming van het gestipuleerde bij Art: 9 van het reglement op de directie van den Bank, ingevalle een ofte meer der Bor„ „gen insuffisient mogten worden, andere in derzelver plaatse werden gesteld zij Commissarissen als dan ook zoo perte„ „nente en zoo spoedig mogelijk, op eene meer directe wijze behooren te werden g'informeert van de successivelijk plaats grijpende sterfgevallen in de Colo„ „nie, als die in formatie door de publiecque gerugten wel kan werden verkreegen, en dat ook meede ter vermijding van alle mogelijke erreuren en confusien bij de boeken, zeer noodzakelijk komt te zijn, dat bij verkoop van eenig Pand¬ waar van die eigenaar ofte beleeners Naam bij 't recipis uitgedrukt word be„ „vonden, dat Pand niet op des inbren„ „gers naam blijven voortlopen inge„ „valle den geenen dier er d' acquisitie van gedaan heeft, geneegen mogte wee¬ portie zen 816. 4. — 860 861 „zen de voorschr. beleening te continueeren gelijk zulks verkeerdelijk opgevat uit het 11=e Articul wel zoude kunnen g'elicieert wenden d'intentie te zijn geweest, zo ach„ ten zij zich al verder gehouden Uwel Edele Groot Achtbre te moeten voorstellen of niet door 't Collegie van weesmeesteren het zij maandelijks, dan wel om de drie Maanden, aan commissarissen van de Bank van Leening zoude kunnen en ook behooren te werden gesuppediteerd een distincte nominative opgave in geschrifte van alle zodanige Perzoo¬ „nen, als van welkers overlijden bij hun narigt ingekoomen ofte ontfangen is, ten einde te kunnen strekken ter in„ „formatie van Commissarissen - - en of ook wijders niet eens voor altoos diende te werden bepaald dat den geenen die van een ander eenig Pand op deszelfs naam in de Bank staande, heeft over„ „genoomen, bij Expiratie van de tijd voor welke de beleening van een zodanig overgenoomen Pand te continueeren, zal gehouden zijn aanvankelijk te zuijveren en agterstallige Intressen van den Perzoon, door w'een de Cessie aan hem gedaan is, en vervolgens de belooninge op nieuw op deszelfs eigen naam aan te gaan, alzoo zoo doende het voorschr. Pand altoos dadelijk zal kunnen wer¬ „den gevonden, op den naam van hem die daar van de werkelijke eigenaar komt te zijn, daar anderzints de na„ „spooring notoir geschieden moet bij renvoij op den eersten en oorspronke¬ „lijken inbrenger, het welk zoo als zulx ligt te bezeffen is, niet alleen veel gecompliqueerder, maar ook meer su„ „jet aan erreuren is. - Eindelijk vinden zig de ondergeteeken„ dens verpligt UW WelEdele Groot Achtbaare ter kennisse te moeten brengen dat Commissarissen van de Bank zig als nog onvoorzien vin„ den van zodanige specifiecque Lijst van alle zulke Perzoonen, als zeedert de Iongstverloopen vier en twintig Jaaren tot Testamentaire Executeuren, en voogden overonmon¬ dige respective zijn benoemd gewor¬ „den, als waar van zij in Conformiteit zuijvere der 876.
