Inventory 4360
Cape · 1,290 pages · 496 segments · open at the Nationaal Archief ↗
English
240 241 Requisitioned and issued sawed into pieces for that purpose and used for 7 pieces of old timber for coverings. 600 lb assorted nails Thus it is that the undersigned, after having 500 Bundles of moss exercised all possible economy during the careening, 4 barrels of Pitch has the honor in this matter to submit this 3 ditto of Rosin accounting, as specified herebelow, to Your Honorable, 2 ditto of Tar Most Respectable, and Right Honorable Lordships. 10 half aums of lime 300 lb of oakum or 10 fathoms of old cable consumed for caulking. For the careening according to the requisitioned and issued Consumed or reusable, and for what purposes 20 pieces of pine planks of 2½ inches; of this 4 pieces consumed for sealing the decks, and thus 16 pieces reusable. For the careening according to the requisitioned and issued Consumed and reusable, and then for what purposes 2 pieces of Cable ropes of 7 to 8 inches, to be issued as cable ropes as used on the ships, or for Buoy ropes. to be issued as used on the ships 1 hawser of 5 inches for such kind as might be required. 20 pieces of pine planks of 2 inches; of this consumed 8 pieces, which by the making of the Rafts have been so damaged that they can be used for nothing, and thus 12 pieces reusable. 4 iron hawsers instead of the running rigging that was used for lashings and seizings. consumed for that purpose consumed for careening pendants one up-hauler 3 Pumps with their appurtenances received back. 2 timbers of 14 to 15 palms, for careening props of the masts reusable for that purpose, or for jib-booms of Heavy ships. 1000 lb of Iron, consumed for making building tools, etc. 2 hoeds of Smithing coal, consumed for the forging of the above. 2 yale beams of 15 to 16 inches, 25 to 30 feet long, for outriggers. reusable for that purpose, or can be issued for Beams somewhat shorter. 1 anvil 1 Bellows received back and reusable. 1 Capstan props in the bilge ends, useful for nothing but rollers for the launches. 75 pine planks of 2 inches, sawed to 150 pieces of 1 inch Consumed, and sawed into pieces subsequently with the dismantling of the sheathing, the opening of the Ports and scuppers, for the sealing of which they were employed, broken into pieces and reusable for nothing. 8 pine ribs of 4 inches Consumed for nailing the sheathing, sealing the ports and scuppers. consumed for the above-mentioned purpose. consumed for Caulking and greasing. account of the materials and other necessities issued for the careening, with an indication of which of those that served merely for temporary use during the careening could be taken back and still be used for the benefit of the Company. Carried over 236 243 it was thereupon resolved to conform fully to the same. 6 pieces of oak planks of 4 inches for reserves of this one consumed for cleats of the careening pieces below and above, and thus 5 pieces reusable. So that for the careening of the ship Drechterland the only items that can be noted as consumed are: 4 pieces of Iron hawsers, assorted 75 pine planks of 2 inches, or 150 ditto planks of 1 inch 8 ditto ribs of 4 and 14 inches 600 lb of nails 500 Bundles of Moss 4 barrels of Pitch 3 ditto of Rosin 2 ditto of Tar 10 half aums of lime 300 lb of oakum or 10 fathoms of old Cable 4 pieces of pine planks of 2½ inches 8 ditto ditto 2 inches 1 oak Plank of 4 inches 1000 lb of Iron 2 hoeds of Smithing coal the necessary warrants for the taking back of the remaining Goods shall have to be issued. Herewith the undersigned hopes to have fulfilled Your Honorable, Most Respectable, and Right Honorable Lordships' revered Order, and submits this for information. Cape of Good Hope, the 20 January 1794. signed: Jan A. Vollelen Thus it is understood that what has been performed by the said Master of Equipage in this matter is fully approved, and accordingly the Goods consumed for the careening and repair of the ship Drechterland shall be charged to the expense account of that Vessel, but such of the issued goods that served only for temporary use and thus can be taken back and re-issued shall be taken in both in the Trade Books of this Government and by the respective administrators to whom they belong, in order subsequently to be issued and employed for such purposes as specified by the Master of Equipage, or for such other purposes as shall in time be found necessary and serviceable. Submitted by the Lord Commander in his quality as Head Administrator. to 236
Dutch transcription
240 24.1 Eisch verstrekt tot dat einde aan stukken gezaagd en tot 7 p„s en den oud ronthout tot dekken. 600 lb ges spykers Zoo ist, dat den ondergeteekende naa 500 Bossen moe alle moogentlijke menagie bij de kieling 4 vaten Pik 3 _o Harpgees betragt te hebben in deeze de eer helft 2 _o Theer deeze verantwoording zo als hier on 10 halve aamen kalk der gespecificeerd staat aan uw el Ed„ 300 lb werk of 10 vadem oud verbruikt tot calfaten Cabellouls Groot achtb. en E. Achtb. over te leggen hier van verbruikt 4 p:s tot 't digtmaaken Tot de kieling ingevolge den Verbruijkt of weeder emploijabel en waar 20 p. s or. deelen van 2½ d:m derdekken, en dus 16 p emploijabel. toe en tot welke eindens tot de keeling ingevolge de Verbruikt en weder employabel en als dan 2 p. s Cabeltouwen van ƒa 8 d„m tot Cabeltouwen als gebruikt aan de scheepen waar toe en tot welke eendens Eijsch verstrekt te verstrekken of tot Boeijreeps als gebruikt aan de scheepen te verstrekken „paardelijn van 5 dm tot 20 p. s gr„ deelen van 2 d„m die zoort gelijk mogte eysschen 4 „ eijser trossen in steede van 't loopend torwerk dat tot tot dat eende verbruikt Tjorrings en naaijings ge„ bruikt worden zat tot kiel geijns een ophouder hier van verbruikt 8 p„s die door het maa„ ken der Vlotten zodanig ontramponeerd zijn, dat dezelve tot niets kunnen gebruikt wor„ den en dus 12 p„s emploijabels. 3 Pompen met zijn toebehoren te rug ontfangen verbruikt tot het maaken van bouwlen ge 2 „ rondhouten van 14 a 15 p=m tot dat eende weder employjable dan wel voor 1000 lb Yzer reedschappen & tot kielstulten van de masten klueifhouten van Swaare scheepen tot 't verwerken van 't bovenstaande verbraiks 2 hoeden Smeekoolen tot dat einde weederom emploijable of 1ambeeld 2: Ialij balken van 15 a 16 d„m wel voor Balken iets korten verstrekbaak 1 Blaasbalg. . . . . te rug ontfangen en weeder em ploijabel — lang 25 à 30 voet, tot 1 Caapskander . 6 loefbalken. stutten in de kimme ende, niets als tot rollen voor de Chaleripen bruikbaar 75 „ greene deelen van 2 duim Verbruikt, en tot enden gezaagd vervolgens. met 't afbreeken der schoeijings 't openen der gez: tot 150 p.:s a 1 ruim Poorten en speigaten, tot 't digtmaken waar„ 8 „ greene hebben van den 4 d=m van zij geemploijeert zijn, aanstukken ge„ raakt en tot niets emploijabel Verbruikt tot '6 spijkeren der Schaeings digt maaken der poorten en speegalen verbruikt tot evengemelde einde verbreekt tot 't Colfaten en smeeren. ding van de tot de kieling verstrekle ma„ tehiaalen, en andere benoodigtheiden, met aanlooning welke derzelve die alleen tot gebruik bij 't kielen zoude hebben inge dient weederom zoude kunnen en genomen en nog ten nutte van de Compagnie ge„ Verter 236 bruikt worden. „ ƒ 243 iis daarop beslooten zich met 't zelve vol„ koomen te conformeeren. 6 p=s eijken planken van 4 dm tot reserfi hier van een verbruakt tot klampen der kietstukken onder en boven en dus 5 p:s employabel Zoo dat de kieling van 't schip Drechterland alleen kan aangemerkt gebruikt te zijn 4 p s Yzertrossen gesorteerd 75 „ greene deelen van 2 d:m of 15 d. o deelen van 1 d„m 8 „ _o hebben van 4 en 14 d=m 600 lb spijkers 500 Bossen Mos. 4. vaten Dik 3 _o Harpues 2 _o Theek„ 10 half aamen kalk 300 lb werk of 10 vadem oud Cabellouw 4 p. s gr: deelen van 2½ dm 8 „ „ _o „ 2. 1 „ eyke Plank 4. „ 1000 lb Yzer: 2. hoeden Smeekoolen zullende de nodige ordonnantien tot, t weeder inneemen van de overige Goederen dienen te werden afgegeeven Hier meede hoopt den ondergeteek„n aan Uwel Eed, Groot achtb. en E. Achtb, ge„ venereerde Last voldaan, laat hij dit dienen tot berigt Cabo de Goede Hoop den 20 Iannuarij 1794. /was get:/ Jan A. s Vollelen Zo is verstaan t geen door den gemelde Equipagiemeester in deeze is verrigt volkomen te approbeeren zullende dienvolgens de Goederen tot de kieling en reparatie van't schip Drechterland gebruikt bij de onkost reekening van die Bodem moeten worden belast, doch de zodanige der verstrekte goederen welke alleen tot gebruik hebben gedient en dus wederom ingenoomenen verstrekt kunnen worden zo bij de Negotie Boeken deezes Gouvernements als bij de respective administrateurs waar toe den zelve gehooren worden ingenomen omme vervolgens verstrekt en geëmploieerd te worden tot zodanige eindens als door den Equipagiemeester zijn opgegeeven, ofte tot zodanige andere als in der tyd nood„ zakelijk en dienstig zal worden bevonden Door den Heere Gezaghebber in zijn Eer„ qualiteit als Hoofd administrateur over„ aan gelegd 236
English
245 2 pieces of spars the Chief Administrator having submitted the following Memorandum concerning goods salvaged from the stranded ships Zeeland and the Sterrenschans. marginal resolution taken After examination of the opposite goods, it was resolved on the report of the Lord Chief Administrator to enter the opposite goods into the books. to be entered into the books to be entered into the books The Lord Treasurer having submitted the following Memorandum concerning such Goods as have been salvaged from the ships Zeeland and the Sterrenschans stranded here, in the Council of Policy at Cabo de Goede Hoop on the 22 January 1794. Memorandum of all such Rigging, Ammunition, and Artillery Goods and what more there may be, as has been salvaged from the stranded Ships Zeeland and the Sterrenschans, according to the declaration of the commissioners annexed hereto, Namely: From the stranded ship Zeeland, to be entered into the books: 5 pieces of Yards, namely: 1 piece Foresail yard 2 Main topgallant yards 1 Crossjack yard 1 Spritsail yard unappraised 3 pieces of topmasts, of which: 1 piece Main topmast 1 Main topgallant mast 1 Fore topgallant mast 9 pieces of old sails, mostly weathered, namely: 2 pieces of old Studdingsails 2 Topgallant sails 2 Main topgallant sails 1 Top staysail 1 Mizzen topsail 1 Main topmast staysail 65 pieces of Chain plates, namely: 22 pieces single 43 double 10 pieces of spare deadeyes 2 pieces single 8 double 66 pieces of Chain bolts 2 bailers, appraised 5 deep sea leads, unappraised 1/2 Hawser, appraised 4 binnacle Lamps 158 block sheaves, unappraised 2 Flagstaff trucks 80 block pins for single blocks 22 lignum vitae sheaves, appraised 2 sheaves with metal bushings, unappraised Turn over 236 244 1 men. C 24 1 kedge anchor weighing 917 lb. likewise to be taken in as written after the same and in like manner to take in the opposite to make 6 unappraised likewise to be taken in as written after the same 80 pieces of hooks and thimbles 19 Pump buckets 14 Pump shoes 3 cross-staffs 3 octants 1 azimuth Compass 2 Steering Compasses 1 brass Ruler 1 brass square 16 brass Compasses 3 Plain scales 3 Sea books 11 pieces of Navigational books, namely: 5 pieces [illegible] 2 descriptions of the islands 4 degree books 15 pieces of Compass cards 16 Brass and steel Pins 21 Compass glasses 6 chart tubes 75 charts of various kinds 1 four-hour hourglass, appraised 13 half-hour hourglasses, appraised 2 Ship's Pumps, unappraised 1 anchor weighing 3476 lb, appraised unappraised appraised 1 stream anchor, 256 lb 103 Fathoms of old Cable 9 pieces of damaged Compasses 1 piece of sheet lead 2 pieces of large cook's kettles with lids The following already delivered for the service of the Honorable Company: 16 pieces of Sails, namely: 1 piece Main topsail for making mattresses and bolsters for the military Battalion for extra commands. 1 Foresail 1 Fore topmast staysail 1 small jib 1 Mainsail 2 Fore topsails 1 Foresail 2 Mizzens 1 Storm foresail 1 Spritsail 1 Main staysail 1 Jib 1 Mizzen staysail 1 Top studdingsail In August 1793, and manufactured pursuant to the resolution of the Council of Policy of the 18 July last, contracted out to private parties for the making of mattresses and pillows. unappraised turn over 236 246 249 and in like manner to take in the opposite the items mentioned alongside are approved to be sold by public auction. the items mentioned alongside are approved to be sold by public auction. likewise burnt in the tar 24 pieces of Gun tackles with 48 pieces of blocks, to the Packet boat the Maria Louisa, per expense account, unappraised to be employed in the service of the Honorable Company, both for cheeks at the pierhead and for levers and rollers in hauling the Country's boats and skiffs on and off the beach, namely: 1 piece Mizzen boom 1 spare main topsail yard 1 Fore topsail yard 1 Crossjack yard 2 Main topsail Yards 1 Fore topmast 1 end of the mizzen mast 1 end of the main mast 1 end of the Fore mast The following to be sold by Auction, being unfit for the service of the Honorable Company, namely: 4 pieces of bailers 1 Painter's stone 3 Hatch bands 4 Flags 4 Splicing fids 1 Fish hook all broken and condemned as unserviceable, unappraised 5 breechings 1 fathom of Line, burnt in the tar 1 Conductor 2 Topsail sheets 2 Messengers 1 Topmast top-rope 2 Wire hawsers 2 Main tacks 1 pair of main sheets 1 pair of fore sheets 1 piece fire engine with its accessories A Parcel of ends of the cut and broken shrouds, stays, and running rigging A parcel of unserviceable blocks and Deadeyes 2 pieces Binnacles 1 Steering wheel A Parcel of old unserviceable sheaves and pins 1 piece Crowfoot of the sea anchor 1/2 barrel of Paint liquid 1 piece hammer scale 3 corn shovels 1 Grindstone 1 brass candlestick 11 pieces Gun tackles 2 shrouds of 8 inches, as old and worn out 236 248 men. 1
Dutch transcription
245 2 p=s spieren als Hoofdadministrateur overgelegd hebbende der volgende Memorie over goe„ „dezen uit de gestrande scheepen Zeeland en de Sezreschans gesalveerd. mariginale resolutie genomen Is na examinatie van teegenstaande. goederen. bij de Boeken te doen inneemen bij de boeken te doen inneemen den Heere Tezackhebber gelegd zynde de volgende Memorie over zodanige Goederen als uit de alhier gestaande scheepen Zeiland en de Hearenschans zyn gesalveerd in raade van Politie aan Cabo de Goede Hoop op den 22 Jann:yj 1794. Memorie van alle zodanigge Equipagie Ammunitie en artillerie Goederen en wat dies meer zin, als er uit de gestaande Scheepen Zeeland en de Sterrenschans is geborgen berigt van den Heer Hoofd adminis„ geworden, voldens verklaring Exciteur verstaan om de teegenstaande van gecommitteerdens, deezen annex Namentlyk Van't gestrandschip Zeeland, om bij de boeken te kunnen werden ingeno 5 P. s Rhaas, te weeten 1 p. s Fokke 2. „ Bram 1. Bagijne 1. Schuifblinde ongetaxeert 3 p. s stengen, waar van 1 F:s groote 1 „ groote Bram 1„ voor Bram 9 „ oude zeilen /meest verwreerd te weelen 2 p. s oude Leels 2 „ boven bram zeils 2 „ groote bramdeels 1 „ boven zijzeil 1 „ kruiszeil 1 „ groote stenge slag zeel 65 P:s Jullings: Yzers als. 22 p. s enkelde 43 „ dubbelde 10 p:s waarlooze putting Juffers 2 p. s enkelde 8. „ dubbelde 66. p s Dulling bouten 2 „ gueters /getax:/ 5 „ dieplooden / ongetax/ — ½ „ Huurriepstros / getax / 4. „ nagthuis Lampen 158: „ bloksen eeffers. }ongetaxeert. 2. „ Vlaggestoks klootens 80. „ bloksnagels tot enk„ bloks. 22. „ ges Pokhoute schyven gelox. 2 „ schijven met metaale bussen s als. /ongelax/ Veste 236 244 1 men. C 24 1 werp anker weegt 917 lb. gelijk meede om inte neemen zo als agter de„ zelve geschreeven slaat en om ingeliken voegen tegenstaande inteneemen tot 6 maken 7ongelox gelijk meede om in te neemen zo als agter de„ zelve geschreeven staat 80 ps haaken en koussen 19 „ Domnsemmers 14. „ Pompschoenen 3 „ graad stokken 3 oitanten 1 „ azimuth Compas 2 „ Pijl Compassen 1. „ kopere Leneaal 1„ _o winkelhaak 16 „ _o Passers. 3. Plijn schaalen 3 „ Zeeboeken 11. p. s Stuurmansboeken, als 5 Ps geetermaakers 2. „ beschryving der oilant 4 „ graad boeken 15 P:s CCompas roosen 16 „ Kopere in staale Pennen 21. „ Compa: glaaten 6 kaarte kokers 75. kaarten in soorb 1 „ uurglas van 4 aar getaxeert 13. „ _o „ ½ —. 2 „ Scheeps Pompen /ongelax/ 1 „ anker weegd 3476 lb / getaxeert./ ongetaveert/ getaxeert 1 log anker „ 256„ 103 Vadem oud Cabellouw 9 p. s ges Compassen 1. stuk plat lood: 2. p. s groote kokskeetels met dekzels 3 Het volgende reeds tot den omslag der E: Compagnie verstrekt 16 p. s Zijlem te weeten 1. P. s gr. Marszijl tot 't maken, van matrassen en Fornuesters 1„ Fok. voor 't ielitae¬ te Battaillon 1„ voorstengeslag zijl tot extrae, Com„ mandos. 1„ kleine kluier 1. groot zijl 2 voormanszyl 1 Fok 2. Bezaans. 1„ Stormfok 1 Blende 1 groote stagzijl V„ Kluider 1„ Bezaans Hagzeis 1. boven Lyzyl In Augustus 1793. en vervaarde. volge poditeig Julij I. L. aan Particulieren gen van Muettras. zen en Hoofd„ kussens inge raadsbesluit van den 18 aanbesteed. ongetaxeert verte vle 236 246 249 ouden af„ en om ingelijker voegen teegenstaande in te nee„ de nevensgemelde word goedgevonden bij publiek vendutie te verkoopen. de nevensgemelde word goedgevonden bij publie qua vendutie te verkopen 2o inde teer verbrand 24. p. s Schul talijs met 48 ps blokken, aan de Dacquet boot de Maria Louisa Pr. onkost reekening /ongetaxeert om ten dienste der E Comp:e te employeeren zo0 tot wangen aan 't Liehoofd als tot Wippen en rollen bij 't op en vanstrand haalen der Landsboots en schuiten, te weeten 1 p„s Bezaans Rol 1. „ marszijl rha, waaklooze 1 „ voormarszijl Cha 1 „ kruis tha 2 „ Marszijl Chaas. 1 „ voorsleng 1„ end van de bezaansmast 1 „ end van de groote mast „ 1„ end vande Fokke mast. Het onderstaande om p r Vendutie te verke„ pen als ten dienste der E. Comp:e onbequaam te weeten 4 p. s gieters 1„ Verfsteen 3„ Beugels der Lueken 4. - Vlaggen 4„ Splitshoorns. 1„ Penterhaak alle gebro„ ken en als onbequaam ongeta„ afgekeurd 5„ broekings 1 „ vaderl„ Lijn in de teer verbrand 1„ Conductor 2 „ Marszijl schoten 2 „ Cabelaarings 1„ Stenge windreep. 2 „ Yjzertrossen 2 „ groote Aalsen 1 paar groote schooten „fokke — 1. ps brandspuit met zijn toebehoren Een Partij enden van 't gekapte enge brooken wand, stangen, en lopend touwerk Een partij onbekwame bloksen Juffers 2 p. s Nagthueesen 7„ Huurrad Een Partij oude onbeq: schijven en nagels. 1. p. s Hanepoot van 't dryfanker —½ vat Verf nat 1 p. s hamerslag 3 „ koornschappen 1„ Slypsleen kopere kandelaar 11 p. s Schut talijs 2 „ wandt van 8 d„m als oud en versleeten 236 248 men. 1 „
English
251 For the Wine Cellar. The adjacent items are approved to be sold at public auction, being completely spoiled by having been thrown overboard; it is understood that the same is approved, as well as the throwing away and destruction of the opposite items, while the opposite must be taken in. 2 pieces tiers 1 grate 1 iron pot 2 copper ladles 2 perforated ladles 2 skimmers 1 copper frying pan 1 iron frying pan 2 bacon forks 4 roasting pans 1 pair of pincers 1 gaff hook 1 gunner and provost chest 1 chest with ironwork 1 butler chest 1 blacksmith chest 2 pewter funnels 1 ounce and weight 17 lanterns 1 ship's bell 1 decoction kettle 1 chest with cooper's tools 2 chests 1 roasting pan without lid 2 copper kettles and lids To be entered in the books: 92 pieces full leaguers, of which 21 pieces are serviceable, appraised, and unserviceable unappraised 21 half leaguers, 9 serviceable, appraised, and unserviceable unappraised 214 cans of arrack in a leaguer, ullage is 15 inches 172 cans of brandy in a half leaguer, ullage is 5 inches, appraised 725 cans of vinegar in a leaguer, ullage is 5 inches, and 3 half leaguers of which 1 of 15 inches, 1 of 4 inches, and 1 of 12 inches ullage 1050 cans of wine in a leaguer of 8 inches ullage, appraised, and 2 of 4 inches ullage For the Dispensary. And the adjacent items being completely spoiled by incoming salt water through the bungholes, several casks having had the bottom pierced by the seawater and completely ruined: 8 casks of pork 8 casks of beef 2 aums of lamp oil, gauging 1 of 8 and 1 of 10 inches ullage Olive oil, of which one with a small remainder and full of seawater, spoiled, gauging 1 of 3, 1 of 5, 1 of 7, and 1 of 9 inches ullage, appraised 3 casks of butter, completely spoiled by the salt water 2 half aums, gauging 1 of 6 and 1 of 8 inches ullage, appraised 236 250 65 253 4 pieces gun carriages at 3 lbs As well as throwing away and destroying the opposite items. To take in. To take in. 2 casks of flour, worm-eaten and spoiled 1 cask of sugar, completely melted by the salt water 5 casks of tamarind, completely spoiled by the salt water and to be buried immediately 8 casks of beans, several wet and spoiled 4 5/8 casks of peas 3 canassers of sugar, wet and spoiled and for the greatest part melted away 5 casks of salt, wet and spoiled, full of sand, melted away To the Armory, to be entered in the books: 32 pieces muskets, of which 18 pieces unserviceable; the serviceable appraised and the unserviceable unappraised 8 pistols, the serviceable appraised and the unserviceable unappraised 4 blunderbusses, the serviceable appraised and the unserviceable unappraised 8 cartridge pouches, all unserviceable 8 cutlasses and scabbards, all unserviceable 1 drum Taken in by the artillery: 933 lbs gunpowder 19 pieces iron cannon at 8 lbs, appraised 2 bronze swivel guns at 1 lb, unappraised 19 gun carriages at 8 lbs, unappraised 4 gun carriages at 3 lbs, unappraised 92 bar shot at 8 lbs, appraised 63 bolt shot at 8 lbs, unappraised 12 quoin rules 10 pointed quoins 11 spare axles 3 bundles of match 13 pieces copper cartridge cylinders at 8 lbs 10 wooden cartridge cylinders at 8 lbs 3 budget casks 20 sponges and rammers at 8 lbs 1 sponge and rammer at 3 lbs 59 grape shot at 8 lbs 6 grape shot at 8 lbs, defective 4 grape shot at 3 lbs 14 grape shot at 3 lbs, defective 8 ladles with worms at 8 lbs 28 canister shot at 8 lbs 677 cannonballs at 8 lbs 139 cannonballs at 8 lbs, defective 4 cannonballs at 1 lb 2 cannonballs at 3 lbs 2 cannonballs at 1 lb 1 cannonball at 1 lb 236 252 1 90 1 255 To take in. To take in. To take in. 3 pieces bolt shot at 4 lbs 1 lot small iron shot, assorted, unappraised 1 lot lead shot, assorted, unappraised 52 hand grenades 4 match tubs 8 spare capsquares for gun carriages 24 quires of cartridge paper For the Hospital: 1 medicine chest with instruments, appraised From the wrecked ship Sterrenschans, to be entered in the books: 5 pieces yards, namely: 1 topgallant yard 1 main yard 2 topsail yards 1 piece gaff 1 jib boom 2 spare topmasts 14 old sails, of which: 1 piece mainsail 3 jibs 1 mizzen topsail 1 fore topsail 1 spanker 2 spritsails 2 topgallant sails, unappraised 1 topmast studdingsail 1 lower studdingsail, unappraised 1 piece copper binnacle lamp 2 steering compasses 61 blocks and deadeyes, appraised 8 pump shoes, unappraised 18 pump buckets, appraised 12 lignum vitae sheaves, unappraised 4 lignum vitae sheaves with brass bushings, unappraised 4 sheets of cork 1 1/2 hides of buoy leather 1 piece tar brush 40 block pins for single blocks 2 apron leads, unappraised 3 pieces lead lines 1/2 piece tiller rope hawser 117 coils of ratline 59 coils of housing 81 lbs marline 4 pieces tarred lead lines, namely: 3 pieces of 12-thread 1 piece of 9-thread 236 254 To take in. To take in. To take in. To take in. To sell. 230 fathoms old cable, unappraised 540 lbs tallow in a cask, appraised The following already delivered for the service of the Honorable Company, namely: 6 pieces old sails, to wit: 2 pieces main topsails, for making mattresses and bolsters, according to the resolution, contracted to private parties, unappraised 1 piece topgallant sail 1 fore topsail 1 topmast studdingsail 1 lower studdingsail To be employed in the service of the Honorable Company, both for fenders at the jetty and for levers and rollers for dragging the country's boats and skiffs up from the beach, unappraised: 1 piece fore topmast 2 studdingsail booms 2 topsail yards 2 spars 1 topgallant mast 1 foresail yard 1 bowsprit 1 end of the mainmast 1 end of the foremast The undermentioned to be sold at auction, being unserviceable for the service of the Honorable Company, unappraised. Taken in by the artillery: 1 piece azimuth compass, completely defective 2 baskets with unserviceable ship nails 1 piece iron fid 1 fire boom with its rigging A lot of ends of broken shrouds, stays, and running rigging A lot of unserviceable blocks and deadeyes 1 piece ship's boat, unserviceable To the Armory, to be entered in the books: 24 pieces muskets, of which 6 pieces unserviceable; the serviceable appraised and the unserviceable unappraised 5 pistols 10 cutlasses, of which 8 pieces unserviceable 9 cartridge pouches, all unserviceable Unserviceable, to wit: 3 pieces old lead lines 1 roll grey hemp canvas, having been wet and molded 2 begun rolls of Dutch sailcloth, having been wet and molded A lot of ratline and marline ends, tar-burned 3 unserviceable ends 236 256