English
862 863 what thereon by interpretation and regulation by the Gentlemen Commissioners General for the Loan Bank will be decreed and declared. given of the dispositions of the Gentlemen Commissioners General on this point according to the Council's resolution of 23 April of this year should have been furnished by the aforementioned Orphan Masters and must still inevitably be provided as soon as possible for their guidance. Wherewith, intending to have complied with the honored intention of your Honorable Greatness, we let this serve as a respectful report. below stood: In the Castle of Good Hope, 17 October 1793. was signed: W: f: van Reede van Oudtshoorn, E: Bergh. after reading of the thought report and deliberation of the 7th article of the publication concerning the same, it was resolved, by interpretation of the seventh article of the publication and regulation decreed by the Right Honorable Gentlemen Commissioners General for the Loan Bank, to declare, as is declared hereby, that upon renewal or prolongation of loans of One Thousand Rixdollars and above, the borrower or the one who requests and obtains the prolongation, over and above the stamp duty, will have to pay the following in expenses, to wit: For the committee members the Bookkeeper 4 Messenger 1 thus together rlds 2 4 — and upon prolongation or renewal of loans below One Thousand Rixdollars, over and above the stamp duty, half of the aforementioned expenses, or rds 1 2, to be enjoyed by the Commissioners, Bookkeeper, and Messenger also in the same proportion. in order to enable the Commissioners of the Bank to take care that a written statement of all such persons of whose decease information has arrived or been received at the Orphan Chamber, while furthermore the said Secretary will be ordered to convey to the Commissioners of the Bank as soon as possible a specific list of all such persons as have been appointed respectively as testamentary executors and guardians over minors during the past 12 years, in order to be able to make such use thereof as they shall deem necessary for the security of the Bank; 876 rds 6 — 864 865 and what by interpretation of the 11th article of the frequently mentioned regulation shall be determined and declared. and it was resolved thereupon to commission the first sworn clerk Beck regarding this matter. communication from the Honorable Gentleman Commissioner that there was found in the Company's treasury a sum of rds 2221 23 — deposited therein by the Secretary of Justice as sequestrator for the account of the estate of the absconded assistant Möllerström what His Honor has further been pleased to bring to the knowledge of the Council. judging thereby that the 24 years determined by the aforementioned Right Honorable Gentlemen Commissioners General is departed from to this extent, since experience has shown that it would be practically impossible to comply therewith, not only that, but that one may safely assume that all those who were burdened with the administration of guardians or executors 24 years ago have long since been discharged thereof by the marriages and coming of age of their pupils; And lastly in this regard it was also resolved, by interpretation of the 11th article of the frequently mentioned regulation, to declare and determine, as is determined and declared hereby, that when a pledge registered in the pledger's name is sold or ceded by him to another, and the acquirer of this pledge should incline to continue the loan, he shall then be obliged and bound to clear at the Bank the interest which the first borrower might be in arrears on the same pledge, and then renew the loan in his own name. After this, it was made known to the Council by the Honorable Gentleman Commissioner that there was found in the Company's treasury a sum of Rds 2221 23 — deposited therein by the Secretary of the Council of Justice in his capacity as sequestrator in reduction of what the absconded assistant Möllerström should have to pay to the Company for the lord's dues received by him from sold real estate and the recognition of loan places, without the said sum having been entered into the cash