Dutch transcription
251 Voor de Wijnkelder. de nevensgemelde word goedgevonden bij publie„ que Vendutie te verkopen maale bedorven, zynde door werden geworpen word verstaan te zelve te approbeeren. gelijk mede broegwerpen en vernietigen van de teegen Terwijl teegenstaande zullen moeten werden engenomen. 2 p„s Laagen 1: „ rooster 1 „ Yzere Pot 2 „ kopere schepleepels 2 „ _o gate Petiels 2 „ Schuimspannen 1 „ kopere koekepan. 1 „ Yjzere - 2 „ Spekvorken 4 „ Braadblikken 1 „ Nijplang 1 „ speerhaak. 1. Constapel en provoost kist 1 „ kist met ijserwerk 1 „ Botteliers kist 1 „ Smits kist 2 „ Tinne tregters 1 „ onier en gewigt 17 „ Lantaarns 1 „ Scheeps klok. 1 „. decoctum kietel 1 „ kist met kuipers gereedschap 2 „ kisten 1 „ Braadpan zonder deksel 2 „ kopere keetels en dekzels. staande om bij de Baken te kunnen werden inge„ noemen 92 p„s heele leggers waar van 21 p:s de biquaame getaxeert ende onbequaam onbequaame ongetaxeert 21. „ halve _o „ „ 9„ 214. kann: Argk in een legger is 15 d„m wan 172 „ brandewyn in een halve /getax. /. Legger is 5 dm. Wan 725 „ azien in een Legger is 5 d=m wan en 3 halve leggers waar van 1 van 15 d=m 1 van 4 d.m en 1 van 12 d=m wang 1050. kann: wijn in een legger van 8 d:m (gelax /. en 2 van 4: duim wan Voor 't Pispens en de nevensgem als ten eene 8 Vaten spek, , door bijgekomen zout water door de Sponsgaten verscheide vaten de boom 't zeewater hebbende moeten 8: „ Vleesch. aan steekken en ten eenemaale be„ doaeen. 2. aamen lampolijpielende 1 van 8 en 1 van 10 d:m war _o olijven olij, waar van een met een weenig restant en vol met zeewater bedorven, pylende 1 van 3, 1 van 5. svar 7 en 1. van 9 d=m wan getaxeerd. 3 vaten Boter ten eenemale bedorv en door 't zout water 2. halve aaneen — — 1. „ 6„ 1 „ 8„ — 7 getax do 236 250 65 253 4 p„s Colpaarden à 3 lb gelijk meede t wegperpen en vernietigen vande teegenstaande Inneemen. in Inneemen 2 Vaten meel vermeest en bedorven 1 _o met sacker ten eenemaale gesmel„ ten door 't Zoutwater 5 „ Tammarinde ten eenemaale bedorven door 't zoutwater en aanstaand begraven 8: meed boonen. verscheide nat en bedorven 4 5/8. „ b ruten 3 Canassers zueker nat en bedorven en voor 't grootste gedeelte versmollen 5 vaten Sout, nat en bedorven vol met sand versmollen Aan de Wapenkamer om bij de Boeken te kunnen werden ingenomen 32. p. s snaphanen waar van 18 p:s onboeg„ 8 „ Pistoolen de bekwame getaxeert e 4 „ Miesquettons. de onbekwame ongetaxeert 8 „ Pattroontassen, alle onbeg„ 8 „ Houwers en scheeden „ d o 1. Trommel Bij de artillerie ingenomen 933 lb Bussekruit 19. p:s Yjzere Canons a 8 lb getaxeert 2 „ metaale draaibassen a 1 lb „ 19 „ Rolpaarden a 8 lb Jongetaxeer ACo 4 „ — — „ 3 „ 9 2 knupel kogels à 8 lb 63 bout kogels. „ 8„ rengetax 12 „ stelreegels 10 „ Spitze Stelhouten 11 „ Assen ter waarloo. 3 kippen Londt 13 ps. kopere Cardoeze kokers a 8 lb 10 „ houte —o „ 8: 3 „ Beursvaten 20. wissers en aanzellers à 8 lb. „ 3 „ 59 „ druwen à 8 lb 6 _o „ 8 „ defect 4 „ _o „ 3 „ 14 — „ 3 „ defect. 8 „ Leepels met arfftrekkens à 8 lb 28 Schroot Lakken. . . . . . „ 8: 677. kogels 139 _o 8„ 4 _o „ 2 „ — „ — „ 3„ 2. _o 1„ _o „ — „ „ 236 252 1 do 90. — 1„ „n 8. defect. — „ 1„ 1„ „ 255 Inneemen Inneemen inneemen : 3 p:s bout kogels an 4 rbs 1: partij kleine Yjzere kogels in zoort 1. _:o Loode koogels in zoort ongetax. 52 hand grenaeden 4 koevaeten 8 waarloo dekplaten voor rolpaaren. 24. boeken Cardoes Papier voor t Hoopelaab medieijn kist met Instrumenten (getax.d Van 't verongelukte schip Sterrenschans om bij de boeken te kunnen werden ingenomen 5 P. s Rhaas, als 1 J: Bram 1 „ groote 2 „ marszeils 1. P:s gaffel 1 „ kluifhout 2„ waarloose stengen 14. „ oude zeelen waarvan 1 p:s groot zeil 3 „ kluivers P Kruiszeeler 1. Voormarszeel. ongetaxeert 1 p.s kopere nagthuis Lamp. 2 „ ges Compassen 61. „ bloks en Suffere 8 „ pompschoenen 18 „ _ emmers 12: „ ges pokhoute schijven 4 pok: schijven met met e bussen 4: blaaden kark 1½ huid boeyleer 1 p=s Teerquast 40 „ blknagels tot enk. bloks 2 „ deexlooden / ongetaxeert getaxeerd ongetax getaxeert 1 p:s bezaan 2 „ blinden 2 „ Boven bram deils ongetaxeert 1„ boven Lizeils 1 „ onder. 3 p. s Loodlynen ½ „ Stuurreepstros 117 „ Lordings 59 „ huising 81. lb marlijn 4. P. s vaderli zynen geteerde als. 3 p=s van 12. draat v 236 254 ferb. 1„ „ 9 „ _o Inneemen Inneemen. Inneemen Inneemen. Verkoopen §230 vader, oud Cubellouw /ongetaxeerd/ E: 540. lb hartjuis in een vat / getaxeerd/ Het volgende reeds tot den om„ slag der E. Comp:e verstrekt, als 6 p s oude zeilen, te weeten 2 p. s groot marszeils tot 6 maken van mattras P„ _ baamzeel zen en hoofd„ kussens volgens ongelax 1 „ voor _ besleeit aan par ticuliere aan„ 1. „ boven Lijzeel besleed 1 „ onder _ om ten dienste der E: Comp:e te emploi„ eeren, zoo tot wangen aan't zeehoofd als. tot wippen en rollen bij 6: open van strand haalen der Landsboots, en schuiten, als P: voorstend 2 Lyzeels spieren 2 „ Marszyls Rhaaes 2 „ spieren 1 Brgmesling 1 „ fokke Rha 1: „ Boegspriet 1. „ end van de gr„ mast 1 _ „ fokke Het onderstaande om P„r Vendutie te verkoopen, als ten diensten der E: Comp ongetaxeerd Bij de artillerie ingenomen 1 p. s azemuth Compas ten eenemale defect „2. manden met onbequame schipudnen Nagels 1 p:s Yzere Slothout 1 „ Brandspriet met zijn toebehoor Een partij enden van 't gebrooke wand, slagen en lopend Touwerk Een Partij onbequame blokken en Iaffers 1. p. s scheeps boot, onbequaam Aan de Wapenkamer om bij de Baeken te kunnen werden inge noomen 24. p. s Snaphanen waar van 6 p„s onbequaam de bekwaame 5 „ Pistoolen getaxeerd ende 10 „ Houwers waar van 8 p:s onbequame ongetaxeert onbequaam 9: „ Pattroontassen alle onbecq: onbequaam te weeten 3 p:s oude Loodlynen 1 roll graauw hennipdoek nat geweest en 2 ontgonnen Coll: Holl„ zeeldoek s aangeslagen Een Partij Lordings en marlijn ende Theer verbrand 3 „ enden onbekwaame va 236 256
English
25 To accept To write off. Thus it is resolved to act in accordance with what is recorded in the margin of that memorandum. To write off 31 cannonballs of 6 lb 11 crippled balls of 6 lb unassessed 117 ditto ditto of 8 lb ditto And of that which was unloaded into this vessel in order to be transported to False Bay, the following was lost: 10 fathoms of old cable 1 set of new boat sails for the 2 boats in False Bay. 1 load marked No. 1: containing 100 porcelain bowls 50 bunk sheets 100 pillowcases 200 caps 2 lb sewing thread 12 skeins of sail thread 2 bundles of quills 8 quires of writing paper 6 ditto cartridge paper 70 lb tea 2 pewter chamber pots 100 lb Cape leather 1 package marked No. 2, in which 390 lb coffee beans spoiled and thrown away 1 small barrel No. 3 with limes. 1 In the Castle of Good Hope, 8 January 1794. was signed I. I. Rhenius. Thus it is resolved to act with all the goods mentioned in that memorandum as is recorded in the margin thereof. The Fiscal ad interim Willem Stephanus van Rijneveld and the Secretary of the Council of Justice Johannes Andreas Truter, in their capacity as attorneys of the repatriated Governor Cornelis Jacob van de Graaff, having submitted the following petition to this government: 1 chest No. 12 with medicines 1 teak beam of 15 to 16 inches, 25 to 30 feet 8 oak beams of 8 to 10 inches 3 teak rafters of 41 feet 2 yellowwood beams of 10 and 12 inches 4400 lb cast iron. 15 barrels of tallow weighing gross 75365 Tare 1429 Net 61076 destined for Ceylon 2087 lb Varinas tobacco destined for Batavia 120 lb sail thread from 236 258 261 To the Right Honourable and Respected Mister Abraham Josias Sluysken, ordinary Councillor of Netherlands India and Commissioner over the Government of the Cape of Good Hope and its dependencies, together with the Right Honourable Commander and the further Honourable Council of Policy. Right Honourable and Respected Sir and Honourable Gentlemen. With due respect, Willem Stephanus van Ryneveld and Mr. Johannes Andreas Truter, attorneys of the repatriated Governor Cornelis Jacob van de Graaff, show: That there has been delivered to them an extract resolution of 30 September 1793, whereby they are ordered to furnish as soon as possible the bail of 10,000 Rixdollars ordained for their said gentleman, and this on the grounds that the goods of their said gentleman Which doing, etc. signed W. S. v. Ryneveld qq. J. A. Truter qq. Thus, considering that the goods have been converted into money. However, since all the goods and effects of the said Governor, according to the inventory drawn up thereof and already presented to your Honourable Assembly, still remain under the administration of the petitioners, of which only two carriages, two horses, and some few other perishable effects have been converted into money, which monies remain with the petitioners; the petitioners humbly request to be excused from furnishing the said bail, and that the resolution taken by the illustrious Assembly of Seventeen according to their Right Honourable missive of 22 December 1791 regarding the goods and effects of the said repatriated Governor van de Graaff may still continue to take effect. are from 236 260 9 263 As it is also resolved upon the following petition submitted by the attorneys of the repatriated Governor van de Graaff, to resiliate from the decision taken on 30 September last to the extent described. The aforesaid appointments of some non-commissioned officers in the Burgher force being approved, and the Cadet Lutgens, upon his request made to that end, restored to civil freedom. have not yet been alienated or sold by the petitioners, it has been approved and agreed to resiliate from the decision of this Board taken on 30 September last to such extent that, instead of the bail of ten thousand Rixdollars demanded therein, the goods left behind here and still remaining unsold of the said Governor van de Graaff shall, pursuant to the orders given by the illustrious Assembly of Seventeen in their own missive of 22 December 1791, have to remain under sequestration, in order to recover therefrom the compensations which their Right Honours might see fit to require the said Governor van de Graaff to make. From two extracts of the minutes held here by the Burgher War Council on the 9th of this month, the following provisional appointments of non-commissioned officers in the Cape Burgher force have appeared: As Corporal in the first Company of Cavalry, the Burgher Arend Burk, instead of Willem Daniel Hoffman, who has been appointed as Commissioner. As Sergeant in the Free Corps, the senior Corporal Johannes Jacobus Voges, instead of Sergeant Johannes Petrus Frieslich, who has been promoted to Deacon. As Corporal in the Free Corps, the Burgher Johannes Christoffel Wolhuter; and as Quartermaster, the Burgher Tieleman Roos, in place of the discharged Jacobus Bester the elder. Thus it is approved and agreed to approve the same appointments, and notice thereof shall be given to the Burgher War Council by missive. The Cadet Sergeant in the National Battalion, Johan Nicolaas Lutgens, having made a request by petition to be discharged from this capacity of his and to be restored again to his native civil freedom; thus, considering that the petitioner has properly served out his contracted term, it is resolved to grant that request, the said Lutgens being accordingly discharged Cavalry from 236 262
Dutch transcription
25 Inneemen afschryven. zo is beslooten daarmeede te handelen zo als in man gine van die memorie is ter nedergesteld. afschrijven 31 F:s kogels â 6 lb 11. „ kruppel kogels „ 6 lb ongetaxeerd 117 „ _o _ „ 8 „ d En van de in deezen bodem afgelaadene om na de Baaifals te werden getranspor„ teerd 'te volgende verlooren geraakt § 10 vadem oud Cabellouw 1 stel nieuwe bootszeelen voor de 2 Boots in de Baai fals. 1 last gemerkt N. o 1: waarin 100 P. kommen 50 „ kooijlaakens 100 „ kussensloopen 200 „ Mutsen 2: lb Naaigaarn 12 strenge zeelgaarn 2 Bos Pennen 8 Boeken schrijf papier 6 _o Cardoes 70 lb Thee 2 p. s Tinne waterpotten 100 lb Caabse Leev: 1 Pak gemerkt N:o 2. waar en 390 lb boffij „boonen bedorven, en weggeworpen 21 Vaatje N. o 3. met Limmetjes. 1 Jn't Casteel de Goede Hoop. 8n Jam: 1794. /:was get/: I. I. Rhenius - . zo is beslooten met alle de bij die memorie vermelde Goederen te handelen zo als in margine van dezelve is ter neder gesteld De ad interim Fiscaal Willem Stepha nus van Rijneveld en den Secretaris van den Raade van Justitie Iohannes Andreas Fruter in hunne qualiteit als. gemagtigdens van den gerepatrieerden Heere Gouverneur van de Graaff aan deeze regeering ingedient hebbende het volgend Request 1 kist No 12. met medicamenten 1 p=s Iatij Balk van 15316 d:m 25 à 30 v„t 8. „ eeke Balken „ 8. 10 „ 3 „ Ialij Swaljen „ 41. 2 „ geelhoute balken van 10. en 12: d„m 4400 lb ges Yzer. 15 Vaten met Talk weegende 1 rato 75365 Tarra 1429 Nett. 61076 voor Ceylon gedestineerd 2087 lb Tabak Varenas bedokenen voor Balaviai 120 „ Zegulgaarn van 236 258 261 Aan den Wel Edelens Groot Achtb. Heer Mr Abraham Josias Huisken laad ordinair van Neederlandsch India en Commissaris over het Gouvernement van Cabo de Goede Hoog en den ressorte van dien ste Accte beneevens den wel Edelen Agtbaaren Heere Gezaghebber en den Verderen Edelen Achtb raade van Politie Wel Edele Groot, Achtb: Heer en E. Achtbaare Heeren Met verschuldigde Eerbied geeven te kennen Willem Stephanus van Eijneveld en M. r Iohannes Andreas Pruter Gemag„ tigdens van den gerepatrieerden Heere Gou„ verneur Cornelis Jacob van de Graaff Dat aan hem is ter hand gesteld, Extract resolutie van den 30 September 1793. waarbij aan hen word opgelegd om ten spoedigsten te stellen de voor hunne gem Hr. geordonneerde Borgtogt van 10, 000 Rixd, en zulx uit hoofde dat de goederen van hun gem H. T welk doende & a W„ S„ v: Ryneveld qq was geteekend J„ A: Fruten qq. Zo is uit aanmerking dat de goederen zijn te gelde gemaakt. — Dan nadien alle de goederen en Effecten van gemelde Heere Gouverneur navolgens den daar van geformeerden en reeds in twek Wel Ede. Achtb„ Vergadering overgelegd/ Inventaris als nog onder de administratie van de Supten. zijn verbleeven, waar van slegts Twee Rijtuigen twee paarden en eenige wynige andere aan bederf onderheevige effecten zin te gelde gemaakt, welke pen„ ningen onder de Supten zyn berustende, verzoekende supplten needrig van het stellen der gezegde Borgtogte te mogen worden geexcuseerd, en dat de resolutie door de illustre Vergadering van 17ne volgens haar Wel Edele Hoog Achtb„ missive van 22 december 1791: ten opzigte van de goederen en effecten van gemelde gerepatrieerden Heere Gouverneur van de Graaff: genomen, als nog mooge blijven effect sorteeren zijn van 236 260 9 263 zo als ook beslooten is op 't volgend request door de gemachtigdens van den Gerepasrieerde Heere Gouverneur van de Traaff ingediend. van 't besluit op den 30 7bor: I: L: genoomen in zo verre te resilieeren omschreeven. — zijnde voors:E: aanstellin„ „gen van eenige onder Officie„ „ren bij de Burgerijen geapprobeerd. en den Cadet Iutgens op zijn daartoe gedaan verzoek in burger vrijdom gesteld. van den Heere Gouverneur door de Sup=tn. nog niet zijn veralieneerd ofte verkogt, goedgevonden en verstaan in zo verre te rextiliceeren van het besluit deezer Tafel op den 30 September Jongstleeden ge„ noomen, dat in steede van de daar by des hier neevens staande gevorderde borgtogt van Tien duisend Rijxdaalders de alhier nagelaten en nog onverkogt gebleeven goederen van welgemeene Heere Gouverneur van de Graaff inge„ volge de ordres door de ilustre Vergade„ ring van Zeeventhienen bij Hoogstelen zelver Missive van den 22 december 1791 gegeeven, onder sequestratie zullen moeten verblijven, om daar aan te kunnen verhee„ len de vergoedingen welke hun Wel Edele Hoog Agtb, mogte goedvinden welgemelde Heere Gouverneur van de Graaff te laten doen Uit twee Extracten der Notuelen op den den 9 deezer bij den Burger kryjgsraad alhier gehouden, gebleeken zynde de volgende no„ visconeele aanstellingen van onder officeeren by de kaapse Burgerij als Tot Copporaal bij de eerste Compagnie Cavallerie, den Burger Arend Burk in steede van de tot Commissaris aangestelde Willem Daniel Hoffman Tot Sergeant onder 't Vrij Corps den oudsten Corporaal Iohannes Iacobus Voges, in steede van den tot diaion bevorderde Sergiant, Iohannes Petrus Frieslich Tot Corporaal onder 't Vrij Corps den Burger Iohannes Christoffel Wolhuter en tot Veldwagtmeester den Burger Tieleman Roos, in plaats van den ontslaagen Iaco„ bus Bester de ouder zois goedgevondenen verstaan dezelve aanstellingen te approbeeren, en zal daar van aan den Burgerkripgoraad bij Missive kennisse worden gegeeven Den Cadet Sergeant bij 't Nationaale Battaillon Iohan Nicolaas Lutgens. bij requeste verzoek gedaan hebbende uit deeze zijne qualiteet te mogen worden ontslagen en wederom hersteld in zyne aangebooren Burgervrydom zo is uit aanmerking dat den sup.t zijn verbonden tijd behoorlyk heeft uitgedient, besloten van dat verzoek te defereeren, werdende denzelven Lutgens dienvolgens ontslaagen 6 wallerie uit 236 262
English
at the request made by the Secretary of Graaff-Reinet, Pandolfius, from the service of the Company and restored to his native burgher freedom. The Bookkeeper and Secretary of the Colony of Graaff-Reinet having sent to this Council the following Petition: To the Right Honorable, Highly Esteemed Sir Abraham Josias Sluysken, Ordinary Councillor of Dutch India, and Commissioner over the Government of the Cape of Good Hope and the dependencies thereof, etc. etc., together with the Right Honorable, Esteemed Gentleman Officer in Charge and the Right Honorable Gentlemen Councillors of Policy. Right Honorable, Highly Esteemed Sir, and Esteemed Gentlemen. Makes known with due respect to your Right Honorable, Highly Esteemed, and Esteemed Honors, That the petitioner, having spent several years in this Colony in the service of the Honorable Company, sent for his wife Dorothea Maria van Heijst, whom he married in the Netherlands, and she arrived here in the year 1791 as a passenger aboard the Company's ship Blitterswijk. That during her stay here, the petitioner's said wife has been visited by continuous illnesses, which the physicians attribute to the incompatibility of her constitution with the climate of this region, and that therefore no other hope of recovery remains for her than to return again to the land of her birth, toward which she also has the greatest inclination. For which reasons the petitioner, with all submission, turns to your Right Honorable, Highly Esteemed, and Esteemed Honors, humbly requesting that it may please your High Esteemed Honors to grant his aforementioned wife passage to the Netherlands aboard the ship Drechterland, and, on account of his straitened circumstances which will not be unknown to your Right Honorable, Highly Esteemed, and Esteemed Honors, to exempt him from the customary payment of transport and board money. Doing which, etc. was signed: J. Pandolfius. very pleased, your submissive and obedient servant, Jacobus Pandolfius, Secretary of the Landdrost and Heemraden at Graaff-Reinet. After deliberation on this petition, it was approved and agreed to permit the petitioner's wife Dorothea Maria van Heijst to depart for the Fatherland aboard the return ship Drechterland present here; and, on account of the thoroughly straitened circumstances of her husband which are fully known to the Council, as well as primarily because the customary transport and board money was paid by her upon her arrival here for the outward journey, and the same according to the orders in India is never paid more than once, she shall remain exempt from the payment of transport and board money. It having been resolved to permit his wife to repatriate without payment of transport and board money; and, according to the order of the Gentlemen Commissioners-General, the payment of salaries and emoluments to Bookkeeper Krauth must cease as of the day of the mustering of the ship Drechterland, with which he is departing; likewise, Captain Arkenbout was permitted to sail home while retaining his salary. The Captain of the ship Zeeland stranded here, Jacobus Arkenbout, having submitted a request to the Honorable Commissioner to be permitted to sail over to the Fatherland aboard the aforementioned ship Drechterland while retaining his salary, it was resolved to defer to that request, as being entirely in accordance with the commands prescribed to this administration by the High Honorable Gentlemen Commissioners-General in Their High Honors' Resolution of 27 August of the past year; and accordingly, the said Jacobus Arkenbout may repatriate aboard the said vessel while retaining his salary. Furthermore, it was resolved that the Bookkeeper for the China Trade, Johannes Paulus Krauth—to whom his salary and emoluments were assigned by the High Honorable Gentlemen Commissioners-General in Their High Honors' missive of 27 August of the past year, from the day he was employed to help store and care for the salvaged goods from the stranded China return ship Zeeland until the day he departs from here, under the condition that he would be obligated to depart from here with the very first suitable shipping opportunity—shall proceed on his voyage to the Netherlands aboard the ship Drechterland, in which the salvaged goods from the ship Zeeland have been loaded, and accordingly the payment of his salary and emoluments shall cease as of the day of the mustering of that vessel. And of the following report submitted by the Gentleman Officer in Charge: The Gentleman Officer in Charge—to whom, by resolution of the 10th of December last, a report was delivered by the Clerk of the Artillery Magazines, Hendrik Willem Rutzes, to the Honorable Commissioner, concerning various artillery and ammunition goods which were found in the said magazines without having been entered into the Trade Books, and who was thereby instructed to report to the Council regarding the status of the goods mentioned in that report and what the reasons might be why they were not handled in the Trade Books according to custom and order, and furthermore how, both with these and with those of the same goods that have either been issued or become unserviceable, action ought to be taken according to the orders and regulations in this Government—having submitted the following report in fulfillment of both matters: To the Right Honorable, Highly Esteemed Sir Abraham Josias Sluysken, Ordinary Councillor of Dutch India, and Commissioner of the Cape of Good Hope and the dependencies thereof, etc. etc. etc., together with the Right Honorable Gentlemen Councillors of Policy. Right Honorable, Highly Esteemed Sir, Right Honorable Gentlemen. Whereas a report from the Clerk of the Arsenal, H. W. Rutzes, was handed to me by your Right Honorable, Highly Esteemed, and Right Honorable Honors...
Dutch transcription
265 op 't verzoek door den Socrata„ ris van Sraaff Rrimos Pandiffius gedaan uit den dienst der Maatschappij en hersteld in zyne aangebooren Burger Vrydom Den Boekhouder en Secretaris ƒ den Colonie Graaffe Rgenet aan deezen Raade toegezonden hebbende het vol„ gend Request Aan den Wel Edelen Groot Achtb Heer Abraham Josias Huisten Raad ordinair van Neerlandsch. India, mitsgaders Commissaris over 't Gouvernement van kaap de Goede Hoop en den ressorte van diens & & beneevens den Wel„ Edelen Achtbaaren Heere Gezach hebben ende WelEdele Heeren Raden van Politie Wel Edelen Groot Achtbaare Heer: en 6„ Achtbaaren Heeren. E Heeft met verschuldigde Eerbied te kennen uwer Wel Edele Groot Achtb, E Achtb Dat den sup„t na eenige Iaaren in deeze Colonie in den dienst den E Comp„ te hebben doorgebracht zijne in Nederland gehuuwde Huisvrouwe Dorothea Maria van Heijst herwaards heeft, ontbooden en zij in den Iaare 1791. alhier als passagier met 's Comp:s schip Blitterswijk is aangehand Dat den supp. gemelde huisvrouwe staande haar verblijf alhier met geduurige krankhee„ den is bezogt geweest der door de genees kundigen worden geweeten aan de onbe„ staanbaarheid van haar gestel teegens 't 6lemaat van dit gewest, en dat dus voor haar geen andere hoop van herstelling ovo„ rig is dan zig wederom na haar geboorte land te begeeven, waar toe zij ook de grootste inelinatie komt te hebben Reedenen om welke den supt Leger alle onderdanigheid is keerende tot uwel„ Edele Groot achtb: en E. Achtb. met needrige beide dat het van hoogst derzelver welke„ zier onderdanige en gehoorzaame Die„ naar Jacobus Aanhoffius, Secretaris van Landdrost en Heemraders te Graaffe Runet zeer hagen 236 264: 266 267 zelve Transport en kostgeld be slooten zijnde aan zijne huisvrouw de Per„ mitteeren zonder betaa„ „ling van Transport en Kostgeld te moogen repa„ triee van zullende na volgens de ordre van de H: H: C. C: G: G: de belaling van de gagien en Emolumenten aan den „ Boekhouder Krout met de dag van de monstering van 't Schip Drechterland waarmeede komt te ver trekken moeten cessieren zo is almeede aan Capn Arkenbout toege„ staan behoudens gagie te moogen te huis vaaren. hagen zijn mooge, zyn opgenoemde Auis„ vrouwe P. r t Schip Drechterland Passagie te willen verleenen naar Nederland, en hem uit hoofde zyner bekrompene om„ standigheeden die uwel Edele Groot achtb en E: achtb: niet onbekend zullen zijn te willen bevrijden van de gewoone be„ taaling van Transport: en kostgeld T welk doende de„ /was get/: I: Manhoffius zo is na deliberatie over dezelve requeste goedgevonden en verstaan aan des sups Huisvrouwe Dorothee Maria van Heyst te permitteeren met t alhier aanweezend letour schip Drechterland naar Patria te moogen vertrekken; zullende zij uit hoofde van de allezents bekrompene om: standigheeden van haaren man welke den Raade ten vollen zijn bekend, als wel voornamentlijk om dat het gewon transport en kostgeld door haar bij haare komste alhier voor de herwaards reize be„ taald geworden is, en t zelve volgens de„ ordre in Indien nimmermeer als een„ maal word betaald, bevrijd blijven van 't De Capitein van 't alhier gestrand schip Zeeland Iacobus arkenbout, aan den Edelen Heer Commissaris verzoek ge¬ daan hebbende om behoudens zine gagie met 't voormeld schep Drechterland naar Tatrix te moogen overvaaren, zo is besloten aan dat verzoek, als geheel overeenkom„ stig met de beveelen door de Hoog Edele Heeren Commissarissen Generaal aan deeze regeering bij Hoogstderzelver Reso lutie van den 27 aug. s anno passato voor„ geschreeven te defereeren, zullende dien, volgens de gemelde Jacobus arkenbout behoudens zyne gagie met gedagte Bodem moogen repatrieeren Vervolgens is beslooten van de Boek„ houder bij de Chinasche Handel Iohans nes Prulus Krauth aan wien door de Hoog Edele Heeren Commissarissen Gene„ raal bij Hoogstderzelver missive van den 27 aug„s anno passato is toegelegd zijne ger. gie en Emolumenten, zeedert den dag dat hij is geemploieerd om de gezalveerde Goede, ren uit 't gestaand Chinaasch retoursch ja zelve Zeeland 236 269 en van 't volgend bepicht door den Heere Tezachheb„ „ter ingediend. Zeeland te helpen opslaan, en verzorgen, tot den dag dat hij van hier zal vertrek. ken onder voorwaarden dat hy gehouden zou zijn met de allereerste bekwaame scheepsgeleegentheid van hier te vertrekken, Per het Schip Drechterland waar inde gesalveerde goederen uit 't schip Zeeland zyn afgelaaden zyne reise naar Neder„ land te doen vervorderen, en zal dien volgens de betaling zijner Gagie en Emolumenten met den dag der monste. ring van die Bodem moeten cesseeren. De Heere Gezachhebber aan wien bij besluit van den 10:e december Jongst lee„ den ter handen is gesteld een rapport door de Commies der Artillerie magazij„ nen Hendrik Willem Rutz aanden Edelen Heere Commissaris, over onderschee„ dene artellerie en ammunitie goederen welke zig in de gemelde Magazijnen bevon„ den zonder bij de Negotie Boeken te zijn ingenoomen en daar by aan zyn Ed. gein„ fangeerd omme den raade te berigten hoedanig het met de bij dat rapport ver„ melde Goederen geleegen is en welke de Wel Edele Heeren. Aangezien mij door uwel Edele Groot Achtb„ en Wel Edele een rapport van den Commies van 't Arsenab H. W. Rutzes Aan den Wel Edele Groot achtb. Hcca= Abraham Josias Sluijsken raad. ordenair van Neederlandsch India mitsgaders Commissaris van Kabo. de Goede Hoop en den ressorte van dien, & & & beneevens de Wel Edele Heeren Raaden van Politie Wel Edele Groot Achtb. Heer. reedenen mogten zyn waarom dezelve niet volgens de gewoonte en ordre bij de Negotie Boeken zijn verhandeld geworden, en voorts hoedanig zo met deeze als de geene van dezelve Goederen die of verstrekt zijn geworden, dan wel onbekwaam geraakt, na volgens de or„ dres en inrechtingen ten deezen Gouverne„ mente, behoorde te worden gehandeld, ter voldoening aan dit een en ander ingedient hebbende het volgend Bericht reedenen 236 268 en
English
handed over, in order to report on the same with the greatest speed how matters stand with the goods mentioned in the said report, and what the reasons may be why the same have not been dealt with in the Trade Books according to custom and order, etc. Thus the undersigned has the honour to report that, regarding the various artillery and ammunition goods brought here from Mauritius on 14 November 1781, it was ordered by the then Governor van Plettenberg and Secunde Hacker to let all the cannons, gun carriages, and other ammunition goods run provisionally between the lines in the Trade Books with their amounts in French money according to the invoice received, until such time as positive orders from the Lords Majors should have arrived regarding how to deal with the same; but that until today no instruction from the Fatherland has followed upon this, so that one has not been able to dispose of the cited Memorandum of the Commis of the arsenal, with the exception of the 10 pieces of completely unusable and worn-out gun carriages for 24 lb which were sold at public auction, since the same were deemed utterly useless for service; and as the undersigned has not failed to bring this to the attention of the Right Honourable Lords Commissioners-General on the occasion when Their Right Honours inspected and surveyed the arsenal in person, and has also repeatedly communicated this to the frequently mentioned Commis, he is highly surprised that the same, notwithstanding those reasons, has not hesitated to trouble Your Right Honourable and Honourable Sirs with this Report. Furthermore, the ammunition goods of the State's warship Holland were entered unappraised into the Trade Books, because this Government was unaware on what footing the same were to be taken over on the Company's behalf; but since now, pursuant to a written instruction and transmitted note from the Lords, an authentic copy be transmitted to the Illustrious Assembly of 17, and thereby be requested how one shall have to conduct oneself in this matter. the specified cannons and other goods be entered into the Trade Books in the manner as mentioned alongside. on 23 September 1793 it was resolved by this Council to take in the ordnance according to the tenor of the same, this shall properly be effected in the financial year 1793/4, as it was not possible to resolve upon this order early enough to have been carried out in the financial year of 1792/3. While the 12 pieces of iron cannons of various calibres which burst during proofing, and also belong to the remainder brought from Mauritius, must run on inside the margins in the books in the same manner as the other goods until the positive orders of the Lords Majors regarding this have been received. The undersigned, believing to have thereby complied with the intention of Your Right Honourable and Honourable Sirs, has the honour to let this serve as a report. In the Castle of Good Hope, 20 January 1794. Signed: J. J. Rhenius From which report it having appeared to the Council that until now it has been impossible to enter the cannons and other artillery and ammunition goods brought from Mauritius into the Trade Books of this Government in Dutch money, and he has been compelled to let the same run on only between the lines with the French charged amounts; it has been approved and understood to supply respectfully a copy of the said Report to the Illustrious Assembly of Seventeen, with the humble request to deign to honour this Council with their sovereign commands as to against what amount in Dutch Money the same goods ought to be entered into the Trade Books of this Government; however, the cannons and other goods taken over here from the stranded State's warship Holland shall furthermore have to be entered into the Trade Books under 23 September of the said year; but the 12 pieces of cannons of various calibres which, brought from Mauritius, burst during proofing, must continue to run on in the same books for so long inside the lines.
Dutch transcription
ter hand gesteld, ten einde op 6 zelve met de meeste spoed te berigten, hoedanig 't met de bij gem rapport vermelde goederen geleegen is, en welke de reedenen moogen zijn waarom dezelve niet volgens de gewoonte en ordre bij de Negotie Boeken zyn verhandeld geworden &a Zo. heeft den ondergeteekende de Eere te berigten, dat betreffende die diverse artillerij en ammunitie goederen van Mauretius alhier aangebragt op den 14. Novemb 1781. door de toemaligen Heeren Gouverneur van Slettenberg en Sacande Hacker is geon„ donneerd, om al te Canen de affuiten benee„ vens andere ammunitie Goederen, bij de Negotie Boeken met dies bedragen in fransch geld volgens 't ontfangen factuur binnen Linies Provisioneel te laaten voortloopen, tot tijd en wylen, hier omtrend Positiee„ ordre van Heeren Majores zoude zijn inge„ komen, hoedanig met dezelve te handelen, dog dat tot heeden toe hier op geene aan„ schrijving uit 't patric is gevolgd invoe„ gen men niet in staat is geweest op de aangehaalde Memorie van den Commies van 't arsenaal te hebben kunnen disponnee„ ren uitgezondert op de 10 p:s geheel onbruik baare en afgesleeten Affuilen à 24 lb welke bij Pablieke vendutie zijn verkogt nadien dezelve voor den dienst ten eenemaale onniet geoordeeld wierden, en daar den ondergeteekende niet heeft gemanqueerd zulks ter kennisse van de Hoog Edele Heeren Commissarissen Generaal te brenden, bij ge„ leegentheid dat Hun Hoog Edelheedens 't ar„ senaal in Persoon hebben bezigtigd en opgeno„ men, en dit al meede eens en andermaal aan meergem: Commies heeft opgegeeven verwonderd hij zig ten hoogsten, dat denzelven ongeagt die reedenen zig niet heeft ontzien Uwel Edele Groot Achtb: en Wel Edelens met dit Rapport te koomen importuneeren Wijders zijn de ammunitie goederen van 's Lands schip van oorlog. Holland bij de Negotie boeken ongetaxeerd ingenoomen, uit hoofde dat deeze Regiering onbewust was. op welken voet dezelve van 's Comp.s weegen zoude werden overgenomen dan vermits er thans ingevolge een aanschrijving en oaergezondene Notitie der Hee uis er meeslerg van op 236 270 273. aan de ilustre vergade„ ring van 17:mn een Copia dulhentiecq werden overgezonden, en daarbij werden verzogt hoeda„ nig dat zich hierin zal hebben te gedraagen. bij opgegeevene Canons en andere goederen bij de Negotie boeken in maniere als besijden gemeld worden ingenoo„ op den 23 September 1793: bij deezen rade is beslooten 't geschut naar luid van het zelve in te neemen; zal zulks naar behooren in 't Boekjaar 179 3/4. geeffectueerd worden, alzo op deeze ordre niet vroegtijdig genoeg heeft kunnen worden beslooten om in het Boekjaar van 179 2/3. te hebben kunnen werden volvoerd: Terwijl de 12 P. s Yzere Canons van devere„ de Calebers welke bij 't probeeren gesprongen zijn, en meede tot de overige van mauritius aangebragte behooren, inzelver voegen als de andere goederen bij de boeken binnens zijns dienen voort te loopen tot men hier am„ trend de stellige ordres der Heeren Majores zal hebben ontfangen - Den ondergeteekende hier meede aan uwel Edele Groot achtb: en Wel Edelens in„ tentie meenende voldaan te hebben, heeft de eere deeze te laaten dienen voor bericht In't kasteel de Goede Hoop en 20 Jann:y 1784 /was get/ I. I. Rhenius uit welk berigt den raade gebleeken zynde, dat men tot nu toe in de onmogelykheid is geweest om de van Mauritues aangebragte Canons en verdere artillerie en ammunitie Goederen by de Negotie boeken deezes Gou„ vernements in hollands geld te kunnen inneemen, en hij genoodzaakt is geweest dezelve alleen binnen lyns met de fransche aanreekenings srijden te laaten voortla„ pen; zo is goedgevonden en verstaan Copia van't gemeld Bericht eerbiedig te suppiditeeren aan de ilustre Vergadering van Zeeventhienen, met onderdanig ver zoek deezen Raade wel te willen ververen met hoogstderzelven beveelen, teegens welk bedragen in Neederlandsch Geld dezelve Goederen bij de Negotie Boeken deezes Gouvernements behooren inge„ zullende echter te daar noomen te worden, zullende voorts de Canons en andere Goederen van het gestrand s Lands schip van oorlog Holland alhier overgenomen, onder den 23 September A:o D„o bij de Negotie Boeken moeten worden ingenomen, dog de 12 p:s Canons van diverse Calibers welke van Mauritius aangebragt, bij het probeeren zyn gesprongen zo lange bij de„ zelede boeken moeten blyven voortloopen; Canont binnens 236 272 man.
English
Communication from the Honorable Commissioner that Lambert and Gebout had provided sufficient security to the satisfaction of His Honor, and that His Honor had caused those bail bonds to be deposited at the secretariat of this Council. The Honorable Commissioner was also pleased to communicate to the Council the contents of a letter written to His Honor by the Knight de Pelgrom. Within lines, until the orders of the High Governing Lords Majores to accept the same in Dutch money shall have been received here. Hereupon the Honorable Commissioner was pleased to communicate to the Council that the American Captain Lieutenant Samuel Lambert, commanding the North American private ship The Hope, had provided security to the satisfaction of His Honor in the sum of 8000 Rds. to ensure that the produce which His Honor has permitted him to load here shall not be transported to Mauritius or Bourbon, nor be transshipped into any hostile vessels, but shall be discharged in a friendly port; and that His Honor has caused this bail bond to be deposited at the Secretariat of this Council. The Honorable Commissioner was also pleased to communicate to the Council the contents of the following letter written by the Knight de Pelgrom to His Honor on the 17th of this month, reading: To the Right Honorable Sir Abraham Josias Sluisken, Ordinary Councillor of the Netherlands Indies and Commissioner over the Government of the Cape of Good Hope and its dependencies, etc. Right Honorable Sir, Having had the honor to receive Your Right Honorable's letter of the 14th of this month, I find myself extremely flattered by the expressions of thanks for the transport of the Comforter of the Sick, Boatswain, and two sailors made prisoners of war by the French upon the capture of the Honorable Company's ship Willem de Vierde, Captain Thomsons. Prompted by the trust shown to me by the ships of both the States General and those of the Honorable Company during their stay at Mauritius, I had wished to be able to persuade the Lieutenant and all the remaining prisoners of war to board my ship, in which case I would have granted them free passage with the greatest pleasure. I likewise find myself exceedingly obliged for the favorable sentiments displayed therewith by Your Right Honorable regarding my offer to send to Ceylon, with my Tuscan ship, whatever the government here should see fit to determine, and whither I shall dispatch the same at the earliest opportunity, having been enabled to do so through the consent and permission of Your Right Honorable. Grateful for the trust that Your Right Honorable has been pleased to place in me, Your Right Honorable may rest completely assured that I will do everything in my power to ensure that the Captain and supercargo follow to the letter the strict orders and instructions which I shall give them, and of which I shall have the honor to hand the duplicates to Your Right Honorable, in order to subsequently have them sworn to as deemed fit, and whereby they will accept and bind themselves to leave nothing undone to avoid approaching Mauritius, and especially to set their course as far as possible out of the reach of privateers and cruisers. After having taken these and such other measures as Your Right Honorable might be pleased to suggest to me, I consider myself assured of being protected against all criticism and slander of evil tongues and wicked people, who concern themselves with nothing other than putting a bad spin on the best intentions, which would be expected in the event that the ship should unhappily be met by any cruisers or frigates from the French islands which, without showing the proper respect for the neutral flag and the destination of my ship, should take the same to Mauritius by force. It is only in such a case of coercion that I wish to hold myself reserved from all liability. It is in no way necessary to describe the damage and injury which I would suffer in such an event, for it is to be expected that since the ship was destined for Ceylon, the executive power at Mauritius would also treat it with all severity and malice; it is even to be feared that it would be declared a lawful prize by a people devoid of good faith and stripped of laws, and the best I could expect would be that they would pay for the cargo according to their own discretion, and that in paper money of that island, which would yield a loss of 70 to 80 percent. Your Right Honorable will mathematically be able to deduce from this that my expedition would naturally be ruined, and thus I cannot in the least doubt that my representations will answer to their obligations, and that they will sooner seek to escape a danger in which their freedom and well-being are implicated, than allow themselves to be governed by any other prospects. Cape of Good Hope, the 17th of January 1794. Right Honorable Sir, Your Right Honorable's humble servant, Signed: Le Chevalier de Pelgrom, Consul General, Imperial Tuscan in all the Indies. P.S. I most humbly request Your Right Honorable to be pleased to communicate to the government my reservation with respect to the French privateers, of whom I must have the greatest mistrust. For the rest, I shall gladly remain in this colony until the return of my ship from Ceylon and Madras, hoping that Your Right Honorable will not refuse to provide my ship with favorable recommendations thither, and do me the honor of recommending me to Your Right Honorable's acquaintances there. In which expectation I have the honor to remain with the deepest respect. Agrees: Signed: C. L. Neethling, Secretary.