books, or the aforementioned Möllerström having yet been debited in the trade books of this Government for what he was indebted to the Company, nor duly credited again for this said sum of rds 2221 23, as both ought to have occurred according to the order of things. Whereupon, having deliberated, it was approved to now have the aforementioned sum of rds 2221 23 received and accounted for in the treasury, and to credit the aforementioned Möllerström for its amounts to an account in the trade books, And in order to discover for what amount his account ought still to be charged, it was approved and consequently resolved to commission and order the first sworn clerk Rijnier Beck to investigate alongside the said inquiry request 876
Dutch transcription
862 863 wat daar op bij interpretatie en reglement door de H: H: C: Gs: voor de bank van Leening gearresteerd zal werden ver„ =klaard. — den gegeeven der dispositien van Heeren Commissarissen ge¬ „neraal op dit Poinct volgens s' Raads besluit van den 23 April deezes Jaars door weesmees„ „teren voormeld hadden moeten gefourneert weezen en als nog onvermijdelijk ten spoedigsten mogelijk tot derzelver narigt zullen dienen voorzien te werden. — Waarmeede gedenkende aan de geeerde Inten „tie van UWelEdele Groot Achtb=r te zullen hebben voe„ „daan, laaten wij deezen dienen voor Eerbiedig bericht /:onder stond:/ In 't casteel de Goede Hoop den 17 october 1793. /:was get:/ W: f: van Reede van Oudtshoon, E: Bergh. na lecture van gedacht Rapport en deliberatie van 't 7:e: articul der Publicatie over 't zelve, is beslooten bij interpretatie van 'tzeevende articul der Publicatie en reglement door de Hoog Edele Heeren Commissariss en Generaal voor de Bank van Leening gearres¬ „teerd, te verklaaren, zo als verklaard word bij deeze dat bij vernieuwing ofte prolonga„ tie van beleeninge van Duijzend Rijxdaal„ „ders en daar boven door den beleener ofte de geene die de prolongatie verzoekt en ob„ tineerd buijten en behalven het zegulgeld aan onkosten zal moeten worden betaald het vol„ gende als dus te zamen rld„s 2„ 4„ —=t en bij prolongatie ofte vernieuwing van beleenin„e „gen, beneeden de Duijzend Rijxdaalders, buiten en behalven het zegul geld de helft van even„ „gemelde onkosten ofte rd„s 1„ 2„ omme bij Commissarissen Boekhouder en Bode Ook in dezelfde proportie te worden genoo„ ris ovrlienevan de Bank in staat te stelen te kinnen zorge egdat risse oartesander Laeten so dooeningend ne aen en maendige an ene eene schriftelijke opgaave van alle zoda„ „nige perzoonen als van welkers overlij„ „den bij de weeskamer naricht ingekoo„ „men ofte ontfangen is, terwijl wijders den „zelve Secretaris zal worden gelast gelast e aan Commissarissen van de Bank ten spoe„ „digsten te doen komen eene specificique Lijst van alle zodanige perzoonen als zedert, de Jongstverloop en 12 Jaaren tot testamentaire Executeure en voogden over onmondigen respective zijn benoemd geworden, ten einde daar van zodanige gebruik te kunnen maaken als zij tot securiteit van de Bank nodig zullen Voor gecommitteedens den Boekhouder Bode oordeelen 876 voor „ 4„— „ 1„ —„ — rd„s 6„ —„ 864 865 en wat bij interpretatie van het 11e Articul van meermel„ =paald en verklaard. en is daar op beslooten din Eerst gesw: clercq Beck tot nopens deeze zaak te commit„ teeren. — communicatie van den Edelen heer Commissaris dat zich in 's Comp=s kas kwam te bevinden; eene somma van rd„s 2221„23„— door den secretaris van Iustitie als sequester voor reek van den Boedel van den geaufugeerde adsistend Möllerström, daar inne overgebragt wat zijn Ed: daar bij al verder „nisse te brengen. oordeelen; wordende door deeze in zoo verre afgegaan van de door welgemelde Hoog Edele Heeren Commissarissen generaal bepaalde 24 Iaaren, alzoo bij ondervindingen gebleeken is dat het genoegzaam onmoge„ lijk zoude zyn daar aan te voldoen, niet alleen maar dat men veilig onderstellen mag alle welke voor 24 Iaaren geleeden met het bewind van voogden of Execu„ „teurs zijn belast geworden, daar van voor lange door het huwelijken en meerder¬ „Jarig worden haaren Pupillen ontslaagen zijn; En is laastelijk ten deezen aanzien nog beslooten, bij interpretatie