Dutch transcription
275 Communicatie van den Ed. Heer Commissaris dat Lambort en Gebout genoegen van zijn Ed: voldoende Cautie hadde gesteld. — en dat zijn Ed:e die Borg togten ter secretarije van deeze raade had laaten seponeeren. — nog geliefde den Ed: Heer Commissaris den raade te bedeelen den inhoud door den Ridder de Pelgrom aan zijn Ed: binnens lijns, tot dat de ordres der Hoog„ Gebiedende Heeren Majores om dezelve in Neederlandsch geld in te neemen, alhier zal weezen ontfangen Hier op geliefde den Edelen Acca de Americaansche Capiteins Commissaris den Raade te bedeelen dat den Capitein Luitenant Samuel Lambert voerende 6 noord amereC. Partikulier schip The Hope ten genoegen van zijn baronwseh open de Copsten o han e agst woerende te voord drage van Rd. s 8000 - tot sucriteit dat de Producten welke zijn Ed hen heeft gepermitteerd alhier in te laaden, niet naar Mauretius of Bourbon zullen worden vervoerd, nog ook in die op geene veyande„ like scheepen overgescheept worden maar in een vriendenhaven zullen worden gelost, en dat zyn Ed„ deeze borglogte ter Secretarise van deezen raade haat laaten Seponeeren Nog geliefde den Edelen Heer Com„ missaris den raade te bedeelen den inhoud van de volgende missive eener Missive door den Heere Ridder de Telgrom aan zijn Ed, op den 17 deeser geschreeven, laesende D'eere gehad hebbende Uwel Edele Groot achtb: missive van den 14 deezer, te ont„ fangen, vinde mij ten hoogsten gevleed door de dankbetuigingen voor t overbrem gen van de door 't neemen van 's EComp. s schip Willem de Vierde Capitleen Thomsons door de Franschen gevangen gemaakte Ziekentrooster Bootsman en Twee mattroosen, genoopt door 't vertrouwen, mij door de Scheepen zoo den Staaten Genes raal, als die van de E. Comp: beweesen, bij hunne relacheste mauritius, had ik ge„ wenscht den Luitenant en alle de overige krijgsgevangen te kunnen overhaalen zee aan boord van mijn schip te begeeven wanneer ik dezelve met '6 grootste Wel Edele Groot Achtb. Heer Aande Wel Edele Groot achtb. Heer Abraham Josias Sluisken raad ordinair van Neederlandsch Jndia mitsgaders Commissaris over het Gouvernement van kaap de Goede Hoop. en den Ressorte van dien E& aan Slaisier 236 274 geschreeven: 277 Plaesier den vrijen overtogt zoude hebben verleend, Ik. vinde mij insgelijks ten hoogsten verpligt weegens uwel Edele Groot achtb, daar neevens getoonde gunstige gevoelens ten opzigte myner Presente„ tie om met mein Ioseaner schip naar Ceelon te doen verzenden 't geen de regeering alhier zoude goedvinden te bepalen, en waar heen ik 't zelve ten eersten zal expedieeren, als zijnde door de toestemming en permissie uwer WelEd. Groot Achtb.: daar toe instaat gesteld Dankbaar weegens 't vertrouwen dat Uwel Ed. Groot Achtb. in mijn wel. heeft willen stellen, kan Uwel het Gr„ Achtb. zig volkomen verzeekerd houden, dat ik alles in 't werk zal stellen om den Capitein en supercarga naar den letter te doen naarkoomen, destricte ordres en Instruc„ tien, die ik hun geegen zal en van dewelke ik de Eer zal hebben de duplicaaten aan uwelEd. Groot Achtb: tes overhandigen, om, die vervolgens na goedvinden te kunnen doen beedigen en waarbij zi zullen aanneemen en zig verbinden, niets naa te laaten, om te ontgaan Mauriteus te naderen en insonderheid om ze veel mogelijk buiten t bereike der aandie enren. de kapers en kruesers hun cours te neemen „Na deeze en zodanige andere maat regulen als Uwel Ed„ Groot, achtb, zoude gelieven mij aan de hand te geeven, genoomen te hebben, houde ik mij verzee„ kend; gedekt te mogen weesen, voor alle Critiques en opspraak van kwaade tongen en slegte menschen, die zig met niet anders bemoeyen als aan de beste in, lentie een slegten draaij te geeven, 't welk te verwagten zoude zijn ingevalle t schip ongelukkiger wijze, ontmoet wierd door eenige kruissers of Fregatten van de Fransche Eilanden die zonder het behoorlijk ontsag voor de neutrale Vlerg ende destinatie van myn Schip te loonen, 't zelve naar Mauriteus door over„ weld zoude vervoeren, 't is alleen in zodan nig geval van dwang, dat ik mij voor alle aanspraakelijkheid gereserveerd wed houden- 't is geensents nodig te vertogen zullen 278 279 kaap de Goede Hoog den 17e ann: 1794. de Schade en 't nadeel, welk ik in zulk geval zoude lijden, want 't is te vertrou„ wen dat vermits 't schip naar Celon was gedestineerd, zoude ook de uitvoeren„ de Magt te Maurities 't zelve met alle strengheid en kwaadaartigheid behandele, 't' is zelf te vreezen dat 't voor een goede prijs zoude verklaard worden, door een Volk zonder goede trouw en van Wetten ontblood, en 't beste dat ik zoude kunnen verwagten zijn, dat men de Lading naar hun goeddunken betaal„ de, en dat, in papiere van dit Eiland 't welk 70 tot 80 pr C=tos verlies uitleeveren zoude Uwel Ed„ Groot achtb. zal hier uit wiskundige kunnen opmaken dat myne expeditie zoude natieurlyke wyze gereeineerd weezen, en dus kan ik geen„ zints in twijffel trekken of mine voor„ dragten zullen antwoorden teegen hunne Verbindenisse, en dat zij lieven zullen zoeken te ontelieden een gevaar, waarin hune vryheid en wel zijn g'impligeerd is, dan zie door alle andere vooruitzigten te laten regeeren. Accordeert /geteekend/ C. I Aohnegel: Schr: Wel Edele Groot Achtb: Heer Uwel Ed: gr: achtb: onderdanige Dienaar /urasget:/: Le Chevalier 6. de Pelgrom Consul general; Imperials tosean dans tous les indes P. I. Ik versoeke UwelEd: Gr: achtb, onderdanigst om mine reserve ten opzigte der Fransche kaapers /aanwelke ik 6 grootste mistrouwen moet hebben/ de regeering te willen meede deelen overigens zal ik met genoegen in deeze Colo„ nie mien verblijf houden tot de weederkomst van mijn schip van Ceylon en madras, hoopende dat UwelEd„s Groot achtb niet zullen refuseeren mijn Schip met gunstige voordragten daar heenen te voorzien, en mij de eens aan doen om bij uw el Ed. Groot achtb. kennissen aldaar te recommandeeren In welke verwagting ik de Eere hebbe met diepste hoogagting te zien overigens waar 236
English
to make a note of. The request of the Widow Melk to be excused from the payment of the Lord's dues, which has been agreed to make this note thereof. Hereafter was read a petition addressed to this government by Maria Rosina Laubscher, widow of the late former Heemraad at Stellenbosch Marten Melk, reading as follows: To the Honorable, Most Worshipful Abraham Josias Sluysken, Ordinary Councillor of Netherlands India and Commissioner over the Government of the Cape of Good Hope and its dependencies, etc., etc., etc., together with the Worshipful Acting Head and Honorable Members of the Council of Policy. Honorable, Most Worshipful Sir, Worshipful Sirs, With due respect, the petitioner makes known to your Honorable, Most Worshipful and Worshipful Sirs, That she, the petitioner, has purchased from the estate of her late son Marten Melk certain two farms named Elsenburg and Marcendaal, situated adjacent to each other in the district of Stellenbosch, for which, according to local custom, the 40th penny ought to be paid to the Honorable Company. However, since the aforementioned two farms were bequeathed by her aforementioned late husband, of whom she, the petitioner, was also an heir, to her aforementioned son, and thus the same farms, through the purchase she made thereof, partly reverted back to the previous possessors, the petitioner therefore turns to your Honorable, Most Worshipful and Worshipful Sirs, most humbly requesting to be favorably excused from the aforementioned payment of the Lord's dues. Doing which, etc. Was signed: Maria Rosina Laubscher, Widow of the late former Heemraad at Stellenbosch and Drakenstein Marten Melk. Which request of the Widow Melk, for the reasons mentioned, having been rejected, and decided thereupon, considering that the petitioner was not an heir of her stepson the Burgher Martinus Melk, and thus could make no claim whatsoever, either wholly or in part, upon his possessions, it was approved and understood to decline her request and turn it down, and she shall accordingly have to pay the stipulated Lord's dues, the 40th penny, on the farms purchased by her from the estate of her aforementioned stepson, which were sold at public auction and have truly changed possessor, since the farm in question was bought by her in the year 1798, and thus long before the payment of the Lord's dues was increased to the 25th penny. Subsequently was read the petition submitted to this Council by the quarryman Ian Hendrik Muller, who is under written-off pay, containing a request for the ownership of a piece of land measuring two morgen net, situated in the Cape village; and thereupon it was resolved to place the said petition into the hands of Commissioners from the Council of Justice, with instructions to carefully examine, in the presence of the Fiscal ad interim, whether the granting of the requested land would cause any prejudice either to the Company or to any of the inhabitants, in order, upon finding that the same can be granted, to then appraise how much the petitioner ought to pay for it, so as to provide the Council with a report concerning these matters. After this, the Honorable Commissioner made known to the Council that His Honor had expressly held in advisement at the meeting of the seventh of this month the report submitted by Committee Members from the College of Commissioners from the Council of Justice regarding the examination of the piece of land requested in ownership by the Burgher Ensign Coenraad Nelson, and had deliberately held it in advisement in order to gather further information regarding the validity or invalidity of the objections brought against the grant of that land by the Burghers Sijmon van Blerck, Ian Smith Jurriaansz., and Ian Luiten; that His Honor to that end, and particularly because the Committee Members left unanswered the most important part of their instructions, namely whether the requested land could be granted or not, had taken the trouble not only to inspect the land in question, but even to settle this matter amicably out of court, and had consequently summoned both the aforementioned Nelson and the Burghers van Blerck, Smeth, and Luiten to his presence and attempted to reach a friendly settlement between them, to which the Burgher Ensign Nelson had shown himself very willing, but that not having been able to succeed therein due to the unwillingness of the said Burghers, His Honor deemed that, in order to bring an end to this matter, he could not omit proposing to the Council to order Commissioners from the Council of Justice, in the presence of the Fiscal ad interim of this Government, to have the repeatedly mentioned Burghers Sijmon van Blerck, Jan Smith Jurriaansz., and Ian Luiten produce such evidence as they may have: Firstly, to prove that the spring in question belongs solely to them or to their gardens, in such a way that no one besides them would be able to share in it; and Secondly, that they are entitled to place brick kilns on the ground of the Company, contrary to the order of the Government, which has designated for that purpose the place situated between the Castle and the Place of Execution, and for which a request must even be made by petition and permits granted in due form.
Dutch transcription
280 281 aanteekening te houden. 't verzoek van de Wede. Melk om geëxcuseerd te zijn van gerechtigheid waar van verstaan is deeze waar van verslaan is, deeze aanteekening O te houden Hier na is geleezen een request door de betaling van S Heeren Maria Rosina Laubscher, weduwe wylen den oud Heemraad aanstellen. bosch Marten Melk aan deeze regeering geaddresseert luidende als volgt Aan de Wel Edele Groot achtb: Heer Abraham Josias Sluijsken Raad ordenaer van Neerlandsch India en Commissaris over 't Gou„ vernement van Kaap de Goede Hoop en den ressorte van dien & & & be„ neevens de E: Achtb„ Heer Gezag„ hebben en wel Edele Heeren laden van Politie Wel Edele Groot Achtb, Heer E. Achtb. Heeren heeft met verschuldigde eerbied te kennen uwer Wel Edele Groot achtb en„ Dat zij. Sup=te uit den boedel, van wylen haaren Zoon Marten Melk heeft gekogt zeekere twee plaatzen genaamd Elsenburg. en Marcendaal annex den anderen geleegen. onder 't district van Stellenbosch waar van volgens costume Loraal de 40 e Penning aan de E Comp e behoord te worden voldaan. Dan nadien de gem twee plaatsen door wijlen haare gemelde man, waar van zij suplte meede Erfgenaam is geweest, aan haare voorschr: zoon zijn vermaakt geworden en dus dezelve plaatsen door den aankoop, welke zij daar van heeft gedaan, ten deele weederom aande vorige Bezetters vervallen, zo keerd zij supple¬ zig tot uwel Ed= Groot acheb, en E acht ootmoedigst verzoekende van de voorschr: betaling van's Heeren Geregtigheid goedgunstiglijk te moogen worden E. Achtb: zeer onderdanige en gehoorzame Dienaresse Marier Hosenie, Laubscher wedwe wijlen den oud Heemraad aan Stellenbosh en Drakensteen Marten Melk E achtb, geexeuseerd 236 en 282 283 om belyden gem: moteven „zijnde geweezen van de hand. Zaist request van gesteld en hande van Raad van Justitie om het daarby verzogte land Communicatie van den om welke reedenen zin klippenbreeker Ian Hendrik Muller aan geexcuseerd deezen laade geregt, houdende verzoek omde T welk doende ec eigendom van een stukje gronds ter grote /geleex/ Maria Rosina Laubschers Weduwe Melk van twee morgen netto ip de kaabse Vlek. en daar op beslooten, omme uyt aanmerking geleegen en daar op beslooten 'te zelve ver„ dat de suppliante geen Erfgenaam van haare Jan Hendrik Muller zoekschrift te stellen in handen van Com„ Stefzoon den Burger Martinus Melk Commissarissen uit dan missarissen uit den Raade van Justitie, is geweest, en dus ook geene aanspraak hoege„ met't last omme ten overstaan van den adin„ naamd t zij geheel of ten deele op zyne bezel„ te ramineezenen taux terim Fiskaal naauwkeurig te examineeren tingen heeft kunnen maken, goedgevonden op de uitgaave van t gevraagde Land noch. en verstaan haar verzoek te deelineeren en aan de Compagnie noch aan iemand den te wyzen van den hand, zullende zij dienvol„ Ingezeetenen nadeel kan toebrengen, om „gens van de door haar uit den Boedel me bij bevinding dat 't zelve kan wor„ van haare quiteerde Steefzoon gekogte Plaas„ den uitgegeeven, als dan te tauxeeren hoe zen die op publicque Vendutie verkogt wel veel daar voór door den Supplt zou behoo„ digelijk van bezitter zyn veranders de be„ ken te worden voldaan, om over dit een en paalde S' Heeren Geregtigheid den 10e ander den Raade te dienen van berigt penning moelen betaalen nadien de plaats Na dit een en ander wierd door edelen Heer Commissaris den Edelen Heer Commissaris den raade in questie door haar is ingekogt in de Iaare 1798. en dus lande voor dat de Ed: expresselijk had in bedeeld, dat zijn Ed: ter Vergadering van adwijs gehouden het rapport van CC: uit den Raade betaaling van s Heeren Geregtigheid tot den sevenden deezer maand 6 rapport van Justitie over de de 25e Jenning is verhoogd — door Gecommitteerde Leeden uit t Collegie Ceraminatie van 't land door den burger Vaandrig Vervolgens is geleezen de requeste van Commissarissen uit den rade van Netson in eigendom verzogt. door den onder afgeschreeven gagie gestelden Justitie uitgebracht over de examinatie van 236 „lezen. — klegenweekr 284. 285 propositien van zijn Edele desweegens Ten tweeden van 't stuk Land door den Burger Vaam drig Coenraad Nelson verzogt, en Puste„ lijk in advijs had gehouden om nadere informatien te neemen over de gegrond„ heid of ongegrondheid den beswaren door de Burgers Sijmon van Blerck Ian Smith Jurriaansz„ en Ian Luiten teegens de uitgaave van dat Landinge bracht, dat zijn Ed: ten dien einde en wel voornamentlijk om dat gecommit teerde Commissarissen 't importants te gedeelte hunner last namentlijk of het gevraagde Land zou kunnen worden uit gegeeven dan niet, onbeantwoord hebben gelaalen wel de moeite had genomen niet alleen om inspectie van 't questieure Land te neemen, maar zelfs ook om deeze zaak in der minne uit de waereld te ruimen, en dienvolgens ze wel de gemelde Nelson als de Burgers van Blerck, Smeth en Luiten bij zig hadt laaten ontbieden en getracht een vriendelijk vergelijk tusschen hen te treffen, waar toe den Waandrag„ Nelson zich deer geneegen hadt getoond, Eerstelijk doeh dat daar inne niet hebbende kunnen slaagen, vermits de ongenegentheid van gez. Burgers, zijn Ed, vermeende om een einde aan deezen zaak te kunnen maaken niet af te moogen zijn den raade te pro„ ponneeren om Commissarissen uit den Raade van Justitie te gelasten, ten over„ slaan van den adinterim Fiscaal deezes Gouvernements de meermelde Burgers Sijmon van Blerck Jan Smith arri aansz. en Ian Luiten te doen Producee„ ren, zodanige bewijzen als zij mogen hebben. om te betoonen dat de questieuse fontein alleen aan haar ofte haare Tuenen toe, komt, zodanig dat daar in niemand buiten hen zoie kunnen deelen, en dat zij Steenovers vermogen te zetten op de grond van de Compagnie, teegens de ordre der Regeering die daar toe bepaald heeft de plaats, tusschen 't Casteel ende Ge„ regtsplaats geleegen, en waar toe zelfs bij Requeste verzoek moet worden gedaan en ordonnantien en behoorlyke forma verleend doch, worden. 236
English
and subsequently to have measured and mapped in their presence by the sworn surveyor Ian Willem Wernich all that land lying between the gardens of the aforementioned van Blerck, Smith, Luijten, and the garden of the burgher Tobias Iurgens, which still belongs to the Company, so that such disposition over the same land may then be taken by this government as shall be found consistent with the interests of the Company and of the public. The Council having fully conformed to this proposal of the Honorable Lord Commissioner, it was further communicated by His Honor that, upon inspecting the Placcaat decreed under date of the first of March anno passato and subsequently published under date of the 8th of November last, concerning the division of this Cape settlement into districts, the appointment of wardmasters, and the instruction determined for them, His Honor had found several articles that are either entirely unexecutable or that, when they were to be observed and complied with by wardmasters, would hinder these men to the highest degree both in their domestic and other affairs, such that representations had already been made to His Honor on this account by wardmasters; and that His Honor had therefore deemed it necessary to propose to the Council to make the following alterations in the aforementioned instruction decreed for wardmasters, namely: Regarding Article 2, that wardmasters shall be free to place the shield or sign board, which they must necessarily have to make their houses known to the public, if not above at the side of their houses, then to have the word Wardmaster with the number of their ward painted on the posts of their doors, or else on one of their windows, according to their own choice. Article 3, that wardmasters shall be obliged to keep a list or register of all houses situated in their respective wards, and of the families that reside in them, as well as of the foreigners who have their stay there, of whatever nation they may be, slaves excepted; that in order to enable wardmasters to compile this list or register, all residents shall be obliged, at a convenient time to be determined for that purpose by wardmasters, each in their respective wards, to declare the same to the said wardmasters of their respective wards, on a fine of three rixdollars—half at the disposal of the wardmaster and the other half for the benefit of the diaconate poor of the Reformed church of this place—for each person whom the said residents shall omit; that wardmasters, after compiling this list, shall continually keep note therein both of those who leave their ward and of those who come to reside in it, and that this register, if required, may at all times be called for by the Fiscal's office. Regarding Article 4, that in order to enable wardmasters to observe the foregoing strictly, every resident shall be bound and obliged, whenever leaving a ward to take up residence in another, to give notice thereof to the wardmasters, each in their respective ward, on forfeiture of three rixdollars to be divided as before; and that there shall then be handed to the said resident by the wardmaster from whose ward he moves the following certificate: N. N. has made known to the undersigned wardmaster that he is moving out of ward No. Cape of Good Hope, the (signed) N. N., wardmaster and from the wardmaster in whose ward he comes to live, the following: N. N. has made known to the undersigned wardmaster that he is residing in the
Dutch transcription
286 287. geconformeerd hebbende. omtrend Art:l 2„ nodig had geoordeeld den Raade te Proponeeren daarin de volgende „werd door zyn Edele alve der gecommuniceerd dat in de daarbij geinsereerde zen had goedgevonden eenige articalen die zijn Ed: bij 't nadez insion ontuitvoerlijk waaren worden, en omme vervolgens in hunne teegenswoordigheid door den geswooren Landmeeter Ian Willem Wernul te laten meeten en carteeren al 6 Land wat tusschen de tuinen van voormelde van Blerck„ Smith, Luijten ende tuin van den Burger Tobias Iurgens leggende, de Compagnie nog is toebehoorende, omme dls aan over 't zelve Land door deeze regeering zodanige dispositie te kunnen worden genoomen; als met de belangens der Compagnie en van 't algemeen overeenkomstig zal worden bevonden den Raade zich volkoomen Den Raade zig met deeze Propositie van den Edelen Heer Commissaris vol„ komen geconformeerd hebbende, wierd al verder door zijn Eden gecommaniceerd, dat zijn Ed„ bij inzien van 't Placcaat sub dato primo maart anno Passato gearresteerd, en vervolgens onder datum van den 8 November Jongstleeden gepubliceerd, over de verdeeling van dit kaapse Vlek: in wyken de aanstel„ ling van Wijkmeesters en de voor hen be„ Daalde Instructie, hadt: gevonden verscheidene articulen, die of in 't geheel onuitvoerlyk zijn en andere die wanneer door Wykmees, van noswens gem: Placcaas teren moesten worden geobserveert en ach„ Instructie voor Wykmeeste tervolgd, deeze menschen zo in hunne huis, selijke als andere verrigtingen ten hoogsten zoude belemmeren, zo dat ook desweegens aan zijn Ed: bereids door Wijkmeesteren representatien waaren gedaan, nodig en dat zijn Ed: deshalven hadt geoordeeld den raade te proponneeren om in de voormelde voor Wijkmeesteren Altoratien te maaken gearresteerde Instructie de volgende alte„ ratien te maaken, als. dat t aan Wijkmeesteren zal vrystaan om 't scheld of Bordjen, 't geen noodwen dig moeten hebben om de gemeente hunne Huizen te doen kennen, te plaatzen zo niet „boven aan de zyde haarer Huizen dan wel 6 woord Wijkmeester met de nummer van haar wyk doen schilderen op de stijlen haarer deuren, dan wel oe een hun ner vengsters, na hunne eigene verkiezing Dat Wijkmeesters verpligt zullen zijn tot 't houden van een Lyst ofte regis„ ters van alle Huizen die in haare wijken articulen respective 236 3. 288 289 respective zig bevinden, en van de Famiel. lies welke dezelve bewoonen, gelijk meede van de vreemdelingen, die daar in haar verblyf hebben van welke natie die ook weezen mooge de slaaven uitgezonderd; dat ten einde Wijkmeesteren in staat te stellen deeze lijst of legister te kunnen formeeren alle Ingezeetenen op een daar toe door Wijkmeesteren ieder in den haken te bepalen convenable tijd, verpligt zullen weezen, daar van opgaave te doen aan de zelve Wykmeesteren van hunne Wyker respective op eene boete van drie ryxd„s de helft ter dispositie van den Wykmees„ ter en de wederheeft ten profyte van de diaconie armen der hervoamde gemeente deezer plaatse, voor ieder persoon welke dezelve Ingezeetenen zullen komen te verzuijgen, dat Wijkmeesteren na het formeeren van deeze List, daar bij telkens aanteekening zullen moeten houden zo. wel van de geene welke hunne wijt komen verlaten, als van die welke daar in komen te huisvesten, en dat dit Register, des vereischt wordende ten allen tijde by het officie Fiskaal zal kunnen werden gevraagd omtrend Art:l 4e dat ten einde Wijkmeesteren in staat te stellen 't voorgaande sleptelijk te kunnen ob„ serveeren ieder ingeseetenen gehouden en verpligt zal zijn, wanneer een wijk verlaat om in eene andere zijne wooning te neemen daar van aan de Wijkmeesters, ieder inden haare kennisse te geeven op de verbeurte van drie Rixdaalders alvoorens te verdeelen en dat als dan aan denzelven Ingezeetenen door den Wijkmeester uit welkers wijk hij verhuesd, zal worden ter hand 't vol„ gene beuijs N. N. heeft aan den ondergeteekende Wykmeester bekend gemaakt dat hij uit de wijk No. verhuisd Kaap de Goede Hoop den /get/ N. N. wijkmeester en van den wijkmeester in welkers. wijk hij komt woonen t volgende N. . N. heeft aan den ondergetee„ kende Wijkmeester bekend gemaakt dat hij zig met 'er woon bevind in vereischt de 236
English
290 291 Concerning Article 1. Concerning Article 9. Concerning Article 8 in the Ward No. Cape of Good Hope. signed N. N. Ward Master Concerning Article 5 that every resident shall likewise be obliged to immediately notify the Ward Master whenever any strangers come to lodge with him, as well as when they depart again or move away from them, on pain of a fine of three Rijxdaalders to be forfeited each time as aforesaid; that Ward Masters shall be required to submit reports thereof to the Fiscal's Office whenever the same is demanded, without prejudice, however, to the obligation under which the residents were placed by the Publication of to make the same report each time to the Main Guard at this Castle. Concerning Article 6: that, in order to effect what has just been stipulated, the Ward Masters shall be free to conduct the necessary investigation, provided this is done with all discretion, but that that Ward Masters shall also be required to bring to the knowledge of the Fiscal's Office whenever they notice that in their wards, by day or by night, any conventicles or gatherings are held that are unusual and suspicious that by virtue of the duties of a Ward Master established in this article, Ward Masters shall not be permitted to conduct actual house searches, but, harboring any suspicion that strangers are being concealed, they must give notice thereof to the Fiscal, who may take action in that regard as he shall deem proper for the maintenance of order and for the safety of the good residents. That the Ward Masters shall act in the same manner when they harbor suspicions that any suspect or dangerous persons are staying in their respective wards, in which case the Fiscal's Office may also take action. Ward Masters case 236 293 Concerning Article 14: in case of fire or other misfortunes, it was further established that no Burgher officers or Fire Wardens may be elected as Ward Masters, and consequently such persons ought to be discharged therefrom and others appointed in their places from a nomination to be drawn up by Commissioners from the Council of Justice; and that Ward Masters, insofar as they hold no higher rank through other offices, in accordance with the resolution taken by this government on 12 February of the past year, shall be granted the title of Sieur, together with the rank above the Fire Wardens, and that they, just as is the case regarding Fire Wardens, shall remain exempt from all further civic services. Concerning Articles 12 and 13: that, as it is exceedingly necessary for the welfare of all Burghers and residents that the roads and streets are constantly kept clean, as well as the gutters or drains in front of the houses, which must discharge into the canals for the drainage of rainwater as well as other waste, every resident shall be obliged to empty and clean the road or street in front of his house at least twice a week, so that all stench and the diseases and inconveniences arising therefrom may be prevented; that Ward Masters shall keep proper supervision over this, and order the same of those who might be in default in this regard, and give notice to the Fiscal's Office of those who thereafter still remain unwilling or negligent, which office shall then compel the unwilling persons to do so, or immediately have the streets and gutters cleaned by others, and may collect the money spent thereon from the unwilling persons by summary execution, without prejudice to his right to proceed to the fine determined by Plakaat; and that the Ward Masters and the Fiscal's Office shall act and proceed in the same manner in case anyone throws any sweepings, manure, or other coarse matter 236
Dutch transcription
290 291 omtrend Art. o 1. omtrend Art=o 9. omtrend a4 V:o Jo 8 in de Wik No Kaap de Goede Hoop. /geteekend N. N: Wykmeester omtrend art:l 5 dat een ieder Ingezeetenen insgelyks verpligt zal zyn, om aan de Wykmeester dadelyk kennisse te geeven wanneer de nige vreemdelingen bij hem komen te logeeren, als meede wanneer weeder komen te vertrekken of van haar te verhuizen, op eene boete van drie Rijxdaalders telkend als vooren te verbeuren, dat wykmeesteren daar van opgaaven zullen moeten doen aan 6. officie Fiskaal telkens wanneer dezelve gevorderd werd, onverminderd echter de verpligting, waar onder de Ingezeetene bij Publicatie van den. zijn gelegd om telkens gelijke orgaave aan den Hoofdwagt ten deezen Casteele te moeten doen. omtrend art:l 6: dat 't, om het 2o even bepaalde te kunnen effectueeren aan Wijkmeesteren zal vrystaan 't nodig onderzoek te doen mits zulks ge„ schiede met alle bescheidenheid, doch dat Dat wijkmeesters al meede aan het officie Fiskaal ter kennisse zullen moeten brengen, wanneer zij bemerken dat in hunne wijken bij dag ofte bij nagt eenige condem„ tieulen ofte bij een komsten worden gehouden die ongewoon en verdagt zijn dat uit hoofde van de dit articul gesta„ lueerde pligten van een Wijkmeester inge„ Wijkmeesteren geen eigentlijke huisvisi, latien zullen moogen doen, maar eenige verdenking voedende, dat er vreemdelingen verborgen worden daar van kennisse mee„ ten geeven aan den Fiskaal, welke daar omtrend zal kunnen werkzaam zyn, zo als tot handhaaving van ordre en tot vei„ ligheid der goede Ingezeetenen zal ver„ meenen te behooren. Dat inzelver voegen door Wykmeesteren zal moeten worden gehandeld wanneer ver„ denking voeden dat zig eenige suspecte of gevaarlijke persoonen in hunne wijken respectivie ophouden, als wanneer 't officie Fiskaal meede werkzaam zal kunnen wykmeesteren valle 236 zijn 293 Omtrend, Art. 14: valle van Brand of andere ongemakken, nader wierd vastgesteld, dat geene Burger officieren ofte Brandmeesters tot Wijk meesters zullen kunnen werden verkoren en dienvolgens de zodanige daar van zul„ een behooren te worden ontslagen en ande„ re in hunne Plaatzen benoemd, uit eene Nominatie door Commissarissen uit den Raade van Iustitie te formeeren en dat aan Wijkmeesteren voor zo verre door aniere bedieningen geen hooger ran„ gen hebben; ingevolge 't besluit bij deeze regeering op den 12 februarij a. o p:r genoo„ men zal werden toegevoegd den Cdul van Sieuk mitsgaders de rang boven de Brand„ meesters en zij even, als omtrend Brand. meesters plaats heeft van alle verdere burgerlijke diensten blyven bevrijd omtrend Art: 12 en 13: dat, daar 't voor 't welweezen van alle Burgeren en Ingezeetenen ten hoogste nodig is, dat de weegen en Straaten steeds zijn en schoon zyn, zo meede de gooten of reoolen voor de Buizen, welke tot lozing van 't regenwalen als ander. zints tot in de grachten moeten afloopen, een ieder Ingezeetenen verpligt zal zyn de weg of straat voor zijn Huis ten minste twee maalen 's weeks te moeten leedigen en schoon maaken op dat alle slank en daar uet voorkoomende ziektene en ongemakten moogen geweerd worden, dat Wykinees. leken daar op behoorlijke toezegt zullen moeten houden, en de geene welke daar omtrend ingebreeken mogte bliven, het zelve gelasten en van die geene welke daar na noch onwillig of nalatig blyven„ zullen kennis gueeven aan 't officie fiskaal welke als dan de onwilligen daar toe zal moeten constringeeren, of dadelijk de straaten en gooten door anderen doen reenigen, en de daar aan bekostigde gelden aande on„ willigen bij Sarate executie moogen invor„ deren, behoudens zijn recht om tot de bij Placcaat bepaalde boete te procedeeren en dat in zelver voege door Wijkmeesteren ent officie Fiskaal zal moeten worden gehandeld en geprocedteerd ingevalle ie„ marik eenig veegzel, mest of andere Zints groove 236
English
294 295 the Noble Lord having been politely thanked for the trouble taken in this matter, the Gentlemen Members of the Council fully concurred therewith, it being according to this that the Commissioners from the Court of Justice shall nominate others to fill the places of the aforementioned Wardmasters. The Sea Captain van Veerden having likewise, upon his request made to that end, been discharged as Wardmaster, in order subsequently to give the necessary notice to the public of all this, with the exception of the Fire Warden Elser, who is discharged and if coarse filth is thrown into the canals. Which proposition of the Noble Lord Commissioner having been deliberated upon with all due attention, it was, after the Noble Lord Commissioner had been politely thanked for the trouble taken in this matter, unanimously resolved to fully concur with the said proposition. Accordingly, before giving notice to the public of the alterations in the Instructions for Wardmasters determined hereby, Commissioners from the Court of Justice shall be ordered, in order to fill the places of the burgher officers nominated by them and appointed as Wardmasters by this government, namely Andries Brink, Coenraad Johannes Gie, Jan Bollaers, Ernst Heydenrych, Laurens Biel, and Abraham de Smidt, as well as the active Fire Wardens appointed as Wardmasters in the manner aforesaid, Josias Brink, Petrus Michiel Eksteen, Hendrik Blankenberg, Coenraad Luyt, and Jan Casper Loos, all of whose functions as Wardmasters are hereby discharged, to form once again a nomination of Wardmasters in double numbers, in order to send the same to this Council so that the necessary election may be made therefrom; with the exception therefore of the Fire Warden Jan Michiel Elser, who upon his request is discharged from this function, in order to continue as Wardmaster; and then to give the necessary notice to the public, both of these appointments and of the alterations in the Instructions for Wardmasters adopted hereby, by means of publication and the posting of notices. On this occasion, the Noble Lord Commissioner having also communicated that the Sea Captain Christiaan van Veerden, residing here without pay, has made known to His Honor the impossibility in which he found himself properly to perform the functions of Wardmaster, to which he had been appointed by this Council pursuant to the nomination by committee members from the College of Commissioners from the Court of Justice, both on account of the numerous commissions on which he is employed, both at this main settlement and in the bad monsoon at False Bay, to examine the defects in the Company's vessels, rigging, and otherwise, and because, due to the changed circumstances of this Colony, he and his family now have no other livelihood than the income from a small country estate situated an hour's ride from the Cape, where his presence is therefore unavoidably required, with an earnest request that he may be discharged from his post as Wardmaster; it was unanimously resolved—both on account of the thoroughly plausible reasons alleged by him, and in consideration of the fact that the post of Wardmaster is not well compatible with the status of a Sea Captain, to whom the rank of Senior Merchant is granted at the outposts in the Indies, and most especially out of consideration that the said van Veerden, after having served the Company as Commander on its ships for over twenty years, has, during his stay in this Colony until now, rendered real services to the Company with untiring zeal in the execution of numerous commissions, without enjoying any pay or other remuneration for it—approved and understood to discharge the repeatedly mentioned Sea Captain Christiaan van Veerden from his post as Wardmaster, as he is hereby discharged from it; and likewise the former elder of the Lutheran congregation Christiaan Paulsen, who has reached the age of 72 years and was already discharged several years ago from all civic duties by resolution of this government; as well as the former Commissioner of Civil and Matrimonial Affairs at Batavia, Marten Wolfferum, residing here, who for the outposts, publication.
Dutch transcription
294 295 de Edele Heer voor deeze genoomen moeite beleefdelik gedankt zijnde, hebbende Heeren Leeden des Raads zich daarmeede volkoomen geconformeerd. — zullende dien volgens Cl: uit den Raade van Justitie vulling van belijden gem: Wijkmeesters andere te nomineeren. — zynde den Capn ter Zee van veerden op zijn daartoe gedaan verzoek insgelijk als Wyk meester ontslagen. omme vervolgens van dit een en ander aan 't Publiecq de nodige met uitzondering van den Brandmeester Elder slagen word en als groove vueligheid in de gragten komt te werpen Over welke Propositie van den Edelen heer Commissaris met alle aandacht gedelibereerd, zo is, na dat den Edelen Heer Commissaris voor de in deeze genoo„ mene moeite beleefdelijk was bedankt, and„ nime beslooten, zig met dezelve Propositie volkoomen te conformeeren zullende dien„ volgens alvoorens van de alteratien inde Instructie voor Wijkmeesteren bij deeze benaald aan 't Publicq kennisse te geeven, werden gelast ter plaats Commissarissen uit den raade van Iustitie worden gelast; omme ter plaats vulling van de door hen genomineerde en bij deeze Regeerend tot Wykmeesteren aangestelden Burger officieren Andries Brink, Coenraad Iohannes Gie Ian Bollaers Ernst Heijdenrych, Laarens Biel, en Abraham de Smith mitsg=s de invoege voorsz tot Wijkmoesteren aange„ stelde fungeerende Brandmeester Josias Brink, Petrus Michiel Eksteen, Hen„ drik Blankenberg, Coenraad Luit en Jan Casper Loos, alle welke functie als Wijkmeesteren bij deezen worden ontslagen, wiederom te formeeren eene nominatie van Wijkmeesteren in dubbelde getallen omme dezelve toe te zenden aan deezen raade ten einde daar uet de nodige electie te kunnen doen, met uitzondering dus van den Brand„ meester Jan Michiel Elser die van deeze die van deeze funitie ont fanetie op zyn gedaan verzoek word ontsla„ Wijkmeester te Continu„gen, om als Wijkmeester te contenueeren, en als dan zo van deeze aanstellingen, als van de by deeze gearresteerde alleratien inde In structie van Wijkmeesteren aan 't publieck bij Publicatie en affixie van Billielten de nodige kennisse te doen dragen. Bij deeze geleegendheid door den Edelen Heer Commissaris al meede bedeeld zynde dat den alhier onder afgesz gagie remoree„ rende Capitein ter Zee Christiaan van Veer„ den; aan zijn Ed: haer te kennen gegeeven, de onmogelykheid waar in hy zig bevond om de flinctien van Wijkmeester, waar toe hij ingevolge de nominatie van gecom. mitteerde Leeden uit 't Collegie van Commissa Jan ressen, 236 eeren. Kennis te geeven. 296. 297 en zo meede den oud ouderling der Luthersche gemeente Christiaan mitsg:s den oud Commissa„ ris van Civiele en huwelijke zaaken te Datavia Marten Wolfferum. rissen uit den Raade van Justitie door deezen laade is aangesteld, behoorlijk te kunnen waarneemen, zo uet hoofde van de meenigvuldige Commissien waar toe hij zo ten deezen Hoofdplaatze als in de kwade mous on in Baarf als word geemploieerd om de gebreeken aan 's Compagnies Bo„ dems, Touw en als anderzints te examineeren als om dat hij door de veranderde omstan digheeden deezer Colonie thans voor hem en zijn Huisgezin geen ander bestaan komt te hebben als de inkomsten van een kleine buitenplaats een uur rijdens van de kaap geleegen en waar dus zyne teegen woordigheid onvermijdelijk word ver„ eischt, met instandig verzoek van zijne be„ diening als Wijkmeester te mogen worden ontslagen, 2o is unguime beslooten de gem Capitein ter Lee Christiaan van Veerden, zo uit hoofde van de door hem gealegueerde allezints plausible reedenen, als uit aanmerking dat de bediening van Wijkmeester niet wel compatibel is met de qualiteit van een Capitein ter Zee, aan uien op de Buiten Comptoiren in Indien den lang van opper koopman is toegekend, en wel voornament, lyk uit consideratie dat den gemelde van Vierden na ruim Twintig Iaaren de Com„ pagnie als Bevelhebber op haare Scheepen te hebben gedient, zeedert zijn verblijf in deeze Colonie tot nu toe met onvermaeij de yver in 't executeeren van meenig vuldige Commissien de Maatschapy reeele diensten bewysd zonder daar voor eenige Gagie ofte andere belooning te geneeten; goedgevonden en verslaan de meermelde Capitein ter Zee Christiaan van Veerden van zyne bediening als Wijkmeester te ontslaan, zo als hij daar van ontslagen word bij deeze; en zo meede den oud oreder ling der Lutersche gemeente Christi„ aan Pauelsen die den ouderdom van 72 Iaaren heeft bereikt, en reeds. voor eenige Iaaren bij besluit deezer regeering van alle Burgerlyke diensten is ontslagen; mitsgaders nog den als hier remoneerende Commissaris van civiele en Huwelykse Laaten te Batavia Marten Wolfferum, welke voor de Comptoiren/ Publicatie 236 Paulsen
English
298 299 whereof notice shall be given to the Commissioners from the Council of Justice in order likewise to nominate other persons to fill these vacancies. Resolution to commission Messrs. Lesueur and Brand to verify accurately whether the said contractor has duly fulfilled his obligation. Propositions of the Honorable Commissioner to have delivered from the Company's grain magazines, at 35 rixdollars per load, 100 loads of wheat to the Knight de Pelgrom, with which the Gentlemen Members of the Council have concurred. To enjoin the Officer in Charge to watch that this is properly fulfilled, and to have the requisitions of needs for the Homeland prepared as speedily as possible. Publication of the Edict for the appointment of Ward Masters... having gone to reside within the District of Swellendam, notice shall likewise be given of the discharge of the said three Ward Masters to the Commissioners from the Council of Justice, in order likewise to nominate other persons to fill these vacancies. Furthermore, it having been communicated by the Honorable Commissioner that the Burgher Johannes Mosterd, as contractor for the construction of a new roof and further repairs to the stable of Muizenburg, had informed His Honor that he had completed his work, requesting permission to obtain the stipulated payment, it has been resolved to commission Messrs. Lesueur and Brandt, as Their Honors are hereby commissioned, to verify accurately whether the said contractor has duly complied with the conditions of the tender and thus with his obligation. Monday, the 27th of January 1794. By resumption. The Honorable Commissioner having submitted for consideration to the Officer in Charge and the Gentlemen Members of the Council whether it would not be in accordance with the Company's interests and those of the public to provide to the said Chevalier de Pelgrom from the Company's grain magazines the hundred loads of wheat which His Honor has permitted the Chevalier de Pelgrom to ship in his merchant vessel Toscan, to be transported to Ceylon as well as other establishments of the State or those of its Allies, against payment of ten and a half Cape guilders per muid, or 35 rixdollars per load; the more so because this could provide a good opportunity to dispose of the approximately two thousand muids of wheat, which were stored and accumulated to satisfy the Batavian requisition for the past year, but which could not be sent due to the failure of outbound ships to arrive, and thereby gain the so badly needed space to be able to receive the grains that the farmer offers for delivery from the recent opulent harvest; both the Officer in Charge and all the Gentlemen Members of the Council have concurred with the proposal of the Honorable Commissioner. And consequently, it has been unanimously resolved to have delivered to the said Chevalier de Pelgrom from the Company's grain magazines 100 loads of wheat of 18½ muids each, and this against cash payment of 10½ Cape guilders per muid. Lastly, it was resolved to have the requisitions of needs from the Homeland for this Government for the year 1795 prepared as speedily as possible in order to be able to send them thither by the first opportunity; and the Officer in Charge, as Chief Administrator, shall be enjoined to watch with all attention that this is properly carried out, both by the respective administrators and by the trade officials. Thus done and resolved in the Castle of Good Hope, the day and year aforesaid. Signed: A. J. Sluysken J. I. Rhenius J. F. Lesueur O. J. de Wet W. F. van Reede van Oudtshoorn C. Brand C. Bergh In my presence, Signed: G. F. Goetz, Secretary. 236 300 301
Dutch transcription
298 299 waar van kennis zal werden gegeeven aan CC: uit den Raad van Justitie ten einde almeede ter plaatsvulling van deese andere perzoonen te nomenee„ en Brand te Committeeren omme nauwkeurig na te gaan of bezeiden gem: aanneemer aan zijne verpligting behoor lijk herft voldaan Propositien van den Ed: Heer Commissaris om uit S: Comps Praan Maguasij. nen teegens r. os 35 de w7agt Aan den Hooze de Pelgrim te injungeeren te waaken dat daaraan behoorlyk word voldaan:— mitsg: om de Eischen van behoeftens voor Patria ten „spoedigsten in geraadheid te doen brengen. Publicatie van 't Placaat ter aanstelling van Wykmeesteren zig onder 'te Distriel van Zwellendam ter woon heeft begee„ ven, zullende van te ontslag der gem drie Wijkmeesters almeede kennisse worden gegeeven aan Commissarissen uit den raade van Justitie ten einde almeede ter plaatsvulling van deeze an dere Persoonen te nomineeren, Nog door den Edelen Heer Commes sares gecommuniceerd zynde, dat den Burger Johannes Mosterd, als aannee„ mer van 't maaken van een nieuwe dak en verdere reparatien aan de stal van Muijzenburg aan zyn Ed. hadt bekend gemaakt zijn werk te hebben volloord, met verzoek de bedonge betaling te besluit om de Heeren Losieur moogen erlangen, de is besloten de Heeren Lesueur en Brandt te commit teeren, zo als hun Eds. gecommitteerd wor¬ den bij deezen, omme naauwkeurig na te gaan of den gemelden aanneemer aan de Conditien van aanbesteeding en dus aan zijne verpligting behoorlijk heeft voldaan. De Edele Heer Commissaris aan, den Heere Gezaekhebber ende te laaten verstrakken 100 Heeren Leeden des raads in consideratie Maandag den 27. Jannuary 1794. by omvrage. Laatstelijk is beslooten de eisschen van be= hoeflens uit Patria voor dit Gouvernement voor den Iaare 1795 ten spoedigsten in gereedheid te doen brengen omme per eerste geleegendheid derwaards te kunnen in den Hloede Te zackhebber worden gezonden, en is den Heere Ge„ zal hebben als Hoofdadministrateur gein fungeerd met alle attentie te waaken dat hier aan zo door de respective admi¬ nistrateurs als de Negotie bediendens: behoorlijk word voldaan Aldus Gedaan ende Flarres„ teerd In 't Casteel de Goede Hoop Ten daage en Iaare voorschreeve (was. geteekend/ A„ I. Sluisken, I. I. Rhinius, I. P. Le Sueur Clager/ my praesent. /get/. G. F. Goetz Secretaris Laatstelik hebbende 236 ren.— Lasten Tarwe 301 „waarmeede de Heeren Loeden des Raads zich hebben geconformeerd. hebbende laaten geeven, of 't niet met 's Comp. s belangen en die van 't alge„ meen zoude strooken, om de honderd Lasten Tarwe, welke zijn Ed: aan den Heere Chivalier de Pelgrom heeft ge„ vermitteerd in zijn Schip te marchand Tosian te moogen afscheepen, om 20 naar beilon als andere etablissementen van den staat of die van haare Bond„ genooten te worden vervoerd, aangemelde Heere de Pelgrom uit s Comp. s Graan. magazijnen te laaten verstrekken, te„ gens betaling van Tien en een halve Gulden kaaps de mud ofte rd. s 35- de vragt, te meer daar hier door eene goede geleegendheid kan worden ver„ worden om de circa twee duizend meed„ den Tarwe, welke ter voldoening van de Bataviasche bisch voor 6 Jongsteen loopen Jaar zijn ingeslagen en opgelee„d dog door t' agterbliven der uitkomende Scheepen niet hebben kunnen worden verzonden, op de eene wantequize wijze van den hand te zetten, en daar door winnen de zo ontbreekende geteekend/ A: I: Sluisken J„ I. Rhinuis I. F„ Lesueur O. I. de wet W. f. van Reede van Oudtshoorn b. Brand. C. Bergh mij proesent /get: G. F Goetz ecretaris Aldus Geresolveerdende Gearresteerd, In 't Casteel de Goede Hoop. Ten daage en Iaare voorschreeve. ruimte om de Graanen die den Landman van den Jongste opulente oogst ter leve„ rantie aanbied, te kunnen ontfangen, zo hebben zo wel den Heere Gezaghebber als alle de Heeren Leeden des Raads zig met 't voorstel van den Edelen Heere Commissaris geconformeerd; en is dien„ volgens unaneme beslooten aan den gem Heere Chivalier de Pelgrom uit de graanma„ gazijnen der Compagnie te laaten verstrek„ ken 100 Lasten Parive van 18½ Maddlen ieder ende zulks leegens contante betaling van ƒ 10½. kaapse de tied recemte 236 300.