van het „de reglement zal werden be „ 1=e Articul van meermeld te verklaaren en te bepaalden, zo als bepaalden verklaard word bij deeze, dat wanneer een pand op des inbrengers naam bekend gesteld, door hem aan een ander word verkogt ofte gedeec„ „deert, en de verkrijger van dit pand mogt inclineeren de beleening te continueeren, deeze als dan verpligt en gehouden zal zijn bij de Bank te zuiveren de Interes„ „sen die de Eerste beleener op 't zelve pand ten achteren mocht staan en als dan de belee„ „ning op zijn eige naam op nieuw doen. Hierna wierd door den Edelen Heer Commis saris den Raade te kennen gegeeven, dat zich in s Compagnies Cassa kwam te bevinden eene somma van Rd„s 2221„23„ — door den secretaris van den Raade van Justitie in zijn qualiteit als sequester daar inne overgebragt en mindering van 't geen den geaufugeerd en Adsistend quist den Raade heeft gelieven ter ken„ Molterstrom aan de Compagnie zou moeten be„ taalen, voor bij hem ontfangene 's Heeren Geregtig„ „heid van verkogte vaste goederen en recognitie van Leeningsplaatsen, zonder dat gemelde somma bij de Cassa boeken was ingenoomen, of dat den Voormelde Möllerstom bij de Negotie boeken deeze Gouvernements nog gedebiteerd geworden is voor 't geen hij aan de Comp schuldig zoude zijn, nog voor deeze genoemde Somma van rd„s 2221: 23. wederom na behoo„ gecrediteerd geworden, zoo als dit een en ander volgens de ordre van zaaken hadt behooren te geschieden. — Waarop gedelibereerd zijnde is goedgevonden als nu de meergedagte somma van rds. 2221. 23 in de kassa te laaten ontfangen en verant„ „woorden, mitsg:s voorn: Möllerstom voor dies bedraagen op eene reekening bij de Nego„ „tie boeken te Crediteeren, En is ten eijnde te ontwaaren voor welk montant de opgemelde het nevens gemeld onderzoek, zijne reekening als nog belast behoord te worden, goedgevonden en dienvolgens besloo„ „ten den Eerste gezwoore Clercq Rijnier Beck te Committeeren en te gelasten; omme te on„ Lich verzoeken 876
English
In order to serve the Council with a report thereon. large cash box to the council chamber packets with old, dirty and mutilated paper, parchment, amounting to the sum of 50090 rixdollars 34. And thereupon it was resolved, alongside the said servants, to commission the same to verify them. request. In order concerning their actions the Commissioner as soon as possible to serve with a report. packets in which they are, to describe with their contents, and with their to investigate what must be refunded to the Company by the frequently mentioned Möllerstom, as well as from what that refund has arisen and to what it must be attributed; why the frequently mentioned Möllerstom was not, like the suspended First Sworn Clerk Johannis Martinus Horak, given an account in the trade books, in order to serve the Council as soon as possible with a report on this matter. In compliance with the resolution of this table of the 26th of this current month, the commissioners over the Company's large cash box having brought to the Council chamber all the packets with old, dirty and mutilated paper, parchment and cardboard coins, which were found in the Company's large cash box as of the end of August last to the amount of 50090 rixdollars 34; so it is resolved in this respect expressly to commission the titular merchants Ian Pieter Baumgardt and Constant van Nult Onkruijd, together with the junior merchant Oloff Martini Bergh, to betake themselves to this Castle, and either jointly or separately, in the presence of both or one of the commissioners over the Company's large cash box, being the titular merchants Clemens Matthiesen Junior and Cornelis Cruijwaagen, and in the presence of the Bookkeeper in the Company's small cash box Johannis Aekerveld, to recount as exactly as possible all the aforementioned coins, and finding the same to conform with the specification, to describe the packets in which they are with their contents, and to seal them with their seal; in order to serve the Noble Lord Commissioner as soon as possible with a proper written report on their proceedings in this matter. Right Honourable Sir, Honourable Sirs. With due respect, Your Right Honourable