English
Tuesday the 4th of February 1794 In the forenoon, present the Honorable Lord Commissioner, together with the Honorable Members Lesueur, De Wet, Brandt, and Bergh, alongside the Honorable Commander and the Honorable Van Rheede van Oudtshoorn. After the resumption of the Resolutions taken on the 22nd and 27th of January last, the Honorable Lord Commissioner initially presented the duplicate of the letter from the Honorable Most Worshipful Lords and Masters dated the 30th of April of the past year, received by his Honor the day before yesterday via the English frigate of war the Diomede. Subsequently, his Honor informed the Council that he had learned from the public newspapers brought by the aforesaid frigate that for some time a very dangerous and contagious disease, called the yellow fever, has raged in the provinces of North America. Its transmission is so greatly feared by the English that all ships arriving in English ports from North America have been placed under the obligation to perform quarantine. Consequently, prudence demanded that in a place like this, where North American ships constantly land, the necessary measures be taken in good time to keep this same dangerous and contagious disease out of this Colony. In this regard, it was resolved by extract hereof to order the Master of Equipage, Jan Aenoud Voltelen, and the Chief Surgeon, Jan Sinkantyn, as inspectors of the roadstead, upon the arrival here of North American as well as other ships that have sailed from the ports of North America, to inquire and inspect with all possible accuracy whether and what kind of illnesses are present on board those vessels. In the event of discovering that one or more persons might be afflicted with the aforementioned dangerous and contagious disease, they are to make a direct report thereof to the Honorable Lord Commissioner, so that such measures may then be taken as shall be deemed serviceable and necessary for the preservation of this establishment. Meanwhile, in all cases, whether there are sick persons on board the ships arriving here from North America or not, the commanders of those ships must be instructed by the Master of Equipage that they may not hold the slightest communication, either with the shore or with the ships lying in the roadstead, whether of their own or other nations, before and until permission to that end shall have been granted to them by the Chief Ruler of this Government. Thus, the Fiscal's office will also have to watch with all possible vigilance that no one, whoever he may be, proceeds from shore on board such ships before the prohibition of communication with the same shall have been lifted by the Chief Ruler of this Government. Subsequently, the Honorable Lord Commissioner gave notice that, since anyone in this place may have persons summoned before the Council of Justice without asking permission to that end from the President of the said Council or anyone else, it had already happened frequently, and recently again, that overseers or supervisors of the Company's outposts were summoned before the Council of Justice for some private matter or another. Thereby they find themselves forced to proceed towards the Cape and thus leave both their post and the goods entrusted to them either entirely without supervision or under the management of one of their post laborers, from which nothing but disorder and detriment to the service can arise, while the Chief Ruler remains ignorant of it.
Dutch transcription
303 Dingsdag den 4 feb:rj 1794 Resumptie der Resolu„ tien van den 22 en 27 Iannuarij SL: den Edele Heer Commissaris ter Tafel over 't duplicaat der Missive van den Hlustre vergadering van 17=te van den : Fregat Diomede op voor„ geslazen ontfangen. en Communiceerd den Raad uit de nieuws papieren te hebben vernoomen dat in Noord America een een mitsg„s dat de nood vorderde om deeze ziekte van hier weshalven beslooten is de Equipagiemeester Volteleit en de oppermoes„ ter Pankantijn te gelasten om bij aankomst van schee„ „pen uit Noord America zeer nauwkeurig na deeze ziekte te informee„ s voormiddags present den Edelen Heer Commissaris, beneevens de Heeren Leeden Lesueur de Wet Brandt en Bergh, demplis den Heere Gezachheb„ ber en den Heere Van Rheede van oudtshoorn. Na resumptie der Resolutien op den 22. en 27 Jannuarij Jongst Leeden genomen, wierd door den Edelen Heer Commissaris aanvankelijk over„ gelegd, 't bij zijn Ed: op voorgisteren, 30 April A„o p.„o per 't Engelsche Per 't engelsch. Fregaat van oorlog de Diomede ontvangen Duplicaat uit de Missive van de Wel Edele Hoog agtb Heeren en Meesters van den 30 april des gepasseerde Iaars en vervolgens den haade te kennen gegeeven dat zijn Ed„ uit de publicque Nieuwspapieren met gewaarlijke ziekte neerschie voorn Freguat aangebragt, hadt ontwaard hoe zeedert eenige tijd inde Provintien van Noord america eene zeer gevaarlike en aansteekelijker deckle aldaar de geele koorts genaamd heeft geheerscht, welkers Communicatie bij de Engelschen zo zeer word geducht, dat alle scheepen, uit Noord america in de engelsche Aavens aankomende, onder de verpligting zijn gelegd guarantiine te moeten houden, en dat dus de voorzich„ tigheid kwam te vorderen, dat in eene plaatse als deeze waar gestadig noord. amerieaansche scheepen koomen aan te landen bij tijds de nodige maatregulen genomen wierden, om dezelve gevaarlyke en aansteekelijke diekte uit deeze Colonie te weeren, en is ten deeze belange besloo„ ten den Equipagiemeester Jan Aenoud Voltelen en den oppermeester Ian Sinkanlyn als Visitateur der rheede by Extract deezer te gelasten; omme bij aan komst alhier zo van noord ameriaaanse als andere Scheepen uit de Havenen van Noord america gezeeld, met alle mogelijke naauwkeurigheid te inquireeren en te visiteeren of en welke zoort van ziektens zig aan boord van die Bodems bevinden, omme bij ontdekking dat een aldaar dane 236 302 te woeren. „ro n. 305 omme daar van Aapport te doen aan den Ed:. Heer Commissaris. sijnde den Equipagiemees„ ter wijders gelast de Bevelhebbers van zoodanige Scheepen neevens gem: aanleg„ ging te doen en den Fiscaal om te waaken dat daar aan werde voldaan. — dan wel meerder Persoonen van de voornoemde gevaarlyke en aansteekelyk ziekte mogt weezen aangelast daarvan directe lapport te doen aan den Edelen Heer Commissaris, ten einde, als dan zodanige maatregulen te kunnen worden genoomen als tot Preservatie van dit etablissement dienstig en nodig geook„ deeld zullen worden, terwijl in alle ge„ vallen, 't zij dat zig op de van Noord ameria alhier arriveerende Scheepen zieken bevinden dan niet, aan de Bevelhebbers dier Scheepen door den Equipagiemeester zal moeten worden aangezegd, dat zij noch met de wal nog met de ter rheede leggende scheepen 't zij van hunne eige dan wel andere natien geene de allerminste commu„ nuatie zullen mogen houden voor-en aleer hen daartoe door den Hoofdge„ bieder deezes Gouvernements permissie zal weezen verleend, zullende dus 't officie Fiscaal met alle mogelijke vigilantie waakzaam moeten zijn dat zig ook niemand wie hy zijn mooge van Wal naar boorel van alzulke scheepen begeeve, voor dat het verbod van commee„ nuatie met dezelve door den Hoofdge„ breder deezes Gouvernements zal weezen opgeheeven - Vervolgens gaf den Edelen Heer Commissaris kennis dat dewijl een ieder ter deezer plaatze Persoonen kan laaten dagvaarden voor den raade van Justitie, zonder daar toe van den Praesident van gemelde Raade ofte iemand anders permissie te vraagen, 't reeds dekwerff en nu nog onlangs was gebeurd dat Baazen ofte opzieners van 's Comp„s Buiten Posten om deeze of geene par. ticuleere aangeleegendheeden, worden op„ geroepen, voor den Raade van Justitie, waar door zij zich in de noodzaaklykheed vinden gesteld zig kaapwaards te begeeven, en zo hun post als de hen toebetrouwde effecten of geheel zonder op zicht of onder beheering van een van hun Postvolk te laaten, waaruit niets dan wanordre en nadeel voor den dienst kan ontstaan terwijl den Hoofdgebieder onkundig van van 236 304
English
307. Resolution to enjoin, upon the proposal of the Honorable Lord Commissioner, the respective Colleges, as well as the Fiscal here, to ensure that no overseers are summoned without the prior knowledge of the Chief Commander for the time being. Request of Captain Arkenbout to be allowed to repatriate with the ship Drechterland as second captain; the request is granted to him. of the summons, also finds himself unable, during the necessary absence of such an overseer or supervisor, to assign the supervision of his post and the management of the affairs entrusted to him to another person suitable for that purpose; and it has been approved and agreed, in order to provide for this in a manner that can allow the administration of justice its required free course without exposing the Company's interests to neglect, to enjoin and order the respective Colleges, both the Council of Justice and the College of Commissioners of Matrimonial and Petty Cases, and the Fiscal of this Government, each in their own domain, to take the necessary measures and ensure that no master or overseer of the Company's outposts, nor any other servants to whom any interests of the Company or of the public outside the Cape Town or its proximity are entrusted, be summoned before any court of law without the person who wishes to have him summoned, whether ex officio or for private matters, having requested and obtained permission to do so from the Chief Commander for the time being, so that the latter, being informed thereof, upon the issuance of the citation may also be able to make the necessary arrangements to have that which is entrusted to the summoned person administered or performed by another person during his absence. The Captain of the ship Zeeland, stranded here, Jacobus Arkenbout, who by resolution of 22 January last was permitted to repatriate, retaining his wages, on the present return ship Drechterland in accordance with the order given in his regard by the Most Honorable Lords Commissioners-General, having made a request to the Honorable Lord Commissioner to be allowed to sail home as second captain with the said ship; it has been resolved, considering that the granting of that request, especially in the present critical circumstances, may 236 306 309. The Master Attendant Voltelen having given notice to the Honorable Lord Commissioner that there was room in the said ship Drechterland to load some wines. It has been agreed to order the Commissioners to fill this space with wines for the account of the Honorable Company. And the day for the receipt thereof is set for Tuesday, 4 March next. Of which notice will be given by the Secretary to those concerned. Messrs. Brandt and Goetz thereupon take the oath for the payment of the office tax. serve the well-being and security of the richly laden ship Drechterland, without thereby causing the slightest burden to the Company, to grant the same in this particular case; the aforementioned Jacobus Arkenbout will accordingly be placed as second captain on the return ship Drechterland, as he is placed thereon by these presents. Hereupon, it having been communicated by the Honorable Lord Commissioner that the Master Attendant had reported to His Honor that in the after-hatch of the ship Drechterland sufficient room would remain for the stowage of eighty aums of wine without any damage being done thereby to the hold's cargo; it has been agreed, in view of this being the only shipping space likely to become available this year, to make use of this space to ship on the same vessel the Constantia and Madeira wines on hand for the Chambers of Amsterdam, Hoorn, and Enkhuizen; Messrs. Lesueur and Brandt, as Commissioners for the supply of wines, are accordingly ordered by these presents to arrange for the said shipment and, above all, to ensure that the said wines are dispatched in good, strong casks. Subsequently, Mr. Brandt as member of this Council and the Secretary Goetz having taken the oath for the payment of the office tax into the hands of the Honorable Lord Commissioner, it was decided on this occasion to proceed with the payment of the said office tax for the past year 1793 on Tuesday, the 21st of the upcoming month of March, when the Council will specifically convene for that purpose; and of this, timely and necessary notice will be given by the Secretary of this Council, in the manner prescribed by the Ordinance on the levying of the office tax, to everyone who is required to pay this tax. 236 308
Dutch transcription
307. besluit om op proposchen van de Edele Heer Commis„ en den Fiscaal alhier te injungeeren om te zor„ „gen dat geene Baalen voorkennis van den Hoofdgebieder in der tijd verzoek van den Capn. Arkenbout om met t schip Drechterland als tweede Capitain te moogen repatrieeren het werk aan hem is geaccordeerd. - van de dagvaarding, zig ook biaten staat bevind om geduurende de nood„ zaaklijke afweezendheid van zodanigen Baas ofte opzigten, het opzigt over zijn Post en de behandeling den zaaken hem toebetrouwd aan een daar toe geschikt „ ander Persoon op tedragen en is, omme hier inne te voorzien op eene wijze die zonder 's Compagnies belangens aan verwaarloozing bloottestellen de rechts„ oeffeningen haare vereischte vrije loop kan laaten goedgevonden en verstaan „saris de resp:e Collegiem zo den Raade van Iustitie als 't Colegie van Commissarissen van uvele en Hu„ werde gedagvaard zonder welykse zaaken en den Fiskaal deezes Gouvernements te injungeeren en te ge„ lasten omme ieder in den haare de nodige maatregielen te neemen, en te bewerk „stellegen dat geen Baas of opzichter, van 's Comp. s Buiten Posten noch eenige andere dienaeren aan wien buiten 't kaapse Vlek of dies proximiteit eeni„ ge belangen der Compagnie of van 't algemeen zijn opgedragen, voor eenige rechtbank worden opgeroepen zonder dat de geene welke hem 't zij amptshatie dan wel om particuliere aangeleegendheeden wil laaten dagvaarden, daar toe permis„ sie zal hebben verzogt er erlangd van den Hoofdgebieder in der tijd, ten einde deeze daar van verwittigd, bij 't afgaan der uitatie ook de nodige ordres zal kunnen stellen om 't geen den gedagvaarden is toebetrouwd ge„ duuerende zyne afweezigheid door een ander persoon te laten besteeren of vernichten Den Capitein van 't alhier gestrande schip Zeeland Iacobus Arkenbout aan wien bij besluit van den 22 Jannuarij Iongstleeden is gepermitteerd om ingevolge het bevel door de Hoog Edele Heeren Commissarissen Generaal ten zijnen op„ zigte gegeeven, per 't aanweezend betour schip Drechterland behoudens gagie te moogen repatrieeren, aan den Edelen Heer Commissaris verzoek gedaten. hebbende om als tweede Capitein met gemeld schip te moogen t' huisvaren, zo is, bij overweeging dat 't accordeeren van dat verzoek vooral in de teegenswoordige „netelige omstandigheeden zal kunnen titio de strekken 236 306 309 de Equipagiemeester Voltelen aan den Edelen Heer Commissaris ken nis hebbende gegeeven dat in 't gemeld Schip Drechterland ruim te was om eenige wijnen aftelaaden. zo is verstaan de Com„ missariessen te gelasten om deeze ruim te met wijnen voor reekening van d: E Compe te vullen. — en is de dag tot den ontfangst daarvan bepaald op Dingsdag den 4. Maart aanstaan„ Secretaris Kennis zal die goene die het aangaan. de Heeren Brandon Goets Praesteeren hierop den Eed tot de betaling van 't Amplgeld strekken tot welzijn, en beveeliging van 't rijkbelaaden Schip Drechterland zonder dat de Compagnie daar door eenig te aller„ minst beswaar word toegebracht, besloo„ ten in dit bijzonder geval aan 't zelve te difereeren, zullende dienvolgens de voor„ Leide Iacobus Arkenbort als tweede Capitein worden geplaatst op 't Retour schip Drichterland, zo als hij daarop ge„ Plaatst word bij deezen. Hier op door den Edelen Heer Commissaris gecommuniceerd zynde, dat den Equipagiemeester aan zijn Ed. hadt gerapporteerd dat in't agterlieek van 't schip Drechterland, voldoende ruimte„ zou overblyven tot berging van Tagtig aamen wynen zonder dat daar door aan de Lading van den kiel eenig na„ deel kan worden toegebracht, zo is, aan. gezien de iseenige Scheepsruimte welke waarschijnelijk deezen Iaare aan handen komen zal, verstaan, van deeze ruimte gebruik te maaken om in dezelve Bodem aftescheepen de voorde kameren Amster„ dam, Hoorn en Enkhuisen aan handen zynde Constantia Madera Wynen, werdende dienvolgens de Heeren Lesueur en Brandt als Commissarissen over de leverantie van Wijnen bij deeze gelast voor de gemelde afscheep te zorgen en voor al te waaken dat dezelve wynen in goede sterke fusten worden verzonden. Vervolgens door den Heere Brandt a als Lidt deezes Raads en de Secretaris thie Goetz aan handen van den Edelen Heer Commissaris gepresteerd geworden zynde den eed tot de betaling van 't amptgeld zo is bij deeze geleegendheid beslooten de betaaling van 't gemeld amstgeld voor de waar van door den den gepasseerden Iaare 1793: te doen voort„ werden gegeeven aan gang neemen op dingsdag den 21e vande aanstaande maand Maart wanneer den Raade daar toe expresselijk zal vaceeren„ en waar van des op de bij 't Placcaat tot de heffing van 't amptgeld voorgeschree„ ven wijze door den Secretaris deezes raads. aan een ieder die gehouden is deeze belasting op tebrengen in tijds de noodige kennisse zal worden gegee„ vens. zijnde het 236 308
English
310 311 decision to have the contractor for the repair of the stable at Muizenburg paid his stipulated money, as well as to have duplicate copies of the aforementioned report issued to the Trade Bookkeeper in order to be annexed to the invoices of the cargo of the ship Leiden, and to have the amount of the paper currency pieces brought into readiness once again entered and accounted for in the Trade Books and the main Cash Vault. From a report received from the Gentlemen Lesueur and Brandt, pursuant to the commission deferred to their Honors by resolution of 22 January last, it having appeared that the contractor for the making of a new roof and further repairs to the stable at the Company's Post Muizenburg has properly fulfilled the conditions of the tender; it is therefore resolved to have the stipulated payment for that work, to the sum of 2700 rixdollars, paid to the said contractor from the Company's treasury. Regarding the order given to the Ordinary Commissioners David Kuijt and Johannes Henricus Fischer by resolution of this Council of 27 December of the past year, to swear before the delegated members of the Council of Justice to the report submitted by them on that day and inserted in the same resolution concerning the deficit of wet pepper and coffee beans from the cargo of the return ship Leiden remaining here in the warehouses; this having been fulfilled by them and the sworn report with its verification having been submitted by the Honorable Commissioner, it is understood that an authentic copy of the same in duplicate shall be issued to the Trade Bookkeeper in order to be annexed to the invoices of the cargo of the ship Leiden. From six reports of the Commissioners for the signing of the cardboard currency from 48 to 6 stuivers, it having appeared that there were again brought into readiness by them: 3000 pieces at 48 stuivers 1800 pieces at 24 stuivers 6000 pieces at 12 stuivers and 1400 pieces at 6 stuivers, it is therefore understood that the amount of 3116 27/32 Ducatoons or 4675 rixdollars shall be entered and accounted for both in the Trade Books and in the main Cash Vault. Furthermore, the account of the poor funds of the Reformed Diaconate of this city was resumed, reading as follows: 312 313 The account of the poor funds of the Diaconate of this city, which according to custom will be sent to the Motherland. General Amount of the Capital of the Cape Diaconate Poor of the Reformed Church, consisting of the following: In the year 1793, on 1 January, the Capital was ƒ 328089. 19 from which is deducted the following preceding account and creditors, namely: The Library ƒ 3208. 10 Four Pupils ƒ 135. 19 Total ƒ 3344. 9 There remains as the actual Capital ƒ 324745. 10 Added in this year: In Alms ƒ 8661. — Testamentary and liberal gifts ƒ 640. — Rented pews ƒ 871. 4 Interest ƒ 14946. — Grave plots ƒ 409. — Poor boxes ƒ 739. 4 Total ƒ 26266. 9 Grand Total ƒ 351011. 19 Deducted: For expenses of the poor ƒ 23799. 5 For expenses of the church ƒ 1569. 18 Total ƒ 25369. 3 There remains as appears under the last of December 1792: ƒ 325642. 16 Consisting of the following items: Cash remaining in hand ƒ 9555. — Mortgage bonds ƒ 277903. 6 from which is deducted that which belongs to the following creditors from the preceding, namely: The Library ƒ 3208. 10 Four Pupils, for the amount their accounts are credited ƒ 135. 19 Total ƒ 3344. 9 Outstanding Interest ƒ 20080. 15 Total ƒ 281391. 13 For ornaments of the church ƒ 1099. 10 The Diaconate of the Land van Waveren ƒ 23440. — The Diaconate of Zwartland ƒ 20800. — The Diaconate of Stellenbosch ƒ 2400. — Total ƒ 47739. 10 Sum Total ƒ 325642. 16 Thus done and transferred in the Church Council at the Cape of Good Hope, in the presence of the undersigned, as Political Commissioner, the 27th of January 1793. (Signed) J. J. Rhenius. Which account it is understood shall be presented according to orders with the General Report of affairs of this Government to the High and Mighty Lords Majores.
Dutch transcription
310 311 besluit om aan den aan „neemen tot 't repareeren van de stal aan Muizen„ te laaten betaalten mitsg:s om van 't bezo„ den gem. rapport van in dupto Copijen te den Nigotie Overdra„ ger ten einde aan de Factuuren der Lading van 't Schip Leiden te worden geannexeerd. en 't bedraagen van de „ weederom in gezeedheid gebragte Papiere Munt stukken by de Negotie boker en groote geld Enssute laaten innee„ Het een ingekoomen berigt door de Heeren Lesueur en Brandt, inge volge de op hun Ed„ bij resolutie van den 22 Jannuarij Jongstleeden geduerneerde Commissie gebleeken zynde dat den aanneemen van 't' maaken van een nieuw dak en verdere reparatien aan de stal aan's Comp:s Post Muizenburg behoorlijk aan de Conditien van aanbe„ steeding heeft voldaan; zo is goedgevon„ burg zijn bedongen penn: den aan den gezegde aanneemer de be„ dongen betaling voor dat werk ter somma van rd. s 2700 - uit s Compagnies Cassa te laten gevolg neemen. Aande Last aan de ordinaire Gecommitteerdens David Kaicht en Jo„ hannes Henricus Fisscher bij Resolutie deezer tafel van den 27: Xber anno Po gegeeeren, omt door hen ten dien daage ingedient en bij dezelve resolutie geinse reerd Rexport over de minderheid van de natte Peeper en Coffijboonen van de Lading van het Retour sSchip Leide Alhier in de Pakhuizen verblee„ ven, voor gecommitteerde Leeden uit den Raade van Justitie te beëedigen, door hen voldaan en door den Edelen Heer Commissaris overgelegd geworden, zynde het door hen beëedigd Rapport met dies Recollement zoo is verstaan de ordinaire Gecomm: Copia authentieg van het zelve in dee, 16 laaten afgeeven aan plo te laaten afgeeven aan den Negotie overdraager ten einde aan de Facturen. Ja der Lading van het Schip Leide te wor: titi den geannexeerd — Uit Zes Rapporten van Gecom„ mitteerdens tot het teekenen der Car„ ge„ tonne Munten van 48 tot 6 stuivers gebleeken zynde, dat door hen we„ derom in gereedheid waaren ge„ bracht 3000 Ps a 48 AC . 18 „ 12. „ — en 6000 „ 6 „ _o 1400 „ Zo is verstaan dies bedragen met 3116 27/3 Ducatons ofte rd. s „ 4675 — — 2o bij de Negotie Boeken als bij de groote Geldeassa te laaten inneemen en verantwoorden Voorts is geresumeerd de Reekening 3 den der 236 312 313 de reekening der arme gelde der Aiaconij dee„ zer Steede. — „ 26266:9 ƒ 351011. 19- volgens gewoonte naar Patria zullen Generaale Montant des Capitaal der Caabse Diaconij Armen van de Hervormde kerk. 1, bestaande in 't volgende A:o 1793, op p=mo Ianuarij was Capitaal waar van afgetrokken word de onder„ volgende te voorenstaande reeke ning en Crediteuren als de Bibliotheecq. . . . . ƒ3208. 10. Vier Papillen. . . . . „ 135. 19:„ 3344. 9— blijft over zulks voor't weezendlijk Capitaal In dit Iaar bijgekomen Aan Aalmeesen. „ Testamentaire en liberale geiften. . „ 640 — „ verhuurde gestoeltens. Interessen „ Grafsteeden. . . . „ armbussen. . . . gaat af aan onkosten der armen „ onkosten der kerk blijk onder Ultimo December 1792 23799. 5 „ 1569. 18 – „ 25369: 3 409 871. 4- - -ƒ 8661. — „ 14946. ƒ324745. 10 135: 19 omi ƒ 277903. 6: —. li„ Resteerd 71 1099. 10 Aan ornamenten vande kerk ƒ 299 „ de Diaconij van 't Land van Waveren „ 23440:— „ „ _o „ „ Zwartland. – - „ 20800:— „ „ _o „ Stellenbosch. . . . „ 2400 – – „ 47739:10— Somma ƒ325642. 16. — Aldus gedaan en getransporteerd in kerken ra„ de aan Cabo de Goede Hoop, ten overstaan van den onder„ geteekenden, als Commissaris Politiecq den 27 Iannuary 1793 - /:was geteekend:/ I. I. Rhenius welke reekening verstaan is navolgens: de ordres bij b' Generaal verslag van zaken deezes Gouvernements aan de Hoog gebieden de Heeren Majores te presenteeren ƒ328089. 19 der armen gelden van de gereformeerde Diawntj deezer Steede luidende als volgd aan Cassa over Restant. „ Scheepen kennisse waar van de traheere 't geene de onder te meldene van '6 even voorgaande, als Crediteuren zijn competeerende, als de ƒ 3352. 10. Vier Pupillen, over zo veel derzelver reekeningen Credit loopen Bibliotheecq. . - - agterstallige Interessen. . . „ 20080: 15: ƒ281391:13 ƒ 9555:— „ 25. 1756. bestaande in de volgende Partijen als ƒ 325642: 16 — Hier 236 6 - .. „ „ „ 739. 4. — werden verzonden. - 1
English
314 315 Thus the noble Lord Commissioner communicated for what reason the two cannons standing in the ground in the advance of the Battery Imhoff had been ordered to be excavated, and how they were found upon examination. Wherefore it was resolved to have the said cannons entered into the trade books to be issued to the Company's ships, and in their stead to place others, and Brandt was qualified to negotiate about this with one or another burgher; besides the said public tender having failed to meet the Council's expectations, the Council has prevented the progress thereof. Hereupon the Noble Lord Commissioner was pleased to communicate to the Council that, in order to manage as well as possible with the lack of 8 lb cannons for supplying the Company's ships, His Honour had ordered two cannons of that calibre, which had been standing in the ground in the advance of the Battery Imhoff, to be excavated and subsequently inspected to see if they could be employed for the service of the Company's ships passing here; that from the report submitted to His Honour by the Captain of the Artillery, George Coenraad Kaehler, in that regard, it had appeared that upon inspection and usual proofing of both said cannons, they were found to be good and usable and fit to be issued for the service of the Company's vessels. Wherefore it was also resolved, in this regard, to have the aforesaid two cannons of 8 lb entered into the trade books to be issued to the Company's ships, and in place of these pieces to place back into the ground in the advance of the outermost barrier of Imhoff 1 piece unfit cannon of 8 lb and one ditto of 4 lb, salvaged from the wreck of the ship Middelburg that sank in Saldanha Bay, and brought here by the ship Drechterland. After these matters, pursuant to the resolution taken on 27 December of the past year, they proceeded to the public tender of the necessary repairs, both to the main residence and other buildings of the Company's garden Rustenburg at the Rondeboschje; but as among the few bidders for this tender none was found who would undertake the said repairs for less than 3500 Rixdollars, the Council, exercising the reservation stipulated in the conditions of tender, caused the said tender to make no progress, but resolved to qualify and authorize the gentlemen members of the Council, Lesueur and Brandt, as Their Honours are hereby authorized and qualified, to enter into negotiation with one or another of the burghers 236 216 316 317 could not succeed, that work to be postponed until the Lord Commissioner shall have learned the intention of the Lords Commissioners-General in this regard. Request submitted by the Secretary of Justice Truter to be allowed to remit some money with preference. in order to agree therein to carry out the most necessary repairs to the buildings of the garden Rustenburg as determined by the conditions of tender, but for no greater payment than seven to eight hundred Rixdollars; whereas if the said repairs, however necessary they may be, cannot be obtained for that amount, they shall be and remain postponed until the Noble Lord Commissioner shall have requested and learned the intention of the High Noble Lords Commissioners-General in that regard. The Secretary of the Council of Justice, Johannes Andreas Truter, having addressed the following Request to the Council: To the Right Honourable, Highly Esteemed Lord Abraham Jozias Sluysken, Ordinary Councillor of the Netherlands Indies, as well as Commissioner over the Government of the Cape of Good Hope and the dependencies thereof, etc. etc., together with the Right Honourable Lord Commander and the other Right Honourable Gentlemen Members of the Honourable, Highly Esteemed Council of Policy. Mr. Johannes Andreas Truter, Secretary of the Honourable, Highly Esteemed Council of Justice of this Government, makes known with the greatest respect: That he, the petitioner, in his aforesaid capacity administering the insolvent estate of the Burgher Ensign Pieter Zeeman, was informed in the month of November of the past year by the Burgher Willem Hoppe that with the Honourable Company's ship Kromhout, consigned to the said Zeeman, were brought here two crates and two cases of bottles, all filled with European goods to the amount of f 2458:6:-, shipped in the aforementioned vessel by the merchants in Amsterdam, Dirk Boerrigter & Sons; with which notification the same Hoppe nevertheless together with lives 236
Dutch transcription
314 315 zo wierd door den edelen Heer Commissaris Gecom „municeerd om welke roede„ de grond in de advance gestaan hebbende had laaten uitgraaven. en hoedanig dezelve bij examinatie zijn bewon„ „den. weshalven beslooten is de gem: Canons bij de Nego„ tie boeken te doen innoemen te werden verstrekt en in andere te doen plaatzen, en Brand gequalificeerd met den een of ander Durger daar over on„ neevens gemelde aan„ „listeeding van s raads verwagting niet heb woorden, zo heeft den voortgang door neemen Hier op geliefde den Edelen Heer ken zijn h: 2 Canons in Commissaris den Raade te communicee„ van de Batlarg Imhofp ren, dat zijn Ed, om zig zo goed mogelijk te redeen in 't gebrek aan Conons van 8 lb ter verzorging van 's Compagnies Scheepen 2. Canone van dat Caliber ge„ staan hebbende in de grond in de advance van de Batterij Imhoff hadt laaten uitgraaven, en vervolgens visiteeren op dezel„ ve ten dienste van de alhier passeerende 's Comp„s Scheepen zouden kunnen wor„ „der geemploieerd, dat uit 't rapport door den Capitein der Artellerie George Coenraad kaehler desweegens ingedient aan zijn Ed„ was gebleeken dat by 't visiteeren en gewoon probieren der beide gemelde Canons was bevonden dezelve goed en briekbaar te zijn en ten dienste van 's Comp s Bodems te kunnen worden afgegeeven, weshaleren om aan S: Comp s scheepen ten deeze aanzien dan ook is beslooten steede van dien wederom om de voorzeide twee Canons à 8 lb bij de Negotie Boeken te doen inneemen om aan 's Comp:s scheepen te worden verstrekt, en insteede van deeze stukken wederom in de grond in de advance van de uiterste Barriere van Imhoff te doen plaatsen 1 P„s onbequaam Canon â 8 lb en een dito à 4 lb uit 't in saldanhabaaij gezonken wrak van 't schip Middelburg gesalveerd en per het schip Drechterland alhier aangebragt. Na dit een en ander, wierd ingevolge bende kunnen beant, t besluit op den 27: Xber anno Passato ge„ta Raade dezelve geen noomen geprocedeert tot de aanbesteeding titie van de nodige reparatien zo aant Heeren Huis als verdere gebouwen vans Comp s eli„ Thuin Rustenburg aan 't rondeboschje; boe„ dan nadien onder de weenige gegaadig„ denes. tot deeze aanbesleeding geene wierd gevonden die dezelve reparatien voor minder er dan rd=s 3500. — wilde aanneemen, 20. heeft den raade gebruik makende van de voor behouding bij de Conditien van aanbe„„ sleeding bepaald dezelve aanbesleeding geen maar de Heeren Losueur voortgang doen neemen, maar beslooten de Heeren Leeden des Raads Lesueur den handeling te werden en Brandt te qualificeeren en te authori seeren, zo als hun Ed. geauthoriseerd en ge„ qualificeerd worden bij deezen, met den een of ander der Burgers in onderhandeling de 236 216 316. 317 niet kunnen slaagen dat werk uitgesteld te Heer Commissaris hier omtrend de intentie van de H: H: C: C: g:g: zal hebben vernoomen. request door den So Creta ris van Justitie Pruter ingediend om bij Praefe„ rentie eenig geld te moogen remitteeren omme daarinne almeede te breeden, om de hoogstnodige reparatie„ laaten tot dat den Ed: aan de gebouwen van de Tuin Ruitenbuke te effectueeren zodanig als bij de conditien van aanbesteeding is bepaald, doch voor niet meerder betaling van Leeven, â Achthonderd Ryxd„s, terwijl wanneer de gemede reparatien hoe noodzaaklijk die ook zijn morgen, daar voor niet zullen kunnen werden verkreegen, dezelve zullen zijn, en blijven uitgesteld, tot dat den Edel Heer Commissaris, dien aangaande de in„ tentie vande Hoog Edele Heeren Commis sarissen Generaal zal hebben verzogt en vernoomen. De Secretaris van den Raaden van Justitie Iohannes Andrieus Puter aan den Raade geaadresseerd hebbende het voldend Request Aan den Wel Edelen Groot Achib„ Heere Abraham Jozias Slaesker Raad ordinair van Neederlandsch. India, mitsgaders Commissaris over t Gouvernement van Cabo de Goede koop en den ressorte van dien is Ek. Heeft Uwel Ed„e Hn Achtb„ en Wel Ed achtb„ met den meesten eerbied te kennen M.:r Iohannes Andreas Pruler Secreta ris van den Ed: Achtb„ Raade van Justitie deezes Gouvernements Hoe hij supl:t in zijn voorsz quali„ leet administreerende den insolventen boe„ del van den Burger Vaandrig Pieter Leeman, in de maand November des Jongstverloopen Iaares, door den Burger Willem Hoppe is geinformeerd, dat met 's E. Comp. s Schep kromhout aan de consignatie van denzelven Zeeman al„ hier waren aangebragt, Twee kassen en Twee kelders, alle gevuld met europi sche Goederen ten bedrage van h„r W ƒ 2458„ 6:—: door de kooplieden te Amsterdam Dirk Boerrigter & Zoonen in voorn: Bodem afgelaaden, bij welke kennisgeving dezelve Hope egter beneevens den Wel Edelen Achtb Heere Iezachhebber en verdere Wel Edele Heeren Leeden van den E„ Achtb. Politicquen Raade beneevens leevens 236
English
318 319 declared that, while on the one hand he considered himself obliged to report thereof to the petitioner in his official capacity, yet at the same time on the other hand he was compelled, holding a general power of attorney from the said merchants, to claim the delivered goods for the benefit of his principals, on the grounds that the estate of the aforementioned Zeeman being insolvent, claim might well be laid by other creditors to the proceeds of those goods in case no act of diligence regarding this were undertaken on the part of his principals; requesting meanwhile to be allowed to take the aforementioned cases and cellars into his custody. That the petitioner, in order to proceed with the utmost prudence, having addressed himself on the 21 November following to the said Council of Justice, so as to be provided with the necessary orders in this matter, their Right Worships, in consideration that from the sale of those goods, sent over at the risk of the aforementioned Zeeman, much more would in all probability proceed than the invoice amounted to, especially since an amount of ƒ 944. 14: – had already been remitted on it in advance, deemed fit to authorize the petitioner to receive and sell them, with this stipulation however, that from the proceeds, preferential credit would be given to the merchants Dirk Boerrigter and Sons, and remitted via the Honorable Company's Treasury, with the approval of your Right Honorable and Worshipful, what should be found to belong to them on account of the shipment of those goods, while with the amount of the remaining moneys the general estate account has been answered, indeed in such manner that from the proceeds, after deduction of what belongs to the aforementioned merchants, a notable portion could be applied to the benefit of the estate, of which a report having been made on the 30 January last, the said Council of Justice authorized the petitioner, in his capacity as sequester, to address himself to your Right Honorable and Worshipful, in order to make the necessary request regarding the preferential payment into the Honorable Company's treasury of the moneys to be remitted to the merchants Boerrigter and Sons. That the petitioner operates with all the more confidence pursuant to this authorization, because, besides the equity which under respectful correction in this colony with that of the United Netherlands, the advantage that will necessarily flow therefrom for the trade of the inhabitants of this colony with that of the United Netherlands, now so favorably opened, it has moreover also been permitted ex officio to others authorized for the administration and settlement of estates to pay money with preference into the Honorable Company's treasury, to be remitted to Europe; while the petitioner finally here also takes the liberty to add that the Reverend Board of Orphan Masters, as the petitioner has been informed, will only make use of two-thirds of the privilege granted to their Reverences regarding the remitting of moneys. Reasons why the petitioner takes the liberty to turn to your Right Honorable and Worshipful with the respectful request that it may please you to permit the petitioner, in his capacity as sequester in the insolvent estate of the Citizen Ensign Pieter Zeeman, at the first upcoming treasury count of this current year 1794, to pay into the Honorable Company's treasury a sum of Four hundred fifty-two Ducatoons or Rds. 678. —, in order to be remitted to the merchants at Amsterdam Dirk Boerrigter and Sons, and to be received by them in satisfaction of such sum of One thousand five hundred and thirteen Guilders and Twelve Stivers, as is preferentially due to them out of the estate of the frequently mentioned Pieter Zeeman on account of the shipment of the goods brought here with the Honorable Company's ship Kromhout. Being for the end for the 236 320
Dutch transcription
318 319 leevens verklaarde, dat hij wel aan de eene zyde zieh verpligt reekende aan den suppl„ in desselfs qualiteit, daar van verslag te doen, log te gelik aan den anderen kans genoodzaakt wae, om als generale procu ratie van gemelde kooplieden hebbende de aangebrachte Goederen ten behoeve zyner Princepaalen te reclameeren uit hoofde dat den boedel van meermelde Zeeman insoleent zynde, welligt door andere Crediteuren aanspraak zoude kun nen worden gemaakt op 't provenue dier Goederen, ingevalle van de zyde zyner pple geene acte van devoir desweegenss wierd gepleegd: verzoekende inmiddels de voorsz kasten en kelders onder zijne berusting te moogen neemen Dat de supplte om met de meeste voorzigtigheid te werk te gaan zich op de 21 November daar aan volgende aan welgemelde Raade van Iustitie hebbende geaddresseerd, ten einde van de nodige ordres in deezen te worden voozien Hun E. E. Achtb„ uit overweeging, dat uit den verkoop dier Goederen; voor resica van voorm: Leeman overgezonden hoogst waarschijn. lijk veel meer zoude Provenieeren als het factuur beliep, voor al daar op dezelve reeds een montant van ƒ 944. 14: – in voorraad was geremitteerd; hebben goedgevonden den supl.t tot den ontfangst en verkoop te quali„ ficeeren, met deeze bepaling egter, dat aan de Kooplieden Dirk Boerrigter en Zoonen uit 't provenu bij preferentie zoude worden te goed gedaan, en per s E: Comp. s Kassa„ met goedvinden uwer Wel Ei. Groot Achtb„ en Wel Ed: achib„ geremitteerd, 't geen bevonden zoude worden aan dezelven, weegens de over„ zending dier Goederen, te competeeren ter„ wijl met het bedraagen der resteerende penningen de generaale Boedel reekening is beantwoord, zelfs zodanig dat van het provenue na aftrek van 't geen aan voorm kooplieden competteerd, een notabel, gedeelte ten voordeele des boedels heeft kunnen worden gebragt, waar van op den 30 Jann b„ b„ verslag gedaan zinde, heeft welgem: raade van Iustitie den Supl„t gequalifi„ ceerd, omme in qualiteit als equester zig aan uw elEde: Groot achtb: en WelEde Zeeman Achtb. 236 321 Achtb„ te addresseeren ten einde, omtrend de praeferente telling der aan de kooplieden Boerrigter en Zoonen te remitteeren pen„ ningen in s E: Comp:s kassa het nodig verzoek te doen Dat de supplt met te meerder, gerustheid achtervolgens deeze quali„ ficatie werkzaam is, om dat behalven de billijkheid welke onder eerbiedige cor„ vergunning zoude resi rectie in deeze Colons met die den vereenig deezen, en he de Naderlanden voordeel, dat daaruit voor den handel der Ingezeetenen van deeze Colonie met die der vereeenig de Neederlanden, thans 2oo gunstrijk, opengesteld, noodzakelyk zal voortilvene 't bovensdien ook aan andere ampts: halven tot de administratie in reddenge van boedels gequalificeerd is toegelaten bij Praeferentie Penningen ins E. Comps Cassa, om naar Europa te worden gere„ mitteerd, te moogen tellen: terwijl de Suplt hier nog eindelijk de vrijheid gebruikt bij te voegen dat het Eerw: Collegie van Weesmeesteren, zoo als men hem Suplt heeft geinformeerd, slegts voor twee derde gedeelte zal gebruik en maaken van 6 voorrecht omtrend t remitteeren van Penningen aan vor Hun Eerw, toegestaan Reedenen, waar omme de supt„t de vrij heid gebruikt zig te wenden tot Uwel Ed. Groot is. achtb„ en Wel Ed: Achtb„ met eerbiedig ver„ zoek, dat 't van derzelver welbehagen zijn „mooge, aan den suplt in qualiteit als Sequester in den insolventen boedel van den Burger Vaandrig Pieter Zeeman met de eerst aanstaande kastelling van dit loopende Jaar 1794. in s E. Comps kas te mogen „tellen eene somma van Vier honderd twee en Vijftig Duiatons ofte Rd. s 678. — ten einde te worden geremitteerd aan de Kooplieden te Amsterdam Dirk Boerrigter en Zoonen, en door hen genooten in voldoening van zodanig Somma van Een duisend vijf honderd en derthien Guldens en Twaalf Stuivers, als uit den Boedel van meerm: Pieter Lieman weegens de overzending der met 'sE. Comp:s schip Kromhout, alhier aangebragte Goe„ deren bij praferentie aan denzelven zijn competteerende. Zynde voor't uit einde voor den 236 320
English
323 what the noble Lord Commissioner was pleased to grant thereon. of the past month of January, proper note thereof was made by the Petitioner. Which doing etc. was signed J. A. Truter Thus, after reading the said Request, it was submitted to the council for consideration and deliberation thereon by the noble Lord Commissioner, whether, since the sum of f 200,000. — was made preferential by the Right Honorable Lords Commissioners General for the remittances which the Orphan Chamber shall have to make, and subsequently for such residents as will be able sufficiently to prove to have received goods on freight from the Netherlands, wherefore in the apportionment of these monies also the most impartial and accurate distribution ought to take place without any respect of persons or special considerations, it would well accord with equity to give to the said Secretary Truter, as administrator of the insolvent estate of the burgher lieutenant Pieter Leeman, any preference or priority in the remittance of the monies which he must remit to Dirk Boerrigter and Sons, merchants in Amsterdam, for the cost of merchandise sent hither on freight by them for the account of the said Leeman; whereas said Truter in his capacity, according to His Honor's view, just like all residents who have similarly registered for remittance monies for the payment of received freight goods, ought to participate and share, in proportion to the sum which must be remitted by him, in that which, after deduction of the monies which the Orphan Chamber according to its exclusive preference will desire to remit, shall still remain of the f 200,000-, determined both for it and for the payment of received freight goods; as that remaining amount must be distributed among all who have contracted any monies toward the payment or reduction of debts for received freight goods, according to the institution of the Right Honorable Lords Commissioners General, and this chiefly because a special privilege which 236 322 325 which having been deliberated upon, it was approved to make the said declarations. scholarchs of this city having submitted the following address and the instructions annexed thereto for the preceptor of the Latin that which has been granted to the Orphan Chamber, for the benefit of widows and orphans, cannot be granted for the benefit of any private individual whose goods sent hither, whether on account of insolvency and especially not as in this case, by a special circumstance have been administered by the Sequestrator; whereon having deliberated, it was also resolved on the said request to declare, as is declared hereby, that the Secretary of the Court of Justice, Johannes Andreas Truter, as Sequestrator of insolvent estates wherein goods brought from the Netherlands on freight might be found, or brought to the same estates in one way or another, both in the present case and in the future, shall be able to have or claim any preference whatsoever on that which, after deduction of the sums which the Orphan Chamber, according to the sense and intention of the orders issued by the Right Honorable Lords Commissioners General, may and must count with full preference for the benefit of foreign widows and orphans and heirs, shall remain of the often-mentioned Two Tons of Gold, but on the contrary that that remaining sum ought to be distributed among all residents, and thus also among those whose estates are administered by the Sequestrator. Scholarchs of this City having addressed themselves to this Government with the following address and the instructions annexed thereto for the Preceptor of the Latin School. To the Right Honorable, Highly Esteemed Lord Mr. A. J. Sluysken, Ordinary Councillor of the Dutch Indies and Commissioner of the Government of the Cape of Good Hope, etc., etc., etc., as well as to the Esteemed Honorable Lord Administrator and Right Honorable Lords Councillors of Policy. Right Honorable, Highly Esteemed Lord, Esteemed Honorable Lords! The House purchased by the undersigned for the service of the Latin school foreign with 236 324 School.