and Honourable Sirs' humble and obedient servant Johannis Jacobus Le Roux, as married to Sara Marais, widow of the late Johannis Delport, makes known: That to the petitioner's aforesaid wife was bequeathed by testament by her previous deceased husband the homestead of a certain loan farm named the Paarde Valleij situated in the district of Stellenbosch, with some movable goods, for the sum of six thousand guilders Indian valuation. That, as the transfer thereof is now to take place, the petitioner for those reasons takes the liberty of requesting Your Right Honourable Sirs favourably to be pleased to exempt him from the payment of the lord's dues. Which doing, was signed: Johannis Jacobus Leroux. Hereupon was read the below request addressed to this Council by Jacobus Le Roux. To the Right Honourable Sir Abraham Josias Sluijsken, Extraordinary Councillor of the Netherlands Indies as well as Commissioner over this Government and the jurisdiction thereof, etc., etc., etc., together with the Honourable Lord Commander and the Right Honourable Lords of the Council of Policy. And thereupon it was resolved to exempt the petitioner from the payment of the lord's dues on the homestead of the loan farm named the Paarde Vallei bequeathed by testament to his wife by her late first husband, as he is hereby exempted therefrom. Upon the request made by the burgher Jean Marten and the widow of the late Jurgen Wolfgang Spengeler, requesting permission to discharge their bondsmen named Saartje of the Cape and Hendrik of the Cape respectively from slavish servitude and to set them at liberty, the same is granted to them under the usual conditions. Upon the request made by the Sub-Lieutenant Hendk Franke, to whom on account of a defect in his eye permission had been granted to remain here with suspended pay, making known that the defect in his eye had healed, with the request to be employed again in his former capacity in the Company's service, it was resolved to place the said Franke again as Sub-Lieutenant on one of the Company's ships upon an occurring opportunity, his pay also then resuming its course. The burgher Willem Marais having made a request by petition for the ownership of a certain plot of land of the size of 2 morgen net, situated in the district of Drakenstein, the granting of which according to a resolution of the Landdrost and Heemraden can be an inconvenience to no one, it was resolved to demand from the Landdrost and Heemraden of Stellenbosch and Drakenstein a statement of how much for the acquisition of that plot should be paid by the said Marais for the purpose of taxation.
Dutch transcription
Omme daar van den Raade te dienen van bericht. — groote geld cassa ter raadzale =quetten met oude vuile en gemutileerde papiere, perga„ „ken ten bedraagen van rd=s 50090„34. - en is daar op beslooten neevens gemelde Dienaa„ „ren te Committeeren dezel„ „ve na te stellen. „ne verzoek. — omme over hunne verrich„ Commissaris ten spoedig„ =ste te dienen van bericht. „quetten waar in zij zijn met dies inhoud te be„ schrijven en met hun „derzoeken wat door den meermelde Möllerstom aan de Comp=e moet werden vergoed, mitsga„ „ders waar uit die vergoeding is ontstaan en waar aan moet werden toegeschreeven dan meerm Möllerstom niet even als den geaffugeerde Eerste gezwoore Clercq Johan„ „nis Martinus Horak een reekening bij de negotie boeken is gegeeven, omme over dit een en onder den Raade ten spoedigste te dienen van bericht. Ter voldoening aan het besluit deezer ta„ de gecommitt=s over 's Comp„s fel van den 26=e deezer loopende maand, door gebragt hebbende alle de Pac: de gecommitteerdens over s' Compagnies groote geld Cassa ter Raadzaale gebragt zijn„ „mente en castonne muntstukde alle de Pacquetten met oude vuile en gemutiteerde papiere pergamente en Carton„ ne Muntstukken welke zig ten bedraage van rd„s 50090„ 34 onder ultimo Augustus Iongstleeden in s' Compagnies groote geld Cassa hebben bevonden, zo is ten deeze as„ „pecte beslooten de kooplieden titulair Ian Pieter Baumgardt en constant van Nult onkruid, beneevens den onderkoopman Oloff Martini Bergh expres te Commit„ „teeren, omme zich te vervoegen