Dutch transcription
323 wat den edelen Heer Commissaris daarop heeft gelieven te gaeven. der Iongst verloopene Maand Ianuarij daar van door den Suplt. behoorlyk aanteekening gedaan T welk doende Acc /was geteekend / I. A„ Puiter zo wierd na lecture van gemeld Request den raade in Consideratie en de deliberatie over 't zelve door den Edelen Heer Commissaris den raade in consideratie gegeeven of daar de somma van ƒ 200, 000. — door de Hoog Edele Hee„ ren Commissarissen Generaal preferent gesteld voor de remises die de Weeskamer zal hebben te doen en vervolgens voor zoda„ nige, Ingezeetenen, als voldoende zullen kunnen bewyzen, Goederen op Vracht uit Neederland te hebben ontfangen, diesin de repartitie van deeze Gelden ook de aller on„ partijdigste en Juiste verdeeling zonder een nig aanzien van Persoonen of bijzondere consideratien behoord, plaats te hebben, het wel met de billijkheid zoude strooken, om den gem Secretaris Fruter als redderaar desin„ „solventen Boedels van den Burger Lieulenant Pieter Leeman eenige Preferentie of voor„ rang te gieven in de overmaking der gelden welke hij aan Dirk Boerrigter en Zoonen Kooplieden te Amsterdam moet remitteeren over het kostende van koopmanschappen door hen voor reekening van gezegde Leeman op vracht herwaards gezonden, daar gemelde Pruter q q na 't inzien van zijn Edele, evens. als alle Ingezeetenen die inzelvervoegen tot de voldoening van ontfangen Vracht: goederen penningen, ter remese hebben aangeteekend, behoorde te participeeren en te deelen, na maate van de Somma welke door hem moet worden overgemaakt in 't geen na aftrek van de gelden welke de Weeskamer volgens haare uitsluitende preferentie zal begeeren over te maaken, noch zal overblijven van de ƒ 200'000-, zo voor haar als ter betaling van ontfangene Vracht goederen bepaald, als moetende dat restee„ rende onder alle welke eenige gelden tot afbetaling of inmindering van schulden voor ontfangen Vrachtgoederen gecon„ tracteerd, worden verdeeld volgens, de in„ stellinge van de Hoog Edele Heeren Com„ „missarissen Generaal ende zulks hoofdaa„ kelijk om dat een bijzonder voorrecht welke het 236 322 325 waar over gedelibereerd zijnde is goedgevonden vens gemelde verklaringen „te doen.— Scholaschen deezer steede ingediend hebben, „de 't volgend vertoog en de daarbij gevoegde Instructien voor den Exocepter der Latijn het geen aan de Weeskamer, ten voordeele van Weduwe en Weezen toegestaan is, niet kan worden gegund ten behoeve van eenig Particulier welkers herwaards gezondene goederen, het zy uit hoofde van Insoleentie en vooral niet als in dit geval, door eene bijzondere omstandigheid door den Se„ quester zijn geadministreerd geworden, waar op gedelibereerd zynde zo is dan ook op 't gemeld request nee beslooten te verklaaren, zo als verklaard word bij deezen, dat den Secretaris van den Raade van Justitie Iohannes Andreas Fruter, als Sequester van Insolventen Boedels waaren zig Goederen uit Neederland op vragt aangebragt mog„ len beerniden, of tot dezelve Boedels op de een of andere wijze gebracht worden, zomen in het teegenswoordige geval als bij het vervolg, zal kunnen hebben ofte pretendeeren eenige preferentie hoegenaamd op 't geen na aftrek van de Sommen welke de Weeskamer volgens de zin en meening der door de Hoog Edele Heeren Commis„ sarissen Generaal geëmaneerde ordres bij volkomen preferentie ten behoeve van uitlandsche Weduwen en Weezen en Erfge„ naamen magen moet tellen van de meermelde Twee Tonnen Gouds zal overblij„ „cen, maar inteegendeil dat die overblijven„ de Somma over alle Ingezeetenen, en dus meede over die geene welkers Boedels door den Requester zijn geadministreerd be„ hoord te worden verdeeld. Scholarchen deezer Steede zig aan deeze Regeering geaddresseerd hebbende met het ondervolgend verloog en de daar bij ge„ voegde Instructie voor den Proeceptoir der Latijnsche School. Aan den Wel Edelen Groot achtb. Heer M. r A. I. Sluisken Raad ordiniager van Neerlands Indien en Commis„ saris van 't Gouvernement van Cabo de Goede Hoop. La. &a & mitsgaders aan den E. Agtb: Heer Gezachhebber ende wel Edele Heeren Raaden van Politie Wel Edele Groot Achtbaare Heer. E„ Achtbaare Heeren Het Huis door de ondergeteekende ingekogt ten dienste der Latijnsche school uitlandsche bij 236 324 Scher School.
English
Cape of Good Hope the 30th of January 1794 Having been found upon examination by experts to be very dilapidated and in need of considerable repair, the Scholarchen take the liberty hereby to bring this to the notice of Your Noble Great Honorable and Honorable Worships, with the request that they may know in what manner they will best conduct themselves in this matter in accordance with the intention of Your Noble Great Honorable and Honorable Worships. We also have the honor hereby to present to the Council for approval a draft concerning the Instruction for the Preceptor of the Latin School. Awaiting humbly the disposition of Your Noble Great Honorable and Honorable Worships on these matters, we remain with due high esteem, Noble Great Honorable Sir and Honorable Sirs, Your Noble Great Honorable and Honorable Worships' very humble servants, the Scholarchen of this town, in the name of all, (was signed:) Chvs Fleck, scribe Instruction for the Preceptor of the Latin School. Instruction 1. The Preceptor of the Latin School shall restrict himself solely and exclusively to the teaching of the Latin language and the first elements of the Greek language, and shall not be permitted to engage in giving any other instruction, such as reading, writing, ciphering, etc., which is considered to belong to the department of the Dutch Schoolmasters. 2. He shall be obliged, apart from the customary Sundays and feast days, to keep school throughout the entire year, unless lawful reasons prevent this, twice a day, in the morning from eight to eleven o'clock, and in the afternoon from one to four, with the exception of Wednesday and Saturday afternoons, which are given to the pupils for moderate recreation. 3. Concerning the other ordinary vacation days, these shall be determined in such a manner that the minor vacation shall last eight days, falling in the Easter week, and the major vacation in October, to begin with the 13th and to end with the 26th; with the exception of these stipulated days and the day of the birthday of His Serene Highness, school keeping may not be suspended at any other times. 4. As regards the organization of the school keeping itself: First, it must begin and end each time with an appropriate prayer, for which the necessary care shall be taken that this occurs in good order and with fitting reverence. Second, the instruction must as far as possible be directed along the lines generally observed in the Latin Schools in the Netherlands, consisting of the making of translations, if the youth have progressed so far, and the composing of themes, of which at least three must be dictated, proportioned to the progress that the pupils have made. Third, according to whether the mistakes that may be committed are many or few, the pupils shall have their places in the school, and according to this it shall also be judged who will or will not be deemed worthy of a premium; for which purpose these mistakes must be recorded weekly on a list made for that purpose, in order to be able to ascertain accurately at the end of every half year who have applied themselves best. 5. Furthermore, care must be taken for the maintenance of good order and discipline; whenever the youth overstep their duty, one shall not fail to rebuke them earnestly for it; the Preceptor shall even be at liberty in such a case to make use of the customary school punishments, unless the disposition of some pupils is found to be such that they generally allow themselves to be guided by good reasons. 6. To achieve this end all the better and to plant early in the heart the principles of virtue in the good members, he shall not fail, on fitting occasions, earnestly to admonish his pupils to fear the Lord, to show all reverence to their parents, authorities, teachers, and all who are above them, to treat their fellow pupils, their equals, and even their inferiors kindly and modestly, and to take good care that they do not profane the Lord's Name, use no foul or slanderous words, nor in any way offend or cause annoyance to anyone. 7. And since, without accustoming the youth early to religion, not much good can in time be expected from them, the Preceptor must, as far as it is in his power, also be mindful that his disciples come diligently to church on Sundays, and conduct themselves there attentively and quietly; from which duty it is expected that the teacher himself will not withdraw, in order thus to set a good example to his pupils, and to be in the position to hear from them on Mondays how much or how little they have carried away from the sermons they heard. 8. The school fees for each pupil shall remain fixed at 3 rixdollars a month, but indigent parents desiring to send their children to school shall be excused from this; however, these shall not be admitted unless they have first addressed themselves to the Scholarchen and obtained permission for this from them, who will endeavor in another manner to compensate the Preceptor for the loss he might suffer thereby. 9. Every month a list of the names of the disciples who have attended the instruction must be furnished to the aforementioned Scholarchen. 10. No books may be used in the teaching except with the prior knowledge of the Messieurs Scholarchen.
Dutch transcription
327 Cabo de Goedel Koop den 30 Janny 1794 bij examinatie, door deskundigen bevonden zynde zeer bouwvallig te zijn en een aan. merkelijke reparatie nodig te hebben ge„ brueken Scholarchen de vrijheid zulks bij deezen ter kennisse van UwelEde Groot Achtb„ en E. Achtb„ te brengen, met verzoek om te mooge weeten op hoedanig eene wijze zij daar in zig overeenkomstig 't oogmerk van uwelEd. Groot achtb„r en E„ achtb. t best zullen hebben te gedraagen Ook hebben Wij de Eer bij deeze aan den Raade ter approbatie te presenteeren een concept raakende de Instructie voor den Traceptor der Latijnsche School. Op welk een en ander de dispositie van UwelEd: Gr„ Achtb. en E. Achtb„ needrig in wagtende verblyve wy met schuldige hoog„ agting Wel Edele Groot Achtb Heer en E. Achtb. Heeren. Uwel Ed„ Groot achtb en E achtb zeer oolmoedige Dienaaren de Scholdrchen deezer steede , uit aller Naam /was geteekend:/ Chv„s Fleck, scriba Betreffende de andere gewoone vacantie daagen deese zullen indeervoegen bepaald worden, dat de kleine zal duuren agt dagen vallende in de Paasch weeken ende andere Zal hij verpligt zijn behalven de aewoone zon en feesdagen, 't geheele Iaar doorschool te houden, in dien wettige reedenen zulx niet verhinderen tweemaal 's daags 's morgens van agt: tot elf uuren en 's namiddags van Een tot Vier, uitgezondert des woensdags en Saturdags nademiddag, welke de Zeeklingen tot eene matige uitspanning gegeeven worden De Dixceptor der Latijnsche School zal zig eenig en alleen bepaalen bij te doueeren vande Latynsche en de eerste begenzelen van de griekse Talen en niet vermogen om zig in te laaten, in 't geeven van eenig ander onderwis als. daar is Leezen, Schrijven, Cijfferen enz 't geen tot t departement der Neederduitsche School„ meesteren gereekend word te behooren Instructie voor den Traceptor der Latijnsche School. Instructie de 236 326 2: 3. 320 329 de groote in october te beginnen met den 13 en te eindigen met den 26:e zublende behalvend op deeze gestipuleerde daagen en de dag der verjaaring van zyn Doorluchtige Hoogheid het school houden op geen andere Tyden moogen stel staan Wat aangaat de Inrigting van het Schoolhouden zelve, het zelve zal I„o telkens moeten beginnen en eindigen met een gepast gebed, waar voor de nodige zorge evrge zal gedraagen worden dat dit in eene goede ordre en met betaamelijke eerbied geschied 2. zal het onderwijs zo veel mogelijk moeten gerigt zijn op dien voet als in de Latijnsche Schoolen in de Neederlanden doorgaans geob„ serveerd word bestaande in het maaken van oversettingen, zo de jeugd zo ver zal gevordert zijn en 't componeeren van Themata waar van en ten minsten 3 zullen moeten ge„ dicteerd worden geevenreedigt na de progres. sen die de Leerlingen zullen gemaakt hebben. 3. na maate de fouten veele of weinige zijn die er mogten begaan worden zullende Om dit einde dees te beeter te pereiken en de goede Leeden, neerne de beginselen van deugd al vroeg in t horte te planten, da hij niet in gebreeken blyven, zyne zeerlingen ernstig bij gepaste geleegendheeden te Wijders zal er moeten gezorgd worden voor 't houden van eene goede ordre en tugt wanneer de Jeugd zig in haare pligt te buetenijaat, zal men niet versuimen dezelve daarover ernstig te berispen, zelf zal 't den Piaecep„ ter vrijstaan in zulk een geval zig te mogen bedienen van de gewoone Schoolstraffen in dien de geaardheid van Sommage, de zapule zodanig bevonden worden, dat te zig door„ gaande goede reedenen willen laten leeden discpulen, hunne plaatsen in de school, heb„ ben ook zal daar na beoordeeld worden wie al of niet een Proemuem zal worden weerdig gekeurt; ten welken rindie deeze foudten weeken. lyks op eene daartoe gemaakte Lijst zullen moeten worden opgeteekend, om bij het eende van yder half Iaar naauwkeurig te kunnen nagaan, wie zig 't best geapliceerd hebben- discepalen vermanen 236 4. 5„ 331 vermanen om den Heeren te vreezen, hunne Ouderen, Overheeden; Leeraren en alle die bogen hun zyn alle eerbied te bewijzen, hunne meede zeerlingen, hunnes gelykens, en zelfs hunne minderen vriende„ lijk en bescheijden te behandelen, en zig wel te wagten dat zy des Heeren Naam niet ontheeligen, geen vrele of lasterlike woor„ den gebruiken, nog ymand op eeniger han„ de wijze beleedigen en ergeren. Een daar zonder de jeugd al vroeg aan den Godsdienst te gewennen, 'er inder lijd niet veel goeds van dezelve te wagten is, zal de Praceptor zo veel in zijn vermogen. is, ook daar op bedagt moeten zijn, dat zijne discipielen des Zondags vlijtig ten kerke koomen, en zig daar aandagtig en leedig gedraagen- aan weeken verligt men verwagt dat de onderwijzer zeg zelve niet sal onttreeken, om 2o doende zyne beerlingen met een goed voorbeeld voor te gaan en in de geleegendheid te zyn, om 's maandags van dezelve te kunnen verneemen hoe veel of weinig Zal 't Schoolegeld voor ijder Leerling 's maands op rd. s 3 bepaald blijven, dog behoeftige ouders verkierende hunne kinderen ter School te zenden zullen hier van geexcuseerd zyn, egter zullen„ deeze niet worden geadmitteerd, dan ten zij dezelve zog eerst bij Scholar„ ehen geaddresseert en van deeze daar toe verlof zullen hebben bekoomen, die t verlies t welk de Praceptor daar by zoie koomen te lijden denzelven op eene andere wyze zullen tragten te vergoeden. S maandelyjks zal aangem: Scholar„ chen moeten worden gesupediteerd eene Lijst van de naamen der Discipulen de, twelke t onderwijs gefrequenteerd hebben Geene Boeken zullen in 't onderwyzen moogen worden gebruikt, dan met voorkennisse van Heeren echolarchen de vande aangehoorde Predicatien hebben weg gedraagen 236 330 1 10. 9 11
English
it was thereupon resolved to leave it to the Scholarchen to repair the house purchased for that purpose in such manner as shall be deemed necessary. Twice a year an examination shall be held in the week before the vacation begins, the determination of the day on which this shall take place resting with the aforementioned Scholarchen, whom the Praeceptor shall approach for that purpose towards that time; on which occasion two themes must be produced, which must be prepared beforehand for that purpose and must always be kept until the following examination, in order to be able to compare them with those that were made most recently. And since, according to section 86 in the General Plan for the improvement of the schools, it is expressly stipulated that every teacher shall be bound to engage himself for 5 years and shall not be permitted to leave his school after the expiration of the said years except after having previously given notice to the Scholarchen one year in advance, in order to afford them the opportunity to look out in good time for a suitable replacement, this also serves finally as instruction to the Praeceptor to conduct himself accordingly in all respects; there being hereby assigned to him an annual income of 600 rixdollars, which shall be provided to him partly from the school fees, and if the same are not sufficient, by the Scholarchen from the fund. According to this stipulated order the Praeceptor shall conduct himself strictly, and in case of violation thereof or in the event of bad conduct, he must expect to be dismissed from keeping school, as the maintenance thereof will be strictly supervised. And in order that he may regulate himself accordingly, a copy hereof shall be delivered into his hands. Thus resolved and adopted in the Meeting of Scholarchen on the 13th of January 1794. Which having attested, Chr: Fleck. After the reading of the said representation, it was approved and understood to leave it entirely to the Scholarchen to make such repairs and improvements to the house purchased by them for the service of the Latin School as their Reverences, in proportion to the unavoidable necessity and the fund at hand, shall deem themselves able and obliged to make, in order to put the said house in a condition to serve the good purposes for which it was purchased; in the firm assurance that nothing shall be undertaken by the Scholarchen regarding this other than that which corresponds in all respects with it, and especially with the intentions this government had in confirming with its approval the institute established by them with the greatest facility; the Council further agreeing to and approving the Instruction submitted by the Scholarchen for the Praeceptor of the Latin School, as containing everything that, following the rules prescribed for similar teachers in the cities of the mother country where public schools exist, ought to be observed and complied with according to the condition of this Colony. Further, the Noble Lord Commissary was pleased to communicate to the Council that His Honour, upon reviewing the Resolutions of the year 1792, had perceived how, by resolution of the 9th of October of that year, pursuant to the orders given by the Most Noble Lords Commissioners-General, it was determined that the Major in the regiment of Würtemberg, B. W. von Dhen, who had remained here due to indisposition, ought to have departed from here in the month of January of the past year 1793, retaining his salary and emoluments as Major, starting from the day he was actually appointed in that capacity here until the day of his arrival in the Netherlands; that His Honour, upon inquiries made concerning the reasons why the aforesaid resolution had not been complied with, had indeed learned that the illness and ailment under which the said Major had already long suffered had prevented him from leaving this corner during the presence of the Most Noble Lords Commissioners-General, while since their departure until today no opportunity had presented itself.
Dutch transcription
333 is daarop beslooten. aan scholarehen over te laaten om 't huis tot dat einde ingekogt zodanig te reparee„ als nodig zal werden Twee maal des Iaars zal er een examen ge„ houden worden s weeks voor de vacantie begind waar van de bepaling van den dag waar op zulx zal geschieden aan meergemelde Scho„ larchen zal staan bij wien de Praceptor zig ten dien einde teegen dien tijd zal hebben te vervoegen, bij welke geleegendheid er twee Themata zullen moeten geproduceert worden, die daar toe voor af moeten vervaardigd zijn, die altoos voor 't volgend Examen moeten worden bewaart, om de met die welke te laatstgemaakt zyn te kunnen vergelyken En daar volgens 86. in 't Generale Plan ter verbeelering der schoolen expresselijk is bepaald dat yder onderwyzer gehouden zal zyn voor 5 Jaaren zig te verbinden en niet zal vermogen deszelfs School te quittee„ ren, na Experatie van gemelde Jaaren dan na alvoorene Schotarchen een Iaar bevorens. te hebben gewaarschouwt om in de geleegent. heid gesteld te zijn van bij tyds weeder na bequaame stoffe te kunnen uitzien, zo dient dit meede laatstelijk tot onderrigt van den zen En verbeeteron Sraceptor, om zig in allen deelen daarna te ge„ dragen / wordende hem Iaarlijks bij deezen toegelegd een Inkoomen van rd. s 600. die ten deele uit de Schoolgelden en zo dezelve niet toerijkende zijn door Scholarehen uit 't fonds aan denzelven zullen bezorgd worden Volgens deeze gestipuleerde ordre zal de Ereceptor zig stiptelyk gedraagen, en bij overtreeding van dien of bij 't leeden van een slegt comportemant, moeten verwag„ ten, dat hem 't Schoolhouden zal worden ontsegd, zullende op de onderhouding van dezelve naauw keurig worden agtgegeeven Enop dat men zig daar na zal kunnen leguleeren zal aan denzelven hier van een afschrift worden ter hand gesteld Aldus Geresolveerd en Gearresteerd in Vergadering van Schelarchen den 13 Jannuary 1794: Q. A /was get/ Chr: Fleck zo is na lecture van 't zelve vertoog goed„ gevonden en verstaan aan Scholarchen geheel en al over te laaten, omme aan t Huis door hem ten dienste der Latynsche School ingekogt; zodanige reparatien en Pracestor verbeeteringer 23 236 332 11. 12 „ geoordeerd. 334 335 agreeerende en aprobee„ „rende den Raade verders als nodig zal werden geoordeeld voorts werd door den edelen Heer Commis„ „sarts gecommuniceerd op welke voet den Ma„ Toor van Dhon Zichal hier kwam te bevinden. verbeeleringen te maaken als hunne Eer„ waardens na mate van de onvermijdelyk noodzaaklykheid en het aanhanden zynde fonds, zullen vermeenen te kunnen en moeten doen ten einde 't geduchte Huis in staat te brengen om te kunnen dienen tot de goede oogmerken waar toe t zelve is aangekogt; in de vaste verzeekering dat door Scholarchen hier omtrend niets zal worden verrigt, als t' geen daar meede, en vooral meede met die welke deeze regee„ ring heeft gehad om t door hen vastge„ steld instituit met de meeste facliteit met haare goedkeuring te bekragtigen in alle op„ zigten over een komt, agriëerende en appro„ beerende den Raade verders de Instructie door Scholarchen overgelegd voor den Prae„ ceptor der Latijnsche School, als bevattende alles wat op 't spoor der regulen aanderge„ lijke onderwijzers in de sleeden van t moe„ derland, waar zig Publicque Schoolen bevin den, is voorgeschreeven na gelange vande gesteldheid deezer Colonie behoord te worden geobserveerd en nagekomen Heer op geliefde den Edelen Heer Commissarie den laade te communiceeren dat zijn Ed: bij 't ovezien der Resolutien van den Iaare 1792 hadt ontwaard, hoe bij besluit van den 9'october van dat Iaar in gevolge de beveelen door de Hoog Edele Heeren Commissarissen Generaal geeee ven, is bepaald, dat den alhier door indis positie verbleevene Majoor bij 't regiment van Wierlemberg B. W. von Dhen, ende maand Iannuarij van 't gepasseerde Iaar 1793 van hier zou hebben moeten vertrek ken, behoudens zijne gagie en Emolumenten als Majoor, ingaande met den dag dat hij alhier effective in die qualiteit was aange„ steld, tot den dag zijner aankomst in Neederland, dat zijn Ed: bij genoomen informatien over de reedenen waarom aan voorsz besluit niet was voldaan wel hadt vernomen, dat de ziekte en onpastelykheid waar aan den gezegde Majoor reeds lange heeft gesukkeld, hem hadt verhindert om deeze uithoek geduurende het aanweezen van de Hoog Edele Heeren Commissarissen Generaal te verlaaten, terwijl en zig na„ dies, vertrek tot heeden geene geleegendheid Commissaries daar 236