ten deeze Casteele, en 't zij gezamentlijk dan wel afzonderlijk, ten overstaan van beide dan wel eender gecommitteerdens over Wel Edele Groot Achtbe Heer E: Achtb:re Heeren. Met verschuldigde Eerbied geeft te kennen Uwee„ „Edele Groot Achtb=e en E: Achtb:s onderdanige en gehoorzame Dienaar Johonnis Jaco„ „bus Le Roux als in huwelijk hebbende 's Comp„s groote geld Cassa, zynde de kooplieden titulair Clemens Matthies en Junior en Cornelis Cruijwaa¬ „gen en in 't bijweesen van den Boekhouder in 's Comp=s kleijne geldcassa Johannis Aekerveld en met de opgaave con zo exact mogelijk na te tellen alle de voorschr. „form bevindende de pac Muntstukken, en dezelve met de opgave Con„ „form bevindende, de pacquetten waar in zij zijn met dies inhoud te beschrijven, en met hun Ca„ „chet bezeegulen; omme over hunne verrich„ „tingen aan den Edelen hurlingen in deeze aan den Edelen Heere Com„ missaris ten spoedigste te dienen van behoor„ „lijk rapport in geschrifte den Burger Jacobus Hier op is geleesen het onderstaande Re„ Roux op zijn daar gedaan quest door Iacobus Le Roux aan deeze Rade gericht Aan den WelEdele Groot Achtbaare Heer Abraham Josias Sluijsken Raad ordinair van Nederlands Jndia mits„ „gaders commissaris over dit Gou„ vernement en den Ressorte van dien &a &a &a beneevens den E. Achtb: Heer Gerachthebber en WelEdele Heeren Raade van Politie. sComp Sara 816. 866 cachet beziegulen. — 867 8: 68. g'excuseert zijnde van de betaaling van 's heeren gerechtigheid. zo is aan de Wede. Spenge¬ „ven te moogen emancipee„ „ren- 't Request door den Burger =je lands ten fine van tauxatie Landdrost en Hennraaden van zijnde op verzoek van den on„ der afgeschr„ gagie gestelde Sous Leeut Franke omme weeder in den dienst der E. comp„t. te werden geemploij¬ =eerd g'accordeert. - Sara Marais Weede. Wijlen Johannis Delport Dat aan des suppt. voorsz: huijsvrouw door haa¬ „zen voorigen overleedenen Man bij Testamente is vermaakt geworden, de opstal van zeekere Leening plaats genaamt de Paarde vallerij gelee„ „gen onder 't district van stellenbosch met eeni„ „ge losse goederen voor de somma van Sas Duijzend gulds indische valuatie Dat daar van als nu Transport zullende geschieden den supp„t om die reedenen de vrij„ „heid gebruikt van uwelEdele Groot Achtb=e te verzoeken, hem van de betaling van 's Heeren geregtheid goedgunstig te willen vrij kennen. /:Onderstond:/ T welk doende /:was geteekend:/ Iohannis Jacobus Leroux. En daar op beslooten den suppliant te bevrijden van de betaling van 's Heeren geregtigheijd. van de aan zijne Huijsvrouwe door wij¬ „len haar eerste man bij testament ver„ „maakte opstal van de Leenings plaats ge„ „naamt de Paarde Vallei, zo als hij daar van bevrijd word bij deeze. Door den Burger Iean Marten ende „ler gepermitteerd twee slaan weduwe Wijlen Iurgen wolfgang Spengeler bij requeste verzoek gedaan zijnde omme hunne Lijfeigene en naame Saartje van de haap en Hendrik van de kaap respective uit slaafsche dienstbaar„ heid te moogen ontslaan en in Vrijdom te stellen, zo is hen zulks onder de gewoone bepaalingen geaccordeert. Door den Souslieutenant Hendk Franke aan wien uit hoofde van een manquement aan zijn ooge permissie was verleend onder afgeschreeven gagie alhier te moo„ „gen verblijfen, bij requeste te kennen gegeeven zijnde dat 't gebrek aan zijne ooge was hersteld, met verzoek in zijn voorige qualiteijt, wederom in s' Com„ „pagnies dienst te worden geëmploi„ „eerd, zo is verstaan den gemelde Franker bij voorkomende geleegendheid weder„ om als sous Lieutenant op een van s' Compagnies scheepen te plaatzen, zul„ „lende ook als dan zijne gagie wederom coursneemen. De Burger willem Marais bij reques„ Willem Marais om een strook te verzoek gedaan hebbende om de eigenar gesteld zijnde in houden van „ dom van zeeker Erf ter groote van 2 stellenbosch en Drakenstein Morgen netto, geleegen onder 't district van Drakenstein en waar van de uitgaave volgens resolutie van Landdrost en Heem„ raaden aan niemand hinderlijk kan zijn zo is beslooten van Landdrost en Heeme„ „raden van stillenbosch en Drakenstein te vorderen eene opgaave, hoe veel voor de verkrijging van dat Erf door gemeldes de 816. 869 Marais